maakt onderdeel uit van de reeks Samengevat
in de } praktijk Duits
C.E. van Eunen A. Krijgsman
1
Colofon Auteur C.E. van Eunen A. Krijgsman Illustraties Tochtstrips.NL Vormgeving en opmaak Maura van Wermeskerken, Apeldoorn
ThiemeMeulenhoff ontwikkelt leermiddelen voor Primair Onderwijs, Voortgezet Onderwijs, Beroepsonderwijs en Volwasseneneducatie en Hoger Onderwijs Meer informatie over ThiemeMeulenhoff en een overzicht van onze leermiddelen: www.thiememeulenhoff.nl of via onze klantenservice (088) 800 20 15 ISBN 978 90 06 07396 6 Eerste druk, eerste oplage, 2012 © ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, 2012 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16 Auteurswet j° het Besluit van 23 augustus 1985, Stbl., dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting Publicatieen Reproductierechten Organisatie (PRO), Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp (www.stichting-pro.nl). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet) dient men zich tot de uitgever te wenden. Voor meer informatie over het gebruik van muziek, film en het maken van kopieën in het onderwijs zie www.auteursrechtenonderwijs.nl. De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot de uitgever wenden.
Deze uitgave is voorzien van het FSC®-keurmerk. Dit betekent dat de bosbouw voor het gebruikte papier op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden.
2
© ThiemeMeulenhoff
Duits in de praktijk
Voorwoord Duits in de praktijk is een handzaam naslagwerk. Je kunt er bijvoorbeeld een overzicht van de belangrijkste Duitse grammatica in vinden of voorbeelden van hoe je een goede brief in het Duits schrijft. Ook kun je er allerhande voorbeeldzinnen in opzoeken. Wat Duits in de praktijk anders maakt dan andere taalgidsen, is dat de theorie van het Duits geworteld is in de praktijk. Door dit boekje leer je niet alleen hoe je iets in het Duits kunt verwoorden, maar ook wanneer en op welke wijze je dat het beste kunt doen. Het geeft je inzicht in de Duitse taal van het leven van alledag: hoe spreek je met elkaar op de werkvloer, hoe maak je een praatje bij een eerste ontmoeting, waar moet je vooral niet naar vragen als je bij iemand op bezoek gaat, hoe maak je bij de dokter kenbaar wat je mankeert? Duits in de praktijk voert je mee langs alledaagse thema’s – zoals werk, winkelen, vervoer – waarbij je hulp geboden wordt om je in verschillende situaties te kunnen redden. Duits in de praktijk is geen volledige taalmethode, maar een praktische handreiking voor wie voor korte of langere tijd in Duitsland wil wonen, werken of stage lopen. De makers van Duits in de praktijk wensen je veel leer- en leesplezier!
© ThiemeMeulenhoff
3
3
Duits in de praktijk
Inhoud A
alledaagse dingen
1 2 3 4 5 6 7 8 9
contact solliciteren en werk shoppen over de grens vervoer horeca politie ziek en gezond sport actualiteit en geschiedenis
7 10 13 17 19 22 23 25 27
B
brieven schrijven en bellen
30
1 2 3 4 5
brieven e-mail praktische zinnen brieven / e-mails bellen sms’en en sms-taal
30 33 33 34 35
C
compacte grammatica
36
1 2 3 4 5 6 7
werkwoorden naamvallen zelfstandige naamwoorden voorzetsels persoonlijke voornaamwoorden bijvoeglijke naamwoorden trappen van vergelijking
36 38 39 39 40 40 41
D
dingen die er ook nog toe doen
42
1 2 3
tijd afkortingen soorten Duits
42 43 45
Š ThiemeMeulenhoff
7
5
5
Duits in de praktijk
A
alledaagse dingen
1
contact
Im Grunde sind es doch die Verbindungen mit Menschen, welche dem Leben seinen Wert geben. (Wilhelm von Humboldt)
Als je aan een Duitser wordt voorgesteld, is het zeker niet meer zo dat je bedeesd naar de grond moet kijken. En het is ook niet waar dat iemand die twee promotieonderzoeken op zijn (haar) naam heeft staan, nu meteen met ‘Herr (Frau) Dr. Dr.’ wordt aangesproken. Maar het is ook niet waar dat de gewoontes in het contact met Duitsers ongeveer hetzelfde zijn als met Nederlanders. Siezen en duzen Heel gevoelig ligt het ‘siezen’ of ‘duzen’. Voor Nederlanders lijkt het onbegrijpelijk dat mensen op hetzelfde kantoor al dertig jaar samenwerken en elkaar nog steeds niet tutoyeren. Maar voor Duitsers is het in veel gevallen een gruwel wanneer Nederlanders in het eerste of tweede gesprek (in al dan niet krom Duits) aangeven, ‘dass man auch ruhig ‘du’ sagen kann’. Duitsers ervaren dat veelal als onbeschoft en de kans dat het contact daarna nog op een prettige manier verloopt, is bepaald niet vergroot. Het ‘du’ aanbieden is nogal wat voor Duitsers. Het gebeurt vaak alleen maar als er sprake is van echt vriendschappelijke gevoelens. Soms moet er
© ThiemeMeulenhoff
eerst ook werkelijk ‘Brüderschaft getrunken’ worden. Overigens is het wel zo dat de meeste studenten elkaar – ook bij een eerste ontmoeting - met ‘du’ zullen aanspreken. Hetzelfde geldt voor familieleden: een vierjarige dreumes zegt ‘du’ tegen zijn honderdjarige betovergrootmoeder. En ook in het gebed wordt God steevast met ‘du’ aangesproken (‘Unser Vater, der Du bist im Himmel …’) Het Duits biedt grappig genoeg ook nog nuances tussen het vormelijke ‘Sie’ en het informele ‘du’. Bijvoorbeeld door het gebruiken van het ‘Hamburger Sie’, waarbij naast de voornaam tegelijkertijd de vorm ‘Sie’ wordt gebruikt: ‘Hans, können Sie mir sagen, wie spät der Film anfängt?’ Het ‘Hamburger Sie’ kom je vaak tegen op scholen en universiteiten waar leerlingen en studenten vanaf hun zestiende op deze manier door hun docenten worden aangesproken. Begroeten Wees bij het begroeten van Duitsers zeker in het begin redelijk formeel. Gebruik dus begroetingen als ‘Guten Morgen’, ‘Guten Tag’ (dus geen: ‘Guten Mittag’) en ‘Guten Abend’. Wees vooral in formele contacten voorzichtig met allerlei begroetingen die je tussen Duitsers (Oostenrijkers, Zwitsers) dagelijks
7
7
Duits in de praktijk
kunt horen. Geen ‘Hallo’, geen ‘Moin’ (NoordDuitsland), geen ‘Grüezi’ (Zwitserland) en geen ’Ei Gude, wie?’ (Hessen). Wel kan de groet van Beieren en omstreken – ‘Grüß Gott’– zonder problemen worden overgenomen. Dit is overigens niet een soort gebiedende wijs of verzoek (groet God); de uitdrukking luidde aanvankelijk ‘Grüß dich Gott’ wat zo veel betekent als: God moge je zegenen. Ook de Zuid-Duitse/Oostenrijkse groet ‘Servus’ kan rustig gebruikt worden. Wordt er afscheid genomen, dan is vooralsnog ‘(Auf) Wiedersehen’ (in ZuidDuitsland vaak ‘(Auf) Wiederschauen’) op zijn plaats en is het beter om af te zien van uitdrukkingen als ‘Tschüss’ of ‘Bis bald’. In een telefoongesprek in het Nederlands zul je niet gauw meer ‘tot wederhoren’ zeggen aan het einde van een gesprek, terwijl je in het Duits wel ‘(Auf) Wiederhören’ kunt gebruiken. Wanneer je iemand bij het groeten of informeren met zijn beroep aanspreekt, dan zeg je ervoor nog ‘Herr’ of ‘Frau’. In het Nederlands zou je bijvoorbeeld zeggen: ‘Goedemorgen, conducteur’ , terwijl dat in het Duits wordt: ‘Guten Morgen, Herr Schaffner’. In de Duitse taal kom je de vrouwelijke vorm vaker tegen dan in het Nederlands. Zo spreek je een zaal met studenten niet eenvoudig aan met ‘Liebe Studenten’, maar eerder met ‘Liebe Studentinnen und Studenten.’ Op papier schrijf je dan afgekort: ‘Liebe StudentInnen’. Op bezoek Houd goed in de gaten dat de Nederlandse ‘zoenziekte’ (drie kussen bij elke begroeting) nog niet naar Duitsland is overgeslagen. In Duitsland moet je minstens familie of een heel goede vriend zijn, wil je elkaar zo begroeten. En als het al tot zoenen komt, zijn het er nooit meer dan twee! Wanneer je bij iemand thuis wordt uitgenodigd, bijvoorbeeld voor een verjaardag, dan is het belangrijk om een paar zaken goed in de gaten te houden. In Nederland feliciteren we naast de jarige ook alle andere aanwezigen in de kamer. We zeggen gerust: ‘Van harte gefeliciteerd met de verjaardag van je buurman.’ Dat is iets wat in Duitsland absoluut niet gebruikelijk is. Je feliciteert echt alleen de jarige. De hele ronde maken zou de lachlust van de aanwezigen opwekken. Duitsers hechten er zeer aan dat je je afspraken stipt nakomt. Heb je om acht uur 8
afgesproken, dan ziet een Duitser je niet graag voor of na de genoemde tijd verschijnen. Als je bij je bezoek bloemen meeneemt, denk er dan aan om van tevoren het papier te verwijderen. Boeketten worden in Duitsland zonder verpakking aangeboden. In discussie Ten onrechte wordt weleens gesteld dat Duitsers humorloos zijn. Niets is minder waar: het scherpe en bijtende (politieke) cabaret dat in veel steden te zien is, bewijst het tegendeel. Er wordt verder ook genoeg gelachen door Duitsers, maar sommige gelegenheden lenen zich daar minder voor, vinden zij. Zo vinden ze het onbegrijpelijk als bij een bespreking met nog onbekende zakenpartners de misschien wat stijve sfeer met een grapje wordt doorbroken. Wanneer je je Duitse partners wat beter kent en je betrokken wordt bij hun zakelijke en ook hun niet-zakelijke gesprekken, dan zul je al snel merken dat er in Duitsland vaak minder ‘gepolderd’ wordt dan bij ons. Je zegt elkaar wat makkelijker waar het op staat. Net als in de vele praatprogramma’s die laat op de avond bij ARD en ZDF worden uitgezonden, is men niet bang om de eigen mening duidelijk te verkondigen. Dat geldt met name voor politieke opvattingen. Om een idee te krijgen hoe scherp de discussies kunnen zijn, moet je maar eens een tijdje een debat in de Duitse Bundestag volgen. In vergelijking met wat daar gebeurt, lijkt onze eigen Tweede Kamer meer op een gezapig praatclubje. Status Het Nederlandse ‘Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg’ gaat in Duitsland een stuk minder op. Als een Duitser veel geld bezit, wil hij dat graag laten zien. Bijvoorbeeld door in een mooie, dikke Mercedes rond te rijden en daar nog trots op te zijn ook. Dat is in Duitsland heel gewoon en ze zien je dan niet als een ‘patser’. Een goede buur … De afgelopen jaren is één op de drie Nederlanders positiever over Duitsland gaan denken. Dat blijkt bijvoorbeeld uit een in 2007 gepubliceerd onderzoek van Intomart. Nederlanders beoordelen Duitsland hierin behoorlijk positief en vinden Duitsers vooral vriendelijke en trotse, harde werkers. Duitsland wordt gezien als bondgenoot en
© ThiemeMeulenhoff
Duits in de praktijk
goede buurman. Een student die een tijd in Berlijn verbleef, zei daarover: ‘Berlijn is ongeveer zoals wij Nederland graag zouden zien.’ Hij wees daarbij ook op de lage prijzen en de vriendelijkheid van de mensen. Dik Linthout, een specialist in Duits-Nederlandse verhoudingen (overleden in 2008), schreef daarover: ‘Maar de anti-Duitse houding (…) is sterk aan het veranderen. Jonge Nederlanders van nu vinden de Berliner Republik sexy, Duitsland cool en in alle studentenflats in de hele westerse wereld staat Rammstein te dreunen. AntiDuits zijn behoort nu tot de folkore van de voetballisering van de samenleving, de spontane anti-Duitse uitbarsting als Nederland tegen Duitsland moet voetballen.’ Dik Linthout schreef ook een zeer lezenswaardig boek over de verschillen en overeenkomsten tussen Duitsers en Nederlanders: Onbekende buren (Atlas, Amsterdam/Antwerpen 2006). Beleefd en behulpzaam Als je een theater in Duitsland bezoekt, zie je hoe beleefd iedereen zich daar gedraagt. Bij de garderobe formeren zich spontaan twee rijen waarin iedereen geduldig op zijn beurt wacht. En in de foyer zie je evenveel rijen als medewerkers in de bediening. Voordringen wordt niet op prijs gesteld. In Duitsland is de algemene opinie dat je met respect met elkaar omgaat. Men vindt het vreemd wanneer je in de tram niet voor ouderen of zwangere vrouwen opstaat of je niet duidelijk verontschuldigt wanneer je per ongeluk tegen iemand aanloopt. De Duitse beleefdheid (die natuurlijk ook wel iets met afstandelijkheid te maken heeft) uit zich ook in het taalgebruik. De Duitser zal veelvuldiger gebruik maken van termen als ‘bitte sehr’, ‘Entschuldigung’, ‘danke schön’ dan Nederlanders gewend zijn. De Duitse beleefdheid strekt zich ook uit tot het oordeel over het Duits van de buitenlandse gesprekspartner. Men is (anders dan bijvoorbeeld in Frankrijk!) snel geneigd om complimenten te geven voor het zo ‘flüssige Deutsch’ van de ander of voor zijn of haar uitspraak. Met gezagsdragers wordt in Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland ook met meer beleefdheid omgegaan dan in Nederland. Een al te populaire toon tegen een Duitse agent wordt over het algemeen niet op prijs gesteld.
© ThiemeMeulenhoff
Praktische zinnen • Ik ben blij met u kennis te maken. Es freut mich, Sie kennen zu lernen. • Graag wil ik meneer Müller aan u voorstellen. Gerne würde ich Ihnen Herrn Müller vorstellen. • Hartelijk welkom. Herzlich willkommen. • Graag wil ik dit probleem nog bespreken. Gerne würde ich dieses Problem noch erörtern. • Hartelijk gefeliciteerd met uw verjaardag. Herzlichen Glückwunsch zum Geburtstag. • Gecondoleerd. Ich möchte Ihnen mein Beileid aussprechen. • Ik ben blij dat ik u heb leren kennen. Es freut mich, dass ich Sie kennengelernt habe. • Tot ziens en ik hoop snel van u te horen. Auf Wiedersehen und ich hoffe bald von Ihnen zu hören. • Zullen we een datum/tijdstip afspreken? Wollen wir einen Termin festlegen? • Ik heb hier mijn agenda. Ich habe hier meinen Terminkalender. • Hoe laat hebben we morgen afgesproken? Wie spät sind wir morgen verabredet? • In dit opzicht ben ik het niet met u eens. In dieser Hinsicht bin ich nicht mit Ihnen einverstanden. • Excuses, is deze stoel bezet? Entschuldigung, ist dieser Stuhl besetzt? • Neem u mij niet kwalijk. Entschuldigen Sie bitte. • Is hier het eind van de rij? Ist hier das Ende der Schlange? • Waar kan ik hier in de rij gaan staan? Wo kann ich mich hier anstellen? • Zou ik hier mogen zitten? Dürfte ich hier Platz nehmen? • Het spijt me dat ik te laat ben. Es tut mir Leid, dass ich mich verspätet habe. • Hartelijk dank. Vielen Dank. • Niets te danken. Gern geschehen. • Hopelijk neemt u me niet kwalijk, dat ... Hoffentlich nehmen Sie es mir nicht übel, dass … • Ik wens u een aangename dag. Ich wünsche Ihnen einen angenehmen Tag. • Wilt u misschien gaan zitten? Möchten Sie sich vielleicht setzen? • Ik wens u een mooie dag. Ich wünsche Ihnen einen schönen Tag. • Insgelijks. Ebenfalls. • Nee, na u. Nein, nach Ihnen. • Kan ik u misschien helpen? Kann ich Ihnen vielleicht helfen? 9
9
Duits in de praktijk
• Sorry, mijn Duits is niet zo goed. Entschuldigung, mein Deutsch ist nicht so gut. • Kunt u dat alstublieft herhalen? Könnten Sie das bitte wiederholen? • Ik zou u willen vragen, mij daarbij te ondersteunen. Ich möchte Sie bitten, mich dabei zu unterstützen. • Ik hoop dat ik u goed begrepen heb. Ich hoffe, ich habe Sie richtig verstanden. • Heeft u nog een paar minuten voor mij? Hätten Sie noch ein paar Minuten für mich? • Kunt u mij zeggen, of … Könnten Sie mir sagen, ob …
Zoek informatie over het bedrijf waar je solliciteert en laat in je sollicitatiebrief en later in het gesprek blijken dat je al het nodige weet. Kennis van het bedrijf is belangrijker dan kennis van de functie! Je brief hoort natuurlijk foutloos en netjes te zijn en voorzien van een pasfoto waarop je goed bent gekleed. Houd de brief zakelijk en vermeld alleen het noodzakelijke.
In allen Augenblicken, wo wir unser Bestes tun, arbeiten wir nicht. Arbeit ist nur ein Mittel zu diesen Augenblicken. (Friedrich Wilhelm Nietzsche)
Sollicitatiemap Alleen een sollicitatiebrief schrijven is onvoldoende. Het is gebruikelijk om bij een sollicitatie een complete map op te sturen, bij voorkeur met een transparante voorkant zodat je gelijk kunt zien wat erin zit. In de map stop je een inhoudsopgave, je brief (met foto dus), je cv, kopieën van diploma’s, cijferlijsten en getuigschriften enzovoort. Noem in je brief en/of cv alleen hobby’s en activiteiten die relevant zijn voor de baan – maar dan wel met bewijsstukken. Een degelijk pakket dus!
Het beste van jezelf geven in je werk en daar voldoening uit krijgen, wie wil dat nu niet? Een mooie manier om jezelf te ontwikkelen is eens een tijdje in een ander land te wonen en te werken. Dat is precies wat een jonge Nederlandse automonteur deed: hij solliciteerde bij een VW-dealer in Krefeld. Daar had hij overigens nog een reden voor: hij was smoorverliefd op een Duits meisje dat daar woonde. Bij zijn sollicitatiegesprek ging het bijna mis. Aan zijn toekomstige chef vroeg hij namelijk: ‘Was verdienst du denn hier?’ Die reageerde nogal ijzig: ‘Das geht Sie nun wirklich nichts an!’ De Nederlander wilde natuurlijk weten wat voor salaris hij ongeveer zou krijgen, maar vertaalde daarbij het woord ‘je’ in ‘du’ in plaats van ‘man’. De chef dacht dus dat naar zijn salaris werd gevraagd! Uiteindelijk is het goed gekomen, maar het had ook anders kunnen aflopen.
Op gesprek Met een beetje geluk word je uitgenodigd voor een gesprek. Ook dat verloopt vaak formeler en wat anders dan in Nederland. Als je aan moet kloppen, wacht dan tot je binnengeroepen wordt. Geef pas een hand als de ander je de hand toesteekt. Meestal is dat de chef of zelfs de hoogste baas. Toekomstige collega’s zijn als regel niet aanwezig. Men zal niet met koffie beginnen – er wordt sowieso minder koffie gedronken dan in Nederland - of het ijs proberen te breken met wat inleidende ditjes en datjes. Je gesprekspartner zal direct serieus met je willen praten. Ga daarbij niet proactief te werk: wacht vragen af en beantwoord ze zo goed mogelijk. Richt je daarbij tot degene die de vraag gesteld heeft. Laat zien dat je een goede teamworker en breed inzetbaar bent. Hemel jezelf echter niet te veel op!
Hoffelijk en correct: noodzaak Een belangrijk kenmerk van contacten met Duitse werkgevers is dat die in het algemeen formeler verlopen dan in Nederland. Er wordt veel minder snel ‘jij’ en ‘jou’ gezegd. De baas is ook echt de baas en wordt ook als zodanig behandeld. Daarmee moet je als Nederlander bewust rekening houden als je in Duitsland wilt gaan werken. Dat geldt al voor het eerste contact met een toekomstige werkgever, de sollicitatiebrief.
Alles voor de baas En dan is het gelukt en ga je in Duitsland aan de slag. Zoals eerder al is gezegd: houd er vanaf het begin rekening mee dat de hiërarchie sterker is dan in Nederland: de baas is de baas en wil als zodanig behandeld worden. Hij (of zij) beslist over belangrijke zaken, niet de werknemer. Er wordt minder gediscussieerd, minder ‘gepolderd’. Als de baas iets wil, gebeurt het, draagvlak of geen draagvlak.
2
solliciteren en werk
10
© ThiemeMeulenhoff
Bundels voor al je vakken bestel je op
www.examenbundel.nl
examenbundels
vmbo gt vmbo gt vmbo gt vmbo gt vmbo gt vmbo gt vmbo gt
vmbo gt
vmbo (k)gt vmbo gt vmbo (k)gt vmbo gt
havo havo havo havo havo
vwo vwo vwo vwo vwo
havo havo
vwo vwo
havo havo havo havo havo havo
vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo
havo
vwo
samengevat
vmbo kgt vmbo kgt vmbo gt
vmbo kgt
vmbo kgt vmbo kgt
Duits Engels Frans Nederlands biologie nask 1 nask 2 natuurkunde scheikunde wiskunde wiskunde A wiskunde B wiskunde C aardrijkskunde economie geschiedenis m&o maatschappijleer 2 maatschappijwetenschappen
Meer kans van slagen met de Examenbundel!
Meer kans van slagen met Samengevat!
havo havo
vwo vwo
havo havo havo havo havo
vwo vwo vwo vwo vwo vwo
biologie nask 1 nask 2 natuurkunde scheikunde wiskunde wiskunde A wiskunde B wiskunde C aardrijkskunde economie m&o
havo havo havo
vwo vwo vwo
Engels in de praktijk Duits in de praktijk Frans in de praktijk
havo
vwo
examensurvivalgids
Al onze uitgaven zijn verkrijgbaar via de erkende boekhandel.
De Examenbundel bevat oefenexamens met uitleg bij de antwoorden, zodat je leert tijdens het oefenen. De bundels zijn speciaal samengesteld voor het schooljaar waarin het examen plaats vindt, dus je oefent altijd de juiste stof. Test je kennis met de OriĂŤntatietoets en kijk voor meer tips om te slagen op www.examenbundel.nl
Samengevat biedt je een helder en beknopt overzicht van alle examenstof. Met Samengevat kun je grote hoeveelheden stof snel herhalen en overzien. Kijk op www.examenbundel.nl De Examensurvivalgids geeft je een handleiding om het examenjaar te overleven! Het geeft je structuur in het leven en plannen in je examenjaar.