Skip to main content

1986 12 05

Page 1

IJNIVERS Universiteitsraad maa/<t balans op

^

Een debat over democratie in crisistijd We moeten doorgaan'. De universiteitsraad vindt dat de strijd om de toel<omst van de KUB nog lang niet is gestreden. Tijdens een evaluatievergadering over de stand van zaken bleek een brede w/aardering voor de tot nu toe gevoerde strategie, maar ook was er heimwee naar de normale verhoudingen. En: mag alleen het College van Bestuur bepalen wat het instellingsbelang is? Een debat over democratie in crisistijd. Nu de rook rond de eerste parlementaire schermutselingen is opgetrokken concludeert het College van Bestuur van de Katholieke Universiteit Brabant dat er voor Tilburg de volgende bezuinigingsheffingen overblijven: 0,7 miljoen voor psychologie, 1,5 ten laste van de Centrale Interfaculteit en 1,2 miljoen aan ontbureaucratisering. Voor psychologie betekent dat ongeveer een halvering van de bestaande voorzieningen, wat de gevolgen voor de Cl F zullen zijn is onvoorspelbaar, over de ontbureaucratisering valt met de overheid weliswaar te praten maar de Tilburgse universiteit bereidt zich voor op het eerste en rekent inderdaad op de volle 1,2 miljoen. Dat blijkt uit een notitie waarin het College van Bestuur de stand van zaken rond de groei- en krimpplannen van minister Deetman schetst. Na de discussie op 19 november in de Vaste Kamercommissie voor

Randstad tot stand moeten komen.' Om zoveel mogelijk greep te houden op de gevolgen van de SKG-operatie heeft het Tilburgse College van Bestuur gekozen voor een anticiperend beleid, want 'bij een afwachtende houding zou kostbare tijd verloren gaan'. vervolg op pag. 10

8/9 Twee vrouwelijke hoogleraren Aan de KUB doceren slechts twee vrouwelijke hoogleraren: prof. B. de Gelder en prof. M. Rood-De Boer

Onderwijs en Wetenschappen blijkt dat de bijgestelde beleidsvoornemens van de minister in grote lijnen op politieke steun kunnen rekenen. Het Tilburgse College vat de uitkomst van het Haagse debat als volgt in telegramstijl samen: 'Er is veel kritiek op de universiteiten, die wordt verweten geen visie te iiebben en niet zelfregulerend te kunnen optreden. Er is geen blauwdruk voor het jaar 2000. Inkrimping van het aantal universiteiten wordt niet overwogen c.q. een discussie daarover wordt niet zinvol geacht Gestreefd moet worden naar samenhang tussen HBO en WO. Vanuit deze samenhang zijn samenwerkingsverbanden of fusies niet uitgesloten. Regionale argumenten of overwegingen van identiteit zijn bestaansgronden voor universiteiten. Spreiding van universiteiten blijft wenselijk maar er zal een nadrukkelijke taakverdeling tussen de universiteiten met name ook in de

Invulling basisvoorziening ter discussie

De filosofen verliezen vaste voet Binnen een week nadat de filosofiestudenten middels een open brief om duidelijkheid vroegen over de toekomst van de filosofieopleiding aan de KUB, was een informatieve bijeenkomst geregeld. Vorige week donderdag verzamelden zo'n dertig filosofiestudenten en -medewerkers zich in AZ-17, om tijdens de anderhalf uur durende bijeenkomst van het faculteitsbestuur en van collegelid L. Schellekens te horen hoe de vork in de steel zit. De Centrale Interfaculteit (CIF) verliest van de vaste voet anderhalf miljoen, zo wil het convenant. Desondanks blijft er een basisvoorziening filosofie aan de KUB. 'Het faculteitsbestuur in de nieuwe samenstelling heeft het College van Bestuur steeds gesteund met betrekking tot het convenant omdat we daarin de beste garanties zagen om de eigen filosofieopleiding aan de instelling te handhaven.' Aldus prof.dr. H. Swart, dekaan van de Centrale Interfaculteit, tijdens de informatieve bijeenkomst voor filosofiestudenten en -medewerkers vorige week donderdag. Hij haalt er de tekst van het convenant bij. 'Beide universiteiten streven gezamenlijk naar optimalisering van de voorzieningen op het terrein van het wijsgerig onderwijs en onderzoek', staat er te lezen. De Tilburgse Centrale Interfaculteit beperkt zich tot 'basisvoorzieningen' en de Nijmeegse Centrale Interfaculteit zal taken verzorgen voor de Tilburgse opleiding. 'De beide colleges van bestuur verplichten zich hiervoor geëigende organisatorische en financiële kaders te scheppen', aldus het convenant. In de bijgestelde plannen van de minister wordt met geen woord over filosofie gerept. In een notitie van het College van

Bestuur over de stand van zaken, die vorige week donderdag aan de Universiteitsraad is verstrekt, staat dat het college 'meent' dat de minister ook op het punt van filosofie het convenant overneemt. 'Dit betekent dat de A-richting gehandhaafd blijft en dat in het toewijzingsmodel personele middelen f 1,5 miljoen (PGM) van de vaste voet voor filosofie bij de KUB vervalt', aldus de notitie van het college aan de raad. Hoe deze korting door de KUB opgebracht moet gaan worden is nog onderwerp van beraad binnen het college. Drie vragen zijn daarbij van belang, stelt de notitie. Het perspectief van de CIF op de korte termijn zal vastgesteld worden tijdens de begrotingsbehandeling van het jaar 1987, in februari aanstaande. Hoe de korting op de middellange termijn uit zal pakken en hoe het financieel voorstel zich verhoudt met de concentratiegedachte van de filosofievoorzieningen binnen de KUB, moet voor april 1987 bekend zijn. 'Daarnaast dient voor het einde van 1986 duidelijk te zijn op welke wijze (procedure) nadere afspraken met de KUN gemaakt zullen worden', aldus de notitie in de passage over filosofie. Dekaan Swart formuleert ten overstaan van de aanwezige studenten, medewerkers en het collegelid Schellekens de volgende conclusies. Swart: 'Het faculteitsbestuur gaat er in de eerste plaats van uit dat de studenten die op dit moment bij ons studeren minstens in de gelegenheid zullen zijn bij ons af te studeren. Op de tweede plaats gaat het faculteitsbestuur er van uit dat de A-opleiding aan onze instelling gehandhaafd zal blijven, zij het wellicht in een wat afgeslankte vorm.' Ook constateert hij dat de concentratiegedachte voor filosofie als een huis overeind is gebleven. 'Het idee dat alle filosofie die aan de instelling gegeven wordt in één organisatorische eenheid

geconcentreerd zou moeten worden, is steeds met nadruk overeind gebleven', aldus Swart. CvB-lid L. Schellekens zegt dat het college de ongerustheid van de studenten begrijpt. Men heeft vaker verwijten naar het hoofd geslingerd gekregen die 'niet helemaal of helemaal niet ten onrechte waren.' Maar het college is hard bezig om er het beste voor de universiteit uit te halen, met name extern, 'dat tot gevolg heeft dat de interne voorlichting - met name naar studenten toe - wel eens te wensen overliet.' In sneltreinvaart verwoordt hij het standpunt van het college. 'Onze interpretatie is dat de minister in de bijgestelde beleidsvoornemens het convenant overneemt. Dat betekent heel simpel dat van de vaste voet die nu bij de Centrale Interfaculteit althans formeel - ligt, we anderhalf miljoen zullen moeten inleveren', aldus Schellekens. Hij erkent dat de concentratiegedachte nog steeds bestaat. 'Die concentratiegedachte is niet opgeheven, die is er nog steeds.' Hij kan de aanwezigen weinig zekerheden bieden. Schellekens: 'Ik heb niet zoveel zekerheden. Er is één zekerheid, namelijk dat wij voor eind december zowel met de faculteit als met Nijmegen besproken moeten hebben hoe we nu verdergaan.' Toch wil hij wel enkele garanties geven. 'De Arichting filosofie blijft behouden', zegt het CvB-lid. 'De studenten die daar in studeren kunnen hun studie afmaken.' Ook al is de uitslag van de ministeriële verkenningscommissie, die sinds enige tijd het filosofie-onderwijs in Nederland doorlicht en binnen enkele maanden met de uitslag komt, zodanig dat de A-richting gesloten moet worden, dan nog geldt de garantie dat de studenten de opleiding kunnen afmaken. vervolg op pag. 10


TE BERDE MATSERTJES

Cobbenhagen's erfgoed verkwanseld? Een spook waart rond door de KUB - het spook van het convenant. En met dit spook is een bedenkeUjk verschijnsel manifest geworden, te weten een oligarchische vorm van politiek bedrijven. Belangrijke en wat is er niet belangrijk, dus geheim? beleidsbeslissingen worden in klein conclaaf, gecentreerd rond het College van Bestuur, voorbereid en dan op het laatste moment in wezen als fait accompli aan bijv. de Universiteitsraad voorgelegd. Nog spannender wordt het als vervolgens het CvB - met een klemmend beroep op het belang van De Instelling - aandringt op een behandeling in een besloten vergadering. (Wordt hier niet de noodzakelijke openbaarheid van bestuur met voeten getreden?). Dat de zo hoog geachte eensgezindheid van diezelfde Instelüng een opgedrongen (zelf-)censuur moet rechtvaardigen, mag na het voorgaande geen verrassing meer worden genoemd. Maakt het CvB zich schuldig aan dezelfde wijze van (dictatoriaal) besturen die men de gevreesde Deetman c.s. zo kwalijk neemt? Noodzaakt het belang van de KUB wel tot deze handelswijze? In de zojuist geschetste sfeer vindt ook de besluitvorming ten aanzien van de Centrale Interfaculteit Wijsbegeert plaats. Het CvB gaf bij monde van mr. L. Schellekens donderdag j . l . aan de filosofen toelichting op het convenant. Hij begon met de veelzeggende mededeling dat hij met lege handen was gekomen. Later zei hij dat de 80 C-vakken die aan de CIF worden gedoceerd, er best wel een flink aantal kunnen vervallen. Echter, men kan bij lange na geen 80 C-vakken aan de CIF volgen. Het totaal van alle cursussen wijsbegeerte waarvan sommige slechts eens in de drie jaar worden gegeven - van alle faculteiten van de KUB bedraagt nl. ongeveer 80. Bovendien wordt er in het nieuwe academische statuut, dat de inrichting van de diverse academische studierichtingen regelt, niet meer gesproken over A-, B- en Crichtingen. Met A, B en C richtingen werd voorheen respectievelijk bedoeld: de systematische wijsbegeerte, de geschiedenis van de wijsbegeerte en de wijsbegeerte van een wetenschapsgebied. Dit onderscheid is dus verouderd door de invoering van het nieuwe academische statuut. Er bestaat nog slechts één studierichting wijsbegeerte waaraan de student gedeeltelijk een eigen invulling kan geven via de keuze van zijn vakkenpakket. Naast het keuzepakket staan overigens nog verplich-

te onderdelen uit de systematische wijsbegeerte en, de geschiedneis van de wijsbegeerte. De nota 'Stand van zaken SKG' bevat onder het kopje '4. Filosofie' de volgende passage 'Het College van Bestuur meent dat de Minister (...) het convenant (...) ook op dit punt overneemt. Dit betekent (onze cursivering) dat de A-richting gehandhaafd blijft...' Zoals gezegd is de term Arichting niet up to date. Voorzover men door dit citaat echter bedoeld de integrale studierichting wijsbegeerte veilig te stellen, kunnen wij uiteraard deze intentie alleen maar toejuichen. Daarnaast zal, nu het convenant slechts spreekt over 'basisvoorzieningen' wijsbegeerte, een term die nergens echt inhoudelijk is bepaald, het duidelijk zijn dat 'betekent' hier ten onrechte staat. Is dit misschien een manier van opinie vormen? Het CvB treedt aldus buiten zijn competentie. Immers, elke faculteit, dus ook de CIF, heeft het recht zijn eigen onderwijs- en onderzoeksprogramma samen te stellen. En dus zal de CIF zelf die basisvoorzieningen moeten kunnen invullen. Een ander slordigheidje. Het CvB heeft de nuUast (vaste voet) van de CIF - gedeeltelijk - aan Deetman aangeboden. Waarom werd het faculteitsbestuur van de CIF hier van te voren niet in gekend? En wie heeft ooit één serieus argument van het CvB gehoord waarom juist de CIF - en niet een andere faculteit - haar nullast moet inleveren? Het CvB tast hiermee de bestaanszekerheid van de CIF op lange termijn wezenlijk aan. Dit soort onnauwkeurigheden geeft ons het recht vraagtekens te plaatsen bij de visie van het CvB op wijsbegeerte en de beeldvorming die dienovereenkomstig wordt uitgedragen. Is er in die visie van het CvB wel plaats voor wijsbegeerte aan de KUB? Het kan volgens velen ook anders! De onlangs heiligverklaarde Titus Brandsma propageerde al in ± 1930 het universitas/humaniora ideaal. Wijsbegeerte moest een onafhankelijke positie aan de universiteiten in en*door een eigen faculteit krijgen. Van daaruit zou ze dan dienstverlenend moeten optreden naar andere wetenschappelijke disciplines én naar de maatschappij toe (Hoever staat dit af van het idee van de universiteit als transferpunt?). Sassen en Cobbenhagen namen deze ideeën later met enthousiasme over. Zij waren wel degelijk overtuigd van het belang van filosofiebeoefening aan de Universiteit.

iHHm a t s e r t j e S ^ H

'Matsertjes' kunnen enkel per ingevuldematserbon worden opgegeven bij de redaktie. Contant betalen. Tot 30 woorden kosten ze ƒ 5,—. Tussen 30 en 60 woorden ƒ 10,—; onder nummer ƒ 2,50 extra. Reakties op advertenties onder nummer naar de redaktie sturen. TE KOOP: Volvo 244 GL aut. LPG, APK-gekeurd, bj. 1976. Lederen bekleding, schuifdak. Event, radio-cass. Prijs/ 2250,—. Tel.013-681374. WINTERSPORT '87: Evenals vorig jaar organiseren we een 10-daagse reis naar Lüttach (N-Italië). Hotel + Hp, ski-pas, busreis en garantiefonds voor slechts ƒ 550,—. Supplement mogelijk. Vertrek 13-2-'87. Belangstelling gewekt? Voor meer informatie, bel 013-563429.

TE KOOP: Splinternieuwe autoradio merk Pioneer; type: KEH-8030. Prijs ƒ 875,— (= 50% winkelprijs). Inlichtingen: Tel: 040-110334. LA CABANE: Iets te vieren? Bel of kom langs: Academielaan 73, Tilburg. Telefoon 013-673384/354223/ 673294. Openingstijden van donderdagavond 21.00 tot 2.00 t/m zondagavond. Nog is het niet te laat om ook wijsbegeerte aan de KUB een serieuze kans te geven. Gegeven de complementariteitseis van Deetman en het eigen karakter, t.w. de maatschappij- en beleidswetenschappelijke oriëntatie, van de KUB zou op een konstruktieve wijze gezocht moeten worden naar mogelijkheden tot filosofie beoefening aan de KUB. Een eerste vereiste daartoe is dat het CvB met de - financiële randvoorwaarden komt, die zij blijkens de genoemde SKG-nota wel aan de psychologen maar niet aan de filosofen wenst te geven. Pas dan krijgen de filosofen, studenten én medewerkers, een kans om samen "• inhoud te geven aan het onderwijs- en onderzoeksprogramma aan de CIF. Niet alleen de filosoof maar ook de natuurwetenschapper en de wiskundige realiseren zich dat in onze wereld het denken op een kruispunt is gekomen. De filosoof realiseert zich - in alle bescheidenheid - dat zijn bijdrage tot het denken in deze wereld in de voorbije eeuwen aan belang heeft ingeboet. Maar dit belet ons niet om te stellen dat wij in onze tijd meer dan ooit overtuigd zijn van de noodzaak om filosofie te beoefenen. Hans Gribnau, Corn Samwel, Jan Strobosch (CIF- studenten)

Tijdens het wildselzoen serveren wij een keuze van: wildgerechten Wederom ons bekende wildmenu

Beatrix en Hirohito

DE DIRECTIE SECRETARESSE (ofwel: het zakenhuwelijk) In de bijlage: *Thuis zorgt zijn vrouw voor hem, ik op kantoor.' ISegen topsecretaresses (van minister, Fokker, McKinsey) over hun werk, hun baas, hun onderlinge contacten en hun toekomst.

(6 gangen) Menuprljsf 5 d a "

Lees naast UW krant Vrij Nederland

Ook tijdens lunchuren geopend Voof verdere Irtformatle en/of reservering Restaurant

DEN SCHOUT

Oranjestraat 4 - Tilburg-Centrum (tussen Palelsring en Emmastraat) Tal. 013-434512-674394 Dondenlag rustdag

Copymaster<

Copy master doet iets!11 iets!!! voor z'n klanten Gratis warm worstebrood met koffie gedurende de maand december vanaf 100 kopieën en meer bij Copy master in de Heuvelstraat. Kopieëren vartaf 8 et. Sneldruk vanaf 4 et excl. btw (voor meer dan 100 druks per origineel)

Heuvelstraat 133a, 5038 A D Tilburg, tel. 013-435998

Univers

TE HUUR: Géén kamer! Wel drive-in discotheek 'High Society'. Muziekverzorging voor al jullie feesten. En tegen studentenprijzen (/ 150,—). Interesse? Bel naar 013-674986 (Mare of Ivo). VERMIST: Wie heeft op vrijdag 21-11 tussen 14 en 16 u. gezien, waar mijn groene herenfiets, peugeot, fr.nr. Y-O-6-13133, nabij ingang gebouw C, is gebleven. Tel: 013-345266 (na 18 uur). WONINGRUIL: Wij huren een 1-gezinswoning nabij centrum Tilburg. We willen apart gaan wonen. We zoeken ieder een 1-persoonsruimte met slaapkamer in/nabij centrum. Wie wil met ons ruilen? Tel. 430183. REPROMOTIE: Flinke korting op opinie, hobby, studie, week en maandbladen. Neem een folder mee van de prikborden. FILM!!!: Vermoeid van alle tentameninspanningen? Dan is het tijd voor een avondvullende film uit de socrates filmcyclus: woensdag lOdecember, 19.00, CZ 101 Ghandi. Entree: / 2,50. Volgende semester een nog uitgebreider filmaanbod op komst!! GOLF: Studentengolfvereniging T.S.G.G. On Line heeft nog enkele plaatsen openstaan voor studenten die zich aangetrokken voelden tot deze fantastische sport. Info? Bel: Carl van der Putten 359173 of Francois Roumen 562217.

univers tilburgs universiteitsblad (voorheen tilburgs hogeschoolblad) redaktie eddie vaes (hoofdredakteur) twan geurts, lennart kik, angela van schendel (assistente) medewericers ben beljaars, gerard rutten, hugo backx, astrid tates, claartje van der grinten, hans de brouwer, michel knapen, yvonne ton, frank sonieus, lil vi/agemakers columnisten drs. j . d . bartlema, dr. a.j.vv. boelhouwer, dr. p.f.m kop, prof. dr. j . a . stalpers samenstelling redaktieraad prof. mr. p van seters (voorzitter) dr. h van erp, m. ackermans (adviseur), drs. th. schouw, h. van kleef, drs. c.p.m. broekhof offksiöle mededelingen afd. pers en voorlichting

WILDFESTIVAL 1986

Opmerkelijk: de gesprekken die Beatrix voerde over haar bezoek aan keizer H i r o h i t o . De anti-pensioen Rost van Tonningen-wet komt er absoluut M E T . Veel geld voor een Surinaamse ministerspost. De CPN-chaos. Isoleren! Hoe Nederland werd dichtgeplakt met 1,6 miljard subsidie van hel m i nisterie van Brokx zonder dat iemand keek. Spionage: de rol van L o r d Rothschild. Na de t r i o m f van H o r o w i t z : het piano spelen. F i l m : gay en lesbian.

REFERENDUM: De jonge socialisten, afd. Tilburg, verzorgt 11 dec. een thema-avond over het referendum. Belangstellenden worden hierbij uitgenodigd. Tijdstip en plaats: 20.15 uur, Goirkestraat 103.

5 december 1986

cartoonist ad van haandel, henk van de berg advertenties angela van schendel kopij alle kopij moet uiterlijk op donderdag de week vóór het verschijnen in het bezit van de redaktie zijn. redaktie-adres/advertenties hogeschoollaan 225, tilburg, telefoon (alleen voor univers) 662277 en 662506 intern: 2277 en 2506 kamer 81 en 83 (gebouw b) foto rien siers lamlelijk samenwerkingsverband universitaire pers (up) waarbij verder aangesloten: ad valvas (vu amsterdam), wagenings universiteitsblad, utrechts universiteitsblad, delta (delft), cursor (eindhoven), tut-nieuws (twente), observant (maastricht) uk (groningen) en ku-nieuws (nijmegen) druk drukkerij em. de jong bv, baarle-nassau abonnementen voor niet-universiteitsleden / 15, - per jaargang


Dé Sinterklaaspolitiek van de Gemeentelijke Sociale Dienst Na een grote bezuinigingsoperatie waarbij alle uitkeringen percentagegewijs omlaag zijn gebracht, is de stelselherziening bijna rond. De wetten die met de jaarwisseling van kracht worden zijn naar de maatstaven van Staatssecretaris de Graaf van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bedoeld om het totale stelsel van sociale zekerheid binnen de perken van het economisch haalbare te houden. Jaarlijks kost de sociale zekerheid ons zo'n 107 miljard. De met de Nederlandse Leeuw getooide Informatiegids windt er dan ook geen doekjes om 'Het stelsel van sociale zekerheid moet ook in de toekomst betaalbaar blijven. Dat was voor de regering de belangrijkste reden om per 1 januari 1987 een aantal wijzigingen in het stelsel aan te brengen. Maar er waren ook andere argumenten.' Pieters daarover: 'Mijn meest fundamentele opmerking is dat dit geen stelselherziening is. Er wordt bijgeschaafd en bijgesteld, maar waar het om draait is het doorvoeren van bezuinigingen die men ingekleed heeft in een nieuwe werkloosheidswet. Op een onverantwoorde wijze. Ik spreek mij niet uit over de inhoudelijke regelingen die politiek bepaald zijn. Ik beoordeel de wettelijke regelingen op hun juridische merites. Men heeft de juridische kritiek die er was niet serieus genomen. Al vóór de Kamerbehandeling wist men dat er veel gaten gevallen waren. Mijn grootste bezwaar tegen wat men de stelselherziening noemt is het feit dat de politiek die gaten opengelaten heeft.' Maar Staatssecretaris de Graaf verdedigde zijn standpunt met een beroep op de feiten. Volgens zijn inzichten heeft de stelselherziening wel degelijk positieve gevolgen voor kwaliteit van het wetegevingsprodukt. Hij stelt onomwonden vast dat naast inhoudelijke wijzigingen,' de nieuwe wetgeving zo veel mogelijk binnen de ook door de tijdsklem gestelde grenzen getoetst is op de overzichtbaarheid, leesbaarheid en systematiek.' Pieters: 'Het zal duidelijk zijn dat op het moment dat je zaken wettelijk vastlegt én op een aantal punten niets regelt omdat je er niet uitkomt, er geen verantwoord produkt op tafel ligt. De open gaten zijn aan de rechter overgelaten, die zou zich maar moeten spiegelen aan wat hij vroeger aan uitspraken gedaan heeft. Dat is een bijzonder slechte manier van wetgeven. Natuurlijk mag je waar dat nodig is een zekere mate van beleidsvrijheid opnemen om de uitvoeringsorganen en rechters bewegingsruimte te geven. Zij moeten beslissen van geval tot geval. Maar vage, onduidelijke of zelfs tegenstrijdige begrippen in de wet opnemen dat kan niet. In de 2e Kamer bleek duidelijk dat de Graaf bij sommige begrippen niet in staat was te zeggen wat hij er zelf onder verstond. Een voorbeeld: 'beschikbaarheid' is tot een vereiste gemaakt om recht te hebben op een WW-uitkering, in tegenstelling tot de oude wetgeving waar het begrip niet voorkwam. De Centrale Raad van Beroep had reeds eerder geoordeeld dat 'beschikbaarheid' als onderdeel van het werkloosheidsvereiste opgevat moest worden. De wetgever heeft die uitspraak van de Centrale Raad van Beroep echter totaal niet begrepen. Er zitten namelijk twee aspecten aan, enerzijds objectieve beschikbaarheid, je bent gewoon niet in staat om te werken, en anderzijds de subjectieve beschikbaarheid, bereid zijn om te werken. Die twee elementen heeft men niet voldoende uit elkaar gehouden.

'Ons stelsel van sociale zekerheid wordt op 1 januari 1987 vrij ingrijpend gewijzigd. De wijzigingen zijn vooral van belang voor wie werkloos is of arbeidsongeschikt. Maar ook wie in de Ziektewet loopt in de bijstand zit of AOW heeft, kan ermee te maken krijgen. Ook als u geen uitkering hebt, bent u meestal toch op de een of andere manier bij de sociale zekerheid betrokken.' aldus de Informatiegids Herziening Stelsel Sociale Zekerheid die vorige week door het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid huis aan huis verspreidis. Het onderschrift 'Dat gaat ons allemaal aan'is veelzeggend en illustratief De nieuwe buitengewoon hoogleraar Sociale Zekerheidsrecht aan de KUB Professor Dr. Danny C.H.M. Pieters uitte in zijn onlangs gehouden oratie 'Aan het Werk... beschouwingen over het arbeidsethos in het sociale zekerheidsrecht van vandaag en morgen'nog forse kritiek op de invoering van de stelselherziening. Aan de vooravond van de invoering een kort gesprek.

Prof.Dr. D. Pieters Dat had nu duidelijk vastgelegd moeten worden, dan waren we een behoorlijke stap vooruit gekomen. Het zijn geen politieke issues, maar men heeft gewoon juridisch-technisch zitten knoeien. Zo kan ik nog vele voorbeelden geven. Toch is het pakket van maatregelen veelomvattend. Een greep: de bestaande Werkloosheidswet (WW) en de Wet Werkeloosheidsvoorziening (WWV) worden vervangen door de nieuwe Werkloosheidswet (NWW). De Inkomenregeling voor Oudere en gedeeltelijke Arbeidsongeschikte werkloze werknemers (lOAW) en de Toeslagenwet, een nieuwe wet die zorgt dat mensen met een uitkering (NWW, A A W , W A O , ZW) niet onder het sociaal minimum terecht komen, zijn nieuwe wetten. Daarnaast zijn er nog een groot aantal wijzigingen in bestaande wetten op het gebied van de sociale zekerheid. Als dat geen stelselhervorming is? Pieters: 'In het verleden bestond er een groot verschil in de uitvoeringspraktijk van de betrokken organen, de bedrijfsverenigingen en de Gemeentelijke Sociale Diensten. De V\A/W, RWW en de Algemene Bijstandswet werden uitgevoerd door de sociale diensten van de gemeenten. De

W W werd door de diverse bedrijfsverenigingen tot uitvoering gebracht. Nu komt het zwaartepunt uitvoeringstechnisch te liggen bij de Bedrijfsverenigingen. Traditioneel is de cultuur van de Bedrijfsverenigingen veel minder vriendelijk voor de uitkeringsgerechtigde. Zij passen de regels veel strenger toe. Ik moet Staatssecretaris de Graaf gelijkgeven als hij wijst op de Sinterklaaspolitiek op gemeentelijk niveau. De Gemeenten zijn soms veel te gemakkelijk geweest. In een aantal gevallen waarin zij sancties moesten toepassen hebben ze dat achterwege gelaten of veel te lage sancties toegepast. Wanneer je dan bijstelling eist, lijkt dat op strengere toepassing van normen. De nu voorgestelde wijzigingen liggen echter niet op het vlak van veranderde normen, veel meer op het terrein van een striktere juridische toepassing. De venwijten die men aan het adres van de Graaf maakt op het gebied van het sanctiebeleid zijn ten onrechte. Men is vroeger op niet verantwoorde wijze te liberaal geweest voor de uitkeringsgerechtigde.

want de Bedrijfsverenigingen kunnen de uitvoering nauwelijks aan. In de toekomst heeft de overheveling wel het voordeel dat er maar één uitkeringsorgaan is, dat schept duidelijkheid. De benadering van de Gemeentelijke Sociale Diensten was toch veel meer gericht op de persoon. Buitendienstmedewerkers konden omstandigheden inschatten en gaven daardoor ruimte voor een individuele benadering. 'Ik vind dat men vaak een overdreven geïndividualiseerde politiek heeft gevoerd. Men is te veel afgeweken van regelingen die vast lagen. Dat is natuurlijk prettig voor de betrokkenen, maar er is dan geen sprake meer van een verantwoord beleid. De situatie zoals die gegroeid is, kon niet langer voortduren. Ik heb begrip voor de economische omstandigheden'. Pieters steekt niet onder stoelen of banken dat de wetenschap van het sociale zekerheidsrecht een grote fout zou begaan als er een overdreven gewicht toegekend zou worden aan het financieringsprobleem van het sociale zekerheidsstelsel. Hij wil diepgaand onderzoek op juridisch terrein naar de grondbeginselen van het sociale zekerheidsrecht. Een van de punten waar Pieters een voorschot op gegeven heeft is de onbetaalde arbeid. Hij pleit nadrukkelijk voor de terugkeer naar een traditioneel arbeidsethos, waarbij de plicht tot werken en niet de plicht tot geld verdienen centraal staat. Het nieuwe, maar materialistische arbeidsethos mist, volgens Pieters, iedere ideologische fundering en vindt ook geen steun in de christelijke en humanistische principes, die aan onze samenleving en het Nederlandse sociale zekerheidsrecht ten grondslag liggen. Als het recht verdergaat op de weg van dit materialistische arbeidsethos dan zal de samenleving snel in tweeën gedeeld worden. Pieters in zijn oratie 'Aan het werk...': 'Waar een materialistisch arbeidsethos de betaalde arbeid verafgoodt wordt het de betaald werkende ook gemakkelijker gemaakt zijn gepriviligieerde positie te rechtvaardigen. Mijn vrees voor een dergelijke evolutie wordt overigens nog versterkt door de aanhoudende afwijzing vertegenwoordigers van de uitkeringsgerechtigden in de grote sociale adviesorganen op te nemen, evenals door de roep om de sociale zekerheid in ruime mate in handen van de sociale partners te geven'. De weg ligt open om 'door een verplichte en veralgemeende betaalde-arbeidsduurverkorting, met corresponderend loonverlies en tegelijk onbetaalde arbeid met uitkering, te komen tot een emancipatoire herverdeling van de betaalde én onbetaalde arbeid. Men kan zo bijvoorbeeld denken aan een betaalde vierdaagse werkweek en een dag onbetaald werken met uitkering'. Een zakelijke en harde benadgring. Prof. Pieters timmert aan de weg. Twee weken geleden werd zijn proefschrift 'Sociale Grondrechten o p prestaties in de grondwetten van de landen van de Europese Gemeenschap.' bekroond met de Emile Bernheimprijs. De prijs heeft tot doel werk te belonen dat aanzienlijk heeft bijgedragen tot de studie van de problemen betreffende de Europese integratie. Ben Beljaars

Nu komt dat extra hard aan als de staatssecretaris dat wil bijstellen. Ik denk wel dat er de volgende maand merkwaardige toestanden gaan ontstaan. 5 d e c e m b e r 1986

Univers


K

Getrouwde ambtenaressen geen premies terug

King's College binnen de universiteit van Londen. Momenteel is prof. Bondi master of Churchill College in Cambridge (Engeland). De lezing die hij uitsprak was getiteld 'Application of satelites in connection with the environment'. Prof. Bondi geniet internationale bekendheid op het gebied van kosmologie,' gravitatietheorie, relativiteitstheorie en astrofysica. De eerste Holstlezing werd in 1977 georganiseerd. Bij het 25-jarig bestaan van de Technische Universiteit (toen Hogeschool) van Eindhoven werd besloten om jaarlijks een Holstlezing te houden. M.K.

Vrouwen voor wie de overheid tussen 1973 en 1985 te weinig AOW- en AWW-premie afdroeg, hoeven er niet op te rekenen dat zij dat alsnog krijgen uitbetaald. Dat is de strekking van het antwoord van minister dr. C.P. van Dijk (Binnenlandse Zaken) op kamervragen van D'66. Dit voorjaar bepaalde de Centrale Raad van Beroep dat de te weinig afgedragen premies alsnog moesten worden uitgetaald aan negen vrouwen, die daarover een proces hadden aangespannen. Het gaat daarbij om gehuwde ambtenaressen, van wie de man ook in overheidsdienst was. Wanneer zij samen meer verdienden dan de grens waarover de premie betaald moest worden trok de overheid (die voor ambtenaren toen nog alle premies betaalde) dat voordeel naar zich toe. Hetzelfde deed zich voor bij een dubbele deeltijdfunctie. Ten onrechte, vond de rechter, maar Van Dijk meent dat die uitspraak niet voor iedereen kan gelden. Met de ambtenarenbonden is Van Dijk overeengekomen om dertien proefprocessen te houden, waarin alle mogelijke situaties aan de orde komen. Gekeken wordt bijvoorbeeld of het verschil maakt wanneer men al eerder bezwaar of beroep tegen de regeling heeft aangetekend. Volgens bestuurder Bob Albersen van de Centrale voor Middelbare en Hogere Ambtenaren (CMHA) zit Van Dijk helemaal fout. Eerdere jurisprudentie, waarop de minister zich beroept, gaat volgens de CMHA hier niet op. Bovendien heeft ook de EG Nederland terechtgewezen.

Liberalisatie handelsverl<eer Op donderdag 4 december promoveerde drs. J.M.M.J. Clerx aan de Katholieke Universiteit Brabant tot doctor in de economische wetenschappen op het proefschrift 'Nederland en de liberalisatie van het handels- en betalingsverkeer (19451958)'. Drs. John Clerx (38) studeerde economie aan de toenmalige KHT (bestuurswetenschappelijke richting), waar hij in 1972 afstudeerde. Voordat hij in 1982 wetenschappelijk medewerker werd aan het Centrum voor Parlementaire Geschiedenis aan de Katholieke Universiteit van Nijmegen, was hij tien jaar lang leraar economie aan het Peellandcollege te Deurne. In Nijmegen houdt hij zich bezig met de beschrijving van de parlementaire geschiedenis van de kabinetten Drees, met name op financieel-economisch gebied. De periode die Clerx in zijn dissertatie beschrijft komt grotendeels overeen met de kabinetten Drees. In deze na-oorlogse periode was exportbevordering een van de centrale beleidsdoelstellingen. Voorwaarde voor een vergroting van de export was de liberalisatie van het handels- en betalingsverkeer. Nederland vond in de Verenigde Staten een sterke bondgenoot om die liberalisatie te bevorderen. De vrijmaking van het handelsverkeer hield in dat beperkingen die opgelegd waren op de importen afgebouwd werden. De vrijmaking van het betalingsverkeer hield een uitbreiding van de convertibiliteit in: De inwisselbaarheid van de munten tussen de landen van de Europese Betalingsunie (op het niveau van de Centrale banken) breidde zich uit tot de 'externe convertibiliteit', waarin ook de dollar vrij inwisselbaar werd. Prof.dr. K. Veraghtert, hoogleraar Economische Geschiedenis aan de KUB en

Volgens Albersen hebben zich in de afgelopen tijd honderden vrouwen gemeld die met de CMHA een proces willen voeren. Gemiddeld maken zij aanspraak op zo'n 15000 gulden extra loon over de periode 1973-1985. Maximaal kan dit oplopen tot 63000 gulden. Niettemin wil Van Dijk zich aan de uitkomst van de proefprocessen onderwerpen. B.B./UP

Tiende l-lolst-Lezing Afgelopen woensdag 3 december werd aan de Technische Universiteit voor de tiende maal de jaarlijkse Holstlezing gehouden. Ditjaar was daarvoor uitgenodigd prof. sir Hermann Bondi, die als hoogleraar wiskunde verbonden is geweest aan het

Wïndei

Er zijn verJiezers die een overwinning vieren. Ik wü de beest uithangen en ga iets 'slecJits' doen. Ik neem me voor ƒ 300,— te verpatsen in een Haags casino en ga dus bij voorbaat accoord met een verlies van drie meier. Na de nachtelijke escapade blijkt dat ik tweehonderd piek heb ingeleverd bij de schrapende croupiers. Feest. Applaus. Ik heb honderd gulden gewonnen.' Pf neem nou de parabel van de KUB &■ het windel Het was ruitijd. Iedereen moest een veertje laten. Gewoon daarom. En de lesboer, hij gooide er nog een schepje bovenop door een knuppel in zijn hoenderhok te smijten. Accoord. Wan t het was de normaalste zaak van de wereld dat er met knuppels gesmeten werd. Naast veren gingen er klappen vallen . Het was ruitijd.

Univers

prof.dr. H. Bosman, buitengewoon hoog­ leraar Geld­, Krediet­ en Bankwezen aan de KUB traden bij de verdediging van het proefschrift op als promotoren. M .K.

Aanwijzingen hebben vaal< averechts effect Instrumentenvariabelen die worden geno­ men met de bedoeling leerlingen te helpen, hebben vaak een averechtse uitwerking bij leerlingen die zelf al voldoende mogelijk­ heden in huis hebben. Dat is een van de conclusies uit het proefschrift van drs. J.M.M, v an der Sanden. Op donderdag 4 december verdedigde hij zijn dissertatie 'Het leren van technische vaardigheden' in de aula van de Katholieke Universiteit Bra­ bant. Promotor was prof.dr. L. de Klerk, hoogleraar Onderwijspsychologie aan de KUB. Van der Sanden presenteert in dit proef­ schrift een onderwijspsychologisch onder­ zoek dat uitgevoerd is in de praktijkafde­ ling van het lager technisch onderwijs. Na­ gegaan is welke taak, leerlingvariabelen (o.a. intelligentie, faalangst, ruimtelijk en technisch inzicht) en instrumentvariabelen van belang zijn voor het uitvoeren van praktijkopdrachten en hoe deze onderling samenhangen. Onder instrumentvariabe­ len verstaat de promovendus de hoeveel­ heid hulp die aan de leerling geboden wordt in de vorm van aanwijzingen: moet de leerling de docent letterlijk nadoen of moet hij meer zelf doen? De leeriingen die bij het onderzoek betrok­ ken waren moesten plaatwerkstukken en electromontages vervaardigen. Het uit­ voeren van die opdrachten vereist toepas­ sing en integratie van eerder tijdens de opleiding verworven kennis op het gebied van materialen en gereedschappen, intel­ lectuele vaardigheden (het interpreteren van werktekeningen) en motorische basis­ vaardigheden (boren en zagen). Vast­ gesteld werd dat leerlingen vaak niet in staat zijn de problemen waarop ze stuiten zelf op te lossen. Daarom werd onderzocht of het mogelijk is leerprestaties door 'struc­ tuurverhogende' maatregelen te verbete­ ren, zoals schriftelijke aanwijzingen. Het bleek dat leerlingen met een zwakke ruim­ telijk­technische intelligentie betere pres­ taties scoorden nadat structuurverhogen­ de maatregelen genomen waren. Voor leerlingen met een goede ruimtelijk­tech­ nische intelligentie gold het tegenoverge­ stelde: structuurverlagende maatregelen, waarbij de zelfstandige informatieverwer­ king en de zelfregulatie wordt benadrukt, waren bij hen het meest effectief.

Johan van der Sanden (1948) haalde het diploma aan de Pedagogische Academie en studeerde psychologie aan de KUB, met als specialisatie onderwijspsychologie en onderwijskunde. M omenteel is hij uni­ versitair docent bij de vakgroep Functie­ leer, Ondenwijspsychologie en Ergonomie aan de KUB. M .K.

F^dA wil 10 min. extra voor fundamenteel onderzoek Als het aan de Partij van de Arbeid ligt leve­ ren de universiteiten volgend jaar tien mil­ joen gulden extra in om daarmee het bud­ get van de organisatie voor Zuiver Weten­ schappelijk Onderzoek (ZWO) te vergro­ ten . De kamerleden drs. J . Wallage en J . J . Lilipaly van die partij hebben dit voor­ gesteld tijdens het debat over de onder­ wijsbegroting in de Tweede Kamer, afge­ lopen dinsdag. De PvdA wil daarmee 10 miljoen gulden verschuiven van de eerste geldstroom (het door de universiteiten uit de rijksbijdrage verrichte onderzoek) naar de tweede geldstroom (het door ZWO op aanvraag gefinancierde onderzoek). Wallage beoogt daarmee een verschuiving aan te brengen ten gunste van het funda­ mentele onderzoek om daarmee een oude toezegging gestand te doen. Voor de universiteiten betekent de ver­ schuiving dat zij niet langer zelf bepalen welk onderzoek voor die 10 miljoen gulden wordt verricht. Wel komen de meeste ZWO­gelden ook weer op de universiteiten terecht. Minister drs. W . J . Deetman keerde zich tegen het PvdA­voorstel. Hij hield de soci­ alisten een koekje van eigen deeg voor toen hij verbaasd opmerkte dat de PvdA hem in het debat over zijn bezuinigings­ voorstellen juist had velweten te onver­ hoeds te werk te zijn gegaan. De regerings­ fracties toonden zich evenmin geestdriftig voor het wijzigingsvoorstel. De oppositie trok tijdens de behandeling van de O&W­begroting fel van leer tegen het onderwijsbeleid. 'CDA en VVD hebben zich tegen het onderwijs gekeerd, zij staan er met de rug naar toe', aldus Wallage, die goed opgelet bleek te hebben tijdens de demonstratie op het Binnenhof van de uni­ versiteit van Tilburg. 'Voorlopig formuleer­ den die studenten uit Tilburg op hun span­ doek feilloos wat honderdduizenden in het onderwijs voelen met hun leuze: 'Bert de Vries, kom wees eens lief, en stuur die Deetman ook een brief", zo zei hij. B.B./UP

Maar de een kreeg hardere klappen dan de ander. Dat was onrechtvaardig en onevenredig. Haantje de Voorste kwam toen met het Ei van Convenant. Er mochten alleen evenredige en rechtvaardige klappen (sic) vallen. Met an dere haantjes werd b eslist wat een haalb aar ei was. En hup, met de hele legb atterij naar het Binnenhofle om de Lesb oer een sgezin d ge­ plukte veren aan te bieden. Haantje de Voorste, hij kraaide vol trots: 'Lesboer, wat zeg je van mijn kippen ?'. En het kakelen de gevolg in accoord: 'Lesb oer, wat zegje van mijn haan?'. (Ruudje, Ruudje, Kukuleruudje). Toen de kippen weer op stok zaten b leek de psychologische hen een halve haan, de filosofi­ sche kip kompleet kaalgeplukt en het geletterde kuiken nog tè onvolgroeid voor de slacht. Verder moest het masochistische hoenderhok haar verkalkte stokken opruimen ('on tbu­ reaukratiseren'j. Daarop kukelde de heldhaftige haan: 'Het Wij­gevoel zal onze kippenren nog lang baten . Fan tastisch dat we saamhorig kaalgeplukt van de stok gin gen . Maar bin ­ nenshuis moeten we nog wel even flink doorb ijten. Geen punt. Sommigen on der on s zijn toch oud en kaal, van de leg af, onproduktief rijp voor de poelier. En, U allen weef. Lesboer wil eieren voor zijn geld.' En zo kregen de hoenders de pik op elkaar maar leefden nog lang en gelukkig. Feest. Applaus. Ze hadden gewon n en . Toch? En de Lesboer, hij sprak het laatste woord: 'Kip, ik heb je! Honderddertig miljoen is en blijft 130 met zes nullen.' Moraol? Iedere haan, elke kippeneuker, ze doen het allemaal: kraaien om een win dei. Er zijn n ederlagen die helden opleveren.

5 december 1986


K

Enquête positie tijde/ijk personeei Enkele medewerkers van de subfaculteit sociaal-culturele wetenschappen vragen in een brief aan het College van Bestuur, de Universiteitsraad en de Commissie Personeelsoverleg om aandacht voor het personeel in tijdelijke dienst. Om duidelijk te krijgen om hoeveel mensen het gaat, wat zij verdienen en om de ideeën van zowel vaste als tijdelijke staf te polsen, organiseren zij op eigen initiatief op korte termijn een enquête onder alle werknemers van de KUB. Hiermee hopen de initiatiefnemers de discussie over de problemen van de mensen in tijdelijke dienst te stimuleren. 'Het is niet duidelijk of bij de beleidsvorming ten aanzien van de onvermijdelijke inkrimping van onze instelling een evenredig gewicht wordt toegekend aan de belangen van deze categorie, in relatie tot die van

VITE in Israël Een twintigtal KUB-studenten heeft met Prof. Van Veen (Internationale Economische Betrekkingen) van 2 tot en met 16 november een studiereis naar Israel gemaakt. De door de Vereniging voor Internationale Tilburgse Economen en juristen (VITE) georganiseerde reis voerde onder andere langs universiteiten, ministeries, ambassades, bedrijven en kibboetsen. Volgens Ton Koenders, Rob van Kuijck en Maarten van Meenwijk, VITE-leden en mede-organisatoren van de studiereis, zijn de twee wekert een groot succes geworden: 'We hebben erg veel geleerd van het land, van het volk, van de economische en van de algemene situatie in Israël'. Voor de Tilburgse studenten werden twintig lezingen georganiseerd waarbij van twee hoofdthema's werd uitgegaan, te weten 'Vrede en Veiligheid' en 'De economische problemen van een land met een voortdurende oorlogsdreiging'. Rob van Kuijck heeft veel contact gehad met de studenten van verschillende universiteiten in Jeruzalem, onder andere met die van de Hebrew University. Rob: 'Het eerste dat mij aan de studenten opviel was dat ze zo bedachtzaam en serieus waren.

mensen op formatieplaatsen', schrijven zij in de brief. 'Alle nadruk ligt op de ellende voor het personeel dat in vaste dienst is.Ik wil dit overigens niet onderschatten, maar het tijdenlijk personeel wordt nogal eens genegeerd', aldus drs. C. Heemskerk, een van de initiatiefnemers van de brief en de enquête. De positie van het tijdelijke personeel laat te wensen over, vindt hij. Daar komt nog bij dat de op handen zijnde veranderingen binnen het wachtgeldsysteem en de veranderingen in de werkloosheidswetgeving negatief zullen uitpakken op de mensen in tijdelijke dienst. Cees Heemskerk is er voorstander van om de rechten \'an de mensen in vaste dienst te beknotten ten gunste van hen die in tijdelijke dienst

Ze waren ook allemaal een jaar of drie, vier, ouder dan de studenten in Nederland. Dat komt omdat jo eerst enkele jaren in militaire dienst moet voordat je daar kan gaan studeren.' Dat de studenten zo serieus zijn valt volgens Maarten van Meerwijk gemakkelijk te verklaren: 'De mensen leven daar in Israël onder een voortdurende oorlogsdreiging. Veel studenten hebben tijdens hun militaire dienst periode daadwerkelijk gevochten. Ik kan het goed begrijpen dat door zo'n ervaring je hele kijk op het leven verandert.' Er wordt hard gewerkt in Israël, daar zijn de drie VITE-leden het over eens. Ton Koenders: 'Men werkt er niet alleen erg hard maar men is er ook rationeel en efficiënt. Wetenschap en bedrijfsleven worden niet gescheiden gehouden maar vullen elkaar aan en werken veel samen'. Het is voor een student heel normaal om naast zijn studie computerprogramma's te maken voor een bedrijf als IBM. Hoewel zij zelf geen rellen hebben meegemaakt voelden de studenten wel de onrust onder de bevolking. Met name tussen de orthodoxe en de moderne joden waren veel spanningen. Rob van Kuijck: 'Deortodoxe groep wil het oude geloof in ere houden.

Zlj strijdt tegen de moderne groep die volgens hen de oude normen en waarden van de Joodse religie niet beschermt. De ortodoxe groep voert ook acties uit. Ze steekt bijvoorbeeld bushaltes in brand omdat ze vindt dat bussen niet op de Sabbath mogen rijden! De jongere generatie in Israël wil van de constante oorlogsdreiging af maar volgens Maarten van Meerwijk hebben de Israëlieten weinig hoop op een oplossing van hun problemen. De groep Tilburgse studenten had zich op deze studiereis gedegen geprepareerd door middel van een viertal lezingen en door het maken van een voorbereidings-

zijn-

G.R.

K

staan? Moeten de ziekenhuisinstellingen de 'markt' op? Het forum van de hooggeleerde heren J.J.J. van Dijck (KUB), R.M. Lapré (Erasmus Universiteit), F.F.H. Rutten (RUL) on A.P.W.P. van Montfort (KUB) onder voorzitterschap van professor H.A. Tiddens trad hierover in discussie. En hoewel men kon verschillen in mening over het hoe, men was het erover eens de koepelorganisaties te handhaven, maar de aangesloten instellingen de ruimte te geven om zich marktgerichter op te stellen. Dat kan bijvoorbeeld gedaan worden door patiönten meer informatie te verstrekken. Het Amerikaanse vrije concurrentieprincipe kan hierbij als voorbeeld dienen, zij mag echter niet het doel worden. Na een dag van toespraken, beschouwingen en discussies volgde misschien wel het aardigste deel van de jubileumviering: het feest. Y.C. bundel. Ton Koenders: 'We zijn eigenlijk een jaar bezig geweest met de voorbereiding van deze reis. Vanaf dit voorjaar hebben we de studenten die meegingen al aan elkaar laten wennen opdat alles zonder strubbelingen zou verlopen'. Het is niet de eerste keer dat VITE op reis gaat; eerder werden Basel, Geneve, Londen en Parijs al bezocht. Subsidie'van de KUB en bijdragen uit het bedrijfsleven maakten het dit keer mogelijk om naar Israël te gaan. Rob van Kuijck: 'Toch is het niet de bedoeling om elk jaar zo'n verre reis te maken. Het kost veel tijd en energie. Maar het was wel de moeite waard'. ,^_H.

N

nist van de Universiteit van Amsterdam en mede vormgever van de Tilburgse letterenfaculteit.

Univers

Reünie na 25 jaar cursus 'Ziekenhuisbeleid' "Van koepel naar markt?' was de titel die werd meegegeven aan de reünie van deelnemers aan de cursus 'Ziekenhuisbeleid'. Deze cursus wordt door de Stichting Onderwijs Ziekenhuisbeleid (SOZ) verzorgd en bestaat 25 jaar. Zo'n 230 oud-cursisten konden vrijdag 28 november j . l . luisteren naar beschouwingen over de status van 'koepels', welke de laatste jaren aan verandering toe is. 'Koepels' of koepelorganisaties - zoals de Nationale Ziekenhuisraad (NZR) en de Vereniging van Nederlandse Ziekenfondsen (VNZ) - vertegenwoordigen een groot aantal instellingen op het gebied van de gezondheidszorg en zijn in Nederland belangrijk. In hoeverre is nu het uit Amerika overgewaaide idee van commercieel opererende gezondheidsinstellingen op de Nederlandse situatie van toepassing? Zijn 'koepels' overbodig geworden? Is het moeilijk om ze in de huidige vorm te laten voortbe-

E

Het ministerie van Onderwijs en Wetenschappen treedt steeds meer naar buiten. De ambtenaren hebben blijkbaar de opdracht gekregen zich wat meer onder het volk te mengen. Afgelopen zaterdag zat de hele ambtelijke top, incluis Deetman, op de Erasmusuniversiteit 'De bedreigde universiteit' bij te wonen en de zondag daarvoor vond in De Balie in Amsterdam een letterentribunaal plaats waarin Directeur Generaal In 't Veld de strijd aanbond tegen K.L. Poll, literair redacteur van NRC Handelsblad. Zowel het UBLAD als FOLIA berichten deze week uitvoerig over het tribunaal. De algehele indruk was dat het er nogal mat aan toe ging. Interessant waren daarentegen vooral de namen van de getuigen die In 't Veld opriep om in zijn voordeel een bijdrage te leveren: Utrechtse voorzitter van het CvB Veldhuis en Pinkster, lati-

De deelnemers aan de reünie kregen een cadeautje: een das voor de heren en een paraplu voor de dames.

Pinkster heeft dus de zijde van In 't Veld gekozen. Dat bleek uit zijn uitlatingen in De Balie: 'Verdediging van letteren vanuit het culturele belang spreekt mij niet aan. Ten eerste hoon cultuur thuis bij een ander ministerie. Ten tweede heeft letteren zich ook niet steeds opgeworpen als hoeder van cultuur (...)'. In FOLIA geeft Marita Mathijsen een beeld van hoe In 't Veld zich op het tribunaal gedragen heeft: 'De mouwen van zijn shirt waren strijdlustig opgetrokken, en wat borsthaar was zichtbaar in de halsopening doordat de ritssluiting nauw merkbaar openstond. Zijn armen waren nóg of wéér bruin, en ik verbeeldde me spierontwikkeling van halsteroefeningen te zien. Arrogantie sprak uit heel zijn houding. Tijdens Polls openingsaanval las hij in een folder, alsof hij al wist wat de cultuurdrager zou gaan zeggen. Af en toe sloeg hij zijn ogen ten hemel, vertwijfeling voorgevend. Hoewel hij er ongetwijfeld eigentijdser uitzag dan de opponent in zijn grijze pak, liet hij een ouderwets dédain zien ten opzichte van wat hij als zijn mindere beschouwde, zo ongeveer als een Waal zich gedraagt tegen-

over een Vlaamse plattelander'. Hoe het ook zij, niet iedereen is meer bezig met de bezuinigingsdrift van de minister. Neem nou de Tilburgse letteren. Die zijn weer gewoon aan het werk gegaan. Neerslag daarvan vinden we in het faculteitsblad BLANCO dat deze week met een themanummer over 'Creativiteit' uitkwam. De redactie laat de acties voor wat ze zijn en werpt zich op de materie. Een degelijk nummer is het resultaat waarin zelfs een telefoongesprek met God plaatsvindt over zijn 'Creatie'. Ook de juristen kwamen deze week weer met hun faculteitsblad SEC JURE uit. In een paar maanden is dit nu al het derde nummer. Ze zijn werkelijk niet te stuiten. Als al die drukte met het blad nog maar verantwoord is vanwege de rendementen van betreffende faculteit. Uit een verslag in Sec Jure van de faculteitsraad blijkt dat de raad geen tijd meer overhad om aandacht te schenken aan de belabberde rendementscijfers van de juridische faculteit. De fractie Recht Vooruit daarentegen windt er in een artikel in Sec Jure geen doekjes om: '99,35% van de generatie 1982 loopt vertraging op. Zo'n 75% zal nooit afstuderen. Zijn al die mensen ongemotiveerd, lui of achterlijk? Kom nou! Het doctoraalprogramma

sluit absoluut niet aan op de propedeuse wat zwaarte betreft. Er komt niets terecht van de bedoeling van de Wet Twee fasenstructuur. Conclusie: De faculteit faalt op onderwijs gebied. Helaas.' Ook op de psychologische faculteit is niet alles koek en ei. De heren Soudijn en Boelhouwer doen in het NRC HANDELSBLAD vzn afgelopen zaterdag een boekje open over wat er in de coulissen van de bedreigde faculteit gaande is. Het blijkt dat sommige met ontslag bedreigde psychologen zelf hard aan een psycholoog toe zijn als we deze Tilburgse wetenschappers mogen geloven: 'Een gerenommeerde onderzoeker moest een week lang telkens overgeven. Hij was minder sterk dan hij dacht. De door hem geconsulteerde huisarts deelde mee niets te kunnen doen: de klachten hadden immers een psychische oorzaak (...)'. Vanzelfsprekend noemen de heren in hun artikel geen namen. Het convenant schijnt op de faculteit tot de nodige onrust te leiden:'(...) het ene deel van de staf weet niet of het andere deel niet stiekum bezig is om afspraken te maken ten eigen voordeel'. Wat voor afspraakjes zouden Boel en Dijn voor ogen hebben? Een p^na-groot artikel in het NRC soms? H.B. 5 d e c e m b e r 1986


TE BERDE

De universiteit bezitter van auteursrecht: niet bij voorbaat verwerpelijk Zoals uit ondermeer een artikel in Univers van 28 november moge blijken, is er veel deining ontstaan over bepalingen in het 'ontwerprechtspositiebesluit wetenschappelijk personeel' aangaande het auteursrecht op publicaties van wetenschappers. Uitdrukkelijk bepaalt het ontwerp in artikel 20 ondermeer dat er door het bevoegd gezag (de colleges van bestuur) voorschriften kunnen worden vastgesteld omtrent de vraag of, en zo ja op welke wijze, de instelling gebruik zal maken van het aan haar toekomende auteursrecht, wanneer een werknemer die bij haar in dienst is een werk van letterkunde, wetenschap of kunst tot stand heeft gebracht. Dat deze bepaling niets nieuws onder de zon brengt, blijkt uit artikel 7 van de Auteurswet, dat luidt: 'Indien de arbeid, in dienst van een ander verricht, bestaat in het vervaardigen van bepaalde werken van letterkunde, wetenschap of kunst, dan wordt, tenzij tussen partijen anders is overeengekomen, als maker van die werken aangemerkt degene, in wiens dienst de werken zijn vervaardigd.' In het verleden heeft de overheid altijd al gesteld dat dit artikel ook van toepassing is op het werk van wetenschappers. Telkenmale als er stappen werden ondernomen om ook in de praktijk dit tot gelding te brengen, was een storm van protesten het gevolg. De commotie die nu is ontstaan is derhalve ook niet erg verrassend. Mijns inziens wordt de discussie nogal beheerst door argumenten die er te pas en te onpas met de haren worden bijgesleept. Uit de artikelen die links en rechts verchijnen spreekt een duidelijke emotionele ondertoon. Toch is er veel voor te zeggen dat het ontwerp rechtspositiebesluit van kracht wordt en ook op de KUB wordt geïmplementeerd. Er zou een einde komen aan een min of meer geprivilegeerde positie die werknemers aan een wetenschappelijke instelling tot op dit moment innemen ten opzichte van andere werknemers. Immers werknemers bij het 'gewone' bedrijfsleven moeten al sinds jaar en dag leven met de gedachte dat het auteursrecht op door hen geproduceerde werken aan de werkgever toekomt. Door Prof.mr. D.W.F. Verkade is in het Nederlands Juristenblad (NJB) naar voren gebracht dat de dienstbetrekking van wetenschappers er niet tot strekt dat zij publicaties verrichten, een opvatting die ook door Mr. R. de Moor in Univers wordt on-

TE BERDE

dersteund. Wetenschappers zouden zich slechts bezig houden met onderzoek en onderwijs, zonder dat dit op publicaties is gericht. Daarom zou artikel 7 van de Auteurswet, die een dergelijke dwingende relatie wel voorschrijft niet van toepassing zijn. Misschien dat dit in het verre academische verleden het geval is geweest, vandaag de dag ligt het allemaal wat anders. Immers het grootste deel van het onderzoek is duidelijk publicatie-gericht. Er is momenteel nauwelijks nog een onderzoekprogramma dat voor goedkeuring in aanmerking komt, wanneer het niet een publicatie tot doel heeft. En wat gedacht van de rapportages van verkenningscommissies en het verschijnsel van de publikatie-indexen? Gewezen is op het risico dat een college van bestuur wel eens zou kunnen besluiten niet tot publicatie over te gaan. Twee kanttekeningen: Als bv een journalist een artikel schrijft dat zijn hoofredacteur niet zint, dan kan deze publicatie tegengaan. Dit brengt de vrijwillig aangegane dienstbetrekking met zich mee. Evenmin wordt een wetenschapper gedwongen om in dienst te treden van bv de KUB. Is iemand echter werknemer, dan vloeien hieruit wederzijdse rechten en verlichtingen voort, die met zich kunnen meebrengen dat een college van bestuur op - zwaarwegende - gronden afziet van het openbaren van een artikel of boek. Verder kan het natuurlijk zijn dat een produkt van een derglijke abominabele kwaliteit is, dat publicatie de instelling enkel zou compromiteren en derhalve publicatie niet gewenst is. Goede waarborgen zijn hierbij een vanzelfsprekend vereiste. Ik kan mij voorstellen dat dergelijke beoordelingen van wetenschappelijke kwaliteit aan een terzake deskundige commissie (bv de betreffende vaste commissie voor de wetenschapsbeoefening, VCW) toekomen. In plaats van te stellen dat de situatie die het nieuwe besluit creëert onrechtvaardig is, kan dat eerder van de huidige praktijk worden gezegd. Wat is het geval: Wetenschappers ontvangen van de universitaire instelling een salaris, daarenboven krijgen zij budgetten voor hun onderzoek (tbv

CvB: auteursrechtvisie Deetman verdedigbaar De medewerkers van universiteiten maken zich ten onrechte zorgen over hun auteursrecht, denkt mr. L. Schellekens van het College van Bestuur van de KUB. Volgens het nieuwe Rechtspositiereglement Wetenschappelijk Onderwijs (RWO) gaat dat recht naar de universiteit (zie ook Univers 28 november). Prof.mr. D. Verkade heeft daar forse kritiek op, omdat universiteiten dan eigenhandig In publlkaties van wetenschappelijk medewerkers zouden kunnen schrappen, of zelfs van publlkatle af kunnen zien. Volgens Schellekens Is deze angst 'sterk overtrokken'. De Colleges van Bestuur van de Nederlandse universiteiten zullen zich een dezer dagen over het nieuUnivers

we RWO bulgen, om tot een advies aan minister Deetman te komen. Het standpunt van Tilburg In de auteursrechtkwestie zal niet veel van dat van de minister afwijken, want Schellekens noemt die visie 'verdedigbaar'. KUB-medewerker en auteursrechtdeskundlge mr. Roland de Moor verklaarde zich ook al tegen auteursrecht voor de universiteit. Zijn angst Is eveneens, dat die zo een te grote zeggenschap krijgt over publlkaties van medewerkers. Maar die angst Is ongegrond, zegt Schellekens. 'Er Is best wat te zeggen voor de regeling in het RWO. Het Is logisch dat universiteiten Iets over publlkaties van medewerkers te zeg-

(buitenlandse) reizen, bezoeken aan symposia en congressen, materialen etc) en wordt hen personele ondersteuning toegewezen (secretariaat en student-assistenten). Allemaal noodzakelijk om boeken en artikelen te schrijven. Zijn die boeken en artikelen eenmaal klaar, dan verdwijnen de revenueen in de portemonnaie van de wetenschapper en blijft de instelling - na alle gedane inspanningen - met lege handen staan. Sterker: Studenten die middels hun collegegeld aan de totstandkoming van het werk hebben bijgedragen, mogen ook nog eens dokken voor de auteursrechten wanneer de lijst van verplichte literatuur de aanschaf van het betreffende werk voorschrijft. (Nog vreemder wordt het overigens wanneer nog kort tevoren het werk als diktaat voor een heel wat lagere prijs te verkrijgen was). Prof. Verkade en Prof. Kortmann hebben in het NJB betoogd dat de vrije wetenschapsbeoefening en het recht van vrije meningsuiting door het ontwerp-rechtspositiereglement worden aangetast. Niets is minder waar. Het aangaan van een arbeidskontrakt is een afspraak tussen twee partijen. Als een potentiële werknemer bezwaren heeft tegen bepalingen in zijn arbeidskontrakt dan kan hij ofwel afzien van het aangaan van een overeenkomst danwei in samenspraak met zijn toekomstige werkgever trachten tot een gewijzigd kontrakt te komen. Een ieder behoudt te allen tijde zijn individuele recht op vrije meningsuiting. Het vraagstuk van de derde-werking van grondrechten verder in het midden latend, dient dit ook door zijn werkgever te worden gerespecteerd. Het is een andere zaak wanneer bv een werkgever zich wenst te behoeden voor onder zijn vlag en verantwoordelijkheid gedane uitingen die hem schade toebrengen. Hier doet zich een dilemma voor: Enerzijds is censuur hoogst verwerpelijk, anderzijds is de instelling wel juridisch (zowel civiel- al strafrechterlijk) aansprakelijk (als auteursrechthebbende) voor de publicaties. Door het formuleren van goede procedures en randvoorwaarden moeten hiervoor, zoals dat ook in werknemers/werkgeversrelaties in andere 'bedrijfstakken' mogelijk is gebleken, een oplossing te vinden zijn. Wanneer naar voren wordt gebracht dat wetenschappers het risico lopen dat colleges van bestuur met een ongebreidelde wellust in werken zullen gaan schrappen of aanvullen, danwei besluiten om een door de wetenschapper gewijzigde herdruk niet gen hebben. Als Iemand bij voorbeeld op apparatuur van de KUB een computerprogramma schrijft, kan dat een enorm kapitaal opleveren.' Het ligt volgens hem voor de hand, dat de universiteit dan Invloed heeft. 'Een docent zou een reader kunnen schrijver, die eerst voor vijf gulden in het dictatenmagazijn te koop Is en het jaar later alleen nog maar voor tachtig gulden In de boekhandel ligt.' De universiteiten moeten wel voorzichtig met hun auteursrecht omgaan, vindt Schellekens. Medewerkers die een boek schrijven of een artikel willen publiceren mogen daarin niet gedwarsboomd worden. Dat verwacht Schellekens ook niet, de ophef over het RWO lijkt hem dan ook overdreven. Vooral ook, omdat artikel 7 van de Auteurswet al jaren een soortgelijke

uit te brengen, dan moet deze suggestie naar het rijk der fabelen worden verwezen. Zoals Verkade in zijn NJB-artikel terecht opmerkt dient er een onderscheid te worden gemaakt tussen de exploitatie- en persoonlijkheidsrechten op een werk. Op zijn - in principe overvreembare - persoonlijkheidsrechten kan de oorspronkelijke schrijver altijd een beroep doen. Ongeacht de bevoegdheden van de werkgever met betrekking tot de exploitatie (voornamelijk de pubUcatie van het werk), is het nimmer mogelijk dat het 'wezen' van het werk door de werkgever wordt aangetast. Noch de auteurswet, noch de literatuur laten hier, over enige twijfel bestaan. Verkade bekritiseert het ontwerp-rechtspositiebesluit omdat het slechts twee persoonlijkheidsrechten (naamsvermelding en wijziging zonder toestemming) noemt. Hij trekt daaruit min of meer de conclusie dat alle andere persoonlijkheidsrechten (zoals het recht om al dan niet tot publicatie te besluiten en het recht om verdere publicatie tegen te gaan) niet van toepassing zouden zijn. Het kan natuurlijk niet zo zijn dat een rechtspositiebesluit, dat enkel de status van Algemene Maatregel Van Bestuur heeft, bepalingen van de Auteurswet buiten werking stelt. Het lijkt mij bovendien vreemd te veronderstellen dat de bepaling in het ontwerp-rechtspositiebesluit een limitatief karakter heeft. De tekst spreekt namelijk niet over 'rechten' maar draagt aan het bevoegd gezag op om 'zorg te dragen voor'. Een andere interpretatie dan die van Verkade zou derhalve kunnen zijn dat het ontwerp-rechtspositiebesluit de persoonlijkheidsrechten onverlet laat en zelfs met betrekking tot twee persoonlijkheidsrechten een actieve zorgverplichting opdraagt. Het is mijn bedoeling aan te tonen dat het niet een bij voorbaat verwerpelijke visie is om het auteursrecht op werken die in dienst van de universiteit tot stand zijn gekomen, aan de universitaire instelling te doen toekomen. Ik heb getracht dat met enige argumenten (waaraan er meerdere van zowel juridische als niet-juridische aard zouden kunnen worden toegevoegd) te omkleden. Er zijn echter ook vele deel-aspecten die niet zondermeer verwaarloosd mogen worden. Colleges van bestuur zullen terdege rekening moeten houden met de complexiteit van de materie, wanneer zij tot het implementeren van het (ontwerp-)rechtspositiebesluit overgaan. Nico van Eijk regeling Inhoudt. 'Er kèn iets veranderen, maar dat hoeft niet', aldus Schellekens. Het CvB-lld ven«/ijt Verkade, dat hij in het Nederlands Juristenblad van 8 november onvolledige jurisprudentie heeft aangevoerd om zijn gelijk te onderstrepen. Schellekens: 'Verkade haalt alleen maar jurisprudentie aan die hem in het gelijk stelt, maar laat uitspraken die hem ongelijk geven achtenwege.' H.d.B.

5 december 1986


Onder druk van massaal studentenprotest

Het tactisch terugkrabbelen van de regering Chirac B

Vijfhonderd duizend studenten in de straten van de Franse universiteitssteden en de voor donderdag 4 december geplande massamanifestaties hebben blijkbaar indruk gemaakt op de regering Chirac. Geheel tegen de zin van zijn onderwijsminister, René Monory, terwijl diens staatssecretaris Alain Devaquet er wat versuft bijzat, besloot de regering de tekst retour te sturen naar de 'commissie sociale en culturele zaken' om de onderwijsplannen nog eens grondig door te lichten. Daarmee moet deze rechtse regering voor het eerst enkele politieke veren laten die nu de hoeden van oppositieleden sieren. Toch is dit terugkrabbelen een slimme zet van Chirac want hij weet drommels goed hoe gevoelig de ondenft/ijsmaterie in Frankrijk ligt. Mei '68 evolueerde binnen de kortste keren naar een pré-revolutionaire situatie met grote maatschappelijke impact en in 1984 kregen protesten van rechts, vooral van het kliënteel van privéscholen, tegen de onderwijshervormingen van onderwijsminister Savary dé regering Mitterrand bijna op de knieën. De nu in de oppositie gedrongen socialisten en communisten zien in deze voorlopige aftocht van Chirac een handig manoeuvre, niet om de hervormingsplannen op te bergen maar om ze op een gepaster moment geruisloos in te voeren. Ook de studenten en scholieren zijn niet onder de indruk van Chiracs toegevingen. De strijd gaat door. Aan bijna alle universiteiten is de staking algemeen en hier en daar worden universiteitsgebouwen bezet. Aan de algemene mobilisatie voor de nationale manifestatie van donderdag 4 december hebben de meeste studenten de handen vol. De belangrijkste vakbonden van docenten en leraren staan achter de eisen en de acties van de studenten. Op algemene vergaderingen afgelopen maandag hebben de studenten te kennen gegeven op hun standpunt te blijven: nl. de volledige terugtrekking 'pur et simple' van het voorstel Devaquet. Overal zijn prikacties. In Orsay hebben een 300-tal studenten de 'péage' van de autosnelweg bezet. De aangenaam verraste automobilisten mochten gratis doorrijden in ruil voor een kleine bijdrage in een fonds om studenten uit de provincie donderdag 4 december naar Parijs te laten reizen. De meeste scholieren zitten intussen weer op school in afwachting van de nationale manifestatie op donderdag. Zij staken op zijn Japans, symbolisch dus. Er is sprake van een steeds groter aantal uitsluitingen op lycea. Directies oefenen druk uit op de scholieren om de stakingen te stoppen. Intussen vroeg Chirac zondagavond op TF1 enkele enkele weken bedenktijd, niet om het voorstel definitief af te voeren zoals studenten en scholieren eisen maar om er door de commissies de scherpe hoeken van te laten afronden. Chirac liet duidelijk verstaan dat de tekst dan zo snel mogelijk, liefst vóór de jaanwisseling door de Assemblee moet. De studenten vrezen dat de regering het voorstel als wet zal laten stemmen tijdens de kerstvacantie, wanneer massale mobilisaties onmogelijk zijn. Over de grond van de zaak is er binnen de meerderheid weinig verschil van mening. Enkele 'harden' willen grondiger hervormen. Zoals dat ook met de plannen van Deetman het geval is munten de Franse onder-

1986

Univers

-«.if

Het hervormingsvoorstel van Alain Devaquet, Frans staatssecretaris voor het Hoger Onderwijs, werd vorige week donderdag van de agenda van het parlement afgevoerd, terwijl buiten in de buurt van de Assemblee Nationale enkele honderdduizenden studenten en scholieren de totale afschaffing van dit voorstel eisten. Chirac en zijn ministers blijven echter trouw aan de filosofie achter het voorstel: een hogere drempel bij de poort tot de universiteit en meer universitaire autonomie om instellingen op Amerikaanse leest te schoeien. Het hervormingsvoorstel zal door een commissie worden aangepast: een tactisch terugkrabbelen. De Fransen hebben daar een mooie uitdrukking voor: 'reculer pour mieux sauter.'

Hoofdingang Sorbonne: hogere drempel? wijshervormingsplannen niet uit door helderheid. De meeste gehoorde slogan in de Franse steden is na 'Devaquet au piquet' (Devaquet in de hoek) 'Non, non, non a la selection'. Volgens de studenten zet het voorstel Devaquet een van de grootste taboes in het Franse onderwijs op de helling, nl. de vrije toegang tot de universiteiten voor alle bezitters van het baccalaureaat (bac). Devaquet, en met hem Chirac ontkennen dat wat zij willen een selectie is. Zij spreken van een oriëntatie. 'Rien de change' zei onderwijsminister Monory afgelopen week op Antenne 2, maar als er niets verandert, waarom moet er dan zo nodig een hervormingsvoorstel komen. De passage over de toegang tot de universiteit verschilt slechts hier en daar van de tekst van het vorige, linkse onderwijsduo Savary/Chevenement: 'De eerste cyclus staat open voor houders van een baccalaureaat', schrijft het huidige voorstel; '... voor alle houders...' stond er in de 'loi Savary'

van '84. En verder lezen we in het huidige voorstel: 'De openbare instellingen voor H.O. bepalen elk jaar de toegangsvoorwaarden voor de verschillende opleidingen'. Dat is selectie zeggen de studenten. Dat is oriëntatie aldus de regering. Tijdens de universitaire studie krijgt elke universiteit nu zelf de gelegenheid om de toegangsmodaliteiten van de ene cyclus naar de andere vast te stellen, tussen de Ie cyclus (Deug) en de licenties en bij de overgang van licentie naar de mattrise, de hoogste academische graad. Alhoewel in Frankrijk de toegang tot de universiteit vrij is, heerst er toch een zeer zware ingebouwde selectie in het hele onderwijssysteem. In het middelbaar onderwijs halen slechts 38% van de jongeren het niveau van de eindklas. De 'grandes écoles' kennen een zeer elitair selectiesysteem, specifiek voor Frankrijk. En bij elke hogere professionele loopbaan liggen er een aantal hogere drempels.

Op de universiteiten zelf laat 1 op 2 studenten het afweten vóór het behalen van het eerste universitaire diploma dat de eerste tweejarige cyclus moet bekronen. Waarom wil de regering nu nog een bijkomende selectie. Alle selecties in het secundair onderwijs ten spijt heeft dat niet kunnen beletten dat er jaarlijks steeds meer studenten met een bac. naar de universiteiten stromen. In 1950 waren er dat s l e c h t 32.000, vandaag zijn er dat meer dan 250.000, ook al omdat het baccalaureaat nog nauwelijks poorten opent op de arbeidsmarkt en de meeste scholieren dus verplicht zijn hogere studies aan te pakken. Tegenover deze toeloop staat dat Frankrijk een tekort heeft aan hoog gekwalificeerde mensen die een steeds hogere en betere opleiding moeten krijgen, in enkele welbepaalde richtingen. Savary liet alle baccalaureaten de universiteit binnen maar de eerste zes maanden van hun studie moesten de studenten zich naar vraag en aanbod oriënteren. Dat is blijkbaar niet zo vlot verlopen. Monory en Devaquet willen dat de universiteiten zelf de studentenstroom in de gewenste richtingen draineren. 'Maar,' zo schrijft Nicole Gauthier in de krant Liberation, 'er geldt een oude wet in het ondenwijs die zo'n oriëntatie al vrij snel omzet in een selectie.' Op een punt is het voorstel Devaquet wel helder: de professoren krijgen opnieuw de macht in de 77 Franse universiteiten. Tegen de terugkeer van 'de mandarijnen' lopen de studenten nu storm. De professoren zijn nog steeds de kaakslag van Savary niet vergeten. Onder de regering Mitterrand mochten zij samen met het overige wetenschappelijk personeel slechts 40% van de universiteitszetels bezetten. De profs krijgen nu van Devaquet 40% voor zich alleen, alhoewel zij 50% van de raadszetels opeisen. De profs wilden ook het alleenrecht om buitenuniversitaire leden te benoemen, maar dit heeft Devaquet uit vrees voor vakbondsreacties niet overgenomen in zijn hervormingsvoorstel. Devaquet heeft het wel zo geregeld dat enkel professoren voorzitter van een universiteit of faculteit kunnen worden. Raadsleden kunnen zich niet meer voorstellen via een lijstenstelsel maar enkel verkozen worden door naamstemmen in 2 beurten. Het zijn vooral deze maatregelen die nogal wat politieke impact kunnen hebben, schrijft Le Monde, want profs hebben de naam nogal rechts te zijn terwijl andere personeelsgroe^jen meer bij de linkerzijde aanleunen. Deze verstoring van het intern evenwicht moet de balans bij de meeste universiteiten in het voordeel van de huidige meerderheid doen overhellen. De regering heeft nu beloofd afgevaardigden van studentenorganisaties te ontvangen. De voorzitter van de grote bij de socialisten aanleunende studentenvakbond UNEF-10, Philippe Dariulat, die een beslissende rol speelde in de opbouw van de protestbeweging, vraagt een 'eerlijk overleg'. 'Als ze positief reageren op de eisen van de studentenbeweging dan zullen we tevreden zijn. Als ze tijd willen winnen om studenten en scholieren te verdelen, dan neemt deze regering een immense verantwoordelijkheid op zich: een verharding van de staking in alle sectoren van het onderwijs in Frankrijk.' Chirac zal donderdag weten hoe de jongeren op zijn tactische aftocht reageren. Eddie Vaes 5 d e c e m b e r 1986


Twee vrouw 'Het kost een zeker doorzettingsvermogen. Ik heb het wel allemaal zelf moeten doen' Een afspraak vooreen gesprek met mevr. prof. mr. M. Rood-De Boer is practisch moeilijk te regelen. Als buitengewoon hoogleraar Jeugdrecht, jeugdbescherming en jeugdbeleid - 'Ik geloof datje volgens de nieuwe wet inmiddels over deeltijd hoogleraar moet spreken'- bij de juridische faculteit van de KUB, is ze slechts twee dagen in de week in Tilburg aanwezig. Dagen die dan ook overvol zijn. Ze stemde direct in met een gesprek over haar positie als één van de twee vrouwelijke hoogleraren aan de KUB. Met wat terughoudendheid: voor feministische standpunten is men bij haar aan het verkeerde adres. Maar uit het gesprek blijkt dat emancipatie haar zeker niet vreemd is. 'Ik heb altijd voor mezelf gezorgd.'

Toen. prof.mr. M. Rood-de Boer na haar eindexamen wilde gaan studeren was het oorlog: de universiteiten waren gesloten en ze zocht een baan. Min of meer toevallig belandde ze als groepsleidster in een kindertehuis. Mevr. Rood: 'Die wereld van jeudbescherming en jeugdhulpverlening heeft me toen nooit meer losgelaten. Maar vanaf het moment dat ik in dat kindertehuis werkte, wilde ik liever op een plaats zitten waar je de werkelijke invloed kunt uitoefenen. Ik dacht toen dat dat bijvoorbeeld als kinderrechter zou kunnen zijn. Daar ben ik inmiddels wel van teruggekomen, maar de rechtenstudie zelf heeft me altijd buitengewoon geboeid.' Naast haar studie recht heeft mevrouw Rood altijd gewerkt, omdat ze niet opnieuw afhankelijk van haar ouders wilde zijn. Onder meer bij prof. Meyers die toen bezig was met het schrijven van een nieuw Burgerlijk Wetboek. Na haar afstuderen in 1951 trouwde ze met een jurist en ging werken als docente burgerschapskunde en recht aan de toenmalige School voor Maatschappelijk Werk, nu de Sociale Academie. In die periode kreeg ze twee kinderen. Bent u in die tijd nooit gestopt met werken? Rood-De Boer (verbaasd): 'Nee, ik ben nooit gestopt. Kijk, toen mijn man vroeg of ik met hem wilde trouwen heb ik gezegd dat ik dat graag wilde, maar ja dat ik nu eenmaal die studie had verricht en daarmee wilde gaan werken. Mijn man wist dat vanaf het begin en heeft ook altijd geholpen. Als je zo'n doel stelt - althans dat is mijn ervaring - vind je eigenlijk altijd de mogelijkheid om dat te bereiken. Was dat wel zo'n gebruil(elijl<e opvatting onder de vrouwelijlie studenten uit uw studententijd^ Rood-De Boer: 'Het grappige is dat ik de studenten nu hoor praten over de tijd toen ik jong was alsof het een soort stenen tijdperk betrof, ledere generatie doet alsof zij iets nieuws uitvindt. Dat Is op allerlei gebied zo. Er wordt gedaan alsof er toen geen geboorteregelende middelen waren bijvoorbeeld. Nou die waren er best. En alsof

men niet de behoefte had en trachtte te venwerkelijken om een eigen werkkring te hebben. Het kost een zeker doorzettingsvermogen.' Omdat mevrouw Rood als docente aan de School voor Maatschappelijk Werk toch een zekere wetenschappelijke diepgang miste, schreef ze in de avonduren een proefschrift getiteld 'Ouders en kinderen. Aspecten van het familierecht', waar ze in 1962 cum laude op promoveerde. Tot haar eigen verrassing. 'Voor iemand die een matige student was, was dat toch heel leuk', verduidelijkt ze. Daarna breidden haar wetenschappelijke activiteiten zich vanzelf uit. Ze publiceerde artikelen en werd gevraagd voor verschillende staatscommissies en ministeriële adviescommissies. Daarnaast was ze onder meer voorzitter van Pro Juventute. Rood-De Boer: 'Ook het werken in staatscommissies heb ik als iets heerlijks ervaren. Vooral om je bezig te houden met de vraag hoe het anders zou kunnen of hoe je de wet zou kunnen veranderen.' In 1971 volgde haar benoeming als hoogleraar in Tilburg en een jaar daarna ook in Utrecht. Heeft u bewust gel(ozen om een wetenschappelijl<e carrière op te bouwen? Rood-De Boer: 'De rechtenstudie heb ik vooral als een geweldige ervaring beschouwd omdat het voor mij zoveel vensters heeft opengezet naar andere manieren van denken, naar een wereld die ik niet kende. Het gezin waar ik uit kwam had weliswaar grote intellectuele belangstelling - mijn beide ouders waren journalisten - maar voornamelijk kunstzinnig en literair gericht. Ik ben wel groot gebracht met schilderkunst en eindeloos veel boeken, maar niet met dit denken dat ik bij de rechtenstudie in Leiden ontmoette.' Hoe ervaart u het om als één van de twee vrouwelijke hoogleraren te werken in een mannengemeenschap? Rood-De Boer: 'Voor mij is dat heel gewoon, maar ik heb altijd gevonden dat Tilburg wel iets bijzonders deed toen ze mij hier benoemden als de eerste vrouwelijke hoogleraar. Tien jaar lang ben ik ook de enige gebleven. Bovendien was ik niet katholiek - dat is nooit een geheim geweest en op dat moment was mijn man voorzitter van het Humanistisch Verbond en zat ik zelf in het partijbestuur van de PvdA. Tegenover mij is men nooit in welk opzicht dan ook moeilijk geweest. Helemaal niet. Ik heb hier altijd erg veel medewerking gehad.' In haar directe werkkring heeft mevrouw Rood zeker niet alleen met mannelijke collega's te maken. Haar vakgroep telt 'series' vrouwelijke wetenschappers. 'Voor een vrij bescheiden keuzevak, hebben we bin-

nen onze vakgroep nogal wat onderzoekers op tijdelijke basis kunnen aanstellen als er geld over was. En dan hebben we gekeken wie we het beste vonden of dat nou een man of een vrouw was', meent ze. U ziet niets in positieve discriminatie ten gunste van een vrouw als zowel mannelijke als vrouwelijke kandidaten voldoen? Rood-De Boer: 'Wat dat betreft hebben we nog wel eens gekeken hoe de verhoudingen binnen de vakgroep zouden komen te liggen. Ik geloof dat het voor een vak ook niet goed zou zijn als er alleen maar vrouwen zouden zitten, of alleen maar mannen. Dan proberen we heel sterk een evenwicht te vinden.' Bij de rechtenstudenten is het percentage mannen en vrouwen nu ongeveer gelijk. Hoe lagen die verhoudingen in uw studententijd? Rood-De Boer: 'Dat weet ik niet meer precies, misschien zaten we met een derde meisjesstudenten. Ik mis er gewoon de radar voor om te denken 'God, er zitten hier helemaal geen meisjes'. Ik was in zoveel clubs en besturen de enige vrouw. Omdat ik er niet op anticipeer dat zij mij wel anders zullen behandelen, word ik ook niet anders behandeld.' Hoe kijkt u in dat geval aan tegen vrouwenemancipatiebewegingen? Rood-De Boer: 'Voor mij is het probleem dat ik opgegroeid ben in een geëmancipeerd gezin en dat m'n eigen gezin dat ook is. Daarom denk ik vaak dat ik geëmancipeerd ben. Maar mijn moeder bijvoorbeeld beschouwde zichzelf als een vurig feministe, terwijl ze dat in de ogen van de huidige feministen wellicht helemaal niet zou zijn. Ik zou mezelf niet als feministe willen bestempelen, hoewel ik wel geloof dat in mijn leven geweest te zijn. Ik heb altijd v o o r ' mezelf gezorgd. Huidige feministen noemen dat standpunt misschien elitair, omdat ik op een plaats zit die een goed salaris biedt en omdat ik het makkelijk gehad zou hebben. Ik geloof niet dat ik het zo verschrikkelijk makkelijk heb gehad: ik heb het wel allemaal zelf moeten doen. Overigens ben ik lid van tal van vrouwenorganisaties zoals: de W A O (Vereniging voor Vrouwen met een Academische Opleiding), de Rooie Vrouwen binnen de PvdA. Maar ik voel me niet thuis binnen bepaalde feministische uitingen van dit ogenblik, omdat ik m'n strijdbaarheid niet uitsluitend tegen mannen zou willen richten. Dat zal wel met m'n karakter te maken hebben. Ik heb geleerd dat je veel meer kunt bereiken door bijvoorbeeld met understatement of grapjes te werken. In dat opzicht heb ik niet de noodzaak gevoeld op barricaden te klimmen en dat heb ik ook nooit hoeven doen.' y.T.

•II

gleraren

Vrouy\jt academie/ aai WB van de KUB een Is de wetenschappelijke meenschap 'I 'enhei(j]§iiihet wel denken als je een mannenaangelegenhe pnt neemt. Tussen in toga academische zitting als., Si gehulde hoogleraren bevim I) immers maar twee vrouwen: prof dr. De Gelder en prof. flood-De Boer. Hooguit twee want prof. fl0kt part-time.

Maar het wetenschappelijk corps „ „ . natuurlijk niet uitsluitend uit hoogleraR Hoe staat de situatie voor de overige vri welijke academici? Antwoorden op al dit soort vragen zijn rug te vinden in een onderzoek naar dei sitie van vrouwelijke en mannelijke pen neelsleden aan de KUB, uitgevoerd ini dracht van het College van Bestuur do de Dienst Personeelszaken. Onderzoeki Susanne Hartzheim en Henk van den Hi vel brachten in mei '86 rapport uit van i onderzoek. Een vervolgonderzoek om meer om de gevonden verschillen te» klaren, is nog gaande. Gegevens uit I rapport zijn gebaseerd op personeelsgej vens van 27 januari j . l . Personeelsled van de theologische faculteit, stagiaires student-assistenten bleven in het on* zoek buiten beschouwing. Van de totale 465 wetenschappelijke pi soneelsleden zijn er 83 vrouwelijke wete schappers aan de KUB werkzaam. Bi|

75% van die 83 werkt bij de juridische faculteit (40) en bij de letterenfaculteit (21). De economische faculteit die met 127 de meeste wetenschappelijk medewerkers herbergt, telt slechts 3 vrouwen (zo'n 2,5%). öit een overzicht naar de verschillende functies die mannelijke en vrouwelijke wetenschappers vervullen, blijkt dat er maar weinig vrouwen in de hogere rangen van hoogleraar (maar dat wisten we al) en universitair hoofddocent voorkomen. Bij de vrouwen is dit 8,5% en bij mannen 50%. Veel nneer vrouwelijke academici werken part-time dan hun mannelijke collega's: 53% van de vrouwen werkt per week 31 uur of minder, terwijl dat percentage bij mannen 18 bedraagt. In het algemeen zijn vrouwen jonger dan de mannelijke wetenschappelijke mede«lerkers: 66% van hen is jonger dan 35, daarentegen geldt dat voor 34% van de mannelijke academici. y.T.

Door Nanny Tim [s en Yvonne Ton

Je krijgt van academische vrouwen zelfvertrouwen, krijg je van mannen niet. Prof dr. B. de Gelder is één van de twee vrouwelijke hoogleraren aan de KUB en de enige die hier full-time verbonden is. Sinds zes jaar doceert ze aan de Subfaculteit Psychologie algemene wetenschapsleer, grondslagen van de psychologie en hedendaagse stromingen in de psychologie. Een internationale dame in Tilburg! Afkomstig uit Leuven, maar studeerde ook in Parijs, Duitslanden Stanford (Verenigde Staten). Haar Nederlandse wetenschappelijke carrière begon ze aan de universiteit van Leiden. De Gelder: Wat is een wetenschappelijke carrière? Ik ben daar vanzelf ingerold. Ik heb daar nooit over nagedacht. Het was altijd vanzelfsprekend dat ik ging studeren. Mijn ouders hebben me daarin niet gestimuleerd maar ook niet tegengewerkt. Ze vonden wel dat er voor mij nog zoveel andere leuke dingen waren om te doen. Ze reageerden altijd in de zin van 'ach al ze graag wil studeren, laat ze dat dan maar doen'. Ik belandde aan de universiteit, maar hoe dichter bij het perspectief van een wetenschappelijke carrière, hoe vervelender ik dat vond. Het werk dat ik nu doe, doe ik het liefst en dat moet nou eenmaal persé in de functie van professor.' Mevrouw De Gelder is getrouwd en heeft twee kinderen. Juist haar kinderen hadden weleens kritiek op haar carrière. De Gelder: 'Ze zeiden weleens dat ik de enige mamma ben die niet thuis is, vooral toen ze in Wassenaar naar school gingen. Mijn omgeving heeft eigenlijk nauwelijks op mijn werk gereageerd. Ik heb nogal wat contacten met vrouwen in de kunstwereld. Ik praat met hen wel over mijn werk maar niet speciaal over mijn hoogleraarschap. Ik hou het ook niet verborgen. Bijvoorbeeld tegen mijn kinderen heb ik altijd gezegd dat ik naar school ging, dat ik juffrouw van de school was.' Is het voor u moeilijk om werk en gezin te combineren? De Gelder: 'Het stelt je wel voor practische problemen, waar je eigenlijk vooraf nooit bij stil hebt gestaan. Ik herinner mij de tijd dat ik in Leiden ging werken. Mijn jongste dochter was vier maanden. Ik woonde toen nog in Leuven. Ik heb fortuinen gespendeerd aan hulpen en oppassen. In Leuven hadden we een goed systeem, ik praat nu over veertien jaar geleden. Daar was een zeer goede crèche aan de universiteit. Je moet desondanks toch allerlei bezwaren overwinnen voordat je je kinderen daar heen brengt. Het duurde niet lang eer dat de kinderen daar zelf tegen protesteerden. Dan moet je je als vrouw heel rationeel opstellen, je moet het rationeel verantwoorden tegenover hen en tegenover jezelf. Bij elk klein stapje wat je zet moet je kijken hoe je het gaat doen. Als ik eenmaal beslist heb wat ik wil doen dan ben ik ook niet meer zo gevoelig voor kritiek. Heeft het feit dat u vrouw was invloed gehad op uw studie en wetenschappelijke carrière? De Gelder: 'Toen ik dertien was, dacht ik dat - als ik een man was - ik klassieke filologie zou studeren, maar dat kon niet want ik was geen man. Voor de rest heb ik er nooit bij stilgestaan, behalve dan de laatste jaren. Je wordt nu met je neus op emancipatieliteratuur gedrukt. Twintig jaar geleden werd over het onderscheid man en vrouw niet zoveel gepraat op deze manier. Emancipatie van de vrouw speelde niet in mijn studententijd. Nu geloof ik wel degelijk dat er ongelooflijk wordt gediscrimineerd ten

aanzien van de vrouw, maar op een heel subtiele manier. Zelf heb ik altijd wel gedacht: Je moet gewoon niet aannemen dat het bestaat. Want als je aanneemt dat je al die tijd misschien gediscrimineerd bent geweest, zonder dat je dat beseft, dan maak je natuurlijkje eigen leven onmogelijk.' Hoe denkt u over vrouwenemancipatie? De Gelder: 'Ik ga er volledig vanuit dat vrouwen zijn achtergesteld of worden. Bovendien ben ik voor wat betreft de toekomst heel pessimistisch. Ik zie het niet veranderen. Maar ik ben er niet van overtuigd dat de middelen van de emancipatiebeweging goed zijn. W e hebben twintig jaar een soort bewustwordingsproces meegemaakt en die situatie is nog steeds niet veranderd, men blijft er hangen. Je kunt vrouwen óók bewust maken door ze b.v. meer geld te geven. Geld zal mij voor de rest een zorg wezen, anders zat ik niet in dit beroep. Geef bijvoorbeeld vrouwen een sleutel van een dure auto en kijk na tien jaar wat ze ermee bereikt hebben! En de situtatie hier op de KUB! Wat merkt u hier van het onderscheid man/vrouw? De Gelder: 'Er zijn hier veel vrouwelijke psychologiestudenten, vrouwelijke docenten en niet-wetenschappelijk personeel. Ik heb een plezierig contact met hen. Wat mij in mijn werk het meest heeft aangemoedigd is de steun van andere vrouwen, die is anders dan die van mannen. Je krijgt van academische vrouwen zelfvertrouwen, krijg je van mannen niet. Ik praat ook niet over emancipatie met mijn mannelijke collega's. Ik vind dat geen prettig gespreksonderwerp. Ik vindt het^ook erg vernederend voor mezelf om daar over te moeten praten met hen. Je moet dan namelijk aandacht vragen voor een zeer secundair aspect van je werk. Opvallend is dat in Amerika - waar veel meer vrouwelijke academici zijn - meteen gezeurd wordt over discriminatie. Dan kom ik terug en dan denk ik hé hoe zit dat hier? In de VS zijn ze op de universiteiten heel gevoelig voor discriminatie. Daar hanteren ze bijvoorbeeld heel andere berekeningen voor het salaris van vrouwelijke academici, dan van mannen. Om toch maarte compenseren. Als je helemaal gaat overdrijven dan kun je je afvragen of je vrouwen - niet alleen academici - niet dertig procent meer moet geven. Als je discriminatie wil aanpakken, laten we dan kort zijn, dan moetje vrouwen beter betalen.' Heeft u als vrouw met een hoge functie juist niet minder last van vrouwendiscriminatie? De Gelder: 'Dat wil ik tegenspreken! Het is natuurlijk duidelijk dat je als vrouw drie maal zoveel motivatie aan de dag moet leggen dan een man in een vergelijkbare situatie. Als vrouw wordt je bij wijze van spreken ook drie maal harder geselecteerd. Je moet tegen zo veel vooroordelen opboksen. Betekent dat wanneer je dan toch zo

ver komt dat je meer respect afdwingt? Nee, waarom zou je dat afdwingen als je als enige ergens tussendoor loopt? Jouw omgeving is niet voorbereid op je komst en is dus ook niet aangepast. Als vrouw-aande-top sta je bloot aan allerlei interpretaties waar je geen greep op hebt. Je bent een soort wit scherm waar de omgeving alles op kan projecteren. En alles kan echt alles zijn: algemene houding ten aanzien van vrouwen, wenselijkheid ten aanzien van vrouwen in het onderwijs of onderzoek, aan de universiteit. Hier lopen niet zoveel van die projectieschermen als ik rond. Het vergelijkings- en correctiemechanisme treedt dus ook niet op. Er zijn hier veel vrouwelijke docenten en vrouwelijke [personeelsleden, maar wie moet je met wie vergelijken?' Ik ben opgegroeid in de laatste generatie waarvan de vrouwen dachten dat alles kon. Dat dacht ik dus ook. Het was voldoende om het te willen. Dat vind ik eigenlijk nog steeds. In Amerika hebben vrouwen de neiging om eerst hun carrière uit te bouwen en dan pas aan kinderen te beginnen. Dan krijg je die typische crisis van vrouwen die zeggen: 'Hé ik ben achter in de dertig, ik wil een kind, maar met wie, hoe en wanneer?'. Praat u daarover ook met vrouwelijke studenten? De Gelder: 'Wel in kleinere collegegroepen. Het is best moeilijk voor de studenten. Ze hebben immers wat vrouwelijke hoogleraren betreft niet zoveel vergelijkingsmateriaal. Bovendien heb ik de neiging mij totaal onautoritair op te stellen. Ik geloof in autoriteit waar het gaat om de inhoud van de zaak, voor de rest heb ik een zeer informele omgangsstijl. Als ik college geef dan is het niet mijn bedoeling om een aantal stellingen door te geven, maar om twijfel te zaaien en om verwarring te stichten. Ik denk dat dat voor een deel ligt aan mijn vrouwzijn. Als vrouw sta je onder een bepaalde druk. Als je ergens aan begint moet je eerst afwegingen maken, prioriteiten stellen. Als 's avonds de deur hier dicht gaat dan gaat er een andere deur open. vervolg op pag. 12


VERVOLGENS

vervolg van pag. 1

Raadsverslag Vorige week donderdag vergaderde de universiteitsraad over de voorlopige uitkomsten van deze aanpak. Uiteraard liep het debat over de notitie van het College van Bestuur uit op een evaluatie van het crisisbeléid dat de KUB-bestuurders én actievoerders - de afgelopen maanden hebben gevoerd. Een enkeling wees op de enorme schade die Tilburg ondanks de nu heersende jubelstemming toch zal oplopen, maar alle fracties van de universiteitsraad waren het erover eens dat het in elk geval is gelukt die schade tot het uiterste te beperkten. Iedereen toonde zich zeer tevreden over de voortvarendheid en de vastberadenheid waarmee de Haagse dreiging is afgewend. Het College van Bestuur, het centrale actiecomité en vooral de actievoerende studenten kregen nogmaals alle denkbare lof toegezwaaid. Zelfs minister Deetman mocht onverwacht in de dankbetuigingen delen, immers 'h/j heeft iedereen hier actief gel<regen, hij heeftalles dooreen geschud, de gezamenlijke vijand Deetman heeft ons tot grote cohesie gebracht en daar mogen we hem wel dankbaar voor zijn'. Maar ondanks alle positieve beschouwingen formuleerden de woordvoerders van de verschillende raadsfracties ook een waslijst van aandachtspunten en onduidelijkheden. Om er enkele te noemen: de positie van het wetenschappelijke personeel moet meer aandacht krijgen, hou Nijmegen goed in de gaten, zorg dat je de activoerders bij de zaak betrokken houdt. Er bestond unanimiteit over de inschatting dat de strijd bij lange na niet is getreden en dat het erop aankomt waakzaam en actief te blijven: 'We moeten doorgaan'. Gaande de discussie bleek bij verschillende sprekers het verlangen naar een spoedige terugkeer tot de normale verhoudingen: de noodtoestand is voorbij, we moeten de vervolg van pag. 1

Centrale Interfaculteit Ten aanzien van de C-richting filosofie stelt hij 'dat er zuinig moet worden omgesprongen met alle C-cursussen die worden gegeven.' Schellekens: 'Met de Projectgroep Wijsbegeerte is afgesproken dat, als die cursussen niet of nauwelijks kosten met zich meebrengen, het voor het college geen aanleiding is om te zeggen dat die cursussen niet meer gegeven moeten worden.' Dit hangt ook samen met de aantallen studenten die zo'n cursus willen volgen. De 'voorlopige conclusies': 'De Arichting blijft. Er worden nadere afspraken met Nijmegen gemaakt over de invulling. De C-cursussen worden bekeken en er zullen daar wellicht wat besparingen gerealiseerd moeten worden.' Overigens zijn de begrippen A- en C-richting filosofie door de invoering van de Twee-Fasenstructuur en het daaruit voortvloeiend Academische Statuut achterhaald. Beide richtingen zijn nu meer met elkaar verweven. Op vragen uit de zaal of de filosofie-opleiding nog wel aantrekkelijk is gezien de beperkingen die worden opgelegd, zegt Schellekens: 'Het aanbod in de A-richting moet zo gehandhaafd blijven dat de student op een wijze kan afstuderen zoals het perspectief was op het moment dat hij met zijn studie begon.' Er zullen 'op termijn' filosofiedocenten moeten verdwijnen maar de studenten in de A-richting kunnen 'op behoorlijke wijze' hun studie afmaken. Univers

gangbare politieke spelregels weer gaan hanteren. Kennelijk heeft de, overigens zo hoog gewaardeerde bestuursstijl van de afgelopen maanden, dus toch een forse aanslag gepleegd op het democratisch incasseringsvermogen van sommige universiteitsraadsleden. Een woordvoerder van Breed Front: 'De rol van de universiteitsraad was in de voorbije periode begrijpelijkerwijs minimaal, maar vanaf nu willen we niet meer worden geconfronteerd met ja of nee stukken. We willen weer volop gebruik maken van onze eigen verantwoordelijkheid'. De studentenfracties sloten zich bij deze opvatting aan. Een PSF vertegenwoordiger: 'Ik denk dat het College alle openheid heeft betracht die maar mogelijk was. Die openheid tekent juist de kracht van deze instelling. Maar er is ook veel gevraagd van de mensen: soms vergat het College de studenten domweg op de hoogte te stellen van het laatste nieuws. En ook de toepassing van censuur op de spandoeken in Den Haag heeft bevreemding gewekt.' Juist het punt van de gecensureerde Haagse spandoeken leidde tot een interessant en principieel debat over de vrijheid van meningsuiting in tijden van crisis. Zoals bekend eiste rector-magnificus De Moor aan de vooravond van de twaalfde november dat het College van Bestuur eventuele onwelvoeglijke of beledigende spandoeksteksten uit de Tilburgse demonstratiestoet mocht weren. Het moest immers een waardige optocht worden, men mocht Deetman vooral niet tegen het hoofd stoten. Op de demonstratiedag zelf waren er al protesten tegen deze vorm van censuur hoorbaar. De dekaan van de subfaculteit sociaal-culturele wetenschappen, prof. Adriaansens, droeg om die reden een stok zonder opschrift mee. Tijdens de raadsvergadering vorige week bleek dat Adriaansens niet de enige is geweest die zich aan die maatregelen heeft Schellekens: 'Er vindt een bepaalde mate van afslanking plaats die je compenseert door in samenwerking met Nijmegen afspraken te maken. Daar zullen we veel creatiever mee om moeten gaan dan tot op heden gebeurd is.' Ten aanzien van vragen over de C-richting merkt hij op: 'Natuurlijk handhaven we die C-cursussen die in de Arichting gevraagd worden. Welke cursussen daarnaast gehandhaafd blijven, is een vraag die wij teruggegeven hebben aan het faculteitsbestuur.'

VASTE VOET 'U zegt In feite dat die anderhalf miljoen van de vaste voet los staat van de voofzieningen aan de instelling ten aanzien van filosofie. Hoe kan dat nou? vraagt iemand uit de zaal zich af. Schellekens: 'Een duidelijkere afspraak kunt u niet krijgen. Van de faculteit wordt de vaste voet afgehaald. Dat betekent dat ieder weldenkend mens de conclusie trekt dat zo ongeveer al het personeel van de faculteit wordt ontslagen, wat betekent dat de onderwijsvoorzieningen aangetast worden. Ik heb voor u de simfjele boodschap: dat is niet het geval.' 'Uzegt dus dat die anderhalf miljoen vaste voet bij de CIF wordt weggehaald, maar dat die niet alleen ten laste komt van de CIF?' 'Die komt niet ten laste van de CIF alleen.' 'Hoe kan de CIF leven zonder die anderhalf miljoen vaste voet?' 'Die voet van anderhalf miljoen zit of^dit moment ook niet in de CIF' Hij legt uit. De vaste voet die elke studierichting van het

Op dit punt constateerde rector De Moor tenslotte een duidelijk meningsverschil tussen het College en enkele raadsleden.

ge en sommige raadsleden over de rol van het Stichtingsbestuur (SB) en met name van SB-lid Mr. Dries van Agt. Bij enkelen heerste opluchting over het feit dat Van Agt tijdens de demonstratie in Den Haag niet het woord heeft gevoerd. Deze opmerking schoot bij het College in 't verkeerde keelgat. De Moor: 'De heer Van Agt heeft voor onze instelling een belangrijke rol gespeeld. Hij heeft onmiddellijk contact gezocht met de politiek op alle niveau's. Hij is mee geweest naar minister Deetman. En ook langs de informele kanalen heeft hij zijn invloed aangewend.' Algmene conclusie van het raadsoverleg was dat Tilburg op de hoede moet blijven de komende maanden. Ondanks de recente toezeggingen van Deetman moet de KUB nog altijd meer inleveren dan andere universiteiten. De Moor: 'De aanslag blijft zwaar en onevenredig, terwijl wij als groeiinstelling toch moesten worden ontzien.' Vraag is of Tilburg met het binnenhalen van nieuwe studierichtingen en met een beroep op het vernieuwingsfonds alsnog kan gaan groeien of dat de KUB een echte krimpuniversiteit zal worden. Het Plan van Aanpak, zoals het College van Bestuur dat in een uitgebreide versie binnenkort opnieuw aan de universiteitsraad zal voorleggen, is in elk geval bedoeld om op zo kort mogelijke termijn spijkers met koppen te slaan. Men wil daarbij de regionale verankering van de KUB doelbewust verder gestalte geven. Het College in de notitie: 'Dit wederzijds belang dient ook in de komende tijd helder te blijven en versterkt te worden. Het College van Bestuur is van oordeel dat primair van belang is de beeldvorming positief te beïnvloeden met kwalitatief en kwantitatief goede output met behulp van een doelmatige organisatie. (...) Dit betekent dat er een plan gemaakt dient te worden waarin alle aspecten van de beeldvorming naar buiten komen. Het College wenst voor 1 februari 1987 zo 'n plan te presenteren'.

Ook was er meningsverschil tussen Colle-

Twan Geurts

ministerie krijgt toegekend is voor filosofie nooit in zijn geheel in de Centrale Interfaculteit gepompt. Schellekens: 'Die vrije voet is nooit aan de Centrale Interfaculteit gegeven en kan daaraan ook niet ontnomen worden. Die bezuiniging moet dus door de hele universiteit worden opgebracht. Formeel leveren wij die anderhalve miljoen in die in het huishoudboekje van de minister op naam van de CIF staat. Maar intern staat die niet op naam van de CIF.' Hoe dit intern opgebracht moet worden is nog niet duidelijk. 'Daar zijn nog geen beslissingen over genomen', aldus Schellekens. Een vragensteller zet vraagtekens bij de beslissing van het college dat de A-richting moet blijven. De vraag of dit de A- of de Crichting moet worden is een inhoudelijke beslissing. 'Ik vraag mij af', aldus de vragensteller, 'of het College van Bestuur zich niet in verre mate bemoeit met de invulling van de filosofie-opleiding door te decreteren dat de A-opleiding blijft zonder de faculteit erbij te betrekken?' Schellekens daarover: 'We decreteren nooit iets aan het faculteitsbestuur. Wij hebben alleen neergelegd hoe wij denken om te gaan met het convenant.' Het zijn de hoofdlijnen die daarin zijn aangegeven en die zijn besproken met de Universiteitsraad. 'Hoe de faculteit gaat werken aan de invulling en hoe personeelsleden en studenten daarbij betrokken worden, is een zaak van de faculteit', aldus het collegelid: 'Als er andere voorstellen komen dan gaan we die altijd bezien', stelt hij. Daarop neemt dekaan Swart het woord.

'Sinds gisteren is er een voorstel van de fractie Open Overleg. Die gaan we bespreken in het bestgur. We zijn graag bereid, alvorens een beslissing te nemen, om die voorstellen in sessies zoals deze te bespreken met iedereen die er bij betrokken is', aldus de dekaan. De inhoud van de plannen van de fractie Open Overleg zijn - what's in a name? - tot de bespreking in het bestuur vertrouwelijk. Naar verluidt willen de indieners een aanzet geven om te komen tot een irt.jlling van het begrip basisvoorzieningen. Men zou een reguliere opleiding filosofie voorstaan, gericht op de maatschappij- en beleidswetenschappen. Tegen het eind van de bijeenkomst krijgen de aanwezigen nog een verrassing te horen. Het college wil filosofie en letteren samenvoegen in één faculteit. Vanwege de herstructurering van de faculteiten in het kader van de W W O wil het college vier faculteiten formeren: een juridische, een economische, een sociaal-wetenschappelijke faculteit en een faculteit met letteren en filosofie. Dit om 'de bevoegdheden van de faculteit te vergroten en daarom is het goed om grote faculteiten te hebben', aldus Schellekens. De keuze om filosofie bij letteren te stationeren is een 'restkeus'. Alfa-studies kunnen niet bij Gamma-studies gevoegd worden. Vandaar de keus voor letteren en filosofie. Beide faculteiten hebben laten weten niet gelukkig te zijn met deze keuze. De letterenslogan die sinds weken de voorgevel van gebouw B siert, luidt dan ook sinds kort: 'Letteren blijft... zelfstandig.'

gestoord. Christa Thoolen van de fractie Breed Front meende dat het College van Bestuur op die manier uiting heeft gegeven aan wantrouwen jegens de actievoerders. Rector de Moor antwoordde haar: 'Daar is geen sprake van. Wij vonden het legitiem om van de actievoerders te vragen hun spandoeken aan het centrale comité voor te leggen. We moesten duidelijk kiezen voor een zo groot mogelijk succes van de demonstratie. Als je met tweeduizend mensen op stap gaat kan er altijd iemand bij zitten met afwijkende opvattingen over hoe je een succesvolle actie voert. Achteraf heeft onze opstelling z'n vruchten afgeworpen. De actie is overal goed ontvangen, men vond 'm correct en sympathiek. Dat was nou juist onze bedoeling'. Walter Goddijn, buiten universitair lid, schaarde zich achter het College van Bestuur: 'In een crisissituatie kunnen inspraak en democratie zelfs gevaarlijk worden. Dat is zoiets als debatteren over de kleur van de dekstoelen tijdens de onder-' gang van de Titanic'. De Moor: 'Natuurlijk, ook wij hopen dat we de normale bestuurscultuur zo snel mogelijk kunnen hervatten. Maar we mogen 't instellingsbelang niet uit 't oog verliezen. Als de situatie in de toekomst weer kritiek wordt zullen we misschien opnieuw voor de keuze komen tussen instellingsbelang en democratische cultuur. Wat doe je als die twee dingen met elkaar vloeken?' Volgens De Moor is het in een noodtoestand, zoals de KUB die heeft gekend, absoluut noodzakelijk om de buitenwereld met één duidelijk instellingsstandpunt tegemoet te treden. 'Alles goed en wel,' aldus Stijn Schoonderwoert van de PSF, 'maar mag alleen het College van Bestuur uitmaken wat dat instellingsbelang is?'

Gerard Rutten 5 d e c e m b e r 1986


Workshop literaire socialisatie

Kinder-en Jeugdliteratuur ais cultureel fenomeen IQ

Onderzoek naar kinder- en jeugdliteratuur tieeft in het westen een zeer lage status. Een wetenschapper die zich hiermee bezighoudt moet zijn sporen eigenlijk al op een ander terrein hebben verdiend om voor vol te worden aangezien. Men ziet kinderboeken als iets leuks en aardigs, maar niet als iets dat wetenschappelijk onderzocht kan worden. Op vrijdag 28 november organiseerde het werkverband theorie en geschiedenis van de literatuur/literatuurdidaktiek van de KUB een workshop over kinder- en jeugdliteratuur. Twee keer per jaar nodigt dit werkverband een aantal mensen uit die werkzaam zijn of onderzoek doen op het gebied van kinder- en jeugdliteratuur om naar Tilburg te komen en daar met elkaar van gedachten te wisselen over de ontwikkelingen. Zohar Shavit, hoogleraar aan de universiteit van Tel Aviv, pleitte voor een andere aanpak van het onderzoek naar kinderboeken. Tot nu toe was onderzoek op dit gebied normatief, de onderzoeker stelde zich op als criticus, als degene die een oordeel over het boek moet geven. Het gaat er echter niet om of een kinderboek goed is of niet, waarde-oordelen en educatieve doelen kunnen geen uitgangspunt zijn voor een wetenschappelijke benadering. Kinder- en jeugdliteratuur moet beschouwd worden als een cultureel fenomeen, en niet als iets dat opvoedkundig wel of niet verantwoord is. Daarom moet onderzoek naar kinderboeken bevrijd worden van knellende banden van pedagogische, sociale of traditioneel literaire studies en in een semiotisch kader geplaatst worden. De semiotiek beschouwt cultuur als systemen van tekens die onderling relaties hebben, leder systeem is autonoom en staat tegelijkertijd op verschillende manieren in verband met andere systemen in de cultuur. De manier waarop het ene systeem met het andere in verband gebracht wordt bepaalt de status en de functie in de culturele hiërarchie. Kinder- en jeugdliteratuur is dan een component van een tekensysteem dat ingewikkelde relaties onderhoudt met andere systemen, en waarvan de ontwikkelingen door deze relaties bepaald worden. Een semiotische analyse van kinderboeken stelt de onderzoeker in staat de functie van kinder- en jeugdliteratuur vanuit verschillende perspectieven te bekijken en het in samenhang met andere maatschappelijke verschijnselen te zien. Nieuwe vragen kunnen dan gesteld worden, bijvoorbeeld: 'Waarom wordt jeugdli-

teratuur, in tegenstelling tot literatuur voor volwassenen tegelijkertijd beschouwd als een deel van het opvoedkundig en van het literaire systeem? Wat impliceert deze dubbele betekenistoekenning?' De semiotiek legt verbanden tussen de verschillende systemen in een samenleving, werpt vele vragen op, maar pretendeert niet het goede antwoord te weten. Juist omdat de semiotiek een verschijnsel van verschillende kanten belicht is één antwoord niet mogelijk. Zohar Shavit was het dan ook helemaal niet eens met de manier van onderzoek van de volgende twee spreeksters. Bea Ros en Margot Krikhaar (KUN) hebben voor hun scriptie een onderzoek gedaan naar waarde-oordelen in de jeugdliteraire kritiek. Met behulp van een bepaald model analyseerden zij 300 jeugdboekrecensies die in de afgelopen 20 jaar verschenen zijn. Op die manier kregen ze een inventarisatie van uitspraken die in een recensie over een boek worden gedaan. Het model zegt ech-

ter niets over inhoud, kwaliteit of zwaarwegendheid van de argumenten. De kritiek van Shavit richt zich met name op het gebruikte model. Het deelt de uitspraken wel in bepaalde categorieën in, maar verzuimt een hiërarchie van de categorieën aan te geven. Het geheel van de tekst gaat hierdoor verloren. Het weerwoord van de

onderzoeksters was dat het niet hun bedoeling was om recensies te analyseren, maar om te bekijken welke literaire opvattingen er in de recensies verborgen zitten. Schrijvers van kinderboeken voelen zich vaak gediscrimineerd ten opzichte van schrijvers van volwassenliteratuur. In de media wordt weinig aandacht besteed aan kinderboeken, auteurs worden door hun uitgevers geëxploiteerd en er is nauwelijks contact met buitenlandse auteurs. Als voorzitter van de Vereniging Voor Letterkundigen ( W D heeft Thea Beekman de afgelopen vijf jaar geprobeerd hier iets aan te veranderen. Het resultaat: een Teleaccursus over jeugdliteratuur (waarin helaas niet de suggestie van de W L werd opgenomen ook Vlaamse auteurs te bespreken) en een symposium waarop Europese kinderboekenschrijvers elkaar ontmoetten. Na haar lezing kwam de vraag hoe het komt dat jeugdboekenschrijvers niet anders dan minachtend praten over die instanties die eigenlijk hun belangen zouden

Congres Mens en Maatschappijwetenschappen Welke bijdrage leveren de mens d- maatschappijwetenschappen aan de samenleving en wat zijn de gevolgen van de onderwijsbezuinigingen hierop? Over dit onderwerp wordt op 10 december op de Katholieke Universiteit Brabant een congres gehouden, onder de titel 'Mens en Maatschappijwetenschappen in de Technocratische samenleving'. Op 23 september 1986 maakte minister Deetman zijn plannen voor het onderwijs bekend in de nota 'Krimp en selectieve groei'. Kort gezegd kwam het hierop neer: De krimpmaatregelen hebben betrekking op de mens & maatschappijwetenschappen. Binnen de vakgroep sociologie ontUnivers

stond bezorgdheid over de gevolgen op lange termijn van de bezuinigingsmaatregelen. Men vroeg zich af of er niet een samenleving aan het ontstaan is waarvan de technische en economische productie het gezicht bepaalt en waarin de mens vergeten wordt. Er werd besloten om hierover

een congresdag te organiseren. Herman Coenen nam de organisatie op zich. 'Er is nog meer in de samenleving dan alleen techniek en electronica', zegt hij. Het onderwijsbeleid is een spiegel van de internationale concurrentiestrijd. De energie van de universiteiten wordt hier naar toe gestuurd. Productie is het toverwoord. Een universiteit is een bedrijf dat producten aflevert en de grondstoffen, de studenten, worden bewerkt volgens de bedrijfsmatige normen van de overheid. Een aantal wetenschappen, zoals letteren en filosofie, wordt hierdoor in de hoek gedrukt. Die produceren niks, alleen maar onrust en onzekerheid.'

moeten behartigen. Jan de Zanger, zelf kinderboekenschrijver en tevens leerplanontwikkelaar lees- en literatuuronderwijs, meent dat jeugdauteurs zich te snel in een hoek laten drukken. In de speciale kanalen die er voor jeugdliteratuur zijn wordt er heus wel aandacht aan besteed. Schrijvers hoeven alleen maar kwaliteit-te leveren. Aansluitend hierop vertelde Rita Ghesquire (KU Leuven) over haar onderzoek naar 'Vier decennia, drie generaties jeugdliteratuur in Vlaanderen.' Dit onderzoek maakt deel uit van een groter onderzoek naar het jeugdbeleid in zijn geheej van de afgelopen veertig jaar. De jaren 1955, 1965, 1975 en 1985 werden uitgekozen om te kijken hoe in die jaren de verschillende jeugdvoorzieningen eruit zagen. In het onderzoek van Ghesquire gaat het er vooral om hoe op een bepaald moment over jeugdliteratuur werd gedacht. Daartoe bekeek ze alle Vlaamse jeugdboeken die in genoemde jaren verschenen of onder de aandacht van' het publiek gebracht werden, en ook hoe lang een bepaald boek voorkwam in een jeugdboekengids. Het bleek dat juist die boeken die in de gids geen enkele voorkeurstip (wat willen zeggen 'Dit is een goed boek') hadden gekregen het langste bleven. Waarschijnlijk was het publiek op het moment van verschijning van het boek nog niet rijp voor dit soort werken omdat ze een te grote distantie vertoonden met de op dat ogenblik aanwezige literatuur. Als laatste sprak Annerieke Freeman (exbibliothecaris) over een onderzoekje dat zij gedaan had op een LOM-school. Zij wilde de kennis van verhalen zoals die bij iedereen aanwezig is laten gebruiken bij het begrijpend lezen van verhalen. Leerkrachten denken vaak dat kinderen met een lagere leesvaardigheid verhalen ook minder goed begrijpen. Freeman wil met haar onderzoek laten zien dat dit helemaal niet zo hoeft te zijn. Kinderen gebruiken hun kennis van de wereld en hun kennis van verhaalstructuren om verhalen te begrijpen. Zij legde aan de kinderen een fabel van Aesopus deel voor deel voor. Na ieder deel moesten de kinderen raden hoe het verhaal verder zou gaan. Naderhand waren de docenten zeer verrast over het leesniveau van hun eigen leerlingen. Iets anders is dat kinderen vaak een boek niet leuk vinden omdat het niet beantwoordt aan hun verwachtingen. Het is daarom van belang kinderen te leren realiseren dat er allerlei soorten boeken zijn, zodat het referentiekader groter wordt en het begrip toe kan nemen. Over een half jaar komen onderzoekers en belangstellenden op het gebied van kinderen jeugdliteratuur weer in Tilburg bijeen om te kijken hoe de zaken er dan voorstaan. Claartje van der Grinten

Hij wijst op de toenemende onpersoonlijkheid en anonimisering van de samenleving. 'Wat te denken van het toetrekken van auteursrechten naar de universiteiten? Een instelling wordt de bezitter van wat personen geschreven hebben. Of de voorwaardelijke financiering van wetenschappelijk ondezoek? Zo krijg je mechanische wetenschap, waardoor onderzoekers alleriei sluipwegen gaan zoeken om toch op hun eigen manier te werken'. Coenen ziet de bezuinigingen op mens en maatschappijwetenschappen als een versterking van die tendenzen. 'alles is gericht op efficiency en rationaliseren. De bijdragen van de mens- en maatschappijwetenschappen worden niet meer op prijs gesteld'. vervolg op pag. 12 5 decennber 1986


Lezingencylus over de Meierij

De Meierij is nooit een bijzonder welvarend gebied geweest Wie denkt dat gilden een paar eeuwen geleden alleen maar een soort vakbondjes waren heeft het mis. Allereerst onderscheidden deze verenigingetjes zich in broederschappen, ambachts- en schuttersgilden. Ze hadden vaak een religieuze achtergrond, zorgden voor bescherming van leden en hun gezinnen, maar vochten vaak ook mee in het leger van de hertog. Ze hadden een streng toelatingsbeleid. Je moest meester zijn in Je vak en dat werd Je alleen na een lange leerschool Dinsdag 25 november startte de lezingencyclus over de streekgeschiedenis van de Meierij, het Oostelijk deel van NoordBrabant, Mevrouw A. van Lith-Droogleever, docente geschiedenis aan het avondcollege in 's Hertogenbosch sprak in de KUB over verschillende soorten gilden in de Meierij. Het was de eerste van een reeks thematische lezingen die tot 24 februari aan bod komen. Na een reeks drukbezochte cursussen over de streekgeschiedenis van oostelijk Noord-Brabant komen nu een aantal onderwerpen uit die geschiedenis aan bod in thematische lezingen. De bijeenkomsten zijn georganiseerd door de Dienst Begeleiding Regionale Geschiedbeoefening van de provincie Noord-Brabant, die daarmee de geschiedkundige activiteiten in het zuiden van het land wil stimuleren. Gilden ontstonden in de Meierij in de veertiende eeuw. Het was één van de uitingen van de overgangsfase van de Middeleeuwen naar de Nieuwe Tijd. Ze waren van Germaanse oorsprong en het woord betekent geld of vergelding. Er was dan ook in het begin een rituele offermaaltijd in een besloten groep. Mannen en vrouwen waren lid- van zo'n

vereniging, leder lid had een wapenuitrusting, maar als het op vechten aankwam dan moesten de vrouwen een man aanwijzen die in hun plaats de strijd inging. Broederschappen ontstonden 'ter meerdere ere en glorie van Maria, God en de Heiligen'. Deze lekengemeenschappen werden in het begin door de kerk beschouwd als ketters. De mannen en vrouwen hielden zich bezig met processies, gildenmaaltijden en aflatenhandel. Het Illustere Lieve Vrouwebroederschap in Den Bosch is een van die religieuze gilden. Het bestaat nog steeds. In 1318 kreeg het kerkelijke bevestiging. Het ambachtsgilde was een typische 'stadsvereniging'; in Brabant kon je er vinden in Den Bosch (24), Eindhoven (5), Helmond (7) en Oisterwijk (1). Voorwaarde voor het lidmaatschap was dat je het vak meester moest zijn. Maar meester in het vak werd je niet zomaar. Eerst werd je leerling bij een meester, die je begeleidde tot je bekwaam was om gezel te zijn. Pas als je de technieken goed beheerste kwam je in aanmerking voor de meestertitel. De ambachtsgilden legden drie soorten taken op aan hun leden: vakuitoefening; een militaire plicht, waarbij de leden onder aanvoer

vervolg van pag. 11

Congres mens- en maatschappijwetenschappen De ochtend van de congresdag wordt ingevuld met lezingen van een drietal sociologen. Na een inleiding van Herman Coenen en een welkomstwoord van rector magnificus R. de Moor, geeft prof.dr. C. Schuyt, werkzaam aan de Rijksuniversiteit van Leiden, een lezing over de functies van de sociale wetenschappen. Prof.dr. J . van Weezel van de vakgroep sociologie van de KUB gaat in op de cultuurloze technologische samenleving die aan het ontstaan is. Als economie alleen zaligmakend is, leidt dat tot een stuurloze uitoefening van de wetenschappen. Als laatste spreker van de ochtend houdt prof.dr. Ineke Weeda van de Rijksuniversiteit Groningen en de Landbouwuniversiteit Wageningen een lezing over de invloed van de huidige maatschappelijke tendenzen op de relaties binnen de samenleving. Prof.dr. W. Frijthof, historicus aan de Erasmus Universiteit van Rotterdam, vraagt zich af of de bezuinigingen in het onderwijs een kwestie van mentaliteit is en hoe die mentaliteit in de geschiedenis geplaatst moet worden. Hij is de eerste spreker in de middag.

De bemoeienis van de overheid met de uitreiking van de Erasmusprijs aan de Tsjechoslowaak Havèl is het onderwerp van de lezing van prof.dr. T. de Boer van de Universiteit van Amsterdam. Hij trekt een parallel tussen de maatschappelijke ontwikkelingen in Oost- en West Europa. Prof.dr. M. de Vries van de Erasmus Universiteit Rotterdam geeft in zijn lezing de grenzen van de traditionele medische wetenschap aan. Eigenlijk hebben ziekte en gezondheid veel meer te maken met intermenselijke gebeurtenissen dan de traditionele medische wetenschap denkt. De congresdag wordt afgesloten met een forumdiscussie onder leiding van rector R. de Moor. Congresvoorzitter Herman Coenen wijst er op dat het congres niet is bedoeld om alleen te protesteren tegen de bezuinigingen of als een preek voor de sociale wetenschappen, maar veeleer een bezinning op hoe de mens & maatschappijwetenschappen toch een bijdrage aan de samenleving kunnen blijven leveren. De conclusies van de dag zullen aan de tweede kamer worden toegestuurd.' L.G.

vervolg van pag. 12

Prof. B. de Gelder Dan begin ik aan mijn tweede baan, het gezin. Misschien dat ik daarom het lesgeven anders benader. Als vrouw heb je altijd een accuut probleem: mijn middelen, tijdsmiddelen en intelligentiemiddelen, zijn beperkt. Waaraan geef ik de voorkeur? Het gevolg is dat ik weleens het gevoel heb dat ik iets heb gemist doordat ik werkte en niet

continue thuis was om mijn kinderen op te voeden. Had ik niet thuis moeten blijven totdat ze naar school gingen? Maar je moet niet denken dat het beter wordt als ze groter worden. Dat wordt het dus niet. Kinderen hebben is niet iets waar je mee zit totdat ze naar school gaan. Het blijft.' N.T.

ring van de deken vochten in eigen legertjes; een religieuze en charitatieve doelstelling, want ieder ambacht had zijn patroonheilige en zorgde voor de gezinnen van de leden. De doelstelling van schuttersgilden is niet moeilijk te raden: het beschermen van de gildegemeenschap. Binnen de schuttersgilden had je voetboog-, handboog- en kolveniersschutters. De verenigingen stonden vaak direct onder de overheid en vochten mee in het leger van de hertog. Tot zover deze eerste lezing. Interessant vooral voor fiscalisten is de lezing van 9 december. Daarin komt de belastingheffing in de Meierij aan de orde, gedurende de generaliteitsperiode (1648-1730). Deze periode is een zwarte bladzijde in de geschiedenis van NoordBrabant. Haagse autoriteiten zouden Brabant arm hebben gemaakt en gehouden door middel van zware heffingen. Dr. A . C . M . Kappelhof, historicus en archivarisaan de Utrechtse Universiteit, zal een ander beeld ophangen over de fiscaliteit in Brabant. Volgens de historicus is de Meierij nooit een bijzonder welvarend gebied geweest. De Tachtigjarig Oorlog maakte een eind aan de bescheiden welvaart die men in de zestiende eeuw had gekend. Na de Vrede van Munster werd het economisch herstel door steeds opnieuw uitbrekende oorlogen in de kiem gesmoord. Deze oorlogen die de Republiek en haar bondgenoten moesten voeren tegen Frankrijk leidden in de Meierij tot veel materiële schade en tot een zware heffing die men 'contributie' noemde. De Republiek zag haar defensie-uitgaven sterk stijgen, met als gevolg dat evenals in de gewesten

ook in de Generalisteitslanden de belastingen moesten worden verhoogd. Dit gebeurde op een bijzonder ongelukkig moment, omdat de agrarische depressie, circa 1660, ook in de Meierij doorwerkte. De prijzen van boter, jong vee en rogge daalden. Dit waren echter de producten die de Meierijse boeren moesten verkopen om hun belasting te kunnen betalen. De belastingen stegen daarentegen juist na ongeveer 1690 en bleven ook na afloop van de Spaanse Successieoorlog (1713) nog een tijdlang hoog. Er trad toen een schaarbeweging op van dalende inkomens en stijgende belastingen die velen de das omdeed. De depressie bereikte een dieptepunt in 1723-1724: De Staten-Generaal zag zich toen genoodzaakt de belastingen drastisch te verlagen. Naast deze zware fiscale aanslag op oostelijk Noord-Brabant investeerde Den Haag ook in de Meierij. Vooral de vestingswerken, garnizoenen en bevoorrading van het leger waren van groot belang. N.T. Na deze lezing volgen er nog drie in januari en twee in februari: 6 januari: 'De Meierij in ere hersteld: gelijkberechtiging rond 1800', door P. Vogels. 13 januari: 'De (on)geletterde boer: het basisonderwijs op het platte land in de 17e en 18e eeuw", door H. Roosenboom. 27 januari: 'Textielnijverheid in de Meierij', door C. van der Heijden. 10 februari: 'Volksmissies in de Meierij rond 1850', door J.Wassink. 24 februari: 'Twintigste eeuwse kunst in de Meierij', door P. Hagenaars. De kosten bedragen f 7,50 per lezing. De bijeenkomsten vinden plaats in de Katholieke Universiteit Brabant, tijdstip: 20.00-22.00 uur.

KAN JE ZIEKTEKOSTENVERZEKERING GOEDKOPER? Veel studenten zijn tegen ziektekosten verzekerd via hun ouders. Dat is natuurlijk prima, als dit inhoudt dat zij gratis zijn meeverzekerd in het ziekenfonds. Maar hoe zit het bij particuliere verzekeringen? Studenten kunnen hier veelal met hun ouders zijn meeverzekerd tegen gereduceerd tarief. Maar het is goed eens te bezien of dit wel zo voordelig is. Let daarbij op de volgende punten: •

De meeverzekeringspremies lopen globaal uiteen van f 500,- tot f1900,- per jaar. (Maar bij sommige verzekeraars kunnen het derde of vierde en volgende kinderen gratis zijn meeverzekerd.) Bij de Studentenverzekering SSGZ betaal je slechts f 440,- per jaar. (25 jaar en ouder: f 480,-.)

•

Het eigen risico bedraagt bij deSSGZ maarf 50,- per jaar. Bij andere verzekeringen is het vaak veel hoger.

Particuliere verzekeringen zijn meestal opzegbaar perl januari en altijd binnen één maand na aankondiging van een premieverhoging. De SSGZ accepteert alle eerstejaars (jonger dan 27 jaar) die zich aanmelden voor 15 januari zonder selectie.

«ld Studentenverzekering SSGZ Vraag onze folders: tel. 01719-70944 of antwoordnummer 10070, 2200 VB Noordwijk.

fg


MEDEDELINGEN

JUR

SPREEKUUR Prof. Mr. Dr. I.Th.M. Snellen: Dinsdag 10.00-12.00 uur. Drs. R.L.N. Westra: dinsdag 10.00-12.00 uur.

PSY

W U Z I G I N G LITERATUUR BURGERLIJK RECHT B.:

CURSUS 'MULTIVARIATE M E T H O D E N EN T E C H N I E K E N ' ~

Mededeling voor studenten, die nu reeds de literatuur voor het volgende semester willen aanschaffen. Anders dan in de studiegids staat vermeld zal in de voorjaarscursus Burgerlijk Recht B niet gebruikt worden: Asser-Rutten 4 III, maarAsser-Rutten-Hartkamp4lll*: 'De verbintenis uit de wet'.

In de loop van het academisch jaar 1986/87 verzorgt de vakgroep Statistiek en Methoden en Technieken van Onderzoek van de subfaculteit psychologie een cursus 'Multivariate Methoden en Technieken' ten behoeve van de assistenten-in-opleiding van de subfaculteit psychologie. De eerste bijeenkomst van deze cursus is gepland op 8/12/1986 van 10.30 tot 12.30 in PZ 202.

ERRATUM Tot onze spijt zijn er bij de totstandkoming van de Vermande uitgave 'Verzameling Nederlandse Wetgeving', editie '86/'87 een aantal pagina's oude tekst opnieuw opgenomen. Het betreft hier Boek 6, Titel 5, Afdeling 2A van het Nieuw Burgerlijk Wetboek (Deel 3). In verband hiermede hebben wij een 'Erratum' gemaakt, dat u bij de Academische boekhandels kunt afhalen; uiteraard kosteloos. Uitgeverij Koninklijke Vermande b.v. BURGERLIJK RECHT In de Verzameling Nederlandse Wetgeving (d.i. de dikke 2400 pagina's tellende Vermande) is in de tekst van afdeling 6.5.2A. een fout geslopen. Studenten worden er op gewezen dat vanaf de eerste week van december een gecorrigeerde tekst bij. de boekhandel te verkrijgen is. N.B. het betreft hier dus NJET de groene Vermande.

FVACATURES De Wetenschapswinkel van de Katholieke Universiteit Brabant heeft een vacature vooreen: STUDENTASSISTENT voor 12 uren per week, ten behoeve van het onderzoek Flexibele arbeidscontrachten, een onderdeel van het project Onderzoekswensen Sociale Rechtshulp. Het betreft een literatuurstudie, met een looptijd van Yi jaar, op het gebied van het sociale zekerheidsrecht en het arbeidsrecht. De wetenschapswinkel zoekt hiervoor een doctoraal-student Nederlands Recht. De dagelijkse begeleiding berust bij de Vakgroep Sociaal Recht en Sociale Politiek van de faculteit der Rechtsgeleerdheid. De voorkeur gaat uit naar studenten Sociaal Recht en Sociale Politiek. Informatie bij: Mr. H. Zeyen (vakgroep Sociaal Recht) of Drs. M. Pols-Haighton (Wetenschapswinkel). Salaris: min. f 770,10 en max. f 888, — bruto per maand. Sollicitaties schrrftelijk, onder vermelding van vacaturenummer 251 op de enveloppe, vóór 12decembera.s., aan het hoofd van de dienst Personeelszaken, Postbus 90153, 5000 l£' TtCBURG. .-^--.n-'

Deze cursus staat open voor alle studenten en medewerkers van de subfaculteit psychologie en van de subfaculteit sociaal-culturele wetenschappen. Meer informatie kan verkregen worden bij Dr. M. Croon (tel. 2284). Belangstellenden moeten zich op dit nummer ook opgeven.

DIDACTISCHE V A A R D I G H E D E N De cursus Didactische Vaardigheden, welke in het voorjaarssemester '87 gegeven wordt, zal bestaan uit een theoretisch deel (2 studiepunten), een intern practicum (1 studiepunt) en een extern practicum (2 studiepunten). De mogelijkheid bestaat om deel te nemen aan de gehele cursus (5 studiepunten) of alleen aan het theoretische deel en het interne practicum (3 studiepunten). Voor' de organisatie van het externe practicum is het van belang dat studen-

ten zich daarvoor zo snel mogelijk inschrijven en daarbij aangeven naar welke vorm van onderwijs hun voorkeur uitgaat, te weten: leraaropleidingen (M.O/NLO), PABO, HEAO en andere HBO-instellingen. U dient zich hiervoor aan te melden bij Mevr. R. Bergmans-Snels, kamer P 505 tel. (66)2270.

ALG MEDEDELING V A N DE DIENST PERSONEELSZAKEN A a n p a s s i n g v e r g o e d i n g e n dienstreizen. Met ingang van 1 november 1986 is de etmaalvergoeding bij dienstreizen op grond van de reisbeschikking binnenland verhoogd van f 140,— naar f 142,—per vol etmaal. Ook de toeslagpercentages voor logies en diner zijn, zowel voor dienstreizen binnenland als buitenland gewijzigd en bedragen respectievelijk 46% voor logies (was 45%) en 19% voor diner (was 20%). Informatie over eventuele uitbetalingen is te verkrijgen bij mevr. Bosselaar van DEA.

ECO

de vakgriep I.S.A. (Informatie Systemen & Accountancy), kunnen inzage krijgen bij mijn studentassistent op kamer B 603 op maandagen tussen 14.(X) uur -16.00 uur. Drs. A.v. Reeken.

ECO/ALG TILBURGSE ECONOMETRISTEN VERENIGING Algemene Leden Vergadering van de Tilburgse Econometristen Vereniging. Datum: 10 december 1986, plaats: P.U.F., tijd: 13.30 uur. AGENDA 1. 2. 3. 4. 5.

Opening Vaststelling agenda Notulen Goedkeuring van het jaarverslag Goedkeuring van de begroting en het aktiviteitenplan 6. Benoeming kaskommissie 7. Kongresstichting 8. Rondvraag 9. Sluiting N.B. Mocht op deze vergadering het aantal aanwezigen (leden en bestuursleden) het gewenste aantal van 10% van het ledental met een minimum van tweemaal het aantal bestuursleden plus 1 niet worden gehaald, dan wordt direkt na sluiting van de vergadering een tweede Algemene Leden Vergadering belegd en geopend.

E C O N O M I S C H E FACULTEIT Studenten die gebruik willen maken van het aanbod van afstudeerstages bij

AFGESTUDEERDEN SOC / PSY / THEO / JUR / ECO en GIF TWEE-MAANDEN PROGRAMMA Afgestudeerden kunnen, mits zij voldoende sociologie en/of politicologie in hun doctoraal pakket hebben gehad worden toegelaten tot de tweede-fase lerarenopleiding maatschappijleer. Via die opleiding kunnen zij een lesbevoegdheid in dit schoolvak verwerven. Wie zich op het beroep van leraar maatschappijleer wil oriënteren of een aantal basisvaardigheden en -inzichten op het gebied van kennisoverdracht in

het algemeen wil verwerven kan zich inschrijven voor het twee-maanden programma lerarenopleiding, voor de eerste fase. Het programma wordt aangeboden door de lerarenopleiding maatschappijleer van de subfaculteit der sociaalculturele wetenschappen en heet Sociale en Politieke Vorming in het Onderwijs. Studielast: 340 uur. Onderdelen: 4 uur college op vrijdag; 4 uur schoolstage per week; literatuurstudie

en het maken van enkele verslagen. Het programma bestaat uit drie blokken: - Politieke en sociale vorming op school (kennismaking met het vak maatschappijleer). - Cursusontwikkeling en -uitvoering (over het voorbereiden, organiseren en uitvoeren van onderwijsleerprocessen). - Oriëntatie op het beroepsveld (over het beroep van docent(e), leerlingen.

ij verzorgen al uw drukwerk.

drukkerij uitgeverij reclame-bureau

schooltypen en buitenschoolse vorming). Het programma is verplicht voor al degenen, die willen inschrijven op de tweede-fase lerarenopleiding. Voor hen alsmede voor overige geïnteresseerden geldt, dat de opleiding kan worden gevolgd als vrij keuze-vak in het doctoraal-programma. Aanvang van de cursus: 30 januari, 9.30 uur.

Voor meer informatie kan een programmaschets van de opleiding worden aangevraagd bij Drs. H. Dieteren, maatschappijleer, geb. S, kamer 130. Telefoon 662421. Spreekuren zijn er verder op maandag en vrijdag van 10.00 tot 12.00 en van 14.00 tot 16.00 uur. Op vrijdag 17 januari is er om 14.00 uur een informatie-middag over de opleiding. Plaats: SZ35.

o.a. kranten (in offset-rotatie) periodieken boeken brochures folders handels- en familiedrukwerk

Em. de Jong b.v.

Postbus 8 - 5110 /\A Baarle-Nassau - Telefoon 04257 - 8922'

Univers

5 december 1986


MEMO

VariamÊ^^^mÊm^m STUDENTENKERK MARANATHA Onder de titel: 'Een woord dat wegen baant' staat de profeet Jesaia de vier zondagen van de advent (te weten 30 november, 7 december, 14 december en 21 december) centraal In de liturgie. zondag 7 december: tweede zondag van de advent. Tijd: 11.30 uur. Thema: Woorden van toorn, woorden van troost. Voorganger: Wiel Logister. De liturgische gezangen worden bege­ leidt door een kleine kantorij. Gemeentezang. Zondag 14 december: derde zondag van de advent. Tijd: 11.30 uur. Thema: Stad van mijn hart. Voorgangers: Seth de Hoon en Hub Lenders. De liturgische gezangen worden ver­ zorgd door het studentenkoor. Zondag 21 december: vierde zondag van de advent. Tijd: 11.30 uur. Thema: Mens van God, Mens van heil. Voorgangers: Han Oude Munnink en Hub Lenders. De liturgische gezangen worden bege­ leidt door een kleine kantorij. Gemeentezang. Vrijdag 5 december is het weer de eer­ ste vrijdag van de maand. Open huis dus. Wees welkom voor een gesprek, informatie of ais je zin hebt, loop zo­ maar even binnen voor een praatje. De koffie staat klaar.

Meny

PÊRlODEa t / M 12 DECEMBER WAAl*DAÊ8/t2 os$estaatt»»^'i^ï^»^«6fW«o^ jer^^pi^aüik ia r&saj of

t''':■''

t

' ' D«*8C M«39m

«aé»^i^tt«M««­9«t>^MQtnt»Rsm

sefoendeng - $afe ~ iamein

'

WOENSDAG 10/Ti erwtensoep ­mozaï^soep tartaartje ­ varkeisrdlade ­ mosterdsaus tyrofiénne ­ sperciebonensalade jpfaakken of g^ookt© aarda^ieien V«g,­ boflemcttotet $perciebonensated€ DONDCRÖAG11/12

f'

; [

^}8ghetti ­ grc»nt«80Ut3sit

VRUÖAO K2/12 tomatensoep'*eBrteeBy8oep gebaidcm schol metdtroen gyrodjurger ­ remoitoJesaus gemengde ste patates frites of g^saokta a3rdapi»)««i Veg.: kddssoöf^­demefigil?^ iwtatesfttes

ISVW­CONFERENTIE 13 en 14 december 1986 in Leusden. De conferentie beoogt een stand van zaken te geven: de psychoanalyse te­ midden van filosofische discussies. Daartoe zal allereerst een overzicht van het wetenschapstheoretische debat geschetst worden. Vervolgens zullen enkele inleiders demonstraties geven van moderne commentaren op de psy­ choanalystische theorie. De conferen­ tie zal afgesloten worden met een over­ zicht van de psychoanalyse: hoe wordt momenteel gewerkt met de theorie in de psychiatrische praktijk, welke delen van de theorie blijven intact en, laten we dat niet vergeten, hoe zit het met de therapeutische pretenties van de psy­ choanalyse? Programma: zlaterdag 13 december 10.00 uur Aankomst, koffie. 10.30 uur dr. K.A. Soudijn: Overzicht van de wetenschapstheore­ tische discussies rond de psychoana­ lyse. 12.45 uur Lunch. 14.00 uur prof.dr. L. Boon: De ambivalentie van cognitieve stijlen en de sociale organisatie van de psy­ choanalytische beweging. 15.30 uur Dr. J. Van Heerden: De sturing van cognitieve processen door 'het onbewuste'. 17.45 uur Diner. 19.30 uur drs. A. Grooten: Psychoanalyse in de filosofie. Over het geslachtsverschil in de sociale­ en cul­ tuurfilosofie en metafysikakritiek. Zondag 14 december 10.00 uur prof.dr. L.A.J.M. van Eek: Psychoanalyse vandaag. Een stand van zaken. 12.30 uur Afsluitende lunch. Opgave en inlichtingen: Internationale School Voor Wijsge­ beerte Dodeweg 8, 3832 RD Leusden Tel: 033­15020 'AUDITIES NESKO-NSK' Het NESKO en het NSK (Nedertands Studenten Kamerorkest en Neder­ lands Studenten Kamerkoor) zuHen van 22 t/m 29 april 1987 na jarenlang onafhankelijk te hebben bestaan, één­ malig gezamenlijk op tournee gaan langs 9 grote Nederlandse steden. De tournee voert langs Rotterdam en Nijmegen (22 april), Den Bosch en Delft (23 april), Groningen (24 april), Amsterdam (26 april), Enschede (27 april), Maastricht (28 april) en Utrecht (29 april). Evenals in voorgaande jaren zullen zo­ wel het koor als het orkest d.m. v. audi­ ties worden samengesteld met stu­ denten afkomstig uit heel Nederiand. In een korte repetitieperiode (28/29 maarten 11 t/m 18 april) zal het volgen­ de programma ingestudeerd worden onder leiding van Daan Admiraal (diri­ gent NESKO) en Cees Rotteveel (diri­ gent NSK): ­ Joep Straesser: Verzauberte Lieder (opdrachtstuk) * ­ Huub Kerstens: opdrachtstuk, wordt nog geschreven * ­ Kees V. Baaren: The Hollow Men * * koor én orkest ­ Béia Bartók: Divertimento voor strij­ kers ­ Arnols Schönb erg: Begleitmusik zu einer Lichtspielzene (beiden door orkest) ­ Frank Martin: A song of Ariel (koor) Audities koor Delft (16 jan.), Groningen (23 jan.) en Rotterdam (5feb.): Aanmelden bij An­ neke Aalbers 010­4650529. Nijmegen (22 jan.), Amsterdam (24 jan.) en Enschede (6feb.): Aanmelden bij Caroline Westgeest 080­223134. Eindhoven (27 jan.) en Maastricht (30 jan.): Maud Douwes 043­252328. Utrecht (31 jan.) en Leiden (7 feb.): Univers

Monique Appels 073­131513. Audities orkest Amsterdam (14 feb.): Aanmelden bij Katja Sterkman 050­778229. Utrecht (21 feb.): Aanmelden bij Klaus de Rijk 053­311890.

DSW, AANVRAAG RUKS STUDIETOELAGE Er blijken nog steeds studenten te zijn, die recht heben op een Rijksstudietoe­ lage (RST) voor de maand september, maar deze RST niet hebben aange­ vraagd. Wie heeft recht op RST? In het algemeen kan men zeggen: stu­ denten met de Nederiandse nationali­ teit, die een studie volgen die voor RST in aanmerking komt, en waan/an de ouders in 1985 niet meer dan f 55.000, — belastbaar inkomen heb­ ben verdiend, (bij meer RST­gerechtig­ de kinderen mag dit inkomen hoger zijn). Veel eerstejaars­studenten hebben zich kennelijk teveel gefixeerd op de Nieuwe Wet Studiefinanciering (WSF) die per 1 oktober in weri<ing trad. Zij zijn daardoor vergeten, dat zij voor de maand september apart RST hadden moeten aanvragen. Ook voor ouderejaars­studenten, die in voorgaande jaren geen RST hebben aangevraagd, kan de RST­aanvraag voor de maand september van belang zijn. Waarom is het aanvragen van RST voor september van belang? Ten eerste wordt er in de RST over sep­ tember een bedrag berekend ter dek­ king van het collegegeld. Ten tweede kan men rechten die men via de RST heeft verkregen, meene­ men naar de WSF. Dit is een laatste kans, omdat deze rechten binnen de WSF niet meer bestaan. Het gaat om de volgende rechten: 1. Ouderonafhankelijkheid. Het oude stelsel van RSF kende een aantal cate­ gorieën van studerenden die onafhan­ kelijk werden beoordeeld van het ou­ deriijk inkomen. ­ Studenten, die 27 jaar en ouder zijn en met een eerste studie op HBO­ of WO­ nivo starten. ­ studenten van 27 jaar en ouder die ge­ huwd zijn. ­ studenten van 27 jaar en ouder, die ouder zijn van één of meerdere kinde­ ren. Gedeeltelijke ouderonafhankelijkheid bestond voor studenten van 21 jaar en ouder, wier ouders langer dan 5 jaar ge­ leden gescheiden waren. In die geval­ len werd op verzoek alleen rekening ge­ houden met het inkomen van de ouder aan wie men bij de scheiding was toe­ gewezen. In de WSF zijn deze bijzondere regelin­ gen komen te vervallen en geldt de re­ gel dat de hoogte van de aanvullende financiering afhankelijk is van de hoog­ te van het inkomen van beide natuurlij­ ke ouders. Indien je voor september (RST) (ge­ deeltelijk) ouderonafhankelijke toelage hebt gekregen, wordt die (gedeeltelij­ ke) onafhankelijkheid in de WSF over­ genomen. 2. Leeftijdscriterium. Men komt alleen voor de WSF in aanmerking, indien men vóór zijn dertigste levensjaar met de betreffende studie begonnen is. De RST kende dit criterium niet. Indien men dus in september ouder dan 29 jaar is, en men krijgt voor die maand RST, dan verwerft men daarmee ook recht op studiefinanciering volgens WSF tot men de studie beëindigt. Hoe vraagt men RST aan? Tot 31 december '86 kan men met be­ hulp van een A (TO)­formulier RST

aanvragen. Het betreffende formulier is verkrijgbaar bij het Informatiecen­ trum van de KUB in gebouw N. Daar kunt U ook terecht met vragen over RST en WSF. Tot 20 december kunt U Uw vragen ook stellen bij het studiefi­ nancieringsinformatiepunt: 013­662608 of 013­662633. Het informatiepunt heeft dagelijks kon­ takt met de Centrale Directie Studiefi­ nanciering te Groningen.

Sport

^^m^^^m

PENDRAGON Gepidae Geen competitiewedstrijden spelen en toch lid van Gepidae? Als N.C.S.'er (niet­competitiespelend lid) kun je voor slechts dertig piek van alle voordelen genieten die Gepidae biedt. Je kunt deelnemen aan Gepidae toernooien, swingen op de altijd gezellige feeten, meedoen aan allerlei leuke activiteiten en natuuriijk aan volleybaltrainingen. Lijkt je dit wel leuk, bel dan voor verde­ re informatie 013­434207 of kom eens langs op de training. Sauron Studentenvereniging SAURON zoekt voor het seizoen 87­88 dames, die kompetitie willen spelen op het tweede of derde districtsniveau. Dus als je gestopt bent met badmintonnen of je speelt nog bij een burgerclub, maar je moet daar iedere keer voor op en neer reizen, kom dan spelen bij een vereni­ ging, die naast het sportieve element, ook het gezelligheidselement hoog in het vaandel heeft staan. Heb je belangstelling, bel dan Rinske (636622) of Paul (358892). SPORTCENTRUM Kerstpiektoernooi Vele studenten zijn reeds in training om zich klaar te stomen voor de diverse spectaculaire onderdelen. Voor het eerst in de geschiedenis van het sportcentrum zullen er titels wor­ den vergeven. Wie wordt de sterkste man/vrouw van de KUB! Deze vraag zal op dinsdagavond 16 de­ cember worden beantwoord. De deel­ nemer(ster) die het hoogste aantal ki­ lo's omhoog weet te bankdrukken krijgt de titel. Er wordt in de volgende gewichtsklassen geweri<t: tot 60 kg ­ 70 kg ­ 80 kg en daarboven zowel voor da­ mes als heren. Wie wordt de sprint knock­out kam­ pioen van de KUB? Via diverse tussen rondes zal er op dins­ dagavond 16 december gesprint wor­ den. Bij iedere sprintserie zullen de eer­ ste doorgaan naar de volgende ronde. Uiteindelijk zal de winnaar overblijven. Verder is er op donderdag 18 december een boerenkoolmaaltijd (vooraf in­ schrijven) en een playback­show. De overige sportaktiviteiten zijn: dinsdag 16 december: basketball, schermen woensdag 17 december: badminton, judo, jiu jitsu donderdag 18 december: volleybal, karate Als je ergens aan mee wilt doen kun je je opgeven bij de docenten en de balie van het sportcentrum. Deelname­ kosten f 1, — . Speciale loterij Tijdens het kerstpiektoernooi zal er een loterij worden georganiseerd. Er zullen oliebollen veri^ocht worden è f 1, — , bij de verkoop van een oliebol krijg je een lotnummer. Onder de be­ zitters van het lot zal op donderdaga­ vond een wintersportreis verioot wor­ den t.w. f 730,­ Voorwaarde voor het verkrijgen is dat de winnaar aanwezig moet zijn. Indien hij niet aanwezig is wordt er door ge­ loot.

DECEMBER VRUDAG&CtiCiMSei! SchouwHMir^, 2D.06 mn'. I^laith«ii$; 'Tlien^eddvil swvant'vwi Ja<!kö6tel ft/f«6't2f. SclK!X«Mburs< 22­15 wur; Fils*»»; 'SS Sriasf vw, F^wlüim^ \Xfm 6­12). lutanmiitivïi lïJOugrt BöS^arüWievfe­ jring.

IQ

rn'Mm^m xmmmm iai;8fln» Wi Kat» 'D» y«i^ Jng va» tussOTffliowfi»wfflwtiek.O«0x f%wo* ferdcnisg. »iooKi«1!st< 2 1 ^ *i«r: Werkifig St«dÉ»idiatiwim«g, 20­15 mvy Het Sï^asts Orkest »4v. Htóret Fitesw«n wolden v«i Nk»i8rten Slokidecwitej. $<^«wiH«r9r ^M u«r, ^;u(8o: De l^iieuw» Daaft^. Psnwlox, 22.00iiur: H^tOims Jitttsen S<^Knni«4>*ii>$r 'XiMi uur: f^ntois: 'J«a» CtttAgsvi tmxio^ar^ak <f art ia­ Cöiwtü' + lift dwafit dfaRwar' Wm

^nem Jatir»Ht<tn«e^s M(mi«n'. V»­

D{|SISDAQ«DICI^8ER d(er i.«tin0 éo&t Dm» M.A>M^ Cliatti

^tait»Th6Ster tn»t'W:»^ laa^ INet Izer' «».'D» Bnitoftf va» Br^ht.

nmüff^lm^é 21J0 uur: The <M& «ii^eCiorfJiBaSoB', Mx^wmilam^r 20,IS uur: D^m^ng

DONDERDAG !1 l]£CBM8£e Univwcifetiit, 13x30 aur: Veigwleri^ tfl^h^ot^iteteH(i8^x

\Mmimm,

m0&-17.30

C^­IOIJ O^n^fw 'Uw»

kmtiK^ ^mmèvéng^.

vm,

m iW«t­

Org. V^>

ÜnivwniHeiti 20. I& mit, m^i tC o». Us^BtVM met Trti>*SalMi» M c ^ / Tal»» ZSfiwnewwfi, l*8rt!«ut ¥M> 9fitié&!Êttomn, 20.<€^ tim, amdkii Ami^MiMim tiit Wmg «(«et ''CstM' dl 'Schod voor v^ien^ ftws^ fiawff 1^»WlöJt,22.fl(ïuar:'StortweeoRtfw ïufl', c(»)HHr«;^iKir«ylQed«) «It de JBia tt\n)^tmf3^. SüShOttViAtirg. MM mr. fMhuÉü 'ttöfkhBn'm\Jtmm\ Rft^; LeonÖr» $aa»» Wm 12­I2>. $<^KHtwl>«i9r 22,1& aur: l^inÉfulK 'Qttewte' ^«81 Fasrfïindef. VRUDAÖ 120iCEM8BR NoorthrtSsfi, 21x30 mat 'H»rd Rock' rmt Savadige (USA), «awtalig kon­ «ertlftliL liBfwwÉtteft, 14.18 ««r, 88teK l^wno» ­ ­ iM^tmtiMt, WA5 uur, esto; Pfumo­ 1» DF«. A.T.J.M. Jact^. ' t «ak», 21.00 mn Paiir» Prtor met *vaii»tM»'. Ba^oMwafterft/m 13>1^.

5 december 1986


MO'^pQ^ De titel van het album, 'Nazali', wil zoveel zeggen als de vraag; Waar sta ik, waar ben ik? Evenals dat het geval was bij eerder muziek van de Combination wordt ook hier weer uitgegaan van het zgn. 'polsslagritme'. Dit, oorspronkelijk Afrikaanse, ritme wat men echter ook in een andere vorm in India kent. Resultaat: Enerzijds uiterst vurige en stuwende muziek, en anderzijds alle elementen uit de zgn. 'New Age' muziek.

STADSSCHOUWBURG

Pilobolus Dance Theatre Waarschijnlijk de bel<endste van de zes Amerll<aanse groepen, die in het kader van de serie 'Dancing Amerrca' drt seizoen in Tilburg te zien zijn, is het Pilobolus Dance Theatre. Een gezelschap met een geheel eigen, onnavolgbare stijl. Te zien in de schouwburg-zaal op woensdag 10 december om 20.15 uur. Pilobolus (de naam van een paddestoel-soort) werd opgericht in 1971 door Moses Pendleton en Jonathan Wolken. Door de ontwikkeling van allerlei destijds onorthodoxe technieken, waarbij ook acrobatiek, ontwikkelden de oorspronkelijke leden van het gezelschap, een nieuwe, geheel eigen danstaai. Het gebruik van het lichaam als beeldhouwwerk, dikwijls in nog met eerder vertoonde vormen, werd al spoedig het handelsmerk van het ensemble. STADSSCHOUWBURG

Reinbert de Leeuw en Maarten Bon Op zaterdag 6 december vindt in de studio-zaal een concert plaats door Reinbert de Leeuw en Maarten Bon op twee vleugels. Dit concert is een initiatief van de Koninklijke Liedertafel Souvenir des Montagnards in samenwerking met de S.M.E.T., het Brabantse Conservatorium en Schouwburg Tilburg. Op het programma van de twee pianisten staan de volgende werken: 'KunstderFuge'van J.S. Bach, 'Variaties op de Kunst der Fuge' van Busoni en 'Visions de l'Amen' van Olivier Messiaen. UNIVERSITEIT

Kon. Liedertafel Trio Sabine Meyer, klarinet Tabea Zimmermann, altviool Harmut Höll, piano Donderdag 11 december, 20.15, aula. Een niet alledaags instrumentale combinatie. Men ziet nogal eens dat componisten die zich door zo'n samenstelling geïnspireerd voelen werken schrijven die tot de mooiste van hun ouvre kunnen worden gerekend. Daartoe behoren de door Mozart en Schumann geschreven trio's die we / / december zullen beluisteren, alsmede de altsonate van Hindemith en de 'vier Stücke' die Alban Berg voor klarinet en piano schreef. Sabine Meyer's carrière is niet bepaald geleidelijk verlopen. Als eerste vrouwelijk lid van de Berliner Philharmoniker (geforceerd door Herbert van Karajan, tegen de zin van dat mannenbolwerk) verwierf zij van vandaag op morgen grote bekendheid. Een ongezonde reden. Haar sublieme muzikaliteit verdiende een betere lanceerbasis. Tegenwoordig treedt zij nog alleen solistisch met de bekende orkesten op, alsmede in kamermuziek-ensembles. Ook Tabea Zimmermann Is veel in kamermuziek-combinaties te horen en veel gevraagd als 2e altiste in programma's met strijkkwintetten van o.m. Mozart. Zij haalde diverse eerste prijzen, o.m. van het Concours-Genève en -Budapest; verder is zij een gewaardeerde deelneemster aan festivals waaronder Prades (Pablo Casals) en Lockenhaus (Gidon Kremer). Hartmut Holl is een van de meest gerenommeerde begeleiders, o.m. van de sopraan Mitsuko Shirai, de bariton Dietrich Fischer Diskau, en hoofdmedewerker van de meesterklas van Elisabeth Schwarzkopf.

Univers

STADSSCHOUWBURG

De Nieuwe Danserije danst'Chihuahua'

STADSSCHOUWBURG

Erasmus De Vrije Boekhandel Tilburg en Schouwburg Tilburg organiseren op dinsdag 9 december een lezing over Erasmus in de Theaterkelder door drs. Marcel Gielis. De titel van deze literaire lezing is 'Erasmus als criticus en hervormer van de kerk' of De realiteit achter de Lof der Zotheid.

Chris Hinze

NOORDERLIGT

Chris Hinze Combination Woensdag 10 december. Aanvang 22 uur, zaal open 21 uur. Entree f 15, —, v o o r v e r k o o p t 12,50. Met 'Saliah' bewees Chris Hinze, die in het verleden onder meer werd onderscheiden met drie Edisons (-dé nederlandse platenonderscheiding), de persprijs Montreux en de Beethoven compositie prijs van de stad Bonn-, dat de diverse muziekstijlen uit de meest ver uit elkaar gelegen streken uitstekend bij elkaar blijken te passen, elkaar kunnen ondersteunen én in combinatie tot zeer spannende en imponerende muziek kunnen leiden. De onbeperkte improvisatie mogelijkheden, de uiteenlopende ritmen en het gebruik van zowel Afrikaanse, Aziatische als Europese instrumenten zorgen voor een uiterst bont en boeiend geheel. Een aantal van deze nieuwe composities zijn inmiddels te vinden op het nieuwste album van de Chris Hinze Combination dat afgelopen zomer werd opgenomen.

1986 is een jaar van de Erasmusherdenkingen. De grote humanist en kerkhervormer Erasmus (1469-1536) is 450 jaar geleden gestorven. Ter herdenking van dit feit zijn een aantal boeken verschenen, zoals een jubileumuitgave van de 'Lof der Zotheid', 'De Klacht van de Vrede', Brieven van Erasmus en het boek van Augustijn over Erasmus. Marcel Gielis mag een Erasmuskenner genoemd worden. Hij heeft in Leuven filosofie en geschiedenis gestudeerd en is sinds 1976 als wetenschappelijk medewerker aan de Theologische Faculteit Tilburg verbonden. Hij heeft o.a. meegewerkt aan tentoonstellingen over Erasmus, een bibliografie over literatuur omtrent Erasmus in de 15e en 16e eeuw en hoopt binnenkort te promoveren op een proefschrrft over de disputen tussen Erasmus en de Leuvense theologen. De lezing zal worden voorafgegaan door een diaserie op video 'Rooms tegen wil en dank' van + 20 minuten, die in 1979 gemaakt werd door een aantal studenten ter gelegenheid van een Erasmustentoonstelling op de K.U.B.

'T HEKS

Punk Brecht en politieke Brecht Werkgroep Universiteitstheater (WUT) speelt t w e e eenacters van Bertolt Brecht: 'Wat kost het ijzer?' en 'Burgerbruiloft': te zien in theater T Heks, Lannerstraat 1, Tilburg. Dinsdag 9 december, aanvang 21.00 uur. Na de geslaagde eerste produktie 'Leonce en Lena' van Georg Buchner brengt de Werkgroep Universiteitstheater (WUT) dit theaterseizoen twee eenacters van Bertolt Brecht (18981956) op de planken. De jonge Brecht schreef in de herfst van 1919 vijf eenacters op rij, waarvan 'De Burgerbruiloft' ('Die Kleinbugerhochzeit') het meest geslaagd is. Het zijn groteske zedenschilderingen met gezwollen dialogen, schitterend afgekeken van Kari Valentin die in het Munchen van vlak na de eerste wereldoorlog triomfen vierde met zijn sketches boordevol kromme logica en verdraaide dialectiek. In de 'Burgerbruiloft' beschrijft Brecht op absurd-komische wijze de totale ondergang van een kleinsteeds burgeriijk gezin. Als een punkdichter avant la lettre ontluistert hij het burgerlijk milieu waarin hij zelf is opgegroeid: dronkenschap, platvloerse ruzies, romantisch dwepend geflirt, de bruid zwanger, het zelfgemaakte meubilair dat tijdens de bruiloft aan diggelen gaat, en dat alles onder een niet mis te verstaan katholiek gesternte. In de regie van Eddie Vaes zet de Werkgroep Universiteitstheater een vitale 'Burgerbruiloft' neer, met tal van mooie vondsten, goed gekozen mu-

'De Bruiloft' door de Werkgroep Universiteitstheater

ziekfragmenten (compleet met een optreden van accordeonist Wim Jansen) en een uitgekiende belichting. Naar mate het stuk vordert dreigt de aandacht van het publiek wel wat te verflauwen en ook verschillende meubelstukken weigeren het te begeven op de manier die het draaiboek voorschrijft. Maar dit alles neemt niet weg dat hier door alle betrokkenen een bewonderenswaardige prestatie wordt geleverd Met de tweede eenacter 'Wat kost het ijzer?', dat voor de pauze gespeeld wordt, geven de spelers van de W U T een ijzersterk visitekaartje af. In dit geval zorgden de spelers zelf voor regie, kostuums en decor. Op de Pythische

Werkfoto 'Chihuahua' 'Op het moment dat iemand naar ons kijkt, passen wij ons aan aan de ogen die op ons gericht zijn'. Ziedaar het korte en krachtige thema van de choreografie 'Chihuahua' van Tamar Huilmand, die op maandag 8 december door De Nieuwe Danserije in de studiozaal gebracht wordt. Vier vrouwen bevinden zich in een ruimte binnenshuis, afgekaderd door een kamerscherm. De relatie tussen deze vrouwen bepaalt hun gedrag, het gedragspatroon. Dit laatste wordt uitvergroot tot een spel van franje en potsieriijkheid, waarbinnen het spel als zodanig herkenbaar blijft. Alleen dan is er sprake van een wezenlijk contact tussen de vrouwen, wanneer het spel zijn uiterste vormen aanneemt, overdadigheid of verzet. 'Chihuahua' wordt gedanst door Mirjam Bos, Tamara Huilmand, Mieke de Palmenaar en Mirjam Vos. Muziek: Stefan van Campenhout en Frits van der Vlis. Decor: Sanny de Graaf. Kostuums: Xander Vervoort. Spelen maakte de groep eerder dit jaar al indruk met deze productie, die in Maastricht met een derde prijs beloond werd. Brecht schreef 'Wat kost het ijzer?' in 1939 tijdens zijn verblijf in Zweden. In augustus van dat jaar, aan de vooravond van de Tweede Wereldooriog dus, werd het stuk door de amateursgroep Riksfórbund aan de universiteit van Stockholm voor het eerst opgevoerd. Het stuk speelt in de ijzerwinkel van meneer Svendson (een mooie rol van Susanne Hartzheim). In de jaren 1938 en 1939 verschijnt er regelmatig een griezelige klant in de winkel. Svendson verkoopt tegen een goede prijs zijn ijzer, hoewel deze man achter elkaar de sigarenhandelaar Osterreicher en de eigenaresse van de schoenwinkel mevrouw Tschek heeft overvallen.

(foto: Onno van der Wolf)

De choreografie bestaat uit vijf delen, waarbij het eerste en het laatste deel de grootste connectie hebben, leder deel heeft oorspronkelijk een krul of cirkel als vloerpatroon. Bij de bewegingsstructuur is uitgegaan van een conversatievorm (vraag-antwoord, uitspraak-bevestiging). In het uitwerken van het idee is gezocht naar een manier om dans als een op zichzelf staande taal te gebruiken. De muziek is gemaakt door Stefan van Campenhout en Frits van der Vlis, beiden lid van slagwerktrio Motel Bokassa. Ondanks de grillige en vaak complexe patronen is er een duidelijke groove voelbaar. Bij een aantal stukken is er voornamelijk gebruik gemaakt van zich herhalende ritmische patronen. In alle andere gevallen is het 'open werken, gaatjes vullen' en wisselen van instrumenten bepalend geweest voor de melodie en de spanningsboog. De uiteindelijke opname kwam tot stand met behulp van maar liefst achtendertig slaginstrumenten. Svendson bemoeit zich liever niet met al die 'akelige strubbelingen' en beroept zich op zijn neutraliteit. Hij voelt zich zakenman en geen politicus. Uit zakelijke overwegingen weigert hij deel te nemen aan een verbond tegen de misdadiger dat mevrouw Gall en meneer Britt willen oprichten. Maar dan breekt de oorlog uit en de griezelige klant verschijnt met machinegeweren en neemt al het ijzer voor niets mee. In de vorm van deze simpele parabel wilde Brecht het land waar hij te gast was waarschuwen dat het met de neutraliteitspolitiek van de Zweedse regering wel eens slecht zou kunnen aflopen. Toen Brecht het stuk in Stockholm ensceneerde leverde Zweden grote hoeveelheden Ijzer aan Nazi-Duitsland. 'Wat kost het ijzer?' was indertijd dus akelig aktueel. L.K.


A C H T E R K L A P ^>éW^ ^^u!e6i/cu:^ceRIJKSUNIVERSITEIT TE LEIDEN Nijmeegse psychologen geven eigen lezing van convenant FACULTEIT DER RECHTSGELEERDHEID

De tot dusver dwarsliggende subfaculteit Psychologie in Nijmegen gaat alsnog akkoord met het conNEDERLANDS ONDERZOEKSCENTRUM venant tussen Tilburg en NijmeVOOR HET RECHT IN ZUID-OOST AZlE gen. Zij het 'onder plaatsing van Aan de redactie van EN HET CARATBISCH GEBIED een aantal kanttekeningen'. De 'Univers' Rijksuniversiteit Brabant, psychologen interpreteren het Rapenburg 33 Hogeschoollaan 225 convenant zodanig dat de afstu2311 GG Leiden Tilburg. deerrichting Psychologie van Arbeid en Organisatie (A en O) gehandhaafd blijft. Men komt tot die opvatting na de garantie van het universiteitsbestuur Voor f 5,— vult u onderstaande ruimte boordevol, inclusief trefwoord bovenaan. Nijmeegse De matsertjes kunnen enkel met,deze leesbaar ingevulde bon (één letter, leesteken dat de psychologische subfaculteit aldaar over de 'volle breedheid of spatie per blokje) bij de redactie worden ingediend. van de opleiding' zal kunnen Betaling kan per giro- of betaalkaart onder gesloten omslag of op de redactie. voortgaan. In het convenant tussen KUB en Vergeet niet ook naam en adres in te vullen. KUN staat echter dat de vakgroep Q , ^ A en O met ingang van volgend jaar de deuren zou moeten sluiten. Als de interpretatie van de psycho{ 1 1 1 { I { 1 { { 1 1 :{ logen juist is, heeft het Nijmeegse 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 { I 1 1 bestuur nu gekozen voor het loslaten van het convenant als 'totaal1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 I 1 1 1 1 1 1 11 pakket'. Een citaat uit KU-Nieuws, 1 1 1 ! 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 ! 11 het blad van de KUN: 'Tot nu toe stond het Nijmeegse college op 1 1 { 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 ! 1 ! 1 1 1 11 het standpunt dat elke aantasting van de overeenkomst zou betekenen dat het hele convenant van de 1 1 1 1 1 { 1 1 1 1 1 1 1 1 11 baan is. Volgens de tevreden voor_ zitter van de subfaculteit PsychoI 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 11 logie, prof.dr. C. van der Staak, 1 ! 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 ! I 1 1 ! 1 11 heeft het CvB nu de samenwerkingsovereenkomst gecorrigeerd, zonder het convenant terug te l i l ! 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 11 trekken. '/k kan het niet anders lezen. De garantie van het college betekent dat in Nijmegen alle afNaam: studeerrichtingen van Psychologie blijven bestaan, terwijl in TilA dres: burg de opleiding wordt versmald. In dezelfde termen die de twee in(Tel.: )

Betaald matseren

stellingen steeds gebruikten voor Letteren, wordt nu gesproken over Psychologie.' De psychologen trekken hun instemming met het convenant weer in, indien hun interpretatie van het voorlopig standpunt van het CvB op een misverstand berust. Het behoud van de vakgroep A & O is voor hen een absolute voorwaarde. Van der Staak: 'A/s onze indruk onjuist is en tiet toch anders uitpakt dan we verwachten, dan ben ik belazerd. Dan zal het lawaai van de psychologen weer in alle hevigheid losbarsten.' Tot zover KU-Nieuws.

College van Bestuur, rector-magnif icus Ruud de Moor, beperkt zijn commentaar op de Nijmeegse uitspraken tot de opmerking: 'Het convenant is op dit punt volstrekt duidelijk'. Oftewel, de interpretatie van Van der Staak is niet correct, de vakgroep Arbeid en Organisatie zal verhuizen van Nijmegen naar Tilburg. Prof.dr. H. Peeters, dekaan van de Tilburgse psychologische faculteit, spreekt van een 'merkwaardige interpretatie' door zijn Nijmeegse collega's. Peeters: 'Wat blijft er op deze manier nog over van de afspraken die in het convenant zijn gemaakt?'

De voorzitter van het Tilburgse

T.G.

m

?^

1

LAZARUS, het verhaal van een wederopstanding 14 Na het niet zeer opbeurende, maarduideUjk waarschuwende levensverhaal van de zwerver in het park besluit Daan professionele hulp te zoeken voor zijn ellende. Het was een zachte, zonnige dag die volgde op de warme nacht in het park. Een dag die om een of andere reden blaakte van rust en tevredenheid, van levenslust en vitahteit. Kortom: een beroerd saaie dag voor psychologen die goed garen spinnen in de herfst. Voor alle psychologen op die ene na, die Priemer heette en die het twijfelachtige geluk had door Daan te zijn uitgekozen als zijn heelmeester. 'Ik ben zo gek als een deur,' murmelde Daan toen hij zich door de haUen van de universiteit op weg begaf naar Priemers kantoor, 'dat zullen ze van me zeggen: stapehnesjogge. Is het erfelijk? Heerst het in de famihe? Wat moet ik doen? Meneer Priemer, ik kom U vragen om genezing. Ik wil weer studeren. Ik wil mijn ouders weer onder ogen kunnen komen en de vrouwen die zich vergeefs aan mij verlustigen... behalve één! Ach, Priemer, hoezeer hij ook bekend is met de geesteüjke euvelen van studenten, nóóit heeft hij een geval onder handen gehad als het mijne... Gelooft hij me? Zal hij mij kunnen geloven!' Het was die twijfel die E)aan wanhopig maakte. Kon hij misschien de gevolgen aan Priemer voorleggen... en de oorzaken verzwijgen? En toen Daan de kamer van Priemer had betreden, zich had voorgesteld en was gaan zitten in een stoel met verstelbare rugleuning, bruiste plotseling zijn fantasie. 'Ziet U meneer Priemer,' vertelde hij, 'boeken zijn mijn leven en boekenkasten daarom oimiisbare, deücate attributen. En... ik zdg de staander aankomen en de kostbare werken die van de planken gleden en wat moest ik? De werken redden, waarvan ik sommige van buiten ken, of de staander vangen die, hoe belangrijk ook, een metalen levenloos ding was. U begrijpt, ik greep Herakleitos. Voltaire en Hegel. Slechts deze drie kon ik redden van een mogeüjk rampzalige val, maar U voek het: de metalen staander stortte zich op... laten we zeggen tussen mijn benen. Hier ongeveer...' Daan legde zijn hand op zijn kruis. Priemer nam even de sigaar uit zijn mond, stond op en Ixx^ zich bedenkelijk fronzend voorover om de aangewezen plaats te inspecteren. 'Hum,' begon Priemer, 'als ie gebroken is is het een zuiver medisch probleem en als de gevolgen van dit ongeval slechts lichameüjk zijn ben ik bang dat ik weinig voor U kan doen.' 'Maar daarom ben ik hier!' zei Daan. 'Het is het geestelijke gevolg dat mijn probleem behelst: .. .ik ben impotent geworden... een slapjanus...' 'Nou moet je eens goed naar me luisteren jongeman,' sprak P*riemer opeens streng,' het is een heerUjke dag en ik heb over het algemeen niets te doen... maar dat m'éts doen verkies ik altijd nog boven het luisteren naar een ouwehoer-verhaal als het jouwe... Gedag.' Univers

door Jaap Houdijk

Wat was er fout gegaan, vroeg Daan zich af. Zelf had hij zijn verhaal zo geloofwaardig gevonden. Ja, zelfwas hij er al bijna üi gaan geloven. Dat van die boekenkast üep smeuïg, maar misschien was Herakleitos wat overdreven. En anders... de waarheid! Wèg boekenkast met vallende staanders, neerstortende Voltaires en tuimelende Hegels. De waarheid. 'Meneer Priemer, mag ik U vertellen wat er werkeüjk is gebeurd?' 'Waarom?' vroeg Priemer geïrriteerd. 'Omdat ik mijn draai kwijt ben. Ik ben student maar ik kan niet meer studeren. En bovendien ligt mijn hele relationele leven volkomen op zijn... op zijn andere kant. Ik moet toegeven: het verhaal van de boekenkast is niet waar. Daarbij is niet Herakleitos, maar Marx de enige filosoof die ik ooit heb laten vallen... en dat op advies van mijn vader.' 'En Marx viel op je zakie!' riep Priemer, 'Je moet niet de spot met me drijven...!' 'Geloof me, dat doe ik niet,' trachtte Daan hem te overtuigen en vervolgde toen zeer ingetogen: 'Het begon na de introduktie. Ik kwam thuis, moe en gebroken', en maakte kennis met mijn tante Cora die was overgekomen uit Nieuw Zeeland om onze logee te zijn. Ik weet niet hoe, maar zij heeft me dronken gevoerd en vervolgens... heus waar... vervolgens verkracht!' Priemer rees op uit zijn stoel en rukte de sigaar uit zijn mond. Daan schrok en voelde hoe de rugleuning van zijn stoel zich langzaam horizontaal kantelde. Priemer kroop over het bureau en bracht zijn hoofd dichtbij Daans gezicht. 'D'r uit!' fluisterde hij, 'D'r uit! Als je een probleem had gehad, was je welkom geweest maar als je om aandacht verlegen zit en die met lulverhalen probeert af te dwingen, dan moet je bij je mama zijn... D'r uit!' Angstig kroop Daan van zijn stoel, angstig maar ook onthutst. Hij was niet eerlijk behandeld. Hij was tekort gedaan! En hij zou het Memer vertellen ook! Maar toen Daan in alle opgewondenheid zijn mond opende bleek hij opeens stom. Geen woord, geen letter kwam over zijn üppen. Niets dan een heel hoog fluitachtig pieptoontje. Daan greep naar zijn keel, maar ook een snelle massage had geen effect. 'Wat sta je daar nou te gapen,' riep Priemer, 'ik wil dat je gaat!' Daan wees met beide handen naar zijn mond, stak zijn wijsvinger er diep in en probeerde met hopeloze gebaren zijn probleem kenbaar te maken. Maar het enige dat weerklonk was dat ene merkwaardige schrille piepertje. Het ging door merg en been. 'Ik heb geen zin om me te laten aanfluiten,' dreigde Priemer met opgestoken vinger en dreef toen de stomme Daan zijn kamer uit. En buiten huilde Daan en hij keek naar de hemel en hij riep God aan, niet hardop want dat had met zijn piepertje geen enkele zin. WaarschijnUjk haalde hij er slechts goddeüjke hilariteit mee op zijn nek en niet de steun waaraan het hem zo ontbrak. Hij was een kleine, gebroken stomme in een harde, harde wereld. 5 decennber 1986


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
1986 12 05 by Redactie Univers - Issuu