Jaargang 01
PIT!
HET MICHAELACONCEPT: Jules Verne kiest het avontuur.
01
NIEUW! PIT! Voor en door jou
In gesprek met Samir Bashara: “Op IKC-gebied is Nederland nog erg conservatief.” Soms is nee gewoon nee Het goede voorbeeld geven doet wonderen.
Magazine over opvang en onderwijs voor medewerkers van SCIO Groep
Voorwoord
De realiteit van het IKC
IKC ontwikkelingen
Beste lezer,
A
ls twee organisaties samengaan dan doen zij dat omdat ze ervan overtuigd zijn dat ze samen sterker staan. Afzonderlijk zijn ze één, samen zijn ze drie! Waar zitten de sterke kanten van de een en waar die van de ander? Wat kan kinderopvang leren van het onderwijs en omgekeerd? Dit was ook de gedachte achter de fusie tussen Talent voor onderwijs en SKH/SKiK, die sinds 1 januari een feit is. Inmiddels zijn we een half jaar verder en is er al veel gebeurd. Dat is nog niet altijd zichtbaar voor alle medewerkers op alle locaties - het
meest zichtbaar zijn de voorzichtige stapjes bij Talent voor opvang en onderwijs. Zo is er de verplaatsing van de peutergroepen van de KlimOp en de Jules Verne: beide groepen zitten nu naast de kleuters zodat het uitwisselen en samenwerken beter mogelijk wordt. Juist in het domein van de peuters en kleuters zie je dat de samenwerking bijna natuurlijk wordt opgezocht. Deze samenwerking willen wij verder uitbreiden om zo te komen tot integrale kindcentra waar ieder kind meetelt en gezien wordt. Maar we willen dit niet overhaasten. Dus het kan zijn dat jij er nog niets van merkt in de school, opvang of op
de afdeling waar je werkt. Maar wij weten zeker dat de mooie verhalen in dit allereerste magazine jullie zal inspireren om de kennismaking op te zoeken met de nu misschien nog onbekende collega’s en samen eens van gedachten te wisselen over de meerwaarde van samenwerken. We wensen jullie veel leesplezier!
Bert en Marjan
En nu?
“Ik heb vertrouwen in de toekomst.”
I
n de aanloop naar de fusie spraken we met diverse medewerkers van Talent, SKiK en SKH om te peilen hoe zij over de gezamenlijke ambities dachten. In deze rubriek laten we een medewerker opnieuw aan het woord om te zien hoe deze nu tegen de samenwerking aankijkt.
Deze eerste keer is het woord aan Monique Brandjes, coördinator relatiebeheer bij Kinderopvang West-Friesland. “In ons eerdere gesprek gaf ik aan soms het gevoel te hebben dat het onderwijs zichzelf boven de kinderopvang plaatste. Daar viel nog een slag te halen. Gelukkig kan ik nu zeggen dat ik meer vertrouwen heb in de toekomst. Er worden stappen gezet. We leren elkaar kennen. Zo merkte ik dat in een overleg met de schooldirecteuren en de Clustermanager Kinderopvang de inhoud van mijn functie ter sprake was gekomen. Twee directeuren hebben daarna contact gezocht en een van hen heb ik rondgeleid zoals ik een ouder zou doen. ‘Van jouw aanpak kunnen wij nog veel leren’, complimenteerde hij me na afloop. ‘Je geeft zo goed aan hoe de lijnen lopen.’ Daar was ik blij mee, want ik vind het belangrijk om goed helder te maken wat de waarde is van onze integrale aanpak.
Ik kom natuurlijk uit de kinderopvang maar ik probeer zoveel mogelijk te weten van wat er op scholen speelt om een compleet verhaal te kunnen vertellen. Ik ben blij als schooldirecteuren die waarde zien.
“Er valt nog wat te winnen in het samenbrengen van culturen” Waar nog wat te winnen valt, is het samenbrengen van twee culturen. Ik verbaas me erover dat er op sommige plaatsen concurrentie ontstaat tussen Talent en Kinderopvang West-Friesland. Dat is niet de bedoeling. We moeten uit kunnen leggen waarom de ene locatie beter bij een kind past dan de andere, moeten varen op eigen kracht in plaats van de concurrentie aan te gaan. We zijn één organisatie die het beste wil voor het kind.”
Dynamis kiest voor SKH
M
arlies Luitjes, clustermanager bij Stichting Kinderopvang West-Friesland ziet mooie ontwikkelingen ontstaan binnen de organisatie. Niet alleen binnen Talent, ook bij de andere locaties is Kinderopvang West-Friesland volop bezig met IKC-ontwikkeling. Ze merkt dat scholenorganisaties steeds vaker op zoek zijn naar een vaste kinderopvangpartner om een IKC mee te vormen, zo ook bij verschillende scholen van stichting Penta. We nemen jullie graag mee in deze ontwikkelingen en deze keer gaat het specifiek om basisschool Dynamis in Hoorn.
SKH werkt al een paar jaar samen met deze school, waar zij buitenschoolse opvang biedt op de locatie Amiketoj. Het onderwijzend- en opvangpersoneel kent elkaar al goed, bijvoorbeeld door de overdrachtmomenten, maar ook door het detacheren van pleinwachten. Daarnaast sluit de BSO aan bij het schoolfeest van Dynamis en bespreken beide organisaties zoveel mogelijk wat de gezamenlijke aanpak kan zijn bij kinderen met problemen. Hiermee zijn de eerste stappen naar een kindcentrum al gezet. Toen Dynamis ging nadenken over een vaste kinderopvangpartner om een IKC mee te vormen, was SKH een van de kanshebbers. Zij mochten bij Dynamis hun
organisatie en ideeën voor de toekomst presenteren. In een uur tijd kon SKH laten zien wie ze is, wat ze wil en hoe dat het beste samen met Dynamis kan. Er volgde een spannende tijd tot het moment dat de school een beslissing nam en de blijdschap was groot toen bleek dat Dynamis net zoveel zin had om met SKH een IKC op te zetten als andersom. Samen gaan ze nu een volledig aanbod neerzetten voor kinderen van 0 tot 12 jaar. Dynamis wordt een plek waar zij zich van 07:00 tot 18:30 uur kunnen ontwikkelen en ontplooien met behulp van een divers activiteitenaanbod, onder meer op het gebied van sport en spel, muziek en techniek. Onze BSO wordt echt een plek waar kinderen hun interesses en talenten verder kunnen ontdekken. Aankomend schooljaar gaan SKH en Dynamis bekijken hoe de samenwerking kan worden geïntensiveerd. Doel is een gezamenlijke visie om aan een doorgaande ontwikkeling voor kinderen te werken. Dynamis wil uitgroeien tot een kindcentrum in het hart van de Kersenboogerd, waarbij sport en spel, gezonde voeding, plezier, buitenspelen en het ontmoeten van elkaar centraal staan.
Best practices
Column ‘Pedagogiek in de Praktijk’
De ‘familiegroep’ van de Bussel
Luister goed naar de kinderen! Nienke Ferwerda is pedagogisch medewerker op De Bussel. We spraken met haar over ‘de familiegroep’, een groep van 3 tot 6-jarigen. Onder schooltijd zijn de 3-jarigen er samen en na schooltijd komen de kinderen tot 7 jaar van de BSO erbij.
W
aarom hebben jullie zo’n familiegroep opgericht? De voornaamste reden is om de overgang naar de basisschool voor de 3-jarigen makkelijker en laagdrempeliger te maken. Ze zijn zo alvast vertrouwd met het gebouw, het schoolplein en de juffen. Bovendien mogen ze in overleg ook wel eens buitenspelen met de kleuterklas.
op de familiegroep hebben meer begeleiding nodig en een ander activiteitenaanbod. Dat was wel even schakelen, maar ik vond het ook een leuke uitdaging. Heeft de familiegroep effect gehad op je eigen werkmethode? Eigenlijk niet. De methode is hetzelfde gebleven, maar wel aangepast aan de behoefte van de kinderen. Hoe heeft de familiegroep bijgedragen aan de samenwerking met school? Het lijntje is nog korter geworden. De kleuterjuffen komen ook wel eens op de groep en als zij hulp nodig hebben, merk je dat het vragen nu veel natuurlijker gaat. Daarnaast proberen we om mee te gaan met de thema’s die school aanbiedt.
Linda Erken Pedagogisch medewerker BSO de Raccers, 8+-groep en onderwijsondersteuner OBS Montessori
Zou je de familiegroep aanraden? Absoluut. Het heeft echt heel veel meerwaarde. Waar ben je trots op? Dat de groep blijft groeien. Daaruit blijft dat het een goeie zet is geweest. Heb je tips voor collega’s die een familiegroep gaan opstarten? Luister goed naar de kinderen. De samenstelling van de groep is toch anders dan op een KDV of BSO. Samenspraak met de kinderen en ouders werkt echt heel goed.
Estafette
De estafette is een terugkerende rubriek waarbij medewerkers vragen aan elkaar kunnen stellen. De antwoorden op deze vragen lees je in het volgende nummer!
Hoe waren de reacties bij de opstart? In het begin waren we als PM’ers wat sceptisch en ook sommige ouders vonden het spannend. Met hen zijn van tevoren gesprekken geweest en werd de afspraak gemaakt om het drie maanden te proberen en daarna te evalueren. Uit de evaluatie kwam naar voren dat zowel de PM’ers als de ouders erg enthousiast zijn over de familiegroep. Wat voor effect heeft de familiegroep op de kinderen? Je merkt dat de kinderen die overgaan naar de basisschool echt een stuk makkelijker wennen. De drempel is veel lager. De oudste kinderen van de familiegroep vinden het erg leuk om de jongere kinderen op sleeptouw te nemen. Er zitten ook broertjes en zusjes samen in de familiegroep en dat maakt het vertrouwd. Wat is de grootste uitdaging geweest? Ik kom zelf van de BSO en de familiegroep is toch een andere doelgroep met andere behoeftes. De kinderen
“Hoe ziet een middag op BSO de Molshoop eruit? Werken jullie met een vast programma?”
Sarah van Schaik
PM’er op PSS de Poort en BSO Het Podium stelt een vraag aan BSO de Molshoop:
Het goede voorbeeld geven doet wonderen!
“H
et mooie van het werken op zowel school als BSO is de mogelijkheid om de verschillen te zien in het pedagogisch handelen. Hoewel er volgens dezelfde normen en waarden wordt gewerkt, verschilt de manier waarop dit gebeurt. Dit heeft er alles mee te maken dat de BSO vrije tijd is voor de kinderen en ze daarom anders reageren dan binnen het stramien van de les. Op school moeten kinderen leren. Hier hebben ze natuurlijk niet altijd zin in, maar dat verlangen we van ze. Aan het einde van hun basisschoolperiode moeten ze er qua kennis klaar voor zijn om door te stromen naar de middelbare school. Het helpt mij erg om mijn kennis en kunde vanuit de BSO ook in te zetten op school: zo kan ik kinderen bijvoorbeeld gemakkelijker enthousiast krijgen voor een les die zij moeten maken. Het klinkt nu misschien net alsof de BSO vrijheid, blijheid is tegenover een strak schoolregime, maar dat is niet helemaal waar. Ook de BSO kent regels en ritmes en we proberen de kinderen belangrijke vaardigheden bij te brengen. Ook daar bereiden we hen voor op de middelbare school. We zetten in op zelfredzaamheid en leggen verantwoordelijkheid bij hen neer. Ze kunnen heel goed zelf hun drinken inschenken, of er bijvoorbeeld zelf aan denken hun tas niet te vergeten.
“Hoe bevalt het werken in het ouderportaal?”
Jolanda Jonkman
Van afdeling Klantenservice stelt een vraag aan medewerkers van Peuterspeelschool Risdam:
Beide situaties vragen van mij om het goede voorbeeld te geven. Zowel op school als op de BSO wil ik kinderen enthousiasmeren door mijn enthousiasme, stimuleer ik dat ze zelf oplossingen bedenken voor de problemen die voor hen liggen en verontschuldig ik me wanneer ik een fout maak, zoals ik dat ook van hen verwacht. En soms is nee gewoon nee.”
Kijkje in de keuken
Michaela-concept betekent nieuwe start voor Jules Verne De Franse auteur Jules Verne schreef over avontuurlijke reizen naar onbekende gebieden, zoals de diepzee, het binnenste van de aarde en de maan. Hoe passend is dat avontuurlijke voor onze Jules Verne school, die het Michaelaconcept omarmde en daarmee het verhaal van de school herschrijft.
T
oen Bert Groenewoud hoorde over een school in een probleemwijk in Londen die successen boekte met de strakke structuur, regels en discipline van het Michaela-concept, dacht hij direct dit iets voor de Jules Verne zou kunnen zijn. Interim directeur Aaldert G overts richtte vervolgens een team op van collega’s die de voorhoede vormde in het omvormen van de school naar “the Michaela way”. Door de trainingen die zij volgden en hun inzet voor het project kreeg iedereen steeds meer een beeld bij ‘steengoed onderwijs en een glasheldere gedragscultuur’, zoals het Michaela concept zo mooi wordt verwoord.
Hoge verwachtingen Op een Michaela School is er naast kennisontwikkeling, veel aandacht voor het aanleren van gedrag dat past binnen onze maatschappij. Een strak gedragsbeleid met herkenbare structuren en routines staat centraal. Vanaf het moment dat leerlingen voor het eerst op school komen, worden hoge verwachtingen gesteld. Deze gaan zowel over leren als gedrag. Dat vraagt om een nieuwe mindset. “Als je gelooft dat kinderen alles kunnen leren, dan moet je ook stoppen met het hokjesdenken”, legt Aaldert uit. “Dat is niet altijd makkelijk - soms betrap ik me erop dat ik toch te snel oordeel over een kind. Ik vind het heel belangrijk dat wij als collega’s elkaar daar dan op wijzen.”
De
4
p ijlers van het Michaele-concept
Altijd betrokken Er zijn duidelijke afspraken over effectief onderwijs en daarbij passend gedrag. De leraren spreken dezelfde taal. Zo zet iedereen consequent dezelfde effectieve technieken in. ‘No opt out’ bijvoorbeeld, betekent dat alle kinderen altijd betrokken moeten zijn bij de instructie. Weet je het antwoord even niet, dan luister je naar de ander en komt de leerkracht daarna weer bij je terug om je het goede antwoord te laten herhalen. Rust en overzicht In een school waar afspraken en regels voorheen niet het gewenste resultaat hadden, heerst nu steeds meer rust. Er gaan geen groepjes kinderen meer uit de klas, want daarmee gaat kostbare lestijd verloren en de
Kennis is toekomst Kennis staat centraal en met de juiste kennis en het kunnen toepassen van deze kennis, worden leerlingen volwaardige, democratische burgers in de maatschappij.
atie. Er is sprake van een voorspelbaar, transparant en duidelijk gedragsbeleid met herkenbare structuren en routines. Aan leerlingen worden hoge verwachtingen gesteld op het gebied van leren én gedrag. Het team draagt voortdurend bij aan een professionele schoolcultuur op alle lagen binnen de school. Zij hebben hierin een voorbeeldrol en geven steengoed onderwijs binnen een glasheldere schoolcultuur.
Discipline is vrijheid Discipline en focus op leren en gewenst gedrag geeft leerlingen de kans de regie te pakken over hun eigen leven en toekomst, ondanks achtergrond of thuissitu-
Hoge verwachtingen van leren en gedrag Op de school spreken leraren voortdurend hoge verwachtingen uit naar leerlingen en naar elkaar; zij ondersteunen dit met gerichte feedback. Van alle leerlingen
leerkracht verliest het zicht op de kinderen. Ondersteuning en begeleiding vinden in de klas plaats en dat geeft overzicht en rust. Over gedrag wordt geen discussie gevoerd. Het is strak, maar Aaldert ziet dat het zijn vruchten begint af te werpen. Een nieuwe wind, een nieuwe naam De nieuwe wind die door de hele school waait moet de Jules Verne weer positief op de kaart zetten. Daar past ook een nieuwe naam bij, zo vond men. Op 27 augustus wordt de nieuwe naam van het kindcentrum onthuld. Een nieuwe naam, nieuw logo, nieuwe start, wat wil je nog meer? Aaldert: “Nou, een bezoek aan de echte Michaela school in Londen, dat is toch nog wel een droomwens!”
wordt positief gedrag en een lerende houding verwacht. Zo worden leersuccessen en leerresultaten vergroot en achterstanden geminimaliseerd. Feedback is gericht op het versterken van leren en gewenst gedrag. Oefening en begeleiding zijn de sleutels tot sterke kennis en vaardigheden Doelgerichte (in)oefening en gestructureerde herhaling, maakt een sterk kennisniveau en vaardigheidsniveau binnen alle vakken voor alle leerlingen haalbaar. Continu is er oog voor de ontwikkeling van alle leerlingen en geen enkele leerling krijgt de kans om achter te lopen.
Ouders aan het woord
Het woord is aan Samir Bashara De ontwikkeling van IKC’s neemt een grote vlucht. Maar hoe kijken ouders hiernaar? Vinden zij een IKC belangrijk voor hun kind en waarom?
S
amir Bashara is vader van 2 kinderen, van wie de jongste op het Fluitschip zit. Mogelijk kennen jullie Samir wel: hij is wethouder in Hoorn en zet zich in voor een geïntegreerd onderwijs- en jeugdvoorzieningenstelsel van wereldklasse. “Vergeleken met bijvoorbeeld de Scandinavische landen is Nederland op dit gebied nog vrij conservatief”, vindt hij. “Veel mensen beschouwen het zoveel mogelijk thuis opvoeden nog altijd als het beste voor kinderen.” Zelf heeft hij een andere kijk op de zaak omdat hij vanuit zijn eigen opvoeding van jongs af aan meekreeg dat voorzieningen als kinderopvang juist ook heel veel bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen. “Het is niet alsof het kinderen in landen waar vijf dagen per week verlengde schooldag de norm is, slechter vergaat dan onze kinderen.” Samir ziet dat de bezwaren van ouders tegen IKC’s niet zelden voortkomen uit vooroordelen en ietwat ouderwetse denkbeelden.
“Binnen een goed georganiseerde IKC komt alles samen, zijn alle domeinen met elkaar verbonden!”
De meerwaarde van een IKC voor kinderen en ouders zit volgens Samir in de verbinding tussen de verschillende domeinen. “Binnen een goed georganiseerd IKC komt alles samen waardoor er veel meer balans ontstaat in het totale ontwikkelingsaanbod voor kinderen”, stelt hij. “En daarnaast zijn er de vloeiende overgangen. Ik merkte dat bijvoorbeeld toen mijn jongste van peuteropvang naar kleuterklas ging. De overgang was nauwelijks merkbaar. Dat kwam doordat ze als driejarige al langzaam kon instromen door mee te draaien met de kleuterklas. Dat maakte het met name emotioneel veel behapbaarder. Al dat soort kleine dingen is opgeteld van grote meerwaarde voor haar ontwikkeling.” Een andere mentaliteit Hij verwacht dat de IKC-medewerkers van de toekomst misschien geen andere competenties hebben dan hun collega’s op school of in de opvang, maar wel een andere mentaliteit: “Ze werken anders, doordat ze met meer disciplines samenwerken. Veel IKC’s staan nog in de kinderschoenen, waardoor er misschien nog wat koudwatervrees heerst, maar dat hoort nu eenmaal bij de startfase van een transitie. Ik verwacht dat er veel meer rust zal komen als expertises in de praktijk samenkomen en ook de opleidingen hierin investeren.” Wist je dat Samir blogt op Kinderopvangtotaal.nl?
Colofon Dit magazine verschijnt een aantal keer per jaar en is een uitgave van SCIO Groep voor alle medewerkers. van Dedemstraat 6BC, 1624 NN Hoorn 0229 743 743 www.sciogroep.nl info@sciogroep.nl
Fotografie Getty Images Design Bourne Design Redactie Sanne Endstra, Sanne Hulst, Esmeralda Ravensbergen-van Belle, Wendy Spek, Caroline Sunnotel en Laura Witsmeer
Disclaimer De in dit magazine gepresenteerde informatie is in samenspraak met en met toestemming van de geraadpleegde bron tot stand gekomen. Samensteller SCIO Groep accepteert dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor onjuistheden anders dan spellings- of interpunctiefouten.
Volg ons op