Skip to main content

Fokus Industrie

Page 1

D I T D O SS I E R W O R D T G E P U B L I C E E R D D O O R S M A R T M E D I A E N VA LT N I E T O N D E R D E V E R A N T W O O R D E L I J K H E I D VA N D E R E D AC T I E VA N D E STA N D A A R D

AUG ‘20

INDUSTRIE Dirk Torfs De maakindustrie is creatief en flexibel

Predictive maintenance Op het juiste moment, tegen een lagere kost

Fabriek van de toekomst Human-centered productie als cruciale voorwaarde

MARC PEETERS ”Niet alles kan zomaar op onze planeet. Wat CO2-uitstoot bijvoorbeeld betreft, komen de limieten toch echt wel in zicht.” Lees meer op Fokus-online.be. #fokusindustrie

— Terra AC wallbox The home of charging SEE MORE


02

EDITORIAL DIRK TORFS

FOKUS-ONLINE.BE

04

08

10

18

LEES MEER... 04 IT en onderhoud: Predictive maintenance 08 Investeren in innovatie is investeren in mensen 10

Profielinterview: Marc Peeters, BAM

14 Expertpanel: Is Industrie 4.0 voor iedereen? 18

Herman Derache: De fabriek van de toekomst is human-centered

COLOFON.

De maakindustrie toont flexibiliteit en creativiteit Hoewel de maakindustrie flinke klappen krijgt door de coronacrisis, blijft het belang ervan onveranderd en vormt ze de sleutel tot succes van een economie. En dus onze welvaart. Een heropstart van de bedrijven is nodig om deze welvaart te vrijwaren.

PRODUCTIELEIDER: Christian Nikuna Pemba HOOFDREDACTIE: Ellen Van Hoegaerden TEKST: Frederic Petitjean Rosalie Van Hoof COVERBEELD:

E

nerzijds is de impact van deze crisis ongezien. Waar de financiële crisis van 2008 beperkt bleef tot wantrouwen in de banken- en verzekeringssector, is die nu wijdverspreid over de ganse economie. De ongeziene maatregelen om dit virus in te dijken, tasten het hele sociaal-economische weefsel aan en we worden geconfronteerd met een structurele, economische gedragscrisis. Hierdoor liggen onze aanvoeren productieketens grotendeels stil. Alle dominostenen liggen op de grond en we zullen, zoals een coronapatiënt opnieuw leert ademen en stappen, stapsgewijs onze economie moeten heropbouwen. Door het wegvallen van vraag en aanbod zijn bedrijven bovendien uiterst afhankelijk van elkaar om weer operationeel te zijn. De stenen zullen dus sequentieel op het speelveld geplaatst moeten worden om de hele keten terug op te starten. Dit geeft stof tot nadenken over hoe onze producten tot stand komen. Een duurzame, circulaire economie, gebaseerd op een Europees verankerde productie en een maximaal lokale toeleveringsketen, zal hoger op de agenda staan. Dit kadert bovendien in de doelstellingen van de Europese Green Deal om tegen 2050 klimaatneutraal te zijn. Anderzijds heeft de (maak)industrie wel veerkracht en wendbaarheid getoond. Bij gebrek aan een markt hebben sommigen hun productielijnen omgegooid om waarde te creëren op een uiterst creatieve manier, bijvoorbeeld Bioracer (mondmaskers), de Tiense Suikerraffinaderij (handgels),

Materialise (‘anti-corona’ deurklinken)… Creativiteit wapent een organisatie tegen verandering.

Creativiteit wapent een organisatie tegen verandering.

Het inzetten op wendbaarheid betekent op korte termijn een investering, maar bedrijven zullen hier later de vruchten van plukken. Creativiteit en een wendbare, flexibele organisatiestructuur laten toe om innovatieve producten te ontwikkelen of nieuwe markten te ontdekken. De digitale transformatie 4.0 moet hierbij helpen. Bij de implementatie van technologieën zoals 5G, artificiële intelligentie en Digital Twins moet opschalen en de creatie van waarde en impact dan ook een centrale rol krijgen. Tenslotte, net zoals de samenleving deze periode met ‘Samen Sterk’ positief benadert, zou ook de industrie best een nauwere en bredere samenwerking nastreven. Niet alleen Europees, maar ook sectoroverkoepelend. Collaboratieve innovatie-ecosystemen, met zowel interne als externe stakeholders zoals kennispartners of bedrijven, laten toe om snel innovaties in marktpotentieel om te zetten. De economie zal stapsgewijs weer op gang komen, met veel samenwerking en onderling vertrouwen. Het wordt geen eenvoudige opdracht, maar indien we hierin slagen, zal het de leden van een ecosysteem dichter bij elkaar brengen en zullen ze aan kracht en snelheid winnen in de toekomst. TEKST DIRK TORFS, ALGEMEEN DIRECTEUR FLANDERS MAKE

Sandra Mermans VORMGEVING: Baïdy Ly DRUKKERIJ: Corelio

SMART MEDIA AGENCY SMART STUDIO Leysstraat 27, 2000 Antwerpen Tel +32 3 289 19 40 redactie@smartmediaagency.be studio@smartmediaagency.be

Veel leesplezier Tara Troch Project Manager


VARIAPACK BRAND REPORT

#FOKUSINDUSTRIE

03

Outsourcing als verdediging tegen de crisis De coronacrisis heeft nog maar eens onderstreept wat slimme ondernemingen al langer wisten: wie zich in de huidige markt niet flexibel opstelt, geen nieuwe opportuniteiten vindt of krampachtig aan oude zakenmodellen vastklampt, is een vogel voor de kat.

D

e klant het zo gemakkelijk mogelijk maken: dat lijkt veelal het uitgangspunt te zijn wanneer je een product of dienst aanbiedt. Om dat gemak te faciliteren, heb je een businessmodel nodig dat werkt voor zowel je onderneming als je klant. Variapack uit Wilsele doet het op basis van outsourcing: “Wij zijn al een hele tijd geleden overgestapt op het outsourcingmodel als primair businessmodel”, zegt Sales Manager Wim Mentens. Variapack is een leverancier van een zeer breed gamma aan verpakkingsmateriaal: van wikkelfolie of kartonnen dozen, tot plastic bekertjes, roerstaafjes en lepeltjes. “Het idee is om het de klant zo gemakkelijk mogelijk te maken door een soort onestopshop te zijn. Dat brede gamma aanbieden helpt daarbij, want daardoor komen alle vereiste producten op één factuur, wat minder administratieve rompslomp meebrengt en dus tijd en geld bespaart.” Maar het blijft niet bij het opmaken van een enkele factuur. Door het inzetten van EDI-technologie (Electronic Data Interchange) kunnen de computers van Variapack communiceren met de computers van hun klanten. “Geconnecteerde computers brengen veel voordelen mee, en niet alleen dat van het gemak van online aankopen naar de klant toe brengen”, legt Mentens uit. “Voor bedrijven met verschillende vestigingen wordt het simpel om het volledige aankoopproces centraal te factureren en

centraal te controleren. Wij kunnen, indien gewenst, zelfs de stocks bij onze klanten mee in de gaten helpen houden en automatisch een nieuwe order uitsturen zodra dat nodig

winstmodel zit vooral in de zaken die minder courant gekocht worden, maar vanwege het gemak toch bij ons worden besteld. Denk aan pakweg wc-rollen of handdoeken.”

Het heeft geen zin dat een klant honderden stuks koopt van een product dat hij weinig gebruikt. De besparingen die je daarmee kunt doen, wegen zodanig op de cashflow dat die snel weer wegsmelt. is.” Zo kun je op het ERP-systeem van de klant inhaken: dat gaat snel, gemakkelijk en foutloos, omdat er weinig menselijke handelingen bij te pas komen. Toegegeven, zo’n aanpak vergt wel een redelijke investering in een adequate ITinfrastructuur. Variapack kan hier rekenen op de financiële slagkracht van de Bunzlgroep, de Britse multinational die enkele jaren geleden het bedrijf overnam en een wereldwijde omzet van zowat elf miljard euro draait. “Door die samenwerking hebben wij de kracht en de grootte om aan scherpe prijzen bij onze leveranciers te kunnen inkopen”, zegt Mentens. Sleutelproducten die klanten heel vaak nodig hebben, kun je dan verkopen aan marktconforme marges, die de concurrenten immers ook hebben. “Ons

“Het heeft ook geen zin dat een klant honderden stuks koopt van een product dat hij weinig gebruikt”, zegt Mentens’ collega Norman Sterkens, de Sales Support & IT Manager van Variapack. “De besparingen die ze daarmee eventueel kunnen doen, weegt zodanig op hun cashflow dat die snel weer wegsmelt. Wij werken bijvoorbeeld ook op afroep. Een paar keer per week kunnen we bij klanten langskomen om die hele productenflow weer aan te vullen waar nodig. Zonder dat ze zich daar zelf moeten mee bezighouden.” Typische klanten van Variapack zijn de supermarkten, voedingsproducenten, nonfood producenten en groothandels. “Als je tienduizend dozen koopt, ben je misschien een paar centiem per doos goedkoper af, maar dan zit je daar met een gigantische voorraad”, aldus Mentens.

Meer over... De geschiedenis van Variapack gaat terug tot Gaston Vanderlinden, een kruidenier uit Overijse die vorige eeuw begon met het verkopen van druivenverpakkingen. De onderneming groeide snel uit tot een groothandel in verpakkingsmaterialen en toebehoren voor de voedingssector en kleinhandel. In 2007 kwam het bedrijf in handen van de Britse beursgenoteerde groep Bunzl die in dertig landen aanwezig is. Meer info: variapack.shop

“Die moet gestockeerd worden, daar zit veel geld in vast en dan schiet bijvoorbeeld je verzekeringspremie omhoog omdat het brandrisico stijgt.” Met EDI komen er dus heel wat voordelen bij te pas, maar ook de ‘klassieke’ webshop heeft nog steeds zijn plek binnen verscheidene businessmodellen. Ook bij Variapack, die recent eentje opstartte. Sterkens: “We wisten dat klanten daarop zaten te wachten. De tijd van bestellingen met e-mail of, godbetert, een fax is voorbij. Dat is veel te omslachtig en kost veel tijd en is dus te duur geworden. Een webshop is ook stukken gebruiksvriendelijker: klanten kunnen hun repetitieve orders bewaren, zodat basisproducten snel opnieuw besteld kunnen worden. Dat hier vraag naar was, blijkt ook uit de omzetten van onze webshop. In april hebben we dezelfde omzet gehaald als in de eerste drie maanden van het jaar. Ook kan de klant onmiddellijk duurzame producten herkennen of kiezen voor de milieuvriendelijke alternatieven.” “De meeste bedrijven beginnen stilaan in te zien dat ze hun centen beter in hun corebusiness kunnen stoppen”, pikt Mentens in. “Concentreer je daarop en laat de verpakkingen maar over aan de specialisten. Waarom zouden we dit model trouwens ook niet op meer producten kunnen toepassen? Of andere services zoals een gepersonaliseerde webshop?” Flexibel zijn en opportuniteiten zien, dus, en zéker in tijden van crisis.


04

IT & ONDERHOUD PREDICTIVE MAINTENANCE

FOKUS-ONLINE.BE

‘Hey, geef me eens onderhoud, en snel!’ De onderhoudssector staat voor een stevige omwenteling. Dankzij predictive maintenance zullen machines immers vaker zelf aangeven wanneer en hoe ze onderhoud nodig hebben. Met dank aan krachtige algoritmes, artificiële intelligentie en slimme sensoren.

H

et idee om machines zelf te laten aangeven wanneer ze onderhoud nodig hebben, gaat al enige tijd mee, zegt Wim Vancauwenberghe, directeur van de Belgian Maintenance Association (BEMAS). “Aanvankelijk gebeurde het door machines regelmatig te monitoren op bijvoorbeeld temperatuurverschillen of trillingen. Daarna kwam het idee om dat permanent te doen. Zo kun je dan bijvoorbeeld turbines in stroomcentrales 24 uur per dag in de gaten houden. Deze aanpak werd eerst vooral bij hele dure en kritische infrastructuur gehanteerd, met een afweging tussen investering en opbrengst.”

Pas nu beschikken we over de machines en de rekenkracht om predictive maintenance efficiënt te laten verlopen. — DRIES DIERENDONCK, REALDOLMEN

Sinds een jaar of vijf wordt die aanpak naar een nieuw niveau getild. Machines krijgen sensoren mee die constant data genereren over hun toestand. Met computers en algoritmes kan voorspeld worden wanneer er iets fout dreigt te gaan. “Heel die revolutie is in gang gezet door de toegenomen rekenkracht van computers, de vooruitgang in artificiële intelligentie en de opkomst van de cloud”, zegt datascientist Dries Dierendonck van IT-bedrijf Realdolmen. “Pas nu beschikken we over de machines en de rekenkracht om dit proces efficiënt te laten verlopen. Vroeger moest alle data manueel verzameld en verplaatst worden. Dankzij het Internet of Things en sensoren is de schaalbaarheid van het concept exponentieel toegenomen. We kunnen tegenwoordig miljoenen meetdata per seconde versluizen naar computers om in real time te laten analyseren.” Het ultieme doel van predictive maintenance is om te komen tot machines die optimaal renderen en op het exact juiste moment onderhouden worden. “Uit studies blijkt dat de ‘uptime’ van machines door predictive maintenance tot 9 procent hoger kan liggen”, zegt Karin Peeters, Senior Presales Consultant Maintenance Software bij Realdolmen.

ontevreden omdat je machines onverwacht stilliggen en je dus niet kunt leveren. Bovendien blijkt het ook gevaarlijker: het risico op een ongeval ligt ongeveer twaalf keer zo hoog door tijdsdruk en improvisatie.” Wat predictive maintenance betreft, hoeft België zich trouwens nergens voor te schamen, zegt Vancauwenberghe. Ons land hinkt zeker niet achterop in de ontwikkelingen. “Zowat een kwart van de grote Belgische bedrijven houden de ontwikkelingen van Industrie 4.0, waar predictive maintenance een onderdeel van is, goed in de gaten. Dat is een pak meer dan Nederland (6 procent) en zelfs meer dan Duitsland (20 procent). België heeft een onderhoudscultuur. Dat hebben we onder meer te danken aan de aanwezigheid van grote chemiebedrijven, bijvoorbeeld in Antwerpen.” Als predictive maintenance zulke voordelen heeft, rijst natuurlijk een voor de hand liggende vraag: bestaat over tien jaar ‘gewoon onderhoud’ nog? Peeters is er gerust op. “Ik denk het wel”, zegt ze. “Niet alle machines zullen via predictive maintenance onderhouden worden, wel de kritische machines die een potentiële ‘bottleneck’ voor het bedrijf vormen. Voor andere machines zal het traditionele onderhoud de hoofdmoot blijven.”

“Dat lijkt niet zo veel, maar een machine die 99 procent van de tijd draait, in plaats van 90 procent, maakt een wereld van verschil voor bedrijven.” Niet alleen worden machines dankzij predictive maintenance op het juiste moment

onderhouden, dat gebeurt ook tegen lagere kosten. Bijvoorbeeld omdat personeel en onderdelen tijdig worden voorzien. “Een onverwacht onderhoud van een machine is gemakkelijk drie tot vijf keer duurder dan een gepland onderhoud”, zegt Vancauwenberghe. “Het is niet alleen duurder, je klanten zijn ook

“Al zal de grens naar het soort machines wel voortdurend zakken door de steeds lagere prijs van predictief onderhoud”, zegt Vancauwenberghe nog. “Maar er zullen altijd onverwachte zaken blijven opspelen, die zelfs met predictive maintenance niet voorspeld kunnen worden. De mens en verkeerde manipulaties bijvoorbeeld. Menselijke invloed is zeer onvoorspelbaar.” TEKST FREDERIC PETITJEAN


REMOTIVE BRAND REPORT

#FOKUSINDUSTRIE

05

Technologie en data implementeren in curatief onderhoud: alleen maar voordelen Data en technologie inzetten bij machineonderhoud: dan denken we in de eerste plaats aan preventief en vooral predictief onderhoud. Maar ook bij curatieve operaties spelen die ontwikkelingen een steeds belangrijkere rol.

“B

ij predictief onderhoud wordt al langer dan vandaag gebruikgemaakt van gesofisticeerde technologie”, aldus Jan De Winter, managing director van Remotive, een bedrijf gespecialiseerd in het herstel en de vervanging van roterende machines. “Wij bekijken de mogelijkheden om dergelijke technologie nu in te zetten voor slimmer curatief onderhoud, zodat we op termijn een big data-verhaal kunnen aanleveren. Op die manier kunnen we doeltreffend en gestaafd meedenken aan kwalitatieve oplossingen. Bijvoorbeeld een rapportage-applicatie, die bijhoudt welke onderdelen van de machine sinds wanneer in gebruik zijn. Als die data dan ook nog eens wordt uitgewisseld met andere bedrijven die gelijkaardige machines hebben staan, kan daar veel uit geleerd worden. Bijvoorbeeld naar preventie en voorspelling toe.” De Winter maakt een vergelijking met auto’s: als wereldwijd 1.000 wagens van

hetzelfde type in 1.000 verschillende garages worden binnengebracht met dezelfde problemen, zullen garages dat van elkaar niet weten. Behalve als ze geconnecteerd zijn. Uit die gecentraliseerde data kom je veel te weten over het schadebeeld van dat onderdeel in kwestie, zodat preventief en predictief onderhoud weer mogelijk wordt: wat zegt dit schadebeeld en hoe kun je het in

werken. Dus die bewustwording moet nog een boost krijgen.” Maar de managing director gelooft niet dat preventief en predictief onderhoud curatieve handelingen ooit overbodig zullen maken, wel integendeel. “Falende machines zullen er altijd zijn, zelfs al zou je alles kunnen voorspellen. En sommige defecten zie je

Curatief onderhoud komt in de eerste plaats neer op gezond verstand. de toekomst vermijden? Leren uit de fouten van een ander en van het verleden, met andere woorden. “Het grootste struikelblok is echter dat wij in een heel traditionele sector actief zijn. Iemand die met een tablet in de fabriek rondloopt, wordt beschouwd als iemand die aan het spelen is, niet aan het

nu eenmaal niet aankomen. Bovendien worden – vaak om kosten te besparen – niet alle machines permanent gemonitord. Let wel, ik geloof in de meerwaarde van predictief onderhoud en metingen, maar ze zijn niet zaligmakend. In sommige sectoren, bijvoorbeeld die van tankparken, is predictief

onderhoud ook uit den boze. Er komen veel te veel verschillende producten binnen, en daar kun je nu eenmaal geen trends in ontwaren. Dan komt het vooral neer op gezond verstand. Laat bijvoorbeeld een pomp – die na drie jaar zou moeten nagekeken worden – niet vijf jaar draaien, gewoon omdat ze nog werkt. Of omdat het niet in het tijdschema past om ze te laten onderhouden. Of omdat de productie er even door moet stilliggen, wat geld kost. Want als de pomp dan stuk gaat, zal het veel meer kosten.”

Jan De Winter

Managing Director Remotive

Meer over... Remotive, met vestiging in Evergem, is gespecialiseerd in het herstellen en/of vervangen van roterende machines, en dat in verschillende domeinen. Snelheid is hierbij de grootste troef: productietijd kost namelijk geld, dus processen stilleggen moet tot een minimum worden beperkt. Omdat het bedrijf sectoronafhankelijk werkt, kunnen heel uiteenlopende machineparken worden onderhouden. Dankzij de ligging in de haven van Gent, is Remotive niet alleen vlot bereikbaar voor Gentse, maar ook Antwerpse bedrijven. Ook daar zal weldra dan ook een vestiging openen, om nog dichter bij de klanten te staan.

Het zijn uitdagende tijden voor de technische diensten. Tal van installaties zijn vrij oud. Sommigen hebben nood aan levensduurverlenging of moeten de komende jaren vervangen worden. Maar ook digitalisering en automatisering zorgen voor nieuwe uitdagingen. Al deze installaties dienen het juiste onderhoud te krijgen. Onderhoud hoeft hierbij geen kostenpost te zijn. Een goed ingerichte technische dienst kan precies het verschil maken en waarde creëren. Mainnovation is een toonaangevend adviesbureau dat bedrijven helpt om dit te realiseren. Hierbij werken we aan de inhoud met aandacht voor de mens: Focus+Change. Meer weten? Ga naar www.mainnovation.com

FI Focus + Change AD.indd 1

8/01/20 14:00


06

BRAND REPORT HAPBIT

FOKUS-ONLINE.BE

Slimme IT-infrastructuur vraagt ook slim onderhoud Er is al behoorlijk wat inkt gevloeid over het onderwerp Industrie 4.0. Voor veel bedrijven dreigt het soms een sisyfusarbeid te worden: na jaren van werk, veel investeringen en evenveel gefrustreerde medewerkers staan sommigen niet veel verder in de geplande modernisering. Hoe komt dat? “Bij Industrie 4.0 is er geen sleutel-op-de-deuroplossing”, vertelt Stephan Van den Eynde, CEO bij Hapbit.

D

igitale transformatie sijpelt binnen in iedere sector en raakt zowat ieder bedrijf. Het vereist een nieuwe strategie en voor de industrie een nieuwe manier van produceren. “Wat betreft het digitaliseren van PLC of het productieproces; in dat verhaal volgen de meeste maakbedrijven. Toch gaat Industrie 4.0 over meer dan dat. Het gaat over tracking, big data, analyses, cloud, en vooral begrijpen wat er in die processen gebeurt.” Van den Eynde is CEO bij Hapbit, een in Merksem gevestigde IT-service provider die bedrijven adviseert en ondersteunt in hun digitale transformatie. Ondernemingen die zich snel weten aan te passen, maken nu eenmaal meer kans om het digitale tijdperk krachtig te doorstaan. Toch merken ze bij Hapbit dat vooral die bedrijven die al begonnen zijn met digitaliseren, bij hen komen aankloppen. “Bedrijven zouden sneller de vraag moeten durven stellen wat

ze nodig hebben om de transformatie te kunnen maken. Op die manier kunnen we ze bijstaan in het traject naar technologiekeuze en de mogelijkheden ervan. Dat vergroot de

termijn is dat niet altijd de beste beslissing.” Als toekomstgerichte onderneming is het aangeraden eerst een uitgebreide analyse te laten uitvoeren en vervolgens technologie

Er wordt vaak geopteerd voor een snelle implementatie van de IT-service. Op lange termijn is dat niet altijd de beste beslissing. capaciteit voor een optimale service. Want digitalisering blijft een complex gegeven.” Een waarin IT en IT-infrastructuur een bepalende rol zal vervullen. Van een reactieve afdeling die vooral bezig is met de veiligheid van het systeem, groeit het uit tot een niet te missen onderdeel van de bedrijfsstrategie. “Er wordt vaak geopteerd voor een snelle implementatie van de IT-service. Op lange

op maat te implementeren of ontwikkelen. “In sommige gevallen kan een slimme digitale transformatie een verdubbeling van de efficiëntie tot gevolg hebben,” vertelt Van den Eynde. Implementatie is één ding. Om ervoor te zorgen dat de rots voorbij de bergtop geraakt, is onderhoud van het systeem minstens even essentieel. “Een vernieuwde IT-omgeving levert op zijn beurt weer nieuwe uitdagingen

op. Zelf investeerden we onlangs in een hyper converged private cloud. Met deze geïntegreerde infrastructuur kunnen we onze klanten nog beter ondersteunen. Big data die binnenstroomt wordt er opgeslagen. Daarnaast kunnen ook verschillende sites van bedrijven er vlot geconnecteerd worden. Het is efficiënter en sneller te beheren.” Bedrijven moeten aandacht hebben voor het onderhoud van hun IT-infrastructuur, benadrukt Van den Eynde. “We lossen ontzettend veel acute problemen op. Die vallen meestal binnen de normale IT-support, zoals het vervangen van een paswoord dat vervallen is.” Ook voor deze kleine problemen doen bedrijven best een beroep te doen op de IT-service provider. “Door continu in contact te staan met onze klanten, doen er zich minder problemen met een grote impact op de productieomgeving voor. En indien dat toch gebeurt, lossen we het binnen de twee uur op.”

Meer over... Vijftien jaar geleden begon Hapbit met de support van particuliere computers. De onderneming groeide organisch uit tot de IT-service provider die het vandaag is. Hapbit ondersteunt inmiddels grote kmo’s in hun digitale transformatie. Ze combineren flexibele oplossingen met beproefde werkmethodes en ervaring. In samenspraak met de klant stippelen ze een gepersonaliseerd traject uit. Hun abonnement vSquare biedt bovendien een service die 24/7 bemand is door professionals, tegen een vast maandbedrag.

BRAND REPORT SMANS

Opgeleid in plaats van gezocht: Technisch personeel Technisch geschoold personeel vinden is een titanenstrijd geworden voor heel wat bedrijven in de Benelux. De vraag is immers nog altijd veel groter dan het aanbod. Een optie is zelf je mensen opleiden. “Een investering die zich razendsnel terugverdient.”

E

en handleiding of opleiding voor het gebruiken van een (nieuwe) machine, dat hoort veelal bij de basics wanneer je met technisch personeel werkt. Maar als je een stap verder kijkt, dan draait het vooral rond het verbreden van kennis. “Van een medewerker zonder ervaring zullen we geen expert maken, maar wel iemand die weet wat er zich achter het proces afspeelt en waarom bepaalde zaken gebeuren”, zegt Jan Van Lieshout, CEO bij Smans. Dit technologiebedrijf richtte vorig jaar zelf een ‘Academy’ op, een opleidingsinstituut waar bedrijven hun onervaren mensen de basics worden aangeleerd en waar meer ervaren personeelsleden specialisten worden. “Als het om draad en elektronica-assemblage gaat: wat is een perfecte draadkrimp en hoe controleer je dit? Wat is solderen en hoe gebeurt dit? Dat zijn bijvoorbeeld topics die we behandelen.” Smans is een totaalpartner voor de machines en verbruiksproducten van elektronicabedrijven (SMT/THT) en specialisten in kabelas-

semblage. Het is een nichemarkt die om vrij specifieke kennis vraagt. Kennis die op de arbeidsmarkt lastig te vinden is. “Het is de bedoeling om van operatoren meer te maken dan ‘knoppendrukkers’”, aldus Van Lieshout.

werkvloer gebeurt. En het zijn net dat soort incidenten die bedrijven veel geld kosten. Meer ervaren mensen geven we dan weer een expert-niveau mee, en inzicht in alle details van het proces.”

Een operator die eventuele problemen of handelingen juist en op voorhand kan detecteren… de ROI daarvan valt niet te onderschatten. “Iedereen kan op ‘start’ en ‘stop’ drukken of componenten aanvullen als ze op zijn. Maar wat zit er achter dat printplaatje? Dat moet je hen bijbrengen. Uit allerlei onderzoek blijkt dat storingen en productiestilstanden minder voorkomen als mensen weten wat er op de

Voor zulke lessen is natuurlijk de nodige aandacht vereist. Een klas met tientallen mensen zal daarom misschien eerder niet aangewezen zijn. In de Academy brengen ze hun lessen bijvoorbeeld voor maximaal vier tot acht personen. “De bedoeling in feite is niet

Meer over... Smans NV werd in de jaren zeventig van vorige eeuw opgericht door Norbert Smans en specialiseerde zich in de distributie en support van machines voor de elektronica- en kabelindustrie. Na een management buy-out kwam het bedrijf in handen van drie directieleden, waaronder huidig CEO Jan Van Lieshout. Bij Smans werken momenteel zo’n 20 mensen.

om specifiek met onze machines te werken, wel om de processen erachter duidelijk te maken.” Algemene lessen brengen je personeel dan al een heel pak verder, maar ook op maat gemaakte of in-house trainingen helpen om je productiviteit te verhogen. “Natuurlijk is een opleiding een investering, maar wel één die razendsnel is terugverdiend”, aldus Van Lieshout. “Een operator die eventuele problemen of handelingen juist en op voorhand kan detecteren… de ROI daarvan valt niet te onderschatten.”

Jan Van Lieshout CEO Smans NV


WAYLAY BRAND REPORT

#FOKUSINDUSTRIE

07

Data puren uit IoT: eerst stappen, dan lopen Het industriële Internet of Things is een hot topic tegenwoordig. Toch rijden veel bedrijven zich nog vast als ze aan zo’n IIoT-project beginnen. Vooral waarde puren uit beschikbare data, en er een solide businesscase rond bouwen, wordt nogal eens vergeten, zegt Piet Vandaele, CEO van het Gentse technologiebedrijf Waylay.

W

aylay ontwikkelt automatisatie- en analyticsplatformen voor IoT-projecten en rolt die vooral bij grotere bedrijven uit. Vanop de eerste rij ziet Vandaele hoe IoT toch te vaak als een op zichzelf staand eilandje wordt gezien. “Bedrijven beginnen vol goede moed machines te connecteren, data op te slaan en dashboards te installeren en gieten er vaak ook nog een sausje BI (business intelligence) over. En dan stopt het, en zijn ze ontgoocheld. Want de echte business value zit hem immers niet in medewerkers die naar dashboards zitten te turen (lacht).” Echte waarde kun je pas ontsluiten als je je data verrijkt, contextualiseert en analyseert, zegt Vandaele. Daarna kan teruggekoppeld worden naar je bestaande processen en

businesslijn om de juiste beslissingen te nemen. “Die integratie met ERP-systemen, field support en CRM… dat is wat telt, en daar zit dikwijls de grootste uitdaging bij klanten. Vaak ontbreekt in IIOT-oplossingen een intelligente dataverwerking en integratie met bedrijfsprocessen.” Vooral rond het gebruik van AI bestaan er hooggespannen verwachtingen. Het probleem daar is dat bedrijven vaak eerst willen lopen voor ze kunnen stappen. Vandaele: “Er worden hopen algoritmes ontwikkeld waar nadien niks mee gedaan wordt. Kijk, er is in een bedrijf heel vaak data beschikbaar die domeinexperten kunnen gebruiken voor geautomatiseerde analyse, zonder veel code te schrijven. Dat is laaghangend fruit waar je meteen je voordeel mee kunt doen. In tweede

instantie kun je er mathematisch modellen op loslaten en een stap verder gaan, bijvoorbeeld om anomalieën in machines te detecteren. In een derde fase, als kers op de taart, kun je Machine Learning koppelen aan je automatisatie. Dat is nog altijd tijdsintensief, maar vaak willen ondernemingen net daarmee beginnen.” Om af te sluiten: hoe zit het met de beveiliging van je data, als je in zo’n IoTproject stapt? Allicht willen bedrijven niet dat hun intiemste bedrijfsdata op straat belandt. “Nee, uiteraard niet”, zegt Vandaele. “IoT heeft een slechte naam, maar dat komt vooral door consumentenmateriaal. Op industrieel niveau is een en ander toch een stuk robuuster, hoor. Een dilemma waar ondernemingen wel vaak voor staan, is

of ze data in de cloud willen zetten. Dat is natuurlijk een afweging die je moet maken. Als je analytics doet, heeft de cloud enorme voordelen qua rekenkracht. Vergeet echter ook niet dat een groot stuk van je processen ook perfect lokaal uitgevoerd kan worden. Alles naar de cloud brengen hoeft dus niet. Ook omdat, als het over zulke hoeveelheden gaat, je je blauw zou betalen.”

Piet Vandaele CEO Waylay

Meer over... Waylay is een B2B-softwarebedrijf, opgericht in 2014, dat bedrijven in staat stelt een betere ROI te realiseren met industriële IoT-investeringen. Zo kunnen bedrijven verder gaan dan een ‘connect-and-collect’-aanpak en IoT-inzichten operationeel gebruiken in de hele onderneming. Waylay biedt een intelligent IoT-automatiseringsplatform om data van sensoren te verwerken en analytische inzichten om te zetten in verbeterde operationele processen en een efficiëntere klantenservice. Waylay’s technologie wordt ingezet door meer dan 50 bedrijven wereldwijd.

SOLUCALC BRAND REPORT

Meer CO2 voor ons water Waterontharders zoals je die kent? Dat is ondertussen water onder de brug. In de meeste gevallen van waterontharding wordt zout gebruikt, maar nu kan het ook door middel van CO2. En dat is zeker even efficiënt, veel milieuvriendelijker én goedkoper. Een groeiend succes bij zowel particulieren als bedrijven.

I

n een tijd waarin het zogenaamde ‘blauwe goud’ een zeldzaam iets aan het worden is – en dus noodzakelijk is om het zo goed mogelijk te behandelen – kun je SoluCalc al bijna als must aanschouwen, dankzij zijn mechanisme dat CO2 in water injecteert. “De SoluCalc CO2-oplossing verschilt in heel wat verschillende opzichten van een traditionele zoutwaterontharder”, aldus Antoine Wibrin, General Manager van SoluCalc. “In de eerste plaats vereist de CO2-verzachter geen onderhoud noch het gebruik van zoutzakken. Het is dus milieuvriendelijker en zuiniger. Dan is er ook de regeneratiefase, essentieel in ‘zoutapparaten’, die ervoor zorgt dat water wordt afgewezen dat de gebruiker veel geld kost en dat moet worden gezuiverd. De CO2-waterontharder is met andere woorden een veel goedkopere en meer ecologische optie dan eender welke antikalksteenoplossing dan ook.” De enige beperking voor de gebruiker: de CO2-fles zou je gemiddeld één keer per jaar moeten vervangen – dat geldt

Een CO2-waterontharder is een veel goedkopere en meer ecologische optie dan eender welke antikalksteenoplossing dan ook. — ANTOINE WIBRIN, GENERAL MANAGER SOLUCALC voor een gezin van vier personen, waarvan het gemiddelde verbruik wordt geschat op 100 kubieke meter per jaar. Ook wel het vermelden waard: het apparaat neemt zeer weinig ruimte in beslag. Bovendien is de smaak van het

water – waarin dus voedselveilige CO2 wordt toegevoegd, die je ook terugvindt in watermerken die thuis worden gecarboniseerd – veel beter dan die van water dat met zout wordt vermengd. Allemaal zeer overtuigende argumenten, en dat valt ook te zien aan de omzet van het bedrijf; die is op twee jaar tijd namelijk vervijfvoudigd. Een doorbraak die zowel particulieren als de professionele sector treft: “Onze klantenportefeuille bestaat uit gemiddeld 20 procent bedrijven. Onder hen bijvoorbeeld Aqualibi, die al zijn zoutverzachters heeft vervangen door ons model. Ik zeg altijd dat dit wel een goed teken moet zijn, aangezien zij wel wat van water kennen”, grapt Wibrin. Maar dan terug even serieus: wil je écht verstandig omgaan met water, dan kies je toch best voor de meest ecologische manier, én de meest goedkope, toch?

Meer over... De SoluCalc wordt sinds 2008 in België geproduceerd. Het bedrijf werd twee jaar geleden overgenomen en heeft momenteel 20 mensen in dienst voor activiteiten in heel Europa. Als je je wilt uitrusten met een SoluCalc CO2-verzachter, kun je gemakkelijk een aanvraag indienen bij SoluCalc, die jou de contactgegevens van een erkende installateur in de buurt zal verstrekken. Die zal alle mogelijke vragen kunnen beantwoorden en de nodige informatie verschaffen.


08

HR LOGISTIEK

FOKUS-ONLINE.BE

Investeren in innovatie is investeren in mensen Hybride-intelligentie HI is de combinatie van menselijke en artificiële intelligentie. Zes Nederlandse universiteiten werken momenteel aan nieuwe theorieën en methoden rond de samenwerking tussen intelligente systemen en mensen. Deze HI-systemen bekijken hoe kunstmatige intelligentie de menselijke kennis kan versterken in plaats van ze te vervangen. Of met andere woorden: ze streven naar een harmonieuze samenwerking tussen mens en machine, als fijne collega’s.

De coronamonitor De coronacrisis raakt de logistieke sector. Uit de vierde coronamonitor van TLN blijkt dat ruim 70 procent van de ondernemers binnen de sector verlies maakt sinds de uitbraak. Het gemiddelde omzetverlies bedraagt 28,4 procent. Daarbij zijn er grote verschillen merkbaar tussen deelmarkten en bedrijven. Wel merkt TLN op dat bedrijven geen ontslaggolf vrezen na de crisis. Ook verwacht één op drie gebruik te moeten maken van nood- en hulpmaatregelen.

Tijdens de coronacrisis zou je het bijna vergeten, ondertussen is het alweer dagelijkse kost: ons land kreunt onder de files. Mobiliteit blijft de achilleshiel van de Belgische industrie. De digitalisering van de logistiek komt dit ten goede, maar wat betekent dat voor de medewerker?

D

e Nationale Veiligheidsraad erkent de logistieke sector als cruciaal om de productieketen draaiende te houden. Logistiek als de motor van de industrie, want supply chain strekt zich uit over alle sectoren heen. Een studie van de Nationale Bank van België van 2017 geeft aan dat de sector indirect goed is voor 7,6 procent van de Belgische werkgelegenheid. De variëteit aan activiteiten en diensten is groot. Zo is het verwerken van metaalproducten niet vergelijkbaar met de levering van afhaalmaaltijden. Mobiliteit blijft echter een kink in de kabel. Hier moet de grootschalige automatisering en digitalisering soelaas bieden. “Technologie maakt onze supply chain duurzamer, sneller en goedkoper”, zegt Ann Vereecke, professor in Operations & Supply Chain Management aan Vlerick Business School en UGent. “Bedrijven zien het landschap veranderen met slimme stockagesystemen, geautomatiseerde warehouses, forecasting tools, maar ook met meer onderlinge samenwerking dankzij datauitwisseling, gedeelde infrastructuur en investeringen in deze nieuwe technologieën.” Automatisering is een verhaal waarin iedereen de vruchten plukt,

inclusief de werknemer. “Repetitief werk zal verdwijnen. Data-input bijvoorbeeld, een routinematige job, zal gerobotiseerd worden.” Puur uitvoerend werk wordt overgenomen door geavanceerde technologie. Dit type jobs krijgt een nieuwe invulling en dat verhoogt de vraag naar technische profielen. Er is nood aan mensen met een sterk analytisch inzicht, merken ze bij hr-bedrijf Hays. In het rapport ‘Baan van de Toekomst’ brengt Hays de gevolgen van de digitalisering voor het personeelsbeleid in de

Experts Zaventem. “We zien een verschuiving in de markt. De toename van beschikbare data zorgt voor een gestegen vraag naar supply chain-analisten, efficiënte professionals die de massale hoeveelheid data kunnen analyseren en omzetten in bruikbare informatie voor directies en het management.” Ook andere jobs, zoals die van logistiek ingenieur, zijn duidelijk veelgevraagd.

en in de e-commerce blijven mensen altijd onvervangbaar. “Technologie werkt ondersteunend en neemt repetitieve taken over, maar schakelt de mens niet uit.” Vacatures voor een knelpuntberoep zoals vrachtwagenchauffeur raken niet ingevuld omdat het een onaantrekkelijke job is. “Dat heeft niets te maken met een gebrek aan vaardigheden of de toenemende automatisering”, benadrukt Geysels.

Maar vallen laaggeschoolde profielen dan uit de boot? “Nee”, luidt het

Investeren in innovatie, betekent investeren in werknemers. “In tijden van automatisering moet de werkgever ondersteuning bieden bij het levenslang leren”, weten ze bij Hays. Dat kan via de traditionele kanalen van bijscholing, zoals workshops en tutorials. “Methoden zoals reverse-mentoring of het klassieke peter-meterschap hebben hun nut al bewezen. Op die manier trekken junior werknemers de seniorprofielen mee in het verhaal van digitalisering.” Aan opleidingen is er in Vlaanderen geen gebrek, al benadrukt Serré dat het hier gaat om tweerichtingsverkeer: “Openstaan voor zelfontwikkeling en trainingen is essentieel bij werknemers. Werkgevers moeten hen dan weer het gevoel geven dat ze hierin ondersteund worden.”

De wil om zich te laten bijscholen wordt voor logistieke werknemers in de toekomst van groot belang. — DRIES SERRÉ, HAYS Nederlandse logistieke sector in kaart. De logistieke medewerker van de toekomst is een efficiënte professional die analytisch kan nadenken. “De wil om zich te laten bijscholen wordt voor logistieke werknemers in de toekomst van groot belang”, zegt Dries Serré, Business Unit Manager

Mexico Natie biedt sinds 1871 geïntegreerde logistieke oplossingen via de haven van Antwerpen. De onafhankelijke logistieke specialist kent een uitgebreide expertise inzake opslag, behandeling en transport van gevaarlijke en ongevaarlijke goederen, van schip tot levering aan de klant. Opslag Mexico Natie heeft talrijke Sevesogoedgekeurde opslagfaciliteiten, volledig ingericht voor opslag van kerngrondstoff en en specialisaties. Alle magazijnen hebben eveneens een douanevergunning voor de opslag van non-EU-goederen, met een erkend accijnsentrepot en een vergunninghoudende accijnsinstelling. Daarboven beschikt Mexico Natie ook over een speciaal magazijn voor staal, met speciale apparatuur voor de behandeling van lange en platte staalproducten.

klaar en duidelijk bij VIL, het Vlaamse innovatieplatform voor de logistieke sector. Met innovatieve onderzoeksprojecten houden zij de vinger aan de pols. “Doemdenken dat robots alles zullen overnemen, klopt niet”, zegt algemeen directeur Liesbeth Geysels. Zelfrijdende trucks zijn nog niet voor morgen

Als opslagbedrijf is Mexico Natie ook in het bezit van de nodige vergunningen en goedkeuringen van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) voor de opslag van verpakte levensmiddelen en voedingsproducten bij de juiste omgevingstemperatuur. Via Mexico Natie kan men Foodproducten naar China verzenden. Value-added services Mexico Natie biedt verschillende value-added services aan op gebied van chemie. Via een afvulinstallatie worden isotanks overgepompt in vaten, IBC’s en blikken. Een distributieplatform voor de afname van chemische producten wordt opgevolgd via een geïntegreerd GHSsysteem. Mexico Natie biedt eveneens het verpakken en debulken van vaste producten; droge productverpakkingen (granulaten/ poeders) en conditionering van chemische producten, waaronder het fi lteren, mengen, verdunnen en zeven, metaaldetectie en verwarming aan.

TEKST ROSALIE VAN HOOF

Laden en lossen Mexico Natie biedt een grote verscheidenheid aan stuwadoorsdiensten. De terminal op kaai 740 is uitgerust met drie mobiele havenkranen en kunnen zo optimaal coils, platen, profi elijzer in grote hoeveelheden behandelen en, in combinatie met elkaar, colli tot 150 ton behandelen. De terminal faciliteert eveneens groen multimodaal transport met dagelijkse binnenvaartverbindingen naar alle belangrijke deepsea-terminals en spoorverbindingen. Trimodaal transport Mexico Natie beschikt over een gediversifi eerd en goed onderhouden wagenpark voor haar distributieactiviteiten. Zo verzorgt Mexico Natie het havenvervoer en het internationale vervoer van goederen en containers van en naar haar magazijnen. De vloot is uitgerust voor ADRtransport. Dankzij de ideale ligging van haar magazijnen en terminal zijn er trimodale transportoplossingen per spoor en per binnenschip aan te bieden.


Slimme laadoplossingen duwen e-mobiliteit in versnelling Laadinfrastructuur en reikwijdte waren tot voor kort een achilleshiel voor elektrisch rijden. Nu de ontwikkeling van het netwerk en het batterijbereik op volle snelheid zitten, richten providers de aandacht maximaal op slimme digitale toepassingen. Rond 2025 zullen elektrische auto’s wereldwijd bijna overal goedkoper zijn dan alternatieven op traditionele brandstof. In 2040 rijdt meer dan de helft van de verkochte personenauto’s op elektriciteit. “De optimalisatie van de technologie en het batterijbereik zal een enorme boost geven aan de verdere ontwikkeling van het EV-verhaal (Electric Vehicle, red.)”, vervolledigt ABB product marketingdirecteur Jelle De Tandt de voorspelling. “De uitrol van het laadpuntnetwerk zal daarbij cruciaal worden.” Technologiebedrijf ABB was op vlak van EV-charging tot voor kort voornamelijk gespecialiseerd in de zwaardere vermogens. Nu gaat de fabrikant ook uitdrukkelijk de richting uit van de residentiële en particuliere markt. “Welke oplossing we aanbieden, hangt volledig af van context en gebruik. Het laadpuntnetwerk, dat we met verschillende partners zoals FASTNET en IONIT, hebben opgezet langs de autosnelweg – bij wegrestaurants of tankstations – bestaat voornamelijk uit krachtige DC-laders op gelijkstroom. Bestuurders kunnen er hun wagen al op 15 tot 30 minuten bijna volledig opladen. De AC-lader wallbox op wisselstroom is dan weer vooral aangepast aan een thuis- of kantooromgeving, waarbij de auto kan opladen terwijl de gebruiker slaapt of werkt, waar de wagen wacht op de gebrui-

ker. Maar ook DC-lader wallboxen kunnen een flexibele oplossing zijn om thuis te opladen. “We zien dat mensen veel vragen hebben over welke oplossing het best bij hen past”, merkt David Vanwelden op, productspecialist EV-charging bij ABB. “De belangrijkste overwegingen: welk vermogen moet ik hebben in mijn gebouw of woning om zo’n laadpunt te kunnen plaatsen? Of: welke impact heeft een elektrische wallbox op mijn verbruik? Intelligent omspringen met energie is een grote bezorgdheid bij gebruikers.” “We gaan meer en meer naar slimme digitale toepassingen om het energieverbruik te meten en te beheren”, pikt De Tandt in. “Met een dynamisch loadmanagementsysteem kunnen gebruikers bepaalde energiepieken opvangen en hun verbruik balanceren. Via hun iPad of smartphone kunnen ze dat verbruik ook tot op de minuut opvolgen.” Grotere spelers en bedrijven kunnen via een cloudoplossing hun data bekijken en beheren. “Wat zeker voordelen heeft naar troubleshooting toe, is dat ze vanop afstand wijzigingen kunnen aanbrengen”, legt Vanwelden uit. “De diagnose gebeurt vooraf, waardoor de reële interventie beperkt blijft.” Plaatsers kunnen een laadinstallatie online in detail configureren, via de barcode en app die beschikbaar zijn via de verschillende kanalen zoals de Apple store of Google Play. “De impuls die de sector op dit moment drijft, is om aan de hand van slimme digitale toepassingen de EV-overstap zo makkelijk mogelijk te maken.”

Het grotere kader is de digitale wereld waarin we ons vandaag bevinden, duiden beide experts. “Smart building betekent dat we naar een integraal concept gaan, waar bijvoorbeeld ook zonnepanelen ingezet kunnen worden om de batterij van een voertuig op te laden. Alles wat de communicatie en monitoring rond een product betreft, hoort dan weer thuis in geïntegreerde onlineplatformen. Die match tussen technologische ontwikkeling en digitaal gebruiksgemak is volgens ons de toekomst.”

VERPAKKINGEN SPELEN EEN ESSENTIËLE ROL IN DE LEVERING VAN VITALE GOEDEREN Als verpakkingsleverancier behoren wij tot de vitale organisaties, die zorg dragen voor de voedselbeschikbaarheid in Europa. Bij Smart Packaging Solutions zetten we alle zeilen bij om de markt te voorzien van voldoende voedselveilige en optimaal beschermende verpakkingen van massief karton. Uiteraard conform alle voorzorgsmaatregelen, die nodig zijn om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Optimale bescherming voeding Van virussen in het algemeen en het coronavirus in het bijzonder is bekend dat ze slechts korte tijd overleven buiten het lichaam van mens of dier. Verpakkingen dragen dan ook niet bij aan de verspreiding van het virus. Ze spelen echter een cruciale rol in de bevoorrading van verse voeding en andere vitale producten. Wij zien het als onze sociale taak ervoor te zorgen dat deze producten de meest optimale bescherming krijgen, als ze hun weg vinden naar de consument. Met onze massief kartonnen verpakkingen garanderen wij deze gewenste bescherming. Hiermee minimaliseren we verspilling en maximaliseren we de

houdbaarheid van verse voeding. Vanzelfsprekend voldoen onze verpakkingen aan alle reglementen omtrent voedselveiligheid en hygiëne. Zo zijn al onze productielocaties BRC–IoP gecertificeerd. Noodzakelijke voorzorgsmaatregelen Net als onze verpakkingen hebben wij als organisatie een beschermende functie in de strijd tegen corona. Vanzelfsprekend zijn in al onze productielocaties de noodzakelijke voorzorgsmaatregelen getroffen om de gezondheid van onze medewerkers en relaties te borgen en de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Binnen onze organisatie is een COVID-19 coördinator aangesteld om deze maatregelen te monitoren en zo nodig aan te scherpen. Heeft u behoefte aan meer informatie over deze maatregelen? Of wilt u sparren over onze verpakkingsoplossingen voor optimale bescherming van kwetsbare producten van natuurlijke oorsprong? Neem gerust contact met ons op.


010

INTERVIEW MARC PEETERS

FOKUS-ONLINE.BE

‘De digitalisering zal de bouwsector op zijn kop zetten’ Ziekenhuizen, treinstations, schoolcampussen en spoorwegbruggen… Als het op bouwen aankomt, is het bouwbedrijf BAM voor geen kleintje vervaard. Hoe ziet het bedrijf de industriële toekomst van ons land? En wat zijn de grote uitdagingen voor de sector? Directeur Marc Peeters legt uit.

TEKST FREDERIC PETITJEAN

BEELD SANDRA MERMANS


MARC PEETERS INTERVIEW

#FOKUSINDUSTRIE

B

AM Belgium is een dochter van de Nederlandse, beursgenoteerde Koninklijke BAM Groep, een bouwbedrijf dat over de hele wereld enorme infrastructuurwerken voor zijn rekening neemt. In België hebben ze ongeveer 1.700 mensen op de loonlijst staan. Hun grote baas is Marc Peeters.

Circulair bouwen, waarbij we restproducten van oude gebouwen hergebruiken in nieuwe projecten, zal almaar belangrijker worden.

De Belg heeft een baksteen in de maag. Geldt dat ook voor de grote werken, zoals jullie die aanpakken? “Ja, België is een interessante markt voor een bouwonderneming als de onze. Het is een vrij constante markt, omdat er meestal een gezonde balans is tussen private en publieke investeringen. Meestal houden die twee mekaar goed in evenwicht, en dat heb je wel nodig. Je hebt een jaar of vijf veel private activiteit en als dat begint af te nemen, trekken de publieke investeringen weer voor een paar jaar aan. Dat zijn goede omstandigheden om een bedrijf uit te bouwen en niet elke markt heeft die troef. Als er bijvoorbeeld een crisis is in de Angelsaksische landen, hakt die er ineens stevig in. In België worden de gevolgen meer uitgespreid over de tijd, wat ze gemakkelijker verteerbaar maakt.” Het is vandaag ook veel meer dan alleen maar bouwen. “Klopt, wij proberen almaar vaker adjacent business te vinden. Je hebt natuurlijk het bouwproces, maar daarvoor is er ook al een designproces geweest. Er loopt tegelijk een financieringsproces en als het gebouw af is, dan komt er een onderhoudsproces. We proberen die hele waardenstroom aan onze klanten aan te bieden. Tegenwoordig schuiven

De bouw heeft nog heel hoge faalkosten, die inherent zijn aan het bouwproces. we zelfs al op naar het operationele. In de gevangenis van Beveren die wij gebouwd hebben, doen we bijvoorbeeld aan catering en schoonmaak. Dat heeft al niet veel meer met het pure bouwen op zich te maken.” We hebben in Europa onze industriële sector de laatste decennia almaar meer naar lageloonlanden geduwd. Voor een bouwbedrijf is dat natuurlijk anders: jullie kunnen moeilijk een gebouw in China maken en het naar hier verschepen. “Dat zou lastig zijn, ja (lacht). In dat opzicht zijn wij nog wel een echte maakindustrie. Nu goed, dat wil niet zeggen dat er helemaal geen vernieuwingen voor onze deur staan. In wezen is de productiviteit van de bouw eigenlijk al decennia dezelfde. We bouwen, min of meer, nog altijd op dezelfde manier als onze ouders. We hebben betere machines, maar het bouw-proces is identiek. En daar is nog enorm veel ruimte voor efficiëntiewinst. Ik denk dat de digitalisering daar een enorm verschil kan maken en de sector op zijn kop zal zetten.”

011

Hoe zie je dat concreet? “Digitaal voorbouwen is bijvoorbeeld zo’n tendens. Het hele gebouw wordt eerst digitaal in de computer opgetrokken, nog voor we één steen leggen. Een beetje zoals je in de garage een auto samenstelt. We moeten zo ook de faalkosten naar beneden halen. De bouw heeft nog heel hoge faalkosten, die inherent zijn aan het bouwproces. Een architect maakt een plan, die gooit dat over de haag bij een studiebureau, en dat gaat dan naar het bouwbedrijf dat moet opleveren. Een veel te flou proces waarin de kans op fouten groot is. Meer nog, ik denk zelfs dat we meer fouten maken dan vroeger, toen ieder zijn rol nog beter gedefinieerd was. De raakvlakken tussen ontwerper, studiebureau en uitvoerder zijn in de loop der tijd vervaagd en zo ontstaan er hiaten. Waardoor ook fouten opduiken. De digitale mogelijkheden gaan dat proces dooreenschudden. Een bouwheer zal in de toekomst één ‘opdrachtnemer’ aanstellen die het proces van A tot Z zal coördineren. Hij zal ook dat digitale model beheren.” Dan is het de vraag: wie wordt ‘opdrachtnemer’? “Precies. Wordt dat de architect, het studiebureau of de aannemer? Aangezien die partij ook het risico op zich moet nemen, zal het waarschijnlijk de meest kapitaalkrachtige zijn. Of, en dat is een vierde mogelijkheid, het wordt een compleet nieuwe speler. Een digitale partij, à la Google of Amazon, die de werken daarna uitbesteedt. Dat is geen utopie, in de VS bestaat dat al.” Zijn er over tien jaar nog bouwvakkers? Of wordt alles door robots gebouwd? “Ik denk dat de mens zijn plek zal behouden. De robotisering zal toenemen, maar vooral voor routinematige klussen, bijvoorbeeld het metsen van een gevel. Als we een kaaimuur of een tunnel bouwen, zijn er gewoonweg nog menselijke brains nodig. 3D-printing zal ook meer en meer gebruikt worden. Een kleinere brug zal bijvoorbeeld niet

meer gebouwd, maar geprint worden. Het zal toenemen, maar zoals ik al zei: de bouwsector is meestal niet de voortrekker in dat soort vernieuwing.” We komen net uit een coronapandemie. Welke impact heeft die gehad? “Het is duidelijk dat de crisis ons veel geld heeft gekost, omdat er heel veel projecten zijn stilgevallen. Maar toch zie ik niet alles negatief. Het heeft ons ook de kans gegeven om eens even op de pauzeknop te drukken en na te denken over ons beroep. De ommezwaai naar telewerk is bijvoorbeeld een deugd gebleken. Het IT-platform daarvoor is grondig uitgetest en staat nu op punt. In de toekomst gaan we dit blijven gebruiken om onnodige verplaatsingen te vermijden. Ten tweede heeft de crisis ervoor gezorgd dat we ons ook een beetje… kwetsbaarder durfden opstellen. Het heeft ook de work-lifebalance wat meer naar het privéleven laten overhellen en dat is niet slecht. We hebben jarenlang gezocht hoe we die balans konden optimaliseren, ik denk dat de crisis ons daarbij de weg heeft getoond. De derde les is duurzaamheid, denk ik. Daar waren we ons al meer op aan het richten, maar corona heeft dat nog scherper gesteld. Het is duidelijk dat niet alles zomaar kan op onze planeet. Wat CO2-uitstoot bijvoorbeeld betreft, komen de limieten toch echt wel in zicht. Zaken als circulair bouwen, waarbij we restproducten van oude gebouwen hergebruiken in nieuwe projecten, zullen almaar belangrijker worden.”

SMART FACT. Wat zou je geworden zijn als je nu geen directeur was van een bouwbedrijf? “Ik zou misschien meer een ‘mens’-beroep gedaan hebben. Mensen begeleiden in hun carrière, iets in de hr misschien. Atypisch voor een ingenieur, ik weet het (lacht). Maar geen spijt, hoor.”

Vlaanderen trekt 2,2 miljard uit voor infrastructuurwerken De Vlaamse regering steekt dit jaar 2,2 miljard euro in mobiliteit en openbare werken. Het gaat om 924 projecten, waaronder werken aan de ring rond Brussel en Antwerpen, de Oosterweelwerken, de ontsluiting van de Ford-site in Genk, de aanleg van spitsstroken op de E314 en de verhoging van bruggen over het Albertkanaal. Er gaat ook veel geld naar de bouw en renovatie van sluizen, waaronder de nieuwe Sluis Terneuzen en de Nieuwe Royerssluis.

Coronacrisis hakt in op de bouw Na de horeca, de evenementensector en de handel was de bouw de sector die het hardst door de coronacrisis is getroffen. Dat blijkt uit een studie van de Economic Risk Management Group van de Nationale Bank waarover Bouwkroniek bericht. De verkoop van nieuwbouw is met de helft gedaald en vanaf september zullen veel bouwbedrijven tegen een leeg orderboek aankijken. De bouw vraagt een btw-verlaging voor de sector voor nieuwbouw, van 21 naar 6 procent.


012

INFOGRAPHIC SUSTAINABLE DEVELOPMENT GOALS

DUURZAAMHEIDSDOELSTELLINGEN

De 17 SDG’s op een rijtje

D

e implementatie van de SDG’s in je bedrijfsstrategie dient zijn doel indien ze op zijn minst afkomstig zijn uit elk van de vijf groepen, namelijk people, planet, profit (prosperity), peace en partnership. Dat houdt in dat er een gezonde, werkbare verstrengeling moet bestaan van deze duurzaamheidsdoelen om te kunnen spreken van een impactvol maatschappelijk verantwoord ondernemen. Maar wat houden deze P’s afzonderlijk juist in? People De people-tak focust zich op sociale verbetering, en dat geldt niet alleen voor de werknemer. Ook met consumenten, leveranciers en de gehele samenleving dient rekening te worden gehouden. Dan gaat het dus om gezondheid en veiligheid – zeker in tijden van COVID-19 – maar ook loon, werkbaar werk, levenslang leren… zouden aan bod moeten komen. Planet Klimaatverandering is al lang geen lachertje meer, en dat weten ook tal van organisaties en bedrijven. Inzake ‘planet’ gaat de aandacht naar de impact van je bedrijfsvoering op het milieu. Wat zijn met andere woorden de effecten van het productieproces en materiaalgebruik met gevolgen voor ons water, bodem, lucht en biodiversiteit? Grote thema’s die veel aandacht vragen zijn natuurlijk CO2-vermindering, duurzame afvalverwerking, maar ook bijvoorbeeld (deel)mobiliteit.

Profit/Prosperity Voldoende omzet draaien vormt vanzelfsprekend mede de basis van een gezonde onderneming of organisatie. Maar behalve inkomsten, draait het bij ‘profit’ ook om het blijvend innoveren en de kwaliteit van je product of dienst. Ook reputatie is een belangrijk aspect – steeds meer actoren vragen om duurzame producten, en aan die vraag moet beantwoord kunnen worden. Duurzaam ondernemen zorgt ten slotte ook voor een kostenverlaging. Denk maar aan energieverbruik, logistiek en transport, het aantrekken en behouden van personeel… Peace en Partnerships Het zijn vooral people, planet en profit die als dé drie P’s naar voren worden geschoven. Maar ook peace en partnerships komen steeds vaker aan bod. Heel wat sectoren zien het belang van een goede samenwerking in. Maar partnerschap gaat verder dan dat: samenwerken dient globaal te gebeuren, tussen ontwikkelde landen, ontwikkelingslanden en groeilanden. Over peace valt in dat opzicht dan ook veel te zeggen. Een duurzame agenda met gelijke kansen voor iedereen is moeilijk haalbaar als oorlog en conflict overal ter wereld blijft bestaan. Bovendien slagen de SDG’s en een positieve impact ervan op onze planeet enkel als iedereen zich inzet en zijn of haar levensstijl op alle vlakken voldoende aanpast.

FOKUS-ONLINE.BE


‘Alpha Recycle Mat’

de eerste gerecycleerde verf in België AkzoNobel brengt onder het professionele verfmerk Sikkens de eerste gerecycleerde verf op de Belgische markt. De verfproducent zet met de witte ‘Alpha Recycle Mat’verf een belangrijke nieuwe stap richting een duurzamere sector.

Jaarlijks gebruiken mensen in Europa miljoenen liters verf van allerlei merken. En hoe goed ze ook uitrekenen hoeveel verf ze nodig hebben, ze zitten vrijwel altijd met restjes. Om die verspilling tegen te gaan ontwikkelde AkzoNobel ‘Alpha Recycle Mat’ een witte, matte emulsie die voor meer dan één derde bestaat uit witte verfresten uit recyclageparken. Dit duurzame alternatief, dat in België onder het Sikkens-merk op de markt gebracht werd, is een absolute primeur voor ons land en een belangrijke stap richting een lagere ecologische voetafdruk van schilderwerk. De markt is hier klaar voor omdat overheden steeds meer belang hechten aan het ecologische aspect bij aanbestedingen en omdat ook projectontwikkelaars, architecten en bouwheren hier steeds meer aandacht aan besteden. Volgende halte: productie in België AkzoNobel is voortdurend op zoek naar nieuwe manieren om duurzame innovatie te stimuleren, de hoeveelheid afval te verminderen en een kringloopeconomie voor verf te creëren. Tegelijk blijft voor Sikkens kwaliteit een absolute topprioriteit. Het productieproces van de nieuwe gerecycleerde verf gaat daarom gepaard met de strengste kwaliteitscontroles, zodat elke pot voldoet aan de eisen waarvoor Sikkens bekend staat.

De productie van verf gebeurt vandaag nog in het Verenigd Koninkrijk. Zodra de witte verfresten zijn teruggewonnen, worden ze gesorteerd, gefilterd en verfijnd. Vervolgens produceert Sikkens er zijn Alpha Recycle Mat mee, dat nu al voor 35% uit gerecycleerde verf bestaat. Akzo Nobel streeft er via doorgedreven recyclage naar om dat aandeel van gerecycleerde verf nog te vergroten én om de gerecycleerde verf op termijn ook in België te produceren. Het is de ambitie om op korte termijn ook in België witte verfresten te kunnen recycleren en herproduceren. Ecologische doelstellingen De lancering van Alpha Recycle Mat sluit aan bij de bredere ecologische doelstellingen en het innovatieve karakter van AkzoNobel. De internationale groep staat al jaren aan de top van de Dow Jones Sustainability Index voor chemiebedrijven en wil tegen 2050 klimaatneutraal zijn – in de chemische sector een zeer ambitieuze doelstelling. Ook voor het merk Sikkens gaan duurzaamheid en kwaliteit al jaren hand in hand, wat onder andere blijkt uit de ontwikkeling en productie van solventarme en watergedragen verf en het hergebruiken van spoelwater. Samen met een aantal recyclageparken in België stimuleert AkzoNobel via het Repaintproject ook al het hergebruiken van gekleurde verfresten door kringloopwinkels en goede doelen.

Meer info? Vraag gerust meer uitleg aan ons Project Account Team. Guy Ardijns (West- en Oost Vlaanderen) guy.ardijns@akzonobel.com – 0475/43.88.06 Vincent Slabbaert (Antwerpen, Limburg, Vlaams-Brabant) vincent.slabbaert@akzonobel.com – 0475/45.51.60 Eric Schmidt (Wallonië) Eric.schmidt@akzonobel.com – 0490/57.15.19 AkzoNobel Paints Belgium nv/sa Sikkens Bouwverven – Peintures Bâtiment Postbus 80 – B-1800 Vilvoorde Tel.: +32 (0)2 254 22 11 E-mail: sikkens.be@akzonobel.com – www.sikkens.be

FOR THE BEST

2003919 AN_Sikkens-Advertorial Alpha Recycle Mat.indd 1

SLIMME METER

15/07/20 10:19

SLIMME METER

LOKALE PRODUCTIE WINDTURBINES

SLIMME METER

LOKALE PRODUCTIE ZONNEPANELEN

SLIMME METER

LOKALE PRODUCTIE ZONNEPANELEN

LOKAAL NETWERK MET FICTIEVE METER

Logigrid: naar een duurzaam Logistiek Park Waasland Duurzaamheid zit ingebakken in het DNA van Maatschappij Linkerscheldeoever (MLSO). Niet alleen zijn er de participaties in Ecluse – het prijswinnend stoomnetwerk in de haven van Antwerpen dat in 2019 gelanceerd werd – en Wind aan de Stroom. Ook voor het recent volledig ingevulde Logistiek Park Waasland te Verrebroek trekt MLSO de duurzame kaart. De gemeenschappelijke wadi voor de afvoer en infiltratie van hemelwater en het duurzaam groenbeheer zijn hiervan twee concrete voorbeelden. Op het vlak van duurzame energie zag MLSO eveneens een voortrekkersrol weggelegd voor het Logistiek Park Waasland. In VIL en Flux50, twee speerpuntclusters van de Vlaamse Overheid, werden de ideale partners gevonden. VLAIO steunt het project financieel. Het project ‘Logigrid’, waarbij ‘logi’ staat voor ‘logistiek’ en ‘grid’ voor ‘elektriciteitsnetwerk’, past perfect in deze strategie. Logigrid onderzoekt welke meerwaarde samenwerking tussen logistieke bedrijven kan hebben op het vlak van energie. Hoe kan energie die opgewekt wordt door zonnepanelen of windturbines bij logistieke bedrijven opgeslagen en gedeeld worden met andere bedrijven voor hun elektriciteitsvoorzieningen of de aandrijving van machines en transportmiddelen door middel van batterijen of waterstof? Doordat het energieverbruik op het niveau van het bedrijventerrein beheerd en beheerst wordt, en niet op het niveau van individuele bedrijven zoals vandaag het geval is, zijn er ook heel wat maatschappelijke voordelen verbonden aan Logigrid: • • • •

De aard van de verschillende bedrijven op een bedrijventerrein zorgt ervoor dat het piekverbruik verdeeld wordt. Daardoor kan de productie van zonne- of windenergie beter benut worden en ligt de belasting van het elektriciteitsnet dus lager. Dat zorgt er dan weer voor dat er minder investeringen in verzwaring van het elektriciteitsnet nodig zijn. En dat is belangrijk wanneer er steeds meer heftrucks en vrachtwagens elektrisch gaan rijden: bijkomende netverzwaring moet in de toekomst beperkt worden.

Logigrid is niet alleen een leertraject voor de logistieke sector, maar ook voor de netbeheerder, de VREG en het beleid. Het is immers belangrijk dat de overheid een dergelijke samenwerking tussen bedrijven mogelijk maakt.

met de steun van

Dat alle bedrijven in het Logistiek Park Waasland deelnemen aan dit pilootproject is mooi meegenomen. Het toont aan dat terreinbeheerders wel degelijk een rol kunnen spelen in de verduurzaming van bedrijventerreinen. Al werkte de aanwezigheid van een bedrijventerreinmanagement dit zeker mee in de hand. Geïnteresseerde bedrijven kunnen trouwens nog steeds aansluiten bij Logigrid via VIL.


014

EXPERTPANEL INDUSTRIE 4.0

FOKUS-ONLINE.BE

Is Industrie 4.0 voor iedereen? Industrie 4.0 moet de fabrieken van morgen strategisch en economisch sterker maken. Toch slagen maar weinig bedrijven effectief in de transitie. Is Industrie 4.0 dan wel zo realistisch en noodzakelijk?

FABIENNE VERBEEK. Gedelegeerd bestuurder GNA

JAN ROBRECHTS. Laboratoriumdirecteur Lavetan

ALEXANDER WYCKSTANDT. Solina Group Communications & Marketing Manager

Is Industrie 4.0 een haalbare kaart voor ieder bedrijf? “Wij zijn gespecialiseerd in bedrijfsautomatisatie, zowel hardware- als softwarematig. Uiteraard proberen we tegemoet te komen aan de noden van Industrie 4.0, maar de kost van de transitie is niet altijd even verdedigbaar voor ons. Ik geloof dat de mate waarin een bedrijf de evolutie kan maken, afhankelijk is van het type product of dienst die er wordt geproduceerd of geleverd. Ieder bedrijf moet zo voor zichzelf de afweging maken en kijken of Industrie 4.0 een haalbare en noodzakelijke kaart is. Er zijn trouwens veel bedrijven die reeds vergevorderde automatiseringen hebben doorgevoerd, maar niettemin op de rem gaan staan. Ze willen niet volledig afhankelijk worden van op IT-gebaseerde systemen.”

“Ja, daar zijn we van overtuigd. Er zijn geen sectoren waar de vierde industriële revolutie a priori niet haalbaar is. Dat wil niet zeggen dat ieder bedrijf de stap zal kunnen zetten. Een goede visie vanuit de top is essentieel. In de sector van de voedingslaboratoria zien we dat Industrie 4.0 slechts mondjesmaat intreedt. Dit heeft wellicht te maken met de grote diversiteit aan stalen die verwerkt moeten worden, maar ook met de dominante wetenschappelijke visie. Het is aan het management om die visie op een duurzame manier te verweven met de principes van LEAN, digitalisatie en automatisatie.”

“Ik denk dat ieder bedrijf dat een duurzame en rendabele toekomst voor ogen heeft, dit haalbaar moet maken. Zeker in deze crisisperiode stellen we vast dat digital-driven bedrijven sterker voor de dag komen. De commerciële aanpak van ons bedrijf wordt van oorsprong gekenmerkt door een zeer fysieke relatie met ons cliënteel. Deze aanpak heeft ons doorheen de jaren geholpen om te groeien. Om de behaalde vooruitgang duurzaam te maken, schakelt Solina de komende jaren een versnelling hoger en staat digitale transformatie hoog aangeschreven in ons strategisch plan. Big data zal ons verrijken en helpen klanten nog gerichter te bedienen.”

Waarom slagen veel bedrijven niet in de effectieve overgang? “Het kostenplaatje van een grootschalige automatisatie is vaak een struikelblok. De return on investment (ROI) is in de meeste gevallen te lang. Ik denk dan vooral aan kmo’s en kleine ondernemingen. Beslissingen over grote investeringen op langere termijn maken is moeilijk. Zeker in economisch onzekere tijden, zoals vandaag met de coronacrisis, is die verbintenis geen evidentie. Bovendien lijkt het me voor bedrijven die frequent van productieproces veranderen, in de praktijk moeilijk realiseerbaar.”

“Het is belangrijk om te beseffen dat Industrie 4.0 een middel is, en geen doel. Bij Lavetan zijn we gestart vanuit een gedetailleerde procesflow en zijn we gaan kijken op welke plaatsen we de grootste hefbomen kunnen creëren. We zien telkens in de flow welke stappen we moeten aanpakken om efficiënt te blijven werken. Het gaat niet op om automatisering door te voeren als je geen constante aanvoer kunt opzetten. Een implementatie op lange termijn vraagt, naast een geïnspireerde strategie, dus ook veel zweet en doorzettingsvermogen. Het bedrijf moet daarbij voldoende procesmatig kunnen denken, omdat iedere afdeling zijn manier van werken moet aanpassen.”

“Om te beginnen vereist de overgang naar Industrie 4.0 doorgaans een flinke investering. Daarnaast betekent de digitale transformatie op veel vlakken een aardverschuiving. Het gaat over een shift in en aanpassing van de mindset, organisatie en structuur die vertrouwd en vanzelfsprekend zijn, maar op de middellange of lange termijn geen duurzame toekomst kunnen garanderen. Er heerst vaak schrik voor deze grote veranderingen. Daardoor schuiven velen de investeringen en omschakeling nog op de lange baan.”

Verliezen we door de focus op innovatie de menselijke factor niet uit het oog? “Repetitief werk zal verdwijnen, maar de menselijke factor blijft voorlopig essentieel en onvervangbaar in productieprocessen. Het menselijk denkvermogen onderscheidt zich in zijn flexibiliteit en aanpassingsvermogen. Zo gebruiken we bij GNA een tool om de Overall Equipment Effectiveness te monitoren. Aan de hand daarvan sturen we de productie bij. Momenteel is handmatig en menselijk ingrijpen nog steeds vereist. Pas wanneer de artificiële intelligentie danig zelflerend en geavanceerd wordt, zal de menselijke tussenkomst in het proces overbodig worden. In dit geval moeten naast de fysische, ook de chemische processen perfect gesimuleerd kunnen worden. Dat is jammer genoeg nog niet voor morgen.”

“Integendeel. Door de automatisering zijn repetitieve taken verminderd. Hierdoor hebben werknemers meer vrije tijd om zich te focussen op taken met een toegevoegde waarde. Bovendien hebben we dankzij de digitalisering meer inzicht verworven in onze processen. We geven onze werknemers directe feedback op dashboards die in het labo worden getoond. De medewerkers werken zelfsturend en dat zorgt voor veel voldoening. Uiteraard enkel op voorwaarde dat bedrijven, naast investeren in innoveren, ook blijven investeren in hun werknemers. Met bijkomende opleidingen moeten ze inzicht in hun veranderende job krijgen. De medewerkers blijven hoe dan ook het hart en ziel van het bedrijf.”

“Innovatieve software, tools en programma’s kunnen ongetwijfeld het leven van iedereen heel wat eenvoudiger maken. Natuurlijk leven en consumeren we met onze zintuigen. Het is dat menselijke aspect, het meest essentiële der dingen, dat nooit overgenomen zal worden door software. Op dat vlak is er tot op vandaag nog steeds een grens. Wel ben ik ervan overtuigd dat het digitale en het menselijke een perfecte synergie kunnen vormen. Een samenwerking die complementair en harmonieus is.”

TEKST ROSALIE VAN HOOF


MELOTTE BRAND REPORT

#FOKUSINDUSTRIE

015

Het groeipotentieel van 3D-printing voor de maakindustrie Industrie 4.0 is een trein die ongestoord verder dendert. Steeds meer bedrijven investeren om de rit te maken. De digitalisering van de industrie is veelomvattend: Internet of Things, slimme fabrieken, big data en connected productieprocessen. In kader van dat laatste draagt additieve manufacturing, 3D-printen, een enorm potentieel in zich. Peter Perremans, CEO van Melotte, legt uit.

I

ndustrie 4.0 gaat over het optimaliseren van het productieproces op basis van de mogelijkheden die digitalisering biedt. Daarin schuilt een groot potentieel voor additieve manufacturing. “Er zijn drie belangrijke voordelen die 3D-printen met zich meebrengt”, legt Perremans verder uit. “Om te beginnen heb je een veel grotere vormvrijheid, met een volledige focus op het realiseren van de functionaliteit. Daarnaast laat de techniek toe om verschillende onderdelen in één te integreren. Waar we vroeger acht componenten nodig hadden voor de realisatie van een bepaalde functie, integreren we dat vandaag in één onderdeel, met een nauwkeuriger ontwerp tot gevolg. Dat bespaart tijd en je reduceert het aantal mogelijke fouten dat er gemaakt kan worden.” Het derde grote voordeel van 3D-printen gaat over de gewichtsbesparing. Een hydrau-

lisch blok wordt via klassieke productietechnieken typisch uit een massief blok gemaakt waarin verschillende gaten worden aangebracht. Met 3D-printing wordt dat blok herleid tot buisjes die via een verstevigende structuur aan elkaar worden verbonden. Zo krijg je een veel lichter hydraulisch blok, en dat is voor de transportsector een immense meerwaarde. “We maken ook flowreactoren: dunne buisjes die een erg complexe baan volgen. Vroeger werden die één voor één aan elkaar gelast, met risico’s op lekken ten gevolge. Vandaag kan dat eenvoudig opgebouwd worden met een 3D-printer.” Het is een veelbelovende productietechniek, maar zal 3D-printing de maakindustrie grondig hervormen? “Additieve manufacturing is een volwaardige productietechniek met een enorm potentieel”, bevestigt Perremans. Al zijn er ook obstakels. Metaalprin-

ters zijn nog steeds duur, een 3D-printer voor kunststof is daarentegen veel goedkoper. “Daarbij komt dat we vaak met gevaarlijke stoffen werken. We moeten de nodige maatregelen nemen naar onze werknemers toe, maar missen daar toch veiligheids- en gezondheidsrichtlijnen.” Ook het gebrek aan een standaard certificatieproces bemoeilijkt het proces. Melotte geeft zelf sinds kort opleidingen aan geïnteresseerde klanten. “Bedrijven zien de businessopportuniteiten van 3D-metaalprinting, maar denken nog te vaak in termen van klassieke productieprocessen. Je kunt niet alles printen zoals het geproduceerd wordt door klassieke technieken, zoals draaien, frezen of vonken. Het vereist een ander soort ontwerp en een andere manier van denken. Bovendien duurt het proces langer. Voor eenvoudig blok met enkele gaten, ben je sneller klaar met de klassieke fabricagetechnieken dan

met een printer die daar gemakkelijk vier dagen over doet.” De 3D-printtechnologie biedt een grote meerwaarde mits het dus wordt ingezet voor de juiste producten en toepassingen. Bovendien is de techniek complementair met de klassieke productietechnieken. “We laten zien wat wel en niet kan. Een onderdeel kan bijvoorbeeld best worden gefreesd, terwijl het andere kwalitatief beter is wanneer het wordt geprint.” “Vooral de automobielindustrie en luchtvaartsector zien toekomstmuziek in 3D-printtechnologie”, sluit Perremans af. De vormvrijheid en gewichtsbesparing zijn daarbij doorslaggevend, die het mogelijk maken dat de techniek op een steeds grotere schaal wordt toegepast. “Zo dalen de prijzen en kan 3D-metaalprinting zijn potentieel in de maakindustrie waarmaken.”

Meer over... Melotte is van bij de opstart in 1965 een gereedschapsmakerij. De onderneming is gevestigd in Zonhoven en produceert gereedschappen en tools voor derden. Doorgaans zijn dit nauwkeurige onderdelen in kleine series, meestal met complexe vormen uit moeilijk bewerkbare materialen. Als toolleverancier is het bedrijf een pionier in het 3D-printen van metalen onderdelen. Samen met de klant denken ze een goed werkend proces uit.

Factory of the Future: PROVAN provan.be Hoe kan je als toeleveringsbedrijf een competitief voordeel creëren voor je eindklanten? De snel evoluerende markt vraagt een steeds grotere variatie in steeds kleinere productiebatches. Snelheid en flexibiliteit worden daarom een cruciaal competitief voordeel. ‘Quick Response Manufacturing’ en ‘Early Supplier Involvement’ spelen daar handig op in. Meer uitleg door Peter Tans, CEO van Provan Maximale efficiëntie en flexibiliteit Tans: “Provan was in 2012 een van de pioniers die de productiemethodologie ‘Quick Response Manufacturing’ (QRM) implementeerde in hun bedrijfsvoering. QRM is een methodologie waarmee productiedoorlooptijden drastisch kunnen worden geminimaliseerd. Dit gebeurt door de zogenaamde ‘white space’, de tijd waarin niets gebeurt, zoveel mogelijk uit te schakelen en aldus de doorlooptijd in te korten. Deze methodologie beperkt zich echter niet tot de productie. Je kan het toepassen op je hele bedrijfsvoering, van een vlotte verwerking van offertes tot een zo snel mogelijke verzending van goederen.” “QRM biedt een grote meerwaarde voor omgevingen met een grote variatie aan relatief kleine productiebatches in een snel veranderende markt. Het voordeel is dat we als toeleverancier focussen op tijd in de plaats van op kosten en zo een gunstige invloed hebben op de TCO. Dat geeft klanten een strategisch voordeel op hun concurrenten. Het maakt hen flexibeler, waardoor ze sneller kunnen inspelen op veranderende vragen en noden”, aldus Tans. Zo heeft PROVAN zich dan ook omgevormd van metaalbewerker tot ‘total solution provider’.

Volledige verticale integratie en ontzorging “Als toeleverancier bestaat onze kernactiviteit uit het bewerken van metaal. Maar dat is slechts ons olympisch minimum. Tussen het design van producten en de commercialisatie daarvan – die beide best gebeuren door onze klanten – proberen we ons als toeleverancier verticaal zo diep mogelijk te integreren. Zo produceren we bijvoorbeeld niet enkel alle metalen onderdelen van een kinesitherapiebank, maar staan we in voor de volledige coördinatie (one-stop shop) en opvolging van alle voor- en nabehandelingen, alsook alle andere onderdelen zoals de kussens, de motoren en de verlichting. Door zo ver mogelijk verticaal te integreren, vergroten we de voordelen van onze QRM-methodologie en garanderen we dat de TCO (Total Cost of Ownership) van onze klanten gunstig beïnvloed wordt op lange termijn.” Tans: “Early Supplier Involvement (ESI) betekent in dit kader dat we zo vroeg mogelijk na de designfase moeten instappen om met onze productie-knowhow een maximaal voordeel te kunnen bieden. Bovendien hebben we een aparte prototype-afdeling die al meteen een extra toegevoegde waarde kan bieden van zodra de klant een design klaar heeft. Als one-stop-shop provider bieden we een totale ontzorging en halen we alle voordelen van QRM uit de kast, wat gebeurt in combinatie met onze doorgedreven digitalisering. Net daarom zijn we al twee maal verkozen tot ‘Factory of the Future’ en blijven we op zoek gaan naar nieuwe uitdagingen binnen ons PROVAN I4.0-verhaal.”

Peter Tans, CEO van Provan

Tailor made metal solutions


016

UITGELICHT CHEMIESECTOR

FOKUS-ONLINE.BE

Een klimaatneutrale chemiesector? Kwestie van de juiste ‘reactie’ Uit het nieuwste duurzaamheidsrapport van essenscia blijkt onder meer dat 95 procent van alle producten en goederen in Europa gerelateerd is aan chemie of chemische processen. Met andere woorden: duurzame inspanningen in de chemiesector kunnen een grote impact hebben. Die inspanningen worden vandaag al ruimschoots geleverd, maar zoals het tv-programma al wist: Alles kan beter.

H

et zesde duurzaamheidsrapport van essenscia werd op 22 oktober 2019 gelanceerd en focuste vooral op vier concrete, maatschappelijk relevante thema’s: de klimaatuitdaging, duurzame kunststoffen, circulaire economie en het aantrekken en opleiden van talent. Voor ons land zijn die thema’s cruciaal: niet alleen stelt de sector van chemie en life sciences hier meer dan 90.000 mensen direct en 150.000 indirect te werk, er is ook geen enkel ander land ter wereld waarin de sector meer omzet per inwoner draait, namelijk 65,8 miljard euro in 2017. Anno 2019 bewijst het feit dat de Oostenrijkse chemiereus Borealis besloot om een nieuwe propyleenfabriek in de Antwerpse haven te bouwen, tegen een investering van 1 miljard euro, dat onze regio nog steeds aantrekkelijk is voor de industrie. Maar hoe houden we dat zo? Professor Kevin Van Geem is directeur van het Centrum voor Duurzame Chemie. “Zowat alle spelers binnen de sector beseffen vandaag dat de uitdagingen niet meer individueel kunnen aangepakt worden, wel door een combinatie van expertises. Het concurrentiële speelt niet langer een hinderende rol: zo kwamen onlangs nog zes bedrijven overeen om een oplossing te zoeken voor de reductie van CO2-uitstoot bij de productie van ethyleen, de bouwsteen voor polyethyleen, en om daarbij ook de ontwikkelingskosten te delen. De perceptie dat chemiebedrijven hun knowhow niet willen samen ontwikkelen, is wat mij betreft dus verkeerd. Gewoon omdat de bedrijven beseffen dat samenwerken vandaag een noodzaak is, omdat de kosten en risico’s in R&D hoog zijn. Heel wat landen zijn trouwens jaloers op onze voortrekkersrol in deze duurzame ontwikkeling, onder meer via het Moonshotproject van Vlaanderen.”

Heel veel landen zijn jaloers op onze manier waarop we uitdagingen binnen chemie aanpakken. — KEVIN VAN GEEM, CENTRUM VOOR DUURZAME CHEMIES

Duurzaamheid moet trouwens, zeker wat de kapitaalintensieve chemiesector betreft, ook op meer dan één manier worden geïnterpreteerd. “Er is de ecologische duurzaamheid, waar het impact op milieu en het klimaat betreft”, aldus Pieter Nachtergaele, doctorandus die aan UGent het gebruik van hernieuwbare grondstoffen in de chemische industrie bestudeert. “Maar daarnaast moet ook ingezet worden op sociale en economische duurzaamheid.”

Die inspanning is nodig, want de (petro) chemische en staalsector is verantwoordelijk voor een groot stuk van de emissies in Vlaanderen. Tel daarbij op dat de sector ook goed is voor ongeveer 10 procent van het BNP, en je begint een beeld te krijgen van de impact. “Als je niets doet, loop je het risico dat die bedrijven uit ons land zullen vertrekken, of zullen moeten sluiten omdat ze niet meer voldoen aan de duurzaamheidsvereisten”, aldus professor Van Geem.

Reden genoeg dus om in te zetten op duurzame maatregelen. Zeker gezien het duurzaamheidsrapport vermeldt dat ‘plastics essentiële materialen zijn om de Sustainable Development Goals (SDG’s) van de VN te behalen en waardevolle resources vormen om de circulaire economie te versnellen’. Het komt er volgens het rapport op neer duidelijk te maken dat plastics – bijvoorbeeld in de vorm van de ‘plasticsoep’ in de oceanen – niet alleen deel zijn van het probleem, maar ook van de oplossing. “Dan moet de beeldvorming natuurlijk ook wat veranderen”, aldus Pieter Nachtergaele. “Veel innovatieve technologieën die bijdragen aan het verduurzamen van de samenleving zijn mogelijk dankzij de chemische industrie. Denk bijvoorbeeld aan isolatiematerialen of batterijen in elektrische wagens. Maar die plasticsoep of een brand op een chemiebedrijf valt natuurlijk meer op en oogt mediageniek. Dus qua communicatie kan daar nog een en ander verbeteren, zeker omdat de sector vandaag al heel wat forse inspanningen levert. Het is essentieel om ook te communiceren over de positieve impact die chemische producten hebben op de mens en het milieu.” Tot slot: mogen we dromen van een volledig klimaatneutrale sector? Is dat een utopie, of haalbaar? Volgens professor Kevin Van Geem dat laatste: “Een klimaatneutrale chemische sector is effectief mogelijk. Vandaag nog niet, omdat we nog niet over voldoende economisch haalbare alternatieven voor het genereren van warmte via verbranding beschikken. Maar eenmaal we die wel hebben – vooral in de vorm van elektrificatie en het gebruik van groene elektriciteit – zal het mogelijk zijn.” TEKST HANNES DEDEURWAERDER


AI: de speeltijd is gedaan. Artificiële intelligentie (AI) is al enkele jaren een hype. Maar de toepassing ervan blijft vaak in een testfase steken. Projecten geraken niet verder dan het “lab”. COVID-19 brengt ons naar een nieuwe realiteit waarin AI bedrijfswijd duurzame waarde moet genereren.

In de eerste fase maken we ingenieurs, operators of plant managers bewust van wat AI en advanced analytics wel en niet kan en zoeken we samen uit welke business cases er zijn, wat die kunnen opleveren en of ze haalbaar zijn.

AI en advanced analytics leveren enkel waarde als ze worden ingebouw in de dagelijkse processen en beschikbaar zijn voor iedereen om betere beslissingen te nemen. Zoals bij Volvo Trucks, dat er in slaagde met SAS de hersteltijd van trucks met 25% te verminderen. Als artificiële intelligentie ooit een speeltuin was, dan biedt het organisaties vandaag een unieke kans om aan een duurzame toekomst te bouwen.

Een tweede stap is de pilootfase (Find fast/Fail fast). Bedrijven geraken soms niet verder dan een proof of concept. Dit proces mag eigenlijk niet te lang duren. Is het potentieel aanwezig, dan moet het analytics model zo snel mogelijk in productie. Is er geen potentieel, dan leren we hieruit waarom het bedrijf er niet klaar voor is. Misschien ligt het aan de kwaliteit van de data of zijn de juiste processen nog niet aanwezig. De derde stap is het inbouwen van analytics in de operationele processen, het industrialiseren of automatiseren. Pas dan kunnen sneller betere beslissingen worden genomen die echt duurzaam waarde opleveren.

Vierstappenplan Organisaties vertrekken te vaak vanuit de technologie, terwijl het belangrijker is om eerst te bepalen voor welke business cases ze kan ingezet worden en wat dit kan opleveren. Om manufacturing bedrijven hierin bij te staan, stelde SAS een 4-stappenplan op:

andere filialen en business units. Wil u weten hoe Solvay advanced analytics en AI schaalbaar en herhaalbaar maakt bekijk dan het on-demand webinar uit de SAS Virtual Friday Insight sessies op www.sas.com/virtualfriday. De tijd van spelen met AI in een lab is echt wel voorbij. Wie in de wereld na COVID-19 het verschil wil maken, moet de technologie gebruiken om bedrijfsbreed waarde te creëren; de kwaliteit verbeteren, kosten verlagen, uitstoot verminderen, duurzamer produceren....

Adriaan Van Horenbeek

Manufacturing Lead Customer Advisory Benelux

De laatste stap is zeker cruciaal: aan de hand van de belangrijkste bevindingen bekijken hoe een project best kan worden gereproduceerd voor

Eenvoudiger werken dankzij waardevolle gegevens van een geconnecteerde verzamelaar Als je werkzaam bent in Operations/Maintenance, Inkoop of Milieu, Gezondheid & Veiligheid, dan heb je hoogstwaarschijnlijk weinig tijd om na te denken over het stofopvangsysteem van jouw faciliteit.

5 waardevolle stofverzamelingsmetingen die iCue controleert:

Maar wat als jouw stofafzuiger, in plaats van rustig in een hoekje te zitten en zijn ding doet, je werk ook effectief gemakkelijker zou maken?

1. Differentiële druk - Werken jouw filters goed? De iCue-service waarschuwt op tijd over mogelijke filterproblemen, zodat je weet wanneer filters aan vervanging toe zijn.

Wel, nu is dat mogelijk. De iCue™-filtratiedienst van Donaldson is aangesloten op jouw stofafscheider, houdt de werking ervan voortdurend in de gaten en biedt real-time prestatiegegevens die je werk kunnen vergemakkelijken.

2. Deeltjesconcentratie – Overschrijd je emissie- of blootstellingslimieten? iCue stuurt een waarschuwing wanneer de blootstellingslimieten dreigen te worden overschreden, en levert nauwkeurige compliance data.

Het komt niet vaak voor dat één enkel stuk technologie een uiteenlopende groep stakeholders in de productiesector ten goede komt. Maar dat is precies wat de iCue-service doet. Professionals op het gebied van Operations en Maintenance, Inkoop en Milieu, krijgen meteen informatie die helpt bij het voorkomen van een ongeplande downtime, en daarnaast de efficiëntie van de verzamelaar optimaliseert en compliance data bijhoudt. Nauwkeurige informatie over systeemprestaties binnen handbereik

3. Persluchtdruk - Werkt je filterreinigingsmechanisme? iCue waarschuwt wanneer de luchtdruk afneemt, zodat de levensduur van het filter kan worden verlengd. 4. Relatieve luchtstroom – Vloeit er genoeg - of te veel - lucht? iCue geeft inzicht in systeemproblemen, zodat je ongeplande stilstand kunt verminderen en onderhoud kunt optimaliseren.

Tot voor kort betekende het monitoren van een stofverzamelsysteem het handmatig lezen van instrumentenpanelen en vervolgens het registreren en interpreteren van die gegevens: tijdrovende taken die soms niet eens de nodige info geven voor het nemen van de juiste beslissingen.

5. Stoftrechter verstopping – Riskeer je een stofback-up? iCue brengt je op de hoogte wanneer het materiaal begint te stollen, zodat crews het kunnen aanpakken voordat het te laat is.

Nu kan de iCue-filtratiedienst de monitoring uitvoeren en nauwkeurige, real-time informatie binnen handbereik weergeven om de efficiëntie van de stofverzamelaar te helpen optimaliseren, ongeplande stilstand te verminderen en compliancedocumentatie te vereenvoudigen.

Scan de QR-code om de iCue-filtratiedienst van Donaldson in actie te zien

Handmatig geregistreerde gegevens geven slechts een momentopname weer. De geconnecteerde monitoring is continu, zodat je trends en afwijkingen meteen opmerkt. Dat levert voordelen voor alle belanghebbenden – Operations/Maintenance, Inkoop, en Milieu, Gezondheid & Veiligheid.

Voor meer informatie over Donaldson’s iCue connected filteringsservice, neem contact op met een Connected Solutions-specialist via 0800 70 613 of via www.donaldson.com/en-be/connected-solutions.


018

CHRONICLE HERMAN DERACHE

FOKUS-ONLINE.BE

De fabriek van de toekomst is human-centered Een blik op de toekomst van de industrie leert ons dat, naast investeringen op vlak van innovatie en technologie, er ook voldoende ruimte moet zijn voor het menselijke aspect. Niet voor niets is ‘human centered production’ een belangrijke transformatie voor bedrijven die willen uitgroeien tot ‘fabriek van de toekomst’.

I

nnovatie en technologie spelen een sleutelrol in het versterken van de positie van de industrie, maar waarin we écht kunnen uitblinken, is de menselijke inbreng. Zo is de betrokkenheid van medewerkers bij de toekomstige ontwikkeling van een bedrijf cruciaal. Mensen blijven bijvoorbeeld steeds de spil van een excellente productie. De transformatie naar een ‘human centered production’ vormt daarom, nu meer dan ooit, een cruciale voorwaarde om voldoende snel de nodige slimme doorbraken te kunnen realiseren die leiden tot een ‘factory of the future’. Het is vandaag, in tijden van COVID-19, noodzakelijk versneld in te zetten op digitale vaardigheden en betrokkenheid van medewerkers, om zo sterker uit de crisis te komen. Organisaties die inzetten op leren en ontwikkeling, op communicatie en coachend leiderschap, zullen erin slagen om sneller en flexibeler met veranderende omstandigheden en ook crisissen om te gaan. Doordat medewerkers uitgedaagd worden en kansen zien (en krijgen) om nieuwe dingen uit te proberen, ontwikkelen ze zo ook nieuwe futureproof vaardigheden, zowel op digitaal als technologisch vlak, en worden ze veerkrachtiger. Als collectief centrum voor de technologische industrie legt Sirris de focus op de technologische aspecten van de transformatie, zoals digitalisering en operatorondersteuning. Deze kunnen de bedrijven en hun medewerkers meer

snelheid, transparantie en flexibiliteit brengen. Het digitaliseren van productieprocessen biedt bijvoorbeeld enkele uitgelezen kansen voor doorbraken in productie: een toename van de responsiviteit, het versterken van een klantgerichte aanpak, het beheersen van de complexiteit, het opzetten van nieuwe diensten op basis van ontsloten productiedata... Bij operatorondersteuning staat de operator, die almaar efficiënter, sneller en foutloos moet kunnen werken, centraal. Dit wordt mogelijk gemaakt via ondersteuning door allerlei technologieën, zoals cobots, AGV’s en digitale werkinstructies die geprojecteerd worden op een scherm of op het werkvlak zelf. De digitale integratie van verschillende processen en tools behoort hierbij eveneens tot de mogelijkheden. Wat kunnen we van de toekomst verwachten? De coronacrisis betekent alvast een versnelling van de digitalisering op alle vlakken. Wellicht zal deze evolutie op termijn ruimte bieden voor een beter evenwicht tussen werk en privéleven. De toename van flexibel en thuis werken naar aanleiding van de COVID-19-crisis gaf hiervan al blijk, en was slechts mogelijk dankzij digitale technologie. Wellicht zet de digitale transformatie zich nu nog harder door in alle aspecten van het bedrijfsleven. TEKST HERMAN DERACHE, MANAGING DIRECTOR SIRRIS

Een versnelling van de digitalisering op alle vlakken.


Mechanics & Piping

Elektriciteit & Instrumentatie

Actemium ondersteunt u in alle fasen van uw industriële levenscyclus. Van het ontwerp van nieuwe units tot technologieoverdracht en het optimaliseren van bestaande sites. Als lange termijn partner leveren we u projectoplossingen en diensten met sterke technische toegevoegde waarde. We adviseren, ontwerpen, realiseren en onderhouden uw installaties, met als ultieme doel het verbeteren van uw industriële prestaties. Onze business units in Zwijndrecht, Leuven en Gosselies liggen dichtbij productiesites. Zo bieden wij als internationaal bedrijf een lokale aanpak. Safety, onze topprioriteit

Virtual Reality Safety Training

Veiligheid, gezondheid en milieu boven alles. Het zijn de voorwaarden voor al onze acties die de kern vormen van wat we doen.

Praktische VR- safety training is onze volgende stap op vlak van veiligheidsbewustzijn. Deelnemen aan een van onze digitale trainingen is boeiender en efficiënter dan traditionele trainingssessies en biedt een veilige omgeving voor scenario’s met een hoog risico.

Project business, voor meer toegevoegde waarde bij uw industriële activiteiten Elektriciteit & Instrumentatie

Mechanics & piping

Volgens de strengste ATEX- en industriële AREI-richtlijnen bouwen we uw volledige Elektrische en Instrumentatie installaties. We zorgen voor engineering, aanlevering en aansluiting van elektrische borden tot het volledige kabelbaanpark, incl. kabeltrekken. Onze ervaren teams helpen uw instrumentatie vorm te geven, tot het testen en kalibreren toe.

We voorzien prefabricatie, on site installatie van clean & black piping (aanmaak en distributie), procesgerelateerde skids, process equipment of staalstructuren. En dit voor alle types processen (stoom, gas, vloeistoffen, vacuum, utilities…).

Maintenance als tool voor zorgeloze en efficiënte operaties Slimme aanpak

Maximale ROI

Actemium Service Solutions focust op toegevoegde waarde door: een diepgaande proceskennis in diverse sectoren een gerichte service op maat inclusief proactief, preventief, predictief en correctief onderhoud beheer en uitvoering van grote maintenance shutdowns dienstverlening op maat hoge flexibiliteit tot 24/7 bijstand

De focus van Actemium is duurzame winstgevendheid via het stroomlijnen van uw onderhoudsstructuur en -kosten. Samen optimaliseren we uw productie-installatie en organisatie, zodat uw industriële prestaties en concurrentievoordeel verbeteren.

Neem contact voor meer informatie: www.actemium.be/nl/fokus

ACT_ADV_FOCUS_V3.indd 1

15/07/2020 11:54


Worley helpt bij het opschalen van innovatieve technologieën... Worley wil één van de leiders zijn in de transitie naar een duurzamere wereld op vlak van energie en grondstoffenverbruik. Worley’s kennis en ervaring met de klassieke chemische processen is bijzonder waardevol bij verdere ontwikkeling van pilootprojecten naar “full scale“ industriële installaties. Het opschalen van een piloot installatie naar een industriële schaal is complex. Niet zelden ontstaan er gedurende de engineering fases nieuwe inzichten die leiden tot veranderingen in de processen. Een voorbeeld van een dergelijk opschalingsproces is de samenwerking met Avantium. Dat bedrijf heeft een aantrekkelijke technologie ontwikkeld om gebaseerd op biomassa, hoogtechnologische producten te maken. Het groeipotentieel voor de biomassa gebaseerde chemie is groot. De verwachting is dat de bio plastics markt zal uitgroeien tot een belangrijke speler.

Daarnaast is ook de markt voor recyclage van de meer traditionele plastics in volle ontwikkeling. Ook daar ziet Worley een uitgelezen kans om haar ervaring in te zetten. De uitdaging op langere termijn is om deze biomassa gebaseerde processen verder te ontwikkelen, zodat ze competitief worden met de meer klassieke productie, rekening houdend met de beschikbaarheid van de nieuwe grondstoffen en een minimaal energieverbruik.

op weg naar een groene raffinaderij... Biomassa is de hernieuwbare versie van aardolie met een levenscyclus van enkele jaren in plaats van miljoenen jaren. Omdat biomassa geen lange transformatie onder het aardoppervlak heeft doorgemaakt, zoals het geval is bij aardolie, bestaat het uit andere technische bouwstenen. De drie hoofdbestanddelen zijn cellulose, hemi-cellulose en lignine. Voor lignine zijn nog geen processen gekend die toelaten om deze stroom op grote schaal te valoriseren, behalve als brandstof. Worley en de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO), ontwikkelen een piloot installatie om de conversie van lignine naar waardevolle producten verder te onderzoeken. Studies hebben aangetoond dat het mogelijk is allerlei chemische stoffen, brandstoffen en in het bijzonder aromaten te produceren vertrekkende vanuit lignine. Deze zeer waardevolle aromaten worden in verdere chemische processen gebruikt voor het maken van allerhande materialen, parfums, enz. Het samenbrengen van alle verwerkingsprocessen voor (hemi-)cellulose en

lignine leidt tot de biomassa raffinaderij van de toekomst. De noodzaak om traditionele op oliegebaseerde processen om te buigen naar processen die deze meer complexe, maar hernieuwbare grondstoffen gebruiken, vormt een bijkomende uitdaging. Aandacht voor de behandeling van nevenstromen is hierbij ook een essentieel onderdeel.

inclusief een duurzame waterhuishouding!

Warmte-integratie, energie-pinch, energie-optimalisatie: sleutelbegrippen die meer en meer geïntegreerd worden in het ontwerp van nieuwe installaties. De herhaaldelijke droogteperiodes en watertekorten als gevolg van de klimaatopwarming onderstrepen het belang van deze aanpak, maar wijzen ook op de noodzaak van een analoge aanpak voor water. Water is net als energie onmisbaar voor de meeste productieprocessen. Door al tijdens het ontwerp rekening te houden met het 5R principe (Reduce, Reuse, Recycle, Recover, Restore) kan de watervoetafdruk van een product op een kosteneffectieve manier gereduceerd worden.

belgium.info@worley.com

www.worley.com

Bij de transitie naar een meer circulair systeem hoort water op de eerste plaats te staan. Groene grondstoffen vragen meestal een extensieve voorbehandeling, maar door een goede waterintegratie kan het verbruik geminimaliseerd worden. Een koelwatersysteem is een vaak vergeten, maar belangrijke waterverbruiker in groene en klassieke processen. De optimalisatie ervan kan zowel in bestaande systemen als in nieuwe processen tot een belangrijke waterreductie leiden. In de geest van circulaire systemen is het verregaand zuiveren van afvalwater een belangrijke stap die ook het ontvangende oppervlaktewater ten goede komt.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Fokus Industrie by Smart Media Agency | Fokus - Issuu