Skip to main content

Leidraad oktober 2026

Page 1

NR. 3 2026

Leidraad ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

Leidraad

1

ALUMNIMAGAZINE NR. 3 2026

Predikant Claartje Kruijff

‘In Leiden is ruimte voor de ­waaromvraag ’ FOCUS OP

Van wie is de wereld? AI in het onderwijs

Verbieden of omarmen

Ruiken

In middeleeuwse literatuur


TEKST: NIENKE LEDEGANG, FOTO: ARCHIEF S.S.S.

2

Leidraad

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

NR. 3 2026

tribuut

Levend verleden Kerkhistorisch Gezelschap S.S.S. werd opgericht op 24 oktober 1901, toen hoog­ leraar Fredrik Pijper vier ­studenten Godgeleerdheid uitnodigde voor een verga­

dering in zijn studeer­kamer. Het initiatief van Pijper resulteerde in een werk­ gezelschap dat in de loop der jaren talloze studies en bundels publiceerde. Zo’n werkgezelschap was geen uitzonderlijk feno­ meen, vertelt Pieter Sla­ man, universiteits- en onderwijshistoricus. ‘Van­

af 1815 werd een universi­ taire studie afgerond met het zogeheten kandidaats­ examen. Dat was heel pittig: je moest op één moment laten zien wat je allemaal had opgestoken. De voor­ bereiding op die examens bestond er vooral uit dat je jezelf door de stof heen worstelde. En zo ontston­

den in de loop van de 19e eeuw werkgezelschappen: studenten zochten elkaar op om met elkaar over de stof te praten, veelal onder begeleiding van de hoog­ leraar. ­Werkgezelschappen waren een behoorlijk leven­ dig fenomeen en hadden een informeel karakter. ­Studenten spraken zelfs af


NR. 3 2026

bij de h ­ oogleraar thuis of in een kroeg.’ De werkgezelschappen zijn langzaam maar zeker verdwenen. Slaman: ‘Dat gebeurde vanaf de jaren 70 van de vorige eeuw. Het aantal studenten nam sterk toe en de enorme studie­ vertraging en uitval onder studenten noopte tot g ­ rote

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

herstructureringen. Het kandidaatsexamen kwam te vervallen en de gezelschap­ pen werden overbodig.’

Symposium

Niettemin viert S.S.S. dit jaar zijn 125-jarig bestaan, als waarschijnlijk het enige nog bestaande werkgezel­ schap dat is verbonden aan

Universiteit Leiden. Het is een uitgelezen moment om stil te staan bij de geschie­ denis en toekomst van S.S.S., maar ook bij heden­ daags onderzoek en de toe­ komst van het vakgebied. Op 23 oktober van 14.00 tot 17.00 uur wordt daarom feestelijk stilgestaan bij het jubileum tijdens het sym­

Leidraad

posium ‘Tussen (eind)tijd en eeuwigheid’. S ­ prekers zijn Pieter S ­ laman, Tom-­Eric Krijger, Josine Heijnen en Jan-Wim B ­ uisman. Belang­ stellenden zijn van harte welkom in de Universiteits­ bibliotheek, opgeven kan via gezelschapSSS@ gmail.com.

3


NR. 3 2026

○ Tribuut / 2

○ Luc aan het woord / 5 ○ Nieuws / 6

○ Eén studie, twee wegen / 12 ○ Interview

Claartje Kruijff / 14

○ De jonge wetenschapper

Marie Depuydt / 18

○ In de familie / 20

○ Terug in de banken / 31 ○ Geven / 36

○ Signalen / 38 ○ Cleveringa-

bijeenkomsten / 40 ○ Werkplek van / 41 ○ Lezen, luisteren, doen / 42

8

Geur in de literatuur 20

In de familie

Leidse wortels

FOCUS OP

32 Onderwijs in tijden van AI

Van wie is de wereld?

21


ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

COLOFON Leidraad is een uitgave van de Universiteit Leiden, afdeling Alumni­ relaties/Strategische Communicatie & Marketing. Het magazine wordt kosteloos verspreid onder alumni en relaties van de universiteit. Voor andere belang­stellenden is een abonnement op aanvraag beschikbaar. Uitgever: Universiteit ­Leiden, Renée Merkx, directeur Strategische Communicatie & Marketing Hoofdredacteur: Lilian Visscher, directeur Alumnirelaties en Leids Universiteits Fonds Concept: Fred Hermsen (Maters en Hermsen) Eindredactie: FC Tekst – Job de Kruiff en Nienke Ledegang Art direction en v ­ ormgeving: Maters en Hermsen – Stephan van den Burg, Marjolijn Schoonderbeek Lithografie: Studio Boon Tekst: Fred Hermsen, Marijn Kramp, Job de Kruiff, Nienke Ledegang, Martijn van Lith, Wilke Martens, Merel Rem, Nicolline van der Spek, Annette Zeelenberg Foto cover: Frank Ruiter, Pieterskerk, Leiden Beeld: Martin Dijkstra, Rosalie van der Does, Taco van der Eb, Jasmijn Evans, Daniel Jones, Hielco Kuipers, Tryntsje Nauta, Rob Overmeer, Marius Roos, Frank Ruiter Drukwerk: Dex Coördinatie Universiteit Leiden: Anne-Marie Petit Reacties: 071-5274050 of contact@leidraad.leidenuniv.nl LinkedIn: Alumni Universiteit Leiden BlueSky: @alumniunileiden.bsky.social Website: www.universiteitleiden.nl/alumni Oplage: 92.250 Adreswijziging? Laat het ons weten via universiteitleiden.nl/ alumnigegevens, of stuur een e-mail naar wijziging@alumni.leidenuniv.nl Gehele of gedeeltelijke overname van artikelen, foto’s en illustraties uit Leidraad is alleen toegestaan na overleg met de redactie en met bronvermelding. Universiteit Leiden kan niet aansprakelijk gesteld worden voor eventuele zet- of drukfouten.

klimaatneutraal

Luc aan het woord

NR. 3 2026

5

Onze gesprekken over geopolitiek blijven vaak beperkt tot r­ eflecties over oorlog, gewapende vrede en de hard power van groot­machten. We dreigen zo een groot deel van het verhaal te m ­ issen. Wie de wereld wil begrijpen, moet verder kijken dan de a ­ ctualiteit die tijdens een Journaal of Nieuwsuur wordt gedeeld. G ­ eopolitiek gaat evenzeer over de regels die onze oceanen, lucht en ruimte ordenen, over de beschikbaarheid van grondstoffen, over e ­ conomische afhankelijk­heid, over opkomende en middenmachten en over de kennis die nodig is om andere regio’s te begrijpen. Dat is de rijkdom van deze Leidraad. Het themakatern toont hoe uit­ eenlopende disciplines samen licht werpen op dezelfde f­ undamentele vraag: van wie is de wereld? Zij nemen u mee langs de internationale rechtsorde, de geopolitieke betekenis van grond­stoffen, de opkomst van India, de veranderende positie van Oost-Azië en de economische dimensies van internationale machts­verhoudingen. Samen maken zij duidelijk dat geopolitiek zich niet laat vangen in één discipline of één perspectief. Voor een universiteit is dat een cruciale boodschap. Grote geo­ politieke vraagstukken kunnen maar ontleed worden in s­ amenwerking tussen vakgebieden én door gebruik te maken van d ­ iepgaande k ­ ennis van talen, geschiedenis, cultuur en regio’s. Geopolitieke g ­ eletterdheid ontstaat niet vanzelf. Ze is het resultaat van jarenlang onderwijs en onderzoek. De Universiteit Leiden heeft daarin een bijzondere verantwoordelijk­ heid. Met haar internationaal erkende expertise in taal- en regio­ studies, haar sterke profiel op het gebied van governance, vrede, recht en global affairs, en haar hechte verbondenheid met Den Haag als internationale stad van vrede en recht, brengt zij inzichten samen die juist in deze tijd onmisbaar zijn. Ik hoop dat dit nummer u uitnodigt om met nieuwsgierigheid naar de wereld te kijken. Zoals onze onderzoekers dat elke dag doen, op zoek naar beter begrip van de krachten die onze wereld vormgeven. Want juist dat begrip is misschien wel onze belangrijkste strategische grondstof.

natureOffice.com | NL-077-863852

gedrukt

Leidraad

Luc Sels is voorzitter van het college van bestuur van de Universiteit Leiden


nieuws

NR. 3 2026

FOTO’S: ARASH NIKKHAH, ANP, MARIUS ROOS

Spinozapremie voor Hermen Overkleeft Hoogleraar Bio-organische chemie Hermen Overkleeft heeft de Spinozapremie gekregen, de belangrijkste wetenschapsprijs van Nederland.

Opening Academisch Jaar voor het eerst in Den Haag

Hij ontwikkelt innovatieve m ­ ethodes om ziekteprocessen te bestuderen. Dit levert niet alleen kennis op over het menselijk lichaam, maar maakt ook de ontwikkeling van nieuwe medi­ cijnen mogelijk. Overkleeft wordt wereldwijd beschouwd als een van de grond­ leggers van de chemische b ­ iologie. Dit vakgebied ontwerpt moleculen om biologische processen te begrijpen en beïnvloeden. ‘Dat doen we door in het lab moleculen te maken die lijken op moleculen in een cel, bijvoorbeeld suikers. Door daar een lampje aan te koppelen, kunnen we ze volgen en zien welke interacties ze aangaan. Het is fundamenteel onderzoek, dat zich uiteindelijk naar medicijnen kan verta­ len voor onder andere stofwisselings­ ziektes, bepaalde vormen van kanker en het griepvirus.’

Voor het eerst in de 451-­jarige geschiedenis van de Universiteit ­Leiden werd het academisch jaar geopend in Den Haag. Ter gelegenheid van deze histori­ sche gebeurtenis was er voor het eerst sinds 1972 weer een c ­ ortège bij de opening. Voorafgaand aan de ceremonie trok een stoet van ­studenten, hoogleraren, docenten, de burgemeesters van Den Haag en ­Leiden, wethouders, sprekers en andere ­gasten van het Wijnhaven­ gebouw naar concertzaal Amare. Daar volgde onder meer een talk­ ­ show over AI met staatssecretaris Willemijn Aerdts, tot voor kort onderzoeker aan de Universiteit ­Leiden, als een van de sprekers. Collegevoorzitter Luc Sels sprak van een historisch moment. ‘We zijn een

universiteit in twéé steden.’ Van een verhuizing is geen sprake, bena­ drukte hij. Leiden en Den Haag zijn samen onderdeel geworden van één academische gemeenschap. In L ­ eiden ligt de historische basis en de b ­ rede wetenschappelijke ­traditie, van archeologie tot astro­ fysica. Terwijl Den Haag als politiek en internationaal centrum nieuwe mogelijkheden biedt voor onderwijs en onderzoek. Den Haag hoeft dus geen kopie van Leiden te worden, aldus Sels. De onderwijsprijs van het Leids ­Universitair Studentenplatform (LUS) werd uitgereikt aan hoofd­ docent Menselijke osteoarcheologie Rachel Schats. Studenten waarde­ ren hoe zij complexe onderwerpen begrijpelijk weet te maken en daar veel tijd in steekt.


7

3 vragen aan

‘Ik breng mensen samen rond ideeën die ertoe doen’ Liesbeth van Biezen is het nieuwe hoofd Fondsenwerving van het Leids Universiteits Fonds (LUF). In die rol heeft ze veel contact met alumni die willen bijdragen aan de ambities van de universiteit. We stelden haar drie korte vragen.

Wat betekenen schenkingen voor de ­universiteit?

Keizerlijk bezoek De Japanse keizer Naruhito en koning Willem-­Alexander ­brachten in juni een bezoek aan de Universiteit Leiden. Ze spraken met studenten en wetenschappers over onderwijs en onderzoek, kregen een rondleiding in de hortus en de koning liet zijn handtekening in het Zweetkamertje zien. N ­ aruhito was in Nederland voor een driedaags staatsbezoek. L ­ eiden heeft banden met Japan die ver teruggaan en is de enige ­Nederlandse universiteit met een studie Japankunde.

Deelnemers introductieweken

Aanwas nieuwe leden

3.600

600

900

440

El Cid

HOP (The Hague ­Orientation Programme)

1.300

OWL (Orientation Week Leiden)

Minerva

Augustinus

340

Quintus

205 SSR

76

Catena

‘Dankzij schenkingen kunnen wetenschappers ambities op het gebied van onderzoek en talent­ ontwikkeling waarmaken. Anders gezegd: een financiële bijdrage aan het LUF betekent een ­bijdrage aan oplossingen voor de complexe ­uitdagingen van deze tijd. Of het nu gaat om ­veiligheid, medicijnontwikkeling, klimaat of de toekomst van volgende generaties. De Univer­ siteit Leiden draagt met onderzoek in de volle breedte bij aan maatschappelijke opgaven.’

De relatie met alumni is daarbij belangrijk. Welke speerpunten heeft het LUF op dat gebied?

‘We willen alumni nog meer betrekken bij het onderzoek dat aan onze universiteit plaatsvindt. We merken dat dit hen inspireert en als vlieg­ wiel kan dienen. Schenkers, en dat zijn vaak alum­ ni, hebben vaak een band met een specifiek vak­ gebied, soms ook omdat ze zelf expert zijn, en er een netwerk in hebben. Dat kan heel waardevol zijn voor onderzoekers. Wij merken dat wij als LUF de mogelijkheid hebben om partijen bij elkaar te brengen. Dat levert betekenisvolle relaties op.’

Wanneer ga jij tevreden naar huis?

‘Ik vind het mooi als het me lukt de connectie te leggen. Als ik een alumnus heb gesproken die een schenking wil doen en als ik die weet te verbinden aan een onderzoeker met dezelfde passie. Dat is een win-winsituatie, want het helpt beide partijen verder. Bij het LUF zie ik iedere dag hoe alumni het verschil kunnen maken. Door hun betrokken­ heid krijgen ideeën die ertoe doen de kans om wer­ kelijkheid te worden.’


8

Leidraad

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

Geur

de perfecte literaire metafoor

NR. 3 2026


NR. 3 2026

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

Leidraad

9

In een tijd waarin beeld en geluid centraal staan is geur een ­ondergewaardeerd verschijnsel. Dat was in de 16e en 17e eeuw anders. Literatuurwetenschapper Jan van Dijkhuizen onderzoekt de rol van geur in laat-middeleeuwse literatuur. Vond

Geurige schrijvers

TEKST: ANNETTE ZEELENBERG, FOTO’S: ROB OVERMEER, ISTOCK, WIKIPEDIA

Geurtaal, hoezo? ‘Geurtaal in literatuur, dat is mijn onderwerp. Eerder heb ik me bezig­ gehouden met lichamelijkheid in lite­ raire teksten, bijvoorbeeld hoe auteurs pijn beschrijven, maar geur was eigen­ lijk een blinde vlek. Dat veranderde toen we midden in de covid-­epidemie zaten en veel mensen hun reuk­ vermogen kwijtraakten. Uit onder­ zoek bleek hoeveel impact dat had. ­Sommigen vertelden dat het z­ onder reuk leek alsof er een glazen plaat tussen hen en de wereld stond’, ver­ telt literatuurwetenschapper Jan van D ­ ijkhuizen. ‘Stel je voor dat je de geur van je partner, je kind, je huis niet meer kunt ruiken! Ik besefte hoe belangrijk geur voor ons is. Er was al veel neurologisch en cultuurhistorisch onderzoek gedaan, maar een literair uitgangspunt was nieuw.’ Zijn onderzoeksonderwerp was gebo­ ren: hoe wordt geur in literaire teksten gebruikt en wat kan dat ons leren? De champagne­kurk knalde toen hij in 2023 een NWO Open Competitie-­ subsidie won voor ‘The Poetics of Olfaction in Early Modernity’ (POEM). Aan dit project werkt ook postdoc ­Kerrewin van Blanken mee, evenals Inger Leemans. Zij is hoogleraar Cul­ tuurgeschiedenis aan de VU en deed eerder onderzoek naar geur als vorm van erfgoed.

Geur is misschien niet het eerste waar je aan denkt bij Shakespeare, ‘maar hij is een bijzonder geurige schrij­ ver’, zegt Van Dijkhuizen. Net als Vondel. Allebei actief in de 16e/17e eeuw, precies de periode die hij bestudeert. ‘In die tijd zie je dat veel dichters en toneelschrijvers gefascineerd zijn door reuk. Op allerlei manieren beschrijven ze geuren, gebruiken ze geur als metafoor. Ik wil weten wat die geurtaal voor hen bete­ kende, en wat die voor ons kan betekenen. In ons onderzoek richten we ons met name op vroegmoderne Europese literatuur, en vooral op Engelse en Nederlandse auteurs. In de toekomst zouden we ook over een langere periode naar literaire geurtaal willen kijken.’

Belangrijker dan gedacht We zien, horen, proeven, voelen en o ja, we ruiken ook nog. Bij de func­ tie van geur lijken we in onze tijd net wat minder stil te staan dan bij de andere vier zintuigen. Zicht is voor ons gekoppeld aan kennis en is daarmee nu misschien wel het allerbelangrijkste zintuig. Van Dijk­ huizen: ‘Als het gaat over kennis, gebruiken we heel vaak ‘zichtwoor­ den’. Als je een tekst snapt, vind je hem ‘helder’, je hebt een ‘perspec­ tief’ of een ‘visie’, en onderzoek laat resultaten ‘zien’. Dat maakt het extra interessant om te onderzoe­ ken hoe de 16e- en 17e-eeuwers geur en reuk gebruikten. Zo ont­ dekken we hoe we de wereld ook vanuit een ander perspectief kun­ nen leren kennen.’ De waarneming van geur is een groot deel van de tijd onbewust. Pas als de geuren in onze omge­ ving veranderen, merken we ze op.

‘Je parfum of aftershave ruik je na verloop van tijd niet meer. Maar als je bijvoorbeeld terugkomt van vakantie, ruik je opeens weer de geur van je huis. Onbewust regis­ treer je die geur altijd, die draagt bij aan je gevoel van thuis zijn. En als je een brandlucht ruikt, weet je dat er gevaar dreigt en dat je jezelf in veiligheid moet brengen. Als je niet meer kunt ruiken is dat dus heel ontwrichtend.’ Geur is vluchtig en ongrijp­ baar. Hoewel we heel goed verschillende geuren kun­ nen onderscheiden, heb­ ben we moeite om die geuren concreet te benoemen. ‘Niet zo verbazingwekkend als je weet dat er in de hersenen maar weinig verbindingen tussen het taalcentrum en het geurcentrum lopen.’

el


10

Leidraad

NR. 3 2026

Geur-gedreven kolonialisme Kaneel, peper, nootmuskaat, kruidnagel – in de vroegmoder­ ne tijd begeerlijke en winstge­ vende specerijen en een van de bestaansredenen van de VOC, opgericht in 1602. Van Dijk­ huizen: ‘Auteurs uit die tijd schre­ ven over de geurige verlokkingen van de (aanstaande) koloniën. Vondel heeft het bijvoorbeeld over de vruchtbaarheid van dat verre deel van de wereld die zo overweldigend was dat je haar gewoon kon ruiken. Vondel sug­ gereerde zo in feite dat de han­ delslieden geen actieve kolo­ nisten waren, maar als het ware door heerlijke geuren naar de koloniën toe werden gelokt. Die geurtaal biedt ons een heel nieuw inzicht in hoe E ­ uropeanen in die tijd over het k ­ olonialisme dachten. Dat is zeker een per­ spectief dat we nog verder gaan onderzoeken in het POEM-­ project.’

Het ongrijpbare ‘Geuren zijn grensoverschrijdend, ze bestaan uit vluchtige moleculen die zich hebben losgemaakt van een geurbron. Die moleculen overbruggen afstanden of blij­ ven hangen terwijl de geurbron allang ver­ dwenen is.’ Geen wonder dat de 16e- en 17e-eeuwse auteurs geur juist gebruikten om het ongrijpbare en het onbegrijpelijke onder woorden te brengen. Van Dijkhuizen: ‘Religie, herinneringen, sterfelijkheid – dat zijn thema’s die in de literatuur steeds terug­ keren. Bijvoorbeeld hoe het is om in de tijd te bestaan, om een wezen te zijn dat ouder wordt en doodgaat. George Herbert, een 17e-eeuwse Engelse dichter, beschrijft in zijn gedicht Life hoe hij opeens begrijpt wat dat betekent. Hij ruikt aan het boeketje bloe­ men dat hij heeft geplukt en merkt hoe hun heerlijke geur vervliegt terwijl de bloemen verleppen. Datzelfde lot zal hij ook onder­ gaan, beseft hij: Making my mind to smell my fatal day.’ Geur en dood vormen een combinatie die vaak voorkomt in de vroeg­ moderne literatuur, en die voor ons 21e-eeu­ wers soms prachtige inzichten oplevert. ‘De doden zijn als een geur, dat vind ik bijvoor­ beeld een heel mooie metafoor. Overleden geliefden zijn nog steeds bij ons, als een geur die je soms wel en soms niet ruikt.’

De geur van Jezus Bij een congres dat Van Dijkhuizen in januari in het kader van het POEM-onderzoeksproject organiseerde, was ook aan­ dacht voor de geur van het heilige. ‘Er is een gedicht van de 17e-eeuwse Vlaamse dichter Justus de Harduwijn met een lange beschrijving van de geur van Jezus. Die bestaat uit alle heerlijke geuren van deze wereld, zoals mirre, narduso­ lie, bloemen, wierook. Geurkunstenaar Tasha Marks heeft spe­ ciaal voor het congres een nieuwe geur gecreëerd, geïnspireerd op die beschrijving van de geur van Jezus. De aanwezigen kregen een geurblotter en roken daaraan terwijl ik het gedicht voorlas. In een peer review reflecteerden ze ver­ volgens op wat dat met hun beleving van het gedicht deed. De reacties zijn we nog aan het verwerken, maar het was hoe dan ook een mooie ervaring. Hoe de geur van Jezus rook? Gelaagd en bijzonder!’

Van Dijkhuizens lievelingsgeur

Jan van Dijkhuizen 2003-2006 PhD Engels­ talige letterkunde, ­Universiteit Leiden 2004-2023 ­Universitair docent Engelstalige ­letterkunde in Leiden 2006-2010 Postdoc in ­Leiden, publiceert het boek Pain and ­Compassion in Early Modern English ­Literature and Culture 2023-heden Universitair hoofddocent Engelstalige letterkunde in Leiden


NR. 3 2026

Meer Leids onderzoek

11

Nieuw licht Hoe keek de bevolking van Nederlands-Indië naar het kolonialisme dat zich in het land voltrok? Tot voor kort werd daar weinig onderzoek naar gedaan. Het perspectief van Nederlandse bestuurders en militairen in de overzeese gebie­ den kreeg lang de meeste aandacht. Hoogleraar Rick Honings is geïnteresseerd in de ándere gezichtspunten. Daarom analyseerde hij in zijn onderzoeksproject Voicing the Colony (20202025) naast Nederlandse, ook Javaanse en ­Maleisische reisliteratuur over Nederlands-Indië in de periode 1800-1945. De persoonlijke, soms waarderende, soms kritische en regelrecht anti­ koloniale observaties werpen nieuw licht op de Nederlandse koloniale onderneming.

Extra zintuig Alexander Vahrmeijer, hoogleraar Moleculair geleide precisiechirurgie, noemt het ‘een extra zintuig’ voor chirurgen. Daarmee doelt hij op fluorescerend licht, een innovatieve chirurgische tool. Het licht ondersteunt de arts om tijdens een operatie het onderscheid te maken tussen kwaad­ aardig en gezond weefsel. Patiënten krijgen een fluorescerende stof toegediend die zich ver­ zamelt in tumoren en kwetsbare punten in het lichaam. Met camera’s en infrarood licht worden die plekken zichtbaar gemaakt. Vahrmeijer werkt met zijn onderzoeksgroep Green Light Leiden aan de ontwikkeling van deze en andere technieken, zoals de interpretatie van oplichtende gebieden met behulp van AI.

Geurig medicijn

Geurtaal in de klas Geurtaal geeft nieuwe inzichten, ook in het onder­ wijs. Daarom ontwikkelt Van Dijkhuizen binnen het POEM-project ook een geur-lespakket voor de boven­ bouw van het vwo. ‘We zijn nu samen met een groep enorm enthousiaste docenten van het Erasmiaans Gymnasium in Rotterdam bezig met de uitwerking van de lessen.’ De leerlingen leren geurtaal te herkennen en te bepalen wat het literaire effect ervan is, schrijven korte teksten over geur of ‘vanuit een geur, alsof ze die geur zijn’. Het doel is om zo hun leesplezier – en lees­ vaardigheid – een zetje te geven. En doordat ze zelf ook aan de slag gaan met eigen geurige teksten, verbetert bovendien hun schrijfvaardigheid. ‘Natuurlijk komen er ook blotters met speciale geuren in dat lespakket.’

Geurige medicijnen: zo zou je het onderzoek van Pien van der Velde, promovendus bij het Instituut Psychologie, kunnen samenvatten. Zij volgt reu­ mapatiënten bij het afbouwen van hun medicatie. Sommigen doen dat via een standaard afbouw­ procedure, bij anderen wordt het reumamedicijn gekoppeld aan een bepaalde geur. Na verloop van tijd kan ‘farmacologische conditionering’ optreden, ofwel een pavloveffect: als de patiën­ ten die geur ruiken, zelfs als ze minder of hele­ maal geen medicatie gebruiken, ervaren ze mogelijk toch effecten van het medicijn. Inzichten uit dit onderzoek kunnen helpen om een veilige en effec­ tieve afbouwprocedure vorm te geven.


12

Leidraad

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

één studie

twee wegen Waar een studie toe kan leiden: Geschiedenis

NR. 3 2026

Babs Nützinger (66) CV Clinical data coördinator

1978–1988 Geschiedenis, Universiteit Leiden 1988-2000 Diverse functies bij DHL International, Amsterdam en (vanaf 1998) Londen 2000-2012 Diverse functies in de zorg, farmaceutische sector en biotechnologie in het Verenigd Koninkrijk 2012-nu Clinical data coordinator bij het Early Cancer Institute, University of Cambridge, Verenigd Koninkrijk

H

Wat maakt dat je dit werk nog steeds graag doet? ’Ik geniet van onderzoek doen, dingen uitpluizen, op zoek gaan naar verbanden. Tegelijk ben ik heel concreet bezig met ernstig zieke mensen of ­mensen die tot een hoogrisicogroep voor kanker behoren. We kijken onder meer naar de individuele ­patiënt en diens levensstijl, familiegeschiedenis, ziekteverloop en behandelingsresultaten. Dat alles nemen we mee in de klinische data, om uiteindelijk zo vroeg mogelijk te kunnen diagnosticeren en de beste behandeling te vinden. Of nog beter: kanker te voorkomen. Ik vind het mooi dat ik zo een bij­ drage lever aan belangrijk onderzoek in de strijd tegen kanker. Mijn zus is helaas overleden, maar dat heeft me wel gesterkt om dit werk te blijven doen. Je kunt een enorm verschil maken.’ Zijn er onderdelen uit de studie Geschiedenis die je in je werk toepast? ‘Zeker, heel veel. Denk aan het verzamelen van de juiste gegevens op basis van een enorme hoe­ veelheid data en literatuur. Ik kijk kritisch naar alle bronnen om tot een nauwkeurige weergave van de feiten te komen. Die manier van onderzoeken komt voort uit mijn studie geschiedenis. Daarnaast heb ik geleerd om mijn bevindingen helder te verwoorden en te presenteren. Bovenal vind ik het een ont­ zettend interessante studie, juist vanwege de ­allesomvattendheid ervan. Ik zou zeker opnieuw voor geschiedenis kiezen.’

TEKST: MARTIJN VAN LITH, FOTO’S: DANIEL JONES, ROB OVERMEER

oe kom je terecht bij het Early Cancer ­Institute in Cambridge? ‘Ik werkte al enige tijd voor DHL in Engeland. Wat een grote rol heeft gespeeld, is dat mijn zus in 2011 de diagnose kanker kreeg. Ik wilde daar op een bepaalde manier een positieve wending aan geven. Daarom ben ik vrijwilligerswerk gaan doen voor het UGI Cancer Research Team, dat nu onderdeel is van het Early Cancer Institute. Hier richten we ons op het zo vroeg mogelijk opsporen van het risico op kanker en op het vinden van een persoonsgerichte behan­ deling voor mensen met kanker. Uiteindelijk werd dat een betaalde baan en veertien jaar later werk ik nog steeds met voldoening in hetzelfde team.’


13

van Poelgeest CV Bart Plaatsvervangend secretaris-generaal (66)

1978-1986 Nederlands recht, Universiteit Leiden 1979-1986 Geschiedenis, Universiteit Leiden 1985-1988 Assistent in opleiding Geschiedenis, Universiteit Leiden 1988-2001 Wetgevingsjurist, ministerie van Binnenlandse Zaken 2001-2011 Raadadviseur, ministerie van Algemene Zaken 2011-nu Plaatsvervangend secretaris-generaal, ministerie van Algemene Zaken

W

as de keuze voor Rechten en Geschiedenis een bewuste? ‘Nee, eerder een toevallige. Geschiedenis was mijn eerste keuze. Dat vond ik al geweldig op school. Alleen zag ik het toen niet zitten om leraar geschiedenis te worden. In die jaren was dat zo’n beetje het carrièreperspectief. Dan maar rechten, dat leek me kansrijker op de arbeidsmarkt.’ Hoe bevielen die studies? ‘Van rechten was ik in het begin niet onder de indruk. Pas toen het staatsrecht en het volkenrecht in beeld kwamen, kreeg ik er plezier in. De dialoog tussen rechters en advocaten heeft me nooit zo aangespro­ ken. Het toepassen van het recht op een ander niveau vind ik veel interessanter: het landsbestuur, het Koninklijk Huis, de juridische verhoudingen tussen staten onderling. Geschiedenis was een ander ver­ haal. Daar genoot ik van, die studie bood precies de verdieping van het schoolvak die ik zocht. En juist de combinatie van de twee studies is me in mijn werk vaak goed van pas gekomen.’ Hoe dan, bijvoorbeeld? ‘Ik ben als raadadviseur en als plaatsvervangend secre­ taris-generaal veel bezig geweest met de dynamische verhouding tussen regering en parlement. Om die goed te kunnen begrijpen, is kennis van de geschiede­ nis essentieel. Datzelfde geldt voor zaken rond het koningschap, de verhouding met Caribisch Nederland en kabinetsformaties. Zeker bij het ministerie van Alge­ mene Zaken is de combinatie van rechten en geschie­ denis waardevol. Het is geen toeval dat veel collega’s een juridische of historische achtergrond hebben.’ Wat maakt het werk op het ministerie na al die jaren nog de moeite waard? ‘Vooral het onvoorspelbare ervan. De ambtenarij kan van buitenaf saai lijken, maar ik ben echt gegrepen door het vak. Het doet telkens een beroep op je creatie­ ve en intellectuele vermogen, je weet nooit voor welke uitdagingen je wordt geplaatst. Iedere actuele ontwik­ keling kan gebeurtenissen in gang zetten, waar je van­ uit het algemeen belang zo goed mogelijk op moet rea­ geren. Die dynamiek blijft uitdagend en interessant.’


14

Leidraad

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

NR. 3 2026

‘De brede blik hebben we hard nodig’

TEKST: FRED HERMSEN, FOTO’S: FRANK RUITER

In Remonstrants predikant en publicist Claartje Kruijff (54) gaan geloofsvragen en menselijkheid hand in hand. In haar nieuwe nevenfunctie als bestuursvoorzitter van het Leids Universiteits Fonds put zij uit beide eigenschappen. Ze vertelt hoe een ommezwaai van baan naar roeping haar leven verrijkte.

e aanstelling van Claartje Kruijff in 2017 als Theoloog des Vaderlands voelde alsof ze de finishlijn passeerde. De lange weg die haar naar die eindstreep zou voeren, was rond haar dertigste in 2001 gestart. De organisatiepsycholoog werkte toen in het zakelijke hart van Londen als consultant bij Accenture. Haar carrière was zes jaar oud en vol op stoom. En hoewel ze zich steeds minder op haar gemak voelde in het snelle leven van commercie, hard werken en goed verdienen, wees weinig erop dat het geloof haar leven kort hierna zou omgooien. ‘Het eerste zaadje werd geplant toen mijn vriend Frank Thuis – die in een Zuid-Limburgs katholiek gezin was opgegroeid – en ik besloten te gaan trouwen. Mijn ouders hadden me weliswaar niet met het geloofsleven grootgebracht, maar we deden wel mee met een kerk in de Verenigde Staten, waar we een aantal jaren hebben gewoond. Daarmee kregen we aansluiting in de lokale gemeenschap, en ik vond het heerlijk in de kerk. Toen Frank een katholieke kerk in Amsterdam voorstelde, protesteerde ik daar dus niet tegen. In de voorbereidende gesprekken met een priester kwamen vragen naar voren als: welke plek heeft het lijden, hoe kun je vertrouwen, wat is liefde? Ik kon me

weliswaar niet vinden in veel van de katholieke dogmatiek, maar de goede gesprekken maakten wel veel in mij los. Ook de warmte van de trouwplechtigheid versterkte mijn beeld van de kerk als een betekenisvolle publieke ruimte. Mijn fascinatie is sindsdien alleen maar sterker geworden.’

Baby op schoot

Terug in Londen werd ze zwanger van haar eerste kind, en kreeg ze het voor elkaar om een dag minder te werken. ‘Ze wilden vrouwen graag aan hun bedrijf binden en dachten actief met me mee. Maar desondanks vond ik mezelf na mijn verlof toch terug in conference calls met mijn baby op schoot. Al snel liet ik mijn leidinggevende weten: “Ik ben zoekende, ik weet niet wat ik wil.” Ik nam een sabbatical en toen ik terugkeerde, wist ik: dit moet echt anders.’ In 2002 zegde ze haar baan op, en op het salaris van Frank, die bij een bank werkte, hoopte het jonge gezin in het dure Londen te kunnen blijven. Die hoop ging in rook op toen de internetcrisis zich aankondigde, en Frank zijn baan van de ene op de andere dag verloor. ‘Realistisch als hij is, zei hij: “Dan gaan we toch gewoon in Amsterdam verder?”’ En daar maakte Kruijff korte tijd later de keuze om in de collegebanken te schuiven voor een studie Theologie. ‘Toen mijn vader vlak hierna op zijn 59ste overleed, deed dat nog een extra duit in het zakje. Ineens was ik volop bezig met zaken die er in mijn beleving écht toe deden.


NR. 3 2026

15


16

Leidraad

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

NR. 3 2026

Ik wist eigenlijk al direct dat ik predikant wilde worden, met mensen en gemeenschappen werken.’

Opluchting

‘Ik kwam op de VU veel orthodoxe mensen tegen. Bij hen waren de liturgie, psalmen en gezangen met de paplepel ingegoten. Dat zette me wel op achterstand voor mijn gevoel. Bovendien ben ik nooit dogmatisch ingesteld geweest. Het kwam dus als een opluchting toen een docent me toevertrouwde: “Wees blij, jij hoeft die bagage niet met je mee te dragen. Jij kunt vrij denken.” Sindsdien voel ik me niet meer belemmerd en ben ik radicaal open.’ In 2009 studeerde ze cum laude af op een scriptie over ‘de bekeringen van twee westerse theologen naar het oosters orthodoxe christendom en wat we van hun theologische positie en spiritualiteit kunnen leren in ons post-seculiere Nederland.’ Hierna ging ze aan de slag als predikant bij de oecumenische Dominicusgemeente in Amsterdam.

Theoloog des Vaderlands

Toen ze na de verschijning van haar eerste boek Leegte achter de dingen, mijn zoektocht naar een betekenisvol leven in 2017 werd verkozen als Theoloog des Vaderlands, voelde dat voor haar als de eindstreep, terwijl in feite een startschot klonk. ‘Ineens stond ik in allerlei zaaltjes, in gesprek met mensen die een heldere mening van me verwachtten over de meest uiteenlopende onderwerpen in ons vakgebied. Ik reageer van nature genuanceerd en secundair op grote en gelaagde levensvragen, dus dat was best hard werken, een persoonlijke zoektocht.’ Dit kwam ook naar voren toen Kruijff in 2018 werd geïnterviewd door Coen Verbraak, voor zijn interviewserie Kijken in de ziel: Religieuze Leiders. ‘Ik kreeg driehonderd vragen op me afgevuurd, en bij iedere vraag dacht ik weer: “Heb je even…” Toen ik het programma terugzag, hoorde ik mezelf wel heel vaak zeggen “Ik weet het niet”, of – op de vraag of er leven na de dood is – “Ik hoop het.” Dat heb ik lekker verprutst, dacht ik nog, maar in de periode erna kwamen veel mensen op me af die zeiden: “U bent toch die predikant van Coen Verbraak? Ik heb veel aan uw woorden gehad.” Mijn afkeer van snelle oneliners en grote waarheden gaf andere mensen blijkbaar ruimte voor hun eigen vragen.’

Best soft

Het woord ruimte valt vaak tijdens het interview, en daarop gewezen zegt Kruijff: ‘Mijn pastorale werk in de Geertekerk draait om ruimte geven. Mijn twee collega’s en ik blijven weg bij harde waarheden en dogma’s. Ik voel me vrij om te zeggen wat ik wil in de Remonstrantse Kerk, waar ook huwelijken worden ingezegend die buiten het hetero-plaatje vallen, waar van oudsher al vrouwen op de kansel staan, waar je vrij kunt praten over je identiteit. Ik omarm mijn eigen kwetsbaarheid, vragen en angst. Dat klinkt best soft maar wijst ons wel de weg naar gemeenschappelijke weerbaarheid. Ik deel mijn eigen dilemma’s ook. In de kerk, en erbuiten, als ik bijvoorbeeld een lezing

geef in het zakenleven.’ Gevraagd naar een voorbeeld van die twijfels, zegt ze: ‘Als kind was ik mentaal best stevig, maar ik had ook een wat zwaardere, sombere kant. Ik zocht de vertwijfeling ook wel op: “Waarom sterft de vader van mijn klasgenootje wel, en mijn eigen vader niet?” Mijn geloof geeft die zwaardere kant een plek, waardoor ik weer wat lichter ben geworden.’ Voor haar is het de grote uitdaging van deze tijd om zacht en mild te blijven. ‘Wij hebben een regenbooggroep in onze gemeenschap, en ik kom daar queer mensen tegen die steeds vaker te maken krijgen met uitsluiting en geweld. Ze vragen zich af: hoe vertel ik op mijn werk dat ik getrouwd ben, waar kan ik op vakantie, loop ik gevaar als we hier hand in hand lopen? En ik krijg in mijn werk te maken met de groeiende eenzaamheid onder jongeren, die een groot gesprekstaboe is. Onze kerk groeit, en dat heeft alles te maken met de behoefte aan oprechte en kwets­ bare ontmoetingen waarin je de morsigheid van het leven en je worsteling daarmee kunt delen. Het leven delen in de gemeenschap – zeker ook met mensen die je anders niet zou tegenkomen – maakt je weerbaarder. In een gemeenschap kun je je denkbeelden toetsen en leer je je eigen verantwoordelijkheid beter kennen. Dit versterkt je identiteit.’ Hiermee komt het gesprek op haar studiekeuze. ‘Op mijn veertiende wist ik al dat ik psychologie wilde studeren. Ik


17

NR. 3 2026

Claartje Kruijff 1971 Geboren in Soest,

van haar vierde tot haar elfde jaar wonend in de Verenigde Staten 1990-1995 Psychologie, Universiteit Leiden (zie foto) 1996-2002 Consultant bij Accenture in Amsterdam en Londen 2003-2009 Studie Theologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam 2009-2018 Predikant Dominicusgemeente Amsterdam 2016 Publicatie van haar eerste van drie boeken, ‘Leegte achter de dingen, mijn zoektocht naar een betekenisvol bestaan’ 2017-2018 Theoloog des Vaderlands 2017-2019 Remonstrants Seminarium 2019-2020 Vernieuwings­

heb de studie goed voltooid, en ik maak in mijn pastoraal werk dankbaar gebruik van mijn kennis over bijvoorbeeld weerstand, afweermechanismen en cognitieve dissonantie. Achteraf gezien miste ik in de studie wel de spirituele en ethische kant, die ik later in de Theologie wel zou vinden. Wat dat betreft zijn die studies complementair geweest.’

Ambassadeur

In haar rol als bestuursvoorzitter van het Leids Universiteits Fonds (LUF) komen de stad en de universiteit weer nadrukkelijk op Kruijffs netvlies. ‘Helemaal weggeweest is Leiden nooit; ik heb goeie vrienden overgehouden aan mijn studie, het huis op de Jan van Goyenkade en Minerva. Als ze daar in één ding goed zijn, is het de band met hun alumni onderhouden. En ik denk nog vaak terug aan mijn werk in een blijf-van-mijn-lijfhuis en bij de telefoonlijn tegen seksueel geweld.’ Kortgeleden heeft Kruijff als adviseur van haar studentenvereniging geholpen om de maatschappelijke kritiek op de mores te vertalen in goed beleid, en om tot een grotere transparantie te komen. ‘Dat heb ik met veel liefde gedaan omdat er tegenover die weeffouten zo ontzettend veel goeds staat.’ Toen ze werd gebeld voor de functie van bestuursvoorzitter van het LUF heeft ze even de tijd genomen voor een besluit. ‘Ik had geen financiële achtergrond en had geen ervaring als fondsenwerver. Toen bleek dat dat ook

opdracht Remonstranten Naarden-Bussum 2021-heden Predikant Geertekerk Utrecht Vanaf januari 2026 Voorzitter van het Leids Universiteits Fonds (nevenfunctie) Claartje Kruijff is getrouwd met jurist Frank Thuis, woont in Utrecht en heeft drie dochters, Noëlle, Romy en Sofia

niet van me gevraagd werd, was ik om. Wat ik toevoeg? Ik begrijp hoe gemeenschappen werken en maak de alumni­ gemeenschap graag hechter en betekenisvoller. Ik kan daar ook woorden aan geven, zoals in mijn speech tijdens het jaarlijkse alumni-evenement. En ik weet wat het is om ambassadeur te zijn, wat helpt in het relatiebeheer met ­stakeholders van de universiteit.’

Verder kijken

Het mooie van de Universiteit Leiden vindt Kruijff dat er altijd ruimte is voor de waaromvraag. ‘In Leiden wordt verder gekeken dan nut en efficiëntie. Niet voor niets is er zoveel aandacht voor geesteswetenschappen. Die brede blik hebben we hard nodig in onze maatschappij, want wat is data zonder ethiek, hoe verdedigen we onze ­democratie als we niet meer willen luisteren naar het tegengeluid, wat is de rechtspraak zonder menselijkheid, en hoe verdedig je door onderzoek gestaafde kennis tegen de herrie van feiten­vrije meningen? De universiteit speelt in die strijd een cruciale rol. Alumni die de basis van hun ontwikkeling en loopbaan hebben liggen bij die universiteit geven met hun bijdragen toekomstperspectief aan de wetenschap. Maar dat gebeurt niet vanzelf, het LUF slaat de brug.’ Of het haar persoonlijk ook iets brengt? ‘Zeker, het een versterkt het ander. Hoe meer ik me verdiep in de universiteit, des te meer inspirerende mensen ik ontmoet.’


Puzzelen met plaques


NR. 3 2026

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

Leidraad 19

de jonge wetenschapper

Marie Depuydt

Ze promoveerde cum laude op haar onderzoek naar slagaderverkalking én ze won verschillende prijzen. Jonge wetenschapper Marie Depuydt (32) is gedreven om beter te begrijpen hoe het ontstekingsproces op celniveau verloopt, en zo bij te dragen aan een behandeling voor slagaderverkalking.

Z

o’n 1,7 miljoen mensen in Nederland lijden aan hart- en vaatziekten. Slagaderverkalking is een belangrijke oorzaak van veel van die ziekten. Biomedisch wetenschapper Marie Depuydt onderzoekt al sinds 2018, samen met collega’s uit Amsterdam en Utrecht, welke cellen een rol spelen bij het ontstaan van de aandoening. ‘We weten dat bepaalde celtypen van belang zijn bij slagaderverkalking, want er is al veel hypothese-gedreven onderzoek naar gedaan’, legt ze uit. ‘Wij ­hebben op een objectieve manier gekeken naar álle cellen in het ziekteweefsel, de plaque, om te onderzoeken wat we dan tegenkwamen en welke genen daarin tot uitdrukking komen. We ontdekten dat er veel meer T-cellen in de plaque zitten dan gedacht.’

TEKST: WILKE MARTENS, FOTO: HIELCO KUIPERS

Eén sleutel

T-cellen spelen een belangrijke rol in het immuunsysteem: ze ruimen ziekte­verwekkers op en leren deze herkennen. ‘Iedere T-cel reageert op een specifiek stukje eiwit, vergelijkbaar met een slot waar maar één sleutel in past’, zegt Depuydt. ‘Zodra zo’n “sleutel” in het slot van de T-cel gaat, vermenigvuldigt die zich. Al die T-cellen gaan naar de sleutel toe om die op te ruimen. Wij zagen een toename van T-cellen met hetzelfde slot in de plaque, vergeleken met de T-cellen in het bloed. De T-cellen lijken te reageren op iets wat ín de plaque zit en dat is onverwacht, omdat de plaque uit lichaamseigen weefsel bestaat. Normaliter zijn T-cellen getraind om niet op lichaamseigen sleutels te ­reageren.

Slagaderverkalking lijkt dus overeenkomsten te hebben met een auto-­ immuunziekte.’ Geboren en getogen in Leiden, was het voor Depuydt bijna vanzelfsprekend om in Leiden te gaan studeren. ‘Van jongs af aan was ik ervan overtuigd dat ik arts zou worden’, vertelt Depuydt. Ze schreef zich in voor Geneeskunde, maar werd uitgeloot. ‘Bio-farmaceutische ­wetenschappen was mijn tweede keus, want dat zou goed aansluiten bij een volgende poging. Maar in het eerste jaar merkte ik al dat ik deze studie ook heel leuk vond. Ik besloot Geneeskunde niet eens meer te proberen.’ Dat ze zich goed thuis voelde in het laboratorium, merkte Depuydt tijdens haar onderzoeksstages in het Leiden Academic Centre for Drug Research (LACDR) en aan de Harvard ­Medical School. ‘In het lab ben je eigenlijk bezig met puzzels oplossen en dat vind ik heel leuk om te doen’, zegt ze. ‘Negen van de tien pogingen mislukken, maar bij de tiende kom je net een stukje dichter bij de oplossing. Steeds dat volgende stukje van de puzzel ­vinden, dat is een leuke uitdaging.’

Sleutel vinden

Een vaststaand plan om een academische carrière na te jagen had ze niet, maar voor Depuydt was solliciteren op een PhD-plek in Leiden een logische volgende stap. Ze kreeg de baan en promoveerde cum laude op haar onderzoek naar de celtypen in een plaque. In haar huidige onderzoek borduurt ze hierop voort. ‘We hebben gezien dat T-cellen via het bloed terug-

gaan naar de plaque als ze een ­sleutel tegenkomen’, legt de postdoctoraal onderzoeker uit. ‘Ik probeer te achterhalen hoe we kunnen voorkomen dat die T-cellen weer de plaque ingaan. En, als ze daar toch komen, hoe we kunnen voorkomen dat de T-cellen zich vermenigvuldigen. Allebei verergeren de ontstekingsreactie – en dus de ziekte.’ Met al dat gepuzzel in het lab hoopt Depuydt bij te dragen aan een behandeling voor slagaderverkalking. ‘We weten dat de T-cellen reageren op iets ín de plaque, maar we weten nog niet precies waarop’, legt ze uit. ‘Als we dat te weten komen, zou een vaccin een mogelijke oplossing kunnen zijn. Al moet dat vaccin werken tegen iets lichaamseigens, in plaats van tegen een virus van buitenaf. Dat maakt het moeilijk, dus we hebben nog een ­lange weg te gaan.’

Wat is slagader­ verkalking? Slagaderverkalking is een ontstekingsproces in de slagaders. Bij je ­geboorte zijn slagaders glad, maar na verloop van tijd kan de binnenkant beschadigen. Dat leidt tot een ontstekings­ reactie waardoor je vaatwand plaatselijk dikker wordt. Op de plek van de verdikking, wat een plaque wordt genoemd, kan er minder bloed door je slagader heen stromen. Ook kan de plaque scheuren waarna een stolsel je bloedvat kan verstoppen. Dit kan resulteren in een TIA, hart- of herseninfarct.


20

Leidraad

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

NR. 3 2026

in de familie

Leiden is zo leuk als de universiteit, en andersom ziekenhuis van zijn geboorteplaats en pakte na de bevrijding zijn studie weer op om uiteindelijk in 1954 te promoveren op de pokkenepidemie in Tilburg. Zoon Paul vertrok na zijn middelbare school ook naar Leiden, voor een rechtenstudie. ‘Dat was de uitkomst van stevige discussies met mijn pa, die Geschiedenis niet geschikt vond. En ach, Rechten was een brede studie dus ik ben enthousiast begonnen.’ Maar omdat zijn hart destijds toch niet echt bij deze studie lag, rondde hij deze pas vele jaren later af met een master. Toen had hij al een carrière achter de rug als hoofd beveiliging in de Scheveningse gevangenis en ­bekleedde hij inmiddels dezelfde uitdagende functie op het Binnenhof. Dochter Ella is nu derdejaars Psychologie en een stuk enthousiaster over haar studie dan haar vader ooit over Rechten was. Paul: ‘Hoe moeilijker het wordt, hoe leuker je het vindt en hoe hoger ook je cijfers. Ze is mijn spiegelbeeld. Dat is mooi om te zien.’

TEKST: MARIJN KRAMP, FOTO: ROSALIE VAN DER DOES

Twee generaties later is de familie Sas nog steeds blij dat Gerard Sas in 1939 Leiden koos om te studeren. Zijn zoon Paul deed in 1984 hetzelfde, en schoot ­wortel in de stad. Dochter Ella is dus een geboren en getogen Leidse en bleef dicht bij huis voor haar psychologie­ studie. De Leidse universiteit is zo leuk als de stad eromheen en omgekeerd geldt hetzelfde, vindt Ella Sas. ‘Door de universiteit komt er altijd vers bloed in de stad. ­Nieuwe ideeën en energie.’ Dat houdt de stad divers, vindt ook haar vader Paul. ‘Leiden heeft voor iedereen wat te ­bieden en dat zie je terug in de studenten die Leiden aantrekt.’ Pauls vader, Gerard, verruilde Bergen op Zoom voor Leiden vlak voor de oorlog uitbrak. Daar begon hij in 1939 aan de studie Geneeskunde. Ruim een jaar later sprak hoogleraar Cleveringa zijn beroemde ­protestrede uit en werd de universiteit gesloten. Gerard vervulde zijn vervangende dienstplicht in het


FOCUS OP

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

Leidraad 21

Van wie is de wereld?

De wereldorde is in beweging. Grootmachten strijden om invloed, conflicten zetten internationale verhoudingen op scherp en de strijd om grondstoffen, handelsroutes en grondgebied strekt zich uit van het land tot de zee en zelfs de ruimte. Leidse wetenschappers bestuderen de geopolitieke krachten die onze wereld vormgeven – en de regels, belangen en machtsverhoudingen die daarbij een rol spelen.


22

Leidraad

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

‘ De Brexit heeft de p ­ ositie van het Verenigd ­Koninkrijk verzwakt’

FOCUS OP Van wie is de wereld?

TEKST: NICOLLINE VAN DER SPEK, FOTO: MARIUS ROOS

aldus alumnus Rem

‘In mijn boek Take back control? reconstrueer ik hoe de Brexit zich ontrolde en hoe die de B ­ ritse politiek veranderde. Het Verenigd ­Koninkrijk gold lange tijd als brug tussen de Verenigde ­Staten en Europa. Dankzij het EU-lidmaatschap konden de Britten hun banden met Washington inzetten om de transatlantische samenwerking te versterken. Tegelijk maakte het lidmaatschap het land geopolitiek groter dan het op eigen kracht was. Dat is na de Brexit veranderd. Het VK is geïsoleerder komen te staan en kwetsbaarder geworden voor druk van zowel de VS als C ­ hina. Dat is ironisch, want het idee achter Brexit was dat een ‘Global Britain’ een nieuwe mondiale rol zou kunnen spelen. De oorlog in Oekraïne en de verslechterde Europese veiligheid hebben juist laten zien dat samenwerking met Europa noodzakelijk blijft. Maar ook voor ons, de EU, had het vertrek grote gevolgen. De EU verloor een belangrijke lidstaat op het gebied van veiligheid en diplomatie. De Navo vangt dat verlies niet volledig op. Veel hedendaagse dreigingen zijn hybride: cyberaanvallen, desinformatie en risico’s voor kritieke infrastructuur. Daarvoor is een samenspel tussen NAVO en EU nodig. Brexit heeft daarmee ook de EU minder weerbaar gemaakt.’

REM KORTEWEG (45) 2002-2004 ­Geschiedenis van de Internationale Betrekkingen (Utrecht) 2006-2007 Fulbright fellow (Washington DC) 2004-2012 Werkzaam bij TNO en bij The Hague Centre for Strategic Studies 2011 PhD International Relations, Universiteit Leiden 2013-2017 senior onderzoeker bij het Centre for European Reform in Londen 2017-nu senior onderzoeker en programmahoofd bij Instituut Clingendael

Geopolitiek Oorlog in Iran en Oekraïne, de Navo in ­crisis, anti-democratische sentimenten die terrein winnen in Europa. De wereld heeft er weleens vrediger uitgezien. Onder­ tussen werken wetenschappers in Leiden en Den Haag aan nieuwe inzichten over internationale samenwerking. 300 Leidse onderzoekers

Volgens hoogleraar Security Joachim Koops zijn er ­verspreid over alle faculteiten zo’n 250 tot misschien wel 300 Leidse onderzoekers bezig op terreinen of met internationale onderwerpen waar ook een sterk geo­ politiek aspect aan zit. ‘Dat maakt ons het ­grootste geopolitieke kenniscentrum van Europa.’ Wat dat oplevert? Nieuwe inzichten over internationale samenwerking, en daarmee een bijdrage aan een inter­ nationale orde gebaseerd op recht en regels, die ook nog duurzaam en inclusief is.

Over grenzen heen

Wat we als geopolitiek beschouwen is op zich al een studie waard. De term slaat eigenlijk op de effecten van geografische aspecten (grondstoffen, klimaat, demografie) in de politiek. Tegenwoordig wordt alles wat met internationale relaties te maken heeft ­geopolitiek genoemd. Steeds meer ontwikkelingen gaan dan ook over grenzen heen. Koops: ‘Door welke lens je ook kijkt, of je nou een economische blik hebt en kapitalisme of de positie van Big Tech bestudeert, of dat het je gaat om duurzaamheid of feminisme, je ziet al gauw dingen die in de hele wereld spelen.’ Een van de vragen waar in Leiden onderzoek naar gedaan wordt is: Kan een coalitie van middel­ grote mogendheden het heft in handen nemen om een op regels gebaseerde wereld­orde te herstellen?

Europa

Het aandachtsgebied van Koops is het beleid van de Europese Unie, de VN en de NAVO. Meer dan ooit ziet hij een rol voor die samenwerkingsverbanden. ‘Maar de NAVO verkeert in de grootste crisis van haar bestaan,


‘ Ook genees­ Leidraad 23 middelen hebben een geopolitieke dimensie’

NR. 3 2026

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

op scherp sinds de VS openlijk over annexatie van Groenland spreekt. De VS is een onbetrouwbare partner geworden. De vraag is dan welke andere lidstaten er opstaan.’ We kunnen niet dus niet meer rekenen op de VS, en over de eenheid in Europa is Koops ook bezorgd. ‘Ik zie weinig strategisch leiderschap, en juist meer anti-democratische krachten in sommige landen, die pleiten voor minder ‘Brussel’. Ongelooflijk dat Europese integratie zo weinig voorstanders heeft, juist nu het harder nodig is dan ooit.’

Studenten stromen toe

Ondertussen is er wel veel interesse voor vakgebieden waar geopolitiek centraal staat. War and peace studies heeft een grote toestroom, van zowel internationale studenten als Nederlandse. De master Crisis and security management had afgelopen jaar 780 studenten. Er komen steeds meer studenten ‘vanuit alle hoeken van de universiteit’. Leiden werkt ook aan het opbouwen van een ­sterkere aanwezigheid en impact in Brussel. Koops, vanuit de faculteit Governance and Global Affairs in Den Haag: ‘Laat vooral die Leidse afgestudeerden straks allemaal aan het werk gaan bij internationale instellingen.’ Tot voor kort moest de EU nog extra moeite doen om Nederlanders te interesseren. ‘Als we allemaal de noodzaak van een sterker verenigd Europa nú nog niet zien, wanneer dan wel?’ Meer weten over de onderwerpen in het profileringsgebied ‘Geopolitiek in Europa en de wereld’ en welke faculteiten daarbij betrokken zijn? ul.nl/onderzoek/ themas/geopolitiek-in-europa-en-de-wereld

Joachim Koops

Joachim Koops is hoogleraar Veiligheidsstudies. Zijn onderzoek richt zich op internationale veiligheid, vredesoperaties en de rol van organisaties als de EU, VN en NAVO.

‘Geneesmiddelen lijken misschien een natio­ naal zorgdossier, maar internationale ontwikkelingen werken er rechtstreeks in door. Geneesmiddelen hebben daarmee ook een geopolitieke dimensie. Europa is voor veel werkzame stoffen en productie afhankelijk van landen als China en India. Daardoor gaat wetgeving over geneesmiddelen ook over leveringszekerheid, concurrentiekracht en geo­ politieke weerbaarheid. In mijn werk als EU-adviseur voor de Tweede Kamer volg ik Europese voorstellen en adviseer ik over de politieke en parlementaire behandeling. Op dit moment spelen onder meer het Europese Farmapakket (nieuwe regels voor geneesmiddelen, red.) en de Biotech Act. Die moeten de beschikbaarheid verbeteren en ­productie en innovatie in Europa stimuleren. Ik zie daarbij een onderstroom en een bovenstroom. De onderstroom is de discussie over het Europese concurrentievermogen en de vraag hoe we minder afhankelijk kunnen worden van derde landen. De bovenstroom bestaat uit acute politieke ontwikkelingen die de urgentie vergroten, zoals de onvoorspelbaarheid van de VS onder Trump. Juist op zo’n dossier wordt zichtbaar hoe sterk Nederland met Europa en de rest van de wereld is verweven. Internationale politiek speelt niet alleen bij oorlog en veiligheid, maar ook bij de vraag of patiënten toegang hebben tot noodzakelijke medicijnen.’ NAOMI END (30) 2015 - 2018 Politicologie Internationale Betrekkingen, Universiteit Leiden 2019 - 2020 Master Urban Governance, Erasmus Universiteit Rotterdam 2022 Leergang Public Affairs, Universiteit Leiden 2020–2023 Public-affairsen EU-adviseur, gemeente Dordrecht 2023–nu EU-adviseur, Tweede Kamer der Staten-Generaal

TEKST: NICOLLINE VAN DER SPEK, FOTO: MARIUS ROOS

aldus alumna Naomi


24

FOCUS OP Van wie is de wereld?

NR. 3 2026

Spelregels in de ruimte en op zee onder druk ‘We zijn allemaal afhankelijk van de ruimte’ Ook in de ruimte zijn internationale afspraken onmisbaar. Maar met de toenemende drukte en commercie in de ruimte groeit ook de druk op die spelregels.

T

anja Masson-Zwaan is universitair docent en plaatsvervangend directeur van het Internationaal Instituut voor Lucht- en Ruimterecht van de Universiteit Leiden. Al decennialang doet zij onderzoek naar internationaal ruimterecht. ‘De ruimte lijkt misschien ver van ons bed, maar zonder de ruimte functioneert onze samenleving simpelweg niet meer.’

TEKST: NIENKE LEDEGANG, BEELD: GETTY IMAGES

De grondwet van de ruimte

De basis van het internationale ruimterecht werd gelegd in 1967, midden in de Koude Oorlog. Terwijl de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie verwikkeld waren in de beroemde space race, ontstond onder de vlag van de Verenigde Naties een verdrag dat moest voorkomen dat de ruimte een nieuw strijdtoneel zou worden. Het uitgangspunt is sindsdien onveranderd: geen enkel land mag zich de ruimte of een hemellichaam toe-eigenen. De ruimte is vrij voor exploratie, maar moet uitsluitend voor vreedzame doeleinden worden gebruikt. ‘Die verdragen vormen nog steeds het fundament van het ruimterecht’, zegt Masson-Zwaan. ‘Juist daarom moeten we daar niet aan tornen. Ze zorgen voor een zorgvuldig evenwicht.’ Dat evenwicht staat wel onder druk, want sinds 1967 is de ruimte ingrijpend veranderd. Waar vroeger vooral staten actief waren, domineren tegenwoordig commerciële partijen. Vooral Amerikaanse en Chinese bedrijven investeren miljarden in satellieten, raketten en toekomstige missies naar de maan.

De historische space race heeft plaatsgemaakt voor wat Masson-Zwaan de moon race noemt. Steeds meer landen en bedrijven kijken naar de maan als mogelijke bron van grondstoffen én als springplank voor toekomstige missies naar Mars. Om die ontwikkelingen in goede banen te leiden, zijn bijvoorbeeld de zogeheten Artemis-akkoorden opgesteld: internationale afspraken over vreedzame en duurzame samenwerking bij de verkenning van de maan en andere hemellichamen. Nederland heeft zich daarbij aangesloten. Volgens Masson-Zwaan is dat een goede ontwikkeling, zolang de nieuwe afspraken de bestaande VN-verdragen aanvullen en niet vervangen. ‘Juist die verdragen vormen de basis waarop verdere samenwerking mogelijk is.’

Drukte in de ruimte

Gevraagd naar de grootste uitdaging in de komende jaren, zegt zij: ‘De ruimte rondom de aarde raakt vol. Enkele decennia geleden draaiden er nog enkele honderden satellieten om de aarde. Inmiddels zijn dat er vele duizenden. Alleen al het Starlink-netwerk van Elon Musk bestaat uit ongeveer 10.000 satellieten, en dat aantal groeit nog altijd. Dat roept nieuwe vragen op. Wie is verantwoordelijk als satellieten met elkaar botsen? Wie ruimt ruimtepuin op? En wie krijgt straks voorrang als de ruimte schaarser wordt: wetenschappelijk onderzoek of commerciële toepassingen? Dat zijn fundamentele vragen, en het ruimterecht geeft op veel van die vragen nog geen definitief antwoord.’

Samenwerking als enige weg

Er wordt wel gezegd dat internationaal recht in een tijd van geopolitieke spanningen zijn betekenis verliest. Masson-Zwaan ziet dat anders. ‘Geen enkel land kan dit alleen. Juist omdat we zo afhankelijk zijn van de ruimte, zijn we ook afhankelijk van elkaar.’ Die overtuiging vormt de rode draad in haar werk. Vanuit Leiden werkt zij samen met overheden, internationale organisaties en wetenschappers uit de hele wereld aan nieuwe bouwstenen voor het ruimterecht. De universiteit was medeoprichter van een internationale werkgroep die ‘bouwstenen’ voor toekomstige richtlij-


25

Het zijn spannende tijden voor de zee Ons zeerecht bepaalt wie waar g ­ rondstoffen mag winnen, hoe landen omgaan met de ­oceaan als gemeenschappelijk bezit én hoe conflicten op zee worden beslecht. Juist nu de geopolitieke spanningen oplopen, blijkt hoe cruciaal dat is.

H nen ontwikkelde voor het gebruik van hulpbronnen in de ruimte. Die voorstellen zijn inmiddels via Nederland en Luxemburg ingebracht bij het VN-Comité voor het vreedzaam gebruik van de ruimte. Dat juist Leiden daarin een prominente rol speelt, is geen toeval. Het Instituut voor Lucht- en Ruimterecht bestaat inmiddels veertig jaar en leidde honderden specialisten uit alle delen van de wereld op. Masson-Zwaan blijft ondanks alle geopolitieke spanningen optimistisch. ‘Juist in moeilijke tijden moeten we blijven investeren in internationale samenwerking. Alleen zo kunnen we ervoor zorgen dat de ruimte voor iedereen toegankelijk én vreedzaam blijft.’

Tanja Masson-Zwaan

Tanja Masson-Zwaan is universitair docent luchten ruimterecht aan Universiteit Leiden en inter­ nationaal expert op het gebied van ruimterecht. Ze was onder meer voorzitter van het International Institute of Space Law.

ilde Woker is universitair docent inter­ nationaal zeerecht aan de Universiteit Leiden. Zij richt zich op de vraag hoe wetenschappelijke kennis een rol speelt in het internationale zeerecht. De basis van het moderne zeerecht werd gelegd met het VN-Zeerechtverdrag uit 1982. Woker noemt het ‘de grondwet van de oceaan’. Een van de belangrijkste uitgangspunten is dat de diepzeebodem het gemeenschappelijk erfgoed van de mensheid is. Geen enkel land kan daar zomaar zijn vlag planten en grond­stoffen opeisen. Dat uitgangspunt geldt nog steeds, maar is wel in beweging. Zo vragen nieuwe wetenschappelijke inzichten om nieuwe internationale afspraken en aanvullende VN-verdragen.

Wetenschap vóór winst

De combinatie van natuurwetenschap en recht fascineert Woker. ‘Ik ben jurist, maar heb gaandeweg ook ontzettend veel geleerd over de oceanen.’ Die wisselwerking vormt ook de kern van Wokers onderzoek. In het onderzoeksproject H2OLAW onderzoekt zij hoe wetenschappelijke kennis beter kan worden vertaald naar internationale rechtsregels. Want waar juristen behoefte hebben aan heldere definities, werken biologen, geologen en oceanografen juist met onzeker­heden en voortschrijdend inzicht. Juist door die ­werelden


dichter bij elkaar te brengen, wil Woker bijdragen aan toekomstbestendig zeerecht. ‘Dat ­wetenschappelijke fundament is hard nodig. De belangstelling voor zeldzame metalen op de diepzeebodem groeit snel, onder meer omdat ze nodig zijn voor batterijen en de energie­ transitie. Tal van bedrijven zijn geïnteresseerd in exploitatie van de zeebodem.’ Maar voor ­commerciële mijnbouw geldt een zorgvuldig internationaal ­proces: eerst moet in kaart worden gebracht welke grond­ stoffen aanwezig zijn. Daarna volgt onderzoek naar de ecologische gevolgen en de haalbaarheid van winning. Pas daarna kan commerciële exploitatie überhaupt in beeld komen. Dat laatste stadium is nog nooit bereikt. En dat is volgens Woker maar goed ook. ‘We weten nog ontzettend veel niet. Er zijn aanwijzingen dat beschadigingen van de diepzeebodem miljoenen jaren nodig hebben om te herstellen.’

Een geopolitieke stresstest

Maar dat zorgvuldige systeem staat onder druk. Een Canadees mijnbouwbedrijf probeert een juridische ­route te vinden om commerciële diepzeemijnbouw ­versneld mogelijk te maken. Daarbij krijgt het de steun van de Verenigde Staten. Voor Woker voelt dat als een ­kantelpunt. ‘Ik ben altijd optimistisch geweest over het internationale zeerecht en zijn kracht om mee te bewegen en te reageren op geopolitieke spanningen. Maar wat er nu gebeurt, vind ik echt zorgelijk. Dit zet eigenlijk de hele grondwet van de oceaan op losse schroeven.’ Volgens haar reiken de gevolgen veel verder dan diepzeemijnbouw alleen. Als grote mogendheden de internationale spelregels naast zich neerleggen, komt het idee van het gemeenschappelijk erfgoed van de mensheid onder druk te staan. ‘Als de VS dit doen, waarom zou bijvoorbeeld China zich dan nog aan het zeerecht houden? Als de spelregels voor de oceaan verdwijnen, staat veel meer op het spel dan alleen de bodem van de zee. Het is belangrijk dat de landen die partij zijn bij het VN-zeerechtverdrag er alles aan doen om de grondwet van de oceaan te beschermen.’

Hilde Woker

Hilde Woker is universitair docent zeerecht aan Universiteit Leiden. Haar onderzoek richt zich op internationaal zeerecht en de bescherming en het gebruik van oceanen. Voor haar onderzoek naar scheepvaart en milieubescherming verrichtte ze uitgebreid veldwerk in het Noordpoolgebied.

‘ Geopolitiek bepaalt welke energiekeuzes landen maken’

aldus alumna Geraldine ‘Bij Shell, waar ik net ben gestopt om een ­nieuwe weg in te slaan, hield ik me als chief political analyst bezig met geopolitieke trends en toekomstbeelden. Die twee horen bij elkaar, juist omdat geopolitiek zo onzeker is. Je p ­ robeert patronen te herkennen, maar ook te begrijpen waar het systeem onder druk komt te staan. Wat we nu zien, is een h ­ ardere, meer transactionele vorm van machtspolitiek: ­gunboat diplomacy. Landen gebruiken hun strategische positie om anderen onder druk te zetten. De Russische schaduwvloot is daar een voorbeeld van. Rond die schepen is een heel systeem ontstaan van verzekeraars, brokers, charters en vlaggenstaten. Daardoor ­verliezen sancties aan gewicht. Ook Iran kan via de Straat van Hormuz de wereld als het ware gijzelen. Daar kun je maar beperkt tegen optreden. Voor de energiesector is dat enorm belangrijk. Het gaat niet alleen om de vraag of er genoeg olie en gas is, maar vooral of landen er nog toegang toe hebben en of ze het kunnen betalen. Importafhankelijke landen in Europa en Azië hebben de prijzen al zien stijgen. Als de onrust aanhoudt, kan dat uitgroeien tot een wereldwijd energieprobleem. Geopolitiek bepaalt zo steeds directer welke energiekeuzes landen maken in de toekomst.’

GERALDINE WESSING (47) 2006-2013 verschillende functies bij Shell, onder meer binnen Corporate Security en Government Relations 2007-2013 BA geschiedenis, Universiteit ­Leiden 2016-2018 MA Inter­national Relations, War Studies Dept, King’s College London 2013-2022 verschillende functies in het Shell S ­ cenarios team 2022-2026 Chief Political Analyst voor Shell

TEKST: NICOLLINE VAN DER SPEK, FOTO: MARIUS ROOS

26


FOCUS OP Van wie is de wereld? 27

NR. 3 2026

SAMEN STERK

Europa moet voor zijn democratische toekomst meer samenwerken met gelijkgestemde middenmachten, zegt Oost-Azië-expert Casper Wits. Landen als Japan, Taiwan en Zuid-Korea leven al jaren onder druk van autoritaire buren. ‘Zij weten hoe je economisch verweven blijft, zonder je politieke vrijheid uit handen te geven.’

V

an wie is de wereld? In ieder geval niet meer van ons, het Westen. Wits: ‘De afgelopen tweehon­ derd jaar werd de internationa­ le orde grotendeels door het Wes­ ten bepaald, maar die wereld bestaat niet meer. De geopolitieke wind waait steeds harder vanuit Azië en het ­mondiale Z ­ uiden. Om onze demo­ cratische waarden niet zomaar weg te laten waaien, moet Europa coali­ ties v ­ ormen met middenmachten: landen die te klein zijn om zelfstan­ dig de wereldorde te bepalen, maar sterk genoeg om samen tegenwicht te bieden. Japan, Taiwan en Zuid-­ Korea zijn logische partners. Het zijn ­welvarende democratieën, geworteld in de rechtsstaat en de internationale orde. Bovendien beschikken ze over veel meer ervaring met China.’

TEKST: NICOLLINE VAN DER SPEK

Ervaring met China

‘Japan loopt ongeveer vijftien jaar op ons voor in het formuleren van een antwoord op de opkomst van ­China. Het is goed in strategisch denken en helpt andere landen om ­gezamenlijk tegenwicht te organiseren. Taiwan laat zien dat democratische waarden geen zwakte zijn, maar geopolitieke kracht. De ontwikkeling van vrouwen­ rechten en lhbti-rechten heeft bur­ gers bewuster gemaakt van wat zij te verliezen hebben. Wie vrijheid niet vanzelfsprekend vindt, is minder vat­ baar voor autoritaire verleiding. Dat maakt je als samenleving weerbaar­ der. Zuid-Korea toont economische daadkracht door fors te investeren

in technologie en industrie. Europa, zegt Remco Breuker, met wie ik de podcast Breuklijn Oost-Azië maak, is vooral goed in rapporten schrijven waarin het woord innovatie voorkomt, maar uiteindelijk zijn investeringen en politieke keuzes nodig.’

Geopolitieke winterslaap

‘We zijn te nonchalant. De o ­ orlog in Oekraïne heeft Europa wakker geschud, maar de spoorwissel is nog niet om. We verkeren nog altijd in een geopolitieke winterslaap.’ Zorge­ lijk, vindt Wits, omdat er veel op het spel staat, de Europese afhankelijk­ heid van Chinese zeldzame aardme­ talen bijvoorbeeld, onmisbaar voor technologie en de energietransitie. ‘Wie geen alternatieven organiseert, ­verliest de vrijheid om zelfstandig politieke keuzes te maken.’ Om mensen meer bewust te maken van wat er op ons afkomt als we niets doen, zoekt Wits de openbaarheid. Via zijn podcast met Breuker, le­zin­ gen en het schrijven van boeken deelt hij kennis over regio’s die te wei­ nig aandacht krijgen en waar we juist veel van kunnen leren. ‘Wanneer je inzichten opdoet die maatschappe­ lijk relevant zijn, moet je proberen die voor een breder publiek toegankelijk te maken.’

Uitweg

Eén van die inzichten is dat Europa af moet van het idee dat vrijheid, wel­ vaart en veiligheid vanzelfsprekend zijn. ‘Volledige ontkoppeling van China is niet realistisch. We kunnen

niet ophouden met handelen. Maar samenwerking mag niet zo structu­ reel worden dat je eigen waarden en autonomie worden ondermijnd.’ Dat betekent: geen ongeremde ­Chinese invloed in kritieke infrastructuur, technologie of universiteiten. Eindstand: na decennia aan het Ame­ rikaanse infuus te hebben gelegen, moeten we voorkomen dat we straks aan een Chinees infuus belanden. De uitweg ligt in samenwerking met gelijkgestemde middenmachten. Ver­ geet de vanzelfsprekende dominan­ tie van grootmachten: de wereld van morgen kan wel eens door midden­ machten worden vormgegeven. Maar alleen als we samen optrekken.

Casper Wits

Casper Wits is Japan- en Chinaexpert, universitair docent OostAziëstudies aan de Universiteit Leiden en analist voor Haagsch Instituut GeopolitiekNu. Met Remco Breuker maakt hij de podcast Breuklijn Oost-Azië en schreef hij het boek De Kracht van Middenmacht (2026).


Machtige bruggenbouwer tussen oost en west


FOCUS OP Van wie is de wereld? 29

NR. 3 2026

Nicolas Blarel is universitair hoofddocent internationale betrekkingen aan het Instituut Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden. Hij onderzoekt de buitenlandpolitiek van India, waaronder de manier waarop India omgaat met de 32 miljoen mensen van Indiase afkomst in andere landen.

B

larels fascinatie voor India ontstond al in de jaren tachtig, toen hij de eerste maanden van zijn leven in New Delhi doorbracht. ‘Hoewel ik me daar weinig van herinner, hebben de verhalen van mijn ouders over het land al vroeg mijn nieuwsgierigheid gewekt’, vertelt hij. ‘Tijdens latere reizen en mijn studie heb ik die fascinatie voor India en de regio herontdekt.’ Inmiddels doet hij al ruim twaalf jaar onderzoek in Leiden naar de buitenlandpolitiek van India. Want het belang van het Zuid-Aziatische land op het wereldtoneel neemt toe: het is China voorbij in aantal inwoners en heeft een van de snelst groeiende economieën ter wereld. Blarel duidt de rol van India in vijf thema’s.

1

Grootste democratie

TEKST: WILKE MARTENS, FOTO: ISTOCK

Al sinds de eerste verkiezingen in 1951, na twee eeuwen Britse overheersing, kent India een stabiele democratie. ‘India deelt veel politieke kenmerken met Europa en de VS’, zegt Blarel. India is partij bij veel internationaal overleg. ‘India is geen permanent lid van de VN Veiligheidsraad, maar wordt regelmatig verkozen tot niet-permanent lid. Het land schuift ook vaak aan bij de G7. Ook is India een van de oprichters van BRICS, het samenwerkingsverband tussen Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika. India wordt gezien als een machtige bruggenbouwer tussen oost en west.’

2

Groeiende economie

3

Machtig leger

De enorme bevolking zorgt niet alleen voor een grote democratie, maar ook voor een grote economie. ‘India heeft een gemiddeld jonge bevolking’, legt Blarel uit. ‘Bovendien zijn veel mensen goed opgeleid, onder meer in techniek of farmaceutische industrie. De economie van India groeit jaarlijks met 6 tot 7 procent, dat is sneller dan de andere twintig grote economieën ter wereld. Toch wordt de armoede in landelijke gebieden niet aangepakt.’ India is een van de grootste militaire machten ter wereld. ‘India heeft na China het grootste leger’, weet Blarel. ‘Ook de kwaliteit is sterk: ze hebben vliegdekschepen en kernonderzeeërs. Naast een langlopend conflict met China over landsgrenzen in de Himalaya, is er een met Pakistan over de regio Kashmir. ’Onder de Britse overheersing had Kashmir een semiautonome status. De Marahad-

ja, de hindoeïstische heerser, wilde onafhankelijk blijven, maar werd onder druk gezet zich bij India te voegen. De bevolking, die voor het grootste deel islamitisch is, wilde dat de regio Pakistaans zou worden. Er zijn drie oorlogen geweest en tot op de dag van vandaag zijn er spanningen.’

4

Religieus nationalisme

5

Erfenis kastenstelsel

De huidige president, Narendra Modi, werd verkozen in 2014. ‘Door de macht van zijn partij, de hindoenationalistische Bharatiya Janata Party (BJP), raken religie en politiek steeds meer met elkaar verweven. Onder het hindoenationalisme van Modi worden minderheden steeds vaker ongelijk behandeld, met name de 180 miljoen moslims in het land.’ Sommige academici zien analogieën met Israël. In beide landen worden moslims als vijand gezien en Joodse en Hindoeïstische mensen uit andere landen kunnen makkelijk staatsburger worden van respectievelijk Israël en India. ‘Ik zie geen direct bewijs dat India strategieën van Israël kopieert, maar Modi haalt de banden met Israël aan en lijkt met bewondering te kijken naar wat Netanyahu doet.’ Hoewel het kastenstelsel officieel niet meer bestaat, zijn de gevolgen ervan nog altijd merkbaar. Zowel ín India als daarbuiten. ‘In Californië werd bijvoorbeeld eind 2023 een wet aangenomen die kastediscriminatie moest verbieden’, zegt Blarel. Amerikanen met een Indiase achtergrond ervoeren discriminatie op de arbeidsmarkt, bijvoorbeeld door een collega uit een ‘hogere kaste’. India noemde de wet ‘bemoeienis met binnenlandpolitiek’; een maand later sprak de Californische gouverneur een veto uit tegen de wet. Blarel: ‘Wettelijk bestaat het kastesysteem niet meer, maar door de diaspora is het eigenlijk over de hele wereld verspreid.’

Nicolas Blarel

Eerder schreef Nicolas Blarel een boek over de relatie t­ ussen India en het Midden-­Oosten. Regel­matig duidt hij India’s r­ eligieus-nationalistische politiek in internationale actualiteitenprogramma’s.


30

FOCUS OP Van wie is de wereld?

NR. 3 2026

Grip op grondstoffen De jacht op cruciale grondstoffen zet de wereldorde onder hoogspanning. René Kleijn, hoogleraar Toekomstbestendige Grondstofvoorziening, onderzoekt hoe stromen van grondstoffen en energie zich ontwikkelen. En wat overheden en bedrijven kunnen doen om duurzaam grip te krijgen op grondstoffen.

‘Grondstoffen en geopolitiek zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Grondstoffen uit bijvoorbeeld Afrika worden geraffineerd in China en verwerkt tot producten die wereldwijd geëxporteerd worden. China is de fabriek van de wereld geworden en neemt een steeds ­grotere plek in op het wereldtoneel. Deze politieke en economische verschuivingen leiden tot spanningen.’

Zijn die spanningen niet van alle tijden? De zucht naar goud leidde al in koloniale tijden tot bloedbaden in Zuid-Amerika.

‘Je kunt zelfs teruggaan naar de bronstijd. Toen waren er conflicten rondom koper en tin, de waardevolle grondstoffen waar brons van werd gemaakt. Door de geschiedenis heen zijn landen binnengevallen om hun grondstoffen.’

Is Europa bang dat grond­stoffen worden ingezet als politiek machtsmiddel? ‘De wereldeconomie waarin we grondstoffen en producten ­kochten op de plek waar die het goedkoopst geproduceerd werden, is aan het verdwijnen door oorlogen, dreigende conflicten en klimaatverandering. Voor de ­energietransitie hebben we die grondstoffen, zoals lithium, kobalt, magnesium, wel nodig. We gebruiken ze voor elek-

trische auto’s, windmolens, zonne­ panelen, batterijen. ­Europa wil minder ­afhankelijk ­worden van ­China en heeft zelf mijnbouw, ­raffinage en recycling nodig. Het is ook eerlijker: als we een elektrische auto willen, hoort daar ook een industrie ‘in de achtertuin’ bij.’

Zijn er in Europa veel regels om grondstoffen te winnen?

‘Het kan lang duren voordat een mijn of fabriek open mag, door alle wetten en regels. Tegelijkertijd kan Europa daarmee het goede voorbeeld geven. Zorg er in Europese mijnen voor dat kritieke grondstoffen op een duurzame manier gewonnen worden, in plaats van de zeer destructieve manier waarop ­China dat doet in buurlanden. En laat de Tata-fabriek juist staan in Nederland, maar zorg er dan voor dat ze hun staal produceren met groene waterstof, en dat burgers in de omgeving beter beschermd worden.’

Is dat genoeg voor een toekomstbestendige grondstofvoorziening?

‘Nee, ook technologische ont­ wikkeling is van belang. Ik doe bijvoorbeeld mee aan een Europees onderzoeksproject waarin we magneten ontwikkelen die minder zeldzame metalen nodig hebben dan gebruikelijk. Zulke magneten zitten in elektrische auto’s en windturbines.’

U maakt deel uit van het VN International Resource Panel. Op welke manier heeft dat panel invloed?

‘We zijn het kleine broertje van het IPCC, het klimaatpanel. Zij waarschuwen al decennia voor klimaatverandering en we weten allemaal hoe goed daarnaar is geluisterd… De vijftig leden van het Resource Panel kijken niet zozeer naar de geopolitieke aspecten van grondstoffen, maar naar de milieu-impact ervan. We komen met de Global Resources Outlook van 2028. En momenteel werk ik aan een rapport over kritieke materialen: kunnen we ze anders gebruiken, ze vervangen, of recyclen? En welke hebben we nou écht nodig?’

René Kleijn

René Kleijn is industrieel ecoloog en werd in 2023 benoemd tot hoogleraar ­Toekomstbestendige Grondstofvoorziening. Hij werkt mee aan verschillende internationale onderzoeksprojecten over een duurzamere aanvoer en recycling van zeldzame aardmetalen in de EU.

TEKST: WILKE MARTENS, BEELD: ISTOCK

Welke rol spelen grondstoffen in geopolitiek?


NR. 3 2026

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

Leidraad 31

terug in de banken John Videler

John Videler (85) krijgt geen genoeg van college geven. De emeritus-hoogleraar Evolutionaire Mechanica, Mariene zoölogie en Bionica geeft voor het tiende achtereenvolgende jaar een cursus voor het Hoger Onderwijs voor Ouderen (HOVO) in Leiden. HOE VISSEN ZWEMMEN ‘Daar ben ik in 1975 op gepromoveerd. Eigenlijk zou ik promoveren op seks bij vissen. Mijn promotor hoopte te kunnen bewijzen dat dit een combinatie van agressie en vluchtgedrag is. Ik moest daarvoor eerst meer weten over de biomechanica van het zwemmen. Biomechanica is een rode draad in mijn werk gebleven. Voor de theorie over seks heb ik tot teleurstelling van mijn promotor nooit bewijs gevonden.’

CONCERTGEBOUWORKEST ‘Ik heb inmiddels een vast groepje cursisten, aangevuld met andere geïnteresseerden. Hun achtergronden lopen sterk uiteen: van medici en Delftenaren tot een voormalig cellist bij het Concertgebouworkest. Bij mijn cursus over leven in zee zat een gepen­ sioneerde kapitein die wilde weten wat zich al die jaren onder zijn schip had afgespeeld. Zo’n divers publiek is leuk, maar ik moet goed opletten dat iedereen de stof kan volgen.’ WEDERKERIG ‘Mijn belangrijkste doel is kennis delen. Er wordt veel gediscussieerd en achteraf krijg ik vaak e-mails met vragen. Daar leer ik zelf ook weer van. Dat vind ik het leuke aan college geven: het is wederkerig.’ Bijzonder hoogleraar Evolutionaire Mechanica 2000-2006

Meer weten over onderwijs voor professionals? universiteitleidenacademy.nl

TEKST: NIENKE LEDEGANG, FOTO: TRYNTSJE NAUTA

BEST OF ‘College geven heb ik altijd leuk gevonden. Na mijn emeritaat ben ik actief gebleven. Ik woon in het noorden, maar kom sinds 2017 voor HOVO-cursussen naar Leiden. Ik kies telkens een ander onderwerp, zoals vliegkunst in de natuur, leven in zee, het ontstaan van het dierenrijk en de mens en – op verzoek van studenten – de evolutie van slaap. Dit najaar staan experimentele technieken in de dierkunde centraal. Daar heb ik met mijn onderzoeksgroep een groot deel van mijn loopbaan aan gewijd. Zie het als een soort “best of” van mijn werk.’


32

Leidraad

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

NR. 3 2026


NR. 3 2026

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

Leidraad 33

ChatGPT, wat denk je ervan? AI verandert alles, in onze m ­ aatschappij en ook in het academisch onderwijs. Schrijven studenten nog wel zelf? Hoe toets je dat? En wat is verder het effect van AI op het universitair onderwijs? Zes Leidse docenten vertellen over hun ervaringen. Studenten en docenten begeleiden

TEKST: JOB DE KRUIFF EN ANNETTE ZEELENBERG, ILLUSTRATIE: JASMIJN EVANS

Jeroen Touwen, vicedecaan van de faculteit Geesteswetenschappen. ‘Aan de ene kant moeten we grenzen ­stellen en aan de andere kant moeten we studenten begeleiden in het gebruik van Generatieve AI. We zijn natuurlijk beducht voor misbruik. Bij onze faculteit ligt veel nadruk op het produceren van tekst – en dat kunnen studenten in principe aan AI uitbesteden. Daarbij bestaat het gevaar dat we te veel aandacht geven aan het checken van fraude, terwijl we studenten ook moeten leren hoe ze deze tools wél kunnen gebruiken. Op onze faculteit hebben we naast regels voor AI-gebruik door studenten ook een AI-richtlijn voor docenten. Omdat AI zich razendsnel ontwikkelt, wordt dit stuk regelmatig aangepast. Docenten moeten weten wat er kan en wat risico’s zijn, bij­ voorbeeld op het gebied van copyright en plagiaat. Ook delen we best practices, zoals AI-proof toetsing. Het is belangrijk dat we studenten leren hoe ze de mogelijkheden van AI wetenschappelijk verantwoord kunnen ­benutten. Een van onze leerdoelen is om studenten te stimuleren analytisch te ­denken en informatie kritisch te bevragen, een vaardigheid die steeds essentiëler wordt. Daarom volgen alle studenten van onze 24 bacheloropleidingen het basisvak Humanities in a Digital World.’

Veel meer mondeling tentamineren Thomas Moerland, ­universitair docent bij het informatica ­instituut (LIACS). Hij doet onderzoek op het gebied van kunst­ matige intelligentie. ‘In eerste instantie zagen we AI als iets dat we moesten v ­ erbieden. Dat werd algauw dweilen met de kraan open, het werd zó massaal gebruikt. Inmiddels zie je docen­ ten steeds meer proberen AI-­ gebruik op een juiste manier te sturen. Ons onderwijs bij informatica bevatte bijvoorbeeld veel thuis­ opdrachten. Maar een thuis­ opdracht heeft alleen nog zin als je studenten mondeling laat uit­ leggen wat ze gedaan hebben. Eén collega heeft direct het roer omgegooid toen AI gemeengoed werd. Die heeft veel meer con­ tacttijd met zijn studenten inge­ roosterd. Het resultaat is positief. Netto is hij ongeveer evenveel tijd kwijt, want al het nakijkwerk vindt meteen in het lokaal plaats. We gaan allemaal toe naar veel meer ter plekke en mondeling tentami­ neren. Een opvallend effect dat ik zie is dat tentamencijfers verder uit

elkaar zijn komen te liggen. Een deel van de studenten presteert beter sinds de doorbraak van AI, en een ander deel juist slechter. Ik denk dat het afhangt van zelf­ controle, reflectie, motivatie. Als je het gebruikt om zelf slimmer te worden, dan kan AI je veel uitleg­ gen. Maar als je het vooral inscha­ kelt ter vervanging, dan bouw je een achterstand op. Het is als een potentieel verslavend m ­ iddel: je moet proberen het op een ver­ standige manier te gebruiken. Maar s­ tudenten zijn jong, niet zo gek dat ze die verantwoordelijk­ heid soms lastig vinden. De verleiding om veel werk aan AI over te laten zou groter kunnen worden. Anderzijds: we zijn van­ wege de rekenmachine ook niet gestopt met zelf leren rekenen. En bij AI is er nog genoeg reden om te zorgen dat je zelf de c ­ ognitieve vaardig­heden ontwikkelt om de controle te doen. Bovendien: leren en dingen zelf begrijpen hoort bij het mens-zijn. Zoals we onze spie­ ren blijven trainen, ook nu machi­ nes het z­ ware werk doen, zo wordt het onderwijs misschien een soort cognitieve sportschool.’


34

Studenten AI-teksten laten analyseen Lettie Dorst, universitair hoofd­ docent Leiden University ­Centre for Linguistics, gespecialiseerd in o.a. vertaalwetenschap, vertaal­ technologie en metaforen. ‘Ik vind het problematisch dat univer­ siteiten, ook Leiden, zoveel nadruk leggen op AI. Er wordt gezegd: de stu­ denten moeten ermee leren omgaan, anders vinden ze straks geen baan. Dat is een idee waar ik me tegen ver­ zet. Met GenAI werken is helemaal niet moeilijk. Je vraagt: ‘Wil je dit voor me doen?’ en drukt op het knopje. En mét jou kunnen duizenden anderen dat ook. Je bent veel waardevoller als je kunt onderzoeken of het klopt wat er uit die chatbot komt. Ik zie dat veel studenten eigenlijk niet meer weten hoe ze moeten factchecken. Want als ze AI inzetten voor zaken als bronnen­ onderzoek, informatie verzamelen, het opstellen van een onderzoeks­ vraag en de structuur van een essay, slaan ze het hele proces over waarbij ze zelf kritisch nadenken en inzichten ont­wikkelen. Dan leren ze dat dus niet. Ik ben er zeker voorstander van om studenten te laten kennismaken met dit soort technologieën, want die bestaan nu eenmaal. Onze vertaalstu­ denten laten we daarom door AI gege­ nereerde vertalingen analyseren. Het resultaat is vaak dat ze zeggen: “Ik ga het vertalen echt niet uitbesteden aan AI, ik kan het zelf veel beter!” Ik denk dat we studenten veel meer bewust moeten maken van de beper­ kingen van AI. Chatbots kunnen desin­ formatie produceren, discriminerende algoritmes toepassen, onbetrouw­bare bronnen gebruiken. Wij hebben de verantwoordelijkheid om studenten te beschermen tegen het al te gemakke­ lijk gebruiken van AI.’

Een kans om het onderwijs leuker te maken Marije Schneider is docent Sociaal Recht, opleidingsdirecteur Rechtsgeleerdheid en voorzitter van de facultaire werkgroep AI. ‘Langzaamaan realiseren we ons dat je met AI studenten dingen kunt leren die voorheen niet konden. Ik geef in de master arbeidsrecht bij­ voorbeeld een schrijfvak waarbij ik studenten een opdracht laat maken, die door AI van feedback laat voor­ zien en daarnaast mijn eigen feed­ back geef. In de vergelijking tussen mijn feedback en die van AI ontdek­ ken ze wat AI wel en niet kan op het gebied van taal. In het recht is taal essentieel. Vervolgens heb ik ook, met hun toe­ stemming, hun concepten geüpload en door AI laten analyseren. Dan kun je allerlei metavragen bespre­ ken: welke bronnen zijn het meest gebruikt, welke redeneringen zijn er gevolgd? Op die manier ontstaat er een gesprek dat normaal veel moeilijker was geweest. Het is wel arbeidsintensief onderwijs. Voor de bachelor met duizend eerstejaars is zoiets niet geschikt. Sowieso is bij ons de grote vraag: in welk jaar begin je met de inzet van AI? Niet bij de start van de bachelor, maar vanaf een bepaald moment kun je het inzetten en s­ tudenten trainen tot kritische A ­ I-gebruikers. Kritische analyse is een van de belangrijkste competenties die je als jurist moet hebben.

Komend jaar ga ik een vak geven waarbij ik AI een essay laat schrijven en de studenten dat laat herschrij­ ven. Ik denk dat ze daar ook veel van leren. Een tweede essay laat ik ze op locatie schrijven. Zo zijn we ook qua toetsing voortdurend op zoek naar de beste vorm. Ik vind het wel een leuke, spannen­ de tijd, ik zie ook tal van kansen om het onderwijs leuker te maken. Een collega heeft over een zaak over bewijs in het strafrecht door AI een filmpje laten maken, waarin alle gebeurtenissen werden nagespeeld en omstandigheden onderzocht. Dat werd een soort misdaadserie. We weten dat door dingen op ande­ re manieren te vertellen, ze soms beter blijven hangen.’


ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

Leidraad 35

Het denkwerk niet alleen aan AI overlaten Mario de Jonge, universitair docent bij het ICLON (Interfacultair ­Centrum voor Lerarenopleiding, Onderwijsonderzoek en Nascholing van de ­Universiteit Leiden).

Computerloos onderwijs is ook nodig Francesco Ragazzi, ­universitair hoofddocent ­Internationale Betrekkingen bij het Instituut ­Politieke Wetenschap. ‘Bij Politieke Wetenschap zijn we dit jaar gestart met een masterspecia­ lisatie waarin AI centraal staat: The Politics of AI. Daarbij gaat het niet alleen om de technologische moge­ lijkheden, we willen dat de studenten zich ook verdiepen in AI als onder­ zoeksonderwerp. Er komt een grote AI-transitie aan. Op de arbeidsmarkt hebben ze de intellectuele tools nodig om daarmee om te gaan. Bij de AI-transitie is alles p ­ olitiek. Hoe AI wordt gepresenteerd als onvermijdelijk, hoe algoritmes ­worden ingericht, hoe GenAI wordt getraind met enorme hoeveelheden teksten. En daarbij spelen ook poli­ tiek-economische overwegingen een rol. De AI-technologie is in han­ den van vier of vijf grote bedrijven,

die daarmee een enorme macht bezitten. We moeten studenten daarvan bewust maken. Onze taak is studenten voorberei­ den op de toekomst. Het probleem is dat we niet weten hoe die toe­ komst eruit zal zien. Een voorbeeld: AI kan prima software voor statis­ tieken programmeren. Is dat iets dat we studenten nog wel moeten leren, of moeten we ons richten op de basisprincipes van de statistiek? Ik ben ervan overtuigd dat we hen hoe dan ook de fundamentele ken­ nis moeten bijbrengen, inclusief de vaardigheden die nodig zullen blij­ ven om de output van AI te beoor­ delen. Om dat goed te doen, zal een deel van het onderwijs helemaal zonder computers moeten gebeu­ ren. Ik heb zelf al zo’n computerloos seminar gegeven: alles op papier, handgeschreven toetsen, geen internet. Voor de studenten was dat best slikken.’

‘Op basis van wat we weten over effectieve leermethoden, zal AI niet bevorderlijk zijn voor het leer­proces. Je laat het denkwerk immers aan AI over. Bovendien kan het l­eiden tot iets dat we metacognitieve luiheid noemen: een student die AI op deze manier gebruikt, is meestal niet bezig met wat hij zelf wel of niet weet en kan, of met vragen als ‘Snap ik de stof, waar moet ik me juist verder in ­verdiepen?’ We weten niet op welke schaal studen­ ten AI inzetten, maar dát het gebeurt is zeker. Toch ga ik er ook vanuit dat de meesten wel degelijk gemotiveerd zijn om iets op te steken van hun stu­ die. Je hebt ook geen abonnement op een sportschool om daar een robot naartoe te sturen om te trainen. GenAI biedt ook kansen. Zo ben ik betrokken bij enkele pilots met LUCA, de Leiden University C ­ ognitive Agent, een AI-tool in een gecontro­ leerde omgeving. LUCA is anoniem, draait op groene energie en de s­ erver staat in Europa. Docenten kunnen ­bijvoorbeeld bepaalde documenten uploaden en de bot – of agent – de opdracht geven om al zijn antwoorden op die documenten te baseren. Ook is het mogelijk de bot zo in te richten dat hij zelf vragen stelt aan de student. Je kunt er dus pedagogische principes in stoppen die aansluiten bij wat we weten over een effectief leerproces. Zo geven we onze eigen draai aan AI voor educatief gebruik.’


geven

Leiden laat je niet 36

Leidraad

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

Nieuwe mensen ontmoeten, samen iets organiseren, voor het eerst in je leven zelf onderzoek doen: deze ervaringen maken je studententijd onvergetelijk. Ook na hun a ­ fstuderen voelen Daan, Daan en Dahran zich ­ver­bonden met de Universiteit Leiden. Als Jonge Sleuteldrager blijven zij betrokken bij de plek die de basis vormde voor hun volwassen leven.

2 1

TEKST: MEREL REM, FOTO: MARTIN DIJKSTRA

1 Dahran Coban (31) is woordvoerder bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Ze studeerde Rechten en is Jonge Sleuteldrager sinds 2025. ‘Soms mis ik mijn studententijd. Vooral de mensen die je ontmoet en de bijzondere herinneringen die je samen maakt. Ik studeer al een tijdje niet meer, maar als Jonge Sleuteldrager ontdek ik wat de universiteit nog meer te bieden heeft: gezellige evenementen en inkijkjes in de nieuwste wetenschappelijke ontwikkelingen. Vooral tijdens het Diesfestival voel ik de nostalgie als ik door het Kamerlingh Onnes Gebouw loop. Daar spreek ik i­nteressante mede-alumni en onderzoekers die ik anders nooit zou ontmoeten. Het is een f­ ijne manier om even uit mijn eigen bubbel te stappen. Dankzij de uitnodigingen en verhalen van het LUF blijf ik op de hoogte van nieuwe onderzoeken en wat er voor studenten allemaal mogelijk wordt gemaakt. Zo voelt het net alsof ik nog steeds een beetje bij de Universiteit Leiden hoor.’


meer los

3 2 Daan van der Mark (25) is r­ elatiemanager Leids Universiteits Fonds. Hij ­studeerde Geschiedenis en is Jonge S ­ leuteldrager sinds 2026. ‘Jonge Sleuteldragers zijn ieder op hun eigen manier betrokken bij de univer­ siteit en vinden het leuk om te weten wat er allemaal gebeurt. Juist nu kun­ nen we hun nieuwsgierigheid en steun goed gebruiken. In Nederland, maar ook internationaal, staan wetenschap­ pers onder druk. Z ­ onder financiële ruimte wordt het l­astiger om onafhan­ kelijk onderzoek te doen.’

Ook Sleuteldrager worden?

Ben je jonger dan veertig jaar? Dan ben je welkom als Jonge Sleutel­ drager. Met een p ­ eriodieke schenking doneer je v ­ anaf 120 euro per jaar voor een periode van minimaal vijf jaar. Als ­Jonge Sleuteldrager word je op dezelf­ de manier betrokken bij het LUF als ­andere Sleuteldragers – inclusief uitno­ digingen voor bijeenkomsten zoals het Sleuteldragersdiner. Meer info vind je via luf.nl/ sleuteldrager of neem c ­ ontact op met Daan van der Mark: ­sleuteldragers@luf.leidenuniv.nl.

Leidraad 37

3 Daan van Esch (37) is Staff ­ echnical Program Manager bij T ­Google. Hij studeerde Chinees en is Jonge Sleuteldrager sinds 2023. ‘Vijfenhalf jaar lang woonde en werkte ik in Silicon Valley. In de V ­ erenigde Staten is het een belangrijk onderdeel van de cultuur om je alma mater te steunen. Toen ik terugkwam naar Nederland besloot ik om v ­ erbonden te blijven met ‘mijn’ u ­ niversiteit en studentenstad. Elk jaar geef ik ­gastcolleges, bijvoorbeeld ‘aan de andere kant van het spoor’ bij Informatica. Ik help ook altijd graag mee tijdens het Humanities Career Event. In mijn studententijd was ik bestuurslid van Studievereniging Sinologie Leiden. Dankzij financiële steun van het Rombouts Fonds voor C ­ hinese ­Studies, een fonds op naam van het LUF, o ­ rganiseerden we een congres waar master- en PhD-studenten hun werk konden presenteren. Dat was ­ontzettend leuk en leerzaam. Zulke ervaringen gun ik studenten nu ook. Ik wilde meer doen dan het LUF Student­lidmaatschap dat ik had. Of zoals ze in Amerika zeggen: Pay it forward. Jonge Sleuteldrager zijn is voor mij een mooie manier om iets terug te geven en om betrokken te b ­ lijven bij de Universiteit Leiden en de nieuwe ­generatie studenten.’


signalen universiteitleiden.nl/agenda

HORTUS EN STERREWACHT

Mobiel Planetarium

zaterdag 17 en zondag 18 oktober

Neem plaats op een kussentje in een opblaas-planetarium en een ­student Sterrenkunde leidt je rond in het heelal. Er zijn v ­ oorstellingen van een uur voor 12 jaar en ouder en kortere versies voor jonge­ re ­kinderen (met begeleider). In de hortus, bij de Oude Sterrewacht. ­Beide dagen tussen 10.30 en 15 uur.

RECHTEN

Nationale Privacy Congres

vrijdag 6 november

Hét jaarlijkse evenement voor ­advocaten, bedrijfsjuristen, compliance en privacy o ­ fficers, functionarissen gegevens­ bescherming en iedereen die zich bezighoudt met privacy- en gegevens­ beschermingsrecht. Aan bod komen ­actuele onderwerpen die het afgelopen jaar opvallend waren en voor de komende jaren relevant zijn. Het congres is mede georga­ niseerd door Gerrit-Jan Z ­ wenne, hoogleraar Recht en de Informatiemaatschappij, en vindt plaats in Naturalis. universiteitleiden.nl/agenda/2026/11/ het-nationale-privacy-congres-2026

GEESTESWETENSCHAPPEN

Eng is leuk

donderdag 22 oktober

Mensen bezoeken vrijwillig horrorfilms, spookhuizen of fright nights. Met Halloween voor de deur nemen Linda de Voogd, Laura Nawijn en Evert Jan van Leeuwen je mee in hun gezamen­ lijke onderzoek naar de horrorparadox: hoe kan het dat we plezier halen uit ons bang (laten) maken? Ook is er poëzie, tijdens een enge én geruststellende avond in het Academiegebouw. universiteitleiden.nl/studium-generale/programma/hutspot

SOCIALE WETENSCHAPPEN

FOTO’S: ISTOCK, PETER- JELLE VERMEERSCH

HET LERENDE BREIN

vrijdag 6 november

We leren wat af in ons leven. Daar gebrui­ ken we onze hersenen bij, maar hoe ziet een lerend brein er eigenlijk uit? Op de jaarlijk­ se Publieksdag van het Leiden Institute for Brain and Cognition (LIBC) vertellen experts wat er in onze hersenen gebeurt als we iets leren, en komen factoren die leren beïnvloeden aan bod. Daarnaast gaat het over hulpmiddelen die het leren zouden kunnen vergemakkelijken, en in hoeverre mensen, dieren, en compu­ ters op vergelijkbare manier hun kennis vergaren. Stadsgehoorzaal, 9-17.30 uur.

ALBERT VERWEYLEZING

Peter Buwalda gastschrijver woensdag 18 november

Dit najaar is Peter B ­ uwalda de gastschrijver van de Universiteit Leiden. Hij levert onder meer een b ­ ijdrage aan de nieuwe minor ‘­Schrijven’ die vanuit de bachelor­ opleiding N ­ ederlandse taal en cultuur wordt verzorgd. Buwalda (1971) debuteerde in 2010 met Bonita Avenue. Voor dat boek won hij diver­ se prijzen, er werden 400.000 exemplaren van verkocht en het werd vertaald in twintig talen. Sinds 2013 schrijft hij een wekelijkse column in de Volkskrant. Op 8 oktober organiseert Studium Generale een avond met Peter Buwalda in het Acade­ miegebouw. Vast onderdeel van het gast­ schrijverschap is ook een publiekslezing, de Albert Verweylezing. Buwalda geeft die op woensdag 18 november in het Academie­ gebouw onder de titel: ‘De opgeslotenheid van de roman in zijn kaft’. universiteitleiden.nl/gastschrijver


Leidraad 39

NR. 3 2026

Agenda Aesculapius

zaterdag 10 oktober Reünistenborrel (BFW) in ­Scheltema.

NGL-lezing

donderdag 15 oktober Hoogleraar Surface and ­interface science Irene Groot. universiteitleiden.nl/­ lezingenbijscience

Hans Frankenlezing

vrijdag 16 oktober Payal Arora verzorgt de jaar­ lijkse lezing op het gebied van recht en technologie.

Augustinus

zaterdag 17 oktober Eeuwfeest Eigen Huis en presentatie Eeuwboek.

Catena

zaterdag 24 oktober Reünistendag. Aanvang 19 uur, pubquiz om 20 uur. info@horusfonds.org

Asopos

zaterdag 24 en zondag 25 oktober Northwave Najaarswedstrijd op de Bosbaan. Asopos de Vliet viert het 13e lustrum met o.a. gala (27 nov) en symposium (20 feb). asoposlustrum.nl

Letter en Geest

donderdag 29 oktober Alumna Annette Portegies over Fiep Westendorp. universiteitleiden.nl/­ letter-en-geest

Spaans Spinoza

dinsdag 3 november Een van de voornaamste cultu­ rele evenementen van het jaar

voor Spaanstaligen in Neder­ land, dit jaar voor het eerst in Leiden. De Mexicaanse schrijf­ ster Cristina Rivera Garza geeft de lezing, in het Spaans. edu.nl/7tg8n

NGL-lezing

donderdag 19 november Universitair docent Rob van Wijk over de zoektocht naar nieuwe medicijncombina­ ties tegen infectieziektes die samenwerken met het immuun­ systeem.

Oortlezing

dinsdag 8 december Paola Caselli, van het Max ­Planck Instituut, over ’Our Astro­chemical Origins’.

H.S. Versnel Memorial lezing

maandag 14 december ‘The Materiality of Evil’, door professor David Frankfurter. edu.nl/kkayf

Veenhof-lezing

woensdag 16 december De Deense emeritus hoogleraar Mogens Trolle Larsen spreekt over ‘The Development of Old Assyrian Studies – A Personal Account’. edu.nl/qax66

Najaarslezingen Merlijn

Het Leids Historisch Dispuut organiseert enkele lezingen, met o.a. historicus Tijn van Beurden. universiteitleiden.nl/ agenda/series/merlijn

Leidse bespiegelingen

Dit najaar is er weer een aantal filosofische lezingen voor een breed publiek. universiteitleiden.nl/ leidse-bespiegelingen

universiteitleiden.nl/agenda

GEESTESWETENSCHAPPEN

Huizingalezing door Robbert Dijkgraaf donderdag 3 december

In deze tijd neemt de techniek delen van ons denken over. Toch is er iets menselijks wat aan alle kennis voorafgaat: verwonde­ ring. In de 55ste Huizingalezing, met als titel ‘Het recht op verwondering’, vraagt R ­ obbert ­Dijkgraaf zich af wat dit recht vraagt van onderwijs, wetenschap en samenleving. En of de kunsten ons de weg kunnen w ­ ijzen. Mathematisch fysicus Dijkgraaf is onder meer eredoctor van de Universiteit Leiden en voormalig minister van onderwijs. universiteitleiden.nl/huizinga

ALUMNI-ACTIVITEITEN

Masterclass en museum Op woensdag 4 november organiseert het Alumni­bureau een masterclass rondom het t­ hema privacy en gegevens­ bescherming. De s­ prekers zijn hoogleraar Recht en de Informatiemaatschappij ­Gerrit-Jan Zwenne en buitenpromovendus Danny Mekić, bekend van zijn succesvolle rechtszaak tegen s­ ocialmediaplatform X. De bijeenkomst is in het Spui-gebouw in Den Haag. Medio oktober houdt het Jonge ­Alumni Netwerk een bijeenkomst over werken voor een internationale organisatie. Daarbij wordt ingegaan op de verschillen tussen werken voor de Nederlandse over­ heid en het werken bij een internationale organisatie als Nederlander. Ook speciaal voor jonge alumni is een bezoek aan het nieuwe migratie­ museum FENIX in Rotterdam op donderdag 12 november. Naast een rondleiding staat er een k ­ ennismaking op het programma met diverse alumni die hier werken, zoals direc­ teur Anne Kremers en Head of Exhibitions and Collection H ­ anneke Mantel. universiteitleiden.nl/jan universiteitleiden.nl/masterclass


40

Leidraad

NR. 3 2026

Cleveringa­bijeenkomsten voor alumni Binnenland Amsterdam 30 november Prof.dr. Niels van Willigen ‘Ethisch buitenlandbeleid in tijden van machtspolitiek: hoe dan?’ Arnhem/Nijmegen Op of rond 26 november Prof.dr. Maartje van der Woude ‘Het oordeel van het recht, de schaduw van racisme: de confrontatie met etnisch profileren aan de grens’ Breda 26 november Prof.dr. Pieter Slaman ‘Cleveringa in context. Het hoger onderwijs en het begin van de joden­ vervolging in Nederland’ Den Haag 25 november Prof.dr. Niels Blokker ‘Si vis pacem, para pacem. Over hervorming van de VN-Veiligheidsraad’ Dr. Marit Schubad ‘Als spreken geen ­heldendaad hoeft te zijn. Over psychologische ­veiligheid en tegenspraak in publieke organisaties’

Haarlem 25 november Spreker nog niet bekend Harderwijk 28 oktober Prof.dr. Nico Schrijver ‘Tachtig jaar Verenigde Naties’

Parijs 26 november Prof.dr. Sarah de Lange, hoogleraar Nederlandse politiek ‘Mijn lezing is precies in lijn met waar C ­ leveringa voor staat. Ik ga s­ preken over de academische vrijheid en hoe die in dit tijdsgewricht met op­ komend uiterst rechts gedachtegoed onder druk komt te staan. ­Daarbij kan ik putten uit onderzoek dat ik samen met de Universiteit van

Oslo doe. We hebben politicologen in alle libe­ rale democratieën in de wereld – helaas zijn dat er maar een stuk of dertig – bevraagd over hun erva­ ringen met b ­ edreigingen en intimidatie. Komt het voor, zijn het i­ndividuen die het doen of is het georganiseerd, uit welke hoek komt het? Daarover zal ik de eerste bevin­ dingen presenteren. Cleveringa vormt een heel groot onderdeel van de identiteit van Uni­ versiteit Leiden, daarom is het een grote eer om weer een van de sprekers te zijn.’

Leiden 25 november Prof.dr. Meta Roestenberg ‘Who will protect us from the next pandemic?’ Engelstalig

Buitenland

Limburg 25 november Prof.dr. Bart van der Boom

Bratislava op of rond 26 november Dr. Sophie Veriter

Londen 24 november Prof.mr. Henk Snijders ‘De robot als rechter’

Middelburg Op of rond 26 november Prof.dr. Ignas Snellen

Brussel op of rond 26 november Dr. Francien Dechesne

Luxemburg Op of rond 26 november Spreker nog niet bekend

Rotterdam Op of rond 26 november Prof.dr. Ferd Grapperhaus

Caïro 3 december Dr. Judith Naeff

Montreal Op of rond 26 november Prof. Jason Rudall

Sluis Op of rond 26 november Prof.dr. Stefaan van den Boogaert Twente 26 november Prof.dr. Remke Kruk ‘De zaak van de dieren tegen de mensen’

Friesland 26 november Prof.dr. Adam Cohen

Utrecht/Amersfoort 26 november Dr. Tazuko van Berkel

‘t Gooi 22 november Prof.dr. Bas Haring

Zutphen Op of rond 26 november Prof.dr. Frits Rosendaal

Calgary 22 november Prof.dr. Hans Vogel Chili 26 november Ms. Esther Kuisch Curaçao 20 november Prof. Cock van der Velde Genève 25 november Prof.dr. Larissa van den Herik ‘Internationaal recht in een wereld op losse schroeven’ Istanbul 19 november Prof.dr. Erik Jan Zurcher ‘Can Muslims be E ­ uropeans? Debates about Turkish Accession to the EU’

München 26 november Prof.dr. Paul Nieuwenburg Duitstalig Nice 28 november Lucia van Geuns Rabat 26 november Dr. Marleen De Meyer Rome Op of rond 26 november Prof.mr. Jannemieke Ouwerkerk Meer informatie en aanmelden: LUF.nl/Cleveringa


NR. 3 2026

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

Leidraad 41

International Children’s Rights 2018-2019

werkplek van

TEKST: NIENKE LEDEGANG, FOTO: ROSALIE VAN DER DOES

Hanneke Kramps Kijk niet vreemd op als je op de werkplek van ­ anneke Kramps het opgewonden stemgeluid van H kinderen hoort. In het pand van Kinderpostzegels aan de Leidse Schipholweg zitten kinderen regel­ matig aan tafel om mee te praten over de goede ­doelen waarvoor de organisatie zich inzet. ‘Ik word daar heel blij van. Alles ademt hier kinderen’, vertelt Kramps, die sinds ruim twee jaar programmamana­ ger is bij Kinderpostzegels. Een plek die haar past: ‘Mijn drijfveer is dat het niet uit zou moeten maken waar een kind opgroeit: elk kind verdient de kans om zich optimaal te ontwikkelen en tot bloei te komen.’ ‘Mensen kennen ons vooral van kinderen die met postzegels langs de deuren gaan, maar we doen veel meer. Samen met vele partners zetten we ons in voor de positie van kwetsbare kinderen in binnen- en ­buitenland.’

En dat sluit mooi aan bij de ervaring van Kramps, die zich al jarenlang inzet voor kinderrechten, zoals toen ze zich bij Terre des Hommes bezighield met het voorkomen van kinderarbeid en seksuele uitbui­ ting. ‘In 2018 ben ik weer de collegebanken ingegaan voor de advanced master International Children’s Rights, hier in Leiden. Ook al was ik niet de jongste, ik was weer even helemaal student, inclusief gam­ mele studentenfiets.’ Ze kijkt terug op een inspirerende tijd. ‘Daarom vind ik het extra bijzonder dat Kinderpostzegels sinds kort samenwerkt met de Universiteit Leiden en het Leids Universiteits Fonds. De universiteit gaat ­onderzoek uitvoeren binnen een programma van Kinderpostzegels in het Caribisch gebied. Mooi hoe ik daarmee de cirkel op mijn huidige werkplek rond maak.’


42

Leidraad

NR. 3 2026

lezen, luisteren,

Het bos van Suriname In Naturalis is de tentoonstelling Het bos van Suriname te zien. Hierin staat de natuur van Suriname centraal – de planten en dieren die er leven, de mensen die er al eeuwenlang wonen. Suriname is het meest bosrijke land ter wereld, maar het bos wordt ernstig bedreigd. In de tentoonstelling ontmoet je allerlei bewoners van het bos, waaronder de Inheemsen en Marrons, die de natuur als bezield beschouwen. Het bos van Suriname is een tentoonstelling waarin je wordt uitgenodigd om te luisteren naar de stem van de natuur. Het bos van Suriname is te zien tot en met 2 mei 2027

LEIDEN INTERNATIONAL FILMFESTIVAL Elf dagen vol premières, speciale filmver­ toningen, feestjes en meer: dat is het Lei­ den International Film Festival, dit jaar van 8 tot en met 18 oktober. Gestart in 2006 door studenten van Quintus en tegen­ woordig een van de belangrijkste festivals van Nederland met films van over de hele wereld, van arthouse tot blockbuster en alles daartussenin. liff.nl

STAMCELKUNST In Rijksmuseum Boerhaave is het kunstwerk ­Protocols of Becoming van kunstenaar Sonja ­Bäumel te zien. Zij ontwikkelde dit kunstwerk spe­ ciaal voor het museum. Haar kunstwerk verkent hoe stamcelonderzoek levende cellen kan veran­ deren en sturen met behulp van wetenschap en technologie. Ze werkte samen met stamcelonder­ zoekers, bezocht laboratoria in het LUMC, onder­ zocht collecties in het depot van Rijksmuseum Boerhaave en sprak met patiënten en ethici.

FOTO: MIKE BINK FOTOGRAFIE/NATURALIS BIODIVERSITY CENTER

doen


43

FOTO: ROB OVERMEER

Historische Leidse liedjes gebundeld

Bolbloeiers uit de hortus Vijfhonderd jaar geleden werd Carolus ­Clusius geboren. Om dat te vieren zet de Hortus hem dit jaar in het zonnetje, onder meer met een k ­ leine presentatie van foto’s die vormgever en fotograaf Rob Overmeer van vier seizoenen in de Hortus maakte. Overmeer liet zich leiden door de schoonheid van de bolgewassen. Elk seizoen stelde Hortus-­ bollenspecialist Jaco Kruizinga een aantal ‘foto­ modellen’ voor, waaruit Overmeer de meest inte­ ressante koos. Vervolgens legde hij ze compleet met bol en wortels vast. Bolbloeiers zijn te zien tot en met 21 december 2026

Verschenen Stemmen van Afrika 2027 Deze scheurkalender vol weetjes, tong­ brekers en uitleg over ­Afrikaanse talen is gemaakt door Stemmen van Afrika, een team van (deels Leidse) taalwetenschap­ pers en Afrika-experts. Te koop in de webshop van de University Shop SCHEURKALENDER 2027

Wist je dat het woord zombie uit Afrika komt? Waar wordt dit schriftsysteem gebruikt en hoe is het ontstaan?

Waar komt doekoe vandaan? Wat betekent het woord ubuntu?

Vol met interessant e taalfeitjes over Afrika

Leidse liedjes, Brouwers, wevers en viswijven is een gloednieuwe bundel met veertien oorspronkelijke, zeventiende-eeuwse ­volksliedjes die zich in en rond L ­ eiden afspelen. De liedjes zijn afkomstig uit het liedboekje Het Leydsche Vreugden-hof waarvan nog slechts twee zwaargehavende exemplaren bestaan. Een van de samenstellers van de bundel is Olga van M ­ arion, universitair docent Vroeg­ moderne Nederlandse litera­ tuur en cultuur aan Universi­ teit L ­ eiden. Zij deed samen met co-auteur Jampie van G ­ inneken uitgebreid onderzoek naar de liedjes. Elk lied vertelt een verhaal en biedt daarmee een b ­ ijzonder inkijkje in het leven van de ­Leidenaren in de z­ eventiende eeuw; Mary Servaes avant la

De Gebroeders Zjoeganov Alumnus Inter­ national ­Relations Stijn Rombouts ­publiceerde onlangs de historisch-politie­ ke roman De Gebroeders Z ­ joeganov. De roman speelt zich af in de ­Sovjet-Unie onder Stalin en volgt drie broers die ieder op hun eigen manier proberen te overleven in een samenleving vol propaganda, ­wantrouwen en repressie. Uitgeverij Ellessy

lettre. Zo lezen we onder meer over iemand die de k ­ ermis bezoekt, naar de markt gaat, wandelt in de omgeving van Leiden en over het Steen­ schuur flaneert tussen de ‘nimphjes’. De liedjes hebben een grote cultuurhistorische waarde, omdat er relatief wei­ nig bekend is over het dagelijks leven van burgers in de zeven­ tiende eeuw. De veertien liedjes – die ­grotendeels in Gotisch schrift zijn gedrukt – zijn getranscri­ beerd en voorzien van histori­ sche inleidingen en waar nodig verrijkt met w ­ oordverklaringen. Twee musicologen zochten de bijpassende melodieën op en noteerden de muziek in modern notenschrift. Daardoor kan nu iedereen de liedjes weer zingen. Leidse Liedjes is te koop bij boekhandels in Leiden.

Uit het hart Dirk van Delft is f­ ysicus, oud-­ directeur van ­Rijksmuseum Boer­ haave en emeritus hoog­leraar Erfgoed van de natuurwetenschappen. Hij schreef het boek Uit het hart, een boek over Willem Einthoven, de vader van het ecg, oftewel ‘hartfilm­ pje’. Uit het hart portretteert een warm f­ amiliemens en een keiharde ­doorzetter. Uitgeverij Prometheus


44

Leidraad

ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN

NR. 3 2026

Retouradres: Redactie Leidraad, Postbus 9500, NL-2300 RA Leiden

Adreswijziging? Laat het ons weten via universiteitleiden.nl/alumnigegevens of stuur een e-mail naar wijziging@alumni.leidenuniv.nl


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Leidraad oktober 2026 by Universiteit Leiden - Issuu