Skip to main content

Reineringen - 2026 (17/3)

Page 1

Margriet r t e u e n g e n l l e a l B


Reineringen Duive

D

nstraat 22

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich Extra nummer - September 2026

Voorwoord

it nummer van Reineringen is een speciaal nummer dat is gewijd aan de Margriet Ballegeertunnel naar aanleiding van de officiële opening op 2 september 2026. Dit nummer is integraal aan de graffitiafbeeldingen gewijd en kan dienen als handleiding bij een bezoek aan de tunnel.

Deze fiets- en wandeltunnel heeft de naam Margriet Ballegeertunnel gekregen. Met haar naam wil de gemeente Kontich de gedachtenis van deze Kontichse verzetsheldin blijvend eren. In het advies dat de straatnaamcommissie van de Gemeentelijke Erfgoedraad aan het college van burgemeester en schepenen stuurde, ging ze uit van een aantal argumenten die deels werden ingegeven door een historisch bewustzijn, maar ook deels door de symbolische tunnelmetafoor, geënt op Margriets persoonlijkheid. • De naam is een eerbetoon aan en een eerherstel van Margriet Ballegeer als verzetsheldin van de Eerste Wereldoorlog, wier geschiedenis haast vergeten was. • Een symbolische herinnering aan de oorlog. Een tunnel als doorgang (net zoals Margriet vluchtwegen mogelijk maakte): ° tussen licht en donker; ° tussen opgesloten zijn en toch vrij worden; ° als ontsnappingsmogelijkheid (aan moordend verkeer); ° om onder te duiken (in Water- & Wegenbouwkunde spreekt men van een duiker). • Een verbinding als memoriaal tussen: ° verleden en heden; ° moed en confrontatie met de dagelijkse mobiliteit in het toenemende verkeer. • Een signaal op het gebied van vredeseducatie: ° dat erfgoed en burgerzin ook buiten musea en archieven thuishoren; ° dat jonge mensen blijvend de terreur van wereldoorlogen voor ogen houden. • In de naamgeving van de voorbije decennia zijn de namen van vrouwen veel te weinig aan bod gekomen, waardoor een groot genderonevenwicht bestaat. Margriet Ballegeer is slechts de tweede vrouw die in Kontich een straatnaam kreeg.

De redactie

en

ng

eri

in Re 2

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich


Margriet Ballegeer (1890-1980)

Infobord Kontichse verzetsheldin uit de Eerste Wereldoorlog

M

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich

Re in

eri

ng

en

argriet Ballegeer is een 24-jarige, zeer dynamische vrouw wanneer in 1914 de Eerste Wereldoorlog uitbreekt. Vader Frederik is politiecommissaris in Kontich. Margriet woont met haar familie in de Magdalenastraat, waar ze een winkeltje uitbaat. Zeer snel na het begin van de oorlog raakt ze betrokken bij het verzet en helpt ze actief bij de sabotage van de Duitse bezetter. In eerste instantie is dat vrij lokaal, maar al snel wordt ze onderdeel van een groter spionagenetwerk. Zo steelt ze identiteitskaarten en paspoorten op het gemeentehuis om landgenoten naar Nederland te helpen vluchten en op die manier aan de oorlogsellende te ontsnappen, maar vooral om hen in de mogelijkheid te stellen aan het IJzerfront te kunnen vechten. Het feit dat haar vader politiecommissaris is, zet de Duitsers al heel snel op haar spoor. In 1915 wordt ze samen met haar vader gevangengenomen. Na een half jaar wordt ze vrijgelaten. Haar vader moet langer in de cel blijven. Deze hele geschiedenis en een incident met een Duitse soldaat maken van haar een nog sterker overtuigd patriot. Ze sluit zich aan bij een grote verzetsgroep en vervult al snel de rol van koerier. In Kontich wordt ze door de bevolking met de nek aangekeken, omdat ze met een Duitse soldaat aanpapt als onderdeel van haar spionagewerk. Tijdens deze periode leert ze Henri Van Bergen kennen – de liefde van haar leven. Ze werkt ook opnieuw met pastoor Felix Moons, die in de eerste jaren van de oorlog in haar ouderlijk huis onderduikt. Gedurende twee jaar kunnen ze actief blijven, maar uiteindelijk worden ze verraden door een dorpsgenoot die Margriet zelf bij de groep heeft geïntroduceerd. Ze wordt onder meer samen met haar lief en pastoor Moons in de Antwerpse Begijnenstraat gevangengezet. Aanvankelijk kunnen de moedige verzetslieden zwijgen, maar honger, ontbering en psychische foltering dwingen haar en haar medegevangenen uiteindelijk op de knieën. Ze worden ter dood veroordeeld. Voor de mannen eindigt dat inderdaad voor het vuurpeloton in Fort V in Edegem, maar de doodstraf van Margriet wordt in levenslange dwangarbeid omgezet. Na de bevrijding identificeren Margriet en haar vader de ontbindende lichamen van Felix Moons en haar geliefde Henri Van Bergen. Diezelfde dag sterft haar moeder aan kanker. Een traumatische ervaring die Margriet knakt. Ze probeert op krachten te komen, maar kan uiteindelijk niet meer aarden in een België dat haar te veel aan het oorlogsverleden en haar persoonlijk verdriet doet denken. Ze emigreert definitief naar Engeland, waar ze een nieuw leven opbouwt tot ze in 1980 overlijdt.

3


H

Condacum - cont(i)acum

et toponiem Condacum, waarvan Kontich is afgeleid, heeft tot op de dag van vandaag zijn geheimen en zijn echte betekenis nog altijd niet prijsgegeven. Bij opgravingen in de wijk Kontich-Kazerne kwamen de resten aan het licht van een Romeinse vicus of wegdorp dat ontstond in de eerste eeuw na Christus nabij een knooppunt van land- en waterwegen. De nederzetting groeide in de tweede en derde eeuw uit tot een levendig regionaal centrum voor religie, handel en ambacht. Archeologen vonden er woningen, een tempel, waterputten, ovens, werkplaatsen en duizenden voorwerpen uit het dagelijkse leven, zoals aardewerk, munten, sieraden en gereedschap. Deze vondsten tonen aan dat de bewoners contacten onderhielden met andere delen van het Romeinse Rijk. Dankzij tientallen jaren archeologisch onderzoek behoort de vicus van Kontich tot de beter onderzochte Romeinse nederzettingen in Vlaanderen. De resten liggen vandaag grotendeels verborgen onder de moderne bebouwing, maar vormen een onschatbare bron van kennis over het leven in onze streek bijna tweeduizend jaar geleden. Toch vind je veel van die vondsten in het Museum voor Heem- en Oudheidkunde aan het Sint-Jansplein in Kontich. Maar of deze nederzetting ook vereenzelvigd mag worden met het toponiem Condacum / Cont(i)acum blijft verder onduidelijk. Wel duidelijk: de theorie over de samenvloeiing is absoluut flauwekul.

D

Scherf van Sarapis

e Sarapisscherf is een voorbeeld van fake news. Tijdens archeologische opgravingen op de Romeinse vicus van Kontich-Kazerne werd in 1968 een potscherf gevonden met Griekse inscriptie: ΣΑΡΑΠΙ, een verwijzing naar de Egyptische god Sarapis. De ontdekking leek spectaculair. Nooit eerder was zo noordelijk een dergelijke scherf aangetroffen. Meteen rezen tal van vragen. Hoe was een Egyptische godheid in Kontich terechtgekomen? Was er hier een Sarapiscultus? En waarom was de naam in het Grieks gekrast? De scherf groeide uit tot een pronkstuk van het Museum voor Heem- en Oudheidkunde en werd zelfs tentoongesteld op de prestigieuze tentoonstelling Keizers aan de Nijl in Tongeren. Later paleografisch onderzoek bracht echter een verrassende ontknoping: de inscriptie bleek een moderne vervalsing. Van unieke archeologische vondst veranderde de scherf in het onderwerp van een boeiende detective over misleiding, wetenschappelijk onderzoek en de noodzaak van kritische bronanalyse. Vandaag blijkt dat archeologen zich lieten vangen door een uit de hand gelopen grap van een medearcheoloog die de scherf in het opgegraven veld had gegooid.

en

ng

eri

in Re 4

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich


D

Sint-Martinusput of doopput

e Sint-Martinusput, ook wel doopput genoemd, is één van de oudste historische plekken van Kontich. De bron ligt op één van de hoogste punten van Kontich en leverde eeuwenlang helder drinkwater. Mogelijk trok ze al vóór de kerstening mensen aan, al ontbreken daarvoor harde bewijzen. Na de kerstening werd de bron gewijd aan Sint-Martinus, de patroonheilige van Kontich. Volgens de overlevering werden hier de eerste christenen door volledige onderdompeling gedoopt. Later groeide de bron uit tot een bedevaartsoord, vooral voor mensen met oogkwalen. Na een lange periode van verval kreeg de Sint-Martinusput vanaf 1948 opnieuw aandacht. Het huidige monument, voltooid in 1989 naar een ontwerp van Joris Olyslaegers, verwerkt materialen uit oudere gebouwen en symboliseert de zoektocht van de mens naar leven, geloof en verbondenheid met het verleden.

D

Kazernepoort

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich

Re in

eri

ng

en

e infanteriedepots – gebouwd in 1877-1879 – veranderden de geschiedenis van deze omgeving ingrijpend. Dankzij de ligging langs de spoorlijn Antwerpen-Mechelen-Brussel koos het Belgische leger deze plaats voor de opleiding en huisvesting van rekruten van het 9e en 10e Linieregiment. Rond de kazerne ontstond geleidelijk een nieuwe woonkern met woningen, herbergen, winkels en later een kerk en school. Zo kreeg het gehucht zijn blijvende naam: KontichKazernen. De bakstenen paviljoenen, de paardenstallen en de omheiningsmuur vormen vandaag een zeldzaam bewaard voorbeeld van een negentiende-eeuws militair depot. De kazerne bepaalde meer dan een eeuw lang het uitzicht en de ontwikkeling van deze wijk en is nog steeds een belangrijk stuk bouwkundig en historisch erfgoed. De kazernepoort blijft – duidelijk zichtbaar vanuit een voorbijrijdende trein – daardoor een ijkpunt van KontichKazerne. 5


M

Michel Geysemans (1910-1943)

ichel Geysemans groeide op in een hoeve, die op de inventaris van onroerend erfgoed de Wachters-Geysemanshoeve wordt genoemd, gelegen op nummer 5 in de straat die naar hem is genoemd. Hij werkte als gemeentebediende in Wilrijk en was reserveofficier bij het Belgische Leger. Bij de Duitse bezetting sloot hij zich aan bij het verzet. Als leider van een verzetsgroep in Wilrijk en Kontich organiseerde hij onder meer inlichtingenwerk, hulp aan geallieerde piloten en onderduikers, de verspreiding van valse identiteitspapieren en de bevoorrading van verzetsstrijders. Via een geheime radiozender in de ouderlijke hoeve werden berichten naar Londen doorgestuurd. Hij werd verraden. De Gestapo arresteerde hem in januari 1943 en folterde hem zwaar in Fort Breendonk. Op 17 september 1943 veroordeelde een Duits veldgerecht hem ter dood. Michel Geysemans werd op 6 oktober 1943 in Antwerpen gefusilleerd. Zijn begrafenis kende een enorme volkstoeloop bij de Sint-Michielskerk in Waarloos. In zijn afscheidsbrief schreef hij: ‘Liefde alleen toch kan de wereld redden.’

O

Ramp van Kontich

p 21 mei 1908 vond in Kontich de zwaarste treinramp uit de Belgische geschiedenis plaats. In het station Contich (Kazernen) stond een reizigerstrein naar Turnhout met bedevaarders, militairen en arbeiders stil toen een reizigerstrein naar Brussel door een verkeerde wisselstand er met volle snelheid op inreed. De ramp

en

ng

eri

in Re 6

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich


kostte 41 mensen het leven en maakte meer dan 320 gewonden. Het nieuws haalde niet alleen de Belgische, maar ook de internationale pers. Marktzangers bezongen het drama en de jonge filmindustrie verspreidde beelden van de catastrophe de Contich in bioscopen ver buiten onze landsgrenzen. Lange tijd werd de schuld vooral bij een seingever gelegd, maar later onderzoek wees op een samenloop van menselijke fouten en gebrekkige communicatie. Na verloop van tijd raakte de ramp grotendeels vergeten, tot ze opnieuw onder de aandacht kwam dankzij onder meer sportcommentator Rik De Saedeleer. Vandaag blijft de Ramp van Kontich een blijvende herinnering aan een van de donkerste dagen uit onze spoorweggeschiedenis.

Bill Kartoum (Leo Verswijvel,1928-2016)

L

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich

Re in

eri

ng

en

eo Verswijvel, beter bekend onder zijn artiestennaam Bill Kartoum, was één van de kleurrijkste figuren uit de Vlaamse circuswereld. Hij werd geboren in een oud circusgeslacht en bracht zijn jeugd door in het rondreizende familiecircus. Al op jonge leeftijd trad hij op als trapezeacrobaat, clown, muzikant, messenwerper, scherpschutter en dierendresseur van (ijs)beren, slangen en leeuwen. Na het einde van Circus Espagnol trok hij jarenlang door Turkije, het Midden-Oosten en Italië. Daar trad hij op in paleizen en casino’s en werkte hij als stuntman mee aan verschillende spaghettiwesterns. In de jaren 1980 keerde hij terug naar België, waar hij samen met zijn zevende echtgenote Patrizia Lotti het Magic Circus oprichtte. Vanuit zijn woonplaats Kontich bracht hij nog tientallen jaren circusvoorstellingen naar scholen, rusthuizen en dorpspleinen. In 2016 gaf Bill Kartoum op 87-jarige leeftijd zijn laatste voorstelling. Hij geldt als een van de laatste vertegenwoordigers van het traditionele Vlaamse familiecircus en werd door Circuscentrum erkend als een Living Circus Treasure, levend erfgoed van de Belgische circuscultuur. 7


H

Station Kontich-Lint

et station Kontich-Lint is vandaag het enige spoorwegstation op het grondgebied van Kontich. De spoorlijn Mechelen-Antwerpen werd al in 1836 geopend en in 1839 hield hier voor het eerst een trein halt. Dit station was vanaf het eind van de jaren zeventig in de negentiende eeuw voor vele jonge rekruten de afstapplaats op weg naar de nabijgelegen kazerne. Rond het station groeide geleidelijk een nieuwe woonkern, die bekend werd als Kontich-Kazerne, in de volksmond als Kokaz. De spoorweg sneed het gehucht Lint af van de moedergemeente Kontich. Toen Lint in 1870 een zelfstandige gemeente werd, behield het station de naam Contich. Later wijzigde de naam in Contich (Oost), Contich (Kazernen), Kontich (Kazernen) en Kontich. Sinds 2017 draagt het station de naam Kontich-Lint. Daarmee verwijst de benaming voortaan naar beide gemeenten die door de spoorweg ooit van elkaar werden gescheiden, maar door het station ook opnieuw met elkaar worden verbonden. De gemeentegrens tussen de beide dorpen loopt tussen spoor 1 en spoor 2. Op de graffito zie je het spoor dat naar de kazerne leidde.

en

ng

eri

in Re 8

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich


A

Abraham Hans (1882-1939)

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich

Re in

eri

ng

en

braham Hans werd geboren in een protestants gezin in de Geuzenhoek (Sint-Maria-Horebeke). Door de schoolstrijd verhuisde het verarmde gezin naar Roeselare. Hij volgde een lerarenopleiding in Nederland, maar werd in 1901 Belgisch staatsburger. Hij ging lesgeven in Antwerpen. Enkele jaren later vestigde hij zich met zijn vrouw Adriana van der Meulen en hun drie kinderen in Kontich, waar hij koos voor een bestaan als volksschrijver en journalist bij Het Laatste Nieuws. Tijdens de Eerste Wereldoorlog vluchtte hij naar Nederland. Van daaruit bekritiseerde hij de Duitse bezetter, ondanks zijn Vlaamsgezinde overtuiging. Na de oorlog groeide hij uit tot een van Vlaanderens populairste en meest gelezen auteurs. Voor zijn Kinderbibliotheek, de beroemde Hansjes, schreef hij tijdens zijn leven 865 dergelijke boekjes. Hij zette generaties kinderen aan tot lezen. Daarnaast publiceerde hij tientallen volksromans en zette hij zich in voor de Vlaamse ontvoogding. Hoewel hij in Villa Houthulst in Kontich woonde, overleed hij in zijn vakantievilla in Knokke. Zijn graf vind je op het kerkhof in Kontich. Jammer genoeg is Abraham Hans – ten onrechte – in vergetelheid geraakt.

9


A

Villa Houthulst

braham Hans leefde en werkte vanaf 1919 in Villa Houthulst aan de Antwerpsesteenweg. Anders dan vaak wordt verteld liet hij de woning niet bouwen, maar kocht hij het linkse gedeelte van een dubbele woning in Engelse cottagestijl van Paul Roelofs, de eigenaar van Rest and Be Thankful. Zijn dochter Helena herinnerde zich hun eerste bezoek: “Op een bepaalde dag zouden ze het huis zien. Het staat even buiten het dorp, te midden van een stuk ruwe bouwgrond.” Vanuit zijn eenvoudige tuinhuis, zijn “werkkot”, schreef Hans honderden kinderboeken, volksromans en verhalen die in heel Vlaanderen werden gelezen. Villa Houthulst groeide uit tot een gastvrije ontmoetingsplaats voor familie, vrienden en lezers. De woning bestaat vandaag nog steeds en blijft een tastbare herinnering aan een auteur die zijn naam blijvend met Kontich verbond. De naam verwijst naar de West-Vlaamse gemeente Houthulst die erg geleden heeft onder de Eerste Wereldoorlog, maar ook de thuishaven was van de bende van Baekelandt die in één van de belangrijkste romans van Abraham Hans wordt beschreven.

P

Villa Rest and Be Thankful en de Conventie van Kontich

aul Roelofs liet in de Antwerpsesteenweg architect Ernest Stordiau een villa in Engelse cottagestijl bouwen. De villa dankt haar naam Rest and Be Thankful aan een idyllische Schotse bergpas die de Kontichnaar tijdens een reis bezocht. De woning kreeg echter vooral historische betekenis op 9 oktober 1914. Terwijl de Duitse troepen Antwerpen omsingelden, ontmoetten de burgerlijke vertegenwoordigers van de stad hier de Duitse bevelhebber generaal Hans von Beseler. Na korte en dwingende onderhandelingen werd in de villa de Conventie van Kontich ondertekend, waarmee de burgerlijke overgave van Antwerpen werd geregeld. Die beslissing voorkwam verdere verwoesting en bijkomende slachtoffers in de stad. De villa bleef bewaard en vormt vandaag een tastbare herinnering aan een belangrijk moment uit de Eerste Wereldoorlog. De tafel en stoelen waaraan de overeenkomst werd ondertekend, worden bewaard in het do c u me nt a t ie c e nt r u m Jozef Van Herck van de Koninklijke Kring voor Heemkunde.

en

ng

eri

in Re 10

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich


J

Jozef Van Herck (1888-1984)

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich

Re in

eri

ng

en

ozef Van Herck was priester en als kunsthistoricus één van de belangrijkste erfgoedpioniers van Kontich. Hij werd geboren in Antwerpen. Hij was licentiaat klassieke filologie en doctor in de kunstgeschiedenis en oudheidkunde. Tijdens beide wereldoorlogen stelde Van Herck zich ten dienste van de bevolking. In de Eerste Wereldoorlog diende hij als brancardier-aalmoezenier aan het IJzerfront, waarover hij een indrukwekkend dagboek en talrijke foto’s naliet. Zijn memoires behoren tot de waardevolste persoonlijke getuigenissen uit die periode. Na een periode als leraar en directeur van het Vlaamsgezinde Sint-Lievenscollege werd hij in 1940 deken van Kontich, een functie die hij tot 1961 uitoefende. Zijn blijvende verdienste ligt echter in het behoud van het lokale erfgoed. In 1943 richtte hij de Heemkundige Kring Kontich op en legde hij de basis voor het Documentatiecentrum Jozef Van Herck en het Museum voor Heemen Oudheidkunde. Dankzij zijn visionaire inzet bleef een belangrijk deel van de geschiedenis van Kontich voor toekomstige generaties bewaard.

11


H

Het bombardement van Mortsel

et stadhuis van Mortsel lijkt op het eerste gezicht een vreemde eend in de bijt. Toch verdient het hier zijn plaats, omdat het herinnert aan het geallieerde bombardement op Mortsel van 5 april 1943. Door tragisch friendly fire was de tol bij de burgerbevolking enorm. Er vielen 936 doden, onder wie 34 inwoners van Kontich. Hun graven bevinden zich op een afzonderlijk perk van het kerkhof. Tegelijk staat dit monument symbool voor de historische kastelen en hoven van Kontich. Daartoe behoren het Tanghof, Altena en het Groeningenhof (ontstaan uit de middeleeuwse leengoederen IJkele en Ossele en later de residentie van kardinaal Granvelle). Het Boutersemhof (of Hof van Spruyt), het Pluysegemhof en het Vrijselhof zijn verdwenen. De geschiedenis van al deze domeinen reikt terug tot diep in de veertiende eeuw en weerspiegelt de rijke ontwikkeling van het dorp. Voor Waarloos blijft vooral het Geysemans-Wachtershof bewaard, dat later de woning werd van verzetsman Michel Geysemans.

Cactuskwekerij

K

ontich was ooit de thuisbasis van één van de belangrijkste cactusverzamelingen van Europa. De grondlegger was Frans De Laet (18661928), een Kontichse koffiehandelaar die uitgroeide tot een internationaal vermaard kenner van cactussen en vetplanten. Vanaf 1893 bouwde hij achter zijn woning aan de toenmalige ’s-Herenlei een indrukwekkend serrecomplex. Bij zijn overlijden omvatte het 21 serres, samen goed voor meer dan 2.500 m². De Laet onderhield contacten met verzamelaars en botanici uit de hele wereld. Zijn planten werden bekroond op internationale tentoonstellingen en zijn catalogi genoten een uitstekende reputatie. Hij was medeoprichter van verenigingen voor cactusliefhebbers in Duitsland en Nederland. Na zijn overlijden zette zijn schoonzoon Arille Teucq de kwekerij, die 35 werknemers telde, verder. Tijdens en na de Tweede Wereldoorlog verdwenen de serres geleidelijk. Vandaag rest niets meer van het complex, maar plantennamen als Echinocereus delaetii en Coryphantha delaetiana houden de herinnering aan deze uitzonderlijke Kontichse pionier levend.

en

ng

eri

in Re 12

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich


Boskapel

I

n het Langbos van Kontich-Kazerne staan sinds vele eeuwen twee kapellen. Hun geschiedenis is onlosmakelijk verbonden met een eeuwenoude legende. In 1637 werd in een knotwilg in Duffel een Mariabeeldje gevonden. De vindplaats groeide uit tot een drukbezochte bedevaartplaats, maar in 1683 werd het gestolen. Twee jaar later vond een boer het beeldje tussen de struiken van het Langbos. Sommige bronnen spreken van een eik. Uit dankbaarheid werd op die plek een kapel gebouwd. De groeiende bedevaart leidde echter tot een conflict tussen Kontich en het toenmalige gehucht Lint over de opbrengst van de offergaven. Daarom liet een welgestelde weduwe uit Lint in 1838 deze ruimere boskapel bouwen in het Perkbos. Toen Lint in 1870 een zelfstandige gemeente werd, fungeerde de spoorweg definitief als gemeentegrens, waardoor de kapel op Kontichs grondgebied stond. Nog steeds vormen de boskapellen een geliefde halte voor wandelaars, fietsers en bedevaarders, en een tastbare herinnering aan een eeuwenoude volksdevotie. Het Langbos is één van de weinig overgebleven bossen die zich vroeger in Kontich en Waarloos bevonden.

L

LandbouwgemeentE

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich

Re in

eri

ng

en

and- en tuinbouw bepaalden eeuwenlang het landschap en het dagelijkse leven in en van Kontich en Waarloos. Rond 1950 telden beide gemeenten samen nog meer dan honderdvijftig actieve land- en tuinbouwbedrijven. Twintig jaar later waren dat er nog ongeveer honderd en rond de eeuwwisseling nog een vijftigtal. Vooral Waarloos was een uitgesproken landbouwgemeente met akkerbouw, veeteelt, fruitteelt en later ook tuinbouw. De boerderijen vormden de economische ruggengraat van de streek en bepaalden het uitzicht van het landschap met hoeven, boomgaarden, velden en weiden. Schaalvergroting, verstedelijking en veranderende economische omstandigheden deden het aantal landbouwbedrijven sterk afnemen. Vandaag zijn in Kontich en Waarloos nog ongeveer dertig actieve land- en tuinbouwbedrijven overgebleven. Ondanks hun beperkte aantal blijven zij een belangrijke rol spelen in de voedselproductie, het beheer van het open landschap en het behoud van het landelijke karakter van de gemeente.

13


Yasmine – Hilde Rens (1972-2009)

Y

asmine (1972-2009), geboren als Hilde Rens, groeide op in Kontich, liep school in het Sint-Jozefinstituut en werd een van de bekendste Vlaamse zangeressen en televisiegezichten van haar generatie. Al op jonge leeftijd volgde ze notenleer, piano en zang aan de plaatselijke muziekacademie. In 1990 brak ze door als zangeres en groeide ze uit tot een vaste waarde in de Vlaamse muziekwereld met hits als Porselein en Meisjes aan de macht. Daarnaast presenteerde ze populaire televisieprogramma’s zoals De Rode Loper en Zo is er maar één. Yasmine koos bewust voor Nederlandstalige muziek met persoonlijke en poëtische teksten en groeide uit tot een geliefde artieste. Voor velen is ze een blijvende inspiratiebron. Ze zette zich bovendien in voor tal van goede doelen en werd een belangrijk rolmodel binnen de wereld van LGBTQ+. Zo blijft haar naam onlosmakelijk verbonden met de culturele geschiedenis van de gemeente, waar ze uit het leven stapte.

B

Brouwerij De Sleutel

rouwerij De Sleutel behoort tot de oudste brouwerijen van Kontich. Op deze plaats stond al in 1503 brouwerij De Rode Leeuw. Vanaf het midden van de zestiende eeuw was De Sleutel meer dan drie eeuwen lang in handen van opeenvolgende generaties van de familie De Meulder. Tot 1933 werd hier bier gebrouwen; daarna produceerde het bedrijf nog limonade tot begin jaren 1980. Zoals vele dorpsbrouwerijen was De Sleutel aanvankelijk ook een boerderij. Eigen gerst en hop, paarden voor het vervoer en een goede en zuivere waterader vormden de basis van het brouwbedrijf. In de zeventiende en achttiende eeuw kende Kontich een bloeiende

en

ng

eri

in Re 14

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich


brouwnijverheid. Brouwerijen als De Valk, De Roos, De Arend, Het Schaakbord, De Witte Engel en Den Hoorn voorzagen niet alleen het dorp van bier, maar leverden ook aan Antwerpen, waaronder het opnieuw populaire Seefbier. Met het verdwijnen van de lokale brouwerijen verdween een eeuwenoude ambachtelijke traditie, waarvan De Sleutel de bekendste vertegenwoordiger bleef en daarom hier een plaatsje verdiende.

P

Phil Bosmans (1922-2012)

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich

Re in

eri

ng

en

hil Bosmans uit het Limburgse Gruitrode was pater montfortaan, schrijver en een van de meest gelezen Vlaamse auteurs van de twintigste eeuw. Met zijn eenvoudige, warme en hoopvolle boodschappen bereikte hij miljoenen lezers in binnen- en buitenland. Via de organisatie Bond zonder Naam riep hij op tot verbondenheid, solidariteit en aandacht voor de meest kwetsbaren. Zijn spreuken, boeken en kalenders werden in tientallen talen vertaald en zijn gedachtegoed blijft tot vandaag inspireren. Bosmans had ook een bijzondere band met Kontich. Hij woonde haast veertig jaren in het klooster van de montfortanen in Kontich-Kazerne. Het kerkplein is naar hem genoemd en hij kreeg er ook een buste. Phil Bosmans zal voor altijd verbonden blijven met de Bond zonder Naam, zijn boek Menslief, ik hou van je, is nog altijd een van de meest verkochte werken in het Nederlands. Ook in Duitsland zijn de boeken absolute bestsellers.

15


B

Brouwerij Maes

rouwerij Maes, later Alken-Maes – jarenlang de op twee na grootste brouwerij van België –bevond zich tot het begin van de 21e eeuw aan de Grote Steenweg in Waarloos. De brouwerij, ontstaan als brouwerij SintMichaël, kwam in 1880 in handen van de familie Maes die de naam in Maes veranderde. Onder Ferdinand en Theofiel Maes groeide het bedrijf uit tot een succesvolle stoombrouwerij met bekende bieren als Prima Maezenbier, Paterke-Maes en Export. In 1946 volgde de lancering van Maes Pils. Brouwingenieur Herman De Nayer gaf vanaf 1950 een sterke impuls aan de verdere groei en lag mee aan de basis van het abdijbier Grimbergen. Door opeenvolgende fusies ontstond Alken-Maes. In 2000 verhuisde de productie naar Alken en tien jaar later sloot ook de administratieve afdeling in Waarloos. Daarmee kwam een einde aan meer dan een eeuw brouwerijgeschiedenis op deze plek. De vaatdragers op het logo gaan terug op het verhaal van Jozua en Kaleb uit het oude testament in hun tocht naar het beloofde land.

S

Specfour

pecfour is een typisch Kontichs gebak met een bijzondere geschiedenis. De naam is een samentrekking van “speculaas fourré”, een gevulde speculaaskoek die in 1927 werd bedacht door de Kontichse bakker Jos De Backer. Het nieuwe product kende al snel succes, maar verdween tijdens de Tweede Wereldoorlog uit de bakkerijen. Verschillende pogingen om Specfour nadien opnieuw op de markt te brengen bleven zonder resultaat. Bijna een eeuw na de creatie beleefde het gebak echter een verrassende wedergeboorte. Sinds enkele jaren wordt Specfour opnieuw gebakken door de warme bakkers van Kontich. De heruitgave sloeg meteen aan en het gebak is vaak snel uitverkocht. Zo groeide een bijna vergeten lokale specialiteit opnieuw uit tot een smakelijk stukje levend erfgoed. Specfour verbindt het ambacht van vroeger met de smaak van vandaag en houdt een bijzonder hoofdstuk uit de Kontichse bakkerijgeschiedenis levend.

en

ng

eri

in Re 16

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich


H

Olympische Spelen 1920

et officiële keerpunt van de olympische marathon van Antwerpen 1920 lag in ons dorp ter hoogte van de oude spoorwegberm aan de huidige N1. Hier draaiden de lopers na 21,375 kilometer terug richting Antwerpen. Op 22 augustus 1920 passeerden 48 atleten uit 17 landen deze plek. De latere winnaar, de briljante Fin Hannes Kolehmainen, liep hier nog in een kopgroep met de Zuid-Afrikaan Christopher Gitsham en de Belg Auguste Broos. Onze landgenoot eindigde uiteindelijk als vierde, net naast het podium. De olympische marathon van Antwerpen was met 42,750 kilometer zelfs langer dan de huidige officiële afstand van 42,195 kilometer. Daardoor behoort dit keerpunt in Kontich tot een unieke bladzijde uit de olympische geschiedenis. Weinig plaatsen in Vlaanderen kunnen zeggen dat ze ooit het decor vormden van een beslissend moment in een olympische marathon.

A

Altena

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich

Re in

eri

ng

en

ltena kent een geschiedenis die teruggaat tot de 14e eeuw. De naam verwijst naar een plek die al te nabij het Hof van Pluysegem lag en wordt daarom uitgesproken met een korte e, zoals in het woordje te. Op het domein stonden een kasteel en een lusthof, omgeven door een park dat vandaag nog altijd het groene hart van Altena vormt. In 1875 kocht Mère Jeanne, stichteres van de Zusters Dienstmaagden van de Heilige Harten van Jezus en Maria, het domein. Samen met twintig zusters en zeventig weeskinderen verhuisde zij naar Kontich. Daarmee begon een onderwijstraditie die vandaag, 150 jaar later, nog altijd voortleeft. Naast onderwijs bood Altena jarenlang onderdak aan een industriële wasserij, waarvan de zusters de bijnaam “zeepnonnen” kregen. Zij wasten het tafellinnen voor de koninklijke familie. Later groeide ook de speeltuin (tussen 1961 en 1986) uit tot een begrip voor duizenden kinderen uit heel Vlaanderen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog vonden negen Joodse meisjes er een veilig onderduikadres. Vandaag is Altena nog steeds een levendige ontmoetingsplaats met een school, woonzorgcentrum, academie, cultuuractiviteiten, horeca en een uitgestrekt park. Bovenal blijft Altena al anderhalve eeuw een plaats waar generaties kinderen leren, opgroeien en kansen krijgen.

17


Thier-Brauhof en AC/DC

H

et Thier-Brauhof of “den Thierbrau” – officieel: Dortmunder Thier Bräu Hof – kent een uitzonderlijke geschiedenis. Het werd na de Wereldtentoonstelling van 1958 in Brussel afgebroken, naar Kontich overgebracht en hier min of meer nagebouwd. Het was jarenlang een café met feestzaal en onderaan een sporthal die vooral voor basket en concerten werd gebruikt. Later kwamen er winkels. Op 9 oktober 1977 werd in den Thierbrau muziekgeschiedenis geschreven. De Australische hardrockgroep AC/DC trad er op tijdens zijn Europese Let There Be Rock-tour. De band stond nog aan het begin van zijn internationale doorbraak, maar de explosieve liveoptredens maakten AC/DC toen al legendarisch. De concertavond verliep bijzonder woelig. Technische problemen zorgden voor een lange vertraging en na klachten over geluidsoverlast probeerde de rijkswacht het optreden stil te leggen, waarna een opstootje ontstond tussen publiek, politie en bandleden. Zes jaar later vereeuwigde AC/DC dit legendarisch incident in het nummer Bedlam in Belgium, waardoor Kontich een onverwachte plaats kreeg in de internationale rockgeschiedenis. Bedlam is het Engelse woord voor gekkenhuis, naar de instelling Saint Mary of Bethlehem in Londen.

J

John Doms (1924-2013)

ohn Doms werd geboren in Waarloos, waar zijn ouders een tabakswinkel aan de Grote Steenweg uitbaatten. Pas op 22-jarige leeftijd begon hij met atletiek, maar zijn talent bleek uitzonderlijk. Na aansluiting bij FC Malinois groeide hij uit tot een van de beste Belgische veldlopers. In 1948 schreef hij sportgeschiedenis door in het Engelse Reading de Landencross – de voorloper van het wereldkampioenschap veldlopen – te winnen. Hij was de eerste Belg die deze prestigieuze wedstrijd op zijn naam schreef en veroverde bovendien met de Belgische ploeg de landenbeker. Datzelfde jaar vertegenwoordigde hij België in de 3.000 meter steeple op de Olympische Spelen in Londen. Zijn overwinning leverde hem het ereburgerschap van Waarloos op en een naar hem genoemde cross. John Doms overleed in 2013 en ligt begraven op de begraafplaats van Kontich.

en

ng

eri

in Re 18

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich


D

Doodenhof (Kerkhof)

e Doodenhof wordt sinds 1913 betreden via het monumentale poortgebouw, dat toegang geeft tot de gemeentelijke begraafplaats van Kontich. Het werd ontworpen door de Antwerpse bouwmeester Karel Mattheys en uitgevoerd door aannemer Frans Van de Velde. Met zijn rode baksteen, witte natuurstenen accenten, leien daken en sierlijke smeedijzeren poorten is het een fraai voorbeeld van de neogotische architectuur uit het begin van de twintigste eeuw. Het gebouw was meer dan een toegangspoort. In de zijvleugels bevonden zich een wachtruimte voor nabestaanden en een dodenkamer waar overledenen konden worden opgebaard. Zo verenigde het een praktische functie met een sterke symbolische betekenis: de overgang van de wereld van de levenden naar die van de doden. Achter het poortgebouw werd de begraafplaats aangelegd, eerst waaiervormig, maar daarna volgens een strak dambordpatroon, kenmerkend voor de nieuwe inzichten rond hygiëne, orde en waardigheid die het begraafplaatsontwerp aan het begin van de twintigste eeuw bepaalden. Meer dan honderd jaar later blijft het poortgebouw het herkenbare gezicht van het kerkhof. De belangrijkste graven hebben nu een QR-code, waarmee je de geschiedenis van de persoon kan terugvinden.

A

Oud gemeentehuis

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich

Re in

eri

ng

en

l meer dan drie eeuwen vormt dit gebouw de plaats waar het lokale bestuur van Kontich zijn thuis vindt. Vanaf 1663 zetelde hier het schepencollege in een gebouw dat ook dienstdeed als herberg, gevangenis en woning van de cipier. In 1813 werd het vervangen door een nieuw gemeentehuis met onder meer een vredegerecht en een gevangenis. Het huidige gebouw verrees in 1859-1860 naar ontwerp van architect Eugeen Gife, in een neoromaanse stijl die gezag en representatie uitstraalt. Op de benedenverdieping bevond zich opnieuw een gevangenis, terwijl de gemeentelijke diensten de bovenverdieping gebruikten. De raadzaal kreeg in 1905 een bijzondere uitstraling dankzij de monumentale muurschilderingen van Jan Baptist Huysmans, waarop belangrijke plaatsen en historische gebeurtenissen uit Kontich zijn afgebeeld. De zaal wordt vandaag nog als trouwzaal gebruikt. Tot de verhuis naar het nieuwe gemeentehuis in 1982 bleef dit het bestuurlijke hart van de gemeente. Vandaag herbergt het gebouw de erfgoedorganisatie Zuidrand en blijft het een markant symbool van de Kontichse geschiedenis. 19


D

Paardenkoersen en jaarmarkt

e jaarmarkt in Kontich bestond al in de 17e eeuw en groeide uit tot een absolute topper in de provincie. Bezoekers kwamen van heinde en ver, en voor veel Antwerpenaren was een bezoek aan de jaarmarkt een absolute must. Een van de hoogtepunten van de jaarmarkt waren de paardenkoersen. Ze behoren tot de oudste nog bestaande volkstradities van Vlaanderen. Met grote waarschijnlijkheid werden hier al vanaf 1795 paardenrennen georganiseerd, aanvankelijk in de dorpsstraten en later op weilanden aan de rand van het centrum, nu op weiland langs de Groeningenlei. Daarmee is de wedstrijd zelfs beduidend ouder dan Waregem Koerse. Door veranderende omstandigheden evolueerden ook de koersen. Straatraces maakten plaats voor drafwedstrijden op een afgesloten parcours, maar de traditie bleef behouden. Daarmee vertellen de paardenkoersen het verhaal van levend en dynamisch erfgoed dat zich voortdurend aanpast aan zijn tijd en daardoor vandaag een uniek stukje immaterieel cultureel erfgoed is. De toekomst van de koersen is in gevaar en hangt af van het engagement van mensen die deze traditie koesteren en ze willen blijven koesteren en vernieuwen. Zoals alle levende tradities kunnen de Kontichse paardenkoersen alleen voortbestaan wanneer ze van generatie op generatie worden doorgegeven en gedragen door een geëngageerde erfgoedgemeenschap.

Kerk Sint-Martinus

S

int-Martinus is al eeuwen de patroonheilige van Kontich. De oudste SintMartinuskerk stond op het huidige Sint-Martinusplein en werd omringd door het middeleeuwse kerkhof van de moederparochie, waarvan later verschillende omliggende parochies werden afgesplitst. In de 12e eeuw verrees op deze plaats een tweede kerk, oorspronkelijk gewijd aan OnzeLieve-Vrouw. De aanwezigheid van twee kerken naast elkaar hield verband met de middeleeuwse tweedeling van Kontich tussen het Land van Rijen en het Land van Mechelen. Het oude Sint-Martinuskerkje verdween in de 16e eeuw en zijn naam ging over op de grotere kerk. Van de andere kerk bleef enkel de romaanse toren bewaard. Die diende niet alleen als klokkentoren, maar ook als schuil- en verdedigingstoren, herkenbaar aan de kleine schietgaten. Na een verwoestende brand in 1572 werd de kerk heropgebouwd. In 1928-29 werd de kerk uitgebreid tot de huidige toestand. De toren is beschermd sinds 1981, de

en

ng

eri

in Re 20

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich


volledige kerk sinds 2001. De kerk herbergt ook een zeer waardevolle Feugère-orgel, sinds 1981 beschermd erfgoed. De kerk staat symbool voor de drie andere kerken op ons grondgebied: Sint-Rita (Pierstraat), Onze-Lieve-Vrouw Onbevlekt Ontvangen (Kazerne) en Sint-Michaël (Waarloos).

Margriet Ballegeer Zie begin.

H

Nieuw gemeentehuis

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich

Re in

eri

ng

en

et nieuwe gemeentehuis van Kontich werd gebouwd in 1980-1982 naar een ontwerp van gemeentearchitect Maurice Cornelis. Het verving het negentiende-eeuwse gemeentehuis op het Gemeenteplein, dat te klein en niet langer aangepast was aan de groeiende gemeentelijke dienstverlening. De nieuwe locatie, op de hoek van de Antwerpsesteenweg en de Magdalenastraat, bood ruimte aan een eigentijds administratief centrum, terwijl het historische gemeentehuis zijn erfgoedfunctie kon behouden. Het gebouw weerspiegelt de architectuur van zijn tijd: functioneel, overzichtelijk en gericht op efficiëntie. Grote glaspartijen zorgen voor licht en openheid. Sinds de ingebruikname vormt het gemeentehuis het bestuurlijke hart van Kontich en Waarloos. Samen met het oude gemeentehuis vertelt het gebouw het verhaal van twee eeuwen lokaal bestuur: van het historische schepenhuis op het Gemeenteplein tot een modern administratief centrum, aangepast aan de noden van een eigentijdse gemeente.

21


C

Reus Contios

ontios is geen gewone reus, maar een verhalenreus die het verleden van Kontich tot leven brengt. Hij werd in 2013 door Bruno Stappaerts bedacht en ontworpen als eigentijdse interpretatie van de eeuwenoude Vlaamse reuzentraditie, en werd in 2015 opgenomen in de Inventaris Vlaanderen voor Immaterieel Cultureel Erfgoed. Zijn naam verwijst naar een vermoedelijke Keltische honderdman Contios, die volgens een oude hypothese aan de oorsprong ligt van de naam Kontich. Contios is het resultaat van een uniek sociaalartistiek project. Scholen, verenigingen, kunstenaars, muzikanten, vrijwilligers en inwoners bouwden samen aan de reus én aan de verhalen die hij vertelt. Bij elke voorstelling staat een stukje lokale geschiedenis, erfgoed of natuur centraal. Zo verbindt Contios generaties en brengt hij mensen samen rond hun gedeelde verleden. Als levende verhalenreus is Contios uitgegroeid tot een eigentijds symbool van Kontich: een reus die niet alleen wordt bewonderd, maar vooral mensen laat samenwerken, vertellen en vieren.

Cecko (°2000) – (Street)artist

K

unstenaar van de Margriet Ballegeertunnel Voor de artistieke invulling van de Margriet Ballegeertunnel werd een beroep gedaan op graffitikunstenaar Cecko. Met zijn kleurrijke en expressieve beeldtaal gaf hij het verhaal van Margriet Ballegeer en eigentijdse en krachtige visuele vertaling. Zijn werk gaat veel verder dan decoratie: het nodigt voorbijgangers uit om stil te staan bij de geschiedenis achter de tunnel en bij de waarden waarvoor Margriet Ballegeer stond. Voor Cecko is kunst een onmisbaar onderdeel van het leven. Al van jongs af aan laat hij zich inspireren door de schoonheid van de natuur en de verwondering over het heelal. Die fascinatie vertaalt hij in beelden waarin verhalen, emoties en symboliek samenkomen. Elk kunstwerk is voor hem een uitnodiging om verder te kijken dan het eerste gezicht en nieuwe betekenissen te ontdekken. En zo komen Kontich en Waarloos weer tot leven.

en

ng

eri

in Re 22

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich


Teksten: Paul Catteeuw Foto’s: Chris Claes Graffiti: Cecko https://www.uitinkontich.be/cultuur/erfgoed/erfgoed-aan-onze-fietstunnel Voor rondleidingen: contacteer de heemkundige kring: heemkunde.kontich@gmail.com of 0495 64 84 45. Colofon Reineringen, Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich, 17 (2026), extra nummer, 2e gecorrigeerde oplage ISSN 2033-2742 Redactie: Paul Catteeuw, Chris Claes, Ilse Van Weert en Paul Wyckmans Eindredactie: Paul Catteeuw Druk: Drukkerij Danneels, Poperinge Verantwoordelijke uitgever: Paul Catteeuw, Duivenstraat 22, BE-2550 Kontich Correspondentieadres: reineringen@gmail.com © 2026 – Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich De auteurs zijn verantwoordelijk voor de inhoud van hun eigen bijdrage. Abonnementen (inclusief lidmaatschap “Vrienden van het museum”): minimum 25 euro. Te betalen op rekeningnummer BE77 4155-0442-2142 met de vermelding van uw naam, adres en “Reineringen”. Het IBAN-kenmerk is KREDBEBB. Een los nummer kost 7 euro. Gelieve eventuele adresveranderingen zo snel mogelijk aan ons mee te delen.

Museum voor Heem- en Oudheidkunde Bibliotheek- en cultuurgebouw Sint-Jansplein, BE-2550 Kontich www.kontich-hkmuseum.be

Tijdschrift van de Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich

Re in

eri

ng

en

Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich, Documentatiecentrum Duivenstraat 22, BE-2550 Kontich, +32 3 457 86 04 heemkunde.kontich@gmail.com

23


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Reineringen - 2026 (17/3) by Paul Catteeuw - Issuu