Skip to main content

Pit spelling - groep 8 - basis - blok 1

Page 1

Groep 8

Blok

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 1

1

29/03/2022 09:22


Spelling

Basis • Groep 8 • Blok 1 Woordpakket 1, 2, 3 en 4 Antwoorden

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 1

29/03/2022 09:22


Pictoʼs Deze opdracht doe je als je tijd hebt. Deze opdracht doe je alleen. Deze opdracht doe je samen. Deze opdracht doe je in een groepje. Deze opdracht doe je met de hele klas. Dit is een bewegingsopdracht. Deze opdracht schrijf je op een blaadje.

Knipstrategie Luisterstrategie Onthoudstrategie Ook-zo-strategie Regelstrategie Werkwoord

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 2

29/03/2022 09:22


Blok 1

Hoe gaat het? ?⃝ Ik moet het nog leren.

Doelenkaart

⃝↑ Ik moet het nog oefenen. ⃝✓ Ik kan het!

Woordpakket 1 Werkwoordspelling • Ik kan de persoonsvorm tegenwoordige tijd met je/jij erachter en de gebiedende wijs goed schrijven.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan zelf van nieuwe werkwoorden de persoonsvorm tegenwoordige tijd met je/jij erachter en de gebiedende wijs bedenken.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan woorden waarin ik /ie/, /i/ of /j/ hoor en y schrijf goed schrijven.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan zelf woorden waarin ik /ie/, /i/ of /j/ hoor en y schrijf bedenken.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan woorden die eindigen op iaal, ieel, eaal en ueel goed schrijven.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan zelf woorden die eindigen op iaal, ieel, eaal en ueel bedenken.

?⃝

⃝↑

⃝✓

Woordpakket 2 Woorden met y

Woordpakket 3 Woorden met iaal, ieel, eaal en ueel

Woordpakket 4 Samenstellingen met en zonder tussenletters n en s • Ik kan samenstellingen met en zonder tussen n en s goed schrijven.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan zelf samenstellingen met en zonder tussen n en s bedenken.

?⃝

⃝↑

⃝✓

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 3

29/03/2022 09:22


Woordpakket 1

Werkwoordspelling

Les 1

• Ik herhaal de persoonsvorm tegenwoordige tijd met je/jij erachter en ik leer de gebiedende wijs schrijven.

-> pv

pv ev jij-vorm + pv = + t -> pv + jij/je -> geen t

woordenboekvorm pv -> gebiedende wijs = ik-vorm zonder onderwerp

Werkwoorden schenken jij schenkt – schenk jij Schenk!

stelen jij steelt – steel jij Steel!

antwoorden jij antwoordt – antwoord jij Antwoord!

wenken jij wenkt – wenk jij Wenk!

herhalen jij herhaalt – herhaal jij Herhaal!

voeden jij voedt – voed jij Voed!

stampen jij stampt – stamp jij Stamp!

verdwalen jij verdwaalt – verdwaal jij Verdwaal!

onthouden jij onthoudt – onthoud jij Onthoud!

kruipen jij kruipt – kruip jij Kruip!

streven jij streeft – streef jij Streef!

lijden jij lijdt – lijd jij Lijd!

grijpen jij grijpt – grijp jij Grijp!

beproeven jij beproeft – beproef jij Beproef!

strijden jij strijdt – strijd jij Stijd!

knijpen jij knijpt – knijp jij Knijp!

peinzen jij peinst – peins jij Peins!

betrappen jij betrapt – betrap jij Betrap!

kneuzen jij kneust – kneus jij Kneus!

ontsnappen jij ontsnapt – ontsnap jij Ontsnap!

4

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 4

29/03/2022 09:22


Jij/je achter de persoonsvorm (herhaling) De persoonsvorm tegenwoordige tijd bij jij en je schrijf je als ik-vorm + t. Dan staat het onderwerp, jij of je, vóór de persoonsvorm tegenwoordige tijd. Jij/je schenkt.

Voorbeeld: jij/je schenkt -> schenk jij/je? Jij/je voedt -> voed jij/je? Je onthoudt het beter. -> Nu onthoud je het beter.

Als jij of je achter de persoonsvorm tegenwoordige tijd staat, verdwijnt de t. Soms staat er een woordgroep achter de persoonsvorm die met je begint: ‘je broer’ of ‘je oma’. Je kunt zo’n woordgroep vervangen door hij of zij. Bij zo’n woordgroep hoort dus de hij/ zij-vorm en blijft de t staan. De gebiedende wijs De gebiedende wijs heeft geen onderwerp. Het is een opdracht, verzoek, wens of advies. De zin met de gebiedende wijs eindigt vaak met een uitroepteken (!) maar dat hoeft niet. Je schrijft de gebiedende wijs altijd als de ik-vorm.

Voorbeeld: Waarom antwoordt je broer niet?

Voorbeeld: Schenk mij alsjeblieft ook wat in. Antwoord mij meteen! Onthoud goed wat er wordt gezegd.

Tip! Kun je je voor jij vervangen? Dan is het de jij-vorm. Kun je je voor jouw vervangen? Dan is het de hij/zij-vorm. Voorbeeld: Antwoord je? = Antwoord jij? -> jij-vorm. Antwoordt je broer/zus? = Antwoordt jouw broer/zus? = Antwoordt hij/zij? -> hij/zij-vorm.

1

Bekijk samen het woordpakket en de schrijfaanwijzing.

5

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 5

29/03/2022 09:22


2

Oefen met jij vóór en achter de persoonsvorm. 1 Zoek allebei in het woordpakket: a twee werkwoorden waarin de letterzetter is geweest; b twee werkwoorden op ven of zen; c twee werkwoorden met een ik-vorm die eindigt op d. 2 Vul de rijtjes in voor deze werkwoorden. 3 Kijk samen na en verbeter.

3

woordenboekvorm

jij vóór de persoonsvorm

jij achter de persoonsvorm

betrappen

jij betrapt

betrap jij

Geef elkaar een dictee. 1 Leerling 1: zorg ervoor dat je het woordpakket niet ziet. 2 Leerling 2: kies een werkwoord uit het woordpakket. Lees de woordenboekvorm voor. 3 Leerling 1: vul jij in vóór en achter de persoonsvorm. Vul ook de gebiedende wijs in met een uitroepteken! 4 Doe dit met nog vier werkwoorden. 5 Ruil om en doe hetzelfde met vijf andere werkwoorden. 6 Kijk samen na en verbeter.

6

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 6

29/03/2022 09:22


4

Lees de zinnen. Maak er vraagzinnen en gebiedende wijs van.

1 Je zus peinst over het verhaal. vraagzin: gebiedende wijs: 2 Je streeft altijd naar het beste. vraagzin: gebiedende wijs: 3 Jij kruipt onder het bed. vraagzin: gebiedende wijs: 4 Je antwoordt niet. vraagzin: gebiedende wijs: 5 Je broer lijdt veel pijn. vraagzin: gebiedende wijs: 6 Je onthoudt mijn naam goed. vraagzin: gebiedende wijs: 7 Je broertje verdwaalt niet in het bos. vraagzin: gebiedende wijs:

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 7

7

29/03/2022 09:22


Woordpakket 1

Les 2

Werkwoordspelling • Ik oefen de persoonsvorm tegenwoordige tijd met je/jij erachter en de gebiedende wijs.

Schrijfaanwijzing jij-vorm = ik-vorm + t (jij kruipt, je strijdt). Als jij/je achter de persoonsvorm staat, verdwijnt de t: kruip jij?, strijd je? De gebiedende wijs heeft geen onderwerp. Vaak staat er een uitroepteken aan het eind van de zin. Je schrijft de gebiedende wijs altijd als de ik-vorm.

1

Vul de persoonsvorm in. Let op: vergeet de hoofdletter bij de gebiedende wijs niet. 1 herhalen

Waarom niet?

2 peinzen

Achmed zegt: 'Daar toch niet over? Geen denken aan.'

3 onthouden

2

straatinterview?

je juf de vraag

over!

jij de vragen voor het

vragen!

je geluk in de loterij.

daar niet

de

4 beproeven

Je

5 streven

je naar een groter luisterpubliek onder de jongeren?

ernaar!

6 wenken

Je moet komen.

naar

naar Sam omdat hij

je geluk!

Sam!

Maak de vraagzin of de gebiedende wijs. Kijk naar de vetgedrukte persoonsvorm. 1 Je lijdt aan heimwee. Waar 2 Jij strijdt om de eerste plaats. Waarom 3 Je vriend grijpt de leuning vast. Wat 4 Je hamster ontsnapt uit zijn kooi. Waarom 5 We houden de straat schoon. 6 Jij schenkt melk in een glas. Waarin

8

je

vraag!

de

7 Jullie onthouden de woorden.

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 8

je aan? jij? je vriend vast? je hamster? de straat schoon! jij melk? de woorden!

29/03/2022 09:22


3

Bedenk een gewone zin en een vraagzin. Vul een gewone zin en een vraagzin in de jij-vorm in met de werkwoorden: stampen | verdwalen | antwoorden.

4

Maak zinnen met werkwoorden. Bekijk het woordpakket nog eens. 1 Kies uit elk rijtje van het woordpakket een werkwoord. 2 Maak met elk werkwoord een vraagzin. In de vraagzin gebruik je de jij-vorm. 3 Gebruik de vraagwoorden wie, wat, waar, waarom of hoe. 4 Maak met dezelfde woorden een zin in de gebiedende wijs.

9

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 9

29/03/2022 09:22


Woordpakket 1

Les 3 1

Werkwoordspelling • Ik oefen de persoonsvorm tegenwoordige tijd met je/jij erachter en de gebiedende wijs. • Ik bedenk zelf van nieuwe werkwoorden de persoonsvorm tegenwoordige tijd met je/jij erachter en de gebiedende wijs.

Kijk naar de woordenboekvorm. Vul jij voor en achter de persoonsvorm in. En maak een korte zin in de gebiedende wijs. Voorbeeld: wenken: jij wenkt – wenk jij? – wenk je vader! 1 kruipen: 2 knijpen: 3 stelen: 4 betrappen: 5 kneuzen: 6 voeden:

2

Vul de persoonsvorm tegenwoordige tijd in. Kijk naar de woordenboekvorm. Let op: soms moet je de gebiedende wijs invullen. 1 drinken

de poes wel genoeg?

2 bepalen

Jij

3 druppen

De regen

niet wie er mee mag doen. van je jas.

4 vinden

jij dat heel erg leuk?

5 drijven

maar fijn op het water!

6 verliezen

Pas op, straks

je je evenwicht.

7 slijpen

jij de potloden even?

8 vermijden

die drukte liever!

9 malen 10 denken

Jij

het meel als een echte molenaar. jij daar ook zo over?

10

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 10

29/03/2022 09:23


3

Kies zes werkwoorden uit opdracht 2. Maak zinnen met deze werkwoorden als antwoorden. Je klasgenoot bedenkt de vragen erbij en vult die in.

11

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 11

29/03/2022 09:23


Woordpakket 1

Les 4

Dit kan ik nog

Dit kan ik nu

• Ik herhaal woorden uit blok 5 (groep 7).

• Ik kan de persoonsvorm tegenwoordige tijd met je/jij erachter en de gebiedende wijs goed schrijven. • Ik kan woorden uit blok 5 (groep 7) nog goed schrijven.

Dit kan ik nog 1

Maak het gedicht af. Kijk naar de woordenboekvorm. Vul het voltooid deelwoord in. 1 zwerven

Ik heb

door de straten.

2 lopen

Ik heb

op talloze wegen.

3 bonzen

Ik heb

op vele deuren.

4 wachten

Ik heb stilletjes

5 wensen

Ik heb zolang

6 wennen

Nu ben ik

aan de stilte om mij heen.

7 dwingen

Nu ben ik

niet langer te zoeken.

tot er iets zou gebeuren. dat iemand van mij zou houden.

Ikzelf zal er altijd voor mij zijn. Dat is een vreemde gedachte, maar wel fijn ...

2

Welk woord hoort bij het plaatje? Kijk naar het plaatje en het picto. Welk woord hoort erbij? Vul het in.

leenwoord

trema

cht Deze vogel zingt in de nacht.

12

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 12

29/03/2022 09:23


3

Rara, wat is het? Vul het woord in. 1 Dit is een droog koekje bij de thee. 2 Dit is het meervoud van de kolonie. 3 Dit is een spijkerbroek. 4 Bij hem of haar zit alles altijd tegen.

13

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 13

29/03/2022 09:23


Dit kan ik nu Zo schrijf ik het goed

! ?



1 2 3 4 5 6 7 8 9 10

Woorden uit blok 5 (groep 7)

! ?



1 2 3 4 5

Goed!

14

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 14

29/03/2022 09:23


15

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 15

29/03/2022 09:23


Spelen en bewegen 1

Maak de persoonsvorm. Wat heb je nodig? • dobbelsteen 1 2 3 4 5 6

Kies allemaal een woordenboekvorm uit het woordpakket. Gooi met de dobbelsteen. Kijk wat er bij het aantal ogen hoort. Vul jouw werkwoord in op de schrijflijn. Maak er een goede zin van en schrijf de zin op. Is de persoonsvorm goed geschreven? Dan krijg je het aantal punten dat je gegooid hebt. Ga door tot iedereen vijf keer is geweest. Wie heeft de meeste punten na vijf keer gooien? Dat is de winnaar!

Voorbeeld:

Betrapt je broer een inbreker?

= jij ... = gebiedende wijs en

= ... jij?

= ... je broer = ... je moeder

16

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 16

29/03/2022 09:23


2

Stand in de mand. Wat heb je nodig? • een bal • het woordpakket 1 Eén klasgenootje is spelleider en heeft woordpakket 1 bij zich. 2 Een ander krijgt de bal en is de gooier. 3 De gooier gooit de bal omhoog en roept: ‘Stand in de mand voor ...’. 4 Hij noemt een naam en de anderen rennen weg. 5 Is je naam geroepen? Vang of pak de bal en roep: ‘Stop!’ 6 Iedereen staat stil en de spelleider stelt een vraag over woordpakket 1. 7 Geeft de vanger geen goed antwoord? Dan wordt hij de gooier. 8 Bij een goed antwoord kiest hij een nieuwe gooier.

Wat is de laatste letter van de jij-vorm tegenwoordige tijd van glijden?

Wat is de laatste letter van de ik-vorm tegenwoordige tijd van raden?

17

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 17

29/03/2022 09:23


Spelling

Groep 8  Blok 1

9 789006 283921

TV_Spel_BASIS_G8_Blok1.indb 70

29/03/2022 09:25


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Pit spelling - groep 8 - basis - blok 1 by ThiemeMeulenhoff - Issuu