



![]()














































Dit boek gebruik je samen met de digitale leeromgeving.
Het is van jou, dus je mag je aantekeningen erin schrijven.
Na dit schooljaar mag je het boek houden.
In dit boek staat alles wat je voor Dienstverlening en Producten moet kennen voor je examen.
Team Mixed
Contentontwikkeling
ThiemeMeulenhoff
Eindredactie
Giséla Fidder, Diepenveen
Vormgeving
Studio Michelangela, Utrecht
Opmaak
Crius Group, Hulshout (België)
Omslagbeeld
Getty Images / Deagreez, Getty Images / Filmstax
Over ThiemeMeulenhoff
ThiemeMeulenhoff is een educatieve uitgeverij die zich inzet voor het voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs.
De mensen van ThiemeMeulenhoff zijn er voor onderwijsprofessionals – met ervaring, expertise en doeltreffende leermiddelen. Ontwikkeld in doorlopende samenwerking met de mensen in het onderwijs om samen het onderwijs nog beter te maken.
We ontwikkelen lesmethodes die goed te combineren zijn met andere leermiddelen, naar eigen inzicht aan te passen en bewezen effectief zijn. En natuurlijk worden al onze lesmethodes zo duurzaam mogelijk geproduceerd.
Zo bouwen we samen met de mensen in het onderwijs aan een mooie toekomst voor de volgende generatie.
Samen leren vernieuwen.
www.thiememeulenhoff.nl
ISBN 978 90 06 99366 0
Editie 4, druk 1, oplage 1 2026
© ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, 2026
Alle rechten voorbehouden. Tekst- en datamining, AI-training en vergelijkbare technologieën niet toegestaan. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16B Auteurswet 1912 j° het Besluit van 23 augustus 1985, Stbl. 471 en artikel 17 Auteurswet 1912, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting Publicatie- en Reproductierechten Organisatie (PRO), Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp (www.stichting-pro.nl). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet) dient men zich tot de uitgever te wenden. Voor meer informatie over het gebruik van muziek, film en het maken van kopieën in het onderwijs zie www.auteursrechtenonderwijs.nl. De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot de uitgever wenden.
Deze uitgave is volledig CO2-neutraal geproduceerd.
ClimatePartner certified product climate-id.com/YI43H3
CO2 measure reduce contribute
Zo werk je met MIXED 4
Module Presenteren, promoten en verkopen - Het grote plaatje 6
1.1 Hoe werkt communicatie? 9
1.2 Wat zijn media-uitingen? 14
1.3 Doelgroep en doel 19
1.4 Media-uitingen vergelijken en kiezen 24
1.5 Schrijf een tekst die werkt (kb) 30
1.6 Eisen bij het maken van een media-uiting 35
1.7 Een presentatie of uitleg voorbereiden 42
1.8 Een presentatie geven 49
Samenvattingsopdracht blok 1 56 Begrippen 58
BLOK 2 Promotie, presentatie en verkoop
2.1 Wat is promotie en waarom is het belangrijk? 61
2.2 Soorten promotie 66
2.3 Een promotiemiddel of promotieactiviteit kiezen 74
2.4 Promotie verbeteren 85
2.5 Koopbehoefte, koopmotief en koopgedrag 93
2.6 Een klantgesprek voeren in een winkel 98
2.7 Een klantgesprek via de telefoon 106
2.8 Een klantgesprek online 114
2.9 Een product of dienst presenteren 122
Samenvattingsopdracht blok 2 132 Begrippen 136
Je gaat aan de slag met een module van MIXED. Met MIXED leer je in de praktijk. Je ervaart wat je allemaal kunt doen in jouw beroepsgerichte profiel. Zo ontdek je wat jouw talenten zijn!
Per module maak je praktische opdrachten. Deze praktische opdrachten laten je alle kanten van het beroepsgerichte vak ervaren. Je gaat dus écht aan de slag. Om de praktische opdrachten te kunnen doen, heb je kennis nodig. In het leerwerkboek vind je de theorie die je moet kennen.
Naast de tekstbronnen in het leerwerkboek, moet je soms ook andere bronnen gebruiken bij de praktische opdrachten. Denk aan een uitlegfilmpje, een stappenplan of een uitwerkbijlage.
AAN DE SLAG MET PRAKTISCHE
• Jouw docent laat je weten welke praktische opdrachten jij maakt bij deze module. Je vindt de praktische opdrachten online, of de docent heeft ze voor je geprint.
• Elke praktische opdracht begint met voorbereiden. Je ontdekt in welk werkveld je aan de slag gaat. Je leest wat je gaat doen en leren. Ook zie je hoeveel punten je kunt verdienen en wat je nodig hebt om de opdracht te maken.
• Dan ga je aan de slag. Volg stap voor stap de instructie die in de opdracht staat. Je kunt steeds de stappen die je hebt gedaan afvinken.
• Bij opdrachten gebruik je tekstbronnen. Die staan in je leerwerkboek en in de online leeromgeving. Andere bronnen die je nodig hebt, zoals een video of uitwerkbijlage, vind je altijd online.
• Het eindproduct van de opdracht neem je op in je portfolio
PRESENTEREN, PROMOTENENVERKOPEN





ACITIVITEIT




WELKE VERBANDEN ZIJN ER?












MULTIMEDIALE PRODUCTENMAKEN
Begrippen kennen
Op de foto’s zie je media-uitingen.
Welk doel hoort erbij?





Informeren
2 Promotiedoelen
Lees de voorbeelden. Welk doel van promotie hoort erbij?
een video over hoe je veilig fietst in het donker
een grappige video over schoolstress
een campagne om minder energydrank te drinken
een poster met korting op schoenen
3 Promotiedoelen
Amuseren Informeren Overtuigen Promoten
Sommige media-uitingen hebben meerdere doelen. Welke twee doelen horen bij de voorbeelden?
Amuseren Informeren Overtuigen Promoten
een grappig filmpje dat uitlegt waarom gezond eten belangrijk is
een influencer die lachend een shampoo aanprijst
video tegen pesten, met echte verhalen
4 Media-uiting
Wat is een media-uiting?
◯ het apparaat waarop je iets kijkt of leest
◯ de boodschap die je ziet, hoort of leest via een middel
◯ de zender van een bericht
◯ een tv-programma dat je zelf maakt
5 Juist of onjuist?
Zijn de stellingen over media-uitingen juist of onjuist? Juist Onjuist
Een media-uiting kan meerdere doelen tegelijk hebben.
Een media-uiting is hetzelfde als een apparaat.
Promoten kan betekenen dat je mensen iets probeert te laten kopen.
Een stripverhaal geeft altijd belangrijke informatie.
6
Promotiedoelen
Bekijk de afbeeldingen.

Afbeelding 1.

Afbeelding 3.
a Welk doel van promotie hoort erbij?

2.

Afbeelding 4.
Kies uit: informeren – amuseren – overtuigen – promoten
Afbeelding 1:
Afbeelding 2:
Afbeelding 3:
Afbeelding 4:
b Kies één van de vier afbeeldingen. Welk ander doel speelt hier ook mee, maar is minder belangrijk? Leg je antwoord kort uit.
Poster
Je maakt een poster om jongeren te helpen bij het stoppen met roken. Beantwoord de vragen.
a Welk doel heeft jouw media-uiting?
b Waarom is het belangrijk om vooraf te weten wat het doel is?
c Noem ook één probleem dat kan ontstaan als je dit niet doet.
Als je een media-uiting maakt, begin je met een belangrijke vraag: wat wil je bereiken en bij wie?
Je moet dus goed nadenken over het doel en de doelgroep van jouw media-uiting. Ook verzamel je informatie over andere dingen die belangrijk zijn, zoals de organisatie, het product of de dienst, het thema en de boodschap.
Het doel is wat jij met jouw media-uiting wilt bereiken. Je kiest meestal uit vier doelen:
1 Informeren: je geeft informatie. Bijvoorbeeld: een flyer met de openingstijden van de schoolkantine.
2 Amuseren: je wilt mensen vermaken. Bijvoorbeeld: een grappig filmpje op internet over katten.
3 Overtuigen: je wilt dat mensen iets gaan vinden of doen. Bijvoorbeeld: een poster die zegt dat je afval moet scheiden.
4 Promoten / verkopen: je wilt iets bekendmaken of laten kopen. Bijvoorbeeld: een poster voor de schoolwinkel met aanbiedingen.
Soms heeft je media-uiting meerdere doelen tegelijk.
Een doelgroep is de groep mensen die je met je boodschap wilt bereiken. Mensen in een doelgroep delen een kenmerk waardoor ze bij dezelfde groep horen. Bijvoorbeeld:
✖ leeftijd: zoals kinderen, jongeren of ouderen;
✖ hobby of interesse: zoals sportliefhebbers of gamers;
✖ plaats: zoals mensen uit dezelfde buurt, school of stad;
✖ situatie: zoals ouders van leerlingen, nieuwe klanten of bezoekers van een evenement.
Als je weet welke kenmerken jouw doelgroep heeft, kun je de inhoud, toon en vorm van je boodschap daarop aanpassen.


Verschillende doelgroepen: kinderen, hardlopers en schilders.
Als je een media-uiting maakt, verzamel je ook informatie over:

✖ de organisatie: voor wie maak je het? Bijvoorbeeld: de school, een winkel of een sportclub.
✖ het product of de dienst: wat wil je promoten of uitleggen?
✖ het thema: waar gaat de uiting over? Bijvoorbeeld: duurzaamheid, veiligheid of gezondheid.
✖ de boodschap: wat wil je precies zeggen tegen de doelgroep? Als je dit allemaal weet, kun je een goede media-uiting maken.
voorbeeld
Poster voor de open dag
Je werkt met een groepje aan een poster voor de open dag van je school. De informatie over deze poster is:
✖ doel: zorgen dat veel kinderen en ouders komen kijken;
✖ doelgroep: kinderen van groep 7 en 8 van de basisschool én hun ouders;
✖ organisatie: de school maakt de poster;
✖ product/dienst: de open dag van het profiel D&P;
✖ thema: kennismaken met het profiel en de school;
✖ boodschap: ‘kom kijken wat wij doen!’
Omdat jullie kinderen willen aanspreken, kiezen jullie voor grote plaatjes, korte zinnen en vrolijke kleuren. Voor ouders zetten jullie er ook datum en tijd bij. Zo spreek je de hele doelgroep aan.

Als je het doel en de doelgroep goed kent, kun je:
✖ de juiste inhoud kiezen;
✖ een passend middel gebruiken (bijvoorbeeld een folder of filmpje);
✖ de stijl en vormgeving laten aansluiten;
✖ een sterke boodschap maken die werkt.
Zo zorg je ervoor dat jouw media-uiting duidelijk is en effect heeft.
1 Begrippen kennen
Lees de zinnen.
Is het een doel of gaat het over de doelgroep?
Je wilt dat mensen naar de open dag komen.
De poster is bedoeld voor groep 8 van de basisschool.
Je wilt uitleg geven over de schoolkantine.
De uiting is gericht op ouders van leerlingen.
Doel Doelgroep
Een groep leerlingen maakt een flyer voor een schoolwinkel. In de schoolwinkel worden in de pauze hapjes verkocht. De hapjes zijn lekker, niet duur en je hoeft niet lang te wachten.
Vul achter elk begrip in waar het in de situatie om gaat.
Organisatie:
Product/dienst:
Thema:
Boodschap:
Doel:
Doelgroep:
Doelgroep
Op de foto’s zie je drie voorbeelden van media-uitingen. Welke doelgroep hoort erbij?



• • Volwassenen / ouders
• • Kinderen van 6-12 jaar
• • Jongeren 12-16 jaar
4 Doelgroep herkennen
Op de foto’s zie je voorbeelden van doelgroepen.
Welke doelgroep zie je op de afbeelding?




5 Juist of onjuist?
Zijn de stellingen juist of onjuist?
Je bepaalt het doel pas als je media-uiting af is.
De boodschap moet passen bij het doel.
Als je de doelgroep niet kent, kun je gemakkelijker kiezen wat je maakt.
Een thema is iets anders dan een product of dienst.
6 Doelgroep in beeld
Esma maakt een poster voor kinderen van groep 3 tot 5 over tandenpoetsen.
Kies twee dingen die ze op de poster moet zetten.
Leg per keuze uit waarom dit goed past bij deze doelgroep.
1. 2.
Doelgroep en boodschap
Omar werkt op een vmbo-school. Hij maakt een korte video voor ouders over hoe ze hun kind kunnen aanmelden voor een cursus Leren leren. Lees de situatie en beantwoord de vragen.
a Wie is de doelgroep van deze media-uiting?
b Wat is een goede boodschap voor deze video?
c Leg uit waarom deze boodschap wel past bij ouders en niet bij leerlingen.
d Wat voor video zou hij voor leerlingen kunnen maken, die hiermee te maken heeft?
Als je een media-uiting maakt, wil je dat je boodschap duidelijk is en goed overkomt. Om te bepalen welke vorm je kiest, doorloop je vier stappen. We leggen de stappen uit aan de hand van het voorbeeld hierna.
voorbeeld
Media-uiting voor het schoolfeest
Jouw school organiseert binnenkort een schoolfeest. Jij krijgt de opdracht om een mediauiting te maken om het feest te promoten.
De doelgroep is de groep mensen die je wilt bereiken. Bijvoorbeeld: leerlingen, ouders, jongeren of collega’s.
Het doel is wat je wilt bereiken met je media-uiting. Bijvoorbeeld:
✖ informeren: informatie geven;
✖ overtuigen: iemand ergens van overtuigen;
✖ amuseren: iets leuks laten zien;
✖ promoten: reclame maken.
Media-uiting voor het schoolfeest
voorbeeld
✖ Doel: promoten – zoveel mogelijk leerlingen laten weten dat het feest er is en hen enthousiast maken.
✖ Doelgroep: alle leerlingen van klas 1 t/m 4.
Als je het doel en de doelgroep kent, kun je de inhoud, toon en vorm van je boodschap daarop aanpassen. Bijvoorbeeld: je gebruikt een informele toon voor jongeren en kiest een middel dat zij vaak zien.
Je kunt je boodschap op veel manieren bij je doelgroep brengen. Bijvoorbeeld: met een poster, een video of een bericht op social media.
Om te kiezen wat het best werkt, moet je de kenmerken van elk middel kennen en vergelijken:
✖ Effect: valt het op en begrijpt de doelgroep het?
✖ Duurzaamheid: hoelang blijft het zichtbaar of bruikbaar?
✖ Toepasbaarheid: past het bij je doel en je doelgroep?
✖ Functionaliteiten: wat kun je ermee doen, zoals plaatjes, tekst, geluid of reacties?
✖ Bereik: hoeveel mensen zien het? Is dat lokaal, regionaal of landelijk?
✖ Reactie: kan de doelgroep reageren, liken, delen of iets doen?
In de tabel zie je per middel en kenmerk waar je rekening mee moet houden bij het kiezen van een middel.
Middel Effect Duurzaamheid Toepasbaarheid Functionaliteiten Bereik Reactie
Poster Valt op als je erlangs loopt
Folder Veel informatie, mee te nemen
Flyer Kort, snel te verspreiden
Video Trekt aandacht, laat sfeer zien
TikTokvideo Populair, snel en speels
Insta Story Snel en opvallend
Blijft hangen
Blijft bewaard
Tijdelijk
Blijft beschikbaar
Blijft beschikbaar
24 uur zichtbaar
Iedereen op de locatie
Mensen die rustig willen lezen
Veel doelgroepen, acties/ evenementen
Afhankelijk van inhoud en doelgroep
Beeld + tekst Lokaal Geen
Beeld + tekst, op papier Lokaal/ Regionaal Geen
Beeld + tekst, klein formaat Lokaal Geen
Beeld, geluid, tekst Lokaal/ Landelijk Geen/ Indirect
TikTok-gebruikers Beeld, geluid, reacties Landelijk Ja
Instagramgebruikers
Beeld, geluid, reacties Landelijk Ja
Met een vergelijkingstabel zie je snel welk middel het best bij je past. Zo maak je een vergelijkingstabel:
1 Maak een tabel en zet daarin de middelen waaruit je wilt kiezen onder elkaar. Zet boven de tabel de kenmerken, zoals je hebt gezien in de tabel hiervoor.
2 Bepaal wat jij belangrijk vindt (bijvoorbeeld: lang zichtbaar, lokaal bereik, beeld en tekst).
3 Zet in de tabel per middel een + (past goed bij wat jij belangrijk vindt) of een – (past minder goed).
4 Kijk naar de plussen en minnen op jouw belangrijkste punten.
5 Het middel met de meeste plussen is meestal de beste keuze.
Met MIXED ga je praktisch aan de slag, zodat je kunt ontdekken wat jij écht leuk vindt en waar jij goed in bent. Geen saaie boeken, maar vooral praktische opdrachten waarbij je trots kunt zijn op de prestaties die je neerzet en de producten die je maakt. Door te doen ontdek je ook welke beroepen en beroepscontexten bij jouw interesses en kwaliteiten passen. We wensen jou veel succes, maar vooral ook veel plezier bij het uitvoeren van de opdrachten!
Team MIXED




