Iedereen ontwikkelt vroeg of laat een kijk op het leven. Velen putten daarbij uit de antwoorden die de wereldreligies geven op vragen als ‘hoe te leven?’ en ‘is er meer tussen hemel en aarde?’ Wereldreligies in Nederland laat leerlingen kennismaken met het fenomeen levensbeschouwing en de belangrijkste religieuze vormen daarvan als jodendom, christendom, islam, hindoeïsme en boeddhisme. Deze ontmoeting helpt ze bij het vormen van een eigen kijk. En de opgedane kennis geeft een handvat bij het leren omgaan met verschillen. Wereldreligies in Nederland: • is geschreven voor de onderbouw mavo / havo / vwo ; • biedt voldoende lesstof voor 1 leerjaar (bij 1 lesuur per week) ; • is flexibel inzetbaar (onderwerpen zijn los behandelbaar, eenvoudig in te passen in leerlijnen en kunnen worden verdeeld over meerdere leerjaren) ; • is bruikbaar in het openbaar én het christelijk onderwijs ; • ondersteunt burgerschapsvorming, wereldoriëntatie, godsdienst/levensbeschouwing, tolerantie en zingeving.
9006481662_omslag.indd 1
04-09-13 12:04
9006481662_bw.indb 112
10/09/15 10:47
9006481662_bw.indb 1
10/09/15 10:45
In Wereldreligies in Nederland worden vanuit Nederlands perspectief vijf wereldgodsdiensten geïntroduceerd: jodendom, christendom, islam, hindoeïsme en boeddhisme. Het boek is bestemd voor de eerste en/of tweede klas. De inhoudelijke aanpak is fenomenologisch van aard en de teksten en opdrachten richten zich met name op leerlingen die van huis uit niet met religie zijn opgegroeid. Het boek is dus ook bruikbaar op openbare scholen. Ontwerp en opmaak Grafisch Ontwerpbureau Neo & Co, Velp Over ThiemeMeulenhoff ThiemeMeulenhoff ontwikkelt zich van educatieve uitgeverij tot een learning design company. We brengen content, leerontwerp en technologie samen. Met onze groeiende expertise, ervaring en leeroplossingen zijn we een partner voor scholen bij het vernieuwen en verbeteren van onderwijs. Zo kunnen we samen beter recht doen aan de verschillen tussen lerenden en scholen en ervoor zorgen dat leren steeds persoonlijker, effectiever en efficiënter wordt.
Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enig andere manier, zonder voor afgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16B Auteurswet 1912 j° het Besluit van 23 augustus 1985, Stbl. 471 en artikel 17 Auteurswet 1912, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting Publicatie- en Reproductie rechten Organisatie (PRO), Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp (www.stichting-pro.nl). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloem lezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet) dient men zich tot de uitgever te wenden. Voor meer informatie over het gebruik van muziek, film en het maken van kopieën in het onderwijs zie www.auteursrechtenonderwijs.nl.
Samen leren vernieuwen. www.thiememeulenhoff.nl ISBN 978 90 06 48166 2 Eerste druk, vijfde oplage, 2017
Deze uitgave is volledig CO2-neutraal geproduceerd. Het voor deze uitgave gebruikte papier is voorzien van het FSC®-keurmerk. Dit betekent dat de bosbouw op
© ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, 2013
978 90 06 48166 2_H0_voorwerk.indd 2
een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden.
23/03/17 14:23
9006481662_bw.indb 3
1.1 Levensvragen 1.2 Antwoorden op levensvragen 1.3 Wereldreligies
5 7 15
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5
21 24 29 33 37
Uit eigen land verdreven Volk van de Tora Rituelen bij het leven Feesten in het joodse jaar Tussen hoop en vrees
3.1 Sporen van het christendom 3.2 De Bijbel 3.3 Feesten 3.4 Rituelen bij het leven 3.5 Praktisch christendom
41 44 47 51 54
4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6
57 60 64 67 68 71
Islam in Nederland Het land waar de islam ontstond De Koran De moskee Rituelen van het leven De vijf zuilen
5.1 Het ritme van het leven 5.2 Kastenstelsel 5.3 Goden en hun verering 5.4 Rituelen en feesten 5.5 HindoeĂŻsme in Nederland
77 80 85 88 91
6.1 Boeddha 6.2 De leer van Boeddha 6.3 Leven als boeddhist 6.4 Boeddhisme in Nederland
93 95 100 104
10/09/15 10:45
9006481662_bw.indb 4
10/09/15 10:45
Sanne staat op het punt naar school te gaan. Ze geeft haar moeder een zoen en streelt nog even zachtjes over de dikke buik van moeder. Daar zit haar broertje of zusje. Sanne kan bijna niet wachten tot het zover is. ‘Was je ook zo dik toen ik geboren werd?’ vraagt Sanne, ‘en waar was ik daarvóór eigenlijk?’ ‘Dat is een moeilijke vraag,’ antwoordt Sannes moeder, ‘daar heb ik niet 1-2-3 een antwoord op. Maar je moet nu opschieten, anders kom je te laat op school.’ Sanne holt weg naar de kapstok, en roept dan: ‘Waar zijn mijn gymspullen?’ ‘Heb ik al voor je klaar gezet bij de deur,’ zegt moeder. Terwijl Sanne haar jas aandoet gaat ze nog even door met moeilijke vragen stellen: ‘Was ik in de hemel voordat ik geboren werd?’ Moeder moet even lachen: ‘Nou, je bent niet altijd een engeltje hoor!’
OPDRACHT 1 Moeder vindt dat Sanne een moeilijke vraag stelt. Welke vraag is dat? Leg uit waarom je denkt dat ze dit een moeilijke vraag vindt.
Hoofdstuk 1 Levensbeschouwing en religie
5
5 9006481662_bw.indb 5
10/09/15 10:45
Sanne stelde haar moeder ook een ‘gemakkelijke’ vraag: ‘Waar zijn mijn gymspullen?’ Dat is een gewone vraag, waar je vrij simpel een antwoord op kunt geven. De ‘moeilijke’ vraag die Sanne aan haar moeder stelt, noemen we een levensvraag. Levensvragen gaan over belangrijke dingen in het leven. Zoals de vraag naar de zin van het leven, of hoe je gelukkig wordt en of er een leven is na de dood. Vaak komen levensvragen bij mensen op als ze iets belangrijks meemaken dat hen persoonlijk raakt. Bij Sanne is dat de geboorte van een broertje of zusje. Levensvragen zijn altijd persoonlijke vragen, dat wil zeggen dat het antwoord op zulke vragen niet voor iedereen hetzelfde hoeft te zijn. Op de vraag ‘wat maakt je gelukkig?’ zul jij misschien een ander antwoord geven dan je klasgenoten. Er zijn ook algemene vragen. Zulke vragen krijgen een algemeen antwoord dat voor iedereen hetzelfde is. Een voorbeeld van zo’n vraag is: ‘welke kleur heeft de deur van het lokaal?’ of ‘Hoe groot is de omtrek van de aarde?’. Samengevat: antwoorden op algemene vragen zijn altijd feiten, antwoorden op levens vragen zijn altijd persoonlijke meningen.
OPDRACHT 2 a
Beantwoord de volgende vragen.
1 Wat was de eerste lesdag van dit schooljaar?
2 Wat vind jij het fijnst om te doen in je vrije tijd?
3 Wie was de eerste keizer van het Romeinse rijk?
4 Waarom gebeuren er verdrietige dingen in het leven?
5 Wat is jouw geboortedatum?
6 Wat is voor jou belangrijk om gelukkig te zijn?
7 Naar welke muziek luister jij het liefst?
6
9006481662_bw.indb 6
10/09/15 10:45
OPDRACHT 2 b c d e
vervolg
Vul achter het antwoord in of het om een feit (F) of een mening (M) gaat. Welke vragen zijn algemeen, welke persoonlijk? Schrijf er een A of P achter. Geef bij de persoonlijke vragen aan of het een levensvraag (L) is, of een gewone vraag (G). Gespreksvraag: hoe of waar heb je antwoorden gevonden op de vragen?
OPDRACHT 3 a
Denk jij wel eens terug aan iemand die gestorven is? Of aan een huisdier dat is doodgegaan? Schrijf op waar je dan precies aan denkt.
b
Geloof jij dat met de dood alles afgelopen is? Omcirkel ja of nee en schrijf erachter waarom je dat gelooft. ja/nee, want
De antwoorden die mensen op levensvragen geven, zeggen iets over de manier waarop ze tegen het leven aankijken. Met andere woorden: wat hun levensbeschouwing is. Alle mensen hebben een levensbeschouwing. Sommige mensen vinden antwoorden op hun levensvragen in een religie. In deze antwoorden spelen God, goden of bovennatuurlijke krachten een belangrijke rol. Mensen die zulke antwoorden geven op levensvragen, hebben een religieuze levensbeschouwing.
Een ander woord voor religie is godsdienst of geloof. In dit boek wordt meestal de bredere term ‘religie’ gebruikt.
Hoofdstuk 1 Levensbeschouwing en religie
9006481662_bw.indb 7
7
10/09/15 10:45
Ongeveer de helft van de Nederlanders geeft aan dat ze niet religieus zijn. Sommigen van hen noemen zich atheïstisch omdat zij niet geloven dat er een god bestaat. Zij hebben een levens beschouwing waarin bijvoorbeeld de wetenschap een grote rol speelt bij het beantwoorden van vragen over alles wat bestaat. Anderen noemen zich humanisten: ze geloven dat niet een god, maar de mens zelf verantwoordelijk is voor deze wereld. Wereldwijd gezien vinden de meeste mensen vooral in hun geloof antwoorden op hun levensvragen. Er bestaan verschillende religies op de wereld. Daardoor worden er ook verschillende antwoorden op levensvragen gegeven. Christenen geloven bijvoorbeeld in een hemel en hopen dat je daar na je dood terechtkomt. Hindoes geloven dat de ziel van een gestorvene weer op aarde terugkeert in een ander lichaam. Hoewel religies verschillende antwoorden kunnen geven op levensvragen, zijn er ook veel overeenkomsten. In alle religies spelen bijvoorbeeld verhalen en mythen een grote rol.
OPDRACHT 4
A B C
Levensbeschouwingen, religieus of niet religieus, formuleren antwoorden op levensvragen. In dit boek gaat het over religies. Levensvragen waar ieder mens wel eens over heeft nagedacht, zijn bijvoorbeeld: Bestaat er iets als een leven na de dood? Wat moet je doen om op een ‘goede manier’ te leven?
Heb jij een eigen levensvraag waar je graag antwoord op zou willen? Noteer die dan hierboven achter C.
Verhalen en mythen Iedere religie heeft zijn eigen belangrijke verhalen. Ze gaan over god(en), heiligen, de stichters van de religie, maar ook over bijvoorbeeld het ontstaan van de aarde. Als in deze verhalen goden of bovenmenselijke wezens een rol spelen, worden de verhalen ook wel mythen genoemd. Mythen behoren in alle culturen tot de oudste religieuze verhalen. Zij geven vaak verklaringen voor natuurverschijnselen, het ontstaan van de wereld, of andere dingen die men vroeger niet begreep. Overal op de wereld worden mythen en verhalen verteld over hoe de eerste mensen zijn ontstaan en waarom ze zijn zoals ze zijn. Er volgen nu drie van zulke mythische verhalen: 1 een verhaal uit Zuid-Amerika; 2 een verhaal uit Afrika; 3 een verhaal uit het Midden-Oosten. 8
9006481662_bw.indb 8
10/09/15 10:45
1 Verhaal uit Zuid-Amerika De goden hebben drie pogingen gedaan om een mens te scheppen. De eerste keer maakten de goden mensen uit klei. Maar deze mensen uit klei waren erg lomp en onhandig. Daarom sloegen de goden hen meteen weer kapot. De tweede keer maakten de goden mensen uit hout. Maar de houten mensen waren ruw en boosaardig. Dus wilden de goden ook deze houten mensen vernietigen. Maar sommige houten mensen ontsnapten naar de bossen. Daar vormden zij het volk van de apen.
De derde keer maakten de goden mensen uit deeg. De mensen waren knap, maar ook gemeen. De goden waren moe geworden. Ze hadden geen zin om de mensen van deeg ook weer te vernietigen. Dus lieten ze deze mensen maar leven, ook al waren ze slecht. Maar de goden namen wel maatregelen. De mensen mochten niet zรณ slim worden dat ze alle geheimen van de wereld zouden kennen. Daarom zorgden de goden ervoor dat het verstand van de mensen niet te groot werd.
OPDRACHT 5
Het verhaal uit Zuid-Amerika geeft antwoord op vier vragen. Schrijf de antwoorden onder de vragen:
a
Hoe zijn de apen ontstaan?
b
Hoe zijn de mensen ontstaan?
c
Waarom doen mensen slechte dingen?
d
Waarom weten mensen niet alles?
Hoofdstuk 1 Levensbeschouwing en religie
9006481662_bw.indb 9
9
10/09/15 10:45
2 Verhaal uit Afrika Twee kleine goden zaten te spelen. Ze boetseerden poppen uit klei. Ze wilden de poppen in een oven bakken om ze hard te laten worden. Een oppergod zag dat en vond dat helemaal niet goed. Hij liep op hen af, maar de twee kleine goden renden hard weg en verstopten zich. Telkens opnieuw probeerden de kleine goden poppen van klei te bakken. Maar telkens werden ze verjaagd als
ze hiermee bezig waren. Hierdoor bleven enkele poppen te lang in de oven liggen. Daardoor werden ze zwart. Andere poppen kregen een bruine kleur, omdat ze er niet lang genoeg in hadden gelegen. Soms kregen de goden niet de kans om de kleipoppen in de oven te doen. Die poppen bleven dan ook wit. En zo komt het dat de mensen verschillende huidskleuren hebben gekregen.
OPDRACHT 6
Het verhaal uit Afrika geeft antwoord op twee vragen. Schrijf de antwoorden op.
a
Hoe zijn de mensen ontstaan?
b
Waardoor zijn er verschillen in huidskleur tussen mensen?
10
9006481662_bw.indb 10
10/09/15 10:45
3 Verhaal uit het Midden-Oosten God maakte de eerste mens. Hij maakte hem van aarde. God blies de adem in de neus van de mens. En zo werd de mens een levend wezen. God noemde hem Adam. Dat betekent ‘mens’. Omdat Adam alleen was, bedacht God dat er nog een mens bij moest komen. Hij liet Adam in een diepe slaap vallen en nam toen een van zijn ribben weg. Van die rib maakte God een vrouw, Eva. Adam was heel blij met Eva. Samen woonden ze in een prachtige tuin. Daar zorgden ze voor de planten en dieren. Het was er een paradijs. Ze mochten alles van God, op één ding na. In het midden van de tuin stond een boom en de vruchten van die boom waren verboden. Als Adam en Eva daarvan zouden eten, zouden ze sterven. Maar Adam en Eva hebben er toch van gegeten, want een slang had gezegd dat ze dan net zoveel zouden weten als God. God heeft de mensen toen weggestuurd uit het paradijs. Om aan eten te komen, moesten Adam en Eva voortaan hard werken. En ze hadden niet langer het eeuwige leven. God zei tegen Adam: ‘Van aarde ben je gemaakt. Tot aarde keer je terug!’
OPDRACHT 7
In het verhaal uit het Midden-Oosten staan antwoorden op enkele levensvragen. Schrijf de antwoorden op.
a
Hoe is de eerste mens ontstaan?
b
Hoe is de eerste vrouw ontstaan?
c
Waarom gaan mensen dood?
Hoofdstuk 1 Levensbeschouwing en religie
9006481662_bw.indb 11
11
10/09/15 10:45
OPDRACHT 8 a
Schrijf uit alle drie de verhalen iets op wat alleen maar in dรกt verhaal voorkomt. 1 Zuid-Amerika: 2 Afrika: 3 Midden-Oosten:
b
Welk verhaal spreekt je het meeste aan? En waarom? Het verhaal uit
, omdat
Religieuze verhalen werden vroeger generatie na generatie mondeling doorverteld. Na het ontstaan van een geschreven taal, werden ze in verschillende culturen ook op papier gezet. Deze geschreven geloofsverhalen vormen samen met teksten over regels, voorschriften, feesten en rituelen, de heilige geschriften van een religie.
GESPREKSVRAAG Denk jij dat een van de drie verhalen (dus die uit Zuid-Amerika, uit Afrika of uit het Midden-Oosten) echt gebeurd is?
Rituelen, symbolen en feesten Iedere religie heeft zijn eigen verhalen. Ook hebben alle religies hun vaste rituelen en voorschriften. Ons dagelijks leven zit vol met rituelen en symbolen. Als je kennismaakt met mensen, geef je een hand en noem je je naam. Als je slaagt voor je eindexamen, wordt de vlag uitgehangen, met een schooltas eraan. Als je op kraamvisite gaat, krijg je beschuit met muisjes. Een symbool is een voorwerp of een afbeelding waarmee een bepaalde boodschap wordt uitgedragen. Een ritueel is een handeling die op een voorgeschreven manier verricht wordt, en die een symbolische betekenis heeft. 12
9006481662_bw.indb 12
10/09/15 10:45
OPDRACHT 9 Vul één woord in waarmee de betekenis van het afgebeelde symbool wordt weergegeven.
a
b
c
d
e
f
OPDRACHT 10 Wat is de betekenis van de afgebeelde rituelen?
Hoofdstuk 1 Levensbeschouwing en religie
9006481662_bw.indb 13
13
10/09/15 10:45
Alle religies kennen rituelen. Bijvoorbeeld bidden of mediteren, of op bepaalde momenten uit heilige boeken lezen. In veel religies is het brengen van offers ook belangrijk. Het ritueel is een manier om je verbonden te voelen met god of met goden of met het goddelijke. Elke religie kent rituelen bij de belangrijke momenten van het leven. De vier grote ‘levensmomenten’ zijn: geboorte, volwassen worden, huwelijk en dood.
OPDRACHT 11 a
Noem bij elk levensmoment een ritueel dat jij kent uit je directe omgeving, of waar je wel eens over gehoord of gelezen hebt.
1 geboorte:
2 volwassen worden:
3 huwelijk:
4 dood:
b
Beschrijf kort een ritueel dat jij zelf hebt meegemaakt.
Een bijzonder soort ritueel is het religieuze feest. Net zoals bij andere feesten, zoals een verjaardagsfeest of Bevrijdingsdag, wordt er dan een bijzondere gebeurtenis herdacht of gevierd, maar dan afkomstig uit de geloofsverhalen van die religie. Een voorbeeld is Kerstmis, waarbij christenen de geboorte van Jezus Christus vieren.
14
9006481662_bw.indb 14
10/09/15 10:45
OPDRACHT 12
Welke feesten ken jij? Schrijf ze in onderstaande tabel.
persoonlijke feesten
nationale feesten
religieuze feesten
Van de bijna zeven miljard mensen op aarde behoren de meesten bij een bepaalde religie. In dit boek gaat het over vijf wereldreligies die ook in Nederland voorkomen. Deze vijf zijn: christendom, jodendom, islam, hindoeĂŻsme en boeddhisme.
0
2.000
4.000 km
1:290.000.000
christendom
jodendom
boeddhisme
islam
hindoeĂŻsme
Chinese religie
Hoofdstuk 1 Levensbeschouwing en religie
9006481662_bw.indb 15
natuurreligies
15
10/09/15 10:45
OPDRACHT 13 De wereldbevolking (ca. 7 miljard mensen) = 100% Dit betekent dus: 70 miljoen = 1% christendom
33%
islam
22%
jodendom
0,2%
hindoeïsme
14%
boeddhisme
6,8%
overige religies geen religie
8% 16%
a
Maak een schijfdiagram van de wereldreligies, als een ‘taart met taartpunten’. Als voorbeeld is het christendom al gegeven. Elk bolletje in het schijfdiagram staat voor 1%. Geef elk segment de kleur die erbij hoort.
b
Vul in de lijst hierboven het aantal in dat bij de percentages hoort.
Zoals je bij opdracht 12 hebt kunnen ontdekken, is het jodendom de kleinste van de vijf genoemde wereldreligies. Toch wordt het jodendom tot de vijf wereldreligies gerekend. Een belangrijke reden is dat de grootste religie, het christendom, uit het jodendom is voortgekomen. Jezus heeft zijn leven lang tot de joodse religie behoord. Ook de islam, de tweede religie in grootte, heeft veel aan het jodendom ontleend, zoals de Koranteksten over bepaalde Bijbelse personen. Jodendom, christendom en islam hebben nog een belangrijke overeenkomst: het zijn monotheïstische religies, de aanhangers geloven in één god. Het geloof in meerdere goden wordt een polytheïstische religie genoemd. Het hindoeïsme kent bijvoorbeeld heel veel goden.
mono = één poly = veel theos = god
16
9006481662_bw.indb 16
10/09/15 10:45
OPDRACHT 14
Zoek in de krant of op nieuwssites op internet artikelen die gaan over elk van de vijf wereldreligies. De religie moet duidelijk in het artikel genoemd worden.
Geef hieronder kort weer waar het artikel over gaat. Schrijf ook de bron op, en de datum waarop het artikel is gepubliceerd.
HindoeĂŻsme:
Jodendom:
Boeddhisme:
Christendom:
Islam:
Hoofdstuk 1 Levensbeschouwing en religie
9006481662_bw.indb 17
17
10/09/15 10:45
Wereldreligies in Nederland Het christendom is in Nederland al heel lang de religie met het grootste aantal aanhangers. Het christendom kent twee grote stromingen: de rooms-katholieken en de protestanten. Beide stromingen hebben hun eigen kerken. Het jodendom komt al heel lang voor in Nederland. Veel joden zijn lang geleden vanwege vervolgingen in andere landen naar Nederland gevlucht. In de Tweede Wereldoorlog zijn er veel joden weggevoerd en in concentratiekampen vermoord. De islam heeft ongeveer een miljoen aanhangers in Nederland. Vanaf de jaren zestig van de vorige eeuw kwamen veel moslims uit Turkije en Marokko naar Nederland om hier te werken. Het hindoeïsme en het boeddhisme zijn van oorsprong Aziatische religies. De meeste hindoes in ons land komen uit Suriname, waar hun voorouders uit India lang geleden naartoe zijn gegaan. In ons land wonen niet veel boeddhisten. De meesten komen uit China. Er zijn wel veel Nederlanders die zich aangetrokken voelen tot de boeddhistische levenswijze en bijvoorbeeld mediteren of aan yoga doen. De grootste groep Nederlanders (ruim zes miljoen) geeft aan geen religie te hebben. Ze geloven niet in een god, maar hebben wel een levensbeschouwing, zoals bijvoorbeeld humanisten en atheïsten. De grenzen zijn niet scherp. Veel nietreligieuze mensen zijn ‘ietsisten’: ze geloven niet in een god, maar wel dat er ‘iets’ tussen hemel en aarde is.
18
9006481662_bw.indb 18
10/09/15 10:45
Religies in Nederland 8.000 7.000 6.000 5.000 4.000 3.000 2.000 1.000 0 rooms-katholiek
protestant
islam
hindoeïsme
overige religies
geen religie
OPDRACHT 15 In de staafdiagram hierboven zie je de verdeling van de religies in Nederland. Er zijn in verhouding weinig joden en boeddhisten in Nederland, daarom zijn ze onder ‘overige’ geteld. Hoe is de verdeling in jouw klas? Kleur de staafdiagram hieronder in. Religies in de klas 32 28 24 20 16 12 8 4 0 rooms-
protestant
islam
jodendom
hindoeïsme boeddhisme
overig
geen
katholiek
Hoofdstuk 1 Levensbeschouwing en religie
9006481662_bw.indb 19
19
10/09/15 10:45
Religieus leven Mensen die zich tot een bepaalde religie rekenen, proberen te leven zoals hun religie voorschrijft. Dat betekent bijvoorbeeld dat ze de plicht hebben om een paar keer per dag te bidden of de heilige boeken te bestuderen. Sommige religies hebben ook voorschriften over hoe je je moet kleden of wat je wel of niet mag eten. Niet alle gelovigen van een religie gaan op dezelfde manier met de voorschriften om. In elke religie zijn er gelovigen die heel nauwkeurig de voorschriften navolgen. Deze gelovigen worden vaak orthodoxe gelovigen genoemd. Gelovigen die de voorschriften minder strikt naleven, worden liberale gelovigen genoemd. Wat betekent het voor iemand om religieus te leven? Enkele jongeren vertellen hierover:
Sita (14 jaar): ‘Vorige week is mijn opa overleden. Naar hindoestaans gebruik hebben we hem eerst ritueel gewassen en vervolgens gecremeerd. Daarna was er een rouwperiode van twaalf dagen. Ik geloof dat de ziel van mijn opa in een volgend leven terug zal komen, dat hij in een nieuw lichaam reïncarneert.’
Joram (13 jaar): ‘Voor christenen is de zondag de meest heilige dag van de week. In ons joodse geloof is dat anders. Wij houden op zaterdag een rustdag en gaan dan naar de synagoge, waar we samenkomen om uit de heilige boeken te lezen. Mijn vriendjes zijn dan meestal op het voetbalveld te vinden.’
Lotte (13 jaar): ‘Een paar maanden geleden is mijn nichtje geboren. Komende zondag wordt ze gedoopt in onze kerk. De dominee sprenkelt dan drie keer een beetje water op haar hoofd en zegent haar als kind van God. Er is dan ook veel familie in de kerk.’
Aziz (13 jaar): ‘Wij komen vrijdags samen in een moskee. De moskee is voor moslims een heilige plek omdat we daar bidden tot onze God, Allah. Uit respect voor Allah moet ik mij wassen voordat ik de moskee binnen ga. Ook moet ik mijn schoenen uitdoen uit respect voor Allah.’
20
9006481662_bw.indb 20
10/09/15 10:45
De muur op de achtergrond is een restant van de vroegere joodse tempel in Jeruzalem. De foto is gemaakt tijdens een viering van een joods religieus feest, waarbij op de sjofar (een ramshoorn) wordt geblazen.
Van de vijf wereldreligies die in dit boek worden besproken is het jodendom de kleinste, maar op een bepaalde manier een heel bijzondere. Joden hebben zich over de hele wereld verspreid. De belangrijkste reden daarvoor is dat zij vaak vervolgd zijn. Die verspreiding begon al in de eerste eeuw van onze jaartelling. Het joodse land Judea, met de hoofdstad Jeruzalem, was toen door de Romeinen bezet. De joden kwamen een aantal keren in opstand tegen de bezetters, maar de Romeinse legers waren veel te sterk. Als straf voor de opstanden verwoestten de Romeinen in het jaar 70 de stad Jeruzalem. Later verklaarden ze heel Judea tot verboden gebied voor de joden. Noodgedwongen vestigden de joden zich toen in andere landen. Eerst in die rond de Middellandse Zee en later ook in andere landen en werelddelen.
Hoofdstuk 1 Levensbeschouwing en religie
21
21 9006481662_bw.indb 21
10/09/15 10:45
OPDRACHT 1
1
2
4
5
3
Op deze foto’s is iets te zien van gewoonten, gebruiken of symbolen uit het jodendom. Bekijk ze goed en schrijf bij elke foto wat jij herkent als ‘typisch joods’.
Joden in Nederland Al eeuwenlang wonen er ook in Nederland joden, vooral in Amsterdam. Vanwege de vrijheid van godsdienst in ons land zagen veel joden Amsterdam wel eens als het ‘Jeruzalem van het Westen’. Zij beschouwden die stad een beetje als hun thuis en noemden de stad daarom Mokum (Hebreeuws voor ‘de stad’). Je kunt nu nog steeds zien dat er vroeger veel joden in Amsterdam hebben gewoond. Aan de rand van de vroegere joodse buurt staat bijvoorbeeld een grote synagoge, dat is een gebouw waar joden hun religieuze samen komsten houden. Daartegenover staat het Joods Historisch Museum. Vroeger was dit museum ook een synagoge. Er zijn ook allerlei straatnamen die herinneren aan de geschiedenis van de joden in Amsterdam. Zo zijn bijvoorbeeld de Sarphatistraat en het Jonas Daniël Meierplein genoemd naar twee bekende joodse Amsterdammers van vroeger.
22
9006481662_bw.indb 22
10/09/15 10:46
Hoe is die band tussen Amsterdam en het jodendom ontstaan? Vanaf ongeveer 1600 kwamen er veel joden als vluchteling naar Nederland. Deze vluchtelingen kwamen vooral uit Spanje en Portugal. Na de jodenvervolgingen in OostEuropa, tussen 1800 en 1900, zijn er opnieuw grote aantallen joden naar Nederland gevlucht. Veel van hen gingen in Amsterdam wonen, waar verschillende synagogen en joodse scholen waren. Ook in veel andere plaatsen in Nederland zijn er lange tijd joodse gemeenschappen geweest. Dat is nog steeds te zien aan bijvoorbeeld joodse begraafplaatsen en synagogen, waarvan er nu veel niet meer worden gebruikt. Door de Tweede Wereldoorlog kwam er een einde aan het bloeiende joodse leven in Nederland, net als in veel andere Europese landen. Vóór de oorlog woonden er 130.000 joden in Nederland. Nu zijn dat er nog ongeveer 40.000.
OPDRACHT 2 a b
Welke synagoge die nog in gebruik is, bevindt zich het dichtst bij jouw huisadres? Zoek enkele gegevens op over deze synagoge, bijvoorbeeld via de site van het Joods Historisch Museum (www.jhm.nl). Wanneer is de synagoge gebouwd? Welke joodse gemeenschap maakt gebruik van de synagoge? Hoe groot is die gemeenschap? Welke activiteiten vinden er plaats?
Hoofdstuk 2 Jodendom
9006481662_bw.indb 23
Synagoge in Enschede.
23
10/09/15 10:46
Het belangrijkste heilige geschrift voor de joden is de Tora. De Tora bestaat uit vijf boeken. Het zijn dezelfde vijf boeken (‘hoofdstukken’) als waarmee de Bijbel van de christenen begint. Joden noemen ze vaak de vijf boeken van Mozes, omdat hij hierin de hoofdpersoon is. Mozes wordt gezien als de stichter van het jodendom.
In het joodse geloof zijn drie kernpunten erg belangrijk: 1 Het geloof in één God, de Schepper van alles wat bestaat. Joden noemen hem vaak de Heer (of Koning) van heel de wereld. 2 Het geloof dat er vroeger een verbond is gesloten tussen God en Abraham, de voorvader van het joodse volk. Later heeft
In de Tora staan veel regels en voorschriften voor de manier waarop een jood moet leven. Omdat de Tora oorspronkelijk is geschreven in het Hebreeuws, leren joodse kinderen al op jonge leeftijd deze taal te lezen.
God via Mozes de Tora aan zijn volk gegeven. 3 Het geloof in de Messias, die namens God op aarde zal komen en de wereld zal leiden naar vrede en gerechtigheid, zodat er een einde komt aan lijden en onrecht.
Religie en volk Het woord jodendom zorgt soms voor verwarring, want het kan verwijzen naar de ‘joodse religie’ of naar het ‘joodse volk’. Die twee vormen van jodendom zijn niet hetzelfde. Dit betekent dat er joden zijn die wel tot het joodse volk behoren maar niet religieus zijn. Het is zelfs zo, dat meer dan de Een groep jongeren oefent om beurten om uit een Torarol te lezen.
helft van alle joden op de wereld zich niet-
Ze wijzen de teksten aan met een speciaal aanwijsstokje, dat een jad
religieus noemt. Zij geloven niet in God en
genoemd wordt. Deze grote Torarollen worden gebruikt in de synagoge
houden zich niet aan alle dagelijkse regels
om uit voor te lezen. Thuis lezen joodse gelovigen de teksten uit een
van het joodse leven. Maar zij voelen zich
gewoon boek.
meestal wel verbonden met de geschiedenis en het lot van het joodse volk.
Orthodox en liberaal De leefwijze van religieuze joden wordt voor een groot deel bepaald door de voorschriften uit de Tora. Maar niet alle joden denken hetzelfde over die voorschriften. Sommigen houden zich er veel strakker aan dan anderen. Joden die soepel omgaan met de voorschriften en die ook vinden dat je de Toraregels moet aanpassen aan de tijd waarin je leeft, worden liberale joden genoemd. Tot deze stroming behoort ongeveer veertig procent van alle gelovige joden. Hun levenswijze is vaak aangepast aan de tijd en de cultuur van het land waar ze wonen. 24
9006481662_bw.indb 24
10/09/15 10:46
Ik heet Vera. Ik ben veertien jaar en zit in 2 atheneum. Ik ben joods omdat mijn ouders dat ook zijn. Ik ben ook met bepaalde joodse regels opgevoed, wij eten bijvoorbeeld geen varkensvlees. Ikzelf vind die regels niet zo belangrijk. Tussen mijn vriendinnen en mij is er eigenlijk niet veel verschil in wat we doen. Het maakt mij ook niet uit of ik later met een joodse of een niet-joodse man trouw. Wel zal ik mijn kinderen vertellen over het joodse geloof en over onze feestdagen en onze gebruiken. Mijn ouders gaan zaterdags naar de synagoge, maar meestal moet ik die dag naar hockey. Mijn moeder vindt dat niet zo leuk. Als er een speciale feestdag is, zeg ik hockey af.
Ik heet Simon. Ik ben dertien jaar en zit in 2 havo. Op de foto zie je mij een Torarol dragen waaruit ik moest lezen. Om op onze school toegelaten te worden, moet je volgens de joodse wet joods zijn. De school begint om half negen en de meeste dagen heb ik negen lesuren, waarvan drie uren joodse les. Op onze school krijgen jongens en meisjes vanaf groep 3 gescheiden les. Dat heeft te maken met bepaalde regels uit onze godsdienst. Zelf wil ik later ook volgens de joodse regels trouwen en ik zal mijn kinderen er ook mee opvoeden. Buiten de school en het huiswerk heb ik niet veel tijd. Ik zit niet op een sportclub, maar speel wel klarinet in een klezmerband.
Ongeveer tien procent van de joden houdt zich zo zorgvuldig mogelijk aan de voorschriften van de Tora. Zij worden orthodoxe joden genoemd en zij beschouwen de Tora als een soort wetboek voor het dagelijks leven. Orthodoxe joden houden zich heel precies aan de voedselregels, de kledingvoorschriften en het vieren van hun feesten.
Lesrooster voor maandag, op een joodse school in Nederland. 09.00
09.45
1e uur
Economie
09.45
10.30
2e uur
Frans
10.30
10.45
pauze
10.45
11.35
3e uur
Joodse les (Tora)
11.35
12.25
4e uur
Joodse les (profeet Jeremia)
12.25
13.00
pauze
13.00
13.50
5e uur
Gym
13.50
14.40
6e uur
Wiskunde
14.40
15.00
mincha
(middaggebed)
15.00
15.45
7e uur
Joodse les (joodse geschiedenis)
15.45
16.35
8e uur
Nederlands
16.35
17.25
9e uur
Biologie
Hoofdstuk 2 Jodendom
9006481662_bw.indb 25
25
10/09/15 10:46
OPDRACHT 3 Simon en Vera verschillen op bepaalde punten van mening over de joodse tradities. Waarover zijn ze het wél met elkaar eens?
Kosjer De meest opvallende regels in het dagelijks leven van gelovige joden zijn die over wat er wel en niet gegeten mag worden. Een veelgebruikt woord in de joodse keuken is kosjer. Dit betekent ‘geoorloofd’ om te eten en te drinken. Alleen voedsel dat volgens de regels van de Tora is bereid, mag gegeten worden. Joden die zich aan de regels willen houden, zullen dus alleen maar kosjer voedsel kopen. Als verpakte levensmiddelen kosjer zijn, wordt dit met een stempel aangegeven.
In de advertentie staat O.R.T. en dat betekent ‘onder rabbinaal toezicht’. Dit geeft aan dat er bij het productieproces toezicht was van een rabbijn (een joodse geleerde). Voor een koper is dit de garantie dat het een echt kosjer product is.
In de Tora staan drie regels die bepalen of voedsel kosjer is of niet. 1 Er mogen alleen ‘reine’ dieren gegeten worden. Reine dieren zijn herkauwers met gespleten hoeven, zoals koeien, schapen en geiten. Vissen mogen gegeten worden als ze schubben en vinnen hebben. Alleen vogels die van graan of planten leven, zijn voor voedsel toegestaan. Eieren en melkproducten zijn kosjer als ze van een rein dier komen. 2 Je mag niets eten waar bloed in zit. Dieren moeten op een voorgeschreven manier worden geslacht. Een joodse slager bewerkt het vlees zodanig dat al het bloed eruit verwijderd is. Thuis wordt het vlees nog een tijd in water en zout gelegd, voordat het wordt bereid. 3 Vlees en zuivelproducten mogen niet samen bereid of gegeten worden. In het huis van een orthodox joods gezin tref je een ‘gedeelde’ keuken aan: één gedeelte is voor vlees, het andere voor zuivelproducten. Er zijn ook aparte pannen, bestek, servies en dergelijke voor vlees, en aparte voor zuivel.
26
9006481662_bw.indb 26
10/09/15 10:46
9006481662_bw.indb 112
10/09/15 10:47
Iedereen ontwikkelt vroeg of laat een kijk op het leven. Velen putten daarbij uit de antwoorden die de wereldreligies geven op vragen als ‘hoe te leven?’ en ‘is er meer tussen hemel en aarde?’ Wereldreligies in Nederland laat leerlingen kennismaken met het fenomeen levensbeschouwing en de belangrijkste religieuze vormen daarvan als jodendom, christendom, islam, hindoeïsme en boeddhisme. Deze ontmoeting helpt ze bij het vormen van een eigen kijk. En de opgedane kennis geeft een handvat bij het leren omgaan met verschillen. Wereldreligies in Nederland: • is geschreven voor de onderbouw mavo / havo / vwo ; • biedt voldoende lesstof voor 1 leerjaar (bij 1 lesuur per week) ; • is flexibel inzetbaar (onderwerpen zijn los behandelbaar, eenvoudig in te passen in leerlijnen en kunnen worden verdeeld over meerdere leerjaren) ; • is bruikbaar in het openbaar én het christelijk onderwijs ; • ondersteunt burgerschapsvorming, wereldoriëntatie, godsdienst/levensbeschouwing, tolerantie en zingeving.
9006481662_omslag.indd 1
04-09-13 12:04