Skip to main content

Programmaboek Dag Oude Muziek 2012

Page 1

Dag Oude Muziek

F E S TA D I M U S I C A E M O D A

01.07.2012 Landcommanderij Alden Biesen, Bilzen


Binnen concerten

09

Psallentes ♀ Artemandoline Capilla Flamenca Vivabiancaluna Biffi Doulce Memoire Bel Ayre Le Concert Brisé La Reverdie CAPILLA FLAMENCA & OLTREMONTANO

11 27 29 36 40 46 54 56

BUITEN concerten

75

Sonar De Piva – Venetiaanse volksmuziek Spec. Street Creative Community – Commedia dell’arte Lia Serafini & Ugo Nastrucci – gondelliederen Mik Deboes

66

77 78 81 84


KINDER ACTIVITEITEN Babelut – Muzikale Venetiaanse Dialogen (0-3 jaar) Workshop Commedia dell’arte (6-12 jaar) Workshop Ciné Martiko (4-11 jaar)

85

87 87 88

Mode & gastronomie

89

Biografie ensembles

95

Praktische informatie

111

MAP

117


05 Beste bezoeker We heten u van harte welkom op deze 29ste editie van Dag Oude Muziek. De vorige edities werden allemaal georganiseerd met drie partners. Onze partner B-Classics heeft zich teruggetrokken uit de organisatie van Dag Oude Muziek zodat dit de eerste editie is die door twee partners wordt georganiseerd. Maar u zal merken dat deze daardoor niets van de steeds zo geroemde originaliteit en kwaliteit heeft ingeboet! Voor onze 29ste editie hebben we gekozen voor het dubbelthema Venetië en mode. Venetië als historisch belangrijke muziekstad zal doorheen de dag uitvoerig belicht worden. Een rijke keuze van topconcerten met gerenommeerde internationale uitvoerders wordt afgewisseld met een boeiend en gevarieerd aanbod in openlucht. Bovendien is de site Alden Biesen omgetoverd tot een klein ‘Venetië van het Noorden’. Dat gebeurt niet alleen door op de slotgrachten gondelliederen te laten klinken, maar ook door een aantal accenten rond mode aan te brengen op de site. Het thema mode is ook aanleiding geweest tot het opzetten van een mooie en erg verrassende tentoonstelling die vanaf volgend weekend tot eind augustus te zien zal zijn in de Landcommanderij Alden Biesen. Daarover leest u meer in dit programmaboek dat zoals steeds een handleiding zal zijn om u door deze muzikale dag te begeleiden. We hebben getracht om de bezoeker zoveel mogelijk informatie te geven over de muziek en de uitvoerders en er is ook heel wat aandacht gegaan naar de vertaling van de gezongen teksten, soms zelfs met simultaanprojectie van de vertaling. We wensen u allemaal een mooie en boeiende dag toe. Herman Baeten

Lies Kerkhofs

Directeur Musica, Impulscentrum voor Muziek

Directeur Landcommanderij Alden Biesen


06 Venezia Festa di Musica e Moda Venetië speelde in de geschiedenis van de Westerse wereld een belangrijke rol. De Middellandse Zee was zeker in het eerste millennium, maar ook nog een stuk in het tweede, de belangrijkste regio in Europa. Dat was uiteraard al zo tijdens de Griekse en Romeinse beschaving, maar ook nadien was de Middellandse Zee nog altijd de belangrijkste zee in het Westen. Het is pas vanaf de ontdekking van Amerika dat de andere oceanen een belangrijkere plaats gingen innemen en de centrale rol van Venetië begon af te nemen. We spreken dan van einde 17de eeuw. Tot die periode was de stad een scharnierpunt tussen Oost en West en tussen Noord en Zuid. Doordat het zo’n belangrijke handelsstad was, heeft de cultuur er ook een grote bloei gekend. Dat was zo voor alle kunsten, dus ook voor de muziek. Er zijn weinig sporen van het muziekleven in het eerste millennium, dat bleef toen beperkt tot religieuze muziek die vooral verbonden was aan kloosters. Nadien begonnen de steden een grotere rol te spelen en kwam ook Venetië steeds meer in beeld. In heel het verhaal van de stad is er altijd één rode draad: Venetië was een gastvrije stad die belangrijke artiesten uit de hele wereld aantrok. Vanaf het Trecento begon Italië een uitgesproken rol te spelen in de muzikale ontwikkeling van de Westerse muziek. De Ars Nova met als uitloper de Ars Subtilior was ook in Noord-Italië terug te vinden, getuigen daarvan zijn de belangrijke componisten als Jacopo da Bolgna en Francesco Landini. In Venetië zelf duikt in de 14de eeuw de naam van Johannes Ciconia op, in feite Jean Cicogne, afkomstig van Luik. Op dat moment is de San Marco al een belangrijk centrum voor religieuze muziek, maar ook de vele andere kerken beginnen een eigen muziekleven te ontwikkelen. Daarnaast was er ook muziek te beluisteren aan het hof van de Doge die voor de uitstraling een hele ploeg musici in dienst had, vooral instrumentalisten. In de 15de eeuw passeerden belangrijke polyfonisten de stad: Dufay, Josquin, Isaac, Obrecht en anderen. Vanaf de 16de eeuw wordt Venetië echt de bakermat van het muziekleven. Willaert zal er een lange tijd kapelmeester zijn in San Marco en hij stond aan de wieg van een aantal nieuwe en belangrijke muzikale ontwikkelingen. Vooreerst gaat het om de verdere uitbouw van de meerkorige stijl die leidde tot het concerterende principe dat zo belangrijk was voor de barokperiode. Daarnaast zette hij ook de eerste belangrijke stappen in de uitbouw van de instrumentale muziek die in zijn ricercare terug te vinden zijn. Willaert was ook actief betrokken bij de bloei van het madrigaal en de villanella, wat ons dan weer naar de wereldlijke muziek brengt.


TOELICHTING

Willaert werd opgevolgd door Andrea Gabrieli en later kwam zijn neef Giovanni Gabrieli het mooie weer maken in Venetië. Hij bouwde de meerkorige stijl nog verder uit, schreef heel wat instrumentale muziek en was een scharnierfiguur in de verspreiding van de concerterende stijl. Giovanni Gabrieli was bijvoorbeeld ook de leermeester van Heinrich Schütz waardoor we weer de link kunnen leggen naar het Duitse muziekleven dat in de 17de en 18de eeuw een grote bloei kende met J.S. Bach als uiteindelijke hoogtepunt. In Venetië passeerde natuurlijk ook Monteverdi die niet alleen een belangrijke figuur was op gebied van de opera, maar ook de nieuwe stijl, de prima prattica, lanceerde en zo een heel nieuwe periode inluidde voor het Westerse muziekleven. Zijn muziek betekende het einde van de polyfone stijl en van de hegemonie van de Vlaamse polyfonisten. Venetië was ook een belangrijk centrum van de muziekdruk. De eerste muziekdruk verscheen in Venetië bij Petrucci in 1499. Daarna zouden heel wat andere muziekdrukkers opduiken in de Dogenstad en werd dit het beginpunt van een bloeiende muziekdrukkunst in heel Europa. Na de bijzonder bloeiende 16de eeuw en een absoluut hoogtepunt begin 17de eeuw begon het muziekleven zich over heel Europa te verspreiden, waardoor Venetië niet meer zo’n uitgesproken voortrekkersrol vervulde. Het muziekleven blijft er boeiend in de 18de eeuw, maar door de minder belangrijke rol van de handel werd Venetië niet meer als centrum beschouwd en verloor het de uitstraling van weleer. Ook in de 19de eeuw blijft Venetië muzikaal leven, maar het is dan niet meer de uitgesproken pioniersrol die ze vervult. Wagner zal er sterven, ook Stravinsky ligt er begraven en Luigi Nono zal als 20ste-eeuwse pionier politiek en muzikaal een rol spelen in de stad. Maar dat is dan eerder indivueel van belang, niet meer als stijl van een stad. In het programma van Dag Oude Muziek 2012 hebben we geprobeerd om het muzikale pallet van de Dogenstad zo gevarieerd mogelijk aan te bieden: van 14de tot 18de eeuw, van volksmuziek over hofmuziek naar religieuze muziek. Een bijzondere toets aan de editie van dit jaar is het facet mode. Ook vandaag nog wordt Venetië vereenzelvigd met maskers, mooie kleren, gondeliers, feest, kleurrijke taferelen enz. Daarom wordt in de Landcommanderij Alden Biesen vanaf volgende week een tentoonstelling ingericht met als thema mode. Niet als een soort copy van de vroegere mode, maar als inspiratiebron voor mode en kunst van vandaag. De curatoren van deze tentoonstelling waren in nauw contact met de programmamakers van Dag Oude Muziek waardoor er heel wat invalshoeken tijdens deze dag ook een modieuze toets krijgen. We spreken hier niet alleen van de site die

07


TOELICHTING

op een aantal plaatsen zal ingekleed zijn, maar ook van de podia en van enkele voorstellingen waar de curatoren ook het vestimentaire gedeelte voor hun rekening namen. Wie echter de veelheid van hun creatieve en inspiratierijke invulling wil zien moet de tentoonstelling komen bezoeken die vanaf 7 juli tot eind augustus de Landcommanderij zal innemen. Daarmee hebben we een mooi geheel kunnen creĂŤren voor de 29ste editie van Dag Oude Muziek. We nodigen u alvast al uit op de 30ste editie die volledig in het teken staat van Hendrik van Veldeke en zijn tijd en waarvoor reeds vier jaar een voorbereidend traject wordt uitgewerkt. Een mooie gelegenheid om deze Dietse dichter ook een plaats te geven in de muziekgeschiedenis. Herman Baeten

08


Binnen 09 COnCerten PsALLentes ♀ ArteMAnDOLine CAPiLLA FLAMenCA ViVABiAnCALunA BiFFi DOuLCe MeMOire BeL Ayre Le COnCert Brisé LA reVerDie CAPiLLA FLAMenCA & OLtreMOntAnO

11 27 29 36 40 46 54 56 66


Binnenconcerten

Psallentes ♀ Cloistered Kerk — 10.00u Buitenhof — 12.00u (zonder *)

11

PROGRAMMA Hymne Veni, Creator Spiritus Antifoon *Veniente sponso Virginis caste (Abélard) Litanie Planctus cygni Sequens *Sancti Spiritus assit (Notker Balbulus) Epithalamica (Abélard) Hymne Veni, Creator Spiritus UITVOERDERS Hendrik Vanden Abeele – artistieke leiding Pieter Coene – kostuumontwerp Els Van Laethem – zang; als Bruid van Christus Marina Smolders – zang; als Moeder Abdis Hendrik Vanden Abeele – zang; als Bonaventura Lieselot De Wilde, Kristien Nijs, Rozelien Nys, Amélie Renglet, An Van Laethem en Veerle Van Roosbroeck – zang; als gemeenschap van zusters Een jonge vrouw wordt als kloosterzuster ingekleed. Eerst was ze nog op proef in het klooster, maar nu is het haar menens – zij legt de geloftes af van armoede, kuisheid en gehoorzaamheid. Eerst tijdelijk, en dan voor de eeuwigheid. Vandaag is zij de bruid van Christus. Voor ouders en verwanten is het een douloureuse joye hun dochter of vriendin te moeten afgeven. Want de jonge vrouw ‘sterft voor de wereld’en wordt herboren in een nieuwe wereld, die van het klooster. Zij zal zelfs een nieuwe naam aannemen. De zangeressen van Psallentes evoceren het overgangsritueel van de inkleding. De bruid wordt plechtig binnengeleid, houdt zich lang naar Moeder Abdis en het oosten gericht, ondergaat vervolgens letterlijk en figuurlijk een transformatie, om uiteindelijk als jonge non aan een nieuw leven te beginnen. Die transformatie gebeurt niet alleen fysiek, door een zich wijzigend voorkomen. Het weerspiegelt ook de laatste innerlijke worsteling voor het definitieve besluit genomen wordt. Dat wordt verklankt in het solistisch uitzingen van de beroemde Planctus cygni, de klaagzang van de


12 zwaan. Een zwaan is van het land weggevlogen en vliegt eenzaam over de zee. Vertwijfeling maakt zich van haar meester. Urenlang, dagenlang, blijft ze doelloos en bijna in paniek ronddwalen. Tot ze, ondermeer met de hulp van de sterren, opnieuw het rustgevende land ontwaart, en ‘thuiskomt’. In de loop der eeuwen is dit gezang in verschillende richtingen uitgelegd. Mogelijk is het een oorspronkelijk niet-christelijk of pre-christelijk verhaal, dat door gelovigen geaccapareerd werd, waardoor er zowel een metafoor voor het verhaal van de verloren zoon (hier dochter) in kon gezien worden, als een weerspiegeling van de persoonlijke turmoil waarin je verkeert net voor het nemen van zo’n belangrijke beslissing als het ‘voor eeuwig’intreden in het klooster. Moeder Abdis is intussen onzeker over hoe ze haar zusters moet stimuleren op de weg naar de perfectie. Zij zoekt raad in het eeuwenoude adviezenboek van de Franciscaan Bonaventura: ‘De perfectione vitae ad sorores’(1260). Met haar innerlijke oor beluistert ze zijn instructies – die ze onmiddellijk met haar frêle stem luidop overweegt en aan haar gemeenschap doorgeeft. Bonaventura schrijft acht stappen voor op de weg naar perfectie: de ware zelfkennis, de nederigheid, de armoede, de stilte en het gebed, het overwegen van Christus’lijden en het uitdragen van de liefde Gods, en de standvastigheid. Voor het ritueel van de inkleding is relatief weinig specifiek repertoire voorhanden. Een vast onderdeel is, dat de Heilige Geest om hulp gevraagd wordt (Veni, Creator Spiritus, en Sancti Spiritus assit). Ook Maria en de heiligen worden aangeroepen (in de litanie). Daarnaast is, geheel in lijn met het beeld van de Bruid van Christus, ook muziek op teksten uit het Hooglied een toepasselijk en vaak gebruikt onderdeel van het ritueel (Veniente sponso). En ten slotte fungeren twee monastieke liederen van Pierre Abélard als steunberen van dit programma. Voor zijn (net als hemzelf) naar het klooster verbannen geliefde, Héloïse, schreef hij verschillende stichtende liederen, die eveneens het thema van de bruid van Christus bespelen. Zo zien we de transformatie van het gekloosterd worden (‘cloistered’) voor onze ogen voltrekken. Feestelijk, maar misschien ook met een vleugje tristesse. De muziek voor deze evocatie werd genomen uit verschillende bronnen, waaronder een antiphonale gedrukt in het atelier van Petrus Liechtenstein te Venetië, 1579. Daarnaast werd ook gebruik gemaakt van het zogenaamde Salzinnes antiphonale, afkomstig uit de Abdij van Val Saint-Georges bij Namen, ca. 1550. Hendrik Vanden Abeele


LIED TEKSTEN

We hebben geopteerd om de anderstalige, woordelijke vertalingen van de liedteksten op te nemen zodat u zich een idee van de inhoud kan vormen. We verontschuldigen ons voor het ontbreken van de Nederlandse vertalingen.

13

Veni, creator Spiritus Veni, creator Spiritus mentes tuorum visita, imple superna gratia, quae tu creasti pectora. Qui diceris Paraclitus, altissimi donum Dei, fons vivus, ignis, caritas et spiritalis unctio Tu septiformis munere, digitus paternae dexterae tu rite promissum Patris sermone ditans guttura. Accende lumen sensibus, infunde amorem cordibus, infirma nostri corporis, virtute firmans perpeti. Hostem repellas longius pacemque dones protinus, ductore sic te praevio, vitemus omne noxium. Per te sciamus da Patrem, noscamus atque Filium, te utriusque Spiritum credamus omni tempore. Deo Patri sit gloria, et Filio qui a mortuis Surrexit, ac Paraclito, in saeculorum saecula. Amen.

Kom Schepper, Geest, daal tot ons neer, houd Gij bij ons uw intocht, Heer; vervul het hart dat U verbeidt, met hemelse barmhartigheid. Gij zijt de gave Gods, Gij zijt de grote Trooster in de tijd, de bron waaruit het leven springt, het liefdevuur dat ons doordringt. Gij schenkt uw gaven zevenvoud, O hand die God ten zegen houdt, O taal waarin wij God verstaan, wij heffen onze lofzang aan. Verlicht ons duistere verstand, geef dat ons hart van liefde brandt, en dat ons zwakke lichaam leeft vanuit de kracht die Gij het geeft. Verlos ons als de vijand woedt, geef ons de vrede weer voorgoed, Leid Gij ons voort, opdat geen kwaad, geen ongeval ons leven schaadt. Doe ons de Vader en de Zoon aanschouwen in de hoge troon, O Geest van beiden uitgegaan, wij bidden U gelovig aan. Aan God de Vader zij de eer en aan de opgestane Heer en aan de Geest die troost en leidt van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen

(Bonaventura, De vera sui ipsius cognitione) Ad perfectionis vitae fastigium sponsae Christi cupienti conscendere primum necesse est, ut a se ipsa incipiat, ita ut, omnium exteriorum oblita, ingrediatur in secretum conscientiae suae, ibique omnes defectos suos, omnes consuetudines, omnes affectiones, omnes operationes,

(Bonaventura, De la vraie connaissance de soi) A l’épouse du Christ qui désire atteindre le sommet de la perfection de la vie, il est, en premier lieu, nécessaire de commencer par elle-même, de sorte qu’ayant oublié tou ce qui est extérieur, elle entre dans le secret de sa conscience et que là, par une étude attentive, elle repère, examine et scrute tous


omnia peccata tam praeterita quam praesentia diligenti consideratione discutiat, examinet et inspiciat; et si quid minus rectum apud se invenerit, statim defleat in amaritudine cordis sui.

14

ses défauts, toutes ses habitudes, toutes ses affections, toutes ses opérations et tous ses péchés tant passés que présents; et si elle a trouvé, en elle, quelque chose de moins droit, qu’elle pleure aussitôt dans l’amertume de son coeur.

Veniente sponso Veniente sponso prudens virgo preparata introivit cum eo ad nuptias.

—

(Bonaventura, De vera humilitate) Discite igitus, o virgines sacratae, humilem habere spiritum, humilem incessum, humiles sensus, humilem habitem; sola enim humilitas est, quae divinam mitigat iram, quae divinam invenit gratiam. Quanto enim magnus es, humilia te in omnibus, dicitur in Ecclesiastico, et coram Deo invenies gratiam. Hoc modo Maria invenit gratiam apud Dominum, sicut ipsa testatur dicens: Respexit humilitatem ancillae suae. Nec mirum quia humilitas caritati locum praeparat, mentem a vanitate evacuat.

(Bonaventura, De la véritable humilité) Apprenez donc, vierges consacrées, à avoir un humble esprit, une humble démarche, d’humbles sentiments, un humble comportement. En effet, seule l’humilité tempère la divine colère et trouve la grâce divine. Plus tu es grand, plus il importe de t’humilier en tout, c’est ainsi que tu trouveras grâce devant Dieu. C’est ainsi que Marie a trouvé grâce devant Dieu comme elle en témoigne: Il a regardé l’humilité de sa servante. Rien d’étonnant à cela: l’humilité prépare la place de l’amour, elle vide l’esprit de sa vanité.

Virgines caste Virgines caste virginis summe decus precinentes

Keusche Jungfrauen, die Lieder singen, würdig der allerhöchsten Jungfrau!

Ceteras quoque condignas laude post hanc venerantes

Es singen auch andere hehre Wesen ihr Lob, erweisen ihr angemessene Verehrung

Psalmis et hymnis canticis dignis sibi colloquentes

mit Psalmen und Hymnen und Lobgesängen die sie ihr singen.

Solvant in istis debite laudis hostias sollempnes

Wie sich gebührt, bringen sie in diesen Lobliedern ihre feierlichen Dankopfer dar.


LIED TEKSTEN

15

Hec est a dextris assistens regis illa regina

Sie hat ihren Platz als Königin an der rechten Seite des Königs eingenommen.

Juncto latere sola cum rege precedit ipsa Aurata veste varietate circum amicta

Voller Freude ihm zugesellt schreitet sie allein mit dem König voran in Gold gekleidet, verschleiert in den Farben des Regenbogens,

Tanquam dominam sequitur ipsam queque beata

so wie die heilige Magd ihrer eigenen Herrin folgt.

Post eam adducte virgines devote regi sunt oblate christo consecrate

Nachdem man ihr die heiligen Jungfrauen zugeführt hat, werden sie dem König dargebracht und Christus geweiht.

Talis erat Tecla Agnes et Lucia Agathes et multa virginum caterva

Solch eine war Thekla, zusammen mit Agnes und Luzia, Agathe und eine große Schar von Jungfrauen.

Filie Tiri munera ferentes Et in his regis vultum deprecantes Hostias habent cunctis puriores Corpore munde corde sanctiores

Töchter aus Tyrus, die Gaben tragend, und vor diesem König ihre Augen niederschlagend bringen sie Opfer, die reiner sind als alles andere, und trotz ihrer irdischen Körper sind ihre Herzen viel heiliger.

Holocaustum Domino offerunt ex integro virgines carne integre mente inmortalem sponsum eligentes christum

Vereint bringen sie dem Herrn das Brandopfer dar. Jungfrauen im Fleische beständig im Geist, versprechen sie sich Christus, dem unsterblichen Bräutigam.

0 felices nuptie quibus nulle macule nulli dolores partus sunt graves nee pelex timenda nec nutrix molesta

0 glückliche Hochzeit, bei der kein Makel, keine Traurigkeit schreckliche Dinge hervorbringt Auch braucht sie keine Konkubine, keine lästige Schwiegermutter zu fürchten!


16

Lectulos harum christo vacantes angeli vallant custodientes ne quis incestus temeret illos ensibus strictis arcent in mundos

Schutzengel umstehen ihre Betten, damit nicht gottlose Männer sie schänden. Mit gezogenem Schwert schützen sie sie vor der Welt.

Dormit in istis christus cum illis felix hic sompnus requies dulcis quo confovetur virgo fidelis inter amplexus sponsi celestis

Christus schläft mit ihnen, glücklich im Schlummer, in süßer Ruhe, und die treue Jungfrau wärmt in ihrer Umarmung den himmlischen Bräutigam.

Dextera sponsi sponsa complexa capiti leva dormit submissa pervigil corde corpore dormit et sponsi grato sinu quiescit

Vom Bräutigam umarmt, schläft die Braut an seiner rechten Seite und ergibt sich sanft ihrem Hirten. obwohl ihr Herz wachsam ist, schläft ihr Körper und findet Ruhe in den wunderbaren Armen des Bräutigams.

Aprobans sompnum sponsus beatum inquietari prohibet illum Ne suscitetis inquit delictam dum ipsa volet ita quietam.

Froh, sie schlafen zu sehen, verhindert der Bräutigam jegliche Störung dieser heiligen Ruhe. Weckt sie nicht auf, sagt er, aus diesem schönen Schlaf, bis zu der Zeit, wo sie es selbst wünscht.

Hic ecclesiastici flos est ille germinis tam rosis quam liliis multiplex innumeris quorum est fragranciis ager sponsi nobilis naribus et oculis eque delectabilis

Diese Blume ist die Saat der Kirche eher wie Rosen denn wie Lilien vermehrt sie sich ins Unendliche. Von ihnen duftet das Feld des edlen Bräutigams, gleichermaßen köstlich für Nase und Auge.

Ornate tam bissina veste quam purpurea leva tenent lilia

Geschmückt mit feinem Linnen und königlichem Purpur, tragen sie Lilien in ihrer linken Hand,


LIED TEKSTEN

17

rosas habent dextera et corona gemina redimite capita agni sine macula percurrunt itinera Hic quoque floribus semper recentibus sanctorum intexta capitum sunt serta Hic agnus pascitur atque reficitur hi flores electa sunt illius esca

und in ihrer rechten halten sie Rosen. Schmückt ihr Haupt mit einer mit Juwelen besetzten Krone. Lämmer in reinem Weiß spielen auf ihrem Pfad. Auch hier schmücken aus den Blumen der Heiligen geflochtene, ewig blühende Kronen ihre Häupter. Hier wird ein Lamm auf die Weide geführt und umsorgt, hier sind die erwählten Blumen seine Weide.

Hie choro talium vallatus agminum hortorum amena discurrit hac illac Qui nunc comprehensus ab his nunc elapsus quasi quadam fuga petulans exultat

Umgeben von einer solchen Schar im Tanz, rennt es hierhin und dorthin zu den schönsten Stellen des Gartens. Eins, welches gerade eingefangen wurde, ist ihnen nun entschlüpft und freut sich fast lüstern auf die bevorstehende Hetzjagd.

Crebros saltus dat hic agnus inter illas discurrendo Et cum ipsis requiescit fervore meridiano

Das Lamm springt wieder und wieder hoch, läuft zwischen ihnen hin und her und mit ihnen entflieht es der brütenden Mittagshitze.

In earum pectore cubat in meridie Inter mammas virginum collocat cubiculum

Auf ihren Busen zieht es sich um die Mittagszeit zurück, zwischen den Brüsten des Mädchens legt es sich zum Schlafen nieder, eine Jungfrau fürwahr, denn er selbst wird von einer jungfräulichen Mutter geboren werden. Er liebt sie mehr als alle jungfräulichen Heiligen und sie fehlt ihm, wenn er fort ist.

Virgo quippe cum sit ipse virgineque matre natus Virginales super omnes amat et querit recessus

Sompnus illi placidus in castis est sinibus Ne qua forte macula sua redet vellera

Ruhigen Schlaf findet er in der reinen Beuge ihres Arms, wo kein Fleck die reine weiße Wolle verschmutzen könnte.


Hoc attende canticum devotarum virginum insigne collegium Quo nostra devocio majore se studio templum ornet domino (Bonaventura, De perfecta paupertate) Est etiam paupertas virtus ad perfectionis integritatem necessaria in tantum, ut nullus omnino sine ea possit esse perfectus, teste Domino, qui dicit in Evangelio: Si vis perfectus esse, vade et vende omnia, quae habes, et da pauperibus. Cum enim summa evangelicae perfectionis apicem, qui nondum imitator perfectus factus est evangelicae paupertatis. Ait namque Hugo de Sancto Victore: Quidquid perfectionis in Religiosis reperiri poterit, nec tamen aestimetur perfectionis integritas, nisi diligatur paupertas.

18

Hört nun das Lied von den geweihten Jungfrauen, das Zeichen ihres Schwesternordens, damit könnte unsere Hingabe an den Herrn dessen Tempel mit mindestens halb so viel Duft verschönern. (Ingeborg Neumann) (Bonaventura, De la pauvreté parfaite) La vertu de pauvreté est même tellement nécessaire à l’intégrité de la perfection que nul ne peut, sans elle, être parfait comme l’atteste le Seigneur qui dit dans l’Evangile: Si tu veux être parfait, va et vends tout ce que tu as et donne-le aux pauvres. Puisque le sommet de la perfection évangélique se trouve dans l’excellence de la pauvreté, qu’il ne croie donc pas avoir atteint la cime de la perfection, celui qui n’est pas encore devenu un parfait imitateur de la perfection évangélique. C’est ce que dit Hugues de Saint-Victor: Quelque perfection qui se puisse trouver dans les religieux, on ne saurait la prendre pour l’intégrité de la perfection sans l’amour de la pauvreté.

Hier worden enige fragmenten uit de Litanie van Loreto gezongen, genoemd naar de plaats waar volgens de legende het geboortehuis van Maria staat. Deze litanie was al bekend rond het midden van de zestiende eeuw, somt eigenschappen van Maria op, en aanroept verschillende heiligen – waarvan de lijst volgens de plaatselijke gebruiken erg kon verschillen. Het is in deze evocatie uitzonderlijk dat de bruid van Christus zelf de aanroepingen verricht, waarop de gemeenschap met het ‘Ora pro nobis’antwoordt. (Bonaventura, De silentio et taciturnitate) Vis audire, o famula Dei, vis scire, quanta mala ex lingua prodeunt blasphemia, murmuratio, peccati defensio, periurium, mendacium, detractio, adulatio, maledictio, convitium, contentio, bonorum derisio, pravum consilium, rumor, iactantia, secreti revelatio, indiscreta comminatio, indiscreta promissio, multiloquium,

(Bonaventera, Du silence et de la discrétion) Servante de Dieu, veux-tu entendre, veux-tu savoir combien de maux proviennent de la langue lorsqu’on ne la garde pas avec soin? Ecoute, je vais te le dire. De la langue proviennent les blasphèmes, le murmure, la défense du péché, le parjure, le mensonge, la médisance, la flatterie, les malédictions, les outrages, les disputes, les moqueries, les mauvais conseils, les rumeurs, la jactance,


LIED TEKSTEN

19

scurrilitas. In veritate magna confusio est sexui femineo et magnum dedecus est sacris virginibus non habere oris custodiam, non servare linguae disciplinam, cum tanta mala per linguae inquietudinem committantur. Certe audeo dicere: frustra ille Religiosus gloriatur de possessione virtutis in corde, qui dissipat disciplinam silentii per inquietudinem multiloquii.

la révélation des secrets, les menaces et les promesses inconsidérées, les bavardages et les bouffonneries déplacées. Puisque l’agitation de notre langue produit tant de maux, quelle confusion pour les femmes, quel déshonneur pour les vierges consacrées de ne pas mettre de garde à leur bouche, de ne pas discipliner leur langue. Oui, j’ose le dire: c’est en vain que tel religieux tire gloire de posséder la vertu en son coeur alors que l’agitation de son bavardage ruine la règle du silence.

(Bonaventura, De studio orationis) Supra modum sponsae Christi cupienti proficere necesse est, ut assiduis orationum studiis et devotionibus animum suum exerceat, quia re vera Religiosus indevotus et tepidus, orationem non frequentans assidue, non solum est miser et inutilis, quinimmo coram Deo mortuam fert animam in vivo corpore. Cum enim tantae efficaciae sit devotionis virtus, ut ipsa sola maligni hostis devincat tentamenta et versutias, qui solus famulam Dei impedit, ne sursum ad caelum ascendat.

(Bonaventura, De l’application à la prière) A l’épouse du Christ, qui veut faire des progrès, il est plus que tout nécessaire de s’exercer avec assiduité à la pratique de la prière, car un religieux tiède, sans dévotion et qui ne s’adonne pas assiduement à la prière, n’est pas seulement miséreux et inutil ; il l’est d’autant plus qu’il porte devant Dieu une âme morte dans un corps en vie. La puissance de la vertu de dévotion est si efficace qu’elle seule triomphe des assauts et des ruses du malin, notre ennemi, qui seul empêche la servante de Dieu de s’élever vers le ciel.

Planctus cygni Clangam, filii Ploratione una

O children, I shall sing a lamentation

Alitis cygni, Qui transfretavit aequora. O quam amare Lamentabatur, arida

of a winged swan which crossed the great waters. O how bitterly it lamented,

Se dereliquisse Florigera Et petisse alta Maria; Ajens: ‘Infelix sum Avicula, Heu mihi, quid agam

having relinquished the dry flowery land and sought the high seas; crying: ‘Unhappy small bird that I am, alas, what may I do


20

Misera? Pennis soluta Inniti Lucida non potero Hic in stilla. Undis quatior, Procellis Hinc inde nunc allidor Exulata.

in my misery? I cannot now rest on my wings all brightness dissolves in the rain. I am shaken by the waves, storms buffet me hither and thither an exile.

Angor inter arta Gurgitum cacumina. Gemens alatizo Intuens mortifera, Non conscendens supera. Cernens copiosa Piscium legumina, Non queo in denso Gurgitum assumere Alimenta optima.

I am narrowly enclosed within the canyons of the great waves. Crying, my wings beat, considering death, not mounting above it. I see abundant good food for the fishes, But I may not, in the deep whirlpools, gather this delicate food.

Ortus, occasus, Plagae poli, Administrate Lucida sidera. Sufflagitate Oriona, Effugitantes Nubes occiduas.’

O East, O West, O the regions of the poles, give to me the brightness of the stars; demand of Orion, that they flee and be forgotten, these destroying clouds.’

Dum haec cogitarem tacita, Venit rutila adminicula aurora. Oppitulata afflamine Coepit virium Recuperare fortia.

While the bird fell silent, thinking on these things, Came the first blush of rescuing dawn. A whispering breeze assisted, the bird received strength and recovered more strongly.

Ovatizans Jam agebatur Inter alta Et consueta nubium Sidera. Hilarata Ac jucundata, Nimis facta, Penetrabatur marium Flumina.

Celebrating now it was carried among the high familiar crowd of stars. Cheerful and joyous beyond measure, it passed through the streams of the seas.


LIED TEKSTEN

21

Dulcimode cantitans Volitavit ad amoena Arida. Concurrite omnia Alitum et conclamate Agmina:

Singing very sweetly it flew to to the pleasant dry land. Join together, all winged creatures, and sing together all of you:

Regi magno Sit gloria.

To the mighty King be glory.

(Bonaventura, De passionis Christi memoria) Accede ergo tu, o famula, pedibus affectionum tuarum ad Iesum vulneratum, ad Iesum spinis coronatum, ad Iesum patibulo crucis affixum, et cum beato Thoma Apostolo non solum intuere in manibus eius fixuram clavorum, non solum mitte digitum tuum in locum clavorum, non solum mitte manum tuam in latus eius, sed totaliter per ostium lateris ingredere usque ad cor ipsius Iesu, ibique ardentissimo Crucifixi amore in Christum transformata, clavis divini timoris confixa, lancea praecordialis dilectionis transfixa, gladio intimae compassionis transverberata, nihil aliud quaeras, nihil aliud desideres, in nullo alio velis consolari, quam ut cum Christo possis in cruce mori.

(Bonaventura, Du souvenir de la passion du Christ) Toi, la servante, accède donc, grâce aux pieds de tes affections, à Jésus blessé, à Jésus couronné d’épines, à Jésus fixé au gibet de la croix et avec saint Thomas, ne te contente pas de regarder “dans ses mains la trace des clous, de mettre ton doigt dans I’emplacement des clous “, de mettre “la main dans son côté “. Entre tout entière par la porte du côté, va jusqu’au coeur de Jésus luimême et là, transformée en Christ par un très ardent amour du Crucifié, attachée par les clous de la crainte de Dieu, transpercée par la lance d’une dilection venant du fond du coeur, transpercée par le glaive d’une intime compassion, ne cherche rien d’autre, ne désire rien d’autre, ne veuille aucune autre consolation que de pouvoir mourir en croix avec le Christ.

Sancti Spiritus assit Sancti Spiritus assit nobis gratia, Quae corda nostra sibi faciat habitaculum, Expulsis inde cunctis vitiis spiritalibus. Spiritus alme, illustrator omnium, Horridas nostrae

Let the mercy of the Spirit be on our side Who may make our hearts his shelter And expulse every sin of the spirit. Life-giving Spirit illumination of people. Purify our spirit of horrible darkness. Saint


mentis purga tenebras. Amator sancte sensatorum semper cogitatuum, Infunde unctionem tuam clemens nostris sensibus. Tu purificator Omnium flagitiorum Spiritus, Purifica nostri oculum interioris hominis, Ut videri supremus Genitor possit a nobis, Mundi cordis quem soli cernere possunt oculi. Prophetas tu inspirasti, ut praeconia Christi praecinuissent inclita. Apostolos confortasti, ut tropaeum Christi per totum mundum veherent. Quando machinam per Verbum suum fecit Deus caeli, terrae, marium, Tu super aquas foturus eas numen tuum expandisti, Spiritus. Tu animabus vivificandis aquas fecundas. Tu aspirando das spiritales esse homines.. Tu divisum per linguas mundum et ritus adunasti, Domine. Idolatras ad cultum Dei revocas, magistrorum optime. Ergo nos

who likes deep toughts. Pour with mercy your balm into our understanding. You, purifier of all sins, Spirit, Purify our inner being’s eyes, So that we can see the supreme creator Who can be seen only by those with clean hearts. You inspired prophets to predicts Christ’s famous works ; You gave strength to apostles, to carry Christ’s sign of victory all over the world. When God began making by his word, the sky, the earth, the sea You expanded your power over the waters, to give life them, o Spirit. You made fruitful the waters, to give life to the spirits You fill in people, to become beings with spirit. Lord, you unify the world divided by languages and customs. You called back idolaters to serve God, best of all masters. Thus, listen with mercy to us, your applicants, Holy Spirit Without who,

22


LIED TEKSTEN

23

supplicantes tibi exaudi propitius, Sancte spiritus. Sine quo preces omnes cassae creduntur et indignae Dei auribus. Tu, qui omnium saeculorum sanctos tui numinis docuisti instinctu amplectendo, Spiritus, Ipse, hodie apostolos Christi donans munere insolito et cunctis inaudito saeculis. Hunc diem gloriosum fecisti.

we believe, all our prayers are meaningless and undworthy to God’s ears. You, the one who teached at all times your saints, when they have grasped the influences of your suggestions Spirit. You presented today Christ’s apostles with inconceivable and all the times unprecendented gift.

(Bonaventura, De perfecta Dei caritate) Superius te, famulam Dei, prout inspiravit Dominus, docui, qualiter animum tuum exercere debeas, ut quasi gradatim ascendere possis et de virtute in virtutem proficere. Nunc septimo loco restat dicendum de forma virtutum scilicet caritate, quae sola ducit hominem ad perfectionem. Ad mortificandum enim vitia, ad proficiendum in gratia, ad consequendum omnium virtutum perfectionem summam nihil dici melius, nihil excogitari potest utilius caritate.

(Bonaventura, Aimer Dieu à la perfection) Servante de Dieu, je t’ai enseigné jusqu’ici et autant que le Seigneur me l’a inspiré, comment tu devais exercer ton esprit pour que tu puisses pour ainsi dire monter marche après marche et progresser “de vertu en vertu”. En ce septième chapitre, il me reste maintenant à parler de la forme des vertus, c’est-à-dire de la charité qui seule conduit la personne humaine à la perfection. En effet pour mettre à mort les vices, progresser en grâce et atteindre la suprême perfection de toutes les vertus rien de mieux ne peut être avancé, rien de plus utile ne peut être inventé que la charité.

(Bonaventura, De finali perseverentia) Si igitur, Christi virgo dilectissima, aliquas bonorum operum habes virtutes, immo quia multas habes virtutes; in his perservera, in his profice, in his usque ad mortem viriliter age Christi militiam, ut cum extrema dies finisque vitae tuae advenerit, pro stipendio et mercede

(Bonaventura, Tenir jusqu’au bout) Si donc, vierge très aimée du Christ, tu as quelques vertus productrice] de bonnes oeuvres, mieux, puisque tu as de nombreuses vertus, persévère en elles, progresse en elles, mène en elles, virilement, le combat du Christ et cela jusqu’à ta mort, pour que, lorsque arrivera ton dernier jour et la fin de ta vie, tu

You have obtained glory on this day.


laboris detur tibi corona gloriae et honoris. Unde Iesus Christus, unice tibi dilectus, alloquitur te in Apocalypsi, dicens: Esto fidelis usque ad mortem et dabo tibi coronam vitae.

24

reçoives la couronne de gloire et d’honneur comme salaire et récompense de ton travail. Jésus- Christ, ton seul amour, s’adresse donc à toi dans l’Apocalypse en disan : “Sois fidèle jusqu’à la mort et je te donnerai la couronne de vie”

Epithalamica Epithalamica, dic Sponsa cantica Intus quae conspicis dic foris gaudia Et nos laetificans De Sponso nuntia Cuius te refovet semper praesentia Aduluscentulae vos chorum ducite Cum haec praecinerit et succinite Amici Sponsi vos vocarunt nuptiae Et novae modulos Optamus Dominae In montibus his ecce saliens Ecce venit colles transilens Per fenestras ad me respicens Per cancellos dicit prospiciens Amica surge propera Columba nitens advola Horrens enim hiems iam transit Gravis imber recedens abiit Ver amoenum terras aperuit Parent flores et turtur cecinit Amica surge propera Columba nitens advola Rex in accumbitum iam se contulerat Et mea redolens nardus spiraverat In hortum veneram in quem descenderat At ille transiens iam declinaverat Per noctem igitur hunc quaerens exeo Huc illuc anxia quaerendo cursito Occurrunt vigiles ardenti studio Quos cum transierim Sponsum invenio Iam video quod optaveram Iam teneo quod amaveram

Sing, O bride, your bridal canticle Sing outwardly the joys you gaze upon within And gladdening us give tidings of the bridegroom Whose presence renews you forevermore O young maidens form your choir When she [the bride] begins singing, join in The bridegrooms’s friends have call you to the nuptials Let us welcome the songs sung by the lady Behold he comes leaping upon the mountains Behold he comes skipping over the hills Gazing upon me through the windows Peering through the lattices he says Arise, my love, make haste My beautiful dove come to me For the bristly winter is now past The heavy rains have receded and gone Lovely springtime has opened earth Flowers are appearing, the turtle-dove has begun singing Arise, my love, make haste My beautiful dove come to me The king had already betaken himself to his chamber And my redolent ointment has breathed forth I had come into the garden into which he had descendedBut he passing through had already gone away And so by night I go forth from here seeking him


LIED TEKSTEN

25

Iam redo quae sic fleveram Plus gaudio quam dolueram Risi mane flevi nocte Mane risi nocte flevi Noctem insomnem dolor duxerat Quem vehementem amor fecerat Dilatione votum creverat

Anxious hither and thither I run in my seeking The watchmen come upon me in my burning zeal

Donec amantem aman vistat Plausus die planctus nocte Die palusus nocte planctus Eia nunc comites et Sion filiae

Now I clasp what I had loved

Ad Sponsae contica psalmum adnectite Quo oestis reddita Sponsi praesentia Convertit elegos nostros in cantica Quam fecit Dominus haec est dies! Quam expectavimus haec est dies! Qua vere risimus haec est dies! Quae nos eripuit haec est dies! Hostes quae subruit haec est dies! Quam psalmus praecinit haec est dies! Quae Sponsum suscitat haec est dies! Quae Sponsam suscitat haec est dies! Quae cuncta reparat haec est dies! Veris amoenitas haec est dies!

When I pass them I find my bridegroom Now I see what I had hoped for

Now I laugh at what I had so wept for I rejoice more than ever I had grieved I laughed at morn, I wept at night At morn I laughed, at night I wept Grief made the night sleepless, which my love made overpowering Desire intensified through delay Until lover visited his beloved Joy comes by day, lamentations by night By day rejoicing, by night lamentation So come now companions and daughters of Zion To the canticles of the bride add your psalm Wherein the presence of the Bridegroom restored to those in grief Turns our mournful elegies into canticles. Der Herr hat ihn geschaffen! Dies ist der Tag! Ihn haben wir erwartet! Dies ist der Tag!

Mundi iucunditas haec est dies!

An ihm haben wir aufrichtig gelacht! Dies ist der Tag!

Vitaeque novitas haec est dies!

Er hat uns entrissen! Dies ist der Tag!

Quam fecit Dominus!

Die Feinde hat er umgest端rzt! Dies ist der Tag!

Amen.

Ihn hat der Psalm verk端ndet! Dies ist der Tag! Er hat den Brautgemahl auferweckt! Dies ist der Tag!


26

Er hat die Braut auferweckt! Dies ist der Tag! Er schafft alles neu! Dies ist der Tag! Liebreiz f端r die Wahren! Dies ist der Tag! Freude f端r die Welt! Dies ist der Tag! Und ein neues Leben! Dies ist der Tag! Ihn hat der Herr erschaffen! Amen. Veni creator Spiritus

Cfr. supra


BINNENCONCERTEN

ARTEMANDOLINE Vivaldi en mandolines in Venetië Rijschool — 11.00u & 14.30u PROGRAMMA A. Vivaldi C. Arrigoni A. Vivaldi A. Vivaldi E.F. Dall’Abaco

27

Concerto ripieno PV27 Allegro - Adagio - Ciacona Sonata a mandolino e basso Preludio - Allegro - Adagio - Allegro Concerto in re maggiore RV 93 Allegro - Largo - Allegro Concerto in sol maggiore RV 532 Allegro - Andante - Allegro Concerto a più Instrumenti op.V. 6 Allegro - Aria cantabile, Ciacona allegro spiccato - Rondeau - Allegro

UITVOERDERS Juan Carlos Muñoz – barokmandoline Mari Fe Pavón – barokmandoline Alla Tolkacheva – barokmandoline & mandola Manuel Muñoz – barokgitaar & luit Jean-Daniel Haro – viola da gamba & violone Jean-Christophe Leclère – klavecimbel De nobele en prachtige mandoline werd geroemd door mensen uit alle tijden en alle culturen. De 18de eeuw was daar geen uitzondering op. Het is bijgevolg vanzelfsprekend om de zeer miskende componisten van deze Grote Eeuw te verenigen met de zeer gekende. De 18de eeuw was een complexe en veelzijdige periode die de nieuwe expressiemiddelen onderzocht en niet in het minst de nieuwe klankkleuren. De nieuwsgierigheid van de barokmusicus voor de meest geraffineerde klanken, waaronder die van de mandoline, leidt tot een uiterst esthetische zoektocht. Wie Antonio Vivaldi (1678 -1741) zegt, denkt onmiddellijk aan Venetië. Een stad op de lagune, belaagd door onstuimige golven, over haar palen gedrapeerd. De stad heeft, met haar rustige steegjes, haar pleintjes en bruggen, het uitzicht behouden dat ze had in de tijd van Vivaldi. La Serenissima praalt, zacht en schijnbaar ingeslapen, gewiegd door de golven, aangetast door vocht. Sereniteit en gemoedsrust zijn er voelbaar. De uitbundigheid


28 van Vivaldi ritmeert die kalmte met haar oorverdovende razernij, haar scherpe mandolines en haar geduchte arpeggio’s. Helemaal het tegengestelde van de rustgevende sfeer van Venetië waarmee de “Rode Priester”geassocieerd wordt. Allegro-Andante-Allegro: dit ritme heeft iets weg van een klein concerto. Het is op het gebied van het concerto dat Vivaldi zich tot een echte schepper ontpopt door de drieledige vorm (snel/langzaam/ snel) te bevestigen, evenals de tegenstelling tussen de tutti en de soli. Hij werd verleid door de bekoorlijke klank van de mandoline en gebruikte het instrument in verschillende werken. Men meldt dat sommige van de meisjes van de Seminario musicale dell’ospetale della Pietà opmerkelijke virtuozen op de mandoline waren. Ook de briefwisseling tussen Vivaldi en zijn weldoener, de markies Bentivoglio, getuigt van zijn liefde voor de mandoline. In een brief van 26 december 1736 vraagt hij: “Zou Zijne Excellentie mij kunnen laten weten of Hij nog plezier heeft in de mandoline?” De muziek van Vivaldi weerspiegelt goed het eigen karakter van de Italiaanse barok met zijn overvloed aan feesten,vuurwerken, maskers, pracht en praal. Geen enkele muziek is zo energievol geweest als die van de barok, een loflied op het leven, de gevoelens, de emoties, het zoeken naar details, esthetiek en eeuwige schoonheid. Het is dus een groot fresco van het leven dat Artemandoline u aanbiedt. U treedt dan in de magische wereld van de tokkelinstrumenten, een plejade van beelden, klanken en kleuren, van licht en schaduw.


BINNENCONCERTEN

CAPILLA FLAMENCA Venus in Venice Adriaan Willaert en zijn Musica Nova: madrigali, villanesche, chansons en ricercares. Wat voorafging aan J.S. Bach. Cuvelier — 12.00u PROGRAMMA A. Willaert A. Willaert A. Willaert A. Willaert A. Willaert A. Willaert A. Willaert

29

1. Madrigali Qual dolcezza giamia Quando i begli occhi Ricercar 1 - à 4 2. Canzones Occhio non fu giamai Ricercar 1 - à 3 Sospiri miei Zoia zentil (la canzon di Ruzante)

3. Chansons rustiques A. Willaert La rousée du mois de may A. Willaert / P. Attaigant/ O. Lassus Dessus le marché d’Arras A. Willaert A la fontaine du prez A. Willaert A. Willaert F. Dentice A. Willaert A. Willaert

4. Villanesche alla Napolitana 1542/5 of dansliederen Cingari sima venit’a giocare A quand’a quand’haveva una vicina Volta de Spagna O bene mio famm’uno favore Madonna mia famme bon ‘ offerta


30 UITVOERDERS Marnix De Cat – contratenor Tore Denys – tenor Lieven Termont – bariton Harry van der Kamp – bas Jan Van Outryve – luit Freek Borstlap – viola da gamba Ivanka Neelenman – viola da gamba Piet Stryckers – viola da gamba Patrick Denecker – blokfluit, doedelzak Dirk Snellings – concept en samenstelling programma Elke getalenteerde componist hoopt met zijn vakkennis en originaliteit iets nieuws te kunnen bedenken dat mogelijk de tijd zal doorstaan. Deze hedendaagse visie op het componeren lijkt ook van toepassing op de oude meesters: hun prestige verwerven ze niet alleen met hun onbetwistbaar vakmanschap maar ook met hun originele kijk op de muziek van hun tijd. Het is in dat opzicht bijna een statement dat Adriaan Willaert (ca 1490 – Venetië, 1562) op het einde van zijn leven in 1559 een bundel madrigalen laat drukken met als titel Musica nova: ‘nieuwe muziek’. Dat hij hiermee een tabula rasa wil houden met zijn verleden is zeker niet het opzet; deze muziek is nieuw omdat ze allerlei verworvenheden aanbiedt binnen het genre van het madrigaal dat met zijn vaak filosofische teksten van Petrarca diepzinnig, zwaarmoedig en erg expressief klinkt. Willaerts vernieuwingen zitten vaak in kleine compositorische details, die putten uit een haast oneindig vat aan ideeën en technieken. Zelfs de zeer eenvoudige volkse villanella krijgen zo in de speelse, volkse verklankingen van tijdgenoten een artistiek gehalte dat hen vreemd is. In zijn Franse chansons zoekt Willaert duidelijk naar de brug tussen de rijke imitatie-traditie uit de Nederlanden en de syllabische homofonie van het chanson rustique. Het is net deze veelzijdigheid die zijn chansons tot unieke pareltjes maakt. Geheel ‘nieuw’is zijn bijdrage tot de ontwikkeling van de instrumentale muziek. Hij is namelijk een van de eersten die in zijn Musica nova van 1540 instrumentale ricercars opneemt. Hier worden de mogelijkheden van het door-imiteren in een niet tekstgebonden context ten volle benut. In dit nieuwe genre zullen gedurende eeuwen de inventiviteit en contrapuntische vaardigheid van vele componisten schitteren, met het Wohltemperierte clavier van J.S. Bach als ultieme bekroning ...


LIED TEKSTEN

Qual dolcezza gia mia

31

Qual dolcezza gia mia
di canto di Sirena
 Involo i sens’, et l’alm’, a chi l’udiro
 Che di quella non sia minor assai 
 Che con la voc’angelica, e divina
 Desta nei cor la bella Pecorina.

Welke zoetheid van sirenenzang Heeft ooit de zinnen en de ziel bekoord van hen die het hoorden, Een zoetheid die niet minder is dan die in onze harten gewekt Door de engelachtige en goddelijke stem van de mooie Pecorina.

Et la dolc’armonia
si fa serena l’aria, 
 S’acqueta il mar, taccion’ i venti, 
 Et si rallegra’l ciel di gir’in giro
 I santi angeli intenti, 
 Chinand’ in questa part’ il vago viso
 S’oblian’ ogni piacer del paradiso
 Et ella in tanto honore 
 Dice con lieto suon: Qui regna Amore.

Bij de zoete harmonie wordt de lucht sereen, kalmeert de zee en zwijgen de winden en de hemel verheugt zich. alom, De heilige engelen buigen aandachtig hun mooie gelaat naar haar toe, en vergeten elk paradijselijk behagen, als zij, bij zo veel eer, blijmoedig zingt: hier heerst de Liefde.

Occhio non fu giamai Occhio non fu giamai Con ‘si ragione di doia da morire. 
 O car’ amore, o bell’ amore, o dolce amore O fin’ amore che tien’ il mondo inamora. Hai, hai, corona di quant’ amor fu mai.

Nooit was er een oog dat weende met zo’n smart om te sterven. O geliefde Liefde, o mooie Liefde, o zoete Liefde, O fijne Liefde die de wereld in haar greep houdt. Oh, oh hoogtepunt van al de liefde die ooit bestond.

Sospiri miei Sospiri miei Deh partitevi da me cangiate loco.
 Do che ti giova (do ri don) esser si bella
 Son’ (fa ru ra ru rella) vuoi ben’a me.
 Sappi chi non ha bene in gioventù d’inamar oime
 Stent’in vecchiezza (to riron) amaritudine.
 Son (fa ru ra ru rella) vuoi ben’a me.

O wee, mijn verzuchtingen, Ga weg van mij, verander van plaats. Wat heeft het voor zin dat je (do ri don) zo mooi bent Als je niet (fa ru ra rurella) van me houdt.
 Denk eraan dat wie niet verliefd wordt in zijn jeugd, diens ouderdom met bitterheid overstelpt zal worden (toriron). Hou van mij (fa ru ra rurella).


Zoia zentil (la canzon di Ruzante)

32

Zoia zentil che per secreta via Ten vai di cuor in cuore Portando la legrezza de 1’amore. Col’ to venir celato Tanto ben m’hai portato Che per legrezza tanta El m’è forza che canta: Fa li le li lon.

Milde vreugde, jij gaat langs geheime wegen Van hart tot hart De vreugde van de liefde brengend Jij hebt me zo’n geluk gebracht toen je in het geheim kwam Dat ik door de vreugde moet zingen: Fa li le li lon!

Beato colui son Ch’a lo so amor in don. L’amor n’è ben n’è caro Che s’ha col so danaro. Pi ch’el se paga manco e da stimare: L’amor donato non si po pagare.

Gelukkig is diegene die de liefde cadeau krijgt. Gekochte liefde is noch fatsoenlijk noch dierbaar. Hoe meer je betaalt, hoe minder het waard is: Geschonken liefde is onbetaalbaar.

La rousée du mois de may La rousée du mois de may M’a gasté, ma verte cotte. Par un matin m’y levay En un jardin m’en entray Dites-vous que je suis sotte ?

De ochtenddauw van de meimaand Heeft mijn groene mantel aangetast. Vroeg in de morgen stond ik op en liep een tuin in; Zeg u nu dat ik dwaas ben?

Dessus le marché d’Arras Dessus le marché d’Arras Mireli, mirela bon bas J’ai trouvay ung espaignart, Sentin, senta sur la bon bas Mireli, mirela bon bille, Mireli, mirela bon bas Il m’a dit: fille escouta De l’argent on vous donra Sentin, senta sur la bon bas Mireli, mirela bon bille,]1 Mireli, mirela, bon bas.

Op de markt van Arras Mireli, mirela, lekker ding, Ontmoette ik een Spanjool, Sentin, senta, op zoek naar een lekker ding, Mireli, mirela, lekker ding Hij zei tegen mij: meisje, luister Ik zal je geldstukken geven. Sentin, senta, op zoek naar een lekker ding, Mireli mirela, goed geld, Mireli, mirela, lekker ding!


LIED TEKSTEN

A la fontaine du prez

A la fontaine du prés, Margot, Marguerite s’est baignée. Son ami passait par là, qui la regarde, et hip! “Belle, que faites-vous là, Margot, Marguerite?” “J’arrose mon persinet (= persil) et ma souriette (= petite souris), et hip!”

33

In het watertje bij het veld, nam Margo, Margrietje een bad. Haar vriend kwam erlangs, bekeek haar, en hop! ”Schoonheid, wat doe je daar, Margo, Margrietje?” “Ik geef water aan mijn peterselie en aan mijn muisje, en hop!”

Cingari sima venit’a giocare Cingari sima venit’a giocare Donn’alla coriolla de boh core. Ch ‘el e dentro ch ‘el e fuore S’el è dentr’ha più sapore.

Wij zijn zigeuners die komen spelen een spel genoemd de Hartenkoningin. Deze zit erin, die is uit. Het is lekkerder als hij erin zit.

Calateiuso per vesolazare Ca iocarimo un po per vostr’amore. Ch ‘el è dentroch ‘el e fuore S’el è dentr’ha più sapore.

Kom naar hier en heb wat plezier terwijl wij dobbelen om jouw liefde. Deze zit erin, die is uit. Het is lekkerder als hij erin zit.

Se noi perdiamo pagamo un carlino E se perdete voi pagate il vino. Ch ‘el è dentroch ‘el e fuore S’el è dentr’ha più sapore.

Als wij verliezen, betalen we een carlino, En als jij verliest, betaal jij de wijn. Deze zit erin, die is uit. Het is lekkerder als hij erin zit.

A quand’a quand’ haveva una vicina A quand’a quand’haveva una vicina Ch’era a vedere la Stella Diana. Tu la vedevi Tu li parlavi Beato te se la basciavi tu.

O eens had ik een buurvrouw die op de ochtendster Diana leek. Je hebt haar gezien Je hebt haar gesproken. Je hebt geluk als je haar hebt gekust.

Che veramente pare una regina Ogn’uno ne faria inamorare. Tu la vedevi Tu li parlavi Beato te se la basciavi tu.

Zij leek waarlijk op een koningin. En kon iedereen van haar doen houden. Je hebt haar gezien Je hebt haar gesproken. Je hebt geluk als je haar hebt gekust.


34

Che quando se levava la matina Phebo per scorno se ne ritornava. Tu la vedevi Tu li parlavi Beato te se la basciavi tu.

Want als zij ’s morgens opstond Trok de zon, te schande gemaakt, zich terug. Je hebt haar gezien Je hebt haar gesproken. Je hebt geluk als je haar hebt gekust.

Mo mi credeva starne contento Et trovomi le mani pien di vento. Tu la vedevi Tu li parlavi Beato te se la basciavi tu.

Net wanneer ik dacht in het paradijs te zijn, Trof ik mezelf aan met lege handen. Je hebt haar gezien Je hebt haar gesproken. Je hebt geluk als je haar hebt gekust.

O bene mio famm’ uno favore O bene moi fam’uno favore Che questa sera ti possa parlare. E s’alcuno ti ci trova E tu grida : chi vend’ova.

O mijn geliefde, doe mij een gunst Zodat wij vannacht samen kunnen zijn En als iemand je zou zien terwijl je hier bent roep dan “wie verkoopt er eieren?”

Vieni senza paura e non bussare Butta la porta che porai entrare. E s’alcuno ti ci trova E tu grida : chi vend’ova.

Kom onbevreesd en klop niet aan Duw de deur open en kom dadelijk binnen. En als iemand je zou zien terwijl je hier bent roep dan “wie verkoopt er eieren?”

Alia finestra insino alle due hore Farò la spia che porai entrare. E s’alcuno ti ci trova E tu grida : chi vend’ova.

Ik sta op wacht aan het raam tot 2 uur Om zeker te zijn dat je binnen kunt. En als iemand je zou zien terwijl je hier bent roep dan “wie verkoopt er eieren?”

Madonna mia fame bon‘offerta Madonna mia fame bon’offerta Ch’io porto per presente sto galuccio. Che sempre cant a quand’è di alle galline E dice: chi chir chi E tanto calca forte la galina Che li fa nascer l’ov’ogni matina.

Mijn vrouwe, doe mij een goed bod En in ruil bied ik je deze haan. Hij kraait altijd om de hennen te vertellen dat het dag is “Kukelekuu” zegt hij dan. Hij drukt de kip zo stevig aan Dat ze elke ochtend een ei legt.


LIED TEKSTEN

35

Quisto moi galo sempre sta al’alerta Quando il dì dorme sotto la coperta. Che sempre cant a quand’è di alle galline E dice: chi chir chi E tanto calca forte la galina Che li fa nascer l’ov’ogni matina.

Mijn haan is altijd waakzaam Als hij overdag onder de deken slaapt Hij kraait altijd om de hennen te vertellen dat het dag is “Kukelekuu” zegt hij dan. Hij drukt de kip zo stevig aan Dat ze elke ochtend een ei legt.

Presto madonna se lo voi vedere Ca te lo faciomo quisto piacere. Che sempre cant a quand’è di alle galline E dice: chi chir chi E tanto calca forte la galina Che li fa nascer l’ov’ogni matina.

Wees snel mijn vrouwe als je hem wilt zien Omdat ik je het nu dit aanbod doe Hij kraait altijd om de hennen te vertellen dat het dag is “Kukelekuu” zegt hij dan. Hij drukt de kip zo stevig aan Dat ze elke ochtend een ei legt.


BINNENCONCERTEN

VIVABIANCALUNA BIFFI Fermate il Passo De oorsprong van het recitatief tussen poëzie en muziek aan het begin van de 16de eeuw in Italië Bocholtz — 12.30u & 15.00u

36

PROGRAMMA Proloog Tempus Fugit Waar we spreken van de vluchtige tijd en de sterfelijke mens P. Scotti

Vui che passate qui, fermate il passo * (Sonnet, tekst: S. Aquilano) O tempo, o ciel volubil che fuggendo (Sonnet, tekst: F. Petrarca) Eerste act l’amore e lo sguardo: il Tramonto liefde en aanblik: de zonsondergang

Se a mi che t’amo tanto doni morte (Strambotto) M. Cara S’io sedo all’ombra Amor giù pone’l strale e l’arco (Sonetto) P. de Luprano Se m’è grato il tuo tornare, io’l so ben che giaccio in foco Se per colpa del vostro altiero sdegno * (Madrigaal, tekst : J. Sannazzaro) F. Varoter Nasce l’aspro mio tormento, donna mia sol per mirarte Haimé, perché m’hai privo del tuo divino aspetto (Oda) Tweede act l’amore e lo sdegno: la Notte liefde en woede: de nacht


37 B. Tromboncino N. Broco M. Cara

Hor che’l ciel e la terra e’l ventotace * (Sonnet, tekst: F. Petrarca) Non val acqua al mio gran foco Dissimulare etiam sperasti, perfide * (“Eneide”, Virgiiio) Scopri, lingua , el mio martire, non tenir più el mal occulto lo spero, e lo sperar cresce il tormento ** (Strambotto, tekst: N. Machiavelli) Per servirte perdo i passi, donna, e’l tempo e la fatica Se de fede vengo a meno, prima tu de fe’mancasti

Derde act la resa amorosa: l’Alba Liefdevolle overgave : de zonsopgang 0 numquam pro re satis indignande Cupido ** (“Amores”, Ovidio) M. Cara Deh non più, deh non più mo’, non temer ch’io me sdegnasse * A. Patavus, Stringari Son più matti a questo mondo (instrumentale versie) Fammi quanto dispetto far mi sai * (Rispetto, tekst: A. Poliziano) M. Cara Nasce la speme mia da un dolce riso (C. Ternario) B. Tromboncino Ostinato vo’seguire la magnanimamia impresa Epiloog Carpe Diem Pluk de dag Dove si parla della speranza vana Waar men spreekt van verloren hoop M. Cara F. Varoter

Tu ne quaesieris, scire nefas *** (Carmen XI, Orazio) lo non compro più speranza ché gli è falsa mercanzia Voi che passate qui, firmate il passo (Strambotto, tekst: L. Puici)


38 * Uitwerking en arrangement: VivaBiancaLuna Biffi ** Uitwerking Gloria Moretti, arrangement VivaBiancaLuna Biffi *** Latijnse declamatie zonder melodie UITVOERDER VivaBiancaLuna Biffi – zang en viola d’arco Fermate il Passo Eén startpunt is de immense nalatenschap van Octaviano Petrucci (1466 - 1539) en zijn 11 boeken met frottole, gepubliceerd in de vroege 16de eeuw, die voor vier stemmen zijn opgesteld, met opeenvolgende versies die voor stem en luit werden gearrangeerd door Franciscus Bossinensis. Het is redelijk om aan te nemen dat er ook andere snaarinstrumenten gebruikt werden en dat het gebruikelijk was om de frottole op viola’s uit te voeren, of op andere gelijkaardige instrumenten. Het bestaan van de lira da braccio en de lirone, waarvan de bijna platte kammen lang aangehouden akkoorden mogelijk maakten om de zanglijn te begeleiden, zou deze hypothese kunnen staven. Instrumenten met een gebogen kam, zoals de vila d’arco, de viella of de violetta bastarda, kunnen ook gebruikt worden om de speler een wijder bereik van technische keuzes te geven: contrapuntische passages, akkoorden, enkelvoudige melodische lijnen, of pizzicato in de stijl van een luit of viola da mano. Terwijl de zanglijnen in frottole vrij eenvoudig zijn, zowel in de constructie van hun frasen als in het melodische materiaal, is deze schijnbare eenvoud het resultaat van een zorgvuldige compositie die niets aan het toeval overlaat. Vele frottole beginnen met een eenvoudige syllabische herhaling op de eerste noot - de tekst lijkt bijna ‘tot rust te komen’en z’n eigen ruimte te vinden, maar dan volgen ze hun eigen melodische ontwikkeling, vaak eindigend in cadansen met formulematige ritmische en melodische vormen. Op die manier kunnen componisten de declamatorische kracht van de tekst uitdrukken, ondanks de helder georganiseerde melodie en een efficiënte harmonische structuur. Een andere wijdverspreide praktijk was, volgens Petrucci, het gebruik van ‘airs’voor het zingen van sonnetten, odes, strambotti (korte satires of liefdesgedichten) of aere de capituli waarop poëtische teksten gezet konden worden. In dit programma zijn enkele echte declamazione (declamaties) opgenomen, gebaseerd op melodieën aangepast aan de frottole zelf, of aan eenvoudige melodische vormen toegepast door zangers in de oude traditie van de Toscaanse ottava rime.


39 In zijn Boek van de Hoveling (Venetië, 1528) definieert Baldassare Castiglione (1478 – 1529) de praktijk van het zingen met begeleiding van de viola als een van de meest verfijnde tradities van de renaissancecultuur: ‘boven alles lijkt het zingen begeleid door de viola mij de meest aangename wijze van uitvoeren, het voegt zulke schoonheid en kracht toe aan de woorden dat het een groot wonder is.’De uitvoerder is tegelijkertijd het dramatisch personage, de begeleider, solist, ‘declamator’en commentator. Zo bekeken is het essentieel om uit het hoofd uit te voeren, in een aanhoudende reis om een overtuigende balans te vinden tussen stem en instrument. De uitvoering van vandaag wordt gepresenteerd in de vorm van een proloog, 3 aktes en een epiloog. De drie aktes (zonsondergang, nacht en zonsopgang) zijn metaforen in een verhaal over perfecte, geïdealiseerde liefde; een ingebeelde reis doorheen de tijd, vanaf de schemering (het moment van het eerste oogcontact tussen de geliefden) doorheen de nacht (de kwellingen van de liefde) tot het aanbreken van een nieuwe dag (de overgave). In contrast daarmee drukken de proloog en epiloog een cynische ontnuchtering uit en presenteren ze de moraal van deze gedeclameerde ‘fabel’: het is beter in het heden te leven dan z’n vertrouwen in de liefde te leggen en z’n hoop vast te pinnen op een onzekere toekomst. Naarmate het verhaal zich ontvouwt, krijgen we gedichten aangeboden door Francesco Petrarca, Jacopo Sannazarro, Luigi Pulci, Niccolò Machiavelli, Angelo Poliziano en Serafino Aquilano, ofwel op muziek gezet door de grote exponenten van de frottola, onder wie Bartolomeo Tromboncino (ca 1470 – 1535), Marchetto Cara (ca 1470 – mogelijk 1527) en Francesco d’Ana of Fracsesco Varoter (ca 1460 – 1502), ofwel in een gedeclameerde versie. Frottole en declamazioni - die de poëtische vormen gebruiken die het populairst waren in de vroege jaren 1500 - wisselen af met korte fragmenten uit klassieke Latijnse teksten, die ook opnieuw in een declamatorische vorm gegoten werden: Vergilius (Dido’s bittere smart bij de verlating door Aeneas, uit de Aeneas), Ovidius (de onvermijdelijke overwinning van Cupido over de geliefden uit de Amores) en Horatius (de ijdelheid van de hoop, uit de Odes). Deze voorbeelden van klassieke filosofie en mythe drukken de kwelling, de ellende en de rijkdom uit van de menselijke ervaring, in elke historische periode. De liedteksten worden tijdens de voorstelling als boventitel vertaald geprojecteerd. Met dank aan Simen Van Mechelen


BINNENCONCERTEN

DOULCE MEMOIRE Een Venetiaans bal volgens henri iii Rijschool — 13.00u & 16.10u PROGRAMMA 13.00u M. Praetorius M. Praetorius J. Mangeant (uitgever) M. Praetorius Anoniem P. Attaingnant (uitgever) M. Praetorius P. Guédron M. Praetorius P. Guédron M. Praetorius P. Guédron A. Le Roy M. Praetorius

Pavane d’Espagne Branles doubles Mon amy s’en est allé Branle gay Trop Penser Tourdion Courante A la fin ce berger Courante-Sarabande Belle je maudirois le jour Courantes C’est une damoiselle Quand le gril chante Courantes

PROGRAMMA 16.10u Anoniem Pavane El bison - Gaillarde La Traditora B.Tromboncino Quasi sempre avanti di Anoniem Spagnoletta B. Marini Novel Cupido F. Caroso Laura Soave O. Vecchi Saltarello detto il Vecchi G. Allegri Canarie P.P. Borrono La Torgia A. Willaert Sempre mi ride sta G.A. Casteliono ( ?) Il Mazzolo G.G. Gastoldi L’innamorato

40


41 UITVOERDERS Véronique Bourin – sopraan Johanne Maître – cornamuse, schalmei, blokfluit Elsa Frank – cornamuse, schalmei, blokfluit Denis Raisin Dadre – cornamuse, schalmei, blokfluit & artistieke leiding Jérémie Papasergio – cornamuse, schalmei, blokfluit Pascale Boquet – Renaissance luit en gitaar Bruno Caillat – percussie In samenwerking met de dansers van Il Ballarino de Florence Bruna Gondoni – danser Marco Bendoni – danser Doulce Mémoire is supported by the Regional Council of the Centre Region, the Indre-et-Loire general Council, the Ministry of Culture - DRAC Centre, the City of Tours and the Institut Français Ministry of Foreign Affairs for its foreign tours. Doulce Mémoire is a member of Fevis and Profedim.

Bals waren in Europa een belangrijk onderdeel van het leven aan het hof. Dans – lees: elegantie, verfijning en zelfcontrole – maakte deel uit van de opvoeding van de adel. Als een vorm van stille retoriek, bood het een mogelijkheid om te charmeren en amoureuze gevoelens te uiten. Maar het werd eveneens gebruikt om politieke boodschappen over te brengen, zoals in de allegorische ballets de cour. In 1600 kwam Marie de Médicis uit Firenze aan om te trouwen met Koning Hendrik IV van Frankrijk. Ze bracht Commedia dell’arte artiesten, dansmeesters, zangers en muzikanten mee en al gauw was de Italiaanse invloed merkbaar in het hofleven, vooral op de talrijke feesten en in het entertainmentgebeuren. Het doel van deze uitvoering is om de sfeer van de feesten te laten herleven zoals die waarschijnlijk was aan het hof van Hendrik IV, met dansmuziek gespeeld door de muzikanten van de koning, choreografieën van de Italiaanse dansmeesters, begeleiding door een groep hauts-instrumenten, d.w.z. “luide”instrumenten, zoals de cornetto, trombone, schalmei en percussie-instrumenten. Een feest voor oor en oog!


42

A la fin ce berger A la fin ce berger Montre un esprit léger A tromper mon attention : Mais j’auray désormais Pour ne l’aymer jamais, L’âme constante.

Uiteindelijk toont deze herder Dat hij een lichtzinnige geest heeft Door misbruik te maken van mijn tedere zorg voor hem : Maar vanaf nu zal ik altijd Een standvastig hart hebben Dat hem nooit lief zal hebben.

Mais non, ce ne sont pas Des yeux, ny des apparasts Qui font ceste conqueste : Car un esprit mouvant, Qui n’a rien que du vent, La luy a faicte.

Ach nee, het zijn niet de ogen En ook niet de sieraden Die voor deze verovering zorgen: Het is immers een onstandvastige geest, Die niets dan wind bevat Die hem deze overwinning bezorgde.

Je le tiens mieux acquis Avant l’avoir conquis, Que quand je le possède : Il revient en allant, Et son mal violant Est son remède.

Ik houd hem steviger vast Voordat ik hem heb veroverd Dan wanneer hij mijn bezit is: Door weg te gaan komt hij terug En zijn heftige pijn Is zijn geneesmiddel.

Il a beau revenir Si j’ay mon souvenir Et luy son inconstance : J’appreste à son retour Au lieu de mon amour, La resistance.

Hij kan dan wel terugkomen, Maar als mijn geheugen nog werkt En hij nog steeds onstandvastig is Dan zet ik bij zijn terugkomst Tegenstand klaar in plaats van Liefde.

Trop penser me fait amour Trop penser me fait amour dormir ne puis Si je ne vois mes amours toutes les nuits

De liefde doet mij veel peinzen; ik kan niet slapen Als ik mijn lief niet iedere nacht zie.

Comment parlerais à vous fin franc cœur doulx Vous y parlerez assez mon ami doulx

Wat zou ik u allemaal zeggen vanuit een liefhebbend eerlijke hart.. En u, mijn lieve vriend, zou ook heel wat te zeggen hebben.

Vous viendrez à la fenestre à la minuit Quand mon père dormira j’ouvriray l’uys

U moet naar mijn venster komen, om middernacht En als mijn vader dan slaapt, open ik de deur.


LIED TEKSTEN

43

Le gallant n’oublia pas ce qu’on luy dist, De venir à la fenestre à la minuit

De minnaar vergat niet wat hem gezegd was; Dat hij om middernacht naar het raam moest komen.

La fille ne dormoist pas tatost l’oyst Toute nue en sa chemise et luy ouvrit

Het meisje sliep niet en hoorde hem meteen Ze droeg niets dan een onderhemd en deed open voor hem.

Baisons, acollons nous mon amy gent Comme font vrays amoureux secrétement

Laten we elkaar kussen en omhelzen, mijn lieve vriend, Zoals echte geliefden dat heimelijk doen.

Belle je maudirois le jour Belle je maudirois le jour, Que poussé d’une frenaisie Qui vint troubler ma fantasie, Je vous veis partir de la Cour: Mais pensés que la jalousie Est toujours compagne d’amour.

Schoon meisje, ik vervloek de dag Waarop ik, gedreven door een waanzin Die mijn geest vertroebelde, U zag vertrekken van het Hof: Maar bedenk wel dat jaloersheid Altijd de metgezel is van de liefde.

Un amant qui n’est point jaloux Ayme tiedement ce qu’il ayme, Mais mon amour n’est pas de mesme Car je meurs et brusle pour vous: Mourir pour vous est-ce un blasphème

Een minaar die niet jaloers is Houdt maar slapjes van wat hij mint, Maar zó is mijn liefde niet: Ik sta in vuur en vlam en sterf van liefde voor u: Is sterven omwille van u een blasfemie

Digne de vous mettre en courroux? Puissay-je mourir si depuis, Tant ma fortune fut changée, Mon âme de deüil outragée, N’a passé les jours & les nuis

Die uw woede kan oproepen? Dat ik dan moge sterven; Mijn geluk is immers geheel omgeslagen, Mijn hart dat gebukt gaat onder diepe smart Kent dag en nacht

Sans cesser de se voir plongée Dedans une abisme d’ennuis. Si donc n’adorer que vos yeux Qui m’ont la liberté ravie: Si vous chérir plus que ma vie, Ni que la lumiere des Cieux, A m’aymer encor’ vous convie, Belle revenés en ces lieux.

Niets anders dan een eindeloze, Diepe afgrond van verdriet. Dus wil ik, om alleen uw ogen te aanbidden, Die mij van mijn vrijheid beroofden, Om u lief te hebben, méér dan mijn eigen leven, Méér dan het licht van de hemel, U uitnodigen mij steeds lief te hebben; Schoonheid, kom toch terug naar dit oord.


44

Mon amy s’en est allé Mon amy s’en est allé Sans de moy congé prendre, Avant qu’il soit demain nuit, J’en auray la revenche Baise moy si m’en iray car ma mère m’y mande. Je m’en iray au bois d’Amour, Ou personne n’y entre, Que le doux rosinolet, Qui en ce vert bois chante Baise moy… Rossignol beau rossignol, Qui en ce vert bois chante Va t’en dire à mon amy Que par toy je luy mande Baise moy… Va t’en dire à mon amy Que par toy je luy mande Si je me dois marier Ou si je dois attendre Baise moy… Belle attendez belle attendez Vous êtes bien plaisante Il viendra quelque seigneur, En ce bon pais de France Baise moy…

Mijn vriend is vertrokken Zonder afscheid van mij te nemen; Vóór het morgenavond is Zal ik wraak nemen op hem. Omhels me, en dan ga ik weg, want mijn moeder stuurt mij erop uit. Ik ga naar het bos van de liefde, Waar niemand anders toegang heeft Dan de lieflijke nachtegaal Die zingt in dit groene struweel Omhels me…. Nachegaal, schone nachtegaal Die zingt in dit groene struweel, Ga heen om aan mijn vriend te zeggen Dat ik hem via jou iets laat vragen Omhels me… Ga heen om tegen mijn vriend te zeggen Dat ik hem via jou vraag Of ik moet trouwen Of dat ik nog moet wachten Omhels me… Schoon meisje, wacht, schoon meisje, wacht, Je bent immers zeer bevallig; Er komst vast een of andere edele heer Naar dit mooie Franse land Omhels me…

C’est une damoiselle C’est une damoiselle Qui ne se nomme pas la la: Estant dessus sa porte, Regardant ça et la. Que n’estoy-je icy, Que n’estoy-je la, La la que n’estoy-je la.

Ze is een jongedame Die haar naam niet geeft, la la: Ze staat boven haar deur En kijkt naar alle kanten. Waarom was ik er niet? Waarom was ik niet aanwezig? Waarom was ik er niet bij?

Estant dessus la porte, Regardant ça & la, la la: Un gentilhomme passe, D’amour la salua. Que n’estoy-je…

Ze staat boven haar deur En kijkt naar alle kanten, la,la la: Een edelman komt voorbij En groet haar vriendelijk. Waarom was ik er niet...


LIED TEKSTEN

45

Un gentilhomme passe, D’amour la salua, la la: Le mena dans sa chambre, Sur le Lit la jetta. Que n’estoy-je…

Een edelman komt voorbij En groet haar vriendelijk, la la: Ze nam hem mee naar haar kamer Waar hij haar op het bed wierp. Waarom was ik er niet ...

Le mena dans sa chambre, Sur le lit la jetta, la la: Luy leva la chemise, Et puis la laissa la. Que n’estoy-je… Luy leva sa chemise, Et puis la laissa la, la la: C’est un sot a l’espreuve Il le montra bien la. Que n’estoy-je…

Ze nam hem mee naar haar kamer Waar hij haar op het bed wierp, la la: Hij trok haar hemd omhoog En liet haar toen zo liggen. Waarom was ik er niet... Hij trok haar hemd omhoog En liet haar toen zo liggen, la, la la: Hij was dus echt een dwaas Dat liet hij toen wel zien. Waarom was ik er niet...

C’est un sot à l’espreuve Il le montra bien la, la la: Il faut passer plus outre, Où ne s’en mesler pas. Que n’estoy-je…

Hij was dus echt een dwaas Dat liet hij toen wel zien, la, la la: Je moet of verder gaan Of er helemaal niet aan beginnen. Waarom was ik er niet…


BINNENCONCERTEN

BEL AYRE Chi vol vedar Venezia (Wie Venetië echt wil zien) Grote gewelfde kelder — 13.00u & 15.30u PROGRAMMA C. Monteverdi B. Ferrari B. Ferrari F. Sances C. Monteverdi B. Ferrari B. Ferrari B. Ferrari A. Willaert

Quel sguardo sdegnosetto Amor io mi ribello Torni al lido Usurpator tiranno Ohimè, ch’io cado Deggio amarvi Amanti io vi so dire Io v’amo e v’amero Vecchie letrose

UITVOERDERS Lieselot De Wilde – sopraan Pieter Theuns – theorbe, luit, barokgitaar Pieter Vandeveire – gamba Op uitnodiging van het prestigieuze Venetian Centre for Baroque Music stelde Bel Ayre een programma samen dat exclusief uit Venetiaanse muziek bestaat. In dit programma schept Bel Ayre een bruisend beeld van de stad, van het dagelijkse leven, het haast onophoudelijke carnaval, van het alomtegenwoordige water, oude wijven langs de kade, van rijke edellieden en geruïneerde handelaars, van vurige romances en gebroken harten... De titel ‘Chi vol vedar Venezia’komt uit een oud Venetiaans spreekwoord dat luidt: “Wie Venetië echt wil zien, gaat best ‘s zomers in de ochtend en ‘s winters in de avond”(chi vol vedar Venexia vera, de ista a la matina, de inverno a la sera). In de letterlijke zin zijn zowel opgewekte odes aan de dageraad als nachtelijke serenades te horen. In figuurlijke zin komt in dit programma het einde van een grote bloeiperiode en het ontluiken van alweer een nieuwe aan bod: de overgang van renaissance naar barok, met muziek van boegbeelden Adriaan Willaert (ca 1480 – 1562) en Monteverdi (1567 – 1643). Maar zomer of winter, ‘s ochtends of ‘s avonds, het echte Venetië krijgt u hoe dan ook te horen!

46


LIED TEKSTEN

Quel sguardo sdegnosetto

47

Quel sguardo sdegnosetto Lucente e minaccioso, Quel dardo velenoso Vola a ferirmi il petto, Bellezze ond’io tutt’ardo E son da me diviso, Piagatemi col sguardo Sanatemi col riso.

Die trotse blik Vol vuur en dreiging, Die giftige pijl Vliegt om mijn hart te verwonden, O schoonheden waarvan ik in brand sta, En geheel buiten mijzelf ben, Verwond mij met uw blik, En genees mij met uw glimlach.

Armatevi pupille D’asprissimo rigore, Versatemi su’l core Un nembo di faville, Ma’l labro non sia tardo A ravvivarmi ucciso, Feriscami quel sguardo Ma sanami quel riso.

Wapen u, ogen, Met allerhevigste kou, Stort in mijn hart Een wolk van vonken. Maar, lippen, wees niet te laat Met mij weer tot leven te wekken. Laat die blik mij maar blijven verwonden, Maar, o glimlach, genees mij weer.

Begl’occhi a l’armi a l’armi Io vi preparo il seno, Gioite di piagarmi In fin ch’io venga meno, E se da vostri dardi Io resterò conquiso, Ferischino quei sguardi Ma sanami quel riso.

Schone ogen, te wapen, Ik maak mijn boezem voor u gereed, Verheug u mij te mogen verwonden, Dat ik ten slotte flauw val, En als ik door uw pijlen Geveld blijf, Laten die blikken mij verpletteren, Maar, o glimlach, genees mij weer.

Amor io mi rebello Amor io mi rebello Dal tuo spietato impero Dal tuo registro ofero Il nome mio cancello e quella fè c’hò dedicato al sempre di seguir bella si ma ria fanciulla à lui ritolgo ed’hor consacro al nulla Non temo, il tuo valore Ragion schermo mi face m’assicura la pace dal grave tuo furore sdegno mi guarda, e mi difende invitto mi dichiaro (in tuo scorno o forte rea) inimico d’un Dio, e d’una Dea. Maledirti vorrei

Amor, ik verzet me tegen je harteloze bewind Uit je wrede register wis ik mijn naam En die trouw waarmee ik me gewijd heb aan het immer volgen van zo’n mooi maar wreed meisje neem ik hem weer af en wijd ik aan het niets. Ik vrees je macht niet De rede dient me tot scherm verzekert de vrede tegen je felle woede verdedigt me tegen de toorn, en beschermt me; onoverwinnelijk verklaar ik me


nume, che l’alme infesti ma non vuò, ne saprei maledir i celesti pur desio maledir chi m’hà piagato dirò, frenando il mio rubel pensiero maledetto sia l’arco, e non l’arciero

48

(tot jouw misnoegen oh wrede) Vijand van een god, en van een godin. Ik zou je willen vervloeken God, die de zielen besmet maar ik wil niet, en zou niet weten hoe, de hemelse goden vervloeken En toch wil ik wie me verwond heeft vervloeken dus zeg ik, mijn rebelse ziel beteugelend, moge de boog vervloekt zijn, en niet de schutter.

Torni al lido Torni al lido il nocchiero Che l’amoroso arciero d’una nave provede à cui l’onda obedisce e il vento cede non paventa de turbin ne procelle e i naviganti suoi guida a le stele O felice il tirenno Che regger nel bel seno Si gentil nave suole c’ha Palinuro il cielo e tifi il Sole vorrei per riverire ogni suo giro disfarmi in pianto? Struggermi in sospiro Nave si bella e pura ammira la natura per portar il bel pondo tra i diluvi tornar vorrebbe il mondo Se tal nave varcasse l’Acheronte fora un ciel stige e un angelo Caronte

Moge hij naar de kust terugkeren, de voerman Die de liefdevolle boogschutter van een boot voorziet waaraan de golf gehoorzaamt en waarvoor de wind zwicht. Hij vreest geen windhozen noch stormen en zijn opvarenden begeleidt hij naar de sterren. Oh hoe gelukkig de Thyreense zee die in zijn schoot zo’n lieflijk schip aan de oppervlakte houdt terwijl stuurman Palinurus de hemel en de Zon tot steun heeft. Om elke wending hiervan te vereren wil ik in geween losbarsten, en zwelgen in zuchten. De natuur bewondert zo’n mooi en puur schip. Om dit schone gewicht te dragen wil de wereld naar de zondvloed terugkeren. Als zo’n schip de Acheron zou doorklieven Dan was de hemel de Styx en Charon een engel.

Usurpator tiranno Usurpator tiranno Della tua libertà sia Lilla altrui Che da gl’imperi sui Non riceve il mio amor, perdita o danno.

Tirannieke overweldiger Van jouw vrijheid; nu ben je van een ander Lilla, die door zijn macht Van mij geen liefde ontvangt, verlies of grieve.


LIED TEKSTEN

Faccia’l geloso amante Che non t’oda ben mio che non ti miri. Saranno i miei sospiri A suo dispetto d’amator costante. Procuri pur ch’io sia Esule dal tuo affetto e dal tuo core, Che non farà d’amore Abandoni già mai l’anima mia. Di sdegno in frà gl’ardori Armi la voce a strazii miei rivolto; Non potrà far il stolto, Che se ben tù non m’ami io non t’adori. Ma che val ch’il rivale Non mi possa impedir ch’io non ti brami, Se per far ch’io non ami L’adorar giova poco amar non vale.

Meta de tuoi diletti Fatto è novo amator vago e felice A cui concede e lice Il tuo voler del cor gl’ultimi acetti. Seguane ciò che vuole; Adorerò com’adorai ‘l tuo nome, Le luci tue, le chiome Saranno del mio cor catena e sole. Sii pur Lilla crudele, Tenti per tormentarmi angosce e affanni; Non mi daranno gl’anni Altro titolo mai che di fedele.

49

Laat de afgunstige minnaar Maken dat ik je niet zie of hoor, mijn lief: Mijn zuchten zullen blijven Ondanks de galant met zijn doen en laten. Ook al verban je mij Uit jouw genegenheid en uit jouw hart, Dat niet liefhebben zal Ach, mijn ziel verlaat jij nooit of te nimmer. Bewapen maar je stem Bij alle gloed, met minachting voor mijn stand; De gek krijgt niet gedaan, Dat als jij mij niet mint, ik jou niet aanbid. Wat geeft het of de rivaal Mij niet beletten kan jou te begeren, Want opdat ik niet liefhebben zou Baat zijn dwepen niet en zijn minnen ook niet. Voorwerp van jouw genoegens, Werd hij de nieuwe gretige en gelukkige Minnaar aan wie jouw wil De hoogste hartekreet verleende en toestond. Kome wat kome mag; Jouw naam zal ik liefhebben zoals ik liefhad, En jouw ogen, jouw haren Zullen zon en keten zijn van mijn hart. Wees dan maar wrede Lilla, Beproef om mij te kwellen angst en vreze; Nooit geven mij de jaren Een andere naam dan die van getrouwe.

Ohimè ch’io cado Ohimè ch’io cado, ohimè Ch’inciampo ancora il piè Pur come pria. E la sfiorita mia Caduta spene Pur di novo rigar Con fresco lagrimar Hor mi conviene.

Ach wee, ik val, ach wee, ik blijf weer steken met mijn voet, zoals daarnet. Zo moet mijn hoop, gevallen en ontmoedigd, door mij weer met wat verse tranen begoten worden.

Lasso, del vecchio ardor Conosco l’orme ancor Dentro nel petto, Ch’ha rotto il vago aspetto E i guardi amati

Ach, van die oude hartstocht voel ik nu nog duidelijk de sporen hierbinnen in mijn borst, nu een schoon gelaat en zoetgeliefde blikken


50

Lo smalto adamantin Ond’armaro il meschin Pensier gelati.

het bikkelharde schild van mijn bevroren en verstijfde geest, waarachter ik steeds schuil ging, hebben gebroken.

Folle, credev’io pur D’aver schermo sicur Da un nudo arciero. E pur io sì guerriero Hor son codardo, Nè voglio sostener Il colpo lusinghier D’un solo sguardo.

Ik was dan ook zo zot te denken, dat ik zo geheel veilig was voor pijlen van die naakte schutter. Ik lijk zo strijdbaar, echter: ik ben eerder laf omdat ik zelfs niets meer wil weten van de vleiende streling van één blik.

O campion immortal, Sdegno come sì fral Hor fugg’indietro; A sott’armi di vetro, Incanto errante, M’hai condotto, infedel, Contro spada cruel D’aspro diamante.

Onsterfelijke meester, ik ben zo woedend dat je nu zo zwak op de vlucht slaat; met wapenen van glas, als denkbeeldige bescherming, stuurde je mij, verrader, ten strijde tegen diamanten wapens.

Come sa punir Tiranno Amor l’ardir D’alma rubella! Una dolce favella, Un seren volto, Un vezzoso mirar, Sogliono rilegar Un cor disciolto.

Hoe weet de liefde, die tiran, zo goed de overmoed van zielen, die opstandig zijn te straffen! Een zoete stem, een mooi gelaat, een zwoele blik, kunnen zo makkelijk een hart dat vrij is opnieuw binden.

Occhi, occhi belli ah se fu Sempre bella virtù, Giusta pietate, Deh, voi non mi negate Il guardo e’l riso. Che mi sia la prigion Per sì bella cagion, Il Paradiso.

Ach ogen, mooie ogen, indien deugd iets schoons is en genade een groot goed onthoudt mij dan toch niet een blik en lach, zodat hier mijn gevangenschap door al dat moois een paradijs zal lijken.


LIED TEKSTEN

Deggio amarvi

Deggio amarvi occhi belli no ò si, no ò si, nò ch’al lume farfalla inceneri sarei folle à bramarvi ò luci belle che non lice à un mortal goder le stele Deggio amarvi occhi cari, si ò no, si ò nò si, se dolce pallore in voi vedro abbagliar, e avvampar assai men suole quando si mostra pallidetto il Sole.

51

Moet ik jullie liefhebben, mooie ogen Ja of nee, ja of nee? nee want bij de vlam vergaat de vlinder ik zou dwaas zijn om jullie te aanbidden oh schone ogen want het past een sterveling niet de sterren te beminnen Moet ik jullie liefhebben lieve ogen Ja of nee, ja of nee? Ja als ik in jullie een zoete bleekheid zie schijnen, en veel minder fel is de vlam Wanneer de zon zich bleekjes vertoont.

Amanti io vi sò dire Amanti io vi sò dire, ch’è meglio assai fuggire bella donna vezzosa ò sia cruda ò pietosa ad ogni modo e via il morir per amor è una pazzia

Geliefden ik weet jullie te zeggen Dat het veel beter is om een mooie bevallige vrouw te ontvluchten of ze nu wreed is of barmhartig Op elke wijze en alleszins. Sterven voor de liefde is waanzin

Non accade pensare di gioir in amare amoroso contento dedicato è al momento e bella donna al fine rose non dona mai sensa le spine

Je moet niet denken dat liefhebben plezier geeft De voldoening van het minnen is toegewijd aan het heden En een mooie vrouw schenkt uiteindelijk nooit rozen zonder doornen

La speme del gioire fondata è sul martire bellezza e cortesia non stann’in compagnia sò ben dir con mio danno che la morte ed’ amor insieme vanno

De hoop op vreugde Is gebaseerd op kwelling schoonheid en hoflijkheid gaan niet samen Ik kan tot mijn eigen schade zeggen dat dood en liefde samengaan

Vi vuol pianti à diluvi per spegner i vesuvi d’un cor innamorato d’un spirito infiammato Pria che si giunga in porto quante volte si dice oime! son morto!

er zijn stormvloeden aan tranen nodig om de Vesuvius van een verliefd hart te blussen en van een ontvlamde ziel. Voordat men de haven bereikt Hoe vaak hoort men niet zeggen: Wee mij, ik sterf!


52

Credetel à costui che per prova può dir’“io vidi, io fui” se creder no’l volete lasciate star che poco importa à me, seguitate ad amar ad’ogni modo chi de’ rompersi il collo non accade che schivi od‘ erta ò fondo che per proverbio sentii sempre dire “dal destinato non si può fuggire”

Hecht geloof aan hem die uit eigen ervaring zeggen kan: “Ik zag, ik was” Als jullie hem niet geloven willen laat dan maar zitten mij gaat het niet aan, ga maar door met liefhebben Hoe dan ook, wie zijn nek moet breken hoeft geen obstakel of kuil te mijden Want ik heb altijd dit spreekwoord gehoord: “Voor het lot kun je niet vluchten”

Donna, sò chi tu sei Amor sò i fatti miei non tresco più con voi alla larga ambi doi s’ogn’un fosse com’io saria un balordo amor e non...un Dio

Vrouw, ik weet wie je bent Amor, ik ken mijn zaakjes Ik span niet meer met jullie samen, uit mijn buurt jullie allebei Als iedereen was zoals ik Dan was amore en dwaas en geen ... God.

Io v’amo e v’amerò Io v’amo e v’amerò fin ch’amante è pietosa vi vedro non mi dare cagion di penne ò pianti assai belle ci son e pochi Amanti teneremi ben stretto che fuggito augelletto ben che tràgbagi ritenuto fù ad’ antica prigion non torna più Costanza, e pura fè Sò ch’in sen feminil poca ce n’è Che voi foste dignelle non vorrei Che bramano gli Amanti à cinque e sei ben stretto mi tenete che spezzata la rete il muro e freddo habitator del mar tra i più fidi sentier corre à guizzar.

Ik houd van je en zal van je houden zolang ik je verliefd en barmachtig zie Geef me geen reden tot leed of tranen Er zijn schoonheden genoeg en weinig minnaars. Houd me maar stevig vast want als het vogeltje gevlogen is Ook al leek hij zo goed gekooid dan keert hij niet weer naar het oude gevang. Standvastigheid en pure trouw, zijn zeldzaam in een vrouwenhart Ik zou niet willen dat je tot degene behoort Die vijf of zes minnaars tegelijk willen hebben Houd me stevig vast Want als het net kapot gaat dan zal de stomme en koude bewoner van de zee Wegglippen naar betrouwbaardere paden.


LIED TEKSTEN

Vecchie letrose

Vecchie letrose, non valete niente Se non a far l’aguaito per la chiazza. Tira tira tir’alla mazza, Vecchie letrose, scannaro s’e pazze.

53

Oude kletswijven, jullie kunnen niks dan loeren op het dorpsplein. Trek, trek, trek aan de stok, oude kletswijven, lelijk en zot.


BINNENCONCERTEN

LE CONCERT BRISÉ Splendeurs de la musique Vénitienne Rond de sonates van Giovanni Battista Fontana Kerk — 13.30u & 15.00u

54

PROGRAMMA G. Gabrieli Intonatio G. Gabrieli Sonata IV à sei G.B. Fontana Sonata decimaterza (due cornetti e trombone) G.B. Fontana Sonata decimaottava (due violini e fagotto) G.B. Fontana Buonamente Sonata prima a quattro canti C. Merulo Toccata G. Legrenzi Sonata La Buscha a sei (tutti) UITVOERDERS Christine Moran – viool Fanny Paccoud – viool Judith Pacquier – cornetto William Dongois – cornetto & artistieke leiding Stefan Legée – trombone Moni Fischalek – dulciaan Hadrien Jourdan– klavecimbel/orgel Matthias Spaeter – theorbe Venetië, de stad van de Dogen, roept vandaag nog bij de melomanen het beeld op van één van de meest prestigieuze muziekcentra. Economisch wordt deze metropool minder belangrijk, maar ze is nog steeds het centrum van de uitgave en de verspreiding van de “nieuwe muziek”. Venetië trekt heel Europa aan om naar de muziek van de grootste componisten te luisteren, evenals om van de vertolkingen van de grootste zangers en instrumentalisten te genieten. Het is de periode wanneer de viool beetje bij beetje de overhand krijgt op de cornetto als bevoorrecht instrument van de virtuoze renaissancemuziek. De jaren dertig van de 17de eeuw zijn de gouden jaren van een ontmoeting tussen die instrumenten in een repertoire waar ze nog vaak omwisselbaar zijn. In de Germaanse landen duurt dit nog enkele jaren langer.


55 In de 17de eeuw, periode van muzikale emancipatie, verschijnt de instrumentalist ook in de rol van componist. Vrijwel alle componisten van instrumentale muziek zijn violisten, met uitzondering van enkele organisten. De vereisten van de “stil nuovo”, een nieuwe, geraffineerde, inventieve en theatrale muziek die wil ontroeren, verleiden en overtuigen, sporen de instrumentalisten aan om te schrijven en de neerslag van hun kunst te laten publiceren. Tot dan toe werden ze slechts in didactische werken opgetekend. Zo ontstaat de baroksonate, instrumentale transcriptie van de stijl van de nieuwe motetten, madrigalen en opera-aria’s. De violist Giovanni Battista Fontana (ca 1571 – ca 1630) is één van die componisten. Men kent hem alleen maar door het voorwoord voor zijn verzamelde sonates die na zijn dood gepubliceerd werden. Hij is in Brescia geboren rond 1571, heeft in Rome en Venetië gewerkt en is rond 1630 in Padua overleden, waarschijnlijk door de pest. Zijn sonates werden na zijn dood uitgegeven, wat hun belang voor zijn tijdgenoten aantoont. Waarschijnlijk heeft hij veel contacten gehad met Dario Castello (ca 1590 – ca 1658), Biaggio Marini (1594 – 1663), Marco Uccellini (ca 1610 – 1680) en Salomone Rossi (ca 1570 – 1630). Allen hebben ze in San Marco gespeeld, onder de leiding van Giovanni Gabrieli (ca 1555 – 1612) en Claudio Monteverdi. (1567 – 1643) Wat Giovanni Buonamente (ca 1595 – 1642) betreft, hij heeft hoogstwaarschijnlijk Rossi en Monteverdi in zijn Mantuaanse periode gekend. De verfijnde fantasierijke muziek van Fontana draagt de stempel van de grote meesters van de vocale muziek, terwijl ze getuigt van een virtuoze en expressieve praktijk, levend bewijs van de vitaliteit van de prille barokmuziek.


BINNENCONCERTEN

LA REVERDIE Venetiarum Cardines Veneto als kruispunt van middeleeuwse muziek Cuvelier — 14.00u & 15.40u PROGRAMMA S. Paolino d’Aquileia Anoniem (Aquileia) Anoniem (Friula) Anoniem (Veneto) Anoniem (Veneto) J. da Bologna J. da Bologna E. de Mircovich Anoniem (Veneto) A. da Cividale J. Ciconia

56

Versus de Herico duce O lilium convalium Quar nueg et jorn trist soi et esbahit Amor mi fa cantar alla Françesca Or qua compagni, qua cum gran piacere La nobil scala Nel bel giardin che l’Adige cinge I’sentì za come l’arco d’amore Pianze la bella Yguana Marce Marcum imitaris Strenua quem duxit/Gaudeat et tanti Venecie mundi splendor

UITVOERDERS Claudia Caffagni – zang, luit Livia Caffagni – zang, blokfluit, vedel Elisabetta de Mircovich – zang, ribeca, symphonia Sara Mancuso – harp, portatieforgel Veneto is altijd een plaats geweest van culturele en muzikale vitaliteit sinds de tijd van Paolo Diacono (Cividale del Friuli, 720 – Montecassino, 799), uit wiens Historia de titel van dit programma werd genomen. Het Veneto van vandaag is slechts een klein deel van het enorme geografische gebied dat ooit beschouwd werd als een aparte kosmopolitische streek die cultureel en linguïstisch één was. Het Veneto van de 8ste eeuw strekte zich uit van de noordoostelijke heuvelvoeten van het Italiaanse schiereiland tot aan de Illyrische kust en tot aan de streek van Trentino, van Marca Trevigiano tot Fuili en Aquileia, en zelfs verder tot aan de grens van het Oostenrijkse hertogdom. De grote dichter Dante Alighieri schrijft in zijn De Vulgari Eloquentia “Trivisani cum Venetis, hi cum Aquilegiensibus & isti cum Ystrianis’’waarbij hij de ondubbelzinnige tendens aantoont om de verschillende landschappen samen te voegen. Wat een modern publiek zou kunnen verrassen is dat Venetië niet het middelpunt was van het Veneto van de achtste eeuw, maar wel Cividale (Civitas Austriae) in Friuli.


57 Karel De Grotes triomfantelijke intocht in 776 en de daaropvolgende heerschappij van de Frankische adel vertoonde echo’s van een verfijnde keizerlijke cultuur en creëerde een artistieke wederopbloei die eeuwenlang zou duren, vooral op het vlak van de gewijde muziek. Eén voorbeeld daarvan is het voortreffelijke Plantus van Patriarca Paolino, geschreven naar aanleiding van de dood van Erico, Margravio van Friuli in 779. Dit stuk roept vooral bepaalde rivieren, steden en heuvels uit de regio op om dit verlies te bewenen en betreuren. Het scriptorium van Cividale werd eeuwenlang hoog geacht. Het repertoire was ver van provincialistisch, het was meer een complexe samenvloeiing van diverse zangtradities. Het verfijnde cantus planus binatim “O Lilium Convalium”werd bvb. in Sankt Gallen gekopieerd. Met het einde van de patriarchale staten, kwam Cividale onder het gezag van Venetië te staan, een gebeurtenis die toen een concrete verbinding betekende van z’n toekomstige geschiedenis evenals z’n artistieke productie met de rest van Veneto. Antonious de Civitate (1392 – 1421), geboren in Cividale, was actief in Venetië en Rome. Zijn werken waren beïnvloed door de internationale Frans-Vlaamse stijl van de polyfonie die wijd verspreid was in de streek van Veneto, de stijl die overheersend werd in de polyfonie in de vroege jaren van de 15de eeuw. In de 13de eeuw vonden vele troubadours een veilige haven in Veneto via de hoven van Monferrato, Malaspina, della Scala, evenals het verfijnde signoria van da Romano (of het nu kwam doordat de troubadours getekend waren door de tragische gebeurtenissen van de Albigenzer Kruistocht of doordat ze verbitterd waren om de geleidelijke afname van de interesse voor de Provençaalse poëzie in hun eigen land). De twee meest beroemde troubadours, Sordello en Uc de Saint, werden opgenomen aan het hof van Alberico da Romano, de heer van Treviso, wiens passie voor hofmuziek hem ertoe aanzette zelf Provençaalse lyriek te schrijven. De retromode van troubadourpoëzie was zelfs verspreid tussen de inwoners van Friuli, zoals wordt aangetoond met het prachtige planh geschreven naar aanleiding van de dood van Joan de Cucanh. Gedurende de volgende eeuw, toen de invloed van Venetië binnen de regio versterkt werd, trokken de generaties van de grote Venetiaanse signoria della Scala de meest getalenteerde componisten en muzikanten aan. De Scala familie wordt geroemd in de madrigalen Nel bel giardino che l’Adice cinge en La nobil scala. De grootstedelijke gebieden van Verona en Padua waren ook van een groot artistiek belang. In de omgeving van Padua, vond het kopiëren van de Codice Vaticano Rossi, de eerste belangrijke


58 en bekende bron van de Italiaanse Ars Nova plaats. Het was ook de residentie van de voornaamste componist en theoreticus Marchetto da Padova. Verona was de woonplaats van enkele van de belangrijkste dichters zoals Dante Alighieri en Francesco Petrarca, en muzikanten zoals Giocanni da Cascia en Jacopo da Bologna (ca 1335-1360). La Serenissima begon haar bloeiperiode in de 14de eeuw. Het motet Marce Marcum imitaris, gecomponeerd bij de verkiezing van Doge Marco Corner in 1365, vormt het voorspel tot het muzikale aetas aurea dat bestond onder het milde beschermheerschap van de dogen zoals weerspiegeld wordt in de pracht van de hertogelijke Kapel uit de Renaissance. Dit motet heeft alle kenmerken van een Italiaans motet, een genre dat duidelijk te onderscheiden valt van de Franse stijl en dat een invloed uitoefende op de motetstijl van Johannes Ciconia (ca 1370 – 1412). De uitgebreide overeenkomsten tussen de motetten van Ciconia en het Marce Marcum imitaris zijn zo aanzienlijk dat men zich afvraagt of dit in plaats van één van de mogelijke modellen niet “het”model is dat zijn motetproductie inspireerde. Vanaf 1405, bezette Venetië de signorie van Verona en Padua. De muzikanten en dichters werden daardoor gedwongen nieuwe beschermheren te roemen die vroeger als vijanden beschouwd werden; dit was het geval voor Johannes Ciconia, die het motet Venecie mundi splendor speciaal voor deze gelegenheid componeerde. Tot dan toe waren zijn composities en zijn trouw gericht geweest op de kerk en de signoria van Padua en Cararesi. Veneto is niet alleen een oord geweest van een bloeiende muzikale traditie, maar er wordt ook gezegd dat het de schuilplaats was van de mysterieuze nimf Yguane, die z’n wateren bewoond zou hebben…


LIED TEKSTEN

Versus de Herico duce

59

Mecum Timavi saxa novem flumina flete per novem fontes redundantia quae salsa gluttit unda Ponti Ionici Histris Sausque Tissa Colpa Marua Natissa Corca gurgites Isoncii.

Ween met mij, O jullie negen zijrivieren van de Timavus, vloei opnieuw over jullie bedden van steen, laat jullie negen bronnen wenen, O jullie die overspoeld werden door de zoute wateren van de Ionische Zee, en jullie, Sava van Istria, Tisza, Kupa Maros, Natison, Gurk en het woelige Isoncus.

Hericum mihi dulce nomen plangite Syrmium Pola tellus Aquilegie Iulii Forum Cormonis ruralia rupes Osopi iuga Cetenensium Attensis humus plorat et Albenganus.

Ween om Henicus, die mij lief was, ween O Symium, Pola, het land van Aquileia, Frejus, het platteland van Friuli, de Bergen van Osopus, het plateau van Cenada, O ween, land van Adige en van Alba.

Matres mariti pueri iuvencule domini servi sexus omnis tenera etas pervalde sacerdotum inclita caterva pugnis sauciata pectora crinibus vulsis ululabant pariter.

Moeders, echtgenoten en echtgenotes, kinderen, meisjes, meesters en slaven, jonge en oude mannen en vrouwen, de edele broederschap van de priesters slaan zich allemaal op de borst met hun vuisten, rukken hun haar uit en weeklagen samen

Deus eterne limi qui de pulvere plasmasti tuam primos ad imaginem parentes nostros per quos omnes morimur misisti tuum sed dilectum Filium vivimus omnes per quem mirabiliter

O eeuwige God, U die vanuit het stof en slijk onze eerste ouders vormde naar Uw evenbeeld, die ons de dood leerde kennen, U stuurde ons Uw geliefde zoon, door wie wij, wonderlijk genoeg, allemaal leven;

sanguine cuius redempti purpureo sumus sacrata cuius carne pascimur Herico tuo servulo melliflua concede queso Paradisi gaudia et nunc et ultra per inmensa secula.

door zijn rode bloed worden wij verlost, met zijn heilige vlees worden wij gevoed; gun, ik smeek U, Uw nederige dienaar Hericus de vreugde van het Paradijs, nu en tot in de eeuwigheid.

Planctus gecomponeerd door de bisschop en patriarch van Aquileia, San Paolino II, bij de dood van Erico, Margravio del Friuli, in 799.


60

O lylium convallium O lylium convallium flos virginum stirps regia spes omnium fidelium lux luminum o filia Eve matri contraria ave mater de gracia nos redimens per filium ave ave remedium nos eximens miseria.

O lelie van de vallei, bloem der maagden, van koninklijken bloede, de hoop van alle gelovigen, het licht der lichten, O dochter van Eva, toch het tegendeel van onze moeder: gezegend, moeder van genade, u die ons verlost door uw zoon, gezegend, gezegend, remedie die ons bevrijdt van alle ellende.

Dit is één van de 24 resterende discanti uit het Patriarcato van Aquileia. Z’n gebrek aan overeenstemming met een andere bron suggereert dat het een lokale traditie is.

Quar nueg et jorn trist soi et esbahit Quar nueg et jorn trist soi et esbahit no sap chantar com se degra davers de mieu senher lo pretz que mais falhit Mort brisara com l’estat lhi verger per sieu valor li mieu chants es trop nutz cilh de Cucanh plus non auran la lutz quar saup totz temps al mielhs aconselhar per lor plorantz no val lo mieus chantar.

Al mag ik dan dag en nacht diepbedroefd zijn; ik weet dat ik niet waardig ben om de moed van mijn heer te bezingen die nog nooit verslagen werd, maar die door de Dood verwelkt werd als een boomgaard in de zomer. Het prachtigste lied betekent niets. De mensen van Cucanh zijn beroofd van hun licht, want hij gaf altijd de beste raad; zelfs het zoetste lied kan hen niet troosten bij hun smart.

Een klaagzang bij de dood van de feodale heer Joan de Cucanh, ook Giovanni di Cuccagna in 1272. Een broer van Guarniero, bisschop van Trieste, was een van de belangrijkste politieke en historische figuren van Friuli in de 13de eeuw. Hij word ook vermeld in het testament van de patriarch Gregorio wegens de talrijke trouwe diensten die hij bewees aan de kerk van Aquileia. De compositie waarvan de tekst in het Lenga d’òc is opgesteld, werd gekopieerd op een stuk perkament, gevonden in de omslag van een liturgieboek bewaard in de nell’Archivio Capitolare di Cividale van Friuli.


LIED TEKSTEN

Or qua compagni, qua cum gran piacere

- Or qua, conpagni, qua, cum gran piacere: chiamat’i can qua tosto! Bocanegra, tòi, tòi! - Bianchopelo, sta qui, sta! Ch’una camoza a mi me par vedere! – Di’, dunde va? - De qua! - De qua? Per qual via va? - Per quel boschaio, guata, guata ascosa. - Molton, Molton! - Chi se’? Chi se’? – I’ son Guardapasso - Que vòi, que vòi? – Va’ de qua! - Non vidi che son molte? Piglia l’una! - Quala vòi? Quella de drieto biancha, perch’io la vego stancha-. Nui tuti la seguimo cum effetto, cridando l’un a l’altro: - Piia, piia! Sai, sai! - Curi forte là, via là che ‘n vèr la tana va quasi a deletto! – Non pò fuzir - Non pò? - Non pò ché ‘l can la tien; né movre non si sa perch’è smarita! - Zafon, Zafon securi lì! Ve’ cum se rebufa! – Va’ là s’tu vòy - Zàfala! – I’ temo che non morda, perch’è fera, - Non fa, no! -. Chosì fo lì destesa, per questo modo presa.

61

“Kom dichterbij, vrienden, hier, laten we ons amuseren, roep meteen de honden.” “Zwartmuil, hier, hier.”“Witvacht, zit hier, zit; het lijkt of ik een gems zie.”“Vertel me, waar komt die vandaan?”“Van daar!”“Van daar? Welke kant gaat hij uit?”“Door dat bosje. Kijk, kijk, hij verstopt zich.”“Molton, Molton.”“Wie ben jij? Wie ben jij?” “Ik ben de uitkijkpost.”“Wat wil je? Wat wil je?”“Ga langs daar: zie je niet dat ze met veel zijn?”“Neem jij deze.”“Welke wil jij?”“Die met de witte achterkant, omdat ik zie dat die moe is.” We volgden hem allen met succes, de een roepend naar de ander: “Vang hem, vang hem!”“Hier! hier!”“Ren snel naar daar, die kant uit, omdat hij recht naar het hol loopt.” “Kan hij ontsnappen?”“Nee, dat kan niet. Dat kan niet: de hond houdt hem op een afstand en hij kan niet bewegen omdat hij in de war is.”“Zafon, Zafon, ren naar daar, zie hoe hij zich verweert.”“Ga jij naar daar als je wil.” “Hij is verzwakt.” “Ik ben bang dat hij zou kunnen bijten, omdat hij wild is.”“Neen, dat doet hij niet.”Terwijl hij daar lag werd hij zo gevangen.

Dit is waarschijnlijk de eerste caccia vastgelegd in een ars nova manuscript dat gebonden is aan de Veneto traditie. De klankkleur en geluiden van het dialect zijn duidelijk waar te nemen.

Nel bel giardin che l’Adige Nel bel giardin che l’Adige cinçe vive la biscia fera e velenosa che già fu donna bella et amorosa.

In de prachtige tuin omgeven door de Adige leeft een wrede en giftige adder die ooit een mooie, liefdevolle vrouw was.


Donan dame fedel ottima luce sprezzò la fede e tenne via divisa sì che di donna in serpe fu conversa. Com’più la fuggo più me dà di morso/né rimedio le trovo né socorso.

62

Gelovige vrouwen brengen het helderste licht. Deze vrouw verachtte het geloof en ging een andere richting uit, waarna ze van een vrouw in een slang veranderd werd. Hoe meer ik haar ontvlucht, hoe meer ze me bijt; ik kan remedie noch hulp vinden.

Een madrigaal gecomponeerd tijdens het verblijf van Jacopo da Bologna aan het hof van Scala in Verona.

I’ sentì çà I’ sentì çà como l’archo d’amore Cun gran vigore ‘l so strale disera Che non se sfera mai dal çentil core.

Ik heb reeds gevoeld hoe de boog van de Liefde z’n pijl schiet met grote kracht, zodat hij nooit uit een edel hart getrokken kan worden.

Dal tempo novo en fin dov’ el declina N’è sta’ la spina en l’amorosa mente Esente dal bel viso pelegrina.

Van de lente tot de winter, is de steek in mijn verliefde geest gebleven, uitgesloten en wegdwalend van dat mooie gelaat.

Or sun tornato e ‘l mio segnor m’afidi pur che retorni a la sua dolçe guida.

Nu ben ik teruggekomen, en mijn dame schenkt me haar vertrouwen, als ik mij weer onder haar zachte hoede plaats.

Marce, Marcum imitaris Marce, Marcum imitaris probitatis radio, nec ab ipso disgregaris equitatis madio.

Marcus, jij imiteert de heilige Marcus met een staf van rechtschapenheid, evenmin ben jij van hem gescheiden, gedompeld in rechtvaardigheid.

Miles dignus approbaris virtutum efficacia, princeps iustus sublimaris karismatum gracia.

Waardige ridder, jij wordt aangenomen om de heilzaamheid van je deugden; rechtvaardige prins, jij wordt in vervoering gebracht door de genade van je goddelijke giften.

Tu ducatus generosi mundi pariferiam circumducis virtuosi ad prolem Corneriam. Tu michi benignitatis

Jij, afstammend van een edelmoedige doge, schenkt de wereld een feestmaal, jij overtuigt de deugdzame ten gunste van het nageslacht van de Cornerfamilie. Je schonk me de hand


LIED TEKSTEN

63

manum porrexisti, tu Venecie dignitatis gradum addidisti.

der vrijgevigheid; jij droeg bij tot de stand van de waardigheid van Venetië.

Sic celestis claritatis, cui te commisisti, Deus augeat largitatis liliumque majestatis, quod pie meruisti. Amen.

Zo mengde jij je onder de hemelse roem; laat God de lelie der grootheid en majesteit vermeerderen, wat jij met je vroomheid verdiende. Amen.

Een motet gecomponeerd bij de verkiezing van Doge Marco Corner in 1365. Onze opvoering is gebaseerd op een nieuwe reconstructie (op twee fragmentarische bronnen) uitgegeven door Claudia Caffagni.

Strenua quem duxit/Gaudeat et tanti Strenua quem duxit ad lumina sanguinis arbor Ordelafi salve faciatque valere Georgi te manus omnipotens cunctosque ex arbore natos gaudeat et populus tanto ductore minatus Forlivi ductor populo jubiletque minato Alterni dum vis sic pectora iungit amoris quo sine nulla diu dominatio firma refulsit. Quem fortem natura dedit nullique secundum belligero strepitu largumque in munere magno parem animo quidquid concludit orbem putantem quem si virtutum circumdedit undique sertum rara tamen domini clementia scripsit eundem. Gaudeat et tanti subiens connubia sponsi clara trahens ortum Ludovici germine sponsa digna viro mulier Lucretia prompta subire quem faveat sceleri potius velut altera mortem

Laat hij zich haasten naar ons, hij die glorie bracht aan zijn nakomelingen, de boom van Ordelaffi. Heil!, en moge de almachtige hand van Joris jullie kracht geven, zonen van de boom. Laat de bedreigde mensen van Forli zich verheugen zo’n leider te hebben, en laat de leider zich verheugen in zijn volk, want enkel de kracht der liefde (zonder dewelke geen enkele vorst, wat ook zijn autoriteit moge zijn, lang tijd geregeerd heeft) kan een blijvende harmonie creëren. De natuur gaf hem de moed die niemand anders had in het heetst van de strijd, een prachtige gave waardig aan zo’n ziel, en de wereld afgereisd te hebben met de kroon der deugd, heeft een zeldzame genadigheid in zijn hart gegrift. En laat de bruid zich verheugen die op het punt staat te huwen met zo’n waardig man, een afstammeling van de tak van Ludovicus. Zij is de waardige bruid van een held: zij draagt dezelfde nam als Lucrezia, die verkoos haar leven te beëindigen liever dan het met schande te bevlekken. Zij toont zichzelf op elk vlak een waardige afstammeling van Thaddeus; aldus zullen de nakomelingen van edele ouders zelf afstammelingen verwekken die het voorbeeld

Een 136 frag


in cunctis bene se Thadee matris alumpna significans. Sic stirpe parens stirps ipsa parente inclita dat similem semper secuturaque prolem. Gaudeat et sancto plebs hec munita patrono quem supplex venerando colit Jacobumque precatur quem si non genuit terra celo dedit illum cuius in abscessum quanto Deus ornet honore est experta suos in grandi munere amicos. Gaudeat obtectam geminoque colore catervam acceptasse suis letanter laribus inde acceptura quidem non dona minora per evum.

64

volgen van hun voorvaders. Laat het volk zich ook verheugen in de bescherming van hun heilige beschermheer, en zijn gebeden verheffen naar de heilige Jacobus, want hoewel de aarde niet de vruchten van de hemel voortbrengt, bracht hij toch hem voort; en hoewel hij niet langer op aarde vertoeft, brengt de aarde een getuigenis van de grootheid van de giften en de eer die God schenkt aan hen die hem lief zijn. Laat zij zich verheugen, zij die aanvaard heeft om hier haar huis in te richten, en haar goederen en tweekleurige kledij meebrengt, hierbij de vreugde verzekerend van de giften die niet minder groot zullen zijn in de toekomst.

Een motet gecomponeerd bij het huwelijk van Giorgio degli Ordelaffi van Forlì met Lucrezia Alidosi, dat plaatsvond op 3 juli 1412.

Venecie mundi splendor I. Venecie, mundi splendor, Italie cum sis decor, in te viget omnis livor regulis mundicie. Gaude, mater maris, salus, qua purgatur quisque malus. Terre ponti tu es palus miserorum baiula.

I. Venetië, gij wonder van de wereld en trots van Italië! In u bloeit alle streven naar de canon van elegantie! Verheug u, moeder van de zee, met uw reddende kracht die elke boosdoener reinigt. U bent een steunpilaar voor land en zee, een ondersteuning voor de nederige.

Gaude late, virgo digna, principatus portas signa tibi soli sunt condigna ducalis dominii.

Verheug u ten zeerste, edelachtbare maagd. U draagt de emblemen van een hertogelijk vorstendom, en alleen aan u zijn ze toegekend.

Gaude, victrix exterorum, nam potestas Venetorum nulli cedit perversorum, domans, terram, maria.

Verheug u, overwinnares van de heidenen, want de kracht van Venetië, die het land en de zeeën temt, wijkt voor geen van de verdorvenen;


LIED TEKSTEN

65

[Nam] tu vincis manus fortis, pacem reddis tuis portis, et disrumpis fauces mortis, tuorum fidelium.

Want gij verovert de kracht van de machtigen, gij herstelt aan uw poorten de vrede van uw gelovigen, en gij breekt de kaken der Dood.

Pro te canit voce pia tui statum in hac via el conservet et Maria Johannes Ciconia. [Amen]. II. [O] Michael, qui Stena domus tu ducatus portas onus, honor tibi, quia bonus vitam duces celibem.

Want gij, bezingt (laat God en Maria u bewaren zoals gij zijt) Johannes Ciconia met een vrome stem.

Phebo compar, princeps alme, tibi mundus promit “salve”; spargis tuis fructum palme, victor semper [nobilis].

Weldadige prins, de wereld groet u zoals Phoebus, en gij, de eeuwig edele overwinnaar, verdeelt de vruchten van de overwinning onder uw volk.

Clemens, justus approbaris, decus morum appellaris, tu defensor estimaris fidei catholice.

Gij staat bekend als genadig en eerlijk; gij zijt een toonbeeld van deugd, gij staat in hoge achting als verdediger van het katholieke geloof.

Bonis pandis munus dignum, malis fundis pene signum leges suas ad condignum gladio justitie.

Beloon het goede dat gij doet, terwijl gij als het ware kwaad doet door uw wetten op te leggen met het zwaard der gerechtigheid als passend teken.

Sagax, prudens, mitis pater, lex divina, cum sis mater mentis virtus tibi frater, zelator rei publice.

Gij zijt een hartstochtelijke, voorzichtige, nederige vader (terwijl gij, goddelijke wet, de moeder zijt), een vaardige geest is uw broeder, o bewaker van het algemeen welzijn.

Sedem precor tibi dari, Deo celi famulari, ejus throno copulari per eterna secula. Amen.

Ik bid dat u een plaats wordt toegewezen en dat u God in de hemel mag dienen, dat u verbonden blijft met zijn troon tot in de eeuwigheid. Amen

II. Michaël, die de last draagt van het hertogdom Stena, ere aan u , want gij, een goed man, leidt een kuis leven.

Een motet ter ere van Venetië en opgedragen aan Doge Michele Steno. Het werd waarschijnlijk gecomponeerd om de annexatie van Padua aan de Republiek van Venetië te vieren op 3 januari 1406.


BINNENCONCERTEN

CAPILLA FLAMENCA & OLTREMONTANO Vesperae Beata Maria Virgine anno 1600 Adriaan Willaert + 1562 & Giovanni Gabrieli + 1612 Kerk — 17.00u

66

PROGRAMMA Gregoriaans Introitus: Deus in adiutorium meum intende G. Gabrieli Canzona I, La spiritata à 4 J. de Wert - A. Willaert Dixit Dominus (Psalm 109) A. Willaert Laudate pueri (Psalm 112) G. Gabrieli Regina caeli à 12 J. de Wert - A. Willaert Laetatus sum (Psalm 121) G. Gabrieli Canzona II à 4 J. de Wert - A. Willaert Nisi Dominus (Psalm 126) A. Willaert Lauda Jerusalem (Psalm 147) G. Gabrieli Ricercare primo tono à 4 A. Willaert Inviolata et casta Gregoriaans - A. Willaert Ave maris stella G. Gabrieli Magnificat à 12 UITVOERDERS Capilla Flamenca Rob Cuppens – contratenor Marnix De Cat – contratenor Jan Caals – tenor Tore Denys – tenor Govaart Haché – tenor Laurens-Alexander Wyns – tenor Lieven Termont – bariton Harry van der Kamp – bas Dirk Snellings – concept en samenstelling programma Oltremontano Adrien Mabire – cornetto Benoit Tainturier – cornetto Wim Becu – trombone & artistieke leiding Harry Ries – trombone


67 Zonder enige twijfel zullen de Vespers van Claudio Monteverdi (1567 - 1643) alle voorgaande Vesperae overtreffen al was het maar dat de oude en nieuwe stijl (prima e seconda pratica) voor het eerst in onze Westerse kerkmuziek een wonderbaarlijke symbiose aangaan waarin zowel de meest intieme als de meest overweldigende muziek elkaar in perfecte balans aanvullen. Dat de aanzet van deze meerkorige polyfonie haar wortels vindt bij de Vlaming Adriaen Willaert (ca 1490 – 1562) omstreeks 1550 schijnt haast iedereen nu te zijn vergeten. Als hij in 1527 wordt aangesteld als kapelmeester van de San Marco had niemand durven vermoeden dat deze basiliek en tevens haar stad Venetië op muzikaal vlak zulk een hoog prestige zou verwerven in de volgende 35 jaar in heel Europa. Na een gedegen muzikale opleiding in Vlaanderen reist Willaert al vroeg doorheen Europa en komt in contact met zowel Franse als Italiaanse muziek. Als geen ander weet hij deze stijlen te assimileren en te integreren in de genres van zijn tijd. Dit veelzijdig polyfoon vakmanschap en zijn gevoeligheid om de emotie en de inhoud van de tekst treffend te verklanken bezorgen hem grote faam bij alle muziekliefhebbers van zijn tijd. Enkel de 8 knapen, de 15 volwassen zangers en 2 orgels vulden deze indrukwekkende ruimte met gregoriaans, polyfone missen, motetten en orgelspel gedurende zowat 200 liturgische vieringen doorheen het hele jaar. Als ‘maestro di capella’keek Willaert streng toe op hun vocale vaardigheden en op hun kennis van het contrapunt. Vanuit hun niveau verdeelde hij hen in 2 groepen wat voor heel wat irritatie en rivaliteit zou zorgen tussen de zangers. Toch is er onder Willaert relatief weinig verloop van zangers. Willaerts bundel met meerstemmige psalmen van 1550 is zo samengesteld dat ze de behoefte aan meerstemmige psalmen voor één of twee koren voor alle feestelijke Vespers doorheen heel het jaar in Venetië kunnen invullen: I Salmi appertinenti alla vesperi per tutte le feste dell’ anno, parte a versi, et parte spezzadi accomodati da cantare a uno et a duo chori. Als een trotse stad met een eigen rijk verleden mocht de San Marco basiliek, als privé kapel van de Doge, er eigen gezangen en rituelen op na houden die beduidend afweken van de Romeinse ritus. Zo had de San Marco haar eigen gregoriaanse boeken die zowel inhoudelijk als vormelijk afweken van de graduale en vesperale Romanum. Pas na de dood van Willaert, tijdens de aanstelling van Zarlino als kapelmeester, krijgen de trombones en cornetti toegang tot de kerkmuziek. De meerkorige werken van Giovanni Gabrieli (+1612), die in dit programma model mogen staan voor de overweldigende muziek van de Venetiaanse school, zullen o.a. via Heinrich Schütz over heel Europa verspreid worden. Ze liggen eveneens aan de basis van de monumentale Maria Vespers van Claudio Monteverdi. Dirk Snellings


Deus in adjutorium meum intende Deus in adjutorium meum intende. Domine ad adjuvandum me festina. Gloria Patri, et Filio, et Spiritui Sancto. Sicut erat in principio, et nunc, et semper Et in saecula, saeculorum, Amen. Alleluia.

68 God kom mij ter hulp! Heer, haast U mij te helpen. Eer aan de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. Zoals het was in het begin, nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen, Amen. Alleluia.

Dixit Dominus Assumpta est Maria in coelum, gaudent Angeli, laudentes benedicunt Dominum.

Maria wordt opgenomen ten hemel, de engelen verheugen zich en zij prijzen en zegenen God.

Dixit Dominus Domino meo: Sede a dextris meis: Donec ponam inimicos tuos, scabellum pedum tuorum. Virgam virtutis tuae emittet Dominus ex Sion: dominare in medio inimicorum tuorum. Tecum principium in die virtutis tuae in splendoribus sanctorum, ex utero ante luciferum genui te. Iuravit Dominus, et non poenitebit eum: Tu es sacerdos in aeternum secundum ordinem Melchisedech. Dominus a dextris tuis, confregit in die irae suae reges. Iudicabit in nationibus, implebit ruinas, conquassabit capita in terra multorum. De torrente in via bibet: propterea exaltabit caput. Semper, et in saecula saeculorum. Amen.

De Heer sprak tot mijn Heer: zit aan mijn rechterhand, totdat ik uw vijanden tot een rustbank voor uw voeten maak. De scepter van uw kracht zal de Heer uit Sion zenden: heers in het midden van uw vijanden. Bij U ligt de heerschappij ten dage van uw macht, in de glans van ’t leger van uw getrouwen: Uit mijn schoot heb ik u vóór de morgenster verwekt. Gezworen heeft de Heer en het zal hem niet berouwen: Gij zijt de priester in eeuwigheid naar de wijze van Melchisedech. De Heer aan uw rechterhand verplettert koningen ten dage van zijn gramschap. Rechten zal Hij onder de volken, voltooien de nederlaag, hoofden verpletteren in het land alom. Uit een beek zal hij drinken op de weg; en weerom zal Hij het hoofd verheffen. Altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen.


LIED TEKSTEN

Laudata pueri

69

Laudate pueri Dominum,

Looft, dienaren, de Heer,

Laudate nomen Domini. Sit nomen Domini benedictum ex hoc nunc et usque in saeculum. A solis ortu usque ad occasum laudabile nomen Domini. Excelsus super omnes gentes Dominus et super coelos gloria ejus. Quis sicut Dominus Deus noster, qui in altis habitat, et humilia respicit in coelo et in terra? Suscitans a terra inopem, et de stercore erigens pauperem; Ut collocet eum cum principibus, cum principibus populi sui. Qui habitare fecit sterilem in domo, matrem filiorum laetantem. Gloria Patri et Filio et Spiritui Sancto. Sicut erat in principio et nunc et semper et in saecula saeculorum. Amen.

Looft de Naam van de Heer. De Naam van de Heer zij gezegend, van nu af tot in eeuwigheid. Van de opgang der zon tot aan de ondergang, zij de Naam van de Heer gezegend. Verheven boven alle volken is de Heer, en boven de hemelen gaat zijn heerlijkheid. Wie is als de Heer, onze God, die woont in de hoogte, en neerziet op het kleine in de hemel en op aarde? Die uit het stof de behoeftige opricht en uit de drek de arme omhoog heft: Om hem te plaatsen bij de edelen van zijn volk. Die de kinderloze vrouw huisvest, als blijde moeder temidden van haar kinderen. Eer aan de Vader en de Zoon en de Heilige Geest, zoals het was in het begin, nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Regina caeli a 12 Regina caeli, laetare, alleluia Quia quem meruisiti portare, alleluia Resurrexit, sicut dixit, alleluia Ora pro nobis Deum, alleluia

Koningin des hemels verheug je, alleluja want Hij die jij hebt mogen dragen, allelluja is verrezen, zoals Hij voorzegd had, alleluja bid voor ons bij God, alleluja

Lautatus sum Laetatus sum in his, quae dicta sunt mihi:

Ik was blij, daar men mij zei:

In domum Domini ibimus. Stantes erant pedes nostri, in atriis tuis Jerusalem. Jerusalem, quae aedificatur ut civitas: cuius participatio eius in idipsum. Illuc enim ascenderunt tribus, tribus Domini:

Naar het huis van de Heer trekken wij op. Reeds staan onze voeten in uw poorten, Jeruzalem! Jeruzalem, dat gebouwd is als een stad, waarin alles aaneengesloten staat. Derwaarts immers gaan de stammen op, de stammen van de Heer


testimonium Israel ad confitendum nomini Domini. Quia illic sederunt sedes in iudicio, sedes super domum David. Rogate quae ad pacem sunt Jerusalem: et abundantia in diligentibus te: Fiat pax in virtute tua: et abundantia in turribus tuis. Propter fratres meos et proximos meos, Propter domum Domini Dei nostri, loquebar pacem de te: quaesivi bona tibi. Gloria Patri et Filio et Spiritui Sancto. Sicut erat in principio et nunc et semper, et in saecula saeculorum. Amen.

70

het is een voorschrift voor Isra毛l om de Naam van de Heer te loven. Want daar staan de zetels, voor het gerecht, de zetels van het huis van David. Vraagt wat tot vrede strekt voor Jeruzalem: geluk zij hun, die U liefhebben. Vrede heerse in uw vesten en overvloed in uw torens. Om wille van mijn broeders en al mijn naastbestaanden zeg ik: Vrede over U! Wegens het huis van de Heer, onze God, vraag ik voor U heil. Eer aan de Vader en de Zoon en de Heilige Geest, zoals het was in het begin, nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Nisi Dominus Nisi Dominus aedificaverit domum,

Als de Heer het huis niet bouwt,

in vanum laboraverunt qui aedificant eam. Nisi Dominus custodierit civitatem, frustra vigilat qui custodit eam. Vanum est vobis ante lucem surgere: surgite postquam sederitis, qui manducatis panem doloris. Cum dederit dilectis suis somnum: ecce hereditas Domini filii: merces, fructus ventris. Sicut sagittae in manu potentis, ita filii excussorum. Beatus vir qui implevit desiderium suum ex ipsis: non confundetur cum loquetur inimicis suis in porta. Gloria Patri et Filio et Spiritui Sancto. Sicut erat in principio et nunc et semper, et in saecula saeculorum. Amen.

dan werken die het bouwen tevergeefs. Als de Heer de stad niet bewaart, dan waakt de schildwacht tevergeefs. Vruchteloos is opstaan v贸贸r het daglicht: sta op na de rust, gij die in zorgen uw brood eet. Hij geeft het zijn beminden in de slaap: zie, zonen zijn een geschenk van de Heer: zijn beloning is vruchtbaarheid. Als pijlen in de hand van de held, zo zijn de zonen van de beste jaren. Gelukkig de man die veel zulke pijlen mag hebben, hij hoeft niet te vrezen, als hij met zijn vijanden spreekt in de poort (voor het gerecht). Eer aan de Vader en de Zoon en de Heilige Geest, zoals het was in het begin, nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen.


LIED TEKSTEN

Lauda Jerusalem

Lauda, Jerusalem, Dominum: lauda Deum tuum, Sion. Quoniam confortavit servas portarum tuarum: benedixit fillis tuis in te. Qui posuit fines tuos pacem: et adipe frumenti satiat te. Qui emittit eloquium suum terrae: velociter currit sermo eius. Qui dat nivem sicut lanam: nebulam sicut cinerem spargit. Mittit cristallum suam sicut buccellas: ante faciem frigoris eius quis sustinebit? Emittet verbum suum, et liquefaciet ea: flabit spiritus eius, et fluent aquae. Qui annuntiat verbum suum Jacob: iustitias et iudicia sua Israel. Non fecit taliter omni nationi: et iudicia sua non manifestavit eis. Gloria Patri et Filio et Spiritui Sancto. Sicut erat in principio et nunc et semper, et in saecula saeculorum. Amen.

71

Loof, Jeruzalem, de Heer: loof uw God, o Sion. Want versterkt heeft Hij de grendels van uw poorten, gezegend heeft Hij uw kinderen binnen u. Hij maakte het aan uw grenzen vredig en Hij verzadigt u met het vet der tarwe. Hij zendt zijn bevel uit naar de aarde, snel loopt zijn woord. Hij werpt sneeuwvlokken als wol, Hij strooit de rijm als as uit. Hij werpt zijn ijs uit als brokjes: wie zal bestaan voor zijn koude? Hij zendt zijn woord uit en alles smelt weer; zijn wind waait en daar vloeien de wateren. Deze God maakt zijn woord bekend aan Jacob, zijn recht en wet aan IsraĂŤl. Dat heeft Hij voor geen ander volk gedaan zijn wet heeft Hij aan geen ander verkondigd. Eer aan de Vader en de Zoon en de Heilige Geest, zoals het was in het begin, nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Inviolata et casta Inviolata integra et casta es Maria quae es effecta fulgida caeli porta. O mater alma Christi carissima Suscipe pia laudum praeconia.

Ongeschonden, onbevlekt en puur zijt gij Maria gij die de stralende hemelpoort zijt O heilige en dierbare moeder van Christus, aanvaardt onze vrome hymnes van lof.

Nostra ut pura pectora sint et corpora. quae nunc flagitant devota corda et ora. Tua per precata dulcisona Nobis perpetua frui vita. O benigna, O Regina, O Maria! Quae sola inviolata permansisti

Tot u roepen onze harten en monden: moge onze zielen en lichamen zuiver zijn. Door de zoete klank van uw gebeden, schenk ons voor eeuwig het genot van het leven. O genadige, o koningin, o Maria! Gij alleen blijft ongeschonden.


Ave maris stella Ave maris stella, Dei mater alma, atque semper Virgo, felix coeli porta. Sumens illud Ave Gabrielis ore, funda nos in pace, mutans Evae nomen. Solve vincla reis, profer lumen caecis, mala nostra pelle, bona cuncta posce. Monstra te esse matrem, sumat per te precem, qui pro nobis natus tulit esse tuus. Virgo singularis inter omnes mitis, nos culpis solutos mites fac et castos. Vitam praesta puram, iter para tutum, ut videntes Jesum semper collaetemur. Sit laus Deo Patri, summo Christus decus, Spiritui Sancto tribus honor unus. Amen.

72 Wees gegroet, sterre der zee, voedende Moeder Gods, en altijd Maagd, zalige poort des hemels. Gij die dit Ave uit de mond van Gabriel mocht vernemen, grondvest ons in de vrede door de naam van Eva om te keren. Slaak de boeien van de zondaars, schenk het licht aan de blinden, verdrijf onze kwalen en verwerf ons alle goeds. Toon dat Gij moeder zijt; moge Hij, die voor ons geboren is, en zich verwaardigd heeft uw (Zoon) te zijn, door U onze gebeden aanvaarden. Maagd zonder weerga, boven allen zachtmoedig, verlos ons van onze schuld en maak ons zachtmoedig en kuis. Geef ons een rein leven, bereid ons een veilige weg, opdat wij Jezus aanschouwend ons eeuwig samen mogen verblijden. Lof zij aan God de Vader, roem aan Christus de Allerhoogste, en aan de Heilige Geest; aan alle drie gelijke eer. Amen.

Magnificat à 12 Magnificat anima mea Dominum Et exultavit spiritus meus in Deo salutari meo. Quia respexit humilitatem ancillæ suæ: ecce enim ex hoc beatam me dicent omnes generationes. Quia fecit mihi magna qui potens est, et sanctum nomen eius. Et misericordia eius a progenie in progenies timentibus eum. Fecit potentiam in brachio suo, dispersit superbos mente cordis sui.

Mijn ziel prijst en looft de Heer, En mijn geest jubelt om God, mijn Redder. Hij heeft oog gehad voor mij, zijn minste dienares: Alle geslachten zullen mij voortaan gelukkig prijzen. Want grote dingen heeft hij gedaan voor mij, de Machtige, en heilig is zijn naam. Barmhartig is hij, van geslacht op geslacht, voor al wie hem vereert. Hij toont zijn macht en de kracht van zijn arm


LIED TEKSTEN

Deposuit potentes de sede et exaltavit humiles. Esurientes implevit bonis et divites dimisit inanes, Suscepit Israel puerum suum recordatus misericordiæ suæ, Sicut locutus est ad patres nostros, Abraham et semini eius in sæcula. Gloria Patri, et Filio, et Spiritui Sancto: Sicut erat in principio, et nunc, et semper, et in sæcula sæculorum. Amen.

73

en drijft uiteen wie zich verheven waant. Heersers stoot hij van hun troon en hij verheft de nederigen. Hongerigen overlaadt hij met gaven, en rijken stuurt hij weg met lege handen. Hij trekt zich het lot aan van Israël, zijn dienaar. Zoals hij gesproken heeft tot onze Vaderen, Abraham en zijn nageslacht tot in de eeuwigheid. Glorie zij de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Zoals het was in het begin, nu en altijd, en in de eeuwen der eeuwen. Amen.


Buiten 75 COnCerten sOnAr De PiVA – VenetiAAnse VOLksMuziek sPeC. street CreAtiVe COMMunity – COMMeDiA DeLL’Arte LiA serAFini & ugO nAstruCCi – gOnDeLLieDeren Mik DeBOes

77 78 81 84


BUITENCONCERTEN

SONAR DE PIVA Venetiaanse volksmuziek Buitenhof — 9.40u & 13.10u Erekoer — 11.00u & 14.30u & 16.10u

77

UITVOERDERS Goffredo degli Esposti – piva (de traditionele doedelzak uit Noord-Italië), cialamello (schalmei), tamburino con flauto (fluit & handtrommel) Daniele Bernardini – piffero (schalmei), ceccola (historische doedelzak met dubbele melodiepijpen), cialamello (schalmei) Muziek voor blaasinstrumenten uit de streek van Venetië van de Renaissanceperiode en de mondelinge traditie. Voornamelijk gebaseerd op het geluid van de piva (de traditionele doedelzak uit Noord-Italië) en de piffero (de sopranino schalmei), speelt dit duo in de traditionele stijl van tweedelige muziek (cantus en tenor) de muzikale deuntjes verwant aan de dans. De muziek komt van Giorgio Mainerio’s collectie uit 1535 ca.-1582 (Schiarazula Marazula, Putta nera ballo furlano, La Zanetta Padoana, La Saporita Padoana, L’Arboscello ballo furlano, Pass’èmezzo antico e moderno, Lavandera gagliarda), nog wat andere speciale muziek verwant aan de piva, zoals frottole van Rossino Mantovano (fl.1505-1511) “Un sonar de piva in facchinesco”(O. Petrucci, Frottole libro II, Venezia 1505), en van Loyset Compère (ca.1450-1518) “Scaramella”(O. Petrucci, Frottole libro IV, Venezia 1505). Uit de Venetiaanse regio (inclusief het grote deel van FriuliVenezia Giulia) hebben we meer traditionele muziek die prima klinkt op de piva zoals Bal dei 3 gobi, Manfrina, Scotis, Furlana, Vilota, Resina, Veneziana e Tresca, Pairis.


BUITENCONCERTEN

SPEC. STREET CREATIVE COMMUNITY De prins van niemandsland Erekoer — 12.10u Buitenhof — 10.40u & 15.40u & 16.30u UITVOERDERS Simó Krisztián – Fülöp, de oude koning / Márton, de prins van Niemandsland Lívia Csúz – Tante Klára, de heks Domonkos Ágnes – Prinses Helga / Wilhelmina Cezaress Eszter Kovács – Prinses Rozi, dochter van Wilhelmina / de moeder koningin / een basiliskvogel Balázs Simon – Nonkel Frigyes, gouverneur, broer van Fülöp / Répy een slavenkonijn Lipka Péter – Ede, een schurk / de Golem Gergely Tas – Ödi, een schurk / Pongrác, een Turkse slaaf / de tartaar Geret Gergely Kis – de reus / de elf Atom Tamás Bernáth – Arabische Harp Een geluksvogel, gelukkig vanaf het prille begin en zelfs daarvoor. Zijn verwekking werd vergezeld van mirakels. Hij kon altijd terugvallen op bescherming, hij heeft nooit geleden, hij werd nooit of te nimmer opgejaagd door het leven - en toch is hij voortdurend ontevreden over zijn lot... De “auteur”van dit stuk vormt het mysterie van de Commedia dell‘ Arte: de personages, het thema en het verhaal zijn allemaal samengesmolten vanuit verscheidene improvisaties. De dialogen worden nog steeds geïmproviseerd in interactie met de tijd, het publiek en de sfeer. Het verhaal bestaat uit drie afzonderlijke delen: de Pasgeboren Prins, de Verbaasde Prins en de Pluim van de Tartaarse Vogel. De scènes van de grote reis van Prins Márton worden opgevoerd door 7 acteurs die samen 20 rollen spelen. Dit realiseren ze door middel van hun steeds veranderende lichamen en de Commediamaskers van de grote Venetiaanse meester Stefano Perocco Di Meduna, zachtjes ondersteund door het betoverende citerspel van de muzikant, Atom.

78


79 De opvoering is warm en direct, de spelers en toehoorders beleven samen de vertelling in een permanente interactie, in een gemeenschappelijke ruimte en tijd. Dat is het mirakel van deze bewerkte Commedia dell’Arte: het publiek wordt uitgenodigd om de scènes te vervolledigen door de beelden van hun eigen fantasie te projecteren op de expressieve maskers en op de sprekende lichamen van de acteurs. Het verhaal biedt relevante thema’s aan zoals verantwoordelijkheid, geluk en ongeluk en de mogelijkheid tot verandering en samenwerking. De voorstelling bedient zich niet van stereotiepen – ondanks het sterke, soms overdreven benadrukte ontwerp van de personages. De toehoorders kunnen zich identificeren met de personages, en zichzelf ook misschien herkennen in de koppige, afgunstige of boze kenmerken van Prinses Rosalinda of Prins Márton.


80

Bruiloftslied van de Prins (een bewerkt zigeunerlied) Madár szállt az ágtetőre Most megyünk az esküvőre! A menyasszony szép virág, koszorúja gyöngyvirág Az a boldog vőlegény, ki azt mondja az enyém aj, na na na...

Vogeltje landde op het dak Wij vertrekken naar de bruiloft! De verloofde is als een bloem. Een gelukkige bruid, die kan zeggen ‘hij is van mij’ getrippel...

Ne sírj menyasszon lég víg, mer’ ez nem lesz mindíg így! Ültetünk egy sor violát, ád az Isten bolog órát. Ültetünk egy sor virágot, ád az isten boldogságot aj, na na na...

Huil niet verloofde, en wees vrolijk, Omdat het niet altijd zo zal zijn! Als wij een rij viooltjes planten, zal God ons enkele gelukkige uren gunnen Als wij een rij bloemen planten, zal God ons zegenen met geluk getrippel


BUITENCONCERTEN

81

LIA SERAFINI & UGO NASTRUCCI Gondelliederen: La biondina in gondoletta Voorhof (in gondel) — 11.40u & 13.30u & 14.10u & 15.00u & 15.50u PROGRAMMA La lirica amorosa fra dolcezze veneziane e salotti dell’Ottocento Een keuze uit: Anonimo Col bel chiaro de sta luna Co Checca, Betta e Cate Si la gondola averé Anonimo Cara la mia Ninetta La biondina in gondoletta Giovanni Zamboni Romano Sonata Nona Anonimo L’occasion de le mie pene Sopra il toppé In fin che’l tempo è belo Bartolomeo Bortolazzi Cara Lisa, amato bene Nina no dir de no Mauro Giuliani dall’op. 111: Grazioso Sei Ariette su testi di Metastasio op.95: Ombre amene amiche piante Fra tutte le pene v’è pena maggiore? Quando sarà quel dì Le dimore amor non ama Ad altro laccio Di due bell’anime, che amor piagò Johann Simon Mayr Uit 15 Venetiaanse Liederen (Transcriptie Ugo Nastrucci) Sì, xe verissimo El consegio La domanda Donne, l’amore Sentì, mie care donne Mi co te vedo sento UITVOERDERS Lia Serafini – sopraan Ugo Nastrucci – theorbe, luit


82 De Canzoni da batello (Venetiaanse bootliederen), ook gekend als Gondoliere, vormen een erfgoed aan melodieën die niet enkel werden gezongen in de gondola, de typische Venetiaanse boot zoals de naam zou kunnen suggereren maar ook in de calli (straten), campi (pleinen) en waarschijnlijk ook in huizen en rijke Venetiaanse paleizen. Deze mooie, kleine meesterwerken zijn inderdaad melodieën voor de stem en basso continuo afkomstig uit verschillende bronnen: aria’s uit opera’s, aria’s uit cantates, of speciaal gecomponeerde melodieën, die een heel bijzondere stijl aanduiden genaamd “half populair”; gebaseerd op bedrieglijk eenvoudige akkoordenreeksen, en die bij nader inzien wezen op “ontwikkelde”compositorische handen. Het is geen toeval dat vele ervan verzameld werden en, zoals aan te nemen valt, zorgvuldig “gecontroleerd”door zo’n goede componist als de Saks Johann Adolf Hasse. De situaties die zulke meesterwerken van geestigheid beschrijven zijn typische scènes uit de Venetiaanse samenleving van die tijd: tochtjes van minnaars in een gondel (Col bel chiaro, La biondina), gemoedelijke verrassingsbezoekjes aan het Lido in goed gezelschap (Co Chetta Betta e Cate), serenades (Si la gondola averé), schaamteloze liefdesbeloftes (Cara la mia Ninetta), vurige smeekbedes om vergeving na ontrouw in de liefde (L’occasion de le mie pene), vrolijke bespotting van de edele mode van het dragen van een pruik (Sopra il toppé) en tenslotte de liederlijke ode aan de vriendschap (In fin che’l tempo è belo). In allemaal vind je de klankkleur van het onmiskenbaar Venetiaanse dialect, een onuitputtelijke bron van allerlei soorten uitdrukkingen, van melancholie tot humor. Als “culturele”tegenhanger presenteren we een sonate voor luit van de Romein Giovanni Zamboni (late 17de - vroege 18de eeuw), een zeldzaam voorbeeld van een achttiende-eeuwse Italiaanse compositie voor dit instrument. De liefdespoëzie vormt de achtergrond van het tweede deel van het programma, ideaal geplaatst in de negentiende eeuw. Bartolomeo Bortolazzi (1772 – ca 1820) was een Italiaanse componist, mandoline- en gitaarspeler, die verschillende liederen schreef, zowel in het Italiaans als het Venetiaanse dialect. Hij kende veel succes in Wenen, net zoals die andere Italiaanse componist die wij vanavond voorstellen, Mauro Giuliani. De migratie van Italiaanse componisten naar de Oostenrijkse hoofdstad was geen uitzonderlijke situatie: Vivaldi, de Venetiaanse componist par excellence stierf er in mysterieuze omstandigheden in 1741, en vermits Venetië Weens eigendom werd na 1797, verschoof het centrum van het muzikale leven geleidelijk naar Oostenrijk. Daarnaast is de geboorte en groei van de klassieke Weense stijl ondenkbaar zonder de bijdrage van de Venetiaanse klavecimbelspelers van het midden van de achttiende eeuw. De


83 zes Ariettas van Mauro Giuliani (1781 - 1829), op een tekst van Pietro Metastasio, zitten misschien bij de beste werken van een componist-gitarist, voor een keer bevrijd van de clichĂŠs van de zuivere virtuositeit, die soms zijn exquise melodisch en harmonisch opvallende wijsheid overschaduwden. In deze kleine composities hoor je de weergalm van een cultuur van zang en een diepte van expressie die mag staan naast grote namen van operacomponisten zoals Rossini, Verdi, Donizetti, Bellini. We dragen dit concert op aan de nagedachtenis van de grote Venetiaanse dichter Andrea Zanzotto.  


BUITENCONCERTEN

MIK DEBOES Canta una canzone Voorhof — 12.40u | Erekoer — 14.00u Buitenhof — 14.30u | Voorhof — 15.20u Oude Venetiaanse en Italiaanse volksliederen, ze bestaan en leven nog steeds verder. Van “E mi son chi in barchetta”, over “O pescator dell’onde”tot het bekende “Ma Bella Bimba”. Mik Deboes, artistiek leider van De Zingende Brug, zocht enkele bijzondere liederen uit en brengt samen met jullie Alden Biesen in echte Venetiaanse sferen.

84


kinDer 85 ACtiViteiten BABeLut – MuzikALe VenetiAAnse DiALOgen (0-3 jAAr) WOrkshOP COMMeDiA DeLL’Arte (6-12 jAAr) WOrkshOP Ciné MArtikO (4-11 jAAr)

87 87 88


KINDERACTIVITEITEN

Babelut Muzikale Venetiaanse dialogen Voor kinderen van 0 tot 3 jaar Grote gewelfde kelder — 10.00u & 11.30u Volgens muziekpedagoog Gordon leren kinderen muziek zoals ze een taal verwerven, door hen er eenvoudigweg in onder te dompelen. En dat is precies wat we doen tijdens deze workshop. Kinderen van 0 tot 3 jaar worden helemaal ingewijd in de Venetiaanse muziek. Luister, brabbel mee en beweeg op de tonen van muziek uit het oude Venetië. Max. 2 volwassenen per kind

Workshop Spec. Street Creative Community Workshop Commedia dell’ Arte Voor kinderen van 6 tot 12 jaar Steinen — 14.00u Venetië is onlosmakelijk verbonden met maskers, dansen, circus, … Tijdens deze workshop improviseren kinderen met Commedia dell’Arte. Wat is leuker dan je eigen Venetiaanse masker maken? En hoe ga je best aan de slag? Verf je eigen ontwerp en wees de ‘harlekino’van de dag! Plezier verzekerd!

87


KINDERACTIVITEITEN

Workshop Ciné Martiko Kinderworkshop rond mode Voor kinderen van 4 tot 11 jaar Voorhof — Doorlopend ‘La Cantina’is één van de prachtige wagens van Ciné Martiko. Deze wagen is omgetoverd tot een inspirerend kinderatelier voorzien van allerlei knutselmateriaal om verrassende kunstwerkjes te creëren. Specifiek voor ‘Dag Oude Muziek’en met het oog op de tentoonstelling ‘Contrapposizione’kunnen de kinderen een eigen kledinglijn ontwerpen op de voorgesneden houten silhouettes van Vecellio. Al deze prachtige werkjes zullen ook opgenomen worden in de tentoonstelling die vanaf 7 juli te bezichtigen is in het kasteel van Alden Biesen. Ga mee aan de slag in ‘La Cantina’, maak je eerste ‘historische’kostuum en bewonder je werk een weekje later in een echte grote tentoonstelling!

88


MODe & 89 gAstrOnOMie


MODE

Modetentoonstelling Contrapposizione 7 juli t.e.m. 2 september ‘Contrapposizione’betekent ‘tegenstelling, contrast’. Venetië, stad van contrasten. Verblindend licht tegenover geheimzinnig donker, verlaten stilte tegenover rumoerige drukte, eb en vloed - steeds terugkerend, nooit gelijk, felgekleurd tegenover een symfonie van grijs, ritme van het water en van het land, historisch verleden van rijkdom en macht tegenover een heden dat probeert te overleven, wat we zien en wat we enkel kunnen vermoeden, pure schoonheid maar ook goedkope commercie... Veel van die contrasten vinden we terug in mode. Mode wordt boeiend als we tegenstellingen ervaren: strak tegenover vloeiend, licht en donker, zwaar en luchtig, vrolijk kleurig en ingetogen neutraal, rijkelijk en understated, individuele visie of algemene deler. Mode vindt zijn inspiratie dikwijls in het verleden, maar wordt gedragen door mensen van vandaag. Kunst heeft te maken met mensen. Mode heeft te maken met mensen. Beide drukken een persoonlijkheid uit, verbergen of veranderen die. Beide kunnen geest of lichaam transformeren. ‘Contrapposizione’gaat niet over het echte, anekdotische Venetië, maar over een interpretatie ervan, een sfeer, een indruk. Geen clichés, maar de vertalingen ervan. En of we nu een kledingstuk, een foto, een juweel bekijken, het gaat in de eerste plaats over emotie en minder over logica, feiten of kennis. Deze tentoonstelling wil een ontdekkingsreis zijn. Een reis die de gevoelens wil aanspreken en waarbij je nu eens verrast, dan weer verwonderd bent, waarbij je bewondert of vragen stelt, ontroerd bent of geamuseerd, waar de nieuwsgierigheid gewekt wordt. De kijker krijgt een scala van kunstwerken en installaties te zien, gaande van uitgesproken, kleurrijk, groots naar poëtisch, breekbaar en ingetogen. Net zoals we Venetië, net zoals we mode ervaren. Ieder op zijn eigen manier, met zijn eigen herinneringen.

91


92 ‘Contrapposizione’plaatst kunstwerken, kunstvormen en kunstenaars uit binnen- en buitenland tegenover elkaar, naast elkaar, in dialoog met elkaar. En dan merken we dat het verschil niet altijd zo enorm is, dat er soms toch een gemeenschappelijke bodem is, een gemeenschappelijke herinnering, een even sterke ervaring en gevoel. Een grafische optekening van de kledingstijl van de 16e eeuw krijgt een tegenhanger uit de 21ste eeuw. Textuur van muren vinden we terug op zijden jurken. Elementen uit een rijk verleden (o.a. Venetiaanse kant) krijgen een nieuwe toepassing. Geen Venetiaanse maskers, wel ‘maskers’van vandaag. Een geest uit een vestimentair verleden die ronddwaalt door de zalen. Juwelen die hun rijkdom moeilijk laten ontdekken... Vandaag zijn er al enkele voorproefjes te bekijken. De tentoonstelling opent volgende week. Data van 7 juli t.e.m. 2 september, dagelijks van 10.00u tot 17.00u. Gesloten op maandag.


GASTRONOMIE

Gastronomie Geheel in het thema van Dag Oude Muziek wordt een heerlijk Italiaans buffet geserveerd in het exclusieve kader van de Oranjerie in de Franse tuin onder begeleiding van een aangepast streepje muziek. Geen nood als je niet gereserveerd hebt voor het buffet. In restaurant Buitenhof en Tiendschuur kan je de hele dag terecht voor een kleine hap.

93


BIOGRAFIE 95 ENSEMBLES


Psallentes ♀ De gregoriaanse groep Psallentes (‘de zingenden’) werd in 2000 opgericht door Hendrik Vanden Abeele. Het ensemble gaat met professionele stemmen op zoek naar het wezen van het gregoriaans in verschillende historische stadia. Bijzondere aandacht gaat uit naar het gregoriaans van de late middeleeuwen en de Renaissance. Inzichten daarin worden gevoed door praktijk-gebaseerd onderzoek, zoals Hendrik dat voert in het kader van zijn doctoraatsproject rond uitvoeringspraktijk van laat-middeleeuws gregoriaans aan de Universiteit Leiden. Psallentes concerteerde op vele grote en kleine podia doorheen Europa – van het kleinschalige Musica Sacra-festival te Bever over Laus Polyphoniae Antwerpen, Oude Muziek Utrecht en de REMAshowcase te Valencia tot in het Konzerthaus te Wenen toe. Waar Psallentes oorspronkelijk alleen in mannengedaante verscheen, is sinds 2007 ook een vrouwenversie van Psallentes actief. Het is frappant te merken hoe de initieel gelijkaardige intenties inzake uitvoering van laatmiddeleeuws gregoriaans in de twee gedaantes van het ensemble toch in een totaal verschillende (doch compatibele) esthetiek resulteren. Zo dragen beide ensembles op hun manier bij aan het uitdiepen van onze omgang met gregoriaans en aanverwante polyfonie. www.psallentes.com

97


98 Artemandoline Bekroond door de recensenten en bejubeld door het publiek genereren de prestaties van Artemandoline altijd nieuwe impulsen, zowel wat de ontwikkeling van de perceptie, als wat de vertolking van de werken uit de 17de en 18de eeuwen betreft. De leden van Artemandoline zijn zowel concertmusici als pedagogen die hun talenten en hun tijd wijden aan de opleving van de mandoline in de muzikale wereld. Zo verlenen ze hun medewerking aan stages, concerten en publicaties, aan de nieuwe bloei van de mandolinemuziek overal in de wereld. Het barokensemble Artemandoline is inderdaad ĂŠĂŠn van de pioniers in zijn vakgebied. Zijn reputatie is in de hele wereld erkend. Op korte tijd heeft het ensemble zijn stijl gevonden, zijn instrumentale kwaliteit bewezen en zo een echte naam gekregen. Vanaf zijn stichting heeft Artemandoline zich op de eerste rij gezet van de meest vermaarde ensembles op het gebied van de historische praktijk op tokkelinstrumenten. Hun zeer muzikale en dynamische stijl wordt zowel bij recensenten als bij het publiek onmiddellijk met enthousiasme onthaald. www.artemandoline.com  


99 Capilla Flamenca Het vocaal-instrumentaal ensemble Capilla Flamenca ontleent zijn naam aan de voormalige hofkapel van keizer Karel V. Toen de vorst in 1517 de Lage Landen verliet, nam hij zijn beste musici mee om hem als “levende polyfonie”naar Spanje te vergezellen. Het huidige Capilla Flamenca rekruteert zijn gespecialiseerde musici hoofdzakelijk uit de Lage Landen om het unieke timbre van deze schitterende muziek uit 1350-1600 in haar volle “authenticiteit”te laten weerklinken. Vandaag wordt de vocale kern van 4 mannenstemmen (contratenor-tenor-bariton-bas) naargelang het programma of genre, met een alta capella (blaasinstrumenten), een bassa capella (snaarinstrumenten), een orgel of met meerdere zangers aangevuld. Capilla Flamenca wil de polyfonie als deel van ons gezamenlijk muzikaal erfgoed over de hele wereld uitdragen en is aanwezig op de vele grote podia van Europa en gaf concerten van Canada tot Nieuw-Zeeland. Via educatieve projecten (zoals o.a. workshops voor volwassenen en kinderen, coaching van amateur- en semiprofessionele ensembles) geeft het ensemble zijn rijke ervaring met de polyfonie ook door aan volgende generaties muzikanten. Voor zijn artistieke, musicologische en historische diepgang mocht Capilla Flamenca een aantal prestigieuze prijzen in ontvangst nemen (Premio Internazionale Il Filharmonico, Cultuurprijs Vlaanderen 2005, Grote Prijs Hertog van Arenberg 2006). Verschillende cd-opnames werden eveneens met belangrijke nationale en internationale onderscheidingen bekroond (Prix Choc van Le Monde de la Musique, Diapason d’Or, Répertoire10, Caeciliaprijzen van de Belgische muziekpers), 1 van de 3 hoogst genoteerden op de shortlist voor een Gramophone Award Early Music 2011. Dirk Snellings, artistiek leider van het ensemble, is tijdelijk teruggetreden als uitvoerder maar blijft de artistieke leiding van het ensemble waarnemen. www.capilla.be


100 VivaBiancaluna Biffi VivaBiancaLuna Biffi begon haar muzikale opleiding als celliste in Bergamo, ItaliĂŤ. Daarna ging ze naar de Scola Cantorum Basiliensis om middeleeuwse viool en renaissance gamba te studeren bij Randall Cook. Ondertussen zong ze ook met Richard Levitt en Dominique Vellard. Als zangeres en instrumentalist werkte ze samen met enkele van de belangrijkste early music ensembles. Ze heeft opgetreden in Europa, het Midden-Oosten, en Noord- en Zuid-Amerika en wordt regelmatig gevraagd om masterclasses te geven.


101 Doulce Mémoire Doulce Mémoire is in de eerste plaats synoniem voor energie en teamspirit en hun samenkomsten hebben maar één gezamenlijk doel voor ogen: een nieuwe kijk werpen op de sacrale en seculiere Renaissancemuziek. Doulce Mémoire is een hechte groep zangers en instrumentalisten die regelmatig op belangrijke internationale festivals opduikt. Met een positieve aversie tegen saaiheid creëert Doulce Mémoire steeds originele voorstellingen en gaan de muzikanten allerlei interessante uitdagingen aan, zoals een optreden op een door paarden getrokken karavaan op tournee in 2000, een gezamenlijk concert met de grote Oezbeekse zanger Munnajat Yulchieva of workshops met amateurkoren of jonge indianen in Bolivia. Doulce Mémoire staat open voor elke kunstvorm en heeft samengewerkt met muzikanten en dansers van het internationaal vermaarde Han Tang Yuefu Company uit Taiwan, de Italiaanse dansers van Il Ballarino, de Britse zangers van The Cardinall’s Music en met Spaanse dansers tijdens een vurige show van Renaissancemuziek in combinatie met flamenco. Eentonigheid wordt vakkundig gemeden door Doulce Mémoire, dat in één vloeiende beweging overgaat van Renaissance-cabaret (La Dive Bouteille) naar de mystieke dialoog tussen Italiaanse lauden en Sufi-liederen (Lauds – The East and the West Confraternities) en van het Requiem for the Kings of France naar Monteverdi on trial. De opnames van Doulce Mémoire hebben reeds vele prijzen in de wacht gesleept, zoals Diapason Record of the Year en maximum waarderingscijfers van Le Monde de la Musique en Télérama. www.doulcememoire.com


102 Bel Ayre Bel Ayre ontstond in de zomer van 2010 en was met hun eerste programma In Splendid Isolation reeds te gast op onder andere Festival Zeeuws-Vlaanderen, Fabulous Fringe van Festival Oude Muziek Utrecht en Festival on Tour van het Klarafestival. In augustus 2011 kreeg Bel Ayre van een internationale vakjury de titel “Selected promising ensemble”toegekend tijdens IYAP (International Young Artist’s Presentation) te Antwerpen. www.belayre.be


103 Le Concert Brisé De naam is de letterlijke vertaling van “Broken Consort”, wat in de brede zin van het woord een ensemble betekent dat samengesteld is uit instrumenten van verschillende families. Dit kamermuziekensemble werd in het begin van de jaren 1990 gesticht. De verschillende programma’s die voorgesteld worden hebben de zink als centraal instrument en omvatten zo goed als het hele repertoire voor dit instrument. Het ensemble gebruikt de muziekgeschiedenis om een beter begrip te hebben van de geest en de uitvoeringspraktijken van die muziek. Op die manier creëert men een zo natuurlijk mogelijk kader dat gunstig is voor een levendige uitvoering. De bezetting van Le Concert Brisé varieert van twee tot tien personen en groepeert musici met een gemeenschappelijke visie in hun algemene benadering van de muziek en in hun omgang met historische bronnen. Die verbondenheid vormt een van de steunpilaren van hun vertolkingen, de andere is het gebruik van improvisatietechnieken geleerd uit het jazzrepertoire en de traditionele muziek. De musici van Le Concert Brisé wensen met het publiek het plezier te delen dat ze ervaren bij het spelen van hun repertoire, hoewel ze risico’s nemen door improvisaties in te lassen telkens als dit geschikt is. Zo bevorderen ze de muzikaliteit en dringen ze de bezorgdheid om de partituren formeel te respecteren naar de achtergrond. www.concert-brise.eu


104 La Reverdie In 1986 richtten twee Italiaanse zusterparen (Claudia en Livia Caffagni en Elisabetta en Ella de Mircovich) het middeleeuwse ensemble La Reverdie op. De naam is afgeleid van een poĂŤtisch genre dat de terugkeer van de lente viert en de groep houdt al 25 jaar publiek en critici in de ban van hun gevarieerde en gefundeerde aanpak van muziek uit de Middeleeuwen en de Vroeg-Renaissance. Sinds 1993 is de beroemde cornetto-speler Doron David Sherwin lid van de groep, zowel als speler en zanger. Ella de Mircovich, die een belangrijk aandeel had in de antropologische en literaire aanpak van de projecten, verliet door vele artistieke meningsverschillen in 2008 de groep. Momenteel speelt het ensemble in een bezetting die in aantal varieert van drie tot veertien musici afhankelijk repertoire. Het diepgaande onderzoek, samen met de jarenlange ervaring, hebben van la Reverdie een absoluut uniek ensemble gemaakt, zowel voor hun buitengewoon enthousiasme dat ze delen en communiceren met hun publiek, maar ook door hun zelfverzekerde en natuurlijke virtuositeit in het spelen en zingen. www.lareverdie.com


105 OltreMontano Wim Becu is de stuwende kracht en het hart van het ensemble Oltremontano. Na een jarenlange en voortdurende samenwerking met het Huelgas Ensemble en Paul Van Nevel, Philippe Herreweghe, Jos van Immerseel, René Jacobs, Konrad Junghänel, Ton Koopman, Sigiswald Kuijken, Gustav Leonhardt, Andrew Parrot, Philippe Pierlot, Jordi Savall, Masaaki Suzuki en Bruce Dickey kreeg zijn drang naar een eigen platform voor historische koperblazers in 1993 gestalte in het ensemble Oltremontano. De concrete aanleiding voor de oprichting was een opname van Andreas Pevernage’s motetten. Al snel daarna was Oltremontano te gast bij de oude muziek festivals in Brugge en Antwerpen, en sindsdien heeft het ensemble zich de reputatie van toonaangevend ensemble voor historische blaasinstrumenten verworven ver buiten de Vlaamse grenzen, met een repertoire van muziek uit de renaissance en de vroegbarok. De naam ‘Oltremontano’refereert aan de Vlaamse componisten die in de 15de en 16de eeuw de Europese muziek domineerden en definieerden. In Italië waren ze bekend als de ‘oltre montani, die van over de bergen’. De kern van Oltremontano bestaat uit bazuinen, houtblazers en zinken, een samenstelling die heel nauw verwant is met de bezetting van de ‘alta capella’. Het ensemble verricht intensief onderzoek naar muziek van de 16de en 17de eeuw, en voert die opnieuw uit. In 2007 werd een cd met muziek van Lambert de Sayve (1548-1614) uitgebracht. Het notenmateriaal uit de Nationalbibliothek in Wenen werd gereconstrueerd en in een kritische nieuwe notatie toegankelijk gemaakt voor de muziekwereld. www.oltremontano.com


106 Goffredo Degli Esposti Goffredo Degli Esposti (1963) is een muzikant uit Umbrië gespecialiseerd in onderzoek naar en de uitvoering van oude en traditionele muziek met blaasinstrumenten. Nadat hij zijn diploma in de dwarsfluit, de Barokfluit en de blokfluit behaalde, heeft hij cursussen gevolgd bij Susan Milan, Andras Adorjan, Gustav Sheck, Mario Ancillotti, Bartold Kuijken, René Clemencic en de Cursussen in Middeleeuwse Muziek aan het Centro Studi dell’Ars Nova Italiana van Certaldo (Italië). Hij begon zijn concertactiviteit in 1980; in 1984 richtte hij het Ensemble Micrologus op, waarmee hij speelde op de belangrijkste festivals van Oude Muziek in Europa en Amerika. Hij heeft ook cd’s en radio-opnames gemaakt en meegewerkt aan muziek voor theater en film, waaronder de soundtrack voor de film “Mediterraneo”. Zijn enthousiasme en talent om verscheidene blaasinstrumenten te bespelen in de Mediterrane traditie hebben hem verscheidene muzikale ervaringen bezorgd, waarbij hij samenwerkte met de gebroeders Mancuso, Ambrogio Sparagna, Giovanna Marini, Sonidumbra, het Tamburi del Vesuvio, Tetraktis Percussioni, Daniele Sepe. Tegenwoordig werkt hij aan muzikale improvisaties voor blaasinstrumenten met de nieuwe groepen Lirum Li Tronc (Renaissancemuziek) en Bandance (folk-jazz). www.micrologus.it


107 Daniele Bernardini Daniele Bernardini bestudeerde - nadat hij afstudeerde in fluithistorische blaasinstrumenten (doedelzak, dubbele fluit, bombarde, taborpijp, traverso) , waarover hij cursussen volgde in Italië, Zwitserland en Spanje. Hij is de auteur van verscheidene projecten over muziek en iconografie in de schilderijen van grote kunstenaars uit de Umbrische Renaissance, zoals Pietro Vannucci, bijgenaamd “Il Perugino”en Bernardino di Betto, bijgenaamd “de Pintoricchio”. Hij geeft concertlezingen over het gebruik van instrumenten in de muziek van de 15de eeuw, is verantwoordelijk voor de opstelling van talloze educatieve tentoonstellingen en vanaf 2012 vertegenwoordigt hij het Nationaal Museum van Umbrië wat betreft muzikale initiatieven met originele instrumenten. Hij werkt samen met ensemble als Micrologus, Fiffaro Consort, Ensemble Altera Aquila, Ensemble “Lucidarium”, Ensemble “Bella Gerit”, Ensemble Mozaique, Compendium Musicum, Bandantica Pifarescha, Ensemble Dramsam, Grifonetto Alta Perusina, Salon de Musiques en Anonymous Frottolisti. In 2011 studeerde hij af in Instrumentaal Onderwijs aan het Conservatorium “Morlacchi”van Perugia en vanaf dit jaar studeert hij Traversiere en Barokensemble aan het Conservatorium “Briccialdi”van Terni. cse.lab.imtlucca.it/~bernardini


108 Lia Serafini Lia Serafina is geboren in Vicenza en studeerde er piano aan het conservatorium “A. Pedrollo”. Sinds 1986 studeerde zij zang bij Malcolm King en Marie Therese Boiton Rivoli en dankzij de welluidende glans van haar stem en haar grote expressiviteit werd zij al snel een leidende figuur voor kamer- en barokmuziek in Europa . Zij heeft vele concerten gegeven op de meest prestigieuze muziekfestivals in heel Europa, de Verenigde Staten en Canada . Haar repertoire reikt van kamermuziek tot het 17de- en de 18 -eeuwse theater. Hoogtepunten van haar carrière omvatten opvoeringen in: Citè de la Musique en Salle Pleyel in Parijs, Festival Oude Muziek Utrecht, Festival d’Ambronay, Chaise Dieu, Wiener Konzerthaus, Rose Theater van het Lincoln Center New York. Ze is eveneens een zeer ervaren vertolkster van het klassieke en barokke oratorium.


109 Ugo Nastrucci Geboren in 1953 te Milaan, is afgestudeerd in compositie bij Irlando Danieli en Giacomo Manzoni aan het Conservatorium “Giuseppe Verdi”van Milaan. Tegenwoordig studeert hij klassieke gitaar bij Massimo Lonardi, en wijdt hij zich aan de praktijk van de historische opvoering op oude snaarinstrumenten. Hij heeft de cursus luit bijgewoond van Paul Cherici aan het Conservatorium van Milaan en zich gespecialiseerd in de seminars van Hopkinson Smith. Hij heeft zijn dirigentcursus verdiept aan het orkest bij Simone Fontanelli, zich wijdend aan de leiding van belangrijke werken van het preromantische repertoire. Als luit- en theorbospeler houdt hij soloconcerten en blijft intensief bezig als continuospeler met verscheidene ensembles van oude muziek waaronder “Het Conserto Vago”, “Europa Galante”, “Ensemble Arte-Musica”, het “Capella Leopoldina”en “Domchor van Graz, Alessandro Stradella Consort”, het Ensemble “Zefiro”, “I Barocchisti”en de “Accademia del Ricercare”. Hij heeft meegewerkt aan talloze cd-opnames, radio- en televisieuitzendingen (RAI, ZDF, ORF, Radio France). Hij heeft concerten gegeven op de belangrijkste Italiaanse festivals en in Frankrijk, Zwitserland, Oostenrijk, Duitsland, Nederland, België, de Tsjechische Republiek, Spanje, Kroatië en De Verenigde Staten. Hij is de auteur van de podiummuziek van verscheidene theaterstukken en orkestrale, koor- en kamercomposities. Hij doceert Harmonie en Compositie aan het Civico Istituto Musicale “Vittadini”, het Conservatorium van Pavia, waarvan hij directeur is geweest van 1996 tot 2000.


110 Mik Deboes Bent u op zoek naar een originele manier om in groep te zingen? Mik Deboes is animator van De Zingende Brug, een organisatie die al zingend een brug wil slaan tussen culturen, talen en volkeren. Ze organiseren regelmatig dagateliers, zangweekends en buitenlandse reizen. Je kan daarvoor ook terecht in Brussel of Antwerpen en je hoeft hiervoor helemaal geen noten te kunnen lezen of een geoefende stem hebben. In een gezellige sfeer worden per workshop een vijftal prachtige liederen uit een verzameling van meer dan 3000 aangeleerd. Er wordt altijd gezongen in de originele taal, dan eens ĂŠĂŠnstemmig, dan eens meerstemmig. Bovendien wordt ook culturele en historische uitleg gegeven bij het lied en bij de herkomst ervan. Mik Deboes is al jarenlang een bezieler van deze organisatie en hij geeft regelmatig ateliers in het buitenland. De Zingende Brug wil letterlijk een brug slaan tussen de vele culturen die ons omringen en ons al zingend deze culturen leren ontdekken. Op Dag Oude Muziek van dit jaar zal Mik zich richten op Italiaanse liederen waarvan enkele uit de regio van VenetiĂŤ komen. Iedereen wordt uitgenodigd om uit volle borst mee te zingen! www.dezingendebrug.be


PRAK111 TISCHE INFORMATIE


113 Eet- en drinkgelegenheid — — —

Restaurant Buitenhof: drankgelegenheid vanaf 9.30u en een zelfbedieningsrestaurant vanaf 11.30u. Tiendschuur: zelfbedieningsrestaurant en drankgelegenheid vanaf 11.00u Oranjerie: Italiaans buffet vanaf 12.00u tot 14.30u. Vooraf reserveren verplicht! Baby- en kinderopvang

Voor kinderen van 0 tot 6 jaar is er gratis opvang, verzorgd door de Gezinsbond. Zuidelijke Voorburcht gelijkvloers, 10.00u – 18.00u. Pendeldienst Met de toeristische shuttle kan je gratis rijden van station Bilzen naar Alden Biesen en terug. De lijst met de vertrekuren ligt bij de inkombalie.


114 BINNENCONCERTEN CUVELIER

KERK

RIJSCHOOL

BOCHOLTZ

GROTE GEWELFDE KELDER 09:40 09:50

PSALLENTES♀

WORKSHOP VENETIAANSE DIALOGEN

10:00 10:10 10:20 10:30 10:40 10:50 11:00

ARTEMANDOLINE

11:10 11:20

WORKSHOP VENETIAANSE DIALOGEN

11:30 11:40 11:50 12:00

CAPILLA FLAMENCA

12:10 12:20 12:30

VIVABIANCALUNA BIFFI

12:40 12:50

DOULCE MÉMOIRE

BEL AYRE

13:00 13:10 13:20 13:30

LE CONCERT BRISÉ

13:40 13:50 14:00

LA REVERDIE

14:10 14:20 14:30

ARTEMANDOLINE

14:40 14:50

LE CONCERT BRISÉ

15:00

VIVABIANCALUNA BIFFI

15:10 15:20

BEL AYRE

15:30 15:40

LA REVERDIE

15:50 16:00

DOULCE MÉMOIRE

16:10 16:20 16:30 16:40 16:50

CAPILLA FLAMENCA & OLTREMONTANO

17:00 17:10 17:20 17:30 17:40 17:50


115 BUITENCONCERTEN EREKOER

BUITENHOF

VOORHOF/GONDEL

STEINEN

09:40

SONAR DE PIVA

09:50 10:00 10:10 10:20 10:30

STREET

10:40

CREATIVE COMMUNITY

10:50 11:00

SONAR DE PIVA

11:10 11:20 11:30 11:40

Gondelliederen

11:50 12:00

PSALLENTES♀ STREET

12:10

CREATIVE COMMUNITY

12:20 12:30 12:40

MIK DEBOES

12:50 13:00 13:10

SONAR DE PIVA

13:20

(ORANJERIE)

13:30

Gondelliederen

13:40 13:50

MIK DEBOES Gondelliederen SONAR DE PIVA

WORKSHOP COMMEDIA DELL’ARTE

14:00 14:10 14:20 14:30

MIK DEBOES

14:40 14:50

Gondelliederen

15:00 15:10

MIK DEBOES

15:20 15:30 15:40

STREET CREATIVE COMMUNITY

Gondelliederen

15:50 16:00 16:10

SONAR DE PIVA

16:20

STREET

16:30

CREATIVE COMMUNITY

16:40 16:50 17:00 17:10 17:20 17:30 17:40 17:50


e D · n e jd Li · m ie u q e R · Hooglied · Riten · g in p p e h c S · n e w u ro v schoonste onder de · n le o Id & n e ig il e H · n Zieners & Profete Mira& s e ri te s y M · n e lm a s calyps · P Apo1983-2012 mari lg e P 30 jaar festival · n e d o g n e d o kels · Job · Van G n· e n o m e D & n le e g n E · ge · Heilige Oorlog Riten & Rituelen nen e io is V · n e g in rl te s o lo Kluizenaars & K ers en jd li e B : n e ig tu e G · id e igh Eeuw vanmuziek, dans, theater, film en lezingen hen · ij H p ie h c s w u ro V & n · MinaMaastricht, larenlocaties rtehistorische Maop · n le e u it R · met o.a. de Mannheimer Hofkapelle, The t e W r e d e uguitdRusland, VreKoor · De Sirin otie Consort, DevOrlando e D · n e jd Li · m ie u q Menno van Delft (clavichord), Ana Cali e R · en · Ritceremonies gliedrituele Hoo(flamenco), · uit het g in p p e h c S · n e w u ro v te onder deen een oonsShingon-boeddhisme schJapanse · n le o Id Fiesta Criolla door Ensemble Elyma & n e ig il e H · n Zieners & Profete Mira& s e ri te s y M · n e lm a s P Apocalyps · rimalg e P · n e d o g n e d o G kels · Job · Van n e n o m e D t/m & n le e g n E · ge · Heilige Oorlog nen e september io is V · n e g in rl te s o lo Kluizenaars & K 2012 ers en jd li e B : n e ig tu e G · id e van Eeuwigh hen ij H p ie h c s w u ro V & n artelaren · Ma MCultuurweekend · n le e u it R in het buitenhuis van Nederland · t e W r e d e d e Vreug votie+31· D DeUITbalie (0)43 3505555 · www.musicasacramaastricht.nl e D · n e jd Li · m ie u q e R · Hooglied · Riten ing

Musica Sacra Maastricht

6

MSM2012 adv DOM 148x210mm.indd 1

9

04-06-12 14:50


24 aug | 02 sep 2012

Programma en kaartverkoop:

FOM_advertentie_juni_148x210_DEF.indd 1

01-06-12 17:42

ad


laus PolyPhoniae

2012 Mare adriatico Laus Polyphoniae is een jaarlijks zomerfestival rond oude muziek en polyfonie. De 19de editie van het evenement staat in het teken van de Adriatische Zee. Reis mee van VenetiÍ naar Dubrovnik en van Bari naar Trieste. Leg je oor te luisteren bij de eeuwenoude klanken van het Adriatische Zeegebied! Van 24 augustus t.e.m. 2 september 2012 op diverse historische locaties in Antwerpen concerten I Literaire avonden I Zomercursussen voor volwassenen I muziekvakantie voor kinderen (6-12 jaar) I concerten voor de allerkleinsten (0-5 jaar) I heerlijke festivalmenu’s uit de Adriatische keuken Bekijk het volledige programma op www.amuz.be

Info & tickets: Kammenstraat 81, 2000 Antwerpen | +32 (0)3 292 36 80 (mA-VR 12.00-18.00 uur) | tickets@amuz.be | www.amuz.be

17:42

advertentie laus_FINAL.indd 1

9/05/12 13:49


124 Colofon redactie vormgeving vertalingen

Herman Baeten, Bart De Vos, Ingrid Willems, Carmen van den Akker Geoffrey Brusatto Vanuit Engels: Carmen van den Akker en Johan Simons Vanuit Italiaans: Monica Jansen, Erik P. Lรถffler en Evianne de Kup, Vanuit Frans: Marianne Lambrechts Vanuit Latijn: Erik de Bom Vanuit Duits: Kathleen Toonen

noteer nu alvast in je agenda! dag oude Muziek op zondag 30 juni 2013 staat in het teken van hendrik van veldeke.

Dag Oude Muziek is een organisatie van Musica, Impulscentrum voor Muziek en Landcommanderij Alden Biesen.

Mediapartner

Met de steun van


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Programmaboek Dag Oude Muziek 2012 by Musica Impulscentrum - Issuu