Skip to main content

LAVA Jaargang 15 | Editie 2

Page 1

LAVA

magazine van de jonge socialisten in de pvda thema: langdurige zorg

1 lava足


voorwoord

inhoud artikelen

4 8 10 14 16

grenzen aan de zorg Een artikel over de oplopende zorgkosten en de mogelijke grenzen die we daar aan kunnen stellen.

institutiebashers “Als mensen zich afvragen of politiek ook hen aangaat, moeten we de politiek als verloren beschouwen.” Deze profetische woorden, die 250 jaar geleden door Jean-Jacques Rousseau werden neergepend, lijken nu bewaarheid geworden in de conclusie van het Van Waarde-project. Dat de politiek ooit eens is opgericht om vóór mensen op te komen, lijkt nu een mooie mythe. Financiële instellingen, de Europese Unie en vakbonden: het is geen leuke tijd om een autoriteit te zijn. Want we kunnen alles toch zelf wel? In ons digitale tijdperk googlen we liever zelf onze rechten en medische aandoeningen bij elkaar. Om aan de Europese eenwording te werken, heb ik nu ook een Duitse penvriendin. Instituties hebben nog wel één belangrijke functie: die van de zondebok. De Belgische Nayal liep uit angst voor zijn boze ouders weg en wist in het vliegtuig naar Malaga te komen. Zijn ouders klaagden het vliegveld aan. Of de Amerikaanse Abigail Fischer, die in het Supreme Court de Universiteit van Texas aanklaagt, omdat ze haar niet hebben toegelaten. Martin van Rijn ziet graag meer zelfredzaamheid bij burgers, maar dan moeten we ook de hand in eigen boezem durven te steken. Je kunt je dokter niet zomaar aanklagen, wanneer jij er een slechte leefstijl op na hebt gehouden. Instituties zoals de zorg werken uiteindelijk alleen maar als we zelf denken en samenwerken. Gelukkig is er altijd nog één ding dat ons bindt. Het gezamenlijk klagen over instituties. Toch fijn, die zondebokfunctie.

Martijn Otten, hoofdredacteur

het voltooide leven Een interview met Petra de Jong, directeur van de Nederlandse Vereniging voor Vrijwillig Levenseinde, onder meer over de Laatste Wil Pil.

‘bij de kabinetsformatie heeft de VVD de zorgkaart getrokken’ Gerard van Pijkeren, zorgadviseur en toezichthouder, over de ingewikkelde zorgklus van staatssecretaris Martin van Rijn.

samenredzaamheid Een artikel over het streven van Martin van Rijn om burgers meer betrokken te maken bij de zorg voor de mensen om hun heen.

het koekoeksjong van de rijksbegroting Interview met JS-leden, over de toekomst van de ouderenzorg en wat in die zorg verbeterd kan worden.

rubrieken voorwoord 2 kamervragen 3 de stelling 7 marijn 18 factcheck 18 uit de bestuurskamer 19 colofon 19

De Lava is nu ook online! Vind je het ook zo jammer dat de Lava maar vier keer per jaar uitkomt? Zou je ook zelf graag een keer jouw ideeën en artikelen willen delen met andere JS’ers? Wil je meer lezen over wat er in de vereniging gebeurt? Wil je meer inhoudelijke discussies voeren dan alleen op het congres? www.js.nl/lava wordt de nieuwsbron van en voor de Jonge Socialisten waar artikelen over de JS, over de politiek, recensies over boeken of films en opiniërende artikelen bij elkaar worden gebracht. Hier kan jij lezen wat er in de JS gebeurt en je kan ook zelf meeschrijven. Mocht je geïnteresseerd zijn om een stukje te schrijven, mail dan naar de hoofdredacteur: motten@js.nl. Wil je verder blijven volgen wat er speelt in de JS, volg dan @LavaJS op Twitter of like onze Facebook-pagina. 2 lava


kamervragen: otwin van dijk De Tweede Kamer der Staten-Generaal telt 150 leden. Lava licht er telkens een uit om te horen wat het Kamerlid te zeggen heeft. In deze aflevering: Otwin van Dijk van de Partij van de Arbeid. zorg nodig hadden en de mensen die zorg Wat is goede zorg voor jou? bieden. Dat is waar het om zou moeten Voor mij houdt goede zorg in dat je zo gewoon mogelijk kunt leven. We doen wel gaan: mensen de beste zorg bieden. eens alsof zorg heel erg ingewikkeld is. Wat was je als je geen politicus was geworden? Maar als je, zoals in mijn geval, op een Ik heb rechten gestudeerd en ik vond de gegeven moment een ongeluk krijgt in je leven waardoor je in een rolstoel belandt, politiek van jongs af aan ontzettend wil je gewoon je studie af kunnen maken, interessant. Dus ik heb altijd iets gehad kunnen werken, een huis hebben om in te met de politiek. Maar ik vind meerdere dingen leuk. Er zijn heel veel leuke wonen, een auto om in te rijden enzoberoepen in dit land; ik vind het vooral voort. belangrijk een maatschappelijke bijdrage Wat is op dit moment het grootste probleem in de te leveren. Toen ik jonger was en rechten studeerde, wilde ik heel graag rechter zorg? worden. Toen ik heel jong was, wilde ik Volgens mij zijn er op dit moment drie nog graag Paus worden. Maar ik kom uit grote problemen in de zorg. Dat we het ontzettend ingewikkeld hebben gemaakt, een gereformeerd gezin, dus dat lukt natuurlijk niet zo. dat het nogal grootschalig is en dat organisaties meer de maat der dingen zijn Wat is het bijzonderste moment in je politieke geworden. De afgelopen maand zijn alle loopbaan geweest? PvdA-Kamerleden op zorgtour geweest. De gemeenteraadsverkiezingen in 2010. Ik In die zorgtour kwam ik in Noordoostwas toen lijsttrekker voor de PvdA in Brabant terecht waar mensen samen een Doetinchem, daar was ik ook al een aantal zorgcoöperatie hadden opgericht. Dat jaren wethouder. En 2010 was nou niet was een vereniging van de mensen die

3 lava­

echt het jaar waarin de PvdA landelijk gezien heel goed scoorde. We hadden gelukkig een heel leuk campagneteam, niet zo’n saaie club die dacht “Ach, er zal toch op landelijke thema’s gestemd worden”. We hebben echt in elke wijk leuke acties gehad. Uiteindelijk wonnen we heel onverwacht en werden we de grootste partij van Doetinchem. Ik ben erg trots op die campagne en voornamelijk op iedereen die daar aan mee heeft gewerkt. Dit laat overigens ook zien dat je niet alleen maar afhankelijk bent van wat de ‘mensen in Den Haag’ allemaal doen, maar dat je ook met een leuke en enthousiaste club mensen lokaal het verschil kan maken en verkiezingen kan winnen. Politiek wordt niet alleen gemaakt door landelijke mensen, maar ook door lokale mensen en ik ben er trots op dat dat gelukt is. tekst Mo Sharifi illustratie Robert Muts


4 lava


grenzen aan de zorg tekst Renate Elling & Fatima Warsame illustratie Vorstontwerp

Wij Nederlanders zijn relatief gezond. We zijn minder vaak ziek, voelen ons fit, leven langer en kunnen tot hogere leeftijd zelfstandig wonen. De kwaliteit van onze zorg is goed en het Nederlandse zorgstelsel behoort tot één van de meest toegankelijke stelsels ter wereld. Helaas zit er een keerzijde aan ons gezonde bestaan: de zorgkosten rijzen de pan uit en stijgen sneller dan onze economie groeit. Als dit onverminderd doorgaat wordt de zorg op termijn onbetaalbaar. We geven nu al ruim 67 miljard euro per jaar uit aan de zorg. Dat is 15% van ons inkomen. Zet de trend van de afgelopen tien jaar zich door, zoals de rekenmeesters van het CPB voorspellen, dan betalen we in 2040 zelfs meer dan 30% van ons inkomen aan de zorg.

het Nederlandse zorgstelsel flink onder druk komen te staan, en daarmee zullen ook de toegankelijkheid en de kwaliteit van de zorg in het gedrang komen.

Het is geen nieuws dat Nederland relatief veel geld uitgeeft aan zorg en dat de kosten ook relatief snel stijgen. Met name de kosten voor de langdurige zorg zijn in Nederland hoog. De vergrijzing en de stijgende welvaart spelen een rol, maar zijn niet de belangrijkste drivers. Een van de belangrijkste oorzaken is de toenemende vraag naar zorg. We beschikken over betere informatie, zijn mondiger en zijn van mening dat zorg 24/7 tot onze beschikking moet staan. Ook is er een groei waarneembaar in chronische en welvaartsziekten, bijvoorbeeld obesitas, die steeds meer op ons zorgstelsel drukken. Tegelijkertijd zorgen innovaties en medisch-technologische ontwikkelingen ervoor dat er meer kan én mogelijk is. We ontdekken nieuwe en dure behandelmethodes die voor iedereen toegankelijk moeten zijn. In combinatie met een beperkte productiviteit in de zorg, leidt dat tot snelle kostenstijgingen. Als we op dezelfde voet doorgaan als de afgelopen tien jaar zal de betaalbaarheid van

Wat we minder goed bespreekbaar durven maken, maar wat onontkoombaar op ons af gaat komen, is de discussie over de vraag wat het leven ons waard is. Mogen we daar grenzen aan stellen en waar ligt die grens dan precies? Tachtigjarigen krijgen nu soms behandelingen, waarvan we ons kunnen afvragen of ze wel zo zinvol zijn. Niet alle patiënten zijn daar zelf ook altijd even gelukkig mee. Artsen horen steeds vaker: ‘het hoeft voor mij niet meer’.

De afgelopen jaren stond de vraag hoe we die zorgkosten kunnen bedwingen centraal in het politieke en publieke debat. Rapport na rapport is gepubliceerd over de houdbaarheid van het Nederlandse zorgstelsel. Van de SER tot KPMG en van de WBS tot McKinsey: elke gerenommeerd instituut heeft een duit in het zakje gedaan. Het moet efficiënter, doelmatiger en tegelijkertijd menselijker. Er dienen meer prikkels te worden geïntroduceerd, zodat mensen bewuster met zorg omgaan. De productiviteit moet omhoog en de focus moet Hoe toekomstbestendig is het Nederlandse zorgstelsel? veel meer dan nu op preventie liggen. Bovendien moet En als zorg zo ontzettend kostbaar is, mogen we daar niet meer, maar betere zorg centraal komen te staan. dan ook grenzen aan stellen? En wie stelt die grenzen? Een duivels dilemma voor politiek en samenleving. de waarde van een mensenleven

5 lava­

Rien Meijerink, voorzitter van de Raad voor de Gezondheidzorg (RVZ), was één van de eersten die openlijk betoogde dat een gewonnen levensjaar in goede gezondheid (Quality Adjusted Life Year, QALY) maximaal € 80.000 zou mogen kosten. Kost een behandeling meer dan €80.000 per extra levensjaar voor de patiënt dan moet overwogen worden of deze wel vergoed moet worden. Het bedrag is arbitrair, het kan ook €50.000 of


€130.000 zijn, maar de kern van het verhaal van Meijerink is dat het onontkoombaar is om grenzen te stellen. Je kunt het geld immers maar één keer besteden en dat moet op een zo objectief mogelijke manier worden bepaald. De politiek moet daar richting aan geven. PvdA-woordvoerster Lea Bouwmeester deelt de mening dat het om de kwaliteit van leven moet gaan; de vraag: “wordt u letterlijk en figuurlijk beter van een behandeling?”. Het is echter niet aan de politiek om daar een uitspraak over te doen, aldus Bouwmeester: “Dat gesprek hoort thuis in de spreekkamer”.

kosteneffectiviteit

ten van de zorg te voeren en het is ook aan de politiek om daar richting aan te geven. Wil de politiek die rol niet op zich nemen, dan moeten we accepteren dat de zorgkosten steeds zwaarder zullen drukken op onze schouders. Laten we dit voorkomen en laten we pijnlijke discussies deze keer niet uit de weg gaan. Dit is het moment waarop we het roer nog kunnen omgooien en duurzame keuzes voor de toekomst kunnen maken. Laten we de solidariteit van ons zorgstelsel niet verder aantasten, maar laten we kiezen voor een zorgstelsel dat toegankelijk, solidair en toekomstbestendig is. De politiek moet daarin het voortouw nemen en keuzes durven te maken. ◄

Kan een arts samen met de patiënt een afgewogen beslissing maken of moet de politiek daar wel degelijk kaders vaststellen? En als de beslissing alleen bij de arts en zijn patiënt ligt, hoe voorkomen we dat er willekeur ontstaat? In het regeerakkoord van Rutte II staat voorzichtig opgenomen dat er een criterium moet komen voor (relatieve) kosteneffectiviteit. Dit betekent dat de afweging tussen de kosten en de baten een wettelijk criterium wordt om behandelingen aan te toetsen. Wat betekent dat concreet? Bouwmeester relativeert de passage uit het regeerakkoord direct. Volgens haar gaat het alleen om het verbieden van niet goed werkende, inefficiënte behandelingen of medicijnen, zoals de Diane 35pil en zegt dit niets over de discussie over de waarde van een leven. “Dat is en blijft een discussie tussen de arts en de patiënt”, aldus Bouwmeester.

“Het leven laat je niet zomaar los” In de Volkskrant van zaterdag 18 mei staat een interessant artikel (Vonk, 2-5), waarin wordt gesproken met artsen en patiënten over het levenseinde. “Veel artsen vinden dat ze te lang doorbehandelen en 70 procent vindt het moeilijk om met patiënten over het naderende levenseinde te praten.” Astrid Oosten, internist-oncoloog op de Daniel den Hoek Kliniek, geeft aan dat het heel lastig is om in de spreekkamer met de patiënt te bespreken of ze nog zullen doorbehandelen. Nog te vaak durven artsen geen keuze te maken en krijgen patiënten die nog een week te leven hebben, allerlei onzinnige behandelingen in hun maag gesplitst. Haar collega Wendy van den Deure voegt toe: “De politiek moet kaders stellen waarbinnen wij het moeten doen. Ik kan niet beslissen hoeveel een jaar extra leven mag kosten.”

Ja, de uiteindelijke knoop moet worden doorgehakt door de arts en de patiënt samen. Geen enkele patiënt is immers hetzelfde en kosten alleen mogen niet de doorslaggevende reden zijn om een behandeling te beëindigen of niet uit te voeren. Het is alleen te simpel om de discussie alleen in de spreekkamer te laten voeren. Hiermee beantwoorden we de onderliggende vragen namelijk niet: hoe houden we ons zorgstelsel betaalbaar en hoe houden we het solidair? Een arts zal niet snel besluiten iemand niet te behandelen als het prijskaartje dat daaraan hangt hoog is, want daar verdient hij aan. En daarnaast is de hoofdtaak van een arts ook om mensen te genezen. Om dat doel te bereiken zal een arts eerder meer dan minder operaties uitvoeren. De politiek heeft wat ons betreft hier dus wel degelijk een belangrijke rol. Het is namelijk aan de politiek om het maatschappelijke debat over de kosten en ba-

6 lava


de stelling In deze rubriek vragen we Jonge Socialisten te reageren op een stelling die te maken heeft met het Lava-thema. Uit alle inzendingen selecteert de redactie de beste betogen voor en tegen de stelling.

stelling: Iedere volwassene zou vrijwillig een menswaardig einde aan zijn leven moeten kunnen maken.

Eens Oneens

Jeugdzondes: iedereen heeft ze, en musicals waren de mijne. Als klein meisje keek ik ooit naar de musical Elisabeth, waarin Pia Douwes lekker dramatisch ‘Mijn leven is van mij’ zong. Ik kan hier heel veel mooie woorden gaan gebruiken, maar eigenlijk is dat de kern van mijn verhaal. Niemand kiest ervoor geboren te worden, het leven ontstaat. Ieder individu ontstaat door een deling van cellen. Die cellen krijgen een mening, vrienden, gaan fouten maken en hopelijk veel lachen. Dit individu heeft het leven gekregen, en mag daarna zelf beslissen hoe het in te vullen – met musicals, of met helemaal niks.

Wat ik niet begrijp, is dat we iedereen zijn eigen leven in laten vullen – maar niet de keuze geven om het niet in te vullen. Het is naar mijn idee niet aan een arts of wie dan ook behalve jezelf, om te bepalen wanneer het lijden ernstig genoeg is om het leven te beëindigen, maar dat is wel hoe het nu in de praktijk werkt. Wat overblijft is zelfdoding door middel van “een aanrijding met een persoon” of andere manieren die traumatiserend voor omgeving en omstanders. Laat mij dus dit vragen: als een persoon, die volledig toerekeningsvatbaar is, op een humane manier een einde wil maken aan het leven, waarom geven we diegene daar dan niet de ruimte voor? Het leven is mooi, laten we ervan genieten zolang het mooi is met al zijn grillen en het niet elkaar door de strot duwen. Het leven is van mij, en van niemand anders.

Een arts in Nederland zweert, zo dicteert de Eed van Hippocrates, de gezondheid van de patiënt te bevorderen en lijden te verlichten. Deze uitgangspunten rechtvaardigen euthanasie als manier om een patiënt uit een uitzichtloos lijden te verlossen, daar waar genezing niet meer mogelijk is. Dit is geen recht; voor deze patiënten wordt een juridische uitzondering gemaakt.

De voorstanders van een ruimhartiger euthanasiebeleid beroepen zich niet zelden op het recht op een waardig levenseinde. Ik vraag mij af of ‘waardig’ wel een gepaste term is in dit debat. Iedereen is namelijk vóór waardigheid. Wat ik mij afvraag is: wat is dan precies een onwaardig levenseinde? Als je oud en incontinent bent, en daarom in je eigen broek poept? Als je geen kracht meer hebt om te praten, en enkel nog kunt rochelen? Als je niet in je slaap overlijdt met je geliefden aan je zijde? Het lijkt soms alsof wij vergeten zijn dat de dood stinkt; het is een natuurlijk proces van ziekte en verval. Is de mogelijkheid van een vrijwillig levenseinde, ook zonder uitzichtloos lijden, een zegen van de moderne geneeskunde? Of een decadent middel om in de naam van ‘waardigheid’ de beangstigende grilligheid van een natuurlijke dood te ontlopen? Junus van der Wal

Lieke Kuiper

STELLING LAVA 3: Nederland moet een tweede kerncentrale opnieuw overwegen. In Lava 3 gaat het onderwerp Energie tegen het licht gehouden worden. Ben jij het met bovenstaande stelling eens? Of juist niet? Mail je betoog, maximaal 200 woorden, dan uiterlijk zondag 18 augustus naar lava@js.nl. De bijdrage van de beste voor- en van de beste tegenstander plaatsen we in de eerstvolgende editie. 7 lava­


het voltooide leven tekst Marijn Sikken illustratie Story Studio

In 2011 sprak Lava met Petra de Jong, directeur van de Nederlandse Vereniging voor Vrijwillig Levenseinde (NVVE). Destijds ging het over de op handen zijnde Levenseindekliniek, het belang van de Laatste Wil Pil en de waardige dood. Inmiddels is de Levenseindeklinkiek er een jaar. In dat eerste jaar waren er 714 aanmeldingen. De Toetsingscommisie concludeerde dat er in 100% van de behandelde verzoeken zorgvuldig is gehandeld, ondertussen groeiden de wachtlijsten. Tijd voor een update: wat is er nog nodig? Lava sprak opnieuw met Petra de Jong.

8 lava


artsen hulp verlenen bij zelfdoding, thanasiewet er kwam was prachtig pleit de NVVE voor afschaffing van en nu de Levenseindekliniek draait, zijn we ook daar heel blij mee. Als artikel 294 (zie infoblokje). artikel 294 uit het strafboek wordt “Aankomend jaar gaat de zaak gehaald en de Laatste Wil Pil er echt Heringa spelen,” vertelt De Jong. komt, zijn al onze doelen zo’n beetje “Albert Heringa hielp zijn moeder bereikt. Dan is het voltooid.” ◄ met overlijden door haar de pillen te geven die haar zouden doden. Nu De Jong legt uit dat er verschillende riskeert hij drie jaar gevangenistechnische dingen te verzinnen zijn straf. Wij vinden niet dat zo iemand die misbruik moeten voorkomen: gestraft moet worden.” “Je kunt de pil pimpelpaars maken, laten bruisen of er een twee-fasen- Middels Manifest 294 hoopt de pil van maken. Moord is natuurlijk NVVE het kabinet en parlement zo strafbaar, maar messen halen we ver te krijgen artikel 294 uit het wetook niet uit de handel.” boek te schrappen. Één van de belangrijkste maatregelen om euthanasie humaner en zelfstandiger te maken, de Laatste Wil Pil, is er nog niet gekomen. Het grootste bezwaar is de angst voor misbruik: wordt het niet te makkelijk met zo’n pil? Hoe zit het met de kans op impulssuïcide en ander misbruik?

Voor impulssuïcide is ze niet bang. De Jong, die jarenlang als arts heeft gewerkt voor ze bij de NVVE terecht kwam, weet als geen ander dat mensen naar het leven hangen. “Wanneer iemand ook maar denkt over zelfdoding, gaat daar ongelooflijk veel pijn en wanhoop aan vooraf. Impulssuïcides, bijvoorbeeld bij mensen die in een psychose denken dat ze kunnen vliegen, zullen altijd voorkomen, maar die mensen reiken niet naar de Laatste Wil Pil.”

vergoeding Een tweede probleem waar mensen tegen aan lopen, zijn de kosten. De huisarts, die kan overgaan op euthanasie, zit nog steeds in het basispakket van de zorgverzekeringen. Zijn behandelingen worden dus vergoed. De mensen die bij de Levenseindekliniek aan komen, zijn echter vaak degenen die al meerdere keren zijn afgewezen. Voor deze mensen is de kliniek de laatste hoop, hoe wrang dat ook klinkt. Doordat hun eigen arts niet kan of wil helpen, valt zo iemand buiten de normale zorgverzekering. Doordat de kliniek met ambulante teams werkt en er meerdere bezoeken aan vooraf gaan (o.a. aan de toetsingscommissie), vallen de kosten hoger uit. Die worden niet vergoed.

scholing en aandacht Een huisarts die gemiddeld eens in de drie jaar een euthanasieverzoek krijgt, doet hierin onvoldoende ervaring op. “Het zou niet de plicht van iedere arts moeten zijn om euthanasie desgevraagd uit te voeren, maar het is belangrijk dat het normaal medisch handelen wordt. Dat betekent dat je je er ook in moet scholen,” vindt De Jong. “Het uitvoeren van euthanasie zou iets moeten zijn waar artsen zich in (kunnen) specialiseren, waar ze de literatuur over moeten bijhouden. Een huisarts die gevraagd wordt een blindedarmoperatie te doen, zegt ook: ik ben daar niet bekwaam in, dus dat doe ik niet.” Bovendien bleek bij opening van de Levenseindekliniek dat veel artsen niet volledig op de hoogte waren van de euthanasiewet. Sommigen hadden dan enige ervaring met euthanasie, maar alleen bij mensen met kanker of CVA. Hoewel de euthanasiewet al meer dan tien jaar oud is, blijken veel artsen nog altijd niet op de hoogte van de mogelijkheden voor uitzichtloos psychisch lijden, dementie of het voltooide leven.

voltooid

“De NVVE is bereid om nog een keer extra geld aan de Levenseindekliniek te schenken, maar om het draaiende te houden zouden er betere afspraken gemaakt moeten worden met de zorgverzekeraars,” legt De Jong uit.

Dan rest de vraag wat de JS kan doen. Misschien is het een idee om het weer actief met elkaar over euthanasie te hebben. Waarom pleiten we niet voor vergoedingen voor de Levenseindekliniek of de komst van de Laatste Wil Pil? Waarom strijden we niet voor de afschaffing van artikel 294? “Vanaf de oprichting artikel 294 van de NVVE zijn we op opheffing Dan is er nog de huidige wetgeving. gericht geweest,” zegt De Jong aan Omdat de NVVE ziet dat niet alleen het eind van het gesprek. “Dat de eu9 lava­

Wetboek van Strafrecht, artikel 293 “Hij die opzettelijk het leven van een ander op diens uitdrukkelijk en ernstig verlangen beëindigt, wordt gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren of geldboete van de vijfde categorie.” “Het in het eerste lid bedoelde feit is niet strafbaar, indien het is begaan door een arts die daarbij voldoet aan de zorgvuldigheidseisen.” Wetboek van Strafrecht, artikel 294 “Hij die opzettelijk een ander bij zelfdoding behulpzaam is of hem de middelen daartoe verschaft, wordt, indien de zelfdoding volgt, gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren of geldboete van de vierde categorie.”


10 lava


‘bij de kabinetsformatie heeft de VVD de zorgkaart getrokken’ tekst Martijn Otten fotografie Anja Dierx

Staatssecretaris Van Rijn staat voor een ingewikkelde klus. Zijn plannen voor de AWBZ moeten leiden tot een houdbaar stelsel gebaseerd op samenredzaamheid. Om te ontsnappen aan die politieke waan van de dag sprak Lava met Gerard van Pijkeren, tegenwoordig zorgadviseur en toezichthouder, maar aan het begin van deze eeuw projectdirecteur van wat toen het ‘Groot project Modernisering AWBZ’ heette.

makkelijker en beter dan als de gemeenten dat zouden moeten doen. Dit betekent niet dat wat er ligt een slecht plan is, maar het laat wel zien dat beleid tijdsgebonden is.”

Waar de politiek pretendeert een stijgende lijn na te streven, komt het in de praktijk vaak neer op financieel gedreven korte termijn politiek. Van Pijkeren: “Twaalf jaar geleden schreeuwden we moord en brand Op één van de eerste zonnige dagen van dit jaar spreken bij wachtlijsten. Nu zeggen we: mensen moeten meer wij Gerard van Pijkeren in een cafeetje in Utrecht. Hij zelf regelen.” heeft bestuurlijk Nederland van veel kanten meegemaakt: in gemeenten, bij het ministerie van Cultuur, “De rijksdienst is slecht in het afmaken van dingen. Recreatie en Maatschappelijk Werk (opgeheven in 1982) Hierdoor is het blijkbaar ingewikkeld om processen en later bij Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Bij dat die langer lopen consequent af te maken. Ik vind dat laatste ministerie was hij tot 2005 bezig met de indica- Staatssecretaris Van Rijn daar nu ook tegen aan loopt. tiestelling (zie pagina 14-15), aanpak van de wachtlijs- Het gaat in een tempo waarvan de kans vrij groot is dat er brokken komen. Dan moet je aan allemaal onheldere ten en de modernisering van de AWBZ. overgangsconstructies toegeven om het toch op tijd af te krijgen. De rijksoverheid is heel kortademig getijdsbeelden worden. Het is beter als we een langetermijnplanning Vanwege zijn lange ervaring kan hij de huidige discus- maken en ook daadwerkelijk leren van wat er eerder is sies in de langdurige zorg, zoals de focus op samen- fout gegaan. De haast en het opportunisme waarmee redzaamheid in de AWBZ (dat wil zeggen dat mensen politieke operaties worden uitgevoerd, belemmeren meer voor hun naasten moeten zorgen), in een breder dat echter.” perspectief plaatsen. “Toen Brinkman in de jaren ’80 de zorgzame samenleving verkondigde, heeft Flip Buurbezuinigingen meijer (PvdA) hem alle hoeken van de Tweede Kamer laten zien. Het verhaal wat nu verteld wordt, lijkt daar Het Nederlandse zorgstelsel bestaat uit twee verzeals twee druppels water op.” Ook stond toen in de Ka- keringen: de Zorgverzekeringswet (Zvw) gaat over de derwet Specifiek Welzijn de decentralisatie centraal; cure, de zorg die gericht is op het direct beter maken een ambitie van het Kabinet Den Uyl. Ironisch genoeg van een patiënt, en de AWBZ gaat over de care, de langis die decentralisatie onder andere stop gezet omdat durige, verplegende zorg. “Er wordt op dit moment er te veel moest worden bezuinigd. Dat ging centraal vaak gesuggereerd dat de langdurige zorg financieel 11 lava­


volstrekt uit de klauwen loopt en dat de ‘cure’ redelijk beheerst wordt. Dat is een vertekening. Ten eerste is er in de loop der jaren van alles in de AWBZ ondergebracht, wat vroeger bijvoorbeeld in een subsidieregeling zat en dus ook collectief werd gefinancierd. De groei in de AWBZ is redelijk beheerst.” Van Pijkeren haalt wat A4’tjes uit zijn tas met daarop grafieken van het College voor Zorgverzekeringen (CVZ). Deze grafiekjes laten zien dat de AWBZ-kosten stijgen (in 2006: 23 miljard en in 2011: 25,5 miljard euro), maar ook in de Zvw nemen de kosten in die jaren toe (van 28,5 naar 37,5 miljard). De overheveling van de geestelijke gezondheidszorg naar de Zvw meegerekend, loopt de kostenstijging van beide wetten ongeveer gelijk op. Tegelijkertijd halen we minder binnen aan premies. Van Pijkeren vraagt zich daarom ook af of waarom we de AWBZ-premie niet volledig inkomensafhankelijk maken en niet zoals nu aftoppen op de tweede belastingschijf.

VVD-beleid Voor Van Pijkeren is het duidelijk dat Rutte II VVD-beleid in de zorg uitvoert: “Het partijprogramma van de PvdA lijkt bij de formatie in de Stadhouderszaal in de tassen van de PvdA-onderhandelaars gebleven.” PvdAvoornemens, zoals het regionaliseren van de zorg, het beperken van de marktwerking en aan banden leggen van de grote zorgverzekeraars, worden nu niet uitgevoerd. De zorg wordt nog steeds overgelaten aan de grote zorgverzekeraars en van de regionalisering, wat de PvdA graag wilde, komt weinig terecht. “In de laatste brief van Van Rijn staat dat we minder zorgkantoren moeten hebben, maar dat betekent dat je wel weer aan het opschalen bent.” Hij denkt niet dat decentralisatie zelf slecht is, het wordt alleen op een VVD-manier uitgevoerd: in combinatie met bezuinigingen. Je predikt een zorgzame samenleving, maar bezuinigt tegelijkertijd fors. Als je wilt dat mensen meer invloed krijgen op hun eigen zorg, moet dat ook wel mogelijk zijn. Dan moet je niet zwaar gaan bezuinigen op zorg die dicht bij mensen staat. Door te veel op die lichte zorg te bezuinigen, loop je de kans dat mensen meteen naar het verpleeghuis gaan, wat alleen maar duurder is. ling: zorgcoöperaties. Dit is een vorm van zelforganisatie die niet door de overheid wordt opgelegd en geBij de presentatie van het regeerakkoord brak er meteen controleerd, maar ontstaat door samenwerking onder een rel uit over het PvdA-deel van de zorgparagraaf: de burgers. In Hoogeloon, een dorpje in Noord-Brabant, inkomensafhankelijke zorgpremie en het afschaffen merkten de inwoners dat de zorginstellingen niet doen van de zorgtoeslag. Ik herinner me dat toen de zorg- wat zij wilden en ze besloten om gezamenlijk de zorg toeslag werd ingevoerd in 2006, er hele volksstammen voor hun dorp te gaan regelen. Van Pijkeren: “De PvdA waren die riepen: zijn ze gek geworden, dan moeten pleit ook voor coöperaties. Daar kan je niet alle zorg in we 1500 ambtenaren aanstellen om die zorgtoeslag te onderbrengen, maar ik zie wel mogelijkheden dat een regelen! De zorgtoeslag maakt indirect de premie ook deel van de zorg zich in die richting ontwikkelt. Dat inkomensafhankelijk. Nu werken we met een systeem kost wel tijd en een steuntje in de rug van de overheid.” dat gevoeliger is voor fraude. Ik vind dat de PvdA dat programmapunt wel heel snel heeft weggegeven.” “De herziening van de langdurige zorg is dus op zichzelf geen slecht idee, maar we moeten daar meer tijd voor nemen. Inhoudelijk kunnen twee uitgangspunzorgcoöperaties ten de basis vormen. Eén: zorg dat de burger die zorg Maar Van Pijkeren is zeker niet somber gestemd. Hij nodig heeft ook degene is die het voor het zeggen heeft. ziet vele opties om de zorg in Nederland te verbeteren Het persoonsgebonden budget gaat uit van de eigen redoor het kleinschaliger te maken en dichter bij mensen gie van degene die zorg nodig heeft, zodat de zorgverlete brengen. In april schreef hij een blog voor de website ner zich daarop moet richten. En twee: zorg dat er ook skipr.nl, waarin hij keek naar een nieuwe ontwikke- nieuwe vormen van zorg worden ontwikkeld, zoals die 12 lava


“De herziening van de langdurige zorg is op zichzelf geen slecht idee, maar we moeten daar meer tijd voor nemen,” stelt zorgadviseur Gerard van Pijkeren.

om een nieuwe visie te ontwikkelen.” Hij begrijpt dat het voor politici lastig is om een decentralisatieproces van meerdere jaren uit te voeren, maar hij ziet het als de beste optie om gemeenten daadwerkelijk klaar te maken voor een goede overdracht. Daar komt bij dat de gemeentelijke herindeling een rommeltje heeft op“Er gaat een hele hoop naar de gemeente en een aantal geleverd. gemeenten zijn er, naar mijn oordeel, nog niet klaar voor. Die krijgen vervolgens met een enorme bezuini- Uiteindelijk moet het er om gaan dat we iedereen de ging te maken. En dan is het maar de vraag hoe die ge- beste zorg bieden, en laten we daarin niet vergeten dat meente dat oppakt. Je kunt wel allemaal voorwaarden die zorgzame samenleving echt niet voor iedereen een gaan stellen, maar als ze het niet kunnen, heb je daar feest is. “De beleidsmakers hebben allemaal een boekenkast en moeten er niet aan denken om in een verzorniets aan.” gingstehuis te wonen, maar er zijn ook genoeg mensen Van Pijkeren refereert aan de Wet Maatschappelijk On- die dat wel fijn vinden. In de jaren ’50 gingen mensen dersteuning (WMO) die in 2007 is ingevoerd. De huis- zich inschrijven voor een verzorgingstehuis voor hun houdelijke zorg uit de AWBZ is daar naar overgeheveld, oude dag. Dat was een ideaal. Ik denk dat er op dit mo“Als je wilt dat er met decentralisatie ook nieuw beleid ment ook mensen zijn die nog thuis wonen, maar de komt, dan moet je het de tijd geven. Als je het heel snel voorkeur zouden hebben voor een verzorgingsarrangeoverdraagt, neemt de ontvangende partij het over zo- ment. De politiek moet niet voor mensen beslissen hoe als het is. Die gaat wat kaasschaven, maar er is geen tijd zij hun oude dag willen invullen.” ◄ coöperaties. De gemeenten moeten dat dan ook ondersteunen en zorgen voor een goede zorginfrastructuur. Om daarvoor beleid te ontwikkelen moet je ze meer tijd geven. Als je de zorg te snel decentraliseert, krijg je nooit een echte verandering.”

13 lava­


tekst Sylvana van Maanen & Junus van der Wal fotografie Anja Dierx

samenredzaamheid

We mogen trots zijn op de kwaliteit van de langdurige zorg in Nederland. Het AWBZsysteem dat de langdurige zorg regelt, bracht Nederland hoogwaardige zorg voor de meest kwetsbare mensen. De AWBZ dreigt echter financieel onhoudbaar te worden. Werd er in 2003 nog ongeveer 20 miljard euro aan de AWBZ uitgegeven, nu is dat al 27 miljard euro. In de huidige kabinetsplannen wordt er bezuinigd op de AWBZ, onder andere door het deels onder te brengen bij de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO). De WMO valt onder de verantwoordelijkheid van gemeenten. Deze verschuiving van verantwoordelijkheid is een enorm grote operatie. Gemeenten krijgen voor deze extra taak minder geld dan waarvoor het Rijk deze taak uitvoert. Ook hebben sommige gemeenten niet genoeg expertise om deze verantwoordelijkheid te kunnen nemen. Daarom zie je dat gemeenten gaan samenwerken om de taak goed uit te kunnen voeren. Het 14 lava

gaat echter niet alleen om een bezuinigingsvraagstuk, maar om een veel bredere vraag: hoe moeten we onze langdurige zorg inrichten?

verzekeringssamenleving Martin van Rijn, staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, stelde in het programma Pauw en Witteman (uitzending 11-01-2013, red.) de vraag: “In wat voor samenleving willen we wonen?” Volgens Van Rijn leven we tegenwoordig in een verzekeringssamenleving, waarin de inwoners zichzelf als vanzelfsprekend verzekerd zien van goede voorzieningen, geleverd door de staat. Daardoor kijken mensen niet meer naar wat ze kunnen betekenen bij de zorg voor een ander. Van Rijn verdedigt een samenleving waarin de burgers meer betrokken zijn bij de zorg voor de kwetsbare mensen om hun heen. De staat beperkt zich dan tot de zorg voor de mensen die het écht nodig hebben. Het


idee dat de overheid niet vanzelfsprekend alles regelt, maar dat er best wat van de mensen in de samenleving gevraagd mag worden, past in de trend op links om mensen aan te spreken op hun ‘samenredzaamheid’. Als je je zelfredzaamheid dreigt te verliezen, kan je met de hulp van je omgeving toch nog een hoop gedaan krijgen. Ook in het “Van Waarde-manifest” van de Wiardi Beckman Stichting wordt gepleit voor deze trend: “De sociaal-democratie kent misplaatste schroom als het gaat om het doen van een beroep op vrijwillige sociale verbanden, medemenselijkheid en hulp.” Bedoelt men hier niet gewoon te zeggen dat wij straks voor onze ouders moeten zorgen? Eigenlijk wel. De overheveling van zorgtaken naar de gemeente houdt in de praktijk in dat er meer gekeken gaat worden naar de hulp die mensen uit hun eigen omgeving kunnen krijgen. Is dit een voor- of achteruitgang? Voorstanders roemen de roep om samenredzaamheid omdat dit zou zorgen voor meer solidariteit en gemeenschapszin, terwijl tegenstanders beweren dat dit een romantisering is van een verschralend zorgaanbod.

de tijd om zich voor te bereiden. Voor het zover is komt er nog een onafhankelijk onderzoek naar de risico’s op het gebied van de uitvoering en de financiën. Omdat niet alleen de gemeente als bestuurslaag, maar juist ook de burgers zelf meer verantwoordelijkheid krijgen, is het tevens van belang om je af te vragen of iedereen in de gemeenschap klaar is voor zo’n grote mentaliteitsverandering. (Voorwaarde voor dit onderzoek is wel dat het niet zorgt voor vertraging van het proces. Maar men moet niet raar opkijken als het toch uitgesteld wordt en gemeenten langer de tijd krijgen om zich voor te bereiden.) “Men moet in het oog houden dat de mens niet alleen individu doch tevens gemeenschapswezen is,” aldus Gerard Veldkamp, politicus van de Katholieke Volkspartij en grondvader van de AWBZ. Het is op zijn minst ironisch te noemen dat juist in deze geest zijn wet wordt versoberd ten faveure van de samenredzaamheid van de maatschappij. ◄

zorgzwaartepakket Sinds 1 januari 2013 krijgen mensen met een lichte ZZP-indicatie (zie infoblokje) bijvoorbeeld niet langer de zorg in een instelling, maar in hun eigen omgeving. Als gevolg hiervan, worden voor 2020 waarschijnlijk 800 van de 2000 verzorgingshuizen gesloten. Deze maatregel beantwoordt volgens beleidsmakers aan een vraag uit de samenleving om langer zelfstandig thuis te wonen. Daarnaast is het natuurlijk ook gewoon een bezuinigingsmaatregel. Er is dus een duidelijke verandering gaande van de oude mentaliteit waarbij mensen recht hebben op bepaalde voorzieningen, naar een mentaliteit waarbij men eerst kijkt naar wat zelf en met hulp van de omgeving nog mogelijk is. De mentaliteitsverandering maakt dat politici zich terecht afvragen of het huidige ZZP-systeem nog wel van deze tijd is

Wat is de AWBZ? De Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) is per 1 januari 1968 ingegaan. Deze wet kwam er om de kosten voor langdurige zorg en onverzekerbare medische risico’s te betalen. Als je langdurige zorg nodig hebt omdat je een lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke beperking hebt, of wanneer je een psychiatrische of psychogeriatrische (gerelateerd aan het ouder worden, zoals dementie) aandoening hebt en je hulp nodig hebt om bepaalde activiteiten uit te kunnen voeren, kom je in aanmerking voor zorg uit de AWBZ.

“Het kan best zijn dat sommige mensen met een zwaarder ZZP, dat wel vergoed blijft, prima op familie kunnen terugvallen,” aldus Otwin van Dijk, Tweede Kamerlid van de PvdA. Iemand met een lichtere ZZP-indicatie kan misschien op weinig mensen in de omgeving een beroep doen en toch in een instelling moeten verblijven. Daarom lijkt de vraag wat iemand écht nodig heeft om goed te kunnen leven belangrijker dan of iemand er recht op heeft.

Hoe werkt het? Als je in een verzorgingshuis of psychiatrische instelling wilt gaan wonen, moet je eerst een indicatie krijgen voor jouw zorgzwaartepakket (ZZP). ZZP-indicaties lopen van 1 tot 6 en beschrijven welke ondersteuning of zorg iemand nodig heeft die niet zelfstandig kan wonen. Hoe hoger de indicatie, hoe meer zorg iemand nodig heeft. Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) regelt deze ZZP-indicaties.

gemeenten De overgang van taken naar de gemeenten gaat op 1 januari 2015 in. Maar is het wel mogelijk om zo’n grote maatschappelijke verandering op zo’n korte termijn door te voeren? Gemeenten hebben nog ruim anderhalf jaar 15 lava­


Het koekoeksjong van de rijksbegroting tekst: Renée van den Kerkhof fotografie Anja Dierx Alweer een aantal weken geleden riep Minister Schippers van Volksgezondheid in Buitenhof de zorgsector op mee te denken over de 1,5 miljard die zij moet bezuinigen op het basispakket. Wij vroegen JS’er Laura van Werven, actief in de zorg, naar haar mening over de politieke invloed op deze sector. Hoofdredacteur Martijn Otten sprak voor dit nummer ook met vele mensen die actief zijn in de zorg en hij deelt een paar van die ideeën. Wat kan er volgens jou uit het basispakket, en wat mag er absoluut niet uit? Wat zou je er aan willen toevoegen? Martijn: De oproep van minister Schippers is heel terecht. De zorg dreigt het koekoeksjong te worden van de rijksbegroting; we moeten keuzes gaan maken in wat we vergoeden. Het basispakket is echter op zo’n manier ingericht dat alles wat maar voldoet aan een bepaalde set richtlijnen, vanzelf wordt opgenomen, terwijl het heel moeilijk is er weer iets uit te halen. We moeten kritischer durven zijn en ons richten op de hoofdvragen: is het noodzakelijk, werkt het geneesmiddel goed en wat kunnen mensen zelf betalen. Het klinkt bijvoorbeeld verschrikkelijk dat de rollator uit het basispakket gaat, maar dat kost nieuw maar 40 euro en dat kunnen de meeste mensen makkelijk zelf opvangen. Laura: Ik vind dat er nagedacht kan worden over het ziekenvervoer dat nu verzekerd is. Ik ben er voor om dit te beperken. Ik vind het een beetje vreemd dat wij niet eerst zelf iets regelen met de buren of naasten, of dat we niet zelf de bus betalen. Wat er echt niet uit mag van mij is de huisartsenzorg; dat moet altijd voor iedereen toegankelijk zijn. Wat er in moet: voorlichting - en flink ook - over leefstijl. Nu wordt alleen stoppen met roken en drie uur dieetadvies vergoed. Dit mag veel meer wat mij betreft; ook sportadvies en ander leefstijladvies erbij. Verder moeten we ervoor zorgen dat mensen niet te snel naar een arts hoeven te stappen, bijvoorbeeld door apparaten te vergoeden waarmee mensen zelf hun bloedwaarden kunnen meten. Hoe ziet de toekomst van de ouderenzorg er volgens jou uit?

Laura van Werven, JS-lid, actief in de zorg.

Laura: In de toekomst zijn er helemaal geen verzorgingstehuizen meer, alleen een paar verpleeghuizen voor ernstig lichamelijke en/of psychisch zieke ouderen. Voor de mensen die daardoor thuis moeten blijven, betekent dit meer thuiszorg, maar vooral meer mantelzorg. Ik zie voor me dat er erg veel informele zorg gaat komen; kinderen die voor ouders zorgen, buren die voor buren zorgen. Dit vind ik niet per se een slechte ontwikkeling! Als je nu in verzorgingstehuizen rondloopt, is het best vreemd hoeveel familie verwacht. Ik merk vrij vaak dat mensen denken vanuit het ‘recht op zorg’-principe. Er zijn best wat kinderen die 16 lava


dagelijks of wekelijks bij hun ouders op bezoek komen en dan nog niet eens hun koffiekopje ‘s avonds afwassen! Laat staan dat ze hun moeder even een pyjama aantrekken, terwijl dat wel werk zou schelen. Martijn: Ik denk niet dat alle verzorgingstehuizen zullen verdwijnen. Er zullen altijd mensen zijn die graag naar een verzorgingstehuis gaan, maar voor wie dat wilt, moet er de mogelijkheid zijn om thuis te blijven wonen. Dit kunnen we niet zomaar aan iemands kinderen overlaten, het vereist ook dat we woningen bouwen waar iemand zijn hele leven kan wonen en dat we zorg dicht bij mensen organiseren. We zien nu dat juist die huisartsenzorg wordt getroffen door bezuinigingen en een veel te hoge werkdruk. Deze lokale zorg moeten we goed organiseren, als we willen dat mensen langer thuis blijven wonen.

worden kunnen zij ook letten op achterliggende problemen die ouderen ervaren. Verder zou ik graag zien dat de politici niet in elke mediahype springen als het gaat om mensen als Brandon of Yunus. Natuurlijk zijn dat nare gevallen, maar van politici verwacht ik lange termijn-visie. Tot slot zie ik een belangrijke rol voor politici om mensen bewust te maken van hun rol in de samenleving, de verantwoordelijkheid die zij hebben voor zichzelf en voor elkaar.

Martijn: Momenteel betalen we nog voor ziekte en niet voor gezondheid. Doordat we ziekenhuizen betalen naar dekkingsgraad, artsen per consult en doordat een consult minder oplevert dan een MRI-scan, stijgen de zorgkosten de pan uit. De kern van de zaak: iedereen doet wat logisch is, en alleen de politiek kan die logica veranderen. Niet met een nieuwe, hemelbestormende kostensystematiek, maar door te betalen voor wat we Wat kan de politiek volgens jou nog doen om de gezondheids- willen bereiken: gezondheid. Lijfartsen van de Chinese keizers werden betaald voor elke dag dat de keizer niet zorg te verbeteren? Of: wat moet ze vooral niet doen? ziek was. Kijk, dan doe je pas echt wat logisch is.◄ Laura: Er werken in de ouderenzorg soms mensen met een vrij lage opleiding. Dit is goedkoop, maar lijkt mij niet goed voor de kwaliteit van zorg. Wanneer er iets meer opgeleide medewerkers in dienst genomen 17 lava­


marijn

factcheck

In haar column beschrijft Marijn Sikken haar gedachtekronkels.

In Factcheck toetst Lava een aanname aan de werkelijkheid.

aanname: vergrijzing is de belangrijkste oorzaak van de stijgende zorgkosten Dát de kosten voor onze gezondheidszorg verontrustend snel stijgen, is geen verrassing. In 2001 gaven we volgens het CBS met ons allen 52,5 miljard euro uit aan zorg: tien jaar later was dat al 90 miljard. De zorgkosten zijn niet voor niets een heet hangijzer in de politiek: het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft in 2013 met 77 miljard euro de beschikking over bijna 30% van de rijksbegroting. Jongeren maken daar relatief weinig gebruik van. Vanuit een jeugdig perspectief is de zondebok daarom snel gevonden: de vergrijzende babyboomgeneratie. Zij worden nu natuurlijk allemaal tegelijkertijd ziek.

pepermunt Sinds een half jaar werk ik als gastvrouw op de Intensive Care van een groot ziekenhuis bij mij in de buurt. Ik heb weliswaar geen contact met patiënten, maar wel met hun naasten; die vang ik op, wijs ik de weg en ik bied hen, indien gewenst, mijn luisterend oor - alsmede koffie, thee en chocomelk.

Wanneer ik het bakje op de rand van mijn kantoorraam plantte, wist ik dat iedereen die zich in de buurt bevond, zich voor mijn raam te goed zou doen aan suiker en gesprek: niet alleen familie van patiënten op de IC maar ook patiënten van de omliggende afdelingen zelf, die halverwege hun avondommetje langs mijn hok kwamen en even bleven staan; de oudere heren van hartbewaking met hun infuuspalen; de bijna-mama’s van verloskunde met hun dikke buiken; het ambulancepersoneel plus brancard. Om een pepermuntje vragen is een goede openingszin, wil ik maar zeggen. En mensen die om wat voor reden dan ook in een ziekenhuis zijn, willen vaak praten.

Halverwege 2012 publiceerde het ministerie van VWS het rapport ‘De zorg: hoeveel extra is het ons waard?’ waarin de werkelijke oorzaken worden benoemd. Deze blijken in het geheel niet verontrustend te zijn. Integendeel: de zorgkosten stijgen door een hogere levensverwachting, door een hogere welvaart en door technologische innovatie. We kúnnen als samenleving meer uitgeven aan zorg en kiezen daar vervolgens ook voor. We kiezen bijvoorbeeld voor meer eenpersoonskamers in het verpleeghuis en we behandelen ongemakken waar eerder geen aandacht voor was. De zorgvraag verandert: het aantal chronisch zieken neemt toe doordat men minder vaak op jonge leeftijd aan een ziekte overlijdt of door typische welvaartsziektes als diabetes. Er is meer vraag naar psychische hulp door het verbreken van taboes en de steeds complexer wordende maatschappij. Daarnaast stijgen de zorgkosten doordat de lonen in sectoren met relatief veel ‘mensenwerk’ meestijgen met die in de industrie, terwijl de productiviteit niet even hard groeit: zorg wordt dus relatief duurder dan minder arbeidsintensieve producten.

De pepermuntjes zijn weg. Nederland bezuinigt, de zorg bezuinigt en de IC bezuinigt dus ook. Ik begrijp het volkomen maar snap er niets van: waarom de pepermunt? Weet het bestuur dan niet hoe belangrijk die witte plaatjes zijn voor, bijvoorbeeld, iemand die net heel slecht nieuws heeft gehad en even iets normaals wil doen als het eten van een snoepje? Natuurlijk wel. Maar wist ik wel hoeveel zakken pepermunt er maandelijks doorheen gingen?

Waar past de vergrijzing in dit beeld van een complexe, rijke, vrije samenleving? Er zijn inderdaad meer ouderen, en deze ouderen leven ook langer. Deze zogenaamde dubbele vergrijzing zorgt voor een groei van de zorgkosten van ongeveer 1 procent per jaar. Echter, de totale uitgaven stijgen met bijna 4,5 procent: slechts een kwart van de stijging is daarom daadwerkelijk te verklaren door de vergrijzing. De stelling is onwaar.

Nederland bezuinigt. Dat is lastig genoeg. Wat ik heb geleerd is dat je creatief moet zijn - of moet besluiten wat je echt belangrijk vindt. Sinds een tijd neem ik zelf mijn pepermunt mee naar de IC. Ik heb begrepen dat anderen dat voorbeeld gaan volgen.

Inge Kielen

Als ik mijn dienst begin, de beddenlijst heb opgehaald, naar bijzonderheden heb gevraagd en misschien hier en daar al wat families van koffie en thee heb voorzien, begeef ik me naar het kantoor naast de ingang van de afdeling. In het kantoor staat de computer met het zoeksysteem en, tot voor kort, de pepermunt. Die witsteriele schijfjes vormden zo’n beetje de smeerolie van mijn functie.

18 lava


uit de bestuurskamer Nieuwtjes, mededelingen, oproepen, weetjes en/of meningen uit bestuurlijke hoek.

voor elkaar zorgen Het kabinet, ons kabinet, wil dat mensen meer voor elkaar gaan zorgen. Je ouders in huis nemen, wat doen voor de eenzame buurvrouw verderop in de straat. Veel mensen staan meteen op hun achterste benen. Wat als mensen ruzie hebben met hun ouders? Wat als je heel afgelegen op het platteland woont? Wat als je geen kinderen hebt? Wat als dit en wat als dat? Alle uitzonderingen op de regel worden verheven als algemeen geldend. Het basisprincipe: we zorgen voor elkaar, wordt nauwelijks bestreden. Daar concludeer ik uit dat nagenoeg iedereen het erover eens is dat we in onze samenleving slecht en gebrekkig voor elkaar zorgen. Maar helaas wordt het uitgangspunt ook niet omarmd. Iedereen is verblind door de mensen die niet kunnen terugvallen op mensen op hun omgeving.

grotere groep mensen met kinderen. Laten we dat nu eens als startpunt nemen. De basisgedachte dat we meer voor elkaar kunnen en moeten zorgen is dan reëel. Het gaat er vooral om dat we het idee dat overheid beter voor ouderen kan zorgen dan naasten bestrijden. Het is beter als de overheid het mogelijk maakt dat we voor elkaar kunnen zorgen: dat mensen bijvoorbeeld vrij kunnen nemen voor mantelzorg. Niemand wil toch in een verzorgingshuis voor zijn plezier?

Toon Geenen, voorzitter Landelijk Bestuur Jonge Socialisten in de PvdA

Natuurlijk, er is een grote groep mensen zonder kinderen. Als samenleving kunnen we niet toestaan dat zij aan hun lot overgelaten worden. Maar er is een nog

foto: Lars Kersten

C

M

Y

CM

MY

CY

CMY

K

colofon JS Coupon lidmaatschap 136x98 NIEUW.pdf

hoofdredactie: martijn otten / redactie: renate elling, renée van den kerkhof, inge kielen, sylvana van maanen, martijn otten, mo sharifi, marijn sikken, fatima warsame / gastredactie: junus van der wal / eindredactie: renée van den kerkhof, inge kielen, martijn otten, jochem rietjens, marijn sikken / fotografie: anja dierx | anjadierx.nl / cartoon: robert muts | mutsillustrations.nl / illustratie: lotte woerde | storystudio.nl / ontwerp & vormgeving: merijn dietvorst | vorstontwerp.nl / bladmanagement: jochem rietjens / met medewerking van: lieke kuiper, laura van werven/ druk: control media | controlmedia.eu / uitgever: jonge socialisten in de pvda | js.nl

1

Lava is een uitgave van de Jonge Socialisten in de PvdA (JS). Voor tips en suggesties is de hoofdredactie te bereiken via lava@js.nl. Meer informatie over de JS is te vinden op js.nl. De volgende editie verschijnt oktober.

01-02-12 14:36

alle rechten voorbehouden © Jonge Socialisten in de PvdA / juni 2013

19 lava


20 lava

jaargang 15 – editie 2


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook