Skip to main content

De zorgverlening coördineren en evalueren

Page 1

ThiemeMeulenhoff Zorg

De zorgverlening coรถrdineren en evalueren


De zorgverlening coรถrdineren en evalueren

deel12.indd 1

10-05-10 11:37


Colofon Auteurs Sietske Boer Piet Buijnsters Bertil Huzen Annet Maseland Diana Polhuis Wim van Sloten Yvette de Smidt Ankie van Vuuren

ThiemeMeulenhoff ontwikkelt leermiddelen voor Primair Onderwijs, Voortgezet Onderwijs, Beroepsonderwijs en Volwasseneneducatie en Hoger Beroepsonderwijs Meer informatie over ThiemeMeulenhoff en een overzicht van onze leermiddelen: www.thiememeulenhoff. nl of via onze klantenservice (088) 800 20 16 ISBN 978 90 06 92446 6 Eerste druk, eerste oplage, 2010 © ThiemeMeulenhoff, Baarn/Utrecht/Zutphen, 2010

Inhoudelijke redactie Ton Vermeij

Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij

Ontwerp Omslag: Enof, Utrecht Binnenwerk: DeltaHage, Den Haag

elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16 Auteurswet j°

Fotografie Karin Ligthart, Amsterdam

het Besluit van 23 augustus 1985, Stbl., dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting Publicatie- en Reproductierechten Organisatie (PRO), Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp (www.cedar.nl/pro). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen,

Overige foto’s in deze uitgave Marcel Antonissen/ANP foto, Rijswijk: p. 183 Catchlight Visual Services, Huizen: p. 137

readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet) dient men zich tot de uitgever te wenden.

Overig materiaal D. Faber, 2003: p. 104 Ziekenhuis Leyenburg, Den Haag: p. 72

De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen.

Voor meer informatie over het gebruik van muziek, film en het maken van kopieën in het onderwijs zie www.auteursrechtenonderwijs.nl.

Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot de uitgever wenden.

Deze uitgave is voorzien van het FSC-keurmerk. Dit betekent dat de bosbouw voor het gebruikte papier op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden.

2

deel12.indd 2

10-05-10 11:37


Inhoudsopgave Woord vooraf

5

Thema 1

Basiszorg plannen 1 Basiszorg plannen

9 10

Thema 2

De zorg coördineren 1 Coördinatie en continuïteit van zorg

27 28

Thema 3

Overdracht van zorg 1 Ontslag en overdracht van een zorgvrager

63 64

Thema 4

Een werkplanning maken 1 Een eigen werkplanning maken

83 84

Thema 5

Instellingen en organisaties 1 Gezondheidszorgorganisaties

93 94

1 2 3 4 5

Assertiviteit Eigen mening en wensen naar voren brengen Opkomen voor eigen positie Adequaat handelen bij intimiteiten Adequaat handelen bij fysieke agressie Onderhandelen met collega’s, leidinggevende en zorgvrager

115 116 128 136 146 156

1 2 3 4 5

Collegialiteit Samenwerken met collega’s, mantelzorgverleners en vrijwilligers Respect tonen voor de levensbeschouwing en cultuur van collega’s De eigen werk- en beroepshouding bespreekbaar maken Een positieve bijdrage leveren aan de sfeer in het team Zorgvuldig handelen in conflictsituaties

169 170 180 188 200 206

Thema 6

Thema 7

Thema 8

Knelpunten signaleren in het werkklimaat 1 Knelpunten signaleren in het werkklimaat

217 218

3

deel12.indd 3

10-05-10 11:37


Thema 9

Evalueren 1 Het evalueren van een verpleegplan Kernwoorden Index

239 240 258 278

4

deel12.indd 4

10-05-10 11:37


Woord vooraf Over Thieme Meulenhoff Zorg - Basisboeken De Thieme Meulenhoff Zorg - Basisboeken zijn competentiegericht naslagmateriaal voor niveau 3 en niveau 4 van het gezondheidszorgonderwijs. Het uitgangspunt van Thieme Meulenhoff Zorg is het leveren van een bijdrage aan het opleiden van studenten tot competente beroepsbeoefenaars in de gezondheidszorg. De Basisboeken sluiten aan bij het competentiegericht opleiden, waarbij aan de beroepspraktijk gerelateerde theorie en leeractiviteiten vanaf het begin van de opleiding tot verzorgende/verpleegkundige centraal staan. De theorie is toegankelijk geschreven en voorzien van veel praktijksituaties. Vragen en opdrachten doen voortdurend een beroep op het beroepsmatig handelen. Dit maakt de Thieme Meulenhoff Zorg - Basisboeken tot een compleet product dat past in elk didactisch model. Het naslagmateriaal is gerelateerd aan de kerntaken en werkprocessen uit de nieuwe kwalificatiedossiers. Van hieruit is een vertaalslag naar de kernactiviteiten en beroepsprestaties eenvoudig te maken. Als zodanig is het naslagmateriaal goed te plaatsen in een onderwijsmagazijn. In combinatie met onze digitale producten vormt het een compleet en rijk geschakeerd aanbod aan lesmateriaal, dat ingezet kan worden binnen het competentiegericht leren. Deze variatie aan leermiddelen en werkvormen in combinatie met e-learning (blended learning) verhoogt het leerrendement en bevordert de zelfstandigheid van studenten.

Competenties Competenties zijn de vermogens van mensen om in bepaalde situaties effectief, doelbewust en gemotiveerd te handelen. Een competentie is samengesteld uit kennis, inzichten, vaardigheden, houdingen en persoonlijke eigenschappen. Een competent persoon kan deze elementen ge誰ntegreerd en doelgericht inzetten om de juiste resultaten te bereiken. Er zijn drie typen competenties, namelijk: beroepscompetenties: de vermogens om in beroepssituaties effectief, doelbewust en gemotiveerd te handelen; leercompetenties: de vermogens om in leersituaties effectief, doelbewust en gemotiveerd te handelen; burgerschapscompetenties: de vermogens om in maatschappelijke situaties effectief, doelbewust en gemotiveerd te handelen. Voor verpleegkundigen, maar ook voor verpleegkundigen-in-opleiding zijn alle drie de soorten competenties van belang. Beroepscompetenties heb je nodig omdat je handelen een grote invloed heeft op het leven van mensen. Je hebt een beroep gekozen met een grote verantwoordelijkheid, temeer omdat je als verpleegkundige zelfstandig besluit, kiest en handelt. Je bent een professional met een

5

deel12.indd 5

10-05-10 11:37


eigen bevoegdheid. Leercompetenties zijn van belang omdat het beroep voortdurend in ontwikkeling is. Verplegingswetenschap, maar ook de medische en gedragswetenschappen zorgen onophoudelijk voor nieuwe kennis. Dat maakt het verplegen tot een vak waarin steeds weer nieuwe leersituaties ontstaan. Burgerschapscompetenties zijn belangrijk omdat het verplegen midden in de samenleving gebeurt. Het contact met mensen staat altijd centraal. Verpleegsituaties zijn maatschappelijke situaties, ongeacht de zorgsetting. De generieke boeken – dus ook dít boek, De zorgverlening coördineren en evalueren – zijn geschreven voor verpleegkundigen in opleiding. Het boek bevat alle relevante kennis behorende bij de competenties die je nodig hebt om coördinerende taken uit te voeren en de zorgverlening te evalueren. Coördineren doe je om de zorgverlening efficiënt te laten verlopen. Daarmee werk je tevens aan het beleid van de instelling of afdeling. Evalueren van de zorg staat in het teken van de kwaliteit: hebben we bereikt wat we wilden en zijn er misschien manieren waarop het beter kan? Dit boek sluit aan bij de volgende kerntaken en werkprocessen: Kerntaak 1: Bieden van verpleegkundige zorg en ondersteuning op basis van het verpleegplan Werkproces 1.8: Hanteert crisissituaties en onvoorziene situaties Kerntaak 3: Uitvoeren van organisatie- en professiegebonden taken Werkproces 3.3: Coördineert de zorgverlening Werkproces 3.4: Voert beleidsmatige taken uit Werkproces 3.5: Evalueert de zorgverlening Dit boek sluit aan bij de volgende kernactiviteiten en beroepsprestaties: Kernactiviteit: Ondersteunen bij het leven van alledag Beroepsprestatie: Ondersteunen bij basisbehoeften Kernactiviteit: Zorgen in specifieke situaties Beroepsprestatie: Planmatige zorgverlening Kernactiviteit: Verdiepen in één branche Beroepsprestatie: Actief bijdragen aan kwaliteitszorg Het boek is ingedeeld in negen thema’s: Basiszorg plannen De zorg coördineren Overdracht van zorg Een werkplanning maken Instellingen en organisaties

6

deel12.indd 6

10-05-10 11:37


Assertiviteit Collegialiteit Knelpunten signaleren in het werkklimaat Evalueren Ieder thema bevat ĂŠĂŠn of meer onderwerpen. Aan het begin van elk thema kun je lezen welk werkproces behandeld wordt. Ieder onderwerp is opgebouwd uit theoretische leerstof over kennis, inzichten en houdingen die noodzakelijk zijn om je de betreffende competenties eigen te maken. Het onderwerp start met een anekdote, een gebeurtenis of een ander voorbeeld. Je kunt je daardoor snel een beeld vormen van waar het onderwerp over gaat. Naast theorie komen praktijkvoorbeelden aan bod, die het mogelijk maken je te verdiepen in een levensechte situatie. Aan het eind van elk onderwerp vind je kennisopdrachten en een samenwerkingsopdracht. De kennisvragen zijn bedoeld om jezelf te toetsen. Als je alle vragen kunt beantwoorden zonder de tekst opnieuw te raadplegen, mag je ervan uitgaan dat je de leerstof in voldoende mate hebt begrepen. Door het uitvoeren van de samenwerkingsopdracht kun je de leerstof toepassen in een voor jou relevante situatie samen met anderen. De opdracht is zodanig uitgewerkt dat het mogelijk is het gewenste resultaat samen met anderen te bereiken zonder tussenkomst van de docent. De auteurs hopen dat deze uitgave zal voldoen aan de eisen van de huidige student verpleging. In ieder geval hebben zij geprobeerd de leerstof zodanig te presenteren dat: de inhoud relevant is voor het verpleegkundig beroep; de verwerking in iedere gewenste leervorm kan plaatsvinden; elk onderwerp onafhankelijk van andere onderwerpen bestudeerd kan worden. De auteurs: Sietske Boer Piet Buijnsters Bertil Huzen Annet Maseland Diana Polhuis Wim van Sloten Yvette de Smidt Ankie van Vuuren Eindredactie: Ton Vermeij

7

deel12.indd 7

10-05-10 11:37


Wer 3.3

8

deel12.indd 8

10-05-10 11:37


Thema Basiszorg plannen Of je als verpleegkundige nu in het ziekenhuis werkt, in de thuiszorg, de psychiatrie, de zorg voor mensen met verstandelijke beperkingen of het verpleeghuis, altijd zal de basiszorg een belangrijk bestanddeel van je tijdsbesteding vormen. Op een psychogeriatrische afdeling van het verpleeghuis zal dat een veel groter deel zijn dan wanneer je bijvoorbeeld bij mensen met lichte verstandelijke beperkingen werkt. Van de ene zorgvrager moet je alles overnemen omdat hij er zelf niet (meer) toe in staat is, de andere zorgvrager heeft voldoende aan af en toe een tip of advies, maar hoe dan ook zul je in meer of mindere mate gericht zijn op basiszorg. Basiszorg kun je vanuit twee perspectieven zien. Het is enerzijds helpen bij fundamentele levensverrichtingen, dus de basis van de menselijke behoeften. Anderzijds is het de basis van het verpleegkundig beroep. In die zin is basiszorg de zorg die je overal uitvoert, ongeacht de zorgcategorie, zeg maar het generieke aspect van het verplegen. Zoals alles moet basiszorg gepland worden, en daarbij moet rekening gehouden worden met de mogelijkheden van de zorgvrager, diens naasten of de leefgroep. In het laatste deel van deze zin schuilt feitelijk de verpleegkundige competentie. We willen ‘zorg op maat’ leveren, de zorg die de zorgvrager nodig heeft, niet meer en niet minder. Dit houdt verband met onze westerse waarden, waarbinnen individuele autonomie één van de belangrijkste is. We willen dat de zorgvrager zijn eigenwaarde en zelfstandigheid behoudt. Maar ook heeft het te maken met het feit dat gezondheidszorg niet teveel mag kosten.

Werkproces 3.3 Coördineert de zorgverlening

Thema 1

deel12.indd 9

9

10-05-10 11:37


1

Basiszorg plannen

Het is zeven uur en je wordt wakker. Je staat op en gaat naar het toilet. Nadat je hebt geplast, loop je door naar de badkamer, je poetst je tanden en je stapt onder de douche. Op dat moment wordt ook de krant in de bus gegooid. Als je klaar bent met douchen, kleed je je aan en vervolgens maak je je ontbijt klaar. Met een kop koffie en je ontbijt voor je, neem je het nieuws van de dag door. Dan is het alweer acht uur en tijd om je fiets te pakken... Waar je vervolgens naar toegaat is eigenlijk niet de vraag. De vraag is: ben je je op dat moment bewust dat je voor jezelf zorgt? En realiseer je je dat je daarvoor eigenlijk heel veel activiteiten moet kunnen ondernemen? In het kleine uurtje dat beschreven is, zorg je voor je rust, je lichamelijke hygiĂŤne, je uitscheiding van urine, de inname van vocht en voeding, lichaamsbeweging en mobiliteit en, door de krant te lezen, aansluiting met de wereld om je heen. Ieder mens zorgt in meer of mindere mate voor zichzelf en anderen. De vanzelfsprekende dagelijkse zorg komt in ieders leven voor. Als verpleegkundige zul je bij alle zorgvragers dan ook te maken krijgen met basiszorg die je in meer of mindere mate moet ondersteunen.

10

deel12.indd 10

Thema 1

10-05-10 11:37


1.1 Wat is basiszorg? basisbehoefte kerntaak

Het begrip basiszorg kun je op twee verschillende manieren interpreteren: zorg die betrekking heeft op de menselijke basisbehoeften van de zorgvrager; generieke verpleegkundige zorg, dat wil zeggen zorg die door elke verpleegkundige aan elke zorgvrager en in elke zorgsituatie in meer of mindere mate gegeven wordt, ook wel kerntaken genoemd. Basisbehoeften Elk mens heeft dezelfde dagelijkse behoeften zoals eten, drinken, veiligheid en sociaal contact. Deze basisbehoeften zijn essentiële behoeften, wat inhoudt dat een mens deze nodig heeft om te kunnen overleven. Je kunt ook spreken van universele behoeften, omdat ieder mens ze heeft. Het Beroepsprofiel van de verpleegkundige (1999) spreekt over fundamentele levensverrichtingen van de mens. Deze fundamentele levensverrichtingen worden omschreven als ‘processen en activiteiten die de mens in staat stellen te leven op een voor hem bevredigende wijze’. Zo heeft elk mens behoefte om te slapen en om te bewegen, ongeacht zijn gezondheidstoestand, levensfase en sekse. De wijze waarop deze behoeften ingevuld worden, verschilt in essentie niet veel, maar wordt wel gekleurd door persoonlijke behoeften. Als je van rijst houdt en niet van aardappelen, zul je vaker rijst eten dan iemand die van aardappelen houdt. De universele overeenkomst blijft echter dat in beide gevallen de behoefte aan eten bestaat. Heeft één van beide mensen echter diabetes mellitus (suikerziekte), dan komt daar een extra gezondheidsgerelateerde behoefte bij, zoals informatiebehoefte over de hoeveelheid aardappelen die in het dieet past. Deze informatiebehoefte geldt niet voor beide mensen en is dus niet universeel. Het ervoor zorgen dat aan de basisbehoeften wordt voldaan, wordt basiszorg genoemd. Welke basisbehoeften hebben zorgvragers eigenlijk? Verschillende mensen hebben daarover theorieën op papier gezet. Bekende theorieën zijn die van Maslow en Orem. De Amerikaanse psycholoog Abraham Maslow (1908-1970) beschreef een theorie over de hiërarchie van behoeftebevrediging. Eerst moeten de biologische behoeften worden bevredigd om vervolgens toe te komen aan behoeften als veiligheid, saamhorigheid, liefde, zelfrespect en zelfverwerkelijking. Die biologische behoeften zou je basisbehoeften kunnen noemen. Ze liggen aan de basis van de behoeftenpiramide van Maslow. 5

zelfontwikkeling 4

erkenning

3

sociale behoefte

2

bestaanszekerheid

Behoeftepiramide van Maslow

1

primaire biologische behoefte

Thema 1

deel12.indd 11

11

10-05-10 11:37


De Amerikaanse verpleegkundige Dorothea Orem beschreef in 1991 acht universele zelfzorgbehoeften: lucht; eten; drinken; slapen en rust; uitscheiding; persoonlijke verzorging en lichaamshygiĂŤne; bewegen en activiteit; sociaal contact en communicatie. Je kunt basiszorg op verschillende niveaus onderscheiden: de basiszorg voor een individuele zorgvrager; de basiszorg voor een kleine sociale groep (denk aan een gezin); de basiszorg voor een grotere sociale groep (denk aan een leefgroep, werkkring, school). Op al deze niveaus kom je de genoemde basisbehoeften tegen en kun je, indien nodig, verpleegkundige zorg verlenen. Generieke verpleegkundige zorg: kerntaken Behalve dat de term basiszorg verwijst naar de basisbehoeften van de zorgvrager, verwijst hij naar de generieke verpleegkundige zorg, dat wil zeggen verpleegkundige zorg die in elke zorgsituatie nodig kan zijn, ongeacht de zorgcategorie. Of het nu om psychiatrische, verstandelijk gehandicapte, geriatrische, jeugdige of lichamelijk zieke zorgvragers gaat, in elke situatie is de basis van het verpleegkundig werk ongeveer hetzelfde. Elke verpleegkundige moet daarvoor over dezelfde basisvaardigheden beschikken. Het Beroepsprofiel van de verpleegkundige noemt zeven kerntaken die samen beschouwd kunnen worden als de verpleegkundige basiszorg: observeren & signaleren; verzorgen; begeleiden; verpleegtechnisch handelen; informeren & adviseren; preventie & voorlichting geven; coĂśrdineren.

Kleine sociale groep: gezin bij Individuele zorgvrager

12

deel12.indd 12

een consultatiebureau

Thema 1

10-05-10 11:37


Elke kerntaak geeft een scala aan interventies aan die elke verpleegkundige moet kunnen uitvoeren. Zo kun je bij verpleegtechnisch handelen denken aan wondverzorging en het zorgdragen voor medicijngebruik, bij begeleiden aan ondersteuning in verliessituaties en bij verzorgen aan bedverzorging.

1.2 Zelfzorg, mantelzorg en professionele zorg

draagkracht draaglast

Een van de taken van de verpleegkundige is om basiszorg te plannen, rekening houdend met allerlei factoren. Basiszorg kan door verschillende mensen worden uitgevoerd. Denk daarbij aan de zorgvrager zelf, zijn partner of ouders of aan een beroepsbeoefenaar zoals een verpleegkundige. De draagkracht en de draaglast van een zorgvrager zijn bepalend voor wie de zorg uitvoert. Onder draagkracht wordt het feitelijke of potentiĂŤle vermogen verstaan om problemen en moeilijkheden te incasseren en te verwerken. Onder draaglast worden de problemen en moeilijkheden verstaan die iemand krijgt te verwerken. Voor een gezond bestaan is een optimaal evenwicht tussen draagkracht en draaglast noodzakelijk. Dit evenwicht is een verpleegkundige verantwoordelijkheid. Van alle betrokken zorg- en hulpverleners is de verpleegkundige degene die zich met dat evenwicht bezighoudt. Daarbij gaat het niet alleen om de draagkracht en -last van de zorgvrager zelf, maar ook om die van de naasten die hem bijstaan. Bij het plannen en uitvoeren van de basiszorg houd je dus rekening met de mogelijkheden van de zorgvrager ĂŠn zijn naasten.

1.2.1 Zelfzorg zelfzorg

Als de basiszorg door de zorgvrager zelf wordt uitgevoerd ten behoeve van zijn basisbehoefte, dan heet dat zelfzorg. De zorgvrager heeft dan voldoende draagkracht om de draaglast te kunnen opvangen.

Voorbeeld Esther maakt zich zorgen over de komende tentamens. Ze heeft de behoefte om haar onzekerheden op een rij te zetten en belt een vriendin. Na het telefoongesprek heeft Esther een rustiger gevoel en weet ze hoe ze haar voorbereiding op de tentamens aan zal pakken. Esther heeft in dit voorbeeld een behoefte waar ze zelf de zorg voor uitvoert door contact te zoeken met een vriendin. In dit voorbeeld is sprake van zelfzorg.

n bij

Grotere sociale groep: woongroep voor mensen met verstandelijke beperkingen

Thema 1

deel12.indd 13

13

10-05-10 11:37


Zelfzorg is ‘natuurlijk’. Het is de normale gang van zaken dat mensen in hun eigen basisbehoeften voorzien. Je denkt er niet bij na hoe gelukkig je bent dat je voor jezelf kunt zorgen. Maar bij gezondheidsproblemen komt het vermogen tot zelfzorg soms in de knel. Juist dan is zelfzorg ineens heel belangrijk voor een mens. Een zo groot mogelijk vermogen tot zelfzorg geeft in zo’n situatie onafhankelijkheid en een gevoel van vrijheid. Het versterkt iemands mogelijkheden voor zelfbeschikking. Het brengt met zich mee dat iemand verantwoordelijkheid neemt voor zijn gezondheid, en het geeft voldoening om voor jezelf te kunnen zorgen.

1.2.2 Mantelzorg, zorg door naasten

mantelzorg

Een zorgvrager is niet altijd is staat om voor zijn eigen basisbehoeften te zorgen. De draagkracht is dan niet toereikend om zelf de draaglast op te kunnen vangen. Dan zorgen soms anderen in de nabije omgeving van de zorgvrager voor de basisbehoeften. Denk maar aan ouders die voor hun zieke kind zorgen of buren die voor hun buurvrouw die slecht ter been is de boodschappen doen. Deze zorg wordt mantelzorg genoemd. Mantelzorg is informele zorg door naasten: familie, buren en vrienden. Mantelzorg is complementair aan zelfzorg. Daar waar de zorgvrager niet meer voor zichzelf kan zorgen, vult de mantelzorg het aan.

Voorbeeld Patrick is eenentwintig jaar. Vorig jaar is vastgesteld dat hij aan schizofrenie lijdt. Daardoor is onder andere zijn vermogen om zijn dag goed in te delen verminderd. Hij heeft minder overzicht en minder probleemoplossend vermogen. Hij is niet goed in staat om voor zichzelf te zorgen. Met name zijn dagstructuur, huishouding en banksaldo lijden daaronder. Toch wilde Patrick graag op zichzelf wonen. Doordat Patricks ouders hem elke twee dagen bezoeken en met hem bespreken hoe hij zijn dagen invult, hoe hij zijn huishouden kan aanpakken en hem helpen met zijn financiën, lukt het hem om zelfstandig te wonen. Patricks ouders verlenen mantelzorg.

hospitaliseren

Mantelzorg is belangrijk. Het zorgt ervoor, als aanvulling op of ter vervanging van de zelfzorg, dat een beroep doen op professionele zorg uitgesteld kan worden of zelfs helemaal niet nodig is. Niet dat professionele zorg slecht is, maar er kleven wel nadelen aan. Het is duur en de mogelijkheden zijn beperkt. Bovendien, als er ook nog opname in een instelling aan verbonden is, kan de zorgvrager vervreemden van zijn eigen omgeving en hospitaliseren. Mantelzorg kan voor de zorgvrager

Zelfzorg

14

deel12.indd 14

Mantelzorg

Thema 1

10-05-10 11:37


ook gewoonweg prettiger zijn dan professionele zorg. Naasten kennen de zorgvrager goed, ze zijn persoonlijk betrokken. Daardoor kan mantelzorg goed aansluiten bij de behoeften van de zorgvrager.

1.2.3 Professionele zorg

vrijwilligerswerk professionele zorg

Zelfzorg en mantelzorg kunnen toch tekortschieten bij het zorgen voor de basisbehoeften. Sommige groepen zorgvragers, zoals ouderen, aids-patiënten en terminale zorgvragers, kunnen dan nog een beroep doen op het vrijwilligerswerk. Toch kan ook dat onvoldoende zijn. Zeker als er specifieke kennis en kunde nodig is om voor de basisbehoeften te kunnen zorgen. Professionele zorg is dan nodig. Dit houdt in dat er een beroepsbeoefenaar (een deel van) de zorg op zich neemt. Deze beroepsbeoefenaar kan iemand zijn die de huishouding doet, of iemand die dieetadvies geeft, of iemand die verzorgt of verpleegt. Het terrein van de professionele zorg is dus afhankelijk van waar de zelfzorg en mantelzorg tekortschieten. De professional zal een inschatting moeten maken hoe groot de draaglast is voor de zorgvrager en voor de mantelzorg en waar de draagkracht tekortschiet.

Voorbeeld Mevrouw Jansma is tachtig jaar. Ze is sinds kort weduwe en is slecht ter been. Ook heeft ze evenwichtsstoornissen. Ze woont zelfstandig in een wooncomplex voor vijfenvijftigplussers. Haar enige dochter werkt vijf dagen en doet één keer in de week boodschappen voor haar. Om het weekend wordt ze een dagje opgehaald door haar dochter of één van haar kleinkinderen. Gelukkig heeft ze regelmatig contact met haar medebewoners in het wooncomplex. Mevrouw Jansma is in staat tot zelfzorg. Ze zorgt voor haar sociale basisbehoeften, ze zorgt voor haar lichamelijke hygiëne en het lukt haar ook nog om bijvoorbeeld te koken. Boodschappen doen lukt niet meer, maar daarvoor verleent haar dochter de mantelzorg. Om zelf of met mantelzorg voor haar huishouden te zorgen lukt echter niet. Daarom heeft het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) huishoudelijke verzorging geïndiceerd. Elke week komt er iemand van de thuiszorg langs die voor haar het huishouden doet. Mevrouw Jansma ontvangt dus professionele zorg als aanvulling op haar zelfzorg en mantelzorg van haar dochter.

Professionele zorg

Thema 1

deel12.indd 15

15

10-05-10 11:37


Professionele zorg is dus een aanvulling op zelfzorg en/of mantelzorg. Het is deskundige, betaalde, niet wederkerige hulp. Niet wederkerig betekent dat de rollen van zorgvrager en zorgverlener vastliggen en niet kunnen worden omgedraaid. In tegenstelling tot mantelzorg is de relatie tussen zorgvrager en zorgverlener een incidentele en functionele relatie, die niet voortkomt uit persoonlijke betrokkenheid. Wanneer is er nu behoefte aan verpleging als vorm van professionele zorg? Het is niet nodig en mogelijk om alle professionele zorg door verpleegkundigen te laten verlenen. De inzet van een verpleegkundige is gerechtvaardigd als er behoefte is aan zorg, dus als de zelfzorg en mantelzorg onvoldoende zijn om aan de basisbehoeften te voldoen. Daarnaast moet de deskundigheid, en daarmee de specifieke kennis en vaardigheden van de verpleegkundige nodig zijn. Als er dus sprake is van een zorgtekort in de huishouding komt de verpleegkundige niet. Dat is namelijk niet het terrein waarop de verpleegkundige deskundig is. Als er echter sprake is van een zorgtekort in wondverzorging, dieethantering of medicijngebruik bij diabetes, is verpleegkundige zorg als professionele zorg wel gewenst.

1.2.4 De leefgroep Vaak leven zorgvragers samen met andere zorgvragers in een zogeheten leefgroep. Met name in de zorg voor mensen met verstandelijke beperkingen, de zorg voor psychiatrische zorgvragers en in de verpleeghuiszorg kom je dit tegen. Leven in een leefgroep kan tijdelijk zijn, maar het kan ook een permanent karakter hebben. Zo’n leefgroep wordt, afhankelijk van hoe lang die bestaat, op een gegeven moment meer dan een verzameling individuen. Je kunt het enigszins vergelijken met het leven in een gezin. Net als gezinsleden hebben groepsleden een persoonlijke relatie die zich onder meer kan kenmerken door elkaar te helpen en te ondersteunen. De hulp die groepsleden elkaar geven is te vergelijken met mantelzorg, zorg door naasten: het is informeel en niet verplicht, het wordt gegeven op basis van betrokkenheid en genegenheid. Net als bij individuele zorgvragers en hun naasten zijn deze mogelijkheden van een leefgroep voor verpleegkundigen een belangrijke factor om rekening mee te houden bij het plannen en uitvoeren van basiszorg.

1.3 Plannen van basiszorg Als je als verpleegkundige geconstateerd hebt dat er behoefte is aan professionele basiszorg, zul je een plan moeten maken waarin je de noodzakelijke verpleegkundige interventies en activiteiten vastlegt. Het plannen van basiszorg houdt in dat je vaststelt wat er op het gebied van basiszorg moet gebeuren, op welke manier, op welk moment, in welke volgorde, binnen welk tijdsbestek, met welke hulp-

16

deel12.indd 16

Thema 1

10-05-10 11:37


middelen en door wie. Dat is nogal wat. Dit kun je ook niet zomaar doen. Je zult daarvoor gebruik moeten maken van een aantal uitgangspunten: de visie op verpleegkundige zorg en de samenhang met zelfzorg en mantelzorg en de ondersteuningsbehoefte van de zorgvrager; de beschikbaarheid van benodigde middelen als tijd, ruimte en materialen; de regels en voorschriften ten aanzien van hygiënisch, veilig, ergonomisch verantwoord, milieubewust en kostenbewust werken.

1.3.1 Visie op verpleegkundige zorg, zelfzorg en mantelzorg en de ondersteuningsbehoefte van de zorgvrager De World Health Organization (WHO) definieert gezondheid als ‘een toestand van volledig lichamelijk, psychisch en sociaal welbevinden en niet slechts de afwezigheid van ziekte of gebrek’. Als verpleegkundige houd je je bezig met het bevorderen van gezondheid door: het voorkomen van gezondheidsproblemen (preventieve zorg); preventieve zorg het bijdragen aan herstel van gezondheidsproblemen (curatieve zorg); curatieve zorg het verlichten van gezondheidsproblemen (palliatief-terminale zorg). palliatief-terminale zorg gezondheidsprobleem

Volgens het Beroepsprofiel van de verpleegkundige zijn gezondheidsproblemen voor de verpleegkundige ‘verstoringen in de fundamentele levensverrichtingen, beperkingen of handicaps die worden veroorzaakt door ziekten, stoornissen, de behandeling of therapie om het evenwicht tussen draagkracht en draaglast te handhaven of te herstellen.’ De verpleegkundige zorg die de zelfzorg en de mantelzorg aanvult, kan verschillende vormen aannemen, in toenemende graad van intensiteit. Zorgdragen voor een gunstig klimaat en randvoorwaarden Je draagt zorgt voor een gunstig klimaat en randwoorden die de ontwikkeling van de zorgvrager bevorderen of mogelijk maken.

Voorbeeld Mevrouw Nicolaas is pas bij de huisarts geweest. Ze had geheugenproblemen en moeite zich te concentreren. Soms sprak ze ineens wartaal. Ze maakte zich zorgen en terecht. Het blijkt dat er sprake is van beginnende dementie. Vandaag maakt ze kennis met Maaike, de ambulante verpleegkundige van het nabijgelegen verpleeghuis. Maaike spreekt af met mevrouw Nicolaas dat ze haar zal helpen zo lang mogelijk voor zichzelf te zorgen. Samen met

Thema 1

deel12.indd 17

17

10-05-10 11:37


mevrouw Nicolaas treft ze maatregelen om haar te ondersteunen met haar geheugen. Mevrouw Nicolaas schaft een grote agenda aan, er komt een duidelijke klok in de woonkamer en ze maken een overzichtelijke weekindeling. Maaike zal elke maand langskomen om te kijken welke randvoorwaarden noodzakelijk zijn.

De zorgvrager voorlichten of adviseren Samen met de zorgvrager organiseer je het leven zo dat de bestaande problemen en de problemen die mogelijk gaan komen door de zorgvrager en zijn omgeving opgelost kunnen worden.

Voorbeeld Na twee maanden merkt mevrouw Nicolaas dat ze aan de randvoorwaarden niet genoeg heeft, ze vergeet afspraken ondanks haar agenda. Ook wordt ze nerveus van de onduidelijkheid wat er met haar zal gaan gebeuren en hoe lang ze ‘van de wereld’ is. Maaike komt gelukkig langs. Ze adviseert om afspraken op vaste tijden te maken en aan bezoek te vragen of ze haar dezelfde dag nog even willen bellen om haar aan haar afspraak te helpen herinneren. Samen met mevrouw Nicolaas maakt Maaike een afspraak bij de huisarts voor een gesprek over het vervolg. Op basis van dit gesprek geeft Maaike voorlichting over de problemen in het dagelijks leven die mevrouw Nicolaas tegen zal komen en hoe ze dat samen kunnen gaan aanpakken.

De zorgvrager stimuleren of sturen (begeleiden) Je geeft de zorgvrager duidelijke sturing en begeleiding om voor zichzelf te zorgen. Je schrijft voor wat ze moet doen om zo goed mogelijk voor zichzelf te zorgen.

Voorbeeld Mevrouw Nicolaas wordt steeds verwarder. Ze heeft niet meer genoeg aan de geheugensteuntjes en kan niet meer zelfstandig wonen. Ze laat het gas regelmatig branden. Daarom verhuist ze naar een aanleunwoning waar ze meer zorg zal krijgen. Maaike coördineert de zorg en komt zelf ook regelmatig langs voor de

18

deel12.indd 18

Thema 1

10-05-10 11:37


verzorging. Door de verwardheid kan mevrouw Nicolaas zichzelf niet meer wassen. Ze weet niet wat ze eerst moet doen en staat lange tijd stil voor de spiegel met een washand in haar handen. Maaike geeft mevrouw Nicolaas instructies. Stap voor stap zegt ze wat mevrouw Nicolaas moet doen. Uiteindelijk wast en kleedt mevrouw Nicolaas zichzelf, met behulp van deze sturing van Maaike.

De zorg gedeeltelijk of geheel overnemen Je neemt de zorg over omdat de zorgvrager niet meer in staat is om voor zichzelf te zorgen.

Voorbeeld Mevrouw Nicolaas is inmiddels bedlegerig. Ze kan niet meer zitten en lopen, en ze is volledig verward. Het lukt haar niet meer om zichzelf te wassen. Maaike neemt de zorg volledig over: ze bereidt het voor door alle benodigdheden en kleding te pakken, ze vertelt mevrouw Nicolaas bij elke stap wat ze doet, ze stimuleert haar om bijvoorbeeld haar arm op te tillen, stelt haar gerust bij alles wat ze doet en ze wast mevrouw Nicolaas volledig op bed om haar vervolgens af te drogen en aan te kleden.

zorg op maat

verpleegkundige anamnese

Thema 1

deel12.indd 19

Een kenmerk van verpleegkundige zorg is dat het zorg op maat is. Dat wil zeggen dat de zorg precies beantwoordt aan de behoefte van de zorgvrager én rekening houdt met zijn eigen mogelijkheden. Met andere woorden: als verpleegkundige streef je ernaar dat de zorgvrager zo veel mogelijk zelf doet. Lukt dat niet, dan streef je ernaar dat de mantelzorg zo veel mogelijk kan ondersteunen. Als zorgen voor randvoorwaarden voldoende is, moet er ook niet méér zorg gegeven worden. Pas als je constateert dat stimuleren en sturen ontoereikend zijn, ga je de zorg gedeeltelijk of geheel overnemen. Deze opbouw van werkwijze zorgt ervoor dat de zorgvrager zo veel mogelijk zijn autonomie en zelfredzaamheid behoudt en dat heeft weer een gunstig effect op zijn gevoel van eigenwaarde. Om deze reden is het noodzakelijk om bij de verpleegkundige anamnese een goede inschatting te maken van de draagkracht en draaglast van zowel de zorgvrager als de mantelzorg. Als deze inschatting goed is, kan er met behulp van daarop afgestemde verpleegkundige interventies een optimale autonomie en zelfredzaamheid worden bereikt. Is deze inschatting niet goed dan bestaat het gevaar van te weinig zorg (draagkracht wordt overschat, draaglast onderschat) of van te veel zorg (draagkracht wordt onderschat, draaglast wordt overschat).

19

10-05-10 11:37


Praktijk 1

Wonen in Goudshoek In Goudshoek, een nieuwbouwwijk, wonen in een cluster van vier zelfstandige appartementen Jan, José, Margo en Joep. Zij hebben allevier een lichte verstandelijke beperking waardoor het ze niet lukt om geheel voor zichzelf te zorgen. Met name het organiseren van hun huishouden, het onderhouden van hun sociale netwerk en omgaan met conflicten zorgt regelmatig voor problemen. Elke avond komt Mariët of Bas langs. Beiden zijn verpleegkundige en werken als ambulant woonbegeleider. Zij komen gemiddeld een uur langs en beantwoorden dan vragen van één of meerdere bewoners, adviseren gevraagd en ongevraagd de bewoners en bemiddelen zo nodig in conflicten. Jan heeft geen ouders meer, maar met de ouders van José, Margo en Joep onderhouden ze contact.

Vragen

1 O p welke wijze is hier sprake van zelfzorg, mantelzorg en professionele zorg? Van welke basisbehoeften is hier sprake? 2 Welke verpleegkundige kerntaken herken je in de casus? 3 Hoe hoog is de intensiteit van verpleegkundige zorg? Kun je toelichten waarom je voor deze intensiteit zou kiezen? 4 Vind je het terecht dat hier sprake is van verpleegkundige zorg? Onderbouw je antwoord. 5 Is er sprake van preventieve, curatieve en/of palliatief-terminale zorg? Waarom?

1.3.2 Beschikbaarheid van benodigde middelen Zodra je de benodigde basiszorg en ondersteuningsbehoefte hebt vastgesteld, ga je na welke middelen je voor de interventies nodig hebt en of deze beschikbaar zijn. Je kunt aan de volgende middelen denken: Financiën: kan de benodigde zorg gefinancierd worden? Hoe wordt deze gefinancierd, uit de gewone zorgverzekering’, via de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) of heeft de zorgvrager te maken met de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO)? Is er zorg in natura mogelijk of wordt er gebruik gemaakt van een persoonsgebonden budget (PGB)? Is de zorgontvanger in staat om de financiering te regelen als dat nodig is? Hulpmiddelen: zijn er hulpmiddelen nodig om de zorg te kunnen bieden? Denk daarbij aan hulpmiddelen voor de mobiliteit, zoals een rolstoel; of hulpmiddelen om te kunnen eten zoals aangepast bestek. Verbandmiddelen: is er wondverband nodig? Of misschien wel maandverband en incontinentiemateriaal? Is dat voorradig en makkelijk te pakken?

20

deel12.indd 20

Thema 1

10-05-10 11:37


Aanpassingen: zijn er aanpassingen nodig in de omgeving, zoals een traplift of het weglaten van drempels? Hoe moet dit in een instelling of in een thuissituatie worden geregeld. Tijd: welke beschikbare tijd is er voor de zorgvrager nodig en aanwezig? Ruimte: is er genoeg ruimte om de benodigde zorg te kunnen leveren? De mate waarin de middelen aanwezig zijn bepaalt of er gebruik van gemaakt kan worden. Verpleegkundige interventies kunnen worden aangepast. Als er bijvoorbeeld geen traplift in een huis aanwezig is, kan ervoor worden gekozen om de zorgvrager beneden te laten slapen en te verzorgen. Het niet of in beperkte mate aanwezig zijn van middelen kan er ook toe leiden dat je als verpleegkundige stappen onderneemt om de middelen aan te schaffen of te verkrijgen. Stel dat de zorgvrager die beneden slaapt en verzorgd wordt, jong is en niet meer zal kunnen lopen door een halfzijdige verlamming, dan kun je eraan denken om toch een traplift aan te vragen. Dit zul je waarschijnlijk niet doen als de zorgvrager als gevolg van een gebroken been de trap niet meer op kan.

Praktijk 2

Zelf je zorg kopen! Mien is een weduwe van tachtig jaar. Ze woont nog thuis en is daar erg blij om. Ze had nooit kunnen denken dat dat nog mogelijk was op haar leeftijd. Mien lijdt aan reuma. Hierdoor kan ze niet goed lopen en verliest ze snel haar evenwicht. Mien woont in een appartement voor ouderen, gelukkig is haar huis aangepast. Door de reuma is het voor haar moeilijk om zich zelfstandig te douchen. Zichzelf een beetje wassen lukt nog wel. Het huishouden is niet mogelijk. Afwassen lukt nog wel maar bij de zwaardere klussen doen haar gewrichten pijn en kan ze haar evenwicht verliezen. Mien ziet ook slecht en dat is vervelend gezien de vele medicijnen die ze dagelijks moet slikken. Maar Mien is geen klager. Ze is zelfs zeer ondernemend en hecht er aan om haar zorg zelf te regelen. Daarom heeft ze een persoonsgebonden budget aangevraagd en daarvan betaalt ze nu haar thuiszorg.

Vragen

Thema 1

deel12.indd 21

1 A an welke hulpmiddelen en aanpassingen kun je in deze situatie denken? Licht je antwoord toe. 2 Ga na wat een persoonsgebonden budget is, op welke wijze en onder welke voorwaarden je eraan kunt komen en op welke wijze je het kunt gebruiken.

21

10-05-10 11:37


1.3.3 Regels en voorschriften Bij het plannen van basiszorg zijn er vijf steeds terugkerende regels en voorschriften waar je rekening mee moet houden. Het betreft regels en voorschriften ten aanzien van: hygiënisch werken; veilig werken; ergonomisch verantwoord werken; milieubewust werken; kostenbewust werken. Hygiënisch werken Bij alle interventies die je als verpleegkundige doet, zul je hygiënisch moeten werken. Soms krijg je te maken met hele specifieke acties bij een interventie, zoals het ontsmetten met desinfectans van je handen. Maar altijd zijn er basisregels ten aanzien van de hygiëne die je kunt aanhouden: Was tussen de contacten met verschillende zorgvragers altijd je handen om kruisbesmettingen te voorkomen. Was ook altijd je handen na contact met lichaamsvocht zoals urine, bloed, speeksel en ontlasting. Was altijd je handen voorafgaand aan handelingen die in een schone of steriele omgeving moeten plaatsvinden. Berg vuil was- en beddengoed direct op. Houd de omgeving van de zorgvrager schoon. Werk altijd van schoon naar vuil (dus was eerst het gezicht van de zorgontvanger en dan pas de billen; of was eerst de schone wond en dan pas de rest van het lichaam). Werk van ver naar dichtbij (als je een zorgontvanger bijvoorbeeld wast, dan was je eerst de arm die het verst weg is en dan pas de andere arm. Hierdoor hoef je niet met een ‘vuil’ washandje over een inmiddels schone arm heen te druppelen). Veilig werken Veilig werken lijkt een logische regel. Natuurlijk zorg je voor de veiligheid van de zorgvrager. Zo zul je bij kleine kinderen op de omgeving moeten letten: kunnen ze niet bij het stopcontact, zijn de schoonmaakmiddelen buiten bereik, staat er geen kokend water op tafel? Bij dementerende ouderen zul je erop moeten letten dat ze niet zomaar kunnen dwalen op straat als ze de weg niet meer weten en het verkeer niet meer kunnen inschatten. Veilig werken voor de zorgvrager ligt dus voor de hand. Je zult echter ook voor jezelf en je collega’s veilig moeten werken. Denk daarbij aan het volgende: Bescherm jezelf en je collega’s tegen contact met lichaamsvocht, denk ook aan het goed opbergen van bijvoorbeeld naalden. Nog veel te vaak komen ‘prikaccidenten’ met gebruikte naalden voor.

Hygiënisch werken

22

deel12.indd 22

Thema 1

10-05-10 11:37


Zorg ervoor dat je weet hoe te handelen in geval van nood, zoals bij brand. Schat vooraf veiligheidsrisico’s in en neem zonodig maatregelen. Licht collega’s in. Zorg in geval van mogelijke agressie voor voldoende overzicht, vluchtwegen en capabele assistentie. Bespreek mogelijke onveilige situaties zodat tijdig maatregelen genomen kunnen worden. Ergonomisch verantwoord werken Ergonomisch houdt in dat je rekening houdt met de fysieke capaciteiten en beperkingen van de mens en zo nodig aanpassingen gebruikt. Zo zul je als verpleegkundige moeilijk een zorgvrager van 120 kilo alleen op ergonomisch verantwoorde wijze uit bed kunnen helpen. Als je het toch probeert, zul je merken dat je rug protesteert en de zorgvrager mogelijk uit bed glijdt. Dat is toch niet de bedoeling. In dit geval is het gebruik van bijvoorbeeld een tillift samen met een collega een verstandige beslissing. Een andere aanvullende mogelijkheid is om gebruik te maken van de bewegingen, zwaartepunten en het gewicht van een lichaam. Tiltechnieken maken bijvoorbeeld gebruik van deze principes. Veel gebruikte principes zijn haptonomische principes (gebaseerd op prikkels en reflexen) en kinesiologische principes (gebaseerd op de wijze waarop het lichaam beweegt). Milieubewust werken Milieubewust werken kun je op vele manieren doen. Wees je er als verpleegkundige van bewust dat je vaak met materialen werkt die moeilijk afbreekbaar zijn in de natuur. Denk maar aan incontinentiemateriaal of absorberende matjes. Ook werk je regelmatig met giftige stoffen als medicijnen, contrastvloeistof of ontsmettingsmateriaal. Zorg daarbij voor een zorgvuldige manier van opruimen, conform de voorschriften. In veel instellingen brandt overal licht, verwarming of worden andere elektrische apparaten gebruikt. Wees met dit gebruik kritisch. Het hoeft niet overal warm of verlicht te zijn. Zeker niet als het avond of nacht is. Kostenbewust werken Tot slot is het belangrijk om kostenbewust te werken. Regelmatig verschijnen in het nieuws berichten over de kosten van de gezondheidszorg die de pan uitrijzen. Alle kleine beetjes kunnen daaraan bijdragen, dus ook jouw handelen als verpleegkundige. Wees je bewust van de kosten van bijvoorbeeld verbandmaterialen en medicijnen. Denk ook aan een efficiÍnte inzet van mensen en middelen.

Veilig werken

Thema 1

deel12.indd 23

23

10-05-10 11:37


Praktijk 3

Marieke Jannet, sinds acht jaar verpleegkundige, komt dagelijks bij de familie Borren langs. Marieke, de jongste dochter van elf heeft lymfeklierkanker en krijgt thuis chemokuren. Jannet komt drie keer per dag langs om zowel Marieke als haar ouders, broer van veertien en zus van zestien te ondersteunen. Marieke is erg verzwakt en kan zichzelf nauwelijks wassen en aankleden. Ook gebruikt ze veel medicijnen waar ze misselijk van wordt. Het eten smaakt haar ook niet. Natuurlijk is iedereen in het gezin bang dat Marieke er misschien niet bovenop komt en doodgaat. Jannet neemt gedeeltelijk de zorg bij Marieke over. Als Marieke moe wordt bij het wassen en aankleden, neemt Jannet het over. Verder praat ze met Marieke over haar angsten en geeft ze adviezen tegen de misselijkheid. Ze motiveert Marieke om goed te eten, veel kleinere lichtverteerbare porties met een goede voedingswaarde. Een goede voedingstoestand is immers een voorwaarde voor een goed herstel. Daarnaast geeft Jannet instructie en advies aan de andere gezinsleden, zodat zij meer voor Marieke kunnen betekenen.

Vragen

1 O p welke wijze is hier sprake van zelfzorg, mantelzorg en professionele zorg? Van welke basisbehoeften is hier sprake? 2 Welke verpleegkundige kerntaken herken je in de casus? Hoe hoog is de intensiteit van verpleegkundige zorg? Kun je toelichten waarom je voor deze intensiteit zou kiezen? 3 Met welke regels en voorschriften moet Jannet hier rekening houden? Welke tips zou jij Jannet willen geven? Onderbouw je antwoord.

Samenvatting Het begrip basiszorg kun je op verschillende manieren interpreteren: de basisbehoeften van de mens en de generieke verpleegkundige zorg ofwel de kerntaken van de verpleegkundige. Deze basisbehoeften zijn essentiĂŤle behoeften, wat inhoudt dat een mens deze nodig heeft om te kunnen overleven. Het ervoor zorgen dat aan de basisbehoeften wordt voldaan, wordt basiszorg genoemd. Basiszorg verwijst ook naar kerntaken van de verpleegkundige. Elke verpleegkundige moet over essentiĂŤle basisvaardigheden beschikken om generieke verpleegkundige zorg te kunnen geven. Basiszorg kan door verschillende mensen worden uitgevoerd, zoals de zorgvrager (zelfzorg), zijn partner of ouders (mantelzorg) eventueel aangevuld met zorg door vrijwilligers of door een beroepsbeoefenaar zoals een verpleegkundige (professionele zorg). De draagkracht en de draaglast van een zorgvrager is bepalend voor wie de zorg uitvoert. De inzet van verpleegkundige professionele zorg is gelegitimeerd als er enerzijds behoefte is aan zorg, met andere woorden als de zelfzorg en mantelzorg onvoldoende zijn om aan de basisbehoeften te voldoen. Anderzijds als de deskundigheid, en daarmee de specifieke kennis en vaardigheden, van de verpleegkundige een vereiste is.

24

deel12.indd 24

Thema 1

10-05-10 11:37


Opdrachten

■ Kennisopdracht 1 J asmijn werkt in een leefgroep met ernstig verstandelijk gehandicapte bewoners. Alle bewoners, zes in totaal, leven in hun eigen belevingswereld. Eén van de bewoners is Sandra. Sandra reageert op stress door met haar hoofd tegen de muur te bonken. Ze kan niet voor haar eigen veiligheid zorgen. Ze is erg beweeglijk en kan goed lopen. Stress is al snel aanwezig, de kleinste veranderingen veroorzaken stress bij Sandra. Sandra kan niet praten en maakt alleen oogcontact als je haar zachtjes aanraakt en gelijkertijd haar naam noemt. Met aanwijzingen kan Sandra zichzelf wassen, aankleden, zelf eten en drinken en zelf naar het toilet gaan. Sandra is zindelijk. Sandra is niet in staat om haar dag en nachtritme te bewaken. Als het aan haar ligt, blijft ze ‘s avonds voor de televisie zitten, terwijl half negen haar bedtijd is. Als ze echter langer blijft zitten, verliest ze haar grip, gaat rondjes lopen om tot slot in de gang met haar hoofd te gaan bonken. Ga bij de volgende vragen uit van bovenstaande casus. Beschrijf bij welke basisbehoeften Sandra zorg nodig heeft. 2 Beschrijf bij elke basisbehoefte welke zorg Sandra nodig heeft. Licht toe of deze zorg preventief, curatief of palliatief is en met welke intensiteit de zorg gegeven wordt. 3 Jasmijn werkt in Sandra’s groep. Welke kerntaken heeft zij in de zorg voor Sandra? Licht toe waar deze kerntaken voor moeten worden uitgevoerd. 4 Geef aan in welke mate er sprake is van zelfzorg, mantelzorg of zorg door de leefgroep en professionele zorg. 5 Vind je het noodzakelijk dat Sandra verpleegkundige zorg krijgt? Of zou er ook alleen zorg gegeven kunnen worden door groepsleiding met een opleiding in sociaal pedagogisch werk? Beargumenteer je antwoord.

■ Samenwerkingsopdracht

Posterpresentatie Doel Je kunt aan de hand van een zelfbedachte casus tegenover medestudenten onderbouwen op welke wijze je de basiszorg plant en met welke aspecten je bij de planning rekening hebt gehouden.

Voorbereiding Vorm met drie andere studenten een groepje. Ga gezamenlijk in dit onderwerp na wat basiszorg is, en waar je in de planning rekening mee moet houden.

Thema 1

deel12.indd 25

25

10-05-10 11:37


Benodigdheden Pen, papier en zelfgekozen materialen voor de posterpresentatie (bijvoorbeeld flap-over, verf, stiften).

Uitvoering Beschrijf met elkaar een casus waarin duidelijk sprake is van behoefte aan zorg bij verschillende basisbehoeften. Beschrijf de mate van zelfzorg, mantelzorg en professionele zorg. Licht toe wat de intensiteit van de professionele zorg is. Laat zien wat er nodig is aan beschikbare middelen om de zorg te kunnen geven. Vertel op welke wijze jullie rekening houden met hygiĂŤnisch, veilig, ergonomische, milieubewust en kostenbewust werken. Zorg ervoor dat jullie alle uitgewerkte aspecten kunnen onderbouwen. Bespreek met elkaar hoe je de posterpresentatie wilt doen. Wat wil je op de poster weergeven, wie doet wat en wat wil je van de lesgroep leren? Houd de presentatie in de lesgroep. De presentatie mag maximaal 15 minuten duren, daarna is er nog 15 minuten voor interactie met de lesgroep: bespreek jullie vragen met de gehele lesgroep, wissel ervaringen uit en neem nieuwe adviezen mee.

Evaluatie Evalueer met je medestudenten na de presentatie in de lesgroep de: Inhoud van het product: wat is het standpunt (of conclusie) van jullie ten aanzien van de inhoud van het product (inhoudelijke reflectie)? Werkwijze tot de totstandkoming van het product: evalueer het werkplan. Beargumenteer of de werkzaamheden goed georganiseerd waren. Welke verbeteringen zijn er mogelijk? Samenwerking (proces): hoe is er samengewerkt, welke rol heeft de individuele student gespeeld en naar tevredenheid? Hoe beoordeel je de samenwerking met, en van je medestudenten? Welke verbeteringen zijn er mogelijk (persoonlijke reflectie)?

Wer 3.3 3.4 3.5

26

deel12.indd 26

Thema 1

10-05-10 11:37


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
De zorgverlening coördineren en evalueren by ThiemeMeulenhoff - Issuu