PANESSAY
jaargang 29 // nummer 4 // december 2015
Faculteitsblad der M.F.V. Panacea
INHOUD Uit ‘t bestuurshok bedankt bestuur voor het lekkere eten, het aandoenlijke kaartje en
93
Commissiepagina veel liefs van alle geweldige commissies
94
KB
95
het tropische gezelschap
voor het perfecte anagram ontbreken helaas twee letters: de H en de T
Onderwijscolumn
G2020 voor de zekerheid nóg een keer uitgelegd
Op zorgvakantie Annet betoogt waarom je voor allerhande behandelingen beter op vakantie kan gaan
Treating kiwis I
Hidde tells us everything about his Very Exiting adventures in Kiwi-land
97 98 100
Dokterscolumn Davith schijft over de eeuwige jachtvelden
103
Fotopagina
104
pareltjes van de Pan-F tentoongesteld
Vertel!
deze keer met een wel heel gemotiveerde student
106
VGT-hulp
nieRschierig geworden hoe u uw scores kunt opkrikken?
108
Magische diëten blijkt dat we al jaren ons eten vermoorden
110
Salsa, rum& dokters gastschrijfster Johanna heeft een co-schap gelopen op Cuba
112
Culture Shock once an Italian, always a spaghetti
114
Puzzelplezier met een superspeciale actie: je kan een reflexhamertje winnen!
115
Harvey Cushing wist u trouwens dat hij op een eiland woonde?
116
COLOFON // de PanEssay is het faculteitsblad van M.F.V. Panacea en verschijnt met een beetje mazzel vier keer per jaar // plaatsing van een stuk houdt niet in dat de redactie de daarin weergegeven zienswijze onderschrijft // de redactie behoudt zich het recht voor taalkundige correcties aan te brengen of stukken niet te plaatsen (tja, soms is het gewoon té erg!) // kopij kan via e-mail of op een gangbaar medium aangeleverd worden bij de redactie // oplage 3200 stuks // druk verzorgd door drukkerij OCC de Hoog, Oosterhout // redactieadres M.F.V. Panacea t.a.v. PanEssay A. Deusinglaan 1 9713 AV Groningen // telefoon 06 50563201 // e-mail panessay@panacea.nl // voorzitter Aafke Engwerda // redactie Hidde Kleijer, Marko Pol, Tom van Putten, Sophie Reese, Suzanne Schuurman, Christiaan Serbanescu-Kele, Davith de Vries, Annet Vulto, Aafke Engwerda // lay-out Aafke Engwerda, Dinant Oemrawsingh, Neepan Paramajothy, Marko Pol, Sophie Reese, Karlijn Saris, Boukje van der Slik, Annet Vulto // fotografie cover Suzanne Schuurman, Sophie Reese, Karlijn Saris // Sluitingsdatum volgende editie: 19 februari 2016
92
Panacea
Uit het bestuurshok December: een maand van tegenstrijdigheden. De ene dag kan men zonder jas de straat op, de andere dag moeten de mutsen, sjaals en handschoenen van zolder worden gehaald. Op de straten kan door de gladheid van natgeregende blaadjes geschaatst worden, op de meren en sloten is echter geen laagje ijs te bespeuren. Bovendien proberen wij nog niet te denken aan ons naderende afscheid, terwijl bestuur 2016 haar entree al heeft gemaakt. Het is zover, dit was het dan (bijna). Ondanks dat ons mooie jaar bijna ten einde is, hebben we optimaal kunnen genieten tijdens tal van activiteiten. Begin november konden alle acquisitie- en promotiefunctionarissen hun hart op bij de acquisitie- en photoshopworkshops. Een paar dagen later stond de Herfstborrel op de planning en werden de eerder geleerde openingszinnen en onderhandelingstactieken direct in praktijk gebracht. Dat niet alleen de bachelorstudenten worden gewaardeerd binnen de M.F.V. Panacea, bleek wel tijdens de Alumnidag, waar met jong en oud het onderwerp ‘high tech medicine’ werd besproken. Daarna stond de Algemene Ledenvergadering op de agenda, waar onder andere de Statutenwijzigingen zijn goedgekeurd en het bestuur 2016 is aangenomen.
ontzettend mooi bedrag weten op te halen, bedankt hiervoor! Hiervan zijn vervolgens cadeaus gekocht die wij hebben mogen uitdelen aan patiënten in het UMCG. Vanzelfsprekend een ontzettend dankbare taak, waar de M.F.V. Panacea graag haar steentje aan bijdraagt! In december vond alweer het laatste feest van 2015 plaats. Tijdens het AkCie Almanakfeest was iedereen getuige van de presentatie van de Almanak. Een prachtig boekwerk waar zowel de AlmanakCie als de vereniging trots op mag zijn! Bovendien willen wij de harde studeerders deze maand een hart onder de riem steken en staan we daarom de laatste week voor de kerstvakantie met overheerlijke ‘Koek en Zopie’ in de CMB. Mijn laatste voorwoord in de PanEssay sluit ik graag af met een dankwoord. Allereerst wil ik jullie allen bedanken voor het fantastische jaar dat wij met jullie mochten hebben. Daarnaast wil ik mijn medebestuursgenoten bedanken voor alles, zonder jullie was er geen bestuur en dus ook geen mooi jaar. Tot slot wil ik Bestuur 2016 alvast bedanken voor het overnemen van deze grote verantwoordelijkheid en wens ik hen veel succes de komende periode. Ik wens jullie allemaal ontzettend fijne feestdagen! Met een lach en een traan, voor de laatste keer veel liefs vanuit het bestuurshok.
In de rest van november vonden voornamelijk kennisen carrièreactiviteiten plaats. Tijdens de onderwijsactiviteit van YR2 werd ons op spectaculaire wijze alles verteld over het MMT. De VvAA had bovendien een netwerkborrel georganiseerd, waar men alvast kennis kon maken met toekomstig collegae. Daarnaast konden we toetsen hoeveel iedereen nou daadwerkelijk weet gedurende de Geneeskunde Olympiade. Een aantal dagen later vond de UMCG-middag plaats, die in het teken stond van ‘The Ageing Brain’. De maand werd afgesloten met de Medische Carrière Dag, waar onder andere Bas Haring ons heeft voorzien van carrièreadvies. Daarbij mocht in de afgelopen periode Sinterklaas natuurlijk niet ontbreken. Tijdens de Sinterklaasactie binnen de faculteit en het UMCG hebben wij een
Panessay • 2015:4 •93
Commissies & onderwijs SympCie SympCie
De MCD is pas net geweest (het was geweldig) en een nieuw leerzaam evenement van Panacea staat al voor de deur. Op 10 maart 2016 zal namelijk het 29e Symposium der M.F.V. Panacea plaatsvinden! Wij gooien het echter over een andere boeg met een thema niet alleen voor geneeskundestudenten, maar een dat op dit moment nog veel algemener geldt. Wij, Anne, Larissa, Marije, Merel, Sietske, Marjolein en Jasmijn, zijn druk bezig met het organiseren van dit Symposium en we weten zeker dat het een fantastische dag gaat worden. Het thema en de invulling houden we nog eventjes geheim, maar het belooft een dag te worden met uiteenlopende workshops en verschillende sprekers, en als dat niet genoeg reden is komt er ook nog een heerlijke lunch. Geniet nu nog even van de welverdiende kerstvakantie, maar hou de inschrijving voor het Symposium goed in de gaten! Wij hebben er heel veel zin in en hopen dat het een superleuke dag gaat worden!
LustrumCie LustrumCie
Lieve geneeskundestudent, Wat goed dat je dit leest, want dat betekent dat je je vanaf nu anderhalf jaar lang kan gaan verheugen op het meest epische evenement dat Panacea te bieden heeft: de Lustrumweek! In het voorjaar van 2017 gaan wij alle tentamenstress bij je wegnemen en zal je eraan herinnerd worden hoe mooi jouw leven als Panacealid is. De dertigste verjaardag van Panacea zullen we vieren. Met een legendarisch openingsfeest, het symposium, een lustrumgala en nog vele andere activiteiten gaan we geschiedenis schrijven. Jazeker, we gaan de boeken in! Al het moois wordt namelijk vastgelegd en samengebonden tot het Lustrumboek, zodat je alle herinneringen kunt koesteren. Hou komend jaar de Panaceasite goed in de gaten om erachter te komen wanneer je precies die ene week in je agenda moet vastleggen. Verder wil je natuurlijk ook niet missen wat het thema wordt en welke kleuren er tijdens de Lustrumweek centraal zullen staan, dus hou je oren en ogen open!
94
Panacea
Introductie f.t. Bestuur Nu de discussie over de opvang van vluchtelingen op het heetst van de strijd is, vragen sommigen zich af of we deze mensen niet nodig hebben voor het volgende EK. De bomen worden kaal en Groningen steeds natter. Het typische ‘gematigde’ zeeklimaat laat te wensen over en boer Geert heeft een reünie met speeddatevrouwen.
lijk Pepijn die aan een paar woorden genoeg heeft.
Commissaris Externe Anne
Na een jaar in de SympCie geregeerd te hebben heeft Anne besloten het hogerop te zoeken. ‘s Ochtends is Anne niet op haar best maar ‘s middags zorgt zij met haar ‘Gooische r’ voor het contact met sponsoren. Vanwege haar uitspraken als ‘mag ik dood?’ hebben wij Anne in onze harten gesloten.
Commissaris Interne Danny
Wij raken een beetje gewend aan onze nieuwe taken en net als ‘The All Blacks’ zetten wij onze schouders eronder en beuken we ons er sportief doorheen. Bij deze presenteren wij met trots het nieuwe, 29ste f.t. bestuur der M.F.V. Panacea.
Er is maar één knul die letterlijk iedereen op sleeptouw kan nemen. Hij schaamt zich niet om zijn uitgesproken mening op tafel te knallen en toch ervaren mensen hem als een schatje. Ik heb het over onze Danny, de perfecte man als common-sensesaris interne. Als echte regelnicht staat hij klaar voor alle commissies die Panacea zo te gek maken.
Voorzitter Arthur
Commissaris Onderwijs Noor
Arthur is de man die je dit jaar niet kunt missen. Hij zal nooit degene zijn die vindt dat het tijd is om naar huis te gaan. Als papa van de groep zorgt hij ervoor dat iedereen punten binnensleept voor de gouden schroevendraaier. Bonding tussen het f.t. bestuur, de leden en de zusjes staat bij hem hoog in het vaandel!
Secretaris Claartje
Nadat de BRC haar warm heeft gemaakt voor verre landen zijn wij erg blij dat Claartje weer terug is. Als niet-stugge Groninger met een wijde blik heeft ze over de hele wereld ervaring opgedaan om komend jaar te gaan knallen. Zo is ze vastbesloten dit jaar voor iedereen paraat te staan als penvoerder van Panacea.
Penningmeester Pepijn
Met Pepino als auteur van het financiële boekje zal de geldkist goed bewaakt worden. Voor hoge bedragen, rare initiatieven of rode getallen draait Pep zijn hand niet om. Mocht je binnen de BV dan ook iemand op de achtergrond horen murmelen: hoogstwaarschijn-
Noor, liefkozend Nora genoemd, zal zich het komende jaar ontfermen over het onderwijs. Maar moet je dan niet naar colleges zijn geweest? Nee hoor, deze dame gaat bewijzen van alle markten thuis te zijn! Rennend op blote voeten over de straatstenen van station Groningen bewees zij al eerder tot alles in staat te zijn om haar doel te halen.
Commissaris Master en Carrière Sanne
Sanne Krol, wie kent haar niet? Haar lach is van kilometers afstand te horen. Dat deze pittige tante thuis hoort in het onderwijs moge duidelijk zijn: bachelor cum laude en ze zet zich al jaren in voor een nog betere opleiding. De nieuwe functie is haar dus op het lijf geschreven. Wij staan te trappelen om ‘echt’ te mogen beginnen. Opgewonden verlangen wij naar de komende PanEssay’s om met een kritische blik ons te verlichten. Maar voor nu alvast namens het 29e f.t. bestuur der M.F.V. Panacea een hele fijne kerst en tot in 2016!
Panessay • 2015:4 • 95
96
Onderwijscolumn
Peter van Dijken
Competentieontwikkeling Het College van Competentie Coördinatoren (CCC) is actief betrokken bij de ontwikkeling en implementatie van de competentieontwikkeling van aankomende artsen in G2020. Competentiegericht onderwijs is een van de belangrijkste innovaties van het nieuwe curriculum. Artsen moeten namelijk niet alleen veel weten, maar ook medische vaardigheden en een professionele attitude ontwikkelen. De Nederlandse universiteiten hebben hiervoor het CanMEDS competentiemodel als leidraad voor het medisch onderwijs gekozen.
Over G2020 ben ik in toenemende mate positief gestemd. Na een matige start vorig jaar zijn we nu goed op koers en gelukkig beginnen we dit nu ook terug te zien in de waardering van de studenten, die overigens een belangrijke bijdrage hebben geleverd aan de ontwikkeling van G2020. Ik denk dat we met z’n allen een prachtig curriculum ontwikkelen dat aansluit bij de huidige tijd en goede artsen gaat afleveren, die niet alleen veel weten, maar ook veel kunnen, en die tevens de change agents kunnen worden die de moderne gezondheidszorg nodig heeft. Namens het College van Competentie Coördinatoren (CCC), Peter van Dijken (huisarts), voorzitter.
Het afgelopen jaar heeft het College van Competentie Coördinatoren een aantal concrete bijdragen geleverd aan het nieuwe curriculum, zoals definities van elke competentie, aan de hand waarvan je de voortgang van studenten kunt monitoren, leerdoelen per jaar, een handleiding voor taakontwikkeling en procedures voor de mentor- en triadegesprekken. Hoewel er vier verschillende LC’s zijn, is het natuurlijk zinvol om bepaalde zaken enigszins te harmoniseren - we zijn tenslotte één opleiding! - en de competentiecoördinatoren zijn in een goede positie om hierover te signaleren en te adviseren. Momenteel zijn we druk bezig met het verder operationaliseren van de beoordelingscriteria, die concreet en tegelijk ‘globaal’ moeten zijn. Andere aandachtspunten zijn de recente update van het CanMEDS-model (CanMEDS 2015) met de implicaties van dien voor G2020 en de overgang van G2020 naar de masteropleiding die over een kleine twee jaar aan de orde is. Alles bij elkaar is het CCC het afgelopen jaar een innovatief en productief gremium geweest en we hopen dit de komende jaren te blijven. Wellicht ten overvloede moet nog even toegevoegd worden dat het CCC nauw samenwerkt met de LC’s, waar ook veel expertise is ten aanzien van taak- en competentieontwikkeling. We leren daarin ook van elkaar.
Het College van Competentie Coördinatoren bestaat verder uit Frank van Es (psychiater), Joop Lefrandt (internist), Sandra Brouwer (hoogleraar sociale geneeskunde), Iwan van der Horst (intensivist), Jaap Koot (arts Public Health) en Hanke Dekker (onderwijskundige).
Panessay • 2015:4 97
Reportage
Annet Vulto
Op zorgvakantie In Nederland leveren we fantastische zorg die je niet zelf hoeft te betalen. Maar ja, het regent er altijd en in sommige gevallen doen artsen moeilijk en beginnen ze over ethiek en zo. Gelukkig hoef je niet binnen je eigen landsgrenzen te blijven: if you’re feeling French ga je toch een dagje over de grens? Heerlijk warm, binnen de EU doet de verzekering niet moeilijk en je bent er even lekker tussenuit.
Voortplantingsvakantie
Dat op vakantie baby’s worden verwekt is geen nieuws. Als natuurlijke conceptie niet lukt, is het tijd voor de IVF-molen. Wat wel een beetje jammer is, is dan in Nederland allemaal nare eisen gesteld worden. Zo mag je bijvoorbeeld niet ouder dan 43 zijn. In Spanje zijn ze niet zo flauw. Daar zijn er ei- en zaadceldoneren genoeg, die bovendien in tegenstelling tot Nederlandse donoren gewoon anoniem kunnen blijven. Ruim achtduizend Europese vrouwen laten zich elk jaar bevruchten in een kliniek. Dit wordt in de regel niet vergoed door de zorgverzekering.
98
Heen als man, terug als vrouw
Geslachtsveranderende operaties, dat kunnen we in Nederland ook. Wat is het probleem dan? De wachttijd. Die is namelijk in veel ziekenhuizen erg lang, nadat het proces van screening en alles ook al zo lang heeft geduurd. In die tijd kun je dus beter naar Thailand vliegen. Daar stellen ze geen moeilijke vragen en moet je niet je halve leven wachten, maar kun je zo onder het mes. Ook dit tripje wordt niet vergoed door de zorgverzekering.
Meer borst mee terug
Cosmetische ingrepen worden in de regel niet vergoed en in Nederland is het best wel duur. Daarom wijken ijdele vrouwen uit Nederland niet zelden uit naar het buitenland. Populair is opnieuw zuidoost-Azië, maar ook in bijvoorbeeld Turkije zijn deze ingrepen goedkoper dan in Nederland. Er worden zelfs geheel verzorgde reizen aangeboden inclusief vlucht en verblijf. Dat lijkt me bijna an sich een reden om voor een cupje meer te gaan...
Kankerbehandeling in Duitsland
Het effect van radiotherapie berust op het verschil in gevoeligheid voor de betreffende straling tussen gezond weefsel en kankerweefsel. Bij protonenbestraling is dit verschil veel groter dan bij conventionele fotonenbestraling. Dus protronenbestraling moet je hebben! In Nederland worden de centra gebouwd, maar in de tussentijd kun jij mooi naar Duitsland. Daar staat de deeltjesversneller voor je klaar. Als de behandelend radioloog de zorgverzekeraar kan overtuigen, wordt de behandeling gewoon vergoed.
Een nier uit India
Stel: je staat al twee jaar op de wachtlijst voor een donornier. Dialyseren is vervelend en in je omgeving is geen levende donor te bekennen. Het wordt tijd voor actie. Dan stap je op het vliegtuig naar bijvoorbeeld India. Voor het luttele bedrag van 40.000 euro krijg je een nier, inclusief de service van het erin zetten. Terug in Nederland is het waarschijnlijk dat je behandelend nefroloog dit van tevoren geen goed idee vond, maar eenmaal terug alles doet om de nier toch te redden, mocht hij gaan pruttelen.
Panessay • 2015:4 • 99
Reportage
Hidde Kleijer
Treating Kiwis I 8 things that made me go WTF?! Hidde is pretending to work hard in New Zealand at his final internship at a general practitioner’s (GP) practice. To try to convince people that he is not just doing outdoor sports, he will be sharing his (medical) experiences with us. About a month into his internship, these are the 8 things that baffled him at first In short: my plane did not crash (see previous article online)! On the bright side: now, I can point out 8 things that made me go ‘WTF?!’ while working with the GPs here, anything for your entertainment! I might even provide you with some educational insight. But first, it might help to give you some background information as to where I am and what the heck I’m doing. For my final internships (“semi-arts stage”), I am spending my final fourteen weeks at a general practitioner’s (GP; “huisart”) practice in New Zealand. Over here, they call such a practice a ‘surgery’. As I’m getting more and more used to everything here in the last month, I’m seeing more and more patients myself. The surgery is located at Kaikohe. It is quite large with twelve doctors working there and at two other locations. It also houses a small acute clinic and loads of supporting staff. Meanwhile, I am staying at Kerikeri with my supervisor’s awesome family. So, let me try to convince you I’m not solely mountain biking and enjoying the beaches around here.
1. ‘No koalas here mate’
This really baffled my fellow PanEssayers! So I just wanted to let all you ignorant guys know that New Zealand is not the same country as Australia and that there are no koalas to hug here. They do have kiwis though, both the fruit and the bird, the last of which is New Zealand’s national symbol (And as you may have noticed, they call themselves ‘Kiwis’).
2. ‘Hidde, would you like to go to prison?’
Yup, these GPs go to prison regularly! Not for illicit prescriptions of morphine, not for cutting into people without informed consent, nor for doing unnecessary vaginal exams on young ladies. No, they have been hired by the state to provide medical services for prisoners. Going with them was a pretty surreal experience! A big eery concrete wall turned out to hide an actually pretty peaceful piece of land with even a pond and what not. It was kind of unnerving to be surrounded by nursing staff dressed as guards and to wear a distress button. My GP has never had to use it, but still… More in general, I think the GPs here perform more diverse tasks than their Dutch counterparts. For instance, we visit the aged care centre (picture below) two times a week to act as a “verpleeghuisarts” (nursing home doctor, a separate speciality in The Netherlands). These extra tasks (there are more, see online) even range beyond the strictly medical. For instance, patients come in to get all sorts of medical certificates: to qualify for a driver’s licence, to be able to get out of work when they are sick, or even to get a governmental benefit when they are unable to work due to chronic illness.
3. ‘Pain? Just give him some norflex’
Give him what? ‘Or you could try some acupan.’ What? Annoying enough, these guys don’t only use different brand names for most medications or subsidise different agents resulting in different first-choicetreatments. No, they also use stuff that’s not even in the “Farmacotherapeutisch Kompas”, let alone us Dutchies ever getting taught about them. Just to educate you guys a bit: Norflex is the brand name of orphenadrine: a muscle relaxant, painkiller and euphoria inducer. It’s a local favorite to treat musculoskeletal pain. Another painkiller is Acupan, a brand name of nefopam, which works centrally
100
without acting on the opioid receptors. They use it a lot in the prison due to its lower abuse potential than opioids and therefore lower marketability under inmates.
4. ‘Sore throat? Take a swab and give some antibiotics’
Say what?! This might be a bit exaggerated but still, loads of throat aches get treated with antibiotics here or get swabbed. For what you ask? For Strep. A. Why? There is a high incidence rate here of both group-A streptococcus and rheumatic fever. Rheumatic fever is an autoimmune reaction that tends to occur after Strep A infection, with destruction of heart valves as its most feared complication. This mostly occurs in the indigenous population (the Maori; watch their famous haka online) due to poor living conditions and a genetic susceptibility. Pretty much the same goes for the prevalence of gout.
went terribly wrong somewhere with the distribution of wealth. I really see now how well we’re off back home. I’m getting more and more infused with the sense that we should fight for our welfare state tooth and nail.
6. ‘Doc, really, my left shoulder hurts after hitting my right knee’ No, Kiwis don’t believe in some mystical force connecting contralateral body parts. However, they do believe that every health issue that results from an accident, should be treated free of charge to the patient. Instead, a national insurance called ‘ACC’ will pay, even when it concerns foreigners! Sounds great, doesn’t it? Well it does of course, but there are a few catches. Most notably that part of the income of the ACC (more info online) is generated by
The Maori’s white-skinned European counterparts on the other hand have been hit pretty hard by the, now shrinking, gap in the ozone layer, giving me ample opportunity to practice my skills with the scalpel.
5. O my god, that smell!
No, I’m not just hinting at the highly prevalent and terrible smell of cigarette smoke. I was absolutely stunned to recognize the exact same smell I smelled everywhere in the poorest corners of Nepal. The first time was when I examined two children who had obviously been wearing the same clothes for more than a week. And this would certainly not be the last time. It is really staggering to see how poor this community is, especially the Maori population. Medically this poverty shows itself in some diseases we paradoxically call “welvaartsziekten” (literally translated: welfare diseases) in Dutch. Because healthy food is really expensive here and unhealthy food is really inexpensive, it seems like pretty much everyone is fat and has diabetes with all the complications you might think of, most notably kidney failure. Reading up on New Zealand before coming here, I understood it was supposed to be one of the most socialist countries of the world. Granted, a lot of the healthcare is available to everyone at a low cost. Still, something
Panessay • 2015:4 • 101
the employers paying a premium for their workers. This premium goes up when an employee gets hurt on the job, in which case this employee will be more expensive than others and in turn runs a higher risk of being fired.
7. Me: ‘Good morning! Please come in.’ Patient: ‘I’m fine, thank you.’
Me thinking: did I ask you how you were already? In fact, I did not. Asking ‘how are you’ is such an integral part of greeting someone here that people hilariously assume they have been asked this. There is more to this though, I think. The English really planted their overly polite culture here. Whereas we get taught about the value of good feedback, children here get taught: ‘If you don’t have anything nice to say, don’t say anything at all.’. My supervisor tells me that even after eight years he just cannot get used to all this. Another example (more in the table), when an English person says: ‘we should definitely have a coffee some day’, he does not want you to pick a date right away. He’s just being polite without actually wanting to see you again. It seems to me that they use overly politeness as a shield, guarding
themselves from a real connection. Being a bluntly direct and sober Frisian guy, I have a rough time adjusting to this.
8. ‘You’re not driving, get in at the other side of the car!’
Granted, this is even more off the medical topic, but everything is on the wrong side here! Take driving for instance. Why drive on the left? Why?! It only results in everything being on the left (read: wrong) side, everything except the pedals! Even on the mountain bike I use here, they just had to switch up the brakes. The back brake is now, instead of on the familiar right, on the wrong left. This has resulted in a near-death scenario or two. So now you guys have had a glimpse into my acclimatisation period here in New Zealand. But before I say goodbye, let me end with one last mind-boggling story, showing another striking difference between two supposedly enlightened countries. A woman comes in with her two kids, she’s doing better than before. What had happened? She had been an emotional wreck after they had had a burglary, during the investigation of which the police had found a few grams of marijuana. This resulted in her husband’s incarceration for two years. Two years! Considering everybody, and I mean everybody, smokes it around here, this felt so unfair. Especially to the young children having to do without their dad for two years. Our Dutch policy regarding marijuana may seem idiotic, but this!
So, any questions or suggestions? Don’t be shy! Ask them online! Extras to this article can be found on www.panacea.nl/panessay
Word als master gratis lid van de Medische Alumnivereniging Antonius Deusing! Als lid van de vereniging kan je: 1.
Gebruik maken van een netwerk vol kennis en ervaring
2. Hulp kunnen vragen hoe het is om als specialist in een bepaald vakgebied te werken 3. Hulp kunnen vragen om toe te worden gelaten tot een bepaald specialisme. Een keuze maken om bijvoorbeeld eerst onderzoek te gaan doen 4. Na je studie oude bekenden weer te ontmoeten op georganiseerde dagen 5. Verbondenheid met je oude universiteit, omdat deze een belangrijke rol heeft gespeeld voor je toekomst
102
Column
Davith de Vries A. Ouweteur
Dokterscolumn De dood In de geneeskunde leren we, om in de woorden van de artseneed te spreken, lijden te verlichten, ziekte te bestrijden en gezondheid te bevorderen. Het is een nobele strijd, die we uiteindelijk altijd verliezen. De eerste die door ons toedoen eeuwig leven en gezondheid verkregen heeft, moet nog beschreven worden. We hebben natuurlijk Sinterklaas, de Kerstman en God, maar, naast dat hun bestaan door verschillende groeperingen in twijfel getrokken wordt, hebben wij artsen bijzonder weinig aan hun bestaan bijgedragen. De dood. Ik had hem nog niet benoemd en toch wist iedere lezer al waar ik het over had. Ja, zijn bekendheid laat weinig te wensen over. Hij promoot zich dagelijks in tv-programma’s als Het Journaal en heeft een lifetime prevalentie van 100%. Opvallend dat we als studenten meer leren over Cushing, een aandoening die bijna nooit voorkomt, dan over (omgaan met) de dood, iets waar vrijwel elke arts mee te maken krijgt. Met patiënt en familie praten over het levenseinde, het beperken of zelfs stoppen van behandeling, is een van de lastigste situaties die dokters dagelijks tegenkomen.
“Je bestaat voor de wereld totdat een dokter je schriftelijk dood heeft verklaard.”
Wanneer je de kamer binnenstapt, is de dood, ook bij een onbekende, in een oogopslag duidelijk. Levenloos. De familie er meestal (nog) niet. Nadat de verpleegkundige wegloopt om nog wat andere zaken te regelen, ben je daar plots alleen. Op het punt staand om een merkwaardig ritueel uit voeren: het controleren van de afwezigheid van circulatie, respiratie en bewustzijn. Hoewel de dood nog jong is, zie ik dat iedereen, mijzelf niet uitgezonderd, de behoefte voelt handschoenen aan te trekken. Dat dunne laagje vinyl moet ons scheiden van de dood. Je slaat de lakens terug, knoopt de pyjama los en ontbloot de onbeweeglijke thorax. De stethoscoop op de vergeelde, nog warme huid, laat niets horen dan het ritselen van je vingers op de klok. Verlichte pupillen blijven wijd en leeg. Zo sta je daar in een ietwat onaangename stilte. Na het toedekken van de patiënt wacht het papierwerk. Je bestaat voor de wereld totdat een dokter je schriftelijk dood heeft verklaard. Ik herinner me nog goed de keer dat een lieve oude vrouw in de veronderstelling was dat haar man nog steeds kon leven, zolang de dokter hem ‘niet dood had verklaard’. Dan voelen overlijdenspapieren heel wat verantwoordelijker dan een recept of ontslagbrief. Zonder enige vooraf opgebouwde band of kennis over de personen voor je, moet je vervolgens een van de moeilijkste boodschappen brengen. Soms is ons werk leuk, spannend, interessant of ontroerend. Op andere momenten is het gewoon zwaar maar onmisbaar. Dan wordt er op ons gerekend. Misschien toch een reden om alvast een paar keer te oefenen?
Er is echter een ander aspect dat ik nog grimmiger en complexer vind: het constateren van de dood en het vaststellen van de doodsoorzaak, oftewel, het schouwen. Tijdens je nachtdienst, na het overlijden van een patiënt, kan een gesprek met de in tranen aangeslagen familie over zaken als doodsoorzaak, obductie en donatie een zware dobber zijn. Want: de mens wordt geboren en overlijdt bij voorkeur als de zon niet meekijkt. Als arts-assistent is het in deze situatie extra vervelend dat je zowel de patiënt als de familie vaak nog nooit gezien hebt, laat staan kent.
Panessay • 2015:4 • 103
Foto’s
104
Panessay • 2015:4 • 105
Interview
Suzanne Schuurman en Sophie Reese
Vertel! Gewapend met een recorder, een fotocamera en een vriendelijke glimlach gingen wij de hal van het UMCG in om een kijkje te nemen in de mensenmassa. Patiënten en bezoekers vertellen in deze rubriek hun verhaal: wat is voor hen de reden om een bezoek te brengen aan het UMCG? Deze keer: een ijzerstapeling, een dottore Italiano en een nieuwe coupe. “I’m an Italian doctor, I graduated at medical school in July. I’m here since the beginning of September, this is my last week here. I’m here for an internship, because my professor in Italy knows a doctor from general surgery. He told me to go here because it’s a good hospital - I like the way things are done here. In Italy, it is different, most of the times they are not very considerate towards students. I like Groningen and I like the hospital, I think this is one of the most beautiful hospitals in Europe. I come from Bologna, we have one of the biggest hospitals in Italy. But it is old, very old. Here it’s more modern, it is well-built.” “I don’t speak Dutch and don’t want to annoy patients with my English, so I only have contact with the people in the OR. The doctors here are more kind than in Italy, they teach you a lot and they explain everything. The surgeon here said that I can return here when I want to, so maybe one day I will return to Groningen!”
106
“Ik ben Melissa, ik lig in het UMCG omdat ik een ijzerstapeling heb in mijn hersenen. Het is heel onbekend en we weten niet hoe het komt, daarom hebben ze allemaal onderzoeken met mij gedaan. Van het ene op het andere moment ga ik achteruit. Die ijzerstapeling zit precies bij de aansturing van mijn beweging; als ik mijn spieren niet onder controle heb dan val ik zo om.” Moeder: “Ze heeft eerder de diagnoses Gilles de la Tourette en ASS gekregen, maar dat bleek het niet te zijn. We waren verwezen naar de neuroloog in verband met haar IQ dat achteruitging: ze zat eerst op 118, toen op 82 en nu op 69. Dat is wel vreemd. Ik merk ook dat ze kinderlijker wordt.” “Ik lig al sinds september hier, ik vind het eigenlijk niet echt leuk want er is hier nooit iets te beleven. Er zijn hier ook geen dieren, dat mis ik. Ik heb een kat en die mist mij, die sliep elke dag bij mij. Ze gaat vaak naar mijn slaapkamer, maar dan ben ik er niet. Ik heb haar aan de telefoon gehad.” Moeder: “Toen pakte de kat de telefoon beet en begon er kopjes tegen te geven.” “Volgende maand word ik 14, ik hoop dat ik dan uit het ziekenhuis ben.”
“Ik ben vierdejaars geneeskundestudent en ik werk sinds een paar weken als bijbaantje bij de Etos. Het is handig dat het zo dichtbij is, zo kan ik het combineren met colleges. Het werk bevalt me wel. Patiënten die kunnen lopen komen hier wel eens even wat halen, maar ik heb niet heel veel contact met patiënten. Ik weet nog niet welke kant ik op wil met geneeskunde, ik heb zoiets van: eerst coschappen!”
“Nou, ik ben een G2020-student. (lachbui) Ik heb net een hele leuke presentatie gehad, en ik ben nu op weg naar Clinical Reasoning in de Blauwe Zaal. Dat is heel... Klinisch.” (“Vind je dat leuk?”) “Enorm. Waar het over gaat? (lange stilte) Eh, nieren.” “Wat ik het leukste vind aan geneeskunde... Ja, waarom doe ik dit eigenlijk? Net na m’n decentrale selectie had ik wel antwoord op deze vraag geweten. Ik vind het leuk om goed na te denken, problemen op te lossen. Elke case is eigenlijk een probleem, en dat je er ook nog mensen mee helpt, is ook leuk. In het begin moest ik wel heel erg aan G2020 wennen, omdat ik ook rechtstreeks van de middelbare schoon af kwam, met wat meer structuur. Maar nu ik eraan gewend ben, is het niet eens zo verkeerd.”
“Ik heb heel lang gewerkt in het UMCG, de laatste jaren ging ik hier naar de kapper. Nu werk ik hier niet meer, maar ik hou van mijn vaste kapper dus ik kom hier nog wel. Ik ga dan soms ook nog even kijken bij mijn ex-collega’s. Ik was medisch secretaresse op de ouderengeneeskunde. Dat beviel heel goed, maar twee jaar geleden kwam er een reorganisatie. Ik had geen zin meer om een assessment te gaan doen, dus op die manier ben ik werkloos geworden. Ik vind het prima, al was het werk wel heel leuk. In het begin dacht ik: nou, al die oudere mensen, ik weet niet of ik dat leuk vind. Maar ik vond oudere mensen toch wel heel aandoenlijk, en ik merkte bij mezelf dat ik gewoon een stapje harder ging lopen, meer voor oudere mensen wilde doen. Ik vond het een hele leuke werkomgeving, ontzettend aardige artsen. Maar dat kan ook niet anders, want als je voor ouderengeneeskunde kiest, dan is dat een bepaald type arts.”
Panessay • 2015:4 • 107
Medisch
Annet Vulto
VGT-hulp Filter jij de relevante informatie? Velen worden vier keer per jaar met xerostomie, tremoren en urge-incontinentie wakker; de voortgangstoets moet weer worden gehaald. Al twee gehad en nog twee te gaan, in de hoop de volgende beter te maken dan de vorige. Deze aflevering: de ins en outs van de nieren. Opbouw
De nieren zijn gepaarde organen. Ze liggen retroperitoneaal aan weerszijden van de bovenste drie lendenwervels en bewegen mee met de ademhaling. Ze zijn elk ongeveer 12 bij 7 bij 3 centimeter en wegen per stuk om en nabij 150 gram. De arteriële bloedvoorziening wordt verzorgd door de a. renalis. De afvoerende vaten komen samen in de v. renalis, die uitmondt in de vena cava inferior. Uit de interlobulaire ateriën ontstaan de afferente arteriolen van de glomeruli.
Het nefron
Elke nier bestaat uit ongeveer 1 miljoen nefronen, die op hun beurt dan weer bestaan uit een glomerulus en een tubulussysteem. De glomerulus is een invaginatie van het blinde eind van een nefron door een capillair systeem met een vas afferens en een vas efferens (allebei arterieel). De geïnvagineerde zak is het kapsel van Bowman. Het tubulussysteem bestaat uit de proximale tubulus, de distale tubulus, en de verzamelbuis. De boog wordt de lis van Henle genoemd. Iedere verzamelbuis mondt uit op het nierbekken.
Fysiologie
Een belangrijke eigenschap van de nieren is dat er
Onthouden: creatinineklaring Ck=U x Vx P nogal veel bloed doorheen stroomt, namelijk 25% van de cardiac output. Dit komt neer op 1300 ml/minuut. Een hydrostatisch drukverschil zorgt voor de ultrafiltratie van eiwit- en vetvrij vocht van de glomerulus naar het kapsel van Bowman.
108
De ultrafiltratie rate is een eigenschap van de nier, uitgedrukt in glomerulaire filtratie rate, de GFR. Deze hangt samen met de creatinineklaring, die benaderd kan worden door de concentratie U in de urine te vermenigvuldigen met de urineflow in ml/min (V) maal de plasmaconcentratie creatinine (P)
De GFR kan hieruit afgeleid worden. Bij de meesten komt de GFR neer op ongeveer 120 ml/minuut, dus ongeveer 170 liter per dag. Gelukkig plas je dit niet elke dag uit, maar wordt 99% weer selectief geresorbeerd. 60-80% van het water en de natrium wordt vroeg geresorbeerd in de proximale tubulus. Distaal wordt er gefinetuned; hoeveel water en zout de nier moet verliezen hangt natuurlijk van de situatie af. Deze finetuning gebeurt in de distale tubulus onder invloed van ADH en aldosteron. Naast het afstemmen van het verlies van water en zout regelt de nier ook een deel van de zuur-basebalans. In een normale situatie wordt bijna al het bicarbonaat geresorbeerd en H+ uitgescheiden, maar bij veranderingen in de pH kunnen de nieren metabool compenseren.
“Osmose streeft naar evenwicht, en dat is precies wat in de nier niet handig is” Het countercurrentsysteem
Resorptie in het nefron vindt plaats door osmose. Voor de eerstejaars: twee vloeistoffen gescheiden door een semi-permeabel membraan willen graag gelijke concentraties opgeloste stoffen suiker, zout) hebben. Die moleculen kunnen niet door het membraan, maar water wel. Dus verdeelt het water zich zo dat de concentratie opgeloste stoffen hetzelfde is. Dit mechanisme streeft naar evenwicht, en dat is precies wat in de nier niet handig is. De countercurrenthypothese zegt dat een klein verschil in osmose in twee tegenovergestelde stromen zich vele malen vermenigvuldigt, afhankelijk van de lengte van de buizen. Dat is heel slim, want zo wordt van het statische proces osmose een dynamisch geheel gemaakt.
Endocriene functies
Naast het produceren van urine, maakt de nier een aantal stoffen aan, onderverdeeld in die met endocriene en autocriene functies. De autocriene functies staan niet centraal in de meeste VGT’s, daarom hier de endocriene functies.
Het renine angiotensine systeem
Speciaal ontworpen gladde spiercellen scheiden prorenine, hetgeen door enzymen wordt omgezet in renine. Dit wordt opgeslagen en uitgescheiden in granules. In het bloed converteert het angiotensinogeen in angiotensine I. De uitscheiding is afhankelijk van a) drukverschillen in de afferente arteriolen; b) sympathische tonus; c) osmolariteit in de distale tubulus en d) lokale prostaglandines en NO. Angiotensine I wordt door ACE omgezet in angiotensine II. Dit zorgt voor snelle vasoconstrictie en stimulatie van aldosteron, wat binnen een dag zorgt voor verdere stijging van de tensie.
Erytropoetinine (EPO)
Dit glycoproteïne zorgt voor de erytropoëse. Bij verlies van nierfunctie kan er minder EPO worden uitgescheiden. Dit zorgt dan voor een normochome, normocytaire anemie. Bij cysten en carcinomen kan er ook teveel EPO worden geproduceerd. Dan ontstaat er een polycytemie.
Vitamine D
Vitamine D zorgt ervoor dat calcium en fosfor worden opgenomen uit de darm. Daarvoor moet het echter worden omgezet in 25-hydroxyvitamine D in de lever en daarna in nieren naar 1,25- hydroxyvitamine D. Bij verminderde nierfunctie wordt er minder calcium en fosfor opgenomen en als resultaat daarvan worden de botten brozer. Tevens wordt deze afname opgemerkt door receptoren, die ter compensatie zorgen voor een verhoogde PTH-productie.
Oefenvragen Normaliter is de bloeddrukvoorziening van de nier niet of nauwelijks gevoelig voor veranderingen in de bloeddruk, zoals deze optreden tijdens inspanning of houdingsveranderingen. Waar is deze autoregulatie van de nier onder deze omstandigheden aan te danken? a) Voornamelijk aan het gedrag van de afferente arteriolen b) Voornamelijk aan het gedrag van de efferente arteriolen
Voor een echogeleide punctie van de nier wordt de patiënt gevraagd a) De adem in te houden en vervolgens vast te houden b) Uit te ademen en vervolgens vast te houden c) Gewoon door te ademen Als een chronische nierinsufficiëntie (GFR < 30 ml/min) aanleiding geeft tot een normochrome, normocytaire anemie, dan is in de meerderheid van de gevallen sprake van een tekort aan een bepaade stof. Dit is: a) Erytropoëtine b) Foliumzuur c) Haptoglobine d) IJzer Wanneer de functie van de nieren is verminderd, leidt dit tot: a. Daling van de bloeddruk b. Tot een verhoogd plasmaglucosegehalte c. Tot ophoping van afvalstoffen d. A, b en c zijn allen juist
Antwoorden en bronnen: panacea.nl/panessay
Panessay • 2015:4 • 109
Reportage
Karlijn Saris
Magische diëten II Het rauw dieet en het lintwormdieet Al eeuwenlang gebruikt men allerhande diëten, in de hoop het levensgeluk te verruimen. Of het nu gaat om het verliezen van die paar overtollige kilo’s, het vinden van innerlijke balans of het overwinnen van een chronische ziekte, inmiddels is er voor ieder wat wils. Van glutenvrije vrouwen tot Detox-Day neem ik u mee langs wetenschappelijk onderbouwde crashdiëten en lachwekkende lariekoek. Deze keer: over rauw genieten en parasieten. Rauw: “when you cook it, you kill it!”
Organisch, onbewerkt en vooral ongekookt voedsel. Dat is waartoe je je op het gebied van eten zult moeten limiteren wanneer je besluit je leven te wijden aan de uit Hollywood overgewaaide voedsel-hype: het rauw dieet. Stop met dat eindeloze punten sparen voor die gratis pannenset met antiaanbaklaag, want voedsel mag alleen rauw (niet verhit boven 40 graden Celsius) of gedroogd gegeten worden. De theorie Volgens de raw-foodisten zijn er genoeg redenen aan te wijzen om radicaal een streep te zetten onder het frituren, grillen, bakken, braden en koken, kortom het verhitten van voedsel. Ten eerste zouden essentiële enzymen, vitaminen en mineralen tijdens het kookproces verloren gaan. “When you cook it, you kill it!” De enzymen zouden de levende kracht van voedsel zijn, ze helpen bij de vertering en het voorkomen en bestrijden van chronische ziekten. Volgens de rauwtheorie heeft Moeder Aarde al het voedsel een unieke, perfecte mix van enzymen gegeven die ons gezond houden. Verder wordt beweerd dat tijdens het koken van voedsel (vooral carcinogene) gifstoffen vrijkomen en dat we ons lichaam ermee verzuren, waardoor het een broedplek van gruwelijke ziektes wordt.
“Tekort is in dit dieet het duistere woord”
En de praktijk Er zijn verschillende stromingen binnen het rauw dieet. De grootste groep bestaat uit rauw-veganisten, die geen voedsel eten dat op welke manier dan ook afkomstig is van dieren, maar er zijn ook rauw-carnivoren, die juist vlees en andere dierlijke producten zoals
54
eieren, vis en zuivel rauw en ongepasteuriseerd eten. Over het algemeen is een rauw dieet veganistisch en bestaat het voornamelijk uit ongelimiteerde hoeveelheden groenten, gedroogd en vers fruit, noten, zaden, bonen, zeewier, melk van een jonge kokosnoot en gezuiverd water (niet uit de kraan). Met andere woorden: veel smoothies en salades. Dus per direct mijn combimagnetron en zelfgespaarde pannenset het raam uit mieteren? Wacht hier nog even mee tot de boze buurvrouw voorbij loopt óf tot het einde van dit artikel. Want mocht je toch al van plan zijn wat kilo’s kwijt te raken of zoek je nog een obsessief-compulsieve hobby, realiseer je dan dat rauw eten geen hobby is, maar een levensstijl. Het vergt veel discipline, doorzettingsvermogen en oplettendheid. Je zou wel gek zijn je leven hieraan te wijden als er geen mogelijke voordelen te noemen zijn. Naast de, enigszins subjectieve, positieve effecten genoemd door ervaringsdeskundige rawies (meer energie, een mooiere huid, een hersteld contact met de natuur) is ook daadwerkelijk gebleken dat het volgen van een rauw dieet de kans op hypertensie, harten vaatziekten, nierfalen en maagkanker kan verkleinen, met name door het lage natriumgehalte van dit voedingspatroon. Door het (nauwelijks te vermijden) gewichtsverlies kan ook diabetes type II voorkomen of genezen worden. Dit zijn krasse resultaten! Waarom zijn we niet twintig jaar geleden al massaal begonnen met rauw eten? Omdat we met de ongebakken peren blijven zitten! Natuurlijk zijn dit prachtige resultaten, maar deze worden toegeschreven aan het eten van gezonde, verse producten met een lage calorische waarde en een laag zoutgehalte (niets nieuws onder de zon, toch?) en niet aan het eten van ongekookte bonen en ongepasteuriseerde melk. Valt dat even rauw op je dak! En ja, het is (al dan niet in compleet sociaal isolement) zeker mogelijk om op deze manier te leven en daarbij de meeste voedingstoffen in voldoende mate binnen te krijgen. Je moet hier echter flink uitgekookt voor zijn en de nodige planning-skills in huis hebben. Dit gaat dus ook vaak mis, waardoor enorme tekorten ontstaan in onder andere ijzer, cholesterol, calcium en proteïnen. Een vitamine B12-deficientie is voor de rauw-veganisten overigens onvermijdelijk. Dit komt namelijk alleen voor in producten van dierlijke afkomst.
Dus hoe “puur” dit dieet ook mag zijn, om een écht gezonde levensstijl te hanteren ontkom je als rauw-veganist niet aan een multivitaminesupplementenkuur met 100% van de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid. Tekort is in dit dieet het duistere woord, met osteoporose,tanderosie, fors ondergewicht, amenorroe en voor kinderen vaak ontwikkelingsachterstand tot gevolg. En laten we vooral niet de kans op voedselvergiftiging uit het het oog verliezen, zoals bacteriële infecties en parasieten. Bovendien worden producten als tomaten, broccoli, en spinazie juist gezonder wanneer we ze koken. En over toxiciteit gesproken: men zegt wel: “Honger maakt rauwe bonen zoet,” maar ooit geprobeerd of de behoefte gevoeld peulvruchten, aardappelen, spruitjes of kidneybonen ongekookt te eten? Heel verstandig, want dát is pas giftig! Mocht je overigens, als (toekomstig) arts, na het lezen van de enzymen-theorie, zijn gaan twijfelen aan je opgedane kennis? Ik zal je de ongezouten waarheid vertellen: het idee dat we enzymen uit voeding nodig hebben om ons eigen metabolisme te kunnen ondersteunen wordt op geen enkele wetenschappelijke manier ook maar een beetje erkend. Misschien goed om te weten voordat je aan dit dieet begint, want daar word je toch gaar van?
als psoriasis. De tweede lichting lintwormslikkers ziet het beest als een middel om zonder moeite gewicht te verliezen. Je wordt als het ware de gastheer van de worm, die in jouw lichaam, door middel van zuigers, mee-eet van het voedsel in de maag.
Dat we tot het uiterste in staat zijn om aan het schoonheidsideaal te voldoen, wordt wel bevestigd door het bestaan van dit interessante maar vooral misselijkmakende dieet. Je denkt wellicht dat je het verkeerd gelezen hebt, maar het is de ziekelijke realiteit. In de meeste landen is dit dieet inmiddels verboden vanwege de enorme gezondheidsrisico’s, maar in Mexico kun je voor het luttele bedrag van $1500 lintwormcysten uit rundvlees toegediend krijgen.
En de praktijk Het dieet is niet voor niets verboden in Europa. Lintwormen zijn geen verwende grachtengordelkindjes die niets lusten, doen ook niet aan koolhydraatvrij of ongekookt, ze pikken niet alleen de verzadigde vetzuren uit de hamburgers mee, maar ook de vitaminen uit je appel. Met louter een tekort aan essentiële voedingsstoffen kom je er waarschijnlijk nog het meest voordelig mee weg. Als je pech hebt, verplaatst de lintworm zich door het bloed naar andere delen van het lichaam, zoals de hersenen. Het beest kan cysten vormen in je lever, ogen, de hersenen en het ruggenmerg. Om nog maar te zwijgen over de onvermijdelijke verwijdering van de worm uit het lichaam. Ter illustratie: een lintworm kan tussen de twee en tien meter lang worden, 25 jaar in het lichaam blijven zitten en is tweeslachtig, waardoor het zichzelf kan voortplanten. Geheel begrijpelijk dus dat mensen behoorlijke psychische klachten overhouden aan dit proces.
De theorie De meeste mensen sterven waarschijnlijk liever hun meest vroege, pijnlijke, langzame dood dan dat ze opzettelijk een lintworm inslikken (die er vervolgens ook weer uit moet). De reden dat het blijkbaar toch gedaan wordt is tweeledig. Aanhangers van de eerste theorie geloven dat de mens gemaakt is om in symbiose met lintwormen te leven en dat het feit dat we dat nu niet doen resulteert in een zwak immuunsysteem met als gevolg allergieën en auto-immuunziekten zo
Klinkt goed! Wanneer beginnen we? Dit lijkt me een compleet irrelevante en overbodige vraag. Mocht er op dit moment oprechte interesse bij je naar boven komen, dan zou ik toch een spoedbezoekje psychiatrische inrichting overwegen. Wat gewichtsverlies betreft prefereer ik een extra blokje om. Ik kan gelukkig niet meepraten over leven met hooikoorts of psoriasis, maar in het kader van het verhogen van de weerstand lik ik nog liever vijf keer per week het asfalt van het Noorderplantsoen.
Benieuwd hoe rauw leven er in de praktijk uitziet? Bekijk dan de indrukwekkende documentaires ‘Rauw’ en het vervolg, ‘Rauwer’, te zien via www.panacea.nl/panessay.
Het lintwormdieet: “weer slank en in vorm?
Neem een worm!”
Panessay • 2015:2 • 55
Reportage
Johanna Broese
Salsa, rum & dokters Wie aan Cuba denkt, ziet al snel Bountystranden voor zich met dansende Latino’s en rum en sigaren in overvloed. Cuba heeft de laatste maanden ook op een andere manier de aandacht van de wereld getrokken. De communistische regels zijn onder Raúl Castro’s leiding iets losser geworden en de vijandige band met de Verenigde Staten lijkt bekoeld te zijn met het heropenen van ambassades in elkaars landen. Eerder al zijn de Cubanen als helden in beeld gekomen tijdens het bestrijden van de Ebola-epidemie: zij hadden de grootste groep artsen gestuurd om te helpen. Ook in het land zelf lijken de artsen goed hun werk te doen: de levensverwachting is bijna net zo hoog als die van Nederland (79 versus 81 jaar), ondanks het tienkeer lagere bruto nationaal product. Preventieve geneeskunde speelt in hun gezondheidszorgsysteem een sleutelrol. En wie weet zijn het ook de geheime effecten van rum en muziek die hen gezond houden... Afgelopen lente had ik de kans dit gezondheidszorgsysteem met eigen ogen te bekijken. Ik liep een coschap bij de eerstelijnszorg in Havana. Voorafgaand hieraan nam ik extra Spaanse taallessen aan de universiteit van Havana (erg nodig: de Cubanen praten snel en op zijn Gronings) en reisde ik enkele weken het eiland over om dit interessante land met 11 miljoen inwoners te leren
kennen. Na deze drieënhalve maanden kwam ik verward, soepel in de heupen en met nieuwe ideeën over hoe het óók kan, terug in Nederland.
Een sociale revolutie
Wie naar Cuba afreist, leert onvermijdelijk wat over de geschiedenis. Cuba was in de dertiger jaren onder het dictatoriale bewind van Batista tot een gokparadijs voor Amerikanen geworden. In 1959 kwam Fidel Castro samen met Che Guevara vanuit de bergen en riep de revolutie uit. Hij sloot de casino’s, nationaliseerde alle bedrijven en maakte onderwijs en gezondheidszorg gratis voor iedereen. Voor de revolutie waren er maar 6000 artsen in het hele land en daarvan vluchtte ook nog eens de helft kort na de revolutie naar het buitenland. Che, zelf arts, opende door het hele land medische faculteiten en vroeg artsen naar het platteland te gaan, waar men nog nooit een dokter had gezien, om gezondheidszorg te verlenen. Nu telt Cuba één arts per 150 inwoners, in tegenstelling tot één per 330 in West-Europa. Het land heeft een sociaal systeem waarin iedereen wordt voorzien in basale levensbehoeften zoals huisvesting. Alle Cubanen verdienen ongeveer evenveel ongeacht hun beroep, gemiddeld 40 dollar per maand. Om er een iets comfortabelere levenstandaard op na te kunnen houden, klussen sommige dokters daarom bij als taxichauffeur in de avonduren. Ook worden velen financieel en materieel gesteund door familieleden in het buitenland. Er is een tekort aan veel spullen, onder andere door het handelsembargo, waardoor Cubanen bijzonder creatief zijn. De oldtimers uit de vijftiger jaren zijn al ontelbare keren opgelapt en rijden nog steeds rond. Hoewel Cuba in sommige opzichten als een ontwikkelingsland gezien kan worden, zijn de resultaten op het gebied van de gezondheid goed.
De huisarts als hoek van de samenleving
De Cubaanse gezondheidszorg is opgebouwd uit drie lagen waarbij de consultorio’s, een soort huisartspraktijken, de belangrijkste bouwstenen vormen. Een stuk of twintig consultorio’s liggen om een policlinico heen waar diagnostiek, poliklinische zorg en spoedeisende hulp worden aangeboden. Voor echte spoed en operaties ga je naar het hospital, het ziekenhuis. In elk consultorio werken een huisarts (medico de familia) en een wijkverpleegkundige (enfermera de familia) die samen duizend patiënten onder hun hoede hebben. Zoals de Spaanse naam al doet vermoeden is de zorg op de hele familie gericht. Bij de vele huisbezoeken wordt niet alleen de patiënt in kwestie behandeld of besproken
112
(nooit zal je hier horen: ‘Daar moet u dan maar een nieuwe afspraak voor maken.’), maar iedereen van de familie die in hetzelfde huis woont. Een bloeddrukje meten hier, een receptje schrijven daar. Privacy vormt daarbij geen probleem: dat kent men in dit land simpelweg niet. Door gebrek aan huizen wonen vaak drie generaties in een huis en is het hebben van een eigen kamer een zeldzame luxe (een van de redenen waarom je op allerlei plekken gebruikte condooms ziet liggen). Het leven speelt zich voornamelijk buiten op straat af.
Gezondheidsbevordering
De consultorio’s liggen verspreid door de wijk en je komt ze tegen in elk groot flatgebouw en elk klein gehucht. Aan het voorkomen van ziekte wordt veel aandacht geschonken. Iedereen wordt ingedeeld in een van de vier risicogroepen en aan de hand daarvan wordt het minimumaantal consulten of huisvisites per jaar bepaald. De risicogroepen zijn duidelijk en makkelijk te begrijpen: 1 = gezond, 2 = met risicofactor(en), 3 = chronisch ziek en 4 = gehandicapt/ernstig ziek. Ook de gezonde ‘patiënten’ komen jaarlijks bij de familiedokter. Op Cuba wordt medicalisering als iets positiefs gezien. De gemiddelde medische kennis van Cubanen lijkt dan ook groter te zijn dan die van Nederlanders. Gezondheidsbevordering is overal aanwezig: elke nieuwsuitzending op tv bevat een medische topic, drie keer per week staat er een artikel in de krant over een veelvoorkomende aandoening (bijvoorbeeld obstipatie), op busstations hangen posters over diabetes en op de markt hangen de voedingswaarden van levensmiddelen op grote borden. De Cubaanse geneeskundestudenten leren meteen in hun eerste jaar veel over public health. Ze worden de wijk ingestuurd om bijvoorbeeld in kaart te brengen welke (chronische) ziekten in die wijk veel voorkomen en waar zich eventuele bronnen van dengue bevinden.
Swingende ouderen
Ook healthy ageing wordt op Cuba in de praktijk toegepast. Veertig procent van alle ouderen boven de zestig doet elke morgen samen met hun wijkgenoten de zogenaamde circulo de abuelos (letterlijk: cirkel van grootouders), een uur lang oefeningen onder leiding van een sportleraar of fysiotherapeut. ’s Ochtends zag ik regelmatig deze ouderen met elkaar onder de bomen tai chi-achtige bewegingen maken. Mijn bezoek aan twee bejaardentehuizen was heel bijzonder. Ondanks de armoede en tekorten aan allerlei spullen is de sfeer er goed. Er wordt samen domino gespeeld, rum gedronken, muziek geluisterd en, als ze nog enigszins kunnen staan, salsa gedanst. Misschien kunnen we dit hier ook eens proberen in plaats van het wekelijkse bingo-avondje… De vrolijke, warme cultuur en de kennismaking met een totaal andere staatsvorm en gezondheidszorgsysteem maakten mijn reis naar Cuba heel indrukwekkend en interessant. Voor meer informatie: johannabroese@ gmail.com.
Panessay • 2015:4 • 113
Culture shock
Sofia Bachini
Culinary culture shock Adventures of an Italian in Groningen I have always dreamt about studying abroad and about realizing my dream of becoming a good doctor. I have lived abroad before, but never completely on my own. Instead, I was always hosted by a family that took care of me. Now, I enjoy living alone and I have to say that it is great to be independent. However, sometimes I do experience the feeling of “nostalgia della famiglia”. But what happens if you tell your family that you miss them? That you now appreciate even more, when you used to come home after a tiring day to find a delicious hot meal prepared with love? Well, this is what happened when I told my family, probably underestimating my Italian origins: When I talked to my grandparents on Skype, they immediately asked: “But do you like to live alone? Are you lonely? Do you miss home?” I was completely honest, saying that I really enjoy living by myself but that I notice the differences between the “easy” life back home and the independent life now.
A few days later, my grandparents told me that they would come to visit me in a couple of weeks. I thought it was very nice of them to visit me. I could introduce them to this new chapter of my life. I started to understand my evaluation error the first time we went to the supermarket and a restaurant together. They were worried that I would be too busy to cook myself a proper plate of “pasta” and that I would end up buying some “Dutch food”, which they do not appreciate at all. Afraid of ordering something “not eatable”, my grandfather preferred to order just bread when we went to a restaurant. Additionally, they chose to cook dinner for me to remind me of home and started to buy the necessary ingredients to do so. Not happy enough, the next day they thought it would be nice if they could cook something I could keep in the freezer for a couple of days, so I would not have to cook myself (which I actually enjoy a lot!) In the end, they occupied my kitchen for the entire day. They were both cooking, even my granddad, who I have never seen do anything else other than prepare coffee. Now my freezer is full of different Italian specialties that I can hardly eat all by myself. I found this entire episode very funny. This is because I didn’t realize that, when it comes to food, we Italians can be quite close to the stereotypes known all around the world. Apparently, for my grandparents having cooked for me, allowed them to fulfill their family role and they went back home, happy for me. I guess, sometimes when we think of cultural shock, it’s not only for the person involved personally, but it could especially be for the ones who care about us.
Winactie puzzel Weet jij het antwoord? Voor het eerst presenteert de PanEssay een winactie! Like onze facebookpagina (dat is nou eenmaal een vereiste) en stuur ons de oplossing in een privébericht via www.facebook.nl/panessay en maak kans op werkelijk fantastische prijzen; wij geven drie reflexhamers en een VVV-bon ter waarde van 30 euro weg! Stuur je oplossing in voor 1 februari 2016
114
Puzzel
Marko Pol
Puzzelplezier Horizontaal
Op alle OK’s in den lande weet men: de Groninger geneeskundestudent grossiert in kennis van de humane anatomie. Om deze reden moet deze kruiswoordpuzzel dan ook een koud kunstje voor u allen zijn. Bachelorstudenten mogen nog spieken in Netter of Gray, maar masterstudenten lossen deze puzzel met twee digiti in het neusje op. U bent op zoek naar een voormalig Amsterdams burgervader. 1
2
3
4
5
6 7
8
9
10
11
12
3 Zijn ligament verbindt het middenrif met de dunne darm 5 Wordt gescheiden van horizontaal 27 door horizontaal 3 11 Op dit bot bevindt zich de insertie van de m. brachialis en de origo van de m. pronator teres 12 Deze ligamenten verbinden het sprongbeen met het kuitbeen 13 Latijnse naam van orgaan dat uit vier kwabben bestaat 14 Latijnse benaming van de grote of eindhersenen 16 In de pharynx vind je de ...... van Waldeyer 18 Het staartbeen: os ........ 20 Benaming van de eerste cervicale wervel 22 Hierin bevindt een sesambotje zich per definitie 23 Op dit bot bevindt zich de origo van de m. popliteus 25 Kruising van de tweede hersenzenuwen: ....... optica 27 Wordt gescheiden van horizontaal 5 door horizontaal 3 31 Deze kuitbeenszenuw loopt door de knieholte. Uitval van deze nervus ........ geeft een klapvoet 33 De linker ligt hoger dan de rechter 34 Spierstrengen die het colon ondersteunen: ...... coli 36 Vlies in het oog, met de welbekende staafjes en kegeltjes 37 Tussen de a. subclavia en a. brachialis vind je de a. .........
Verticaal 13 14
15
16
17
18 19 22
23
21
24
25 27
20
26
28
30
29
31
32 33
34
35 36
37
1 Dit lichaamsdeel bevat de venae jugulares en de trachea 2 De zenuwplexus van de darm draagt zijn naam 4 De phrenicus, vagus en musculocutaneus zijn ........ 6 Vierkoppige beenspier. Musculus ........... femoris 7 De ossae hamatum, lunatum en triquetrum zijn ........ 8 Kuitspier die over zowel het knie- als enkelgewricht gaat 9 Uit deze truncus ontspringt o.a. de a. hepatica commu nis en de a. lienalis 10 Dit vindt u wel in een vene, maar niet in een arterie 13 De wervelniveaus C0-C2 noemen we ....-cervicaal 15 Deze structuren vind je inguinaal, axillair en jugulair 17 Flexie van de m. triceps brachii geeft ........ in de elleboog 19 Op het bovenbeensbot zit een major en een minor 21 Afkorting. Arterie die een deel van het cerebellum van bloed voorziet, eerste aftakking van de a. basilaris 24 De a. thoracica interna staat bij veel chirurgen nog be kend als de a. ....... interna 26 Kleinste menselijke bot. Bevindt zich in het middenoor 28 Het sigmoïd bevindt zich ....... van het caecum 29 Deze kraakbeenring bevindt zich rond het glenohume- rale gewricht 30 Deze grote slagader bevindt zich deels retroperitoneaal 32 Broertje van verticaal 21. Laatste aftakking van de a. vertebralis 35 Hier bevinden zich de foramina mentalia
De anatomische les van dr. Panessay • 2015:4 • 115
Reportage
Marko Pol
Harvey Cushing We zijn allemaal bekend met de ziekte van Cushing, secundair hypercortisolisme. Maar wie denkt dat Cushing een stoffige endocrinoloog was komt bedrogen uit. Over de man die de moderne neurochirurgie stichtte, revoluties teweegbracht in de medische wereld en ondertussen ook even een Pulitzerprijs kreeg. Het is 1869 als Harvey Cushing wordt geboren. Hij is de jongste van tien kinderen, uit een waar artsengeslacht. Hij haalt eerst een bachelor in de kunsten en wetenschappen aan Yale, waarna hij geneeskunde gaat studeren aan de Harvard Medical School. Hij volgt zijn coschappen in het Massachussets General Hospital (MGH) en gaat als arts-assistent chirurgie aan het werk in het Johns Hopkins Hospital. Gedurende zijn tijd als arts-assistent en beginnend chirurg bezoekt Cushing veel specialisten in Europa, om te leren van hun werkwijze, maar ook om onderzoek te doen. In die tijd is Europa het lichtend voorbeeld voor de medische wetenschap; de oprichters van het Hopkins zijn hier ook opgeleid. Tijdens onderzoek bij Nobelprijswinnaar Kocher in Bern ontdekt hij de cushingreflex: het stijgen van de arteriële bloeddruk bij het stijgen van de intracraniële druk. Deze ontdekking wordt mogelijk gemaakt door de bloeddrukmeter, recent ontwikkeld door de Italiaan RivaRocci (daar komt de afkorting RR voor tensie vandaan). Cushing neemt dit apparaat mee naar de Verenigde Staten, waar al snel iedereen hem gaat gebruiken. Harvey Cushing met een hersentumorpatiënt die hij zeven keer opereerde.
116
In die tijd is de algemene heelkunde nog echt algemene heelkunde. Zo nu en dan probeert een overmoedige chirurg een schedel binnen te dringen, maar dat resulteert vaak in het verbloeden van de patiënt op tafel. Vervolgens worden er dan een aantal maanden geen breinen meer geopereerd, totdat iemand weer genoeg moed verzameld heeft. Cushing interesseert zich voor deze patiëntengroep en weet voor elkaar te krijgen dat hij de verantwoordelijkheid krijgt over de patiënten die in aanmerking komen voor neurologische chirurgie. Als coassistent is Cushing al bezig met innoveren. Tijdens een operatie moet hij de algehele anesthesie geven, wat werd gedaan met een dosis ether. Algehele anesthesie wordt op dat moment nog maar enkele tientallen jaren gebruikt. De operatie is pas net begonnen als de patiënt begint te braken en in het chirurgische amfitheater overlijdt. Cushing is geschokt, en al helemaal als hij hoort dat dit meer regel dan uitzondering is. Met Amory Codman begint hij een competitie om hierin verbetering aan te brengen. Zo ontwikkelen ze een systeem waarmee de pols en ademhalingsfrequentie van de patiënt gedurende een operatie kan worden bijgehouden. Op die manier kunnen ze de ether beter doseren. Dit is wereldwijd de eerste poging tot intra-operatieve monitoring. Het grootste probleem in de neurochirurgie van dat moment is het onder controle brengen van bloeding. Vaak gaat het al mis bij het openen van de schedel. Middels een tourniquet weet Cushing het bloeden van de scalp onder controle te brengen. Later introduceert hij zilveren clips waarmee hij bloedvaten kan afklemmen. Deze clips worden, in aangepaste vorm, vandaag de dag nog gebruikt, om bijvoorbeeld aneurysma’s af te sluiten. In de jaren twintig van de vorige eeuw ontdekt men het gebruik van elektriciteit voor het opereren van tumoren in de algemene chirurgie en urologie. Cushing werkt samen met William Bovie aan de bipolair, een apparaat waarmee zowel in weefsel kan wordeWn gesneden zonder bloeding te veroorzaken als een bloedvat kan worden gecoaguleerd. De eerste keer dat dit apparaat gebruikt werd, verloopt chaotisch. Het chirurgische amfitheater is volgestroomd met collegachirurgen. Het apparaat is uit een ander gedeelte van de stad getransporteerd en moet ter plekke nog worden afgesteld.
De spanning over of het apparaat het wel zou doen loopt zo hoog op dat de student die als bloeddonor dient voor een eventuele transfusie flauwvalt. De eerste assisterende, een Britse arts-assistent die net drie dagen geleden is gearriveerd, trekt de consternatie ook niet meer en vlucht de deur uit. Toch doet het apparaat het uiteindelijk wel en is de operatie een succes. Dit betekent zo’n verbetering in de operatiemogelijkheden dat Cushing besluit alle patiënten die hij de laatste jaren inoperabel achtte terug te roepen. In totaal schrijft Cushing meer dan driehonderd artikelen en dertien medische boeken. In 1912 schrijft hij voor het eerst over endocriene ziektes bij hypofyseafwijkingen, die wij nu kennen als de ziekte en het syndroom van Cushing. Hij is zeer geïnteresseerd in afwijkingen van de hypofyse en legt ook het verband tussen groeistoornissen en een afwijkende hypofyse.
voor zijn arts-assistenten. Toch werd Cushing wel gewaardeerd door hen, al doet de volgende anekdote misschien anders vermoeden. Cushing ontwikkelde de ziekte van Buerger, een chronische ontsteking van de bloedvaten. Roken speelt een grote rol in het ontstaan hiervan. Niet geheel toevallig rookte Cushing als een kalkoven. Aan het einde van zijn carrière was het zelfs zo erg dat hij met een rolstoel de operatiekamer in moest worden gebracht. Op een gegeven moment wordt hij opgenomen met twee gangreneuze benen. Uiteindelijk herstelt hij hier wel weer van, na zes weken geen tabak te hebben gebruikt. Als hij niet veel later zijn tweeduizendste hersentumor opereert ontvangt hij van zijn assistenten een cadeau. Het is een grote zilveren doos, met daarin tweeduizend sigaretten, een voor elke hersentumor die hij opereerde.
Zijn schrijflust is niet beperkt tot het louter medische. Als student wordt hij goede vrienden met Sir William Osler, een van de stichters van het Johns Hopkins. Deze internist is een ware bibliofiel, met een immense bibliotheek. In zijn arts-assistententijd wonen ze naast elkaar en lopen ze geregeld bij elkaar binnen. Door hem geïnspireerd begint Cushing ook boeken te verzamelen. Na het overlijden van Osler besluit Cushing een biografie over hem te schrijven. Deze biografie levert hem in 1926 een Pulitzerprijs op voor de beste biografie van dat jaar. Nadat Cushing zelf overlijdt laat hij zijn bibliotheek vol medische en historisch-medische literatuur na aan de Universiteit van Yale. Zijn boekencollectie is hier nog steeds in te zien. Dat is echter niet de enige collectie die hier te bewonderen is. Cushing liet meer dan tweeduizend potten vol breinen na aan Yale. Tot enkele jaren geleden lagen deze te verstoffen in de kelders van Yale, enkel bezocht door studenten die zich in de tochtige donkere gangen moesten wagen om toegelaten worden tot ‘The Brain Society’, een studieclub aan Yale. Tegenwoordig zijn meer dan vijfhonderd potten gerestaureerd en te vinden in een aan Cushing opgedragen expositieruimte. Cushing was niet bepaald het type voor een papadag. Werk kwam voor hem op nummer een, hij zag zijn patiënten als zijn familie. Toen hij vlak voor een operatie hoorde dat zijn oudste zoon was verongelukt in het verkeer trok hij zich enkele momenten terug in zijn kamer, om vervolgens toch te gaan opereren. Hij verwachtte een zelfde arbeidsethos van zijn collega’s en studenten. Hij was dan ook niet de makkelijkste
Harvey Cushing tijdens zijn tweeduizendste hersenoperatie.
Op 63-jarige leeftijd moet Cushing vanwege zijn leeftijd stoppen als chirurg. Hij heeft dan al de opleiding tot neurochirurgie aan Yale, Harvard en Johns Hopkins opgezet. Hij werkt nog vier jaar als professor in de neurologie aan Yale, waar hij uiteindelijk ook vanwege zijn leeftijd moet stoppen. Hij stort zich in de jaren daarna op zijn boekencollectie. Op 70-jarige leeftijd overlijdt hij aan een hartaanval. Bij obductie wordt er bij Cushing, die zwoer bij obductie van elke patiënt die hij geopereerd had, toevallig een colloïdcyste in zijn derde ventrikel gevonden.
Lees meer op www.pannacea.nl/panessay
Panessay • 2015:3 • 117
Column
TomA.van Ouweteur Putten
Co-column Van M1 naar M2: Flirten met een andere stad Als je net met M1 bent begonnen dan kan het allemaal nog wat overweldigend zijn. Maar geloof het of niet, er komt een moment dat je M1-veteraan bent geworden. Volgens mij bereik je dat punt als je de spreekuurtoets hebt gehad, de toets die elke M1-co op brute wijze van zijn of haar M1-maagdelijkheid berooft. Daarna zul je inzien dat het helemaal niet zoveel voorstelde en dat het de stress niet waard was. De druk valt weg en dat merk je aan je medestudenten. Bij sommigen verdwijnt de motivatie, anderen worden juist gemotiveerd door het wegvallen van deze stressfactor. Je doorloopt je laatste coschap en binnen enkele weken ben je M1-af. Op naar M2. En dan begint het pas. Hier wordt het kaf van het koren gescheiden. Van vier naar tien coschappen per jaar. Geen KTC-vakanties meer. Louter coschappen beuken. Maar niet in het oude, vertrouwde Groningen. Waar een klein aantal co’s in het mooie Groningen kan blijven wonen, zal de meerderheid de parel van het Noorden moeten verruilen voor een (meestal) onbekende stad. In mijn geval is dit Deventer. Een
118
stad waar ik niet meer van wist dan dat het een Hanzestad is, ze er Deventer koeken verkopen en men eenmaal per jaar een verkleedfeest houdt, met als thema de boeken van Charles Dickens. Als je naar een M2 ziekenhuis elders in het land gedeporteerd wordt, moet er natuurlijk een nieuwe kamer gevonden worden en een volksverhuizing plaatsvinden. Zo gezegd zo gedaan en daar zit je dan. In een onbekende stad, in een onbekend ziekenhuis met slechts een paar bekende gezichten uit M1 om je heen. Wegwijs worden in een onbekende stad is de volgende uitdaging: de route naar het ziekenhuis belooft een kleine Tour de Deventer te worden. Zoekend naar herkenningspunten en te eigenwijs om de weg te vragen, fiets ik door het doolhof van straatjes en steegjes dat het centrum van Deventer vormt. Voor ik hopeloos verdwaal grijp ik naar mijn telefoon. Google Maps is mijn Ariadne en redt mij van een uren durende dwaaltocht. Eenmaal ontsnapt uit de warboel van wegen in het centrum vervolg ik mijn tocht naar het Deventer Ziekenhuis, waar ik binnen enkele minuten arriveer. De terugweg gaat bijna vanzelf en terwijl ik door het centrum fiets merk ik dat verdwalen in Deventer helemaal niet zo erg is. De oude huisjes en smalle steegjes geven de stad een eigen Oudhollandse sfeer waar ik nog niet bekend mee was. Een kleine tien minuten later heb ik mijn nieuwe kamer bereikt, dump ik mijn spullen en besluit ik het centrum verder te gaan ontdekken. Ik heb mezelf altijd voorgenomen dat ik nooit uit het Noorden zou vertrekken. Misschien maak ik voor Deventer dan toch een uitzondering...
Activiteitenkalender
Januari 7 Nieuwjaarsborrel 14 Start UrgenCie EHBO Cursus 15 CCC ouderdag Februari 9 ALV 10 FaMe-avond 15 AkCie Valentijnsfeest Maart 10 Symposium 11-17 Wintersport
Voor meer activiteiten: zie www.panacea.nl
Vrienden van Panacea Binnenkort geen lid meer, maar is de PanEssay het enige lichtpuntje in uw leven? Word dan Vriend van Panacea en steun de vereniging voor ten minste 15 euro. Dan ontvangt u vier keer de PanEssay en de jaarlijkse almanak. Voor meer informatie, mail bestuur@panacea.nl