Skip to main content

Flowzine, June 2018

Page 1

FLOWZINE UITGAVE NUMMER 14 EDITIE JUNI 2018

HET MAGAZINE VAN STUDIEVERENIGING FLOW

MIRJAM MOUS AUTEUR VAN BEKENDE KINDERBOEKEN

MARISKA KLEEMANS EXPERT OP HET GEBIED VAN NIEUWS VOOR KINDEREN

STAGE LOPEN HOE, WAT, WAAR EN WANNEER?


Inhoudsopgave 7

3

Stage lopen binnen het CIW-curriculum

Interview met Mirjam Mous, auteur van bekende kinderboeken

16

Interview met Mariska Kleemans over het Jeugdjournaal

Interview met Alexander Wijninga, ondernemer en CEO van Watermelon

2 Column: ‘De Royal Wedding’

19 Bijbaantjes op de universiteit

5 Interview met Bernice Lijzenga over marketing en communicatie in de zorg

20 Bingewatchen met Flow

11 Gesponsorde content: Achmea 13 Op studiereis naar Wenen & Bratislava 15 Flow door de jaren heen

Het Engelse gedeelte start op p. 19

1

21

24 Flow’s Lustrumweken 26 Gewoon wat een studentje doet 28 Tilburg is mooier dan je denkt 30 Column: ‘IKEA’


Voorwoord

De Royal Wedding

Het is mei en het einde van het collegejaar komt er alweer aan, en dat gaat altijd sneller dan ik doorheb. Met de afronding van het collegejaar bedoel ik niet alleen de tentamens, maar ook alle leuke activiteiten die daar omheen plaatsvinden. De Actieve Leden Bedankavond, het Eindfeest, de Eindejaarscantus, en zo kan ik nog wel even doorgaan. Al deze activiteiten herinneren me alleen maar meer aan de naderende zomervakantie. En hoewel vakantie heerlijk is, en ik ook echt even toe ben aan een beetje rust, vind ik dit ook wel weer jammer. In de zomer val ik altijd een beetje in een gat, zo zonder Flowactiviteiten.

Wekenlang stond het hele Verenigd Koninkrijk erdoor op z’n kop: het sprookjeshuwelijk van Prins Harry en voormalig Suits actrice Meghan Markle. Er waren zelfs mensen die dagenlang voorafgaand aan het huwelijk in de Londense straten bivakkeerden met heuse campingstoeltjes en thermoskannen. En dat terwijl Prins Henry, Duke of Sussex, zoals hij officieel genoemd wordt, niet eens de wettelijke troonopvolger van de UK is. Je kunt je afvragen hoe het kan dat het nieuws wereldwijd wekenlang in het teken stond van dit huwelijk.

Gelukkig brengt het naderen van de zomervakantie ook wel weer leuke dingen met zich mee: de TOP-week komt er weer aan, nieuwe commissarissen gaan het stokje overnemen van de huidige commissarissen, en het nieuwe Kandidaatsbestuur (waar ik deel van uitmaak!) wordt geconstitueerd tot het Dagelijks Bestuur. Ergens is dit dus ook wel een spannende tijd: zullen er veel nieuwe CIW- en CSAIstudenten beginnen? Zullen zij net zo enthousiast worden over Flow als ik? Hoe zullen de nieuwe commissarissen en het nieuwe bestuur het er vanaf brengen?

Wat niet veel mensen weten is dat de Monarchie van het Verenigd Koninkrijk niet alleen Groot-Brittannië omvat, maar alle Gemenebest naties. Veranderingen binnen het Britse koningshuis hebben dus op veel landen invloed. Ook landen zoals Australië, Inda, Ghana en Canada maken deel uit van de Britse monarchie en vallen dus onder staatshoofd en huidig Koningin Elizabeth II. Er valt dus een veel groter gebied onder dit koningshuis dan in eerste instantie vaak wordt gedacht.

Ach, gelukkig hoef ik eigenlijk nog lang niet na te denken over het overdragen van mijn commissarisschap. Mijn commissie en ik brengen namelijk gewoon nog een Flowzine uit in september! Zien we je dan weer? - Ayra Lintsen

Wellicht dat niet alleen de grootte van het koninkrijk bijdraagt aan alle media-aandacht die het huwelijk kreeg. Misschien dat al het onheil dat momenteel in deze wereld plaatsvindt mensen doet verlangen naar een beetje positiviteit in hun levens. Dat alle schietpartijen in Amerika, terreurdaden in Frankrijk, vulkaanuitbarstingen in Hawaii, aardbevingen in Groningen, vliegtuigongelukken en radicale presidenten ervoor zorgen dat mensen hun hoop en geluk uit zaken zoals het koningshuis gaan putten. Het leven van een royal gaat echter niet over rozen. Zeker, ze leven een rijkelijk bestaan, reizen de hele wereld over en ontmoeten talloze beroemdheden en belangrijke personen. Maar wat veel mensen vergeten is dat zij voor een soortgelijk leven veel moeten opgeven. Niet alleen moest Meghan naar Engeland verhuizen en haar volledige acteercarrière opgeven, ook dingen die voor ons tot de alledaagse bezigheden behoren zoals het gebruik van social media, het dragen van opvallende nagellak, sierraden, jurkjes of grote handtassen zijn vanaf nu uit den boze. Wat voor haar echter veel zwaarder kan wegen is dat ze door haar huwelijk het Amerikaans stemrecht is kwijtraakt en dat ze zich niet langer mag uiten over politiek.

Colofon: Flowzine 14e editie, juni 2018 Studievereniging Flow Esplanade building 204 Adres: Warandelaan 2 5037 AB Tilburg E-mail: info@svflow.nl Vind ons op: Facebook, Twitter, Instagram, YouTube, Snapchat & LinkedIn. Volgend Flowzine: september ‘18

Dit nummer is gemaakt door: Ayra Lintsen (commissaris), Nina Serpenti (bestuursbuddy), Elaine Buis, Laura Groeneveld, Merel Groot, Jesse Janse & Anne Kessels Met medewerking van: Achmea, Alexander Wijninga, Bernice Lijzenga, Emmy Veenema, Evi van der Weegen, Kristel Kouwenberg, Maartje van Berkel, Mariska Kleemans, Mirjam Mous, Nieke Knabben & Ramon Pieternella

Sommigen van jullie zullen zich nu afvragen waarom zo’n succesvolle Amerikaanse actrice haar carrière en vrijheid zou opgeven? Om in het kader van al het naars dat er de afgelopen tijd in deze wereld heeft plaatsgevonden positief te blijven: voor de liefde natuurlijk. Blijkbaar maakt het niet uit wat je allemaal moet laten schieten als dat je een stap dichter bij je geliefde en daarmee het geluk brengt. Nina Serpenti

2


Tekst: Elaine Buis

Stage lopen Hoe kan ik nu het beste een stageplek vinden? Veel studenten vragen zich dit wel eens af. Op dit moment ben ik, Elaine Buis, een derdejaars bachelorstudent CIW. Naast het volgen van twee vakken, loop ik dit semester stage en hoop ik aan het einde van dit semester mijn bachelor af te ronden. Stage lopen is erg uitdagend en leuk, en ik kan het iedereen dan ook aanbevelen. In dit artikel zal ik eerst iets over mijn eigen stageproces vertellen. Daarna komt Kristel Kouwenberg aan het woord, een derdejaars student CIW die het schrijven van haar scriptie combineert met stage lopen. Tot slot geeft Nieke Knabben, stagecoördinator van TSHD, nog wat praktische tips en nuttige informatie over het lopen van een stage. Voor mijn gevoel liep ik tijdens het zoeken naar een stage tegen wat muren aan, omdat er in het curriculum van CIW eigenlijk geen ruimte is voor een stage. De toenmalige studieadviseur legde me uit dat ik vooruit moest werken en wat extra vakken moest volgen om studievertraging te voorkomen. Alleen dan zou ik zonder studievertraging stage kunnen lopen. Ik zou mezelf dus als het ware vrij moeten roosteren. Hier zat echter een addertje onder het gras. Als ik namelijk al mijn studiepunten gehaald zou hebben, dan zou ik bij de universiteit worden uitgeschreven. Dat zou betekenen dat ik geen stage zou kunnen lopen, omdat organisaties in dat geval wettelijk verplicht zouden zijn om mij in dienst te nemen in plaats van mij een stageplek aan te bieden. Om die reden moest ik naast mijn stage minimaal één vak volgen. Mijn voorkeur ging uit naar een tekstgerichte stage, zodat ik er voorafgaand aan mijn master achter zou komen of dit werkveld iets voor mij is. Ik loop dan ook stage bij de Leesclub van Alles, in Culemborg. Dit is een grote boekrecensiewebsite die ook boeklezingen organiseert. Hier houd ik me vooral bezig met het organiseren van leesclubavonden, het schrijven van persberichten en de marketing van de organisatie. Daarnaast beheer ik alle sociale media en plaats ik recensies. Ik onderhoud contact met uitgeverijen en recensenten en zoek nieuwe medewerkers en partners. Het is erg afwisselend werk en het is leuk om de organisatie te zien groeien en zich te zien ontwikkelen. Kristel Kouwenberg (21) loopt ook stage. Zij doet dit bij The Search Company en combineert het met het schrijven van haar bachelorscriptie. Waarom wilde je stage lopen? Aan het einde van mijn tweede studiejaar CIW kreeg ik het idee om na afloop van mijn studie stage te gaan lopen. Het opdoen van praktijkervaring vind ik namelijk erg belangrijk. Tijdens een stage word je begeleid, kan je meekijken in de praktijk en, wat voor mij denk ik nog het meest belangrijk is, kan ik ontdekken wat ik straks na mijn studie wil gaan doen.

3

Waar loop je stage? Ik loop stage bij The Search Company. Dit is een werving- en selectiebureau, gevestigd op Strijp-S in Eindhoven. Tijdens mijn stage kom ik vooral in contact met IT en Sales professionals. Mijn taak is om samen met mijn acht collega’s op zoek te gaan naar de juiste match voor verschillende opdrachtgevers zoals ASML, Sogeti en Capgemini. Het is een combinatie van headhunten op vacatureplatforms zoals Monsterboard en LinkedIn en tegelijkertijd, zowel telefonisch als via mail en WhatsApp, veelzijdig in contact staan met geïnteresseerden. Hoe heb je je stage gevonden? Het grappige aan dit verhaal is dat The Search Company eigenlijk mij heeft gevonden. Ik liep al een langere tijd met het idee rond om stage te gaan lopen, dus aan het begin van het collegejaar dacht ik: “Waarom zou ik niet alvast al mijn vakken afronden voor januari, zodat ik mijn scriptie kan combineren met een stage.” Ik postte zodoende een bericht op LinkedIn dat ik per januari 2018 op zoek was naar een afstudeeropdracht, en nog geen week later kreeg ik bericht vanuit The Search Company met de vraag of ze me wellicht van dienst konden zijn! In een tweede gesprek hebben we het gehad over het combineren van mijn bachelorscriptie met de belangen van The Search Company. Wat wilden we onderzoeken? Iets met content? Iets voor de website? Na lang overleg kwam daar het volgende uit: vormgeving van vacatures voor starters, hoe kunnen we dat beter maken? Het lukte me om al mijn vakken af te ronden en eind januari ben ik begonnen aan zowel mijn stage als mijn scriptie. Hoe combineer je je stage met je studie en scriptie? Ik krijg tijdens mijn stage ontzettend veel vrijheid. Dat uit zich niet alleen in het aantal werkdagen, maar ook in de hoeveelheid tijd die ik in mijn scriptie kan stoppen. In september heb ik al contact gezocht met de scriptiecoördinator Anja Arts en in eind


november diende ik een verzoek in voor een externe scriptie. Dit kostte wel veel tijd, aangezien ik al een theoretisch kader op moest stellen om te kunnen bewijzen dat het project ‘wetenschappelijk genoeg’ was. Een externe scriptie heeft zowel voor- als nadelen. Het leuke eraan is dat je bijvoorbeeld je onderwerp naar je eigen idee kunt vormen, maar een nadeel ervan is dat bij de standaard scripties vaak in groepsverband wordt gewerkt en de methodes al vastliggen. Wat waren je verwachtingen en zijn deze uitgekomen? Ik moet eerlijk toegeven dat ik eigenlijk niet heel veel verwachtingen had. Wat ik nu merk is dat ik het fantastisch vind om in een gezellige en informele sfeer te werken. PSV wordt kampioen? Dan lopen we toch lekker met z’n allen de stad in en stoppen we gewoon wat eerder met werken. Allemaal van dat soort dingen. Daarnaast leer je ook ontzettend veel over het bedrijfsleven. Aangezien de klanten vaak grote bedrijven zijn leer je ook een beetje hoe het er daar aan toe gaat. Bovendien leer je waar mensen naar kijken op je CV en wat je wel en niet moet doen op een sollicitatiegesprek. Deze stage heeft dan ook echt mijn horizon verbreed. Tot slot geeft Nieke Knabben, stagecoördinator van TSHD, nog een paar praktische tips over stage lopen. Waar ondersteun je CIW-studenten vooral mee? De meeste CIW-studenten komen naar mij met een vrij algemeen beeld van wat ze zouden willen. Samen maken we dit beeld concreter en gaan we op zoek naar welk type stageplek en welke werkzaamheden bij de student zouden passen. Vervolgens bespreken we de stappen die moeten worden ondernomen om daadwerkelijk een stageplek te bemachtigen. Een onderdeel hiervan is dat de student een CV en motivatiebrief opstelt, die ze altijd mogen laten nakijken. Daarnaast kan ik een format stageovereenkomst- en evaluatieformulier aanleveren. Het is namelijk zeer belangrijk dat er een contract tussen de student en het bedrijf wordt opgesteld. Op deze manier ben je wettelijk beschermd in geval van ziekte of ongevallen op het werk, en staan de vergoedingen vast. Bij CIW is het doen van een stage echter geen onderdeel van het studieprogramma. Dit betekent dat ik gedurende de stage geen begeleiding kan bieden en de universiteit ook geen partij is in de stageovereenkomst.

Wat is de meerwaarde van het lopen van een stage? Ten eerste doe je werkervaring op. Dit is erg belangrijk wanneer je na je studie op zoek gaat naar een baan. Bedrijven eisen tegenwoordig steeds vaker een aantal jaar werkervaring. Ten tweede krijg je door het lopen van een stage meer inzicht in welk type werkzaamheden en bedrijf je leuk vindt en vooral ook niet leuk vindt. Hierdoor kun je meer richting geven aan de rest van je opleiding. Waar en wanneer kun je het beste op zoek gaan naar een stage? Het beste is om een aantal maanden voordat je daadwerkelijk wilt beginnen met stage lopen op zoek te gaan naar een stageplek. Wanneer je bijvoorbeeld in het voorjaarssemester wilt stage lopen kun je vanaf oktober/november op zoek gaan naar een vacature. Hierbij is het goed om te weten dat veel bedrijven een startmoment hebben in september en januari/ februari. Veel studenten vinden een stageplek door simpelweg te Googelen. Daarnaast kun je vacaturesites bezoeken, op LinkedIn naar vacatures zoeken, je eigen netwerk raadplegen en de vacaturepagina van specifieke bedrijven die je op het oog hebt bekijken. Ook is er vanuit de universiteit een Career Portal. Tot slot mail ik de studenten waarvan ik weet dat ze naar bepaalde vacatures op zoek zijn als ik iets passends voor ze zie. Heb je nog tips voor CIW’ers die een stage willen doen? Zorg dat je CV en LinkedIn pagina helemaal up to date zijn en maak een format voor een motivatiebrief. Hierdoor kun je snel reageren als er een interessante vacature voorbijkomt. Het is daarnaast goed om je CV en motivatiebrief aan te passen aan de specifieke vacature waarop je reageert. Wordt er bijvoorbeeld om problem solving skills gevraagd, highlight dan de ervaringen in je CV en motivatiebrief waaruit blijkt dat je deze skills bezit. Als laatste raad ik aan om te kijken wat er op je Facebookpagina staat en je eigen naam te Googelen, zodat je weet wat er over je te vinden is. Dit is namelijk ook wat bedrijven zullen doen.

Hopelijk heeft dit artikel je geholpen als je wat meer over het doen van een stage naast je studie wilde weten. Mocht je nog meer vragen hebben, kun je ze altijd aan Nieke stellen via tsh.stage@tilburguniversity.edu.

4


Tekst: Laura Groeneveld

Marketing en communicatie in de zorg Een interview met Bernice Lijzenga Je vindt vakken over bedrijfscommunicatie leuk en een baan in deze richting lijkt je wel wat. Welke kanten kan je later dan allemaal op? Bernice Lijzenga is Senior Adviseur Marketing & Strategie bij Karakter, een centrum voor kinder- en jeugdpsychiatrie en doet haar werk met veel enthousiasme. Wat houdt deze functie in, wat maakt haar werk zo leuk en wat raadt ze toekomstige alumni van CIW aan om hun droombaan te kunnen vinden? Beroep Uit het interview blijkt al snel dat Bernice zeker niet alleen met communicatie bezig is. Ze houdt zich bezig met drie actuele hoofdthema’s: positionering en profilering, portfoliobeleid en relatiebeheer van Karakter. Daarnaast is ze ook woordvoerder voor de media. ‘Ik zet me in voor een sterke marktpositie van Karakter. We hebben nu jaarlijks 8,5 duizend kinderen in diagnostiek of behandeling bij Karakter, maar we zouden de markt bijvoorbeeld nog verder kunnen ontwikkelen door ook in het onderwijs kinderen te helpen of meer beperkte kinderen met een psychiatrisch probleem te behandelen. Wat betreft portfoliobeleid zijn we continu bezig met kijken naar wat de vraag van de markt is en hoe we onze diensten zo goed mogelijk af kunnen stemmen op wat doelgroepen van ons vragen. Onder die markt vallen financiers zoals alle gemeenten, klanten (kinderen onder psychiatrische zorg), maar ook andere zorgorganisaties die bijvoorbeeld een second opinion van ons willen of onze psychiaters inhuren.’ Ook adviseert Bernice collega’s in hoe zij het beste de relaties met alle contacten in de markt, zoals ouders, patiënten en zorgverzekeraars, kunnen onderhouden. Relatiebeheer is een vak apart. ‘Je kunt niet elke dag aan iedereen tijd besteden, dus het gaat erom welk doel je met welke doelgroep wilt bereiken. De ene groep ontvangt daarom een digitale nieuwsbrief, voor andere groepen organiseren we een relatie-event. Als we maar een helder beeld geven van wat we doen en aansluiten op de behoeften van de doelgroep.’

5

Achtergrond Een hoop diverse bezigheden dus, waaraan ook een brede studiecarrière en andere banen vooraf gingen. Bernice studeerde communicatie aan de Hogeschool Utrecht, waar ze zich bezig hield met zowel communicatie-, psychologie-, sociologie- en economievakken. Veelzijdig werk met veel verschillende klanten leek haar interessant. Dit vond ze bij een communicatiebureau. Later werd ze manager Communicatie- en Fondsenwerving bij een blinden- en slechtziendenorganisatie. Ze deed hier veel ervaring op het gebied van communicatie op, maar ontdekte dat ze zich ook op andere vlakken wilde ontwikkelen. ‘Ik merkte dat ik de paraplu daarboven – strategie, beleid en marketing – breder en interessanter vond. Daar ben ik me door studies in gaan verdiepen, bijvoorbeeld met de opleidingen Zorgmanagement en Marketingplanning.’ Zo kwam ze in de marketingwereld van de zorg terecht, en uiteindelijk ook bij Karakter. Diversiteit en dynamiek Waarom dan toch meer marketing dan communicatie, en waarom in de zorg? Dat is voor Bernice geen moeilijke vraag. ‘Ik heb door de jaren heen ontdekt dat ik marketing in de zorg het boeiendst vind: het heeft de zakelijke kant van marketing en communicatie, en de betrokkenheid van zorg met bewogen professionals en medewerkers. Ook is de GGZ binnen de zorg de meest complexe en dynamische branche. In deze periode is bijvoorbeeld de gehele financiering en de behandelmethodiek omgegooid, de doelgroep


wordt anders ingericht en de politiek verandert haar kijk op de zorg. De dynamiek die ik zocht heb ik dus gekregen.’ Ook benadrukt Bernice dat de diversiteit van haar werk haar heel goed bevalt. ‘De ene dag heb ik een journalist aan de lijn, de andere dag adviseer ik de directeur, de dag erna denk ik weer na over internal branding.’ Genoeg variatie dus!

of iets nieuws aan bod komt, of in een rustig bedrijf, waar bijvoorbeeld gewerkt wordt via een jaarplan. Natuurlijk vind je ook combinaties: je hebt in de nonprofit sector (zorg, onderwijs, overheid) ‘rustige’ banen met veel stabiliteit, maar ook bijvoorbeeld Greenpeace, waar elke week dynamiek is. Of wanneer een profitbedrijf als Nestlé je trekt, kan je er ook voor kiezen daar in de voorlichting te gaan werken, bijvoorbeeld als manager van de klantenservice. Vraag je dus goed af welke thema’s en typen mensen je boeiend vindt.’ Volgens Bernice is het ten derde ook slim om nu alvast actief het praktijkveld te bekijken. ‘Sluit je tijdens je studie bijvoorbeeld al aan bij de Nederlandse beroepsorganisatie voor communicatieprofessionals: Logeion. Je kunt dan de ontwikkelingen in het vak volgen door op de website te bekijken wat er allemaal te doen valt in de praktijk. Als je later gaat werken of een stage gaat lopen, sluit je dan aan bij communicatienetwerken: er is van alles. Je ontmoet dan twee tot drie keer per jaar vakgenoten die bij een ander bedrijf werken. Dat houdt je scherp en fris.’

Uitdagingen en ontwikkelingen Binnen een bedrijf valt bijna altijd wel iets te verbeteren en zelden blijft alles zoals het was. Gelukkig maar, want Bernice houdt dus juist van diversiteit of een strategische challenge. ‘Het leukste vind ik het om de strategische doelen van Karakter proberen te verbinden met persoonlijke doelen, dus dat wat jij of ik als medewerker zou willen bereiken en als uitdaging ziet in je werk, in combinatie met de missie en visie van je bedrijf. Ook vind ik het heel leuk om mee te denken over de bedrijfsstrategie, dus de missie en visie. De strategiebepaling loopt het hele jaar door en gebeurt op de drie niveaus: corporate, marketing en intern.’ Wie het vak Marketingcommunicatie & Nieuwe Media heeft gevolgd, weet dat digitale media in de marketing een hoop te bieden hebben – net als Bernice. ‘Ten eerste willen we meegaan in veranderingen binnen het vak, zoals de opkomst van online marketingcommunicatie. We zetten nu bijvoorbeeld Google Adwords in, zodat we sneller gevonden worden als we bij een bepaald thema nieuwe zaken aanbieden. Ten tweede probeert Karakter zich steeds verder te ontwikkelen in het aansluiten op klantbehoeftes. Zo zijn e-learning en e-health ingevoerd, en kunnen serious games in de behandelmethodiek worden gebruikt.’ Kinderen met angststoornissen die niet meer naar buiten willen, kunnen “De ene dag heb bijvoorbeeld in een spel leren hoe ik een journalist aan ze hierin toch stappen kunnen de lijn, de andere dag zetten.

adviseer ik de directeur, de dag erna denk ik weer na over internal branding.”

Gouden tips voor CIW-studenten Last but not least: wat zou Bernice, die zelf een baan heeft gevonden waar ze vol enthousiasme in staat, als tips voor aankomende communicatie-alumni meegeven om ook bij een baan uit te komen die je écht leuk vind? ‘Ten eerste: je moet bedenken of je binnen de bedrijfscommunicatie de profit of non-profit kant op wilt gaan. In de non-profit kant houd je je vaak bezig met voorlichting en uitleg voor de maatschappij. Bij beide typen bedrijven werken verschillende typen mensen, en je moet zelf uitvinden wat beter bij jou past. Ten tweede moet je er goed over nadenken of je een functie wilt in een dynamisch bedrijf waar elke dag wel wat verandert

6


“Ik zoek de spanning vooral in de dreiging, en minder in de actie zelf. Een bom die ontploft is in mijn ogen minder spannend dan het moment ervoor, als je weet dat er een bom in een bus ligt en dat die elk moment kan ontploffen.�

7


Tekst: Elaine Buis & Merel Groot

Mirjam Mous Auteur van bekende kinderboeken Je eigen boek in de winkel zien liggen. Deze droom kwam uit voor Mirjam Mous (54). Voordat ze schrijfster werd, werkte ze als juf op een school voor kinderen met sociaaleconomische problemen. Bekende boeken van haar zijn Boy 7 en Virus. We spraken haar over haar schrijfproces, schrijfstijl en wat er nodig is om van schrijven je carrière te maken. Hoe bent u in de schrijfwereld terecht gekomen?

Welk boek was voor u het meest speciaal om te schrijven?

l vanaf het moment dat ik kon lezen, wilde ik schrijfster worden. Ik weet niet of daar toen al een opleiding voor was, maar ik was in de veronderstelling van niet, dus ben ik naar de Pedagogische Academie gegaan om juf te worden. Ik dacht: dat schrijven leer ik zelf wel. Ik heb veel gelezen, veel geoefend en toen het me eindelijk lukte een compleet boek te schrijven, heb ik dat naar diverse uitgeverijen opgestuurd. Niemand vond het goed genoeg. En terecht! Toen heb ik Monsters Mollen! geschreven en ook dat weer opgestuurd. Gewoon over de post met een brief erbij, want internet bestond nog niet. Ditmaal had ik geluk. Ik zit nog steeds bij dezelfde uitgeverij die mijn eerste boek heeft uitgegeven.

Alle Dagen Hartstikke Druk, over een jongen – Indy – met ADHD. En Virus, over een jongen – Kris – met het syndroom van Gilles de la Tourette. Omdat deze personages me extra dierbaar zijn. Ik heb heel wat Indy’s en Krissen in mijn klas gehad, toen ik nog in het speciaal onderwijs werkte, en zonder hen had ik deze boeken nooit kunnen schrijven.

A

Welk moment in uw carrière beschouwt u als uw doorbraak? Er was al wel een stijgende lijn te zien, maar het succes van Boy 7 sloeg alles. Twee verfilmingen, een theatervoorstelling en plotseling heel veel lezers meer. Hoe heeft uw liefde voor thrillers en spannende boeken zich ontwikkeld? Haha, zo’n liefde heb ik niet, hoor. Sterker nog: ik lees zelden thrillers, en juist liever andere boeken. Ik ben ze op verzoek van een groepje jongens gaan schrijven. En dat bleek ik onverwacht leuk te vinden. Vooral vanwege het puzzelen. Als alle stukjes aan het eind op hun plaats vallen, geeft dat een enorme voldoening. En omdat ik er zo veel lezers mee bereik, blijf ik, naast allerlei andere genres, zeker spannende boeken schrijven.

Met welk karakter uit uw boeken identificeert u zich het meest en waarom? De personages zijn, op Indy en Kris na, in de basis altijd gebaseerd op mezelf. Ik gebruik mijn eigen karaktereigenschappen, angsten, humor, eigenaardigheden, zwakheden, leuke en minder leuke kanten om ze tot leven te wekken. Elvis uit Test heeft net als ik claustrofobie. Ik heb net zo’n hekel aan sport als Mick uit Password. Ik was vroeger net zo naïef als Fin in Vals Spel, en ik maakte me net als Ben uit 2C altijd zorgen over onze planeet. Net als Valentijn uit 2C werd ik gepest en wat Janna in Doorgeschoten over Amerika beweert, zou ik precies zo zeggen... Kortom, ik kan niet kiezen. Ik ben ze allemaal. Doet u tijdens het schrijven van een boek veel onderzoek? En zo ja, wat is uw voornaamste informatiebron? Dat hangt af van het onderwerp en het soort boek. Als ik tijdens het schrijven dingen tegenkom die ik wil weten, maak ik gebruik van het internet. Verder lees ik veel krantenartikelen en bekijk ik bepaalde tv-programma’s, die bij mijn boek aansluiten.

8


Hoe krijgt u inspiratie voor uw verhalen? Heeft u al duidelijk een verhaal voor ogen voordat u begint met schrijven, of heeft u vooral losse ideeën die u later combineert tot één verhaal? Het hele leven is voor mij één grote inspiratiebron. Mijn jeugd, de tijd dat ik als groepsleerkracht in het speciaal onderwijs werkte, sprookjes (Fluisterwater heeft het sprookje van de Kleine Zeemeermin als basis), de reizen die ik maak, mijn lezers en vooral ook de actualiteit. Doorgeschoten is gebaseerd op de schietpartij op de Columbine Highschool in Amerika. Tijdens het schrijven van Virus braken achtereenvolgens vogelgriep en ebola uit – plotseling werd een virus de titel en het hoofdthema van het boek. En verder alle leuke of juist nare dingen die ik meemaak. Als ik een auto-ongeluk krijg of in het ziekenhuis beland, komt het gegarandeerd in een boek. Ik verzin meestal alleen het begin. De rest van het verhaal ontstaat al schrijvende. Dan krijg ik tijdens het wandelen ineens een idee of ik lees iets in de krant en dat stuurt me dan een bepaalde kant op. Kunt u wat vertellen over het schrijfproces dat u doorgaat wanneer u een boek schrijft? Ik weet van te voren voor welke leeftijd ik schrijf en wat het genre is. Afhankelijk daarvan verzin ik een spannend of grappig begin. Bij voorkeur iets waardoor je meteen in het verhaal wordt gesleurd. Daar kan ik dagen mee bezig zijn. Weken zelfs. Daarna ga ik stapje voor stapje verder.

9

Ik werk traag. Kan steeds pas verder als elke zin er staat zoals ik wil. Hoe verder ik in het verhaal kom, hoe vaker ik ook weer terug moet. Dingen aanpassen, en weer opnieuw schaven tot elke zin goed is. Vaak ben ik wanhopig, soms in mijn nopjes. Ik denk aan mijn boek voordat ik in slaap val, onder de douche, tijdens het ophangen van de was en soms krijg ik ineens een idee, wat een paar dagen later toch niet zo geweldig blijkt te zijn, maar dan komt er weer een ander idee langs en op een gegeven moment past alles in elkaar. Ik weet meestal pas ongeveer op twee derde van het boek hoe het af zal lopen. U schrijft boeken voor een heel divers publiek: van kinderen tot jongeren. Hoe schakelt u tussen deze doelgroepen? Dat gaat vanzelf. Omdat ik zowel kind als jongere ben geweest, kan ik me prima in allebei verplaatsen. Ik vind vooral de afwisseling fijn. Ik zou het saai vinden om steeds voor dezelfde doelgroep of altijd in hetzelfde genre te schrijven. Waarin verschilt schrijven voor jonge kinderen van schrijven voor jongvolwassenen? Bij jonge kinderen gebruik ik minder moeilijke woorden en minder heftige onderwerpen. Ik pas de omgeving en gebeurtenissen aan de betreffende leeftijd aan, zodat het herkenbaar voor de lezer is. Jonge kinderen zijn met andere dingen bezig dan jongeren.


U schrijft onder andere spannende thrillers. Hoe bouwt u spanning op in dat soort verhalen? Ik geef nooit in één keer alle informatie prijs. Ik laat de lezer er stukje bij beetje achter komen hoe het zit, maak hem nieuwsgierig en zet hem of haar op het verkeerde been. Ik probeer het ook spannend op te schrijven. Niet afstandelijk en omschrijvend, maar heel direct. Zodat het voelt alsof jijzelf dat personage bent. Ik gebruik vaak cliffhangers. Ik speel met de tijd. Sommige dingen vertel ik pas later, of ik kijk juist vooruit, zo van: ‘Ik dacht dat het een geweldige dag zou worden, maar...’ Ik zoek de spanning vooral in de dreiging, en minder in de actie zelf. Een bom die ontploft is in mijn ogen minder spannend dan het moment ervoor, als je weet dat er een bom in een bus ligt en dat die elk moment kan ontploffen. Wat vindt u het moeilijkste onderdeel van het schrijfproces? Het onderdrukken van mijn onzekerheid, niet blijven hangen in eindeloos verbeteren maar genoeg moed verzamelen om door te gaan. En verder: iets leuk, gevat, pittig opschrijven, ook al is het niet heftig, spannend of grappig. Soms moet de lezer bepaalde (ietwat saaie) informatie krijgen om het verhaal te volgen, maar ik wil dat dan zo verpakken dat hij of zij toch niet afhaakt.

eigen stem en stijl te vinden. Laat het ook aan anderen lezen en leer omgaan met kritiek. Vergeet het romantische idee van schrijven in een huisje in Frankrijk omdat de inspiratie daar vast op je neerdaalt. Ga gewoon aan het werk.

Boy 7 is verfilmd in Nederland en Duitsland. Hoe nauw bent u betrokken bij de verfilming van uw boeken? Ik heb gesprekken gehad met de verschillende filmproducenten en mocht kiezen met wie we in zee zouden gaan. Na nog een paar bijeenkomsten en het lezen van diverse scenario’s heb ik een stapje achteruit gedaan. Uiteindelijk beslissen de filmmakers toch wat ze wel en niet van je willen aannemen. En dat is prima. Een film maken is een ander vak. In Duitsland ben ik ook nog een dag op de set gaan kijken. Dat was erg leuk. Lezers vinden verfilmingen van boeken vaak minder goed dan de film, omdat ze onder andere de personages anders voorstelden dan de getoonde personages in de film. Hoe is dit voor een schrijver? Ik vond de personages uitstekend gecast. De scenarioschrijver heeft het verhaal wel erg veranderd. Dat had ook voordelen, want daardoor stopte ik al snel met vergelijken. Het boek is van mij. De film niet. Ik heb de makers alleen geïnspireerd om van mijn “ei” iets anders moois te maken. Ik vind het oprecht een knapgemaakte, spannende film, waar ik van heb genoten. En met fantastische acteurs.

“Als alle stukjes aan het eind op hun plaats vallen, geeft Heeft u het idee dat u zich nog steeds ontwikkelt als schrijfster; wordt uw dat een enorme werk in uw ogen nog steeds beter? voldoening.” Kunt u wat vertellen over de promotie van uw Ik heb veel geleerd. Mijn personages zijn rijper, de verhaalstructuren worden complexer en ik weet beter hoe het ‘hoort’. Vooral van mijn eerste redacteuren heb ik veel geleerd. Aan de andere kant ben ik daardoor mijn onbevangenheid kwijtgeraakt. Dat vind ik wel jammer. Mijn perfectionisme zit me regelmatig in de weg. Wat is er volgens u nodig om van schrijven je carrière te maken? In elk geval ook een dosis geluk. Een uitgever die het ziet zitten. Dat je net datgene schrijft, wat op dat moment toevallig door het publiek wordt omarmt. Hoewel je natuurlijk ook een mooi oeuvre kunt opbouwen voor een selecte groep lezers. Gelukkig maar, want ook die boeken horen er te zijn. Alleen zul je dan waarschijnlijk een beurs moeten aanvragen, wil je ervan kunnen leven. Of je moet lezingen op scholen en in bibliotheken geven. Heeft u tips voor studenten die zich willen ontwikkelen in het schrijven van fictie? Veel lezen en veel oefenen, kilometers maken. Niet te snel tevreden zijn. Probeer niet anderen te imiteren, maar je

boeken? Hoe werkt dit proces?

Het bezoeken van bibliotheken en scholen is een goede manier om je boeken onder de aandacht te brengen en bekendheid op te bouwen. Verder is een fijne uitgeverij van belang. Die van mij zorgt voor posters, boekenleggers, plaatst advertenties, is actief op social media en heeft zeer enthousiaste vertegenwoordigers. Een goede website, en zelf actief zijn op social media helpt ook allemaal mee. Maar de beste promotie is die door de lezers zelf: als leerlingen je boek zo goed vinden dat ze het hun klasgenoten aanraden. Bent u van plan om in de nabije toekomst nog nieuwe boeken uit te brengen? Zojuist is er een mooie, opgefriste heruitgave van Alle Dagen Hartstikke Druk verschenen. Daarna komt de paperbackversie van 2C uit. Op dit moment werk ik aan een spannend 12+ boek dat zich in de nabije toekomst afspeelt. Ik schrijf het vanuit een jongen en een meisje, een broer en zus. Ik ben nog niet eens halverwege, maar het is de bedoeling dat het in het voorjaar van 2019 verschijnt.

10


Gesponsorde content

‘Help jij Achmea de meest vertrouwde verzekeraar te worden in 2020?’ Dit was de vraag die wij op 5 april stelden aan studenten van Flow. Samen met de campus recruiter IT & Data van Achmea (Tamar Noordermeer) hielp ik (Amber van Leeuwen, IT Management Trainee) studenten op weg om antwoord te geven aan deze vraag.

Samen met een groep van zeventien Flow’ers trapten we de middag af. Allereerst stelden wij onszelf en Achmea voor aan de groep. Wie zijn wij en hoe zijn wij bij Achmea terechtgekomen? Het was voor mij extra leuk om deze case te geven in Tilburg, omdat ik hier zelf in september vorig jaar ben afgestudeerd aan de master Data Science: Business & Governance. En nog leuker… Tijdens mijn Bachelor (CIW) ben ik actief geweest bij Flow! Hierna hebben we wat meer verteld over Achmea, wat wij doen en waar wij voor staan. Wist jij bijvoorbeeld dat wij al meer dan 200 jaar bestaan? Of dat wij ook internationaal opereren? Deze vragen, en meer, werden gesteld tijdens de Achmea Quiz. De quiz was meteen ook een goede workout: je mocht blijven zitten als je dacht dat een stelling waar was, anders moest je gaan staan. Ook werd mijn favoriete

11

vraag gesteld: ‘Denk jij dat je bent verzekerd bij Achmea?’ En wat bleek: een groot deel van de groep was bij Achmea verzekerd! Misschien jij ook wel! Een autoverzekering bij FBTO, een zorgverzekering bij Zilveren Kruis of een schadeverzekering bij Centraal Beheer? Onder andere deze merken vallen onder Achmea. Na de zit-staan workout en de eyeopeners wat betreft het hoe en wat rondom Achmea, kwamen we bij het hoofddoel van de middag: de case! De wereld om ons heen wordt, zoals iedereen merkt, steeds meer digitaal door technologische ontwikkelingen. Om relevant te blijven voor onze klant is het essentieel dat wij meeveranderen, ook voor onze continuïteit. De opdracht van de case was om na te denken over de vraag hoe Achmea de meest vertrouwde digitale verzekeraar wordt van


2020. Om hier antwoord op te kunnen geven, is het belangrijk om op de hoogte te zijn van huidige trends. Trends die impact gaan hebben op de middellange termijn (één tot vijf jaar) en relevant zijn voor Achmea. Voorbeelden van Trends die we tijdens de case hebben behandeld zijn: Machine Intelligence en Smart Machines, Blockchain, Werkplekanalyse, Internet of Things en Adaptive Security Architecture. De studenten hadden ongeveer een uur de tijd om tot een idee te komen. Er werden geen verdere eisen gesteld, behalve natuurlijk dat ook privacy in overweging zou worden genomen. Bij alles moest de vraag worden gesteld: mag dit en zou de klant dit ook daadwerkelijk willen? Nadat elke groep de tijd had gekregen tot een idee te komen, werden de ideeën aan elkaar gepitcht. De hoofdprijs: de winnende groep mag bij Achmea bij het Innovatie & Experience Center komen pitchen! Het winnende groepje had een idee over hoe Achmea, door middel van smart contracts op de blockchain-technologie, ervoor kan zorgen dat zorgdeclaraties sneller, veiliger en transparanter zijn! Binnenkort worden zij uitgenodigd op een Achmealocatie, dus ik ben benieuwd of dit verder kan worden opgepakt! Na het bekendmaken van de winnaars, hebben we nog meer verteld over wat je zoal als starter voor mogelijkheden hebt bij Achmea. Zo kun je bij ons terecht voor een afstudeerstage, maar bijvoorbeeld ook als werkstudent. Dit heb ik een half jaar gedaan bij Achmea in Tilburg (Interpolisgebouw) en het geeft een goede indruk van hoe het

is om écht bij Achmea aan de slag te gaan! Zo krijg je bijvoorbeeld inzicht in de vraagstukken, uitdagingen en ook in de bedrijfscultuur. Daarnaast hebben wij verschillende Talentships. In de Talentships word je in twee jaar tijd opgeleid tot medior specialist, bijvoorbeeld op het gebied van Data Science of app ontwikkeling. Je hebt hierbij de mogelijkheid verschillende trainingen te volgen, ook voor persoonlijke ontwikkeling. Verder bieden wij verschillende Traineeships aan: een Financial Management Traineeship, IT Management Traineeship en een Management Traineeship. Hier krijg je de kans om binnen twee jaar tijd vier verschillende opdrachten te doen binnen Achmea. Ook tijdens het Traineeship krijg je veel begeleiding en kansen tot ontwikkeling; zowel op persoonlijk als op zakelijk vlak. Je wordt tijdens dit Traineeship echt opgeleid tot leider van de toekomst!

Ben je benieuwd naar onze verdere mogelijkheden of wil je wat meer uitleg over de Trends en wat wij ermee doen? Dat kan! Neem dan contact op met Tamar Noordermeer op 06 13 333 614 of tamar.noordermeer@achmea.nl

12


Tekst: Jesse Janse & Ayra Lintsen

Op studiereis naar Wenen & Bratislava In alle vroegte verzamelde zaterdagochtend 5 mei een flinke groep Flow’ers, welgeteld 47 enthousiastelingen, om 01:30 uur in Tilburg. De bedoeling was om eventjes een weekje het o zo zware studentenleven te ontvluchten. Een terugblik op een interessante week vol gezelligheid. Zaterdag 5 mei Om 9 uur ’s ochtends landde de Boeing 737-700 van KLM veilig en wel op het vliegveld in Wenen. Niet iedereen had van evenveel nachtrust kunnen genieten, maar van een verantwoord slaapritme zou de komende week toch al geen sprake zijn. Zodra de koffers in het hostel waren gedropt, was het tijd voor de eerste ‘Secret Activity’. Hoe kun je beter een studiereis beginnen dan in de heuvels, met uitzicht over de Oostenrijkse hoofdstad, genietend van een wijnproeverij? Dat zal de Studiereiscommissie ook hebben gedacht. Na een rondleiding en flink wat slokjes wijn werd er weer afgedaald naar Wenen. Na het avondeten ging de groep verder waar ze ’s middags was gebleven: het was namelijk tijd om door middel van een kroegentocht het Weense uitgaansleven te ontdekken. Zondag 6 mei Uitslapen zat er niet in. Fris en fruitig begon de groep aan de stadstour die door de binnenstad van Wenen ging. Aan de hand van twee gidsen was iedereen binnen no-time een expert op het gebied van Schnitzel, Apfelstrudel en natuurlijk de geschiedenis van Wenen. Na de lunch werd het Schönnbrunn Paleis bezocht, waar men aan de hand van een audio-tour door de koninklijke gangen werd geleid en ingewijd werd in het leven van Sissi en Franz Joseph. Alsof er na het Lustrum nog niet genoeg achtbanen waren verkend, werd er maandagavond een bezoek gebracht aan het Praterpark, waar er van tientallen attracties kon worden genoten. De avond werd afgesloten met een karaokemarathon, die tot in de vroege uurtjes voort zou duren. Maandag 7 mei Het weekend was voorbij; universiteiten en bedrijven openden de deuren weer. Tijd voor de eerste formele activiteit dus. Webster University was het eerste ‘slachtoffer’ van de stormvloed aan Flow’ers. Op deze universiteit kregen we een campustour en een uiterst interessant college over integrated marketing.

13


Hierna werd de weg ingezet naar het eerste bedrijfsbezoek. Emakina werd bezocht: een digital agency gespecialiseerd in markt­onderzoek, digitale marketing, creative content en het bouwen van websites en applicaties. Daarna kon men genieten van een vrije avond zonder programma. Deze werd tezamen in een lokale bar doorgebracht. De cocktails waren hier slechts €2,50. De rest is geschiedenis. Dinsdag 8 mei Of alle cocktails al in hun geheel alle lichamen uit waren, zal tot vandaag de dag een mysterie blijven. In ieder geval stonden er dinsdagochtend niet één, niet twee, maar drie bedrijfsbezoeken op het programma! De bedrijven konden helaas geen 47 Flowzielen herbergen, dus mocht iedereen kiezen welk bedrijf hij of zij wilde bezoeken. De keuze was divers: WIGeoGIS, een geomarketing bedrijf. Wavemaker, een bedrijf wat door middel van data en creativiteit nieuwe media en content creëert voor klanten. Ten slotte kon er gekozen worden voor Demner, Merlicek & Bergmann, een succesvol marketingbedrijf dat onder andere bekende (Oostenrijkse) videoreclames heeft geproduceerd. Per boot vertrok de groep ’s middags naar de tweede bestemming: Bratislava! Al dobberend over de Donau leverde dit prachtige plaatjes op. In de avond was er wat tijd om uit te rusten, of om wederom de kroeg in te duiken. Woensdag 9 mei In de ochtend werd de tweede en laatste universiteit bezocht: BISLA College. Op deze University College kreeg de groep een interessant college over Slowakije en haar geschiedenis. Een professor betoogde waarom het van belang was om Slowakije tot Centraal-Europa te rekenen in plaats van tot Zuid- of Oost-Europa. Tot slot gingen Flow’ers in kleinere groepen in discussie met BISLA-studenten over Slowakije, het communisme, de recente moord op een Slowaakse journalist, en nog veel meer. ’s Middags werd een bezoek gebracht aan het Kasteel van Bratislava, het symbool en tevens middelpunt van deze prachtige stad. Het was een flinke klim, maar daar kreeg men toch echt wat moois voor terug. Na het avondeten was het hoogst tijd voor de tweede kroegentocht van de week, want ja, we zijn en blijven nou eenmaal studenten. Dit keer werd het uitgaansleven van Bratislava aan een keuring onderworpen. Druk was het niet, maar met 47 doldwaze Flow’ers en Flow’innen werd de sfeer in menig kroeg en bar naar nieuwe hoogtes getild. Donderdag 10 mei Deze ochtend stond het bedrijf Instarea te popelen om 47 studenten over de vloer te krijgen. Instarea is een B2Bbedrijf, dat big data verkregen van telefoonbedrijven omzet in kaarten waarop bedrijven potentiële klanten kunnen vinden door te selecteren op bijvoorbeeld geslacht, leeftijd of locatie. Reuze interessant dus. Na een welverdiende lunch stond de tweede ‘Secret Activity’ op het programma: een ‘City Game’. Een soort escaperoom-speurtocht, waar aan de hand van cryptische omschrijvingen en opdrachten in groepjes een weg moest worden gevonden door het stadscentrum. Niet iedereen ging het even goed af, maar gelukkig keerde elk groepje terug, zij het soms maar net binnen de toegestane tijd. Vrijdag 11 mei De laatste formele activiteit van de week werd een bezoek aan het grootste online nieuwsportaal van Slowakije: ‘The Slovak Spectator’. Journaliste Michaela Terenzani besprak uitvoerig het Slowaakse journalistieke landschap, en hoe deze de afgelopen maanden is veranderd na de moord op een van haar Slowaakse collega’s, die onderzoek deed naar corruptie binnen de regering. Een diepgaande discussie met interessante invalshoeken volgde.

14


Na het middaguur werd per bus naar Devín Castle gereisd. Een vervallen kasteel op een klif aan de oever van de Donau, waar over zowel Oostenrijk als Slowakije kon worden uitgekeken. Het kasteelbezoek veranderde door toedoen van het prachtige uitzicht al snel in een grote Flowtoshoot, die vele Instagramwaardige kiekjes opleverde. De alweer laatste avond veranderde eigenlijk in de alweer laatste ochtend, want eerdat de laatste Flow’ers het hostel terug wisten te vinden, waren de lantaarnpalen reeds uit. Op die manier kwam de studiereis tot een prachtige (en soms wat kriebelende) climax. Zaterdag 12 mei Op de laatste officiële dag van de studiereis stond er niks meer op de planning. Uitrusten is het devies. Sommigen kochten nog haastig een souvenirtje, gezien het de dag erna Moederdag was, en dat wilt men na een week vol (in)formele gekkigheid wel eens vergeten. Op het vliegveld pinkte de Studiereiscommissie de nodige traantjes weg: na maandenlang druk bezig te zijn geweest met de organisatie, kunnen ze nu terugkijken op een zeer geslaagde studiereis. Een studiereis met pieken en dalen, maar eigenlijk toch vooral met pieken. Voldaan, zo keerden de 47 wereldreizigers ’s avonds laat weer terug naar Tilburg. Voorbijgevlogen, dat was het. Maar oh, wat was het leuk.

Tekst: Evi van der Weegen

Flow door de jaren heen In 2002 werd de euro ingevoerd, trouwde Willem-Alexander met Máxima en won Jamai het eerste seizoen van Idols. Een jaar vol hoogtepunten dus. Maar het grootste hoogtepunt van 2002 is toch wel de oprichting van Studievereniging FLoW. Sindsdien is Flow veel veranderd en hebben we als vereniging ook vele hoogtepunten gekend. We zetten ze even voor je op een rijtje. 2002 – Het eerst bestuur van FLoW wordt aangesteld (de voorzitter en secretaris hiervan zijn inmiddels getrouwd) 2003 – ‘Laat Letteren Leven’ als slogan 2004 – Eerste Vicevoorzitter 2004 – Eerste Familiedag 2005 – Het eerste bedrijfsbezoek naar Wegener 2005 – Slogan wordt veranderd naar ‘Comm & C‘ (Communicatie & Cultuur) vanwege naamsverandering van de faculteit 2005 – Eerste commissiebattle 2006 – Introductie actieve leden polo’s 2007 – Eerste Lustrum 2007 – Idee Eerstejaarscommissie 2008 – Eerste vrouwelijke voorzitter 2008 – Introductie kamerdiensten 2009 – Animo splitst af van FLoW

2009 – Eerste Eerstejaarsactiviteit 2010 – Eerste Actieve Leden Bedankavond 2010 – Introductie nieuw (huidig) logo 2010 – Eerste InFlow wordt verstuurd 2012 – Verhuisd naar huidige Flowkamer (E204) 2012 – Eerste Verenigingsweekend 2012 – Eerste Sintercantus 2013 – Introductie Mastercommissie & Symposiumcommissie 2013 – Eerste Flowzine 2013 – Eerste Citytrip 2013 – Eerste Commissaris Externe Betrekkingen 2015 – Nieuwe website online 2015 – Eerste activiteit gericht op internationals 2017 – Introductiecommissie en Eerstejaarscommissie worden samengevoegd 2017 – Introductie Acquisitiecommissie en CSAI-commissie

Dit artikel komt uit de Almanak die dit jaar is uitgegeven ter ere van het derde Lustrum van Flow. De almanak kost €9 en is te koop op de Flowkamer (E204).

15


Tekst: Laura Groeneveld & Anne Kessels

Nieuws voor kinderen Een interview met Mariska Kleemans over het Jeugdjournaal Hoewel er in 2001 over de aanslag op de Twin Towers gerapporteerd werd in het Jeugdjournaal, zal dat in 2018 niet meer gebeuren. Hoe komt dat? Waarom en hoe wordt nieuws naar kinderen anders gecommuniceerd? Mariska Kleemans, docente en voorzitter van de bachelor Communicatiewetenschap aan de Radboud Universiteit, weet er alles van. Kinderen en nieuws Mariska Kleemans doet, vaak samen met het Jeugdjournaal, onderzoek naar hoe je kinderen en jongeren meer bij het nieuws kan betrekken. ‘Ik denk dat het goed is om er op jonge leeftijd al een gewoonte van te maken om een beetje geïnformeerd te zijn over wat er gebeurt in de wereld. Voor volwassenen in een democratie is het nieuws volgen heel belangrijk, bijvoorbeeld om te bepalen op wie zij gaan stemmen. We weten uit onderzoek dat de kans dat je als volwassene het nieuws volgt groter is wanneer je van jongs af aan gewend bent dat te doen. Jongeren hebben echter vaak wel wat leukers te doen om acht uur ’s avonds. Juist bij deze doelgroep moeten we dan nadenken over andere kanalen waarop het nieuws gedeeld kan worden. Zo heeft NOS op 3 een tijdje geëxperimenteerd met kort nieuws dat twee minuten duurt. Ook is een goede mobiele app van nieuws belangrijk, zodat jongeren hopelijk meer betrokken raken bij het nieuws en de gewoonte ontwikkelen om nieuws te volgen. Bij kinderen moeten we vooral kijken naar de manier van presentatie en naar wat zij emotioneel aankunnen.’ Emotionele of gewelddadige nieuwsberichten Bij kinderen moet er meer rekening gehouden worden met de emotionele lading van een nieuwsbericht dan bij jongeren of volwassen. Mariska onderzoekt daarom ook hoe je nieuws voor kinderen zo goed mogelijk kan brengen. Ze kijkt dan bijvoorbeeld hoe nieuws, zoals de aanslagen in Brussel of een vliegtuigramp, gebracht kan worden zodat het minder emotioneel schadelijk is en kinderen er niet bang van worden. ‘In de huidige tijd met internet en sociale media horen kinderen het waarschijnlijk toch wel. Het Jeugdjournaal wil kinderen

daarom wel over zulk nieuws informeren en is dan op zoek naar manieren om hun nieuws zo goed mogelijk te brengen. Zij hebben weliswaar veel kennis over de doelgroep en weten bijvoorbeeld door gesprekken met kinderen of telefoontjes van ouders wat wel en niet goed werkt, maar dit is nooit systematisch in kaart gebracht. Ik zorg er dus voor dat het wetenschappelijk wordt onderzocht.’ Constructieve journalistiek Hoe kan je heftig nieuws dan zo goed mogelijk aan kinderen vertellen? Volgens Mariska kan constructieve journalistiek daarbij helpen. ‘Dat is een relatief nieuw idee en komt uit de positieve psychologie. Deze tak van psychologie is gefocust op het gelukkiger maken van mensen. Dat idee is vertaald naar de journalistiek. Je kunt bijvoorbeeld na een aardbeving iemand interviewen die dan gaat huilen en dat op het nieuws uitzenden, maar je kunt ook een slachtoffer interviewen die zichzelf als overlever presenteert en positief is – en bijvoorbeeld vertelt dat zijn kinderen of hond nog leven. Dat vinden kinderen boeiend. Natuurlijk heeft dat ook alles te maken met de vragen van de journalist. Op de vraag “Hoe is het voor u om een ingestort huis te zien staan?” krijg je een ander antwoord dan op de vraag “Wat gaat u doen om uw leven weer op te bouwen?”. Het idee van de constructieve journalistiek is dus om ook aandacht te schenken aan oplossingen, en zo een positiever en inspirerend gevoel bij de kijker achter te laten. Dat is allemaal heel toepasbaar voor kinderen, aan wie je het gevoel wilt geven dat zij kunnen helpen of dat mensen geholpen worden.’ Samen met het Jeugdjournaal discussieert Mariska hierover en experimenteert zij met deze constructieve journalistiek.

16


Constructieve journalistiek is echter niet het enige wat het Jeugdjournaal toepast om nieuws beter af te stemmen op kinderen. ‘Soms kan het helpen andere kinderen iets te laten vertellen, want die praten in kindertaal. Ook wordt beeldmateriaal selectiever gekozen dan bij nieuws voor volwassenen: er zal na een aardbeving wel de ravage, maar niet iemand met een bebloed hoofd vertoond worden. Een andere manier is om een deskundige te laten komen uitleggen. Die stelt vaak gerust en legt bijvoorbeeld uit dat de kans op een aanslag of vliegtuigramp maar heel klein is.’ Meten is weten Om naar het effect van constructieve journalistiek te kijken, laat Mariska in haar onderzoek een type nieuwsbericht, constructief of niet-constructief, aan kinderen zien. Vooraf en achteraf meet ze dan hoe blij of verdrietig de kinderen zijn. ‘We hebben dit laatst ook gedaan en toen was het idee dat constructieve journalistiek niet alleen voor positievere gevoelens, maar ook voor meer motivatie om iets te doen zou zorgen. De kinderen kregen na afloop allemaal één euro in muntjes van 10 cent, waarvan ze een bedrag naar keuze mochten doneren aan een goed doel. Toen kregen we een onverwacht, maar wel verklaarbaar resultaat: kinderen die het niet-constructieve bericht lazen, dat dus minder vrolijk was, doneerden meer geld. Waarschijnlijk hadden zij het nieuws als ernstiger opgevat en sterker het idee gekregen dat ze iets moesten doen. Omdat het doel van het Jeugdjournaal niet is om kinderen te motiveren geld te doneren was dit voor hen iets minder relevant, maar we meten bijvoorbeeld ook wat kinderen van nieuws onthouden.’

17

Een andere perceptie op verdrietig nieuws Mariska legt uit dat het gek zou zijn als de presentatoren van het Jeugdjournaal negatief nieuws helemaal goed zouden moeten praten voor kinderen. ‘Kinderen moeten ook beseffen dat niet alles in de wereld goed gaat en fijn is. Ze zullen zich, ook al passen we constructieve journalistiek toe, altijd vervelender voelen na een negatief nieuwsbericht dan vóór zo’n bericht. Het is ook niet onze bedoeling om een negatieve gebeurtenis op te lossen, we willen ook dat kinderen beseffen dat erge dingen gebeuren en we hier met zijn allen iets aan moeten doen. Maar constructief nieuws, waarin oplossingen en een positievere kant van het verhaal worden getoond, helpt wel om dat gevoel iets minder naar te maken. We zoeken steeds opnieuw naar manieren hoe dat nog beter kan.’ Nieuwsrelevantie voor kinderen Voordat nieuws überhaupt nieuws wordt, moet het eerst nog geselecteerd worden. ‘Dat gebeurt aan de hand van de nieuwswaarde: hoe groot of belangrijk zijn de gebeurtenissen, en is het dichtbij of ver weg? Bij het Jeugdjournaal kijken ze vervolgens of het nieuws relevant is voor kinderen en maken ze een mix van leuke en vervelende onderwerpen. Die leuke onderwerpen zijn niet altijd van de dag zelf, maar kunnen ook een dagje later of eerder uitgezonden worden. Doordat deze balans tussen positief en negatief nieuws belangrijk is, moet het negatieve nieuws dat gebracht wordt relevant genoeg zijn om met kinderen te delen, maar het moet ook goed gebracht kunnen worden. Er waren bijvoorbeeld eens twee jongetjes in de buurt van Utrecht die door hun vader waren ontvoerd en later dood zijn teruggevonden. Hoewel dat wel direct in het NOS-journaal kwam, gold


dat niet voor het Jeugdjournaal. Het was een heel eng verhaal voor kinderen dat heel dichtbij kwam omdat het over leeftijdsgenootjes ging, waardoor het van belang was eerst goed na te denken over hoe het gebracht ging worden. Een gebeurtenis als een aanslag in Brussel daarentegen kan je niet een paar dagen uitstellen, dat is te groot en belangrijk. Het is niet zo dat veel nieuws bij het Jeugdjournaal uitgesteld wordt tot een paar dagen later, maar soms – wanneer dat kan en de nieuwswaarde dat toelaat – wordt net iets langer de tijd genomen om het goed te brengen en kinderen geen slapeloze nachten te bezorgen.’ Een balans tussen positief en negatief nieuws is dus belangrijk voor kinderen. ‘Toen de aanslagen in Parijs plaatsvonden op de vrijdagavond voor de intocht van Sinterklaas, zijn toch beide items in het nieuws gepresenteerd. Het Jeugdjournaal eindigt dan met iets positiefs, zoals dat altijd het geval is.’

fantasie en werkelijkheid uit elkaar te kunnen houden om het nieuws te begrijpen. Kinderen van een jaar of zes kunnen dat nog niet goed genoeg. Je wilt als maker van het Jeugdjournaal dus eigenlijk niet dat deze jonge kinderen naar het programma kijken, maar je kunt het ook niet voorkomen. Aan de andere kant is het natuurlijk niet de bedoeling dat je je programma af gaat stemmen op kinderen die helemaal niet in de doelgroep vallen. Het is dus een uitdaging om goed te bedenken hoe je het nieuws brengt aan kinderen van verschillende leeftijden.’

Verschillen tussen landen Het allereerste nieuws voor kinderen is ontstaan in Engeland. Nederland is het tweede land in de wereld dat nieuws voor kinderen maakt. Mariska vertelt dat nog steeds best veel landen geen nieuws maken voor kinderen, terwijl het bij ons al heel gewoon is dat het bestaat. ‘In Nederland en in veel andere Europese Kinderen als actieve nieuwsluisteraars landen zien we dat kinderen echt als serieuze mensen Zoals Mariska al vertelde, is het belangrijk dat kinderen worden beschouwd in onze samenleving: daarbij past op jonge leeftijd de gewoonte ontwikkelen om het nieuws ook dat ze geïnformeerd moeten zijn over de wereld. te volgen om zo een beter, rijker beeld van de wereld Daarentegen zijn er ook landen waarin wordt gezegd te krijgen. Behalve het presenteren van het nieuws op dat nieuws echt iets voor volwassenen is.’ Daarnaast zijn een kindervriendelijke manier, moeten kinderen zich er veel verschillen tussen de landen die wel nieuws voor ook gemotiveerd voelen het nieuws te kijken. Hoe zorg kinderen maken. ‘In sommige landen worden nieuws­ je daarvoor? ‘Bij kinderen hebben school en ouders programma’s helemaal gepresenteerd door kinderen hierin nog een grote rol. Het Jeugdjournaal heeft een en werken volwassen alleen in de productie en op de ochtenduitzending aan het begin van de schooldag en achtergrond. Verder zijn er ook veel landen die maar om 19:00 uur ’s avonds. Docenten en ouders kunnen één keer per week een nieuwsprogramma van een half kinderen stimuleren deze uitzendingen te kijken. Wat nu uur maken, een soort weekoverzicht. Bovendien zijn er landen waar het nieuws heel erg draait om ook heel interessant en volop in ontwikkeling entertainment, daar heeft het dus meer als is, is de invulling van nieuws op sociale doel om kinderen te vermaken en daar media. Het Jeugdjournaal heeft nu filmpjes “Het idee van laten ze voornamelijk het positieve en op YouTube en een Instagrampagina. de constructieve Daar hebben kinderen zelf veel leuke nieuws zien.’ Mariska geeft aan journalistiek is dus om dat we, in Nederland, dus best wel meer controle over, ze kunnen zelf vooroplopen in nieuws maken voor beslissen wat ze daarmee doen. ook aandacht te schenken Op YouTube bijvoorbeeld is het kinderen – hopelijk kunnen we daar aan oplossingen, en zo een wel een uitdaging om kinderen niet als volwassenen ook onze vruchten positiever en inspirerend van plukken. alleen positieve content, bijvoorbeeld van vloggers, te laten zien, maar om er gevoel bij de kijker ook voor te zorgen dat zij het serieuzere achter te laten.” nieuws aanklikken.’ Kijkers van het Jeugdjournaal De grootste uitdaging bij het maken van het Jeugdjournaal is dat er constant moet worden nagedacht over wat kinderen wel of niet al weten en wat ze aankunnen, vertelt Mariska. ‘Een mooi voorbeeld is dat het Jeugdjournaal eigenlijk is bedoeld voor kinderen vanaf ongeveer acht jaar oud. Toch zijn er ook heel veel kinderen van ongeveer zes jaar oud die er al naar kijken en die zijn er eigenlijk nog te jong voor. Ook vanuit de ontwikkelingspsychologie zijn daar redenen voor. Kinderen moeten bijvoorbeeld wel in staat zijn om

18


Text: Anne Kessels

Side jobs at Tilburg University Making some extra money is nice, because studying at university can be quite expensive. Ideally, you have a job on campus, so you’re able to go to work immediately after your lecture. Besides, the university pays their employees well! Below you can read some possibilities regarding working at Tilburg University. First, it is nice to know that our university is divided into schools and divisions. You probably (and hopefully) know what a school is, because the five schools of our university provide education and research. However, to be able to provide good education and research, it is important for our university to make sure things like recruitment of students, computers and payment of employees are taken care of. That is what the divisions are for. For students, there are regularly vacancies for jobs both at a school and in a division. Jobs within a division To start with the latter, our university consists of seven divisions. Most interesting jobs for students in Communication and Information Sciences (CIS) are in the divisions Marketing & Communication (M&C) and Library & IT Services (LIS). M&C is mainly responsible for the recruitment of new students, that is why so many students work within this division as a student recruiter. Student recruiters visit secundary schools to share their experiences about their own study program, in order to hopefully make sure that these secondary school students are able to make a wellthought-out choice about their future studies. Besides that, it is possible to work as a student assistant within this division (or other divisions). As a student assistant of M&C, you assist the employees with projects that focus on the presentation of the university. LIS is responsible for, among other things, the physical and digital library and audio-visual facilities. Students who work within this division are, for example, responsible for recording lectures. Jobs within a school Concerning the schools of our university, it is possible to work at Tilburg School of Humanities and Digital Sciences

19

(TSHD), where CIS is part of. For students, it is possible to have a job within their own study program. For instance, students work as a student mentor to guide first year students through their first semester. Besides that, there are students who work as teaching or research assistants. That means that these students assist professors during lectures and seminars or with conducting their research. It is also possible to fulfill a position within the student participation of TSHD. For example, there are Curriculum Committees for every study program. A Curriculum Committee exists of both teachers and students. As a student in this committee, you are able to monitor the quality of the study program. In addition, there are two student assessors within our school who are appointed to give advice to the Faculty Board and the Education Support Team. Soon, there will be vacancies for next academic year, for both members of the Curriculum Committee and student assessors. So, if you are interested in fulfilling a position, keep an eye on the university’s website! Within the student participation of our school, there is one more organization called Student Party Dante. Student Party Dante represents students within the Faculty Council of TSHD. These students meet several times with the Faculty Board during an academic year. In these meetings, the members of the Faculty Council give the board advice on new plans and are able to submit new initiatives to improve student life. Every academic year, five students are chosen during elections to represent all students of our school. Working at Tilburg University? If you are interested in a job at our university, you can check the university’s website. At the top of the website, you will find a button ‘Working at’. When you click on this button, you will find a link called ‘vacancies’ where you can find all vacancies within our university. Good luck!


Text: Ayra Lintsen

Binge watching with Flow We asked Flow members for their favorite shows, to give you some inspiration on what to watch next on Netflix. The results were very diverse: more than 140 shows were submitted! Below are your top picks. 3

2

1

4

5

9 6 10 7 12

11 13 15

29

8 17

14

28

19 26

23

18

22

25 27

16

24

21

20

1: Le Casa de Papel (5 votes), 2: The Blacklist (2 votes), 3: How To Get Away With Murder (2 votes), 4: Grey’s Anatomy (2 votes), 5: New Girl (5 votes), 6: Black Sails (3 votes), 7: Breaking Bad (4 votes), 8: Friends (6 votes), 9: Game of Thrones (8 votes), 10: Gilmore Girl (3 votes), 11: Westworld (2 votes), 12: Lie to Me (2 votes), 13: Orphan Black (3 votes), 14: Peaky Blinders (4 votes), 15: Modern Family (5 votes), 16: Vampire Diaries (2 votes), 17: Suits (3 votes), 18: Sherlock (3 votes), 19: The Flash (2 votes), 20: The 100 (2 votes), 21: The End of the F***ing World (2 votes), 22: Stranger Things (3 votes), 23: Gossip Girl (4 votes), 24: Outlander (2 votes), 25: Black Mirror (4 votes), 26: Riverdale (5 votes), 27: Prison Break (2 votes), 28: Pretty Little Liars (3 votes), 29: How I Met Your Mother (6 votes)

Shows that didn’t make the cut: 13 Reasons Why, Atypical, Better Call Saul, Bojack Horseman, Code 37, Deception, Designated Survivor, Dynasty, Elementary, Everything Sucks, Fargo, Full House, Gotham, Hemlock Grove, House, Las Chicas Del Cable, Lucifer, Mars, Marvel’s Agents of Shield, Masterchef, Narcos, Nashville, No Offence, Once Upon A Time, Orange is the New Black, Peaky Blinders, Rick and Morty, Sherlock Homes, Sons of Anarchy, South Park, Star Trek: Deep Space Nine, Teen Wolf, Temptation Island, The Big Bang Theory, The Crown, The Good Doctor, The Good Place, The Magical Schoolbus, The Magicians, The Originals, The Sinner & White Collar

20


Text: Ayra Lintsen & Ramon Pieternella

Alexander Wijninga Entrepreneur and CEO of Watermelon When he was 17 years old, he started an online marketing agency. Now, only six years later, he is the founder of his second company called ‘Watermelon’. Watermelon provides a platform for other companies where they can easily create their own chatbot. We spoke with him about entrepreneurship and the technology behind Watermelon’s chatbot. Can you tell us a little bit about yourself?

M

y name is Alexander and I am 23 years old. I have studied Law and International Communication & Media, but I haven’t finished either of those studies. I started my first enterprise (an online marketing agency) when I was 17 years old. I noticed that a didactic approach to learning was much more my thing than sitting in a classroom, listening to a professor. I started out in the online marketing industry, and ended up in the service industry. Initially because we created a dashboard in which companies could WhatsApp with their customers, and eventually we extended that into our current business model: the possibility to place a chatbot onto your website or on your socials. What exactly does Watermelon do? With our software, companies can independently build their own chatbot, without the need of having any technical knowledge. Behind this software lies some Artificial Intelligence that makes the chatbot smarter than you program it to be. This way, it can interpret questions in multiple ways or trigger certain flows in which customers ask for a demo or plan an appointment with the company. Therefore, our chatbot is actually some sort of Artificial Intelligence employee or assistant, instead of ‘just a chatbot’. How did you come up with the idea of creating a chatbot? Our ideas always result from ideas and demands from our clients. Back in those days, we owned an online marketing agency, that was my own idea. At a certain point in time, we had hundreds of companies as our clients, and they

21

very much wanted to do something with WhatsApp. After a while, they started asking us if we could do something with chatbots. That’s when a very nice business case developed itself. In 2016, you won the award for ‘Best Young Entrepreneur’ together with Charl Haas (founding member of Watermelon). Only one month later, Watermelon was declared bankrupt, mostly because WhatsApp was taking you to court. Luckily, you were able to re-open Watermelon in 2017. Can you tell us something about this period of time? Actually, we requested our bankruptcy ourselves. We had about €40.000 euros on our bank account, but we still had eight people in employment and we knew that we could not carry on for a very long time. Moreover, I had a dispute with my shareholder and eventually we decided: let’s pull the plug out ourselves. By doing so, we were able to buy our stuff back later. You know, when you’re having trouble with WhatsApp’s lawyer, you don’t want to continue your current business, but you just want to start a fresh business. So, I did! What did you learn from this whole experience? It is one of the best decisions I have made so far, because this way I could leave behind all the bullshit and start off with a new business. You do actually learn a lot from such an experience. In total, I have now made two businesses grow quite well. I sold one of those (the online marketing agency) in 2016. The other one, I made bankrupt (and re-opened it). You can learn a lot from this: there will be a curator, all items such as furniture are suddenly no longer yours, and you just find yourself in a whole process that you otherwise would never have experienced. That is very valuable, I definitely would not have wanted to miss it. It’s very special that I have gotten to experience and learn about this at such young age.


Everything that a bankruptcy entails is very educational: from the judicial aspect to the financial aspect. It’s also interesting to see how the media handles such a situation. In all possible ways, it has been a bizarre learning experience. Now that your business is thriving again, you offer multiple services to your clients: a chatbot and a suggestion bot. Can you explain the difference between a chatbot and a suggestion bot? A chatbot talks to customers directly. A suggestion bot helps customer service employees while working: the bot reads questions that customers send in, and suggests a possible answer to the customer service employee. The bot can say with, e.g., 80% certainty that the suggested answer is the right answer to the customer’s question. The customer service employee can directly send that answer, or edit it and then send it. What makes your chatbot different than other chatbots? I think what distinguishes us is our Customer Success Course. We have a very high client intimacy, which means that we spend a lot of time on our clients. We aren’t just a tool that you buy, but you really start a collaboration with us. I think that really distinguishes us. Which advantages do companies experience when they use a chatbot? That depends on the industry the company is operating in and what their objectives are, and that is something we focus on during the Customer Success Course. It could be something such as enlarging their reachability, or reducing the number of calls or e-mails. One could have lost the overview in their customer service, and regain it through our dashboard. Or, one would like to help their customers faster or better. These are just some examples of advantages for companies, but I think I summed up the most important ones. Have you made any adjustments to your chatbot to make it more personal, more human? We always provide a basic set of personal details in the chatbot such as birth date, marital status and favorite food. Companies can fill these in themselves, so that it will become an actual employee rather than just a robot. This is also why we see our chatbot as a digital employee that you really add to the team. Can you tell us something about the technology behind your chatbot? How do you make sure that you can extent your algorithms when needed? Our chatbot is a mathematical algorithm built in Python and based on the Keras framework. We have a specific team working on this algorithm all of the time. They gather feedback from our clients and improve our tooling and

Artificial Intelligence according to this feedback. These are two independent components, and therefore two very different ways of developing. Our clients do not say: ‘You should change this and that in your Artificial Intelligence.’ Clients say that in a very different way, such as: ‘Why does your chatbot not understand these ten questions?’. We make adjustments according to this feedback, and test the algorithm again to check whether the problem is solved. Is it hard to ‘translate’ this feedback to the solutions that you implement in your AI? It is not very hard if there’s only a couple of questions as input. However, if there’s hundreds of questions with hundreds of variations, it will be harder to distinguish every single problem and every single category. We are working very hard on this at the moment, but it continues to be very difficult. On which platforms can your chatbot be used? Our chatbot can basically be implemented on every platform, except for WhatsApp. In any case, we can use our chatbot on Facebook, Telegram, Twitter, and on websites. We developed our own live chat for this. We also have an API so you could use it anywhere you want, e.g., in your own mobile application. Do the platforms differ in possibilities? Is one platform more limited than others? Facebook, Telegram and Twitter mostly have the same features, but we have made sure that our own live chat is the most interesting. We have created a lot of modules for this chat that you cannot implement in other platforms. This is mostly because we have full control over our own live chat, whereas on other platforms, we are dependent on their styling and rules. For example, you can build a conversation in the chatbot in which you trigger a calendar to choose a date. You can publish this very easily in our own live chat, but this is much harder in, e.g., Facebook Messenger.

22


A conversational designer designs conversations, it’s as simple as that. This is a new job that is arising. Right now, there are customer service employees that are directly talking to customers. I think that these kind of jobs will disappear We are mostly working on the stability of our dashboard. in the future, because of technological innovations like our Our focus lies on our current clients, which are a few big chatbot. However, companies will have to look into how corporates. They give us a lot of suggestions. Therefore, we they design their conversations, and they will need to look are really looking into how to stabilize our dashboard more, at those designs with psychologists, to check whether the because it is really used a lot now. Initially, you build a tool conversations line up with certain objectives that a company which gets used a few times, and that works might have. I think new jobs will be created in this perfectly fine. After a while, there are thousands field. Right now, there are a lot of technological of conversations within that same dashboard. chatbots available. Small companies do This obviously goes a little less smooth, and not understand these chatbots, and aren’t “It’s all or we are trying to improve that. interested in them either. They just want a product like our chatbot in which they nothing. If you don’t How do you see the future of chatbots? can simply insert content to get some put all of your energy Do you think ‘voice’ will play a big role extra leads out of it. However, the in this future? conversations need to be well formed, in it, it will never and that is when you might need a work out.” We definitely want to do something with conversational designer. ‘voice’. For the future, I imagine that one can Do you have any tips for students with ambition simply talk to their phone, such as ‘arrange this for entrepreneurship? for me’, and it will happen. That is something technology should be moving towards. I do believe in Yes: it’s all or nothing. If you don’t put all of your energy humans as a back up, stand alone chatbots are definitely not in it, it will never work out. You either fully go for it and happening in the next ten years. When I use Siri, I think: this try to make your business as successful as possible in your is the future, but this is definitely not now. We cannot make money out of it, yet. I hope there will be a lot of innovations available time, or you don’t do anything at all. I am a big in this field the coming years. opponent of doing things with half of your energy. Focus, focus, and focus is essential the beginning. On your blog, you also wrote something about a new job called ‘conversational designer’. Can you tell us something If you’re eager to learn more, an internship at Watermelon about this? might be something for you! Send an e-mail to merel@watermelon.co to discuss the possibilities. What is your main focus now? Are you, for example, trying to roll out your chatbot on new channels, or are you adding more functionality into your chatbot?

23


Text: Jesse Janse

Flow’s Lustrum weeks After one and a half year filled with preparations, the third Lustrum of our association started on Wednesday the 11th of April. To celebrate Flow’s 15th birthday, ten activities took place in a span of two weeks. In this article we will highlight some of those activities. We could write books full of stories about the two Lustrum weeks. The Mystery Activity, the Opening Drink, the Cantus XL, Europa-Park, the National Day of Communication, the Cantus XL, the Game Day, the Alumni Drink, the Stand-up Comedy Night and the Lustrum Dinner and Gala. Every single activity was a huge success with happy faces all over the place, but unfortunately we can only discuss a small selection of these activities in this report. Mystery Activity Wednesday the 11th of April, the Lustrum, with the overall theme ‘Crystal Kingdom’, was kicked off with a ‘Mystery Activity’. In Tilburg’s city center a big group of Flow members gathered without knowing what they were up to. When the commissioner of the Lustrum Committee, Donny Batenburg, told the group they were going to rappel off the building of Pathé Tilburg, excitement ensued all over the place. Rather quickly the excitement turned into some tension, because rappelling down from quite a large building isn’t something one does every day. Guided by professionals, quite some Flow members descended from the building until they had their feet on the ground once again. All in all, this Mystery Activity was a great success, and during the opening drink later that day there still was a lot of fuss about it. Europa-Park The first weekend of the Lustrum, all Crystal Ticket holders, who paid a special all-inclusive price for every activity, embarked on a journey to Germany’s biggest theme park: Europa-Park. Almost forty Flow members left by bus in early dawn on Saturday. What followed was a weekend full of rollercoasters, spinning tea cups, and of course a lot of special moments.

24


Lustrum Dinner & Lustrum Gala To conclude the Lustrum in style, the Lustrum Committee opted for a fancy dinner with a subsequent Gala. Both these activities took place in the ‘Koning Willem-II Stadion’. From veal tartar to Guinea fowl and from Broccolini to delicious apple pie. Those present were spoiled with all kinds of delicacies. After the dinner the crowd made its way to the ballroom, where numerous people joined in on the festivities, and enjoyed the great music and unlimited beer, wine and soda. At the beginning of the night, the attendees were treated with 50’s and 60’s Rock ‘n Roll music, provided by the band called ‘Lili en de Knalpuupe’, followed by some catchy tunes by DJ duo Rick Peters and Kenney Penders shortly after. There couldn’t be a better way to end Flow’s third Lustrum.

National Day of Communication

A special Lustrum activity was the National Day of Communication. The Symposium Committee had the honor of organizing this day full of big names. Every year a different Dutch study association of Communication and Information Sciences is in charge of organizing the National Day of Communication. This is a conference which is held for every communication student and professional in the Netherlands. This year’s décor for the National Day of Communication was Tilburg University. The theme this year was ‘The Evolution of Media’. April 18 was the day which the Symposium Committee had chosen for the National Day of Communication. Not entirely random, because this date was in the midst of Flow’s Lustrum period. Not a bad idea, to alternate all informal Lustrum activities with a more serious and informative activity. Marianne Zwagerman The day kicked off with a warm welcome at Tilbury’s, the campus café. At 10:45 a.m., the day was officially opened by Fons Maes, the head of the Department of Communication and Cognition of Tilburg University. Then, the first big name took the stage. The host of the day was the one and only Marianne Zwagerman, better known as a writer, columnist, media entrepreneur and former director of digital media at the Telegraaf Media Groep. With her expertise in the fields of communication, innovation, journalism and social media, she was able to tighten the screws of several other speakers with her critical questions. Combined with her sometimes crude sense of humor, she regularly made the audience chuckle. This way, she made sure there was a great balance between seriousness and humor during the day. Giel Beelen The first victim of all of Marianne’s critical questions was nobody less than Giel Beelen. This renowned radio DJ, nowadays employed by Radio Veronica, was questioned about the evolution of traditional media. Giel focused on the future and what it would bring for especially radio. What can be done to prevent the further loss of audience and is there any foundation left for radio to ensure its existence during the upcoming decades? What can be done to combat the demise of radio? What does the rapid development of music streaming services such as Spotify mean for the future of radio? These and many more questions were answered thoroughly by Giel. After the verbal ping-pong between Marianne and Giel, it was high time for a well-deserved lunch. Sam Warnaars After the break and the delicious lunch it was time for the second speaker, Sam Warnaars, who talked about the subtheme Media & Technology. With the help of his gained experience during his time at companies such as NOS, Sanoma and nowadays aFrogleap, he has changed and influenced the lives of millions with all his developed applications. Sam gave a presentation about several technological developments which, according to him, will influence the media landscape massively over the upcoming decades. He also discussed the potential of speech recognition. This time no fire of loaded questions by Marianne Zwagerman, but Sam couldn’t escape some questions from the present students. Some fierce but fair discussions ensued, which probably could have lasted for hours if it wasn’t time for the next speaker, which was eager to get on stage.

25


Wilbert Mutsaers Nobody less than the Head of Spotify Netherlands, Wilbert Mutsaers, had the honor of concluding the plenary part of the day. Under the subtheme ‘New Media’, he spoke about, you might guess it, new media such as Spotify and how they have been able to make such rapid developments. Unfortunately, he couldn’t share as much as everybody wanted him to share about the ongoing developments and future of Spotify. Nonetheless, an interesting discussion developed itself, partly due to the ever-critical Marianne Zwagerman. Some students had their complaints about certain Spotify functions, but Wilbert couldn’t make any promises to adjust or add them. All in all, a very interesting speaker to conclude the plenary session with. Workshops The successful National Day of Communication concluded with a round of workshops. The attendees had to make a choice beforehand for one of the four available workshops. Timo Kamst, former producer of, among others, Radio 538, gave a workshop on traditional media, during which he told the audience how they could develop their own personal brand from the radio point of view. Gerben van Driel, known as one of RTL Z’s presenters, gave a presentation on how to present yourself in the best possible way. Mark Hoekx, a Dutch YouTube star with over half a million subscribers, gave a workshop on successfully promoting your own brand on social media. The fourth and final workshop was provided by Flow’s partner company LiveWall, which taught the participants about ‘second-screen applications’ and other technical aspects of new media. All-in all, this edition of the National Day of Communication was a great success. More than 120 attendees, which came from all over the country, could embark on their journey back home full of new insights and knowledge.

Text: Jesse Janse & Nina Serpenti

What a student is up to About aerial acrobatics and Jiu-Jitsu In this first English edition of ‘What a student is up to’, we interviewed two students about their exciting hobbies. Emmy Veenema, CIS student and in her spare time also a fervent aerial acrobat, and Maartje van Berkel, CSAI student and a passionate Jiu-Jitsu practitioner. Emmy, what is aerial acrobatics exactly, and why did you choose to practice it? When practicing aerial acrobatics, one climbs in special made silks hanging from the ceiling, like one for example does when climbing ropes. While in the air you can make knots in the silks to anchor yourself, so you are able to do all kinds of poses and to make drops, which requires quite some muscle strength. It was a newly introduced discipline at our gymnastics club and together with some friends we decided to give it a go. Up to

this day, I haven’t regretted this decision for a single moment. It sounds quite dangerous. It is, a little. You aren’t secured when you’re hanging in the air. You have to do that yourself with the help of the silks. Our team is not just randomly trying out new poses. We have two trainers who try out everything before they let us do it. A while ago somebody went to the hospital after falling down from the silks, but that is the only incident in three years time.

26


difference lies in that what is allowed in Jiu-Jitsu and isn’t in other martial arts. For example, in Karate not every throw or take down technique is allowed. In the Judo system, practitioners don’t learn how to defend themselves and disarm certain types of weapons (e.g. knifes, sticks and pistols). Like my teacher always says: ‘All sorts of defenses can be seen as Jiu-Jitsu.’ Why did you choose to practice Jiu-Jitsu?

Why is it so much fun to do? It’s a completely different field of gymnastics. I have been practicing gymnastics for over twelve years, and although you sometimes learn new things, all the disciplines stay the same. Practicing aerial acrobatics is completely different, because you keep discovering new poses. We learn a lot from videos, because the sport isn’t that well-known yet. Sometimes when somebody finds a video with some nice tricks, we try them out together, which is really fun. Do you have a goal in mind for what you want to accomplish with aerial acrobatics? Well, I mainly do this just for the fun of it. However, next Christmas, I will take part in a musical for which me and some other aerial acrobats were asked. We have already done things like this several times. Because it’s still a pretty unknown sport, people enjoy watching it. I wouldn’t want to make a career out of it and I also don’t think one could make a decent living out of it. Imagine that you have to convince the International Olympic Committee to turn aerial acrobatics into an Olympic Sport. What would you say? It’s a completely different sport than other existing Olympic disciplines. It requires tremendous amounts of power and flexibility and to perform the hardest poses, you will have to train really hard and often. Besides that, it also looks really spectacular, which makes it very interesting to watch. Maartje, for us total dummies, what is Jiu-Jitsu? Jiu-Jitsu is a Japanse self-defense sport which has a lot of overlap with other martial arts like Karate, Aikido and Judo. The practitioner learns how to defend him or herself from various attacks by using techniques such as holds, painpoints and atami (kicking and punching). What sets Jiu-Jitsu apart from other self-defense sports? Jiu-Jitsu is a mashup of different martial arts. So, the

27

I started taking classes at the age of 9. Some of my friends already attended the lessons and took Judo classes. My elementary school was one of the schools to join the tryouts, in order to get their students to sign up for different sports. That’s how I joined my friends in their Jiu-Jitsu classes and I haven’t stopped practicing it ever since. What is the most fun part about Jiu-Jitsu? I prefer Jiu-Jitsu because the techniques and training vary a lot. During the training, you learn how to deal with random attacks. At the end, you get to combine the different techniques and apply them. Since no single attack or defense is the same, you always get to do something else. Jiu-Jitsu also has a competition and ranking system. If you possess over enough knowledge of the techniques and terminology you can take an exam to climb the ranks. You can also choose to train techniques and enter competitions. Both of these things keep me occupied and motivated to improve my techniques. How would you convince others to practice the art of JiuJitsu? Most of the remarks I get is why I haven’t broken any bones yet, or that it is pretty impressive for a girl to practice martial arts. Firstly, I would like to say that martial arts are for everyone. Age and gender do not matter. Jiu-Jitsu is also one of the safest sports I know. Everybody is very aware that if they aren’t careful enough, they might break someone’s arm or they might punch someone a bloody nose. Everyone that will train with you is aware of the situation and will make sure you are safe. This way, people learn how to defend themselves in a safe manner. I think that it’s important to be able to defend yourself when needed. Especially nowadays, when you can’t always safely go home on your own when it’s dark.


Text: Laura Groeneveld

Tilburg: more beautiful than you’d think! ‘Oh, so you study in Tilburg? What’s the city like?‘ is a question I receive quite regularly. To be honest, most of the times I actually don’t know what to answer. Before I wrote this article, my perception was that Tilburg’s beauty laid mainly in its coziness. However, when you visit quite new, fancy spots in Tilburg, you will experience the developing and modernizing side of Tilburg. Let’s discover some beauty of Brabant’s gem Tilburg! We selected three hotspots for you.

Dwaalgebied – In the old city center, including the streets from Happy Italy to the central station, numerous little and cute restaurants and cafés can be found, like Buutvrij and lunchcafé Nieuwland. There are also specialty stores like Sounds which offers old LP’s, or Tilburg’s one and only hostel called Roots. Don’t hesitate to take a look in this area, which is already very beautiful without the shops, because of its mansions and courtyards.

Spoorzone – When you are searching for a hot and happening place with urban influences, you must visit the Spoorzone. Restaurant RAW and Eetcafé de Wagon are, among other businesses, located here. RAW is worth a visit because of both its urban exterior and interior, and in case you have always wanted to be served in a train section, Eetcafé de Wagon is made for you. Breakfast, lunch and dinner are served in this 88-years-old train, so don’t be afraid to derail once and take a look at this place. Bon voyage!

Piushaven – The Piushaven is made for everybody who likes a drink at the water side. A boat rental, restaurant RAK on scaffoldings, the Spanish supermarket and bar Doncurado, the colorful restaurant Heaven’s Kitchen and the delicious ice cream parlor and coffee bar Porto: there is something for everyone.

28


Table of contents 20

Binge watching with Flow

21

Interview with Alexander Wijninga, entrepreneur and CEO of Watermelon

24

Flow’s Lustrum weeks The Dutch section starts at page 1 and ends at page 18 2 Column: ‘The Royal Wedding’ 3 Doing an internship within the CIS curriculum 5 Interview with Bernice Lijzenga about marketing in the healthcare sector 7 Interview with Mirjam Mous, writer of popular children’s books

29

26

Emmy and Maartje about their special hobbies 11 Sponsored content: Achmea 13 Study trip to Vienna & Bratislava 15 Flow through the years 16 Interview with Mariska Kleemans about children’s news 28 Tilburg: more beautiful than you’d think! 30 Column: ‘IKEA’


Preface

IKEA

It’s May, and with that, the end of the academic year is coming up. Not only the final exams are very close, but also all activities that go together with the ending of an academic year. The Active Members Thanking Evening, the End of the Year Party, the End of the Year Cantus, … I could continue with this list for a little longer. All of these activities remind me even more of the upcoming summer holidays. And even though I love holidays and I am definitely in need of some rest, I also look forward to the start of the new academic year. During the summer holidays, I always find myself into some kind of void, without any Flow activities.

IKEA, the place where you go without a shopping list and somehow end up buying bags full of stuff you didn’t even know you needed. IKEA, the place where you lose all your family members, because the first one lingers in the cooking section, the next gets distracted by the bathroom stuff and the last one accidently takes the wrong short cut. IKEA, the place where you can eat Swedish meatballs, of which I’m still not sure whether they taste very good or are actually very odd-tasting.

Luckily, there are a lot of great things after the summer holidays to look forward to: the TOP week, new commissioners who are taking over from the current commissioners, and the new Candidate Board (of which I am a part!) will be formally installed. Therefore, this is also an exciting time: will there be a lot of new CIS and CSAI students? Will they become as enthusiastic about Flow as I am? How will the new commissioners and the new Daily Board do their jobs?

It’s always an adventure to go to IKEA. Both my parents get very grumpy and my sister wants to buy all sorts of weird stuff, like a special egg slicer or a gigantic cup. I always end up buying roller blinds, picture frames and bookshelves in the wrong size, because I can’t measure anything right. Sometimes it ends up being okay. My bookshelf for example, fits perfectly (although I thought it would take up a little less space). A picture frame in the wrong size isn’t the biggest problem either, I just had to get a little creative. However, a roller blind that doesn’t block my whole window isn’t very convenient.

Oh well, luckily, I do not have to worry about handing down my tasks as inFlow commissioner yet, because my committee and I will publish another Flowzine in September! Will we see you then? - Ayra Lintsen

Although going to IKEA isn’t our favourite activity, we go there quite often. We aren’t like those people that regularly get cheap breakfast, lunch or dinner there, but we do go a few times a year. Reluctantly, but we go. The running joke in the family is now that we will celebrate my father’s 50th birthday there. Because, we concluded jokingly whilst having dinner there, the catering is arranged, you can get free refills, we can invite a lot of people and the soft ice creams cost only 50 cents! The soup-kitchen vibe and the moody staff are just a minor inconvenience. All jokes aside, like the 24h overnight challenge trend on YouTube, I would love to spend the night in IKEA. Because honestly, why wouldn’t you? Merel Groot Colophon: Flowzine 14th edition, June 2018 Study Association Flow Esplanade building 204 Address: Warandelaan 2 5037 AB Tilburg E-mail: info@svflow.nl You can find us on: Facebook, Twitter, Instagram, YouTube, Snapchat & LinkedIn. Next Flowzine: September 2018

This edition is made by: Ayra Lintsen (commissioner), Nina Serpenti (board buddy), Elaine Buis, Laura Groeneveld, Merel Groot, Jesse Janse & Anne Kessels With participation of: Achmea, Alexander Wijninga, Bernice Lijzenga, Emmy Veenema, Evi van der Weegen, Kristel Kouwenberg, Maartje van Berkel, Mariska Kleemans, Mirjam Mous, Nieke Knabben & Ramon Pieternella

30


FLOWZINE ISSUE NUMBER 14 EDITION JUNE 2018

THE MAGAZINE OF STUDY ASSOCIATION FLOW

ALEXANDER WIJNINGA ENTREPRENEUR AND CEO OF WATERMELON

EMMY AND MAARTJE ABOUT AERIAL ACROBATICS AND JIU-JITSU

FLOW’S LUSTRUM WEEKS TWO WEEKS FILLED WITH EXCITING ACTIVITIES


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook