Spelling
Groep 5
Blok
Naam
1
Woordpakket 3
Les 1
Woorden met eer, oor en eur • Ik leer meer woorden schrijven met eer, oor en eur.
Ook-zo-woorden eerder ongeveer het onweer het weerbericht de vleermuis
boordevol de oorzaak de schoorsteen het kantoor het voorwerp
gebeuren de geurstof de voorkeur het gezeur het humeur
akkoord het antwoord het paspoort de spreekbeurt verkeerd
Schrijf het ook-zo-stukje altijd hetzelfde. eer/oor/eur
1 Luister naar het woord in je hoofd. 2 Hoor je /ir/? Schrijf dan eer. Hoor je /or/? Schrijf dan oor. Hoor je /ur/? Schrijf dan eur. eer, oor en eur zijn ook-zo-stukjes. Je schrijft ze altijd hetzelfde.
Voorbeeld Je hoort /vlirmuis/. Je schrijft: vleermuis. Je hoort /orzaak/. Je schrijft: oorzaak. Je hoort /gurstof/. Je schrijft: geurstof.
3 Lees nog een keer na of je het woord goed geschreven hebt.
29
1
Bekijk samen de woorden en de schrijfaanwijzing.
2
Vul de woorden die je hoort in. 1 Kies allebei twee woorden met eer, twee woorden met oor en twee woorden met eur. Schrijf de woorden op. Je klasgenootje mag ze niet zien. 2 Leerling 1: lees door elkaar je woorden voor. 3 Leerling 2: luister goed naar je klasgenootje. Vul de woorden in het goede rijtje in. 4 Ruil om. eer
oor
woord woord
3
Geef elkaar een dictee. 1 2 3 4 5 6
30
Kies samen een rijtje van vijf woorden uit het woordpakket. Kijk goed hoe je de woorden schrijft. Weten jullie het? Leerling 1: lees elk woord uit het rijtje voor. Leerling 2: vul elk woord in. Ruil om. Doe hetzelfde met een ander rijtje van vijf woorden. Kijk samen na en verbeter.
eur
4
Bedenk een gedicht van acht regels. Gebruik de woorden: onweer + meer
humeur + deur
kantoor + door
paspoort + woord
31