Skip to main content

1969 10 17

Page 1

tilburgs hogeschoolblad j a a r g a n g 7 - no. 1 - 17 o k t o b e r

1969 - v e r s c h i j n t

tweewekelijks

Het Hogeschoolblad is dood. Leve het Hogeschoolblad I Met deze variant op een eertijds in Frankrijk vaak gebezigde uitdrukking wil ik u meedelen, dat uit het overleg dat de laatste tijden binnen de hogeschool heeft plaatsgehad een nieuwe conceptie is ontwikkeld voor de uitgave van een Hogeschoolblad-nieuwe-stijl. Waarin ligt dat nieuwe? Tot voor kort was het Hogeschoolblad in de praktijk een veredeld mededelingenblad. De eerlijkheid gebied te zeggen dat de omstandigheden de vorige redacties niet veel meer toelieten. Het begrip mededeling w e r d hierin gebruikt in zijn meest algemene zin. Wanneer iemand iets te zeggen had kon hij het in het Hogeschoolblad kwijt. Wanneer iemand niets te zeggen had eveneens. Rubrieken als .Acadabria' (dat overigens door grote aantallen mensen als enige rubriek uit het blad gelezen werd) kenden daardoor een ^grote tijd. Ongeveer elke aflevering bevatte voorts een interview onder het motto ,wat de geïnterviewde zegt is een mededeling'. Onder de omstandigheden van boven (Van Boven?) konden de redacties niet veel meer doen dan ieder nieuw lid van de hogeschoolgemeenschap in de kraag vatten en hem vragen wat hij hier kwam doen. Niet kon men hem vragen of zijn werk wel paste in een systeem en of het systeem wel goed was. In de loop van het afgelopen jaar bedacht men dat het niet onplezierig zou zijn als het Hogeschoolblad toch (weer?) meer de functie van forum van de academische gemeenschap zou gaan vervullen. Links en rechts (ook politiek gezien) werden wat artikelen verzameld en deze werden keurig afgedrukt. Ondanks het feit dat het forum functioneerde was het een bloedeloze zaak. Want waar was de visie? Waar was de man die een en ander aan elkaar schreef? Waar waren de mensen die uitmaakten of iets goed was of niet? Deze laatste vraag mag van een dubieuze strekking zijn, feit is dat een blad slechts bij de gratie van dit soort figuren kan opiniëren. Welnu, dachten de mensen die zich over het probleem-Hogeschoolblad bogen: waarom niet een vriendelijke visionair gesteld aan het hoofd van de nieuwe redactie van het Hogeschoolblad? Laat er iemand komen die iets te bieden heeft en die slim genoeg is om voor zich zelf uit te maken of hij in zijn functie van hoofdredacteur beslist welk artikel er wel en welk artikel er niet zal worden opgenomen.Hij hoeft slechts zo geslepen te zijn dat hij zijn visie als de enig juiste verkoopt aan de commissie die, voortaan onafhankelijk van curatoren, de financiële kraan beroert. Terwille van de objectiviteit (jawel!) zal deze commissie worden samengesteld uit vertegenwoordigers van de vijf (vijf?) geledingen die de Hogeschool kent. Er is ook in het geheel geen sprake geweest van een autocratische beslissing toen de heren die toevallig de laatste vergadering hieromtrent bijwoonden eigenhandig beslisten dat zij zelf dan wel zolang deze objectieve commissie zouden vormen. Erg vérgaande consequenties hoeft deze beslissing overigens ook niet te hebben, want de commissie kan pas in het geweer komen als er iets onherstelbaars is gebeurd: bijvoorbeeld als een bepaald artikel een bepaald hogeschoolbevolkingsdeel bewust of onbewust heeft gekwetst. Een belangrijke overweging speelde nog een rol bij het overleg: wanneer het forumblad zich onder aanvoering van de eindredacteur slechts zou bewegen op gebieden van structuurhervormingen, van economische, sociologische en juridische problemen, in dat geval zou

G. A. M. van den Heuvel

het een steriele toestand opleveren. Het zou beslist ook noodzakelijk zijn dat het Hogeschoolblad hobbyclubs, maar dan in het culturele, tot ventilatiekanaal zou dienen. Sportcommentaren anders dan verslagen van de jaarlijks interuniversitair gespeelde voetbalwedstrijden zouden binnen de principiële en materiële ruimte een plaats kunnen krijgen. Het venijn zit hier in het w o o r d ,kunnen'. Om kort te gaan: wanneer u, geachte lezer, meent iets te moeten meedelen dan hebt u vanaf nu twee gelegenheden: -

als uw mededeling kort is en geen principieel karakter heeft kunt u hem toezenden aan het bureau public relations, dat er voor zal zorgdragen dat om de twee weken al de binnengekomen mededelingen verspreid zullen w o r d e n ;

-

als uw mededeling meer substantieel is, omvangrijk, principieel, de moeite van het overdenken waard, stuurt u hem dan aan ondergetekende, dan zal deze tot op het ogenblik dat een betere eindredacteur gevonden is of zich heeft aangediend, uitmaken of uw bijdrage publicabel is of niet. G. A. M. van den Heuvel

Mocht bovenstaand artikel u geërgerd hebben dan ben u de aangewezen persoon om de nieuwe hoofdredacteur te worden of voor te dragen. 1

THB 1

17 oktober 1969


Dit nummer en de achterban

Regeling van uitgaven van het Hogeschoolblad

Van sommige begrippen gaat een magische kracht uit De intensiteit blijft zelden constant Begrippen boeten aan kracht in of worden sterker om even daarna weer te vervallen in een grauwe nietszeggendheid

Uitgangspunten

Op dit ogenblik heeft het begrip .achterban , tenminste binnen de Nederlandse hogescholen en universiteiten een zodanige inhoud dat sommigen, al naar gelang blij opkijken, woedend worden of verbleken wanneer het woord w o r d t uitgesproken Heel in het algemeen betekent het ,de mensen die door een of meerdere personen ergens vertegenwoordigd w o r d e n ' Dat daarbij kwantitatieve en kwalitatieve factoren een rol spelen is duidelijk De achterban van de structuurcommissie (of moet hier gesproken worden van de achterbannen') is een verzameling lieden van velerlei aard Dat is onder andere gebleken toen het Hogeschoolblad aan aantal figuren, waarvan aangenomen w e r d dat ze zich met de structuurproblematiek bezig houden, verzocht om hun visie te geven op hetgeen zich binnen de hogeschool rondom structuurhervormingen afspeelt Enerzijds waren er enkelen die zich in zekere zin onpasselijk voelden, anderzijds waren er die graag van de gelegenheid aebruik maakten om hun zegje te doen De vier artikelen van de heren Bosman, De Miranda, Pauw en Terwmdt kunnen ongewild een bepaalde kleur aan dit nummer geven Het is met onmogelijk dat zij een groot aantal mensen tegen de haren instrijken Als dit het geval is dan kan de lezer ze afdoen als waardeloos of de moeite nemen er teqen in het verweer te komen Het minste echter wat de lezer kan doen is constateren dat wat er in de achterban leeft tot nu toe nog met altijd hardop is uitgesproken

1

Er moet een periodiek zijn, dat de leden van de hogeschoolgemeenschap regelmatig informeert over alle zaken die betrekking hebben op hun relatie tot de hogeschool Het bestuur van de hogeschool is er voor verantwoordelijk dat deze informatie tot stand komt

2

Naast de verspreiding van feitelijke informatie (,mededelingenblad') bestaat tevens behoefte aan een forum, waarop leden van de hogeschoolgemeenschap onderling gedachten kunnen uitwisselen over voor hen belangrijke onderwerpen Het zoveel mogelijk tegemoetkomen aan deze behoefte kan eveneens als een bestuurstaak worden beschouwd

3

Combinatie van de beide uitgaven is wenselijk Dat is met alleen goedkoper, het leidt ook tot een betere service aan de lezers

Financiering Het blad wordt door de hogeschool gefinancierd Mogelijk kan enige compensatie worden gevonden in het plaatsen van advertenties

Uitgave Het bestuur van de hogeschool belast het bureau public relations met de uitgave van het blad Tot de taak van dat bureau zullen behoren -

-

het verzamelen en persklaar maken van de mededelingen (mededelingen van curatoren, senaat, faculteiten, stafconvent, A T S O voorzover mede bestemd voor alle geledingen, bibliotheek, bureau senaat, bureau studentenbelangen, structuurcommissie, aankondigingen, samenvattingen van oraties en proefschriften,' eventueel ook academisch nieuws van buiten de hogeschool, rapporten van de Academische Raad, nota s van de minister, e n z ) , verzorging van de lay-out,

-

toezicht op het drukken en verzenden

Wellicht zijn er nog meer zaken nooit hardop gezegd De redactie zal dan gaarne nader van u vernemen

WOORDEN OM WOORDEN One-man-one-vote is een serie woorden die gezamenlijk een betekenis hebben gekregen Uiterlijk draagt deze serie w o o r d e n het kenmerk van een slogan innerlijk lijkt hij moeilijk te vatten De uitspraak van deze woorden (die in het Nederalnds vertaald een-stem-per-man/persoon zou opleveren) loopt van ,wun-man-wunvoot tot ,wan-men-wan-foet

De redacteur is uitsluitend verantwoordelijk aan de hogeschoolbladcommissie, die hem een algemene richtlijn geeft voor het redactionele beleid Voor het overige is de redacteur onafhankelijk Hij kan zich doen bijstaan door vaste correspondenten, dan wel voor ieder nummer afzonderlijk medewerkers zoeken

Het aardigste resultaat krijgt men overigens wanneer men een en ander afkort geschreven totalitairs, gesproken

omov', hetgeen doet denken aan iets Russisch, iets

Tilburgs

B e z w a r e n tegen de plaatsing van

,omof', hetgeen doet denken aan iets Duits, iets totalitairs

Merkwaardigi

y_ ^

H.

Hogeschoolblad

Redactie-adres

Hogeschoollaan 225 kamer 113, telefoon 70960 toestel 458

Redactie

Drs

Redactie mededelingen

Bureau Public Relations

G A M van den Heuvel

Zakelijk leider

C

F

Brinkhuizen

De foto s in dit nummer zijn van fotograaf R Siers Alle copy zenden naar het redactie adres De sluitingsdatum voor het inleveren van copy voor het komende nummer is 23 oktober.

Redactie De redactie van de mededelingen - verzamelen en persklaar maken IS inbegrepen bij de taak van het bureau public relations Voor de overige kopij - het ,forum - wordt een redacteur benoemd door de hogeschoolbladcommissie De vijf geledingen benoemen ieder een lid van deze commissie

artikelen

Indien bezwaren rijzen - ruimtelijke of principiĂŤle - tegen het opnemen van bepaalde teksten, zullen de redacteur en het bureau public relations m eerste instantie zelf proberen in overleg met de betrokkenen een bevredigende oplossing te vinden Indien zij daarin met slagen, beslist de hogeschoolbladcommissie bij meerderheid van stemmen Bezwaren tegen geplaatste

artikelen

PrincipiĂŤle bezwaren tegen een geplaatst artikel kan men indienen bij de redacteur Indien deze er met inslaagt de kwestie bij te leggen, kunnen beide partijen hun standpunt voorleggen aan de hogeschoolbladcommissie, die bij meerderheid van stemmen uitspraak doet Tegen deze uitspraak is geen beroep mogelijk Wel IS mogelijk, dat een geleding die zich met met de uitspraak kan verenigen, haar vertegenwoordiger uit de hogeschoolbladcommissie terugtrekt Indien de hogeschoolbladcommissie principieel bezwaar heeft tegen het beleid van de redacteur, kan zij hem nadere richtlijnen geven Als dat met leidt tot opheffing van het bezwaar, kan zij hem ontslaan

J


Ontboezeming van een conversatief

De in vrijheid geborenen

Als gevraagd wordt commentaar te geven op de gang van zaken aan onze hogeschool, dan ligt het voor de hand aan de structuurcommissie de voornaamste aandacht te geven Deze commissie werd immers aan het einde van de bezetting aangewezen om aan het in principe erkende medebeslissingsrecht concrete gestalte te geven

In de hogeschool is een tentoonstelling ingericht welke onder de titel ,we nemen het weer niet de gedaanten van het fascisme in verleden en heden belicht

Tot dusver zijn met die uitwerking nog weinig vorderingen gemaakt er IS gepraat over de openbaarheid over de positie van het curatorium over het veto-recht, over het verschijnen van de nota-Vennga, maar nog weinig over de gewenste structuur aan onze hogeschool Ik betreur dat en vind de behandeling van de genoemde punten (afgezien van de openbaarheid) onjuist Ik meen dat het belangrijker IS een structuurplan te hebben dan tegen het curatorium aan te schoppen, dat zelf heeft verklaard dat het m de huidige vorm ongetwijfeld zal verdwijnen Het lijkt mij ook weinig zinvol om te praten over het veto-recht der geledingen als het nog met duidelijk is of de structuurcommissie met een plan zal komen waartegen zich een eventueel veto zou moeten richten En ook wat de nota-Vennga betreft is mijn oordeel dat men sterker staat als men zelf een plan heeft wanneer men zich tegen het plan-Vennga zou willen afzetten Zelf vind ik m dit plan veel wat mij aantrekt Het wetsontwerp is er echter nog met en als het er wel is moet het nog behandeld worden, hetgeen met deze gevoelige materie beslist vrij veel tijd zal kosten Hoe eerder men een eigen constructie heeft, hoe sterker men staat als men deze en met de constructie-Veringa wil invoeren Het is verder heel goed mogelijk dat het wetsontwerp bepaalde varianten mogelijk maakt Het IS wel bekend dat ik ten aanzien van het medebeslissingsrecht van studenten met tot de koplopers behoor en men kan met verwachten, dat mijn eigen mening terzake, te vinden m het Tilburgse Hogeschoolblad van 1 april 1969, door ultimatums w o r d t veranderd Maar dat betekent met, dat ik een rapport van de structuurcommissie (eventueel ook een meerderheidsrapport) dat verder gaat dan mijn eigen denkbeelden, zal verwerpen ledere geleding zal m geval van een uitgebracht rapport een zware verantwoordelijkheid dragen en met licht tot verwerping overgaan Ik neem mij voor volledig open te staan voor alle argumentatie en het ligt voor de hand dat de opvattingen van de hoogleraren m de commissie v o o r mij zwaar zullen wegen Daarbij ga ik er van uit dat de geledingen in hun geheel over het rapport moeten oordelen en met alleen de besturen In dit verband zou ik graag willen weten hoe het geheel van de studenten betrokken IS geweest bij de aanwijzing van hun afgevaardigden in de structuurcommissie Overtuigen moet men met argumenten In het vorige studiejaar had ik al erg veel moeite met verstoringen en incidenten als middelen om de ,autoriteiten' tot beter inzicht te brengen Nu een reĂŤel overleg op gang is gekomen is er voor ordeverstoringen en bezettingen helemaal geen plaats meer Naar ik hoop zullen de studenten, die het hiermee eens zijn, zich met vrijblijvend opstellen als het weer tot terreurachtig optreden zou komen Ik wil tenslotte nog opmerken dat het mij weinig doelmatig voorkomt om eerst te gaan praten over interim-oplossingen die misschien maar een jaar gelden De problemen, die zich daarbij voordoen inzake bevoegdheden en samenstelling van organen, zijn in principe met verschillend van die, welke ten aanzien van de definitieve structuur (,definitief' in de zin van gelden voor de eerstvolgende jaren) optreden en het is dus m i tijdverspilling om over dergelijke kortstondige interim-oplossingen te gaan onderhandelen Hoe eerder de structuurcommissie door analyse van de processen waar het op de hogeschool om gaat, tot rationele suggesties voor een andere bestuursstructuur komt, hoe beter Al het andere is met belangrijk genoeg om behandeling van de hoofdmaterie op te houden 29 september 1969

H. W. J. Bosman

In realistische beelden worden de gruwelen van het concentratiekamp Sachsenhausen voor het voetlicht gebracht en verband gelegd tussen verleden en heden door soortgelijke beelden van huidige politieke systemen met als bespiegelende achtergrond ,dat wij zelf de ongelijkheid in de wereld in stand houden en er tegelijkertijd het slachtoffer van zijn' De vrijheid die het einde van de tweede wereldoorlog ons bracht, IS op verschillende wijze ervaren Zij die terugkeerden uit de concentratiekampen hadden tijdens hun verblijf aldaar utopistische concepties opgebouwd en werden ontgoocheld met het werkelijke leven geconfronteerd Vandaar dat zij willen afrekenen met alle huidige soortgelijke politieke systemen die een vrijheidsberoving van de mens inhouden ZIJ die in Nederland werden bevrijd, deels met feestvreugde, deels met een knagend nagevoel van leed en honger, ervoeren de vrijheid als een onbelemmerd gevoel van handelen daarbij geconfronteerd met een geleidelijke terugkeer van de spelregels die in een normale samenleving gelden 'n deze overgangsperiode naar een gebonden vrijheid manifesteerde zich het ,inhaal -verschijnsel Inhalen wat in de oorlog met kon worden gerealiseerd, daarbij afrekenend met het dwangneurotisch normenpatroon van het verleden en zoekend naar nieuwe normen in het heden welke voor velen met een gebonden, maar een absolute vrijheid inhield In deze overgangsperiode werden een groot aantal .mhaal'-huwelijken gesloten Het geboortecijfer liep in de jaren 1946 en 1947 tot ongekende hoogte op, om daarna geleidelijk teruglopend in het jaar 1950 wederom tot normale proporties te komen De in vrijheid geborenen, die in alle lagen van de bevolking worden gevonden, begonnen hun levensloop en de eerste 12-jarigen verlaten in het jaar 1958 de lagere school Kort daarna manifesteert zich een zich vrijer dan voorheen opstellende jeugd m geschakeerde toonaarden, houdingen en symbolen Een bepaalde positieve functie kan hen niet worden ontzegd Zij zijn de avant-garde voor nieuwe culturele stromingen zoals die in muziek en mode opgeld doen In het jaar 1964 doen de eerste 18-jarigen van de top van de in vrijheid geborenen hun intrede in het hoger onderwijs En zoals degenen die in het jaar 1958 de lagere school verlieten enige tijd nodig hadden om zich een brommer te kopen, zo heeft de student in vrijheid geboren enige tijd nodig om zijn vrijheidsidee te confronteren met de huidige maatschappij-opvattingen en met geestesgenoten tot groepsvorming te komen De hieruit voortvloeiende interacties zijn mondiaal en manifesteren zich afzonderlijk in alle landen die rechtstreeks of zijdelings bij de tweede wereldoorlog waren betrokken Het IS wederom als een positieve functie aan te merken dat de avantgarde onder hen de vrijheidsgedachte als sociaal bewustzijnsproces heeft geactiveerd Avant-garde duidt op een bepaalde groep studenten met eigen kenmerken als geleding m de studentengemeenschap Hun idee over vrijheid is absoluut en hun interactie en communicatiemiddelen zijn daaraan angepast Zij bedienen zich van sit-ins, muurkranten en bladen waarin de menselijke vrijheid van handelen m al zijn facetten w o r d t afgebeeld Zij meten zich met iedere ,autoriteit', doch vergeten dat ZIJ nooit hebben geleefd onder de autoriteit van die huidige politieke systemen wier kleur zij dragen Zij balanceren op het sociale koord van mijn en dijn en lokken aan de andere partij uitspraken of handelingen uit die tegen de vitale essentie van het student-zijn zijn gericht, op deze wijze trachtend de achterban, de grote groepering overige studenten die ,alleen maar willen studeren' in hun acties mede te betrekken 3

THB 1

17 oktober 1969


Perspectief op onderwijs

De door bezetting veroorzaakte sluiting van de hogeschool w e r d door de gehele studentengemeenschap in strijd met de vitale essentie van het student-zijn ervaren, zodat de actiegroep deze gemeenschap als geheel meekreeg en medebeslissingsrecht voor alle geledingen kon worden afgedwongen Na het jaar 1970 gaan de eerste avant-gardisten afstuderen De in vrijheid geborenen zullen hun ideeĂŤn aan jongere vaandeldragers moeten doorgeven In de totale studentengemeenschap gezien, zal hun groep steeds kleiner worden en de te bespelen achterban steeds groter, zodat hun acties zullen escaleren Naar analogie van de gereleveerde tentoonstellingsachtergrond geldt WIJ zelf houden de spanningen in stand en zijn er tegelijkertijd het slachtoffer van' De huidige impasse waarin de hogeschool verkeert, is te zoeken in het feit dat de problematiek van de vernieuwingen vanuit een te zeer eigen standpunt van groepen en leden onderling w o r d t benaderd Er IS een lange aanloop en diepe duik in de feitelijkheden nodig om tot theorievorming aangaande evaluatie te komen Om redenen van zelfbehoud wenst men deze lange aanloop met te nemen De feitelijkheden worden onvoldoende onderkend (of wil men niet onderkennen) en men raakt hees gepraat over de inhoud van begrippen als democratie en de door alle geledingen aanvaarde openbaarheid en medebeslissingsrecht Hierdoor zijn structuurnota's van binnen uit door representanten van geledingen als discussiestukken naar voren gebracht op de achtergrond gekomen Een nota van - b u i t e n af die een bestuursstructuur oplegt zonder daarin aan onderwijs en onderzoek en aan de bij de infrastructuur betrokken groepen aandacht te schenken, is ter discussie naar het besturenberaad verschoven, doch de verschillende besturen hebben hun mening er nog niet over uitgesproken daar een dergelijk beraad hierover nog niet heeft plaats gehad Het is een wedloop met de tijd die wij hebben verloren want een verzoek om opschorting van een dergelijke opgelegde bestuursstructuur zal slechts worden overwogen indien daar een door alle geledingen aanvaarde eigen structuurnota tegenover zou staan Een en ander sluit echter met uit dat het bewustwordingsproces van evaluatie in alle geledingen op korte termijn op gang moet worden gebracht Een poging daartoe is dat zowel docenten, wetenschappelijke medewerkers als studenten daadwerkelijk bij de theorievorming aangaande evaluatievraagstukken worden betrokken Te overwegen ware in het studieprogramma de organisatie van de hogeschool' als project op te nemen en de inbreng vanuit verschillende disciplines door discussiegroepen, zoals die voor enige vakken reeds zijn gerealiseerd, te coĂśrdineren De acties van de in vrijheid geborenen zullen steeds emotionele reacties veroorzaken daar hun leefpatroon en wijze van manifestatie met dezelfde zijn als die van de overige studenten en geledingen A f k e e r en spanningen blijven derhalve bestaan en worden niet opgelost daar rationele reacties uitblijven Deze kunnen slechts worden geactiveerd indien de overige studenten met een behoorlijke kennis van zaken een dialoog met hen aangaan waardoor klaarheid in wederzijdse inzichten kan worden bevorderd en de functies van acties aan een waarde-oordeel kan worden onderworpen Het behoeft geen nader betoog dat de vruchten van een als boven geschetst projectonderwijs eveneens toevallen aan alle docenten en wetenschappelijke medewerkers en dat de op deze wijze verkregen zoete smaak stimulerend kan werken op de overbrugging van verschillende inzichten die ook in deze geledingen bestaan J. Terwindt

Gaarne wil ik u iets vertellen over een merkwaardige onderwijsexcursie, die ik onlangs onder kundige leiding mocht meemaken Als eerste punt stond op het programma een bezoek aan een klem charmant plaatsje aan de zuidkust van Engeland, New Romney geheten De rondleider, een begaafde onderwijzer wees terloops op het streven naar vernieuwing niet alleen uitgedrukt in deze naam, maar ook in een bezienswaardigheid het kleinste treintje ter wereld, dat op normale wijze personen vervoert tussen verschillende stadjes en dorpen Reuzen op de stalen baan, zoals de Samson, de Green Goddess, de Sutton Flyer en de Winston Churchill - maar met hoger dan een personenauto - trokken ons met duizelingwekkende snelheid voort door het lieflijke landschap Het spel met tijd en afmetingen w e r d voortgezet m het spoorwegmuseum, waar onze aandacht met alleen werd getrokken door een mini-miniatuur-spoorweg, maar meer nog door vele aspecten van de stoommachine gedemonstreerd aan bewegende modellen met duidelijke uitleg Hier konden wij worden ingewijd m de wonderen der technieki Door een penny in een gleuf te stoppen ging voor onze ogen een opengesneden model van de stoomschuif bewegen De toelichting vermeldde met alleen een technische uiteenzetting van de werking van dit vernuftige apparaat, maar ook het verhaal van James Watt, die als jongen de stoommachine van zijn vader moest bedienen, maar liever ging knikkeren met zijn kornuiten Toch werden de diverse kranen op tijd geopend en gesloten dank zij een uitvinding die (mede) tot een technische en maatschappelijke revolutie zou voeren De overgang van dit museum naar onze autobus werd een eigenaardige sensatie een terugkeer in de wereld van auto televisie, raket en electrische trein Van hieruit kwamen vragen op als Liepen wij zojuist rond in een hyporealistisch tafereel van een omgekeerde s c i e n c e - f i c t i o n - r o m a n ' Betaalden wij entree in een museum in het kwadraat, een museum dat zelf een museumstuk is geworden (maar dit laatste nog niet weeti)'? De excursie voerde ons vervolgens naar grote steden met een verscheidenheid aan instellingen voor onderwijs, die door de rondleider met Engelse humor werden vergeleken met enige moderne bedrijven W e kregen hierdoor steeds meer oog voor de vreemde wereld van het huidige onderwijs Treffen we hier met opmerkelijk veel mensen aan belast met het geven en organiseren van onderwijs, zoals er ook in de katoenspinnerij van de oude Watt veel uitvoerende en organisatorische werkzaamheden werden verricht? We kunnen vervolgens vaststellen - aldus onze rondleider - dat de werkzaamheden in deze .onderwijswerkplaatsen' o m gericht zijn op het ,vervaardigen' van vele soorten ingenieurs, economen en andere specialisten, waardoor het moderne bedrijf zich juist onderscheidt van de werkplaats uit het begin van de vorige eeuw Paradoxaal w o r d t de toestand m het onderwijs als we opmerken dat in het onderwijs enerzijds ruimschoots aandacht wordt gegeven aan moderne arbeidsverdeling, terwijl deze anderzijds in het onderwijsbedrijf zelf niet tot stand w o r d t gebrachfi Dat een meer efficiĂŤnte bedrijfsvoering w e r d verkregen door de scheiding tussen uitvoerende werkzaamheden en de bestudering van deze werkzaamheden, behoort tot de leerstof van verschillende vakken Voor verbeteringen is men met meer aangewezen op de toevallige uitvindingen van intelligente practici Integendeel men organiseert het uitvinden, men investeert grote bedragen in research, soms tot circa 15 % van de jaaromzet' Hierdoor kon men overgaan van stoom- op electrische tremen, waardoor het museum in New Romney w e r d gekwadrateerd Schoolboeken, krantenartikelen, tentoonstellingen en studieboeken handelen steeds meer over deze .vooruitgang', maar in het onderwijsbedrijf zelf worden oplossingen van de problemen verwacht op de wijze van James Watt in talloze vergaderingen van mm of meer tijdelijke commissies treffen w e slechts uitvoerders en organisatoren van onderwijs aan, bezig met de herstructurering van het onderwijs, in de laatste tijd aangevuld met andere direct-betrokkenen, de studenten Maar wie van deze mensen w e r d ooit opgeleid voor de omgang met deze problematiek? Wat omvang betreft is het onderwijsbedrijf groter dan de deltawerken Maar waar zijn de onderwijskundigen, die de bestaande structuren 4


Democratisering in ganzepas

bestuderen tekortkomingen analyseren en nieuwe structuren ontwerpen en beproeven'' Welke fractie van een procent van de begroting voor onderwijs is bestemd voor het ontwikkelen van een bruikbare onderwijskunde? Of durft iemand de stelling te verdedigen dat het ontwerpen van nieuwe onderwijsstructuren eenvoudig is, vergeleken met het ontwerpen van methoden om onze zeegaten af te sluiten of om van stoom- op electnsche tremen over te gaan"? In de huidige discussies over onderwijs zou men met veel steun voor die stelling kunnen vindeni De dimensies van deze problematiek kunnen we enigszins gaan aanvoelen door er op te letten dat maatschappelijke veranderingen tegenwoordig zeer snel verlopen tengevolge van de uitgebreide beoefening van wetenschap en techniek Het Centraal Plan Bureau kan slechts met ruime marge van onzekerheid verwachtingen uitspreken voor een langere termijn dan een jaari Vergelijken we hiermee de studieduur aan een instelling van onderwijs dan blijkt het vast-stellen' van onderwijsdoelen, die over bijvoorbeeld v i j f j a r e n bereikt moeten zijn een hachelijke zaak te zijn geworden Met andere woorden het onderwijsbedrijf tot voor kort een enclave van rust en stabiliteit, van waaruit men ,the wind of change tot orkaankracht zag aanzwellen, wordt nu ook zelf m de maalstroom opgenomen Ziet men de dimensies van dit historische proces dan is het weinig waarschijnlijk dat Dinnenkort - door enige organisatorische maatregelen m het bestaande kader - weer een stabiele toestand zal ontstaan ,die mijn tijd wel zal duren' Het komt mij voor dat in deze situatie vormen van professionalisering noodzakelijk zijn, zowel ten aan van het ontwerpen en uitvoeren van onderwijsbeleid als ten aanzien van het ontwikkelen van nieuwe onderwijsvormen (toetsing inbegrepen) Maar bij het zoeken naar vormen van professionalisering en specialisering in onderwijsproblemen zal men zich moeten laten waarschuwen door het feit, dat deze professionalisering in het onderwijs zo lang achterwege bleef Waarom was dit het geval'? Als we hier met normale technische problemen te maken hadden, zou men dan met reeds lang tot een ,onderwijstechniek' zijn gekomen'? Spreekt zich in dit uitblijven met het besef uit, dat eigenlijk slechts in analoge zin van een onderwijs-,bedrijf' sprake kan zijn? Hierbij bedoel ik met dat hier net als bij de deltawerken zonder winstoogmerken w o r d t gehandeld Wel gaat het mijns inziens om de vraag of er in het onderwijs ,iets' w o r d t ,geproduceerd Het wekt weerstand, te zeggen dat in het onderwijs ingenieurs, economen enz worden ,vervaardigd' Waarom'? Hierover doordenkende kom ik uit bij het besef dat de mens met adequaat kan worden beschreven als ,een ding' - of iets met bepaalde .eigenschappen' Mens is degene voor w.e er letscn met eigenschappen bestaan Daarom moet onderwijs meer zijn dan kennisoverdracht e n / o f vorming van psychische of geestelijke vermogens, namelijk het betrekken bij bepaalde vragen, deelname aan het gesprek over economische, juridische enz vragen en het leren kiezen voor bepaalde vragen, die een beroep op iemand doen, waarvoor hij zich ver-antwoord-elijk gaat voelen Problematiek van zulke dimensies vereist enerzijds professionalisering, om hierin tot grotere helderheid te komen, waardoor anderzijds de taal wordt voorbereid waarin alle bij het onderwijs betrokkenen ook aan deze problematiek kunnen deelnemen, zonder hierdoor overmatig te worden belast Samenvattend meen ik dat tegenwoordig de voorwaarden ontbreken voor een vruchtbaar gesprek over ,veranderd onderwijs' en de veranderingen die daarin moeten worden aangebracht Men zal zich op lange termijn moeten instellen en de voorwaarden moeten scheppen voor veranderend onderwijs' Dit houdt enerzijds de noodzaak tot professionalisering in het scheppen van organen die met ,met een kwaad geweten' en zonder voldoende voorbereiding de herstructurering van onderwijs bestuderen Anderzijds houdt dit de noodzaak in tot vergaande democratisering de betrokkenen (docenten en studenten) zoveel mogelijk betrekken bij de gemeenschappelijke onderwijstaak (Slot volgt)

Wanneer men de samenstelling en de daaraan ten grondslag liggende wijze van samenstelling van de studentendelegatie in de structuurcommissie - het laatste voorzover tenminste mogelijk door de beslotenheid waarin een en ander geschiedde - nagaat, komt men tot verrassende ontdekkinge/i Als vertegenwoordigers van de (op het moment van samenstelling) meer dan 2500 studenten treden 5 leden van de S V B op, een groepering waarop tijdens de jongste grondraadsverkiezingen die zolang geen nieuwe verkiezingen gehouden zijn nog steeds als basis v o o r iedere afvaardiging moeten dienen, 496 van de totaal 1284 stemmen werden uitgebracht Tot dit ondemocratisch resultaat kwam men op ondemocratische wijze in de derde macht Allereerst omdat geen gebruik werd gemaakt van algemene verkiezingen De belangrijkheid van het door de structuurcommissie te bereiken doel namelijk de bepaling van het structurele dus bestaansklimaat binnen de hogeschool, maakt ieder ander middel tot aanwijzing van de vertegenwoordigers in deze vooruitgeschoven post dan met algemene verkiezingen minder democratisch De in het nabije verleden door het ATSO-bestuur te pas en te onpas en met welk oogmerk dan ook bijeengeroepen algemene studentenvergaderingen, maken het besluit van het ATSO-bestuur om voor deze gelegenheid met hetzelfde te doen, des te onbegrijpelijker of misschien wel begrijpelijker Vervolgens w e r d het dan het meest voor de hand liggend middel, namelijk een benoeming door het parlement van de A T S O , de TSR, evenmin gehanteerd Deze hele zaak w e r d in de TSR-vergadering van 20 mei jl blijkens de notulen afgedaan met een mededeling van ATSO-voorzitter Jansma, ,,dat deze zaak uitgebreid in de algemene seksie ' (4 personen, P ) aan de orde is g e w e e s t ' en dat , gedacht w o r d t aan 5 vertegenwoordigers waarvan 3 te benoemen door de faculteiten en 2 door het ATSO-bestuur' Uitgebreider is dit punt met aan de orde geweest Inderdaad blijkt het ATSO-bestuur (7 SVB-ers) deze procedure, blijkbaar of met, als zijnde de meest democratische te hebben aangewezen In de tweesporigheid van dit aangewezen systeem schuilen de laatste ondemocratische elementen Hier worden twee systemen, die een verschillend uitgangspunt hebben en verschillende functies, zodanig gecombineerd dat alle naast de S V B functionerende stromingen blijkens het resultaat, waarbij echter rekening moet worden gehouden met de ondemocratische toepassing van het democratisch-representatieve systeem via de grondraad, worden geĂŤlimineerd Het is aan te nemen, dat het ATSO-bestuur met het oog op het voorzienbare resultaat van dit systeem, in dit geval mede gebruik heeft gemaakt van het door haar zo verfoeide corporatistische systeem m de benoeming door de faculteitsvereniging en heeft gekozen voor een procedure die een aanfluiting betekent voor de door haar aangehangen

grafische kunstinrichting

j . j . a. v a n der \A/ee n.v. koestraat 83-85 - telefoon 23137 tilburg

Dr. J. de Miranda THB 1

17 oktober 1969


Verslag hogeschoolvergadering

one-man-one-vote-gedachte die een gelijke kracht voor iedere stem inhoudt Men zou ook kunnen zeggen, dat het door deze manipulatieve ingreep tot stand gebrachte resultaat een eigenaardig licht werpt op de oprechtheid waarmee het ATSO-bestuur en de in haar geïncorporeerde S V B het one-man-one-vote-systeem aanhangen en het corporatistisch systeem verwerpen De structuurcommissie is tot nu toe zes maal onder de bekwame en objectieve leiding van Mr Kuypers bijeen geweest Men kan echter met zeggen dat daarin belangrijke resultaten zijn geboekt Niet-wezenlijke procedure-kwesties werden in een ieder vruchtbaar gesprek verstikkend wantrouwen tot op het bot uitgevochten Deze gang van zaken is de aanleiding geweest tot frustaties zowel in de structuurcommissie als in de achterban, in de structuurcommissie zelf, omdat men de aldus ingeslagen weg zag leiden naar een diep ravijn en in de achterban, omdat men zich machteloos voelde in te grijpen Uiteindeliik zijn alle problemen in de functionering van deze commissie terug te brengen tot het probleem van de ontbrekende representativiteit van de studentendelegatie Aan de ene kant werden de overige delegaties opgescheept met een studentenafvaardiging, waarvan zij de representativiteit binnensmonds m twijfel trokken, maar in het overleg automatisch erkende, terwijl anderzijds de quasi-vertegenw o o r d i g d e studentenmeerderheid alle in een zodanig samengestelde commissie te bereiken resultaten bij voorbaat diskwalificeerde Zolang de aldus ontstane kloof blijft bestaan, is verder overleg zinloos De structuurcommissie zelf zal haar isolement moeten doorbreken, o a door zich een toetsingsplicht op te leggen van fractiestandpunten aan de mening in de vertegenwoordigde geledingen Het aanvaarden van deze plicht zou bovendien gestalte geven aan de nu nog or>duideMjke plaats van de structuurcommissie m het hogeschoolbestel Het zou de dienende functie, die men de structuurcommissie op straffe van een verwijt het wezen van het structuurprobleem te miskennen, moet toekennen, aangeven De structuurcommissie moet immers fungeren als rustpunt waar de in de geledingen levende denkbeelden door de desbetreffende afgevaardigden worden samengebracht en indien nodig aan elkaar worden aangepast Deze aanpassing zal met anders kunnen geschieden dan met een aan de mening in de geledingen ontleende bereidheid tot geven en nemen Een door de afgevaardigden zonder verder contact met de achterban onwrikbaar vasthouden aan een in eerste instantie door de achterban ingenomen standpunt zou een negatie betekenen van de democratische rechten van zowel deze achterban alsook van de andere geledingen Met de aldus aangedragen en aangepaste elementen moet, met een regelmatige tussentijds beroep op de achterban, een nieuwe en passende structuur worden ontwikkeld 1 oktober 1969

B. M. J. Pauw

CERfSEtfEilffpü

DINSDAG 7 OKTOBER 1969 Drie kwartier te laat opende de voorzitter, de heer Keune, de vergadering Om reden van het ontbreken van een deugdelijke geluidsinstallatie moest het een zeer rustige vergadering worden, belangrijke besluiten werden er dan ook met genomen Als een van de oorzaken van deze besluiteloosheid moet het gebrek aan informatie genoemd worden Het blijkt dat het bij de huidige vorm van communicatie enerzijds schort aan wezenlijke betrokkenheid en belangstelling van de zijde van bepaalde studenten Nu terugkomende op de vergadering De voorzitter gaf het w o o r d aan Jan Luchtman (studentenafgevaardigde in de structuurcommissie), die een korte uiteenzetting gaf wat de nota-Veringa beoogde en wat de kritiek daarop was De voornaamste punten van kritiek waren 1 de invoeging van de vijfde geleding (maatschappijgeleding) in de universiteitsraad, b

de onafhankelijke positie van het universiteitsbestuur, de machteloosheid van de universiteitsraad t o v een door de Kroon benoemd universiteitsbestuur,

c

de procedure van de minister, waar hij eerst verklaarde te wachten met het maken van een wetsontwerp totdat alle universiteiten en hogescholen met hun voorstellen gereed waren en welke procedure hij na 27 juni wijzigde door het indienen van een nota,

d

de inconsequente afwijzing door de minister van het one-manone-vote-prmcipe op universitair- en faculteitsniveau, terwijl hij het wel verwezenlijkbaar ziet in de kleinste werkeenheden

Na enige discussie over de uitgangspunten van de nota-Veringa en de krrtiek daarop kwam een door de studentenleden ingediende motie in stemming Deze luidde De hogeschoolvergadering m vergadering bijeen op dinsdao 7 oktober 1969 kennis genomen hebbende van de plannen van minister Veringa, overwegende medebeslissingsrecht voor alle geledingen op alle' niveaus, zoals neergelegd in de verklaring van senaat en curatoren van 7 mei 1969, uitgangspunt is voor het structuuroverleg, overwegende dat de minister voornemens is om de herstructurering van het wetenschappelijk onderwijs van bovenaf te gaan regelen ongeacht de uitkomst van het overleg tussen de betrokkenen, concludeert dat een zinvolle basis voor het overleg pas tot stand komt door een afwijzen van ieder wetsontwerp die met gebaseerd IS op het overleg binnen en met de universiteiten en hogescholen Deze motie w e r d met overweldigende meerderheid aangenomen Vervolgens legde Time Akkermans uit waarom het overleg in de structuurcommissie na 7 vergaderingen nog met tot concrete resultaten was gekomen Er waren, alvorens met de structuurvraagstukken te beginnen, enkele belangrijke principiële beslissingen door de structuurcommissie te nemen Het was duidelijk dat het punt van de deelname van het curatorium aan het structuuroverleg eerst opgelost moest worden alvorens verder te gaan Na 2 vergaderingen praten stapten zij dan tenslotte op Het tweede punt was de openbaarheid. Een zeer belangrijke kwestie, aangezien het streven naar een democratische structuur een volledige openbaarheid van vergaderingen en stukken eist De openbaarheid van het structuuroverleg w e r d tenslotte na veel geharrewar (wel tribune, geen tribune) opgelost door een intens televisiecircuit op het balcon van de aula te plaatsen Het derde, en voor de voortgang van het overleg wel het belangrijkste punt, was de nota-Veringa Ook t a v dit punt blijft onduidelijkheid bestaan, ook na het antwoord van de senaat op het verzoek van de laatste Veringa-vergadering (29 september 1969) om zich duidelijk over de nota-Veringa uit te spreken, blijkt dat zij geen standpunt willen innemen, zodat het geheel van de discussies in de structuurcommissie m de lucht blijft hangen Tijdens de laatste vergadering werden pas structuurvoorstellen bediscussieerd Door de studentendelegatie was een plan tot democratisering van de faculteiten ingediend Een van de basisprincipes van dit voorstel was het one-man-one-vote-systeem, wat natuurlijk bij de senaat verzet

(z

6

•


Voorstellen tot faculteitshervorming

uitlokte Aangezien de vergadering nog met over voldoende informatie beschikte aangaande het faculteitsvoorstel van de studentendelegatie, verschoof men de stemming over de motie over dit voorstel naar de volgende hogeschoolvergadering Motie

faculteitshervorming

Studenten van de Katholieke Hogeschool Tilburg op 7 oktober in vergadering bijeen uitgaande van de verklaring van 7 mei 1969 ten aanzien van het medebeslissingsrecht (voor alle geledingen op alle niveaus), overwegende dat de realisering van dit medebeslissingsrecht op faculteitsniveau de invoering van het one-man-one-vote-systeem impliceert met dien verstande dat met afschaffing van de geledingen iedereen door iedereen verkozen kan worden overwegende dat de aldus in te stellen faculteitsraad alle huidige bestuursmacht in de faculteit toekomt, overwegende dat de aldus in te stellen faculteitsraad een verantwoordingsplicht heeft aan de algemene faculteitsvergadering, overwegende dat de aldus in te stellen faculteitsraad in overleg met de andere faculteitsraden moet komen tot een afbakening van haar autonome bevoegdheden en taken, concludeert dat deze uitgangspunten de basis moeten zijn voor het overleg van de studentenfractie in de structuurcommissie en draagt haar vertegenwoordigers in de structuurcommissie op in overeenstemming hiermee te handelen Na het punt van de structuurcommissie w e r d de representativiteit van de afvaardiging van de A T S O en de TSR ter discussie gesteld De voorzitter van de A T S O licht de moeilijkheden gerezen op 2 oktober met een deel der TSR toe Appel en N S A vinden dat de studentensectie in het hogeschool-structuuroverleg op onjuiste wijze tot stand is gekomen, omdat het had moeten geschieden op basis van de TSR-verhoudingen In een discussie met Appel-leider Van de Goorberg blijkt dat de sectie onderwijs, waarin alle partijen zitting hebben, heeft besloten de studentenfractie v o o r het structuuroverleg te bemannen vanuit de faculteiten - de A T S O heeft dit gedaan - , de voordracht kon echter niet meer zoals was voorgenomen aan de hele TSR worden voorgelegd omdat het voorbereidmgswerk der fractie moest beginnen en het onmogelijk was de TSR-leden bijeen te krijgen vanwege onder andere hun buitenlandse verplichtingen Als merkwaardig wordt het beoordeeld dat de Appel-fractie met het aan de orde stellen van een dergelijk belangrijk onderwerp heeft gewacht tot de ATSO op 2 oktober de TSR bijeenriep Appel had dit zelf kunnen doen en wel veel eerderi De A T S O voelt met voor vervanging der sectie m het structuuroverleg omdat dit het overleg nog meer zou doen stagneren Het ATSO-bestuur wenst verder met aan de representativiteit van de door de faculteiten onafhankelijk van de A T S O benoemd te twijfelen en is van mening dat voor haar niet langer met deze TSR te werken valt Het besluit tot het uitschrijven van nieuwe TSR-verkiezingen (donderdag jl heeft de Raad van Beroep beslist dat dit formeel onjuist was) Korte tijd discussieert de vergadering hierover en enkele Appel-stemmers uiten hun onbehagen ten aanzien van het Appel-beleid Om aan alle misverstand een eind te maken noemt de heer Van de Goorberg de vergadering met representatief Tot slot wordt zonder dat er beslissingen vallen de mogelijkheid van verkiezingen of het uitroepen van de hogeschoolvergadering tot constituerende vergadering besproken Men is het er over eens dat de TSR met meer in staat is de Tilbuigse studenten te vertegenwoordigen De vergadering gaat uiteen na de afspraak zo snel mogelijk opnieuw bijeen te komen nadat eenieder de mogelijkheid heeft gehad de nodige informatie op te doen De nieuwe algemene ATSO-vergadering zal zijn op dinsdag 21 oktober om 19.30 uur in de aula. De agendapunten zijn 1 Moeilijkheden rond de TSR 2 Voorstellen van de studentensectie in hogeschool-structuuroverleg (zie pagina 8 van dit blad) Tabbers

VOORSTEL MAAGDENBERG EN WENTINK Door de heren Maagdenberg en Wentink, leden van het stafconvent, werd een faculteitshervorming in volgende zin voorgesteld Uitgangspunten De universitaire gemeenschap omvat a wetenschappelijk personeel b administratief en technisch personeel, c studenten De universitaire doelstellingen zijn a overdragen van wetenschappelijke kennis, b vergroten van wetenschappelijk inzicht, c kritisch begeleiden van praktische toepassing van wetenschappelijke verworvenheden leder lid van de universitaire gemeenschap heeft het recht en de plicht om naar vermogen aan de realisering van de doelstellingen mee te werken De inbreng bij de realisering van de universitaire doelstelling kan op twee manieren plaatsvinden a directe participatie, b indirecte participatie Ad a - de studenten participeren direct aan het proces van kennisoverdracht T a V de andere doelstellingen is hun inbreng relatief kleiner zij het dat gestreefd zal moeten worden naar een grotere inbreng - het wetenschappelijk personeel participeert direct aan de realisering van de doelstellingen - het administratief en technisch personeel participeert nauwelijks direct aan de activiteit voortvloeiende uit de doelstelling (al moet er wel rekening mede gehouden worden dat in de nabije toekomst deze situatie kan veranderen) Grosso modo kan men stellen dat het administratief en technisch personeel direct participeert aan activiteiten die vanuit de centrale doelstellingen van de universiteit beschouwd als dienstverlening kunnen worden aangemerkt * Ad b Aangezien de directe participatie zich beperkt tot een bepaald deelgebied van het activiteitencomplex van de universiteit zal het gewenst zijn dat allen op indirecte wijze betrokken worden bij het bestuur van de eenheid die binnen de universiteit als een zelfstandig geheel kan worden beschouwd, voorlopig te noemen de studie-eenheid Dit bestuur (in de vorm van een gekozen raad) draagt zorg voor a de coรถrdinatie tussen de activiteiten van de beperkt zelfstandige eenheden, b de bepaling van prioriteiten ten aanzien van personeel en materieel, gehoord de beperkt zelfstandige eenheden c de inrichting van administratieve en technische afdelingen welke diensten verlenen aan de beperkte zelfstandige eenheden Eventueel kan zij de uitvoering van het beleid delegeren aan een door haar aan te stellen directeur Uitwerking Onderscheiden kunnen worden per studie-eenheid een aantal studierichtingen en vakgroepen, welke gezamenlijk de universitaire doelstellingen realiseren op een wetenschapsgebied dat een enge onderlinge samenhang vertoont (In de Tilburgse situatie zou men bijvoorbeeld kunnen denken aan meerdere studie-eenheden dan het aantal huidige f a c u l t e i t e n ) Studierichting is de kleinste organisatorische eenheid van docenten en studenten op het gebied van wetenschappelijke vorming (zij omvat propedeuse, candidaats en doctoraal) Zij kan onderverdeeld w o r d e n m afdelingen per studiefase of specialisatie Bevoegdheden - vaststellen van onderwijsprogramma, - vaststellen van didactische vormgeving. * N B Apart zal nog bezien moeten worden wat de positie is van die takken van dienst welke een meer wetenschappelijk karakter dragen

7

THB 1

17 oktober 1969


­ ­

vaststellen van verplichte literatuur vaststellen van examennormen en ­vormen

De besluiten van de studierichting moeten bekrachtigd worden door de Raad van de Studie­eenheid, nadat een advieslichaam van de studie­eenheid de besluiten heeft beoordeeld op hun merites, personele en materiele consequenties Vakgroep is de kleinste organisatorische eenheid van wetenschappelijk personeel wier activiteit gericht is op onderwijs en onderzoek binnen een bepaalde discipline of zelfstandig onderdeel daarvan Tot de vakgroep behoren eveneens het personeel dat tijdelijk (studenten) of permanent (beambten) assisteren bij de uitvoering van taken Bevoegdheden ­ ­

aanwijzing van wetenschappelijk personeel dat aangevraagd wordt door de studierichtingen, verzorging van wetenschappelijk onderzoek via de vaststelling van onderzoekprojecten welke gezamenlijk e n / o f individueel, al dan met in samenwerking met andere vakgroepen wordt uitgevoerd

De besluiten van de vakgroep moeten bekrachtigd worden door de Raad van de Studie­eenheid, nadat een advieslichaam van de studie­eenheid de besluiten heeft beoordeeld op hun merites, personele en materiele consequenties STUDIE EENHEID ECONOMIE ­

Vakg 0Bp«n

Studie chlingen

AE K

Alg econome Bedrjfeeconon e

?

Soc 0 og e

1

VOORLOPIGE FACULTEIT

BE 1 D

K

BE II 0

K

SE D

K

FE D

K

Beet w D

■ vakgroepen (docen en + onderroekers)

Belastingen

deze gedemocratiseerde faculteitsraad is de ontwikkeling van nieuwe vormen van onderwijs onderzoek en beheer en de daarop gebaseerde nieuwe structuur, die ontstaan door overleg van de gelijkwaardige betrokken aan de basis te legaliseren Uitwerking van de

15

principes

1 Het one­man­one­vote­systeem Democratisering van de faculteiten houdt in, dat de betrokkenen in de faculteiten in de gelegenheid worden gesteld om hun eigen werksituatie te bepalen Daarbij dient men uit te gaan van de gelijkwaardigheid van alle betrokkenen m de huidige geledingen Immers, werkt men met gekwalificeerde vertegen­ woordigingen dan bouwt men in de nieuwe structuur in dat de wensen van een meerderheid der betrokkenen worden geblokkeerd door een minderheid, hetgeen m strijd is met de democratische beginselen Gelijkstelling van alle betrokkenen is dus een voorwaarde voor een democratische structuur hetgeen impliceert 2 Afschaffing der geledingen (geledingen in de zin van evenredige vertegenwoordigde groeperingen) Daar integratie van de huidige geledingen op korte termijn met realiseerbaar mag w o r d e n geacht en daardoor de mogelijkheid ontstaat dat bepaalde groeperingen met in de faculteitsraad vertegenwoordigd zijn, dient (voorlopig) te worden verzekerd dat iedere geleding door minimaal 2 leden in de faculteitsraad van 20 personen wordt vertegenwoordigd O p langere termijn zal de faculteitsraad worden samengesteld overeenkomstig nieuwe onderzoeks­, onderwijs­ en beheprsstructuren, die ontstaan door genoemd overleg aan de basis Om deze ontwikkelingen mogelijk te maken dienen alle bevoegdheden van de huidige faculteit (i c de hoogleraren) overgedragen te worden aan de te kiezen faculteitsraad, hetgeen impliceert

i

3 Op faculteitsniveau alle macht die op het ogenblik berust bij de huidige faculteit, aan de democratisch gekozen faculteitsraad

Psycholog e W Bkunde

4 Deze faculteitsraad dient t a v de ontwikkelingen nieuwe strukturen aan de basis autonoom te zijn t o v de hogeschool als geheel Mocht bijvoorbeeld de nieuwe structuur zich ontwikkelen in de richting van geïntegreerde faculteiten dan zullen de faculteitsraden de mogelijkheid moeten hebben zich conform de wensen van de betrokkenen aan de basis op te heffen en een interfakultaire raad in te stellen

Stel 81 ek Adm techn ek Adv eecomm as e atudierlchtingen (docenten + studorten)

i Raad V or de stud e eenheid docent n en studentan e nATC

Directe

Administrat eve en tachnlache afdeing

P. Maagdenberg en T. Wentink

VOORSTEL STUDENTENDELEGATIE

5 De faculteitsraad stelt een dagelijks bestuur aan, dat directe verantwoording verschuldigd is aan de faculteitsraad en dat te allen tijde afzetbaar is door de faculteitsraad De faculteitsraad op haar beurt IS direct verantwoording schuldig aan de algemene faculteits­ vergadering die is samengesteld uit alle betrokkenen in de faculteit die bij gewone meerderheid beslissen Ook hier geldt dat de leden van de faculteitsraad te allen tijde afzetbaar zijn door de algemene faculteitsvergadering

In de vergadering van de structuurco mmissie o p 25 september 1969 werd do o r de studentendelegatie het vo lgende vo o rstel vo o r een faculteitshervorming ingediend. Aangezien de discussies o ver dit stuk nog niet zijn beëindigd lijkt het zinvo l dat ieder die zich bij deze problematiek betro kken weet o p deze manier ervan kennis neemt. BIJ de democratisering van de faculteiten dient men uit te gaan van de volgende principes 1 de invoering van het one­man­one­vote­systeem, 2 de afschaffing van de geledingen, 3 alle huidige bestuursmacht in de faculteit aan de m te stellen faculteitsraad, 4 autonomie van de faculteitsraad t o v de hogeschool, 5 verantwoordingsplicht van de faculteitsraad aan de algemene faculteitsvergadering De faculteitsraad telt 20 leden Totdat nieuwe vormen van onderzoek, onderwerp en beheer zijn ontstaan, die de basis gaan vormen van een nieuwe structuur, dient de raad als volgt te worden gekozen iedere geleding (te weten wetenschappelijk corps, A T G en studenten) maakt een voordracht van maximaal 20 personen waaruit alle betrokkenen een faculteitsraad van 20 personen kiezen Het doel van

&

controle

♦

♦

♦

kiezen

0 0 0 0 0 betrokken (op een door hen zelf bepaalde manier)

ONBEGRIJPELIJK Het Hogeschoolblad heeft zich ontworsteld aan de censuur van de curatoren Het TAS­blad onderwerpt zich aan de censuur van de drukker Overigens schijn je gemakkelijker een andere drukker te kunnen vinden dan andere curatoren

I

I I


Structuurcommissie

KORTE SAMENVATTINGEN VAN HETGEEN IS BESPROKEN TIJDENS DE VERGADERINGEN VAN DE STRUCTUURCOMMISSIE VAN DE KATHOLIEKE HOGESCHOOL TE TILBURG 15 a u g u s t u s

1969

De structuurcommissie van de Katholieke Hogeschool kwam voor de eerste keer bijeen. De vergadering heeft zich beraden over de openbaarheid van de besprekingen. Het overleg leidde tot het accepteren van een volledige openheid over de gang van zaken, dat wil zeggen gelegenheid voor alle leden van de hogeschoolgemeenschap alsmede voor de pers tot inzage in de verslagen en het verstrekken van communique's over het verloop van de besprekingen. De vraag of alle besprekingen rechtstreeks door een ieder zouden moeten kunnen worden gevolgd, w e r d bevestigend beantwoord. De diverse mogelijkheden om dit te realiseren (publieke tribune, tv-circuit, geluidsverbinding naar andere lokaliteiten) werden afgewogen. De vijf fracties verklaarden zich uiteindelijk vóór een gesloten tv-circuit. Het voorstel voor het instellen van een publieke tribune werd verworpen door de fracties van curatoren, senaat en de administratief/technische geleding. Vóór de voortzetting van de besprekingen w e r d , met een stemmenverhouding van 14 vóór, 1 tegen en 6 onthoudingen, besloten dat de vergadering op de band zou worden opgenomen. Deze geluidsband zal tijdens pauzes buiten de vergaderzaal worden afgedraaid. Voorts besloot de vergadering in verband met deze noodoplossing zich verder uitsluitend te beperken tot de procedurele kwesties van de agenda. De meer principiële zaken zullen wachten tot het tv-circuit gerealiseerd zal zijn. Ten aanzien van de pers zal de volgende procedure gevolgd worden. De voorzitter en de secretaris stellen een mededeling op over het verloop van de besprekingen. Deze mededeling zal aan de pers worden overhandigd in bijzijn van vertegenwoordigers van de verschillende geledingen. De aanwezigen kunnen vrijelijk antwoorden op de door de pers gestelde vragen. De volgende vergadering is vastgesteld op donderdag 21 augustus om 9.00 uur. Dan zullen de volgende punten worden besproken. - definiëring van het doel en de bevoegdheden van de structuurcommissie; - de nota-Veringa; - de positie en samenstelling van het college van curatoren; - het recht van veto over adviezen en besluiten; - de volgorde waarin tijdens de volgende vergadering op 29 augustus over deze punten besluiten zullen worden genomen. 21 a u g u s t u s

1969

In de hedenmorgen gehouden vergadering van de structuurcommissie der Katholieke Hogeschool verklaarde de voorzitter der commissie dat hij bij de leiding van de werkzaamheden vooral de nadruk zal leggen op de procedurele kant van de leiding. Hij laat het aan de structuurcommissie zelf over, de doelstelling en de bevoegdheden vast te stellen. De doelstelling van de commissie werd vervolgens globaal omschreven als het uitwerken van een democratisch structuurplan, waarbij onderwijs en wetenschappen het meest gediend zijn. Aan de basis hiervan ligt de verklaring van de senaat van 7 mei waarin w o r d t uitgegaan van medebeslissingsrecht van alle geledingen op alle niveaus. De relatie tussen structuurhervormingen binnen de hogeschool en maatschappijhervorming ligt open: de aandacht van de structuurcommissie zal primair uitgaan naar de hervormingen in het hoger onderwijs, waarbij structuurverandering en maatschappijhervorming als in eikaars verlengde liggend moeten worden beschouwd. De discussies over de nota-Veringa brachten zowel wat de inhoud aangaat, als wat de door de minister gevolgde procedure betreft, een grote verdeeldheid aan het licht. Een eensluidende mening bestond er over het feit, dat de nota van de minister met bindend is en dus beschouwd kan worden als een discussiestuk. Er werden vijf verklaringen ingediend, waarvan die van het stafconvent, de ATG en de ATSO het dichtst bij elkaar lagen. Hierin w o r d t geconcludeerd dat een zinvolle basis voor overleg pas tot stand komt door een afwijzen van ieder wetsontwerp dat niet gebaseerd is op het overleg binnen en met de universiteiten.

Voorzitter P. Kuypers

Prof. Van Dijck stelde in een verklaring dat de inhoud van de nota-Veringa geen beperkingen aanbrengt in het overleg van de structuurcommissie; voorgesteld werd de minister te verzoeken met de indiening van een wetsontwerp te wachten tot dat de problematie omtrent de hervormingen duidelijker is uitgekristalliseerd. In een vijfde verklaring stelt de hoogleraar De Moor dat een raamwet de universitaire hervormingen kan versnellen en de taakvervulling van de universiteit ten goede kan komen. Een vertegenwoordiger van het stafconvent sprak er zijn ongenoegen over uit dat het college van curatoren nog steeds niet had gereageerd op de verklaring van 8 mei waarin aan curatoren verzocht w e r d hun standpunt aangaande hun positie kenbaar te maken. Namens curatoren deelde de heer Loevendie mee, dat het in de bedoeling had gelegen dit standpunt mondeling te formuleren tijdens deze vergadering, maar dat men door tijdgebrek niet aan het desbetreffende agendapunt was toegekomen. Hij zegde toe dat het college van curatoren v ó ó r dinsdag 26 augustus a.s. zijn standpunt schriftelijk aan het stafconvent zal meedelen. Aan het slot van de vergadering hebben de leden van de commissie hun voorkeur uitgesproken voor de diverse verklaringen. De voorzitter w e r d uitgenodigd contact te zoeken met minister Veringa omtrent zijn bedoelingen met de door hem uitgebrachte nota. 29 augustus

1969

De structuurcommissie van de Katholieke Hogeschool stelde tijdens de hedenmorgen gehouden vergadering in de eerste plaats nogmaals de nota-Veringa aan de orde. In overleg tussen geledingen en individuele fractieleden was gedurende de afgelopen week een samenvattende tekst tot stand gekomen van de bij de vorige vergadering ingediende ontwerpverklaringen van A T S O , A T G , stafconvent en Prof. Van Dijck. Op grond van een brief van curatoren aan het stafconvent en aan de A T S O vielen de studenten terug op hun oorspronkelijk ingediende ontwerpverklaring. Uit stemming over de drie nu ter tafel liggende ontwerpverklaringen bleek dat er binnen de structuurcommissie een grote verscheidenheid van standpunten met betrekking tot de nota-Veringa bestond.

9

THB 1

17 oktober 1969


Structuurcommissie (vervolg)

Het tweede agendapunt bracht de kwestie positie en samenstelling van het college van curatoren naar voren. Daarbij speelden voornamelijk twee kwesties de hoofdrol: 1 welke positie dienen curatoren in te nemen in de huidige hogeschool; 2 welke positie dienen curatoren in te nemen in de structuurcommissie. De administratief/technische geleding stelde dat dit agendapunt haars inziens geen structuurkwestie is. Zij onthield zich derhalve van commentaar. V o o r de staf was de brief die curatoren deze week aan het stafconvent hebben gestuurd geen stap in de richting van herstel van vertrouwen. Desondanks wenst het stafconvent te blijven participeren aan het overleg omdat een nieuwe structuur een uiterst belangrijke zaak is. De studentenfracie eiste een duidelijke uitspraak van curatoren waarom zij aanblijven als bestuurscollege van de hogeschool en als gelijkwaardige gesprekspartners in het overleg, nu blijkt dat zij in een nieuwe structuur toch geen plaats meer hebben en bovendien het vertrouwen binnen de hogeschool niet meer bezitten. Verscheidene voorstellen werden gedaan om te proberen in zakelijk overleg over concrete structuurvraagstukken, bijvoorbeeld een top­bestuur voor de hogeschool, te zien of het vertrouwen niet te herstellen zou zijn. Curatoren wensen namelijk met de verantwoordelijkheid, hun opgedragen, nu neer te leggen. Over hun positie in de structuur­ commissie stelden zij, dat zij konden toezeggen dat: a zij met alle kracht zullen meewerken aan het zoeken naar een nieuw top­bestuur voor de hogeschool, om desnoods zo snel mogelijk hun bevoegdheden te kunnen overdragen; b

zij conclusies van de structuurcommissie die unaniem door de vier geledingen zullen worden gesteund niets in de w e g zullen leggen, ­ ■ mits'de minister ze niet in strijd acht met de wet of het algemeen' belang. De vergadering besloot tenslotte in een nieuwe bijeenkomst op 9 september a.s. het punt veto­recht aan de orde te stellen, waarna teruggekeerd zai worden naar de toezegging van curatoren om deze nader te bespreken. De voorzitter is door de minister van Onderwijs en Wetenschappen uitgenodigd om met hem te komen spreken over de intentie van de door de minister uitgebrachte nota. 9 september

1969

De voorzitter heeft verslag uitgebracht van de bespreking die voorzitter en secretaris van de commissie hebben gehad met minister Veringa. Tijdens deze bespreking hebben zij de minister ingelicht over het verloop van het overleg in de structuurcommissie en met hem van gedachten gewisseld over de ,nota­Veringa'. De minister heeft gesteld dat de nota en het in het verlengde daarvan liggende wetsontwerp de bo ven- en onderlijnen aangeven, waarbinnen de structuurveranderingen aan de universiteiten en hogescholen zich zullen voltrekken. In de nota zijn een aantal uitgangspunten geformuleerd, die de minister als principieel beschouwt. Een relatief groot aantal andere punten laat discussie mogelijk. Bepaalde elementen in de nota zijn nog niet volledig uitgekristalliseerd en moeten verder worden uitgewerkt. Het besluit van curatoren om zich voorlopig uit de structuurcommissie terug te trekken is door de delegaties van het administratief en technisch personeel en het stafconvent positief gewaardeerd De delegatie van de senaat betreurt het besluit van curatoren maar heeft respect v o o r de motieven die tot dit besluit hebben geleid! Van de zijde van de studentendelegatie is gesteld dat de bezwaren tegen het functioneren van curatoren blijven bestaan, met name ten aanzien van de openbaarheid van het bestuur en de door curatoren geformuleerde opvatting over de eenstemmigheid van besluitvorming in de structuurcommissie. Besloten is, dat de commissie besluiten zal nemen met gewone meerderheid van stemmen. Uit de structuurcommissie is een kleine commissie benoemd die het vraagstuk van de meningsvorming binnen de geledingen zal bestuderen

Delegatie stafconvent; van links naar rechts. T. Bemelmans, A. Wentink, L. Vladar, P. Maagdenberg, H. Frantzen

en een voorstel zal doen voor de wijze van stemmen binnen de geledingen. Een andere commissie, eveneens uit leden van de structuurcommissie samengesteld, zal voorstellen doen voor de wijze waarop de openbaarheid van het functioneren van de bestuursorganen (curatoren, senaat, faculteiten) concreet kan worden gerealiseerd. De structuur­ commissie is unaniem voor het beginsel van openbaarheid van de bestuursorganen. De voorzitter en secretaris zullen samen met enkele leden een leidraad opstellen voor de behandeling van voor de structuurcommissie relevante agendapunten voor de volgende vergadering. Door de commissie is een voorstel aanvaard om enkele juristen te vragen de publiekrechtelijke aspecten van het wetenschappelijk onderwijs te bestuderen in verband met de voorstellen in de nota­Veringa. De volgende vergadering is vastgesteld op donderdag 18 september om 9.00 uur voormiddag. 18 s e p t e m b e r

1969

Besloten is, de kwestie van de openbaarheid van de bestuursorganen over te laten aan het ,besturenberaad' (overlegorgaan van de besturen van de vijf geledingen). De structuurcommissie zal zich niet meer bezighouden met vraagstukken betreffende de huidige structuur. Voor de behandeling van dergelijke vraagstukken zullen eventueel werkgroepen ad hoc worden gevormd Vervolgens is een begin gemaakt met het gesprek over een nieuwe structuur aan de hand van een daarover door een subcommissie opgestelde nota. De discussie bracht twee gedachtenganqen aan het licht'; a

de voorkeur van de studenten gaat uit naar een faculteitsraad gekozen uit drie geledingen (wetenschappelijk corps ­ hoogleraren èn wetenschappelijke medewerkers omvattend ­ studenten en administratief/technisch personeel) op basis van vrije verkiezingen; b een aantal hoogleraren en wetenschappelijke medewerkers sprak zich uit voor een analyse van de onderwijs­ en onderzoeksprocessen in vakgroepen en interdisciplinaire groepen. Hierdoor w o r d t het mogelijk, de voorwaarden voor een structuur op te sporen, waar­ onder deze eenheden op democratische wijze kunnen functioneren In deze gedachtengang kan de vraag aan de orde komen of de bestaande faculteitsstructuur niet een overleefde zaak is. De voorstanders van de beide opvattingen zullen hun gedachten verder op papier uitwerken als basis voor de discussies tijdens de volgende vergadering, die zal plaatsvinden op donderdag 25 september om 9.00 uur.

10


25 s e p t e m b e r e n 2 o k t o b e r

1969

In de vergaderingen van de structuurcommissie op 25 september en 2 oktober 1969 werd gesprol<en over de door de studentendelegatie en de heren Maagdenberg en Wentink ingediende voorstellen tot herstructurering, waarbij dient te worden opgemerkt dat in de eerste vergadering vooral centraal stond het v o o r s t e l - M a a g d e n b u r g / Wentink en in de twee het voorstel van de studenten (gemakshalve zullen in het vervolg deze voorstellen al=! volgt worden afgekort: Maagdenberg/Wentink als M W en Studenten-Delegatie als SD). Het voornaamste verschil tussen de beide voorstellen kan als volgt worden samengevat: SD gaat ervan uit dat eerst de huidige structuren dienen te veranderen om in een nieuwe (voorlopige) structuur beter te kunnen zoeken naar een aangepaste definitieve structuur; in beide gevallen moet volledige directe democratie worden gerealiseerd (een en ander geldt in eerste instantie voor het faculteitsniveau). MW gaat uit van de vakgroep als kleinste eenheid in het onderwijs- en onderzoeksgeheel; het is nodig te analyseren welke processen zich op dit laagste niveau afspelen om van daaruit een adequate structuur op te bouwen van beneden naar boven, een structuur die overigens wel het kenmerk van flexibiteit dient te bezitten. De discussies die gevoerd worden naar aanleiding van deze twee voorstellen leiden niet tot eenstemmigheid, noch over algemene principes, noch over concrete zaken. De commissie besluit op het einde van de vergaderingen (zowel op 25 september als op 2 oktober) om bij de volgende bespreking op donderdag 9 oktober drie punten aan de orde te stellen: taken bevoegdheden samenstelling

1 > van de faculteitsraad in een nieuwe structuur J

Door de discussies heen vragen drie begrippen steeds de aandacht: democratie, deskundigheid en doelmatigheid. Democratie Medebeslissingrecht van alle geledingen op alle niveaus kan worden uitgelegd als een medebeslissen van alle geledingen en alle niveaus op de verandering van de structuren; voorts kan men het zien als een permanent medebeslissingrecht van alle geledingen en alle niveaus in een vernieuwde structuur. Voor die vernieuwde structuur geldt evenwel dat mogelijk bezwaarlijk een beslissende stem gegeven kan worden aan iemand die niet weet waarover hij mee te beslissen heeft. Daarom wordt in M W voorgesteld

dat onderzoek primair een zaak is van de docenten. De student die in een latere fase van zijn studie bij het onderzoek wordt ingeschakeld (hetgeen wenselijk is in de toekomst) zal naarmate hij participeert een beslissende stem dienen te hebben. O p het gebied van het onderwijs dienen allen mee te beslissen over die zaken waarbij zij specifiek betrokken zijn. Het ,gradueel' verschil dat bestaat tussen een student en een docent verdwijnt geleidelijk, waardoor de student automatisch meer kan gaan participeren (wat volgens Vladar zowel rechten als plichten inhoudt). Volgens de S D zou dit betekenen dat dan toch gedacht w o r d t in geledingen, waardoor het verschil tussen onderwijsgevers en onderwijsontvangers zou worden benadrukt. In de nieuwe structuur moet worden uitgegaan van twee soorten integratie: die van onderwijs geven en ontvangen enerzijds, die van onderwijs en onderzoek anderzijds. De participatie aan het onderwijs is bij de docenten, staf en ATG zeker evenzeer afwezig als bij de studenten.Dit kan slechts worden opgelost door de groep(en) zelf te laten bepalen waar ze mee bezig zal (zullen) gaan. In de vergadering van 25 september wordt getracht om op basis van deze twee visies de voorstellen M W en SD in één model onder te brengen. Rekening zou moeten worden gehouden onder andere met verantwoordingsplicht, omschrijving van bijvoorbeeld projectgroep (verschil van karakter in precandidaatsfase en doctoraalfase), waarbij de mogelijkheid aanwezig is dat tegenstellingen tussen de twee modellen mogelijk meer gesuggereerd worden dan dat ze reëel zijn. Immers beide partijen streven naar integratie van onderwijs en onderzoek en naar een zo groot mogelijke participatie van alle betrokkenen. Onduidelijkheid bestaat op een aantal punten, zoals wat verstaan moet worden onder one-man-one-vote, garantie van een bepaald aantal zetels voor een geleding, wat betreft ,afschaffing geledingen'. (Senaatsfractie wil vasthouden aan indeling in geledingen; one-manone-vote zou wel te realiseren zijn in bijvoorbeeld vakgroepen, in de totale bestuursstructuur echter niet. Voorop staat voor de senaatsfractie dat in een nieuwe structuur geen sprake mag zijn van stoelverwisselen, waardoor één partij de macht van de huidige autoriteiten zou overnemen.) Door aan ieder lid van een geheel een gelijke stem te geven gaat men voorbij aan de gedachte opgesloten in de nota van 2 1 , die als uitgangspunt is gekozen voor de discussies (Van Dijck). De Boer stelt daarop dat inmiddels de mening van de studenten ten aanzien van de geledingen is veranderd, omdat de huidige structuur onhandelbaar is en omdat de geledingen betrekkelijk willekeurig zijn samengesteld.

Delegatie senaat; van links naar rechts: R. A. de Moor, J. P. A. Coopmans, P. J. Willenns, J. A. Stalpers

11

THB 1

17 oktober 1969


Structuurcommissie (vervolg)

Deskundigheid Het hangt van de bevoegdheden van een groep af op er one man one vote kan worden gehanteerd In het huidige staatsbestel bijvoorbeeld heeft eenieder een stem als kiezer en met als bestuurder One man one vote zou in dit geval anarchie betekenen omdat elke gekozen bestuurder op elk moment afzetbaar zou zijn en omdat er geen hiĂŤrarchie zou bestaan (theorieĂŤn van Bakounin Proudhon Rousseau) Er moet gestreefd worden naar een optimum tussen democratie en deskundigheid Het is met zonder meer te stellen dat alle leden van de hogeschoolgemeenschap gelijkwaardig zijn sommigen komen hier binnen omdat zij wat willen leren anderen om deze eersten bij hun studie te begeleiden Het doel van beide groepen is anders daarin alleen al zijn zij ongelijkwaardig Er moet daarom een structuur komen waarbij de belangen van alle geledingen worden veilig gesteld Dat kan inhouden een beslissende stem oor de docenten bij onderzoek en onderwijs In de ogen van de studenten die overigens het bestaan van deskundigheid erkennen moet echter de deskundigheid met structureel worden opgedrongen maar moet deze blijken uit overtuigingskracht Democratie komt op deze wijze tegenover technocratie te staan Wanneer men echter over deskundigheid spreekt dient men een onderscheid te maken het maatschappelijk bestel kan met zonder deskundigen maar deskundigen alleen zijn me* voldoende Dit betekent dat er verschillende soorten deskundigheid nodig zijn om een instelling als de hogeschool te kunnen leiden vakdeskundigen en bestuursdeskundigen Hierbij zou men kunnen stellen dat de bestuurs deskundigen controleerbaar moeten zijn Overigens dienen zij zonder meer het beleid in overleg met de betrokkenen op te stellen Het IS daarbij van belang wanneer men bijvoorbeeld zou overgaan tor het aanstellen van beroepsbestuurders dat zij niet alleen rekening houden met de behoeften aan de basis maar dat zij ook het algemeen maatschappelijk belang in het oog houden (Wat dit betreft staat Prof De M o o r wel achter het desbetreffende voorstel m de nota Veringa ) Het gaat daarbij niet aan het ene amateuristische bestuur door een ander amateuristisch te vervangen De relaties naar binnen en die naar buiten dienen bestudeerd te worden Hierbij moet echter in de gedachtengang van de studenten het accent gelegd worden op de controle door de basis een verzelfstandiging van het bestuur mag zeker met bevorderd worden Volgens Prof Stalpers moet een bestuur drie functies waarmaken - een administratief technische functie waarin de bestuurders uitvoerders kunnen zijn Delegatie studenten van links naar rechts

K de Boer

N Scheerder

T Akkermans

-

het moet de belangen van de maatschappij in het oog houden en oordelen over de relevantie van bepaalde zaken hetgeen zou kunnen inhouden realiseren van inspraak en overleg

-

het moet over het niveau van onderzoek kunnen oordelen wat zou kunnen betekenen beslissingen nemen over een onderzoek dat al dan niet m teamverband zou moeten worden uitgevoerd Wanneer student power zich zou realiseren bijvoorbeeld tengevolge van de grote toevloed van studenten zou dan met juist hier een niveauverlaging dreinen? Wanneer de hogeschoolraad de laatste instantie is waaraan verantwoording verschuldigd zou zijn zou men dan nog wel professionele bestuurders kunnen handhaven

De vraag w o r d t opgeworpen of het vast staat dat de universiteit zonder meer autonoom is zowel ten aanzien van de maatschappij als ten aanzien van haar leden De autonomie draagt bij tot het functioneren van de maatschappij De maatschappij kent feitelijk autonomie toe op grond van deskundigheid en zij zal meer ingrijpen naarmate de deskundigheid minder gegarandeerd is Door zijn functie w o r d t de professionele bestuurder automatisch degene die het belang van de maatschappij in het oog houdt Het gevaar bestaat dat hij het belang van de maatschappij gaat overschatten in een nieuwe structuur moeten de belangen juist gedoseerd worden he'-geen betekent aan groepen m het geheel een vrijheid geven op gebieden waar zij typisch een eigen deskundigheid hebben ( geclausuleerd top b e s t u u r ) In deze visie w o r d t het oordeel over deskundigheid gegeven door de (mede )deskundigen en dit wordt geĂŻnspireerd door het gezond verstand In de ogen der S D moet de deskundigheid van beroepsbestuurders in ieder geval afhankelijk gemaakt worden van de hogeschoolraad c q de faculteitsraad De docent mag met a prion de meerderheidsstem hebben Doelmatigheid Het grote punt is of in een nieuwe structuur de democratie gekoppeld kan worden aan ooelmatigheid en werkbaarheid Enerzijds is er het probleem dat de universiteit op dit ogenblik ver ten achter ligt op het bedrijfsleven voor wat betreft de advanced research De universiteit mag niet verlaagd worden tot een soort veredelde LOI De bestuurders hebben een dienende functie daarom moeten hun besluiten van de ene op de andere dag volgens de S D ongedaan gemaakt kunnen worden Volgens anderen moeten aan de beroepsbestuurders bepaalde bevoegdheden worden toegekend en moet de controle repressief zijn Het dagelijks bestuur dat in de nieuwe constellatie benoemd of J Luchtman

12

P Sommen


Databank

Tijdens het voorbereidend overleg voor de structuurcommissie werd door het bestuur van de Algemeen Tilburgse Studenten Organisatie voorgesteld een databank op te richten. De bedoeling van die databank zou zijn om iedereen zoveel mogelijk informatie te verstrekken in het kader van de hervorming van universiteit en onderwijs. Met dit voorstel ging ieder accoord en besloten w e r d voor het aanschaffen van literatuur een selectiecommissie in te stellen, waarin vertegenwoordigers van alle geledingen en het curatorium zitting hebben. V o o r het dagelijks beheer van de databank werden twee studentassistenten aangesteld, ieder voor 10 uur per week. De secretaris van de structuurcommissie werd de directe verantwoordelijkheid voor de databank gegeven.

Delegatie administratief/technisch personeel; van links naar rechts, mej. G. Ermen, J. Engelen, J. Hendriks, A Ligtenberg

gekozen zal worden, moet een aantal specifieke bevoegdheden krijgen, waardoor een continuïteit kan worden bereikt. Vraag is of de beroepsbestuurders straks ,werknemers' zijn of politieke figuren. Wanneer men de door hen genomen besluiten ongedaan wil maken moet men ze van de ene dag op de andere kunnen afzetten. Zij worden daarmee politieke figuren. Dan rijst echter de vraag, of er wel mensen gevonden worden die bereid zijn op deze onzekere condities een dergelijke functie aan te gaan. Ook deze bestuurders zullen zekerheid vragen. Bovendien moet rekening gehouden worden met hun rechtspositie. In dat verband is het absoluut noodzakelijk om antwoorden te geven op de vragen wie, waarom en hoe zet je iemand af. De discussie over deze punten leidde (voor de derde maal) naar een impasse. De voorzitter constateert dat het niet mogelijk is om in dit gezelschap, waar principes tegenover nuances worden geplaatst, constructief te overleggen. Aangezien men blijkbaar moet simplificeren, vraagt hij zich af of er niet een eenvoudige operatie kan worden toegepast om tot een nieuwe structuur te komen, waarbinnen gesproken kan gaan worden over de onderwijs-, onderzoeks- en beheersprocessen: de huidige structuur voldoet blijkbaar niet meer om een nieuwe structuur in de greep te krijgen. De ratio van dit voorstel w o r d t door de vergadering onderschreven, maar zelfs dan zal men met ontkomen aan het bespreken van de taken, bevoegdheden en samenstelling van de verschillende bestuursorganen. Daaraan zal dan de volgende bespreking gewijd w o r d e n . 9 oktober

1969

De voorzitter heeft de leden per brief meegedeeld dat ,,structureel gezien de mogelijkheden ontbreken om in de commissie tot een snelle en doelmatige besluitvorming te k o m e n " . Hij stelt daarom voor, een kleinere commissie in het leven te roepen die de vergaderingen van de structuurcommissie voorbereidt. Daartoe is besloten. Deze kleinere commissie zal het karakter dragen van een ,agendacommissie'. Zij zal voor de komende vergaderingen van de structuurcommissie de standpunten van de geledingen verzamelen ten aanzien van de faculteitshervormingen. Zij zal niet alleen de standpunten weergeven, maar ook de problemen rondom dit onderwerp analyseren en proberen de alternatieve oplossingsmogelijkheden aan te geven. Twee leden van elke geleding in de structuurcommissie zullen zitting nemen in de voorbereidingscommissie. Verder werd voorgesteld, ook commissies per faculteit aan het werk te zetten. Een beslissing daarover is niet genomen. De vergadering is vervolgens verdaagd tot 23 of tot 30 oktober.

Begin september werd de databank geopend en is nu elke dag behalve zaterdag en zondag geopend van 11.00 tot 15.00 uur. Ze is op het ogenblik gevestigd tussen de koffiekamer van de docenten (vroegere perskamer) en het balcon van de aula. De databank verkeert nog in haar beginstadium, maar er wordt aan gewerkt om binnen enkele weken voorzien te zijn van zo volledig mogelijk documentatiemateriaal. Er zijn reeds meer dan 150 boeken die ter inzage liggen en besteld kunnen worden. Er liggen rapporten, tegenrapporten, hervormingsvoorstellen, kritieken, brochures over acties - dit alles zowel uit binnen- als buitenland - tijdschriften, de universiteits- en studentenbladen uit alle steden, literatuur over projectonderwijs, wetenschapsfilosofie, ideologische achtergronden van het studentenverzet etc. Over al deze onderwerpen zijn bovendien ook mappen, stencils en brochures te koop, o.a.: -

de Veringa-map, waarin opgenomen, de nota-Veringa

en

twee kritieken

ƒ1,—

-

de nota-Posthumus

2,50

-

zwartboek Maagdenhuis

-

rapport-Faure en kritieken

,, 3,50

-

parlementarismebrochure

,, 2,50

-

korporatismemap

2,—

-

facismemap

4,—

-

werkstuk van projectgroep zelfbeheer

~

radenuniversiteit ( B o e k r a a d / N i e u w s t a d )

-

stencils van Marcuse

2,50

2,75 ,, 0,50 — ,, 0,40

Informatiemateriaal is er dus reeds heel wat. De belangstelling v o o r de databank valt echter tegen, wat waarschijnlijk voornamelijk te wijten IS aan de ongunstige ligging van de databank. Voorgesteld is dan o o k om naar beneden te verhuizen en wel naar de ruimte tussen de glazen deuren van de officiële hoofdingang tegenover de binnentuin. Voordeel hiervan is dan tevens dat boeken e.d. niet elke dag in en uit de kasten gehaald behoeven te worden, waardoor het mogelijk is alles een vaste plaats te geven met een indeling naar onderwerpen, omdat de deuren slechts geopend en gesloten behoeven te w o r d e n . Van curatorenzijde (v. d. Belt) stuitte het voorstel tot verhuizen echter op verzet op grond van architectonische bezwaren en een intern reglement.

Nagekomen

bericht verhuizing

databank

Curatoren hebben toegestemd in een verhuizing van de databank naar de ruimte tussen de glazen deuren van de hoofdingang bij de aula. 13

THB 1

17 oktober 1969


Verslag van de rector over het studiejaar 1 9 6 8 - 1 9 6 9

Memorandum NSR

SAMENVATTING BETREFFENDE

VAN

EEN M E M O R A N D U M

DE CAPACITEIT V A N

VAN

DE

NSR

WETENSCHAPPELIJK

ONDERWIJS De lotgevallen van de Katholieke Hogeschool stonden het afgelopen jaar sterk onder de invloed van studentenacties, welke uiteindelijk leidden tot tijdelijke sluiting van de hogeschool In zijn jaarverslag schenkt Prof Scheffer veel aandacht aan deze ontwikkeling Alvorens hiertoe over te gaan stelt hij de functie van rector-magnificus als zodanig ter discussie gezien da zekerheid dat een nieuwe bestuursvorm noodzakelijk is Aan de hand van de taken, die in het reglement betreffende de inwendige inrichting van de hogeschool aan de rector worden toevertrouwd, behandelt hij puntsgewijs de taak van voorzitter van senaat en senaatsbestuur, het optreden namens de hogeschool in het verkeer met andere universiteiten en hogescholen, de handhaving van de tucht onder de studenten Prof Scheffer is van mening dat, welke nieuwe bestuursvorm men m de toekomst ook zal kiezen, voorzitterschap en uitvoering van besluiten er a l t j d zullen moeten zijn Bij voorkeur zijn deze taken toe te vertrouwen aan een functionaris, die zijn volle tijd daaraan kan geven Er I j k t geen dwingende reden aanwezig om deze functionaris rector-magnificus te noemen Wat de vertegenwoordigende taken van de rector betreft, is het in de toekomst met noodzakelijk dat deze door de voorzitter van een bestuurscollege worden vervuld, ofschoon het wel gewenst lijkt om de contacten naar buiten zoveel m o g e I j k m een hand te houden BIJ de behandeling van de derde functie van de rector-magnificus, het handhaven van de orde en de tucht onder de docenten, gaat Prof Scheffer m op het studentenverzet m het algemeen en in Tilburg gedurende het afgelopen jaar in het bijzonder, waarbij hij vooral aandacht schenkt aan de geschiedenis van de problematiek rond de herstructurering Deze problematiek w o r d t in Tilburg behandeld door .de structuurcommissie, bestaande uit v j f afgevaardigden van iedere geleding, te weten studenten, senaat staf, administratief en technisch personeel en curatoren, de commissie staat onder het voorzitterschap van Mr P Kuypers, directeur van het Provinciaal Opbouworgaan Prof Scheffer is vol vertrouwen dat het werk van de commissie tot een goed einde zal worden gebracht Hij stelt dat er intussen nog wel het nodige zal zijn om tegen te protesteren en actie te voeren Duidelijk komt dit naar voren m een anoniem verschenen .referaat Tilburg', waarin een conflictstrategie voor de activisten w o r d t ontwikkeld Wat de studentenacties betreft meent Prof Scheffer, dat deze aanvaardbaar zijn, als zij de vorm aannemen van petities, demonstraties en protesten, welke een vredig, niet gewelddadig karakter dragen Hoewel velen wat vreemd staan tegenover deze soms enigszins bizarre acties, dient er aan herinnerd, dat iedereen het recht heeft zijn mening te uiten D a a r b j valt echter de geenszins ondenkbare mogelijkheid in het oog te houden, dat een kleine minderheid van de activisten geen hervorming beoogt, maar het gemunt heeft op destructie van bestaande instellingen zonder meer Er IS ook een kleine minderheid, die geen nihilist is, maar het zo aanvoelt dat geweld en ordeverstoring de enige effectieve manier zijn om de doorvoering van sociale hervormingen te bereiken Dit moet volgens Prof Scheffer ernstig worden betwijfeld, wanneer extreme reacties zouden worden ontketend, terwijl bovendien krachtdadige obstructie en geweld onverenigbaar zijn met de intellectuele en persoonlijke vrijheid De universiteit kan alleen b I j v e n voortbestaan, wanneer de meerderheid van haar leden vasthoudt aan redelijke samenspraak, bereidheid toont om te luisteren naar afwijkende meningen en een blok vormt tegen een minderheid, die haar wil wenst op te leggen aan de meerderheid Volgens Prof Scheffer is in de hogeschoolgemeenschap van Tilburg de wil aanwezig om noodzakelijk geachte hervormingen door te voeren, ook al zullen deze diep ingrijpen in persoonlijke posities, welke totnogtoe werden ingenomen Deze gemeenschap lijkt echter met bereid zich een politieke wil te laten opleggen door een kleine minderheid en op deze wijze mede te werken aan haar eigen ondergang

O n t w i k k e l i n g tot op

heden

Sinds 1964 zoekt het ministerie van Onderwijs en Wetenschappen tevergeefs de oplossing van het capaciteitsprobleem in marginale veranderingen als plaatsingscommissie, wachtlijsten en vergelijkende examens, etc Aan de fundamentele fout het te lage investeringsniveau wordt mets gedaan T j d e n s minister Diepenhorst werd ,gezien de huidige financiële situatie (algemeen financieel schema 1967-1970) het investenngspeil met opgetrokken tot het niveau dat gewettigd w e r d door de nieuwe prognoses van de studentenaantallen in 1970 i p v 82 000 was dat 95 000 Over de jaren 1967-1970 leverde dat aan bezuinigingen op personeelslasten ƒ 5 2 miljoen, op materiele exploitatie-uitgaven ƒ 2 6 miljoen en op de investeringen ƒ375 miljoen per jaar op In totaal - met nog enkele andere bezuinigingen - ± ƒ 1930 miljoen over 1967-1970 Minister Veringa veranderde het investeringsbeleid met, sterker nog, in oktober 1968 bleek dat hij het niveau v o o r 1970-1973 verlaagde Absoluut was dat ƒ 2 2 miljoen, relatief (rekening houdend met de prijsstijgingen) was dat ongeveer ƒ 3 7 miljoen I Noch Diepenhorst noch Veringa gingen uit van het aanbod- en behoefte-principe Beiden lieten zich tot nu toe leiden door de ,norm van de beschikbare financiële middelen' De commissie-Overbeek constateerde dan ook een discrepantie tussen de personeelsaantallen berekend volgens de nieuwe methode en de traditionele vuistregels, van 20 % - 1 0 0 % Dit leidt tot - of een vermindering van de tijd besteed aan onderzoek, - of een numerus fixus om een evenwichtig onderzoek- en onderwijsbeleid te creëren Verwachtingen Op korte termijn zullen de moeilijkheden die zich nu vooral in de medische faculteit manifesteren, ook opdoemen in vrijwel alle faculteiten en uiteindehjk een numerus fixus in alle studierichtingen bewerkstelligen Daarvoor zijn vier factoren aan te wijzen 1 de autonome verslechtering, 2 het ontbreken van voldoende gelden voor meerinvesteringen, 3 de overloop van getroffen faculteiten naar andere, 4 het vollopen van de laatste studiejaren Een ondersteuning hiervan w o r d t gegeven door de brief van curatoren van Utrecht Dit is een antwoord op een brief van O en W over te verwachten moeilijkheden en mogelijke oplossingen i v m de ruimtelijke voorzieningen Utrecht vraagt vanaf 1969-1970 om een numerus fixus van 3 050 eerstejaars en een maximum aantal ingeschrevenen van 20 000 II Èn Overboek en deze gang van zaken èn de curatoren van Utrecht ondersteunen de verwachting van een numerus fixus op korte termijn III De gedachte bij O en W door allerlei maatregelen die de kern van de problemen met raken de kostenstijging te drukken is illusoir Het IS zo dat hoe dan ook de kosten van het onderwijs onvermijdelijk zullen blijven stijgen Zelfs b j gelijkblijvende aantallen zullen de kosten sneller toenemen dan het nationaal inkomen M a a t r e g e l e n en verhullingen van O . en W . Het ministerie zal d m v de volgende schijnoplossingen trachten een totale ineenstorting te voorkomen In feite houdt dat echter een verhulde numerus fixus in - een systeem van plaatsingscommissie, - wachtlijsten en vergelijkende examens, - manipulatie van de studiekeuze door Straks Studeren, pers, brieven etc , - taakverdeling concentratie van studierichtingen en specialisaties, - d m v een technische uitvoeringsmaatregel (commissie-Simons) en een verder verplichte specificering van de kosten op de begroting w o r d t de invloed van Den Haag vergroot IV Geen van deze maatregelen is effectief De financiële achtergronden worden er door verduisterd Bovendien w o r d t de invloed van Den Haag vergroot en de autonomie tot een lachwekkend minimum gereduceerd 14


Stichting Nostrorum Sanitas

HERSTRUCTURERING SPORT De door het bestuur van de Stichting Nostrorum Sanitas benoemde structuurcommissie-sport moet een advies uitbrengen over de interne structuur van de Tilburgse studentensport en over de verhouding tot de Stichting Nostrorum Sanitas Voordat de commissie een definitief advies uitbrengt wil zij alle betrokkenen (actief en niet-actief sportenden) haar voorlopig advies voorleggen, zodat ieder zijn oordeel er over kan vormen Het doel van de studentensport is het stimuleren van de lichamelijke vorming en sportbeoefening van elke student Uit deze omschrijving van de doelstelling van de studentensport komt vooral naar voren, dat sport met zozeer een aangelegenheid is v o o r een kleine, geselecteerde groep, maar dat het een zaak is voor iedereen. Het is een onderdeel van de algemene studentenvoorzieningen Nu blijkt dat de huidige situatie met in overeenstemming is met het doel Sportbeoefening moet mogelijk zijn voor zowel degene die eens per maand als voor degene die elke dag wil sporten Het zou hiermee in tegenspraak zijn een structuur te scheppen, die geheel gebouwd IS op de reeds actieve mensen en de apatie te laten wat zij is

Door de sportfederatie w o r d t een bindende voordracht samengesteld van drie mensen die afgevaardigd w o r d e n naar de derde laag, de sportraad. De sportraad is het belangrijkste orgaan: - Haar eerste taak is het mogelijk maken van sportbeoefening door elke student -

De sportraad bepaalt de verdeling van de accommodatie en financiële middelen (subsidies), die aan haar worden doorgegeven, over de verschillende takken van sport

-

De sportraad bestaat voor de ene helft uit (3) leden op voordracht van de sportfederatie (sportverenigingen) en voor de andere helft (3) uit leden op voordracht van het ATSO-bestuur

-

De hoofdsportleider woont alle vergaderingen van de sportraad bij als adviseur

-

Er dienen adviseurs namens de sportverenigingen ter vergadering te worden uitgenodigd bij zaken die hun vereniging aangaan, zoals de behandeling van de aangevraagde subsidie

-

De sportraad treedt naar buiten op als de Tilburgse Studenten Sportorganisatie (TSSO), bijvoorbeeld bij organisatie van interacademiales en de NSK

-

V o o r sporten, die (nog) met m verenigingsband worden beoefend, worden door de sportraad commissarissen aangesteld in overleg met de beoefenaars van die sporten

-

ZIJ worden door de sportraad uitgenodigd bij zaken, die hun sport betreffen

-

De vergaderingen en de stukken van de sportraad zijn openbaar

De dlgemeenheid van de sport zal zijn weerslag moeten vinden in de beslissingsstructuur van de sport Norm bij het creëren van een nieuwe beslissingsstructuur is dat de betrokkenen, in dit geval de studenten, m samenspraak met de professionele krachten zelf kunnen beslissen over hun belangen De eerste laag wordt gevormd door de sportverenigingen, die ook nu al bestaan zoals een voetbal-, volleybal- en roeivereniging De verenigingen bevorderen hun eigen sport, zijn binnen de hen toegestane gesubsidieerde begrotingen autonoom en kunnen ten eigen bate contributie heffen De sportfederatie vormt de tweede laag Zij bundelt de belangen van de verschillende verenigingen en behartigt deze Ze bestaat uit een bestuurder per vereniging

Daarnaast bestaat een sportleidersoverleg, dat door de hoofdsportleider wordt voorgezeten De hoofdsportleider is vanwege de Raad Studentenvoorzieningen gedelegeerd beheerder van de sporthal, maar treedt terzake m eerste instantie in overleg met zijn collega's De hoofdsportleider overlegt met de concierges over de punten die hun taken betreffen De hoofdsportleider vertegenwoordigt de standpunten van de concierges in de sportraad In de sportraad w o r d e n de algemene beleidslijnen met betrekking tot sportbeoefening en beheer van de sporthal bepaald Te denken valt aan opstellen van sportroosters, verhuur, aanschaf materiaal etc

Verlangens op korte termijn

De hoofdsportleider voert de in dit overleg genomen beslissingen uit

Er zal volgens de NSR aan de volgende voorwaarden moeten worden voldaan

BIJ conflicten tussen de sportraad en de hoofdsportleider treedt een commissie van goede diensten op uit de Raad Studentenvoorzieningen

-

openbaarheid van stukken en adviezen binnen en gericht aan het departement,

Het IS de taak van deze commissie vastgelopen overleg weer op gang te brengen

-

openbaarheid van correspondentie en onderhandelingen tussen het departement en de instellingen,

-

explicitering van het tot op heden gevolgde beleid en een schets van de gevolgen,

-

schets van de beleidsalternatieven alsmede schets van wat had moeten zijn gedaan en wat nu moet gebeuren bij een alternatief beleid

V e r l a n g e n s op l a n g e

termijn

De NSR beschouwt de capaciteit gebaseerd op een niet-gemampuleerd aanbod van studenten als het enig juiste beleidsdoel Economische, sociale, politieke en culturele gevolgen van een ander beleid zijn desastreus In uiterste consequentie leidt dat tot fascisme De NSR kan zich voorstellen dat redenen bestaan voor concentratie van studierichtingen en specialisaties De beschikbare geldmiddelen mogen geenszins een doorslaggevende reden zijn Bovendien mag dat met gepaard gaan met een vermindering van de totale capaciteit in die studierichting Er zal een beslissingsprocedure gevolgd moeten worden, waarin alle betrokkenen volledig en van het begin participeren

1

De Raad Studentenvoorzieningen oefent controle uit op de financiën van de sportraad Aangezien deze op het ogenblik nog met bestaat, IS er in de overgangssituatie een alternatief De taken en verantwoordelijkheden, die nu bij de Stichting Nostrorum Sanitas berusten, worden overgedragen aan het rechtspersoonlijkheid bezittende lichaam A T S O Daarvoor pleit de gedachte dat het hier een studentenvoorziening betreft die - ook volgens herhaalde uitspraken van de minister van Onderwijs en Wetenschappen - onder de verantwoordelijkheid van de studenten dient te vallen Vervolgens kan de Stichting Nostrorum Sanitas ook dienen als rechtstreekse rechtsvoorganger van de te vormen Raad Studentenvoorzieningen In feite delegeert zij dan haar taken op dit gebied aan de sportraad maar oefent controle uit op de financiën van de sportraad Alle voorstellen, amendementen enz moeten schriftelijk geschieden en moeten worden toegezonden aan de structuurcommissie-sport: Academielaan 5 Alle inzendingen moeten voor 30 oktober a s binnen zijn 15

THB 1

17 oktober 1969


Mededelingen

Economische Faculteit VERSLAG VAN DE STUDIERAAD VAN DE FACULTEIT DER ECONOMISCHE WETENSCHAPPEN Gedurende het collegejaar 1968-1969 is de studieraad acht maal in vergadering bijeen geweest Daarnaast werden verschillende informele bijeenkomsten belegd, tijdens welke het nieuwe propedeuseprogramma, dat in maart 1969 tot stand is gekomen, nader werd uitgewerkt In het afgelopen collegejaar kwamen onder meer de volgende punten aan de orde 1

Het

onderwijsprogramma

In 1968 zijn een viertal discussienota's gereed gekomen, te weten een nota van de studiecommissie van de faculteit, een nota van het stafconvent, een nota van de faculteitsvereniging en een nota van Dr Kolnaar De studieraad verklaarde zich bereid het overleg over een nieuw onderwijsprogramma te coĂśrdineren Het afgelopen jaar heeft het overleg in de studieraad zich vooral gericht op het uitwerken van een voorstel tot herziening van het propedeuseprogramma De studieraad kwam hiermede in maart gereed Het voorgestelde propedeuseprogramma werd in april door de faculteit aangenomen Besloten werd dit programma met ingang van het komende studiejaar in te voeren Het nieuwe propedeuseprogramma stelt zich ten doel 1 2

3 4 5

de student een representatief beeld te geven van het terrein waarop zijn studie zich zal bewegen de student de relatie te laten onderkennen tussen de economie en de overige wetenschappen en tussen de wetenschap en de maatschappij de motivatie voor de gekozen studie te bevorderen, de basiskennis van studenten met een verschillende vooropleiding in zekere zin gelijk te schakelen, de student te laten ervaren dat hij de eigenschappen bezit de economie-studie met succes te voltooien

Het programma kan worden gekarakteriseerd als m sterke mate motiverend en oriĂŤnterend, waarbij 1 w o r d t vastgehouden aan een bepaalde discipline, de economie als uitgangspunt voor het onderwijsprogramma, 2 de inhoud van een basisprogramma voor de hoofdcolleges vooraf schriftelijk w o r d t vastgelegd v o o r het gehele eerste jaar, 3 de student middels de vorming van werkgroepen, uit te w e r k e n opdrachten in velerlei vorm en deelname aan in aanvulling op het hoofdcollege te organiseren discussiebijeenkomsten, in sterke mate w o r d t gestimuleerd en gemotiveerd, 4 de evaluatie en selectie plaatsvindt op basis van een gedifferentieerd scoresysteem, waarbij met alle aspecten van de deelname van de student aan het onderwijs rekening w o r d t gehouden Het programma voor de propedeuse omvat de onderdelen -

economie, inleiding tot het wijsgerig en wetenschappelijk denken, statistiek, wiskunde-B, afhankelijk van vooropleiding wiskunde-A, dan wel boekhouden en handelsrekenen

Om het mens- en maatschappijwetenschappelijk karakter van de economie te kunnen aangeven worden m de economiecolleges concrete economische vraagstukken aan de orde gesteld Hierbij zullen monetaire-, bedrijfs- en algemeen-economische aspecten worden gehandeld, terwijl bij het inhoudelijk vastleggen van de te geven colleges ook aandacht geschonken zal worden aan de overige maatschappijwetenschappen De inhoud van het economieprogramma zal een grote mate van vrijheid laten om ook actuele economische vraagstukken die door de docent dan wel door de student van belang worden geacht te bespreken De economiecolleges die onder leiding van wetenschappelijke medewerkers en doctoraalstudenten worden gegeven aan een 20-tal

groepen van 15 a 20 studenten vallen uiteen m twee delen te weten geprogrammeerde colleges en discussiebijeenkomsten De wijze waarop de te behandelen onderwerpen aan de orde worden gesteld zal de zelfwerkzaamheid van de student dienen te stimuleren Dit zal geschieden door de student regelmatig bepaalde opdrachten te laten uitwerken die in de groep worden bediscussieerd Bij het activeren van deze zelfwerkzaamheid en voor het begeleiden van de discussiebijeenkomsten zullen doctoraalstudenten (student-assistenten) worden ingeschakeld De wijsbegeerte zal meer nog dan momenteel het karakter krijgen van een inleiding tot het wijsgerig en wetenschappelijk denken, waarbij de inhoud van dit vak zal aansluiten bij de inhoud en de doelstelling van het vak economie De colleges wijsbegeerte zullen aan meerdere groepen worden gegeven De onderdelen statistiek boekhouden en handelsrekenen wiskunde-A en -B zullen qua opzet nagenoeg geblijk blijven aan de huidige situatie Dit impliceert, dat het experiment van het afgelopen jaar om het onderwijs in het boekhouden en handelsrekenen evenals dit voor het wiskunde-A-onderwijs reeds het qeval was in het eerste trimester te concentreren ook het volgend jaar w o r d t voortgezet 2

B e o o r d e l i n g s n o r m e n v o o r het

propedeutisch-,

het c a n d i d a a t s I- e n het c a n d i d a a t s

ll-examen

De beoordelingsnormen voor bovengenoemde examens zijn inmiddels gepubliceerd in het Hogeschoolblad nummer 9 van februari 1969 3

Trimester-semester-indeling

In haar vergadering van 8 april jl stelde de studieraad het trimester- en het semestersysteem aan de orde Aan het semestersysteem werd voorkeur verleend boven het trimestersysteem 4

Reglement op de

examens

van de faculteit der economische

wetenschappen

Het reglement op de examens w e r d door de faculteit in haar vergadering van 23 januari 1969 goedgekeurd, nadat het door de studieraad in haar vergadering van 22 januari 1969 was besproken Besloten w e r d met het oog op de in de nabije toekomst te wijzigen studieprogramma s, het reglement nog met in grote getale te verspreiden Herkansing pretentamens wiskunde-A

e n 'B,

boekhouden

en handelsrekenen De studieraad heeft met betrekking tot dit punt het volgende voorstel voorgelegd aan de faculteit, die m haar vergadering van 23 januari 1969 hieraan haar goedkeuring heeft gegeven De pretentamens wiskunde-A, boekhouden en handelsrekenen worden twee maal per jaar afgenomen, te weten rond Kerstmis en rond Pasen Het pretentamen wiskunde-B w o r d t voor de eerste maal afgenomen in de maand april V o o r degenen die in september deelnemen aan het propedeutisch examen w o r d t een tweede gelegenheid geboden dit pretentamen af te leggen in de maand juni

6 Voorlichting doctoraal-specialisaties In haar vergadering van 8 april jl besloot de studieraad het komende studiejaar, evenals dit het afgelopen jaar het geval is geweest, een voorlichtingsavond v o o r doctoraalstudenten te organiseren Deze informatie zal gericht worden op de inhoud van de studierichtingen In de loop van het jaar hebben de heren P L A Goosen en F T M Loefs Cstudentleden), Drs R J de Groof en Drs J A M Huyben hun lidmaatschap van de studieraad beĂŤindigd Voor het komende studiejaar is de studieraad als volgt samengesteld Prof Dr P A Verheyen (voorzitter). Prof Dr H W J Bosman, Drs W P J G de Boer (secretaris), Drs P J W Duffhues, Drs H J Klok, P J Goebbels, G A de Groot en T M N Severijn Plaatsvervangende leden Prof Dr Th C M J van de Klundert Prof Dr Th A Stevers, Dr A H J J Kolnaar, Drs J A M Oonincx en T van Genugten 16


Faculteitsmededelingen

Mededelingen

ECONOMISCHE FACULTEIT

Algemeen

MEDEDELING

HOGESCHOOLVERGADERING Dinsdag 21 oktober om 19 30 uur in de aula Agendapunten zijn

I N Z A K E SCRIPTIE UIT DE S O W J E T O L O G I E

De doctoraalstudenten m het bijzonder die van de algemeen economische, de sociaal-economische en de internationaal-bestuurlijke specialisatie,'kunnen voor de tweede verplichte scriptie een onderwerp kiezen uit de Sowjetologie. In dat geval dienen zij zich v o o r nadere informatie te vervoegen bij Drs O Kuschpeta Provisorium, kamer 36 Het ligt in de bedoeling dat uit de candidaten studie- en discussiegroepen zullen worden gevormd Deze groepen worden begeleid door Drs Kuschpeta Laatstgenoemde zal in de problematiek inleiden, over de literatuur- en overige studiebronnen oriënteren en een bijstand verlenen bij het schrijven van een scriptie De Sowjetologie kan omschreven worden als een wetenschap, die de Sowjet-Unie bestudeert als een nieuw fenomeen in de staatkunde in de economie en in de internationale betrekkingen In staatkundig opzicht onderscheidt zich het staatsbestel van de Sowjet-Unie in formele en in materiele zin van de parlementaire democratie Bovendien IS het een bond van republieken die zich wezenlijk onderscheidt van unie s op federatieve of op confederatieve basis Vanuit economisch opzicht hebben wij te doen met een stelsel, waarbij de nationalisatie en de socialisatie van de productiemiddelen een grondwettelijke eis is en het marktmechanisme gebaseerd op een systeem van werkzame concurrentie, wordt vervangen door het tot de wet verheven centrale plan De internationale betrekkingen worden in grote mate mede bepaald door de ideologische doelstellingen Mede daarom speelt de relatie tussen communistische partijen een bijzondere rol in de internationale politiek van de Sowjet-Unie De Sowjetologie heeft dus een interdisciplinair karakter.

FACULTEIT DER

RECHTSGELEERDHEID

Met ingang van het studiejaar 1969-1970 is het bestuur van de faculteit der rechtsgeleerdheid als volgt samengesteld Prof Mr H C F Schoordijk, voorzitter en Prof Mr J P A Coopmans, secretaris CURSUS

LATIJN V O O R

EERSTEJAARS

VAN

HET

SENAATSBESTUUR

Het senaatsbestuur van de Katholieke Hogeschool heeft ter verkrijging van een betere communicatie met ingang van het nieuwe collegejaar (maximaal) drie leden van iedere geleding uitgenodigd de senaatsbestuursvergaderingen als waarnemers bij te wonen met recht van spreken De voorzitter van de Algemene Tilburgse Studenten Organisatie deelde aan het senaatsbestuur mede aan deze uitnodiging geen gevolg te zullen geven Als motief w e r d opgegeven dat aan het kritenum van openbaarheid door een dergelijke uitnodiging met w o r d t voldaan, vergaderingen van het senaatsbestuur zijn eerst dan openbaar als iedere bestuurde in de mogelijkheid gesteld w o r d t de besluitvorming m het bestuur bij te wonen Het bestuur van de A T G (het administratief en technisch personeel) deelde mede de uitnodiging van het senaatsbestuur te aanvaarden Een delegatie van het bestuur van het stafconvent woonde reeds sinds mei jl de senaatsbestuursvergaderingen bij Van de zijde van het curatorium nam de gedelegeerd curator sinds februari jl aan deze vergaderingen deel

LECTORAAT

JURIDISCHE FACULTEIT BESTUUR

1 Moeilijkheden rond TSR 2 Voorstellen van de studentendelegatie in hogeschooi-structuuroverleg (zie pagina 8 van dit Hogeschoolblad)

JURISTEN

(Studierichting Nederlands Recht) De Katholieke Leergangen verzorgen een cursus latijn van september tot en met half maart De cursus w o r d t gegeven door Drs J Rietveld iedere maandag en woensdag (vacanties uitgezonderd) om 19 00 uur in C 1 Kosten ƒ 75,— Degenen die deze cursus hebben gevolgd, zijn vrijgesteld van het afleggen van het tentamen latijn Voor nadere inlichtingen wende men zich tot de Katholieke Leergangen of tot het bureau van de faculteit

WISKUNDE

Samenvatting van de openbare les, die Dr. H. P. J. van de Kerkhof op donderdag 9 oktober 1969 om 16.15 uur gaf bij de aanvaarding van het ambt van gewoon lector in de wiskunde aan de Katholieke Hogeschool te Tilburg. V a n i d e e tot s t r u c t u u r Evenmin als de bruikbaarheid van een gebouw het enige criterium is waarop de architect moet letten, is de toepasbaarheid van de wiskunde in andere wetenschappen het enige punt waarop men haar waarde kan beoordelen Toch raakt een wiskunde die niet door anderen kan worden gebruikt snel in de vergetelheid Hierin ligt de diepere oorzaak van het feit dat de schitterende wiskunde van de Grieken reeds kort na haar topprestaties m verval geraakte De handige rekenaars uit de Arabische wereld schiepen daarna de ,algebra', een wiskunde die antwoord kan geven op de vragen die opkomen bij het wisselen van geld en het becijferen van winsten De moderne wiskunde heeft zowel de streng logische opbouw van de Griekse meetkunde als de bruikbaarheid van de Arabische algebra Ook economen en sociologen kunnen er nu toe overgaan om in hun wetenschap de wiskundige formulering te gebruiken Er is echter nog veel onderzoek nodig om die taken van de wiskunde op te sporen en te ontwikkelen, die zich daarvoor het beste lenen

SOCIALE FACULTEIT MAGAZIJN In het magazijn van de Katholieke Hogeschool zijn verkrijgbaar de door Drs Th Bennis samengestelde ,Bibliografie over Community Development' (ad ƒ 1,50), alsook een nieuwe bundel ,Excerpten van literatuur over Community Development' welke ter discussie zijn geweest tijdens de werkcolleges over Community Development (ad f 2 , - ) Eveneens is het proefschrift van A Keune .Gemeenschapsontwikkeling - Theorie en praktijk van een nationaal beleid, met bijzondere verwijzing naar Columbia' in het magazijn verkrijgbaar (ad ƒ 3 , — )

COLLEGES

SPAANS

In tegenstelling tot wat in de gids gepubliceerd staat worden de colleges Spaans als volgt gegeven beginners dinsdag van 16 00 tot 18 00 uur en gevorderden dinsdag van 14 00 tot 16 00 uur

SMEETSKRING O p 23 september jl w e r d de ,Smeetskring' (Tilburgse Fiscalisten Verenigng) opgericht Secretariaat Hogeschoollaan 225 17

THB 1

17 oktober 1969


Mededelingen

Algemeen MEDEDELINGEN 3 september

EN BESLUITEN

SENAATSBESTUUR

1959

1 Ter gelegenheid van de opening van het nieuwe studiejaar zal geen openbare senaatszitting worden gehouden, zulks in verband met de op gang zijnde besprekingen m de structuurcommissie over een nieuwe bestuursvorm 2 Met ingang van het nieuwe collegejaar wil het senaatsbestuur (maximaal) drie leden van iedere geleding tot de senaatsbestuursvergaderingen uitnodigen als waarnemers met recht van spreken 3 Aan Dr J C Bertholet is een leeropdracht verleend voor het vak Leer van de economische en sociale aanpassing van de ontwikkelingslanden' voor het onderwijs aan doctoraal-studenten van de sociale faculteit, die dit vak in hun studieprogramma hebben opgenomen 4 De omschrijving van de leeropdracht van Dr A K Constandse is veranderd van Planologie' in Sociologie van de ruimtelijke ordening' 5 Van de zijde van de senaat zijn v o o r het academische jaar 1969-1970 als leden van de Academische Raad aangewezen Prof Dr C F Scheffer rector-magnificus vast lid. Prof Dr L H Janssen, prorector, plaatsvervangend lid In plaats van het plaatsvervangend lid zal een nog aan te wijzen lid van het stafconvent als adviseur deelnemen aan de vergaderingen van de Academische Raad 6 In de commissie Colloquium Doctum van de juridische faculteit zijn als opvolgers van Prof M r C Bronkhorst en Prof Mr H J M Jeukens aangewezen Prof Mr J E J Th Deelen en Prof Mr Ch P A Geppaart 7 Een commissie tot Herzieninq van de Promotieplechtigheid is ingesteld bestaande 3 hoogleraren, 3 leden van de wetenschappelijke staf 2 TAEK-leden resp aan te wijzen door de faculteiten door het stafconvent en door de TAEK 8 . A l s datum voor de promotie van Drs F P Jansen is vastgesteld vrijdag 26 september 1969 Als promotor is aangewezen Prof Dr L H Janssen Titel van het proefschrift ,Schaarse middelen en structurele samenhangen met bijzondere verwijzing naar de planning in de ontwikkelingslanden' 9 Als datum v o o r de promotie van Drs F J M van Puijenbroek is vastgesteld donderdag 16 oktober 1969 Als promotor is aangewezen Prof Dr H F J M van den Eerenbeemt Titel van het proefschrift Onder de voet gelopen'

18 september 1969 1 A l s opvolger van Drs J A M F Lindner, die de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt, is per 1 oktober 1969 de heer L A Hulsentop tot buitengewoon lector v o o r de accountancy benoemd 2 Met ingang van 1 oktober 1969 is aan Mr L M Vermeulen een leeropdracht ,didactiek' in de sociale faculteit verleend 3 Voor het collegejaar 1969-1970 is aan Dr F P Jansen een leeropdracht verleend in de ,toeaepaste economie' 4 Het gewoon lectoraat van Dr A K Constandse is met ingang van 1 oktober 1969 omgezet in een buitengewoon lectoraat 5 Met ingang van het collegejaar 1969-1970 IS Prof M r H J M Jeukens afgetreden als bestuurslid van het Kennedy-lnstituut, in zijn plaats IS als bestuurslid aangewezen Prof Mr H C F Schoordijk 6 De commissie tot Herziening van de Promotieplechtigheid is als volgt samennesteld Prof Dr L H Janssen, voorzitter. Prof Dr Joh de Vries, lector Dr J H G Segers, Prof Mr F H van der Burg, Dr N H Douben, Drs M L F Angenent, M r A L L Habraken, Dr A H E M van den Boomen, Drs J J F van der Heyden en Dr G H M van den Heuvel, secretaris 7 De promotie van Drs N J M Nelissen is vastgesteld op 15 januari 1970 Als promotor is aangewezen Prof Dr R A de M o o r Titel van het proefschrift .Sociale ekologie' 8 Aan curatoren is verzocht met betrekking tot de coördinatie van de in te dienen begrotingen een technische commissie bij te roepen, bestaande uit vertegenwoordigers van het financieel bureau van 'het curatorium, hoofden faculteitsbureaus, griffier senaat vertegenwoordiger rekencentrum en eventuele andere belanghebbenden

9 Met betrekking tot het besluit van de Colleges van Curatoren van de Rijksuniversiteit te Leiden, de Landbouwhogeschool te Wageningen de Katholieke Hogeschool te Tilburg, van de Directie van het Centraal Bureau voor de Statistiek en van de Sociaal-Wetenschappelijke Raad van de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen, tot oprichting van een interuniversitair instituut voor demografie, w o r d t de afwikkeling van zaken overgelaten aan Prof Dr J Godefroy, samen met de secretaris van de senaat. Prof M r H J M Jeukens en de secretaris van curatoren Mr G A van den Belt 10 In zijn vergadering van 11 september 1969 heeft de Academische Senaat besloten de buitengewone hoogleraren, de gewone en buitengewone lectoren stemrecht in de senaat te verlenen Aan de voorzitters van de faculteiten is verzocht in de faculteitsvergaderaing het stemrecht van buitengewone hoogleraren, de gewone en buitengewone lectoren m de faculteiten aan de orde te stellen

KOMMISSIE INTERNATIONALE SAMENWERKING De Kommissie Internationale Samenwerking (KIS) houdt zich bezig met het verstrekken van informaties over seminars, konferenties, bijeenkomsten betrekking hebbende op internationale onderwerpen in Nederland of in het buitenland en andere studiemogelijkheden aan buitenlandse universitaire instanties Het Bureau Buitenland is gevestigd op de Bredaseweg 391 in het Instituut v o o r Ontwikkelingsvraagstukken (IVO), telefoon 70960, toestel 326 Sekretans is Drs H A J Coppens De sekretaresse mej A Clous kan verdere inlichtingen verschaffen over het bovengenoemde Seminars over vergelijkend

recht

Organisateur l'Association des avocats allemands Pour juristes D U I T S L A N D Heidelberg: 23-25 oktober La reserve de propnete et Ie transfert de sürete envisages en droit frangais et en droit allemand Jaarcursussen SPANJE Barcelona: Spanish literature and language courses for elementary, intermediate and advanced students Beginning of the courses on October 16th till May 31st D U I T S L A N D Saarbrücken: Europa-lnstitut der Universitat des Saarlandes-Saarbrucken Fortbildungsstudium auf den Gebiet der Europaischen Beziehungen, Gemeinschaften und Organizationen Dauer zwei Semester (mitte O k t o b e r / m i t t e Juli) Fur Abstudierten (bevorzugt Juristen mit 1 oder 2 Staatsexamen) Stipendium bis 400 D M monatlicht OOSTENRIJK Wenen: Wiener Internationale Hochschulkurse von 15 O k t o b e r bis 15 Juni Deutsche Sprachkurse fur Auslander, Vortrage und Diskussionen uber aktuelle Probleme der Wissenschaften V o o r beginners en gevorderden

Studiebeurzen en reistoelagen UNITED K I N G D O M The British Council stelt beurzen en stipendia beschikbaar voor het studiejaar oktober 1970 tot juli 1971 en voor korte kursussen van drie maanden In aanmerking komen zij die hun kandidaats- of doktoraalexamen hebben behaald Aanvragen uiterlijk 8 november VERENIGDE STATEN De Commonwealth m New York biedt, m h e t ' kader van zijn internationale Harkness Fellowship Program, met ingang van het studiejaar 1970-1971, twee a drie beurzen aan voor Nederlanders, die zich in de VS verder in hun vak willen verdiepen d m v studie of onderzoek Universitaire graden met noodzakelijk Uitnemende mtellektuele en akademische kwaliteiten zijn vereist Leeftijd van 21 tot 30 jaar Aanvragen voor 30 oktober 1969 18


Mededelingen

Algemeen UNIVERSITAIRE LEERGANGEN De Universitaire Leergangen Ontwikkelingsproblematiek die sinds het akademische jaar 1961-1962 telkenjare worden georganiseerd door de NUFFIC (Stichting der Nederlandse Universiteiten en Hogescholen voor Internationale Samenwerking) organiseert in het akademische jaar 1969-1970 vier leergangen, respektievelijk in Rotterdam Amsterdam, Utrecht en Nijmegen De kolleges worden gegeven op de zaterdagochtenden in Rotterdam van 4 oktober 1969 tot en met 21 maart 1970, in Amsterdam van 11 oktober 1969 tot en met 21 maart 1970, in Utrecht van 10 januari 1970 tot en met 9 mei 1970, in Nijmegen van 10 januari 1970 tot en met 9 mei 1970, met een onderbreking in de Kerst- en Paasvakantie De leergangen zijn toegankelijk voor studenten van alle studierichtingen en voor andere belangstellenden die tenminste volledig voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, of daaraan gelijkwaardig onderwijs, hebben genoten Het inschrijfgeld bedraagt f 10,— voor studenten en ƒ 2 5 , — v o o r niet-studenten Nadere inlichtingen en aanmeldingskaarten zijn verkrijgbaar bij de NUFFIC Molenstraat 27, 's-Gravenhage, telefoon 070 - 630550

te bezitten voor de goederen e n / o f diensten distribuerende bedrijven en speciaal v o o r die bedrijven, die de detailhandel in levensmiddelen uitoefenen Aanmelding dient v o o r 31 december 1969 te geschieden bij het Secretariaat van de Raad van Bestuur van Albert Heijn NV, Westzijde 26 te Zaandam, alwaar ook de nodige inlichtingen kunnen worden ingewonnen

BENOEMING Curatoren van de Katholieke Hogeschool hebben op voordracht van de Academische Senaat per 1 september jl benoemd tot gewoon hoogleraar in de Nederlandse rechtsgeschiedenis. Prof Mr J P A Coopmans te Den Bosch Prof Coopmans is secretaris van het Stadsgewest 's-Hertogenbosch geweest Hij w e r d m 1965 aan de Katholieke Hogeschool verbonden als buitengewoon hoogleraar in het oud-vaderlands recht De leeropdracht van Prof Coopmans zal met ingang van 1 september 1970 worden uitgebreid met het vak algemene inleiding tot de rechtswetenschappen

SPREEKUUR STUDENTENARTSEN GG EN GD COLLEGES ACTUELE INTERNATIONALE

VRAAGSTUKKEN

In het reeds gepubliceerde programma van de colleges actuele internationale vraagstukken in dit trimester zijn enkele wijzigingen aangebracht Het thema is de toekomst van de internationale ontwikkelingssamenwerking, in het bijzonder de voorbereiding van het Tweede Ontwikkelingsdecennium van de VN Het eerste college over dit thema zal op 16 oktober a s plaatsvinden Het (voorlopige) programma ziet er thans als volgt uit (afwisselend op woensdag van 12 00 tot 13 00 uur of donderdag van 11 00 tot 12 00 uur) 16 oktober Prof Dr J Godefroy ,Toekomstige ontwikkeling van het wereldbevolkingsvraagstuk' 23 oktober Prof Dr H Linneman Evaluatie van het Eerste Ontwikkelingsdecennium' 29 oktober Prof Dr J Tinbergen ,De Ontwikkelingsstrategie van de Zeventiger Jaren' (DD-2) 6 november Dr H M de Lange ,Hebben de Kerken een taak in D D - 2 ' , 12 en 13 november Nader te bepalen spreker Zuidelijk A f r i k a ' 20 november Prof Dr B Roling ,Armoede, ontwikkeling en o o r l o g ' 26 november Prof E Mandel ,Neo-Marxistische visie op de ontwikkelingsstrategie' 4 dec3mber Prof J Bognar (Budapest) ,Oost Europese visie op de ontwikkelingsstrategie (nog met definitief) STUDIEBEURS

ALBERT

HEIJN

Albert Heijn NV te Zaandam stelt telken jare een Albert Heijnstudiebeurs ter beschikking De studiebeurs is groot ƒ 10 000,— en heeft ten doel de ontvanger daarvan in staat te stellen een studie te verrichten over goederen e n / o f diensten distribuerende bedrijven en speciaal over die bedrijven, die de detailhandel in levensmiddelen uitoefenen De studiebeurs kan worden toegekend aan hem of haar, die het doctoraal examen m enige faculteit met goed gevolg heeft afgelegd en die bij zijn of haar studie daadwerkelijk heeft getoond belangstelling

Dokter Weegels maandag van 15 30 tot 16 30 uur Dokter Zwetsloot donderdag van 15 30 tot 16 30 uur

PROMOTIES 26 september

1969

Op vrijdag 26 september jl promoveerde aan de Katholieke Hogeschool de heer F. P. Jansen, wetenschappelijk hoofdmedewerker aan het Instituut voor Ontwikkelingsvraagstukken van de hogeschool, tot doctor in de economische wetenschappen Promotor was Prof Dr L H Janssen SJ De titel van het proefschrift luidt ,Schaarse Middelen en Structurele Samenhangen, met bijzondere verwijzing naar de planning in de ontwikkelingslanden' Het proefschrift geeft een analyse van de wijze waarop de samenhangen in het ontwikkelingsproces verwerkt kunnen worden m de praktische plannma van de allocatie van schaarse middelen

16 oktober 1969 Donderdag 16 oktober jl promoveerde de heer F. J. M. van Pulj'enbroek tot doctor in de sociale wetenschappen op het proefschrift ,Onder de voet gelopen' Promotor was Prof Dr H F J M van den Eerenbeemt Het proefschrift geeft een analyse van het ontstaan en verdwijnen van een klemnijverheid, waarvoor de auteur de klompenmakerij en meer m het bijzonder die van de Brabantse Meierij tot onderwerp heeft genomen Het maken van klompen, sedert eeuwen bekend, ontwikkelde zich eerst in de negentiende eeuw tot een meer geregeld beoefend handwerk, zonder dat hierbij het additioneel karakter geheel verdween Deze ontwikkeling hing samen met de industriële revolutie die de fabrieksarbeider deed ontstaan, welke naast de agrarische bevolking de grootste afnemer w e r d van klompen Omstreeks de eeuwwisseling begon zich een structurele marktwijzigmg af te tekenen doordat leren schoenen binnen het bereik van de volksklasse kwamen als gevolg van de massafabricage der schoenfabrieken Sedertdien verloor de klomp steeds meer terrein en voet om zich voorlopig alleen nog te handhaven als werkdracht Na de eerste wereldoorlog w e r d ook deze functie sterk aangetast omdat leren- en rubberschoenen nu nog meer dan voorheen de gebruikelijke dracht van iedereen werden De klompennijverheid, die in 1919 nog aan 8396 personen een bestaan bood, schrompelde meen tot een bedrijfstak van 216 ondernemingen met een totale bezetting van 738 personen per ultimo 1968 Het perspectief is dat deze nijverheid op de duur nagenoeg geheel zal verdwijnen 19

THB 1

17 oktober 1969


In ons concern wordt aan de

jonge

economist

de gelegenheid geboden een carrière op te bouwen.

Hij zal, afhankelijk van geschiktheid en belangstelling, een loopbaan in één van de volgende werkgebieden kunnen beginnen: • budgettering en berichtgeving; • bedrijfseconomische analyses en efficiency-controle; • ontwikkeling en beoordeling van informatiesystemen; • advisering inzake toepassingsmogelijkheden van automatisering in binnenen buitenland; • financieringsvraagstukken; • marktonderzoek en commerciële prognostiek; • planning op korte, middellange en lange termijn; • fiscale problematiek; • personeels- en opleidingsvraagstukken personeelsbeleid; • internationale marketing;

•

• •

remuneratie vraagstukken verband houdende met internationale stafplanning; rentabiliteitsberekeningen ten behoeve van "beslissings"-calculaties; samenhang seriegrootte (kostprijs).

Het ligt in het voornemen belangstellenden - waartoe ook zij worden gerekend die binnenkort afstuderen uit te nodigen voor een wederzijds oriënterend onderhoud. Geïnteresseerde economisten kunnen schriftelijk of telefonisch contact opnemen met Personeelzaken, Willemstraat 20, Eindhoven (telefoon 040 - 60000, toestel 6583) onder advertentienummer 69132.

PHILIPS

N.V. Philips' Gloeilampenfabrleken, Eindhoven i__

20


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
1969 10 17 by Redactie Univers - Issuu