Skip to main content

Auschwitz Bulletin, 1983, nr. 02 Februari

Page 1

27e jaargang nr. 2, februari 1983

nederlands auschwitz comité

Secr.: E. Furth, Diemerkade 43, 1111 AC Diemen, tel.: 020-905310 bankrek : AMRO BANK, bijk. van Baerlestr. 58, 1071 BA Amsterdam, spaarrek. 40.01.75.088 Gem. giro: 4875500, postgiro 2 9 3 0 8 7 t n v NAC Redaktie: E Tas, Amsteldijk 23, tel. 020-795716, 1074 HS Amsterdam Administratie krant: D van Geens, Renkumhof 50, 1106 JB Amsterdam (Zuid-Oost), tel. 020-972869

Een beeld door mensen gemaakt Wij hebben het weer gehad: de herdenking, het hoogtepunt van het jaar voor alle medewerkers en vrienden van ons comité. Een hoogtepunt in veel opzichten. In aantal bezoekers op de begraafplaats en in de RAI. Ook in de diversiteit: alle landstreken, alle kringen van Nederland waren vertegenwoordigd; ook van over de grenzen, van oost en west waren onze vrienden gekomen, tot uit Amerika toe. De toespraken van Eva Furth en Ab Caransa drukken wij op veler verzoek in dit nummer af. Het optreden van onze artiesten dragen wij in onze herinnering mee. Wie er meer over wil lezen vindt dat in het N I W van 3 februari. O o k van deze plaats onze dank. Natuurlijk is die nog weer groter geworden toeloop geen toeval. Wie er van ons over zijn hebben een stijgende behoefte elkaar op onze reünie te treffen. Meer en meer kampvrienden, die lang van herdenkingen zijn weggebleven, voelen zich nu juist prettiger bij het samenzijn met lotgenoten, ouderen en ook jongeren. Behalve persoonlijke gevoelens drijft de wereld waarin wij leven de vele honderden naar het spiegelmonument en naar de RAI. Die wereld lijdt nog steeds aan wat ons en de miljoenen met ons is aangedaan en aan de oprispingen daarvan. Tegelijk zweven nog ongekende dreigingen boven ons. Ongekend, maar in sterker mate onderkend dan tijdens het deftig geheten interbellum of simpelweg de jaren dertig. Nederland wemelt van de vredesgroepen die elkaar ook weten te vinden en resulteren in een meerderheid onder de bevolking die extra vernietiging-aantrekkend wapentuig afwijst. En dat, mogen wij aannemen, niet uit voorkeur voor het ene of het andere machtsblok, maar uit welbegrepen menselijk belang, in het bijzonder van

het in alle opzichten kwetsbare Europa en daarna van de wereld. Daarvan getuigden honderden mensen onlangs in Utrecht. Oud en nieuw leed De voornaamste scheidslijn, wij weten het, loopt tussen leven en dood, ook in de toekomst. Maar en dat weten wij ook: discriminatie trekt scheidslijnen. Niet-Jood-verklaringen b.v. doen dat. Zowel door rechters als door de minister-president is het verbod van discriminatie in deze ontdoken. Protest is op zijn plaats en wij verwachten dat het parlement de zaken recht zal zetten. In geen enkel opzicht mogen Joodse burgers worden achtergesteld of apart geplaatst. Verband zoeken tussen het bejegenen van boycotmaatregelen tegenover Nederlandse burgers en de politiek van de Israëlische regering is inderdaad om met het CIDI te spreken verbijsterend. Wel spreekt het vanzelf dat de gebeurtenissen in Israël de mensen sterk treffen en beurtelings met zorg, afkeer en bewondering vervullen. Zorg om het uitblijven van een oplossing, afkeer van telkens uitbrekend geweld, bewondering om het handhaven van democratie onder spanning. Vrede mag niet tot Sint Juttemis uitblijven, vinden zij die sinds kort vanuit Nederland Vrede N u in Israël ondersteunen. Oud leed kwam ook direct in het nieuwe jaar in het nieuws. De beruchte kamparts Mengele was opnieuw door Wiesenthal gesignaleerd in een Mennonieten- (of Baptisten)kolonie op de grens van Paraguay, waar hij voorlopig weer rust verwacht. Een gunstig teken vonden wij de uitlevering door Bolivia's nieuw bewind aan Frankrijk van Klaus Barbie, alias

WEEST WAAKZAAM-'

25 februari Het wordt weer 25 februari, waarop wij de Februaristaking herdenken. Om vijf uur die dag gaan het gemeentebestuur en het Februari-comité voorop om kransen en bloemen te leggen bij de Dokwerker. Als vanouds is het NAC daarbij. Allang stromen de generaties van de kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen van de stakers toe. Dat is goed en nodig. Blijft niet achter; allen naar de Dokwerker!

NAC

Altmann. De slachter van Lyon is in Frankrijk bij verstek tweemaal ter dood veroordeeld. Niet alleen is de doodstraf in Frankrijk inmiddels opgeheven, ook het doodmartelen is daar verjaard. Dat vuile werk deed Barbie ook en er zijn getuigen die persoon, tijd en plaats precies kennen. Zelfs wist Parijs al 20 jaar waar de (door de CIA gedekte) slachter zat. De aanklacht zal nu luiden: misdaden tegen de mens(elijk)heid, op grond van nieuw gevonden of ongebruikt materiaal.


Een schreeuw om leven en rust Toespraak van Eva Furth bij de herdenking op de N. Oosterbegraafplaats. 27 januari 1945 trok het Sowjet-leger door de poorten van Auschwitz en het nabijgelegen Birkenau en bevrijdde toen nog enkele honderden zieke en stervende gevangenen. Een week van tevoren, op 18 januari, vluchtten de verliezende Duitse legers en de SS-bewaking uit de kampen en sleepten in hun vlucht duizenden gevangenen met zich mee. Zojuist hebben duizenden voeten over deze stille weg gelopen. Onwillekeurig gaan mijn gedachten terug naar toen, nu 38 jaar geleden. De duizenden voeten van toen strompelden op schoeisel, dat veelal met de beste wil van de wereld, niet meer als zodanig betiteld kon worden. Zij die daar over besneeuwde en hardbevroren wegen liepen, waren in lompen gehuld en uitgehongerd. Zij liepen 25 a 30 km per dag, sliepen in de open lucht, kregen een halve kuch brood als voedsel voor 5 dagen en dronken gesmolten sneeuw voor het lessen van hun dorst. Zij werden omringd door SS-bewakers, die iedereen, die niet meer verder kon, doodschoten. Deze beruchte marsen kostten, met de bevrijding in zicht, duizenden slachtoffers. Vandaag herdenken wij hen. Wij herdenken de 4 miljoen doden van slechts één kamp: 'Auschwitz'. Vier miljoen, bijna de helft van de vooroorlogse Nederlandse bevolking. Daarom staat Auschwitz als symbool voor de grote vernietiging. Zes miljoen joden in Europa vielen als slachtoffer van waanzinnige rassentheorieën. Cijfers en statistieken; elk onderdeeltje daarvan herbergt een wereld van verdriet en onmenselijk lijden... Talloze offers zijn er gerbracht om deze verwerpelijke theorieën te bestrijden. Straks zal er, naar goede gewoonte, even stil worden gestaan bij het Buchenwald-gedenkteken om hen die in het verzet gevallen zijn, te eren. Voor de vrijheid in de wereld, voor de vrijheid van Nederland, lieten tienduizenden jonge mensen hun leven op het slagveld, op zee en in de lucht. Eens waren zij de trots en de vreugde van hun ouders, vrouw of geliefde. Onder dit gebroken spiegelglas rust een urn met as en beenderen. Die werd in 1952 meegebracht door een delega-

tie van Nederlandse oud-Auschwitzers, uit de kalkputten van Birkenau. Ik zeg kalkputten, omdat de crematoria slechts 10 tot 80.000 doden per dag konden verwerken. In een uiterste poging hun misdaden uit te wissen, hebben de kampbeulen bij hun vertrek uit het kamp deze crematoria op geblazen. Nimmers, ook als de laatste getuige van de grootste misdaad aller tijden er niet meer is, zullen deze misdaden vergeten worden. Daarvoor zijn er geschriften, boeken én monumenten, zoals dit waarbij wij nu staan. Jan Wolkers, die dit gedenkteken ontwierp, dacht dat de hemel na Auschwitz nooit meer ongebroken kon zijn en symboliseerde deze gedachte in gebroken spiegelglas. Stil staan bij het verleden, bij het grote leed is niet voldoende, nu de gevaren en dreiging van herlevend fascisme en anti-semitisme weer levensgroot op ons afkomen. Wij, die dit alles kennen uit de dertiger jaren, onderschatten deze symptonen niet. Het maakt ons angstig, maar ook woedend en het noodzaakt ons opnieuw, op onze oude dag, tegen de onverlaten op te treden. Vandaag, precies 50 jaar geleden, kwam Adolf Hitier in Duitsland aan het bewind. Aanvankelijk had bijna niemand de grote mond, de dreigementen en de bloed en bodem — theorieën van een krankzinnige au sérieux genomen. Maar het onmogelijke bleek waar. Het overgrote deel van het Duitse volk, de nakomelingen van Goethe, Schiller en Beethoven, liepen in massa achter hem aan, brulden 'Sieg Heil' en

'Dood aan de Joden' en lieten het helaas niet bij leuzen alleen. Waartoe het geleid heeft weten wij allemaal. Hoe ongelooflijk het ook moge klinken, vandaag de dag, nog geen 40 jaar na de grote catastrofe, klinken dezelfde leuzen, aangevuld met leuzen vol haat tegen vreemdelingen, een minderheid in onze maatschappij die, net als toen, de schuld krijgt van ekonomische moeilijkheden. Gisteren is er in tal van grote Duitse steden gedemonstreerd tegen het herlevende fascisme en oorlog. Ook vandaag wordt er betoogd. O p dit andere Duitsland en op alle anti-fascisten is onze hoop gevestigd. H u n vastberaden 'neen' verdient onze steun op alle gebied. Het spookbeeld van een dreigende kernoorlog beheerst ons denken. Zogenaamd voor het handhaven van de vrede loopt het bewapeningsbudget op tot in het oneindige. In een wereld waarin dagelijks honderden mensen sterven van honger en ellende, worden miljarden uitgegeven met geen ander doel dan om, in geval van oorlog, zoveel mogelijk mensen te kunnen vernietigen. Miljoenen oudere mensen vechten om het bestaan van kinderen en kleinkinderen. O p miljoenen jonge mensen steunt de vredesbeweging. Samen vormen zij een machtig leger. Samen roepen zij: 'Stop deze waanzin' Deze schreeuw om leven en rust moet gehoord worden! Dit moet de boodschap zijn die wij, oud-gevangenen, willen doorgeven. Zolang kunnen, zullen wij, met op de achtergrond onze ervaringen, ons inzetten voor vrijheid en vrede in de gehele wereld. In saamhorigheid, nauw verbonden in gezamelijk leed, zullen wij nu één minuut stilte in acht nemen om allen, die ons ontvielen, te gedenken.

Opvang na TV-films Na enige opschudding in de media om het I C O D O (Informatie- en Coördinatieorgaan Dienstverlening Oorlogsgetroffenen) inzake uitzending van en opvang na films over de jaren '40-'45 etc. deelde de directeur, de heer Mourits, ons mee 'Het I C O D O is van mening dat er niet genoeg gewaarschuwd kan worden. Hoe dat effectief en verantwoord moet gebeuren, verdient goed overwogen te worden.' Dit in verband met coördinatie van uitzendingen en de opvang van getroffen

mensen na afloop. Ons comité had o.m. geschreven: Verder zijn wij van mening dat, zolang er mensen zijn, die beweren dat Auschwitz een leugen is en dat alle joden vergast moeten worden, alle gastarbeiders en kleurlingen hetzelfde lot toewensen, kortom de nieuwe fascisten, geconfronteerd dienden te worden met de gevolgen van deze verwerpelijke theorieën en de gevolgen van rassendiscriminatie.


Getuigen om te voorkomen Toespraak in de RAI door ing. A. Caransa Auschwitz-herdenking 1983. Al 37 jaar herdenken velen van ons de bevrijding van Auschwitz / Birkenau. In de eerste jaren nog op een manier van: 'een paar jaar geleden om deze tijd...'. En dan volgde, meestal heel schuchter, een klein tipje van onze belevenissen in januari 1945. Sindsdien zijn wij anders gaan herdenken, meestal intensiever. In de eerste plaats omdat de omstandigheden daar aanleiding toe gingen geven, maar ook omdat wij de zaken anders zijn gaan zien en anders zijn gaan verwerken dan in die eerste jaren. Het feit van de herdenking blijft, en daarmee het direkte verband dat bestaat tussen onze bevrijding, de daaraan vooraf gegane gebeurtenissen en de politieke feiten die daar weer aan ten grondslag lagen.

Zonder toekomst is het verleden zonder zin geweest N u al weer meer dan 60 jaar geleden, in juni 1922 werd in Duitsland rijksminister Walther Rathenau vermoord. De voornaamste aanleiding tot die moord was de omstandigheid dat Rathenau een Jood was. In de straten van Duitsland klonk de kreet: 'Knallt ab den Walter Rathenau, die gottverfluchte Judensau'. Een Jood werd om zijn Joodzijn vermoord, en de wereld reageerde nauwelijks. Later, veel later zouden we pas goed gaan beseffen hoe misdadig dat zwijgen is geweest, en welke consequenties dat zelfde zwijgen heeft gehad. Immers, is zwijgen wanneer onrecht wordt begaan en misdaden worden gepleegd niet even erg als het begaan van dat onrecht zelf? Is onverschilligheid in zaken de menselijkheid betreffende niet even verwerpelijk als het vertrappen van de menselijke waardigheid? Mede door diezelfde onverschilligheid was het mogelijk dat vandaag precies 50 jaar geleden, op 30 januari 1933, Adolf Hitier als Rijkskanselier werd beëdigd. Zijn doel, en ik citeer: 'Het vestigen van de totale macht van de NSDAP, het invoeren van het Führer-

principe en het uitschakelen van de Grondwet'. O p die dag, 50 jaar terug, werd in Duitsland het Recht afgeschaft. Vanaf die dag werden de mensenrechten in Duitsland officieel en stelselmatig verkracht. Het was niet alleen de angst die de Joden in Europa de slaap benam. Het was ook het geschonden rechtsgevoel dat aan hen vrat, zij het gelukkig niet aan hen alleen, al was en bleef de weerstand beperkt tot een kleine groep. De rechteloosheid werd temeer gevoeld, omdat de liefde voor het Recht en de Rede altijd diep in de Joodse traditie hebben geleefd. Als uiterste consequentie van de gebeurtenissen welke in 1922 begonnen zijn en sindsdien in steeds heviger mate plaatsvonden, waren 38 jaar geleden, eind januari 1945, duizenden gevangenen uit Auschwitz en omringende kampen op weg. Ze waren bezig aan een evacuatie in westelijke richting. Het was een martelgang die voor velen van hen, dat wil zeggen voor velen van ons, de evacuatie uit dit leven zou betekenen. We hebben die beelden nog op ons netvlies, en ze bezorgen ons nog steeds nachtmerries. Inmiddels waren echter ook al enkele honderden, waaronder ik zelf, zonder dat we het eigenlijk beseften, vrijwel ongemerkt bevrijd. Geen spectakulaire bevrijding, achteraf eigenlijk een anti-climax na alles wat er aan vooraf was gegaan. Blechhammer lag plotseling achter de frontlinie en de eerste Russische patrouilles waren in het kamp waargenomen. Twee generaties verder Vandaag zijn we 38 jaar, bijna twee generaties verder. Nochtans, vandaag, 38 jaar na de bevrijding van Auschwitz zijn er kinderen onder medische behandeling omdat hun grootouders gevangenen zijn geweest in Auschwitz. En intussen zijn er discussies aan de gang rond de kliniek van professor Bastiaans. Vandaag, 38 jaar nadat voor het eerst schuchter de kreet: 'Nooit meer Auschwitz' klonk uit kelen die nauwelijks nog tot spreken in staat waren, beleven wij een groeiend radicalisme, een toenemend racisme, een toenemend antisemitisme. Natuurlijk kunnen daar verklaringen voor gegeven worden; de gedragswetenschap is voldoende vergevorderd om ons duidelijk te kunnen maken welke samenhangen er precies

bestaan tussen economische neergang en vreemdelingenhaat. Maar de wereld in haar geheel, en wij in het bijzonder, zijn er niet bij gebaat — en zeker ook niet bereid ons neer te leggen bij een wetenschappelijke verklaring zonder meer. Wanneer de aard van de ziekte is vastgesteld dient direct met de genezing te worden begonnen. Maar wat te denken van die genezingsmethode wanneer weliswaar in juni 1980 in de Nederlandse Staatscourant wordt opgenomen dat het afgeven van een 'Niet-Jood' verklaring onwettig en daarmee strafbaar is, maar dat niettemin op 28 januari 1983 een bedrijf dat zo een verklaring afgeeft door de kantonrechter wordt vrijgesproken. Reden voor die vrijspraak: dat en ik citeer: 'er geen sprake is van rassendiscriminatie, hooguit van discriminatie van godsdienst'. Einde citaat. Het is het afgelopen najaar in ons land voorgekomen dat Joden bang waren om de synagogediensten tijdens de Hoge Feestdagen bij te wonen, en ook is het voorgekomen dat zowel hier als elders Joden hun naambordje en hun Mezoeza van de deurpost schroefden, omdat ze bang waren geworden na de aanslagen in Antwerpen, Parijs, Rome en Sydney. De lijst is alweer onheilspellend lang geworden. Welnu, deze angst maakt mij bang. Bang voor de geestelijke volksgezondheid in een land dat terecht trots is op zijn humanistische verleden, en er eveneens terecht trots op is een open democratie te zijn. Dit ondanks die éne vlek op het tafelkleed in onze Tweede Kamer. Een diep ravijn Waarom kom ik juist vandaag terug op de gebeurtenissen die ons het afgelopen jaar zo getroffen hebben? Het antwoord is eenvoudig. Zoals voor de overlevenden van de tweede wereldoorlog in Zuid-OostAzië 15 augustus, de dag waarop Japan officieus kapituleerde enorm belangrijk is, en voor Nederland als land de 4e en de 5e mei, zo is voor velen van ons de periode rond de 20e januari de belangrijkste in ons leven. Toen mijn ouders nog leefden, vierden wij thuis elk jaar de 21ste januari, de bevrijdingsdag van mijn vader en mij. Hoe belangrijk en ingrijpend de periode was die wij rond de 21ste januari 1945 hebben afgesloten blijkt o.a. uit de enorme hoeveelheid literatuur die aan dat tijdperk is gewijd. En als ik aan deze literatuur denk, denk ik onmid-


dellijk aan één van onze grootste dichters, wijlen Ed Hoornik. In 1939, naar aanleiding van een pogrom in Duitsland schreef hij: 'De Jodenbreestraat is een diep ravijn. Een korte schreeuw weerkaatst tussen de wanden. Het is maar tien uur sporen naar Berlijn'. De Jodenbreestraat zoals Hoornik die bedoelde bestaat niet meer, en Berlijn is niet alleen veel dichter bij gekomen, het boezemt ons ook geen angst meer in. Voor velen in die stad zelfs een symbool van de vrijheid geworden. We hebben geen angst meer voor Berlijn, we zijn bang voor wat er om ons heen gebeurt, voor de ontwikkelingen in onze eigen samenleving en voor de ontwikkelingen in sommige van de ons omringende landen. Wéér kom ik terug bij Ed Hoornik. Al in 1968 sprak hij op onze herdenking, hier in dit zelfde RAI-gebouw over dergelijke ontwikkelingen, en ik citeer: 'Ontwikkelingen, waarvan we 23 jaar geleden — in de roes van de bevrijding — dachten dat ze voorgoed voorbij zouden zijn. Racisme, oorlog, honger en terreur...' 'Dachten, ja..., maar de werkelijkheid was anders, is anders. Ik weet zeker dat het geen verschil maakt of ik Dachau of de wereld zag'. Tot zover Hoornik. Wij mogen voor Dachau ook Auschwitz invullen. Immers, voor ons symboliseert Auschwitz alles wat nazisme en racisme zo verwerpelijk maken. Het symboliseert ook de vreselijke verliezen die we hebben geleden, verliezen waar we nooit over heen komen. Zijn we dan zo een treurig troepje mensen? Levenslang overleven Hebben we echt zoveel medelijden met ons zelf? Gelukkig niet. Elk jaar na onze reünie ga ik optimistisch naar huis. Elk jaar zie ik een zaal vol levenslustige vitale mensen die ondanks het feit dat ze in de ochtend van hun leven vaak heel lang in een gebroken spiegel hebben moeten kijken, en daar bijna elke dag — als is het maar één ogenblik — nog in staren, daarna toch de moed hebben opgebracht om niet alleen verder te leven, maar ook iets van dat leven gemaakt hebben, niet in de laatste plaats voor anderen. Die moed zullen we ook in de toekomst nodig hebben; ik denk daarbij met name aan de discussie rond een eventuele vrijlating van

de Twee van Breda, een discussie die dreigt weer op gang te komen. Daarom is het goed dat wij elkaar elk jaar weerzien, samen met onze vrienden van de ons na aan het hart liggende organisaties en instellingen. Het is een traditie die bewezen heeft waard te zijn om gehandhaafd en voortgezet te worden. De stijgende belangstelling voor deze jaarlijkse bijeenkomst spreekt voor zichzelf. Dat jaarlijkse weerzien van oude vrienden is belangrijk. Maar we moeten ons realiseren dat het een reünie s, volgens mijn woordenboek: 'een gezellige bijeenkomst van mensen die elkaar van vroeger kennen'. Van vroeger, uit het verleden. Maar zonder toekomst is het verleden zonder zin geweest. En die toekomst is gebaseerd óp en ontleent zijn betekenis aan onze belofte en eis: 'Nooit meer Auschwitz'. Dat verleden raken wij nooit meer kwijt. De dichter Koolhaas heeft al gezegd: 'Overleven duurt levenslang.' We mogen dat verleden ook niet afdanken, want tenslotte één van onze belangrijkste opgaven is te getuigen zoals Elie Wiesel het uitdrukt: 'getuigen teneinde te voorkomen!' In de Joodse traditie is de betekenis van de getuige, van de kroniekschrijver, altijd erg belangrijk geweest. Maar dat getuigen moet zinvol zijn. Het moet onze belofte inhoud, handen en voeten geven. Ons getuigen moet er daarom op gericht zijn te helpen voorkomen dat de mensheid weer op een catastrofe af holt. Zoals de uiterste consequentie van het woord 'Rotjood' Auschwitz is, zo is de uiterste consequentie van de huidige radicalisering, zowel nationaal als internationaal, een Oost-West of een Noord-Zuid Holocaust. Ons getuigen dient daarom in goede vormen te worden gegoten. Aan verdriet en statistiek moeten we liefde en didaktiek toevoegen. Onze ervaringen moeten toegankelijk gemaakt worden voor anderen. In materiële zin werken we daar al aan mee. Naast onze aanwezigheid bij tentoonstellingen en andere manifestaties zijn wij, zij het op bescheiden wijze, mede betrokken bij de totstandkoming van de permanente tentoonstelling die 12 april in het voormalig doorgangskamp Westerbork geopend zal worden. Voor dit duplicaat van het Nederlandse paviljoen in Auschwitz, die ontroerende tentoonstelling bij de opening waarvan in juni 1980 zo velen van de

hier aanwezigen acte de présence gaven, mag het Nederlands Auschwitz Comité wederom een replica van de door mevrouw Baanders ontworpen beeldengroep 'De Gevangenen' schenken. Er is echter veel meer te doen, met name op het gebied van de voorlichting en het onderwijs. Getuigen ten einde te voorkomen! Opdat niet alleen nu, maar ook in de toekomst de tekst van het laatste fotopaneel van het Nederlandse paviljoen in Auschwitz waar zal blijken te zijn: Dat er Joodse kinderen, óók in Nederland zullen blijven spelen en lachen. Vrij van angst.

Tentoonstellingen De jaren 1940-45, het fascisme en wat gewone mensen aan de vrede kunnen doen: daarover gaat de tentoonstelling die van 22 t/m 25 februari van 9 tot 12 en behalve vrijdag van 14 tot 16 uur is te zien in de Oranjekerk, 2de v.d. Helststraat / hoek van Ostadestraat, Amsterdam. Georganiseerd door het Vredescomité Oranjekerk. Soortgelijke exposities zijn in de afgelopen tijd met veel succes te Amsterdam gehouden in de Linnaeushof en in de bibliotheek op het Roelof Hartplein. Er worden vooral scholen uitgenodigd. O o k verder weg wordt tentoongesteld. In Oost-Londen wordt op 23 februari een Auschwitz-tentoonstelling geopend. Van 18 tot 27 april wordt er in Manchester een expositie gewijd aan de Holocaust; onze vriend Leon Greenman zal het geheel toelichten. Nog verder weg: Charlotte: leven of theater, 200 gouaches die het levensverhaal vormen van Charlotte Salomon uit het bezit van het Amsterdamse Joods Historisch Museum kan men tot 27 maart bewonderen in het Magnus museum, te Berkeley, Californië.

Gravin Mariza Gravin Mariza van Emmerich Kalman klinkt o.l.v. Lex van Weren op 25 en 26 maart, nu Kunst en Vriendschap 75 jaar bestaat. O p vrijdag 25 maart betalen onze lezers ƒ 6,— i.p.v. ƒ 8,—, zaterdag 26 maart ƒ 12,5;, bal na. Inlichtingen en kaartverkoop: Bert Hoeting 020-121489.


Oproep Februari-comité

van vrouwen en jongeren komt in het gedrang. De nog steeds bestaande woningnood treft jongeren onevenredig zwaar. Vooral hun perspectieven op studie, werk, wonen, een zelfstandig bestaan, worden verduisterd. Maar al te gemakkelijk wordt getracht de kwalen van de crisis af te wentelen op minderheden in onze samenleving en daarmee de weg te openen tot aanwakkering van vreemdelingenhaat. Steeds vaker worden mensen, die 'anders zijn' of er anders uitzien gediscrimineerd. Dat is onaanvaardbaar. Onderlinge solidariteit is belangrijk om dat soort pogingen tegen te gaan, om racistische ideeën te bestrijden. In de bestrijding van elke onderdrukking naar ras, kleur of sekse is vooral de activiteit van hen die werkzaam zijn in de publiciteitsmedia, in het onderwijs en elders van groot belang. Het Februari-Herdenkingscomité acht het ook nu nodig te wijzen op de vrede bedreigende gevaren, in het bijzonder de kernwapenwedloop. Nederland dient zich afzijdig te houden van elke stap, die het atoomwapenarsenaal doet groeien en moet zelfstandig initiatieven ontwikkelen om het atoomgevaar te keren. Daarom moet plaatsing van atoomraketten op Nederlands grondgebied worden afgewezen en moet er koers worden gezet op de weg van vrede, veiligheid en ontspanning, niet alleen in Europa maar in de hele wereld. De kernwapenwedloop in Oost en in West moet worden beëindigd. Dat is in de geest van de Februaristaking 1941, omdat ook toen de bescherming van de nationale zelfstandigheid en veiligheid op het spel stond.

O p vrijdag 25 februari 1983 zal opnieuw de Februari-staking 1941 worden herdacht. De Februari-staking 1941 was het massale antwoord van honderdduizenden mannen en vrouwen in Amsterdam en omstreken tegen het mensonterende optreden van de Duitse fascistische bezetters. Zij was direct gericht tegen het wegvoeren van onze joodse landgenoten. Aan de staking ging de oproep ('Staakt, staakt, staakt!') van de illegale C P N vooraf. De Dokwerker, symbool van de Februari-staking 1941 (een moedige daad van zovelen), roept deze bewogen dagen uit de geschiedenis van het nationale verzet in herinnering. Mede als gevolg van de Februari-staking werd in ons land de totstandkoming van een Mussert-regering verhinderd en kreeg de weerstand tegen fascisme en antisemitisme een krachtige impuls. Deze waardevole traditie moet ook thans worden hooggehouden. Meer nog dan in voorgaande jaren het geval was, zal de komende herdenking in het teken staan van waakzaamheid en van strijd tegen alle verschijnselen van fascisme, rassenwaan, antisemitisme en vreemdelingenhaat. Symptomen daarvan dringen wederom in onze samenleving door. Het Februari-Herdenkingscomité is daarom van oordeel dat op allen, die de menselijke waarden waarvoor de Februaristakers zich destijds hebben ingezet, willen verdedigen, de morele plicht rust zich tegen deze gevaren te keren.

Het is dringend nodig op te treden tegen alle openlijke uitingen van racisme, antisemitisme en vreemdelingenhaat. Daarm moet een einde komen aan de weerzinwekkende activiteiten van de z.g. 'Volksunie' en van de 'Vikingjeugd'. Er mag niet worden toegegeven aan de eis van de Westduitse Bondsdag tot vrijlating van de Twee van Breda. Wij vinden het verheugend dat talrijke Nederlanders, jongeren en ouderen, zich hiervan niet alleen bewust zijn, maar zich tezelfdertijd in buurten, instellingen, op scholen en in bedrijven in toenemende mate organiseren en eendrachtig handelen. Wij zijn van mening dat ook en vooral de overheid een grote verantwoording draagt. Zij dient effectieve maatregelen te nemen, want het gaat om de bescherming van hen, die het slachtoffer zijn geworden van de nazi-misdaden in de veertiger jaren. Het gaat ook om het scheppen van garanties, opdat thans de gehele bevolking gevrijwaard wordt van verderfelijke propaganda zoals die onder meer door de Centrumpartij wordt verspreid.

Prof. Bastiaans onderscheiden

Joop Voogd-Park en Jordanië-Israël-reis

Prof. dr. J. Bastiaans, de psychiater die baanbrekend werk heeft verricht voor o.m. kampslachtoffers heeft onlangs te Nice de driejaarlijkse onderscheiding van de World Veterans Organisation in ontvangst genomen. Prof. Bastiaans, met 65 jaar teruggetreden als hoofd van de Jelgersma-kliniek te Oegstgeest, zal zijn 'werkplek' in het oude gebouw voorlopig behouden: een twaalftal bedden voor patiënten met een KZ-syndroom. Het is te hopen dat hij en na hem zijn leerlingen dit werk kunnen voortzetten zolang het nodig is. En dat is helaas lang.

N u de herdenking nadert, doet ons comité een klemmend beroep op alle democratisch gezinde mensen zich de gevaren en dreigingen van deze tijd te realtseren. Velen verkeren in onzekerheid en hebben angst voor de toekomst. De werkloosheid neemt schrikbarend toe, talrijke voorzieningen en verworvenheden dreigen te worden aangetast, het levenspeil daalt. Vooral de positie

O p 14 april a.s. wordt het Joop Voogd-Park in Givat Hamoreh bij Afoela ingewijd. Voor deze gelegenheid wordt een reis naar Jordanië en Israël van 4 tot 21 april georganiseerd. Men verblijft 5 nachten in Jeruzalem, 5 in de kibboets Nof Ginossar aan het meer van Tiberias, drie nachten in Nathanja en drie in Jordanië. Gevlogen wordt van Amsterdam naar Amman en terug. De kosten op basis van — grotendeels — vol pension zijn ƒ 3085,— p.p.

Aanmeldingen en inlichtingen bij de Amsterdamse oud-wethouder Wim Polak, Michelangelostraat 107, 1077 CA Amsterdam, tel. 020-726066. Er is nog plaats voor bomen in het Joop Voogd-Park a ƒ 15,— per stuk op postgiro 4998 t.n.v. het J.N.F. De bedoeling is Joop Voogd deze reis aan te bieden. Bijdragen hiervoor kan men storten op postrekening van Wim Polak 510058 onder toevoeging 'reis Joop Voogd'.


Moeder was niet thuis voor haar begrafenis Dit boek van M. S. Arnoni verslaat de reis van een overlevende van Auschwitz-Birkenau terug naar zijn geboorteland Polen. Vooraf waarschuwt de schrijver de lezeressen). Als de lectuur stokt door hevige emoties, opgeroepen door een van hen die de Holocaust overleefden, verzoekt hij ze dringend verder te lezen. Misschien wordt er beweerd; 'alweer een boek over concentratiekampgruwelen'. Vaak moeten wij vele werken doornemen of films aanschouwen om diegene die er uit springen des te meer te waarderen. Dit boek mogen wij wel als een topper beschouwen. De hoofdfiguur is geen held, maar iemand die gevochten heeft om het te doorstaan en als overlevende het onrecht aan de kaak te stellen. Kwalitatief is het wat inhoud en uitvoering betreft een sieraad in het boekenbezit. Wij overlevenden moeten onophoudelijk vertellen van de wandaden aan ons bedreven en van de experimenten op ons uitgevoerd, zolang ons brieven zonder namen van afzenders gezonden worden, met verkondigingen als volgt: 'Vuile rot Joden, Jullie hadden ook vergast moeten worden. Auschwitz is

een leugen'. (Waar heeft dat uitmoorden van familie, vrienden, buren, staden landgenoten en de ervaring van ons, overblijvertjes, dan moeten plaatsvinden?) De beenderen in de massagraven waarmee zo gezeuld en schennend huisgehouden werd, choqueren de tv-kijkers, terecht. Maar de doden kunnen niets meer navertellen noch schrijven hoe zij ter dood zijn gebracht. Tot diep in de nacht heb ik in het boek gelezen, na het laatste tv-nieuws. Als ik dan van de inspanning vermoeid in slaap viel, kon ik weer fris van geest en lichaam de volgende dag verder lezen. Dat had ik wel nodig om Arnoni te kunnen bijbenen naar zijn hoger niveau; tussen de schriftgeleerden en filosofen, waar hij zich heel wel op zijn gemak voelt, moest ik af en toe bijgestaan worden door de dikke van Dale. Ik wil nog enige regels van de auteur aanhalen: 'In zo'n wagon zaten Moeder en ik. Van Lodz naar Auschwitz is het maar zo'n 200 kilometer. Maar toen, al die jaren geleden, duurde de reis twee of drie dagen en nachten. De spoorwegmensen hadden er heel wat mee te stellen. Aldoor reden er treinen af en aan

Vervolg van pag. 1

De beulsknecht van Amsterdam heeft (aan journalisten van Der Stern) zelf verteld hoe hij de heer Cahn, een van de eigenaars van de Kocobar in de Van Woustraat, heeft mishandeld. O o k in de provocaties en razzia's op en om het Waterlooplein van 22 en 23 februari 1941 had Barbie naar eigen zeggen de hand. Vast staat dat hij vooraan stond bij de deportatie van de geëvacueerde bewoners van het werkdorp voor Palestinapioniers in de Wieringermeer. Er zijn getuigen, mr. Abel Herzberg en een van de tijdig ondergedoken Duitse Joodse jongens J. W. Reuthlinger. Het gebeurde op 11 juni 1941. Een aantal van de in februari '41 gepakte Joodse jongens is in Hartheim bij Linz, de proefgaskamer voor Mauthausen, vergast. Niet alleen aan de vooravond van zijn moordbedrijf in Frankrijk en elders maar ook na zijn vertrek uit Lyon

Oefenen in Nederland Barbie blijkt in Nederland te hebben geoefend in zijn beulswerk en wel van meet af aan. Eigenlijk van voor 'het' begon. Al sinds 1937 interesseerde hij zich als SD-man in Düsseldorf voor het doen en laten van Duitse antifascisten hier te lande. Dit in samenwerking met Nederlands politie-instanties. Volgens Beate Klarsfeld is Barbie op 25 mei 1940, ruim een week na de bezetting al, naar Den Haag gekomen, onder SD-Harster. Die zomer bemoeide hij zich met de Amsterdamse politie, op zoek naar Duitse joden en politiek actieve emigranten. Weldra werd Barbie SS-Obersturmführer, omdat deze 'ziel van de Gestapo' in Nederland 'onvermoeibaar en intensief' voor de SD in de weer was. En dat werd op 15 oktober 1940 schriftelijk vastgelegd!

naar het Oostfront. De treinen met soldaten en munitie die de slachting door het Rode Leger moesten keren kregen voorrang. Passagierstreinen gingen natuurlijk ook voor. Treinen met goederen voor de burgerbevolking ook. Met andere woorden, iedereen had voorrang op ons. Hou daarnaast nog rekening met het feit dat veel spoorbanen gebombardeerd waren, en je krijgt een idee van de omvang van de problemen waarvoor Eichmann en zijn medewerkers stonden. Maar al had onze veetrein dan af en toe vertraging, dat hij zijn bestemming zou bereiken stond zonder meer vast. Ze stuurden ons wel heen en terug, maar nimmer was er enige twijfel over wat er uiteindelijk met ons zou gebeuren.' O p die bestemming zijn we bijna allemaal terecht gekomen. Met Arnoni hebben wij de reis vele malen opnieuw en met volkomen dezelfde gevoelens gemaakt. Vooral voor de manier waarop hij het mede-doorstane vertolkt heeft ben ik M. S. Arnoni hartelijk dankbaar en naar ik hoop heel velen met mij.

Jacques I. Furth.

M. S. Arnoni, Moeder was niet thuis voor haar begrafenis, De Bezige Bij, Amsterdam, 2de druk 1983, paperback ƒ 35,—.

heefft Barbie in Nederland gewoed: hij was betrokken bij de dood van een vijftal vrijmetselaars op Zorgvlied. De Nederlandse justitie zal een bijdrage leveren aan het komende proces tegen de man die zijn nazi-praktijken ook na de oorlog en over de oceaan heeft voortgezet. O o k een Kamerdebat is zo een bijdrage. Dank zij het energieke en persoonlijke optreden van de advocaat Serge en actievoerster Beate Klarsfeld kon 'Klaus Altmann' worden geïdentificeerd en zijn wij veel aan de weet gekomen ook over zijn activiteiten hier, speciaal in februari 1941. Jonge mensen, kinderen ook houdt dat in deze dagen bezig. De wandaad en het verweer ertegen, is gesymboliseerd in Mari Andriessens Dokwerker. 'Een beeld door mensen gemaakt', schreef een kind onder haar tekening van die figuur. Laat ons dat beeld door ons eigen handelen bevestigen. Voor nu en later.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Auschwitz Bulletin, 1983, nr. 02 Februari by Nederlands Auschwitz Comité - Issuu