JANUARI 2022 I JAARGANG 7 I NUMMER 11
7
15
17
25
Blik op corona door longarts Jeroen Retera
Nieuw Spoedplein vergroot samenwerking
Fitter op de OK, sneller naar huis
‘We gaan verder met ontschotten’
VOORWOORD
‘Samen beslissen’: valt er straks nog iets te kiezen? In de afgelopen jaren wordt in plaats van ‘What is the matter with you?’ steeds vaker de vraag gesteld ‘What matters to you?’. Natuurlijk willen we nog steeds graag weten wat er met onze patiënten aan de hand is. Maar nog belangrijker is het om te weten wat voor de patiënt bij de behandeling van zijn aandoening echt telt. Uit onderzoek blijkt dat de behandeldoelen van arts en patiënt regelmatig uiteen lopen. Goed afstemmen en dan samen beslissen is wat we in het ETZ nastreven. Immers, bij veel ziekten zijn er meer wegen die naar Rome leiden. En ook zijn er nogal eens andere eindbestemmingen. De arts wordt dan de gids in de ‘reis van de patiënt’. Dit vergt een goed luisterend oor bij de dokter. Maar ook een mondige patiënt die zijn wensen en ideeën kenbaar maakt en zich niet door ontzag of angst stilhoudt. Bij deze goede ontwikkeling moeten we wel oppassen dat het niet ontaardt in een ‘u vraagt, wij draaien’ cultuur. Een cultuur waarin de patiënt niet tevreden is zolang niet de diagnostiek of behandeling wordt verricht die hij wenst. Vanuit onze professionele verantwoordelijkheid zullen we de zinvolheid bij diagnostiek en behandeling steeds goed in het oog moeten houden. Met de oplopende zorgkosten wordt dat alleen maar belangrijker. De ‘care’ sector (verzorgings- en verpleeghuizen) is veel meer voor deze kostenstijging verantwoordelijk dan de ‘cure’ (huisartsen en ziekenhuizen). Toch ontkomen ook de ziekenhuizen niet aan bevriezing van de budgetten, ondanks de oplopende zorgvraag. Recent verscheen het rapport ‘Kiezen voor houdbare zorg’ van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Hierin wordt uitgebreid stilgestaan bij de knelpunten in de zorg met betrekking tot mensen, middelen en maatschappelijk draagvlak. De burgers moeten volgens het rapport worden voorbereid op schaarste in de zorg, en meegenomen in de keuzes die daarom nodig zijn. En de politiek dient haar verantwoordelijkheid voor houdbaarheid van zorg actiever op te pakken door prioriteiten te stellen. Ik ben benieuwd of de politiek en de zorgverzekeraars ons straks echt gaan steunen als wij aan patiënten moeten uitleggen dat ze in sommige situaties helemaal niks meer te kiezen hebben. Het zou jammer zijn als de zorgverzekeraars dan toch mee gaan in de wens van patiënten voor second opinions en behandelingen in het buitenland. De collectieve verantwoordelijkheid om het systeem draaiend te houden, wordt niet altijd door iedereen gevoeld. Het oplopende aantal ongevaccineerde coronapatiënten in de ziekenhuizen valt menig zorgverlener zwaar. Als we de reguliere zorg straks weer moeten afschalen komen we nooit toe aan de hoognodige inhaalzorg. De schaduwzijde van de individuele keuzevrijheid wordt hiermee onderstreept. Gelukkig is de rest van deze Buitenpost vrolijker van aard dan dit voorwoord. Veel leesplezier!
Edo Arnoldus, voorzitter Verenigde Medische Staf
BUITENPOST
3
ADVERTORIAL
(& % & # &" &"%" % && & &"%# &" %
0
5KBMKFLCC;KJMD?MKFGGLBMDMHK/./M-AIKG5DMFMLI EGM,IK+>B*KFCHKBMLK)M?(KEGG,BK9M6EHA=6E 'D>=IMLK&K%H,GL:CIAM:CHC;MLK$N'K$ILM6EI( HAMIKDCH;KHCKIMKBMH?MH2K#/C;MDA@?=KMLFCLMHKJMKJAH=I FCHK/./M-AI2K/MK<MMDBMHKMHKFML=DC;MHKFACK9JAAH ?G:MH(K!GHBMLKECHB:CIA;MKC6IAM=(KFMMDK=HMDDMLK<AHHMH AHKEMIK ' 2K AMLBGGLK?CHKMMHKBAMH=IBGMHBMKCLI=KMMH =5GMBGHBML!GM?KBALM6IKAH!AMH2K/CCLHCC=IKECBBMHKJA@KAH EMIKFMLDMBMHK:MIK!GFMMDKFML=6EADDMHBMK>AIJA==MD =*=IM:MHKIMK:C?MH2K MIKIML>;<LMH;MHKHCCLKIJMM =*=IM:MH(K EADA5=K GL.AMJK / KMHK9JAAH(K:CC?IKEMI GFML!A6EIMDA@?ML2K/AIK<LMH;IKL>=IK:MIK!A6EK:MM2 ('&%$&##&"%! &% & %# ""&"% % & $ % " & $ +>B*4K# MKEM<<MHKMMHK6MHILCDMK5DM?KJCCLKBMKA:5GLI(KM-5GLI MHKEMIK?G55MDJML?KJGLBIKFMLLA6EI2K MKJML?MHK!GFMMD :G;MDA@?K;M HIM;LMMLBKAHKEMIK ' 2K D=KMMHK!AM?MHE>A=KGH= <MMDBMHKIGM=I>>LI(KBCHK?G:MHK!MKC>IG:CIA=6EKAHKBMK9JAAH JML?DA@=IK NA==AH;+% KAHKEMIK ' 2K/MKC55DA6CIAM<MEMMLBML 6GHILGDMMLIKLM;MD:CIA;KBM!MKJML?DA@=IKG5KHAM>J <AHHMH;M?G:MHKGHBML!GM?MH(K!GBCIKBM!MKBALM6IK :AI=KBM 5CIA HIKA=KAH;M=6ELMFMH KCCHKMMHK % GHBML!GM?KJGLBI ;M?G55MDB2K.ML=I>LMHKFCHK<MMDBMHKMHKFML=DC;MHKA=KEMDM:CCD =A:5MD2K MIK9JAAHK5GLICCDKJGLBIKFACKEMIK ' K;MG5MHB2K/M @>A=IMK5CIA HIK=ICCIKBCHKCDKG5KBMK6GHIM-I2K AMLHCKEGM,K@MKCDDMMH BMKGHBML!GM?MHKMHKEMIK@>A=IMK!AM?MHE>A=K>AIKEMIK9JAAH CBLM=<GM?KIMK=MDM6IMLMH2K MIKJGLBIK=IMMB=K:C??MDA@?ML BGGLBCIKJMKH>KCDDM:CCDKG5K9JAAHKGFML=IC55MHKMHKAHKEMIK ' JML?MH2K0H!MKBAMH=IBGMHBMKCLI=MHKEM<<MHKMMHK ' C66G>HI G:KAHKBMKJML?DA@=IKIMK?A@?MH2K7CBCIKBMKC55DA6CIAM<MEMMLKBM <MMDBMHKEMM,IK;M?G55MDBK?>HHMHKGG?KCDDMKCHBMLMKCLI=MHKBM <MMDBMHKLM6EI=ILMM?=K<M?A@?MH(KFACKBMK ' KFAMJMLKAHKEMIK % 2 MIKBLCC;FDC?KA=K;LGGI(KG:BCIK9JAAHKBMKIM6EHA=6EMKDCC;KCD EMM,IKHMML;MDM;B2 & &% " & & & %
"%! &% & &" & ' &"%# % & & &" &% "% & G>IMLK.MDBE>A=(KLCBAGDGG;K$N'K$ILM6EI4K#)CIMHKJMKEMI ;LGMA5A@HI@M=KHGM:MH2K MK!AMHK:MIKHC:MK>AIBC;AH;MHK<A@KEMI >AIJA==MDMHKFCHK<MMDBMHK HKFML=DC;MH2K MKJGLBMHKHAMIK=C:MH FML=I>>LBK<A@FGGL<MMDB2K0,KBMKMHMK?MMLKA=KEMIKMMHK/%'0N 5B,( BMKCHBMLMK?MMLKMMHK + BG6>:MHI2K G:=K?LA@;MHKJMKEMDM:CCD HA?=2K/CCLK:GMIK@MKC,=5LC?MHKGFMLK:C?MHKMHKBCIK:GMIK@M
HMI>HMH2K/CIKA=KIML>;KIMKEMLDMABMHKHCCLKBMKG5=ICLI,C=M2 ('&% & '' % &% & '" &% &" & " +>B*4K#%HKEMIKCBLM=<GM?K?>HK@MK!AMHKJAMK:MMBGMIKCCH /./M-AI(KB>=KHCCLKBAMK!AM?MHE>A!MHKFML=I>LMHKJA@K=GJAM=G BA;AICCD2K7CI>>LDA@?K?LA@;K@MKBCCLKJMDMMH=KMMHK;M,L>=ILMMLBM LMC6IAMKG52K/CIK!MKMLKHG;KHAMIK?DCCLKFGGLK!A@H(K<A@FGGL<MMDB2K A@ 5LG<MLMHKC,=5LC?MHKIMK:C?MHKMHKEMIK;M=5LM?KCCHKIMK;CCHK:MI G:DA;;MHBMK!AM?MHE>A!MHKCD=KMLKAMI=K:A=KDGG5I4K EMI
GG,BK9M6EHA=6EK'D>=IMLK&K%H,GL:CIAM:CHC;MLK +>B*KFCHKBMLK)M?KMHKLCBAGDGG;K G>IMLK.MDBE>A=
LCBAGDG;AMFML=DC;KGHI<LMM?I(KMLK!A@HKIMFMMDKGHBML!GM?MH FML!GHBMH1GHIFCH;MH(KIC;K%H=IAI>IAGH7C:MKA=KHAMIK6GLLM6I AH;MF>DB 2K/AIKJGLBIKFMLFGD;MH=KG5;M5C?IKMHK;M6GLLA;MMLB2 /MKECHBLMA?AH;K MD?MKGHBML!GM?MHKIMKFML!MHBMHK<A@KMMH FMLJA@!AH; KFCHKBMK7..+KEMD5IKBCCL<A@2 K G>IML4K# MKILM??MH EAML:MMKAHKBMKLM;AGK=IMMB=K:MMLK;M!C:MHDA@?KG52 ' % ' % % & $ % & %#&$' &"% ""&& % &% & & & % ' &% % & ' &" +>B*4K# / KA=KCDKGH!MK5LM,MLLMBKLG>IM(K:CCLKHG;KHAMIKDCHBMDA@? BM??MHB2K MIKEMM,IKMLK<A@KGH=K<A@FGGL<MMDBKGG?KMMHK5CCLK?MML >AI;MDM;MH2K A@KMMHK AH?MK>5;LCBM(K<A@FGGL<MMDB2K M<L>A?K@M 9JAAH(KBCHKEGM,K@MKG5K!G HK:G:MHIKHAMIK:MMLKIML>;KIMKFCDDMH G5KBFB =2K MK!A@HKAH:ABBMD=KFML=DCC,BKCCHKEMIK=HMD <AHHMHECDMHKMHKFML=I>LMHKFCHK<MMDBMH2K/CCLG:K:GMIK@MKJCI :A@K<MILM,IK M:<MBBMH KBCIK@MK!GJMDK5>=EKCD=K5>DDK:MIEGBM HCC=IKMD?CCLKDCCIK<M=ICCH2K MIK?>HHMHKGHBML=IM>HMHKFCH !GJMDKC6>IMK 1 KCD=K6ELGHA=6EMK!GL;KA=KBCHKMMHK;GMB CL;>:MHI2 K G>IML4K#/CCLKA=KHG;KMMHKCHBMLK5>HIKCCH ;MLMDCIMMLB2K0HBCH?=KMMHK / LMDCIAMK?AM!MHK:MH=MHK=G:= FGGLK/./M-AI(KG:BCIK!MK;MJGGHKIML>;FCDDMHKG5KBMK<M?MHBM JM;2 & &% & #& & " &"% &" &"%! &%"' % "% & +>B*4K# A@K!A@HKBALM6IKAH;M=IC5IKG5KHAFMC>K 2KNCCLKA?K!G>KML !MD,=KHG;KMMHKHAFMC>K<GFMHG5KJADDMHKDM;;MH2K7>K:GMIKGH!M C55DA6CIAM<MEMMLBMLKHG;KMMHK % GHBML!GM?KCCH:C?MHKMHKBM <MMDBMHK6GLLM6IK?G55MDMH2K C=KBCCLHCK!A@HK!MK<M=6EA?<CCL FGGLKBMKLM=IKFCHKEMIK!AM?MHE>A=2K%?K!G>K!M;;MH4K!GL;KMLFGGL BCIKMLKFCH>AIK9JAAHK % GHBML!GM?KJGLBIKCCH;M:CC?IKMHKBCI BMK<MMDBMHKC>IG:CIA=6EKJGLBMHK;M?G55MDB2K/CIK!G>KHG; :GGAMLK!A@H2KNCCLKFGD;MH=K:A@KDA;;MHKBMKMML=IMK<G>J=IMHMHKML CDKFGGLKBCIK=GGLIKJGL? GJ ?G55MDAH;MH2
NMMLKJMIMHKGFMLKEMIKDCHBMDA@?K>AIJA==MDMHKFCHK<MMDBMHKMH FML=DC;MHK:MIK9JAAH8K7MM:KBCHK6GHIC6IKG5K:MIKEMIKCCH=D>AIIMC:4 JJJ2IJAAH2HD1CCH=D>AIIMC:
INHOUDSOPGAVE / COLOFON
In dit nummer
8
18
21
3
‘Samen beslisssen’: valt er nog iets te kiezen
22
AI toepassing ‘ziet’ breuken op foto’s
5
Inhoudsopgave en colofon
23
STZ-erkenning voor HIV-expertisecentrum
7
Blik op corona door longarts Jeroen Retera
24
Patiënt met botbreuk voorbereid op revalidatie
8
Samen leren van incidenten
25
‘We gaan verder met ontschotten’
11
Neurovasculair Expertisecentrum
26
Patiënten bewaken met chronisch ziektebeeld
14
Opereren met beelden uit de cloud
27
Overzicht nieuwe en vertrokken specialisten
15
Nieuw Spoedplein vergroot samenwerking
29
Geriatrische Trauma Unit
17
Fitter op de OK, sneller naar huis
30
ETZ en VGZ sluiten nieuwe overeenkomst
18
De toekomst van chirurgie heet 3D
31
Kwaliteit van leven in de medische setting
19
Zorgpad herseninfarct onder de loep
32
Overzicht door ETZ geïnitieerd onderzoek
21
Poli MKA-chirurgie in een nieuw jasje
Colofon Buitenpost is een uitgave van het ETZ (Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis). Het magazine informeert verwijzers over ontwikkelingen in het ETZ. Buitenpost verschijnt twee keer per jaar in een oplage van 1.000 exemplaren.
Fotografie Afdeling Fotografie & Film: Maria van der Heyden, Ellen den Ouden, Marc van Geijn, Joost Pistorius
Druk en vormgeving Hoofd- en eindredactie Wim Pleunis, woordvoerder
Redactie Carolien Vermeulen, beleidsadviseur VMS M-B Marjan van den Brink-Wieringa, epidemioloog en onderzoeksadviseur David Zimmerman, chirurg Marcel Rouwenhorst, huisarts Leonie Tromp, huisarts en medisch directeur PrimaCura Hans Rube, journalist Godelieve Engbersen, informatiespecialist
Teksten Hans Rube en afdeling Communicatie
Muliplus BV, Drachten Maurice de Jong, vormgeving Jessica M. Jager-Ferwerda, acquisitie Taco de Haan, acquisitie
Redactieadres ETZ, afdeling Communicatie Hilvarenbeekseweg 60 5022 GC Tilburg T (013) 539 21 02 E w.pleunis@etz.nl © Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden overgenomen, op welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de redactie.
BUITENPOST
5
PATIËNTEN DIE CIMZIA® GEBRUIKEN HEBBEN NU MEER KEUZE1
OF
Voorgevulde spuit
OF
AutoClicks® voorgevulde pen
ava Connect® en dosisverstrekkingspatroon
EN ZE KRIJGEN MEER ONDERSTEUNING DANKZIJ CIMPLYME®
CimplyMe® is een begeleidings-app voor patiënten met CIMZIA® die synchroniseert met ava Connect® en te gebruiken is in combinatie met de voorgevulde spuit en autoclicks. De app is ontwikkeld met als doel de patiënt te ondersteunen bij zelfmanagement en therapietrouw. Hierdoor wordt de samenwerking tussen u en uw patiënt verbeterd en de vertrouwensband versterkt.
NL-P-CZ-AS-2100021
Een begeleidings-app voor patiënten die CIMZIA® gebruiken. CimplyMe® kan synchroniseren met ava Connect®.
VIRUS
Blik op corona door longarts Jeroen Retera Al bijna twee jaar is COVID-19 een zeer ongenode gast in onze samenleving. Het virus verraste ons, bracht ons in moeilijke, emotionele situaties en voert de druk op de gezondheidszorg enorm op. Samen met ETZ-longarts Jeroen Retera blikken we tijdens de vierde golf terug op de start van deze turbulente periode.
Een volstrekt nieuwe situatie, zo omschrijft Retera de start van de coronacrisis. “Op medisch gebied wisten we in de eerste fase niks van het coronavirus. Het was toen een kwestie van hopen op een goede behandeling, die gebaseerd was op weinig informatie.” Destijds werden coronapatiënten behandeld met het geneesmiddel chloroquine, dat achteraf toch niet zo geschikt bleek. “We konden veel beter met dexamethason beginnen.” Zo ontstond er langzaamaan steeds meer kennis over het coronavirus.
Saamhorigheidsgevoel Vanzelfsprekend werden de krachten op dat moment gebundeld. “Tijdens de eerste golf heeft iedereen eigenlijk alles uit de handen laten vallen. Ik merkte toen een sterk saamhorigheidsgevoel”, herinnert Retera zich. Ook buiten de ziekenhuismuren sloeg men de handen ineen. Zo was er sprake van een nauwe, goede samenwerking tussen het ETZ en huisartsen. “Het beste voorbeeld is het enthousiasme waarmee huisartsen meegingen in het traject van zuurstoftoediening aan huis.” Bij dat traject snijdt het mes aan twee kanten. “Het is goed als een coronapatiënt thuis verder kan herstellen met zuurstof. Daarnaast hebben wij weer baat bij ieder vrij bed in ons ziekenhuis.” Een mooi resultaat van een korte lijn tussen huisartsen en zorgprofessionals, die middels de Siilo-app op een snelle, laagdrempelige manier met elkaar kunnen communiceren. Voordat de coronacrisis begon, was Retera al positief over die sterke communicatielijn. “Hier in onze regio vond ik het contact met de huisartsen sowieso al laagdrempelig en goed. Dat heeft ook echt meerwaarde voor de individuele patiënt.”
Zorgen Buiten dat soort positieve ontwikkelingen baart de coronacrisis de longarts nog altijd zorgen. “Je merkt dat de reserves van bijvoorbeeld de verpleegkundigen opraken”, geeft Retara aan. Ook de reguliere zorg blijft een hoofdpijndossier gedurende deze intensieve periode. “De zieke coronapatiënten zien we allemaal, maar de zieke niet-acute patiënten verdwijnen in een niemandsland. Dat vind ik heel zorgwekkend.” Tot slot spreekt hij als burger de hoop uit dat zoveel mogelijk
‘En opnieuw worden patiënten tijdens de vierde golf in cohort verpleegd.’ Jeroen Retera. mensen zich laten vaccineren. “Zodat we er op die manier álles aan gedaan hebben om de kansen op besmetting te verkleinen.” We zitten namelijk in de vierde coronagolf, waarin Retera ziet dat de gevaccineerde ouderen (70+/80+) weer kwetsbaarder worden. Zij gaan in afweer achteruit, raken besmet en belanden daardoor in het ziekenhuis. Ook ziet de longarts dat het virus ook jongere mensen ditmaal niet overslaat. “Onder de niet-gevaccineerden zien we toch wel een aantal dertig- en veertigplussers het ziekenhuis binnenkomen.”
Leeropbrengst En welke leeropbrengst haalt Retera zelf uit de afgelopen anderhalf jaar? “We moeten eigenlijk bang zijn voor de kleine beestjes, zoals de bacteriën en virussen. Die gaan ons uiteindelijk parten spelen en daar is het coronavirus een treffend voorbeeld van. Daarnaast moeten we binnen de gezondheidszorg een manier vinden om dit soort situaties te tackelen, want bij het coronavirus stopt het niet.”
BUITENPOST
7
TIM
Samen leren van incidenten TIM groeit gestaag. De jongeling, bijna 9 maanden oud, kruipt al dapper langs de zorgorganisaties in Midden-Brabant. Straks, als TIM volwassen is, “zouden we hem eigenlijk niet meer nodig moeten hebben, zodra er niks meer misgaat in de ketensamenwerking”, zegt Sander Nikkessen. “Dat is echter een illusie op plekken waar wordt samengewerkt. TIM is daarom een blijvertje en zal alleen maar verder groeien.” TIM staat voor Transmuraal Incidenten Melden. Sander Nikkessen is projectleider bij TIM in het ETZ. “Na een moeizame aanloop - vanwege alle zorg tijdens de coronapandemie - zijn we nu erg tevreden over de voortgang van dit project”, zegt hij over het meldsysteem waarmee ketenpartners kunnen aangeven dat er iets fout liep of onduidelijk was bij de behandeling of de overdracht van een patiënt. Instellingen die meedoen beschikken daartoe over een digitaal meldformulier. Het ingevulde formulier wordt automatisch vastgelegd in een digitaal meldsysteem en doorloopt hierin automatisch een verbetercyclus waarbij de betrokken ketenpartners aan elkaar gekoppeld worden.
Direct ingrijpen “We zijn tevreden over het aantal meldingen, maar vooral ook over de kwaliteit ervan”, kijkt Nikkessen terug op de eerste maanden in het leven van TIM. Nu al kan hij
een lijn ontdekken in ‘waar het mis kan lopen’, tussen de organisaties die zorg leveren in de regio. “Dat is het voordeel van dit systeem, doordat alle partners intern een TIM-functionaris hebben aangesteld en de meldingen in één systeem verzameld worden, krijgen we een totaal overzicht van alle incidentenmeldingen en kunnen we beter oorzaken aanwijzen en prioriteiten stellen. Daardoor kunnen we direct en adequaat ingrijpen en mensen intern op de juiste manier aanspreken en de partners in de keten laten zien wat er met hun melding is en wordt gedaan.”
Belangstelling Sinds de start in april 2021 neemt ook bij anderen de belangstelling toe om aan te haken. In eerste aanleg werd TIM opgezet voor het ETZ, huisartsen en de huisartsenpost, praktijkmedewerkers, verpleegkundigen, apothekers, specialisten, verloskundigen en ambulancemedewerkers. “Inmiddels hebben ook de regionale verpleeghuizen aangegeven mee te willen doen.” Ook die zorgverleners zien immers dezelfde patiënten uit de regio Midden-Brabant, waardoor ze te maken krijgen met de betrokken ketenpartners. “Wanneer er dan eens iets misgaat, een voorval dat leidt tot een incident of bijna-incident, dan kan dat de nodige spanning, onvrede of zelfs frustratie oproepen. Met TIM proberen we die frustratie eruit te filteren, de melding door te zetten naar de persoon of afdeling die het betreft, om op die manier een dialoog tot stand te brengen en gezamenlijk tot passende maatregelen te komen zonder dat primaire emoties hierbij in de weg zitten.”
Structuur De meldingen worden op een centraal punt ‘verzameld’. Hierdoor zijn gemakkelijk op detailniveau rapportages en analyses te maken om snel inzicht te scheppen in eventuele knelpunten binnen de ketensamenwerking (zie kader ter illustratie). De meldingen over overdrachten, communicatie, medicatie en foutieve en/of onduidelijke Sander Nikkessen
8
BUITENPOST
inzet van zorg springen eruit, meent de projectleider. Ook wordt vaak gerept over het bij ontslag al dan niet beschikbaar zijn van medicatie die is voorgeschreven, bijvoorbeeld wanneer de ziekenhuisapotheek daartoe verwijst naar de eigen apotheker van de patiënt. “We beginnen nu al steeds meer aanknopingspunten te zien in de meldingen waar we uiteindelijk passende maatregelen voor kunnen treffen: om welke verwijzers of specialismen gaat het regelmatig, bij welk type overdracht en we vragen ons inmiddels ook af of er ook een type patiënt te duiden is bij wie het vaker dan bij anderen misloopt?” Nikkessen: “Meldingen van huisartsen betreffen vaak onvolledige, onduidelijke of ontbrekende overdrachten vanuit het ziekenhuis of de apotheek. We hebben hierdoor steeds beter in beeld welke specialismen en specialisten bijvoorbeeld regelmatig verzuimen om een goede overdracht te verzorgen voor hun ketenpartners. Aan de hand van deze informatie en voorbeelden kunnen we vervolgens in overleg met de betrokkenen om hiervoor oorzaken aan te wijzen en tot structurele verbetermaatregelen te komen”.
Groeien De projectleider hoopt dat de komende tijd de bereidheid om incidenten te melden nog verder zal groeien. “Zodat het aantal meldingen eigenlijk alleen maar toeneemt. Alleen zo kunnen we oplossingen blijven vinden voor de knelpunten die zich op dat moment voordoen in de ketensamenwerking. We moeten ons echter zorgen maken als we volgend jaar constateren dat nog steeds dezelfde meldingen worden gedaan over dezelfde problemen. Gelukkig zien we recent dat zorgprofessionals die eerder een melding hebben gemaakt, vooral nieuwe incidenten melden. Dit zie ik, naast de positieve reacties, als een belangrijk teken dat we iets goed doen bij de afhandeling. Gelijktijdig is er blijkbaar dus ook nog genoeg ruimte voor verbetering in de ketensamenwerking”, meent organisatiewetenschapper Nikkessen.
Meldingen gemaakt door: Apotheek PrimaCura huisartsen spoedpost PrimaCura netwerkzorg RAV Brabant MWN Verloskundige zorg (FAM) Ziekenhuis incl. ziekenhuisapotheek (ETZ) Eindtotaal
2 9 16 10 1 35 73
Meldingen gemaakt over: Apotheek PrimaCura huisartsen spoedpost PrimaCura Netwerkzorg RAV Brabant MWN Ziekenhuis (ETZ) Overig (VVT) Eindtotaal
15 5 4 8 37 4 73
Waar wordt over gemeld? AVG/Privacy schending Bejegening Bereikbaarheid Communicatie / Samenwerking Informatieverstrekking aan patiënt Inzet van zorg Medicatie / Recept Ontslag Ontslagbrief Overdracht Verwijzing Eindtotaal
3 2 3 18 3 14 15 1 1 9 4 73
TIM is een initiatief van Samendraads, het samenwerkingsverband van PrimaCura Huisartsen, Zorgbelang Brabant, ETZ en de zorgverzekeraars CZ en VGZ.
BUITENPOST
9
Productinformatie en referenties elders in deze uitgave. C-APROM/NL/PLE/0009
VERBETER DE
BALANS VOOR EEN BETERE KWALITEIT VAN LEVEN*
1,2,3
PLENADREN: éénmaal daags is geïndiceerd voor de behandeling van bijnierschorsinsufficiëntie bij volwassenen2 *gemeten met AddiQoL questionnaire.
Hydrocortisontabletten met gereguleerde afgifte
TOPKLINISCH ZORGREGISTER
Neurovasculair Expertisecentrum De Samenwerkende Topklinische opleidingsZiekenhuizen (STZ) heeft het ETZ bestempeld als 'Neurovasculair Expertisecentrum', waar vaatafwijkingen in de hersenen en het zenuwstelsel worden behandeld. Radiologen Hans Kortman en Issam Boukrab zijn zeer content met de erkenning. “Een bevestiging dat patiënten in ons centrum verzekerd zijn van hooggespecialiseerde medische zorg.“
De radiologen Issam Boukrab (l.) en Hans Kortman zijn blij met de erkenning. Een STZ-erkenning krijg je niet zomaar. Het Neurovasculair Expertisecentrum moet aan veel criteria voldoen die door een onafhankelijke commissie worden beoordeeld. De belangrijkste voorwaarden zijn het behandelen van een groot aantal neurovasculaire patiënten en het tonen van innovatie. Dat is zeker het geval. Zo worden er op jaarbasis zo’n honderdtwintig patiënten met een aneurysma behandeld en worden innovatieve behandelmethoden als eerste onderzocht en toegepast in het ETZ.
Goede uitkomsten
Zeldzaam
Het ETZ is het eerste niet-academische ziekenhuis met deze erkenning. Volgens collega Boukrab is dat mede te danken aan de geweldige inzet van illustere voorgangers, zoals de specialisten Willem-Jan van Rooij, Guus Beute, Menno Sluzewski en Douwe Wijnalda. “Die hebben hier de afgelopen decennia heel wat opgebouwd.” De wetenschappelijke ambities van vroeger nemen de twee jonge radiologen met veel enthousiasme van hun oud-collega’s over.
Neurovasculaire ziekten, zoals een hersenaneurysma, zijn relatief zeldzame aandoeningen. Andere voorbeelden zijn arterio-veneuze malformaties (AVM's) en duale arterioveneuze fistels (DAVF's), oftewel abnormale verbindingen tussen één of meerdere slagaders en aders. "Door de complexiteit van deze aandoeningen worden ze behandeld door een multidisciplinair team van specialisten uit de neurochirurgie, neurologie en radiologie, die in het ETZ nauw met elkaar samenwerken. En omdat ze niet vaak voorkomen, worden ze gecentreerd in regionale centra zoals het ETZ. Dit zorgt ervoor dat we de juiste expertise hebben om optimaal te kunnen zorgen voor patiënten met een dergelijke acute aandoening", vertelt Kortman.
Ook patiënten met een herseninfarct worden steeds vaker minimaal invasief - met een medisch instrument behandeld. Deze behandeling heet een intra-arteriële trombectomie (IAT). “Dat is het verwijderen van een blokkerend bloedstolsel via de bloedvaten”, aldus Kortman. Volgens hem leidt dat tot goede uitkomsten voor patiënten met een ernstig herseninfarct. Jaarlijks behandelt het ETZ ongeveer tachtig patiënten met een herseninfarct.
Voor patiënten en hun naasten is de informatie over het Neurovasculair Expertisecentrum op de website van het ETZ uitgebreid en geactualiseerd, zie: www.etz.nl/next.
BUITENPOST
11
Advertorial
MULTIPEL MYELOOM EN REFRACTAIR VOOR LENALIDOMIDE; WAT NU? Door middel van onder meer autologe stamceltransplantatie en de komst van ‘small molecule’ MM-middelen zoals proteasoomremmers (PI) en immuunmodulatoire middelen (IMiD) is er veel vooruitgang geboekt bij de behandeling van multipel myeloom (MM). Door de brede toepassing van de IMiD lenalidomide in de eerste behandellijnen, is bij recidief MM een groot deel van de patiënten refractair voor het middel. Als gevolg hiervan is er voor de behandeling van recidief, refractair MM (RRMM) grote behoefte aan lenalidomide-vrije behandelopties.
THERAPIE NA DE TWEEDE LIJN
loge stamceltransplantatie, cytogenetisch risico, nierfunctie,
Voor patiënten die al minimaal twee voorgaande behandellij-
ziektestadium en aantal eerdere behandellijnen. De behande-
nen hebben gehad en nog niet refractair zijn voor een anti-
ling met Isa-Pd wordt in Nederland vergoed.
CD38-antilichaam zijn volgens de meest recente richtlijn voor
(Isa-Pd).1 Dit specifieke tripletregime werd onderzocht in de
TWEEDELIJNSBEHANDELING VOOR PATIËNTEN DIE REFRACTAIR ZIJN VOOR LENALIDOMIDE
fase III-registratiestudie ICARIA.2 In deze studie werden patiën-
In de fase III-registratiestudie IKEMA werden RRMM-patiënten
ten die ten minste 2 lijnen van therapie hadden ontvangen,
gerandomiseerd toegewezen aan een ander tripletregime, isa-
waaronder lenalidomide en een PI, en ziekteprogressie ver-
tuximab-carfilzomib-dexamethason (Isa-Kd), of behandeling met
toonden op of binnen 60 dagen na het einde van de vorige
alleen Kd.3 Voor deelname aan deze studie moesten patiënten
therapie, gerandomiseerd toegewezen aan behandeling met
1 tot 3 eerdere therapielijnen hebben ontvangen. Patiënten wer-
Isa-Pd of Pd. Maar liefst 94% van de patiënten in de studie was
den uitgesloten wanneer zij refractair waren voor therapie met
refractair voor lenalidomide. De mediane progressievrije over-
een anti-CD38-middel of wanneer zij al eerder waren behandeld
leving (PFS) was met Isa-Pd 11,5 maanden, terwijl dit met al-
met carfilzomib. Met toevoeging van Isa aan Kd werd de media-
leen Pd 6,5 maanden was. Het tripletregime Isa-Pd leidde tot
ne PFS niet bereikt en met alleen Kd was deze 19,2 maanden.
een 40% reductie van het risico op ziekteprogressie of overlij-
Het tripletregime Isa-Kd leidde tot 47% reductie van het risico op
den (HR [95%-BI]: 0,60 [0,44-0,81]; p=0,001). Het PFS-voor-
ziekteprogressie of overlijden (HR [95%-BI]: 0,53 [0,318-0,889];
deel van Isa-Pd boven alleen Pd werd gezien bij alle vooraf
p=0,0013). Het PFS-voordeel van Isa-Kd vergeleken met alleen
gespecificeerde subgroepen, ongeacht leeftijd, eerdere auto-
Kd werd aangetoond in alle vooraf gespecificeerde subgroepen
MM diverse behandelopties te overwegen, waaronder behandeling met isatuximab, pomalidomide en dexamethason
NIET DARATUMUMAB VOORBEHANDELD/REFRACTAIR
DOUBLET
LENALIDOMIDE-REFRACTAIR
Bortezomib-dexamethason Carfilzomib-dexamethason
TRIPLET
Daratumumab-carfilzomib-dexamethason Isatuximab-carfilzomib-dexamethason Daratumumab-bortezomib-dexamethason Pomalidomide-bortezomib-dexamethason Panobinostat-bortezomib-dexamethason
DARATUMUMAB VOORBEHANDELD/REFRACTAIR
DOUBLET
Bortezomib-dexamethason Carfilzomib-dexamethason
TRIPLET
Pomalidomide-bortezomib-dexamethason Panobinostat-bortezomib-dexamethason
FIGUUR 1. Lenalidomidevrije behandelopties bij recidief/refractair multipel myeloom.1
Advertorial
op basis van leeftijd, nierfunctie, ziektestadium of eerdere be-
CONCLUSIE
handeling met een PI, IMiD of lenalidomide. De data uit deze
Veel MM-patiënten zullen tijdens het beloop van hun ziekte
registratiestudie heeft ertoe geleid dat isatuximab ook in de
meerdere behandellijnen worden aangeboden. De toevoeging
richtlijn is opgenomen als tweedelijnsbehandeling (zie Figuur 1).1
aan het behandelarsenaal van het anti-CD38-antilichaam isatuxi-
Wanneer patiënten lenalidomide-refractair zijn en nog niet eerder
mab in combinatie met enerzijds pomalidomide-dexamethason
behandeld zijn met het anti-CD38-middel daratumumab, is vol-
en anderzijds carfilzomib-dexamethason is belangrijk voor een
gens de richtlijn het voorkeursregime Kd met daaraan toege-
populatie waarin steeds meer patiënten refractair zijn voor lena-
voegd isatuximab of daratumumab. Ten tijde van dit schrijven zijn
lidomide.
zowel Isa-Kd als Dara-Kd nog in afwachting van vergoeding.
REFERENTIES 1. Multipel myeloom richtlijn 2021 (HOVON). Te raadplegen op: https://hovon. nl/_asset/_public/ WorkingGroups/ WorkingGroups_MM/RICHTLIJNbehandeling-MM-2021-geautoriseerd-11-05-2021-1.pdf. 2. Attal M, Richardson PG, Rajkumar SV, et al. Isatuximab plus pomalidomide and low-dose dexamethasone versus pomalidomide and low-dose dexa-
MM): a randomised, multicentre, open-label, phase 3 study. Lancet 2019; 394:2096-107.
De vaakst voorkomende bijwerkingen op isatuximab zijn neutro-
3. Moreau P, Dimopoulos MA, Mikhael J, et al. Isatuximab, carfilzomib, and
penie, infusiegerelateerde reactie, pneumonie, infectie van de
dexamethasone in relapsed multiple myeloma (IKEMA): a multicentre, open-
bovenste luchtwegen, diarree, bronchitis, hypertensie, ver-
label, randomised phase 3 trial. Lancet 2021;397:2361-71.
moeidheid, dyspneu, nausea, braken, slapeloosheid, hoesten
4. Aanvullende informatie betreffende isatuximab is beschikbaar in de Sa-
en rugpijn. De vaakst voorkomende ernstige bijwerkingen zijn
menvatting van de productkenmerken (SmPC) en bijsluiter op www.
pneumonie en febriele neutropenie.
cbg-meb.nl
MAT-NL-2101500 V1.0 11/2021
methasone in patients with relapsed and refractory multiple myeloma (ICARIA-
VERKORTE PRODUCTINFORMATIE SARCLISA ® Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Daardoor kan snel nieuwe veiligheidsinformatie worden vastgesteld. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via de website van het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb (www.lareb.nl). Samenstelling: SARCLISA® bevat 20 mg isatuximab per ml concentraat voor oplossing voor infusie en is beschikbaar in een flacon met 100 mg isatuximab in 5 ml concentraat (100 mg/5 ml) en in een flacon met 500 mg isatuximab in 25 ml concentraat (500 mg/25 ml). Indicaties: SARCLISA is geïndiceerd: -in combinatie met pomalidomide en dexamethason, voor de behandeling van volwassen patiënten met gerecidiveerd en refractair multipel myeloom die minstens twee eerdere therapieën hebben gekregen, waaronder lenalidomide en een proteasoomremmer, en bij wie ziekteprogressie is aangetoond tijdens de laatste behandeling. - in combinatie met carfilzomib en dexamethason, voor de behandeling van volwassen patiënten met multipel myeloom die minstens één eerdere behandeling gekregen hebben. Dosering: SARCLISA moet worden toegediend door een beroepsbeoefenaar in de gezondheidszorg in een omgeving waar reanimatievoorzieningen beschikbaar zijn. De aanbevolen dosis is 10 mg/kg lichaamsgewicht, toegediend als een intraveneuze infusie in combinatie met pomalidomide en dexamethason (Isa-Pd) of in combinatie met carfilzomib en dexamethason (Isa-Kd), volgens een doseringsschema (zie volledige productinformatie) van 28 dagen. Voorafgaande aan iedere infusie moet premedicatie worden toegediend bestaande uit dexamethason, paracetamol (of equivalent), H2-antagonisten of orale protonpompremmers, en difenhydramine (of equivalent). Kinderen: De veiligheid en werkzaamheid bij kinderen jonger dan 18 jaar zijn niet vastgesteld. Ouderen, patiënten met verminderde lever- of verminderde nierfunctie: Er wordt geen dosisaanpassing aanbevolen. Contra-indicaties: Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de hulpstoffen. Waarschuwingen: Infusiegerelateerde reacties: infusiegerelateerde reacties werden waargenomen (ook ernstige, waaronder anafylactische reacties). De vitale functies moeten regelmatig worden gecontroleerd tijdens de behandeling, zodat behandeling onderbroken kan worden. Indien de symptomen niet verbeteren, opnieuw optreden, ziekenhuisopname vereisen of levensbedreigend zijn, moet SARCLISA definitief stopgezet worden en passende behandeling worden toegepast. Neutropenie: het volledig bloedbeeld moet regelmatig worden gecontroleerd vanwege het risico op neutropenie. Infectie: zorgvuldige controle op tekenen van infectie dient plaats te vinden vanwege een hogere incidentie van infecties. Tweede primaire maligniteiten: vanwege de kans op tweede primaire maligniteiten dienen artsen zowel voor als tijdens de behandeling patiënten zorgvuldig te evalueren volgens de richtlijnen van de IMWG. Interferentie met serologische tests (indirecte antiglobulinetest): voorafgaand aan de eerste behandeling met SARCLISA moeten bij patiënten bloedtypering en screeningstest uitgevoerd worden vanwege mogelijke interferentie met serologische tests. Ouderen: Bij ouderen ≥ 85 jaar zijn de gegevens beperkt. Interacties: Vals-positieve reacties van serologische testen zijn mogelijk door expressie van CD-38 eiwit op het oppervlak van rode bloedcellen. Interferentie met serum eiwitelektroforese en immunofixatie is mogelijk, wat invloed kan hebben op de nauwkeurigheid van de responsclassificatie van de IMWG. Zwangerschap: Vrouwen die zwanger kunnen worden, moeten doeltreffende anticonceptie gebruiken tijdens en gedurende 5 maanden na stopzetting van de behandeling. Het gebruik van SARCLISA bij zwangere vrouwen wordt niet aanbevolen. Bijwerkingen: De vaakst voorkomende bijwerkingen (zeer vaak) zijn neutropenie, infusiegerelateerde reactie, pneumonie, infectie van de bovenste luchtwegen, diarree, bronchitis, hypertensie, vermoeidheid, dyspneu, nausea, braken, slapeloosheid, hoesten en rugpijn. De vaakst voorkomende (zeer vaak) ernstige bijwerkingen zijn pneumonie en febriele neutropenie. Vaak komen voor: plaveiselcelcarcinoom van de huid, verminderde eetlust, atriumfibrilleren, huidkanker, andere solide tumoren dan huidkanker en gewichtsverlies. De bijwerking anafylactische reactie komt soms voor. ATC-code: L01XC38 Verpakking: Sarclisa® 20 mg/ml concentraat voor oplossing voor infusie. 5 ml met 100 mg isatuximab in een flacon van 6 ml (verpakking met één of drie flacons) EU/1/20/1435/001 of 002. 25 ml met 500 mg isatuximab in een flacon van 30 ml (verpakking met één flacon) EU/1/20/1435/003. Aflevering en vergoeding: U.R. Sarclisa wordt vergoed via add-on. Voor prijzen zie de Z-index taxe. Deze informatie is het laatst herzien in juni 2021. Voor meer informatie zie de geregistreerde productinformatie. Houder van de vergunning voor het in de handel brengen: Sanofi-Aventis groupe. 54, rue La Boétie. 75008 Parijs – Frankrijk. Lokale vertegenwoordiger: Genzyme Europe B.V. Paasheuvelweg 25, 1105 BP Amsterdam. Tel: +31 (0)20 2454000. VV-LBL-0240262
“Het PFS-voordeel van Isa-Kd werd aangetoond in alle vooraf gespecificeerde subgroepen op basis van leeftijd, nierfunctie, ziektestadium of eerdere behandeling met een PI, IMiD of lenalidomide”3
PRIMEUR
Opereren met beelden uit de cloud De ETZ-vaatchirurgen maken bij operaties aan de bloedvaten gebruik van een nieuwe beeldvormende 3D-techniek, waardoor de ingreep heel nauwkeurig op een beeldscherm gevolgd kan worden. “De live beelden helpen ons om door de bloedvaten te navigeren en de stents op exact de juiste plek te plaatsen.” Vaatchirurg Jan Heyligers is enthousiast over de nieuwe software die voor het eerst in een Nederlands ziekenhuis is ingezet.
Vaatchirurg Jan Heyligers kijkt bij de operatie naar de 3D-beelden van de patiënt. Heyligers somt moeiteloos de voordelen op van het werken met Cydar EV tijdens endovasculaire operaties: “Door de geavanceerde technologie is de operatietijd korter en gebruiken we minder contrastvloeistof. Bovendien wordt de stralingsbelasting voor patiënt en operatieteam gehalveerd”. Vaatchirurgen kunnen met behulp van Cydar EV accurater opereren. “Daardoor loopt de patiënt minder risico op complicaties, zoals bijvoorbeeld het verkeerd plaatsen van vaatstents”, aldus Heyligers. “Bovendien kunnen we nu soms kiezen voor minder invasieve behandelingen door te volstaan met twee prikgaatjes: één in de lies en één nabij de oksel. En een kleine snee in de andere lies. Dat is het alternatief voor een grote aorta aneurysma operatie waarbij buik en borstkas geopend moeten worden. De patiënt kan daardoor veel sneller naar huis en loopt minder risico tijdens de operatie.”
Slim platform Cydar EV is een slim, beeld gestuurd platform dat live gedetailleerde beelden van de vaten van de patiënt laat zien. De vóór een operatie gemaakte CT-scan van een patiënt wordt tijdens de ingreep over de röntgenbeelden heen geprojecteerd. Zodra het slimme systeem twee of meer wervels herkent vanuit de opgeslagen CT-scan, worden de bloedvaten
BUITENPOST
14
automatisch ingekleurd en op het röntgenscherm geprojecteerd. De chirurg kan daardoor op een beeldscherm boven de operatietafel voortdurend precies zien wat hij aan het doen is in het vaatstelsel van de patiënt. “Het is alsof ik met een autonavigatiesysteem de beste route tijdens een rit uitstippel”, verduidelijkt Heyligers. De beelden van Cydar EV worden continu automatisch in lijn gebracht met hoe de patiënt op de operatietafel ligt en eventuele veranderingen in zijn anatomie door al uitgevoerde operatieve handelingen. Dit zorgt ervoor dat de chirurg altijd een actueel 3Dbeeld ziet van de operatie die op dat moment wordt uitgevoerd.
Kracht van de cloud De beelden worden tijdens de operatie veilig in de cloud opgeslagen. Daar worden ze met behulp van ’s werelds krachtigste computers omgezet in 3D-beelden, die een combinatie zijn van de live röntgenbeelden uit de operatiekamer en de CT-scan die als voorbereiding op de operatie is gemaakt. “Dit kan alleen door gebruik te maken van de kracht van de cloud”, aldus Heyligers. “Alle data worden anoniem opgeslagen en geanalyseerd. Hier leert Cydar EV weer van, waardoor de software steeds slimmer wordt. De opgedane kennis wordt vervolgens steeds internationaal gedeeld.”
NIEUWBOUW
Nieuw Spoedplein vergroot samenwerking Een Spoedplein maakt onderdeel uit van de nieuwbouwplannen van het ETZ. Het Spoedplein biedt vanaf 2025 inwoners van Midden-Brabant met spoedeisende zorgvragen passende zorg op maat. Het biedt spoedzorg aan (kwetsbare) ouderen, mensen met een psychische kwetsbaarheid en slachtoffers van seksueel en huiselijk geweld met acuut letsel. Daarnaast krijgen de Dienstapotheek Tilburg en Mondzorg Midden-Brabant (acute mondzorg) een plek. Ook biedt het Spoedplein onderdak aan gemeentelijke spoedfuncties zoals het Crisis Interventie Team Hart van Brabant (CIT) en het acute onderdeel van het Centrum Huiselijk Geweld en Kindermishandeling. De crisisdienst van GGz Breburg en een SPOR (spoedeisende psychiatrische onderzoeksruimte) worden niet meer op het Spoedplein gerealiseerd.
Nieuwe huisartsenpost Vlakbij het Spoedplein komt de nieuwe huisartsenpost voor de huisartsenspoedzorg en de spoedeisende hulpzorg van het ETZ. Deze wordt gehuisvest in het te realiseren acuut blok van het ETZ. PrimaCura huisartsenzorg en het ETZ werken momenteel de integratie van huisartsenspoedzorg en spoedeisende hulpzorg verder uit. “De VVT en de CIT hebben nu al een fysieke werkplek op de huidige Huisartsenpost. We wisselen dus al ervaringen uit, in aanloop naar de oprichting van het Spoedplein. Zo doet de VVT visites die geen huisartsenzorg zijn, maar verpleegkundige zorg. Denk aan het zoeken van een ELV-bed (eerstelijnsverblijf) of katheter zorg. Het CIT voert gesprekken met patiënten met een hulpvraag in het sociale domein. Die horen niet direct thuis op de Huisartsenpost, maar komen hier wel vaak terecht doordat mensen niet weten wie hier anders voor te benaderen”, vertelt Marion Janssen, manager PrimaCura Huisartsen Spoedpost.
Meer samenwerking Met het Spoedplein komt een einde aan vormen van spoedzorg die nu nog op meerdere plekken zitten. Het Spoedplein biedt dus kansen om de samenwerking verder te intensiveren voor patiënten voor wie domein overstijgende samenwerking meerwaarde heeft. “Zorgverleners kunnen makkelijker onderling afstemmen bij spoedzorgvragen waarvoor zij de expertise of faciliteiten niet hebben. Door gebruik te maken van elkaars expertise, menskracht en faciliteiten kan ook efficiënter gewerkt worden”, zegt Robert Janssen, zorgmanager in het ETZ.
Deze artistieke impressie laat zien hoe de nieuwbouw aan de achterzijde van ETZ Elisabeth via een gang verbonden kan worden met het bestaande gebouw.
en een gezamenlijke pauzeruimte. Op deze wijze kunnen zorgverleners elkaar laagdrempelig treffen en spoedzorgvragen waarvoor zij de expertise niet hebben, gemakkelijker onderling afstemmen.
Betrokken zorginstellingen Deze zorginstellingen zijn met elkaar in gesprek om zich fysiek te vestigen op het Spoedplein: - PrimaCura Huisartsenzorg Midden-Brabant - Dienstapotheek Tilburg - Mondzorg Midden-Brabant, spoeddienstkring Tilburg - GGz Breburg - De Wever - Thebe - Mijzo - Sterk Huis, Crisis Interventie Team Hart van Brabant en Veilig Thuis Midden-Brabant
Meer informatie? Alle spoedzorg is vanaf 2025 geconcentreerd in een nieuw gebouw aan de achterzijde van ETZ Elisabeth. Meer lezen hierover? Kijk dan op: www.etz.nl/nieuwbouw
In het Spoedplein komen gedeelde beoordelings/behandelruimtes, kantoorruimtes met flexwerkplekken
BUITENPOST
15
BIMZELX DE EERSTE SELECTIEVE IL-17A EN IL-17F-REMMER VOOR DE BEHANDELING VAN MATIGE TOT ERNSTIGE PLAQUE PSORIASIS Kans op een gave huid2-5 62% van de patiënten behaalde PASI 100 op week 16 5
Resultaten van de eerste dosis 7 van de 10 patiënten behaalden PASI 75 op week 42-5
Aanhoudende respons tijdens het behandeltraject van uw patiënt 5 66% van de patiënten behaalde PASI 100 op week 48 5
Met handige dosering* en wordt over het algemeen goed verdragen1−3 Op basis van effectiviteitsdata versus placebo, adalimumab en ustekinumab in fase 3-registratiestudies2–3 en versus secukinumab in een fase 3b-studie.5 BIMZELX® wordt over het algemeen goed verdragen. Net als bij alle geneesmiddelen kunnen ook bij het gebruik van BIMZELX® bijwerkingen optreden. De meest gemelde bijwerkingen zijn bovenste luchtweginfecties, orale candidiasis en hoofdpijn. Voor de volledige productinformatie verwijzen we u naar de SmPC.
Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Daardoor kan snel nieuwe veiligheidsinformatie worden vastgesteld. U kunt hier aan bijdragen door melding te maken van bijwerkingen die u eventueel zou ervaren. * De aanbevolen dosis BIMZELX voor volwassen patiënten met plaque psoriasis is 320 mg (toegediend als twee onderhuidse injecties van elk 160 mg) in week 0, 4, 8, 12, 16 en vervolgens elke 8 weken. Bij patiënten die na 16 weken behandeling geen verbetering hebben laten zien, dient te worden overwogen de behandeling te staken. Patiënten met overgewicht: Voor sommige patiënten met een lichaamsgewicht van ≥ 120 kg die geen volledig gave huid hebben in week 16, kan BIMZELX 320 mg Q4W na week 16 de respons op de behandeling verbeteren.1
Referenties en verkorte productinformatie zijn elders te vinden in deze uitgave. NL-P-BK-PSO-2100016, Date of preparation: September 2021 © UCB Biopharma SRL, 2021. All rights reserved. BIMZELX® is a registered trademark of the UCB Group of Companies.
PREHABILITATIETRAJECT
Fitter op de OK, sneller naar huis Of meneer sportief is aangelegd, vraagt physician assistant (PA) Walther Jansen regelmatig als hij op de polikliniek gastro-intestinale chirurgie een nieuwe patiënt met slokdarmkanker in de spreekkamer krijgt ‘Mijn man puzzelt graag’, antwoordt de echtgenote, die mee is gekomen. ‘Maar bijvoorbeeld fietsen, samen?’, vraagt Jansen vervolgens. ‘Nou nee, dat niet. Misschien later als we een elektrische hebben.’ ‘Wandelen dan?’ ‘Daar geven we helemaal niks om, we pakken liever de auto.’ Patiënten met slokdarmkanker staan meestal voor een loodzware ingreep, zegt Jansen. “En daarom moeten ze zo gezond mogelijk zijn, wanneer we ze gaan behandelen. Het is nogal iets wat we ze aandoen. Deze ingreep is een van de allerzwaarste operaties die men kan ondergaan.” Wie bij Jansen aan tafel zit krijgt daarom te horen dat er een einde is gekomen aan de vroegere vrijblijvende adviezen voor thuis. “Vaak hebben de mensen al een lang traject, van maanden, achter de rug voor wij ze voor het eerst zien. Vanwege slecht en moeizaam eten, zijn ze afgevallen, minder actief, sneller moe en dus vaak verzwakt. Onze inzet is tegenwoordig dat we alles in het werken stellen om deze patiënt fitter op de OK te krijgen. Zodat ze ook fitter en sneller het ziekenhuis kunnen verlaten”, vertelt hij.
Regionaal netwerk Sinds de jaren tachtig verricht het ETZ slokdarmchirurgie. Dat gebeurt in groot regionaal verband, met patiënten uit de gehele regio Midden- en West-Brabant en soms zelfs uit Zeeland. Het regionaal netwerk EMBRAZE, samenwerkingsverband van de ziekenhuizen op oncologisch gebied in de regio Brabant en Zeeland, dateert uit 2015. Daarmee werd het ETZ slokdarm- en maagcentrum voor een groot deel van de regio en tevens één van de grotere centra van Nederland. Jansen: “In principe zie ik alle nieuwe patiënten hier samen met de chirurg voor een intake.”
Prehabilitatie De zorg voor patiënten met het slokdarmcarcinoom is in de loop der jaren stevig veranderd. Een voorbeeld daarvan, zegt Jansen, is het zogeheten prehabilitatiespreekuur. Aan de muur van zijn spreekkamer hangt een simpel te begrijpen levensgroot pictogram waarin de verschillende stadia van de behandeling worden uitgebeeld. De patiënt kan meekijken naar wat hem of haar te wachten staat. “Een grote groep patiënten doet weinig of helemaal niets aan zijn conditie. Het merendeel van hen is man, boven de 60 jaar. Wij dringen er bij hen op aan echt in beweging te komen, voor hun eigen bestwil.” Dat advies klonk vroeger ook, maar het was aan de patiënt daar iets mee te doen. “Mensen zien nu in dat het niet alleen de arts is die hen moet genezen, maar dat ze ook zelf in actie dienen te komen om beter te worden”, ervaart de PA.
Walther Jansen overlegt met diëtist Stephanie Crooymans en fysiotherapeut Ilse Uithoven.
Zelf aan de slag Voorheen sprak de patiënt tijdens het eerste polikliniekbezoek alleen met de PA en de chirurg. Jansen: “Daar zijn nu de afspraken met fysiotherapie en diëtiste aan toegevoegd. De fysiotherapeut test de conditie en spierkracht van de patiënt en geeft een gerichte verwijzing naar een fysiotherapeut. De diëtiste inventariseert de voedingstoestand van de patiënt en geeft eveneens tips en adviezen mee voor tijdens het voortraject van chemo en bestralingen.” Kortom, de patiënt moet zelf aan de slag gaan. Jansen: “De huisarts krijgt van ons te horen hoe we de patiënt hebben geïnformeerd en kan toezien op de actieve verwijzing naar de fysiotherapie.” Het is een lange en zware weg die moet worden afgelegd, zegt Jansen nog maar eens. “Zowel vooraf als nadien. We beginnen met chemo en bestraling, daarna is het weken wachten op het effect. De tumor slinkt, mensen ervaren dat en voelen zich al direct wat beter, maar het blijft dan toch zaak om alle adviezen te blijven opvolgen. Daarna komt de operatieve ingreep, lange nazorg maar ook het direct weer actief worden. Zo snel mogelijk uit bed en weer lopen.”
Boodschap Voor de patiënt is een ‘hele carrousel’ van afspraken opgezet, om hem of haar zo snel en zo goed mogelijk te motiveren wat te doen aan conditie en voedingstoestand. Jansen: “De voornaamste boodschap luidt: hoe meer ze zich zelf inzetten fit te worden en te blijven, des te fitter zullen ze ook weer uit het ziekenhuis komen. En mochten er onverhoopt toch complicaties optreden dan kunnen ze die veel beter doorstaan .” BUITENPOST
17
INNOVATIE
De toekomst van chirurgie heet 3D Het einde aan de ontwikkelingen in het 3D-lab van het ETZ is nog lang niet in zicht, glundert vaatchirurg Jan Heyligers. Hij vertelt over de meest recente ontwikkelingen in dit voor velen nog immer futuristische centrum binnen het ziekenhuis. Heyligers: “We staan aan de vooravond van het in dienst nemen van de eerste hoogopgeleide medewerkers in ons 3D-lab. Een samenwerking tussen de chirurgen en MKA-chirurgen heeft dat mede mogelijk gemaakt. Eerst begonnen chirurgen zelf met het printen van 3D-prints, vervolgens kwamen de technisch geneeskundige studenten ons versterken en nu dus de eerste medewerkers. De eerste promotie is een feit, door Lars Brouwers, en de tweede promovenda staat te popelen om te beginnen.” Heyligers raakt niet uitgepraat als hij losbrandt over de mogelijkheden van het chirurgische 3D-lab. Mike Bemelman, traumachirurg, chirurg in opleiding Lars Brouwers en Heyligers hebben het 3D-lab in het ETZ opgezet. Het 3D-lab heeft inmiddels tal van samenwerkingsprojecten in het leven geroepen. Met de universitaire opleidingen Technische Geneeskunde in Twente en Delft, maar bijvoorbeeld ook dichter bij huis met Tilburg University. Die samenwerking tussen het ETZ en TiU wordt onder meer gestimuleerd vanuit het zogeheten WeCare initiatief. Dat is bedoeld om wetenschappelijk onderzoek en samenwerking tussen de beide instituten te ondersteunen. Eén van de projecten vanuit het 3D-lab is gewaardeerd met een beurs en gaat over hologram geleide chirurgie (zie foto). Dat is het onderwerp van de tweede promovenda, Annabel Groeneberg.
Begrip De artsen verdiepen zich permanent in mogelijke innovaties voor hun lab. Heyligers: “Op dit moment hebben we daartoe een aantal projecten lopen. Zo doen we onderzoek naar 3D-geprinte casts als uitbreiding op het gips. We hebben recent een meisje kunnen helpen dat met een dergelijk spalkje, in plaats van gips om haar pols, toch kon gaan zwemmen. Ook is geconcludeerd dat met behulp van zogeheten 3D-tv’s beter inzicht wordt verkregen in longafwijkingen die geopereerd moeten worden. Omdat de chirurg de anatomie beter in beeld krijgt dan wanneer daarvoor alleen de CT-scan gebruikt wordt”. Hologramgeleide chirurgie is eveneens een toepassing die de toekomst van de medisch specialist zal veranderen. Heyligers: “Met behulp van 3D visualisatiesystemen en een Hololens kunnen we letterlijk in het lichaam van de patiënt kijken, nog voordat de operatie begint”. De vraag is wat deze vernieuwingen voor patiënten en artsen gaan betekenen? “De 3D-visualisaties zullen voor
BUITENPOST
18
Hologram geleide beeldvorming, waarbij de chirurg ‘door de patiënt kijkt’.
iedereen het begrip vergroten over de aard van een aandoening en de manier waarop de arts denkt in te zullen grijpen”, verklaart Heyligers. “Artsen kunnen hun patiënt beter uitleggen wat er aan de hand is, behandelaars krijgen eveneens een beter inzicht in wat ze moeten gaan doen.“ Hij geeft het voorbeeld van de MKA-artsen, die binnenkort in het eigen ziekenhuis een 3D-mal kunnen laten maken. “We hoeven dat dus niet meer uit te besteden aan een extern laboratorium. De artsen kunnen gewoon in huis bij ons binnenlopen en zien direct wat er gebeurt. Dat zijn belangrijke ontwikkelingen.”
Voorbereiden Met een 3D-geprint model zijn chirurgen in staat zich beter voor te bereiden op een operatie. Bij een complexe botbreuk kunnen ze tot in detail zien waar het probleem zit, en dat aan hun patiënt tonen. Ook kleine breukjes worden zichtbaar. Erg behulpzaam bij het maken van een operatieplan. Heyligers denkt dat het 3D-lab in het kader van de opleiding tot chirurg ook een duidelijke vooruitgang is . Het helpt de jonge specialist bij het verkrijgen van inzicht in pathologie. “Als groot perifeer opleidingsziekenhuis zijn we steeds op zoek naar nieuwe mogelijkheden om ons vak beter onder de knie te krijgen, zodat jonge collega’s vol vertrouwen later ‘de echte wedstrijd’ in kunnen gaan.”
ONDERZOEK
Zorgpad herseninfarct onder de loep Patiënten met een herseninfarct hebben een betere kans op herstel als ze snel behandeld worden. Het ETZ heeft daarom met behulp van een trackingsysteem het zorgpad geanalyseerd, vanaf binnenkomst van de patiënt op de Spoedeisende Hulp (SEH) tot en met de behandeling. Dat leverde belangrijke tijdbesparende inzichten op. Tijdens de analyse, die onderdeel is van het Europese BigMedilytics-project, maakte het ETZ gebruik van trackingsysteem ‘Real Time Locating Service’ (RTLS). Hiermee kon, middels trackers in het plafond, communicatiebadges bij de zorgprofessionals en polsbandjes met zendertjes bij de patiënten, het SEHzorgpad voor patiënten met een herseninfarct in kaart worden gebracht. “Dat is een omschreven patiëntengroep, bij wie vaak hetzelfde gebeurt”, vertelt Julia van Tuijl, neuroloog in het ETZ.
Kwaliteitsverbetering Het doel van deze analyse is helder: kwaliteitsverbetering in de patiëntenzorg. Bij een herseninfarct, waarbij een bloedvat is afgesloten door een stolsel, is snelheid geboden, want ‘time is brain'. “Het is belangrijk dat de bloedtoevoer naar de hersenen zo snel mogelijk hersteld wordt”, legt Van Tuijl uit. Dit kan door middel van een infuus met een soort stolseloplosser (intraveneuze trombolyse), door het wegzuigen van het stolsel met een katheter of door een combinatie van beide behandelingen. Hoe eerder de patiënt wordt geholpen, hoe beter de uitkomst zal zijn. “Iedere minuut is van belang als het gaat om een goed herstel van de patiënt”, geeft Van Tuijl aan. Het ETZ streeft naar een zo gestroomlijnd mogelijk zorgpad voor patiënten met een herseninfarct. RTLS maakte het zorgpad zichtbaar, waardoor het in samenwerking met elektronicaconcern Philips geanalyseerd kon worden.
Tijdwinst Hoe ging dit precies in zijn werk? Aan het plafond werden trackers bevestigd die communiceerden met de badges van de zorgprofessionals en het zendertje van het polsbandje van de patiënt. Zo werden de bewegingen van de betrokkenen nauwkeurig vastgelegd. De privacy kwam hierbij niet in gevaar, omdat enkel naar functiegroepen werd gekeken, waardoor er geen namen aan te pas kwamen. Deze technologische toepassingen stonden volledig in het teken van het analyseren en optimaliseren van de workflow op de SEH. Op die manier hoopte men ook knelpunten inzichtelijk te maken. ETZ-anesthesioloog Gerrit-Jan Noordergraaf was als hoofdonderzoeker nauw betrokken bij deze studie en zag wat de observaties opleverde. “De SEH-verpleegkundige moest de trombolyse-medicijnen uit de medicijnkamer halen, die niet ver weg ligt. Je hebt daarentegen met allerlei andere afleidende factoren te maken, waardoor het langer kan duren”, vertelt Noordergraaf. Toen is besloten
ETZ-anesthesioloog Gerrit-Jan Noordergraaf was als hoofdonderzoeker nauw betrokken bij de studie
om die medicijnen voortaan standaard op de traumakamer, waar patiënten met een herseninfarct worden opgenomen, te leggen.
Resultaten Een andere belangrijke observatie: “Bij de katheterbehandeling is de anesthesiologie betrokken. Het werkstation moet daarvoor opgestart worden. Dat duurt elf minuten. De anesthesiekar moest eerst gezocht worden en vervolgens van de operatiekamer naar beneden komen, wat ook weer acht minuten duurde”, legt Noordergraaf uit. “De kar en het werkstation moeten dus al startklaar zijn. Op die manier kan je makkelijk 25 minuten sparen.” Zo is dus gebleken dat het RTLS-systeem tijdbesparende inzichten opleverde. De vraag of het systeem het zorgpad betrouwbaar in kaart kan brengen, is daarmee dus positief beantwoord. Daar zitten wel enkele mitsen en maren aan. Zo dient iedere zorgprofessional zijn/haar badge te dragen en moeten patiënten op tijd hun polsbandje om krijgen. Zelf haalde Noordergraaf een belangrijke leeropbrengst uit de pilot: “Als zorg moeten wij steeds verder kijken naar een manier om met techniek onze kwaliteit meetbaar, betrouwbaar en beter te kunnen maken.
BUITENPOST
19
DANK U WEL!
AFGELOPEN 3 JAAR ZIJN RUIM 1800* MIGRAINE PATIËNTEN BEHANDELD MET AIMOVIG®
Hiermee hebben we veel migraine dagen kunnen voorkomen en pakken migraine patiënten stap voor stap hun leven weer op. Dit hebben we samen bereikt! We zijn dankbaar voor uw steun en kijken uit naar een toekomst met minder migraine.
Wilt u verder praten over hoe we samen migraine patiënten kunnen helpen? Neem dan hier contact met ons op. of kijk op www.novartis.nl/medicijnen/aimovig
*data on file
Dank u wel namens het Aimovig® team.
VERBOUWING
Poli MKA-chirurgie in een nieuw jasje De polikliniek Mond-, Kaak- en Aangezichts (MKA)-chirurgie in ETZ Elisabeth is verbouwd. De wachtruimte is behoorlijk uitgebreid en de behandel- en spreekkamers zijn in een nieuw jasje gestoken.
De nieuwe polikliniek heeft zeven behandelkamers.
Er was door het toegenomen aantal behandelingen grote behoefte om de polikliniek flink uit te breiden. 280 vierkante meter aan oppervlakte is er bijgebouwd. Dankzij de verbouwing heeft de polikliniek MKAchirurgie eveneens een grotere, ruimere wachtkamer gekregen, volledig ingericht om ook voldoende afstand tot elkaar te bewaren.
gloednieuwe scan kunnen we grotere foto’s dan voorheen maken. Daardoor hoeven we patiënten minder te belasten, want dat gebeurt nu in één keer. Het nieuwe apparaat komt vooral goed van pas voor patiënten die een ingrijpende kaakoperatie of reconstructie moeten ondergaan”, aldus Nout. “Op deze manier kunnen we onze operaties nog beter in 3D voorbereiden dan voorheen het geval was.”
Nieuwste apparatuur De polikliniek heeft zeven behandelkamers en twee spreekkamers. De hele polikliniek inclusief het meubilair en de medische hulpmiddelen zijn vernieuwd. De ruimtes zijn voorzien van levensgrote afbeeldingen met vogels. De behandelkamers zijn zo ingericht dat zorgverlener en patiënt elkaar beter kunnen aankijken. “Dat vind ik een grote verbetering, want zo kan ik veel beter contact maken met mijn patiënt in plaats van met mijn rug naar de patiënt toe achter de computer te zitten”, zegt Erik Nout, mond-, kaak- en aangezichtschirurg. In de röntgenruimtes staat een zogeheten OPG-toestel, om röntgenfoto’s van het hele gebit mee te maken, en een gloednieuwe conebeam CT-scan. Met dit geavanceerde apparaat kunnen in één keer 3D-foto’s als een scan worden gemaakt van het hele aangezicht, inclusief de schedel en mondholte. Het apparaat werkt met een zeer lage stralingsdosis. “Met deze
Over de polikliniek Bij de polikliniek Mond-, Kaak- en Aangezichtschirurgie worden patiënten behandeld aan het aangezicht, de mond, de kaak of het hoofd-halsgebied. Er worden veel chirurgische behandelingen uitgevoerd onder lokale verdoving. Denk aan het trekken van verstandskiezen, een wortelpuntbehandeling of het plaatsen van implantaten. Daarnaast worden ook kleine esthetische ingrepen verricht, zoals botox en fillerbehandelingen en ooglidcorrecties. Verder vinden op de polikliniek spreekuren plaats van uitgebreidere behandelingen of ziektebeelden, zoals schisis, kaakverplaatsingen, aangezichtstrauma’s, speekselklieraandoeningen, schedelreconstructies en behandeling van hoofd-halskanker. Het ETZ heeft een erkenning voor topklinische zorg aan patiënten met tumoren in het hoofd-halsgebied. Ook de controles na een operatie vinden op de polikliniek plaats. Ga voor meer informatie naar www.etz.nl/mka. BUITENPOST
21
PRIMEUR
AI-toepassing ‘ziet’ breuken op foto’s Heeft de patiënt een botbreuk? Voor het beantwoorden van deze vraag worden dagelijks in het ETZ circa honderd röntgenfoto’s gemaakt. De Tilburgse radiologen maken nu - als proef - gebruik van artificiële intelligentie (AI) voor het stellen van de juiste diagnose.
Prof. dr. Erik Ranschaert beoordeelt een breuk op een röntgenfoto. De kunstmatige intelligentie-toepassing heet BoneView, een primeur voor Nederland. “We zijn het eerste ziekenhuis dat gebruik maakt van dit algoritme”, vertelt radioloog prof. dr. Erik Ranschaert. De technologie is vóór de ingebruikname in het ETZ getest. Daarvoor heeft Ranschaert samen met zijn collega’s een selectie gemaakt van 600 recente röntgenfoto’s. Die hebben ze vervolgens door BoneView laten analyseren.
Resultaten De uitkomst daarvan was positief, volgens Ranschaert: "Uit onze test bleek dat BoneView in staat is om fracturen te vinden die de specialisten met het blote oog niet zagen. Bij de test ‘ontdekte’ BoneView 7 niet eerder opgemerkte breuken. Ranschaert: “Als je dat doorrekent naar een heel jaar kunnen met BoneView 360 tot 370 gemiste fracturen worden vermeden. Dat is toch een aanzienlijk aantal”. Betekent dit dat BoneView de beoordeling door de radioloog volledig over kan nemen? Volgens Ranschaert is dat nog een utopie. “BoneView miste namelijk bij de test 3 bewezen breuken. Maar over het algemeen zijn de resultaten positief en dat betekent dat we BoneView vanaf nu op grotere schaal gaan testen." Niet alleen de radiologen worden vertrouwd gemaakt met BoneView, maar ook laboranten, spoedartsen, chirurgen en orthopeden.
Werking Ranschaert legt uit hoe BoneView werkt: "De röntgenfoto wordt gemaakt en automatisch
BUITENPOST
22
doorgestuurd naar een server, waarop het algoritme is geïnstalleerd. De software beoordeelt de foto. Die analyse bevat dan één van de volgende uitkomsten: fractuur, géén fractuur of twijfel.” Bij verreweg de meeste boordelingen is het algoritme zeker van een fractuur. In dat geval toont de software met een vaste lijn op de foto aan waar de fractuur zich bevindt. Als BoneView twijfelt wordt dat door de software met een stippellijn op de foto gemarkeerd. "Bij zo’n twijfelgeval moet de specialist zelf nog controleren of er bij dat stippellijntje wel of niet sprake is van een fractuur", verklaart Ranschaert. “In elk geval moet de radioloog altijd het definitieve verslag maken, dat betekent dat alle foto’s worden nagekeken. Door de proef moeten de radiologen, röntgenlaboranten en alle andere artsen meer ervaring krijgen met de betrouwbaarheid van het algoritme.” Het algoritme werkt snel; in minder dan drie minuten beoordeelt BoneView een foto. Op het moment dat de specialist de foto onder ogen krijgt, heeft BoneView de analyse al gedaan.
Hoofddoel De proef in het ETZ duurt drie maanden. Ranschaert benadruk dat het algoritme de specialisten niet vervangt. "Hoofddoel is om fracturen uit te sluiten. BoneView biedt de specialist een extra paar ogen dat heel secuur de klok rond werkt. Het zorgt voor nuttige ondersteuning. De uiteindelijke beoordeling van de röntgenfoto’s blijft een belangrijke taak van de specialist, die blijft eindverantwoordelijk. De patiëntveiligheid is in alle opzichten geborgd.”
TOPKLINISCH ZORGREGISTER
STZ-erkenning voor HIV-expertisecentrum Het ETZ kan de twaalfde ‘topklinische’ functie noteren. De Samenwerkende Topklinische opleidingsZiekenhuizen (STZ) heeft het ETZ bestempeld als ‘HIVexpertisecentrum Midden- en West-Brabant’. Het HIV-team is bijzonder trots op deze nieuwe STZ-erkenning.
Het ETZ HIV-team levert kwalitatief hoogwaardige zorg. Om als ziekenhuis een STZ-erkenning te krijgen, moet je aan een aantal - strenge - criteria voldoen. Zo moet het specialisme een aanzienlijk patiëntenbestand hebben. Bij het HIV-expertisecentrum is dat zeker het geval. Met 1200 patiënten is het ETZ immers, na het Amsterdamse OLVG, het grootste perifere HIV-centrum van Nederland en levert al vanaf het prille begin van de HIV epidemie in 1992 kwalitatief hoogwaardige HIV-zorg. Anno 2021 bestaat het HIV team uit drie internist-infectiologen, (Brouwer, Berrevoets, Van Kasteren), vier verpleegkundig consulenten (Adams, Dievelaar, Phaf, Van de Ven) en een verpleegkundig specialist (De Kruijf).
Wetenschap en innovatie Waar het HIV-expertisecentrum op het gebied van patiëntenzorg al vele jaren excelleerde, moest het op wetenschappelijk gebied nog wat stappen maken. Dat heeft het uiteindelijk gedaan in de vorm van deelname aan verschillende studies. “In samenwerking met het Radboudumc zijn we begonnen met de vierjarige ‘HIV2000 studie’. Deze vindt in vier HIV-centra in Nederland plaats en een promovendus voert dit onderzoek voor ons centrum uit”, licht Berrevoets toe. “Daarnaast hebben we ook een mooie bijdrage geleverd aan een corona-vaccinatiestudie bij HIV-patiënten, georganiseerd door het OLVG in Amsterdam.” Voor een STZ-erkenning in het Topklinisch Zorgregister moet het specialisme ook innovatieve ontwikkelingen laten zien. Ook dat is het geval bij het HIV-centrum. “Wij
zijn een uniek samenwerkingsverband aangegaan met de GGD en dit zal ertoe leiden dat op korte termijn patiënten in plaats van bij de GGD ook in het HIVcentrum terecht kunnen om zich op SOA’s te laten screenen. Specifiek gaat het om MSM-HIV-patiënten (mannen die seks hebben met mannen) die geen klachten ondervinden, maar wel risicocontacten onderhouden”, aldus Brigitte de Kruijf.
Erkenningen Het ETZ heeft nu erkenningen voor: 1. Echo-onderzoek van de zenuwen - Neurologie 2. Spinale chirurgie - Orthopedie 3. Allergieën – Allergologie 4. Vestibulair schwannomen (brughoektumoren) Neurochirurgie 5. Hoofd Hals tumoren - MKA chirurgie, KNO 6. Multitrauma/traumacentrum – Chirurgie 7. MS Centrum Midden Brabant – Neurologie 8. Onderzoek en behandeling van gliomen – Neurochirurgie, Neurologie 9. Onderzoek en behandeling van hersenmetastasen – Neurochirurgie, Gamma Knife Centrum Tilburg 10. IVF centrum – Centrum Voortplantingsgeneeskunde 11. Neurovasculair Expertisecentrum Tilburg – Neurochirurgie, Radiologie 12. HIV-expertisecentrum Midden- en West-Brabant – Interne Geneeskunde
BUITENPOST
23
KEUZEHULP
Patiënt met botbreuk voorbereid op revalidatie Het ETZ heeft samen met Netwerk Acute Zorg Brabant en ZorgKeuzeLab een online Keuzehulp ontwikkeld voor patiënten met een botbreuk. De digitale tool helpt patiënten en zorgverleners om een weloverwogen keuze te maken voor de verdere behandeling en revalidatie. Zodat patiënt en zorgverlener samen beslissen over het best passende revalidatieplan. De ‘Herstel na Botbreuk Keuzehulp’ is bedoeld voor volwassen patiënten met een botbreuk die opgenomen zijn geweest in het ziekenhuis. Het gaat om patiënten die vaak een lange revalidatieperiode staat te wachten en waarbij het letsel een grote invloed heeft op hun dagelijks functioneren.
Samen beslissen De ‘Herstel na Botbreuk Keuzehulp’ is een hulpmiddel voor patiënten en artsen om samen een goede beslissing te maken voor de best passende revalidatie. “De Keuzehulp biedt op een begrijpelijke manier wetenschappelijk onderbouwde informatie aan de patiënt”, legt projectleider Nicky Neequaye uit. “Met deze informatie krijgt de patiënt een meer realistische verwachting van zijn herstel. Ook maakt de Keuzehulp gemakkelijk inzichtelijk hoe patiënten zelf kunnen bijdragen aan hun herstel. Samen beslissen wordt gewoonweg steeds belangrijker en ook landelijk wordt er steeds meer aandacht aan besteed. Recentelijk is bijvoorbeeld de landelijke 'Samen beslissen' campagne gestart om dit thema meer onder de aandacht te brengen bij patiënten en zorgverleners.”
Keuzehulp In de Keuzehulp staat informatie over de diagnose en behandelopties. De patiënt kan zelf aangeven wat zijn afwegingen zijn. Hij bespreekt vervolgens samen met zijn specialist de samenvatting uit de Keuzehulp en stelt het behandelplan op dat het beste bij hem past. Traumachirurg Koen Lansink is positief: “Door deze tool ben ik als arts beter geïnformeerd over de wensen en vragen van mijn patiënt en verwacht ik dat de patiënt beter geïnformeerd naar het spreekuur komt. Zo zorgen we er samen voor dat de patiënt zorg op maat krijgt.”
Gespreksstarter Ook Regina The, algemeen directeur van ZorgKeuzeLab, is enthousiast. “Samen met de landelijke werkgroep hebben we hard gewerkt aan de totstandkoming van deze Keuzehulp. Voor samen beslissen na een trauma waren al enkele Keuzehulpen beschikbaar voor behandeling van het trauma zelf. Er bestaan echter nog geen Keuzehulpen voor het revalidatietraject na de opname. Dit terwijl uit onderzoek blijkt dat veel traumapatiënten geen realistische verwachtingen hebben van het herstel. Ook weten patiënten niet altijd wat zij zelf kunnen doen om het herstel te bevorderen. Deze Keuzehulp vergelijkt geen behandelingen met elkaar, maar is opgezet als ‘gespreksstarter’ zodat patiënt en behandelaar effectiever met elkaar kunnen bespreken wat belangrijk is bij het revalidatietraject.”
Hoe werkt het?
Een zorgverlener geeft het uitreikvel aan de patiënt op de verpleegafdeling. Met het uitreikvel en de unieke inlogcode kan de patiënt inloggen op de website van de Keuzehulp.
BUITENPOST
24
Als een patiënt wordt opgenomen in het ziekenhuis met een botbreuk, krijgt hij een uitreikvel met daarop informatie over de diagnose, het beleid en advies. Daarnaast staat er op dit document een link naar de online Keuzehulp met een unieke inlogcode. De patiënt doorloopt de Keuzehulp voorafgaand aan zijn eerste controleafspraak. Tijdens opname of na thuiskomst leest de patiënt de informatie in de online Keuzehulp. Enkele dagen voor de controleafspraak vult hij vragen in over de persoonlijke situatie. De patiënt en zorgverlener bespreken de Keuzehulp-samenvatting en stellen vervolgens samen een behandelplan op tijdens de eerste controleafspraak op de polikliniek. De 'Herstel na Botbreuk Keuzehulp' is getest onder zorgverleners en patiënten uit diverse Nederlandse instellingen. De zorgverleners zijn traumachirurgen, revalidatieartsen, fysiotherapeuten en orthopeden. De Keuzehulp is via ontwikkel- en implementatiepartner ZorgKeuzeLab beschikbaar voor alle zorgverleners en ziekenhuizen in Nederland.
SAMENDRAADS
‘We gaan verder met ontschotten’ De zorgnetwerkorganisatie Samendraads bestaat alweer vijf jaar. ‘En gaat met volle kracht door met gezamenlijk over de lijnen heen de zorg te optimaliseren’, zijn de enthousiaste woorden van programmamanager Suzan Knikkink. Nadat ze begin oktober met vrijwel alle samenwerkende partners binnen Samendraads een heidag in Klooster Nieuwkerk heeft doorgebracht is Suzan ervan overtuigd dat het netwerk Samendraads in staat blijkt de complexe regelgeving bijvoorbeeld op het gebied van financiering van zorg het hoofd te bieden. Knikkink: “Opnieuw werd mij duidelijk dat iedereen in MiddenBrabant er werkelijk voor wil gaan, bereid is een extra stap te zetten en daarmee waardevol bijdraagt aan de intensivering van samenwerking over de lijnen heen. In de ideale wereld spreken we niet van schotten tussen de eerste en tweede lijn”.
Enthousiast Het ETZ, PrimaCura, de huisartsenorganisatie, ZorgBelang (patiënten belangenvereniging) en zorgverzekeraars CZ en VGZ zijn vijf jaar geleden gedreven en ambitieus met hun gezamenlijke ideaal begonnen; alleen samen komen we verder. Inmiddels is het initiatief door alle deelnemers omarmd, meent Knikkink. “Zelfs in de afgelopen uiterst hectische periode, met Covid, capaciteitsproblemen en oplopende hoge werkdruk zijn de mensen die Samendraads maken enthousiast mee blijven doen.” “Samendraads is een lerende organisatie”, omschreef Knikkink de netwerkorganisatie al eens. “Daarom wilden we op een mooi tijdstip eens op een rij zetten waar we staan in de ontwikkeling. Wat hebben we de afgelopen periode bereikt en waar willen we samen naar toe.” Eigenlijk had die bijeenkomst al anderhalf jaar geleden zullen plaatsvinden. “We wilden elkaar echter heel graag fysiek ontmoeten, niet digitaal. Daarom hebben we het uitgesteld.”
Heidag Midden in de mooie bossen tussen Goirle en Poppel, in het klooster van Nieuwkerk, kwamen zo begin oktober 2021 een kleine dertig deelnemers bijeen. Knikkink: “Huisartsen, medisch specialisten, verpleegkundigen, managers, vertegenwoordigers van de zorgverzekeraars, projectleiders, communicatie, financieel management: een mooie complementaire groep”. Het programma van de heidag was met name bedoeld om de intermenselijke contacten te verstevigen. “Daarnaast ging het er ons om boven water te krijgen wat er leeft. Zijn er zaken die niet worden uitgesproken, dringt bij ons ook het geluid van de minderheid door?” Volgens Knikkink heeft de netwerkorganisatie zoveel potentie, en inmiddels bij alle deelnemende partners een dermate groot draagvlak. “Dat we werkelijk kunnen werken aan het wegnemen van de schotten tussen de eerste en tweede lijn. Waar echter nog veel te winnen valt is het draagvlak bij de zorgverleners en bekendheid van Samendraads. Ook hier hebben we uitgebreid bij
Suzan Knikkink stilgestaan tijdens de heidag, hoe kunnen we daar samen vorm aan geven. De communicatiemedewerkers van het ETZ en PrimaCura geven hierbij professionele begeleiding.”
Resultaten ia Samendraads zijn inmiddels zichtbare resultaten geboekt. TIM en het Digitaal Advies Consult draaien, Oogzorg wordt vaker bij de huisarts aangeboden, het project Hartfalen, Fractuurpreventie en Advanced Careplanning kwamen tot stand. Knikkink: Het laten zakken van de financiële schotten tussen de eerste en tweedelijn zou enorm dienend zijn om samenwerking te intensiveren en zorg te optimaliseren. Mooie uitkomst van de heidag is dan ook dat de bestuurders van zowel ETZ, PrimaCura, CZ en VGZ meerdere vervolgsessies samen aangaan om oplossingen te bedenken voor de complexiteiten waar we mee te maken hebben. Uiteraard worden alle aanwezigen van de heidag hierover goed geïnformeerd en zal er gelegenheid zijn om mee te denken de komende tijd, Samen zijn we slimmer! Tijdens onze heidag zag ik ook bij de zorgverzekeraars een enorme wil om verandering te bewerkstelligen, dat geeft vertrouwen”. En met zoveel enthousiasme om zich heen gaan stoppen met deze ‘tijdelijke klus, zoals eerder nog het voornemen was? Suzan Knikkink lacht: “Ik heb gezegd dat ik nog een paar jaar blijf”. Voor een overzicht van de reeds in praktijk gebrachte projecten en de op stapel staande van Samendraads: www.samendraads.nl/projecten. BUITENPOST
25
CADANS
Patiënten bewaken met chronisch ziektebeeld Om ook in de toekomst betrouwbare en toegankelijke zorg te kunnen blijven bieden, ligt de focus steeds meer op verdere samenwerking met regionale zorgpartners in de keten. Hierdoor kunnen partners snel schakelen, is de benodigde (patiënten)informatie direct beschikbaar en kan worden gewerkt aan versnelling van alle processen. Vanuit deze overtuiging werken Diagnovum en ETZ intensief samen. De samenwerking tussen Diagnovum en ETZ zorgt ervoor dat het hele proces van digitale aanvragen, logistiek van het materiaal en de rapportage van de uitslag en de informatie voorziening in de zorgketen onlosmakelijk met elkaar verbonden is. Dit betekent dat alle uitslagen inzichtelijk zijn: - Voor de patiënt in MijnETZ.nl; - Voor de huisarts in digitale berichtgeving of in het zorgverlenersportaal van het ETZ; - Voor de medisch specialist in het ZIS met zowel tweedeals eerstelijns uitslagen (dit nadat de huisarts een doorverwijzing heeft gedaan). Hierdoor wordt dubbeldiagnostiek voorkomen.
Cadans Er is met Cadans ook een oproepsysteem voor chronische patiënten beschikbaar, evenals DTO modules/spiegelinformatie. Daarnaast kunnen verwijzers hun aanvraag voor eerstelijns diagnostiek volledig digitaal doen. Bloedafname thuis en op de prikpost, logistiek ten behoeve van microbiologisch en pathologisch materiaal en werken vanuit één front-office (via het Klantcontact Centrum) zijn de drijvers van Diagnovum. Cadans is een applicatie waarmee eerstelijns zorgverleners inzicht hebben in de bewaking van hun patiënten met een chronisch ziektebeeld. De applicatie biedt de mogelijkheid om zelf als zorgverlener de bewaking van een patiënt op te starten, het huidige protocol aan te passen, losse bepalingen toe te voegen en nieuwe patiënten aan te melden. Cadans wordt benaderd vanuit ZorgDomein.
worden. Daarnaast is het erg prettig dat je wijzigingen in bijvoorbeeld oproepdatum, extra bepalingen of thuisprikken zelf online in cadans aan kunt passen.”
Voordelen Cadans: - Webbased applicatie: wijzigingen worden real-time verwerkt en zijn direct zichtbaar. - Eenvoudig in gebruik: gebruiker roept via ZorgDomein patiënt op en met één klik heeft gebruiker toegang tot Cadans en de te bewaken patiënt, inclusief patiëntinformatie. - Doelmatigheid/eigen regie: verwijzers kunnen zelf protocollen opstarten, wijzigen, of staken. - Flexibel: maatwerk mogelijkheid per individuele patiënt. - No–show rapportages en de rapportages met alle toekomstige oproepen ontvangen verwijzers via Diagnovum.
Informatie via Diagnovum Linda Smits-Becx, praktijkondersteuner Huisartsenpraktijk Kools en van Liempd: “Het scheelt me veel tijd dat de oproepen door Diagnovum verstuurd
BUITENPOST
26
Verwijzers kunnen met hun vragen elke werkdag tussen 8.00 en 17.30 uur terecht bij het Klantcontact Centrum (KCC) via info@diagnovum.nl of tel. (013) 539 36 36.
MUTATIES MEDISCHE STAF
Overzicht nieuwe en vertrokken specialisten 1 juli tot 1 oktober 2021 Vertrokken specialisten: Prof. dr. J.A.J.W. Kluytmans Dr. A.J. Apperloo Dr. Ir. N.A.M. de Beer B.N. Beute F.J. van der Sluis O.C. Wallis
arts-microbioloog internist klinisch fysicus neurochirurg traumachirurg klinisch neuropsycholoog
01-07-2021 01-09-2021 01-09-2021 01-09-2021 01-10-2021 01-10-2021
Nieuwe specialisten: Dr. D. de Groot Dr. A.C. Vesseur Dr. F.M. de Beer Dr. E.J.B. Derissen Dr. H. de Graaf-de Schutter S.L. Röntgen P.J.P. Nachtergaele R. Bos-Kint Dr. N.S. Hartkamp Dr. E.K. Hanrath-Vos Dr. M.J. van Tilburg S. de Backer
neuroradioloog KNO-arts anesthesioloog ziekenhuisapotheker kinderarts SEH-arts neurochirurg GZ-psycholoog radioloog radioloog KNO-arts SEH-arts
01-07-2021 01-07-2021 01-07-2021 01-08-2021 01-09-2021 01-09-2021 01-09-2021 01-10-2021 01-10-2021 01-10-2021 01-10-2021 01-10-2021
Annemarie Vesseur.
Pieter Nachtergaele.
Rosanne Bos - Kint.
Friso de Beer.
Ellen Derissen.
BUITENPOST
27
SPECIALISTISCHE VERPLEGING IS OOK MOGELIJK BIJ U THUIS Thebe biedt naast verzorging en verpleging, ook specialistische ThebeWijkverpleging Wijkverpleging biedt naast verzorging en verpleging, ook zorg bij u thuis. Het gaat bijvoorbeeld omdan infuusbehandeling, pijnspecialistische zorg bijdan u thuis. Het gaat bijvoorbeeld om infuusbestrijding, het inbrengen van sondes, verwijderen van drains etc. We werken behandeling, pijnbestrijding, het inbrengen van sondes, verwijderen hierbij nauw samen met uw behandelend arts en u hoeft hiervoor niet naar het van drains etc. We werken hierbij nauw samen met uw behandelend ziekenhuis. Daarbij werken er bij Thebe verpleegkundigen die gespecialiseerd artsinen u hoeft niet het ziekenhuis. Daarbij werken er en zijn longzorg enhiervoor wondzorg. De naar longverpleegkundigen bieden thuis advies bij Thebe verpleegkundigen die gespecialiseerd zijn in longzorg en begeleiding aan mensen met COPD/astma.
wondzorg. De longverpleegkundigen bieden thuis advies en begeleidingspecialisten aan mensen metbij COPD/astma. Onze komen u thuis en werken samen met uw eigen buurtteam aan een zo goed mogelijk herstel. Vanzelfsprekend werken onze verpleegOnze specialisten komen bij u thuis en werken samen met uw dat eigen kundigen geheel volgens de RIVM-richtlijnen. U kunt erop vertrouwen u veilig wordt geholpen, ookgoed in tijden van Corona. buurtteam aan een zo mogelijk herstel.
Wondmeldpunt 088 - 117 10 67 / wondmeldpunt@thebe.nl Longverpleegkundigen 088 - 117 10 65 / longverpleegkundige@thebe.nl Specialistische verpleging thuis 088 - 117 81 42 / svt@thebe.nl
www.thebe.nl
MULTIDISCIPLINAIRE ZORG
Geriatrische Trauma Unit Wanneer een kwetsbare oudere patiënt een heupfractuur oploopt, schuilt daar vaak meer achter. Denk bijvoorbeeld aan dementie, moeite met lopen én een aandoening als de ziekte van Parkinson. In het ETZ is de juiste zorg voor die patiënten gecentraliseerd op de Geriatrische Trauma Unit (GTU), die eind september werd geopend.
Het team van de Geriatrische Trauma Unit. Op de gloednieuwe afdeling is sprake van multidisciplinaire zorg. Dat betekent dat er veel verschillende zorgverleners bij het zorgproces betrokken zijn. Dat zijn onder andere de traumachirurg, de traumaorthopeed, de geriater, de fysiotherapeut en de (transfer)verpleegkundige. Dat heeft een reden. "Je weet dat bij die kwetsbare patiënten vaak meer problemen spelen dan alleen de breuk", vertelt Ingrid Claassen, verpleegkundig specialist Geriatrie in het ETZ.
Versnippering
Oorzaak
Ook de zorg voor een goede overdracht draagt bij aan de kwaliteitswaarborging op de GTU. Zo wordt er altijd een uitgebreide brief geschreven voor de overdracht van een patiënt naar een andere instelling. "Dat is ontzettend belangrijk en gaat soms ook nog weleens mis, waardoor er bijvoorbeeld informatie verdwijnt."
Zo is het op de GTU belangrijk om te achterhalen wat de oorzaak is van de val. Gedurende de jaren is men tot de conclusie gekomen dat het voornamelijk om kwetsbare patiënten gaat. "Dat zijn mensen die meestal in huis of in de tuin lopen, daar vallen en een botbreuk oplopen", stelt Mariëlle Mensing Hofman, geriater in het ETZ. "Na de operatie spelen er alsnog andere problemen. Die zijn er al thuis, waardoor ze zijn gevallen, en komen hier op de GTU tot uiting." Je kunt problemen in de toekomst voorkomen door alles rondom een heupfractuur goed te analyseren. Zo speelt niet enkel het lichamelijke aspect een rol in het hele proces. "Bij geriatrie kijken we altijd naar vier verschillende domeinen: somatisch, psychisch, functioneel en sociaal, zoals de eventuele beschikbare hulp van kinderen", vertelt Mariëlle.
Dat deze patiëntenzorg nu is gecentraliseerd, zal de kwaliteit ook zeker ten goede komen. "Voorheen was de zorg versnipperd over allerlei afdelingen. Nu het op één plek zit, hoop je de kwaliteit te verbeteren doordat je de kennis en kunde omtrent deze patiëntengroep centraliseert", geeft Ingrid aan. "Voorbeelden zijn verpleegkundigen die daar meer in thuis zijn en fysiotherapeuten die de patiënten vaker zien."
Frisse start Voorafgaand aan de opening van de GTU was er een teambuildingsdag, waar voornamelijk verpleegkundigen en zorgassistenten aanwezig waren. Op die manier kon iedereen elkaar op een goede manier leren kennen. Daarnaast was er ook een educatief gedeelte in de vorm van bijscholing. Zo nam Mariëlle die dag het woord om alles te vertellen rondom geriatrie. Zo is de GTU met een frisse start begonnen.
BUITENPOST
29
SAMENWERKING
ETZ en VGZ sluiten nieuwe overeenkomst Het ETZ en zorgverzekeraar Coöperatie VGZ sluiten opnieuw een strategisch samenwerkingsverband voor een periode van vijf jaar. Beide alliantiepartners zijn erg tevreden over de resultaten tot nu toe en zetten hun ambitie om de zorg zinniger en toekomstbestendig te organiseren graag samen voort. Hiervoor zijn meer innovaties (groot en klein) nodig. Maar ook slimme samenwerking in de keten, het optimaal inzetten van alle faciliteiten en aandacht voor opleiden en vitaliteit van het personeel. In de nieuwe strategische samenwerking is onder meer vastgelegd dat de groeiende zorgvraag binnen de huidige capaciteit en afspraak wordt opgevangen. Ook digitalisering van de zorg – digitaal als het kan, fysiek als het nodig is - en preventie hebben nadrukkelijk een plek gekregen in de overeenkomst. Op deze manier organiseren beide alliantiepartners minder druk op schaarse capaciteit en lagere zorgkosten. De strategische samenwerking biedt het ETZ tevens de ruimte het programma ‘Gepast Gebruik’ verder vorm te geven en acute zorg in de nieuwbouw te concentreren op de locatie ETZ Elisabeth.
Al ruim honderd initiatieven In het ETZ zijn afgelopen jaren al ruim honderd initiatieven gestart om de zorg slimmer, efficiënter, kwalitatief beter en innovatiever te maken. Het sturen op gepast gebruik van dure geneesmiddelen, het toedienen van antibiotica in de thuissituatie en het project ‘Intensive Care zonder muren’ zijn daar goede voorbeelden van. In april 2021 startten ETZ en VGZ een proef met een medicijnkluisje om verspilling van dure medicijnen tegen te gaan. Omdat de medicijnen in dat kastje onder optimale omstandigheden worden bewaard, kunnen de niet-gebruikte medicijnen weer worden teruggebracht naar de apotheek voor een andere patiënt. Op die manier kan verspilling van medicijnen - die in Nederland volgens schattingen jaarlijks oploopt tot zo'n 100 miljoen euro - worden tegengegaan.
Gezamenlijke uitdaging In de nieuwe strategische samenwerking tussen ETZ en VGZ is onder meer vastgelegd dat de groeiende zorgvraag binnen de huidige capaciteit en afspraak wordt opgevangen. Dit stimuleert het ziekenhuis en de verzekeraar om slim met de beschikbare zorgcapaciteit en financiële middelen om te gaan, waarbij de verleende zorg van hoog niveau blijft. Samen zullen ze via innovaties in de zorg, en slimme samenwerking in de keten oplossingen moeten bedenken die blijven leiden tot hoogwaardige kwaliteit en toegankelijkheid van zorg in de regio.
‘Vol vertrouwen naar de toekomst’ Onderdeel van de afspraken is een innovatiefonds, waarmee het ETZ nieuwe, veelbelovende initiatieven kan
BUITENPOST
30
Marjo Vissers – Kuijpers (Coöperatie VGZ) en Gerard van Berlo (ETZ) bekrachtigen met hun handtekeningen de nieuwe meerjarige overeenkomst. starten. ETZ-bestuurder Gerard van Berlo is blij met de nieuwe strategische samenwerking. “Hiermee geven we een mooi vervolg aan de lopende meerjarenafspraak 2017-2021. Hoewel de afspraak voor beide partijen ambitieus en spannend is, biedt het ons zekerheid en stabiliteit om samen op het ingeslagen pad door te gaan en vol vertrouwen naar de toekomst te kijken.”
‘Enthousiast over resultaten’ Marjo Vissers, Chief Health Officer bij Coöperatie VGZ, is enthousiast over de resultaten en doorontwikkeling. “Met deze nieuwe strategische samenwerking bestendigen we de continue zoektocht naar gepaste zorg èn creëren we daarnaast ook ruimte voor innovatie. Slimme digitalisering bijvoorbeeld zorgt ervoor dat mensen hun zorg thuis kunnen krijgen en zelf meer regie kunnen nemen in hun behandelproces. Deze vernieuwing maken we graag samen met het ziekenhuis toegankelijk voor patiënten nu en om de zorg ook in de toekomst toegankelijk te houden."
LEERSTOEL
Kwaliteit van leven in de medische setting Orthopedisch chirurg Taco Gosens en vaatchirurg Patrick Vriens zijn benoemd tot bijzonder hoogleraar 'Kwaliteit van leven in de medische setting' bij het departement Medische en Klinische Psychologie aan Tilburg University. De benoeming betreft de verlenging van de bestaande leerstoel en tevens omzetting in een bijzondere leerstoel. Het doel van de bijzondere leerstoel is een concretere invulling en toepasbaarheid te geven voor het begrip ‘kwaliteit van leven’ voor patiënten met chronische lichamelijke aandoeningen, zodat zorg hierop beter kan worden ingericht en afgestemd.
Vier onderzoekslijnen De leerstoelhouders zullen vier onderzoekslijnen ontwikkelen op het terrein van kwaliteit van leven in de medische setting. Deze hebben betrekking op de medische psychologie, orthopedie en heelkunde en er wordt een eerste stap gezet richting ‘digital therapies’: persoonlijke, digitale begeleiding van patiënten buiten het ziekenhuis.
Over Taco Gosens Prof. dr. Taco Gosens studeerde geneeskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en volgde de opleiding tot orthopedie in het Atrium Medisch Centrum in Heerlen. Taco Gosens heeft vele wetenschappelijke publicaties op zijn naam staan op het gebied van orthopedische klachten en behandeluitkomsten daarvan. Taco Gosens is lid van de maatschap orthopedie in het ETZ, met als aandachtsgebieden chirurgie van heup, schouder, elleboog, pols en hand. Hij is tevens opleider orthopedie en doceert aan Tilburg University. Daarnaast is hij bestuurslid Wetenschap en Innovatie bij de Nederlandse Orthopedische Vereniging en hoofdredacteur van het orthopedische tijdschrift Wetenschap in Beweging.
Grote uitdaging Taco Gosens: “Resultaten van (orthopedische) behandelingen worden vaak meer bepaald door de psychologische eigenschappen van een patiënt dan door de behandeling of de prothese zelf”. Het onderzoek omvat daarom onder meer de effecten van persoonlijkheidskenmerken en andere psychosociale kenmerken, patiëntverwachtingen en digitale ondersteuning van het zorgproces, op de wijze waarin patiënten hun kwaliteit van leven beoordelen. Patrick Vriens: “Het meten van kwaliteit van leven blijft een grote uitdaging”. De leerstoel is ingesteld door Tilburg University en het ETZ. De leerstoel sluit aan bij het strategisch beleid van het ETZ, dat de tevredenheid van de patiënt met diens kwaliteit van leven na behandeling centraal stelt. Hierbij geldt dat zowel chirurgie als orthopedie de primaire proeftuinen zijn, waarna, bij succes, uitrol naar andere patiëntengroepen kan plaatsvinden.
Taco Gosens.
Over Patrick Vriens Prof. dr. Patrick Vriens studeerde geneeskunde aan de Universiteit Leiden en promoveerde aan de Universiteit Leiden en Stanford University. Hij is als (vaat)chirurg en chirurg bij kinderen verbonden aan de vakgroep Chirurgie Midden Brabant in het ETZ. Patrick Vriens doet onderzoek en publiceerde over Patient centered outcomes in perifeer vaatlijden, innovaties in endovasculaire aneurysmachirurgie, chirurgie voor geïnfecteerde aneurysma’s, chronische pijn na liesbreukchirurgie en over patiënt monitoring apps. Patrick Vriens is actief als opleider chirurgie en vervolgopleider vaatchirurgie in het ETZ. Hij had zitting in het bestuur van de Nederlandse Vereniging voor Vaatchirurgie en is onder meer voorzitter van de Centrale Opleidingscommissie in het ziekenhuis. Hij doceert aan Tilburg University.
F
Patrick Vriens.
BUITENPOST
31
ONDERZOEK
Overzicht door ETZ geïnitieerd onderzoek In het ETZ vindt veel medisch-wetenschappelijk onderzoek plaats. Dit overzicht laat zien welke zelf geïnitieerde onderzoeken in de periode april tot oktober 2021 zijn gestart. Titel: STS 2020: telefonische screening op PICS-elementen bij patiënten na IC opname met COVID -19
Hoofdonderzoeker: Sabine op t Hoog, Intensive Care Samenvatting: Achtergrond: Een intensive care opname kan een impact hebben op patiënten en hun familieleden. Tijdens de COVID-19 pandemie is de kans mogelijk nog groter om klachten te ontwikkelen welke worden gedefinieerd als een Post Intensive Care Syndroom (PICS). Gestructureerde Telefonische Ondersteuning (STS) is een potentiële interventie voor vroege herkenning van symptomen en het initiëren van gerichte adviezen voor patiënt en/of familieleden. Methode : Een retrospectief, mixed methods onderzoek. Wij ontwikkelden en implementeerden een STS gebaseerd op het PICS-kader aan het begin van de COVID-19 pandemie. ICUpatiënten die van het ziekenhuis naar huis werden ontslagen, werden één week na hun ontslag uit het ziekenhuis gebeld. Kwantitatieve en kwalitatieve gegevens van telefoongespreksverslagen werden geanalyseerd. Voor de analyse van de kwantitatieve gegevens werden beschrijvende statistieken gebruikt. Voor de kwalitatieve gegevens werd gebruik gemaakt van concept gedreven analyse aan de hand van vooraf bepaalde categorieën op basis van literatuur. Resultaten: In totaal ontvingen 46 patiënten een gestructureerde telefoondienst van verpleegkundig specialisten van de ICU. Bijna alle patiënten rapporteerden symptomen van het Post Intensive Care Syndroom. Contactpersoon: Sabine op t Hoog, s.opthoog@etz.nl, verpleegkundig specialist ETZ.
Titel: EMIN-FND: Emotion perception and expression in patients with a functional neurological disorder.
Hoofdonderzoeker: Dieuwertje de Waardt, Psychiatrie Samenvatting: Bij de polikliniek neurologie wordt 15-20% van de nieuwe patiënten gediagnosticeerd met een functioneel neurologisch symptoomstoornis (FNS) (Stone et al., 2010). De oorzaak en voorspellers van FNS zijn nog niet opgehelderd en het klinisch beloop vergt eveneens nader onderzoek. Er bestaat een verband tussen FNS en afwijkingen in de perceptie en expressie van emoties; in
BUITENPOST
32
het bijzonder boosheid. In deze studie wordt onderzocht of incongruentie tussen nonverbale emotionele gezichtsexpressies en de zelfgerapporteerde emotionele belevingen kenmerkend is voor patiënten met FNS en of deze emotionele incongruentie (EMIN) van voorspellende waarde is voor het klinisch beloop na diagnose van FNS. Opzet: Crosssectioneel between-groups design, gevolgd door een longitudinaal design. Follow-up duurt 1 jaar met drie meetmomenten die elk ongeveer een uur. Populatie: Drie groepen: patiënten met FNS (n=150), gezonde controles (n=20) en patiënten met een neurologische aandoening (n=40). Contactpersoon: Tim van Dijl, t.vandijl@ggzbreburg.nl, aios psychiatrie.
Titel: Kan de respiratoryoxygenation index (ROX) bijdragen ter inschatting van de kans op succes bij high-flow zuurstoftherapie bij patiënten met hypoxemie met een pneumonie op basis van SARS-CoV-2?
Hoofdonderzoeker: Bart de Brouwer, Longgeneeskunde Samenvatting: Het onderzoeken of de ROX score kan bijdragen aan het beslismoment voor het stoppen van optiflow bij een SARS-CoV-2 pneumonie. Contactpersoon: Bart de Brouwer, b.debrouwer@etz.nl, longarts.
Titel: WeCare MDTM Project: Teamwork in Oncology: Improving the Effectiveness of Multidisciplinary Team Meetings
Hoofdonderzoeker: Laurens Beerepoot, Oncologie Samenvatting: Centraal in oncologische zorg is multidisciplinaire samenwerking. Het sleutelmoment voor beleidsbeslissing is voor iedere patient de bespreking in het multidisciplinair (vaak regionaal georganiseerd) overleg (MDO), ook wel vanouds oncologiebespreking genoemd. Iedere majeure beleidswijziging wordt hier in gezamenlijkheid besproken en afgewogen. In het onderzoek observeren/coderen de onderzoekers de interpersoonlijke interactie gedurende deze oncologische MDO’s om relevante factoren te identificeren welke MDO’s beïnvloeden. Door video
observaties en analyse van interactie wordt gezocht naar optimalisatie samenwerking tussen verschillende professionals, zowel in het ETZ als in ziekenhuizen waar ETZ in het oncologienetwerk EMBRAZE samenwerkt. Daarnaast wordt ook gekeken naar de invloed die meepraten “op afstand” via een videoverbinding, heeft op de wijze waarop besluitvorming tot stand komt. Doel is om tot een optimaal gebruik van tijd en kennis te komen zodat voor iedere patiënt toegang is tot kennis in het netwerk en daarmee het optimale behandelbeleid bepaald kan worden. Contactpersoon: Laurens Beerepoot, l.beerepoot@etz.nl,, ìnternist-oncoloog.
Titel: Vitaal bedreigd: Analyse Vitaal bedreigde patiënt
Hoofdonderzoeker: Margo Oomen, Intensive Care Samenvatting: De afgelopen jaren zijn er meerdere instrumenten ingezet om de vitaal bedreigde patiënt tijdig te herkennen. Dit onderzoek geeft inzicht in de good practices die er in de praktijk zijn ten aanzien van het herkennen van de vitaal bedreigde patiënt & laat zien welke elementen ter optimalisatie waarneembaar zijn in dit proces. Hiervoor is gekozen voor een mixed methods methodiek waarbij het kwantitatieve deel is uitgezet met behulp van vragenlijsten en het kwalitatieve deel is afgenomen middels diepte interviews. Op deze manier wordt helderheid verkregen welke acties opgepakt moeten worden, welke acties prioriteit hebben en waar de behoeften liggen binnen de verschillende afdelingen in de kliniek. Contactpersoon: Margo Oomen, mja.oomen@etz.nl , verpleegkundig specialist Intensive Care.
Titel: Database GK Tilburg 2002: Retrospective analysis of outcome after Gamma Knife radiosurgery in patients with brain metastases
Hoofdonderzoeker: Patrick Hanssens, Radiotherapeutoncoloog Gamma Knife Center Samenvatting: In deze studie evalueren we gegevens van patienten met hersenmetastasen die sinds 2002 werden behandeld met Gamma Knife radiochirurgie (GKRS). Het betreft een retrospectieve studie. Contactpersoon: Eline Verhaak, e.verhaak@etz.nl, Postdoc onderzoeker
Titel: The impact of hospitalisation on ACB: The impact of hospitalisation on the anticholinergic cognitive burden of patients in the ETZ Hospital. A retrospective observational cohort study.
Hoofdonderzoeker: Barbara Maat, Ziekenhuisapotheek Samenvatting: Anticholinergic medication is associated
with adverse clinical outcomes, such as morbidity (e.g. delirium) and mortality. This retrospective observational cohort study aimed to determine the impact of hospitalisation on the anticholinergic burden,(the cumulative effect of taking one or more drugs susceptible to inducing anticholinergic adverse effects). All 2,618 patients (>18 years), that used at least one anticholinergic medicine between May 2021 and June 2021 were included. The anticholinergic burden was measured using a modified version of the Anticholinergic Cognitive Burden (ACB) scale. Results: The observed difference in ACB score (discharge compared to admission) was found to be significant [mean difference of 0.25 (SD 1.12)]. 32.6% of the included patients had an increase in their ACB score at discharge. During admission, approximately 50% of the patients had a clinically relevant ACB score (i.e. ≥3). Conclusion: Awareness among physicians and pharmacists should be increased, with the aim to reduce the patients’ ACB scores and minimize the risk of adverse clinical outcomes. Contactpersoon: Merlin Prinsen, m.prinsen@etz.nl, student onderzoeker Farmaceutische Wet., UU
Titel: Cancer Survivors Back on Track; samen beslissen over passende begeleiding bij het weer oppakken van het leven na kanker
Hoofdonderzoeker: Dr Dareczka Wasowicz, Chirurgie i.s.m. TiU: Dr Marjolein Lugtenberg; Dr Margot Joosen Samenvatting: Steeds meer mensen overleven kanker. Vanwege aanhoudende fysieke en psychosociale problemen, maar ook door een veranderende kijk op het leven, hebben patiënten vaak moeite om hun leven weer op te pakken, juist als de medische behandelingen zijn afgerond. Het huidige aanbod aan begeleiding na de behandeling is echter onvoldoende afgestemd op de patiënt zelf en zijn waarden en doelen en nauwelijks geïntegreerd in het zorgproces. In dit project wordt een online navigation tool ‘Back on Track’ ontwikkeld die cancer survivors en zorgprofessionals ondersteunt in het samen beslissen over passende begeleiding na afloop van de primaire behandeling, afgestemd op individuele waarden en behoeften. Met een kwalitatieve interviewen focusgroepstudie met cancer survivors, behandelaars en andere stakeholders worden ervaringen, waarden en behoeften onderzocht en wordt in co-creatie met de gebruikers ‘Back on Track’ ontwikkeld. Hierdoor draagt het project bij aan het realiseren van betere begeleiding voor cancer survivors bij het weer oppakken van het leven na kanker. Contactpersoon: Doris van der Smissen, MSc: D.vdrSmissen@tilburguniversity.edu, postdoc onderzoeker TiU.
Titel: Post-COVID thyreoïditis
Hoofdonderzoeker: Carolijn Klomp, Interne Geneeskunde Samenvatting Thyreoïditis kan voorkomen na virusinfecties. In deze retrospectieve studie wordt
BUITENPOST
33
ONDERZOEK
gekeken of er aanwijzingen zijn dat dit ook vaker voorkomt na een COVID-infectie, en of patiënten hierbij klachten hadden. Mogelijk levert dit inzichten op of er extra alertheid nodig is op het vóórkomen van schildklierproblematiek bij aanhoudende klachten na COVID. Contactpersoon: Hanneke Albarda, h.albarda@etz.nl, AIOS interne geneeskunde
Titel: HARNAS-trial: Harm reduction bij het gebruik van anabole androgene steroïden door amateursporters in Nederland
Hoofdonderzoeker: Diederik Smit, Interne Geneeskunde Samenvatting: Het gebruik van anabole steroïden door amateursporters is schadelijk en kan op termijn zorgen voor hart- en vaatziekten en hormonale problemen. Het voorkómen van gebruik is lastig vanwege de voor gebruikers evidente voordelen. Daarom zou een harm reduction-strategie een goede aanpak kunnen zijn (secundaire preventie). In de HARNAS-trial worden amateursporters begeleid door internisten met ervaring op het gebied van anabole steroïden en hierbij aangespoord minder prestatiebevorderende middelen te gebruiken. Het kuurgedrag van de 100 gebruikers van deze studie wordt vergeleken met een historische controlegroep. Indien de strategie effectief blijkt kan deze mogelijk op grotere schaal geïmplementeerd worden om gezondheidsschade door anabole steroïden te voorkomen. Contactpersoon: Diederik Smit, dl.smit@etz.nl, Internistendocrinoloog.
Titel: DMHC: The effect of ICU diaries on the occurrence of impaired mental health and quality of life of ICU SARS-CoV-2 patients and their families Hoofdonderzoeker: Dharmanand Ramnarain, Intensive Care Samenvatting: Na een IC opname kunnen patiënten en hun familie het post-intensive care syndroom ontwikkelen, waarbij cognitieve, lichamelijke en psychische klachten ontstaan. Door onder andere langdurige sedatie en beademing zullen post-IC SarsCoV-2 patiënten een beperkte, gefragmenteerd
BUITENPOST
34
herinnering hebben van de IC opname, wat het risico op psychische klachten vergroot. Een IC-dagboek zou patiënten en hun familie kunnen helpen om van de beperkte herinneringen een compleet beeld te maken en daarmee psychische klachten te verminderen. Door middel van vragenlijsten wordt kwaliteit van leven, psychische en cognitieve klachten, herinneringen aan de IC opname en het gebruik van een IC-dagboek in kaart gebracht. Dit onderzoek zal bijdragen aan de kennis over mentale gezondheid van voormalig Sars-CoV-2 IC patiënten en hun familie en het effect van een ICdagboek in deze groep. Contactpersoon: Laura Rutjes-Weurding, l.weurding@etz.nl, AIOS Intensive Care.
Titel: Evaluatie van de keuzehulp herstel na botbreuk: interviews met (multi)traumapatiënten en zorgprofessionals
Hoofdonderzoeker: Mariska de Jongh, NAZB Samenvatting: Het evalueren van de keuzehulp/gesprekstarter herstel na botbreuk door middel van interviews van patiënten en zorgverleners. Contactpersoon: Thymen Houwen, t.houwen@etz.nl, Arts-onderzoeker Netwerk Acute Zorg Brabant (NAZB).
Let’s introduce: the jagger
kleuren. Bekijk hier deze unieke bank en de nieuwste accessoires.
rivieramaison.com
CBAA@?>=<;?:9?8<7<;6?AA5?4?322B1 0:/5?5AA8?:>?.:5A5-A?,4:/+<B>?<5?:5 *)('?&<%?:9?-<?>=A+?@<8AA9=?28?3:A &<=?$&28A>?:5>=:=44=?=<?#>"!<B=2@<5" %2> &?=<?>=AB=<5?8<=?-<?%A>:>2+;<:" -:5@?+<-: 4B<1? <7<?:>?-22B?8:/ A6@<B25-?:5?*)( 1? A5>;4:=<5-?&<%?:9 3:A?-<7<;6-<?:5>=<;;:5@?-<?2+;<:-:5@ 322B?8<-:> &?+<-: 4B<?@<32;@-?<5?A6" @<B25-1? <7<?9<47<?:>?&<<;?%< 4>= -22B?8:/?@<8AA9=?-AAB?:9?7<>=:<5?/AAB ;A5@?32<=+B2%;<8<5?&<%?@<&A-1? A5>;4:=<5-?%<5?:9?<:5-?*)( ?@<>=AB= 8<=?-<?2+;<:-:5@? 5 2;2@:> &?.2<=" 72B@.<B;<5<B? .. <B ?3:A?2+;<:-:5@>" :5>=<;;:5@? <-: 2-A1? <7<?2+;<:-:5@?:> :5?8<:?*)*)?-22B?8:/?A6@<B25-1? 9 %<5?3A5?8<5:5@?-A=?&<=?3<B;<5<5?3A5 >+< :A;:>=:> &<?<5?3<BA5= 22B-<?32<=" 72B@?AA5?9A59<B+A=: 5=<5?3A5?7<<B @B22=?%<;A5@?:> ?-AAB?/AAB;:/9>?:5? <" -<B;A5-?32;@<5>?&<=?, ?(('1))) 8<5><5?@<-:A@52>=: <<B-? 2B-<5 8<=?-<7<?7:<9=<1? A=?928=?5<<B?2+ ( ?8<5><5?+<B?44B 125 2622=1 28 1 2A;>?4?3A5?<<5?@2<-<?72B@+B26<>>:2" 5A;?8A@?3<B A &=<5?%<5?:9?AA5@<>;2" =<5?%:/?-<?;A5-<;:/9< %BA5 &<3<B<5:@:5@?322B?+<-: 4B<> B2.2<= ?>=A?:9?:5@<> &B<3<5?:5?&<= , A;:=<:=> <@:>=<B?322B? <-: 4B<> , ?&<=? C "B<@:>=<B1? <5?:9?=2<" @<=B<-<5?A;>?9<=<5+AB=5<B?=2=?-< 72B@@B2<+? !?0:--<5" BA%A5= ? 2B" B22?<5? <B9?:9?>A8<5?8<=?-:3<B>< 9<=<5+AB=5<B>1
22B?8:/5?<:@<5?32<=+B2%;<8A=:<9 <<=?:9?4:=?<B3AB:5@? A=?322B?:8+A = &<=?2+?/<7<;6? 1 1?-A5? <;?;<3<5?9A5 &<%%<5?A;>?/<?32<=+B2%;<8<5?&<%=1 :=?:5? 28%:5A=:<?8<=?8:/5?B4:8< <B9<B3AB:5@?:5?-<?72B@ ?A;>8<-< 8:/5?>A8<5 <B9:5@>3<B%A5-<5?8<= A5-<B<?72B@+B26<>>:25A;>?72B@<5?<B" 322B?-A=?8:/5? ;: 5=<5?-<?AA5-A &= 9B:/@<5?-:<?7<?3<B-:<5<51? 22B-A= 8:/5? ;: 5=<5?-<?%<>=?82@<;:/9<?32<=" 72B@?9B:/@<5 ?9455<5?7<?;<==<B;:/9 <<B?@2<-?4:=?-<?32<=<5 ? 22B?8:/5 <:@<5?<B3AB:5@ ?8<-:> &<?A &=<B@B25<5?-<59 :/7<?25-<B> &<:-=?8:/5?+BA9" =:/9?7: &?3A5?A5-<B<?+BA9=:/9<51? 9 &22+?4?>5<;?:5?8:/5?+BA9=:/9?=<?82@<5 25=82<=<5
Referenties: 1. BIMZELX (bimekizumab) Europese samenvatting van productkenmerken. Augustus 2021. 2. Gordon KB, Foley P, Krueger JG, et al. Bimekizumab efficacy and safety in moderate to severe plaque psoriasis (BE READY): a multicentre, double-blind, placebo-controlled, randomised withdrawal phase 3 trial. Lancet. 2021:397(10273):475-486. 3. Reich K, Papp KA, Blauvelt A, et al. Bimekizumab versus ustekinumab for the treatment of moderate to severe plaque psoriasis (BE VIVID): efficacy and safety from a 52-week, multicentre, double-blind, active comparator and placebo controlled phase 3 trial Lancet. 2021:397(10273):487-498. 4. Warren RB, Blauvelt A, Bagel J, et al. Bimekizumab versus Adalimumab in Plaque Psoriasis. N Engl J Med. 2021: doi: 10.1056/NEJMMoa2102388. 5. Reich K, Warren RB, Lebwohl M, et al. Bimekizumab versus secukinumab in plaque psoriasis. N Engl J Med. 2021: doi: 10.1056/NEJMMoa2102383. Verkorte productinformatie Bimzelx® Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Daardoor kan snel nieuwe veiligheidsinformatie worden vastgesteld. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden. Zie “Bijwerkingen” voor het rapporteren van bijwerkingen. Naam van het geneesmiddel: Bimzelx® (bimekizumab). Farmacotherapeutische groep : Immunosuppressieve middelen, interleukineremmers, ATC code: L04AC21. Farmaceutische vorm: oplossing voor injectie. Elke voorgevulde spuit of voorgevulde pen bevat 160 mg bimekizumab in 1 ml. Hulpstoffen: glycine, natriumacetaattrihydraat, glaciaal azijnzuur, polysorbaat 80, water voor injecties. Therapeutische indicaties: BIMZELX is geïndiceerd voor de behandeling van matige tot ernstige plaque-psoriasis bij volwassenen die in aanmerking komen voor systemische therapie. Dosering en wijze van toediening: Dosering: De aanbevolen dosis voor volwassen patiënten met plaque-psoriasis bedraagt 320 mg (toegediend als 2 subcutane injecties van elk 160 mg) in week 0, 4, 8, 12, 16 en daarna elke 8 weken. Als een patiënt na 16 weken behandeling geen verbetering vertoont, dient stopzetting van de behandeling te worden overwogen. Speciale populaties: Voor sommige patiënten met een lichaamsgewicht ≥ 120 kg die niet volledig psoriasisvrij waren in week 16, biedt 320 mg elke 4 weken na week 16 mogelijk een betere behandelingsrespons. Aanpassing van de dosis is niet vereist bij ouderen (>65j). Bimekizumab is niet onderzocht in patiënten met nier- of leverfunctiestoornis. Dosisaanpassingen worden in deze patiëntenpopulaties niet nodig geacht op basis van de farmacokinetiek. Pediatrische patiënten: De veiligheid en werkzaamheid van bimekizumab bij kinderen en adolescenten (< 18 jaar oud) zijn nog niet vastgesteld. Er zijn geen gegevens beschikbaar. Contra-indicaties: Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de hulpstof(fen), klinisch belangrijke actieve infecties (bijvoorbeeld actieve tuberculose). Waarschuwingen en voorzorgen: Bimekizumab kan het risico op infecties verhogen, zoals infecties van de bovenste luchtwegen en orale candidiasis. Voorzichtigheid is geboden wanneer gebruik van bimekizumab wordt overwogen bij patiënten met een chronische infectie of een voorgeschiedenis van recidiverende infectie. De behandeling met bimekizumab mag niet worden gestart bij patiënten met een klinisch belangrijke actieve infectie tot de infectie is verdwenen of voldoende behandeld. Patiënten die worden behandeld met bimekizumab dienen een arts te raadplegen als zich verschijnselen of symptomen voordoen die kunnen wijzen op een infectie. Als een patiënt een klinisch belangrijke infectie krijgt of niet reageert op de standaardtherapie, dient de patiënt zorgvuldig te worden gecontroleerd en mag bimekizumab pas weer worden toegediend als de infectie is verdwenen. Voordat de behandeling met bimekizumab wordt gestart, moeten patiënten worden geëvalueerd op een TB-infectie. Bimekizumab mag niet worden toegediend aan patiënten met actieve TB. Patiënten die bimekizumab krijgen, moeten worden gecontroleerd op tekenen en symptomen van actieve TB. Anti-TB-therapie dient te worden overwogen voordat met bimekizumab wordt gestart bij patiënten met een voorgeschiedenis van latente of actieve TB waarvan niet zeker is of deze afdoende is behandeld. Gevallen van nieuwe of exacerbaties van inflammatoire darmziekte zijn gemeld met bimekizumab. Bimekizumab wordt niet aanbevolen bij patiënten met inflammatoire darmziekte. Als een patiënt tekenen en symptomen van inflammatoire darmziekte krijgt of een verergering van reeds bestaande inflammatoire darmziekte ervaart, dient bimekizumab te worden gestaakt en dient passende medische zorg te worden gestart. Ernstige overgevoeligheidsreacties inclusief anafylactische reacties werden waargenomen bij IL-17- remmers. Als een ernstige overgevoeligheidsreactie optreedt, dient de toediening van bimekizumab onmiddellijk te worden gestaakt en dient een gepaste behandeling te worden gestart. Vóór het NL-P-BK-PSO-2100008 2 starten van de behandeling met bimekizumab dient te worden overwogen om alle voor de leeftijd geschikte vaccinaties toe te dienen in overeenstemming met de van toepassing zijnde vaccinatierichtlijnen. Levende vaccins mogen niet worden toegediend aan patiënten die worden behandeld met bimekizumab. Patiënten die worden behandeld met bimekizumab kunnen geïnactiveerde of niet-levende vaccinaties krijgen. Bijwerkingen: De meest gemelde bijwerkingen waren infecties van de bovenste luchtwegen (14,5%, het vaakst nasofaryngitis) en orale candidiasis (7,3%). Zeer vaak (> 1/10) gemelde bijwerkingen bij de behandeling met bimekizumab zijn: bovensteluchtweginfecties. Vaak (> 1/100, <1/10) gemelde bijwerkingen bij de behandeling met bimekizumab zijn: orale candidiasis, tineainfecties, oorontstekingen, herpes-simplexinfecties, orofaryngeale candidiasis, gastro-enteritis, folliculitis, hoofdpijn, dermatitis en eczeem, acne, reacties op de injectieplaats (erytheem, reactie, oedeem, pijn, zwelling op de injectieplaats, vermoeidheid. Soms (> 1/1.000, <1/100) gemelde bijwerkingen bij de behandeling met bimekizumab zijn: Mucosale en cutane candidiasis (waaronder oesofagale candidiasis), Conjunctivitis, Inflammatoire darmziekte. Raadpleeg de volledige voorschrijfinformatie voordat u dit geneesmiddel voorschrijft. Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren: Bewaren in de koelkast (2°C - 8°C). Niet in de vriezer bewaren. De voorgevulde spuit of voorgevulde pen in de buitenverpakking bewaren ter bescherming tegen licht. De voorgevulde spuit of voorgevulde pen kan worden bewaard bij kamertemperatuur (maximaal 25°C) voor een periode van maximaal 25 dagen met bescherming tegen licht. Afleverstatus: UR Vergoeding en prijs: zie Z-index Vergunningsnummer: EU/1/21/1575/001- 8. Datum van vergunning: 08/2021 Raadpleeg voor gebruik de volledige SPK, deze is op aanvraag verkrijgbaar bij de registratiehouder: UCB Pharma B.V., Hoge Mosten 2, 4822 NH Breda, Tel.: 076-5731140 Fax: 076-5875264. NL-P-BK-PSO-2100016
<8%BA5-=+AB9? ? ? ( ?C!? AA; :/9? ?$<;1?)'? ? *? *?( ? 394:/+<B>( @8A:;1 28? ? 1+<-: 4BA3:5A5-A15;
VERKORTE PRODUCT INFORMATIE Aimovig® 70 en 140 mg oplossing voor injectie in een voorgevulde pen Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Samenstelling Elke voorgevulde pen bevat respectievelijk 70 of 140 mg erenumab. Indicatie Profylaxe van migraine bij volwassenen die ten minste 4 migrainedagen per maand hebben. Farmacotherapeutische groep Analgetica, antimigrainepreparaten. Contra-indicaties Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de hulpstoffen. Waarschuwingen Patiënten met bepaalde ernstige cardiovasculaire aandoeningen werden uitgesloten van klinische onderzoeken. Er zijn geen veiligheidsgegevens beschikbaar voor deze patiënten. Ernstige overgevoeligheidsreacties bij gebruik van erenumab, waaronder rash, angio-oedeem en anafylactische reacties, zijn gemeld tijdens postmarketingervaring en kunnen binnen enkele minuten maar ook meer dan een week na de behandeling optreden. Constipatie is een veelvoorkomende bijwerking en meestal licht tot matig van intensiteit. In de meeste gevallen werd dit voor het eerst gemeld na de eerste dosis en verdween dit binnen drie maanden. In de postmarketingsetting is constipatie met ernstige complicaties gemeld. Een voorgeschiedenis van constipatie of het gelijktijdig gebruik van geneesmiddelen geassocieerd met verminderde gastro-intestinale motiliteit kan het risico op ernstigere constipatie en constipatie-gerelateerde complicaties verhogen. Patiënten moeten worden gewaarschuwd voor het risico van constipatie en geadviseerd worden om medische hulp te zoeken als constipatie niet verdwijnt of verergert. Bij ernstige constipatie moet overwogen worden de behandeling stop te zetten. De afneembare dop van de Aimovig voorgevulde pen bevat droog natuurrubber (latex); dit kan allergische reacties veroorzaken bij personen die overgevoelig zijn voor latex. Bijwerkingen Vaak overgevoeligheidsreacties waaronder anafylaxie, angio-oedeem, rash, zwelling/oedeem en urticaria, constipatie, pruritus, spierspasmen, injectieplaatsreacties. Afleverstatus UR Verpakking en prijs Zie Z-Index Vergoeding Volledig vergoed indien voldaan aan de in bijlage 2 genoemde voorwaarden Registratiehouder Novartis Europharm Limited Lokale vertegenwoordiger Novartis Pharma B.V., Haaksbergweg 16, 1101 BX Amsterdam. Meer informatie Voor meer informatie kunt u bellen met 088-0452111. De volledige productinformatie kunt u raadplegen via www.novartis.nl/medicijnen/aimovig. Datering verkorte productinformatie november 2021.
Verkorte geneesmiddelinformatie Naam van het geneesmiddel: Plenadren 5 mg / Plenadren 20 mg Kwalitatieve en kwantitatieve samenstelling: Plenadren 5 mg: Elke tablet met gereguleerde afgifte (MR-tablet) bevat 5 mg hydrocortison. Plenadren 20 mg: Elke tablet met gereguleerde afgifte (MR-tablet) bevat 20 mg hydrocortison. Farmaceutische vorm: Tablet met gereguleerde afgifte. Therapeutische indicaties: Behandeling van bijnierschorsinsufficiëntie (bijnierschorshypofunctie) bij volwassenen. Hydrocortison is een glucocorticoïde en de synthetische vorm van endogeen geproduceerd cortisol. Glucocorticoïden zijn belangrijke steroïden voor het intermediaire metabolisme, de immuunfunctie, het skeletspierstelsel en bindweefsel, en de hersenen. Cortisol is de belangrijkste glucocorticoïde die door de bijnierschors wordt afgescheiden. Van nature voorkomende glucocorticoïden (hydrocortison en cortisol), die ook zoutretentieeigenschappen hebben, worden gebruikt als vervangingstherapie bij bijnierschorsinsufficiëntie. Ze worden ook gebruikt wegens hun krachtige ontstekingsremmende effecten bij aandoeningen van vele orgaansystemen. Glucocorticoïden veroorzaken krachtige en gevarieerde metabolische effecten. Bovendien veranderen ze de immuunreacties van het lichaam op uiteenlopende prikkels. Contra-indicaties: Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de in rubriek 6.1 van de volledige SmPC vermelde hulpstoffen. Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik: Acute bijnierschorsinsufficiëntie: Acute bijnierschorsinsufficiëntie kan ontstaan bij patiënten die bekend zijn met bijnierschorsinsufficiëntie bij wie de dagelijkse dosering niet volstaat of die zich in omstandigheden met een verhoogde behoefte aan cortisol bevinden. Er zijn voorvallen gemeld bij patiënten die met Plenadren werden behandeld. Bij patiënten met acute bijnierschorsinsufficiëntie kan een bijniercrisis ontstaan. Daarom dienen patiënten ingelicht te worden over de verschijnselen en symptomen van acute bijnierschorsinsufficiëntie en bijniercrisis en moeten zij onmiddellijk medische hulp inroepen. Bij een bijniercrisis moet parenterale, bij voorkeur intraveneuze toediening van hydrocortison in hoge doses, samen met natriumchlorideoplossing voor infusie (9 mg/ml, 0,9%) worden toegepast volgens de huidige behandelingsrichtlijnen. Bijkomende infecties: Bij voorbijgaande ziekten zoals geringe infecties, koorts ongeacht de oorzaak, stressvolle omstandigheden zoals kleine chirurgische procedures, moet de dagelijkse vervangingsdosis tijdelijk worden verhoogd (zie rubriek ‘Gebruik bij bijkomende ziekte’). De patiënt moet zorgvuldig worden geïnformeerd hoe hij/zij in deze omstandigheden moet handelen, en moet ook worden geadviseerd onmiddellijk medische hulp te zoeken als zich een acute verslechtering voordoet; vooral in het geval van gastro-enteritis, braken en/of diarree die leiden tot zowel vocht- en zoutverlies als tot ontoereikende absorptie van oraal hydrocortison. Bij patiënten bij wie de bijnierschorsinsufficiëntie samenvalt met retrovirale infectie, zoals hiv, moet de dosis zorgvuldig worden aangepast als gevolg van mogelijke interacties met antiretrovirale geneesmiddelen en een verhoogde hydrocortisondosis als gevolg van de infectie. Uit wetenschappelijke verslagen is niet gebleken dat hydrocortison immunosuppressieve effecten zou hebben bij doses die zijn gebruikt voor vervangingstherapie bij patiënten met bijnierschorsinsufficiëntie. Daarom is er geen reden om aan te nemen dat vervangingsdoses van hydrocortison een systemische infectie of de gevolgen van zo’n infectie zullen verergeren. Evenmin is er reden aan te nemen dat de hydrocortisondoses die worden gebruikt voor vervangingstherapie de respons op vaccins verminderen en het risico op gegeneraliseerde infectie met levende vaccins verhogen. Maaglediging en motiliteitsstoornissen: Tabletten met gereguleerde afgifte (MR-tabletten) worden niet aanbevolen bij patiënten met een verhoogde maag-darmmotiliteit, i.e., chronische diarree, vanwege het risico op een verminderde cortisolblootstelling. Er zijn geen gegevens van patiënten met een bevestigde langzame maaglediging of een verminderde-motiliteitziekte/stoornis. Bij patiënten met deze aandoeningen moet de klinische respons worden gevolgd. Het gebruiken van hogere doses hydrocortison dan normaal: Hoge (suprafysiologische) doses hydrocortison kunnen een verhoging van de bloeddruk, zout- en waterretentie en een verhoogde uitscheiding van kalium veroorzaken. Behandeling voor lange tijd met hogere dan fysiologische doses hydrocortison kan leiden tot klinische kenmerken die lijken op die van het syndroom van Cushing: toegenomen adipositas, obesitas in de buik, hypertensie en diabetes. Zo’n behandeling voor lange tijd kan leiden tot een verhoogd risico op cardiovasculaire morbiditeit en mortaliteit. Ouderdom en een lage BMI zijn bekende risicofactoren voor veel voorkomende bijwerkingen van farmacologische doses glucocorticoïden, zoals osteoporose, dun worden van de huid, diabetes mellitus, hypertensie en een verhoogde gevoeligheid voor infecties. Alle glucocorticoïden verhogen de calciumuitscheiding en verlagen de snelheid van botremodellering. Er is gevonden dat patiënten met bijnierschorsinsufficiëntie die voor lange tijd een vervangingstherapie met glucocorticoïden kregen, een verminderde botmineraaldichtheid hadden. Langdurig gebruik van hoge doses glucocorticoïden kan posterieure subcapsulaire cataracten en glaucoom met mogelijke beschadiging van de oogzenuwen veroorzaken. Zulke effecten zijn niet gerapporteerd bij patiënten die vervangingstherapie met glucocorticoïden kregen in doses die worden voorgeschreven bij bijnierschorsinsufficiëntie. Psychische bijwerkingen kunnen voorkomen bij gebruik van systemische glucocorticoïden. Dit kan optreden aan het begin van de behandeling en tijdens periodes van dosisaanpassing. De risico’s kunnen groter zijn wanneer hoge doses worden gegeven. De meeste bijwerkingen verdwijnen vanzelf na verlaging van de dosis, hoewel specifieke behandeling nodig kan zijn. Schildklierfunctie: Patiënten met bijnierschorsinsufficiëntie moeten in beeld worden gehouden ten aanzien van een mogelijke verstoring van de schildklierfunctie, omdat zowel hypo- als hyperthyreoïdie de blootstelling aan toegediend hydrocortison merkbaar kan beïnvloeden. De behandeling van primaire bijnierschorsinsufficiëntie rechtvaardigt vaak de toevoeging van een mineralocorticoïde. Bijwerkingen: Samenvatting van het veiligheidsprofiel: Hydrocortison wordt gegeven als een vervangingstherapie met als doel de normale cortisolniveaus te herstellen. Het profiel van bijwerkingen bij de behandeling van bijnierschorsinsufficiëntie is daarom niet vergelijkbaar met dat bij andere aandoeningen waarbij veel hogere doses orale of parenterale glucocorticoïden nodig zijn. Uit een onderzoek van 12 weken bleek dat de frequentie en het type bijwerkingen van Plenadren dat eenmaal per dag als MR-tablet werd gegeven, en van driemaal daags hydrocortisontabletten in het algemeen vergelijkbaar waren. Bij ongeveer één op de vijf patiënten was er een aanvankelijke toename in de frequentie van bijwerkingen; dit werd waargenomen tot acht weken na de overgang van conventionele hydrocortisontabletten, drie keer per dag, op MR-tabletten die éénmaal per dag werden gegeven. Deze bijwerkingen (buikpijn, diarree, misselijkheid en vermoeidheid) zijn echter licht of matig, van voorbijgaande aard, van korte duur, maar het kan noodzakelijk zijn de dosis bij te stellen of bijkomende geneesmiddelen te gebruiken, zie rubriek Gebruik bij bijkomende ziekte’. Vermoeidheid is gerapporteerd als zeer vaak voorkomend. Tabel met bijwerkingen: Een totaal van 80 patiënten (173 patiëntjaren aan gegevens) is in klinische onderzoeken behandeld met gereguleerde afgifte van hydrocortison. Bijwerkingen uit deze onderzoeken en postmarketingervaring worden hieronder genoemd. De gegevens worden als volgt per systeem/orgaanklasse en frequentie weergegeven: Zeer vaak ( 1/10); vaak ( 1/100, < 1/10). Zenuwstelselaandoeningen: Zeer vaak: Vertigo, Hoofdpijn; Maagdarmstelselaandoeningen: Zeer vaak: Diarree; Vaak: Bovenbuikpijn, Nausea; Huid- en onderhuidaandoeningen: Vaak: Pruritus, Rash: Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen: Vaak: Artralgie; Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen: Zeer vaak: Vermoeidheid; Bovendien zijn de volgende bijwerkingen gerapporteerd voor andere hydrocortisonmiddelen die in hogere doses worden gegeven voor andere indicaties dan als vervangingstherapie voor bijnierschorsinsufficiëntie (frequenties niet bekend). Immuunsysteemaandoeningen: Activering van een infectie (tuberculose, schimmel- en virale infecties waaronder herpes). Endocriene aandoeningen: Inductie van glucose-intolerantie of diabetes mellitus. Voedings- en stofwisselingsstoornissen: Natrium- en waterretentie en neiging tot oedeem, hypertensie, hypokaliëmie. Psychische stoornissen: Euforie en psychose, slapeloosheid. Oogaandoeningen: Verhoogde intraoculaire druk en cataract. Maagdarmstelselaandoeningen: Dyspepsie en verergering van een reeds bestaande maagzweer. Huid- en onderhuidaandoeningen: Cushing-achtige symptomen, huidstriemen, echymosen, acne en hirsutisme, verstoorde wondgenezing. Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen: Osteoporose met spontane botbreuken. Melding van vermoedelijke bijwerkingen: Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het nationale meldsysteem: Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb. Website: www.lareb.nl. Farmacotherapeutische categorie: Corticosteroïden voor systemisch gebruik, glucocorticoïden. ATC-code: H02AB09. Houder van de handelsvergunning: Shire Services BVBA, Rue Montoyer 47, B - 1000 Brussel, België. Nummers van de handelsvergunning: Plenadren 5 mg: EU/1/11/715/001 (1 fles met 50 tabletten); EU/1/11/715/003 (2 flessen met 50 tabletten) Plenadren 20 mg: EU/1/11/715/002 (1 fles met 50 tabletten); EU/1/11/715/006 (2 flessen met 50 tabletten) Afleverstatus: UR Datum van herziening van de tekst: 05/2018. Gedetailleerde informatie over dit geneesmiddel is beschikbaar op de website van het Europees Geneesmiddelenbureau http://www.ema.europa.eu. Volledige productinformatie is verkrijgbaar via de lokale vertegenwoordiger in Nederland: Takeda Nederland bv, Hoofddorp of www.takeda.nl. Referenties: 1. Isidori AM et al. Lancet Diabetes Endocrinol. 2018;6(3):173–185. 2. PLENADREN samenvatting van de productkenmerken, mei 2018. 3. Giordano R et al. Endocrine. 2016 Feb;51(2):360-8. Productiedatum: mei 2021 C-APROM/NL/PLE/0008
MAAK A VAN AN JE OUD DE DAG EEN NIEUW WE DAG Herstellen van een onge eluk of een operatie kost tijd. U had het ongetwijfeld liever anders gezien. Maar de realiteit is dat begeleidin ng bij herstel ontzettend belangrijk iss. Zeker nu u wat ouder bent. De We ever heeft veel ken nnis over spierkracht en beweging bij b ouderen. Onze behandelaren we erken samen aan een bredere aanpakk als er eventueel ook andere klach hten gaan spelen. Samen met u ma aken we een behandelplan op maat.
Kijk op www.deweve er..nl/behandeling voor meer infformatie of bel voor advies 080 00 339 38 37
Tilburg
Voor gespecialiseerde fysiotherapie na uw operatie www.postoperatiefcentrum.nl 013 7370169
Naam: Saxenda® 6 mg/ml oplossing voor injectie in een voorgevulde pen. Samenstelling en farmaceutische vorm: liraglutide 6 mg/ml, oplossing voor injectie. Indicaties: Volwassenen: Saxenda® is geïndiceerd als aanvulling op een caloriearm dieet en verhoogde lichamelijke activiteit ten behoeve van gewichtsbeheersing bij volwassen patiënten met een aanvankelijke BMI (Body Mass Index) van: 30 kg/m² (obesitas), of 27 kg/m² tot < 30 kg/m² (overgewicht) die ten minste één gewichtsgerelateerde comorbiditeit hebben, zoals dysglykemie (prediabetes of diabetes mellitus type 2), hypertensie, dyslipidemie of obstructieve slaapapneu. Behandeling met Saxenda® moet worden gestaakt als de patiënt na 12 weken gebruik van de dagdosering van 3,0 mg niet ten minste 5% van zijn aanvankelijke lichaamsgewicht is kwijtgeraakt. Adolescenten ( 12 jaar): Saxenda® kan worden gebruikt als toevoeging aan gezonde voeding en verhoogde lichamelijke activiteit ten behoeve van gewichtsbeheersing bij adolescente patiënten van 12 jaar en ouder met: obesitas (BMI overeenkomend met 30 kg/m² voor volwassenen volgens internationale grenswaarden) en lichaamsgewicht boven 60 kg. Behandeling met Saxenda® moet worden gestaakt en heroverwogen als de patiënt na 12 weken gebruik van de dagdosering van 3,0 mg of de maximaal verdraagbare dosis niet ten minste 4% van zijn BMI of van de BMI z-score (standaarddeviatiescore) is kwijtgeraakt. Dosering en wijze van toediening: De startdosis is 0,6 mg eenmaal daags. Volwassenen: De dosis moet worden verhoogd naar 3,0 mg eenmaal daags in stappen van 0,6 mg met tussenpozen van ten minste één week om de gastro-intestinale verdraagbaarheid te verbeteren. Als verhoging naar de volgende dosisstap gedurende twee opeenvolgende weken niet wordt verdragen, moet worden overwogen de behandeling te staken. Adolescenten ( 12 jaar): De dosis moet worden verhoogd tot 3,0 mg of tot de maximaal verdraagbare dosis is bereikt. Doseringen hoger dan 3,0 mg per dag worden niet aanbevolen. Saxenda® is uitsluitend bestemd voor subcutaan gebruik. Het mag niet intraveneus of intramusculair worden toegediend. Contra-indicaties:GFEDCBDEAD@?B>D?=GEAACG=DG<DC;:98DG76A5GA5GEAACGDD4GE94G=DG>3@276A1D40G Belangrijkste waarschuwingen: Om het terugvinden van de herkomst van biologicals te verbeteren moeten de naam en het batchnummer van het toegediende product goed geregistreerd worden. Er is geen klinische ervaring bij patiënten met congestief hartfalen NYHA-klasse IV en liraglutide wordt daarom niet aanbevolen voor gebruik bij deze patiënten. De veiligheid en werkzaamheid van liraglutide voor gewichtsbeheersing zijn niet vastgesteld bij patiënten: van 75 jaar of ouder; behandeld met andere producten voor gewichtsbeheersing; met obesitas secundair aan endocrinologe stoornissen, aan eetstoornissen of aan de behandeling met geneesmiddelen die gewichtstoename kunnen veroorzaken; met ernstige 4?DC?473/.?-46?D+G 8D6G DC476?BDG @DEDC?473/.?-46?D0G *D)C3?;G )?(G =D:DG 296?-46D4G <AC=6G 4?D6G 994)DEA@D40G 'D6G BD)C3?;G E94G @?C9B@36?=DG EAACG BD<?.>67)D>DDC7?4BG ?7G 4?D6G A4=DC:A.>6G )?(G 296?-46D4G 8D6G @?.>6DG A5G 896?BG DC476?BDG @DEDC?473/.?-46?D0G &CG ?7G )D2DC;6DG DCE9C?4BG )?(G 296?-46D4G 8D6G %$#G "%4!98896AC G $A<D@G #?7D97D G D4G =?9)D6?7.>DG B976CA29CD7D0G 'D6G BD)C3?;G E94G @?C9B@36?=DG<AC=6G4?D6G994)DEA@D4G)?(G=D:DG296?-46D40G .36DG294.CD96?6?7G?7G<99CBD4A8D4G)?(G>D6GBD)C3?;GE94G* CD.D26AC 9BA4?76D40G 96?-46D4G8AD6D4GBD 45AC8DDC=G<AC=D4GAEDCG=DG;D4G8DC;GD4=DG7 826A8D4GE94G9.36DG294.CD96?6?70G @7GDCGDD4G vermoeden van pancreatitis bestaat, moet het gebruik van liraglutide worden gestaakt. Als acute pancreatitis bevestigd is, moet niet opnieuw met liraglutide worden begonnen. In klinische studies voor gewichtsbeheersing zijn bij patiënten behandeld met liraglutide meer gevallen van cholelithiase en cholecystitis waargenomen dan bij patiënten behandeld met 2@9.D)A0G 96?-46D4G 8AD6D4G BD 45AC8DDC=G <AC=D4G AEDCG =DG ;D48DC;D4=DG 7 826A8D4G E94G .>A@D@?6>?97DG D4G .>A@D. 76?6?70G ?C9B@36?=DG8AD6G8D6G=DG4A=?BDGEAAC:?.>6?B>D?=G<AC=D4GBD)C3?;6G)?(G296?-46D4G8D6GDD4G7.>?@=;@?DC994=AD4?4B0G&D4G76?(B?4BG ?4G=DG>9C65CD 3D46?DG?7G<99CBD4A8D4G)?(GBD)C3?;GE94G@?C9B@36?=DG?4G;@?4?7.>DG763=?D70G 96?-46D4G8AD6D4G<AC=D4GBD 45AC8DDC=G over de symptomen van een verhoogde hartfrequentie. Bij patiënten met een klinisch relevante blijvende stijging van de hartfrequentie in rust, moet de behandeling met liraglutide worden gestaakt. Klachten en symptomen van dehydratie <DC=D4G BD8D@=G )?(G 296?-46D4G =?DG )D>94=D@=G :?(4G 8D6G * CD.D26AC9BA4?76D40G 96?-46D4G =?DG )D>94=D@=G <AC=D4G 8D6G liraglutide moeten worden geïnformeerd over het potentiële risico op dehydratie met betrekking tot gastro-intestinale )?(<DC;?4BD4GD4G8AD6D4GEAAC:ACB78996CDBD@D4G4D8D4GA8GDD4GEA.>66D;AC6G6DGEAAC;A8D40G 96?-46D4G8D6G=?9)D6D7G8D@@?637G type 2 die liraglutide krijgen in combinatie met insuline en/of een sulfonylureumderivaat hebben mogelijk een verhoogd C?7?.AGA2G> 2AB@ ;D8?D0G&2?7A=D7GE94G;@?4?7.>G7?B4? .946DG> 2AB@ ;D8?DG:?(4GBD8D@=G)?(G9=A@D7.D46D4G" 12 jaar) die werden )D>94=D@=G8D6G@?C9B@36?=D0G 96?-46D4G8AD6D4G<AC=D4GBD 45AC8DDC=GAEDCG=DG;D48DC;D4=DG7 826A8D4GE94G> 2AB@ ;D8?DG en de toepasselijke maatregelen. Bij patiënten met diabetes mellitus mag Saxenda® niet worden gebruikt als een vervanger van insuline. Diabetische ketoacidose is gemeld bij insuline-afhankelijke patiënten na snelle stopzetting of dosisverlaging van insuline. Bijwerkingen: 98D4E966?4BGE94G>D6GED?@?B>D?=72CA D@ G 9 D4=9® werd op veiligheid geëvalueerd in 5 dubbelblinde, placebogecontroleerde studies bij 5.813 volwassen patiënten met overgewicht of obesitas en ten minste één gewichtsgerelateerde comorbiditeit. De meest frequent (zeer vaak) gemelde bijwerkingen tijdens klinisch onderzoek waren aandoeningen van het maagdarmstelsel, waaronder misselijkheid, braken, diarree en obstipatie. De meeste gastro-intestinale bijwerkingen waren mild tot matig ernstig en voorbijgaand van aard, en de meeste leidden niet tot staken van de behandeling. In een klinische studie uitgevoerd bij adolescenten van 12 tot 18 jaar met obesitas werden 125 patiënten blootgesteld aan Saxenda® gedurende 56 weken. Over het algemeen waren de frequentie, het type en de ernst van de bijwerkingen bij de adolescenten met obesitas vergelijkbaar met die waargenomen bij de volwassen populatie. Braken kwam tweemaal zo vaak voor bij adolescenten in vergelijking met volwassenen. Zie de volledige productinformatie voor informatie over overige bijwerkingen. Farmacotherapeutische categorie: geneesmiddelen gebruikt bij diabetes, glucagonachtig peptide 9BA4?76D4G"* 9BA4?76D4 0GATC-code: A10BJ02. U.R. Vergoeding: Niet vergoed. Datum: april 2021. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via www.lareb.nl of bij Novo Nordisk B.V.
AEAG AC=?7;G$0 0 G A76)37G G
G G @2>D4G994G=D4G ?(4+G AEAG AC=?7;G G Novo Allé, DK-2880 Bagsværd, Denemarken Telefoonnummer: 0172 - 449494, E-mail: informatie@novonordisk.com Zie voor de volledige productinformatie http://www.ema.europa.eu
AEAG AC=?7;G$0 0 G A76)37G G
G G @2>D4G994G=D4G ?(4+G AEAG AC=?7;G G Novo Allé, DK-2880 Bagsværd, Denemarken Telefoonnummer: 0172 - 449494, E-mail: informatie@novonordisk.com Zie voor de volledige productinformatie http://www.ema.europa.eu
Novo Nordisk B.V. |GG A76)37G GG GG
G G @2>D4G994G=D4G ?(4G G G" G G G GG GG?45AC896?D 4AEA4AC=?7;0.A8GG GG4AEA4AC=?7;04@
Novo Nordisk B.V. |GG A76)37G GG GG
G G @2>D4G994G=D4G ?(4G G G" G G G GG GG?45AC896?D 4AEA4AC=?7;0.A8GG GG4AEA4AC=?7;04@
Referentie: 1. EMA. CIMZIA® SmPC [Internet]. [geciteerd in maart 2021]. Beschikbaar op: https://www.ema. europa.eu/documents/product-information/cimzia-epar-product-information_en.pdf. Verkorte product informatie Cimzia® (certolizumab pegol) Samenstelling: Certolizumab pegol 200 mg in één ml in een voorgevulde spuit, voorgevulde pen of doseercartridge. Indicatie(s): Reumatoïde artritis (RA): Cimzia is, in combinatie met methotrexaat (MTX), geïndiceerd voor de behandeling van matige tot ernstige, actieve RA bij volwassen patiënten die onvoldoende reageren op diseasemodifying antirheumatic drugs (DMARD’s), inclusief MTX. Cimzia kan als monotherapie worden gegeven in geval van intolerantie voor MTX of wanneer voortgezette behandeling met MTX ongewenst is. Cimzia in combinatie met MTX is ook geïndiceerd bij ernstige, actieve en progressieve RA bij volwassenen die niet eerder zijn behandeld met MTX of andere DMARD’s. Gebleken is dat Cimzia, gegeven in combinatie met MTX, een remmend effect heeft op de progressiesnelheid van gewrichtsschade, zoals gemeten door middel van röntgenonderzoek, en de fysieke functie verbetert. Axiale spondylartritis: Cimzia is geïndiceerd bij volwassen patiënten met ernstige actieve axiale spondylartritis, waaronder: Spondylitis ankylopoetica (AS): volwassenen met ernstige actieve spondylitis ankylopoetica die onvoldoende reageren op of die intolerant zijn voor nietsteroïdale anti-inflammatoire geneesmiddelen (NSAID’s). Axiale spondyloartritis zonder röntgenologisch bewijs van AS: Volwassenen met ernstige actieve axiale spondyloartritis zonder röntgenologisch bewijs van SA, die onvoldoende reageren op of die intolerant zijn voor NSAID’s, maar met objectieve tekenen van ontsteking door een verhoogd C-reactief proteïne (CRP) en/of positieve Magnetic Resonance Imaging (MRI). Artritis psoriatica: Cimzia in combinatie met MTX is geïndiceerd voor actieve artritis psoriatica bij volwassenen met onvoldoende respons op eerdere DMARD-therapie. Cimzia kan als monotherapie worden gegeven in geval van intolerantie voor MTX of wanneer voortgezette behandeling met MTX ongewenst is. Plaque psoriasis: Cimzia is geïndiceerd bij matige tot ernstige plaque psoriasis bij volwassenen die in aanmerking komen voor systemische behandeling. Dosering en toediening: de behandeling met Cimzia dient te worden gestart en plaats te vinden onder supervisie van een arts met ervaring in de diagnose en behandeling. Oplaaddosis: De aanbevolen startdosis is 400 mg (2 subcutane injecties van elk 200 mg) in week 0, 2 en 4. Onderhoudsdosering: RA en artritis psoriatica: De aanbevolen onderhoudsdosis is 200 mg om de 2 weken. Wanneer de klinische respons is bevestigd, kan een alternatieve onderhoudsdosering van 400 mg elke 4 weken worden overwogen. MTX dient, waar van toepassing, tijdens de behandeling met Cimzia te worden voortgezet. Axiale spondyloartritis: de aanbevolen onderhoudsdosis is 200 mg om de 2 weken of 400 mg om de 4 weken. Na minimaal 1 jaar behandeling kunnen bij axSpA-patiënten met aanhoudende remissie een verlaagde onderhoudsdosis van 200 mg om de 4 weken overwegen. Voor bovenstaande indicaties, moet zorgvuldig worden overwogen om de behandeling voort te zetten bij patiënten zonder bewijs van therapeutisch voordeel in de eerste 12 weken van de behandeling. Plaque psoriasis: De aanbevolen onderhoudsdosis is 200 mg om de 2 weken. Bij onvoldoende respons kan 400 mg om de 2 weken worden overwogen. Beschikbare gegevens van volwassenen met plaque psoriasis duiden erop dat een klinische respons gewoonlijk binnen 16 weken behandeling wordt bereikt. Contra-indicaties: Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor één van de hulpstoffen; actieve tuberculose of andere ernstige infecties zoals sepsis of opportunistische infecties; matig tot ernstig hartfalen (NYHA-klasse III / IV). Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik: Alle patiënten moeten zorgvuldig worden gecontroleerd op infecties, waaronder tuberculose, voor, tijdens en gedurende 5 maanden na de behandeling met Cimzia. Patiënten bij wie een nieuwe infectie ontstaat, dienen nauwgezet te worden gecontroleerd. Als bij een patiënt een nieuwe ernstige infectie ontstaat, moet de toediening van Cimzia worden stopgezet tot de infectie onder controle is. Voorzichtigheid is geboden bij patiënten met een voorgeschiedenis van recidiverende of opportunistische infecties, waaronder patiënten die gelijktijdig corticosteroïden of immunosuppressiva gebruiken, of bij ouderen. Als vóór of tijdens de behandeling actieve tuberculose wordt vastgesteld, mag Cimzia niet worden gestart en moet de behandeling worden stopgezet. Als latente tuberculose wordt gediagnosticeerd, moet vóór het begin van de behandeling met Cimzia gestart worden met antituberculeuze therapie en dienen de voordelen van behandeling te worden afgewogen tegen de risico’s ervan. Patiënten moeten worden geïnstrueerd een arts te raadplegen als er tijdens of na behandeling met Cimzia tekenen/symptomen ontstaan die op tuberculose duiden (bijvoorbeeld aanhoudend hoesten, vermageren/gewichtsverlies, subfebriele temperatuur, lusteloosheid). Test patiënten op hepatitis B infectie (HBV) voor aanvang Cimzia behandeling. Dragers van HBV die met Cimzia behandeld worden, moeten tijdens en tot enkele maanden na de behandeling gecontroleerd worden. Reactivering van HBV is opgetreden bij patiënten die chronische dragers van dit virus waren en TNF-antagonisten kregen, waaronder Cimzia. Sommige gevallen met fatale afloop. Bij HBV-reactivering, stop Cimzia behandelingen. Een mogelijk risico op lymfomen, leukemie of andere maligniteiten bij behandeling met TNF-antagonisten kan niet worden uitgesloten. Voorzichtigheid is geboden bij een voorgeschiedenis van maligniteiten of wanneer overwogen wordt de behandeling voort te zetten bij patiënten bij wie een maligniteit is ontstaan. Melanoom en Merkelcelcarcinoom zijn gemeld bij patiënten die behandeld werden met TNF-antagonisten, waaronder Cimzia. Periodiek huidonderzoek wordt aangeraden, vooral bij patiënten met risicofactoren voor huidkanker. Adviseer patiënten onmiddellijk medisch advies te vragen als ze tekenen en symptomen ontwikkelen die wijzen op bloeddyscrasie of een infectie. Bij Cimzia is medisch significante cytopenie gemeld. Overweeg stopzetten van de behandeling bij bewezen significante hematologische afwijkingen. Gebruik van TNF-antagonisten is in zeldzame gevallen in verband gebracht met demyeliniserende aandoening, waaronder multipele sclerose. Overweeg de baten-
' GGG
GGG AEAG AC=?7;® en Saxenda® zijn geregistreerde handelsmerken van Novo Nordisk A/S.
Verkorte Productinformatie Saxenda®
Naam: Saxenda® 6 mg/ml oplossing voor injectie in een voorgevulde pen. Samenstelling en farmaceutische vorm: liraglutide 6 mg/ml, oplossing voor injectie. Indicaties: Volwassenen: Saxenda® is geïndiceerd als aanvulling op een caloriearm dieet en verhoogde lichamelijke activiteit ten behoeve van gewichtsbeheersing bij volwassen patiënten met een aanvankelijke BMI (Body Mass Index) van: 30 kg/m² (obesitas), of 27 kg/m² tot < 30 kg/m² (overgewicht) die ten minste één gewichtsgerelateerde comorbiditeit hebben, zoals dysglykemie (prediabetes of diabetes mellitus type 2), hypertensie, dyslipidemie of obstructieve slaapapneu. Behandeling met Saxenda® moet worden gestaakt als de patiënt na 12 weken gebruik van de dagdosering van 3,0 mg niet ten minste 5% van zijn aanvankelijke lichaamsgewicht is kwijtgeraakt. Adolescenten ( 12 jaar): Saxenda® kan worden gebruikt als toevoeging aan gezonde voeding en verhoogde lichamelijke activiteit ten behoeve van gewichtsbeheersing bij adolescente patiënten van 12 jaar en ouder met: obesitas (BMI overeenkomend met 30 kg/m² voor volwassenen volgens internationale grenswaarden) en lichaamsgewicht boven 60 kg. Behandeling met Saxenda® moet worden gestaakt en heroverwogen als de patiënt na 12 weken gebruik van de dagdosering van 3,0 mg of de maximaal verdraagbare dosis niet ten minste 4% van zijn BMI of van de BMI z-score (standaarddeviatiescore) is kwijtgeraakt. Dosering en wijze van toediening: De startdosis is 0,6 mg eenmaal daags. Volwassenen: De dosis moet worden verhoogd naar 3,0 mg eenmaal daags in stappen van 0,6 mg met tussenpozen van ten minste één week om de gastro-intestinale verdraagbaarheid te verbeteren. Als verhoging naar de volgende dosisstap gedurende twee opeenvolgende weken niet wordt verdragen, moet worden overwogen de behandeling te staken. Adolescenten ( 12 jaar): De dosis moet worden verhoogd tot 3,0 mg of tot de maximaal verdraagbare dosis is bereikt. Doseringen hoger dan 3,0 mg per dag worden niet aanbevolen. Saxenda® is uitsluitend bestemd voor subcutaan gebruik. Het mag niet intraveneus of intramusculair worden toegediend. Contra-indicaties:GFEDCBDEAD@?B>D?=GEAACG=DG<DC;:98DG76A5GA5GEAACGDD4GE94G=DG>3@276A1D40G Belangrijkste waarschuwingen: Om het terugvinden van de herkomst van biologicals te verbeteren moeten de naam en het batchnummer van het toegediende product goed geregistreerd worden. Er is geen klinische ervaring bij patiënten met congestief hartfalen NYHA-klasse IV en liraglutide wordt daarom niet aanbevolen voor gebruik bij deze patiënten. De veiligheid en werkzaamheid van liraglutide voor gewichtsbeheersing zijn niet vastgesteld bij patiënten: van 75 jaar of ouder; behandeld met andere producten voor gewichtsbeheersing; met obesitas secundair aan endocrinologe stoornissen, aan eetstoornissen of aan de behandeling met geneesmiddelen die gewichtstoename kunnen veroorzaken; met ernstige 4?DC?473/.?-46?D+G 8D6G DC476?BDG @DEDC?473/.?-46?D0G *D)C3?;G )?(G =D:DG 296?-46D4G <AC=6G 4?D6G 994)DEA@D40G 'D6G BD)C3?;G E94G @?C9B@36?=DG EAACG BD<?.>67)D>DDC7?4BG ?7G 4?D6G A4=DC:A.>6G )?(G 296?-46D4G 8D6G @?.>6DG A5G 896?BG DC476?BDG @DEDC?473/.?-46?D0G &CG ?7G )D2DC;6DG DCE9C?4BG )?(G 296?-46D4G 8D6G %$#G "%4!98896AC G $A<D@G #?7D97D G D4G =?9)D6?7.>DG B976CA29CD7D0G 'D6G BD)C3?;G E94G @?C9B@36?=DG<AC=6G4?D6G994)DEA@D4G)?(G=D:DG296?-46D40G .36DG294.CD96?6?7G?7G<99CBD4A8D4G)?(G>D6GBD)C3?;GE94G* CD.D26AC 9BA4?76D40G 96?-46D4G8AD6D4GBD 45AC8DDC=G<AC=D4GAEDCG=DG;D4G8DC;GD4=DG7 826A8D4GE94G9.36DG294.CD96?6?70G @7GDCGDD4G vermoeden van pancreatitis bestaat, moet het gebruik van liraglutide worden gestaakt. Als acute pancreatitis bevestigd is, moet niet opnieuw met liraglutide worden begonnen. In klinische studies voor gewichtsbeheersing zijn bij patiënten behandeld met liraglutide meer gevallen van cholelithiase en cholecystitis waargenomen dan bij patiënten behandeld met 2@9.D)A0G 96?-46D4G 8AD6D4G BD 45AC8DDC=G <AC=D4G AEDCG =DG ;D48DC;D4=DG 7 826A8D4G E94G .>A@D@?6>?97DG D4G .>A@D. 76?6?70G ?C9B@36?=DG8AD6G8D6G=DG4A=?BDGEAAC:?.>6?B>D?=G<AC=D4GBD)C3?;6G)?(G296?-46D4G8D6GDD4G7.>?@=;@?DC994=AD4?4B0G&D4G76?(B?4BG ?4G=DG>9C65CD 3D46?DG?7G<99CBD4A8D4G)?(GBD)C3?;GE94G@?C9B@36?=DG?4G;@?4?7.>DG763=?D70G 96?-46D4G8AD6D4G<AC=D4GBD 45AC8DDC=G over de symptomen van een verhoogde hartfrequentie. Bij patiënten met een klinisch relevante blijvende stijging van de hartfrequentie in rust, moet de behandeling met liraglutide worden gestaakt. Klachten en symptomen van dehydratie <DC=D4G BD8D@=G )?(G 296?-46D4G =?DG )D>94=D@=G :?(4G 8D6G * CD.D26AC9BA4?76D40G 96?-46D4G =?DG )D>94=D@=G <AC=D4G 8D6G liraglutide moeten worden geïnformeerd over het potentiële risico op dehydratie met betrekking tot gastro-intestinale )?(<DC;?4BD4GD4G8AD6D4GEAAC:ACB78996CDBD@D4G4D8D4GA8GDD4GEA.>66D;AC6G6DGEAAC;A8D40G 96?-46D4G8D6G=?9)D6D7G8D@@?637G type 2 die liraglutide krijgen in combinatie met insuline en/of een sulfonylureumderivaat hebben mogelijk een verhoogd C?7?.AGA2G> 2AB@ ;D8?D0G&2?7A=D7GE94G;@?4?7.>G7?B4? .946DG> 2AB@ ;D8?DG:?(4GBD8D@=G)?(G9=A@D7.D46D4G" 12 jaar) die werden )D>94=D@=G8D6G@?C9B@36?=D0G 96?-46D4G8AD6D4G<AC=D4GBD 45AC8DDC=GAEDCG=DG;D48DC;D4=DG7 826A8D4GE94G> 2AB@ ;D8?DG en de toepasselijke maatregelen. Bij patiënten met diabetes mellitus mag Saxenda® niet worden gebruikt als een vervanger van insuline. Diabetische ketoacidose is gemeld bij insuline-afhankelijke patiënten na snelle stopzetting of dosisverlaging van insuline. Bijwerkingen: 98D4E966?4BGE94G>D6GED?@?B>D?=72CA D@ G 9 D4=9® werd op veiligheid geëvalueerd in 5 dubbelblinde, placebogecontroleerde studies bij 5.813 volwassen patiënten met overgewicht of obesitas en ten minste één gewichtsgerelateerde comorbiditeit. De meest frequent (zeer vaak) gemelde bijwerkingen tijdens klinisch onderzoek waren aandoeningen van het maagdarmstelsel, waaronder misselijkheid, braken, diarree en obstipatie. De meeste gastro-intestinale bijwerkingen waren mild tot matig ernstig en voorbijgaand van aard, en de meeste leidden niet tot staken van de behandeling. In een klinische studie uitgevoerd bij adolescenten van 12 tot 18 jaar met obesitas werden 125 patiënten blootgesteld aan Saxenda® gedurende 56 weken. Over het algemeen waren de frequentie, het type en de ernst van de bijwerkingen bij de adolescenten met obesitas vergelijkbaar met die waargenomen bij de volwassen populatie. Braken kwam tweemaal zo vaak voor bij adolescenten in vergelijking met volwassenen. Zie de volledige productinformatie voor informatie over overige bijwerkingen. Farmacotherapeutische categorie: geneesmiddelen gebruikt bij diabetes, glucagonachtig peptide 9BA4?76D4G"* 9BA4?76D4 0GATC-code: A10BJ02. U.R. Vergoeding: Niet vergoed. Datum: april 2021. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via www.lareb.nl of bij Novo Nordisk B.V.
' GGG
GGG AEAG AC=?7;® en Saxenda® zijn geregistreerde handelsmerken van Novo Nordisk A/S.
Verkorte Productinformatie Saxenda®
risicoverhouding bij een reeds bestaande of recent opgetreden demyeliniserende aandoening. Zeldzame gevallen van neurologische aandoeningen zijn gerapporteerd bij Cimzia. Er zijn na toediening van Cimzia zelden ernstige overgevoeligheidsreacties gerapporteerd. Enkele van deze reacties kwamen voor na de eerste toediening van Cimzia. Als er ernstige reacties ontstaan, moet toediening van Cimzia onmiddellijk worden gestaakt en een adequate behandeling worden ingesteld. Voorzichtigheid is geboden bij voorgeschiedenis van ernstige overgevoeligheid voor een andere TNF-antagonist. Cimzia is in verband gebracht met de vorming van antinucleaire antilichamen (ANA) en de ontwikkeling van een lupusachtig syndroom. Als de patiënt lupusachtig syndroom ontwikkelt, moet de behandeling worden stopgezet. Cimzia dient voorzichtig te worden gebruikt bij patiënten met licht hartfalen. Stop de behandeling bij nieuwe of verslechterende symptomen van congestief hartfalen. Voorzichtigheid is geboden bij COPD-patiënten en patiënten met een verhoogd risico op maligniteiten als gevolg van zwaar roken. Patiënten die Cimzia krijgen, kunnen worden gevaccineerd, behalve met levende vaccins. Cimzia kan onjuist verhoogde aPTT-testresultaten veroorzaken bij patiënten zonder stollingsafwijkingen. De naaldbeschermer bevat een derivaat van natuurlijk rubberlatex dat allergische reacties kan veroorzaken. Noteer de naam en het batchnummer van het toegediende product om de traceerbaarheid van biologische producten te verbeteren. Interacties: De combinatie van Cimzia en anakinra of abatacept wordt niet aanbevolen. Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding: Voor vrouwen die zwanger kunnen worden, dient het gebruik van adequate anticonceptie om zwangerschap te voorkomen te worden overwogen. Voor vrouwen die zwanger willen worden, kan het voortzetten van anticonceptie worden overwogen gedurende 5 maanden na de laatste dosis Cimzia vanwege de eliminatiesnelheid, maar er dient ook rekening te worden gehouden met de noodzaak voor behandeling van de vrouw. Gegevens die prospectief werden verzameld van meer dan 500 zwangerschappen waarbij Cimzia werd gebruikt met bekende zwangerschapsuitkomsten, waaronder meer dan 400 zwangerschappen waarbij tijdens het eerste trimester blootstelling aan Cimzia plaatsvond, duiden niet op een misvormend effect van Cimzia. De beschikbare klinische ervaring is echter te beperkt om met redelijke zekerheid te concluderen dat er bij toediening van Cimzia tijdens de zwangerschap geen verhoogd risico bestaat. Omdat Cimzia TNF- remt, kan Cimzia bij toediening tijdens zwangerschap de normale immuunrespons van de pasgeborene aantasten. Cimzia mag alleen tijdens de zwangerschap worden gebruikt indien dit klinisch nodig is. In een klinisch onderzoek werden 16 vrouwen tijdens de zwangerschap behandeld met certolizumab pegol. De plasmaconcentraties van certolizumab pegol die bij de geboorte bij 14 zuigelingen werden gemeten, waren in 13 monsters lager dan de bepalingsgrens; één monster had een waarde van 0,042 μg/ml met een zuigeling/moeder plasmaratio bij de geboorte van 0,09%. In week 4 en 8 lagen de concentraties van alle zuigelingen onder de bepalingsgrens. De klinische relevantie van lage concentraties certolizumab pegol voor zuigelingen is niet bekend. In een klinisch onderzoek bij 17 vrouwen die borstvoeding gaven en met Cimzia werden behandeld, werd een minimale overdracht van certolizumab pegol van het plasma naar de moedermelk waargenomen. Het percentage van de maternale dosis Cimzia die een zuigeling bereikt in een periode van 24 uur, werd geschat op 0,04% tot 0,3%. Aangezien certolizumab pegol een eiwit is dat na orale toediening wordt afgebroken in het maag-darmkanaal, is de absolute biologische beschikbaarheid bij een zuigeling die borstvoeding krijgt bovendien naar verwachting zeer laag. Daarom kan Cimzia worden gebruikt tijdens het geven van borstvoeding. Bijwerkingen: Vaak voorkomende bijwerkingen ( 1/100 tot <1/10): bacteriële en virale infecties, eosinofiele afwijkingen, leukopenie, hoofdpijn, sensorische afwijkingen, hypertensie, misselijkheid, hepatitis (inclusief verhoogde leverenzymen), huiduitslag, pyrexie, pijn, asthenie, pruritus (waar dan ook), reacties op de injectieplaats. Ernstige bijwerkingen: omvatten sepsis, opportunistische infecties, tuberculose, herpes zoster, lymfoom, leukemie, solide orgaantumoren, angioneurotisch oedeem, cardiomyopathieën (waaronder hartfalen), ischemische coronaire aandoeningen, pancytopenie, verhoogde bloedstolling (waaronder tromboflebitis, longembolie), cerebrovasculair accident, vasculitis, hepatitis/ hepatopathie (waaronder cirrose), nierfunctiestoornis/nefropathie (waaronder nefritis). Raadpleeg de volledige voorschrijfinformatie in uw land voordat u dit geneesmiddel voorschrijft. Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het nationale meldsysteem (Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb, website: www.lareb.nl). Verpakking: Eén ml voorgevulde spuit met een zuigerstop, bevattende 200 mg certolizumab pegol. Verpakkingsgrootte met 2 voorgevulde spuiten en twee alcoholdoekjes. Eén voorgevulde 1 ml pen (AutoClicks) die een voorgevulde spuit met een zuigerstop, bevattende 200 mg certolizumab pegol. Verpakkingsgrootte met 2 voorgevulde pennen en twee alcoholdoekjes. Eén ml patroon voor dosisdispenser die een voorgevulde spuit met een zuigerstop bevat. De voorgevulde spuit bevat 200 mg certolizumab pegol. Verpakkingsgrootte met 2 patronen voor dosisdispenser en 2 alcoholdoekjes. Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren: Bewaren in de koelkast (2ºC - 8ºC), niet in de vriezer. Kan worden bewaard bij kamertemperatuur (tot 25°C) gedurende één periode van ten hoogste 10 dagen, indien beschermd tegen licht. Afleverstatus: U.R. Vergoeding en prijs: zie Z-index Datum van herziening: maart 2021 Vergunningsnummer: EU/1/09/544/001-002-003-004-005-006-007 Datum van vergunning: Oktober 2009. Raadpleeg voor gebruik de volledige SPC, deze is op aanvraag verkrijgbaar bij de registratiehouder: UCB Pharma S.A. Allée de la Recherche 60 B-1070 Brussel België. NL-P-CZ-AS-2100021
Wij zijn de nieuwe bedrijfskleding leverancier voor diverse afdelingen van het ETZ. Het eerste project ‘BEVEILIGING’ is reeds afgerond. Een prachtig voorbeeld van een gehele vernieuwing van het kledingpakket en uitstraling, met een combinatie van ‘custom made’ bedrijfskleding en voorraad artikelen.
Bespreek met ons de mogelijkheden om de uitstraling van uw bedrijf door te voeren in uw bedrijfskleding. Wij zijn flexibel en zullen uw wensen zoveel mogelijk verwerken in uw kledingspakket. Letterlijk van top tot teen en uiteraard voorzien van uw bedrijfslogo geborduurd of bedrukt. Persephonestraat 40 | 5047 TT Tilburg | Tel.: 013 - 544 29 54 | www.jabotilburg.nl
AFVALLEN Ondanks mijn wil een enorme uitdaging.
Ondersteun uw patiënten Saxenda®. Een receptgeneesmiddel voor gewichtsverlies bij: • Volwassenen met een BMI 27 kg/m2 i.c.m. één of meer co-morbiditeiten of een BMI 30 kg/m2.1 • Adolescente patiënten van 12 jaar en ouder met: - obesitas (BMI overeenkomend met 30 kg/m² voor volwassenen volgens internationale grenswaarden) en - lichaamsgewicht boven 60 kg. Wilt u meer weten? www.saxenda-voor-arts.nl Gebruik de login code: Sax7261 óf scan de QR-code
8,0 %
Gemiddeld gewichtsverlies na 1 jaar bij volwassenen met een BMI 27 kg/m2 en dyslipidemie en/of hypertensie of BMI 30 kg/m2.*2
SCALE obesitas en prediabetes: Een 56 weken durende placebo-gecontroleerde dubbelblinde studie (n=3731) naar de veiligheid en werkzaamheid van Saxenda® toegevoegd aan leefstijlinterventie in de vorm van een energiebeperkt dieet en lichaamsbeweging onder begeleiding.
* Gewichtsverlies verschil vs. placebo: -5,4% (P<0,001)2 NL21SX00021 Verkorte productinformatie en referentie zie elders in deze uitgave.