Eendensoep Kristien Dieltiens illustraties van Lise Vanlerberghe
De koning trouwde met zijn Liefje. Het feest duurde een hele week. De koning hield veel van zijn Liefje. De hele dag gaf hij Liefje kussen. Een kus hier en een kus daar. Liefje poetste elke dag zijn kroon op. De kroon blonk in het licht van de zon. ‘Mijn Liefje, mijn eendje’, zei hij. ‘Mijn held, mijn vuur’, zei zij. Het leek wel een sprookje. Maar sprookjes duren vaak niet lang.
2
Er brak oorlog uit in hun land. De koning moest mee gaan vechten. Liefje huilde van verdriet. ‘Mijn held, mijn vuur’, zei ze. ‘Ik wil niet dat je gaat!’ De koning kuste zijn vrouw. ‘Mijn Liefje, mijn eendje. Pas goed op jezelf. Laat geen vreemden binnen. Ik wil niet dat ze jou iets aandoen.’ Ze knikte en gaf hem nog een kus. Snikkend wuifde ze hem uit.
4
Ze weende drie dagen lang. Op de vierde dag klopte iemand op de deur. Een oude meid kwam naar binnen. Liefje had haar nog nooit gezien. Nu ja, ze woonde hier nog niet zo lang. Dan ken je nog niet alle mensen. De meid liep een beetje als een eend. Maar dat zei Liefje niet. De meid had een dienblad vast.
5
‘Koningin, ik heb soep voor u’, zei ze. ‘Lekker en gezond!’ Ze had een rare blik in haar ogen. Maar dat zag Liefje niet. Haar ogen stonden nog vol tranen. ‘Ik heb geen honger’, zei ze. ‘Zullen we gaan wandelen?’ vroeg de meid. ‘De koning zou dat ook wensen.’ ‘Is dat zo?’ vroeg Liefje.
6
De meid heeft gelijk, dacht ze. Huilen maakt me ziek. Ze gingen samen de tuin in. Er bloeiden veel mooie bloemen. ‘Wat is het heet!’ sprak Liefje. ‘Ja, dat is het’, sprak de meid. Ze bleef bij de vijver staan. ‘Het water is fris’, zei ze. ‘Zullen we er samen in plonsen? De koning zou dat ook wensen.’ ‘Is dat zo?’ vroeg Liefje.
8
Ze keek naar het water. Eigenlijk mag het niet, wist ze. Een koningin zwemt niet in haar blootje. Maar er was geen kat te zien. Ze trok haar kleren uit en stapte in het water. Wat was het heerlijk fris! Toen voelde ze een hand op haar rug. De meid zei: ‘Word een eend en zwem.’
9
De koningin verdween. Op de plas zwom een witte eend. De meid lachte vals. Ze trok de kleren van de koningin aan. De eend fladderde in het water. Een druppel viel op de meid. Toen leek ze als twee druppels water op Liefje. Haar boze plan was gelukt. Op de vijver huilde de witte eend.
11
De tijd ging voorbij. De koning keerde weer van de oorlog. De valse vrouw liep naar hem toe. De koning kuste haar. ‘Mijn Liefje, mijn eendje’, zei hij. ‘Mijn schatje, mijn zoetje’, zei de vrouw. De koning rook aan haar haren. ‘Wat ruik je vreemd’, zei hij. De valse vrouw zweeg.
12
Bij de plas had de eend een nest gemaakt. Ze legde drie witte eieren. Drie eendjes kropen er uit. Kwakend liepen ze door het gras. Op een dag liepen ze naar het paleis. De valse vrouw zag de eendjes. Ze wist wie ze waren. Ze pakte hen en stak ze in een doos. ‘Laat ons vrij!’ riepen de eendjes. ‘Jullie krijgen iets lekkers!’ zei de vrouw.
13
De eendjes kregen pap met poeder in. Poeder waar je van in slaap valt. Hun oogjes werden zwaar. Als ze slapen, maak ik ze dood, dacht de vrouw. ’s Nachts sloop ze naar de doos. Ze tilde een klepje op. Ze vroeg: ‘Slapen jullie al?’ De eendjes riepen: ‘Wij willen weg!’ De vrouw hing de ketel boven het vuur. ‘Ik wil eendensoep’, zei ze. Ze gluurde in de doos en vroeg: ‘Slapen jullie?’
14
De eendjes riepen: ‘Wij willen weg!’ ‘Stomme beesten!’ dacht de valse vrouw. Ze pookte het vuur hoog op. Bij de doos vroeg ze: ‘Slapen jullie?’ Het was stil. ‘Tijd voor eendensoep!’ riep de valse vrouw. Ze gooide de eendjes in de ketel. Daarna at ze de hele pot leeg. En ze peuzelde aan de botjes.
16
De volgende dag zocht de eend haar kleintjes. Vlug vloog ze naar de tuin van het paleis. Bij de keuken lag een hoop witte botjes. Ze ging op de botjes zitten en zong. ‘Mijn held, luister naar mijn lied. Want diep is mijn verdriet. De vrouw aan uw zij is slecht. Maak wat krom is nu weer recht. Ik ben uw Liefje en uw eend. Veel tranen heb ik al geweend. De vrouw naast u is de uwe niet. Ik ben uw lief zoals u ziet.’
17
De koning stond bij het open raam. ‘Daar zit een eend en ze zingt!’ riep hij. ‘Schiet dat beest neer!’ riep de vrouw boos. De koning begreep er niets van. Was deze boze vrouw zijn lief? ‘Als jij ze niet doodt, doe ik het!’ riep de vrouw. Ze ging op zoek naar het geweer.
18
De koning knielde neer bij de eend. Hij streelde zacht haar hals. ‘Zing nog eens?’ vroeg hij. ‘Mijn held, mijn vuur’, zong de eend. ‘Wat zeg je daar?’ vroeg hij verbaasd. ‘Mijn held, mijn vuur’, zong de eend nog een keer. De koning schrok. Alleen zijn echte bruid noemde hem zo! Hoe had hij zo blind kunnen zijn! Uit zijn ogen rolden dikke tranen.
20
De tranen vielen op de eend en op de botjes. Tranen van liefde zijn sterk. De macht van de meid brak. Daar stond zijn Liefje, zijn vrouw. Met drie kindjes aan haar zij. De koning kuste Liefje en zijn kinderen. Toen dacht hij weer aan de valse vrouw. De heks was op zoek naar een geweer! ‘Verstop jullie daar, achter de struik!’ zei hij. ‘Ik ga achter de heks aan!’ De koning liep naar het paleis. Hij moest op zoek gaan naar de heks.
21
Maar de heks was niet meer te zien. Haar macht was gebroken. Ze zag er weer oud en lelijk uit. Vlug nam ze een bezem en vloog weg, naar een land ver weg van hier. Want dit kun je lezen in de boeken. Een echte heks krijg je nooit te pakken! Luister naar deze goede raad. Zwem nooit alleen in een vijver. En zeker niet in je blootje!
22
Over auteur Kristien Dieltiens Hallo, ik ben Kristien. Toen ik een kind was, las ik veel sprookjes. Nu nog hou ik ervan. Ik vertel en ik teken ook graag. Maar het liefst van al, schrijf ik zelf verhalen. Ik hou van personen die niet echt bestaan, zoals heksen en tovenaars. Ik zou graag kunnen toveren. Maar een verhaal verzinnen, is toch ook een beetje toveren, niet? Wil je nog een boek van me lezen? Lees dan zeker ‘Papperdidas en de Sint’ (Abimo). Het is een knotsgek en spannend boek over een boefje dat Zwarte Piet wil worden. Andere boeken van Kristien in BiB-BoX: Spek voor Sien
Spelen met Lola
Het boekje van Karli
De stenendrager
De beste dief ter wereld
De wedstrijd met Monster
Een prins voor Minne
De geur van kamille
Dries en de kleine oorlog
Over tekenaar Lise Vanlerberghe Lise Vanlerberghe studeerde animatiefilm aan KASK te Gent. Haar werk kenmerkt zich door de dynamische lijnvoering, persoonlijke stijl en de absurde humor die erin verwezen zit. Naast illustraties maakt ze ook cartoons en strips.
Fotokopieerapparaten zijn algemeen verspreid en vele mensen maken er haast onnadenkend gebruik van voor allerlei doeleinden. Jammer genoeg ontstaan boeken niet met hetzelfde gemak als kopieën. Boeken samenstellen kost veel inzet, tijd en geld. De vergoeding van de auteurs en van iedereen die bij het maken en verhandelen van boeken betrokken is, komt voort uit de verkoop van die boeken. In België beschermt de auteurswet de rechten van die mensen. Wanneer u van boeken of van gedeelten eruit zonder toestemming kopieën maakt, buiten de uitdrukkelijk bij wet bepaalde uitzonderingen, ontneemt u hun dus een stuk van die vergoeding. Daarom vragen auteurs en uitgevers u beschermde teksten niet zonder schriftelijke toestemming te kopiëren buiten de uitdrukkelijk bij wet bepaalde uitzonderingen. Verdere informatie over kopieerrechten en de wetgeving met betrekking tot reproductie vindt u op www.reprobel.be. © Uitgeverij VAN IN, Wommelgem, 2016 Alle rechten voorbehouden. Behoudens de uitdrukkelijk bij wet bepaalde uitzonderingen mag niets uit deze uitgave worden vermenigvuldigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt, op welke wijze ook, zonder de voorafgaande en schriftelijke toestemming van de uitgever. Auteur: Kristien Dieltiens Tekeningen: Lise Vanlerberghe Vormgeving en cover: Peer De Maeyer Zetwerk: Karin Fonténai Projectcoördinatie: Caroline Vanderhaegen Eerste druk 2016 ISBN 978-90-306-7543-3 D/2016/0078/9 Art. 563727 NUR 191