Skip to main content

Tijdschrift 1899 - februari

Page 1

7e Jaargang.

N°. 2.

Februari 1899.

TIJDSCHRIFT VAN DEN

NEDERLANDSCHEN SCHAAKBOND. BESTUUR VAN DEN N. S.: Dr. A. VAN RHIJN, Voorzitter; H. J. DEN HERTOG, Onder-Voorzitter. W. H. M. DE VEEE, Haarlemmerstraat 99, Amsterdam, Penningmeester; H. I). B. MEIJER, Geldersehe Kade 37, Amsterdam, Secretaris; J. P. RUNSINK. REDACTIE: J. F. HEEMSKERK!, Sas W. B. H. MEINERS, Dr. A. G. OLLAND.

van Gent, J. F. S. ESSER,

J. W. TE KOLSTÉ,

Van dit blad, dat omstreeks den -20sten van iedere maand gratis aan de Bondsleden wordt toegezonden, z(jn extra-nummers verkrijgbaar Ji 15 cents en een geheele jaargang ii f t.50, eveneens slecbts voor Bondsleden. Als lid van den Bond betaaltmen/'2.50contril)utie. Nadere inlichtingen verschaft de Secretaris.

INHOUD: Bericht omtrent Jubileum-jaarboekjes; Bondszaken; Ingezonden stuk­ ken; Errata; Binnenland; Tweekamp Janowski—Showalter; Probleemrubriek; Ver­ schillende Partijen; Correspondentiepartij Batavia—Soerabaja; Boekbeoordeeling Aan den lezer. Den Heere zij dank ben ik weer hersteld, en heb ik dus weer de gewone werkzaamheden aanvaard. Dat het Januarinummer op tijd verscheen, is te danken aan de goede zorgen van onzen Secretaris. DE HOOFD-REDACTEUR. Tot heden ontving ik nog slechts van 18 leden te zamen slechts 26 inschrij­ vingen voor een boekje, ter herinnering aan den Jubileumwedstrijd te 's Gravenhage 1898, waarvan in het jongste Octobernummer werd aangekondigd dat het zou worden uitgegeven indien minstens voor 100 exemplaren werd ingeteekend. Tot uiterlijk 15 Maart stellen wij nu nog de gelegenheid tot inschrijving open. Indien dan nog niet voor 100 exemplaren is ingeschreven, beschouwen wij dit plan als buiten de belangstelling der leden, en dus als overbodig. Een schaakclub schreef mij het te willen overwegen nadat het Tijdschrift alle partijen van de Hoofdklasse geplaatst heeft. Dat kan niet, want dat zou ons minstens vier nummers van het Tijdschrift kosten waarin geen enkele buitenlandsche partij kon verschijnen; terwijl meerdere par­ tijen van de Hoofdklasse beneden peil van publicatie zijn. Bovendien moeten wij ook voor de eerste klasse zorgen en voor de kleine wedstrijden.

Bondszaken. Nieuwe Leden. H. H. Boek, Voorburg. G. J. Lantsink, Amsterdam. G. T. Duller,

Chr. Wesseling, 's Gravenhage. C. Wieling, Kimswerd. C. Gogelein, Hilversum. 3


38 ! Joh. J. Boelstra, Stiens bij Leeuwarden. F. K. Bokma, Leeuwarden. G. van der Kamp, „ Vrouwe Engelen, Zutphen. Y. Bolman, „ Y. Terpstra, Stiens bij Leeuwarden. Soerabajasche Schaakclub als Buitengewoon lid met 24 leden. Bravo! De namen volgen in een volgend nummer. Edwin Basl, Rotterdam, j S. Schur, „ Clubleden van de Nieuwe Rotterdamsche SchaakJac. Cadovius, „ vereeniging. P. Merkes, „ ]

De Kleine Wedsttijd te Leeuwarden is thans vastgesteld op 3 April in het café „Spoorzicht" van den heer Yke de Jong, die zoo welwillend is voor dezen wedstrijd zijn lokaal gratis ter beschikking te stellen. De bepalingen voor dezen wedstrijd zullen in de Maart-Aflevering worden mede­ gedeeld; zij zullen echter waarschijnlijk wel overeenkomen met de hieronder voor­ komende bepalingen voor den kleinen wedstrijd te Arnhem. Kleine Wedstrijd te Arnhem, op Zondag 19 Maart, café „Place Royale", Koningsplein. Deze wedstrijd zal worden gehouden, volgens de nieuwe regeling, zooals in deze Aflevering nader beschreven is; dus alle spelers blijven in alle ronden meêspelen en worden de prijzen uitgereikt naar gelang van het behaalde aantal winstpunten. Vóór dat de deelnemers loten, wordt bepaald welke ronden, van de betreffende paringtabel volgens „Berger", zullen worden aangenomen en gelden deze tevens voor de kleurverdeeling. Er wordt gespeeld in twee klassen; ieder afzonderlijk of in één groep met voor­ gift, afhangende van het aantal deelnemers. Het noteeren der partijen en het gebruiken van klokjes is verplichtend. De leider van den wedstrijd behoudt zich voor: a. aantal ronden, speeltijd, aantal zetten per uur bij den aanvang van den wed­ strijd op te geven; b. op den bepaalden tijd nog niet geëindigde partijen te beslissen, zoo noodig in overleg met twee aanwezige leden; c. de klassificatie volgens eigen aangifte te wijzigen en verder zoodanige maat­ regelen te nemen, als hij noodig acht in het belang van het geregeld verloop van den wedstrijd. Als prijzen worden uitgeloofd 4 hoofdprijzen en verder zooveel kleinere prijzen, dat de helft van het aantal deelnemers een prijs ontvangt. Het inleggeld voor den geheelèn wedstrijd is f 0,60. Aangifte voor dezen wedstrijd kan geschieden des morgens te 9 uur in het lokaal van den wedstrijd, terwijl deze te 9V2 uur een aanvang neemt. HET BESTUUR.


39 Correspondentie Wedstrijd. Voor dezen wedstrijd hebben zich aangemeld 2 0 deelnemers; deze zijn ingevolge de bepalingen, vervat in het Januarinummer, verdeeld in 4 groepen en door loting als volgt: Groep A. Groep B. 1. D. J. ten Klooster, Woerden. 1. G. W. Kloosterboer, Deventer. 2 . J. J. Speet, Breda. 2 . W. van Kooij, Voorburg. 3 . W. B. H. Meiners, Amsterdam. 3 . G. C. A. Oskam, 's Gravenhage. 4 . S. Beffie, Amsterdam. 4 . J. H. Goud, Arnhem. 5 . Dr J. D. R. Scheffer, Breda. 5 . K. Dijkveld Stol, Eenrum. Groep C. 1. Jhr. C. J. Strick v. Linschoten, Leiden, 2 . H. Beets, 's Gravenhage. 3 . W. Albregts, Amsterdam. 4 . Joh. M. Keuning, Beetsterzwaag. 5 . J. B. Coomans de Ruiter,'s Gravenhage.

Groep D. t. Mevr. ten Tusschedé-Borst, Amsterdam. 2 . Cs. van Leeuwen, Gouda. 3 . J. Schreuder, Eefde. 4 . Mr. P. A. C. Mac-Lean, 's Gravenhage. 5 . Mej. A. Koekebakker, Groningen.

S'peelorde voor iedere %roep. No. 1 speelt met Wit tegen 2 en 3 , met Zwart tegen 4 en 5. ~ ïi ï? »» 3 " 4? >> 5 " *• 3 1• n 1» 4 5» " »» »> * 2. 4 »» )» >» 5 » 1» »» « ^ « 3* 5 »» »? ï» ^ Ï) )) 3 " 4In 't bijzonder breng ik nog in herinnering de bepaling, dat binnen B dagen na ontvangst, de zet van de tegenpartij moet beantwoord worden. Bij ontvangst van deze Aflevering kan met het afzenden der zetten een aan­ vang worden gemaakt, dus N o 1 (van iedere groep) zende zijn eerste zet aan 2 >>

en 3; No. 2 aan 3 en 4; No. 3 aan 4 en 5 : No. 4 aan 5 en 1; No 5 aan 1 en 2, en moeten de wederkeerig ontvangen zetten binnen acht dagen beantwoord worden, met herhaling van den zet van de tegenpartij. Bijv.: No. 3 zendt zijn eerste zet aan 4 en 5 , ontvangt intusschen van No. 1 en No. 2 de eerste zet en schrijft nu binnen acht dagen aan 1 en 2 : In antwoord op ie zet Wit ie zet Zwart.... terwijl eveneens No. 4 en No 5 verplicht zijn aan No. 3 binnen acht dagen hetzelfde te schrijven, natuurlijk een en ander dui­ delijk onderteekend. De respectievelijke deelnemers ontvangen bijgaand de noodige notatielijsten, waaruit hun een en ander duidelijker zal blijken. Hoewel de deelname aan dezen wedstrijd niet zoo groot is, als ik wel verwachtte, doet het mij toch genoegen dat althans ook twee dames aan dezen wedstrijd deelnemen en wensch ik, haar in 't bijzonder, veel succes. H. D. B. MEIJER,

Bonds-Secretaris.


4°

Internationale Hoofdklasse Wedstrijd. „Er moet gestadige vooruitgang zijn." „De werkkring van den Bond moet steeds worden uitgebreid".

Geachte Medeleden! Indien ge het bovenstaande (uit de slotalinea van v. Lennep's Aanteekeningen Ledenlijst blz. 18) met mij eens zijt, verzoek ik u beleefd bijgaande briefkaart ingevuld en geteekend ten spoedigste aan mij toe te zenden. Amsterdam, Februari 1899.

H. D. B. MEIJER. *)

*) Volgaarne gevolg gevend aan de uitnoodiging van den heer v. Khijn, maak ik de leden er wel attent op, dat bovenstaande niet uitgaat van den Bonds-Secretaris Meijer, maar van Meijer in privé.

Nog eens over Kleine Wedstrijden. Naar aanleiding van het schrijven van den heer Dr. A. van Rhijn (zie JannariAflevering blz. 7) wensch ik op dat onderwerp nog even terug te komen.- Kleine Wedstrijden op één dag (er mag wel bijgevoegd worden, met beperkten dagdienst, want er moet rekening gehouden worden met aankomst en vertrek van treinen, van en naar omliggende plaatsen) moeten zooveel mogelijk de groote wedstrijden nabij komen, en daarom zou het zeer goed zijn om het paren der ronden te doen, naar de gegevens van Schurig. Daar het echter niet mogelijk is om bij 14 deel­ nemers op één dag 13 ronden te maken, kan vóór dat de deelnemers loten, voor­ uit bepaald worden welke drie of wil men vier ronden uit de Tabel van 14 deel­ nemers van Schurig's paringstelsel zullen genomen worden.Door dergelijke rege­ ling behoeft evenals bij een grooten wedstrijd slechts éénmaal geloot te worden, en de paring der deelnemers geschiedt geheel conform bestaande voorschriften. Terugkeeren tot het oude stelsel van loten, loten en nog eens loten, zooals de voorgestelde wijziging van den heer van Rhijn aangeeft, moet ik ten zeerste ont­ raden. Bij 14 deelnemers kan het toch voorkomen dat de uitslag van de ie ronde is, 5 winners 5 verliezers 4 remise. Nu zouden eerst de remisespelers moeten loten wie bij de 5 winners overgaat, daarna de 5 verliezers, wie bij de 3 over­ blijvende remisespelers overgaat, daarna de drie categoriên afzonderlijk nog eens loten voor het paren. De uitslag na de 2e ronde kon zijn 1 met 2, 4 met i'/s, 5 met 1, 2 met 1/s? 2 met; 0 winstpunten, dus weer loten, loten en loten voor het paren van de twee categoriên van vier. Ongerekend den tijd en administratie dat al dat loten kost, moet men ook rekening houden, met de moeite die men door­ gaans heeft om op een gegeven oogenblik, de spelers die loten moeten bij elkaar te hebben want ter voorkoming van allerhande. . . maren ... is het gewenscht dat bij loting de betrokken persoon zelf zijn nummer trekt. Maar behalve dit, vraag ik mij af is het billijk? dat speler A in de ie ronde verliezende, verplicht is in de volgende ronde met iemand te spelen waardoor hij zijn score volgens Sonneborn-Berger niet verbeteren kon. Is het billijk? dat speler B in de ie ronde winnend, in de volgende ronde ge-


41

steld wordt tegen een ander speler met winstpunt, waardoor zijn score volgens S.-B. altijd verbetert. Waarom moet B bevoorrecht worden boven A? Neen. B en A moeten gelijken kans loopen, zij het ook in tegenovergestelden zin. B moet zoowel den kans loopen zijn score niet te kunnen verbeteren als A om hem wel te verbeteren. Wil men het eenvoudiger, dan late men het stelsel S.-B. weg en bepalen dat bij gelijk aantal winstpunten, om de prijzen geloot wordt. Amsterdam, Februari 1899. H. D. B. MEIJER. Errata Bladzijde 8 regel 1, staat: een even sterk mededinger, lees: hij. „ 11 zijn de onderste 10 regels bij ongeluk in de noot verdwaald; zij behooren tot het verslag zelf. Ook de noot zelf was niet van dien aard dat ze onder aan de bladzijde behoefde. Dat trof maar toevallig zoo. r3 regel 13 v. o. staat: tegen, lees: begon. » » 22 „ 11 ,, „ „ gebruikt, lees: geruild. Nog eens: Voor beginners in het bijzonder. Ten gevolge mijner ziekte verdwaalde, zonder dat ik het had gezien, op bladzijde 23 een onjuist erratum; den leden, die hun Tijdschrift in waarde houden, wordt verzocht daarbij te schrijven: Neen, zie bladz. 41. In de op bladzijde 230 van den voorgaanden jaargang besproKen en afgebeelde stelling (Wit: Kf5 en Les; Zwart: Ka3 en pionnen b4 en C4) houdt Wit na 52. Ke4, b3 aldus remise: 53. Kds, Kb4! 54. Ke4, C3 (of.... Ka3, 55. Kds) 55. Kd3, b2 (of.... C2, 56. Lb2) 56. LC3 :f en 57. Lb2:. Daar de beteekenis van 54. .. . C3 en zijne gevolgen ons wat onbeteekenend voorkwam, verzuimden wij deze variant reeds op bldz. 230 op te nemen.

Ingezonden. Geachte Redactie!

Utrecht, 20 Jan. 1899. Hoezeer ik ook in het algemeen de onvruchtbaarheid inzie van over en weer geschrijf en ik ons tijdschrift niet gaarne veranderd zag in een tournooiveld, waar de pen als wapen dienst doet, zoo gevoel ik mij thans echter genoopt u te ver­ zoeken het volgende te willen opnemen in de Febr.-aflevering, naar aanleiding van het ingezonden stuk van den heer C. Tinholt in het Dec.-nummer. Waar de heer Tinholt, in zijn antwoord aan Dr. v. Rhijn, zegt er niets tegen te hebben, dat men zijne opmerkingen als „banale geestigheden" beschouwt en hij onze toegevendheid inroept met het „Ieder vogeltje zingt, zooals het gebekt is', daar kan het niet in mijne bedoeling liggen hem nogmaals hard te willen vallen over den toon van zijne ingezonden stukken, al valt het ook te betreuren, dat niet een zoeter gebekte zangvogel den kampioen binnen de hoofdstad heeft gelokt. Dat de heer T. rekenschap tracht te geven van het afspringen der onder­ handelingen, is zeker zeer terecht, en dat hij dit doet door het overleggen der correspondentie, hiervoor mogen we hem dankbaar zijn, zooveel te meer, wijl nu *


42

zelfs nog uit deze fragmenten blijkt, dat het niet was, omdat Lasker meer geld wilde hebben, dat hij zich met de voorwaarden van Amsterdam niet konde ver eenigen, maar omdat hij in geen geval tweemaal op één dag wilde spelen. Ook de vraag: „Von Rotterdam, enz." bewijst, dat L. er niet aan dacht de correspon­ dentie af te breken. Toen ik, tijdens het voeren der onderhandelingen over Lasker's komst alhier, kennis nam van de door het V. A. S. rondgezondene circulaire (omstreeks begin Maart), meende ik het noodig, ten einde mogelijke teleurstellingen voor ons te ontgaan, hierover in mijn brief aan den heer Weiser, opheldering te vragen. Ik deed dit in dezer voege: (ter voorkoming van mogelijke onderstellingen van indis­ cretie volgt hier de desbetreffende clausule woordelijk). „Es wundert mich dasz Sie mir anzeigen, d.d. 5 Marz, Herr Lasker kommt in ca 3 Wochen nach Holland, indem der Herr Secretar der Amsterdamsche Schaak­ vereniging eröffnet die Vermittelungen mit Herrn L. sind der exorbitanten Forderungen wegen abgebrochen." De heer Weiser antwoordt hierop d.d. 15 Maart '98: „dasz nicht die exorbitante Forderunge des Meisters Lasker eine Vereinbarung mit Amsterdam unmöglich machten, sondern die pratendierte geistige Anstrengung die man an Herrn Lasker steilte." En vervolgt dan: „Herr Lasker kommt anfangs April nach Holland wenn ich mich mit mehreren Schachklubs verstandigen kann. Zweimal 1) im Tage strengt sich der Meister nicht an, er spielt eine Simultanpartie mit so viele als da sind, oder spielt mit die besten Spielern, Eines x) oder das Andere 1) wahrend 5—6 Stunden, bis die Sache beendet ist." Mij dunkt, dat dit aan duidelijkheid niets te wenschen overlaat. Men ziet het: L. wilde niet tweemaal op één dag spelen. Waarom heeft de heer T. dit niet eenvoudig gezegd? Waarom was het noodig in plaats hiervan liefelijkheden te debiteeren aan Laskers adres? Doet het in het algemeen onaangenaam aan te vernemen, dat er over personen van buitengewone beteekenis op eene hunner on­ waardige wijze wordt gesproken, dubbel pijnlijk wordt ons schakershart getroffen, als iemand, en nog wel een schaker, zich op een zoo minachtende wijze over den wereldkampioen uitlaat. Aangenomen dat de geldkwestie voor L. de hoofdzaak ware geweest, dan zouden we stilzwijgen in den heer T. hebben geapprecieerd. Nu dit echter niet het geval blijkt geweest te zijn, is de houding van den heer T. zooveel te meer onverklaarbaar. Ten slotte kan ik den heer T., waarschijnlijk tot zijn groote verbazing, mededeelen dat er werkelijk meerdere Hollanders zijn, naïef genoeg om te denken, dat L. er op gesteld was kennis te maken met de Hollandsche schakers. Dat het hem niet vergund is geworden kennis te maken met de Amsterdamsche schakers, die het grootste contingent leveren voor onze eerste spelers, is stellig een niet geringe teleurstelling voor hem geweest. G. H. B. HOGEVVIND. 1)

De heer Weiser cursiveert.


43

Binnenland. Nieuwe Rotterdamsehe Sehaakveroeniging Rotterdam. Uitslag klassewedstrijd der N. R. S.: ie prijs: A. van Roon. — 2e prijs: W. H. de Wit. * * *

Den 23en Januari j.1. had in het Zuid-Holl. koffiehuis eene Simultaan-séance plaats, gegeven door den heer Benima, aan de leden der N. R. S. De heer Benima speelde tegen T2 leden der vereeniging. Alhoewel door den heer Benima zeer langzaam gespeeld werd (16 zetten in de 4 uren) stond de simultaanspeler in alle partijen zeer krachtig. De partijen zijn allen afgebroken en niet voleindigd wegens het late uur. ZUTPHEN. — Maandag 9 Januari hield het Zutphensche Dames-Schaakgezel schap „Door Oefening Vooruit" zijn jaarlijkschen onderlingen wedstrijd. De prijzen werden gewonnen: in de eerste klasse door Mevr. de Wed. Dr. Muller—Thijm; in de tweede klasse door Mevr. Evekink—Ketjen; en in de derde klasse door Mej. Harbach. Het was een recht aangename bijeenkomst in het gezellige zaaltje van het Hotel de Hollandsche Tuin; als de dames wisten met hoeveel animo en genoegen daar op de maandelijksche clubdagen wordt gespeeld en hoe aardig en opwekkend de wedstrijden zijn, dan zouden zich zeker nog velen bij ons aansluiten en in meer plaatsen zulke gezelschappen worden opgericht en het edele schaakspel onder de Nederlandsche vrouwen meer worden beoefend. Langzamerhand zullen de dames er dan ook toe komen om zich op dit gebied met de heeren te durven meten, en aan de algemeene wedstrijden deel te nemen, waar tot nog toe door te weinig oefening slechts weinigen den moed toe hadden 1). Die toenadering zou zeker voor beide partijen zeer gewenscht zijn. H. SCH1LLEMANS,

Secretaresse. 1)

In den correspondentiewedstrijd spelen twee Dames mede.

-al ^

^

(Noot van de Kedactie).

^ is-

Tweekamp Janowski—Showalter. No. 546.

Derde Partij, gespeeld 23 November 1898.

Wit: Showalter.

Zwart: Janowski.

Geweigerd Damegambiet. 1. d4 2. C4 3. P C3 4. P f3 5. Lgs 6. Pd4:*)

ds e6 P f6 C5 cd es

7. P c2 8. P ds 9. e4 10. Lf6: 11. Ld3 12. o—o

d4 L e6 h6 gf Tg8 P d7

13. 14. 15. 16. 17. 18.

f4 f5 ed b4 C5 bc

L dó L ds : Db6b) o—o—oc) L C5: P C5:


44 ig. T bi D d6 28. L e2 T h4 37. LC4: Dc4 20. L C4 T gs 29. Tb4e) T b4: 38. d6 Kb8 21. P a3 a6 30. Tb4: P (I3 39. Ddi Kc8 22. T f2 T dg8 31. Ld3: D b4: 40. Dei D c6 23. T C2 Kb8 32. P C2') Dc5?g) 41. D e7 Dcif 24. T cb2 Ka8 33. P e3: D d4 42. Kh2 D f4! 25. Khi e4ld) 34. L ft T c8 43. Khx Dci| 26. Dd4: T h5 35. 113 T C3 Remise. 27. Dgi es 36. Pc4h) T 04: a) Beter is 6. Lf6: en 7. Dd4:; de gekozen zet geeft Zwart gelegenheid tot es. b) Janowski maakt hier een grove positie-fout. Hij heeft twee vrijpionnen tegen Wit een vrijpion en zijn beide vrijpionnen zijn verbonden en in het centrum. Daargelaten de mogelijkheid van remise door loopers van verschillende kleur, is Zwart dus voor het eindspel beslist in het voordeel. Zoolang er echter nog vele groote stukken in het spel zijn heeft Zwart een groot nadeel in de moeilijkheid waar zijn koning te plaatsen. Op e8 staat die koning slecht, want hij belet voorloopig de opmarsch der eigen vrijpionnen; van de koningsvleugel kan geen sprake zijn; de lange roquade blijft dus alleen over of het veld d 7; maar dan moet b4 aan Wit belet worden, of althans onschadelijk gemaakt. Het best daartoe dienstig schijnt ons De7 of DC7, eventueel te vervolgen met respectief a5 (en later Kd7) of b6 en later o—o—o of Tc8. De gekozen zet lokt juist het gevaar stichtende IJ4 uit. °) Een logisch gevolg van de vorige fout is dit brutale ofifer, dat Zwart bevrijdt van den dreigenden wittepionnen-aanval, maar een kostbaren looper voor twee pionnen kost. Op 16.... 1^4:? zou volgen 17. Tbi. d) Een mooi óffer, naar Janowski's besten trant. Na Tfs : kwam Wit in het voordeel door Tb6 gevolgd door d6. ') Zwart wint nu de qualiteit terug en behoudt zijn aanvalsstelling; maar wat heeft Wit anders? *) Op PC4 kan volgen 32... . Te8; 33. Le2 (of Pe3: Dd2) b5 ; 34. Pb6| Kb7 ; 35. Pd7, Dd6 en Zwart moet winnen. g) Jammer. Zwart kon hier winnen door Dd2. Op 33. Le4 volgt dan Te8 en op 33. Dfi volgt Tc8. h) Wit heeft niet anders. Op Pg4 volgt Dd5: dreigend TI13: en f15. No. 547.

Vierde Partij, gespeeld 26 November 1898.

Wit: Janowski.

Zwart: Showalter.

Spaansclie Partij. 1. e4 2. P f3 3. L b s 4. d3 5. P C3 6. h3

e5 P c6 P f6 d6 L e7 Ld7

7. P e2 P a5 8. L d7 :f Dd7: 9. P g3 P c6 10. o—o h6 11. d4 o—o—o*) 12. ds b) P b8

13. L e3 14. C4 15. b4 16. hg 17. P d2 18. Dg4:f

a6 g5c) g4 D g4: T dg8d) P g4:


45 19- P f5 2°-

c5

21. Pe3: 22-

L d8

26. T ci:

T d8

33. Pc6!

T g8e)

Pe3:

27. P bóf

Ke8

34. Pb8:

T f4

Tg6

28. T C 7

35. P c4

Te4:

Kf8 T f6

36. Pd6: 37. Tf7:f

T d4 Kg6

31. T 1)7=

Kg8

38. P c6

32. P e7t

Kh7

cd

cd

23. Tfcit

Kd7

24-Pf5

Lgs

as")

29. T e7f 30. [5«)

LcI:4 25. Pc4!! a) Beter was eerst ed.

Zwart geeft de partij op.

)

Hiermee verkrijgt wit de betere stelling, die hij dan ook weet te behouden.

°)

Het eenige tegenwicht tegen de dreigende pionnenstorm op de Damevleugel

is wel deze tegenaanval; maar het is duidelijk dat ook dit middel niet meer vol­ doende is. d)

Door den afruil der Koninginnen wordt de kracht van zwart's aanval ge­

broken, terwijl wit's aanval blijft bestaan. Iets beter lijkt ons daarom Dg6, maar ook dan geven wij de voorkeur aan wit's spel. e) Op Pd7 kon volgen 29. Pc8, Pb8! 30. Te7+ Kf8; 31. Pb6! en bijv. 35; 32. 05 met gelijke stelling als in de partij na den 3osten zet van wit. f)

Om het zwarte Paard niet langs a6 te laten ontsnappen.

)

Na Pc6: wint wit door dc en de c-pion is niet tegen te houden door zwart.

No.- 548 548. No -

Vijfde Partij, gespeeld 30 November 1898.

Wit: Showalter.

Zwart: Janowski.

Geweigerd Daiuearaiiibiet. Ï-

d4

dS

17. Df2')

PhS

33. Tf3

Td8

2'

c4

e6

18-

g4

Lgs:

34.

D f8

3-

P c3

p f6

19-

fg

P g7

35. L e4

D a3

4- P f3

cs

20. T C2

D e7

36. D f6j)

T db8

ed Le6

21. Df4 22. P c6

Pd7 D f8

37. dsk) 38. Kg2

D est L ds:

5«i") 6. Lgs

gs

e3

P d7

23. T cf2

T a c 8 *)

39. L ds:

Dds :

8. L d3

L e^ )

24. P b4

as

4o.

D f7 :f

D f7 :

9- T c l 10. Lbi

c 4 '

25. P b d s : 26. ab

b4 ab

41. Tf7: 42. e6

TC3: T !

27. Pf6f*) 28. gf

Pf6: bc

43.

e7

44.

Kgi

T b2f Tg3|

7-

"• 12.

h3 a3

13.

o—o

a6 b5

o

oc)

Te8

29.

bc

Tb8

45.

Khi

T h3 :f

14. Pej

D c7 d)

30.

fg-)

Dgj:

46. Kgi

T g3t

J5-

P b6 g6

31. 32.

e4 es?1)

Tb7 T b3!

U 16. D C2

Remis.')

) Na de derde partij waagt Showalter zich niet weer aan het sterke centrum aat zwart op d CI4 en eq dat zwart op 4 en es kan krijgen na 5. Lg5. De gekozen zet is natuurlijker en blijkt aan zwart een zoo zoo zwakken pion ds te geven dat de vraag rijst of zwart blijkt aan zwart een na

4.

Pf3

wel 4

C5 mag spelen.

Echter geeft de Amerikaan Kemeny de


46 voorkeur aan 5. Lg5, mits dan na 5. .. . cd niet het Paard maar de Dame den pion d4 terugneme; zie onze opmerking bij de derde partij. b) Terecht zegt Hoffer dat zwart, indien hij C4 wil spelen, dit bij den 8sten zet moet doen. Inderdaad is de hier gekozen volgorde onbegrijpelijk. In gesloten partijen staat wit met den Koninginnetoren op ci en den looper op bi prachtig voor aanval en verdediging. c) Hoffer geeft hier de voortzetting 12.... b4; 13. ab, Lb4: T4. 0—0, LC3: aan om een der stukken, die pion ds bedreigen, af te ruilen, en eenig voordeel te zoeken uit de open b lijn en den vrijen a-pion. d) Zwart staat reeds zeer moeielijk; maar Dc8 voldoet ons toch iets beter, (zie noot e). e) Na afloop der partij toonde Showalter aan dat hij had moeten winnen door 17. f5, gf; 18. Tfs: Lfs: 19. Dfs: Dc8; 20. Dc2, Pd7; 21. Pd5: of door 19.... Kg7; 20. Lf6:f Lf6: 21. Dh7 :t Kf8; 22. Pg6f. Als zwart 14. Dc8 had gespeeld en de partij overigens hetzelfde had geloopen, kon dit qualiteitsoffer natuurlijk niet gebracht worden. ') Deze zet kost een pion; maar wat heeft zwart anders? Bovendien wordt het witte spel er mee afgeleid van den aanval tegen zwart's koningsstelling; het verlies van een pion is dus betrekkelijk een goedkoop redmiddel. -) Interessant was hier 27. Pb4: Db4: 28. ds en wit komt minstens twee pionnen voor met behoud van aanvalsstelling. h) Er was nog geen haast het Paard te nemen. Sterk was hier e4 dreigend ds, en daarmee pion f7 van dekking beroovend. Na 30. e4, Tb7 kon volgen 31. La2 en bijv. 31.... Tc8; 32. fg, Dg7: 33. ds, Ld7; 34. LC4: en er is geen redding voor zwart te zien. Zwart zou dus een qualiteitsoffei moeten brengen door 31.... Ta8; 32. fg, Dg7: 33. d5, Ta2: 34. Ta2: Lc8 maar ook dan moet wit toch wel winnen. ') De beslissende fout; door La2 had wit hier gewonnen spel.

Nu behaalt

zwart door fijn spel remise. ') De laatste kans op winst school in De3k) Dit kost den mooien vrijpion; maar het moet wel, want zwart dreigt door TC3: winstkansen te krijgen. ') Na afloop der partij zei Janowski ridderlijk dat het hem speet dat Showal­ ter de partij niet gewonnen had, want dat hij, Showalter, ze beter had gespeeld dan hij zelf. Door plaatsgebrek stellen wij de verdere partijen van dezen tweekamp tot het volgende nummer uit. De uitslag van den tweekamp was: Janowski won 7 Par" tijen, Showalter 2 en remis werden 4.


47

Problemen. Redacteur: W. B. H. MEINERS, Nassau kade 76, Amsterdam. N.B.

Verzoeke beleefd problemen, oplossingen en andere bydragen, tot deze rubriek behoorende, aan den redacteur te adresseeren.

*No. 651. B. J. M. Markx,

*No. 652. B. J. M. Markx,

te Leiden.

te Leiden.

Mat in 2 zetten. *No. 653. J. J. Colpa,

Mat in 2 zetten. *No. 654. H Mendes da Costa,

te Leiden.

te Amsterdam.

Mat in 2 zetten. *No. 655. J. van Dijk Azn.,

, Mat in 2 zetten. *No.''356. J van Dijk Azn.,

te de Lier.

te de Lier.

Mat in 3 zetten.

Mat in 3 zetten.


48 Probleem-oplossingswedstrijd.

Leider: A. H. M. DIEPERINK, Haarlemmerweg 27, Amsterdam,. J\.B.

De oplossingen voor dezen wedstrijd zijn aan den leider te adresseeren.

No. 7.

No. 8.

Mat in 2 zetten.

Mat in 2 zetten.

No. 9.

No. 10.

Mat in 2 zetten.

Mat in 2 zetten.

No 11.

No. 12.

-t


49

Oplossingen der December-problemen. 633. i. Lf3 enz. 634. i. Pf6 enz. 635. i. Lb8 enz. 636. i. b3 enz. 637. i.Te3 enz. 638. i. Dc7 enz. 639. i. LI13 enz. 640. 1. Pc7 enz. 641. 1. Dd6, Kg5; 2. I)h2 enz. 1. , Khs; 2. De7 enz. 1.—, Kh3; 2. Dg6: enz., anders eerder mat. 642. 1. Lc8, Pf8; 2. Lfs, P speelt; 3. L : P enz. 1.—, Pg5;; 2 . h g s h 4 ; 3. Lh3 enz., anders eerder mat. 643. 1. Dg5, Tg5: of Kd4; 2. Pf3|-, Kd5; 3. e4f enz. 1.—,— ; 2.—, Kc4; 3. d3f enz. of eerder mat. 1.—, Kd5; 2. Pf3, Kc4; 3. d3t enz- '•—>—! 2-—, Te5f; 3. Des:| enz. 1.—,—; 2. 05 of P speelt; 3. Dg8f enz. 1. , ; 2. , anders; 3. e4-|- enz. 1.—, 05 of P speelt; 2. Pf3f, Kds; 3. Dg8f enz. 1.—, anders; 2. Pf3, KdS; 3. e4| enz. 644. 1. Pa7, f6; 2. Ld3:, fe5:: 3. Le4+ enz. 1.—,-; 2.—, anders; 3. Pb5:(f) enz. i._, d2 ; 2. Lc4f, bc4 : J 3- bc4:f enz., anders eerder mat. 1.—, anders; 2. Pbs : (f), onv.; 3. Ld3 : enz. Goede oplossingen ontvingen wij van: A. Korst te Bergen op Zoom (alle), H. Mendes da Costa te Amsterdam (alle), /. van Beveren te Leiden (alle, be­ halve 64I, 642, 643 en 644), W. Albregts te Amsterdam (alle), W. Houtsma te Heiloo (alle, behalve 64I), P. C. /. Ammerlaan Jzn. te Hof van Delft (alle, behalve 64I, 642, 6 4 3 en 644), S. Kamstra te Leeuwarden (alle, behalve 64I, 642, 643 en 644).

Correspondentie. G. O. te 's G.

Uw probleem wordt waarschijnlijk in het Maartnummer geplaatst

P d 4 ' U W b 6 i d e t w e e z e t t e n plaatsen w i j liever niet. T v ' Ü W dl'ieZet M t ° P In (W. Kb7, Z. Ke7) is, naar wij vermeenen, Lh6 overbodig; het andere probleem is te overladen Joh. W. P. D. te 'sG. Uw problemen worden, voor zoover ze correct zijn, geplaatst. Wij moe­ ten echter zooveel mogelijk de plaatsing afhankelijk stellen van den tijd van inzending. Problemen na 31 December 1898 ingezonden, komen niet voor den wedstrijd in aanmerking.

Uit de probleem-wereld. Daar wij onze probleemliefhebbers en vooral onder hen de componisten, gaarne zouden willen in kennis stellen met de mooiste opgaven uit buitenlandsche tijd­ schriften (we houden ons ook voor degelijke Nederlandsche aanbevolen), maar gebrek aan ruimte in onze gewone rubriek dit niet toelaat, hebben wij besloten van tijd tot tijd, onder bovenstaand hoofd, de beste werken van onze hedendaagsche probleem-auteurs te plaatsen en indien ons dit gewenscht voorkomt, eenige opmerkingen er aan toe te voegen. De drie eerstvolgende opgaven zijn prijsproblemen uit het tornooi van de Peters­ burger Zeitung, waarvan wij reeds onder 632 den isten prijs publiceerden.

Zie diagrammen volgende bladzijde. 632 heeft, door zijn dubbel hoofdidee, dat met twee economisch reine matvananten sluit, ten volle recht op den eersten prijs. Vooral ook dient de opmerk­ zaamheid gevestigd te worden op den sleutelzet, waardoor de dreiging, het Dame­ offer, mogelijk wordt. De tweede prijs heeft waarschijnlijk zijn succes te danken aan den stillen tweeden zet, de dreiging, die echter in den regel met een dual sluit. Ook zijn er nog meer duals aan te wijzen. Na den zet met den zwarten Koning kan Wit even


5°

No. 657. K. Erlin, te Weenen.

No. 658. S. Trcala, te Kremsier.

(2e Pr. „St. Petersburger Zeitung").

(3e Pr. „St. Petersburger Zeitung").

Mat in 3 zetten. No. 659. M Feigl, te Weenen.

Mat in 3 zetten. No. 660. L. N. de Jong, te Oude Wetering.

(4e Pr. „St. Petersburger Zeitung").

Ma.t, in 3 zetten. Mat m 4 zeLten. goed 2. Pcóf, als 2. Pf3:t, spelen. Met 1.—, Pd4: is het ook niet „ins Reine" door het dualmat 3. PC4 of f7. Goede varianten leveren nog 1.—, Pas en 05. Wij hadden daarom bepaald aan den derden prijs de voorkeur gegeven, omdat dit, hoewel het offeridee zeer gewoon is, door geen duals ontsierd wordt. Ook de variant 1,—, Lf4: is goed aangebracht. Bij den vierden prijs is de dreiging niet aangenaam, maar de zetten na 1.—, cbj:; en 1.—, d4; zeer goed, vooral de eerste is geestig aangebracht. 660, van ons geacht bondslid, toont aan, hoe met weinig materiaal, nog veel goeds is tot stand te brengen. Niet alleen door het offer, maar vooral door de variant 1.—, dó of es; 2. Pf3 enz., maakt dit probleem een zeer goeden indruk. * *


SI De heer van Eelde schrijft ons: Op 2 Januari jl. zond ik den heer B. Hülsen, redacteur der probleemrubriek van het „Deutsches Wochenschach", de vier eerste prijzen van onzen Jubileumwedstrijd, onder opmerking, dat dit niet geschiedde in de hoop dat hij ze nog zou plaatsen, maar om te weten of hij het met mij eens was, waar ik meende te mogen beweren, dat dit 4-tal minstens gelijk stond, met 2, 3, 4 en 5 uit het „Austrums" tournooi en gedecideerd beter was dan de bekroonde uit het nationale tournooi der „Tribuna Sport". Het antwoord dat ik reeds 4 Januari van hem mocht ontvangen, vind ik zoo merkwaardig, dat het m. i. ook in ons tijdschrift op zijn plaats is, vooral waar het van een zoo bevoegd beoordeelaar afkomstig is. Ik laat het dan ook hier, liefst onvertaald, volgen: „Die 4 Preisaufgaben Ihres Turniers sind alle gut 1), auch stimme ich mit Ihrem Urteil ganz überein wenn Sie dieselbe besser 1) finden als die Austrums u. d. Italienischen Aufgaben. Die 4 Stücke erscheinen demnachst im Wochenschach." Men ziet, de heer H. gaat dus zelfs verder dan ik .... durfde. Wij laten de door den heer van Eelde bedoelde prijsproblemen volgen, opdat onze lezers ook op hun beurt kunnen oordeelen.

„Austrums" Tornooi (Tweezetten). 2e Prijs. O. Nemo te Weenen. t

34, f2, h4.

Wit. ^ f8,

I15.

Zwart.

e6,

<^i d3 en e5,

h

b4,

"Wit. ^ d3, üf' b8, H f7, 6^ dó en f3,

fó, | f4.

4e Prijs. M. Karstedt te Cottbus. ^ ei en e7,

C2,

Zwart. ^ d5, j|_ C7, | C3, d4, d6, f3 en 115.

3e Prijs. F. Rummel te Riga. $

c8, JL

C2,

Wit.

a7, 'üf' di, § 33.

c6, ds, {?. en g2.

Zwart. ^ d4, j|[

C7 en d3, b2,

JL fi,

41 bi, | e6, f4, g3 en g5. Eervolle vermelding. K. Erlin te Weenen. f7, C4 en e7. có, e4, f4 en 117.

Zwart.

Wit. Sȧ a6, 'iH' g8, § d4 en

e6, ^ d2, jL b6 en h5,

C3 en d8, | aj,

„Tribuna Sport" (Tweezetten). ie Prijs. A. Corrias. $

es.

Wit. ^ fi, & a8,

Zwart. SÉ? eó, M e2, JL a2 en ei,

2e Prijs. A. B. Vergani. Wit. ^ d8 en e6, e8 en h5, 1)

i

h

b6, C3 en h2.

b4,

b8, | C3, f2 en f7. d2, jÉf e3 en f6,

di en d4,

Zwart. ^ ds, Jj[ g2 en gs, jL a6, ^

a4, bs, b7, d6, e4, f4 en 113.

De heer H. cursiveert.

§ c y , JL I17, ^ d3 en I15,


52 3e Prijs. Wit. ^ hi, *©" a8, jsL bi en h8,

d3 en f5,

$

a.4, b6 en f3.

Zwart. ^ CI5, ^ c6, | b3. d7 en f7. Volledigheidshalve laten wij ook nog den isten prijs volgen uit het „Austruras" tornooi van M. Feigl te Weenen. Wit. ^ h7, Wf d8, M h4, JL f4, ^ b5, en 07,

^

C3 en e2.

Zwart. ^ f5, ^ c6, | b6, 04, f6 en f7. * * *

In het tweezet tornooi der „Kentish Mercury" werden de volgende prijzen be­ haald : I. P. Iwanowitsch Marakoulin te Nolinsk. II en III. P. F. Blako te Man­ chester. IV. A. F. Mackenzie te Kingston. V. E Pradignat te Saujon. VI en X P. G. L. Fothergill te Twickenham. VII. P. Siedenschnur te Reinshagen. VIII. S. S. Blackburne te Nieuw-Seeland. IX. Max J. Meijer te Jersey. XI. Valentin Marin te Madrid. XII. J. W. Looijen te Utrecht. -si

W

J| §s-

Verschillende Partijen. No. 549.

Gespeeld op den Wedstrijd te 's Gravenhage.

Wit: Jhr. A. E. van Foreest.

Zwart: J. J. R Moquette.

Geweigerd Roiiings-Gambiet.

1. e2 — e4 2. f2 — f4 3. P gl — f3

e7 — e5 d7 — d5

3. ed5 : dat eenigen tijd als minder sterk beschouwd werd, is door den bekenden zet van Charousek weder in eere hersteld. fZie partij No. 550, Bleijkmans—Loman).

3. . . . 4. P f3 X e5 5. d2 — d4 6. L fl X d3 7. 0—0 8. D dl — el

d5 X e4 Lf8 — d6! e4 X d3e.p. P g8 — f6 0—0

Beter is een ontwikkelingszet, bijv. 8. Pc3. Mei den tekstzet begint Wit een onrijpen aanval op den zwarten Koningsvleugel.

8. . . . 9. D el — h4

Pb8 —d7 h7 — h6

Zwart kan niet 9.... . Pe5: spelen wegens 10. fe5 : Le5 : 11. Tf6 :! metmatdreiging op h7.

10. P e5 X d7 Thans dreigde wel 10. . . . Pe5:

10. . . .

Dd8 X d7

Iets sterker was 10. . . . Ld7: bijv. 10.... Ld7: 11. f5, Lc6; 12. Pc3, Lc5f 13. Khl, Dd4; 14. I)d4: Ld4: en Zwart staat beter.

11. f4 —f5 12. K gl — hl 13. D h4 X d4

Ld6 —cöf D d7 — d4 L c5 X d4

De aanval van Wit is nu geheel ver­ dwenen, en het zwarte spel verdient de voorkeur.

14. p bl — d2 15. P d2 — e4 16. c2 — c3 17. L d3 — e2

P f6 — g4 ! f7 —f6 L d4 — b6 P g4 — e5


53

18. L cl — d2 19. T al — el?

L c8 — d7

19. Tadl moest geschieden, waarop de partijen vrijwel gelijk komen te staan ; bijv. 19. Tadl, Tad8; 20. Pg3, Lc6; 21. Lf4 enz.

19. . . . 20. P e4 — g3 21. L d2 — f4

een stuk verloren. Tel was beslist noodig om het laatste te vermijden.

31. . . . 32. P cl — d3

Td5 X f 5

S t a n d d e r partij n a den 3 2 s t e n zet van Wit.

Ta8 —d8 Ld7 — c6 p e5 — d3 !

Stond de witte toren thans op dl, dan zou deze zet, die de partij feitelijk beslist, niet mogelijk geweest zijn.

22. L e2 X d3 ! 23. T el — e7 24. T e7 X f7 25. Pg3 — e2

T d8 X d3 T f8 — f7 K g8 X f7

Er is geen bevredigende verdedigingmeer voor Wit te vinden. Op 25. Lel volgt Ld5. 26. a3. Lc4 enz.

25. ... 26. P e2 — g3 27. P g3 — e2 28. P e2 — g3

L c6 — e4 L e4 — d5 Ld5 —e4 L e4 — c6

Zwart ziet blijkbaar de goede voortzet­ ting nog niet.

29. P g.3 — e2 Zeer goed gespeeld. naar h3 te komen.

h6 — h5 ! Deze pion dreigt

30. P e2 — cl ? Verhaast Wit's ondergang. 30. Pgl moest geschieden, bijv. 30. Pgl, Le4;31. h3. Lf5: 32. Kh2! enz.; doch Zwart wint dan eveneens.

30. . . . 31. c3 —c4?

Td3 — dö

Hierdoor gaat behalve pion f5 ook nog J

Ook andere zetten kunnen den bedreig, den raadsheer niet redden.

32. . . .

Lb6 —e3?

Nu moet Zwart zich met kwaliteitwinst tevreden stellen, terwijl hij door Le4, of ook door 1x14- een stuk kan winnen.

33. h2 — h4 34. h4 X g5 35. P d3 — e5f 36. L f4 X e3 37. K hl — h2 38. P e5 X c6 39. Le3 X a 7 40. b2 — b4 41. a2 — a4

g7 — g5 f6 X g5 K f7 — g8 T f5 X flf T fl — f5 b7 X c6 Kg8 —f7 T f5 — f4 T f4 X c4

en na eenige zetten gaf Wit op. Zwart heeft uitstekend gespeeld. A. G. O.


54 No. 550.

Wit: D. Bleijkmans.

Zwart: R. J. Loman.

Geweigerd Konings-Gambiet.

1. e2 — e4 2. £2 — f4 3. e4 X d5 4. d2 — d3 5. d3 X e4 6. D dl — e2

el — e5

d7 — d5 e5 — e4 P g8 — f6 P f6 X e4

14. Df5: dan 14. De3f 15. Le2, Tf8 16. Dh7 : Tf4: en wint waarschijnlijk. Doch na 14. De2 blijft Wit in het voor­ deel. (Zie diagram). • Stand der partij na den I3den zet van Wit.

De zet van Charousek.

6. . . .

Dd8 — e7

Deze zet blijkt niet sterk te zijn. Meer voor de hand ligt 6. Dd5: of 6 Lfo.

7. P bl — d2 8. c2 — c4

L c8 — f5 P b8 — a6 !

Dreigende naar b4 of c5 te komen, van waar het paard op d3 kan gaan staan.

9. P d2 X e4 10. L cl — e3!

L f5 X e4

Noodig doch tevens afdoende om Zwart's achtsten zet te weerleggen.

10. . . .

P a6 — b4

Te vroeg; eerst moest f5 gespeeld wor­ den, waarop volgen kon: 11. a3! Pc5; 12. Lc5: Dc5: en Zwart heeft in zijn heide loopers en iets vrijer stand een aequivalent voor het minus van één pion.

11. Le3 — c5!

D e7 X c5

Iets sterker was 11. ... Pd3f met de gevolgen 12. Dd3 : Ld3 : 13. Le7 : Lfl: 14. Kfl: Le7 : enz.; doch ook dan blijft Wit in het voordeel.

12. De2 X e4f 13. a2 — a3

L f8 — e7 Dc5 —a5?

Zeer zwak gespeeld. Twee zetten ver­ der blijkt, dat de Dame weer naar c5 terug moet, zoodat Zwart dus twee hoogst noodige tempo's verliest, en daardoor zijn ondergang niet weinig verhaast. 13.. . Pa6 was beter, doch ook had Zwart hier 13... f5 kunnen beproeven. Speelt Wit hierop

14. 1 4 . 00—0—0 —0—0 15. T dl — el! el ! 16. L fl — d3 17. P p g _f3 gli — f3

P bb4 4 — aa6 6 Da5 D a5 — c5 Ta8 — d8 c7 — c6 c6

Zwart heeft geen verdediging meer.

18. 19.

d5 X c6 b2 — b4 !

b7 X c6

Wit weet nu in weinige krachtige zet­ ten de partij tot een beslissing te brengen.

19. . . . 20. P f3 — d4

D c5 — d6

Op 20. c5 volgt Pc5: en Zwart krijgt krijg) drie pionnen voor het paard.

20. ... 21. P d4 X c6

T d8 — d7 f7 —f5

Op 21. .. . Dd3: Dd3 : kon volgen 22. Dd3 Dd3:: =t Kg8;25, Kg8 ; 25. Td3 : 23. Te7 :f Kf8 ; 24. Tf7 :f Ta7 : Ta3: 26. Kb2 enz.

22. D e4 — f3 23. Tel Xe7! 24. c4 — c5 !

0— 0 T d7 X e7 P a6 X c5


55

25. P c6 X e7f 26. b4 X c5 27. L d3 — c2 28. Thl — dl

D d6 X e7 D e7 X c5f D c5 — d4

Wit moet eenige zetten doen om zijn koning in veiligheid te brengen.

28. . . . 29. K cl — d2 No. 551.

D d4 — alf D al — d4f

Wit: W. B. H Meiners.

30. Kd2 — e2 31. L c2 — d3 32. D f3 — d5f 33. Ke2 — fl 34. L d3 X f5

D d4 — c4f D c4 — c3 K g8 — h8 D c3 X a3 Opgegeven.

I)e De heer Bleijktnans heeft voortreffelijk gespeeld en zoo goed mogelijk partij ge­ trokken van de zwakke zetten van zijn tegenpartij. A. G. O.

Zwart: Dr. A. G. Olland.

Siciliaansche Partij.

1. e2 — e4 2. P gl — f3 3. d2 — d4 4. P f3 X d4 5. L cl — f4

c7 — c5 P b8 — c6 c5 X d4 e7 — e6

Beter is Pc3 of Pb 5.

5. . . . 6. c2 — c3 7. P d4 X c6

D d8 — a5f e6 — e5 b7 X c6

Beter ware dc6:; Zwart hoopt zeker later door d5 het centrum te kunnen beheerschen.

8. L f4 — e3 De looper had naar g3 moeteu gaan, om zoo lang mogelijk d5 te verhinderen. Wit geeft blijk den aard der gespeelde opening niet te kennen.

. . . 9. L fl — d3 10. Pbl— d2 11. 0— 0 12. h2 — h3 13. D dl — f3 14. T fl — el ? 8.

P g8 — f6 d7 — dö L f8 — d6 D a5 — c7 0— 0 L c8 — e6

De 12e en 13e zetten van Wit zouden

alleen dan zin hebben gehad, wanneer Wit nu met 14. g4 had vervolgd, om het door Zwart beoogde f5 (na oplossing van het centrum) tegen te gaan.

14. .... 15. P d2 X e4 16. L d3 X e4 17. L e4 — c2 18. D f3 — e2

P f6 X e4 d5 X e4 f7 — f5 e5 — e4 Ta8 — e8 !

Dit alles is door Zwart met prijzens­ waardige energie gespeeld, te meer opmer­ kelijk als men in aanmerking' neemt dat hij op dezen dag reeds een partij van meer dan zes uren duur achter den rug had. S t a n d d e r partij n a den 1 8 d e n zet van Z w a r t .


56

19. f2 — f3 20. L e3 — d4

f5—f4 e4 — e3

Op ef3: 21. Df3: Ld5 zou 22. Lb3 volgen.

21.

b2 — b4

Iets beter is 21. e4 om den looper van d4 over c3 naar el te kunnen overbrengen.

21. . . . 22. D e2 — d3 ! 23. D d3 — c4-j24. L d3 X f5 25. D c4 — e6

L d6 — e7 L e6 — f5 K g8 — h8 T f8 X f5

Door dezen en den volgenden zet komt de dame te veel uit het spel. Trouwens het is moeielijk voor Wit goede zetten te vinden, de doornpion e3, die hem in het vleesch zit, maakt zijn ziekte hoogst be­ denkelijk. Het beste ware wellicht 25. g4 om, indien Zwart den pion neemt, met 26. Te3: Th5; 27. Kg2, Dd7; 28. Thl te vervolgen.

25. . . . 26. D e6 — g4 ? 27. T al — dl

T f5 — f8 L e7 — d6

Wellicht ware hier Tabl beter ter voor­ bereiding van c4 en om ingeval van 27... c5 te vervolgen met 28. bc5: Lc5: 29. Lc5 : Dc5 : 30. Tb7.

27. . . . a2 — a3 ? 28. 29. b4 X c5

T f8 — f7 c6 — c5 L d6 X c5

30. T dl — al 31. c3 X d4 32. Dg4 X d 7 ?

L c5 X d4 D c7 — d7 !

Met Tadl zou Wit zich veel langer hebben kunnen houden.

32. . . . 33. T al — dl 34. g2 — g3 35. T dl — cl

T f7 X d7 T e8 — d8 g7 — g5 T d7 X d4

Nu is Wit natuurlijk verloren; er volgt nog een aardig slot.

36. T cl — c5 37. Kgl — fl

T d4 — dl !

Op Tel zou volgend origineel slot moge lijk zijn geweest: 37.... Tel: 38. Tel: e2 ; 39. Kf2 (Tel, Tdl; 40. Kf2, fg3 :f) Tdl, 40. Tc8f Kg7; 41. Ke2: fg3: en Zwart haalt dame.

37. . . . 38. Tc5 —cl 39. K fl — gl 40. g3 X f4 41. Kgl—hl 42. Khl — gl 43. Kgl—fl Opgegeven.

T d8 — d2 Td2— f2f T dl — d2 T f2 — g2f Tg2— h2f Td2 — g2f e3 — e2f

Een door Zwart zeer gezond en conse­ quent gespeelde partij. J. D. T.

De volgende partij, ons gezonden door Mr. J. D. Tresling, werd gespeeld den 28 Maart 1894, dus toen van Lennep nog lang niet zijn latere speelsterkte bereikt had. Yerder moet opgemerkt worden dat Tresling destijds lang buiten oefening was geweest door een langdurige ziekte. Xo. 552. Wit: N W. van Lennep. Zwart: J. D. Tresling.

<l4-ö|ieiiing\

1. 2.

d2 — d4 e2 — e3

d7 — d5 P g8 — f6

3. L fl — d3 4. P bl — d2

e7 — e6 L f8 — d6


57

5. f2 — f4 0—0 17. e3 — e4 ! h7 — h5 6. P gl — h3 b7 — b6 18. L cl — g5 c5 X d4 7. Ph3—f2 c7 — c5 19. P f2 —g4!3) Lb7 —c8 8. c2 — c3 L c8 — b7 20. D h3 — h4 L c8 X g4 9. 0—0 Pb8 — c6 21. L g 5 X e 7 T f8 X flf 10. D dl— f3 Pc6 — e7 22. T al X fl D dl — d7 11. Df3—h3 g7 — g6 23. Dh4-g5 L c7 — d8 12. Pd2—f3 P f6 — e8 24. e4 X d5 L g4 — f5 1 13. Pf3 — e5 f7 —f6? ) 25. Ld3Xf5 Dd7Xe7 14. Dh3 — e6:f Kg8—g7 26. D gö X g6f Kg7 —h8 15. De6 — h3 !3) f6 X e5 : 27. D g6 — h6f 16. f4 X e5 L d6 — c7 | en mat in 2 zetten. S t a n d der

paitij n a den I8den zet van Zwart.

') Hier moest Pg7 geschieden. De gekozen zet beoogt een valletje om een stuk te winnen, hetgeen Zwart inderdaad gelukt, doch ten koste van de partij. ") Speelt \\ it het paard, dan volgt Lc8 en wint de Dame. 1 Ren zeer schoone en zeer krachtige zet, die de partij zeer spoedig beslist. (Zie diagram). A Q. Q. No. 553.

Tartij met voorgift. Gespeeld op het Huishoudelijk Concours te Utrecht, 29 November 1898.

Wit: G H. B. Hogewind,

1-

e4

g6

-1-

d4

P h6

3. P c3 4. P f3

e6 p f7

Om 5. Lg5 te beletten.

Zwart: Dr. Olland (zonder pion f7)

5. Ld3 Sterker is Lc4, waarop 5. . . . d5 niet kan geschieden.

5. . . . 6. e5

d511 c51 *


58

7. dc5: 8. P e2?

L c5 :

llier moest 8. Lf4 geschieden.

8. . . 9. L f4 10. L g3 11. L h4 12. P d2 13. 0—0 14. P b3 15. P f4 16. gf3: 17. fg4:

P c6 g5 g4 Da5+ Pfe5: Dc7 Lb6 Pf3f Df4: e5

22. . . . 23. Tf2: 24. L e2 25. T hl !

D g4 : e4 D g6

Om door Th3 het veld g3 te kunnen beschermen.

25. . . : 26. Lh5 27. T h4 28. Pd4! 22. P f5 30. Tff4

0— 0— 0 Dg5 P e5 Tg8 e3 e2

S t a n d d e r partij n a den 3 0 s t e n z e t van Z w a r t .

Zwart heeft zich teil koste van een pion eensklaps van den aanval meester gemaakt.

18. h3 19. Kg2!

Tg8

Om Lg3 mogelijk te maken. Stand der

partij n a den 1 9 d e n zet van Wit.

31. L e2 : Zeer in aanmerking kwam ook 31. Kf2, waarop een uiterst combinatierijk spel kon volgen, bijv. 31. Kf2, Tf8! 32. Lg4! h5 ; 33. Lh3! Pg6; 34. Pe7ft Kc7; 35. Tf8: Dg3f: 36. Kg3 : elDf gevolgd door 1'h l:

19. . . . 20. hg4 : 21. L g3 22. D g4 :!

Lg4:! T g4 :-)• Lf2:

De juiste zet, dien Zwart nagelaten had in zijne berekening op te nemen. Wit is nu materieel iets in het voordeel.

en wint.

31. . . . 32. P d6f

Pg6

De gevolgen van dezeu zet zijn door Wit niet juist berekend. Beter is Thgl waarop Zwart voor de keuze gesteld wordt hetzij met Dame tegen kasteel en twee stukken of met toren tegen paard en raads-


59 heer over te blijven; bijv. 32. Thg4, Pf4f 33. Lf4 : Df4: 34. Tg8 :f.

32. . . . 33. T f8-f

Sland der partij na den 35sten zet van Wit.

K b8

Dit olier had \\ it bij den vorigen zet bedacht, ie laat bemerkt hij evenwel dat het niet voJkomen correct is. Tfg4 was thans de zet.

33. . . . 34. P b5f!

Tf8:

Nog het beste, want 34. Pe4f verliest wegens 34 Dg3 :f 35. Pg3: Ph4:f

34. . . .

P f4f

Op Kc8 kan wit een aantal schaaks geven, waarvoor Zwart blijkbaar vreest, doch ten onrechte.

35. K f3

Ka8 !

Na 35 Dg3 :f 36. Kg3: Pe2:fkan Zwart zich een eindspel verschaffen met een pion meer, doch dat veel kans voor Wit op remise geeft. I)e gekozen zet ver­ bergt een valletje, waar Wit inderdaad inloopt.

36. P c7f 37. T f4 :

K b8

Foutief! Wit moest weer het paard naar ba gespeeld hebben, waarop Zwart wel l)g3: had moeten laten volgen, wilde hij een zeker remise vermijden.

37. . . .

Dezen tamelijk verborgen zet had Wit over het hoofd gezien.

38. L f2 39. Ke3 40. K f3 41. L g3 ?

D liöf De5+ Kc7 :

Een fout-zet, doch de partij is reeds ver­ loren.

41. . . . 42. K g3 : Opgegeven.

T g 3 :t D e2 :

Een zeer levendige partij, die ook als bijdrage tot de theorie van de partij niet pion voorgitt niet zonder belang is.

Tg8!

A. G. O.

Boekbeoordeeling. Juist na het ter perse gaan van ons Januari-nummer ontvingen wij ter beooreeling: GEISTREICHE SCHACHPARTIEN, zugleich S c h a c h ja h r b u c h Ü r 1898 von LUDWIG BACHMANN, Ansbach, Verlag von C. Brügel & Sohn, 1898. Evenals de 7 vroeger in het licht gegeven boekjes, van denzelfden schrijver •' 7n elfden uitgever, waarvan 3 met klassieke antieke partijen (15de eeuw-1893) en de overige jaarboekjes voor 1894, 1895, 1896 en 1897, is ook dit een keurig boekje, dat voor den geringen prijs van R. M. 2.—, een rijken inhoud van zorgvudig uitgezochte en van ophelderende noten voorziene partijen biedt; en daarbij nog problemen en de belangrijkste berichten. Voor belangstellenden geven wij hier den korten inhoud, met warme aanbeveling.


6o Alleen moet ons deze kleine aanmerking van het hart, dat in één hoofdstuk samengevoegd is het schaakspel in Nederland en Zwitserland. Een volgend jaar hopen wij voor Nederland een afzonderlijk hoofdstuk te vinden. De korte inhoud is: Groote wedstrijd te Weenen; verslag, rooster en 49 partijen. Verder schaakspel in Oostenrijk-Hongarije met 4 partijen en een eindstelling. Meesterwedstrijd te Keulen, verslag, rooster en 9 partijen en 5 eindstellingen; Hauptturniere A en B, verslag, rooster en 2 partijen en 2 eindstellingen. Verder schaakspel in Duitschland met 7 partijen en 2 eindstellingen. Schaakspel in Nederland en Zwitserland met 2 eindstellingen Tresling—Loman en te Kolsté—Albin. Schaakspel in Engeland met 8 partijen en xi eindstellingen: in Frankrijk met 1 partij, in Italië met 2, Spanje met 1, Denemarken en Zweden met 1, Rusland met 2, Amerika met 9, Azië, Afrika en Australië met 1 partij. Totaal 117 partijen en eindstellingen. Voorts 29 problemen, met op. de laatste bladzijde de oplossingen. Zoo even werd ons ook toegezonden : SCHAAKMAT, Handleiding voor ieder die op een vlugge en gemakkelijke wijze wenseht te leeren schaken volgens een geheel nieuwe leerwijze, door W. MUNTJEWERFF, Amsterdam, Allert de Lange, ie aflevering. Wij behouden ons ons oordeel vóór, tot wij gelegenheid hebben gehad dit werkje meer degelijk door te spelen. Voorshands zij alleen gezegd dat dit werkje uitmunt door nette en duidelijke uitvoering, die den uitgever alle eer aandoet. Alleen zagen wij gaarne in de voorbeeld-partijen eene liggende lijn als afscheiding tusschen iedere partij. Zonder dat heeft men wel noodig de partijen na te spelen met een liniaal, wat het omslaan der bladzijde (om de noten te zien) moeielijk maakt. Ook zagen wij gaarne aangegeven in hoeveel afleveringen dit werk compleet zal zijn. Intusschen zijn wij verheugd dat het schaakleven in Nederland zoo zeer is vooruitgegaan dat een uitgever een zoo omvangrijke Handleiding aandurft. Wij hopen het dan ook in veler handen te zien. De correspondentie-partij per telegraaf Soerabaja—Batavia is door Soerabaja gewonnen.

Correspondentie. L. te L. Dank voor toezendingen. S. te F. Hetzelfde als boven.

Tot nu toe hadden wij gebrek aan plaats. H.

Sommige van de nieuwe leden vragen mij om toezending van vroegere jaar­ gangen van het Tijdschrift, maar ik moet hen steeds teleurstellen wat betreft de jaargang 1894. Leden, die er niet zoo bepaald aan hechten en afstand willen doen van jaargang 1894, worden beleefd verzocht om toezending aan den BondsSecretaris. M.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Tijdschrift 1899 - februari by schaakbond - Issuu