Skip to main content

MAGjeZIENenHOREN#9

Page 1

Z JA circus

TO N EE

L

Z

#9/2026

DANS

ap

gr

kla m ss uz ie ie ke k

anim atie

h ic design

KL

FIL

MODE

EI

NK

UN ST

M

DESIGN

FOTOGRAFIE


Bad type constructor Benjamin McMillan

‘Er is een uniek aspect aan werken met de hand, juist omdat het zo intuïtief en spontaan is.’

Benjamin McMillan, House of Babel


Katharina Nejdl, Together Online


VAN DE REDACTIE

Mag je vieren

M

isschien is het je al opgevallen bij het doorbladeren van deze Magjezien: die staat helemaal in het teken van grafische vormgeving. Vaste vormgever Joanna Greve pakt flink uit met grafische vormen en effecten. De opdracht was ‘best een beetje wild!’ Daar is ze goed in geslaagd. Dit thema bood ook een uitgelezen kans om een grafisch talent de cover te laten ontwerpen. Jill Heesbeen is illustrator en animator, haar werk is kleurrijk en speels. In haar werk verwerkt ze slimme beeldgrappen. Zo komen alle disciplines die wij ondersteunen in haar illustratie voor – een vrolijke knipoog naar ons werkveld. In het kader van dit themanummer interviewde Juliette de Swarte de legendarische grafisch ontwerper – of audiovisueel componist, zoals hij zichzelf liever omschrijft – Jaap Drupsteen over zijn iconische ontwerpen voor bankbiljetten en ander spraakmakend werk. Om het thema grafisch verder uit te diepen vroegen we ontwerper, auteur en docent grafische vormgeving Kylièn Sarino Bergh een essay te schrijven waarin hij ingaat op het

Daarnaast hadden we iets te vieren: Galerie Pouloeuff bestaat vijftien jaar! Al die jaren kregen pas afgestudeerde kunstenaars de kans om bij ons te exposeren. Curator Ine van der Horn hielp ze op weg met praktische handvatten in de kunstwereld. En er waren meer jubilea: met Jong Metropole en met de afdeling Mode en Textiel van de KABK vierden we onze tienjarige samenwerking. Met mooie terugblikken op wat het voor de studenten betekend heeft. We kijken uit naar het vervolg. Natuurlijk zijn er ook nieuwe projecten. Sinds dit jaar werken we samen met Art Helpdesk, waarbij we jonge professionele kunstenaars koppelen aan een zakenmaatje. Het programma is erop gericht om hun ondernemerservaring te vergroten. Een mooie uitwisseling. Het tweede project is Notes, Beats & Bars, waarin rappers van het Haags HipHop Centrum en musici van het Residentie Orkest maatschappelijke thema’s vertalen naar muziek. Een spannende crossover tussen rap en klassiek!

FOPPE SCHUT

heden en verleden van het vak. Met speciale aandacht voor onderwerpen waar de jongste generatie ontwerpers zich mee bezighoudt. De afgelopen jaren organiseerden we samen met Graphic Matters een Summer School. In de rubriek ‘Hoe is het nu met’ lees je hoe deelnemers en masters dat ervaren hebben en geven ze concrete tips voor jonge makers.

De afgelopen vier jaar namen gerenommeerde kunstenaars steeds hun intrek op de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht waar zij tussen de studenten werkten en samen een expositie maakten. Over dit bijzondere AIR Pastoe-project is nu een prachtige publicatie verschenen. Zeer de moeite waard om te bekijken. In deze Magjezien natuurlijk ook interviews, met onder meer Bobbi Essers, een van de kunstenaars die in residentie ging bij AIR Pastoe. Zangeres Giovanca Ostiana vertelt over haar carrière en over haar rol als presentator bij ons project The Records. Peter Riebeek deelt anekdotes over zijn ervaringen als directeur van de wereldberoemde Studio 150. Ook de Spacemakers ontbreken niet: hoe was het om een maand lang te werken en te wonen in Galerie Pouloeuff? Je ziet: Magjezien barst weer uit zijn voegen om alle mooie projecten, samenwerkingen en vooral jonge makers een podium te geven. Nog een ‘magjehorentip’, luister vooral naar de inspirerende Keep an Eye Young Talent Podcast waarin jonge talenten in gesprek gaan met grootheden op hun vakgebied. Inspiratie gegarandeerd. Catherine Clavaux Hoofdredacteur Magjezien

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

5


interview

Spacemakers

14 Van vastlopen naar vernieuwen

kort gewiekt Van de redactie Team Keep an Eye Galerie Pouloeuff Art:Is Shop Young Talent Podcast Dooyewaard Stichting Kunst bij de koper thuis Maker Zoekt Maker Galerie Pouloeuff Stipendium ArtHelpdesk Window of opportunity Singer Laren DeDDDD Studio 150 Sessions Concerten Singer Laren Jong en oud in Rosa Spier Huis

Bobbi Essers 62 Veelzeggender werk zonder gezicht Peter Riebeek 74 Hogepriester van de high fidelity

5 8 10 10 11 11 12 12 13 18 20 47 78 78 79

Giovanca Ostiana 84 Van achtergrondzangeres tot gevierd leading lady

awrds

OMSLAGONTWERP Illustrator en animator Jill Heesbeen (1998) heeft met haar frisse, kleurrijke en speelse stijl onder meer gewerkt voor Washington Post, Teen Vogue, VICE en de Volkskrant. Speciaal voor deze editie van Magjezien – thema grafisch ontwerp – creëerde Jill de cover. Een vrolijke knipoog naar ons hele werkveld. 6

22

JAAP DRUPSTEEN

45 Animation Talent Award 45 Development for Visual Storytelling Award 49 Filmscore Award 54 Circus and Performance Award - Circolo 58 Photography Stipendium 66 Dutch Design Awards 70 Textile & Fashion Scholarship 80 Talent Award Klassiek 82 Wonderfeel Productieprijs 88 The Records 92 Jong Metropole Outstanding Talent Award 100 International Jazz Award 102 En de winnaars zijn...

21 Hoe is ’t nu met: Team Thursday 32 Graphic Matters Shifting Strokes 36 Uittip van Dennis Elbers

Directeur Graphic Matters

37 Hoe is ’t nu met: Michael Jay Smits 38 Jaap Drupsteen Keep an Eye in gesprek met legendarische ontwerper

Blind Walls Gallery 42 Blinde muren als canvas voor verhalen

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


INHOUD

hoe is ’t nu met Esther Hoogendijk 17 Puck Paassen 44 Daan Russcher 57 Bob Hendrikx 68 Tijs Klaassen 90

uittip 19 Anikó Ouweneel-Tóth

EDWIN WIEKENS

Projectleider ArtHelpdesk

46 Maarten van Gageldonk

Pathway leader Master Animation, St. Joost School of Art & Design

95 Tessa Raadman

Programmacoördinator Young Pop Academy en The Youngsters

Essay Kylièn Sarino Bergh over graphic design

wrkshp mstrclss

Prutsen in de praktijk: jonge ontwerpers claimen hun plek

45 50 52 55 56 60 69 FOTO’S: JAAP REEDIJK

72

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

EDWIN WIEKENS

73 80 81 91 94 96 98

Animatie Scriptbank Rietveld Academie Mode This is Not a Circus BACK TO BASE AIR PASTOE KABK - Hoe leer je kleur écht begrijpen? Amsterdams Kleinkunst Festival Try-outpodium BIES Bellevue Festival Cement Side by Side Notes, Beats and Bars The Youngsters Jazz Gems Grachtenfestival Summer Jazz Workshop

7


KORT GEWIEKT

‘Ei-land om werk Ine van der Horn, Curator

‘Plaatsvervangend trots'

H

et galerieteam heeft net het vijftienjarig jubileum van Pouloeuff achter de rug. Ine van der Horn is inmiddels ruim twaalf jaar curator van dit ‘ei-land’ dat jonge kunstenaars gastvrij verwelkomt, en ze is nog lang niet uitgekeken op het werk van jong talent. Haar eigen ervaring en kennis als kunstenaar past

Catherine Clavaux, Senior projectleider en hoofdredacteur van MAGjeZIENen­ HOREN

A

ls ze tijdens een prijsuitreiking de emoties van de jonge makers ziet, wordt ze plaatsvervangend blij en trots. Het is leuk om te zien dat in eindejaarslijstjes van kranten vaak kunstenaars en artiesten staan die al eerder een prijs kregen van de Keep an Eye Foundation. En mede dankzij de steun van Keep an Eye hun artistieke praktijk verder hebben kunnen ontwikkelen. Trouw ‘Als particulier fonds kunnen we zelf kiezen welk project we ondersteunen. We zijn trouw en hebben langdurige samenwerkingen waardoor projecten sterker worden. Kijk naar de International Jazz Award die al voor de vijftiende keer is georganiseerd. Ook bijzonder is dat we zoveel verschillende kunstdisciplines ondersteunen op verschillende manieren. Van masterclasses tot residenties.’

FOTO'S: FOPPE SCHUT

Hoopvol ‘De laatste jaren is de maatschappelijke betrokkenheid van jonge makers enorm toegenomen. In de mode is er bijvoorbeeld veel meer bewustzijn over de materialen die je gebruikt en over duurzamere productie­technieken. Op de Dutch Design

Eva 8

Catherine Week barst het van de slimme oplossingen op het gebied van zorg en industrie. Dat jonge mensen met alternatieven komen waar de wereld wat aan heeft, stemt me hoopvol.’ Catherine’s tip ‘Mijn tip voor jonge makers: wees pro­ actief, maak een mooi portfolio, stuur je werk rond. Ga naar netwerkborrels, wissel uit met studiegenoten, schrijf je in voor wedstrijden en open calls. Houd vol. En zorg dat je in ons tijdschrift komt, haha!’

‘Knuffelbeer achter de schermen’

Ine

ontdekt: het heeft elementen van dans, theater, acrobatiek en muziek. Dat heeft me verrassend krachtig geraakt!’

Eva Scholten, Projectleider

G

oed nieuws voor de fans: met gypsyjazzformatie Eva sur Seine brengt ze dit jaar een nieuwe plaat uit. Goed nieuws voor jong talent: Eva Scholten blijft zich enthousiast inzetten voor je kwetsbaarste werk. Hoepels ‘Bij Keep an Eye hechten we aan goede communicatie en een goede relatie. We zijn een relaxed fonds, behalve als je niet reageert op je mail, haha. We ondersteunen projecten die ervoor zorgen dat de studenten echt voorop staan. We gaan langere relaties aan waarbij onze uitvoerende partners niet elk jaar weer door hoepels hoeven te springen. Over hoepels gesproken: via de samenwerking met Fontys en TENT heb ik het circus als genre helemaal

Zonnetje ‘De uitvoerende partij mag de knuffels uitdelen, wij werken achter de schermen en zijn niet echt in beeld. We zetten prijswinnaars extra in het zonnetje, maar voor mij telt dat de hele afstudeerlichting een ongelooflijke ontwikkeling heeft doorgemaakt. Dankzij Keep an Eye kunnen jonge makers iets proberen waar normaal geen tijd of geld voor is. Het zijn vaak kwetsbare momenten, als ze de overstap maken van de schoolopdrachten naar een eigen praktijk.’ Eva’s tip ‘Haal inspiratie en energie (voor de soms minder leuke onderdelen van het kunstenaarschap) uit je vuur en passie voor het vak dat je gekozen hebt!’

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


uit te broeden’

‘Omarm de struggle’ Juliette de Swarte, Socialmediamanager en redacteur

ze toe bij het samenstellen van de exposities. Uitwaaieren ‘Wij zijn de eerste rimpeling in de vijver, die breed kan uitwaaieren. In het begin moest ik lobbyen om jonge kunstenaars binnen te krijgen, inmiddels willen ze maar al te graag werk bij ons presenteren. Galeries houden ons in de gaten, tal van ‘onze’ kunstenaars hebben de stap gezet naar kunstbeurzen, musea en grotere tentoonstellingen.’ Dieseltrein ‘De jonge kunstenaar die op de eindexamenexpo als een sneltrein gaat, heeft onze aandacht niet nodig. De diesel die minder toegankelijk werk maakt en wat meer tijd nodig heeft, kan wel een duwtje gebruiken. Naast Pouloeuff vormen ook onze samenwerkingen, zoals met Singer Laren en Dooyewaard, opstapjes. Ik probeer jonge kunstenaars wegwijs te maken in het ondernemerschap. Je moet leren om een bedrag te vragen, maar ook soepel zijn als een organisatie beperkte middelen heeft.’ Ine’s tip ‘Als startend kunstenaar moet je soms een bord voor je kop hebben. Deins niet terug voor een afwijzing, maar blijf doorzetten. Ergens is er iemand die jouw werk interessant vindt en die daar iets mee kan. Soms is de bandbreedte smal, dan kost het tijd om je match te vinden.’

Mylène MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

O

p een dag liep ze bij Pouloeuff binnen omdat ze er wilde exposeren. Curator Ine vond haar hyperrealistische goudvis­ schilderijen kitscherig, maar zag ook dat Juliette de Swarte schrijver was en een tijdje kunstacademie en kunstgeschiedenis had gevolgd. Omdat Keep an Eye net zonder interviewer zat, bleek het een perfecte match.

KORT GEWIEKT Vertellers ‘Eigenzinnige types, daar hou ik van. Ik vraag alles waar ik nieuwsgierig naar ben. Daarbij laat ik veel ruimte voor het moment zelf. Vaak moeten kunstenaars verdedigen waarom ze muziek of kunst maken. Maar eigenlijk is kunst gewoon alles wat het leven leuk maakt. Ons hele bestaan is opgebouwd uit verhalen die we elkaar vertellen. Kunst is daar een groot onderdeel van, alleen heb je soms iemand nodig die je vertelt hoe je moet kijken of luisteren.’ Ploeteren ‘Als je net van de academie of het conserva­ torium komt, kan het alle kanten op. Je kunt opgepikt worden en meteen aan één stuk door werk hebben, of je moet eerst een tijd ploeteren. Dat is van zoveel factoren afhan­ kelijk. Toch geloof ik: als je iets goeds maakt, wordt dat uiteindelijk gezien.’

Juliette

Juliette’s tip ‘Het is een cliché en het klinkt misschien irritant, maar probeer de struggle op weg naar je doel te omarmen. Vertrouw erop dat je uiteindelijk terechtkomt op de plek die echt bij je past.’

Team Keep an Eye ‘Jij mag er zijn’ Mylène Hogenhuis-Berghs, Projectleider

Z

e schrijft zelf muziek, is manager/boeker voor artiesten en heeft ook nog een eigen band, de folkpopgroep WOOLF. Daarnaast knalt Mylène Hogenhuis-Berghs als project­ leider bij Keep an Eye. Ook is ze bezig met een onderzoek naar de impact van alle langlopende Keep an Eye samenwerkingen. Warme straal ‘Opleidingen zijn soms een té warm bad. Op het conservatorium werk je bijvoorbeeld in een fantastische studio waar je voor een habbekrats mag opnemen. Dan kan de wereld buiten een koude douche zijn. Met Keep an Eye kunnen we voor jonge makers de straal toch wat warmer maken. Luister bijvoorbeeld naar onze Young Talent podcastreeks met

host Luuk Heezen. Met tijdloze adviezen van grote namen uit alle mogelijke disciplines, zoals designer Maarten Baas, modeontwerper Jan Taminiau en fotograaf Viviane Sassen.’ Exposure ‘Jonge makers voelen zich na de studie vaak onzeker over hun bestaansrecht. Het is in deze tijd belangrijker dan ooit dat er initiatieven zijn zoals de projecten die wij sponsoren. Een award met een geldbedrag is leuk, maar vooral de exposure telt. Zo’n prijs zegt: ‘Er zijn mensen die in je geloven, wat je maakt heeft het recht om er te zijn.’ Dat is voor jongeren een enorm waardevolle boodschap.’ Mylène’s tip ‘Wees niet bezig met wat anderen vinden. Maak het werk voor jezelf, dan komen er de mooiste dingen uit.’ 9


KORT GEWIEKT

Galerie Pouloeuff

In

Galerie Pouloeuff geven we opkomende jonge talenten, vaak net in Nederland afgestudeerd aan een kunstacademie, de gelegenheid om te exposeren in een professionele omgeving. We hebben geen commercieel doel en de exposanten staan geen commissie af aan de galerie bij verkoop. Het werk dat gepresenteerd wordt, is zeer divers en vertegenwoordigt verschillende kunstvormen, zoals schilderijen, foto’s, tekeningen, sculpturen, keramiek, textiel en meer. Omdat we jong talent presenteren, zijn de prijzen van de werken vaak nog laag. Als de carrière van de kunstenaar goed verloopt, kan de prijs van het werk al snel oplopen. Meer dan een galerie Ine van der Horn is inmiddels al twaalf jaar curator van de galerie. Zij bezoekt bijna alle eindexamenexposities van Nederlandse kunstacademies om nieuw talent te scouten. Ook staat zij in de galerie klaar om de jonge kunstenaars verder te begeleiden bij het opstarten van hun carrière. Galerie Pouloeuff is meer dan een galerie. Naast exposities bieden wij kunstenaars de mogelijkheid om deel te nemen aan projecten, zoals in Spacemakers, een uitdagende residentiemasterclass. Ook is er het Galerie Pouloeuff Stipendium voor een residentieperiode ergens in Nederland. Op deze manier biedt Galerie Pouloeuff de makers een podium en geven we hun een zetje om een succesvolle carrière te beginnen. In de rubriek ‘Hoe is ‘t nu met?’ komen onder andere oud-exposanten aan het woord om te vertellen hoe het hun vergaan is.

< Elise van Staveren, Afterglow I

In haar schilderijen en wandsculpturen verwerkt Elise van Staveren herinneringen, alledaagse observaties en persoonlijke gebeurtenissen. Bijvoorbeeld een landschap waar ze elke dag langskomt op weg naar huis of haar dagelijkse avondroutine van het aansteken van een kaars. Deze onderwerpen zijn voor iedereen herkenbaar en tegelijk sterk verbonden met haar eigen leven. Ze benadert haar werk als ‘open-ended story­telling’. Haar eigen ervaringen vormen het startpunt van de ruimtelijke verhalen die ze creëert. In haar gelaagde werk doen alledaagse elementen dienst als symbolische achtergrond, terwijl ze op de voorgrond een abstract lijnenspel tekent met tape en half-transparante olieverf. Door deze lagen te combineren ontstaat er een visuele spanning tussen voor- en achtergrond, waarbij steeds veranderend licht speels door de lagen schijnt.

uit gel icht ART:IS SHOP Ben je op zoek naar een origineel cadeau? Kijk dan eens in onze ART:IS SHOP. Je kunt er kunstwerken kopen voor een bedrag tot € 500. De werken (klein formaat: maximaal 50 x 50 cm) zijn van kunstenaars die eerder bij ons hebben geëxposeerd. De ART:IS SHOP is ook online te bekijken. Na elke expositie komt er een nieuw kunstwerk bij. Ook kun je online een kunstwerk kopen. Als je ‘Afterglow I’ wilt kopen of meer informatie wilt, kijk dan op de website van Galerie Pouloeuff.

10

In ‘Afterglow I’ focust Van Staveren op een herinnering aan haar ouderlijk huis. ‘Mijn ouders hielden zich veel bezig met het kweken van medicinale planten, en wij hielpen hen daar graag bij. Het was een manier van bij elkaar zijn, een ritueel. De buren zagen het licht van de kweeklampen door de gordijnen schemeren en namen aan dat we vaak hele nachten wakker bleven.’ BIO Elise van Staveren studeerde in 2021 af aan de HKU in Fine Art en behaalde in 2023 haar Master aan het Frank Mohr Institute in Groningen. Ze exposeerde onder meer bij Galerie Tegenboschvanvreden en bij TORCH Gallery en werd genomineerd voor de UMCG Award 2023.

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


KORT GEWIEKT

FOTO'S: LUUK HEEZEN

Young Talent Podcast

Martina Bergonzoni en Lilian Vieira

In

onze maandelijkse podcastserie gaan jonge, opkomende talenten in gesprek met gevestigde namen uit de kunst- en cultuursector. Ze spreken met makers, denkers en doeners die hun sporen al verdiend hebben. Samen blikken ze terug op de weg naar succes. In het afgelopen jaar ontvingen we onder anderen Stephan Vanfleteren, Bodil Ouédraogo, Piet Hein Eek en Sarah van Sonsbeeck. Wat was voor hen dat ene cruciale gesprek of die ene gouden tip die alles in beweging zette? En: zijn de uitdagingen en struikelblokken van toen eigenlijk nog dezelfde als die waar jonge makers nu tegenaan lopen? Voor deze inspirerende reeks slaan we de handen ineen met journalist en presentator Luuk Heezen. Samen brengen we verhalen die niet alleen inzicht geven in het creatieve proces, maar ook laten zien welke hobbels én kansen zich onderweg aandienen op weg naar succes.

Samenwerking met de Dooyewaard Stichting

Sam Reekers, Onderweg

H

Vera van de Seyp en Jaap Drupsteen

Jonathan Straatman en Piet Hein Eek

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

oe bijzonder is het om als kun- van de Dooyewaard Stichting. stenaar in een atelier te mogen Aan het eind van het stipendiumwerken waar beroemde meesters jaar wordt het werk geëxposeerd in onze eigen Galerie Pouloeuff. als Piet Mondriaan, Ferdinand Hart Nibbrig en Anna Sluijter Sam Reekers was winnaar vroeger gewoond en gewerkt hebben? Deze bekende kunstevan het Dooyewaard Stipennaars werden aangetrokken door dium 2024. Hij verbleef een het afwisselende landschap en de jaar lang in een atelier van levendige kunstenaarskring in het de Dooyewaard Stichting. Gooi eind negentiende en begin Hij woonde en werkte in het twintigste eeuw. atelier en kreeg de kans om De Dooyewaard Stichting beheert historische ateliers en stelt prijzen, stipendia en tijdelijke werkruimten beschikbaar voor hedendaagse beeldend kunstenaars. Het gaat om postacademische of midcareer kunstenaars die zich verder willen ontwikkelen. Een bijzondere prijs is het stipendium dat de stichting uitreikt aan een jonge kunstenaar. De uitreiking vindt elk jaar plaats na zorgvuldige selectie, tijdens de eind­examenexpositie Fine Art van de Hogeschool voor de Kunsten, Utrecht. De stipendiumwinnaar ontvangt een werkbeurs en kan een jaar lang gratis wonen en werken in een atelier

zich helemaal te focussen op het maken van nieuw werk. In 2025 was zijn werk onderdeel van de expositie ‘How am I supposed to know?’ in Galerie Pouloeuff. Hij maakt olieverfschilderijen die ontstaan uit zijn fascinatie voor de ‘onbelangrijke’ momenten in openbare ruimtes, zoals treinstations en tankstations, waar iedereen in zijn eigen wereld verzonken is. Door juist deze

momenten die iedereen aan zich voorbij laat gaan vast te leggen, roept het werk van Reekers de kijker op om er langer bij stil te staan. Door met kleine olieverfschilderijen te werken weet Reekers de snelheid en vluchtigheid van zijn onderwerp ook te vangen in het maakproces. < In 2025 won Dieuwke Jollema Gorter het Dooyewaard Stipendium. Haar werk zal in 2026 bij ons in de galerie te zien zijn. 11


KORT GEWIEKT

Maker Zoekt

Kunst bij de koper thuis

B

ij Maker zoekt Maker treedt de Keep an Eye Foundation op als creatieve matchmaker. Makers die maximaal vijf jaar geleden afstudeerden aan een Nederlandse kunstopleiding kunnen via het platform www.makerzoektmaker.nl op zoek gaan naar de ideale partner voor hun interdisciplinaire project. Kunst­ opleidingen en broedplaatsen in heel Nederland helpen mee het initiatief te verspreiden en nieuwe verbindingen tot stand te brengen. Zodra er een match is gevonden, kunnen de makers samen een projectplan indienen en kans maken op € 3500 om hun idee te realiseren.

Verborgen betekenis Conny van Rijn liep per toeval Galerie Pouloeuff binnen en zag twee kleine foto’s van Eden Berger hangen. Ze wist meteen: die móet ik hebben.

‘Ik ging op een hele warme dag naar het FotoFestival in Naarden. Dat bleek best fijn, want het was heerlijk rustig. Ik volgde de route en ineens stond ik in Galerie Pouloeuff. Daar zag ik de twee fotootjes. Eén van een meisje, liggend op haar buik, met een vlecht en een strik in het haar. Op de andere zie je een zwarte jurk, waar schaduwen overheen dansen. Ik keek niet naar de prijs, ik hoefde er niet over na te denken. Ik wilde ze gewoon kopen.’ Blik die blijft hangen

‘Als fotograaf herkende ik iets in de blik van Eden. Dat ongrijpbare moment wanneer je oog ergens op valt zonder precies te weten waarom. Iets raakt je, maar het is nog onbenoembaar. Pas later snap je waarom: “Ah, dáárom dus.” Het heeft te maken met je gemoedstoestand en in hoeverre je bereid bent bepaalde gevoelens toe te laten. Dat klinkt misschien zwaar, maar ik weet niet hoe ik het anders moet uitleggen.’ Twee stemmen in één blik

‘Ik heb de twee kleine werkjes gekocht. Iets verbindt die twee, alsof ze met elkaar in gesprek zijn. Daarom wilde ik ze allebei. Ze zijn klein en dat past bij het gevoel dat ze oproepen: pril, kwetsbaar, ontluikend. Vergroot je ze uit, dan

12

verliezen ze hun subtiliteit; dan worden ze te direct. Ik word juist geraakt wanneer iets enigszins verborgen blijft, wanneer je het pas ontdekt door laag voor laag af te pellen.’ Onder de oppervlakte

‘Wat je ziet op de foto’s: de rust, dat ingetogene, dat heeft iets Japans. Een paar jaar geleden was ik in Japan. Vanaf het moment dat ik aankwam, voelde ik me er thuis. Toch bleef ik me afvragen: wat speelt er onder de oppervlakte? De mensen zijn zó vriendelijk, zó beheerst. Terwijl iedereen het donkere oorlogsverleden kent. Dan denk je: wat zit daar precies achter? Net als bij het meisje op haar buik: er schuilt iets achter haar houding. Dat hoeft niet dramatisch te zijn, maar er zit iets opgesloten. Iets wat niet wordt uitgesproken, maar wat de oplettende kijker toch kan opmerken.’ Wat een talent

‘Eden is net afgestudeerd, begrijp ik. Je hebt het of je hebt het niet en zij hééft het. Ze heeft een eigen, herkenbare manier gevonden om zich uit te drukken en weet daarmee te raken. Als ik haar andere foto’s zie, denk ik: ga zo door.’

Winnaars eerste ronde 2025 ALTAR: A Path of Light > Andrii Stetsiuk (HKU) en Ana-Maria Cojocaru (ArtEZ) creëren een muzikale voorstelling waarin livebeelden en muziek samen het verhaal vertellen van een zoektocht naar innerlijk licht. Hold Still, Please > Yasemin Kevser (Willem de Kooning Academie) en Anna Raiola (Codarts) onderzoeken de spanning tussen beweging en stilstand in een drieluik van video-installatie en performance geïnspi­ reerd op beeldhouwkunst. AL ALMA: An Immersive Journey > Alberto Ammendolia (Fontys) en Jeanne Shaw (Fontys) maken een interactieve muzikale ervaring waarbij bezoekers via planten geluid en licht activeren, met visuals van Siciliaanse landschappen. BROKEN > Hyewon Jung (Willem de Kooning Academie) en Panos Tsamouras (Codarts) werken aan een korte anima­ tiefilm over kwetsbaarheid en heling, verbeeld door een porseleinen pop die zichzelf repareert.

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


KORT GEWIEKT

Maker Maaike Kramer

Galerie Pouloeuff Stipendium

W

ij zien dat kunstenaars steeds meer de behoefte hebben om verdieping aan te brengen in hun werk. Zij zijn vaak op zoek naar een plek waar ze zich een bepaalde periode helemaal kunnen focussen. Weg uit hun eigen omgeving en atelier zodat ze ongestoord kunnen nadenken of onderzoek kunnen doen naar andere materialen, technieken, onderwerpen en thema’s. Met de masterclass Spacemakers, die we elk jaar in september organiseren, zorgen we voor een korte periode van verdieping. Daarnaast willen we beeldend kunstenaars graag een langere periode bieden voor verdieping en onderzoek in hun werk. Dit doen we met het Galerie Pouloeuff Stipendium, dat jaarlijks wordt uitgereikt en bedoeld is voor een residentie in Nederland. Residentievoorstel Oud-exposanten van Pouloeuff kunnen een projectvoorstel indienen voor een residentieplek gedurende een bepaalde periode ergens in Nederland. De prijs betreft een residentie naar keuze in Nederland voor ten minste één maand. De kunstenaar ontvangt hiervoor een bedrag van € 7500. Voor de residentieperiode en het uitwerken van het project krijgen zij een jaar de tijd vanaf de prijsuitreiking. Het uiteindelijke resultaat wordt gepresenteerd in Galerie Pouloeuff. De driekoppige jury heeft drie kunstenaars uit de inzendingen genomineerd op basis van hun plan. In januari hebben de genomineerden hun voorstel mondeling toegelicht aan de jury. Aansluitend is de uiteindelijke winnaar geselecteerd en bekendgemaakt. De winnaar van het Galerie Pouloeuff stipendium 2025: Maaike Kramer Uit het juryrapport: ‘De presentaties waren van hoog niveau en goed afgestemd op de ingediende voorstellen. Opvallend was de gedeelde interesse in materiaalonderzoek en het loslaten van controle. Architectonische elementen speelden bij alle drie een rol. De winnaar van het stipendium laat met haar werk een hoge artistiek-

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

inhoudelijke kwaliteit zien. Daarnaast is de jury van mening dat de residentie zal bijdragen aan een belangrijke experimentele stap in het werkproces van de kunstenaar, waarbij het materiaal centraal staat.’ Over Maaike Kramer Het werk van Maaike lijkt op het eerste gezicht groot en hard, maar het begint klein en gevoelig en groeit dan organisch door. Materiaal speelt een actieve rol in het verhaal van haar werk, waarbij transformatie een cruciaal element vormt. Kramer combineert graag tegengestelde eigenschappen, zoals het vluchtige van een tekening en het eeuwige van beton. Materiaal is niet alleen medium, maar integraal onderdeel van het verhaal. Maaike richt zich tijdens haar residentie bij het Europees Keramisch Werkcentrum en Make Eindhoven op nieuw werk waarbij dat nog sterker overkomt dan in haar eerdere werk. Ze wil onderzoeken of ze door bewerking van klei en glas in de oven een nieuwe dimensie aan haar werk kan toevoegen.

13


INE VAN DER HORN

Van vastlopen naar vernieuwen

werk van Iulia Paraipan

Een ambitieus project: een kleine groep kunstenaars, de Spacemakers, gebruikt een maand lang de galerie als vrije experimenteerruimte. In deze periode werken zij aan verdieping, onderzoek en ontwikkeling van hun artistieke praktijk. Dit gebeurt onder begeleiding van een gerenommeerde kunstenaar tijdens een intensieve residentie-masterclass.

14

JULI ETTE DE SWA RTE

Als je oude patronen loslaat, ontstaat er iets bijzonders. Er komt ruimte om te spelen, te falen en te ontdekken. De drie Spacemakers deden dat een maand lang in Galerie Pouloeuff. Wat bleek? De mogelijkheden waren vele malen groter dan ze ooit hadden gedacht.

Meet the Spacemakers Elyne Dunning (1996) gebruikt foto’s als bouwstenen die ze op doek verder bewerkt met lagen en materialen, om zo te onderzoeken hoe de wereld ons bestaan vormgeeft. Thomas Klein Horsman (1995) maakt abstracte, geometrische werken die balanceren tussen strak en ruw, geïnspireerd op architectuur en stedelijke infrastructuur. Iulia Paraipan (1996) maakt kleurrijke, expressieve textielwerken waarin ze de verhalende en culturele kracht van textiel onderzoekt. Begeleidend kunstenaar Popel Coumou (1978) verkent met lagen papier de grenzen tussen abstractie en werkelijkheid en tussen fotografie en beeldende kunst, en onderzoekt hoe ons brein met weinig informatie een eigen realiteit schept.

Popel Coumou en Thomas Klein Horsman

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


PIETER KUNNEN

INTERVIEW SPACEMAKERS

werk van Elyne Dunning

Residentie annex Masterclass Spacemakers #8

E

en keer per jaar verandert Galerie Pouloeuff in Naarden-Vesting in een woon/werkruimte. Dit keer waren kunstenaars Elyne Dunning, Thomas Klein Horsman en Iulia Paraipan aan de beurt om onder begeleiding van kunstenaar Popel Coumou een intensieve periode van onderzoek en ontwikkeling te onder­gaan en daarbij oude gewoontes los te laten.

werk van Elyne Dunning

Onder de titel ‘Breaking your own bias’ onderzochten jullie je eigen denk- en werkpatronen. Waarom moesten die worden doorbroken? Popel: ‘Het is verleidelijk om vast te houden aan wat jarenlang goed heeft gewerkt. Door oogkleppen af te zetten, het proces open te breken en vaste patronen los te laten ontstaat ruimte voor nieuwe ideeën. Er is volop geëxperimenteerd en dat heeft sterke resultaten opgeleverd. Het is een interessante tentoonstelling waarin de bezoeker wordt meegenomen in de zoektocht van de Spacemakers, van de eerste schetsen tot de afgeronde werken. Dat geeft een mooi inkijkje in het werkproces. In slechts vier weken is er veel gebeurd. Ze werkten alle drie in hoog tempo met veel vrijheid en openheid. Als ze die houding weten vast te houden, zijn er straks maar weinig obstakels die ze niet kunnen overwinnen.’ Thomas: ‘Dit jaar liep ik voor het eerst vast in mijn werk. Daar wilde ik iets mee. Ik ben residenties gaan doen. Spacemakers leek een goede plek om niet alleen het werk, maar ook het proces te verdiepen. Dat was precies wat ik nodig had. Door verschillende dingen uit te proberen op andere manieren en met andere materialen ontstonden er weer nieuwe mogelijkheden.’ Elyne: ‘Ik merkte dat ik mezelf wat meer wilde uitdagen en nieuwe stappen wilde zetten. Bij Spacemakers ontdekte ik nieuwe mogelijkheden. De residentie voelde als een leeg canvas.’ Hoe pakken jullie het aan als jullie vastlopen?

Elyne Dunning en Iulia Paraipan

JULIETTE DE SWARTE

Popel: ‘Mijn tip: gooi niks weg. Bewaar al je restjes, ideeën of schetsen.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Dat wordt een soort schatkist waar je altijd uit kunt putten. Wat je eigenlijk wilde weggooien kan na een paar maanden of zelfs jaren later ineens superinteressant zijn. Ik geloof dat je jezelf kunt inspireren. Je hebt andermans kunst daar niet per se voor nodig. Hang het ook aan de muur, dan zie je het echt voor je.’ Thomas: ‘Ja precies, als je het ophangt, ga je het pas zien. Ik heb een hele WhatsAppgroep met aantekeningen voor mezelf, maar daar kijk ik eigenlijk veel te weinig naar.’ 15


werken van Thomas Klein Horsman

heeft me positief verrast. We stimuleerden elkaar. In het weekend ging ik naar huis. Even afstand nemen, om vervolgens weer met een frisse blik naar mijn werk te kunnen kijken, dat werkte heel goed voor mij.’ Popel: ‘Deze groep was één grote motor: iedereen tankte bij elkaar bij, waardoor de motor steeds sneller ging. Ze waren supergeconcentreerd en overtuigd bezig met wat ze deden. Dat werkte aanstekelijk. En iedereen voelde de vrijheid om te experimenteren.’

Iulia: ‘Wat anderen zien als rommel, kan juist geweldig materiaal zijn. De kelder van Pouloeuff lag in het begin helemaal vol met ‘troep’. Inmiddels is het er bijna leeg. Ik geloof ook niet dat je per se inspiratie uit andere kunstenaars moet halen. Je kunt je eigen bron zijn. Bij mij komt het meeste gewoon uit mezelf en uit de dingen die ik om me heen zie.’ Elyne: ‘Mijn drijfveer komt voort uit dingen die ik meemaak. Bij veel traditionele fotografie denk ik: het voelt te makkelijk om simpelweg iets op straat te fotograferen en je dat beeld toe te eigenen. Je hebt het in feite alleen maar ingekaderd. Voor mij zit daar te weinig makerschap in. Het voelt voor mij bijna als een plicht om er meer mee te doen.’

Vier weken wonen, werken en slapen in een galerie, dat is nogal intens, toch?

Iulia: ‘De galerie voelde als mijn tweede huis. Als ik er was hoefde ik ner-

FOTO'S: KAKA LEE

gens anders aan te denken. Beneden werken, boven wonen, ideaal. Hier stond iedereen vroeg op en begon ik ook meteen. Dat gaf me meer routine. Het voelde een beetje als kamp, maar dan op de allerbeste manier.’ Thomas: ‘Als ik ergens aan werk, wil ik daar dag en nacht in kunnen duiken, volledig met mijn hoofd erbij zijn, zonder steeds onderbroken te worden. In de galerie kon dat.’ Elyne: ‘Het werken in de galerie samen met de twee andere kunstenaars

16

Wat heeft de residentie jullie gebracht en hoe beïnvloedt het je werk? Thomas: ‘Mijn vormentaal is in deze periode verder gereduceerd doordat ik minder sculpturale ingrepen ben gaan toepassen. Hierdoor ontstond het verlangen om het schilderkunstige oppervlak in deze werken uitgesprokener naar voren te laten komen. In de toekomst ga ik dit samenspel verder onderzoeken. Voor het eerst heb ik ook de ruimte zelf er actief bij betrokken, met een muurschildering in twee delen. Tot nu toe haalde ik vooral inspiratie uit architectuur en infrastructuur. Nu wil ik mijn blik verbreden: hoe kan de tentoonstellingsruimte zelf onderdeel van mijn werk worden?’ Elyne: ‘De residentie was echt heel fijn en het heeft me goed gedaan. Bepaalde ideeën zaten in mijn hoofd, maar ik kon ze op een bepaalde manier nog niet toepassen. Door deze intensieve maand is me dat gelukt. Ik heb nieuwe materialen ontdekt die goed aansluiten bij mijn thematiek en werkwijze. Dit ga ik de komende periode verder onderzoeken en uitwerken.’ Iulia: ‘Dit was mijn eerste residentie en echt, het was zo’n waardevolle ervaring! Ik heb veel geleerd en nieuwe inzichten gekregen. Ik ben me meer gaan realiseren hoe belangrijk teamwork is. Ook heb ik weer ontdekt hoe leuk het is om te experimenteren: met papier, textiel, allerlei materialen die mijn creativiteit aanwakkeren. Daarnaast heeft de residentie een enorme boost gegeven aan het vertrouwen in mijn werk, in mijn ideeën en vooral in mezelf als kunstenaar.’ 2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


EN DIJ K ESTH ER HO OG

hoeis'tnum et Esther Hoog endijk Esther creëert levende kunstwerken. Ze gebruikt beton, inkt, gips, acrylverf en zelfgemaakt papier, vermengd met zaden van bloemen en planten. Sommige sculpturen moeten dagelijks water krijgen om open te breken en tot groei te komen. Andere zijn ingedroogd met een raster van wortelstructuren. Ze exposeerde in 2020 in Galerie Pouloeuff.

Groter groeien en vergaan

'M

ijn werk draait om natuur en vergankelijkheid. Geef je mijn werk water, dan groeit het, en uiteindelijk droogt het weer op. Veel mensen vinden het lastig om te investeren in iets dat verandert of verdwijnt. Laatst, tijdens het inpakken van een werk, brokkelden er stukjes af. Ik verontschuldigde me tegenover de koper: ‘Dat is een eigenschap van mijn werk.’ Waarop hij zei: ‘Dat weet ik, daarom wil ik juist iets van je kopen.’ Ik gebruik natuurlijke elementen. Musea vinden dat spannend. Want dat maakt het aantrekkelijk voor schimmels en zelfs voor dieren.’ Belofte ‘Eigenlijk is mijn werk een metafoor voor het leven. Eerst lente, dan zomer, waarin alles in volle bloei staat. Uiteindelijk herfst en winter, waarin het afsterft. Zolang er een belofte is, is er iets om naar uit te kijken. Maar de herfst en de winter vinden we moeilijk, terwijl die seizoenen net zoveel schoonheid dragen als de lente en de zomer. Vallende bladeren voeden de aarde en geven ons nieuwe energie. Het is de tijd van vertraging en bezinning.’ Juiste voorwaarden ‘Om goed te kunnen werken moet ik de juiste voorwaarden voor mezelf scheppen. Dat betekent dat ik letterlijk én figuurlijk ruimte nodig heb. Er moet echt tijd zijn, ik moet kunnen doorgaan tot midden in de nacht. Geen grenzen in tijd, geen grenzen in ruimte. Ik heb lekker eten nodig, snoepjes, vooral ongezonde dingen. Oogkleppen op. Niemand mag me storen. Eerst een paar dagen knallen en daarna reflecteren. Het is een cyclus van heel hard werken, reflecteren, en opnieuw beginnen.’

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Per konvooi ‘Ik zou graag eens een werk maken dat zó groot is dat het per konvooi vervoerd moet worden. Nu al maak ik sculpturen voor een park of bos, ik doe land art-achtige ingrepen die enorm kunnen zijn, maar die hoeven niet per se op een vrachtwagen. De aantrekkingskracht van een groot werk is dat je er echt onderdeel van wordt, omdat je erin kunt staan.’ Ik ben een winkel ‘Ik ben heel blij dat ik kan leven van mijn kunst. Dit is wat ik kan, ik kan niet zonder kunstenaar te zijn. Tegelijkertijd zie ik mezelf ook als ondernemer. Heel plat gezegd ben ik gewoon een winkel. Mensen worden zich steeds bewuster van hoe we met de aarde omgaan. Mijn werk sluit daar op aan, zonder dat ik dat expliciet hoef uit te dragen. Als je mijn kunstwerken geen water geeft, groeien ze niet. Net als alles dat leeft op onze aarde.’ Fijn netwerk ‘Sinds mijn afstuderen heb ik een fijn netwerk gebouwd. Na jaren in Utrecht ben ik onlangs verhuisd naar Den Haag. Dat is een mooie kans om mijn kring uit te breiden en nieuwe mensen te ontmoeten. Het geheim zit, denk ik, in elkaar dingen gunnen. Zie ik een open call waarop ik wil reageren, dan stuur ik die ook door naar collega’s voor wie het interessant kan zijn. Als je samenwerkt krijg je het terug, dan denken mensen ook aan jou als er iets voorbij komt.’

17


KORT GEWIEKT

Maatjes vind je bij

ArtHelpdesk

K

eep an Eye is een nieuwe samenwerking gestart met ArtHelpdesk. Dit initiatief richt zich op professionele kunstenaars die bouwen aan een kwalitatief, inhoudelijk sterk oeuvre. Terwijl zij vaak al jaren gepassioneerd aan hun werk bouwen, ontbreekt het hun soms aan kennis en ervaring op het gebied van ondernemen. Zakendoen, netwer­ ken, prijsbepaling, strategie, financiering – het zijn essentiële vaardigheden voor een zelfstandig kunste­ naar, maar ze vormen ook vaak een struikelblok. Daar komt bij dat kunstenaars doorgaans werken vanuit een financieel kwetsbare positie. Daar komt ArtHelpdesk in beeld. Het project kop­ pelt kunstenaars aan zogenaamde zakenmaatjes, betrokken professionals uit het bedrijfsleven die hun kennis, kunde en netwerk vrijwillig delen. Een zakenmaatje treedt op als coach, sparringpartner en ambassadeur. Anders dan bij traditionele mecenaat­ vormen schenken zij geen geld, maar juist tijd, aandacht en ervaring – onschatbare bijdragen voor kunstenaars die hun praktijk naar een hoger niveau willen tillen. Daarbij is de wisselwerking tussen kunstenaar en zakenmaatje vaak verrassend weder­ kerig: waar de kunstenaar leert over ondernemen, inspireert hij of zij het zakenmaatje met verbeel­ dingskracht, visie en creatief denken.

18

ELH FOTO'S: JOERI BO

Daarnaast organiseerde ArtHelpdesk De SALON, een bijzondere tentoonstelling waarin de deelne­ mende kunstenaars centraal stonden. De SALON 2025 was een plek voor kunst, reflectie en ontmoe­ ting, met volop ruimte voor gesprek. Bezoekers konden de kunstenaars vragen stellen en met hen van gedachten wisselen. De kunst was er om samen over na te denken en samen te beleven. Al met al was het een bijzonder geslaagde tentoonstelling, met inspirerende ontmoetingen én verkopen. Mooi meegenomen: bij verkoop hoefden kunstenaars geen commissie af te dragen, zoals gebruikelijk bij een galerie.

OU WER

Het begeleidingstraject duurt een aantal maanden en wordt daarna vaak voortgezet. Kunstenaar en zakenmaatje worden zorgvuldig gematcht door Anikó Ouweneel-Tóth, projectleider bij ArtHelpdesk. Gedurende het jaar zijn er momenten waarop alle kunstenaars en zakenmaatjes elkaar kunnen ont­ moeten. In de tussentijd werken de kunstenaars met hun zakenmaatje aan individuele vraagstukken.

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


UITTIP Anikó Ouweneel-Tóth Projectleider ArtHelpdesk

Kapel van Kamppi in Helsinki

E

ind jaren tachtig studeerde ik in Finland, een grotendeels onbewoonde en beschermde wildernis. Naast de ongeveer 188.000 meren is meer dan driekwart van het land bedekt met bos. Respect voor de omgeving, duurzaamheid derhalve, is een tweede natuur voor de Finnen. Dit geldt niet alleen voor hun voedsel, de energievoorziening en de afvalverwerking, maar ook voor hun hoogstaande, eenvoudige doch elegante design. Dat kenmerkt zich door een tijdloze kwaliteit en wordt vaak in het dagelijks leven gebruikt. Deze kwaliteiten zijn ook in de architectuur terug te vinden. Een tijd geleden bezocht ik de stilte­kapel in Kamppi, een wijk in Helsinki. Dit oecumenisch kapelletje uit 2012 won de International Architecture Award en trekt vele bezoekers uit alle windstreken. De zachte ronde vorm van het kleine heiligdom contrasteert met de drukke stedelijke omgeving. Het is een eivormig bouwwerk, dat op het eerste gezicht meer op een ark of op een houten ruimteschip lijkt.

Respect voor de omgeving, duurzaamheid derhalve, is een tweede natuur voor de Finnen.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Door de glazen deuren van het lage gebouw ernaast kom je binnen. Het is gebouwd van rondlopende, geoliede elzen planken, naadloos aaneengesloten door horizontale verbindingen. Door de eenvoudige en vriendelijke beslotenheid, de zachte muren en het natuurlijke licht dat doorbreekt via het dakraam aan de rand van het plafond, voelt de bezoeker zich veilig, in een soort omhelzing. Ondanks het gebrek aan ramen oogt de kapel niet benauwend. De muren voelen organisch en eigenaardig kosmisch aan. De houten planken roepen een beeld van snelle beweging op, zoals films de illusie van interplanetair reizen met lichtsnelheid oproepen. De kapel lijkt het idee van een thuis in het universum te willen suggereren. De stilte en de afzondering in het midden van de drukte buiten bieden een mogelijkheid om tot rust te komen of te mediteren. Serene eenvoud dicht bij de natuur in moderne architectuur is niet nieuw in Helsinki. Een welbekend pièce de résistance is de rotskerk Temppeliaukio Kirkko uit 1969, tien minuten lopen van de Kamppi Kapel. Gehouwen uit een enorme rots roept deze ruimte een heel andere, maar ook vergelijkbare ervaring op. Het is zeer de moeite waard om deze twee gebouwen eens te ervaren en te vergelijken.

19


KORT GEWIEKT Eén keer per jaar mag een jonge beeldend kunstenaar een kunstwerk maken voor het gigantische raam van de theaterfoyer van Singer Laren. Het is een waar Window of Opportunity. De plek vraagt om een installatie die speciaal gemaakt wordt voor deze locatie. De serie presentaties Window of Opportunity is een samenwerking tussen de Keep an Eye Foundation, Galerie Pouloeuff en Singer Laren. Deze samenwerking zet jonge kunstenaars in de spotlights in een gerenommeerd museum.

Window

Raamwerk voor perspectiefwisselingen in Singer Laren

B

tunity of Oppor

etween the 'Tides of Memory' van Jildau Nijboer (1994) bestaat uit drie delen: een sculptuur in het raam van de foyer, een semi-transparant schilderij in de ruimte en een schilderij aan de wand. Samen vormen ze een spel van gelaagdheid en perspectief. De werken functioneren zowel zelfstandig als in wisselwerking met elkaar en de kijker. Als een choreograaf regisseert Nijboer de relatie tussen de opstelling, de ruimte en de beweging van de kijker. De bezoeker wordt uitgenodigd om door de verschillende lagen heen nieuwe perspectieven te ontdekken. Voor Window of Opportunity verdiepte Nijboer zich in de huizen van kunstenaars die in Laren hebben gewoond en gewerkt. Vanuit het raam van Singer Laren zag ze het voormalige huis van schilder Anton Mauve en vroeg zich af: wat zagen kunstenaars door hun raam en hoe heeft dit kader hun waarneming naar buiten gevormd? Door bij huidige bewoners langs te gaan bracht zij de perspectieven van kunstenaars als Jan Sluijters, Lou Loeber en Piet Mondriaan in kaart. Die vertaalde ze naar de sculptuur in het raam. Het semi-transparante schilderij voegt een extra venster toe aan de ruimte, waardoor een nieuw spel tussen binnen en buiten ontstaat.

JILDOU NIJBOER

Nijboer onderzoekt hoe verschillende materialen en media elkaar kunnen versterken. In haar oeuvre staat de blik van binnen naar buiten centraal. Ze reflecteert op hoe onze waarneming wordt gevormd door kaders, zoals ramen en deuren, en verkent hoe subtiele sporen uit het verleden in onze omgeving opduiken. ‘In het oude glas in de villa van Singer Laren vond ik schilderkunst,’ vertelt ze. ‘Het gefragmenteerde beeld nodigt uit tot een bepaalde schildertoets – de schakeringen van licht en kleur vertalen zich in penseelstreken.’

20

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


hoeis'tnu

met

Team Thu rsday

Keukentafelteam ‘Simone en ik hebben elkaar op ArtEZ in Arnhem ontmoet. We zijn heel verschillend, dus we twijfelden of het zou werken om samen te beginnen. Een jaar lang zaten we elke donderdag samen aan de keukentafel. Kleine opdrachten, inschrijvingen, ontwerpwedstrijden. We zijn echt een team geworden. We benutten elkaars kwaliteiten. Om goed samen te werken moet je weten wat je aan elkaar hebt: duidelijke verwachtingen, gelijke ambities, een gedeeld doel. Je hebt doorzettingsvermogen nodig om een studio op te bouwen en samen een eigen beeldtaal te ontwikkelen. Vooral om plezier te houden in het werk, maar ook met elkaar.’ Stijf van de koffie ‘In het begin hebben we vooral veel oud-docenten en ontwerpers die we bewonderden gevraagd of we eens mochten langskomen. Een keertje koffiedrinken? Als student of net afgestudeerde heb je een bepaalde gunfactor. Zo kwamen onze eerste opdrachten ook binnen. Inmiddels zijn wij zelf een beetje van de oudere generatie en vind ik het hartstikke leuk als studenten bij ons langskomen.’

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Loes van Esch en Simone Trum

Gesluierde sjaal ’Moet typografie altijd leesbaar zijn? Ja, nee, nou ja... niet per se. Wij balanceren vaak op de grens tussen tekst en beeld, afhankelijk van het doel. We werken nu bijvoorbeeld aan een identiteit voor een biënnale. Daar gebruiken we een bewegend patroon dat soms ineens transformeert tot letters. Op Instagram moet dat wel goed leesbaar zijn. Daar wil je dat mensen de boodschap meteen begrijpen. We ontwerpen ook objecten, zoals een sjaal, en dan mogen de letters juist wat mysterieuzer zijn. Dat vind ik zo leuk aan dit soort projecten: dat je binnen één project op allerlei manieren met typografie kunt spelen.’

Netwerk ‘Als student groei je samen op met je omgeving. De mensen die nu naast je in de academiebanken zitten, zijn misschien wel je toekomstige opdrachtgevers of samenwerkingspartners. Toen ik zelf student was, stond ik daar totaal niet bij stil. Je bent zo gefocust op je eigen ontwikkeling – wie ben ik, wat wil ik maken, hoe werkt het allemaal? Daar ben je al druk genoeg mee. Toch is mijn tip: kijk goed om je heen. Wat maken je medestudenten in andere vakgebieden? Wat gebeurt er allemaal om je heen? Bij de docenten: wiens werk spreekt je aan, van wie wil je meer weten? Bouw nu al aan je netwerk – gewoon door nieuwsgierig te zijn.’

Gordijnstof tot nadenken ‘We vinden het interessant om grafisch ontwerp te vertalen naar andere vormen, zoals textiel of keramiek. Die zoektocht levert altijd weer verrassingen op. Zo ontwierpen we een reeks gordijnen die we lieten weven in het TextielLab in Tilburg. We dachten: ontwerpen kunnen we, dus zo’n groot gordijn moet lukken. Dat bleek nog best een uitdaging. Hoe werk je met garens? Het ene is dikker dan het andere en heeft weer andere eigenschappen. Hoe meng je die op een goede manier?’

TIT IA HA HN E

Donderdag ontwerpdag

21

LIZ A WO LTERS

Team Thursday is een Rotterdams grafisch ontwerpbureau, opgericht door Loes van Esch en Simone Trum. Loes: ‘We wilden allebei voor onszelf werken, maar niet in ons eentje. Tegelijk zagen we ook samenwerkingen mislukken, dus we begonnen klein, aan de keukentafel. Iedere donderdag.’ Ah, vandaar! In 2024 gaf Team Thursday een masterclass aan de Keep an Eye Graphic Matters Summer School. Die stond in het teken van typografie.


EDWIN WIEKENS

Prutsen in de

‘M

aak het jezelf zo moeilijk mogelijk’ kopt NRC in anticipatie op de eerste solotentoonstelling van de inmiddels befaamde grafisch ontwerper Karel Martens. Ontwerpers zouden niet moeten zwichten voor automatisering, maar de uitdagingen blijven opzoeken in een continu spel tussen beperkingen en mogelijkheden. Als maker heeft Martens de kneepjes van het vak in het werkveld opgedaan. Zijn carrière begon omstreeks de vroege jaren zestig, toen ontwerpen als professie nog in de kinderschoenen stond. In de loop van zes decennia heeft hij zich, vooral zelfstandig, ontfermd over allerlei alledaagse gebruiksvoorwerpen en communicatiemiddelen. Denk aan boeken, posters, postzegels, telefoonkaarten en zelfs de wegbelettering van de 30 km/u-zone in Amsterdam. Ondanks zijn bijdrage aan het professionele werkveld ziet Martens zichzelf vooral als laborant: ‘Ik hou van prutsen. Iets proberen. Twijfelen. Opnieuw beginnen.’ In de tentoonstelling

22

Graphic Matters Summer School, 2025

'Hebben de makers van vandaag de dag nog wel dezelfde ruimte en kansen om hun visie in de praktijk te brengen? Is er eigenlijk nog wel voldoende ruimte om te proberen en te prutsen? Hoe staan de makers van morgen ervoor?'

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


EXPERIMENTEREN MET GRAPHIC DESIGN

hoe ontwerp praktijk:overleeft in een geautomatiseerd werkveld Karel Martens: Unbound liet Stedelijk Museum Amsterdam dan ook zien: grafisch ontwerpen is een ambacht op het snijvlak van toegepaste vaardigheden en vrijzinnige experimenteer­ drift.

Door Kylièn Sarino Bergh

Kylièn Sarino Bergh (1994) is onderzoeker, ontwerper, auteur en docent in de grafische vormgeving. Hij is fellow aan het Wim Crouwel Instituut, waar hij betrokken is bij de ontwikkeling van een lesprogramma over de Nederlandse grafische vormgeving voor de Universiteit van Amsterdam (UvA), en doceert ontwerptheorie en -geschiedenis aan de Koninklijke Academie Beeldende Kunsten in Den Haag (KABK) en de Vrije Universiteit van Amsterdam (VU).

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

De tentoonstelling, die te zien was in het najaar van 2025, wierp een welverdiende blik op het werk van een maker die een belang­ rijke bijdrage heeft geleverd aan het grafisch ontwerpen in Nederland. Een oeuvre dat laat zien hoe voortreffelijk de alledaagse omgeving kan zijn als we het verzorgen daarvan overlaten aan experts en fanatiekelingen. Tegelijkertijd roept het ook vragen op. Is er ook niet heel veel veranderd in dat ontwerpveld? Hoewel Martens zijn vrijzinnige werk vrijwel zonder bemoeienis van managers ontwikkelde, is in de tussen­ tijd de grip van de markt op het ontwerpveld aanzienlijk toegenomen. Wat ooit werd gezien als toegepaste kunst, met culturele en artis­ tieke kwaliteiten en belangen van dien, valt in toenemende mate onder de instrumenten van de marketeer. Ook veranderende technieken spelen een grote rol in het voortdurend veranderende werkveld van de ontwerper. Niet voor niets stelt Martens dat ontwerpers niet moeten zwichten voor automatisering. Hij onderstreept hoe belang­ rijk het is om ruimte te maken voor fanatieke­ lingen en hun experimenteerdrift. Maar hebben de makers van vandaag de dag nog wel dezelfde ruimte en kansen om hun visie in de praktijk te brengen? Is er eigenlijk nog wel vol­ doende ruimte om te proberen en te prutsen? Hoe staan de makers van morgen ervoor?

23


Op zoek naar ruimte

Eens in de zoveel tijd staat het oeuvre van een gerenommeerde mannelijke (witte) ontwerper in de schijnwerpers, zoals met de tentoonstelling over Martens. Er is echter geen plek waar ontwerpers en ontwerp structureel een podium krijgen. Ons erfgoed ligt opgesloten in depots en de ontwerpers van nu blijven veelal buiten beeld. Dit maakt

24

Trang Hà & Paulina Trzeciak, Typographic Nights by Page Not Found in Den Haag, 2024

het niet gemakkelijker voor jonge ontwerpers om de bekendheid op te bouwen die nodig is om opdrachten te vergaren. ‘Het kost gewoon tijd om van ontwerpen een eigen praktijk te maken,’ ziet ook directeur Graphic Matters Dennis Elbers (1979). ‘Daarbij moet je bovendien het geluk hebben om opgemerkt te worden.’ Met een achtergrond als maker richtte hij Graphic Matters op. Het is een initiatief dat eigenzinnige benaderingen van het ontwerpen ondersteunt en zichtbaar maakt. Met onder meer de Summer School, mede gefinancierd door de Keep an Eye Foundation, stimuleert Graphic Matters de ontwikkeling van vaardigheden. ‘Door die financiële ondersteuning kunnen wij interessante ontwerpers uitnodigen om hun kennis te delen terwijl we de kosten beperken. Daardoor is de drempel laag, wat het aantrekkelijk maakt voor een jonge generatie.’

EDWIN WIEKENS

Om te achterhalen hoeveel ruimte er is om te prutsen in de praktijk sprak ik met een aantal jonge ontwerpers. Hoe zien zij hun kansen om een ontwerpmentaliteit te handhaven in een wereld die in toenemende mate automatiseert en vercommercialiseert? Waar zoeken zij de ruimte om hun experimenteerdrift in de praktijk te brengen? ‘Het is niet makkelijk om als startend ontwerper aan opdrachten te komen,’ stelt grafisch ontwerper Xiaoyuan Gao (1993). ‘Veel van mijn vrienden werken in de horeca om de huur te kunnen betalen. Dit doen ze terwijl ze er hard aan werken om hun ontwerpwerk gezien te krijgen, terwijl de mogelijkheden om die zichtbaarheid te vergroten beperkt zijn.’ Hier verwijst Gao naar het feit dat er in Nederland weinig inhoudelijke aandacht is voor het grafisch ontwerpen, al geniet het werkveld internationaal aanzien. Zo is er bijvoorbeeld vanuit de museale omgevingen betrekkelijk weinig belangstelling voor grafisch ontwerp. Het ontbreekt aan een platform voor kritiek om ook een inhoudelijke impuls te geven aan het vakgebied. Dit is van belang omdat juist een reflectieve omgeving bijdraagt aan de koersbepaling en de stabiliteit van de praktijk. Denk daarbij aan de rol die een beroepsvereniging kan spelen in het waarborgen van idealen in een professie of hoe een museum door het tentoonstellen van ons erfgoed de rol van een maatschappelijk geheugen aanneemt. Hoewel er wel een branchevereniging voor ontwerpers in de breedste zin bestaat, is deze vooral gericht op juridische en economische ondersteuning in tegenstelling tot inhoudelijke reflectie. De vereniging biedt vooral modelovereenkomsten en algemene voorwaarden, evenals trainingen voor ondernemende strategieën, leiderschap, communicatie en acquisitie.

Saber Javanmard bij Graphic Matters Summer School, 2025

Perfectionisme vs. spontaniteit

Er zijn meer nieuwe initiatieven die op eigen wijze kennis en ervaringen over het ontwerpen delen. Daarover sprak ik Trang Hà (1996). Samen met Paulina Trzeciak (1995) is ze initiatiefnemer van Typographic Nights

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


EXPERIMENTEREN MET GRAPHIC DESIGN

bij Page Not Found in Den Haag. Tijdens deze bijeenkomsten worden jonge ontwerpers met een eigen kijk op het ontwerpproces uitgenodigd voor een live ontwerpsessie. Terwijl Hà de ontwerpers bevraagt over hun werkwijze en het publiek participeert door het aanleveren en kiezen van tekst, gaan de sprekers aan de slag om onder toeziend oog van publiek een poster te ontwerpen. De avonden zijn levendig en informeel. Het draait niet om een statige portfoliopresentatie waarbij ontwerpers de loftrompet over zichzelf steken, maar om een spontane uitwisseling van werkwijzen en ideeën. Wat als we het ontwerpen even niet zo serieus nemen en ruimte laten voor grappen en probeersels? ‘Dat gebeurt best vaak als ontwerpers elkaar ontmoeten in hun eigen omgeving, bijvoorbeeld in de studio of na werktijd, maar het krijgt nooit een podium,’ vertelt Hà. Daarom staan tijdens de Typographic Nights de deuren wagenwijd open en daar maken zowel studenten als professionele ontwerpers dankbaar gebruik van. ‘Vaak zijn we van nature of door onze opleiding perfectionistisch,’ aldus Trang Hà. ‘Maar precisie betekent ook veel details en dat vergroot de kans op (kleine) fouten of onnauwkeurigheden.’ Hà wijst erop dat perfectionisme ontwerpers er vaak van weerhoudt om een kijkje achter de schermen te geven. ‘Als iemand langs mijn scherm loopt,’ gniffelt ze, ‘zeg ik direct dat het werk nog niet af is.’ In een informele sfeer ontstaat de ruimte om ervaringen juist zonder pretenties uit te wisselen. ‘Typographic Nights is niet een argument dat ontwerpers zich meer moeten ontspannen, maar biedt wel de informele ruimte waar de eigenaardigheden van het werk omarmd en gefaciliteerd kunnen worden. In die ongedwongen omgeving kan de gedeelde objectiviteit floreren die ten grondslag ligt aan de kwalitatieve benadering van het ontwerpen. Sterker nog,’ stelt Hà, ‘dat is juist de kern van hun toegewijde en gedreven houding die het ontwerpen zo bewonderenswaardig maakt.’ Door barricades van prestige en verwachtingen te doorbreken kunnen we het elkaar makkelijker maken en aansturen op samenwerkingen en uitwisselingen.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Eigenzinnige letters

‘Voor mij is het net zo,’ herkent Xiaoyuan Gao. ‘Om letterontwerpen op een leuke en toegankelijke manier aan te prijzen vraag ik subsidie aan voor gratis workshops, maar die wordt regelmatig afgewezen.’ Om een ontwerpmentaliteit of visie in de praktijk te brengen moeten ontwerpers steeds meer als ondernemer te werk gaan en eigen opdrachtgever worden. ‘Eerlijk gezegd voelt letterontwerp soms als een vaardigheid die duur is en moeilijk te leren, en nog veel moeilijker in de praktijk te brengen, vooral voor vrouwen en voor mensen die nog geen voet tussen de deur hebben.’ Gao wijst erop dat het met de schaarse opdrachten die vooral in bestaande netwerken worden verdeeld – tot voor kort een mannenwereld – niet meevalt om ertussen te komen. Desondanks prijst Gao zich gelukkig: ‘Ik vind het leuk om lettertypes te maken en dat mijn werk op de een of andere manier de aandacht trekt. Hoewel mijn werk afwijkt van wat gangbaar is, kan ik dingen op mijn eigen voorwaarden naar buiten brengen zonder me aan standaarden te houden.’ Aan belangstelling voor nieuwe letters is geen gebrek. Iedere generatie grafisch ontwerpers is uit op lettertypes die hun eigen tijd reflecteren. Sommige ontwerpers worden zelfs beroemd met een letter die de trends en technieken van het moment weerspiegelt. Neem bijvoorbeeld hoe Erik van Blokland en Just van Rossum in de jaren negentig onder de naam LettError met het lettertype Beowolf de opkomst van de digitale zettechnieken omarmden. Op basis van een code worden letters gegenereerd die er iedere keer weer anders uitzien. Voor traditiegetrouwe letterontwerpers in de vroege twintigste eeuw was het ondenkbaar om toeval en willekeur toe te laten bij het ontwerpen van letters. Coderen met variabelen kwam voort uit een enthousiaste kijk op de digitale revolutie. ‘Een zekere ruwheid of variërende oneffenheid is een lust voor het oog,’ aldus Just van Rossum. Maar de computerprogramma’s die het in de jaren negentig mogelijk maakten om het ontwerpen te vernieuwen, lijken het werkveld vandaag de dag steeds meer aan banden te leggen.

25


Beowolf

Voorheen haalde de ontwerper de nodige middelen overal vandaan. Lettertypes kwamen van her en der en beeldmateriaal werd bij elkaar gezocht, ongeacht welke computer of welk computerprogramma werd gebruikt. Tegenwoordig worden de instrumenten van het ontwerpen steeds meer beheerd door één enkele techgigant: Adobe. Zo worden lettertypes beheerd in een database waar het voor jonge ontwerpers niet eenvoudig is om ertussen te komen. Afwijken van wat er kant en klaar wordt aangeboden kost geld – niet iedere opdrachtgever wil daarvoor opdraaien. Zodoende is het voor zelfstandige ontwerpers niet gemakkelijk om hun werk aan te prijzen en in de praktijk te brengen.

Het heft in eigen hand

LettError

Toch zijn makers niet voor één gat te vangen. Bijvoorbeeld door zelf een uitgeverij op te richten weten ontwerpers opdrachten naar zich toe te trekken en de regie te behouden over hun werkwijze. Voorbeelden zijn grafisch ontwerpers die zich richten op fotoboeken, zoals Rob van Hoesel en Carel Fransen, oprichters van Eriskay Connection, en Hans Gremmen, oprichter van Fw:Books. Ook Gao heeft het heft in eigen handen genomen door een onafhankelijke uitgeverij voor letters op te richten, genaamd notyourtypefoundry. ‘Naast het maken van lettertypen zetten we ons in om het werk van BIPOC- en FLINTA*- ontwerpers te presenteren en te ondersteunen, vooral van ontwerpers die letterontwerp onconventioneel benaderen.’1 Door het werk van makers die buiten een norm vallen te verspreiden richt notyourtypefoundry zich op diversiteit en inclusie, om conventies die het werkveld bepalen te bevragen. ‘Hoewel sommige ontwerpers zichtbaarder zijn dan andere of meer erkenning of een goede baan krijgen, betekent dat niet direct dat ze bekwamer zijn,’ aldus Gao. Volgens haar betekent het eerder dat niet iedereen van een specifieke generatie of gender dezelfde kansen krijgt

of netwerken kan benutten. Wanneer grote spelers het speelveld opslokken, beperkt dat de ruimte voor andere benaderingen en daarmee de ruimte voor eigenzinnige ontwerpers om uit te proberen en te prutsen. Gelukkig zijn er ontwerpers die een tegen­ geluid laten horen, zoals Xiaoyuan Gao. Door in hun werkwijze de eigen identiteit te omar­ men bevragen ze de normatieve werking van het marktdenken. Daarover sprak ik letter­ ontwerper Céline Hurka (1995). Als letteront­ werper en grafisch vormgever streeft ze ernaar met de heersende conventies van het grafisch ontwerpen te spelen. Zo vormt haar werk een continue dialoog met de lange tijdlijnen van het ontwerpen. ‘De manier waarop ik mijn praktijk heb ontwikkeld,’ vertelt Hurka, ‘was door me eerst vertrouwd te maken met normen en gebruiken om die te doorbreken en te bevra­ gen.’ Haar letters wijken af van de standaard en van de rationele kijk op letters en leesbaarheid. Ze laat zich inspireren door florale vormen, ornamenten en popsongs, waarbij ze naar eigen zeggen haar feminiene eigenschappen omarmt. ‘De stem van de maker klinkt altijd door in het werk zelf,’ stelt Hurka. ‘Juist door dat te erkennen werd mijn werk in de loop van de tijd steeds persoonlijker. Door een publieke persona te ontwikkelen creëer je een profiel dat bepaalde opdrachten aantrekt of zelfs kan afstoten.’ Toen ik zelf aan de kunstacademie studeerde, werd me eens verteld dat het soort werken dat je maakt ook het soort opdrachten typeert die je aangeboden krijgt en dus zal blijven maken. Portfolio’s en persona’s zijn een soort self-fulfilling prophecy. 'Als vrouw in een door mannen gedomineerde industrie omarm ik wat doorgaans wordt gezien als vrouwelijk,' vertelt Hurka. 'Ik zie dat de letters die ik maak daardoor vaak worden toegepast in expliciet feministische werken.' Door een eigen identi­ teit uit te dragen spreken ontwerpers netwer­ ken aan van gelijkgestemden. Vanuit gedeelde interesses en belangen ontstaat de ruimte om een eigen denk- en werkwijze in de praktijk te

1 – BIPOC staat voor black, indigenous, and other people of color (zwarte en inheemse mensen en andere mensen van kleur). FLINTA* staat voor ‘Frauen, Lesben, Intergeschlechtliche, nichtbinäre, trans und agender Personen’, wat vrouwen, lesbiennes, intersekse, niet-binaire, transgender en agender mensen betekent. Het sterretje vertegenwoordigt alle niet-binaire genderidentiteiten (bron: Wikipedia).

26

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


EXPERIMENTEREN MET GRAPHIC DESIGN ‘Ik zie dat de letters die ik maak vaak worden toegepast in expliciet feministische werken.’

Céline Hurka Terra Fanta

brengen. Zoals Karel Martens, die zijn samenwerkingen nauwkeurig uitkoos, al vertelde: ‘Het is zinloos te werken voor opdrachtgevers met wie je geen klik voelt. Dan kun je beter thuisblijven.’

Interactie zichtbaar

Céline Hurka, letterontwerp Idyll, 2025.

Zichtbaarheid is dus cruciaal, ziet ook ontwerper en ontwikkelaar Katharina Nejdl (1994). Op het snijvlak van vormgeven en programmeren onderzoekt zij hoe interacties zichtbaar kunnen worden in hedendaagse publicatiemiddelen. ‘Online middelen zijn inherent interactief. Ze faciliteren de interactie tussen mensen en instanties. Het is spannend om uit te zoeken hoe je deze unieke eigenschappen kan benutten en de interacties kan faciliteren,’ stelt Nejdl. Ze ziet ontwerpen als een vorm van dienstbaarheid. ‘Hierbij gaat het om uitzoeken hoe communicatiemiddelen en -technieken in dienst kunnen staan van degenen die er baat bij hebben.’ Volgens Nejdl staat niet alleen het belang van de instantie die de ontwerpvraag uitzet centraal, maar ook het belang van de gebruiker. Om de interactie tussen instantie en gebruiker te onderzoeken ontwikkelde ze &SHY; (andshymagazine.com). Het is een digitaal meertalig platform voor hedendaagse literatuur, waarbij ieder artikel een eigen opmaak kent en op interactie aanstuurt. Door te scrollen worden teksten zichtbaar die anders onleesbaar zouden zijn. Soms moeten delen van de tekst worden weggeveegd om de vertaling zichtbaar te maken. Soms worden delen van de tekst geplaatst als de cursor beweegt. Zo wordt de gebruiker betrokken bij de opmaak van het artikel. ‘De interactie zorgt voor een mate van samenspraak waardoor een crea-

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

tieve relatie ontstaat tussen de gebruiker en het platform,’ vertelt Nejdl. ‘Maar in werkelijkheid wordt het ontwerpen door templates gedomineerd.’ Die bieden standaardinstellingen en richtlijnen die het ontwerp vastleggen. Ze zijn bij uitstek het middel voor efficiëntie en tijdsbesparing, maar ook van gemakzucht. ‘Templates ondermijnen ontwerp,’ stelt Nejdl, ‘omdat ze de vorm volledig loswrikken van de inhoud.’ Natuurlijk zijn er ook voordelen aan stramienen die ontwerpers gebruiken om productieprocessen in te richten. Zo bieden ze mogelijkheden om zonder kennis van ontwerpen of digitale technieken publicatiekanalen op te zetten. Maar Nejdl kan het moeilijk los zien van de wijze waarop kapitaalgedreven software- en hardwarebedrijven invloed uitoefenen op hoe informatie vandaag de dag aangeboden wordt.

Prutsen en programmeren

‘Als je niet kan programmeren ben je min of meer de analfabeet van de toekomst,’ ziet ook ontwerper en onderzoeker Roosje Klap (1973). Ze is oprichter van interdisciplinair ontwerpbureau ARK en directeur van Noorderlicht, het internationale platform voor fotografie en beeldcultuur. Ook heeft ze jaren aan het hoofd gestaan van de afdeling grafisch ontwerp van de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag. Zo was ze medeverantwoordelijk voor de educatie van een generatie grafisch ontwerpers, waarbij ze actief heeft aangestuurd op het integreren van programmeren in het onderwijs. ‘Veel handelingen van de grafisch ontwerper zijn of worden geautomatiseerd. Als je niet weet hoe dat werkt, gaat er iets mis in de verbeelding daarvan.’ Voor Klap gaat programmeren dan ook over het controle nemen over werkprocessen. ‘Want,’ vraagt ze zich af, ‘ben je nog wel de baas van je verbeelding als je zo veel uit handen geeft aan de technologie?’

27


‘Achter de computer ga je al vrij snel precies te werk, maar daarbij gaat soms ook de spontaniteit van ontwerp verloren.’

Katharina Nejdl, The Translation Issue, 2021

28

Schoonheid van imperfectie

Zo zijn er dus diverse ontwerpers die onze relatie met technologie onder de loep nemen. Ze bevragen de werking van digitale instrumenten, experimenteren met nieuwe vormen van interactie en stellen de rol van ambacht opnieuw ter discussie. Maar wat betekent het eigenlijk om vandaag de dag handmatig te werken in een wereld die steeds meer geautomatiseerd raakt? ‘Er is een uniek aspect aan handmatig werken, juist omdat het zo intuïtief en spontaan is,’ vertelt ontwerper Benjamin McMillan (1996). Hij is grafisch ontwerper en oprichter van Full Auto Foundry, een open-source platform dat lettertypes publiceert die tijdens workshops worden gemaakt. Deelnemers worden uitgenodigd om spontaan en zonder voorkennis of vooropgesteld plan letters te tekenen. Bevrijd ontstaan er al snel speelse spontane lettervormen. Deze letters worden met een door McMillan ontwikkeld programma omgezet naar een volledig functionerend lettertype. Waar Martens nog waarschuwde voor automatisering, stelt McMillan het in dienst van een analoge en onbevangen werkwijze. ‘Achter de computer ga je al vrij snel precies te werk, maar daarbij gaat soms ook de spontaniteit van ontwerp verloren,’ aldus McMillan. ‘De letters variëren in schoonheid en lelijkheid, in gladheid en ruwheid.’ Hij vertelt dat de letters van de Full Auto Foundry ver af staan van wat traditioneel als kwaliteit wordt gezien, zoals leesbaarheid of uniformiteit. ‘Voor mij is dat niet zo belangrijk,’ zegt McMillan, die zich trots beschrijft als ‘bad type constructor’ (‘slechte letterontwikkelaar’). ‘In een wereld overspoeld door standaardleesletters vind ik het eerder spannend als iets ruw of eigen is, de grenzen opzoekt en uitzoekt wanneer iets wel of niet werkt.’ Full Auto Foundry biedt bij uitstek de ruimte om je het prutsen eigen te maken en toe te passen. ‘Ik vind de imperfectie van een werkproces heel leuk, of dat nu digitaal is of analoog. Ik zou wel iemand kunnen of willen zijn die om ieder detail geeft en bewonder andere ontwerpers die dat doen,’ vertelt hij als ik vraag of precisie belangrijk is, ‘maar de meeste projecten waar ik aan werk hebben een hoge tijdsdruk.’ Zo ontwerpt hij onder andere het

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


EXPERIMENTEREN MET GRAPHIC DESIGN

Benjamin McMillan House of Babel, 2023

kunsttijdschrift Tubelight, is hij betrokken bij de beeldredactie van MacGuffin en verzorgt hij samen met Elisabeth Klement de opmaak voor Metropolis M. ‘Vaak is er maar weinig tijd om aan de opmaak te werken, waardoor ik mijn aandacht liever richt op het grote geheel. Dan deel ik het ontwerp op in modulaire elementen waarmee ik kan rommelen en waaraan ik afzonderlijk aandacht kan besteden. Als tijdsdruk en een beperkt budget het ontwerpproces belemmeren zal je als ontwerper keuzes moeten maken waar je je aandacht aan besteedt.’ Toch weet McMillan spontaan en levendig te ontwerpen, waarbij perfectie ondergeschikt is aan het totaalbeeld. ‘Juist omdat ik veel aan periodieken werk kan het ontwerp worden verfijnd door de serie heen.’ Volgens hem zijn er vaak hoge verwachtingen van een ontwerp: het moet in één keer goed zijn. Maar deze verwachtingen belemmeren ook de mogelijkheid om het ontwerp gaandeweg te ontwikkelen, uit te dagen en uit te breiden. ‘Ooit was de culturele sector een vrijplaats voor deze creatieve en kwalitatieve aanpak van ontwerpen. Maar nu zie je dat instanties geen risico durven te nemen uit angst om subsidies of bezoekersaantallen te verliezen.’ Ook grote namen wier faam gebaseerd is op de commotie en controverse die hun werk ooit durfde op te roepen, lijken nu even ‘corporate’ als commerciële opdrachtgevers, aldus McMillan. ‘Dit is waarom steeds meer ontwerpers neigen naar autonoom werk. Hier kunnen ze trouw blijven aan de potentie die het ontwerpen heeft, maar die weinig ruimte krijgt in de praktijk.’

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Opnieuw autonoom

Dat juist in autonome ontwerpbenaderingen interessante ontwikkelingen plaatsvinden valt ook Dennis Elbers op. ‘Opmerkelijk is dat ontwerp pakweg honderd jaar geleden ontstond vanuit kunstenaars die inspeelden op de vraag naar toegepast werk. In omgekeerde richting neigen ontwerpers nu steeds meer naar autonoom werk.’ Was ontwerpen in de jaren negentig nog aan commercie gebonden, inmiddels heeft de technologische ontwikkeling ervoor gezorgd dat de concrete vraag naar ontwerp als dienstverlening afneemt, legt Elbers uit. ‘Voor onze programmering kijken wij in eerste instantie natuurlijk naar wat tof werk is. We zoeken vernieuwende praktijken op, maar zien ook dat het zelden gaat om werken in opdracht. Er is een interessante relatie tussen vrij werken om opdrachten te krijgen en opdrachten uitvoeren om vrij werk te kunnen maken.’ Toch vergt het ontwerpen vandaag de dag een zekere mate van ondernemerschap, want volgens Elbers zijn de gelegenheden schaars. Als ik vraag of er in dat spanningsveld nog wel ruimte is om ‘te prutsen’ geeft

29


Katharina Nejdl, GridType, 2024. Xiaoyuan Gao, letterontwerp workshop tijdens de Graphic Design Fair bij het Nieuwe Instituut in Rotterdam, 2024.

hij aan dat dit precies is waarom Graphic Matters bestaat. ‘We laten zelden commercieel werk zien en faciliteren juist het experiment. Als dat openbaar wordt, kan het zich verder ontwikkelen, maar dit spanningsveld waar ontwikkelingen ontstaan moet wel gecreëerd worden,’ aldus Elbers. ‘Juist door makers te stimuleren willen wij bijdragen aan die stroomversnelling.’ ‘Zodra er geld in het spel is, worden allerlei andere belangen en verwachtingen vermengd met het ontwerp,’ weet ook Benjamin McMillan maar al te goed. Hij spreekt met gemende gevoelens over onbetaald werk, zoals het ontwerpen van Tubelight. ‘Omdat we ons allemaal als vrijwilligers inzetten, is er een enorme gedrevenheid. Dat biedt kansen om er iets uitdagends van te maken, maar je kunt er de huur niet van betalen,’ vervolgt hij met een glimlach, ‘het enige probleem is een financieel probleem.’ Toch weet hij het positief in te zien. Het is niet makkelijk, maar ontwerpen blijft prikkelend en stimulerend voor samenwerking. ‘Misschien is het belangrijk om illusies te koesteren,’ stelt McMillan, ‘anders houdt de realiteit ons alleen maar in toom.’

Collectief en collaboratief

Samenwerken is cruciaal voor ontwerpen. Waar in de jaren tachtig en negentig nog een vorm van ontwerpheroïsme heerste – de verheerlijking van slechts enkele (vaak mannelijke) ontwerpers – valt op dat vandaag steeds meer ontwerpers samenwerkingen aangaan of zich als collectief organiseren. Xiaoyuan Gao verenigt met notyourtypefoundry makers van diverse achtergronden, Benjamin McMillan richt zich op het

30

organiseren van workshops. Ook voor Céline Hurka staat samenwerken centraal. Ze werkte samen met ontwerper Nóra Békés aan een onderzoek en een publicatie over het digitaliseren van historische lettertypes, maakte wandkleden met Yamuna Forzani, eerder dit jaar nog in het Kunstmuseum te zien, onderzoekt de kinetische potentie van digitale typografie met Studio Pointer en werkte samen aan lettertypes met ontwer­ pers Jacob Wise en Jan Egbers. Ook is ze als commissielid van Zefir7, een collectief dat lezingen organiseert in Den Haag, betrok­ ken bij het organiseren van avonden waar ontwerpers perspectieven en ervaringen uitdelen. ‘Wat deze avonden zo geweldig maakt,’ vertelt ze, ‘is dat ze een gemeen­ schap van makers bij elkaar brengen die de verschillende generaties overbrugt.’ Ontwerpen gaat dus niet om alles kunnen, maar om juist verschillende vaardighe­ den en kennis samen te brengen. ‘Ik ben er best goed in,’ vertelt Roosje Klap, ‘om een soort community te bouwen om mij heen met mensen die dingen kunnen die ik niet kan. Zo is ARK (Atelier Roosje Klap) ook ontstaan.’ Juist wanneer het werkveld onder druk staat, biedt het aangaan van samenwerkingen de manier om elkaar en de praktijk te versterken.

Benjamin McMillan Tubelight

Een lappendeken als inkomen

Het werkveld mag dan onder druk staan en voortdurend aan veranderingen onderhevig zijn, dat het voor eigenzinnige ontwerpers niet eenvoudig is om rond te komen is niets nieuws. Ook voor Klap, inmiddels inter­ nationaal erkend, lag het werk aanvankelijk niet voor het oprapen. ‘Ik heb tot zeker

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


EXPERIMENTEREN MET GRAPHIC DESIGN

Full Auto Foundry workshop, 2024

vier jaar na het afstuderen in restaurants gewerkt en obscure bijbaantjes gehad om de huur te kunnen betalen,’ deelt ze in het radioprogramma Nooit meer slapen. Zoals ook Xiaoyuan Gao vertelde, is het voor ontwerpers niet ongebruikelijk om te schnabbelen en meerdere bronnen van inkomen te combineren. ‘Wat vaak onzichtbaar blijft,’ vertelt Céline Hurka, ‘is dat portfolio’s slechts een klein deel van een ontwerppraktijk weerspiegelen, terwijl die in feite veel meer werk omvat dat misschien totaal niet interessant is, maar wel de huur betaalt.’ Om te proberen en te prutsen moet de ontwerper de ruimte krijgen. Om een eigen werkwijze in de praktijk te brengen en een portfolio te ontwikkelen dat daarvan getuigt, is ook een vorm van financiële zekerheid noodzakelijk. ‘Het is natuurlijk fantastisch om aan zelf geïnitieerde projecten te werken,’ herkent Katharina Nejdl. ‘Deze mentaliteit wordt aan kunstacademies aangemoedigd, maar in werkelijkheid komt er veel meer bij kijken.’ De uitdagingen voor ontwerpers van vandaag de dag zitten hem vooral in het combineren van die verschillende rollen. ‘Er heerst een hardnekkige traditie om neer te kijken op commercieel werk, vanuit de veronderstelling dat autonome projecten een culturele waarde hebben,’ vervolgt Nejdl. ‘Maar voor een zelfstandige ontwerppraktijk zijn beide nodig.’ Vaak functioneren ontwerpers niet alleen als makers, maar stappen ze ook in de rol van uitgever, fondsenwerver, eigen opdrachtgever, administratief medewerker, of noodgedwongen, zoals Klap en Gao vertellen, in de rol van bordenwasser of barista.

Goed is moeilijk

Het ontwerpveld is voortdurend in beweging en blijft zichzelf en de mogelijkheden heruitvinden. De praktijk staat in relatie tot de samenleving waarin het werk plaatsvindt én tot de technieken waarmee het werk wordt uitgevoerd. Deze veranderen continu, en zo verandert het vakgebied onherroepelijk mee. Als we ons nog eens het motto van Martens voor de geest halen, ‘maak

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

het jezelf zo moeilijk mogelijk’, lijken twee uitersten vandaag waar. Enerzijds wordt het door technologische ontwikkelingen steeds makkelijker om handelingen uit te voeren die voorheen tot het professioneel ontwerpen behoorden. Denk aan het opmaken van bestanden en het uitvoeren van repetitieve taken. Anderzijds lijkt het juist steeds lastiger voor (jonge) ontwerpers om een eigen mentaliteit, die berust op maatschappelijk belang of de toe-eigening van tools, toe te passen in een professioneel werkveld. Waar ontwerpers zich voorheen vaak onderscheidden op basis van expertise en prestige, groeit nu de behoefte aan samenwerking en collectieve praktijken die het individuele ego overstijgen. Netwerken zijn altijd belangrijk geweest voor ontwerpers, maar door hier actiever op in te zetten, ontstaan ook nieuwe kansen. Zo staan de makers stil bij de kanalen waar hun werk circuleert én bij de instrumenten en methodes die zij inzetten in het ontwerpproces. Er wordt wel degelijk geëxperimenteerd: door te coderen maken ontwerpers zich instrumenten eigen en bevragen zij bestaande normen en conventies. Programmeren biedt nieuwe ruimte voor prutsen. Of deze benadering ook aanslaat binnen commerciële delen van het vakgebied is de vraag, maar dat er interessante ontwikkelingen gaande zijn, staat buiten kijf. Als de ruimte om te proberen nauwer wordt en fanatiekelingen buiten spel komen te staan, worden ontwerp en de invloed die het heeft op onze leefomgeving kil en kaal. Het is duidelijk: gepruts en gepassioneerd gerommel houden onze omgeving levendig, verrassend en echt.

31


G

rafische beelden zijn overal, in onze fysieke en digitale omgeving. Ze bepalen mede hoe we de wereld zien en hoe we ons gedragen. Grafisch ontwerpers helpen ons door orde te scheppen in chaos, door overzicht te bieden in ingewikkelde zaken of door onze emotie aan te spreken. Grafische vormgeving doet ertoe, oftewel Graphic Matters. De projecten van de organisatie Graphic Matters laten je stilstaan bij het belang van beeldcultuur in onze maatschappij. Door het jaar heen organiseert Graphic Matters diverse educatieve projecten en projecten in de openbare ruimte om talentontwikkeling te stimuleren.

Keep an Eye levert een bijdrage aan de jaarlijkse Graphic Matters Summer School, waarbij een reeks masterclasses voor jonge ontwerpers wordt georganiseerd, gegeven door internationaal erkende ontwerpers. De masterclasses sluiten aan bij actuele vakinhoudelijke thema’s en zijn gericht op het ontwikkelen van specifieke vaardigheden en op plezier in ontwerpen. Tijdens de Graphic Matters Summer School ontwikkelen ontwerpers (nieuwe) vaardigheden, maken ze vrienden en ontmoeten ze grootheden uit de wereld van design.

32

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


IN FOTO 'S: EDW

W IEK EN S

WRKSHP

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

33


SUMMER SCHOOL ’25 34

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


WRKSHP

L

FOTO 'S: EDW IN W

IEK EN S

etters bewegen. Soms schreeuwen ze van de muren, dan weer fluisteren ze tussen de regels door. In hun masterclass met topontwerpers Gemma O’Brien, Schultzschultz en het duo Britt Möricke & Studio Saber verkenden de deelnemers hoe typografie constant verschuift, van strak systeem naar wilde penseelstreek, van digitale precisie tot fysieke performance. Zij doken in ambacht en experiment, speelden met ritme, structuur en toeval. Want elke streek – elke lijn, elke letter – heeft de potentie te veranderen, te verrassen, te spreken. Summer School ’25 was een hands-on trip langs de grenzen van typografie. Of ze nu met de hand of achter een scherm werkten, de deelnemers leerden hoe je letters kunt buigen, breken en opnieuw kunt vormgeven.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

35


UITTIP Dennis Elbers, Directeur Graphic Matters Als werk je passie is, is een vakantie nooit zonder doel. TIEN culturele reistips die garant staan voor grafische inspiratie.

CH AN TAL VAN DEN

BERG

Ik ging op reis en nam mee… Chaumont Doe jezelf een groot plezier met een kleine omweg richting Zuid-Frankrijk. In Chaumont bezoek je Le Signe, hét nationale museum voor grafisch ontwerp met een enorme collectie posters. Brussel Wil je kunst van de straat in huis halen? Alice is pionier op het gebied van streetartists en illustratoren met autonome ambities.

alicebxl.com / @alice_bxl Berlijn Haal je graag inspiratie uit mooie boeken over kunst, design en stedenbouw? Het aanbod van boekhandel ProQM is overweldigend. Let op! Extra kilo’s in je koffer.

pro-qm.de / @proqm Het Museum der Dinge is een absolute aanrader. Een bizarre verzameling alledaagse gebruiksobjecten die niets én alles met elkaar te maken hebben.

museumderdinge.org / @museumderdinge Londen Hou je van humor en uitgesproken illustraties? Mr. Bingo maakt van beledigen zijn beroep en opent elke vrijdag zijn studio als ‘supermarkt’.

shop.mr.bingo / @mr_bingstagram

36

centrenationaldugraphisme.fr / @lesigne_cndg Malaga Wil je liever nog zuidelijker van het weer én kunst genieten? Momenteel is het Centro de Arte Contemporáneo de Málaga nog gesloten voor renovatie. In 2026 heropent het als MUCAC, dé plek voor actuele kunst van internationale makers.

@mucacmalaga New York Naast alle beroemde musea zijn er in New York ook kleine parels. Met wisselende exposities plaatst het Poster House affiches in een artistieke, culturele en maatschappelijke context.

posterhouse.org / @posterhousenyc San Francisco Ontdek de geschiedenis van visuele communicatie in de verborgen schatkamers van Letterform Archive, met meer dan 100.000 voorbeelden van lettering, typografie, kalligrafie en grafisch ontwerp.

letterformarchive.org / @letterformarchive

Parijs Dig jij DIY en street culture? Dan is Le Grand Jeu de plek om independent zines, boeken en goodies te scoren.

Tokyo Tref de Amerikaanse streetartlegende Steve ESPO Powers aan het werk in zijn galerie ESPOKYO. Hier laat hij zich inspireren door de visuele cultuur van de stad, haar bewoners én bezoekers.

shop.legrandj.eu / @legrandjeu

espokyo.jp / @espokyo

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


hoeis'tnumet Knallende kleuren & karakters met karakter

Simpel: ingewikkelde stijl ‘Mijn liefde voor grafisch ontwerp begon toen ik Charlie and the Chocolate Factory in de bioscoop zag. Alles in de wereld van Willy Wonka klopte: van de bezorgtrucks tot de wikkel van de chocoladereep. Inmiddels werk ik bij het ministerie van Defensie, waarvoor ik de branding en vormgeving van de catering verzorg. Ook daar vertelt de huisstijl een verhaal. Voor de soldaat is het meer dan ‘hier is je bord eten’. In elk ontwerp verwerk ik waarden die passen bij wie de gebruiker is en waar hij voor staat.’ Typografie moet je voelen ‘Typografie is niet alleen functioneel. Natuurlijk, een wiskundeboek moet vooral duidelijk en leesbaar zijn. Maar een poster voor een band moet vooral de vibe van de muziek overbrengen. Neem die expressieve, psychedelische letters uit de hippietijd – soms nauwelijks leesbaar, en toch denk ik: daar had ik bij willen zijn. Ik las ooit een boek waarin de tekstregels steeds dichter op elkaar kwamen te staan. Tot de letters samensmolten en de pagina zwart werd. Onleesbaar. Dat was precies de bedoeling. Het ging om het gevoel: de schrijver had geen papier meer, hij was straatarm. De typografie versterkte de inhoud.’

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Michael Jay Smits

Ontwerper en deelnemer Graphic Matters Summer School

‘Letters uit de hippietijd zijn soms amper te lezen en toch: daar had ik bij willen zijn.’

Kleur van duurzaam ‘Stel: het ontwerp draait om duurzaamheid. Wat zie je dan voor je? Als designer kan ik zeggen: ‘Groen staat voor natuur, frisheid, duurzaamheid.’ Dat klinkt logisch, ook volgens de kleurentheorie. Maar hoe ervaren mensen die kleur écht? Daarom ga ik naar buiten. De straat op. En vraag ik: ‘Wat betekent deze kleur voor jou?’ Dat is fascinerend: kleur, typografie, symboliek – wij geven er samen betekenis aan. Neem blauw, een kleur die symbool staat voor betrouwbaarheid. De overheid koos die bewust als huisstijlkleur. Maar sinds de toeslagenaffaire is dat blauw misschien z’n glans wel kwijtgeraakt.’ Knalgele kanarie ‘De huisstijl van de NS is briljant. Terwijl de meeste landen kiezen voor grijze treinen, rijden er in Nederland felgele gevaartes. Dat is op het eerste gezicht vreemd, maar kijk wat er gebeurt als een NS-trein een station binnenkomt. Tussen al dat grauw van beton en staal knalt het geel eruit.

Grafisch ontwerper Gert Dumbar deed uitgebreid onderzoek voordat hij met de huisstijl aan de slag ging. Reizigers waren meteen enthousiast, maar machinisten moesten er niks van hebben. Ze zagen zichzelf niet rijden in een ‘gele kanarie’ of ‘banaan’.’ Tante Pos De huisstijl van de PTT in de jaren ’80 is mijn favoriet. In die tijd ging een huisstijl nog over identiteit en erfgoed, in plaats over het volgen van marketingstrategieën en het maken van winst. Ben je in Den Haag, ga dan naar het gemeentearchief. Daar ligt het originele huisstijlhandboek. Zó slim ontworpen, zó mooi, echt een kunstwerk.’

Typografie moet je iets laten voelen

M

ichael volgde drie masterclasses tijdens de Keep an Eye/Graphic Matters Summer School. ‘In de laatste masterclass, onder leiding van Team Thursday, hebben we in drie dagen een boek over typografie gemaakt. Een flinke klus, maar als team lukte het. Juist die samenwerking vind ik het mooist aan de Summer School: werken met mensen van over de hele wereld, elk met een totaal andere blik.’

37


Jaap Drupsteen

B

ijna iedere Nederlander kende zijn werk, al was het onbewust. De bankbiljetten uit de guldentijd gingen door miljoenen handen. Ook gaf Jaap Drupsteen (1942) kleur aan de gevel van Beeld en Geluid in Hilversum. Toch ziet hij die iconische ontwerpen niet als zijn belangrijkste. Al decennia werkt hij onvermoeibaar aan audiovisuele composities, ook ver na de AOW-leeftijd. ’Het is heel normaal dat mensen iets nieuws níet meteen mooi vinden.’ ‘Laatst vroeg een journalist: ‘Vind je het niet vervelend dat je vooral bekendstaat als de ontwerper van bankbiljetten, terwijl je daarvoor dertig jaar lang vernieuwende televisie maakte?’ Eerlijk gezegd: ja, dat vind ik soms lastig. Tegelijkertijd is het natuurlijk prachtig om die belangstelling te krijgen. Maar het gaat vaak alleen dáárover, niet over wat ik zelf mijn grote werk vind. Het werk dat ik nog dagelijks doe. Ik maak nog altijd bewegende beelden en muziek. In die zin ben ik al lang geen grafisch ontwerper meer.’ Hoe zie je jezelf dan? ‘Ik ben een audiovisueel ontwerper en muziekproducer geworden. Audiovisueel componist, zeg ik ook wel eens. Daar ben ik elke dag mee bezig. Zo nodig kan ik ook grafisch ontwerpen; ik ben ervoor opgeleid en heb de ervaring.’

38

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


INTERVIEW JAAP DRUPSTEEN

Groots in grafisch en geluid, altijd voorbij het cliché daarvan te begrijpen, moet je wel iets met muziek hebben. Bij orkestregistraties vermeed ik clichés, zoals rood aangelopen gezichten van artiesten. Ik wilde juist de interacties van de musici zichtbaar maken. Musici herkenden dat meteen: ‘zo voelt het als we samenspelen’.’

Waarom denk je dat mensen steeds over die bankbiljetten beginnen? ‘Omdat die een tijdlang deel uitmaakten van het dagelijks leven. Iedereen heeft ze weleens in handen gehad, en zo zijn ze een eigen leven gaan leiden. Tijdens het ontwerpen van de biljetten werkte ik aan de tv-opera The Flood van Igor Stravinsky, die ik ontwierp en regisseerde. Daarvoor kreeg ik de Prix Italia, een prijs van grote internationale betekenis. In Nederland hoorde je er echter nauwelijks iemand over. Dat overkomt kunstenaars wel vaker.’ Ben je trotser op je audiovisuele producties dan op je grafische werk? ‘Ik weet niet waarop ik trotser ben. Mijn bankbiljetten functioneerden goed, waren uitstekend beveiligd en worden nu opvallend vaak gewaardeerd. Maar mijn audiovisuele werk was vernieuwend en inhoudelijk sterk; daarin kwamen mijn artistieke kwaliteiten completer tot hun recht. Maar om het belang

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Toch: die bankbiljetten, dat paspoort. Iedereen kent ze, ze horen bij onze cultuur. ‘Zeker. Ik wil het ook niet wegwuiven. Maar de tijd die ik eraan besteedde, is me minder bijgebleven. Het hoorde bij het leven van een kleine zelfstandige: meerdere projecten tegelijk, snel schakelen en deadlines halen.’ Het is een beetje als de artiest die ooit één grote hit had en telkens wordt gevraagd dat nummer te spelen. Terwijl hij daarna nog zoveel andere, misschien wel mooiere muziek heeft gemaakt. ‘Ja, misschien is dat wel een goede vergelijking. Al klinkt het ook wat blasé. Zo bedoel ik het helemaal niet. Ik heb er trouwens nooit echt over geklaagd, jullie hebben wat dat betreft de primeur.’ Over grafisch design. Hoe ga je te werk? Begin je met een onderzoek? ‘Vaak wel. Het belangrijkste is dat ik blij word van wat ik maak en het de volgende dag nog steeds goed vind. Lukt dat niet meteen, dan blijf ik schaven tot ik rust voel. Dat proces is meedogenloos, vooral naar mezelf toe. Soms gooi ik alles weg en begin ik opnieuw. Ombouwen werkt zelden, opnieuw beginnen is meestal beter.’

39


Hertejoch Zanker TV-programma uit 1983 gebaseerd op een muziektheaterproductie van Orakter, met Anton Kothuis, Hans Dagelet, Annet Malherbe, Thijs van der Poll en Bart van Rosmalen. Ontwerp en regie: Jaap Drupsteen

Dat aanpassen gaat nu een stuk eenvoudiger dan toen jij ooit begon, zonder computer. Dat was eigenlijk een soort knutselen, toch? ‘Dat kun je wel zeggen. Met papier, mesjes, lijm en niet te vergeten de airbrush, waarmee ik kleurverlopen en hyperrealistische achtergronden maakte. Als je graphics wilde laten bewegen, moest je de camera verplaatsen of in- en uitzoomen. Veel meer opties waren er niet. Ik heb het nu over de periode van halverwege de jaren zestig tot eind jaren zeventig.’ Nu leven we in een tijdperk met AI. Kan dat het werk van een ontwerper overnemen? ‘Het ambacht deels wel, maar inzicht en kennis blijven nodig. Je ziet het meteen als iemand met weinig visueel gevoel AI inzet: je krijgt clichés. Bijvoorbeeld gezichten die in elkaar overvloeien. Het lijkt knap, maar is voorspelbaar en vooral leeg van betekenis.’ Je zei in een eerder interview: ‘Ik probeer iets te vinden waar ik niet naar op zoek ben.’ ‘Dat is precies wat ik elke dag doe. Ik heb een eigen ‘elektronisch fabriekje’, vol generatieve en manipulerende software. Sommige functies ken ik door en door, andere nog steeds nauwelijks. Daardoor raak ik soms op drift, en soms ontstaan er onverwachte, fantastische combinaties die ik zelf nooit had bedacht. Openstaan voor zulke onvoorspelbare vondsten noem je serendipiteit. Het voelt als reizen door een onbekende wereld. Bij opdrachten gaat het anders, al leveren toevallige ontdekkingen ook daar vaak waardevol materiaal op.’

40

Wanneer je in opdracht werkt, zit je vaak vast aan regels en beperkingen. ‘Ja, vaak wel. Het ontwerp van het honderdguldenbiljet duurde bijvoorbeeld drie jaar, vooral door de strenge veilig­ heidseisen. Je krijgt dan een dik pakket aan voorschrif­ ten. Ik kan daar goed mee omgaan. Als je de kaders goed kent, vind je altijd ruimte voor avontuur.’ Is er een ontwerp van iemand anders waarvan je denkt: dát is echt geniaal, had ik dat maar gemaakt? ‘Niet als het gaat om bank­ biljetten. Er zijn zeker ontwerpers die ik goed vind in andere gebieden, maar de vraag of ik hun werk zelf had willen maken komt zelden bij me op.’ Is het zo dat mensen pas later beseffen hoe goed een ontwerp is? ‘Ja, het is heel normaal dat mensen een kunstwerk in eerste instantie niet mooi vinden of zelfs afwijzen. Neem De Verwoeste Stad van Ossip Zadkine in Rotterdam. Toen het beeld werd onthuld, vonden velen het maar een idioot ding. ‘Jan Gat’, werd het spottend genoemd. Maar zodra er sprake was van ver­ wijdering, klonk er massaal verzet. Waardering komt vaak pas later. Zelf heb ik dat min­ der vaak ervaren, al hoort het erbij als je werk zichtbaar is.

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


Muziektheater The Flood (1962) speciaal voor tv gecomponeerd door Igor Stravinsky. De remake was een initiatief van Wilbert Bank, onder redactie van Sieuwert Verster en Willem Sutherland. Winnaar Prix Italia 1987.

Toen mijn abstracte bankbiljetten verschenen, klaagden mensen dat er geen vertrouwde plaatjes meer opstonden. Sommigen krasten er zelfs op: ‘Oxenaar terug!’ Mijn biljetten waren bewust abstracter, moeilijker te vervalsen en daardoor functioneler. Daarmee won ik de competitie ook. Pas toen we de euro kregen, hoorde ik dat Nederlanders zo gehecht waren aan mijn biljetten. Als ze in het buitenland waren geweest, waren ze juist heel blij wanneer hier weer een kassalade openschoof en de kleurrijke biljetten hen tegemoet straalden.’ Veel mensen kennen het gebouw van het Nederlands Instituut voor Beeld & Geluid in Hilversum. Jij ontwierp de glazen gevel, waarin beelden uit het archief zijn verwerkt. ‘Het idee van het architectenbureau was het gebouw te omhullen met glas met kleurrijke archiefbeelden. Maar er was een probleem: blijvende pigmenten bestaan alleen voor gebrandschilderd glas, een handmatig en arbeidsintensief proces. Bovendien zijn de kleuren nauwelijks te mengen; bij verhitting vloeien ze troebel in elkaar over. Speciaal voor dit project is daarom een printer ontwikkeld die kleurpoeder direct op reliëfglas aanbracht. Dunne lijnen van verschillende kleuren liggen naast elkaar en mengen zich optisch. Het werkt, maar het kleurspectrum blijft beperkt: primaire kleuren ontbreken en nuances zijn moeilijk te sturen. Dit is dus wat je krijgt.’ Vind je het lastig als het eindresultaat niet precies wordt zoals je het van tevoren had uitgetekend? ‘Ja, natuurlijk. Ik streef er altijd naar om alles onder controle te hebben. Het belangrijkste was dat het gebouw een landmark zou worden, en dat is gelukt. Veel bedrijven hebben gezocht naar een technische oplossing, maar kwamen niet verder dan een soort melkglas waar je niet doorheen kunt kijken. Bij Beeld & Geluid is dat anders: de medewerkers werken in een kleurrijke omgeving én ze kunnen naar buiten kijken. Daar zijn ze blij mee.’

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Luister naar onze Young Talent Podcastaflevering met Vera van de Seyp en Jaap Drupsteen.

'Het is heel normaal dat mensen een kunstwerk in eerste instantie niet mooi vinden of zelfs afwijzen.' 41


Blinde muren als

Blind Walls Gallery is hét museum op straat. Nationale en internationale kunstenaars werken aan een groeiende collectie muurschilderingen, geïnspireerd op het verleden, het heden en de toekomst van Breda. In samenwerking met Keep an Eye organiseert Graphic Matters de Blind Walls Talent Call. Deze open call biedt jonge makers de kans om onder begeleiding van experts hun praktijk te ontwikkelen. Buuf Buur

42

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


AWRDS

FOTO'S: ROSA MEININGER

canvas voor verhalen Phylos Donkertino

Vijf makers, vijf verhalen

D

e geselecteerde talenten van dit jaar waren Evi Hogervorst, Brick Brack Studio (Wannes Cools en Sara Plantefève-Castryck), Phylos Donkertino, Laura Ketting en Buuf Buur. Alle vijf maakten een schetsontwerp voor een mural, elk met een eigen benadering. Thema’s als poëzie, storytelling, materiaalgebruik en architectuur stonden centraal. Gedurende het traject kregen de deelnemers inhoudelijke begeleiding om hun ideeën te verdiepen en uit te werken tot een overtuigend concept.

Juryprijs en publieksprijs De keuze van de jury viel dit jaar op Buuf Buur, wiens mural opviel door de sterke narratieve kracht en de verbeelding – passend bij het bijzondere verhaal dat zichtbaar zal worden in het Bredase straatbeeld. Behalve de juryprijs werd ook een publieksprijs uitgereikt. Bezoekers van Festival Ploegendienst en volgers via de online kanalen konden een stem uitbrengen op hun favoriet. Phylos Donkertino kwam als winnaar uit de bus. Zijn kunstwerk is geïnspireerd op verschillende muziekstijlen en kwam tot stand met gebruik van kwasten en spuitbussen, maar ook met alledaagse voorwerpen als een dweil, een spons, een bezem en een plantenspuit. Met de Talent Call wil Blind Walls Gallery jonge makers stimuleren en een podium bieden. Het project sluit aan bij de missie van de organisatie om Breda te verrijken met verhalen en talenten, vertaald in muurschilderingen die voor iedereen zichtbaar zijn. MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

De Blind Walls Talent Call is meer dan een wedstrijd. Het is een kans om ervaring op te doen met werken in de openbare ruimte én om te worden opgenomen in het netwerk van Blind Walls Gallery. De resultaten van het traject werden gepresenteerd tijdens Festival Ploegendienst, waar een vakjury de ontwerpen beoordeelde. De jury bestond dit jaar uit Dennis Elbers (oprichter Blind Walls Gallery), Linda van der Vleuten (kunstenaar en oprichter Opperclaes) en Mans Weghorst (winnaar Talent Call 2024). In haar rapport benadrukte de jury dat het aanwijzen van een winnaar uit vijf uiteenlopende stijlen niet draaide om kwaliteit, maar om welk werk het beste aansloot bij de vervolgopdracht.

43


Puck Paassen

‘I

k vind de early twenties een fascinerende fase. Ik ken mensen die gaan trouwen of kinderen krijgen, maar ook mensen die heftig aan de drugs zijn en hun huis niet eens kunnen opruimen. Iedereen lijkt op een compleet verschillend spoor te zitten. Sommige dingen zijn voor mijn generatie lastiger dan voor de generaties ervoor. De huizenmarkt, financiën, verwachtingen én de enorme druk van werk. Geen wonder dat zoveel mensen omvallen.’ Verstopt activisme ‘Ik ben een beetje een chihuahua: ik blaf hard, maar schrik ook snel. Ik heb best sterke meningen over maatschappelijke thema’s, maar ga niet met een spandoek vol politieke statements zwaaien. In plaats daarvan ga ik achter de computer tekeningetjes maken. Mijn activisme zit verstopt in entertainment, omdat dit voor veel mensen toegankelijker is. Het is een subtiele vorm van activisme. Met een comic kan ik een gesprek op gang brengen, een taboe doorbreken of een lastig onderwerp net wat luchtiger maken.’ Echte werk uitstellen ‘Ik studeerde af in het eerste halfjaar dat corona echt voorbij was. Dat vond ik helemaal niks. Ik was zuur over het feit dat ik door corona de helft van mijn studententijd gemist had. Nu moest ik

44

ook nog serieus gaan doen en werken terwijl ik eigenlijk zoiets had van: dat wil ik helemaal niet. Inmiddels weet ik dat ik het gewoon spannend vond. Toen ik klaar was met studeren moest ik professionele dingen gaan doen, netwerken en zo. Dat vond ik eng en niet leuk. Maar hoe meer je het doet, hoe makkelijker en minder eng het wordt, en uiteindelijk zelfs leuk. Nu zie ik dat het eigenlijk superwaardevol én gezellig is om nieuwe mensen te ontmoeten. Je weet nooit wat daar uitkomt.’ Patjakker ‘De titel van mijn website. Het is een oud Nederlands woord. Het betekent zoiets als piraat, maar ook ‘oude snoeperd’— een beetje een viezige, oude man, geloof ik. Terwijl ik juist een lief, klein meisje ben. Voor mij was patjakker ook een manier om dat woord te claimen en om te buigen naar iets van mezelf. Het past bij mijn werk; er zit iets brutaals in, een ondeugende energie.’ Impostersyndroom ‘Ik schiet constant heen en weer tussen twee uitersten. Soms denk ik: dit is het beste wat ooit gemaakt is. Als ik het dan op Instagram zet, denk ik: nee, dit is echt heel slecht. Dit slaat nergens op. Niemand gaat dit leuk vinden. Soms heb ik juist last van het imposter­ syndroom – dat gevoel dat ik gewoon maar wat doe, fake it till you make it. Het schiet alle kanten op.’ Werk en ambitie ‘Ik zie mijn werk zowel als een baan (om de rekeningen te betalen) als een carrière (iets waar ik in wil groeien). Die twee probeer ik te combineren. In het begin heb je meestal gewoon een

umet

Met haar comicserie How to Adult won Puck Paassen een paar jaar geleden de Keep an Eye Animation Talent Award. Haar serie is een herkenbare zoektocht door haar eigen struggles en die van haar generatiegenoten. Want hoe doe je dat eigenlijk, volwassen worden?

hoeis'tn

Patjakker shockeert voor vrouwveiligheid op straat

baantje waar al je tijd in gaat zitten. Na een tijdje kun je steeds meer investeren in je carrière. Mijn baan zorgt ervoor dat ik kan sparen en mijn creatieve projecten kan financieren. Op dit moment werk ik aan een korte film over veiligheid op straat, voor vrouwen. Ik voel me ’s avonds nooit echt veilig en daarom wil ik deze film maken. Het wordt entertainment met een boodschap, met een plottwist richting psychologische horror om mensen aan het denken te zetten en misschien te shockeren.’ Award ‘Mijn docent stelde me voor om me aan te melden voor de Keep an Eye Animation Talent Award – dan kon ik oefenen met pitchen, zei zij. Dat ik won was het laatste wat ik had verwacht. De award heeft me enorm veel nieuwe kansen gebracht. Maar ik dacht ook wel van: O shit, dan moet ik nu ook écht iets gaan doen. Als je zo'n award wint, verwachten mensen ineens van alles. Dan wordt de druk opgevoerd. Een deel van het geld ging naar hardware en software, zodat ik na mijn afstuderen echt aan de slag kon. De rest heb ik bewaard voor samenwerkingen. Ik ben visual storyteller, kan verhalen vertellen, maar een script schrijven blijft lastig. Samenwerken met een schrijver lijkt me geweldig.’ How to adult? ‘Of ik inmiddels weet hoe je volwassen wordt? Dat is een vraag die je hele leven blijft spelen. Want iedereen leeft voor de eerste keer en beleeft daardoor van alles voor de eerste keer. Ook mensen die ouder zijn dan ik, geven toe dat ze het soms niet weten. Misschien kun je wel je eigen handleiding schrijven. Ik denk dat ik nu ongeveer de eerste drie pagina's heb geschreven van wat een dik boekwerk moet worden.’ 2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


AWRDS

Keep an Eye steunt talent in animatie Animatie en visual storytelling vormen een onderbelichte kunstdiscipline waarbij je al snel denkt aan de films van Pixar, zoals Inside Out. Er valt echter veel meer onder animatie, zoals graphic novels en spotprenten. Keep an Eye ondersteunt drie trajecten voor studenten aan de St. Joost School of Art & Design.

Huiveringwekkende dansplaag < Winnaar van de Animation Talent Award 2024 Eddy Wu – Animated Documentary on HIV Disclosure Experiences

I

n de minor Development for Visual Storytelling ontwikkelen talentvolle studenten ideeën voor bijvoorbeeld een computergame, tv-animatie of film. Mede dankzij Keep an Eye volgen studenten masterclasses van internationaal gerenommeerde makers. Na maanden van hard werk presenteerden de studenten vol trots hun animatieproject. In het studieprogramma leren studenten hoe ze van een eerste ruwe ingeving een volledig pitchpakket kunnen maken, door hun idee uit te werken in een overtuigend concept voor een animatiefilm of tv-serie. Het doel is een project zo sterk uitgewerkt neerzetten dat studio’s en producenten er volmondig ‘ja’ tegen willen zeggen. Een deskundige vakjury had de taak om één project te bekronen met de Keep an Eye Development for Visual Storytelling Award. Deze prijs betekent niet alleen erkenning, maar is ook een unieke kans: het winnende team mocht afreizen naar het prestigieuze animatiefestival van Annecy, dé plek waar de internationale animatie-industrie samenkomt.

Griezelsprookjes tot leven gewekt Na een reeks indrukwekkende pitches

koos de jury unaniem voor Tales Told by Crimson. De jury was onder de indruk van de pitch en prees de compleetheid van het project. De combinatie van een sterke visuele stijl, een overtuigende presentatie en een goed doordacht format maakte Tales Told by Crimson tot de duidelijke winnaar. Het concept blonk uit in originaliteit en had alles in zich om verder ontwikkeld te worden tot volwaardige serie. Tijdens de pitch kregen de jury­leden een reeks prachtige beelden te zien die de eerste aflevering tot leven brachten. De aflevering verweeft het sinistere sprookje De rode schoentjes met de huiveringwekkende dansplaag uit de zestiende eeuw, een waargebeurde geschiedenis waarbij mensen dagenlang oncontroleerbaar bleven dansen – met fatale gevolgen. Naast deze pilot had het team al ideeën uitgewerkt voor zes extra afleveringen, elk met een unieke horrorvertelling. Om hun concept nog sterker over te brengen, hadden ze een geanimeerde teaser ontwikkeld, die de sfeer en stijl van de serie perfect weergaf.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Development for Visual Storytelling Award, vakjury Drie professionals uit de animatie­ wereld: Joost van den Bosch (KaChing Cartoons),Yiuloon Lee (Filmfonds) en Milo Cremer (Submarine, Eindhoven). Winnend team Het team achter Tales Told by Crimson bestaat uit: Marit Noordam, Nile Fer­ guson, Sofie Klaaijsen, Naomi Baas en Aisha Verpoort. Masterclasses Studenten aan de masteropleiding Animation krijgen masterclasses gericht op werkveldoriëntatie en beroepsvaardigheden. In deze work­ shops leren de studenten van profes­ sionals hoe de beroepspraktijk werkt en hoe zij hun projecten overtuigend kunnen presenteren. Dit kan ervoor zorgen dat mooie projecten worden gerealiseerd. Bovendien leren de mas­ terstudenten een goed projectvoorstel te schrijven voor de Animation Talent Award. 45


UITTIP W.CO-C REATOR .NU

Maarten van Gageldonk, Pathway leader Master Animation, St. Joost School of Art & Design

JAIM E KO RBEE / WW

Getekende beweging, volledige verbeelding

The Shortest Relationship in the World

Mother's Child

On Weary Wings Go By

Group Session

46

Kaboom Animation Festival ‘Animatie is niet de kunst van bewegende tekeningen, maar de kunst van getekende bewegingen,’ schreef de Canadese animator Norman McLaren ooit. Animatie is ook een kunstvorm waarin alles verbeeld kan worden, een kunstvorm die volledige vrijheid biedt aan de filmmaker. Kaboom Animation Festival (jaarlijks in maart, in Amsterdam, Utrecht en online) laat animatie zien in al haar verschijningsvormen. Wat leuk is aan Kaboom is dat er zowel grotere, bekendere films draaien als klein, experimenteel werk. Het festival trekt veel jonge makers aan, van wie de films vaak in de studentencompetitie draaien. Bij Kaboom zie je dat Nederland niet alleen een hele levendige animatiescene heeft, maar ook dat animatie vaak ingezet wordt om allerlei maatschappelijke zaken te bespreken. Veel discussies in de maatschappij gaan op dit moment over representatie. Animatie is een gaaf medium voor dit onderwerp omdat het zo flexibel is in wat het

Will You Come With Me

MIMT

Scars We Love

kan verbeelden. Het Kaboomprogramma is groot (zo’n 250 films in verschillende programma’s) en dat maakt het extra leuk omdat je van veel kunt proeven. Een goede tip is om in ieder geval naar een paar van de competitieprogramma’s te gaan. Dan krijg je een goed beeld van wat er in de wereld allemaal gemaakt wordt aan animatie. Ook leuk is dat het festival ieder jaar een thema heeft dat terugkomt in de filmprogramma’s, de workshops en het decor. Vorig jaar was dat thema ‘Protest’. Er was een workshop protestborden maken en er waren animatiefilms met een activistische boodschap. Laatste tip: het is altijd leuk om naar het programma laat op de avond te gaan. Hier draaien de meer uitgesproken films en er zijn vaak programma’s met publieksinteractie. Kaboom heeft in zowel Utrecht als Amsterdam een fijn festivalcafé waar animatoren en niet-animatoren elkaar ontmoeten.

(13-22 maart 2026, Utrecht, Amsterdam en online) Hoofs on Skates

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


KORT GEWIEKT

In de ban van de rat

MENNO VAN DER MEER

Ratatouille

Vijfentwintig jaar geleden ontstond de Dutch Don’t Dance Division (DeDDDD) in de woonkamer van choreografen Thom Stuart en Rinus Sprong. Ondertussen is DeDDDD uitgegroeid tot producent van cultuurparticipatieprojecten, educatieve trajecten, cursussen en dansvoorstellingen. Daarnaast heeft het gezelschap de functie van talentontwikkelingsinstituut, zowel voor amateurdansers als (pre)professionele dansers. Als officieel leerwerkbedrijf biedt DeDDDD jaarlijks circa tien jonge, beginnende dansers een schat aan ervaring. Zij kunnen er als danser en docent vlieguren maken. Vanaf het prille begin had DeDDDD een helder doel voor ogen: dans toegankelijk maken voor iedereen, ongeacht leeftijd. Stuart en Sprong hebben ballet uit de zwarte doos van het theater gehaald en naar alle soorten podia binnen en buiten Den Haag gebracht: van verpleeghuizen tot basisscholen, van de Hofvijver tot het stadhuis, van optredens bij Armin van Buuren tot in de Grote Kerk, van huiskamers tot choreografieën voor duizend amateurs, en van breakdance tot Bollywood.

De Notenkraker

DeDDDD

zette de kersttraditie in 2024 weer voort met Ratatouille, het verhaal van de jonge kok Linguini, die met hulp van een rat succesvol wordt. DeDDDD gaf natuurlijk een eigen draai aan dit beroemde verhaal, dat zich afspeelde in een sfeervol, winters Den Haag en uitmondde in een smakelijk kerstfeest. Samen met zestig amateurs (van jong tot oud) stonden de professionele dansers-in-residence van DeDDDD op het podium te stralen tijdens zes uitverkochte voorstellingen in Amare. Op de vrolijke muziek van Karen Khachaturian’s ballet Cipollino was het de ultieme familievoorstelling tijdens de kerstdagen. Daarnaast bracht DeDDDD ter ere van het 25-jarig jubileum publiekslieveling De Notenkraker terug op de planken. In het verhaal gaat Amalia van Wassenaer met Kerst naar de Grote Kerk, samen met haar vorstelijke familie. Tijdens de preek valt ze klokslag twaalf uur in slaap. Als ze wakker wordt, is haar familie verdwenen en wordt ze omringd door muizen, ratten en een Rattenkoning. Haar Notenkrakerpop, kerstcadeau van haar oom Unico, schiet haar te hulp. Maar ook hij kan de gruwel niet bedwingen, tot oom Unico ingrijpt en de nachtmerrie in een droom verandert. De Notenkraker verandert in een knappe prins en de Suikerfee laat mensen uit alle windstreken dansen. Als Amalia wakker schrikt, zit ze weer naast haar familie in de kerkbank . Op weg naar huis ziet ze de sneeuwvlokken door de lucht dansen.

www.ddddd.nu

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

47


FILM

O

p het Keep an Eye Filmacademie Festival presenteerden studenten van de Film­ academie hun eindexamenwerk aan het grote publiek en aan professionals uit het vak in het filmwalhalla Eye. De afstuderende studenten kondigden hun eigen films aan, voorafgaand aan de vertoning op het witte doek. Het bijzon­ dere van deze dag was dat er tal van korte films te zien waren die de kijker elke keer weer in een compleet nieuwe sfeer en nieuw verhaal onder­ dompelden. Het was opnieuw een indrukwek­ kende lichting met persoonlijke, indringende verhalen met maatschappelijke relevantie.

Beneath the Baobab Tree regie: Gora Mboup Wanneer de zwangere May verontrustende visioenen krijgt over haar ongeboren kind, zoekt ze haar afwezige vader Emmanuel op. Daar ontdekt ze de sporen van een generationeel trauma dat hem heeft gevormd. In haar zoektocht naar verbinding wordt ze geconfronteerd met het pijnlijke verleden. Zal zij het patroon doorbreken of doorgeven?

FOTO'S: ERWIN VAN AMSTEL

Stills Beneath the Baobab Tree

kus kus beng beng regie: Ollie Launspach In kus kus beng beng, een liefdesportret van homevideo’s, foto’s, dagboeken, audio-opnames en interviews, onderzoekt regisseur Ollie Launspach de invloed van zijn transitie op zijn vriendin Sterre Mulder. Terwijl hij haar gevoelswereld probeert te doorgronden, tekent de chaos in zijn eigen hoofd zich langzaam af.

48

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


AWRDS

Score kus kus beng beng knalt van scherm af

Winnaar Keep an Eye Filmscore Award: Xiangming Niu

D

e Keep an Eye Filmscore Award 2025 is toegekend aan componist Xiangming Niu, die de muziek schreef voor de film kus kus beng beng. Daarnaast ontving componist Pablo González Cardona een Special Mention voor zijn muziek bij de afstudeerfilm Beneath the Baobab Tree. De vakjury bestond uit drie professionals uit het veld van film en muziek: componist Mojan Alaiyeh, sound designer Michel Schöpping en componist Bob Zimmerman. Volgens het juryrapport was ook dit jaar het niveau van de ingezonden filmmuziek buitengewoon hoog. De jury sprak haar bewondering uit voor de creatieve benaderingen en het technische vakmanschap van de studenten. Over de winnende compositie stond in het rapport: ‘Voor de jury sprong deze componist eruit vanwege de opvallende diversiteit in de muzikale aanpak. De score is origineel, onverwacht en kent een rijke veelzijdigheid. Bovendien getuigt het geheel van een diep en verfijnd dramatisch inzicht. (…) De componist heeft er bewust voor gekozen om het hoofdonder­werp van de film niet letterlijk te vertalen naar een muzikaal thema, wat juist heeft geleid tot een meerlagige, intrigerende en rijke beleving van de film.’ Stills kus kus beng

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

beng

Keep an Eye Filmscore Award Aan de Hogeschool voor de Kunsten in Amsterdam bestaat de mogelijkheid om de tweejarige Master Composing for Film te volgen. In deze voor Europa unieke afstudeerrichting werkt de Filmacademie samen met het Conservatorium van Amsterdam. Keep an Eye reikt een award uit aan de beste componist. De winnaar wordt gekozen door een vakjury. De Award bestaat uit een geldbedrag van € 3500. Daarnaast is er een speciale vermelding die beloond wordt met € 500. Beide bedragen zijn te besteden aan apparatuur en verdere professionele ontwikkeling.

49


FILM scriptbank

FOTO 'S: MOM ENTTOM

50

Ca A

fgelopen zomer vond de tweede editie van Keep an Eye on New Screenwriters plaats – een initiatief dat afstuderende scenario­schrijvers van acht verschillende opleidingen een unieke kans bood om hun entree in de filmindustrie te maken. De dag begon met een pitchworkshop van Gwyneth Sleutel, waarna de scenaristen in kleine groepen nieuwe film- en serieconcepten ontwikkelden. Op basis van thema’s en opdrachten die ze in de ochtend kregen, werkten ze intensief samen aan het bedenken van originele verhalen. Aan het eind van de dag pitchten ze hun ideeën voor een panel met vertegenwoordigers van onder andere Netflix, KRO-NCRV en het Nederlands Filmfonds. Spannend – want in korte tijd en in nieuwe teams tot een overtuigend idee komen was een uitdaging. Toch wisten de deelnemers zowel panel als publiek te verrassen met hun creativiteit en lef. Tegelijk kregen ze een unieke inkijk in de denkwereld van beslissers en praktische handvatten voor hun verdere carrière. Naast workshops en pitches stonden speeddates met filmprofessionals op het programma. Deze kennismakingsgesprekken werden zorgvuldig ingedeeld om de kans op een vruchtbare samenwerking te vergroten. Want een carrière begint vaak met een persoonlijke klik.

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


WRKSHP

rrière zoekt

klik E

lk jaar studeert een nieuwe lichting scenario­ schrijvers af, vol frisse ideeën en ambitie om de film- en televisiewereld te veroveren. Maar hoe vind je als beginnend schrijver je plek in een industrie die draait om netwerken, timing en vertrouwen? Scriptbank en Keep an Eye Foundation slaan de handen ineen om dat gat te overbruggen. Met Keep an Eye on New Screenwriters geven zij jong schrijftalent de kans om zich te laten zien, te groeien en in contact te komen met de mensen die hun verhalen kunnen realiseren. Een plek waar ideeën geboren worden, samenwerkingen ontstaan en carrières beginnen. Scriptbank speurt actief naar nieuw schrijftalent voor producenten, omroepen en streamingplatforms. Via een breed netwerk van scriptcoaches, scenariodocenten, talenthubs en workshops ontdekt Scriptbank talentvolle scenarioschrijvers. Ze lezen scripts, volgen schrijvers tijdens hun ontwikkeling en bieden diverse trajecten aan om hen te helpen hun ideeën om te zetten in pakkende pitches en sterke scripts. Daarnaast adviseren ze bij het samenstellen van schrijfteams. Zo vormt Scriptbank een belangrijke schakel tussen opkomende scenaristen en de film- en televisiewereld.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

51


2025 ELD ACAD EMIE FASH ION SHOW FOTO 'S BOVEN: GERR IT RIETV

Modeontwerpers

Andere kijk

Voor deze show experimenteerde de afdeling Mode van de Gerrit Rietveld Academie met de traditionele structuur van een modeshow. Gewoonlijk showen modellen hun looks op een catwalk en zit het publiek daaromheen. Dit jaar draaide de modeshow op initiatief van de afstudeerders de rollen om. Het publiek was zowel bezoeker als model. Ook zij showden en kregen applaus. Dit veranderde de perceptie van degenen die betrokken zijn bij de productie van mode. De collecties verkenden het lichaam in al zijn vormen, bewegingen en sporen van gebruik, maar ook nieuwe interpretaties van het bekende – van alledaags tot abstract, van symbolisch tot filosofisch.

52

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


MSTRCLSS

draaien rollen om

GRA x Keep an Eye Academy Onder de noemer GRA x Keep an Eye Academy slaan de modeafdeling van de Gerrit Rietveld Academie en de Keep an Eye Foundation de handen ineen om studenten verder te helpen in hun creatieve én zakelijke ontwikkeling. In een begeleidingstraject met masterclasses en coaching worden de studenten uitgedaagd om na te denken over presentatie, storytelling en ondernemerschap – essentiële vaardigheden om zich als ontwerper staande te houden in het professionele werkveld. De jaarlijkse presentatie van de afdeling Mode van de Gerrit Rietveld Academie vond plaats in De Hallen Studio’s in Amsterdam. Tijdens deze show presenteerden Meike Bouman, Inês Quinzereis, Iain de Ruiter, Dante Romee Tieleman, Larissa de Jager, Claudia Sánchez Bermúdez, Elle Rusu, Pluk van Herwijnen, Gijs van Herwaarden, Tyra Plucer-Sarna en Leah Mann hun afstudeerproject.

Kritische en open houding

53

FOTO 'S OND ER: NIKO LA LAMB

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

UROV

Bij de modeafdeling worden studenten uitgenodigd om de culturele en sociale betekenissen van kleding en mode te onderzoeken vanuit een kritische, open houding. Ze worden ondersteund en aangemoedigd om het gevestigde, commercieel gedreven modesysteem uit te dagen en te bevragen. Daarbij werken ze aan meer sociale, radicale, inclusieve, multidisciplinaire, duurzame en meerstemmige vormen van mode. Door een combinatie van theorie en praktijk en door te experimenteren met materiaal en techniek ontwikkelen studenten hun eigen manier van werken. Tegelijkertijd blijven ze betrokken bij en leveren ze een bijdrage aan de gemeenschap waarin ze zich bevinden.


FOTO'S: JONA HARNISCH MACHER

Root, El & Elle

Planet Circus

Festival Circolo Root, El & Elle – Lyre Zachor en Lance Priester

Er was eens een meisje dat droomde van vliegen en een jongen met een gouden stem. Ze kruisten elkaars pad en ergens diep in de nacht ontstond een dialoog onder de sterren. Ze spraken hun dromen uit en vonden iets kostbaars: iemand bij wie je jezelf kunt zijn. Zo werd een idee geboren en een band gesmeed. In Root nodigen El & Elle je uit in een spel van beweging en melodie, gevoed door vertrouwen en geleid door speelsheid. Hun openheid herinnert ons aan wat echt telt: de momenten die we delen.

PLANET CIRCUS – Aylish Bik

Net als de savanne, de jungle of het tropisch regenwoud is het circus een ecosysteem, een plek waar levende wezens in wisselwerking zijn met hun omgeving. De voorstelling biedt een unieke blik op het leven van een handstandartieste. Door de lens van een natuurdocumentaire ontdekt het publiek welke uitdagingen zij dagelijks trotseert.

KENAVO – Tim van den Bos de Lucas, Ahmed Zariohi Mokadem, Joran le Gall (muziek)

Kenavo is een poëtische en fysieke ode aan de ongrijpbare gevoelens die volgen wanneer je een dierbare verliest. In een surrealistische wereld vol beelden, klank en beweging nemen twee performers je mee op een reis door rouw, herinnering en transformatie. Tim van den Bos de Lucas verkent samen met een medespeler en een muzikant een nieuw, gevoelig vocabulaire binnen de loopdiscipline parkour. Gedragen door livemuziek bewegen ze door een schemerzone tussen circus, dans en freerunning.

Keep an Eye Circus and Performance Award

KENAVO

54

Circus is allang niet meer een parade van dieren die kunstjes doen, maar steeds meer een theatraal spektakel met mensen die bijzondere performances laten zien. Het is bovendien nog steeds een plek vol magie en verwondering. Samen met de Fontys Academy for Circus and Performance Arts en Festival Circolo wil Keep an Eye jong circustalent een succesvolle start geven in Nederland en de discipline op de kaart zetten. Een vakjury selecteerde drie studenten voor een bijzonder begeleidingstraject in aanloop naar hun eindexamenvoorstelling. De winnaars van deze award trainden maandenlang en gingen in residentie in Cultuurhuis de Warande, Turnhout (België). Kers op de taart: ze mochten hun werk als volwaardige voorstelling opvoeren tijdens Festival Circolo in Tilburg.

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


AWRDS

ANAHI CLEMENS

TENT

Vijfde festival vol verrassingen

A Day at the Circus

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Acrobatiek speelt een sleutelrol in het hoofdprogramma van This is Not a Circus, het festival van TENT, huis voor hedendaags circus, in samenwerking met Theater Bellevue. Voor de vijfde keer presenteerde het festival in Amsterdam nieuwe circusvormen uit Nederland. Er is in Nederland een nieuwe generatie artiesten opgestaan die met circus hun plek in de wereld veroveren. Een selectie hiervan is te zien tijdens This is Not a Circus. Op de speciale bijeenkomst A Day at the Circus komen makers, programmeurs, marketeers, technici en journalisten zich verdiepen in het werkveld. Het festival zorgt voor verbinding tussen hedendaags circus en andere kunstvormen. De bijdrage van de Keep an Eye Foundation maakt het mogelijk om werk van jonge circusmakers te presenteren aan zowel het professionele veld als een breed publiek. Ook kan TENT door deze bijdrage opdrachten uitschrijven voor nieuw te ontwikkelen werk.

FOTO'S : JOSTIJN LIGTVOET

This is Not a Circus

55


back to base

S

inds 2024 draagt de Keep an Eye Foundation bij aan het halfjaarlijkse open podium van TENT, huis voor hedendaags circus. BACK TO BASE biedt al meer dan tien jaar een podium waar circusmakers zich presenteren aan professionals, vakgenoten en een lokaal publiek. Makers kunnen bestaand werk tonen of nieuw werk testen in een veilige omgeving. Het is ook een toegankelijke manier voor nieuw publiek om kennis te maken met hedendaags circus. Via een open call worden makers geselecteerd die net of bijna zijn afgestudeerd, of al enige tijd actief zijn. Veel makers hebben hun werk na BACK TO BASE verder kunnen ontwikkelen of op andere locaties kunnen spelen. Zowel bezoekers als deelnemers zijn enthousiast over dit open podium, het enige voor hedendaags circus in Nederland.

Open podium blijft verbazen

Podium Likeminds in Amsterdam was tijdens afgelopen editie weer tot de nok gevuld met nieuwsgierige buurtbewoners, gepassioneerde circusliefhebbers en ervaren professionals. Tijdens deze editie kwamen vijf uiteenlopende acts voorbij, van work-in-progress tot fragmenten uit grotere voorstellingen. Sommige artiesten stonden hier voor het eerst buiten hun opleiding, anderen testten nieuwe ideeën voor een live-publiek. Het publiek was getuige van een avond vol energie, experiment en verwondering. De ‘pay what you want’-entree bleek een goede keuze. Bezoekers droegen enthousiast en gul bij. Een prachtige blijk van steun aan het onafhankelijke circusveld en een krachtig signaal dat er behoefte is aan dit soort vrije, onderzoekende podia. 56

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN

FOTO 'S: ANA HI CLEM ENS

Energie en experiment


Liefde voor rafelranden en afbrokkelend beton

‘C

hoeis'tnum et

entra van steden zijn grotendeels gepolijst en gladgestreken, bijna als een decor. Hoe verder je naar de randen gaat, hoe meer dat decor begint af te brokkelen. Industrieterreinen, kantoren, metrostations, enorme viaducten. Massieve, soms overweldigende plekken en gebouwen die vaak puur functioneel zijn, waar je alleen komt omdat je ergens anders naartoe moet. Het zijn nooit de meest gemoedelijke plekken; ze hebben iets onbestemds. Mensen haasten zich er meestal snel doorheen. Precies die plekken trekken me juist aan. Het zijn bijna kunstwerken: vervreemdend, maar op een mooie manier.’ Vastgelegd voor het verdwijnt ‘In het project dat ik deed na mijn afstuderen keek ik naar hoe een stad verandert. In Amsterdam Noord bijvoorbeeld veranderen oude bedrijventerreinen in woonwijken. Ik wilde die plekken vastleggen voordat ze helemaal verdwijnen. Daarom knipte ik objecten en constructies los uit hun omgeving en maakte daar nieuwe bouwwerkjes van. Ik plaatste ze op een voetstuk. Nu haal ik vooral inspiratie uit de randen van de stad: de marges. Daar fotografeer ik vormen en texturen en bouw er in een 3D-programma installaties van, waar je omheen en doorheen kunt lopen. Je ziet ze dus steeds vanuit een ander perspectief. Zoals je ook door een stad beweegt: je bekijkt een gebouw nooit alleen van één kant, maar steeds vanuit een ander standpunt. Voor mij gaat dat over hoe je een stad ervaart.’ Omgekeerde architectuur ‘Met dit werk keer ik eigenlijk terug naar waar ik ooit begon, maar nu vanuit een andere invalshoek. Eigenlijk is het een soort omgekeerde archi-

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Daan Russcher studeerde Bouwtechnische Bedrijfskunde, maar legt steden liever vast dan dat hij ze ontwerpt. Daarom maakte hij de overstap naar de kunstacademie. Zijn afstudeerproject leverde hem in 2020 het Keep an Eye Photography Stipendium op.

tectuur. Mijn studie Bouwtechnische Bedrijfskunde was vooral praktisch: je werkt volgens een stappenplan: doe dit en je doet het goed. Wijk je daarvan af, dan klopt het niet. In de kunst draait het juist om de verbeelding. Ik daag mezelf uit iets te laten ontstaan zonder dat ik vooraf weet wat het wordt. Het kan alle kanten op, en precies die vrijheid maakt het zo leuk.’ Niet het meest gezellige materiaal ‘Mijn oog valt vaak op details in gebouwen en constructies. Betonnen gevels, de zijkant van een trappenhuis in een metrostation waar de tegeltjes afbrokkelen, of een verweerde pilaar onder een viaduct. De aantasting van materialen is een belangrijk onderdeel, het zijn de scheuren in het decor van de stad. Beton is niet het gezelligste materiaal, het kan afstandelijk voelen. Sculpturaal heeft het ontzettend interessante eigenschappen. Superhard, maar eerst vloeibaar cement, dat je in elke vorm kunt gieten. Bovendien is beton heel puur: het is wat het is, zeker wanneer er geen ornamenten aan zijn toegevoegd.’

Daan Russc he

r

Fascinatie voor stedelijk gebied ‘Het heeft best lang geduurd voordat ik richting de kunst ging. Ik kom niet uit een kunstenaarsgezin. Wij gingen thuis nooit naar een museum. Fotografie hield me wel altijd bezig, vooral hobbymatig. Toen ik een studie moest kiezen, koos ik voor zekerheid: iets waarmee je geld kon verdienen. Mijn vader was ingenieur, dat beroep kende ik. Ik was pas zeventien; dan weet je natuurlijk nog niet echt wat je wilt. Pas in mijn derde jaar dacht ik: dit is het niet, hier word ik niet gelukkig van. Misschien moet ik toch iets met die fotografie doen. Ik maakte de studie af om een diploma te hebben. Je weet maar nooit: stel dat het niets wordt, dan kan ik altijd daarop terugvallen.’ Ruimte voor experiment ‘Mijn eindexamenproject A Threefold Experience of Spaces (2020) leverde me het Keep an Eye Photography Stipendium op. Daarmee kon ik verder werken aan mijn volgende project, later te zien in Galerie Pouloeuff. Het heeft ontzettend veel betekend. We kregen niet alleen dat royale bedrag van € 10.000, maar ook begeleiding. Heel fijn, daardoor stond ik er niet ineens helemaal alleen voor. Het stipendium gaf bovendien tijd en ruimte om te experimenteren. We hadden een heel jaar om naar de expositie toe te werken. Het is prettig om te weten dat er iets op de planning staat, dat geeft richting.’

57


RON VAN EWIJ K

FekieFikie

FekieFikie door Adriënne Verburg

verdwijnt? Kan gevoel worden uitgedrukt door het gewicht van een materiaal, de stilte van een beeld, de textuur van een herinnering? Het project begint aan de rand van de spraak en put uit de persoonlijke ervaring van de kunstenaar met het ontwikkelen van haar eigen taal als kind. Met behulp van fotografie, misschien wel de meest universele taal, construeert ze een visueel lexicon dat niet berust op syntaxis of grammatica, maar op intuïtie, spanning en visuele resonantie. De kijker wordt uitgenodigd tot een uitwisseling met een open einde, waarbij beelden fungeren als emotionele triggers die tegelijkertijd complexiteit en dubbelzinnigheid omarmen: niet alles is leesbaar, en daar gaat het om. Wat dit project zo bijzonder maakt, is de weigering van helderheid. Het stelt een ander soort begrip voor – langzamer, vreemder, meer gevoeld dan gesproken. Door de nadruk te leggen op de gladheid van taal en de rijkdom van wat eronder ligt, creëert dit werk een ruimte waarin betekenis niet wordt geleverd, maar ontdekt.’

JONN A BRUIN SMA

Juryrapport ‘Wat zeggen we als woorden tekortschieten – als taal hapert, wankelt, helemaal

Beelden uit persoonlijke

Exposure

Dit jaar was het werk van de genomineerden voor het Keep an Eye Photography Stipendium op de academie te zien in de tentoonstelling Exposure, samen met het werk van eindexamenstudenten van de andere media-afdelingen. Iyanla Etnel, Ken Stove en Adriënne Verburg namen tijdens een feestelijke uitreiking ieder de prijs in ontvangst. Tijdens HKU Exposure bejubelde de vakjury de drie talentvolle winnaars met lovende woorden. De studenten hadden een plan ingediend en aan de jury gepitcht. In het juryrapport schreven Katy Hundertmark (managing editor Foam Magazine en curator FOAM), Jaya Pelupessy (kunstenaar) en Guinevere Ras (curator Nederlands Fotomuseum in Rotterdam): ‘De genomineerde afstudeerprojecten van het Keep an Eye Stipendium 2025 getuigen wederom van een hoog niveau in presentatie en afwerking. Veel makers vertrekken vanuit een persoonlijke bron en slagen erin deze te vertalen naar werk dat uitnodigt tot reflectie, herkenning en empathie. Ze raken daarmee thema’s aan die de individuele ervaring overstijgen. Opvallend is het aantal makers dat het fotografische object bevraagt, waarbij fotografie eerder als vertrekpunt dan als eindpunt fungeert. Daartegenover staan makers die juist een ode brengen aan de directe, visuele kracht van het medium zelf. Een rijke samenstelling van benaderingen, die de commissie voor lastige keuzes stelde.’ 58

HKU Photography Stipendium De opleiding Photography aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht leidt beeldmakers op die behalve de wereld en hun eigen positie ook het medium fotografie bevragen. De camera staat steeds vaker symbool voor een manier van kijken die strategisch wordt ingezet in een experimenteel proces. Daarin wordt een grote verscheidenheid aan invloeden omarmd en onderzocht. De vrijheid die studenten voelen om te experimenteren karakteriseert de opleiding. Het Keep an Eye Photography Stipendium is bedoeld om afgestudeerden van de afdeling Photography 2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


AWRDS

Fowru door Ken Stove

Juryrapport ‘Via een gelaagde vertelling

Fowru

die zich langzaam ontvouwt, worden we meegenomen in een zoektocht naar afkomst, herinnering en herkenning. Hoe verhoud je je tot een geschiedenis die jou gevormd heeft, maar die je zelf niet hebt meegemaakt? Het werk communiceert zorgvuldig en met subtiele symboliek, op een directe, maar nooit illustratieve manier. We bewegen ons non-lineair door tijdlijnen waarin grenzen vervagen en de verbeelding begint. Het werk is intiem, maar kijkt tegelijk naar buiten, als een uitnodiging om mee te herinneren, en je opnieuw te positioneren binnen een groter verhaal. We zien in dit project een duidelijke potentie voor de voortzetting van een artistieke verkenning die urgent en relevant is. Een zoektocht waarin terugkijken een methode wordt om vooruit te kijken, en waarin een derde generatie migratie een stem krijgt die niet alleen getuigt, maar ook eigenaarschap neemt over hoe hun geschiedenis wordt verteld.’

bronnen

Calling the Birds Home door Iyanla Etnel

Juryrapport ‘Calling the Birds Home

is een betoverende meditatie over het geheugen, lichamelijke soevereiniteit en de onzichtbare littekens van de koloniale geschiedenis op het lichaam van vrouwen van kleur. Het werk wordt gepresenteerd als een intiem drieluik – drie schermen, drie tijdlijnen, drie pulsen – en verbindt heden en verleden niet als een verhaal, maar als een belichaamd gevoel. Het vraagt er niet om in conventionele termen begrepen te worden; het vraagt erom gevoeld te worden zonder te specificeren hoe. Het langzame tempo en de bijna-stilte van haar onderwerpen maken ruimte voor wat vaak ongezien blijft: de stille pijn van intergenerationele trauma’s en de langzame, radicale daad van terugkeer. De meeslepende soundscape van de film – gelaagd met vrouwenstemmen, zang en adem – werkt als een roeping, een aanroeping. Deze sonische draden reiken door de tijd heen en echoën de titel zelf: een gebaar van oproepen, van iets dat lang verdween terugbrengen in de aanwezigheid.’

Calling the Birds Home

van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht direct na de opleiding ondersteuning te bieden en een financiële stimulans te geven. Het stipendium draagt bij aan de profilering als maker en beginnend kunstenaar en maakt het mogelijk voor de afgestudeerden om zich met behulp van coaching te vestigen in een passend werkveld. De drie stipendiaten ontvangen elk een geldbedrag van € 10.000, waarvan € 2500 bedoeld is voor coaching. Er wordt een vijftal coaches aangesteld om afgestudeerden zowel artistiek-inhoudelijk als op het vlak van ondernemerschap en strategisch plannen te begeleiden.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

59


Is er leven

Wereldveroveraars

Fine Art-alumna Bobbi Essers was resident in het Air Pastoe-programma 2024-2025. Ze installeerde zich zes maanden bij HKU Beeldende Kunst in de Pastoe Fabriek. Essers bestormt de kunstwereld met haar rauwe en intieme schilderijen. Ze studeerde in 2022 af aan de HKU en won sindsdien verschillende prijzen, waaronder de Koninklijke Prijs voor Vrije Schilderkunst 2023. Afgelopen jaar was haar werk te zien in verschillende tentoonstellingen, in onder andere Museum More, het Centraal Museum en over de grens bij Unit London. ‘Haar verbinding met de HKU, gecombineerd met haar actieve praktijk, past volledig bij onze wensen met betrekking tot het Air Pastoe-programma,’ aldus het docententeam. Aan het einde van de residentieperiode maakt de kunstenaar altijd een expositie in de AG (Academie Galerie Utrecht). Bobbi sloot haar residentieperiode af met de tentoonstelling Rule the World. Zes maanden lang dompelde zij zich onder in het studentenleven: ze liep mee in de ateliers, gaf masterclasses, zette verrassende minipresentaties op in de entreehal van Pastoe en organiseerde samen met vijf bevlogen kunstenaars uit haar netwerk inspirerende lezingen en studiobezoeken. Centraal in deze uitwisseling: de spannende vraag ‘wat komt er na de academie?’ Voor studenten was het een unieke kans om via Bobbi en haar gasten waardevolle inzichten te krijgen over het professionele kunstveld – van postacademische opleidingen en galeries tot het verkopen van werk en de kunst van het netwerken. In de ateliers ontstonden vanzelf boeiende gesprekken over het werk van de studenten. Op basis van deze ontmoetingen selecteerde Bobbi samen met de gastkunstenaars werk van twaalf derde- en vierdejaars. In Rule the World waren de werken te zien zij aan zij met die van de vijf professionals en natuurlijk met werk van Bobbi zelf.

60

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


na de academie? FOTO'S: KAKA LEE

MSTRCLSS

B

innen het curriculum van de HKU wil de opleiding Fine Art benadrukken dat het denken richting moet krijgen vanuit het avontuur van het maken. Vanuit deze gedachte is de wens ontstaan om een inspirerende professionele kunstenaar op de vloer aan het werk te zien. Iemand die je deelgenoot laat zijn van diens proces, aan wie je vragen kunt stellen en van wie je op allerlei manieren kunt leren, maar die anders dan een vaste docent niet verantwoordelijk is voor beoordeling of examinering. Die wens gaat in vervulling met een residentie op de opleiding. Elk jaar wordt er een kunstenaar uitgenodigd om gedurende drie dagen per week gebruik te maken van een atelier op de HKU Pastoe Fabriek. In dit atelier werkt de kunstenaar aan de ontwikkeling van het eigen beeldende werk. Keep an Eye AIR Pastoe geeft de Fine Art studenten niet alleen de mogelijkheid om met professionele kunstenaars over hun werk te spreken, maar ook de kans om ze daadwerkelijk aan het werk te zien in het atelier of in de werkplaats. Het project wordt afgesloten met een expositie en een publicatie na vier jaar.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Studenten Fine Art bereiden zich voor op een leven als kunstenaar. Maar hoe ziet die beroepspraktijk eruit? Om daar een beter beeld van te krijgen maakt Keep an Eye een bijzonder project mogelijk: een ‘artist in residence’op de opleiding.

Deelnemende studenten aan de tentoonstelling Rowan de Beaufort, Hazel van Berkel, Fons Boogaard, Anthony Chiou, Julia van Dijck, Dieuwke Jollema Gorter, Lina de Koning, Helen van Leeuwen, Mauritz Lorenzen, Marieke van Ringelesteijn, Pargol Tavakoli Shirazi, Jochem Witteveen

61


‘A

ls student heb je eigenlijk geen idee hoe de kunstwereld werkt. Galeries kijken pas naar je nadat je bent afgestudeerd. Daarvoor ben je gewoon student, nog niet ‘ready to come out’, zeg maar. Dus willen studenten heel graag weten: hoe is het eigenlijk na de academie? Je hoort wel verhalen, maar het zelf ervaren is totaal anders. Leraren zeggen misschien: na je afstuderen zoek je een atelier, doe je een master en werk je naar een show toe. Maar wat de kunstwereld van je vindt blijft tot je afstuderen een groot vraagteken. Ik weet nog dat ik vlak voor mijn afstuderen doodzenuwachtig werd. Thuis heb ik echt gehuild. Wat als straks iedereen denkt: boeien, dat werk. Leraren waardeerden mijn werk wel, maar ja, dat zijn er maar drie in die hele kunstwereld.’

Veelzeggender werk zonder gezicht Best bijzonder: toen Bobbi Essers artist-in-residence werd aan de HKU, was ze zelf nog maar twee jaar geleden aan diezelfde academie afgestudeerd. Toch bracht ze een indrukwekkende berg ervaring mee. Al tijdens haar afstuderen werd ze opgepikt, waarna het razendsnel ging: prijzen, tentoonstellingen in binnen- én buitenland, samenwerkingen met grote galeries. Tussendoor deed ze ook nog even een master.

Je hoefde je uiteindelijk nergens zorgen over te maken: je werd meteen opgepikt en daarna ging het razendsnel. Dat is natuurlijk geweldig, of gaf het ook druk? ‘In het begin dacht ik vaak: kan ik dit niveau volhouden? Na de HKU begon ik aan een master in Groningen, terwijl ik ondertussen fulltime

62

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


INTERVIEW BOBBI ESSERS

Should we just keep driving

FOTO'S: EVA BROEKEMA

werkte. Soms deed ik meer dan één show per maand. Veel te veel, natuurlijk. Toen durfde ik geen nee te zeggen. Ik greep alles aan, bang om kansen te missen die belangrijk konden zijn. Terwijl ik wist dat het te veel was en ik mezelf kapot werkte. Nu weet ik dat ik niet overal ja op hoef te zeggen. Ik kies zelf wat ik leuk vind, met wie ik wil samenwerken en waar ik mijn energie in wil steken.’ Zijn er momenten dat je iets doet met tegenzin? ‘Soms vragen mensen: ‘Kun je dit of dat maken?’ Maar eerlijk gezegd: nee. Ik werk liever met mijn eigen foto’s, van mijn vrienden, met wat ík wil maken. Ik hoef niemand te pleasen. Ik zou het vreselijk vinden om voor geld mijn vrijheid in te leveren. Dat is het me niet waard. Schilderen vind ik echt heerlijk. Terwijl ik bezig ben, “bingeluister” ik de hele dag series. Soms wel twaalf uur achter elkaar. Dat in combinatie met schilderen is het ultieme relaxen. Op een tafel naast mijn doek staan mijn schilderspullen en mijn lap-

Bobbi Esser voor haar schilderij The World at Our Command

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

AIR Pastoe Een gerenommeerde kunstenaar werkt een halfjaar als artist-inresidence tussen de ateliers van HKU Fine Art-studenten. Zo ontdekken de studenten hoe het leven na de academie eruit kan zien. De residentie eindigt met een tentoonstelling in de Academiegalerie in Utrecht.

top. Ik kijk dus niet, maar hoor het wel. Van documentaires tot realityseries als The Real Housewives. Lekker dramatisch. Soms gebeurt er iets waarvan ik denk: wooh! Dan kijk ik even op. Heerlijk dat ik kan schilderen en ondertussen hard kan lachen. En dan: oké, weer door!’ Je werk is echt indrukwekkend. Is dat een aangeboren talent of heb je er hard voor gewerkt? ‘Mensen zeggen vaak: ‘Jij kon zeker altijd al goed schilderen?’ Eigenlijk wilde ik heel lang actrice worden, ik was helemaal niet met kunst bezig. Als ik terugkijk naar mijn eerste jaren op de academie, zou ik mezelf geen talentvolle tekenaar of schilder noemen. Het was vooral leren, kijken, opnieuw leren. Steeds als ik dacht dat ik op mijn best was, bleek ik een jaar later toch weer beter. Men zegt dat mijn werk realistischer is geworden, maar zelf zie ik vooral dat mijn kleurgebruik sterker is. Alleen al in huidskleur heb ik zoveel tinten en nuances ontdekt. De huid is superintens om te schilderen. Er zijn kunstenaars die hyperrealistisch werken, die alle vlekjes in de huid naschilderen. Dat is insane. Gelukkig streef ik daar niet naar. Ik heb inmiddels mijn eigen balans gevonden: ik hoef niet elk vlekje te schilderen, maar ik kan wel de levendigheid vatten.’ Hoe vond je het, om tussen de studenten te werken waar iedereen over je schouder mee kan kijken? ‘De deuren van mijn atelier kwamen uit op een gang waar de hele dag mensen langsliepen. Niet iedereen stapte binnen, maar ze keken wél. Je hoorde voetstappen naderen, even stilvallen, en dan weer doorgaan. Dan dacht ik: oké, die stond dus te kijken. In het begin voelde ik me erg bekeken, wat natuurlijk ook precies de bedoeling was. Studenten zijn nieuwsgierig, willen weten wat ik doe, stellen vragen. Ik wist dat ik er zat om bekeken te worden. Maar toen ik zelf student was, was ik gewoon een van hen. Nobody cared what I was doing. Wat ik vooral lastig vond: een werk is in het begin altijd lelijk, pas later wordt het mooi. Ik wilde niet dat studenten dachten: zie je wel, ze kan helemaal niet schilderen. Eigenlijk wilde ik gewoon dat ze me cool 63


vonden, zoals ik vroeger zelf tegen gastdocenten opkeek.’

FOTO'S: EVA BROEKEMA

Je schildert snapshots van vrienden en verwerkt die tot collageachtige composities op doek. Het gaat over een diepe, platonische band. Hoe vond je jouw eigen stijl? ‘Toen ik begon, was ik vooral bezig met feminisme. Het rauwe soort, zoals free bleeden. Niet dat ik dat zelf deed, maar ik schilderde het wel: simpele lijnen van een vrouwenlichaam met bloed langs de benen. Feminisme vond en vind ik heel belangrijk. Maar wat ik toen maakte was cliché. Die beelden bestonden al, ze waren niet van mij. In mijn tweede jaar kreeg ik kritiek van een docent: ‘Wat zeg je nou eigenlijk? Kun je dat niet op een manier doen die meer van jou is?’ Dat was pijnlijk om te horen, maar ik wist dat ze gelijk had. Het was niet míjn stem. Ik maakte gewoon wat ik zelf al vaak had gezien. Daar wilde ik los van komen en ik begon portretjes van vrienden te schilderen. Dat vond ik zó leuk. Eerst schilderde ik hun schoenen. Ze mochten zelf een houding kiezen, want schoenen en lichaamstaal zeggen veel over iemands persoonlijkheid. Tijdens corona, in mijn tweede en derde jaar, konden we weinig. We skateboardden vaak in het park naast mijn studentenhuis, soms tot de ochtend. Ik maakte daar foto’s in het donker. Omdat het zo donker was, moest ik flitsen, en juist die flitsfoto’s vond ik prachtig. Die ben ik gaan schilderen. Zo is het gaan rollen, tot het helemaal mijn ding

The rest of the world falls away

werd. Feminisme speelt nog steeds een rol in mijn werk, maar subtieler, minder letterlijk.’ Hoe zit feminisme nu in je werk verweven? ‘Toen ik op academie begon, dacht ik dat alles letterlijk moest, ik legde alles uit. Daardoor bleef er weinig te ontdekken. Toen ik mijn eigen weg ging en vrienden schilderde, veranderde mijn blik. Feminisme gaat voor mij over gelijke rechten voor iedereen. In mijn werk zie je vrouwen, mannen, trans en non-binaire mensen, vaak zonder dat hun gender direct herkenbaar is. Dat is feminisme voor mij: geen hokjes, maar mensen tonen zoals ze willen zijn, hoe ze hun lichaam ownen. Als ik harige benen in een rokje schilder en iemand vraagt: ‘Is dat een man?’ zeg ik: nee, ik ben het zelf in een rokje. Ik heb ook haar.’ Is dat ook de reden dat je geen gezichten schildert, omdat je niet te veel in man-vrouwhokjes wilt denken? ‘Nee. Ik geloof niet dat je aan het uiterlijk kunt zien of iemand man of vrouw is. Vrouwen kunnen ook baardhaar of een brede kaak hebben, mannen kunnen ook zachte of

64

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


Voor studenten is dat enorm waardevol. Het lijkt me veel interessanter om iemand te spreken die net begint, dan iemand die al dertig jaar in het vak zit. Zo’n gevestigde maker heeft ongetwijfeld een boeiende carrière, maar kan zich vaak nauwelijks nog herinneren hoe het allemaal begon. Terwijl juist die eerste jaren na je afstuderen het spannendst zijn, en precies daar maken studenten zich zorgen over.’

vrouwelijke trekken hebben. Die binaire hokjes passen sowieso niet bij de mensen om mij heen, of bij de mensen die ik schilder. De reden dat ik gezichten weglaat, is dat ze afleiden van het verhaal. Voor mij draait het om het samenzijn, om de band tussen mensen. Die zie je het duidelijkst in lichaamstaal: hoe iemand een ander aanraakt, hoe ze naast elkaar zitten, de rust, de ontspanning. Zodra er een gezicht in beeld is, gaat alle aandacht daarheen. Dat merk ik bij mezelf ook: als ik wil weten hoe iemand zich voelt, kijk ik eerst naar het gezicht. Maar op een schilderij trekt dat de volledige focus, en dan gaat de kracht van de lichaamstaal verloren.’ Hoe was het eigenlijk toen je naar Groningen ging voor een master aan het Frank Mohr Instituut, ver van je vrienden? ‘Ik vond het heel zwaar. Al mijn vrienden woonden in Utrecht. Het was altijd heel gezellig en nu was ik de enige die wegging. Maar het is een heel goede keuze geweest. In Groningen had ik de rust en de focus om echt te werken. Naast de master had ik veel shows gepland, dus ik moest keihard aan de bak. Het was ook een superfijne community: onze klas was heel hecht. Het was heerlijk om daar helemaal in ondergedompeld te zijn. Natuurlijk miste ik Utrecht, maar voor mijn werk was Groningen geweldig.’ Tijdens Air Pastoe nodigde je ook vrienden uit om over hun werk te vertellen. ‘Die kunstenaars zijn allemaal jong, nog geen vier jaar afgestudeerd, maar ieder koos een totaal ander pad. De een woont inmiddels in het buitenland, de ander deed een master, weer een ander volgde De Ateliers of koos juist voor veel residenties.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Hoe denk je dat een kunstenaar zich moet laten zien? ‘Tijdens mijn laatste jaar op de academie begon ik dat pas echt serieus te nemen. Veel mensen waren te lui om iets met Instagram te doen, maar ik dacht: ik ga dit gewoon doen. Dus maakte ik een aparte kunstaccount. Lange tijd had ik maar zo’n tweehonderd volgers, zelfs minder. Ik dacht: afstuderen met tweehonderd volgers, dat is niet zo’n goed idee. Dus stelde ik mezelf een doel: minstens duizend volgers bij mijn afstuderen. Uiteindelijk waren het er in een maand twee keer zoveel. Want stel je voor: een curator belandt toevallig op je account. Dan maken tweeduizend volgers toch net wat meer indruk.’ Heb je nog een tip? ‘Zoek je publiek en speel daarop in. Ik ging naar de Instagramaccounts van musea waarvan ik dacht dat mijn werk daar zou passen. Vervolgens keek ik bij de foto’s die bezoekers daar postten. Mijn gedachte was: als jij naar dat museum gaat, vind je mijn werk waarschijnlijk ook interessant. Dus likete ik hun foto’s. Vaak gingen die mensen me dan volgen, niet altijd natuurlijk. In het begin like je honderd posts en krijg je er misschien drie volgers bij. Ik deed het consequent: elke avond voor ik naar bed ging en elke ochtend als ik opstond.’ Denk je dat kopers je werk ook via social media weten te vinden? ‘Absoluut. Bijna iedereen vindt me via Instagram. Twee jaar geleden ontdekte mijn Londense galerie me daar, ik had toen zo’n vierduizend volgers. Blijkbaar was dat genoeg om interessant te zijn. Ik vind het eigenlijk zonde als kunstenaars geen Instagram hebben of het niet gebruiken. Voor mij is het mijn portfolio, belangrijker zelfs dan mijn website. Als je geen galerie hebt, is het echt een goede manier om werk te verkopen. Ik krijg regelmatig dm’s met de vraag of een werk beschikbaar is. Dan verwijs ik ze gewoon door naar de galerie.’

65


e realiseren het ons misschien niet elke dag, maar alles om ons heen is ontworpen. Van de lantaarnpaal op straat tot de stoel waar je op zit. De laatste jaren is er steeds meer aandacht voor duurzaamheid en social design. Jonge ontwerpers richten zich allang niet meer alleen op meubels en dagelijkse gebruiksvoorwerpen. Zij houden zich in toenemende mate bezig met processen in de industrie. Hoe kunnen die milieuvriendelijker worden? Hoe kunnen we zorgen voor een inclusieve samenleving, bijvoorbeeld door ruimte te maken voor mensen met een beperking? Om jonge ontwerpers uit heel Nederland de kans te geven op ondersteuning werken wij samen met de Dutch Design Foundation. Deze stichting organiseert onder andere de Dutch Design Week (DDW).

Topjury voor ontbolsterend talent

Tijdens de DDW ontvangen jaarlijks drie jonge ontwerpers een prijs, mogelijk gemaakt door Keep an Eye. De winnaars van de Emerging Talent Award krijgen elk € 10.000 voor de verdere ontwikkeling van hun werk. De jury van 2025 bracht een breed scala aan disciplines samen. De juryvoorzitter van dit jaar was Borre Akkersdijk, oprichter van BYBORRE®, die ook de rest van de jury samenstelde: Johan Kramer, film- en reclameregisseur; creative director Nathalie van Sasse van Ysselt; architect Samir Bantal, directeur bij AMO; designduo Sabine Marcelis en Paul Cournet van CLOUD studio; en Guillaume Schmidt, medeoprichter van streetwearlabel Patta. ‘Met deze fantastische mix van mensen brengen we verschillende disciplines en perspectieven samen. Van mode en technologie tot

66

Diversiteit is de maatschappelijke innovatie. In die diversiteit ligt vandaag de dag de kracht van ontwerp,’ verklaart juryvoorzitter Borre Akkersdijk. Met de talenten die een award ontvangen, wordt een persoonlijk leerdoelplan gemaakt. Zij worden begeleid door een programmamanager die hen ondersteunt in hun professionele ontwikkeling. Hierbij valt te denken aan het ontwikkelen van ondernemerschapsvaardigheden, mediatraining of presentatietechnieken. De winnaars krijgen een individueel voorgesprek, een groepsgesprek en een persoonlijk programma tijdens DDW dat deels begeleid en deels zelfstandig wordt uitgevoerd. De ontwikkeling wordt online vastgelegd en gedeeld om hun ervaringen te delen met een bredere groep talenten.

Motivering

Emerging Talent Award winnaars Vera van der Burg (Design Academy Eindhoven, 2019 & PhD-kandidaat TU Delft) is ontwerper en onderzoeker. Zij verkent AI als instrument voor zelfreflectie en verrijking in ontwerp. De vraag hoe we machine learning en automatisering in ons alledaagse leven integreren, roept conflict op. Vera weet die spanning op een eigentijdse manier te gebruiken in haar ontwerpbenadering. Hoe behouden we controle en zetten we AI in voor het grotere goed? Complexe vragen die zij tastbaar weet te maken in haar installaties.

Vera van der Burg

ESTHER VAN DER HEIJDEN

W

Akkersdijk licht de keuze toe: ‘Op een uitzonderlijke lijst van genomineerden nemen de drie winnaars een unieke en betekenisvolle rol binnen hun discipline in. Alle drie laten ze veelzijdigheid zien, en verleggen ze hun eigen grenzen en die van het vakgebied. Dit zijn makers die zichzelf blijven uitdagen om tot indrukwekkend werk te komen. Ze zullen ons in de toekomst ongetwijfeld blijven verrassen.’

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


AWRDS

kracht van design Masterclass

JOS KOTTMAN

Willem de Haan (ArtEZ Arnhem, 2017) maakt indruk met zijn opvallende stijl. Zijn werk bestaat uit onverwachte, vaak absurde elementen in de publieke ruimte. Geïnspireerd door film en theater daagt hij allerlei ongeschreven sociale regels uit. Zijn werk sluit naadloos aan bij de traditie van Dutch design: kritisch op de maatschappij, maar uitnodigend vormgegeven. Hoe langer je naar zijn werk kijkt, hoe nieuwsgieriger je wordt. Humor is zijn ingang: een diplomatieke taal binnen design, die mensen plezier brengt, maar tegelijk vlijmscherp kan zijn.

Tijdens de Dutch Design Week werd er een Keep an Eye masterclass georganiseerd voor jonge creatieve talenten in de vorm van de Thought Leader Talks. De masterclass werd een open sessie, gegeven door vooraanstaande ontwerpers en ondernemers: Borre Akkersdijk, Marjan van Aubel, Ron Simpson en Dymphy Braun. Het centrale thema in deze masterclass was verbinding. De deelnemers werden aangemoedigd om elkaar beter te leren kennen, contactgegevens uit te wisselen en zo een netwerk op te bouwen. De boodschap: je kunt de wereld niet in je eentje veranderen. Weet waar je goed in bent, en weet ook wie je om hulp kunt vragen. De centrale vraag: hoe kunnen we als industrie samen verder komen? Dat vraagt om samenwerking tussen jong talent en gevestigde namen. Er is ruimte nodig voor verkenning voordat er oplossingen worden gevonden. Belangrijke vraag: hoe inclusief zijn we eigenlijk? Niet alleen in wie we betrekken, maar ook in de thema’s die de opkomende designers aansnijden. De designwereld heeft vaak een elitaire uitstraling, veel ontwerpers hebben een bepaalde achtergrond of opleiding. Maar talent kan overal vandaan komen.

Work in progress night

Marten van Middelkoop & Joost Dingemans

DESIGN

Plasticiet, opgericht door productontwerpers Marten van Middelkoop en Joost Dingemans, toont het potentieel van plastic afval. Ze maken van plastic afval solide oppervlaktematerialen van hoge kwaliteit. Het gerecyclede materiaal toont marmerachtige patronen en unieke texturen, ambachtelijk met de hand gevormd en toegepast in interieur en architectuur. Aantrekkelijk, niet alleen vanwege de duurzaamheid, maar ook omdat het kwalitatief beter is dan veel andere opties. Het duo heeft indrukwekkende samenwerkingen met onder andere Ace & Tate, Jil Sander en Bijenkorf op zijn naam staan.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

OM A

Willem de Haan

Na het succes van 2024 werd deze speciale avond nog een keer georganiseerd. Onder leiding van een inspirerende moderator spraken uiteenlopende ontwerpers gelieerd aan DDA met de nodige zelfspot over hun fails . Het publiek bestond uit ontwerpers, partners, changemakers, trendwatchers en andere professionals. Dit leerzame en laagdrempelige avondprogramma bood gelegenheid tot netwerken en stimuleerde inspiratie en uitwisseling – niet alleen onder ontwerpers, maar ook binnen een bredere doelgroep.

67


hoeis'tnumet Bob Hendrikx

FOTO'S: LOOP BIOTECH

Duurzaam afscheid

M

et zijn achtergrond in architectuur bouwde hij een huis van mycelium, het ondergrondse netwerk van paddenstoelen. Tijdens de Dutch Design Week van 2019 vroeg iemand: ‘Wat als mijn oma hierin overlijdt?’ Zo ontstond het idee voor de Loop Living Cocoon: een uitvaartkist die zich in een week tijd vormt. Bob Hendrikx won in 2021 de Keep an Eye Young Designer Award en daarmee een geldprijs van € 9000 voor zijn bijzondere ontwerp: kisten gemaakt van mycelium. Deze vormen zich in slechts zeven dagen en worden binnen 45 dagen volledig afgebroken door de natuur. Er hoeft geen boom voor gekapt te worden.

‘Zo’n award geeft jonge ontwerpers een basis. Zeker net na je afstuderen: je zit vol ideeën en je bent gemotiveerd om de wereld te veranderen, maar hebt nauwelijks financiële middelen. Uiteindelijk komt het toch neer op die ene vraag: hoe ga je het bekostigen? Veel afgestudeerden van de TU Delft belanden op de Zuidas of in andere banen waar veel vastligt en relatief weinig ruimte is voor vernieuwing. Zo gaat er potentiële innovatiekracht verloren. Ik wist al dat ik die kant niet op wilde, maar je wordt wel geconfronteerd met de realiteit: de geldkraan gaat dicht, de studiefinanciering stopt. Dan móét je wel iets. De award gaf me precies het zetje dat ik nodig had om er vol voor te gaan.’

68

Van concept naar uitvoering ‘Als ontwerper ligt mijn hart bij vernieuwing. Tegelijkertijd geloof ik dat een ontwerp, uitvinding of innovatie pas echt waarde krijgt als mensen het daadwerkelijk gebruiken. In de designwereld zie je vaak supercoole ideeën. Qua visie honderd punten, maar niet altijd even praktisch. Dan blijft het bij een concept. Mooi, maar met lage volumes blijft de impact beperkt. Ik voelde de drang om niet alleen toffe ideeën te bedenken, maar ze ook tot in de puntjes uit te werken. Dat betekent soms compromissen sluiten.’ Eerste hoofdstuk ‘Als ontwerper zie ik steeds duidelijker hoe bepalend geld is. Je moet óf zoveel meerwaarde bieden dat mensen bereid zijn extra te betalen óf concurreren op prijs. Voor een startup is dat laatste extra lastig. Als we groter worden, kunnen onze prijzen omlaag. Voorlopig concurreren we met een eeuwenoude industrie. Het is nog steeds winstgevender om een boom aan de andere kant van de wereld te kappen, te verzagen, drie weken lang op 300 graden te drogen, te bewerken en dan hierheen te verschepen. Wij stoppen geüpcyclede hennepvezel, een reststroom, in een mal en voegen daar mycelium aan toe,

het wortelnetwerk van de paddenstoel, bekend als de recycler van de natuur. Dat is veel beter schaalbaar en efficiënter dan hout. Maar ja, wij beginnen net. We zitten in hoofdstuk één. Het duurde ook twintig jaar voordat zonnepanelen een beetje betaalbaar werden.’ Selfie in de kist ‘We stonden laatst op de Senioren Expo. Daar spreek je direct met eindgebruikers, mensen die soms nét iets té enthousiast zijn over hun eigen uitvaart. Dat is ergens komisch. Ze stappen lachend in zo’n selfiekist, maken een foto en sturen die naar de familie. Maar er zijn ook serieuze gesprekken. Zo willen sommige mensen graag in een mand begraven worden, want dat is superduurzaam, denken ze. Alleen komt 95 procent van die manden, zeker de betaalbare, uit China. Precies daarom moeten we blijven uitleggen wat we doen. Veel mensen kennen het verschil niet tussen duurzaamheid, biologische afbreekbaarheid en biodiversiteit. Ze denken: klinkt duurzaam, dus het zal wel goed zijn.’ Cyclus ‘Je moet eerst overlijden voordat je ons product kan gebruiken. Hoe zorgen we ervoor dat de Living Cocoon wordt gezien als serieus alternatief en niet als kunstproject? Want inmiddels is het behoorlijk serieus. We hebben bijna vijf miljoen euro aan financiering opgehaald en een complete fabriek gebouwd die elke maand vijfhonderd Cocoons produceert. Er zijn al 2500 mensen in onze kisten begraven. Zij verrijken nu de bodem. Zo wordt een einde een nieuw begin. Het is de eeuwige kringloop, van groei naar verval terug naar groei.’

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


FOTO'S: SANNE JANSEN

MSTRCLSS

De Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten (KABK) in Den Haag staat bekend als een plek waar artistiek talent wordt gekoesterd en waar studenten de ruimte krijgen om hun creatieve stem te ontdekken en versterken. Een belangrijk onderdeel van deze ontwikkeling is in contact komen met vooraanstaande professionals uit de kunsten design­wereld. De Keep an Eye Academy speelt hierin een rol door studenten de kans te bieden deel te nemen aan masterclasses en workshops die hen uitdagen hun eigen grenzen te verleggen en nieuwe perspectieven te verkennen.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Hoe leer je kleur écht begrijpen?

O

ntwerper en kleurenexpert Stella Verdult trakteerde de eerstejaars studenten Textiel & Mode van de KABK op een intensieve en verdiepende kennismaking met de wereld van kleur. Gedurende zeven weken hebben de studenten samen met Stella onderzoek gedaan naar de verschillende gedaantes van kleuren, naar kleuren gekoppeld aan hun eigen belevingswereld en naar textiel ontwikkeld in relatie tot hun persoonlijke kleurbeleving. Alle uitkomsten zijn samengebracht in een kleurrijk driedimensionaal archief.

69


The Textile Show

PIETER KUNNEN

Tijdens deze sprankelende presentatie toonden alle textielstudenten hun werk — van prille eerstejaarsontwerpen tot de uitgesproken afstudeercollecties van de nieuwste lichting graduates: Timour-Aloïs Bonin, Laura Garnier, Bas Pol en Neele Verhees. Hun collecties zijn niet alleen een reflectie van hun persoonlijke fascinaties, maar ook een kritische en poëtische reactie op de tijd waarin we leven. Van maatschappelijk engagement tot liefde voor het ambacht, elke collectie is een uniek verhaal. Exposed, waar zowel de Fashion Show als de Textile Show deel van uitmaakt, werd dit jaar voor de tiende keer ondersteund door Keep an Eye. Tijdens deze jubileumavond vierden we behalve de creatieve ontwikkeling van de studenten ook de inmiddels jarenlange en vruchtbare samenwerking.

Textile & Fashion Scholarship

Tijdens Exposed the Fashion show werd de winnaar van de Keep an Eye Textile & Fashion Scholarship bekendgemaakt. Alle afstudeerders (Textiel & Mode) dongen mee naar deze waardevolle investering in hun creatieve toekomst. De jury bestond onder andere uit diverse generaties alumni van de afdeling Textiel & Mode, te weten Marcos Kueh (Textile Artist), Stef Reijnierse (Head Design Newspeak Studio) en Stéphanie Baechler (Visual Artist). Gezamenlijk kozen zij Asira Zai & Bas Pol tot winnaar.

TTE FOTO'S: JEA NET TE SLÜ

R @TEME T.ST UDI O

Volgens de jury verdient het duo de Scholarship om hun haarscherpe gevoel voor hedendaagse relevantie, dat zij weten te vertalen in een bijzondere en overtuigende communicatie tussen Textiel en Mode. Zij weten door hun samenwerking de hedendaagse, vaak digitale samenleving waarin we ons begeven, leven en communiceren, vorm te geven met hun uitdagende werk. 70

Dat werk kan een uitdagende positie innemen in het huidige werkveld. Asira en Bas zijn ambitieus om meer kennis te vergaren op het gebied van vakmanschap, materialiteit en het functioneren binnen de industrie om hun eigen signatuur en manier van werken door te ontwikkelen en een nichepositie te verwerven. De jury gelooft dat het werk en de ambitie van het duo kan voorzien in de behoefte aan meer tactiliteit en communicatie met textiel binnen de modewereld. Dankzij de Keep an Eye Textile & Fashion Scholarship kan het duo investeren in de verdere artistieke en inhoudelijke ontwikkeling van hun praktijk. De prijs ter waarde van € 10.000 wordt toegekend ter ondersteuning van verdere creatieve ontwikkeling door middel van educatie, bijvoorbeeld in de vorm van een vervolgstudie aan een (internationale) masteropleiding.

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


AWRDS

Tien jaar nieuw textiel en actuele mode The KABK Fashion Show

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

FOTO'S: NATASJA MARTENS

De opleiding Textiel & Mode van de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten Den Haag zocht een spannende rauwe plek voor de presentatie van de collecties van haar modestudenten. Die vond zij in een verlaten supermarkt in een winkelcentrum. Juist deze plek was uitermate geschikt om het contrast met de overconsumptie aan de kaak te stellen. The Fashion Show presenteerde het werk van alle modestudenten, variërend van de verkennende stappen in het eerste jaar tot de zeer persoonlijke afstudeercollecties. Het was een zinderende avond waarin studenten uit alle jaren hun werk presenteerden. Met uiteraard bijzondere aandacht voor de afstudeercollecties.

71


K

eep an Eye werkt inmiddels al vele jaren samen met het Amsterdams Kleinkunst Festival. Ook het afgelopen jaar hebben we samen masterclasses kunnen realiseren voor jong talent, gekoppeld aan het con­ cours om de AKF Sonneveldprijs. Op weg naar de halve finale werken de deelnemers aan hun artistieke ontwikkeling. De mas­ terclasses zijn ingedeeld in de programma­ lijnen ‘artistieke ontwikkeling’ en ‘onder­ nemen’. Net als de afgelopen jaren kon Keep an Eye bijdragen aan het klaarstomen van de halvefinalisten voor hun finalevoor­ stelling door een reeks masterclasses van gerenommeerde artiesten, onder wie Raoul Heertje, Jurrian van Dongen en Annick Boer. De drie overgebleven finalisten streden om de AKF Sonneveldprijs, de Publieksprijs en de Shaffy Cheque. ‘Het was een avond van hoge kwaliteit met drie totaal verschillende optredens van een nieuwe generatie geëngageerde klein­ kunstenaars die allen op hun eigen manier op zoek zijn naar een persoonlijke plek in deze turbulente wereld,’ aldus de jury. De jury kende Wina Ricardo (1987) de AKF Sonneveldprijs 2025 toe. Zij legt beladen onderwerpen bloot, draait rollen om en belicht nieuwe perspectieven. Wina maakt stap voor stap zichtbaar hoe vooroordelen ontstaan. Ivar van der Walle (1997) ontving zowel de Publieksprijs als de Shaffy Cheque, een aanmoedigingsprijs van € 2500 beschik­ baar gesteld door het Ramses Shaffy Fonds. Met zijn muzikale kleinkunstprogramma ‘Hooswater’ zingt en dicht Ivar over alles wat ons dreigt te overspoelen. De derde fina­ listenplek was voor De Broers van Arkel. In hun programma ‘Onze Vader’ tellen Martijn (1997) en Jeroen van Arkel (2001) af naar het pensioen van hun vader. Als dominee wijdde hij zijn leven aan de Zoon van God, in de voorstelling eisen de twee zoons hun plek op.

Talent

met volop Masterclass Liedtekst schrijven

De Broers van Arkel

Ivar van der Walle; bekijk zijn optreden in Studio 150

‘Ik speel niet voor

FOTO'S: ANNE VAN ZANTWIJK

het applaus. Ik speel omdat ik wat te zeggen heb.’ Wina Ricardo 72

Wat maakt dat een lied écht werkt in het theater? Is het de melodie die het publiek meesleept of juist de tekst die het diep raakt? Misschien wel allebei, maar waar begin je? Volgens een van de beste Nederlandse liedschrijvers is het eigenlijk heel simpel: ‘Verzin een personage, zet dat personage in een concrete situatie, bedenk waar je het personage over vier minuten wil hebben, en voilà – het lied is al af.' Deelnemers aan de masterclass werden bijgestaan door tekstschrijver Jurrian van Dongen. Die weet precies hoe je vanuit een simpel idee een scherp en kloppend theaterlied maakt. Tijdens de masterclass gingen de halvefinalisten twee dagen aan de slag met hun eigen materiaal, terwijl Jurrian hen liet zien hoe ze dit kunnen aanscherpen, uitwerken en het uiteindelijk op een podium laten schitteren. Over Jurrian van Dongen Jurrian van Dongen (1973) is een van de meest gevierde liedschrijvers van Nederland. Hij is vooral bekend om zijn werk voor theater en televisie en heeft meermaals prijzen gewonnen, zoals de Annie M.G. Schmidtprijs en de Willem Wilminkprijs. Zijn liedteksten, met klassiekers als ‘De mooie dingen’ en ‘Gewoon opnieuw’, zijn gezongen door onder anderen Jenny Arean en Alex Klaasen. Al meer dan 25 jaar schrijft hij ook teksten voor kinderprogramma’s, waaronder Klokhuis. 2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


MSTRCLSS

engagement

Try-out podium BIES! Bieszonder

S Masterclass Comedy Masterclass Interpretatie

Tijdens de masterclass Interpretatie werkte actrice en cabaretière Annick Boer samen met de zes halvefinalisten van het Amsterdams Kleinkunst Festival in de kleine zaal van Theater Bellevue. De artiesten brachten een conference en een lied mee om verder te ontwikkelen. Overdag werd er gewerkt in een besloten setting, waarbij Annick met haar scherpe blik en humor de deelnemers hielp om nieuwe spelinzichten en verrassende invalshoeken te ontdekken. ’s Avonds presenteerden ze trots, nog steeds met Annicks vriendelijke insteek, het resultaat van hun inspanningen aan het publiek. Over Annick Boer Annick Boer studeerde in 1994 af aan de Academie voor Kleinkunst in Amsterdam. Ze heeft een veelzijdige carrière opgebouwd in het theater en op televisie. Ze begon op tv bij programma’s als Kopspijkers, Koppensnellers, Cojones, Kanniewaarzijn, TV-kantine en Hotel Hollandia. In het theater is zij te zien met haar eigen cabaretvoorstellingen. Hoewel haar focus vaak op komedie ligt, schittert ze ook in films en toneelstukken en spreekt ze tekenfilms in. MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

De eerste masterclass vond traditiegetrouw op Texel plaats. Twee dagen lang werkten de halvefinalisten met de one and only Raoul Heertje. Ze kregen opdracht om te werken aan dertig minuten zelfgeschreven scènes en nieuw materiaal. ’s Avonds kregen ze om de beurt een kwartier om het materiaal te try-outen in theater De Toegift. De avond daarop konden ze het tweede kwartier spelen, een unieke kans om de groei die ze in een weekend doormaakten live te beleven. Over Raoul Heertje Raoul Heertje is comedian, schrijver en tv-maker. Hij was jarenlang teamcaptain van Dit was het nieuws, publiceerde verschillende boeken (waaronder Mark Rutte is lesbisch), presenteerde Wintergasten en schreef voor Vrij Nederland, Sportweek en NRC. Ook trad hij op in comedyclubs en talkshows in de VS en Groot-Brittannië̈ (o.a. bij Ruby Wax, Clive James en Jeremy Clarkson). Samen met zijn broer Eric was hij oprichter van stand-upgezelschap Comedytrain en comedyclub Toomler. De afgelopen jaren schreef en vertaalde Raoul diverse toneelstukken, volgde een opleiding screenwriting in New York, schreef een tv-serie en was coach/regisseur van Pepijn Schoneveld, Glodi Lugungu en anderen.

73

MILES SILVAGNI

Annick Boer

inds 2023 werkt de Keep an Eye Foundation samen met Klein Bellevue. De kleine zaal in de kelder van Theater Bellevue is met een capaciteit van honderd stoelen een belangrijke schakel in de doorstroming van nieuwe makers van cabaret, kleinkunst en muziektheater. Vast onderdeel van de programmering in Klein Bellevue is BIES, de try-out-avond voor nieuw en gevestigd talent. Een avondje BIES in het kort: je zit met je neus boven op de eerste keer dat een goede grap op het podium klinkt. Vier korte optredens, een host die de zenuwen in goede banen leidt en een open bar. Artiesten die allang volle zalen trekken in de Kleine Komedie staan naast jonge artiesten die net aan de weg timmeren of pas ontdekt zijn op een van de cabaretfestivals. Soms zie je cabaretiers nog stoeien met hun materiaal – met tekstvellen op het toneel – en schaven aan hun programma, zonder pretenties. Je bent er als eerste bij voordat fresh talent de grote podia verovert. Dat maakt een avondje BIES bijzonder bijzonder.


Hogepriester van de

high fidelity D

e beste geluidsstudio van de wereld, die staat gewoon in Amsterdam. Hier hebben talloze wereldberoemde artiesten hun muziek vastgelegd. Bovendien is het de thuisbasis van de Keep an Eye Studio 150 Sessions.

‘Een groep langharige gasten stond opeens aan de deur. Ze kwamen de vibe voelen. Ik zei: ‘Prima, ik ben even bezig met een klusje, dus ik kan jullie niet rondleiden, maar voel je vrij.' Dat deden ze. Het bleek Def Leppard, een wereldberoemde rockgroep, maar eerlijk gezegd had ik geen idee wie ze waren. Kreeg ik een week daarna een telefoontje van Universal Engeland. De band wilde de studio negen maanden boeken. Ik viel van m’n stoel.’ Peter Riebeek runt samen met technicus Joeri Saal de legendarische geluidsstudio Studio 150 in Amsterdam. Mathilde Santing, Acda en de Munnik, De Dijk en Candy Dulfer, maar ook beroemde internationale artiesten namen hier op. Vanuit deze studio worden iedere laatste donderdag van de maand de Keep an Eye Studio 150 Sessions uitgezonden. ‘David Bowie, Jools Holland en Prince hebben hier opgenomen. Bowie was echt een superleuke gast. Terwijl sommige muzikanten, vooral beginnende, nog wel eens uit de hoogte doen, haalde hij gewoon thee voor iedereen.’ Waarom kiezen wereldberoemde artiesten voor een studio in Amsterdam? ‘Amsterdam heeft een onweerstaanbare aantrekkingskracht. Artiesten willen hier graag een tijdje vertoeven. Paul Weller nam zelfs een plaat op met de titel Studio 150.’

Studio 150 74

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


INTERVIEW PETER RIEBEEK

Tijdens zijn Europese tour wilde Michael Jackson enkele dagen opnames maken in Studio 150. Maar eigenaar Peter Riebeek weigerde: de ruimte was al geboekt door jazzzangeres Denise Jannah. ‘Ik kon haar toch niet zomaar op straat zetten?’

Peter Riebeek met Al Jarreau

Het begon allemaal in 1979 aan de Lauriergracht 150 in Amsterdam. Hoe start je als broekie een geluidsstudio? Dat is toch een mega investering? ‘Achteraf gezien begon ik er nogal bleu aan – met relatief weinig kennis zoiets ingewikkelds als een geluidsstudio opzetten. Maar ja, ik was begin twintig. Op die leeftijd denk je: ik doe het gewoon, ik weet best wel wat. Het toeval hielp een handje: via een makelaar vond ik een oude paardenstal aan de Lauriergracht, ooit thuisbasis van de paarden van de Gouden Koets. Een pand van vijfhonderd vierkante meter midden in de Jordaan, met een enorme tuin. Gigantisch, niet alleen qua vierkante meters, maar ook in kubieke meters. Alleen, zo’n groot gebouw kan tegen je werken als je weinig geld hebt. Want als je iets aan de muur wilt doen, heb je wel heel veel muur. Daar liep ik financieel volledig op leeg. Bij de opening was het budget op. Van de laatste centen had ik een paar flessen wijn gekocht voor de gasten. Boven de mengtafel met Randy Crawford MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

75

FOTO'S: PRIVE ARCHIEF

Hoe creëer je een legendarische opname? ‘Heb je even? Iedereen heeft wel een favoriet nummer. Zo’n opname waarbij er iedere keer als je luistert iets in je geraakt wordt. Een legendarische plaat heeft zeggingskracht, vertelt een sprookje. Techniek is daarbij altijd ondergeschikt aan de kunst. Het draait om de emotionele impact – dat gevoel dat via de techniek tot leven komt. In dat samenspel ontstaat de magie. Als je een plaat maakt die mensen aan het huilen krijgt of heel erg blij maakt, heb je het hoogst haalbare bereikt.’


hing geen licht, daar had ik geen geld meer voor. De eerste gast heeft toen lampjes voor me gekocht.’

FOTO'S: PRIVE ARCHIEF

Toch heb je daar maar liefst 36 jaar gewerkt. Daarna besloten jij en je collega Joeri Saal – misschien wel de beste geluidstechnicus van Nederland – te verhuizen naar een kerk in Amsterdam Noord. ‘Er is een link: de Jordaan is lang een arme volksbuurt geweest. In de jaren twintig van de vorige eeuw viel de wijk van ellende uit elkaar. Voor al die mensen werd toen aan de andere kant van het IJ een hele nieuwe wijk gebouwd. Zo is Noord ontstaan. Op een gegeven moment was er in de Jordaan een trend dat miljonairs al die pandjes opkochten en opknapten. Er kwamen mensen naast onze studio wonen waar voorheen ateliers waren. Slaapkamers naast een muziekstudio, niet zo’n goed idee. Toen begon een van die miljonairs ook nog eens naast ons te heien. We moesten kiezen: mee in de verbouwingen en de studio opnieuw opbouwen of vertrekken. We kozen voor het laatste.’ Jullie kregen er wel een hele mooie kerk voor terug. ‘Dat ging eigenlijk stomtoevallig. Joeri kijkt wel eens op Funda en kwam die kerk tegen. We dachten meteen: dat zou eigenlijk wel heel leuk zijn. Een echte verbetering ten opzichte van wat we hadden.’ En geen buren meer, dat scheelt ook. ‘Inderdaad prachtig, een vrijstaande kerk, maar we moesten wel nog van alles isoleren en opknappen. Al met al toch een project van 3,5 miljoen euro waar we vier jaar mee bezig waren. Dat konden we bekostigen met de verkoop van het pand aan de Lauriergracht. Het was een enorm leuke klus, waarbij ik de wereld heb afgezocht naar bepaalde onderdelen, zoals lampen uit de jaren twintig, de periode waarin de Bethlehemkerk gebouwd werd. Bij zo’n rijksmonument moet je in de oude stijl verbouwen. Stucwerk haal je niet bij de gewone groothandel, maar ergens in Duitsland waar ze een speciaal kalkstucwerk hebben dat vochtdoorlatend is, wat in zo’n kerk heel belangrijk is.’ Jullie hebben de reputatie de beste geluidsstudio van Nederland te zijn. ‘We doen dit al heel lang. Joeri is er in 2000 bijgekomen. Samen hebben we ongelooflijk veel kennis. We weten na 46 jaar van haver tot gort hoe deze business werkt. Qua apparatuur hebben we iets bij elkaar gespaard dat nu onbetaalbaar zou zijn. We hebben veel vintage apparatuur, van dat spul dat eigenlijk iedereen wil hebben, zoals microfoons die € 25.000 per stuk kosten. Dat konden we kopen in de transitie van buizenapparatuur naar solidstateapparatuur, eind jaren zeventig, begin tachtig. De omroepen wilden ervan af en mochten niet met winst verkopen. We hebben veel spullen in een tijd gekocht waarin het nog betaalbaar was. Vintage spullen uit de glorietijd van de buizentechnologie combineren we met digitale state-ofthe-art spulletjes. Onze locatie (één metrohalte vanaf Amsterdam Centraal) maakt dat er in Nederland geen vergelijkbare studio is. Als je een studio zoekt om ons mee te vergelijken, kun je lang zoeken. Er is er maar een beperkt aantal in de wereld.’ Kun je aan een leek uitleggen wat het verschil in geluid is tussen een buizenmicrofoon en een transistormicrofoon? ‘Geluid uitleggen is altijd lastig, maar laten we de stem nemen, dat

76

kent iedereen. Je weet hoe een stem kan klinken: warm, schel, of juist onprettig. Als je een stem opneemt met een buizenmicrofoon, kan het klinken alsof die persoon echt voor je staat, warm en vol. Het geluid wordt ‘bigger than life’, met veel aanwezigheid en een sterk 3D-effect. Dat bereik je eigenlijk niet met een condensatormicrofoon van driehonderd euro uit China. Met onze uitgebreide microfoonverzameling kunnen wij een heel orkest opnemen met alleen maar buizenmicrofoons, als we dat willen.’ Waarom worden ze dan niet meer gebruikt? ‘Er is simpelweg niet genoeg markt voor. Fabrieken zoals Philips, Mullard en Telefunken waren enorme bedrijven met duizenden werknemers – vooral vrouwen – die routinematig, maar op hoog niveau werkten. Per dag produceerden ze een miljoen buizen, omdat alles toen op buizen draaide: televisies, radio’s, zelfs de eerste computers. Nu leeft het alleen nog in de audiomarkt en dan vooral voor zaken als gitaarversterkers, en natuurlijk in de opnamewereld. Dat is alles bij elkaar opgeteld een te kleine markt om buizen te kunnen blijven maken voor een goede prijs.

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


paar dozen met inhoud te liggen. Er zijn nog een paar fabriekjes met oude machines – zestig, zeventig jaar oud – die nog buizen maken. Die werken voor de hele wereld.’

Amsterdam Sinfoniëtta

Studio 150 Sessions Wat begon als manier om livemuziek te kunnen horen tijdens de lockdown is inmiddels niet weg te denken van de Keep an Eye event­kalender: iedere laatste donderdag van de maand spelen stipt om 20.00 uur absolute toptalenten vanuit Studio 150 Bethlehemkerk. Het optreden is live te volgen via de livestream op Facebook en YouTube. Artiesten kunnen de geluid- en video-opnames gebruiken voor promotie. Klassieke muziek, jazz en kleinkunst wisselen elkaar af.

Als je een miljoen buizen maakt wordt het goedkoop, maar bij duizend wordt het onvoorstelbaar duur. Dus ja, op die manier leg je als producent het loodje.’ Maar als ze nauwelijks nog gemaakt worden, hoe kom je dan aan onderdelen? ‘Ik ben altijd bezig via eBay of via contacten om te kijken of er ergens nog oude voorraad ligt. Soms overlijdt er iemand en blijken er nog een

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

De Wisseloord Studio’s in Hilversum bestaan ook al flink wat jaren. Zijn jullie concurrenten? ‘Die studio is meer gebouwd als rockstudio, zoals wij vroeger op de Lauriergracht. Gebouwd in een periode waarin popmuziek totaal dominant was. Iedereen had een platenspeler of cd-speler, dus de studio’s waren daarop toegespitst. Maar stel je eens voor, je wilt iets met strijkers, blazers, hout, slagwerk en een vleugel. Niet een paar, maar vijftig man. Dat kun je niet optimaal in zo’n popstudio doen. Dan klinkt het al snel alsof je in een te kleine ruimte aan het opnemen bent. Akoestiek is een hele vreemde, maar interessante materie – je kunt er nooit helemaal de vinger op leggen. Als je een nieuwe studio bouwt, weet je niet zeker of de akoestiek goed zal zijn. Neem de concertzaal in Hamburg als voorbeeld – een peperduur ding waar miljoenen in zijn gestoken. Toen het orkest eindelijk ging zitten, zeiden de orkestleden: ‘Hier kunnen we niet werken.’ Dus moest er nog meer geld tegenaan om het aan te passen, totdat het uiteindelijk werkbaar werd. Het Concertgebouw in Amsterdam is niet voor niks wereldberoemd. Ze hadden wel een idee wat ze deden, maar de geweldige akoestiek is ook toeval. Pas als een gebouw helemaal af is, weet je of het echt werkt.’ In een kerk wordt van oudsher gezongen, dus een goede akoestiek is essentieel. Hebben jullie de akoestiek getest toen jullie de kerk kochten? ‘Wij hebben natuurlijk ‘boe’ en ‘bah’ geroepen om de akoestiek te testen toen we voor het eerst in het gebouw mochten. Want stel, je bent zanger en de drummer naast je ramt met een slechte akoestiek voortdurend op de bekkens. Dan word je helemaal gek, daar valt niet tegenop te zingen. Als je de akoestiek zo kunt inrichten dat de drummer los kan gaan zonder dat jij er last van hebt met de andere instrumenten, is dat voor iedereen prettig. Niet iedere kerk is geschikt als opnamestudio. Je hebt ook kerken met plafonds van dertig meter. Dat is goed te doen voor een koor of een strijkorkest, maar slagwerk is in zo’n kerk niet te doen. Onze kerk is een prachtige tussenmaat waar je ook ritmische instrumenten in kwijt kan.’ Wat betekenen de Studio 150 Sessions voor jonge artiesten? ‘Als je hier opneemt in plaats van in de garage van je ouders, leg je de lat meteen hoog. Alles hier staat ten dienste van jou en zo ontdek je wat er allemaal mogelijk is. Als je dan een keer in minder ideale omstandigheden werkt, weet je dat het niet aan jou ligt als het niet goed klinkt. Voor beginnende artiesten is het een waardevolle leerschool. Je leert werken onder tijdsdruk, kritisch luisteren naar je eigen spel en experimenteren met akoestiek om je sound te verfijnen. Goed materiaal opent deuren. Een livestream vanuit Studio 150 bereikt niet alleen je vrienden en ouders, maar kijkers over de hele wereld. Zeker toen we begonnen, in coronatijd, was het aantal kijkers absurd hoog. Buiten Europa kregen we zelfs berichtjes van mensen uit Noord-Amerika, Zuid-Amerika en Japan.’

77


Singer podium Villa als intieme concertplek

K

Studio 150 Sessions Wereldse akoestiek in een kerk

E

lke maand organiseren we optredens in de Studio 150 Bethlehemkerk in Amsterdam-Noord. Deze voormalige kerk is enkele jaren geleden omgebouwd tot een van de meest toonaangevende opnamestudio’s van Nederland — en zelfs daarbuiten. Musici uit binnen- en buitenland komen hier om albums op te nemen. Keep an Eye biedt jong talent de kans om in deze unieke omgeving op te treden. De concerten worden live gestreamd via sociale media en zijn voor een klein publiek fysiek bij te wonen. Elke laatste donderdag van de maand staat een nieuwe uitzending op de agenda. De programmering is in goede handen: Georges Mutsaerts stelt de klassieke concerten samen, Daniël van Veen (Amsterdams Kleinkunst Festival) adviseert over de kleinkunstoptredens, en de jazzconcerten worden geprogrammeerd door onze eigen Mylène Hogenhuis-Berghs. Een extra pluspunt voor de musici: zij krijgen professionele audio- en video-opnames mee voor hun eigen promotie. Ze laten ons regelmatig weten onder de indruk te zijn van de prachtige akoestiek van de kerk en de kwaliteit van het materiaal. De livestreams zijn terug te kijken op het Keep an Eye YouTubekanaal. De actuele concert­agenda vind je op onze website.

Giedra Valente kwintet

Willem Abelen’s FLUX 78

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN

FOTO'S: RON VAN EWIJK

Willem Abelen’s FLUX

eep an Eye biedt met een aantal concertreeksen een podium aan jong talent. In samenwerking met Singer Laren worden het hele jaar door concerten gespeeld in en buiten het museum. In de zomer van 2025 vonden drie klassieke concerten en drie jazzconcerten plaats in de prachtige beeldentuin. De programmering voor de klassieke concerten werd verzorgd door Georges Mutsaerts. Ook in het herfst- en winterseizoen kan het publiek elke eerste zondag van de maand genieten van de Keep an Eye Jazz Concerten in Singer Laren. In de intieme sfeer van de oude villa worden concerten gegeven door studenten van het Conservatorium van Amsterdam, geprogrammeerd door Bas van Otterloo van het conservatorium. Net als onze samenwerkingspartners vinden wij het belangrijk om jong muziektalent de kans te geven op intieme podia te spelen. Dit helpt bij het opbouwen van speel­ ervaring en vergroot hun naamsbekendheid. De musici ontvangen een eerlijke vergoeding, conform de Fair Practice Code.


KORT GEWIEKT Luz

Rosa Spier Huis Young Talent Award

PIETER KUNNEN

Mare kwartet

Ook dit jaar werd de Young Talent Award uitgereikt. De competitie richt zich dit jaar op singer-songwriters die hun eigen werk ten gehore brengen en zichzelf daarbij begeleiden. De kandidaat kan een solist of een ensemble zijn. De Young Talent Award bestaat uit een geldprijs van € 4000, plus € 1000 voor ontwikkelingsondersteuning door een bewoner van het Rosa Spier Huis, en een (betaald) optreden tijdens de Keep an Eye podiumavonden in het Rosa Spier Huis. In 2025 werd de Young Talent Award uitgereikt op 27 november, toen Magjezien al naar de drukker was.

Kunst verbindt generaties

D

Elsa Birgitta Bekman

e serie podiumkunst ‘Keep an Eye – Jong en Oud door Kunst Verbonden’ vindt plaats gedurende het culturele seizoen (september tot en met mei) en bevat een programma met concerten, dans- of theatervoorstellingen in de Anna Stibbe Concert- en Theaterzaal van het Rosa Spier Huis. Na afloop is er een ‘meet and greet’ voor artiesten en bewoners in het Galeriecafé. Het is mooi om te zien hoe de bewoners en de artiesten met elkaar in gesprek gaan. De oudere kunstenaars zijn vaak erg onder de indruk. Sommigen complimenteren bijvoorbeeld kleinkunstartiesten met hun teksten, omdat die zo goed in elkaar zitten en inspelen op de actualiteit. Ze staan versteld over de manier waarop de huidige generatie praat. ‘Al die Engelse woorden, het is haast niet te volgen.’

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

79

PIETER KUNNEN

Oscar Rodenburg


Festival Cement Cement zorgt voor sterke verbinding

F

estival Cement is een negendaags bombardement van spannende voorstellingen in ’s-Hertogenbosch. Elk jaar trakteert Festival Cement bezoekers op zo’n twintig jonge makers uit Nederland en Vlaanderen. Zij tonen hun werk aan een nieuwsgierig publiek. Tijdens het festival zijn er zo'n honderd voorstellingen te zien. Op allerlei plekken in Den Bosch richten publiek en professionals de blik op een nieuwe generatie podiumkunstenaars. Je ontdekt jonge makers met hun thematieken en nieuwe vormen, en krijgt alternatieve toekomstbeelden. Naast een programma vol voorstellingen is er volop ruimte voor publiek, makers en professionals om elkaar te ontmoeten, in gesprek te gaan en zich te verdiepen in het uitgebreide contextprogramma.

Jack Price, bastrombone, won de Talent Award Klassiek in 2024 en speelde bij de uitreiking in 2025

Talent Award Klassiek

De Werfplaats

De samenwerking tussen Keep an Eye en Festival Cement krijgt vorm in de Werfplaats: een jaarlijks programma waarin vijf jonge, veelbelovende makers een week lang intensief samenwerken. Iedere dag presenteert een van hen diens persoonlijke onderzoek, dat binnen de groep verder wordt uitgediept en beproefd. Het gaat daarbij niet om het eindresultaat, maar om het vrije experiment, zonder druk. Toch vangt het festivalpubliek vaak een glimp op van wat er speelt: Werfplaatsmakers treden geregeld op tijdens het festival. Zo stond de Braziliaans-Belgische acteur Frederico Araujo in het jaar na zijn deelname aan de Werfplaats met zijn voorstelling Shark op Cement. NRC noemde de voorstelling ‘een even curieuze als meeslepende demonstratie van lichamelijk en psychologisch uithoudingsvermogen.’ Een ander voorbeeld is Hanneke van der Paardt, die dit jaar deelnam aan de Werfplaats en met haar monoloog Bang op het festival stond. NRC prees de voorstelling als de ‘schurende ervaring van een 25-jarige die geen toneel lijkt te spelen.’

JOAC HIM DETT E

De makers van 2025: Hanneke van der Paardt, theatermaker Mees Vervuurt, componist Sanne Arbouw, regisseur Izah Hankammer, danser Flora Kenza Nacer, regisseur Hanneke van der Paardt in haar voorstelling Bang 80

Bruno Yannick Kleinert

Saxspeler slaat zijn vleugels uit

D

e Keep an Eye Talent Award Klassiek is bedoeld voor uitmuntende musici van het Koninklijk Conservatorium Den Haag. Jaarlijks maken studenten tijdens hun examen kans op deze award, die jong talent stimuleert bij hun projectplannen tijdens de masterstudie. Bruno Yannick Kleinert (saxofoon) Bruno is een ondernemende student die tijdens zijn bachelorstudie in Duitsland al diverse interdisciplinaire projecten en workshops heeft gevolgd. In zijn projecten zoekt hij de verbinding tussen het theoretische discours en de artistieke praktijk. 'Omdat ik graag mijn stem als kunstenaar wil ontwikkelen en iets wil creëren dat me verder kan brengen dan de masteropleiding, was ik enthousiast over de kans om zo'n scala aan mogelijkheden te verkennen op het Koninklijk

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


MSTRCLSS

Side by Side Mendelssohns brengen topmusici en talent samen ong talent tot bloei brengen is de missie van het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Sinds jaar en dag worden talenten vanuit de hele wereld aan het Koninklijk Conservatorium opgeleid tot gerenommeerde musici of dansers. Tijdens het jaarlijkse project Side by Side zitten de studenten Oude Muziek en de professionals van het Orkest van de Achttiende Eeuw zij aan zij tijdens een week vol kruisbestuiving die voor beide groepen bijzonder inspirerend is. Dit project biedt jonge talenten een onvergetelijke ervaring, inspireert de ervaren orkestleden en levert een muzikaal hoogtepunt op. Elk jaar is de samenstelling van het studentenorkest anders, waardoor het project steeds vernieuwend is, zowel door de wisselende deelnemers als door het repertoire. Voor studenten is het een unieke kans om spelenderwijs het vak te leren, direct naast ervaren musici die als coaches optreden. Dit maakt het project waardevol voor de studenten, maar zeker ook voor de orkestleden, die nieuwe generaties op een natuurlijke manier zien instromen. Leren door

FOTO'S: ALEX SCHRÖDER

J

te doen – en dat in een orkest ‘in residence’ – blijkt keer op keer de beste manier om muziek tot leven te brengen. De ervaren orkestleden zijn allen specialist op het gebied van achttiende- en vroeg negentiende-eeuwse muziek. Die voeren ze uit op originele instrumenten of eigentijdse replica’s. Niet alleen studenten van de afdeling Oude Muziek en Zang worden betrokken bij dit project. Ook getalenteerde minorstudenten van de afdeling Klassiek namen dit jaar plaats in het orkest. Daarnaast maakten vier studenten van de opleiding Art of Sound geluidsopnames, waardoor het project ook onderdeel is van hun curriculum.

De opnames worden in het curriculum van de musici gebruikt voor feedback. Onder leiding van solist en muzikaal leider Alexander Melnikov en concertmeester Alexander Janiczek bracht het gezamenlijke orkest van ongeveer zeventig musici een prachtig programma met werken van Fanny Mendelssohn en Felix Mendelssohn. Teunis van der Zwart, hoofd afdeling Oude Muziek, was enthousiast: ‘Dit programma doet recht aan het uitzonderlijke muzikale talent van Fanny Mendelssohn en haar broer Felix. Het biedt onze studenten een unieke leerervaring en het publiek een muzikale belevenis van de eerste orde.’

Conservatorium. Hierdoor hoop ik mezelf beter te leren kennen, als mens en als kunstenaar. Ik kijk er ook erg naar uit om in contact te komen met verschillende afdelingen en om kunstenaars met verschillende achtergronden te ontmoeten. Het Koninklijk Conservatorium voelt als een plek waar dit soort uitwisseling en groei echt kan plaatsvinden.’ Afdelingshoofd Rob Broek schreef: ‘Zowel artistiek als technisch is het niveau van Bruno als saxofonist al zeer hoog. Het niveau waarop hij musiceert noemt de toelatingscommissie bij zijn auditie concertwaardig. Met zijn masterprojectplan Utopian Soundscapes: the Interplay of Music, Media, and Identity in Contemporary Art wil hij artistiek onderzoek gaan doen naar de subjectieve perceptie van geluid en de manieren waarop verhaallijnen in kunst, muziek en media van invloed zijn op onze individuele en collectieve identiteit.’

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

81


FO PPE SC HU T RON VAN EWIJK

In een bezetting van contrabas, cello, piccolo, dwarsfluit, basklarinet en klarinet namen de zussen het publiek mee op een introspectieve reis door de natuur, waarbij zij zelf als gids optraden.

De Keep an Eye Productieprijs Wonderfeel is een driedaags buitenfestival voor klassieke muziek met de ongedwongen sfeer van een popfestival. De Keep an Eye Productieprijs is in het leven geroepen om jonge makers in staat te stellen hun artistieke ideeën en ambities tot leven te wekken. Met het geldbedrag kunnen zij een compleet nieuwe podiumproductie ontwikkelen die tijdens Wonderfeel in première gaat en daarna langs andere festivals toert. Muziek staat daarin centraal, maar ook wordt van de winnaar verwacht dat die een samen­werking aangaat met andere (kunst)disciplines.

Jonge compo met poëtisch we D

82

FOPPE SCHUT

e Keep an Eye Productieprijs van € 10.000 voor jong muzikaal talent werd dit jaar feestelijk uitgereikt aan Jasmine Karimova. De vakjury, met onder meer Componist des Vaderlands Anne-Maartje Lemereis, was unaniem in haar oordeel: Jasmines compositie Boomverzen, geschreven samen met haar negenjarige zusje Mira, was de winnaar. Met de prijs kreeg Jasmine de kans haar eigen productie te realiseren, waarvan de première plaatsvond tijdens Festival Wonderfeel op het prachtige Landgoed Groeneveld in Baarn. Boomverzen is een muzikale meditatie waarin Jasmine en Mira onderzoeken wat wij als individu en samenleving

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


FOPPE SCHU T

RON VAN EWIJK

AWRDS

Jasmine Karimova's compositie Boomverzen, geschreven samen met haar negenjarige zusje Mira, was de winnaar.

onist schittert werk over bomen kunnen leren van bomen. In een bezetting van contrabas, cello, piccolo, dwarsfluit, basklarinet en klarinet, namen de zussen het publiek mee op een introspectieve reis door de natuur, waarbij zij zelf als gids optraden. Beeldend kunstenaar Johannes Offerhaus droeg bij aan de sfeer met een speciaal ontworpen ‘boomtent’, waarin een enkele boom wordt omgeven door een halo van licht – een visueel element dat de meditatieve ervaring van het werk versterkte. Met deze bijzondere samenwerking tussen muziek, beeldende kunst en poëzie zette Jasmine een ontroerende productie neer.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

83


Van jongs af aan wist Giovanca Ostiana dat muziek haar roeping was. Toch moedigden haar ouders haar aan om eerst orthopedagogiek te studeren. Uiteindelijk volgde ze haar hart en koos ze voor een muzikale carrière. Jarenlang werkte ze als backing vocalist, totdat ze op haar dertigste haar solodebuut maakte. ‘Ik had nooit gedacht dat er ook een plek voor mij zou kunnen zijn.’

Van achter

JAAP KROON

‘A

ls je solo gaat, heb je lef nodig. Het vertrouwen dat je iets te bieden hebt. Dat de spotlight jouw plek is. Dat gevoel kreeg ik een paar jaar geleden pas echt, toen ik de veertig al gepasseerd was. Ik deed toen een hommage aan Diana Ross. Door die show ontdekte ik allerlei lagen in haar levensverhaal. Diana had dat vertrouwen, tegen alle verwachtingen in. Want eerlijk, was zij de beste zangeres? Nee. Was ze esthetisch de mooiste vrouw? Ook niet. Ze was graatmager, terwijl de andere zangeressen van The Supremes aantrekkelijker en technisch misschien zelfs beter waren. Ze had ook niet dat rauwe randje in haar stem dat soul zogenaamd moest hebben. Maar wat ze wel had, was zichzelf. Helemaal, honderd procent. Licht, speels, uniek. Niemand klonk zoals zij. Haar stem werd een eigen muzikale taal. En hoe groot is Diana Ross? Tachtig is ze nu, en ze stond laatst nog op Glastonbury. Ik leefde helemaal op toen ik haar verhaal vertelde. Haar reis, haar lef om zichzelf uit te vinden. Want dat leerde ik: het gaat niet om zomaar uitblinken in iets, maar om uitblinken in jezelf zijn – You've got to make it your own. Het heeft me jaren gekost om dat te snappen. Om te leren omarmen wie ik ben, wat ik heb. En tegelijk ruimte voor verbetering te zien. Durf, dat is het. Dat is ook wat jazz in mijn ogen is: gewoon gaan. Probeer, faal, sta op. Is het niks? Morgen weer een dag.’

‘Het gaat niet om zomaar uitblinken in iets, maar om uitblinken in jezelf zijn’ 84

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


INTERVIEW GIOVANCA OSTIANA

rgrondzangeres tot gevierd

leading lady

met signature sound Zie je bij de jazzmuzikanten van nu dat ze ook uitblinken in zichzelf zijn? ‘Zeker weten! Wat me opvalt bij de nieuwe generatie jazzmuzikanten is hoe fris en eigen hun muziek klinkt. Ze leven in een tijd waarin alles mogelijk is en dat benutten ze volop. De een experimenteert erop los terwijl de ander juist teruggaat naar de essentie. Ook inspirerend is de mix die ze meenemen: invloeden van hun culturele achtergrond en experimenteren met samenstellingen van hun bands. Het is echt te gek hoe deze jonge jazz cats elkaar inspireren met muziek uit hun eigen rugzak. Dan denk ik: ‘Hoor ik hier Spaanse invloeden?’ Blijkt die muzikant gewoon uit New York te komen, beïnvloed door zijn Spaanse medestudent die hij in Nederland heeft ontmoet.’ In de jazzwereld ligt de lat altijd hoog. ‘Ja, bij jazz kun je de kantjes er niet af lopen. In een leuk popbandje kun je soms ver komen met een lekker potje gitaarspelen, ook als je geen virtuoos bent. Maar bij jazz? De kundigheid, de beheersing van je instrument, dat weegt zwaar. Tege-

Giovanca Ostiana is zangeres en presentatrice. Voor de Keep an Eye Foundation presenteerde ze zowel The Records als de Keep an Eye International Jazz Award.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

lijk is er ook ruimte. Het samenspel, het intunen op de ander, ook dat is jazz. Als je een solo pakt, hoef je wat mij betreft niet excellent te zijn. Het gaat erom dat je laat horen wat je voelt. This is how I feel it.’ Het is traditie en gewoon praktisch om elkaar af te wisselen – je kunt niet drie uur lang non-stop keihard knallen op een saxofoon, dat hou je niet vol.’ Je was jarenlang achtergrondzangeres en debuteerde pas op je dertigste als solist. Waarom duurde dat zo lang? ‘Ik ben opgegroeid met de taal van soul en gospel en daardoor heb ik mezelf aangepraat dat ik moest klinken als... nou, noem maar een bekende artiest. Je wilt aan bepaalde verwachtingen voldoen. Zeker met mijn kleur. Je wilt met je geluid geen disgrace to the race zijn. Het idee dat je pas meetelt als je klinkt als iemand heb ik pas op latere leeftijd kunnen loslaten. Dat ik pas op mijn dertigste debuteerde, zegt eigenlijk al genoeg: ik zag mezelf niet als solist. Het kwam niet in me op dat er een plek voor mijn lichte geluid zou kunnen zijn.’ Moet je onderscheidend zijn als artiest? ‘Ik denk dat we elkaar wijsmaken dat dat nodig is. Niet iedere artiest heeft als doel om iets nieuws te maken. Sommige mensen zijn daar helemaal niet mee bezig, die willen gewoon maken wat ze voelen. Als je heel lang in de game bent, is het fijn als je jezelf weet te vernieuwen omdat je niet altijd hetzelfde wil brengen. Maar moet het altijd revolutionair zijn? Nee, je eigen signature, je authenticiteit, je eigen touch, dat telt meer dan dat je baanbrekend of out-of-the-box bent.’ Zie je verschillen tussen jouw generatie en die van nu? ‘In mijn tijd kwamen de sociale media net op, je kreeg opeens tools in handen om jezelf als artiest zichtbaar te maken. Het voelde ineens alsof to really become something in de jazz voor veel meer mensen binnen handbereik lag. Als ik kijk naar nu, is het verschil met vijftien jaar geleden weer enorm. De wereld voelt nu kleiner dan ooit. Het is zoveel makkelijker geworden om internationaal samenwerkingen aan te gaan zonder dat je daarvoor fysiek de wereld over hoeft te 85


reizen. Via Instagram kun je eenvoudig contact leggen met je grootste helden en je laten inspireren. Neem bijvoorbeeld The Baylor Project, een groep uit Amerika. Als tiener in de jaren negentig wilde ik Jean Baylor, destijds een van de zangeressen van de R&B-formatie Zhané, zijn. Ik ging zelfs zo ver dat ik mijn haar hetzelfde knipte. Nu ken ik haar persoonlijk en stuur ik haar gewoon een appje om haar te feliciteren met haar zoveelste Grammynominatie. Hoe bizar is dat?’ Je groeide op in een gezin waar jazz, soul en gospel altijd door het huis klonken. Die stijlen zijn veel meer met elkaar verweven dan men misschien denkt. ‘Gospel komt uit de kerken van Afro-Amerikaanse gemeenschappen. Gospel, jazz, blues, soul – het is allemaal met elkaar verbonden. Grappig genoeg zagen die kerken jazz in het begin als iets slechts, zelfs als ‘duivelse muziek’. Maar uiteindelijk kwamen die stijlen toch samen. Veel soul- en jazzmuzikanten begonnen in de kerk, waar ze met gospel opgroeiden. Aretha Franklin bijvoorbeeld, of Mahalia Jackson. Marvin Gaye, Sam Cooke en Gladys Knight – je hoort gewoon dat zij gospelroots hebben. En natuurlijk Whitney Houston, misschien wel het bekendste voorbeeld. Muzikanten uit de kerk stapten over naar jazz, terwijl jazzartiesten zich lieten inspireren door gospel en spiritualiteit. John Coltrane en Duke Ellington weefden dat zelfs door hun muziek. Het bewijst hoe diep deze werelden met elkaar verbonden zijn.’ Van alle muziekgenres leent jazz misschien het meest van andere stijlen. ‘Dat komt omdat jazz, ondanks de patronen en kaders, het genre is waarmee je kan freestylen. Overigens vinden sommige mensen de term ‘jazz’ te beperkt. Trompetist Christian Scott bijvoorbeeld heeft er moeite mee. Hij vindt de term beperkend en noemt

86

zijn muziek liever stretch music. Eerlijk gezegd is jazz tegenwoordig veel breder dan vroeger. Kijk naar jazzfestivals, alles kan nu. Groepen als het Ezra Collective brengen jazz op zo’n frisse manier. Dan denk ik: wauw, deze generatie heeft jazz echt toegankelijker gemaakt. Dat is een enorme rijkdom.’ Je vader was een groot liefhebber van jazzmuziek, funk, soul en blues, hij had zelfs zijn eigen band. Zag hij voor jou een carrière in de muziek voor zich? ‘Ik was het liefst meteen de muziek ingegaan. Maar mijn ouders wilden dat ik eerst een ‘echt’ vak leerde, dus koos ik voor een studie orthopedagogiek. Pas toen ik de Laren Jazz Award won, begon mijn vader me serieus te nemen als muzikant. Ik weet het nog zo goed. Cees Schrama – een legende, een jazzicoon – las het juryrapport voor. Tot dat moment vond mijn vader het best aardig wat ik deed. Maar toen die onderscheiding kwam – door Schrama zelf uitgereikt – veranderde alles. Hij begon krantenknipsels over me te verzamelen en ging zelfs mee naar optredens. Ik heb jazz leren kennen op een high culture-manier, via mijn vader. Daardoor vind je me op een jazzfestival eerder in een klein, intiem zaaltje bij een artiest die ik nog niet ken, dan in de grote zaal bij een gevestigde naam. Natuurlijk ben ik er bij als Herbie Hancock of Pharoah Sanders speelt, maar onbekende pareltjes, onverwachte ontdekkingen – dat is voor mij waar zo’n jazzfestival echt om draait.’

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


Wist je dat je muzieksmaak na je puberteit nauwelijks meer verandert? Fascinerend, toch? ‘Voor mij klopt dat denk ik wel. Ik ben opgegroeid met jazz. In de jaren tachtig, mijn tienertijd, werd popmuziek mijn wereld. Madonna, Michael Jackson – als ik ze nu hoor, zit ik meteen in een happy place. Helemaal terug naar dat gevoel van toen. Maar in mijn puberteit kreeg mijn muzieksmaak eindelijk richting. Het was de tijd van de hiphop. A Tribe Called Quest. The Roots, D’Angelo, Lauryn Hill. Je had toen twee opties: je bleef bij het mainstream geluid of je ging graven. Waar haalden deze artiesten hun inspiratie vandaan? Voor mij leidde dat spoor terug naar de muziek van mijn jeugd. Neem nou Mary J. Blige. Ik hoorde een nummer van haar en dacht: waar ken ik dit van? Dan komt het besef: oh, dat is een riff van Curtis Mayfield. De Curtis van mijn vader. Of wacht, dit is gewoon The Backstabbers van The O’Jays. En dit komt van Lee Morgan. Steeds weer ontdekte ik dat die helden uit de jaren negentig hun inspiratie haalden uit de obscure soul- en jazzplaten die bij ons thuis uit de speakers klonken. Het was alsof alles op zijn plek viel. En daar was ik dan weer terug bij waar het ooit begon. Een prachtige full circle.’

Luistert je dochter ook naar jouw muziek? ‘Nou, ik zal je wat vertellen – mijn dochter is een Swiftie. Ik snap niet hoe dit onder mijn hoede heeft kunnen gebeuren, haha. We zijn samen naar een concert van Taylor Swift geweest. Haar droom, hè. Acht jaar oud en helemaal betoverd. Ik dacht eerst: ach, een fase. Maar daar, in dat stadion, omringd door duizenden meisjes, begreep ik het ineens: Taylor Swift is de Madonna van deze generatie. Die grootsheid, die allure. Je wilt haar zijn. Ze deelde ook een hoedje uit – dat is een heilig relikwie voor die meiden. Ik moest daar zijn om het te snappen. Dan zie je een volwaardig artiest met een dikke, vette show. Die echt niet vals zingt. Die piano speelt, die gitaar speelt. Die danst. Die voor deze generatie zinnige dingen zegt. Is het mijn smaak? Nee. Maar ik snap wel heel erg waarom mijn kind onder de indruk is. Zij voelt er wat bij, en dat is misschien wel het mooiste van muziek.’

FOTO'S: JAAP KROON

Jij groeide op met jazz, maar weinig kinderen groeien op met die muziek. ‘Die taal leren ze dus niet. Ik bewonder het altijd wel als een jong persoon zich thuis voelt in de jazz. Neem componist en dirigent Tijn Wybenga of saxofonist Kika Sprangers, allebei relatief nog hartstikke jong, maar ze hebben zich al zo specifiek ontwikkeld. Daar ligt een ziel aan ten grondslag die we allemaal voelen. Of je nou 88 bent of 18. Het genre zal altijd

resoneren. Er zit een bepaalde bezieling in die muziek. Ik denk dat voor jazz geldt: once you love it, you can’t unlove it.’

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

87


The Records

Met The Records maken drie jonge jazzbands kans op volledige financiering van een albumproductie. Tijdens een jaarlijkse awardshow strijden talentvolle jazzbands, bestaande uit afstudeerders en alumni van alle Nederlandse conservatoria, om drie prijzen, elk ter waarde van € 10.000. Met dit bedrag kunnen de bands direct de studio in. Doelstelling is een jonge generatie (jazz)muzikanten de kans bieden hun muziek op te nemen en hun naam te vestigen in de muziekwereld. De winnaars ontvangen daarom naast de cd-productie professionele coaching bij het in de markt zetten van hun muziek. Bovendien krijgen de winnaars aansluitend aan de release van hun album een aantal optredens aangeboden.

FOTO'S: JAAP KROON

H

et jazzconcours Keep an Eye The Records vond plaats in TivoliVredenburg Utrecht. Inmiddels zijn er de afgelopen jaren al meer dan dertig albums mogelijk gemaakt voor aanstormend jazztalent. Ook dit jaar was het weer een avond vol energie, verrassingen en natuurlijk heel veel jazz. Terwijl de spanning in de lucht hing, werden drie kersverse winnaars bekendgemaakt, klaar om hun stempel op de jazzwereld te drukken. Bovendien werd het publiek getrakteerd op drie albumreleaseconcerten van de prijswinnaars van vorig jaar. Overdag streden zeven bands om een plek bij de top drie. Voor een vakjury gaven zij alles, en tijdens de avondshow mochten Ludvig Søndergaard Sekstet, Flatland Prayer en NOHMI zich de winnaars van 2025 noemen. Onder luid applaus werden zij aangekondigd door host Giovanca. In januari 2026 kunnen we ons verheugen op drie spiksplinternieuwe albums.

88

De winnaars van vorig jaar – NAUSYQA, Anaphora en Micheal Murray’s Colourfield – stonden te popelen om hun splinternieuwe albums voor het eerst live te presenteren. Met drie dynamische en totaal verschillende concerten lieten zij het publiek genieten van de veelzijdigheid van moderne jazz. Deze optredens markeerden de aftrap van hun albumreleasetour: The Records on Tour, een spannende reis langs de Nederlandse jazzpodia. De avond was een viering van muziek en een ode aan doorzettingsvermogen en creativiteit. De bandleiders van vorig jaar deelden tijdens interviews met Giovanca hun verhalen over een intens jaar van hard werken en artistieke groei. Van klassieke jazzklanken tot technogrooves: Keep an Eye The Records bood een kleurrijk palet van muzikale stijlen.

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


AWRDS

De winnaars van vorig jaar: NAUSYQA, Anaphora en Micheal Murray’s Colourfield, stonden te popelen om hun splinternieuwe albums voor het eerst live te presenteren.

Winnaars 2025 Ludvig Søndergaard Sekstet Ketija Ringa (fluit), Micheal Murray (altsaxofoon), Chaerin Im (piano), Aleksander Sever (vibrafoon), Samuel Kiel (contrabas), Ludvig Søndergaard (drums)

Creature Dances is het mee­ slepende debuut van het Ludvig Søndergaard Sekstet. Avontuur­ lijke jazz waarin rauw en lieflijk elkaar uitdagen. Van donkere passages tot ontroerende melo­ dieën. Zonder lelijkheid geen schoonheid. Deze muziek laat je anders luisteren en kijken. Dit is jazz die niet alleen klinkt, maar ook spreekt. Ludvig Søndergaard

Miran Noh River Adomeit KA MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

RE

N

V

AN

GI

LS

T

Flatland Prayer Līva Dumpe (vocalen), Antonio Moreno (trompet), River Adomeit (contrabas)

In de Verenigde Staten, het thuisland van bassist River Adomeit, broeit het. Met zijn band Flatland Prayer brengt hij het tweeluik Fanatic uit. Deel één gaat over de Capitoolbestorming, in deel twee klinkt de teleurstelling over de linkse reactie op Trumps herverkiezing. Adomeit mengt jazz, folk en bluegrass tot ‘contemporary songwriting’: een eigenzinnige sound die soepel balanceert tussen traditie en frisse, eigentijdse jazzavonturen.

NOHMI Miran Noh (piano), Patricia Mancheño (contrabas), Auke de Vries (drums), Claudio Jr. De Rosa (tenorsaxofoon), Daniel Clason (trompet)

Darkness & Brightness is het tweede album van NOHMI, geleid door de Zuid-Koreaanse pianiste Miran Noh. Met invloeden van Ravel en Debussy verweeft ze moeiteloos jazz en klassiek. Licht en schaduw, hoop en worsteling vloeien samen in een meeslepende muzikale reis die zowel persoonlijk als maatschappelijk raakt.

89


ho ei

s' tn Ti u m js e Kl t aa ss en

Bassist Tijs Klaassen won The Records (2018) precies op het goede moment.

‘D

e eerste plaat blijft speciaal. Alles is nieuw, en samen duik je voor het eerst dat avontuur in. In de jazzwereld wordt scherp gekeken naar de winnaars van The Records. Met een jury vol grote namen voelt die prijs echt als een kwaliteitsstempel. Voor ons was dat een gigantische boost: opeens stonden we op de radar. Daar plukken we nog steeds de vruchten van.’ Livejazz of een plaat? ‘De livetraditie is echt een belangrijk onderdeel van de jazzmuziek. Maar ik kan net zo goed genieten van een album dat je van begin tot eind meesleept. Als de volgorde klopt, de nummers elkaar versterken, en je voelt dat er een verhaal wordt verteld. Een album als persoonlijk statement, dat is precies waar ik zelf ook naar streef. Sommige dingen komen live beter tot hun recht, andere juist op plaat. Neem solo’s: op het podium kun je uitgebreid de tijd nemen om op zoek te gaan, maar op een album vraagt de luisteraar om een strakkere spanningsboog. Ik houd ervan om net zo lang te schaven tot het album klopt.‘ Eén kwintet, meerdere bands ‘Het mooie van een kwintet is dat je eigenlijk meerdere bands in één hebt. De ritmesectie (piano, bas en drums) is

90

Romantisch handwerk een band op zich. Speelt de saxofonist alleen met bas en drums, dan klinkt het geluid van een saxofoontrio. Soms maak ik het juist klein, door alleen met de pianist te spelen. Dan krijg je een soort klassieke kamermuziek. Dat wilde ik vastleggen op onze eerste plaat: al die variaties binnen een traditionele jazzsetting.’ Schrijven met de hand ‘Mijn muziek schrijf ik met de hand. Dat voelt bijna romantisch, al moet ik erbij zeggen dat ik niet goed ben in muziekschrijven op de computer. Papier is voor mij iets definitiefs. Dus voordat ik de noten opschrijf, heb ik er vaak al uren aan filteren in m’n hoofd opzitten. Mijn bandleden schrijven ook allemaal zelf. Ze denken mee en komen met goede ideeën. In de jazz zijn er veel sterke persoonlijkheden. Ik wil niemand dwingen om te spelen zoals ik het bedacht heb. Als het niet overeenkomt met hun eigen overtuiging, voel je dat meteen.’

Amsterdam jazzstad ‘Sinds de jaren zestig brengt Nederland eigenzinnige jazzmusici voort, met pioniers als Misha Mengelberg en Han Bennink. Nu trekt Amsterdam muzikanten uit de hele wereld. Het niveau is ongekend hoog en de mogelijkheden zijn groot. Prijzen als The Records en de Keep an Eye International Jazz Award zijn uniek, in veel landen bestaat niet eens één zo’n prijs. In 2019 was er voor het eerst The Records on Tour. Covid gooide roet in het eten, maar we speelden toch een paar concerten en een livestream vanuit Studio 150. Midden in de lockdown mochten we onverwacht live spelen. Het werd een emotioneel optreden voor een groot online publiek. Als ik er zo over nadenk heeft Keep an Eye ons door de jaren heen op cruciale momenten gesteund.’

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


WRKSHP

Notes, Beats & Bars

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Kracht van kruisbestuiving

W

aar klassieke muziek en hiphop elkaar ontmoeten. Sinds 2025 ondersteunen wij het project Notes, Beats & Bars van het Residentie Orkest: een unieke samenwerking met het Haags HipHop Centrum waarin klassieke musici, rappers, spokenwordartiesten en breakdancers elkaar ontmoeten. Tijdens jamsessies en workshops werken jongeren uit diverse Haagse wijken samen met professionals aan nieuwe muziek, dans en teksten rondom maatschappelijke thema’s. Zo ontdekken ze verborgen talenten, ontwikkelen ze nieuwe vaardigheden en ontstaan verbindingen over culturele grenzen heen. Het project mondt uit in een spetterend optreden: het Symphonic Junction Concert in PAARD, Den Haag. Hier staan jonge rappers, dansers en het volledige Residentie Orkest samen op het podium, vaak aangevuld met een bekende gastartiest. De intensieve voorbereiding – van repetities tot nieuwe arrangementen en choreografieën – levert een spannende mix op van symfonische klanken, beats, rap en streetdance. De recente editie toonde opnieuw de kracht van deze kruisbestuiving. Onder leiding van Leonard Evers en met gastoptredens van onder meer Hef, Sherr D. en jong talent Jayce werd het publiek meegenomen in een avond vol energie, traditie en vernieuwing. Van spokenwordvoordrachten over vrijheid tot klassieke stukken van Rameau en Sjostakovitsj, en van breakdance tot symfonische hiphophits: Notes, Beats & Bars laat zien hoe kunst jongeren en gemeenschappen kan verbinden.

91


FOTO'S: VEERLE BASTIAANSSEN

I

n 2025 vierden we 10 jaar Jong Metropole. Jong Metropole is een unieke samenwerking tussen het Nationaal Jeugd Orkest (NJO), het Nationaal Jeugd Jazz Orkest (NJJO) en het Metropole Orkest. In Jong Metropole komt het beste van verschillende muziekwerelden samen: het excellente spel uit de klassieke traditie met swing, improvisatie en groove vanuit de jazztraditie. Het initiatief wordt mogelijk gemaakt dankzij een jaarlijkse bijdrage van de Keep an Eye Foundation en het Cultuurfonds. Tijdens de Jong Metropole Tour werken de musici (zestig deelnemers) in volledige Metropole Orkestbezetting aan vernieuwende producties en ontstaan er kruisbestuivingen van diverse muziekgenres. Daarnaast biedt Jong Metropole deelnemers de mogelijkheid om masterclasses en workshops te volgen. Het traject vormt een unieke aanvulling op het huidige onderwijs en het aanbod van talentontwikkelingsprojecten.

92

Metro tien jaa 2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


AWRDS

opole, ar Jong! MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

De Keep an Eye Outstanding Talent Award ter waarde van € 5000 wordt toegekend aan de musicus die zich het meest onderscheidt als verbinder binnen de groep en is bedoeld voor verdere muzikale ontwikkeling. Bij de meeste prijzen draait het om de beste zanger of musicus in een bepaald genre. Maar de Keep an Eye Outstanding Talent Award kijkt verder. Deze prijs is voor de muzikant die niet alleen zelf excelleert, maar het hele orkest naar een hoger niveau tilt. De prijs wordt in december 2025 uitgereikt na de publicatie van deze editie van Magjezien.

De Rogier van Otterloo Award is een stimuleringsprijs van € 10.000 voor de meest talentvolle jonge componist, arrangeur, dirigent of orkestleider en wordt uitgereikt door het Cultuurfonds. De winnaar wordt uitgenodigd een compositie te schrijven voor Jong Metropole in de geest van Van Otterloo en mag de rest van het geldbedrag besteden aan diens ontwikkeling als musicus. In 2025 werd de Rogier van Otterloo Award gewonnen door pianist, componist en bandleider Chris Muller. Over Chris zei de jury: ‘Chris Muller is een bevlogen componist, arrangeur en orkestleider in de traditie van de grote jazzbigbands. Met een scherp oor voor detail, rijke klankkleuren en subtiele frasering weet hij de secties naadloos te verweven tot een muzikaal geheel. Zijn vakmanschap, toewijding en smaakvolle stijl maken hem een ideale schrijver voor én leider van grotere ensembles.‘

93


N

Youngsters op voor zesde editie

a het succes van de afgelopen jaren bundelen de drie talentafdelingen van het Conservatorium van Amsterdam — de Sweelinck Academie, het Junior Jazz College en de Young Pop Academy — opnieuw de krachten voor een editie van The Youngsters. Net als in eerdere jaren komen jonge klassieke musici, jazztalenten en popartiesten samen om zich te presenteren in een uniek, interdisciplinair programma vol verrassende combinaties en frisse energie. Het project biedt jonge musici niet alleen een podium, maar ook een kans om elkaar te inspireren en buiten hun eigen muzikale comfortzone te treden.

De nieuwe editie van The Youngsters staat gepland voor het voorjaar van 2026. Een uitgebreide terugblik lees je in de volgende uitgave van MAGjeZIEN­ enHOREN. Eerdere Youngsters in vogelvlucht • 2024 – From Scratch met Daahoud Salim: verstilde reflecties op natuur en planeet met een gezamenlijk gecomponeerd stuk muziek • 2023 – Abre Alas met Lilian Vieira: een bruisende editie vol Braziliaanse invloeden • 2022 – Sranan Pokoe! met Ronald Snijders: een ode aan Surinaamse muziek en ritmes • 2021 – Go Tango met Carel Kraayenhof: kennismaking met de Argentijnse tangotraditie • 2020 – CvA Young Talent Orchestra XL, onder leiding van Martin Fondse: een eerste ontmoeting tussen klassiek en jazz

@EDOLAND

EDO LAND

WRKSHP

94

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


PIETER KUN NEN

UITTIP

Popcasts voor de betere deep dive

PARCIFA L WER KMA N

I

n coronatijd had ik, net als zo’n beetje iedereen in die periode, veel tijd over. Ik begon met podcasts luisteren en heb er toen twee ontdekt over popmuziek die ik graag met jullie wil delen. Als je een liefhebber bent van hiphop en R&B is Dissect een goede tip. In deze podcast worden de teksten en producties van artiesten als Frank Ocean, Kendrick Lamar, Beyoncé en Tyler The Creator uitgeplozen en ontleed. Elk seizoen gaat over één specifiek album. Hierna hoor je de muziek en tekst ineens op een hele andere manier, omdat je meer inzicht hebt gekregen in de thema’s en in de artistieke en conceptuele keuzes die artiesten maken bij het schrijven van hun muziek. Ik vond deze podcast echt een verrijking van mijn muziekbeleving, of je nu een nieuwe luisteraar bent of deze artiesten al jarenlang in je playlists hebt staan. Het is hoe dan ook interessant meegenomen te worden in de wereld die deze artiesten schetsen in hun albums. De podcast Switched On Pop is mijn tweede tip. Dit is een podcast met wekelijks een nieuwe aflevering over actuele fenomenen in popmuziek. Meestal gaat het over recentelijk uitgebrachte nummers of albums, maar soms zoomt een aflevering in op specifieke verschijningen binnen het brede spectrum van popmuziek. Zo was er een aflevering over de invloed die de Roland TR-808 drumcomputer heeft gehad, eentje over kerstmuziek, een aflevering over duetten of over een nummer van twintig jaar oud dat ineens viral is gegaan op TikTok. Dus, als je een keer iets anders wilt luisteren dan die nummers die al wekenlang op repeat staan, raad ik je van harte aan om eens in deze twee podcasts te duiken.

Tessa Raadman, Programmacoördinator Young Pop Academy en The Youngsters @EDOL AND MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

95


Parels van het N FOTO'S: JAMES SG GALLAGHER

a enkele projecten voor startende muzikanten was het voor het Grachtenfestival tijd om extra aandacht te geven aan meer gevorderde talenten die zich graag wilden doorontwikkelen binnen het Grachtenfestival. In 2023 zijn we samen aan de slag gegaan met een spectaculair project waarbij ook deze artiesten onder hoge druk, maar in de beste condities kunnen stralen: de Jazz Gems. Voor deze serie worden door een speciale commissie vier uitzonderlijke musici geselecteerd die al een tijdje meedraaien binnen het festival. Deze toptalenten worden niet alleen geboekt voor een concert, maar krijgen tijdens een begeleid traject volledige vrijheid om hun eigen programma samen te stellen. Deze carte blanche resulteerde ook dit jaar weer in nieuwe composities, uitdagende samenwerkingen en spectaculaire locaties.

De Jazz Gems van 2025

N

Sun Mi Hong

a jaren van muzikale verdieping in Amsterdam richtte drummer en componist Sun-Mi Hong haar blik op Berlijn. Speciaal voor dit concert vormde ze een nieuw trio met twee sleutelfiguren uit de bruisende Berlijnse improvscene: gitarist Keisuke Matsuno en bassist Simon Jermyn. Voor het eerst betrok Sun-Mi elektrische bas en gitaar in haar eigen project. Een frisse stap, gevoed door nieuwsgierigheid en de wens om haar creatieve grenzen te blijven verleggen. Sun-Mi groeide op in Incheon, Zuid-Korea, en woont sinds zeven jaar in Amsterdam. In die tijd maakte ze naam als een van de meest vindingrijke componerende drummers van haar generatie. Met haar kwintet won ze eerder al een Edison en de Dutch Jazz Competition, en haar vierde album verscheen recent op Edition Records.

96

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


AWRDS

Grachtenfestival D

Peter Somuah

e Ghanese trompettist Peter Somuah maakte in korte tijd naam als een van dé jazzmuzikanten van zijn generatie. Hij valt op door zijn warme, melancholische klank, ritmische finesse en eigen composities. Daarin verkent Somuah de grenzen tussen jazz, funk, soul en traditionele Ghanese muziek, met een vleugje elektronica. Hij won een Edison Jazz Award, werkte samen met de gerenommeerde WDR Big Band en trad op tijdens North Sea Jazz en ESNS. Dit keer speelde hij in het TOBACCO Theater met een XL-bezetting, inclusief blazers en de bijzondere Ghanese gitarist Kweku Mensah

N

Gijs Idema

a een jarenlange verkenning van klankkleuren en texturen, vastgelegd in de albums Marking Time (solo) en Shaping Time (met het ADAM Quartet en Anna Serierse), presenteerde gitarist en componist Gijs Idema het slotstuk van dit verhalende drieluik: Time-lapse (Ode to Curiosity). Voor dit project verzamelde hij een dreamteam uit de Nederlandse jazzscene, met onder anderen saxofonisten Mo van der Does en Ben van Gelder en gitarist Ella Zirina. Geïnspireerd en gefascineerd door de gelaagdheid van twee gitaren en twee saxofoons zette hij met dit ensemble een nieuwe stap als componist en bandleider. De individuele stemmen van de musici vormden voor hem de leidraad in de zoektocht naar een nieuw palet aan klanken.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

‘N

Chieko Donker Duyvis

ature Symphony’, de nieuwe compositie van componist, cellist en zangeres Chieko Donker Duyvis, is een ode aan het regenwoud van Mata Atlântica. Dit regenwoud, waar de familie van Donker Duyvis vandaan komt, is een van de meest bedreigde ter wereld: momenteel is er nog maar tien procent van over. Als een natuurgebied eenmaal is verwoest, keren de geluiden van zo’n plek nooit meer terug. Elk woud heeft zijn eigen symfonie, bestaande uit de geluiden die alle dieren en insecten samen maken. Chieko maakte opnames in het MataAtlânticawoud en verwerkte de geluiden in hedendaagse jazzen kamermuziek. De symfonie die daaruit ontstond, is niet alleen een artistiek werk, maar nodigt ook uit tot reflectie over hoe de mens omgaat met de natuur. 97


Wederom organiseerde de jazz­ afdeling van het Conservatorium van Amsterdam deze zomer de Keep an Eye Summer Jazz Workshop. Jaarlijks is dit dé gelegenheid voor professionele musici en muziekvakstudenten van over de hele wereld om zich onder leiding van internationale topmusici een week lang intensief onder te dompelen in jazz. Het werd weer een leerzame en gezellige week voor de deelnemers, met een keur aan topmuzikanten en docenten. Een snelkookpan waarbij in een paar dagen veel gespeeld en uitgewisseld werd zodat er na vier dagen een concert kon worden gegeven met muzikanten en een dirigent die elkaar nog maar kort kenden. Toch leek het alsof ze al jaren samen speelden.

O

FOTO'S: JAAP KROON

ok dit jaar stond er een indrukwekkende faculty klaar om de deelnemers te begeleiden. Kendrick Scott, Will Vinson, Shannon Barnett, Harmen Fraanje, David Linx, Philip Dizack, Gerald Clayton, Anat Cohen en vele anderen. Dagelijks waren er workshops en combo‑ en improvisatieles‑ sen, masterclasses instrument, lessen compositie, interplay en muziekbusiness. In de stad waren gedurende de week verschillende optredens en jamsessies. Daarnaast ontston‑ den er nieuwe vriendschappen en ontdekten veel buitenlandse studenten de bruisende stad Amsterdam.

98

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


WRKSHP

Snelkookpan boordevol bruisende ingrediënten Concert Keep an Eye Summer Jazz Large ensemble

Een aantal deelnemers kreeg de kans om mee te spelen in het large ensemble samen met de beroemde saxofonist Will Vinson, die gastsolist was. Een aantal andere deelnemers kreeg de opdracht binnen een paar dagen enkele nummers opnieuw te arrangeren. Zij slaagden met vlag en wimpel, een mooie leerervaring rijker. Onder leiding van Rob Horsting werden hun arrangementen tijdens het concert met verve uitgevoerd.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

99


Keep an Eye International Jazz Award Tijdens de internationale jazzcompetitie, een initiatief van Keep an Eye in samenwerking met het Conservatorium van Amsterdam, kunnen muzikanten niet alleen een prijs winnen, maar vooral een onvergetelijke ervaring opdoen. Het is een kans om met buitenlandse studiegenoten te spelen, workshops te volgen en vrienden voor het leven te maken. Er worden elk jaar geldprijzen uitgereikt in diverse categorieën.

Vijftien jaar v

D

FOTO'S: JAAP KROON

e 15e jubileumeditie van de Keep an Eye International Jazz Award was een feest voor jazzliefhebbers. Wat ooit begon als een bescheiden competitie voor studenten van het Conservatorium van Amsterdam, is uitgegroeid tot een toonaangevend internationaal podium voor veelbelovend jazztalent uit alle windstreken. Dit jaar – met een bijzonder thema en een indrukwekkende line-up – voelde als een waardige bekroning van vijftien jaar muzikale ontwikkeling en groei. In deze speciale editie stond de muziek van de legendarische Billie Holiday centraal. Elk ensemble koos een stuk uit haar repertoire en maakte daar een persoonlijke bewerking van. De verschillende interpretaties lieten niet alleen zien hoe tijdloos en krachtig haar werk nog altijd is, maar ook hoe rijk de verbeeldingskracht van deze jonge musici kan zijn.

Luister hier naar de winnaars van de Jazz Awards 100

Gedurende twee avonden stonden studenten van het CvA op het podium in een poging een felbegeerde plek in de finale te bemachtigen. Twee bands van het CvA namen het

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


AWRDS

veelbelovend op tegen bands van vier internationale topopleidingen: Escola Superior de Música de Catalunya (Barcelona), Berklee College of Music (Boston), Manhattan School of Music (New York), NTNU Jazz Performance Programme (Trondheim). De finale vond plaats in het BIMHUIS. Zoals altijd werden er tijdens de finale diverse prijzen uitgereikt: voor het beste arrangement, voor de meest opvallende solisten – zowel uit Amsterdam als daarbuiten – en uiteraard voor de top drie ensembles van de avond. De jury, bestaande uit ervaren (inter-) nationale musici, docenten en professionals uit de cultuursector, stond voor een lastige opgave, want het niveau was hoog. Toch draaide deze jubileumeditie, net als in voorgaande jaren, om meer dan alleen het winnen van prijzen. De wedstrijd bood de deelnemers een unieke kans om samen te spelen met leeftijdsgenoten uit andere landen, om kennis uit te wisselen in workshops, masterclasses en jamsessies, en om nieuwe vriendschappen te sluiten.

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

Winnaars 2025 Eerste prijs: Calima (Conservatorium van Amsterdam) Tweede prijs: Evan’s Super Duper Group & Fun (Conservatorium van Amsterdam) Aanmoedigingsprijs: Moon Inhabitants (Jazz Performance Programme NTNU, Trondheim) Publieksprijs: Evan’s Super Duper Group & Fun Beste CvA-solist: Jules Chabonnier (Conservatorium van Amsterdam) Beste niet-CvA-solist: Cristopher Pérez (Escola Superior de Música de Catalunya, Barcelona) Beste Billie Holiday-arrangement: Kollage (Manhattan School of Music, New York)

101


CONTACT Neem gerust contact op met Keep an Eye als je iets wilt weten over de activiteiten of als je wilt deelnemen aan een van de projecten. Keep an Eye is altijd op zoek naar goede ideeën of nieuwe initiatieven. Bel of mail ons. Je kunt contact opnemen met Catherine Clavaux, senior project­leider Keep an Eye Foundation. DANK De Keep an Eye Foundation bedankt alle betrokkenen bij de projecten. Natuurlijk ook alle (kunst)opleidingen en festivals waar wij intensief mee samenwerken. Daarnaast zijn wij blij met de samenwerking met alle partners waarmee wij prachtige projecten voor jong talent realiseren. Luister naar onze podcast en schrijf je in voor de nieuwsbrief. Keep an Eye Foundation Cattenhagestraat 16 1411 CT Naarden-Vesting 035-6951277 mail.ons@keepaneye.nl www.keepaneye.nl COLOFON redactie en samenstelling Catherine Clavaux, Mylène Hogenhuis interviews Juliette de Swarte essay grafisch ontwerp Kylièn Sarino Bergh eindredactie Frans Hempen, firma hempen ontwerp Joanna Greve, zoel coverontwerp Jill Heesbeen drukwerk Damen Drukkers © 2026

102

2026 / #9 MAGjeZIENenHOREN


AWRDS

MAGjeZIENenHOREN #9 / 2026

103


www.keepaneye.nl

Céline Hurka en Yamuna Forzani, Symbols of Utopia, 2024


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook