Skip to main content

Fokus Ideaal Duaal

Page 1

IDEAAL DUAAL

Inspiratie x cocreatie = innovatie


VOOR WOORD Benut het gigantisch potentieel van duaal leren 1 september 2016 werd het startschot gegeven van duaal leren in Vlaanderen. Met zes trajecten en een honderdveertigtal leerlingen kreeg het combineren van leren op school en leren bij één of meerdere werkgevers vorm. Ondertussen is het aantal leerlingen fors gestegen en studeerden de eerste duale leerlingen af. Vanuit het onderwijs en de arbeidsmarkt komen tal van positieve signalen over de uitstroom- en doorstroommogelijkheden van de jongeren naar de arbeidsmarkt of naar het hoger onderwijs. Duaal leren als leermethode biedt dan ook mogelijkheden voor velen: voor de arbeidsmarkt, voor leerlingen, studenten en bedrijven. Ook de eerste pilootprojecten in het hoger onderwijs zullen binnenkort starten. De boodschap is duidelijk: laat het grote potentieel van duaal leren niet onderbenut. Met de wedstrijd IdeaalDuaal zetten we de leerling, de student en het bedrijf centraal, want zij weten het best hoe het leren van de toekomst zich verder moet ontplooien. De doelstelling van IdeaalDuaal is om een brug te bouwen tussen de opleidings- en de ondernemingswereld. Tijdens een geslaagde eerste editie in 2018 werden 134 ideeën ingezameld om apps te ontwikkelen, die als nodige bouwstenen dienden. Daaruit werden een aantal winnaars gekozen die hun idee effectief uitwerkten en uittestten. De succesfactor? Een netwerk van vele partners, waarin ieder een eigen bijdrage leverde. Een tweede editie kon dus niet uitblijven. Samen met nog meer partners, die allemaal in dit katern aan bod komen, zetten we onze schouders onder het leren van de toekomst. Vickie Dekocker, Verantwoordelijke Innovatie SYNTRA Vlaanderen Bianca Ghyselinck, Projectleider Innovatie, SYNTRA Vlaanderen

Veel leesplezier!

COLOFON PRODUCTIEVERANTWOORDELIJKE SYNTRA Vlaanderen EINDREDACTIE Ellen Van Hoegaerden, Hilde Van Raemdonck LAYOUT

INHOUD 04

Lieven Boeve

10

Stephane Berghmans

05

Tjorven Denorme

11

Koen De Leus

06

Jeroen De Wit

12

Raymonda Verdyck

07

Ben Lambrechts

13

Caroline Pauwels

08

Nico Reeskens

14

Hans Maertens

09

Jury IdeaalDuaal

15

Bruno Tindemans

Baïdy Ly FOTOGRAFIE SYNTRA Vlaanderen, Supermachine, Ian Hermans JOURNALISTEN Frederic Petitjean, Frederik Van den Bril

2


DANNY VAN ASSCHE

“Alles hangt af van het profiel van de leerling en hoe die zich kan ontwikkelen”

“D

uaal leren moet vanzelfsprekend worden.” Danny Van Assche, gedelegeerd bestuurder bij UNIZO, valt meteen met de deur in huis. Hij zet die uitspraak overigens direct kracht bij met een voorbeeld uit het buitenland. “Neem nu Zwitserland. Daar start elke leerling in een duaal traject. Een traject dat je ergens brengt en waar er altijd voldoende bruggen zijn om ook andere wegen te verkennen, zowel naar de arbeidsmarkt als naar nieuwe opleidingen. Toen we een bezoek brachten aan Genève spraken we daar met het hoofd van het onderwijs. Die man was zijn schoolcarrière gestart als tuinier en had dan achteraf de overstap gemaakt. Dat duaal leren zo sterk is, dat moet ook bij ons mogelijk zijn.” Werkgevers investeren veel in duaal leren. Loont het voor hen de moeite? “Het is absoluut een engagement dat we vragen van de werkgevers. Ze moeten mentoren opleiden. Dat is inderdaad een enorme investering voor een bedrijf, waar je in het begin weinig van terugziet. Maar het draait niet om kortetermijnrendement. Waarom doen die werkgevers dat wel? Vooral omdat er een tekort is aan goed opgeleide, toekomstige arbeidskrachten. Het is in een aantal sectoren heel moeilijk om mensen te vinden met de juiste competenties. Werkgevers krijgen nu de kans om jongeren die competenties zelf mee aan te leren in samenwerking met het onderwijs. Wanneer die jongeren afstuderen, willen ze vaak ook blijven in het bedrijf.” Als werkgever investeer je dus in de opleiding van een jongere, zodat die later een werknemer kan worden binnen of buiten de sector? “Klopt. Maar de kans bestaat wel − eens iemand goed opgeleid is − dat ze zien dat het gras aan de overkant groener is, bij een ander bedrijf dus. Of misschien een eigen onderneming starten. Slimme jongeren gaan eerst wat roteren, wat zoveel betekent als het verkennen van verschillende bedrijven, sectoren... binnen de opleiding. Op die manier zijn ze goed voorbereid wanneer ze zelf de stap zetten. Bij UNIZO hebben we hiermee geëxperimenteerd op basis van een ESF-project (Europees Sociaal Fonds). Er zitten veel mogelijkheden in het roteren van jongeren over verschillende ondernemingen, maar we hebben hier nog enkele belangrijke administratieve hindernissen weg te werken.”

PARTNER

Isabel Verniers | MTI2

Staan werkgevers wel te springen voor dit systeem? “Zeer zeker! Het aantal ondernemingen dat enthousiast is over duaal leren, is indrukwekkend. Ondertussen worden al meer dan 22.000 plaatsen aangeboden in bijna 9.000 verschillende ondernemingen. Bijna 80 procent daarvan zijn trouwens kmo’s met minder dan 50 werknemers. Daar zijn wij heel blij mee. ‘Maak van kmo’s de aantrekkelijkste partners voor starters’ is onze slogan voor de IdeaalDuaalwedstrijd. Vaak zijn de bekende, grote bedrijven ook de populaire bedrijven bij de jongeren. Maar het grote voordeel van kmo’s is dat de arbeid minder opgedeeld is. Je kunt er als jongere veel meer en breder leren over alle verschillende aspecten van het bedrijf – veel interessanter. De afstand tussen de grote baas en leerling is dus ook veel kleiner. In een kmo is de kans zeer groot dat je dagelijks samenwerkt met de CEO. Ook dat is een enorm voordeel voor je soft skills.”

“Ik wil dat ouders blij zijn als hun kinderen zeggen dat ze duaal willen leren.”

Hoe kunnen we het onderwijs en het bedrijfsleven beter op elkaar doen aansluiten? “Het belangrijkste is om een reflex te ontwikkelen rond ondernemerschap. Gelukkig merken we nu dat de mentaliteit enorm gewijzigd is. We zien dat er al heel wat samenwerking is tussen opleidingsverstrekkers en bedrijven. Maar het kan nog beter. Duaal leren speelt daar een gigantische rol in. Onderwijs en het bedrijfsleven moeten dus beter op elkaar afgestemd worden. Ze hebben wel niet 100 procent dezelfde finaliteit. Onderwijs moet jongeren klaarmaken voor de arbeidsmarkt, maar ook opvoeden en studenten klaarmaken voor het echte leven. En daar moeten we vanuit het bedrijfsleven ook respect voor hebben. Vandaar dat duaal leren ook duaal leren is: twéé keer leren en niet leren en werken.” Welke andere actoren spelen een rol? “SYNTRA Vlaanderen is de spin in het web. Zij zijn de regisseur en faciliteren alles. Ze brengen iedereen bij elkaar – de ondernemers, het onderwijs en de vakbonden – en gaan ook de kruisbestuiving doen. In al die sectorale partnerschappen is er dus maar één constante. De rol van SYNTRA Vlaanderen bij het uitrollen van het duaal leren in ons land valt dus niet te onderschatten.” Wat is jouw toekomstdroom voor duaal leren? “Ik wil dat ouders blij zijn als hun kinderen zeggen dat ze duaal willen leren. Het buitenland bewijst dat het een minstens even sterke manier van opleiden is. Alles hangt af van het profiel van de leerling en hoe die zich kan ontwikkelen. Dat is het duaal leren.”

Binnen IdeaalDuaal vervult MTI2 de rol van architect van innovatiemethodologieën, tools en processen, in nauwe samenwerking met SYNTRA Vlaanderen. “We werkten samen rond een crowd sourced innovatie-filosofie, al tijdens de eerste editie van de wedstrijd”, begint principal Isabel Verniers. “Die crowd is een grotere groep mensen met voeling rond een bepaalde problematiek. Zij krijgen de autonomie om mee richting aan het domein te geven aan de hand van pilots en experimenten. Op die manier ontwikkel je ideeën waarbij je de voice of the customer binnenbrengt.” Dat leidt tot creatieve ideeën met een zeer grote voeling met de realiteit. Mensen die veldervaring hebben met duaal leren weten immers wat de noden zijn. Dr. Verniers: “Vraag je aan leerlingen hoe ze duaal leren ingericht zien, dan krijg je een ander antwoord dan wanneer we vragen aan bedrijfsleiders hoe duaal leren geoptimaliseerd kan worden. Elke doelgroep bekijkt de problematiek vanuit eigen ervaring en visie: dat maakt crowd sourcing zo rijk. Door een zorgvuldig proces, bestaande uit gradueel opbouwende stappen, helpen we elke doelgroep om hun ideeën te laten groeien en de betrokkenheid van de stakeholders te vergroten. Net zoals we bij andere bedrijven verrijking van ideeën belangrijk vinden door de juiste mensen samen te brengen en tools aan te reiken, blijft het binnen IdeaalDuaal ook absoluut niet gewoon maar bij een ideeënbox.” Een cruciale volgende stap is het ontwikkelen van het idee in value propositions: welke oplossing, voor wie en hoe. Je voegt steeds info toe aan die ideeën, zodat meer mensen erdoor gepassioneerd en geëngageerd geraken. Daar is SYNTRA Vlaanderen ondertussen goed in geslaagd, volgens dr. Verniers. “De hele mindset is veranderd. Er is een voedingsbodem gelegd om duaal leren prominenter op de agenda te zetten bij stakeholders.” Samen met de ambassadeurs (die je in dit katern terugvindt, red.), die een push blijven geven, wordt het enthousiasme van de crowd alleen maar groter. “Daar doen we het ook voor: een initiatief zoals IdeaalDuaal levert immers niet enkel ideeën op, het zorgt ook voor een breder draagvlak en betrokkenheid.”

3


LIEVEN BOEVE

“Nu is het moment om van duaal leren een sterk merk te maken” Lieven Boeve is directeur-generaal van het Katholiek Onderwijs Vlaanderen. Hij vindt het belangrijk om deel uit te maken van IdeaalDuaal, onder meer om misvattingen rond duaal leren als leerproces uit de wereld te helpen.

“Ik heb gemerkt dat de relatie tussen onderwijs en de arbeidsmarkt niet altijd vanzelfsprekend is. Soms zijn er misverstanden. In het kader van duaal leren hebben we een leerproces achter de rug. IdeaalDuaal is een van de dingen die we sámen doen. Daarom vind ik het belangrijk dat we erbij zijn. De campagne is een concreet voorbeeld van co-creatie tussen arbeidsmarkt en onderwijs. Ook omdat we duaal leren alle kansen willen geven. Het zal enkel slagen als het co-creatie is, elk vanuit zijn eigen rol. Goede initiatieven die inzetten op die samenwerking, daar doen wij graag aan mee.” Je sprak over misverstanden. Kun je daar een voorbeeld van geven? “Leiden wij jongeren op voor bestaande jobs? Of leiden wij hen op voor de jobs van de toekomst? Ik wil in ieder geval beide, en duaal leren kan ons daarbij helpen. Vaak is er enige discussie. Het onderwijs zou onvoldoende opleiden voor de jobs van vandaag. Maar dat is net het punt. Wij willen jongeren een brede basis geven zodat ze zijn opgeleid voor de jobs van vandaag én gevormd zijn voor de jobs van morgen. De helft van de leerlingen die nu in het basisonderwijs zitten, zullen later een job uitoefenen die nu nog niet bestaat. Daarom is het belangrijk om jongeren breed te vormen − ook in de arbeidsmarktgerichte opleidingen. Bedrijfsleiders zien dat ook.” Hoe probeer je die brede vorming via duaal leren te bereiken? “Door levenslang leren aan te moedigen, willen we jongeren aansporen om actief in te spelen op veranderingen op de arbeidsmarkt. Ook soft skills zijn daarbij heel belangrijk: samenwerken, initiatief nemen, deontologisch en ethisch besef. Dat ze uit de voeten kunnen met hun talent. Of een rapport kunnen schrijven. Hun plan trekken. Er zijn bepaalde dingen die je best kunt leren op de werkvloer, zoals leren werken in team. Of bijvoorbeeld op het gebied van veiligheid. De vraag is: waar kunnen we elkaar versterken? Dat bedoel ik ook met die co-creatie.”

AMBASSADEUR

Heb je een concreet voorbeeld van sterke co-creatie? “Het VTI in Waregem biedt een interessante case. Ze maken duidelijk dat niet alles kan worden aangeleerd in één bedrijf. Daarom biedt de school, aan de leerlingen in een secundair-na-secundair-jaar, twee deelcontracten aan: zo werkt een leerling in twee verschillende bedrijven en leren die jongeren dus twee verschillende bedrijfsculturen

kennen. Ze leren meer over de realiteit van de arbeidsmarkt. Ze krijgen zowel een breed scala aan specifieke technische vaardigheden als meer generieke vaardigheden die belangrijk zijn op elke werkvloer.” Is duaal leren een innovatieve onderwijsmethode? “Ja, op twee voorwaarden: duaal is leren op de werkplek én het is levenslang leren. Zodat die jongeren voorbereid zijn op een snel veranderende arbeidsmarkt en zich als werknemer kunnen herlanceren, indien nodig. Het potentieel is natuurlijk zeer innovatief. De technische evolutie gaat bijzonder hard. Niet al onze scholen hebben de middelen om de allernieuwste machines op school binnen te brengen. Dan is het natuurlijk fantastisch als leerlingen bij bedrijven met zulke machines kunnen werken, en dat ze die ook eens mogen stilleggen, eventueel uit elkaar halen en weer samenstellen. Als dat kan, is het zeker innovatief.”

“Het gaat niet alleen om wat je ermee kunt doen op de arbeidsmarkt. Leren is ook: een mens zijn die zin vindt in het leven.”

Wat is jullie visie op levenslang leren? “Wij willen diploma’s afleveren met een onderhoudsgarantie. Zowel formeel als informeel levenslang leren moeten we leren appreciëren. Het gaat niet alleen om wat je ermee kunt doen op de arbeidsmarkt. Leren is ook: een mens zijn die zin vindt in het leven. Leren is iets dat je meer mens maakt. Kijk naar de mensen die als vrijetijdsbesteding in het volwassenenonderwijs een koksopleiding volgen. Die zijn dat wellicht uit interesse gestart, maar inmiddels hebben ze bijvoorbeeld een cateringbedrijfje. Levenslang leren is een attitude.” Wat is er nodig om van duaal leren een succes te maken? “Duaal leren moet een sterk merk worden. Pas dan wordt het een succes. Anders wordt het slechts een van de vele vormen van werkplekleren. Het zal zich dus moeten onderscheiden. Laat ons vertrekken vanuit het leren van de leerling. Ik hoop dat we een sterk partnerschap kunnen maken tussen de arbeidsmarkt en het onderwijs, en dat er vanuit beide partners voldoende wordt geïnvesteerd. Wij merken dat scholen die een goede trajectbegeleiding willen opzetten, vaak bijkomende investeringen met hun eigen middelen moeten doen. Als we kijken hoeveel euro’s Zwitserland of Duitsland per werkplek investeert… daar komt Vlaanderen nog lang niet. Dat vraagt een mentaliteitsverandering. We hebben een proeftraject achter de rug, nu is het tijd om dit project te bestendigen. Nu moeten we de kans grijpen om van duaal leren een sterk merk te maken.”

Rik Van de Walle “We gaan nog te veel uit van het idee dat je de school of universiteit met een rugzak vol kennis verlaat. In de onderwijswereld van de toekomst bevat die rugzak slechts de proviand om de stap te zetten naar een eerste basiskamp. Daar vul je opnieuw je rugzak via bijscholing of omscholing om weer mee te zijn en een volgende stap te zetten. Onderwijsinstellingen en hun opleidingsaanbod worden een soort compagnon voor de route doorheen je hele leven. We moeten, op alle niveaus, mensen opleiden op een manier die hen wapent voor de werkcontext van vandaag, maar die hen evenzeer in staat stelt om zich aan te passen aan een nieuwe context.”

4


TJORVEN DENORME

“We moeten weg van één persoon die vooraan staat en de rest dingen aanleert” In dialoog gaan en elkaar dingen aanleren is de toekomst, daar is Tjorven Denorme van overtuigd. Als CEO van Hack Belgium organiseert hij de grootste hackaton van België.

“Ik hoop dat het onderwijs binnen tien jaar niet meer dat van vandaag is.”

Tijdens deze hackaton brengt Hack Belgium duizend mensen samen − studenten, werkzoekenden, medewerkers van kleine kmo’s, overheidsinstellingen en grote bedrijven − en laten hen buigen over prangende vraagstukken, die uit uiteenlopende domeinen binnen onze samenleving komen: van gezondheidszorg over mobiliteit, tot finance en media. Door hen oplossingen te laten formuleren, ontdekken ze wat blockchain kan betekenen voor hun bedrijf of hoe ze virtual reality kunnen inzetten in het onderwijs. Wat is er zoal uit HACK Belgium ontstaan? “Op de eerste Hack Belgium in 2017 is er de BRUce Pepperrobot ontwikkeld, een robotje dat je instapkaart kan lezen en je verdere vluchtinformatie geeft. Die robot is bij ons op drie dagen tijd bedacht en ontwikkeld. Vorig jaar hebben we een platform uitgerold, Kidstart, om een school en haar omgeving beter op elkaar af te stemmen - de scholengemeenschap, ouders en de buurt worden met elkaar in contact gebracht om beter te kunnen samenwerken.” Die samenwerking, is dat wat duaal leren een innovatieve onderwijsmethode maakt? “We moeten weg van één persoon die vooraan staat en de rest dingen aanleert. Ook al beschikt die persoon over de nodige kennis en motivatie, dan nog is het voor het onderwijs moeilijk om met alles bij te blijven. Stel dat je net zoals ik in 1996 bent afgestudeerd, je bent nadien gestopt met studeren en nu moet jij jonge mensen iets bijleren. Die jongeren, de YouTube-generatie, zijn het ook niet meer gewend om 50 minuten stil te zitten. Dan moet je iets vinden om het interessant te maken. Bij duaal leren ga je de kennis die je opbouwt meteen nuttig inzetten. De kennis die je tijdens het werken leert, kun je ook tijdens je studies weer toepassen. Ik bedoel, iedereen weet dat de stelling van Pythagoras dient om een rechte hoek te maken. Maar die kennis wordt pas interessant als je die toepassing ook effectief kunt toepassen, wanneer je bijvoorbeeld een muur zet. Je moet leerlingen een beetje theorie geven, maar ze vooral veel laten doen. Bij jonge mensen die uit duaal leren komen, moet je als bedrijf nadien minder investeren, want die weten hoe ze meteen aan de slag moeten gaan. Ze hebben een doe-mentaliteit.” Is duaal leren voor jou beperkt tot de middelbare school?

“Ik geloof enorm in het belang van levenslang leren. Toen ik afstudeerde was ik zogezegd opgeleid ‘voor de rest van m’n leven.’ Onze studenten moeten nu de universiteitsbanken verlaten met het idee: ‘Ik heb weliswaar een toegangskaartje tot de wereld verdiend, maar gedurende de rest van mijn leven zal ik mij moeten bijscholen en aanpassen aan een context die steeds sneller verandert.’ Ik zie het dan ook als de plicht van de onderwijswereld om studenten een lerende attitude bij te brengen waarbij ze zichzelf in vraag blijven stellen. Wie enkel les volgt en erin slaagt op een examen zijn kennis te etaleren, mag niet de indruk krijgen dat hij er vanaf is. De onderwijswereld moet zinvolle trajecten voor levenslang leren aanbieden, liefst via samenwerking met andere kennisinstellingen en het werkveld. Wetenschap en technologie evolueren immers razendsnel.”

5

“Ik denk dat we van zo jong tot zo oud mogelijk duaal moeten leren. Ik heb gestudeerd en de laatste drie maanden van mijn opleiding pas een stage gevolgd. Maar ik denk dat we al vroeg in het proces bedrijven en scholen moeten laten samenwerken. Het onderwijs weet niet altijd wat er bij de bedrijven speelt, en bedrijven hebben soms geen idee van wat er op de scholen gebeurt.” Bedoel je dat onderwijs en het bedrijfsleven beter op elkaar moeten aansluiten? “Ja. In sommige beroepen evolueert alles zo snel dat wat je op school leert, al niet meer nuttig is als je afstudeert. Google en YouTube zijn allemaal erg recente dingen, om van blockchain en artificiële intelligentie nog maar te zwijgen. Ik denk dat we, wat schooltrajecten betreft, naar kortere integraties zullen moeten gaan en geen lange onderwijstrajecten die je nadien pas in de praktijk brengt. En je moet ook sneller weer aansluiten op school, zodat je op je veertigste nog naar school kunt gaan om dingen bij te leren. Duaal leren als leermethode maakt die vernieuwing en snelheid mogelijk omdat leertrajecten worden vormgegeven tussen ondernemingswereld en opleidingswereld.” Is het een goed idee om ook in technische en beroepsopleidingen een brede basis te onderwijzen? “Je moet zeker een basis geven. Maar soms vraag ik me af hoe breed die basis moet zijn. Als je een brede basis geeft, dan reageren jongeren daar verdeeld op. Als jij journalist wil worden, dan gaat je taal belangrijker zijn dan je wiskunde. Maar dat weet je op dat moment nog niet. Dus ik vind dat wel een vraagstuk.” Als je tien jaar in de toekomst kijkt wat duaal leren betreft, wat zie je dan? “Ik hoop dat het onderwijs binnen tien jaar niet meer dat van vandaag is. Op dit moment stappen we erin, en als we zo’n 21 zijn, dan stappen we eruit. Ik hoop dat mensen de jeugd veel sneller inzetten, zeker als je ziet hoe volwassen sommigen al zijn. Zestien- of achttienjarigen kunnen al makkelijk meelopen in bedrijven. Voor mij was duaal leren in ieder geval wel interessant geweest. Als mensen me puur op mijn diploma zouden moeten aannemen nu, dan mag ik nergens beginnen. Ook ik heb me tijdens mijn carrière moeten bijscholen.”


JEROEN DE WIT

“Op de werkvloer zie je de kloof tussen school en praktijk” Zijn start-up, Teamleader, die hij samen met twee kompanen oprichtte, bouwt software voor bedrijven en groeit sinds 2012 als kool. Hoe staat CEO Jeroen De Wit tegenover levenslang leren en waarom is dat volgens hem goed voor bedrijven en studenten? Jeroen De Wit was zelf nog student toen hij startte met zijn Teamleader. Dat hij enige voeling heeft met de doelgroep van de IdeaalDuaal-campagne − jonge mensen die grotendeels hun weg naar werk nog trachten te vinden − is dus niet ongewoon. “Ik voelde mij eigenlijk meteen aangesproken”, begint De Wit. “Ik zou het zelf wel leuk hebben gevonden, mocht er in mijn tijd iets bestaan hebben zoals IdeaalDuaal. Niet dat er toen niks was…” Hij doelt op het concept van de mini-onderneming die in middelbare scholen voet aan wal kreeg. In een mini-onderneming starten leerlingen een bedrijfje op, in de schoot van de klasruimte. Daarbij leren ze de ‘waarden’ van het ondernemerschap door zelf hun eigen boekhouding te doen, marktonderzoek uit te voeren of aandeelhoudersvergaderingen te houden. Daar kan echter niet iedere leerling van proeven. Blijven leren, zelf invullen Geef De Wit dan maar levenslang leren, voorbij de fysieke muren van een afgebakende (klas)ruimte. “Wij zetten daar bij Teamleader enorm sterk in, op verschillende manieren. Elke werknemer heeft bijvoorbeeld een persoonlijk budget dat hij of zij volledig zelf mag invullen met bijkomende opleidingen of cursussen. Als het bedrijf beslist dat iemand een bepaalde bijkomende opleiding moet volgen, dan staat dat daar los van.” Daarnaast organiseren ze ook zelf heel veel cursussen over verschillende onderwerpen: van ‘beter timemanagement’ over ‘onderhandelingstechnieken’ tot zelfs taalcursussen. Wie zijn Frans of Engels dus wil bijspijkeren, heeft daar alle mogelijkheden toe. “Ik volg die cursussen trouwens zelf voortdurend. Een derde luik werkt misschien iets meer inspirerend, maar toch… Driemaal per jaar komen we met alle 180 mensen van het bedrijf samen om rond bepaalde topics te werken en dan nodigen we bijvoorbeeld ook externe sprekers uit.” Het is een aanpak die ze als bedrijf hoognodig vinden. Dat hangt voornamelijk samen met de sector waarin ze vertoeven: in een softwarebedrijf verandert alles namelijk aan een kruissnelheid, waardoor je voortdurend mee moet zijn. “Dat gaat ook over meer dan het puur technische aspect van software, hoor”, nuanceert De Wit. “Ook de manier waarop je je verkoop aanpakt, waarom je aan marketing doet… heel het B2B-verhaal zit in zo’n stroomversnelling. Daarnaast is de gemiddelde leeftijd in het bedrijf vrij laag: de meeste werkne-

“We moeten jongeren veel sneller in contact brengen met digitalisering, want dat zal de toekomst worden.”

mers hier zijn jonge twintigers en dertigers. Hun ervaring is dus vooral gebaseerd op wat ze in het middelbaar en wat ze in hun hogere opleiding geleerd hebben. En je ziet op de werkvloer soms wel eens dat er een kloof is tussen wat ze hebben geleerd op school en hoe het er in de praktijk aan toe gaat.” Positieve evolutie Maar dat onderwijs en het bedrijfsleven helemaal niet goed op elkaar aansluiten, zal je De Wit niet snel horen zeggen. Voor hem heeft het vooral vaak met leeftijd te maken en ziet hij, vooral op het niveau van de hogescholen en universiteiten, een positieve evolutie. “Maar in het middelbaar onderwijs is die kloof er wel een stuk meer, denk ik. Voor een deel komt dat waarschijnlijk omdat docenten en professoren uit hogescholen en universiteiten vaak ook daarbuiten nog professioneel actief zijn, in de bedrijfswereld. Zij hebben dus wel wat meer voeling met wat er daar gaande is en wat de noden zijn. In het middelbaar is dat toch veel minder het geval.” Dat zet een zekere noodzaak in gang om dieper na te denken over hoe de middelbare scholen die voeling verder kunnen ontwikkelen. Geen evidentie, met de eigen uitdagingen die het onderwijs zelf heeft. Dat zit volgens de Teamleader-leider nog in een redelijk strak keurslijf. “Het is vooral jammer voor de jongeren zelf. Misschien zou het goed zijn om hen eerst eens een paar jaar ervaring te laten opdoen op de arbeidsmarkt en hen dan de kans te geven om terug te gaan studeren.” Nu ligt dat vaak toch moeilijk, want voor veel leerlingen lijkt het alsof je dan ‘gefaald’ hebt. “En dat is niet zo”, gaat hij verder. “Ik zie nu heel veel jonge mensen met twee of zelfs drie diploma’s die nog altijd niet goed weten waar ze naartoe willen. Als ze eens van een andere omgeving kunnen proeven, zou dat misschien wel helpen.” Meer disruptie Wat ook zou kunnen helpen, is de rol van technologie een groter platform schenken; een notie waar De Wit resoluut van overtuigd is. “Dat vormt ook een kloof tussen middelbaar en hoger onderwijs: de digitalisering. We moeten jongeren veel sneller in contact brengen met die digitalisering, want dat zal de toekomst worden. In andere landen zijn er projecten om scholieren bijvoorbeeld te leren programmeren. Ik vind dat super. Het enige wat ik me wel afvraag is of het onderwijs er zelf klaar voor is. Ik zie 24- of 25-jarigen die als leerkracht beginnen en het lijkt soms wel een beetje dat ze een ticket voor het leven hebben gewonnen. Ik denk dat er nog veel meer disruptie mogelijk is én samenwerking met de bedrijven. We werken daar zelf ook aan, alleen gaat dat nog te veel ad hoc, er is geen strategische onderbouw.”

WINNAAR 2018

Liselotte Van Ooteghem | Rhizo “Wij hebben een app voorgesteld waarmee leerlingen bij aankomst kunnen inchecken op hun werkplek en hun school, zodat iedereen meteen ziet wie waar is”, zegt Liselotte Van Ooteghem van de Kortrijkse scholengroep Rhizo. “Daarnaast is het bijvoorbeeld ook mogelijk om bezoeken van projectbegeleiders in te plannen, is er ook een agendadeel en een beoordelingsmodule voor studenten en mentors. Met die laatste kunnen leerlingen zichzelf een score geven en het verloop van hun dag aangeven via een emoticon. Ook begeleiders kunnen leerlingen zo beoordelen.” De app is uiteindelijk niet uitgewerkt, zegt Van Ooteghem. “Helaas, maar ons budget was daar niet toereikend voor. De app heeft wel het bewustzijn rond duaal leren in de school mee een zetje gegeven: we hebben alle collega’s mee op de trein gekregen. Ons prijzengeld hebben we besteed aan een voorbereidingstraject voor duaal leren waarbij we leerlingen met de wereld van zorg en welzijn laten kennismaken.”

6


BEN LAMBRECHTS

Duaal leren: een ongelooflijk positief paard van Troje Als algemeen directeur van de Hogeschool PXL is Ben Lambrechts een absolute voorstander van duaal leren. In het Hasseltse opleidingsinstituut is leren in de klas en leren op de werkvloer dan ook stilaan de norm geworden. Wie durft te zeggen dat Limburgers traag praten, heeft nog geen babbeltje gedaan met Ben Lambrechts. Misschien ligt het aan het onderwerp, maar als het over duaal leren gaat, toont de PXL-directeur zich meteen een enthousiaste spraakwaterval. “Duaal leren ligt me heel nauw aan het hart”, begint hij. “Ik pleit er al jaren voor om dit ook in het hoger onderwijs ingang te laten vinden. Kijk, om je al de competenties van een beroep eigen te maken, blijft theoretische onderbouw natuurlijk zeer belangrijk. Maar die theorie meteen ook in de praktijk toetsen, is evenzeer enorm waardevol.” Hij maakt de vergelijking met een kleerkast. Daarbij is de theorie die je nu doorgaans in de klas krijgt als een kapstok, waarmee je je competenties bij in je kleerkast kunt hangen. “Maar die kleerkast zelf, dat is de praktijk. En die moet er ook zijn, anders gooi je de kapstok met je kleren gewoon doorheen de kamer. En dan krijg je chaos.”

“Geen enkele richting is niet vatbaar om te profiteren van duaal leren.”

Grenzen laten vervagen Duaal leren haalt tegelijk ook de hogeschool uit zijn ivoren toren, erkent Lambrechts. “De grenzen tussen scholen en bedrijven moeten vervagen. We gaan daar al vrij ver in, sommige campussen staan zelfs al op de bedrijfssites zelf.” Een voorbeeld is hun opleiding Toegepaste Informatica, goed voor 1.600 studenten. Samen zitten ze op Corda Campus, een bedrijvensite waar veel start-ups aan de slag zijn. Ook met Journalistiek en Communicatie Management palmen ze binnenkort 1.000 vierkante meter in bij Mediahuis, en met Logistiek zitten ze in-house bij het bedrijf Essers. Maar ook verpleegsters, sociaal werkers en ergotherapeuten runnen zelfstandig een ziekenhuisafdeling, en studenten lerarenopleiding brengen hun hele laatste derde jaar door in een secundaire school. “Dat zijn fantastische kansen voor de studenten. En via IdeaalDuaal wordt een mooie wending gegeven om ook hoger onderwijs klaar te maken voor duaal leren.”

kost ons veel meer tijd en moeite dan gewoon 200 man in een aula te steken.” Hij nuanceert verder: tegenwoordig valt veel onder de noemer van duaal leren, maar dat is natuurlijk meer dan een paar stages lopen. “Wij organiseren opleidingen waarbij studenten op het einde tot drie dagen per week bij een bedrijf doorbrengen. Zij krijgen dus voortdurend praktijkervaring toegediend en wij zorgen, net op tijd, voor theoretische ondersteuning. Ik denk dat er geen betere manier is om absolute novieten tot excellente professionals te maken. Dat is een ongelooflijk positief Paard van Troje.” Kennis alleen is niet genoeg Niet alleen de bedrijfswereld kan profiteren van duaal leren, ook de student zelf heeft er alle baat bij, meent Lambrechts. “Kwaliteitsvol hoger onderwijs is meer dan enkel kennis hebben. Het gaat ook over het hart en de handen. Hoger opgeleid is niet enkel iemand die met een toga aan in een denktank zit en Plato-gewijs de wereld gaat veranderen. Nee, dat zijn mensen die het verschil kunnen maken voor bedrijven. De homo universalis die tegenwoordig zo belangrijk is, krijg je alleen maar door samenwerking.” Hij schetst nog een voorbeeld: de hedendaagse IT’er, niet langer iemand met een bril die een hele dag achter een computer zit. Er moeten nu ook empathische vaardigheden aanwezig zijn. Ook die moet nu begrijpen wat een klant wil en zich in diens situatie kunnen inleven. ‘Sponzen’ afleveren Wat de huidige ‘mismatch’ tussen scholen en bedrijven betreft, pleit Lambrechts voor realisme. Dé perfecte match bestaat niet. “Zelfs een CEO die bij een nieuw bedrijf begint, moet eerst acclimatiseren en de structuren doorgronden. We leven ook niet meer in de Industriële Revolutie waar iedereen maar bandwerk moest doen. De wereld vandaag is zo complex, je wordt met zulke ingewikkelde problemen geconfronteerd. Het is onzin om te verwachten dat iedereen dat vanaf dag één kan behappen. Ik verwijt het de bedrijfsleiders ook wel een beetje: zij verwachten perfect opgeleide werknemers voor hun situatie. Maar wij leveren mensen af die héél hun leven kunnen bijleren: sponzen die constant nieuwe kennis, attitudes en vaardigheden willen opslorpen.” Win-win-win Tot slot: zijn er richtingen die meer kunnen profiteren van duaal leren dan anderen? Lambrechts hoeft er, alweer, niet lang over na te denken. “Geen enkele richting is niet vatbaar. De technische beroepen die infrastructuur vragen die in de bedrijven gebruikt wordt, zijn natuurlijk de quick wins. Maar elke opleiding die wij organiseren, van pop en rock over vroedvrouw of sociaal werk, tot en met verwarmingstechnieken… ze hebben er allemaal bij te winnen.”

Ervaring en ondersteuning Sommige criticasters vinden dat door duaal leren de scholen hun onderwijstaak uitbesteden. Lambrechts ziet dat anders. “We laten onze studenten wel los, maar tegelijk krijgen ze ook een soort één-op-één-onderwijs. Wij coachen hen nog heel sterk, houden ze voortdurend in de gaten, we evalueren, gaan regelmatig op bezoek… dat vraagt een stevige inspanning. Het

WINNAAR 2018

Nikolaas Bellens | Kazi

7

Een goede ‘klik’ tussen leren en leerplek is van het allergrootste belang voor een succesvol duaal leertraject, aldus de KULeuven. Maar één op twee nieuwelingen kijkt al snel uit naar een andere werkplek omdat jobcultuur, taakinhoud en rol helemaal niet aansluiten bij hun persoonlijke verwachtingen. Daaruit ontstond Kazi, zegt CEO Nikolaas Bellens: “De Kazi Expectations Scan identificeert op voorhand in dezelfde taal wat beide partijen het allerbelangrijkste vinden, om zo het juiste talent sneller en beter te leiden naar een passend aanbod. Bij het rekruteren van nieuwe medewerkers, maar evengoed bij het matchen van studenten en duale leerplekken.” Online en snel, door middel van intuïtieve meerkeuzevragen die ontwikkeld en gevalideerd werden met het Thomas More Centrum voor Psychodiagnostiek i.s.m. honderden werkgevers, experts en talenten. “Sinds ‘Kazi voor Duaal Leren’ de IdeaalDuaal competitie won, werd de tool met steun van SYNTRA Vlaanderen al meermaals succesvol ingezet”, gaat Bellens verder. Sectorfederatie essenscia hielp 65 studenten Chemische Procestechnieken juist te matchen met 30 topbedrijven. En koepelorganisatie Volta (elektrotechniek) zette Kazi in om talent en bedrijven betere feedback te geven. “SYNTRA Vlaanderen plaatste Kazi ook op innovatiefestival Hack Belgium in de kijker, als voorbeeld van hoe een interactieve tool makkelijk onderwijs- en arbeidsmarktmismatches helpt reduceren.”


NICO REESKENS

Duaal leren in het hoger onderwijs? Oneindig veel mogelijkheden

A

ls grote baas van de uitzendgroep Adecco heeft Nico Reeskens een klare kijk op de problemen rond arbeid en opleiding in dit land. Hoe staat hij tegenover duaal leren en levenslang leren en welke uitdagingen moeten nog opgelost worden? Waarom wilde je meedoen aan IdeaalDuaal? “Omdat we als Adecco aan maatschappelijk verantwoord ondernemen willen doen − als marktleider willen we die rol opnemen − maar ook omdat er voor ons een businessmodel achter zit. Geschikte kandidaten vinden voor een job wordt alsmaar moeilijker. Het traditionele onderwijssysteem, hoe kwalitatief het ook is, verliest een heleboel jongeren omdat ze zich niet meer in dat systeem kunnen vinden. Jongeren staan anders in het leven dan enkele decennia geleden. En we denken dat we jongeren kunnen bereiken met alternatieve innovatieve vormingssystemen en zo motiveren. In Zwitserland gebeurt dat al. Daar kun je perfect ingenieur worden via de universiteit, maar ook via duaal leren. En die twee opleidingen zijn evenwaardig.” Duaal leren is hier nog heel verweven met middelbaar beroeps- en technisch onderwijs. Dat moet uitgebreid worden? “Absoluut. Pas op, de echte kruissnelheid in het middelbaar is er ook nog niet, hoor. 2019 is het eerste jaar waarin het kader dat de Vlaamse overheid heeft opgesteld, geïmplementeerd wordt. Wallonië staat daar al verder in. Maar goed, ook in het hoger onderwijs is er zeker plaats voor duaal leren, omdat we ook daar meer en meer dezelfde problemen zien opduiken als in het middelbaar: studenten die niet de juiste richting kiezen. Aan het imago moet ook nog gesleuteld worden. Soms krijg ik zelf de vraag: ‘Nico, zou jij niet liever hebben dat jouw kinderen op de universiteit zitten in plaats van in duaal leren?’ Nee, ondertussen niet meer, omdat ik nu weet wat het inhoudt. Vijf jaar geleden zou ik misschien wel getwijfeld hebben. En dat is de fase waarin heel veel mensen nu zitten.” Is het voor bedrijven ook een manier om schoolverlaters beter te laten aansluiten op hun behoeften? “Zeker. Veel bedrijfsleiders zeggen ook: de mensen die uit de scholen komen, zijn vaardig, hebben de juiste attitude, willen hun job goed doen, maar ze weten eigenlijk niet hoe het er in een bedrijf aan toe gaat. Duaal leren is twee keer leren, dus ook leren bij een onderneming. Via duaal leren zijn studenten, zodra ze hun diploma behalen, onmiddellijk inzetbaar. Dat is het verschil met een stage: een stage is een toepassing van de kennis die je op school opdoet. Bij duaal leren worden

een aantal leerdoelen echt op de werkvloer aangeleerd. Het bedrijf heeft ook de verplichting om een aantal leertrajecten in een opleidingsprogramma te definiëren.” Het leren zal ook niet meer stoppen, levenslang leren wordt de norm. “Klopt, tot helemaal op het einde. Meer en meer werknemers willen ook niet meer stoppen op 60 of 65, laat staan op 55. Ze willen blijven meedraaien. Als je tien keer in je tuin gewerkt hebt en alle fietstochten en citytrips hebt gedaan, ben je blij dat je terug in het maatschappelijke weefsel wordt opgenomen. Onderwijs moet zich ook op hen richten. Er bestaan al heel intensieve kortetermijncursussen waarmee je op pakweg drie maanden Java-ontwikkelaar kunt worden, een beroep waar nu heel veel vraag naar is. Zulke initiatieven zal je steeds meer zien.”

“Ook in het hoger onderwijs is er plaats voor duaal leren, daar duiken dezelfde problemen op als in het middelbaar: studenten die niet de juiste richting kiezen.”

Je gaf zelf al aan dat duaal leren eigenlijk nog maar in zijn kinderschoenen staat. Wat moet er dan nog gebeuren? “Er is nog heel veel onduidelijk op juridisch vlak, bijvoorbeeld. Wat is precies al geregeld en wat niet? Hoe zit het met de sociale zekerheid? Heel veel bedrijfsleiders weten het niet. Aan de wetgeving is dus nog wel wat werk. Zeker voor het hoger onderwijs is het nog heel vroeg dag. Daar is er zelfs nog geen kader, laat staan dat bedrijven en scholen mekaar al gevonden hebben. Ik zal een voorbeeld geven: Audi België is een van de grootste bedrijven die al met duaal leren bezig zijn. Zij hebben nu welgeteld vijftien studenten. En daarmee toren ze boven iedereen uit.” Hoe kan een bedrijf er dan vandaag mee aan de slag gaan? “Momenteel is er nog geen instantie, loket of organisatie waar je je kunt aanmelden als je als bedrijf een student wil inschakelen in een duaal leren-project op de werkvloer. Er is al wel een website, duaalleren.vlaanderen, en via die weg kun je je laten erkennen bij SYNTRA Vlaanderen. Maar er is dus bijvoorbeeld nog geen kaart van Vlaanderen met de verschillende scholen en de opleidingen die ze aanbieden. Omgekeerd bestaat het ook niet: scholen die bedrijven zoeken om leerlingen te plaatsen in een bedrijf weten vaak ook niet waar naartoe. Dat zijn bruggen die nog gebouwd moeten worden. Een aanzet is hier wel al gegeven via ‘Zet jezelf op de kaart’, maar dat moet nog uitgebreid worden. Ook met GAN Belgium willen we er mee aan werken om dit open te trekken naar hogescholen. De eerste matchmakingevents tussen hogescholen en grote bedrijven zijn trouwens al opgezet via een samenwerking tussen GAN Belgium en SYNTRA Vlaanderen.”

WINNAAR 2018

Tom Rydant | GO!Talent Dendermonde De Dendermondse school GO!Talent ontwikkelde voor IdeaalDuaal een smartphone-app die ‘Talentcoach’ werd gedoopt. “Het is een soort toegangspoort voor alle actoren in het project: de bedrijven, de stageplaatsen, de school en de ouders”, vertelt directeur Tom Rydant. “De app voorziet bijvoorbeeld in evaluaties en het opzetten van individuele leertrajecten.” De uitwerking van de app gebeurde in verschillende stappen. “We hebben eerst alles in kaart gebracht en zijn daarna met partners gaan praten, onder meer de VDAB en Microsoft. Microsoft heeft onze IT-leerlingen heel wat bouwstenen aangereikt om de app te realiseren. In welke programmeeromgeving zou dit project het beste gemaakt worden? Welke programmeerregels moeten we daarbij hanteren? Dat soort zaken. Het zijn trouwens ook onze leerlingen die de uiteindelijke ontwikkeling van de app op zich zullen nemen, maar we willen graag met Microsoft blijven verder werken.” Een andere partner die werd geconsulteerd, was de HOGent, waar ook de bachelorstudenten Toegepaste Informatica mee nadachten over de app. “We hebben samen met hen vijf proof of concept-projecten uitgewerkt, waarvan we er uiteindelijk één gekozen hebben. We zijn nu aan het kijken hoe we het gaan realiseren. Dat kan nog alle richtingen uit, misschien kunnen we er zelfs een start-up rond oprichten.”

8


JURY 2019

Dirk Kooreman

Tim Rootsaert

“In de IdeaalDuaal-wedstrijd neemt Microsoft de rol van jury op zich en coacht het een aantal winnaars als partner”, zegt partner development manager Dirk Kooreman. “Het is zeker niet de bedoeling dat wij de app uitwerken, we zijn er om hen te ondersteunen. Wij inspireren en helpen hen, samen met onze partner Cronos.”

“In een eerste fase is het vooral belangrijk dat er een duidelijke intentie achter de inzending zit”, zegt Tim Rootsaert van de accelerator imec.istart. “Welk reëel probleem moet er worden opgelost? In een volgende fase kijken we naar de maturiteit van de oplossing: hoe wil het team ermee omgaan?”

Microsoft

Als jurylid hanteert Dirk een aantal duidelijke en eenvoudige parameters. “Elk jurylid heeft zijn eigen specialisatie om de evaluatie te doen. Onze focus is om innovatieve ideeën op te sporen die studenten, bedrijven en scholen echt kunnen verbinden. Vorig jaar waren er 72 inzendingen − dit jaar zijn het er iets minder − maar na een eerste evaluatie zien we wel dat de kwaliteit nog hoger ligt. De usability of de praktische bruikbaarheid van veel inzendingen is verrassend goed. SYNTRA Vlaanderen is er echt in geslaagd om de juiste snaar te raken en zo de juiste ideeën te vinden.” Vaak hebben winnaars een goed idee van wat hun app moet kunnen, maar zijn ze niet helemaal op de hoogte van de technologische mogelijkheden. “Daarvoor dienen bijvoorbeeld ook de co-creatiedagen: mensen inspireren en hen op weg zetten. Hen laten zien dat er dankzij de nieuwe technologieën nieuwe manieren en invalshoeken zijn om iets aan te pakken.”

imec.istart

Ook Tim heeft een duidelijke visie op zijn rol als jurylid. “Ik vertegenwoordig ‘de markt’”, zegt hij. “Een vraag die ik me altijd stel is: hoe schaalbaar is dit? Als school X een oplossing voor een probleem verzint, is dat dan ook bruikbaar voor scholen Y en Z? Een idee dat we zouden kunnen exporteren, is natuurlijk top. Ik vind het ook belangrijk dat er een multidisciplinair team verzameld wordt, een techneut, maar evengoed ook iemand met ondernemersbloed. Tot slot zie ik ook graag een businessmodel. Het moet meer zijn dan een ‘papieren idee’ dat in een app is gegoten.” Vanuit de context van innovatie vond Tim de inzendingen van vorig jaar zeker behoorlijk. “Ik was aangenaam verrast, zeker als je weet dat dit voor de mensen die meedoen zeker niet hun dagelijkse dada is. Voor dit jaar lijkt me het niveau zelfs nog iets hoger te liggen.”

BELGIUM Skilling Now

Alexander Maeyaert GAN Belgium

“Nu we zicht hebben op de definitieve uitrol van duaal leren in het secundair onderwijs, zijn we klaar voor de volgende challenge: duaal leren in het hoger onderwijs”, begint Alexander Maeyaert, project lead bij GAN Belgium. “In Zwitserland kunnen jongeren die duaal kiezen in het secundair onderwijs deze leerweg ook in het hoger onderwijs aanhouden. Bieden we hen dit perspectief niet, zetten we een rem op de aantrekkelijkheid van duaal leren en creëren we de facto een watervalsysteem.” GAN Belgium, de nationale antenne van een internationale coalitie van bedrijven en werkgeversorganisaties, wil nu hetzelfde voor de Vlaamse Gemeenschap. “Er is momenteel nog veel onduidelijkheid over het kader en de administratieve rompslomp die met duaal leren gepaard gaat. Hierdoor kijken bedrijven vaak nog de kat uit de boom. Met IdeaalDuaal haalt SYNTRA Vlaanderen de antwoorden op actuele uitdagingen bij de experten op de werkvloer: jongeren, leerkrachten, mentoren…”, gaat Maeyaert verder. Initiatieven die bedrijven en onderwijsinstellingen helpen ‘ontzorgen’ bij het organiseren van duale trajecten, krijgen de volledige steun van GAN Belgium. “We hopen dat er ideeën naar boven komen die de samenwerking tussen onderwijsinstellingen en ondernemingen kan vereenvoudigen. Belangrijk is de motivatie van de indiener. Met een goede dosis passie is alles mogelijk.”

9

Alexander Meukens Aiesec

AIESEC gaat over grenzen heen: om van duaal leren het onderwijs van de toekomst te maken, én als jongerenorganisatie. De internationale facilitator van cross-culturele uitwisselingen focust zich op leadership development in meer dan 126 landen. “We hebben negen lokale comités en zijn verbonden aan universiteiten, maar zijn geen studentenvereniging. Bij ons kun je professionele ervaring opdoen, in een ‘veilige en stimulerende’ omgeving. Voor Alexander zelf was bij AIESEC beginnen een leerrijke toevoeging aan zijn studentenleven. “Ik heb vanuit verschillende posities en in verschillende omgevingen heel wat bijgeleerd, zeker soft skills.” Een soort van duaal leren dus, wat hem een grote voorstander maakt van het leertraject. Maar er moet wel meer aanwezig zijn dan een link tussen je studies en praktijkervaring. Ook bij de IdeaalDuaal-wedstrijd: “Dat is te voor de hand liggend − en werkt vaak te beperkt.” Alexander mikt op vaardigheden die je niet gauw aangeleerd ziet. “Duaal leren is absoluut complementair. Studenten moeten gewoon de kans krijgen om professionele ervaring op te doen, zelfs bij een ‘ideaal’ studietraject.” Dat is dan ook de grootste uitdaging: “De mogelijkheden zijn er, ze moeten enkel nog voor iedereen beschikbaar worden gemaakt.”

Berkan Alci

Vlaamse Scholierenkoepel “De Vlaamse Scholierenkoepel is een organisatie gerund door scholieren die het secundair onderwijs vertegenwoordigen. “Inspraak en participatie in verschillende organisaties en evenementen is voor ons extreem belangrijk”, zegt vertegenwoordiger Berkan Alci over hun rol. “Zo kunnen we de stem van scholieren doorgeven aan beleidsmakers, en in dit geval IdeaalDuaal.” Het belang van duaal leren zou namelijk niet volledig onderschreven zijn zonder die scholierenstem. “Hierdoor zijn we er zeker van dat de keuzes binnen de wedstrijd niet alleen gebaseerd worden op de beste uitvindingen of ideeën, maar ook dat de winnende inschrijvingen een positieve impact zullen hebben op scholieren”, gaat Berkan verder. Wat een inschrijving naar Scholierenkoepelnormen nodig heeft om als winnaar uit de bus te komen, is een duidelijke link tussen de opleidings- en bedrijfswereld. “Zo kunnen we ervoor zorgen dat niet enkel de transitie, maar ook de leeromgeving van scholieren en studenten verbeterd wordt. Daarnaast kijken we ook naar de creativiteit: een werkelijk inventief idee zorgt voor nieuwe mogelijkheden binnen duaal leren.” Ten slotte is Berkan ook op zoek naar een duidelijke motivatie: er moet genoeg passie of drive aanwezig zijn om zich 100 procent in te zetten voor een uitvinding of idee, en het verder te brengen.


STEPHANE BERGHMANS

‘Dat onderwijs zo intensief met ondernemingen samenwerkt, dát is pas innovatief’ “Het wordt snel vergeten hoe zeer de sociale of humane wetenschappen nodig zijn in de bedrijfswereld.”

Hoe belangrijk soft skills zijn in de wereld van de harde wetenschap, dat vertelt Stephane Berghmans, CEO van Technopolis. Hij denkt na over de rol van de leerkracht in de toekomst – wat ons toelaat een duik te nemen in zijn ideeën over duaal leren in een door technologie gedreven toekomst. Stephane Berghmans hanteert een eigen filosofie als het op duaal leren aankomt. Hij start met een muziekanalogie om die kracht bij te zetten. “90 procent van de mensen die luisteren naar muziek doet dat zonder er echt iets mee te doen. 9 procent gaat effectief aan de slag in de muziekwereld en 1 procent groeit uit tot een topmuzikant. Wij willen hetzelfde doen met wetenschap.” Technopolis wil met andere woorden dat 90 procent van de mensen van de wetenschap geniet en erdoor gefascineerd is, wat er misschien toe leidt dat die 9 procent er verder in gaat en dat 1 procent uiteindelijk topwetenschapper wordt. “Duaal leren wordt op eenzelfde manier ingevuld: je laat jongeren proeven van wat een beroep is, zodat ze later gerichtere keuzes kunnen maken. Dat is ook interessant voor STEM. Het is weliswaar niet de bedoeling dat we iedereen in STEM-richtingen sturen, maar dat we jongeren wel de kans geven om van wetenschap te proeven en dat ze ervoor kunnen kiezen als ze dat willen.” Ruimte om te experimenteren Als voorbeeld voor een ideaal duaal-traject kijkt de CEO naar de Verenigde Staten: in New York bestaat er namelijk een universiteit, speciaal opgericht rond duaal leren. Daar brengen ze industriëlen en docenten samen voor de klas. Ongezien in eigen land nog, maar dat het vooruitstrevend is, staat buiten kijf voor Berghmans. “Zo vallen jongeren die minder geïnteresseerd zijn in het academische en meer in het praktische niet uit de boot. Als je als onderwijsinstelling de invulling en opvolging van het leertraject deelt, dat is pas innovatief. Bedrijven hebben dat ook moeten leren. Zo krijg je resultaten. Leren op de werkvloer betekent niet alleen doen wat je geleerd hebt, maar ook experimenteren en leren uit je fouten. Dat kan bij ons. En een belangrijk startpunt kunnen de ideeën zijn die vanuit IdeaalDuaal komen.”

De IdeaalDuaal-campagne blijkt dan ook de perfecte bondgenoot te zijn voor Technopolis, die heel duidelijk wil inzetten op co-creatie: met de buitenwereld, de bedrijven, hun bezoekers, de overheid en natuurlijk met het onderwijs. “Vroeger dachten we dat we alles zelf gingen uitvinden, nu weten we dat dat simpelweg niet kan. De IdeaalDuaal-campagne van SYNTRA Vlaanderen kan ons daarbij helpen”, geeft Berghmans aan. De taak die Technopolis op zich wil nemen, betrekt een centrale positie binnen de verschillende partijen voor co-creatie die hij net opsomde, en die elk hun eigen doel hebben. “Wij willen eigenlijk in het midden gaan zitten en een faciliterende rol spelen vanuit de technologische expertise die we hebben, en een platform vormen dat de discussie tussen die verschillende spelers mogelijk maakt.” Menselijke skills Als we samen met Berghmans onze blik naar de toekomst van duaal leren richten, pakweg zo’n tien jaar van nu, ziet de Technopolis-topman vooral de ontwikkeling van heel veel skills, aangeleerd in een bedrijfscontext. “Ik merk het bij mezelf ook. Heel dat menselijke stuk werd me niet aangeleerd tijdens mijn studies”, blikt hij terug op zijn eigen leertraject. “Ik zou er enorm veel voordeel aan gehad hebben om ook de soft skills te leren. Ik denk dat er snel wordt vergeten hoezeer die sociale of humane wetenschappen nodig zijn in de bedrijfswereld. En zeker wanneer artificiële intelligentie en robots steeds meer deel zullen uitmaken van onze maatschappij.” De menselijke skills zoals empathie en samenwerken groeien volgens hem dan ook steeds meer in belang, net omdat de hardere wetenschappen deels overgenomen kunnen worden door machines. “Informatie zal veel sneller beschikbaar zijn. De leerkracht zal ons daarin moeten begeleiden als een coach, die ons vertelt hoe we dat moeten interpreteren. Leerkrachten moeten kinderen en jongeren leren werken met de tools die beschikbaar zijn.” Hij sluit af met het idee van leren en laten leren: “Ik denk dat we ook moeten kijken naar hoe mensen zich levenslang kunnen bijscholen. Omgekeerd duaal leren voor de oudere mensen wordt ook noodzakelijk, zodat ze terug naar school kunnen gaan terwijl ze al werken.”

WINNAAR 2018

Nick Leenaert | Unilin UNILIN lanceerde de DISCOVERY APP. Nick Leenaert, Talent Director: “We merken dat er te weinig doorstroming is naar technische richtingen. Daarom brachten we de app tot stand, omdat die de maakindustrie positief in beeld brengt en een realistisch beeld geeft van een productieomgeving. Eénmaal de interesse er is, promoten we meteen ook duaal leren. Sinds de wedstrijd gebruiken we de app tijdens het sollicitatieproces, op jobbeurzen…” UNILIN is na de wedstrijd ook gestart met duaal leren in samenwerking met het VTI. “Duaal leren is het beste van twee werelden: leren op school en op de werkplek”, aldus Leenaert. “De leerlingen volgen 2 dagen per week les en werken 3 dagen per week bij ons. Zo krijgt de student een sterke theoretische basis en een flinke dosis praktijkervaring op de werkplek.” Wat volgens hem een idee goed maakt om duaal leren verder te boosten? “Zorg ervoor dat het laagdrempelig is en toegankelijk voor een breed publiek. En wees verrassend: zorg voor uitdaging en doorprik bestaande percepties.”

10


KOEN DE LEUS

“Levenslange opleiding aanbieden helpt ons in de war for talent” Als grootste bank van België erkent BNP Paribas Fortis het belang van levenslang leren. Binnen de bank lopen dan ook heel wat projecten om medewerkers voortdurend bij te scholen. Maar ook buiten de bankwereld heeft duaal leren absoluut zijn plaats, zegt hoofdeconoom Koen De Leus. “Recent schreef ik een boek, ‘De Winnaarseconomie’, waarin ik beschrijf hoe de wereld almaar sneller verandert door de digitalisering en hoe daardoor het begrip ‘job voor het leven’ eigenlijk niet meer bestaat. Je moet je constant bijscholen om mee te zijn. Dat sluit perfect aan bij de IdeaalDuaal-wedstrijd. Er zijn studies die aantonen dat wie het beste omgaat met die digitalisering en wie zich voortdurend bijschoolt, zowel in scholen als op de werkvloer, de kansen op ‘inzetbaarheid’ enorm vergroot in de toekomst.” Hoe zie je duaal leren evolueren in de toekomst? “Het is al een zeer nuttig instrument voor technische beroepen, maar het zal ook meer en meer zijn plek vinden op bijvoorbeeld onze universiteiten. Neem nu alles wat met machine learning en artificiële intelligentie te maken heeft. Via duaal leren kun je echt ondervinden hoe zoiets concreet wordt ingezet in bedrijven. Zo krijg je veel meer een aansluiting tussen wat scholen aanleren en wat bedrijven vragen aan competenties. Ook in het hoger onderwijs wint duaal leren aan belang. Er zijn al heel wat projecten opgestart, maar dat mag gerust nog uitgebreid worden. Duaal leren is een methode voor vele doelgroepen: leerlingen, studenten, werknemers…” Helpt het ook bij het matchen van vacatures en werkzoekenden? “Ik denk het wel. We hebben in België nu een vacaturegraad van 4,5 procent, dat wil zeggen dat zoveel procent van alle jobs ‘open’ staan. Dat is een van de hoogste cijfers in Europa en ook voor ons land een van de hoogste cijfers van de laatste twee, drie decennia. Er moet dus wel iets gebeuren. We hebben meer werkzoekenden dan vacatures en toch geraken die jobs niet ingevuld. Dat geldt zowel voor hoog- als laaggeschoolden. Duaal leren kan dat voor een stuk mee helpen remediëren door op een innovatieve manier hiermee om te gaan, bijvoorbeeld door werknemers tijdens hun loopbaan meer te laten leren over jobs

buiten hun organisatie, buiten hun sector of skills/jobs die nodig zijn in de toekomst. Daarnaast vind ik dat leerlingen ook beter geïnformeerd moeten worden over welke studierichtingen hen de beste kansen op de arbeidsmarkt geven. Iedereen is vrij om te doen wat hij wil, maar als iedereen Geschiedenis of Pol. & Soc. gaat studeren en er is simpelweg geen vraag naar… Met alle respect, maar dan is er toch een probleem.” Hoe pakken jullie levenslang leren binnen BNP Paribas Fortis aan? “Wel, in totaal hebben we in 2018 zo’n 450.000 uur aan gevolgde opleidingen gedaan, 200.000 uur in de klaslokalen en 250.000 uur aan digitaal leren. We hebben nu een eigen digitaal leerplatform waar we continu nieuwe, korte leerinhouden aanbieden, bijvoorbeeld over chatbots of over artificiële intelligentie. Duaal kan dus ook nog aangevuld worden met digitaal leren. In het kantorennet is er al sinds 2016 een opleidingsprogramma om de digitale skills van onze mensen op te krikken. Er zijn ook learning communities opgericht, een soort intern sociaal netwerk rond opleidingen en leren. Daarnaast is er ook elk jaar een Career Counseling Day, waar hr-mensen met medewerkers rond de tafel gaan zitten om eens na te denken over hun carrière: wat zijn hun ambities? Wat willen ze graag doen? Hoe willen ze dat bereiken? Hoe kunnen wij daarbij helpen? Daar hebben tot nu toe al 500 mensen aan meegedaan en in 2019 gaan we dat nog breder uitrollen.” Loopt de banksector hierin voorop? “Ik denk dat de meeste banken wel soortgelijke programma’s hebben, ja. Veel hangt ook af van hun omvang. Het is vaak: hoe groter de bank, hoe meer ruimte er voor zulke zaken is, omdat de schaalgrootte ook meespeelt. De banken zijn ook wel voortrekker, omdat we een van de eerste sectoren zijn die door de digitaliseringsgolf geraakt worden. In de banksector is er historisch ook altijd veel reglementering en wetgeving geweest, die vaak veranderd is. En je moet daarvan op de hoogte zijn als werknemer, vandaar dus dat extra opleidingen een beetje in ons bloed zit. Voor ons is het ook een troef in de war for talent: als je potentiële sollicitanten een voortdurend opleidingstraject kunt aanbieden, ga je sneller mensen overtuigen om voor jou te komen werken.”

WINNAAR 2018

Jordy Declerck | Dualo

11

“Wie zich voortdurend bijschoolt, vergroot de kansen op ‘inzetbaarheid’.”

DUALO

Dualo is een communicatieplatform waarbij leerlingen/studenten, scholen en bedrijven elkaar kunnen vinden, inzake stages en duaal leren. Jordy Declerck, die de app mee uitwerkt, legt uit: “Door middel van een ingebouwd rating- en recensiesysteem zorgen we dat de student een goed bedrijf kan kiezen als werkplek, dat aansluit bij diens noden. Maar ook dat de bedrijven zich kunnen verbeteren door naar de mening van de leerlingen te luisteren. Een win-win voor beide partijen.” Momenteel werken ze aan een prototype van Dualo, dat ze testen bij de verschillende partijen: de bedrijven en de scholen, zowel leerkracht als leerling. “Zo krijgen we een visie van wat er al dan niet nog ontbreekt in de puzzel”, aldus Declerck. “De wedstrijd heeft ons erg geholpen om de nodige contacten te leggen. Onze huidige partners hebben we leren kennen via de wedstrijd.” Declerck: “IdeaalDuaal is een belangrijke wedstrijd omdat het eindelijk de nodige publiciteit voorziet voor duaal leren.” En iedereen kan daar deel van uitmaken. “Wees niet bang of te zeer onder de indruk van de ideeën van iemand anders. Het is niet omdat jouw idee misschien ‘niet zo spectaculair klinkt’, dat het geen goud waard kan zijn.”


RAYMONDA VERDYCK

“De school moet niet beperkt blijven tot een gebouw: leren is ook op andere plaatsen mogelijk” Raymonda Verdyck, de topvrouw van het GO!-onderwijs, is fan van het eerste uur van duaal leren. Voor haar is het belangrijk dat scholen aansluiting zoeken met de buitenwereld − en dan voornamelijk met de arbeidsmarkt.

“Wij kunnen heel veel op school. Maar niet alles. Net omdat we niet in staat zijn om sommige dingen toe te passen − we beschikken bijvoorbeeld niet over de allernieuwste technologieën − is dat zo belangrijk. Maar het gaat ook over attitudevorming. Zeker voor leerlingen die snel de overstap willen maken naar de arbeidsmarkt is het fijn om al eens te proeven van de werkvloer. Daarom is het samen aanbieden van een leertraject voor ons zeer waardevol. Gooi bijvoorbeeld de auto-industrie in de mix: voor onze scholen is het gewoon niet mogelijk om alle technologische evoluties bij te houden, denk maar aan artificiële intelligentie of robotica. Daar kunnen wij niet even snel op inzetten als de bedrijfswereld. Dus is het goed om zulke partnerschappen te creëren.” Wat voor attitudes leren leerlingen op de werkvloer? “Op school zit je nog altijd met je medeleerlingen, gelijkgestemden. In een bedrijf leer je echt in een team functioneren en goede afspraken te maken. Je draagt een andere vorm van verantwoordelijkheid dan wanneer je in de beslotenheid van een school zit. Wat je doet, heeft een impact op het resultaat van een bedrijf. Als je bijvoorbeeld in de bouw begint met voegen en dat is niet goed, dan heeft dat een reële impact voor het bedrijf. Die muur moet nu eenmaal goed gevoegd zijn. Op school kun je altijd het voegsel eruit halen en herbeginnen. Attitudes worden scherper op punt gesteld als je op de werkvloer bent. Daar werk je ook met ervaren werknemers samen en maak je deel uit van een team dat naar een resultaat toe werkt. Ondertussen word je evenzeer ondergedompeld in een leerproces.” Wat maakt van duaal leren een innovatieve onderwijsmethode? “Op het vlak van kennis gebeurt er ook heel veel in de wereld buiten de school. Het is belangrijk om te weten dat een school geen eiland is, en dat je best met beide voeten in de wereld staat. Wij leiden jonge mensen op voor de toekomst, dus moet er ook verbinding worden gemaakt met de wereld waarin ze later toch sowieso terechtkomen. Het is goed om buiten je eigen schoolomgeving te stappen, om expertise en knowhow van buitenaf naar binnen te trekken.”

levenslang leren horen we steeds meer bij bedrijven. Dat is voor ons ook een win-winsituatie in het duaal leren. Goesting geven om te blijven leren. Zodat leerlingen de theoretische kennis ook in de praktijk meekrijgen, en de zin om te blijven leren veel meer gestimuleerd wordt. Wij zijn bovendien sterk vragende partij om duaal leren in te voeren in het volwassenenonderwijs. Ook voor hoger onderwijs is duaal leren relevant. Wij denken dat, om leraar te worden bijvoorbeeld, het heel interessant is om in een duaal traject te stappen en het laatste jaar al deel uit te maken van een schoolteam.”

“Het is heel belangrijk dat een school geen eiland is, maar met beide voeten in de wereld staat.”

Welke lessen trekken jullie uit het buitenland? “In Duitsland en Zwitserland is er een heel sterk uitgebouwd duaal leren-traject. Maar de lessen die wij daaruit kunnen trekken, zijn niet noodzakelijk positief. Wél goed is dat er vanuit de bedrijfswereld veel tijd en energie wordt gestoken in het opleiden van jonge mensen. Maar je moet ook iedereen in dat traject vasthouden. In duale systemen wordt er veelal niet in de breedte gekeken, en krijgen vooral leerlingen die al goed zijn de meeste kansen: de cherry picking van de heel sterke leerlingen, zeg maar. En dat is iets wat we toch liever niet zien gebeuren. We moeten ervoor zorgen dat iedere jonge mens de kans krijgt om dat traject te doorlopen.” Hoe ziet de toekomst voor duaal leren eruit? “De school is niet enkel nog het fysieke gebouw waarin leerlingen zich bevinden van maandag tot vrijdag. Leren doe je in de breedte. Leren wat de wereld te bieden heeft, en dat levenslang. Dat zou ook de benadering moeten zijn ten aanzien van duaal leren. Zorgen dat leerlingen ook elders kunnen leren en dat school niet beperkt blijft tot een gebouw, maar dat leren ook op andere plaatsen mogelijk is. Dat we de doelen van wat jonge mensen moeten bereiken heel duidelijk blijven stellen en meegeven.”

En om van binnenin naar buiten, het bedrijfsleven dus, te ‘duwen’. “Zeker. Begrippen als wendbaarheid, flexibiliteit en

WINNAAR 2018

Feline Waeckens | Through Mountains Through Mountains brengt het leer- en groeiproces van leerlingen op de werkplek en tijdens het schoolgebeuren in kaart. De drie actoren binnen duaal leren worden dichter bij elkaar gebracht aan de hand van een basecamp. Daar staan communicatie, reflectie en zelfsturing centraal. “Via de app krijgen leerlingen de kans om te reflecteren op hun eigen werk”, zegt oprichtster Feline Waeckens. “Ook kunnen werkplekken en scholen beter communiceren over de groei van de leerling en komen ze dichter bij elkaar − én de leerling − te staan. Alle partijen kunnen op elk moment terecht bij de app, waar het leerproces van de leerling meteen zichtbaar is.” De app draagt de naam Through Mountains omdat het leer- en groeiproces van leerlingen zoals een klimtocht is die ze gedurende hun carrière afleggen. Die verloopt nooit zonder de nodige obstakels. “Oplossingen voor die obstakels vul je individueel in”, gaat Waeckens verder. “Het is belangrijk om steeds te streven naar de beste versie van jezelf. Dat gevoel heb ik ook bij het duaal leren. Het is wetenschappelijk bewezen dat je beter dingen kunt leren of onthouden door ze te doen.” Laat duaal leren daar nu net een mooi voorbeeld van zijn. “Verschillende ideeën worden gehoord en omgezet in de praktijk, dat werkt mee aan de onderwijsinnovatie. Dat kan ik, ook als leerkracht, alleen maar aanmoedigen.”

12


CAROLINE PAUWELS

“Levenslang leren moet iets plezants worden” Duaal leren is niet enkel een zaak van het secundair onderwijs. Ook aan onze universiteiten verdient het absoluut een plaats, zegt Caroline Pauwels, rector van de VUB. Aan haar eigen universiteit voegt ze alvast de daad bij het woord.

“We hebben nu middelen om het onderwijstraject serieus op zijn kop te zetten. Je moet niet alles weggooien, maar je moet ook niet alles doen zoals het altijd al was.”

“De toenadering tussen onderwijsinstellingen en het beroepsleven is zeer belangrijk. Ons ‘doelpubliek’, jongeren die een studiekeuze maken, kunnen zich vaak niet voorstellen wat dat beroepsleven echt is. Dus daar moeten we mee aan de slag en dat is niet zo eenvoudig. Ook al omdat jobs tegenwoordig erg veranderen, en in de toekomst zal dat er niet op verbeteren.” Is er een kloof tussen wat bedrijven verwachten en wat studenten verwachten? “Het is zeker onze taak om onze studenten een bepaald aantal vaardigheden bij te brengen, maar ik weet niet of wij ze ook absoluut ‘marktklaar’ moeten maken of perfect moeten ‘formatteren’. Ik denk dat bedrijven ook andere zaken verwachten dan perfect geformatteerde mensen: bijvoorbeeld bepaalde problemen zelfstandig oplossen of kritisch denken of zelfs om dat beroepsleven helemaal anders vorm te geven. Maar goed, de dialoog moet wel zeker aan de gang blijven tussen onderwijs en het professionele leven.” Wat is specifiek de rol van een universiteit? “Het is voor mij vooral een kwestie van de mogelijkheden te tonen. Hier intern leeft de bezorgdheid dat wij geen ‘vakschool’ mogen worden. Niks mis met nadenken over de beroepsmarkt, maar dat is niet onze taak. Daar zijn andere instellingen beter in. Tegelijk voel je in die roep om vaardigheden ook wel dat je je onderwijsvormen in vraag moet stellen. En daar denken wij zeker graag mee over na. Er zijn al heel wat richtingen waar bijvoorbeeld stages een belangrijk deel van het curriculum zijn, ook al kan dat misschien nog meer gestructureerd worden. Bij de artsen en de leraren zijn stages altijd al een wezenlijk deel van hun opleiding geweest, maar het mag nog breder uitgerold worden. Daarnaast ook bijvoorbeeld lezingen of het meer incorporeren van het beroepenveld. Wij hebben ook ons project ‘Wekonekt.brussels’, waarbij studenten − nog voor ze hun eerste sollicitaties doen − al eens bij bedrijven langs zijn geweest en weten wat daar gebeurt.” Zijn er al concrete stappen gezet in dat incorporeren? “Wel, we hebben bijvoorbeeld studenten uit de faculteit Economische Wetenschappen die nu mee zijn op handelsmissie in Colombia. We doen dat al heel lang, elk jaar naar een ander land. Vorig jaar was het bijvoorbeeld Kenia. De studenten bereiden dat een heel jaar voor, ze spreken met ondernemingen, met ambassades, ze maken

WINNAAR 2018

Rony Raes | Edugo Glorieux

13

dossiers op… We willen daar ook onze politicologen en communicatiewetenschappers bij betrekken. En dat werkt heel goed, de studenten zelf vinden het fantastisch om te doen.” Kunnen ook de humane wetenschappen ervan profiteren? Pakweg Filosofie? “Ik denk dat het voor alles kan. Met We Connect Brussels proberen we dat ook: studenten moeten van de campus af en de stad in. Idealiter evolueert dat naar iets structureels waarbij ze bijvoorbeeld een heel semester lang in een bedrijf of organisatie zitten. Voor de politicologen kan dat pakweg in het parlement of in een politieke fractie zijn. En dan krijgen ze ter plekke ook al eens een les van bijvoorbeeld de voorzitter van het parlement of van de woordvoerder of de fractieleider. Zo krijg je een nieuw pedagogisch concept. De computerwetenschappers hebben de start-ups hier in Brussel maar voor het uitkiezen. De meteorologen kunnen naar het KMI in Ukkel. Dat kun je voor elke richting organiseren.” Duaal leren zal uiteindelijk naar levenslang leren evolueren. Dan zal je waarschijnlijk in een later stadium terug met het professionele veld in contact komen? “Absoluut, en we moeten samen nadenken over hoe we dat doen. Het gaat dus in twee richtingen: vroeg in het beroepstraject zullen wij de brug moeten maken naar de beroepen. En later is het aan hen om de brug naar ons te bouwen. Op termijn zal een diploma een soort van levensgarantie worden, waarbij je regelmatig updates krijgt om verder te kunnen werken. Je ziet duidelijk dat die bruggen in beide richtingen beginnen te lopen, dat duaal leren een soort voorbode wordt van levenslang leren.” Hoe zie je dit alles in de toekomst evolueren? “Het zijn in elk geval boeiende tijden (lacht). We hebben nu middelen om heel het onderwijstraject serieus op zijn kop te zetten. Ik vind dat positief. Je moet niet alles weggooien, maar je moet ook niet altijd alles doen zoals het altijd al was. Levenslang leren is iets fantastisch. Alleen moeten we zorgen dat we de curiositeit onderweg niet kwijtraken. Nu wordt het nog vaak aanzien als iets stresserends. Dat hoeft niet zo te zijn. Leren kan je leven boeiend en verrijkend maken. Dat is de belangrijkste boodschap: levenslang leren moet iets plezants worden.”

campus Glorieux

“Onze app was bedoeld om de mentoren in het duaal leren te ondersteunen en hen de tools aan te reiken om hun taak succesvol uit te voeren”, zegt Rony Raes van Edugo Glorieux, een Gents centrum voor deeltijds onderwijs. “We wilden praktische tips en tricks geven omdat de aanpak van de mentor een zeer belangrijke schakel is binnen het duaal leertraject.” De app is opgebouwd als een soort puzzel die de mentor begeleidt bij de verschillende stappen in het traject: van het onthaal, de motivering, leerproces… Bij elk puzzelstuk is er ook het aanbod, indien gewenst, om contact op te nemen met toelichters om zaken te verduidelijken of voor bijkomend advies. Een echt uitgewerkte app is er uiteindelijk niet van gekomen, geeft Raes aan. “We gebruiken er wel een papieren versie van en hopen dat de sectoren het nut hiervan inzien en dit verder willen ondersteunen als waardevolle aanvulling bij de bestaande mentoropleidingen. Met onze duizend euro prijzengeld hebben we uiteindelijk didactisch materiaal aangekocht. Het gaf wel veel voldoening om van een externe partij de waardering te krijgen waar we op hoopten.”


HANS MAERTENS

Duaal leren is de leervorm van de toekomst Als topman van de werkgeversorganisatie VOKA kent hij als geen ander de noden van de bedrijven. Competente, goed opgeleide en gemotiveerde mensen vinden, is er daar zeker een van. En duaal leren kan hiervoor een enorme hefboom zijn, aldus directeur Hans Maertens. We ontmoeten Hans Maertens op het statige hoofdkwartier van VOKA in Brussel. De werkgeversorganisatie zorgde er een jaar of vijf geleden al mee voor dat duaal leren in het regeerakkoord kwam. Momenteel spelen in het onderwijs een viertal tendensen die ervoor zorgen dat duaal leren de leervorm van de toekomst zal worden, zegt Maertens. Duaal “De eerste is dat onderwijs sowieso naar ‘duaal’ zal evolueren. Je zult niet enkel op school moeten leren, maar ook nadien, als je al in een bedrijf of organisatie in dienst bent. Die leervorm zal ook breder toegepast worden dan enkel in beroepsof technisch onderwijs.” Ook in het hoger en universitair onderwijs moeten vormen van duaal leren mogelijk worden. In Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk wordt het al lang met succes toegepast. Digitaal Een tweede evolutie is ‘digitaal’, gaat Maertens verder, zowel in vorm als inhoud. Qua inhoud zal de focus op STEM liggen − Science, Technology, Engineering en Math. “Het zijn de richtingen van de toekomst die mee zullen bepalen hoe onze maatschappij evolueert. Qua vorm moeten we het klassieke, papiergedreven, ex cathedra-lesgeven toch eens herbekijken. We moeten onderzoeken hoe we digitaal onderwijs organiseren, met apps, digitale leervormen, onderwijs op afstand, MOOC’s (Massive Open Online Course)… Het zal op die manier ook mogelijk worden om een diploma te behalen aan de andere kant van de wereld.” Internationaal De derde tendens is ‘internationaal’, de hele beweging om ons onderwijs te internationaliseren. Jongeren moeten gedurende hun hele onderwijscarrière zoveel mogelijk in contact komen met andere talen en culturen, zoals bijvoorbeeld in het Erasmusproject. “Dat is, zowel voor henzelf als voor de bedrijven waar ze aan de slag gaan, een enorme meerwaarde. De tweede component daar is de uitdaging voor onze onderwijsinstellingen om internationale talenten aan te trekken. Niet enkel internationale studenten en onderzoekers, maar ook het aanbieden van internationale cursussen. We hebben goed onderwijs, laten we dat internationaliseren.”

“Het in gang zetten van duaal leren is niet iets wat je zomaar kunt organiseren. Dit is een unieke kans.”

Vitaal Als vierde element vinden we ‘vitaal’ terug, met het Latijnse ‘vita’ dat staat voor ‘levenslang leren’. “De vraag daarbij is natuurlijk hoe we mensen moeten stimuleren en ‘onderwijsproducten’ ontwikkelen om levenslang leren normaal te maken. Die cultuur is er nu grotendeels nog niet. En als je die vier tendensen − duaal, digitaal, internationaal en vitaal − combineert, moet je tot onderwijs komen dat mensen doet uitblinken en dat performanter wordt.” Duaal leren kan ook een antwoord bieden op de kloof die er nu nog vaak bestaat tussen wat scholen afleveren en wat bedrijven vragen, zegt Maertens. De rollen van zowel onderwijs als bedrijfswereld zullen daarbij duidelijk afgebakend blijven. “Het onderwijs en de bedrijfswereld moeten elkaar sowieso nog veel beter moeten leren kennen. Duaal leren is niet iets waarmee het bedrijfsleven het onderwijs wil overnemen, absoluut niet. Het pedagogisch project blijft voor het onderwijs. Alleen willen wij onze deuren veel breder opengooien omdat we door samen te werken tot veel betere resultaten kunnen komen. Op korte termijn in de vorming van onze leerlingen, op lange termijn in de vorming van onze medewerkers. En er zijn verschillende manieren waarop we kunnen samenwerken. Door debatten of participerende projecten, door materiaal ter beschikking te stellen, door stages… noem maar op.” Optimistisch realistisch In heel dit verhaal neemt SYNTRA Vlaanderen ook een zeer duidelijke sleutelrol in: zij zijn de regisseur van het geheel, vindt Maertens. “De actoren zijn de bedrijven, de scholen en de administraties. In Vlaanderen hebben we vaak goede actoren, maar ontbreekt die regie vaak. We pleiten er ook voor dat die regie in handen van één organisatie komt. Zij hebben de expertise en kunnen mensen en middelen mobiliseren. Mijn enige zorg is dat we te snel op onze lauweren rusten. Zo van: er is nu een project, we zijn er. Nee, dit wordt een moeilijk proces dat veel tijd en moeite zal kosten en waar we constant aan moeten werken. Hoe we dat organiseren, wordt nog een gigantische uitdaging. En we mogen het niet verkwanselen. Het in gang zetten van duaal leren is niet iets wat je om de paar jaar kunt organiseren. Dit is een unieke kans.” Wat de toekomst betreft, pleit Maertens voor optimisme. “Optimisme is een plicht”, zegt hij, “maar je moet ook realistisch zijn. Ik hoop dat we over vijf jaar kunnen zeggen dat we enorme stappen hebben gezet op het gebied van duaal, digitaal, internationaal en vitaal leren. Iedereen weet dat dit de richting is die we uit moeten. Maar we zullen vaak out of the box moeten durven denken. Niet dat alles totaal vernieuwend moet zijn of dat alles op z’n kop gezet moet worden. Maar een aantal heilige huisjes, structuren en verworvenheden zullen we toch moeten durven loslaten.”

WINNAAR 2018

Katrien Dingemans | iDuaal “Om duaal leren in de praktijk te vergemakkelijken, ontwikkelde BASF Antwerpen de app iDuaal”, begint Katrien Dingemans, manager werkplekleren & onderwijs. “iDuaal is een app die het leren op het bedrijf tussen de leerling, mentor en schoolbegeleider moet faciliteren: een heleboel administratieve taken, zoals rapporten en verslagen, digitaal. Zo kunnen alle partijen zich focussen op de essentie van duaal leren: een betere diepgang en hogere kwaliteit van het echte leerwerk.” “We ontwikkelden de app niet vanuit één specifieke opleiding, maar voor verschillende duale richtingen. Je moet echt bereid zijn om breed te durven kijken”, zegt Dingemans. “Ons initieel idee voor de app is beter geworden door te luisteren naar de noden van iedereen. iDuaal, en de eerste conceptuitwerking, is een realisatie van mensen die anders zelden zouden samenwerken: hr-medewerkers van BASF Antwerpen, mentoren uit onze installaties, studenten, schoolbegeleiders… iDuaal kreeg een andere invulling, die de kwaliteit van het duaal leren-traject ten goede kwam. Dankzij een samenwerking tussen een brede groep mensen konden we een grotere gemene deler filteren. Die samenwerking alleen al was een heel fijne ervaring, perfect om ideeën uit te werken. “Heel verrijkend en met enthousiasme tussen alle partijen. IdeaalDuaal heeft voor mij uiteindelijk voor een goede dosis fun gezorgd. Ik ben trots dat BASF Antwerpen zijn schouders onder duaal leren zet”, sluit Dingemans af.

14


SLOT WOORD Versterk het gigantisch potentieel van duaal leren door partnerschappen Als we kijken naar het budget van leren op dit moment − zo’n 13 miljard euro − betekent dat een gigantische investering, als we levenslang leren voor iedere burger willen implementeren. Hoe kunnen we dat realiseren? Wij geloven door zowel verrassende producten en dienstverlening als innovatieve businessmodellen op poten te zetten. Kortom: innovatie is de toekomst. Heel graag zelfs.

Wat hebben we daarvoor nodig? Het antwoord kennen we al: leer-ondernemers die het ecosysteem van levenslang leren in volle bloei kunnen zetten. De grootste opportuniteit ligt immers niet zozeer in al die mogelijkheden op zich, maar in het verbinden van dergelijke partijen in een ecosysteem. Opleidingsverstrekkers, ondernemingen, overheid, start-ups, kenniscentra… leven immers niet in afzonderlijke werelden. In een netwerk van onderling afhankelijke partners ontstaan nieuwe manieren van leren. In het ecosysteemdenken wordt het opbouwen en versterken van de onderlinge relaties tussen de spelers de belangrijkste bouwsteen om voortdurend te blijven vernieuwen.

Waarom kan er niet meer ruimte worden gegeven aan experimenten voor de toekomst? Technologie en innovatie kunnen immers een grote rol spelen. Waarom reserveren we dan niet een deel van het onderwijsbudget om toekomstige trajecten vorm te geven in een samenwerking met verschillende opleidingsverstrekkers, ondernemingen en start-ups in een ecosysteem?

Daarom willen we eindigen met een oproep: stel 2 procent van het onderwijsbudget ter beschikking voor bottom-up-projecten, voor experimenten met technologie en innovatie in het onderwijs – zoals IdeaalDuaal – om in een ecosysteemlogica met vele partnerschappen de vernieuwing mogelijk te maken. Door Bruno Tindemans, gedelegeerd bestuurder SYNTRA Vlaanderen

15


campus Glorieux

DUALO

BELGIUM Skilling Now

In samenwerking met Smart Media Agency en Fokus


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Fokus Ideaal Duaal by Smart Media Agency | Fokus - Issuu