Skip to main content

Over doem dada

Page 1

OVER


2


In 2000 verbleef ik een halfjaar bij mijn familie in het Australische Adelaide. Daar begon ik voor het eerst serieus te schrijven. Vreemd genoeg ging dat vooral over mijn jeugd in Delfzijl & Appingedam, twee stadjes in de provincie Groningen, ruim 20.000 kilometer van waar ik op dat moment was. Terug in Nederland woonde ik samen met mijn oude studievriendin Yorien van den Hombergh een paar prozavoordrachten bij. Dat kan ik beter, dacht ik. Ik gaf me op & beklom voor het eerst in jaren weer eens het podium. Ik had gelijk. Performen zit me nu eenmaal in het bloed. Daarbij heb ik de lach niet aan mijn kont hangen. Wel neem ik – net als vroeger toen ik nog de zanger van de band was – een zekere spanning mee naar het podium. Live komt het meestal tot een ontlading. Soms niet. Hoewel ik aanvankelijk vooral stukjes schreef om voor te dragen, begon ik ongemerkt ook te werken aan mijn debuutroman ‘Doem Dada’. Ik wist de titel nog niet & het schoot eerlijk gezegd niet op. Maar na het overlijden van mijn mum ging het ineens heel snel.

3


In 2007 was ik tevreden over het manuscript & gaf het aan Yorien. Die vond het driemaal niets. Het was een zootje, met al die flashbacks (& flashbacks binnen de flashbacks), er zat geen enkele opbouw in, weinig tot geen spanning. Ze wou het amper verder lezen. ‘Maar ik deed het omdat we al zolang bevriend zijn.’ Ik kreeg mijn manuscript terug met enorm veel kruizen erin, krassen & opmerkingen.

Yorien maakte zich zorgen & dacht: Bill komt hier vast niet meer van terug.

4


Normaliter zou ik er het bijltje bij neergelegd hebben, maar om de een of andere reden deed ik dat niet. Ik ging met het gewraakte manuscript aan de gang. Ik begreep de problemen pas helemaal toen ik alle scenes groepeerde & sorteerde in Excel. Het was inderdaad een zootje. Ik begon te sorteren, te structureren & te herstructureren, om het verhaal voor mezelf duidelijker te krijgen. Pas toen ik dat allemaal gedaan had, schreef ik het hele manuscript overnieuw, van begin tot einde. Na 70 bladzijden liet ik het nog eens aan Yorien lezen. Die was er verbaasd over. Ten eerste dat ik toch nog was doorgegaan. Ten tweede dat het nou ineens wel consistent was. Met opbouw & zelfs met spanning. Vol goede moed maakte ik het af. ‘Doem Dada’ is een schelmenroman over mijn jonge jaren als studentje in de grote stad, begin jaren tachtig, over zeefdrukken & concerten in een jongerencentrum, & over hoe ik dankzij twee plakjes spacecake in een behoorlijk geweldige band belandde.

5


Eens, vlak voordat het boek uitkwam, raakte ik midden in de nacht verdwaald in de kop van Overijssel. Hoe ik ook reed, ik kon maar niet de weg naar Steenwijk vinden. Tegelijkertijd gebeurde er van alles in mijn hoofd & begreep ik ineens waar ‘Doem Dada’ nou precies over gaat. Het was een geweldig moment van diep inzicht. Bizar genoeg ben ik dat allemaal weer vergeten, eigenlijk al direct toen ik eindelijk de weg naar Steenwijk vond.

Sommige mensen zeggen dat het een coming of age roman is. Dat is het denk ik ook. & dat vind ik ook wel weer mooi, juist omdat het mijn eerste echte roman is. Tuurlijk moet het daarover gaan! Ik kan het mooier maken dan het is, maar ‘Doem Dada’ staat gewoon voor het ritmepatroon van de basdrum, zoals wijlen George Viets & ik het voor het sleutelnummer van onze

6


industriĂŤle rockband bedacht hadden & hoe we het naar elkaar toe communiceerden. De titel kwam tot me in een parkeergarage in Nieuwegein. Ineens hoorde ik het & ik dacht: verdorie, dat is ‘m! Het zat allang in het boek, maar ik had het nog niet eerder gezien. Ik heb er geen moment spijt van gehad. Het is nu eenmaal de naam van het boek.

7


8


9


10


Een recensent weet vaak beter dan de schrijver zelf hoe het boek in elkaar had moeten worden gezet. Dat is nu eenmaal de taak van de criticus & zo hoort het ook. Ik heb hetzelfde met muziek. Ik weet het ook geregeld beter dan de artiest die het nummer gemaakt heeft. Dit moet zus, dat moet zo. Ik ben daarin zelfs een ongegeneerde oude mopperpot. Je had me eens moeten horen over die eikel van een René Froger. Dat was toch tien keer niks! Dat was toch een lachertje! Dat was toch niet om over naar huis te schrijven! Dat was toch… Wat het was, wat het echt was, was dat Froger het dus WEL deed. Die stak dus WEL zijn nek uit. Die maakte WEL muziek, weliswaar door mij verguisd maar hij doet er miljoenen anderen een groot plezier mee. Froger deed het gewoon & ik zat alleen maar aan de zijlijn daarop te mopperen? Ik was daar wel klaar mee. Ik ging ook weer wat doen. Schrijven in mijn geval. Come what may…

11


That’s my Queen!

© Bill Mensema, juli, 2015

12


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Over doem dada by Rock Ink - Issuu