D I T D O SS I E R W O R D T G E P U B L I C E E R D D O O R S M A R T M E D I A E N VA LT N I E T O N D E R D E V E R A N T W O O R D E L I J K H E I D VA N D E R E D AC T I E VA N K N AC K
SEP ‘19
MODERNE STAD
Week van de Mobiliteit Bepaal zelf hoe ‘smart’ je stad is biro brochure A5 formaat BOLT VERSIE.pdf
1
12/09/19
Wonen in de toekomst
21:31
Flexibel, functioneel en zelflerend leven
Koen Kennis ‘Alles beweegt’ in een smart city
JAKOB LANGE (BIG) ”Groen integreren in de stad is een onzichtbare wonde helen.” LEES MEER OP FOKUS-ONLINE.BE. #FOKUSMODERNESTAD
I’m Easy
02
EDITORIAL KAREN SCHEIRE
FOKUS-ONLINE.BE
04
06
08
15
LEES MEER... 04 De toekomst van smart living
Bepaal zelf hoe ‘smart’ je stad is
06 Mobiliteitsmanagement: Alles connected 08
Profielinterview: Jakob Lange, Bjarke Ingels Group
12 Expertpanel: Smart city’s schakelen snel 15
Koen Kennis: ‘Alles beweegt’ in een smart city
COLOFON.
Een ‘smart city’, hoe ziet dat er eigenlijk uit? Ik zie een mooie, futuristische stad voor me. Met hoogbouw, verticale tuinen, drones die pakjes bezorgen en zelfrijdende treintjes. Met schone, gezonde lucht − en in mijn fantasie schijnt de zon altijd. Misschien een robot hier en daar, om vervelende klusjes van ons over te nemen. En als kers op de taart: geen files.
PRODUCTIELEIDER: Christian Nikuna Pemba HOOFDREDACTIE: Ellen Van Hoegaerden TEKST:
I
wat slimmer en efficiënter. Carpoolen is niet nieuw, maar wordt eenvoudiger dankzij technologische innovatie en platforms zoals bijvoorbeeld carpool.be. Telewerk en het nog altijd uitbreidende aanbod van coworkingspaces maken de rit zelfs overbodig − of in elk geval een stuk korter. Kantoorbussen rijden je naar het werk en toveren verplaatsingstijd om in werktijd.
n werkelijkheid hoeft het wellicht niet zo drastisch. Ook nu al zijn er slimme oplossingen van ondernemende mensen binnen handbereik. Een aantal daarvan komen in deze bijlage aan bod. Nu is het aan ons om van al die slimheid gebruik te maken. Want uiteindelijk bepalen de inwoners zelf hoe ‘smart’ een stad is. Verplaats je je vooral met de eigen wagen? Verlies je uren tijd omdat je dagelijks de file trotseert op weg naar kantoor? Krijg je de kriebels van de chaos met wagens aan de schoolpoort? Ik stel voor dat je eens iets anders uitprobeert. De Week van de Mobiliteit, bijvoorbeeld, die van 16 tot 22 september doorgaat in heel Europa. Het ideale moment om uit te testen hoe het ook anders kan. Duizenden enthousiastelingen tonen aan collega’s, buren, familie en vrienden dat #goedopweg gaan niet alleen slim, maar ook leuk is. Bovendien zorgt het voor een leefbare, gezonde en bruisende stad.
De Week van de Mobiliteit is het uitgelezen moment om gewoontes te doorbreken.
Met zo’n 2.000 lokale acties en initiatieven is Vlaanderen binnen Europa koploper van de Week van de Mobiliteit. Zijn er in Vlaanderen meer enthousiaste doeners of is de nood hier gewoonweg hoger? Dat laat ik in het midden. In elk geval is het een uitgelezen moment om gewoontes te doorbreken, nieuwe dingen uit te proberen en met z’n allen weer wat slimmer te worden. Wie weet smaakt het naar meer, en zijn we zo weer een stapje dichter bij een ‘smart Vlaanderen’.
De mogelijkheden zijn er: autodelen, e-bikes, steps, smart-ticketing en andere nieuwigheden maken verplaatsingen heel
TEKST KAREN SCHEIRE, WEEK VAN DE MOBILITEIT
Arkasha Keysers Daan Vanslembrouck Kim Beerts Frederic Petitjean COVERBEELD: Bjarke Ingels Group LAYOUT: Anouk Brusselaers DRUKKERIJ: Roularta
SMART MEDIA AGENCY SMART STUDIO Leysstraat 27, 2000 Antwerpen Tel +32 3 289 19 40 redactie@smartmediaagency.be studio@smartmediaagency.be
Veel leesplezier Yannick Daems Project Manager
ADVERTORIAL
Medewerkers vinden alle comfort die ze nodig hebben in een BREEAM-gecertificeerd kantoorgebouw. Frisse lucht, verwarming en koeling, een ontspannen sfeer en talloze opties voor gepersonaliseerd comfort. Hoe BREEAM bouwen? Neem contact op met Priva. Ontdek meer op priva.com/be/BREEAM
PRIVA VOOR UW GEBOUW. GOEDGEKEURD DOOR MOEDER NATUUR. GECERTIFICEERD DOOR BREEAM. PRIVA_CAMPAIGN_BREEAM_Knack_NL_FINAL.indd 1
10/09/2019 14:23
ADVERTORIAL
ADVERTORIAL
NAT-8587-Adv2019-B125xH185mm 180619.indd 1
ADVERTORIAL
19/06/19 08:53
De marktaandelen van het spoor vergroten
Voor het VSOA Spoor is dat niet realistisch zonder een verbetering van de werkomstandigheden
D
e trein werpt zich op als het milieuvriendelijkste vervoermiddel. De bewustwording van de uitdagingen als gevolg van de opwarming van de Aarde is de voorbije jaren groter geworden en de troeven van de spoorwegbedrijven de komende jaren zeker nog versterken. Zowel bij de NMBS als bij Infrabel is duurzame ontwikkeling een van de onderdelen van de aanpak in het kader van het MVO (Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen). Als vakbondsorganisatie zou het VSOA Spoor zich moeten verheugen over de leefbaarheidsvooruitzichten op lange termijn van die ondernemingen, en ook over de mogelijke impact wat tewerkstelling betreft. De werkelijkheid is echter niet zo idyllisch … Zowel de opeenvolgende federale regeringen als de NMBS en Infrabel hebben de voorbije jaren vaak gedreigd met het schrikbeeld van de liberalisering van het spoorwegverkeer voor reizigers om een streng beleid te rechtvaardigen. In 2014 legde de federale regering voor het personeel een productiviteitsstijging van 4% op, gekoppeld aan een vermindering van de dotaties met 2 miljard euro. Op vijf jaar tijd, van 2014 tot 2018, is het personeelsbestand van de NMBS met 12% afgenomen, terwijl het aantal reizigers met 8,5% is toegenomen. Ook het aantal personeelsleden van Infrabel is in dezelfde periode met ongeveer 15% afgenomen … Het is eigen aan deze tijd: productiviteit en winstbejag worden veralgemeend en zelfs gebanaliseerd, en dat in alle activiteitensectoren Maar daarom niet altijd terecht!
Nu is de maat vol De productiviteit verhogen om de onderneming leefbaarder te maken, daarover kan eventueel onderhandeld worden binnen een specifieke context. De financiële resultaten van de NMBS en Infrabel zijn de voorbije jaren echter heel goed en zelfs beter dan de budgettaire voorspellingen. Vanuit het standpunt van het VSOA Spoor kan het dus wel gerechtvaardigd worden om het budgettaire keurslijf, dat het personeel nu al zo vele jaren verstikt, wat losser te laten. Er wordt onderhandeld over een nieuw protocol voor een Sociaal Akkoord 2019-2022. De directie wil de vergroting van de koopkracht, die wij voor het personeel eisen, financieren door een nieuwe productiviteitsstijging. Ook door het personeel te vragen om zich extra in te spannen om de onderneming een beter, moderner en dynamischer imago te geven. Meer dan ooit staat het personeel onder een aanzienlijke druk. In die mate zelfs dat binnen bepaalde functies de veiligheid van de reizigers en het personeel in het gedrang komt. Het spoorwegberoep herwaarderen wordt dan ook een vereiste die het VSOA aan de directie voorlegt, om opnieuw rond de tafel te gaan zitten en te onderhandelen over het toekomstig protocol voor een sociaal akkoord.
04
WONEN SMART LIVING
FOKUS-ONLINE.BE
Hoe we zullen wonen in de toekomst Vandaag leeft 55 procent van de wereldbevolking in steden. In 2050 zal dat 68 procent zijn. COO Thomas Vandenbergh van BESIX STAY, Koen Somers van Priva en Bert Haerynck van Havana architects vertellen welke slimme technologie- en bouwmethodes aan de noden van de toekomstige stedeling tegemoetkomen.
“D
e woning van de toekomst moet zich kunnen aanpassen aan de veranderende levensomstandigheden van haar gebruikers. Je moet er zonder kinderen kunnen wonen, met kleine en grote kinderen, met een partner, met vrienden, met collega’s of met je grootmoeder”, vertelt Vandenbergh. “Maar het typische eigenaarsmodel gaat volgens mij verdwijnen”, zegt hij er bij. “Voor jongere generaties primeert flexibiliteit, niet een vaste woonst.” Niet toevallig speelt Vandenbergh daarop in met A-STAY, een Belgisch hospitality concept met een eerste vestiging in Antwerpen, dat weldra over heel Europa wordt uitgerold. “De temperatuur, de zonnewering, het sfeerlicht en de ventilatie kun je aanpassen via een app, net als hoe vaak er moet worden gepoetst.” Hoe minder luxe je nodig hebt, hoe lager de eindafrekening dus – en omgekeerd. Ook de lengte van je verblijf is flexibel. “Je kunt een nachtje, maar ook een jaar blijven.”
blijft optimaliseren. Het leert zichzelf hoe je gebouw zich zal gedragen, afhankelijk van de bezetting en de weersvoorspelling.” Op die manier creëer je een optimaal binnenklimaat en houd je het energieverbruik onder controle. “Ook de CO2-waarden worden in de gaten gehouden, afhankelijk daarvan komt er meer
verse lucht in de ruimte.” Zo kun je als gast in het hotel bijvoorbeeld met een touchpaneel de kamertemperatuur en verlichting regelen én bovendien aangeven of je al dan niet gestoord wilt worden of dat de kamer een poetsbeurt nodig heeft. “Via een centraal grondplan heeft het personeel zo altijd een overzicht en kan er
De meest duurzame vierkante meter is diegene die je niet bouwt. — BERT HAERYNCK, HAVANA ARCHITECTS
A-STAY is een voorbeeld van living-asa-service. Woninggerelateerde activiteiten worden met andere woorden betaald met een dagelijkse, wekelijkse of maandelijkse fee. “Zo hoeft de gebruiker geen zware investering te doen en kan hij of zij elk moment beslissen om ergens anders te gaan leven”, gaat Vandenbergh verder. “Op die nieuwgekozen locatie roep je je opgeslagen configuraties gewoon weer op.” Koen Somers van Priva kijkt dan weer naar het persoonlijk comfort voor de gebruikers van een gebouw, of het nu in een hotel is of in een kantoor. “Mensen die zich niet meer kunnen concentreren omdat het binnen 28 graden is, of die thuisblijven door gezondheidsproblemen, dat kost je op termijn meer. Ons hotelsysteem bijvoorbeeld is zelflerend en
veel efficiënter worden ingepland.” Bert Haerynck van Havana architects maakt zijn gebouwen duurzaam door naar eigen zeggen niks te weinig, maar vooral niks te veel te plaatsen. “We gebruiken minder zand, minder baksteen en minder leidingen. Zo houd je de kosten laag en maak je optimaal gebruik van de ruimte. Want de meest duurzame vierkante meter is diegene die je niet bouwt.” In Vlaanderen hebben we weinig voeling met het ontwerpen van goede kleine woningen, aldus Haerynck nog. “Toen de Amerikaanse reeks Friends populair werd, wilde iedereen samenhuizen, maar stedenbouwkundig is daar niet altijd een kader voor. Nochtans is er in een gemiddeld huis heel veel oppervlakte die maar beperkt wordt gebruikt. Misschien heb je een eettafel in de keuken en in de eetkamer, of een bureauruimte terwijl je vaker aan de keukentafel werkt. Een kleine woning krijgt door een genereus raam dezelfde wijde horizon als een grote woning. En als de publieke ruimte goed is ingericht, draagt die bij tot je levenskwaliteit. In Parijs en New York maken mensen vaker gebruik van de ruimtes tussen de gebouwen.” Woonoplossingen in een stedelijke context vergen dan ook maatwerk. Haerynck sluit af met een laatste voorbeeld: “In onze cohousing ‘De Schilders’ in Gent heeft geen enkele woning een berging, maar is er één grote, gemeenschappelijke kelderruimte waar afspraken over bestaan. Net als over de wasplaats, de fietsenstalling en de collectieve tuin. De woningen zelf hebben een kleinere keuken en eetruimte, maar er is één grote gemeenschappelijke ruimte waar je met een grote groep tegelijk kunt koken en eten. Daar geven ze hun feestjes.”
TEKST ARKASHA KEYSERS
ADVERTORIAL
Verkrijgbaar bij:
WILMS BRAND REPORT
#FOKUSMODERNESTAD
05
Screens wijd open op duurzaamheid Een dak boven je hoofd is een basisbehoefte voor iedere mens. Dat die daken – en meteen de rest van het huis – steeds duurzamer worden, is een tendens die in de bouwsector steeds vaker de kop opsteekt. Maar hoe gemakkelijk is het om samen te hokken met duurzaamheid? En hoe vul je als onderneming dat duurzaamheidsverhaal in?
“U
iteraard moet de kwaliteit van wat je fabriceert top zijn”, steekt Ronny Tiri, marketing manager bij rolluiken- en zonweringspecialist Wilms, van wal. “Die kwaliteit lees je onder meer af aan de levensduur van je producten. Voor mij persoonlijk is het vooral belangrijk dat je een stukje van die duurzaamheidsgedachte meeneemt in elke beslissing die je neemt. Elke dag opnieuw moet je de uitdaging willen aangaan om op een ecologische en toekomstgerichte manier nieuwe oplossingen te fabriceren. Dat vraagt om een inspanning, ja, maar het mooie is dat je er ook een trendsetter door kunt worden in de markt.” Liefst van al investeer je in oplossingen op lange termijn, met respect voor de leef- en werkomgeving. En dat staat los van alle klimaatdiscussies die de afgelopen maanden gewoed hebben. “Voor een onderneming moet het evident zijn om producten te ontwikkelen die mensen toelaten om duurzamer te leven”, gaat Tiri verder. “Het begint al met de herkomst van je onderdelen. Laat je die overkomen uit het Oostblok of uit China, dan kun je moeilijk veronderstellen dat je voetafdruk klein zal blijven. Het zit bijvoorbeeld ook in de
opleiding van je mensen. Die moeten in elke stap van het productieproces het idee in het achterhoofd hebben om zo weinig mogelijk afval te produceren.” Zeker is dat duurzaamheid slimme oplossingen niet in de weg hoeft te staan. Het geeft juist een streepje voor op de toekomst. In dat vooruitzicht wordt er vooral gemikt op energieneutrale woningen. Kies je hiervoor,
liefst 25 procent van de woningwarmte ontsnapt. Dankzij recente ontwikkelingen is dat echter verleden tijd”, aldus Tiri. “Ons meest recente rolluik bijvoorbeeld, ShutterX, kan in de spouwmuur geplaatst worden − wat bovendien esthetisch het mooiste is − zonder een koudebrug te creëren. Zo blijft de woning luchtdicht zonder dat er, zoals vroeger, een groot gat in de muur moet gemaakt worden.”
het financieel voordeel is er ook nog de wettelijke noodzaak: de overheid legt steeds strengere energienormen op aan bouwers en verbouwers. Zo moeten nieuwbouwwoningen sinds 2018 niet alleen voldoen aan een verlaagd E-peil − dat de energiezuinigheid van je totale woning in kaart brengt − maar ook aan een maximaal S-peil, dat de energie-efficiëntie van je bouwschil (buitenmuren, dak, ramen…)
Energiebesparend bouwen of verbouwen is de eerste stap is naar duurzaam en betaalbaar wonen.
Ook zonwering komt de laatste jaren steeds meer in de aandacht als een middel om verstandig te investeren in duurzaamheid, signaleert Tiri. “De reden is eenvoudig. Met die mooie, grote ramen die onze huizen vandaag hebben, raakt het binnen al snel oververhit. En helaas: de warmte kan niet meer buiten omdat we onze muren zo goed hebben geïsoleerd. Dus zoeken we onze toevlucht in energievreters als airco. Met het plaatsen van zonneweringscreens kun je jezelf heel wat frustratie en kosten besparen.”
Met het plaatsen van zonneweringscreens kun je jezelf heel wat frustratie en kosten besparen.
dan vormt een goede isolatie de basis. Dat staat gelijk aan minder energie, wat leidt tot een milieuvriendelijkere woonst. Luchtdicht bouwen is daarvoor dus de geknipte oplossing. Sinds kort is ook dat mogelijk in combinatie met rolluiken. “Klassieke rolluiken vormen openingen in de spouwmuur, waardoor maar
Behalve dat je energiekosten dalen, verhoogt het luchtdicht maken van je woonst ook de uiteindelijke verkoopwaarde. “Studies tonen immers aan dat energie-onvriendelijke huizen met een hoge EPC-score minder snel en uiteindelijk tegen een lagere prijs verkocht worden,” aldus Tiri. Naast
meet. “Architecten hebben het al begrepen: zij kiezen resoluut voor energiezuinige, luchtdichte oplossingen”, ervaart Tiri. “En de particuliere bouwheren volgen stilaan. Ook zij beseffen dat energiebesparend bouwen of verbouwen de eerste stap is naar duurzaam en betaalbaar wonen.”
In samenwerking met... Sinds meer dan 40 jaar staat Wilms op de kaart als dé specialist in rolluiken en zonwering. Dankzij onze constante drang naar duurzame innovatie blijven we een trendsetter in de markt. Wilms is op en top Belgisch en streeft producten van topkwaliteit na. Een team van 160 medewerkers staat hier elke dag garant voor. Stilstaan is achteruitgaan, daar zijn we heilig van overtuigd. Onze interne R&D-afdeling is dan ook continu in de weer om bestaande producten nóg beter te maken of om volledig nieuwe concepten te bedenken. Duurzaamheid staat daarbij steeds centraal.
06
MOBILITEIT INTELLIGENTE TRANSPORT SYSTEMEN
FOKUS-ONLINE.BE
3 VRAGEN AAN...
Alles connected Technologie zal binnen de steden een revolutie ontketenen waarbij alles ‘connected’ zal zijn. Slimme voertuigen, slimme apps, big data… Alles de blender in. Het resultaat? Dat moet een duurzame, moderne én milieuvriendelijke stad worden.
FRANÇOIS-MICHEL PLENNEVAUX OPRICHTER VAN MYFLEXIPARK
Hoe gaan parkeren en smart mobility hand in hand? “De steden moeten veranderen om een groeiende bevolking te herbergen en de levenskwaliteit voor het milieu te verbeteren. Chauffeurs moeten op een intelligente manier een parkeerplaats vinden. Aan de hand van de MyFlexiPark-app, bijvoorbeeld, kunnen beschikbare parkeerplaatsen in real-time worden aangegeven, met tijdswinst als gevolg.” Wat zijn de uitdagingen? “Beter gebruik maken van de beperkte middelen. De aanleg van parkeerpleinen en stroken of parkeerplaatsen in gebouwen vereist waardevolle middelen en ruimtes. De bestuurder moet eraan wennen dat die niet gratis kunnen zijn. Mensen moeten meer nadenken hoe ze zich willen verplaatsen, en niet automatisch naar de auto grijpen voor elke verplaatsing.” Hoe zullen die concreet ingevuld worden? “Het delen van parkeerplaatsen van particulieren en vastgoedmagnaten in veelgevraagde buurten is een realiteit. Onze service werkt bijvoorbeeld op een software-as-a-serviceplatform; de verschillende diensten zijn beschikbaar op smartphones. Een beeldherkenningstechnologie, gecombineerd met een computerplatform, kan zich aanpassen aan de gebruiksomstandigheden van residentiële, bedrijfsen/of multifunctionele gebouwen.”
D
e volledige implementatie van Intelligente Transport Systemen, of ITS, zal niet voor morgen zijn. Maar misschien wél voor overmorgen. Bart Wolput, CEO bij Give A Day, voerde als verkeersingenieur bij Antwerp Management School een studie uit voor het ‘Vlaams ITS Actieplan’. Daarin werden de krijtlijnen voor 2030-2050 vastgelegd. “We gaan naar een wereld waarbij alles binnen steden en mobiliteit connected zal zijn”, vertelt Wolput. “Slim mobiliteitsmanagement moet er bijvoorbeeld voor zorgen dat we, door middel van big data, naar een intelligente vorm van verkeersmanagement evolueren. Een bakje in voertuigen kan gegevens doorsturen waardoor we perfect weten waar en hoeveel wagens er in omloop zijn. Het moet ons ook toelaten om onze wegen en onze fleet slim te beheren. Als alles geconnecteerd is, weten we direct waar we bijvoorbeeld iets moeten herstellen aan een wegdek of waar het verkeer beter gestuurd kan worden. Daarnaast moet ook het gegeven van connected cars − automatisch rijden op welbepaalde wegsegmenten, gedeelde voertuigen, bijhorende technologische apps en een slimme kilometerheffing − mee het draagvlak van ITS uitrollen.” Sommige zaken zullen sneller geïmplementeerd worden, bij andere zal het langer duren. “Voor het logistieke bijvoorbeeld”, vult
Wolput aan. “Dat moet opnieuw georganiseerd worden, zodat vrachtwagens slim geladen worden en minder lucht vervoeren via een systeem van grote en kleine distributiecentra. Gelijkaardig aan het internet, vandaar de naam Physical Internet.” Sneller moet het dan weer gaan voor de implementatie van shared mobility. “De deeleconomie zal als eerste doorbreken binnen
een Vlaamse onafhankelijke onderzoeksorganisatie, heel wat expertise biedt binnen het luik van elektrische voertuigen en slimme laadtechnologie. “De laatste jaren waren er duidelijk nog te weinig laadpunten om een grote doorbraak van elektrische voertuigen te realiseren, maar het kantelpunt is op komst”, vertelt Carlo Mol, projectleider Unit Energy Technology. “Om een volwaardig
De levenskwaliteit en de geluidsoverlast binnen een stad moeten de komende jaren een flink stuk verbeteren dankzij de combinatie van slimme mobiliteit en elektrisch rijden. — CARLO MOL ITS. Deelwagens, strooifietsen en steps kunnen gebruikt worden en op de voorziene locaties worden achtergelaten. Het zal ervoor zorgen dat de infrastructuur van steden verandert, want het aantal benodigde parkeerplaatsen zal drastisch dalen, mits een correct multimodaal prijsbeleid.” Helemaal zullen we de auto niet kunnen wegdenken uit ons leven, maar ook daar zal ITS het mobiliteitslandschap herschrijven. Het is een erg breed gegeven waarbij VITO/EnergyVille,
aanbod van laadinfrastructuur uit te bouwen is het belangrijk om te focussen op verschillende locaties zoals thuis, op het werk, parkings, het publieke domein... Voor het aanbod in dat laatste zijn er een aantal extra initiatieven opgestart. De uitrol van een basisnetwerk in Vlaanderen, bijvoorbeeld − gefaciliteerd door Fluvius − en de mogelijkheid om op verzoek een publiek toegankelijke laadpaal te laten plaatsen in de buurt van je woning, als je zelf geen mogelijkheid hebt om thuis te laden.”
Eens de grote doorbraak er echt is, komt het aspect van ‘slim laden’ in het verhaal. “Laden is niet enkel een stopcontact voorzien en inpluggen”, vertelt Mol. “Het gaat een heel stuk verder op vlak van integratie in het elektriciteitsnetwerk. Als je in een stad of op een (bedrijfs-)parking honderden auto’s moet opladen, moet het slim aangestuurd worden. Dat is noodzakelijk om enerzijds lokale overbelastingen en uitval te vermijden en anderzijds om economische en ecologische redenen. Via het slim aansturen van het laadproces kan bijvoorbeeld lokaal opgewekte hernieuwbare energie uit zonnepanelen optimaal verbruikt worden, zonder het distributienet te overbelasten, of kan er opgeladen worden op de meest prijsgunstige momenten.” Binnen een moderne stad moeten mobiliteit en energieverbruik uiteraard gekoppeld worden aan duurzaamheid. Mol besluit: “De levenskwaliteit en de geluidsoverlast binnen een stad moeten de komende jaren een flink stuk verbeteren dankzij de combinatie van slimme mobiliteit en elektrisch rijden. ITS zal bij die doorbraak een grote rol spelen. We moeten perfect kunnen inschatten hoeveel kilometer onze auto nog kan rijden met een bepaald batterijpercentage en waar het volgende laadpunt zich exact bevindt.” TEKST DAAN VANSLEMBROUCK
ADVERTORIAL
DAHUA INVESTEERT IN INNOVATIEVE VEILIGHEID “Smart City = Safe City” Zhejiang Dahua Technology is een technologiereus die toonaangevend is inzake video en monitoring. Wereldwijd heeft het bedrijf meer dan 16.000 medewerkers in dienst die sleutelen aan hightech infrastructuur die onze steden niet alleen zullen digitaliseren, maar ook zullen inspireren voor een modern toekomstbeeld. Onze grote steden investeren de komende jaren in een verhoogde veiligheid en net in dat aspect moet het de burgers meer vertrouwen geven. “Dahua biedt oplossingen op maat”, vertelt Arnaud Lacourt, Business Development Manager BeLux Dahua. “Een smart city zal evolueren naar een safe city. Beide begrippen liggen erg dicht bij elkaar.”Hightech camera’s van Dahua moeten in staat zijn het veiligheidsgevoel te verhogen door de mogelijkheid te geven om sneller en efficiënter in te grijpen. Lacourt: “Dahua camera’s werken met artificiële intelligentie waardoor ze mensen en voertuigen sneller en efficienter kunnen
opsporen aan de hand van bepaalde parameters . Mensen met een bril, baard, man of vrouw, de kleur van auto, het merk, type voertuig… Al die zaken zorgen ervoor dat we datagedreven informatie kunnen doorspelen
“Moderne steden moeten ontlast worden van een taaie verkeersknoop en daarin reiken wij een helpende hand” aan de politie of zelf ook kunnen analyseren om sneller tot de gewenste resultaten te komen. Via onze target search kunnen we een persoon tracken en het pad traceren wat hij of zij heeft afgelegd. Dat werkt enorm kostenbesparend en het is bijzonder efficiënt
om snel te anticiperen.” Daarnaast moet ook het verkeer voor een stuk ontward worden: “Onze camera’s en drones kunnen een accuraat beeld geven van de verkeerssituatie. Op die manier kunnen we gericht berichten sturen naar bestuurders welke alternatieven ze best gebruiken. Moderne steden moeten ontlast worden van een taaie verkeersknoop en daarin reiken wij een helpende hand.” Camera’s worden ook steeds efficiënter én effectiever. “In moderne steden werken we steeds meer met panoramische camera’s met een 360-graden-principe, wat zorgt voor een breed gezichtsveld zonder dode hoeken. Ze kunnen verschillende camera’s vervangen en met hun Ultra-zoom weergave breidt het bewakingsbereik uit en leggen ze meer details vast wanneer incidenten gebeuren. Ook hier perfect materiaal om het veiligheidsgevoel te verhogen en snel en adequaat in te grijpen waar nodig.”
www.dahuasecurity.com/nl/
ADVERTORIAL
DE NIEUWE DEFINITIE VAN COMFORT In de EGRET-TEN V3x komt het elegante design samen met een weergaloos comfort. Dankzij de 10’’ luchtbanden rijd je moeiteloos over iedere ondergrond. Daarnaast verrast de nieuwe aandrijvingsmotor van de EGRET-TEN V3x met een indrukwekkend koppel en een fantastische versnelling - een hellinkje meer of minder maakt dus niet uit! De schijfrem voor, de hydraulische rem achter en het voor- en achterlicht zorgen voor de veiligheid. De EGRET-TEN V3x bereikt een topsnelheid van 30 km/u en heeft een actieradius van maximaal 42 km. Duitse kwaliteit en cool design voor ongelooflijke emoties. h t t p s : // a c t i o n s p o r t s . b e / s t o r e - l o c a t o r /
08
INTERVIEW JAKOB LANGE/BJARKE INGELS GROUP
FOKUS-ONLINE.BE
BIG (Bjarke Ingels Group): het architectenbureau dat Mars gaat scheppen
S
tel, je werkt in Abu Dhabi en je krijgt een reminder dat je over een halfuur in Dubai moet staan. Onmogelijk, toch? Want een rechtstreekse vlucht duurt al twee uur. “In de toekomst duurt die afstand maar een kwartier”, zegt Lange. “En van wachttijden tijdens het in- en uitchecken ben je ook verlost.” Lange heeft het hier over de Hyperloop, wat je nog het beste kunt vergelijken met een pretparkattractie. Passagiers stappen in een wagonnetje dat door middel van magnetische krachten aan andere wagonnetjes wordt geannexeerd. Samen vormen ze een zwevende trein die, aangestuurd door elektriciteit, door een buis wordt geknald. Door de extreem lage druk in de buis is er amper frictie, waardoor de trein sneller vliegt dan een Boeing 747. En de Hyperloop teert niet op het einde der fossiele brandstoffen, want hij gaat op elektriciteit. Je stapt als passagier gewoon in en uit, zoals op een trein. Lange vertelt hoe hij met zijn architectuur iets wil teruggeven aan de omgeving en hoe de transportmiddelen van de toekomst ons concept van ‘dichtbij’ en ‘ver weg’ zullen beïnvloeden.
Onze kijk op wat een stad is en wat het platteland, verandert door de manier waarop we ons daartussen verplaatsen. Ooit op Mars bouwen, dat is zijn persoonlijke ambitie, maar voorlopig houdt Jakob Lange het op extreem innovatieve projecten op aarde. De Deense architect is partner bij BIG of Bjarke Ingels Group, het bureau dat ideeën van Elon Musk uitwerkt en samenwerkt met overheden als de Verenigde Arabische Emiraten. De Virgin Hyperloop is Lange’s nieuwste kindje, een ultrasnelle ‘trein’ die vandaag vanuit de verre toekomst naar ’s werelds steden lijkt gekatapulteerd. TEKST ARKASHA KEYSERS
BEELD BJARKE INGELS GROUP
Jakob, de steden blijven alsmaar groeien. Hoe speel jij daar als architect op in? “Ik denk dat het concept van een stad zoals we die nu kennen over 20 jaar niet meer opgaat. En de manier waarop we ons in de toekomst zullen verplaatsen zal daar een grote invloed op hebben. Op dit moment duurt het anderhalf uur om van mijn
ADVERTORIAL
Bosbrossers slaan toe in Schilde Waarom betogen voor het klimaat wanneer je zelf actie kan ondernemen. Dat dachten ook de leerlingen van het 5e middelbaar van het Go Atheneum Schilde!
Naar aanleiding van de klimaatmarsen vroegen de leerlingen van het 5e middelbaar zich af of ze zelf iets konden doen om hun school groener te maken. Zo ontstond het project A.S. Goes Green, dat uiteindelijk als doel heeft om groendaken aan te leggen op de schoolgebouwen van het Go Atheneum in Schilde. Een leuk initiatief in tijden van klimaatdebatten, maar ook met een stevig prijskaartje. Om tegemoet te komen aan dat prijskaartje, ondernamen de leerlingen van het 5de middelbaar al tal van initiatieven. Het grootste initiatief volgde in het weekend van 24 en 25 mei: een heuse non-stop pannenkoekenbak van 36 uur om geld in te zamelen voor een groendak. “Met die 36 uur wilden we een statement maken, ervoor gaan en heel Schilde de kans geven om kennis te maken met A.S Goes
Life on Roofs
Green ”, aldus Marte Medina León, leerling van 5SWeWi. Uiteindelijk bakten de leerlingen 1500 pannenkoeken. De ondertussen laatstejaars van het Atheneum Schilde zijn nog niet uitgebakken. “De groendaken liggen er nog lang niet. Bovendien zijn onze ideeën nog niet op dus blijven we met A.S Goes Green doorgaan om zo veel mogelijk veranderingen in de school te realiseren. ”, zegt Pepijn Zigterman. “Een groendak is mooi, maar elke leerling bewust maken van zijn/haar impact voor het klimaat is nog mooier.” Wenst u meer info of wil u de leerlingen ondersteunen kan u contact opnemen via ewaterlot@zinco.be
TEKST: VERDIANA TEDESCHI
JAKOB LANGE/BJARKE INGELS GROUP INTERVIEW
#FOKUSMODERNESTAD geboorteplek Aarhus naar Kopenhagen te reizen. Maar als we de Hyperloop tussen die twee steden leggen, dan duurt dat nog maar 15 minuten. Zelfrijdende auto’s of persoonlijke drones zullen er ook voor zorgen dat plekken die momenteel afgelegen zijn, veel makkelijker kunnen worden bereikt. Onze kijk op wat een stad of het platteland vormt, zal daardoor sterk veranderen.” Hoe zijn jullie er zeker van dat BIG’s ontwerpen een meerwaarde zijn? “Eén van BIG’s belangrijkste criteria is of het ontwerp iets teruggeeft aan haar buurtbewoners. In het Deense Centrum voor Architectuur in Kopenhagen loopt nog tot 5 januari de tentoonstelling Formgivning, met 71 projecten van BIG, gebundeld in tien types ‘geschenken’. Daarmee tonen we wat architectuur aan haar omgeving kan teruggeven. Eén van onze paradepaardjes is de nieuwe Deense energiecentrale, waarop we voor de buurt een skipiste hebben geïntegreerd.” Houden jullie rekening met de omgeving van een gebouw? “We zijn Denen, het zit bij ons ingebakken om gebouwen te ontwerpen die ons warm houden in de winter. In Denemarken hebben we trouwens heel strikte energienormen. We zijn het gewend om rekening te houden met de omgeving. Voor ons is energiezuinig bouwen de norm. En de ambitie om gebouwen te construeren die hun natuurlijke omgeving ten goede inzetten is ook in de rest van de wereld sterk gestegen. Daardoor is het ook in warme landen als Saoudi-Arabië niet moeilijk om mensen te overtuigen om te investeren in een gebouw dat weinig energie verbruikt.” Hoe gaan jullie te werk om energie te besparen? “Energie besparen kun je als architect zowel actief als passief. Je kunt actief een koelsysteem of zonnepanelen integreren in een gebouw, maar je kunt het ook zo oriënteren dat het optimaal gebruik maakt van de aanwezige elementen. In de energietoren in het Chinese Shenzhen hebben we niet de klassieke glazen wolkenkrabberwand ontworpen, wel een zigzagfaçade die optimaal licht en warmte opvangt. Door zulke ingrepen bespaart het gebouw tot 30 procent aan energie.”
09
3 VRAGEN AAN...
JURGEN VAN ROMPAEY WATEREXPERT NATURE SOLUTIONS
derde van een treinticket te halen. Heel wat plekken in de wereld zijn op dit moment geïnteresseerd in de Hyperloop. Eens zien wie de snelste is!”
In de toekomst zal de afstand Abu Dhabi – Dubai maar een kwartier duren. En wat met groen integreren? “Pas sinds zo’n 200 jaar wonen mensen in dichtbebouwde steden, voordien was dat meer in de natuur. Ik ben ervan overtuigd dat we daar de psychologische gevolgen van dragen, al zijn die niet altijd aan de oppervlakte zichtbaar. Door in je gebouw plaats te maken voor groen, creëer je welzijn op een heel goedkope en makkelijke manier. Groen integreren is een onzichtbare wonde helen. Op dit moment bouwen we in Kopenhagen een nieuw hoofdkwartier waarin we heel veel nieuwe technologieën testen die inspelen op wat er in de omgeving aan licht, lucht en warmte aanwezig is. Zo wordt ons eigen gebouw de testcase voor de projecten die we voor onze klanten uitvoeren.” Eén van die klanten is Virgin. Zij staan mee in voor de Hyperloop. Hoe verhoudt die zich ten opzichte van een vliegtuig? “Vliegtuigen vliegen nu tussen de 800 en 1.000 kilometer per uur. Met de Hyperloop willen we 1.200 kilometer per uur halen. Je stapt op, zoals op een trein, en binnenin heb je het comfort van een auto. We streven er trouwens naar om het prijskaartje naar twee
BIG is ook actief betrokken bij projecten rond het koloniseren van Mars. Vind je niet dat we eerst onze problemen op aarde moeten oplossen? “Die kritiek krijgen we vaak, maar ik zie het anders. Je moet niet eerst kanker genezen om dan pas de honger uit de wereld te helpen. Je kunt inzetten op allebei. Dat is met Mars koloniseren net zo. Het kan zijn dat we door onderzoek op Mars oplossingen vinden voor de huidige problemen op aarde. Er zijn een hoop technologieën die voor de ruimtereizen van NASA en ESA zijn ontwikkeld die nadien ook toepassingen kregen op aarde. Om een voorbeeld te geven: de atmosfeer op Mars bestaat voornamelijk uit CO2. Als we daar mee leren omgaan, kan dat ook van betekenis zijn voor het teveel aan CO2 op Aarde.”
SMART FACT. Als je zelf een project mocht kiezen, zonder enige beperkingen op het budget, wat zou dat dan zijn? “Het is mijn persoonlijke ambitie om op een dag de ruimte in te gaan en daar aan architectuur te doen. Eigenlijk vind ik het een hele mooie gedachte dat ik via mijn werk op die manier mee de toekomst vormgeef.”
Hoe doet onze industrie het op vlak van waterbeleid? “Onze fabrieken verbruiken te veel leidingwater. De oorzaak ligt voor een deel in de kostprijs van het water. Bedrijven vragen zich af waarom ze zouden investeren in een duurzaam waterbeleid als leidingwater toch zo goedkoop is. Momenteel betalen grootverbruikers minder dan de kleine afnemers, en dat moet veranderen. Water zou een niche moeten worden.” Welke maatregelen kunnen we nemen? “De ontwikkelaars van bedrijfssites moeten meer aandacht schenken aan de inrichting van die terreinen. Veel grootverbruikers beschikken over een klein dakoppervlak dat maar weinig regenwater kan bufferen. Ook hebben veel bedrijven een groot dakoppervlak dat ze niet kunnen gebruiken. Het zou opportuun zijn mocht alle regenwater samenkomen in een gezamenlijke waterleiding, een buffer waaruit ieder bedrijf naar behoefte kon putten.” Welke acties kunnen bedrijven nemen? “Er zijn nu een paar ondernemingen die samenwerken om eventuele tekorten of overlast te bestrijden. In West-Vlaanderen ondervinden veel boeren in de zomer een tekort. Daar is nu een try-out opgestart waarbij bedrijven met een overschot aan regenwater hun water doorsluizen naar landbouwers die er gebruik van kunnen maken. Zo krijgen grachten en rivieren bij pieken veel minder te slikken.”
ADVERTORIAL
Klimaatneutraal verwarmen doe je met een warmtepomp!
WARMTEPOMPEN
www.ctcbenelux.com - info@ctcbenelux.com BODEM / WATER en LUCHT / WATER WARMTEPOMPEN
NEEM VANDAAG CONTACT OP VOOR EEN OFFERTE OP MAAT
010
BRAND REPORT AARDGAS
FOKUS-ONLINE.BE
CNG/LNG: Goedkoper tanken en properder rijden Almaar hogere brandstofprijzen en alternatieven (hybride en elektrische wagens) die nog peperduur zijn…Voor chauffeurs die hun brandstoffactuur willen inperken en tegelijk aan het milieu denken, lijken er weinig uitwegen te zijn. Of toch? Misschien is het tijd om over te schakelen op gas. Met CNG (Compressed Natural Gas) of LNG (Liquified Natural Gas) rijden auto’s, bestelwagens, trucks en bussen niet alleen véél goedkoper, maar ook stukken milieuvriendelijker.
O
m maar meteen een misverstand uit de wereld te helpen: CNG en LNG zijn twee heel andere zaken dan het bekendere LPG. “CNG en LNG zijn puur gas, respectievelijk samengeperst en vloeibaar”, zegt Didier Hendrickx, Public Affairs Manager van gas.be. “LPG is een restproduct van aardolieproductie. Waar bijna alle LPG-wagens pas na levering met een LPG-installatie werden uitgerust, worden in België bijna 99 procent van de CNG-wagens af fabriek geleverd. Nog een voordeel: je mag met een CNG-auto ook in ondergrondse parkeergarages parkeren. Met LPG was dat niet zo.” CNG is vooral voor personen- en bestelwagens bestemd, al kunnen ook schoolbussen of bussen van het openbaar vervoer prima op deze brandstof rijden. Hybride modellen (CNG en elektrisch) bestaan ook al. LNG is, vanwege zijn hogere energiedensiteit, vooral geschikt voor trucks en langeafstandsbussen. Ook de maritieme sector maakt er tegenwoordig meer en meer gebruik van, voor bijvoorbeeld cruise- en containerschepen en rivierboten. “Het grote voordeel van LNG/CNG is dat het veel properder is dan benzine en diesel”, zegt Hendrickx. “De CO2-uitstoot ligt al 10 à 20 procent lager, maar de uitstoot van
NOx (stikstofoxide) is zeker 80 procent lager en wat fijn stof betreft, zit je al aan ruim 90 procent. Bovendien kan CNG perfect geproduceerd worden uit afval en landbouwresidu’s. Ook in België zijn we daar mee gestart. Zo is het dus een hernieuwbare
CNG is een hernieuwbare brandstof die zich perfect laat inschakelen in een circulaire economie en die de CO2uitstoot met 80 à 100 procent doet dalen. brandstof die zich perfect laat inschakelen in een circulaire economie en die de CO2uitstoot met 80 à 100 procent doet dalen. Als de evoluties zich verderzetten zoals vandaag, kunnen we in de komende decennia de
helft van het Europese gasverbruik op die manier dekken. Dat is goed voor 250 miljard kubieke meter. We zullen dan ook veel minder afhankelijk worden van ingevoerd gas. De thermische motor begraven is dus meer dan voorbarig.” Met CNG en LNG, die geleidelijk hernieuwbaar zullen worden, beschikken particulieren en ondernemingen dus over een onmiddellijke oplossing om de luchtkwaliteit te verbeteren en om bij te dragen aan de CO2-reductie. Voor de overheid zijn deze brandstoffen belangrijk om de klimaatdoelstellingen van België te behalen. Een tweede grote voordeel van CNG/LNG is de veel lagere kostprijs dan van klassieke brandstoffen. Hendrickx: “De prijs van gas wordt uitgedrukt in euro per kilo. Voor CNG is dat nog geen euro per kilo. Dat is dus al 30 procent goedkoper dan een liter diesel. Bovendien bevat 1 kilo CNG evenveel energie als 1,3 liter diesel en zelfs 1,6 liter benzine. Het verbruik van de auto’s is ongeveer hetzelfde, dat betekent dus dat de kostprijs per kilometer van CNG zeker 40 procent lager ligt dan bij diesel. Bij benzine is het verschil nog groter: daar mag je uitgaan van een 50 procent lagere kost. De Belgische energieregulator CREG bevestigde dit onlangs in een studie.”
Momenteel zijn er in Europa ongeveer 70 verschillende voertuigmodellen af fabriek te koop die op CNG en LNG kunnen rijden. Al zijn er ook gespecialiseerde firma’s waar je een bestaande benzinewagen kunt laten ombouwen om op CNG te rijden. Koop je af fabriek? Een nadeel is dan wel dat sommige automerken (maar niet allemaal!) een meerprijs vragen voor hun modellen die CNG kunnen tanken. “Dat loopt op tot maximaal 2.500 euro”, weet Hendrickx. “Maar zelfs die investering verdien je heel snel terug door de lagere brandstofkost. Rijd je minstens 15.000 kilometers per jaar? Dan is CNG een zeer verstandige brandstofkeuze.” Tot slot: waar kun je in België al CNG tanken? “Het aantal breidt stelselmatig uit”, zegt Hendrickx. “Momenteel zijn er in ons land 122 CNG-stations. Ongeveer 90 in Vlaanderen, een dertigtal in Wallonië en de rest in Brussel. Op korte termijn zullen er zeker veertig bijkomen. Deze zijn aangesloten op het bestaande aardgasnet, wat geen nieuwe dure investeringen eist. Wat LNG betreft, zitten we nu op 12 tankstations en 5 à 10 stations die binnenkort operationeel worden.”
TEKST FREDERIC PETITJEAN
In samenwerking met... Gas.be verzamelt als kenniscentrum alle informatie over mobiliteits- en huishoudelijke toepassingen op gas. Onze organisatie zet zich elke dag in om het grote publiek, zowel particulieren als ondernemingen, op de hoogte te brengen van aardgas als veilige, betrouwbare, betaalbare, zekere en milieuvriendelijke energiebron via verschillende online en offline media. Daarnaast verdedigt Gas.be ook de belangen en standpunten van zijn leden en brengt het constructieve ideeën en nieuwe voorstellen onder de aandacht bij politici en beleidsmakers.
gas.be
ADVERTORIAL
ADVERTORIAL
300 verschillende beroepen, 9.000 medewerkers, En jij, waar wacht jij nog op?
STIB - MIVB AANL
Buschauffeur, trambestuurder, technicus, bachelor in een technische richting, master of ingenieur met specialisatie elektriciteit, elektronica, elektromechanica, mechanica, IT&Telecom of bouw (M/V) … We hebben mooie opportuniteiten voor jou! Geïnteresseerd? Kom bij een TOP EMPLOYER werken en laat ons samen de mobiliteit in en rond de stad verbeteren.
jobs.mivb.be
012
EXPERTPANEL SMART CITY
FOKUS-ONLINE.BE
Smart city’s schakelen snel Smart city’s: het is een begrip dat steeds vaker ter sprake komt. Niet alleen in de media, maar ook op de straathoek en aan de toog. Steden innoveren, digitaliseren en moderniseren. Binnen diverse takken merken we dat onze stad langzaam, maar zeker verschuift in de richting van een ‘slimme stad’.
MINOU ESQUENET. Schepen van klimaat, energie, milieubeleid, smart city en facilitair beheer Brugge
GERT PAUWELS. Head of Sales & Marketing Orange
ERIC WATERLOT. Accountmanager Zinco Benelux
Hoe implementeren jullie het begrip ‘smart’ binnen jullie werkveld? “In het begin van deze legislatuur hebben we ons beleidsprogramma voorgesteld waarin heel wat actiepunten zijn opgenomen om Brugge uit te bouwen tot een smart city. We willen inzetten op slimme oplossingen voor concrete knelpunten in de stad. Om tot die slimme oplossingen te komen, wordt de brug gemaakt tussen een innovatief beleid en de wijze waarop we data verzamelen en inzetten. ‘Smart’ is voor ons geen doel op zich, wel een middel om de beleidsuitdagingen te realiseren. Als grote stad moet je op dit vlak altijd toonaangevend proberen te zijn. Binnen Brugge proberen wij het begrip ‘smart city’ te maximaliseren zodat we als moderne stad een meerwaarde bieden aan zowel onze inwoners als toeristen.”
“Een smart city maakt gebruik van de digitalisering om zijn beheer te optimaliseren, zowel op vlak van duurzaamheid, alsook inclusie en participatie. De bedoeling is om welvaart te genereren voor de vele stakeholders − burgers, ondernemingen en organisaties. Daar gaan een heleboel thema’s mee gepaard, en de prioriteiten van de regio’s en steden variëren dan in functie van hun context. Wij werken vooral rond specifieke thema’s als mobiliteit, veiligheid, participatie en duurzaamheid. De samenwerking met de steden en regio’s wordt ook frequent aangevuld door partners: universiteiten, onderzoekcentra, application providers en de Orange-groep die op internationaal vlak zeer performante oplossingen heeft ontwikkeld.”
“In functie van verzamelde klimaatstatistieken – temperatuur, regenval, verdamping, droogte… – sturen wij het waterbeheer op groendaken aan en optimaliseren door middel van remote sensing. ‘Smart’ betekent voor ons ook slim omgaan met regenwater: waterretentie onder het groendak en het hergebruik ervan voor irrigatie van de beplantingen in geval van langdurige droogte, bij hevige regenval het vertraagd laten aflopen van regenwater voor infiltratie in de bodem – belangrijk vooral in Vlaanderen door het lage grondwaterpeil. Maar ook het gebruik van grijswater in combinatie met een specifieke beplanting met hoge evaporatie, dus een sterk koelend vermogen, en de integratie van zonnepanelen in het groendak en dus een verhoging van het rendement van de panelen.”
Welke rol speelt technologie hierbinnen? “Technologie speelt een zeer belangrijke rol. Het laat ons toe om Brugge te laten groeien en vlotter te organiseren. Innovatieve technologische toepassingen en het koppelen van data staan hierbij centraal. We pakken alles op een geïntegreerde manier aan. Daardoor kunnen we de resultaten van individuele initiatieven overstijgen. De oplossingen voor stadsuitdagingen in de domeinen mobiliteit, welzijn, leefmilieu, toerisme en openbaar domein genieten van de investeringen die gedaan zijn in andere domeinen. Die oplossingen werken dus domeinoverstijgend en dankzij de slimme technologie en de functionele apps kunnen we snel tot inzichten en resultaten komen waar bepaalde aspecten voor verbetering vatbaar zijn.”
“De evolutie van de technologie is verbluffend. In amper een paar jaar tijd heeft de digitalisering nieuwe perspectieven geopend. Denk maar aan de smartphones of cloud computing die in amper een tiental jaren een revolutie hebben teweeggebracht: de manier waarop we werken, leven en functioneren in onze maatschappij is hierdoor definitief veranderd. Binnen Orange willen we de steden bijstaan in het beheren van hun data: dat gaat van het verzamelen van de data – bijvoorbeeld door middel van IoT – tot het delen van de data naar burgers en andere betrokkenen. En dat zonder te vergeten dat de data streng beveiligd moeten worden. Privacy is uiteraard een essentieel element van de oplossing.”
“Technologie speelt voor ons een grote rol : door middel van softwaremodellen en sensoren in het groendak wordt het waterbeheer per computer aangestuurd – zowel naar irrigatie toe bij droogte als naar debietregeling van de vertraagde waterafvoer bij hevige regenval. Door accurate weersvoorspellingen is proactief handelen mogelijk. Zo wordt debietregeling aangepast in functie van de te verwachten regenval.”
Welke concrete voorbeelden zullen het toekomstige beeld moderniseren? “Brugge krijgt jaarlijks meer dan acht miljoen bezoekers over de vloer. We waken erover dat de leefbaarheid van de stad niet in het gedrang komt. We gebruiken slimme technieken om bijvoorbeeld de toeristische druk en de daaraan gekoppelde mobiliteitsuitdagingen op te vangen. We hebben ook in de binnenstad sensoren geplaatst die de luchtkwaliteit meten. De stad kan die data vergelijken met de Europese grenswaarden en die van de Wereldgezondheidsorganisatie, en ook het beleid hierop afstemmen. Snel schakelen, indien nodig, is een troef van smart city’s. Eens we over bepaalde gegevens beschikken, kunnen we die snel analyseren en aftoetsen waardoor we kunnen proberen te voorkomen en proactief kunnen werken.”
“We werken samen met verschillende grote steden om de mobiliteit in kaart te brengen dankzij de analyses die worden uitgevoerd op de netwerkdata. We beschikken over de nodige tools om de citymarketing te ondersteunen, door via gsm-tracking te meten waar en hoe lang mensen ergens blijven. We helpen de steden ook met live crowd monitoring: Waar bevinden de burgers zich? Hoe verplaatsen ze zich? In het Brussels Gewest ondersteunt Orange IRISnet voor het leveren van fiberconnectiviteit aan de scholen. My.Brussels ondersteunt dan weer de nieuwe app van het Brussels Gewest. Deze app laat toe om informatie te delen naar de burger, maar houdt ook interactiviteit in: e-loketten en interactiviteit met de burger.”
“Het beeld dat we in Vlaanderen hebben, zal in grote mate afhangen van een mentaliteitswijziging en van een samenwerking tussen de verschillende partners die betrokken zijn bij de ontwikkeling van toekomstige projecten. Groendaken en waterbeheer dienen als volwaardige items geïntegreerd te worden in deze projecten en niet als een vervelende meerkost beschouwd te worden.”
TEKST DAAN VANSLEMBROUCK
ENERGIE UITGELICHT
#FOKUSMODERNESTAD
013
Onze wijk: de energiecentrale van de toekomst De steden en gemeenten van de toekomst zijn zelfbedruipende energiecentra. Ze springen niet alleen zuiniger om met hun energie, maar kunnen die ook zelf lokaal opwekken, opslaan en verdelen. De eerste stappen daarnaartoe worden vandaag al gezet.
“W
aar de opwekking van energie vandaag nog vooral door grote installaties op een centrale locatie gebeurt, zien we stilaan de omslag naar een gedecentraliseerde energieproductie, dicht bij de verbruikers. Denk maar aan de zonnepanelen op onze daken”, vertelt Stijn Verbeke, energiespecialist bij onderzoeksinstituut EnergyVille/VITO. “Zo switchen we ook van fossiele brandstoffen naar hernieuwbare energiebronnen. Noodzakelijk om de klimaatdoelstellingen van 2050 te halen.” Ook Europa meent dat de energietoekomst op lokaal vlak ligt. Het wil tegen 2025 honderd ‘Positive Energy Districts’ creëren - wijken die klimaatneutraal en zelfvoorzienend zijn op het vlak van energie. “Naast energiebesparing, focussen we vandaag dus best al zoveel mogelijk op lokale energieproductie en -distributie”, zegt Verbeke. “De technologie om dat te doen, is er al in grote mate. Om de omslag succesvol te maken, is er vooral nood aan toekomstgerichte planning: welke mogelijkheden zijn er lokaal en waarop zetten we in?” Zo zien we in Antwerpen, met een grote haven vol restwarmte, warmtenetten opduiken, terwijl er in landelijke gebieden aan de slag wordt gegaan met maai-afval dat via vergisting in energie wordt omgezet. “De lokale setting
bepaalt dus de toekomstige energieoplossing”, gaat Verbeke verder. “Een lokaal bestuur kan daarop inspelen bij de inplanning van nieuwe wijken: welke gebouwen worden naast elkaar geplaatst, zodat ze optimaal energie kunnen uitwisselen? Het lokaal opwekken van energie kan ook gestimuleerd worden via extra voorwaarden in de openbare aanbesteding.
De energieproductie wordt gedecentraliseerd. Denk maar aan de zonnepanelen op onze daken. — STIJN VERBEKE, ENERGIESPECIALIST ENERGYVILLE/VITO Iets wat onlangs gebeurde in het Duitse Freiburg. Daar wordt nu de restwarmte van het rioleringsnetwerk gerecupereerd voor een nieuwe energieneutrale wijk.” Ook in België duiken zo’n energievoorwaarden op, merkt Jan De Pauw, bestuurder van REScoop, de federatie
van burgercoöperaties voor hernieuwbare energie: “De lokale besturen willen de overvloed aan hernieuwbare energie op hun grondgebied maar wat graag oogsten. Liefst samen met de burgers, om zo het energieproject lokaal te verankeren. Vanuit REScoop raden we hen aan om daarvoor een wettelijk kader te scheppen.” Dat gebeurde bijvoorbeeld al in Eeklo: de stad stelde in haar aanbesteding voor windmolens de voorwaarde dat het project minstens voor de helft uit burgerparticipatie moest bestaan. Zo won een van hun leden, burgercoöperatie Ecopower, het pleit. De windturbines werden gefinancierd door gezinnen en kmo’s, die de stroom tegen kostprijs aankopen. Volgend jaar produceren ze voldoende lokale windstroom voor alle huishoudens in Eeklo. “Intussen nam de stad ook het initiatief voor zonnepanelen op publieke en private daken, en voor een warmtenet met de restwarmte van de afvalverbrandingsoven. Zo kan Eeklo in 2040 volledig zelfvoorzienend zijn op het vlak van energie.” Nu er zowel top-down vanuit Europa, als bottom-up vanuit de gemeente stimulansen voor lokale energie-oplossingen zijn, ziet De Pauw het tij snel keren: “Lokale streekgebonden energie-initiatieven worden de norm. Tijd dat ook de Vlaamse regering op die kar springt. Vandaag geven ze voor hernieuwbare energie nog te vaak carte
blanche aan grote energiespelers, waardoor de gemeente en haar burgers geen lokale meerwaarde zien in de vele windmolens. Natuurlijk volgt er dan protest.” Ook bij EnergyVille geloven ze dat burgerparticipatie belangrijk is in de overgang naar lokale energie-initiatieven. “Al zijn ook de grote investeerders en energiedistributeurs nodig om wijken
Lokale streekgebonden energieinitiatieven worden de norm. — JAN DE PAUW, BESTUURDER VAN RESCOOP zelfvoorzienend te maken en reststroom te recupereren”, nuanceert Verbeke. “En de overheid moet met toekomstgerichte regels en taksen op fossiele brandstof de overgang naar groene energie vergemakkelijken en promoten. Zo leggen we allemaal samen de basis voor de lokale energie-centra van de toekomst.” TEKST KIM BEERTS
014
BRAND REPORT BELWIND
FOKUS-ONLINE.BE
Innoveren met de wind in de zeilen: ‘Moderne steden vragen groene energie’ Moderne steden zijn niet alleen steden die er futuristisch uitzien en digitaliseren, het zijn vooral ook steden die innoveren en een verschil maken inzake duurzaamheid, milieu en groene slagkracht. De impact van een groene stad reikt over welzijn en mobiliteit tot feelgood en gezondheidszorg. Je kunt er niet omheen, werkelijk ie-de-reen heeft ermee te maken.
E
n om dat verschil te maken, moeten we de komende jaren kunnen rekenen op hernieuwbare energie op grote schaal. “Dat maakt offshore-wind een van de sleutels tot een duurzame, ecologische toekomst”, vertelt François van Leeuw, CEO Parkwind. Parkwind NV heeft als doelstelling om groene energie te leveren door de bouw en het onderhoud van windmolenparken op zee. “Parkwind exploiteert momenteel drie operationele offshore-windparken, Belwind (165 Megawatt), Northwind (216 Megawatt) en Nobelwind (165 Megawatt). Een vierde park Northwester 2 (219 Megawatt) is momenteel in aanbouw en zal vanaf 2020 bijdragen aan het behalen van de Belgische klimaatdoelstellingen. We zijn erin geslaagd om onze activiteiten niet alleen in België uit te bouwen, maar ook in Ierland en Duitsland zijn we actief. Daarnaast hebben we ook de ambitie om buiten de Europese grenzen onze duurzame expertise te verbreden. Dat resulteert in een snelle toename van alternatieve energie, maar stuurt ook aan op een draagvlak om bewust om te gaan met groene stroom in een moderne, groene samenleving.” België beschikt met andere woorden over belangrijke bouwstenen om helemaal mee te gaan in een groene toekomstvisie voor onze steden en bij uitbreiding onze economie. Duurzaamheid is het toverwoord om ons klimaatbeleid uit te rollen. Wanneer je binnenkort voorzien wordt van groene stroom, is de kans
Op het Belgische deel van de Noordzee werd in het ruimtelijk plan een zone afgebakend voor windmolens. Binnen die zone zijn negen domeinconcessies toegekend. Van Leeuw: “Als die negen windparken operationeel zullen zijn, zal België beschikken over een totaal van 2200 Megawatt en dat is evenveel als wat twee kerncentrales samen
produceren. Offshore-windenergie zal op die manier ruim tien procent dekken van de totale elektriciteitsbehoefte in ons land en daar zullen de vier windmolenparken van Parkwind meer dan een steentje aan bijdragen. Om een concreet voorbeeld te geven: per jaar zullen onze projecten samen 600.000 huishoudens van stroom voorzien. De verdere uitbouw van andere offshore-windparken, met steeds betere technologie en toch lagere kosten zal dit in de toekomst louter verhogen en daar kunnen mens, milieu en samenleving alleen maar goed bij varen.”
Als die negen windparken operationeel zullen zijn, zal België beschikken over een totaal van 2200 Megawatt en dat is evenveel als wat twee kerncentrales produceren.
Voortdurende innovatie is dan ook noodzakelijk. Niet enkel in de technische ondersteuning om groene stroom te leveren, maar ook in research en development, wat betreft materiaal en opslagmogelijkheden. “We werken samen met verschillende universiteiten en partners om samen onze kennis te vergroten”, sluit Van Leeuw af. “Samen ben je altijd sterker. De energie die we produceren moet ook optimaal ingezet worden zonder dat we tijdens het proces energie verliezen. Maximaal behoud zorgt voor een maximale verspreiding. Groene energie is een must geworden. Laat windenergie, en offshore-windenergie in het bijzonder, alvast een grote stap zijn naar een duurzame planeet met een brede waaier aan milieuvriendelijke toekomstplannen. Ook op andere vlakken kun je innovatie opzoeken; met onze burgercoöperatie North Sea Wind
groot dat die geleverd wordt door één van bovengenoemde windparken. Van Leeuw: “Belwind telt 55 Vestas-windturbines voor een totale capaciteit van 165 Megawatt. Die produceren al groene stroom sinds 2010. ”
In samenwerking met... Parkwind, opgericht in 2012, ontwikkelt, financiert, bouwt en beheert offshore windmolenparken. Met 552 Megawatt onder operationeel management, 219Megawatt in aanbouw en 577Megawatt in ontwikkeling is Parkwind uitgegroeid tot een van Europa’s marktleiders. Parkwind heeft meer dan 90 professionals in dienst, die voornamelijk vanuit haar kantoren in België opereren. Parkwind wil bijdragen tot het Europese klimaat- en energiebeleid door alle offshore windenergieactiviteiten van haar belangrijkste Belgische aandeelhouders, de Colruyt Group, Korys en PMV, te combineren. - www.parkwind.eu
bieden we bijvoorbeeld de ganse Belgische bevolking de kans om mee te investeren in windenergie op zee en tegelijkertijd van dichtbij kennis te maken met ons vakgebied.”
Per jaar voorzien de Parkwind-projecten alleen al 600.000 huishoudens van stroom. North Sea Wind werd opgericht door de vennootschappen Parkwind, Et. Fr. Colruyt, Korys Investments en PMV en wil maximaal 20 miljoen euro ophalen. Met het opgehaalde bedrag zal North Sea Wind een lening met een principiële duurtijd van 7 jaar verschaffen aan Parkwind. 5 miljoen euro is voorbehouden voor werknemers van Parkwind, ColruytGroup, Korys Investments, PMV en hun dochtervennootschappen, 15 miljoen euro voor het brede publiek. Indien de voorbehouden schijf van 5 miljoen euro niet volledig wordt onderschreven, wordt het saldo aangeboden aan het brede publiek.
KOEN KENNIS CHRONICLE
#FOKUSMODERNESTAD
015
‘Alles beweegt’ in een smart city In de 16de eeuw stond Antwerpen − dankzij mensen als Plantijn, Rubens, Van Dijck en Ortelius − in Europa bekend als centrum voor handel, kunst, architectuur en wetenschap. Zij waren én kunstenaars én ondernemers.
I
n maart dit jaar ontving Antwerpen de Smart City Award van Agoria, voor de ontwikkeling van het platform Slim Naar Antwerpen. Het is de ambitie van dit stadsbestuur om van de 21ste eeuw een nieuwe Gouden Eeuw te maken. Ook nu doen we dat door een ecosysteem te creëren waar ondernemerschap, creativiteit en technologische innovatie elkaar versterken. Wij geloven dat de economie van morgen een andere zal zijn dan die van vandaag. Schoner, veiliger, circulair, en vooral: digitaal. Wij zetten volop in op digitale innovatie. Het stadsbestuur speelt de rol van matchmaker, zorgt voor de omstandigheden om de juiste mensen en ideeën met elkaar in contact te brengen. Mobiliteit is het speerpunt van dit beleid.
Vandaag is de stad al op verschillende manieren een trendsetter op vlak van smart mobility. Wij zien mobiliteit als een dienstverlening, een marktplaats waar aanbieders inspelen op de voorkeuren van de gebruikers. Antwerpen denkt en doet mee, en zorgt bijvoorbeeld voor kortingen aan inwoners die kiezen voor deelmobiliteit.
Uitdagingen kunnen we enkel de baas als we innoveren. Aan innovatie komt natuurlijk nooit een eind. De data die we genereren, stellen we
beschikbaar voor ondernemers die daarmee aan de slag kunnen om nog slimmere toepassingen te bedenken. De gebruiker staat daarbij centraal, de verhoogde leefbaarheid van de stad is het einddoel. Slimme burgers in een slimme stad. Mobiliteit is ook in toenemende mate een domein waarin jonge ondernemers zich onderscheiden. Zo investeerden we reeds in StartUpVillage en The Beacon, twee hubs op unieke locaties in het hart van de stad. Het zijn bijenkorven waar jonge bedrijven kunnen groeien om uit te zwermen. Een soortgelijk netwerk groeit er ook rond Internet of Things, waarbij starters samenwerken met onderzoeksteams van grote bedrijven, met het living lab van imec, het Havenbedrijf en met de UAntwerpen.
Op het vlak van de stad als smart city ligt de focus op het veiliger, gezonder en mobieler maken van de stad en is de Sint-Andrieswijk een ‘smart zone’, een proefterrein voor innoverende toepassingen. ‘Panta rhei’ – alles beweegt – zei de filosoof Heraclitus, en alles heeft met elkaar te maken. Mobiliteit staat in de 21ste eeuw centraal voor digitale pioniers om zich te profileren. De uitdagingen waar we voor staan, kunnen we enkel de baas als we innoveren. Dat geldt voor Antwerpen, dat geldt voor de planeet. We act local, but we think global. TEKST KOEN KENNIS, SCHEPEN VOOR MOBILITEIT ANTWERPEN
Ontdek meer op
FOKUS-ONLINE.BE #FOKUSMODERNESTAD
ADVERTORIAL
The Office of the Future
Doorbreek de grenzen van je werk HP tekende een nieuwe werkplek uit: The Office of the Future. Het concept is gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek en verschillende maatschappelijke trends. Generatie Z op de werkvloer, mobiliteit, meer burn-outs, flexibiliteit … Deze moderne werkplek geeft de werkgever de tools om hier een antwoord op te bieden. De tijd dat we van 9 tot 5 op kantoor achter ons bureau zitten vastgeroest, is voorgoed voorbij. In een moderne organisatie nemen we verschillende verantwoordelijkheden op, onze job houdt steeds meer activiteiten in. Iedere dag kan anders zijn, en ook in de loop van de werkdag kunnen onze taken veranderen. Op het ene moment ben je aan de slag met het maken van een presentatie, wat later heb je een videovergadering met iemand in het buitenland, daarna wil je in alle rust wat teksten doornemen, een teammeeting, mails … Om al die taken goed te kunnen uitvoeren, hebben we verschillende omgevingen nodig die iedere specifieke opdracht optimaal faciliteren. Omgevingen met een eigen identiteit en technologische configuratie zoals privacy, toegang tot whiteboards, toegang tot technologie … De manier waarop we vandaag willen werken doorbreekt ook de grenzen van het kantoorgebouw en de traditionele
kantooruren. De trend om flexibel, productief en creatief te zijn waar en wanneer we willen, zet zich onvertraagd voort. Telewerken van thuis of een coworking plek, op zondag een vergadering voorbereiden, op woensdagnamiddag met de kinderen op stap, overleg met een collega in een koffiebar … We evolueren van een work-life-balance naar een work-life-blend waarin werken een onderdeel van ons privéleven wordt zonder het te verstoren. Zeker de jongere generaties adopteren dit naadloos in hun professioneel bestaan. Moeten werken wordt willen werken.
In The Office of the Future toont HP oplossingen voor ieder mogelijk scenario waarop een werkdag kan verlopen. In het kantoor van de toekomst ontdek je de technologische oplossingen waarmee iedereen grenzeloos zijn taken kan uitvoeren in een aangepaste omgeving. Wat die ook zijn, waar en wanneer maar ook.
Lees meer over de filosofie van The Office of the Future op www.hp.be/ officeofthefuture. Je vindt er ook verschillende whitepapers over het nieuwe werken. Behalve een concept is The Office of the Future ook een mobiel pop-up kantoor. Het reisde het afgelopen jaar doorheen België en Luxemburg. Je kan het nog bezoeken in Mechelen en Oostende. Schrijf je in voor een inspiratiebezoek op www.hp.be/ officeofthefuture. Een expert van HP zal je alles vertellen over het kantoor van de toekomst en de technologische oplossingen in een Windows 10 Pro omgeving die creativiteit en productiviteit stimuleren.