ilburgs ogeschoolblad
nde itact
jaargang 7 - no. 6 - 16 januari 1970 - verschijnt tweewekelijks
.I.M.).
I
gelukkig nieuwjaar
BWA-Tilburg opgericht
1970 zal b e s l i s t n i e t m i n d e r afgestudeerden afleveren.
geconformeel
De Bond van Wetenschappelijke Arbeiders-Tilburg is een feit. Op dinsdag 6 januari 1970 verzamelden zich een 20-tal afgestudeerden van tertiair onderwijs in het Eigen Huis aan de Academielaan. P. Cohen uit Amsterdam, mede-oprichter van de landelijke BWA, was kort in zijn inleiding. Hij verwees voor de achtergrond en doestellingen van de bond naar het manifest, dat op 29 november 1969 in De Groene werd gepubliceerd. Grondgedachte van het voornamelijk In thesevorm gestelde manifest is de stelling dat de wetenschap voor een groot gedeelte geïntegreerd is in de doelstellingen van de kapitalistische produktie. De consequenties van deze these zijn moeilijk te trekken. In ieder geval is de richtlijn in eerste instantie, dat de BWA wil werken aan de ontwikkeling van een wetenschap, die erin slaagt zich te ortttrekken aan de zogenaamde waardevrijheid en een tegenwicht kan vormen tegen „een zich vrijelijk ontplooiend neokapitalisme, bij een florerende stand van de wetenschappen en gelijkgeschakelde vakbonden". Tussen grondstelling en richtlijn gaat het manifest op een 7-tal punten in: bezinning van de wetenschappelijke arbeiders in de bètawetenschappen op de algemene milieu-verontreiniging; opsporing en bekritisering van gewilde of ongewilde defensieresearch; democratische controle van de wetenschappelijke arbeider over zijn eigen produkt; het doen van voorstellen om in te grijpen in de inkomens van wetenschappelijke arbeiders die de door hun Ingenomen sleutelpositie uitbuiten (apothekers, medici, notarissen); het entameren van kritische theorie (waarvan het manifest een voorbeeldje is) en verificatie vooral aan harde kritische onderzoekgegevens; dienstverlening aan actiecomlté's welke advies vragen; het werken aan een voorspelbaar maatschappij-alternatief. De B W A ' e r s zouden in werkgroepen of basisgroepen te werk kunnen gaan. Enige zinvolle probleemgebieden voor deze groepen zijn bijvoorbeeld: -
het opstellen van een plan v o o r de welzijnszorg, dat een breder gebied omvat dan volksgezondheid, en het openbreken van allerlei besturen, die op het terrein van het volkswelzijn de touwtjes strak en ondoorzichtig in handen houden; - de automatisering, vooral de concurrentiestrijd binnen de computerindustrie, en de gevolgen daarvan voor de werkgelegenheid; - het investerings-, onderzoek- en prijsbeleid van de farmaceutische industrie, alsook de samenwerking van deze Industrietak met de universiteiten; (Lucas Reijnders Is al begonnen met een onderzoek en publiceert hierover in Vrij Nederland van 9 januari 1970.) -— -een onderzoek naar de bindingen op allerlei gebied tussen Industrie en universiteit; - het analyseren van plannen voor stadssanering en -uitbreiding en het opstellen van woonmodellen. Belangrijk is in ieder geval, dat de BWA, als een soort servicebureau, hulp wil bieden aan allerlei groepen mensen, die actie willen voeren om hun leef- en werksituatie te verbeteren. Z o hebben zich al BWA-leden naar de alternatieve pedagogische academie in Beverwijk begeven, nadat om bijstand van docenten was gevraagd. Het manifest w e r d op deze eerste avond kritisch bediscussieerd. Cohen repliceerde op het stellen van het ontbreken van de problematiek der
Tilburgs
Hogeschoolblad
Redactie-adres
Hogeschoollaan 225, telefoon 70960, toestel 244
Redactie
Drs. G. A. M. van den Heuvel C. F. Brinkhulzen Bureau Public Relations
Foto's
R. Siers
Alle copy zenden naar het redactie-adres. C o p y voor het komende nummer moet 23 januari bIJ de redactie zijn.
De heer Cohen, mede-oprichter van de Bond van Wetenschappelijke Arbeiders niddenla tijdens zijn inleiding. verkers
,
,
,
,
,, nllleu wi
ontwikkelingslanden dat dit een kwestie van prioriteit van doelstellir.gif ^jg). van de B W A was gegeven de beschikbare mankracht. Verder kwam' naar v o r e n dat de BWA eigenlijk overbodig was. Indien het werk ree, ^ , ' door kritische wetenschapsmensen reeds In de zogeheten basisgroe,. w e r d gedaan. Wellicht kon de B W A deze groepen coördineren, if Haar v zo stelde Cohen. Vrees bestond dat de B W A tot een elitegroep zou , kunnen verworden. Cohen, die mikte op een ledenbestand van 300 a "uj 500 mensen, was hier niet bang voor als de leden hun contacten via ^ i j de basisgroepen maar Intensief gebruikten. Ook w e r d de vraag aan orde gesteld hoe men de achtergrond van het manifest aan niet3p deze wetenschappelijke arbeiders moest overdragen. Cohen was (met eervelbevlr verwijzing naar Oude Pekela) van mening, dat men dit tijdens de acl)pgevatl van niet-wetenschappelijke arbeiders moest doen. Tenslotte werd inders c gewezen op de ,,regionale" aspiraties van de B W A . Gevreesd werd iigen kc dat gezien het Internationale karakter van de Nederlandse economie4et zou acties In het binnenland te weinig effect zouden sorteren. e schefc Al met al werd tenslotte de afdeMng Tilburg opgericht. Deze zou in loor De de geest van het basisgroepenstramien grote autonomie verkrijgen. |e centr Tien aanwezigen meldden zich in principe als lid aan. De overigen reronde wilden het landelijk congres van 17 en 18 januari in Amsterdam ang dos afwachten alvorens toe te treden. e doori T. van Scl)ok mat 2
iconformeel
,^^
>ntra De Boer
K u n je als p r o f e s s o r k a t h o l i e k Zeker, hoewel een beetje
wezen?
verstrooid
K u n j e als w e t e n s c h a p p e l i j k m e d e w e r k e r katholiek
nog
zijn?
Ja z e k e r , e n j e k u n t e r n o g v o o r t e k e n e n o o k Als
je
maar
geen
vragen
hoeft
te
beant
woorden
iin bijdrage ,,Kritiek op de onderzoekspraktijk van IVA en S I " Ikt C de Boer enkele opmerkingen over het zwakzinnigenonderzoek urqs Hogeschoolblad, 1212'69, pagina 8) Als projektleider van van de onderzoeken op het gebied van de zwakzinnigheid die let IVA in uitvoaring zijn, wil ik graag een paar kritische tekeningen plaatsen b j deze opmerkingen van De Boer Uit het dat ik met inga op zijn overige beweringen, mag met worden leid dat ik die zou onderschrijven 2oer De hele verzorgingssektor is in het georganiseerde of kapitalisme dusdanig uitgebouwd, dat het menselijk systeemafval vuldig naar zijn eigen kompartimenten gekanaliseerd w o r d t " ijn kommentaar wil ik mij voor wat betreft de verzorgingssektor >rken tot de zorg v o o r de geesteszieken en zwakzinnigen Het is c ernstige miskenning van het w e t e n s c h a p p e i j k e en vooral van het umanitaire niveau van de geboden zorg, als men suggereert dat voor werkers in deze sektor geesteszieken en zwakzinnigen ,,menselijk ysteemafval' zouden vormen, dat ofwel opgekalefaterd en weer in het ysteem ingepast, owel, indien dat mislukt, afgevoerd moet worden Jmds meerdere decennia beweegt de verzorgingssektor nogmaals aker voor wat betreft de geesteszieken en de zwakzinnigen zich in ■en richting die tegengesteld is aan die welke De Boer klaarblijkelijk ■eronderstelt Het streven is er op gericht de patient in of zo dicht Hogelijk bij wat men noemt de ,,gewone samenleving" te houden )at streven manifesteert zich zowel in het beleid van de overheid en ■an semioverheidsinstellingen als in de individuele zorg van artsen, isychologen, orthopedagogen, sociaalpedagogen e d /laakt ofwel het belang van de patient, ofwel dat van het gezin, ofwel lat van beiden een plaatsing in, bijvoorbeeld, een inrichting mvermijdelijk, dan tracht men het verblijf daar kort te houden en owel de patient als het gezin van herkomst optimaal ten goede te aten komen Het zou dan ook volstrekt onjuist zijn om „ h e t plaatsen n inrichtingen" te karakteriseren als ,,het opbergen van patiënten" :ij die werkzaam zijn in de verzorgingssektor trachten de samenleving e bewegen om zo lang als mogelijk is haar lichamelijk e n / o f geestelijk, leke en gehandicapte leden in haar midden te houden en hen met, )f althans zo weinig c q zo kort mogelijk in speciale kompartimenten inder te brengen
ileel belangrijk daarbij is m i dat de ,,(relatieve) sociale aanpassing" _ ^ a n een patient, gezien als het eindpunt van een in meerdere of ' * 2 | j j | ü i ' " d e r e mate succesvol verlopen revalidatieproces, veel minder dan * ^ ^ B ^ » r o e g e r wordt beoordeeld naar het normenpatroon van de sociale hjke Arbeiders nlddenlaag dat wil veelal zeggen naar het normenpatroon van de verkers in de verzorgingssektor zelf , maar naar de normen van het nilieu waartoe de patient behoort of behoren w i l , waarbij deze normen an doelstellifgif ^igj g|g gg^ onveranderlijk gegeven beschouwd hoeven te worden \/erder kwam^^j^g^g ^gj ,verzorgingsobjekt' is met meer alleen de patient (als het het werk rei^^^^\ ooit was), maar de patiënt I milieu (gezin, familie, buurt) ten basisgroej. ^^^^ streven dat de patient m zijn natuurlijk leefmilieu kan blijven dineren, ,f daar weer in kan terugkeren, betekent met dat men zo lang aan itegroep zou ^g^^ „sleutelt" tot hij (weer) past in het als statisch opgevatte systeem, and van SOOSj^ggj. ^gj betekent dat en aan de patient en aan het milieu eisen worden :ontacten via g^jgi^ ie vraag aan aan met Dp deze wijze werken aan het herstel van de gezondheid, aan het was (met eervelbevinden en het geluk van een patient waarvoor een genuanceerd tijdens de acijpgevatte ,,sociale aanpassing" een belangrijke voorwaarde is is iets .lotte werd mders dan ,,het kanaliseren van menselijk systeemafval naar zijn vreesd werd sigen kompartimenten" Jse economieHet zou onjuist z j n hier een positief beeld van de verzorgingssektor ;n e schetsen, dat even werkelijkheidsvreemd is als het negatieve dat Deze zou in ioor De Boer wordt gesuggereerd Er ontbreekt veel Maar, ten eerste, e verkrijgen, ie centrale tendens is duidelijk tegengesteld aan die welke De Boer •e overigen 'eronderstelt en, ten tweede, in de verzorgingssektor is men zelf al isterdam ang doende zijn doeleinden en methodieken systematisch en kritisch e doorlichten en daaraan konkrete konsekwenties te verbinden W i e T. van Scliok maar enige kennis van zaken heeft, weet dat
Het IS volstrekt onjuist dat, zoals De Boer schrijft, onderzoek naar het verband tussen systeemafval en s y s t e e m " met plaatsvindt Zowel op het IVA als elders in Nederland (om over het buitenland maar met te spreken) w o r d t het verband tussen samenleving en zwakzinnigheid onderzocht Het is onvoorstelbaar naïef om te menen dat de ,,heersende machten ' dat onderzoek met zouden wensen Het tegendeel IS namelijk het geval In het IVAprogramma zijn diverse projekten opgenomen, die direct verband houden met het onderzoek naar de oorzaken van zwak zinnigheid of beter gezegd naar de konditionering van dat gedrag dat aanleiding geeft in deze samenleving tot het stellen van de diagnose ,,zwakzinnig" De toevoeging ,,in deze samenleving" verwijst naar een tweede type van samenhang tussen samenleving en zwakzinnigheid het normen patroon van een samenleving is mede bepalend voor de aard en de omvang van het probleem der zwakzinnigheid De onderzoeker heeft dan ook de vraag te stellen of het nodig is dat zoveel kinderen als , d e b i e l " worden gediagnostiseerd, gestigmatiseerd en vervolgens w a t e r gedaan kan worden om dat aantal te verminderen In het Amsterdamse Onderzoek Geestelijk Gehandicapten hebben de onder zoekers zich deze vragen vanaf het begin systematisch gesteld Vooruitlopend op de resultaten van de analyse kan men nu reeds zeggen dat op dit punt konkrete aanbevelingen zullen worden gedaan In datzelfde onderzoek w o r d t ingegaan op de vraag wat er nog meer gedaan kan worden om hen die als zwakzinnig zijn gediagnostiseerd inderdaad in of zo dicht mogelijk bij de gewone samenleving te houden Zoals gezegd in de verzorgingssektor streeft men daar naar De onderzoeker heeft zich de vraag te stellen of dat streven voldoende is en zo met, op welke punten verbeteringen kunnen worden aangebracht De onderzoekers van het Amsterdamse projekt hebben dat gedaan, zowel door na te gaan wat in dat verband aan de kant van de samenleving gewijzigd zou moeten worden, als door zich te bezinnen op de vraag wat, vanuit dat gezichtspunt gewijzigd zou moeten worden aan de opvang, het onderwijs en de opvoeding van de zwakzinnigen Hun konklusies zullen in het rapport worden neergelegd De karakteristiek die De Boer van het zwakzinnigenonderzoek dat op het IVA in uitvoering is of waarvoor dat instituut plannen heeft liggen, IS onjuist Ik wil met suggereren dat het IVA in deze sektor nooit iets anders heeft gedaan dan hevig maatschappijkritiek leveren Maar vanaf het begin van dat onderzoek zijn daarin duidelijke, konkrete, kritische vraagstellingen opgenomen, waarvan het belang voor iedereen die de nood van deze mensen en van de gezinnen waarin zij verblijven kent, evident is Vanaf het begin van dat onderzoek Dat wil zeggen lang voordat men, met gehinderd door kennis van zaken, kritische losse flodders afschoot en zijn verhaaltje opsierde met de pretentieuze term , analyse' Drs. F . M. Sorel (IVA)
ADVIESORGAAN VOOR RUIMTELIJKE PLANNING WO Het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen heeft het voornemen over te gaan tot de instelling van een adviesorgaan v o o r de ruimtelijke planning van het wetenschappelijk onderwijs Prof Dr R A de M o o r heeft zich bereid verklaard het voorzitterschap van dit orgaan op zich te nemen Het orgaan zal tot taak hebben advies te geven over vraagstukken van kwalitatieve en kwantitatieve aard die verband houden met de uitbreiding en spreiding van het w e t e n s c h a p p e i j k e onderwijs Dit in het b j z o n d e r met het oog op de verwachte toeneming van het aantal studenten Het zal daarbij onder andere rekening houden met de plannen tot herstructurering van het onderwijs en met de zich wijzigende verhouding tussen het wetenschappelijk onderwijs en het hoger beroepsonderwijs THB 6
16 januari 1970
In memoriam
Opvolging Secretaris van Curatoren
r'
Het College van Curatoren van de Katholieke Hogeschool heeft met BESLL ingang van 1 april 1970 benoemd tot secretaris Dr. Tli. H. J. Stoeling: VAN 1 te Driebergen De heer Stoelinga is in 1935 te Breda geboren Hij studeerde geschiedenis aan de Rijksuniversiteit te Utrecht, waar hij in 1961 het doctoraal examen behaalde Van 1960 tot 1964 was hij als weten schappelijk assistent voor de nieuwste geschiedenis verbonden aan het instituut voor geschiedenis van de Universiteit van Utrecht Daarnaast vervulde de heer Stoelinga een gedeeltelijke betrekking als docent aan het St Bonifatiuscollege te Utrecht, waar hij sinds ISvolledig werkzaam is
1 Aan voor ee Acaden
2 Aan te wille al dan i 3«Aan de uitb In 1967 promoveerde hij tot doctor in de letteren op een proefschnft commiE getiteld Russische revolutie en vredesverwachtingen in de Nederlan dienen pers Maart 1917-maart 1918 Hij is voorzitter van de Vereniging vc in verb Geschiedenisleraren in Nederland samenv In de funktie van secretaris van het College van Curatoren volgt de 4 Aan heer Stoelinga de huidige secretaris Mr G A van den Belt op wetens aan wie op zijn verzoek eervol ontslag is verleend met ingang van 5 De f 1 maart 1970 zijn aar 6 Aan juridisc lectora kinderr lectora
Jan van der Kruys
7 De I Commi stelsel'
O p 3 januari jl overleed plotseling door een noodlottig ongeval Jan van der Kruys, derdejaarsstudent sociologie en assistent van Dr J Segers Hij was een aktief lid van de hogeschoolgemeenschap hij maakte deel uit van het bestuur van de SKT werkte mee aan de voorbereiding van een fakulteitenblad en was enthousiast lid van een derdejaars-projektgroep Hij had een daadwerkelijke belangstelling voor alle problemen van de hedendaagse maatschappij, met name de onderwijsproblematiek W I J , zijn vrienden, die verder leven na het plotselinge sterven van Jan, willen hier een moment stilstaan bij hetgeen hij voor ons betekende op de flat en in de projektgroep Samen hebben wij geleefd, gedacht en gediskussieerd, op zoek naar een meer menswaardige samenleving Zijn plotselinge dood heeft onze gemeenschappelijke idealen scherpte en relief gegeven Hierdoor geïnspireerd mogen wij met blijven stilstaan bij de herinnering aan Jan, maar hoe moeilijk het ook is, wij beloven hem op onze eigen wijze verder te werken aan deze idealen Zijn vrienden
grafische kunstinrichting
j. j . a. van der w e e n.v. koestraat 83-85 - telefoon 23137 tilburg
8 Aan die ge\
IS medi
plaats Weten' j j a t de
WERK VAN
Promotie P. A. Moerman
Hieron wetens aan de (onder hogesc O p 17 december jl promoveerde de heer P A Moerman aan de KH bureau tot doctor in de economische wetenschappen Promotoren waren de hoogleraren Dr P A Verheyen en Drs J Kriens Het proefschnft heeft zijn ontstaan voornamelijk te danken aan de steeds duidelijker wordende behoefte om tot een synthese te gerake tussen de praktijk van het dagelijkse bedrijfsgebeuren en de theonee die hierover en hiervoor ontwikkeld zijn In het proefschrift verklaart de heer Moerman hoe die divergentie tussen ,,theorie" en ,,praktijk Nog ni IS ontstaan Het feit, dat de ,,werkers van het eerste uur" hoofdzakel waarde WIS- en natuurkundigen waren, is hieraan zeker met vreemd geweest aanvaa De synthetiserende functie van de bedrjfseconometrist komt er op het feit neer, dat deze een zodanige keuze doet uit de hem ten dienste staar van au besliskundige methoden, dat gegeven een specifieke bedrijfssituatie wetens ^ deze zo goed mogelijk met de gekozen methode kan worden beschre ómwik De heer Moerman is van mening, dat het laatste waaraan de bedrijfs vniheic economische theorie op dit moment behoefte heeft, een verdere samen mathematische verfijning is van die theorie ten behoeve van tactische Ander2 bedrijfssituaties De behoefte aan ,,case-studies" is het duidelijkst verant\ aanwezig bij tactische bedrijfssituaties Ten aanzien van strategische toepas situaties kan de bedrijfseconomie, ook zuiver theoretisch, als deelne in de nieuwe mterdisciplme der bedrijfswetenschappen een belangrij* ' " y^®' wetens inbreng leveren In dit proefschrift is de keuze op de ,,case-study univers gevallen
lededelingen
biafra hulpactie giro 400 utrecht
Igemeen Dol heeft met BESLUITEN E N M E D E D E L I N G E N H. J. Stoeling.y^,^ 18 D E C E M B E R 1969
SENAATSBESTUUR
eerde 1 Aan het Curatorium is verzocht Prof Drs J Knens voor te dragen Mj m 1961 het voor een benoeming tot lid van de Sectie Wiskunde van de als weten Academische Raad rbonden aan j Aan de Commissie Business Schools is gevraagd primair aandacht Utrecht te willen besteden aan een interfacultaire opleiding Bedrijfskunde, betrekking al dan met in samenwerking met de TH te Eindhoven r hij sinds 19' gx Aan het Curatorium is voorgesteld een commissie te formeren om de uitbreiding van de Katholieke Hogeschool te bestuderen Deze 1 proefschnft commissie, waarin ook leden van de wetenschappelijke staf zitting 1 de Nederlan dienen te hebben, zou naast de samenwerking met de Leergangen /ereniging vc in verband met een letterenfaculteit en een wiskundefaculteit ook de samenwerking met de TH te Eindhoven in ogenschouw moeten nemen ren volgt de 4 Aan het Curatorium is verzocht per faculteit een hoogleraar en éen wetenschappelijk medewerker op te nemen in de Bibliotheekcommissie Belt op ngang van 5 De financiële schema's 19721975 van de faculteiten en afdelingen zijn aan het Curatorium doorgezonden 6 Aan het Curatorium is verzocht de op de begroting 1969 van de juridische faculteit open gehouden plaatsen ten behoeve van een lectoraat te bestemmen voor een buitengewoon lectoraat m het kinderrecht en de kinderbescherming en voor een buitengewoon lectoraat in de rechtssociologie 7 De door Prof J E A M van Dijck gemaakte notitie bij het Rapport CommissieAndnessen, concept hoofdstuk III, uitwerking van enkele stelsels van studiefinanciering, is doorgezonden aan deze commissie 8 Aan de Werkgroep Wetenschap, Technologie en Openbaar Bestuur, die gevormd is tussen de TH te Eindhoven en de KH te Tilburg IS medegedeeld, dat op de begroting 1971 van de sociale faculteit een plaats gereserveerd wordt voor een docent voor de problematiek rond Wetenschap, Technologie en Openbaar Bestuur (Aangenomen wordt it de TH te Eindhoven inzake dit punt een eigen inbreng zal h e b b e n )
f
WERKGROEP ETHIEKWETENSCHAPPELIJK ONDERWIJS DE ACADEMISCHE RAAD ffieror eronder drukken wij de brief af, die door de W e r k g r o e p ethiek wetenschappelijk onderwijs van de Academische Raad is toegezonden l 0 6 r m a n 331 de besturen van de (sub)faculteiten en interfaculteiten c q (onder)afdeiingen en tussenafdelingen van de universiteiten en hogescholen De brief w o r d t gevolgd door een vragenlijst, die bij de n aan de KH bureaus der faculteiten verkrijgbaar is en waren de
ie
<en aan de se te gerake n de theoriee rift verklaart 3n ,,praktjk " hoofdzakeli , ' / " Qewees komt er op dienste staar drijtssituatie H" h H ? n de bedrijfs verdere H^?i 1 i!'t duidelijkst strategische h, als deerne 3en belangrij* asestudy"
Aan de besturen van de faculteiten, resp. sub en interfaculteiten c q . afdelingen resp. onder en tussenafdelingen van de universiteiten en hogescholen. Nog met zo lang geleden was er een vrij algemeen geloof in de waardevrijheid van de wetenschap Axioma voor velen, op zijn minst aanvaardbare stelling voor anderen, had dit begrip zijn oorsprong in het feit dat de wetenschap zich ontworsteld had aan de knellende greep ygn autoritaire machten, kerk en staat Er zijn vele tekenen dat nu de wetenschap zelf gevoeld wordt als een zich tot autoritaire macht °"'w''^'<elde onpersoonlijke zelfstandigheid, waarvan de ,,waarde vrijheid" voor de menselijke samenleving risico's in zich bergt De samenleving wil haar om verantwoording vragen, voor het te laat is ^'^'^^'■^'J'^s doen wetenschappelijke onderzoekers een beroep op het verantwoordelijkheidsbesef van de samenleving met het oog op de toepassing van hun onderzoekresultaten ' " ^^^l publikaties, o m van de kritische universiteit, het verbond van wetenschappelijke onderzoekers, van wetenschapsbeoefenaars en universitaire docenten w o r d t de laatste jaren steeds frequenter en
I
met steeds meer nadruk aandacht gevraagd voor de verhouding tussen de wetenschap en het menselijk en maatschappeijk welzijn Daarbij w o r d t erop gewezen, dat met het voortschrijden van de wetenschap een kritische bezinning in dit opzicht meer en meer noodzakelijk wordt en dat deze bezinning op de maatschappelijke waarde van de wetenschap behoort tot de verantwoordelijkheid van de wetenschaps beoefenaar zelf Een en ander leidt tot de vraag of, met het oog op deze verantwoor delijkheid, in het wetenschappelijk onderwijs met een bezinning op ethische aspecten moet worden ingebouwd Daarbij ware te denken aan de morele aspecten van het concrete wetenschappelijke onderzoek als zodanig en van de toepassingen van de onderzoekresultaten en hun betekenis, ten goede of ten kwade, voor het menselijk welzijn, maar ook aan vraagstukken van algemeen ethische aard In deze zin heeft het Hervormd Universitair Beraad vragen tot de Academische Raad gericht Naar aanleiding daarvan en op grond van het in bovenstaande alinea's vermelde heeft de Raad in mei van dit jaar een werkgroep ingesteld Deze heeft tot taak de ethische implikaties te bestuderen welke de ontwikkeling van de wetenschap, met name voor wat het wetenschappelijk onderwijs betreft, met zich brengt Voorts moet de werkgroep op grond daarvan voorstellen doen v o o r maatregelen die in dit opzicht tot verbetering kunnen leiden De Raad zag tot dit besluit te meer reden, omdat ook in de ontwikkelingsplannen 19691972 van verscheidene universiteiten en hogescholen aan de betreffende problematiek uitdrukkelijk aandacht is geschonken De werkgroep, kort aan te duiden met ,,werkgroep ethiekweten schappelijk o n d e r w i j s " *, deelt de opvattingen die boven zijn weergegeven Z j is met name bezorgd wegens de snelle ontwikkeling van de maatschappelijke verschijnselen, die nauw samenhangt met de ontwikkeling op verschillende wetenschapsgebieden, terwijl m verreweg de meeste faculteiten, die der wetenschappen met uitgezonderd, de ethische aspecten van de wetenschap niet of nauwelijks aan de orde komen De w e r k g r o e p meent dat juist op dit punt door het w e t e n s c h a p p e i j k onderwijs leiding moet w o r d e n gegeven Zij steunt daarbij mede op de Wet op het wetenschappelijk onderwijs van 1960, waarbij aan de universiteiten en hogescholen uitdrukkelijk is opgedragen aandacht te geven aan de ,,bevordering van maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef" Deze taak heeft nog maar nauwelijks concrete inhoud gekregen m het wetenschappelijk onderwijs De W e r k g r o e p ethiekwetenschappelijk onderwijs hoopt m deze via voorstellen aan de Academische Raad een positieve bijdrage te leveren Teneinde tot gefundeerde en zinvolle voorstellen te komen, dient ZIJ evenwel eerst de gegevens te verzamelen welke haar daartoe in staat zullen stellen In het bijzonder moeten deze gegevens haar een beeld verschaffen van de bestaande mogelijkheden, behoeften en denkbeelden met betrekking tot een planning op ethische normen en uitgangspunten binnen het wetenschappelijk onderwijs Met het oog op het voorgaande verzoekt de werkgroep u de (bij de faculteiten verkrijgbare) vragenlijst te beantwoorden en hem ingevuld v ó ó r 1 maart 1970 terug te zenden aan het secretariaat van de W e r k g r o e p ethiekwetenschappelijk onderwijs. Academische Raad, Frankenslag 137 te 'sGravenhage De w e r k g r o e p hoopt dat zij op deze wijze reeds nu eraan kan meewerken dat de ethische bezinning binnen het wetenschappelijk onderwijs een grotere plaats gaat innemen w g
De voorzitter van de w e r k g r o e p . Prof. Dr. H. J. Heering. De secretaris van de werkgroep, J. J. Th. Houben.
* De werkgroep bestaat uit Prof Dr H J Heenng hoogleraar Leiden (voorzitter), Prof Ir J J Broeze, hoogleraar Delft Prof Dr T T ten Have, hoogleraar Amsterdam GU) Dr Ir W Lourens, staflid Delft, Prof Dr A Quispel, hoogleraar Leiden Prof Mr J J M van der Ven hoogleraar Utrecht O A de Vries, student Utrecht en A F van der Wal student Wageningen Secretaris is J J Th Houben van het bureau van de Academische Raad
THB 6
16 januari 1970
led
Mededelingen
Algemeen
Soci£
BUREAU STUDENTENBELANGEN
„MENS KONTRA MILIEU"
SOCIO
Met ingang van 1 decennber 1969 is mej W de Kleermaker na 8 jaar werkzaam te zijn geweest bij het Bureau Studentenbelangen verhuisd naar het Bureau Senaat Mej M van Berkel is haar opgevolgd
Onder deze titel vindt van 28 tot 31 januari a s m Wageningen een kongres plaats georganiseerd door de Stichting KSD Wageningen 19 en het Nederlands Studenten Kongres Nadere lichtingen Mens kontrt Milieu Generaal F oulkesweg 1b Wageningen, telefoon 08370 4455
Aan de pa9 ^^'■ ^^" '^^ ' j . Gesel
M e t ingang van 1 januari 1970 hebben mevr R van den Dungen-Aagten en mevr H Bolsius-de Bont het Bureau Studentenbelangen verlaten ZIJ zijn opgevolgd door mevr I Bink en mej E van Dongen Mevr H Bolsius-de Bont is momenteel in de ochtenduren werkzaam bij Drs H A Harding, studentenpsycholoog Vanaf heden is de brochure , Student en fiscus verkrijgbaar bij het Bureau Studentenbelangen De kosten bedragen ƒ0,80
VWO-KONGRES OVER DE „IDEOLOGIE VAN HET WESTEN" In het kader van een meerjarig programma rond dit tema organiseert het Verbond van Wetenschappelijke Onderzoekers een inleidend en probleemstellend kongres dat op vrijdag 20 en zaterdag 21 februari a.s. zal plaatsvinden m het Oudemanhuispoort-kompleks van de Universiteit van Amsterdam De diskussies zullen worden ingeleid door Godfried van Benthem van den Berah (politikoloog) Den Haag, Ger Harmsen (historikus), Amsterdam, Th C M J van de Klundert (ekonoom), Tilburg, Albrecht Wellmer (filosoof), Frankfurt am Mam De leden van het V W O , die aan dit kongres willen deelnemen worden verzocht dit schriftelijk - bij voorkeur per briefkaart - te berichten aan het buro, Kouwerplantsoen 38 te Utrecht Niet-leden kunnen zich ais kongresdeelnemer aanmelden door storting van ƒ 1,50 v o o r administratiekosten (ƒ4,50 extra, als zij naderhand het kongresverslag wensen te ontvangen) op giro 22321 ten name van de penningmeester van het V W O te Utrecht Alle ingeschreven deelnemers ontvangen zo spoedig mogelijk een inleidende notitie over het kongrestema alsmede een logiesbesprekingsformulier Een week voor het kongres worden hun de kongres-agenda en eventuele stellingen toegezonden
WERKGROEPEN VWO Steeds meer gaan V W O - g r o e p e n ertoe over werkgroepen te vormen voor de gemeenschappelijke - interdisciplinaire - bestudering van aktuele vraagstukken m het grensvlak van wetenschap en samenleving en v o o r een daarop aansluitende stellingname Een eerste overzicht van werkgroepaktiviteiten is opgenomen in het oktober-nummer van ,,Wetenschap en S a m e n l e v i n g " Hier w o r d t volstaan met een opsomming van de w e r k g r o e p e n en de kontakt-adressen W i s s e l w e r k i n g tussen westerse ideologie en wetenschappelijk onderwijs en onderzoek L P J Veelenturf, Reelaan 11, Dnenerlo (Enschede) telefoon (THT) 05420 - 44644, toestel 3573 Westerse ideologie in relatie tot existentiële en sociale konflikten L P J Veelenturf (zie boven) Moraal en ideologie H Hidalgo, Oostmaaslaan 80 Rotterdam-16, telefoon 0 1 0 - 139485 toestel 2 Fysika en samenleving H M C Eijkelhof, Klikspaanweg 44 Leiden telefoon overdag 01710 - 41341 toestel 253 Ultracentrifugeprojekt m Almelo G Kolner, Corn Evertsenstraat 13 Hengelo (O), telefoon 05400 - 17246 Milieuproblemen H M Nagel-de Boois, Frombergdwarsstraat 18, Arnhem, telefoon 085 - 425874, overdag 085 - 452991 Geweldloze weerbaarheid A H Heering, Van Diepenburchstraat 30, Den Haag telefoon 0 7 0 - 2 4 5 1 7 1 Universitaire bestuursproblematiek A van Kammen, Jagerskamp 17, Wageningen, telefoon 08370 - 4007, overdag 08370 - 6111, toestel 3093
TUSSE PERSONEELSVERENIGING Het bestuur van de Personeelsvereniging heeft zich voor 1970 als volg geformeerd J J C Pijnenborg, voorzitter, E Wayers vicevoorzitter, mej H van der Aa secretaris, A van Elsdingen, tweedesecretaris A Meuleman penningmeester, F Heunks assessor (speciaal belast met het PVbiad), M Lejeune assessor (speciaal belast met coordinat van activiteiten der onderafdelingen)
VAWO O p 1 november jl is in Tilburg een zelfstandige afdeling van de Vereniging van Academici bij het Wetenschappelijk Onderwijs (VAWO opgericht, waarvan het bestuur als volgt is samengesteld Prof J E A M van Dijck, voorzitter. Mr J M van Dunne, Drs M C Rijk, Drs H J M Sinner, secretaris Secretariaat: Tobias Asserlaan 143, Tilburg
AIESEC Gebleken is, dat veel studenten aan de Katholieke Hogeschool te Tilburg mets weten van het bestaan van AIESEC of er slechts vaagjes iets over gehoord hebben Wij willen daarom hier in het kort duidelijk maken w a t AIESEC is en op welke manier U van haar diensten gebruik kunt maken Wat IS en doet AIESEC? AIESEC IS een letterwoord voor ,,Association Internationale des Etudiants en Sciences Economiques et Commerciales ' Zij is een onafhankelijke, nietpolitieke internationale organisatie op nonprofit basis, die zich ten doel stelt studenten de gelegenheid te geven om naast hun studie praktische ervaring op te doen m het buitenland ZIJ tracht dit doel te verwezenlijken door het organiseren van een internationaal uitwisselingsprogramma, waardoor studenten m staat gesteld worden een stage te lopen waar ter wereld zo ook maar willen
Öe tuss aanstaa staande 26 janu 28 janu 30 janu Opgave van ten Voor m candidc 28 nove Het reg ps verki
Econ
EERSl
Met in( econor 18 30; 20 30: PRE-T
Het scl nieuwe aanpas 30 jani Tijd h.
Alge
CURS
Aanva 14 30 Duur Kostei Handl( Iets over de geschiedenis van AIESEC en enige getallen ter illustratie Inschr De AIESEC w e r d opgericht m 1948 op initiatief van een zevental lander kamer waaronder Nederland in Stockholm Speelden de activiteiten van AIESEC zich gedurende de eerste jaren van haar bestaan voornamelijk REIS af m WestEuropa, later, in 1956, veranderde dit sterk door de In het toetreding van Amerika, landen in Azie, Afrika en ZuidAmerika De juni a toetreding van enkele OostEuropese landen wordt spoedig verwacht brengi W e r d e n in 1949 slechts 89 stages uitgewisseld, in 1964 overschreed activit dit aantal de 4000 terwijl het m 1967 de 5000 bereikte Sinds 1949 aan di hebben meer dan 36 000 studenten aan het AlESECprogramma Duur I deelgenomen In 1959 w e r d in Geneve een permanent AIESEC Belam secretariaat gevestigd, dat begin 1970 naar Rotterdam zal verhuizen geven ZIJ di6 W I J hopen, dat U door het bovenstaande iets meer bekend bent zich tl geworden met deze organisatie, die per slot van rekening voor U De stage moet worden opgevat als een onontbeerlijke praktisch complement van de theoretische universitaire vorming Verder brengt ZIJ de student in contact met mensen van een andere nationaliteit met eigen gewoonten, taal en cultuur
bestaat Mocht U belangstelling hebben m een stage m de zomer maanden van 1970, dan kunt U inlichtingen krijgen op ons secretariaat Prof Dondersstraat 2, op maandag, woensdag en donderdag van 18 00 tot 19 00 uur
MAR
Het tl
I
lededelingen
boekhandel gianotten iociale Faculteit SOCIOLOGIE VAN DE RUIMTELIJKE ORDENING Aan de lijst met keuzevakken, die in de Studiegids 1969/1970 op ngen een 139/140 (onder c tot en met i) v o o r de specialisatie „ S o c i o l o g i e genmgen 19 van de ruimtelijke ordening is vermeld, dient te worden toegevoegd Mens kontrt i370 4455 j Geschiedenis
1970 als '
tUSSENTIJDSE TENTAMENS CANDIDAATSEXAMEN be tussentijdse tentamens v o o r de studenten, die in juni of september aanstaande het candidaatsexamen zullen afleggen zullen op onder staande data worden afgenomen 26 januari 14 30 uur sociale psychologie
28 januari 14 30 uur sociologie , ,. , . ,, ^^ >ecretans 30 januari 14 30 uur methoden en technieken (geheel vrijstellendj laai belast Opgave dient te geschieden voor uiterlijk 20 januari 1970 door middel iet coordinat van tentamenkaarten Voor meer informatie over de regeling tussentijdse tentamens candidaatsexamen zij verwezen naar het Hogeschoolblad van 28 november 1969 (jaargang 7, nummer 4) Het reglement ,,De examens in de faculteit der sociale wetenschappen IS verkrijgbaar in het magazijn en op kamer N 78 an de WIJS (VAWO
;hool te Dhts vaagjes 3rt duidelijk isten
Ie des j is een nonprofit geven om tenland /an een n in staat . maar willen
Economische Faculteit EERSTEJAARS Met ingang van 2 februari 1970 zijn de avondcolleges voor eerstejaars economen op maandag als volgt 18 3020 00 uur wijsbegeerte (Drs M Rijk) 20 3022 00 uur werkcollege statistiek (Drs W van Hulst)
PRETENTAMEN JANSSEN Het schriftelijk pretentamen voor economen m het kader van de nieuwe regeling voor het vak ,,leer van de economische en sociale aanpassing van de ontwikkelingslanden" is vastgesteld op vrijdag 30 januari aanstaande Tijd half elf (10 30) tot twaalf uur (12 00) Plaats C 4
wetenschappelijk filiaal: prof. verbernelaan 100
Algemeen
(studentenflat)
CURSUS VERBETERING LEESVAARDIGHEID
telefoon 04250-73181
Aanvang maandag en donderdagmiddag, resp 2 en 5 februari, van ktisch 14 30 tot 17 00 uur rder brengt Duur 7 weken, een bijeenkomst van 21/2 uur per w e e k inaliteit Kosten ƒ 8,50 voor de aanschaf van het handboek „ L e e s vaardig, Handleiding voor methodisch lezen" Inschrijving Mondeling of schriftelijk bij mej A van Schendel, er illustratie 'vental lander kamer N 74, toestel 434 ten van voornamelijk REIS BOEDAPEST de In het kader van een uitwisseling met Hongaarse studenten zal in lerika De juni a s een groep van 10 studenten een studiebezoek aan Boedapest g verwacht brengen Het voorlopige programma voorziet, naast enkele toeristische erschreed activiteiten, in het bezoeken van bedrijven en het volgen van lezingen ids 1949 aan de Karl Marx Universiteit amma Duur der excursie 14 dagen Kosten ƒ 2 5 0 , — inclusief zakgeld. SEC Belangstellenden gelieven zich zo spoedig mogelijk schriftelijk op te verhuizen geven bij P A. C J M van Oppen, Van Goorstraat 40, Tilburg ZIJ dienen tevens bereid te zijn een gedeelte van de organisatie op I bent zich te nemen voor U ■ zomer secretanaat MARANATHA lag van Het telefoonnummer van Maranatha is gewijzigd in 75302
I
enig filiaal van
boekhandel gianotten heuvel 43 tilburg gespecialiseerd op wetenschappelijk gebied
THB 6
16 januari 1970
In ons concern wordt aan de
jonge economist de gelegenheid geboden een carrière op te bouwen. Hij zal, afhankelijk van geschiktheid en belangstelling, een loopbaan In één van de volgende werkgebieden kunnen beginnen: •
budgettering en berichtgeving;
•
bedrijfseconomische analyses en efficiency-controie;
•
ontwikkeling en beoordeling van informatiesystemen;
•
advisering inzake toepassingsmogelijkheden van automatisering in binnen- en buitenland;
•
financieringsvraagstukken;
•
marktonderzoek en commerciële prognostiek;
•
planning op korte, middellange en lange termijn;
•
fiscale problematiek;
•
personeels- en opleidingsvraagstukken - personeelsbeleid;
•
internationale marketing;
•
remuneratie vraagstukken, verband houdende met internationale stafplanning;
•
rentabiliteitsberekeningen ten behoeve van "beslissings"-calculaties;
•
samenhang seriegrootte (kostprijs).
Het ligt in het voornemen belangstellenden - waartoe ook zij worden gerekend die binnenkort afstuderen - uit te nodigen voor een wederzijds oriënterend onderhoud. Geïnteresseerde economisten kunnen schriftelijk of telefonisch contact opnemen met Drs. Ch. Katz, Personeelzaken, Willemstraat 20, Eindhoven (telefoon 040 - 60000, toestel 7549) onder advertentienummer 69132.
N.V. Philips' Gloeilampenfabrieken, Eindhovon
PHILIPS