Issuu on Google+

abn amro marathon rotterdam

zaterdag 14 april 2012

Fight Cancer: Voormalig profvoetballer Marc Klunder debuteert zondag op de marathon. In 2010 onderging hij een ingrijpende operatie aan de schildklier.

13

ACHTER DE SCHERMEN Entertainer Arno Bremer U begeleidt de hele wedstrijd van start tot finish. Wat is het mooiste moment?

,,Voor mij de laatste twee uur. De topatleten zijn al lang en breed gefinisht, maar andere lopers die maandenlang hebben getraind moet je soms echt over de streep trekken. En daar kom ik om de hoek kijken. Het is aan mij om de boel te entertainen. Lopen is leuk, maar de entourage moet voor de lopers aanleiding zijn nóg harder te gaan. De één loopt op het gemakkie, de ander met heel veel pijn. Als je die laatste door middel van jouw liedjes en enthousiasme kan stimuleren om de laatste meters succesvol af te leggen, geeft mij dat veel voldoening. Ik treed min of meer buiten mezelf en ga helemaal op in de euforie van het moment. Daar doe je het voor, dát is het. Als je die mensen naar binnen kan praten en zingen en het publiek staat daar tot laatste snik te klappen, dan denk je toch wel even: dit is dus wat ze bedoelen met verbroedering.’’ Hoe belangrijk is het publiek daarbij?

,,Het is een heerlijk sfeertje, je wordt echt onthaald als topatleet. Het publiek langs het parkoers is zo belangrijk, dat moet je niet onderschatten. Het leeft enorm. Mensen komen van heinde en verre voor deze belevenis. Als de deelnemers binnenkomen en het is een lauwe bedoening, dan loopt dat niet lekker. Zo simpel is het. Als iedereen staat te joelen, dan worden de lopers gedragen. Die topatleten lopen toch wel door, voor hen is het werk. Juist de gewone mensen moeten geëntertaind worden. Ik ben pas tevreden als alle lopers het kippenvel op de rug staat als ze de Coolsingel opkomen.’’ —ME

‘Iedereen wordt onthaald als een topatleet’

SCHAAMTE VOORBIJ De frisheid hebben de beginners in Delft al. De eerste schroom is overwonnen, de ergste spierpijn ook. En wat begeleiding is geen overbodige luxe, vinden de lopers. ,,De trainers zeggen ook hoe je het beste kunt lopen,’’ zegt Ilse de Rooy. ,,Het hoofd omhoog, niet naar de grond kijken. En de duimen naar buiten houden. Je leert dingen waar je anders nooit bij stilstaat.’’ De Rooy is met haar 22 jaar bijna de jongste in de groep. ,,Ik ben hier samen met m’n moeder aan begonnen. Het was eigenlijk haar idee. We komen hier om conditie op te doen en misschien wat af te vallen.’’ Of ze ooit een marathon zal lopen? Dat is voor de medewerkster in de

kinderopvang nog een brug te ver. ,,Maar wie weet, ik vind dit wel heel leuk. Is er binnenkort een 5 kilometerloop? Nou, daar schrijf ik me misschien wel voor in.’’ Genieten van de mooie natuur, een babbel onderweg als de adem het toelaat, die combinatie is aantrekkelijk. In de groep wordt het ‘Libelle-tempo’ gehanteerd. Dat Libelle slaat op de CPC Loop in Den Haag, waar een van de lopers onlangs in een groepje terechtkwam waar de dames volop kletsten over verhalen in de Libelle. Marianne Dieleman is een van de loopsters die de smaak te pakken heeft. ,,Iemand zei me dat ik iets aan m’n conditie moest doen,’’ zegt

de 63-jarige vrouw, die onlangs uit het onderwijs stapte omdat het haar te veel werd. Ze startte met de nodige terughoudendheid. ,,Ik dacht bij lopers aan glimmende pakjes, iedereen goed in het vel. Jong en strak, niks voor mij. Maar gelukkig zie je hier vooral mensen in joggingbroek en T-shirt. Ook vond ik dat lopen maar suf. Nou, daar kom je wel achter. Je gebruikt al je spieren en dat voel je ook.’’ En niet onbelangrijk, ze loopt op haar eigen niveau. Dieleman: ,,Ik ben begonnen in een snellere groep, maar toen liep ik vaak in m’n eentje door het bos. Hier gaat het rustiger: in deze groep voel ik me thuis.’’

Arno Bremer

FOTO MILAN RINCK


013_NLV1QU_20120414_ADN14_00_lo