Skip to main content

Editie 1 - 2016 - Carriere editie

Page 1

2015-2016 Editie 2

PARALLAKS

CARRIÈRE EDITIE

3e jaars en nog steeds aan het twijfelen? Masterquiz BMT en TG Technisch Geneeskundige in het buitenland: Interview met Xavier Vrijdag Verslag van jaarlijkse activiteit in Duitsland: Excursie Medica Beurs


TOP TECHNOLOGY FOR PATIENTS WWW.UTWENTE.NL/MIRA


Inhoudsopgave

Masterquiz BMT en TG

3e jaars en nog steeds aan het twijfelen?

3

Inhoudsopgave

4

Van de Voorzitter

5

Redactioneel

6

Kort Nieuws

Interview met Xavier Vrijdag

14

Technisch Geneeskundige in het buitenland

8

Excursie Medica Beurs

24

Verslag van jaarlijkse activiteit in Duitsland

27

Paradoks Inside

Speciaal voor deze editie: alles over carrière gerichte activiteiten.

10

Masteruitleg TG en BMT

16

Interviews met masterstudenten

19

Ziekte uitgelicht: Burn-out

20

Wat na afstuderen?

Wat is er nou precies te doen in de mastertracks? Op weg naar de titel MSc.

Een carrière gericht ziektebeeld. Oud TG en BMT studenten aan het woord over hun carrière.

COLOFON REDACTIE: Dafne Groener (hoofdredacteur) Ben Sawaryn (eindredacteur) Ben Sawaryn (hoofd-vormgeving) Renate Heres (secretaris) CORRESPONDENTIE parallaks@paradoks.utwente.nl DRUK T-Point, Enschede

Parallaks is de periodiek van S.V. Paradoks en wordt samengesteld door een commissie van vrijwilligers. Heb je ideeën, suggesties, vragen of wil je om een andere reden contact, spreek een commissielid aan of mail naar het correspondentie e-mailadres vermeld aan de linkerzijde.

LEES PARALLAKS ONLINE De Parallaks is online te lezen. Ga naar: www.paradoks.utwente.nl/parallaks

© Copyright 2016

Editie 2 Jaargang 2015/2016

3


Van de Voorzitter

College volgen Lieve Paradoksleden, Een bestuursjaar is meestal zo dat je een jaar geen vakken volgt. Tenminste, zo denken de meeste mensen die fulltime bestuur gaan doen. Even een jaartje iets anders doen. Dit jaar is het alleen even iets anders. ChÉrise HÉlant Muller

Het jaar begon met het eerste kwartiel, dit kwartiel begon nog met zijn allen gezellig in de Paradokskamer. Tijdens het eerste kwartiel moet een bestuur altijd inkomen om als bestuur te gaan functioneren, maar voor we het wisten werd het weer rustig in de PK. Dat hielp ons herinneren aan dat de tentamens weer begonnen waren. Elk kwartiel moesten er vakken overgedaan worden. Zo was het tweede kwartiel een kwartiel waar we 2 bestuursleden voor een deel misten. Zij moesten een of twee vakken overdoen. Dit viel nog mee vergeleken het derde kwartiel. Dat was het kwartiel dat er een heel kwartiel over gedaan moest worden en dat er drie bestuursleden een vak over moesten doen.

4

Carrière editie

De battle begon om 12 uur in In Vivo, hun borrelruimte. Om de battle goed te beginnen kregen we een lunch, want goedgevulde buikjes konden we de rest van de dag wel gebruiken. Na twee mooie gedichten, waar de jury het misschien niet helemaal mee eens was, begonnen we aan de tweede opdracht. We moesten een constitutiecadeau maken voor de jury. Helaas kregen we beide als cijfer een vier. Zo krijgen de bestuursleden die geen vakken doen toch nog een cijfer dit jaar. Ook kregen we een coördinatenspel, dat we helaas verloren. Zo merk je maar dat je beter kan sporten als je een bestuursjaar doet, dit kan namelijk nog wel van pas komen bij de battle. Gelukkig waren er meer opdrachten waar we als bestuur beter waren dan Protagoras. Zo konden we onze achterstand enigszins inhalen, misschien kwam het wel omdat wij vroeg op moesten staan en nog even wakker moesten worden.

Nu zijn we alweer begonnen met het vierde kwartiel, ja wat gaat de tijd toch snel. Tijdens dit kwartiel zijn er drie bestuursleden die het hele kwartiel moeten overdoen. Hier ben ik er zelf een van. Zo zitten we hier nu dan, met zijn drieën weer in de collegebanken. Dit college is van Medische Electronica waar de docent La Place-transformaties probeert uit te leggen.

Na de laatste ronde, stond het gelijk tussen beide verenigingen. Er werd een een op een atwedstrijd gedaan. Helaas verloren we dit. De trofee kon in Eindhoven blijven. Ondanks ons verlies was dit een leuke eerste dag van het vierde kwartiel.

Als ik naar buiten kijk, zie ik dat de zon schijnt. Zo scheen afgelopen maandag ook voor een deel de zon in Eindhoven. Hier waren wij als bestuur aanwezig. Dit was namelijk de dag dat wij de battle hadden tegen ons zusje, Protagoras.

Namens het gehele 37e bestuur ‘Normothermia’,

Maar nu is het weer tijd om te studeren. Tot in de volgende Parallaks,

Chérise Hélant Muller


Redactioneel

Develop Yourself! Beste lezer, De dagen worden alweer langer en dat betekent dat we voorzichtig aan voorruit mogen kijken naar tijden waarin we onze vleugels uit mogen slaan. Daarmee bedoel ik niet per se het daadwerkelijk meer naar buiten gaan in het voorjaar, want misschien is het handig om ook eens een blik te werpen op wat de (voor de een wat meer nabije dan voor de ander) toekomst allemaal voor ons in petto heeft. De eerste stap in de goede richting heb je in ieder geval al gezet, want in je handen (zij het als ‘ouderwetse’ papieren versie of als meer ‘nieuwerwetse’ pixels op je beeldscherm) ligt de carriére-editie! Een speciale uitgave van de periodiek van onze vereniging, dus ga er maar even goed voor zitten en laat je meevoeren… Een greep uit de inhoud van deze editie, waarbij sommige artikelen wederom door nieuwe gezichten geschreven zijn, in vogelvlucht. Renate heeft zich bij ons aangesloten en zal jullie inlichten over de laatste stand van zaken in de medische wereld in het onderdeel ‘kort nieuws’. Is hierna jullie interesse gewekt voor wat er allemaal precies mogelijk is na het afstuderen voor de studies TG en BMT? Nina brengt jullie hiervan door middel van verscheidene interviews op de hoogte. Benieuwd naar waar de alumni van TG en BMT mee bezig zijn? In een artikel van de hand van Saskia wordt verslag gedaan van een interview met BMT-alumni Marleen. Sommige alumni zoeken het echter verder op, en daarom heeft Sasha een TG-alumnus uit Dubai geïnterviewd. Het artikel hiervan is uiteraard te vinden in deze editie.

Dit alles lijkt natuurlijk nog wat abstract of ver weg en daarom vind je in de carrière-editie ook een masteruitleg en een masterquiz (door Lars en mijzelf) die de keuzestress bij menigeen misschien wat dragelijker maakt. En alsof er nog niet genoeg interviews in dit blad staan zijn er ook masterstudenten TG en BMT geïnterviewd over hun dagelijkse bezigheden en projecten; de uitkomsten hiervan zijn te lezen in artikelen van Nina en mijzelf.

Silvano Gefferie

Zoals vrijwel alles heeft al die carrièregerichtheid jammer genoeg ook een keerzijde. Een burn-out is dan ook niet zeldzaam, dus daarom is deze psychische aandoening dit keer het onderwerp van de rubriek ‘Ziekte uitgelicht’. Benieuwd naar de rest van de artikelen in deze editie? Blader (of scroll, zo u wilt) snel door naar de volgende pagina en wie weet ontwaakt er na het lezen van deze editie een heuse carrièretijger in jou! Overigens zijn wij bij de redactie van de Parallaks altijd op zoek naar enthousiastelingen die ons team willen versterken. Heb jij het gevoel dat er een verborgen schrijftalent in jou schuilt, of wil je gewoon met een gezellige groep werken aan een mooi blad waarbij je af en toe en vrijblijvend een artikel aanlevert? Het is allemaal mogelijk. Binnen de redactie is veel vrijheid, en zelfs als je 1 keer iets wilt schrijven zou dit al zeer welkom zijn. Aarzel dus niet en stuur bij vragen, opmerkingen of ideeën een mailtje naar s.r.gefferie-1@student.utwente.nl en wie weet tot snel! Rest mij niets anders dan jullie, ook namens de rest van de redactie, veel leesplezier te wensen! Silvano Gefferie Hoofdredacteur

Editie 2 Jaargang 2015/2016

5


Kort Nieuws

Hypnose kan psychologisch trauma na hersenoperatie voorkomen Patiënten worden tijdens een hersenoperatie uiteraard verdoofd, maar moeten soms wakker blijven om te praten met de chirurg zodat deze kan bepalen of er hersengebieden voor spraak of beweging worden geraakt. Als patiënten voorafgaand aan een hersenoperatie onder hypnose worden gebracht, houden ze minder psychologische schade over aan de ingreep, omdat zij op deze manier minder stress ervaren. Dit melden Franse onderzoekers in het wetenschappelijk tijdschrift Neurosurgery. De wetenschappers kwamen tot hun bevindingen op basis van een proef waarbij een groep van 43 patiënten voor hun hersenoperatie werd gehypnotiseerd. In zes gevallen lukte het niet om de persoon onder hypnose te brengen, maar bij de overige 37 slaagden de sessies wel.

Uit de vragenlijsten die de patiënten achteraf invulden bleek dat ze minder stress ervaarden tijdens de operatie dan de mensen die tijdens een vergelijkbare operatie niet onder hypnose waren. Met name luidruchtige gebeurtenissen en pijnlijke ingrepen maakten minder indruk.

Bron: http://www.nu.nl/wetenschap/4189618/hypnose-kan-psychologisch-trauma-hersenoperatie-voorkomen.html

Muziek geeft beter leven

Bron: http://www.parool.nl/parool/nl/23/MUZIEK/article/ detail/4220868/2016/01/08/Neuropsycholoog-Erik-Scherder-Muziek-geeft-een-beter-leven.dhtml

6

Carrière editie

Hoogleraar klinische neuropsychologie aan de VU Erik Scherder heeft zich verdiept in het effect van muziek op de hersenen. ‘Gottfried Schlaug heeft aangetoond dat bij kinderen die musiceren de verbindingsbalk tussen beide hersenhelften, het corpus callosum, groter wordt. Die hersenhelften kunnen daardoor beter met elkaar communiceren, wat ongelooflijk belangrijk is’, aldus Erik. Belangrijk is dat je naar muziek luistert waar je van houdt. Als je er niet van houdt, wordt enkel de precuneus actief. Houd je er wel van, dan zie je in de hersenen allerlei samen-

werkingen in het netwerk ontstaan, waarbij niet alleen de pariëtaallob, maar ook de dorsolaterale prefrontale cortex een rol speelt. Dat is de gewenste uitkomst.


Kort nieuws

Hooikoorts ontstond mede door seksueel contact met Neanderthalers Het menselijk immuunsysteem bevat drie genen die waarschijnlijk afkomstig zijn van Neanderthalers en ervoor zorgen dat we beter beschermd zijn tegen griepjes en ziektekiemen. Deze genen spelen vermoedelijk ook een rol bij het ontstaan van allergische reacties van het afweersysteem. Dit wordt gemeld door Duitse onderzoekers in het wetenschappelijk tijdschrift American Journal of Human Genetics. Het is al enige tijd bekend dat het DNA van de moderne mens voor 1 tot 6 procent bestaat uit genen die zijn overgedragen bij seks met Neanderthalers en dat het

afweersysteem tegen ziektes hier in de loop van de evolutie van heeft geprofiteerd. De wetenschappers vermoeden nu echter ook dat de genen van Neanderthalers het menselijk immuunsysteem soms overactief maken.

Bron: http://www.nu.nl/wetenschap/4194475/hooikoorts-ontstond-mede-seksueel-contact-met-neanderthalers-.html

Tandarts verdooft in de toekomst met elektrische schok

Bron: http://www.scientias.nl/tandarts-verdooft-in-de-toekomstmet-elektrisch-schokje/

Braziliaanse onderzoekers hebben een manier bedacht om de mond zonder naalden te verdoven. Mensen die erg bang zijn voor de tandarts en verdovingsnaalden krijgen soms een speciale behandeling. Voordat zij verdoofd worden, krijgen zij eerst een plaatselijke verdoving die voorkomt dat ze de naald voelen. Deze plaatselijke verdoving is een soort hydrogel die lidocaĂŻne en prilocaĂŻne bevat. Wetenschappers hebben ontdekt dat door een elektrisch schokje deze verdoving effectiever wordt. Ze ontwikkelden een hydrogel die goed aan de binnenzijde van de mond blijft plakken en voegden de verdovingsmiddelen aan de gel toe. Door het toedienen van de elektri-

sche schok komt de verdovende stof sneller in het lichaam. De verdoving werkte dus snel en bleef ook lang zitten.

Editie 2 Jaargang 2015/2016

7


Artikel door Saskia

Paradoks Inside Als bestuur proberen wij ook onze leden zoveel mogelijk in contact te laten komen met het werkveld waar ze in terecht kunnen komen. Om er voor te zorgen dat dit contact beter wordt, is er vorig jaar door het 36ste bestuur der S.V. Paradoks een ‘Meerjarenplan’ opgesteld. Hierin zijn doelen gesteld waar wij als Paradoks over drie jaar willen zijn op het gebied van werkveld. Aan de hand van dit ‘Meerjarenplan’ gaan wij nu te werk. Zo is ook de Excursie Commissie (ExCom) omgedoopt tot de Toekomst Commissie (ToeCo), welke activiteiten organiseert die gericht zijn op de toekomst van de studenten van Biomedische Technologie en Technische Geneeskunde. Naast de ToeCo houdt de Parallaks zich ook bezig met studenten in contact te brengen met het werkveld. Zoals je kan zien, heeft de Parallakscommissie deze keer een ‘Carrière-editie’ gemaakt om zo studenten te kunnen vertellen wat voor mogelijkheden er zijn op het gebied van studie en werkveld. Er zijn daarnaast nog veel meer manieren die wij gebruiken om onze leden in contact te laten komen met het werkveld en de bijbehorende skills beter te kunnen ontwikkelen. Cursussen Bij Paradoks worden verschillende cursussen gegeven die onze leden nodig hebben tijdens hun studie of in het werkveld. Eén van de cursussen die Paradoks zelf organiseert, is de MATLAB-cursus.Tijdens deze cursus worden verschillende handigheden van MATLAB behandeld voor beginners aan de hand van verschillende opgaves. Een andere cursus die handig is voor onze leden om te volgen is de LaTeX-cursus. LaTeX is een programma dat handig is om te gebruiken voor bacheloropdrachten of andere verslagen die gemaakt moeten worden tijdens je studie. Voornamelijk vanaf het 3e jaar hebben studenten veel aan deze cursus. De programmeeravond is bedoelt om leden op een leuke manier te leren omgaan met bepaalde programmeerprogramma’s. In januari was een programmeercursus waarbij C++ is uitgelegd door het namaken van het spelletje FlappyBird. Eén van de cursussen die erg nuttig en leuk is voor een TG’er of BMT’er om te volgen, is de Tape-cursus.Tijdens deze cursus wordt er door een fysiotherapeut uitleg gegeven over een aantal gewrichten. Ook wordt er een demonstratie gegeven van het aanbrengen van tape op verschillende gewrichten wat helpt bij de ondersteuning en stabilisatie van het gewricht. Dit is een erg handige vaardigheid om te hebben voor als je zelf een blessure hebt of iemand anders een blessure heeft. De Student Union biedt ook cursussen aan die erg nuttig zijn voor onze leden. Zo wordt er een EHBO-cursus gegeven die voor ons als (para)medische studenten ook erg leuk en handig is om te volgen. Er zijn via de universiteit verschillende mogelijkheden tijdens evenementen en activiteiten om als EHBO-er aan de slag te gaan.

8

Carrière editie


Artikel door Saskia Gastsprekers Naast de vele cursussen die aangeboden wordt door of via S.V. Paradoks worden er ook veel lezingen gegeven. Zo wordt er gemiddeld 6 keer per jaar een lunchlezing gegeven in de pauze, georganiseerd door de ToeCo of het bestuur. De meeste lezingen worden ook gegeven door bedrijven die onze studievereniging sponsoren. Deze lezingen zijn aangesloten op de interesses en de mogelijkheden voor BMT- en TG-studenten. Niet alleen worden er lezingen gegeven tijdens pauzes, maar ook tijdens ons jaarlijks symposium.Veel interessante sprekers komen op deze dag iets vertellen over wat zij/hij gedaan hebben en wat interessant is voor onze leden als Technische Geneeskunde en Biomedische Technologie studenten.Verder wordt er op deze dag ook een bedrijvenmarkt gehouden waarbij studenten in contact kunnen komen met verschillende bedrijven.

Excursies Ook de ToeCo is verantwoordelijk voor de organisatie van excursies. Eén keer in het jaar vindt gedurende een paar dagen in Düsseldorf een grote Medica Beurs plaats waar medische bedrijven van over de hele wereld naar toe komen. Deze bedrijven laten daar hun creaties en ontwikkelingen zien aan (potentiële) klanten. Vaak worden er op deze dag ook veel afspraken gemaakt met de bedrijven, omdat iedereen naar de beurs toe komt. Naast de Medica Beurs zijn er nog meer excursies die georganiseerd worden naar bedrijven of ziekenhuizen zoals het MST in Enschede en UMC in Utrecht.

Overig Sinds dit jaar worden er ook alumniavonden georganiseerd door de ToeCo. Op zo’n avond komen een aantal alumni, zowel van BMT als van TG, iets vertellen over wat zij zoal doen als werk na hun studie. Na deze presentaties is er nog de gelegenheid om vragen te stellen en te praten met de alumni onder het genot van een biertje. Zo is het makkelijker voor studenten om in contact te komen met alumni en te weten te komen wat voor hen de mogelijkheden zouden kunnen zijn na hun studie. Vanuit het bestuur is er op de Paradokssite een ‘ParaPrestatiemuur’ gestart waar verschillende studenten, die een bepaalde prestatie geleverd hebben, met hun verhaal op staan. Ook op deze manier kunnen studenten zien wat voor mogelijkheden er zijn voor hen tijdens of na hun studie. Wij vinden het belangrijk dat leden op een makkelijke en interessante manier op de hoogte worden gehouden van de vacatures die op het moment open staan. De vacatures voor Biomedische Technologie en Technische Geneeskunde willen wij daarom zo goed mogelijk kunnen aanbieden; niet alleen via onze website maar ook via onze Linked-In pagina. Naast het plaatsen van vacatures is de Linked-In pagina ook bedoeld om leden en alumni in contact te brengen met elkaar en dit contact te kunnen behouden.

Editie 2 Jaargang 2015/2016

9


Artikel door Silvano

Masteruitleg TG Eindelijk is het zover. Naast de keuze om wel of niet nog een laatste keer op die snoozeknop te drukken voorafgaand aan dat ene belangrijke college, misschien wel de meest bepalende keuze in je leven: hoe gaan jouw komende drie jaar er uitzien? Wat is het werkgebied waar jij later waarschijnlijk terechtkomt? Ben jij beter warm te maken voor de ECG, of ben je toch meer van de PET-CT? Van drie keuzes teruggebracht naar twee mastertracks; laten we zeggen dat alle beetjes helpen. Echter kan wat extra uitleg natuurlijk nooit kwaad; zie hier de reden voor dit artikel zodat jij straks op-en-top voorbereid dat keuzeformulier invult. Natuurlijk is dit artikel ook (en misschien zelfs vooral) bedoeld voor de gelukkigen die nog even hebben voordat ze zelf voor deze immense keuze staan. Opbouw master Technical Medicine

MII: Medical Imaging and Intervention

De driejarige master ‘Technical Medicine’ is de studiefase na de bachelor waarin je tot volwaardige Technisch Geneeskundige gevormd wordt. Als je de keuze maakt om met deze master verder te gaan, zijn er zoals jullie waarschijnlijk al weten, twee mogelijkheden, te noemen MSS en MII. Deze worden verderop in dit artikel nader toegelicht.

Medische beeldvorming en interventie, zoals de naam van deze masterrichting van Technische Geneeskunde zich vertaalt naar het Nederlands. Als je niet alleen geïnteresseerd bent in geavanceerde beeldvormende technieken en interventiemethoden, maar ook in het gebruik van biomaterialen voor bijvoorbeeld de regeneratieve geneeskunde, zal je je bij deze richting wel thuis voelen. Wanneer jij voor deze track kiest, kies je er waarschijnlijk voor om aan de wieg van verscheidende nieuwe medische procedures te staan die gebaseerd zijn op de laatste stand van zaken in de technologie. Uiteraard ben je niet alleen betrokken bij de ontwikkeling van deze toepassingen, want je maakt jezelf tijdens de masteropleiding ook bekwaam in het gebruik van deze technologieën.

Hoe is die master nou intern opgebouwd, vragen jullie je wellicht af. Dat zit zo: het eerste jaar van de masteropleiding staat vooral in het teken van verdieping in de door jou gekozen mastertrack. Naast verplichte vakken en enkele keuzevakken ontwikkel je jouw medische en professionele vaardigheden (bijvoorbeeld injecteren en endoscopische vaardigheden) en bouw je verder op dat wat je in de bachelor aangeleerd is. Het tweede jaar van de master bestaat uit meerdere klinische stages, waarin het mogelijk is de tot dan toe opgedane kennis in de praktijk te brengen. Vier stages, 10 weken en telkens een ander medisch-technisch probleem waarvoor jij een oplossing dient te vinden. Het laatste, derde jaar is het jaar van de afstudeerstage. In dit jaar ben je zelfstandig bezig met een opdracht in een topklinisch ziekenhuis, waaraan je in veel gevallen ook na je master aan verbonden blijft.

De belangrijkste component van deze masteropleiding is de technologische ‘background’ waarvan je zult worden voorzien. Denk hierbij aan wiskundige modellen en handvaten voor het verwerken van beelden om zo verscheidene structuren in het lichaam te reconstrueren en visualiseren. Op deze manier wordt een zo accuraat en goed mogelijk met de werkelijkheid overeenkomend beeld gemaakt, waaruit een optimale hoeveelheid informatie gehaald kan worden. De theoretische basis die echter aangelegd wordt, wordt ook aangewend voor de praktijk. Het deel ‘intervention’ in de benaming slaat dan ook op het onderdeel van de mastertrack waarbij je leert omgaan met onder andere robotica en het navigeren door het menselijk lichaam (natuurlijk met behulp van die geavanceerde, beeldvormende technieken).   Dat een Technische Geneeskundige later (van) alles (een beetje) op het gebied van de medische technologie weet stond natuurlijk al wel een tijdje vast. Dat dit ook blijkt uit een stukje erkenning in de vorm van een certificaat is waarschijnlijk wat minder bekend. Niets is minder waar: een van de onderdelen van deze track is een cursus ‘radiation expertise’. Het voltooien van deze cursus als onderdeel van het curriculum leidt uiteindelijk tot het nationaal erkende ‘Certificate of Radiation Competences Level 3’. Dit is hetzelfde niveau als radiologen hebben. Zo kun je toch nog thuiskomen met je dubbele opleiding tot Technisch Geneeskundige én radioloog! Dus ben jij de technisch georiënteerde bachelorstudent die het niet alleen moet hebben van de theorie achter de ‘state-of-theart’ beeldvormingstechnieken, maar er ook graag mee wil werken ten behoeve van een zo efficiënt mogelijke behandeling? Dan zit je bij deze mastertrack helemaal goed!

10 Carrière editie


Artikel door Silvano

MSS: Medical Signaling and Stimulation Klinkt dat allemaal leuk en aardig, maar kan je toch minder goed een beeld vormen bij wat dat MII nou precies is? Wellicht is dat een stimulans om nog eventjes verder te kijken naar die andere mastertrack; Medical Signaling and Stimulation. Hierbij draait alles om het verkrijgen, het bewerken, interpreteren én gebruiken van biomedische signalen. Deze specialisatie binnen de masteropleiding Technical Medicine levert technisch geneeskundigen met een grondig begrip van de klinische context waarin medische signalen een rol spelen. Deze theoretische kennis kunnen zij gebruiken bij bijvoorbeeld de ontwikkeling van nieuwe medische toepassingen die deze signalen kunnen meten (diagnostiek) en alterneren (therapie). Voorbeelden van medische signalen waar het hier om gaat zijn neurotransmitters, elektrisch signalen in het hart en de hersenen maar ook straling en temperatuur. Zelfs spraak en motoriek kunnen als medisch signaal geïnterpreteerd worden. Deze signalen kunnen ingezet worden om functies in het menselijk lichaam te corrigeren of verbeteren. Technisch geneeskundigen die deze specialisatie doorlopen hebben, zijn in staat om hun kennis op het gebied van de fysiologie en de pathofysiologie te combineren met expertise op het gebied van de signaalanalyse en –bewerking. Dit leidt ertoe dat zij op verschillende plaatsen, bijvoorbeeld als onderdeel van een specialistisch team, de aangewezen persoon zijn die signalen kunnen meten, interpreteren en gebruiken ter verbetering van diagnostische en therapeutische beslissingen. Daarnaast kunnen zij hun kennis op dit gebied ook meteen omzetten in praktische handelingen zoals rehabilitatietherapie en ‘Deep Brain Stimulation’; waarmee bijvoorbeeld klachten ten gevolgen van de ziekte van Parkinson bestreden kunnen worden.

Een greep uit de vakken van het eerste jaar MII: K1 K2 K3 K4

Radiation Expertise Surgical skills Segmentation and Visualisation Endoscopic skills

Een greep uit de vakken van het eerste jaar MSS: K1 K2 K3 K4

Biological Control Systems Dynamic Behaviour of Neural Networks Biomedical Signal Acquisition Identification of Human motor Control

Referenties - https://www.utwente.nl/onderwijs/bachelor/opleidin gen/technische-geneeskunde/na-de-bachelor/ - https://www.utwente.nl/en/education/master/pro grammes/technical-medicine/specialization/ medical-imaging-interventions/ - https://www.utwente.nl/tg/information-for-students/ master%20(tot%208-2014)/Mastervoorlichting/Voor lichting_MSS/MasterVL2013_EO.pdf - https://www.utwente.nl/tg/education/mastertracks/ mss/ - https://www.utwente.nl/en/education/master/pro grammes/technical-medicine/specialization/ medical-sensing-stimulation

Dus, ben jij de technisch georiënteerde bachelorstudent die maar al te graag wil sleutelen aan het brede scala aan signalen dat het menselijk lichaam rijk is? Ben jij niet bang voor op het eerste gezicht abstracte signalen en lukt het jou deze alsnog te interpreteren en gebruiken? Dat zit je bij deze mastertrack helemaal goed!

Editie 2 Jaargang 2015/2016 11


Artikel door Lars

Masteruitleg BMT Het einde van je bachelor is in zicht. Wat nu? Voor vele bachelorstudenten is het einde van de bachelor nog een beetje een vaag gebied. De meeste weten dat het derde jaar bestaat uit nog 3 ‘normale’ kwartielen en iets van een bacheloropdracht, maar hoe het precies in elkaar steekt en hoe je bacheloropdracht nu precies werkt, dat is bij velen nog ietwat onduidelijk. Momenteel zijn de bacheloropdrachtvoorlichtingen al geweest en is de open dag van de BME-master in de buurt. Maar voor degenen die het niet allemaal even goed hebben meegekregen, of voor de eerste- en tweedejaars die al nieuwsgierig zal hier de algemene informatie nog even op een rijtje worden gezet. Het derde jaar In het derde jaar van je bachelor moet je, net als in de andere jaren, 60 EC zien te behalen. Hoe je deze binnenhaalt is wel anders dan de twee jaren ervoor. De opleiding BMT biedt weer drie kwartielen aan (M9 – M11) in verschillende thema’s. Deze thema’s zijn gekoppeld aan de verschillende richtingen die de masteropleidingen kent. Op deze manier kun je als student kennismaken met de verschillende richtingen van de master. In het laatste kwartiel doe je over het algemeen dan je bacheloropdracht voor de laatste 15EC. Het volgen van de drie kwartielen is echter niet verplicht. Deze EC kunnen namelijk ook op andere manieren behaald worden. Mocht je mechanica bijvoorbeeld erg interessant vinden, dan kan je ook opzoek naar een passend kwartiel bij de studie werktuigbouwkunde. Maar kwartielen bij andere studies zijn niet de enige optie; zo kun je ook verschillende minors doen. Deze staan vaak losser van een opleiding en zijn specifieker over een bepaald thema. Meestal duren de minors 1 of 2 kwartielen. Zelfs minors die in eerste instantie niet een direct verband met de studie BMT lijken te hebben kunnen soms voldoen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de bestuursminor die je kan volgen wanneer je een bestuursjaar doet. Ook op deze manier kunnen EC behaald worden. In het algemeen is de opleiding hier vrij soepel in, maar bij twijfel is het altijd slim om een afspraak hierover te maken en je pakket voor het derde jaar te bespreken. In principe wordt er wel vanuit gegaan dat je minstens één van de drie kwartielen uitgezet door BMT volgt. Dit is enerzijds om ervoor te zorgen dat je genoeg diepgaande kennis hebt die je moet hebben mocht je afstuderen aan de bachelor BMT. Anderzijds is het zo dat je je bacheloropdracht (in principe) alleen kunt uitvoeren in het verlengde van de richting van een kwartiel dat je hebt gevolgd. Maar wat is nu precies de bacheloropdracht? De bacheloropdracht is een zelfstandige onderzoeks-/ontwerpopdracht die over het algemeen groter en complexer is dan je tot nu toe hebt moeten doen. In deze opdracht zal je de verworven kennis en vaardigheden die je in je voorafgaande bachelor hebt geleerd moeten kunnen toepassen. Om hieraan te mogen starten moet je 60EC uit je eerste jaar hebben en 90EC uit jaar 2+3, waaronder dus de module van dezelfde onderzoeksrichting.

Je bacheloropdracht loop je over het algemeen bij één van de onderzoeksgroepen van MIRA. MIRA is het onderzoeksinstituut op de UT dat zich richt op de gebieden van de Biomedische Technologie en de Technische Geneeskunde. Bij alle drie de masterrichtingen zal dit instituut ook ondersteunend zijn gedurende het onderwijs. Binnen MIRA werken verschillende vakgroepen, waarvan er een aantal bacheloropdrachten aanbieden voor BMT. Deze behoren binnen één van de drie specialisatierichtingen van BME. Met de vakgroep die je vervolgens interessant lijkt kan je een afspraak maken om gezamenlijk een bacheloropdracht uit te zoeken en in te plannen. De vakgroep zal je ook verder begeleiden met het maken van je opdracht.

De master Het is bekend dat BME een tweejarige master is, die vanzelfsprekend uit 120 EC bestaat. De master wordt, in tegenstelling tot de bachelor, gegeven met Engels als hoofdtaal. In tegenstelling tot de master TM (Technical Medicine), zal studenten van de master BME veel vrijheid hebben om zelf hun master in te richten. De eerste keuze die je als student wilt gaan maken is in welke richting je wilt gaan specialiseren. Hier zijn drie verschillende opties. Deze zijn in de aparte kaders toegelicht. Zoals al eerder vermeld zijn deze specialisaties gekoppeld aan een onderzoeksgroep van MIRA. Per kader zal kort zijn toegelicht wat de specialisatie inhoudt, welke onderzoeksgebieden hier het beste bij aansluiten en welke vakken verplicht zijn. Iedere student heeft een afstudeerprofessor die zal helpen met het opstellen van je volledige masterprogamma. In het algemeen bestaat je master dan uit de volgende onderdelen: - - - - -

Verplichte vakken gekoppeld aan specialisatie (20EC) Vrij keuze biomedische vakken (15EC) Vrij keuze vakken (25EC) Externe stage (15EC) Afstudeeropdracht (45EC)

Gedurende het derde jaar zal er meer informatie gegeven worden over de verschillende onderzoeksgroepen en de bacheloropdracht. Mocht je zelf alvast meer willen weten dan kun je informatie opzoeken op de volgende website: https://www.utwente.nl/bmt/Onderwijs/bacheloropdracht/B-opdracht_info/ Mocht je vragen hebben over het derde jaar en wellicht afwijkende kwartielen/minors willen volgen, dan is het handig om contact op te nemen met de studieadviseur (Theo van Dam).

12 Carrière editie


Artikel door Lars

Imaging Diagnostics

Neural & Motor Systems

Omschrijving kort: Het doel van de richting Imaging and Diagnostics is om biologische processen in cellen en weefsels weer te geven en te begrijpen. Hiervoor worden nieuwe methodes gezocht om alles zo scherp en precies mogelijk weer te geven. Daarnaast is het ook belangrijk om de nieuwe methodes zo patiëntvriendelijk te ontwerpen. Hiermee zullen artsen hun patiënten betere en meer geschiktere informatie geven.

Omschrijving kort: Deze specialisatie richt zich op het herstellen en ondersteunen van het spier- en zenuwstelsel. Dit kan onder andere het ondersteunen van het herstel zijn met behulp van robots, maar ook bijvoorbeeld elektrostimulatie en het ontwerpen van protheses. De onderzoeken zijn zowel op cel-, weefsel- en organismeniveau.

Onderzoeksgebieden (o.a.): Akoestiek, fotoakoestiek, ultrasound en bio-magnetisme.

Onderzoeksgebieden (o.a.): Modeleren, stimuleren, in vitro-experimenten, in vivo-experimenten.

Voorbeeldonderzoek: Via fotoakoestiek zo duidelijk mogelijk weergeven of er kanker aanwezig is in de borst. Dit kan op den duur dan onderzocht worden zonder dat de patiënt hier last van heeft en zonder dat hij of zij hier blijvende schade van oploopt.

Voorbeeldonderzoek: Een rehabilitatierobot die bij een patiënt in de onderste dan wel bovenste ledematen de beweging ondersteunt om zo het herstel van een patiënt na een botbreuk te faciliteren.

Vakgroepen: - Biomedical Photonic Imaging - BIOS Lab-on-a-Chip - Medical Cell BioPhysics - Nanobiophysics - Neuroimaging

Vakgroepen: - Biomechanical Engineering - Biomedical Signals and Systems - Clinical Neurophysiology - Robotics and Mechatronics

Vakken: - Advanced Medical Imaging & Therapy Systems - Biophysical Techniques & Molecular Imaging - In vitro molecular diagnostics - Biostatistics

Vakken: - Technology for Health - Integrative Design of Biomedical Products - Clinical Research Methods - Biostatistics

Bionanotechnology & Advanced Biomanufacturing Omschrijving kort: In deze specialisatie ligt de nadruk op het herstellen van de functie van zieke of beschadigde organen en weefsels. Hiermee wordt zowel gekeken naar het redden van patiënten als het bevorderen van herstel. De nadruk ligt op het stimuleren van het lichaam om op de juiste plek zelf weer nieuw weefsel aan te maken. Onderzoeksgebieden (o.a.): Celbiologie, biomaterialen, stimulatie van weefselgroei Voorbeeldonderzoek: Het plaatsen van een ‘scaffold’ die langzaam over de tijd weer afbreekt in het lichaam. Ondertussen worden persoonseigen stamcellen gestimuleerd om bot te vormen rondom het implantaat, wat op den duur alleen een genezen bot overlaat. Vakgroepen: - Biomaterials Science and Technology - Developmental Bioengineering - Controlled drug delivery - Membrane Technology

Vakken: - Tissue Engineering - Apllied Cell Biology - Biomedical Materials Engineering - Biostatistics

Editie 2 Jaargang 2015/2016 13


Artikel door Silvano en Lars

Masterquiz Na drie jaar studeren, en voor de een misschien wat meer dan voor de ander, het bijbehorende leven als student te hebben mogen proeven is het dan nu toch echt tijd om verder te gaan naar de volgende fase; De master-fase. Voor sommigen klinkt dit misschien nog als een ‘ver-van-mijn-bed-’show, maar voor anderen (inclusief onszelf) komt het grote moment waarbij de keuze definitief gemaakt moet worden akelig dichtbij. Dus kwamen wij bij de redactie op het idee om jullie een helpende hand toe te steken en een heuse masterquiz op te zetten die aan de hand van 10 zeer kritische meerkeuzevragen wellicht de keuze wat vergemakkelijkt. Op deze pagina staan de vragen voor BMT, op de rechterpagina voor TG. 1. Welk van de onderstaande vakken 4. Ik vind het belangrijk om dinvond je het leukst? gen te ontwikkelen waar patiënten A. Optica. direct persoonlijk ondersteuning van B. Mechanica. ondervindt: C. Celbiologie. A. Nee, dit vind ik niet per se nodig, zolang D. Geen voorkeur. het maar uiteindelijk in het belang van een patiënt is. 2. Ik vond het erg leuk om in het lab B. Ja, vooral als het iets is waar de patiënt te staan: direct de hulp van inziet. A. Ja, vooral om te zien hoe bepaalde weef- C. Ja, al vind ik het belangrijk dat het vooral sels eruit zagen! het lichaam helpt herstellen, zodat het B. Mwa, vooral toen we krachtmetingen lichaam dit op den duur weer zelf kan deden aan onze spieren en dit later moch- D. Eeehm, ik wil helpen? ten uitwerken tot een systeem. C. Ja, celletjes kweken!!! 5. Robots vind ik gaaf! D. Ik weet eigenlijk niet wat ik het leukste A. Als ze mij helpen iets duidelijk weer te vond in het lab. geven of te diagnosticeren, dan uiteraard! B. Robots, awesome!!! 3. Ik vind het leuk om erg in te zoo- C. Nah, die zijn te lichaamsvreemd, tenzij men tot op celniveau: ze op een chip passen uiteraard, en er nog A. Vooral het zo duidelijk mogelijk op wat biologische stofjes bij zitten! beeld krijgen hiervan, en dan herkennen D. Het is mij om het even wat er is bevalt me. B. Soms is dit wel leuk, maar ik kijk liever 6. Ik vind het belangrijker om dingen ook naar gehele structuren en systemen. te voorkomen dan te herstellen: C. Over het algemeen zeg ik: Hoe kleiner, A. Eens, daarom is het belangrijk om dinhoe beter! gen zo snel mogelijk te ontdekken! D. Soms wel, soms niet. B. Zolang het herstel goed is, is dit niet een vereiste. C. Dit klopt zeker, daarom moet er op een patiëntvriendelijke manier veel gemeten worden binnen in het lichaam. D. Geen mening.

7. Het volgende project vond/lijkt me het leukst: A. Het bouwen van een eigen microscoop. B. Het ontwerpen van een ruggenwervelimplantaat. C. Het kweken van botweefsel. D. Ik vond ze allemaal wel leuk! 8. Welk vak vond je het leukst: A. Imaging: Ultrasound B. Signals and Systems C. Biochemie D. Hebben wij dit ooit gehad? 9. Wat lijkt je het meest interessant: A. Een nieuwe manier ontdekken om kanker te visualiseren zonder het lichaam op enige nadelige manier aan te tasten. B. Het ontwikkelen van een exoskelet dat je volledig met je gedachten kan besturen. C. Het kunnen creëren van een werkend hart, uit persoonseigen stamcellen D. Damn, dit is nog lastiger kiezen dan een starterpokemon. 10. Welk vak klinkt het interessants: A. Biophysical Techniques & Molecular Imaging B. Intregative Design of Biomedical Producs C. Apllied Cell Biology D. Ik heb geen idee wat ze precies inhouden?

Uitslag - Meeste A: Deze antwoorden passen het beste bij de mastertrack Imaging and Diagnostics. Jij houdt ervan om een zo duidelijke mogelijke weergave te krijgen van het lichaam en ziektes. Het uitvinden van nieuwe visualisatietechnieken past dan ook echt bij jou! - Meeste B: Jij lijkt een geschikte kandidaat voor Neural and Motor Systems. Jij vindt het gaaf om nieuwe mechanische en robotische technieken te ontwikkelen die mensen helpen ondersteunen in hun herstel of dagelijkse leven! - Meeste C: Celletjes, celletjes en nog meer celletjes! Jij kan er niet genoeg van krijgen en past daarom het best bij de master Bionanotechnology. Het kan niet klein genoeg. - Meeste D: Jij weet het allemaal nog niet zo goed. Dit is niet per se slecht nieuws. Ga eens rustig kijken naar de verschillende vakken en probeer voor jezelf op een rijtje te zetten welke vakken en projecten je nu echt leuk vond! Blijf je dit moeilijk vinden, dan kan een gesprek met andere studenten ofwel je studieadviseur je wellicht verder helpen. Disclaimer: bij het maken van deze quiz en het hierop baseren van uw keuze verklaart u dat wij als redactie niet aansprakelijk gesteld kunnen voor leed ontstaan uit een verkeerde keuze voor een master.

14 Carrière editie


Artikel door Silvano en Lars

Figuur 1: Deep Brain Stimulation 1. Ik vind het interessant om te werken met medische signalen in een vorm waarbij deze niet per se beeldend zijn. A. Ja. B. Nee. C. Weet ik niet. 2. Het moduleonderdeel ‘Beeldvormende technieken’ in module 1 vond ik een erg leuk vak. A. Nee. B. Ja. C. Hebben we ooit zo een vak gehad?

Figuur 2: Optical Coherence Tomography 6.In het eerste kwartiel van de M1-fase zou ik het moduleonderdeel ‘Biological Control Systems’ boven het moduleonderdeel ‘Radiation Expertise’ verkiezen. A. Ja. B. Nee. C. N.v.t.

3. Het werken met interventietechnieken zoals navigatie door ’t lichaam en robotchirurgie zijn gebieden die mij zeker wel aanspreken. A. Nee. B. Ja. C. Geen flauw idee.

7. Verwerken en interpreteren van, in sommige gevallen, abstracte medische data om zo tot betere diagnostische of therapeutische mogelijkheden te komen is wel mijn ding. A. Ja. B. Nee. C. N.v.t.   8. ECG of PET-CT? A. ECG B. PET-CT C. Zit hier een verschil in?

4. Een therapeutische ingreep zoals Deep Brain Stimulation (zie figuur1) vind ik zeer interessant. A. Ja. B. Nee. C. Wablief?

9. Weefselreconstructie is een interessant werkgebied binnen de technische geneeskunde. A. Nee. B. Ja. C. N.v.t.

5. Een diagnostische ingreep zoals OCT (Optical Coherence Tomography, zie figuur 2) vind ik zeer interessant. A. Nee. B. Ja. C. Ik denk dat ik op de verkeerde pagina van de Parallaks zit.

10. Het interpreteren van het menselijk lichaam als een combinatie van biologische regelsystemen en het daaruit kunnen afleiden van verkregen signalen is mijn grootste droom. A. Ja. B. Nee. C. Eindelijk is die quiz klaar.

Uitslag - Je hebt vaker voor antwoord A dan voor antwoord B gekozen: deze uitkomst is een signaal dat jij helemaal geknipt bent voor de mastertrack MSS. Het kunnen verkrijgen, verwerken en toepassen van signalen uit het menselijk lichaam is helemaal jouw ding! - Je hebt vaker voor antwoord B dan voor antwoord A gekozen: het beeld dat deze uitkomst van jou schetst is dat jij je helemaal thuis gaat voelen in de mastertrack MII. Het werken met geavanceerde beeldvormende technologie, maar ook weefselreconstructie en biomaterialen zijn dingen waar jij blij van wordt! - Je hebt meer dan vijf keer optie C geantwoord: dit betekent goed of slecht nieuws. Goed nieuws als je even bij jezelf nagaat dat jij nog helemaal geen master hoeft te kiezen, omdat je nog lang niet voor die keuze staat. Slecht nieuws als je wel een master moet kiezen en toch deze uitkomst hebt; waarschijnlijk kun je dan beter nog een extra jaartje nemen om beter voorbereid deze quiz in te gaan. Disclaimer: bij het maken van deze quiz en het hierop baseren van uw keuze verklaart u dat wij als redactie niet aansprakelijk gesteld kunnen voor leed ontstaan uit een verkeerde keuze voor een master.

Editie 2 Jaargang 2015/2016 15


Artikel door Nina en Jan-Yme

Interview met Imro Dawson Naam: Imro Dawson Leeftijd: 26 jaar (8e-jaarsstudent) Bachelor: industrieel ontwerpen Master: Biomedical Engineering & Industrial Design Engineering Hoe is je studentenleven tot nu toe verlopen?

“Eerst heb ik een jaar Technische Natuurkunde aan de UT gestudeerd, maar omdat ik erachter kwam dat deze studie mij niet lag ben ik geswitcht naar Industrieel Ontwerpen. Toen heb ik twee jaar IO gedaan, waarna ik bestuur van D.R.V. Euros ben gaan doen. Vervolgens heb ik het jaar erna mijn bachelor IO afgemaakt. Mijn minor heb ik gevuld met vakken van Biomedische Technologie. Dit beviel me dusdanig dat ik mijn master ook in die richting ben gaan zoeken. ”

Waar ben je op dit moment mee bezig?

“Op dit moment ben ik bezig met het afronden van mijn master. Ik heb destijds gekozen om twee masters te doen; ‘Biomedical Engineering’ en ‘Industrial Design Engineering’. Voor BME heb ik de specialisatie ‘Human Function Technology’ (heet tegenwoordig Neural & Motor Systems) gekozen en voor IDE volg ik de track ‘Emerging Technology Design’ met als richting ‘Biomedical Product Design’. Door deze te combineren heb ik voor mij de perfecte master gevonden. Ik heb twee jaar vakken van BMT en IO gevolgd en ben nu bezig met mijn afstudeeropdracht. Ik heb een opdracht uitgekozen die aspecten bevat van BMT en IO, waardoor ik met één opdracht beide masters kan afsluiten. Het is dus een master van 180 EC, 120 EC aan vakken en 60 EC aan mijn afstudeeropdracht.”

Waarom heb je gekozen voor de masters?

“In de biomedisch-technologische vakken miste ik het daadwerkelijk ontwerpen van producten en het complete plaatje van de bijbehorende ontwerpcyclus. Daarentegen miste ik bij IO juist het technische aspect. Bij IO moet je echt nadenken over wie je gebruikers zijn, zodat een product met het beoogde doel wordt ontworpen. Je leert van een idee een product te maken. Bij BMT wordt er minder aandacht besteed aan het ontwerpen en werk je niet een product helemaal uit. Heel kort door de bocht, bij BMT staat de techniek centraal en bij IO de gebruiker. De combinatie van beide masters geeft mij een technische blik op het ontwerpproces van een product.”

Wat houdt je afstudeeropdracht in?

“Mijn afstudeeropdracht gaat over katheters. Op dit moment worden katheters in het lichaam op de juiste plaats gebracht door een beetje prikken en duwen of er worden speciale touwtjes aan vastgemaakt waarmee het bestuurd kan worden. Om dit te verbeteren ben ik nu bezig met de magnetische aansturing van een katheter. Ik maak een model dat de invloed van een magnetisch veld op de beweging van een katheter voorspelt. Het uiteindelijke doel van mijn opdracht is dat de katheter vanaf buiten het lichaam bestuurd kan worden. De voordelen hiervan kunnen zijn dat de katheters kleiner worden en dat het krappere bochten kan maken.”

Wat zou je studenten die moeten kiezen voor een master willen aanraden?

“Kies vooral iets dat je leuk vindt om te doen, ook al is het niet in de richting van je Bachelor. Ik ben er wel achter gekomen dat er op de UT heel veel mogelijk is in vergelijking met andere universiteiten. Als je iets voor ogen hebt en je kunt een goed, concreet plan voorleggen, dan heeft de UT altijd wel een geschikte plek voor je waar je je onderzoek kunt gaan uitvoeren.”

Heb je al een concreet idee waar je later terecht zou willen komen / zou willen doen en zo ja, wat? “Ik wil graag de strategy consulting in. Dit houdt in dat je grote bedrijven gaat helpen bij het opstellen en implementeren van bedrijfsstrategieën. Stel dat een bedrijf een nieuwe markt wil betreden, dan is het aan de strategy consultant om de kansen van het bedrijf te bepalen. Dit gebeurt in projectvormen, dus zodra je een project hebt afgerond bij het ene bedrijf kun je alweer aan de slag bij het volgende bedrijf. Ik vind dat heel leuk om te doen, omdat het zo ontzettend gevarieerd is en omdat je je kunt blijven ontwikkelen, niet alleen analytisch, maar ook bijvoorbeeld communicatief. Nadat ik mijn master heb afgerond wil ik solliciteren voor de Nationale Denktank. Deze stichting probeert elk jaar met twintig academici van verschillende achtergronden een maatschappelijk probleem op te lossen. Als dit lukt, dan zie ik dit als een soort van opstapje voordat ik daadwerkelijk het werkveld in ga. ”

Vind je het niet zonde dat je je studie niet gaat gebruiken in je werkveld?

“Nee, ik vind dat niet zonde. Het studeren heeft mij geholpen te ontdekken waar mijn interesses liggen en waar ik dus werk in wil vinden. Dat dit niet in de richting van mijn studie is neem ik dan maar voor lief. De studie heeft mij handvatten gegeven waar ik in mijn leven op de arbeidsmarkt heel veel aan zal hebben. Het aangeleerde analytisch denkvermogen en mijn kijk op product ontwikkelen komen bijvoorbeeld goed van pas.”

16 Carrière editie


Artikel door Nina en Jan-Yme

Interview met Anne Meesters Naam: Anne Meesters Leeftijd: 22 jaar Fase in studie: M2 (5e jaar) Mastertrack: Medical Imaging and Intervention (MII) Loopt momenteel stage in: het Medisch Spectrum Twente (MST) in Enschede Waar houd je je momenteel mee bezig?

Anne: “Ik ben nu bezig met mijn eerste stage. Het onderzoek vindt deels in een pathologielaboratorium in Hengelo en deels in de kliniek in het MST plaats.” Anne geeft aan dat in Hengelo alles digitaal gebeurt. Hier werkt ze met histologische plaatjes waarop zenuwen te zien zijn. Ze bekijkt welke eigenschappen van belang zijn om in deze plaatjes zenuwweefsel van andere weefsels te onderscheiden. “Ik kijk bijvoorbeeld naar kleurverschillen tussen de verschillende soorten weefsels. Zo heb ik een heleboel plaatjes tot mijn beschikking waarbij bekend is waar de zenuw zich bevindt. De onderscheidende eigenschappen die ik vind, stop ik in een zogenaamde ‘classifier’.” Dit is een functie in het rekenprogramma Matlab waarmee op basis van de ingevoerde eigenschap per pixel bepaald worden of het hier wel of geen neuraal weefsel betreft. “Op deze manier wordt de classifier getraind in welk weefsel er bij welke kleur aangegeven moet worden.”

Hoe zat het met de keuze voor de mastertrack die je volgt? Wat was de gedachte erachter?

“Ik vond beide masterrichtingen leuk, dus de keuze was uiteindelijk best lastig. Daarom heb ik twee keuzevakken van de andere richting (dus MSS) erbij genomen heb. Deze vond ik echter achteraf minder leuk dan de vakken van MII. De uiteindelijke keuze heb ik overigens ook gemaakt op basis van het aantal beschikbare stageplaatsen.” Anne keek hierbij naar waar ze zou kunnen komen te werken en wat ze met haar keuze voor deze specifieke mastertrack later allemaal kan. Ze merkt op dat ze minder specifiek naar de vakken die bij de twee verschillende tracks hoorden gekeken heeft, maar dat vooral de speeddates met masterstudenten erg goed bij de beeldvorming geholpen hebben. Gelukkig is ze tevreden met de track die ze op dit moment volgt. “Ik heb meer met het beeldende, waarbij je gelijk ziet wat er gebeurt. En natuurlijk zijn er meer stageplekken mogelijk!”.

Wat zou je studenten die moeten kiezen voor een master willen aanraden?

“Er is altijd nog een mogelijkheid om te switchen dus studenten moeten hun keuze niet meteen als definitief zien. Daarnaast is er genoeg ruimte voor keuzevakken. Kijk naar beschrijvingen van vakken en maak gebruik van speeddates met masterstudenten.” Via SVS kan je je volgens Anne bovendien ruim van tevoren oriënteren op bijvoorbeeld de inhoud van en het aantal plekken bij een bepaalde stage.

Heb je al een concreet idee waar je later terecht zou willen komen of wat je zou willen doen? Zo ja, wat? Wat zijn je plannen op de korte termijn?

“Het is lastig om daar nu al een uitspraak over te doen, aangezien ik nog maar één stage gehad heb. De kliniek vind ik leuk, dus ik zou wel graag in een positie in het ziekenhuis terechtkomen waar genoeg sprake van patiëntencontact is. Waar precies? Dat is mij nog onbekend.” Ze zegt dat ze chirurgie een leuk gebied binnen de medische wereld vindt. Anne geeft echter wel aan dat een voorkeur na een eerste stage wellicht nog niet al te veel zeggend is. Haar volgende stage is reeds gepland: het wordt Groningen. “In september ga ik ook nog een paar maanden naar Australië om te backpacken. Nu kan dat nog, straks zit je vast aan een baan. Hopelijk dan!”, grapt ze.

Editie 2 Jaargang 2015/2016 17


Artikel door Nina en Jan-Yme

Interview met Klaske Siegersma Naam: Klaske Siegersma Leeftijd: 24 jaar Fase in de studie: M2 (5e jaar), Mastertrack: Medical Imaging and Intervention (MII) Loopt momenteel stage in: het Universitair Medisch Centrum Utrecht (UMCU) te Utrecht Waar houd je je momenteel mee bezig?

Klaske: “Momenteel houd ik me bezig met het evalueren van een programma voor kraakbeensegmentatie. Kraakbeendefecten in de knie zijn namelijk veelvoorkomend en in Utrecht zijn ze hierin gespecialiseerd. Het is dan van belang een zo goed mogelijk beeld te hebben van de kwaliteit van het kraakbeen vooraf aan de behandeling.” Klaske houdt zich vooral bezig met MRI-scans. “Segmentatie (het onderscheiden van een bepaald onderdeel uit een scan) kun je vaak uitvoeren op basis van pixelwaarden van de afbeelding. Bij kraakbeen is dit helaas niet het geval, omdat de pixelwaarden heel erg lijken op die van het omliggende weefsel. Met dit programma zou dit wel kunnen en kun je dus makkelijker een 3D-model maken van het kraakbeen.” Een goede vooruitgang op dit gebied dus.

Hoe zat het met de keuze voor de mastertrack die je volgt? Wat was de gedachte erachter?

Klaske geeft aan dat voor haar de keuze niet gemakkelijk was. “Ik heb altijd in de richting van signalen gedacht. Echter heb ik me verder verdiept, vakken met elkaar vergeleken en daarna gekeken naar de verschillende stages in de master.Voor de track MII waren meer stages en ik vond deze ook leuker.” Ze geeft aan dat ze op het gebied van signalen, dus met betrekking tot de mastertrack Medical Sensing and Stimulation, ze vooral de neurologische kant leuk vond maar de rest een stuk minder. Bij MII was de interesse een stuk breder. “Bovendien is het werken met echte afbeeldingen voor mij beeldender en beter te interpreteren.” Vandaar dus de uiteindelijke keuze voor MII.

Wat zou je studenten die moeten kiezen voor een master willen aanraden?

“Kijk in de eerste instantie naar welke bachelorvakken je leuk vond. Probeer een bepaalde overlap te ontdekken en de vakken van beide masters met elkaar te vergelijken. Is het hierna nog steeds onduidelijk? Stages geven ook een goed beeld van de kenmerken van een mastertrack. Daarnaast is het natuurlijk belangrijk met verschillende mensen, bijvoorbeeld andere masterstudenten, te praten.”

Heb je al een concreet idee waar je later terecht zou willen komen of wat je zou willen doen? Zo ja, wat? Wat zijn je plannen voor op de korte termijn?

Op het moment van afnemen van dit interview weet Klaske dit nog niet zeker. “Consultancy lijkt me wel leuk, evenals het bedrijfsleven. Toch ben ik dan wel bang om de kliniek achter me te laten. Wellicht is promoveren een idee, want dan zijn de komende vier jaar in de kliniek veiliggesteld.” Het is voor haar nog niet duidelijk waar ze in de kliniek specifiek mee bezig zou willen zijn. Ze neigt naar een chirurgisch specialisme omdat ze het idee heeft dat er daar meer te doen is. “Maar de kans is groot dat ik nu enigszins voorbarig ben, want ik heb nog niet veel andere dingen gezien dan dat waar ik momenteel mee bezig ben.” Carrièregericht als ze is, geeft ze aan dat ze nog veel zou willen zien als ze kijkt naar de kortere termijn. “Mijn vorige stage zat ik in een perifeer ziekenhuis, nu in een academisch ziekenhuis en mij volgende stage mag ik gaan doen in het IRCAD in Straatburg (Frankrijk), een groot chirurgisch onderzoeksinstituut!”, zegt ze enthousiast.

18 Carrière editie


Artikel door Nina

Ziekte Uitgelicht: Burn-out Voor deze speciale carrière-editie van de Parallaks leek het mij een goed idee om een ziekte uit te lichten die enigszins carrièregericht is. Of nou ja, een psychische aandoening waarbij werk meestal betrokken is. Ik heb het namelijk over een burn-out, door wikipedia gedefinieerd als een psychische aandoening waarbij de patiënt emotioneel uitgeput is en weinig kan presteren. Dat betekent niet dat je elke keer tegen het eind van de module een burn-out hebt, het is wel wat ingewikkelder dan dat. Daarom ga ik me voor jullie eens flink verdiepen in wat een burnout nou eigenlijk is.

Wat is het?

De term burn-out werd begin jaren zeventig voor het eerst gebruikt door de Amerikaanse psychotherapeuten Herbert Freudenberger en Christina Maslach. Inmiddels heeft 14% van de werknemers last van burn-out klachten. De symptomen die zij dan vertonen zijn: uitputting, cynisme en een lager zelfbeeld van de eigen competenties. Deze drie aspecten komen ook voor in de sinds 1984 bekende burn-out test: MBI, Maslach Burnout Inventory.

Wat is de oorzaak?

Maar waar komt het nou eigenlijk door? Tot 2014 heeft niemand zich daarin verdiept. In 2014 was neurowetenschapper Blankert de eerste die, op basis van immunologie, een inventarisatie ontwikkelde van bepaalde ‘burn-out triggers’. Een combinatie van meerdere van deze triggers zou volgens hem een burn-out kunnen veroorzaken. Deze triggers ontstaan doordat het biologisch immuunsysteem het psychologisch immuunsysteem activeert en andersom. De beginnende triggers zijn de emotionele verwachtingen op het werk die niet uitkomen, wat leidt tot frustratie. Dit leidt uiteindelijk tot emotionele uitputting. Het lichaam ziet dit op zijn beurt weer als een gevaar voor zichzelf, waardoor het zowel het biologische als het psychologisch immuunsysteem gaat activeren. Het psychologische immuunsysteem zorgt ervoor dat je bewust bezig gaat met de emotionele uitputting, wat uiteindelijk zorgt voor emotionele instorting en het opgeven van het zoeken naar oplossingen. Dit activeert het biologische immuunsysteem en dit zorgt voor ontstekingsreacties, waaronder een hersenontsteking, ‘neuroinflammation’. De hersenontsteking vormt het fysieke bewijs van burn-out.

Meting van burn-out

Of mensen aan een burn-out lijden wordt vaak bepaald met gevalideerde, psychologische instrumenten, vooral de door Maslach ontwikkelde Mashlach Burnout Inventory. Deze bevat ongeveer twintig vragen die betrekking hebben op de drie door haar beschreven aspecten. Er zijn verschillende versies van dit instrument in omloop voor verschillende vakgebieden. Er is er één speciaal voor onderwijsgevenden, één voor ‘’contactuele’’ beroepen (bijvoorbeeld de zorg) en één algemene versie voor alle beroepen. Er is ook een Nederlandse versie ontwikkeld door Wilmar B. Schaufeli en Dirk van Dierendonck. De uit deze vragenlijst resulterende scores worden vergeleken met scores van mensen die de lijst eerder hebben ingevuld. Op die manier wordt vastgesteld of de scores van een bepaald persoon opvallend hoog zijn ten opzichte van de normgroep. Gewoonlijk wijst een score in de bovenste 25% op een mogelijke burn-out. Een score in de bovenste 5% zou een echte burn-out indiceren.

Behandeling

Burn-outs worden tegenwoordig succesvol behandeld door middel van kortdurende therapie. Tijdens de therapie wordt gekeken naar welke factoren tot het ontstaan van de burn-out hebben geleid. Deze factoren worden dan aangepakt. Stel dat een patiënt bijvoorbeeld te hoge verwachtingen had van zichzelf, dan wordt hieraan gewerkt. Daarnaast worden risicofactoren op het werk geïnventariseerd. Denk bijvoorbeeld aan een onprettige sfeer, te veel druk van de leiding of te veel overwerken. Deze worden ook, waar mogelijk, aangepakt. Er wordt ernaar gestreefd om de cliënt zo snel mogelijk weer te laten werken, het liefst al tijdens het behandelingsproces. In de praktijk bleek het laten uitrusten van de cliënten door ze thuis te laten zitten zeer ineffectief en leidde het daarnaast vaak tot volledige arbeidsongeschiktheid.

Editie 2 Jaargang 2015/2016 19


Artikel door Nina

Wat na afstuderen? Na het afronden van de studie en daarmee je studententijd, ga je als werkende de wereld verkennen. Nina heeft twee alumni bereid gevonden wat te vertellen over hun ervaringen. Allereerst Dirk-Jan Cornelissen, Paradoks bestuurder 2009-2010. Hij is na het afronden van Biomedische Technologie aan de slag gegaan als PhD-student in Edinburgh.Verder is Anique Bellos-Grob geinterviewd over haar functie als ultrasound docent TG en haar PhD onderzoek aan het UMC Utrecht.Tot slot is Marleen Tjepkema geinterviewd over haar fellowship.

Dirk-Jan Cornelissen Wat is uw functie en wat zijn uw verantwoordelijkheden?

Ik ben een PhD-student aan de Heriot-Watt universiteit in Edinburgh, Schotland. Ik ontwerp en test een 3D-bioprinter die gebruikt kan worden om Eilandjes van Langerhans te printen. Mijn PhD is erop gericht mij niet alleen als academicus op te leiden, maar juist ook om mij klaar te stomen voor het bedrijfsleven. Daarom werk ik tevens samen met een bedrijf, die mijn printer zouden kunnen gebruiken voor hun eigen doeleinden. Uiteindelijk willen we een werkend product produceren en daarom werken we ook samen met een transplantatiearts. Hij, als eindgebruiker, laat ons weten wat hij zou willen gebruiken en zorgt er ook voor dat wij donormateriaal kunnen krijgen om mee te experimenteren. Als PhD-student ben ik veel in het lab te vinden om onderzoek te doen, maar ben ik ook veel artikelen aan het lezen en doe ik veel presentaties op conferenties over mijn onderzoek. Ten slotte wordt er ook van mij verwacht dat ik lesgeef aan bachelor- en masterstudenten.

Hoe bent u terecht gekomen bij uw huidige functie?

Heel simpel gezegd: internet. Ik wist dat ik een PhD wilde doen na mijn opleiding, dus daar ben ik op gaan zoeken. Uiteindelijk kwam ik deze positie tegen, welke heel goed aansloot op mijn voorkennis als biomedisch technoloog en ik heb daar vervolgens dus op gereageerd. De universiteit heeft mij toen voor een interview over laten vliegen naar Edinburgh en al vrij snel hoorde ik toen dat ik het geworden was!

Welke aspecten uit uw studie vond u leuk en ziet u deze ook terug in uw werk?

Het leuke aan BMT vond ik dat het zo ontzettend veelzijdig is. Ik heb van alles wat geleerd in mijn studie; van chemie en biologie tot elektrotechniek en ontwerpen. Dit komt ook terug in het onderzoek wat ik nu doe. Voor het ontwerpen van de 3D-printer heb ik de werktuigbouwkundige kennis nodig om dingen te kunnen ontwerpen en de elektrotechnische kennis om de besturing in elkaar te kunnen zetten. Tegelijkertijd heb ik kennis over biomaterialen nodig om een goed materiaal dat ik wil printen te kunnen kiezen en mijn biomedische kennis om met cellen te kunnen werken.

20 Carrière editie


Artikel door Nina

Wat vindt u de leukste aspecten aan uw werk?

De veelzijdigheid die het met zich meebrengt. Soms heel diep de chemie in kunnen duiken en dan weer helemaal op de biologie richten is heel leuk. Ook brengt het heel veel voldoening om een PhD te doen waarin je iets moet maken. Elke keer wanneer je weer iets in elkaar gezet heb, en het werkt, heb je een heel tastbaar resultaat. Dat werkt heel voldoenend.

Hebt u nog dingen gedaan naast uw studie die helpen bij uw huidige functie?

Ten eerste heb ik heel veel gehad aan mijn bijbaantjes als studenten-assistent. Dit helpt mij nu met het lesgeven, maar ook met “hoe het hoort” op het lab. Daarnaast heb ik ook heel veel aan al het bestuurs-/commissiewerk dat ik gedaan heb. Dat heeft ervoor gezorgd dat ik nu geen moeite heb met het geven van presentaties, of met het oppakken van een telefoon om bedrijven etc. op te bellen wanneer ik wat wil weten. Daarnaast heeft dat ervoor gezorgd dat ik een heel groot netwerk heb aan (alumni-)studenten die ik ken, wat er weer voor zorgt dat ik op de meeste congressen wel een aantal bekende gezichten zie.

Wat zou u mensen die een keuze moeten maken willen meegeven?

Denk goed na over wat je wilt, en wat je leuk vindt. Ik zie hier genoeg gevallen van mensen die na 1,5 tot 2 jaar toch stoppen met hun PhD omdat onderzoek doen niet iets is dat ze leuk vinden. Daarnaast: als je voor een PhD gaat, kies een onderzoek dat je interesse heeft. Je zit er 3 tot 4 jaar aan vast en dat kan heel lang zijn als je het niet leuk vindt!

Anique Bellos-Grob Wat is je functie en wat zijn je verantwoordelijkheden?

Ik geef ultrasoundonderwijs voor TG van de bachelor tot aan de master. Ik begeleid master 2- en 3-studenten tijdens hun stage en ik geef vaardigheidsonderwijs. Daarnaast doe ik PhD onderzoek aan het UMC Utrecht op de afdeling gynaecologie. Bij dit onderzoek gebruik ik ultrasound, waarbij het altijd begint bij de patiënt. Samen met mijn collega maak ik zogenaamde bekkenbodemscans bij vrouwen. Zoals bij ieder onderzoek moet je patiënten includeren, wat het geven van informatie en uitleg over het onderzoek betekent. Een belangrijke tip voor iedereen die onderzoek doet: zorg van het begin af aan voor een goede en duidelijke database. Daarna begint de dataverwerking. Ik was de eerste TG’er die een master 2-stage liep op deze afdeling. Hierna heb ik er ook mijn M3-stage (afstuderen) gedaan en ben er gebleven voor een promotietraject. Door deze combinatie ben ik vrijwel overal bij betrokken. Dit betekent dat ik behalve mijn eigen reguliere PhD-onderzoek ook veel betrokken ben bij ideeën en richtingen voor toekomstig onderzoek. Voor het PhD-onderzoek doe ik veel met data-analyse, beeldbewerking en het schrijven van manuscripten. Daarnaast schrijf ik ook mee aan subsidieaanvragen voor het onderzoek.

Hoe is je tijd verdeeld tussen onderzoek en onderwijs?

Ik ben officieel aangesteld voor tien uur onderzoek in het UMCU en 28 uur onderwijs en ander werk in het ECTM, maar binnen de uren in het ECTM kan ik ook nog onderzoek doen. Al met al denk ik dat ik mijn uren 50/50 verdeel over onderzoek en onderwijs.

Waarom heb je gekozen voor een dubbelfunctie?

Ik vind vooral de variatie erg belangrijk; ik functioneer namelijk heel slecht bij stilstaan. Ik ben geen voltijdonderzoek gaan doen omdat het onderzoek heel vaak heel langzaam gaat. Je hebt veel wachttijden bij patiënteninclusies, uitwerkingen en wachten op respons van anderen. Op dit moment sta ik nooit stil. Als ik niet bezig ben met onderzoek of onderwijs zijn er wel andere taken zoals het lustrum van het ECTM, het bezoeken van congressen, mensen rondleidingen geven of een ouderdag die tussendoor komt. Er is altijd wat te doen.

Hoe ben je terecht gekomen bij je huidige functies?

Mijn master 2-stage beviel me dusdanig goed dat ik er verder mee ben gegaan in mijn master 3-stage. Dat ging me zo goed af dat aan het einde van mijn master 3-stage de professor mij vroeg of ik een PhD wilde gaan doen als vervolg op mijn stage. Daar heb ik toen wel even goed over moeten nadenken. Ik kwam tot de conclusie dat ik niet fulltime wilde promoveren, maar dit leverde gelukkig geen probleem op. Omdat ik wel fulltime aan de slag wilde ben ik ook ingegaan op een vacature voor werk in het ECTM.

Editie 2 Jaargang 2015/2016 21


Artikel door Nina

Welke aspecten uit je studie vond je leuk en zie je deze ook terug in je functies?

Ik vond mijn studie vooral leuk vanaf bachelor 2, dan begin je met de systeemvakken. Ik vond de anatomie en de beeldvorming daarbij ontzettend interessant. De vectoranalyse en de andere abstracte wiskundige vakken vond ik minder leuk. Bovendien zat ik nog niet in het TOM en had ik dus geen projecten waarmee ik kon zien hoe de vakken in de praktijk pasten. Ik vond imaging het allerleukst en daarom heb ik voor de imaging track gekozen in de master. Daar spraken alle vakken mij erg aan. De vakken in master 1 zag ik het snelst terug in mijn stage. De bachelorvakken vormden een ondersteuning van de master. Ik zie ze dus niet concreet terug in wat ik doe, maar uiteindelijk zit het er wel in verborgen.

Heb je nog dingen gedaan naast je studie die helpen bij je huidige functies?

Ik heb naast mijn TG-master ook een master gezondheidswetenschappen gedaan. Dit komt niet heel specifiek terug in mijn huidige functies, maar als er brede taken zijn binnen het onderzoeksteam, dan neem ik die vaak op me. Verder heb ik veel commissies gedaan. Dit helpt denk ik meer in je algemene ontwikkeling zoals het leren samenwerken en het omgaan met frustaties.

Wat zou je mensen die een keuze moeten maken willen meegeven?

Het is een kwestie van je moeten oriënteren. Je moet jezelf echt afvragen wat je leuk vindt. Het is ook heel belangrijk dat je dit uitspreekt, want er is vaak meer mogelijk dan je denkt. De wereld kan echter pas meedenken als ze weten wat jij wilt. Er zijn nu 200 tot 300 alumni, dus je hebt mensen om op terug te grijpen, maak hier gebruik van. TG’ers zijn heterogeen, de één vindt dit leuker en de ander dat, dit is wat ons sterk maakt.

Marleen Tjepkema Wat is je functie en de daarbij behorende verantwoordelijkheden?

Op dit moment ben ik bezig met een fellowship. Dat houdt in dat je je in 2 jaar verder bekwaamt in klinische handelingen binnen een specifiek medisch-technisch domein. Binnen een fellowship doet een technisch geneeskundige de kennis en vaardigheden op die nodig zijn voor een effectievere en efficiëntere inzet van nieuwe en bestaande technologie binnen een diagnostisch en/of therapeutisch traject. Ik doe dit op het gebied van neurologie. Daarbij richt ik me op een drietal aandachtsgebieden. Één daarvan is het verbeteren van de diepe hersenstimulatie bij patiënten met bewegingsstoornissen. Bij deze patiënten ben ik zowel betrokken bij de pre-operatieve screening, als bij het traject op de OK en de post-operatieve behandeling. Gemiddeld is er één operatie per maand, waardoor ik dit niet full-time doe. De tweede richting gaat over de hersenbewaking van mensen op de IC. Ik heb mijn promotieonderzoek gedaan naar het verbeteren van het monitoren van de hersenen om zo beter de uitkomst te kunnen voorspellen. Het laatste wat ik doe is het bewaken van de hersenen tijdens ingrepen op de OK.

22 Carrière editie


Artikel door Nina

Hoe ben je bij deze functie terechtgekomen?

Ik heb eerst vier jaar promotieonderzoek gedaan op de UT en in het MST. Gaandeweg werd het promotieonderzoek steeds klinischer. Mijn promotie ging over het bewaken van patiënten op de IC na een reanimatie. Bij deze metingen kwam ik steeds meer in het ziekenhuis en raakte ik steeds meer betrokken. Toen ontdekte ik dat ik voor een deel de klinische kant op wilde. Er werden fellowships opgezet en hier ben ik zelf ook betrokken bij geweest. We hebben een fellowship ingediend in deze richting omdat ik denk dat het een onderwerp is waar veel TG’ers nog mee aan de slag kunnen. Het fellowship is gehonoreerd en daar heb ik toen op gesolliciteerd.

Wat vind jij de leukste aspecten aan je werk?

Met name de combinatie vind ik erg leuk. Alle drie de richtingen zijn niet fulltime en ze zijn allemaal onvoorspelbaar. Door de combinatie heb ik altijd veel te doen en werk ik samen met veel verschillende specialisten. Van ieder vakgebied kom ik een beetje te weten, waardoor ik te weten komt hoe alles samenkomt en wat er nou echt speelt bij de patiënt. Ik vind het ook altijd leuk dat ik innovatief bezig ben. Je doet onderzoek en komt bij nieuwe bevindingen, daarna moet je er voor zorgen dat de uitkomsten van je onderzoek ook echt gebruikt worden. Het is dus voornamelijk het innovatieve en het interdisciplinaire dat ik echt interessant vind.

Wat zou je willen meegeven aan mensen die moeten kiezen?

Ga vooral kijken hoe het is op een afdeling. Pas aan het einde van de bachelor en tijdens de stages in de master merk je wat echt bij je past. Tijdens de bachelor ontdekte ik dat ik neurologie en signaalanalyse erg leuk vond. Toch heb ik voor mijn MDO opdracht bewust een heel andere richting gekozen om te kijken wat ik daarvan vond. Je breed oriënteren is belangrijk. Ook helpt het met veel mensen te praten. Het is belangrijk om af en toe bewust na te denken over wat je aan het doen bent, want dan kun je nog heel vaak bijsturen. Je hebt zelf altijd de verantwoordelijkheid voor wat je aan het doen bent.

Editie 2 Jaargang 2015/2016 23


Artikel door Sasha

Interview met Xavier Vrijdag Ruim zesduizend kilometer ver weg, dat is 65 uur rijden volgens Google Maps of zo’n zeseneenhalf uur vliegen vanaf Amsterdam, is alumnus Xavier Vrijdag uitgevlogen voor zijn werk als hyperbaar technicus. Hieronder een verslag van zijn reis daarnaartoe. Enschede Toen Xavier in 2003 begon met Technische Geneeskunde was hij vooral geïnteresseerd in hoe het menselijk lichaam werkt. Zijn denkwijze was, en is, logisch: feiten leren kan handig zijn, maar systematisch denken en begrijpen hoe iets werkt staat voorop. Zijn uitstapje naar SUMMA (de geneeskunde- en onderzoeksmaster in Utrecht) strandde dan ook tijdens het maken van de toelatingstest: dat was niet de manier waarop hij met geneeskunde bezig wilde zijn.

Amsterdam In 2009 heeft hij zijn master Medical Signaling (die inmiddels Medical Sensing and Stimulation heet) afgerond met een afstudeeronderzoek in Amsterdam op de afdeling hyperbare geneeskunde. Het onderzoek waar hij aan mee heeft gewerkt had als doel te onderzoeken of behandeling na een ‘vertraging’ van 2 of 4 uur nog zin heeft bij varkens met een cerebrale luchtembolie. Deze keuze was voor de fervente duiker en duikinstructeur erg logisch: een luchtembolie is immers een van de risico’s van het duiken (zie kader ‘cerebraal luchtembolie’). Na zijn afstuderen is hij in Amsterdam aan de slag gegaan en heeft hij nog twee jaar gewerkt op de afdeling hyperbare geneeskunde. Gelukkig bestaat het werk daar voornamelijk uit niet-duikongevallen: vooral chronische wonden zijn gebaat bij hyperbare zuurstoftherapie. Hyperbare zuurstoftherapie zorgt ervoor dat er meer zuurstof wordt opgelost in het bloed op het moment dat hier niet voldoende zuurstof in zit. Het gebonden zuurstofpercentage is normaliter immers tegen de 100%. Hierdoor wordt er meer zuurstof naar de weefsels getransporteerd. Bij acute wonden voorkomt dit afsterven van weefsels door zuurstoftekort, veroorzaakt het vasoconstrictie (samentrekken van bloedvaten) wat oedeemvorming tegengaat en activeert het de leukocyten om een eventuele infectie te voorkomen. Daarnaast stimuleert hyperbare zuurstoftherapie de angiogenese (vaatnieuwvorming), wat bij late radiatieschade, of wonden veroorzaakt door Diabetes Mellitus, de wondgenezing kan bevorderen. Met name schade aan de haarvaten kan hiermee goed behandeld worden. Afgestorven weefsels kunnen helaas nog altijd niet tot leven gewekt worden en zullen moeten worden geamputeerd, maar toch kan hyperbare zuurstoftherapie in dit soort gevallen een rol spelen. Deze therapie kan niet alleen voor de chirurg verduidelijken welk weefsel is afgestorven en welk weefsel niet, maar kan ook door angiogenese het wondherstel van het weefsel dat niet geamputeerd wordt bevorderen. Bij wondpatiënten is dit een langdurig behandeltraject: 40-60 behandelingen, en dit betekent 2 tot 3 maanden iedere werkdag naar het ziekenhuis. Als etterende, stinkende en beperkende wonden echter daarmee genezen kunnen worden, is dat zeker de moeite waard. Patiënten konden Xavier op allerlei plekken tegenkomen: het bedienen van de druktank, met de patiënt mee de druktank in, intakes, spreekuren en andere relevante taken stonden op zijn lijstje. Verder heeft hij zich ook bezig gehouden met het doen van metingen voor het onderzoek waar hij zich met zijn afstuderen mee bezig heeft gehouden en dan waren er natuurlijk ook nog de ‘echte’ duikongevallen. Opvallend was dat het bij de meeste ‘duikongevallen’ mensen betrof zonder duikbrevet: de afdeling hyperbare geneeskunde van het AMC was namelijk de medische achterwacht voor de tunnel die in Amsterdam voor de Noord/Zuidlijn werd gegraven. Er werd voor de bouw onder een overdruk gewerkt, om te voorkomen dat grondwater de stations zou binnendringen. Het nadeel hiervan was dat de werknemers een risico op decompressieziekte (ook bekend als duikersziekte of caissonziekte) liepen. Uiteraard werden de risico’s geminimaliseerd door te werken volgens vaste decompressieprotocollen, maar decompressieziekte is niet helemaal te voorkomen (zie kader ‘decompressieziekte’). Bij 5 werknemers was een behandeling in de recompressiekamer (druktank) nodig. Deze werknemers werden in de recompressiekamer terug op druk gebracht en kregen 100% zuurstof, wat helpt bij de afgifte van stikstof. Vervolgens werd de druk langzaam verminderd tot de druk van de buitenlucht. Hierdoor konden de stikstofbelletjes oplossen en op de natuurlijke manier, via de ademhaling, het lichaam verlaten.

24 Carrière editie

Cerebraal luchtembolie

Een duiker ademt zijn gasmengsel (meestal lucht: 21% O2 en 79% N2) in op de druk waarop hij zich bevindt. Dat betekent dat hij op een diepte van 10 meter twee keer zoveel gasdeeltjes in zijn longen heeft als bij een vergelijkbare ademteug op het land. Wanneer hij opstijgt zal de lucht uitzetten en wanneer de lucht niet uit zijn longen ontsnapt door normaal adem te halen, zal deze lucht een andere uitweg zoeken: bijvoorbeeld door het scheuren van de alveoli (longblaasjes). De luchtbel die daardoor in de bloedbaan terecht komt, kan bijvoorbeeld in de hersenen terechtkomen en daar de circulatie blokkeren: een cerebraal luchtembolie.


Artikel door Sasha

Nederland, Australië en Dubai Na zijn periode bij het AMC heeft Xavier een hele andere weg ingeslagen: hij is trainer voor multidisciplinaire incidentvoorbereiding geworden. Hij was projectleider van grootschalige (ramp)oefeningen die in de veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland.Tijdens deze oefeningen werken brandweer, politie, ambulance en gemeenten samen. In februari van vorig jaar is hij, samen met zijn vriendin, begonnen aan een lange vakantie van ruim een half jaar. Tijdens deze trip, die uiteraard vol met duiken zat, werd Xavier gevraagd om hyperbaar technicus te worden. In Dubai, dat wel. Midden in de woestijn staat er nu een druktank op zo’n 25 meter van de rand van wat het diepste zwembad ter wereld moet gaan worden. Duikers kunnen hier naar believen oefenen, zonder last te hebben van golven, stromingen of nieuwsgierige dieren. Mocht het mis gaan, staat er een volledig medisch team klaar: te allen tijde zijn er een hyperbaar arts, hyperbaar verpleegkundige en hyperbaar technicus aanwezig. Gelukkig gaat het management er niet vanuit dat deze mensen fulltime bezig zullen zijn met het behandelen van duikers. Deze hyperbare experts mogen zich het grootst deel van de tijd bezig gaan houden met duikgeneeskundig onderzoek. Daarvoor zijn de afgelopen periode de meest buitensporige apparaten op de bestellijst gezet, inclusief een onderwaterechoapparaat. Welke onderzoeken er precies uitgevoerd gaan worden is nog niet duidelijk, al zijn er natuurlijk al een heleboel ideeën. Op dit moment zijn ze vooral druk met het opzetten van een heel bijzonder duikcentrum: van de training van het personeel en het opstellen van veiligheidsprocedures tot het ontwerpen van de leslokalen en het uitzoeken van de werkkleding, alles moet nog gebeuren. En zo kan het dus gebeuren dat je na je opleiding Technische Geneeskunde eindigt met zondag als de eerste (werk)dag van de week en dat je met drie uur tijdsverschil geïnterviewd wordt voor de Parallaks.

Decompressieziekte

Decompressieziekte kan ontstaan wanneer een persoon onder druk een ademgas (bijvoorbeeld lucht) heeft geademd. Door de druk wordt de partiële stikstofdruk in de weefsels hoger dan mogelijk is zonder druk. Dit veroorzaakt in die hoedanigheid geen problemen. Wanneer de persoon echter naar een lagere druk gaat, moet deze extra stikstof het lichaam weer verlaten. Gaat dit langzaam genoeg, dan ontstaan er geen problemen. Gaat dit te snel, dan vormt de stikstof belletjes die bijvoorbeeld pijnklachten of neurologische uitval kunnen veroorzaken. De grens wanneer snel ‘te snel’ wordt verschilt helaas per persoon per moment, zelfs als de omstandigheden gelijk zijn. De enige zekere manier om decompressieziekte te voorkomen, is door niet onder druk te gaan werken (of recreëren, zoals duikers doen).

Editie 2 Jaargang 2015/2016 25


Artikel door Saskia

Interview met Marleen Ruijter Marleen Ruijter is een Biomedische Technologie-alumnus die gestudeerd heeft aan de Universiteit Twente. Niet alleen tijdens haar studie is ze actief geweest, maar ook nu is ze nog steeds betrokken bij S.V. Paradoks door middel van de alumnivereniging van S.V. Paradoks, ‘QP’ (Quirites Paradoksae). Wij hebben een interview met haar gedaan om meer over haar activisme bij Paradoks te weten te komen en om te kijken waar ze nu terecht is gekomen.

Heb je BMT of TG gedaan? Ik heb Biomedische Technologie gestudeerd en ben begonnen in 2004. Ik heb gekozen voor de richting Functie Herstel Technologie en ben afgestudeerd bij professor Verdonschot bij de vakgroep Biomedische Werktuigbouwkunde. Hoe ben je bij deze studie gekomen? Op de middelbare school vond ik de exacte vakken en biologie het leukste en ik heb daarom NT & NG gekozen als profielen. In VWO6 zag ik op internet informatie over Biomedische Technologie en dit leek me direct een ideale combinatie tussen techniek en medische toepassing. Ik heb nog wel naar andere studies gekeken, maar ben toch bij mijn eerste keuze gebleven. Had je al een beeld wat je wilde gaan doen met je studie? Nee, dat had ik echt nog niet. Ik wist toen ik begon bijvoorbeeld nog niet welke richting ik op wilde, Functie Herstel of Cellen & Weefsel Technologie. Wat heb je naast je studie nog gedaan? Hoe was je studentenleven? Een supermooie studententijd. Ik woonde op de Campuslaan in een gezellige flat waar we met z’n 15en samen aten, tv keken en spelletjes deden. Ik ben vanaf mijn eerste jaar lid geweest van roeivereniging D.R.V. Euros. Hier was ik actief lid, ik heb wedstrijd-geroeid en een bestuursjaar gedaan. Iedere donderdagavond aten we met z’n allen en borrelden we in het clubgebouw aan het Twentekanaal. Een combinatie tussen actief sporten en gezelligheid! Wat vind/vond je van Paradoks als studievereniging tijdens je studententijd? Een leuke studievereniging waar ik tussen de colleges thee/koffie gedronken heb in de PK. Er werd van alles gedaan, een leuke club bestaand uit studiegenoten. Heb je toen nog verschillende commissies gegaan? Ik vond het leuk om actief te zijn bij Paradoks en heb verschillende commissies gedaan. De commissies die ik gedaan heb zijn de ouderdagcommissie, galacommissie, excursiecommissie, feestcommissie en de symposiumcommissie. Hierbij hebben we het symposium ‘’Ready for Surgery? A sneak peek in the future OR’’ neergezet. Dit was erg leerzaam om te doen! Hoe kwam je bij QP? Waarom bent je bestuur gaan doen? Vlak na mijn afstuderen organiseerde QP een minisymposium in de Vestingbar, een avond met presentaties van werkende BMT’ers en daarna bijkletsen met elkaar. Ik ben toen lid geworden en bestuur gaan doen om mee te helpen met het organiseren van activiteiten. Hoe is het bevallen? De eerste jaren was het leuk. Als bestuur kwamen we een paar keer per jaar samen. Een avond samen eten, vergaderen en klaverjassen. En twee activiteiten per jaar organiseren. Zoals een minisymposium, een rondleiding van oud-opleidingsdirecteur Jan van Alste bij sterrenwacht in Lattrop en naar museum Boerhaave in Leiden.Afgelopen jaar is er echter heel erg weinig animo, en organiseren we dan ook geen activiteit. Erg jammer, daarom proberen we nu samen met Paradoks de alumnivereniging nieuw leven in te blazen. Wat doe je nu voor werk? Ik werk als mechatronisch systeem engineer bij Demcon, dit is een ingenieursbureau in Enschede, maar ook met vestigingen in andere steden waaronder Eindhoven. Demcon heeft 3 business-units, waaronder ‘’Medical devices’’. Voor klanten ontwikkelen we complexe (medische) systemen, van het bedenken van concepten tot een gecertificeerd eindproduct. Naast commerciële projecten doen ook eigen ontwikkelonderzoeksprojecten (www.demcon.nl, www.bethefuture.nl).

26 Carrière editie


Artikel door Lars

Medica Beurs Op 18 november rees Paradoks weer naar onze oosterburen af voor een van de grootste beurzen op medisch gebied. In het Duitse plaatsje Düsseldorf was de jaarlijkse Medica-beurs. Alle grote en een heleboel kleine bedrijven toonden hun nieuwste producten en technieken. Voor de Parallaks ben ik dit jaar mee gereisd om een aantal van deze technieken en producten toe te lichten.

Aangezien ik met mijn lengte niet zeer comfortabel in een bus kan zitten, had ik na de busreis wel enige behoefte aan ontspanning. Gelukkig zijn massageapparaten ook welkom op de Medica-beurs. De eerste stop was dan ook de fysiotherapieen massageafdeling. Het eerste product dat ik daar wel wilde testen was een trilplaat die je been- en bilspieren traint. Deze zijn natuurlijk al een aantal jaren op de markt, maar dit apparaat moest toch net wat effectiever zijn en kon daarom wel drie keer zo duur zijn. Het trilde mij in ieder geval goed wakker.

Vervolgens liepen we een zaal met een groot aantal endoscopen binnen. Blijkbaar waren de paprika’s bij de lokale super in de aanbieding, want elke endoscoop was er eentje aan het onderzoeken. Langere tijd stonden we met een medewerker van Siemens te praten. Zij hebben ondertussen namelijk een endoscoop met 4k-resolutie op de markt en waren deze momenteel aan het uitbreiden zodat het uiteinde (bijvoorbeeld een mesje of een pincet) tijdens de operatie verwisseld kon worden. Hier waren ook de eerste beelden van operaties met deze endoscopen zichtbaar en de resolutie was inderdaad ook echt verbazingwekkend. Daarna hebben we nog rondgekeken bij verschillende bedrijven die ook kleinere onderdelen leverden waardoor mooie mechanische constructies zichtbaar werden. Aansluitend hebben we hier en daar nog wat leuke prototypes uitgeprobeerd en hebben we ook nog een aantal leuke goodies meegekregen. Toen was het bijna tijd om terug te keren richting de bus, maar een dag in Duitsland kan natuurlijk niet zonder curryworst en ‘kartoffelsalat’ en onder het genot van een pilsener worden afgesloten.

Daarna vond ik hetgeen waarvoor ik eigenlijk naar de massageafdeling kwam. Tegenwoordig heeft men namelijk massagebedden gemaakt die werken op waterstralen. Zoals je op de afbeelding kan zien lijkt het alsof je in een badkuip gaat liggen. Op het wateroppervlak ligt echter een waterdichte mat met enige stijfheid waardoor je als het ware een waterbed-gevoel krijgt. In deze mat zitten druksensoren die waarnemen hoe jij precies ligt.Vervolgens kan deze berekenen waar elke spier zich behoort te bevinden en kan deze dus zeer gericht masseren. Het prijskaartje was geen grapje met 30.000 euro per bad, maar het was dan ook wel een van de fijnste massages die ik ooit heb gehad. Mocht je in de aankomende jaren naar de Medica-beurs gaan, dan raad ik je aan om te kijken of dit product er weer is. Na deze ontspanning was het tijd om de daadwerkelijk inhoudelijke interessante bedrijven op te zoeken. Van elk medisch product waren er nieuwe versies die net iets beter zouden moeten zijn dan de vorige; zo heb ik talloze verbandjes gezien, waren er talloze CT- en ultrasoundscanners aanwezig en liepen er hier en daar wat exoskeletten rond.

Editie 2 Jaargang 2015/2016 27


Start van je studie

Op kamers

VAN EEN MEDISCH STUDENT

Gratis lidmaatschap VvAA. Omdat student zijn al duur genoeg is. Als student kun je nu al gebruikmaken van de kennis en het netwerk van VvAA. Met meer dan 115.000 leden die in de zorg werken, of net als jij een (para) medische opleiding doen. Een club waar je jouw toekomstige collega’s ontmoet en alvast goed kunt gaan netwerken.

Voordelen VvAA lidmaatschap Netwerk van ruim 115.000 (para)medici Regioborrels: netwerken met (student)leden Studentenraad: vertegenwoordigt jouw wensen 1x per jaar groots studentenevenement Seminars en vaardigheidstrainingen 11x per jaar Arts en Auto en 4x per jaar de studentenspecial Speciale studentenverzekeringen Advies rondom afstuderen en starten met werken Lees meer en word lid op www.vvaa.nl/student facebook.com/vvaastudent

Stage

Afstuderen


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Editie 1 - 2016 - Carriere editie by ParadoksParallaks - Issuu