24 maart 2019
De strak georganiseerde telling door het centraal stembureau in Martiniplaza. Foto: Ate Harsta op Twitter
1
2
Het nieuws van vandaag is dat de Partij voor de Dieren overweegt een hertelling
van de stemmen aan te vragen. Ik begrijp
dat goed. Het is natuurlijk hartstikke zuur
wanneer je donderdagmiddag bij de prognose op basis van 100% van de getelde stemmen
op twee zetels staat, maar bij de definitieve telling blijkt dat het toch één zetel wordt.
24 maart / Heimwee naar stemcomputers
En vermoedelijk is het verschil tussen wel en geen restzetel maar enkele tientallen stemmen groot.
V
rijdagmiddag werd duidelijk dat de definitieve uitslag, die maandag door het centraal stembureau wordt gepresenteerd, er zo uitziet:
→ 3
Heimwee Op verkiezingsavonden heb ik heimwee naar de tijd van de stemcomputers. Voor de jeugdige lezers: we waren vroeger moderner. In 1991 voerden we in Nederland stemcomputers in. Bijna alle gemeenten gebruikten ze. Maar 15 jaar later, in 2006, ontstond twijfel. Internationale waarnemers bij de Kamerverkiezingen vonden het verstandiger om een ‘paper trail’ te maken om hertellingen mogelijk te maken. En later deed de AIVD onderzoek en vond uit dat bij een bepaald type computers de electromagnetische straling kon worden opgevangen en geanalyseerd. Dat betekende dat je er niet helemaal zeker van kon zijn dat je stem geheim bleef.
4
De minister van Binnenlandse Zaken keurde een bepaald type computer af. En de actiegroep ‘wij vertrouwen stemcomputers niet’ deed de rest: ze daagde de staat voor de rechter en won. IJlings werden afvalbakken omgebouwd tot stembussen. Rode potloden werden aangeschaft. En sindsdien stemmen we weer met een rood potlood. Net als vroeger. In afwachting van iets beters. Persoonlijk vind ik het onbegrijpelijk waarom het zo lang duurt voordat we een betrouwbaar systeem hebben ontwikkeld. Ik bedoel… het is nu dertien jaar later! En sindsdien is elke verkiezingsavond een bezoeking.
Opvallend: deze prognose die ik presenteerde met een slag om de arm, komt voor 100% overeen met de definitieve resultaten die maandag door het Centraal Stembureau worden gepresenteerd. Dus je kunt zeggen dat we een betrouwbare prognose hadden aan het eind van de avond. Maar er ontstond verwarring. En die kan ik me levendig voorstellen. Dat zit zo.
En dat duurt anno 2019 echt veel te lang. Tot diep in de nacht. We zijn gewend geraakt aan eindeloos durende, doodvermoeiende verkiezingsavonden. Aan prognoses met de nodige slagen om de arm die pas in de vroege ochtend beschikbaar komen. De meeste mensen slapen dan al lang.
Exitpoll Aan het begin van de avond presenteerden we de resultaten van een exitpoll, dus een peiling bij de uitgang van het stembureau. Zo’n peiling geldt als redelijk betrouwbaar. We hadden hem laten uitvoeren door een bekend Gronings bureau. ’Bij met name de grote partijen kan het er wel eens een zetel naast zitten’, waarschuwde de onderzoeker ons.
’s Nachts om even voor tweeën belde Mario Miscovic van RTV Noord me. De redactie wilde een eind maken aan de live uitzending, want het duurde echt veel te lang. Of ik nog een slotinterview wilde geven. Ik vertelde hem dat we nog twee gemeenten te gaan hadden en dat we die uitslagen binnen een kwartier verwachtten. Gelukkig bleven ze uitzenden. Maar ik ben benieuwd hoeveel kijkers de laatste prognose haalden. Die prognose zag er zo uit: (inderdaad, identiek aan de definitieve uitslag)
24 maart / Heimwee naar stemcomputers
Eindeloze avond Waarom heimwee? Omdat de stemcomputers veel sneller duidelijkheid gaven. Als de computers aan het eind van de dag werden afgesloten, printten ze een soort kassabon uit, die meteen het verslag van het stembureau was. Doorbellen (dat moest toen nog) en opruimen. Binnen een uur hadden we duidelijkheid over de uitkomst.
Het bleek veel erger. Bij meer dan de helft van de partijen zat de peiling er naast. In een paar gevallen ook meer dan één zetel. Geoefende kijkers konden zien dat de staafdiagrammen die binnenkwamen uit de gemeenten niet klopten met de peiling. Maar toen waren er al veel interviews afgenomen (“Het zijn natuurlijk maar peilingen, maar…”). En de toon van de avond was gezet. →
5
80%-versie De eerste gemeente die binnenkwam was Groningen. Burgemeester Peter den Oudsten kwam hem persoonlijk brengen. En hij zei erbij: “Dit is een 80%-versie. Als we gaan wachten op de stembureaus die de laatste 20% vertegenwoordigen, wordt het veel te laat.” Het gaf wel een indruk van de stemverhoudingen. Maar om de uitslag te kunnen bepalen, heb je aantallen stemmen nodig. Daarom besloten we om de cijfers van de Gemeente Groningen te vermenigvuldigen met 5/4. De aanname was dat de laatste 20% ongeveer net zo stemde als de 80% die Groningen al had geteld. In de loop van de avond werden er nog wat staafdiagrammen op het bord getoverd, die er opvallend uitzagen. Die van Veendam werd gecorrigeerd. Die van Loppersum geloof ik niet, maar de cijfers zijn wel dubbel gecheckt. Dus toen ik om half drie de definitieve prognose presenteerde (zie hiervoor), legde ik er bij uit, dat er nog een aantal onzekerheden in zaten. De 80% van Groningen, een ontbrekend stembureau in Bedum en mogelijke fouten die in de loop van het proces gemaakt waren. Het was, kortom, een prognose.
6
ANP: andere cijfers Na een korte nacht werd ik wakker gebeld door mijn vrouw. Ze had de uitkomsten van Groningen gezien op de NOS-site. De PvdA, niet GroenLinks was de grootste geworden. En ook verder waren er forse afwijkingen van het beeld van uren daarvoor. Verwarring, ook bij mij. Hadden ambtenaren vannacht doorgewerkt en het ANP van latere cijfers voorzien? Hadden gemeenten andere cijfers naar de pers gestuurd dan naar ons? De medewerkers die ’s nachts zo hard hadden gewerkt, lagen nu onbereikbaar in hun bed. En zo duurde het uren voordat ik doorhad dat het ANP geen rekening had gehouden met de 20% ongetelde stemmen in Groningen en wij wel. Maar toen was het kwaad al geschied. Alle media namen de ANP cijfers over. En de conclusies. Zelfs het overzicht in de kranten van vrijdag (waaronder het Dagblad van het Noorden) stonden nog steeds de verkeerde cijfers. Sterker nog: op het moment dat ik dit schrijf – zaterdagavond – ziet de NOS-site er nog steeds zo uit:
Hoe komen die grote verschillen? In absolute aantallen gaat het niet om enorme afwijkingen. Maar bij de zetelverdeling ontstaan wel grote verschillen. Hoe kan dat? Dat komt doordat er veel partijen in Provinciale Staten komen en er tegenwoordig ook geen echt grote partijen meer bestaan. In zo’n gelijk speelveld kan een klein verschil in stemmen er maar zo voor zorgen dat restzetels bij een andere partij terecht komen. Hoe werkt dat dan? Restzetelverdeling in een paar woorden: als je alle uitgebrachte stemmen deelt door het aantal zetels, dan weet je hoeveel je moet halen voor één zetel. Als je de stemmen die één partij behaalde deelt door dat getal (de ‘kiesdeler’) weet je hoeveel ‘volle’ zetels elke partij heeft gehaald. Die zetels krijgen ze alvast. Maar dan hebben ze allemaal nog stemmen over en zijn bovendien niet alle zetels op. Dat zijn de ‘restzetels’.
Gewoon wachten? Verwarring over de uitkomst van verkiezingen is niet mooi. En het was er wel degelijk. Een makkelijke manier om dat te voorkomen zou kunnen zijn: gewoon wachten op de definitieve uitslag. Waarom laten we ambtenaren niet gewoon rustig hun werk doen om de maandag na de verkiezingen in alle rust kennis te nemen van de uitslag? Het antwoord laat zich raden: we zijn dat in Nederland niet gewend. En het schept ook vertrouwen als we de uitslag van de verkiezingen snel kennen. In 2016 werd het voorstel gedaan om opnieuw te gaan experimenteren met stemcomputers. Maar de Tweede Kamer vond het niet nodig. Stemcomputers kosten geld en dat kun je ook aan andere dingen uitgeven. Ik denk dat het hoog tijd wordt om het stemsysteem een beetje meer bij de tijd te brengen. Technisch kan het al lang. Laten we het gewoon gaan doen. •
24 maart / Heimwee naar stemcomputers
De websites van landelijke kranten bevatten ook nog steeds deze onjuiste gegevens. Verbazend is niet dat het ANP een andere keuze maakte dan wij en alleen de stemmen meenam die waren geteld. Verbazend vind ik dat de media die dagen later de uitkomsten van de statenverkiezingen brengen, nog steeds uitgaan van deze verkeerde cijfers.
Die verdeel je door alle stemmen die een partij heeft gehaald te delen door het aantal volle zetels plus één. De partij die dan per zetel de meeste stemmen haalt, krijgt de eerste restzetel. Daarna herhaal je dat voor de volgende restzetel, met zolang totdat ze op zijn. Het systeem is niet moeilijk. Maar bij uitslagen met veel partijen die ongeveer even groot zijn, leiden kleine veranderingen in de telling al snel tot een andere uitslag.
7