DONDERDAG 9 NOVEMBER 2023
‘EEN DRONE TELT IN EEN KWARTIERTJE HONDERDEN PALLETS’ ARNO BRUINING PAGINA 22
ADVERTENTIE
Bouwen aan de duurzame energieinfrastructuur van morgen In een snel veranderende wereld waarin elektrische auto's, zonne-energie, en warmtepompen steeds meer terrein winnen, staan onze energie-infrastructuurnetwerken voor immense uitdagingen. Johan Visser, operationeel manager van Baas B.V., drukt dit treffend uit: „Wat gedurende een periode van dertig jaar is opgebouwd, moet nu in slechts drie jaar worden verdubbeld.” In die energietransitie speelt een infrabedrijf als Baas een belangrijke rol. Onopvallend bijna, want het werk van de zeshonderd medewerkers ligt grotendeels ‘verborgen’ onder de grond.
Johan Visser Baas is een van de aannemers die de infrastructuur voor energie, water en dataverkeer in ons land toekomstbestendig maakt. Een monsterklus. Netbeheerders kunnen nu al amper aan de vraag voldoen, met ‘netcongestie’ ofwel overbelasting als gevolg. Jaarlijks investeren netbeheerders gezamenlijk bijna vier miljard euro om regionale en lokale netwerken te upgraden. Dit bedrag zal in de nabije toekomst aanzienlijk stijgen, maar het blijft onzeker of deze investeringen voldoende zijn om tijdig op te schalen. Zeker is wel dat aannemers veel – heel veel – extra capaciteit nodig hebben om in drie jaar tijd tweemaal zoveel kabels en leidingen aan te leggen. Vakmensen keihard nodig Vakmensen in de techniek zijn keihard nodig, maar liggen niet voor het oprapen. De krapte op de arbeidsmarkt is een grote uitdaging. De mouwen opstropen is een bedrijf als Baas gelukkig niet vreemd. En in de ‘war on talent’ heeft het bedrijf een paar streepjes voor, zegt Johan Visser. „We hebben een fijne werkomgeving waarbij mensen tellen, gewaardeerd worden en carrièrekansen hebben. Je komt hier in een warm bad. Dat zorgt ervoor dat mensen graag komen én blijven.”
Eigen mbo- en hbo opleiding Opmerkelijk is dat er weinig gespecialiseerde opleidingen zijn voor de infrasector. Om deze reden heeft Baas zijn eigen vakschool opgericht, die een erkend mbo-diploma oplevert als eerste monteur Gas, Water, Warmte en Laagspanningsdistributie. In samenwerking met het opleidingsinstituut TVVL biedt Baas nu ook een hbo-opleiding aan in Ondergrondse Infratechniek. Dit opent de deur voor nieuwkomers om snel in te stromen, afkomstig uit een heel andere sector of schoolverlaters. „Voor Baas zijn competenties belangrijker dan diploma's, waardoor mensen met uiteenlopende achtergronden bij ons kunnen starten. Mensen uit de horeca bijvoorbeeld nemen een hoge mate van stressbestendigheid mee en een mentaliteit van aanpakken. Zet daar een dosis enthousiasme bij en je bent geschikt om bij ons te werken.” Werk dat er toe doet Ook al is het werk – na afronding – amper meer zichtbaar, aantrekkingskracht hééft het. Wie bij Baas werkt, doet ertoe, door bij te dragen aan een grote maatschappelijke behoefte. Johan: „Werken aan kabels met een enorm vermogen terwijl de spanning erop staat vraagt om specifieke kennis van het product en van veiligheid. Dat geldt ook voor de gasnetwerken en dataverkeer. Dat betekent dat scholing gaat over protocollen en dat
je als bedrijf moet aantonen dat je veilig werkt om de vergunningen en keurmerken te verdienen. We hebben de basis op orde bij Baas. Dat komt door onze scholing en het navolgen van de juiste protocollen, maar ook door de wijze waarop wij met elkaar dit bedrijf vorm geven.’
‘Je komt hier in een warm bad. Dat zorgt ervoor dat mensen graag komen én blijven’ Een familie met zeshonderd leden Met die laatste zin wijst hij op het karakter van Baas. Inmiddels meer dan zeshonderd medewerkers groot, maar nog altijd een sterk familiebedrijf. „We hebben oog voor elkaar en klaren de klus samen. Juist nu er in de energietransitie veel in korte tijd moet gebeuren, moeten we daar op toezien. Om in Baas-stijl af te sluiten: Het is veel, maar we kunnen het.” baasbv.nl
INHOUD VOORWOORD
BLIJF GEEN KOETSENBOUWER
04 Wie heeft er geen trekhaak van Brink? ‘Groot geworden door aanhanger, caravan en fiets’
08
D
uidelijkheid biedt houvast. En houvast geeft vertrouwen. Dat is precies wat je nodig hebt als ondernemer en consument om stappen te zetten in de energietransitie waarin we zitten. Of, zoals onze columnist Eelko Huizingh stelt, veel gerenommeerde koetsenbouwers zijn nooit autoproducent geworden. Zij bleven zitten waar ze zaten. Zeker van zijn zaak is in elk geval Danny Molenaar als het gaat over de volgende stappen in het wegvervoer. De dieseltrucks zijn binnen twintig jaar van de weg verdwenen en de accu’s gaan het winnen van waterstof, stelt hij in deze NoordZ. Elektrische vrachtwagens dus, voorspelt de programmamanager zero emissie bij TVM Verzekeringen. Daar, in Hoogeveen, hebben ze berekend dat rond 2030 een vrachtwagen 1000 kilometer kan rijden op een accu. ,,Een gemiddelde vrachtwagen rijdt maximaal zo’n 500 kilometer per dag. Zodra een vrachtwagen deze actieradius heeft heb je met laden geen probleem meer’’, aldus Molenaar. Hij ziet achter laden van de trucks ‘een nieuwe wereld’: de transportondernemer die dan ook ‘energieboer’ is met op het terrein een zonneweide, kleine windmolen(s) en batterijcontainers. ,,Dan kun je goedkoop je wagens laden.’’ Overtuigd van zijn zaak is ook Peter Cool, die in Coevorden de scepter zwaait bij Intergas. Om de energietransitie in woningen succesvol te maken is er wat hem betreft maar één remedie: de hybride warmtepomp. Natuurlijk, ze maken bij Intergas per jaar 20.000 van die apparaten dus ‘de wij van WC Eend-factor’ zit erin, maar hij kan het uitleggen: ,,We hebben in Nederland 8 miljoen bestaande woningen. Die moeten we verduurzamen. Hoe doe je dat efficiënt? Door met zo weinig mogelijk kilo’s materiaal in de weer te zijn. Hoe meer je verplaatst, bewerkt en fabriceert, hoe duurder je uit bent en hoe langer het gaat duren. Ook al omdat je er meer personeel voor nodig hebt, dat er niet is.” „Met een hybride systeem bespaar je 80 procent gas. Ik vind dat je beter heel Nederland 80 procent kunt laten besparen, dan een heel klein percentage 100 procent’’, aldus Cool.
Na 2040 zijn dieseltrucks van de weg ‘De accu gaat het winnen van waterstof’
10 Windmolens uit de 3D-printer Welkom in de wondere wereld van Nedcam in Heerenveen
14 Energietransitie smeekt om hybride warmtepomp Volledig elektrisch verwarmde woningen? Vergeet het
17 Waterstuff Column Ronald Mulder
18 Storage Share, de moderne versie van een garagebox Mensen verhuizen steeds sneller: nu gemiddeld eens in de zes jaar
21 De energietransitie: gaan we het halen? Column Eelko Huizingh
22 Een drone die razendsnel voorraden inventariseert Van de 20 personeelsleden van Arox in Hoogezand zijn er 15 ontwikkelaar
27 Een vraag op de redactie was toen het bericht voorbijkwam dat Brink Trekhaken, ooit begonnen als smederij in Assen en nu wereldmarktleider, 120 jaar bestaat: wat is er nou zo bijzonder aan trekhaken fabriceren? Nou, welkom in Staphorst waar elk nieuw automodel op de brug komt te staan om met moderne apparatuur een nieuwe trekhaak te maken. Wereldwijd rijden inmiddels 25 miljoen auto’s met een trekhaak van Brink en daar komen er elk jaar 1 miljoen bij. Nieuwste ontwikkeling? Vanaf januari komt een nieuwe generatie wegdraaiende trekhaken die met een knop op het dashboard kan worden bediend. Verder zweven we onder meer met een razendsnel tellende drone door magazijnen, maken we kennis met een slimme smartwatch-app die helpt bij reanimeren en kiest ook columnist Ronald Mulder voor accu’s in plaats van waterstof.
Slimme smartwatch app helpt bij reanimeren Op je horloge zie je precies of je hard genoeg op de borst drukt
29 Oekraïense tech op Nederlandse fietsmarkt Via app op je telefoon zie je waar je fiets is
32 ‘Mijn vader zei: jij hebt mijn baan’ De Spiegel: de Fries-Groningse directeur van Het Drentse Landschap, Sonja van der Meer
Veel leesplezier, JAN ROZENDAAL
COLOFON NoordZ is een bijlage van Mediahuis Noord Samenstelling & eindredactie Jan Rozendaal, Marja Boonstra, Gerda Douma, Roel Snijder, Theo Zandstra Vormgeving Alie Veenhuizen E-mail bijlagen@mediahuisnoord.nl Advertenties/branded content Multiplus Media, Drachten 06-44 91 12 63 s.osinga@multiplusmedia.nl Volg NoordZ ook online op het blog: www.noordz.nl
LEEUWARDER COURANT DONDERDAG 9 NOVEMBER 2023 3
Wat 120 jaar geleden begon als een kleine smederij van Reint Brink in Assen groeide uit tot een internationaal bedrijf met de grootste keuze in trekhaken ter wereld. Het succesverhaal van Brink Trekhaken uit Staphorst: liefst 25 miljoen voertuigen rijden ermee rond. TEKST YKE BREMER FOTO’S MARTIJN BIJZITTER
WIE HEEFT ER GEEN TREKHAAK VAN BRINK?
D
e opkomst van massatoerisme in de jaren 70 en 80 gaf de productie van trekhaken een enorme boost. Het legde Brink Trekhaken uit Staphorst geen windeieren, zegt CEO Coen Rooijmans. ,,Mensen kregen meer vrije tijd en gingen vaker op vakantie met hun caravan of boot. De laatste jaren is daar nog een hausse bijgekomen: het gebruik van fietsendragers. Fietsen is enorm populair en dat merken wij in de aantallen voertuigen met een trekhaak.” Brink Trekhaken – dat internationaal de naam Brink Towing Systems bv voert en is ondergebracht in de Brink Group – heeft niet minder dan 2000 verschillende types trekhaken in het assortiment – waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen flenskogels en vaste, afneembare en wegdraaibare trekhaken met bijpassende stroomvoorziening.
Op een sigarendoosje Als voorbeeld hoe de tijden zijn veranderd vertelt senior projectengineer Aldo Hemstede een anekdote. ,,Roelof Brink had meerdere zonen, onder wie Reint jr., Gerard, Ko en Wim. Het verhaal gaat dat Gerard op een gegeven moment zijn idee voor een trekhaak schetste op de achterkant van een sigarendoosje. Dat geeft het grote verschil weer met nu: wij werken met 3D designprogramma’s en krachtige computers die constructies kunnen doorrekenen op sterkte en beweging.”
,,Elke nieuwe auto in de markt komt bij ons op de brug te staan”, vult ‘senior projectengineer’ Aldo Hemstede aan. ,,De auto wordt 3D gescand en er wordt een nieuwe trekhaak voor ontwikkeld. Wat op een VW past, past niet op een Opel en ieder automerk heeft ook nog verschillende uitvoeringen. Zo wordt voor ieder type auto een nieuwe trekhaak ontwikkeld, die vervolgens uitgebreid wordt getest en gekeurd, zodat de trekhaak voldoet aan de Europese wet- en regelgeving. Kwaliteit en veiligheid staat voorop bij Brink. Daarnaast is montagevriendelijkheid ook erg belangrijk. Daar willen we de beste in zijn.”
‘Groot geworden door aanhanger, caravan en fiets’ zelf op de auto monteren. ,,In beide markten zitten we in de top 3 van de wereld.”
ELK JAAR 1 MILJOEN ERBIJ Het getal van 25 miljoen voertuigen dat wereldwijd rondrijdt met een Brink-trekhaak wordt jaarlijks alleen maar groter. ,,Er komen nog ieder jaar 1 miljoen bij.” De trekhaken worden, behalve in Staphorst, geproduceerd in Frankrijk, Zuid-Afrika en Thailand. ,,In het laatste land zijn we net begonnen met een fabriek om de markt in Australië en Azië te gaan bedienen.”
Hoewel het enorme China met zijn snelgroeiende economie en miljarden inwoners aantrekkelijk lijkt als afzetmarkt, bestaat er niet tot nauwelijks een markt voor trekhaken. ,,Mensen hebben geen caravans of fietsdragers in China. Bovendien is de weten regelgeving heel streng in het land.” Er ligt meer groeipotentieel in de trekhakenmarkt van Europa en Amerika, aldus CEO Rooijmans. ,,We zien bijvoorbeeld kansen bij elektrische auto’s, die door het gebruik van dakkoffers hun actieradius zien verminderen door de grote weerstand in weer en wind. Door koffers op de trekhaak te plaatsen, kan dit probleem worden opgelost.” ZWAARDERE E-BIKES Brink Trekhaken staat in voortdurend contact met alle grote autofabrikanten, dealers en distributeurs. ,,We zitten met iedereen om tafel, ook met onze concurrenten. In de markt hoor je wat de wensen zijn. Als je je klant kent, kun je ook voldoen aan de wen>>
De trekhakenmarkt kun je opdelen in twee verschillende afzetgebieden, verduidelijkt Rooijmans. ,,Aan de ene kant heb je de dealers, die met ons samenwerken en waar je veilig en snel een trekhaak op je auto kunt laten monteren. We hebben montagepartners door het hele land zitten en dat netwerk van Brink-dealers hebben we internationaal uitgerold.” Daarnaast werkt Brink nauw samen met automobielfabrikanten, die de trekhaken aangeleverd krijgen bij de fabriek en deze
4 LEEUWARDER COURANT DONDERDAG 9 NOVEMBER 2023
COEN ROOIJMANS
LEEUWARDER COURANT DONDERDAG 9 NOVEMBER 2023 5
ADVERTENTIE
Optimalisatie leidend voor hybride warmtepomp Intergas Voor Intergas in Coevorden is het al tijden helder: hybride warmtepompen spelen een belangrijke rol in de energietransitie. Het bedrijf zet daarom vol in op de doorontwikkeling en grootschalige productie van het eigen model. Daarbij wordt niet gekozen voor de gemakkelijkste route, maar staat optimalisatie voorop. Een hybride warmtepomp combineert een warmtepomp met een cv-ketel. Dat kan vaak de al aanwezige cv-ketel zijn. Deze wordt gekoppeld aan een binnen- en buitenunit, waarbij de cvketel zorgt voor de verwarming van tapwater en de warmtepomp voor verwarming van de woning. Alleen op hele koude dagen neemt de cv-ketel het over. „In Nederland hebben we tien tot twintig dagen met vorst overdag en strenge vorst ’s nachts. Op alle andere dagen kan de warmtepomp het prima aan en uit onze metingen in tweehonderd, zeer verschillende, woningen blijkt dat gemiddeld een gasbesparing van 75 procent bereikt wordt’’, zegt Peter Cool, technisch directeur van Intergas. „Hybride warmtepompen zijn voor een grote groep mensen betaalbaar en toepasbaar, in tegenstelling tot all-electric warmtepompen. Het is daarmee ook een sociale oplossing: meer mensen kunnen besparen op hun energierekening en bijdragen aan het behalen van klimaatdoelstellingen.’’ Misverstanden ontkrachten Eind vorig jaar kwam de hybride warmtepomp van Intergas op de markt en werden er in Coevorden zo’n duizend exemplaren geproduceerd. Aan het eind van dit jaar staat de teller naar verwachting op 20.000. „Op onze nieuwe productielijn kunnen we 100- tot 200.000 binnenunits per jaar produceren. Er is veel vraag naar hybride warmtepompen, maar installateurs kunnen het werk nauwelijks aan. Wij werken ondertussen aan doorontwikkeling en het ontkrachten van misverstanden ten aanzien van hybride warmtepompen. Zo wordt nog vaak gedacht dat het geen oplossing is voor oude huizen, zijn er vragen over het rendement en worden er soms teveel aanpassingen in de woning geadviseerd, wat de kosten onnodig opdrijft en het rendement niet verbetert.’’
‘Een duurzame oplossing betekent minder gewicht’ Het afgiftesysteem voor de verwarming van een huis moet overigens wel in orde zijn om tot een optimale energiebesparing te komen, maar in veel
Peter Cool gevallen zijn er geen aanpassingen nodig. Cool: „Radiatoren, vloerverwarming of convectoren zijn van grote invloed op het verbruik omdat warmtepompen gevoelig zijn voor een te hoge waarde en slechte regeling van de watertemperatuur. Om ervoor te zorgen dat onze hybride warmtepompen optimaal functioneren, wordt de watertemperatuur zo laag gemaakt dat de warmtepomp lang zonder onderbreking door blijft lopen. Dan bereik je de beste prestatie. Verder hebben we ervoor gezorgd dat we ook na installatie data kunnen verzamelen over de situatie bij een gebruiker thuis. Het ouderwetse ‘meten is weten’ is voor ons een belangrijk principe. Om een goed verwarmingssysteem te ontwikkelen, moet je weten wat er energetisch in een huis gebeurt.’’ Kennis verspreiden Het is volgens Cool van groot belang dat toekomstige gebruikers en installateurs op de
hoogte zijn van de voordelen die een hybride warmtepomp biedt en de voorwaarden waaronder het apparaat optimaal functioneert. „We leiden in Coevorden doorlopend monteurs op om deze kennis te verspreiden en hebben een opleidingscentrum in Utrecht geopend.’’ Ondertussen wordt in het laboratorium van Intergas hard gewerkt aan verdere optimalisatie van de hybride warmtepomp. Om een echt duurzame en betaalbare oplossing te bieden, streeft Intergas daarin naar een reductie van gewicht. „Alles schaalt met de kilo’s’’, zegt Peter Cool. „Als we snel de gestelde klimaatdoelen willen halen, moeten we uitgaan van eenvoudige producten met weinig materiaal die makkelijk te installeren zijn. Onze binnen- en buitenunits zijn zo klein mogelijk en we blijven nadenken over oplossingen om elementen te kunnen schrappen en toch een stil, gebruiksvriendelijk en efficiënt systeem te leveren. Onze binnenunits hebben een web-applicatie dat het bedieningspaneel en de handleiding vervangt. De gebruiker kan zien hoe zijn installatie presteert en ook de installateur kan alles snel uitlezen. De hybride warmtepomp is in te stellen en uit te lezen met de smartphone, tablet of laptop. Uiteraard wordt de verbinding met het toestel verbroken zodra smartphone, tablet of laptop niet meer in de buurt van het toestel is. De gebruiker kan er ook voor kiezen om via een verbinding met Intergas automatische software-updates te krijgen. Onze binnenunit vergemakkelijkt het werk van installateurs: het moeizame instellen van parameters is niet meer nodig, installatie gebeurt middels een wizzard en het benodigde Fgas -apport wordt meteen gemaakt.’’ www.intergas-verwarming.nl
>> sen. Zo moet de trekhaak steeds zwaardere e-bikes dragen en dat stelt weer nieuwe eisen aan de draagkracht.”
Ook wordt er constant gewerkt aan het zuiniger en efficiënter produceren van de trekhaken. ,,We werken veel met staalbewerkingsmachines en we proberen de processen steeds slimmer in te richten, waardoor er kan worden bespaard op energie. Duurzaamheid speelt een steeds grotere rol.” In januari 2024 komt Brink Trekhaken met de ‘volgende generatie’ elektronisch wegdraaibare trekhaak op de markt, die met een druk op de knop op het dashboard kan worden bediend. Brink bracht al eerder een elektrisch wegdraaibare trekhaak op de markt.
Brink begon in 1903 als smederij in Assen Reint Brink begon in 1903 een smederij in Assen en kreeg vanaf 1922 versterking van zijn zoon Roelof. De firma R. Brink en Zn ging zich na verloop van tijd toeleggen op de bouw van aanhangers en trailers. Een tweede vestiging onder de naam K.A.T. (kipper, aanhangwagen, trailer) stond korte tijd in Meppel, maar in 1958 verhuisde de fabriek naar Staphorst. Eind jaren 50 ging Roelof Brink zich steeds meer toeleggen op de productie van trekhaken onder de naam RBS (Reint Brink Staphorst). Onder de merknaam Brink werd het bedrijf een van de grootste spelers op de internationale trekhakenmarkt. Om die positie te verstevigen opende Reint Brink in 1977 een gloednieuw pand in Staphorst waar ontwerp, ontwikkeling, productie en verkoop van trekhaken onder één dak kwamen. De internationale groei zet door na de overname van een Franse trekhakenspecialist in 1994 en de aankoop van een Italiaanse fabriek in 1998. In 2006 komt daarbij op aanvraag van Toyota een fabriek in Zuid-Afrika. Verdere uitbreiding naar Thailand volgt in 2017 en vanaf 2019 sluit Brink distributieovereenkomsten in Australië en NieuwZeeland. In 2023 viert Brink het 120-jarig bestaan.
‘De magazijnen liggen al vol met het specifieke trekhaakmodel voor de nieuwe auto daadwerkelijk op de markt komt’ ,,In samenwerking met de automobielindustrie hebben we een nieuwe generatie ontwikkeld die nog kleiner, lichter en goedkoper is. De trekhaak is volledig geïntegreerd in het voertuig, zowel mechanisch als elektronisch. Natuurlijk zit er een beveiliging op en kan de knop alleen bij stilstand worden gebruikt. We zijn hier al vijf tot zes jaar mee bezig en je zult dit soort trekhaken de komende jaren bij veel meer automerken gaan zien.” VAN FYSIEK ONTWERP TOT 3D Projectengineer Aldo Hemstede werkt al sinds 1989 bij Brink, hij heeft in de loop van zijn carrière de werkwijze binnen het bedrijf zien veranderen. Hij weet zich nog te herinneren dat de collega’s de trekhaak in de werkplaats fysiek ontwierpen onder de auto. Er werd meteen een prototype gemaakt dat vervolgens door de tekenaars werden vastgelegd op papier. ,,Later gingen wij als engineer naar de autofabrikant toe. Je was bezig met tekenen, schetsen en nam de mogelijkheden voor de nieuwe automodellen door met engineers van de autofabrikant. De trekhaak werd daarna in Staphorst uitgewerkt op de ouderwetse tekentafel. Vervolgens werden er prototypes gemaakt voor het testen, waarna de goedkeuring kon plaatsvinden.” Vanaf het begin van de jaren 90 speelt de computer een steeds grotere rol, het is vaak niet meer nodig voor engineers om op stap te gaan. Ze krijgen 3D ontwerpen aangeleverd van de auto en gaan daarmee aan de slag. ,,Zo zijn we jaren voordat een automobielfabrikant met een nieuw model op de markt komt al bezig met het ontwerpen van de trekhaak op maat. De magazijnen liggen al vol met het specifieke trekhaakmodel als de nieuwe auto dan daadwerkelijk op de markt komt.”
LEEUWARDER COURANT DONDERDAG 9 NOVEMBER 2023 7
Elektrische vrachtwagens zie je op dit moment nog nauwelijks op de weg. Maar daarin komt de komende jaren rap verandering. Danny Molenaar van transportverzekeraar TVM in Hoogeveen gaat ervan uit dat in 2040 de diesels van de weg zijn. En: de elektrische truck gaat het winnen van waterstof. TEKST WILLIAM ZIJLSTRA ILLUSTRATIE GERCO VAN BEEK
‘DIESELTRUCKS NA 2040 VAN DE WEG’
T
oen paard en wagen, nu vooral diesel en benzine en straks elektriciteit en waterstof. Danny Molenaar, programmamanager zero emissie bij TVM verzekeringen maakt een verwijzing naar het verleden wanneer hij praat over de lopende energietransitie in de transportsector. Het is immers niet de eerste keer dat de wereld van vervoer drastisch verandert. ,,De overstap van diesel naar elektrisch lijkt misschien klein, maar de complexiteit erachter is groot’’, zegt hij. De ontwikkeling en verkoop van elektrische personenauto’s lijkt een stuk verder dan die van elektrische vrachtwagens. Waardoor komt dat? ,,De ontwikkeling van elektrische vrachtwagens is later gestart en er wordt veel meer van gevraagd. Een huishouden van vier personen gebruikt op een dag net zoveel energie als een truck in 7 kilometer. Dat zegt iets over de hoeveelheid energie die er nodig is. Op dit moment is er nog weinig aanbod van elektrische vrachtwagens. Ook de locaties om te tanken zijn minimaal. Toch zien we een stijgende lijn. In het eerste kwartaal van dit jaar waren er al meer elektrische vrachtwagens op kenteken gezet dan heel vorig jaar. We zitten aan het begin van de innovatiecurve.’’ Toch ervaart de sector nog flink wat obstakels. ,,Klopt. Ten eerste is de financierbaarheid complex. Een gemiddelde vrachtwagen op elektriciteit kost twee tot drie keer zoveel in vergelijking met een dieseltruck. Wagens die rijden op waterstof zijn zelfs nog duurder uit. Daarnaast is de beschikbaarheid van elektriciteit een probleem. Echt een bottleneck. Je kunt de krant niet openslaan of er staat wel iets in over het gebrek aan ruimte op het net. Maar je hebt wel stroom nodig om de wagen te kunnen opladen. Gelukkig zien we hierin dat bedrijven zoeken naar oplossingen, zoals een generator op biogas. Maar zulke plannen liggen echt nog op de tekentafel.’’
De energietransitie is een project waar overheid (subsidie), gemeentes (ruimte), netbeheerder (netcapaciteit), producenten (vrachtwagens) en marktpartijen (laadstations) tegelijk met elkaar moeten optrekken. Hoe lastig is dat? ,,Ja, dat is moeilijk. En precies waarom wij als coöperatie veel bezig zijn met ophalen en delen van kennis. Veel van onze ondernemende leden zijn zichzelf nu aan het uitvinden. Dat kost natuurlijk veel energie, tijd en soms frustratie. We gaan met de innovatieve koplopers samenwerken zodat we de rest kunnen helpen.’’ Uit een prognose van TVM blijkt dat de actieradius van vrachtwagens rond 2030 zo’n 1000 kilometer is. Waar is dat op gebaseerd? ,,Dat heeft puur te maken met de batterijcapaciteit. Een gemiddelde vrachtwagen rijdt zo’n 100.000 kilometer per jaar, omgerekend maximaal zo’n 500 kilometer per dag. Zodra een vrachtwagen deze actieradius heeft, heb je met laden geen problemen meer als je dat kan doen op je homedepot. Dan is er al één grote drempel overwonnen. Als de batterij het aankan, dan zal de ondernemer vermoedelijk elektriciteit verkiezen boven waterstof. Vooralsnog gewoon omdat het voordeliger is.’’ Wat moeten transporteurs doen die nu hun wagenpark vernieuwen: elektrisch of (wachten op) waterstof? ,,Ik zou de stap maken naar elektrisch. Dan leer je meteen wat er allemaal op je afkomt. Je moet laadpalen installeren, op tijd laden, je ritplanning erop aanpassen, de chauffeur moet anders rijden. Er komt simpelweg veel op je af. Als je nu wacht, denk ik eigenlijk dat dat onverstandig is. Dan sta je in 2025 voor een grote uitdaging. Ondernemers krijgen nu eenmaal te maken met uitstootgrenzen.’’ Hoelang duurt het nog voordat alle diesels van de weg zijn? ,,Rond 2030 wordt een stap gezet naar de verkoop van alleen maar emissieloze vrachtwagens. Als je ervan uitgaat dat rond
die tijd de laatste dieseltruck wordt verkocht en deze nog zo’n zeven tot acht jaar meegaat, dan verwacht ik dat we na 2040 bijna geen dieseltruck meer op de weg zien.’’ Zijn er aanwijzingen dat de investeringskosten van elektrische vrachtwagens omlaag gaan? ,,Als je zelf bezig kunt met het opwekken en opslaan van energie, dan kun je ook relatief goedkoop je wagen laden. Er worden stappen gezet om invloed uit te oefenen op een lagere energieprijs. De verwachting is ook dat de aanschafprijs van de elektrische voertuigen gaat dalen, terwijl die van diesel juist duurder worden. Dat heeft te maken met de sturing op uitstoot van fabrikanten. Zij moeten aan bepaalde normen voldoen.’’ Om de businesscase rond te krijgen, is nu nog overheidssubsidie nodig. In hoeverre moet de overheid blijven bijspringen? ,,De subsidie voor emissieloze trucks was binnen een paar uur helemaal overschreven. Dat toont aan dat ondernemers graag willen meedoen. In de toekomst zal de subsidie misschien verschuiven van het voertuig naar de laadinfrastructuur. Alleen al het plaatsen van laadpalen kan tonnen kosten. Wie ook een zonneweide, wellicht een kleine windmolen en batterijcontainers wil neerzetten is miljoenen kwijt.’’ En wat levert het de ondernemer op? ,,Achter het laden van wagens ontstaat een hele nieuwe wereld. Kan je energie zelf opwekken en opslaan? Kan je je planning erop afstemmen? Kan je je chauffeur zo trainen dat hij zo zuinig mogelijk rijdt? Ondernemers zijn slim genoeg om daarop iets te verzinnen. Van enkele transportondernemers heb ik al gehoord dat er over een paar jaar in hun achtertuin een bordje staat met ‘energieboer’ erop. Als de elektrische vrachtwagens straks ook kunnen terugleveren aan het net, dan kan zo’n voertuig veel huishoudens van stroom voorzien. Een logistiek centrum met een energie-infrastructuur speelt dan een grote rol in de omgeving. Maar dat is nog wel toekomstmuziek.’’
Danny Molenaar. FOTO GERLINDE SCHRIJVER
8 LEEUWARDER COURANT DONDERDAG 9 NOVEMBER 2023
LEEUWARDER COURANT DONDERDAG 9 NOVEMBER 2023 9
Ze keek er haar ogen uit tijdens een bezoek vorige maand. Demissionair minister Liesje Schreinemacher is onder de indruk van wat Nedcam Solutions in Heerenveen kan en doet. De finalist van de Friese onderneming van het jaar bouwt mallen, pluggen, hele façades en meer van composiet. Allemaal met één gedachte in het achterhoofd: hoe kan het nóg duurzamer? TEKST JEAN-PAUL TAFFIJN FOTO’S SIMON BLEEKER
NEDCAM BIEDT EEN BLIK IN DE TOEKOMST VAN COMPOSIETVERWERKING
E
en freesmachine waarin de hele ministeriële delegatie kon staan. Met gemak. Dat is het meest in het oog springende onderdeel van de fabriek in Heerenveen. Het gevaarte is maar liefst 26 meter lang, zodat complete mallen voor scheepsrompen erin passen. ,,Dat is waar we goeddeels vandaan komen’’, vertelt Jan Volker. ,,Maar inmiddels doen we veel meer.’’ Zeven jaar geleden bracht hij samen met compagnon Erwin van Maaren de bedrijven Solicam en Nedcam samen. De eerste was een – deels door Technologie Centrum Noord-Nederland (TCNN) gesteund – initiatief om de scheepsbouw in Nederland te behouden. Het idee was om een deel van het maken van mallen en pluggen voor de bouw van scheepsonderdelen te automatiseren. Dat doet de reusachtige freesmachi-
ne nog altijd. Die is een belangrijk onderdeel in de fabricage van die mallen en pluggen, die van oorsprong immens arbeidsintensief is. Nedcam was een verkooporganisatie in Duiven, die opereerde in dezelfde markt. ,,Nedcam deed al veel meer, alles met composiet’’, zegt Volker, die bij Solicam werkte voordat hij samen met Van Maaren eigenaar werd van het ‘nieuwe Nedcam’. ,,En dat maakte de samenvoeging sterk. Solicam richtte zich vooral op processen, Nedcam op de markt. De twee konden elkaar veel verder brengen, was onze gedachte.’’
GROEI Dat is gelukt. Inmiddels werken er honderd mensen bij het bedrijf, dat een omzet heeft van pakweg 13 miljoen euro. De groei is gigantisch, zeker na de overname van het
Duitse Modellbau Nachtigall afgelopen voorjaar. ,,We worden bekender. Ook in branches als de bouw, kunst en architectuur, windenergie, infra en luchtvaart.’’ Want met de kennis van frezen van composiet aan de ene kant en contacten in alle branches aan de andere kant, kun je veel meer dan mallen en pluggen maken. Twee jaar geleden werd om die reden de dochteronderneming Nedcam Building Solutions opgericht. Gevelpanelen van composiet, onderdelen en complete gevels levert de fabriek op. ,,Het is supermateriaal. Licht, duurzaam, kleurvaster, sneller te verwerken én brandwerend. We hebben er inmiddels heel wat mooie projecten mee gedaan. De klassieke gevel van La Place aan de Kalverstraat in Amsterdam is volledig opgetrokken uit onze composiet. Woontoren De Baak in Amsterdam, een loopbrug voor het hoofdkantoor van Adyen en nog meer. Dit is de toekomst die net ontdekt wordt.’’ DUURZAAM Dat heeft alles te maken met de visie van het bedrijf: doe het zo duurzaam en circulair mogelijk. De gebruikte hars is op basis van water, de componenten worden waar het kan gebruikt van gerecycled materiaal. En waar nog wel fossiele grondstoffen nodig zijn, worden die zo verwerkt dat het materiaal gerecycled kan worden.
Jan Volker bij een scheepsboeg uit een van de mallen van Nedcam in Heerenveen.
10 L E E U W A R D E R C O U R A N T D O N D E R D A G 9 N O V E M B E R 2 0 2 3
,,Die duurzaamheid, dat is waar Erwin en ik elkaar vonden. Daarom zijn we er samen ingestapt. We wisten ook meteen al dat we met 3D-printen aan de gang wilden, juist vanwege het duurzame karakter. Let wel: 3D-printen is alleen een goed idee als je circulair materiaal als grondstof gebruikt. En dat doen we. Onze printer gebruikt granulaat, onder meer afkomstig van Cumapol / Dufor uit Emmen. Dan heb je het dus over gerecyclede PET. Wij maken supermooie producten van oude colaflessen, zeg maar.’’ >>
JAN VOLKER
L E E U W A R D E R C O U R A N T D O N D E R D A G 9 N O V E M B E R 2 0 2 3 11
ADVERTENTIE
‘Doe zinvol werk en automatiseer de rest’ Zo luidt het motto van Nexler, een IT-specialist die organisaties helpt bij het slimmer, efficiënter en leuker maken van werk. Met behulp van slimme software worden processen geoptimaliseerd en data beter inzichtelijk gemaakt. „Dat doen we met name voor het MKB en het MKB+”, legt Gert-Jan Mellema uit. „Niet alleen zien we dat er steeds meer data op organisaties afkomt, er gebeurt ook nog veel te veel werk handmatig. Dat automatiseren wij, afgestemd op elke specifieke organisatie.”
Martijn Roorda, Bert Tukkers en Gert-Jan Mellema Nexler werd vorig jaar opgericht, maar het jonge bedrijf heeft al een schat aan ervaring in de IT. Dat zit zo. Martijn Roorda en Bert Tukkers hadden een ICT bedrijf dat gespecialiseerd was in business intelligence, Gert-Jan Mellema was juist weer thuis in het automatiseren van bedrijfsprocessen. Roorda:„ Steeds vaker kregen beide bedrijven afzonderlijk vragen uit de markt naar een bredere dienstverlening, waarin business intelligence en RPA, zoals het automatiseren van bedrijfsprocessen wordt genoemd, elkaar aanvullen. Immers, als je met data aan de slag gaat, kom je in bedrijfsprocessen terecht en vice versa.” Beide bedrijven vonden elkaar, hebben dezelfde filosofie en hetzelfde klantenprofiel en zo werd Nexler opgericht. Vanuit het kantoor in Groningen werken de medewerkers van Nexler aan zowel Business Intelligence als RPA oplossingen. Het RPA (Robotic Process Automation) team heeft overigens een bredere klantengroep dan alleen het MKB. „We werken bijvoorbeeld ook voor semi-overheid organisaties”, geeft Mellema aan. „En ook daarbuiten zijn we actief. Zo ondersteunen we sinds september van dit jaar de Rijksuniversiteit Groningen met het ontwikkelen van verschillende bots en het opzetten van een RPA-team. Een geweldige samenwerking!” Bedrijfsspecifiek Hoewel Nederland op het gebied van automatisering één van de koplopers is in Europa, blijkt eens te meer dat er nog veel handmatig werk plaatsvindt, vanuit de aanname dat dit niet geautomatiseerd kan worden. Bijvoorbeeld omdat applicaties niet aansluiten, er veel informatie van buitenaf moet worden verwerkt, enzovoort. „Dat
kan Nexler wel automatiseren”, geeft Roorda aan. „Wij kijken welke handelingen handmatig gebeuren en bouwen dat letterlijk na, dus bedrijfsspecifiek, waardoor deze handelingen vervolgens automatisch gebeuren.” „Een mooi voorbeeld is dat we sinds deze zomer de verwerking van bestellingen van bijvoorbeeld een webshop automatiseren”, gaat Mellema verder. „Het bleek namelijk dat veel bestellingen nog via de mail binnen komen, die vervolgens handmatig verwerkt moeten worden. Dankzij onze aanpak kunnen klanten dit nu automatisch verwerken en dat scheelt ze heel veel tijd. Bovendien wordt daarmee de foutgevoeligheid tot een minimum beperkt.” Boeien en binden „We zien dat veel bedrijven kampen met een tekort aan medewerkers”, gaat Mellema verder. „Dat kun je voor een deel oplossen door bepaalde processen te automatiseren en daarin is nog heel veel te winnen. En je wilt je medewerkers ook boeien en binden, dat doe je niet met repetitieve handmatige handelingen. Dat doe je door impactvol werk aan te bieden.” Roorda:„ Handmatig werk wordt vaak niet als last ervaren, maar is dat in feite wel. Bovendien kost het onnodig veel tijd, die ook aan nuttiger zaken besteed kan worden. Nexler laat graag zien dat het anders en sneller kan, dankzij verregaande automatisering. Daag ons maar uit!” Behoefte Bij iedere klant komt Nexler gemiddeld uit op een besparing van de helft van de kosten van het handmatige werk. „Bovendien gebeurt het werk dankzij automatisering veel sneller en is het minder foutgevoelig. Via voorbeelden en referenties herkennen potentiële klanten hun
behoefte en nemen ze contact met ons op. Wij laten hen graag zien welke mogelijkheden de techniek biedt, waarbij klanten direct merken hoe prettig automatisering voor hen kan werken.” Volgens Mellema zijn er in Noord-Nederland maar weinig bedrijven actief in de RPA-markt. „Van oorsprong werden deze oplossingen vooral in het grootbedrijf aangeboden, maar werd het MKB niet of nauwelijks ondersteund. Dat had overigens ook met de prijs te maken. Nexler werkt met een nieuw platform dat goed betaalbaar is en we zien dat het MKB de mogelijkheden nu begint te ontdekken.” Transparant „Bij alles wat we doen vinden we het belangrijk dat we het de klant makkelijk maken.”, besluit Roorda. „Daar besteden we veel aandacht aan. En dat zie je ook terug in onze voorwaarden. Zo hanteren we een vast maandbedrag per bot, inclusief licenties, onderhoud en beheer. Daarover mogen geen onduidelijkheden bestaan, daar zijn we heel transparant over.” Eén jaar na het ontstaan van Nexler zit de groei er behoorlijk in. Er werken nu 14 mensen bij het bedrijf en Mellema en Roorda verwachten dat dit aantal gestaag blijft groeien. „De visie die wij hebben spreekt aan en de techniek is interessant. Wij bieden niet één specifieke oplossing, maar een oplossing gericht op elk individueel bedrijf. Daar is creativiteit voor nodig. Kortom, je werkt voor bedrijven waar je meteen impact hebt, dat spreekt medewerkers aan, maar zeker ook onze opdrachtgevers. Immers, automatiseren met Nexler zorgt ervoor dat handmatige handelingen tot een minimum beperkt worden en je daardoor zinvoller werk kunt doen. Wie wil dat nou niet?” www.nexler.nl
‘WIJ MAKEN SUPERMOOIE PRODUCTEN VAN OUDE COLAFLESSEN, ZEG MAAR’ >> De 3D-printer neemt – zo is de verwachting van Volker en Van Maaren – op termijn de rol over van de het huidige proces, of liever nog: van het hele proces van mallen maken. ,,Ze zullen in ieder geval steeds meer naast elkaar bestaan. We hebben getest met een kleinere versie van de 3D-printer. Om te zien met welke materialen we konden werken. Nu hebben we een grote variant geplaatst, uniek in Nederland. Daarmee printen we prachtige vormen en ook direct de mallen van kleinere schepen. Dat is een enorme vooruitgang in het proces. We hebben het materiaal inmiddels zó onder controle, dat er geen extra laklagen nodig zijn. En daarmee zijn de mallen honderd procent circulair.’’
ENGINEER Dat proces van mallen maken gaat van oudsher zo: eerst wordt van piepschuim en verschillende coatings een zogeheten plug gemaakt, ook wel de contramal genoemd. Die wordt vervolgens gebruikt om de mal omheen te vormen. ,,Met de printer slaan we de stap van het maken van de plug over. Het duurt nog wel even voordat we net zulke grote mallen kunnen maken als met de frees hoor.’’
Eén op de vijf medewerkers van het bedrijf is engineer
De duurzaamheid zit hem vooral in de materiaalkeus. In de composieten gevels bijvoorbeeld, is een bijzonder afvalproduct verwerkt: oude, geshredderde rotorbladen van windmolens. ,,We zijn altijd op zoek naar circulaire materialen. Aanhaken op het project Decom North [het recyclen van windmolens in de Eemshaven, red.] is daarom een logisch idee.’’ Biocomposiet is ook een voorbeeld, dat ooit ook een belangrijke component zal zijn. ,,En nu werken we aan een nieuw project: we kijken of we het freesafval kunnen bijmengen in de extruder, zodat we het materiaal gewoon nog eens kunnen gebruiken. Zo zijn we continu op zoek naar manieren om ons eigen proces te verduurzamen en onze producten circulair te maken.’’ Eén op de vijf medewerkers van het bedrijf (vijftig in Heerenveen en vijftig in Rhede, Duitsland) is engineer. Dat zegt veel. Dit is geen fabriek. Dit is een plek waar nieuwe dingen worden bedacht, ontwikkeld en getest. Een blik in de toekomst. En dat is precies wat demissionair minister Scheinemacher graag met eigen ogen wilde zien.
L E E U W A R D E R C O U R A N T D O N D E R D A G 9 N O V E M B E R 2 0 2 3 13
De hybride warmtepomp is de enige haalbare oplossing in de energietransitie van de bestaande bouw, als het gaat om grote getallen. Dat zegt Peter Cool, die zich bewust is van zijn verdachte positie: directeur van Intergas in Coevorden, fabrikant van ketels en warmtepompen. TEKST JEAN-PAUL TAFFIJN
ENERGIETRANSITIE SMEEKT OM HYBRIDE WARMTEPOMP
V
olledig elektrisch verwarmde woningen? Vergeet het. Landelijk uitgerolde warmtenetten? Kansloos. Om de energietransitie succesvol te doorstaan, is er eigenlijk maar één snel toepasbare oplossing: de hybride warmtepomp. Dat zegt Peter Cool, die sinds 2000 de scepter zwaait bij Intergas. ,,Dat leg ik al een tijd uit in energieland. Ik heb het gevoel dat het kwartje begint te vallen.’’ Natuurlijk heeft hij een eigen belang. In Coevorden rollen jaarlijks 20.000 hybride warmtepompen van de band. ,,Dat snap ik. Maar laat ik het zo zeggen: op volledig elektrische warmtepompen kunnen we meer verdienen. We leveren ze ook. Maar het heeft geen zin om producten te maken die, in maatschappelijke, ecologische of economische zin, geen bestaansrecht hebben. Wat hebben we als land nodig en hoe ziet de markt er over een aantal jaar uit? Dan kán alleen maar de hybride variant een grotere vlucht nemen.’’ Cool legt het simpel uit. ,,Je hoeft niet helderziend of een raketgeleerde te zijn om dit te begrijpen. Kijk, we hebben in Nederland 8 miljoen bestaande woningen. Die moeten we verduurzamen. Hoe doe je dat efficiënt? Door met zo weinig mogelijk kilo’s materiaal in de weer te zijn. Hoe meer je verplaatst, bewerkt en fabriceert, hoe duurder je uit bent en hoe langer het gaat duren. Ook al omdat je er meer personeel voor nodig hebt, dat er niet is. Alles wat wij mensen doen schaalt met de hoeveelheid materiaal. Als je weet dat de volledige elektrificering van woningen bijna tien keer zoveel materiaal vraagt als toepassing van een hybride warmtepomp, dan zie je het probleem.’’
PETER COOL
14 L E E U W A R D E R C O U R A N T D O N D E R D A G 9 N O V E M B E R 2 0 2 3
DE KOUDSTE DAG Om zo’n volledig elektrische warmtepomp efficiënt te laten draaien, moet fors geïsoleerd worden. Dat is natuurlijk sowieso een goed idee, maar het kost tijd en geld. ,,Je moet bij all-electric uitgaan van de koudste dag. Dat is waar je je hele huis op moet inrichten en je apparaat moet zwaar genoeg zijn om dat te trekken. Je hebt ook een groot vat water nodig om te
verwarmen voor je douche. Kost veel geld en veel stroom.’’ En daarmee komt hij op zijn derde punt: het elektriciteitsnet. ,,Dat voldoet nu al niet meer, als er straks ook nog allemaal volledig elektrische warmtepompen op moeten, dan hebben we een enorme capaciteitsuitbreiding nodig. Vooral ook omdat die apparaten in de wintermaanden de grootste stroomvraag hebben, juist op het moment dat het aanbod van elektriciteit het laagst is.’’ Een prachtig systeem voor nieuwbouwhuizen, die extreem goed geïsoleerd zijn en voorzien van voldoende stroomopwekking, stelt Cool. Maar onmogelijk als oplossing voor heel Nederland. ,,Ik zie ook een maatschappelijk probleem, namelijk dat mensen die het kunnen betalen er gebruik van maken en als het ware de stroom onttrekken van de rest. Helemaal dubbel is dat juist die groep ook de subsidies opstrijkt.’’ GAS BESPAREN Even ondoenlijk als oplossing zijn warmtenetten, redeneert hij. ,,Je moet alle straten openbreken, de infrastructuur aanpassen. Dat lukt qua materiaal en mankracht nooit de komende twintig jaar. Afgezien daarvan zit je met beheersorganisaties en de situatie dat bewoners niet zelf een energieleverancier kunnen kiezen. Je ziet dat dat ook problemen oplevert.’’ Als je een serieuze slag wilt slaan, is er maar één voor de hand liggende oplossing: hybride warmtesystemen. Die laten de warmtepomp draaien wanneer het kan, en
‘Volledig elektrisch verwarmde woningen? Vergeet het’
schakelen over op gas wanneer het moet. ,,Douchen doe je op gas, net als je huis verwarmen op die pakweg tien dagen van het jaar dat het écht koud is. We hebben als proef samen met onze concurrenten 200 woningen voorzien van zulke installaties. Huizen uit alle bouwjaren en isolatiewaarden. Zeg maar doorsnee Nederland. Daar komt uit dat je met een hybride systeem zo’n 80 procent gas bespaart.’’ Het is een relatief kleine, goedkope ingreep. Je kunt je ketel laten hangen, er komt alleen buiten een warmtepomp en binnen een regelkastje bij. ,,We kunnen dit massaal toepassen en dan heb je het probleem al voor een groot deel opgelost. We kwamen bovendien tot een kostenbesparing van gemiddeld 1000 euro per woning. Dan heb je zo’n toestel in 4, 5 jaar terugverdiend. Ik vind dat je beter heel Nederland 80 procent kunt laten besparen, dan een heel klein percentage 100 procent. Dat zet veel meer zoden aan de dijk.’’ Een tussenoplossing dus? We moeten tenslotte helemaal van het gas af. ,,Natuurlijk, maar dat kan op een andere manier. Ik zie dit niet als een tussenoplossing. Kijk, we hebben een uitstekend gasleidingnetwerk in Nederland. Daar moeten we gebruik van maken. Ik denk dat we het netwerk als een soort batterij moeten gaan gebruiken. In de zomermaanden wekken we veel energie op, die we juist in de koude wintermaanden vooral nodig hebben. Te veel opgewekte stroom kan opgeslagen worden. In waterstof bijvoorbeeld, of in de vorm van biogas. Dat laten we in de koude maanden door de leiding stromen om onze hybride ketels mee te voeden. Groot voordeel is dat je het elektriciteitsnet dan niet hoeft te verzwaren.’’ SNELLER PAARD Intergas is een technologiebedrijf. Daar wordt nagedacht over dit soort oplossingen. Niet voor niets bestaat de R&D-afdeling uit 45 mensen. ,,We ontwikkelen waar we in geloven. Ik ben ervan overtuigd dat we hybride warmtepompen nodig hebben in de
energietransitie. Daarom zetten we daar fors op in. Ja, ook al toen het in Den Haag vooral over volledig elektrisch ging en warmtenetten als oplossing. Toen wisten wij: dat gaat nooit lukken. Henry Ford zei al: als ik het de mensen in de markt vraag, dan willen ze een sneller paard. Je moet vooruit kijken, inschatten wat er later nodig is. Je moet kijken naar de grenzen van de maatschappij, de economie en de natuurkunde.’’ De hybride warmtepompen gaan hard, ook dankzij een samenwerking met moederbedrijf Rheem in de VS. Dat is gespecialiseerd in luchtverwarming, airconditioners en warmwatersystemen. De buitenunit van de hybride warmtepomp is van Amerikaanse makelij, weliswaar geheel gebouwd naar de schetsen die in Coevorden zijn gemaakt. De binnenunit is de HR-ketel die Intergas al jaren met succes maakt. Daarin is het Drentse bedrijf al een hele tijd marktleider. Jaarlijks rollen er 300.000 van de band. En dan is er nog de ‘schakelkast’, het apparaat dat zorgt voor een optimale afstemming tussen ketel en warmtepomp. ,,Die berekent continu wat het beste moment is om over te schakelen op gas, afhankelijk van de kosten van stroom en gas en het rendement dat wordt geleverd’’, vertelt Louis Visser. Hij is teamleider R&D, de afdeling die de schakelkast geheel ontwikkelde. ZELF ONTWIKKELEN Dat is in wezen het hart van het bedrijf. De binnenkomst van Cool in 2000 zorgde voor een omslag in denken. ,,Ik geloof erin dat je het beste zo veel mogelijk zelf kunt ontwikkelen. Alleen onderdelen die heel standaard zijn – zoals chips en koperen buizen – haal je van elders. Houd de kennis in huis. Dan heb je de kosten en de kwaliteit in eigen hand. We ontwerpen de software zelf, de elektronica, de warmtewisselaar, zelfs onderdelen van onze productielijnen. Dat is wat ons voorbij de concurrentie heeft gebracht.’’ Het is bijna niet te geloven dat het bedrijf – dat volgens het kadaster deels in Nederland en deels in Duitsland is gevestigd – zo groot is geworden in zo’n korte tijd. De twee productiehallen zijn bepaald indrukwekkend, net als het personeelsbestand van zo’n 450 namen. Dat heeft alles te maken met die benadering van technologiebedrijf. ,,We zijn steeds op zoek naar oplossingen die eenvoudig, betrouwbaar en betaalbaar zijn. Dat kan omdat we alles zelf ontwerpen, ontwikkelen en bouwen. En we luisteren heel goed naar onze klanten, de installateurs. Die moeten onze systemen ten slotte aanbevelen bij hun klanten.’’ Twintig jaar geleden had Intergas maar een paar procent van de markt in handen, nu ruim veertig. Met de massale productie van hybride warmtepompen kan vanuit Drenthe weleens een belangrijke bijdrage worden geleverd aan de energietransitie. ,,Dat is wat we willen en waar we aan werken. Dat zie ik als een missie, om erover mee te praten, ideeën op de juiste plekken te laten landen. Natuurlijk is dat goed voor het bedrijf, maar als we de komende jaren heel Nederland gaan vol zetten met hybride warmtepompen, dan zijn het er zó veel, dat ook andere partijen nodig zijn. Dan zijn we wel weer een jaar of 5, 6 onderweg. Maar dan hebben we wel driekwart van het gasgebruik van particulieren bespaard.’’
L E E U W A R D E R C O U R A N T D O N D E R D A G 9 N O V E M B E R 2 0 2 3 15
ADVERTENTIE
‘Wat waardeloos is, waardevol maken’ Het is alweer ruim twee jaar geleden dat Subcoal® Production FRM BV, onderdeel van de N+P Group, de vernieuwde fabriek opende in Farmsum. In deze fabriek wordt afval dat niet gerecycled kan worden verwerkt tot alternatieve brandstoffen. Daardoor kunnen grote industrieën een schoner fabricageproces realiseren, omdat ze aantoonbaar minder CO₂ uitstoten dan wanneer er fossiele brandstoffen worden ingezet. Steeds meer bedrijven en organisaties, maar ook de politiek, is geïnteresseerd in de bijdrage die de oplossing van N+P Group kan bieden aan een circulaire economie.
Plantmanager Niels Wiek voor de Subcoal® installatie.
„Van alle afval die we met elkaar produceren, is circa 20 tot 30 procent niet sorteerbaar”, zegt Chief Development Officer Lars Jennissen van N+P. „Waar dit afval nu veelal in verbrandingsovens verdwijnt, of in sommige landen zelfs nog steeds op de vuilnisbelt, wordt dit door N+P Group opgewerkt, waardoor het onder andere als brand- en grondstof kan worden gebruikt.” En de uitbreiding van toepassingen blijft zich doorontwikkelen. „We maken vandaag de dag alternatieve brand- en grondstoffen uit afval. Er zijn veel initiatieven die onderzoeken om het materiaal weer terug te brengen naar de oorspronkelijke moleculaire samenstelling zodat er ook weer chemicaliën van gemaakt kunnen worden uit dit afval. Als de industrie in staat is om synthetisch gas, en daarna bijvoorbeeld methanol, van afval te maken, dan kan dit als grondstof dienen voor heel veel toepassingen in met name de chemische industrie. Hierbij zijn we als N+P nauw betrokken bij verschillende projecten, o.a in samenwerking met TNO. We verwachten dat de resultaten van dit onderzoek nog voor het einde van het jaar naar buiten komen.” Daarnaast speelt methanol een belangrijke rol bij de productie van synthetische brandstoffen, waardoor het ook op die manier een belangrijke schakel is binnen de energietransitie. Luchtvaart „We zijn verder betrokken bij een project waarin wordt onderzocht of er uit niet recyclebaar afval een alternatief voor kerosine kan worden ontwikkeld, waardoor de uitstoot van vliegen aanzienlijk kan worden verminderd”, vertelt Jennissen. „Dit project loopt in Engeland, waar
we ook een productielocatie hebben, maar de locatie Farmsum speelt hierin een belangrijke rol op het gebied van research en development.” Waar N+P Group in het verleden veel moeite moest doen om anderen van de resultaten te overtuigen, daar melden ondernemers en politici zich nu zelf. „We organiseren veel rondleidingen in onze fabriek in Farmsum. Dat is belangrijk, omdat het product Subcoal® nog altijd niet in de Nederlandse wet- en regelgeving is opgenomen en als zodanig er moeilijk is toe te passen. Daarmee missen we een belangrijke schakel om aanzienlijke hoeveelheden CO₂ te besparen en een grote stap te zetten op weg naar een circulaire economie.”
‘We maken alternatieve brandstoffen en alternatieve grondstoffen uit afval’ Samenwerken „We zoeken ook de samenwerking met universiteiten”, legt Jennissen uit. „Zo komen we al jaren op de Universiteit van Maastricht, waar lezingen altijd weer leiden tot interessante kruisbestuivingen. Ook op het gebied van chemie en/of techniek willen we graag samenwerken. Vanuit die gesprekken blijken samenwerkingen mogelijk waar we vooraf niet eens aan hadden gedacht. Wat dat betreft willen we graag met de Rijksuniversiteit Groningen om tafel, om eventueel tot een samenwerking te komen. Er bestaan nog diverse afvalstromen, die nu nog deels een probleem zijn, maar waar ongetwijfeld ook oplossingen voor zijn om ze nuttig toe te
passen. Dat is nog onduidelijk en dat willen we graag nader onderzoeken.” Op dit moment staat N+P Group aan de vooravond van de bouw van een nieuwe fabriek in Duinkerken, Frankrijk, om zodoende ook daar de lokale afvalstromen om te zetten in fossiele brandstofvervangers. „Deze fabriek wordt min of meer een kopie van Farmsum, maar wel twee keer zo groot. Voor het einde van het jaar hopen we de beslissing te nemen om met de bouw te kunnen starten.” Subcoal® heeft dus meerwaarde binnen het circulaire systeem en de energietransitie. Jennissen:„ En het biedt een significante bijdrage aan de CO₂ reductie. De toekomst is circulair, het materiaal dat wij produceren vormt de bouwsteen voor andere, schonere producten en/of productieprocessen.” Hij vindt het daarom teleurstellend dat N+P Group de Subcoal® nog altijd niet in de Eemshaven kwijt kan. „Elke ton die we in Farmsum produceren gaat naar het buitenland en levert daar 1,3 ton CO₂ besparing op ten opzichte van fossiele brandstoffen. Ja, de gesprekken in Nederland lopen en dat is zinvol. Wij hopen echt dat we op korte termijn Subcoal® als alternatief voor brandstoffen en grondstoffen ook in ons land kwijt kunnen. In bijna heel Europa is het inmiddels een gewaardeerd product en kunnen we de vraag nauwelijks aan.” www.npgroup.com
COLUMN
WATERSTUFF
Z
o’n 20, 25 jaar geleden draaide in Den Haag de wind wat betreft het regionaal-economische beleid. Kort gezegd wilde de politiek niet langer de zwakke regio’s steunen, maar in plaats daarvan de sterke gebieden, de ‘pieken in de delta’, nog sterker maken. De rest van het land zou dan vanzelf worden meegezogen in de vooruitgang. Noord-Nederland, de grootste ontvanger van steun in het oude beleid, werd te verstaan gegeven dat het maar beter ook snel een aantal ‘pieken’ kon verzinnen als het nog geld uit Den Haag wilde krijgen.
De Groningers zetten zwaar in op energie. Ze maakten het ministerie van Economische Zaken wijs dat NAM en Gasunie niet alleen maar gas uit de grond haalden en door het land pompten, maar dat Groningen een ware Energy Valley was. Vol met waardevolle kennis en kansrijke bedrijven op het gebied van energie.
in principe de cv-ketel kunnen stoken op waterstof, aangevoerd door de oude gasleidingen. Maar warmtepompen en warmtenetten presteren in verreweg de meeste gevallen beter. En zo is het eigenlijk steeds. Het kan wel, een bakfiets op waterstof, of een stadsbus, of een trein. Of een nieuwbouwwijk. Het slaat alleen nergens op.
Ronald Mulder is ondernemer en econoom. Man van weinig woorden. @ronaldmulder
Behalve natuurlijk als je het Nederlandse gasleidingennetwerk exploiteert, zoals de Gasunie. Of als je, zoals NAM-eigenaren Shell en Esso, samen 30 procent van de Nederlandse tankstations in handen hebt. Dan zit je niet te wachten op een toekomst waarin ieder huishouden rijdt, kookt en verwarmt op eigen zonnestroom. Dan grijp je elke strohalm. Dat snap ik. Dat onze regionale overheden daaraan meewerken, dat snap ik veel minder. RONALD MULDER
De bluf werkte. De Groningers kregen hun pieken – en de Friezen en Drenten ook, want zo werkt dat, maar daar gaat het nu niet over. Het betekende wel dat een groot deel van het geld dat voortaan van Economische Zaken naar Groningen ging, bestemd zou zijn voor energie-gerelateerde projecten. Zo geschiedde, en na behendig surfen op allerlei geldstromen beschikte Groningen na verloop van tijd inderdaad over een aantal kennis- en andere instituten op energiegebied.
De Groningers zetten zwaar in op energie Al deze instituten waren het er al snel over eens waar de toekomst van Groningen zou liggen op het onvermijdelijke moment dat de gasproductie zou eindigen: waterstof! In een paar jaar tijd werd de energievallei omgebatterijd tot waterstofvallei. Groningen is zelfs hydrogen capital van de wereld, lees ik op reclameborden in de provinciehoofdstad. (Waterstof is in het Engels hydrogen, en geen waterstuff, wat erg jammer is.) Waterstof wordt nu nog vooral in de industrie gebruikt. De productie van groene waterstof (uit water en groene stroom) ter vervanging van deze ‘grijze’ waterstof (uit aardgas) is een grote kans, daar is iedereen het wel over eens. En de Eemshaven is een uitstekende plaats om groene waterstof te produceren. Maar daarmee houdt het wel zo’n beetje op met de kansen voor waterstof in de energietransitie. Het probleem is niet dat er geen toepassingsmogelijkheden zijn, maar wel dat er voor de meeste toepassingen betere alternatieven zijn. In het wegvervoer gaat de accu het winnen. De ontwikkelingen in de accutechnologie gaan zo snel dat de traditionele nadelen (gewicht, laadtijd en levensduur) eigenlijk nu al niet meer gelden. Verder zou je in woningen en gebouwen
L E E U W A R D E R C O U R A N T D O N D E R D A G 9 N O V E M B E R 2 0 2 3 17
Hij herinnert zich de reactie nog goed. Toen ondernemer Julian Doorten, destijds nog een twintiger, zo’n zes jaar geleden zijn idee van het aanbieden van opslagruimte in Hoogeveen bij zijn vader opperde, zag die er geen heil in. ,,Iedereen hier in de omgeving woont toch groot, zonde van je geld”, sprak Doorten senior.
‘Er zijn in Nederland nog veel leegstaande panden of delen ervan’ Klanten hebben keuze: er zijn verschillende groottes van opslagruimtes, die per maand te huur zijn. Zo heeft het bedrijf in Veendam 125 ruimtes op een oppervlakte van 1000 vierkante meter, in Emmen 242 op 2000 vierkante meter.
STORAGE SHARE, DE MODERNE VERSIE VAN EEN GARAGEBOX TEKST WILLY SCHOUWSTRA
D
e bedenkingen van zijn vader ten spijt zette Julian Doorten zijn plannen door en opende in Hoogeveen een bedrijf in de verhuur van duurzame opslagruimte. En met resultaat: Storage Share is booming. Onlangs sleepte het bedrijf voor de derde keer een FD Gazellen Award binnen, de prestigieuze ondernemersprijs voor snelgroeiende bedrijven in Nederland; én werd het opgenomen in de FT 1000-lijst van de Financial Times. Op die lijst van snelstgroeiende bedrijven in Europa bezet het bedrijf dat duurzame opslag biedt plaats 394, na een groei met dik 400 procent vorig jaar. Storage Share is een van de veertien Nederlandse bedrijven op de lijst van duizend. Wat is de basis van deze vlucht naar voren van Julian Doorten (33, Tiendeveen) en zijn compagnon en mede-oprichter Niels van Eck (33, Pesse)? ,,Ik ben een echte ondernemer”, vertelt Doorten vanuit zijn huidige woonplaats Amsterdam, waar ook het kantoor van Storage Share is gevestigd. ,,Toen ik het idee voor dit bedrijf had ontwikkeld, zocht ik een compagnon die zou kunnen wat ik niet kan.’’ ,,Niels kende ik van vroeger, we zaten bij dezelfde zwemclub. Het kwam allemaal prachtig samen; hij wilde graag ondernemer worden, maar had geen idee in welke richting. En hij is heel goed in onder meer automatisering en het maken en onderhouden van websites.”
Er worden bestaande panden gehuurd en de focus ligt op duurzaamheid. Doorten: ,,Bij self-storage zie je vaak dat er nieuwe, grote gebouwen uit de grond worden gestampt. Wij willen gebruiken wat er al is. Zo dragen we ook bij aan het verminderen van leegstand in steden.” Het aanbod voor nieuwe ruimtes komt via diverse kanalen: Funda en andere geëigende sites, makelaars die contact zoeken en door eigen zoektochten van het bedrijf. ,,Waar willen we zitten, dat is natuurlijk een belangrijke uitgangsvraag. Zo zoeken we nu ruimtes in onder meer Heerenveen en Delfzijl.’’ ,,Waarom daar? Leeuwarden, Drachten en Sneek, daar zijn we al. Dan mag Heerenveen niet in het rijtje ontbreken. Ook Delfzijl is een belangrijke stad in het Noorden. Bovendien: er is daar nauwelijks aanbod en wat er is, zit al maanden vol. En stiekem hebben we ook wel een voorkeur voor het Noorden. Daar komen Niels en ik tenslotte vandaan.”
Het begon met een vestiging in Hoogeveen, inmiddels zijn er 55 locaties van Storage Share verspreid over heel Nederland, waarvan twaalf in de drie noordelijke provincies. Alleen Zeeland is nog een blinde vlek. Doorten en Van Eck hebben dertien collega’s die grotendeels vanuit huis werken.
TOENAME VERHUISBEWEGINGEN Waar zes jaar geleden volgens officiële statistieken mensen gemiddeld nog eens in de negen jaar verhuisden, is dat nu opgelopen tot eens in de zes jaar. Dat het aantal verhuisbewegingen toegenomen is, valt volgens de ondernemers onder meer te verklaren uit het feit dat er meer appartementen komen, bijvoorbeeld in getransformeerde kantoorpanden. Daar is niet altijd veel bergruimte beschikbaar.
ZONDER DAGLICHT De insteek is helder: bestaande (delen van) panden huren, die geschikt maken voor opslag en het beheer en de verhuur geheel digitaal afhandelen. ,,Er zijn in Nederland nog veel leegstaande panden of delen ervan”, licht Doorten toe. ,,Ruimtes waarvan de eigenaar denkt: wat moet ik ermee? Op de eerste verdiepingen bijvoorbeeld, zodat bedrijven er niet willen zitten. Of zonder daglicht.”
Doorten: ,,En het is van alle tijden dat mensen scheiden, tijdelijk ergens anders wonen, wachten op de oplevering van een nieuw huis, verbouwen of een overleden familielid hebben wiens kamer in een tehuis bijvoorbeeld in vijf dagen leeg moet zijn. Wij zijn de moderne versie van een garagebox.”
Onlangs nam Storage Share bijvoorbeeld een deel van het oude Aegonpand in Leeuwarden in gebruik. Om precies te zijn: de eerste en derde etage, daar waar geen ramen zijn. ,,Vaak zitten we op industrieterreinen. Deze Leeuwarder locatie is midden in de stad. Het kan allemaal, zolang er maar plaats voor of bij het gebouw is om te laden en lossen. Je wilt niet met je bankstel door een winkelstraat sjouwen.” In Assen trok het opslagbedrijf dit jaar in een bedrijfspand in de Zeilmakerstraat. Doorten: ,,De eerste verdieping stond daar al leeg vanaf de bouw van het pand, twintig jaar geleden. Die was gewoon nooit in gebruik genomen.”
18 L E E U W A R D E R C O U R A N T D O N D E R D A G 9 N O V E M B E R 2 0 2 3
De aanvankelijke zorgen van vader Doorten bleken ongegrond. ,,’Ik zie het niet. Dat moet je toch niet doen’, waren destijds zijn letterlijke woorden”, lacht Doorten junior, die blij is dat zijn vader in dit opzicht geen gelijk kreeg.
JULIAN DOORTEN
NIELS VAN ECK
,,Juist in de kleinere steden zagen wij een gat in de markt. Nu streven we ernaar marktleider te worden met Storage Share. Op een gezonde manier, kwaliteit gaat boven kwantiteit. Niels en ik zijn samen nog steeds voor 100 procent eigenaar van ons bedrijf. Maar als iemand nog een ruimte van minimaal 1000 vierkante meter in de aanbieding heeft, graag!”
L E E U W A R D E R C O U R A N T D O N D E R D A G 9 N O V E M B E R 2 0 2 3 19
ADVERTENTIE
‘Duurzame en comfortabele leefomgeving voor iedereen’ Wat kan je als bedrijf doen om duurzamer te zijn. Een mooi voorbeeld hiervan is het gloednieuwe gebouw van M&G Group op het bedrijventerrein bij Assen-Zuid, pal langs de A28. Een pand dat volledig past in de visie van het bedrijf: ‘Een duurzame en comfortabele leefomgeving voor iedereen’.
M&G Group is Europees marktleider op het gebied van ontwikkeling en fabricage van oplossingen voor ventilatie, warmtepompen en cv-ketels. Een prettig en gezond binnenklimaat voor mensen in hun woningen is het uitgangspunt. ,,Waarbij we het buitenklimaat niet uit het oog verliezen”, zegt Wouter Bossink, director marketing en productmanagement van M&G Group in Assen. Efficiënter Bij de bouw is nadrukkelijk aandacht besteed aan biodiversiteit, duurzaamheid en inpassing in het landschap. Met bijna 40.000 vierkante meter aan oppervlakte voor 400 medewerkers. ,,Duurzaamheid staat hoog in het vaandel en dat was de oude situatie niet”, vertelt Bossink. Hij bedoelt de elf gebouwen die door M&G Group in Groningen en Assen werden gebruikt. Het heen en weer pendelen tussen deze gebouwen was onhandig en verre van efficiënt. ,,We willen duurzaam zijn, maar ook een gezonde en veilige werkomgeving bieden. Dit ging met deze verouderde gebouwen steeds moeilijker”, zegt Bossink. Robot Deze elf locaties zijn nu voor een groot deel ondergebracht onder één dak in Assen. Het samenvoegen van de activiteiten zorgt voor minder pendelverkeer en minder CO2-uitstoot. ,,Een nieuwe stap en toekomstbestendig”, legt Bossink uit. Door een raam wijst hij op een immens groot magazijn. De buizen en andere materialen worden daar verzameld en klaar gezet voor de distributie. Op de achtergrond rijdt een robot van post naar post en werkt onverstoorbaar zijn opdrachten af. Voor de productie is 27.000 vierkante meter, inclusief een R&D-laboratorium, waarin de nieuwe producten worden ontwikkeld en getest. Rekening gehouden met omgeving Opvallend is de raampartij in het gebouw. Er wordt optimaal geprofiteerd van het daglicht voor een beter werkklimaat. Hoge bomen rondom het gebouw zijn blijven staan en verminderen het ‘doos’-effect van het enorme gebouw. Er is
Wouter Bossink
rekening gehouden met de bosmuis, een bedreigde diersoort die daar goed gedijt. De vliegroutes van de vleermuizen worden zo min mogelijk verstoord, door de verlichting aan te passen. Daarnaast worden de zonnepanelen op het dak verder uitgebreid. De graskeien op de parkeerplaats zijn er voor een betere afwatering en de laadpalen voor elektrische auto’s en e-bikes ontbreken evenmin. Meest duurzame speler Er is extra grond aangekocht voor als er moet worden uitgebreid. Bossink: ,,Het magazijn kan aan de achterzijde nog een keer worden vergroot.” M&G Group heeft zich ten doel gesteld om binnen de branche in alle opzichten de meest duurzame speler te worden en te blijven. De recentelijke pandemie en de wereldwijde onrust, zoals de oorlog in Oekraïne, heeft versneld geleid tot
De historie van M&G Group gaat terug tot 1865, en is ontstaan uit Burgerhout en Muelink & Grol. Inmiddels telt het bedrijf 800 medewerkers, eigen testfaciliteiten en fabrieken in Nederland, Turkije en Italië. Ook zijn er kantoren in België, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en Duitsland.
andere inzichten en prioriteiten, zegt Bossink. ,,De focus ligt meer op gezondere lucht en ook het energieverbruik. Betere isolatie vraagt ook om betere ventilatie”. Recyclebaarheid Daarnaast is, ook vanuit Europa, de aandacht meer gevestigd op het verpakkingsmateriaal. ,,We krijgen steeds meer vragen over welke materialen onze productie bevatten en wat die betekenen voor de export. De Europese regelgeving rondom duurzaamheid, materiaalgebruik en afvalstromen is complex. En iedere lidstaat heeft een eigen manier van interpretatie hiervan. Een hele uitdaging om daarin te middelen, de juiste gemene deler te vinden”. Binnen het proces speelt ook de recyclebaarheid van de materialen een steeds grotere rol. M&G Group is initiatiefnemer in het herontwerpen van producten, dat leidt tot kwaliteitsverbetering en reductie van het grondstoffengebruik en de CO2-uitstoot in het productieproces. ,,Onze taak is om met branchegenoten en de voorschrijvende markt in gesprek te blijven over de innovatieve ontwikkelingen op dit gebied. Nieuwe stappen worden gemaakt door de juiste adviezen en voorlichting. Een missie is een doel dat je wilt bereiken. Elke dag een stap, is weer een stap dichterbij”. mg-group.com
COLUMN
DE ENERGIETRANSITIE: GAAN WE HET HALEN?
W
at gaat mis? Het olieverbruik wereldwijd was nog nooit zo hoog en vrijwel al onze auto’s, vrachtwagens en vliegtuigen draaien op fossiele brandstoffen. En onze bewustwording? De wereldvoetbalbond FIFA besloot onlangs het WK in 2030 te organiseren in Zuid-Amerika, Afrika én Europa. Shell maakt volop reclame met Samen werken we aan een schonere toekomst en ontslaat even makkelijk een paar honderd medewerkers duurzame energie. Want geld verdienen is toch nog net iets belangrijker. Onderwijl gaat de opwarming van de aarde verder. Verre landen zuchten onder hitterecords, bosbranden, stormen en overstromingen. En in Nederland is in vijf jaar tijd het aantal wijnproducenten met ruim 40 procent gestegen. In mijn jeugd dacht je bij wijn aan Zuid-Frankrijk, nu zijn er wijnboeren in Groningen, Friesland en Drenthe. Ik merk het zelfs thuis: dit jaar ging de verwarming een maand later aan dan vorig jaar. Maar er is ook goed nieuws. Overheid, bedrijfsleven en burgers zijn inmiddels doordrongen van de noodzaak van de energietransitie. Er wordt ook hard aan gewerkt. Tussen 2015 en 2020, het laatste jaar waarvoor het CBS gegevens heeft, verdubbelde het vermogen voor windenergie, zonnestroom verzesvoudigde. Warmtepompen waren tot voor kort iets exotisch, in 2021 stonden er meer dan 1 miljoen in Nederland en sinds 2018 zijn nieuwe huizen gasloos. In 2015 reden er ruim 7000 elektrische auto’s in Nederland, in 2021 174.000. Het aantal laadpunten voor elektrische auto’s verdrievoudigde tussen 2017 en 2022. Op grotere schaal is de Gasunie bezig het gasnetwerk geschikt te maken voor waterstof. En tot slot is het ook vooruitgang als zelfs de marketingafdeling van Shell al inziet dat de toekomst aan duurzame energie is!
onlangs in deze krant hartstochtelijk tegen elektriciteit en waterstof, want veel te duur. En vanwege hun omvangrijke auto-industrie blokkeerde Duitsland bijna het Europese voorstel voor het verbieden van verbrandingsmotoren in auto’s vanaf 2035. Transities verlopen niet vloeiend maar schoksgewijs, met gevestigde machten die hun best doen de verandering tegen te houden. En dat lukt soms heel aardig, tot het omslagpunt. Dan is er geen houden meer aan. Het verloop wordt ook niet alleen door technologische factoren bepaald. Er is ook een grote rol voor politieke factoren (zie de Duitse auto-industrie), sociale (hebben jouw buren al zonnepanelen?) en economische (oliemaatschappijen zullen alles doen om tot de laatste drup winst te maken).
Dr. Eelko Huizingh werkt bij de vakgroep Innovatiemanagement & Strategie van de Rijksuniversiteit Groningen en is auteur van het boek Innovatiemanagement.
Dus, gaan we het halen, die energietransitie? Het is noodzakelijk dat de druk op de ketel blijft, evenals veel aandacht voor knelpunten en negatieve klimaateffecten. Maar laten we ook niet vergeten hoeveel al is bereikt. De moeilijkste fase bij systeemtransities is de startfase, als de technologie zich nog niet heeft bewezen en we ons nauwelijks een andere werkelijkheid kunnen voorstellen. Die fase hebben we achter de rug. Ik las dat in het duurdere segment elektrische auto’s al goedkoper zijn dan brandstofauto’s. Het omslagpunt kon weleens dichterbij liggen dan velen denken. EELKO HUIZINGH
Midden in een transitie oogt verandering als chaos. Zo ook nu. De capaciteit van ons stroomnet is onvoldoende, er zijn tekorten aan apparatuur en menskracht, elektrische auto’s zijn veel te duur en elektrische boren bij bouwprojecten om de CO2-uitstoot te verminderen worden aangedreven door dieselgeneratoren. Zo’n chaotische situatie vinden veel ondernemers risicovol, maar biedt ook kansen voor wie visie en moed heeft. Langs de zijlijn blijven staan is risicovol. Veel gerenommeerde koetsenbouwers zijn nooit autoproducent geworden. Het is een van de paradoxen van innovatie. Iedereen vindt innovatie prachtig, sexy en aanlokkelijk. Elk bedrijf omschrijft zichzelf als vernieuwend en strevend naar verbetering. Totdat puntje bij paaltje komt. Dan is innovatie nogal eens lastig, veel gedoe en prijzig. En daarbij heb je ook geen zekerheid dat het goed komt. En dus meldt Shell dat de toekomst aan schone energie is, maar nu nog even niet. De voorzitter van een brancheorganisatie voor transportbedrijven pleitte
L E E U W A R D E R C O U R A N T D O N D E R D A G 9 N O V E M B E R 2 0 2 3 21
We bestellen steeds vaker online, de e-commercemarkt groeit en de logistieke wereld ontwikkelt zich continu. Producten vliegen magazijnen in en uit. Arox Logistics IT uit Hoogezand werpt zich op als een partner voor de logistieke sector door met slimme softwareoplossingen logistieke processen te optimaliseren. Een van de nieuwste innovaties van het Groningse softwarebedrijf is een drone die razendsnel voorraden inventariseert. TEKST WILLIAM ZIJLSTRA FOTO MARJORIE NOË
EEN DRONE INVENTARISEERT RAZENDSNEL VOORRADEN
H
et tellen van voorraden in grote magazijnen met duizenden artikelen kan heel tijdrovend zijn. Producten op de grond worden met de hand gescand en heftrucks zijn nodig om pallets van grote hoogte naar beneden te halen om ze te inventariseren. Arno Bruining, CEO en oprichter van Arox Logistics IT zag de mogelijkheid om een drone in te zetten om dit telwerk te doen. ,,Een drone kan met gemak de hoogte in, is flexibel en programmeerbaar.’’ Arox ontwikkelde de benodigde software en programmeerde een drone om als een efficiënte telrobot te fungeren. En dat doet de drone best rap. De vliegmachine kan in een kwartier tijd honderden pallets in een magazijn tellen. Dat is een stuk sneller dan alles met de hand doen. Het gebruik van de drone heeft meerdere voordelen dan alleen de snelheid. Volgens Bruining kan de vliegende robot het gehele controleproces in magazijnen optimaliseren. En dat bespaart bedrijven flinke kosten. ,,Omloopsnelheden in een magazijn worden steeds groter. Dat betekent dat een product kort in een magazijn staat voordat het weer vertrekt. Om continu een duidelijk beeld te hebben van je voorraad en om fouten in de productregistratie tijdig op te sporen, moet je regelmatig tellen. En dat kost tijd en geld als je dat handmatig doet. Als bedrijven alles met de hand tellen, dan moeten ze daar iedere keer weer personeel voor inroosteren, waardoor andere werkzaamheden stil komen te liggen. De drone automatiseert en versnelt dit proces, bespaart dus personeelskosten en verhoogt de kwaliteit van de logistieke dienstverlening van een bedrijf.’’
ARNO BRUINING
22 LEEUWARDER COURANT DONDERDAG 9 NOVEMBER 2023
PILOTS De drone als telrobot maakte zijn debuut in 2016 tijdens een succesvolle pilot bij Koopman Cargo. Om de technologie verder te ontwikkelen en marktklaar te maken, zocht Arox de samenwerking op met de Rijksuniversiteit Groningen. ,,Ik dacht als
ondernemer dat de drone binnen een paar maanden operationeel zou zijn, maar dat bleek toch anders te zitten’’, vertelt Bruining. De drone laten vliegen en tellen was zo gedaan. Maar er komt veel meer bij kijken dan alleen dat. ,,Het is een ontzettend complex systeem. De drone moet autonoom door het magazijn vliegen en daar verschillende werkzaamheden uitvoeren.
Over Arox Bruining richtte Arox in 2005 op. De Rodenaar groeide op in een familie die thuis is in de transport- en logistieksector. ,,Dat is mijn wereld. Ik heb me met Arox altijd gefocust op software, maar wel met mijn achtergrond in gedachten. Dus het was een logische stap om software te bouwen en innovaties te bedenken voor de wereld van transport en logistiek.’’ Tegenwoordig levert Arox Logistics IT voorraadbeheer, transportbeheer en douanesoftware voor de keten van leverancier tot klant. Deze software kan per bedrijf op maat ingericht worden om de klant zo te helpen bij het optimaliseren van logistieke processen. ,,Wij bieden onze software als een gemoduleerd systeem aan en we kunnen het op verschillende manieren inrichten. Vergelijk het met lego. Met bestaande blokjes bouwen we de gewenste oplossing van de klant, maar wij kunnen ook maatwerk blokjes ontwikkelen.’’ Het op maat maken van software zorgt ervoor dat Arox kan concurreren met grote IT-bedrijven, omdat zij vaker een gestandaardiseerd product leveren. Bijkomend voordeel voor Arox is dat alle softwareontwikkelaars in Hoogezand werken. ,,We kunnen dus hier op ons kantoor de software bouwen naar de wens van de klant. Dit stelt ons in staat om snel te handelen en geeft ons een sterke concurrentiepositie.’’ Arox heeft nu twintig man personeel, waarvan er vijftien ontwikkelaar zijn. Bruinings bedrijf bedient klanten door heel Nederland en in een aantal landen over de grens.
Daarvoor is veel rekenkracht nodig en dus veel hardware. Hoe meer techniek je op die drone bouwt, des te zwaarder en groter hij wordt. Dat kost weer meer energie en beperkt de vliegtijd. En zware grote drones brengen weer andere problemen met zich mee, want wat als die drone ergens tegenaan vliegt en schade veroorzaakt? Zo ontstaan er heel veel verschillende uitdagingen bij het ontwikkelen van de drone-technologie.’’ Om de grote, zware drone kleiner en betaalbaarder te maken zocht Arox vervolgens een samenwerking op met verschillende partners. In een samenwerkingsclub met 5Groningen, TNO VodafoneZiggo, de Rijksuniversiteit Groningen en VMware/Dell EMC ontstond een doorbraak. Een deel van het werk van de vliegmachine moest niet aan boord, maar in apparatuur op de grond plaatsvinden.
De drone automatiseert en versnelt dit proces, bespaart dus personeelskosten
,,Dat heet Edge Computing. De techniek vindt op een externe computer in de cloud plaats. En daarom hoeft de drone niet zelf allemaal extra apparatuur mee te nemen’’, vertelt Bruining. Dit maakt de drone kleiner, zuiniger en daarmee goedkoper. De drone zendt data met 5G razendsnel naar apparatuur op de grond en kan zo in hoog tempo en zonder verstoringen zijn telwerk verrichten. 2024 Na veel test- en ontwikkelwerk is de dronetechnologie van Arox zo goed als af. Wanneer vliegt er in elk magazijn een vliegmachine uit Hoogezand rond? ,,Dat durf ik nog niet te zeggen. We zitten nu in het eindstadium en voeren gesprekken met bedrijven die het product voor ons kunnen produceren. Wij doen de software, maar de drone zelf bouwen: dat wiel moet je niet opnieuw willen uitvinden.’’ Uiteindelijk wil Bruining in 2024 het product op de markt brengen. ,,Maar ik zet liever een goed product in de markt wat echt een toegevoegde waarde heeft, dan dat het niet aan de verwachtingen voldoet. Dat is en blijft ook de filosofie achter ons bedrijf.’’
LEEUWARDER COURANT DONDERDAG 9 NOVEMBER 2023 23
ADVERTENTIE
Emmen in november het kloppende hart van de noordelijke chemie Groene chemie en circulaire plastics staan in Emmen centraal tijdens de Sustainable Innovation Week van 14 tot en met 17 november. Met een aantrekkelijk programma voor ondernemers, studenten, wetenschappers en bestuurders. Er worden in totaal meer dan 300 deelnemers verwacht. De Sustainable Innovation Week is een internationaal podium voor innovaties, zorgt voor versnelling van circulair ondernemen en stimuleert (internationale) samenwerking. Chemport Europe en Greenwise Campus hebben samen het initiatief genomen voor deze inspirerende week. Zij hebben een glasheldere ambitie: het Noorden als eerste chemiecluster in Nederland (en misschien wel in Europa) zonder CO2 -uitstoot en met minimale milieubelasting. Emmen is gastheer tijdens deze Sustainable Innovation Week en de Kennispoort van NHL Stenden (deze week) aan de Van Schaikweg 94 het kloppende hart van de noordelijke chemie.
‘Het Noorden als eerste chemiecluster in Nederland (en misschien wel in Europa) zonder CO2 -uitstoot en met minimale milieubelasting’ Inzicht en innovatie Met trots kijken we samen terug op het project Chemport Industry Campus Emmen (CICE). Dit project heeft maar liefst 13 concrete, zichtbare open innovaties voortgebracht. Dit project wordt feestelijk afgesloten en gaat door als Greenwise Circulaire Plastics. Het CICE congresprogramma omvat onder meer een ronde tafelgesprek met ondernemers Joost Paques, onderzoeker Vincent
Gerard Nijhoving
Maria Koijck. Ziekenhuisafval: Hoeveelheid materialen die gebruikt zijn bij haar operatie.
Voet, wethouder Guido Rink van Emmen en projectleider Ineke Ganzeveld van Greenwise Circulaire Plastics. Daarnaast zijn er kennissessies over ondernemerschap, over de plannen voor het
nieuwe Innovatiecentrum en over drie projecten: circulaire badkamers, 3-d printen met ziekenhuisafval en Biologisch afbreekbare garens. Tot slot deelt Gert-Jan Grüter, CTO van Avantium
Gert-Jan Grüter. Foto: Dirk Gillissen
ADVERTENTIE
114 • 15 • 16 • 17 7 november 2023 14 • 15 5 • 16 november
14 • 15 • 16 • 17 1 november
Sustai t in ta nable In nnovatiion nno We W eek e ek
Sustain nab ble Indu nd strry ry Challeng Cha ge
16 nov vember
Gree en en Busiiness nes ss Ch halle lenge
16 • 17 1 november 16 6 november
Che C he emp portt Exp Exp Ex po
Stud dy dy Visi sit
CI CI ICE CE Congre ngres g
en professor Industriële Duurzame Chemie aan de Universiteit van Amsterdam de laatste inzichten over de groene chemie en biokunststoffen wereldwijd en regionaal. Deals en uitdagingen De Sustainable Industry Challenge is een uniek initiatief dat bedoeld is om wereldwijde initiatiefnemers zoals startups en scale-ups kansen te bieden op het gebied van groene chemie, energietransitie en recycling. Door deze nieuwkomers te koppelen aan het bedrijfsleven en kenniscentra kunnen deals worden gesloten en industriële uitdagingen worden opgelost. De start is op 14 november, de finale is op 16 november in Emmen. Vergroenen begint met kennismaken Tijdens de Study Visit ontmoeten de delegaties uit het Noorse Stavangergebied en het Franse Loiregebied elkaar om om kennis op te doen van innovatieprojecten uit Noord- Nederland te delen. Er staan bedrijfsbezoeken en netwerkdiners gepland en tijdens de Chemport Expo zijn er matchmakingsactiviteiten. Die Chemport Expo op 16 november is een beurs voor startups en gevestigde bedrijven, kennisinstellingen en organisaties in en rond de groene chemie om te laten zien hoe zij bijdragen aan het vergroenen van de chemie.
32 studenten, 5 steden, 4 teams, 8 challenges, 1 winnaar Gedurende een kleine week reist een groep van 32 internationale studenten door vijf verschillende steden in de noordelijke regio van Nederland en Duitsland. In teams van vier proberen ze één van de acht verschillende Challenges op te lossen, die zijn aangeleverd door bedrijven en organisaties uit de regio. Het wordt hard werken tijdens deze Green Business Challenge: actie, zichtbaarheid en kennisdeling zijn leidend om impact te kunnen maken. Passie, ondernemerschap en kennis zijn nodig om te komen tot resultaatgerichte gamechangers. Deze derde editie van de Green Business Challenge staat in het teken van de circulaire economie met speciale aandacht voor ‘circulaire kunststoffen’.
‘Passie, ondernemerschap en kennis zijn nodig om te komen tot resultaatgerichte gamechangers’ Innovaties en investeringen Gerard Nijhoving, managing director van Senbis Polymer Innovation in Emmen: ,,De Sustainable Innovation Week is voor mij een efficiënte manier om up-to-date te blijven over wat er speelt qua
ontwikkelingen en innovaties rondom circulaire plastics. Ik verwacht veel partijen te ontmoeten waarmee ik kan samenwerken of kennis kan delen. Van MKB- bedrijven tot multinationals, kennisinstellingen en overheden werken samen als ecosysteem voor Circulaire Plastics in NoordNederland. En dat is hard nodig gezien de transitie en snel veranderende wereld waar we in zitten. Met deze Innovation Week versterken partijen elkaar, hier komen innovaties en investeringen uit voort en dan krijg je een positieve spiraal.” greenwisecampus.nl sustainableinnovationweek.nl
ADVERTENTIE
Noorderpoort, onderwijshart voor mobiliteit, transport en logistiek Noorderpoort is het grootste mbo- opleidingscentrum voor auto- en fietstechniek, transport en logistiek in Noord-Nederland. Beweging is er een constante. „Zorgen voor het kunnen scholen en certificeren van mensen, hier en op locatie.” Van rijinstructeur en vrachtwagenchauffeur tot fietstechnicus, technicus personen- en bedrijfsauto's, planner en teamleader in de logistiek.
Een opleiding die sterk is verweven met haar omgeving, met auto- en transportbedrijven, met koeriersdiensten, busvervoerders en vernieuwers in waterstof en elektrificering: Noorderpoort locatie Bornholmstraat in Groningen. Een onderwijsinstelling waar de liefde voor de praktijk van mobiliteit en vervoer samenkomt. „Wij dragen zorg voor scholing en certificering, spelen in op de vragen van de veranderde wereld om ons heen. Of het nu gaat om de vrachtwagen- of buschauffeur, de rijinstructeur, fietstechnicus of monteur is in de werkplaats. Er komen steeds meer banen bij en dat vraagt van ons dat we daar met ons onderwijs op inspelen. Denk aan stadsen deelmobiliteit, andere vervoersvormen en technieken zoals elektrisch vervoer en waterstof. Een sterke relatie met de praktijk, met bedrijven en met andere kennisinstellingen is wezenlijk voor wat we doen. Weten wat er speelt, zorgen dat je antwoord hebt op de arbeidsvraag van nu en morgen”, zegt Richard den Ouden, teammanager transport en logistiek op de Bornholmstraat. Onderwijs vanuit de praktijk Het team van Noorderpoort Bornholmstraat focust op een leven lang ontwikkelen, de vragen uit de arbeidsmarkt en de regionale trends en ontwikkelingen. Ze omarmt de breedte en diversiteit van de sector. Dat wordt ook belichaamd door de docenten die er werken. Van klassiek opgeleide onderwijsmensen tot zijinstromers. Mensen met passie, kennis en kunde, gedreven om hun stukje bij te dragen aan het opleiden van mensen. Docenten uit het hart van de transport en logistiek, zoals Arian Hosman. Chauffeur, transportenthousiasteling, zijinstromer in het beroepsonderwijs en op
Noorderpoort docent wetgeving, techniek en wegvervoer. Janneke Frans, eveneens zijinstromer in het onderwijs en nu docent transport en logistiek, Nederlands en loopbaanbegeleider. Zij-instromer Mario Sabel, bekend als oprichter van Energy Expo en specialist in duurzame (stads)logistiek en mobiliteit. Op Noorderpoort docent Fietstechniek van klassiek aangedreven tweewieler tot speedpedallic en waterstoffiets. En Roeland Hogt, practor en onderwijs-innovator die denkt in en vanuit nieuwe technieken en vervoersvormen. Verbinder naar bedrijven en andere roc’s. Hij zegt: „We moeten naast het bestaande ook die nieuwe technieken zoals waterstof en andere vervoersvormen zoals deelmobiliteit omarmen en kijken hoe we dat programmatisch een plek geven in ons onderwijs en hoe we dus ook onze docenten blijven faciliteren om zich te ontwikkelen. En zorgen dat we als onderwijsaanbieder leven lang ontwikkelen concreet maken. We scholen niet alleen jongeren die aan het begin staan van hun loopbaan. Steeds vaker verzorgen we opleiding en certificering waar het nodig is.” Een mooi voorbeeld, vult Richard den Ouden aan, „is het scholen van het logistieke team van ruim 20 mensen binnen het UMCG. Mensen uit de praktijk dus een stap verder helpen en daarmee natuurlijk ook de werkgever. In februari volgend jaar starten wij met een interne opleiding zodat ze de juiste certificering krijgen.” Onze doelgroep verandert, zegt Janneke Frans. „Steeds vaker leiden we mensen op die allang in transport en de logistiek werkzaam zijn, maar niet theoretisch voldoende geschoold zijn. Wij scholen ze op de werkvloer op
locatie, we begeleiden ze op afstand en zorgen ervoor dat hun ervaring en kennis aantoonbaar en gecertificeerd wordt.” Mobiliteit gaat over mensen Samenwerken zeggen ze, is key. Niet alleen met bedrijven, maar ook met andere roc’s, met gemeenten en andere overheden. Richard den Ouden: „Samenwerken aan kennisontwikkeling is wezenlijk, hoe kun je met elkaar inspelen op maatschappelijke ontwikkelingen. Zo hebben we vanuit het Sectorinstituut Transport Logistiek een projectleider voor stadslogistiek die zich in de regio met verschillende partijen ook richt op het vergroten van het perspectief van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Verduurzaming van logistiek gaat niet alleen over schoner en efficienter, maar ook over duurzame inzet en perspectief van iedereen in onze samenleving.” Zo lopen er tal van samenwerkingen. Op het gebied bijvoorbeeld van het vervoer van leerlingen met taxibedrijven en met buschauffeurs in samenwerking met Qbuzz. Uitdagingen genoeg. „Kijk alleen al naar de exponentiële groei van koeriersdiensten. Met elkaar moeten we er voor zorgen dat ook die mensen geschoold worden. Dat gaat van klantcontact en correcte aflevering tot en met veilig en verantwoord rijgedrag. Tegelijk moet we ons met elkaar buigen over de vraag hoe en op welke manieren het duurzamer kan”, stelt Richard den Ouden. Volg je hart Samenwerken is ook je rol spelen in uitdagingen in de regionale waterstofontwikkeling. En met andere ROC’s, Hanzehogeschool Groningen en MKB- bedrijven zoals Holthausen praktijkervaring opdoen. Of vanuit Hive.Mobility, het innovatiecentrum op het gebied van mobiliteit in Noord-Nederland, tijdens HIVE LIVE 2023 talenten zoeken voor de toekomst van mobiliteit die bepaald wordt door uitdagingen als nieuwe brandstoffen, batterijtechnieken, IT-technologie, juridische vraagstukken en gedragscampagnes. En met studenten en vakdocenten deelnemen aan de Solar Challenge in Australië. Scholen en certificeren zeggen Richard, Roeland, Janneke, Mario en Arian van transport en logistiek op Noorderpoort, is je thuis voelen in die steeds diverser en breder wordende sector. Handen en voeten geven aan mobiliteit en het perspectief van mensen. Noorderpoort is er voor studenten, voor volwassenen en voor bedrijven. Op de Bornholmstraat komen passie, vakmanschap, techniek en nieuwsgierigheid bij elkaar. noorderpoort.nl
Mario Sabel, Richard den Ouden, Arian Hosman, Roeland Hogt en Janneke Frans
Honderden start-ups zien jaarlijks het levenslicht. Veel daarvan groeien op tot een stabiele onderneming, sommige stranden vroegtijdig, een heel klein deel verovert de wereld. Wie zijn die starters, wat willen ze, wat doen en laten ze ervoor, waar willen ze heen? Start Me Up duikt in een wereld vol beloften, onzekerheid, doorzettingskracht, visie en hard werken. SimCPR Wie Harry Palsma Wat methode om reanimatie(training) te verbeteren Waar Health Hub Roden Waarom om meer mensenlevens te laten redden Wanneer sinds 2013, doorstart 2020 Hoe door het verbeteren van smartwatch-apps en door bekender te worden
TEKST JEAN-PAUL TAFFIJN FOTO PETER WASSING
M
eer mensen redden. Zo nobel is de missie van de start-up van Harry Palsma, gevestigd in de Health Hub in Roden. SimCPR helpt je beter te reanimeren, zodat mensen met een hartstilstand een grotere kans op overleven hebben. Met de nieuwe Smart CPR Trainer app op je smartwatch zie je precies of je hard genoeg op de borst drukt, en of het tempo goed is. De smartwatch-app was er al voor Apple, en is sinds deze maand ook voor Android beschikbaar. Palsma is arts en zag in de praktijk dat reanimeren lastig is. ,,Je doet een cursus, maar die kennis raak je wat kwijt. Het is op een echt lichaam ook anders dan op een pop natuurlijk. Daar wilde ik een oplossing voor.’’ Hij komt meteen met een belangrijke disclaimer trouwens: ,,Met reanimeren alleen red je geen enkel mensenleven bij een hartstilstand.’’ Het hart heeft altijd een elektrische schok nodig om de pompfunctie weer te kunnen herstellen. Maar door reanimeren kun je de kostbare tijd die het wachten op een AED of ambulance kost, wel nuttig gebruiken. ,,Je vertraagt het afstervingsproces en daarmee vergroot je de kans dat de schok uit de AED (defibrillator) levensreddend is.’’ DIEPER DRUKKEN Hoe beter de hartmassagevaardigheid, des te groter de overlevingskans. De smartwatch-app laat in heldere plaatjes zien of je dieper moet drukken, moet versnellen met de massage, of juist afremmen. De begeleidende stem vertelt je precies hoe je het doet. ,,We gebruiken daarvoor de snelheidsmeter van je smartwatch. Daarmee berekenen we of de beweging die je maakt de juiste is.’’ De noodzaak om beter hartmassage toe te passen is hoog, weet hij. ,,Uit een grote studie in 2010 bleek dat we ondanks dertig jaar reanimatie-onderwijs in de wereld en 500 miljoen mensen die jaarlijks worden opgeleid, geen significant hogere overlevingskansen hebben gecreëerd. Dat geeft te denken.’’ De app is uitdrukkelijk geen medical device. Of, dat is het eigenlijk wel, maar zo mag het niet heten. ,,Onze app is er voor trainingsdoeleinden, maar je kunt hem in een noodsituatie prima gebruiken. Alleen
HARRY PALSMA
SLIMME SMARTWATCH-APP HELPT BIJ REANIMEREN zijn de regels om hem als officiële medical device te lanceren zo streng, dat dat niet haalbaar is.’’ Dat ondervond Palsma al eerder, toen hij met SimCPR naast software ook met hardware bezig was. ,,Zo is het begonnen. Ik wilde een polsband maken die je om kan doen en waarop in wezen dezelfde begeleiding te vinden is als nu in de app. Om te beginnen maakten we een trainingsband, die uitstekend werkte. Tijdens cursussen en trainingen krijg je ermee extra ondersteuning. We hebben daar 3000 van verkocht, in Europa, maar ook veel in Thailand.’’ De logische volgende stap was de ontwikkeling van de band als medisch instrument. Met een paar investeerders ontwikkelden Palsma en zijn team een versie die daarvoor geschikt is, maar de marketing bleek een struikelpunt. Het lukte niet om in de medische wereld voet aan de grond te krijgen. FEEDBACK ,,We hebben de stekker er daarom uitgetrokken, maar wel een doorstart gemaakt. We zijn teruggeschaald en richten ons nu volledig op de app.’’ Daar zit wel muziek in, denkt de founder. Dat heeft
vooral met de data te maken. ,,Die kunnen we nu gaan ophalen, en dat is nieuw. Bij een volgende versie van de smartwatch-app, krijg je na afloop van een reanimatie of training feedback van de app. Bovendien kunnen we – naarmate er meer data binnenstroomt – grotere groepen gaan analyseren. We kunnen zien hoe mensen in de praktijk de reanimatie doen. Dat is waardevolle kennis voor wetenschappelijk onderzoek binnen de reanimatie.’’ Om dat doel te bereiken sluit Palsma steeds meer overeenkomsten af met scholen. ,,We laten op de opleidingen verpleegkunde en verzorging de app testen. Zo krijgen wij feedback en verzamelen we veel kennis.’’ Sowieso is samenwerking iets dat hij voor
Hoe beter de hartmassagevaardigheid, des te groter de overlevingskans
ogen heeft. ,,Onze app moet te koppelen zijn aan de producten van andere bedrijven in deze branche. We zijn bezig met producenten van VR-software voor reanimatie. Zo kun je virtueel reanimeren en weet je precies of je goed bezig bent of iets moet aanpassen.’’ Harry Palsma kent zijn pappenheimers als het aankomt op reanimeren. Hij gaf als geneeskundestudent reanimatielessen en concludeerde dat er meer nodig is om de overlevingskansen van patiënten te verhogen. Hij besloot zich te werpen op de verspreiding van AED’s. ,,Dat begon met cursussen en werd later steeds meer de handel in AED’s. Op zeker moment waren we zelfs marktleider.’’ In 2008 verkocht hij het bedrijf (Medizon) en besloot wijnboer te worden in Frankrijk. Totdat het een paar jaar later toch weer ging kriebelen. De overlevingskans van een hartstilstand is in veel landen de afgelopen jaren flink gestegen door snellere inzet van AED’s. Maar in de meeste landen is het nog steeds de tussentijdse reanimatie die het verschil moet maken tussen leven en dood. ,,En die reanimatie kan effectiever wanneer cursisten en hulpverleners de juiste feedback krijgen op hun vaardigheden. Dat was de aanleiding om daar weer mee bezig te gaan.’’
LEEUWARDER COURANT DONDERDAG 9 NOVEMBER 2023 27
ADVERTENTIE
BATTERIJBV.NL, voor totaaloplossingen bij intern transport Repareren, verhuren, verkopen en regenereren van batterijen. Opleiden van mensen, keuren, inspecteren, oplossingen aandragen voor uw intern transport. Van automatische watervulsystemen tot verhuur en verkoop van rijdend materieel. Het is het domein van Age Terpstra in Leeuwarden. „Heftrucks, batterijen en intern transport zijn m’n lust en m’n leven.”
Age Terpstra „Doet die accu in je heftruck niet meer wat je bent gewend? Kan de heftruck niet meer de hele dag mee? Misschien is het dan tijd voor het regenereren van je accu. Breng de capaciteit van de accu weer op het oude niveau. Dat is een van de dingen die we doen voor klanten. Batterijen zijn het kwetsbare hart van heftrucks, hoogwerkers en warehousing. Je vertrouwt er op dat ze het doen, zoals je bent gewend. Een dag geen intern transport en menig bedrijf staat stil, dat wil je niet. Wij zorgen ervoor dat bedrijven door kunnen met hun werk.” Geen dag zonder heftruck In de loop van dertig jaar is Age Terpstra specialist geworden in batterijland. En liefhebber, want heftrucks, warehousing en batterijen zijn z’n lust en z’n leven. „In de loop van de jaren leer je steeds meer over intern transport, heftrucks, warehousing en over het werken met de apparatuur. Heel veel bedrijven zijn er van afhankelijk. Ik help m’n klanten bij het efficient en veilig kunnen gebruiken. Wat heb je nodig, hoe kun je dat het beste regelen, waar ligt het omslagpunt tussen rendement, onderhoud en vervanging? Ik kom overal, hoor de vragen en bedenk samen met de klant de oplossing. Doet de accu niet meer wat hij eerder wel deed, wil je een nieuwe batterij of is het slimmer om te regenereren? Meedenken en schakelen, daar gaat het om.” Specialist en liefhebber „Kijk om je heen, dit is toch geweldig?” De hal van Age Terpstra in Leeuwarden staat vol. Met batterijen, acculaders, hoogwerkers, palletwagens,
heftrucks, stapelaars, reachtrucks en hoogfrequente laadsystemen. Toe aan onderhoud of revisie of gereed voor een nieuwe klant. Van het een komt vaak het ander, legt hij uit. „Ik ben specialist en liefhebber. Als het om intern transport gaat, mogen ze me altijd bellen. Ondernemers en bedrijven willen door met hun werk, dus het gaat er om dat je een oplossing biedt waarmee ze verder kunnen, zegt de specialist en handelsman met gezond verstand. „Ik ben gespecialiseerd in alles wat bij intern transport komt kijken. Van het een komt het ander, zo gaat dat.” Veilig in 10 seconden de accu vullen Wat gerepareerd kan, wordt gerepareerd. Wat bij de een niet langer dienst kan doen, komt elders weer van pas. „Ik ben blij met iedere batterij, want het is vaak een kwestie van revisie. Het is maar net waarvoor een batterij dient. Waar het om gaat is dat je de klant ontzorgt, goed adviseert en de oplossing kunt aandragen. Het is een kwestie van kennis en ervaring. Wat is er op de markt, wie is waar mee geholpen? Ken je dit automatische vulsysteem? Age Terpstra legt uit: „Bij het laden van een batterij ontstaat een beetje waterverbruik: dat is de belangrijkste oorzaak van noodzakelijk onderhoud aan batterijen en elektrische voertuigen. Door te voorkomen dat de batterijcellen onvoldoende vloeistof hebben, neemt de levensduur van een batterij aanzienlijk toe. Handmatig bijvullen van een accu is veel werk, omdat het elektrolyt-niveau op peil moet blijven. Met ons automatische vulsysteem los je dat probleem op. Je vult in circa tien seconden op een veilige manier je accu’s voor optimaal
rendement en weinig onderhoud. Voor bepaalde klanten ideaal om zelf in huis te hebben, voor anderen goed om te weten dat wij het in huis hebben en het voor de klant veilig en verantwoord kunnen regelen. Je accu snel vol na elke lading!” Batterijen zijn de motor Training, keuring, inspectie en totaaloplossing: het zijn woorden die bij Age Terpstra vaak vallen. „Bij intern transport kom je dat voortdurend tegen. Kunnen mensen veilig werken, hoe is een bedrijfshal ingericht, is al je apparatuur gecertificeerd en gekeurd? De wereld is groot en je kunt overal spullen kopen, maar het gaat er om dat je kwaliteit levert en nooit een loopje neemt met veiligheid. Als je alert bent en weet wat er speelt, kun je je klanten daar enorm mee helpen en dat vind ik leuk. Heftrucks.frl „Passie en kennis van zaken”, zegt Age Terpstra, „is waar het om gaat bij intern transport. Batterijen zijn de motor! Het gaat om de totaaloplossing. Ondernemers willen door met hun werk en bedrijf. Luisteren, meedenken, schakelen. Daarom gaat op 1 januari 2024 onze nieuwe website heftrucks.frl online. Al onze diensten en de uitbreiding van producten voor intern transport in een overzicht bij elkaar. Maak een afspraak, dan kijken we wat wij voor u kunnen betekenen.” batterijbv.nl heftruckopleiding.frl (2024) heftrucks.frl
Honderden start-ups zien jaarlijks het levenslicht. Veel daarvan groeien op tot een stabiele onderneming, sommige stranden vroegtijdig, een heel klein deel verovert de wereld. Wie zijn die starters, wat willen ze, wat doen en laten ze ervoor, waar willen ze heen? Start Me Up duikt in een wereld vol beloften, onzekerheid, doorzettingskracht, visie en hard werken. Wheelkeep Wie Pavlo Herman Wat tracker tegen fietsdiefstal Waar Dnipro, Oekraïne (en Wirdum) Waarom om een goede manier te vinden om fietsen terug te vinden of diefstal tegen te gaan Hoe dankzij Oekraïense steun en hulp van Nederlandse ondernemers
TEKST JEAN-PAUL TAFFIJN FOTO’S PETER WASSING
H
ij zou eigenlijk een trip van een paar weken maken naar Nederland, om contacten te leggen, partnerships te zoeken en de interesse voor zijn product te peilen. Het liep anders. Pavlo Herman moest in Nederland blijven, omdat teruggaan naar zijn Oekraïne geen optie meer was. ,,Eigenlijk zouden we met zijn tweeën gaan. Ik kon op een studentenvisum, mijn compagnon kwam tot de grens. Toen werden de regels opeens veranderd en moest hij juist in Oekraïne blijven. En ik kon niet terug vanwege de staat van beleg. Als ik nu weer naar Oekraïne ga, dan mag ik niet terug naar Nederland. En ik moet hier zijn om partners te vinden voor onze start-up.’’ Dat was zomer vorig jaar. Hun start-up Wheelkeep bestaat en ontwikkelt zich nog steeds, maar met een verdeeld team. Pavlo is in Wirdum, Noord-Groningen, de rest van het team zit in thuisstad Dnipro. Dagelijks hebben ze via het beeldscherm contact. ,,We zijn met vier vrienden, we kennen elkaar van de universiteit. Twee techneuten, twee zakelijk ingestelde mensen. Daar ben ik er één van.’’ DIEFSTAL Alle vier fietsen ze fanatiek op de mountainbike en door die hobby kwamen ze ook op hun bedrijfsidee. ,,We liepen ertegenaan dat er geen goede manier is om zo’n fiets te beschermen tegen diefstal. Daar zijn we hard op gaan ontwikkelen. We kregen er ook een start-upbeurs voor. Het resultaat is Wheelkeep, het product dat ik in Nederland onder de aandacht breng en waarmee we al wat partnerschappen hebben kunnen aangaan.’’
PAVLO HEMAN
OEKRAÏENSE TECH OP NEDERLANDSE FIETSMARKT terwijl hij dat niet zou moeten doen. ,,Dat is het nieuwe. Er zijn meer tracksystemen op de markt, maar die zijn vaak gemakkelijk herkenbaar en weg te halen. Ze voldoen vaak niet, bijvoorbeeld omdat de batterijen om de haverklap moeten worden geladen. Die van ons zit vastgeschroefd, hij vervangt de topcap op je stuur. Via een app op je telefoon zie je waar je fiets is.’’
Dat zegt ons dat we in een behoefte voorzien.’’ Vorige week was de pre launch in Nederland. Om meer bekendheid te krijgen, struint Herman fietsevenementen af, zoekt fietsmedia op, gaat langs bikeshops en meer. ,,Ik heb mijn studie aan de Hanzehogeschool bijna klaar. Dan heb ik er nog meer tijd voor. Ik wil ook een 5G-subsidie aanvragen, omdat ons product daar perfect bij zou passen. En ik zie meer mogelijkheden. Uiteindelijk willen we met fietsfabrikanten deals sluiten, zodat ons systeem geïntegreerd kan worden in nieuwe bikes. Verzekeraars zouden korting kunnen geven op premies aan mensen die ons systeem hebben. Kansen zat.’’
ONZICHTBARE TRACKER De techneuten dachten slim na over manieren om de onzichtbare tracker op te laden. En die vonden ze. Bovenop het stuur klem je de magnetische oplader simpelweg op het apparaat. ,,Via je telefoon kun je altijd zien hoe lang je batterij nog meegaat. En die van ons doet het een hele tijd.’’ Voorkomen dat de fiets gestolen wordt, doet het apparaat niet. ,,Je gebruikt hem in combinatie met een slot. Maar je kunt wel de dief snappen als je dichtbij bent en je krijgt een seintje op je telefoon. Intussen werken we met een wat wij noemen Security System As A Service. Mocht je fiets toch gestolen worden, dan regelen wij dat-ie terugkomt.’’
Verzekeraars zouden korting Herman toont de doos waarin zijn product kunnen geven aan zit. Premium ziet het eruit. ,,We hebben veel Wheelkeep is bepaald een vernuftig systeem. tijd gestoken in de kwaliteit, de look and feel. mensen die ons Verstopt in het balhoofd van de fiets zit een In Oekraïne hebben we al behoorlijk wat zender die je waarschuwt als je fiets beweegt systeem hebben klanten, vooral dankzij een pre order launch.
Juist daarom kwam Pavlo Herman naar Nederland. ,,We hadden al besloten dat het Nederland of Denemarken zou worden. Een écht fietsland, niet te groot. Het werd dus Nederland en ik denk dat dat een goede keuze is. We worden hier ook mooi op weg geholpen.’’ Toch kan hij ook niet wachten om terug te keren naar Oekraïne. ,,Ik mis mijn familie en vrienden. En ik wil natuurlijk bij de jongens in het bedrijf zijn. Laten we hopen dat het snel weer kan. Tot die tijd geef ik al mijn aandacht aan het groter maken van onze start-up.’’
LEEUWARDER COURANT DONDERDAG 9 NOVEMBER 2023 29
nieuw!
ECO-paal® Duurzame Draagkracht begint bij onze heipaal
25% MKI verlaging Gewichtsbesparing
25% CO2 reductie R2. Reduce
PA
P
TENT
AT E NT
448-CSC19-2019
IJB Groep Industrieweg 3 8531 PA Lemmer
0514 56 88 00 info@ijbgroep.nl ijbgroep.nl
ADVERTENTIE
Primeur in betonwereld: holle ECO-paal® met 25 procent CO2-reductie De IJB Groep in Lemmer is trots. Logisch, want de marktleider in de branche van betonproducten brengt een holle heipaal op de markt. Dat is een primeur. De innovatieve heipaal bestaat uit 30 procent minder beton. Dat scheelt per heipaal 25 procent CO2uitstoot. Belangrijk detail: de heipalen zijn net zo veilig als de massieve exemplaren. Bij de IJB Groep weten ze namelijk heel goed wat ‘duurzame draagkracht’ is.
Groep nu doet, echt hoort bij deze tijd. „We zijn ons er allemaal steeds bewuster van geworden dat we een steentje kunnen bijdragen aan een beter klimaat. Als marktleider in funderingen nemen we daarin graag een voortrekkersrol. Zo hebben we dit jaar in samenwerking met Combex Group uit Eastermar een elektrische vrachtwagen in gebruik genomen. Deze vervoert nu zware betonladingen. We hopen dat het mogelijk is om nog meer van dit soort voertuigen in te gaan zetten.” De algemeen directeur geeft aan dat de betonmarkt echter wel onder druk staat. „Er wordt om verschillende redenen minder gebouwd. Er is minder vraag naar beton. Daardoor nemen onze inkomsten af, terwijl onze uitgaven juist toenemen doordat we inzetten op duurzame innovaties. Dat is echt balanceren.”
De ECO-paal bovenop de elektrische vrachtwagen „Duurzaamheid zit bij de IJB Groep steeds meer in de genen”, zegt algemeen directeur John Engelsman. „We laten daarmee zien wie we als bedrijf graag willen zijn. Natuurlijk doen we dat ook omdat we te maken hebben met de wet- en regelgeving en de gestelde klimaatdoelen voor 2030 en 2050. Maar er zit meer achter. We willen, als bedrijf waar veel grondstoffen worden gebruikt, positief bijdragen aan onze leefomgeving. En we willen een goede en veilige werkomgeving bieden aan onze ongeveer 350 medewerkers. Daarom zijn we druk bezig met allerlei innovaties.” Dezelfde draagkracht De holle heipaal is een van die duurzame innovaties die de IJB Groep nu lanceert. „We noemen deze uitvinding onze ECO-paal®”, vertelt Engelsman. „Een groot deel van de nieuwe heipaal is hol. Tot nu toe waren de palen massief. We hebben grondig onderzoek gedaan in ons eigen Toekomstlab in Lelystad. In Lemmer hebben we diverse testen gedaan. Daaruit blijkt dat het mogelijk is om minder beton te gebruiken, zonder dat de heipaal draagkracht verliest.” De algemeen directeur legt uit dat de ECO-paal® voor het grootste deel in het midden hol is. Alleen de voet en de kop zijn van massief beton. De voet moet massief zijn vanwege het draagvermogen. Het moet het gebouw dat erop komt, kunnen dragen. „De kop is eveneens massief. Daardoor kunnen we zonder problemen de heipaal de grond inslaan. De bovenkant kan zo de krachten die daarbij vrijkomen, heel goed en veilig aan. Het beton in het midden van de paal is niet nodig. De heipaal wordt er niet steviger van. Door deze
ECO-palen te produceren, gebruiken we 30 procent minder materiaal. Per heipaal levert dat 25 procent minder CO2-uitstoot op.” Samenstelling veranderen De ECO-paal® kost iets meer dan een normale heipaal. „We gaan ervan uit dat er veel vraag naar komt”, zegt Engelsman. „Als we meer ECO-palen op aanvraag gaan produceren, kunnen we de kostprijs weer wat drukken.” Ondertussen is de IJB Groep ook al bezig met de verdere verduurzaming van de ECO-paal®. „We zitten daarbij nog in de experimentele fase”, aldus Engelsman. „We zijn aan het onderzoeken of we de samenstelling van het beton verder kunnen aanpassen. Niet alleen voor de ECO-palen, maar ook voor onze andere betonproducten.” Om die reden meert er sinds dit najaar elke twee weken in Lemmer een schip aan volgeladen met betonpuingranulaat. „We zijn bezig om beton te produceren met betonpuin in plaats van met natuurlijk grind. Daardoor gebruiken we minder grondstoffen. We vervangen nu zo’n 8 procent van het grind dat we normaal gebruikten.” Betonpuingranulaat wordt gehaald uit betonpuin, dat vrijkomt bij het slopen van constructies in Nederland die beton bevatten. Na het breken, zeven en reinigen kan het granulaat prima worden hergebruikt. „Voor heipalen is het heel belangrijk dat het schoon is. Op die manier gaat het niet ten koste van de kwaliteit en levensduur van de heipaal”, legt Engelsman uit. Voortrekkersrol Engelsman geeft aan dat innoveren, zoals de IJB
John Engelsman Duurzaamheid is totaalconcept Het thema duurzaamheid vanwege kostenbesparing dan maar loslaten, gaat volgens Engelsman niet gebeuren. „Zeker niet. Voor ons is duurzaamheid in al haar facetten een belangrijke doelstelling voor de komende jaren. Onze focus ligt hier sinds begin 2022 volledig op. We noemen onze visie ‘Duurzame Draagkracht’. Daarvoor hadden we er ook wel oog voor, maar nu is het echt hét speerpunt van onze organisatie geworden. Samen met onze medewerkers hebben we in 2022 speciale duurzaamheidssessies gehouden. Met elkaar hebben we daarna zes doelstellingen bepaald. We willen onder meer de CO2-uitstoot in 2030 met 55 procent hebben verminderd. We willen medewerkers duurzaam inzetten, nog meer veiligheid bieden en secundaire grondstoffen toepassen. Duurzaamheid is een totaalconcept. We zijn er bij de IJB Groep trots op dat we het ook in die totaliteit oppakken.” ijbgroep.nl
DE SPIEGEL Elke ondernemer kent ze: van die momenten waarop je moeite hebt te ontdekken wat de juiste keuze is. In zo’n geval is het handig als je een groot voorbeeld hebt, iemand aan wie je je even kunt spiegelen. De Spiegel gaat over voorbeelden en inspiratiebronnen. Vandaag aflevering 34: Sonja van der Meer, directeur/ bestuurder van Stichting Het Drentse Landschap. TEKST JEAN-PAUL TAFFIJN FOTO RENS HOOYENGA
‘MIJN VADER ZEI: JIJ HEBT MIJN BAAN!’ Jij moet wel van Drenthe houden om deze functie te mogen bekleden zeker? ,,Natuurlijk! Hoewel de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik in de stad Groningen woon en opgegroeid ben in Friesland. Ik woon boven het glasatelier van mijn man, dus heb ik dispensatie gekregen. Maar eerlijk: Drenthe is prachtig. Dat heb ik altijd al gevonden. Niet alleen de natuur, maar ook de dorpen, molens, hunebedden, kerkjes, alles.’’ Gaat Het Drentse Landschap daar ook over? ,,Tot de millenniumwisseling ging het eerst en vooral over natuur. Maar sindsdien zetten we ons ook in voor het behoud van cultureel erfgoed. De ommekeer kwam zo’n beetje met de overname van de stichting Orvelte. We zijn er nu in wezen voor alles dat Drenthe Drenthe maakt. We hebben honderden gebouwen en de helft van de hunebedden in beheer.’’
SONJA VAN DER MEER
32 LEEUWARDER COURANT DONDERDAG 9 NOVEMBER 2023
Hoe kom jij daar als Friese Groningse terecht? ,,Ik wilde vroeger oorlogscorrespondent worden. Leek me spannend en dan zag je nog eens wat van de wereld, dacht ik. Uiteindelijk ben ik communicatiewetenschappen gaan studeren en kwam ik in een slechte tijd op de arbeidsmarkt. Na een paar leuke banen werd ik gewezen op de functie van pr-medewerker bij Het Drentse Landschap. Ik was 1 van de 186 sollicitanten, maar werd tot mijn verrassing uitgenodigd
en kreeg de baan. Er was toen helemaal geen communicatieafdeling. Ik mocht het zelf gaan bedenken. Dat is meer dan 25 jaar geleden intussen …’’ Waarom pas jij bij zo’n ‘natuurclub’ dat het toen nog was? ,,Ik kom uit een donkergroen nest. Mijn vader liep altijd in de natuur, hij maakte zich continu zorgen over de wereld. Zure regen, het gat in de ozonlaag, daar hadden we het veel over thuis in Kollum. Wij droegen binnen al dikke truien voordat mensen zich zorgen maakten over het klimaat. Zelf wist ik ook al: de natuur is belangrijk om als mens te kunnen overleven maar maakt je ook blij. Je kunt er onthaasten, relativeren. Dat heb ik altijd gedaan. Dat gevoel moeten meer mensen ervaren, dat wilde ik uitdragen.’’ Dat lukte zo goed dat je nu directeur/bestuurder bent? ,,Dat is min of meer bij toeval zo gekomen. Ik heb nooit een grote ambitie gehad om carrière te maken. Ik was al een paar jaar adjunct en toen onze vorige directeur onverwacht stopte, werd ik interim-directeur. Dat beviel en toen heb ik gesolliciteerd en de baan gekregen.’’ En lijkt het wat op oorlogscorrespondent? ,,Nou, niet echt maar als je een overeenkomst zoekt, dan zou je kunnen zeggen dat je ook met strijd te maken hebt. Die is na-
tuurlijk van een heel andere orde maar je moet steeds knokken om te laten zien wat belangrijk is. Opkomen voor dingen die weerloos zijn zoals natuur en ons erfgoed zie ik als onze belangrijke taak. Het is vechten om te behouden wat mooi is.’’ Wie kijkt er figuurlijk met je mee? ,,Af en toe hoor ik mijn vader spreken als ik dingen zeg. Dat je goed moet nadenken, zodat wat je besluit niet ten koste gaat van wat je hebt. Dat je daar zuinig op moet zijn. Hij was vrij pessimistisch. Vond dat wij als mensheid de aarde de vernieling in helpen. Toen al. Ik ben altijd optimistischer geweest. Ik zag het ook, maar geloof dat we er wat aan kunnen doen. Maar zijn voorspellingen komen steeds bij me terug. Stikstof, klimaat, bij al die dingen moet ik aan hem denken, omdat hij toen al voorspelde dat we hier problemen mee zouden krijgen.’’ Heeft je vader nog meegemaakt dat je carrière maakte binnen het Landschap? ,,Zeker. Hij is in 2011 overleden, dus mijn stap naar directeur heeft hij gemist. Dat is jammer. Toen ik adjunct was heeft hij weleens jaloers gezegd: ‘Jij hebt mijn baan!’ We belden elke week met elkaar, omdat hij me goed kon spiegelen. Wat ik mooi vond, was dat hij op zeker moment erkende dat er ook dingen goed gingen, hoewel hij altijd zag waar het beter kon. Daar wilde ik dan ook altijd wat mee doen.’’
LEEUWARDER COURANT DONDERDAG 9 NOVEMBER 2023 33
ADVERTENTIE
‘De complete beveiligingspartner voor elke situatie’ „Wij hebben de manier van beveiligen op bouw- en andere locaties veranderd.” Dat zegt Ronald Boerkamp, directeur BauWatch Nederland. BauWatch biedt oplossingen op het gebied van tijdelijke beveiliging, veiligheid en compliance, waarbij technologie een belangrijke rol speelt. Daarnaast heeft BauWatch het totale proces in eigen beheer en dat spreekt veel klanten aan. Met haar aanpak is BauWatch dermate succesvol, dat het bedrijf ook buiten de landsgrenzen actief is. „Daar wordt vaak nog op de traditionele manier beveiligd, dus daar liggen enorme mogelijkheden voor BauWatch.”
BauWatch onderging onlangs een naamswijziging, hoewel die op het eerste gezicht nauwelijks opvalt. Boerkamp: „We hebben de ‘o’ in BouWatch, vervangen door een ‘a’ en je schrijft het nu dus als BauWatch. De reden voor die verandering zit hem in onze ambities. We willen de nummer één in Europa worden en BauWatch met ou wordt in andere landen minder goed begrepen.” Beveiligingsmasten Naast Nederland is BauWatch al langer actief in Duitsland, België, Verenigd Koninkrijk en Frankrijk en werden het afgelopen jaar vestigingen geopend in Spanje, Italië, Oostenrijk en Polen. Later in het jaar zal Ierland ook nog volgen. „De manier waarop wij locaties beveiligen is men daar minder gewend”, geeft Boerkamp aan. „Ik heb het dan met name over onze beveiligingsmasten, waarmee we een complete locatie in de gaten kunnen houden. Maar, daarmee ben je er nog niet. BauWatch beschikt bijvoorbeeld ook over een eigen meldkamer, waardoor we, mocht er zich iets voordoen, heel snel kunnen schakelen. Dat doen we onder andere door een beveiligingsbedrijf of de politie in te schakelen.”
Maar, er is meer, zoals bijvoorbeeld de software achter de beveiligingsmasten. Boerkamp:„ Er komen drie technologieën binnen onze aanpak samen. Dat begint bij de mast waar de nodige
techniek in zit, vervolgens wordt met slimme software de beelden beoordeeld en tenslotte onze eigen meldkamer in Apeldoorn, die snel kan schakelen en vaak erger kan voorkomen. Dankzij de technologie in de masten worden bijvoorbeeld takken, kleine dieren en andere onbelangrijke objecten er door onze camera’s uitgefilterd, waardoor bewegingen die er niet toe doen niet gemeld worden in de meldkamer. Dat kan dankzij nauwkeurige detectiesystemen en als er echt iets aan de hand is, wordt dat meteen opgemerkt.” Maatwerk „We hebben een voorsprong in de markt door de service die we bieden”, gaat hij verder. „Daartoe behoort bijvoorbeeld ook veilig werken. BauWatch voldoet aan veiligheidsniveau 3 van de Safety Culture Ladder. Dat is waar steeds meer klanten naar op zoek zijn. Beveiligen gaat namelijk veel verder dan alleen het neerzetten van een paar masten. Zo heb je met dode hoeken te maken, spreek je van tevoren nauwkeurig af wat er beveiligd moet worden, mogen camera’s niet op de weg gericht zijn. Kortom, er komt veel bij kijken. Dat is maatwerk.”
Ronald Boerkamp
ADVERTENTIE
Snelle oplossingen Bouwplaatsbeveiliging, terreinbeveiliging, parkeerbeveiliging, energie projecten, infra projecten, vastgoed en leegstand, test- en vaccinatiestraten; elk object of locatie waar beveiliging gewenst is kan door BauWatch van de juiste oplossing worden voorzien. „En dan heb je het ook over snelle oplossingen. Zo worden we bijvoorbeeld veelvuldig ingeschakeld bij zonneparken. Aanvankelijk dacht men dat diefstal daar niet of nauwelijks voor zou komen, waardoor deze locaties slecht of niet beveiligd werden. Dat beeld ligt nu geheel anders en BauWatch wordt vaak gevraagd om binnen 24 uur de beveiliging te regelen. Dat kunnen we, waardoor de klant er zeker van is dat zijn locatie optimaal beveiligd is. Voor de langere termijn hebben we ook permanente oplossingen.” Naast tijdelijke beveiliging is BauWatch ook de aangewezen partner voor een veilige werkomgeving en het voldoen aan wet- en regelgeving. „Met name op grotere bouwlocaties wil de aannemer weten wie er op de site aanwezig is, wie er binnenkomt en weer uitgaat. Bovendien wil hij graag weten of iedereen over een VCAcertificaat beschikt en of alle werknemers op de site bijvoorbeeld legaal in ons land zijn, die controle kan BauWatch al bij de toegang organiseren.” Daarnaast wordt BauWatch ook ingeschakeld bij het opstellen van ontruimingsplannen en het bedenken van compliance-oplossingen. „De klant kan daarmee eenvoudig logistieke processen optimaliseren, om te voldoen aan lokale verkeersregels en milieuvoorschriften.”
Meedenken Volgens Boerkamp onderscheid BauWatch zich in de markt omdat het beveiliging over de volle breedte aan kan bieden. „En we denken nadrukkelijk mee met de klant. Het liefst al in het voortraject, maar als dat niet mogelijk is, kan het ook later in het proces. Ja, beveiliging lijkt een kostenpost, maar vraag maar eens aan een ondernemer die met de schadepost en de gevolgen van bijvoorbeeld diefstal of vernieling te maken heeft gehad. Beveiliging is helaas een noodzakelijk kwaad, maar als je daarmee schade of andere calamiteiten of onveilige situaties kunt voorkomen, dan is de keuze niet zo moeilijk.”
‘Bouwplaatsbeveiliging, terreinbeveiliging, parkeerbeveiliging, energie projecten, infra projecten, vastgoed en leegstand, test- en vaccinatiestraten; elk object of locatie waar beveiliging gewenst is kan door BauWatch van de juiste oplossing worden voorzien’ Continu proces Duurzaamheid en milieu spelen binnen BauWatch een belangrijke rol. „We zijn een secundair bedrijf”, zegt Boerkamp. „Spullen die
we hebben worden na gebruik vaak hergebruikt. Op dit moment beschikken we over niveau drie op de CO2- prestatieladder en dat willen we graag behouden en waar mogelijk verder verbeteren. Onze auto’s rijden bijvoorbeeld al voor de helft elektrisch. En het beleid is ook dat iedereen elektrisch rijdt tenzij er goede redenen zijn om dat niet te doen. Daarnaast zijn we momenteel bezig om 130 oude masten om te bouwen, waarbij de materialen zoveel mogelijk hergebruikt worden. Zo kijken we binnen alle afdelingen van ons bedrijf naar mogelijkheden om verder te verduurzamen, dat is een continu proces.” De groei zit hem volgens Boerkamp in de kracht van de combinatie die BauWatch te bieden heeft. Het bedrijf noteert groeicijfers van 20 à 25 procent per jaar. Boerkamp noemt dat onstuimig en uitdagend. „In Nederland verwachten we de komende jaren wat minder groei dan in het buitenland. We hebben in eigen land al een enorme groei gerealiseerd en de markt is grotendeels verdeeld. In het buitenland ligt dat anders. Zo bedienen we in Duisland nog maar zo’n 50 procent van het land, dus daar ligt nog veel potentie. Net zoals in de overige landen. Overal waar we actief zijn willen we de complete beveiligingspartner voor onze klanten zijn, ik denk dat we daar goed in slagen.” www.bauwatch.com
ADVERTENTIE
Automatisering als basis voor groei Het is één van de grootste leveranciers in ons land van truck- en traileronderdelen. A Het bedrijf heeft maar liefst 20.000 verschillende onderdelen op voorraad, een omzet van 50 miljoen euro en het groeit elk jaar met zo’n 15 procent. We zijn op bezoek bij Bulthuis Truck- en Traileronderdelen in Groningen, een familiebedrijf van ruim 160 jaar oud, maar meer dan goed bij de tijd. „Toen we in 2015 naar dit pand aan de Gotenburgweg verhuisden, hebben we geïnvesteerd in een nieuw ERP systeem. Dat, in combinatie met onze innovatieve webshop, heeft ervoor gezorgd dat de groei de laatste jaren in een stroomversnelling is geraakt”, zegt directeur Ronald Bulthuis.
Alexander Hanewinkel en Ronald Bulthuis Hij behoort tot de 5e generatie en dat is redelijk uniek in ondernemersland. Waar Freerk Bulthuis in 1860 in Noordwolde begon met een Kuiper- en Wagenmakerij, is Bulthuis anno 2023 uitgegroeid tot een toonaangevende leverancier van truck- en traileronderdelen. Zoals gezegd met 20.000 artikelen op voorraad, „maar we kennen meer dan 150.000 artikelen”, legt commercieel directeur Alexander Hanewinkel uit. „Als er vraag is naar artikelen die we hier niet op voorraad hebben, dan zorgen we ervoor dat het uiterlijk de volgende dag bij de klant ligt.” Kracht Dat geeft exact de kracht van Bulthuis aan. Niet voor niets hanteert het bedrijf de slogan ‘Together we are strong’. Bulthuis koopt rechtstreeks bij de fabrikanten in, waardoor allerlei tussenstations uit de keten kunnen worden overgeslagen. Het bedrijf heeft ruim 160 vakkundige medewerkers voor technische support in dienst, biedt RoadAssist pechhulp, trainingen en cursussen voor het personeel en ja, ook nog gewoon een kleine balie voor het afhalen van onderdelen. „Dat zijn een aantal klanten nog gewend van vroeger, maar past eigenlijk niet meer in de manier waarop we tegenwoordig werken”, legt Hanewinkel uit. Een blik in het 7.500 vierkante meter grote magazijn maakt duidelijk waarom. Daar worden honderden orders per dag vrijwel volledig geautomatiseerd verwerkt. „Toen we hier naartoe verhuisden hebben we op het vlak van IT grote stappen gezet met de invoering van een warehouse management systeem. Dat hebben we vooral gedaan om klaar te zijn voor de toekomst. Om de concurrentie een stap voor te blijven moet je zo efficiënt mogelijk werken. Die kleine balie die er nog is, hebben we voor vaste klanten, maar het idee van een winkel zoals we die voorheen nog kenden, bestaat allang niet meer.”
Rechtstreeks Snelheid en efficiency hanteert Bulthuis ook bij de inkoop van onderdelen. Hanewinkel:„ Vroeger had je van elk merk een importeur die onderdelen op voorraad had. Daardoor lag de doorlooptijd hoger, wij hebben er op een gegeven moment voor gekozen rechtstreeks via de fabrikant te bestellen. Daarvoor moet je wel kennis van de markt hebben, want je wilt geen onderdelen op voorraad hebben, die maar zelden worden besteld.” Dat neemt niet weg dat het pand aan de Gotenburgweg in de huidige opzet eigenlijk alweer te klein is. „Dat hadden we nooit verwacht toen we hier naartoe verhuisden. We dachten dat het magazijn veel te groot voor ons zou zijn, maar de ontwikkelingen in de afgelopen jaren hebben het tegendeel bewezen.” Daarom heeft Bulthuis er voor gekozen om te investeren in 4 geautomatiseerde liftkasten, waarin met een hoogte van 8,5 meter 25% van de legbordstelling kan worden opgeslagen. „Onderdelen zijn daarin veel efficiënter opgeslagen, maar ook te pikken, waardoor bij verdere groei het huidige personeelsbestand voldoet.” Bits for brains Zo moet Bulthuis continu schakelen, steeds gericht op toekomstige ontwikkelingen. Dat gebeurt onder andere op het gebied van automatisering. „Bits for brains”, zoals Bulthuis het noemt. „We realiseren elk jaar groei en zijn dankzij automatisering in staat om dat met dezelfde groep mensen te doen. Dat vinden we belangrijk, ook al omdat je te maken hebt met nieuwe wet- en regelgeving omtrent arbeid en de wensen en eisen van medewerkers. Daarin willen we en moeten we als bedrijf meegaan, maar we blijven wel innoveren. Zodat we in de toekomst
met dezelfde mensen meer volume kunnen realiseren.” Innoveren betekent in dit geval ook in gesprek gaan met de klant, die ook steeds meer inzicht krijgt in wat hij wanneer nodig heeft. „Bestelorders kunnen al digitaal bij ons worden aangeleverd, waarna wij de gevraagde producten zo snel mogelijk uitleveren. Daar komt bijna geen mens meer aan te pas. Wij organiseren bijvoorbeeld klantendagen waarop een softwareleverancier laat zien welke voordelen en mogelijkheden dit systeem heeft, waardoor de klant efficiënter kan werken en als gevolg daarvan onder de streep meer overhoudt. Onze buitendienstmedewerkers sturen op het anders inrichten van bepaalde processen, dat is voor alle partijen interessant.” Noordelijke nuchterheid Sinds 2018 heeft Bulthuis een landelijk dekkende organisatie, dankzij overnames en opening van nieuwe filialen. Bulthuis:„ Dat betekent dat we dichtbij de klanten zitten en snel kunnen schakelen. In deze branche, waar niet, is tijd geld.” Voor de toekomst sluit Bulthuis verdere overnames niet uit, maar hij stelt ook dat de toekomstige groei niet alleen uit Nederland kan komen. „Binnen nu en 10 jaar gaat het speelveld nog een keer ingrijpend veranderen. Wij willen verder groeien, niet door hoog van de toren te blazen, maar vanuit de noordelijke nuchterheid die men van ons gewend is. Dat doen we namelijk al meer dan 160 jaar en daar gaan we graag mee verder.” www.bulthuis.eu
ADVERTENTIE
Midden in de winter begreep ik eindelijk dat er in mij een onoverwinnelijke zomer huisde. Albert Camus.
Waar haal jij jouw energie vandaan? Er is een toenemende vraag over persoonlijke energie. Hoe voorkom ik burnout? Hoe ga ik om met mijn eigen energie? Ik kan geen keuzes maken en dat kost zoveel energie. Mensen zeggen vaak: Er is zoveel energie bij jullie. Mensen zeggen vaak: Hoe komen jullie toch aan zoveel energie? Mensen zeggen vaak: Als ik bij jullie vandaan kom, zit ik boordevol energie of als ik bij jullie vandaan kom, nou dan voel ik rust. Dan is de onrust voorbij in mij.
Natuurlijk valt hier nog veel meer over te zeggen in de nuancering van de energiedriehoek. Meer weten? Hier valt van alles over te leren bij IITP-Bureau Land.
Internationaal Instituut Toepasbare Psychologie viert dit jaar haar 30 jarig bestaan! Dus energie zit er bij ons wel in! Energie als bron voor jouw leven. Bureau Land zet psychologische kennis in voor optimale ontwikkeling op persoonlijk en professioneel niveau. Ontwikkelen is een natuurlijke behoefte van mensen. Als dat niet ‘vanzelf’ gaat, is er iets mis. Als je niet meer nieuwsgierig bent, dan mis je een van de zijden van de energiedriehoek. Energie is een woord dat veel gebruikt wordt. Waar halen we het vandaan? Er wordt veel over energie gesproken als bron van buitenaf. Hoe zorgen mensen dat hun energie duurzaam is? Hoe houd je jezelf in de energie? Hoe voorkom je dat je zoveel energie verbruikt dat je burn-out raakt? Kennis van eigen energiebron. Drs. J.A. Land van het Internationaal Instituut Toepasbare Psychologie – Bureau Land is zo iemand die veel energie heeft. Zij kan haar innerlijke energiebron zo inzetten, dat zij in haar leven de dingen kan verwezenlijken die zij belangrijk vindt. En dit leren de trainers van het IITP ook aan anderen. Bij navraag hierover zegt zij: Als je de balans houdt in de gouden driehoek van energie, is er altijd energie. Deze energie vind je terug in de opleidingen en trainingen en consulten die IITP-Bureau Land in de wereld zet. Het belangrijke evenwicht in de filosofische driehoek van energie.
We onderscheiden drie filosofische uitgangspunten waarop onze innerlijke energiebron draait: Onze driften in het leven. Onze letterlijke voeding; eten en drinken, onze drift om ons lichaam te bewegen en onze seksualiteit. De driften die ieder mens kent en ook herkent. Deze driften sturen ons in ons leven. Voor een deel hebben we hier bewust invloed op; het grootste deel gaat onbewust. Deze natuurlijke drift wordt vaak gesaboteerd door de conditionering die we krijgen vanuit onze opvoeding, cultuur en de maatschappij waarin we leven. De invloed van de beperkende overtuigingen die wij hebben meegekregen over eten, beeldvorming over ons eigen lichaam en de oordelen of vooringenomenheid over seksualiteit. Veel mensen vinden het lastig om met hun eigen natuurlijke driften om te gaan. Zij zijn daar niet vrij in of proberen deze zoveel mogelijk te reguleren en te controleren, waardoor deze energie verloren gaat. Acceptatie van jouw eigen verlangens op dit gebied en hier vrijelijk over kunnen spreken is een bron van zuivere energie, waardoor op dit gebied de energie vrijelijk kan stromen. De Wil van het Verstand. De tweede basis van energie is de Wil van het Verstand. Ons verstand, ons brein geeft ons de Wil om dingen te willen bereiken. Dat stelt doelen en ziet successen en faalfactoren, weegt af en doet zaken doelbewust. Het heilige moeten omdat we ergens moeten komen… De Wil van het Verstand is belangrijk in onze energiebalans. Veel mensen geven deze kant veel aandacht en de Wil van het Verstand verdringt vaak de drift en de derde basis van energie. Mensen worden alleen maar ‘hoofd’ op deze manier.
JOke Land - Bureau land
De Binding van de Ziel. De derde basis van onze energie is de Binding van de Ziel. Onze Ziel is de diepe basis van verbinding en binding. Het openstaan voor anderen, het mee resoneren met gevoel, het diepe contact dat er kan zijn tussen mensen, dat is een energiebasis die niet te vervangen is door iets anders. Ieder mens heeft binding nodig, warme binding met anderen. Sommigen zijn teleurgesteld in mensen en gaan diepe binding aan met dieren. Ook dan is er energie die vrijkomt bij deze binding.
Gezonde energiebasis in jouw leven? Bedrogen uitkomen. Hoe gaat u om met de Wil van het Verstand? Is het een afgebakend veld van cognitie en zegt u: Ik ben gewoon een nuchter persoon? Wanneer u de nadruk legt op één van de drie bases van energie, dan komt u bedrogen uit. De drie uitgangspunten werken het best als ze met elkaar verweven zijn. Veel mensen verliezen de binding in hun intieme relatie; deze mensen zijn vaak in de sport te vinden. Actief en fanatiek sportend proberen ze toch een gevoel van verbinding te krijgen die ze op het vlak van de Binding van de Ziel missen. Er valt nog veel meer over te zeggen…….. VREEMDGAAN. De man komt bij ons op consult. Hij is vreemdgegaan in zijn huwelijk. Vol schuldgevoel stapt hij binnen. Het kon niet en mocht niet, zegt hij. Als ik hem vraag hoeveel binding en uitreiking er in zijn huwelijk is, schudt hij zijn hoofd. Niet meer, zegt hij dan. Ik knik. Geen wil meer om er echt iets van te maken, geen seksualiteit meer, geen binding meer met de Ziel. Alleen de regel van het huwelijk houdt hen nog bij elkaar. Dat de man toch liefde zoekt, is de man daar schuldig aan? Waar is de binding gebleven die er eerst wel was? Ook zijn vrouw is verhard in iets dat ze huwelijk noemen. De energie is eruit. Er is nu energie gekomen, want het vreemdgaan is uitgekomen. Emoties vliegen gelukkig heen en weer, ze kunnen nu niet meer ontsnappen aan wat er echt aan de hand is. Ze komen samen en zoeken uit waar ze het verloren hebben laten gaan. Ze vinden elkaar weer, stellen zich open voor elkaar. Het verlangen groeit en de intimiteit en seks komt weer op gang, de wil om nieuwe dingen met elkaar aan te gaan. De binding wordt opnieuw bestendigd met het kopen van een vintage campertje, iets wat ze altijd al wilden. Ze pakken het nu helemaal vast, dan maar geen perfect huis, tuin en er zijn voor anderen. Opeens gaat het echt over hunzelf! Wat een energie spat er nu af! Iedereen ziet het weer: deze mensen zijn verbonden door drift, Wil en verbinding met de Ziel. Dat wil iedereen wel… IITP-Bureau Land geeft trainingen en opleidingen op Persoonlijkheidsniveau en Zielsniveau. NLP gericht op het vormen en onderzoeken van eigen Persoonlijkheid. Systemisch Werk voor de Zielsprocessen met onder andere Systemische opstellingen. Wil jij jouw eigen energie genereren, sturen en behouden? Daar valt veel over te leren! Ga het gesprek met ons aan en wij maken een opleidingsaanbod op maat voor jou! Of schrijf je in voor de opleidingen die starten in januari. Wees er op tijd bij! www.bureauland.nl tel: 0851307484 www.bureauland.nl
ADVERTENTIE
Focus op het leveren van toegevoegde waarde Dit najaar ontving Oldenburger|Fritom uit Veendam twee prestigieuze onderscheidingen: de FD Gazelle en de eerste plaats op productleiderschap in het MT1000 onderzoek naar de beste dienstverleners van Nederland. „Een mooie erkenning voor onze continue focus op het leveren van toegevoegde waarde”, aldus commercial manager Marienus van der Laan en logistics manager Erik Mekkes. Beiden zijn lid van het managementteam van de logistieke dienstverlener die de regie voert over wereldwijde leverketens. Het is dit jaar de twintigste keer dat Het Financieele Dagblad de FD Gazellen Awards organiseert. Deze ondernemersprijs wordt jaarlijks uitgereikt aan de snelst groeiende bedrijven in Nederland. Behalve de omzetgroei worden ook de groei in personeel en winstgevendheid meegewogen. Oldenburger|Fritom is uitgeroepen tot FD Gazelle 2023 in de regio Noord (Groningen, Friesland, Drenthe) en categorie groot. De Veendammer dienstverlener mocht de prestigieuze onderscheiding al viermaal eerder in ontvangst nemen, maar deze keer wordt het als extra bijzonder ervaren. „Er is gekeken naar de groei in de drie voorgaande kalenderjaren, beginnend bij het coronajaar 2020”, verduidelijkt Van der Laan. „Waar veel bedrijven toen moeite hadden om het hoofd boven water te houden zijn wij juist gegroeid.” Wereldwijde partner De corona-uitbraak leidde in het voorjaar van 2020 tot een forse stijging in het aantal online verkopen. Hierdoor groeide bij Oldenburger|Fritom de vraag naar e-fulfilment, de complete logistieke afhandeling van b2b en b2c webshoporders. Waaronder de vraag van Total Hair Service uit Groningen, een van ‘s lands grootste leveranciers van professionele kappersproducten. „Daarnaast werden wij in die periode veelvuldig benaderd voor de luchtvracht van medische hulpmiddelen”, zegt Van der Laan. „Hoewel er grote capaciteitstekorten waren ontstaan door het wegvallen van passagiersvluchten hebben wij hier nauwelijks hinder van ondervonden. Dit komt doordat wij beschikken over de AEO-vergunningen voor douane en veiligheid. Hierdoor staan wij
Operatie Total Hair Service
‘Binnen onze logistieke kennisorganisatie maken de medewerkers het verschil’
gaat nog een stap verder. Mekkes: „Binnen de duurzame partnerships met onze klantrelaties focussen wij ons continu op het leveren van toegevoegde waarde. In de gehele keten. Op deze manier willen wij onze logistieke oplossingen naadloos laten aansluiten op hun bedrijfsvoering. Daarom zijn wij ook gecertificeerd volgens diverse sectorspecifieke normen.” Sectorspecifiek Als voorbeeld noemt Mekkes het ISO 13485certificaat voor medische hulpmiddelen. „Toen wij in het coronajaar steeds vaker benaderd werden door zowel bestaande als nieuwe klantrelaties in de healthcare sector, hebben wij besloten om ons te laten certificeren volgens ISO 13485. Deze sectornorm, die in het leven is geroepen om de veiligheid en kwaliteit van medische hulpmiddelen te waarborgen, hebben wij binnen een half jaar behaald. De insteek van de norm is continue verbetering en procesbeheersing, waarbij risico gebaseerd denken essentieel is. Datzelfde geldt voor onze certificeringen volgens ISO 22000 en FSSC 22000 voor voedselveiligheid en -kwaliteit. Voor onze klantrelaties in de agrifoodsector, waaronder Avebe, voldoen wij aan de strengste normen volgens de HACCP-principes. Onze faciliteiten hebben hierbij een hygiënisch design en zijn vormgegeven volgens de strikte protocollen die binnen de voedingsmiddelenlogistiek gelden.”
De richtlijnen hiervoor zijn onder meer vastgelegd in ISO-normen. Het meest bekend zijn ISO 9001 voor kwaliteitsmanagement, ISO 14001 voor milieumanagement en ISO 45001 voor Gezond & Veilig Werken. Oldenburger|Fritom is volgens deze drie ISO-normen gecertificeerd maar
GDP-API registratie Passend bij de Lean Six Sigma methode, die als rode draad door de organisatie en bedrijfsvoering loopt, richt Oldenburger|Fritom zich op ‘continuous improvement’. Dit betekent dat er proactief en continu wordt ingespeeld op de ontwikkelingen in de markt. „Wij doen dit ook in
wereldwijd bekend als betrouwbare partner in de logistieke keten.” Ook het IATA-lidmaatschap, de status van Erkend Agent en de eigen vestiging op Schiphol dragen eraan bij dat Oldenburger|Fritom te allen tijde een voorkeursbehandeling krijgt bij luchtvrachtzendingen. Toegevoegde waarde „Naast transport werden wij halverwege het coronajaar eveneens benaderd voor warehousing van medische hulpmiddelen”, vult Mekkes aan. „Zo vroeg een toonaangevend technologiebedrijf in analytische meetapparatuur ons de opslag, value added services en distributie van coronatestkits te behartigen. Wij konden direct gehoor geven aan hun verzoek, mede doordat wij het QHSE-managementsysteem geïntegreerd hebben in onze bedrijfsvoering.” Met QHSE, de afkorting van Quality, Health, Safety, Environment, worden bedrijfsactiviteiten dusdanig vormgegeven dat deze voldoen aan de eisen en wetgeving op het gebied van kwaliteit, arbeidsomstandigheden en milieu.
Operatie Avebe
ADVERTENTIE
Directie en management Oldenburger|Fritom - Erik Mekkes (2e van links), Marienus van der Laan (4e van links)
samenwerking met onze klantrelaties”, vertelt Mekkes. „Onlangs hebben wij bijvoorbeeld onze GDP-API registratie behaald. Hiervoor werden wij benaderd door een van onze klantrelaties in Veendam waarmee wij een langdurig partnership hebben opgebouwd. Deze klantrelatie is bezig de dienstverlening uit te breiden door werkzame stoffen voor geneesmiddelen te importeren.” De betreffende werkzame stof in geneesmiddelen wordt Active Pharmaceutical Ingredient (API) genoemd. Om ervoor te zorgen dat de kwaliteit van werkzame stoffen voor geneesmiddelen van producent tot gebruiker gewaarborgd is, moeten importeurs en distributeurs van deze stoffen een GDP-API registratie hebben. Hiermee wordt aangetoond dat zij voldoen aan de eisen uit de Goede Distributie Praktijken (GDP). Daarbij delen alle partijen in de keten verantwoordelijkheid en controleren elkaar. Mekkes: „Al onze medewerkers hebben de vereiste API-training succesvol afgerond. Wij zijn bovendien de eerste logistieke dienstverlener in het Noorden met een GDP-API registratie, waarvan de inspecties worden uitgevoerd door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ).” Productleiderschap Kwaliteit, innovatie en duurzaamheid zijn leidend in de logistieke oplossingen van Oldenburger|Fritom. Door waarde toe te voegen worden toekomstbestendige leverketens gecreëerd. Zowel Van der Laan als Mekkes zijn ervan overtuigd dat dit heeft bijgedragen aan de FD Gazelle 2023 en de eervolle onderscheiding van Oldenburger|Fritom in het MT1000 onderzoek van platform MT/Sprout. „Bij productleiderschap, het aspect waarin wij dit jaar
Familiebedrijf Oldenburger|Fritom is onderdeel van de Fritom Logistic Solutions Group, die tot de top van logistiek dienstverleners in Nederland behoort. Oldenburger|Fritom is gevestigd in Veendam, Emmen, op Schiphol Airport, in Hongarije en Italië. Vanuit deze vestigingen richt de innovatieve ketenregisseur zich op wegtransport, luchtvracht, zeevracht en trimodaal transport. Daarnaast wordt maatwerk aangeboden in warehousing, value added services, e-fulfilment en supply chain management. Klantrelaties zijn actief in diverse sectoren waaronder hightech, food, packaging, healthcare en fast moving consumer goods.
binnen de categorie Supply chain en logistiek advies tot winnaar zijn uitgeroepen, ligt de focus op innovatieve producten of diensten van hoge kwaliteit.” MT1000 is een jaarlijks onderzoek naar de kwaliteit van zakelijke dienstverleners in Nederland. Het onderzoek wordt uitgevoerd door de Universiteit van Amsterdam en wordt verricht onder duizenden zakelijke beslissers uit het Nederlandse bedrijfsleven. Groeimindset Op basis van de antwoorden van de respondenten wordt onder meer de waardering op de drie aspecten van het Treacy en Wiersema model bepaald: klantgerichtheid, productleiderschap en kwaliteit van uitvoering. Een opvallend gegeven is dat Oldenburger|Fritom de enige logistieke dienstverlener is in de categorie Supply chain en
logistiek advies. „Bovenal is dit een fantastische bekroning op de inzet en toewijding van alle medewerkers”, besluiten Van der Laan en Mekkes. „Binnen onze logistieke kennisorganisatie maken zij het verschil. Door het stimuleren van een groeimindset willen wij de juiste balans creëren tussen persoonlijke ontwikkeling en onze collectieve ambitie. Samen met het vertrouwen van onze klantrelaties in onze logistieke oplossingen heeft dit geleid tot deze beide onderscheidingen. Daar zijn wij ongelooflijk trots op.” www.oldenburgerfritom.nl
ADVERTENTIE
Zeilende chartervaart: recreatie die past bij het Wad De vloot van zeilende chartervaart bepaalt mede de charme van Harlingen en heeft economische betekenis voor de stad. Ieder jaar komen mensen van heinde en ver genieten van het zeilen op het unieke Wad, zegt Joost Bakker van Rederij Vooruit. „Als mensen een paar dagen aan boord zijn, beginnen ze de dynamiek van het varen op de Waddenzee te begrijpen. Ervaren ze rust en bepalen stroming en getijden hun dagritme. Dan wordt droogvallen een ongekende beleving, is drukte en haast vergeten. Geen mooiere wereld dan die van het Wad, zo uniek. En dat geldt ook voor deze vorm van recreatie, uniek in z’n soort en passend in de omgeving.” Het is Joost Bakker met de paplepel ingegoten. Zijn vader begon met zeilvakanties in BM’ers aan de Luts in Balk. Het bedrijf ‘Vooruit’ verkast naar IJlst waar een boerderij wordt omgetoverd tot jeugdherberg. De eerste tjalken komen voor de wal, de varende zeilschool is geboren. Een nieuw concept voor die tijd. Het bedrijf verhuist naar Harlingen en groeit uit als bemiddelingskantoor voor de traditionele
zeilvloot in Noord- Nederland. In 2007 treedt oprichter Adri Bakker terug en neemt zijn zoon Joost het bedrijf over. Rederij Vooruit is het grootste charterkantoor van het noorden en bemiddelt voor veertig tjalken, skûtsjes, klippers en aken. „Het mooiste vind ik het contact met de gasten. Van het eerste telefoontje tot het moment dat ze de loopplank opstappen van het schip waarmee ze op pad gaan. De schepen zijn meegegroeid in de tijd. In luxe, in comfort. In het begin was er benedendeks een grote slaapzaal, toen werden het een paar hutten en nu hebben steeds meer schepen voor hun gasten een eigen comfortabele hut met eigen sanitair. Schippers zijn unieke mensen, die het aankunnen om iedere week of ieder weekend nieuwe mensen aan boord te verwelkomen, ze mee te nemen in de belevenis van het samen varen en leven aan boord. Schippers houden van hun schepen en van die bijzondere dynamiek van deze kleinschalige recreatie. Het begint allemaal met enthousiasme, dat is de basis van ons bestaan.” De meeste gasten komen nog steeds uit Duitsland. „Zij vormen zestig tot zeventig procent van het totaal. Verder zijn het Nederlanders en enkele Oostenrijkers of Belgen. En met trots
Joost Bakker hebben we nu ook de eerste vijf Schepen geboekt voor Tsjechen. Vorig jaar is de markt na corona weer opgekrabbeld. Dat is goed voor de vloot en voor nieuwe aanwas op de schepen, want nieuwe bemanningen en schippers komen voort uit het enthousiasme van de eerste belevenissen aan boord.” Bakker kijkt vooruit en is hoopvol over de toekomst. „De vloot bepaalt mede de charme van havenstad Harlingen, heeft economische betekenis voor de stad met veel bestedingen in winkels, horeca en bij onderhoudsbedrijven. En het is een recreatieve bedrijfstak met lage CO-2 voetafdruk, die dus prima past bij werelderfgoed Waddenzee.” www.rederij-vooruit.nl
ADVERTENTIE
De Jongens van Veenema: totale energieleverancier in mobiliteit De Jongens van Veenema Energy in Sneek veranderen mee. Met kennis, maatwerk in advies en de juiste brandstofproducten. „Er kan nog veel meer om uitstoot te beperken, ook zonder hoge kosten voor de klant.” Harold Veenema over HVO100 Clean diesel, elektrificering en waterstof. Bij Veenema zijn ze gewend aan veranderende omstandigheden. Het familiebedrijf uit 1935 levert motorbrandstoffen, gassen, smeermiddelen, chemie, heeft tien eigen tankstations en is exclusief distributeur van Texaco brandstoffen en smeermiddelen in NoordNederland. Met Veenema Chemicals BV is Veenema Internationaal actief en wordt de Duitse en Oostenrijkse markt bedient met een productielocatie in Waalwijk. De Jongens van Veenema veranderen mee naar uitstoot besparende brandstoffen, elektrisch vervoer, laadpalen en waterstof. Met een nieuwe naam: Veenema Energy. Ontzorgen van de klant staat voorop. „Veruit de meeste mensen besparen zowel graag op de kosten als op de uitstoot van hun wagenpark. Dat kan heel vaak zonder investeringen en technische aanpassingen. Duurzame brandstoffen zijn beter dan ooit, maar de
overheid heeft het complex gemaakt. Gelukkig lijkt het duurzaamheidsbeleid beter te worden. Want juist HVO- brandstoffen zijn cruciaal, omdat ze direct en in hoge mate bijdragen aan de beperking van CO2- uitstoot, tot maar liefst negentig procent in het geval van HVO100 Clean Diesel.” Investeren vraagt om duidelijkheid HVO Clean Diesel is een hernieuwbare synthetische brandstof geproduceerd uit afval en reststromen van plantaardige en dierlijke vetten. Het is verkrijgbaar in verschillende mengvormen, afhankelijk van de CO2- reductiedoelstelling en budget. De producten zijn direct inzetbaar in een bestaand wagenpark zonder aanpassingen en mengbaar met andere (diesel)brandstoffen. Bijkomend voordeel: het verlaagt de operationele kosten in vergelijking met andere alternatieven. Harold Veenema: „De komende decennia zal diesel nog een flink aandeel hebben in transport en logistiek, naast elektrificering, hybride, waterstof en e-fuels. De moderne diesel is voor een groot gedeelte duurzaam, het is in 2023 ruim 17% bio brandstof en zal vermoedelijk vanaf 2024 ruim 28.4% zijn, zodat het voor bijna een derde uit bio brandstof bestaat. Diesel blijft voorlopig belangrijk op de langere afstanden en in zwaar transport. Onze HVO100 Clean Diesel is als
duurzame vervanger meer dan de moeite waard, omdat vanuit de keten of door aanbesteding steeds duurzamere eisen aan bedrijven worden gesteld. Kijkend naar 2030 wordt de mix tussen soort en aard van vervoer en de ideale brandstof steeds diverser. In wat de leidende brandstoffen worden, is de overheid mede aan zet. Die moet duidelijkheid geven. Dat hebben ondernemers nodig voordat ze investeren in bijvoorbeeld een nieuw wagenpark.” Energieleverancier En wat doet Veenema? „Ons hoofdkantoor heeft geen gasaansluiting meer, we doen alles op aardwarmte. Ons eigen wagenpark maakt volledig gebruik van HVO100 en daarmee reduceren we de uitstoot tot 90 procent. Op het gebied van brandstof en smeermiddelen helpen we met maatwerk onze klanten om zoveel mogelijk hun uitstoot te beperken. Tegelijk zetten we stappen naar elektrificering en het leveren van duurzame energie voor mobiliteit. Dat betekent dat we ons voorbereiden op de verkoop van waterstof en investeren we in tankstations van de toekomst. Want Veenema Energy is en blijft een gespecialiseerde schakel in transport, distributie en logistiek.” www.veenemaenergy.nl
ADVERTENTIE
De passie van Paques: fundamentele keuzes om Parijs te halen Biotechnologiebedrijf Paques in Balk legt de lat hoog om bij te kunnen dragen aan klimaatverandering. ‘Parijs’ halen, vereist fundamentele keuzes, individueel en collectief. Klaas, Paula, Zoë dagen elkaar en hun omgeving uit om van de wereld een betere plek te maken. Water, energie en hulpbronnen zijn bepalend voor alles wat we doen. Maar wereldwijd raken natuurlijke hupbronnen uitgeput, is schoon zoetwater schaarser dan ooit en stijgt ons energieverbruik. Waterzuivering, duurzame energieopwekking en hergebruik van hulpbronnen worden iedere dag belangrijker. Paques is sinds de start een ‘groener dan groen’ bedrijf dat zich richt op het ontwikkelen, produceren en installeren van technische installaties die gericht zijn op vermindering van zoetwaterinname, op koolstofreductie en het terugwinnen van natuurlijke hulpbronnen uit (industrieel) afvalwater bij wereldwijde spelers in de voedsel-, papier- en farmaceutische industrie of afvalwaterzuiveringsbedrijven. Naast dat we dus als bedrijf duurzamer willen worden en bijdragen aan de klimaatdoelen, helpen wij ook onze klanten wereldwijd bij het halen van hun doelstellingen op dit gebied. Het bedrijf heeft vestigingen met volledige productie- en leveringscapaciteiten in Europa, Brazilië, China en India, als ook verkoop- en servicevestigingen in de VS en Azië-Pacific. Met de overname van Paques door het kapitaalkrachtige investeringsbedrijf SKION Water (eind 2020) is het bedrijf in staat wereldwijd verder te groeien. Met de benoeming -afgelopen augustus- van de nieuwe CEO, Klaas van de Poppe, wordt sneller koers gezet naar nog meer duurzame impact. Ondernemend innovatief „De urgentie voor concretere klimaataanpak is groter dan ooit. Kijk naar het nieuws afgelopen maand, dat grote bedrijven met instemming van Rijkswaterstaat zwaar gif lozen op ons toch al sterk vervuilde oppervlaktewater. Dat betekent dat kosten voor waterzuivering exponentieel stijgen; het lijkt een nieuw ‘stikstofdossier’. Paques heeft haar doelen aangescherpt om sneller meer concrete duurzame impact te realiseren. Een logische stap voor dit prachtige bedrijf waar ik net ben begonnen, want ik heb grote waardering voor het verleden van Paques als ondernemend en baanbrekend innovatief familiebedrijf. Passie, kennis en gedrevenheid horen bij ons en bij ons moederbedrijf SKION Water. Eigenaarschap van aandelen. Ik zie er naar uit om met iedereen binnen Paques wereldwijd stappen te zetten om de klimaatdoelstellingen van Parijs te halen. Samenwerking met zowel klanten en leveranciers als met universiteiten en wetenschappelijke instellingen zoals , Wetsus en andere technologiebedrijven in water, energie en hulpbronnen is daarvoor noodzakelijk.” Duurzaam zakendoen Een van die mensen van Paques Europe in Balk is proposal manager Zoë Flogera. Afgestudeerd in milieutechniek en watermanagement, gespecialiseerd in milieueffectbeoordelingen en geïntegreerd waterbeheer. „Because we care and because we can”, verklaart ze waarom Paques kan bijdragen aan een betere wereld. De nieuwe duurzaamheidsvisie van Paques Europe liegt er niet om, maakt algemeen directeur van Paques Europe, Paula Gonzalez duidelijk: „Elke beslissing, individueel en collectief, kan positieve impact hebben. Laten we ons inzetten voor het
maken van de meest duurzame keuzes in ons dagelijks leven en binnen Paques”, zegt ze. „We hebben tot in detail beschreven wat dat betekent voor ons en voor de ketens waarin we werken met klanten en leveranciers. We hebben dat gedaan met 2BHonest en een team van Paques Europe onder leiding van Zoë, onze nieuwe expert in duurzaam zakendoen. Zij vertegenwoordigt een nieuwe generatie mensen die we nodig hebben bij de fundamentele keuzes voor de volgende 25 jaar. ‘Sustainability’ is vele malen complexer dan de keuze voor een elektrische auto. Het is een manier van leven, die ziet op het besef en belang van ieders houding en gedrag.” Verantwoordelijkheid nemen Met die fundamentele keuzes onderschrijft Paques Europe de noodzakelijke, integrale en wetenschappelijk gefundeerde aanpak van de reductie van CO-2 emissies. Alleen dan halen we het Klimaatakkoord van Parijs, blijven we beneden de opwarming van 1,5 graad in 2050. Paques kiest voor concrete actie op drie niveaus. Niet alleen van de directe en indirecte bronnen van Paques zelf, van emissies van het wagenpark en emissies door verwarming, koeling en elektra verbruik in kantoren en productielocaties tot emissies afkomstig van opwekking van elektriciteit, benodigd voor productie, verwarming of koeling zoals ingekocht door Paques. Voor een integrale aanpak is analyse en inzicht noodzakelijk in de ketens waar Paques deel van uitmaakt. Wie stoot welke emissies waar uit en hoe kan je die verminderen? Want alles dat een bedrijf als Paques doet of maakt, veroorzaakt emissies. Emissies voordat je producten kunt leveren, zoals al je zakelijke en woonwerkverkeer, de fabricage van producten; productie en transport van benodigde grondstoffen, materialen of (half)producten, verwerking van afval. En het gaat om alle uitstoot
als jij je producten hebt gemaakt: emissies tijdens gebruik of onderhoud van jouw producten, emissies bij het verwijderen, transporteren, recyclen of verwerken van geleverde installaties of producten. Bindende afspraken maken om op al die niveaus CO2- emissies te reduceren, is complex. De wil om dat te doen, vereist verantwoordelijk nemen. De ongemakkelijke waarheid Zoë Flogera: „Paques Europe neemt die verantwoordelijk door zich te conformeren aan de wetenschappelijk vastgestelde SBTi Net-Zero standaard met betrekking tot de afspraken van Parijs. Het vereist op ieder niveau, individueel en collectief, een voortdurend besef: wat kan ik doen en wat kunnen wij doen om bij te dragen? Dat is noodzakelijk om concreet verder te komen. Het is een ongemakkelijke waarheid, vooral op dat complexe derde niveau. Ook voor mij, als ik kijk naar hoe en hoeveel ik reis. Maar we moeten leren om vanuit een holistisch perspectief naar onze wereld te kijken: alles is met elkaar verbonden. Dat betekent ook dat je bereidt moet zijn om wat je doet en afspreekt, te willen meten en met elkaar te delen. Transparantie en samenwerking zijn cruciaal om maximaal bij te dragen in emissiereductie. We dagen met deze fundamentele keuzes onszelf, ons bedrijf, onze klanten en leveranciers uit het daadwerkelijk beter te doen. En dat is waar waarvoor ik hier werk, want Paques biedt de kans en de mogelijkheden om samen concrete stappen te zetten naar een betere wereld.” paques.nl
ADVERTENTIE
Ondernemers: ‘Let op uw saeck’ Het gaat minder goed met de economie. Van Braak Accountants krijgt veel telefoontjes van ondernemers die om advies vragen. Er zijn natuurlijk ook genoeg ondernemers die alweer plannen maken voor de toekomst. Er wordt uitgebreid, er worden panden gekocht, nieuw gebouwd, nieuwe markten aangeboord, enzovoort. Uw accountant kan daarbij helpen, niet alleen met advies, maar ook om te voorkomen dat u in één of meerdere valkuilen stapt, wat grote gevolgen kan hebben.
Hennie van Braak De uitdrukking boven dit artikel is afkomstig uit een lied in Valerius’ Gedenckclanck uit 1626. Het betekent: wees alert en dat gaat zeker voor het bedrijfsleven op. Neem nu die ondernemer die een nieuw pand wilde laten bouwen. Hennie van Braak van het gelijknamige accountantskantoor werd gevraagd om een en ander met hem door te nemen en constateerde al snel dat de betreffende ondernemer een aantal dingen was vergeten. „Als je nieuw gaat bouwen, zorg dan dat er een goede aanneemovereenkomst is getekend”, geeft Van Braak aan. „Staat daar alles in wat je met elkaar hebt afgesproken. Is de opleverdatum bijvoorbeeld beschreven, staan er boetebepalingen in en heeft de aannemer een Car-verzekering afgesloten. Daar moet hij voor zorgen, deze verzekering dekt schade die eventueel ontstaat tijdens de bouw. Als opdrachtgever moet je kunnen zien dat zo’n verzekering is afgesloten. Sterker nog, vraag om een kopie van de polis en controleer of de premie betaald is. En ook of het verzekerde bedrag hoog genoeg is. En mocht er zich schade voordoen, dan moet de uitkering terecht komen bij de opdrachtgever en niet bij de opdrachtnemer. Want, stel dat de aannemer op omvallen staat, of zelfs failliet gaat, dan kun je naar het geld fluiten en draai je zelf op voor het herstel van de geleden schade.” „Het is belangrijk om dit soort zaken vooraf te toetsen. Ontbreekt er iets, laat het dan corrigeren voordat je gaat tekenen en er met de bouw wordt begonnen. Ook is het verstandig om vooraf de
kredietwaardigheid van de aannemer te checken, zodat je tijdens de bouw niet voor verrassingen komt te staan.” Retentierecht Een ander feit is dat een aannemer het retentierecht heeft, dat ook wel gezien wordt als een vorm van opschorting. Het retentierecht geeft de aannemer het recht om een zaak onder zich te houden, totdat de opdrachtgever alle facturen betaald heeft. Is dat niet het geval, dan kan de aannemer dus het nieuwe pand onder zich houden en de opdrachtgever de toegang weigeren. „Als opdrachtgever is het verstandig in een overeenkomst te laten opnemen dat de aannemer afziet van retentierecht. En ook hier geldt weer dat er een probleem kan ontstaan wanneer de aannemer op omvallen staat.”
‘Het is belangrijk om dit soort zaken vooraf te toetsen’ Financiering Meestal wordt de nieuwbouw van een pand deels gefinancierd door een bank. „Stel dat nieuwbouw 6 miljoen kost waarvan 4 miljoen door een bank wordt opgebracht. Wanneer dan de overige 2 miljoen uit een moeder BV wordt geleend, dan moet hiervoor een tweede hypotheek worden opgesteld. Mocht het pand onverhoopt verkocht moeten worden, dan gaat de opbrengst in eerste instantie naar de bank, vervolgens de moeder BV en daarna pas de overige schuldeisers.”
Wat de periodieke betaling van facturen betreft, adviseert Van Braak er om te denken dat de waarde van wat op dat moment gebouwd is nooit de waarde van de periodieke facturen te boven mag gaan. Er zijn deskundigen die dit kunnen berekenen. „De grootste valkuil bij nieuwbouw is dat er geen zekerheden zijn, desondanks moet je onzekerheden zoveel mogelijk zien te voorkomen.” „Zo kun je van de aannemer bijvoorbeeld een solvabiliteitsverklaring vragen”, gaat Van Braak verder. „Dit houdt in dat er voldoende vermogen bij de aannemer aanwezig is en de kans op een faillissement klein is. Dat mag je eisen als opdrachtgever. Weigert een aannemer dat dan weet je meestal wel dat het niet goed zit.” Terug naar de klant waar Van Braak op bezoek was. „Hij had veel zaken in de aanneemovereenkomst geregeld, maar een aantal ook vergeten. Daarom was hij blij met zijn accountant die hem daar op wees en daarmee voorkwam dat hij in een valkuil stapte, met vaak hele vervelende gevolgen.” www.vanbraakaccountants.nl
ADVERTENTIE
Wie zijn Well Services Group? Well Services Group in Emmen is onlangs onderdeel geworden van het Britse Excellence Logging (EXLOG). Deze ontwikkeling biedt ruimte voor groei en kansen voor het personeel. De specialist in zogenaamde Well Intervention-services (Coil Tubing, Slickline/ Eline en Well Testing) richt zich daarom op uitbreiding in de nabije toekomst en komt graag in contact met doorzetters, bij voorkeur met een technische achtergrond. het bijzonder te voldoen, heeft Well Services Group in Emmen ruimte voor zeker vijftig tot zestig nieuwe collega's. Heemskerk: "We zoeken schoolverlaters, MBO'ers en HBO'ers die van aanpakken weten en van avontuur houden. We leiden mensen intern op tot operators tot en met supervisors die bij onze klanten aan de slag gaan. Het is geen standaardbaan, want je werkt 12 uur per dag, meestal twee weken achter elkaar. Daarna heb je twee weken vrij. Deze onregelmatigheid wordt natuurlijk gecompenseerd met een goed salaris, in de vorm van een bonus. Hoe langer je ter plaatse bent, hoe meer je verdient. De banen zijn trouwens verspreid over de verschillende disciplines die we beheersen, dus er zijn veel mogelijkheden. Voor elke klus beoordelen we wie de klus het beste kan klaren. Door ons aan te sluiten bij EXLOG vergroten we ook onze geografische voetafdruk, dus ons werkgebied zal de komende jaren groeien.”
V.l.n.r.: Martijn Heemskerk, Jos Nijenhuis, Jan Willem Panjer, Katie Rave-Leel, Myron Beukers „Omdat we in een nichemarkt opereren, is intern opleiden noodzakelijk en daarom vinden we affiniteit met techniek belangrijker dan diploma's", zegt Managing Director Martijn Heemskerk. „We komen graag in contact met mensen die nieuwsgierig zijn naar Well Services Group, zoals we sinds de overname heten, en zin hebben in een uitdaging. We hebben altijd intern nieuwe collega's opgeleid, maar EXLOG biedt ons veel meer mogelijkheden op dat gebied. De nieuwe collega's zijn hard nodig, want er is veel vraag naar onze diensten.”
Aardwarmte is een hernieuwbare warmtebron omdat de warmte onder de grond zichzelf op natuurlijke wijze aanvult. Daarnaast is het een warmtebron waarbij nauwelijks CO2 vrijkomt en daarom draagt aardwarmte bij aan de verduurzaming van de Nederlandse energiehuishouding. Het is een duurzaam lokaal en betrouwbaar alternatief voor aardgas en biedt onder andere een goede oplossing voor duurzame glastuinbouw. De Rijksoverheid stimuleert aardwarmte als duurzame energiebron en biedt daarom subsidies voor geothermieprojecten.
De Well Intervention-diensten omvatten alle diensten die nodig zijn om ervoor te zorgen dat de klanten van Well Services Group olie, gas en in de toekomst vooral geothermische energie kunnen blijven produceren. Het bedrijf uit Emmen zorgt ervoor dat putten die hiervoor al zijn geboord in uitstekende conditie blijven. Ze helpen de bedrijven ook bij het schoonmaken en sluiten van de putten zodra ze klaar zijn met produceren. „Dankzij onze technische capaciteiten kunnen we de prestaties van de putten optimaliseren voor klanten als Shell, Total en ExxonMobil. We zijn een echte probleemoplosser door 24 uur per dag, zeven dagen per week beschikbaar te zijn voor onze klanten in West-Europa.”
Om aan de vraag naar Well Intervention in het algemeen en de omschakeling naar aardwarmte in
Klanten van Well Services Group houden zich steeds meer bezig met energietransitie en richten zich daarbij vooral op geothermie, oftewel aardwarmte. Hiervoor zijn ook optimaal functionerende putten nodig en het bedrijf uit Emmen blijft daarom een belangrijke partner voor deze bedrijven. Aardwarmte wordt gewonnen uit heet water in de aardlagen. Een aardwarmtecentrale pompt dit water op en distribueert dit via een warmtenet naar omliggende woningen, gebouwen en industrie.
Hoewel Well Services Group nu onderdeel is van een groot Brits bedrijf, zegt Heemskerk dat de culturele fit tussen de bedrijven en de werksfeer binnen de vestiging in Emmen intact blijft. "We houden allemaal van korte lijnen en zijn een sociaal bedrijf. Medewerkers worden gezien en we houden altijd rekening met privéomstandigheden, zoals een zieke partner of andere situaties die van invloed kunnen zijn op het werk. Het lokale team bestaat nu uit ongeveer 100 mensen, voornamelijk uit de regio. We hopen in het Noorden weer nieuwe collega's te vinden. Een korte reistijd biedt in alle opzichten voordelen, maar we dragen ook graag bij aan kennisbehoud in de regio. We bieden interessante functies en carrièremogelijkheden voor iedereen die geïnteresseerd is in techniek, flexibel en leergierig is. Men kan altijd vrijblijvend contact met ons opnemen. In een eerste gesprek kijken we graag of er een klik is.” wellservices-group.com
ADVERTENTIE
Opleidingscentrum Westpoort rolt aanbod uit in het Noorden Opleidingscentrum Westpoort is sinds juni vorig jaar gevestigd in Meppel en rolt daarmee het brede aanbod aan opleidingen uit over Noord-Nederland. In Meppel worden onder meer asbestgerelateerde opleidingen verzorgd en een keur aan opleidingen op het gebied van veiligheid en mobiliteit.
Het opleidingscentrum ontstond als uitzendbureau in Amsterdam, met een specialisatie in havenfuncties. „Toen er steeds meer opleidingen verplicht werden gesteld voor die functies, hebben de toenmalige eigenaren in 2011 besloten om die opleidingen zelf te gaan verzorgen’’, vertelt eigenaar Mark Hoogweg. „Ze pasten de efficiëntie en klantgerichtheid van de uitzendbranche toe in het opleidingscentrum om klanten te ontzorgen. In 2017 is het uitzendbureau verkocht.’’ De naam Opleidingscentrum Westpoort verwijst nog altijd naar de locatie van de oorspronkelijke vestigingsplaats: industriewijk Westpoort in Amsterdam. Overname Mark Hoogweg is sinds dit jaar eigenaar van het bedrijf, waar hij al een aantal jaren werkte, onder meer als vestigingsmanager. „Dat was midden in de coronaperiode, die voor ons best uitdagend was, maar het was ook een leerzame periode waarin ik mezelf kon bewijzen. Toen de eigenaren een overnamekandidaat zochten, was ik er klaar voor.’’ De ondernemer greep vervolgens zijn kans toen in Meppel een opleidingscentrum overgenomen kon worden. Het betrof een opleider die gespecialiseerd was in het verzorgen van asbestgerelateerde opleidingen. Het pand op industriegebied Oeverlanden in Meppel was daar op ingericht en daarmee uitermate geschikt voor Opleidingscentrum Westpoort, die marktleider is in deze opleidingen.
‘We maken certificering makkelijk, snel en leuk’ De locatie in Meppel beschikt over drie leslokalen voor theorie, waardoor meerdere groepen er tegelijkertijd terechtkunnen voor opleidingen als BHV en VCA, maar ook voor opleidingen op het gebied van logistiek en transport. Er is een ruimte voor alle asbestgerelateerde opleidingen en een praktijkruimte waar cursisten onder meer kunnen oefenen met een heftruck. Westpoort biedt onder meer mogelijkheden om een heftruck- of reachtruckcertificaat te behalen, maar ook een orderpicktruckcursus te volgen. Voor de
Mark Hoogweg laat het Noorden graag kennismaken met het ruime aanbod van Opleidingscentrum Westpoort.
verplichte nascholing voor beroepschauffeurs in het kader van code 95 biedt Westpoort verschillende opties, Hoogweg: „Van de 35 uur nascholing moet minimaal één cursusdag een praktijktraining zijn, maar verder kunnen cursisten kiezen uit veel verschillende theoriecursussen, zoals de cursus digitale tachograaf of VCA basis code 95. Voor de praktijkcursussen bieden wij Het nieuwe rijden en Rijoptimalisatie op de simulator aan. De opleidingsuren worden door ons bij het CCV geregistreerd en de cursist krijgt een digitaal certificaat.’’ Volledig ontzorgen Volgens Hoogweg is de dienstverlening van Opleidingscentrum Westpoort gebaseerd op drie pijlers: makkelijk, snel en leuk. „De lesstof wordt luchtig gebracht. Onze docenten komen uit de
praktijk en snappen dat cursisten geen overbodige theorie willen. Ze leren daarom bij ons alles wat nodig is om veilig en bekwaam te werken, maar op een toegankelijke manier. Ook voor werkgevers is verplichte certificering een belasting, dus we ontzorgen ze op alle fronten. Over het algemeen geldt bij ons: wie nu belt, kan morgen terecht. Code 95 voor chauffeurs kan binnen een week geregeld zijn. En lessen gaan bij ons altijd door, ook als dat betekent dat een docent lesgeeft aan één cursist. We bellen dan wel naar de klant om te vragen of men dat wil, maar een cursus schrappen is wat ons betreft geen optie want de cursist heeft erop gerekend en de werkgever heeft vaak vervanging geregeld. Tot slot vinden we dat een opleiding ook leuk moet zijn. We zorgen voor een lunch, plannen voldoende pauzes in, maar houden ook het tempo erin zodat cursisten niet het gevoel hebben dat ze hun tijd beter hadden kunnen gebruiken. Doordat we zes dagen per week lesgeven, bieden we onze klanten veel mogelijkheden om te voldoen aan de verplichte certificering.’’ Er zijn zo’n 350 docenten verbonden aan Opleidingscentrum Westpoort waarvan er ruim honderd structureel voor het opleidingscentrum werken. Het zijn allemaal zzp’ers uit de praktijk en een aantal is intern opgeleid tot docent. Er wordt in diverse talen lesgegeven, altijd door een native speaker. „Met name VCA en BHV geven we vaak in het Pools en Roemeens’’, vertelt Mark Hoogweg. „Maar we hebben ook docenten die les kunnen geven in bijvoorbeeld Spaans, Turks of Arabisch.’’ Opleidingscentrum Westpoort is nog steeds gevestigd in Amsterdam, maar ook in Den Bosch, Waddinxveen en Sneek. Landelijk worden elk jaar zo’n 40.000 mensen opgeleid door Opleidingscentrum Westpoort. westpoort.nl
De praktijkruimte voor asbestgerelateerde opleidingen in Meppel.
ADVERTENTIE
Slimme aanvulling op plastic recycling door Blue Cycle Op het terrein van Blue Cycle in Heerenveen wapperen momenteel drie vlaggen: een Nederlandse, een Europese en een Slowaakse. „De ambassadeur van Slowakije was onlangs op bezoek. We willen daar ook een fabriek bouwen”, zegt Laura Pentenga, General Manager bij Blue Cycle.
Laura Pentenga En dan te bedenken dat de fabriek op het industrieterrein Oudehaske pas onlangs is opgeleverd. De stoel voor de receptioniste staat nog in het plastic. Pentenga zegt met Blue Cycle een flinke bijdrage te kunnen leveren aan de recycling van plastic. Buurman Morssinkhof Plastics is gespecialiseerd in mechanische recycling, waar plastic eenmalig wordt gerecycled. Maar de basis van plastic is olie. „Wij verwerken het plastic tot olie. Die olie leveren we vervolgens aan bedrijven die er weer nieuw plastic van maken.” En dat biedt mogelijkheden, legt Pentenga uit: „Met
Hoe werkt pyrolyse? Eerst wordt het plastic afval gesorteerd, gewassen, versnipperd en geperst. Het verwerkte plastic wordt uiteindelijk omgezet in olie. Door de reactor aan de buitenkant te verwarmen wordt het plastic, dat bestaat uit lange moleculen (polymeren), omgezet in olie. Door de verhitting breken de grote plastic moleculen in kleinere stukjes, waardoor een complex mengsel van koolwaterstoffen ontstaat dat we pyrolyse-olie noemen. Sommige van de gevormde moleculen zijn zo klein dat ze gasvormig zijn. Dit brandbare gas wordt uit het proces gezogen en via branders gebruikt om de reactor te verwarmen. Door dit gesloten systeem is het proces vrijwel zelfvoorzienend.
mechanische recycling mag je van een yoghurtbakje geen nieuw yoghurtbakje maken. Echter, als je plastic verwerkt tot olie kun je ervan maken wat je wil. Dit proces kunnen wij meermaals herhalen.” Blue Cycle is een aanvulling op de bestaande plasticverwerkende bedrijven en koopt inmiddels in Engeland, Ierland en Duitsland plastic afval in. Ook het restafval van Nederlandse bedrijven vindt inmiddels zijn weg naar Heerenveen. Met tonnen tegelijk worden de zakken plastic bij de fabriek aangevoerd. En dat is al winst, want in Europa wordt helaas minder dan 30 procent van het plastic afval gerecycled. Het grootste deel wordt verwerkt door middel van mechanische recycling, waarbij plastic wordt omgesmolten tot plastic van lagere kwaliteit met beperkte toepassingsmogelijkheden. Vijfentwintig personeelsleden zijn in ploegendiensten onafgebroken in de fabriek van Blue Cycle aan het werk om het restplastic om te zetten in olie. Daarvoor zijn twee grote ovens actief, de overige twee zijn binnenkort bedrijfsklaar. In deze reactors wordt het plastic in een installatie zuurstofvrij verhit tot 450 graden Celsius. Door middel van dit zogenoemde pyrolyse-proces wordt de olie teruggewonnen uit het plastic. Dit proces is op zichzelf niet nieuw, maar de manier waarop Blue Cycle de toepassing heeft
ingericht is dermate geavanceerd dat het nergens in Nederland zo efficiënt gebeurt als in Heerenveen, aldus Pentenga. Jaarlijks, zo is de bedoeling, verdwijnt er bij Blue Cycle tussen de 20.000 en 25.000 ton plastic in de ovens en komt er 12.000 ton olie uit. Bij het realiseren van de fabriek werkt Blue Cycle zoveel mogelijk samen met bedrijven uit het Noorden. „De Boer Staalbouw uit Leek en BAM Bouw en Techniek uit Groningen hebben de fabriek neergezet. Aalbers Installatie uit NieuwBuinen heeft het installatiewerk gedaan en SRA Bolsward heeft onze olieketels geproduceerd.” Momenteel draaien de reactors onafgebroken. Blue Cycle voorziet in een groeiende behoefte naar de recycling van plastic afval, zeker nu China niet langer restafval uit andere landen aanneemt. „Maar ook buiten Nederland leeft deze behoefte sterk en is er veel belangstelling voor onze techniek. Daarom zijn we ook druk bezig met uitbreiding buiten de landsgrenzen. Plastic afval wordt doorgaans gezien als een probleem, maar vormt voor ons een waardevolle grondstof. Zo kunnen we bijdragen aan de nationale en Europese duurzaamheidsdoelen.” www.bluecycle.frl
ADVERTENTIE
Oldtimers 100 jaar drophistorie in Friesland De dropmakers in Jirnsum zijn trots op hun Oldtimers. In 2024 vieren ze 100 jaar vakmanschap en beleving. De geschiedenis begon in de van Slooten fabriek in Harlingen en Leeuwarden. Aandacht, vakmanschap, moderne techniek en teamgevoel bepalen de kwaliteit. Van Scheepsknopen en Zoute Ruiten tot Zoethouders en van Lievelingenmix tot seizoensmaken. En sinds dit jaar ook suikervrij.
Van Slooten suikerwerkfabriek aan de Emmakade in Leeuwarden Foto: Historisch Centrum Leeuwarden
Het gieten van het dropmengsel in de juiste Oldtimers vorm
Het toevoegen van een glanslaagje
Wat de dropmakers in Jirnsum kunnen, is niet vanzelfsprekend. Het vereist ervaring, overleg, korte lijnen, de lekkerste recepturen en meegaan met de tijd. De dropmakers vormen met hun collega- snoepmakers in Waddinxveen het familiebedrijf Concorp. Een bedrijf waar mensen met kennis en passie werken. Roelof de Jong, dropmaker in Jirnsum is al dertien jaar een van hen. „Zoals wij drop maken, kan alleen hier. Het is een mix van oude smaaktradities en de modernste technieken om het lekkerste dropje te maken. We kunnen snel schakelen en we kunnen bijzondere dingen, zoals drop voorzien van een poederachtige laag, een coating. Daarmee zijn we uniek. Het is een extra slag in de productie, maar het biedt heel veel mogelijkheden. Zo voegen we heerlijke karaktervolle smaken toe, zoals salmiakpoeder op de Salmiak Klinkers, een suikerlaagje op onze zomerse seizoensmaak Kokosdrop en stoofpeer- kaneel op onze nieuwste smaak van dit seizoen.”
Jullie seizoensmaken doen het goed? Amber Verschuur, brandmanager Oldtimers: „De kokosvariant was de eerste en die is goed in de smaak gevallen. Alle reden om door te gaan. Nu hebben we een oude klassieker opnieuw uitgevonden. Onze stoofpeerdrop combineert fantastisch met de specerijen kaneel en kardemom. Een echte herfstsmaak! Zo gaan we goed ons jubileumjaar in 2024 met Oldtimers in. We gaan natuurlijk verschillende extra’s doen, maar ik kan er nog niet alles over vertellen. We gaan door met de mixen van Oldtimers, want zowel de Lievelingenmix als de Favorietenmix zijn populair. We zijn een vernieuwend bedrijf dat in relatief kleine series met nieuwe producten kan experimenteren. De dropmixen zijn geliefd en vormen net als de Seizoensmaken een hele mooie aanvulling op het assortiment van Oldtimers.”
met verschillende bedrijven die smaak en beleving hoog in hun vaandel hebben, zoals Ruitenberg BasIQs. Uit deze samenwerkingen zijn een aantal bijzondere projecten ontstaan die we in 2024 gaan onthullen. Kun je een tipje van de sluier oplichten? Amber Verschuur: ''We geven ter ere van het jubileum de waarde en beleving van het merk Oldtimers extra aandacht, want de dropcategorie is rijp voor meer prikkels en sensatie!” Het is duidelijk Oldtimers ontwikkelt zich na 100 jaar nog iedere dag.
Even geduld nog! De afgelopen jaren zijn we gaan samenwerken
Drop is nostalgie en een heel bijzonder product. De vertrouwde smaak is nergens mee te vergelijken en vindt zijn oorsprong bij de zoethoutwortel die in Aziatische landen in het wild groeit. Oldtimers werkt veel samen met Ruitenberg BasIQs, een leverancier van zoethoutproducten. Met hun kennis over drop, komen er veel ideeën uit het droplab in Twello. Zo ook het jubileumdropje van Oldtimers ter ere van het 100 jarig bestaan. Het verleden is hiervoor een belangrijke inspiratiebron geweest. Op wereld drop dag in 2024 lanceert Oldtimers dit bijzondere product. Samen met gespecialiseerde historici werden droprecepten gevonden uit de 18e eeuw. Écht goede drop blinkt uit in z’n eenvoud, dat bleek ook hier weer. Roelof de Jong en Amber Verschuur
Suikervrij „Ook zijn we al jaren op zoek naar de beste suikervrije drop die aan onze smaakeisen voldoet. Hiermee kan iedereen van onze drop genieten, dus ook mensen die bewust met suiker omgaan. Daarom zijn we dit jaar ook gekomen met onze suikervrije lijn. Natuurlijk is het een uitdaging, van het zoeken naar de balans van smaak en beleving.” Roelof de Jong: „We werken vanuit de verschillende afdelingen aan deze introducties. Ieder levert vanuit zijn kennis een bijdrage aan een nieuw dropje of aan nieuwe smaken en uiteindelijk maken we proefseries die we allemaal proeven. Het is echt leuk om te doen, om te zien wat er bij komt kijken en hoe het product en de verpakking uiteindelijk worden.” Amber Verschuur: Op naar het jaar 2024, waarin unieke productlanceringen en nieuwe smaken centraal staan. Het experimentele zit in het karakter van Oldtimers. En dat blijven we graag uitdragen!” www.oldtimers.nl www.concorp.nl
ADVERTENTIE
Energietransitie zit in het DNA van Koninklijke Damstra De energietransitie heeft een diepgaande invloed op alle facetten van Koninklijke Damstra Installatietechniek in Driezum. Met ruim tweehonderd medewerkers en vestigingen in Leeuwarden, Groningen, Ameland en het hoofdkantoor in Driezum, is deze onderneming doordrongen van duurzaamheid. Ze weten er alles over diverse energiebronnen en de bijbehorende opslagtechnologieën. Deze testen zij eerst grondig op hun eigen locaties, pas daarna wordt het aan klanten geleverd en geïnstalleerd. Zo kun je erop vertrouwen dat je hoogwaardige apparatuur krijgt. energieopslag via lithiumbatterijen. We zien hierin een veelbelovende toekomst, vooral omdat er op korte termijn veel projecten zullen worden gerealiseerd met deze opslagtechnologie," vervolgt Sipma. "Wij kijken pragmatisch naar de best mogelijke oplossing voor elke situatie, aangezien elk bedrijf uniek is. We vragen altijd naar de langetermijnvisie van een bedrijf, aangezien we vaak voorzieningen realiseren die de onderneming klaarstomen voor de toekomst." Sipma, die 30 jaar oud is, volgt nauwlettend de ontwikkelingen op het gebied van duurzame energie, inclusief veranderingen in de overheidsregelgeving. Tegen 2030 moet elk bouwproject volledig energieneutraal zijn, en de wet- en regelgeving wordt strenger tegen 2025. Koninklijke Damstra is goed voorbereid, evenals op de aanstaande Wet kwaliteitsborging (Wkb), die tot doel heeft de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren. Pieter Harm Sipma Koninklijke Damstra is gespecialiseerd in het adviseren en implementeren van zo efficiënt en duurzaam mogelijke energieoplossingen voor bedrijven, met een focus op zonnepanelen en energieopslag. Deze energieopslag is essentieel, gezien de huidige overbelasting van het elektriciteitsnet, ook wel bekend als netcongestie. Koninklijke Damstra voorziet in alle behoeften met betrekking tot duurzame installaties, zoals zonnepanelen, warmtepompen, laadpalen en ledverlichting, zowel voor zakelijke als particuliere klanten. Energiebeheersysteem Damstra levert niet alleen duurzame producten maar biedt hun klanten ook de mogelijkheid om een Energie Management Systeem (EMS) te implementeren, dat in nauw overleg met de klant wordt aangepast. De slimme software van dit systeem ontwikkelt algoritmen en is gekoppeld aan de energiemarkt, waardoor het bedrijf met weersvoorspellingen kan werken. Dit stelt hen in staat om de energiebehoefte van een bedrijf te plannen voor de komende dagen, waarbij de dagen weekplanning van het wagenpark en de schommelingen in de energieprijzen op de markt in aanmerking worden genomen. Pieter Harm Sipma, die al elf jaar ervaring heeft als Projectleider Duurzame Energie binnen het bedrijf, vertelt dat deze divisie zelfs een zelfstandige BV is geworden om zich nog specifieker op duurzaamheid te kunnen richten. Koninklijke Damstra staat al dertig jaar bekend om zijn vooruitstrevendheid en heeft tal van opmerkelijke projecten gerealiseerd, waaronder de Gashouder in Sneek van Snakeware. Op het uitdagende, ronde dak zijn zonnepanelen op een innovatieve manier geplaatst, vergelijkbaar met het spel Pac-Man. "We gaan altijd graag de uitdaging aan om maatwerk te leveren," aldus Sipma.
Pioniers in duurzaamheid "Al in 1993 won Damstra de derde prijs in een wedstrijd van TNO in Delft, waar 58 bedrijven aan deelnamen, voor het ontwerpen van een warmtepomp. Sindsdien hebben we op diverse gebieden van duurzaamheid gepionierd, wat ons in staat stelt om onze klanten deskundig advies te geven en de voor- en nadelen van verschillende oplossingen te begrijpen, zodat we de meest geschikte oplossingen voor hun situatie kunnen aanbieden." "Zo beschikken wij zelf over een waterstofinstallatie en zijn wij bezig om overtollige energie van bijvoorbeeld zonnepanelen op te slaan in accu's. Ook testen wij zoutwaterbatterijen en zijn we actief betrokken bij
Zonnepanelen blijven aantrekkelijk voor particulieren Koninklijke Damstra heeft nog steeds aandacht voor de behoeften van particulieren, vooral wat betreft de aanschaf van zonnepanelen. In tegenstelling tot sommige marktpartijen blijven zonnepanelen een verstandige investering. Sipma benadrukt: "Dankzij de dalende prijzen van zonnepanelen, de stijgende elektriciteitskosten bij energieleveranciers en de nul procent BTWregeling op zonnepanelen, verdient u uw investering in zonnepanelen binnen ongeveer zeven jaar terug en profiteert u vervolgens minimaal achttien jaar van gratis stroom." damstra.nl
ADVERTENTIE
Resato Hydrogen Technology biedt banen met toekomst De ontwikkeling en bouw van waterstoftankstations neemt zo’n vlucht dat Resato Hydrogen Technology in Assen doorlopend nieuwe medewerkers zoekt. Daarom houdt het bedrijf vanavond weer een open sollicitatie-avond waar belangstellenden vrijblijvend kunnen kennismaken met het bedrijf en mogelijk toekomstige collega’s. Er zijn vacatures voor zeer uiteenlopende functies. Een eerdere open sollicitatie-avond was een groot succes en Resato hoopt vanavond minimaal hetzelfde te bereiken. „Toen kwamen er zo’n zestig bezoekers en zijn er tien nieuwe collega’s aangenomen’’, vertelt HR Manager Gina Maring. „Er werken nu al honderd mensen en in 2030 moeten dat er duizend zijn. Ten opzichte van januari dit jaar is het aantal medewerkers al bijna verdubbeld. Op de open sollicitatie-avond hopen we kennis te maken met mensen vanaf mbo niveau 4, die belangstelling hebben voor verschillende functies. We hebben assemblagemedewerkers nodig, maar ook installatiemonteurs, engineers, developers en collega’s voor sales en finance.’’ Aanjager Het is duidelijk: de ontwikkelingen op het gebied van waterstof volgen elkaar snel op en Resato Hydrogen Technology in Assen is daarin een belangrijke aanjager. Het is één van de drie BV’s van Resato International, specialist in hogedruktechnologie. In 2015 legde Resato contact met Carl Holthausen, die een waterstofauto had gebouwd maar nog geen oplossing had voor het tanken van waterstof. De kennis van Resato leidde tot de realisatie van de eerste zogeheten FOS (Fleet Owner Station) voor waterstofauto’s en later tot de FSS (Full Size Station) die ook in Den Haag staat. Bij een FSS kan men sneller tanken dan bij een FOS. Holthausen Energy Points opende in mei 2017. Dat wekte de belangstelling van Jan Paul Kerkhof, eigenaar van BP Kerkhof in Den Haag, die met succes subsidie aanvroeg voor de bouw van een waterstoftankstation en deze liet bouwen door Resato. „Dat tankstation werd in 2019 geopend en is inmiddels het best lopende waterstoftankstation van Europa’’, zegt Marketing Manager Jojanneke Dijkstra. „We bouwen inmiddels waterstoftankstations in diverse Europese landen, waaronder in Zweden. Daar verstrekt de overheid subsidies om rijden op waterstof te stimuleren en dat werkt. Het is het ‘kip en ei-verhaal’: de voertuigen worden pas verkocht als er getankt kan worden. We zien dat de ontwikkeling van waterstofvoertuigen nu ook versnelt.’’
Jojanneke Dijkstra (links) en Gina Maring
Dat tanken kan bij een waterstofauto snel. De tankervaring is volgens Resato vergelijkbaar met het tanken van fossiele brandstof. En terwijl de toekomst van mobiliteit in het kader van de energietransitie nog wel eens wat discussie oplevert, is het volgens Resato helemaal niet nodig om een ‘aanhanger’ van elektrisch of waterstof te zijn. Dijkstra: „We zijn ervan overtuigd dat het naast elkaar gaat bestaan. Wie nu kortere afstanden rijdt op benzine gaat waarschijnlijk elektrisch rijden, mensen die langere afstanden afleggen en nu kiezen voor diesel, kiezen straks waarschijnlijk voor waterstof.’’ In 2024 bouwt het bedrijf zestien waterstoftankstations, in 2025 zijn dat er 32 en zo neemt het aantal de komende jaren snel toe.
Langetermijnplanning Daar zijn mensen voor nodig die een bijdrage willen leveren aan die ontwikkeling. Gina Maring:”Bij een match bieden we een baan met toekomst. Bij onze order-intake en langetermijnplanning passen geen tijdelijke banen. Over het algemeen is een jaarcontract en daarna een vast contract al snel mogelijk. We hebben twee recruiters in dienst die zich volledig richten op het werven van nieuwe collega’s, die bij voorkeur uit de regio komen om kennis in de regio te behouden.’’ Er wordt dus gezocht naar Noorderlingen met uiteenlopende competenties en vaardigheden, maar in nieuwe collega’s wordt ook gezocht naar specifieke eigenschappen. „Bij sollicitaties houden we altijd onze kernwaarden in het achterhoofd. De eerste is ‘be passionate’. We zoeken mensen die gepassioneerd zijn over hun eigen vakgebied. De tweede kernwaarde is ‘team up’. We doen het samen en vieren successen ook samen. Verder hebben we mensen nodig die ergens hun schouders onder willen zetten, wij noemen dat ‘yes, we can’, om aan te geven dat we denken in mogelijkheden. De vierde kernwaarde is ‘be ambitious, aim high’. We zoeken mensen die voor zichzelf de lat hoog leggen en willen blijven leren. Tot slot is ‘work reliable’ natuurlijk belangrijk. We zijn betrouwbaar als het gaat om het nakomen van afspraken, maar ook ten aanzien van veiligheid. Dat vragen we ook van nieuwe collega’s.’’ Wie een carrrièrestap overweegt, is vandaag vanaf 16.30 uur van harte welkom bij Resato aan Duitslandlaan 1 in Assen. Er worden presentaties en rondleidingen gegeven en medewerkers van verschillende afdelingen vertellen graag hoe zij hun werk ervaren.
Werkzaamheden aan een zogeheten FOS op het terrein van Resato.
www.resato-hydrogen.com
ADVERTENTIE
De Sent Waninge Groep stapt over op elektrisch rijden De Sent Waninge Groep heeft de knoop doorgehakt: de drie transportbedrijven die onder de groep vallen gaan stevig verduurzamen. Over twee maanden beginnen de graafwerkzaamheden voor de verzwaarde stroomaansluiting van 3 megawatt voor het opladen van elektrische vrachtwagens. De eerste elektrische vrachtwagen is besteld, volgend jaar volgen er nog drie.
Onder de Sent Waninge Groep, gevestigd in Hoogeveen, vallen de transportbedrijven Sent Waninge Transport, DGO Express en Transpa Emmen. Het zijn drie zelfstandig opererende bedrijven, waarbij overkoepelende zaken zoals HR, Finance, IT en verduurzaming gezamenlijk worden opgepakt. De keuze voor elektrische voertuigen leidt intern tot enthousiasme. ,,Het geeft een enorme boost, want het is een belangrijk en interessant thema om mee bezig te zijn’’, zegt Anouk Waninge van het projectteam elektrificatie bij de Sent Waninge Groep. ,,Het is een flinke klus en het vergt forse investeringen, maar we zijn overtuigd van ons langetermijnplan en blij om de eerste stappen te kunnen zetten. De planning is dat de laadvoorziening voor vrachtwagens medio volgend jaar klaar is voor gebruik. Tegen die tijd wordt ook de eerste elektrische vrachtwagen geleverd. We beginnen deze transitie met het wagenpark van DGO Express omdat de chauffeurs afstanden rijden die met de huidige actieradius van een elektrische vrachtwagen goed mogelijk is. In 2035 moeten alle zestig voertuigen van DGO Express elektrisch zijn.”
‘Samen met anderen kunnen we de verduurzaming versnellen’ Jorn Waninge deelt haar enthousiasme. ,,De Sent Waninge Groep is een familiebedrijf, Anouk en ik zijn de vierde generatie. In een familiebedrijf denk je automatisch aan de generaties voor en na jou. Dan is verduurzaming een logische stap richting de toekomst van het bedrijf en de wereld om ons heen. De huidige tijd vraagt om verduurzaming en het is belangrijk voor de continuïteit van ons bedrijf. We zien het als een kans om een belangrijke bijdrage te leveren aan een vermindering van de CO2-uitstoot en daarmee ons steentje bij te dragen aan een duurzame toekomst.’’ CO2-besparing Voor de Sent Waninge Groep werken 300
Jorn en Anouk Waninge voor de vrachtwagens van de drie transportbedrijven. medewerkers en rijden 150 voertuigen. DGO Express gaat de eerste vier elektrische vrachtwagens zowel overdag als ’s nachts inzetten, waarmee een verwachte CO2-besparing van circa 300.000 kilo per jaar wordt gerealiseerd. De stroomvoorziening van 3 megawatt die bij DGO Express aan De Stroom in Hoogeveen wordt aangelegd, is op termijn uit te breiden, maar vanwege netcongestie is dat nu nog niet aan de orde. Herman Weringa, directeur van DGO Express: ,,We hebben de laatste beschikbare ruimte op het elektriciteitsnet in Hoogeveen en zijn met de lokale politiek in gesprek om die ruimte te kunnen delen met andere bedrijven. Zij lopen tegen dezelfde uitdagingen aan: investeren in elektrische voertuigen heeft alleen zin als je ze ook kunt opladen. Nu wij voor onszelf de oplossing hebben gevonden, bieden we anderen ook graag de mogelijkheid om van ons laadplein
voor vrachtwagens gebruik te maken. Zo kunnen we samen de verduurzaming versnellen.’’ De drie zien in het kader van de energietransitie een grotere bereidheid tot samenwerken en nemen daarin graag een voortrekkersrol. De Sent Waninge Groep is één van de eerste transportbedrijven in de regio die op deze schaal verduurzaamt en hoopt andere ondernemers te inspireren en kansen te bieden. Verduurzaming doorzetten Sent Waninge Transport vervoert met name verpakkingsmiddelen en hygiëneproducten en heeft ruim 30.000 vierkante meter warehouseruimte voor opslag. DGO Express richt zich op 24-uurs distributie in de Benelux en verhuizingen voor bedrijven en particulieren. Transpa Emmen verzorgt het transport van bloemen en planten in Nederland en Duitsland. ,,We verwachten de verduurzaming ook binnen afzienbare tijd bij Sent Waninge Transport en Transpa Emmen door te kunnen zetten. Bij deze bedrijven worden meer kilometers gereden dan bij DGO Express. De ontwikkeling van de actieradius van elektrische vrachtwagens is daarom van belang. Ook spelen de kosten een belangrijke rol. Een elektrische vrachtwagen kost al gauw 3,5 keer zoveel als een dieselvoertuig. Uiteindelijk zijn we op zoek naar een manier om transport aan te bieden voor een acceptabele prijs. Gelukkig vorderen de technologische ontwikkelingen snel en zien wij de schaalbaarheid positief in, waardoor we de gewenste verduurzaming ook hier realistisch achten. Daarnaast kan de optie waterstof op langere termijn mogelijk van toegevoegde waarde zijn.” Wie geïnteresseerd is in de mogelijkheden van zero-emissie transport, kan vrijblijvend contact opnemen via zero-emissie@sentwaninge.com
De Sent Waninge Groep heeft diverse crossdocks en veel ruimte voor opslag.
www.sentwaningegroep.nl
ADVERTENTIE
Bijzondere projecten zien levenslicht bij Talsma Shipyards Van de bouw van sloepen en luxe superjachten tot de restauratie van historische (zeil)schepen en zelfs vuurtorens; Talsma Shipyards in Franeker mag zich met recht veelzijdig noemen. Zoals het een ondernemer betaamt, bouwt directeur Jelle Talsma aan de toekomstbestendigheid van het bedrijf, maar dat is niet louter vanuit commercieel oogpunt. Hij geniet oprecht van wat er op de werf het levenslicht ziet.
Jelle Talsma De oprichting van Talsma Shipyards was feitelijk een praktische oplossing. Jelle Talsma handelde in historische schepen en besteedde het restauratiewerk uit aan een werf. Toen die stopte, besloot Talsma zijn eigen werf te beginnen. „Ik kom uit de metaal en bouwde vroeger ook schepen”, zegt hij. „Daarnaast houd ik van een uitdaging, ik mag graag iets nieuws creëren.” Tel daarbij zijn liefde voor schepen en metaalwerk op, en je hebt een uiterst vruchtbare bodem. Van superjacht tot vuurtoren Talsma Shipyards is anno 2023 dan ook een werf die internationaal naam heeft gemaakt op het gebied van nieuwbouw, reparatie, refit en restauratie. De meest uiteenlopende projecten worden bij Talsma Shipyard volbracht: van een sloep repareren tot een historisch schip restaureren en luxe superjachten bouwen. „Refit is een belangrijke tak binnen ons bedrijf”, vertelt Talsma. „Oftewel schepen verlengen, ombouwen of voorzien van elektrische aandrijving. Juist omdat we sterk zijn in zowel repareren als nieuwbouw, zijn we ook goed in refit. Ben je alleen gespecialiseerd in nieuwbouw, dan heb je weinig kennis van het uit elkaar halen van een schip. Die kennis hebben wij wel.” Behoud van erfgoed Bij Talsma Shipyards maken ze ook weleens uitstapjes naar compleet andere projecten. Zo hebben ze de graanelevator van het Maritiem Museum Rotterdam gerenoveerd, evenals de monumentale vuurtoren van Durgerdam. Op de plank ligt nog de restauratie van een radar uit de Tweede Wereldoorlog voor het Bunker Museum Terschelling. Waarom dit soort projecten? „Vanwege het behoud van erfgoed. En we vinden het mooi om kennis en kunde over te dragen.” De ervaring van de metaalbewerkers is cruciaal om de projecten tot een succes te brengen.
Minstens zo belangrijk zijn de werkvoorbereiders en planners. Talsma verwijst naar een casco van een superjacht die momenteel in een van de vier constructiehallen die het bedrijf rijk is. Liefst 55 meter lang. Elders op de werf ligt nóg een casco van 55 meter, plus een van 36 meter en een van 16 meter. „In dit soort projecten zitten veel uren. Een nauwkeurige planning is belangrijk om de opleverdatum te halen.” Snijwerk voor scheepswerven Die punctuele planning zie je ook bij Structal Metalworks, het andere bedrijf van Jelle Talsma. Daar worden metalen gesneden. Verder kunnen ze metalen in 3D-vormen persen, een stukje vakmanschap dat volgens Talsma niet overal is te vinden, maar waar wel veel vraag naar is. Waarom Talsma Structal is begonnen? „Als werf ben je een zeer kritische klant voor metaalsnijders. Logisch, want je hebt veel nodig en het moet allemaal op een bepaalde volgorde en planning worden geleverd. We weten hoe het op een scheepswerf werkt, daardoor kunnen we met Structal niet alleen onze werf maar ook andere werven goed bedienen.” Trotse scheepsbouwers Met de vele variatie qua werkzaamheden hoeft het 155-koppige team zich niet te vervelen. Talsma ziet het enthousiasme waarmee zijn collega’s werken. „Ik heb veel aanwas van jonge lui die heel enthousiast worden van mooie dingen maken. Ze zijn ook trots op wat ze maken. Hebben ze bijvoorbeeld meegebouwd aan een schip, of een schip gerestaureerd, dan kijken ze op de app Marinetraffic om te zien waar op de wereld ze nu vaart.”
uitvoeren, kunnen ze kiezen wat bij hen past. We zoeken nog mensen, dus ik wil jongeren echt uitnodigen om hier eens te kijken. Bij ons zijn ze gegarandeerd van werk, juist omdat dit bedrijf bestaat uit verschillende pijlers.” Goede relaties Ook de reputatie draagt bij aan de stabiliteit van het bedrijf. Vraag je Talsma om bijzondere projecten, dan noemt hij allereerst het feit dat ze al ruim 20 casco’s voor Heesen Yachts in Oss hebben gebouwd en 50 casco’s voor Damen Shipyards. „Dat zijn hoogtepunten omdat het laat zien dat we een betrouwbare partner zijn en een goede relatie opbouwen met onze klanten. We leren onze klanten goed kennen, verplaatsen ons in hen waardoor we efficiënt voor ze kunnen werken.” Die lijn hoopt Talsma, nu 59, door te zetten alvorens hij het stokje doorgeeft aan zijn opvolger. Of opvolgers. „Het bedrijf is redelijk groot, maar bestaat uit verschillende disciplines. Hierdoor kun je op elke pijler een manager zetten met daarboven een algemeen directeur. Dat is een optie. Hoe dan ook, de komende jaren ligt mijn focus op het overdraagbaar maken van het bedrijf.” Niet dat hij de indruk geeft al te willen stoppen. Elke werkdag begint Talsma met een rondje over de scheepswerf. Om de status van de verschillende projecten te zien, maar vooral omdat hij het prachtig vindt om te aanschouwen hoe projecten groeien. „Ik heb best een mooie hobby.” talsmashipyards.nl
Talsma vindt het prachtig om jongeren te enthousiasmeren voor het werk. „Voor jeugd heeft de scheepsbouw zoveel te bieden. En juist omdat we hier zoveel verschillende werkzaamheden
ADVERTENTIE
Vriezon, betrokken partner voor energie en warmte Vriezon in Leeuwarden is vooral bekend van het aanbrengen van pvinstallaties. Maar in de wereld van energie en warmte, zijn zonnepanelen een deel van het geheel. In de energietransitie draait het steeds meer om kennis, integrale oplossingen en samenwerking op het gebied van energie en warmte, zeggen Jan Slager en Gerrit Winius.
Gerrit Wierd Winius, Jan Slager, Dylan Bakker ; foto door Daan de Schiffart Vriezon is vooral actief in de business-tobusinessmarkt. Bouwers, corporaties en ontwikkelaars, maar ook gemeenten doen steeds vaker een beroep op de kennis en kunde van het Leeuwarder familiebedrijf. „Van het projectmatig aanbrengen van pv- installaties op grote daken, zijn we de afgelopen jaren steeds meer gegroeid naar het leveren van oplossingen bij het verduurzamen van bedrijfsgebouwen en woningen”, stelt Jan Slager, algemeen directeur van Vriezon. „In de verduurzaming van gebouwen draait het steeds vaker om combinaties van energie en warmte. Die verduurzaming wordt steeds urgenter en mensen doen steeds vaker een beroep op ons wordt gedaan om vanuit onze kennis en ervaring mee te denken voor integrale oplossingen. Het helpt dat we zelf veel stappen hebben gezet naar verduurzaming van ons eigen pand en in eigen huis proefondervindelijk kunnen meten en testen.” Veelzijdig Vriezon Het pand van Vriezon op De Hemrik is gasloos, heeft een eigen pv- installatie op dak, er staat beneden een eigen batterijopslag en er wordt verwarmd met infrarood. Gerrit Winius, projectleider en calculator van Vriezon: „Door zelf keuzes te maken, in eigen huis te gaan testen en meten wat er allemaal in de praktijk gebeurt, leren we iedere dag meer over de effecten van combinaties van energie en warmte. Doordat je die kennis in huis hebt en door de projectervaringen die je opdoet, kun je ook advies geven en wordt je partner in de samenwerking met andere bedrijven en partijen om slimme oplossingen te bedenken. Nu zijn warmte en energie meestal nog gescheiden systemen, omdat we warmte in hoofdzaak nog aan gas is gebonden. Straks zullen warmte en energie steeds vaker dezelfde bron hebben en daarmee wordt een
integrale systeemaanpak van warmte en energie noodzaak. Kennis delen, nieuwsgierigheid, lerend vermogen en samenwerken wordt steeds belangrijker. Dat geldt voor ons als bedrijf en voor de mensen die bij Vriezon werken. De installateur van nu is steeds veelzijdiger en steeds vaker bekend met allerlei verschillende systemen. Het is een weg die we met plezier inslaan, omdat Vriezon steeds meer inhoudelijk en in een vroeg stadium vanuit passie en praktische kennis betrokken is bij het meedenken over oplossingen over energie- en warmtevraagstukken.” Jan Slager: „Veiligheidsnormen als NEN 1010 en Scope 12 zijn voor Vriezon wezenlijk om aan te willen voldoen en dat betekent veel aandacht voor het kennisniveau van onze mensen. Inspectie en keuringen van elektrische en pv- installaties worden steeds belangrijker. Ook daarom hechten we veel waarde aan een vast eigen team van vakmensen, die we in hoge mate zelf opleiden. Zorgen voor elkaar en dingen samen doen past binnen dit familiebedrijf, binnen een bedrijfstak die alleen maar groeit en diverser wordt en steeds meer mensen perspectief biedt.” De kunst van het peakshaven Jan Slager en Gerrit Winius zijn hoopvol over de vele mogelijkheden die energietransitie biedt. Jan Slager: „Op De Hemrik bijvoorbeeld, hebben we ons eigen E-team voor het bedrijventerrein. We zijn met elkaar bezig om te kijken wat er speelt in energiebehoefte. Wie heeft wanneer energie nodig, wie verbruikt wat, wie wil of moet uitbreiden, wat betekent dat , zijn er ook andere opties? Is capaciteitsuitbreiding altijd noodzakelijk? Aan de ene kant leer je heel veel door slim te monitoren met behulp van sensoren en zo de energiebehoefte van bedrijven te managen. In een aantal gevallen leert het dat je
bijvoorbeeld beter kunt investeren in het zelf opslaan van energie, dan in netuitbreiding. Je maakt dan gebruik van het zogeheten peakshaven: met behulp van een batterij vlak je de piekmomenten in verbruik af. Je bespaart daarmee direct op je aansluitcapaciteit en dus op je netwerkkosten. Daarnaast kun je dezelfde batterijopslag inzetten om wel voldoende energie te hebben tijdens de piekmomenten in je bedrijf. Samenwerken in dit soort ervaringsprojecten loont. Het voorkomt in een aantal gevallen dat de schop in de grond moet. En eerlijk is eerlijk: de belangrijke boodschap blijft dat we met z’n allen nog nadrukkelijker moeten kijken naar het besparen van energie en warmte. Dat moet altijd de eerste stap zijn. Minderen in gebruik moet vaker de mindset zijn. Sensortechnologie, maar ook artificial intelligence kan daarbij heel behulpzaam zijn, zowel in het bedrijf als thuis. Het leert je bijvoorbeeld feilloos je eigen gedrag te analyseren en van daaruit de beste keuze te maken om – een heel simpel voorbeeld- op een ander tijdstip dan je altijd deed, je vaatwasser aan te zetten.” Betrokken adviseur Gerrit Winius: „Naast besparing zal het de komende jaren steeds vaker gaan over de relatie tussen de opwek en het verbruik van energie. De kennis, de techniek en de technologie gaan met sprongen voorwaarts, zodat we vaker integrale oplossingen kunnen ontwerpen en installeren. Met Vriezon zetten we daarom vol in op de rol van betrokken adviseur, installateur en samenwerkingspartner voor energie en warmte in voor mkb-bedrijven, (woning)corporaties en overheden.” www.vriezon.nl
ADVERTENTIE
Unieke aanpak leidt tot sterke groei Agrarische producten, (vloeibare) zuivel, veevoer, gekoelde foodproducten, meel; we zijn op Texel, op bezoek bij het hoofdkantoor van AB Texel Group. De transportonderneming is actief in West-Europa, inclusief Groot-Brittannië, en noemt zich een betrokken en betrouwbare partner. Alle bedrijven van AB Texel Group hebben hun eigen specialisme, zodat ze kunnen inspelen op de unieke transportvraag van elke klant. „We kruipen diep in de huid van de klant”, zegt CEO Dennis Wetenkamp. „Daardoor kunnen we onze klanten maximale performance bieden.”
Op het moment van gesprek is het onstuimig op Texel en dat past uitstekend bij de situatie waarin AB Texel Group zich bevindt. De organisatie groeit zowel organisch als door overnames behoorlijk snel en volgens Wetenkamp is het einde van die groei nog niet in zicht. „Ik verwacht ook in 2024 weer de nodige overnames, zowel in Nederland als daarbuiten.” Dat vertaalt zich uiteraard ook in het aantal medewerkers, dat momenteel op een kleine 3.000 zit. „We hebben ruim 1.750 trucks op de weg, ook daarin maken we een vrijwel continue groei door.” Partnership De aanpak van AB Texel Group is uniek. Met elke klant wordt een partnership aangegaan, geeft Wetenkamp aan. „Dat betekent dat we waar mogelijk integreren met klanten. Zo zijn er medewerkers van AB Texel Group bij klanten actief, zodat we optimaal kunnen inspelen op wensen en eisen van de klant. Goed luisteren is daarin cruciaal. De wensen van de klant staan altijd centraal. En omdat geen bedrijf hetzelfde is, bieden wij logistieke dienstverlening op maat, afgestemd op de behoefte van elk individueel bedrijf. Daardoor is de klant altijd verzekerd van transport en blijft het productieproces soepel doorlopen.” Bijkomend voordeel is dat AB Texel Group mede dankzij de omvang flexibel is. „We kunnen dankzij ons dichte netwerk snel een eenvoudig op- en afschalen”, geeft Wetenkamp aan. Data Om de transportbewegingen zo optimaal mogelijk in te richten, maakt AB Texel Group gebruik van data. „Daardoor heeft de klant altijd realtime inzicht in het logistieke proces en kan er waar nodig bijgestuurd worden. Immers, iedereen heeft er baat bij dat het transport zo efficiënt mogelijk wordt ingericht.” Sterker nog, AB Texel Group kan zelfs de planning voor de bevoorrading van klanten overnemen. „Dan ben je dus in bedrijfsprocessen aan het integreren. De klant heeft er geen omkijken meer naar en kan volledig vertrouwen op de expertise van de AB-experts.” Milieu Samen met klanten wil AB Texel Group zich inzetten voor het milieu. Wetenkamp:„ We hebben een jong wagenpark, trucks die allemaal aan de hoogste milieuklassen voldoen. Daarnaast gebruiken we waar mogelijk alternatieve brandstoffen en werken we continu aan netwerkoptimalisatie, waardoor we het aantal
AB Texel Group in de maatschappij AB Texel Group heeft samen met Royal Aware een stichting in het leven geroepen – Stichting A-wareness – die projecten in de buurt van de vestigingen in binnen- en buitenland ondersteunt. Projecten gericht op mensen die een steuntje in de rug kunnen gebruiken. Voorbeelden zijn een onbezorgd dagje naar de dierentuin voor gezinnen die het niet breed hebben, borrelhapjes voor een feestelijke middag in een verzorgingshuis of lekkere drinkzuivel bij een rondleiding met de klas op een melkveehouderij.
Dennis Wetenkamp kilometers dat gereden moet worden zoveel mogelijk beperken.” Niet voor niets heeft AB Texel Group een groene stip in het logo. Deze symboliseert de inspanningen voor duurzamer transport en een beter milieu. „We nemen onze klanten daarin zoveel mogelijk mee”, vertelt Wetenkamp. „Maar ook onze chauffeurs maken we bewust van het feit dat hun rijstijl bijdraagt aan minder uitstoot. Chauffeurs volgen daarvoor een cursus zuinig rijden.” Verder maakt AB Texel Group zoveel mogelijk gebruik van elektrisch aangedreven hulpmiddelen, zoals onderlossers, kooiapen en koeltrailers. Maar, het beperken van lege kilometers heeft natuurlijk de meeste impact op
de CO2 uitstoot. En ook daar biedt de schaalgrootte van AB Texel Group weer voordelen. Immers, de organisatie kan haar transportvloot zo efficiënt mogelijk inzetten, waardoor het aantal lege kilometers zoveel mogelijk kan worden beperkt. Data-analisten van AB Texel Group brengen verder de beladingsgraad van de opleggers in kaart, waarmee zij medewerkers kunnen adviseren bij het maken van planningen en mogelijke optimalisatie van de belading. Door bewust te kiezen om marktleider te zijn in nichemarkten, onderscheidt AB Texel Group zich in de markt. En dat beginnen steeds meer klanten in de genoemde sectoren te ontdekken. www.abtexelgroup.com
ADVERTENTIE
De circulaire weg van IdFrm: samenwerking in korte ketens De duurzame betekenis van goed licht is groot. Het gaat over geld, licht, energie en onderhoudskosten besparen, over hergebruik van materialen en minder afval, over ieders gezondheid, over korte ketens en Friese maakindustrie. Licht, lichtplannen en realisatie: het domein van Jan Adema van IdFrm in Leeuwarden.
Het imposante hoofdgebouw van NHL Stenden Hogeschool aan de Rengersweg in Leeuwarden is een aaneenschakeling van talloze verkeersruimten, leslokalen en studiezalen voor duizenden mensen. Een bijenkorf vol energie. Licht heeft er grote betekenis. Het samenspel van het telkens veranderende licht van buiten is er uitgebalanceerd met het automatisch aangestuurde licht binnen met behulp van sensoren in de led- technologie van IdFrm. „Het is een samenspel van alle soorten licht, binnen en buiten, dat voortdurend op elkaar wordt afgestemd”, vertelt Jan Adema van IdFrm uit Leeuwarden. „Zodra er veel zonlicht is, dimmen de armaturen door gebruik te maken van daglichtsensoren: dat alleen al bespaart veel energie. Dat samenspel mogen maken voor een klant, is natuurlijk geweldig. Je kunt laten zien wat er vandaag de dag mogelijk is. En het toont vooral aan hoe groot de totale bijdrage is aan de verduurzaming van een pand. Ledarmaturen met een levensduur van meer dan 100.000 uur: die gaan dus , bij een gemiddeld aantal branduren van 3000 uur per jaar, heel erg lang mee. We hebben hier bijvoorbeeld ook veel armaturen kunnen hergebruiken en we hebben de drivers van de lampen, het meest gevoelige deel van ledarmaturen, centraal geplaatst waardoor die gemakkelijk vervangen kunnen worden. Daardoor heb je ook daar weer lagere service en onderhoudskosten; tel dat op bij de extreem lange levensduur en je bespaart aanzienlijk. Niet alleen dat: licht is dankzij technologie aan te passen aan de functie van een ruimte: kouder of warmer. Het draagt in hoge mate bij aan een beter gevoel, aan betere concentratie en een fijne beleving. Goed licht is essentieel voor je welbevinden. Misschien is het minder makkelijk meetbaar, maar niet minder belangrijk, zeker in het onderwijs.” Innovatie IdFrm : LED met sterk verbeterde efficiëntie Om de voordelen van goed licht optimaal te benutten, is een goed advies en een zorgvuldig opgesteld lichtplan het begin verduurzaming, van veel lagere investeringen en lagere onderhoudskosten. De directe besparing op de energielasten is een belangrijke en goed realiseerbare factor in de stap naar het verduurzamen van gebouwen. „We hebben een nieuwe led-technologie ontwikkeld met een verhouding van 215 lumen per watt. Ten opzichte van ‘oudere’ led-technologie van bijvoorbeeld 100 tot 140 lumen per watt een extra besparing van zo’n zestig tot honderd procent. Tel daarbij dat deze ledlampen 100.000 uur of langer meegaan: dan bespaar je over de jaren heen dus heel veel geld. Een veel langere levensduur, veel betere lichtopbrengst, een veel lager energieverbruik, kosten voor onderhoud en vervanging en dus ook minder transport (CO2 reductie) en afval over de jaren heen. Juist nu alle TL buizen worden uit gefaseerd het juiste tijdstip voor lokale overheden en bedrijven om met ons in gesprek te gaan.” Het project binnen NHL Stenden Hogeschool is mooie samenwerking geworden van verschillende partijen, vertelt Jan Adema. Met de facility managers, huisinstallateur BAM en met
Jan Adema studenten techniek van collegaonderwijsinstelling Firda in Leeuwarden. „Het mooie is dat we hier de zij-instromers van hun technische opleiding kennis konden laten maken met de praktijk van ledtechnologie. Bedrijven en mensen uit de buurt, korte lijnen en een prachtig project met goed resultaat. Wij doen het hele traject van ontwerp tot uitvoering en de realisatie in goede samenwerking met de (huis)installateur. Uiteindelijk gaat het er om dat je voor je klant realiseert wat je hebt geadviseerd en afgesproken. Goede samenwerking en afstemming met andere partijen is daarin noodzakelijk.” Lokaal gemaakt Kan ik bestaande armaturen ombouwen naar led? „Dat is een van de grote voordelen van het gebruikmaken van ledtechnologie. We doen dat waar mogelijk, omdat het de investeringen verlaagt en je direct een slag maakt in hergebruik. Het draagt bij aan het circulair maken van licht. Bestaande armaturen hergebruiken, doen we vaak. Van de bestaande armaturen vervangen we de binnenwerken door nieuwe led- en drivertechnologie, in eigen huis of met andere lokale bedrijven. In coronatijd hoorde ik iedereen over het idee dat we vooral weer meer zelf moesten maken: wij doen het. Led- technologie uit Friesland. Een korte keten, lokale werkgelegenheid, weinig transport, weinig uitstoot. En waar mogelijk hergebruiken we materiaal, ook dat draagt bij aan kostenbesparing en aan het verminderen van grondstoffen en
afval. Zo gaan we straks ook aan de slag met de bestaande stadionlampen van sc Cambuur. Die verhuizen uiteindelijk mee naar het nieuwe stadion, maar we bouwen ze eerst helemaal om naar IdFrm led. Voor nieuw licht en een veel langere levensduur tegen veel lagere energie- en onderhoudskosten.” Samen vernieuwen Je krijgt er energie van wil Jan Adema maar zeggen. „Dat merk ik ook in de samenwerking met heel veel andere bedrijven en organisaties binnen Circulair Friesland en Freonen van Fossielfry Fryslân. We kunnen veel van elkaar leren, er heerst altijd nieuwsgierigheid naar wat er meer kan en wat dat zou kunnen betekenen voor de wereld om je heen. Je deelt informatie met elkaar en brengt elkaar op ideeen, je komt tot vernieuwing. Ik heb dat ook gezien tijdens de Friese samenwerking op de internationale bouwbeurs BAU in München afgelopen april. Met elkaar hebben we innovatie en circulariteit onder de aandacht gebracht. En daar heb ik mede dankzij architect Doeke van Wieren (TWA architecten) en Edwin van Maanen van Nedcam geweldige nieuwe mogelijkheden ontdekt over de vormvrijheid van 3-d ontworpen bouwcomponenten. Zo kom je iedere dag verder met elkaar. Lokaler, duurzamer, meer circulair. Ook als je goed licht wilt…” idfrm.nl
ADVERTENTIE
Uitzenden én opleiden in transport en logistiek Uitzendbureau Flexibel Transport en Opleidingen richt zich volledig op het koppelen van werknemers en werkgevers in de transportsector. De meeste werknemers zijn chauffeurs, maar ook andere vacatures bij transportbedrijven worden vervuld. Daarnaast verzorgt het bureau, dat sinds anderhalf jaar gevestigd is in Nieuw-Amsterdam, verschillende opleidingen. ,,We bieden opleidingen aan chauffeurs en toekomstige chauffeurs, zoals Code 95, ADR en geconditioneerd vervoer, maar ook VCA en BHV aan mensen die in andere sectoren werkzaam zijn’’, vertelt Yvonne Visser, binnen Flexibel Transport en Opleidingen verantwoordelijk voor alle aspecten van opleiden. ,,De komende jaren
Een deel van het team van Flexibel Transport. Van links naar rechts: Yvonne Visser, Mieke Prins, Dorien Sportel, Stephanie Lankreijer en Sharon Koopmans-Bouman.
hebben we grootse plannen met dit onderdeel van het bedrijf en de eerste stappen zijn al gezet’’, vervolgt eigenaar en oprichter Mieke Prins. ,,In ons huidige pand hebben we een ruim leslokaal en in 2024 hopen we de praktijklessen van Code 95 ook zelf te kunnen verzorgen. De ultieme toekomstdroom is een eigen rijschool. Via de website ikwordvrachtwagenchauffeur.nl kunnen zij- en doorstromers zich aanmelden om via ons opgeleid te worden. Ze gaan dan via ons aan het werk in de loods van Hartman Expeditie en volgen daarnaast rijlessen bij een externe partner. De komende jaren hopen we de droom van een eigen rijschool in vervulling te laten gaan.’’ Het leslokaal is overigens te huur, bijvoorbeeld voor vergaderingen, trainingen, coaching en lezingen, eventueel compleet met catering. Groei Flexibel Transport werd in 2014 door Mieke Prins opgericht als zelfstandig bedrijf naast Hartman Expeditie, het bedrijf van haar partner Ronald Hartman. ,,Ik was bij Hartman Expeditie verantwoordelijk voor HRM. Vanuit die functie ontstond het idee om een eigen uitzendbureau op te richten, uitsluitend voor de transport en logistiek. Dat begon aan de keukentafel en groeide uit tot een bedrijf met ruim 150
werknemers bij verschillende opdrachtgevers. Voor Hartman Expeditie verzorgen we nog steeds de HRM en ook van andere opdrachtgevers nemen we dat takenpakket graag over.’’
Goed zorgen voor onze werknemers staat voorop Uitzendkrachten staan op de loonlijst bij Flexibel Transport en velen willen dat zo houden als ze na 78 weken recht hebben op een vast contract bij de opdrachtgever. ,,Dat is natuurlijk een groot compliment, ze vinden ons een goede werkgever. Alles staat bij ons in het teken van goed zorgen voor onze werknemers. We werken conform de CAO beroepsgoederenvervoer en werknemers bouwen vanaf hun eerste werkdag al pensioen op bij pensioenfond vervoer. Verder maken we geen onderscheid tussen uitzendkrachten en vaste medewerkers. Voor onze planners is dat verschil ook niet zichtbaar. Zij zorgen ervoor dat iedereen op de juiste plek zit en dat het werk gedaan wordt.’’ ikwordvrachtwagenchauffeur.nl flexibeltransport.nl
ADVERTENTIE
‘Jouw werkgeluk, onze prioriteit’ Zo luidt de slogan van MRM, een intermediair voor het ruimtelijk en sociaal domein. De organisatie werkt samen met talloze opdrachtgevers binnen de (semi)-overheid en wordt nauw betrokken bij het invullen van tijdelijke en/of vaste formatieplekken. MRM noemt zich een nuchtere organisatie, waar werkplezier en denken in mogelijkheden voorop staat. Om daar een tastbare invulling aan te geven, onderschrijft MRM 3 duurzame ontwikkelingsdoelen die in 2015 door de Verenigde Naties zijn opgesteld. „Die doelen zijn nadrukkelijk onderdeel van ons beleid”, zegt Menno van der Keur, directeur bedrijfsmanagement. „Toen we de drie doelen selecteerden, hebben we bewust gekeken naar de positieve impact die ze op de mens en de maatschappij hebben. Zo zijn we bij doel 4, goede kwaliteit van onderwijs, doel 8, goede banen, duurzame economische groei en eerlijke verdeling van de welvaart en doel 11, duurzame, veilige en veerkrachtige steden, uitgekomen. Deze doelen sluiten goed aan bij wat MRM doet.” Onderdeel worden Een doel uitkiezen is één, maar dan begint het pas. Het moet onderdeel worden van de bedrijfsvoering. Van der Keur:„ We detacheren niet alleen mensen, we leiden ze ook op. Ook zijinstromers en mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt krijgen kansen bij MRM. Daarnaast maken we studenten bekend met de carrièrekansen in de publieke sector. Op die manier zijn we bezig met waardig werk. We zitten bij interessante klanten, waardoor we mensen aan leuke opdrachten kunnen helpen.” Werk doen waar je gelukkig van wordt, dat vindt MRM belangrijk. „Werk heeft impact op mensen, je ziet je collega’s soms meer dan je eigen familie. Daarom zijn we bezig met persoonlijke aandacht, met aandacht voor elkaar. We brengen mensen
vitaliteit te bevorderen en gebeurt dat ook. Kortom, we denken mee en zijn meer dan CVschuivers.” Niet voor niets is MRM bezig om in de nabije toekomst een vitaliteitscoach en een bedrijfspsycholoog aan het arbeidsvoorwaardenpakket toe te voegen.
Robin Broekema (l) en Menno van der Keur
met elkaar in contact, wat leidt tot kennisoverdracht. Op die manier creëer je meerwaarde.” Vitaliteit „Verder vinden we vitaliteit belangrijk, een goede arbeids-rustverhouding leidt tot tevreden medewerkers. Wij zitten regelmatig met de medewerker en de werkgever om tafel, om dit proces te bespreken. Wat moet er gebeuren om de
Omdat de professionals in heel Noord-Nederland actief zijn, maken ze vaak veel kilometers. MRM probeert te stimuleren om over te stappen op elektrisch rijden. „Van ons wagenpark rijdt 97 procent elektrisch, dat doen we bewust en zien we ook als onderdeel van onze VN-doelen.” Voorop lopen Van der Keur merkt dat MRM zich met de VNgoals kan onderscheiden. „Dat is geen doel op zich, maar we zien wel dat steeds meer opdrachtgevers kijken naar wat je doet op het gebied van duurzaamheid en maatschappij. MRM wil daarin voorop lopen, omdat het goed is voor de maatschappij, maar zeker ook voor de samenwerking met de mensen die we detacheren.” www.mrm.nl
ADVERTENTIE
Water voor later Hoe zorgen we dat er ook in de toekomst voldoende schoon water beschikbaar is? Waterschap Noorderzijlvest en North Water werken samen met een aantal partners aan een oplossing. Via onderzoeksproject REGAIN wordt gezuiverd afvalwater zoveel mogelijk ontdaan van medicijnresten. Dat extra gezuiverde afvalwater kan dan als bron dienen voor industriewater, zodat drinkwaterbronnen beschikbaar zijn voor drinkwater. water in droge tijden. In onze landschapsinrichting moet er dan wel meer ruimte komen voor water.” Circulaire grondstof Hergebruik van water wordt in de toekomst steeds belangrijker. Van der Marel. “We hopen meer industriële waterzuiveringen te realiseren. En uiteindelijk willen we bereiken dat het industrieel afvalwater dat bij de industrie vrijkomt ook weer wordt hergebruikt. Dat water geheel circulair wordt.” REGAIN is daarbij een relevante volgende stap, denkt Van der Schaaf. Ook voor de regio. “We laten zien dat we de beschikbaarheid en kwaliteit van water samen op de kaart zetten. Zo ontstaat er bij mensen meer bewustzijn voor de waarde van water. We moeten immers samen zorgen voor water voor later.”
Vlnr Perry van der Marel van North Water en Roeland van der Schaaf van Waterschap Noorderzijlvest bij de capillaire nanofiltratie, één van de drie testmethoden van project REGAIN.
Noordelijke samenwerking ‘REGAIN’ is een gezamenlijk project van Waterschap Noorderzijlvest, North Water, watertechnologiebedrijf WLN en kennisinstituut CEW. Nationaal Programma Groningen, het Waddenfonds en Eemsdelta Green leveren een financiële bijdrage aan het project. www.noorderzijlvest.nl
Nederland is een waterland. Toch kan de beschikbaarheid van water in de toekomst ook voor ons een uitdaging worden. Dijkgraaf Roeland van der Schaaf: “Door klimaatverandering en een stijgende vraag naar water staat de watervoorziening onder druk. Maar het is vooral de vervuiling die we moeten aanpakken. Het oppervlaktewater blijkt het afvoerputje. Terwijl de natuur, de landbouw en wijzelf van dat water moeten leven. De rotzooi die we in het water lozen en gooien is een bedreiging voor de kwaliteit van het oppervlaktewater en voor ons drinkwater.” Alternatief voor drinkwater Dat drinkwater kostbaar is, vindt ook Perry van der Marel, managing director bij North Water (Industriewaterdochter van Waterbedrijf Groningen en Evides Industriewater). “Inwoners hebben water nodig, maar ook de industrie
REGAIN: 3 testmethoden Bij REGAIN (REuse of GArmerwolde municipal effluent for INdustrial processes) wordt gekeken naar drie opties om water te ontdoen van medicijnresten. De ‘Bodacinstallatie’ haalt met behulp van actieve kool en bacteriën de medicijnresten uit het gezuiverde afvalwater. De capillaire nanofiltratie filtreert het gezuiverde afvalwater door een fijn membraan waar stoffen in achterblijven. En in velden met riet bezinkt vervuild water en worden stoffen op natuurlijke wijze afgebroken door planten en bacteriën. Komende anderhalf jaar wordt bij waterzuivering Garmerwolde getest welke (combinatie) van deze methoden het meest geschikt is voor het verwijderen van medicijnresten uit gezuiverd afvalwater.
gebruikt veel water. Zonder proceswater staat de industrie stil. Een groot deel van de bedrijven gebruikt voor het spoelen, stomen, reinigen en koelen gewoon drinkwater. Met North Water kunnen we hen een alternatief bieden. Op het terrein van rioolwaterzuivering Garmerwolde hebben we een industriewaterzuivering (iwz) gerealiseerd. Deze maakt industriewater op basis van oppervlaktewater uit het Eemskanaal. Door dit te gebruiken hoeft er minder drinkwater te worden ingezet bij industriële processen in de Eemshaven.” Verwijderen medicijnresten Inmiddels gaan het waterschap en North Water nog een stap verder. Van der Schaaf: “We gebruiken steeds meer medicijnen, dus er komen ook meer medicijnresten in het afvalwater terecht. Dit is schadelijk, voor onszelf en voor het leven in het water. Met het project REGAIN onderzoeken we hoe we die medicijnresten zoveel mogelijk uit het afvalwater kunnen verwijderen en het geschikt kunnen maken voor de inzet als industriewater - voordat we het water weer via het oppervlaktewater afvoeren.” Van der Marel: “Dat medicijnresten verdwijnen uit de waterketen is goed voor alle gebruikers van het water.” Water beter vasthouden North Water schat in dat de vraag naar industriewater in 2035 zal stijgen naar 30 miljoen kuub. En ook de vraag naar drinkwater zal toenemen. Volgens Van der Schaaf helpt het als bedrijven voor hun proceswater niet het schone drinkwater gebruiken, maar industriewater op basis van oppervlaktewater of het extra gezuiverde afvalwater. Maar er is meer nodig. “Zoet water moet ook toegankelijk zijn voor de natuur en landbouw. We voeren nu meer water af dan we weten vast te houden. Als we water beter weten te behouden, is er straks ook voldoende
ADVERTENTIE
N E L A I R E T A M W U O B ? G I D O N ///
///
///