Skip to main content

Jaarverslag 2013

Page 1

Jaarstukken 2013


Voorwoord

Het jaarverslag dat voor u ligt, beschrijft een periode van ontwikkeling en vernieuwing. In 2013 konden we de situatie van voor de verhuizing definitief loslaten en met frisse moed en goed vertrouwen ons richten op de kerntaken: onderwijs en onderzoek. We kunnen vaststellen dat de academische inbedding in Amsterdam en in Groningen een goede ambiance biedt voor een toekomstbestendige theologiebeoefening. In het voorjaar van 2013 ontving de PThU het definitieve rapport van de visitatie Onderzoek. Dit rapport schetst een adequaat beeld van het onderzoek van de PThU en in de ranking zitten we in een goede middenpositie. In 2013 werden de opleidingen beoordeeld door de QANU. Voor de zomer vond de beoordeling van de opleidingen plaats volgens het beperkte beoordelingskader van de NVAO. In het najaar werden de voorbereidingen getroffen voor de aanvullende beoordeling waarin de kwaliteitszorg onderwijs, de voorzieningen voor onderwijs, in het bijzonder voor studenten met een handicap, en het personeelsbeleid, specifiek in het licht van de kwaliteit van docenten, aan een beoordeling werden onderworpen. Op basis van de rapportages van de QANU zal de NVAO in 2014 beslissen over de heraccreditatie van de opleidingen die de PThU aanbiedt. In bestuurlijk opzicht was 2013 een jaar met nogal wat wisselingen van de wacht. Prof.dr. Frank van der Duyn Schouten trad, na jarenlange inzet, af als voorzitter van de Raad van Toezicht en werd rector magnificus van de Vrije Universiteit. In september werd hij opgevolgd door Marja van Bijsterveldt. Dr. Henk van der Sar nam in december afscheid als voorzitter van het College van Bestuur. Met de huidige rector stond hij aan de wieg van de PThU. In 2013 heeft de Raad van Toezicht tevens besloten over te gaan naar een eenhoofdige leiding. Vanaf 1 januari 2014 is de rector tevens voorzitter van het College van Bestuur. Gerrit Immink Rector / voorzitter College van Bestuur

Protestantse Theologische Universiteit

3


Inhoudsopgave

Voorwoord 3

Hoofdstuk 10: Examencommissie 60

Hoofdstuk 1: Raad van Toezicht

8

Hoofdstuk 2: College van Bestuur

Jaarrekening 63 Bijlage 1:

11

Prestatieafspraak 95

Hoofdstuk 3:

Bijlage 2:

Onderwijs 24

Samenstelling Raad van Toezicht, College van Bestuur, Universiteitsraad, Raad van Advies, commissies en werkgroepen

102

Hoofdstuk 4: Onderzoek en valorisatie

37

Bijlage 3: Publicaties 105

Hoofdstuk 5: Studenten 46

Bijlage 4: Promoties 121

Hoofdstuk 6: Personeel 50

Bijlage 5: Internationale samenwerking en contacten

122

Hoofdstuk 7: Bibliotheek en archief

53

Bijlage 6: Kerkelijk album en Ordonantie 13-12

123

Hoofdstuk 8: Dienstverlening 56

Bijlage 7: Mastertheses studiejaar 2012-2013

124

Hoofdstuk 9: Postacademisch onderwijs

4

57

Jaarstukken 2013


Protestantse Theologische Universiteit

5


6

Jaarstukken 2013


Jaarverslag

Protestantse Theologische Universiteit

7


Hoofdstuk 1:

Raad van Toezicht De Raad van Toezicht kijkt met tevredenheid terug op het jaar 2013,

en het intreden van een nieuwe fase voor de PThU, waarin consolidatie

alhoewel bij het opmaken van de balans aan het einde van het jaar ook

van de nieuwe constellatie voorop zal staan. De nieuwe constellatie

blijkt dat de PThU voor enkele grote uitdagingen staat, zoals de groei

voorzag in een reductie van vestigingsplaatsen van drie naar twee. De

van het aantal ingeschreven studenten en het creëren van een stabiele

vestigingsplaatsen zijn geborgd in samenwerkingsovereenkomsten met

financiële positie voor de lange termijn. Deze uitdagingen dringen zich

de Vrije Universiteit en de Rijksuniversiteit Groningen. Daar komt bij dat

op terwijl de PThU te maken heeft met een maatschappelijke context die

de financiële positie van de PThU tot terughoudendheid in bezetting van

in toenemende mate seculariseert. Zowel de huidige als de toekomstige

de bestuurlijke top aanleiding geeft.

situatie vraagt nadrukkelijk om bestuurlijke alertheid. Een van de voornaamste kernwaarden van de PThU is ‘betrokkenheid’.

1.1 Bestuurlijke wisselingen

Deze betrokkenheid geldt intern in de organisatie, waar wetenschappe-

De Raad van Toezicht werd tijdens de aprilvergadering in 2013 gecon-

lijke en ondersteunende medewerkers en studenten in betrokkenheid op

fronteerd met het abrupte vertrek van de voorzitter, prof.dr. F. A. van der

elkaar een universitaire gemeenschap vormen. Maar deze betrokkenheid

Duyn Schouten, per 1 mei 2013; dit in verband met zijn aanvaarding van

strekt zich ook zeker uit naar haar omgeving en de samenwerkingsrela-

het rectoraat van de Vrije Universiteit. Gelukkig kon in vrij korte tijd

ties die de PThU onderhoudt. Om uitdrukking te geven aan de weder-

worden voorzien in de opvolging. Per 1 september 2013 werd mevr. J.

zijdse bijzondere betrokkenheid van de PThU en de Protestantse Kerk in

M. van Bijsterveldt-Vliegenthart benoemd door de generale synode van

Nederland ging op 30 augustus 2013 aan de academische plechtigheid

de Protestantse Kerk in Nederland als voorzitter van de raad. In de

ter gelegenheid van de opening van het nieuwe academische jaar in de

tussenliggende periode heeft mevr. drs. J. J. Tj. van den Hul-Omta het

Janskerk te Utrecht ter zelfde plaatse een liturgische viering vooraf.

voorzitterschap waargenomen.

Daarin ging de preses van de synode, ds. K. van den Broeke, voor.

Aan het einde van het jaar, op 17 december 2013, nam dr. H.C. van der Sar na een bestuurlijke loopbaan van ruim twintig jaar afscheid van de

1.2 Governance: code goed bestuur VSNU

universiteit. Daarmee kwam een einde aan een lange staat van dienst als

De Raad van Toezicht vervult binnen de PThU een tweeledige rol: hij

universiteitsbestuurder, eerst van de Theologische Universiteit Kampen

oefent de wettelijke taken en bevoegdheden uit die aan een Raad van

en vanaf 2007 van de Protestantse Theologische Universiteit. Als voor-

Toezicht van een Nederlandse universiteit zijn toevertrouwd. De raad

zitter heeft Van der Sar, in samenwerking met de rector, leiding gegeven

houdt toezicht op de uitvoering van de werkzaamheden en op de uitoefe-

aan het proces van opbouw van een universitaire organisatie na de

ning van de bevoegdheden van het College van Bestuur. Tevens staat de

samenvoeging van de ambtsopleidingen van de constituerende kerken

Raad van Toezicht het College van Bestuur met raad terzijde. Daarnaast

van de Protestantse Kerk in Nederland in 2007 in de Protestantse Theo-

heeft hij in opdracht van de synode van de Protestantse Kerk in Nederland

logische Universiteit. Vanaf 2010 heeft hij het voortouw genomen in de

een speciale verantwoordelijkheid met betrekking tot de instandhouding

organisatorische inrichting van de universiteit op de nieuwe vestigingen

van de opleiding van predikanten voor de Protestantse Kerk in Nederland.

Amsterdam en Groningen. Daarbij heeft hij zich ingezet voor een adequate en aantrekkelijke inrichting van de huisvesting van de universi-

Het college van bestuur is belast met het bestuur van de universiteit en

teit in Amsterdam en Groningen.

het beheer daarvan.

De Raad van Toezicht heeft in januari 2013 – in goed overleg met de Universiteitsraad, het College van Hoogleraren en het College van

De raad van toezicht is zodanig samengesteld dat de leden ten opzichte

Bestuur - besloten dat de PThU na het vertrek van Van der Sar overgaat

van elkaar en ten opzichte van het college van bestuur onafhankelijk en

naar een eenhoofdige leiding. Als argument daarvoor geldt de na de

kritisch kunnen opereren. Het principe van onafhankelijkheid is daarmee

verhuizing ontstane situatie van betrekkelijke rust in organisatorische zin

geëerbiedigd.

8

Jaarstukken 2013


De raad en het college houden zich bij de uitvoering van hun onder-

1.4 Werkgeverstaken

scheiden taken en verantwoordelijkheden aan de Gedragscode Goed

De commissie Remuneratie van de Raad van Toezicht bestond in 2013

Bestuur, zoals door de VSNU in 2012 vastgesteld en in 2013 aangevuld.

tot 1 mei uit prof.dr. F.A. van der Duyn Schouten. Deze commissie heeft

Met betrekking tot de bezoldiging van de leden van het bestuur geldt

functioneringsgesprekken gevoerd met de leden van het College van

dat deze is vastgesteld binnen de marge van de maximale norm, die in

Bestuur afzonderlijk en met de beide leden gezamenlijk. Aan de hand

het kader van de Wet normering topinkomens op grond van een

van het verslag van deze gesprekken is het functioneren van het College

daartoe tussen de raad van toezicht en de minister gemaakte bijzondere

van Bestuur besproken in de Raad van Toezicht. Daarnaast heeft de

afspraak is bepaald. Deze maximale norm komt overeen met de hoogste

Raad van Toezicht ook zijn reguliere werkgeverstaken vervuld.

trede van schaal H-1, vermeerderd met 20% functietoeslag. Na het vertrek van Van der Duyn Schouten heeft de voltallige raad tot

1.3 Samenstelling raad van toezicht

december 2013 de taken van de renumeratiecommissie overgenomen

De raad van toezicht bestaat uit vijf leden, waaronder de voorzitter.

en de werkgeverstaken uitgevoerd. Per december 2013 is een commissie

De leden zijn benoemd op basis van profielen, die in de eerste plaats de

renumeratie samengesteld die bestaat uit mevr. J.M. van Bijsterveldt-

deskundigheid van de leden voor het uitoefenen van een toezicht­

Vliegenthart en prof. dr. M. Kaptein.

houdende taak betreffen: een onafhankelijke en kritische positie kunnen een wetenschappelijke instelling; beschikken over ervaring met het

1.5 Goedkeurende besluiten en aandachtspunten raad van toezicht

besturen van een complexe organisatie; kunnen herkennen van

De Raad van Toezicht vergaderde in het verslagjaar vier maal, waarvan

toekomstig relevante ontwikkelingen; beschikken over een voor de PThU

één keer gedeeltelijk in afwezigheid van het College van Bestuur. De

relevant maatschappelijk, kerkelijk en politiek netwerk. In de tweede

belangrijkste besluiten van de Raad van Toezicht in 2013 zijn goedkeu-

plaats stelt de Kerkorde van de Protestantse Kerk in Nederland de eis dat

ring van:

een lid van de raad van toezicht belijdend lid van de Protestantse Kerk in

• Jaarverslag en Jaarrekening 2012;

Nederland is. In de derde plaats is voor elk lid aan de algemene

• Begroting 2014;

deskundigheidseisen een specifiek profiel toegevoegd: voorzitterschap,

• wijziging samenstelling college van bestuur naar een eenhoofdig

innemen ten opzichte van het bestuur; beschikken over affiniteit met

expertise op het terrein van bedrijfsvoering, hoogleraar, maatschappelijke betrokkenheid, predikant.

bestuur; • vaststelling profiel rector en voorzitter College van Bestuur in verband met benoeming opvolger rector in 2014;

In 2013 was de Raad van Toezicht als volgt samengesteld: - prof.dr. F.A. van der Duyn Schouten (voorzitter) (tot 1 mei 2013) - mw. drs. J.J.Tj. van den Hul-Omta (profiel maatschappelijk veld tevens waarnemend voorzitter 1 mei 2013 tot 1 september 2013) - mevr. J.M. van Bijsterveldt-Vliegenthart (voorzitter per 1 september 2013) - prof.dr. M. Kaptein (profiel hoogleraar) - mw. ds. G.R. Peetoom (profiel predikant)

• voorgenomen besluit van het College van Bestuur tot benoeming hoogleraar Interculturele Theologie vestiging Groningen; • voorgenomen besluit van het College van Bestuur tot benoeming universitair hoofddocent Oude Testament vestiging Groningen; • voorgenomen besluit van het College van Bestuur tot benoeming persoonlijk hoogleraar Systematische Theologie (Genderstudies) vestiging Amsterdam;

- drs. J.W. Meinsma (profiel bedrijfsvoering)

• voorgenomen besluit van het College van Bestuur tot benoeming

Vanuit de Raad van Toezicht onderhoudt mw. Van den Hul–Omta het

• nota ‘Samen sterk’ betreffende samenwerking in onderzoek van VU,

bijzonder hoogleraar Geestelijke Verzorging vestiging Groningen; contact met de Universiteitsraad.

Protestantse Theologische Universiteit

RUG en PThU;

9


• openstellen vacature hoogleraar Nieuwe Testament voor de vestiging Groningen.

• Het zodanig positioneren van de PThU ten opzichte van de Protestantse Kerk in Nederland dat de PThU herkenbaar deel kan nemen aan inhoudelijke kerkelijke debatten.

Daarnaast hebben de volgende zaken onder andere de aandacht van de Raad gevraagd:

1.6 Algeheel oordeel

• De zoektocht naar een geschikte kandidaat voor de opvolging

Na een periode van veel fysieke beweging komt de PThU nu in een vaar-

van de rector/ voorzitter college van bestuur;

water waar stevig gewerkt kan worden aan het onderwijs en onderzoek.

• accountantsverslag bij jaarrekening en jaarverslag 2012;

De eerste tekenen van groei zijn aanwezig in 2013 en kunnen voor het

• uitstel overdracht panden Kampen;

onderzoek worden onderbouwd met waarderende woorden in het

• wetenschappelijke integriteit;

rapport van de commissie die het onderzoek van de PThU heeft gevisi-

• studententevredenheid;

teerd. De onderzoeksgroepen hebben voldoende potentie om de aanbe-

• toekomstbestendigheid PThU;

velingen van de commissie op te pakken en invulling te geven. Wat

• samenwerking met Vrije Universiteit en Rijksuniversiteit Groningen;

betreft het onderwijs is sprake van een positief verlopen opleidingsbeoor-

• vormgeving en financiering Permanente Educatie predikanten.

deling, maar zal er nog aanvullende verbetering moeten worden gerealiseerd in rendement van de opleidingen. Daarbij ziet de Raad van Toezicht

Op 30 en 31 januari 2013 heeft de raad samen met het College van

met genoegen de studententevredenheid in 2014 groeien. Punt van

Bestuur een heidag belegd, waarbij de Universiteitsraad en de Raad van

aandacht blijft onverkort voldoende instroom van studenten. Dit zal om

Advies waren uitgenodigd. Tevens waren de drie onderzoeksprogram-

adequate acties blijven vragen.

maleiders aanwezig. De doelstelling van de heidag was het verkrijgen

De Raad van Toezicht ziet de positieve uitkomst van het medewerker-

van een helder beeld van de uitdagingen waarvoor de PThU in de

onderzoek mede als afscheidsgeschenk van de medewerkers aan het

komende vijf jaar staat. De dag was opgezet op basis van een

tweehoofdige College van Bestuur en een goede start voor het huidige

programma in drie delen: van beeldvorming via betekenisverlening naar

eenhoofdige College van Bestuur.

doorvertaling. Als voornaamste uitdagingen zijn benoemd:

De Raad van Toezicht is bezorgd over de ontwikkeling in de uitvoering van de permanente bijscholing van predikanten. Deze bezorgdheid is inge-

• Het in de markt zetten van de PThU als aantrekkelijke

geven door het te langzaam verlopen van de implementatie van een goed

instelling voor wetenschappelijke theologiebeoefening.

nascholingsbeleid in de Protestantse Kerk in Nederland. Het achterblijven

• Het versterken van de kwaliteit van de wetenschappelijke

van de gerealiseerde afname ten opzichte van de verwachte participatie

theologiebeoefening binnen de PThU in de academische

zorgt er voor dat de infrastructuur die de PThU heeft ingericht niet opti-

context waarin de PThU is ingebed.

maal wordt benut, met alle financiële consequenties van dien.

• Het versterken van de doorwerking binnen de PThU

De Raad van Toezicht is in algemene zin van oordeel dat binnen de

van het besef dat wetenschappelijke theologiebeoefening

huidige mogelijkheden het College van Bestuur op een goede wijze

in internationaal verband plaatsvindt.

bestuurt. De wens is dat, nu er in fysieke zin rust ontstaan is, er creativiteit

• Het creëren van Nachwuchs met het oog op behoud van kwalitatief goede theologiebeoefening. • Het opleiden van theologische professionals die in de kerk als predikant, maar ook daarbuiten leiding kunnen geven aan het ter sprake

opbloeit voor het aantrekken, binden en succesvol begeleiden van studenten en dat de PThU bij haar wetenschappelijke taak in het huidige tijdsgewricht vrijmoedig deelneemt aan het debat over God in het wetenschappelijke, publieke en kerkelijke domein.

brengen van God en geloof.

10

Jaarstukken 2013


Hoofdstuk 2:

College van Bestuur 2.1 Algemeen

de bacheloropleiding. De PThU leidt masterstudenten op tot startbe-

Voor de Protestantse Theologische Universiteit was 2013 een jaar van

kwame zelfstandige professionals. Zij hebben een kritisch inzicht in

ontwikkeling en vernieuwing. De vestiging op de nieuwe locaties in

vraagstukken omtrent geloof, kerk en samenleving, en geven als predi-

Amsterdam en Groningen blijkt een goed uitgangspunt te bieden voor

kant verantwoord leiding aan geloofsgemeenschappen, of functioneren

het type theologiebeoefening dat de universiteit voorstaat. De samen-

als predikant geestelijk verzorger in zorginstellingen (c.q. in penitentiaire

werking met de Faculteit Godgeleerdheid van de VU en met de Faculteit

inrichtingen en bij de krijgsmacht). Studenten van de eenjarige master

Godgeleerdheid en Godsdienstwetenschap van de RUG ademt de sfeer

Verdieping in Groningen worden opgeleid tot startbekwame theologi-

van een breed academisch klimaat, waarin de PThU zich bij haar theolo-

sche professionals die een werkplek vinden in de wereldkerk, in het

giebeoefening verbonden weet met geloof, kerk en wereldchristendom.

theologisch onderwijs of onderzoek, en in andere maatschappelijke

In een tijd waarin theologieopleidingen verdwijnen uit aloude Neder-

organisaties en verbanden.

landse universiteiten, heeft de PThU in samenwerking met de VU en de

In 2013 vond de onderwijsvisitatie plaats. Dit gebeurde juist op het

RUG een toekomstbestendige positie ingenomen op het terrein van de

moment dat de PThU bezig was met de implementatie van een vernieu-

academische theologiebeoefening.

wingsproces dat op gang was gekomen met het oog op de verhuizing naar Amsterdam en Groningen. Het besluit tot herinrichting van de

2.2 Onderwijs

masteropleidingen stamt namelijk uit januari 2012. De driejarige master-

Op het gebied van het onderwijs staat de PThU goed gepositioneerd.

opleidingen voor het ambt van predikant werden grondig doordacht en

Een viertal factoren is hierbij van belang:

vernieuwd. Met ingang van de nieuwe accreditatietermijn zal er één

1. De samenwerking met de VU en de RUG op bachelor niveau heeft

CROHO label zijn voor de driejarige master Predikantschap, met een

een stabiele en toekomstbestendige structuur. 2. De driejarige masteropleiding predikantschap is grondig doordacht en vernieuwd. 3. Uit de QANU rapportage komt een positief beeld van het onderwijs en de kwaliteitszorg naar voren. 4. In de populatie studenten doen zich verschuivingen voor die op

route in Amsterdam en een route in Groningen. In Amsterdam wordt een deeltijd variant aangeboden op zaterdag en in Groningen is er naast de op beide locaties aangeboden route Gemeentepredikant een route Predikant–Geestelijk verzorger. In de jaarstukken over 2013 wordt nog verantwoording afgelegd op basis van de oude registratie van opleidingen in CROHO.

termijn gunstig zijn: in verhouding een toename van de instroom van

In het studiejaar 2012-2013 is voor het eerst volgens de nieuwe opzet

jonge studenten.

onderwijs gegeven. De vernieuwingsimpulsen hebben vruchten afgeworpen. Over het geheel genomen heeft de verhuizing naar Amsterdam

In 2013 is een nieuw onderwijsbeleidsplan opgesteld. Kenmerkend voor

en Groningen op het gebied van het onderwijs geleid tot concentratie

het onderwijs van de PThU is: een sterke verwevenheid tussen onderwijs

en vereenvoudiging van opleidingsstructuur. De samenwerking met de

en onderzoek, aandacht voor de persoonlijke en spirituele ontwikkeling

partnerinstellingen komt het sterkst tot uitdrukking op bachelor niveau:

van de student, oog voor de uitdagingen die kerk en samenleving aan

in Amsterdam een bachelor Theologie Joint Degree samen met de Facul-

de theologie stellen.

teit Godgeleerdheid van de VU en in Groningen een PThU route van 60

In de opleidingen die de PThU aanbiedt, komt dit als volgt tot uitdruk-

ects in de bacheloropleiding van de Faculteit Godgeleerdheid en Gods-

king. De bachelorstudent ontwikkelt een brede basiskennis op het

dienstwetenschap van de RUG.

gebied van de theologie. Kritische reflectie op het eigen geloof en de

Bij de prestatieafspraak met de minister heeft de PThU de lat bewust

eigen theologische positie en van daaruit het gesprek aangaan met

hoog gelegd. In de verslaglegging van 2013 wordt duidelijk dat de PThU

andere posities, andere culturen en andere godsdiensten maakt wat de

hard werkt aan een inhaalslag. De afspraken omtrent BKO en SKO, in

PThU betreft deel uit van de academische theologiebeoefening binnen

verband met het vergroten van de kwaliteit van de docenten, liggen

Protestantse Theologische Universiteit

11


goed op schema. Op het terrein van de studierendementen blijken de

2.3 Onderzoek

streefcijfers weerbarstiger. Als we echter in ogenschouw nemen dat de

In het voorjaar van 2013 is het eindrapport van de onderzoekvisitatie

mogelijkheid de opleiding op afstand te volgen (met lage rendementen)

verschenen. Het rapport spreekt waarderend over het theologische

is afgebouwd en instroom in de bachelor Theologie Joint Degree groei

profiel van het onderzoek en verwacht dat de universitaire context

laat zien, dan zit de PThU op de goede weg. Voltijdonderwijs vertoont

waarin de PThU opereert de academische kwaliteit nog verder ten goede

doorgaans een beter studierendement dan deeltijdonderwijs. Daaren-

zal komen. De accenten die elk van de drie onderzoeksgroepen van de

boven neemt de PThU ook andere maatregelen ter vergroting van het

PThU legt, zijn in de nabije toekomst van groot belang om de volle

studierendement en de kwaliteit van de opleiding, zoals een strakkere

breedte van de theologische encyclopedie in Nederland te garanderen.

studiebegeleiding en het verhogen van het aantal contacturen in de

Het onderzoek naar de bronnen van de christelijke traditie staat elders

opleiding.

onder grote druk vanwege het verdwijnen van zelfstandige theologische

Het aantal studenten lijkt zich na de terugval vanaf 2010 te stabiliseren.

departementen in Utrecht en Leiden. De terreinen van de systematische

Bovendien mag in de komende jaren van enige groei worden uitgegaan.

en de praktische theologie krijgen juist binnen een instelling als de

Met name de bachelor instroom bij de Faculteit Godgeleerdheid en

PThU, die zich verantwoordelijk weet voor de voortgang van de christe-

Godsdienstwetenschap van de RUG biedt goede vooruitzichten voor de

lijke traditie, een scherp theologisch profiel dat internationaal herkend

instroom van de PThU master in Groningen.

wordt.

De PThU ziet nauwlettend toe op de verbinding tussen onderwijs en

In het onderzoek speelt de wisselwerking tussen bronnen/overtuigingen

onderzoek. In het nieuwe instellingsplan, dat in 2013 is aanvaard, houdt

enerzijds en contexten anderzijds een belangrijke rol. Niet alleen met

de PThU er aan vast dat de academische vorming in verbinding dient te

betrekking tot het verleden, maar ook met het oog op de actuele vorm-

staan met de ontwikkelingen op het gebied van geloof, kerk en samen-

geving van het christelijk geloof. Wat het onderzoek betreft, heeft de

leving. Grondige kennis van bronnen en tradities is van groot belang

PThU in 2013 de samenwerkingsmogelijkheden met de VU en de RUG

voor de voortgang van christelijke geloofspraktijken. Degenen die als

leren benutten en uitbouwen. Tegelijkertijd is de PThU zich er van

theoloog en/of predikant een taak vervullen, dragen daarin een bijzon-

bewust dat juist vanwege de aandacht voor het wereldchristendom de

dere verantwoordelijkheid.

internationale institutionele contacten van groot belang zijn. Het inter-

Voldoende instroom van studenten is in de eerste plaats van belang voor

nationale netwerk van de PThU is in 2013 geconsolideerd. De wens van

de continuïteit van de huidige organisatie van het onderwijs. Voldoende

de PThU om te komen tot joint doctorates met instellingen in Afrika en

studentenaanwas is bovendien cruciaal voor het behoud van de kwaliteit

Azië heeft wel tot intentieverklaringen geleid maar nog niet tot concrete

van de theologiebeoefening op de langere termijn. Zo lang het studen-

overeenkomsten; dit vanwege de complexiteit van de regelgeving in de

tenaantal op niveau is, kan een nieuwe generatie theologen worden

verschillende landen.

opgeleid die op creatieve en vernieuwende wijze kan inspelen op

Concluderend kan gesteld worden dat het onderzoek van de PThU,

toekomstige vraagstukken. Studentenwerving heeft dan ook hoge prio-

verdeeld over de drie onderzoeksgroepen, een stevige positie inneemt in

riteit. Deze betreft zowel de werving van bachelorstudenten, waaraan in

het snel veranderende landschap van de theologie in Nederland. De

gezamenlijkheid met VU respectievelijk RUG invulling wordt gegeven op

PThU, de Faculteit Godgeleerdheid van de VU en de Faculteit Godge-

grond van een gedeeld belang bij instroom, als de werving van master-

leerdheid en Godsdienstwetenschap van de RUG hebben een comple-

studenten. Via een uitgekiend doelgroepenbeleid tracht de PThU

mentair onderzoeksprofiel opgesteld. Naast deze samenwerking op de

verschillende categorieën van potentiële studenten te bereiken, zowel

vestigingsplaatsen blijft de internationale samenwerking met partners in

de jonge uit het vwo afkomstige student, als de student die na een

Afrika en Azië kenmerkend voor het onderzoeksprofiel van de PThU.

reeds opgebouwde carrière buiten de theologie de stap wil maken naar

Wat de resultaten van het onderzoek betreft, maken de overzichten van

een theologisch beroep.

de onderscheiden onderzoeksprogramma’s duidelijk dat het ingezette

12

Jaarstukken 2013


beleid het zwaartepunt van de wetenschappelijke productie te verleggen

elkaar betrokken te doen zijn, om wederzijds van elkaar te kunnen leren.

naar refereed artikelen in tijdschriften nog onvoldoende doorzet. Welis-

De vestiging Groningen wil met haar onderzoek en kennis ten dienste

waar is de totale wetenschappelijke productie van de drie programma’s

staan aan de lokale christelijke gemeente en haar toekomst. Het plat-

toegenomen, maar deze toename is toe te rekenen aan de groei van het

form legt verbinding met alle lokale (wijk-)gemeenten van Noord en

aantal wetenschappelijke artikelen in bundels. Het totaal aantal refereed

Oost Nederland. Het betreft ruim zeshonderd gemeenten in Overijssel,

artikelen in tijdschriften is licht afgenomen. Binnen de programma’s zal

Drenthe, Friesland en Groningen.

ingezet moeten worden op versteviging van de wetenschappelijke

Teneinde de uitkomsten van het onderzoek vruchtbaar te maken voor

output. Deze inzet zal gepaard moeten gaan met voldoende publicaties

kerkelijke en maatschappelijke organisaties c.q. professionals voert de

die de wetenschappelijke onderzoeksresultaten valoriseren voor vakge-

PThU een beleid om tijdens publiekelijk toegankelijke evenementen deze

noten en het brede publiek. Het zal de nodige inspanning vergen van de

uitkomsten te presenteren en te delen. Via het aanbod van dergelijke

onderzoekers naast het versterken van de wetenschappelijke productie

evenementen brengt de PThU geïnteresseerden – langs een andere weg

ook de maatschappelijke waarde van de onderzoeksresultaten op

dan het postacademisch onderwijsaanbod – in contact met voor hen

voldoende niveau tot uitdrukking te brengen in vakpublicaties of publi-

interessant onderzoek.

caties voor een breed publiek. Aangezien de PThU inzet op betrokkenheid op kerk en maatschappij is

2.5 Medewerker-onderzoek

het van belang de onderzoeksresultaten toegankelijk te presenteren. Het

In het najaar van 2013 heeft het college van bestuur een medewerker-

communicatiebeleid zet in op het benutten van de website van de PThU

onderzoek uitgezet. Tot het doen van dit onderzoek – dat op zichzelf

en de daarop ingerichte medewerkerspagina’s om het onderzoek van de

deel uitmaakt van het personeelsbeleid - is besloten om een evaluatie-

PThU gemakkelijk toegankelijk te maken.

moment te creëren met betrekking tot de tevredenheid van medewerkers na ruim een jaar in de nieuwe constellatie werkzaam te zijn

2.4 Maatschappelijke en kerkelijke dienstverlening

geweest. De opzet van het onderzoek is door het bestuur nauw afge-

In het beleidsplan 2014–2018 staat dat de PThU specifieke expertise in

stemd met de Universiteitsraad. De vragenlijst die aan de medewerkers

huis heeft ten behoeve van predikanten van de Protestantse Kerk in

is voorgelegd is ontwikkeld door Berenschot. In december zijn de resul-

Nederland, professionals in bijvoorbeeld de zorg en het onderwijs, en

taten van het onderzoek voorgelegd aan het College van Bestuur. Het

het brede publiek in kerk en samenleving. In 2013 had de maatschap-

College van Bestuur kon met tevredenheid vaststellen dat de uitkomsten

pelijke en kerkelijke dienstverlening hoge prioriteit. Het PAO aanbod

positief waren.

voor predikanten is goed van start gegaan. Uit de evaluaties van de

In de nieuwjaarsbijeenkomst in januari 2014 zijn de uitkomsten gepre-

afgenomen cursussen blijkt een grote waardering voor het aanbod. Het

senteerd aan de medewerkers van de PThU. Doel van de presentatie was

streefcijfer in het aangestuurde deel van de Permanente Educatie van

om medewerkers in groepen te laten reflecteren op de uitkomsten,

predikanten in de Protestantse Kerk in Nederland is echter niet gehaald.

daaraan betekenis te verlenen, prioriteiten aan te brengen in de uitkom-

Een reden voor deze achterblijvende afname is dat veel predikanten hun

sten en voorstellen te doen voor verbeterpunten.

nascholing nog uitstellen. De PThU is hierover met de kerk in gesprek gegaan.

2.6 Personalia

Naast het PAO aanbod verdient het initiatief vanuit de vestiging

In januari 2013 is prof. dr. Gerrit de Kruijf overleden. Lange tijd was hij

Groningen om een onderzoeksplatform op te richten vermelding. Het

hoogleraar christelijke ethiek in Leiden. Vlak voor de verhuizing naar

platform draagt de naam Connecting Churches and Cultures. Het plat-

Amsterdam werd hij ernstig ziek. Op 10 januari heeft de PThU hem,

form is opgericht om het praktisch-theologisch onderzoek van de PThU

tijdens een bijeenkomst in in Amsterdam, een bundel aangeboden ter

en de lokale gemeenten niet los van elkaar te laten staan, maar op

ere van zijn zestigste verjaardag: Verlegen om een goed woord.

Protestantse Theologische Universiteit

13


Enkele dagen later overleed hij. De PThU gedenkt De Kruijf als een

(0,30), maakt de huidige ratio inzichtelijk hoezeer ingezet moet worden

betrokken hoogleraar en hartstochtelijk theoloog.

op een sluitende begroting in de komende jaren.

Op 17 december 2013 nam de PThU afscheid van de voorzitter van het College van Bestuur, dr. Henk van der Sar. Ter ere van zijn afscheid orga-

De liquiditeitsratio bevindt zich 0,1 boven de signaleringsgrens van 0,5.

niseerde de universiteit een mini-symposium getiteld ‘Markant in de

Deze ratio maakt het belang duidelijk van een positieve ontwikkeling

marge. Theologie tussen wetenschap, kerk en samenleving’. Van der

van de kasstromen en het werkkapitaal. Teneinde de liquiditeitsontwik-

Sar heeft een belangrijke bijdrage geleverd aan de samenvoeging van de

keling op de voet te kunnen volgen wordt het verloop van de liquiditeit

verschillende ambtsopleidingen in de PThU.

maandelijks bijgehouden. Tevens wordt een meerjaren liquiditeitsprognose toegevoegd aan de meerjarenbegroting.

2.7 Bedrijfsvoering 2.7.2 Profileringsfonds 2.7.1 Jaarrekening

De PThU kent het profileringsfonds waaruit aan studenten die te maken

In 2013 bedroeg het totale budget 10,3 miljoen euro. Hiervan was 8,9

hebben met bijzondere omstandigheden, zoals bedoeld in artikel 7.51

miljoen euro rijksbijdrage. Het jaar is afgesloten met een tekort van 760

WHW, een financiële bijdrage kan worden verstrekt. In 2013 is voor in

duizend euro. De negatieve afwijking ten opzichte van de begroting

totaal k€ 3,5 aan bijdragen verstrekt. De bijdragen zijn ten goede

bedraagt 86,2 duizend euro. Dit is in belangrijke mate veroorzaakt

gekomen van drie studenten. Zij waren alle EER-studenten.

door tegenvallende inkomsten uit de bijdrage van de Protestantse Kerk in Nederland ten behoeve van activiteiten in het kader van de perma-

2.7.3 Treasury

nente educatie van predikanten van de kerk. Het aantal deelnemende

De niet voor de bedrijfsuitoefening benodigde liquiditeiten van de PThU

predikanten aan permanente educatie blijft achter bij de prognose.

worden op basis van het Financierings- en Beleggingsstatuut, in lijn met het Algemeen Verbindend Voorschrift van het Ministerie OCW rondom

Per 31 december van het verslagjaar bedroeg het eigen vermogen van

“beleggen en belenen”, uitgezet in de vorm van vastrentende waarden

de PThU ruim 4,2 miljoen euro en was de boekwaarde van effecten 2,75

met hoofdsomgarantie waarbij een zeer defensieve beleggingsstrategie

miljoen euro. De hoogte van de liquide middelen was op die datum een

wordt gehanteerd. Tevens worden de beleggingen getoetst aan het

half miljoen euro. De hoogte van de voorzieningen was 5,75 miljoen

criterium “duurzaam en maatschappelijk verantwoord”.

euro, waarvan ruim 3,34 miljoen euro personeelsvoorziening. Voor

In 2013 zijn er geen nieuwe beleggingen en beleningen geweest. De

kortlopende schulden stond op 31 december een bedrag van ruim 2,7

reeds bestaande beleggingen en beleningen zijn overeenkomstig de

miljoen euro gesaldeerd.

regeling. In 2013 is in verband met een dreigend tekort op de liquiditeitspositie door het uitstel van de overdracht van de verkochte panden

Eén en ander leidde tot een solvabiliteitsratio van 0,33 (0,78 op basis

in Kampen, voor 500,0 vervroegd afgelost. Hierbij is een positief trans-

van een ratio die wordt bepaald door niet alleen het Eigen Vermogen

actieresultaat behaald van 82,8.

maar ook door het totaal van de voorzieningen) , een current ratio van

Advisering, monitoring en uitvoering geschiedt in samenwerking met

0,59 en een weerstandsvermogen van 39,9%.

ING-Investment Office.

De solvabiliteit is ten opzichte van 2012 licht gedaald als gevolg van

2.7.4 Beheersing van ontslagvergoeding

afname van het eigen vermogen ten gevolge van een negatief exploita-

De PThU hanteert met betrekking tot vergoeding bij ontslag een beleid

tieresultaat. Hoewel de solvabiliteitsratio boven de norm licht die als

dat overeenkomt met de maximale norm van de per 2013 geldende Wet

signaleringsgrens wordt gehanteerd door de Inspectie Hoger Onderwijs

normering topinkomens (WNT). Dit betekent dat wanneer sprake zou

14

Jaarstukken 2013


zijn van ontslag van een (top)functionaris de maximale ontslagvergoe-

Deze volgen de internationale eenjarige masteropleiding Verdieping. De

ding gelijk is aan de som van de beloning en de voorzieningen ten

studenten betalen voor inschrijving het instellingscollegegeld. In het

behoeve van beloningen, betaalbaar op termijn over de twaalf maanden

jaarverslag is in hoofdstuk 3 een afzonderlijke paragraaf gewijd aan

voorafgaand aan de beëindiging van het dienstverband, maar niet meer

internationalisering, waarin verantwoording van hun studierendement

dan 75 duizend euro.

wordt afgelegd.

2.7.5 Helderheid bekostiging

Collegegeld niet betaald door student zelf

In verband met helderheid betreffende de bekostiging verdienen de

De PThU betaalt niet zelf het collegegeld van studenten. Wel kent de

volgende zaken vermeld te worden:

PThU het profileringsfonds waaruit aan studenten die te maken hebben met bijzondere omstandigheden, zoals bedoeld in artikel 7.51 WHW,

Uitbesteding van bekostigd onderwijs aan een niet door de overheid

een financiële bijdrage kan worden verstrekt. De bestedingen uit dit

bekostigde private organisatie tegen betaling

fonds worden apart zichtbaar gemaakt in de jaarrekening.

Binnen de driejarige masteropleiding wordt voor een klein onderdeel

onderwijs uitbesteed aan het Kor Schippersinstituut en GGZ-Centraal.

Studenten volgen modules van opleidingen

Dit zijn niet bekostigde private instellingen die een exposure en een

De PThU biedt de mogelijkheid afzonderlijke cursussen te volgen tegen

instellingsstage verzorgen. De daarvoor verstrekte vergoeding wordt

betaling van een tarief per ects (€ 100,- in het huidige studiejaar). Ook

verantwoord in de jaarrekening onder overige kosten (stage).

op grond van het inmiddels opgezegde contract met de LOI kunnen

modules worden afgenomen. Degenen die tegen betaling van de

Investeren van publieke middelen in private activiteiten

daartoe vastgestelde tarieven cursussen of modules volgen worden niet

Aan de PThU wordt een strikte scheiding aangehouden tussen publieke

ingeschreven als student, maar staan geregistreerd als contractant. De

en private activiteiten in de administratie en verantwoording van

door contractanten betaalde tarieven worden verantwoord in de jaar-

middelen.Voor de voornaamste private activiteit, het verzorgen van de

rekening onder ‘ontvangen college- en examengelden’.

permanente educatie van predikanten van de Protestantse Kerk in

Nederland, worden de middelen verkregen van de kerk. Dit komt tot

Student volgt een andere opleiding dan waarvoor hij is ingeschreven

uitdrukking in de onderscheiding tussen een subsidiabele en niet-subsi-

Situaties waarin een student een andere opleiding volgt dan die waar-

diabele exploitatierekening in de jaarrekening. De PThU is geen publiek-

voor hij of zij staat ingeschreven doen zich aan de PThU niet voor.

private arrangementen aangegaan.

Bekostiging van maatwerktrajecten

Verlenen van vrijstellingen

Het maken van maatwerktrajecten waarbij een derde een bijdrage

Vrijstellingen worden binnen de PThU verleend door de examencom-

betaalt voor het op maat snijden van een bestaande opleiding komt

missie. In hoofdstuk 10 is het jaarverslag van de examencommissie

binnen de PThU niet voor.

opgenomen. De grondslag voor verlening van vrijstellingen ligt vervat in de Onderwijs- en Examenregeling voor de opleidingen van de PThU, die

2.8 Continuïteitsparagraaf

jaarlijks als opleidingspecifiek deel van het Studentenstatuut door het

Het college van bestuur stelt vast dat in de jaren 2011 tot en met 2013

college van bestuur wordt vastgesteld.

de basis is gelegd voor de continuïteit van de PThU. Na jaren van inves-

teringen met het oog op de herpositionering van de PThU, breekt vanaf

Bekostiging van buitenlandse studenten

2014 de periode aan waarin de PThU haar nieuw verworven plaats kan

De PThU schrijft jaarlijks een aantal studenten uit het buitenland in.

consolideren en verder kan uitbouwen.

Protestantse Theologische Universiteit

15


Balans

Realisatie 2013

Begroting 2014

Begroting 2015

Begroting 2016

Activa

Vaste activa

Materiele vaste activa

8.329,8

8.129,9

7.849,9

7.569,9

gebrachte en in 2013 voltooide herziening van de driejarige academi-

Financiele vaste activa

2.750,0

2.750,0

2.750,0

2.750,0

sche ambtsopleiding; de heldere structuur van het onderzoek in drie programma’s, waarmee de PThU vanuit haar eigen profiel en in samen-

Totaal vaste activa

11.079,8

10.879,9

10.599,9

10.319,9

werking met de Vrije Universiteit en de Rijksuniversiteit Groningen haar

Vlottende activa

1.604,3

1.446,3

1.346,3

1.346,3

12.684,1

12.326,2

11.946,2

11.666,2

De nieuw ingerichte vestigingen in de directe nabijheid van de Vrije Universiteit en Rijksuniversiteit Groningen zijn ingebed in een brede academische context met alle mogelijkheden voor samenwerking op de terreinen onderwijs en onderzoek. Ook op andere punten kan de PThU de toekomst met vertrouwen tegemoet zien: de sinds 2011 op gang

onderzoek kan richten op geloof, kerk en wereldchristendom; het internationale verband waarin de PThU haar staf en studenten kansen biedt

Totaal activa

een netwerk op te bouwen ten behoeve van hun eigen theologische ontwikkeling; het aanbod voor blijvende nascholing van predikanten van

Passiva

de Protestantse Kerk in Nederland met het oog op de kwaliteit van de

Eigen vermogen

ambtsuitoefening; het leveren van bijdragen aan actuele maatschappe-

Algemene reserve

lijke thema’s. De PThU heeft voor deze activiteiten een financieel sluitend kader voor de lange termijn, blijkend uit onderstaande meejarenbegroting.

1.312,7

1.312,7

1.313,0

1.318,0

Bestemmingsreserve publiek

384,1

384,1

384,1

384,1

Bestemmingsreserve privaat

2.536,9

2.536,9

2.536,9

2.536,9

Totaal Eigen vermogen

4.233,6

4.233,6

4.234,0

4.239,0

Voorzieningen

5.745,9

5.388,0

5.107,6

4.822,6

Kortlopende schulden

2.704,6

2.704,6

2.604,6

2.604,6

12.684,1

12.326,2

11.946,2

11.666,2

Totaal passiva

16

Jaarstukken 2013


Staat/raming van baten en lasten Baten Rijksbijdrage Bijdrage Protestantse kerk

De personeelskosten zijn doorgerekend op basis van het aantal fte

Realisatie 2013

Begroting 2014

Begroting 2015

Begroting 2016

8.894,4

8.491,6

8.744,6

8.744,6

van CAO verwerkt. Om een sluitende begroting te kunnen presen-

188,4

200,0

238,0

276,6

teren is het noodzakelijk om in de jaren 2016 tot en met 2018 het

van de huidige personeelsomvang. Hierbij is zowel de autonome groei (periodieke groei in salaristreden) als loonkostenontwikkeling op basis

lastenniveau in de begroting structureel te doen dalen. Voor elk van

College-, cursusen examengelden

577,2

500,0

492,3

484,4

Deelnemersbijdragen

138,6

120,0

121,8

123,6

begrotingen voor de betreffende jaren zal op basis van beleidskeuzes

Baten werk in opdracht derden

376,6

351,2

341,8

341,8

een invulling moeten worden gegeven aan de structurele lastenver-

Overige baten

110,9

78,4

81,6

84,8

Totaal baten

10.286,1

9.741,1

10.020,1

10.055,9

Lasten

verlaging van lasten moet plaatsvinden. Bij de totstandkoming van de

6.281,0

6.624,1

6.648,8

6.351,5

Afschrijvingen

366,1

399,0

399,0

380,0

Huisvestingslasten

1.113,3

1.117,9

1.134,6

1.151,7

Overige lasten

3.501,4

2.292,4

2.296,1

2.315,4

mutaties voorzieningen

0,0

-599,0

-368,8

-70,8

Totaal lasten

11.261,8

9.834,4

10.109,8

10.127,8

-975,7

-93,3

-89,7

-72,0

214,6

93,3

94,7

96,3

761,1-

0,0

5,0

24,3

Personeelslasten

Saldo baten en lasten Saldo financiële baten en lasten Totaal Resultaat

de jaren 2016 tot en met 2018 is vastgesteld met welke omvang een

mindering. Daarbij zal de in 2014 beoogde evaluatie van de omvang van de wetenschappelijke staf en vaststelling van de toekomstige vacatureruimte een belangrijk uitgangspunt zijn. Op basis van bovenstaande uitgangspunten is het mogelijk om voor de komende jaren een sluitende meerjarenbegroting te presenteren. Deze meerjarenbegroting geeft op basis van de huidige inzichten een realistisch beeld van de te verwachten inkomsten en uitgaven van de PThU. Dit impliceert ook dat bij wijziging van de uitgangspunten een sluitende meerjarenbegroting niet vanzelfsprekend is. Financieringsstructuur Blijkens de staat van baten en lasten is de financieringsstructuur van de PThU opgebouwd uit de volgende onderdelen: a) Rijksbijdrage b) Bijdrage Protestantse Kerk in Nederland c) College en examengelden d) Deelnemersbijdragen e) Baten uit werk in opdracht van derden

Voor het opstellen van de meerjarenbegroting is door het college van bestuur een aantal uitgangspunten geformuleerd:

Op basis van de cijfers jaarrekening 2013 is het relatieve aandeel van

• De Rijksbijdragen blijven de komende jaren minimaal gelijk, waarbij

deze onderdelen als volgt:

de ‘dip’ ten aanzien van de onderzoeksgelden (als gevolg van minder promoties) eenmalig is. Uitgangspunt is dat in de komende jaren de (prestatie-)afspraken met het ministerie gerealiseerd zullen worden • De college- en examengelden blijven eveneens op niveau. Dit bete-

Rijksbijdrage

8.894,4

86,5%

Bijdrage Protestantse Kerk

188,4

1,8%

College- en examengelden

577,2

5,7%

Deelnemersbijdrage

138,6

1,3%

376,

3,7%

kent dat het aantal bekostigde studenten minimaal gelijk zal blijven.

Baten uit werk in opdracht van derden

De verwachting is dat, na de daling van het aantal studenten in de

Overige baten

afgelopen jaren, de studentenaantallen zullen stabiliseren.

Protestantse Theologische Universiteit

Totaal

110,9

1,0%

10.286,1

100%

17


De bijdrage vanuit de Protestantse Kerk in Nederland wordt verstrekt ten

Subsidiabel en niet subsidiabel

behoeve van de verzorging van de verplichte nascholing van predikanten

Binnen het geheel van activiteiten maakt de PThU volgens de criteria

van de kerk. De deelnemersbijdragen zijn inkomsten uit betaling voor

met betrekking tot de helderheid van de bekostiging onderscheid tussen

deelname door predikanten aan vrijwillig gevolgd aanbod in het kader

subsidiabele (publieke) en niet subsidiabele (private) activiteiten. De

van postacademisch onderwijs.

onderscheiden onderdelen binnen het totaal van de baten worden

Baten uit werk in opdracht van derden betreft gelden die de PThU

onderscheiden toegerekend aan subsidiabele respectievelijk niet subsidi-

ontvangt voor onderzoeksprojecten, zowel gefinancierd door NWO

abele activiteiten en als zodanig in beeld gebracht binnen de begroting

(tweede geldstroommiddelen) als door overige organisaties (derde geld-

en jaarrekening.

stroommiddelen). Overige baten hebben betrekking op vrijwillig bijgedragen contributies

Baten Rijksbijdrage

door particulieren en bijdragen van organisaties ten behoeve van de

totaal

subsidiabell

8.894,4

8.894,4

ondersteuning van buitenlandse studenten, alsmede opbrengsten uit

Bijdrage Protestantse Kerk

188,4

verhuur van ruimten op de vestigingen te Amsterdam en Groningen.

College en examengelden

577,2

Deelnemers­bijdrage

138,6 376,6

De rijksbijdrage die de PThU ontvangt is opgebouwd uit een vaste voet-

Baten uit werk in opdracht van derden

bijdrage voor onderzoek en onderwijs, een dynamisch deel voor onder-

Overige baten

wijs dat is gebaseerd op het aantal bekostigde inschrijvingen en

Totaal

Rijksbijdrage

niet subsidiabel 188,4

577,2 138,6 376,6

110,9

59,9

51,0

10.286,1

9.908,1

378,0

behaalde graden, een dynamisch deel voor onderzoek dat is gebaseerd op het aantal bekostigde graden en het aantal promoties, en een deel

Onderzoeksmiddelen

gekoppeld aan de gemaakte prestatieafspraak alsmede een bijdrage in

Ten aanzien van de onderzoeksmiddelen geldt dat 18% van de totale

het kader van de subsidieregeling tweede graden.

financiële input afkomstig is van tweede en derde geldstroommiddelen.

Onderdeel Onderwijs vast Onderwijs dynamisch Subsidieregeling tweede graden Onderzoek vast

€

%

4.283,1

48,2%

606,8

6,8%

23,3

0,2%

2.917,1

32,8%

Onderzoek dynamisch

675,2

7,6%

Prestatieafspraak

388,9

4,4%

8.894,4

100%

Totaal

PThU

fte

%

Funding: Direct funding (1)

17,76

81,80%

Research grants (2)

1,40

6,46%

Contract research (3)

0,00

0,00%

Other (4)

2,55

11,74%

21,71

100,00%

Total funding

Expenditure Personnel costs Other costs Total expenditure

€

%

1.865.335

86,69%

286.490

13,31%

2.151.825

100,00%

Aangezien verreweg het grootste deel van de financiering afkomstig is uit de eerste geldstroom (rijksbekostiging) en aangezien deze geldstroom in hoofdzaak bestaat uit een vast deel dat onafhankelijk is van aantallen bekostigde inschrijvingen, verleende graden en aantal

18

Jaarstukken 2013


promoties, zet het college van bestuur in op groei van het aantal

In het licht van de meerjarenraming, die rekent met een positief

inschrijvingen en daarbinnen van het relatieve aandeel bekostigde

resultaat,zal een gerealiseerde opbrengst uit verkoop van de panden

inschrijvingen, versterking van de resultaten in de zin van studierende-

leiden tot een toename van de reserves.

ment en voorkoming van vroegtijdige uitval, en het op peil houden van het jaarlijks aantal gerealiseerde promoties. Door hierop in te zetten kan

Reorganisatievoorziening

een eventueel in de toekomst groter wordend aandeel van prestatieaf-

In het kader van het Sociaal Plan, dat is vastgesteld en overeengekomen

hankelijke bekostiging worden opgevangen met behoud van het

om de gevolgen voor het personeel van de verplaatsing van de universi-

bestaande bekostigingsniveau.

teit naar Amsterdam en Groningen op te vangen, is een reorganisatievoorziening gevormd. Deze is bestemd voor de financiële consequenties

Reserves, fondsen en voorzieningen

van de sociale en arbeidsrechtelijke uitvoering, waaronder tegemoetko-

In de begrotingsjaren 2014 tot en met 2016 worden de volgende

ming in reiskosten en reistijd, ontslagvergoedingen en outplacementbe-

substantiële mutaties voorzien in de op de balans voorkomende

geleiding.

reserves, fondsen en voorzieningen. Voorziening pensioenverplichting Algemene reserve (publiek) en egalisatiereserve PThU (privaat)

Deze pensioenvoorziening is gevormd ten behoeve van de betaling van

In 2012 is een overeenkomst gesloten in verband met de verkoop van

pensioenen van oud hoogleraren die voorheen als kerkelijk hoogleraar

de panden die de PThU voorafgaande aan de verhuizing naar

vanwege de Nederlandse Hervormde Kerk verbonden waren aan de

Amsterdam en Groningen in Kampen in gebruik had. Tot op heden kon

door het Theologisch Wetenschappelijk Instituut van die kerk verzorgde

de koper de verplichting tot betaling van de overeengekomen koopsom

kerkelijke opleiding bij een van de toenmalige faculteiten Godgeleerd-

– onder aftrek van de betaalde som overeenkomstig het in de overeen-

heid (van de Universiteit Utrecht, de Universiteit van Leiden, de Universi-

komst opgenomen boetebeding – niet nakomen, zodat levering van de

teit van Amsterdam en de Rijksuniversiteit Groningen). Voor hen geldt

panden aan de koper nog niet heeft kunnen plaatsvinden. De verwach-

een pensioenregeling die niet is ondergebracht bij een bedrijfstakpensi-

ting is dat in de komende jaren alsnog overdracht van de panden zal

oenfonds. Tot en met 2005 werden deze pensioenlasten betaald door

plaatsvinden. Alsdan zal de opbrengst daaruit worden verantwoord in

het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Met ingang

de staat van baten en lasten van het betreffende boekjaar. Het daarmee

van 2006 is de verplichting overgegaan naar het Theologisch Weten-

te verwachten positieve resultaat zal voor het deel van de opbrengst uit

schappelijk Instituut en vanaf 2007 naar de PThU. Het aantal pensioen-

verkoop, dat toe te rekenen is aan de subsidiabele begroting, toege-

gerechtigden dat pensioengelden ontvangt uit de voorziening pensioen-

voegd worden aan de algemene reserve. Het deel van de opbrengst uit

verplichting is tien. In de afgelopen jaren bleek het noodzakelijk een

verkoop dat betrekking heeft op het niet subsidiabele deel van de

substantiële dotatie (k € 100,-) te doen om de voorziening op peil te

begroting zal worden bestemd voor de egalisatiereserve.

houden. Verwacht mag worden dat in de komende drie boekjaren het aantal pensioengerechtigden zal dalen. Gegeven de sluitende meerjarenbegroting en afronding van de verhuizing naar en verbouwing van nieuwe locaties – zodat nieuwe grote investeringen niet gepleegd zullen worden - en op basis van de huidige balanspositie gaat het bestuur er van uit dat de vermogenspositie van de PThU op peil blijft en in de komende jaren versterkt kan worden.

Protestantse Theologische Universiteit

19


Huisvestingsbeleid

functies in Amsterdam terechtkomt, omdat daar het bestuurscentrum

De eigen identiteit van de PThU in de samenwerking met de Vrije

van de PThU gevestigd is. Een deel van de OBP-functies is in Groningen

Universiteit en de Rijksuniversiteit Groningen komt tot uitdrukking in

voorzien. Hier gaat het om functies die student- en onderwijsondersteu-

huisvesting met een herkenbare stijl. Deze is in Amsterdam vormge-

nend gerelateerd zijn: studentendecaan, onderwijscoĂśrdinator en een

geven op basis van de huur van een verdieping in het hoofdgebouw van

aantal administratieve functies ten behoeve van student- en onderwijs-

de Vrije Universiteit in de directe nabijheid van de faculteit Godgeleerd-

administratie; het laatste inclusief administratie rond nascholing en

heid van de VU. In Groningen heeft de PThU een eigen pand verworven

buitenlandse studenten.

in de directe omgeving van de faculteit Godgeleerdheid en Godsdienstwetenschap van de RUG. De huisvesting in Amsterdam en in Groningen

Ontwikkeling studentenaantallen

zijn zodanig ingericht, dat docenten en studenten elkaar gemakkelijk kunnen treffen. Er is nadrukkelijk voor gekozen het onderlinge verkeer tussen faculteiten en PThU op basis van het huisvestingsconcept te

Overzicht verloop aantallen studenten van 2007 – 2013

stimuleren. Met betrekking tot de huisvesting in zowel Amsterdam als Groningen

Bacheloropleiding Theologie Klassiek en Joint Degree (50021/ 55004)

heeft de PThU een programma van eisen opgesteld, dat niet alleen

VOLTIJD, DEELTIJD EN AFSTAND Studiejaar

Totaal

Voltijd

Deeltijd

Afstand

maar ook van onderwijs- en studievoorzieningen voor de PThU, in

2013-2014

113

73

16

24

combinatie met de mogelijkheid om ook (onderwijs- en studie)voorzie-

2012-2013

121

62

12

47

ningen (inclusief het gebruik van de aula) van de VU of RUG af te

2011-2012

109

26

15

68

2010-2011

127

39

21

67

2009-2010

144

38

23

83

2008-2009

141

28

26

87

2007-2008

151

31

31

89

uitgaat van eigen representatieve ruimten en vergadervoorzieningen,

nemen. In het programma van eisen is ook uitgangspunt geweest dat in principe voor alle medewerkers een werkplek beschikbaar is. De PThU heeft daarmee de keuze gemaakt het thuiswerken niet te bevorderen, vanwege de noodzaak om zowel in Amsterdam als in Groningen een werkgemeenschap te doen ontstaan. Om het contact tussen medewerkers die in Amsterdam en in Groningen werkzaam zijn te bevorderen dan wel te vergemakkelijken wordt maximaal ingezet op technische mogelijkheden voor overleg op afstand. De PThU wil naar studenten en cursisten in de nascholing de eigenheid van de PThU benadrukken. Zij hecht aan een laagdrempelig contact tussen docenten, onderwijsondersteunend personeel en studenten. Een kernwaarde voor de PThU is betrokkenheid. De PThU wil hieraan onder meer invulling geven door het bieden van onderwijs- en studievoorzieningen in de nabijheid van de werkruimtes van docenten en onderwijsondersteunend personeel. Voor de huisvesting van medewerkers is uitgegaan van huisvesting van het WP op basis van het formatieplan in ontwikkeling. Voor de huisves-

Masteropleidingen VOLTIJD, DEELTIJD EN AFSTAND Studie- ToPredikantschap jaar taal T V D A 2013- 211 29 28 1 2014 2012- 210 37 27 9 1 2013 2011- 249 51 39 12 2012 2010- 213 40 26 14 2011 2009- 240 58 34 24 2010 2008- 260 56 32 24 2009 2007- 273 60 39 21 2008

Gemeentepredikant T V D A 145 73 72 -

Geestelijk Verdieping Verzorger T V D A T V D A 9 9 - - 28 10 7 11

136 74 62

-

17 15

2

-

20 9

5

6

161 85 76

-

15 8

7

-

22 11

8

3

130 71 59

-

14 8

6

-

29 11 14

4

144 83 71

-

13 6

7

-

25 7

16

2

169 82 87

-

7

4

3

-

28 10 18

-

171 86 85

-

7

4

3

-

35 13 22

-

ting van het OBP is uitgangspunt geweest dat het merendeel van de

20

Jaarstukken 2013


Bacheloropleiding en masteropleidingen totaal VOLTIJD, DEELTIJD EN AFSTAND Studiejaar

Bachelor

Ondanks de dalende trend sinds 2007 verwacht het bestuur dat het

Master

T

V

D

A

20132014

113

73

16

24

20122013

121

62

12

20112012

109

26

20102011

127

20092010

T

V

huidige aantal studenten kan worden geconsolideerd en waarschijnlijk

Totaal

D

A

211 120

80

11

47

210 125

78

15

68

39

21

144

38

20082009

141

20072008

151

T

V

vergroot. De samenwerking met de Vrije Universiteit voor de bachelo-

D

A

324 193

96

35

7

321 187

90

54

249 143 103

3

358 169 118

71

67

213 116

93

4

340 155 114

71

23

83

240 130 118

2

384 168 141

85

uit van een groei in de komende jaren. Met name op de vestiging

28

26

87

260 128 132

-

401 156 158

87

Groningen moeten de vruchten van de komst van de PThU – in de zin

31

31

89

273 142 131

-

424 172 162

89

ropleiding heeft een positief effect op het aantal voltijdstudenten. De daling van het aantal afstandstudenten wordt voor een belangrijk deel gecompenseerd door de groei van het aantal voltijdstudenten. Met het oog op de inzet op versterking van de behaalde rendementen en de groei van het aantal bekostigde inschrijvingen is dit een gunstige ontwikkeling. Voor wat betreft de masteropleidingen gaat het bestuur

van groei van het aantal studenten – de komende jaren geplukt worden. Weliswaar heeft de transitie naar Groningen geleid tot meer inschrijvingen voor de bacheloropleiding theologie, maar deze inschrijvingen

Het verloop van het aantal studenten sinds de oprichting van de PThU

komen voor rekening van de faculteit Godgeleerdheid en Godsdienst-

laat een dalende trend zien. Deze dalende trend laat zich verklaren door,

wetenschap van de RUG. Eerst wanneer deze studenten hun bachelordi-

in de eerste jaren, de afbouw van de ongedeelde doctoraal en kerkelijke

ploma hebben behaald, stromen zij door naar de masteropleidingen van

opleidingen van de rechtsvoorgangers van de PThU. Het wegvallen van

de PThU te Groningen. De komende jaren zullen een groei van het

deze opleidingen is vanaf 2010-2011 zichtbaar. Vanaf 2012 is zichtbaar

aantal studenten voor de masteropleidingen te zien geven. Daarbij komt

dat de PThU van drie naar twee vestigingsplaatsen is gegaan. Tevens is

dat voor de masteropleiding Verdieping wordt ingezet op toename van

in het verloop van het aantal studenten te zien dat de samenwerking

het aantal uit het buitenland afkomstige studenten.

met de LOI in verband met de afstandsopleiding is beĂŤindigd en afge-

Ontwikkeling personeelsbestand

bouwd.

Het personeelsbestand heeft zich sinds 2010 als volgt ontwikkeld.

Overzicht prognose studentenaantallen

2013 Amsterdam Hoogleraren

Bacheloropleiding en masteropleidingen totaal VOLTIJD, DEELTIJD EN AFSTAND Bachelor

Master

T

V

D

A

2013-2014

113

73

16

2014-2015

113

97

16

2015-2016

113

97

2016-2017

113

97

T

Totaal T

V

D

A

96

35

Onderzoekers

Totaal

2012

2011

2010

Totaal

Totaal

Totaal

7,10

4,40

11,50

12,60

14,60

14,80

10,30

8,10

18,40

20,80

21,40

21,60

2,00

0

2,00

2,60

2,00

3,15

D

A

24 211 120

80

11 324 193

Docenten

3,25

1,20

4,45

6,21

6,47

6,70

-

211 120

91

-

324 217 107

-

Promovendi

5,10

4,10

9,20

11,20

16,40

17,70

16

-

221 130

91

-

334 227 107

-

1,13

1,68

1,68

2,85

2,60

-

229 138

91

-

342 235 107

-

SA

0,55

16

Protestantse Theologische Universiteit

V

U(H)D

Groningen

1,00

0

1,00

0,50

0,20

1,20

OBP

17,74

3,45

21,19

22,75

28,15

29,35

Totaal

47,04

22,38

69,42

78,34

92,07

97,10

Overig WP

21


De verhuizing in 2012 naar Amsterdam en Groningen heeft binnen de

etcetera op beide locaties). Daarnaast zijn er SNO’s afgesloten voor ICT

ondersteunende staf geleid tot een reductie van het aantal fte. Primair

en audiovisuele apparatuur.

heeft dit te maken met het uitbesteden van facilitaire en ICT zaken aan

De totale kosten van deze SNO’s worden in 2014 geraamd op k € 1.360.

de samenwerkingspartners VU en RUG. Vooruitlopend op een evaluatie

In Amsterdam is een deel van de gehuurde ruimte (tijdelijk) afgestaan

van de omvang van het wetenschappelijk personeel in 2014 heeft het

voor gebruik aan de verhuurder. Hiervoor wordt een factuurkorting van

bestuur in 2011 een vacaturestop ingesteld. Deze heeft er toe geleid dat

ruim k € 80 op de huidige SNO huur ontvangen. Deze korting is in de

bij het ontstaan van een vacature als gevolg van natuurlijk verloop of

begroting 2014 verwerkt.

vrijwillige uitdiensttreding per situatie is beoordeeld of de ontstane

In de onderstaande tabel is een overzicht van de totale kosten per SNO

vacature zou worden opgevuld. In een aantal gevallen heeft geen herbe-

opgenomen:

zetting plaatsgevonden. Dit wordt zichtbaar in het aantal fte voor hoogleraren en universitaire (hoofd)docenten. Ook het aantal in dienst zijnde promovendi is gereduceerd. Na evaluatie van de wetenschappelijke

onderdeel

Amsterdam

Groningen

Huur

€ 703.175,78

€ 35.126,30

€ 32.543,34

€ 73.233,52

€ 14.255,50

€ 120.032,35

61.438,48

€ 97.423,45

€ 200.069,03

€ 358.930,96

Facilitair

stafformatie in 2014 en op grond van de in de meerjarenbegroting

ICT

opgenomen taakstelling zal het personeelsbestand een dalende trend

AVC

vertonen.

Totaal

Prognose ontwikkeling personele bezetting

€ 797.157,60

€ 205.783,27

Beide

Totaal € 738.302,08

142.875,41

€ 142.875,41

€ 357.199,94

€ 1.360.140,80

Risicobeheersing In 2013 zijn belangrijke stappen gezet om de interne beheersing te

2013

2014

2015

2016

Bestuur

1,80

0,90

0,90

0,90

Onderwijzend personeel

4,45

3,85

3,85

3,85

Wetenschappelijk personeel

41,98

41,10

41,22

40,53

van het plan is inmiddels uitgevoerd. Zo is de opzet van de 4e en 8e

Ondersteunend personeel

21,19

23,09

23,09

23,09

maand managementrapportage vernieuwd, zijn de werkvoorraden van

Totaal

69,42

68,94

69,06

68,37

verbeteren. Het College van Bestuur stelde een verbeterplan op. Dit plan, ‘PThU in control’ had ten doel een kwaliteitsimpuls door te voeren ten aanzien van de (financiële) managementrapportage. Een groot deel

de afdeling FEZ in kaart gebracht, en wordt de samenstelling van de formatie beter in beeld gebracht waardoor formatiebeheer en betere sturing mogelijk is. Ook is een liquiditeitsprognose opgesteld. Tenslotte

De prognose is enerzijds gebaseerd op de ontwikkeling in het perso-

is ingestemd met een nieuw begrotingsmodel. De begroting 2014 is op

neelsbestand op basis van natuurlijk verloop, waarbij rekening is

deze wijze opgesteld. In 2014 zullen de overige punten uit het plan

gehouden met reeds gemaakte keuzes ten aanzien van het niet opvullen

worden doorgevoerd. De verbeteringen stellen het College van Bestuur

van daartoe aangewezen vacatures. In 2016 is een reductie van het

in staat sneller en beter inzicht te verkrijgen in de financiële cijfers om

wetenschappelijk personeel met 1,25 fte opgenomen, op grond van de

vervolgens te kunnen sturen. Van de andere te onderkennen risico’s is

hierboven bij de meerjarenbegroting verantwoorde taakstelling, in het

de aandacht vooral uitgegaan naar studentenaantal en wetenschappe-

licht van het streven een sluitende begroting te kunnen opstellen.

lijke integriteit. Het relatief lage studentenaantal was aanleiding om de werving van studenten tot speerpunt van beleid te maken. In opdracht

Huisvestingslasten

van het College van Bestuur is een speerpuntennotitie werving opge-

De huisvestingslasten bestaan voornamelijk uit Service Niveau Overeen-

steld waarvan de uitvoering ter hand is genomen.

komsten (hierna: SNO’s) die met de VU en RuG zijn afgesloten voor de onderdelen Huisvesting (huur in Amsterdam), facilitair (schoonmaak

22

Jaarstukken 2013


De krachtige inzet op de werving heeft ertoe geleid dat de terugval

2.9 Rechtsbescherming: klachten en geschillen

sinds 2010 zich lijkt te stabiliseren en dat de instroom van jonge

De PThU kent overeenkomstig titel 4 van hoofdstuk 7 van de Wet op

studenten is toegenomen.

hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW) een faciliteit

Naast het aantal studenten vormt met name het rendement van de

voor rechtsbescherming van studenten van de PThU.

opleidingen een aandachtspunt binnen de risico-inventarisatie. Een te

De faciliteit voorziet in een regeling voor afhandeling van klachten

laag rendement brengt het risico van een achterblijvend aan prestaties

alsmede een regeling voor behandeling van geschillen. Deze regelingen

gerelateerd bekostigingsniveau met zich mee. Beheersingsmaatregelen

maken onderdeel uit van het Studentenstatuut van de PThU.

zijn gericht op de introductie van het bindend studieadvies in de

Wanneer studenten een klacht kenbaar maken of een geschil aanhangig

bacheloropleiding en herziening van de masteropleidingen, zodanig dat

maken bij de daartoe aangewezen faciliteit (de ambtelijk secretaris

studeerbaarheid van de opleiding vergroot wordt. Tevens zijn maatre-

bestuur of studentendecaan) wordt in eerste instantie getracht te

gelen getroffen in de sfeer van strakkere studiebegeleiding.

komen tot een minnelijke schikking tussen student en betrokken mede-

Om het risico op schending van wetenschappelijke integriteit te

werker of orgaan van de PThU. Indien dit niet mogelijk blijkt, kan de

beheersen heeft de PThU de Gedragscode Wetenschapsbeoefening,

student de klacht of het geschil overeenkomstig de daartoe geldende

zoals in 2005 door de VSNU vastgesteld en in 2012 gewijzigd, onder-

regeling indienen. Een klacht wordt, voordat het college van bestuur

schreven. In gezamenlijkheid met de levensbeschouwelijke universiteiten

daarop een besluit neemt, ter advisering voorgelegd aan de klachten-

heeft de PThU een commissie wetenschappelijke integriteit geïnstalleerd,

commissie. Een geschil wordt voorafgaande aan het bestuursbesluit

die in voorkomende gevallen klachten betreffende schending van

voorgelegd aan de geschillenadviescommissie.

wetenschappelijke integriteit in behandeling neemt en advies uitbrengt

In het verslagjaar 2013 heeft een geschil met betrekking tot toelaatbaar-

aan het betrokken bestuur. In verband met het functioneren van de

heid tot de opleiding geleid tot een procedure waarbij de geschillenad-

commissie heeft de PThU een klachtenregeling vastgesteld. Ook het

viescommissie om advies is gevraagd.

promotiereglement is, naar aanleiding van een onderzoek van de Inspectie voor Hoger Onderwijs naar promotiereglementen aan Neder-

2.10 Wetenschappelijke integriteit

landse universiteiten, aangescherpt op het punt van inbouwen van

De PThU heeft de Gedragscode Wetenschapsbeoefening van de VSNU

waarborgen ter voorkoming van schending van wetenschappelijke inte-

onderschreven. Waar aanvankelijk was besloten de daarbij behorende

griteit. Binnen de promotieopleiding en tevens binnen de bachelor- en

regeling voor de klachtenprocedure onder te brengen bij de daartoe bij

masteropleiding komt het aanleren van integere wetenschapsbeoefe-

de Vrije Universiteit ingerichte procedure, heeft het college van bestuur

ning nadrukkelijk aan de orde.

in 2013 besloten alsnog aan te sluiten bij het initiatief van de levensbe-

In 2014 zal de opzet van een risicomanagementsysteem ter hand

schouwelijke universiteiten een gezamenlijke commissie voor weten-

worden genomen. Niet alleen worden belangrijke risico’s in beeld

schappelijke integriteit te installeren. Deze commissie wordt bevoegd

gebracht, ook worden beheersmaatregelen geïdentificeerd en uitge-

verklaard advies uit te brengen over alle binnen de levensbeschouwelijke

voerd.

universiteiten ingediende klachten betreffende schending van de wetenschappelijke integriteit. Het overleg om toe te treden tot de gezamen-

Oordeel Raad van Toezicht

lijke commissie is in 2013 gestart. Afronding van de procedure van

Voor het oordeel van de raad van toezicht betreffende de continuïteit

toetreding zal in 2014 plaatsvinden. Als gevolg van deze toetreding zal

van de PThU wordt verwezen naar hoofdstuk 1 van dit verslag.

de PThU een eigen vertrouwenspersoon wetenschappelijke integriteit benoemen. In het verslagjaar zijn binnen de PThU geen klachten ingediend betreffende schending van wetenschappelijke integriteit.

Protestantse Theologische Universiteit

23


Hoofdstuk 3:

Onderwijs 3.1 Algemeen

(2) Daarnaast wordt aan de vestiging Groningen een van deze opleiding

Voor het onderwijs betekende 2013 een eerste proeve van de nieuwe

afgeleide PThU-route aangeboden binnen de bachelor Godgeleerd-

bachelor- en master opleidingen op de nieuwe locaties. Nieuwe ontwik-

heid en Godsdienstwetenschap van de Rijksuniversiteit aldaar.

kelde cursussen werden voor de eerste gegeven en geëvalueerd, en waar nodig aangepast. Kinderziektes in facilitaire voorzieningen werden

(3) Tenslotte waren er nog studenten in de afbouwfase van de inmiddels

opgemerkt en aangepakt en de afstemming met beide partnerinstel-

beëindigde bacheloropleiding Theologie Klassiek van de voormalige

lingen op de verschillende locaties werd geïntensiveerd. Het onderwijs-

PThU-vestiging Kampen.

management wisselde van personen en investeerde in een onderwijsdag voor zowel OBP als WP leden, om expertise en teamgeest in het facili-

3.2.1 Bachelor Theologie Joint Degree (CROHO 55004)

teren en geven van onderwijs te bevorderen. De beoordeling van de

De bacheloropleiding Theologie Joint Degree is van start gegaan in 2011

opleidingen aan de hand van het NVAO kader gaf de PThU de kans om

als parallelle bachelor van de beide instellingen, onder de bestaande

haar kwaliteit voor het voetlicht te brengen en te tonen dat beleids-

bacheloraccreditaties van zowel de PThU als van de Faculteit Godge-

plannen niet slechts op papier bestaan maar daadwerkelijk hun beslag

leerdheid van de Vrije Universiteit. Het doel van deze opleiding was om

krijgen in het onderwijs. Zo is er door opleidings- en examencommissies

te komen tot een gezamenlijk ontwikkelde en uitgevoerde bachelor

hard gewerkt aan de implementatie van de kwaliteitszorg rondom

klassieke theologie waarbij de expertises en profielen van beide oplei-

studeerbaarheid en toetsing, ook in het licht van de prestatieafspraak

dingen elkaar versterken. Met toestemming van de NVAO is de oplei-

met het ministerie. Een strak vormgegeven onderwijsprogramma en

ding vervolgens als daadwerkelijke Joint Degree van start gegaan in

optimale begeleiding van studenten zal de rendementscijfers verhogen,

september 2012. Ten behoeve van de beoordeling van de opleiding

zo is de verwachting.

volgens het beperkte kader met het oog op de nieuw te verkrijgen

Voor de toekomst wordt bovendien steeds meer zichtbaar dat afbouw

accreditatie, is de opleiding in juni 2013 beoordeeld door de daartoe

van oude opleidingen en de invoering van de ‘harde knip’ tussen

aangestelde Qanu-commissie. Onder penvoerderschap van de VU facul-

bachelor- en masterprogramma’s niet betekent dat er automatisch een

teit is ter voorbereiding een kritische reflectie als zelfevaluatie

zelfde aantal studenten gaat instromen in de nieuwe opleidingen.

geschreven. Aansluitend volgde voor de PThU in december-januari een

Studentenwerving op zowel bachelor- als masterniveau is door het

aanvullende opleidingsvisitatie voor enkele specifieke standaarden zoals

College van Bestuur dan ook genoteerd als hoge prioriteit.

voorzieningen (in het bijzonder ten behoeve van studenten met een handicap), personeel en kwaliteitszorg. De eindrapportage van de Qanu-

3.2 Bacheloropleiding

commissie over de bachelor Joint Degree voorzag de opleiding van het

Het bacheloronderwijs van de PThU loopt in het verslagjaar langs drie

predikaat ‘voldoende’. Opgemerkt werd dat de kwaliteit op de verschil-

lijnen.

lende onderdelen in orde is, maar dat de opleiding zich, gezien haar

(1) Aan de vestiging Amsterdam is er de bachelor Theologie Joint Degree

jonge bestaan, nog nader moet bewijzen. Op enkele aanbevelingen van

onder eigenaarschap van de PThU en de Faculteit Godgeleerdheid

de Qanu commissie, zoals het verhogen van het aantal contacturen

van de Vrije Universiteit Amsterdam tezamen. Voor deze nieuwe

binnen de opleiding, hebben de besturen geanticipeerd door vanaf

opleiding heeft in 2013 en januari 2014 de beoordeling van de oplei-

september 2013 de contacturen met minimaal twee uur per cursus per

ding ten behoeve van de accreditatie door de Nederlands-Vlaamse

week te verhogen.

Accreditatieorganisatie (NVAO) plaatsgevonden; in 2013 volgens het

Inmiddels zijn in het verslagjaar zowel het eerste als het tweede jaar van

beperkte beoordelingskader en in 2014 op basis van het aanvullende

de bachelor Theologie Joint Degree van start gegaan. Beide instellingen

beoordelingskader.

investeren voor 50% in de opleiding en leveren elk ook de helft van de docenten. Ieder cohort studenten krijgt gedurende het collegejaar een

24

Jaarstukken 2013


evenredig deel onderwijs van PThU- en VU-docenten. De ‘verdeling’ van

3.2.2 PThU-Route in de bachelor Theologie

de modules wordt vooraf op voordracht van de gezamenlijk aangestelde

van de Rijksuniversiteit Groningen

coördinator door de beide besturen vastgesteld. Het overleg tussen

De Groningse PThU route in de bachelor van de faculteit Godgeleerd-

docenten vindt plaats in een gezamenlijk docentenberaad, in leerstoel-

heid en Godsdienstwetenschap is afgeleid van de bachelor Theologie

groepen of secties en in contacten met de opleidingscoördinator. De uit

Joint Degree te Amsterdam. De route heeft een omvang van 50 ects.

beide instellingen gezamenlijk gevormde opleidingscommissie functio-

Vanaf cursusjaar 2011-2012 zijn reeds enkele cursussen aangeboden die

neert vanaf september 2012 en ziet toe op de onderwijsevaluaties,

door eerste- en tweedejaars studenten van de bacheloropleiding van de

koppelt terug naar studenten en docenten en adviseert beide besturen

faculteit zijn gevolgd, vanaf cursusjaar 2012-2013 is het hele pakket

inzake de OER en voorkomende zaken. Zo is bijvoorbeeld na advies van

cursussen aangeboden. De kwaliteitszorg van deze route wordt behar-

de opleidingscommissie een additionele eindterm aan de integrale leer-

tigd binnen die van de bachelor Theologie Joint Degree, maar is ter

lijn toegevoegd.

plaatse gemandateerd aan een speciaal daartoe benoemd kwaliteitsberaad, bestaande uit docenten en studenten van de vestiging Groningen.

De uitkomsten van de onderwijsevaluaties zijn overwegend positief.

Eén van de docentleden is tevens lid van de Opleidingscommissie

Waar nodig zijn aanpassingen doorgevoerd, bijvoorbeeld bij de cursus

bachelor Theologie Joint Degree. Het kwaliteitsberaad werkt nauw

Academische Vaardigheden. De gezamenlijke examencommissie is eerst

samen met de organen voor kwaliteitszorg van de RUG bachelor. Het

in april 2013 geïnstalleerd en heeft zich in het verslagjaar bezigge-

toetsbeleid is op gelijke wijze gemandateerd aan een toetscommissie

houden met de implementatie van integraal toetsbeleid voor de oplei-

vestiging Groningen, waarbij een docentlid van de commissie tevens lid

ding en met de afstemming van het beleid in relatie tot de andere

van de Examencommissie bachelor Theologie Joint Degree is. Zowel het

examencommissies van beide instellingen.

kwaliteitsberaad als de examencommissie hebben in het verslagjaar met hun adviezen bijgedragen aan de nadere afstemming tussen de PThU en

Vanuit de Vrije Universiteit als geheel is het beleid overgenomen om een

de RUG. Met name de verschillende aanpak van roosteren, plannen en

academische kern per opleiding aan te wijzen. Voor de bachelor is deze

toetsen vereiste aanpassing. Afstemming tussen docenten van de

kern geformuleerd. Zij bestaat op het terrein van ‘methoden en tech-

bachelor RUG en de PThU heeft plaatsgevonden;het opzetten van een

nieken’ uit de cursus Inleiding Sociale Wetenschappen en Voorbereiding

reguliere vorm van gezamenlijk overleg is gepland voor 2014. Tot

Scriptie, op het terrein van ‘boeken van belang’ uit de cursus Inleiding

dusverre verloopt het contact via de opleidingscoördinator en het oplei-

Oude Testament en voor het terrein ‘kritisch redeneren’ uit de cursus

dingsmanagement. De RUG heeft inmiddels aangekondigd de structuur

Hermeneutiek. Ingrijpender is een herziening van het programma waar

van de opleiding te gaan veranderen. In 2014 zal duidelijk worden welke

het tot dan toe bestaande cursussen van 3 ects betreft. Deze cursussen

implicaties dit heeft voor de PThU route.

(vier per jaar) zijn alle omgevormd tot cursussen van 6 ects. Hiertoe zijn enkele leerlijnen aangepast. Voor studenten in het ‘oude’ programma

3.2.3 Theologie Klassiek (50021)

zijn de ingrepen marginaal en is er een goed studeerbare overgangsre-

De bacheloropleiding Theologie Klassiek was een brede disciplinegeori-

geling ontworpen.

ënteerde bacheloropleiding die bij uitstek voorbereidt op de driejarige

In samenspraak met studenten en passend bij de identiteit van de PThU

masteropleiding tot predikant. In september 2012 is te Kampen alleen

zijn door de PThU regelmatig extra-curriculaire bijeenkomsten georgani-

nog het derde jaar van de opleiding van start gegaan. De studenten van

seerd, waar studenten zich samen met docenten bezinnen op de

het cohort september 2010 hebben het recht hun opleiding te Kampen

verhouding persoonlijk geloof, wetenschappelijke theologiebeoefening,

te voltooien en maakten in 2013 gebruik van dit recht. Tot september

kerkelijke binding en ambt.

heeft de PThU daarom gastvrijheid genoten aan de Theologische Universiteit Kampen (Broederweg) om aldaar dit onderwijs te verzorgen.

Protestantse Theologische Universiteit

25


Studenten kregen daarbij tevens toegang tot de bibliotheek en andere

Rendement bachelor Theologie Joint Degree

voorzieningen. Vanaf september 2013 worden de cursussen van deze

Het rendement van de bachelor Theologie Joint Degree is nog niet over

bachelor niet meer gegeven. De niet nominaal afgestudeerde studenten

langere termijn zichtbaar te maken omdat de opleiding op dit moment

konden nog wel gebruik maken van de via Blackboard aangeboden

pas twee cursusjaren aangeboden wordt.

premastercursussen.

3.2.4 Theologie Klassiek als afstandstudie

Rendement bachelor Theologie Klassiek CROHO 50021

Vanaf de zomer 2012 waren nieuwe inschrijvingen voor het afstandsonBachelor Klassiek (50021)

derwijs niet meer mogelijk. Voor herinschrijvers biedt de PThU de

VOLTIJD/ AFSTAND

bacheloropleiding nog aan tot het einde van de lopende accreditatie, in

Cohort

december 2014. Er is met alle studenten individueel contact opgenomen

Voltijd (%) (inclusief afstandsonderwijs) Aantal

percentage

Aantal

percentage

2007

57

9

9

44

2008

47

15

12

50

2009

40

13

9

44

over hun studieplanning. Daarbij bleek dat slechts enkelen de studie ook daadwerkelijk willen voltooien. Daartoe worden zij begeleid en blijven de afstandscursussen nog beschikbaar tot einde 2014.

Voltijd (%) (inclusief afstandsonderwijs)

De voorgenomen plannen om samen met de VU te onderzoeken welke vormen van instroom voor deze doelgroep van studenten mogelijk zou

Bovenstaande tabel toont het aandeel voltijdse studenten dat zich na

zijn, werden vooralsnog niet tot uitvoering gebracht vanwege het onze-

één jaar heeft heringeschreven voor de bacheloropleiding Theologie

kere politieke klimaat inzake de –met name financiële- mogelijkheid tot

Klassiek en na vier jaar het diploma heeft behaald. Wanneer de inmid-

‘langstuderen’. Ook rond de wettelijke borging van de positie van het

dels afgestoten afstandsvariant niet wordt meegerekend, zien we een

deeltijdonderwijs bestond nog te weinig houvast om tot beleidsontwik-

gelijkblijvende tendens. Voor de nieuwe bachelor Theologie Joint Degree

keling en –uitvoering over te gaan.

moeten deze cijfers verder stijgen. In absolute getallen toont onderstaand overzicht het aantal afgestu-

3.2.5 Rendement van de bacheloropleidingen

deerden in relatie tot het aantal uitvallers en het aantal studenten dat

De PThU heeft als doelstelling in de prestatieafspraken opgenomen om

overgestapt is naar een andere bacheloropleiding (peildatum 31

te komen tot een rendementscijfer van 75% over al haar opleidingen in

augustus 2013). Hier is een belangrijke dalende trend van het aantal

2016. Daarmee bedoelen we, conform de definitie uit de prestatieaf-

uitvallers te zien.

spraak, het aantal afgestudeerden per cohort na verloop van de nominale studieduur van de bacheloropleiding (180 ects = drie jaar), vermeer-

Afgestudeerd

Nog studerend

T

Aantal V

D

A

T

V

D

A

T

V

D

A

T

V

D

A

Cohort

derd met één uitloopjaar.

Uitval

Deze rendementscijfers worden hieronder gepresenteerd, zowel per

2007

63

9

6

48 10

5

3

2

2

0

1

1

51

4

2

45

opleiding per cohort als uitgesplitst naar voltijd en deeltijd en afstands-

2008

51 12

4

35 12

7

2

3

4

0

0

4

35

5

2

28

onderwijs. Om trends zichtbaar te maken, worden de cijfers weerge-

2009

47

9

7

31 11

8

2

1

3

0

2

1

33

1

3

29

geven in percentages, maar vanwege de specifieke cohorten ook telkens

2010

36

6

3

27

5

3

1

1

9

1

2

6

22

2

0

20

2011

40

4

0

36

1

0

0

1

9

2

0

7

30

2

0

28

2012

47 38

7

2

0

0

6

0

35 28

1

1

12 10

0

1

in absolute getallen. Dit is belangrijk omdat name bij kleine aantallen studenten percentages en fluctuaties daarin mogelijk leiden tot vertekende beeldvorming.

26

T=totaal, V= Voltijd, D= Deeltijd, A = Afstand

Jaarstukken 2013


Bachelor Theologie joint degree

Deeltijd bachelor Theologie Klassiek De deeltijdvariant van de bacheloropleiding Theologie Klassiek betreft een opleidingsvariant die specifiek is ingericht voor studenten die al een hbo-bachelordiploma hebben behaald en door willen stromen naar de

VOLTIJD Cohort

Aantal in cohort

Aantal uitvallers

Percentage uitvallers

2012

38

10

26%

driejarige predikantsmaster. Deze variant is inmiddels afgeschaft en verkeert in de fase van afbouw. Voor studenten die op de peildatum nog

3.2.7 Uitval bacheloropleidingen Theologie klassiek

stonden ingeschreven voor deze variant, is in overleg met de studenten-

(t/m cohort 2011-2012)

decaan en met instemming van de examencommissie een individueel

Voor de overige bacheloropleidingen tot en met cohort 2011-2012 zijn

programma vastgesteld. Voor studenten die van het hbo komen met

de uitvalcijfers na een jaar studie als volgt:

een diploma en wensen door te stromen naar de masteropleidingen, volgen een route op grond van een premastertraject. Vaststellen van

B Theologie Klassiek 31-8-2013 VOLTIJD

streefwaarden per cohort is derhalve voor deze variant niet zinvol, omdat de omvang van hun programma per student verschilt. Bachelor Theologie Klassiek op basis van afstandsonderwijs Bovenstaande tabel geeft aan dat het rendement van het afstandson-

cohort

aantal in cohort

aantal uitvallers

percentage uitvallers

2007

9

3

33%

2008

12

2

17%

2009

9

0

0%

derwijs blijvend laag is. Daarmee lijkt het eerder genomen besluit van

2010

6

1

17%

het College van Bestuur om deze vorm van onderwijs te beëindigen en

2011

4

1

25%

af te bouwen, op grond van de rendementscijfers zeker gerechtvaardigd. Voor de potentiële doelgroep die deze vorm van onderwijs ambieert is op dit moment geen alternatief voorhanden. De PThU ontwikkelt

Uit deze tabel is af te lezen dat het percentage uitvallers ook in de

echter wel een programma waarbij voor zij-instroom uit het wo op basis

bachelor Theologie Klassiek Voltijd onder de streefwaarde van maximaal

van zelfstudie en een premasterpakket een studeerbare mogelijkheid tot

25% uitkomt, met uitzondering van het cohort 2007. Ook hier geldt dat

instroom in de masteropleiding ontstaat.

de introductie van een studiekeuze begeleidingsgesprek met aankomende studenten als doeltreffende maatregel ingezet is om het uitval-

3.2.6 Uitval bacheloropleiding

percentage voor de bacheloropleiding structureel te doen dalen.

bachelor Theologie Joint Degree voltijd Voor de ingestroomde studenten in de nieuwe bachelor Theologie Joint

3.3 Masteropleidingen

Degree per 2012 is in onderstaande tabel zichtbaar dat er na een jaar een uitvalpercentage van 26% is. Hierin vertaalt zich het positieve effect

3.3.1 Driejarige masteropleiding(en) Predikantschap

van de invoering van het Bindend Studie Advies, waardoor uitval

Amsterdam en Groningen (CROHO 60261) en oude

beperkt blijft in aantal en vroegtijdig in het programma plaatsvindt. Het

driejarige masteropleiding Leiden, Utrecht en Kampen

uitvalpercentage van 26% ligt iets boven het door de PThU nagestreefde

In september 2012 zijn de nieuwe masteropleidingen van de PThU van

percentage van maximaal 25%.

start gegaan, zowel in Groningen als in Amsterdam. Voor de master Predikantschap geldt dat één accreditatie is aangevraagd, waarvoor in juni 2013 de beoordeling volgens het beperkte kader plaatsvond en in december 2013 tot januari 2014 de aanvullende beoordeling. De uitkomsten van de QANU visitatiecommissie zijn dusdanig dat alle

Protestantse Theologische Universiteit

27


opleidingen als ‘voldoende’ zijn beoordeeld en er dus met vertrouwen

vijftien verschillende trajecten van de opleiding. Dat leidde regelmatig

kan worden uitgezien naar de accreditatieverlening.

tot enkele roostertechnische en facilitaire problemen, waarvoor per

Bij de ontwikkeling van de driejarige master is gekozen voor een integra-

situatie een oplossing is gevonden. Daartoe is veel overleg gevoerd met

tieve opzet in de academische beroepsvoorbereiding. Vanuit de in

de studenten. De concentratie van de opleidingen op de nieuwe vesti-

gesprek met het beroepsveld ontwikkelde visie op het predikantschap

gingen per september 2013 vormde daarna duidelijk een versterking

zijn vier centrale beroepsrollen gedefinieerd. Deze beroepsrollen zijn

van de eenheid van de PThU en haar studenten.

vervolgens gerelateerd aan bijbehorende competenties met hun eind-

De intensiteit van de kwaliteitszorg rondom het eerste uitgevoerde

termen, waarop het curriculum is ingericht. Deze centrale visie op het

masterjaar is bijzonder groot geweest. De opleidingscoördinatoren

predikantschap - de beroepsrollen en definiëring van academische,

hebben zowel met studentengroepen als met de docentenberaden

hermeneutische, beroepsgerelateerde en persoonsgerelateerde compe-

steeds overlegd en de vinger aan de pols gehouden voor wat betreft

tenties - vormt de basis voor zowel het onderwijs in Groningen als in

kwaliteit en studeerbaarheid. Zo bleek de studiebelasting over de

Amsterdam. Beide vestigingen kennen echter een eigen opbouw van

verschillende perioden niet geheel evenwichtig. Daarvoor is naar een

het curriculum, waardoor een student ook kan kiezen welke opleiding

betere verdeling gezocht. De afstemming tussen de cursusinhouden en

het beste bij de eigen leerwensen aansluit. In Amsterdam bestaat de

de leerplek- praktijkveld- of stageopdrachten bleek nog aangescherpt te

masteropleiding uit een verkennend (in relatie tot leerplek), verdiepend

moeten worden en de studentgecentreerde aanpak rondom leerproces-

(in relatie tot wetenschappelijk onderzoek en specialisatie) en een

begeleiding en portfolio is vereenvoudigd en moet nog nader geïmple-

verbindend jaar (in relatie tot stage). In Groningen begint men met het

menteerd worden.

verdiepingsjaar, waarna een integratief traject van twee jaar, inclusief stage met onderscheiden praktijkvelden en beroepsondersteunende cursussen, volgt.

3.3.2 Eenjarige masteropleiding Verdieping te Kampen en te Groningen

In Amsterdam wordt naast de voltijdvariant van de masteropleiding ook

De masteropleiding Verdieping is een eenjarige masteropleiding die

een deeltijd variant op zaterdag aangeboden. In Groningen wordt naast

gericht is op wetenschappelijke verdieping. Deze opleiding werd al

de route Predikantschap ook een route Predikant-Geestelijk verzorger

eerder in Kampen aangeboden en is verplaatst naar Groningen. De

aangeboden, eveneens binnen de driejarige masteropleiding Predikant-

doelgroep van deze opleiding is internationaal, en voor deze opleiding

schap.

wordt dan ook zowel in Nederland alsook in het buitenland geworven.

Sinds de driejarige masteropleiding gestart is, zijn geen nieuwe

De selectie van de internationale studenten wordt samen met een exper-

studenten meer in de oude opleidingen in Kampen, Leiden en Utrecht

tisecentrum van de Rijksuniversiteit Groningen vormgegeven. De voer-

begonnen. Voor de studenten uit de oude opleidingen zijn de cursussen

taal in de opleiding is Engels.

tot de zomer van 2013 voor het laatst op de oude locaties gegeven.

Er zijn ook enkele studenten die de opleiding volgen in de vorm van

Vanaf september 2013 worden alle cursussen in de oude opleidingen

afstandsonderwijs: daartoe zijn een aantal interdisciplinaire cursussen in

zowel voltijd als deeltijd in Amsterdam of Groningen gegeven.

digitale vorm ontwikkeld, eveneens in het Engels. Met de opheffing van

Voor studenten met een diploma van de theologische bachelor van de

de bacheloropleiding in samenwerking met de LOI, is ook deze eenjarige

Universiteit Leiden of Universiteit Utrecht zijn overgangsmaatregelen

master in de vorm van afstandsonderwijs opgeheven. Om studenten niet

getroffen, waardoor zij geen extra studietijd verliezen. Deficiëntiecur-

teleur te stellen die na voltooiing van hun bacheloropleiding in de vorm

sussen zijn ontwikkeld voor de eventuele lacunes. De sluitingen van de

van afstandsonderwijs gerekend hadden op een vervolg in de vorm van

masteropleidingen van de PThU in Leiden en Utrecht betekent dat deze

een master Verdieping, was inschrijving in de master Verdieping voor

cursussen echter niet meer gegeven zullen worden.

hen ook in het cursusjaar 2012-2013 nog mogelijk, ervan uitgaande

Tot aan de zomer van 2013 werd op vijf locaties onderwijs gegeven in

dat zij de opleiding voltooien voor het einde van de lopende

28

Jaarstukken 2013


M Predikantschap (60261) Peildatum 31-8-2013 Kampen/ Groningen VOLTIJD

accreditatietermijn, 31 december 2014. Vanaf september 2012 wordt de master Verdieping aangeboden te Groningen en zowel in 2012 als in cohort

aantal in cohort

aantal afgestudeerden

percentage afgestudeerden

opleiding voorziet in interdisciplinaire cursussen voor alle studenten

2007

15

2

13%

vanuit de drie onderzoeksgroepen, waarna er een methodologische

2008

9

1

11%

2009

14

5

36%

2010

11

5

45%

2013 is een groep internationale studenten gestart. De opbouw van de

basis gelegd wordt binnen de onderzoeksgroepen. Vervolgens nemen Nederlandse studenten in de master Verdieping alsook studenten die het verdiepingsjaar binnen de driejarige predikantsmaster te Groningen

Voor de masteropleidingen streeft het bestuur naar een rendement van

volgen, een aantal cursussen (10 à 15 ects) binnen hun programma af

60% in 2016. Zoals deze tabel aantoont, is dit percentage voor de

aan de RUG. Dat geeft hen de mogelijkheid tot een eigen keuze van

masteropleiding predikantschap niet behaald. De dalende trend is echter

flankerende vakken bij hun specialisatie. Tenslotte wordt via specialisatie-

omgezet in een stijgende lijn. Het blijkt dat studievertraging binnen de

en literatuurcursussen de weg naar de masterthesis afgelegd.

driejarige masteropleiding vooral binnen het verdiepingsjaar ontstaat.

Ook de master Verdieping heeft in juni 2013 de beperkte opleidingsbe-

Dat betreft het jaar waarin studenten hun thesis schrijven. Om dit beter

oordeling ondergaan en ook hier resulteerde dat in de kwalificatie

te stroomlijnen is in de nieuwe masteropleidingen een strakker begeleid

‘voldoende’, waarbij de commissie de integratie tussen Nederlandse en

programma ontworpen waarin planning en tijdslimieten helder aange-

internationale studenten als een sterk punt benoemde.

geven zijn.

3.3.3 Rendementen masteropleidingen

DEELTIJD

Voor de rendementscijfers van de masteropleidingen presenteren we

Voor deeltijd studenten in de masteropleidingen is het rendementscijfer

allereerst de cijfers van de oude en nieuwe driejarige opleidingen Predi-

het aandeel studenten dat binnen de onderwijskundige nominale duur

kantschap in Kampen en Groningen, inclusief de route Predikant Gees-

van de opleiding (180 ects in 4,5 jaar) afstudeert:

telijk Verzorger. Dan volgen de cijfers van de oude en nieuwe opleiM Predikantschap (60261) Peildatum 31-8-2013 Kampen/ Groningen VOLTIJD

dingen uit Leiden, Utrecht en Amsterdam, en tenslotte presenteren we de resultaten van de eenjarige master Verdieping te Kampen en Groningen.

cohort

aantal in cohort

aantal afgestudeerden

percentage afgestudeerden

2007

6

6

100%

3.3.3.1 Rendement masteropleiding Predikantschap

2008

5

3

60%

(60261: Kampen/ Groningen)

2009

4

1

25%

2010

2

1

50%

VOLTIJD Voor de masteropleidingen betreft het rendement van de opleiding het

Het gaat in deze tabel om een klein aantal studenten. De rendements­

aandeel studenten dat binnen de nominale duur van de opleiding (180

cijfers zijn wisselend, waarbij cohort 2007 een hoge score toont. Ook

ects in drie jaar) afstudeert. Onderstaande tabel geeft zowel aantallen

voor de deeltijdopleiding zijn maatregelen ter verbetering van het rende-

als percentages voor de variant van Kampen/Groningen.

ment genomen, met name voor wat betreft de thesisbegeleiding. Onderstaande tabel toont voor de masteropleiding in absolute aantallen het aantal studerenden, uitvallers en studenten die overgestapt zijn op peildatum 31 augustus 2013:

Protestantse Theologische Universiteit

29


Masteropleiding Predikantschap (60261) Kampen/ Groningen

Het aantal studenten per cohort dat binnen de nominale studieduur het diploma behaalt, daalt tot onder de streefwaarde van 60%. Een stij-

Cohort

Aantal T

VOLTIJD EN DEELTIJD

gende trend is nog niet zichtbaar, al wijken de cijfers niet veel af van de

Peildatum 31 augustus 2013

opleiding Kampen/Groningen. Ook hier geldt dat beleid ter verbetering

Afgestudeerd

Nog studerend

Uitval

Overstap

V

D

T

V

D

T

V

D

T

V

D

T

V

D

2006

16 11

5

13

8

5

0

0

0

2

2

0

1

1

0

2007

21 15

6

17 11

6

2

2

0

2

2

0

0

0

0

2008

14

9

5

9

5

4

3

3

0

1

1

0

1

0

1

2009

16 14

2

6

6

0

6

6

0

1

0

1

3

2

1

2010

13 11

2

6

5

1

4

4

0

1

0

1

2

2

0

2011

10 10

0

3

3

0

6

6

0

0

0

0

1

1

0

2012

3

0

0

0

0

2

2

0

1

1

0

0

0

0

3

inmiddels is ingezet.

DEELTIJD Voor de deeltijdstudenten masteropleiding Gemeentepredikant die binnen de onderwijskundige nominale studieduur van de opleiding (180 ects in 4,5 jaar) afstuderen, gelden de volgende rendementscijfers: Masteropleiding Gemeentepredikant (66122) Peildatum 31-8-2013 Utrecht/Leiden/ Amsterdam DEELTIJD cohort

aantal in cohort

aantal afgestudeerden

percentage afgestudeerden

2007

29

11

38%

2008

20

13

65%

We zien hier een dalende trend qua aantallen uitvallers.

3.3.3.2 Rendement masteropleiding Gemeentepredikant (66122: Utrecht/Leiden/ Amsterdam)

Deze cijfers tonen een stijgende lijn in de richting van de streefwaarde

VOLTIJD

van 60%. Op de peildatum 31 augustus 2013 is het rendement van de

Het aandeel voltijdse studenten masteropleiding Gemeentepredikant

voltijdse en deeltijdstudenten van de cohorten 2007 t/m 2012 van de

Utrecht / Leiden / Amsterdam dat binnen de nominale duur van de

masteropleiding Gemeentepredikant (vestiging Utecht/Leiden) in abso-

opleiding (180 ects in drie jaar) afstudeert is als volgt:

lute aantallen en in relatie tot uitvallers als volgt:

Masteropleiding Gemeentepredikant (66122) Peildatum 31-8-2013 Utrecht/Leiden/ Amsterdam

Masteropleiding Gemeentepredikant (66122) Utrecht/Leiden/Amsterdam Voltijd en Deeltijd Peildatum 31 augustus 2013

VOLTIJD

Cohort

Aantal

Afgestudeerd

Nog studerend

Uitval

Overstap

cohort

aantal

aantal afgestudeerden

percentage afgestudeerden

2007

16

11

68%

T

V

T

V

D

T

V

D

T

V

D

T

V

D

59%

2007 45

16

29 30

11

19

4

2

2 11

3

8

0

0

0

2008 47

27

20 38

25

13

5

2

3

3

0

3

1

0

1

2009 40

22

18 29

20

9

7

2

5

4

0

4

0

0

0

2010 68

35

33 27

16

11 32

17

15

9

2

7

0

0

0

2011 42

26

16

5

3

2 30

19

11

6

3

3

1

1

0

2012 33

15

18

0

0

0 33

15

18

0

0

0

0

0

0

2008

27

17

2009

22

13

59%

2010

35

16

46%

D

Ook hier is een dalende trend qua aantal uitvallers te constateren.

30

Jaarstukken 2013


Masteropleiding Geestelijke Verzorging (60262) Kampen/ Groningen

3.3.3.3 Rendement master Geestelijke Verzorging (60262: Kampen/Groningen)

VOLTIJD EN DEELTIJD Peildatum 31 augustus 2013 Cohort

VOLTIJD

Aantal

Afgestudeerd

Nog studerend

Uitval

Overstap

T

V

D

T

V

D

T

V

D

T

V

D

T

V

D

2006

2

1

1

2

1

1

0

0

0

0

0

0

0

0

0

2007

4

1

3

2

1

1

1

0

1

1

0

1

0

0

0

2008

1

0

1

1

0

1

0

0

0

0

0

0

0

0

0

2009

6

2

4

5

2

3

0

0

0

1

0

1

0

0

0

Masteropleiding Geestelijke Verzorging (60262) Peildatum 31-8-2013 (Kampen/ Groningen)

2010

7

4

3

4

2

2

3

2

1

0

0

0

0

0

0

2011

3

2

1

1

0

1

1

1

0

1

1

0

0

0

0

VOLTIJD

2012

4

4

0

0

0

0

4

4

0

0

0

0

0

0

0

Het aandeel voltijdstudenten in de masteropleiding Geestelijke Verzorging dat binnen de nominale duur van de opleiding (180 ects in drie jaar) afstudeert is als volgt:

cohort

aantal in cohort

aantal afgestudeerden

percentage afgestudeerden

2007

1

0

0%

2008

0

0

0%

2009

2

1

50%

2010

4

2

50%

Het aantal studenten in deze opleiding is zo gering, dat trends niet weer te geven zijn. Niettemin is het aantal uitvallers laag.

3.3.3.4 Rendement masteropleiding Verdieping (60264)

Van het geringe aantal studenten in deze masteropleiding is de laatste

Het aandeel studenten in de masteropleiding Verdieping dat binnen de

jaren de helft nominaal afgestudeerd.

nominale duur van de opleiding (60 ects in ĂŠĂŠn jaar) afstudeert is als volgt:

DEELTIJD Het aandeel deeltijdstudenten masteropleiding Geestelijke Verzorging

Masteropleiding Verdieping (60264) Peildatum 31-8-2013 (Kampen/ Groningen)

dat binnen de nominale duur van de opleiding (180 ects in 4,5 jaar) afstudeert is als volgt: Masteropleiding Geestelijke Verzorging (60262) Peildatum 31-8-2013 (Kampen/ Groningen) DEELTIJD cohort

aantal in cohort

aantal afgestudeerden

percentage afgestudeerden

2006

1

1

100%

2007

3

0

0%

2008

1

1

100%

VOLTIJD/ DEELTIJD/ AFSTAND cohort

aantal in cohort

aantal afgestudeerden

percentage afgestudeerden

2007

23

8

35%

2008

14

7

50%

2009

12

4

30%

2010

16

8

50%

2011

14

8

57%

2012

18

10

56%

Van het geringe aantal deeltijdstudenten in deze opleiding is het rende-

Deze opleiding omvat zowel de internationale als de Nederlandse

ment van zowel 2006 als 2008 100%. Ondanks het geringe aantal een

studenten. Het rendement van 56% van cohort 2012 is in lijn met de

positief gegeven.

voorgaande jaren en verdient nog enige verbetering. In onderstaande

Op de peildatum 31 augustus 2013 is het rendement van de voltijdse en

tabel zien we dat de voltijdsstudenten naar verhouding het hoogste

deeltijdstudenten van de cohorten 2007 t/m 2011 van de masteroplei-

rendement behalen.

ding Geestelijke Verzorging (vestiging Kampen) in absolute aantallen als

Op de peildatum 31 augustus 2013 is het rendement van de voltijdse,

volgt:

deeltijd- en afstandstudenten van de cohorten 2007 t/m 2011 van de

Protestantse Theologische Universiteit

31


masteropleiding Geestelijke Verzorging (vestiging Kampen) in absolute aantallen als volgt:

3.3.4 Graduate School De algemene doelstelling van de Graduate School is de ontwikkeling van de onderzoekscapaciteit op het gebied van de theologie en de opleiding

Cohort

Aantal

Masteropleiding Verdieping (60264) Kampen/ Groningen VOLTIJD EN DEELTIJD Peildatum 31 augustus 2013 Afgestudeerd Nog studerend Uitval

T V D A T V D A 2007 23 11 12 0 17 10 7 0 2008 14 10 3 1 9 8 1 0 2009 2010 2011 2012

12 16 14 18

6 4 10 4 8 3 11 0

2 9 4 2 11 10 3 9 8 7 10 10

3 1 0 0

2 0 1 0

T 2 0

V D A T 0 2 0 3 0 0 0 3

0 2 4 5

0 0 0 0

0 1 3 0

0 1 1 5

3 1 1 0

van gekwalificeerd personeel voor theologische faculteiten en seminaries, kerken en christelijke instellingen, en maatschappelijke organisaties. Overstap

V D A T 0 3 0 1 1 1 1 2 2 0 0 0

1 0 0 0

0 1 1 0

0 2 0 3

Studenten kunnen alle disciplines van de theologie bestuderen en zich

V D A 1 0 0 1 1 0

ontwikkelen tot professionele onderzoekers van internationaal niveau.

0 0 0 1

seert lezingen en master classes met (internationaal) erkende onderzoe-

0 2 0 0

0 0 0 2

De Graduate School stimuleert internationale samenwerking, organikers. De Graduate School biedt studenten een intensieve training in onderzoek en ‘coaching’ in kleine groepen. De Graduate School is vooral bedoeld om een opleidingstraject te bieden voor promovendi, inclusief buitenlandse promovendi.

3.3.3.5 Conclusie rendementscijfers

In 2013 zijn verschillende bijeenkomsten met de promovendi gehouden.

Met betrekking tot alle driejarige masteropleidingen van de PThU geldt,

Op 14 mei met onderzoekspresentaties en lezingen van prof.dr. J.K.

dat het rendement op dit moment nog te laag is ten opzichte van het

Asamoah-Gyadu (Professor of Contemporary African Christianity and

streefpercentage van 60% vanaf het jaar 2016. Er zijn weliswaar enkele

Pentecostal/Charismatic Theology – Trinity Theological/Seminary Ghana)

stijgende lijnen waarneembaar, zoals een teruglopend aantal uitvallers.

over ‘Method in Pentecostal Studies: The Use of Popular Sources: book-

Wanneer we het afstandsonderwijs buiten beschouwing laten - dit is

lets, video films and other media’, prof. dr. M. Popovich (Chair Old

inmiddels beëindigd -, dan zien we daadwerkelijk hogere rendements­

Testament and Early Judaism RUG, Director Qumran Institute) over

cijfers. Dit geeft een voorzichtige indicatie voor verbetering. De stijgende

‘Research of the Qumran Institute’. En op 18 november de themabijeen-

lijn heeft echter op dit moment nog niet tot het niveau geleid dat de

komst met prof. Eddy van der Borght (Desmond Tutu Leerstoel VU) over

universiteit nastreeft. Bij de herziening van de masterprogramma’s is

het thema ‘My Way through the Academic World and Beyond’, met

daarom nadrukkelijk gekozen voor een opzet met een veel strakkere

interviews, onderzoekspresentaties en een ‘proefpromotie’.

planning en begeleiding. In het verdiepingsjaar zijn de perioden voor de thesis beter afgebakend. In de integratieve onderdelen van de opleiding

3.3.4.1 Het programma op hoofdlijnen

is er leerprocesbegeleiding waardoor de student niet kan ‘ontsnappen’

De Graduate School biedt een vierjarig programma. Het eerste jaar

aan de te leveren prestaties. Ook een nadrukkelijker beleid rond de

wordt besteed aan onderwijs in research; het tweede tot en met het

handhaving van ingangseisen moet ervoor zorgen dat studenten zich

vierde jaar aan de uitvoering en de schriftelijke vastlegging van het

meer verantwoordelijk weten voor hun leerproces en planning en dat

onderzoek. Inzake het cursusaanbod in het eerste jaar wordt de samen-

docenten daar in begeleiding en handhaving ook op letten. Het is dus

werking met de onderzoeksschool NOSTER optimaal benut. Bovendien

zowel het nadrukkelijke beleid van het College van Bestuur alsook een

wordt gestreefd naar participatie in relevante cursussen van research-

voortschrijdende mentaliteitsverandering onder studenten en docenten

masters bij andere theologische faculteiten.

die het onderwijsproces en de opbrengst ervan in kwaliteit en rende-

Binnen het Ph-D programma nemen de promovendi deel aan alle semi-

ment moeten optimaliseren.

nars van de Graduate School. Elk jaar organiseren de programmaleiders van de onderzoeksgroepen drie gezamenlijke bijeenkomsten. Tijdens deze bijeenkomsten worden er enkele plenaire (onderzoeksgroepen

32

Jaarstukken 2013


overstijgende) onderzoekspresentaties gehouden, naast presentaties per

onderwijsaanbod volgen. Kenmerkend voor het honoursprogramma is

onderzoeksgroep. Daarnaast worden er trainingen gegeven over weten-

een extra specialisatie in één (sub)discipline van de theologie en in

schappelijke integriteit, publicatie strategieën, wetenschappelijke schrijf-

onderzoeksmethodologie. Het programma (waarin wetenschapsleer,

vaardigheid, et cetera. Bovendien worden internationaal erkende gast-

disciplinaire deskundigheid en onderzoeksmethodologie centraal staan)

onderzoeker uitgenodigd voor lezingen en masterclasses.

is voor 15 ects ingebouwd in de reguliere driejarige masteropleiding en voor 15 ects vormt het een aanvulling daarop. De hoogleraar leidt de

3.3.4.2 Buitenlandse promovendi Tegen de achtergrond van de ambitie een toonaangevende bijdrage te

student in een tutoriaal traject verder op binnen het eigen onderzoeksprofiel.

leveren aan de academische theologiebeoefening op internationaal niveau is de werving van buitenlandse promovendi van belang. Voor buitenlandse promovendi staat het eerste jaar van de Graduate School open. Zij krijgen het onderwijs in Nederland aangeboden. Zij nemen deel aan het driedaagse seminar van de Graduate School. In het bijzonder voor Aziatische promovendi wordt in Azië een door de PThU verzorgd seminar van één week gehouden . Internationalisering met betrekking tot de opleiding van promovendi

Deelname HONOURSPROGRAMMA in masteropleidingen Predikantschap, Gemeentepredikant en Geestelijk Verzorging cohort

aantal in cohort

aantal honours

percentage honours

2007

65

1

2%

2008

62

3

5%

2009

57

2

4%

2010

82

3

4%

vindt verder plaats via de uitbouw van bestaande samenwerkingsver-

2011

49

9

18%

banden op leerstoelniveau, waaronder het Europees netwerk ‘Promovie-

2012

40

5

12,5%

renden Beratung’ van de praktische theologie (Utrecht, Göttingen, Basel), alsmede het samenwerkingsverband op het gebied van missio-

Het bestuur streeft naar een deelnamepercentage voor het honourstra-

logie en crossculturele theologie (Kampen, Aarhus, Birmingham,

ject per cohort in de masteropleiding van tenminste 10%. Voor het

Helsinki, Lund, Uppsala en Rostock).

cohort 2011 en 2012 geldt dat dit percentage is behaald.

3.3.4.3 Buitenpromovendi Ook buitenpromovendi worden betrokken bij de Graduate School. Zij

3.4 Diploma’s

worden geacht het eerste jaar van de Graduate School te volgen en deel 20122013

te nemen aan de seminars van de Graduate School. De PThU biedt potentiële promovendi met enige regelmaat de mogelijkheid om tijdens een aanstellingsperiode van een half jaar als onderzoeker een onderzoeksvoorstel uit te werken. Na afloop van de periode besluit de Commissie Wetenschapsbeoefening (CWB) op basis van de kwaliteit van het voorstel en het aantal beschikbare plaatsen of de gelegenheid wordt geboden om het onderzoek uit te voeren als promo-

2011-2012

2010-2011

20092010

20082009

Bachelorexamen

12

14

20

15

9

Masterexamen

56

79

49

45

23

Doctoraal examen

-

-

-

7

4

Kerkelijk examen

-

-

-

40

44

Totaal

68

93

69

107

80

vendus op basis van een dienstverband.

3.3.4.4 Honourstraject Studenten die tenminste gemiddeld een 7,5 hebben gehaald voor hun bachelordiploma kunnen in het kader van de Graduate School een extra

Protestantse Theologische Universiteit

33


Het aantal behaalde bachelorexamens in het studiejaar 2012-2013 is

studentendecanen en stafleden om de studie doelgroepgericht onder de

weliswaar iets lager dan voorgaand jaar, maar terug op het niveau van

aandacht te brengen. Ook is er opnieuw gewerkt aan een ‘doorstart’

voor 2010-2011. De tijdelijke toename in 2011-2012 is verklaarbaar uit

van het samenwerkingsverband ‘Domineeworden.nl’ van de Protes-

het feit dat toen een laatste cohort studenten van de bachelor Geloof,

tantse Kerk en de PThU.

Cultuur en Samenleving afstudeerde.

3.5. Internationalisering

Het aantal studenten dat een masterdiploma heeft behaald in het cursusjaar 2012-2013, op peildatum 31 augustus 2013, uitgesplitst naar

3.5.1 Beleid

opleiding, is als volgt:

Internationalisering is een van de speerpunten van beleid van de univerDiploma behaald in collegejaar 2012-2013

Totaal

Voltijd

Deeltijd

Afstand

siteit. Om dit kracht bij te zetten is begin 2012 een team ingesteld met als taak concrete beleidsaanbevelingen te ontwikkelen voor het College van Bestuur op dit specifieke terrein. Deze zijn begin 2013 gepresen-

12/13

11/12

12/13

11/12

12/13

11/12

12/13

11/12

Predikantschap (60261)

8

17

8

13

0

4

0

0

Geestelijk verzorging (60262)

8

3

6

3

2

0

0

0

Verdieping (60264)

12

14

11

9

0

4

1

1

Gemeentepredikant (66122)

28

45

14

24

14

21

0

0

Totaal

teerd aan het College van Bestuur. Vanuit het speerpuntrapport zijn door het College van Bestuur voorts de volgende specifieke internationale beleidsdoelstellingen gedestilleerd, op het gebied van onderwijs en onderzoek:

ONDERWIJS • Ieder studiejaar volgen zestien PThU-studenten een deel van hun studie in het buitenland. • Ieder studiejaar werft de PThU vijftien buitenlandse masterstudenten.

56

79

39

49

16

29

1

1

ONDERZOEK Wanneer we het aantal masterexamens bezien over het afgelopen jaar is

• Ieder studiejaar werft de PThU drie buitenlandse promovendi.

er reden tot enige tevredenheid. Weliswaar is het aantal in 2013

• Ieder jaar trekt de PThU zes buitenlandse research fellows aan.

gedaald ten opzichte van het voorgaande jaar, maar dat is verklaarbaar omdat toen een aantal studenten in verband met de te verwachten

Om deze doelstellingen binnen een periode van vijf jaar (studiejaar

langstudeerdersmaatregel versneld is afgestudeerd. In 2013 speelde

2017-2018) te kunnen verwezenlijken is het onder meer zaak voldoende

bovendien mee dat studenten nog wilden afstuderen op de oude loca-

externe financieringsbronnen te identificeren en aan te boren,

ties. Het aantal van 56 masterexamens is echter gezien de beginfase van

bestaande samenwerkingsverbanden te intensiveren en optimaal te

de nieuwe opleidingen op nieuwe locaties een positieve ontwikkeling.

benutten, PThU-docenten internationaal te positioneren en voldoende

Het toont duidelijk aan hoezeer de masteropleiding predikantschap qua

op de hoogte te zijn van lopende en geplande internationale activiteiten.

aantallen de meeste studenten trekt en aflevert.

Ook acht de PThU het van belang buitenlandse gastdocenten te inte-

Het blijft de wens van de Protestantse Kerk in Nederland jaarlijks zestig

greren in de bestaande studieprogramma’s.

proponenten te kunnen toelaten tot het predikantsambt. Om op de langere termijn aan deze cijfers te kunnen komen, is studentenwerving

3.5.2 Internationale studentenuitwisseling

een beleidsspeerpunt van de PThU. In het verslagjaar zijn nadere acties

Twee masterstudenten hebben in het studiejaar 2012-2013 een studie-

ondernomen door de afdeling communicatie in samenwerking met de

verblijf in het buitenland gerealiseerd. Een student heeft twee maanden

34

Jaarstukken 2013


in de Verenigde Staten doorgebracht aan Grand Rapids en een andere

3.5.4 Buitenlandse studenten aan de PThU

student heeft deelgenomen aan Face-to-Face, een op exposure gericht

Het aantal ingeschreven buitenlandse studenten aan de PThU in de

programma van de Council for World Mission (CWM) in Fiji.

periode 1 september 2012 tot en met 31 augustus 2013 is acht.

Teneinde het aantal studenten dat een studieverblijf in het buitenland

Ten opzichte van het aantal ingeschreven studenten (331) is dit 2,4%.

realiseert in de nabije toekomst te verhogen zijn in het najaar van 2013 drie informatiebijeenkomsten georganiseerd voor masterstudenten in

Het volgende overzicht geeft het aantal behaalde studiepunten per

Amsterdam. Verwacht wordt dat dit in 2014 een hogere studentenmo-

buitenlandse student aan:

biliteit tot gevolg zal hebben. Afkomst

3.5.3 Erasmus De universiteit heeft in 2013 nieuwe Erasmus-overeenkomsten gesloten

Punten (ects)

sche Academie (Hongarije). De overeenkomsten met MF Norwegian

Master Verdieping

Oud Testament

India

60

Master Verdieping

Praktische Theologie

Kenia

60

Master Verdieping

Praktische Theologie

Kenia

60

Master Verdieping

Crossculturele Theologie

Myanmar

60

Master Verdieping

Nieuw Testament

Rwanda

60

Master Verdieping

Kerkgeschiedenis

Verenigd Koninkrijk

60

Master Verdieping

Crossculturele Theologie

Zuid-Afrika

60

Master Verdieping

Oud Testament

School of Theology (Noorwegen), de Universiteit van Helsinki (Finland), de Humboldt Universiteit te Berlijn (Duitsland), de Karelsuniversiteit in Praag (Tsjechië), de Karoli Gaspar Universiteit en de Gereformeerde Theologische Universiteit te Debrecen (beiden Hongarije), en tot slot de Babes-Bolyai Universiteit te Cluj-Napoca (Roemenië) blijven van kracht.

Hoofdvak

60

met de Christian-Albrechts Universiteit te Kiel (Duitsland), de Katholieke Universiteit Leuven (België) en de Sárospatak Gereformeerde Theologi-

Opleiding

Ghana

In het kader van het Erasmusprogramma heeft in het studiejaar 20122013 één uitgaande stafmobiliteit plaatsgevonden van een docent naar de Katholieke Universiteit Leuven. Naast het uitvoeren van een speci-

De volledige master Verdieping kent een studielast van 60 ects.

fieke onderwijsopdracht zijn de eerste stappen gezet in de verkenning

Dit betekent dat het door de inkomende buitenlandse studenten

van mogelijke samenwerking op het gebied van onderzoek met deze

behaalde rendement 100% is.

voor de PThU belangrijke partnerinstelling. Zeer succesvol was ook de inkomende stafmobiliteit van MF Norwegian

3.5.5 Buitenlandse promovendi aan de PThU

School of Theology uit Oslo (Noorwegen) in de maand april. Gedurende

De PThU heeft in totaal 22 buitenlandse buitenpromovendi. In het

twee dagen heeft de afdeling studentenadministratie van deze partner-

studiejaar 2012-2013 zijn hier twee promovendi uit Indonesië bijge-

universiteit een benchmark gerealiseerd, door middel van een intensief

komen. Twee buitenlandse promovendi zijn in 2013 aan de PThU

bezoek aan de PThU, locaties Amsterdam en Groningen. De gesprekken

gepromoveerd, één uit Duitsland en één uit de Verenigde Staten.

gaven een goed inzicht in hoe processen verlopen binnen de universiteit en leverde voor beide partijen belangrijke inzichten op ten aanzien van

3.5.6 Gastcolleges

‘good practices’ op administratief terrein. De afwezigheid van Erasmus

Tijdens het studiejaar 2012-2013 hebben vier buitenlandse gastdo-

studentenmobiliteit in de periode 2012-2013 is een tegenvaller voor de

centen (Hongarije,V.S. en twee maal Indonesië) college gegeven aan de

universiteit. Studenten lijken de voorkeur te geven aan studie buiten de

PThU. Tevens hebben verschillende docenten van de PThU gastcolleges

grenzen van Europa, terwijl de universiteit voldoende en interessante

gegeven aan buitenlandse partnerinstellingen.

studiebestemmingen biedt in het kader van het Erasmus-programma.

Protestantse Theologische Universiteit

35


3.5.7 Internationale conferenties

3.5.9 IRTI

De PThU heeft samen met haar buitenlandse partnerinstellingen de

Sinds september 2012 is de PThU mede-eigenaar geworden van het

volgende conferenties georganiseerd in 2013:

International Reformed Theological Institute (IRTI), oorspronkelijk een initiatief van de Vrije Universiteit. Het IRTI is een international network

Conferentiethema

Partnerinstellingen

Plaats

van betrokken gereformeerde theologen, die werkzaam zijn op het

Student Conference on ‘Baptism’

Gereformeerde Theologische Universiteit van Debrecen

Groningen

terrein van de systematische theologie, kerkgeschiedenis en oecumeni-

Tenth International IRTI Conference on ‘Calvinism and Law’

Vrije Universiteit, Gereformeerde Theologische Academie van Sárospatak

Sárospatak (Hongarije)

‘Conversations after God African European Experiences on the Thresholds of the Market Place’

Universiteit van Pretoria

Amsterdam

‘Human Dignity’

Universiteit van Stellenbosch

Stellenbosch (Zuid-Afrika)

NTP Conference on ‘Adversus Iudaeos Literature and the explanation of the New Testament’

Verscheidene

Groningen

sche theologie. De focus van het IRTI is ‘living reformed theology’, vanuit de erkenning van de historische wortels van de eigen traditie en met een bijzondere aandacht voor de toekomst en de nieuwe contexten en vragen van de gereformeerde wereld van vandaag. Het mede-eigenaarschap impliceert in de praktijk dat twee stafmedewerkers van de PThU lid zijn geworden van het managementteam van het IRTI en een belangrijke bijdrage hebben geleverd in de organisatie van de tiende internationale IRTI-conferentie die in de zomer van 2013 in Sárospatak (Hongarije) heeft plaatsgevonden, met ruim vijftig deelnemers uit de Verenigde Staten, Indonesië, Zuid-Korea, het Verenigd

De conferenties georganiseerd met de Zuid-Afrikaanse partnerinstel-

Koninkrijk, Roemenië, Hongarije en Nederland.

lingen uit Pretoria en Stellenbosch maken deel uit van meerjarige onderzoeksprojecten.

3.6 Onderwijsmanagement Het onderwijsmanagement kende in 2013 grote wisselingen. De in

3.5.8 Council for World Mission

september 2012 nieuw benoemde directeur onderwijs legde in februari

In maart van dit jaar heeft de PThU een nieuwe overeenkomst gesloten

2013 zijn taak neer. Tot aan de zomer heeft de rector deze portefeuille

met de Council for World Mission, een wereldwijde gemeenschap van

behartigd, inclusief de voorbereiding voor zowel de beoordeling van de

Christelijke kerken opgericht in 1977 en voortkomend uit de London

opleidingen van de PThU volgens het beperkte als het aanvullende

Missionary Society (1795), de Commonwealth Missionary Society (1836)

kader, waarbij hij werd bijgestaan door de voormalig directeur onderwijs

en de (English) Presbyterian Board of Missions (1847). De Protestantse

en de manager onderwijsondersteuning. Vanaf september 2013 is de

Kerk in Nederland (PKN) is een van de 31 lidkerken.De bijzondere relatie

nieuwe directeur onderwijs ingewerkt en vanaf 31 december 2013

van de PThU als academisch opleidingsinstituut voor predikanten voor

volledig in functie voor 0,3 fte. De externe opleidingscoördinatoren die

de PKN heeft deze voor de universiteit belangrijke samenwerking mede

de transitie naar de nieuwe locaties en programma’s hebben begeleid,

mogelijk gemaakt. Per jaar kunnen in het kader van deze overeenkomst

zijn per 1 december 2013 vervangen door stafleden van de PThU op

vier studenten van CWM-lidkerken de internationale master Verdieping

beide locaties. Zij hebben zich ingewerkt vanaf 1 oktober 2013.

van de PThU volgen. Naast de cofinanciering (50%) van deze masterstu-

Dit alles betekende een jaar van veel overdracht aan taken

denten is CWM tevens bereid gebleken een substantieel deel van de

en verantwoordelijkheden.

studiekosten van twee aan CWM-lidkerken verbonden promovendi te dragen, bij voorkeur in het kader van een double of joint doctorate programma.

36

Jaarstukken 2013


Hoofdstuk 4:

Onderzoek en valorisatie 4.1. Inleiding

werken onderzoekers van de PThU samen met die van de Rijksuniversi-

Voor het beoefenen van de theologische wetenschap, zoals de PThU op

teit Groningen door middel van onderzoekscolloquia en wederzijdse

basis van haar profiel voorstaat, bieden de vestigingsplaatsen

deelname aan conferenties. Met de faculteit Godgeleerdheid van de

Amsterdam en Groningen de geschikte context. Zowel de onderzoeksfa-

Vrije Universiteit werkt de PThU samen in het International Reformed

ciliteiten die de PThU voor haar onderzoekers heeft gecreĂŤerd binnen

Theological Institute, in organisatie en uitvoering van de Graduation

haar eigen vestigingsplaatsen, als de samenwerkingsmogelijkheden met

Week en in wederzijdse deelname aan conferenties.

de faculteit Godgeleerdheid van de Vrije Universiteit respectievelijk de faculteit Godgeleerdheid en Godsdienstwetenschap van de Rijksuniversi-

4.2.2 Relatie onderwijs en onderzoek

teit Groningen, vormen een uitstekende basis om op een degelijke en

De academische opleidingen van de PThU vergen een sterke onderlinge

nieuwsgierige manier theologisch onderzoek te blijven doen.

betrokkenheid van onderwijs en onderzoek. In het komende jaar zal het

In 2013 zijn met name door de rector, tevens voorzitter van de

beleid hieromtrent versterkt worden en nader uitgewerkt. Zo zullen de

Commissie Wetenschapsbeoefening, verschillende verkenningen gedaan

onderwerpen die voor een masterscriptie gekozen kunnen worden,

met betrekking tot de toekomstbestendigheid van de theologie in

strakker gekoppeld worden aan het profiel van de docent-onderzoeker

Nederland. Behalve het tripartite verband met VU en RUG zijn daartoe

die de begeleiding verzorgt. Voorts is met het opleidingsmanagement

voor de PThU ook de banden met andere levensbeschouwelijke universi-

overleg gaande over mogelijkheden om het tweede jaar van de master-

teiten (Theologische Universiteit Kampen en Theologische Universiteit

opleiding, dat een wetenschappelijke verdieping beoogt, meer op het

Apeldoorn) van belang. Het profiel van de PThU - theologisch onder-

onderzoek te betrekken.

zoek naar geloof, kerk en wereldchristendom – is daarbij, ook volgens de laatste visitatiecommissie, een goede keuze. Een van de resultaten

4.2.3 Van kwantiteit naar kwaliteit

van de verkenningen is, dat er nog steeds voldoende capaciteit in Neder-

In het tijdvak 2015-2021 zal het beleid toegespitst worden op het

land is om verantwoord en vernieuwend theologie te bedrijven. Verder is

nieuwe Standaard Evaluatie Protocol (SEP) dat door minister Bussemaker

het juist voor voluit theologisch onderzoek van belang om het voortbe-

in maart 2014 in ontvangst werd genomen. Daarin wordt de aandacht

staan van goed bronnenonderzoek van godsdienstige bronteksten te

verschoven van de nadruk op de aantallen publicaties naar de kwaliteit

waarborgen. De PThU positioneert zich met dit eigen profiel binnen het

van de publicaties. De belangrijkste criteria binnen het vernieuwde

geheel van theologie en religiewetenschap. Aan het einde van 2013

protocol zijn wetenschappelijke kwaliteit, maatschappelijke kwaliteit

werd het voorzitterschap van de Commissie Wetenschapsbeoefening

(valorisatie) en strategische, toekomstgerichte keuzes (viability). Elk van

overgedragen van prof.dr. F.G. Immink aan prof.dr. M.M. Jansen.

deze drie criteria zal op een vierpuntschaal worden beoordeeld, waardoor de grens tussen voldoende en onvoldoende score scherper dan

4.2 Beleid

voorheen (in de vijfpuntsschaal) komt te liggen. Reeds in 2015 zal binnen de PThU een mid term review worden uitgevoerd. Speciale

4.2.1 Samenwerking met partners Juist om het eigen onderzoeksprofiel te behouden en te versterken, blijft

aandacht gaat daarbij uit naar de promotietrajecten en de wetenschappelijke integriteit.

de PThU de samenwerking met de faculteiten in Amsterdam en Groningen zoeken. Door de samenwerking blijft voldoende onderzoeks-

4.2.4 Promovendi opleiding

capaciteit in de theologie voorhanden. Door de fysieke aanwezigheid

Met het oog op bovenstaande zijn reeds in 2013 enige stappen gezet en

van partners wordt de samenwerking gestimuleerd. In de eerste plaats

wordt in 2014 ingezet op flinke voortgang bij de begeleiding en oplei-

gebeurt dat doordat wetenschappers onderling contacten onderhouden

ding van onze promovendi. Daartoe is een begin gemaakt met doorden-

en samenwerken, bij voorbeeld in begeleiding van promoties. Verder

king van en vernieuwingen in de organisatie van de Graduate School.

Protestantse Theologische Universiteit

37


4.2.5 Wetenschappelijke integriteit Bij het verrichten van onderzoek staat wetenschappelijke integriteit

bieden zijn diverse partners uitgenodigd voor de Internationale Conferentie in 2014.

voorop. De PThU is aanhoudend alert op de handhaving van integere wetenschapsbeoefening door op alle niveaus streng te letten op fraude,

4.3 Onderzoeksgroepen: resultaten en evaluatie

in wetenschappelijke producties van aan de PThU verbonden onderzoekers en die van studenten.

SOURCES (programmaleider prof. dr. K. Spronk) Beschikbare onderzoeksformatie:

4.2.6 Prestatieafspraak 2013

2012

Senioronderzoekers

2,60

2,76

Postdoctorale onderzoekers

1,20

1,60

Promovendi

2,49

2,70

Totaal

6,29

7,06

De met de minister gemaakte prestatieafspraak wordt in de jaargesprekken met iedere individuele medewerker doorgenomen. De afspraak betreft ook de aantallen dissertaties die door de PThU worden voortgebracht. Het streefcijfer voor het kalenderjaar 2013 is gehaald. Het is in verband met handhaving van het gemiddeld aantal af te leveren proefschriften echter van het grootste belang via andere kanalen dan het door PThU betaalde promotie-traject nieuwe promovendi aan te

De komst van dr. M.Korpel als universitair hoofddocent Oude Testament

trekken, bij voorbeeld via duaal gefinancieride promotieaanstellingen. In

wordt beschouwd als een versterking van de onderzoeksgroep. Haar

internationaal verband worden verkenningen uitgevoerd naar de moge-

onderzoek is vooral een versterking van het godsdiensthistorische deel

lijkheid van joint doctorate-trajecten, maar verschillende wet- en regel-

van ons werk. Zij vervult (een deel van) de vacatures die waren ontstaan

geving in de daarbij betrokken landen maakt dit tot een weg met obsta-

door het vertrek van dr. D. Erbele-Küster en dr. J.-W. Wesselius.

kels. In alle drie onderzoeksgroepen is het afgelopen jaar sterk en succesvol ingezet op verhoging van de aantallen artikelen in refereed

Onderzoeksbeleid

tijdschriften. Daarnaast zal in het komende jaar nog sterker de nadruk

In het in 2013 gepubliceerde eindverslag van de onderzoeksvisitatie over

liggen op de valorisatie: waar en hoe kan de PThU haar theologische

de jaren 2005-2011 wordt over het programma van de onderzoeks-

kennis herkenbaar als vrucht van onderzoek inzetten op vragen en

groep Sources onder andere opgemerkt dat daarin Bijbelse exegese en

dilemma’s die maatschappelijk en kerkelijk actueel en urgent zijn?

kerkgeschiedenis op een creatieve manier worden gecombineerd. Er is sprake van ‘a very good research unit’. Dat wordt mede gebaseerd op

4.2.7 Ontwikkeling internationaal netwerk

de twee door NWO gefinancierde ‘excellent projects’. Deze beoordeling

De samenwerking met partners in instellingen in de ‘westerse’ wereld is

stemt tevreden en is tegelijkertijd een aansporing om voort te gaan op

intensief doorgegaan op het niveau van individuele onderzoekers en

de ingeslagen weg. Dat vraagt wel denkkracht en doorzettingsver-

krijgt een extra impuls vanuit de voorbereiding van de in 2014 door de

mogen. Interdisciplinair onderzoek vereist zorgvuldige afstemming en

PThU te organiseren internationale conferentie ‘God in the Public

het vermogen om ‘out of the box’ te denken. De genoemde extern

Domain’. Vanuit alle partnerinstellingen zijn deelnemers uitgenodigd

gefinancierde onderzoeksprojecten zijn inmiddels afgerond. Er wordt

naar Amsterdam te komen en velen hebben toegezegd een onderzoeks-

hard gewerkt aan nieuwe voorstellen aansluitend bij het eerdere onder-

bijdrage te leveren.

zoek.

De samenwerking met onze partners in focusgebieden in Azië en Afrika kreeg vorm door bezoeken aan instellingen in diverse landen, door

Internationale samenwerking

gastlezingen van bij voorbeeld Kwabena Asamoah Gyadu en door

In 2013 is vruchtbaar gewerkt binnen de bestaande internationale

samenwerking op het gebied van publicaties. Ook vanuit deze focusge-

netwerken. Voor het onderzoek op het terrein van de relatie tussen

38

Jaarstukken 2013


Jodendom en Christendom zijn de contacten met de Bar Ilan Universiteit

Het aantal publicaties van promovendi met een dienstverband is als

te Ramat Gan en het Schechter Instituut te Jeruzalem van grote waarde.

volgt:

In het kader van het project rondom Byzantijnse manuscripten zijn de

contacten in Griekenland verder uitgebreid en zijn er daarnaast nieuwe

2013

Artikelen (refereed)

contacten gelegd met collega’s in Noorwegen.

2012 1

Artikelen (non-refereed) Boeken

Output Het aantal door de senior- en postdoctorale onderzoekers gerealiseerde

Artikelen in bundels

publicaties is als volgt:

Vakpublicaties Populariserende publicaties

1

Dissertaties

2013

2012

Artikelen (refereed)

2

6

Artikelen (non-refereed)

3

4

2

3

3

4

Overig onderzoek Totaal

Boeken

2

1

Artikelen in bundels

18

11

Dissertaties

0

0

Het is inherent aan het onderzoek van de PThU dat het ook vruchtbaar

Valorisatie

Vakpublicaties

13

3

is voor kerk en samenleving. Het aantal professionele publicaties en

Populariserende publicaties

10

15

publicaties gericht op een breder publiek moet daarom op peil blijven. In

Overig onderzoek

14

21

2013 is dat gelukt. Met name het aantal vakpublicaties is sterk toege-

Totaal

62

61

nomen ten opzichte van 2012. Daar kan aan worden toegevoegd dat veel leden van de onderzoeksgroep hun werk regelmatig presenteren via

Bij onderzoeksvisitatie over de jaren 2005-2011 was vastgesteld dat de

spreekbeurten in den lande.

productie wat achtergebleven was. Dat was vooral te wijten aan het feit dat de twee door het NWO gefinancierde onderzoeksprojecten nog niet voldoende vruchten afgeworpen hadden. In 2013 kon meer geoogst

BELIEFS (programmaleider prof. dr. M.M. Jansen)

worden. In 2014 is de (niet geringe) rest van die productie te

Beschikbare onderzoeksformatie:

verwachten. Dat past in de lijn om meer wetenschappelijke (bij voorkeur refereed) publicaties te produceren. Die lijn zal nog verder doorgetrokken moeten worden. Er is veel energie gestoken in het redactiewerk van enkele belangrijke bundels. Een daarvan betreft een deel in de internationaal hoog aange-

2013

2012

Senioronderzoekers

5,28

5,65

Postdoctorale onderzoekers

0,00

0,00

Promovendi

2,74

3,24

Onderzoekers VEG

0,68

0,68

Totaal

8,70

9,57

slagen serie Semeia. Een ander is de bekroning op het brede samenwerkingsverband rondom de Byzantijnse manuscripten. Verder sieren de

In de loop van het jaar kon mw. dr. H.E. Zorgdrager benoemd worden

bijdragen van een aantal leden van de onderzoeksgroep aan het presti-

tot hoogleraar systematische theologie met bijzonder aandacht voor

gieuze internationale project van The Encyclopedia of the Bible and its

genderstudies. Dr. A. Brüning sprak op 24 januari zijn oratie uit onder de

Reception de lijst.

titel ‘Andere mensenrechten?. De waardigheid van de mens in het

Protestantse Theologische Universiteit

39


perspectief van de Oosters-christelijke theologie’. Dr. H.E. Benjamins

Geconstateerd mag worden dat de onderzoekers een behoorlijke stap

aanvaardde een bijzondere leerstoel aan de RUG vanwege de Vereniging

voorwaarts hebben gemaakt wat betreft het publiceren in gerefereerde

van Vrijzinnige Protestanten (VVP) met een oratie die hij op 10

tijdschriften. Zeker wanneer wij in aanmerking nemen dat de onder-

september uitsprak: ‘Innig godsdienstig en wetenschappelijk,

zoeksformatie kleiner werd (van 9,54 naar 8,32), is het een opvallende

vroomheid en rationaliteit in de vrijzinnige theologie’.

prestatie dat de output groeide, zowel kwalitatief als kwantitatief. Qua aanvragen voor tweede en derde geldstroom moeten aankomend

Versterking overkoepelend onderzoeksbeleid en samenwerking

jaar meer mogelijkheden worden benut. Twee dissertaties konden

In de loop van het jaar 2013 werden drie Beliefsconferenties gehouden.

worden afgerond, waarvan één geschreven door de Amerikaanse

Daarbij werd besloten in de groep Beliefs verschillende werkgroepen tot

missiologe Jane Holslag over de jarenlange intensieve banden tussen

stand te brengen. De werkgroepen gaan, intensiever dan mogelijk is in

Amerikaanse en Oostduitse kerken. De tweede betreft een studie over

de grote Beliefsonderzoeksgroep, samenwerken in onderzoek. Binnen

postkoloniale feministische theologie en werd geschreven door Wietske

die kleinere samenwerkingsverbanden wordt alle wetenschappelijke

de Jong-Kumru. Het aantal publicaties van promovendi met een dienst-

output door de onderzoekers onderling besproken. Daarmee is ingezet

verband is als volgt:

op verdere verhoging van de kwaliteit en kwantiteit van de output. De

groepen concentreren zich op afzonderlijke onderwerpen: postseculari-

Artikelen (refereed)

2

Artikelen (non-refereed)

1

teit, grensoverschrijdingen en theologische ethiek met betrekking tot de menselijke levensloop. In het kader van het conferentiethema God in the

2013

Boeken

Public Domain werd gewerkt aan de totstandkoming van een gezamen-

Artikelen in bundels

1

Vakpublicaties

2

Populariserende publicaties

4

lijk boek van de Beliefsonderzoekers over The Law of God. Daarbij werden ook buitenlandse auteurs uitgenodigd mee te denken en mee te publiceren.

Overig onderzoek

6

Totaal

16

Versterking wetenschappelijke output Het aantal door de senior- en postdoctorale onderzoekers gerealiseerde

De bijzonder hoogleraren zonder dienstverband bij de PThU hebben een

wetenschappelijke publicaties is als volgt:

productief jaar meegemaakt, zoals valt op te maken uit onderstaande tabel:

2013

2012

Artikelen (refereed)

12

8

Artikelen (non-refereed)

11

13

Artikelen (refereed)

1

Boeken

3

4

Artikelen (non-refereed)

3

Artikelen in bundels

19

17

Boeken

Dissertaties

0

1

Artikelen in bundels

4

Vakpublicaties

20

10

Vakpublicaties

3

Populariserende publicaties

30

29

Populariserende publicaties

3

Overig onderzoek

11

12

Overig onderzoek

7

107

94

Totaal

21

Totaal

40

2013

Jaarstukken 2013


Tot slot hebben de onderzoekers van het Seminarium Vrije Evangelische

PRACTICES (programmaleider prof.dr. M. Barnard)

Gemeente (VEG) de volgende output gerealiseerd:

Beschikbare onderzoeksformatie: 2013

2012

Senioronderzoekers

4,85

5,06

Postdoctorale onderzoekers

0,07

0,00

Promovendi

2,69

3,97

Bijzonder hoogleraar

0,20

0,20

Artikelen in bundels

Totaal

7,81

9,23

Vakpublicaties

2

Populariserende publicaties

3

2013 Artikelen (refereed)

Artikelen (non-refereed) Boeken

2

Overig onderzoek

In het verslagjaar werd dr. M.N. Walton benoemd tot bijzonder hoogle-

Totaal

5

raar Geestelijke Verzorging. Dat betekent dat de twee aandachtsgebieden van Practices in Groningen, community en care, nu beide op

Valorisatie

hoogleraarsniveau zijn belegd. In het verslagjaar voltooide Walton een

In de komende jaren zal sterker ingezet worden op de kennisvalorisatie

onderzoek naar hoe cliënten geestelijke verzorging in de psychiatrische

van het onderzoek. Dat wil zeggen dat de onderzoekgroep kennis

zorg zien en interpreteren. De publicatie ervan wordt in het voorjaar van

aanlevert, die zowel door vakgenoten als andere belanghebbenden

2014 verwacht.

benut kan worden. Dat kan in de vorm van publicaties voor een breed

Dr. M.C.M. Klomp trad in dienst als parttime onderzoeker. Haar onder-

publiek – het aantal daarvan is in 2013 ten opzichte van 2012 vrijwel

zoek betreft de theologie van moderne passiemuziek en -uitvoeringen.

gelijk gebleven – mits duidelijk is dat die publicaties op nieuw vergaarde kennis berusten. Het kan ook in de vorm van symposia, cursussen en

Onderzoeksbeleid

dergelijke. In 2014 zullen door de onderzoeksgroep nieuwe initiatieven

De zeer positieve beoordeling van het programma Practices of Faith in

worden ontwikkeld. De leden van de onderzoeksgroep zijn goed verte-

Socio-Cultural Networks door de internationale visitatiecommissie, die in

genwoordigd in het lezingencircuit en bij het aanbod van postacade-

2013 bekend werd gemaakt, betekent een grote stimulans voor de

miale cursussen.

onderzoeksgroep en een bekrachtiging van het in de afgelopen jaren gevoerde beleid. De kwaliteit van het programma wordt ‘rather high

Internationale netwerken

with regard to international recognition of publications as well as resear-

Veel onderzoek vindt plaats in internationale netwerken. In het kader

chers’ genoemd. De reputatie van een aantal hoogleraren wordt

van het Barth-onderzoek kon de samenwerking met partners in de V.S.

geprezen; onder de sleutelpublicaties trof de commissie ‘really innovative

en Duitsland worden gecontinueerd. Daarnaast participeren drie van de

masterpieces’ aan. De commissie geeft aan dat de kwaliteit in de laatste

onderzoekers in een consortium Nederland-Indonesië, dat de internatio-

jaren ‘duidelijk is verbeterd’, en noemt het ‘remarkable that this group

nale bestudering van christen-moslimrelaties ten doel heeft. Met Afri-

has done excellent work on a relatively small basis of full-time resear-

kaanse, Aziatische en Midden-Europese partners is middels conferenties

chers (including a large number of PhD students)’. Tenslotte stelt de

doorgaand contact, terwijl Beliefsonderzoekers op alle niveaus oecume-

commissie vast dat ‘the Practices programme belongs to the top quality

nische contacten onderhouden met kerken en organisaties. Het netwerk

group of practical theological research projects in the Netherlands’. Op

dat hiermee wordt opgebouwd en onderhouden is groot en stevig en

het punt van de productiviteit geeft de commissie de onderzoeksgroep

werd ook bij de visitatie opvallend gemarkeerd in positieve zin.

de aanbeveling mee deze te versterken.

Protestantse Theologische Universiteit

41


Het aantal door de senior- en postdoctorale onderzoekers gerealiseerde

werk in de wijdere wereld doen. Liberale christenen zijn meer geneigd

wetenschappelijke publicaties is als volgt:

seculier vrijwilligerswerk te doen dan fundamentalistische christenen, die hun vrijwilligerswerk eerder op de eigen groep richten.

2013

2012

Artikelen (refereed)

11

14

Artikelen (non-refereed)

5

3

Boeken

1

2

Artikelen in bundels

11

8

Dissertaties

1

0

Vakpublicaties

14

22

Populariserende publicaties

14

21

Overig onderzoek

8

11

Totaal

65

81

Het aantal publicaties van promovendi met een dienstverband is als volgt:

2013

Artikelen (refereed)

Artikelen (non-refereed)

Boeken

Artikelen in bundels Dissertaties

1

Vakpublicaties

In het verslagjaar heeft de wending die op het terrein van de output-

Populariserende publicaties

8

strategie een aantal jaren geleden is ingezet, en waarvan in het vorig

Overig onderzoek Totaal

jaarverslag melding is gemaakt, geleid tot een stabilisatie van de

4 13

research output: het aantal peer reviewed publicaties per fte onderzoek is nagenoeg gelijk gebleven en ligt op 2,07 per fte onderzoek. Dat is

Internationale samenwerking

ruim boven de streefwaarde. Een aantal daarvan is verschenen in zoge-

Internationale samenwerking werd verder uitgebouwd in het Grundtvig-

noemde a-journals als The International Journal of Practical Theology,

project (prof. De Roest), in het kader van institutionele samenwerking

The Journal of Pastoral Care and Counseling en Studia Liturgica. Prac-

door contacten met Pretoria en Stellenbosch in Zuid Afrika, en via het

tices zet zich in om de hoge kwaliteit van haar onderzoek te handhaven

TRIC (Transforming Religious Identities) project waaraan Practices, samen

en zo mogelijk te verbeteren. Het aantal boeken, non-refereed artikelen

met de collegae van onder meer de Vrije Universiteit, participeert. Daar-

en hoofdstukken in bundels bleef dit jaar achter bij de streefwaarde.

naast waren er tal van persoonlijke internationale uitwisselingen en

Prof. De Roest zag zijn initiatief om te komen tot een internationaal peer

kleinere projecten.

reviewed tijdschrift op het terrein van de ecclesiologie, gehonoreerd. In het najaar van 2013 werd Ecclesial Practices. Journal of Ecclesiology and

Valorisatie van kennis

Ethnography gelanceerd tijdens het jaarlijks congres van the American

Telkens ook heeft het te nutte maken van wetenschappelijke kennis de

Academy of Religion, in Baltimore, USA. Het tijdschrift is een uitgave van

aandacht van de onderzoeksgroep, eens te meer omdat dit bij een

Brill, Leiden, en verschijnt per 1 januari 2014. De focus van het journal is

volgende visitatie een belangrijk aandachtspunt zal zijn bij de beoorde-

de verbinding tussen systematische ecclesiologie en kwalitatief empirisch

ling. Binnen de onderzoeksgroep is een belangrijk voorbeeld van valori-

onderzoek.

satie het onderzoek naar kerkmuziek, waarbij hoogwaardig weten-

Bijzonder hoogleraar Joep de Hart redigeerde samen met Paul Dekker en

schappelijk onderzoek en valorisatie hand in hand gaan. De PThU werkt

Loek Halman Religion and Civil Society in Europe,waarin de rol van

op dit veld nauw samen met het Instituut voor Rituele en Liturgische

religie in contemporaine Europese civil societies in beeld wordt gebracht.

Studies (IRILIS, Universiteit van Tilburg). In het verslagjaar verscheen het

De Hart concludeert in zijn eigen hoofdstuk onder meer dat mensen die

voor de protestantse kerken in Nederland belangrijke nieuwe Liedboek:

contacten met andere leden van hun kerkgemeenschap of van hun

Zingen en bidden in huis en kerk, waar verschillende onderzoekers actief

niet-kerkelijk religieuze gemeenschap onderhouden, meer vrijwilligers-

bij betrokken waren.

42

Jaarstukken 2013


De verschijning van het liedboek was voor de Internationale Arbeitsge-

Aantal fte onderzoek per programma (excl. promovendi)

meinschaft für Hymnologie (IAH) aanleiding haar tweejaarlijks congres in de zomer van 2013 in Amsterdam te organiseren, onder de titel Sacred Soundscapes / Klanglandschaft des Heiligen. PThU-wetenschappers leverden bijdragen aan het congres, waaronder drie keynote lezingen. Een ander voorbeeld van kennisvalorisatie is het praktijkonderzoek dat in het kader van het Onderzoekplatform Connecting Churches and

2013

2012

Sources

3,80

4,36

Beliefs

5,28

5,65

Practices

4,92

5,06

14,00

15,07

Totaal

Cultures wordt verricht. In samenwerking met tachtig gemeenten is de thematiek ‘Twintigers/dertigers en hun relatie tot dorps- en wijkge-

Aantal publicaties per fte onderzoek (excl. promovendi)

meente’ onderzocht door middel van focusgroepen, onderzoeksdagen en een survey. Een en ander heeft geresulteerd in een onderzoeksrapport dat veel persaandacht genereerde, en op zijn beurt weer aanleiding gaf tot uitnodiging van onderzoekers voor lezingen. Het rapport, Over berg en dal. Twintigers en dertigers in de Protestantse kerk is te downloaden op de site van de PThU (www.pthu.nl/ccc/). In het kader van hetzelfde onderzoekplatform werd een onderzoek voorbereid onder de titel ‘Krimpende middelen en toch vitaal...’.

2013

Streefwaarde

2012

Aantal wetenschappelijke artikelen tijdschriften refereed

1,79

1,7

1,86

Aantal wetenschappelijke artikelen tijdschriften non-refereed

1,36

2,0

1,33

Aantal wetenschappelijke publicaties: hoofdstukken boeken/ bundels

3,36

4,0

2,39

Aantal wetenschappelijke boeken

0,43

0,5

0,46

Onderzoeksdagen werden georganiseerd in het kader van het Centrum voor Justitiepastoraat en het Onderzoekscentrum Jeugd, Kerk en

Deze gegevens overziende kan worden vastgesteld dat de inspanningen

Cultuur (OJKC).

van het afgelopen jaar hebben geresulteerd in het behalen van de streefwaarde voor het aantal wetenschappelijke artikelen in refereed

4.4 Onderzoeksresultaten en prestatieafspraak

tijdschriften. Voor wat betreft de overige categorieën publicaties is een

Wetenschappelijke output per categorie (excl. promovendi,

licht stijgende lijn waar te nemen, maar deze komt nog niet uit op het

bijzonder hoogleraren en onderzoekers VEG)

niveau van de nagestreefde norm. Deze uitkomst zal de komende tijd met alle wetenschappers worden gedeeld. Het totaal van de output zal

2013

2012

moeten toenemen met behoud van tenminste het reeds bereikte aantal

Aantal wetenschappelijke artikelen tijdschriften refereed

S

B

P

T

S

B

P

T

2

12

11

25

6

8

14

28

Aantal wetenschappelijke artikelen tijdschriften nonrefereed

S

B

P

T

S

B

P

T

3

11

5

19

4

13

3

20

Aantal wetenschappelijke publicaties: hoofdstukken boeken/ bundels Aantal wetenschappelijke boeken

S

B

P

T

S

B

P

T

18

18

11

47

11

17

8

36

S

B

P

T

S

B

P

T

2

3

1

6

1

4

2

7

Protestantse Theologische Universiteit

voor de artikelen in refereed tijdschriften.

43


4.5 Resultaten valorisatie onderzoek en prestatieafspraak

4.7 financiering onderzoek: eerste en overige geldstromen

Valorisatie output per programma (excl. promovendi) Protestantse Theologische Universiteit Aantal beroeps­gerichte publicaties Aantal popula­riserende publicaties

2013

2013

2012

S

B

P

T

S

B

P

T

Funding:

13

20

14

47

3

10

22

35

Direct funding (1)

T

Research grants (2)

1.40

6,6%

65

Contract research (3)

0.00

0,00%

Other (4)

2.55

11,74%

21.71

100,00%

1.865.335

86,69%

S 10

B 30

P 14

T

S

54

B

15

29

P 21

Total funding

Aantal publicaties per fte onderzoek (excl. promovendi)

17.76

81,80%

Expenditure:

2013

Streefwaarde

2012

Aantal beroepsgerichte publicaties

3,36

4,0

2,32

Aantal populariserende publicaties

3,86

5,0

4,31

4.6 Promovendi en promoties In 2013 vonden zes promoties plaats. Hiermee is de streefwaarde van

Personnel costs Other costs

286.490

13,31%

2.151.825

100,00%

Direct funding (1)

4.81

76,59%

Research grants (2)

1.14

18,10%

Contract research (3)

0.00

0,00%

Other (4)

0.33

5,30%

6.28

100,00%

Total expenditure Sources

Funding:

Total funding

vijf promoties per jaar gehaald.

Beliefs

Bij de Graduate School staan op de peildatum 31 december 2013 in

Funding:

totaal 83 promovendi ingeschreven: dertien AIO’s en zeventig buitenpro-

Direct funding (1)

6.84

89,53%

movendi.

Research grants (2)

0.00

0,00%

Contract research (3)

0.00

0,00%

Other (4)

0.80

10,47%

7.64

100,00%

Direct funding (1)

6.11

78,43%

Research grants (2)

0.27

3,41%

Contract research (3)

0.00

0,00%

Other (4)

1.42

18,16%

7.79

100,00%

Total funding Practices

Funding:

Total funding

44

Jaarstukken 2013


De categorieën geldstromen die in bovenstaande tabel zijn opgenomen

Dit leidt op basis van een totaal aantal fte onderzoek van 14,00 fte tot

zijn die welke in het Standard Evaluation Protocol voor onderzoek

0,43 extern project per onderzoeksfte. Daarmee kan worden geconclu-

worden onderscheiden. Onder deze categorieën wordt verstaan:

deerd dat de doelstelling is behaald. Naast het aantal toegekende projecten en beurzen heeft het College

• direct funding: de fte’s onderzoek die vanuit de op basis van de rijksbekostiging verkregen middelen worden gefinancierd; • research grants: de fte’s onderzoek die vanuit de op basis van compe-

van Bestuur een streefwaarde vastgesteld met betrekking tot de inkomsten voor onderzoek uit tweede geldstroomfinanciering voor onderzoeksprojecten vallend onder de categorie ‘research grants’ als percen-

titie door externe organisaties, zoals NWO en KNAW, toegekende

tage van het totaal aantal onderzoeksinkomsten vastgesteld. De

middelen worden gefinancierd;

streefwaarde is 6%. Het voor 2013 geldende percentage is 6,45%.

• contract research: de fte’s onderzoek die op basis van een met een externe organisatie, zoals NWO, KNAW of de Europese Commissie, gesloten onderzoekscontract gefinancierd wordt met de door deze organisatie toegekende financiering; • other: de fte’s onderzoek die worden gefinancierd met middelen verkregen uit gemaakte afspraken met externe partijen, die niet onder de andere categorieën kunnen worden gebracht. In het kader van de prestatieafspraak streeft het bestuur naar een aantal extern toegekende projecten en prijzen van 0,1 per fte onderzoek. In 2013 lopen de volgende zes externe onderzoeksprojecten: Sources • A Jewish Targum in a Christian World, gefinancierd door NWO • The Construction of a Catalogue of Byzantine Manuscripts, gefinancierd door NWO Practices • Onderzoeksproject drs. R. van Waarde, gefinancierd door het Kor Schippers Instituut • Onderzoeksproject drs. J. Gelderloos-Commandeur, gefinancierd door de Maatschappij van Welstand • Onderzoeksproject drs. J. Hage, gefinancierd door het Luthers Diakonessenhuis Fonds • Onderzoeksproject drs. P.M. Sonnenberg, gefinancierd vanuit het Brandenburgfonds

Protestantse Theologische Universiteit

45


Hoofdstuk 5:

Studenten 5.1 Instroom en aantallen studenten in de bacheloropleidingen

twaalftal zich inmiddels heeft overgeschreven naar de bachelor Theologie joint degree in Amsterdam. De deeltijdvariant betreft een specifieke route voor studenten die

Instroomcijfers bacheloropleiding Theologie Joint Degree Peildatum 01-10-13 Amsterdam

instromen na het behalen van een hbo bachelordiploma. Deze route is sinds 2011 in afbouw. Studenten instromend met een hbo bachelordi-

Cohort

Voltijd

Deeltijd

Afstand

Totaal

2012-2013

38

6

2

46

PThU leidt. Werving van studenten voor de bachelor (én master) oplei-

2013-2014

32

8

0

40

dingen is in 2012-2013 verwoord als een speerpunt van beleid. Dit

ploma volgen een premastertraject dat niet tot een diploma van de

beleid vraagt nog om nadere verfijning en afstemming in de samenwerIn 2011-2012 is de opleiding bachelor Klassiek verplaatst van Kampen

kingsverbanden van de PThU. De belangrijkste doelgroep, voltijdstu-

naar Amsterdam en voor de duur van één jaar in een vernieuwde opzet

denten die vanaf het vwo of hbo komen, is niet gemakkelijk te bereiken

als parallele bachelor met de VU aangeboden. Per september 2013 is de

voor klassieke theologie. De PThU heeft in 2013 besloten voor de

opleiding gestart als bachelor theologie Joint Degree van PThU en VU

bacheloropleidingen van beide vestigingen afzonderlijk te werven door

Godgeleerdheid samen. Studenten kunnen zich bij één van beide instel-

nauwer aan te sluiten bij de campagnes van de partnerinstellingen ter

lingen inschrijven voor deze bachelor, maar in de instroomcijfers van de

plaatse. Zo heeft de PThU aan kunnen sluiten bij een succesvolle

samenwerkende instellingen worden alle studenten van deze opleiding

campagne door de Rijksuniversiteit Groningen in 2013 gevoerd, waarin

aan elk van de instellingen toegerekend. Laten we de niet meer instro-

middelbare scholieren geworven werden voor de theologie en religiewe-

mende afstandsstudenten buiten beschouwing, dan toont bovenstaande

tenschap door hen te laten kennismaken met een programma rond de

tabel vrijwel een stabilisering van het aantal instroomstudenten aan ten

tentoonstelling van de Dode Zeerollen in Assen. Potentiële studenten

opzichte van het voorgaande jaar. Dat is geen gering resultaat gezien

kregen daarbij zowel informatie over het RUG studieprogramma als over

alle veranderingen van de afgelopen jaren.

de PThU route daarbinnen. De VU heeft specifieke voorlichtingsdagen gehouden waarin de PThU participeert.

Bacheloropleiding Theologie Klassiek (50021) in afbouw Bacheloropleiding Theologie Joint Degree (55004) Amsterdam

5.2 Aantallen studenten en instroom in de masteropleidingen

Voltijd, Deeltijd en Afstand* Peildatum 1 oktober 2013 Studiejaar

Totaal

Voltijd

Deeltijd

Afstand (50021)

2012-2013

121

62

12

47

2013-2014

113

73

16

24

* De mogelijkheid de bacheloropleiding op afstandsbasis te volgen stond uitsluitend open voor studenten die bij aanvang van hun programma van de in afbouw verkerende bacheloropleiding Theologie Klassiek (50021) op basis van deze onderwijsvorm hun opleiding volgden.

Op de peildatum heeft de PThU totaal 113 studenten ingeschreven in de bacheloropleidingen. Een deel hiervan bestaat uit afstandsstudenten van de LOI opleiding die in afbouwfase verkeert. Deze groep wordt dus steeds kleiner.Vandaar dat een daling kan worden vastgesteld in het totaal aantal ingeschrevenen. Van de voltijd- en deeltijd studenten behoort een deel tot de oude opleiding van Kampen, waarbij een

46

Instroom studenten masteropleidingen Instroomcijfers masteropleidingen

2013-2014 (1-10-13)

2012-2013 (01-10-12)

Opleiding

Voltijd

Deeltijd

Afstand

Totaal

Voltijd

‘Verdieping’ Groningen (60264)

10

1

3

14

11

‘Predikantschap’ Groningen (60261)

2

0

0

2

3

‘Geestelijke verzorging’ Groningen (60262)

0

0

0

0

‘Gemeentepredikant’ Amsterdam (66122)

22

7

0

Totaal

34

8

3

Deeltijd

Afstand

Totaal

7

18

-

-

3

4

-

-

4

29

15

18

-

33

45

33

18

7

58

Jaarstukken 2013


Bovenstaande tabel toont dat de instroom in september 2013 enigszins

master Gemeentepredikant te Amsterdam tot dusverre de meeste

achterbleef bij die van 2012. Dit komt vooral door het uitblijven van

studenten trekt, ook al omdat de studenten uit de (oude) bachelors van

instroom in de master Geestelijke Verzorging en Predikantschap in

Utrecht en Leiden daar instromen.

Groningen. Dat hangt samen met het feit dat er nog geen instroom

Evenals voor de bacheloropleidingen blijft werving van studenten voor

vanuit de bachelor aldaar is, aangezien het PThU traject in de driejarige

de masteropleidingen een speerpunt van beleid voor de PThU. De zoge-

bacheloropleiding van de Rijksuniversiteit Groningen nu voor het tweede

naamde ‘harde knip’ tussen bachelor en master krijgt zozeer zijn beslag

jaar aangeboden wordt. Op termijn verwacht de PThU meer studenten

dat instroom in de masteropleiding op dezelfde locatie als waar de

via deze bacheloropleiding te werven. De master Verdieping in

bacheloropleiding is afgerond zeker niet vanzelfsprekend is. Dit is reden

Groningen kent een stabiele instroom en de instroom voor de master

om op beide locaties specifiek voor het eigen karakter en de universi-

Predikantsopleiding Amsterdam toont een verheugende stijging, hoewel

taire inbedding van de masteropleidingen te werven.

daarbij de geringe instroom in de deeltijdopleiding opvalt. Vooruitzichten van relatief hoge instellingscollegegelden en de langstudeerders-

5.3 Vooropleidingen

maatregel, die gedurende de inschrijfperiode voor de opleidingen per studiejaar 2012-2013 nog volop actueel was, zijn hier waarschijnlijk

5.3.1 Type vooropleiding instroom bacheloropleiding

debet aan. Dit vormt voor de PThU aanleiding om extra in te zetten op 2013-2014

2012-2013

2011-2012

Percentage

Percentage

Percentage

VWO

40

32

25

HBO

33

39

55

WO

17

17

15

een studeerbaar programma wat ook in tijd te overzien valt (4,5 jaar i.p.v. de voltijd van drie jaar) en het zoeken naar mogelijkheden van fondswerving. Tevens zal ingespeeld moeten worden op de toekomstige wettelijke positie van de deeltijdopleiding, waarover in het jaar 2014 meer duidelijkheid zal komen. Totaal aantal ingeschreven studenten masteropleidingen PThU Totaal aantal masterstudenten

2013-2014 (30-9-2013)

Opleiding Voltijd

Deeltijd

Afstand

2012-2013 (30-09-2012)

Totaal Voltijd

Deeltijd

Afstand

Totaal

Buitenlands HO

0

2

0

Beschikking College van Bestuur

10

10

5

Totaal

100

100

100

Het aantal van de nieuwe bachelorstudenten dat instroomt met een vwo-diploma, stijgt al enkele jaren. Het betekent echter nauwelijks een stijging van het aantal studenten dat sufficiënt is voor Grieks.

‘Verdieping’ Kampen/ Groningen

10

7

11

28

9

5

6

20

‘Predikantschap’ Kampen/ Groningen

28

1

0

29

27

9

1

37

‘Geestelijke verzorging’ Kampen/ Groningen

9

0

0

9

15

2

-

17

‘Gemeentepredikant’Utrecht/ Leiden/ Amsterdam

73

72

0

145

74

62

-

136

120

80

11

211

125

78

7

210

Totaal

Type vooropleiding

Het aantal studenten met instroom vanuit het hbo daalt daarentegen al enkele jaren. Dit hangt samen met de hoge kosten die voor studenten met reeds een behaald bachelordiploma aan een inschrijving voor een bachelordiploma verbonden zijn en met de zwaarte van premasterpakketten. De PThU streeft ernaar de afstemming met de hogescholen Windesheim en Ede opnieuw vorm te geven om doorstroom te optimaliseren. Het percentage studenten dat al een wo bachelor, master of doctoraalexamen heeft gedaan in een andere studierichting, is min of meer stabiel. Voor deze studenten wordt een nieuwe en meer efficiënte

Het totaal aantal studenten van de masteropleidingen die de PThU

premaster-route ontwikkeld, waardoor minder tijdsverlies ontstaat,

aanbiedt is in studiejaar 2013-2014 gestabiliseerd ten opzichte van het

waardoor deze studenten sneller in de master kunnen instromen en het

voorafgaande studiejaar. In bovenstaande tabel is goed te zien dat de

aantrekkelijker voor hen wordt om de studie theologie te gaan volgen.

Protestantse Theologische Universiteit

47


5.3.2 Type vooropleiding instroom masteropleidingen

5.4.2 Leeftijdsopbouw van het totaal aantal studenten Â

Percentage

2013-2014

2012-2013

2011-2012

Leeftijdsopb. totaal < 25

96

29%

Percentage

percentage

Percentage

25 - 34

94

29%

Hbo

2

31

10

35 - 44

54

17%

Wo

78

54

73

45 - 54

52

16%

Buitenlands HO

20

12

17

55 - 64

22

7%

> 64

6

2%

324

100%

Type vooropleiding

Beschikking College van Bestuur

0

3

0

100

100

100

totaal

Totaal

De instroom in de masteropleidingen bestaat in 2013-2014 voor 78%

De leeftijdsverdeling van de nieuwe instroom in 2012-2013 wijkt enigs-

(vorig jaar 54%) uit studenten met een wo-diploma. Dit is een verheu-

zins af van de voorgaande jaren. Een toename van jongere studenten

gende trend en conform het ingezette wervingsbeleid. Van de nieuwe

valt op en is in lijn met de instroom vanuit het wo. Wat de totale studen-

masterstudenten heeft slechts 2% een hbo-diploma theologie, gevolgd

tenpopulatie betreft, valt 58% in de leeftijdscategorie tot 34 jaar.

door een premastertraject. Dit percentage is een aanzienlijke daling ten

De stijging van het relatieve aandeel studenten tot 35 jaar gaat gepaard

opzichte van studiejaar 2012-2013. Deze beide trends geven hetzelfde

met een stijging van de totale instroom ten opzichte van studiejaar

beeld als de instroom in de bacheloropleiding.

2011-2012 (van 79 naar 101). De toename van de totale instroom kan

Het aantal studenten met een buitenlands ho-diploma is 20% (vorig jaar

niet alleen worden toegerekend aan een groeiende groep studenten tot

12%). Dit betreft studenten uit de internationale master Verdieping,

35 jaar die is ingestroomd. Opvallend is de stijging van instroom in de

waarvoor de belangstelling ieder jaar onverminderd groot is en strenge

categorie 45-54 jaar.

selectie moet worden toegepast voor het beschikbaar aantal studiebeurzen. De PThU streeft ernaar hier ook meer getalenteerde studenten te werven die zelf hun studie kunnen bekostigen.

5.4.3 Kerkelijke gezindte Het aandeel studenten dat lid is van de Protestantse Kerk in Nederland was in studiejaar 2012-2013 54%. Dit percentage daalt al enkele jaren,

5.4 Kenmerken studentenpopulatie in bachelor en masteropleidingen

maar dat hangt samen met een groter aandeel studenten in de bachelor Joint Degree dat bij hun registratie aan de VU niet gevraagd wordt naar kerkelijke gezindte. De Vrije Universiteit hanteert bij de centrale inschrij-

5.4.1 Leeftijdsopbouw instromende studenten

ving namelijk het beleid dat dit buiten beschouwing blijft. Deze

masteropleidingen

studenten komen terecht in de categorie: â&#x20AC;&#x2DC;onbekendâ&#x20AC;&#x2122;.

2013-2014

2012-2013

2011-2012

Leeftijd

Totaal

Percentage

Totaal

percentage

Totaal

Percentage

tot 25 jaar

38

45%

39

39%

29

37%

25-34 jaar

22

26%

31

30%

29

37%

35-44 jaar

9

11%

16

16%

14

18%

45-54 jaar

11

12%

11

11%

5

6%

55-64 jaar

3

4%

4

4%

2

3%

>64 jaar

2

2%

0

0%

0%

0%

Totaal

85

100%

101

100%

79

100%

48

Jaarstukken 2013


5.4.4 Geslacht Verdeling studenten naar geslacht Totaal

Â

Â

M

V

324

200

124

100%

62%

38%

Ofschoon de Protestantse kerk in Nederland als kerkgenootschap zowel mannen als vrouwen toelaat tot het ambt van predikant, zijn er lokale gemeenten die geen vrouwen in het ambt beroepen. Dat neemt niet weg dat het aantal vrouwelijke studenten toeneemt. Op dit moment is het aandeel vrouwelijke studenten 38%.

Protestantse Theologische Universiteit

49


Hoofdstuk 6:

Personeel 6.1 Human Resources Management

In 2013 zijn er vier vacatures gesteld en ingevuld. Het betrof de

Het verslagjaar stond in het teken van het ontwikkelen van HRM-beleid.

volgende functies:

Er is een meerjaren personeelsbeleidsplan geschreven in aansluiting op

• hoogleraar Interculturele Theologie, vestiging Groningen

het instellingsbeleid. Dit beleidsplan vormt voor de komende jaren het

• universitair hoofddocent Oude Testament, vestiging Amsterdam

kader van HRM activiteiten.

• directeur bedrijfsvoering • functioneel beheerder / ICT

Met het oog op de verdergaande docentprofessionalisering is in 2013 in overleg met het Onderwijscentrum van de Vrije Universiteit een BKO

6.2 Formatie

opleidingstraject ontwikkeld voor het huidige docentencorps. Het traject is ontwikkeld met het oog op verbetering van de kwaliteit van de

In dienst en uit dienst gedurende kalenderjaar 2013:

docenten, zoals opgenomen in de prestatieafspraak met het ministerie. Wetenschappelijk personeel (excl. Student-assistenten

In 2013 is tevens de uitvoering van dit traject gestart. Het traject loopt door tot in 2014. Naast het opleiden van docenten door het laten

catie onderwijs (SKO). Evenals ten aanzien van de aantallen docenten

Totaal

Fte

aantal

Fte

aantal

Fte

In dienst getreden

4,20

6

1,40

2

5,60

8

Uit dienst

11,06

13

1,80

3

12,86

16

volgen van een traject met het oog op een basiskwalificatie, is er ook een opleidingsplan opgesteld voor het bereiken van een senior kwalifi-

Ondersteunend en beheerspersoneel

aantal

met een te behalen basiskwalificatie is een streefcijfer voor docenten met een seniorkwalificatie vastgesteld. De bedoeling is dat in 2016 een

6.3 Promovendi

viertal docenten over deze kwalificatie beschikken. De omvang van de formatie promovendi was op de peildatum 31 In het licht van het internationaliseringsbeleid is besloten na afronding

december 2013 9,2 fte. De optelsom van de bezetting per programma

van het opleidingstraject voor de basiskwalificatie onderwijs een oplei-

en per vestiging wordt vergeleken met de totalen van de jaren 2012,

ding in beheersing van de Engelse taal voor de wetenschappelijke staf te

2011 en 2010.

organiseren. Voorzien wordt dat dit traject in studiejaar 2014-2015 van start kan gaan. Daartoe zal van het aanbod van de Rijksuniversiteit Groningen gebruik worden gemaakt. Er is – in samenwerking tussen college van bestuur, universiteitsraad, afdeling HR en een extern bureau – een medewerkeronderzoek ontwikkeld en uitgevoerd. De resultaten, die eind 2013 beschikbaar kwamen, waren in het algemeen positief. In 2014 zal een vervolg worden gegeven aan het omzetten van de cijfermatige resultaten in betekenisgeving en actieplannen.

Promovendi (fte)

2013

2012

2011

2010

3,6

2,6

Amsterdam Sources

0

0,8

Practices

2,5

2,0

Beliefs

2,6

2,1

Groningen Sources

1,8

2,8

Practices

1,3

2,5

Beliefs

1,0

1,0

1,8

3,6

Totaal Sources

50

Beliefs

3,6

3,1

5,5

5,5

Practices

3,8

4,5

7,3

9,6

9,2

11,2

16,4

17,7

Jaarstukken 2013


6.4 Werkloosheidsuitkeringen en WIA

teerde verzuim in 2013 niet meer aan de orde was. Anderzijds had de

De werkloosheidsuitkeringen en de bovenwettelijke uitkeringen worden

PThU te kampen met een aantal langdurige verzuimsituaties (deels

ten laste gebracht van de universiteit. In 2013 hebben zeventien

werk- en deels niet werkgerelateerd) die begin 2013 zijn opgelost.

personen een beroep gedaan op deze uitkering, waarmee een bedrag van € 222.433,26 is gemoeid. Hiervan komt € 120.517,13 ten laste van

Ziekteverzuim (exclusief zwangerschapverlof):

de voorziening wachtgeld (tien personen) en € 101.916,13 ten laste van 2013

2012

2011(inclusief zwangerschapsverlof)

Ziekteverzuim­ percentage personeel

3,93 %

6,9%

5,36%

Ziekteverzuim­ percentage WP

2,69%

5,9 %

4,27%

Ziekteverzuim­ percentage OBP

6,66%

9,8%

9,21%

0,84

1

<1

de voorziening Reorganisatie (zeven personen). Dit aantal is een direct gevolg van de reorganisatie en het daaraan verbonden sociaal plan. In 2013 is er één nieuwe medewerker van de PThU die in aanmerking kwam voor een WIA/WGA uitkering. Deze persoon is gedeeltelijk aan het werk gebleven bij de PThU.

6.5 Personele voorzieningen

Gemiddelde verzuimfrequentie

De CAO VSNU biedt medewerkers de gelegenheid om bronnen (geld en/of vakantiedagen) in te zetten voor andere arbeidsvoorwaarden (in de CAO doelen genoemd). Deze doelen zijn o.a. extra vakantiedagen,

6.7 Personeelsbezetting 2013

extra salaris, extra pensioen, het fietsplan en verlofsparen. In 2013

Op 31 december 2013 bedroeg de personeelsbezetting 69,42 fte.

maakten in totaal achttien medewerkers gebruik van deze mogelijkheid.

De optelsom van de bezetting per programma en per vestiging wordt vergeleken met de totalen van de jaren 2012, 2011 en 2010.

Vakbondscontributie : vijf personen Fietsplan Verlofsparen

2013

: één persoon Amsterdam

: twaalf personen

In 2013 heeft geen van de medewerkers gebruik gemaakt van de mogelijkheid van ouderschapsverlof. Eén persoon ging met zwangerschapsverlof. In verband met de reorganisatie en het daarbij horende sociaal plan zijn aparte voorzieningen opgenomen voor werkloosheidsuitkeringen en bovenwettelijke uitkeringen, vergoedingen woon-werk verkeer, outplacement begeleiding en ontslagvergoedingen. De hoogte van de

Groningen

Totaal

2012

2011

2010

Totaal

Totaal

Totaal

Hoogleraren

7,10

4,40

11,5

12,60

14,60

14,80

U(H)D

10,30

8,10

18,4

20,80

21,40

21,60

Onderzoekers

2,00

0

2,00

2,60

2,00

3,15

Docenten

3,25

1,20

4,45

6,21

6,47

6,70

Promovendi

5,10

4,10

9,20

11,20

16,40

17,70

SA

0,55

1,13

1,68

1,68

2,85

2,60

Overig WP

1,00

0

1,00

0,50

0,20

1,20

OBP

17,74

3,45

21,19

22,75

28,15

29,35

Totaal

47,04

22,38

69,42

78,34

92,07

97,10

onttrekkingen daaruit wordt verantwoord in de jaarrekening.

6.8 Docentkwaliteit 6.6 Arbo

Binnen de reeks van streefdoelen in het kader van de prestatieafspraak

De werkplekken op de locaties Amsterdam en Groningen zijn arbo-

vormt de docentkwaliteit een speerpunt. Op peildatum december 2013

technisch gefaciliteerd met in hoogte verstelbare bureaus en

zijn er twaalf docenten (31%) die een BKO (Basis Kwalificatie Onderwijs)

bureaustoelen. Het verzuim is in 2013 behoorlijk gedaald ten opzicht

certificaat bezitten.

van 2012. Enerzijds komt dit omdat het aan de reorganisatie gerela-

Protestantse Theologische Universiteit

51


Van de docenten volgt 59% momenteel het BKO opleidingsprogramma;

Ondersteunend personeel

10% van het WP heeft dispensatie voor de opleiding (in verband met het spoedig bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd). Het streefcijfer volgens de prestatieafspraak is 75%. Verwacht wordt dat dit cijfer in 2016 wordt gehaald. Er zijn ook prestatie afspraken gemaakt ten aanzien van de SKO (een senior kwalificatie onderwijs). In 2012 bezit één UHD deze kwalificatie. De PThU wil toe naar een situatie dat een viertal leden van de wetenschappelijke staf over een SKO certificaat beschikt. In 2013 is

Leeftijd

OBP

<25 jaar

0

25-34 jaar

5

35-44 jaar

9

45-54 jaar

10

55+ jaar

5

Totaal

29

hiertoe beleid gemaakt en in 2014 zullen opleidingstrajecten worden begonnen. BKO heeft in 2013 prioriteit gehad. Het voldoende beheersen

Ten aanzien van het wetenschappelijk personeel valt op dat categorie

van de Engelse taal is ook een indicator voor de onderwijskwaliteit; zeker

55+ hoog scoort. Deze percentages maken duidelijk dat in de komende

gezien de Engelstalige master van de PThU. In 2013 is hiertoe een plan

tien jaar een groot deel van de wetenschappelijke staf zal uitstromen in

van aanpak en een begroting opgesteld en beiden zijn goedgekeurd door

verband met emeritaat. Bij de ontwikkeling van het HRM-beleid voor de

het College van Bestuur. In september 2014 zal hieraan uitvoering worden

komende jaren en bij de uitvoering van het wervingsbeleid zal een meer

gegeven, na de afronding van het BKO traject. Een tenure track is in 2013

evenwichtige verdeling van de leeftijdsopbouw van de wetenschappe-

omgezet in een positie van hoogleraar.

lijke staf inzet zijn. Naast verjonging als speerpunt, heeft de PThU zich ook ten doel gesteld de man-vrouw verhouding meer in evenwicht te

6.9 Leeftijdopbouw

krijgen en de diversiteit in geloofsrichtingen breed te houden.

De leeftijdsopbouw van het personeel zag er per 31 december 2013 als volgt uit: Wetenschappelijk personeel Leeftijd

Hoog­ leraar

UHD

UD

Docent

Onderzoeker

Totaal

25-34 jaar

-

-

35-44 jaar

-

-

-

-

2

2

4

1

-

45-54 jaar

5

-

6

5

1

-

12

55+

11

2

10

4

2

29

Totaal

16

2

20

6

4

48

Promovendi en studentassistenten

52

Leeftijd

Promovendus

Student-assistent

Totaal

<25 jaar

1

4

4

25-34 jaar

8

4

12

35-44 jaar

3

-

3

45-54 jaar

1

-

1

Totaal

13

8

20

Jaarstukken 2013


Hoofdstuk 7:

Bibliotheek en Archief 7.1 Inleiding

verwijderd, die niet meer relevant zijn voor het onderwijs en onderzoek

De eerste helft van 2013 stond naast de gewone dagelijkse werkzaam-

aan de PThU en/of aanwezig zijn in de bibliotheken van VU en RUG.

heden vooral in het teken van het verder inrichten en aanpassen van de

Uitgangspunt tijdens de deselectie was dat van elke te saneren titel in

studiezaalcollecties, het optimaliseren van de dienstverlening aan mede-

ieder geval één exemplaar in een Nederlandse bibliotheek voorhanden

werkers en studenten en het afstemmen van de samenwerkingen met

was.

de bibliotheken van VU en RUG. Tot september 2013 werd voortvarend gewerkt aan enerzijds het omwerken van de studiezaalcollecties op

De af te stoten boeken en tijdschriften kregen een goede bestemming.

beide vestigingen en anderzijds aan het omvangrijke deselectie-project

Met de Stichting Library Development Indonesia werd overeenstemming

op de tijdelijke opslaglocatie bij Hulshoff archiefbeheer in Almere.

bereikt om voor een bedrag van € 6.000,- de overtollige delen van de

Eind augustus waren beide werkzaamheden grotendeels afgerond.

PThU-collectie over te nemen. De stichting distribueert vooral Engelsta-

Op 5 september 2013 werd officieel afscheid genomen van de vier

lige literatuur naar particuliere instellingen voor (theologisch) weten-

tijdelijke projectmedewerkers mw. B. Oortwijn (Amsterdam), mw. J.G.

schappelijk onderwijs in Indonesië. De overige boeken komen via andere

König (Groningen), R.C.R. Boermeester (Almere) en E.V. van den Broek

kanalen terecht in o.a. Suriname en een aantal Afrikaanse landen.

(Almere). De PThU is verheugd over de samenwerking met deze Stichting, omdat

7.2 Collectie

deze aansluit bij de jarenlange internationale contacten, die de PThU heeft met theologische opleidingen in o.a. Azië en Afrika.

Omvang van de bibliotheekcollectie PThU op 31 december 2013: De collectie oude drukken, negentiende-eeuwse handschriften en 2013

2012

Verschil ten opzichte van 2012

Boektitels

102.517

138.523

-36.006

Banden

176.687

213.259

-36.572

Tijdschrifttitels

2.940

3.031

-91

Banden

26.700

31.183

-4.483

Lopende abonnementen

262 (*)

262

0

bijzondere werken van de PThU kreeg een vaste plek in het depot van de afdeling Bijzondere collecties van de VU-bibliotheek. Dit beveiligde depot is voorzien van goede klimaatbeheersing. De PThU-collectie heeft een omvang van circa drieduizend banden. Kosten bibliotheek PThU in 2013 (in €):

(*) waarvan 28 volledig elektronisch Een deel van de bibliotheekcollectie is gehuisvest op beide studiezalen van de PThU te Amsterdam en Groningen. Het betreft vooral naslagwerken, woordenboeken, commentaren en recent verschenen wetenschappelijke literatuur. Het totaal aantal titels op beide studiezalen bedraagt ca. 18.000. De omvang van de collectie is in 2013 fors afgenomen. Het in september 2012 gestarte project van deselectie op de tijdelijke opslaglo-

Aanschaf boeken, tijdschriften en elektronische bestanden

2013

2012

97.506

104.078

Bindwerk

28

5.642

Overige kosten

3.189

3.556

Overhead kosten Utrecht

-

4.380

Aanschaf boeken en tijdschriften seminarium Doorn

-

1.288

Aanschaf boeken en tijdschriften Utrecht / Leiden

-

0

Totaal

100.723

118.944

catie Almere werd onverminderd voortgezet en eind augustus 2013 grotendeels afgerond. Tijdens dit project werden titels uit de collectie

Protestantse Theologische Universiteit

53


De bijdragen aan de bibliotheekvoorzieningen in Utrecht, Leiden en

Op dagen waarop veel colleges worden gegeven is – zeker op de vesti-

Seminarium Doorn zijn met ingang van 2013 volledig komen te

ging Amsterdam - sprake van krapte. Ook theologiestudenten van VU

vervallen. De kosten voor toegang tot de elektronische bestanden van

en RUG studeren graag en veel bij de PThU. Aangezien de studiezaal in

de bibliotheken van VU en RUG en de huur van depotruimte bij deze

Amsterdam een open karakter heeft, veroorzaakt een drukke bezetting

instellingen zijn niet meegenomen in het bibliotheekbudget, maar vallen

van personeel en studenten enig rumoer in de nabijheid van de studie-

onder andere posten voor het afnemen van faciliteiten bij VU en RUG.

zaal, dat het studieklimaat negatief kan beïnvloeden. De studiezalen

Dat geldt ook voor de huur van de tijdelijke opslaglocatie bij Hulshoff

kennen ruime openingstijden. Met een speciale toegangspas kunnen

archiefbeheer in Almere.

studenten ook buiten de reguliere kantooruren gebruik maken van de

In afwachting van herziening van het beleid met betrekking tot het

studiezalen.

inbinden van tijdschriften is in 2013 het budget voor bindwerk slechts in

Door technische problemen konden de digitale bestanden, waarop de

geringe mate benut.

bibliotheek zelf geabonneerd is, niet optimaal geraadpleegd worden. In samenspraak met de leverancier zijn deze problemen eind 2013 opge-

7.3 Dienstverlening

lost. Het aantal bij andere bibliotheken aangevraagde boeken daalt, omdat

Dienstverlening bibliotheek PThU 2013

medewerkers en studenten in toenemende mate gebruik maken van de bibliotheken van VU en RUG. De medewerkers van de PThU-bibliotheek 2013

2012

verwijzen regelmatig door naar de uitleenfaciliteiten van VU en RUG.

Aantal uitgeleende titels

3.079

4.619

Ook de bibliotheekmedewerkers van VU en RUG attenderen hun gebrui-

Aantal verlengingen uitgeleende titels

10.819

12.968

Aantal zoekacties digitale bestanden

1.056

3.678

Aantal artikelen in elektronische vorm geraadpleegd

340

1.594

Aantal ingediende aanvragen bij andere bibliotheken

199

257

Aantal gehonoreerde aanvragen van PThU door andere bibliotheken

173

229

Aantal aanvragen door andere bibliotheken

219

40

Aantal gehonoreerde aanvragen van andere bibliotheken door PThU

169

24

kers op de collecties van de PThU. De goede samenwerking met de bibliotheken van VU en RUG versterkt de bekendheid met en het gebruik van elkaars (digitale) collecties. Noemenswaardig is de samenwerking, die tot stand is gekomen met de afdeling Bijzondere Collecties van de VU-bibliotheek. Niet alleen is de PThU-collectie in het depot van deze afdeling ondergebracht, ook vindt in voorkomende gevallen het ter inzage geven van oude drukken plaats via de studiezaal Bijzondere Collecties. In september 2013 vond in Groningen ten behoeve van de groep buitenlandse studenten een ‘library introduction’ programma plaatst. Naast uitleg en instructie over het gebruik van de eigen bibliotheekfaciliteiten stond ook een bezoek aan de bibliotheek van de RUG op het

Het aantal uitleningen daalde in 2013. Het afstoten van een omvangrijk

programma.

deel van de collectie is daar mede debet aan. Daarnaast pakken medewerkers en studenten zelf veelvuldig boeken uit de kasten op de studie-

7.4 Externe contacten

zalen om voor korte of langere tijd te gebruiken op de werk- of studie-

In 2013 heeft regelmatig overleg plaatsgevonden met directie en mede-

plek. Deze uitleningen worden niet geregistreerd en komen voort het de

werkers van de bibliotheken van VU en RUG. Met de VU werd, naast

functie van handbibliotheek, die de beide studiezalen eveneens hebben.

lopende zaken voortkomend uit de samenwerkingsovereenkomst,

Het gebruik van de studieplekken op beide studiezalen is in 2013 fors

gesproken over het huren van extra depotruimte. Met de collectiespecia-

toegenomen. Vrijwel dagelijks zijn alle beschikbare studieplekken bezet.

listen van de VU is overleg gevoerd over het zo optimaal mogelijk

54

Jaarstukken 2013


afstemmen van elkaars abonnementen op tijdschriften en seriewerken.

van het project zal in 2014 plaatsvinden.

Met de RUG is het afstemmen en het factureren van diensten voor-

Het in bruikleen geven van een zestal schilderijen en antiek meubilair

vloeiend uit de samenwerkingsovereenkomst onderwerp van gesprek

aan het Gemeentearchief Kampen is uitgesteld. Vertraging in de

geweest. Het hoofd van de bibliotheek is oktober 2013 om advies

verbouw van de Van Heutszkazerne, waarin het gemeentearchief

gevraagd in verband met de verplaatsing en het voor mogelijk onder-

onderdak krijgt, is daar debet aan. De in 2013 opgerichte Stichting

zoek benutten van een bij de RUG aanwezige bruikleencollectie.

Gereformeerd Erfgoed Kampen heeft contact gezocht met PThU en

Per 1 september 2013 is samenwerking met de bibliotheek van de Theo-

gemeentearchief voor nauwe samenwerking ten aanzien van de zorg

logische Universiteit Kampen (TU Kampen), die de Kamper PThU-

voor bruikleencollecties.

studenten tot die datum faciliteiten bood, beëindigd. Op andere

Voor wat betreft de verwerving van archieven stelt de PThU zich afhou-

terreinen, zoals digitalisering, blijven beide bibliotheken – weliswaar op

dend op. Incidenteel wordt een archief aangeboden. In voorkomende

afstand – samenwerken.

gevallen is doorverwezen naar het Historisch Documentatiecentrum van

De bibliotheken van PThU en TU Kampen ontmoeten elkaar daarnaast in

de VU.

de halfjaarlijkse vergaderingen van de Vereniging voor het Theologisch

Najaar 2013 verscheen in The Bavinck Review, vol. 4 (2013) 94-102 een

Bibliothecariaat (VThB) en de Werkgroep Speciale Wetenschappelijke

artikel van dr. J. Eglinton, ‘Letters to a Dying Student: Bavinck’s Letters to

Bibliotheken (WSWB). De PThU neemt deel aan het Overleg Post- en

Johan van Haselen’. Het betreft de Engelse vertaling van brieven afkom-

Archiefzaken Universiteiten. Het hoofd van de bibliotheek is tevens

stig uit het archief van de PThU. Hoofd bibliotheek en archivaris publi-

archivaris van de PTHU en nam in die functie deel aan de vergaderingen

ceerde de brieven in 2010 op de website van de PThU. Zie: http://www.

op 31 mei aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en op 15 november

pthu.nl/bibliotheek/Collectie/archieven/herman_bavinck/

aan Wageningen University. In november vond een kennismakingsgesprek plaats met de adjunct-

7.6 Bibliotheek- en archiefcommissie

secretaris van AdamNet, het netwerk van ruim dertig Amsterdamse

De Bibliotheek- en archiefcommissie kwam in 2013 tweemaal bijeen op

bibliotheken. AdamNet ziet deelname van de PThU als een verrijking van

23 januari en 13 september. Onder voorzitterschap van dr. G.J. van

het netwerk en verwelkomde de bibliotheek met ingang van 2014 als

Klinken is de commissie met een aantal nieuwe leden vanuit beide vesti-

lid. Door dit lidmaatschap wordt de eigen bibliotheekcatalogus opge-

gingen voortvarend van start gegaan. De commissie draagt zorg voor

nomen in de groepscatalogus van AdamNet. Daarmee vergroot de

een evenwichtige verdeling van het bibliotheekbudget en behartigt de

bibliotheek de zichtbaarheid van de eigen collectie in de regio

belangen van medewerkers en studenten met betrekking tot de biblio-

Amsterdam en de verwachting is dat meer Amsterdamse onderzoekers

theekvoorzieningen.

en andere geïnteresseerden de bibliotheek zullen bezoeken.

Zo vroeg de studentenvertegenwoordiging aandacht voor het ontbreken van voldoende studentwerkplekken op beide vestigingen. In de loop van

7.5 Archief

het jaar zijn op beide vestigingen voor studenten meer ruimtes openge-

De inventarisatie van het archief van de Theologische Universiteit

steld, die, voor zover niet in gebruik voor overleg of colleges, door hen

Kampen uit de periode 1980-2006 werd in 2013 voortgezet door de

gebruikt kunnen worden als studieplek.

projectmedewerker, de heer A.J. Mensema, onder verantwoordelijkheid van het Kamper gemeentearchief. In de zomer bleek het inventariseren van 37,5 meter extra archiefmateriaal meer tijd te kosten dan gepland, waardoor overschrijding van het toegekende budget ontstond. Het project werd tijdelijk stopgezet. Na overleg met het Gemeentearchief Kampen kon een oplossing worden gevonden. De definitieve afronding

Protestantse Theologische Universiteit

55


Hoofdstuk 8:

Dienstverlening 8.1 Inleiding

prof. dr. Kwabena Asamoah-Gyadu uit Ghana aangetrokken die sprak

Een aanzienlijk deel van de wetenschappelijke staf is zichtbaar voor een

over ‘Prayer, Power and Empowerment: Migration and Diaspora

breder publiek, middels lezingen bij symposia, jaarvergaderingen van

Mission’. Op de middag kwamen ruim veertig belangstellenden af.

politieke en maatschappelijke organisaties en binnen kerkelijke

• Tijdens de studiedag ‘Op eigen benen staan. Autonomie als horizon

gemeenten. Een toenemend aantal stafleden treedt regelmatig op in de

in de zorg, op maandag 27 mei in Groningen, ontving de PThU ruim

landelijke media. Daarnaast is een belangrijk deel van door de weten-

veertig geïnteresseerden. De dag was het startpunt voor een nieuw

schappelijke staf geschreven artikelen van populariserende aard.

samenwerkingsverband van PThU en RUG: het Noordelijk Netwerk voor Zingeving Ethiek en Zorg. Dit netwerk stelt zich tot doel een plat-

8.2 Activiteiten

form te bieden voor kennisdeling op deze gebieden. Sprekers waren

In 2013 mocht de PThU ruim duizend bezoekers verwelkomen op een

o.a. prof. dr. Hetty Zock (RUG), dr. Christoph Jedan (RUG), prof. dr.

van de publieksevenementen. Hieronder een greep uit de activiteiten die

Frits de Lange (PThU) en prof. dr. Marian Verkerk (UMCG).

de PThU in 2013 verzorgde. • Op 5 en 6 april vond voor de vierde keer het ‘Weekend van de theo-

• Op 26 en 26 september werd de tweedaagse conferentie ‘Geloven in preken’ georganiseerd in samenwerking met IZB Areopagus. Doel was

logie’ plaats in Doorn. Het thema dit jaar was: ‘Mijn passie–en de

om een nieuwe impuls te geven aan de wekelijkse preekpraktijk van

anderen,’ een zoektocht naar hoe je persoonlijke passie zich verhoudt

predikanten en geestelijk verzorgers. Tijdens de dagen in conferentie-

tot je geloof en de maatschappij waarin je leeft. Ongeveer 45

centrum Mennorode in Elspeet volgden de ruim dertig deelnemers

studenten van de verschillende theologie-opleidingen in Nederland en

een stevig inhoudelijk programma met workshops en lezingen van

België volgden een inspirerend programma met o.a. presentaties en

o.a. dr. Ciska Stark en dr. Bert de Leede.

interreligieuze workshops. • In de zorgsector heeft de PThU een structurele partnerrelatie met

8.3 Evaluatie activiteiten

Reliëf (christelijke vereniging van zorgaanbieders), die zichtbaar wordt

De PThU slaagt er in toenemende mate in om met haar evenementen en

in de jaarlijkse masterclass ‘Ouder worden in perspectief’, een inten-

kerkelijke en maatschappelijke dienstverlening een breed publiek te

sieve tiendaagse cursus voor professionals in de begeleiding van

bereiken, zowel binnen de kerken als daarbuiten. Dit beleid wordt

ouderen. In het eerste semester van 2013 is deze masterclass,

geïntensiveerd en voortgezet, waarbij naar een evenwichtig aanbod op

bestaande uit tien bijeenkomsten, voor het zesde achtereenvolgende

beide vestigingslocaties wordt gestreefd. Naast ad hoc activiteiten die

jaar en dit keer in de vestiging in Amsterdam, aangeboden.

vanuit op de PThU aanwezige expertise reageren op de kerkelijke en

• Tijdens het symposium: ‘Kierkegaard Nu’, op 1 februari in

maatschappelijke actualiteit, zal er meer nadruk worden gelegd op

Amsterdam, mocht de PThU ruim tachtig mensen verwelkomen. Dit

vormen van dienstverlening die aan de PThU verricht onderzoek valori-

symposium werd georganiseerd in samenwerking met uitgeverij

seren.

Damon en de redactieraad van Kierkegaard Werken ter gelegenheid

Uit de steekproefsgewijze evaluaties blijkt dat het publiek de verschil-

van de tweehonderdste geboortedag van schrijver, filosoof en theo-

lende evenementen op een bijzonder positieve manier waardeert.

loog Søren Aabye Kierkegaard (1813-1855). De PThU ontving tijdens

Daarbij valt op dat de PThU steeds vaker een breder publiek weet te

deze middag een zeer divers publiek dat de visies van o.a. de filosofen

trekken. Ook geeft een aanzienlijk deel van deze nieuwe publieks-

Ad Verbrugge en Karl Verstrynge, schrijver Willem-Jan Otten en theo-

groepen aan geneigd te zijn vaker een PThU-evenement bij te willen

loog Pieter Vos tot zich nam.

wonen.

• Ook werd op vrijdag 17 mei de eerste Hendrik Kraemer-lezing georganiseerd. Dit gebeurde op initiatief van prof. dr. Mechteld Jansen, die de bijzondere leerstoel Missiologie bekleedt. Voor de lezing was

56

Jaarstukken 2013


Hoofdstuk 9:

Postacademisch onderwijs Het postacademisch onderwijs van de PThU kent twee stromen: de

overig postacademisch onderwijs toegesneden op het door de kerk

permanente educatie en het overig postacademisch onderwijs.

ingezette beleid tot permanente educatie van predikanten, zodat predikanten door de PThU aangeboden cursussen kunnen inzetten voor het

9.1 Permanente Educatie (PE)

voldoen aan de door de Protestantse Kerk opgelegde verplichting tot

In april 2012 heeft de Protestantse Kerk besloten tot kerkordelijke veran-

voortgezette nascholing.

kering van de verplichting tot permanente educatie voor predikanten. Doel van deze verplichting is behoud en doorontwikkeling van deskun-

9.2. Overig Postacademisch Onderwijs

digheid van predikanten gedurende de uitoefening van hun ambt. De

Het overig postacademisch onderwijs wordt aangeboden in de vorm van

Permanente Educatie (PE) bestaat in de eerste plaats uit de Primaire

cursussen. Ten behoeve van de ontwikkeling van cursussen voor de

Nascholing Predikanten (PNP) en in de tweede plaats uit de voortgezette

nascholing is een PAO-commissie ingesteld, paritair bestaande uit dienst-

nascholing. De voortgezette nascholing valt uiteen in een aangestuurd

doende predikanten en PThU-docenten, ondersteund door functiona-

deel van de permanente educatie en in een vrij deel van de permanente

rissen. Deze commissie ontwikkelt aanbod, ziet toe op de kwaliteit van

educatie, het zogenoemde open erkend aanbod.

de PE-activiteiten en adviseert het College van Bestuur. Het postacademisch onderwijs is gericht op predikanten en geestelijk

9.1.1 Primaire Nascholing

verzorgers van zowel de Protestantse Kerk als van andere kerkgenoot-

De primaire nascholing bestaat uit een route van zeven maal drie oplei-

schappen. Bepaalde cursussen zijn tevens voor kerkelijk werkers

dingsdagen. Deze route neemt vijftien maanden in beslag en is verplicht

bedoeld.

gesteld door de Protestantse Kerk in Nederland voor hen die na hun opleiding tot predikant voor een eerste termijn zijn aangesteld als predi-

9.3 Cursusaanbod, afname, deelnemers en evaluatie

kant. Persoonlijke ontwikkeling in het nieuwe ambt van predikant, vakmatige en geestelijke vorming en training van specifieke onderdelen

9.3.1 Primaire nascholing

van de beroepsuitoefening vormen de hoofdbestanddelen van het

In 2013 zijn twee nieuwe reeksen aangeboden en de twee routes van

programma. Ook in 2013 zijn er twee routes geweest, die beide weer

2012 beëindigd. Aan de nieuwe routes namen 49 predikanten deel. De

naar tevredenheid zijn verlopen. De seminariumdocenten van de PThU,

deelnemende predikanten hebben het opleidingsaanbod positief geëva-

die cursussen aanbieden in de Permanente Educatie, zijn desondanks

lueerd.

begonnen met een herziening, omdat het huidige format al weer zo’n twaalf jaar meegaat en de situatie van de beginnende predikanten zich aan het wijzigen is. De nieuwe vorm zal in september 2014 geïmple-

9.3.2 Permanente educatie (PE) a.) Cursusaanbod en -afname

menteerd kunnen worden.

9.1.2 Voortgezette nascholing De voortgezette nascholing vangt aan in het zesde jaar nadat betrokkene is bevestigd in het ambt van predikant en bestaat uit een op de persoon toegesneden scholingsplan, gespreid over periode van telkens

2013

2012

2011

Aantal aan­ geboden cursussen

Streefwaarde

25

33

32

Aantal afgenomen cursussen (%)

19 (76%)

16 (48%)

19 (59%)

Tenminste 75%

Aantal geannuleerde cursussen (%)

6 (24%)

17 (52%)

13 (41%)

Maximaal 25%

vijf jaren. Deze nascholing wordt verantwoord in studiepunten, die door de commissie voor de permanente educatie zijn toegekend aan door

Hoewel het aantal afgenomen cursussen in 2013 enigszins is gegroeid

deze commissie beoordeelde scholingsactiviteiten.

ten opzichte van 2012, zijn er nog teveel cursussen die niet door konden

Reeds in 2011 heeft de PAO-commissie van de PThU het aanbod van

gaan vanwege een te gering aantal deelnemers.

Protestantse Theologische Universiteit

57


b.) Deelnemers

c.) Evaluatie Bij de ontwikkeling van het cursusaanbod staan twee uitgangspunten 2013

2012

Predikanten die deelnamen in het kader van PNP

49

56

Predikanten die deelnemen in het kader van PE

307

212

Streefwaarde

centraal: enerzijds dient het aanbod van een goed theologisch vakmatig gehalte te zijn en anderzijds moet het aansluiten bij de werksituatie en de leefwereld van de doelgroep. In het bijzonder moet het te ontwik-

359

500

kelen aanbod inspelen op verschillende beginsituaties (niveaus) van de predikanten. Van het totaal van 307 deelnemers hebben 286 deelne-

Cursisten die niet deelnemen in het kader van PE Totaal

2011

37

mers (93%) een evaluatieformulier ingevuld. De evaluatie van de afgenomen cursussen laat het volgende beeld zien:

356

305

359

500 Categorie

Het streefgetal van vijfhonderd deelnemers per jaar, dat gebaseerd is op

Aantal

Percentage

Uitstekend

71

25%

Goed

195

68%

Redelijk

19

6,7%

Slecht

1

0,3%

het totaal aantal predikanten PKN dat in een periode van vijf jaar 6,5 ects bij de PThU moet afnemen in het aangestuurde deel van de PE, is ook dit jaar niet gehaald. De aanloop van de PE verloopt moeizamer dan verwacht, ondanks de vele en zeer goed bezochte informatiemiddagen

Uit de evaluaties blijkt dat een overgroot merendeel van de deelnemers

van de Protestantse Kerk waaraan ook de PThU heeft meegewerkt. Er

afgenomen cursussen als relevant tot zeer relevant voor zichzelf en hun

vindt afstemming plaats met de Protestantse Kerk over de mogelijke

eigen functioneren als predikant of geestelijk verzorger ervaren. Dit is in

oorzaken voor het achterblijven van de vraag. De kerk en de universiteit

lijn met voorgaande jaren.

hebben gezamenlijk vastgesteld er belang bij te hebben dat zoveel mogelijk cursussen doorgaan en zoveel mogelijk predikanten starten met hun PE-traject. Daarom hebben Protestantse Kerk en PThU afge-

9.3.3 Overig postacademisch onderwijs – open aanbod a.) Cursusaanbod en -afname

sproken om tijdelijk van de beleidslijn af te wijken, dat een cursus slechts 2013

doorgang vindt bij tenminste vijftien deelnemers. Ingeval een iets kleiner aantal deelnemers zich heeft aangemeld wordt door het hoofd van het Protestants Centrum voor Toerusting en Educatie van de Protestantse Kerk in Nederland per geval beoordeeld of de betreffende cursus alsnog doorgang zal kunnen vinden, zodat na diens akkoord de benodigde

Streefwaarde

Aantal aangeboden cursussen

9

Aantal afgenomen cursussen (%)

4 (44,4%)

Tenminste 75%

Aantal geannuleerde cursussen (%)

5 (56,6%)

Maximaal 25%

financiële middelen ter beschikking gesteld kunnen worden. Het bestuur stelt vast dat de implementatie van het kerkelijke beleid predikanten de verplichting op te leggen zich permanent te laten

b.) Deelnemers

bijscholen achterblijft bij de verwachtingen die ten tijde van de besluitvorming door de kerk zijn gewekt. Een grote groep predikanten blijkt geen nascholingsactiviteiten te ondernemen binnen de verplichte

Predikanten/ cursisten

2013

2012

53

37

2011

Streefwaarde

nascholing. Dit betekent dat de door de PThU ingerichte infrastructuur voor nascholing niet optimaal wordt benut, met alle financiële gevolgen van dien. Het is belangrijk dat hier verandering in komt.

c.) Evaluatie Bij de ontwikkeling van het cursusaanbod staan twee uitgangspunten

58

Jaarstukken 2013


centraal: enerzijds dient het aanbod van een goed theologisch vakmatig gehalte te zijn en anderzijds moet het aansluiten bij de werksituatie en de leefwereld van de doelgroep. In het bijzonder moet het te ontwikkelen aanbod inspelen op verschillende beginsituaties (niveaus) van de predikanten. Van het totaal van 53 deelnemers hebben 45 deelnemers (85%) een evaluatieformulier ingevuld. De evaluatie van de afgenomen cursussen laat het volgende beeld zien: Categorie

Aantal

Percentage

Uitstekend

19

42,2%

Goed

20

44,4%

Redelijk

6

13,3%

Slecht

0

0%

Uit de evaluaties blijkt dat een overgroot merendeel van de deelnemers deze als relevant tot zeer relevant voor zichzelf en hun eigen functioneren als predikant of geestelijk verzorger ervaren.

Protestantse Theologische Universiteit

59


Hoofdstuk 10:

Examencommissie 10.1 Samenstelling, reikwijdte en vergaderingen

betreft dit twee screeningsprocedures. In december 2012 is allereerst gestart met het controleren van de eindwerken (scripties) van de oplei-

10.1.1 Samenstelling

dingen. De meest recente mastertheses zijn opgevraagd, te weten

De examencommissie bestond in het collegejaar 2012-2013 uit de

twintig theses van de driejarige masteropleidingen Gemeentepredikant

volgende leden:

in Utrecht/Leiden en de driejarige master Predikantschap Kampen en elf

• Dr. T.A. Boer

theses van de eenjarige master Verdieping in Kampen. De scriptiebege-

• Dr. R. Brouwer

leiders is gevraagd om de beoordelingsgrondslag. Elke scriptiebeoorde-

• Dr. H.K. Heyen (tot 1 september 2013)

ling is vervolgens door twee leden van de examencommissie gescreend.

• Dr. G.J. van Klinken • Prof. dr. L.J. Koffeman (voorzitter)

In 2012 zijn ook voorbereidingen getroffen voor de tweede procedure,

• Prof. dr. M.A. Matthias (vice-voorzitter)

namelijk het screenen van toetsen van cursussen. Om de docenten

• Prof. dr. R. Roukema

vertrouwd te doen raken met de doelstelling en de achtergrond van het

• Drs. C.M. Boonstra (ambtelijk secretaris) (vanaf 08-03-2013)

screenen van toetsen zijn er in mei/juni 2012 drie docentenbijeenkom-

• Drs. M. Vollaard (ambtelijk secretaris) (tot en met 07-03-2013)

sten gehouden. In deze bijeenkomsten werden de aanwezigen geïnformeerd over de wijze waarop de examencommissie inhoud geeft aan

10.1.2 Reikwijdte

deze nieuwe taak. Aansluitend hebben de leden van de examencom-

In het voorjaar van 2012 werd de commissie geïnformeerd over de

missie een training gehad in het screenen van toetsen. Aan de hand van

inrichting van de examencommissie voor de Joint Bachelor Theologie

ingebracht toetsmateriaal zijn de checklists ingevuld en de uitkomsten

PThU/VU. Omdat deze commissie naar verluidt wel was ingesteld, maar

besproken.

nog niet functioneerde heeft de examencommissie van de PThU tot 16 april 2013 de verzoeken die werden ingediend door studenten uit de

Voor de check zijn achttien toetsen van cursussen uit zes verschillende

bachelor die bij de PThU zijn ingeschreven, in behandeling genomen

masteropleidingen aangewezen, te weten de eerste drie cursussen van elk

zonder dat dit strikt genomen tot haar taak en bevoegdheid behoorde.

van de zes opleidingen die in het collegejaar 2012-2013 zijn aangeboden.

De examencommissie was in 2012-2013 gemandateerd om toelatingsverzoeken te behandelen.

De docent die verantwoordelijk is voor de cursus die betrokken is bij de screening, is per brief geïnformeerd over het onderzoek dat de examen-

10.1.3 Vergaderingen

commissie instelt naar de kwaliteit van de toets. Tevens is de docent

De examencommissie vergadert in principe maandelijks. In het college-

verzocht om de wijze waarop hij/zij de cursus denkt te gaan toetsen

jaar 2012-2013 heeft de commissie negen maal vergaderd. De vergader-

voor zover mogelijk tevoren nog eens te bezien in het licht van de

data en de deadlines voor het indienen van verzoeken worden vanaf

criteria in de checklist. In de brief is ook vermeld dat ongeveer twee

september 2013 via de site van de PThU vroegtijdig bekendgemaakt.

weken na afronding van de cursus de werkstukken/tentamens worden opgevraagd bij het onderwijssecretariaat. Na deze voorbereidende activi-

10.2 Toetsbeleid en kwaliteitszorg

teiten is in het voorjaar van 2013 de feitelijke check op de toetsen uitgevoerd.

10.2.1 Borging kwaliteit tentamens, eindwerkstukken en examens

10.2.2 Visie en doelstellingen

Een belangrijke wettelijke taak van de Examencommissie betreft de

De examencommissie controleert de kwaliteit van de toetsing, zowel ten

controle op de kwaliteit van de toetsing in de opleidingen. In de praktijk

aanzien van de inhoud en het niveau, als ten aanzien van de logistiek en

60

Jaarstukken 2013


organisatie. Daartoe worden de eindwerken (scripties) van alle oplei-

opleidingen momenteel onderwijs verzorgt, is aangewezen als exami-

dingen jaarlijks gecontroleerd en in een cyclus van drie jaar alle afge-

nator en is daarom gerechtigd examens af te nemen.

nomen toetsen van alle opleidingen gescreend.

10.4 Wijzigingen in de regels en richtlijnen 10.2.3 Resultaten Ten aanzien van de scriptiecheck is de commissie tot de volgende

De tekst voor de regels en richtlijnen is het afgelopen jaar niet aangepast. Er zijn geen wijzigingen voorzien voor volgend jaar.

conclusies gekomen: 1. De examencommissie stelt vast dat veel masterscripties een

10.5 Beoordeling tentamens en examens

omvang hebben die (soms aanzienlijk) groter is dan de in de OER gegeven norm van 15.000 ĂĄ 25.000 woorden. 2. De examencommissie stelt met voldoening vast dat de

10.5.1 Procedure 1. De vragen en opgaven van het tentamen gaan de tevoren bekend

beoordeling van masterscripties binnen de verschillende oplei-

gemaakte tentamenstof niet te buiten. Deze tentamenstof wordt voor

dingen over het algemeen adequaat genoemd mag worden.

de aanvang van het onderwijs dat op het tentamen voorbereidt, in

3. De instelling dient er zorg voor te dragen dat in elk studenten­ dossier ook de beoordelings-grondslag voor de becijfering van de scriptie aanwezig is.

hoofdzaak bekend gemaakt. Uiterlijk een maand voor het afnemen van het tentamen wordt de precieze omvang van de stof definitief bekend gemaakt. 2. De examinator stelt de studenten in de gelegenheid kennis te nemen

Enkele bevindingen naar aanleiding van de toetsencheck:

van een schriftelijk voorbeeldtentamen, alsmede van de modelbeant-

1. De examencommissie stelt vast dat veel dossiers onvolledig zijn.

woording en de normen, aan de hand waarvan de beoordeling

2. Bij sommige toetsen is de feedback onleesbaar of zelfs afwezig. 3. In sommige gevallen vindt er zeer gecompliceerde toetsing (veel deelonderdelen die worden getoetst)plaats. 4. De creatieve wijze waarop er wordt getoetst (veel toetsvormen) en het niveau van de toetsen zijn goed. 5. Het doel van de toets en de weging van de toetsing zijn vaak weinig expliciet. Het is echter de vraag of het doel van de toets niet gewoon hetzelfde is als het doel van de cursus. 6. De commissie stelt vast dat verzorgd taalgebruik niet consequent

plaatsvindt. 3. De examencommissie ziet toe op de kwaliteit van de tentamens en de examens. 4. Ingeval van een herkansing in een ander studiejaar, doet de student tentamen in de stof die in bedoeld studiejaar voor dat tentamen is vastgesteld, tenzij de examencommissie op verzoek van de examinator en/of de student anders bepaalt. 5. De duur van elk tentamen is zodanig dat de student redelijkerwijs voldoende tijd heeft om de vragen te beantwoorden.

een punt is van elke docent; de ene docent besteedt daar in de feedback wel aandacht aan, de andere docent niet.

10.5.2 Verdere besluiten De Examencommissie heeft advies uitgebracht aan het College van

10.2.4 Maatregelen

Bestuur ten aanzien van artikel 5.11 lid 2 uit de OER 2013-2014:

De docenten hebben feedback ontvangen. Er was geen aanleiding om

Cijfers worden gegeven op een schaal van 1 tot en met 10. De eindbe-

specifieke maatregelen te nemen.

oordeling van een cursus is voldoende dan wel onvoldoende, in cijfers uitgedrukt: 6 of hoger, respectievelijk 5 of lager. Het cijfer 5 wordt niet

10.3 Aanwijzen examinatoren

van decimalen voorzien.De examencommissie stelt vast dat het College

De examencommissie benoemt de examinatoren, conform artikel 5.8

van Bestuur het advies van de commissie om het cijfer 5 van decimalen

van het Bestuursreglement van de universiteit. Elke docent die binnen de

te voorzien niet heeft opgevolgd.

Protestantse Theologische Universiteit

61


10.6 Belangrijke agendapunten en standpuntwijzigingen

wilden worden over de opbouw van voornoemde opleiding.

Sinds september 2012 is de regeling â&#x20AC;&#x2DC;3-min-1-constructieâ&#x20AC;&#x2122; niet meer van

van het management wat betreft het verlenen van vrijstellingen.

De examencommissie kon tot dan niet voldoen aan de verwachtingen

kracht. Deze constructie hield in dat studenten met een diploma van de eenjarige master Godgeleerdheid van de Universiteit Utrecht dan wel de

10.8 Overzicht verzoeken

Universiteit Leiden zouden kunnen instromen in de driejarige master van

In het collegejaar 2012-2013 heeft de Examencommissie in totaal 215

de PThU met toekenning van een vrijstelling met een omvang van 60

verzoeken van studenten behandeld. Het merendeel van deze verzoeken

ects voor het verdiepingsjaar (mits aan in de instroomeisen was voldaan).

betrof verzoeken om vrijstellingen uit het studieprogramma, verzoeken

De PThU kent nu geen verkorte opleiding meer; studenten volgen de

om toegelaten te worden tot de masteropleiding en verzoeken tot het

gehele driejarige master van de PThU. Indien er bij de instroom in de

vaststellen van het premasterprogramma.

driejarige master vrijstellingen gegeven worden, dan is dat op basis van een gefundeerde vrijstelling door de examencommissie.

10.9 Overzicht bezwaren Er zijn vijf bezwaren ingediend, waarvan twee zijn afgehandeld middels

Op voorstel van de interim onderwijsdirecteur ten behoeve van de oplei-

een hoorzitting en drie schriftelijk zijn afgehandeld. In geen van de

dingsvisitatie 2013 en naar aanleiding van de terugkoppeling van de

gevallen werd van het bezwaar beroep ingesteld bij het college van

commissie voor de proefvisitatie heeft het College van Bestuur de

beroep voor de examens.

Examencommissie geadviseerd een adviserend lid met betrekking tot het toets-beleid te benoemen. In deze positie is mr. T.C. Geelkerken, LL.M. benoemd. De examencommissie heeft in juni 2013 deelgenomen aan de beperkte opleidingsbeoordeling die de PThU heeft ondergaan in het voorjaar van 2013. Verheugd stelt de examencommissie vast dat de beoordeling van het toets-beleid en de uitvoering daarvan door de beoordelingscommissie als voldoende wordt beschouwd.

10.7 Terugblik op geformuleerde aandachtspunten, knelpunten en de aanpak daarvan Op de locaties Amsterdam en Groningen is in september 2012 gestart met nieuwe masteropleidingen. In onze beoordelingen over de toelatingen tot deze nieuwe opleidingen is de commissie geconfronteerd met het late moment waarop informatie beschikbaar kwam over deze opleidingen. Met name over de opbouw van het deeltijdprogramma van de master Gemeentepredikant Amsterdam was aanvankelijk weinig bekend/ Ook de Onderwijs- en Examenregeling van deze opleidingen bood geen houvast bij onze beoordelingen, hetgeen onze beoordelingen aanmerkelijk bemoeilijkte. In september 2012 hebben wij aan het College van Bestuur kenbaar gemaakt dat wij afdoende geĂŻnformeerd

62

Jaarstukken 2013


Jaarrekening

Protestantse Theologische Universiteit

63


Balans per 31 december 2013 Balans

(bedragen in euroâ&#x20AC;&#x2122;s x 1.000)

Activa

31/12/2013

31/12/2012

Vaste activa Materiele vaste activa

1.1

8.329,8

9.335,4

Financiele vaste activa

1.2

2.750,0

3.250,0 11.079,8

12.585,4

Vlottende activa Vorderingen

1.3

1.104,2

Liquide middelen

1.4

500,1

Totaal activa

1.059,6 807,7 1.604,3

1.867,3

12.684,1

14.452,8

Passiva Eigen vermogen

2.1

4.233,6

4.994,7

Voorzieningen

2.2

5.745,9

6.461,7

Kortlopende schulden

2.3

2.704,6

Totaal passiva

64

2.996,4 12.684,1

14.452,8

Jaarstukken 2013


Staat van baten en lasten 2013 Staat van baten en lasten

(bedragen in euroâ&#x20AC;&#x2122;s x 1.000)

Baten

Rekening 2013

Begroting 2013

Afwijking

Rekening 2012

Begroting 2014

Rijksbijdragen

3.1

8.894,4

8.841,4

53,0

9.195,7

8.491,6

Bijdrage PKN

3.2

188,4

309,8

121,4-

190,5

200,0

College- en examengelden

3.3

577,2

510,7

66,5

646,9

500,0

Deelnemersbijdragen

3.4

138,6

147,0

8,4-

157,0

120,0

Baten werk in opdracht van derden

3.5

376,6

551,4

174,8-

575,7

351,2

Overige baten

3.6

110,9

98,0

12,9

580,8

78,4

10.286,1

10.458,3

172,2-

11.346,6

9.741,1

6.627,1

Totaal baten Lasten Personeelslasten

4.1

6.281,0

6.429,3

148,3-

7.507,9

Afschrijvingen

4.2

366,1

321,0

45,1

316,8

399,0

Huisvestingslasten

4.3

1.113,3

1.177,4

64,1-

1.593,7

1.117,9

Overige lasten

4.4

3.501,4

3.526,9

25,5-

3.649,8

2.289,4

11.261,7

11.454,6

192,9-

13.068,3

10.433,4

975,6-

996,3-

20,7

1.721,6-

93,3-

214,6

321,4

106,8-

411,9

93,3

761,1-

674,9-

86,2-

1.309,7-

-

Totaal lasten Saldo baten en lasten Financiele baten en lasten

5.0

Resultaat

Toelichting resultaat: Het resultaat 2013 komt uit op 761,1 negatief. Dit resultaat is 86,2 lager

158,9 welke in 2013 niet gerealiseerd is. Voor eenzelfde bedrag was

dan begroot. Door diverse onvoorziene uitgaven was de prognose van

echter een last opgenomen onder de post overige lasten die eveneens

het resultaat gedurende 2013 aanzienlijk negatiever dan het uiteinde-

niet besteed is (per saldo geen effect op het resultaat).

lijke jaarresultaat. De ingezette bijsturingsmaatregelen medio 2013 (terugdringen tijdelijke personeel, algemene uitgavenrem) hebben een

De personeelslasten blijven onder het niveau van de begroting door met

duidelijk positieve bijdrage gehad op het uiteindelijke resultaat.

name lagere lasten op de hoger ingeschatte bedragen voor reiskosten woon/werkverkeer en personele opleidingskosten. tegenover een licht

De Rijksbijdragen 2013 zijn hoger dan begroot. Bij de baten blijven

stijgende last op de lonen en salarissen.

vooral de baten uit de nieuw opgezette activiteiten met de PKN achter in het kader van de permanente educatie. In de begroting was t.a.v. de

In de toelichting op de baten en lasten wordt per onderdeel van de

baten werk in opdracht van derden een taakstelling opgenomen van

afwijkingen een nadere verklaring gegeven.

Protestantse Theologische Universiteit

65


Kasstroomoverzicht Kasstroomoverzicht

(bedragen in euro’s x 1.000)

Kasstroom uit operationele activiteiten Resultaat vóór financiele baten en lasten

Rekening 2013

Rekening 2012

975,6-

1.721,6-

Aanpassingen voor: - afschrijvingen

366,1

316,8

- mutaties voorzieningen

715,8-

703,7-

- mutatie vorderingen excl. vorderingen rente - mutatie schulden

44,6-

68,1

291,8-

597,1-

Kasstroom uit bedrijfsoperaties Ontvangen interest

226,6

Betaalde interest / kosten

12,0-

Totaal kasstroom uit operationele activiteiten

686,1-

915,9-

1.661,8-

2.637,5432,4 20,5-

214,6

411,9

1.447,2-

2.225,6-

Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen in materiele vaste activa

199,7-

5.386,2-

Desinvesteringen in materiele vaste activa boekwaarde

839,3

0,1

Investeringen in financiele vaste activa

-

-

Waardevermindering financiële vaste activa

-

-

500,0

3.950,0

Desinvesteringen in financiele vaste activa Totaal kasstroom uit investeringsactiviteiten

1.139,6

1.436,1-

activteiten Nieuw opgenomen leningen

-

-

Aflossing langlopende leningen

-

-

Totaal kasstroom uit financieringsactiviteiten

-

-

307,6-

3.661,6-

Liquide middelen per 1 januari

807,7

4.469,3

Liquide middelen per rapportagedatum

500,1

807,7

307,6-

3.661,6-

Mutatie liquide middelen

Mutatie liquide middelen

66

Jaarstukken 2013


Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 1. Algemene grondslagen voor de opstelling van de jaarrekening

De PThU heeft als beleid om geen financiële derivaten te gebruiken.

De jaarrekening is opgesteld conform de richtlijnen van de Regeling

Voor de grondslagen van primaire financiële instrumenten wordt

Jaarverslaggeving onderwijs en overeenkomstig de verslaggevingsvoor-

verwezen naar de behandeling per balanspost.

schriften en bepalingen zoals weergegeven in Titel 9 Boek 2 van het

Burgerlijk Wetboek. Tevens is Richtlijn 660 van de Raad voor de

Kredietrisico

Jaarverslaggeving gevolgd. In deze richtlijn zijn voor de sector presen-

Het kredietrisico ten aanzien van de overige vorderingen van de PThU is

tatie-, waarderings- en verslaggevingsvoorschriften opgenomen.

beperkt aangezien de grootste vorderingen debiteuren met een hoge betrouwbaarheid betreffen.

De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat

vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij betreffende

Reële waarde

grondslag voor de specifieke balanspost anders wordt vermeld, worden

De reële waarde van de meeste in de balans verantwoorde financiële

de activa en passiva gewaardeerd volgens het kostprijsmodel.

instrumenten, waaronder vorderingen, liquide middelen en kortlopende

Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking

schulden, benadert de boekwaarde ervan. De reële waarde van de

hebben. Winsten worden slechts genomen voor zover zij op balans-

overige in de balans verantwoorde financiële instrumenten wijkt niet

datum zijn gerealiseerd. Verplichtingen en mogelijke verliezen die hun

materieel af van de boekwaarde.

oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht

genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn

2. Waarderingsgrondslagen

geworden. Kasstroomoverzicht De bedragen in de tabellen worden gepresenteerd in duizenden euro’s.

Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode.

Als gevolg van afrondingen zijn in sommige gevallen geringe verschillen ontstaan. Deze verschillen tasten het getrouwe beeld van de jaarreke-

Materiële vaste activa

ning niet aan en zijn geen belemmering voor het verkrijgen van het

De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs,

vereiste inzicht.

verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing met bijzondere waardeverminderingen. De afschrijvingen worden

Financiële instrumenten

gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de verkrijgingsprijs,

Algemeen

rekening houdend met een eventuele restwaarde. Er wordt afgeschreven

Onder financiële instrumenten worden zowel primaire financiële

vanaf het moment van ingebruikname. Afschrijving vindt lineair plaats

instrumenten, zoals vorderingen en schulden, als financiële derivaten

op grond van vastgestelde afschrijvingstermijnen:

verstaan. In de toelichting op de op de onderscheiden posten van de

• gebouwen en verbouwingen

balans wordt de reële waarde van het betreffende instrument toegelicht

• Inventaris

als die afwijkt van de boekwaarde. Indien het financiële instrument niet

• computerapparatuur en software 25,0%

in de balans is opgenomen wordt de informatie over de reële waarde

• overige apparatuur

3,3% 10,0% 20,0%

gegeven in de toelichting onder de ‘Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen’.

Protestantse Theologische Universiteit

67


Voor de kosten van periodiek groot onderhoud wordt een

voorziening valt. De bedragen zijn tegen contante waarde opgenomen

voorziening gevormd. Deze voorziening is opgenomen onder

met een rekenpercentage van 2,34%.

de overige voorzieningen aan de passiefzijde van de balans. Onderhoudsvoorziening Financiële vaste activa

De voorziening ter gelijkmatige verdeling van lasten voor groot

De financiële vaste activa (obligaties) worden gewaardeerd tegen

onderhoud van gebouwen wordt bepaald op basis van de te verwachten

geamortiseerde kostprijs, rekening houdend met individuele lagere

kosten over een reeks jaren. De voorziening wordt lineair opgebouwd.

marktwaarde van het product, onder toepassing van de effectieve-

Het uitgevoerde onderhoud wordt ten laste van deze voorziening

rentemethode.

gebracht. Door de verkoop van de historische panden in Kampen is deze voorziening vorig jaar vrijgevallen. Vanaf 2013 is door de aanschaf van

Vorderingen en overlopende activa

een pand in Groningen deze voorziening wederom geactiveerd.

De vorderingen en overlopende activa worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens gewaardeerd tegen

Voorziening jubileumuitkeringen

de geamortiseerde kostprijs. De reële waarde en geamortiseerde

Op basis van richtlijn 271 wordt het risico inzake de jubileumuitbetaling

kostprijs zijn gelijk aan de nominale waarde. Noodzakelijk geachte

voortvloeiend uit de arbeidsvoorwaardenregeling gedekt. De bedragen

voorzieningen voor het risico van oninbaarheid worden in mindering

zijn tegen contante waarde opgenomen met een rekenpercentage van

gebracht. Deze voorzieningen worden bepaald op basis van individuele

2,34%.

beoordeling vna de vorderingen. Voorziening pensioenverplichtingen Liquide middelen

Inzake toekomstige pensioenverplichtingen voor oud-hoogleraren van

De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde.

het voormalig ThWI heeft de PThU een voorziening opgenomen waarvan de verplichting is gebaseerd op reële actuariële uitgangspunten

Voorzieningen

tegen contante waarde met een rekenpercentage van 2,34%. Tevens is

Reorganisatievoorziening

rekening gehouden met een opslag voor uitvoeringskosten van 1%.

In verband met de verplaatsing van de bedrijfsactiviteiten vanuit Kampen, Utrecht en Leiden naar Amsterdam en Groningen was een

Voorziening verlofsparen

gedetailleerd plan voor de reorganisatie geformuleerd.

conform OCW Richtlijn is terzake van door personeelsleden gespaarde

In de reorganisatievoorziening zijn slechts de kosten opgenomen die

verlofuren het tegoed onder voorzieningen opgenomen.

direct als gevolg van de reorganisatie noodzakelijk zijn voor de groep waarvoor een feitelijke of juridische verplichting is ontstaan, conform

De looptijd van de voorzieningen is vermeld.

RJ 252.413. De kosten die in verband staan met de doorlopende activiteiten zijn niet opgenomen.

Kortlopende schulden Dit betreffen schulden met een op balansdatum resterende looptijd van

Voorziening wachtgelden

ten hoogste één jaar. Kortlopende schulden worden bij eerste verwer-

De PThU is eigen risicodrager voor de WW en de bovenwettelijke

king opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens gewaardeerd

werkloosheidsuitkeringen. Met het oog daarop is een voorziening

tegen de geamortiseerde kostprijs. De reële waarde en geamortiseerde

wachtgelden gevormd. De voorziening omvat de per balansdatum

kostprijs zijn gelijk aan de nominale waarde van de schuld.

bestaande verplichting voor het deel dat niet onder de reorganisatie-

68

Jaarstukken 2013


Overlopende passiva De overlopende passiva betreffen vooruit ontvangen bedragen die aan opvolgende perioden worden toegerekend en nog te betalen bedragen, voor zover ze niet onder andere kortlopende schulden zijn te plaatsen.

3. Bepaling van het resultaat Algemeen Voor de vaststelling van het resultaat wordt het baten- en lastenstelsel gehanteerd. Voorts worden in de bijlage baten en lasten toegerekend aan de soort exploitatie waarop ze betrekking hebben, te weten subsidiabele en niet subsidiabele exploitatie. Waar nodig zijn de cijfers voorgaand jaar aangepast aan de classificatie in het lopende jaar. Rijksbijdrage De ontvangen (normatieve) rijksbijdrage en de niet-geoormerkte OCW-subsidies worden in het jaar waarop de toekenningen betrekking hebben volledig verwerkt als bate in de staat van baten en lasten. College- en examengeld De baten van de collegegelden worden als volgt verantwoord: 1/3 komt ten gunste van het lopend jaar; 2/3 komt ten gunste van het volgende boekjaar en is als vooruitbetaalde collegegelden op de balans onder de kortlopende schulden opgenomen. Baten werk in opdracht van derden Hieronder zijn de baten verantwoord die buiten de primaire bekostiging vallen. Resultaten worden ten gunste of ten laste van de exploitatierekening gebracht naar rato van de voortgang van de gesubsidieerde activiteiten. Het deel van de subsidies waar nog geen activiteiten voor zijn verricht per balansdatum worden verantwoord onder de overlopende passiva. Giften Giften worden gewaardeerd tegen de reĂŤle waarde in de staat van baten en lasten.

Protestantse Theologische Universiteit

69


Toelichting op de balans 2013 Toelichting op de balans

1.1 Materiële vaste activa

(bedragen in euro’s x 1.000)

Aanschafprijs 1/1/2013

Cumulatieve afschrijvingen en waardevermind.

Boekwaarde 1/1/2013

12.809,0

3.864,4-

544,0

58,4-

Investeringen

Desinvesteringen

8.944,7

124,4

839,3-

485,7

75,3

Afschrijvingen

Aanschafprijs 31/12/2013

Cumulatieve afschrijvingen 31/12/2013

Boekwaarde 31/12/2013

374,5-

12.094,2

4.238,9-

7.855,3

73,9-

619,3

132,3-

487,0

Materiële vaste activa publiek 1.1.1 gebouwen en terreinen 1.1.2 inventaris en apparatuur 1.1.3 andere vaste bedrijfsmiddelen

-

-

-

-

1.1.4 in uitvoering en vooruitbetalingen

-

-

-

-

1.1.5 niet aan het proces dienstbare mva

-

-

-

-

98,3

110,9-

98,3

12,6-

1.1.6 investeringssubsidies

110,9-

110,9-

Totaal materiële vaste activa publiek

13.242,2

3.922,7-

9.319,5

1.1.1 gebouwen en terreinen

578,6

562,6-

1.1.2 inventaris en apparatuur

80,5

80,5-

199,7

839,3-

350,2-

12.602,7

4.272,9-

8.329,7

16,0

-

-

15,9-

578,6

578,5-

0,1

-

-

-

80,5

80,5-

-

Materiële vaste activa privaat

1.1.3 andere vaste bedrijfsmiddelen

-

-

-

-

1.1.4 in uitvoering en vooruitbetalingen

-

-

-

-

1.1.5 niet aan het proces dienstbare mva

-

-

-

-

1.1.6 investeringssubsidies

-

-

-

-

Totaal materiële vaste activa privaat

659,1

643,1-

15,9

-

-

15,9-

659,1

659,0-

0,1

13.387,6

4.427,0-

8.960,6

124,4

839,3-

390,4-

12.672,8

4.817,4-

7.855,4

624,5

138,9-

485,7

75,3

-

73,9-

699,8

212,8-

487,0

1.1.3 andere vaste bedrijfsmiddelen

-

-

-

-

-

-

-

-

-

1.1.4 in uitvoering en vooruitbetalingen

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Materiële vaste activa totaal 1.1.1 gebouwen en terreinen 1.1.2 inventaris en apparatuur

1.1.5 niet aan het proces dienstbare mva 1.1.6 investeringssubsidies

Totaal materiële vaste activa

-

-

-

-

-

-

-

-

-

110,9-

-

110,9-

-

-

98,3

110,9-

98,3

12,6-

13.901,3

4.565,9-

9.335,4

199,7

839,3-

366,1-

13.261,7

4.931,9-

8.329,8

Toelichting: De materiële vaste activa zijn onder te verdelen in investeringen Privaat - op

De eigen panden in Kampen - deels privaat en deels publiek bezit met een

eigen rekening - en investeringen in gebouwen en inventaris Publiek - ten

boekwaarde van 176,0 - zijn in principe verkocht op 01-09-2012 voor een

laste van de ontvangen subsidies van het Ministerie van OCW. Op deze

totaalbedrag van 4.085,0. De overdracht van de panden heeft nog niet

laatste is de investeringsbijdrage in mindering gebracht die in het verleden

plaatsgevonden en zijn derhalve nog in dit overzicht opgenomen. In 2011

ontvangen is van het Ministerie. Deze valt jaarlijks voor een gelijk gedeelte

is het pand in Groningen - Oude Ebbingestraat 25 - aangekocht voor

als de afschrijvingen vrij en is in de staat van baten en lasten ge­saldeerd

2.759,7. Een deel van de begane grond is in 2013 verkocht voor 839,3. De

met de afschrijvingskosten voor zover het investeringen betreft tot rappor-

verbouwingen - inclusief architect en bouwprojectmanagement - bedragen

tagejaar 2007. Dit is conform de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving.

totaal 1.987,6 en zijn in 2013 in principe afgerond.

70

Jaarstukken 2013


De vanaf maart 2012 gehuurde vleugel bij de VU in Amsterdam is even-

De afschrijvingen vinden eveneens plaats vanaf de datum van ingebruik-

eens verbouwd naar de maatstaven van de PThU voor 2.465,4 inclusief

name.

architect en bouwprojectbegeleiding. De investeringen van beide vesti-

De gehanteerde afschrijvingspercentages bedragen voor gebouwen en

gingen worden vanaf het moment van ingebruikname in 2012 afge-

verbouwingen 3,33%, inventaris 10%, computerapparatuur 25%, overige

schreven.

apparatuur 20% en software 25%. Investeringen boven € 500 worden

De investeringen van inventaris en apparatuur - zowel publiek als privaat -

geactiveerd.

die nagenoeg geheel waren afgeschreven zijn met de verhuizing naar

De verzekerde waarde van de gebouwen, inclusief het pand in Groningen

Amsterdam en Groningen vrijwel totaal afgestoten. De nieuwe inrichting

en het huurdersbelang in het VU-complex inzake de verbouwingsinveste-

van de van de nieuwe locaties bedroeg 520,2 verdeeld over 2012 en 2013.

ring, bedraagt € 23,8 miljoen.

1.2 Financiële vaste activa

Boekwaarde 1/1/2013

Investeringen 2013

Desinvesteringen 2013

Waardemutaties

Boekwaarde 31/12/2013

Overige effecten

3.250,0

-

500,0-

Totaal overige effecten

3.250,0

-

500,0-

-

2.750,0

2.750,0

soort

nominaal 31/12/2013

nominaal 1/1/2013

Rating

koerswaarde 31/12/2013

4,25% NL Waterschapsbank 2004/2014

bedrijfsobligatie

500,0

500,0

AA+

514,2

4% Bank Ned Gem 2004/2014

bedrijfsobligatie

500,0

500,0

AA+

509,2

4% Obligaties Ned. 2006/2016

staatsobligatie

1.000,0

1.000,0

Aaa

1.090,0

staatsobligatie

250,0

750,0

Aaa

282,7

bedrijfsobligatie

500,0

500,0

AA+

2.750,0

3.250,0

De effecten zijn als volgt te specificeren:

Omschrijving

4,5% Obligaties Ned. 2007/2017 3,375% NL Waterschapsbank 06/16

Totaal specificatie

532,8 2.928,8

Toelichting: De niet voor de bedrijfsuitoefening benodigde liquiditeiten van de PThU

panden in Kampen, voor 500,0 vervroegd afgelost. Hierbij is een positief

worden op basis van het Financierings- en Beleggingsstatuut, in lijn met

transactieresultaat behaald van 82,8.

het Algemeen Verbindend Voorschrift van het Ministerie OCW rondom “beleggen en belenen”, uitgezet in de vorm van vastrentende waarden

Op rapportagedatum ligt de koerswaarde van alle obligaties boven de

met hoofdsomgarantie waarbij een zeer defensieve beleggingsstrategie

koers van 100. Advisering, monitoring en uitvoering geschiedt in samen-

wordt gehanteerd en worden de beleggingen tevens getoetst aan het

werking met ING-Investment Office.

criterium “duurzaam en maatschappelijk verantwoord”. Op grond van de RJ 226 worden de effecten gewaardeerd op de In de rapportageperiode is in verband met een dreigend tekort op de

geamortiseerde kostprijs waarbij rekening wordt gehouden met de

liquiditeitspositie door het uitstel van de overdracht van de verkochte

individuele lagere marktwaarde.

Protestantse Theologische Universiteit

71


1.3 Vorderingen

31/12/2013

31/12/2012 61,0

Debiteuren

1.3.0

343,2

Derden

1.3.1

9,1

9,9

Studenten

1.3.2

154,7

156,6 834,1

Overlopende activa

1.3.3

719,8

Voorziening dubieuze debiteuren

1.3.4

122,6-

2,0-

1.104,2

1.059,6

Totaal vorderingen

Toelichting: 1.3.0 Debiteuren; de openstaande vorderingen waaronder de PKN

1.3.3 Overlopende activa: In de overlopende activa zijn de vorderingen

betreffende de PE/ PAO (106,2) en in rekening gebrachte bedragen

opgenomen inzake nog te ontvangen bedragen 2e/3e geldstroom

inzake 2e/3e geldstroom projecten en gederfde rente.

(286,4), deelnemersbijdragen postacademisch onderwijs (113,9), nog te

1.3.1 Derden; De vordering op derden heeft betrekking op verstrekte

ontvangen rente (55,2) en een aantal kleinere overlopende posten voor

leningen aan personeel in het kader van o.a. opleiding en het fietsplan.

totaal 65,1). Aan vooruitbetaalde bedragen voor verzekering, abonne-

Verder is een rekening-courant saldo opgenomen van de vereniging van

menten, ict-contracten, e.d. is ultimo boekjaar 198,7 opgenomen.

oud-studenten (8,3).

Alle vorderingen hebben een verwachte looptijd van minder dan 1 jaar.

1.3.2 Studenten: De vordering op studenten betreft de nog niet

1.3.4 Voorziening dubieuze debiteuren: voorziening voor verwachte

vervallen termijnen in het kader van de gespreide inning van

oninbare bedragen per balansdatum op specifieke debiteurenvorde-

collegegelden.

ringen.

1.4 Liquide middelen

31/12/2013

Kasmiddelen Tegoeden op bank- en girorekeningen

1.4.1

Depositoâ&#x20AC;&#x2122;s

1.4.2

0,4

0,1

498,7

750,9

0,5

15,3

0,4

41,4

500,1

807,7

Overige

Totaal liquide middelen

31/12/2012

Toelichting: 1.4.1 Tegoeden op bank- en girorekeningen: Het betreft de rekening

Overige heeft betrekking op betalingen of ontvangsten welke op het

courant saldi.

moment van rapportage nog o.b.v. bankafschriften definitief verwerkt

1.4.2 Depositoâ&#x20AC;&#x2122;s: in verband met lage rendementen op depositoâ&#x20AC;&#x2122;s zijn

moeten worden op debiteuren en crediteuren.

deze tegoeden opgeheven.

De tegoeden staan ter vrije beschikking.

72

Jaarstukken 2013


2.1 Eigen vermogen Algemene reserve

Stand per 1/1/2013

Resultaatbestemming

Stand per 31/12/2013

1.824,6

511,9-

1.312,7

Fonds Graduate School

394,3

10,2-

384,1

Bestemmingsreserve publiek

394,3

10,2-

384,1

Werkkapitaal

1.134,5

1.134,5

Egalisatiereserve PThU

408,3

202,2-

206,2

Fonds buitenlandse studenten

844,4

36,8-

807,6

Fonds ter bevord. Geref. theologie Bibliotheekfonds Timmermannfonds Egalisatieres. Theol. Onderw.

38,0

38,0

111,3

111,3

90,5

-

90,5

148,8

-

148,8

Bestemmingsreserve privaat

2.775,8

238,9-

2.536,9

Totaal eigen vermogen

4.994,7

761,1-

4.233,6

Toelichting: Het eigen vermogen is gesplitst in de algemene reserve (die ontstaan is

(gevormd met niet-subsidiabele middelen).

door samenvoeging van de algemene reserves van de voormalige ThUK,

Het fonds graduate school is vastgelegd vermogen ten behoeve van

ThWI en ELS), de bestemmingsreserve publiek (gevormd met rijksmid-

excellente studenten (o.a. studiebeurzen).

delen) en de bestemmingsreserves privaat

2.2 Voorzieningen

31/12/2013

31/12/2012

Reorganisatievoorziening

2.351,5

2.912,5

Personeelsvoorzieningen

3.344,4

3.549,2

Overige voorzieningen

Totaal voorzieningen

Protestantse Theologische Universiteit

50,0

-

5.745,9

6.461,7

73


Het verloop van de voorzieningen is als volgt:

Stand per 1/1/2013

Dotaties

Onttrekking

2.2.1

2.912,5

-

561,0

2.351,5

2.351,5

2.884,6

Voorziening Reorganisatievoorziening

Vrijval

Stand per 31/12/2013

Kortlopend < 1 jaar

Langlopend > 1 jaar

Personeelsvoorzieningen Voorziening pensioenverplichtingen

2.2.2

3.065,7

133,1

314,1

2.884,6

Voorziening jubileumuitkeringen

2.2.3

24,7

8,6

-

33,4

33,4

Voorziening verlofsparen

2.2.4

229,6

36,3

-

265,9

265,9

Voorziening wachtgelden

2.2.5

229,3

51,8

120,5

160,5

160,5

-

Overige voorzieningen Onderhoudsvoorziening

Totaal voorzieningen

2.2.6

-

50,0

-

6.461,7

279,8

995,6

50,0 -

5.745,9

50,0 -

5.745,9

Toelichting: 2.2.1 Reorganisatievoorziening: Op basis van geformaliseerde plannen

met RJ 271 Personeelsbeloningen. De sterftetabel GBV/GBM 2007-2012

omtrent de verplaatsing van de bedrijfsactiviteiten vanuit Kampen,

is gehanteerd met een leeftijdsterugstelling voor zowel man als vrouw

Utrecht en Leiden naar Amsterdam en Groningen zijn de materiële

met 2 jaar. Het actuariële resultaat hiervan wordt ultimo boekjaar verant-

effecten bepaald en opgenomen in deze voorziening. De personele

woord. Het weduwepensioen is gesteld op circa 75%. De dotatie is

gevolgen van de verplaatsing zijn opgenomen in een Sociaal Plan, opge-

hoger uitgevallen dan verwacht door o.a. bijstelling van de sterftetabel.

steld in overleg met de vakorganisaties met als uitgangspunt het

De looptijd bedraagt meer dan 5 jaar. De periodieke toename uit hoofde

bepaalde in artikel 9.8 CAO VSNU. De financiële consequenties van de

van interest wordt verwerkt als dotatie. Er worden voor deze verplichting

sociale en arbeidsrechtelijke uitvoering, waaronder tegemoetkoming in

geen specifieke (fonds)beleggingen aangehouden.

reistijd en reiskosten, beëindiging dienstverband en outplacementbege-

De onttrekking betreft de uitbetaalde pensioenbedragen tot en met de

leiding, zijn in deze voorziening opgenomen. De mutatie in de rapporta-

rapportagedatum. Het aantal pensioengerechtigden op balansdatum

geperiode betreft de gemaakte reiskosten, ontslagvergoedingen en

bedraagt 10.

WW/BW-uitkeringen in betreffend boekjaar. De lasten sociaal plan in dit boekjaar zijn lager dan begroot met als gevolg een lagere onttrekking

Voor de overige personeelsleden geldt ook een toegezegde pensioenre-

uit deze voorziening.

geling. Hiervoor in aanmerking komende werknemers hebben op de pensioengerechtigde leeftijd recht op een pensioen dat afhankelijk is van

2.2.2 Voorziening pensioenverplichtingen: De pensioenvoorziening is

leeftijd, salaris en dienstjaren. De regeling is ondergebracht bij de

gevormd ten behoeve van de betaling van de pensioenen van een aantal

bedrijfstakpensioenfondsen van PGGM en ABP. Er is geen verplichting

oud-hoogleraren ThWI. Voor hen geldt een toegezegde pensioenrege-

tot het voldoen van aanvullende bijdragen in geval van een tekort bij

ling die niet is ondergebracht bij een bedrijfstakpensioenfonds. Tot en

PGGM of ABP, anders dan het effect van hogere toekomstige premies.

met 2005 werden de jaarlijkse pensioenlasten vergoed door het Minis-

De PThU heeft daarom de pensioenregeling verwerkt als een toege-

terie van OCW, maar met ingang van 2006 is de verplichting overge-

zegde-bijdrageregeling en heeft alleen de verschuldigde premies tot en

gaan naar voormalige ThWI en vanaf 2007 de PThU. De verplichting is

met het einde van het boekjaar in de jaarrekening verantwoord.

ultimo boekjaar actuarieel berekend, en tegen contante waarde opgenomen tegen een disconteringsvoet van 2,34%, in overeenstemming

74

Jaarstukken 2013


2.2.3 Voorziening jubileumuitkeringen: Tevens is op basis van RJ 271 een

2.2.5 Voorziening wachtgelden: De verplichting heeft betrekking op

voorziening voor jubileumuitkeringen opgenomen. Deze voorziening

ex-werknemers niet vallende onder de reorganisatievoorziening en de

geeft inzicht in de financiĂŤle verplichting per ultimo vorig boekjaar

contante waarde is berekend met een rekenrente van 2,34%. In reke-

inzake de uitbetaling van jubileumuitkeringen hetgeen voortvloeit bij

ning gebrachte uitkeringen gedurende het jaar worden als onttrekking

toepassing van de arbeidsvoorwaardenregeling. De looptijd bedraagt

van deze voorziening gebracht. De looptijd van de voorziening bedraagt

meer dan 5 jaar.

1-5 jaar.

2.2.4 Voorziening verlofsparen: Dit betreft gespaarde verlofuren verme-

2.2.6 Onderhoudsvoorziening: Met ingang van 2013 vindt dotatie plaats

nigvuldigd met het ultimo vorig boekjaar geldende bruto uurtarief

in de onderhoudsvoorziening voor het pand in Groningen ten behoeve

(inclusief sociale lasten). De looptijd bedraagt meer dan 5 jaar.

van groot onderhoud op basis van een nog op te stellen onderhoudsplan.

2.3 Kortlopende schulden

31/12/2013

31/12/2012

Crediteuren

1.107,6

1.425,7

Belastingen

9,2

0,5

296,6

320,5

87,6

94,2

Premies sociale verzekeringen Pensioenen Derden en gelieerde instellingen

46,0

148,5

Vakantietoelage / eindejaarsuitkering

167,1

231,8

Vakantiedagen

144,2

144,2

Vooruitontvangen collegegelden

368,2

359,3

RC PKN Overige overlopende passiva

Totaal kortlopende schulden

-

-

478,1

271,7

2.704,6

2.996,4

Toelichting:

EU Grundtvig project.

Crediteuren: de in december gefactureerde afgenomen diensten bij de

De Vakantietoelage / eindejaarsuitkering en Vakantiedagen zijn perso-

VU en Rug op het gebied van ICT en huisvesting nemen 630,8 van deze

nele verplichtingen welke berekend zijn op basis van nog uit te betalen

post voor hun rekening.

bedragen op rapportagedatum.

De Premies sociale verzekeringen is de verschuldigde loonheffing aan de

De overige overlopende passiva bestaat uit diverse vooruit ontvangen

belastingdienst over de maand december 2013 die in 2014 wordt afge-

bedragen en nog te betalen kosten, veelal facturen ontvangen met

rekend.

datum in 2013 maar waarvan de lasten betrekking hebben op dit boek-

Datzelfde geldt voor de Pensioenen, werkgevers- en werknemersdeel die

jaar. Over de schulden is geen rente verschuldigd.

in januari 2014 worden afgedragen aan het ABP. Onder Derden en gelieerde instellingen zijn onder andere schulden

Niet uit de balans blijkende verplichtingen

opgenomen wegens nog te besteden geoormerkte gelden van voorna-

Met de VU is een huurovereenkomst afgesloten voor een huurtermijn

melijk lopende NWO-projecten, het Erasmus-Socrates programma een

van 10 jaar, ingaande 01-03-2012 met verlenging per 5 jaar voor een

Protestantse Theologische Universiteit

75


jaarbedrag van k€527,7 gekoppeld aan een jaarvergoeding k€186,1

energie en watermanagement. De verschuldigde vergoeding is geba-

voor leveringen en diensten (servicekosten). Beide prijspeil 2012.

seerd op productafname x tarief.

Op het gebied van ICT en Audiovisuele middelen zijn met de VU zogenaamde Standaard Niveau Overeenkomsten (SNO’s) afgesloten. De SNO voor ICT is voor onbepaalde tijd aangegaan (in relatie tot de huurtermijn) en bedraagt . k€292,1 op jaarbasis. Voor het gebruik en ondersteuning van de audiovisuele middelen in Amsterdam en Groningen is jaarlijks een bedrag verschuldigd van k € 140,1. Met de Rijksuniversiteit Groningen (RuG) is een Dienstverleningsovereenkomst (DVO) afgesloten die stilzwijgend telkens met één jaar wordt verlengd. De dienstverlening bevat de productgroepen bewaking, catering, post, schoonmaak, technisch beheer gebouw en installaties en

Verbonden partijen Er zijn geen verbonden partijen bekend waar de bestuurders van de PThU bestuurlijke invloed ofwel deelneming in hebben. Kengetallen en ratio’s

(bedragen in euro’s x 1.000) 31/12/2013

31/12/2012

8.894,4

9.195,7

Exploitatie Rijksbijdrage Baten werk voor derden

376,6

575,7

Subsidiabel resultaat

522,1-

1.251,9-

Niet subsidiabel resultaat

238,9-

57,8-

Vermogen Eigen vermogen

4.233,6

4.994,7

Totaal vermogen

12.684,1

14.452,8

Solvabiliteitsratio Rentabiliteit Totale Vermogen

0,33

0,35

-5,6%

-8,5%

500,1

807,7

Liquiditeit Liquide middelen Beleggingen in effecten Netto werkkapitaal Current ratio Totaal baten incl.fin.baten Weerstandsvermogen

76

-

-

1.100,3-

1.129,0-

0,59

0,62

10.500,7

11.758,5

40,3%

42,5%

Jaarstukken 2013


Toelichting: Het Solvabiliteitsratio - de verhouding tussen het ingebrachte eigen vermogen en de totale activa (=balanstotaal) - is licht gedaald door toevoeging van het negatieve resultaat over 2013.. De Rentabiliteit totale vermogen geeft de winstgevendheid van een organisatie weer. Zowel in 2012 als 2013 negatief. Het Netto werkkapitaal is de hoeveelheid geld die nodig is om de bedrijfsactiviteiten goed te kunnen uitoefenen, zoals de inkoop van goederen/diensten en het betalen van de salarissen. Dit getal wordt berekend door de vlottende activa te verminderen met de kortlopende schulden. Het Netto werkkapitaal ultimo 2013 is negatief De Current ratio geeft het verhoudingscijfer weer tussen deze twee en moet in principe derhalve minimaal de waarde 1 hebben.

Protestantse Theologische Universiteit

77


Toelichting op de staat van baten en lasten 2013 Toelichting op de staat van baten en lasten

3.1 Rijksbijdrage Rijksbijdrage OC&W ow vast

(bedragen in euroâ&#x20AC;&#x2122;s x 1.000) subsidiabel

niet-subsid.

Rekening 2013

Begroting 2013

Afwijking

Rekening 2012

4.283,1

4.283,1

4.278,5

4,6

4.709,6

Rijksbijdrage OC&W ow-gebonden dynamisch

606,8

606,8

567,4

39,4

713,3

Rijksbijdrage OC&W prestatieafspraken

388,9

388,9

383,7

5,2

Rijksbijdrage OC&W subsidieregeling 2e graden Rijksbijdrage OC&W oz-vast Rijksbijdrage OC&W oz-gebonden dynamisch

Totaal Rijksbijdrage OC&W

23,3

23,3

23,3

0,0-

2.917,1

2.917,1

2.914,0

3,1

675,2

675,2

674,5

0,7

796,6

8.894,4

8.894,4

8.841,4

53,0

9.195,7

2.976,2

Toelichting: De Rijksbijdrage voor het jaar 2013 (financiĂŤle beschikking DUO met

Het dynamische deel van de Rijksbijdrage 2013 is gerelateerd aan de

kenmerk 2013/2/350426) is per 18-12-2013 vastgesteld op 8.482, 3,

vastgestelde (gewogen) aantallen uit 2011 (jaar n-2), zijnde het aantal

exclusief de prestatiebekostiging van 388,9 en exclusief 23,3 inzake de

inschrijvingen (134), verleende graden onderwijs (31), graden onderzoek

subsidieregeling tweede graden voor 2013. De totale rijksbijdragen

(50) en promoties (6). De toegekende bijdrage voor de ambtsopleiding

2013 komen hiermee uit op 8.894,4 en zijn 53,0 hoger dan de begro-

Vrije Evangelische Gemeente (VEG) van 133,5 wordt doorgestort en is

ting 2013 (op basis van de eerste beschikking).

als last opgenomen onder 4.4 Overige lasten

3.2 Bijdrage PKN

subsidiabel

Bijdrage PKN

niet-subsid.

Rekening 2013

Begroting 2013

Afwijking

Rekening 2012

188,4

188,4

309,8

121,4-

190,5

Toelichting: Deze bijdrage is vanaf september 2011 onderdeel van de bekostiging

gefactureerd aan het Protestants Centrum Toerusting & Educatie (PCTE)

van de nieuw opgezette Permanente Educatie (PE). De cursuskosten van

van de Dienstenorganisatie PKN .Het aantal cursussen en deelnemers is

de Primaire Nascholing Predikanten (PNP) en Permanente Educatie wordt

in 2013 aanzienlijk achtergebleven bij de opgestelde begroting.

3.3 College- en examengelden College- en examengelden

subsidiabel 577,2

niet-subsid.

Rekening 2013

Begroting 2013

Afwijking

Rekening 2012

577,2

510,7

66,5

646,9

Toelichting: Het aantal betalende studenten in de rapportageperiode is gebaseerd op

is - met een Bewijs Betaald Collegegeld - in verband met een inschrijving

324 ingeschreven studenten ten opzichte van 331 studenten in 2012.

elders bedraagt op rapportagedatum 55 tegenover 46 vorig jaar.

Het aantal ingeschreven studenten die geen collegegeld verschuldigd

78

Jaarstukken 2013


3.4 Deelnemersbijdragen

subsidiabel

Deelnemersbijdragen

niet-subsid.

Rekening 2013

Begroting 2013

Afwijking

Rekening 2012

138,6

138,6

147,0

8,4-

157,0

Toelichting:

Door de nieuwe opzet van de PE in combinatie met de PAO waarvan

De deelnemersbijdragen zijn de gerealiseerde ontvangsten over 2013

het aanbod tegelijkertijd plaatsvindt, blijven de deelnemersbijdragen in

voor kerkelijk vrijwillig post-academisch onderwijs van de predikanten.

2013 iets achter op de begroting.

3.5 Baten werk in opdracht van derden

subsidiabel

Nationale overheid, NWO

niet-subsid.

89,5

Rekening 2013 89,5

taakstelling

Begroting 2013

Afwijking

Rekening 2012 239,5

65,5

24,0

158,9

158,9-

Overige organisaties: - Projectsubsidie LDF

26,7

26,7

17,0

9,7

22,7

- Kerk in Actie

36,4

36,4

34,7

1,7

42,9

- Deo Volente

7,4

7,4

18,4

11,0-

7,2

37,3

37,3

38,8

1,5-

44,2

- Lutherana steunstichting - Brandenburgfonds

32,0

32,0

30,8

1,2

52,2

Overige bijdragen

147,3

147,3

187,3

40,0-

167,1

Totaal baten werk in opdracht van derden

376,6

376,6

551,4

174,8-

575,7

-

Toelichting:

de begroting. Van de Steunstichting Lutherana wordt een bijdrage van

De NWO subsidie betreft projectonderzoeken inzake Targum (30,2), het

0,4 fte hoogleraarschap t.b.v. prof.dr. Matthias ontvangen. Uit het Bran-

project Byzantijnse manuscripten (45,9), Internationaliseringsproject

denburgfonds worden een vergoeding ontvangen voor onderzoek door

Byzantine NT (1,2) en een EU-subsidie voor het Grundtvig multilateral

drs. Sonnenberg (0,4 fte).

project (12,2). In de begroting van de post 3.5 Baten werk derden was een taakstellend bedrag van 158,9 op jaarbasis opgenomen voor

De post Overige bijdragen bestaat uit: een bijdrage van Stichting

nieuwe subsidieaanvragen. Gedurende dit boekjaar zijn er geen nieuwe

Rotterdam (25,6) voor prof.dr. Noordegraaf en drs. de Waal, Stichting de

projecten gestart. De taakstelling is daarom niet gerealiseerd.

Zending inzake bijzonder hoogleraarschap prof.dr. Jansen (28,6), prof.dr.

De lasten van genoemde projectonderzoeken staan verantwoord onder

de Hart voor Stichting Kerk en Wereld (23,8), dr. de Vries voor de stich-

4.4 Overige lasten.

ting ter bevordering van onderwijs en onderzoek Justitiepastoraat (17,7) en een aantal overige bijdragen van o.a. de Gereformeerde Bond en de

De bijdragen van de Overige organisaties bestaan voornamelijk uit door-

Nieuwe Bijbelschool.

berekening van personele lasten. De projectsubsidie LDF betreft een bijdrage voor promotiestudie van drs. Hage voor 0,4 fte. De bijdrage

Door het afboeken van enkele oninbare vorderingen op de Stichting

van Kerk in Actie (PKN) bestaat uit 0,5 fte t.b.v. universitair docentschap

Juda誰stiek uit 2011 (23,4) evenals een afboeking van de vordering op de

van prof.dr. Noordegraaf. Het hoogleraarschap van dr. Walton bij

Maatschappij van Welstand uit 2012 (15,7) is het totaalbedrag van de

Deo Volente is later gestart en de bijdrage blijft derhalve achter t.o.v.

overige bijdragen onder het niveau van de begroting gebleven.

Protestantse Theologische Universiteit

79


3.6 Overige baten

subsidiabel

Contributies Baten gebouwen Doorberekening personeelskosten

16,8

niet-subsid.

Rekening 2013

Begroting 2013

Afwijking

Rekening 2012

20,6

20,6

30,0

9,4-

40,4

-

16,8

-

16,8

52,6

-

5,0

5,0-

3,3

Overige baten

43,1

30,4

73,5

63,0

10,5

484,4

Totaal overige baten

59,9

51,0

110,9

98,0

12,9

580,8

Toelichting: De vrijwillige bijdragen (contributies) blijven onder het niveau van de

De overige baten subsidiabel worden veroorzaakt door het opschonen

begroting 2013. De begroting 2013 was al neerwaarwaarts bijgesteld

van niet meer actieve rekening-courant saldi. Dit heeft een bijdrag van

ten opzicht van voorgaande jaren. Het aanboren van eventuele nieuwe

25,2 opgeleverd. Daarnaast werden eenmalige opbrengsten gegene-

bronnen is in beraad.

reerd uit verkoop van niet meer gebruikte IT-apparatuur en bibliotheek-

De Baten gebouwen hebben betrekkin op verhuur van (college)zalen in

boeken. De overige baten niet subsidiabel bestaan uit ontvangen

voornamelijke Amsterdam gedurende tijdstippen dat deze niet voor

legaten/schenkingen (4,7) en de bijdrage 2012/2013 van Stichting

eigen studenten/activiteinten in gebruik zijn.

Aanpakken (6,1) ten behoeve van buitenlandse studenten van diverse organisaties. In de begroting was van de Council World Mission een

De personele ondersteuning (overhead) voor de contribuantenadmini足

bijdrage van 48,0 voor 3 studenten opgenomen terwijl in de realisatie

stratie is gelet op de daling van de inkomsten in 2013 op nihil is gesteld

een bijdrage ontvangen is van 8,3 door contractbijstelling en het

en derhalve lager dan begroot.

opnemen van promovendi. Dit laatste is niet gerealiseerd.

80

Jaarstukken 2013


4.1 Personeelslasten

subsidiabel

niet-subsid.

Rekening 2013

Begroting 2013

Afwijking

Rekening 2012

4.652,6

4.652,6

4.594,3

58,3

5.177,9

Sociale lasten

473,6

473,6

413,7

59,9

544,5

Pensioenpremies

719,7

719,7

714,2

5,5

778,8

5.845,8

5.722,2

123,6

6.501,2

Brutolonen en salarissen

Lonen en salarissen

Dotaties personele voorzieningen

229,8

229,8

100,0

129,8

233,1

Personeel niet in loondienst

597,8

597,8

501,5

96,3

1.160,7

Doorberekening salarissen aan projecten e.d.

575,6-

575,6-

375,8-

199,8-

640,5-

Personeelslasten Seminarium (niet subsidiabel)

448,7-

-

-

-

-

Overig

183,1

183,1

481,4

298,3-

253,4

435,1

707,1

272,0-

1006,7

6.281,0

6.429,3

148,3-

7.507,9

448,7

Overige personele lasten

Totaal personeelslasten

5.832,3

448,7

Toelichting:

bibliotheek en het cursistenregistratiesysteem Osiris komt uit op totaal

Lonen en salarissen: Hierin is alle personeel opgenomen welke op basis

248,8. Voor (nog) niet ingevulde vacatures, ziekte en extra inzet door

van een arbeidscontract in het salarissyteem van de PThU worden

het aanhouden van tijdelijk 5 locaties na de verplaatsing bedroeg de

verloond inclusief de tijdelijke arbeidsovereenkomsten van medewerkers

inhuur 63,1.

welke aan projecten zijn gekoppeld. De realisatie van de lonen en salarissen komen net boven de begroting uit (2,1%).

Doorberekening salarissen aan projecten e.d. betreft de doorberekening van de salarislasten van medewerkers welke verdisconteerd zijn in de

Dotaties personele voorzieningen: Er was rekening gehouden met een

post lonen en salarissen en via deze regel via een bate en last overgehe-

dotatie aan personele voorzieningen van totaal 100,0. De actuariĂŤle

veld zijn naar NWO-projecten (103,8), Werk in opdracht van derden

(her)berekening van de pensioenverplichting oud-hoogleraren kwam uit

(269,1) en Matchingconstructies (194,8), die nagenoeg geheel uit sala-

op een dotatie aan de voorziening van 133,1. Daarnaast vond ophoging

rislasten bestaan.

plaats van de wachtgeldvoorziening, jubileumuitkering i.v.m. gewijzigde pensioendatum en de voorziening geldwaarde verlofsparen, voor een

Personeelslasten Seminarium (niet subsidiabel) die zijn opgenomen in de

totaalbedrag van 96,7.

salarisadministratie worden ook nĂĄ de invoering van de Permanente

De kosten gedurende het boekjaar van uitvoering van het Sociaal Plan

Educatie nog separaat doorberekend naar de niet-subsidiabele lasten

inzake de reorganisatie worden rechtstreeks ten laste van de voorziening

Seminarium. Inzet van Seminariumdocenten in intitieel onderwijs en

(Balans) gebracht.

onderzoek wordt ten laste van de Rijksbijdrage gebracht.

Personeel niet in loondienst betreft de tijdelijke vervanging van onder-

De post Overig bestaat uit o.a. de kosten voor studie en opleiding

steunend personeel (obp). De inhuur van de manager bedrijfsvoering

(44,1), werving en selectie (57,4 waarvan 43,5 voor de werving van de

gedurende de werving van de directeur bedrijfsvoering komt in de reali-

directeur bedrijfsvoering), reiskosten woon/werk - niet zijnde Sociaal

satie uit op 157,9. Voor onderwijsondersteuning bedraagt de inhuur

Plan- (40,3), arbo en ipap (36,4), lagere verplichting verlofdagen (-23,2)

28,0. Extra inhuur van personeel voor het op orde brengen van de

en overige personele kosten (28,1).

Protestantse Theologische Universiteit

81


Aantal fte’s

Rekening 2013

Formatie

Afwijking

1,80

1,80

-

1,80

46,23

57,11

10,88-

54,97

Bestuur WP

Rekening 2012

OBP

21,39

23,85

2,46-

21,75

Totaal fte’s ultimo rapportageperiode

69,42

82,76

13,34-

78,34

Gemiddeld aantal fte’s

72,18

89,16

Toelichting: De formatie betreft het aantal fte’s dat in de begroting is opgenomen. In

Het gemiddeld aantal fte’s is het gewogen gemiddelde over 12 maanden.

de rapportageperiode ligt de bezetting onder het niveau van de formatie.

4.2 Afschrijvingen Afschrijvingslast gebouwen/inventaris tlv ministerie

subsidiabel

niet-subsid.

448,4

Afschrijvingskosten op eigen rekening

15,9

Vrijval investeringssubsidies

98,3-

Totaal afschrijvingen

350,2

15,9

Rekening 2013

Begroting 2013

Afwijking

Rekening 2012

448,4

321,0

127,4

412,5

15,9

-

15,9

27,9

98,3-

-

98,3-

123,5-

366,1

321,0

45,1

316,8

Toelichting: Naar analogie van de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving worden

De afschrijvingslasten van de investeringen en verbouwingen in

investeringssubsidies via de Balans in mindering gebracht op de investe-

Amsterdam en Groningen zijn vanaf het moment van ingebruikname

ringen. De vrijval uit deze subsidie - nog actueel in 2013 aangezien

opgenomen. De afschijvingslasten van de Kamper panden - 99,2 subsi-

overdracht van de Kamper panden (deels niet-subsidiabel) nog niet heeft

diabel en 15,9 niet-subsidiabel - drukt onvoorzien op de lasten van

plaatsgevonden - is gelijk aan de termijnen van de afschrijvingen over

2013. In totaal is de afschrijvingslast hiermee boven het niveau van de

de materiële vaste activa tot 2007 (jaar van de fusie). De afschrijvings-

begroting uitgekomen.

lasten vanaf 2007 komen niet in aanmerking voor genoemde vrijval ten laste van de investeringssubsidies.

82

Jaarstukken 2013


4.3 Huisvestingslasten

subsidiabel

Huisvestingslasten subsidiabel

1.047,5

Dotatie voorziening onderhoud

50,0

Huisvestingslasten niet-subsidiabel Lasten gebouwen niet subsidiabel

Totaal huisvestingslasten

niet-subsid.

1.097,5

Rekening 2013

Begroting 2013

Afwijking

Rekening 2012

1.047,5

1.066,4

18,9-

1.527,1

50,0

50,0

-

-

15,8

15,8

61,0

45,2-

48,9

-

-

-

-

17,7

15,7

1.113,3

1.177,4

64,1-

1.593,7

Toelichting: In de subsidiabele huisvestingslasten zijn naast de reguliere huur en

De huisvestingslast niet-subsidiabel bestaat uit de betaalde huurvergoe-

servicekosten bij de VU in Amsterdam, resp. 539,9 en 230,4, de lasten

ding en servicekosten van het Seminarium voor het aanhouden van een

opgenomen van de extra schoonmaak na de verbouwing in 2012 (23,5).

docentenkamer op locatie.

De huurvergoeding voor de vierkante meters van de bibliotheek in Amsterdam en Groningen (samen 58,2 waarvan 8,1 additioneel voor

De dotatie aan de voorziening onderhoud heeft betrekking op toekom-

Groningen van 2012) en huur 2012 van de voormalige locatie Utrecht

stig groot onderhoud aan het pand in Groningen.

(11,1) zijn als nagekomen posten hier opgenomen.

Protestantse Theologische Universiteit

83


4.4 Overige lasten

Rekening 2013

Begroting 2013

Afwijking

1,1

1,1

-

1,1

-

Bibliotheek

109,7

109,7

127,5

17,8-

119,5

Administratie- en advieskosten

217,3

217,3

162,2

55,1

184,3

98,8

98,8

-

98,8

277,5

Inventaris

Voorbereidingskosten nieuwe constellatie

subsidiabel

niet-subsid.

Publiciteit en voorlichting

199,2

199,6

290,0

90,4-

264,6

Automatisering

649,0

649,0

469,5

179,5

339,3

Reis- en vergaderkosten

77,2

77,2

120,0

42,8-

138,9

Vergoeding Raad van Toezicht

22,3

22,3

20,0

2,3

22,4

6,5

6,5

5,0

1,5

9,5

-

5,5

10,0

4,5-

6,6

1.387,0

1.204,2

182,8

1.362,7

151,9

151,9

204,3

52,4-

254,6

3,3

3,3

3,5

0,2-

3,5

162,2

162,2

93,3

68,9

111,6

Contribuantenadministratie Overige lasten

5,5

0,4

Rekening 2012

Subtotaal overige organisatielasten Inhuur docenten Gastdocenten Afstandsonderwijs Profileringsfonds Studentenvoorzieningen

3,5

3,5

5,0

1,5-

5,6

36,5

36,5

56,1

19,6-

46,3

159,7

159,7

130,0

29,7

153,3

78,8

85,0

6,2-

98,5

180,1-

257,3

190,0

67,3

244,5 133,5

Studietoelage buitenlandse student Stage (instelling/kerk.gemeente)

78,8

Lasten initieel onderwijs Seminarium

437,5

Vrije Evangelische Gemeente (VEG)

133,5

133,5

133,5

0,0

-

-

-

-

1,0

106,3

176,5

70,2-

24,3

1.093,1

1.077,2

15,9

1.076,9

Samenwerkingsproject joint bachelor VU Overige lasten opleidingen

100,3

6,0

Subtotaal overige lasten onderwijs Internationalisering

54,0

54,0

58,0

4,0-

57,3

Onderzoeksactiviteiten programmaâ&#x20AC;&#x2122;s

63,6

63,6

92,0

28,4-

45,6

Graduate school

10,2

10,2

21,0

10,8-

5,7

Projectkosten NWO (Targum etc.)

119,0

119,0

65,5

53,5

242,4

Overige kosten projecten 2e/3e geldstroom

300,5

300,5

352,7

52,2-

253,4

Matching onderzoek 2e/3e geldstroom

133,0

133,0

154,6

21,6-

210,7

158,9

158,9-

Taakstellend NWO + overige organisaties Kosten overige activiteiten onderzoek

201,4

-

201,4

87,0

114,4

147,3

881,8

989,7

107,9-

962,5

139,5

139,5

238,3

98,8-

247,3

106,3

-

Subtotaal overige lasten onderzoek Kosten dienstverlening kerkelijk Inzet docenten PThU voor PAO Kosten dienstverlening maatschappelijk

106,3-

Subtotaal overige lasten dienstverlening

Totaal overige lasten

84

3.263,2

238,3

-

-

-

17,5

17,5-

0,4

139,5

255,8

116,3-

247,7

3.501,4

3.526,9

25,5-

3.649,8

Jaarstukken 2013


Toelichting: Organisatielasten - Bibliotheek; de uitgaven van de bibliotheek zijn in 2013 onder het niveau van de begroting gebleven. -A dministratie- en advieskosten; de porto-/kopieerkosten bedragen

sief btw van de leden van de Raad van Toezicht (inclusief reiskosten). - Contribuantenadministratie; de kosten van de mailing in januari van 2013 en de bankkosten van deze niet-subsidiabele activiteit. - Overige lasten; betreft de bijdrage samenwerkingsverbanden zoals Refo500, stichting Dom Helder Camara en IAPCHE.

samen met de kosten van de salarisadministratie ruim 90.0. Dit is fors hoger dan de begroting van 32,0. Naast de contractueel overeenge-

Onderwijs

komen postbezorging in Groningen blijken ook doorberekende

- Inhuur docenten; dit betreft de tijdelijke inzet via Pflex in verband met

tarieven op deze posten hoger uit te vallen. Verder zijn de accountants-

lesgeven op vijf locaties door de verplaatsing van de PThU, niet aanwe-

kosten in deze post opgenomen. De accountantskosten blijven met

zige expertise binnen de eigen organisatie en inzet gedurende vaca-

43,5 realisatie binnen de jaarbegroting van 50,0. De algemene advies-

tures en bij ziekte van docenten universitair onderwijs is onder de

kosten komen met een realisatie van 80,1 op het niveau van de begro-

begroting gebleven. Vanaf september is deze inzet afgenomen tot het

ting (80,0) en bestaan voornamelijk uit advies met betrekking tot de

huidige niveau. De inzet van (freelance)docenten op het Seminarium

Kamper panden, inschakeling van de advocaat en advisering voor

ten behoeve van PAO is verantwoord onder Kosten dienstverlening

optimalisering van de financiële afdeling.

kerkelijk.

-V oorbereidingskosten nieuwe constellatie; Dit betreffen niet begrote

- Gastdocenten; marginale uitgave conform de begroting.

uitgaven (t/m juli 2013) voor het inschakelen van extra expertise voor

- Afstandsonderwijs; naast de reguliere afdracht aan de LOI op basis van

archivering en opschonen van bestuursdocumenten in samenwerking

ontvangen collegegeld (68,1) die lager is uitgevallen dan begroot, is de

met het gemeentearchief Kampen, die gepland waren vorig jaar te zijn

afkoopsom (97,3) in verband met beëindiging van het contract, zijnde

afgerond. - P ubliciteit en voorlichting; de realisatie 2013 blijft met 90,4 onder de begroting doordat in het najaar een aantal extra geplande promotieactiviteiten geen doorgang hebben gevonden.

de omzetderving voor de LOI, volledig opgenomen in deze post. - Profileringsfonds; in 2013 hebben 3 studenten een bijdrage ontvangen uit dit fonds en blijft in totaal onder de begroting. - Studentenvoorzieningen; naast uitgaven voor sport- en culturele

- Automatisering; de realisatie is ruim boven de begroting uitgekomen

zaken, samen totaal 4,0, zijn de verschuldigde vergoedingen conform

omdat in de Standaard Niveau Overeenkomst (SNO) met de VU de

het convenant met de UU hier opgenomen (22,6). Aan vacatiegelden

veronderstelling was dat met de SNO álle ICT-diensten en producten

studentleden voor UR en OC is 9,7 uitbetaald.

vanaf het moment van inhuizen gedekt waren. In 2013 is gebleken dat

- Studietoelage buitenlandse student; De overschrijding van 29,7 op de

deze veronderstelling niet juist is. De overschrijding betreft onderhoud,

begroting wordt veroorzaakt doordat 5 PhD-studenten die niet in de

consult en hosting van de bedrijfseigen software voor een bedrag van

begroting waren opgenomen; een extra last van 19,5. Daarnaast zijn

172,3 op jaarbasis.

de kosten van de admission office (beoordelingstoelating) en de admi-

-R eis- en vergaderkosten; dit betreft de algemene kosten van het

nistratieve ondersteuning met 8,0 hoger uitgevallen dan verwacht.

College van Bestuur, het wetenschappelijk personeel en ondersteu-

Ook de huisvestingslasten kwamen door een extra last van 2,5 boven

nend personeel samen. De onderbesteding heeft te maken met de

de begroting uit.

OV-jaarkaarten die in het kader van het Sociaal Plan door de betref-

- Stage (instelling/kerkelijke gemeente); zijn de directe docentkosten,

fende medewerkers in gebruik zijn genomen waarbij dienstreizen niet

inclusief inhuur, van deze initiële stage onderdelen in de masteroplei-

separaat gedeclareerd worden. De lasten van de civitasactiviteiten

ding (48,1) en bestaat uit het 2-weken seminarie, praktijkstage kerke-

(21,0) zijn eveneens in deze post verantwoord.

lijke gemeente, pastorale training, performance en communicatie

-V ergoeding Raad van Toezicht; De gefactureerde vacatiegelden inclu-

Protestantse Theologische Universiteit

alsmede de verblijfskosten van de instellingsstage en de exposureweek

85


van het instituut GGZ-centraal (voorheen Symfora) en het Kor Schip-

onderzoeksvoorstellen en seminars graduate students zoals de Promo-

pers instituut (30,7).

vierenden Beratung in maart en het Research colloquium doctum in

- L asten initieel onderwijs Seminarium; zijn de arrangementskosten van het initieel onderwijs op het Seminarium (257,3) die ten laste van de

november, beiden op locatie Groningen. - Projectkosten NWO ; (zie ook Baten werk in opdracht van derden). Het

Rijkssubsidie mogen worden gebracht inclusief interne doorberekening

gaat hier met name om doorberekende salarislasten van de projecten

van inzet docenten, huisvesting en overhead van het Seminarium

Targum (34,4), het project Byzantijnse manuscripten (45,5), Internatio-

(180,1). Vorig jaar opgenomen in de post Kosten dienstverlening

naliseringsproject Byzantine (1,3) en een EU project Grundtvig (36,6).

kerkelijk (zie hieronder). De overschrijding op deze post heeft als

Laatstgenoemde was nog niet opgenomen in de begroting. De lasten

oorzaak dat de dekking voor de verplichte afname van Hydepark-

van de NWO projecten lopen in de pas met de ontvangsten. Bij het

arrangementen voor initieel onderwijs uit het Kerkrentmeesterlijk

Grundtvig project zijn de lasten 24,5 hoger dan de baten. Het betreft

Quotum, in de jaren na de fusie, is beëindigd met de invoering van de

het overeengekomen deel ‘PThU-funding’. Reeds ontvangen tranches

PE/PAO-bekostiging.

maar nog niet gerealiseerde lasten staan als vooruit ontvangen gelden

-V rije Evangelische Gemeente; afdracht van het door de PThU ontvangen bedrag in de Rijksbijdrage; enerzijds als bate en anderzijds

in de Balans opgenomen. - Overige kosten projecten 2e/3e geldstroom; Realisatie is onder de

als last. Verantwoording vindt plaats via een separaat jaarverslag van

begroting gebleven. In deze post is de doorberekening van salarislasten

de VEG.

in 2e/3e geldstroomprojecten verantwoord en komt per saldo met 13,3

- S amenwerkingsproject joint bachelor VU; is opgestart waarbij de lastenverdeling nog plaats moet vinden. Geen begroting en geen realisatie dit jaar. -O verige lasten opleidingen; met name de kosten van onderwijsvisitatie

- baten versus lasten - licht negatief uit. - Matching onderzoek 2e/3e geldstroom; voor het projectonderzoek “christenjongeren” is opgenomen de inzet van een onderzoeker voor 4 jaar. Een andere AIO-matching met de Maatschappij voor Welstand is

(68,2), de implementatie van bron HO in het cursistregistratiesysteem

vanaf 1-9-2010 voor 4 jaar ingevuld door een promovendus missio-

Osiris (21,7), alsmede de betaalde reiskosten gedurende de stage van

logie voor 1,0 fte. Met de Christelijke Hogeschool Ede is een promotie-

studenten (10,0). Positieve afwijking omdat met name de realisatie van

traject overeengekomen voor 0,2 fte. Een soortgelijk promotieonder-

de visitatie onder het budget is gebleven. Niet-subsidabel betreft

zoek is gestart voor eveneens 0,2 fte met de Stichting

diverse administratieve onderwijskosten van het Seminarium.

Gereformeerde Hogeschool te Zwolle. Daarnaast is een onderzoeksovereenkomst aangegaan met Driestar Educatief en het departement

Onderzoek

religiewetenschap en theologie bij de Universiteit Utrecht inzake onder-

- Internationalisering; deze post blijft met 4,0 onder de begroting. De

zoek op het gebied van religieuze identiteitsontwikkeling. De lasten

lasten betreffen voornamelijk de internationale contacten en bijwonen conferenties (36,4) en het eigen aandeel van de PThU (13,0) inzake het internationaal netwerk genaamd IRTI. -O nderzoeksactiviteiten programma’s; worden op basis van de goedge-

betreffen de personele lasten van de detacheringen en blijven in totaliteit onder het begrotingsbedrag. - Kosten overige activiteiten onderzoek; voornamelijk het aandeel van de PThU zelf in de projectkosten (doorlopende personele lasten) van

keurde begroting van de programmaleiders uitgevoerd. De geplande

het afgelopen NWO-project Byzantijnse manuscripten (88,3) en in

activiteiten zoals studiereizen, vertaalkosten, output ondersteuning,

enkele 2e/3e geldstoomprojecten (totaal 42,7) naast de inhuur van

e.d. zijn onder het niveau van de begroting gehouden om het eindre-

onderzoekondersteuning (17,5). Tevens is hier verantwoord de

sultaat positief te beïnvloeden.

persoonsgebonden budgets van promovendi (17,3), onderhoud Barth-

-G raduate school; dit betreffen de reis- en verblijfkosten en kosten van bijeenkomsten inzake de Graduate school route ten aanzien van

86

database (5,3), boekpresentatie en vertaalkosten (11,8) en kosten van de onderzoekschool Ethiek/Noster (12,0).

Jaarstukken 2013


Dienstverlening -K osten dienstverlening kerkelijk bestaan uit de directe arrangements-

- De Inzet docenten PThU voor PAO bedraagt 106,3 en is een

kosten gefactureerd op basis van de nieuwe opzet Permanente

interne verrekening van subsidiabel naar niet-subsidiabel.

Educatie met de PKN (55,4) en inzet van (freelance)docenten op het Seminarium (84,1).

5 Financiële baten en lasten

subsidiabel

niet-subsid.

Rekening 2013

Begroting 2013

Afwijking

Rekening 2012

Financiële baten

124,9

101,6

226,6

348,1

121,5-

432,4

Financiële lasten

12,0-

12,0-

26,7-

14,7

20,5-

214,6

321,4

106,8-

411,9

Totaal financiële baten en lasten

112,9

101,6

Toelichting: De financiële baten bestaan voornamelijk uit rentebaten van de beleg-

De financiële lasten bestaan uit de service fee en het bewaarloon van

gingsportefeuille in obligaties (118,6). Verder is transactieresultaat

de beleggingsportefeuille en de bankkosten van de bedrijfsrekeningen.

(82,8) gerealiseerd uit (deel)verkoop van de beleggingsportefeuille. Tenslotte is hier verantwoord de rekening courantrente (2,8) en de door-

Op basis van de verhouding privaat en publiek eigen vermogen op

berekende rente inzake de vertraging bij de verkoop van de Kamper

de balans vindt toerekening plaats van de rente over de beleggingspor-

panden, onder aftrek van de post dubieuze debiteuren die hierop

tefeuille.

betrekking heeft.

Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semi-publieke sector (WNT)

Bestuurders (functie) clausule

Voorzitters-

Beloning

Belastbare vaste en variabele onkosten vergoedingen

Voorzieningen beloning betaalbaar op termijn

Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband

129,4

1,2

21,6

-

Ingangsdatum dienstverband

fte omvang

D I

1,00

D

0,80

D

108,6

-

19,9

-

238

1,2

41,5

-

dr. H.C. van der Sar (voorzitter)

Ja

1/3/1992

prof.dr. F.G. Immink (rector)

Nee

1/4/1987

Totaal Bestuurders

*

1,80 *D(ienstbetrekking) I(nterim)

Toelichting: De bezoldiging van de bestuurders, de belastbare vaste en variabele onkostenvergoedingen en de pensioenbijdrage van de werkgever, blijft voor beiden onder de WNT-norm van 228,6 per persoon voor 2013.

Protestantse Theologische Universiteit

87


Toezichthouders (functie) datum prof.dr. F.A. van der Duyn Schouten

eind-

Dienst­ verband ingangsdatum

fte omvang

30-04-2013

J.M. van Bijsterveldt-Vliegenthart (voorzitter)

Beloning

Belastbare vaste en variabele onkosten vergoedingen

Voorzieningen beloning betaalbaar op termijn

Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband

-

-

-

2,0 1/9/2013

2,0

mw.drs. J.J.Tj. Van de Hul-Omta

3,6

mw.ds G.R. Peetoom

3,6

prof.dr. M. Kaptein

3,6

drs. J.W. Meinsma Totaal Toezichthouders

3,6 -

18,4

Toelichting: De vergoedingen aan de Raad van Toezicht betreffen vacatiegelden

per 1 september 2013 formeel is benoemd door de synode.

exclusief BTW op basis van ingediende facturen. Prof.dr. van der Duyn-

De vergoedingen blijven onder de WNT-norm van toezichthouders

Schouten heeft de functie tot en met april uitgeoefend en is in de loop

van resp. 7,5% en 5% t.a.v. voorzitterschap en lid.

van het jaar opgevolgd door mevr. van Bijsterveldt-Vliegenthart die

Overzicht declaraties bestuursleden verslagjaar 2013 Bestuurders

dr. H.C. van der Sar (voorzitter)

prof.dr. F.G. Immink (rector)

Reiskosten binnenland

1,3

2,3

Reiskosten buitenland

0,6-

1,8

Representatiekosten

Overige kosten

0,8

1,0

Totaal Bestuurders

1,5

5,0

Rekening 2013

Rekening 2012

36,6

30,6

-

25,2

Vermelding accountantshonorarium De honoraria van Deloitte Accountants B.V. zijn als volgt:

Controle van de jaarrekening incl. bekostigingscontrole Fiscale advisering Niet-controle diensten Totaal

7,0

4,7

43,6

60,5

Toelichting: De niet-controle diensten zijn de kosten van de actuariële berekening van de pensioenvoorziening oud-hoogleraren (2,3) en additionele werkzaamheden voor het jaarverslag 2012 waaronder het opstellen van het bestuursverslag (4,7).

88

Jaarstukken 2013


Onderstaande opstelling geeft een overzicht van de subsidiabele en niet-subsidiabele Exploitatierekeningen. Begroting 2013

Rekening 2013 subsidiabel

Rekening 2012 niet-subsid.

Totaal

%

Baten 8.841,4

8.894,4

-

8.894,4

100,0

College-, cursus-, les- en examengelden

510,7

577,2

138,6

715,8

8,0

Baten werk in opdracht van derden

861,2

376,6

188,4

565,1

6,4

Overige baten

245,0

59,9

51,0

110,9

1,2

Totaal baten

10.458,3

9.908,1

378,0

10.286,1

115,6

-

70,6

Rijksbijdragen

Lasten Personeelslasten Afschrijvingen Huisvestingslasten

6.429,3

5.832,3

448,7

6.281,0

321,0

350,2

15,9

366,1

4,1

1.177,4

1.097,5

15,7

1.113,3

12,5

Overige lasten

3.526,9

3.263,2

238,3

3.501,4

39,4

Totaal lasten

11.454,6

10.543,1

718,6

11.261,7

126,6

Saldo baten en lasten

996,3-

635,1-

340,6-

975,6-

11,0-

Financiele baten en lasten

321,4

112,9

101,6

214,6

2,4

674,9-

522,1-

238,9-

761,1-

8,6-

Exploitatieresultaat

Doorberekend subsidiabel / niet-subsidiabel

subsidiabel

Publiciteit & voorlichting: bachelor weekend op Seminarium

niet-subsid.

-

-

Personeelslasten Seminarium (niet-subsidiabel)

448,7-

448,7

Docent- en overhead initieel onderwijs Seminarium (subsidiabel)

180,1

180,1-

Inzet PThU-docenten in PAO Seminarium (niet-subsidiabel)

106,3-

106,3

Per saldo doorberekend

374,8-

374,8

Seminarium

Totaal niet-subs.

Bijdrage PKN

188,4

188,4

Deelnemersbijdragen

138,6

138,6

Realisatie niet-subsidiabel

Contributies Baten gebouwen Overige baten

Buitenlandse studenten

20,6

20,6

22,5

FinanciĂŤle lasten/baten

101,6

Totaal baten

144,8

7,9

30,4

334,9

479,6

101,6

Personeelslasten Seminarium (niet subsidiabel)

448,7

Afschrijvingskosten op eigen rekening

15,9

Huisvestingslasten niet-subsidiabel

0,5-

Lasten gebouwen niet subsidiabel

0,0-

Overige lasten contribuantenadm.

6,5

Publiciteit Studietoelage buitenlandse student Studentenpastoraat

Dotatie Ruimzicht

15,9 16,3

15,8 0,06,5

0,4 159,7

0,4 159,7

-

Administratiekosten Seminarium

448,7

6,0

-

6,0 -

Doorberekening inzet PThU-docenten

106,3

Kosten dienstverlening kerkelijk

139,5

106,3 139,5

Doorberekening naar initieel onderwijs

180,1-

180,1-

Totaal lasten

181,5

537,1

718,6

Resultaat

36,8-

202,2-

238,9-

-

Protestantse Theologische Universiteit

89


7. Ondertekening van de jaarrekening De jaarrekening 2013 is door de Raad van Toezicht op 12 juni 2014 vastgesteld en goedgekeurd. College van Bestuur

prof. dr. F.G. Immink (rector)

8. Overige gegevens De jaarrekening 2013 is inclusief de bestemming van het resultaat goedgekeurd in de vergadering van de Raad van Toezicht. Vaststelling van de resultaatbestemming over het boekjaar 2013 Het College van Bestuur stelt de resultaatbestemming over het boekjaar 2013 als volgt vast: Algemene Reserve Vervangingsreserve onroerend goed Vastgelegd vermogen subsidiabel Egalisatiereserve PThU Fonds buitenlandse studenten Vastgelegd vermogen niet-subsidiabel Egalisatiereserve Theologisch Onderwijs

511,910,2202,236,8761,1-

Dit voorstel is in de jaarrekening verwerkt. Gebeurtenissen na balansdatum wet normering

90

Jaarstukken 2013


Controleverklaring Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

onderwijscontroleprotocol OCW/EZ 2013 en de Beleidsregels toepassing

Aan de Raad van Toezicht van de Protestantse Theologische Universiteit

aan voor ons geldende ethische voorschriften en dat wij onze controle

te Amsterdam.

zodanig plannen en uitvoeren dat een redelijke mate van zekerheid

WNT, exclusief het Controleprotocol WNT. Dit vereist dat wij voldoen

wordt verkregen dat de jaarrekening geen afwijkingen van materieel Verklaring betreffende de jaarrekening

belang bevat.

Wij hebben de in dit verslag opgenomen jaarrekening 2013 van de Protestantse Theologische Universiteit te Amsterdam gecontroleerd.

Een controle omvat het uitvoeren van werkzaamheden ter verkrijging

Deze jaarrekening bestaat uit de balans per 31 december 2013 en

van controle-informatie over de bedragen en de toelichtingen in de

de staat van baten en lasten over 2013 met de toelichting, waarin

jaarrekening. De geselecteerde werkzaamheden zijn afhankelijk van de

opgenomen een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor

door de accountant toegepaste oordeelsvorming, met inbegrip van het

financiële verslaggeving en andere toelichtingen.

nameinschatten van de risico’s dat de jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat als gevolg van fraude of fouten.

Verantwoordelijkheid van het bestuur

Bij het maken van deze risico-inschattingen neemt de accountant de

Het bestuur van de entiteit is verantwoordelijk voor het opmaken van

interne beheersing in aanmerking die relevant is voor het opmaken van

de jaarrekening die het vermogen en resultaat getrouw dient weer te

de jaarrekening en voor het getrouwe beeld daarvan alsmede in het

geven, in overeenstemming met de Regeling jaarverslaggeving onderwijs

kader van de financiële rechtmatigheid voor de naleving van die

en de Beleidsregels normering bezoldiging topfunctionarissen publieke

relevante wet- en regelgeving, gericht op het opzetten van

en semipublieke sector (WNT), alsmede voor het opstellen van het

controlewerkzaamheden die passend zijn in de omstandigheden.

jaarverslag in overeenstemming met de Regeling jaarverslaggeving

Deze risico-inschattingen hebben echter niet tot doel een oordeel tot

onderwijs.

uitdrukking te brengen over de effectiviteit van de interne beheersing

Het bestuur is tevens verantwoordelijk voor de financiële rechtmatigheid

van de entiteit. Een controle omvat tevens het evalueren van de

van de in de jaarrekening verantwoorde baten, lasten en balansmutaties.

geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving

Dit houdt in dat deze bedragen in overeenstemming dienen te zijn met

en de gebruikte financiële rechtmatigheidscriteria en van de redelijkheid

de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen.

van de door het bestuur van de entiteit gemaakte schattingen, alsmede

Het bestuur is voorts verantwoordelijk voor een zodanige interne

een evaluatie van het algehele beeld van de jaarrekening.

beheersing als het noodzakelijk acht om het opmaken van de

Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie

jaarrekening en de naleving van de relevante wet- en regelgeving

voldoende en geschikt is om een onderbouwing voor ons oordeel

mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg

te bieden.

van fraude of fouten. Oordeel betreffende de jaarrekening Verantwoordelijkheid van de accountant

Naar ons oordeel geeft de jaarrekening een getrouw beeld van de

Onze verantwoordelijkheid is het geven van een oordeel over de

grootte en de samenstelling van het vermogen van de Protestantse

jaarrekening op basis van onze controle, als bedoeld in artikel 2.9, lid 3

Theologische Universiteit per 31 december 2013 en van het resultaat

van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.

over 2013 in overeenstemming met de Regeling jaarverslaggeving

Wij hebben onze controle verricht in overeenstemming met Nederlands

onderwijs en de Beleidsregels toepassing WNT.

recht, waaronder de Nederlandse controlestandaarden, het

Voorts zijn wij van oordeel dat de in deze jaarrekening verantwoorde

Protestantse Theologische Universiteit

91


baten, lasten en balansmutaties over 2013 in alle van materieel belang

dat kunnen beoordelen, verenigbaar is met de jaarrekening zoals vereist

zijnde aspecten voldoen aan de eisen van financiĂŤle rechtmatigheid.

in artikel 2:391, lid 4 van het BW. Ten slotte vermelden wij dat het

Dit houdt in dat de bedragen in overeenstemming zijn met de in de

jaarverslag voldoet aan de in de relevante wet- en regelgeving

relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals vermeld

opgenomen bepalingen, zoals vermeld in paragraaf 2.2.5 Jaarverslag

in paragraaf 2.3.1. Referentiekader van het onderwijscontroleprotocol

van het onderwijscontroleprotocol OCW/EZ 2013.

OCW/EZ 2013. Verklaring betreffende overige bij of

Utrecht, 25 juni 2014

krachtens de wet gestelde eisen

Deloitte Accountants B.V.

Ingevolge artikel 2:393, lid 5 onder e en f van het BW vermelden wij dat ons geen tekortkomingen zijn gebleken naar aanleiding van het onderzoek of het jaarverslag, voor zover wij dat kunnen beoordelen,

Was getekend: Drs. G.J. Straatman RA

overeenkomstig Titel 9 Boek 2 van het BW is opgesteld, en of de in artikel 2:392, lid 1 onder b tot en met h van het BW vereiste gegevens zijn toegevoegd. Tevens vermelden wij dat het jaarverslag, voor zover wij

92

Jaarstukken 2013


Bijlagen

Protestantse Theologische Universiteit

93


Bijlage 1:

Prestatieafspraak 1. Onderwijs

1.1.5 Onderwijsintensiteit

1.1 Verplichte indicatoren: Onderwijskwaliteit en studiesucces 1.1.1 Bachelorrendement Het aandeel herinschrijvers van de voltijdse bachelorstudenten dat na 4 jaar een diploma behaalt bij de instelling

Cohort

Voltijd (%) (inclusief afstands­ onderwijs)

Voltijd (%) (exclusief afstands­ onderwijs)

2007-2008

9%

44%

2008-2009

15%

50%

2009-2010

13%

44%

Streefwaarde

75%

1.1.2 Uitval Het aandeel studenten van het totaal aantal voltijdse bachelorstudenten dat na 1 jaar studie niet meer bij de instelling staat ingeschreven

Cohort

Voltijd (%)

Afstand (%)

Totaal voltijd en afstand (%)

2007 (63)

33

35

34

2008 (51)

17

26

23

2009 (47)

0

13

9

2010 (36)

14

37

32

2011 (40)

20

0

2

2012 (47)

26

50

28

Streefwaarde

25%

Het aantal ge­ programmeerde contacturen en overige gestructureerde uren in het eerste bachelorjaar

2011

8,5 uur

2012

8,5 uur

2013

8,5 uur

2011

19,8% (€ 1.387.286)

Streefwaarde: ≥ 12 uur in 2015

1.1.6 Indirecte kosten Indirecte kosten, berekend op basis van overheadformatie als percentage van de totale formatie (exclusief onderwijsen onderzoeksondersteuning), uitgedrukt in percentages en euro’s

1.2

2012

2013

Streefwaarde: handhaven van een maximum van Onb. 20% van de overheadformatie als percentage van de totale formatie 18,7%

Additionele indicatoren onderwijs

1.2.1 Rendement masteropleidingen

1.2.1.1 Voltijd

De PThU hanteert voor het bepalen van het rendement de volgende 1.1.3 Excellentie

indicator: het percentueel aandeel masterstudenten dat binnen de nominale studieduur afstudeert. Voor bepaling van het rendement van de Algemeen oordeel NSE 2011: 3,9

Studentenoordeel over de opleiding in het algemeen

Algemeen oordeel NSE 2012: 3,66

driejarige masteropleidingen wordt onderscheiden naar de voltijd- en Streefwaarde: algemeen oordeel ≥ 3,9

Algemeen oordeel NSE 2013: 3,65

deeltijdvariant. De voltijdse opleiding kent een nominale studieduur van 180 ECTS in drie jaar. Voor de deeltijdopleiding gaat de PThU vooralsnog uit van een nominale studieduur van 180 ECTS in 4,5 jaar.

1.1.4 Docentkwaliteit Het aandeel docenten met een basiskwalificatie onderwijs

94

2011

16%

2012

16%

2013

31%

Streefwaarde: 75%

Jaarstukken 2013


M Predikantschap 31-8-2013 Kampen/Groningen

M Gemeentepredikant 31-8-2013 Utrecht/ Leiden/ Amsterdam

VOLTIJD

DEELTIJD

cohort

opleiding

aantal in cohort

aantal afge­ studeerden

percentage afgestudeerden

cohort

opleiding

aantal in cohort

aantal afge­ studeerden

percentage afgestudeerden

2006

M-PK

11

4

36%

2007

M-GP

29

11

38%

2007

M-PK

12

2

17%

2008

M-GP

20

13

65%

2008

M-PK

7

1

14%

2009

M-PK

10

5

50%

2010

M-PK

11

0

45%

M Geestelijke Verzorging 31-8-2011 Kampen/ Groningen DEELTIJD

M Gemeentepredikant 31-8-2013 Utrecht/Leiden VOLTIJD cohort

opleiding

aantal in cohort

aantal afge­ studeerden

percentage afgestudeerden

2007

M-GP-UL

16

11

68%

2008

M-GP-UL

27

17

59%

2009

M-GP-UL

22

13

59%

2010

M-GP-UL

35

16

46%

cohort

opleiding

aantal in cohort

aantal afge­ studeerden

percentage afgestudeerden

2006

M-GV

1

1

100%

2007

M-GV

3

0

0%

2008

M-GV

1

1

100%

1.2.2

Onderwijsintensiteit

Indicator M Geestelijke Verzorging 31-8-2011 Kampen/ Groningen VOLTIJD cohort

opleiding

aantal in cohort

aantal afge­ studeerden

percentage afgestudeerden

2006

M-GV

1

0

0%

2007

M-GV

1

0

0%

2008

M-GV

1

0

0%

2009

M-GV

2

1

50%

2010

M-GV

4

2

50%

1.2.1.2 Deeltijd

Het onderwijsprogramma is activerend en kleinschalig, blijkend uit de staf/ student ratio

Ratio

Streefwaarde

2011

1:7,5

2012

1:7,5

2013

1:7,5

1:10

1.2.3 Kwaliteit docenten Indicator Het aandeel docenten met een SKO

Ratio

Streefwaarde

2011

0

2012

0

2013

1

4 docenten beschikken over een SKO, van wie 2 vestiging Amsterdam en 2 vestiging Groningen

M Predikantschap 31-8-2013 Kampen/ Groningen DEELTIJD cohort

opleiding

aantal in cohort

aantal afge­ studeerden

percentage afgestudeerden

2006

M-PK

5

4

80%

2007

M-PK

6

4

67%

2008

M-PK

7

3

43%

Protestantse Theologische Universiteit

95


a. Systeem van toetsing

1.2.4 Kwaliteit onderwijs Ratio

Streefwaarde

Score studententevredenheid over de inhoud van de opleiding

NSE 2011: 3,67 NSE 2012: 3,51 NSE 2013: 3,51

≥ 3,5

NSE 2011: 3,71 NSE 2012: 3,60 NSE 2013: 3,62

Streefwaarde

Score studententevredenheid over de verworven algemene vaardigheden binnen de opleiding

NSE 2011: 3,52 NSE 2012: 3,40 NSE 2013: 3,38

≥ 3,5

Score studententevredenheid over de verworven wetenschappelijke vaardigheden binnen de opleiding Score studententevredenheid over de voorbereiding op de beroepsloopbaan

NSE 2011: 3,44 NSE 2012: 3,35 NSE 2013: 3,65

≥ 3,5

Ratio 2011

Streefwaarde

Naast de beoordeling op het onderdeel toetsing binnen de opleidingsvisitatie geldt als indicator het oordeel van studenten dat jaarlijks in het kader van de Nationale Studentenenquête wordt gemeten.

Indicator

Ratio

Voor de opleidingen beschikt de instelling over een adequaat systeem van toetsing op grond waarvan aangetoond kan worden dat de beoogde eindkwalificaties worden gerealiseerd.

NSE 2011: 3,83 NSE 2012: 3,34 NSE 2013: 3,47

Indicator

≥ 3,5

≥ 3,5

1.2.5 Beroepsveld b. Erkenning reeds verworven competenties (EVC) Indicator Indicator De PThU beschtikt over een erkend EVC-centrum

Ratio

Streefwaarde

2011: geen EVC-centrum 2012: geen EVC-centrum 2013: geen EVC-centrum

PThU heeft erkend EVCcentrum

c. Getrainde docenten Indicator Aandeel docenten betrokken bij leerprocesbegeleiding, die beschikken over voldoende opleiding, ten opzichte van totaal aantal docenten betrokken bij leerprocesbegeleiding

Ratio

Streefwaarde

2011

10%

2012

100%

2013

100%

100%

Werkloosheid onder afgestudeerden: gemiddelde duur werkloosheid PThUalumni tot eerste functie (in maanden)

KASKI-rapport 2010: 3,4 maanden ten opzichte van 1,4 maanden alle WO-alumni

Arbeidsmarktrelevantie opleiding: score op evaluatie naar opleiding bereidt goed voor op arbeidsmarkt

KASKI-rapport 2010: 30% eens en 31% oneens

Aandeel alumni dat een werkkring vindt als theologisch professional, in het bijzonder predikant

KASKI-rapport 2010: 70% predikant

gemiddelde werkloosheid tot eerste functie in maanden vasthouden op maximaal 3,4

≥ 75% eens

score aandeel predikant binnen totaal werkkring alumni is 70%

Sinds 2010 is er niet opnieuw een onderzoek onder alumni gehouden. Periodiek onderzoek maakt deel uit van de kwaliteitszorg PThU. Volgens het handboek kwaliteitszorg en bijbehorende kalender is een volgend loopbaanonderzoek voorzien in 2016. Bij intake bij primaire nascholing predikanten wordt jaarlijks gevraagd naar relevantie opleiding voor het beroep predikant.

96

Jaarstukken 2013


1.2.6.

Internationalisering Indicator

Uitgaand: aantal studenten dat in het kader van een internationaal uitwisselingsprogramma in het buitenland een (deel van een) studie volgt als percentage van het totaal aantal studenten

Ratio

Streefwaarde

2011

2010-2011 3 studenten (<1%)

4%

2012

2011-2012 3 studenten (1%)

4%

2013

2012-2013 2 studenten (1%)

4%

Uitgaand: het aantal studenten van de PThU als percentage van totaal aantal studenten, dat op grond van een Erasmus Mundus overeenkomst studiepunten behaalt in het buitenland.

2011

geen student

2%

2012

1 student (< 1%)

2%

2013

geen student

2%

Inkomend: Aantal studenten dat in het kader van een internationaal uitwisselingsprogramma in de instelling verblijft als percentage van het totaal aantal studenten

2011

8 studenten (2%)

2%

2012

9 studenten (2,8%)

2%

2013

0 studenten (0%)

2%

2011

1 (=33,3% uitgaande van 3 masteropleidingen)

33%

2012

1 (=33,3% uitgaande van 3 masteropleidingen)

33%

2013

1 (=33,3% uitgaande van 3 masteropleidingen)

33%

2011

17%

20%

2012

12%

20%

2013

20%

20%

Aantal docenten dat de Engelse taal beheerst op ten minste niveau CC-1

vaststelling percentage volgt op grond van intake docenten 2015

alle docenten in de internationale masteropleiding, evenals onderzoekers betrokken bij IRTI en hoogleraren die buitenlandse promovendi begeleiden hebben in 2016 niveau CC-1

Aandeel studenten van totaal aantal studenten dat gedurende de duur van de opleiding deelneemt aan een internationale conferentie

14 studenten van in totaal 324 studenten heeft deelgenomen aan een internationale conferentie (4%)

75% van het totaal aantal studenten neemt gedurende de opleiding ten minste ĂŠĂŠnmaal deel aan een internationale conferentie

Aantal masterprogrammaâ&#x20AC;&#x2122;s aangeboden in buitenlandse taal

Aantal studenten met een vooropleiding behaald in het buitenland als percentage van het totaal aantal instromende masterstudenten

Protestantse Theologische Universiteit

97


1.2.7 Studentenpopulatie Indicator Aantal deeltijdstudenten als percentage van het totaal aantal studenten

Aantal studenten instromend in bacheloropleiding met een HBO-diploma als percentage van totaal aantal instromende studenten

Ratio

Streefwaarde

2011

114 van in totaal 333 (=34%)

≥ 33%

2012

90 van in totaal 331 (27%)

≥ 33%

2013

96 van in totaal 324 (30%)

≥ 33%

2011

52%

≥ 33%

2012

39%

≥ 33%

2013

33% ≥ 33%

Aantal studenten instromend in masteropleiding met een HBO-diploma als percentage van totaal aantal instromende studenten

2011

13%

≥ 13%

2012

31%

≥ 13%

2013

2%

Verdeling instromende studentenpopulatie naar geslacht

2011

67% mannelijk en 33% vrouwelijk

2012

60% mannelijk en 40% vrouwelijk

2013

62% mannelijk en 38% vrouwelijk

98

≥ 13%

In principe 50% - 50%

Jaarstukken 2013


Indicator

2. Onderzoek

2.1 Verplichte indicator onderzoek: alorisatie Naast de additionele indicatoren met betrekking tot valorisatie legt de PThU zich vast op het streven uiterlijk in 2015 2,5% van de publieke onderzoeksmiddelen te besteden aan valorisatie. Met deze middelen zal

Inkomsten uit Nederlandse competitieve subsidieprogramma’s (NWO) voor onderzoeksprojecten als percentage totale inkomsten

Ratio

Streefwaarde Op basis van voorgaande streefwaarde 6%

2011

11,74%

2012

8,62%

2013

6,45%

Ratio

Streefwaarde

2011

6 per 17,95 fte = 0,33

2012

2 per 15,07 fte = 0,13

0,4 (per fte onderzoek)

2013

6 per 14,16 fte = 0,42

een professioneel ingerichte en bemenste valorisatie-infrastructuur worden ingericht, die leidt tot een stevige verankering in de organisatie 2.2.3 Aantal promoties

en het HRM-beleid. Thans is binnen de PThU sprake van een reeks van valorisatieactiviteiten.

Indicator

Een exact beeld van het percentuele aandeel van de publieke onderzoeksmiddelen dat wordt benut om deze activiteiten te ontplooien is niet voorhanden. Het college van bestuur zal voor 2012 een methode

Aantal dissertaties per fte wp (onderzoek)

ontwikkelen voor transparante toedeling van middelen uit de publieke onderzoeksfinanciering aan valorisatieactiviteiten. Jaar

Onderzoeksmiddelen

Middelen valorisatie

Percentage

2013

K€ 3.592,3

K€ 81,0

2,25%

2.2.4 Onderzoeksoutput Indicator Aantal wetenschappelijke artikelen tijdschriften refereed

2.2 Additionele indicatoren onderzoek 2.2.1 Onderzoek-gerelateerd HRM beleid Indicator Aantal wetenschappelijk personeel op wie (onderzoek) prestatiegericht HRM-beleid van toepassing is

Ratio

Streefwaarde

2011

4 van in totaal 78 leden wp (5%)

5%

2012

4 van in totaal 70 leden wp (6%)

5%

2013

5 van in totaal 68 leden wp (7%)

5%

Aantal wetenschappelijke publicaties: hoofdstukken boeken/ bundels

2.2.2 Toegekend aantal beurzen en projecten Indicator Aantal extern toegekende projecten en prijzen per fte WP

Ratio

Streefwaarde

2011

6 per 17,95 fte = 0,3

2012

6 per 15,07 fte = 0,4

2013

6 per 14,14 fte = 0,4

Toekenning van één onderzoeksproject op basis van tweede geldstroom en één beurs = 0,1

Protestantse Theologische Universiteit

Aantal wetenschappelijke artikelen tijdschriften non refereed

Ratio 2011

22 per 17,95 fte = 1,2

2012

28 per 15,07 fte= 1,86

2013

25 per 14,16 fte = 1,77

2011

33 per 17,95 fte (PThU) = 1,8

2012

20 per 15,07 fte = 1,33

2013

19 per 14,16 fte = 1,34

2011

80 per 17,95 fte (PThU) = 4,5

2012

36 per 15,07 fte = 2,39

2013

48 per 14,16 fte = 3,39

Streefwaarde

1,7 (per fte onderzoek)

2,0 (per fte onderzoek)

4,0 (per fte onderzoek)

99


Indicator aantal wetenschappelijke publicaties: boeken

Ratio 2011

17 per 17,95 fte) = 0,9

2012

0,46

2013

0,42

Streefwaarde 0,5 per fte onderzoek

3.2 Beroepsgerichte publicaties en publicaties breder publiek Indicator aantal beroepsgerichte publicaties per fte onderzoek

2.2.5 Conferenties Indicator

Ratio

Streefwaarde

Aantal congressen dat de PThU organiseert met buitenlandse partners

2011

1 congres in 2009 door PThU georganiseerd, 4 congressen in 2010 die PThU heeft medegeorganiseerd,

2012

5

2013

5

elk jaar (mee) organiseren van ten minste één internationale conferentie

aantal populariserende publicaties per fte onderzoek

Ratio 2011

70 op 17,95 (PThU) = 3,9

2012

35 op 15,07 fte = 2,32

2013

47 op 14,16 fte = 3,32

2011

95 op 17,95 (PThU) = 5,3

2012

65 op 15,07 fte = 4,31

2013

54 op 14,16 fte = 3,81

Streefwaarde

4,0 (per fte onderzoek)

5,0 (per fte onderzoek)

3.3 Bijzondere leerstoelen 3 Valorisatie Indicator

3.1 Nascholing/ Permanente Educatie Indicator Aantal deelnemers aan opleidingen, workshops, trainingen aangeboden in het kader van levenlang leren activiteiten en onderwijs voor professionele ontwikkeling

100

Ratio

Streefwaarde

2011

359 deelnemers

2012

305 deelnemers

2013

356 deelnemers ≥ 500 deelnemers

Bijzondere leerstoelen als percentage van het totaal aantal leerstoelen

Ratio

Streefwaarde

2011

9 bijzondere leerstoelen op 23 leerstoelen = 39%

2012

6 bijzondere leerstoelen op 15 leerstoelen = 40%

2013

8 bijzondere leerstoelen op 16 leerstoelen = 50%

45%

Jaarstukken 2013


3.4 Onderzoekscontracten met maatschappelijke partijen Indicator

Het aantal duale onderzoekstrajecten als percentage van het totaal aantal onderzoekstrajecten

Ratio

Streefwaarde

2011

8 duale promotietrajecten van in totaal 87 promovendi (AIO en buitenpromovendi) = 9 %

2012

8 duale promotietrajecten van in totaal 80 promovendi (AIO en buitenpromovendi) = 10%

2013

≥ 12%

8 duale promotietrajecten van in totaal 83 promovendi (AIO en buitenpromovendi) = 9,5%

3.5 Stages Indicator Het aantal studenten als percentage van het totaal aantal masterstudenten dat stage loopt in het kader van een driejarige masteropleiding

Ratio 2011

100%

2012

100%

2013

100%

Protestantse Theologische Universiteit

Streefwaarde

100%

101


Bijlage 2:

Samenstelling Raad van Toezicht, College van Bestuur, Universiteitsraad, Raad van Advies, commissies en werkgroepen Raad van Toezicht

H.A. Hamburger, per 1 augustus 2013

prof.dr. F.A. van der Duyn Schouten (voorzitter) tot 1 mei 2013

P. van Dam per 1 augustus 2013

Mw. J.M. van Bijsterveldt-Vliegenthart (voorzitter) per 1 september 2013

P.M.A. van der Herberg (secretaris) per 1 augustus 2013

drs. J.J.Tj. van den Hul-Omta (voorzitter a.i.) van 1 mei 2013 â&#x20AC;&#x201C; 1 september 2013

Personeel

drs. G.R. Peetoom

dr. R.J. de Vries (voorzitter)

drs. J.W. Meinsma

dr. G.M. Speelman

prof.dr. M. Kaptein

dr. H.S. Benjamins drs. T.A. Struik

Ambtelijk secretaris

H.J. Steen

mr.drs. D.J. de Boer

dr. H.M. van den Bosch Raad van Advies

College van Bestuur

drs. K.G. Ferrier

dr. H.C. van der Sar (voorzitter)

prof.dr.ir. R. Goodijk

prof.dr. F.G. Immink (rector)

drs. F. Hemrica drs. C. KĂśhler

Adviseurs

drs. P.J. Verhagen

Mw. M. Alferink (manager Bedrijfsvoering a.i.)

drs. R. Abma

Prof.dr. R.H. Reeling Brouwer (directeur Onderwijs a.i.) tot 1 oktober 2013

Examencommissie masteropleidingen PThU

dr. F. Stark (directeur Onderwijs) vanaf 1 oktober 2013

prof.dr. L.J. Koffeman (voorzitter) prof.dr. M.A. Matthias (vice-voorzitter)

Ambtelijk secretaris

dr. T.A. Boer

mr.drs. D.J. de Boer

prof.dr. R. Roukema (tot 1 oktober 2013) dr. G.J. van Klinken dr. R. Brouwer

Universiteitsraad

dr. H.K. Heyen (tot 1 september 2013)

Studenten

dr. M. van der Meulen (vanaf 1 oktober 2013)

S. Alblas (secretaris) tot 1 augustus 2013

prof. dr. F. de Lange (vanaf 1 oktober 2013)

M.W. Mazereeuw E.C. Mijnarends tot 1 augustus 2013

ambtelijk secretaris:

J.S. van Poppel tot 1 augustus 2013

drs. M. Vollaard (tot en met 7 maart 2013)

L. W. den Haan per 1 augustus 2013

drs. C.M. Boonstra (vanaf 7 maart 2013)

102

Jaarstukken 2013


Opleidingscommissie Utrecht/Leiden

Opleidingscommissie masteropleidingen

(tot 1 september 2013)

prof.dr. H.M. Kirn (voorzitter)

prof.dr. H.P. de Roest (voorzitter)

dr. P.H. Vos

dr. P. Sanders

dr. M.N. Walton

drs. T. Struijs

drs. G.F. Struijs

J. Mulder (student)

H.A.M. Prins, BA (student)

C. Mijnarends (student) (tot 1 september 2012)

R.B. ten Hoopen, BA (student)

J. H. van Wijk (student)

H.Z. Klink, MA (student)

Adviseur

Adviseurs

drs. H. Ploeg (opleidingscoördinator)

drs. H.I. Ploeg (opleidingscoördinator) (tot 1 december) drs. A.W. Baan (opleidingscoördinator)

Ambtelijk secretaris

dr. L.A. Werkman (opleidingscoördinator) (vanaf 1 oktober)

mw. M. Alferink (H.J. Steen vervanger)

dr. P. Sanders (opleidingscoördinator) (vanaf 1 oktober)

Opleidingscommissie Kampen (tot

Ambtelijk secretaris

1 september 2013)

drs. C.M. Boonstra

prof.dr. H.M. Kirn (voorzitter) dr. F. Stark dr. P. Vos

Werkgroep Internationalisering

D. van Prooyen (student)

dr. H.C. van der Sar (voorzitter)

M.J. Maarleveld (student)

prof.dr. F.G. Immink

E. Urban (student)

prof.dr. L.J. Koffeman

Adviseurs

Ambtelijk secretaris

M.A. Timmerman (opleidingscoördinator Geloof, Cultuur &

drs. A.S. Nijboer

Samenleving) (tot 1 september 2012) en drs. A.W. Baan (opleidingscoördinator) Ambtelijk secretaris

Commissie Post Academisch Onderwijs/Nascholing

mw. M. Alferink (drs. C.M. Boonstra vervanger)

dr. H.M. van den Bosch dr. R. Brouwer ds. M.J. Schuurman (vanaf 1 september 2012) prof.dr. G.G. de Kruijf (voorzitter) (tot 1 januari 2013) ds. P.A. Verbaan (tot 31 augustus 2012) ds. R. Abma Prof. dr. H.P. de Roest (voorzitter) (vanaf 1 februari 2013)

Protestantse Theologische Universiteit

103


Adviseur dr. L.Th. Witkamp (opleidingscoรถrdinator) mr. Th. C. Geelkerken, LL.M. (tot 1 december 2013) Ambtelijk secretaris H.J. Steen

Bibliotheek- en archiefcommissie R.A. van de Belt (student Amsterdam) prof.dr. H.S. Benjamins K. Douwes (student Groningen) dr. G.J. van Klinken (voorzitter) dr. A.C. Mulder prof.dr. H. Noordegraaf prof.dr. R.D.N. van Riessen adviseur drs. J.W. Puttenstein

104

Jaarstukken 2013


Bijlage 3:

Publicaties A. SOURCES

Non refereed articles

Programma:

- Klinken, G.J. van, ‘Negentiende-eeuwse grafteksten in de provincie

Scripture, Religious Identity, and Transformation Programmaleider: prof.dr. K. Spronk

Groningen. Sleutel voor het verstaan van een cultuur’, in: Tijdschrift Vereniging Nederlandse Kerkgeschiedenis, 16(2013)3, 106-109. - Klinken, G.J. van, ‘Churchill over Christendom en samenleving’, in:

Onderzoekers: Hoogleraren

Transparant (Vereniging Christen-historici), 24(2013), 12-16. - Matthias, M., ‘Maarten Luthers Theologie – Antisemitisch? Enkele

prof.dr. H.M. Kirn

Theologiehistorische en historische notities bij een Nederlandse Dis-

prof.dr. M.A. Matthias

cussie’, in: Luther-Bulletin. Tijdschrift voor interconfessioneel Luther-

prof.dr. R. Roukema

onderzoek, 21(maart 2013)2012, 32-59.

prof.dr. K. Spronk Books refereed Universitair hoofddocenten dr. M.C.A. Korpel

- K.Spronk, G. Rouwhorst, S. Royé (eds.), A Catalogue of Byzantine Manuscripts in their Liturgical Context: Challenges and Perspectives, (Collected Papers resulting from the expert meeting of the Catalogue

Universitair docenten

of Byzantine manuscripts programme held at the PThU in Kampen,

dr. G.J. van Klinken

the Netherlands on 6th to 7th November 2009), Turnhout: Brepols

dr. P. Sanders

Publishers, 2013. 336pp.

Onderzoekers

Books non refereed

dr. S.A. Ovsiannikov

- Klinken, G.J. van en G. Luth, Een eigenzinnige geloofsgemeenschap.

dr. S.M. Royé

Kloosterkerk Ter Apel 1604-2013, Vught: 2013, 335 pp.

Promovendi

Book chapters refereed

W.A. Boezelman, MA.

- Kirn, H.-M.,´Das Bild vom Juden im Deutschland des frühen 16.

drs. J. Lena

Jahrhunderts´, in: S. Lorenz, D. Mertens (eds), Johannes Reuchlin und

drs. J.M. Tanja

der „Judenbücherstreit“ (Tübinger Bausteine zur Landesgeschichte

drs. J.B. Voogd

22), Ostfildern: 2013, 83-105. - Korpel, M.C.A., ’Reaction to the Contributions of our Reviewers’, in

Bijzonder hoogleraren

B. Becking (Eds.), Reflections on the Silence of God: A Discussion with

prof.dr. A. Houtman

Marjo Korpel and Johannes de Moor (Oudtestamentische studiën, 62), Leiden: Brill, 2013, 169-179.

Refereed articles - Spronk, K., ‘The Prophetologion and the Book of Judges’, in: Journal of the Orthodox Center for the Advancement of Biblical Studies, 6(2013)1, 9-15. - Roukema, R., ‘De visies op offers in de vroege gnostiek’, in: Nederlands Theologisch Tijdschrift 67(2013)3, 209-224.

Protestantse Theologische Universiteit

- Matthias, M., ‘Johann Konrad Dannhauer’, in: Klauck, Hans-Josef et alii (ed.) Encyclopedia of the Bible and Its Reception (EBR). Volume 6. Berlin: 2013, 600. - Roukema, R., ‘The Foolishness of the Message about the Cross (1Cor. 1:18-25): Embarrassment and Consent’, in M. Vinzent (ed.), Studia Patristica 63, Leuven: 2013, 55-67.

105


- Roukema, R., ‘Corinthians, First Epistle to the. II. Christianity’, in D.C. Allison Jr et al. (eds), Encyclopaedia on the Bible and its Reception 5, Berlin / Boston: 2012, 778-782 (uitgekomen in febr. 2013). - Sanders, P., ’How Comprehensible Can Divine Silence Be? Reflections

and Perspectives, Turnhout’:, Brepols Publishers, 2013, 55-116. - Roye, S., ’The coenobitic Τυπικόν and principles of liturgical composition of codices: the liturgical context of the Mone Karakallou collection of Byzantine manuscripts’, in: K. Spronk, G. Rouwhorst, S. Royé

on the Biblical Evidence’, in: B. Becking (ed.), Reflections on the Si-

(Editors), A Catalogue of Byzantine Manuscripts in their Liturgical

lence of God: A Discussion with Marjo Korpel and Johannes de Moor

Context: Challenges and Perspectives, Turnhout: Brepols Publishers,

(OTS 62) Leiden & Boston: 2013, 127-138.

2013, 235-270.

- Spronk, K., artikelen ‘Cushan Rishatatim’, ‘Deborah’, ‘Delilah’, ‘Eg-

- K. Spronk, G. Rouwhorst, S. Royé, ’CBM Publication Plan for Brepols

lon’, ‘Elon-Bezaanim’, ‘Elon-Meonenim’, in D.C. Allison Jr et al. (eds),

Publishers’ in: K. Spronk, G. Rouwhorst, S. Royé (Editors), A Catalogue

Encyclopaedia on the Bible and its Reception 5, Berlin / Boston: 2012,

of Byzantine Manuscripts in their Liturgical Context: Challenges and

1196; 6 (2013), 406-407, 488-489, 7 (2013), 466, 783.

Perspectives, Turnhout: Brepols Publishers, 2013, 289-315. - Spronk, K., ‘The Study of the Historical-Liturgical Context of the Bible;

Book chapters non refereed

A Bridge Between ‘East’ and ‘West’?’, in: K. Spronk, G. Rouwhorst,

- Klinken, G.J. van, ‘De Jodenzending voorbij’, in: M. Elias, S. Schoon

S. Royé (eds), Challenges and Perspectives (Catalogue of Byzantine

(red.), Van rozenkassen tot dialoog. Vijftig jaar Nes Ammim, Gorinchem: 2013, 12-27.

Manuscripts in their Liturgical Context. Subsidia 1), Turnhout: 2013, 15-23.

- Ovsiannikov, S., ‘The paschal spiral and different types of Byzantine

- Spronk, K., ‘The Transformative Power of Old Testament Texts about

and Slavonic lectionaries’, in: K. Spronk, G. Rouwhorst, S. Royé (Ed-

Violence’, in: Lucien van Liere, Klaas Spronk (eds), Images of Enmity

itors), A Catalogue of Byzantine Manuscripts in their Liturgical Con-

and Hope. The Transformative Power of Religions in Conflicts, Mün-

text: Challenges and Perspectives, Turnhout: Brepols Publishers, 2013, 117-152. - Matthias, M. ‘Het geloof ontstaat door de preek (Romeinen 10:17)’,

ster: 2013, 15-27. - Spronk, K., ‘A Response to Hendrik Bosman’s ‘Figuring God and Humankind: The Imago Dei in View of Anthropologies in the Old Testa-

in: Christiane Karrer-Grube, Geert Procee en Ilse Raaijmakers (red) Lu-

ment’, in: J.L. Claassens, K. Spronk (eds), Fragile Dignity: Intercontex-

thers Leven. 400 jaar lutherse gemeente in Utrecht. . Den Haag 2013,

tual Conversations on Scriptures, Family and Violence (Semeia Studies

83-96.

72), Atlanta: 2013, 57-64.

- Matthias M., ‘Franckes Erweckungserlebnis und seine Erzählung‘, in: Holger Zaunstöck, Thomas Müller-Bahlke und Claus Veltmann (Hg),

Professional Publications

Die Welt verändern. August Hermann Francke. Ein Lebenswerk um

- Houtman, A. ‘Wie zal ik zenden?’, in: Open Deur 79(2013)1, 12-13.

1700 . Halle: 2013, 69-79 (Kataloge der Franckeschen Stiftungen, 29)

- Houtman, A. ‘Gemengd dansen. Een seminar van het Centraal

- K. Spronk, G. Rouwhorst, S. Royé ’Preamble: CBM explained: Leading

Joods Overleg en de Protestantse Kerk in Nes Ammin’ in: M. Elias &

principles, aim and methodology of the Catalogue of Byzantine Man-

S. Schoon (red.), Van Rozenkassen tot dialoog. 50 jaar Nes Ammin,

uscripts Programme, in: A Catalogue of Byzantine Manuscripts in their Liturgical Context: Challenges and Perspectives Turnhout’: 2013, 3-14. - Roye, S., ’The cohesion between the Ammonian-Eusebian apparatus and the Byzantine liturgical pericope system in Tetraevangelion codices: Stages in the creation, establishment and evolution of Byzantine codex forms, in: K. Spronk, G. Rouwhorst, S. Royé (Editors), A Catalogue of Byzantine Manuscripts in their Liturgical Context: Challenges

106

Gorinchem: 2013, 110-118. - Houtman, A. ‘Verbonden met de bronnen van Israël’, in: Soteria 30(2013)3, 28-37. - Houtman, A. ‘Wie is wijs? Hij die leert van ieder mens’, in: Ojec Perdiodiek 27(december 2013), 13-17. - Klinken, G.J. van, ‘Studenten theologie 1854-1880’, in: Lustrumalmanak Fides Quadrat Intellectum Kampen: 2013, 124-134.

Jaarstukken 2013


- Korpel, M.C.A., ’Reaction to the Contributions of our Reviewers’, in B. Becking (Eds.), Reflections on the Silence of God: A Discussion with

maart 2013; Geandewei 22 maart en 17 mei 2013. - Roukema, R., ‘Gods gerechtigheid: de aanleiding tot de Reformatie’

Marjo Korpel and Johannes de Moor (Oudtestamentische studiën,

(1-2), in: Geandewei 11 en 25 oktober 2013; Protestantse Kerkbode

62), Leiden: Brill, 2013, 169-179.

Groningen 19 en 26 oktober 2013; Christelijk Weekblad 25 oktober

- Roukema, R., ‘Meditatie’ (over Jeremia 17:9), in: Kerk en Theologie 64(2013)1, 2-4. - Roukema, R., ‘Paulus’ verhandeling over de opstanding: 1 Korintiërs 15’, in: Interpretatie 21(2013)2, 33-35. - Roukema, R., ‘Apocriefe overleveringen over Jezus’, in: Interpretatie

2013. - Spronk, K., ‘Bijbelse voorstellingen over leven na de dood’, in: Spirit (magazine voor Protestants Almere) 4(nov. 2013)9, 6-7. - Spronk, K., ‘Voor verzoening zijn geen regels te geven’, in: Christelijk Weekblad 29 maart 2013, 4-5.

21(2013)5, 15-18. - Roukema, R., ‘Twintigste zondag door het jaar’, in: Tijdschrift voor Verkondiging, 85(2013)5, 206-208.

OTHER RESEARCH OUTPUT Redactie bundels

- Spronk, K., ‘“God is in de hemel en jij bent op aarde”: Een kleine bij-

- Korpel, M.C.A., Executive Editor serie Pericope: Scripture as Written

bels-theologische kosmologie’, in: Interpretatie 21(november 2013)6,

and Read in Antiquity. 2013: redactie van W.M. Bruin Isaiah 1-12 as

14-18.

Written and Read in Antiquity. Sheffield: 2013.

- Spronk, K., ‘Inleiding op de lezingen voor 10 november 2013’, in: Tijdschrift voor Verkondiging 85(2013), 280-182. - Spronk, K., ‘Lezen vanuit de boodschap’ (bespreking van Van den Brink & Van der Kooi, Christelijke dogmatiek), in: Woord & Dienst 62(januari 2013)1, 18-19.

- Matthias, M., Luther-Bulletin. Tijdschrift voor interconfessioneel Lutheronderzoek, Jaargang 21, 2012 (maart 2013). - K. Spronk, G.A.M. Rouwhorst en S. Royé (eds), Challenges and Perspectives (Catalogue of Byzantine Manuscrips in their Liturgical Context. Subsidia 1), Turnhout: 2013, 335. - L. van Liere, K. Spronk (eds), Images of Enmity and Hope. The Trans-

Publications aimed at the general public - Korpel, M.C.A., ‘Diepzee-angsten’, in: Schrift 266 De Slang 45(2013)2, 66-69. - Korpel, M.C.A., ‘Godverlatenheid’, in: Interpretatie: tijdschrift voor

formative Power of Religions in Conflicts, Münster: 2013, 145. - L. Juliana Claassens, Klaas Spronk (eds), Fragile Identity. Intercontextual Conversations on Scriptures, Family, and Violence, Atlanta: 2013, 338.

bijbelse theologie, 21(2013)4, 15-18. - Korpel, M.C.A., ‘De maan en de sterren in de Bijbel’, in: In gesprek: Werk- en informatieblad van de protestantse vrouwen organisatie, 71(november/december 2013), 4-5. - Korpel. M.C.A., ‘“Plagiaat”’ het mooiste wat er is’ in: Reformatorisch Dagblad (31-08-2013), 8-8. - Roukema, R., ‘Apocriefen: vroegchristelijke’, op www.lucepedia.nl. - Roukema, R., ‘Een pleidooi voor christelijke karaktervorming’ (1-2)

Reviews refereed - Kirn, H.-M., review: D. Heinz (ed.), Freikirchen und Juden im »Dritten Reich«. Instrumentalisierte Heilsgeschichte, antisemitische Vorurteile und verdrängte Schuld (Kirche – Konfession – Religion, 54), Göttingen: V & R 2011, in: Theologische Literaturzeitung 138(2013), 704–706 - Klinken, G.J. van, review: J. Jacobs, L. Winkeler, A. van der Zeijden en

(bespreking van Tom Wright, Goed leven. Over christelijke karakter-

E. Blok (red.), Aan plaatsen gehecht. Katholieke herinneringscultuur in

vorming, Franeker: 2012).

Nederland, Nijmegen/Antwerpen 2012. in: DNK 79(december 2013),

- Roukema, R., Christelijk weekblad 8 maart 2013; Het Goede Leven 8

88-89.

maart 2013; Gezamenlijk Kerkblad voor Drenthe, Overijssel en Flevoland 9 en 16 maart 2013; Protestantse Kerkbode Groningen 16 en 23

Protestantse Theologische Universiteit

107


- Klinken, G.J. van, review: N. Schuman, Mijn jaren van geloven. Voor-

B. BELIEFS

goed verleden, blijvend visioen, Zoetermeer 2012. in: DNK 79(decem-

Programma:

ber 2013), 83-84.

Christian Faith in Changing Contexts

- Klinken, G.J. van, review: J. van Zuthem, Harde grond. Kerkelijke

Programmaleider: prof.dr. M.M. Jansen

verhoudingen in Groningen, 1813-1945, Assen 2012. in: DNK 79(december 2013), 89-90.

Onderzoekers:

- Roukema, R., 7 recensies in Kerk en Theologie en Radix.

Hoogleraren

- Sanders, P., review: Christian Metzenthin, Jesaja-Auslegung in Qum-

prof.dr. M.M. Jansen

ran (Abhandlungen zur Theologie des Alten und Neuen Testaments

prof.dr. L.J. Koffeman

98, Zürich: 2010), in: Review of Biblical Literature (06/2013, 6 pp.).

prof.dr. F. de Lange

www.bookreviews.org.

prof.dr. J. Muis

- Sanders, P.,review: Gary M. Beckman, Trevor R. Bryce, Eric H. Cline,

prof.dr. R.H. Reeling Brouwer

The Ahhiyawa Texts (SBL WAW 28, Atlanta 2011), in: Review of Biblical Literature 4(2013), 5pp. www.bookreviews.org.

Universitair docenten dr. H.S. Benjamins

Reviews non-refereed

dr. Th.A. Boer

- Matthias, M., review: René Süss, Luther een sympathieke potentaat,

dr. A. van der Kooi

Amsterdam: 2012, in: Luther-Bulletin. Tijdschrift voor interconfes-

dr. R.D.N. van Riessen

sioneel Lutheronderzoek, 21(maart 2013)2012, 60-63.

dr. E.P. Schaafsma

- Matthias, M., review: M., G. van den Brink en C. van der Kooi, Chris-

dr. G.M. Speelman

telijke dogmatiek, Zoetermeer: 2012, in: Luther-Bulletin. Tijdschrift

dr. P.H. Vos

voor interconfessioneel Lutheronderzoek, 21(maart 2013)2012, 60-

dr. L.A. Werkman

63.

dr. O.K. Zijlstra dr. H.E. Zorgdrager

PUBLICATIES PROMOVENDI: Book chapters non refereed

Promovendi

- Lena, J., ‘The Byzantine Manuscripts in the Central State Archive of

drs. E.D. Hof

Albania (Tirana)’, in: K. Spronk, G.A.M. Rouwhorst, S. Royé (Editors),

drs. C. van der Knijff

A Catalogue of Byzantine Manuscripts in their Liturgical Context: Chal-

drs. G.K.M. Smit

lenges and Perspectives, Turnhout: Brepols Publishers, 2013, 201-213.

drs. R. van Waarde drs. G.F. Willemsen

Publications aimed at the general public

drs. G. van Zanden

- Boezelman, W.A., ‘Aëtius’, in: Lucepedia (red. H. van Loon), on-

drs. F. Ziel

line artikel http://www.lucepedia.nl/asp/invado.asp?t=media_detail&id=25704&d_id=569Boelzelman, W.A., ‘Eunomius’, in: Lucepedia

Bijzonder hoogleraren

(red. H. van Loon), online artikel http://www.lucepedia.nl/asp/invado.

prof.dr. G. van den Brink

asp?t=media_detail&t_id=14&d_id=571&t_name=Introductie

prof.dr. A. Brüning prof.dr. J. Hoek

108

Jaarstukken 2013


Onderzoekers VEG dr. T.L. Hettema dr. L. Mietus

Discourse of the Russian Orthodox Church’, in: International Journal of Philosophy and Theology 74(2013)3, 214-239. - Zorgdrager, H.E., ‘Homemade Mission, Universal Civilization: Friedrich Schleiermacher’s Theology of Mission’, in: Mission Studies 30(2013),

Refereed articles

221-247.

- Benjamins, H.S., ‘De creativiteit in de wereld en de werkelijkheid van God. De theologie van Gordon Kaufman in betrekking tot Wilhelm

Non refereed articles

Herrmann en Rudolf Bultmann’, in: HTS Teologiese Studies/Theologi-

- Benjamins, H.S., ‘Religieuze ervaring en religieuze duiding in een

cal Studies 69(2013)1, Art. #1925, 9 pages. - Benjamins, H.S.,‘Het handboek Christelijke dogmatiek als dogmatisch leerboek’, in: Nederlands Theologisch Tijdschrift 67(2013)3, 171-186. - Boer, T.A., ‘Verfijnder duiden en vragen stellen. Reflectie op een casus’, in: Handelingen, Tijdschrift voor praktische theologie en religiewetenschap (2013)4, 30-33. - Lange, F. de, ‘The Hermeneutics of Dignity’, in: Jualiana Claassens, Klaas Spronk (eds.), Fragile Dignity, Intercontextual Conversations on Scriptures, Familty and Violence, Semeia Studies 72, Atlanta 2013: SBL 2013, 9 – 27. - Lange, F. de, ‘“Honour thy father and thy mother” – What do grown

pluralistische context’, in: Kerk en Theologie 64(2013)1, 32-40. - Boer, T.A., ‘Theologisch-ethische kanttekeningen bij de natuurlijke dood’, in: Kerk en Theologie 64(2013)4, 223-37. - Koffeman, L.J., ‘Van Lima naar Busan - Faith and Order over de Kerk’, in: Kerk en Theologie 64(2013), 260-270. - Lange, F. de, ‘De verantwoordelijke ouderdom’, in: Kerk en Theologie 64(oktober 2013)4, 323 – 332. - Reeling Brouwer, R.H., ‘Kan het misschien iets scherper?’ – Christelijke Dogmatiek als protestantse bijdrage aan het oecumenisch gesprek’, in: Tijdschrift voor Theologie 53(2013)3, 253-263. - G.M. Speelman and Pieter Dronkers, ‘Loyale Burgers. Over het pub-

children owe their aged parents?’ in: Dutch Reformed Theological

lieke domein en de rol van religies daarin’, in: Begrip 39(2013)4, 164-

Journal/ Nederduitse Gereformeerde Teologiese Tydskrif (NGTT)

172

54(2013)5, 126 – 137. - Riessen, R.D.N. van, ‘Advancing Beyond Socrates? On Education, Inspiration and Inwardness in Kierkegaard and Levinas’ in: Philosophia Reformata 78(2013)1, 64-81. - P. Schaafsma, R. Benjamins, M. Jansen, T. Hettema, ‘Vervreemding en vertrouwen. Over hermeneutiek en theologie’, in: Nederlands Theologisch Tijdschrift 67(2013)1, 3-26. - P. Schaafsma, R. Benjamins, M. Jansen, T. Hettema, ‘Meer vertrouwen, minder vervreemding?’, in: Nederlands Theologisch Tijdschrift 67(2013)1, 50-56. - Speelman, G.M., ‘Islam and Peace’, in: Gema Teologi. Jurnal Teologi Kontekstual 37(april 2013), 61-74. - Speelman, G.M., ‘Honor in the Bible and the Qur’an’ in: Jualiana Claassens, Klaas Spronk (eds.), Fragile Dignity, Intercontextual Conver-

- G.M. Speelman en A. Agca, ‘Leren staan op de wortels van de islam’ in: Begrip 39(2013)3, 56-64 - Vos, P.H., ‘Geen objectiviteit zonder subjectiviteit. Kierkegaard over leven in een verwetenschappelijkte cultuur’, in: Sophie 3(2013)3, 3235. - Vos, P.H., ‘Het menselijk tekort volgens Immanuel Kant. De kloof tussen de morele wet en ons onvermogen ernaar te handelen’, in: Sophie 3(2013)1, 22-25. - Zorgdrager, H.E., ‘Risk Takers in a World that Cries for Salvation. The Orthodox Theologian Elisabeth Behr-Sigel (1907-2005) on Suffering and Kenosis’, in: Rebeka Anic (ed.), And God will wipe away all tears from their eyes.” A theological approach to the suffering and hopes of women, Zagreb: Institut društvenih znanosti Ivo Pilar, 2013, 211223.

sations on Scriptures, Familty and Violence, Semeia Studies 72, Atlanta 2013: SBL 2013, 281-302 - Zorgdrager, H.E., ‘Homosexuality and Hypermasculinity in the Public

Protestantse Theologische Universiteit

109


Books - T.A. Boer en R. Fischer (eds.), Human Enhancement: Scientific, Ethical and Theological Aspects from a European Perspective. Brussels: Conference of European Churches, 2013, 302 pp - T.A. Boer, M.J. Verkerk en D.J. Bakker, Over (-) behandelen. Ethiek van de zorg voor kwetsbare ouderen. Amsterdam: Reed Business Education 2013, 146 pp. (Output met subsidie van ZonMw) - Renée van Riessen, De ziel opnieuw, Amsterdam: Sjibboleth 2013, 88 pp

mierte Theologie weltweit. Zwölf Profile aus dem 20. Jahrhundert, Zürich: 2013,. 47-67. - Lange, F. de, ‘Imagining Good Ageing,’ in: Maartje Schermer, Wim Pinxten (Eds.),Ethics, Health Policy and (Anti-) Aging: Mixed Blessings, Dordrecht Heidelberg London New York: Springer 2013, 135 – 147. - Reeling Brouwer, R.H., ‘The Two Means of Knowing God: Not an Article of Confession for Calvin’, in: H. van der Belt (ed.), Restauration through Redemption: John Calvin Revisited, Leiden/Boston: 2013, 3144. - Schaafsma, P.E., ‘Dignity in the Family? Analyzing Our Ambiguous

Book chapters refereed

Relationship to the Family and Theological Suggestions toward Over-

- Boer, T.A., ‘Palliative Sedation: An Exploration from a Christian Ethical

coming It’, in: L. Juliana Claassens & Klaas Spronk (eds), Fragile Digni-

Point of View’, in: Hendrik M. Vroom, Petra Verdonk, Marzouk Aulad

ty. Intercontextual Conversations on Scriptures, Family, and Violence,

Abdellah and Martina Cornel (eds.), Looking beneath the Surface:

Semeia Studies/ Society of Biblical Literature nr. 72, Atlanta: Society of

Medical Ethics from Islamic and Western Perspectives. Amsterdam:

Biblical Literature, 2013 pp. 169-188.

Editions Rodopi, 2013, 236-49. - T.A. Boer and C. Dekker, ‘I don’t want comfort, I want God, I want

- Werkman, L.A., ‘Education for Transformation. Developing Curricula at Grassroots Level for Transforming the Image of the Enemy’, in:

poetry, I want real danger’, in: Theo Boer and Richard Fischer (eds.),

Lucien van Liere and Klaas Spronk (eds.), Images of Enmity and Hope.

Human Enhancement: Scientific, Ethical and Theological Aspects from

The Transformative Poser of Religions in Conflicts, Münster: LiT Verlag

a European Perspective. Brussels: Conference of European Churches,

2013, 51-60.

2013, 33-55. - Boer, T.A., ‘Reflections on Enhancement and Enchantment: a Concluding Essay’, in: Theo Boer and Richard Fischer (eds.), Human

Book chapters non refereed - Lange, F. de, ‘Een vleugje anarchisme. Een lezing van Gerrit de Kruijfs

Enhancement: Scientific, Ethical and Theological Aspects from a Euro-

Ethiek onderweg’, in: Maarten den Dulk, Gerben van Manen en Gea

pean Perspective. Brussels: Conference of European Churches, 2013,

Smit (red.), Verlegen om een goed woord. Onderweg met Gerrit de

284-292. - Koffeman, L.J., ‘A Response to Lee-Ann J. Simon and D. Xolile Si-

Kruijf, Zoetermeer: Boekencentrum, 2013, 110 – 120. - Lange, F. de, ’Waardig oud worden, waardig sterven’, in: Doeke Post

mon’s ”’Household’ (Dis)loyalties and Violence in Judges 14 and 15:

(red.), Met het oog op het einde. De praktijk van de laatste levensreis,

Dignity of Gendered and Religious ‘Others’ in a Dialogical Theological

Zoetermeer: Meinema, 2013, 23 – 36.

Praxis”’, in: Juliana Claassens and Klaas Spronk (eds.), Fragile Dignity:

- Muis, J., ‘Dubbel denken in de theologie’ in: Maarten den Dulk,

Intercontextual Conversations on Scriptures, Family, and Violence,

Gerben van Manen en Gea Smit eds., Verlegen om een goed woord.

Semeia Studies 72, Atlanta 2013: SBL 2013, 273-279.

Onderweg met Gerrit de Kruijf, Zoetermeer: Boekencentrum 2013,

- Koffeman, L.J., ‘A map of the Ecumenical Landscape – a Commentary’, in: Huub Lems (ed.), The Changing Landscape of Ecumenism:

62-74. - Riessen, R.D.N. van, ‘The Beauty of Repetition, or: How to become

Reflections from Indonesia and Europe, Wuppertal – Zoetermeer:

a friend of Job’, in: The Future of Creation Order, (congresbundel,

2013, 69-76.

Leiden: Brill)

- Kooi, A. van der,´Oepke Noordmans: ‚Reformierte Identität als Leben im Kraftfeld des Geistes‘, in: M. Hofheinz, M. Zeindler Hrsg., Refor-

110

Jaarstukken 2013


- Schaafsma, E.P., ‘The Embodied Character of “Acknowledging God”. A Contribution to Understanding the Relationship between Transcendence and Embodiment on the Basis of Hosea’, in: Peter Jonkers &

afwezige God’, in: Herademing. Tijdschrift voor Spiritualiteit en Mystiek, 21(maart 2013)19, 36-40. - Muis, J., ‘Kierkegaard over almacht’ in: J. Nuij, R.D.N. van Riessen,

Marcel Sarot (eds), Embodied Religion, Ars Disputandi Supplement

P.H. Vos & W. Weitkamp (red.), De complete Onno. Liber amicorum bij

Series, Vol. 6, 2013, 47-70 [http://www.arsdisputandi.org/]

het afscheid van Onno Zijlstra van ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten

- Vos, P.H., ‘Discovering the Virtue in Moral Formation and Religious Education’, in: H. Kuindersma (ed.), Powerful Learning Environments and Theologizing and Philosophizing with Children, Kassel: Kassel University Press 2013, 159-165. - Vos, P.H., ‘Zonder garanties. Religie en de morele ambivalenties van

en de Protestantse Theologische Universiteit, Zwolle: ArtEZ (in eigen beheer), 2013, 79-81. - Reeling Brouwer, R.H., ‘De uitgave van Karl Barth’s “socialistische redevoeringen” eindelijk voltooid’, in: Ophef. Tijdschrift voor hartstochtelijke theologie 18(2013)1, 24-29.

een veiligheidscultuur’, in: R. van Steden & J. Hoogland (eds.), In

- Reeling Brouwer, R.H., ‘Beziehung als Grundkategorie im Reden von

vertrouwen leven. Tegendraadse beschouwingen over veiligheid,

Gott und vom Menschen. Am Beispiel Augustins’, in: Jonge Kirche

Amsterdam: Buijten & Schipperheijn, 2013, 68-80.

74(2013)2, 11-14; Overgenomen als ‘Relatie als grondcategorie in het

- Vos, P.H., ‘De vorming van het karakter van de militair. Deugdethiek en de praktijk van morele vorming door de Geestelijke Verzorging in de krijgsmacht’, in: F. van Iersel, J.P. van Bruggen & R. de Boer, Trouw aan jezelf. Hoe de Geestelijke Verzorging kan bijdragen aan de morele vorming van militairen, Budel: Damon, 2013, 62-107.

spreken over God en over de mens. Met Augustinus als voorbeeld’, in: Ophef. Tijdschrift voor hartstochtelijke theologie 18(2013)3-4, 5860. - Reeling Brouwer, R.H., ‘Elfde zondag door het jaar’, in: Tijdschrift voor verkondiging 85(2013)3, 154-157. - Reeling Brouwer, R.H., ‘De Christelijke Dogmatiek – een aftrap’, in: In

PhD theses - Jong-Kumru, W.A. de, Postcolonial Feminist Theology. Enacting Cultural, Religious, Gender and Sexual Differences in Theological Reflection. Münster: LiT Verlag, 2013, 200.

de Waagschaal n.j. 42(2013)2, 38-41. - Reeling Brouwer, R.H., ‘Een liedboek voor vierhuis en leerhuis?’, in: In de Waagschaal n.j. 42(2013)9, 287-289. - Reeling Brouwer, R.H., ‘Een verlaat antwoord aan At Polhuis’, in: In de Waagschaal n.j. 42(2013)10, 327-330.

Professional publications - Benjamins, H.S., ‘Het wonder van het goede woord. Anrede als theologisch kernbegrip’ in: Maarten den Dulk e.a. (red.), Verlegen om

- Reeling Brouwer, R.H., ‘Calvijns uitdaging voor economisch denken en handelen nu’, in: In de Waagschaal n.j. 42(2013)12, 384-386. - Reeling Brouwer, R.H., ‘Oh, die theologen die vanuit Kierkegaard met

een goed woord. Onderweg met Gerrit de Kruijf, Zoetermeer: 2013,

Kafka aan de haal gaan…’, in: De complete Onno. Liber amicorum bij

36-46.

het afscheid van Onno Zijlstra van ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten

- Jansen, M.M. ‘Zo fris als dauw: over eenheid en verbinding in de oecumene´, in: Kerk en Theologie 64(2013)2, 123-133. - Koffeman, L.J., Hoofdstuk 7, 8, 9, 10, 13 en 14 in: P. van den Heuvel, Toelichting op de kerkorde van de Protestantse Kerk in Nederland, herziene uitgave, Zoetermeer: 2013, 205-242 en 327-354. - Kooi, A. van der, ‘Woord vooraf’, in: Noordmanscahier 12. Studies bij

en de Protestantse Theologische Universiteit, Zwolle: ArtEZ, 2013, 131-133. - Vos, P.H., ‘Is er nog waarheid in de mediacratie?’, in: Sophie 3(2013)6, 28-31. - Vos, P.H., ‘Highway 61 Revisited’, in: J.Nuij, R.D.N. van Riessen, P.H. Vos & W. Weitkamp (red.), De complete Onno. Liber amicorum bij het

het werk van Dr. O. Noordmans (Noordmans en de actualiteit van het

afscheid van Onno Zijlstra van ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten en

geweten). Uitgave van de Stichting dr. O. Noordmans, z.p. 2013, 3v.

de Protestantse Theologische Universiteit, Zwolle: ArtEZ 2013, 27-29

- Lange, F. de, ‘Aandachtig leven. Simone Weil en de honger naar de

Protestantse Theologische Universiteit

111


- Vos, P.H., ‘Het goede leven wordt je gegeven. Over levenskunstfilosofie en christelijk geloof’, in: J. van de Worp e.a. (eds.), Het maakbare leven. Geschapen om te scheppen? Leiden: 2013, 115-126. - Vos, P.H., ‘Toegankelijke inleiding op Kierkegaard’, in: Sophie 3(2013)4, 50-51. - Vos, P.H., ‘Leven is een kunst’, in: Wapenveld 63(2013)4, 35-36. - Vos, P.H., ‘Is Kierkegaards “enkeling” een individualist?’, in: In de waagschaal. Tijdschrift voor theologie, cultuur en politiek 42(2013)5, 4-7.

- Boer, T.A., ‘De toekomst van euthanasie’, in: Nederlands Dagblad, 27 november 2013. - T.A. Boer, Voorspellende geneeskunde. Medische, ethische en pastorale perspectieven. Utrecht: Protestantse Kerk in Nederland, 2013 (26 pp.) - Jansen, M.M., ´Er zit muziek in de missie: over het missionaire lied´, in: J. van Dijk (red), De Missionaire Eredienst, Utrecht: PKN, 2013, 31-36. - Lange, F. de, ‘Iedereen is een leider’. Over de managementtheorie van Stephen Covey, in: Trouw, Letter & Geest, 9 maart 2013. - Lange, F. de, ‘De moderne levensloop is een labyrint’, in: Volzin 16(23

Publications aimed at the general public - Benjamins, H.S., ‘Vrijzinnige vragen bij een loyaal orthodoxe christologie’, in: Woord en Dienst 62(2013)2, 20-21. - Boer, T.A., ‘Erfopvolging is weldadig symbool’, in: Nederlands Dagblad, 30 januari 2013, ook gepubliceerd als ‘Waarom erfopvolging ook een weldaad kan zijn’, in: Christelijk weekblad, 8 februari 2013. - Boer, T.A., ‘Koningschap is meer dan democratische legitimatie’, in: Christen Democratische Verkenningen 15winter 2013)1, 14-5. - Boer, T.A., ‘Zorgen voor je ouders is vanzelfsprekend’, in: Trouw (Podium), 14 maart 2013. - Boer, T.A., ‘Laat Christen spelregels publieke debat in acht nemen’, in: Reformatorisch Dagblad, 24 april 2013. - Boer, T.A., ‘Enhancement’, in: Nederlands Dagblad, 24 mei 2013, met kleine wijzigingen verschenen als ‘“Mensverbetering” vraagt om nuchtere blik’, in: Christelijk Weekblad, 17 mei 2013. - Boer, T.A., ‘Wees zuinig op burgers met geweten’, in: Nederlands Dagblad, 8 juni 2013, met kleine wijzigingen ook verschenen als ‘Het geweten als moreel ijkpunt’, in: Christelijk Weekblad, 21 juni 2013. - D. Mul en T.A. Boer, ‘Niet lijden ouders, kind centraal’, in: Nederlands

augustus 2013), p. 12 – 14. - Reeling Brouwer, R.H., ‘In memoriam Hans Groenewegen’, in: Ophef. Tijdschrift voor hartstochtelijke theologie 18(2013)2, 7-8. - Reeling Brouwer, R.H., Column ‘Laat je ja “ja” zijn’, website De Nieuwe Bijbelschool, september 2013. - Reeling Brouwer, R.H., Column ‘Obediëren in der gerechtigheid‘, website De Nieuwe Bijbelschool, november 2013. - Riessen, R.D.N. van, ‘Moet de ziel opnieuw uitgevonden worden?’, in: Geloven onderweg. Dominicaans tijdschrift voor bezinning, bezieling en beweging. 131(Winter 2013-2014), p. 32-35. - Riessen, R.D.N. van, ‘Het verlangen een ander te zijn. Over schaamte en plaatsvervanging in het werk van Willem Jan Otten’, in: Johan Goud (red.) Het leven volgens Willem Jan Otten, Redenen van het hart. Zoetermeer: Klement, 2013, 37-57. - Riessen, R.D.N. van, ‘Vergeving en naastenliefde: mogelijk of onmogelijk?’ in: Sebastiaan Roes (red.), Vergiffenis en het recht. Essays voor Edith Brugmans. Nijmegen: Valkhof Pers, 2013, 43-58. - Schaafsma, E.P., ‘“Vrij, zij het niet autonoom.” Over afhankelijkheid in familie en geloof’, in: Maarten den Dulk, Gerben van Manen, en Gea

Dagblad, 4 juli 2013, met kleine wijzigingen ook gepubliceerd als

Smit (red.), Verlegen om een goed woord. Onderweg met Gerrit de

‘KNMG geeft lijden ouders teveel gewicht’, Christelijk Weekblad, 19

Kruijf, Zoetermeer: Boekencentrum, 2013, 121-132

juli 2013 en als ‘Lijden bij levensbeëindiging van pasgeborenen’, in: In Dienst der Genezing, 42(najaar 2013)3, 22-4. - Boer, T.A., ‘Nieuwe test tijdens zwangerschap zorgt voor dilemma’s’, in: Christelijk Weekblad, 27 september 2013 - Boer, T.A., ‘Laat Obama zijn klassiekers gaan lezen’, in: Christen Democratische Verkenningen 15 (oktober 2013)3, 14-5.

112

- Speelman, G.M., ‘Yunus- de tragiek durven zien’, Weblog in Nieuwwij. - Speelman, G.M., ‘het ritme van de koran’, Weblog in Nieuwwij. - Vos, P.H., ‘De deugd in het midden. Morele vorming in het voortgezet onderwijs’, in: De Cascade. Opinieblad van Stichting Cosmicus 10(september 2013), 8-10.

Jaarstukken 2013


- Vos, P.H., ‘Hoe de calvinistische filosofie onder ging’, in: Nederlands Dagblad 21 juni 2013 [over H.E.S. Woldring, Een handvol filosofen]. - Vos, P.H, ‘De krachttoer van De Knijff’, in: Nederlands Dagblad 26 april 2013 [over H.W. de Knijff, Tegenwoordigheid van geest als Europese uitdaging. - Werkman, L.A., ‘Zon op de achtertrap’, in: J. Nuij, R.D.N. van Riessen, P.H. Vos & W. Weitkamp(red.), De complete Onno. Liber amicorum bij het afscheid van Onno Zijlstra van ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten en de Protestantse Theologische Universiteit, Zwolle: ArtEZ (in eigen beheer), 2013, p. 15/16. - Zijlsta, O.K., (Met Karl Verstrynge) ‘Lectori benevolo. Ten geleide bij

Over motieven en ontwikkelingen in het euthanasiedebat, Hoorn: Westfriesgasthuis, 2012, in: Tijdschrift voor Geneeskunde & Ethiek 23(2013)1, 33. - Reeling Brouwer, R.H, review: W. Dekker, Afwezigheid van God. Een onderzoek naar antwoorden bij W. Pannenberg, K.H. Miskotte en A. Houtepen, Zoetermeer 2011, in: Kerk en Theologie 66(2012)2, 170171. - Reeling Brouwer, R.H., review: Reinhard Feldmeier & Hermann Spieckermann, Der Gott der Lebendigen. Eine biblische Gotteslehre, Tüningen 2011, in: Kerk en Theologie 63(2013)88-89. - Reeling Brouwer, R.H., review: Daniel B. Schwartz, The First Modern

“Een mogelijkheid”’, in: Karl Verstrynge, Onno Zijlstra (red.), Een

Jew. Spinoza and the History of an Image, Princeton 2012, in: Neder-

mogelijkheid. Fragment uit ‘stadia op de levensweg, Budel: Damon,

lands Theologisch Tijdschrift 67(2013)1, 254-255.

2013, 3-9. - Zorgdrager, H.E., ’Strijden met gebed en wierook in Kiev. De rol van de kerken in het Oekraïense volksprotest,’, in: Friesch Dagblad, 23

- Zorgdrager, H.E., Verslag van het NOSTER seminar ‘Blasphemy and the Pussy Riot Case’ op 20 juni 2013 in Utrecht, in: Tijdschrift voor Theologie 2013/3.

december 2013. PUBLICATIES PROMOVENDI: OTHER RESEARCH OUTPUT

Refereed articles

Redactie bundels

- Hof, E, ’A Missiology of Lament’, in: Swedish Missiological Themes

- J. Nuij, R.D.N. van Riessen, P.H. Vos & W. Weitkamp (red.), De complete Onno. Liber amicorum bij het afscheid van Onno Zijlstra van

101(2013)3-4: 321–338. - C. van der Knijff and W. van Vlastuin, ‘The Development in Jonathan

ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten en de Protestantse Theologische

Edwards Covenant View’, in: Jonathan Edwards Studies 3(2013)2,

Universiteit, Zwolle: ArtEZ, 2013.

269-281.

- K. Verstrynge, O. Zijlstra (red.), Een mogelijkheid. Fragment uit ‘stadia op de levensweg, Budel: 2013, 32 pp.

Non-refereed articles - Hof, E. ’Disturbance as a New Paradigm for Mission: A Critical Assess-

Reviews refereed

ment of the Global Consultation of the World Evangelical Alliance’,

- Benjamins, H.S., review: Herman Paul, Het moeras van de geschie-

in: Global Missiology 3(2013)10: 1–13.

denis. Nederlandse debatten over historisme. in: Kerk en Theologie 64(2013)4, 365-366. - Jansen, M.M., review: Kees van der Kooi, e.a. (red), Vele gaven, één Geest, in: Kerk en Theologie 64(2013)2, 194-195. - Koffeman, L.J., review: A.J. Janssen, L. van den Broeke (red.), A Collegial Bishop: Classis and Presbytery at Issue, (The Historical Series of

Book chapters non-refereed - Zanden, G. van, ‘De dag waarop Satan zijn bestaansrecht verloor’, in: A.W. Baan & G. van Zanden (red.), De vrolijke Schriftgeleerde. Een bundel meditaties, aangeboden aan Rinse Reeling Brouwer voor zijn 60e verjaardag, Bergambacht: 2013, 103-105.

the Reformed Church in America, No. 66), Eerdmans: Grand Rapids Mi 2010, in: Journal of Reformed Theology, 7(2013), 255-256. - Lange, F. de, review: D.P. Engberts, Autonomie op de achtergrond.

Protestantse Theologische Universiteit

113


Professional publications

gendraads theoloog, Zoetermeer: Mozaïek, 2013, 382 p) in: In de

- Hof, E., ’De eigen kleur van Afrikaans christendom: Portret van Ogbu

Waagschaal 42(2013)10, 312-314

Kalu’, in: Tussenruimte 3(2013), 21-24. - Hof, E., ’Op weg naar een gedeeld toekomstperspectief: Interview met Kathleen Ferrier’, in: Tussenruimte 2(2013), 39-43.

PUBLICATIES BIJZONDER HOOGLERAREN: Refereed articles - Hoek, J.,‘Gereformeerd gebedsonderwijs van een grootmeester en

Publications aimed at the general public

een schoolmeester’, in: Theologia Reformata 56(2013)1, 55-67

- Hof, E., ’Zet detentiecentra op de Nederlandse kaart‘, http://www. godschrift.nl/artikel/zet-detentiecentra-op-nederlandse-kaart. 23

Non refereed articles

augustus 2013.

- Brink, G. van den, ‘Reflexen’, in: Theologia Reformata 56(2013), 398-

- Zanden. G. van, ‘Een knellende zondag. De blijvende levensvraag naar ‘God en het lijden’’, in: Ouderlingenblad 91(2013)1043, 15-18. - Zanden, G. van, ‘Een zo’n goeroe uit Simonshaven’, in: In de Waagschaal 42(2013)5, 156-157. - Zanden, G. van, ‘Schermen in de kerk’, in: In de Waagschaal 42(2013)9, 284-286.

411. - Brüning, A., ‘Tussen theologie en geopolitiek. Overzicht en analyse van de oecumenische betrekkingen tussen de Rooms-katholieke en de Russisch-orthodoxe Kerk’, in: Perspectief 20(2013), 34-41. - Hoek, J. ‘Actueel debat inzake eschatologie - een oriëntatie’, in Jaarboek 2011-2012 G.T.S.V. Voetius, ‘Eschatologie - leven in verwachting’, Utrecht: 2013, 13-48.

OTHER RESEARCH OUTPUT Redactie bundels

Book chapters refereed

- A.W. Baan & G. van Zanden (red.), De vrolijke Schriftgeleerde. Een

- Brink, G. van den, `Die Pneumatologie des Heidelberger Katechismus

bundel meditaties, aangeboden aan Rinse Reeling Brouwer voor zijn

und ihre Relevanz im Gespräch mit der charismatisch-pentekostalen

60e verjaardag, Bergambacht: 2013, 110 pp.

Bewegung‘, in: Matthias Freudenberg & J. Marius J. Lange van Ravenswaay (Hg.), Geschichte und Wirkung des Heidelberger Katechis-

Reviews non-refereed

mus. Vorträge der 9. Internationalen Emder Tagung zur Geschichte

- Hof, E., Review: Kritzinger, J. N. J., and W. Saayman. David J. Bosch:

des reformierten Protestantismus, Neukirchen-Vluyn: 2013, 61-75.

Prophetic Integrity, Cruciform Praxis. Pietermaritzburg: Cluster Publications, 2011, in: Tussenruimte 2(2013), 57. - Hof, E., review: Van de Poll, Evert W. Door de wereld gaat het Woord.

- Brink, G. van den, ‘Calvin and the Early Christian Doctrine of the Trinity’, in: Henk van den Belt (ed.), Restoration through Redemption: John Calvin Revisited, Leiden: Brill, 2013, 15-30.

Actuele thema’s in de mondiale zending. Heerenveen: Medema, 2013, in: TussenRuimte 4(2013), 58. - Zanden, G. van, review: ‘De impact van Karl Barths ethiek buiten het

Book chapters non-refereed - Brink, G. van den, `Relationele theologie. Plaats en structuur van de

Duitse taalgebied, Doorn, 4-6 maart 2013’, in: Tijdschrift voor theolo-

godsleer in Calvijns Institutie’, in: William den Boer (red.), Calvijn

gie 53(2013)2, 194

gewikt en gewogen. De relevantie van Calvijns theologie voor de 21e

- Zanden, G. van, verslag: ‘Communicatieproblemen met God. Hoe de twijfel toesloeg op de EO-jongerendag’, in: In de Waagschaal 42(2013)8, 259-261 - Zanden, G. van, review: ‘Barth voor in de vakantiekoffer’, ( F.W. Verbaas, De vierde vrouw. De wonderlijke lotgevallen van een te-

114

eeuw, Apeldoornse Studies 60, Apeldoorn: 2013, 41-51. - Brüning, A., ‘Het ongenoegen over de “transsubstantiatie”’. Hoe Oosterse theologen spreken over de eucharistie’, in C. Caspers, A. Leys, P. Versnel-Mergaerts (eds.), Zijn lichaam worden. Leven uit de rijkdom van de eucharistie, Heeswijk: Berne media, 2013, 61-68.

Jaarstukken 2013


Professional publications

PUBLICATIES ONDERZOEKERS VEG

- Brink, G. van den, `De Heidelbergse Catechismus: doelen, achtergron-

Refereed articles

den, eigenheid en verspreiding’, in: W. Verboom & P.J. Vergunst (red.),

- P. Schaafsma, R. Benjamins, M. Jansen, T. Hettema, ‘Vervreemding en

Catechismus.nu. De Heidelberger voor vandaag, Zoetermeer: Boeken-

vertrouwen. Over hermeneutiek en theologie’, in: Nederlands Theolo-

centrum, 2013, 9-20.

gisch Tijdschrift 67(2013)1, 3-26.

- Hoek, J., Garantie voor de toekomst. Gespreksboek over hoop, Zoetermeer: 2013,160 pp. - Hoek, J., Profetisch licht. Toekomst voor Israël en de kerk, Heerenveen:

- P. Schaafsma, R. Benjamins, M. Jansen, T. Hettema, ‘Meer vertrouwen, minder vervreemding?’, in: Nederlands Theologisch Tijdschrift 67(2013)1, 50-56.

2013 (redactie en bijdragen) 232 pp. Professional publications Publications aimed at the general public - Brink, G. van den, ‘Wat staat er in 1563 op het spel? De oecumenische opzet van de HC’, in: De Waarheidsvriend 101(2013)3, 14-15. - Brink, G. van den, ‘Voorspelling McGrath over toekomst van de kerk

- Hettema, T.L., ‘De gemeenschap van de Geest: hartenklop van een christelijke dogmatiek,’ in: In de Waagschaal 42(maart 2013)3 78-81. - Hettema, T.L. ‘Zondag 6 juli’, ‘Zondag 13 juli’, ‘Zondag 20 juli’, in: Postille 2013-2014 Zoetermeer: Boekencentrum, 2013, 134-143.

langzaam in vervulling’, in: Reformatorisch Dagblad, 1-10-2013. - Brink, G. van den, ‘Als Vreekamp zich laat zien. Een Veluws theoloog over het Apostolicum’ http://www.theoblogie.nl/als-vreekamp-zichlaat-zien-een-veluws-theoloog-over-het-apostolicum/

Publications aimed at the general public - Hettema, T.L., ‘De kerk wereldwijd en haar diversiteit,’ in: Ons Orgaan jan. 2013, 6-7. - Hettema, T.L., ‘De klank van stilte,’ in: Herademing 21(juni 2013)80,

OTHER RESEARCH OUTPUT Reviews refereed

35-39. - Mietus, L., ‘Door het geloof alleen...,’ in: Ons Orgaan sept. 2013, 6-7.

- Brink, G. van den, review: Theo Boer, Heleen Maat, Jan Muis (red.), Van God gesproken, in: Theologia Reformata 56(2013), 192-193. - Brink, G. van den, review: J.W. Veltkamp, De menschlijcke reeden

C. PRACTICES

onmaetiglijck gelaudeert, in: Theologia Reformata 56(2013), 293-294. - Brink, G. van den, review: Miroslav Volf, Allah. Het antwoord van een christen, in: Theologia Reformata 56(2013), 297-299. - Brink, G. van den, review: David J. Engelsma, Covenant and Election

Programma: Practices of Faith in Socio-cultural Networks Programmaleider: prof.dr. M. Barnard

in the Reformed Tradition, in: Theologia Reformata 56(2013), 302303. - Brink, G. van den, review: Maarten den Dulk e.a. (red.), Verlegen om

Onderzoekers: Hoogleraren

een goed woord, in: Theologia Reformata 56(2013), 418-419.

prof. dr. M. Barnard

- Brüning, A., review: Rev. György Péteri (ed.): Imagining the West in

prof. dr. F.G. Immink

Eastern Europe and the Soviet Union. Pittsburg Pa., 2010, (Pitt Series in

prof. H. Noordegraaf

Russian and East European Studies; Kritika Historical Studies), in: Jahr-

prof. dr. H.P. de Roest

bücher für Geschichte Osteuropas,?-reviews 3, (20132, pp. 19-21. - Hoek, J., review: George Hunsinger (ed.), Thy Word is Truth. Barth on Scripture, in: Zeitschrift für Dialektische Theologie 58(2013)1, 126, 127.

Protestantse Theologische Universiteit

Universitair docenten dr. R. Brouwer

115


dr. H.K. Heyen

- R. Nasrallah and M. Barnard, ‘Taking Liberties: The Fluid Liturgical Lives

dr. A. de Kock

of Orthodox and Maronite Women Within the Protestant Church in

dr. H. de Leede

Lebanon’, in: Journal of Eastern Christian Studies 65(2013)1-2, 97-119.

dr. H.C. van der Meulen

- H. Rijken, M. Hoondert and M. Barnard, ‘My soul doth magnify. The

dr. M. van der Meulen

Appropriation of the Anglican Choral Evensong in the Dutch Context

dr. A.C. Mulder

– Presentation of a Research Project’, in: Yearbook for Liturgical and

dr. F. Stark

Ritual Studies 29(2013), 83-98.

dr. R.J. de Vries

- Roest, H. de, ’Losing a Common Place to Connect”. An Inquiry of

dr. M.N. Walton

Inside Perspectives on Church Closure Using Visual Methods’, in: International Journal of Practical Theology (2013)2, 292-313.

Onderzoekers dr. M.C.M. Klomp

- H. de Leede, F. Stark, ‘Protestantse preken in hun kracht en zwakheid: Een quickscan’, in: Nederlands Theologisch Tijdschrift, 67(2013)2, 85100.

Promovendi drs. C.S. van Andel drs. C.C.L.H. van den Berg-Seiffert drs. J. Gelderloos-Commandeur drs. J. Hage

- Walton, M.N., ‘Unlike a Rose. On relating spirituality to (Mental) Health’, in: Psyche & Geloof, 24(2013)4, 277-28.7 - Walton, M.N., ‘Discerning Lived Spirituality: the Reception of Otherness’, in: Journal of Pastoral Care and Counseling, 67(2013)2, 6:1-10. - H.J. van Wijnen and M. Barnard, ‘Connected to the wellspring:

drs. R. Nasrallah

an ecclesiology of small groups of adolescents´, in: International

drs. C.S.H. Rijken

Study for the Study of the Christian Church, DOI:10.1080/147422

drs. P.M. Sonnenberg

5X.2013.823035.

Bijzonder hoogleraren

Non-refereed articles

prof. dr. J.J.M. de Hart

- Immink, F.G.,‘Tot God bidden in een seculiere wereld’, in: Theologia Reformata, 56(2013), 8-24

Refereed articles - Immink, F.G., ‘Practices and Theories of Prayer’, in: Sola Experientia. Journal of Theology, (2013) 137-149. - Mulder, A.C., ‘Divine Wo/men are dignitaries: seven billion of them “walk” in dignity and flourish’ in: Feminist Theology 21(2013)3, 232243. - R. Nasrallah, M.E. Brinkman, H.L. Murre-van den Berg and M. Barnard, ‘Itinerant Feasting: Eastern Christian Women Negotiating (Physical) Presence in the Celebration of Easter’, in: Exchange 42(2013), 319-342. - R. Nasrallah and M. Barnard, ‘Kinetics of healing: protestant women

- Roest, H. de, ‘In de werkplaats van de gemeente. De toekomst van de theologie in Nederland’, in: ’t Beaken. Tijdschrift Fryske Akademy. - Walton, M.N., Met J.H. Mooren: ‘Geestelijke Verzorging. Over de veelvormigheid en de fluïditeit van het geestelijke’, Tijdschrift geestelijke verzorging, 16(2013)70, 24-32. - Walton, M.N., ‘Gratuïteit en gastvrijheid. De ‘onteigening’, van het pastoraat’, in: Pastorale Perspectieven 159(2013)2, 5-11. - Walton, M.N., ‘De smaak van het protestantisme. Protestantse gezichtspunten in geestelijke verzorging’, in: Tijdschrift geestelijke verzorging 16(2013)69, 18-23.

pledging baptism in saydnaya orthodox monastery’, in: Studia Liturgica 42(2012)1-2, 270-284 [published in 2013]

116

Jaarstukken 2013


Books

in den Niederlanden. Weltanschauliche Versäulung im Umbruch’, in:

- Meulen, H.C. van der, Om het geheim van het leven. Over spirituali­teit

Karl Gabriel u.a. (Hrsg.), Religion und Wohlfahrtsstaatlichkeit in Euro-

en geestelijke begeleiding, Zoetermeer: Boekencentrum 2013, 380.

pa. Konstellationen –Kulturen-Konflikte, Tübingen: 2013, 247-277. - Roest, H. de, ‘God at Street Level. Digging Up the Theological Identity

Book chapters refereed

of Pastoral Care among the Homeless and Drug Addicts’, in: Christian

- Brouwer, R., ‘Reformed Ministry: Lifelong calling or interchangeable

Scharen (ed.), Explorations in Ecclesiology and Ethnography. Grand

profession?’, in: A. Janssen and L.J. Koffeman (eds.), Protestant Church Polity in Changing Contexts. Ecclesiological and Historical

Rapids: Eerdmans, 2013, 165-175. - Roest, H. de, ‘Kirche in Grenzsituatione‘, in: Christina aus der Au,

Contributions. Proceedings of the International Conference, Utrecht,

Ralph Kunz (Hrsg.), Urbanität und Öffentlichkeit. Kirche im Span-

The Netherlands, 7-10 November, 2011, Volume I, Lit Verlag 2013.

nungsfeld gesellschaftlicher Dynamiken. Reihe Praktische Theologie

- H. de Leede, F. Stark, ‘Overcoming the Harmless Sermon: Strengths & Weaknesses of Protestant Preaching’, in: Viva Vox Evangelii - Re-

im reformierten Kontext. Zürich: Theologischer Verlag. - Stark, F., ‘Kort overzicht van homiletische literatuur voor de preek-

forming Preaching. Studia Homiletica 9. Edited by Jan Hermelink and

praktijk’, in: Postille 65, 2013-2014, Zoetermeer: Boekencentrum,

Alexander Deeg, Leipzig: Evangelische Verlagsanstalt, 2013, 219-233.

2013, p.193-204.

- Mulder, A.C., ‘Empowering Those Who Suffer Domestic Violence: The Necessity of Different Theological Imagery’, in: L.J. Claassens, K.

PhD theses

Spronk (red), Fragile Dignity. Intercontextual Conversations on Scrip-

- Koot-Dees, D. van, Prille geloofsopvoeding. Een kwalitatief onderzoek

tures, Family, and Violence. Semeia Studies 72, Atlanta: SBL 2013,

naar de rol van geloven in jonge protestants-christelijke gezinnen in

199-219.

Amsterdam. Promotie in Groningen op 27 juni 2013.

- Stark, F., ‘Missing links in Mainline Churches: Biblical Life Stories and Their Claim in Today’s Family Preaching’, in: L. Juliana Claassens and

Professional publications

Klaas Spronk (ed.) Fragile Dignity. Intercontextual Conversations on

- Barnard, M., ‘Pluraliteit −liturgische dynamiek en kerkelijke identiteit

Scriptures, Family, and Violence, Semeia Studies, nr. 72, Atlanta: SBL

in de protestantse kerk in Nederland’, in: Muziek en liturgie. Tijd-

2013, 233-250.

schrift van de Koninklijke Vereniging van Organisten en Kerkmusici 82(2013)4, 34-37

Book chapters non-refereed - Immink, F.G., ‘Reformed Faith in a Secular World’, in: Proceedings of the International Congress of Reformed and Presbyterian Churches. Revival and Unity of Reformed Churches, Seoul: 2013, 274-299. - Klomp, M.C.M., ‘Junge Theologen der Societas Liturgica, ‘Ruckblick und Ausblick’’ in: G. Lathrop and M. Stuflesser (red.), Liturgiereformen in der Kirche, 50 Jahre nach Sacrosanctum Concilium (= Theologie der Liturgie 5), Regensburg: 2013, 199-214. - J.R. Beaumont and H. Noordegraaf, ‘Aid, Presence, Protest: Working Group The Poor Side of the Netherlands/EVA’, in: Paul Cloke and others (ed.), Working Faith. Faith-based Organizations and Urban Social Justice, Crownhill: 2013, 147-164. - H. Noordegraaf and E. Sengers, ‘Religion und Wohlfahrtsstaatlichkeit

Protestantse Theologische Universiteit

- M. Barnard en M.C.M. Klomp, ‘Zangrepertoires’, in: Tim Dowley, Christelijke muziek door de eeuwen heen (vert. Martin Strengholt), Heerenveen: 2013, 259-260 - Brouwer, R., ‘De zegen van de tijdelijkheid’, in: Rein Brouwer e.a. (red.), Voorganger als voorbijganger. Het interim predikantschap van de toekomst, Zoetermeer: Boekencentrum 2013, 61-91 - Noordegraaf, H. ‘Waakzaam en nuchter in diaconal perspectief. Pleidooi voor een kritische participatie’, in: Maarten den Dulk e.a. (red.), Verlegen om een goed woord. Onderweg met Gerrit de Kruijf, Zoetermeer: 2013, 85-96. - H. Noordegraaf, S. Stoppels en H. van Well, ‘Gemengde gevoelens’, in: Diaconaat en gemeenteopbouw, themanummer Handelingen 40(2013)2, 62-73

117


- Roest, H. de, ‘Geen paniek. Adviezen aan de kerk’, in: Maarten den Dulk, Gerben van Manen & Gea Smit (Red.). Verlegen om een goed woord. Zoetermeer: Boekencentrum, 2013, 133-145. - Roest, H. de, ‘Kerk als evenement’, in: Ouderlingenblad 90(april 2013)1036, 4-5. - Roest, H. de,‘De geloofsgemeenschap als een ‘tegencultuur van verbinding’. De visie van twee praktisch theologen F.O. (Ted) van Gennep (1926-1990) en J. (Hans) van der Werf (1926-1979)’ in: Handelingen (2013)1. - Stark, F., ‘Roepend om respons. De belevingsdimensie van het gesproken woord’, in: Laetare, 29(2013)2, 4-7. - Stark, F., ‘Van waagstuk tot weegschaal. Over kerk, sacrament en ambt in de christelijke dogmatiek’, in: In de Waagschaal, nieuwe jaargang 42(2013)4, 107-109. - Stark, F., ‘De open ruimte van een schuilkerk’, in: Muziek en Liturgie, 82(2013)4, 14-17. - Vries, R.J. de, ‘De meerstemmige pastor. Een analysemodel voor de verhouding van de justitiepastor tot de kerk’, in: Th.W.A. de Wit, R.J. de Vries & R. van Eijk (red.), Grensverkeer. De meerstemmigheid van de geestelijk verzorger bij justitie. Tilburg/Amsterdam: 2013, 5-21. - Vries, R.J. de, ‘De kracht van de vergeving’, in: Th.W.A. de Wit, R.J. de

- Meulen, H.C. van der, ‘Op de weg van het lijden. Over de lijdenspreek’, in: Confessioneel 125(2013)5, 8-9. - Meulen, H.C. van der, ‘In u zijn al onze fonteinen. Over de Israëlzondag’, in: Confessioneel 125(2013)15, 8-9. - Meulen, H.C. van der, ‘Daar boven, hier beneden. Over eeuwigheidszondag’, in: Confessioneel 125(2013)21, 3 en 15. - Noordegraaf, H., ‘Armoede en sociale uitsluiting in Vlaanderen’, in: De Arme Krant van Nederland 19(maart 2013)1, 24/25. - Noordegraaf, H., ‘Kerken beschikken over ‘hulpbronnen’ die van belang zijn voor de Wmo’, in: Tijdschrift voor gereformeerd zicht op politiek en maatschappij 39(2013)1, 56/57. - Noordegraaf, H., ‘De kerken zijn heel relevant voor de Wmo’, in: Tijdschrift voor Sociale Vraagstukken 106(najaar 2013)3, 40/41. - Noordegraaf, H., ‘Voedselbanken in Groot-Brittannië’, in: De Arme Krant van Nederland 19(oktober 2013)13, 26/27. - Noordegraaf, H., ‘Groei kerkelijke armenzorg is een doorn in het vlees’, in: www.socialevraagstukken.nl, 4 december 2013. Ook op website van Trouw, Brabants Dagblad 11 december 2013. - Roest, H. de, ’Innoveren als geloofsgemeenschappen’, in: Friesch Dagblad, 4 mei 2013. - H. de Leede en F. Stark, ‘Waar hebben we het over bij missionair

Vries & R. van Eijk (red.), Grensverkeer. De meerstemmigheid van de

preken?’, in: Hans van Ark en Nynke Dijkstra (red.), De missionaire

geestelijk verzorger bij justitie. Tilburg/Amsterdam: 2013, 83-98.

eredienst, Utrecht: Protestants Landelijk Dienstencentrum, 2013, 39-

- Walton, M.N., ‘Nieuwe velden in het landschap van levensbeschouwelijke diagnostiek. Nabeschouwing’, in: Zin zien, zoeken en beleven. Zingevingsanalyse bij mensen met een verstandelijke beperking. Publicatie van de Werkgroep Zingevingsanalyse VGVZ Verstandelijk Gehandicapten, uitgave van de Vereniging van Geestelijk Verzorgers

43. - Stark, F., ‘Preken is een vorm van intimiteit’, in: Christelijk Weekblad, 61(26 juli 2013), 3. - Stark, F., ‘Preek haalt oude en nieuwe schatten tevoorschijn’, in: Christelijk Weekblad, 61(13 september 2013), 3

in Zorginstellingen, Amsterdam: 2013. Other research output Publications aimed at the general public - Barnard, M., God en het museum. Teylers genootschapslezing gehouden op 24 februari 2013 in Teylers Museum, Haarlem, Haarlem: Gottmer/ Teylers Stichting, 2013. - Barnard, M., ‘De missionaire tragikomedie’, in: Woord en dienst 62(2013)9, 34. - Barnard, M., ‘Een goed glas wijn’, in: Woord en dienst 62(2013)6-7,

- R. Brouwer e.a. (red.), Voorganger als voorbijganger. Het interim predikantschap van de toekomst, Zoetermeer: Boekencentrum, 2013, 128. - R.R. Ganzevoort, R. Brouwer, and B. Miller-McLemore (eds.), City of Desires: A Place for God? Practical theological perspectives (International Academy of Practical Theology Amsterdam 2011), München: LIT Verlag, 2013, 216.

20.

118

Jaarstukken 2013


- D. van Kampen, H. Noordegraaf en N. van der Perk, Creatief diaconaat. Voorbeelden uit de praktijk, Vught: 2013, 125. - H. Noordegraaf, S. Stoppels en H. van Well, Diaconaat en gemeente-

- Rijken, H., ‘Interview met Antoine Oomen: Eeuwige hier en nu.’, in: Laetare. Tijdschrift voor liturgie en kerkmuziek. Voorheen Eredienstvaardig 28(2013)3.

opbouw, themanummer Handelingen 40(2013)2, 73 pp. - Th.W.A. de Wit, R.J. de Vries & R. van Eijk (red.), Grensverkeer. De meerstemmigheid van de geestelijk verzorger bij justitie. Tilburg/Amsterdam: 2013, 152.

Other research output - Andel (red.), N. van, Van horen zingen. Wegwijs in het nieuwe Liedboek, Zoetermeer: 2013, 80 pp. - Rijken, H., Lid van de eindredactie: Liedboek. Zingen en bidden in huis

Reviews refereed - Brouwer, R., review: Wessel Stoker, Kunst van hemel en aarde. Het spirituele bij Kandinsky, Rothko, Warhol en Kiefer, Zoetermeer: Meinema 2012, 216 pp. € 23.50, ISBN 9789021143156, in Kerk en

en kerk, gepresenteerd op 25 mei 2013. - Rijken, H., Lid van de redactie van de 3 Koorbundels bij Liedboek. Zingen en bidden in huis en kerk. - Rijken, H., Cd: Met hart en ziel. PThU december 2013.

Theologie 64(2013)2, 197-198. - Meulen, M. van der, review: Rob Warner, Secularization and its Dis-

Publicaties bijzonder hoogleraren:

contents, in: Journal of Contemporary Religion 28(2013)1: 157–58. - Walton, M.N., review: Hanneke Muthert, Ruimte voor verlies. Geestelijke verzorging in de psychiatrie. Tilburg: KSGV 2012, in: Nederlands Theologisch Tijdschrift, 67(2013)1

Book chapters refereed - J. de Hart, P. Dekker en L. Halman, ‘Introduction: European diversity and divergences’, in: J. de Hart, P. Dekker and L. Halman (eds.), Religion and civil participation in Europe (H1). New York: Springer Press

PUBLICATIES PROMOVENDI:

2013, 1-12. - J. de Harten P. Dekker, ‘Religion, spirituality, and civic involvement’. in:

Publications aimed at the general public

J. de Hart, P. Dekker and L. Halman (eds.), Religion and civil participa-

- Andel, C.S. van, ‘Losbladig is losbandig. De oecumene van het nieuwe

tion in Europe (H9). New York: Springer Press 2013, 169-188.

Liedboek’, in: In de waagschaal 42(12 oktober 2013)10, 14-16. - Andel, C.S. van, ‘Het Liedboek. Wie, wat, waar?’, in Nienke van Andel (red.), Van horen zingen. Wegwijs in het nieuwe Liedboek, Zoeter-

- P. van Houwelingenen J. de Hart, ‘Maatschappelijke participatie: voor en met elkaar’, in: M. Cloïn (red.), Met het oog op de tijd: een blik op de tijdsbesteding van Nederlanders, Den Haag: SCP 2013, 116-139.

meer: 2013, 29-33. - Andel, C.S. van, ‘Wegwijs in het Liedboek’, idem, 34-42.

Book chapters non-refereed

- Andel, C.S. van, ‘Bronnen’, idem, 43-50.

- Hart, J. de, ‘Religiöse Veränderungen in den Niederlanden seit den

- Andel, C.S. van, ‘Herkenning of verrassing. Het Liedboek als spiegel of als motor’, in: Laetare 29(augustus 2013)3, 57-63. - Rijken, H., ‘Liturgische Bouwstenen. Liturgica in het Liedboek’, in: Laetare. Tijdschrift voor liturgie en kerkmuziek. Voorheen Eredienstvaardig 29(2013)4, 4-9. - Rijken, H., ‘Muziek tussen hemel en aarde. Hildegard von Bingen’, in:

sechziger Jahre’, in: F. Wielenga en P. van Dam, Hinter den Säulen, Münster: 2013, 77-96. - J. de Hart en P. Dekker, ‘Van consument naar producent: veranderingen op de religieuze markt’, in: S. van Bijsterveld en R. Steenvoorde (red.), 200 jaar Koninkrijk, Godsdienst, Staat en Samenleving, Oisterwijk: Wolf Legal Publishers 2013, 229-254.

Op weg naar Kerstmis, Heeswijk: Abdij van Berne, 2013

Protestantse Theologische Universiteit

119


Professional publications - Hart, J. de, ‘Samenleven in meervoud: Nederlanders over een nieuw wij’, in: M. Kalsky (red.), Alsof ik thuis ben: samenleven in een land vol verschillen, Almere: Parthenon, 2013, 33-49 . Publications aimed at the general public - Hart, J. de, ‘Pech!’, in: P. Schnabel (red.), Van pech en rampspoed, Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau, 2013, 55-58 - Hart, J. de, ‘Linoleum snijden met Hamlet’, in: P. Schnabel (red.), Van pech en rampspoed, Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau, 2013, 63-66 - Hart, J. de, ‘Verschuivende panelen: enkele ontwikkelingen op het maatschappelijk middenveld’, in: Ouderlingenblad (april 2013). - Hart, J. de, ‘Changez!’, in: IPaul! (epub Paul Schnabel, 2013). - Hart, J. de, ‘Handwerk’, in: IPaul! (epub Paul Schnabel, 2013). - Hart, J. de, ‘Effe normaal. Inleiding’, in: R. Bijl, R. van den Brink, P. Dekker, J. de Hart en S. Keuzenkamp, Opvallend gewoon: het bijzondere van Nederland. Beschouwingen bij het afscheid van Paul Schnabel als directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau, Den Haag: 2013, 6-7 - Hart, J. de, ‘Zwevende gelovigen, onbestemde goden’, in: Tijdschrift voor Geestelijk Leven (themanummer Godsbeelden), oktober 2013, 5-13. - Hart, J. de, ‘Portret van Paul Schnabel’ (bij zijn NSV erelidmaatschap) (zie http://www.nsv-sociologie.nl/?page_id=1087). - Hart, J. de, ‘Hemel en hel: veranderende opvattingen over een leven na de dood’, in: Woord & Dienst, november 2013. Other research output - R. Bijl, R. van den Brink, P. Dekker, J. de Hart en S. Keuzenkamp) (red.), Opvallend gewoon. Het bijzondere van Nederland. Beschouwingen bij het afscheid van Paul Schnabel als directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau, Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau, 2013, 236 - J. de Hart, P. Dekker en L. Halman (eds.), Religion and civil society in Europe, New York: Springer Press 2013, 312

120

Jaarstukken 2013


Bijlage 4:

Promoties Naam

Datum

Titel

Promotor(es)

J.F. Holslag

19-06-2013

Berlin Fellowship East German Perspectives and Missional Encounter 1961-1989

Prof. dr. M.M. Jansen Prof. dr. H. Noordegraaf

P. Dronkers

25-06-2013

In Christus rechtvaardig Reformatorische perspectieven op rechtvaardiging en eenheid met Christus

Prof. dr. G. van den Brink Prof. dr. H. van den Belt Dr. W. van Vlastuin

D. van de Koot-Dees

27-06-2013

Prille geloofsopvoeding Een kwalitatief onderzoek naar de rol van geloven in jonge protestants-christelijke gezinnen in Amsterdam

Prof. dr. F.G. Immink Prof. dr. A. Smaling Prof. dr. H.H.M. Roebben

R.F.H. Praamsma

12-09-2013

Zacharias Webber (1644-1696) Irenisch lutheraan – verlicht protestant Kerk en theologie in het denken van een zeventiende-eeuwse kunstschilder

Prof. dr. K. Zwanepol Prof. dr. W.J. van Asselt

T. Jahnke

21-11-2013

In Würde Altern und alt sein Praktisch-Theologische Bausteine zu einem würdevollen Alterungsprozess im Kirchen- und Gemeindekontext

Prof. dr. E.R. Jonker

W.A. de Jong

10-12-2013

Postcolonial Feminist Theology Enacting Cultural, Religious, Gender and Sexual Differences in Theological Reflection

Prof. dr. M.M. Jansen Prof. dr. A.J.A.C.M. Korte

Protestantse Theologische Universiteit

121


Bijlage 5:

Internationale samenwerking en contacten De internationale contacten die de PThU onderhoudt zijn onder

• het Northern Theological Seminary, Pretoria, Zuid-Afrika;

te verdelen in een viertal categorieën, te weten:

• Justo Mwale Theological University College, Lusaka, Zambia; • de Chongshin University in Seoul, Zuid-Korea;

1. Internationale samenwerking op het niveau van de onderzoeksgroepen. 2. Internationale samenwerking in het kader van het Erasmus programma (docent- en studentuitwisseling). 3. Institutionele samenwerking met een aantal buitenlandse, niet-Europese partnerinstellingen. 4. Samenwerking in oecumenisch verband en/of met het oog op ‘capacity building’ bij buitenlandse theologische instellingen.

• STT Jakarta, Indonesië; • Artha Wacana University in Yogjakarta, Indonesië; • Princeton Theological Seminary, Verenigde Staten; • het Luther Seminary St. Paul Minnesota, Verenigde Staten; • het Lutheran Theological Seminary Hong Kong, China; • MF Norwegian School of Theology, Oslo, Noorwegen; • Bar-Ilan University, Jerusalem, Israël; • Protestants Theologisch Insitituut, Cluj-Napoca, Hongarije.

Erasmus programma

In 2013 heeft de PThU een overeenkomst gesloten met de Council for

In het kader van het Europese Erasmus programma, dat gericht is op

World Mission. Deze overeenkomst voorziet in financiering door de

facilitering van studenten- en docentenuitwisseling binnen de EU, zijn er

council van buitenlandse studenten aan de PThU.

Erasmusovereenkomsten gesloten met de theologische instellingen van de volgende universiteiten: • de Humboldt Universiteit in Berlijn, Duitsland; • de Theologische Faculteit te Debrecen, Hongarije; • de Karelsuniversiteit van Praag, Tsjechië; • de Universiteit van Kopenhagen, Denemarken; • de Babes Bolyai Universiteit van Cluj-Napoca, Roemenië; • de Karoly Gaspar Universiteit in Budapest, Hongarije; • de Universiteit van Helsinki, Finland. Een nieuwe overeenkomst werd gesloten met: • De Gereformeerde Theologische Academie van Sárospatak, Hongarije. Internationale Institutionele Partners De PThU heeft met diverse buitenlandse theologische instellingen een bilaterale samenwerkingsovereenkomst. De inhoud van deze overeenkomsten heeft betrekking op uitwisseling van docenten en studenten, samenwerking in onderzoeksactiviteiten, en het organiseren van gezamenlijke activiteiten zoals symposia en conferenties. Overeenkomsten zijn er met: • de Universiteit van Pretoria, Zuid-Afrika; • de Universiteit van Stellenbosch, Zuid-Afrika;

122

Jaarstukken 2013


Bijlage 6:

Kerkelijk Album en Ordinantie 13-12 Op peildatum 1 oktober 2013 stonden studenten ingeschreven in het kerkelijk album. Universiteit

Bachelor

Master

Universiteit Utrecht

18

-

Premaster

Totaal

Universiteit Leiden

4

-

4

Vrije Universiteit

4

3

7

18

Rijksuniversiteit Groningen

12

1

13

Evangelische Theologische Faculteit Leuven

5

-

5

Theologische Universiteit Apeldoorn

5

-

5

Radboud Universiteit Nijmegen

-

-

-

FPG Brussel

-

1

1

PThU Amsterdam

14

115

129

PThU Groningen

-

22

22

PThU LOI

8

1

Premaster

-

-

4

4

Totaal

70

143

4

217

9

Ordinantie 13-12 Ordinantie 13-12 van de Kerkorde van de Protestantse Kerk in Nederland bepaalt het volgende:

3. De kleine synode kan bepalen dat betrokkene - als bijzondere omstandigheden de kleine synode aanleiding geven de weg naar het colloquium te openen zonder dat toepassing wordt gegeven

1. Indien iemand die bij een andere kerk in of buiten Nederland als

aan het bepaalde in lid 2 - ten aanzien van een of meer vakken

predikant of geestelijke dienst heeft gedaan dan wel in deze kerk is

een aanvullende opleiding moet doen bij daartoe aangewezen

toegelaten tot het ambt van predikant of geestelijke, toelating tot het

hoogleraren en docenten van de Protestantse Theologische

ambt van predikant in de Protestantse Kerk in Nederland verlangt,

Universiteit.

beoordeelt de kleine synode, gehoord het College van Bestuur inzake de kwaliteit van de ontvangen opleiding en nadat een onderzoek

In het jaar 2013 hebben 3 beoordelingen overeenkomstig deze

naar de geschiktheid als bedoeld in artikel 9 isingesteld, of, en zo ja,

kerkordebepaling geleid tot een advies aan het moderamen van

onder welke voorwaarden de weg naar het colloquium voor

de generale synode.

betrokkene kan worden geopend. Het verzoek tot beoordeling van de opleiding had betrekking op 2. Het College van Bestuur stelt vast of een masterexamen aan de

de aanvraag van predikanten/ voorgangers uit de Rooms Katholieke

Protestantse Theologische Universiteit nodig is en zo ja, welke

Kerk (1); de Gereformeerde Kerken Vrijgemaakt (1); en de

vrijstellingen kunnen worden verleend voor het masterexamen

Verenigde Pinkster- en Evangeliegemeenten (1).

dat door betrokkene moet worden afgelegd.

Protestantse Theologische Universiteit

123


Bijlage 7:

Mastertheses studiejaar 2012-2013 Alblas, S. - Buitenkerkelijken als aanleiding tot hernieuwde theologische

Houtman, I.T. - Over Hoop. Huidig theologisch denken over christelijke

reflectie - Onderzoek over veranderingen in de overtuigingen van missio-

hoop als positieve impuls voor de Nederlandse pinksterbeweging in het

nair-werkers en predikanten

omgaan met lijden

Acolatse, R.K.A. - The Curse of Noah Revisited: A Survey of Interpreta-

Idemudia, M. - The Detention of Illegal Aliens at the Detention Center

tions over the Ages

Rotterdam (DCR)

Baardewijk, A.J.C. van - Van excommunicatie naar communicatie

Kamau, E.N. - Reflections on the Necessity of a Learner-Centered Approach in Religious Teaching on Morals to Adolescents, with Love

Berkel, L.L. van - Deur dicht-Mond open - Communicatie tussen leiding-

Relations as a Case in Point

gevenden en gemeenteleden tijdens het fusieproces van de Gereformeerde Kerk en Hervormde Gemeente in Honselersdijk met daarbij de

Kandema, J. - The Impact of 1995: The Authority of the General Synod

voorgenomen sluiting/sloop van de bestaande kerkgebouwen

of the Presbyterian Church of Rwanda in Historical Perspective, with Special Attention to the Extraordinary Synod of 1995, against the back-

Brouwer, D.W - Het goddelijk geweten

ground of Protestant Models of Church Order and Mission History

Buijser, I.M. - God verborgen

Kooijman, J.H.C. - Calvijn in Indonesië

Bunt M.L. van de - Gewoon geloven, ondanks alles. Praktisch theolo-

Lock, R.J.F. - Waak op, waak op, sta op Jeruzalem

gisch onderzoek naar preken over genezingsverhalen Mabusela, R.J. - Bribery in the Old Testament: A Challenge to South Bussey, S.K. - Igbo Sacrifice and Christian Theology. A Contextual

African Society

Approach Macdaniel, J.G. - “De gekruisigde God is onze hoop” - Over het hart Cluistra, A. - Spirituele en Existentiële behoeften van patiënten in de

van de christologie van Van de Beek

geestelijke gezondheidszorg in casu patiënten in Emergis te Goes Mijnarends, E.C. - Euthanasie bij dementie - een casestudie Engelsma, T. - Willem ten Boom. Zijn leven en werk Molenaar, G.H. – De geestelijke opwekking in Holland - Een historischGeluk, M.A. - Leven de weduwe en de rechter ook vandaag? Academi-

theologisch onderzoek naar een geestelijke opwekking in Nederland in

sche exegese en gewone lezer in gesprek naar aanleiding van Lukas 18,

1905

1-8 Mukhim, D. - Suffering: An exploration into the experiences of Cancer Gerritsen, A. - In de gedachtenwereld van de Kleinen

patients and the challenges for Pastoral care

Hagedoorn, A.J. - Verhinder ze niet. Over prediking en kinderen

Noort, E. van den - De Eeuwige Wijsheid

Hoogstede, J.F. - Crisismanagement in de Psalmen

124

Jaarstukken 2013


Peppink, D.F. - Een praktisch theologisch onderzoek naar de perceptie van twintigers ten aanzien van hun wijze van participatie in de kerk. Rumpt, J. van - De theologische betekenis van de kerk als gemeenschap in de samenleving met het oog op haar rol in deze wereld Sang, E.K. - Ethnic Conflicts: A Challenge to the Church in Kenya Schreur, M.C. - Twee zilveren trompetten That Lian Rethinking Christian Submission towards the Governing Authorities: An Exegetical-theological Study on Romans 13:1-7 Tuller, A.C. - Ik draag, Jij draagt, Wij dragen! De docent als drager van identiteit Vaartjes, H.A. - Ach, Heemooh … : Betekenis van “hemel en aarde” in het OT Vries, M.M. de - Geloven in de Marge Westland, W.J. - Preken op Hemelvaartsdag - een verkenning van praktisch-theologische theorievorming over Hemelvaartspreken Woord, L.H. - Gastvrijheid van de PKN-kerk Leidsche Rijn Oost: mensen met een verstandelijke handicap in een wijkgemeente in opbouw

Protestantse Theologische Universiteit

125


126

Jaarstukken 2013


www.pthu.nl


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Jaarverslag 2013 by Protestantse Theologische Universiteit - Issuu