Skip to main content

Hoogtelijn 3 / 2025

Page 22

Door het Zwitserse Nationale Park

Onbekend maakt onbemind Elk jaar maak ik aan het eind van de zomer een huttentocht. Als ik vertel dat die dit jaar door het Zwitserse Nationale Park loopt, ontmoet ik glazige blikken. Niemand heeft er ooit van gehoord, zelfs mensen die Zwitserland redelijk kennen niet. Hoe is het mogelijk dat dit bijzondere gebied zo onbekend is? Tekst Paul Janse Beeld Paul Janse en David Bruggeman

O

m te beginnen is het Zwitserse Nationale Park in Engadin niet groot, 170 vierkante kilometer, net iets kleiner dan Schiermonnikoog. Verder gelden er sinds de oprichting in 1914 strenge beschermingsnormen in dit oudste nationale park van de Alpen, wat bijvoorbeeld betekent dat er geen wintersport is en dat er maar twee overnachtingsmogelijkheden zijn – meteen de enige twee echte gebouwen in het gebied. Wildkamperen is uit den boze, honden zijn niet toegestaan, bezoekers mogen de paden niet verlaten, bloemen plukken is verboden en in de winter is het hele park überhaupt niet toegankelijk, afgezien van de enige weg die er dwars doorheen snijdt. Er is geen agricultuur, geen bosbouw en zeer beperkt toerisme. De onbekendheid en onbemindheid beginnen al wat begrijpelijker te worden. Het is dankzij alle regels niet echt een voor de hand liggende bestemming. Maar toen ik voor het eerst over het Zwitserse Nationale Park las, fascineerde het gebied me mateloos. Bovendien ligt er ruim 100 kilometer aan wandelpaden. Dit jaar besluit ik het park aan te doen in mijn jaarlijkse huttentocht. Hoewel, huttentocht… twee van de vier overnachtingen zijn in een hotel. Ongeveer de helft van de tocht loopt door het park.

Op weg naar de Fuorcla Val dal Botsch

De enige berghut

Mijn tochtgenoot is dit jaar mijn neef David. Onze tocht begint in Zernez, waar zich ook een informatiecentrum over het Nationale Park bevindt. We klimmen geleidelijk door weiden en bos en zien al snel een informatiebord dat de grens van het park aangeeft. Een poosje later betreden we het idyllische Val Cluozza en dalen we geleidelijk naar de rivier waaraan dit dal zijn naam dankt. Na nog een korte klim bereiken we de bestemming van vandaag: Chamanna Cluozza, de enige berghut in het park, op een hoogte van 1882 meter tussen de alpendennen. We worden zeer hartelijk ontvangen met een glas kruidenthee. Wij zijn vroeg, maar in de loop van de middag raakt de hut aardig vol, met verder – voor zover ik hoor – alleen maar Zwitsers. De volgende dag begint met lichte regen. Het is winderig en tamelijk koud. We stijgen geleidelijk naar de Fuorcla Murter, een pas op 2545 meter. Onderweg wordt het droog en het Nationale Park doet zijn reputatie als dierenparadijs meteen eer aan: we zien, helaas in de verte, een roedel van zo’n twintig grazende gemzen. Op de pas worden we door twee Zwitsers met een goede verrekijker op een groep steenbokken gewezen.

22 | HOOGTELIJN 3-2025

z-22-HL0325-r33-Thema-ZwitersNP-C.indd 22

03-06-2025 13:08


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Hoogtelijn 3 / 2025 by Koninklijke NKBV - Issuu