Kollege van Bestuur weigert nieuwe PEMO-aanbeveling Aan de toch al zo lange reeks moeilijkheden die tot nu toe gepaard zijn gegaan met de invoering van het vak Politieke Ekonomie en Maatschappelijke Orde is een nieuwe episode toegevoegd, nu het Stichtingsbestuur de door het Kollege van Bestuur aanbevolen kandidaat niet heeft willen benoemen. Het Stichtingsbestuur heeft de aanbeveling op 3 mei naar het kollege terugverwezen met het verzoek een nieuwe op te stellen met de namen van twee kandidaten. Het kollege heeft gisteren echter besloten de gedane aanbeveling te handhaven en het Stichtingsbestuur slechts op een ondergeschikt punt zijn zin te geven: met het bestuur van de Ekonomische Fakulteit zal overlegd worden over een nadere raadpleging van zusterfakulteiten. Daarbij zou echter alleen de mening gevraagd worden over de éne man, die het kollege ter benoeming heeft aanbevolen. De houding van het Stichtingsbestuur heeft de afgelopen dagen grote onrust veroorzaakt bij de groeperingen die zich de afgelopen vijf jaar hebben ingezet voor onderwijs in de politieke ekonomie. Die onrust betreft zowel de vertraging die zou de invoering van het vak thans dreigt te ondervinden, als de bedoeling die het Stichtingsbestuur ' zo hebben met het vragen van een tweede naam in de aanbeveling. De door het kollege aanbevolen beraden op zijn advies inzake de PEMO-man, die zich marxist noemt, PEMO-benoeming. Voorzitter mr. W. is niet degene die boven aan het A. Schouten verzekerde ons desgelijstje van de benoemingsadvieskom- vraagd dat dit alleen een verzoek missie prijkte. De kommissie heeft om een nadere toelichting behelsde. de Fakulteitsraad eerder dit jaar Dat er echter veel meer aan de hand een verdeeld advies uitgebracht. was bleek toen dezelfde dag de inDe raad nam het minderheidsbe- houd van de brief van het Stichstandpimt over. Het Fakxilteitsbe- tingsbestuur aan het Kollege van stuxir werkte loyaal aan deze keuze Bestuur bekend raakte. In die brief mee en noemde in zijn advies de merkte het Stichtingsbestuur op dat twee minderheidskandidaten. Het het alle procedureregels wilde toeKollege van Bestuur liet de tweede passen, ,/iu beschikbare gegevens, kandidaat vallen Cwaarom is niet waaronder met name ook de advieprecies bekend) en beval alleen zen van de zusterfakulteiten erop nummer één ter benoeming aan het wijzen dat de twee door de meerStichtingsbestuur aan. Dat de be- derheid van de benoemingsadviesnoeming daar problemen ondervond kommissie voorgestane kandidaten bleek al begin april, toen nader op grond van hun wetenschappelijke overleg over de kandidaat werd ge- kwaliteiten voor plaatsing op de wenst. Dat overleg kwam er, met lijst van aanbeveling in aanmerking prof. Bannink, fakulteitsvoorzitter-, komen. Samenvattend verzoeken wij prof. Bosman, voorzitter van de be- u alsnog een aanbeveling van twee noemingsadvieskommissie en met naar uw oordeel alleszins voor behet Kollege van Bestuur. Vorige noeming in aanmerking komende week woensdag besliste het Stich- kandidaten voor te leggen." Daartingsbestuur dat de benoeming op aan verbond het Stichtingsbestuur grond van het iiitgebrachte advies het verzoek zusterfakulteiten in Negeen doorgang kon vinden. Dat derland en in Duitsland om hun mebleek uit een summier bulletin waar- ning te vragen over de twee kandiin het heette dat het Kollege van daten, alsmede vakgroepen in de Bestuur verzocht was zich nader te Tilburgse fakulteit. De vier zuster-
fakulteiten zijn in een vroeger stadium al benaderd en in hun adviezen kwamen de namen van alle vier de genoemde kandidaten voor. De groepen die de plaats van PEMO, waarvan de marxistische ekonomie een wezenlijk onderdeel uit moet gaan maken, hebben bevochten, zien in het verzoek van het Stichtingsbestuur een laatste poging om een marxistische ekonoom buiten de deiir te houden. Om die te verijdelen liepen ongeveer zestig mensen van Polek, PEF en de TSF dinsdagmorgen de vergadering van het Kollege van Bestuur binnen met de eis om niet voor het Stichtingsbestuur te wijken en het tot 16 mei nog de tijd te laten om de PEMO-man konform de aanbeveling te benoemen. Rector magnificus prof. Van Dijck liet gisteren aan het begin van de Hogeschoolraadsvergadering tot aanzienlijke opluchting van een grote groep demonstranten weten dat het kollege zijn aanbeveling wenst te handhaven. De enige koncessie die het wenst te doen, is een snelle raadpleging van de zusterfakulteiten, die alleen gevraagd zal worden, wat zij denken van de aanbevolen kandidaat. Jacques Herraets
Leden van de Polek, PEF en TSF liepen dinsdag de vergadering van het Kollege van Bestuur binnen om lucht te geven aan hun ongerustheid. verschQnt wekel^ksS
In de Sorbonne zit Victor Hugo eenzaam starend tussen geparkeerde auto's nog steeds op zijn sokkel. Achter zijn rug restaureert men letterlijk en figuurlijk de geschonden gevels van dit Parijse bolwerk van de wetenschappen. In mei 1968 zat Victor daar ook, maar dan versierd met vlaggen, slogans en affiches. De feitelijke gebeurtenissen van mei 1968 kan je deze dagen lezen in elk zichzelf respekterend dagof weekblad. HetTHB zocht naar de achtergronden bij deze gebeurtenissen en schetst het verloop van en de reakties op de universitaire hervormingen in het Frankrijk na mei 1968. Zie pagina 5, 6, 7 en 8.
Ploeteren en wel jarenlang heeft niet mogen baten. Bij de theologen wordt de herprogrammering opgeschort. De onderwijskommissie van de Theologische Fakulteit diende haar ontslag in nadat adviezen inzake de herprogrammering waren afgewezen door de Fakulteitsraad. Pagina 2.
Bülkhuisen haalt deze week weer de kolommen van THB. De plannen van dit heerschap hebben een stroom van krantenartikelen opgeleverd. Een weinig voor en veel tegen. Skepsis ook bij de Tilburgse kriminologie-docent Bert Rombouts: „Dat onderzoek van Buikhuisen moet wel uitmonden in manipulatie." Pagina 3.
Theologie schort herprogrammering op De Onderwijskommissie van de Theologische Fakulteit heeft haar ontslag ingediend nadat kortgeleden haar advies inzake de herprogrammering van de opleiding is afgewezen door de Fakulteitsraad. Een nieuwe klub zal nu moeten proberen te volbrengen wat de scheidende Onderwijskommissie na jarenlang van intensief ploeteren niet is gelukt, namelijk het uitdokteren van een theologisch opleidingsprogram waarin van een duidelijke visie op theologie sprake is en dat zowel in de ogen van docenten als studenten genade kan vinden. Men mag de beslissing v a n de Fakulteitsraad zeker wel verrassend noemen. Tijdens een studiedag, een jaar geleden, leek een meerderheid van de fakiüteitsgemeenschap akkoord te willen gaan met de invoering van een eerstej aarsprogram,
r'^:^
tilburgs hogeschoolblad weekblad van de katholieke hogeschool tilburg redaktie Jacques herraets, paul spapens, eddie vaes. angela lodder (assistente) medewerkers toine asselbergs, piet van asseldonk, cees brinkhuizen, hans dieteren, r o g i e r f o k k e , tome geurts, frans godfroy, Clemens graafsma, carla van lingen, don martin, paul van der sloot, tymen trolsky, jace van der ven officiële mededelingen buro kommunikatie cartoonist ad van haandei fotografie rien siers, tilburg druk drukkerij ] . ] , a. van der wee bv, tilbura
abonnementen
voor niet-hoqesohoolleden: f 15,— per laarqanq advertentie-acquisitie a. p. p. lodder kopij alle kopij moet uiterlijk o p donderdag de week vóór het verschijnen in het bezit van de redaktie zijn redaktie-adres / advertenties hogeschoollaan 225, tilburg telefoon (alleen voor thb) 662277 Intern 2277, kamer 207 (gebouw b) telefoon hogeschool: 669111
foto-service foto's m d i t nummer kunnen worden besteld a f 2.50 per foto in het formaat 1 3 X 1 8 cm telefonisch 013-551109 of bij de redaktie landelijk samenwerkingsverband gemeenschappelijke universitaire persdienst (gupd), waarbij verder aangesloten: folia civitatis (amsterdam), ad valvas (vu amsterdam), quod novum (rotterdam), universiteitskrant qroningen, waqenings hogeschoolblad, utrechts universiteitsblad, mare (leiden), thd-nleuws (delft), th-berichten (eindhoven) en tht-nieuws (twente)
dat - vooruitlopend op de definitieve herprogrammering van de hele studie - was geschoeid op de nieuwe leest van de onderwijskommissie. Sinds die studiedag echter is een gestaag groeiend studentenverzet ontstaan tegen de voorgenomen hervormingen. Een aantal studenten maakte zich vooral zorgen over de ,visieloosheid' van de veranderingsvoorstellen. Zij betichtten de onderwijskommissie ervan zich niet te hebben gehouden a a n h a a r eigen uitgangspimten, te weten: de toespitsing op de theologie, de bevordering van de wisselwerking tussen theorie en praktijk, het onderwijs als leerproces en de zelfwerkzaamheid van de student.
Dat de akties van de studenten h u n uitwerking niet hebben gemist bleek uiteindelijk op een onlangs gehouden fakulteitsraadsvergadering, toen tien raadsleden nee zeiden tegen de herprogrammeringsvoorstellen, mede vanwege het geringe draagvlak dat zij binnen de fakulteitskring aanwezig achtte voor een effektieve uitvoering van de plannen van de onderwij skommissie. Voorlopig - zo is besloten - zal men de programmering handhaven zoals die gold in het kollegejaar 1976/ 1977. Via enkele technische ingrepen zal worden getracht een aantal positieve suggesties uit de afgewezen herprogrammeringsvoorstellen in de oude opzet te verwerken. Men is ondermeer v a n plan een geregeld program-overleg te starten tussen docenten en studenten en ook om de praktische theologie meer ruimte te geven in de eerste twee jaren.
In feite, zo stelden zij, zou de geplande herprogrammeringsoperatie niet veel meer behelzen dan een geschuif met uren, een ruilverkaveling van bestaande vakken. Het studentenprotest bereikte zijn hoogtep u n t tijdens de lustrumviering van 2 februari. Men vatte zijn grieven toen samen onder de slogan: veel vakken, veel tentamens, geen visie.
Ook over een andere belangrijke programmatiese kwestie moet de Fakulteitsraad pasgeleden een oordeel vellen. Het betrof de instelling van een nieuwe afstudeerrichting
,Theologie en Maatschappelijk Handelen'. Op initiatief van een tiental studenten is eind 1977 een adviesgroep a a n het werk getogen om een afstudeerplan te ontwikkelen voor mensen die een soort middenweg zoeken tussen de individueel-gerichte, praktische theologie en de theoretische, systematische richting. De adviesgroep beoogde, in het kader van de roep om een .vermaatschappelijking' van de theologische opleiding, de inrichting van een onafhankelijke mogelijkheid om een studieprogram te volgen dat de relatie tussen theologie, maatschappij en maatschappelijk handelen centraal stelt. De Fakulteitsraad liet zich op de bijeenkomst van 2 mei echter niet verleiden tot een principe-uitspraak over de wenselijkheid van zo'n nieuwe afstudeerrichting. Op dit moment ontbreken de financiële en personele middelen om a a n de wensen van de studenten tegemoet te komen. Wel was de vergadering bereid h a a r fiat te geven a a n een ad hoc oplossing, welke inhoudt, dat de aankomende vijfdejaars, als zij willen, een meer ,maatschappelijk-gericht' studieplan kunnen volgen binnen de grenzen van de mogelijkheden die de praktische theologie thans biedt.
Veel steun voor CPN-onderwijzer niet te willen handhaven ten koste van een half-lege school. De onderwijzer Hartstra denkt daar heel anders over: „Het schoolbestuur heeft niets te maken met wat ik buiten schooltijd doe. Mijn politieke ideeën houd ik in de klas voor me; de kinderen begrijpen daar toch niets van. De maatschappijvisie v a n de CPN is gebaseerd op een wetenschappelijke analyse en is noch godsdienstig, noch anti-godsdienstig." Hartstra benadrukt met klem dat hij zelf beüjdend katholiek is en dat hij daadwerkelijk probeert katholiek onderwijs te verzorgen. Het is niet de eerste keer dat zijn CPN-lidmaatschap verkeerd valt bij het bestuur. In 1976, toen zijn tijdelijke aanstelling moest worden omgezet in een vaste, was dat alleen mogelijk als hij schriftelijk verklaarde dat hij niet langer lid wenste te blijven van de CPN. Hartstra tekende, n a a r zijn zeggen ,met het mes op de keel'. Enige tijd later trad hij weer toe tot de partij ,uit sociale bewogenheid'. Daar werd niets over gezegd, totdat het bestuur zijn n a a m ontdekte a a n het hoofd van de CPNkandidatenlijst. Ouders hadden op dat moment nog niet gereageerd. Volgens voorzitter Van Hout was in 1976 wel door erg veel ouders bezwaar gemaakt tegen het partij lidmaatschap van Hartstra, vandaar dat het bestuur n u weer in aktie is gekomen. Maar dit keer schijnt het bestuur toch het onheil over zichzelf te hebben afgeroepen. Een groep verontruste ouders van diverse pluimage is een aktie tégen het bestuur begonnen. Woordvoerder Hans Smies: „Het bestuur is bezig grondrechten met voeten te treden; ik bedoel het recht op onderwijs en het recht van vereniging en vergadering. En dat nota bene met een beroep op de vrijheid van onderwijs." Binnen de KHT bestaat veel veront-
De 27-jarige Tilburgse onderwijzer Barteld Hartstra, oudstudent aan de KHT, is door het bestuur van de Stichting RK Scholen in Tilburg-Noord voor een praktisch onmogelijke keuze geplaatst: wil hij blijven werken op de basisschool ,'t Hazennest', dan moet hij zijn lidmaatschap van de CPN opzeggen; wil hij lid van die partij blijven, dan moet hij zijn dienstbetrekking met de stichting beëindigen. Hartstra, die bij de komende gemeenteraadsverkiezingen de CPN-lijst in Tilburg aanvoert, heeft na de .laatste waarschuwing' van het bestuur laten weten, dat hij niet van van plan is de CPN de rug toe te keren en dat hij wenst te blijven werken als onderwijzer aan een katholieke school. Het bestuur heeft bij monde van voorzitter Van Hout te kennen gegeven dat het lidmaatschap van een kommunistische partij niet verenigbaar is met de funktie van onderwijzer aan een katholieke school. De heer A. G. van Hout, voorzitter van het Stichtingsbestuur, heeft verklaard: „De CPN is een partij die zijn grondslag vindt in het marxismeleninisme, dat fundamenteel atheïstisch is. Als de heer Hartstra beweert dat hij belijdend katholiek is, wil ik dat respekteren. Maar vergeet niet dat dit geval een precedentwerking zal hebben. Andere CPN-leden zullen onder werking van de partijdiscipline proberen de standpunten van de partij in het onderwijs uit te dragen." De voorzitter meent dat hij bij handhaving van de CPN-onderwijzer niet langer het onderwijs k a n garanderen dat de ouders voor h u n kinderen hebben gekozen. Ook zegt hij Hartstra 2
Barteld Hartstra
waardiging over het dreigende ontslag van Hartstra, zo blijkt uit twee brieven a a n het schoolbestuur. De eerste is afkomstig van het bestuur van de ABVA-groep KHT, dat de houding van het schoolbestuur in strijd acht met de meest elementaire demokratische rechten. De ABVAmensen citeren kardinaal Willebrands, die tijdens de diskussie over de signatuur van de Katholieke Hogeschool heeft verzekerd ,dat gewetensdwang te allen tijde vermeden moet worden'. De tweede brief is ondertekend door TSF, Breed Front, PLM, PEF, Kappataai, Socialist, Recht Vooruit, Jxiridische EHBO, Nondejure, PAG en Psimeel. Genoemde organisaties vragen het bestuur af te zien van maatregelen tegen Hartstra, onder meer omdat deze zouden neerkomen op ,steun a a n die politieke krachten in Nederland die proberen de verworven demokratische rechten van de bevolking uit te hollen'. J.H.
Tilborgse kriminologie-docent Bert Rombóuts:
Onderzoek van Buikhuisen moet wel uitmonden in manipulatie De benoeming van dr. Wouter Buikhuisen tot gewoon hoogleraar in de Jtriminologie aan de Leidse Universiteit heeft voor de nodige opschudding gezorgd. In het Nederlandse kriminologenwereldje, maar ook bij andersoortige deskundigen, en zelfs bij leken. Het gaat daarbij niet om de persoon van Buikhuisen als zodanig. Hij staat bekend als scherp en doortastend, en tenslotte was hij al eens eerder hoogleraar op hetzelfde vakgebied. Dat was in Groningen, waar hij door empirisch onderzoek onder meer aantoonde dat de verborgen kriminaliteit bij studenten niet gering is. Het zijn Buikhuisen's biokriminologische onderzoeksplannen die felle reaktie opriepen. Hij stelde bij zijn benoeming als voorwaarde dat hij de personele en financiële middelen zou moeten krijgen om onderzoek te verrichten naar de relatie tussen fysiologische eigenschappen en delinquentie. En toen dat door het reklasseringstijdschrift ,KRr aan de grote klok werd gehangen kwamen de tongen en pennen los. Verontwaardiging en skepsis voeren de boventoon. Daarnaast zijn er de gedogers, waaronder de Amsterdamse hoogleraar kriminologie Van Weringh, van wie het verhaal gaat dat hij zich onmiddellijk en spontaan heeft aangeboden als proefpersoon. En natuurlijk zijn er ook enthousiastelingen, waaronder Buikhuisen's voormalige ondergeschikte mr. J. van Dijk, die in de Haagse Post de grote onderzoeker verdedigde. Skepsis overheerst bij de Tilburgse kriminologie-docent Bert Rombouts: „Dat het onderzoek van Buikhuisen iets bruikbaars zal opleveren is onwaarschijnlijk. Dat het iets akseptabels zal zijn acht ik zo goed als uitgesloten." Verder weet Rombouts niet of hij bezorgd moet zijn, of verontwaardigd. Er wordt nogal wat schappelijke poeha geproduceerd rondom de plannen van Buikhuisen, maar er ontspint zich in ieder geval een diskussie in de over het algemeen nogal lauwe kriminologie. Het is te hopen dat die diskussie in alle openheid k a n worden gevoerd, zodat de hele en halve deskundigen worden gedwongen zich te verantwoorden. ,,Daarbij is het een gelukkige omstandigheid dat we tegenwoordig beschikken over een kritisch en waakzaam periodiek op het terrein van strafrecht en kriminologie: het blad van de vereniging v a n reklasseringsinstellingen, ,KRr." Wat houden de voornemens van Buikhuisen n u precies in? Zelf heeft hij zich daar nog niet zo over uitge-
laten, m a a r in de gevoerde diskussie krijgt het beeld langzamerhand gestalte. In het kort komt het erop neer dat Buikhuisen zich met zijn toekomstige staf van medewerkers via groots opgezet longitudinaal onderzoek wil gaan storten op de relatie tussen fysiologische bijzonderheden enerzijds en onaangepast, delinquent gedrag anderzijds. Zoiets heeft hij al eerder gedaan. Ook in zijn proefschrift, „Achtergronden van Nozemgedrag", legde Buikhuisen een vrij direkte relatie tussen fysiologische karakteristieken en ongewenst gedrag. Nozems zouden door de n a t u u r zijn bedeeld met een weinig prikkelbaar autonoom zenuwstelsel. Ze hebben daardoor sterke prikkels nodig, kicks zogezegd, om de verveling te doorbreken. En waar alternatieven ontbreken kunnen die kicks worden gezocht in kriminaliteit. Rombouts: „Was het hierom dat Buikhuisen in zijn in Limburg gehouden onderzoek n a a r agressief gedrag van jongeren met de preventieve aanbeveling kwam om op de la-
Feestje bouwen
hier op de hogeschool, die ter gelegenheid van het lustrum een feest kregen aangeboden. Het definitieve gouden randje kreeg de hogeschool vorig jaar september. De hoogst mogeUjke figuren en lieden waren gekontrakteerd om dank zij h u n schittering een potje goudverf onnodig te maken. De plaatselijke hoge heren liepen daartussen gesteven rond, zonder een handje vuil te maken. Daar heb je je mensen voor. Maar ook de werkers achter de schermen mochten delen in het grote geluk. „Een feest voor jullie en voor de moeite", zo werd beslist. Een mens is echter m a a r een mens
Officiële wegen zijn er om bewandeld te worden. Een stoute jongen is wie er van afwijkt. Wegwijzers zijn niet nodig, want ze leiden allemaal n a a r de ivoren torens der burokraten. Daar eenmaal aangekomen moet je over heel wat doorzettingsvermogen beschikken om te voorkomen niet vermorzeld te worden tussen de raderen van het burokratische mechaniek. Durf er eens een schroevedraaier tussen te steken en het vergaat je als een aantal mensen
gere school de daartoe begaafden te stimuleren tot gitaarspel?" Het onderzoek dat Buikhuisen zich voorstelt te gaan doen wijst onmiskenbaar in de richting van de omstreden Britse kriminoloog Hans Eysenck. In zijn boek ,Crime and Personality' (1964) stelde Eysenck dat er m a a r één hoopvol perspektief is voor de kriminaliteitsbestrijding: het systematisch ontwikkelen van deconditionerings- en konditioneringstechnieken, teneinde ongewenste gedragsvormen af te leren en deugdzaam gedrag te leren. Daarbij zou vooral ook gebruik moeten worden gemaakt van medikamenten teneinde de fysiologisch bepaalde zwakke konditioneerbaarheid van de veelal extraverte delinquenten te verhogen. Het is misschien een provocerende versimpeling, m a a r toch: platspuiten en africhten. Eysenck realiseerde zich het onpopulaire van zijn aanbevelingen, m a a r als wetenschapper meende hij d a a r a a n geen boodschap te hebben. Als ,de samenleving' de kriminaliteit wil laten
voor wat ze is - akkoord. Als echte bestrijding geëist wordt dan is er m a a r één middel. Kiezen of delen. Overigens promoveerde in 1970 een van Buikhuisen's toenmalige medewerkers bij de baas zelf op het onderwerp Eysenck. In het voorwoord van de handelseditie van het proefschrift, , Beïnvloedbaarheid van delinquenten', spreekt Buikhuisen v a n ,een mooi stuk werk'. Geen spoor van theoretische kritiek op Eysenck's begrippenkader en uitgangspunten in deze dissertatie. Volgens sommige welwillende kritici zou Buikhuisen het n u allemaal wat verfijnder willen g a a n doen, overigens zonder dat daarbij wordt vermeld hoe dat dan zou moeten. Rombouts: „Laten wij het hopen. Anders zie ik nog nare situaties opdoemen. Zoals die van de zogenaamde Ritaline-affaire in de VS. Daar werden enkele jaren terug grote aantallen kinderen op school behandeld met Ritaline, ontwikkeld en gepushd door het CIBA-concem. Op die manier werden lastige kinderen rustig gemaakt. Soms werden daarbij ouders onder druk gezet: uw kind v a n school af of behandeling. Soms wisten de ouders van niks, en waren ze verbaasd door de plotselinge misselijkheid en duizeligheid bij h u n kinderen, de bijverschijnselen. Toevallig ging het bijna altijd om ghetto-kinderen. Misschien waren die ook wel ongedurig, m a a r ik vraag me toch af of dat kwam door h u n gebrekkige fysiologie of door het kontrast tussen het schoolse milieu en de opvoedingservaringen. In elk geval is wel komen vast te (Vervolg op pagina 4)
Bert Rombouts (links) en twee studenten Jan Smulders en Jan Breed.
en een schone belofte wordt nogal eens gauw vergeten. Het buikje nog rond en krantenfoto's van jezelf in het plakboek, p h h h h . . . dat komt nog wel. Voor de weg die n a a r het beloofde feest moest leiden werd de lange baan gekozen. De feestelingen in spe kozen echter voor een straatje binnendoor, het gezegde ,van uitstel komt afstel' indachtig. Maak je zo'n feestje zelf, dan komt het er zeker. Geld werd gezocht, gevraagd en gevonden, binnen de hogeschool. Dat idee boerde op bij de voorzitter van de Lustrumkommissie en kwam 3
zodoende in het verkeerde keelsgat terecht. De organisatoren, met het heft in eigen hand, konden kiezen tussen .stoppen en maatregelen', ,dat komt in de Hogeschoolraad', zo werd gedreigd. ,Hoe kunnen mensen die het geld beschikbaar stellen, dat verantwoorden?'. Gewoon machtsmisbruik. De eieren bleven heel, het feestje komt er en wel op 4 september, de afsluitingsdag van het lustrum. Eindelijk, zo k u n je zeggen, m a a r dat had wel wat anders gekund.
Paul Spapens thb 33 - 12 mei 1978
mmr
iReaktionair* Is een rubriek waarin reakties van lezers worden geplaatst
Journalist Mijne heren, Met enige verbazing heb ik l<ennis genomen van de stukjes Journalist I en Journalist II in uw blad van 28 april 1978. Die verbazing spruit allereerst voort uit het feit dat het intern kontakt tussen hoofdredaktie Volkskrant en ANP op deze wijze naar buiterv toe komt. Mijn vermoeden waar deze mededelingen vandaan komen zal ik maar niet op schrift zetten, maar ik vind het wel puur slecht dat dat op deze wijze geschiedt. Mag ik een paar punten rechtzetten. Er is geen enkel boos telefoontje naar de hoofdredaktie van het ANP geweest. Er is alleen maar een vriendelijk briefje geweest met de vraag hoe het mogelijk is dat er zes forumleden in het verslag van het ANP wel worden vermeld en' de zevende die een duidelijk afwijkend standpunt verkondigde niet aan bod komt. Ik was geïnteresseerd in de journalistieke achtergronden en niet meer dan dat. Voor de journalistieke achtergrond heb ik de verklaring gekregen die me niet erg heeft overtuigd. Ik vind het nog altijd een journalistieke misser als uitgerekend één deelnemer aan een forum, wie dat ook weze» moge, niet in het verslag wordt vermeld maar zeker niet als hij duidelijk van een eigen opvatting doet blijken die afwijkt van die van anderen. D© gelegenheidskorrespondent waar u het over heeft, heeft naar mijn idee duidelijk gefaald, niet omdat ik aan het woord ben geweest maar puur uit algemeen journalistieke overwegingen. U geeft dan een soort verklaring voor mijn nieuwsgierigheid naar de journalistieke motivering van deze
omissie en die zoekt u dan bij het feit dat wij het KNP de das om zouden hebben gedaan en dat het ANP daarna de KNP-staf zou hebben geadopteerd. Die mededeling klopt in zoverre dat wij inderdaad in afwijking van wat andere kranten wilden geen heil zagen in een kontinuering van een eigen katholiek persbureau, maar steeds hebben bepleit deze zaak bij een groter persbureau onder te brengen, zijnde het ANP. Ik heb geen enkele reden om met argwaan de dienst te bekijken. U kunt ook niet argumenteren waarom ik dat zou doen. Integendeel, ik ben redelijk tevreden met wat deze dienst presteert, behalve dan over het verslag van het forum. Met vriendelijke groeten, Drs. J. M. hA. van der Pluijm hoofdredakteur van de Volkskrant
NASCHRIFT „Mijn vermoeden waar deze mededelingen vandaan komen zal ik maar n/et op schrift zetten" is een zinsnede die een ernstige indiskretie doet veronderstellen. Om iedere verdenking uit de weg te ruimen: het interne kontakt tussen de hoofdredakteur van de Volkskrant en de hoofdredaktie van het ANP is naar buiten gekomen, toen de .gelegenheidskorrespondent' van het ANP om tekst en uitleg werd gevraagd naar aanleiding van het .vriendelijk briefje' van Van der Pluijm. De gelegenheidskorrespondent. die inviel voor de zieke vaste korrespondent, was toevallig een THB-redakteur. die verder niets met het ANP heeft uit te staan. De informatie over de verhouding Volkskrant - Dienst Geestelijk Leven komt voort uit diverse kontakten met ex-KNP-medewerkers, die noch met de Volkskrant, noch met het ANP iets te maken hebben. Overigens baseert Van der Pluijm zijn kwalifikatie .journalistieke misser' op de veronderstelling, dat van de zeven deelnemers aan het forum over .Konfessionaliteit en organisatie' er zes in het ANP-verslag vermeld stonden, terwijl over de zevende (Van der Pluijm) niet gesproken werd. Dit is niet juist. Er waren niet zeven, maar acht deelnemers (Spit, Reijnaerts, De Wit, Bosman. Van der Pluijm. Van t^elsen. Hendriks en Goddijn), waarvan er niet
dat kader a a n Willem II, de vorst die zorg droeg voor blauw bloed onder de Tilburgse bevolking, en a a n een beeldenlint. Maar mensen worden ouder, ideeën vergrijzen. Rood stierf (bijna) een stille dood.
zes, maar vier in het beknopte verslag genoemd werden (Spit, De Wit, Hendriks en Van Melsen). Het is ook niet juist dat Van der Pluijm degene was die een duidelijk afwijkend standpunt verkondigde. BIJ de overige forumdeelnemers was allerminst sprake van
eensgezindheid: het meest opvallende aspekt van de middag was zelfs het fundamentele meningsverschil tussen Spit en De Wit. dat dan ook verreweg de meeste aandacht kreeg in de verslagen. De Redaktie
Vervolg van pag. 3:
Het onderzoek k a n niet anders dan uitmonden in manipulatie. W a a r het gaat om leven en gezondheid kan dat gerechtvaardigd zijn, hoewel steeds meer blijkt dat ook de medische technologie h a a r kwade kanten heeft. W a a r het gaat om onaangepastheid en kriminaliteit krijgt de zaak helemaal griezelige proporties. Dan stellen zich de vragen: wie onderzoekt en behandelt wie, en in opdracht van wie gebeurt dat. Rombouts: „Het is niet moeilijk te voorspellen dat de fysiologische manipulatie zich eerder zal richten op de kriminaliteit van de kleintjes dan op die van de groten. Dat wil zeggen, wie niet past in de stelsels en regels die door de groten worden gem a a k t en wie zich daartegen verzet loopt een kwade kans te worden ontmaskerd als deficiënt. Degenen die uitgeprogrammeerd zijn worden onderzocht teneinde te kunnen vaststellen dat ze daartoe waren voorbestemd. Op die manier worden machtsverhoudingen gelegitimeerd." Gelukkig is het zover nog niet. Buikhuisen móet nog beginnen. En hij is in ieder geval gewaarschuwd. Maar of dat zal helpen? Rombouts is er niet helemaal gerust op. „Enerzijds is het ZO: als je eenmaal een bepaalde positie hebt bereikt k u n je vrij lang ongestraft doorgaan met het verkondigen van enge ideeën. Anderzijds blijkt steeds weer dat enge ideeën over menseUjke inferioriteit als oorzaak van onaangepastheid zich in een ruime sympathie mogen verheugen. Dat zoiets in een wetenschappelijk jargon wordt uitgedrukt is eerder gevaarlijk dan dat het garanties biedt. De politieke stellingname die erin zit opgesloten wordt daarmee immers verdonkeremaand."
Buikhuisen staan dat de met CIBA-gelden tot stand gebrachte wetenschappelijk onderbouwing van de hele affaire, met termen als hyperaktiviteit en .minimal brain damage', wel tiitermate zwak was." Dit brengt bij ons de theoretische bezwaren tegen de plannen van Buikhuisen. Ook al zullen zijn fysiologische metingen nog zo subtiel zijn - de uitkomsten ervan laten zich uitermate moeilijk in verband brengen met zoiets als kriminaliteit. Rombouts: „De uitwerking van fysiologische determinanten op het menseUjk gedrag wordt zo gekompliceerd door sociale kondities en de leerprocessen die zich daarbinnen voltrekken dat het volstrekt onvruchtbaar lijkt te speuren n a a r aantoonbare verbanden. Natuurlijk is de een meer prikkelbaar, extravert, of wat dan ook, dan de ander. Het lichaam laat zich niet wegdenken. Maar wat er van dat ene toevallige kind met zijn toevallige konstitutie en fysiologie terecht komt wordt bepaald door de omstandigheden waarbinnen het zich moet ontwikkelen. Daarover hoef je niet uit te wijden. Het zijn open deuren. Dat n u Buikhuisen meent sociaal gedrag, al is het dan ook onaangepast sociaal gedrag, te kunnen verklaren op het sub-humane fysiologische niveau is een vorm van reduktionisme die ik niet voor mogelijk had gehouden." Onderzoek n a a r fysiologische determinanten van ongewenst gedrag roept een sfeer op van technokratie.
moest worden uitgewist. Bij de motivatie zal ook wel wat eigenbelang een rol hebben gespeeld. Tenslotte k u n je a a n een tocht op de maatschappelijke ladder beter beginnen met een wit- dan met een rood zieltje. ,Karl Marx Universiteit' is b e u h . . . en rood-wit-blauw is h o i . . . , vraag dat m a a r aan de eerste de beste direkteur. Als verzachtende omstandigheid
Jacé van de Ven
Daar staan tegenover, Libelle en Margriet e n . . . e n . . . Gezamenlijk wordt week in week uit het zoethoudertje van de natie gepresenteerd. „Prinsjes met propjes - p a p a boos défilé geslaagd", in zwart-wit en kleur. Kijk, om tegen die ivoren toren op te boksen, daarvoor moet je eelt op je knuisten hebben. En eelt krijg je niet, gezeten voor de kleurenteevee met afstandsbediening en met chips uit de eikenhoutenkast uit OJstervjrijk. Klop . . . Klop . . .
Blauw Rood Als blijvende herinnering aan 1968, het jaar waarin nog sprake was van stormachtige studentenprotesten, werd de zwerfkei voor Posjet in een passend kleurtje overgeschilderd. Grote gebeurtenissen en personen hebben nu eenmaal recht op een monumentale herinnering. Denk in i
Wit Een aantal lieden van het dispuut Cartouche vonden het echter nodig een monument te verpesten. Elke gedachte a a n die turbulente tijd
voor Cartouche, het volgende: Rood staat al een tijd in het pishoekje.
Geheel onverwachts echter, liep Cartouche een blauwtje. Dat krijg je nou door met blauw bloed te flirten. Het witte zieltje hield slechts een blauwe maandag stand. Vlak voor de dag der braderieën, met krantenpagina's zonder nieuws, boerde rood nog even op. In de nacht dat heel de koninklijke familie ligt te woelen werd ,1 mei' op de kei gekalkt. 1968 toch nog niet vergeten? Houwen zo, want eens daagt het in het oosten.
Mei '68 - Mei 78 Nauwelijks waren de gebeurtenissen van mei 1968 een jaar voorbij of in de Parijse boekhandels lagen minstens tweehonderd werken gewijd aan die gedenkwaardige dagen. Dit jaar zijn daar nog enkele tientallen nabeschouwingen en terugblikken bijgekomen. Vandaag draait in een bioskoop in het hartje van het Quartier Latin een montage van acht nog nooit vertoonde films over die hete dagen. Mei 1968 wordt herdacht, maar is die herdenking een verjaardagsfeest of een begrafenis? De oudstrijders van toen kunnen zich wentelen in de nostalgie van de revolutie met een feestelijk tintje; of was het een feest met een revolutionair tintje? Hun woordvoerders worden deze dagen achternagezeten door een meute van journalisten. De jonge enrages van Nanterre anno 1978 - zij zaten in 1968 nog in de basisschool - herdachten 1968 op hun manier. Op de campus werd, met als dekor: een schilderachtige, doch kunstmatige barrikade, een mime-spel opgevoerd voor de ogen van de nieuwsgierige internationale pers. Groepen .autonomen' - zij beschouwen zichzelf als de enige erfgenamen van de spontaneisten van de 22 maart-beweging - vierden het tweede lustrum op hun manier en verstoorden dus op 1 mei de toch al door de verkiezingsnederlaag uitgedunde en bovendien uitgeregende éénheidsbetoging van de linkse partijen en vakbonden. In Parijs zag men dit jaar op 1 mei voor het eerst sinds 1968 weer barrikades in de straten. Mei 1978? Mei 1988? Kan het opnieuw gebeuren? Het antwoord op deze vraag ligt in het antwoord op de vraag: Wat is er van mei 1968 overgebleven? Wat is er veranderd en hoe is de situatie geëvolueerd? Was mei 1968 alleen maar een krisis van de universiteit of was het een reaktie van studenten en arbeiders op de eerste tekenen van de kapitalistische wereldkrisis? Is de Sorbonne in haar eigen vuur verteerd of liet deze vulkaan vruchtbare akkers achter? De meningen over de resultaten en de invloeden van de mei-revolte zijn verdeeld. De optimisten en pessimisten zijn het hooguit over één ding eens: niet de verbeelding is aan de macht gekomen, de macht heeft het vooralsnog gewonnen van de verbeelding. Frankrijk vormde een nakomertje in het studentenprotest. Een sluitstuk in de lange reeks van protesten die plaatsgevonden hadden in Berkeley, Berlijn, Amsterdam, Madrid, Mexico, Tokio en Warschau. Alleen wist Parijs een extra dimensie te geven aan h a a r protest dat h a a r uniek maakte ten overstaan van de andere onlusten: De beweging sloeg over naar de arbeidsbeweging en groeide in enkele weken uit tot een massale stakingsgolf, die op het hoogtepxmt zo'n tien miljoen mensen omvatte. Het regiem De Gaulle stond even te wankelen, m a a r de Vde republiek wist zich staande te houden. Althans nog een jaar, toen struikelde De Gaulle over zijn eigen referendum. De Fransen hadden nog een keer rustig over hem kunnen nadenken. Mei 1968 was volgens velen een gekombineerd protest tegen het regiem van De GauUe, de sinds 1962 stagnerende ekonomische groei en de slechte omstandigheden op de Franse universiteiten. Met name in universitaire kringen broeide het al lang. Van vanouds hebben de Franse universiteiten een linksere signatuur dan in andere landen. Een traditie, tot stand gekomen door het sinds 1904 bestaande konflikt tussen kerk en staat, waarbij de leraren koUektief geëxkommuniceerd werden. In Frankrijk is het gros v a n de leraren links en zijn voor meer d a n 80 % georganiseerd in linkse bonden. Daarnaast hebben de Spaanse burgeroorlog, de volksfrontregering van Léon Blum in 1936 en de Algerijnse oorlog niet nagelaten h u n stempel te drukken op de Franse universiteiten. De studentenvakbond UNEF (Union Nationale des Etudiants de France) telde tijdens de Algerijnse oorlog meer dan 60.000 leden. Ze was de enige organisatie die zich openlijk verzette tegen deze oorlog in een tijd dat zelfs de socialisten troepen naar Algerije stuurden. N a de oorlog in 1962 verzwakte de UNEF zienderogen, ze ontpolitiseerde, verbureakratiseerde en trok zich steeds meer terug tot het traditionele bolwerk van de belangenbehartiging op
de universiteiten. Een terrein overigens waar genoeg werk te doen was. Overvolle universiteiten, slechte akkomodatie, te weinig leraren, de archaïsche, preutse en frustrerende organisatie van de universitaire woonblokken etc. Uit een in 1964 gehouden officiële enquête bleek dat 14 % van de studenten onder het bestaansminimum v a n 300 F per maand leefde. De Franse staat dekte slechts 13,3 % van de behoeften van de studenten. Het gros van de studenten moest er bij werken, de voornaamste reden dat % van de studenten zijn studie niet voltooide. Reden voor de UNEF om al in 1964 te pleiten voor studieloon. De regering zocht de oplossing in de rigoreuze hervormingen onder leiding van minister Fouchet, tot 1967 minister van onderwijs, die vergaande speciaUsatie ten doel hadden. Het onderwijs moest in twee delen uiteenvallen: de grote massa van de
middelbare scholieren zou een technische opleiding krijgen w a a r a a n de hogere theoretische vakken, onder andere de filosofie ontbraken, omgekeerd zou het onderwijs in de filosofie afgesneden worden v a n dat in de wis- en natuurkunde en zodoende een geestelijk vermaak worden. De mensen met een filosofische opleiding moesten blijkbaar verre gehouden worden v a n de beroepen waarin h u n kritische geest ,de gevestigde orde' in gevaar zou kunnen brengen. Fouchet h a d nog meer plannen in petto. Het aantal studenten moest gereduceerd worden van 300.000 tot 200.000, want dat was volgens de regering de objektieve behoefte. Met objektieve behoefte werd de behoefte van de arbeidsmarkt c.q. bedrijfsleven bedoelt. Het was de tijd, dat het bedrijfsleven nog openlijk zei wat ze bedoelde. Zo schreef de algemeen president-direkteur v a n Kodak-Pathé, dat het niet goed was
te leven in een land waar een overschot bestond a a n hooggekwalificeerde personen, want in tijden van krisis vormt een jeugd die lang gestudeerd heeft en die geen passende betrekking k a n vinden niet alleen een zuiver verlies met het oog op de gedane investeringen, m a a r ook een risiko voor de gevestigde orde. De dekaan van de fakulteit der letteren, van de Sorbonne, was nog duidelijker. Hij ondersteunde de opvatting dat men de literaire leiding diende a a n te passen a a n de behoefte van het bedrijfsleven, zoals personeelsdienst, public-relations, reklame etc. De UNEF bestreed deze hervormingen op het materiële vlak, m a a r slaagde er niet in de universitaire onvrede en tegenstellingen te herleiden tot maatschappelijke konflikten en tegenstrijdigheden. Dit onvermogen werd niet op de laatste plaats veroorzaakt door de invloed v a n de Communistische Partij (CPF) en de Communistische vakbeweging (CGF) op de UNEF. De groeiende en traditionele universiteit h a d nauwelijks vijanden van traditioneel links. Voor het openbreken van de diskussie van de funktie van de universiteiten waren andere breekijzers nodig. Breekijzers die rond 1966 onder de fundamenten van het wetenschappelijk denken begonnen te wrikken. De stok werd voor het eerst in het hoenderhok gegooid in Straatsburg. Op 26 oktober 1966 werd de cybernetika specialist A. Moles, gedwongen zijn inaugurale rede af te breken, doordat een tiental studenten hem met tomaten bekogelden. Een voor Frankrijk nieuwe aanpak voor het ventileren van onvrede. Onmiddellijk d a a r n a publiceerden leden van de UNEF Straatsburg, tezamen met leden van de situationische internationale een brochure ,Over de ellende in het studentenmilieu, beschouwd vanuit haar ekonomische, politieke, psychologische, sexuele en vooral intellektuele aspehten en over enige middelen om haar op te heffen'. Vol bijtend sarcasme veroordeelt het de student in zijn situatie als student en schetst verder een beeld van de revolte van de jeugd tegen een h a a r opgedrongen manier van leven. „De Student is een stoïcijnse slaaf; hij waant zich des te vrijer naarmate het gezag hem meer ketent. Het mechanische en gespecialiseerde onderricht dat hij krijgt is even grondig verkommerd als zijn eigen intellektuele peil op het ogenblik dat hij er tot toetreedt, gewoon omdat de realiteit die dat alles overheerst, het ekonomische systeem,, vraagt om de massaproduktie van studenten die onontwikkeld zijn en niet in staat om te denken. Studeren is de menopauze van de geest. De toekomstige revolutionaire samenleving zal al wat nu gebeurt in de gehoorzalen van de scholen en falailteiten veroordelen als louter lawaai, maatschappelijk schade. Nu al is de student een lachsukses. Ons doel: Eigenlijk willen wij dat de ideeën weer gevaarlijk worden." De brochure van Straatsburg eindigt met een radikale kritiek op de uiterst-linkse groeperingen in Frankrijk, die met ,hun roeren in de vuilnisbakken van de geschiedenis niet in staat zijn het niveau van een nieuwe revolutionaire, op het marx(Vervolg op pagina 6, 7 en 8) thb 33 - 12 mei 1978
^
NOUS SOMMES TOU DESJUIFS ET DES ALLEMANDS isme gebaseerde en op wereldschaal geldige kritiek te bereiken'. Hoewel de brochure gedrukt was op kosten van de UNEF, vormde ook deze organisatie het doelwit van de ontevreden studenten. Men beschouwde h a a r als de lange a r m van de kommunistische partij en pleitte voor h a a r opheffing. „De UNEF eist een struktuurverandering van de universiteit, een reïntegratie van de universiteit in het maatschappelijk en ekonomisch leven, maar dat wil niets anders zeggen dan dat ze pleit voor de aanpassing ervan aan de behoefte van het- moderne kapitalisme. In plaats van hiertegen te vechten, protesteert ze tegen de vertragingen en tekortkomingen in de realisatie ervan." De brochure veroorzaakte, mede dankzij de grote publiciteit, een enorm schandaal en zou als handvest dienen voor een aantal extremistische groeperingen. Er kwam een beweging op gang, die volgens Cohn-Bendit als voorloper gezien kan worden van de later zo bekend geworden beweging van de 22e maart in Nanterre. Van Straatsburg sloeg de beweging over op de universiteiten van Nanterre en Nantes. In Nanterre, gelegen onder de rook van Parijs, temidden van de meest verpauperde krottenwijken, de Bidonvilles van Frankrijk, vond gedurende 1967 een konstante provokatie van de autoriteiten plaats. Aanleiding vormden de reglementen van de studentenhuizen. De vrouwenappartementen waren 's nachts niet toegankelijk voor de mannelijke studenten. De strijd tegen deze opgelegde kuisheid en ongereptheid van de Franse Jeanne d'Arc's was in feite alleen m a a r het ongestruktiu-eerde protest tegen de bestaande universiteit in h a a r geheel. Langzamerhand verscherpte de situatie. Op 18 m a a r t 1968 ontploften er explosieven bij de kantoren van Amerikaanse bedrijven in Parijs. Als reaktie op de willekeurige arrestaties die hierop volgden bezetten 142 studenten op 22 m a a r t het administratiegebouw van de fakulteit van Nanterre. De 22 maartbeweging was geboren met als woordvoerder Daniel Cohn-Bendit. De beweging was een mengelmoes van Trotzkisten, Maoïsten en spontaneïsten en vooral anarchisten, zonder
leiders of duidelijke strukturen. Haar a a n h a n g vond men vooral op de sociale, psychologische, filosofische en letterkundige f akulteiten. En hierin lag volgens Alain Touraine, een van de weinige hoogleraren uit Nanterre die de beweging vanaf het begin steunde, een belangrijk onderscheid met andere organisaties. Het waren namelijk deze fakulteiten die het meest de gewijzigde strukturen van de universiteiten als hete adem in de nek voelden. Op deze fakulteiten kwam n a a r boven dat akademici niet meer werkzaam zijn in de r a n d van de in het ekonomisch systeem gelegen beroei>ssektoren, zoals artsen, advokaten en leraren. Akademici participeren veel meer in het produktieproces, ze dragen direkte verantwoordelijkheid voor de kontinuïteit van het bestaande systeem. De oppositie van de studenten in deze studierichtingen was dan ook minder gericht tegen de organisatie en de methoden van het onderwijs zelf, m a a r veel meer tegen het maatschappeUjk regiem in zijn geheel. Het was het protest van studenten die gekonfronteerd werden met de maatschappelijke verantwoordelijkheid van him kennis. Dit besef transformeerde de universitaire onvrede n a a r een algehele maatschappijkritiek. Het was niet alleen de beweging van de 22e m a a r t die grote groepen studenten dit inzicht bijbracht. Gummiknuppels vervulden in deze ook een bewustmakende rol. De mei-maand begon met de haast historische fout die overal gemaakt is: rektor Grappin van Nanterre besloot de universiteit voor onbepaalde tijd te sluiten. Het sliiiten van de universiteit heeft naast het effekt dat ongewild de hele vmiversitaire samenleving bij de gebemrtenissen betrokken geraakt, ook het psychologische effekt dat men impliciet erkent dat een bepaalde beweging aanslaat. Gesterkt in dit idee verplaatste het protest zich dan ook prompt n a a r het heiligdom van de Franse universiteiten: de Sorbonne. De rektor van de Sorbonne besloot n a overleg met de minister van Onderwijs, Alain Peyrefitte, de Sorbonne te sluiten en de hulp van de politie in te roepen bij de ontruiming. De politie arresteerd een kleine vijfhonderd studenten. Een daad met een effekt van een sigarettepeuk in een bezinetank. Op 6 mei ontaardde een vreedzame demonstratie tegen de sluiting van de Sorbonne in een twaalf u u r durende strijd van straatstenen versus traangas. De rest van de ontwikkelingen is bekend. Het onmogelijke leek mogelijk te worden. Ook de rest van de bevolking begon zich te weren. De drie grootste bonden, de CTT, CFDT en FEN riepen een vierentwintig uur staking uit op 13 mei. De 10e verjaardag van de Algerijnse putsch, die De Gaulle aan de macht bracht. De algemene staking was wijdverbreid. In Parijs vond de grootste demonstratie sinds jaren plaats, 800.000 studenten, arbeiders, leraren en anderen, geleid door het inmiddels bekende driemanschap van Cohn Bendit, Geism a r en Jacques Sauvageot, de vicevoorzitter van de UNEF, trokken van de Répubhque n a a r DenfertRochereau. De vakbondsleiders en de socialistische en kommimistische
De universitaire iiemprmingen na mei '68:
Veel vragen en weinig antwoorden politici liepen vooraan in de stoet. De eenheid tussen studenten en arbeiders was groot. Maar de tegenstelling tussen de top van de arbeidersbeweging en de basis was nog groter. Hoewel op 14 mei de 24-uurs staking officieel voorbij was gingen de arbeiders van de Sud Avion fabriek door en bezetten de fabriek. Het idee van deze bezetting was, zoals blijkt uit het boek van R. Koopmans over de Franse mei gebeurtenissen geen navolging van de bezetting van de Sorbonne, want het idee van de fabrieksbezetting was al gelanceerd op 6 mei, dus geruime tijd voor de opzienbarende studentenbezettüig. Op die dag werd de bezetting echter afgestemd, m a a r op 14 mei waren de stemverhoudingen gewijzigd, dit waarschijnlijk wel onder invloed van de studentenonlusten. Na Sud Avion volgt Renault. Op 20 mei staakten er twee miljoen arbeiders. Op 24 mei waren het er tienmiljoen. Het hele openbare leven lag plat. Maar de studenten en arbeiders waren van achteren aangevallen. Zoals Philippe Plantagenest, vice-voorzitter van de UNEF (Unite Syndicale; een uit de UNEF voortgekomen studentenvakbeweging) het ons vertelde: „De kommunistisiche partij en vakbond kropen steedsmeer in de schoot van De Gaulle. Ze koesterden de republiek aan hun borst. Een blijk van onmacht en een gebrek aan zelfvertrouwen om het roer over te nemen en bovendien kwam steeds meer aan het licht, dat het een traditionele illusie is, dat studenten een leidende rol kunnen spelen." Op 25 mei vond er in de Rue de Grenelle een rondetafelkonferentie plaats tussen de bonden, de werkgevers en het Ministerie van Sociale Zaken. De deelname van de kommunisten vormde het levend bewijs, dat dat CPF de bestaande maatschappelijke verhoudingen nog steeds als gegeven aksepteerde en daarmee deelde ze de doodsklap uit a a n de mei-beweging. De macht begon het te winnen van de verbeelding. De hoofdredakteiu- van Le Nouvel Observateur zou later terecht schrijven: „Links heeft niet verloren omdat het de macht wilde grijpen, maar omdat het die niet wilde grijpen." De tegenbeweging kwam op gang. Op 30 mei hield De Gaulle zijn belangrijkste redevoering: ze betekende een ommekeer in de situatie. Onmiddellijk n a de redevoering kwamen een p a a r honderdduizend betogers op de Champs Elysées voor een gaullistische demonstratie bijeen. Hoewel de bedrijfsbezettingen nog het grootste gedeelte van juni doorgingen en de gevechten met de gezagsdragers op het eind van deze maand het felst waren, was mei letterlijk en figuurlijk voorbij. De idealen waren opgedroogd. Links was de tanden uitgetrokken, niet alleen
door de machthebbers, maar ook door het verlies van h a a r zelfvertrouwen in de eigen illusies. Geïllustreerd in de cum laude overwinning die generaal De Gaulle behaalde bi) de verkiezingen op het einde van juni 1968. Het was de bewuste angst van de Franse bourgeoisie voor de kommunisten en voor de chaos, angst die er via felle kleurenfoto's in de magazine's en via de eenzijdige ORTF werd ingepompt bij de miljoenen Fransen in de provincie voor wie de gebeurtenissen in Parijs toch al van een andere planeet leken te komen
Cotin-bendit? Connais pas! Ondanks de ix>pidaire slogan op rijm Participation / bidon / trahison / piège a cons (Participatie / rommel / verraad / valstrik voor idioten) werd de participatie als onderdeel van een hele reeks universitaire hervormin-
gen in het najaar 1968 door het Franse parlement gejaagd. Alleen al de snelheid waarmee nu, n a eeuwen onbeweeglijkheid en verkaJkt universitair onderwijs, alles zou moeten veranderen kan doen twijfelen a a n de kwaliteit van die hervormingen. De oude stijve m a n zal dan ook herhaaldelijk zijn verkalkte botten breken. Maar de participatie moest ook nog dienen als goocheltruuk om de nog smeulende b r a n d h a a r d van het verzet tegen de vermolmde universitaire strukturen, tegen het autoritaire bewind en tegen de kapitalistische maatschappij te doven. Het hoger onderwijs en met name de Franse universiteiten zaten vóór 1968 nog altijd bekneld in hun oude gietvorm uit de tijd van het Ancien Régime. De enorme toevloed van studenten en de snel veranderende behoeften van de technologische wereld deden deze oude gietvorm barsten. Op 12 november 1968 pakte de nieuwe minister van Onderwijs Edgar Faure uit met een .oriënterende wet op het hoger onderwijs'. De universitaire malaise zou worden genezen door een mjektie met drie medicijnen: hervorming, autonomie en participatie. De rekuperatie van de drie sleutelwoor-
den uit mei 1968 was begonnen. De hervorming zou de oude fakulteiten met him strak afgebakende studierichtingen moeten vervangen door ,pluridisciplinair' samengestelde onderwijs- en onderzoekseenheden', (UER: unite d'enseignements et de recherche). De wet-Faure wilde de muren tussen de diverse studierichtingen slopen. Artistieke, letterkundige, wetenschappelijke en technische richtingen zouden uit h u n isolement worden gehaald en a a n elkaar worden gesmolten. De intentieverklaring achter deze hervormingen klonk oprecht: ondanks de versnippering in studierichtingen moest men de totaliteit van het wetenschappelijk onderwijs voor ogen kunnen houden. Voortaan bestond e r geen zuivere geologie, geen pure anatomie, geen op zichzelf staande rechtenstudie meer. Er was slechts één wetenschap; de wetenschap van de mens. Men wilde door de bomen heen weer het bos zien. De studenten zouden niet meer verdwalen in het kreupelhout van de studierichting. Dat was de theorie. Maar in de praktijk beantwoordde deze hervorming vooral aan de behoefte van de industrie. Voortaan zou de eerste cyklus, de eerste twee jaren van het universitair onderwijs, als een soort oriënterende propedeuse resulteren in een diploma. Met het DEUG (diploma van algemene universitaire studies) zou men de sprong n a a r het aktieve leven kunnen wagen, m a a r in de praktijk bleek de kwalifikatie van het DEUG nauwelijks hoger dan het diploma van middelbaar onderwijs. Vandaag, n a tien jaar, zijn de resultaten van deze hervormingen teleurstellend. Vooral in de oude bastions zijn de gesloten fakulteiten vrijwel intakt gebleven, ook al heten ze dan nu niet meer ,faculté', m a a r ,UER'. De 23 Franse molochuniversiteiten werden opgedeeld in 77 autonome universiteiten en universitaire centra. Het waterhoofd, de universiteit van Parijs met 200.00 studenten, werd verdeeld in 13 autonome universiteiten. Naast de bestuurlijke autonomie kreeg elke nieuwe instelling ook de financiële autonomie over het budget dat h a a r door de overheid werd toegewezen. Door de pedagogische autonomie bepalen de nieuwe instellingen zelf hun programma's, hun onderwijsmodaliteiten en de procedees om de kennis te valideren. De paritaire kommissies in de nationale onderwijsraad eisten n a mei 1968 dat de hervormde universiteiten h u n wetenschappeUjk personeel vrij zouden kunnen rekruteren en h u n werkingskredieten vrijelijk zouden mogen spreiden over de diverse UER's, de labo's en de gemeenschappelijke diensten. Elke UER kreeg de vrijheid om de toegestane kredieten te gebruiken en om de studieprogramma's en examens zelf te organiseren. De nationale programma's
waren in het akademisch jaar 1969 verdwenen, zodat voor eenzelfde diploma de kwalificering en het studiepakket nogal wel eens kon verschillen van instelling tot instelling. Deze autonomie duurde niet lang. De bestuurUjke autonomie kwam weer rechtstreeks onder kontrole van de staat, de diploma's werden weer nationaal bepaald en de minister verdeelde de centen: de universiteiten bezaten immers geen globaal budget. Tot op heden is het de staat die de onderwijsopdrachten uitdeelt en de beheerstoelagen verdeelt. In een officiële tekst staat het zwart op wit: „Deze autonomie moet niet leiden tot anarchie of tot tegenstellingen. Er zijn grenzen vastgelegd. Bijvoorbeeld: de pedagogische autonomie neemt niet weg dat de algemene onderwijspolitiek, de gereglementeerde titels en diploma's, de studieprogramma's die er op voorbereiden op nationaal vlak bepaald worden."
Participatie De participatie regelt de relaties van de universiteit met de lokale en regionale gemeenschappen, met de eko-nomische en sociale wereld en schept samenwerkingsverbanden met andere universiteiten. Elke UER wordt bestuurd door een paritair samengestelde raad, gekozen door de diverse universitaire geledingen. Deze r a a d kiest het UER-bestuur en een direkteur. Meestal wordt de universiteitsr a a d gekozen via indirekte stemming. De leden van elke UER-raad kiezen uit h u n geleding de leden v a n de universiteitsraad. Deze r a a d kiest de universiteitspresident en zijn assistenten. En dan is e r nog de nationale r a a d van het hoger onderwijs, de CNESER (conseil national de l'enseignement superieur et de la recherche) , waarvoor elke universiteitsraad een afvaardiging kiest. De wet-Faure heeft deze participatie, zoals ook de autonomie, met een aantal garantie ,voor de zo noodzakelijke onafhankelijkheid' omkleed. Zo is de regel van het kworum als een nieuwe barrière ingebouwd in het universitaire kiesstelsel. Hierdoor worden vooral de studenten getroffen.
Verl<iezingen In het eerste participatiejaar was de belangstelling voor de UER-verkiezingen van studentenzijde nog behoorlijk. In het akademisch jaar 1968/ 1969 brachten meer dan de helft van de studenten h u n stem uit. Dat zakte in 1970/1971 tot 31,2 procent en in 1973/1974 tot het dieptepunt van 24 iwocent, om nadien weer lichtjes te stijgen tot 26 procent in 1976/1977. Grosso modo blijkt slechts één kwart van de studenten tot stemmen bereid. De kworumregels van de overheid zijn duidelijk: als er minder dan zestig procent (in 1975 werd dat 50 procent) studenten h u n stem uitbrengen wordt het aantal studentenzetels in verhouding teruggedraaid. Deze regel geldt zowel voor de UER-verkiezingen als voor de rechtstreekse of onrechtstreekse verkiezingen voor de universiteitsraden. De theoretische pariteit nagestreefd door de wetFaure bl^kt dus een vrome wens. De
grote demokratische machine m a a k t alleen m a a r veel lawaai. Welke zijn de oorzaken van de desinteresse bij de studenten? Na 1968 werd de participatie gedoodverfd als verraad. ,Participation/piège a cons' heette het toen. De toen nog niet gespUtste UNEF organiseerde de boykot van de eerste verkiezingen. Men kon nauwelijks anders dan de voorstellen van de regering die de beweging van mei 1968 h a d overwonnen met wantrouwen afkeuren. Presenteerde Edgar Faure de participatie in de universiteiten niet als een model voor de hele Franse samenleving? Daar kon ekstreem-links niet aan meewerken. De participatie was vanaf het prille begin slachtoffer, eerst van het afwijzen en nadien v a n de onverschilligheid van de studenten. Zij die het participatiespel wel meespeelden zagen zich in de raden geplaatst tegenover tal van behoudsgezinde profs die de draagwijdte van de wet-Faure probeerden af te zwakken en die h u n verloren gewaande voorrechten via de wettelijk vastgelegde spelregels wilden rekupereren. De macht werd stUaan herverdeeld onder het voormalige hooglerarenkonvent. De verkozen studenten fungeerden nauwelijks als bindmiddel tussen h u n kameraden en de instelling. Zij bleven vaak buiten de draaimolen van het universitaire leven van de massa der studenten die sinds 1970 opnieuw balanceren op de smalle grens tussen onverschilligheid en revolte. Het studentenblad ,Les dossiers de l'étudiant' zocht via een enquête n a a r de oorzaken van deze onverschilligheid. Ten eerste: het gros van de studenten gelooft ook vandaag nog nauweUjks in het instituut .universiteit', waarvan zij de tegenstellingen, de ontoereikendheid en het slechte funktioneren elke d a g ervaren. Ten tweede: de studenten zijn verdoofd door de veelheid van boodschappen v a n de talrijke organisaties of ze vrezen inkapseling. Ze volgen geamuseerd het woordensteekspel en de drukdoenerij tussen de diverse studentenvakbonden. De groep van studenten die onverschillig staan tegenover elke struktuur wordt steeds groter. Deze anti-organisatiereflex kan men afleiden uit het geringe ledental van de studentenvakbonden: 40.000 militanten op één miljoen studenten, dat is één student op 25. Ten derde: veel studenten hebben de indruk dat ze (Vervolg op pagina 8)
thb 33 - 12 mei 1978
■HHP Vervolg van pag. 6 en 7:
Mei '68 - Mei 78 gefopt worden in het paxticipatiespel omdat de ,macht' die hen na mei 1968 werd toegezegd in feite slechts een illusie is gebleken. De studenten ver wijten de raadsleden, of die nu van rechts of van links zijn, dat ze, in plaats van de verworvenheden van mei 1968 te konsolideren, slechts het hoofd hebben gebroken over hoe men het effekt er van kan inkrimpen en hoe men de mogeUjkheden van stu dentenakties kan beperken. Hier kan men nog de zeer slechte verkiezingsinformatie aan toevoe gen. Verkiezingsdata liggen vaak in gewikkeld verspreid tussen oktober en maart. De diverse programma's en kandidaten zijn nauwelijks gekend en verkiezingsuitslagen worden van officiële zijde nooit bekendgemaakt. Een universitaire pers waarin naast artikelen over het universitaire leven ook programma's en kandidaten wor den voorgesteld bestaat in Frankrijk niet. Aankondigingen van de verkie zingen worden in kleine lettertjes aangeplakt en de studenten krijgen niet altijd of niet tijdig de nodige oproepingsbrieven. De publiciteit ligt volledig in handen van de diverse studentenvakbonden, maar deze be schikken niet altijd over de nodige materiële infrastruktuur en over vol doende militanten. Enkele studentenvakbonden weige ren deelname aan wat zij fakever kiezingen noemen. Dat is onder meer het geval met een van de afspUtsin gen van de vroegere UNEF, de trots kistisch georiënteerde UNEFunité syndicale. Ph. Plantagenest {UNEF unité syndicale): „Al dit werk in raden houdt de studenten weg van het werk in de studentenbonden. Zij worden ingekapseld en ervan weer houden om tegen de regering te vechten. Deze raden zijn parade paardjes voor de regering." De kommimistisch georiënteerde UNEFRenouveau daarentegen pleit wel voor deelname en is ondertussen de grootste studentenvakbond ge worden met zowat 66 procent van alle uitgebrachte studentenstemmen en met 10 van de 17 studentenzetels in de nationale raad (CNESER). Door haar politieke verbondenheid met de voornaamste vakbond van het weten schappelijk personeel, de SNESUP (syndicat national de l'enseigne ments superieur) en door een goede relatie met de kommunistische vak bond CGT weegt het politieke ge wicht van deze alliantie zwaar door in alle raden en op alle niveaus. Zelfs
in de algemene vergadering van universiteitspresidenten zetelen van daag meer universiteitspresidenten van deze koalitie van links dan gema tigden of aanhangers van de huidige regeringsmeerderheid. Andere belangrijke studentenvak bonden zijn de MAS (mouvement d'action syndicale), ook alweer opge splitst in MAS1 (PSPSU) en MAS2 (trotskistischLRC) met samen één, zetel in de CNESER; de gematigde CLEF Ccomité de liaison des étudiants de France) met vijf zetels en de rechtse UNI Cunion interuniversi tatre) zonder studentenzetel, maar met vier zetels voor het wetenschap pelijk personeel in de CNESER. De logheid van de nieuwe instellin gen deed ook bij sommige hoog leraren de ogen opengaan. Henri Mitterand, prof. in de Franse litera tuur aan de Parij se universiteit Vin cennes: „Onder het voorwendsel van een demokratisering heeft de wet Faure in de universiteiten een parle mentarisme geïnstalleerd dat een deel van de studenten immobiliseert, het andere deel op de vlucht jaagt en de instelling langs alle kanten toe dekt." Pascal Cribier, nationaal vrijgestelde van UNEFRenouveau, wijt de passi viteit vooral aan de opzetteUjke over heidsboykot van de informatie en aan de zeer grote spreiding van de ver kiezingen tussen oktober en maart. „Daarbij komt nog de krisis van het militantisme. V ooral de ekstreem linkse groepen verlegden hun aktie terrein naar de bedrijven, buurten en in de vrouwenbeweging. Daardoor vermindert hun greep op de massa apolitieke studenten die zich steeds meer opsluiten tussen hun kursussen en zich enkel nog engageren voor problemen die hen persoonlijk raken."
Sociale wantoestanden Mei 1968 heeft weinig gouden eieren gelegd voor de studenten zelf. Hun frontvorming met de arbeidersklasse bracht na de grote stakingen in mei/ jTini 1968 wel vakantiegeld, 60jarige pensioenering en een verhoging van het gewaarborgd minimimi inkomen voor de arbeiders, maar de studenten beweging kende slechts een diepe inzinking, gekenmerkt door het fail liet van de oude UNEF. Pascal Cribier: „De ellende in het studentenmilieu is vandaag op zijn hoogtepunt: 60 procent van de stu denten is verplicht er een deeltijds of heeltijds baantje op na te houden om de studies te betalen. De studie
Vincennes: Een van de meest tastbare bewijzen dat mei '68 meer geweest is dan een droom vormt sinds 1969 het bestaan van deze universiteit. Als enige in Frankrijl^ is ze toegankelijl< voor iedereen. Een vooropleiding is niet nodig, mits men minstens twee jaar gewerkt heeft Vincennes is hét politieke monument van de roerige jaren. Hier ademt de linkse studentenpolitiek nog en het is ook hier dat gevloekt wordt met elke opvatting, dat wetenschap per definitie een elitaire bezigheid moet zijn, weggelegd voor mensen met een doortimmerde vooropleiding. Alle kleurschakeringen en talen, die de mensheid ooit heeft voortgebracht zijn in deze linkse toren van Babel terug te vinden.
beurzen zijn belachelijk laag en nau welijks voldoende om een kamer te huren in de cité universitaire. Boven dien zijn er slechts 12 procent beurs studenten. Door die baantjes heeft men geen of weinig tijd voor de stu die. V an alle werkstudenten kan 80 procent de universitaire studies niet beëindigen omdat ze geen tijd of geen geld hebben." JeanLuc Mano, aftredend voorzitter van UNEFRenouveau: „Kenmerkend voor het akademisch jaar 197711978 is de groeiende onrust over het ant woord op deze ene vraag: Kan ik blijven studeren? Deze vraag werd vroeger ook wel gesteld, maar nieuw is dat vandaag de grote meerderheid van de studenten alle moeite heeft om de eindjes aan elkaar te knopen. Dat is het grote schandaal bij de student anno 1978. Konkreet is de sftudent zoals iedereen onderhevig aan de enorme prijsstijging. Daarbij vraagt men hem dit jaar een verhoging van 22 procent bij zijn bijdrage voor zijn sociale zekerheid, een verhoging van 30 procent bovenop zijn bijdrage voor het studentenziekenfonds en een ge voelige verhoging van de prijzen in de mensa's en voor het logement. Enkele weken geleden was ik in Montpeillier en in het station ont moette ik studenten die daar al acht dagen sliepen omdat ze hun kamers niet langer konden betalen. Daarover wordt in de pers niet gesproken. Wij van UNEF schreeuwen het van de daken, wij zwijgen niet over deze schandalen, dat is onze taak als syn dikalisten!"
Een studiebeurs in Frankrijk bedroeg in 1976 tussen de ƒ 143,— en ƒ 260,— per maand. Daar is vorig jaar 5 è, 9 procent bijgekomen, maar de stijging volgt nauwelijks de inflatie verhoging. Een kamer kost in de cité \miversitaire in Parijs gemiddeld ƒ 200,— per maand, bij partikulieren tussen de ƒ200,— en ƒ400,— per maand. UNEF-Renouveau eist een studieloon van ƒ 750,—, dat is dan nog altijd ƒ 150,— onder het gewaarborgd minimumloon. Verder een beursverhoging van 30 procent, een starttoelage van ƒ250,— bij het begin van elk akademisch jaar en een ekstra maandelijkse toelage van ƒ 250,— voor hen wiens ouders werkloos zijn. Verder vraagt UNEF een volledige blokkering van de prijzen van aUe openbare diensten. Jean-Luc Mano: „Daarbij moet de sociale selektie, de hoofdkwaal aan de universiteiten, verdwijnen. Door deze financiële druk daalt het aantal arbeiderskinderen op de universiteiten sinds enkele jaren. Wij hebben nooit een politiek ondersteund die de ondervertegenwoordiging van arbeiderskinderen en de ongelijkheid in kenjiis en kuituur in de hand werkt. Men moet een punt zetten achter de zuinigheidspolitiek. Men moet uitbreiding van de studentenmacht in de universitaire strukturen toelaten. De universiteit moet in de hand genomen worden door zijn gebruikers. Wij van UNEF willen hard en snel toeslaan." Clemens Graafsma Eddie Vaes
■ISSl MARWI - SERVICE
Jni nee , ^iterhouse
W
Een goed koophuls schenkt rust, ruimte en comfort. Maar dat kost geld. Marwl kan u daarbij helpen. Met een evenwichtige en zo voordelig
PRICE WATERHOUSE & CO is een internationaal accountants kantoor met meer dan 280 over de hele wereld verspreide vestigingen.
mogelijke financieringsvorm.
Welke is dat? Marwi doet dat duidelijk uit de doeken. Rekening houdend met uw persoonlijke situatie en speciale wensea Want u wilt natuurlijk uitgaan van uw huidig en toel(omstig inkomen. En tjelastingvoordeel niet achteloos wegwuiven. Marwi is actief op het terrein van financiering en hypotheek. Maar óók van verzekeringen. Geef uw financiële bescherming in handen van één adviseur: Marwi.
Wij hebben binnen ons Nederlands kantoor enige vakatures op diverse niveaus voor de funktie van
assistent accountant
WANT MARWI MAAKT ER MÉÉR WERK VAN WaahMijkseweg 3 Udenhout telefoon 0133318 47
In het bijzonder zijn er plaatsingsmogelijkheden voor:
gevorderde accountancy studenten (bijna) afgestudeerde bedrijfsekonomen die de postdoktorale accountantsstudie (gaan) volgen.
tie pQfi/
Indien u meer w/iit weten over de mogelijkheden bij onze organi satie, ons interne opleidingsprogramma, de studiefaciliteiten en overige arbeidsvoorwaarden, neemt u dan kontakt met ons op voor een oriënterend gesprek. De mogelijkheid wordt geboden om met onze medewerkers/accountancystudenten op informele wijze van gedachten te wisselen.
E M M A S T R A A T 2 . T I L B U R G . T E L . : 013 43 02 52
pelU le/lQurcinl m«l eigen /peciolileiten
PRICE WATERHOUSE & CO J. C. van Markenlaan 3 Postbus 79 2280 AB Rijswijk (ZH) Tel. 070 949303, toestel 46
Een nieuwe ziektekostenverzekering van Ohra Ohra is een onderlinge verzel<eringsmaatschappij. D.w.z. een vereniging met leden, die elkaar verzekeren tegen ziektekosten. Een vereniging zonder winstoogmerk, met maar één doel: elkaar zo goed mogelijk verzekeren tegen zo laag mogelijke premie. De leden hebben mkjdels een door hen zelf gekozen Raad invloed op premiehoogte en verstrekkingenpakket. Naast de Algemene Waardevaste Standaardverzekering kent Ohra een aantal bijzondere polisvomien voor groepen met gemeenschappelijke kenmerken, maatwerk zogezegd, zoals de bijzonder aantrekkelijke ziektekostenverzekering voor studenten, met een erg gunstige premie varr
ƒ264,-
per jaar
Vraag meer infomiatie aan over de verzekering zelf, dan j Stuur informatie over de studenten ziektekostenverzekering aan: weet je zeker dat je goed zit. Stuur de coupon in een open envelop . zonder postzegel aan Ohra, antwoordnummer 344, Arnhem . Naam:_^ — — — — of vraag telefonisch inlichtingen. Telefoon 085 - 715000, toestel 257. ; Adres: . — ^oot3ptaat.s:,,^,.i,^
, . ;
:i^m: I Yii wttJUiitiriM
^^^^^É^^^^'^^l^^^^^^^^^^&^^^&''
mÊÊgÊÊÊÊÊÊÊmÊmÊÊÊÊÊÊÊÊm 9
thb 33 - 12 mei 1978
Als u belangstelling heeft voor accountancy in al z'n facetten dan bieden wij u een gelegenheid om uzelf te bekwamen in internationale accountancy en controletechnieken.
,
^
PMM heeft uitstekende trainingsfaciliteiten, ondermeer op de praktijk gerichte cursussen - zowel in nationaal als internationaal verband. Bovendien werkt u in een team, zodat u door diskussie met kollega's de materie in praktijk leert beheersen. Naast deze interne trainingen krijgt u vrij voor colleges en examens. De door u gemaakte studiekosten worden volledig vergoed. Wanneer u zich op het niveau van PMM handhaaft, zijn er - mede door het internationale karakter van onze firma - onbeperkte mogelijkheden. Naast deze mogelijkheden kunt u rekenen op uitstekende arbeidsvoorwaarden. Als u ons een brief stuurt met volledige inlichtingen over u en de door u gevolgde studies, zullen wij u graag uitnodigen voor een eerste gesprek. U kunt ons ook bellen: 070-8147 61 en vragen naar de heer M.A.Lewis.
Peat, Marwick, Mitchell & Co. Laan van Nieuw Oost-IndiĂŤ 127, Den Haag.
10
(CsQ Wij hebben plaats voor afstuderende
BEDRUFSECONOMEN die verder willen gaan in accountancy
a)OPERS&LYBRANDNEDERLAND Coolsingel 6 - 3011 AD Rotterdam-Tel. (010) 130680 tst. 141
©R5DW BANK
Autoverzekeringen hogeschool personeel
Crediet Maatschappij Venio Wij geven U graag advies Onze speciaiiteit is FINANCIËLE DIENSTVERLENING tegen uiterst gunstige voorwaarden
^ Inklusief groene kaart
Alle inlichtingen verstrekken wij gaarne telefonisch. Ook bent U van harte welkom op ons kantoor.
EINDHOVENSCH ASSURANTIEKANTOOR BV
Katalogusprijs
Bruto-premie AR met ƒ200,— eigen tisiko
Bruto-premie WA
ƒ 697,— „ 810,— „ 930,—
ƒ 294,— „ 347,— „ 358.—
f 9.000,— „ 12.000,— „ 15.000,—
■k Overname no ciaim tot 4 0 %
• Schadeafwikkeling casco: binnen d r i e dagen
TELEFOON 040-444200 EN 444201
Tilburg, Willem ll-straat 40, tel. 0 1 3 - 4 2 2 4 7 4
Sociologie en d r J A M van Wezel tot buitengewoon hoogleraar m de Algemene Sociologie, m h e t bijzonder de Sociologie v a n de Arbeidsmarkt
officieel COMMUNIQUE VAN HET KOLLEGE VAN BESTUUR BESTUURSVERGADERING VAN 9 MEI 1978 Organisatieonderzoek DBH/DAZ Het kollege heeft met de Stuurgroep Organisatie onderzoek DBH c a gesproken over het u i t g e b r a c h t e interim r a p p o r t en ingestemd met de werkwijze totnutoe en d e stuur groep opgedragen op de ingeslagen weg voort te gaan Stichtingsbestuur Het kollege zal, op verzoek van het Stichtingsbestuur, a a n het presi dium schriftelijk verzoeken suggesties te doen ten aanzien van de vervulling van twee v a k a t u r e s m dit bestuur Benoeming hoogleraar Het kollege heeft zich beraden over de brief van het Stichtingsbestuur inzake procedurele onvolkomen heden m de aanbeveling voor een hoogleraar Algemene Ekonomie en zal het beraad daarover dezer dagen, ook in s a m e n s p r a a k met het lakulteitsbestuur, voortzetten MEDEDELING OVER K ONK LUSIES VAN HET STICHTINGSBESTUUR VAN 3 MEI 1978 1 Het Stichtingsbestuur heeft aan net K ollege van Bestuur verzocht zich nader te beraden op de aan beveling voor de benoeming van een hoogleraar m de Algemene iKonomie 2 Het Stichtingsbestuur heeft Jlr H T M A d n a a n s e n s benoemd 'Ot gewoon lektor in de Algemene
PROMOTIE DRS. H. J. M. VAN DE LAAR Op 11 mei te 16 00 u u r is m de a u l a van d e K HT de heer H J M van de Laar gepromoveerd in d e Ekonomische Wetenschappen op een proefschrift getiteld ,Opper b a n k i e r en wetenschapsman Willem Cornells Mees (18131884)' Prof dr Joh de Vries trad op als promotor Personalia De heer H J M van de Laar, geboren m 1912, n u wonend in St Michielsgestel, studeerde, n a lager en middelbaar onderwijs m zijn geboorteplaats 'sHertogen bosch ontvangen te hebben, in de beginjaren dertig a a n de toen eerst kortgeleden gestichte hogeschool te Tilburg, w a a r hij in 1936 zijn doktoraalexamen Ekonomie aflegde (hij was de eerste Bosschenaar die dit deed) N a enige jaren verbonden te zijn geweest, eerst als mede werker, vervolgens als sekretaris, a a n het Ekonomisch Technologisch Instituut, gevestigd bij de Tilburgse hogeschool, volgde een loopbaan m het bedrijfsleven Bijna dertig jaren m a a k t e de schrijver deel uit van de kommerciêle staf van een d e r grootste Nederlandse detailhandel k o n c e m s N a pensionering in 1968 vatte hij de d r a a d weer op van een in de oorlogsjaren begonnen studie van de monetaire historie van Nederland Daarbij stuitend op de figuur van Willem Cornells Mees werden uiteindelijk diens leven en werken het speciale onderwerp, waarop de belangstelling van de schrijver zich koncentreerde Korte s a m e n v a t t i n g proefschrift Willem Cornells Mees, geboren in
MAKELAAR IN ASSURANTIËN Gevolmachtigde: EDENSTRAAT 39
het bevnjdingsjaar 1813, telg uit het v e r m a a r d e Rotterdamse kassiers en koopmansgeslacht, van moeders zijde geparenteerd a a n het regent geslacht Ackersdijck, juridisch en ekonomisch geschool a a n de Utrechtse universiteit, decennia l a n g topman van de Nederlandse Bank, Nederlands wetenschappelijk ekonoom v a n het eerste plan m de periode vóór Pierson Monetaire autoriteit v a n grote en erkende allure het is de levensgang van deze m a n , weinig robuust van lichaam, m a a r sterk van k a r a k t e r en geest, die het onderwerp vormt van dit boek Beschreven wordt zijn loopbaan, a a n v a n g e n d met een advokaten praktijk m zijn geboortestad en via het s e k r e t a n a a t van de Rotter damse K amer van K oophandel voerend n a a r zijn leidende positie bij de Nederlandse Bank als sekre taris en vervolgens als president Geanalyseerd wordt zijn weten schappelijk oeuvre met als hoogte p u n t e n zijn studie over het Neder landse bankwezen tijdens de Republiek (Amsterdamse Wissel b a n k ) , zijn beschouwingen over het armoedevraagstuk, zijn denk beelden a a n g a a n d e de monetaire ontwikkeling m zijn tijd en tenslotte zijn theoretisch ekono misch hoofdwerk zijn onderzoek n a a r de wetten die het ekonomisch leven n a a r zijn opvatting m een vast greep h o u d e n De schnjver speurt n a a r de verbin dingslijnen tussen de verschillende aspekten van deze persoonlijkheid, tegelijkertijd m a n van de praktijk en wetenschapsman, van deze liberale b u r g e r uit hetnegentiende eeuwse Nederland, doordrongen v a n het besef te moeten werken m het belang van land en volk, m a a r tegelijkertijd bezorgd om de eigen k a r r i è r e m overeenstemming met een visie op mens en maatschappij, die een zwaar aksent legt op
11
individuele verantwoordelijkheid voor welvaart en welzijn, v a n deze ernstige zoeker n a a r een antwoord op de eerste levensvragen, m zijn religieuze opvattingen worstelend met de mogelijkheid van een synthese tussen geloof en weten schap In 1884 door N G Pierson geroemd als een der grootste Nederlanders v a n zijn tijd, m de l i t e r a t u u r v a n n a 1900 nauwelijks nog vermeld voor deze divergentie m de waar dering voor Willem Cornells Mees presenteert de schnjver een ver k l a r i n g m zijn slothoofdstuk
RESPONSIEKOLLEGES STAATSRECHT De responsiekoUege Staatsrecht, bestemd voor degenen die binnen kort exacen doen, worden als volgt gegeven Grondrechten Mr Cnjns 22 mei 1978 van 14 00 tot 16 00 u u r Decentralisatie Mevr Overkleeft V e r b u r g 23 mei 1978 van 9 00 tot 12 00 u u r P a r l e m e n t a i r stelsel M r K oekkoek 23 cei 1978 van 13 30 tot 15 30 u u r De kolleges worden allen gegeven m zaal CZ 34 Opgave voor deelneming en inlevering van d e te behandelen vragen uiterlijk tot 18 mei 1978 bij Louise M a r b u s . k a m e r B 921
REPETITIE ZITTINGEN HUWELIJKSGOEDEREN EN ERFRECHT Op 5 )uni des middags v a n 13 30 tot 16 00 u u r en op 7 juni 's ochtends v a n 9 30 tot 12 00 u u r zullen mevrouw Nieskens en de heren Van den Berg en Timmermans aanwezig zijn om uw vragen betreffende huwelijks goederenrecht (maandag) en erfrecht (woensdag) te beantwoor den Om n u te voorkomen d a t er geen vragen zijn dienen d e vragen uiterlijk 31 mei a a n s t a a n d e vóór 12 00 u u r schriftelijk ingediend te worden bij mevrouw Struycken, k a m e r B 921 W a n n e e r er geen vragen zijn g a a n de geplande zittingen niet door Dat wordt d a n Ad Valvas bekend g e m a a k t De p l a a t s w a a r deze zittingen eventueel gehouden zullen worden, wordt ook n a d e r bekend gemaakt
TENTAMEN ACHTSTE SEMESTER WIJSGERIGE ANTROPOLOGIEII Dit t e n t a m e n wordt alleen schrif telijk afgenomen Eerste gelegenheid vnjdag 2 juni 1978 om 10 00 u u r m k a m e r CJ31 Tweede gelegenheid d o n d e r d a g 3 a u g u s t u s 1978 om 14 00 u u r m k a m e r G31 De t e n t a m e n v r a g e n k u n n e n vanaf vnjdag 12 mei worden afgehaald op k a m e r G 710 thb 33 12 mei 1978
wtfm voor deze pagina angela betien (66)2277
,Massada' Met als extra gastmuzikanten: Neppy Noya (perkussie) - Hessel de Vries (syntheslzen) DONDERDAG 18 MEI TREFSENTRUM P OSJET AANVANG 22.00 UUR (zaal open 21.00 uu) .Massada' brengt met konga's, tlm bales, bongo's, drums, gitaren, piano, zang en tai van perkussieinstrumenten zeer ritmisciie, swingende muziek: ,LatmRook' ofwel .PeroussionRock' genoemd. De groep werd voorai geïnspireerd door LatijnsAmerikaanse musici, maar streefde voortdurend naar een eigen stijl. Het gevolg is dat ,Massada' in de afgelopen jaren een eiqen herken baar geluid heeft ontwikkeld, waarin .Latin'invloeden terug te vinden zijn. terwijl er wel vergelijkingen met groe pen als ,Santana', ,Maio' etc. gemaakt vrorden. In professionele vorm bestaat ,Mas sada' sinds 1974. Uit een kern van drie leden (J ohnny, Chris en Usje) ontstond de oorspronkelijke vijfmans formatie, welke inmiddels uitgroeide tot de huidige zevenmansbezetting. Begin 1975 kwam de eerste ,erkenning in de buisiness' via de mede door de muziekkrant ,Oor' georganiseerde groepenpresentatie in het Amster damse ,Paradiso'. Reaktie: .Swingend hoogtepunt. 2e kunnen elk moment doorbreken, daar ze kwalitatief beter spelen dan menige topgroep'. Sinds kort is de eerste elpee van de groep uitgebracht. Deze is getiteld: .Astaganaga' en daaraan hebben be halve de leden van de groep zelf nog meegewerkt: Neppy Noya, Hessel de Vries, Ron Ottenhof, Fr^nky Grasso en Harvey Wineapple. Entree; f 5 , — .
Fietstocht ,Stop Neutronenbom' ZATERDAG 13 MEI Organisatie: Dongense Werkgroep ,Stop de neutronenbom' Op 13 mei fietsen we via Loon op Zand naar Dongen, waar om 15.(X) uur een manifestatie zal zijn. Voor muziek zal daar gezorgd worden en ook zijn er sprekers. Er komen allerlei fietsers uit verschillende plaatsen in Middten Brabant. Verzamelen om 12.00 uur vóór het Centraal Station in Tilburg. Om onge veer 19.00 uur zijn we weer thuis. In Loon op Zand houden we een pauze van 13.30 tot 14.00 uur, die besteed zal worden aan het verstrekken van infor matie aan de mensen aldaar. Doel van de aktie is, om aan te blijven dringen op een definitief afwij zen van de neutronenbom, ondanks het uitstel van president Carter. Wij eisen dan ook met klem: ,Geen uitstel, maar afstel van de neutronen boml'. Fiets mee, om deze eis te steunenl
Studiekonferentie over de buitenlandse politiek in China o p zaterdag 20 en zondag 21 mei 1978 organiseert de ,Vriendsohapsvereni ging NederlandChlna' In Utrecht een landelijke studiekonferentie over ,En kele aspekten van de buitenlandse politiek van China'. Aan de orde komen twee thema's: .China en de SovletUnie' (zaterdag) en ,China en de Derde Wereld', met name ,China's rol In Zuidelijk Afrika en de Hoorn
^lj van Afrika' (zondag). M De gastsprekers zijn: ™ Nils Holmberg (Zweden): schrijver van een studie over de sociaalekonomische en politieke ontwikkelingen in de SovjetUnie. Bezocht de SovjetUnie meerdere malen en verbleef eveneens geruime tijd in China; dr. Peter Meyns (Keulen): verbonden aan de ,Gesellschaft für Dritte Welt Studiën' te Keulen en schrijver van studies over Tanzania en Mozambique. Bezocht Afrika vele malen; Steve Burgess ('sGravenhage): werkt aan een studie over het Pan African Congress; een lid van de ,Ethiopische Studen teriUnie'. Aan de hand van inleidingen door deze vier sprekers zal gediskussieerd wor den over de genoemde thema's. Het programma loopt beide dagen van 10.30 tot 17.15 uur.
rSimlii
Plaatsen 20 mei: wijkgebouw UtrechtZuid, Amal la dwarsstraat 2d, 21 mei: zaal Brouwers, Biltstraat 17, beide in Utrecht. Inschrijving geschiedt door storting van f 15,— voor het hele weekend of f 10,— voor één van beide dagen (steunprijs f 25,—) op giro 2998732 ten name van ,VriendschapsveTeniging Nederland China', Postbus 9486, 3506 GL Utrecht. Na opgave ontvangt men een map met artikelen ter voorbereiding, een toe gelicht programma en de nodige prak tische informatie. Nadere inlichtingen bij de Vriencf schapsvereniging, tel. 030716717
mei ZONDAG 14 MEI M a r a n a t h a , 11.00 u u r : Viering v a n Pinksteren.
De expansie van onze hogeschool, zeg m a a r gerust plattelandsuniversiteit, is werkelijk niet te stuiten. W a t n u weer te denken van een leerstoel .konsumentenzaken'. Op de foto ziet u de meest gerede persoon om deze zitplaats te gaan bemannen, de heer drs. H. Hopman, sekretaris van het dagelijks bestuur, afgestudeerd in de Nederlandse letteren met bijzondere kennis van dialekten. Hij spreekt ,frief dan ook uit als .fritten'. In deze termen heeft hij staatssekretaris A. Hermes de eerste zak van de nieuwe studierichting aangeboden (zie foto). De ex-wiskundeleraar Hermes wordt verzocht de steeltjes te onderzoeken op paralleligheid en trapeziummiteit, want vriend Hopman wil met de eerste .frltten' v a n zijn denkrichting natuurUjk een goede indruk maken. De heer Verster, die de laatste tijd wel de heldenrol schijnt te vervullen in de flauwe verzen van de Tilburgse Straatzanger, staat erbij met een sherryglas. Oplettende lezers kunnen aan de kleur wel zien dat de voorzitter van het bestuurskollege de zaak weer eens voor het lapje houdt. D'r zit natuurlijk whisky in dat glas. De Tilburgse Straatzanger zong voor hen, om de festiviteiten te vieren, het navolgende lied:
Refrein: IJsco, chocola en bier Alles gaan wij onderzoeken 's Morgens onze onderbroeken 's Avonds onze goeie sier. We snijden stukken uit de maatschappij En laten die door de studenten kouwen Met kijkers, snuffelaars en hoorgerei Ontsnapt er geen produkt aan onze klauwen. Refrein. Door nauw kontakt met Mix en de Libelle Verkoopt men ons geen bocht en rommel meer Hij die een gulden op de cent wil tellen Die komt bij ons, grootgrutters, in de leer. Refrein. Gevaren die wat onrust bij ons stichten Zijn te ijverige leerlingen die zéér Precies onze docenten door gaan lichten En zeggen: „Dat pikt de konsument niet meer." Refrein
^
DINSDAG 16 MEI Stadsschouwburg, 20.15 u u r : Toon H e r m a n s . Trefsentrum Posjet, 21.00 u u r : Cinema. WOENSDAG 17 MEI s t a d s s c h o u w b u r g , 20.15 u u r : ■Toon H e r m a n s . Vrouwenkafee, K orte T u i n s t r a a t 7, 20.30 u u r : Film. ,Coup p o u r coup'. Toegang ƒ 2,-. Leden gratis. D O N D E R D A G 18
Poell (Groningen) over .Non-profit organisaties'. Katholieke Hogeschool, AZ-26. 14.30 u u r : Fakulteitsraadsvergadering theologie. Stadsschouwburg. 20.15 u u r : ■Toon Hermans. Trefsentrum Posjet, 21.00 u u r : Konsert v a n .Massada'.
MEI
Katholieke Hogeschool, CZ-26, 10 00 u u r : KoUoquium ekonometrie, B-serie. Dr. J. E. J. Plasmans (KHT) over .Differentieaalspelen en gekoppelde ekonometrische modellen. Katholieke Hogeschool, CZ-2S, 10 00 uur; KoUoquium ekonomie, overigen, B-serie. Drs. J. Vingerhoets (KHT) over ,Grondstoff6n in een nieuwe internationale ekonomische orde'. Katholieke Hogeschool, B-703, 13.30 u u r : Fakulteitsraadsvergadering sociologie. Katholieke Hogeschool, B-602, 14.00 u u r : Fakulteitsraadsvergadering ekonomie. Katholieke Hogeschool, B-1010, 14.00 u u r : Fakulteitsraadsvergadering juristen. Katholieke Hogeschool, G-402, 14 00 u u r : Fakulteitsraadsvergadering psychologie. Katholieke Hogeschool, CZ-27; 14.00 u u r : KoUoquium algemene ekonomie, B-serie. Drs. J. H. Koning (KHT) over ,Microekonomische fundering van kredietrantsoenering bij financiële instellingen'. Katholieke Hogeschool, CZ-28, 14.00 u u r : KoUoquium bedrijfsekonomie. B-serie. Drs. J. v a n de
yfm^^ei^ ttMatsertjes" hunnen worden opgegeven b^ de redaktie. Tot 30 woorden kosten ze f2,50; onder nummer f 1,— extra. Reakties op advertenties onder nummer naar de redaktie sturen. TE K OOP: Renault Estafette. In uit stekende staat verkerende, volledig ingerichte vakantieauto, verhoogd en verlengd, met voortent en vele extra's. P. Verstappen. Wilhelmina p a r k 23, Tilburg, tel. 013 423753. De INTERNATIONALE JEUGDUIT W I S S E L I N G (maatschappelijkpoli tlek gerichte uitwisseling) zoekt een penningmeester op vrijwillige basis. W e r k z a a m h e d e n cirka één avond per week. Informatie: I.J.U., post b u s 781, Tilburg, tel. 013 425827. Voor ƒ 75,- n a a r Bordeaux f ISO,-). Alleen op 7 en 18 (vanuit Bordeaux) op 8 en Maximaal 20 plaatsen. Inlichtingen: Telefoon 020 en 162227.
(retour juli en 22 juli. -181495
DE TILBURGSE STRAATZANGER