Skip to main content

1969 12 12

Page 1

Itilburgs ihogeschoolblad jaargang

7 - no. 5 - 12 d e c e m b e r

1969 - v e r s c h i j n t

tweewekelijks

Konklaven en garanties O P deze pagina staat een brief afgedrukt van de voorzitter der Sociale Faculteit waarin de principiële bereidheid v/ordt uitgesproken over te qaan tot de instelling van een fakulteitsraad met bestuurlijke bevoegdheden. Een kans, voorwaar! Eindelijk kan er iets gebeuren waaruit hoop te putten valt voor de toekomst. Toch IS de bijsmaak van deze brief een weinig bitter. Op de eerste plaats omdat de brief pas nu komt: op het ogenblik dat de struktuur­ kommissie is bijgezet. Betekent dat inderdaad dat men aan de struktuurkommissie een funktie had toebedacht die gezien de start van de kommissie maar moeilijk te realiseren viel? Betekent dat dat men inderdaad aan de struktuurkommissie de uitwerking van een aantal problemen wilde ophangen, op het gevaar af dat de resultaten die daar uit de bus zouden komen het karakter zouden dragen van een kompromis of van afdwingsels? Of duidt het gewoon op het feit dat eindelijk de mentaliteit zo soepel aan het worden is dat men nu ­an zaken wil die tot voor kort onvoorstelbaar waren? De ironie is daarbii overigens dat de voorstellen die te beluisteren vielen om „een konferentie te beleggen", om „ i n konklaaf te g a a n " , in juli uitgesproken waren door de voorzitter van de struktuurkommissie, voorstellen die toen om diverse, onzes inziens weinig steekhoudende, redenen werden afgehouden. Enfin, beter laat dan nooit. Een tweede bijsmaakje was te proeven in de diskussies over wat er zou kunnen en moeten gebeuren met de resultaten van het overleg. Zoals in ditzelfde nummer te lezen valt heeft het sekretariaat van de struktuurkommissie braaf aan de wens van de vergadering van december voldaan om er bij de diverse besturen op aan te dringen zich daarover te beraden. Wat is aan die kwestie nu zo moeilijk? Als er geen garanties gegeven worden over wat er met de resultaten van de besprekingen gebeurt zal dat een groot aantal mensen opnieuw de indruk geven dat zij tegen de bierkaai vechten. De vrijblijvendheid van de besprekingen zou terecht weinig motiverend werken. Maar anderzijds zou het maken van bepaalde afspraken de loop van de besprekingen belemmeren of ongunstig kunnen beïnvloeden. Quousque tandem, vraag ik U. H et begrip garantie dwingt de ene partij de rol aan te nemen van eiser en de andere partij die van behouder of verdediger aan te nemen. Zit daaronder aan de ene kant de vrees dat er weer mets bereikt wordt en aan de andere kant de (wetenschappelijke?) vrees om zich met open ogen in een avontuur te storten waarvan de afloop niet is te voorzien. Een pijnlijke indruk die bleef hangen ook tijdens de vergaderingen van maandag 1 december was dat het er op lijkt dat hoogleraren geen inspraak willen met voor de studenten, maar nog minder voor zichzelf. Want wat zou nu gemakkelijker zijn geweest dan dat zij allen, voor zover zij aanwezig waren (volgens een ruwe schatting ten getale van vijftien!) zich openlijk garant hadden verklaard voor hun aanwezigheid bij die toekomstige besprekingen. De studenten moeten wel blijven eisen zolang met metterdaad blijkt dat hoogleraren (en ditzelfde geldt, zij het in mindere mate, voor de stafmedewerkers) hun mond niet open doen. De enige garantie die aan de voorgenomen besprekingen ten grondslag mag liggen, is dat allen, maar dat betekent ook allemaal, zich voornemen die besprekingen bij te wonen. Wanneer men zich niet naar dit soort konklaven laat dwingen, maar er gewoon naar toe gaat omdat het interessant en belangrijk is, dan is daarmee de basis gelegd voor een

I

redeliik en zakelijk overleg. ■' ^

„ , .,. Redaktie

Foto

ieders mening

Dusseldorp

respekteren

Brief voorzitter S ociale Faculteit Aan het Sociale Aan het Sociale Aan het

Bestuur van de wetenschappelijke staf Faculteit, administratief­technisch personeel Faculteit, Bestuur van de S K.T. Tilburg, 1 december 1969

Zoals U bekend zal zijn is de structuurcommissie een fase van passiviteit ingegaan, waardoor de discussie over wenselijke veranderingen binnen de hogeschool dreigt te stagneren. Een dergelijke situatie komt ons ongewenst voor èn in strijd met de eerder gedane principiële toezegging om zaken van herstructurering en onderwijsvernieuwing in overleg met betrokkenen te regelen. Om de bestaande impasse te doorbreken stelt de faculteit voor om de suggesties van de voorzitter van de structuurcommissie over ie nemen en om met name te streven naar een uitbreiding van de discussies tot zoveel mogelijk betrokkenen. Zij zou daartoe een commissie, een soort stuurgroep, willen creëren waarin vertegenwoordigers van alle betrokken groeperingen uit de faculteit zitting hebben en deze commissie met de voorbereidingen en organisatie van deze discussiebijeenkomsten willen belasten. Via een aantal gereglemen­ teerde bijeenkomsten zou een beslissing over de toekomstige structuur en opzet kunnen worden voorbereid. Zij zou graag op korte termijn

1

«

Th

THB 5

12 december 1969


Brieven van het sekretariaat Struktuurkommissie

Aan het College van Curatoren ■tot een gesprek met Uw besturen of vertegenwoordigers willen komen om te overleggen hoe en waarmee concreet begonnen kan worden. Daarnaast stelt de faculteit haar principiële bereidheid om over te gaan tot de instelling van een faculteitsraad met bestuurlijke bevoegdheden. De instelling van een dergelijke raad op korte termijn houdt echter het gevaar in dat de discussies op faculteitsniveau in een soortgelijke impasse raken als die waarin de structuurcommissie zich thans bevindt. De faculteit stelt daarom voor de samenstelling, wijze van verkiezing en bevoegdheden van een faculteitsraad eveneens onderwerp te maken van het voorgestelde overleg van zoveel mogelijk betrokkenen. In de interimperiode kan de commissie waarvan hiervoor sprake was als initiërende en stimulerende instantie optreden. De faculteit hoopt door op grote schaal discussies te entameren en door de daarvoor nodige informatie te verschaffen het bestaande wantrouwen te kunnen wegnemen. Wij betreuren het dat de pogingen uit het verleden om door overleg tot onderwijsvernieuwingen te komen dit wantrouwen hebben versterkt, zeker inzoverre dit veroorzaakt zou kunnen zijn door het optreden van de faculteit. Ik kan U echter verzekeren dat in geen geval sprake is geweest van een bewust streven om veranderingen te blokkeren. w.g. Prof. Dr. Ph. C. S touthard, voorzitter Sociale Faculteit

STUCTUURCOMMISSIE­BIJEENKOMST 27 NOVEMBER 1969 De bijeenkomst van de structuurcommissie van de Katholieke Hogeschool op 27 november was de eerste na een onderbreking der vergaderingen van bijna twee maanden. In deze periode had een agendacommissie getracht de problematiek gespreksrijp te maken. Aangezien ook deze poging geen resultaat had, zijn twee zaken parallel ontwikkeld: ­

een evaluatienota door de voorzitter van de structuurcommissie;

­

een serie discussiedagen georganiseerd op initiatief van een aantal studenten en stafmedewerkers. (De esrste.dag.heeft op 20 november plaats gehad, de tweede op 1 december.)

Naar aanleiding van de nota van de voorzitter heeft de structuur­ commissie besloten voorlopig haar vergaderingen op te schorten en de faculteiten te verzoeken op hun niveau in een faculteitsoverlegorgaan de problemen opnieuw aan de orde te stellen.

Aan het College van Curatoren, O p 27 november 1969 is een vergadering gehouden van de Struktuur­ commissie, waarin besloten is het overleg tussen de geledingen in de Struktuurcommissie voorlopig te staken. Dit besluit is gebaseerd op de overweging, dat het in de gegeven omstandigheden niet mogelijk blijkt binnen de Struktuurcommissie tot een aanvaardbaar struktuur­ voorstel te komen. De commissie is daarbij tot de conclusie gekomen, dat reële struktuur­ hervormingen alleen op fakulteitsniveau of aan de basis tot ontwikkeling kunnen komen. Zij heeft daarom besloten de fakulteitsbesturen te verzoeken het overleg over de struktuurproblematiek ter hand te nemen. De commissie doet dit vanuit de overweging, dat veranderingen in de struktuur alleen mogelijk zijn vanuit de onderwijs­ en onderzoek­ processen aan de basis. Zij dringt er bij de fakulteitsbesturen met klem op aan dit overleg op korte termijn te entameren. In aansluiting op de bespreking van 27 november in de Struktuur­ commissie, IS, onder auspiciën van de commissie, op 1 december een discussiedag georganiseerd, waarop enerzijds een evaluatie van de werkzaamheden van de Struktuurcommissie heeft plaatsgevonden en anderzijds een aantal gezichtspunten zijn ontwikkeld over de wijze waarop het overleg op fakulteitsniveau kan worden opgezet. De discussies hierover zijn gevoerd in fakulteitsverband; zij zijn gerapporteerd in een plenaire bijeenkomst, waarbij de afspraak is gemaakt dat de voorzitter van de vergadering de conclusies van de verschillende discussiegroepen aan de fakulteitsbesturen zou doorgeven. Tijdens de besprekingen zijn drie punten aan de orde gekomen, die ik U, op verzoek van de vergadering, ter kennis breng. 1

In beginsel w e r d door de drie fakulteiten het voorstel aanvaard om gedurende enige tijd de colleges stil te leggen, waardoor de mogelijkheid zou ontstaan om met zoveel mogelijk betrokkenen te confereren over een verandering van de huidige struktuur. Aan het secretariaat van de Struktuurcommsisie werd verzocht de fakulteiten . . . . nu nog met de rug t e g e n de

Hogeschoolblad

Redactie-adres

H ogeschoollaan 225, telefoon 70960, toestel 458 (tijdelijl< toestel 244)

Redactie

Drs. G. A M. van den H euvel

Redactie mededelingen

Bureau Public Relations

Zakelijk leider

C. F. Brinkhuizen

muur.... Foto

Het secretariaat van de commissie zal blijven fungeren: vergaderingen van de gehele commissie zullen bij elkaar geroepen w o r d e n als de voorzitter of een van de aan het overleg deelnemende groeperingen daartoe aanleiding zien.

Tilburgs

Fakulteitsherstrukturering

Conform de reeds eerder uitgesproken wens van velen, waaronder vertegenwoordigers van de vier aan het overleg deelnemende geledingen, wordt aan de fakulteiten met klem verzocht deze problematiek op fakulteitsniveau opnieuw ter sprake te brengen.

A l l e copy zenden naar het redactie­adres. De sluitingsdatum voor het inleveren van copy voor het konnende nummer is 9 januari 1970.

2

Th

Dusseldorp


ONBEGRIJPELIJK,

It

dat de paus van R o m e nu pas b e w e e r t w a t w i j , e k o n o m e n en j u r i s t e n , al l a n g w i s t e n : d e s o c i o l o g i e e n h a a r b e o e f e n a r e n zijn niet te v e r t r o u w e n .

itruktuur|en in de !erd !t mogelijk uktuur-

de wens van de aanwezigen mee te delen dat door de fakulteitsbesturen naranties in het vooruitzicht zullen worden gesteld met betrekkmg tot de resultaten van bovengenoemd overleg. I 2

Hogeschoolherstrukturering

Ten aanzien van de herstrukturering van de hogeschool werd de verwachting uitgesproken dat op basis van het bovengenoemd overleg struktuurnemakkelijker een oplossing zal worden gevonden voor een herstrukintwikkeling ^urerlnq op hogeschoolniveau. Daarom werd andermaal de teleurstellmg ;n te uitaesproken over de inhoud van de nota-Veringa en het m het i te nemen. verschiet liggende wetsontwerp met betrekking tot een bestuurshervorming van het wetenschappelijk onderwijs. Eveneens werd en in de aesteld dat de procedure die door de minister w e r d en wordt gevolgd lekI met , 1 ameunng verdient. De aanwezigen (150-200 personen) verzochten m arote meerderheid de voorzitter van de vergadering er bij curatoren ' en senaat op aan te dringen dat zij zich zullen opstellen tegen de nota tuuren teaen een wetsontwerp dat niet uitgaat van de autonomie van de i b e r een instellingen van Hoger Onderwijs; en waarin onvoldoende garanties /an de zijn gegeven voor de vrijheid tot experimenteren. nden de wijze 3 Garanties De Naar aanleiding van de hervormingsvoorstellen der Theologische Fakulteit werd gesproken over garanties die curatoren kunnen bieden ak is ten aanzien van hervormingsvoorstellen die het resultaat kunnen zijn 'an de van het onder punt 1 genoemde overleg. doorgeven. Tot curatoren wordt daarom het verzoek gericht zowel intern als extern garanties te bieden dat geformuleerde voorstellen, resultaat van onder punt 1 genoemd overleg, kunnen worden gerealiseerd. Gevolg gevend aan het verzoek van de vergadering dring ik er bij U op aan goede nota te nemen van het bovengestelde.

i

w.g. Drs. G. A. M. van den Heuvel, secretaris Struktuurcommissie

onder e en.

Aan de Fakulteitsbesturen

d om

Aan het Bestuur v a n ; De Economische Fakulteit, De Sociale Fakulteit, De Juridische Fakulteit.

in te in het uiteiten

O P 27 november 1969 is een vergadering gehouden van de Struktuurcommissie, waarin besloten is het overleg tussen de geledingen m de Struktuurcommissie voorlopig te staken. Dit besluit is gebaseerd op de overweging, dat het in de gegeven omstandigheden niet mogelijk blijkt binnen de Struktuurcommissie tot een aanvaardbaar struktuurvoorstel te komen. De commissie is daarbij tot de conclusie gekomen, dat reĂŤle struktuurhervormingen alleen op fakulteitsniveau of aan de basis tot ontwikkeling kunnen komen. Zij heeft daarom besloten de fakulteiten te verzoeken het overleg over de struktuurproblematiek ter hand te nemen. De commissie doet dit vanuit de overweging, dat veranderingen in de struktuur alleen mogelijk zijn vanuit de onderwijs- en onderzoekprocessen aan de basis. Zij dringt er bij de fakulteitsbesturen met klem op aan dit overleg op korte termijn te entameren. In aansluiting op de bespreking van 27 november in de Struktuurcommissie, is, onder auspiciĂŤn van de commissie, op 1 december een discussiedag georganiseerd, waarop enerzijds een evaluatie van de werkzaamheden van de Struktuurcommissie heeft plaatsgevonden en anderzijds een aantal gezichtspunten zijn ontwikkeld over de wijze waarop het overleg op fakulteitsniveau kan worden opgezet. De discussies hierover zijn gevoerd in fakulteitsverband; zij zijn gerapporteerd in een plenaire bijeenkomst, waarbij de afspraak is gemaakt dat de voorzitter van de vergadering de conclusies van de verschillende discussiegroepen aan de fakulteitsbesturen zou doorgeven.

Dusseldorp

J§| I

Foto

Th

Dusseldorp

naar beslissingen met meerderheid van s t e m m e n Economische

Fakulteit

In de discussiegroepen is men unaniem tot de conclusie gekomen, dat binnen de fakulteit op korte termijn discussies over de democratisering van onderwijsonderzoek en beheersprocessen moeten vvorden begonnen. Voorgesteld is de colleges hiervoor b.v. twee weken stil te leggen. De discussies zouden moeten worden voorbereid en gestimuleerd door een stuurgroep. Als zodanig zou de studieraad kunnen optreden aangevuld met eerste- en tweedejaars studenten. Voorgesteld is om de discussies per jaargroep op te zetten. Het initiatief vastgelegd In de brief van de voorzitter der Sociale Fakulteit w e r d toegejuicht. In de gevoerde discussies is de vraag aan de orde geweest, of ten aanzien van het overieg van tevoren bepaalde garanties moeten worden gegeven. Enerzijds is opgemerkt, dat het van belang Is van tevoren te stellen dat de uitkomsten van het overieg bindend zullen zijn; anderzijds is gewezen op de mogelijkheid dat het stellen van condities een belemmering kan vormen voor het op gang komen van het overlegproces. Tenslotte Is in de discussies gewezen op de noodzaak om binnen de fakulteit mogelijkheden tot experiment te scheppen. In dit verband is gepleit voor integratie van projectgroepen in het onderwijsproces.

Sociale Fakulteit In de discussiegroepen is de brief die door de voorzitter van de ^ fakulteit tijdens de middag-bijeenkomst is voorgelezen besproken . Unaniem is men tot de conclusie gekomen, dat binnen de fakulteit m zo breed mogelijke kring discussies op gang moeten komen. O o k hier is gesteld, dat niet primair moet worden gedacht aan het ontwikkelen van een struktuurmodel, maar dat strukturen zullen moeten voortvloeien uit het proces van onderwijs en onderzoek. In de discussiegroepen zijn een aantal punten geformuleerd als condities voor de fakulteits-discussies. 1 In de huidige situatie binnen de fakulteit is experimenteervrijheid nodig om het bestaande wantrouwen op te heffen. 2

Er moet een conferentie of congres w o r d e n georganiseerd om bestaande conflicten en wantrouwen te bespreken.

3

Deelname aan deze conferentie is zowel voor studenten als docenten verplicht.

3

THB 5

12 december 1969


Het struktuurgebeuren in de Juridische Fakulteit

4

De beslissingen die op deze conferentie worden genomen moeten een bindend karakter dragen.

5

De struktuur, die als resultaat van deze conferentie ontstaat, dient dynamisch en flexibel te zijn en moet ruimte voor experimenteervrijheid bevatten.

Voorgesteld is een stuurgroep te vormen, die belast w o r d t met de voorbereiding en de organisatie van de te houden conferentie. De voorbereiding zal mede moeten plaatsvinden in gespreksgroepen aan de basis die op initiatief van de stuurgroep kunnen worden geformeerd. Vanuit de discussiegroepen is er op aangedrongen een geconcentreerd tijdschema aan te houden. In dit verband is gevraagd de voorwaarden voor de te houden conferentie nog deze week in de fakulteit te bespreken. De stuurgroep zou dan direct aan het werk kunnen gaan om nog voor de vakantie de discussie aan de basis op gang te brengen. Onmiddellijk na de vakantie zou dan de voorgestelde conferentie kunnen plaatsvinden. Juridische

Fakulteit

In de discussiegroep van de juridische fakulteit is van gedachten gewisseld over twee struktuurmodellen: 1

Het model van de juridische fakulteit van de Rijksuniversiteit van Groningen.

2

Het z.g. model-Frantzen.

In de discussie w e r d vooral van de kant van de studenten betoogd dat een struktuurverandering moet worden bezien in samenhang mĂŠt de hervorming van het onderwijs. Bij de bespreking van dit model is uitvoerig van gedachten gewisseld over de vraag of het onderscheid tussen docenten en studenten dwingt tot een paritaire bestuurs-opbouw. Over dit punt liepen de meningen in de discussiegroep uiteen. In verband met struktuurhervormingen binnen de fakulteit is tenslotte aandacht besteed aan de moeilijkheid dat het academisch statuut de studievakken dwingend voorschrijft en met uitzondering van de vrije studierichting weinig ruimte laat voor gedifferentieerde studievakken De vergadering in zijn geheel droeg de voorzitter op er bij de fakulteitsbesturen met klem op aan te dringen deze week noq zich - te beraden: a

over de organisatie van de fakulteitsdiscussies zodat daarmee direct

Nu de struktuurkommissie de bezemwagen heeft opgezocht lijken de juristen koplopers te worden in de struktuurronde van Tilburg. Dat w o r d t misschien een ietwat ongewone en dan ook onwennige zaak Juristen hebben niet het imago de meest voorlijke baasjes te zijn. Voorlopig bestaat de routebeschrijving uit twee schetsen. Een ervan IS de m oktober in de Juridische Fakulteit te Groningen gerealiseerde struktuur, de andere komt uit eigen kring en is onlangs door de staf ingebracht als een ,,vruchtbaar uitgangspunt" voor de komende diskussies. In beide modellen worden de bevoegdheden die volgens wet en gewoonte toekomen aan de huidige fakulteit (de vergadering van hoogleraren) overgedragen aan nieuwe organen, die op geledingenbasis samengesteld zijn. Beide plannen kennen een Fakulteitsraad een Fakulteitsvergadering en een Dagelijks Bestuur, beide zijn bedoeld als experiment, voorzien in een nadere uitwerking later. In beide plannen weet men zich nog geen raad met de deelneming van de TAG zodat volstaan w o r d t met een erkenning van het recht hierop en het ' afwachten van de wensen, die de A T G hieromtrent heeft. Verder zijn er grote verschillen. Hierop zullen wij terugkomen, eerst moet de inhoud van beide modellen in grote lijn geschetst worden. De bevoegdheden van de huidige fakulteit zijn in Groningen overgedragen aan de Fakulteitsraad, die kan delegeren aan het door de Fakulteitsvergadering op voordracht der geledingen benoemde Dagelijks Bestuur. Besluiten over begrotingsvoorstellen, ontwikkelingsplannen, verandering in de fakulteitsstruktuur, wijziging in de studieregelingen en de instelling van leerstoelen en lectoraten behoeven goedkeuring van de Fakulteitsvergadering. De organisatie , aan de b a s i s " IS zeer summier weergegeven. Er zijn jaarkommissies, bestaande uit de bij het onderwijs betrokken docenten en ten hoogste zeven studenten. De samenstelling der organen is als volgt: Dagelijks Bestuur: twee hoogleraren (voorzitter en sekretaris) stafleden en twee studenten. Fakulteitsraad: de leden van het DB plus drie hoogleraren stafleden en drie studenten.

twee

drie

Fakulteitsvergadering: alle gewone hoogleraren en lectoren plus een hieraan gelijk aantal stafleden en eenzelfde aantal studenten.

na de Kerstvakantie kan worden begonnen; b

over de garanties die in het vooruitzicht moeten worden gesteld met betrekking tot de resultaten van bovengenoemd overleg. Gevolg gevend aan het verzoek van de vergadering, dring ik er bij U op aan nota te nemen van het bovengestelde. w.g. Drs. G. A. M. van den Heuvel, secretaris Struktuurcommissie REKTIFIKATIE In de vorige aflevering van het Hogeschoolblad is ten onrechte de indruk gewekt dat de heer Overbosch een ander verslag gemaakt zou hebben van de hearing der vaste Commissie voor Onderwijs in de Tweede Kamer der Staten-Generaal. De tekst van de heer Overbosch was bedoeld als een konsept van datgene wat door het Stafconvent in deze kommissie gezegd zou dienen te worden. Deze tekst heeft een definitieve versie gekregen (afgedrukt in het voorlaatste nummer van het Hogeschoolblad), waar het bestuur van het Stafconvent in zijn geheel achterstond (weswege het bestuur de redaktie verzocht vooral nog te vermelden dat ook de heer A. Wentink mede-ondertekenaar van het stuk had moeten zijn). leder die vindt dat hij om een van deze redenen excuus heeft verdiend w o r d t het bij deze geboden (ook aan de lezer, die met name in boven vermelde stukken een aantal zetfouten heeft aangetroffen) (ongecorrigeerd) Redaktie

I

. geen plaats meer v o o r losbollen Foto: Th. Dusseldorp

4


Nieuwe

struktuur:

Links e n r e c h t s in d e

de deelname van alle hoogleraren en lectoren aan de organen in de besluitvormingssfeer nodig, een voorschrift dat van de FV in Groningen waarschijnlijk een log en onhandelbaar lichaam zal maken van over de veertig personen

lijken de '9 nnige zaak i zijn sn ervan aliseerde de staf ide t en I van dingenbasis een edoeld 2ide n de TAG, I en het

i

grafische kunstinrichting

j . j . a. v a n der vs/ee n.v. koestraat 83-85 - telefoon 23137 tilburg

1, eerst orden o veroor de ie vikkelingsstudieaeven an de , bestaande even

), twee

)lus een

Dusseldorp

maat.

Dan zijn er nog de sekretans-beheerder (Hoofd Fakulteitsbureau) en de studie-adviseur, die in alle drie genoemde organen zitting hebben en de buitengevi^one en bijzondere hoogleraren en lectoren, die alleen in de FV zitten, allen met adviserende stem

Het IS duidelijk, dat de staf v o o r een kempromis gekozen heeft Er is een balans gezocht, tussen de eigen inbreng van onderaf en de beslissing aan de top Waar op het werkniveau overeenstemming bestaat, hetgeen in de meeste gevallen vanwege verderstrekkende gevolgen zal moeten blijken in de advieskommissies, zal de Fakulteitsraad slechts marginaal toetsen - v o o r juristen een vertrouwde figuur Bestaat die overeenstemming met, of onvoldoende, dan kan rren verschillende oplossingen kiezen een eenvoudig meerderheidsbesluit op het werkniveau, waarmee betrokkenen overruled worden, een verplichting om door te gaan totdat die overeenstemming bereikt is, waarmee een minderheid in feite een vetorecht krijgt (en dan waarschijnlijk ook gaat gebruiken), of de beslissing aan een ander orgaan, in ons geval de Fakulteitsraad, opdragen De laatste oplossing leek de meest zinvolle, ook al omdat er zaken zijn, die met alleen de kleinere groep raken,.maar vaak de hele fakulteit Een andere middenweg ligt in de ontslagmogelijkheid van het Dagelijks Bestuur enerzijds, anderzijds de kontmuiteit die in de persoonlijke unie Hoofd Fakulteitsbureau-Sekretaris Dagelijks Bestuur ligt Er bestaat geen besluitvormende plenaire vergadering van de hele fakulteitsgemeenschap, maar deze is er wel, als opiniërend lichaam

Een analoge organisatie w o r d t geschapen voor de sector onderwijs studierichtingen of jaargroepen, bestaande uit alle betrokken docenten en studenten, en een Advieskommissie Onderwij's.

Het grootste kompromis betreft de keuze one-man-one-vote of geledingenstelsel Een minderheid was voor invoering van een one-man-one-vote-stelsel Deze groep hoopt op een groei in de richting van dit ideaal Anderen verwierpen het denkbeeld als met van toepassing op de universiteit als doel-instellmg O o k vanuit dit uitgangspunt kon men talrijke variaties beluisteren Gekozen is v o o r een paritaire samenstelling der Fakulteitsraad, waarbij docenten en studenten gekozen worden door en uit hun eigen groepering Hiermee zou de vrij algemeen in de staf levende gedachte aan de eenheid van het wetenschappelijk corps - blijkens de woorden van Prof Van Dijck op 1 december, ook door de senaatsdelegatie in de struktuurkommissie aanvaard - op struktureel gebied verwezenlijkt worden, en kan wellicht de antithese studenten-hoogleraren enigszins overbrugd worden

De Fakulteitsraad neemt de bevoegdheden der huidige fakulteit over, kan delegeren aan het door hem benoemde Dagelijks Bestuur, kan het DB ontslaan, benoemt het Hoofd van het Fakulteitsbureau en stelt z j n (of haari) mstruktie vast De ook in Groningen expliciet vermelde besluiten omtrent begrotingsvoorstellen etc (zie boven) kunnen alleen door de Raad zelf genomen worden Zij worden tijdig besproken in de Fakulteitsvergadering, dit is de plenaire vergadering van de hele fakulteitsgemeenschap, die minstens eenmaal per semester bijeen komt en zich via moties kan richten tot de andere organen Deze vergadering is slechts opiniërend en valt buiten de beslissingsstruktuur.

Hoe de sprint ook uitvalt, essentieel is, dat na verstrijken van een vastgestelde periode een nieuwe ronde w o r d t gehouden om te bezien of de gekozen w e g de juiste was Het wantrouwen in eikaars bedoelingen, de angst om met elkaar van start te gaan, zonder dat men het einde van het traject kent, moet overwinbaar zijn vanuit de wetenschap, dat de gekozen struktuur met vereeuwigd zal w o r d e n , maar dat het gaat om een experiment, dat na een vooraf vastgestelde tijd geëvalueerd moet worden Deze verplichte toetsing is wezenlijk, voor welke struktuur men ook kiest

Het door de Tilburgse staf aanvaarde uitgangspunt begint met een schets van de organisatie aan de basis V o o r de sector onderzoek bestaat deze uit vakgroepen, waarin allen, die onderzoek verrichten binnen een bepaald onderdeel der rechtswetenschap, zitting hebben Uit een gelijk aantal vertegenwoordigers van deze vakgroepen w o r d t een Advieskommissie Onderzoek samengesteld, die de Fakulteitsraad van advies dient in alle zaken betreffende het onderzoek

DB en Raad zijn kleiner dan in Groningen gedacht w o r d t aan resp drie tot vier (het Hoofd Fakulteitsbureau, dat ambtshalve sekretans van het DB is, inbegrepen) en ongeveer twaalf personen

2 december 1969

Hoewel ook in h e t T i l b u r g s e plan de samenstelling gebaseerd is op geledingen, is er een principieel verschil Gekozen is voor de eenheid van het wetenschappelijk corps. De FR bestaat uit evenveel docenten als studenten, gekozen door en uit de eigen groepering (voor de ATG, zie boven)

OPENINGSTIJDEN MENSA

Dit verschil is het meest fundamentele, maar met het enige In het Tiiburgse plan is geprobeerd zowel voor onderzoek als v o o r onderwijs de lijn aan te geven, die een kwestie volgt van onder (advies) naar boven (besluit), beslissingen worden alleen genomen door de Raad en DB, terwijl de Fakulteitsvergadering slechts een opiniërend lichaam IS, in tegenstelling tot het Groningse model, dat drie organen in de besluitensfeer kent Het Tilburgse plan schrijft met voor, dat de fakulteitsvoorzitter een hoogleraar is, met omdat dit als ongewenst wordt beschouwd, maar omdat een dwingend voorschrift een dergelijke keuze alleen maar in diskrediet zal brengen Dit plan maakt ook met

H. Frantzen

In verband met de feestdagen in deze maand december werden de volgende openingstijden vastgesteld Kerstmis: woensdag 24 december geen avondmensa; donderdag 25, vrijdag 26, zaterdag 27 en zondag 28 december gesloten, maandag 29 en dinsdag 30 december geen avondmensa Oudjaar: woensdag 31 december

gesloten

Nieuwjaar: donderdag 1 januari 1970

gesloten

vrijdag 2 tot en met zondag 18 januari 1970 geen avondmensa

BUREAU STUDENTENBELANGEN De balie van Bureau Studentenbelangen zal van 29 december 1969 tot en met 2 januari 1970 gesloten zijn THB 5

12 december 1969


Socialistische markteconomie

Het bezoek van Ota Sik aan Tilburg In het kader van de colleges over actuele internationale vraagstukken heeft op 4 december j l . de oud-vice-premier van Tsjechoslowakije, Prof. Dr. Ota Sik, een college gegeven over de economische politiek van zijn land in de periode van 1945 tot 1968. Dit interessant en boeiend college w e r d door studenten die de aula tot over de helft vulden met een langdurige staande ovatie beloond.

Eerst ,,de Praagse lente", in 1967 begonnen, schiep de politieke voorwaarden voor hervormingen, zoals zich deze Ota Sik en zijn medestaanders voorstelden. W a t was de visie van Ota Sik in deze? Het marktmechanisme w o r d t in het Sowjetmodel vervangen door een centraal opgesteld plan en een centraal geleide economie. Ota Sik acht dit Sowjetmodel realiseerbaar in de industrieel onderontwikkelde landen; v o o r de geĂŻndustrialiseerde landen daarentegen - waaronder ook Tsjechoslowakije - is de centrale directievenplanning eerder een hindernis en bron van de economische achteruitgang. De door Sik geĂŻnspireerde economische hervormingen, v e r w o o r d m het Actieprogramma van de Communistische Partij van Tsjechoslowakije van 1968, beoogden dan ook de vervanging van de centrale directievenplanning door macroeconomische planning als richtlijnen v o o r de economische ontwikkeling De staat zou daarbij door adequate monetaire maatregelen de gewenste nationaal-economische doelstellingen moeten helpen bereiken. De bedrijven zouden in principe autonoom moeten zijn en ,,marktgeschikt" gemaakt worden. Zij zouden hun produktiestruktuur op de vraag moeten richten. De werkzame concurrentie zou toegelaten w o r d e n ; dit terwille van de technische vooruitgang en van de optimalisering van de produktie. De winstdeling zou uitsluitend aangelegenheid van het bedrijf worden en zou gebruikt worden voor de groei van het bedrijf en voor de beloning van de arbeiders.

In het na-oorlogse Tsjechoslowakije onderkende Ota Sik drie stadia: Tot 1951 duurde het herstel en de opbloei van de economie. Produktiemiddelen werden genationaliseerd, maar de bedrijven vormden autonome eenheden op de markt. Na 1951 w e r d onder pressie van Stalin de Tsjechoslowaakse economie conform Sowjetmodel georganiseerd. Er vonden radicale omwentelingen plaats. Zware industrie kreeg de prioriteit en de goed ontwikkelde lichte industrie w e r d verwaarloosd. O p den duur ontstonden er grote disproporties in de produktiestruktuur. Omstreeks 1960 was er een duidelijke stagnatie in de economische groei. Daarna (omstreeks 1965) begonnen de economische hervormingen. Zij ondervonden echter tegenwerking van de Novotny-bureaucratie. Foto

R .Siers

Het spreekt vanzelf dat aan de eigendomsverhoudingen met mag worden getornd. Met andere woorden de nationalisatie e n / o f socialisatie van de produktiemiddelen is voor Ota Sik conditio sine qua non van een nieuw economisch model voor Tsjechoslowakije. De bedrijven zouden naast een economische ook een sociale functie moeten vervullen, zijnde een van de middelen voor optimale persoonsontplooiing. In verband hiermee zal ook de regeneratie van de vakbeweging plaats moeten vinden. Het zal geen instrument van de staat meer mogen zijn. Aan het hoofd van de ondernemingen zullen bedrijfsraden moeten komen te staan. Het zal een soort politiek-economisch orgaan zijn. De leiding zal toevertrouwd worden aan een gekozen directie. In de visie van Sik is ook geen plaats meer voor staatsmonopolie op het gebied van de buitenlandse handel. Ook hier zouden bedrijven marktgeschikt moeten zijn en een adequate prijspolitiek moeten voeren. In het bestaande systeem ,,vindt praktisch uitverkoop van het nationaal inkomen plaats om aan de nodige deviezen te m o k e n " . In de praktijk wil dat zeggen dat de exportverliezen ten koste van de levensstandaard van de arbeiders komen. Maar deze visie kan slechts dan haar beslag krijgen wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan, hetgeen zeggen wil dat naast economische ook politieke hervormingen noodzakelijk zijn. Zoals gezegd opende de val van Novotny perspectieven voor de realisatie van de denkbeelden van Ota Sik ware de fatale 21e augustus 1968 er niet geweest. De invasie van de vijf landen van het Warschaupakt maakte van de visie een vervlogen illusie. Het Husak-regime keerde terug tot de bureaucratische methoden in de economie en in de politiek. Oude organen werden in ere hersteld en door de Novotnymensen bemand. Wanneer wij nu de uitgeweken Ota Sik zijn visie op de socialistische economie uiteen horen zetten dan w o r d t ons respect v o o r deze nationaaleconoom nog groter. W i j zien geen teleurgestelde politicus voor ons, maar een wetenschapsman die tot de verbeelding spreekt. Ota Sik is bij uitstek een voorbeeld van een maatschappijcritisch ingestelde econoom. Ironie van het lot wil dat voor zo'n wetenschapsman geen plaats is in het systeem, dat nota bene v o o r zichzelf het predikaat ,,wetenschappelijk" opeist. Drs. O. Kuschpèta 6


intwikkelingsstrategie

Kritiek op de onderzoekspraktijk van IVA en SI

3ASTC0LLEGE DOOR ERNEST MANDEL, SEGEVEN IN DE KATHOLIEKE HOGESCHOOL 3P 3 DECEMBER 1969

odel

IS

reerde de dan crokkeling gewenste " e

chikt n, g van bedrijf

alisatie van ctie loons

aats zijn

ven voeren onaal ktijk sstandaard

ustus "chaume en in Novotny-

istische ticus jreekt )sman ikaat Kuschpèta

Voor meer dan driehonderd studenten en stafleden van de Katholieke Hoqeschool, reporters van de VPRO en diverse verslaggevers van landelijke dagbladen, heeft Ernest Mandel ongenadige kritiek op de lontwikkelingshulp geleverd , ^, ^ , ^ . . Mandel, geboren in 1923, hoofdredacteur van het weekblad ,,La ü a u c h e 'm Brussel, noemt zich Marxist en per se geen neo-Marxist Hij studeerde economie en politicologie in Parijs, werkte gedurende de oorlog in het verzet, zat in concentratiekampen en arbeidde daarna in de vakbeweging Deze charmante en erudiete p e r s o o n i j k h e i d heeft door zijn geschriften en lezingen vele jonge linkse intellectuelen aan zich verplicht Hem w o r d e n inreis-visa voor de Verenigde Staten geweigerd en in Rusland w o r d t hij verguisd Hij is nooit lid geweest van de communistische partij vriend van Rudi Dutschke en met Marcuse een van de grote kritici van de huidige kapitalistische maatschappij HIJ weet met zijn enorm geheugen, grote werkkracht humane uitgangspunten en veelomvattende analyses bijna elk debat naar zijn hand te zetten Op 3 december stond hier een econoom welke de reële, monetaire en machtssfeer zodanig meen wist te breien dat elke burgerlijke ' econoom op dit punt bij hem in de leer kon gaan Hier staat tegenover dat Mandel met verdieping in de , b u r g e r i j k e twee-sectorenmodellen heel wat sceptischer tegenover de praktische betekenis van z j n reproduktieschema s zou komen te staan

4

Ontwikkelingshulp Mandel acht het door politieke, maatschappehjke en militaire factoren teweeggebrachte risico m de derde wereld bepalend voor de verschuiving - binnen de kapitaalstroom naar de derde wereld van particulier kapitaal naar ontwikkelingshulp De laatste is regeringshulp welke twee functies heeft Ten eerste het redden van de derde wereld uit de grijparmen van het wereldcommunisme Vervolgens het dekken van tekorten op de lopende rekening en de kapitaalbalans van de betalingsbalans van de derde wereld, wat enerzijds een steun betekent voor een continuering van de exporten van de imperialistische landen naar de derde wereld en anderzijds een deviezenverschaffing voor transfers van particulieren en particuliere ondernemingen naar veiligere oorden als Zwitserland en de recreatiecentra van het internationale kapitaal Op de kapitaalbalans van de betalingsbalans I der derde wereld zijn deze transfers immers structureel hoger dan de ingaande kapitaalstroom voor private investeringen De basis voor het feit dat de ontwikkelingshulp in principe de vorm aanneemt van verkapte exportsubsidies ligt volgens Mandel in de verstrengeling van klassebelangen in de derde wereld (het zuiden) zelf Ten eerste groeit er in de derde wereld door de ontwikkelingshulp een maatschappehjke bovenlaag, welke er alle belang bij heeft gevestigde posities te verzekeren door lippendienst aan de imperialisten te verlenen Dit komt bijvoorbeeld tot uiting in de zogenaamde conditionele hulp w a a r b j voor de hulp bestellingen in het land van schenking moeten worden gedaan Dit soort hulp neemt af Verder helpt de hulp ook schuldenlast te delgen, welke vooral door de bezittende klasse in de derde wereld is gecreëerd

I

Arbeidsverdeling Een nieuwe internationale arbeidsverdeling, zoals Tinbergen die voorstelt, verandert mets aan de internationale uitbuiting Het surplus - een moderne variant van de meerwaarde van Marx - w o r d t hierdoor immers met anders bestemd Ten eerste blijft de ,.technological g a p " tussen de derde wereld en de imperialisten steeds groeien Ten tweede zullen de oude en nieuwe bezittende klasse van de derde wereld - welke de bestemming van het surplus bepalen - hun gevestigde posities met makkelijk laten opbreken Tenslotte betekent een ,,technological g a p " in het systeem van internationale beperkte concurrentie altijd een ongelijke ruil voor de derde wereld, zolang de imperialistische landen hun groei met willen afstaan Hiermede komt de ontwikkelingsstrategie dichter bij huis, doordat Mandel ons confronteert met de vraag kunnen de kapitalistische economieën überhaupt wel werken door de groei w e g te schenken en zo neen, wat d a n ' T. van Schalk

I

1 Men heeft zich op deze instituten mets aangetrokken van de kritiek van de studenten gedurende de afgelopen 1 '/2 Jaai" De belangrijkste punten van deze kritiek waren a empiries onderzoek is alleen wetenschappelijk verantwoord als het gebeurd binnen een raam van maatschappijkritiese teorie, itt de systeemkonforme teorie, die nu voor een aanpassingsonderzoek zorgt, b de kloof tussen onderwijs en onderzoek belemmert beiden en moet worden opgeheven 2 Er w o r d t grotendeels op kritiekloze wijze voor de markt gewerkt, dwz overheid en bedrijfsleven De opdrachtgevers op deze markt zijn vrijwel nooit in krities onderzoek geïnteresseerd, maar wel in hoe zij zelf zo efficient mogelijk kunnen werken Hun opdrachten zijn dan ook eigenlijk met wetenschappelijk, maar technles van aard (terwille van de ,,efficiency") Ze zijn meestal beperkt tot het verzamelen van gegevens in dienst van de investeringsbeslissingen van het betreffende burokratiese apparaat, zodat de managers beslissingen kunnen nemen zonder de betrokkenen direkt te raadplegen Dit soort van onderzoek opent grootse perspektieven v o o r de manipulatie, doordat het het enige machtsmiddel wat de lagere regionen in de hierarchiese burokratien van overheid en bedrijfsleven hebben nl het bezitten van de n o o d z a k e l j k e informatie zo o n s c h a d e l j k gemaakt kan w o r d e n , op een sympatieke anonieme w j z e Er w o r d t met alleen helemaal niets aan krities onderzoek gedaan, maar veel van het onderzoek is in dienst van de manipulatie 3 De inhoudelijke benadering van de te onderzoeken problennen is uitsluitend systeembeamend Er w o r d t aan de ,,respondenten ' bv gevraagd naar voorkeuren, maar zonder de manipulatie van voorkeuren erbij te betrekken in het onderzoek Z o zal er (willekeurig voorbeeld) gevraagd worden bent u voor of tegen de nato, zonder erbij te betrekken dat de populatie v n j w e l geen mogehjkheid heeft gehad om de negatieve kanten ervan te leren kennen, t e r w j l er daarentegen een 20-jarige koude oorlogspropaganda over de mensen heen is gegaan, inklusief een effektieve officiële pro-nato kampanje Het enige wat er dan uit het onderzoek kan komen is eigenlijk hoe effektief de propaganda is geweest (Wat voor een aantal potentiële opdrachtgevers natuurlijk ook een zeer bruikbaar gegeven is ) 4 W a t een individuele medewerker eventueel aan kritiese opmerkingen plaatst bij zijn techniese onderzoek verdwijnt bij de opdrachtgever in de prullenbak, zonder dat de onderzoeker er iets tegen doet Overigens w o r d t de kleine marge voor kritiek die er vaak bij opdrachten toch wel moet zijn, nauwelijks gebruikt De marktpositie van het instituut kan daarbij natuurlijk ook gemakkelijk geschaad worden 5 Verder is de praktiese situatie bij het onderzoek meestal zo dat het lagere kader het w e r k doet, medewerkers en steeds meer ook student-assistenten, terwijl de beslissingsmacht ligt bij het hogere kader, direktie en hooggeleerden De dubbelzinnigheden die hier ervaren w o r d e n , vooral ook door de strijdigheid met de ,,vrije" onderzoeksideologie, komen op een typiese manier tot uiting in uitdrukkingen die gebezigd worden zoals „ i k zal eens kijken of de ,grote maestro' aanwezig i s " De autoritare en hierarchiese organisatie is hierbij zeef effektief in het smoren van kritiek, omdat het hogere kader met alleen de feitelijke beslissingsmacht heeft, maar ook een direkte greep heeft op het lagergeplaatste personeel via de aanstellingen, bevorderingsmogelijkheden en het promoveren ed Als er dan tenslotte in de krant staat Prof die-en-die voltooit onderzoek over zo-en-zo, heeft hij er vaak maar een paar halve dagen aan besteed, terwijl zijn ondergeschikten er maanden aan gewerkt hebben De halfhartige verdediging van de top van de instituten, dat er geen ^ markt is voor krities onderzoek, dat er toch wel eens ,,verbeteringen" doorgevoerd w o r d e n tgv de gedane onderzoeken, of zelfs dat er nauwelijks kritiese medewerkers beschikbaar zijn, is oppervlakkig en onjuist Allicht IS in deze maatschappelijke orde de markt voor krities onderzoek klem (zegt dat de heren dan mets?) De konklusie die daaruit moet w o r d e n getrokken is met dat er dan maar kollaborerend onderzoek 7

THB 5

12 december 1969


Mededelingen

Algemeen gedaan moet worden, omdat daar de vette happen zitten, maar dat er dus niet voor de markt gewerkt moet worden De instituten zouden dan misschien kleiner zijn maar ze zouden tenminste iets belangrijks produceren De ,verbeteringen die er tengevolge van de gedane onderzoeken wel eens doorgevoerd worden zijn van een bepaalde soort Bijvoorbeeld het zwakzinnigenonderzoek De hele verzorgingssektor is m het georganiseerde- of laat-kapitalisme dusdanig uitgebouwd, dat het menselijke systeemafval zorgvuldig naar zijn eigen kompartimenten gekanaliseerd wordt De , verbeteringen ' tgv het onderzoek versterken dit beleid Wat met onderzocht w o r d t is het verband tussen systeemafval en systeem (bv de veelal maatschappelijke oorzaken van zwakzinnigheid) Dat zou het hele beleid in de verzorgingssektor ,,aantasten' en toekomstige opdrachten uitsluiten Dus geen onderzoek voor kwalitatieve verbeteringen, maar onderzoek ter versterking van de heersende machten Wat betreft de onkritiese medewerkers -

medewerkers worden implisiet op konformiteit geselekteerd

-

als medewerkers uit hun ondergeschikte positie willen opklimmen is de enige weg daarvoor die via konformistiese prestaties,

-

doordat het onderzoek volledig is losgekoppeld van het onderwijs, zodat het beter op de markt voor het techniese onderzoek afgestemd kan worden, zijn er voor de medewerkers weinig mogelijkheden om zich in kritiese richting te ontplooien

Deze analyse leidt tot de volgende konsekwenties 1 De relatie tussen de hogeschool en de instituten moet veranderen Als de instituten weigeren om zich maatschappijknties op te stellen, dan moeten ze ook verdwijnen Ze kunnen dan openlijk gaan werken als kommersieel instituut, maar ze moeten dan met langer profiteren van het universitaire mom Of ze gaan zich wel krities opstellen maar dat houdt een aantal inhoudelijke en organisatonese gevolgen in 2 De instituten krijgen dan primair een dienende funktie bij het onderzoek dat in het onderwijs verricht wordt, bijvoorbeeld door de projektgroepen En met name de 4e- en 5e-jaars zullen in het kader van hun afstuderen zo belangrijke zelfstandige en teoreties relevante onderzoeken kunnen verrichten, die dan ook technies goed worden afgewerkt 3 Het zelfbeheer zal dus ook op het onderzoeksgebied gerealiseerd moeten worden De zg ,,vrijheid van onderzoek" v o o r de top van de tintversttaire burokratie dwz het ongekontroleerd opereren voor de markt zal vervangen moeten worden door een onderzoek in dienst van de vrijheid

C. de Boer

Nagekomen bericht N a s c h r i f t bij d e e v a l u a t i e op p a g i n a 10 e n v o l g e n d e v a n dit b l a d De evaluatie op pag 10 van dit blad is opgesteld voor 24 november '69 de dag waarop de Adviesraad der STFT m vergadering bijeenkwam ter behandeling van het struktuurrapport d d 10 oktober '69 Uit deze vergadering zijn praktische en principiĂŤle vragen gesteld aan de Struktuurkommissie, zodanig dat een bespreking over langere termijn nodig blijkt om tot een besluitvormend fiat van de Adviesraad te komen Dit uitstel van praktische verwezenlijking van een nieuwe, demokratische struktuur, betekent een voortgang van de nu vigerende struktuur, derhalve ook van de Studieraad Aan de Studieraad met name is nu de taak te voorkomen dat een stagnatie optreedt in de bestuurlijke behartiging van urgente problemen Tot slot nog het volgende let maar met meer op de titel van deze evaluatie, ,Aan de vooravond van een nieuwe struktuur , tenzij u de vooravond reeds vroeg in de middag laat beginnen 5-12-1969 A. van de Riet

BESLUITEN EN MEDEDELINGEN VAN SENAATSBESTUUR 27 NOVEMBER 1969 1 De promotie van Drs C J Rijnvos is vastgesteld op 9 april 1970 Als promotor is aangewezen Prof Dr. H W J Bosman Titel proefschrift ,Economische orde en Europese monetaire integratie" 2 Als secretaris van de economische faculteit is Prof Dr H W J Bosman lid geworden van het senaatsbestuur 3 De aanvraag van de KIS om over te kunnen gaan tot aanstelling var een full-time secretaris is ingewilligd 4 Op verzoek van de Adviesraad van het Onderwijs-Researchcentrurn IS Drs G A M van den Heuvel, taalkundig medewerker, in het Onderwijs-Researchcentrum opgenomen 5 Aan het curatorium is verzocht Prof Dr R A de Moor voor te dragen voor een herbenoeming tot lid van de Raad voor het Zuiver Wetenschappelijk Onderzoek, als tweede candidaat is genoemd Prof Dr H W J Bosman 6 Aan het curatorium is verzocht de volgende wijziging aan te brenger in het Reglement voor het Onderwijs en de Examens aan de Katholieke Hogeschool A Na lid 1 van artikel 74 * van het reglement invoegen een tweede lid luidende 2 Het proefschrift kan geheel of ten dele bestaan uit een aantal reeds eerder gepubliceerde verhandelingen van de hand van de promovendus mits a de publicatie van deze verhandelingen is geschied onder goedkeuring van de promotor of de promotoren, zo de verhandeling bestemd is deel uit te maken van een proefschrift dat de schrijvei m voorbereiding heeft, of in andere gevallen achteraf onder goedkeuring van de faculteit, een en ander met overeenkomstige toepassing van lid 2 en 3 van artikel 76 * * , b de verhandelingen in gelijke mate als voor een proefschrift is vereist in overeenstemming zijn, of door bewerking in overeen stemming zijn gebracht met de stand van de wetenschap ten tijde van de promotie c tussen het onderwerp van de verhandelingen een zodanige samenhang bestaat als tussen de onderdelen van een proefschrift dient te bestaan en de verhandelingen voorzien zijn van een zodanige inleidende, verbindende en samenvattende tekst, als wenselijk is om deze samenhang tot uitdrukking te brengen B De leden 2 en 3 van het huidige artikel 74 van het reglement worder vernummerd tot respectievelijk 3 en 4 C Aan lid 2 van artikel 76 w o r d t toegevoegd de volgende zinsnede ,,Indien het proefschrift geheel of ten dele bestaat uit een aantal eerder gepubliceerde verhandelingen, dan wordt door de promotor of de promotoren bij het verlenen van de goedkeuring met name gelet op de vereisten van artikel 74, tweede lid 7 Aan de voorzitter van het bestuur van het Rekencentrum, Prof Drs J Kriens is verzocht in het begin van het jaar 1970 een bijeenkomst over de externe relaties van het Rekencentrum met belanghebbenden te organiseren 8 Prof Dr Th A Stevers heeft zijn functie van voorzitter van de Adviesraad van het Onderwijs-Researchcentrum neergelegd In zijn plaats IS lector Dr J H G Segers tot voorzitter benoemd *

ARTIKEL 74

1 Toegang tot de promotie hebben zij die aan de hogeschool of aan een andere Nederlandse universiteit of hogeschool met goed gevolg een doctoraalexamen hebben afgelegd mits zij een proefschrift hebben geschreven met tenminste zes met op het onderwerp van het proefschrift betrekking hebbende stellingen en mits ZIJ voldaan hebben aan de overige hierna volgende vereisten 2 Op verzoek van de promovendus beslist de senaat rekening houdend met de aard van het afgelegde doctoraalexamen, welk doctoraat voor toekenning in aanmerking komt 3 Onder het met goed gevolg afgelegd hebben van een doctoraalexamen aan een Nederlandse universiteit of hogeschool wordt mede verstaan het vrijgesteld zijn var zodanig examen met betrekking tot een promotie ** 1

8

ARTIKEL 76 Voor elke promotie wijst de senaat een of twee hoogleraren uit zijn midden.


3BESTUUR april 1970 itel proef­ atie" • H W J

dan wel een andere Nederlandse universiteit of hogeschool aan als promotor Eervol ontslagen hoogleraren behouden nog gedurende drie jaren het recht als promotor op ie treden 2 H et proefschrift en de stellingen worden onderworpen aan de goedkeuring van de promotor of de promotoren, die er mede op toezien dat daarin mets voorkomt strijdig met de openbare orde of de goede zeden 3 B i onthouding van de goedkeuring van de promotor of de promotoren kan de senaat op verzoek van de promovendus na deze te hebben gehoord de goedkeuring

a n s t e l h n g var

alsnog verlenen

earchcentrum in het

KOMMISSIE INTERNATIONALE SAMENWERKING (KIS)

voor te iet Zuiver noemd lan te brenger de Katholieke en tweede lid aantal reeds de jnder goed­ ïrhandeling at de schrijve if onder ■eenkomstige fschrift IS in overeen­ chap ten tijde idanige in proefschrift van een ' tekst, als )rengen ement worder i Zinsnede aantal eerder or of de 3 gelet op m, Prof Drs yeenkomst ghebbenden ■ van de gd In zijn

an een andere raalexamen enmmste zes Mingen en idend met de nning in xamen aan een 'ijgesteld zijn var

zijn midden.

De Kommissie Internationale Samenwerking (KIS) houdt zich bezig met het verstrekken van informatie over seminars, konferenties, bijeenkomsten die betrekking hebben op internationale onderwerpen in Nederland of in het buitenland en andere studiemogelijkheden aan buitenlandse universitaire instellingen Verder worden steeds de meest relevante vakatures in ontwikkelingslanden vermeld Het uitvoerend orgaan van de KIS, Bureau Buitenland (BB) is gevestigd aan de Bredaseweg 391 in het Instituut voor Ontwikkelingsvraagstukken (IVO) telefoon 04250 ­ 70960, toestel 326 in Tilburg Sekretaris is Drs H Coppens De sekretaresse, mej A Clous kan verdere inlichtingen verschaften over het bovengenoemde Beurzen

buitenland

DENEMARKEN De Deense regering stelt voor een periode van 8 maanden 59 beurzen beschikbaar voor buitenlandse studenten en afgestudeerden, die enige kennis hebben van de Deense, Duitse of Engelse taal Aanvragen Ministerie van O en W te Den H aag NOORWEGEN De Noorse regering stelt twee studiebeurzen van 9 maanden beschikbaar voor Nederlanders die gedurende het studiejaar 1970/1971 aan een Noorse universiteit willen studeren Aanvragen voor 8 februari 1970 FRANKRIJK De Franse regering stelt studie­ en zomerbeurzen beschikbaar voor studenten die hun kandidaatsexamen hebben gedaan en die verder willen afstuderen Ook stelt zij beurzen beschikbaar voor wetenschappelijk onderzoek verricht door afgestudeerden en wetenschappelijke onderzoeker Aanvragen uiterlijk 15 januari 1970 Vakatures

ontwikkelingslanden

EKONOMIE University College at Dar es S alaam: Director of the Economie Research Bureau University of S ingapore: Lectureship or assistant lectureship University College of Cape Coast (Ghana): Chair University College of Rhodesia: Four posts of lecturer or assistant lecturer SOCIOLOGIE University of the West-Indies (Trinidad): Three posts of lectureship or assistant lectureship University oi S ingapore: Lectureship or assistant lectureship in social statistics University College of Cape Coast (Ghana): Chair University College of Rhodesia: Senior lectureship or lectureship in social administration THEOLOGIE Makerere University College (Uganda): Lectureship in religious studies Apply for all these vacatures to Inter­University Council for H igher Education Overseas, 90/91 Tottenham Court Road, London W1 P ODT

Talenkursussen

buitenland

DENEMARKEN Kopenhagen: De Volksuniversiteit van Kopenhagen heeft van 5 tot 23 januari 1970 een Deense taalkursus voor buiten­ landers De kosten bedragen 5 0 , — Dkr D U I T S L A N D Kbin-Marienburg: Duitse taalkursus van 12 januari tot 28 maart 1970 voor beginners, gevorderden en vergevorderden ENGELAND Cambridge: Engelse taalkursus van 12 januari tot 20 maart 1970 voor beginners, gevorderden en vergevorderden ITALIË Perugia: Italiaanse taalkursus van half januari tot half maart 1970 voor beginners, gevorderden en vergevorderden Seminars

algemeen

NEDERLAND Bemelen: De Studentenvereniging voor Internationale Betrekkingen (SIB) organiseert een Europa­Afrika seminar van 4 tot 11 januari 1970 voor Europese en Afrikaanse studenten H et thema is De sociale aspekten van de rurale ontwikkeling in Afrika en de invloed die Europa erop heeft De Zendingshogeschool te Oegstgeest organiseert in samenwerking met de Commissie Kerk Overzee van de Nederlandse Zendingsraad en het Zendingsseminarie te Baarn van 1 tot en met 5 januari 1970 een studieweek over de West­Afrikaanse landen voor niet­theologische studenten OOSTENRIJK S alzburg: Van 11 januari tot 7 februari 1970 zal een seminar plaatsvinden in Schloss Leopoldkron H et thema is Urban Problems and Planning Otzenhausen­Saar organiseert een konferentie op 12 tot en met 14 december 1969 H et thema is Samenwerking van industrieën en W i r t s c h a f t s v e r b a n d e n " in Europa

INDOOR­FENNISTOERNOOI „LACOSTE" Van 10 tot en met 25 januari a s zal in de studentensporthal het jaarlijks open mdoortennis­toernooi worden gehouden onder auspiciën van de studententennisvereniging ,,Lacoste Leden van de hogeschoolgemeenschap, zowel geoefenden als minder­geoefenden, kunnen deelnemen aan resp het B­ of C / D ­ t o e r n o o i De inschrijving sluit 24 december a.s. Inschrijfformulieren hangen op de sporthal, hogeschool en bij de leden van de wedstrijdkommissie John van Nuenen, Paul van Loon en Andre Daamen Studentengroepenngen die v o o r het tweede trimester een eigen sportuur wensen, dienen vóór 24 december a.s. een aanvraag in te dienen bij de sporthal GEVRAAGD: VOOR

U I T W IS S E L I N GS C O O R D I N A T O R

HET I N T E R N A T I O N A L E

A I ES E C -S E C R E T A R I A A T

Het Internationale AIESEC­Secretariaat zoekt per 1 januari 1970 een uitwisselingscoordinator H ij zal alle aspecten van de uitwisselingen, die via het lAS lopen, behandelen en de correspondentie, die hierop betrekking heeft met de verschillende landen voeren De gevraagde persoon is verantwoordelijk voor zowel de uitwisseling die voor het Congres plaats vindt, als de uitwisseling van studenten en bedrijven die op het Congres met gelukt is en dus er na plaats vindt Tijdens het Congres, dat gehouden w o r d t in maart 1970 te Tokyo, heeft hij mede de supervisie over de uitwisseling H et salaris zal ± f 1500,— bruto per maand bedragen Een vereiste is, vertrouwd te zijn met de uitwisselingsactiviteiten van AlESEC op nationaal of lokaal niveau evenals een goede kennis van de automatische informatieverwerking Als u in aanmerking wenst te komen voor deze functie, kunt u zich wenden tot het lAS of tot het Nationale Comité van de AlESEC, Burgemeester Oudlaan 50 te Rotterdam, telefoon 010 ­ 145511 Inlichtingen ten aanzien van de uitwisselingsactiviteiten kan men verkrijgen bij het Local Committee AlESEC Tilburg, Prof Donders­ straat 2, telefoon 32857

9

THB 5

12 december 1969


Van de Fakulteiten

Ekonomische Fakulteit DOCTORAALPROGRAMMA BEDRIJFSECONOMISCHE STUDIERICHTING In haar vergadering van 6 november jl heeft de faculteit der economische wetenschappen v o o r de vierdejaars studenten, met andere w o o r d e n voor degenen die in juni en september jl zijn geslaagd v o o r het kandidaatsexamen * een nieuw doctoraalprogramma voor de bedrijfseconomische studierichting vastgesteld Het nieuwe programma gaat uit van een aantal vrijstellende tentamens af te leggen aan het einde van het vierde jaar (D-l-examen) en een D-ll-examen aan het einde van het vijfde jaar I A

H e t c o l l e g e p r o g r a m m a v a n het v i e r d e

1 Algemene economie Keuze uit - Algemene leer van de economie (Prof V d Klundert) - Partiele evenwichtstheorie (Prof Geertman) 2 Belastingrecht (Prof v Dijck, Prof Brull) 3 Sociale wijsbegeerte (Prof Plattel) 4 Testimonium administratieve organisatie (Drs Vergroesen) 5 Testimonium boekhouden 1 (Drs Rinkes) Organisatie van de onderneming (Prof Goldschmidt) Leer van de kostprijs (Prof Groeneveld) voor Kerstmis na Kerstmis Financiewezen van de onderneming (Prof Scheffer) 9

Keuzevak (vierde en vijfde jaar)

jaar

2 uur uur uur uur uur uur hoorcollege uur werkcollege 2 uur 1 2 2 2

uur uur uur uur

hoorcollege werkcollege hoorcollege werkcollege

1 uur hoorcollege 1 uur werkcollege — uur hoor- en werkcollege

Onderdeel 9 kan gekozen worden uit het gehele bestaande pakket van keuzevakken De colleges van het keuzevak worden zowel het vierde als het vijfde jaar gegeven Uiteraard kan elke student op eigen initiatief meerdere keuzevakken in zijn programma opnemen V o o r bepaalde postdoctorale specialisaties kan dit noodzakelijk zijn I B

H e t c o l l e g e p r o g r a m m a v o o r het v i j f d e (ingaande

september

jaar

1970)

1 Bedrijfseconomie 2 Keuzevak (idem als vierde jaar)

minstens 4 uur hoorcollege — u u r h o o r - e n werkcollege

Het vijfdejaars-programma zal nog nader worden uitgewerkt II

Examenregeling

Het examen in de bedrijfseconomische studierichting wordt afgenomen in twee gedeelten, te weten een D-l-examen en een D-ll-examen Het D-l-examen Het D-l-examen nieuwe regeling kan voor het eerst worden afgelegd na afloop van het collegejaar 1969/1970 en omvat de volgende onderdelen a algemene economie, b belastingrecht, c sociale wijsbegeerte Een nadere regeling voor het examen zal nog worden bekend gemaakt Alvorens aan het D-l-examen kan worden deelgenomen dient zowel het testimonium Administratieve Organisatie als het testimonium Boekhouden I te zijn afgelegd Voor de vierdejaars studenten w o r d t hiertoe in mei 1970 respectievelijk juni 1970 de eerste gelegenheid geboden Zowel het D-l-examen als de testimonia worden minstens driemaal per studiejaar afgenomen

Het D-ll-examen nieuwe regeling kan voor het eerst aan het einde van het studiejaar 1970/1971 worden afgelegd en omvat de onderdelen a b

bedrijfseconomie, keuzevak

Alvorens aan het D-ll-examen kan worden deelgenomen dient een tentamen te zijn afgelegd in de vakken -

leer van de kostprijs organisatie van de onderneming financiewezen van de onderneming

Hiertoe w o r d t voor het eerst medio het studiejaar 1970/1971 de gelegenheid geboden Voor deze tentamina dient de collegestof met bijbehorende literatuur van het vierde jaar bestudeerd te worden De tentamenregeling voor deze vakken zal nog nader worden uitgewerkt Daarnaast dient een scriptie van voldoende niveau te worden geschreven voor een der vakken ,,financiewezen van de onderneming , organisatie van de onderneming , leer van de k o s t p r i j s " of voor het keuzevak voorzover dit een der vakken commerciële organisatie en marketing technische organisatie of administratieve organisatie betreft De scriptie wordt geschreven in overleg met de betreffende docent die middels een beoordelingsgesprek het resultaat bespreekt Een scriptie van onvoldoende niveau dient door de student herschreven te worden * Dit geldt tevens voor degenen die nog met met het afleggen van doctoraaltentamens 2ijn begonnen en er de voorkeur aan geven alsnog met het nieuwe vierdeiaarsprogramma to starten Lliteraard zal ook voor deze groep het D I examen eerst n de zomer ven 1970 kunnen worden afgelegd

Theologische Fakulteit AAN DE VOORAVOND VAN EEN NIEUWE STRUKTUUR EVALUATIE VAN DE STUDIERAAD DER STFT Woensdag 12 november 1969 zou een historische dag kunnen heten omdat op die dag de studieraad der STFT voor de laatste maal in zijn bestaan bijeenkwam Met ,,historische dag ' is dan met bedoeld een dag waarop iets is gebeurt dat het verdient herdacht te worden maar gewoon een dag waarop iets voorgoed naar het verleden wordt verwezen doordat de studieraad van de STFT tot het verleden behoort IS de aanzet gegeven tot het doen verdwijnen van een bepaalde struktuur om plaats te maken voor een nieuwe meer demokratische struktuur Immers per half december 1969 hopen alle betrokkenen aan de STFT op grond van een onlangs (10 november 1969) gereed gekomen rapport een nieuwe struktuur in praktijk te brengen Het voornaamste beginsel hieraan ten grondslag liggend, is de m mei van dit jaar zo vaak beluisterde inspraak van alle geledingen op alle niveaus, liever inspraak van alle betrokkenen op alle niveaus In een van de volgende afleveringen van het Hogeschoolblad zal de volledige tekst van dit rapport met toelichting worden afgedrukt Belangrijk is dat de nieuwe struktuur het einde betekent van de nu vigerende struktuur en dus ook van de studieraad Een evaluatie van dit struktuurelement heeft o i zin om na te gaan - of hij in de praktijk overeenkwam met zijn statuten en zijn aan de STFT aangepast huishoudelijk reglement (I + II A ) , - welke punten aan de orde zijn geweest (II B), - welke konklusies getrokken kunnen worden met het oog op de nieuwe struktuur (II C) - wat er aan urgentiepunten overblijft voor de komende fakulteitsraad (III) I A

F o r m u l e v o l g e n s h e t officiële

statuut

1 Samenstelling - voorzitter van de fakulteit is tevens voorzitter van de studieraad (SR), - drie docentleden, aan te wijzen door de fakulteit in overleg met de stafvergadering Zij zijn a titre personel lid van de SR, - vier studentleden, aan te wijzen door de fakulteitsvereniging 10


'heologische Fakulteit Doel het verstrekken van informatie, het geven van adviezen, het plegen van overleg 3 Frekwentie minstens eenmaal per semester men kan tussentijds vergaderingen uitschrijven.

4

Werkzaamheden gevraagd of ongevraagd advies geven t a v onderwerpen die tot het gebied van de SR behoren het bespreken van voorgenomen veranderingen m b t eksamenregelingen en het programma, voordat deze doorgevoerd v\/orden, tenzij de tijd daarvoor ontbreekt In dat geval moet bespreking alsnog plaatsvinden in de volgende vergadering Ten aanzien van de fakulteit bestaat er een wederzijds vraagrecht en antwoordplicht De studenten hebben het recht een minderheids-nota op te stellen en deze toe te lichten in de fakulteitsvergadering Alle leden hebben het recht onderwerpen ter bespreking op te geven voor de agenda I B Formule v o l g e n s h e t h u i s h o u d e l i j k

reglement,

v o o r z o v e r dit a f w i j k t Samenstelling " ^ een dubbel voorzitterschap de voorzitter van de fakulteit en een H student zijn beide voorzitter van de SR, H - studentenvertegenwoordiging volgens getrapte keuze de voorzitters H der jaarkommissies + de vice-voorzitters van de fakulteitsvereniging, B - vaste medewerker van het fakulteitsbureau was steeds aanwezig, m a w ook het personeel was in de SR vertegenwoordigd II

Evaluatie

A Formele aspekten - In de nu achter ons liggende periode is met sukses geprobeerd de bezwaren tegen het dubbele voorzitterschap op te heffen Er is een scheiding aangebracht tussen het vergadertechnisch leiderschap en het eigenlijke voorzitterschap Hierdoor konden de besprekingen meer gekontroleerd en onnodige uitwijdingen voorkomen worden In de praktijk werden de bijeenkomsten beurtelings geleid door een studentlid en een docentlid - De SR kwam gemiddeld een keer per maand bijeen in samenhang met de maandelijkse stafvergaderingen - Door de vrij uitgebreide agenda's bestond het gevaar, dat een en ander onvoldoende besproken kon worden (zie II B) Als regel is de agenda samengesteld door de SR-agendakommissie De agenda van de SR heeft vaak die van de docentenvergadering bepaald en omgekeerd (Onder docenten w o r d t verstaan alle docerend personeel De docentenvergadering had de bevoegdheden van een fakulteitsvergadering) Dit betekent echter met dat de docentleden steeds fungeerden als vertegenwoordigers van de stafvergadering O o k in de afgelopen periode waren zij er a titre personel, zo zij zich hier met aan hielden, dan werden zij er wel op gewezen door de docentenvergadering Zo kon dan ook met voldaan worden aan het karakter van overlegorgaan dat de SR volgens zijn statuten moest zijn Hij funktioneerde beslist wel als (eenstemmig) adviesorgaan t o v de docentenvergadering De adviezen van de SR vonden daar degelijk gehoor, meer dan tijdens de voorgaande periode hebben de studentleden van de SR dit kunnen konstateren en begeleiden, doordat telkens twee van hen als waarnemers aanwezig waren bij de docentenvergaderingen Dit begeleiden kon des te gerichter, omdat de agenda van de docentenvergadenngen vaak overeenkwam met die van de SR Toelichting op het advies van de SR werd verzorgd door de aanwezige student- e n / o f docentleden van de SR De studenten, die als waarnemer aanwezig waren kregen nooit de indruk er , s l e c h t s " als waarnemer te hebben gezeten

i

- De SR van de afgelopen periode was mede hierdoor minder geïsoleerd Met name de verhouding studieraad-docentenvergadering was goed, hetgeen geïllustreerd w o r d t door het feit dat op elke inbreng van de SR m de docentenvergadering van de zijde van de stafvergadering een antwoord is gekomen - Geheel anders en bepaald m i n d e r w a s de verhouding met de ,,achterban ' der studentleden Over het kontakt met hun achterban IS nader overleg noodzakelijk, het goed funktioneren van de fakulteitsraad is hier mede van afhankelijk NB Hier zij opgemerkt, dat intussen is besloten om ook de jaarkommissie met meer te laten voortbestaan weer een schakel minder in de kontaktwegeni - Over de nieuwe struktuur is al veel gezegd In het raam van deze evaluatie geldt hieromtrent het volgende alle gedachten en ideeën m b t de nieuwe struktuur hebben hun invloed gehad op de sfeer aan onze fakulteit, op de verhouding tussen de verschillende geledingen en ook op de atmosfeer in de SR De toekomstige fakulteitsraad mag worden beschouwd als een uitbouw van de SR B Materiële aspekten In de afgelopen periode heeft de SR zich bezig gehouden met problemen van verschillende aard, afhankelijk van de konkrete problematiek zoals die op de fakulteit lag Kwesties rond de erkenning en de nieuwe struktuur zijn veelzijdig aan de orde geweest, als mededeling en als te bespreken agendapunt Naast deze zaken kwamen geleidelijk vragen aan de orde rond de toekenning van rijksstudietoelagen, voortentamina en kollokwia Daarnaast, door het uitblijven van de feitelijke erkenning, het nijpende probleem van erkenning der doktoraaleksamens, met name voor de studenten die hier op korte termijn aan toe zijn (inmiddels zijn onderhandelingen met de fakulteit v o o r godgeleerdheid te Nijmegen m b t een overgangsregeling op gang gekomen) Ten aanzien van al deze problemen heeft de fakulteit met veel in eigen handen Zij moet hier n o o d g e d w o n g e n een afwachtende houding aannemen Dit noodgedwongen afwachten en derhalve weinig geïnformeerd zijn heeft geleid tot een sfeer van onrust (ondanks redelijke gronden tot optimisme, zoals ,,ingewijden ons weten te vertellen), geleidelijk aan bij iedereen Dit heeft geleid tot een betrokkenheid van iedereen, al zijn de motieven hiervan individueel verschillend De betrokkenheid IS er en eensgezind zijn wij georiënteerd op het grote probleem van de laatste tijd ,,het eigen gezicht van onze fakulteit, als theologische o p l e i d i n g " Hier mogen wij beseffen dat wij, althans intern, de zaak in eigen handen hebben Vervolgens zij opgemerkt dat over kwesties als Hebreeuws, tentamenen eksamenregeling, overgangsregeling kandidaatseksamen voor derde- en vierdejaars, aanpassing van het studieprogramma voor vijfdejaars, de nieuwe struktuur van de fakulteit en nog een aantal zeer praktische problemen, besluiten zijn genomen of binnenkort zullen w o r d e n genomen, mede op het advies van de SR Tot slot nog iets over de grootte van de agenda s in de afgelopen periode bestonden de agenda's gemiddeld uit negen punten, opening en rondvraag -I- sluiting inkluis Met andere w o o r d e n de SR was telkens gedwongen om binnen een kort tijdsbestek heel w a t af te handelen Dit is met altijd gelukt, omdat er het gevaar was, dat een en ander vanwege tijdnood e n / o f vergadermoeheid onvoldoende w e r d doorgesproken en daarom een volgende keer weer op de agenda moest komen C Konklusies - Het IS gerechtvaardigd te stellen dat mede door de SR en de ervaringen daarin opgedaan de nieuwe struktuur is voorbereid - Een grote moeilijkheid is de betrokkenheid van de achterban en het vinden van een zo direkt mogelijke verbindingslijn De betrokkenheid van allen begint vooral onder invloed van niet-strukturele problemen op gang te komen Hopelijk is de nieuwe struktuur wel in staat deze ook tot haar recht te doen komen - Vooral aan de zijde van de studenten is een reflektie met praktische gevolgen over deze problematiek zeer noodzakelijk 11

THB 5

12 december 1969


^

A f g e s t u d e e r d e of o p korte t e r m i j n a f s t u d e r e n d e academici, die belangstelling hebben v o o r onderzoekingswerk, worden uitgenodigd contact o p te n e m e n met het

Theologische Fakulteit

ECONOMISCH INSTITUUT VOOR HET MIDDEN- EN KLEINBEDRIJF (E.I.M.;

- Een samenkomstfrekwentie van eenmaal per maand is zeker niet te veel geweest - Het waarnemerschap van studentleden bij de docentenvergadenngen IS zeer positief geweest, met name ten aanzien van wederzijds vertrouwen - Invoering van vergadertechnisch leiderschap heeft nuttig effekt gehad III

Urgentiepunten voor de

H e t E I.M. - i n s t e l l i n g v o o r w e t e n s c h a p p e l i j k onderzoek met betrekking tot kleine en

fakulteitsraad

middelgrote ondernemingen m de sectoren

I Om de aansluiting van het middelbaar onderwijs op de studie aan de theologische fakulteit te bevorderen, dient allereerst het image en de perspektieven van de theologiestudie verduidelijkt te worden. Een bezinning over de wi|ze waarop dit dient te geschieden is dringend noodzakelijk In een later stadium zou nagegaan moeten worden, welke studiepakketten van het vernieuwd middelbaar onderwijs het meest geëigend zijn als voorbereiding op theologiestudie Algemeen is de studieraad van mening, dat hier als uitgangspunt moet dienen de ,,Werknota over de didaktische praktijken aan de theologische fakulteit te T i l b u r g " Meer gespecificeerd komt de problematiek hier op neer - tijdige voorbereiding door alle betrokkenen van de kolleges tijdens het voorgaande studiejaar, - goede afstemming van de kolleges onderling, zodat herhalingen en overlappingen voorkomen kunnen worden Dit geldt voor het programma van ieder studiejaar afzonderlijk, alsook voor het gehele programma, - aanstelling van een funktionaris die alle aktiviteiten in deze overziet en koordineert, - een belangrijk aspekt van deze kwestie de verhouding kandidaatsopleidmg-pre-specialisatie en de verhouding algemeen geprogrammeerde vakken en de vakken van de pre-specialisatie Bovendien stelt zich het probleem van de plaats van het centraal vak in de verschillende pre-specialisaties, - bij de tendens naar groepsonderwijs stelt zich het probleem van personen (studenten en docenten) die hierbinnen moeilijk funktioneren en verder de vraag of de beoordeling gebaseerd moet blijven op individuele prestaties 3 Dan is er de kwestie in hoeverre kanonieke erkenning samenhangt met de erkenning door het rijk en omgekeerd 4 Integratie in de hogeschool De integratie in de hogeschool op zo k o i t mogelijke termijn is gewenst met betrekking tot =. de-kolleges, - de bibliotheek, - de behuizing Een en ander zou het interdisciplinaire (interfakultaire) karakter van akademisch studeren tot zijn recht doen komen 5 Een dringende kwestie is ook specialisaiie (per fakulteit?) binnen het theologisch onderwijs in Nederland. 6 Verder beraad over de zin van de moderne theologie in de hedendaagse samenleving en over de toekomstperspektieven voor theologisch geschoolden (kommissie ,,studiemogelijkheden met theologie") 7 Inventarisatie en evaluatie van de fungerende kommissies bij het in praktijk brengen van de nieuwe struktuur 8 Een goed funktioneren van de nieuwe struktuur maakt een praktische reflektie op kommunikatie met de achterban urgent 9 Het overleg met de Katholieke Leergangen over de regeling van het MO-eksamen theologie A en B door studenten van de fakulteit moet op korte termijn worden afgerond 10 De voorzitter van de fakulteit in de nieuwe struktuur moet zoveel mogelijk van onderwijstaken ontlast worden Dit houdt evenwel met in dat hij helemaal van het praktische onderwijsgebeuren moet komen los te staan I I Tot slot houdt de studieraad de te vormen fakulteitsraad voor snel te voorzien in enkele zeer dringende vakatures 21 november 1969

detailhandel, ambacht en horeca - heeft ruimte v o o r het aanstellen van een aantal

WETENSCHAPPELIJKE MEDEWERKERS voor de volgende terreinen van onderzoek

A Bedrijfseconomisch onderzoek B Algemeen economisch en statistisch onderzoek C Sociologisch en sociaal-psychologisch onderzoek. E c o n o m e n en s o c i o l o g e n met kennis en belangstelling op bovengenoemde terreinen w o r d e n u i t g e n o d i g d te solliciteren

V o o r d e f u n c t i e a d C is t e v e n s e n i g i n z i c h t m de economische problematiek gewenst.

H e t s a l a r i s zal w o r d e n v a s t g e s t e l d n a a r g e l a n g v a n leeftijd, opleiding en e r v a r i n g en b e d r a a g t minimaal circa ƒ 15.000,— en m a x i m a a l circa ƒ 34.000,— per jaar exclusief 6 % vakantietoeslag.

V o o r n a d e r e Inlichtingen of sollicitatie g e l i e v e men zich te w e n d e n tot de Secretaris der Directie, N e u h u y s k a d e 94, D e n H a a g , telefoon 070 - 245350.

12


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
1969 12 12 by Redactie Univers - Issuu