Skip to main content

Surf je rijk met Bitcoin

Page 1

Onafhankelijk magazine Tilburg university

jaargang 55 | 26 oktober 2017 #04

Surf je rijk met Bitcoin

Jantine Schuit

Nieuwe decaan

Vrouwen aan de top Vraag het ze zelf

Buddhists Can be violent too


2

In deze Univers

07

13

Surf je rijk met bitcoin

Nieuwe decaan rechten

Wie niet al schatrijk is geworden door de bitcoin, zet er nu alles op in. Maar zijn digitale munten echt zo waardevol of gaat de zeepbel een keer knappen?

Jantine Schuit is de nieuwe decaan van de Tilburg School of Social and Behavioral Sciences. Het bevorderen van een gezonde levensstijl vormt de belangrijkste drijfveer achter haar wetenschappelijke carrière.

19

25

Vrouwen aan de top

Family dinner at the Verbs

Wat vinden vrouwen zelf van een vrouwenquotum? Univers sprak vijf wetenschappers over de kwestie.

OVERIGE ARTIKELEN 6 Regeerakkoord voor de student 29 Buddhists use bullets too RUBRIEKEN 3 De pluim 4 Op de hoogte

26 oktober 2017

Univers was invited to a ‘family dinner’ with the buddy groups of international student organization I*ESN. The burritos were good, and the buddy system is even better.

5 En passant 5 Commentaar 12 Op de man af 12 Wè nou? 16 Beeldend 18 De vijf van Eijff 23 Waar is Univers? 23 Wat heb je nu geleerd?

24 Bij de buren 24 Masterscriptie COLUMNS 3 Tom Grosfeld 11 Luuk Koelman 22 Henk Strikkers 31 Leanne Soff


3

Van de redactie Mannen Zeven jaar werk ik nu aan Tilburg University en al zeven jaar gaat het over meer vrouwen op hogere posities. Elk jaar worden we verblijd met nieuwe nota’s, beleidsvoornemens, charters en programma’s met goede voornemens. De wervingsadvertenties worden groter en de budgetten om de juiste vrouwen te vinden ook. De managers houden bij hoeveel vrouwen er op leidinggevende posities zitten, maar resultaten zijn er nauwelijks. Univers schrijft er steeds weer over, altijd positief, want we hopen van harte dat het nu eens opschiet. Helaas heeft Eefje Wentelteefje op de achterkant van dit magazine dan weer niet zo’n geëmancipeerde moeder, ze vindt stofzuigen belangrijker dan Eefjes studie. We hopen dat mijnheer Wentelteefje zijn geniale dochter die al zo vroeg op de universiteit zit, zal stimuleren hoogleraar te worden. Maar ik weet niet of je dat aan mannen kan overlaten. Wat vinden de vrouwen nu zelf van de diversiteitsprogramma’s? Lees het op pagina 19. Francine Bardoel, hoofdredacteur f.bardoel@uvt.nl

De pluim Prijzen, prijsjes, benoemingen, subsidies, schouderklopjes en veren in de reet, het academische wereldje zit er vol mee. Univers licht er de mooiste uit. Wat hebben Lee Towers en de Tilburgse hoogleraar Arie Kapteyn gemeen? Ze werden dit jaar beide de trotse bezitter van een oeuvreprijs. Lee kreeg een Edison, voor zijn muzikale prestaties. En Kapteyn? De ouddecaan van TiSEM en oprichter van CentER, ontving de Pierson Penning uit handen van Klaas Knot, president van De Nederlandsche Bank. De Pierson Penning wordt eens in de drie jaar uitgereikt. Officieel aan iemand die veel heeft betekend voor de beoefening van de staathuishoudkunde, maar de laatste tijd wordt de Pierson Penning gezien als een oeuvreprijs binnen de economie. Grootheden als Tinbergen en Holtrop gingen Kapteyn voor. “You’ll never walk alone,” zou Lee Towers zingen.

colofon

Univers #4 26 oktober 2017

Adres Postbus 90153, 5000 LE Tilburg, univers@uvt.nl Internet www.universonline.nl Basisontwerp Death Valley/Pascal Tieman Cover Martien Bos Productie PrismaPrint Uitgave Univers is het driewekelijks onafhankelijk magazine van Tilburg University Volgende editie Univers 5 van jaargang 55 verschijnt op 16 november 2017 Redactieraad Voorzitter Wiel Schmetz (w.schmetz@fontys.nl) Dit nummer is gemaakt door Francine Bardoel (hoofdredactie), Martien Bos, Dolph Cantrijn, Adrian van den Eerenbeemt, Laura van Gelder, Tom Grosfeld, Luuk Koelman, Jeroen de Leijer, Ilja Panis, Yannick Maas, Arnoud Mooij, Daan Rutten, Bart Smout, Leanne Soff, Henk Strikkers, Ton Toemen, Jack Tummers, Ron Vaessen,

column Tom Grosfeld student CIW

Sportcomplex Merlijn Merlijn, de studentenvoetbalclub van Tilburg, heeft een nieuw sportcomplex. Van de universiteit gekregen. We zijn bevrijd uit Tilburg-Noord en trappen nu een balletje op loopafstand van de universiteit. Die verbetering in locatie is helaas het enige pluspunt. Het nieuwe kunstgrasveld, dat geen kankerverwekkende korrels meer bevat, is niet van betere kwaliteit dan het oude kunstgrasveld. Het veld ligt daarnaast aan het spoor. Schiet je een bal iets te enthousiast op goal, vliegt ie over het vangnet het spoor op. Bal kwijt. De universiteit snapt het probleem niet: “Daar houd je toch rekening mee als je schiet?” Dat is op een training al bijna onmogelijk, laat staan tijdens een wedstrijd, laat staan als tegenstander van Merlijn. “Jongens, klein vraagje: willen jullie een beetje uitkijken als je schiet? De bal kan namelijk op het spoor belanden, en dan zijn we hem kwijt. Fijne wedstrijd!” Dan de kantine, het kloppend hart van een voetbalcomplex. Die ligt op vijf minuten loopafstand van het veld. Je kunt ’m vanuit het complex net zien: een zwart stipje in de verte. De authentieke voetbalsfeer wordt zo weggerukt. Na de wedstrijd een potje tafelvoetbalspelen, een biertje en broodje frikadel kopen en daarmee naar buiten slenteren om een ander team aan te moedigen: het kan niet meer. Of we moeten voor Shot gaan juichen, maar dat is hockey. Dan staat er naast het veld nog een kil betonblok, daar vind je de kleedlokalen. Geen gemeenschappelijke doucheruimte, maar hokjes. Het laatste sprietje voetbalcultuur wordt nog even weggemaaid. Ik heb in dorpen gevoetbald met niet meer dan vijftig inwoners, maar zelfs daar wisten ze een sfeervoller voetbalcomplex in elkaar te zetten. Onze tegenstanders weten niet wat ze meemaken. Ze willen lachen en huilen tegelijk. Wij willen alleen maar huilen.

Marga Walsh, Khin Maung Win, Anja van Wijgerden.

26 oktober 2017


4

Op de hoogte daan rutten kijkt terug

W

Enerzijds en anderzijds

etenschappers behoren tot het bedachtzame type en het denken in enerzijds en anderzijds behoort zo ongeveer tot hun DNA. Neem de Tilburgse econoom-psycholoog Niels van de Ven die met zijn collega’s onderzoek doet naar wat je profiel op het sociale netwerk LinkedIn allemaal verraadt over je persoonlijkheid. Hoe meer digitale connecties je onderhoudt met anderen, zo bleek, hoe meer extravert je bent. En hoe vaker anderen jou zien als iemand die zichzelf goed kan presenteren. Omgedraaid lijkt het ook weer zo te zijn dat hoe meer aanleg je hebt voor zelfpresentatie en het uitbreiden van je netwerk, hoe minder consciëntieus je opereert. Wat is dan goed of slecht? Nog zoiets. Onderzoeker Tjerk Timan (tot voor kort werkzaam als postdoc bij Tilburg Law School) boog zich over de vraag of alle aandacht op Facebook wel zo gunstig was in de zoektocht naar de vermiste Utrechtse studente Anne Faber, die onlangs dood werd teruggevonden in een bos op aanwijzing van een verdachte zedendelinquent. Hadden de vele

26 oktober 2017

speculaties over haar whereabouts op internet dan zoveel zin? Zeker, de sociale media kunnen enorm helpen, maar ook hier is er de onvermijdelijke keerzijde: de polyfonie aan gekwetter en getwitter kan evengoed leiden tot ruis in de lijn van de autoriteiten. Daar komt nog eens bij dat de politie vooral moet zorgen de eigen bronnen beschikbaar te houden en geen afhankelijkheid te krijgen van de sociale media: ‘Die bedrijven hebben een commercieel belang, ze willen winst maken.’ Niets staat op zichzelf en alles komt in tweeën, om niet zelden uiteen te vallen in een veelheid van mogelijkheden. Rachel Vestraeten (Economic Psychology) schreef een afstudeerscriptie over ambitie bij mannen en vrouwen. Enerzijds ziet ze ook wel dat mannen meer ambitieus lijken met hun haantjesgedrag en scoringsdrift. Anderzijds heeft ambitie meerdere aspecten. De negatieve ambitie die vooral door mannen wordt nagestreefd, gaat gepaard met een positieve ambitie waar vrouwen zich liever mee afficheren. Deze vorm van ambitie gaat ook om presteren, maar is gericht op ontwikkeling en het vooruithelpen van de gemeenschap. En

om het nog ingewikkelder te maken, blijken mannen ook gericht te zijn op deze positieve ambitie en zijn de veronderstelde verschillen tussen de seksen wellicht te verwaarlozen. Natuurlijk, het gelijk in de wetenschap ligt nu eenmaal voor een belangrijk deel in het oproepen van vragen, het betwijfelen van de dagelijkse praktijk en het meewegen van alle mitsen en maren. Maar wat een verademing is het dan dat soms iemand gewoon met wiskundige zekerheid het optimum kan aangeven tussen enerzijds en anderzijds! Econometriestudent Stefan ten Eikelder won de Tilburg University Master’s Thesis Prize met een briljante scriptie waarin hij een wiskundig model ontwerpt om te berekenen met welke radiotherapie je kankerpatiënten het beste kunt bestralen. Soms worden protonen gebruikt om te bestralen, soms fotonen, maar een uitgekiende combinatie van de twee blijkt in de meeste gevallen simpelweg het beste én goedkoopste. De jongeman ging al naar Harvard om zijn scriptie af te maken en studeerde daarna af met een 9,5 in Tilburg. Eentje om te onthouden, die Eikelder.


5

En passant Commentaar

Personeel in het wild Univers overvalt je: wat ben je aan het doen? “Wacht even hoor, ik moet nog snel een mailtje versturen”, zegt Lauraine de Lima bij binnenkomst. Ze is secretaresse van het departement Communicatie en Informatie. Behalve op maandag: dan neemt ze het bestuurssecretariaat op zich, omdat haar collega Anita Vink - normaal secretaresse van het bestuur - dan niet werkt. “Als secretaresse doe ik echt van alles. Het is heel leuk werk, je bent veel in contact met mensen. Nu ben ik bezig met het inplannen van een afspraak voor een van de medewerkers van de universiteit.” Fiets & zadel Hoewel een groot deel van de fietsen op de campus onlangs is opgeschoond, kon de eigenaar van deze fiets geen afstand doen van zijn pareltje. De fiets staat dus mooi, ontdaan van dreigbriefje, in het fietsenrek. Jammer dat zo’n zadel niet zo lekker zit...

bul & koker Goed nieuws voor promovendi, tweet pedel Wilko Elsinga. Wie dit jaar promoveert, krijgt een gratis exclusief Tilburg University-90 jaar-lintje bij de bullenkoker. Een fijn staaltje universitaire zelfpromotie bij de promotie van een ander.

Droom en daad Even een vraag aan de student. Hoe vaak heb jij les in het gras, zittend in een kring met slechts zes andere studenten, vrolijk pratend met je docent? En hebben jullie het dan over morele misstanden in de maatschappij en wat jullie daaraan doen? Grote kans dat je met een duidelijk ‘nee’ antwoordt. Maar wie het filmpje over het Tilburgse onderwijsprofiel ziet (check de Tilburg University-website), gelooft dat dit dagelijkse kost is. Trots wordt uitgelegd dat het op Tilburg University draait om kennis, kunde en karakter. Vervolgens wordt er kwistig gestrooid met beelden van lachende studenten en docenten tussen de bomen of in een grotendeels verlaten collegezalen. Bekijk ’m eens goed, de Tilburgse student! Wat een aandacht krijgt die, en wat een ruimte. Allemaal zodat hij of zij zich kan ontwikkelen tot een morele überintellectueel. Hoe anders is de realiteit. Geen vrije werkplekken in de bibliotheek, uitpuilende collegezalen, verhalen over studenten die noodgedwongen toetsen op de gang maken. Ondertussen is de gemiddelde docent zo overwerkt dat die allang blij is als hij of zij niet ter plekke dood neervalt. De kloof tussen droom en daad is groot in Tilburg. Overigens wordt er in het filmpje wel door iedereen consequent steenkolenengels gesproken. Dat komt dan wel weer overeen met de realiteit. Bekijk het filmpje op https://www.tilburguniversity.edu/ about/profile/educational-profile/

Plop & vrienden Kabouter Plop en zijn vriendjes ontsproten spontaan op verschillende grasvelden op de campus. Helaas waren hun huisjes niet heel sterk en zijn de meesten inmiddels dor en dood.

26 oktober 2017


6

leestijd

3

minuten

Tekst bart smout

Wat betekent het nieuwe regeerakkoord voor jou? Ook voor studenten heeft het nieuwe regeerakkoord gevolgen. Zo krijgen eerstejaars bijvoorbeeld 1.000 euro korting. Klinkt goed, nietwaar? Toch is er veel kritiek uit de hoek van de studentenvakbonden. Univers zet de belangrijkste besluiten van het nieuwe kabinet op een rijtje. 1.

De basisbeurs wordt niet terug ingevoerd Ook dingen die niet gebeuren, kunnen nieuws zijn. Lang werd gehoopt dat het nieuwe kabinet de basisbeurs terug zou brengen en het leenstelsel af zou schaffen. Zowel het CDA als de CU pleitten in hun verkiezingsprogramma voor de terugkeer van de basisbeurs. Studeren aan een universiteit moet voor iedereen toegankelijk blijven, vonden de beide partijen. Het kostenplaatje voor de basisbeurs bleek echter nogal hoog te zijn: meer dan een miljard euro. Dat geld is aan de formatietafel niet gevonden. Het leenstelsel blijft. 2. Het collegeld voor eerstejaars wordt gehalveerd Om de student toch tegemoet te komen, krijgt deze in het eerste jaar een korting van duizend euro. Een soort goedmakertje voor de handhaving van het leenstelsel. Het ISO (Interstedelijk Studenten Overleg) vindt het nogal sneu: “Pure symboolpolitiek. Als je ziet dat studenten gemiddeld een studieschuld van 20.000 euro aan moeten gaan, is dit echt een hele schrale troost.” En er is meer kritiek, zoals blijkt uit punt 3. Want wie betaalt die korting eigenlijk? 3. De rente op de studielening wordt verhoogd In het regeerakkoord staat: ‘Bij het studievoorschot wordt in de toekomst aangesloten bij de 10-jaarsrente.’ In de praktijk betekent dit dat de rente omhoog gaat en de student straks meer af moet lossen. Volgens berekeningen van het Centraal Planbureau levert die extra rente zo’n 200 miljoen euro op. En 26 oktober 2017

hé, dat is toevallig: de korting voor eerstejaars kost de schatkist zo’n 200 miljoen euro. De lenende student betaalt kortom voor de korting van de eerstejaars. “De partijen doen alsof ze met de halvering van het collegegeld investeren in de toegankelijkheid, maar in de praktijk investeren ze geen cent”, aldus Tariq Sewbaransingh, voorzitter van de LSVb (Landelijke Studentenvakbond). De bond is inmiddels een petitie gestart die pleit voor een algemene verlaging van het collegeld die geldt voor iedere student. 4. Studeren in het buitenland wordt gestimuleerd Internationalisering blijft hoog op de agenda staan. De nieuwe regering wil het voor zoveel mogelijk studenten mogelijk maken om een periode in het buitenland te studeren. Ook moet het Nederlands onderwijs aantrekkelijker worden voor buitenlandse studenten. 5. Strenger toezicht op de verengelsing aan universiteiten Dit punt lijkt te bijten met punt 4. Maar het nieuwe kabinet gaat de wildgroei aan engelstalige studies bestrijden. In het regeerakkoord staat: ‘Het kabinet ziet scherper toe op de naleving van de wet dat opleidin-

gen alleen Engelstalig zijn wanneer dit een toegevoegde waarde heeft, de kwaliteit van voldoende niveau is en er in voldoende mate Nederlandstalige opleidingen zijn.’ Een besluit dat zeker gevolgen zal hebben voor, eh, Tilburg University.

6. Selectie aan de poort moet toegankelijk en transparant blijven Het nieuwe kabinet wil de studentenselectie bij masteropleidingen eerlijker en toegankelijker maken. Selectiemethoden moeten transparant worden en afgestudeerde bachelors moeten toegang behouden tot tenminste één master die aansluit op hun vakgebied. Ook de numerus fixus voor bacheloropleidingen moet transparanter worden onderbouwd. Op deze manier wil de nieuwe regering ervoor zorgen dat de drempel om te gaan studeren niet te hoog wordt.


7

leestijd

9

minuten

Tekst Ron Vaessen illustraties Martien bos fotografie Jack Tummers

Surf je rijk met Bitcoin Er heerst digitale goudkoorts. Wie niet al schatrijk is geworden door de Bitcoin en andere munten, zet er nu alles op in. Maar zijn digitale munten echt zo waardevol of gaat de zeepbel een keer knappen?

H

oe maak je iets uit niets? Voor geld is die vraag makkelijk te beantwoorden: banken zetten de drukpersen aan. Sinds een onbekend computergenie (onder het pseudoniem Satoshi Nakamoto) in oktober 2008 de paper Bitcoin: A Peer-to-Peer Electronic Cash System publiceerde, weten we dat iedereen geld kan creëren. De Bitcoin is namelijk een cryptocurrency: een cryptografisch versleutelde munt. Door ingewikkelde wiskundige formules op te lossen krijg je de munten losgepeuterd uit de computercode. Intrigerend, maar ook vaag. De Bitcoin belooft een alternatief te zijn voor traditionele valuta, maar zelfs als de bankencrisis maanden later escaleert blijft de munt buiten de schijnwerpers. In 2009 wordt het netwerk stilletjes opgezet, kort erna is de Bitcoin te koop voor 0,001 dollar. Pas jaren later, in de zomer van 2017, verkrijgt de munt wereldfaam. Eén Bitcoin is dan 5.000 dollar waard. Wie in de begintijd duizend Bitcoins kocht voor één luttele dollar, had plotsklap een kapitaal van vijf miljoen dollar. In oktober was de munt zelfs meer dan 6.000 dollar waard. Het is onbevattelijk en het verklaart de enorme run op digitale munten die op gang is gekomen.

Cryptocurrencies Na de Bitcoin zijn er nu duizenden andere cryptocurrencies op de markt (de zogenaamde alternatieve munten). De Bitcoin bracht nieuwe technologische mogelijkheden met zich mee en liet de wereld zien dat cryptocurrencies goud waard kunnen zijn. Bedrijven die beloven dat ze de wereld gaan veranderen zoals de Bitcoin dat deed zetten de digitale drukpersen aan. Bitcoins worden naar schatting tot het jaar 2140 opgedolven uit de code (‘gemined’); maar een bedrijf kan ook in één keer een hoop munten uitgeven. Bijvoorbeeld honderd miljoen munten tegen de stukprijs van één dollar, waarvan ze er 10 miljoen in eigen zak houden. Gewone mensen en investeringsfondsen kopen de overige negentig miljoen munten op, want ze hopen mee te delen in latere winsten. Het bedrijf slaat zo meerdere vliegen in één klap. Meteen is er een startkapitaal van 10 miljoen dollar aan munten in kas. Er is ook een handel op gang gekomen, waardoor die waarde verder kan toenemen. En het >>

26 oktober 2017


8

geheime sleutels. Raak je een code kwijt of kijkt een hacker met je mee, dan ben je al je munten kwijt. Bijzonder hoogleraar financiële markt infrastructuren Ron Berndsen is sceptischer. In het Europa van dertig munten struikelden we over valutacrisis na valutacrisis. “Geld werkt het beste als het in een groot gebied wordt geaccepteerd. Wat gebeurt er als we honderden cryptocurrencies hebben?” Geen ervan is dan geld, meent Berndsen. Want de munten zijn niet inwisselbaar. Dat is mogelijk op te lossen met één digitale munt, waarmee in alle munten betaald kan worden. Hier werkt het cryptobedrijf Ark aan. “Dat kan, maar dan heb je op een hoger niveau alsnog één munt.”

Blockchain op de campus De universiteit heeft een heuse blockchain community: de Tilburg University Blockchain Association (TUBA). In de zomer opgericht door de masterstudenten Information Management Thomas ten Hacken, Meho Hodzic en Marvin van Wingerde heeft TUBA inmiddels al tachtig leden. “In onze studie werd er geen college gewijd aan opkomende technologieën,” vertelt initiatiefnemer Thomas ten Hacken. “We hebben TUBA opgericht net voor de zomer, toen de hype op haar hoogtepunt was. Het ging vooral over handelen in cryptocurrencies, er was weinig besef over hoe de technologie werkt. Wij houden meet-ups en organiseren colleges, waar we vooral het research-perspectief aankaarten. We behandelen bijvoorbeeld implementaties in bedrijven en technologische uitdagingen. Op speculatie in cryptocurrencies richten we ons niet, al zien we dat er veel over wordt gepraat. Dat is onvermijdelijk denk ik, er zijn veel studenten die zich ermee bezighouden. Mensen stoppen miljoenen in die business. Een beetje zorgwekkend, want er is vaak nog geen product ontwikkeld. Vaak worden de beloftes niet waargemaakt. Veel mensen zeggen trouwens dat dit de volgende internetbubbel is, maar daar ben ik het niet mee eens. De potentie en impact die de technologie op diverse sectoren zal hebben is groot. Het is aan ons om te zorgen dat implementaties het licht zien. Dit is dan ook de drive van TUBA: het samenbrengen van studenten van verschillende faculteiten en achtergronden, om te discussiëren over de mogelijkheden, implicaties en implementaties. Het gaat namelijk niet alleen om het technologische vraagstuk, maar net zozeer over de maatschappelijke en bedrijfskundige elementen.”

netwerk draait op volle toeren: al die munten worden niet alleen verhandeld maar vaak ook gebruikt. Zoals ieder Europees land vroeger een eigen munt had, zo is iedere cryptocurrency de munt van een digitaal netwerk. Een taxirit betaal je met de Taxicoin en om Bitcoins te versturen betaal je zo’n 0,001 Bitcoin aan transactiekosten. Het blijft niet alleen bij speculatie en goede ideeën. Op Thuisbezorgd.nl en bij Microsoft kan al langer betaald worden met Bitcoins en bij de McDonalds in Thailand kan binnenkort betaald worden met cryptocurrencies. Betalen we over vijf jaar allemaal onze koffie met Vertcoin, zetten we ons pensioen op Auctus en houden we Bitcoin achter de hand als digitaal goud? Bitcoin specialist én evangelist Lykle de Vries ziet het gebeuren. “Voor de euro waren we eraan gewend verschillende munten in huis te hebben. We gebruiken ook loyalty-punten zoals Airmiles.” Hij voorziet Albert Heijn Coins en coins om energieverbruik mee af te rekenen. Al moet het gebruik en de opslag van de munten nog wel een stuk gebruiksvriendelijker worden. Nu is het nog een heel gedoe met wachtwoorden en

26 oktober 2017

Blockchain Net als je denkt dat je het begrijpt, wordt het ingewikkelder. Al die munten zijn namelijk helemaal niet zo interessant. Het gaat eigenlijk niet om de Bitcoin, maar de technologie daarachter: de blockchain. Letterlijk is dat een ketting van (informatie)blokken. Een nieuwe manier om informatie op te slaan en te beheren. Niet meer centraal in een databank, maar decentraal, verspreid over een netwerk van vele duizenden computers. “Een revolutionaire uitvinding,” zegt Ron Berndsen.

‘Zelfs in een omgeving waar je niemand vertrouwt, werkt de blockchain’ Wat daar revolutionair aan is? Niet zoveel, tenzij ook de autoriteit wordt verspreid. Nu bepalen de bank, de Kamer van Koophandel en de notaris hoeveel euro’s we hebben, of we een bedrijf hebben opgericht en op wiens naam dat mooie prieeltje in de buitenring staat ingeschreven. De blockchain maakt ze overbodig. Inefficiënt en onbetrouwbaar mensenwerk kan vervangen worden door een efficiënt en betrouwbaar algoritme. Het is de natte droom van iedere anarchist en mogelijk zelfs een veiligere manier om de dingen te regelen. Berndsen: “Als de computer van het kadaster wordt gehackt, heb je in Nederland een probleem om eigendom aan te tonen. Als je het op de blockchain zet, kan niemand meer in zijn eentje de kadastergegevens aanpassen. Zelfs in een omgeving waar je niemand vertrouwt, werkt de blockchain. We hoeven alleen maar vertrouwen te hebben in het algoritme, dat meestal open source is.” Berndsen denkt niet dat mensen helemaal overbodig worden, maar voorziet wel een efficiëntieslag. Hij wijst op de kledingindustrie: “Hoe weet de verkoper van kleding dat er geen kinderhandjes aan hebben gezeten? Daarvoor moet in iedere stap van de keten bewijs zijn. In de blockchain voer je aan het begin van de keten het certificaat in, waarna die in iedere stap automatisch wordt meegegeven. Je hebt dan in principe geen bankgarantie, notaris of andere autoriteit meer nodig.” Blockchain wordt belangrijk, denkt ook hoogleraar privaatrecht Eric Tjong Tjin Tai. “Dat je het netwerk kan vertrouwen, is geniaal. Alleen weet ik nog niet wat je eraan hebt.” De claims zijn misschien wel erg groot: “Internet heeft de wereld veranderd, maar op een andere manier dan we dachten. Nu kan je op internet spullen bestellen, maar dat kon natuurlijk al via de post. Misschien dat bedrijven >>


9

26 oktober 2017


10

‘Mensen denken veel geld te kunnen verdienen zonder te snappen hoe het werkt. Alleen de sukkels stappen daarin’ die elkaar niet vertrouwen informatie delen op een besloten blockchain, zonder dat iemand ermee aan de haal gaat. Dat is een behoorlijke stap, omdat het wereldwijd kan.” Zeepbel Misschien zijn de verwachtingen inderdaad te hooggespannen. Blazen we met z’n allen hyperventilerend een zeepbel op. De overeenkomsten met de internetzeepbel rond de eeuwwisseling zijn opvallend. De snelle oprichting van bedrijfjes, snel stijgende koersen, grootschalige beursspeculatie door individuen, een euforische stemming waarin economische wetten overboord gegooid worden als verouderd. De Vries denkt dat het nog niet te laat is om erin te stappen. Tjong Tjin Tai ziet dat anders: “Mensen zien de alternatieve munten als een manier om veel geld te verdienen zonder te snappen hoe het werkt. Alleen de sukkels stappen daarin.” Berndsen: “De Bitcoin en andere munten zijn populair omdat ze in waarde zijn gestegen. Het wachten is op de eerste grote klap dat het teruggaat naar tien dollar. Ik voorspel het niet, maar het is mogelijk.” De Vries geeft tegengas: “De dotcombubbel was een factor duizend groter.” Bovendien duurde die bubbel jaren en is de cryptobubbel net begonnen. En zelfs sceptici vinden de blockchain revolutionair. Maar hij ziet de overeenkomsten. “Dit hoort bij hoe nieuwe technologie zich ontwikkelt. Er zijn een tijdje irreëel hoge verwachtingen. Het gevaar is vooral dat burgers

verleid worden hun spaargeld erin te stoppen met hele grote risico’s.” De efficiëntie is ook een dingetje: de blockchain kan allerlei zaken strakker regelen, maar is zelf behoorlijk inefficiënt opgezet. Om transacties aan het netwerk toe te voegen moeten duizenden computers toestemming geven en om de wiskundige formules op te lossen draaien wereldwijd vele serverparken overuren. Voor werkelijke toepassingen door overheid en bedrijfsleven is waarschijnlijk een (energie)zuinigere oplossing nodig. En wat te denken van de betrouwbaarheid? Pas als de meerderheid van het netwerk een transactie goedkeurt, gaat die in de databank. Dit is ijzer­ sterk, maar ironisch genoeg ook de zwakte van het systeem. Een groep kwaadwillenden die 51% procent van het netwerk in handen heeft, kan data manipuleren. “Ze bederven de eigen markt dan wel,” zegt Berndsen. De wereld ziet dat de munt kapot is, waarop de koers keldert. De Vries: “Je moet je overigens niet vergissen: om lang zo’n meerderheid te behouden, moet je echt een debiele hoeveelheid rekenkracht hebben. Terwijl het netwerk de moeilijkheid van de sommetjes bovendien aanpast op rekenkracht.” Discutabele transacties Wat eenmaal op de blockchain staat, kan niet worden teruggedraaid. En sinds Ethereum (de tweede grootste munt na Bitcoin) kan er heel wat op de blockchain staan. De munt introduceerde namelijk zogenaamde

De tien belangrijkste cryptocurrencies Bitcoin

Eerste succesvolle digitale munt

($ 5.738,89)

Ethereum

Blockchainplatform voor applicaties

($ 305,94)

Ripple

Razendsnel betalingsnetwerk

($ 0,21)

Litecoin

De zilveren Bitcoin: goedkoper maar sneller

($ 57,66)

Dash

Digitale munt voor anonieme betalingen

($ 296,56)

NEO

Het Ethereum van China

($ 30,70)

IOTA

Netwerk voor het Internet of Things

($ 0,43)

OmiseGO

Portemonnee voor echt geld en cryptocurrencies

($ 8,41)

Ark

All-in-One blockchainnetwerk

($ 2,86)

WaltonChain

Identificatiechips voor in productketens

($ 7,73)

26 oktober 2017

Bron: Coindesk

Koers op 24-10-2017


11

column Luuk Koelman

Iedereen liegt smart contracts, waardoor nu allerlei slimme stukjes computercode op de blockchain geprogrammeerd kunnen worden. Het is ook revolutionair (bijna alle cryptocurrencies staan op het Ethereum-netwerk), maar in het in 2015 gepubliceerde artikel De redelijke derde en de blockchain schrijft Tjong Tjin Tai dat het waarschijnlijk onmogelijk wordt om transacties op de blockchain zo te programmeren dat onredelijkheid en misbruik zijn uitgesloten. Daar heeft de mens wel behoefte aan, bijvoorbeeld omdat anders handige jongens mazen kunnen zoeken in het systeem en die ongestraft uitbuiten. Zo is er momenteel niets te doen tegen scams, die zelfs bij de Bitcoin voorkomen. “Wat doe je als een transactie discutabel is, wie gaat dat oplossen? Ik kan me voorstellen dat we het nog steeds aan een rechter voorleggen,” zegt De Vries. Is zelfs de rechterlijke macht dan geen vanzelfsprekende autoriteit meer? Tjong Tjin Tai: “Je blijft onderworpen aan het recht, het is onzin dat je erbuiten staat.” Zitten we eigenlijk wel te wachten op een wereld waar informatie permanent wordt opgeslagen in databanken die voor anderen inzichtelijk zijn? De Vries draait die vraag om: “Zitten we te wachten op achterhaalde instituties? Is het niet tijd om de wereld met nieuwe technologie beter in te richten? Als bestaande instituties dat kunnen, blijf ik ze graag gebruiken.” Wild wild web Gevestigde instituties zitten niet stil, vertelt Berndsen, die naast zijn hoogleraarschap ook werkt bij de Nederlandsche bank als hoofd van de afdeling Markt Infrastructuur Beleid. In Zweden wordt nagedacht over een digitale vorm van geld, dat burgers niet aanhouden bij een commerciële maar centrale bank. “Het ligt voor de hand om dit op een nieuwe vorm van technologie te bouwen, dat kan een variant van de blockchain zijn.” En soms kan de toekomst het af zonder blockchain. “In Europa bouwen de centrale banken aan een Instant Payment System. In 2019 kunnen Nederlanders binnen 10 seconden geld overmaken binnen Europa. Dit wordt gebouwd op beproefde, bestaande technologie.” Dat maakt currencies als Ripple of Stellar, die beloven betalingsverkeer te versnellen, ineens minder interessant. Blockchain en cryptocurrencies kunnen bestaande systemen overbodig maken of veranderen, maar om een serieuze factor te worden is stabiliteit nodig, zegt Berndsen. Zonder zekerheid gaat niemand zijn salaris, pensioen of bedrijfsmodel op de blockchain zetten. Zover kan het gaan, maar is het nog niet. Op het wild wild web heerst momenteel in de eerste plaats digitale goudkoorts.

Wat heb je aan surveys wanneer proefpersonen geneigd zijn de sociaal wenselijke antwoorden te geven? Die vraag werpt het boek Everybody Lies op van Seth Stephens-Davidowitz. De Amerikaanse econoom, ooit data-analist bij Google, betoogt dat je pas écht ziet wat mensen denken, wanneer je hun online zoekgedrag bestudeert. Het is even schrikken, want Stephens-Davidowitz vergelijkt de realiteit die we onszelf voorhouden met het beeld dat Google Trends laat zien. Geen enkele Amerikaan die zegt dat hij racistisch denkt, maar op basis van de in Google ingevoerde zoektermen ‘I hate niggers’ en ‘nigger jokes’ komt StephensDavidowitz tot heel andere conclusies. Op zijn ‘kaart van heimelijk racisme in de VS’ hebben staten waar Trump de verkiezingen won, de hoogste ‘nigger’score. Volgens Stephens-Davidowitz één van de redenen waarom Trump bij veel Amerikanen zo populair is. Hij zegt gewoon hardop wat mensen denken, maar niet durven te zeggen. Ook opmerkelijk: ‘officieel’ geeft 2,5 procent van de Amerikaanse mannen aan homoseksueel te zijn. Maar afgaande op het soort porno dat mannen zoeken, komt Stephens-Davidowitz uit op een cijfer van 5 procent. Of deze, over latent seksisme: de vraag ‘is mijn zoon hoogbegaafd’ komt ruim twee maal zo vaak voor als de vraag ‘is mijn dochter hoogbegaafd’. Terwijl jongens niet vaker hoogbegaafd zijn dan meisjes. En tot slot: volgens onderzoeken hebben getrouwde stellen gemiddeld twee maal per week seks, maar Stephens-Davidowitz twijfelt. Online wordt 16 keer vaker gezocht op ‘mijn man wil geen seks’ dan op ‘mijn man wil niet praten’. Is Everybody Lies een ontluisterend boek? Nee, het is juist een geruststellend boek. Al die gecultiveerde selfies op Facebook, van al die blije mensen met hun bijna perfecte leventjes; ik bekijk de beelden die we elkaar voorhouden schaterlachend. Wat iedereen eigenlijk al lang wist, is eindelijk bewezen. Dank je wel, Seth!

26 oktober 2017


12

Op de man af

Wè nou? tilburgse reacties op Het nieuws

Vind je de campus te druk?

Tilburg University groeit en dat is te merken. Het is druk op de campus. Te druk misschien? Univers vraagt het aan de student. Soms is het extreem druk, dan ineens heel rustig. Ik heb het idee dat de spreiding van de colleges beter kan. Dat zou het probleem van de drukte op sommige momenten kunnen oplossen. Ik studeer nooit in de bieb, want daar zijn geen computerplekken vrij. Adam Greene, 18, Psychologie

Ik heb wel het idee dat het nu drukker is dan vorige jaren. De eerste weken van het nieuwe studiejaar zijn altijd druk, maar nu is die drukte niet weggetrokken. En dat zie je terug in de bieb, waar het zelfs buiten tentamenweken vol zit. Ik had vroeger nooit problemen om een werkplek met computer te vinden, nu moet ik echt reserveren. Maaike Talboom, 22, Psychologie

naam Koen Schoenmakers opleiding Filosofie leeftijd 22 jaar Altijd plek in de bibliotheek of gratis eten op de campus? Altijd plek in de bibliotheek. Dat is nodig, maar niet altijd voorhanden. Daar kan ik me zo aan ergeren. Wat zou je doen als je in een maand vijfhonderd euro uit moest geven? (je mag niet naar het casino) Ik zou mijn DUO stopzetten. Een maandje gratis leven is wel lekker.

Er zijn genoeg plaatsen op de campus waar nog wel werkplekken vrij zijn. Zelf een laptop meenemen scheelt een hoop. Teun van Stratum, 24, Human Resource Studies

Nu de tentamens in zicht komen vind ik het wel druk worden. Ik denk niet dat het per sé iets van dit studiejaar is. De afgelopen jaren werd het al drukker. Dat is ook een reden dat ik niet meer zo vaak in de bieb studeer. Als ik ga, zoek ik een werkplek zonder computer. Dat is nog te doen. Amella Mesic, 21, Sociologie

Voor wie zou jij een fanclub op willen richten? De studentenpastor. Die is echt super chill. Bijna niemand kent hem, maar daar kan je echt heel leuke gesprekken mee voeren. Wat eet je het liefst na een avondje stappen? Chicken Mcnuggets natuurlijk. Koffie of thee? Thee, ik vind koffie echt super vies. Wat stoort jou het meest aan je medestudenten? Dat ik me nergens aan stoor. Ze zijn te leuk. Ik heb echt een heel leuke klas. Wat koop jij (bijna) altijd in de supermarkt? Bier! Wat is jouw favoriete plek op de campus? Ik weet niet hoe het heet, maar het veldje achter gebouw R.

77% Ja, het lijkt de Efteling wel op een zaterdagmiddag in juli (252 stemmen)

14% Ja, maar leuk om te zien dat de universiteit in trek is bij studenten (46 stemmen)

6% Nee, hartstikke gezellig al die mensen (21 stemmen)

2% Druk? Ik vind de campus een oase van rust (8 stemmen) Totaal: 327 stemmen Stemmen op de volgende poll ‘Hoeveel tijd moet je steken in extracurriculaire activiteiten?’ kan op Univers­online.

26 oktober 2017


13

leestijd

5

minuten

Jantine Schuit is de nieuwe decaan van de Tilburg School of Social and Behavioral Sciences. Het bevorderen van een gezonde levensstijl vormt de belangrijkste drijfveer achter haar wetenschappelijke carrière. “Natuurlijk is er meer in het leven dan gezondheid alleen, maar het vormt voor mij persoonlijk wel de basis.” Tekst bart smout fotografie dolph cantrijn

‘Alleen kennis en kunde leren is niet genoeg’

A

lles is nog nieuw voor Jantine Schuit. Op de dag dat ik haar spreek in haar kantoor in het pas gerenoveerde Simon Building, is ze nog maar net actief als decaan in Tilburg. Tijd om stil te zitten is er niet. Toch heeft ze een gaatje in haar agenda gevonden voor een kop koffie en een gesprek. “Het is goed om iedereen te leren kennen.”

U werkte eerder aan de universiteiten van Wageningen en Amsterdam (VU), maar heeft zich altijd verdiept in gezondheid. Wie gezond gedrag wil stimuleren, moet ongezond gedrag bestrijden. Hoe doe je dat het meest efficiënt? “Ongezondheid wordt voor een belangrijk gedeelte bepaald door ongezond gedrag. Te vet eten, te weinig bewegen, dat soort dingen. Dat gedrag wordt vervolgens weer voor een aanzienlijk deel bepaald door de context waarin mensen leven. Sociale normen, je woonsituatie en je leefsituatie, het werk dat je doet, die factoren oefenen allemaal invloed uit. Mensen in achterstandswijken hebben vaak grote sociaal-economische problemen, en als je dit onderzoekt, zie je dat die doorwerken in hun gezondheid. In Amsterdam onderzocht ik vooral hoe je via beleid van andere sectoren gezonde keuzes kan stimuleren. Bijvoorbeeld, hoe kan je een woonwijk bewegingsvriendelijker inrichten, of hoe kan je met prijsbeleid de con-

sumptie van groente en fruit stimuleren. Dergelijke maatregelen maken het voor mensen gemakkelijker om de gezonde keuze te maken.” Tilburg kwam laatst landelijk in het nieuws nadat een school kinderen verplichtte om water te drinken. Dat leidde tot woede van veel ouders. Hoe verklaart u die woede, terwijl de school alleen wil dat de kinderen gezond drinken? “Ouders worden boos omdat ze zelf willen bepalen wat hun kind drinkt. Ze willen niet dat hen iets wordt opgelegd, maar willen hun keuzevrijheid behouden. Ik denk dat de verontwaardiging daar mee te maken heeft. Een manier om kinderen toch gezonder te laten drinken op school, is door water drinken aantrekkelijker te maken. Dus niet het drinken van cola verbieden, maar bijvoorbeeld een leuke waterput op het schoolplein bouwen, waar de kinderen uit zichzelf naartoe lopen. Aan de andere kant: soms moet je gewoon iets verbieden of ombuigen, gewoon omdat het werkt, ook al stuit het in eerste instantie op weerstand. We weten uit onderzoek bijvoorbeeld dat het verhogen van accijns op alcohol en tabak de consumptie ervan terugdringt. Uiteindelijk wennen mensen wel aan de nieuwe situatie en neemt het verzet af. Dat je nu niet meer in openbare gelegenheden mag roken, is volledig geaccepteerd, terwijl dat in het begin ook op weerstand stuitte.” >>

26 oktober 2017


14

Is de anti-rookcampagne hèt voorbeeld van een succesvolle gezondheidscampagne? “Campagnes kunnen maatregelen versterken, maar campagnes alleen zijn doorgaans onvoldoende om gedragsverandering te bewerkstelligen. Anti-rookreclames zijn dus alleen effectief als je ze ook combineert met accijnsverhoging en met uitbreiding van het rookverbod. Als je dit consequent doet, zie je dat het effect heeft: het aantal rokers neemt af en roken heeft bij de meeste mensen geen positief imago meer.”

Jantine Schuit (1964) studeerde Gezondheidsvoorlichting, en Huishoud- en Consumentenwetenschappen in Wageningen. Van 1990 tot 1997 werkte zij als onderzoeker bij Wageningen Universiteit, waar ze promoveerde op onderzoek naar het effect van een bewegingsprogramma op risicofactoren voor hart- en vaatziekten bij ouderen. Sinds 1997 is ze werkzaam bij verschillende onderzoekscentra van het RIVM, eerst als (senior-)onderzoeker en projectleider en later in verschillende managementfuncties. Centraal in haar werk staat het bevorderen van een gezonde leefstijl en ze richt haar onderzoek op de (kosten)effectiviteit van programma’s en beleidsmaatregelen die ongezond gedrag tegen gaan. Vanaf 2007 tot 2017 bekleedde ze de leerstoel Gezondheidsbevordering en Beleid aan de Vrije Universiteit Amsterdam, waar ze diverse promovendi begeleidde en lesgaf aan master- en bachelor studenten op gebied van Preventie en Beleid. Per 1 september is ze hoogleraar Health, Behavior and Society aan de Tilburg University.

Waarom houdt u zich zo met gezondheid bezig? “Eigenlijk vond ik dat van kinds af aan al een belangrijk thema. Misschien wel omdat mijn vader al op jonge leeftijd een hartinfarct kreeg en daardoor niet kon werken. Dat heeft bij mij het besef versterkt dat gezondheid belangrijk is en iets is waar je actief voor moet zorgen. Ik heb er zelf altijd op gelet dat ik goed eet en regelmatig sport. Het was voor mij dan ook logisch dat ik tijdens mijn studie met dit onderwerp aan de slag wilde gaan. En ja, natuurlijk is er meer in het leven dan gezondheid alleen. Maar het is wel een soort basis. Eigenlijk had ik, achteraf gezien, ook wel geneeskunde willen studeren. Dat is er niet van gekomen, maar mijn dochter doet dat nu, dat vind ik echt ontzettend leuk.”

punten, waarvan Health & Wellbeing er één is. Heeft u expliciet de opdracht hierop te sturen? “Ik heb die opdracht niet expliciet meegekregen. Maar als decaan van TSB wil ik graag met dit thema aan de slag. Voor veel van onze departementen is Health & Wellbeing een belangrijk thema. Mijn voorganger Klaas Sijtsma heeft met het managementteam een faculteitsbreed onderzoeksprogramma opgezet waarbij Health & Wellbeing centraal staat, naast adaptiveness en intensive data. Dat thema verbindt onze faculteit en geeft het meer profiel. We gaan in het komend jaar dit onderzoeksprogramma nader uitwerken. Dus ja, ik ontwikkel Health & Wellbeing als speerpunt graag verder.”

Zondigt u nooit? (Lacht): “Volgens mij niet vaak. Nou ja, ik reis nu met de auto naar Tilburg omdat het openbaar vervoer er echt te lang over doet. Niet goed voor het milieu en ik zit daardoor meer stil dan ik zou willen.”

Zien we de faculteit de komende jaren steeds meer samenwerken met private partners? “Waarom kiezen studenten voor Tilburg? Dat is een belangrijke vraag. Ik denk dat je de faculteit nog aantrekkelijker kan maken door meer samen te werken met partners buiten de universiteit. Niet alleen private partijen, maar ook publieke. Want daardoor kunnen we beter bijdragen aan het oplossen van complexe vraagstukken. We willen graag maatschappelijk relevant zijn en ik denk dat studenten tegenwoordig ook graag een bijdrage leveren. Dus ik wil zeker kijken hoe we nog meer kunnen wortelen in de maatschappij. Maar ik vind het ook belangrijk dat we fundamenteel onderzoek blijven doen en dat het toegepaste onderzoek voldoende wetenschappelijk interessant is voor ons als universiteit.”

Heeft u al op uw gemak over de campus gelopen? Zijn er voldoende mogelijkheden om gezond te werken en studeren? “Ik heb me er nog niet echt in verdiept. Maar volgens mij is er als het gaat om gezond eten een ruim aanbod dat niet te duur is. En alles op de campus is lopend bereikbaar, dat is goed voor de beweging. Het Warandebos dat aan de universiteit grenst is natuurlijk ook een enorm pluspunt, je kunt als je wilt even de benen strekken in de natuur. Ik merk nu al dat er actief wordt nagedacht hoe Tilburg University nog meer kan bijdragen aan een gezonde levensstijl en een groene prettig leefbare campus. Laatst werd tijdens Besturendag door studenten het idee geopperd om een fietssnelweg van het centrum naar Tilburg University aan te leggen. Boven de wegen, zonder stoplichten, zodat je in één keer kan doortrappen naar de universiteit.” U bent net drie weken actief als decaan. Wat is uw eerste indruk, wat voor faculteit treft u aan? “Wat me vooral opvalt is de gedrevenheid van de mensen. Goed onderzoek doen en goed onderwijs geven staat hier echt voorop. Ik merk ook dat iedereen openstaat voor vernieuwing en internationalisering. Mooi vind ik ook de hantering van het MERIT (Management, Education, Research, Impact en Teamplayer)-systeem, waarbij niet alleen gekeken wordt naar de kwalificaties voor onderzoek en onderwijs, maar ook naar de impact van het onderzoek en wijze waarop er wordt samengewerkt. Dit maakte de faculteit sowieso interessant voor mij. In het onderwijsprofiel zie je dit ook. Tilburg University wil studenten opleiden die later het verschil maken. Alleen kennis en kunde leren is niet genoeg. Daar hou ik wel van.” Er gaat de komende jaren universiteitsbreed behoorlijk wat veranderen. Zo wordt er vol ingezet op de drie speer-

26 oktober 2017

De universiteit wil ook flink groeien. Is de faculteit daar klaar voor? “Tot nu toe heb ik niet gemerkt dat onze medewerkers onrustig worden van de groeiambities. Wel wordt de vraag gesteld: de ambities zijn groot, hoe zorgen we ervoor dat ons dit gaat lukken? Het biedt natuurlijk ook kansen. Er zullen meer internationale studenten komen, wat goed is voor de studenten, want een verscheidenheid aan culturen aan de universiteit creëert een leerzame omgeving. Maar we hebben het hier niet alleen over onderwijs. Internationale studenten en medewerkers moeten ook een prettige woning hebben en zich thuis gaan voelen in Tilburg. Hebben studenten straks voldoende plek? Kunnen ze ergens wonen? Ik weet dat er op dit moment gesprekken gaande zijn met de gemeente en ontwikkelaars hierover.” U volgt Klaas Sijtsma op. Die had als decaan de ondankbare taak om de faculteit na de affaire Stapel weer op het goede spoor te krijgen. Merkt u nog iets van dit donkere hoofdstuk uit het verleden? “De faculteit staat er nu uitstekend voor. Er zijn allerlei maatregelen genomen na Stapel die integriteit en transparantie van het onderzoek beter kunnen borgen. Denk aan afspraken over hoe om te gaan met data, hoe toetsen we de kwaliteit en integriteit. Hierdoor heeft de faculteit eigenlijk een voortrekkersrol gekregen. We zijn heel kritisch op onszelf. Dat is goed.”


15

‘Meer internationale studenten is goed, want een verscheidenheid aan culturen aan de universiteit creëert een leerzame omgeving’

26 oktober 2017


16

foto ton toemen

Beeldend

26 oktober 2017


17

Deprez Industrial en dus Ăźberhip, dat Deprezgebouw in de Spoorzone. Plof maar neer op een rode, oranje of gele stoel. Wat jij wil, ieder zijn liefste kleurtje. Of installeer je op de kabelhaspels onder de trap. Die horen daar, want ouwe bouwmeuk is ook stoer design, net als uit het plafond bungelende verlengsnoeren. Maar vergis je niet met al dat staal en steen en ruig ontwerp, er is ook gedacht aan de meer doorsnee student. Er zijn heuse koffieautomaten en als knipoog naar het boerse land dat Brabant heet omvat de vloerbeleving ook stukjes tapijt met graseffect voor het betere wei-gevoel.

26 oktober 2017


18

de vijf VAN EIJFF

De hele kerstboom wordt afgetuigd Onze topeconoom en CDA-denker Sylvester Eijffinger pleit sinds jaren voor de zogeheten ‘vlaktaks’. En die komt er warempel met het nieuwe kabinet VVD-CDA-D66-ChristenUnie. Wat houdt deze belastingmaatregel in? Het is wel duidelijk wat u CDAfractievoorzitter Sybrand Buma heeft ingefluisterd! “Ha, nou, de inhoud van die gesprekken blijft geheim. Maar je kunt er natuurlijk wel van uitgaan dat ik voor de vlaktaks heb gepleit, overigens samen met andere economen zoals Raymond Gradus. Een mooi voorbeeld dus van valorisatie, impact en invloed! Toch had ik niet direct verwacht dat het er echt zou komen. Ik ben er blij mee.”

‘We hoeven dure huizen niet te subsidiëren’

Wat is het voordeel van zo’n vlaktaks? “Allereerst dat de hele kerstboom, compleet met allerlei slingers en bellen, wordt afgetuigd. Het belastingstelsel was veel en veel te ingewikkeld geworden, met drie schalen en allerlei uitzonderingstoestanden en aftrekposten. Ik heb met belasting­inspecteurs gesproken die het zelf niet meer snapten. Nu krijg je slechts twee tarieven in de loonbelasting. Een voor de lagere en middeninkomens tot ongeveer 68.000 euro per jaar. Die betalen een kleine 37 procent belasting. Daarboven betaal je 49,5 procent belasting. Dat betekent minder belasting betalen dan nu. Op termijn denk ik dat het percentage nog iets verder omlaag kan, wanneer we de vruchten

26 oktober 2017

plukken van de inverdieneffecten. Er is meer stimulans om te gaan werken, want je houdt per saldo meer over. En als meer mensen gaan werken, ontstaat er een grotere belastingbasis en kan de belasting verder omlaag.” Aftrekposten en subsidies worden wel afgebouwd. Is dat wel sociaal? “Het is geen vlaktaks met één tarief maar met twee tarieven. Het hogere tarief maakt dat de rijkeren meer betalen. Daarom spreken we van een ‘sociale vlaktaks’. Er zullen altijd gevallen zijn voor wie het minder goed uitkomt, maar netto gaat vrijwel niemand erop achteruit. Het merendeel gaat erop vooruit, vooral de middeninkomens. Dat is ook terecht: die hebben vooral de rekening betaald voor de crisis. De hypotheekrenteaftrek wordt automatisch minder lucratief, want hoe meer belasting je betaalde, hoe meer je terugkreeg. De rijkeren kregen dus het meeste terug, en dat kan nu niet meer. Ook dat lijkt me sociaal. We hoeven dure huizen niet te subsidiëren.”

Tegenover de verlaging van de loonbelasting staat een verhoging van de BTW. Er wordt cynisch gesproken van ‘boodschappenbelasting’. “Het gaat om een relatief kleine verhoging van 6 naar 9 procent voor levensmiddelen. Het is nodig om de loonbelasting te verlagen en kostenneutraal te kunnen blijven. De belasting van 21 procent op luxegoederen blijft gelijk. Ik was liever naar één BTW-tarief gegaan van bijvoorbeeld 17 procent. Een kapper is goedkoper dan een andere dienst omdat deze wordt beschouwd als noodzakelijk. Ik zie niet in waarom. Je man of vrouw kan bij wijze van spreken toch ook je haar knippen? Als je het tarief gelijk trekt, kom je netto op hetzelfde uit.” GroenLinks-voorman Jesse Klaver sprak van een ‘kneiterhard kabinet’ na lezing van het regeerakkoord. “Als hij het anders had willen zien, had hij niet moeten weglopen van de onderhandelingstafel. En wat ik tot nu toe heb gezien aan sociaal-economische maatregelen, vind ik uiterst weloverwogen en gebalanceerd. Ik vind de tarieven van de vlaktaks nog iets aan de hoge kant, maar die kunnen later nog worden bijgesteld. Het gaat erom dat er na jaren stilstand is begonnen aan een herziening van het systeem. Dat is hoog nodig.”


19

leestijd

8

minuten

Vrouwen aan de top Tekst Tom Grosfeld Foto Prast Anja van Wijgerden foto van dijk Arnaud Mooij

Vrouwelijke wetenschappers zijn ondervertegenwoordigd in hogere posities. Hoe kan dat? En wat vinden deze wetenschappers van het ‘vrouwenquotum’ dat wordt nagestreefd door de universiteit? Univers sprak vijf vrouwelijke wetenschappers over de kwestie.

O

m iets aan de ondervertegenwoordiging van vrouwen in de wetenschappelijke top te doen (slechts 17 procent van de hoogleraren aan deze universiteit is vrouw), lanceerde Tilburg University het Philip Eijlander Diversiteitsprogramma. Dat programma creëert extra posities voor hoogleraren en universitair (hoofd)docenten, uitsluitend voor vrouwen. Waarom is dit programma zo hard nodig? En zet dit programma zoden aan de dijk, of is het beeld van de mannelijke professor te diep vastgeroest in onze cultuur?

Eijlander benoeming Monique van Dijk-Groeneboer (Faculteit Theologie) kreeg afgelopen jaar een hoogleraarschap vanuit het Eijlander programma toegewezen. Ze vindt het ongelooflijk dat dit thema zoveel aandacht nodig heeft, voordat er iets

wordt bereikt. “Mensen denken dat het wel meevalt met die ondervertegenwoordiging van vrouwen, maar dat valt helemaal niet mee. Je moet het blijven stimuleren.” Van Dijk-Groeneboer moest even nadenken of ze het hoogleraarschap wilde accepteren. “Natuurlijk heb ik het uiteindelijk gedaan. Maar vergis je niet, je krijgt opmerkingen van mannen die zeggen: ‘Omdat jij vrouw bent heb je die plek nu.’ Dat is de dubbelheid. Sommige mannelijke collega’s vinden het een excuusplek, gecreëerd om een quotum te behalen. Kijk dan even wat er structureel mis is, denk ik dan.” Ook Maureen Sie (Filosofie) is benoemd tot hoogleraar via het Eijlander programma. Ze schept daar meteen duidelijkheid over: “Je wordt niet als vrouw, maar als wetenschapper benoemd. Als de kwaliteit ontbreekt, wordt niemand aangenomen. Bovendien: de concurrentie voor die posities is moordend vanwege de open natuur ervan. Ik moest concurreren met 70 vrouwen.” Quota Sie en Van Dijk-Groeneboer zijn beide voorstander van het quotum. Toch zijn er ook een hoop mannelijke en vrouwelijke wetenschappers die tegen quota zijn. Die zeggen dat het positieve discriminatie is. “Maar dan maak je een fundamentele denkfout,” zegt Henriëtte Prast, hoogleraar Finance. “Het is niet zo dat als je niets doet, het neutraal is. We weten dat er impliciete positieve discriminatie is voor mannen. Mannen worden dus onbewust en onbedoeld voorgetrokken. Als je niet bijstuurt, houd je dat in stand.” Cultuur Om de ondervertegenwoordiging van vrouwen een halt toe te roepen worden er al jaren concrete maatregelen genomen. Maar belangrijker: waarom is dat nodig? Hoe kan het dat er zo weinig vrouwelijke wetenschappers doorgroeien naar hoge posities? Waarom ontstaat er geen natuurlijke, eerlijke verdeling tussen het aantal mannelijke en vrouwelijke hoogleraren? Van Dijk-Groeneboer: “De wetenschap is een typisch ‘Old boys network’. Mannen zitten er al en moeten iemand benoemen. Dan vis je binnen je eigen netwerk. Dat is geen onwil, vrouwen zijn gewoon minder in zicht.” >>

Cijfers Tien jaar geleden was het percentage vrouwelijke hoogleraren aan Tilburg University slechts 8,5 procent. Nu zitten we op 17 procent, afgaande op de cijfers over 2016. Voor de rest van de functies binnen de universiteit geldt: hoe lager de positie, hoe meer vrouwen. Dat begint bij het ondersteunend personeel: 67 procent is vrouw. Promovendi: 54 procent. Docent: 53 procent. Onderzoeker: 51 procent. Vanaf Universitair Docent krijgen mannen de overhand: 41 procent is vrouw. Universitair Hoofddocent: 26 procent. De hoogleraren, waarvan dus 17 procent

vrouw is, is opgedeeld in twee categorieën: hoogleraar 1 en 2. U raadt het al: hoogleraar 1 verdient veel meer dan hoogleraar 2. Het aandeel vrouwelijke hoogleraren 1? 5 procent. De stijging van vrouwen in topposities verloopt mondjesmaat. Het aantal hoogleraren (2) stijgt ieder jaar een paar procent. UHD en UD blijft hangen. Henriëtte Prast vertelde tijdens het interview dat het haar een goed idee leek om in één klap alle vrouwelijke UHD’s tot hoogleraar te benoemen. Ze was benieuwd hoe de verdeling tussen manne-

lijke en vrouwelijke hoogleraren dan was. Het antwoord: 29 procent van de hoogleraren zou dan vrouw zijn. Hoe scoren we vergeleken met de rest van Europa? Belabberd. Women in Science (gegevens uit 2015) laat zien dat er in Europa slechts drie landen minder vrouwelijke hoogleraren hebben dan Nederland: Cyprus, Tsjechië en Litouwen. Malta heeft de meeste vrouwelijke hoogleraren in dienst, maar zelfs daar zijn nog meer mannelijke dan vrouwelijke hoogleraren.

26 oktober 2017


20

De hoogleraar kaart ook aan dat mannen duidelijker zijn in wat ze willen: “Zij drukken hun publicaties onder de neus van hun baas en zeggen: ‘Ik wil hoogleraar worden’. Vrouwen doen dat niet. Die denken: ‘Mijn baas weet toch wel dat ik veel publiceer en hoogleraar wil worden’?” Prast voegt daaraan toe dat mensen vaak de neiging hebben zichzelf te willen benoemen. “Dat kan natuurlijk niet, dus je benoemt iemand die op jou lijkt. Jouw kwaliteiten zijn de maatstaf. Als er dan vooral mannen in benoemingscommissies zitten, dan kom je al snel bij een andere man uit. Bovendien zoeken die commissies vaak naar redenen waarom de man wel geschikt is voor de functie, en de vrouw niet.” Eigenschappen van mannen en vrouwen verschillen ook. Saskia Lavrijssen, hoogleraar aan de rechtenfaculteit, zegt dat vrouwen kritischer zijn dan mannen en beschikken over meer zelfreflectie. “Ze durven dat ook uit te spreken tijdens een sollicitatiegesprek. Dat is eigenlijk een teken van

‘Als het ergens misgaat, wordt nooit de vraag gesteld of het misschien komt doordat mannen de leiding hebben’

kracht, maar wordt niet altijd zo gezien door de beoordelaars (vaak mannen). Dat zijn verschillen in gedrag waarvan mensen zich bewust moeten worden dat ze bestaan. En ik vind het belangrijk dat vrouwen die vrouwelijke eigenschappen blijven bewaken. De generatie vrouwen voor ons wisselden hun vrouwelijke eigenschappen of kwaliteiten dan vaak in voor mannelijke, om zo de top te bereiken. Nu komt een generatie vrouwen die zegt: ‘We zijn zoals we zijn. We hebben eigen inbreng en sterke eigenschappen.’ Dat is belangrijk.” Zo zijn er meer verschillen tussen mannen en vrouwen, wat negatieve gevolgen heeft voor de vrouw. Lavrijssen weet dat veel vrouwen die een PhD doen, denken: ‘Wat doe ik hier eigenlijk. Dit gaat me nooit lukken, ik kan dit niet.’ “Mannen hebben daar minder last van.” Je zou kunnen zeggen dat vrouwen maar wat meer zelfvertrouwen moeten ontwikkelen. Makkelijker gezegd dan gedaan, want de (mannen)cultuur trapt dat zelfvertrouwen weer terug de grond in, blijkt uit ervaringen van Sie: “Ik word momenteel wel erg veel gevraagd voor lezingen vanwege mijn hoogleraarschap, en vast omdat ze ook op conferenties tegenwoordig een betere verdeling tussen mannen en vrouwen willen. Ik heb daar niet altijd tijd voor, dus adviseer ze dan jonge, vrouwelijke collega’s. Dan merk je bij de organisatoren een voorbehoud: ‘Dat zijn junior wetenschappers, moeten we dat wel doen?’ Dan denk ik: ‘Kijk eens naar de huidige samenstelling. Die staat vol met mannelijke junior wetenschappers.’ De ongelijke kansen beginnen daar al.” Volgens Lavrijssen moet die scheefgroei in gelijkwaardige kansen voor carrière en ontwikkeling worden opgeheven. Zij ondervond het toen ze moeder van haar eerste kind werd en fulltime bleef werken. Constant hoorde ze: ‘Zou je dat wel doen? Waarom krijg jij eigenlijk kinderen? Moet je dan niet parttime gaan werken?’ Een paar jaar later kreeg ze te horen: ‘Een derde kind én hoogleraarschap, dat is zwaar.’ “Denk je dat ze dat ook tegen mannen zeggen,” vraagt Lavrijssen zich af. Gedreven en veeleisend “Maar wat te denken van studentevaluaties waarbij vrouwen structureel minder hoog scoren dan mannen”, zegt Van Dijk-Groeneboer. “Als vrouwen heel gedreven en veeleisend zijn, vinden studenten dat niet passen bij een vrouw. Ze hebben een ander beeld voor zich. Dus beoordelen ze die vrouwelijke wetenschapper lager dan de mannelijke. En neem salarisonderhandelingen. Als mannen een schaal opschuiven zeggen ze tegen elkaar: ‘Goed gedaan, man.’” Het gaat nog verder: wetenschappers lieten vrouwen een wiskundetentamen maken. Als ze hun naam op het vel moeten schrijven, scoren ze slechter dan wanneer ze dat niet hoeven. Doordat ze hun naam opschrijven, worden ze zich bewust van hun vrouw-zijn en de bijbehorende vooroordelen (vrouwen zijn slecht in wiskunde). Dus: ze conformeren naar hoe de maatschappij vrouwen ziet. “Onbewust, dat wel,” zegt Prast. Die problematiek kun je uit de universiteit trekken en in de samenleving plaatsen. Prast heeft bij de Nederlandsche Bank gewerkt en daar kwam een topfunctie vrij. “Alle mannen om me heen dachten dat ze de ideale kandidaat waren,” vertelt Prast. “Als ze dan gepasseerd werden, vonden ze dat heel raar. Vrouwen hadden dat nooit. Die moesten gevraagd worden en vroegen zich dan nog af: ‘Ben ik wel geschikt?’ Het erge is: dat is niet biologisch. Dat is er door de cultuur ingepeperd.” Wederom kun je je afvragen: moeten vrouwen hun gedrag niet aanpassen? Wat meer van zich afbijten, bijvoorbeeld? Maar dan klappen ze uit hun rol. Onderzoek laat namelijk zien dat vrouwen veel vaker klusjes doen die in termen van carrière maken niets opleveren. Vrouwen zeggen daar vaker ‘ja’ op dan mannen. Saillant detail is dat het tweeledig werkt, want als een vrouw ‘nee’

Henriëtte Prast

26 oktober 2017


21

‘Een kind krijgen op de leeftijd waar je normaal een boost aan je carrière geeft, dat kan ingewikkeld worden’ zegt is het een minnetje op hun beoordeling. Bij mannen is dat niet zo. “Het backfired dus,” zegt Prast. “Of het nou in de wetenschap of daarbuiten is: als het ergens misgaat, wordt nooit de vraag gesteld of het misschien komt doordat mannen de leiding hebben,” zegt Prast. “Neem de bankencrisis als voorbeeld. In 2008 stortte alles in. Ik zeg niet dat vrouwen het beter gedaan zouden hebben, maar waarom zegt niemand: ‘Het zijn wel allemaal mannen...’ De discussie over vrouwen die eventueel topposities bekleden bij banken, die wordt gewoon niet gevoerd. Zelfs niet na de crash in 2008. Ik denk dat we ons niet kunnen voorstellen dat een bank geleid wordt door vrouwen. Een ander voorbeeld is het aantal moorden dat wordt gepleegd. We kijken naar geloofsovertuiging, etnische achtergrond, maar je hoort niemand zeggen: ‘Goh, het zijn wel allemaal mannen.’ En dat terwijl in Nederland 91 procent van de moorden wordt gepleegd door mannen. Dat vind ik bijzonder.” Zwanger Los van de impliciete positieve discriminatie jegens mannen en de manier waarop vrouwen als minderwaardig aan mannen worden gezien, is er nog een ander punt: vrouwen kunnen zwanger worden. Wat voor effect heeft dat op de wetenschappelijke carrière van een vrouw? En is er eigenlijk een goed moment om zwanger te raken? Volgens Karlijn Hoyer, promovendus aan Tilburg University (sociale psychologie), is er in de beginfase van je wetenschappelijke carrière niet echt zo’n moment. “Een zwangerschap tijdens je promotie is lastig. Je hebt maximaal vier jaar en hebt alle tijd nodig om tot een goed resultaat te komen, daar past een zwangerschap en vooral zwangerschapsverlof dus niet bij. Dan word je assistent-professor en komt het ook niet uit, vanwege de publicatiedruk. Het aantal publicaties is immers van belang voor het krijgen van een vaste aanstelling. Dat lijkt me lastig te combineren met de zorg voor een kind.” Volgens Hoyer ligt hier dan ook de uitdaging voor universiteiten. “Ze moeten jonge, getalenteerde vrouwelijke wetenschappers met een kinderwens vasthouden, en daarmee die hoognodige diversiteit aan de top van de wetenschap bewerkstelligen.” Volgens Lavrijssen zou het helpen als mannen ook een aantal maanden verlof krijgen. “Dan denkt een werkgever niet alleen bij een vrouw: shit, ze kan maanden afwezig zijn door zwangerschap. Een man kan immers ook een vrouw hebben die zwanger raakt, waardoor hij een paar maanden verlof opneemt. Op die manier kun je meer gelijkwaardige kansen creëren.” Van Dijk-Groeneboer vindt net als Hoyer dat kinderen krijgen je carrièreplanning in de war kan gooien. “Op de leeftijd waar je normaal een boost aan je carrière geeft, zou je nu een kind krijgen. Dat kan ingewikkeld worden.” Toch kent de medaille twee kanten, bewijst Sie. Zij heeft een man die de zorgtaken op zich neemt. Sommige mannelijke collega’s hebben het wat dat betreft moeilijker met zorgtaken dan zij. Het is natuurlijk de vraag in hoeverre mannen bereid zijn zorgtaken op zich te

Monique van Dijk-Groeneboer

nemen. Ook dat is iets wat diep vastgeroest zit in onze cultuur: mannen werken, vrouwen zorgen. Rolmodel Het zou daarom niet verkeerd zijn als jonge, vrouwelijke wetenschappers of studentes ook vrouwelijke rolmodellen hebben. Een vrouw waar ze tegen opkijken, of bij binnen mogen lopen met de vraag: ‘Hoe heb jij dat gedaan, een carrière en gezin?’ Of: ‘Hoe heb jij je gehandhaafd binnen dit mannenbolwerk?’ Dat is nu niet altijd vanzelfsprekend, gezien het geringe aantal vrouwelijke hoogleraren. Hoyer denkt dat vrouwen die benoemd zijn door het Eijlander programma, of andere vrouwelijke wetenschappers die topposities bekleden, zeker als rolmodel kunnen fungeren. “Ik merk zelf ook dat ik sneller opkijk tegen een vrouwelijke- dan een mannelijke hoogleraar. Ik denk vanuit de persoonlijke identificatie naar een vrouw toe.” Het is dan ook onderdeel van het Eijlander programma om een soort van rolmodel of voorbeeldfiguur te zijn voor vrouwelijke (potentiële) wetenschappers. “En dat is heel belangrijk,” zegt Van Dijk-Groeneboer. “Het blijft wennen om een vrouwelijke professor te zien. We denken automatisch dat het een man is. Het is dus belangrijk om als rolmodel juist die vrouwelijke, sterke eigenschappen te bewaken. Vooral niet de mannen nadoen. Laat juist zien dat je niet op een man hoeft te lijken om als vrouw hoge posities in te nemen.” Lavrijssen is ook een typisch rolmodel: als vrouw binnen een mannenbolwerk bekleedt zij een hoogleraarpositie. “Ik probeer een rolmodel te >>

26 oktober 2017


22

column Henk Strikkers columnist

Jet

Maureen Sie

‘De concurrentie voor die posities is moordend vanwege de open natuur ervan. Ik moest concurreren met 70 vrouwen’ zijn, maar ik zie mezelf zo niet per sé. Ik weet ook niet hoe mensen mij zien, natuurlijk. Ja, nu ben ik weer als een vrouw bezig, hè. Haha. Oké, ik probeer mensen te stimuleren in het maken van keuzes. Te enthousiasmeren. Vooral studenten. Ik wil ze laten nadenken over hun talenten. Ik denk dat ik voor die groep wel een rolmodel kan zijn.” Afsluitend over programma De vrouwelijke wetenschappers zijn allemaal blij met het programma, maar erkennen ook dat het pas een kleine stap is. Van Dijk-Groeneboer: “Dit programma alleen is niet voldoende. Je moet uitbreiden. Meer posities creëren. Er zijn dan mannen die denken: ‘Wacht eens, ik heb nu minder kans op die topposities. Oneerlijk’. Welkom in de wereld van de vrouw, denk ik dan.” Prast: “De middelmatige mannelijke wetenschapper zal zich zorgen maken, ja. Die wordt getroffen door het neutraliseren van de positieve discriminatie voor mannen.” Het is ook niet zo dat het probleem nu al flink aangepakt wordt, vindt Lavrijssen. “Er komen meer posities voor vrouwen, maar ik hoor nog zo veel voorbeelden om me heen: vrouwen die niet serieus genomen worden tijdens vergaderingen, bijvoorbeeld. Het zit nog niet goed. Het is een divers verhaal met veel factoren die een rol spelen. Maar we kunnen er niet omheen: bepaalde mechanismen, die niet altijd duidelijk zichtbaar zijn, zorgen ervoor dat vrouwen structureel minder kansen krijgen dan mannen. En dat moet veranderen, en verandert nu langzaam.”

26 oktober 2017

Er zijn weinig ministers van onderwijs die de universiteiten en hogescholen zo op hun kop wisten te zetten als Jet Bussemaker. Dat begon al bij haar aantreden: als kersvers aangetreden rector van de HvA zei ze destijds on the record dat ze geen minister zou worden. Nog geen maand later stond ze op het bordes met de koningin. En dat was maar het begin. Het duurde niet lang voordat Bussemaker zichzelf volledig verloor in het verhaal van haar coalitiepartner VVD. De basisbeurs werd ingeruild voor een leenstelsel – een maatregel die desastreus bleek te zijn voor jongeren met wat minder sociaal kapitaal. Bussemaker zette eigenhandig zowat de hele emancipatoire functie van het hoger onderwijs overboord. En kom niet aan met dat het raar is dat een miljonairszoon gratis geld van de overheid krijgt. Stel voor de grap eens voor dat de zorgpremie inkomensafhankelijk wordt of miljonairs geen AOW meer krijgen en het land staat op zijn kop. Maar het bleef niet bij het leenstelsel: Bussemaker weigerde de wet te handhaven wanneer universiteiten verengelsten (precies zoals de VVD wilde), ze week af van de partijlijn als het gaat om de invloed van studenten en docenten op de universiteit (precies zoals de VVD wilde) en liet steeds meer opleidingen selecteren aan de poort (inderdaad, precies zoals de VVD wilde). Bussemaker bleef al die tijd denken als onderwijsbestuurder, in plaats van als minister vóór onderwijs. Wanneer ik dit schrijf is nog niet bekend wie Bussemaker opvolgt, maar ik wil hem (of hopelijk haar) een advies meegeven. Denk eens wat vaker aan die honderdduizenden studenten en docenten en wat minder aan dat handjevol bestuurders. Dan zijn we al op de goede weg.


23

Waar is Univers?

Wat heb je nu geleerd? college Culturele Psychologie locatie CZ10

door Tom Grosfeld

Docent

Dr. Yvette Stráznický van Osch

Kon je wakker blijven?

Bij de diploma uitreiking De vrouw die de diploma-uitreiking in goede banen leidt, roept me naar voren. Ik gehoorzaam en neem plaats achter een tafeltje dat op het podium staat. In het kort vertel ik over mijn scriptie. Daarna teken ik mijn diploma en ontvang een bloem en felicitatie. Eenmaal terug op mijn plek zie ik een vrouw die ik nog niet eerder had opgemerkt. Ze staat verschuild in een hoekje van de zaal, naast haar ligt een stapel diploma’s. Op alfabet gerangschikt. Dat is belangrijk, want de studenten worden één voor één, op alfabetische volgorde, naar voren geroepen om hun diploma te tekenen. Die vrouw heeft daar dus op ingespeeld. Telkens als iemand de bloem en felicitatie in ontvangst neemt, met het getekende diploma in de hand, legt zij een nieuw diploma neer. Ze zorgt ervoor dat de uitreiking haar tempo niet verliest. Ze doet het op werktuiglijke wijze. Terwijl de volgende student over haar scriptie praat, kijkt ze nog één keer naar het stapeltje diploma’s. Ze ziet meteen dat het goed is: het juiste diploma ligt bovenop. Verder is ze ijzig kalm. Toont weinig emotie. Schuifelt, in tegenstelling tot de vrouw die de uitreiking leidt, niet op en neer of glimlacht zenuwachtig. Een enkele keer tuurt ze de zaal in. Maakt oogcontact met de ouders van de geslaagde student. Als je goed kijkt, zie je haar zachtjes knikken. Zo van: “Knap, van uw kind.” En dan weer terug in de concentratie. Er kan ieder moment een diploma worden getekend, en dan moet zij in een kort tijdsbestek het nieuwe diploma klaarleggen. ‘Bewonderenswaardig’, denk ik als ik wegdroom bij haar regelmatige en gestructureerde handelingen.

Ja. Ondanks dat ik het laatste college in de reeks bijwoon, is de stof nog best te volgen. Het geratel van vlijtig typende studenten zorgt daarbij voor genoeg geluid om me goed wakker te houden.

Hoe zaten de studenten erbij?

Voor de docent aanvangt met haar college, herinnert ze de studenten nog even aan het aankomende tentamen. Alsof ze dat konden vergeten. Sommige studenten lijken zich niet heel druk te maken. Voor het merendeel van de studenten zorgt de dreiging van een onvoldoende voor genoeg motivatie om op te letten.

Had de docent er zin in?

Ja, overduidelijk. Nadat ze de studenten heeft verwelkomd, vlamt ze er in hoog tempo de twee laatste onderwerpen van de cursus doorheen. Na drie kwartier is ze uitgeraasd, waardoor de studenten er vroeg klaar mee zijn. Dat is maar goed ook.

Wat heb je nu geleerd?

Dat multiculturalisme en feminisme een moeilijke verhouding met elkaar hebben. Kortgezegd is cultuur belangrijk voor haar leden, maar doordat veel culturen vrouwen achter mannen stellen botst dat met feministische principes.

26 oktober 2017


24

Bij de buren wat gebeurt er ondertussen op de andere universiteiten?

Masterscriptie

Tilburgers spreken de waarheid MAASTRICHT - Een interview is vaak het enige middel om te kijken of iemand zich terecht een asielzoeker mag noemen. In Maastricht promoveerde Tanja van Veldhuizen, zij onderzocht of dit een goede methode is, aldus Observant. Ze deed onderzoek met Tilburgers en Göteburgers die moesten doen alsof ze Tilburgers waren. De Tilburgers wisten het meeste over hun stad, maar voorbereidde Göteburgers deden daar eigenlijk niet zo veel voor onder. Pas als er pleinen getekend moesten worden, legden de leugenaars het op details significant af tegen de echte Tilburgers.

Sturm houdt drang naar orkanen WAGENINGEN - Melody Sturm, de Wageningse student Bodem, Water en Atmosfeer, is stormchaser. In universiteitsblad Resource vertelt ze hoe overdonderd ze was toen ze in het oog van de recente monsterorkaan Irma stond. Het was niet de eerste orkaan die ze bezocht en het zal ook niet de laatste zijn, vertelt ze. Irma was op dat moment al afgezwakt tot een categorie 3 en ze hoopt nog eens een 5 mee te maken. “Bovendien zag ik in dit oog maar een klein stukje blauwe lucht boven me. Het mooiste is als de lucht helemaal blauw is, alsof er niks aan de hand is.”

Promotie na 31 jaar vazenonderzoek AMSTERDAM - Atheense zwartfigurige vazen uit de zesde eeuw voor Christus, zo’n 1300 in totaal, daar heeft UvA-promovenda Geralda Jurriaans zich de laatste 31 jaar mee bezig gehouden, schrijft Folia. Ze reisde de wereld rond om klassieke Griekse vazen in ogenschouw te nemen. De figuren op die vazen vormen een beeldtaal zegt ze, die een Athener van toen goed zou begrijpen. Zoals een Nederlander nu bij een plaatje van een cadeautje en een wortel zou begrijpen dat het om Sinterklaas gaat.

Onderzoekers werken aan antisnurk-app MINNEAPOLIS - Snurkers zijn niet de meest ideale bedpartners. Gelukkig hebben onderzoekers van de University of Minnesota daar iets op gevonden, meldt universiteitskrant Minnesota Daily. En dat wil tegenwoordig zeggen: een app. Met de slaapapp Soundly spelen snurkers een spelletje dat hun luchtwegen moet trainen en versterken. Je verzorgt en controleert een geanimeerd karakter met keeloefeningen en geluiden. En als je dat goed blijft doen evolueert het karakter zelfs, net als een Pokémon.

Optimistische investeerders Investeerders zijn vaak te optimistisch over de waarde van aandelen. Zo ontstaan zeepbellen en financiële crisissen. Ruben Graafland (Finance) onderzocht of investeerders voorzichtiger zijn tijdens een recessie. En of regulering daarbij helpt. De mens kan zich flink vergissen, laat de film The Big Short zien. Bankiers die alles uitlenen wat los en vast zit, investeerders die de rendementen van de daken schreeuwen. De film verbeeldt het ongebreidelde optimisme waaraan de financiële crisis in 2007 onmiddellijk een einde maakte. In plaats daarvan kwam de roep om een kritischere blik op de financiële sector. Heeft dat zin? Economischer uitgedrukt: leidt een voorzichtiger investeringsklimaat tijdens een recessie tot rationelere prijzen? En welke rol speelt de toezichthouder daarbij met regulering? Graaflands conclusies zijn onthutsend. Zelfs als het ongebreidelde optimisme een halt toe is geroepen door een recessie, lijkt de irrationaliteit van de investeerder (de mens) het te winnen van het advies van toezichthouders. Ook de voorzichtigheid van investeerders zelf blijkt onvoldoende. Tegenstrijdige informatie komt op verschillende momenten binnen en verandert de waarde die investeerders hechten aan aandelen aanhoudend. Zelfs tijdens een recessie lijkt het er op dat prijzen niet rationeler worden bepaald. Psychologische valkuilen zijn onontkoombaar. Wel schommelt de waardering van aandelen meer dan in optimistische tijden, waardoor deze dichter ligt bij wat rationeel is. De markt lijkt zich kortom wel bewuster van risico’s. Voor het idee dat regulering invloed heeft kon Graafland slechts een kleine aanwijzing vinden. Investeerders gedragen zich tijdens een recessie anders dan tijdens een expansie, maar de interactie tussen investeerderssentiment en aandelenprijzen is complex. Een kritischere houding en meer toezicht is goed, maar niet voldoende. Uit Graaflands onderzoek blijkt dat er meer aandacht nodig is voor de psychologie van de mens. De vraag is niet of er genoeg regulering is, maar of die regulering wel de juiste psychologische zetjes geeft. Cijfer: 8

26 oktober 2017


25

reading time

4

minutes

text Laura van gelder fotography Jack Tummers

At Verbs 10, family dinner means something else The secret to fostering friendships that last longer than TOP week? Dinner parties. Univers was invited to a ‘family dinner’ with the buddy groups of international student organization I*ESN. The burritos were good, and the buddy system is even better. 26 oktober 2017


26

S

omething smells good at Verbs 10, the common area of the student apartment buildings along the Professor Verbernelaan. Once every two weeks, international student organization I*ESN hosts a dinner party here for its buddy groups. “Tonight we’re making fiesta hot dogs and burritos”, says Luisa from Slovakia, who is one of tonight’s chefs. Luisa is a member of buddy group Pink 189. The group was formed during TOP week, at the start of the academic year. “We have about fifteen active members in our group”, says Julia from Finland. “Some people stopped being active after the first weeks, but we’ve also adopted new kids.”

26 oktober 2017

WHATSAPP GROUP One of the group’s ‘adopted’ kids is Robin. Unlike most students who are part of I*ESN’s buddy system, Robin is not an international student. Tall, blond-ish and from a small town in Zeeland, he’s about as Dutch as they come. “The buddy system is open to both Dutch and international students”, he explains. “I personally prefer an international environment, so I asked if I could join. I really like the diversity in cultural backgrounds. We have students from all over the world in our group, which makes for interesting discussions. We actually had a discussion about gender equality earlier today, and we were just talking about Zwarte Piet.”


27

Clearly, I*ESN buddies are more than just drinking buddies. “We do everything together”, says Sunna. “It’s not just dinners and parties, we also study together. And we have our own WhatsApp-group, so it’s really easy to meet someone for lunch or for a quick coffee on campus. I’d say we see each other every day.” FINNISH MEATBALLS The buddy groups all gather for a shared dinner party every two weeks, but they also have regular dinners with their own group. “In our group, we all take turns cooking our own national food”, Julia says. “Sunna and

I are Finnish, so we made meatballs with cream and mashed potatoes. And because Robin and Giel are both from Zeeland, they’re going to cook mussels for us.” Other groups care less about serving up traditional dishes. “We’re pretty lazy, so we usually just have burgers and fries”, says Yael from Belgium. “Or chips and beers”, adds Jamaican student Mumba, who is in the same buddy group as Yael. “I do really miss Jamaican food. If I can find everything I need, maybe I’ll make some jerk chicken for the rest of the group soon. I’ll think about that.” >>

26 oktober 2017


28

FAMILY According to Yael, the buddy system offers a great way to make friends at university. “You easily feel at home in such an international environment. Everybody is very open-minded, and you can talk to each other about anything. Our group has a great vibe. It really feels like a family.” The different families that make up the buddy system are all ‘parented’ by two or three buddies, who are senior Tilburg University students. The buddies refer to the members in their group as their ‘kids’. “Last year, I was a buddy”, says I*ESN board member Francis Bleeker, who is also present at tonight’s dinner party. “Some of the kids have gone back home while

26 oktober 2017

others have stayed in Tilburg, but most of us are still in touch. That’s really nice. I think the buddy system is a great way to encourage students to keep hanging out after TOP week. It creates a sense of community.” From Italy to India, the family dinner is sacred in households across the world. Cliche or not, good conversations and failed attempts at finding out how school was today binds us together. Luckily, I*ESN understands the power of the dinner table perfectly. And the power of the dance floor, too - after dinner, the group goes on a family trip to Carpe Noctem for a Latin night party.


29

reading time

5

minutes

text Laura van gelder photography Khin Maung Win/AP

Buddhists use bullets too

B

The Rohingya crisis in Myanmar points to an unsettling truth: Buddhism can be as violent as any other religion. “The idea that Buddhists are always peaceful is a western illusion”, says Tilburg University researcher Deborah de Koning.

uddhism is generally not associated with religious violence or extremism - and certainly not with the type of violence that amounts to the violation of human rights, such as killings, rape and forced displacement. But as the tragedy of the Rohingya crisis unfolds, it seems that the west needs to take a hard look at its tendency to romanticize Buddhist culture. ‘DEATH TO THE ROHINGYA’ Myanmar, formerly known as Burma, is one of the most devoutly Buddhist countries in the world. It’s the land of golden temples, candlelit monasteries and monks dressed in orange robes draped to leave one shoulder bare. Recently, however, a very different picture of Myanmar and its Buddhist population has started to emerge. The Myanmar army - commanded by Buddhist generals - has unleashed an ethnic cleansing operation against a vulnerable Muslim minority. While hundreds of thousands of Rohingya Muslims have fled the country, survivors are telling horrific tales of rape and killings by the Myanmar military. Shockingly, the Rohingya are not only targeted by the army. Buddhist nationalists are participating in the burning of villages and the stirring up of violent hate against the Rohingya. Buddhist monks have taken to the streets, not chanting traditional mantras but hateful slogans such as ‘We don’t want Muslims!’. Albertina Nugteren, associate professor at Tilburg University and an expert on Buddhism, is not surprised to see Buddhist ultra-nationalism.

She is well aware that it exists. “Buddhist extremism is nothing new, it has existed for at least 150 years”, she says. “But I have to admit that even I was shocked when I saw images of monks performing a mudra gesture - the raised open-hand gesture which Buddha is commonly depicted making while they had written ‘Death to the Rohingya’ in their palms.” NON-VIOLENT VEGETARIANS Tilburg University researcher Deborah de Koning, who is writing a dissertation on Sinhalese Buddhists in Sri Lanka under the supervision of Albertina Nugteren, explains that the west holds an overly romantic view of Buddhism. “The idea that all Buddhists are non-violent and vegetarian is a very western idea”, she says. In the western world, Buddhism is considered a ‘way of life’ or a philosophy rather than a religion. It’s about mindfulness, good karma and compassion. In the do-it-yourself meditation books that we keep on our shelves, there is generally no mention of monks with guns or Buddhist crimes against humanity. In fact, the very term ‘Buddhist extremism’ seems ridiculous to most westerners. We all know of atrocities committed in the name of other religions, but Buddhism? No way. According to Deborah de Koning, it’s important to realize that in a country like Myanmar, where a Buddhist majority lives alongside many different minority ethnic groups, Buddhism cannot be separated from the political and cultural environment. “It’s true that non-violence is central to Buddhist teachings, and that Buddhists are traditionally taught not to get involved with ‘earthly’ matters such as politics. But in reality, Buddhists >>

26 oktober 2017


30

Myanmar Buddhist monks shout slogans as protest against a resolution of the UN to grant citizenship to Rohingya

do get involved”, she explains. “In countries like Myanmar and Sri Lanka, where Buddhism is deeply rooted in the political system, Buddhism is not untainted by power and conflict.” MONKS AND THE MILITARY “Buddhists are no saints,” says Albertina Nugteren, who has spent more than forty years researching the various religions and cultures of South Asia. “Nothing human is alien to them.” Importantly, Buddhism is not a single religious tradition. It’s a very diverse system of beliefs and practices, Nugteren explains. “In Asia, one may indeed find the kind of Buddhism that is very spiritual, intellectual and meditative. But mainly there’s popular Buddhism, which is a lot like any other popular religion.” And, like any other popular religion, popular Buddhism is prone to corruption and power politics. Myanmar’s generals, who ruled the country for nearly half a century before military rule was replaced by a military-backed government, still hold tremendous power. “Those generals not only practice Buddhism, they’ve also used Buddhism to gain and to maintain power - by making generous donations to Buddhist temples, for example, and by making public appearances at important celebrations”, Nugteren says. “Buddhist monks have benefited from the nexus between religion and power, much like Catholic or Protestant clerics have benefited from

their alliances with power holders in western history. The camaraderie between the Burmese military and Buddhist monks may come as a shock to us, but from a geopolitical perspective such a camaraderie is hardly surprising.” BREWING TENSIONS Still, the nexus between Buddhist monks and the Burmese military doesn’t explain the violent persecution of the country’s Muslim Rohingya minority. Where does Myanmar’s anti-Rohingya sentiment come from? “I think the hatred towards Rohingya has been brewing for many decades, and in recent years it got nastier”, says Farzana Hai, who has just completed her Master’s degree in Organization Studies at Tilburg University. She is from Bangladesh, where at least half a million Rohingya refugees have sought safety over the past few months. “The way Rohingyas are portrayed in Myanmar is really awful”, Hai says. “The government represents them as insects rather than human beings, just because they are Muslim. I think the hatred towards them from Myanmar citizens is understandable. It’s the government that is making the Rohingya unwanted, by broadcasting misleading information about them.” Although Myanmar views the Rohingya as illegal immigrants, Albertina Nugteren says that some of the Rohingya settled in the country’s rugged

‘The government represents the Rohingya’s as insects rather than human beings’

26 oktober 2017


31

and remote northern lands hundreds of years ago. “Myanmar is not as densely populated as other countries in the region. It has a lot of uninhabited, forgotten areas. For many years, nobody really paid attention to the Rohingya. They worked their own lands, they spoke their own language. Tensions didn’t arise until more and more Bangladeshis, not necessarily Rohingyas, crossed the border from the densely populated Bangladesh to Myanmar. Over the past ten years or so, the conflict grew more and more violent.” ANTI-MUSLIM SENTIMENT According to Nugteren, it’s important to stress that the Rohingya conflict is not a religious conflict. “When the international press started to report on the situation about four or five years ago, it was immediately framed as a conflict between two religious groups. I think that’s a very lazy view of the situation”, she says. “It’s much more complex. When there are tensions over territorial claims or economic issues, one often sees that religious differences are used to justify or fuel those conflicts. That’s what’s happening in Myanmar, and that’s what we’ve seen in countries like Thailand and Sri Lanka as well.” Fueled by underlying issues, anti-Muslim sentiments are spreading fast in countries surrounding Myanmar. “Buddhists in countries like Sri Lanka are voicing their support for the Myanmar government. Existing anti-Muslim sentiments are intensified by the situation in Myanmar,” Deborah de Koning says. “Although there’s only a handful of Rohingya refugees in Sri Lanka, a protest march against Rohingya refugees was held in Sri Lanka’s capital Colombo a few weeks ago. Buddhist monks participated in the march as well. They carried signs saying ‘We Sri Lankans stand with Myanmar’ and ‘No Rohingyas’.” Based on her own conversations with Buddhists in Sri Lanka, De Koning concludes that there is a common belief that Buddhist identity must be protected. “Sinhalese Buddhists often complain that Muslims have so many children. They fear that the Muslim community will eventually become dominant in Sri Lanka.” RADICAL BUDDHISM “In some countries in South Asia, there is a fear of Muslims”, Albertina Nugteren says. “Not because of their religion, but because people fear that rich oil countries will gain considerable power in Asia, bringing more strict forms of Islam to the continent.” As we’ve seen on our own continent, fear creates the perfect circumstances for nationalism and extremism to thrive. And Buddhists are no exception, Nugteren explains: “There is Buddhist extremism, just like there is Muslim extremism.” In crowded Bangladesh, where Islam is the largest religion, it’s not the influx of Muslims that is causing concern. It’s the influx of people in general. “Reactions of Bangladeshi towards Rohingya refugees are mixed”, Farzana Hai says. “The prime minister of Bangladesh has accepted the Rohingya with open arms, and a large part of the country’s citizens is supportive of that. But there are also people who are concerned, and some are unwilling to accept Rohingya refugees. Bangladesh is a poor country and it doesn’t produce enough to feed its own people.” Hai - herself a Muslim - doesn’t believe Buddhism is violent, even though some of its practitioners have proven to be. When asked whether she thinks the west tends to romanticize Buddhism as a pacifist religion, she answers: “There may be some Buddhists who are responsible for spreading violence, but we cannot blame a whole community when only a few of them are radicalists.” Perhaps we should meditate on that.

column Leanne Soff

liberal arts student

Work experience Being in the last year of my bachelor, I go through a minor mental breakdown over my future and my position in the labour market once or twice a week. Of course, I still have 35 years to earn enough money to pay off my student debt, but I have bills to pay and cats to feed and I’d like to earn sufficient money to do that. And so, in the spirit of the education profile and the T-shaped professional, I decided to increase my chances by doing an internship. Internships are a much-used and praised medium for gaining experience during your education. These expectations make internships feel like an opportunity one should be very grateful for. Sadly, this also gives companies the opportunity to take advantage of the free labour that interns offer, since interns often feel like they don’t have a choice. I too spent my first weeks desperate to please my supervisors. However, the dynamic changed when I realized that I was actually delivering free results and that it was okay to ask something back, like extra explanations on topics of my interest. Sadly, many students are not in the position to demand a certain level of quality of their internships. This is because they can easily be replaced by other desperate students. This issue even goes beyond the Dutch borders. Italian students recently protested against exploitation during work experience, demanding laws that ensure real experience and quality for all. They took it to the streets and even threw paint, eggs and rotten tomatoes. And rightfully so! Companies should be grateful for free labour and they should feel responsible for providing real value for their interns. It’s about time we stand up for ourselves.

26 oktober 2017


32

26 oktober 2017


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Surf je rijk met Bitcoin by Redactie Univers - Issuu