Skip to main content

Blog – Scenes uit een goed huwelijk

Page 1

23 mei 2019


2


“ Toen hij bespeurde hoe de nevel van de tijd in d’ogen van zijn vrouw de vonken uit

kwam doven, haar wangen had verweerd,

haar voorhoofd had doorkloven, toen wendde hij zich af en vrat zich op van spijt.”

Geruststellend dus, dat er vandaag een goedbezocht congres is, in Assen. Een congres over een samenwerking die al twintig jaar van ons allemaal is. Dat is mooi. Het zou ook heel anders kunnen. Bijvoorbeeld, dat we het na twintig jaar wel een beetje hebben gehad hebben met elkaar. Dat de glorieuze toekomst die we voor ons samen hadden bedacht nu vooral achter ons ligt. Dat de ‘nevel van de tijd’ de vonk zo langzamerhand wel heeft uitgedoofd.

Harde cijfers… Maar niets is minder waar. Uit de evaluatie en actualisatie van deze samenwerking blijkt dat we gewoon willen doorgaan met doen waar we goed in zijn. Dus de thema’s wonen, werken en bereikbaarheid samen oppakken, op elkaar afstemmen. En projecten opzetten en uitvoeren die passen bij de visie die wij met zijn allen hebben op deze regio. Want dat kunnen we. Als je in dik twintig jaar 200 projecten doet, zo’n 135 miljoen euro in een regiofonds stopt om er een investeringsbedrag van 700 miljoen mee uit te lokken, dan doe je het denk ik goed.

23 mei / Scenes uit een goed huwelijk

‘Het huwelijk’ van Willem Elsschot. Al meer dan een eeuw oud. En nog steeds universeel herkenbaar. Als er een top-tien van meest geciteerde dichtregels zou bestaan, dan gooit een regel uit dit gedicht hoge ogen: “want tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren”. Lang niet elke beleidsambtenaar die dit zinnetje opschrijft, weet dat het bij ‘droom en daad’ gaat over het vermoorden van je vrouw! Lang niet elk huwelijk blijft leuk. En dat geldt niet alleen voor huwelijken. De samenwerking tussen organisaties – zeker in het openbaar bestuur – is in veel gevallen niet gezellig. Ik leerde als gemeenteraadslid al dat het veel leuker is in de gemeenteraad dan in het bestuur van een gemeenschappelijke regeling. Samenwerken is vaak een energielek, waarbij je opgelucht bent als de vergadering niet doorgaat bij gebrek aan agendapunten.

Klinkende resultaten. Voor de inwoners van onze regio. En voor de raden en staten die samen de baas zijn van onze samenwerking. Daarnaast is er ook de winst die we boeken door kennis met elkaar te delen. En door elkaar iets te gunnen. Dat is goed voor ons allemaal: als het bij de buren regent, druppelt het bij ons ook. Ook al is het soms lastig om per druppel direct de waarde aan te geven. Van iedereen? Als de samenwerking van iedereen is, van wie is hij dan? Daar gaat het vaak mis. Als een klus van iedereen is, dan denkt ook bijna iedereen: dat zal de ander wel doen. En dus kom je bij elkaar tot de ontdekking, dat er niets - of althans: te weinig - is gebeurd. → 3


Het droevige lot van samenwerkingsverbanden is vaak dat ze van niemand zijn. De directeuren van gemeenschappelijke regelingen zijn een bedreigde diersoort, omdat ze altijd aan strengere eisen moeten voldoen dan de deelnemende gemeenten zelf. Dat moeten ze van de wethouders en gedeputeerden. En al helemaal van de volksvertegenwoordigingen. Regelmatig popt de vraag op: wat is het nut van deze samenwerking? Wat levert het ons op? In die zin zijn alle samenwerkingsverbanden een beetje familie van Europa. Ze zijn ver weg. Het gaat er sloom. En anders dan thuis. Je kent er minder mensen. En van tijd tot tijd wordt het nut betwijfeld: is het niet te duur? En wat levert het op? Lastige vragen De vragen zijn natuurlijk terecht. Ook al zijn ze lastig te beantwoorden. Want naast de knetterharde investeringscijfers is er ook het zachtere deel van de afweging. Wat betekent kennisdeling, onderling vertrouwen en samen optrekken in lobby’s? En er is de vloek van beleidsonderzoek: er is geen controlegroep, waaraan je kunt zien wat er gebeurt als je niet zou samenwerken. Was het aantal banen in het gebied rondom de as Groningen-Assen dan ook gegroeid? Had de mobiliteit zich ook zo ontwikkeld? Per fiets, auto of openbaar vervoer? En de congestie? Was het aantal busreizigers dan ook in drie jaar met een derde gegroeid? Echt spectaculair! En veel meer dan de bewegingen per auto. Waren er ook zoveel hectares bedrijventerrein uitgegeven? Ongeveer een derde van de totale werkgelegenheid in het Noorden zit in onze regio. Het is dus voor het hele noorden essentieel dat we dat goed regelen, onderling, maar ook weer in samenhang met de buren. Want tegenover groei in het stedelijke gebied in deze tijd staat natuurlijk een zekere krimp in de gebieden daarbuiten. Die dynamiek mag je niet alleen overlaten aan de groeigemeenten. Juist niet. Het rijk steekt te weinig energie in de klassieke overheidstaak die Ruimtelijke Ordening heet. En daardoor benutten we de capaciteiten van 4

Stadsstaat Nederland onvoldoende. Randstaddenken doet ook de Randstad tekort. De consequentie van die Haagse armoede is, dat de regio daar dus zelf voor aan de lat staat. We moeten het dus zelf doen. We zullen hier samen de ruimtelijke kwaliteit van straks moeten maken. Zeker als we ook het onderwerp energietransitie oppakken. Volksvertegenwoordigers Als je alle thema’s op een rijtje zet - wonen, werken, mobiliteit, energietransitie en ruimtelijke kwaliteit dan is de positie van volksvertegenwoordigers heel belangrijk. Als je als raads- of statenlid de regio beschouwt als een uitwedstrijd, komt dat door die andere vraag: gaan we er wel genoeg over? Er zijn steeds minder dingen die overheden p eigen kracht kunnen. En altijd weer gaat samenwerken van au! Je zou het zelf anders hebben gedaan, maar je moet samenwerken. Met de buren. Met bedrijven. Met maatschappelijke organisaties. Samenwerken kost dus moeite. Maar vaak is het de moeite waard. Grensontkennend Ik vind het mooi om een congres over dit onderwerp in Assen te mogen openen. Dat is in zichzelf al grensoverschrijdend, of ‘grensontkennend’, zoals een vroegere commissaris van de Koning in Drenthe het zou noemen. Samenwerken in onze regio gaat niet alleen over de rol van bestuurders voor hun inwoners. Ook als bestuurders de samenhang van hun provincie of gemeente met de buren mochten vergeten. Ook als wij uit het oog zouden verliezen dat Groningen, Friesland en Drenthe samen nog niet de helft van de inwoners van Zuid-Holland hebben, dus dat we elkaar nodig hebben om een beetje indruk te maken, in Den Haag of in Brussel. Ook dan laten onze inwoners zien dat ze al lang een goed huwelijk met elkaar hebben gesloten. Elke werkdag opnieuw vindt een ontroerende ontmoeting plaats tussen duizenden Groningers, Drenten en zelfs Friezen. Bij ons in Groningen. Op het Julianaplein. Onderweg naar hun werk.


Naar hun UMCG, hun Universiteit, hun Hanzehogeschool. En soms zelfs hun Provincie Groningen! De samenhang in onze regio is onmiskenbaar. En misschien is dat wel het diepste geheim van de kwaliteit van ons huwelijk. Het is een verstandshuwelijk. En bij een goed verstandshuwelijk, zeiden ze vroeger, komt de liefde vanzelf. Een twintigjarig huwelijk is meestal nog geen reden voor een groot feest. Een keer uit eten met vrienden of familie. Dat is het wel zo’n beetje. Er komt geen burgemeester langs. Er komen geen officiële felicitatiebrieven. Het is meestal een reden om gewoon door te gaan. Op naar de 25. En blijven investeren in de relatie.

23 mei / Scenes uit een goed huwelijk

Goed dus dat we elkaar vandaag treffen. Want ‘driekwart van de kracht van de regionale samenwerking’ bestaat uit aandacht, interesse en ontmoeting. Ik wens u een inspirerende dag. • ( Toespraak in De Kolk in Assen, bij de opening van het congres ‘De kracht van regionale samenwerking’ van de Regio Groningen-Assen)

5


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook