11 november 2019
Foto: mantelzorgelijk.nl
2
Weinig woorden van beleidsmakers en politici sluiten zo slecht aan bij de beleving van de
mensen waar het om gaat als ‘mantelzorg’. Wat wil je later worden? Hoeveel jongens
en meisjes zullen zeggen: ‘mantelzorger’?
Hoeveel mensen zullen zichzelf zo omschrijven: ‘mantelzorger’? En nog minder mensen zullen
de zorg voor je kind, je ouder, je buurvrouw of je 11 november / Een mantel voor mantelzorgers
partner beschouwen als een keuze die helemaal vrijwillig is. Het hoort er bij. Je doet het voor
elkaar, maar in zekere zin overkomt het je ook.
M
antelzorgers zijn als zuurstof. Ze zijn overal en je staat er meestal niet bij stil. Maar als er geen zuurstof is, gaat er iets mis. Met mantelzorgers is het net zo. En dus is het belangrijk dat de omgeving van mantelzorgers een beetje voor hén zorgt. De mantel voor mantelzorgers, dus eigenlijk. Vandaag ontmoet ik in de GS-kamer van het provinciehuis een aantal vertegenwoordigers van organisaties die er lang niet altijd even bewust mee bezig zijn dat ze mantelzorgers in dienst hebben. Eén dag na de ‘Dag van de Mantelzorg’, want die was gisteren. Maar wel op ‘Sint Maarten’, de dag die is gewijd aan iemand die de helft weggaf van ... zijn mantel! Het gesprek vandaag gaat wat dieper in op de rest van het leven van mantelzorgers. Hoe zorgzaam zijn wij voor onze mantelzorgers? Wat doen werkgevers voor de mantelzorgers die bij hen in dienst zijn? → 3
Niet meer weg te denken Het ziet ernaar uit dat het aantal mantelzorgers de komende jaren eerder toeneemt dan daalt. Ze zijn niet meer weg te denken. Dat heeft vooral te maken met de vergrijzing. Met het feit dat we -gelukkig- gemiddeld gesproken ouder worden. En er dus meer mensen behoefte krijgen aan zorg. Professionele zorg, die zich vertaalt in sterk stijgende zorgkosten en een nog steeds groeiende vraag naar mensen die willen werken in de zorg. Maar ook in een groeiend beroep op mantelzorgers. Inmiddels telt Nederland volgens het SCP jaarlijks zo’n 4,5 miljoen mantelzorgers. Eén op de drie volwassenen, die zorgt voor een langdurig ziek kind, ouder of partner. En in een kwart van de gevallen veel meer dan acht uur. Veel mensen die mantelzorger zijn, herkennen zich dus niet in het woord ‘mantelzorger’. Ze zorgen gewoon voor hun kind, hun partner of hun ouder. Dat maakt het waarschijnlijk dat de getallen die het SCP in onderzoeken noemt een onderschatting zijn van het werkelijke aantal mensen dat zorg biedt. Maar toch: als je inzoomt op de cijfers die voorhanden zijn, dan zie je dat 1 op de 5 mantelzorgers werk en mantelzorg combineert. Natuurlijk is dat niet gelijk verdeeld: onder medewerkers van ziekenhuizen en zorginstellingen zijn meer mensen die zorg bieden. Daar wordt gesproken over één op drie. Dat betekent veel voor de balans in je leven. En voor het risico dat ook sterke mensen onder de druk bezwijken.
4
Ken uw mantelzorgers Ongeveer een jaar geleden sprak ik een avond lang op uitnodiging van het Zorg Innovatie Forum en van Werk en Mantelzorg over de spannende verhouding tussen werkgever en mantelzorgers. Vermoedelijk heb daar de uitnodiging aan te danken dat ik vandaag deze bijeenkomst mag openen. Wat me is bijgebleven van dat gesprek is dat werk en privé soms te goed gescheiden zijn. Veel werkgevers en veel collega’s weten eigenlijk niet goed welke mensen in hun organisatie thuis mantelzorger zijn. We praten er nauwelijks over. We weten niet echt hoe het met elkaar gaat. Wat iemand nodig heeft. Wat je als organisatie, als afdeling of als team kunt doen. Want mantelzorg is als zuurstof. Het is er, maar je ziet het niet. En de keerzijde is ook: veel mantelzorgers voelen zich in hun werkomgeving niet gezien. Natuurlijk weten je directe collega’s vaak wel wat er speelt. En als het goed is lossen ze werkdingetjes op een informele manier op, zodat de mantelzorger werk en zorg kan blijven combineren. Zo’n informele manier is natuurlijk prima. Niks aan doen, zou je kunnen zeggen. Maar structureel gezien kunnen we het echt nog wel een tandje beter doen. Want de druk blijft. En de behoefte om je collega’s niet te veel last te laten hebben van jouw zorgtaken thuis, die immers privézaken zijn.
Zeer gemotiveerde topsporters Dat gaat vaak goed. Want waar je zou zeggen dat het werk eronder lijdt, zie je in de praktijk juist dat mantelzorgers zeer gemotiveerde werknemers zijn. In zekere zin zijn het topsporters, die op twee niveaus hun beste beentje voor zetten. In het afgelopen vrijdag verschenen SCP-rapport ‘Mantelzorgers in het vizier’ lijkt het aantal overbelaste mantelzorgers mee te vallen. Slechts één op de tien lijdt onder de druk van de mantelzorg. Dat kan leiden tot gezondheidsproblemen, stress, verzuim op werk of studieproblemen. De meeste mantelzorgers vinden het mooi om te helpen. Mantelzorgers geven hun werk een hoog cijfer. Ze vinden hun werk plezierig en belangrijk, al is het maar omdat hart, hoofd en lijf in die werkuren even iets anders doen dan zorg verlenen. Er wordt in kantoortijd een ander beroep op hen gedaan. Zodat ze het daarbuiten vol kunnen houden. Mantelzorg is onmisbaar. Het vertegenwoordigt een enorme maatschappelijke waarde. En er is helaas volop aanleiding om een serieus gesprek te voeren of we niet meer moeten doen om mantelzorgers in staat te stellen hun belangrijke werk te doen. Ik denk dat er volop aanleiding voor werkgevers is om serieus te verkennen of ze genoeg doen voor de mantelzorgers in hun organisatie. Om het er tenminste eens over te hebben. Dat begint incidenteel, bij de koffiemachine. Maar het kan natuurlijk uitmonden in de mogelijkheid om het aan te snijden in functioneringsgesprekken. En in de arbeidsvoorwaarden van organisaties. Niet zozeer om problemen te maken. Maar om het te benoemen. Bespreekbaar te maken. En daardoor problemen voor te zijn.
Rek uit het elastiek De rek kan namelijk uit het elastiek. Niet alleen bij werknemers die als mantelzorgers langdurig op hun tenen lopen. Die zich in een belangrijk deel van hun leven niet of nauwelijks gezien voelen. Maar ook bij de collega´s van mantelzorgers. Want het is fijn als collega’s informeel zaken oplossen, maar naarmate mantelzorg langer duurt raakt de rek soms uit het elastiek van een team. Vroeg of laat moet je daar als werkgever iets mee. Overheden en welzijnsorganisaties zijn grote werkgevers. Dat is elders in het land zo. En hier in Groningen ook. Het zou daarom een mooie stap zijn als juist die organisaties ‘mantelzorgvriendelijk’ worden. Vandaag verkennen we wat dat zou kunnen zijn. Ik heb begrepen dat er in Groningen nog niet zoveel organisaties zijn die het stempel ‘mantelzorgvriendelijk’ hebben gekregen. Daar zijn natuurlijk redenen voor. Maar we kunnen het veranderen. Vandaag investeren vertegenwoordigers van Groningse organisaties het kostbaarste wat ze hebben in hun mantelzorgers. Namelijk tijd. Ik hoop dat het een waardevolle investering zal blijken. Het begint met een goed gesprek. En hopelijk blijft dat niet zonder gevolgen. Dat is van groot belang voor onze mantelzorgers en voor de instellingen waarin ze werken. •
5