NR. 1 2026
Leidraad ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
Leidraad
1
ALUMNIMAGAZINE NR. 1 2026
Oprichter van Startpagina.nl Durk Jan de Bruin
‘ Ik ben 100 procent ondernemer’ FOCUS
In alle talen
Evolutie in het lab
DE WERELD VAN HET OEREIWIT
Ooit student, nu zelf docent
COLLEGE VANAF DE ANDERE KANT
2
Leidraad
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
tribuut
Zweetkamer (1970-2026) Hoeveel zweet zal er vergoten zijn in het Universitair Sportcentrum? Vele generaties Leidse studenten h ebben hier gezaalvoetbald, gevolleybald, gefitnest, getraind in de roeibak en nog veel meer. De studentensportverenigingen hielden er naast trainingen en wedstrijden ook hun feesten. Zo hebben we allemaal wel herinneringen aan die vierkante grijze doos in wat heel lang nog een halflege polder was – inmiddels omgetoverd tot Bio Science Park, vol met bedrijven, (studenten)woningen en de universitaire campus. De grote studies hielden in het USC ook hun massale tentamens. Zeker na de sloop van de Groenoordhallen in 2010 was het, naast de Pieterskerk en de Hooglandse Kerk, een van de meest geschikte locaties in de stad. Bij R echten bijvoorbeeld doen soms meer dan duizend studenten tegelijk tentamen in de eerste- of tweedejaarsvakken. Dan is één sporthal niet eens genoeg. Op deze foto, uit 2007, zien we minstens driehonderd studenten ploeteren in de grote zaal van het USC. In ruim 55 jaar onderging het sportcentrum de nodige vernieuwing. De kleinere zalen kregen andere functies, de kantine verhuisde naar beneden, de velden voor buitensport gingen al veel eerder naar een nieuwe plek. Inmiddels is het gebouw echt op. In januari zijn er nog de laatste activiteiten, daarna gaat het tegen de vlakte. Schuin ertegenover, tussen het Gorlaeus en de buitensportvelden, is de afgelopen tijd al een compleet nieuw sport centrum verrezen. Begin december was de oplevering. Het wordt nu ingericht en vanaf begin februari zal het in gebruik zijn. Door fanatieke sporters, en ook weer door ijverige tentamendeelnemers. TEKST: JOB DE KRUIFF, FOTO: MARC DE HAAN
NR. 1 2026
NR. 1 2026
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
Leidraad
3
NR. 1 2026
○ Tribuut / 2
○ Luc aan het woord / 5 ○ Nieuws / 6
○ Eén studie, twee wegen / 12 ○ Interview
Durk Jan de Bruin / 14
○ In de familie / 19
○ Terug in de banken / 20
○ De jonge wetenschapper
Socioloog in de Himalaya/ 32
38
○ Signalen / 34 ○ Dies
Voor alumni / 36
○ Geven
Lodewijk Wisse en Reinier van Mechelen / 37
○ Werkplek van
Onno Innemee / 41
Van student naar docent
○ Lezen, luisteren, doen / 42
FOCUS
In alle talen 21
8
Oereiwitten in het laboratorium
18 Hoop voor de generatie van de toekomst
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
COLOFON Leidraad is een uitgave van de Universiteit Leiden, afdeling Alumni relaties/Strategische Communicatie & Marketing. Het magazine wordt kosteloos verspreid onder alumni en relaties van de universiteit. Voor andere belangstellenden is een abonnement op aanvraag beschikbaar. Uitgever: Universiteit Leiden, Renée Merkx, directeur Strategische Communicatie & Marketing Hoofdredacteur: Lilian Visscher, directeur Alumnirelaties en Leids Universiteits Fonds Concept: Fred Hermsen (Maters en Hermsen) Eindredactie: FC Tekst – Job de Kruiff en Nienke Ledegang Art direction en v ormgeving: Maters en Hermsen – Stephan van den Burg, Marjolijn Schoonderbeek Lithografie: Studio Boon Tekst: Fred Hermsen, Eric de Jager, Marijn Kramp, Job de Kruiff, Nienke Ledegang, Martijn van Lith, Wilke Martens, Nicolline van der Spek, Margriet van der Zee, Annette Zeelenberg Foto cover: Frank Ruiter, Gorlaeus Gebouw, Leiden Beeld: Rosalie van der Does, Marc de Haan, Hielco Kuipers, Simon Lenskens, Patricia Nauta, Rob Overmeer, Marius Roos, Frank Ruiter, Aron Vellekoop León Drukwerk: Dex Coördinatie Universiteit Leiden: Anne-Marie Petit Reacties: 071-5274050 of contact@leidraad.leidenuniv.nl LinkedIn: Alumni Universiteit Leiden BlueSky: @alumniunileiden.bsky.social Website: www.universiteitleiden.nl/alumni Oplage: 92.250 Adreswijziging? Laat het ons weten via universiteitleiden.nl/ alumnigegevens, of stuur een e-mail naar wijziging@alumni.leidenuniv.nl Gehele of gedeeltelijke overname van artikelen, foto’s en illustraties uit Leidraad is alleen toegestaan na overleg met de redactie en met bronvermelding. Universiteit Leiden kan niet aansprakelijk gesteld worden voor eventuele zet- of drukfouten.
klimaatneutraal
Luc aan het woord
NR. 1 2026
5
Als nieuwe voorzitter van het college van bestuur mag ik mee richting geven aan een universiteit die tegelijk eeuwenoud en springlevend is. Een universiteit met een stevige internationale reputatie, diepgeworteld in de samenleving, en gedragen door mensen die trots zijn op wat ze samen bouwen. Die trots heb ik de voorbije weken overal gevoeld. In gesprekken op de faculteiten, in gangen en v ergaderruimtes, in kleine opmerkingen die veel zeggen. Hier is men verbonden, hier draagt men samen verantwoordelijkheid. Als Vlaming in Nederland kijk ik vaak met lichte verwondering om me heen. Een woord dat hier luchtig klinkt, voelt bij ons plechtig. Een gewoonte die ik vanzelfsprekend vond, blijkt hier nét anders te lopen. Maar achter die nuances ontdek ik iets dat veel dieper gaat: een w arme, nieuwsgierige academische gemeenschap. Mensen die luisteren, vragen, doorvragen. Die uitmuntend onderzoek en onderwijs combi neren met een oprechte wens om verschil te maken in de wereld. Mijn jaren als rector van KU Leuven kleuren natuurlijk mijn blik. L euven en Leiden zijn historisch met elkaar verweven – soms als tegenpolen, nu vooral als partners. Afgelopen jaar vierden beide universiteiten hun feestjaar: 600 jaar daar, 450 jaar hier. Het voelt heel bijzonder dat ik in één loopbaan beide instellingen mocht en mag dienen. Leiden, ooit opgericht om het monopolie van het toen katholieke en Spaans gezinde Leuven te doorbreken, staat vandaag zij aan zij met zijn vroegere rivaal. Dat stemt nederig en dankbaar. Eén bevoegdheid ligt me heel na aan het hart: het onderhouden van de contacten met onze a lumni. Want een universiteit bestaat niet alleen uit studenten en medewerkers van vandaag. Ze wordt gedragen door generaties die haar blijven koesteren, uitdagen en vooruitduwen. Alumni, schenkers, sympathisanten: zij houden ons scherp en verbonden met de samenleving. Met u allen wil ik verder bouwen aan een universiteit die ambitie verbindt met zorg. Die het belang van tradities erkent én vernieuwend is. Ik kijk ernaar uit u te ontmoeten, bijvoorbeeld op de alumnidies op 7 februari. Om naar u te luisteren en samen de toekomst van onze universiteit vorm te geven.
natureOffice.com | NL-077-863852
gedrukt
Leidraad
Luc Sels is voorzitter van het college van bestuur van de Universiteit Leiden
nieuws
NR. 1 2026
Nieuwe leden college van bestuur
12% Tweede Kamer is ‘Leids’
18 van de Tweede-Kamerleden die in november aantraden hebben aan de Universiteit Leiden gestudeerd of deden er hun promotieonderzoek. Het gaat vooral om juristen en bestuurskundigen, naast een enkele bèta, germanist, historicus en theoloog. Na de vorige verkiezingen waren het er nog 22. Het verschil zit vooral in de vijf Leidse alumni die toen namens NSC de Tweede Kamer in gingen.
De academie in gesprek Over een aantal ( politiek) gevoelige onderwerpen houdt de Universiteit Leiden dit collegejaar dialoogbijeenkomsten, bedoeld voor studenten en medewerkers. De eerste was in november en had als thema de academische vrijheid en hoe die te bewaken. De afgelopen jaren waren de gemoederen in Leiden en elders verhit rond de vraag welke banden de universiteit mag aanhouden met Israëlische instellingen of met producenten van fossiele brandstoffen. In een gezamenlijke ver-
klaring riepen de rectores van de Nederlandse universiteiten op tot dialoog. Leiden doet dat nu onder de noemer ‘Community. Conversation. Connection.’ Er komen lezingen, debatten en bijeenkomsten over hete hangijzers van deze tijd, waaronder polarisatie, onverdraagzaamheid, klimaat, oorlog en vrede. Het motto is ‘samenkomen en naar elkaar luisteren’. In de uitnodiging staat: ‘Het mag schuren, maar altijd met wederzijds respect en oog voor andermans visie of overtuiging.’
Luc Sels is sinds 1 november v oorzitter van het college van bestuur van de Universiteit Leiden. Hij volgde Annetje Ottow op die deze rol tot 1 s eptember vervulde. Sarah de Rijcke wordt de nieuwe rector magnificus. De Rijcke volgt per 15 januari 2026 Hester Bijl op.
Luc Sels
Prof.dr. Luc Sels was de afgelopen acht jaar rector van de Belgische KU Leuven. Na zijn opleiding als socioloog werd hij professor aan de Leuvense Faculteit Economie en Bedrijfs wetenschappen. Hij was ook negen jaar decaan van deze faculteit. Sels benadrukt in zijn visie op de universiteit het belang van vertrouwen en verbondenheid binnen de universiteit, evenals het vermogen om steeds nieuwe verbin dingen te smeden. Als collegevoorzitter is Sels verantwoordelijk voor strategie, valorisatie, internationale betrekkingen, communicatie, alumnirelaties en allianties & externe betrekkingen.
Sarah de Rijcke
Prof.dr. Sarah de R ijcke is momenteel decaan van de Faculteit der Sociale Wetenschappen (FSW) en hoogleraar Wetenschap, Technologie & Innovatiestudies. Eerder was zij wetenschappelijk directeur bij het Centrum voor Wetenschaps- en Technologiestudies (CWTS) aan deze faculteit. Zij promoveerde cum laude in Groningen en werkt sinds 2011 in Leiden. Als hoogleraar richt zij zich vanuit een sterk interdisciplinaire aanpak op de vraag hoe wetenschappelijke kwaliteit tot stand komt. Zij is onder meer trekker van Academia in Motion, het universitaire programma om medewerkers beter te erkennen en te waarderen en open science te bevorderen. Als rector magnificus zal Sarah de Rijcke onder meer de portefeuilles van wetenschappelijk onderwijs en onderzoek op zich nemen.
FOTO: MARC DE HAAN
7
Uitzicht vanuit het nieuwe Spuigebouw, in het kloppend hart van Den Haag.
Nieuw Spuigebouw bijna klaar Universiteitscampus Spui, de nieuwe locatie van de Universiteit Leiden in Den Haag, opent op 2 februari de deuren voor medewerkers en studenten. Het voormalige warenhuis V&D, later Hudson’s Bay, is de afgelopen jaren verbouwd tot een volledige universiteitscampus. Met dit pand
erbij heeft de Universiteit Leiden vijf vestigingen in de hofstad. Er komt ruimte voor ongeveer 4000 studenten en medewerkers van de Universiteit Leiden, TU Delft, Open Universiteit, LUMC en Universiteiten van Nederland. Zij komen hier samen om te leren, te debatteren
en te werken aan slimme oplossingen voor de vraagstukken die in Den Haag en daarbuiten spelen: van veiligheid, openbaar bestuur en recht tot zorgpreventie, digitale overheid en ethisch verantwoorde kunstmatige intelligentie. Het gebouw staat midden in het politieke hart van de
Nog even te zien
Leiden groeit De Universiteit Leiden verwelkomde dit collegejaar 73 meer bachelorstudenten dan in 2024. Het landelijke beeld is juist een daling van het aantal nieuwe studenten, met 3,4%.
5.419
nieuwe bachelorstudenten in 2025
80% Nederlandse studenten, 243 meer dan in 2024 20% internationals, 170 minder dan in 2024
stad, recht tegenover de toekomstige ingang van het Binnenhof. Het heeft bijna 20.000 m² aan oppervlakte en beschikt over een restaurant, twee dakterrassen, collegezalen, tentamenzalen, sportfaciliteiten en (stilte)werkplekken voor studenten.
33.453
studenten in totaal in 2025
37% zit in de masterfase 63% zit in de bachelorfase 79% studeert in Leiden 21% studeert in Den Haag
Het lustrumjaar van de Universiteit is bijna voorbij, maar online blijven twee verzamelingen nog even voortbestaan. De fototentoonstelling De Eeuwige Student is online te zien, met vooral veel schitterende (tijds)beelden – van hospiteren tot Zweet kamertje en alles daartussen. universiteitleiden.nl/450/eeuwigestudent Ook de Top450 is nog te zien. Studenten, alumni en medewerkers droegen elementen uit de Leidse academische traditie aan, of p articuliere beleve nissen en h erinneringen, die volgens hen bepalend of gedenkwaardig zijn. top450.universiteitleiden.nl
TEKST: ERIC DE JAGER, FOTO’S: ROB OVERMEER
8
Leidraad
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
De evolutie in een Leids laboratorium
Eiwitten zijn de werkpaarden van de cel. Ze zorgen voor transport, energie en reacties, en dat doen ze al miljarden jaren. Maar hoe zagen de eiwitten er destijds uit? En welke eigenschappen hadden ze? Marcellus Ubbink en zijn team van promovendi duiken in de wereld van het oereiwit.
NR. 1 2026
NR. 1 2026
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
‘W Op de foto: De 850 MHz NMR spectrometer wordt gebruikt om de structuur en dynamiek van eiwitten te bestuderen.
e kunnen niet overschatten hoe belangrijk eiwitten zijn’, zegt Marcellus Ubbink, terwijl hij door het laboratorium in het Gorlaeus Gebouw loopt. ‘Ze zijn cruciaal voor alles wat met het leven te maken heeft.’ Dat maakt meteen duidelijk waarom de wetenschappelijk directeur van het Leids Instituut voor Chemisch Onderzoek (LIC) zich op het project ‘Oereiwitten tot leven brengen: was vroeger alles beter?’ heeft gestort. Het is de moeite waard om alles te weten te komen van eiwitten.
Voor wie alles wil weten, is de basis interessant. Ubbink en zijn promovendi kijken daarom naar het verleden en daar gebruiken ze ß-lactamases voor. Dat zijn enzymen die antibioticaresistentie veroorzaken. ‘Met de sequenties (de volgorde van de aminozuren in een eiwit, red.) van ß-lactamases uit heel veel verschillende bacteriën bouwen we een stamboom die de evolutionaire geschiedenis van het eiwit laat zien. Op de plek waar takken van de boom samenkomen was er een gemeenschappelijke voorouder van die bacteriën en met statistische methodes kun je voorspellen hoe
Leidraad
9
10
Leidraad
het ß-lactamase van die voorouder er waarschijnlijk uitzag.’ Uit eerder onderzoek kwam de ontdekking dat die oude eiwitten goed tegen warmte kunnen. ‘Ze zijn erg thermostabiel. De eiwitten van vroeger zijn soms bij 90 graden nog in functie’, zegt Ubbink. Ter vergelijking: ‘moderne’ eiwitten verliezen hun functie vaak al bij 50 tot 70 graden Celsius. ‘Ook lijken de eiwitten van vroeger minder specifiek te zijn, ze zijn promiscue.’ Die stabiliteit en veelzijdigheid van oereiwitten kan interessant zijn voor industriële toepassingen, zoals in wasmiddelen en voedingsmiddelen. ‘De industrie wil graag stabiele proteïnen die niet kapotgaan. En de relatie met antibioticaresistentie is ook belangrijk, al denk ik niet dat wij daar met dit onderzoek een oplossing voor vinden.’ Het is Ubbink ook niet zozeer te doen om de toepassingen die eventueel uit het project voortkomen, het gaat hem om het fundamentele onderzoek.
Variatie in uitkomsten
Zijn de oereiwitten echt zo thermostabiel, bijvoorbeeld omdat de aarde miljarden jaren geleden warmer was? Om daar achter te komen, maken de onderzoekers in het Leidse lab de sequenties na om ze vervolgens te analyseren. Zo wordt het statistische onderzoek overgeheveld naar de praktijk. ‘De eerste resultaten laten zien dat er best wat variatie zit in de uitkomsten, ook in de thermostabiliteit. Dat geeft aan dat die 90 graden waarbij de eiwitten nog in functie waren een uitschieter was. Dat is niet heel verwonderlijk, want onze statistische benadering brengt ook onzekerheid met zich mee.’ De volgende stap van het project is het laten evolueren van het eiwit. Zo wil het team zien wat er met de bijzon-
NR. 1 2026
Waarom zijn de eigenschappen van moderne eiwitten zo anders? dere eigenschappen van deze eiwitten kan gebeuren als ze meer gaan lijken op moderne eiwitten. ‘En wat is de link tussen de thermostabiliteit en de promiscuïteit? Waarom raak je die twee zo makkelijk kwijt? Waarom zijn de eigenschappen van ‘moderne’ eiwitten zo anders dan die van heel lang geleden?’ Deze zogenoemde directed evolution in het lab kan die informatie opleveren. Ubbink laat zijn
enthousiasme over het project duidelijk merken. ‘Ik ben benieuwd wat de labevolutie oplevert. We weten dat de technieken werken, maar niet wat eruit komt.’
Er gaat een wereld schuil achter eiwit
Tussendoor kauwt Ubbink even op de naam: eiwit. ‘Ik vind het grappig dat we het in Nederland zo noemen. In de meeste talen gebruiken ze standaard proteïne. Eiwit heeft iets denigrerends, je denkt dan aan ‘iets’ dat naast de dooier in een ei zit. Terwijl het zoveel meer is, er gaat een hele wereld achter schuil.’ Toch noemt de hoogleraar eiwitten nog steeds monter eiwitten als hij verder vertelt over zijn project. Hoe is het idee om de evolutie na te bootsen in een Leids laboratorium ontstaan? ‘Tja, hoe gaat dat? De ancestral proteins kom je tegen in de literatuur. Dat vond ik als eiwit
Meer Leids onderzoek
NR. 1 2026
11
Eiwitten en evolutie
Marcellus Ubbink (1965)
1989 Master Biologie, Utrecht 1994 Promotie Eiwit chemie, Leiden 1997 Universitair docent LIC, Leiden 2004 Universitair hoofddocent LIC, Leiden 2010 Hoogleraar Eiwitchemie, Leiden 2019 Onderwijsdirecteur Life Science and Technology, Delft/Leiden Sinds 2022 Weten schappelijk directeur LIC
chemicus interessant. En als je je erin gaat verdiepen, ontdek je dat niemand nog heeft gekeken naar hoe ze werkelijk zijn geëvolueerd. En ik ben opgeleid als bioloog, daar komt mijn interesse voor de evolutie vandaan.’ Dat de structuren van de eiwitten van drie miljard jaar geleden dezelfde zijn als die van nu, dat alleen hun functie verandert, ontlokte Ubbink in 2011 al een steelse blik in de richting van het onderzoek dat hij nu uitvoert. In zijn oratie zei hij: ‘Het feit dat eiwitten, evenals DNA, in alle organismen dezelfde basisstructuur hebben, is een glashard bewijs voor de singuliere oorsprong van het aardse leven, en daarmee voor het bestaan van evolutie, maar dit terzijde.’ Dat terzijde is inmiddels het bestaande onderzoek naar de evolutie van oereiwitten, waarvoor eind vorig jaar een ENW-M-subsidie is toegekend. Die subsidie van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappe-
lijk Onderzoek (NWO) op het gebied van de exacte en natuurwetenschappen is bedoeld voor het uitwerken van creatieve, risicovolle ideeën en wetenschappelijke vernieuwingen. ‘Het is belangrijk dat deze subsidies er zijn, ze maken het mogelijk om ideeën te ontwikkelen die fundamenteel zijn voor de wetenschap en de basis kunnen vormen voor toekomstig onderzoek’, zegt Ubbink.
Labevolutie
Mede dankzij de bijdrage zijn de komende vier jaar twee promovendi bij het project betrokken. ‘We delen het op in stukken. Over het eerste deel denken we volgend jaar al te kunnen publiceren, de analyse van de techniek die veel variatie geeft. Met de vergelijkende studie naar de stabiliteit zijn we ook begonnen, daarna starten we de labevolutie. We zien een kans om veel nieuwe vragen te stellen en te beantwoorden.’
In het Leids Instituut voor Chemisch onderzoek (LIC) wordt veel onderzoek gedaan naar de opbouw van het leven. Zo werd in Leiden ontdekt dat sommige bacteriën net als de mens eiwitten hebben die het DNA in hun cellen organiseren, al doen ze dat net even anders. Ook kwam uit onderzoek naar voren dat simpele, eencellige levensvormen onverwacht veel variatie kennen in manieren waarop het DNA kan worden samengevouwen. Hoogleraar Remus Dame werkt nu aan interdisciplinair onderzoek naar de manier waarop het genoom is georganiseerd en hoe dat invloed heeft op het aflezen van DNA-informatie.
Eiwitten en ziekte De cellen in ons lichaam worden vaak bedreigd door fouten in onze eigen eiwitten. Een consortium met daarin Leidse wetenschappers, onder wie dr. Anne Wentink van het LIC, brengt voor het eerst precies in kaart hoe de cel eiwitten controleert en foute eiwitten herstelt of uit de weg ruimt. Dit kan bijdragen aan het begrijpen en voorkomen van ziektes als Alzheimer, Parkinson of taaislijmziekte.
12
Leidraad
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
één studie
twee wegen Waar een studie toe kan leiden: Bestuurskunde
NR. 1 2026
Berthe van der Peet (44) CV
Oprichter recruitmentbureau 2ASSISTU
2003-2006 Bestuurskunde, Universiteit Leiden 2007-2008 Recruitment-consultant, YER 2009-2014 Stafadviseur en manager clinical research bureau, VUmc 2015-2020 Freelance recruiter 2020-nu Oprichter en eigenaar 2ASSISTU, specialist in de bemiddeling van administratieve professionals
J
e bent na je studie vrij snel een andere kant op gegaan. Hoe kwam dat? ‘Tijdens mijn studie liep ik stage op verschillende plekken in de publieke sector, onder meer bij gemeenten. Al snel merkte ik dat je in die werk omgeving veel geduld nodig hebt voordat je iets bereikt. Afstemmen, wachten, afhankelijk zijn van anderen… Een dynamiek die niet echt bij mij past. Ik ben meer van knopen doorhakken, resultaatgericht werken. Toen ik na mijn studie aan de slag kon als recruiter, koos ik bewust voor een meer commer ciële omgeving.’
Want je wilde per se naar Leiden? ‘Ja, ik heb eerst voor de stad gekozen en pas daarna voor de studie. Dat zat ’m ten eerste in de charme van de oude, karaktervolle stad. En daarnaast in het verenigingsleven, de ‘huizencultuur’: Leiden is een echte studentenstad. Daar heb ik ontzettend van genoten. Het vormende element van mijn studietijd was voor mij heel waardevol. Uiteindelijk heb je in je verdere carrière ook veel aan die sociale vaardigheden. Bij mij was het ritme: zes weken lol en genieten, twee weken blokken voor de tentamens.’ Zou je dat ook aanraden aan de studenten van nu? ‘Ik denk dat dat haast niet meer kan, met het bindend studieadvies van nu. Bovendien was het ook op sociaal gebied een andere tijd, zonder mobiele telefoons en sociale media. Ik zou vooral zeggen: kies een studie waar je je goed bij voelt, durf je eigen pad te kiezen. Te vaak heb ik mensen zien vastlopen die iets kozen waar ze niet gelukkig van werden. Blijf dicht bij jezelf en geniet van je studententijd.’
TEKST: MARTIJN VAN LITH, FOTO’S: HIELCO KUIPERS
Had je terugkijkend liever een andere studie gedaan? ‘Nee, ik heb geen spijt van bestuurskunde. Het is een interessante en brede studie, waarin ik ook veel heb geleerd over management en organisatie, recht, filosofie, marketing en communicatie. Maar toch, als er toen een studie in Leiden was geweest die zich op ondernemerschap richtte, had ik die misschien wel gekozen.’
13
Ebbinkhuijsen CV Sanne Strategisch omgevingsmanager bij Dunea (41)
2003-2009 Bestuurskunde, Universiteit Leiden 2010-2015 Adviseur, Arcadis 2015-2017 Medewerker landbouwbureau, Nederlandse ambassade in Rwanda 2017-2018 Programmasecretaris Nationaal Park Hollandse Duinen, Dunea 2018-nu Strategisch omgevingsmanager, Dunea
W
at doet een strategisch omgevings manager? ‘Kort samengevat breng ik bij Dunea de buitenwereld naar binnen en de binnenwereld naar buiten. Ik onderhoud de relaties met onze samen werkingspartners. Het mooie van mijn vak: je kijkt niet alleen naar de organisatie zelf, maar ook naar wat partners nodig hebben en hoe je elkaar kunt versterken.’ Hoe kwam je in de wereld van het water terecht? ‘Min of meer per ongeluk. Mijn scriptie ging over de besluitvorming in tijden van crisis, waarbij onder andere orkaan Katrina en een aantal grote overstromingen in Bangladesh aan de orde kwamen. Zo hield ik me ineens met allerlei wateronderwerpen bezig. Vervolgens raakte ik op een borrel in gesprek met iemand die bij Arcadis werkte. Daar hadden ze een divisie water waarin ze ook crisismanagement projecten deden – en daar was een vacature.’ En nu werk je nog steeds aan wateropgaven. ‘Ja, al heb ik tussendoor twee jaar in Rwanda gewerkt aan landbouwsamenwerking met Nederland. Eenmaal terug werd ik benaderd door een oud-collega die inmiddels bij Dunea werkte. Mijn eerste gedachte was: een drinkwaterbedrijf, is dat niet saai? Maar al snel merkte ik hoe boeiend water en natuur zijn. Ik krijg veel energie van de samenwerking met mijn technische collega’s. In mijn rol kan ik mijn nieuws gierigheid kwijt. Bovendien komt mijn brede blik als bestuurskundige van pas als het gaat om besluitvorming en het samenbrengen van belangen. En ik werk aan een belangrijke missie: voldoende en schoon drinkwater voor iedereen, nu en in de toekomst.’ Heb je dat ook meegenomen uit je tijd in Rwanda? ‘Ja, zo’n ervaring plaatst zaken in een ander perspectief. Bijvoorbeeld de vanzelfsprekendheid van een gezonde en veilige leefomgeving in Nederland. Ook vraagt het flexibiliteit om je te bewegen in zo’n andere, nieuwe omgeving. Hier zijn veel dingen strak georganiseerd. Daar merkte ik: met een wat lossere houding kom je net zo goed tot resultaten. Je hoeft niet alles uit te stippelen, soms kun je gewoon meebewegen.’
14
NR. 1 2026
Nooit te laat om te starten
Leidraad 15
NR. 1 2026
Als je de begindagen van het internet hebt meegemaakt, is de kans groot dat Startpagina.nl daadwerkelijk op je computer stond ingesteld als startpagina. Google kenden we in de late jaren negentig nog niet, maar Durk Jan de Bruin wees ons met zijn vinding al de weg, vlak na de afronding van zijn studie Informatica in Leiden.
TEKST: FRED HERMSEN, FOTO’S: FRANK RUITER
O
p de vraag of Durk Jan de Bruin zichzelf zou omschrijven als ondernemer, komt geen eenduidig antwoord: ‘Geld heeft nooit een hoofdrol gespeeld. Misschien ben ik eerder een hobbyondernemer.’ Toch kennen we hem wel degelijk als een succesvol zakenman. Het idee voor Startpagina. nl kreeg hij vlak na zijn avondstudie Informatica (1990-1997) aan de Universiteit Leiden. Durk Jan was dertig toen hij startte met de studie, naast zijn baan bij Fokker op Schiphol, de legendarische vliegtuigbouwer die later in dat decennium van het toneel zou verdwijnen. Voor zijn vader bouwde hij – nog maar net afgestudeerd – in 1998 een browser avant la lettre om orde te scheppen in de ‘bibliotheek na een aardbeving’ die het prille internet op dat moment nog was. Zijn verhaal over die periode is doorspekt met typeringen als ‘toeval’ en ‘het kwam gewoon op mijn pad’. Zo maakte De Bruin eind jaren tachtig binnen Fokker de overstap van werktuigbouwkunde naar IT. ‘Niet omdat ik dat zelf ambieerde, maar omdat mijn baas dat voor mij besloten had bij een reorganisatie.’ Tijdens zijn studie in Leiden specialiseerde hij zich in websites en HTML. ‘Buiten de universiteit waren dat nog nauwelijks onderwerpen, maar het was wel onderdeel van de studie.’ Hij zag wel meteen de potentie ervan. ‘Je had nog geen richtingwijzers op internet.’
Beeldscherm vol hyperlinks
Toen vriend en programmeur Jeroen Paternostre hem een zelfgebouwde website voor eigen gebruik liet zien, herkende Durk Jan onmiddellijk de genialiteit ervan. ‘Heel simpel, alleen maar linkjes in categorieën geordend, zonder
beeldmateriaal.’ Op de terugweg in zijn auto bedacht hij de naam Startpagina.nl en op zijn zolderkamer zette hij de eerste basale website in elkaar, met zijn vader als doelgroep in gedachten. Een beeldscherm vol hyperlinks naar onder meer kranten, telefoonboek, Gouden Gids en NS reisplanner. Met Jeroen en gezamenlijke vriend Jan Willem Tjaden maakte hij er een bedrijf van. In zijn vrije uren struinde Durk Jan openbare bibliotheken en andere openbare instellingen af om Startpagina.nl eigenhandig in te stellen als openingsscherm van publiekscomputers. ‘Online mond-tot-mondreclame deed de rest.’
Honderden dochterpagina’s
‘Die naam bleek een gouden greep’, blikt hij terug. ‘In 1998 was er een stringent beleid voor nieuwe websitenamen. Slager.nl kreeg je bijvoorbeeld niet goedgekeurd. Dergelijke namen zouden een ongelijk speelveld in de markt creëren. In Startpagina.nl zag niemand gevaar, nog niet in het volle besef dat fietsenmaker.startpagina. nl de volgende stap zou kunnen zijn. Ik kon dat zelf toen trouwens ook nog niet voorzien.’ Toch vertakte de website zich al snel na de lancering op 15 september 1998 in honderden dochterpagina’s, opgezet door enthousiaste vrijwilligers die de laagdrempelige aanpak van Durk Jan wel sympathiek vonden. Op het hoogtepunt waren er zo’n vijfduizend. ‘Je had op dat moment veel IT-bedrijven die zich ook met internet gingen bezighouden, zij associeerden zich met de grachtengordel en glimmende leaseauto’s. Wij koesterden het nerdy imago van hobbyisten op een zolderkamer. Ook omdat we daadwerkelijk geld en status niet belangrijk vonden.’ Toch
16
Leidraad
NR. 3 2025
‘ Ik heb een calvinistisch werkethos’ kwam er al snel commercie om de hoek kijken: Bedrijven begonnen enorme bedragen te bieden om op Startpagina te komen en een aantal slimmeriken bood op die dochterpagina’s commerciële diensten aan. ‘Later hoorde ik van iemand van de domeinregistratie dat Startpagina.nl eigenlijk nooit goedgekeurd had mogen worden, haha.’ Twee jaar na de start besloot De Bruin zijn bedrijf van de hand te doen aan VNU. Hij kreeg er goed geld voor – bedragen tot 30 miljoen gulden circuleren op internet, zelf bevestigt noch ontkent hij deze inschattingen. De verkoop maakte hem hoe dan ook onafhankelijk.
Pont over het Spaarne
Na de verkoop van Startpagina vertrok hij met zijn vrouw naar Chili en zette myShop.com op, een website waarmee ondernemers zelf een website konden bouwen. In 2012 verkocht de internetondernemer deze website met winst. Inmiddels woonde hij weer in Nederland met zijn nieuwe relatie, nam een sabbatical en volgde diverse cursussen persoonlijke ontwikkeling zoals Stembevrijding. Maar het vrije leven beviel hem niet. Hij maakte de overstap naar het onderwijs en haalde drie didactische masters aan de Universiteit van Amsterdam. ‘Ik ben nu eenmaal van life long learning.’ De Bruin leidt nu eerstegraads wiskundeen informaticadocenten op aan die universiteit. Twee ochtenden in de week is hij daarnaast leraar wiskunde en informatica aan een middelbare school. Op vrijdagochtend
vaart hij als vrijwilliger een pont over het Spaarne en in de middag volgt hij een cursus Spaans.
Bergwandelaar
Het ondernemende is nooit ver weg. ‘Ik pak weliswaar veel aan – mijn vrienden noemden me ook wel Druk Jan – maar ik ben niet event driven. Als ik iets leuks in de krant lees, zal dat mij niet inspireren om dezelfde dag nog iets nieuws aan te pakken. Ik kan heel goed nee zeggen. Maar als ik eenmaal ja zeg, zet ik ook door. Ik reageer dan snel en hou mijn focus scherp.’ Hij maakt de vergelijking met een bergwandelaar. ‘Soms neem je een afslag die leidt naar een afgrond waardoor je tocht naar de top vastloopt. Zodra ik dat doorkrijg, keer ik direct om en loop ik terug naar het kruispunt om de andere afslag in te slaan op weg naar mijn doel. Ik zie dat lang niet iedereen dat doet. Maar het is wel de manier die je leert als internetondernemer: je probeert veel, en als je vastloopt verken je snel iets anders.’ Hij ziet: ‘In grote organisaties ligt dit lastig. Een directeur verzint een koers, en als die in de praktijk niet werkt, blijkt het lastig om erop terug te komen. Om die reden zijn succesvolle internetbedrijven vrijwel altijd gestart als kleine en flexibele start-ups; denk maar aan Google, Nu.nl en Marktplaats.’
Snel schakelen
Of hij dat zelf ook zo ervaren heeft na de verkoop van Startpagina? ‘Toen de vuurwerkramp in Enschede plaatsvond,
NR. 1 2026
Durk Jan met zijn collega’s in de begintijd van Startpagina.nl.
was ik met Jeroen en Jan Willem aan het werk in Portugal. We stonden op het punt om naar een restaurant te gaan toen we het nieuws hoorden. We hebben toen direct een forum op Startpagina gemaakt, wat enorm druk werd gebruikt door mensen met allerlei vragen. Met z’n drieën konden we snel schakelen. Die snelheid heeft het platform nu niet meer.’ Ander voorbeeld: ‘Ieder jaar brachten we met oud en nieuw vlak voor middernacht de uitslagen van de Oudejaarstrekking van de Staatsloterij. Zaten wij te buffelen als anderen de champagne ontkurkten. Hierin herken je de gedrevenheid van ondernemers die zelf eindverantwoordelijkheid dragen. Dat veranderde helaas na de overname door een multinational. Startpagina had in onze tijd vijf miljoen bezoekers per dag, nu is het nog steeds een mooi platform, maar trekt het vijf miljoen bezoekers per maand.’
Zomaar zeven jaar
Die tomeloze inzet was er nog niet in zijn vroege jeugd. ‘Ik groeide op in Haarlem, in een academisch milieu. Mijn moeder was neerlandica en mijn vader was rechter in Alkmaar en richtte Amnesty International op in Nederland. Zeg maar gerust een workaholic. Hoewel mijn ouders een keer terugkregen van school dat ook ik prestatiegericht zou zijn, deed ik het toch best rustig aan: eerst vwo geprobeerd, toen mavo en daarna havo. In mijn vrije tijd sleutelde ik aan brommers. Op mijn achttiende kreeg ik een oproep voor militaire dienst, maar daar voelde ik niets voor. Daarom vertrok ik na de hts Werktuigbouwkunde naar Chili, met de boodschap aan mijn ouders: “Ik kan twee maanden weg zijn, maar het kan ook zomaar zeven jaar worden.” Ik zwierf er rond, verdiende geld met pianospelen in cafés en restaurants, sliep op banken van vrienden en at bij kraampjes op straat. Fantastische tijd. Ik ontmoette er mijn toenmalige vrouw met wie ik twee kinderen kreeg.’ (De Bruin heeft nu samen met zijn derde vrouw een samengesteld gezin met zeven kinderen). Na een jaar keerde hij weer terug. ‘Vlak na de landing dacht ik: “En nu gooi ik het roer om en ga er met volle focus tegenaan.”’ Zo werd hij volhouder in de zware afvalrace die hij zijn zevenjarige studie Informatica voor avondstudenten noemt. Ook richtte hij zijn focus op het lopen van marathons. Inmiddels zijn dat er meer dan tweehonderd. ‘En dat brengt mij ook ieder jaar naar het mooie Leiden, waar ik jaarlijks meeloop in de marathon.’
Anders examineren
‘Ik moet even iets corrigeren’, brengt hij plotseling in. ‘Zei ik eerder dat ik een hobbyondernemer ben? Dat klopt niet. Ik ben honderd procent ondernemer. Ook in mijn rol als docent en vakdidacticus. Ik kijk direct na als een student een scriptie inlevert. Als we in een docentenoverleg praten over AI in het onderwijs, doe ik niet mee met de gebruikelijke klaagzang daarover. Ik benoem de grote kansen ervan. AI heeft mij geholpen om te doorgronden wat
17
Ontroerd
Durk Jan de Bruin herinnert zich weinig van Leiden als studentenstad. ‘Avondstudenten zijn serieus. Ik heb ook geen vrienden aan mijn Leidse tijd overgehouden. Mijn studententijd had ik in Haarlem aan de hts gehad. Op moeilijke momenten hield ik mezelf overeind met het vooruitzicht van mijn handtekening in het Zweetkamertje. Dat moment ontroert me nog steeds. Ik beleefde het samen met ouders die even trots waren als ik. Ik kreeg een dun potloodje uitgereikt en zette mijn naam in een onopvallend hoekje, om te voorkomen dat ik later weer de vergetelheid in gegumd zou worden. Tot mijn verbazing toverde op dat moment een studiegenoot naast me een grote zwarte stift uit zijn binnenzak.’
kwantummechanica behelst doordat ik al mijn vragen erover kon voorleggen, met wonderschone antwoorden als resultaat. Ik gebruik AI ook in mijn middelbareschoollessen om kinderen tot slimme vragen aan te zetten. En onderweg naar dit interview heb ik zelf nog vragen aan AI gesteld over mijn lessen Spaans. Ik zie AI als adviseur die mij als leergierige slimmer kan maken. En natuurlijk moet je hierdoor anders gaan examineren in het onderwijs, meer mondeling toetsen. Maar is dat niet de kern van academisch onderwijs, de dialoog met de docent?’
Isaac Newton
Dus ondernemer? Inspirator? Ja. Maar wel een zonder veel poeha. De Bruin: ‘Ik heb een calvinistisch werk ethos.’ Op de vraag wie hem daartoe inspireerde, zet hij een joker in: ‘Daar kom ik later op terug.’ Het antwoord zou in tweeën komen. Daags na het interview mailt hij de naam Ingvar Kamprad van IKEA. ‘Iemand die vanuit niets iets groots heeft neergezet. Hij had een eenvoudige levensstijl en reed in oude tweedehandsauto’s.’ Om de ochtend daarna met zijn definitieve antwoord te komen. ‘Toen ik vanochtend wakker werd, sprong mijn ongekend veelzijdige held Isaac Newton naar voren. Niet alleen briljant in natuurkunde, maar ook in wiskunde en astronomie. En hij was een keiharde werker met het vermogen om compleet nieuwe concepten te bedenken. Echt een enorme inspiratiebron.’
18
Leidraad
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
NR. 1 2026
Hoop voor de generatie van de toekomst
In het jaar waarin de universiteit haar 450-jarig jubileum vierde, stonden kinderen en jongeren centraal bij het Leids Universiteits Fonds. Dr. Laura Nooteboom, Hoofd Onderzoek LUMC Curium, wier onderzoeksgroep verschillende onderzoeken naar jongeren met ernstige mentale problemen uitvoert, blikt terug op een jaar Kinderfonds. ‘De opbrengst van het afgelopen jaar is enorm. Dit onderwerp raakt zoveel mensen. Dat heeft mij ontroerd.’
DOEL IN ZICHT
Bekijk het filmpje met Carlijn via de QR-code
TEKST: NIENKE LEDEGANG
Meer dan donaties
Wat Nooteboom zo raakt, zijn niet alleen de donaties, die het onderzoek naar de inzet van ervaringsdeskundigen bij jongeren met mentale problemen mogelijk maken. ‘Ik ben ook geraakt door de berichten die ik heb gekregen. Zo kreeg ik een bericht van een alumnus die zei: “Ik heb geen geld, maar wel ervaring. Kun je daar iets mee?” Je merkt dat dit onderwerp leeft. Iedereen kent wel een jongere die het zwaar heeft.’
Groeiende Hoop en groep jongeren perspectief Het onderzoek van Nooteboom en haar team richt zich op de groeiende groep jongeren die zich eenzaam voelt, een gebrek aan verbondenheid ervaart en last heeft van de g rote maatschappelijke druk om te presteren. ‘We willen onderzoeken hoe we ervaringsdeskundigen inzetten om hen te helpen. We zien dat daar goede resultaten mee te halen zijn, maar we willen weten hoe je die het beste kunt inzetten.’
Een hoopgevend verhaal is dat van Carlijn Hoogeveen. In een filmpje vertelt ze hoe ze na een periode met zeer depressieve klachten uit het dal kwam, mede dankzij een ervaringsdeskun dige. ‘Ik had iemand nodig die mij echt begreep en ook had meegemaakt wat ik meemaakte. De persoon met wie ik in contact kwam zei: ‘Bij mij is het goed gekomen, dus er kan hoop zijn. Dat gaf perspectief.’ Carlijn is nu zelf ervaringsdeskundige.
In het jubileumjaar van de universiteit ging de opbrengst van d iverse activiteiten naar de drie projecten van het LUF Kinderfonds, zoals de Science Run. De deelnemers haalden een recordopbrengst voor het goede doel op. Het Sleuteldragers diner is een jaarlijks hoogtepunt waar schenkers bijeenkomen voor een combinatie van ontmoeting en wetenschap. In dit b ijzondere jaar vond het diner in de P ieterskerk plaats en ging de opbrengst naar het Kinderfonds. Uw donatie is nog steeds zeer welkom. Eind november stond de teller op 93% van het gestelde doel: 450.000 euro. Maar het jaar is nog niet voorbij. De universiteit is als u deze Leidraad ontvangt nog een maand lang 450 jaar.
lufkinderfonds.nl
NR. 1 2026
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
Leidraad 19
in de familie
Een goed verhaal houden
TEKST: MARIJN KRAMP, FOTO: SIMON LENSKENS
Geen druk op zoon Philip, derdejaars rechtenstudent in Leiden, maar zij: Digna van Herwaarden, haar ouders, grootouders, overgrootouders en bet overgrootouders hebben zich altijd voor de publieke zaak ingezet. Philip lacht. Hij weet dat hij zijn eigen pad mag kiezen. Dat deed zijn moeder (rechts op de foto) ook toen ze voor bestuurskunde koos. Die studie was in 1988 relatief nieuw. Haar vader, die rechten in Leiden had gedaan en rijksambtenaar was, vond het geen echte studie. ‘Daar is hij later op teruggekomen. Hij was trots op mij’, zegt Digna. Digna’s moeder Cathrien (links op de foto) had destijds geen vrije keuze. De burgemeestersdochter wilde in 1957 sociologie studeren maar mocht dat niet van haar vader, gepromoveerd in het staatsrecht in Leiden. ‘Sociologie was geen studie, vond hij. Het moest theologie worden. Een taaie studie.’ Ze leerder er niettemin veel van,
waaronder spreken in het openbaar. Ook nam ze deel aan allerlei besturen.’ Digna: ‘Mijn moeder was fractievoorzitter van D66 in Den Haag en een van de oprichters van ProDemos. Ze deed ook veel op het gebied van cultuur. Wij hebben de nevenfuncties van mijn ouders weleens bij elkaar opgeteld en kwamen tot meer dan tachtig.’ Ook Digna dient het openbaar bestuur, in het hoger management van ministeries. Haar studie was een schot in de roos en ook zij ontdekte in Leiden allerlei besturen en clubjes. ‘Ik heb er, net als mijn moeder, leren speechen.’ Dat ziet ze weer terug bij Philip die tijdens het gesprek boven zijn studieboeken hangt. ‘Binnenkort tentamen, en weinig colleges bezocht’, verklaart hij zijn vlijt. Moeder vervolgt: ‘Ik was erbij toen hij voor het eerst moest pleiten. Dat was bijzonder. Ook hij legt er, net als mijn moeder en ik, eer in om een goed verhaal te houden.’
Leidraad
terug in de banken
20
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
Basir Sultanzadah
In
TEKST: ERIC DE JAGER, FOTO: HIELCO KUIPERS
Basir Sultanzadah moest zijn geboorteland Afghanistan ontvluchten en zijn opleiding als arts opnieuw doen. In de tussentijd leerde hij nieuwe technieken en een nieuwe cultuur kennen. WEER OP NUL BEGINNEN ‘Ik moest terug in de banken om mijn artsenopleiding voor de tweede keer te doen. In mijn geboorteland Afghanistan was ik afgestudeerd als basisarts. Ik wilde me specialiseren tot kinderarts, maar voordat het zover kwam, moest ik in 2000 met mijn familie vluchten. In Nederland heb ik mijn Afghaanse diploma laten waarderen en uitgezocht welke wegen ik moest bewandelen om mijn vak uit te oefenen. Het duurde lang voor ik duidelijkheid kreeg over
mijn verblijfsstatus. Er ging van alles mis en er was nauwelijks kans om me te ontwikkelen.’ BELANGRIJK DOEL ‘Ik heb mij, zolang ik niet mocht werken en studeren, verdiept in de Neder landse gezondheidszorg. Ik heb meegelopen bij een huisarts, een apotheek, een ziekenhuis. Uiteindelijk mocht ik in 2007 de verkorte opleiding tot basisarts volgen in het Erasmus MC. Daarvoor heb ik in dat ziekenhuis een tijd koffie rondgebracht en de bedden verschoond. Ik moest eerst laten zien dat ik gemotiveerd was, ondanks de onzekerheid over mijn verblijf. Maar ik had een belangrijk doel: ik wilde mijn beroep terug. Dat lukte. Voor een groot deel was de opleiding een herhaling, maar ik leerde wel
すべての言語
om te gaan met nieuwe technieken en een andere cultuur.’
DRIE KEER LUMC Uiteindelijk ben ik naar het LUMC gegaan voor mijn specialisatie ouderengeneeskunde en de opleiding tot kaderarts eerste lijn. Sinds half november ben ik docent bij de Specialisme Ouderengeneeskunde Opleiding LUMC. Via een cursus intervisie werd mijn interesse voor het overbrengen van kennis aangewakkerd. Ik ga het komende jaar veel bijleren over de inhoud van het docentschap, en daar hoort ook weer een cursus bij. Wat mij betreft blijf ik mijn hele leven terugkeren in de banken.’
Omnibus
Meer weten over onderwijs voor professionals? Universiteitleidenacademy.nl
21
تاغللا لكب
Sa lahat ng wika
n tutte e lingue
Na svim jezicima
In alle tale
In allen Sprachen
語で
s linguis
În toate limbile
Em todos os idiomas
In alle talen
I gagana uma
Kaikilla kielillä
所有语言
På alle sprog
In tutte le lingue
שה לכב
Tüm dillerde
Van kleitablet tot AI: taal is sinds mensenheugenis de motor van communicatie. Maar een (vreemde) taal spreken alleen is niet genoeg. Het gaat ook om wat je tussen de regels leest en of je de bedoeling van de ander écht begrijpt. Het bestuderen van talen en culturen is daarom de sleutel tot de belangrijkste opgave van onze tijd: meer wederzijds begrip.
På alla språk
Vo všetkých jazykoch
Minden nyelven
Luu oo
모든 언어로
Baba dadada ta
Dina sagala basa
I ngach te
We wszystkich językach
BIJ GEBREKE VAN TAAL, GEEN RECHT* Mignon de Lange (links) en Pauline Memelink
FOCUS In alle talen 23
Schrijven, lezen, argumenteren, tolken: geen vakgebied waarin taal zo’n grote rol speelt als het recht. Aan de L eidse Faculteit der Rechtsgeleerdheid werken Mignon de Lange en Pauline Memelink met zachte, maar dwingende hand aan de taalvaardigheid van onze toekomstige juristen. e Lange en Memelink, beiden met ruime ervaring als onder meer advocaat en docent aan de universiteit, zien het elk jaar opnieuw: op de tweede dag van het collegejaar spelen eerstejaars een korte taalquiz en elke keer blijkt dat de basale taalvaardigheid van velen van hen schromelijk tekortschiet. De twee zetten zich hard in om het taalniveau van de studenten op peil te krijgen en hun juridische taal te leren. ‘Er is een duidelijk verband tussen taalvaardigheid en het succesvol afronden van de studie.’ Samen leggen ze uit waaróm taal zo onmisbaar is in de juridische praktijk. ‘Fundamenteel zelfs’, aldus De Lange.
TEKST: NIENKE LEDEGANG, FOTO: ROB OVERMEER
LEZEN EN SCHRIJVEN
‘Een van de eerste opdrachten voor eerstejaars is het lezen van een arrest van 20 pagina’s’, zegt Memelink. ‘Je ziet hen dan denken: “Wat is dit?” Ze hebben geen idee hoe je zo’n arrest moet lezen. Ze kennen veel woorden niet en hebben moeite met de opbouw en de lange zinnen van de Hoge Raad. Juridische taal ís ook vaak lastig en complex. Dat heeft te maken met de nuances die bij juridische teksten horen. In het herkennen daarvan moet je getraind worden. Een volgende stap is om zelf een juridisch stuk te schrijven; je gedachten te verwoorden. Dat vraagt veel van je taalvaardigheid, maar ook van je logica. Het
vak Moot Court besteedt aandacht aan de belangrijke combinatie van lezen, schrijven en pleiten.’
TOLKEN EN HERTALEN
De Lange: ‘Als advocaat ben je de tolk tussen de rechter en je cliënt. Je probeert in begrijpelijke taal aan je cliënt uit te leggen wat de rechter zegt, maar ook leg je aan de rechter uit wat de cliënt bedoelt. Dat betekent dat je je op allerlei taalniveaus moet kunnen redden, niet alleen in de juridische taal, maar bijvoorbeeld ook in straattaal. Het is voorgekomen dat een rechter op basis van een geluids tape concludeerde dat een verdachte opdracht gaf voor moord. De advocaat kon echter betogen dat een straat begrip verkeerd geïnterpreteerd was. Ook rechters moeten verschillende ‘talen’ beheersen. Je moet er zeker van zijn dat een verdachte begrijpt wat je zegt.’
* TAAL IS ONMISBAAR IN DE JURIDISCHE PRAKTIJK
ARGUMENTEREN EN BETOGEN
‘Juristen beschrijven feitelijke en juridische situaties. Afhankelijk van je rol, bijvoorbeeld als rechter, bedrijfsjurist of advocaat, kunnen die beschrijvingen verschillen. Zo moeten advocaten in hun betoog positieve argumenten voor hun cliënt voor het voetlicht brengen zonder dat de waarheid in het geding komt en zonder negatieve argumenten geheel te negeren. Dat lukt alleen met goede taalvaardig heden’, zegt De Lange.
JARGON EN WOORDENSCHAT
‘Als jurist, advocaat of rechter kun je met specialistische onderwerpen te maken krijgen’, aldus Memelink. ‘Ik begon zelf als advocaat in de ‘groene sector’ en werkte voor boeren en tuinders. Daardoor wist ik na een tijd van alles over kassen en plantenziekten. Je moet je de taal van je cliënt eigen maken. En als een rechter een uitspraak doet in een bitcoinzaak, moet hij wel weten wat dat is.’ De Lange: ‘Heel specialistisch jargon brengen wij de studenten niet bij, maar we werken wel intensief aan hun woordenschat. Hierbij spelen spreekwoorden en gezegden een grote rol. Die drukken met heel weinig woorden uit waar iets om draait. Studenten moeten begrijpen wat de hoogleraar, en later een rechter, bedoelt als hij zegt: “De soep wordt niet zo heet gegeten als hij wordt opgediend”.’
FOCUS In alle talen
24
Als arts en patiënt elkaar niet begrijpen
‘Voor taal ontwikkeling is interactie nodig’
Susana Valdez is universitair docent vertaalwetenschap en doet onderzoek naar taalbarrières in de zorg. Google Translate blijkt niet voldoende in de spreekkamer. ‘Je moet altijd rekening houden met culturele verschillen.’
aldus alumna Mary
MARY DE BOER (1965) 1983-1987 opleiding Logopedie/Akoepedie, Amsterdam 1991-heden Logopedisch Centrum Haarlem 2000-2008 Opleiding tot Stottertherapeut 2016-2021 Bachelor Psychologie, Leiden 2024-heden Medisch Centrum ’t Sant als POH-GGZ-Jeugd 2022-2025 master Child and Adolescent Psychology, Leiden
ukt het mensen met een migratieachtergrond om gezondheidsinformatie tot zich te nemen? Weten ze de informatie überhaupt te vinden en is het duidelijk genoeg? Door hier onderzoek naar te doen, bijvoorbeeld door de communicatie rond vaccinaties te analyseren, hoopt Valdez de gezondheidszorg inclusiever te maken. ‘De zorg moet voor iedereen toegankelijk zijn, met of zonder migratieachtergrond. En dat begint met taal.’ Leve Google Translate? Was het maar zo simpel. Voor de duidelijkheid: Valdez is niet tegen het gebruik van AI-vertalingen in de zorg, maar, benadrukt ze: ‘In een medische setting is het onvoldoende of zelfs riskant om via AIte communiceren met elkaar. Laat ik het zo zeggen: via Google Translate kun je heel gemakkelijk een afspraak maken. Kom je te laat, dan zijn de consequenties niet groot. Het wordt een ander verhaal als de zorgverlener je via Google Translate toestemming vraagt voor een operatie. Dan moet je als patiënt toch echt precies begrijpen wat er staat te gebeuren, voordat je toestemming geeft.’
Wantrouwen TEKST: NICOLLINE VAN DER SPEK
‘Rond het eerste levensjaar komen de eerste woordjes. Als het spreken niet of onvoldoende op gang komt, kan een logopedist helpen. Mijn specialisaties zijn stotteren, verworven neurologische stoornissen en kinderen die niet of nauwelijks spreken. Soms is er sprake van een taalontwikkelingsstoornis (TOS), een neurocognitieve ontwikkelingsstoornis waarbij de hersenen taal minder goed verwerken. Een kind met TOS heeft moeite met praten of het begrijpen van taal. Ook te weinig taalaanbod kan een rol spelen. Voor een goede taalontwikkeling is interactie nodig. Taal begint met imiteren. Kinderen die nog geen woorden of zinnen gebruiken, uiten zich op andere manieren, zoals wijzen of ouders ergens mee naartoe trekken. Wanneer ouders daarin meegaan, hoeft het kind minder te praten. Een kind dat niet begrepen wordt, kan boos worden of gaan huilen. Ik help deze kinderen bij het maken van contact en voer gesprekken met ouders. Ook geef ik feedback over de interactie en wijze van stimulatie van taal als ouders met hun kind spelen. Ik adviseer altijd: sluit aan bij de interesse van je kind en kom van daaruit tot taal.’
Wanneer arts en patiënt elkaar niet goed begrijpen kunnen de consequenties groot zijn, waarschuwt Valdez: ‘Het kan leiden tot het stellen van de verkeerde diagnose. De patiënt kan de voorgeschreven medicijnen verkeerd innemen. De zorg kan duurder worden omdat er te veel onnodige stappen worden gezet. Er kan wantrouwen ontstaan als gevolg van culturele verschillen. In Nederland zijn de zorgverleners gewend met hun patiënt te overleggen. De patiënt krijgt keuzes voorgelegd. In andere culturen wordt dit niet altijd goed
Huisar tsenp raktijk R.M. De Haa s 071-3458901
25 Praktijkbez oek Zonder afsp raak ma-vr 8-9u Met afspraak ma-vr 11-17u
‘Een taal leren is een verrijking’ aldus alumnus Jarryd
Heer/mevro uw: Adres:
egrepen. Waarom laat de arts mij kiezen? De arts is toch de b expert. Het kan tot wantrouwen leiden en uiteindelijk tot het mijden van zorg.’
Training
Nederland is een meertalig land, maar de zorg is in het Nederlands. Dat is een bewuste keuze van de politiek, anders remt de integratie. In 2012 zijn de zorgtolken afgeschaft. Mensen met een migratieachtergond nemen nu vaak familie mee naar het spreekuur. De arts probeert met handen en voeten tot de patiënt door te dringen. Valdez pleit voor het trainen van zorgverleners in het tackelen van taalbarrières. ‘De zorg verdient op dit gebied veel meer ondersteuning. Daar draag ik met mijn onderzoek graag aan bij. Ik help met het opstellen van richtlijnen voor juist gebruik van AI-vertalingen in de zorg. Daarnaast streef ik ernaar zorgverleners bewust te maken van het feit dat elkaar begrijpen niet alleen afhankelijk is van taal. Er is ook begrip van elkaars cultuur nodig. Neem het woord ‘pijn’. Wanneer gaan we met pijn naar de dokter? Dat verschilt per cultuur. Als je op de hoogte bent van de culturele verschillen, neemt het ver trouwen toe en kan zorg veel efficiënter worden ingezet.’
Susana Valdez
Susana Valdez is universitair docent vertaalweten schap aan het Centrum voor Taalwetenschap van de Universiteit Leiden. Ze is gespecialiseerd in medische vertalingen en leidt projecten die eye-tracking, vaccinatiecommunicatie en AI-geletterdheid onderzoeken.
‘Hier op school, een middelbare school in Breda, waar ik conrector ben en docent Frans, moet ik op de open dagen altijd uitleggen waarom het belangrijk is om een taal te leren. Taal is het werktuig van de geest en leert je over andere culturen, wat juist in deze tijd heel belangrijk is. We leven in een tijd waarin mensen elkaar steeds meer aan het verliezen zijn, dan is een nieuwe taal leren een verrijking. Maar er is toch AI?, zeggen jongeren die twijfelen over een taal in hun pakket. Klopt, maar AI kent geen nuances en gevoel. Bovendien moet AI worden gevoed door mensen die de taal machtig zijn. Zelf heb ik Frans gestudeerd in Leiden. Toen ik mijn master deed waren we met zijn tienen. Wat heb je aan Frans, denken mensen, maar het is een grote wereldtaal, het wordt op elk continent gesproken. Binnen de EU is het de taal van de diplomatie. Frans is de taal van de literatuur en wetenschap. En het Frans is de basis van onze westerse beschaving met haar verlichte denkers en de trias politica van Montesquieu. Ik ben blij dat ik beide talen spreek en zeg altijd: het Nederlands is mijn minnaar, het Frans mijn echtgenoot.’
JARRYD JAMOENA (1988) 2006-2010 Lerarenopleiding Frans, Hogeschool Rotterdam 2009-heden Docent Frans 2015-2016 Premaster Franse Taal en Cultuur, Universiteit Leiden 2016-2017 Master Taal wetenschappen, Leiden 2017-2018 Educatieve Master Geesteswetenschappen, Leiden 2023-heden Conrector, docent Frans
FOCUS In alle talen 27
bABA dADADa tA* Baby Anna is pas 19 weken oud en draagt nu al bij aan wetenschappelijke kennis, al zal ze zich daar nog niet erg bewust van zijn. Voor haar telt vooral het zwarte mutsje dat ze op moet, en dat na een kwartier geconcentreerd luisteren toch tot wat irritatie en tranen leidt. Anna is vandaag te gast in het Babylab aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen. Ze draagt bij aan het onderzoek met als focus hoe baby’s tussen de ongeveer 4,5 en 10 maanden oud de klanken van talen leren begrijpen. Terwijl Anna bij haar moeder op schoot zit, luistert zij naar een reeks geluiden waarbij bijvoorbeeld toonhoogte of uitspraak verandert. Tegelijk draagt ze
een ingenieus hoofddeksel waarin de techniek functionele near-infrared spectroscopy (fNIRS) verwerkt is – een veilige, niet-invasieve manier om hersenactiviteit te meten.
Hersenontwikkeling
Universitair docent Szilvia Biro legt uit: ‘In dit geval gebruiken we fNIRS om hersenactiviteit te onderzoeken terwijl de baby geluiden hoort, maar we onderzoeken in het Babylab ook wat er gebeurt als ze naar gezichten, gebaren of menselijke bewegingen kijken. Dit stelt ons in staat te begrijpen hoe bepaalde hersengebieden zich specialiseren in taal en sociale vaardigheden, en hoe sociale interacties de v roege hersenontwikkeling vorm geven.’
Claartje Levelt is hoogleraar Eerste taalverwerving en is betrokken bij het taalonderzoek. Zij vertelt: ‘Dankzij onze metingen weten we nu dat baby’s al heel vroeg gevoel hebben voor klankstructuren – zelfs voordat ze kunnen praten – en dat hun hersennetwerken zich anders gedragen wanneer ze worden blootgesteld aan bekende of juist onbekende spraakklanken. Met dit onderzoek proberen we beter te begrijpen hoe de hersenen zich – stap voor stap – ontwikkelen en hoe taalverwerving in gang gezet wordt. Dit helpt niet alleen om te zien wat n ormaal is, maar kan ook aanwijzingen geven over hoe bijvoorbeeld taalproblemen vroeg op te sporen zijn.’
TEKST: NIENKE LEDEGANG, FOTO: ROSALIE VAN DER DOES
* Mijn eerste taalonderzoek
28
FOCUS In alle talen
In Nederland vinden we het heel normaal dat iedereen Nederlands spreekt. Maar in veel landen vallen de landsgrenzen niet samen met de grenzen van het taalgebied en is er een uitgebreider palet aan talen. Dat vormt de basis van Nancy Kula’s fascinatie. De professor Afrikaanse Taalkunde onderzoekt de diversiteit in de 600 Bantoetalen en meertaligheid bij kinderen op school. ula is geboren in Zambia. Waar zij vandaan komt is het normaal dat je meerdere talen spreekt. ‘De taal van je moeder, van je vader, van je vriendinnetje… Dat leer je allemaal op natuurlijke wijze en daar schakel je heel gemakkelijk tussen. Maar zodra je in Afrika op school komt wordt er maar in één taal lesgegeven: in die van de voormalige kolonisator. En dat is vaak een taal die veel kinderen niet beheersen.’ Het schoolsysteem sluit op die manier veel (talen)kennis van de kinderen uit. ‘Uit onderzoek blijkt dat meer dan vijftig procent van de Afrikaanse kinderen op school niet de taal kan spreken die ze het best beheersen.’
TEKST: MARIJN KRAMP, FOTO: ANP
Achterstanden creëren
Dat creëert achterstanden en dat is, behalve sociaal onrechtvaardig, ook niet goed voor de economie. ‘Als kinderen en jongeren hun volledige repertoire aan kennis kunnen inbrengen en hun volle identiteit mogen meenemen, leren ze meer en dragen ze uiteindelijk ook meer bij aan de economie. Voor een bloeiende economie is die lokale taal bovendien ook echt nodig. Want Engels is handig als je internationaal wilt opereren, maar een fietsenmaker heeft veel meer aan de lokale talen.’ Scholen, benadrukt
Nancy Kula
Shule zinapaswa kukaribisha wingilugha*
* ‘Scholen in Afrika moeten meertaligheid juist omarmen’ Kula, zouden meertaligheid juist moeten omarmen in plaats van uitsluiten. Ander onderzoek van Kula toont aan dat meertaligheid het makkelijker maakt om een nieuwe taal te leren. Ze onderzocht daarvoor hoe Marokkaanse studenten die Arabisch, Frans en de Berbertaal Tashelhiyt spraken, het Engels leerden. ‘Wij dachten dat hun eerste taal dominant zou zijn in het leerproces van een nieuwe taal. Maar dat bleek niet het geval. De studenten “shoppen” klanken uit alle talen die ze beheersen om een nieuwe taal te leren. Je baseert nieuwe geluiden dus op het arsenaal aan klanken dat je al kent.’
Nieuwe taal leren
Meertaligheid heeft dus een duidelijk voordeel bij het leren van een nieuwe taal. ‘Want hoe meer talen je beheerst, hoe meer klanken je tot je beschikking hebt die je kunt kopiëren bij het aanleren van een nieuwe taal.’
Nancy Kula, geboren in Zambia, is hoogleraar Afrikaanse Taalkunde bij het Centre for Linguistics. Ze promoveerde in 2002 in Leiden, had daarna tot 2006 een aanstelling bij LUCL en SOAS. Vervolgens trad ze in dienst bij de Universiteit van Essex, waar ze in 2016 professor werd. In 2024 keerde ze terug naar Leiden als hoogleraar Afrikaanse Taalkunde.
29
NR. 1 2026
‘Woorden ‘Woorden sturenons ons sturen gedrag’ gedrag’ aldus alumnus aldus alumnus Jens Jens
‘Woorden hebben een positieve of negatieve lading, vertel ik tijdens de workshops die ik geef aan bedrijven en organisaties. Voorbeeld: vroeger heette de sprinter nog stoptrein. Dat associeer je met veel stoppen. Een s printer is snel. En om nog even bij de trein te blijven, de NS heeft het niet langer over ‘vertraging’. Ze zeggen nu: u heeft tien m inuten extra reistijd. Voelt toch m inder erg. Een kwestie van de j uiste woorden kiezen, want woorden sturen ons gedrag. Dat weten ze in de r eclame al veel langer. Wat dacht je van de term ‘genotsmiddelen’ in de tabak- en drankindustrie? Ik heb veel geleerd van copywriters in de reclame, maar ik probeer met mijn bedrijf de taal vooral in te zetten voor duurzame transities. Minder vlees eten bijvoorbeeld. Hoe zet je mensen daartoe aan? Nou, niet door het als een offer te brengen. In België hebben ze een goede campagne, vind ik: Half-Half. Ze maken minder vlees eten concreet, de ene helft van de week wel vlees, de andere helft niet. Want je kunt wel zeggen dat je minder vlees moet eten, maar wat is dan precies ‘minder’? Kies woorden die werken. Vroeger k ochten we gewoon kip in de supermarkt, nu k ijken we of het geen plofkip is.’ JENS VAN DER WEELE (1988) 2006-2010 BA Geschiedenis, Groningen 2010-2012 MA Politiek debat, Leiden 2013-2019 Adviseur overheidscommunicatie, EMMA 2019-2022 Adviseur gedrags verandering, Nieuwe Wending 2023-heden Taalstrateeg, Transitietaal, eigen bureau in ‘verandercommunicatie’
30
Leidraad
Tussen de regels van de diplomatie Misverstanden door taal. Rogier Creemers maakt ze regelmatig mee. Als sinoloog en China-expert, met een focus op Chinees binnenlands digitaal technologiebeleid, heeft taal voor hem vele betekenissen. Van culturele code tot machtsmiddel en van communicatiemiddel tot schild. En dat botst wel eens.
TEKST: MARGRIET VAN DER ZEE, FOTO: IMAGESELECT
reemers is net terug uit China, waar hij als vertaler Chinese en Europese experts en diplomaten helpt elkaar beter te begrijpen. Hij ruimt de misverstanden die door taal ontstaan uit de weg om tot wederzijds begrip te komen. ‘Deze conferentie ging over internationaal recht in cyberspace. Ik zit daarbij om context te schetsen, omdat ik kennis van de taal, de geschiedenis en op digitaal technologisch vlak heb. Niet omdat de Chinezen geen Engels spreken, maar omdat Chinezen Chinees spreken met Engelse woorden. Onbekende uitdrukkingen leg ik uit, aannames weerleg ik.’
Taal als machtsmiddel
‘Chinese beleidsmakers vinden vaak dat de terminologie van internationale debatten is vastgelegd door het Westen, zonder inspraak van China’, vervolgt Creemers. ‘Dat is een dimensie van taal als macht waar China heel gevoelig voor is. Als in de diplomatie de krijtlijnen niet duidelijk zijn getrokken, zorgt dat voor misverstanden.’ ‘Mijn insteek is om de zaken vanuit de kant van China te bekijken. Ik heb een titel in Internationale Betrekkingen en ik ben gepromo-
veerd in de rechten, maar mijn expertise als sinoloog staat op één.’ Het leren van het Chinees was een investering die vooral tijd kostte. ‘Qua grammatica is Chinees de makkelijkste taal die ik heb geleerd. Chinese woorden zijn blokjes die grammaticaal nooit veranderen. Je leert die blokjes, en die moet je in de juiste volgorde zetten. Verder is het urenlang de karakters schrijven. Dat is de fysieke arbeid zoals het leren spelen van een instrument: oefenen, oefenen, oefenen.’
Experts blijven nodig
Omdat taal niet alleen woorden is, maar ook cultuur, geschiedenis en waarden, blijven experts zoals Creemers nodig. Dat merkt hij ook in zijn ervaringen met kunstmatige intelligentie. Die kan zijn werk versnellen, maar ‘dat werkt alleen als je AI tot werktuig maakt en niet tot meester’, zegt de sinoloog. ‘Als ik nu een Chinees beleidsdocument wil lezen, gebruik ik AI-vertalingen. Ik kan dat doen omdat ik een dikke duizend documenten handmatig heb vertaald en dus weet waar ik op moet letten. Als ik de machinevertaling lees, dan weet ik waar de valkuilen zitten. Het is een rechtstreekse vertaling, zonder interpretatie. En die blijft belangrijk bij taal.’
Rogier Creemers
Rogier Creemers is Universitair Docent Recht en Bestuur van China aan de Universiteit Leiden. Hij combineert een achtergrond in Sinologie, Inter nationale Betrekkingen en Rechtsgeleerdheid. Zijn voornaamste onderzoeksinteressen zijn Chinees beleid en regel geving rond digitale technologie, en China’s groeiende digitale voetafdruk.
FOCUS In alle talen
NR. 1 2026
31
Lucien van Beek bestudeert het gebruik van metaforen in de oudste Indo-Europese talen. ‘De traditionele opvatting van metaforen ziet die als iets taligs. Mijn punt is dat ze ook iets zeggen over ons wereldbeeld.’ Hij legt het uit aan de hand van drie metaforen.
TEKST: JOB DE KRUIFF
‘Dit is een metafoor die we uit allerlei talen kennen. Denk aan I see what you mean, of iets doorzien. Het is een goed voorbeeld van een conceptuele metafoor: een metafoor in onze alledaagse taal en in ons denken. Waarbij we meestal een concreter begrip gebruiken voor iets ab stracters. In mijn onderzoek draait het om zulke meta foren, niet per se om de heel dichterlijke, complexe. In het woord begrijpen zit trouwens ook grijpen. Dat zegt ook weer iets over hoe we datgene wat we willen begrijpen beschouwen: als een soort inhoud, die je kunt pakken.’
‘Uiteindelijk geeft het bestuderen van metaforen je inzicht in de manier van denken die iets zegt over een cultuur, en dus in cultuurverschillen. Er zijn culturen waar meer de nadruk ligt op het gehoor dan op het zien. Dat zit dan ook in de taal, in metaforen of zelfs in de grammatica. Een ander voorbeeld is de conceptualisering van emoties in taal. In de m eeste talen wordt woede wel beschreven als iets dat in het hart of in de buik zit, dat herkennen wij wel, maar er zijn ook talen die woede in de bovenbenen lokaliseren.’
Lucien van Beek
‘Als wij het over de betekenis hebben van een woord, zien we dat woord als een verpakking van een b epaalde inhoud. Onlangs heb ik in mijn onderzoek metaforen gevonden in het Grieks van H omerus die laten zien dat toen op een andere manier over woordbetekenis werd gedacht. Hij gebruikt ‘schieten met pijlen’ wel als metafoor voor communicatie. Maar daarbij gaat het er niet om de andere persoon te raken of inhoud over te brengen, maar om een richting aan te geven waarin de ander moet kijken. Beweging speelt daar een veel belangrijkere rol bij het denken over de betekenis die we communiceren. In onze tijd is natuurlijk het schrift heel bepalend voor ons begrip van de inhoud van woorden. Het werk van H omerus stamt uit een cultuur waarin het schrift nog een marginale rol speelde. Dat helpt wellicht om te begrijpen dat betekenis minder werd gezien als een vaststaande inhoud of als object, maar meer als iets dat in een handeling vorm kreeg.’
is universitair docent bij het Leiden University Centre for Linguistics en bestudeert de Indo-Europese talen, vooral het oudste Grieks. Hij studeerde eerst af als wiskundige. (‘Ik hield toen van dingen die eenduidig zijn’). Vanwege zijn grote liefde voor taal ging hij daarna een jaar Russisch studeren, toen ook filosofie en studeerde vervolgens af in de Vergelijkende Taalwetenschappen. Allemaal in Leiden.
‘ Ik ben zowel een insider als een outsider’
NR. 1 2026
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
Leidraad 33
de jonge wetenschapper
Abhimanyu Chettri
Hoe kijken etnische minderheden in het oosten van de Himalaya naar hun n atuurlijke omgeving? En komt dat beeld overeen met de vele natuurbehoudsprojecten die in het gebied worden uitgevoerd? Socioloog Abhimanyu Chettri (27) onderzoekt voor het project Futuring Heritage culturele interpretaties van de natuurlijke omgeving.
‘D
e groenste staat van India’ wordt Sikkim aan de rand van het Himalaya-gebergte ook wel genoemd. Het Kachenjunga National Park staat op de werelderfgoedlijst van Unesco en regelmatig valt een natuurbehoudsproject in de prijzen. Maar wat betekent deze internationale erkenning voor de mensen die er wonen? Verandert hun relatie met de omgeving? En klinken hun opvattingen genoeg door in natuurbeleid of worden de projecten opgelegd? Deze vragen wil de jonge wetenschapper Abhimanyu Chettri, die zelf is opgegroeid in de naastgelegen staat Darjeeling, onderzoeken voor zijn PhD culturele antropologie, die deel uitmaakt van het project Futuring Heritage.
TEKST: WILKE MARTENS, FOTO: PATRICIA NAUTA
De omgeving beschermen
In tegenstelling tot de traditionele antropologie richt Chettri zich niet op de etnische identiteit van de bevolking van Sikkim, maar op hun relatie met het landschap. ‘In de bestaande literatuur wordt vaak beweerd dat natuurbehoudsprojecten van bovenaf worden opgelegd, bijvoorbeeld door grote ngo’s als het Wereld Natuur Fonds, waardoor die projecten niet slagen.’ Maar volgens Chettri is dat te kort door de bocht. ‘Ook bij die organisaties of bij overheidsdepartementen werken mensen die uit het gebied zelf komen. Bij de bevolking is er grote bereidheid om de omgeving te beschermen. In plaats van hen slechts te zien als ‘uitvoerders’, ben ik benieuwd naar hun interpretatie van natuurbehoudsprojecten.’
Al van jongs af aan was Chettri in de natuur te vinden. Hij was vrijwilliger bij de natuurclub van het Wereld Natuur Fonds en begon op school zijn eigen projecten, zoals boomplant dagen of opruimacties om plastic vervuiling tegen te gaan. ‘Ik mocht met de vrijwilligers van het WNF mee naar dorpen waar ze vertelden over natuurbehoud’, herinnert hij zich. ‘De mensen waren erg enthousiast, maar toch leken de projecten niet te beklijven. De vraag waarom niet heeft me niet meer losgelaten.’ Een middelbareschooldocent die met zijn PhD bezig was, inspireerde Chettri om ook een wetenschappelijke studie na te jagen. ‘Ik ben naar Bangalore vertrokken om psychologie te studeren.’ Na een master Development Studies waagde Chettri zich aan een PhD in India, maar hij was niet blij met het academische milieu daar. ‘Ik kreeg nauwelijks begeleiding, gelukkig is dat hier in Leiden heel anders.’
staan tussen Darjeeling en Sikkim, die er eerder niet was. En dat heeft sporen nagelaten op de relaties tussen verschillende etnische minderheden.’ Ook het kastensysteem van India en het feit dat Chettri gestudeerd heeft, maakt hem deels een buitenstaander. ‘Dat ik zowel insider als outsider ben, kan me ook helpen’, zegt hij. ‘Ik zou graag de kennis die ik tijdens mijn PhD opdoe, gebruiken om lokaal beleid te verbeteren. Ook wil ik mijn onderzoek toegankelijk maken voor de mensen in Sikkim, bijvoorbeeld door makkelijk leesbare artikelen te publiceren in lokale kranten. Niet om kennis op te leggen, maar om ervoor te zorgen dat ook mensen die niet het privilege hadden om te studeren kunnen deelnemen aan de dialoog over natuurbehoud.’
Teruggeven
Folklore speelt een b elangrijke rol in het onderzoek van Chettri, omdat die de relatie van gemeenschappen met hun omgeving laat zien. ‘Volgens een legende werden twee rivieren verliefd op elkaar’, weet hij. ‘Ze besloten samen naar de vlakte te vertrekken. Ze meanderden door de bergen, maar kwamen niet tegelijk aan – tot verdriet van een van de rivieren. Deze ging boos terug de bergen in en veroorzaakte grote overstromingen. Rituelen moesten de rust herstellen. Nog ieder jaar worden deze rituelen uitgevoerd, in de hoop om overstromingen te voorkomen – steeds vaker tevergeefs.’
Dit jaar reist Chettri af naar Sikkim voor veldonderzoek. Net als zijn onderzoeksthema, is ook zijn aanpak niet traditioneel antropologisch. ‘Ik wil proberen om er enkele maanden als wandelgids te werken. Zo kom ik in aanraking met de natuur, de mensen die er wonen en toeristen.’ Omdat Chettri is opgegroeid in de regio, kent hij het landschap goed en spreekt hij de taal. ‘Tegelijkertijd voel ik me een buitenstaander’, vertelt hij. ‘Mijn voorouders zijn door de Britten uit Nepal gehaald om op de theeplantages te werken. In die tijd is er een politieke grens ont-
Verliefde rivieren
signalen
NR. 1 2026
universiteitleiden.nl/agenda
AUGUSTINUS
Een eeuw Eigen Huis
Augustijnen noemen hun onderkomen aan Rapenburg 24 het Eigen Huis. In oktober 2026 zit de vereniging honderd jaar in dat pand. Dat wordt gevierd met onder meer een eeuwboek. De eeuwboekcommissie is benieuwd naar verhalen en h erinneringen van reünisten aan het Eigen Huis. Oud-leden en oud-kaderleden wordt verzocht te mailen naar eeuwboek@lvvsaugustinus.nl. Ook foto’s zijn welkom.
SOCIALE WETENSCHAPPEN
Achter de Haagse schermen
FOTO’S: ANP, ISTOCK
De Grote Politieke Ontspin Show laat zien hoe framing en spinning onze kijk op de politiek kleuren. Drie politiek analisten (tevens alumni van het Instituut P olitieke Wetenschap) laten zien wat politici níet zeggen en waarom. Sprekers zijn hoogleraar Nederlandse politiek Sarah de Lange, NRC-journalist Mark Lievisse Adriaanse en o nderzoeker Rozemarijn Lubbe van het 1Vandaag opiniepanel. Theatermaker en wetenschapsjournalist Eveline van Rijswijk is presentator/moderator. Voor alumni Politicologie, maandag 26 januari van 19 tot 22 uur, op de Spaanse Trappen van Wijnhaven, Turfmarkt 99, Den Haag.
UNIVERSITEITSBIBLIOTHEKEN
Beleef Japan – 200 jaar na Von Siebold
In 2026 is het 200 jaar g eleden dat Philipp Franz von Siebold – een van de eerste japanologen – als geneesheer van de Nederlandse handelsnederzetting Dejima deelnam aan de vierjaarlijkse reis van het opperhoofd naar het J apanse hof in de hoofdstad Edo. Er verschijnen twee boeken en er zijn workshops, tentoon stellingen, symposia, filmvertoningen en een themamiddag over Japanse popcultuur. Ook maakt de UBL diverse leeslijsten met boekentips, blogs en podcasts. Kortom, beleef Japan! bibliotheek.universiteitleiden.nl
WISKUNDE EN NATUURWETENSCHAPPEN
KWANTUM-THEATERSHOW MET LEIDS SCRIPT Tijdens het Amsterdam Light Festival keken 1600 basisschoolkinderen naar de voorstelling Quantumfantum Multiversum over kwantumtechnologie. Via lichtkunst werden meerdere specta culaire experimenten op het podium uitgevoerd. Leidse natuurkundigen schreven het script voor de quantum-theatershow en zorgden ervoor dat alle experimenten in de voorstelling natuurkundig klopten. De leerlingen die de show bezochten hebben een lichtkunstwerk gemaakt dat nog te zien is tijdens het Amsterdam Light Festival, t/m 18 januari.
PODCASTS
Agenda zaterdag 10 januari Nieuwjaarsborrel voor Quintusreünisten.
zaterdag 17 januari Nieuwjaarsborrel voor Catenareünisten.
donderdag 12 februari
Mohamed Benabbès, professor Klassieke en Middeleeuwse geschiedenis aan de universiteit van Tunis, verzorgt de Leiden Lecture on Arabic Language and Culture. Om 17 uur in het RMO. edu.nl/dhe96
donderdag 12 februari
Presentatie van het boek Ethics in Caribbean Archaeology. In het Van Steenisgebouw, maar ook online te volgen. universiteitleiden.nl/en/ events/2026/02/bookpresentation-ethics-incaribbean-archaeology
donderdag 19 februari
Themadag in de Hortus rond oprichter Carolus Clusius, die vijf eeuwen geleden werd geboren.
donderdag 16 april
Evenement voor Leidse alumni in Brussel. edu.nl/4r6qe
zaterdag 23 mei
Alumnidag van de studievereniging voor bio-farmaceutische wetenschappen en farmacie. aesculapius.nl/alumnidag
zaterdag 6 juni
Het Chemisch Dispuut L eiden bestaat 100 jaar, vier deze mijlpaal mee vanaf 10 uur. chemischdispuutleiden.nl
Leidraad 35
Leids Lowlandsexperiment in Focus
Carel Stolker over de Affaire Buikhuisen
De LUF Wetenschaps podcast
Universitair docent Gerlov van Engelen hoven deed onderzoek op festival Lowlands. Wetenschapspodcast Focus besteedde er een aflevering aan. Cultuurwetenschapper Van Engelshoven onderzocht samen met sociaal psycholoog Tom Frijns hoe mensen communiceren zonder woorden. Via NPO Luister
In de podcast Achter de ophef wordt voormalig rector magnificus Carel Stolker geïnterviewd over de betekenis van de Affaire Buikhuisen voor de academische vrijheid aan de Nederlandse universiteiten. Criminoloog Wouter Buikhuisen deed controversieel onderzoek naar biologische factoren en het ontstaan van criminaliteit. Op onder meer Spotify
Hoe verandert onderzoek de wereld om ons heen? In de LUF Wetenschapspodcast hoor je de verhalen van Leidse wetenschappers die met hun kennis en bevlogenheid bouwen aan de samenleving van morgen. Van vernieuwende ideeën tot persoonlijke ervaringen: onderzoek komt hier tot leven. luf.nl/uitgelicht/podcast
ALUMNI-ACTIVITEITEN
Het dossier zzp Over de vraag in welke situaties een zzp-contract (nog) mogelijk is, verschijnen steeds meer rechterlijke uitspraken. Tijdens een masterclass voor alumni zal hoogleraar Gerrard Boot stilstaan bij de juridische stand van zaken en vragen van bezoekers beantwoorden. De masterclass is speciaal voor startende of ervaren zzp’ers, alumni die overwegen de stap naar zelfstandigheid te maken en alumni binnen bedrijven, overheden en andere organisaties die zzp’ers inhuren.
Wat kunt u verwachten?
•H elderheid over de huidige wet- en regelgeving rondom zelfstandigheid • I nzicht in de risico’s van schijnzelfstandigheid •P raktische tips over contract vorming, tariefstelling,
verzekeringen en duurzame zelfstandige praktijk • Een vooruitblik op verwachte wetswijzigingen (zoals de VBAR en Zelfstandigenwet) • Ervaringen en reflecties Dinsdag 27 januari, Kamerlingh Onnes Gebouw, 19.30-21.15 uur, aansluitend borrel tot 22 uur. ul.nl/masterclass
36
Leidraad
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
NR. 1 2026
Lezingen
Remco Breuker, hoogleraar Koreastudies, over Korea
Zin in een dag vol inspiratie, ontmoetingen en nieuwe ideeën? Praat bij met oud-studiegenoten, maak kennis met andere alumni en laat je inspireren door het meest actuele onderzoek. Alle alumni zijn van harte uitgenodigd op deze feestelijke en inhoudelijke dag.
Diesfestival 2026 Meld je op tijd aan!
12.30-16.30 uur Kamerlingh Onnes Gebouw
Zaterdag 7 februari
De editie van 2025 was uitverkocht
Ignas Snellen, hoogleraar Sterrenkunde, over buitenaards leven isela ter Windt, G hoogleraar Neurologie, over migraine rnold Tukker, A hoogleraar Industriële ecologie, over sustainable cities ick Honings, R Scaliger hoogleraar, over postkoloniale literatuur
Live-interviews
Eén studie zoveel wegen Geïnspireerd op de bekende Leidraadrubriek Volledig programma Luf.nl/dies2026
Mensenrechten centraal Prof.dr. Rick Lawson
voorzitter van het College voor de Rechten van de Mens Van de behandeling van klachten over discriminatie, via advisering over wetsvoorstellen en beleid, tot aan het houden van t oezicht op detentie-omstandigheden. Het College voor de Rechten van de Mens is opgericht om mensen rechten te bewaken. Na een lange Leidse loopbaan als hoogleraar Europees Recht stapte Rick Lawson in 2025 over naar het College om er voorzitter te worden. Tijdens de dies voor alumni keert
Lawson voor even terug naar Leiden. In zijn lezing gaat hij in op een aantal itspraken recente en opmerkelijke u van het College. Zoals een casus waarin iemand zijn werkgever discriminatie verweet omdat hij s trenger dan collega’s werd aangesproken op zijn politiek getinte uitlatingen op LinkedIn en in kranten. En ook de remie die een verzekeraar hogere p erzuimverzekering rekende voor de v louter vrouwen. met van een bedrijf Als voorzitter van het College beschouwt Lawson het als een ‘uitdaging’ om de mensenrechten in Nederland te beschermen en te bevorderen.
NR. 1 2026
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
Leidraad 37
geven
‘ We gunnen iedereen een studietijd als de onze’ Bij zijn afstuderen kreeg Lodewijk Wisse (44, rechts) de vraag van het Leids Universiteits Fonds of hij jaarlijks een bedrag wilde doneren aan zijn alma mater. Daar hoefde hij niet lang over na te denken. Zijn echtgenoot Reinier van Mechelen (39) volgde een paar jaar later. ‘Zie het als een bedankje voor alles wat de universiteit voor ons heeft betekend.’
TEKST: NIENKE LEDEGANG, FOTO: HIELCO KUIPERS
D
e twee kwamen allebei als 18-jarige voor hun studie naar Leiden. Wisse studeerde Fiscaal Recht en Van Mechelen Geneeskunde. Allebei dompelden ze zich onder in het studentenleven. Wisse werd lid bij Augustinus, Van Mechelen bij Minerva. Ze ontmoetten elkaar tijdens een gala van MFLS, de medische studievereniging. Wisse: ‘Of het nu gaat om mijn studie, Augustinus, de vrienden die ik hier maakte, de liefde die ik hier vond of de persoonlijke ontwikkeling die ik doormaakte: de universiteit heeft er een ongelofelijk groot aandeel in.’ Van Mechelen voegt eraan toe: ‘Ik kwam hier vanuit een dorp en was gewend dat mijn ouders alles voor mij regelden. Hier werd ik zelfstandig, ontwikkelde ik mij sociaal en leerde ik allerlei professionele vaardigheden. Niet alleen de inhoud van mijn studie, maar alles uit die tijd is heel belangrijk geweest voor wie ik ben geworden.’
Iets terugdoen
Wisse knikt. ‘Dat gun ik iedereen. Voor mij sprak het dus vanzelf om, toen ik na mijn afstuderen een baan vond en een inkomen kreeg, iets terug te doen.’ Van Mechelen vult aan: ‘Dat kan ook een klein bedrag zijn. We hebben jarenlang een donatie van 25 euro
gedaan. Op zeker moment hebben we het bedrag verhoogd en de donatie omgezet naar een periodieke schenking, omdat dat belastingtechnisch interessanter is.’ De twee zijn nooit meer weggegaan uit Leiden. Wisse: ‘We voelen ons hier thuis, het is zo’n aangename stad. Ook nu ervaren we hoe de universiteit en de rest van de stad met elkaar verbonden zijn. Als bestuurslid van de 3 October Vereeniging zie ik dat ook heel goed.’
De vrije hand geven
Van het LUF krijgen ze regelmatig updates over de bestemming van hun geld. Maar, zegt Wisse: ‘Eerlijk gezegd maakt het ons niet zoveel uit waar het geld naartoe gaat, of het nu naar een student gaat die buitenlandervaring wil opdoen of naar fundamenteel onderzoek. Daar geven we de universiteit graag de vrije hand in – Praesidium Libertatis, nietwaar?’
Ook bijdragen?
Met een donatie aan het LUF maakt u niet alleen baan brekend onderzoek aan de Universiteit Leiden mogelijk, u steunt ook de talenten van de toekomst. Bijdragen kan op verschillende manieren: luf.nl/draag-bij.
38
Leidraad
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
NR. 1 2026
NR. 1 2026
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
Leidraad 39
Van student naar docent
Ooit waren ze student in Leiden en hingen ze aan de lippen van hun docenten – of juist niet. Inmiddels zijn de rollen omgedraaid: nu zijn zij docent aan de universiteit en luisteren de studenten naar hen. Hoe is dat?
TEKST: ANNETTE ZEELENBERG, ILLUSTRATIE: ARON VELLEKOOP LEÓN
‘ Ik hou van laagdrempelig contact’ Jelle Bruning, universitair docent Midden Oostenstudies en Arabisch. MA (2009) ‘Midden-Oostenstudies is een relatief kleine opleiding, dat was ook al zo toen ik studeerde. Doordat de groepen klein zijn leren de studenten elkaar goed kennen, er is snel een hechte band. Ik vond het indertijd heel prettig dat het contact met de docenten zo laagdrempelig was. Je kon zo op hen afstappen met vragen over onderwerpen uit de studie, maar ook over persoonlijke dingen. Dat heeft mij echt gevormd als docent, ik wil ervoor zorgen dat ik toegankelijk ben voor mijn s tudenten. Even een praatje, een d iscussie, een advies – dat is belangrijk. Een docent moet ook inspireren, vind ik. Dat gebeurde bij mijzelf bijvoorbeeld toen een docent mij spontaan meenam naar de UB om daar een manuscript uit de collectie middeleeuwse Arabische handschriften te bekijken. Dat je zomaar zo’n oud manuscript van heel dichtbij ziet, dat was echt bijzonder. In mijn vakken neem ik, als dat kan, studenten daarom voor zo’n bijzondere ervaring nu ook mee naar die collectie.’
‘ Vragen stellen is een kracht’ Stijn Voskamp, universitair docent Civiel recht, LL.M (2011), PhD (2018) ‘Na mijn master begon ik bij de rechtenfaculteit als junior docent. Er was toen heel weinig leeftijdsverschil tussen mij en de studenten, ik was 22. Maar toch voelde ik me, staand voor de groep, direct thuis. Als student vond ik het al leuk om dingen uit te leggen en uit te zoeken, en dat is precies wat ik als beginnend docent deed – en nog steeds doe. Toen ik mijn bachelor en master deed, was ik graag bezig met het structureren van de studiestof. Daarmee kreeg ik grip op de m aterie. Ik vond het dan ook fijn als docenten het belang daar-
van benadrukten. Nog steeds ben ik erg van de s chema’s en de overzichten, dat breng ik ook aan mijn studenten over. Soms gaat het hen vooral om het juiste antwoord. Ik wil ze prikkelen om vérder te kijken dan dat ene antwoord. Het gaat erom dat ze de weg naar het antwoord weten te vinden, en dat ze vragen blijven stellen. Vragen stellen beschouw ik als een kracht waardoor je steeds verder komt, niet als een teken van onwetendheid.’
40
Leidraad
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
‘ Het omgaan met deadlines is niet veranderd’ Annefrans van Ede, postdoc Population Health Management bij Health Campus Den Haag (LUMC), MSc Farmacie (2020), MSc Population Health Management (2023) ‘Het is nog helemaal niet zo lang geleden dat ik zelf student was, maar nu ik lesgeef is er al veel meer aandacht voor digitale mogelijkheden dan toen. De ontwikkelingen gaan snel en ik zie dat studenten daar goed gebruik van weten te maken. Met behulp van d igitale tools maken ze allerlei kennisproducten, zoals podcasts en video’s, en ook heel mooie posterpresentaties. Bij AI in het onderwijs denken veel mensen aan door AI g egeneerde teksten. Bij ons worden AI-tools vooral ingezet bij de technische ondersteuning en de vormgeving. Dat werkt goed, omdat er zo veel ruimte voor creativiteit komt. Wat niet is veranderd, is het omgaan met deadlines. Ik coördineer een projectvak dat een aantal maanden loopt. In het begin waarschuw ik: “Zorg dat je op tijd begint”, net als mijn docenten dat vroeger deden. En net als vroeger gaan sommige studenten toch pas vlak voor de deadline serieus aan de slag. Ik snap dat wel, maar als docent vind ik het toch frustrerend – al is het alleen maar omdat ik dan tegen het einde van het vak alle vragen tegelijk krijg.’
NR. 1 2026
‘ Ik zat zelf ook niet altijd op de eerste rij’ Rob van Wijk, universitair docent Farmacologie, MSc 2015, PhD 2019. ‘Wat ik het leukste vind aan onderwijs geven, is de interactie met de studenten. In mijn colleges leg ik iets nieuws uit, iets wat de studenten voor het eerst horen. Dan komen er natuurlijk allerlei vragen, aan de hand waarvan ik kan inschatten hoe ze de stof oppakken. Die vragen zijn ingegeven door nieuwsgierigheid, vanuit een soort “naïeve” blik die soms heel anders is dan het perspectief dat je als docent en onderzoeker hebt. Dat is inspirerend, zo kom ik ook weer op nieuwe ideeën. Toen ik zelf studeerde zat ik ook niet altijd op de eerste rij in de college banken. In je studententijd gebeurt zoveel dat aan-
dacht vraagt, en s ommige vakken zijn gewoon lastig. Farmacologie, een van de vakken die ik geef, is bijvoorbeeld heel conceptueel. Hoe verlevendig je zo’n vak? Ik doe dat door gebruik te maken van de verwevenheid van onderwijs en onderzoek die we hier in Leiden hebben. In mijn colleges geef ik dus veel concrete voorbeelden uit de onderzoekspraktijk, soms superactueel. Dan gaat het opeens niet alleen meer over droge theorie, de studenten zien rechtstreeks wat die theorie kan opleveren.’
41
Informatica 1982-1990
werkplek van
TEKST: JOB DE KRUIFF, FOTO: ROSALIE VAN DER DOES
Onno Innemee Het publiek is in aantocht, de stoelen staan klaar, de techniek werkt. Onno Innemee, de informaticus die cabaretier werd, speelt een nieuwe rol. Hij heeft de comedians en de mc (master of ceremony) geboekt en brengt alles in gereedheid. Zelf blijft hij achter de schermen. Daar is het ook genieten. Zijn Comedy Club was een paar jaar geleden nog een probeersel, in een café aan het Noordeinde waar hooguit tachtig mensen in pasten. Het werd al snel een begrip in Leiden en verhuisde naar de Tuinzaal van café De Burcht. Bij comedy is het belangrijk dat je de achterste r ijen goed kunt bereiken, legt Innemee uit. Dat lukt hier, ook als er 160 mensen zitten. Die mensen op hun beurt kunnen de bar goed bereiken – ook belangrijk. Drie keer in de maand is de zaal lekker gevuld, ook voor de Engelstalige variant. Studenten, expats en
Leidenaars weten zijn club te vinden. Het is, kortom, ‘een professioneel ding’ geworden, ook voor hemzelf. Innemee begon ooit in cabaretgroep Basterd, acteerde, regisseerde collega-cabaretiers, speelde in kluchten en reclamespotjes, is trouwambtenaar en werkt aan een blijspel. Vaak wilde hij na een tijdje wat anders, maar dit is wat hij nog jaren hoopt te doen. In de Burcht is hij – samen met zijn vriendin Sacha van der Werff – ondernemer, programmeur, doet hij de pr, zet de stoeltjes op hun plek en coacht de beginnende comedians na hun optredens (‘alleen als ze daarom vragen’). Die komen graag naar Leiden, weet hij. ‘Vanaf dag één worden we geroemd omdat de sfeer zo goed is.’ Ook nu hij aan de zijkant staat, is hij heel trots als de mensen lachen. ‘En mocht een optreden niet zo goed zijn, dan vlucht ik even de tuin in’, zegt hij met een grijns.
42
Leidraad
NR. 1 2026
lezen, luisteren, doen
Een eerbetoon van tin Tin staat centraal in een bijzondere tentoonstelling in het Rijksmuseum van Oudheden. In de zomer van 2022 werd de museumcollectie verrijkt met de bijzondere tinverzameling van Henk van Wijk. Deze indrukwekkende collectie omvat bijna zevenhonderd objecten, vooral tinnen bodem vondsten uit Nederland: het resultaat van tientallen jaren verzamelen. De selectie voorwerpen in deze tentoonstelling is een eerbetoon aan een bevlogen verzamelaar. Tin laat zien hoe het materiaal werd gebruikt in het dagelijkse leven in de Late Middeleeuwen en de vroegmoderne tijd. Rijksmuseum van Oudheden, Rapenburg 28 Tot en met juni 2026
De hergeboorte van de Japanse prentkunst Japanmuseum SieboldHuis eert de Japanse prentkunst, ukiyo-e. Aan het begin van de 20e eeuw leek het doek gevallen voor deze traditionele prentkunst. Fotografie en lithografie wonnen terrein en de klassieke technieken dreigden in vergetelheid te raken. Dankzij de inspanningen van uitgever Watanabe Shōzaburō herrees de prentkunst in een nieuwe, eigentijdse vorm: Shin Hanga – letterlijk ‘nieuwe prenten’. In deze beweging werkten kunstenaars, bloksnijders, drukkers
en uitgevers intensief samen om prenten van hoog niveau te c reëren, waarin traditie én moderniteit samenkwamen. In het SieboldHuis zijn prenten te zien van Kawase Hasui (18831957). Zijn landschapsprenten zijn het resultaat van uitgebreide schetsreizen door Japan. Daarbij koos Hasui vaak voor intieme, serene taferelen.
Japanmuseum SieboldHuis, Rapenburg 19 Tot en met 15 maart 2026
43
Pilgrim museum verhuisd Het Pilgrim Museum in Leiden is verhuisd. Het museum, waarin de Leidse geschiedenis van de Pilgrims wordt verteld, is nu gevestigd aan de Kloksteeg, direct naast de Pieterskerk. Een logische plek: op zoek naar religieuze vrijheid kwamen de Pilgrims in 1609 naar Leiden en leefden rondom de Pieterskerk samen als gemeenschap. Ze werkten er als wevers, drukkers, tabaksverkopers of hoedenmakers. Ze kwamen samen om te bidden in een huis vlakbij de kerk, en hun predikant John Robinson werd er in 1625 begraven. In 1620 zette een deel van de gemeenschap koers naar Amerika. Elke woensdagmiddag neemt curator Sarah Moine je mee op tour in het Pilgrim Museum. De tours zijn voorlopig alleen in de Engelse taal en voor maximaal 8 personen. Reserveren is nodig. Pilgrim Museum, Kloksteeg 16
Verschenen Van IQ naar AI Een nuchtere en heldere uiteenzetting van wat kunstmatige intelligentie is. Op basis van de nieuwste inzichten laat de Leidse AI-wetenschapper Thomas Moerland zien waarin de mens en AI op elkaar lijken, en waarin niet. Uitgeverij Atlas Contact
Rembrandts raadselachtige tijdgenoot Emotie, verstilling en melancholie. Fenomenaal geschilderd. Maar door wie? Dat weet niemand. In de tentoonstelling Meesterlijk Mysterie – Over Rembrandts raadsel achtige tijdgenoot leer je deze anonieme tijdgenoot van Rembrandt kennen: Meester I.S. De intieme schilderijen zijn meesterlijk geschilderd, vol detail en psychologische diepgang. Museum De Lakenhal brengt, samen met Serlachius Museum in
Dood van een huisjesmelker Alumnus Bernard Grossmaul schreef een krimi die zich in de jaren ’80 afspeelt in de fictieve studentenstad Rijndam, waar de lezer Leiden in herkent. Aan de Buitenstegracht wordt het ontzielde lichaam van een beruchte huisjesmelker gevonden. Diezelfde nacht brandt een kraakpand af dat eigendom is van de dode. Uitgeverij Coopersenco
Finland, de schilderijen van Meester I.S. uit internationale en particuliere collecties voor het eerst bij elkaar. Ze worden getoond naast werk van tijdgenoten Rembrandt, Gerrit Dou en Jan Lievens. Ontdek het geheimzinnige verhaal van een groot kunstenaar, wiens naam onbekend bleef.
De Lakenhal, Oude Singel 32 Tot en met 8 maart 2026
De levenskunst van Vincent Fontane Pennock Alumnus Vincent Fontane Pennock (1954-2023) was jurist, slavist en troubadour. Zijn Poesjkin-vertalingen werden onder meer gepubliceerd in de Canon van de E uropese Poëzie. Pennock had de ziekte van Parkinson. Zijn partner Marinus Schouten schreef deze biografie. Uitgeverij De Nieuwe Haagsche
Rechter, sterrenkok, minister-president, barista, gynaecoloog, software engineer, stemacteur, blogger, coach, predikant *
44
Leidraad
ALUMNIMAGAZINE VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN
NR. 1 2026
*
één studie
zoveel wegen Waar een studie in Leiden toe kan leiden
Een studie aan de Universiteit Leiden betekent ook: een keur aan loopbaanmogelijkheden. Met jouw diploma kun je nu of later heel veel kanten op. Grijp de kansen die op je pad komen, en volg je hart. Zoals veel anderen vóór jou ook al deden. Luister naar hun verhalen tijdens de dies voor alumni op 7 februari (meer informatie op pagina 36). luf.nl/dies2026
Retouradres: Redactie Leidraad, Postbus 9500, NL-2300 RA Leiden
Adreswijziging? Laat het ons weten via universiteitleiden.nl/alumnigegevens of stuur een e-mail naar wijziging@alumni.leidenuniv.nl