Met plezier naar school
De leerlingen staan voor de nieuwe weggeefkast.
ROTTERDAM – Voor het schoolgebouw van basisschool Noen staat een nieuwe weggeefkast. De leerlingen van groep 7a en 7b hielpen kunstenaar Bo de weggeefkast te ontwerpen. ‘Een weggeefkast is een kast waar je spullen in kunt doen. Andere mensen kunnen die spullen meenemen’, zegt Jabir (10). Marwa (12): ‘De spullen krijgen zo een tweede leven.’ Tekst en foto: Hanne van Mourik
‘Onze vorige weggeefkast was te klein, kapot en niet zo mooi. De spullen die in die kast stonden werden nat als het regende’, vertelt Zainab (10). Jabir: ‘De nieuwe kast heeft een dak waardoor de spullen in de kast niet nat kunnen worden.’ Maryam (10): ‘De oude kast werd niet vaak opgeruimd omdat niemand verantwoordelijk was voor de kast. Ouders zijn nu verantwoordelijk en helpen mee om de nieuwe kast netjes te houden.’
Vullen met spullen
De leerlingen hebben zelf spullen in de kast gezet. ‘Ik heb er een pakje zout ingezet’, zegt Jabir. ‘Ik heb een multomap in de kast gezet’, zegt Maryam. Marwa: ‘Ik heb een kinderboek in de kast gezet.’ ‘Ik ga speelgoed in de kast zetten’, zegt Zainab.
VERANTWOORDELIJK ZIJN
Goed zorgen voor dingen, mensen of dieren en doen wat je hebt afgesproken.
Hanneke onderzoekt water
Herdenken bij een monument
Op zoek naar fossielen
THEMA: TUINIEREN
2 oma’s zitten in de speeltuin op een bankje.
Zegt de ene oma tegen de andere: ‘Mijn kleinzoon kan zijn naam al schrijven.’
De andere oma reageert: ‘Hoe heet hij dan?’
De ene oma zegt: ‘Tim.’ Vertelt de andere oma: ‘Mijn kleinzoon kan zijn naam al achterstevoren schrijven.’ De ene oma reageert: ‘Oh wow, en hoe heet hij dan?’
Zegt de andere oma: ‘Bob.’ Naomi (11)
Gooit een man een brief in de bus. Vraagt de buschauffeur: ‘Wat moet ik met deze brief…?’
Storm (9)
Op de snelweg staat een file. Er is ook een tankwagen met zoutzuur omgevallen. De file is nu wel opgelost.
Ali (12)
Wat is oranje en weet het niet zeker?
Een misschienisappel.
Louise (10)
Wat is het verschil tussen een paard en een ezel?
Een paard staat in de wei en een ezel dat ben jij.
William (11)
Heb je weleens een olifant in een boom zien verstoppen?
Nee? Hij is er ook heel goed in.
Safae (9)
J e n n y en J i m m y
We hebben een ’goed’ voor ons werkstuk gekregen!
Top gedaan, Jimmy!
Dank je.
Wil je mij ook een complimentje geven?
Ik houd meer van complimentjes krijgen, dan geven.
bemesten bestuiven bloemen bloesem bodem bollen groeien groente grond insecten kas kweken maaien moestuin onkruid schaar schoffel schooltuin vlinders water wieden zaadjes zaaien
Gefeliciteerd!
Michiel van de Vijver
Geef eens een compliment. Daar ben je vast heel goed in.
Dank je.
Zoek de bloemen in de kinderkrant!
Kun jij ze allemaal vinden? Vul hier het aantal in:
Jong010 wordt mede mogelijk gemaakt door:
Heb jij een tip voor Jong010?
redactie@jong010.nl
Lees alle kranten op onze website: www.jong010.nl
DE NIEUWE JONG010 VERSCHIJNT
25 JUNI 2026
JONG010 - MEI 2026
JAARGANG 16 - EDITIE 9
OPLAGE: 36.000 KRANTEN
Hoofdredacteur: Suzanne Huig
Journalisten: Marloes Brouwer, Lotte Keuzenkamp, Jesse Wagenvoord Fotografen: Fleur Beerthuis, Hanne van Mourik, Nina Passenier, Arjen Jan Stada
Vormgeving: Marcel van den Assem
Redactiemedewerker: Sasja Hof
Drukkerij: Rodi Rotatiedruk
Aan deze editie werkte verder mee: Hans Tak, Remie Kranendonk
Het antwoord van de woordzoeker van april is: BEWEGEN. De winnaar is Nika (8).
ROTTERDAM
Carola Schouten is de burgemeester van Rotterdam. Ze hoort graag de meningen en ervaringen van basisschoolleerlingen. De burgemeester is benieuwd of jij deze maand iets speciaals hebt gedaan om oorlogsslachtoffers te herdenken.
Tekst en foto's:
Suzanne Huig
CAROLA SCHOUTEN
Foto: Casper Rila
‘Nederland staat ieder jaar op 4 mei stil bij de Tweede Wereldoorlog. Rotterdam herdenkt ieder jaar op 14 mei het grote bombardement dat het centrum in 1940 verwoestte. Als burgemeester ben ik bij herdenkingen aanwezig en houd ik toespraken. Ik ging ook vaak naar herdenkingen voordat ik burgemeester was.
‘Ik vind het heel erg dat op andere plekken in de wereld onschuldige kinderen zich onveilig voelen doordat ze in een oorlog leven. Ik denk deze maand extra aan die kinderen.
Ik ben heel blij dat ik veilig ben in Nederland.’
‘Ik denk aan de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog als ik op school les krijg over de oorlog. Ik vind het belangrijk dat iedereen elkaar leert te respecteren. Ik denk dat er dan minder snel oorlogen komen.’
‘Mijn juf heeft deze maand verteld over Anne Frank. Anne Frank was een Joods meisje. Ze dook onder tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ik vind het heel erg wat zij heeft meegemaakt. Ik denk aan haar.’
Ik denk tijdens een herdenking aan de slachtoffers van de oorlog. Ik eer de mensen die toen probeerden om het goede te doen door anderen te helpen.
Heb jij deze maand iets speciaals gedaan om oorlogsslachtoffers te herdenken?’
‘Ik herdenk de oorlog op school door filmpjes over de oorlog te kijken. Ik leer op school ook over de oorlogen die er nog steeds zijn in de wereld. Ik vind dat landen elkaar met rust moeten laten zodat er geen nieuwe oorlogen meer komen.’
‘Ik praat over oorlogen op school. Ik vind het belangrijk om over oorlogen en de gevolgen van oorlogen te praten. Ik denk dat er minder nieuwe oorlogen komen als we aan de slachtoffers blijven denken.’
‘Ik kijk op 4 mei altijd samen met mijn moeder naar de landelijke herdenking op televisie. We zijn dan 2 minuten stil om aan de slachtoffers te denken. We laten daarmee zien dat we de oorlogsslachtoffers nooit vergeten.’
‘Ik kijk op 4 mei altijd naar een herdenking op televisie met mijn oma, opa, moeder en stiefvader. We zijn dan 2 minuten stil om aan de slachtoffers te denken. Ik denk dan aan hoe blij ik ben dat ons land nu veilig is.’
‘Ik herdenk de oorlogsslachtoffers door op 4 mei 2 minuten stil te zijn met mijn vader en mijn moeder. Ik denk dan aan alle mensen die zijn overleden in de oorlog.’
Herdenk jij oorlogsslachtoffers? Zo ja, hoe?
Naam en leeftijd:
‘Ik heb deze maand op verschillende plekken in Rotterdam kransen zien liggen op straat. Die kransen zijn neergelegd tijdens herdenkingen. Ik denk aan de slachtoffers van de oorlog als ik een krans zie liggen.’
ROTTERDAM – Veel leerlingen vinden het spannend om naar de middelbare school te gaan. Dat is heel gewoon en hoort erbij. De meeste leerlingen voelen zich vanzelf fijn op hun nieuwe school Tekst: Suzanne Huig
ROTTERDAM – Wahid: ‘Ik vond het spannend om naar de middelbare school te gaan. Ik vond het spannend om nieuwe leerlingen en nieuwe leraren te ontmoeten. Ik was heel verlegen. Ik was bang dat ik in pauzes alleen zou zitten en geen nieuwe vrienden kon maken.’
Tekst: Suzanne Huig
‘Ik ben blij dat ik de cursus heb gevolgd. Ik heb nu meer zelfvertrouwen en durf vrienden te maken. Ik heb dankzij de cursus vrienden op school’, zegt Wahid.
Leerlingen die op de basisschool bijvoorbeeld worden gepest, vaak ruzie hebben of heel verlegen zijn, kunnen het extra spannend vinden om naar een nieuwe school te gaan. Zij zijn soms bang dat ze op hun nieuwe school dezelfde problemen krijgen.
‘Plezier op School’ ‘Plezier op School’ is een cursus van 2 dagen in de zomervakantie. De cursus helpt leerlingen die naar de brugklas gaan zodat ze met zelfvertrouwen een goede start kunnen maken op een nieuwe school. Wahid (13) en Yuno (13) zitten in de brugklas. Ze volgden de cursus vorige zomer.
Kijk voor meer informatie op INDIGOWEST.NL/PLEZIER-OP-SCHOOL
Nieuwe vrienden maken Wahid legt uit hoe hij nieuwe vrienden maakt: ‘Ik blijf rustig en tel tot 10. Ik adem daarna diep in en uit. Ik sta rechtop. Ik zeg tegen mezelf dat ik het kan. Ik loop daarna naar de onbekende en zeg gedag. Ik kijk de ander aan. Ik geef een stevige hand en zeg duidelijk mijn naam. Ik luister vervolgens naar de naam van de ander. Ik vraag daarna wat de ander leuk vindt om te doen. Ik stel vragen zodat ik de ander beter leer kennen. Ik vraag bijvoorbeeld wat de ander graag doet of wat zijn of haar talent is. Ik ontdek daardoor wat de ander leuk vindt en of er iets is dat ik met de ander samen kan doen.’
‘Ik geef een hand als ik mezelf voorstel.’
In een groep mengen Wahid heeft ook geleerd hoe hij zich in een groep kan mengen. ‘Ik ga eerst stevig staan. Ik kijk de anderen aan. Ik laat merken dat ik erbij kom staan door ‘hallo’ te zeggen. Ik luister daarna goed naar wat de anderen zeggen. Ik stel daarna een vraag of vertel iets over het onderwerp’, legt Wahid uit.
ROTTERDAM – Yuno was verlegen. Yuno: ‘Ik voelde me vaak onzeker. Ik was bijvoorbeeld bang dat ik domme dingen zei. Ik zei daarom vaak niets. Ik wilde graag zelfverzekerder worden zodat ik op de middelbare school met leerlingen kan kletsen en vrienden kan maken.’
Tekst: Suzanne Huig
‘Ik had vaak slechte gedachten. Ik dacht bijvoorbeeld dat ik gepest zou worden of fouten zou maken. Ik voelde me door die gedachten heel zenuwachtig en maakte me zorgen. Ik durfde daardoor niets tegen andere leerlingen te zeggen’, vertelt Yuno.
Goede gedachten
‘Ik heb bij de cursus geleerd om mijn slechte gedachten te veranderen in goede gedachten. Ik denk nu bijvoorbeeld dat ze mij vast aardig vinden en dat het niet erg is om fouten te maken. Ik voel me daardoor fijner’, vertelt Yuno.
Yuno leerde om bij anderen te gaan zitten in een pauze. Foto’s: Hanne van Mourik
Yuno maakt zijn huiswerk.
Situaties naspelen
De deelnemers aan de cursus hebben door situaties na te spelen geoefend met voor hen lastige situaties. Yuno: ‘We speelden situaties die op school voorkomen na. Ik oefende bijvoorbeeld met vragen of ik bij iemand mag zitten in de pauze. Ik vind het fijn dat ik de situaties heb nagespeeld. Ik weet daardoor dat ik het kan en geloof in mezelf. Ik ben blij dat ik de cursus heb gevolgd. Ik durf nu bij leerlingen te gaan zitten in een pauze. Ik zit niet meer alleen.’
Wahid. Foto’s: Arjen Jan Stada
Yuno.
ROTTERDAM – Yassin (9) is geboren met een hartafwijking. ‘Ik ben meerdere keren geopereerd zodat mijn lichaam goed kan werken. Ik voel me nu goed. Ik ben alleen iets sneller moe dan mijn leeftijdsgenoten’, zegt Yassin. Tekst: Suzanne Huig
‘Een gezond hart heeft een linkerboezem, een linkerkamer, een rechterboezem en een rechterkamer. Ik ben geboren met alleen een linkerboezem en een linkerkamer die niet helemaal goed werkten’, vertelt Yassin.
3 operaties
Yassin moest meerdere keren worden geopereerd om zijn hart goed te kunnen laten werken. Yassin: ‘Ik werd voor het eerst geopereerd toen ik 10 maanden oud was. Die operatie duurde 13 uur. Ik ben daarna nog een keer geopereerd toen ik 2 jaar oud was en een keer toen ik 3 jaar oud was. Dokters hebben er met die 3 operaties voor gezorgd dat mijn hart nu goed werkt als éénkamerhart. Ik moet alleen iedere dag 1 pilletje nemen. Dat pilletje zorgt ervoor dat mijn bloed makkelijk door mijn lichaam stroomt. Mijn hart hoeft daardoor minder hard te pompen om mijn bloed door mijn lichaam te laten stromen.’



Harder werken en sneller moe ‘Mijn éénkamerhart is kleiner dan een gewoon hart. Mijn hart moet daardoor harder werken dan het hart van anderen. Ik voel mijn hart soms snel kloppen als het hard werkt. Ik ben snel moe doordat mijn hart hard moet werken. Ik moet bijvoorbeeld een middag bijkomen als ik naar een museum ben geweest of heb gesport. Ik kan bijna alles als ik tussendoor uitrust. Ik kan alleen niet op voetbal omdat ik te snel moe ben om goed te kunnen trainen. Ik vind dat heel jammer’, zegt Yassin.
Yassin laat zijn Tikkiering zien. Het is een ring met bedels voor kinderen met een hartafwijking.
Foto’s: Arjen Jan Stada
Een blijvend litteken
Yassin: ‘Ik heb een groot litteken op mijn borst. Dokters hebben op de plek van mijn litteken een opening gemaakt naar mijn hart om mij te kunnen opereren. Dat litteken gaat niet meer weg. Ik vind het heel vervelend dat ik het litteken heb. Ik merk dat mensen soms naar mijn litteken kijken of erover praten. Ik vind het zelf lastig om aan mensen te vertellen waarom ik het litteken heb.’
Fietsen in het ziekenhuis
Yassin moet 1 keer per jaar naar het ziekenhuis. Dokters controleren dan of zijn hart nog goed genoeg werkt. ‘Ik moet ieder jaar bijvoorbeeld een fietstest doen. Ik krijg voor die test speciale stickers op mijn borst geplakt. Ik krijg ook een masker op mijn gezicht. Ik moet met het masker en de stickers op fietsen op een hometrainer. De dokters kunnen dan meten hoe mijn hart werkt als ik me inspan’, vertelt Yassin.
Yassin vindt het lastig om aan mensen te vertellen waarom hij een litteken heeft. Wat kun je volgens jou doen als je het lastig vindt om iets te vertellen?
‘Je kunt vooraf bedenken wat je precies wilt vertellen. Ik oefen de dingen die ik lastig vind met mijn moeder. Ik vind dingen makkelijker als ik ze met mijn moeder heb geoefend.’
Foto’s: Suzanne Huig
Fonds Kind & Handicap helpt kinderen en jongeren met een handicap of chronische ziekte.
Een handicap is een beperking waardoor je sommige dingen niet zo goed kunt.
Een chronische ziekte is een ziekte die minimaal 3 maanden duurt, steeds terugkomt of niet genezen kan worden.
‘Je kunt dat wat je wilt vertellen eerst aan je knuffels of huisdier vertellen. Je kunt het daarna aan je ouders vertellen. En je kunt het daarna aan je vrienden vertellen. Je hebt dan al een paar keer geoefend voordat je het aan een onbekende vertelt.’
De organisatie geeft bijvoorbeeld geld om hulpmiddelen te kopen, voorlichting te geven of onderzoek te doen.
Yassin.
Jouw idee.
Naam en leeftijd:
ELISANUR (9)
LAYAN (8)
Yassin speelt graag Pokémon GO.
Rotterdam
Rotterdammers stemden op 18 maart voor de gemeenteraad. Alle stemmen zijn geteld en de plekken zijn verdeeld. Op woensdag 1 april zijn de 45 gekozen gemeenteraadsleden beëdigd in het stadhuis. De raadsleden komen van 13 verschillende politieke partijen. De raadsleden van de verschillende partijen gaan de komende 4 jaar samenwerken en samen beslissingen nemen voor de gemeente Rotterdam. Tekst: Suzanne Huig / Foto: Hans Tak
In totaal zijn er 45 plekken in de gemeenteraad. Die plekken noem je zetels. De stemmen van alle Rotterdammers zijn over de 45 zetels verdeeld. Een speciale rekensom rekent uit hoeveel stemmen nodig zijn voor een zetel. Partijen met veel stemmen krijgen meer zetels in de raad. De gekozen gemeenteraadsleden hebben de komende 4 jaar een zetel in de gemeenteraad.
Wie hoort bij welke partij?
Op deze groepsfoto staan de 45 raadsleden door elkaar. Gebruik je kleurpotloden om de cirkels met nummers in te kleuren. Kies voor elke partij een andere kleur.
Als je alle cirkels met nummers hebt ingekleurd zie je welke raadsleden bij dezelfde partij horen.
?
De voorzitter en de raadsgriffier horen niet bij een partij. Deze 2 personen hebben we geel gekleurd.
46. Isabelle Broeders Raadsgriffier van de gemeenteraad
47. Burgemeester Carola Schouten Voorzitter van de gemeenteraad
37. Daan Hamhuis
38. Nic Redelinghuys
1. Jeroen Postma
2. Josephine Baán
3. Marvin Biljoen
4. Amy de Bruijn
5. Kevin van Eikeren
6. Jelle Jaspar
7. Ömer Kaya
8. Astrid Kockelkoren
9. Stephan Leewis
10. Mina Morkoç
11. Sarah Reitema
12. Ronald Buijt
13. Sebastiaan Bonte
14. Vanessa Bruin
15. Manon van Dijk
16. Iman Pieter Duin
17. Geert Koster
18. Ilse van der Meer
19. David Monge Vega
20. Thomas Roskam
21. Marcel Verhoef
22. Joey de Waard
39. René SegersHoogendoorn
40. Pinar Coşkun
41. Luuc Dekkers
23. Chantal Zeegers
24. Tim de Haan
25. Agnes Maassen
26. Joan Nunnely
27. Loes Rojer
28. Tim Versnel
29. Marike Abrahamse
30. Diederik van Dommelen
31. Caroline Engels
32. Erik Verweij
33. Serkan Soytekin
34. Faouzi Achbar
35. Burak Doğan
36. Meriem Laamairi
42. Sjef Siemons
43. Gerben van Dijk
44. Emin Başoğlu
45. Tikhoe Isaack
SPULLEN KOPEN
ROTTERDAM – De kans is kleiner dat je later geldproblemen krijgt als je al op jonge leeftijd met geld leert omgaan. Je kunt je geld maar 1 keer uitgeven. Je moet daarom goed nadenken wat je ermee doet. Tekst: Suzanne Huig
Sommige mensen willen iets kopen terwijl ze niet genoeg geld hebben. Ze kiezen ervoor om achteraf te betalen of geld te lenen. Je moet meestal een vergoeding betalen als je achteraf betaalt of geld leent. Het kost dus extra geld.
Schulden door achteraf te betalen
Sommige mensen hebben het gevoel dat ze geen geld uitgeven als ze ervoor kiezen om achteraf te betalen. Ze kunnen daardoor eerder schulden krijgen omdat ze meer geld uitgeven dan dat ze kunnen uitgeven.
Een spaarplan
Je kunt er ook voor kiezen om eerst genoeg te sparen voordat je iets koopt. Je kunt bijvoorbeeld een spaarplan maken. Je zet in een spaarplan wanneer je hoeveel geld spaart. Je ziet dan precies wanneer je genoeg hebt gespaard om iets te kunnen kopen.
Samira (13) wil een spel kopen van € 14,00. Ze heeft niet voldoende geld. Ze kiest ervoor om het spel later te betalen. Ze moet € 2,00 extra betalen omdat ze niet meteen betaalt.
Ze vergeet de rekening van het spel te betalen. De winkel rekent een boete van € 2,50 omdat de rekening niet op tijd is betaald. Samira krijgt een nieuwe rekening met daarop ook de boete.
Naam:
Gebruik deze ruimte om de som uit te rekenen. Hoeveel
dan wanneer ze het spel pas had gekocht op het moment dat ze voldoende geld had.
ROTTERDAM – Waterschap Hollandse Delta zorgt voor veilige dijken en schoon en genoeg water. Hanneke is waterecoloog bij waterschap Hollandse Delta. Hanneke: ‘Ik zorg ervoor dat alles wat in en rondom het water leeft beter kan leven.’ Hanneke vertelt over haar beroep. Tekst: Suzanne Huig
‘Een goede waterkwaliteit is belangrijk omdat dieren en planten alleen in schoon water kunnen leven. Schoon water zorgt ervoor dat de natuur gezond blijft. Voor mensen is het ook belangrijk dat het water schoon is. Als het water schoon is, hoeft het minder gereinigd te worden voordat we het bijvoorbeeld kunnen drinken of kunnen gebruiken om gewassen te besproeien’, legt Hanneke uit.
€
Antwoord: Het spel kost haar € 14,00 +
Water bekijken en onderzoeken
Hanneke gaat regelmatig naar buiten om water te bekijken en te onderzoeken. ‘Ik onderzoek alles in en rond bijvoorbeeld sloten, singels, plassen en vijvers. Ik kijk bijvoorbeeld welke vissen, planten en kleine beestjes er in het water leven. Ik houd ook in de gaten of planten goed groeien. En ik heb een speciale stok waarmee ik meet hoe diep het ergens is en hoeveel slib er ergens ligt’, vertelt ze.
Planten die boeren kweken. Wortels en aardappels zijn voorbeelden van gewassen.
PAAIPLEKKEN Speciale plekken in het water waar vissen hun eitjes leggen.
Adviezen schrijven en plannen beoordelen ‘Ik gebruik alle informatie die ik verzamel om voor het waterschap adviezen te schrijven en plannen te beoordelen. Ik adviseer soms bijvoorbeeld om in een sloot meer planten te laten staan of aan te planten. Planten zorgen ervoor dat er in een sloot meer zuurstof, voeding, schuilplekken en paaiplekken komen voor dieren. De waterkwaliteit van de sloot wordt daardoor beter. Als water te ondiep is voor dieren om goed te kunnen leven, adviseer ik om te baggeren. Modder, zand en vuil worden dan van de bodem van het water gehaald’, legt Hanneke uit.
Hanneke. Fotograaf: Remie Kranendonk
Hanneke kijkt met haar speciale stok hoe diep het water is.
Foto’s: Arjen Jan Stada
GEWASSEN
ROTTERDAM – Marieke van Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) Rijnmond reageert iedere maand in Jong010 op een vraag of een probleem van een leerling of klas. Ze beantwoordt deze maand de vraag van Mason (9). Tekst: Suzanne Huig
Marieke beantwoordt ingestuurde vragen.
Foto: Peter Snaterse
Heb jij een vraag aan
Stuur een mail naar REDACTIE@JONG010.NL
Of stuur een brief naar Jong010, Postbus 13037, 3004 HA Rotterdam.
ROTTERDAM – De brandweer staat 24 uur per dag en 7 dagen per week klaar om mensen en dieren te helpen. Brandweervrouw Sjors vertelde aan de leerlingen van Dok10 van basisschool De Klipper hoe een werkdag bij de brandweer eruitziet. Tekst: Suzanne Huig
‘Brandweermannen en brandweervrouwen werken in ploegen. Een ploeg werkt 24 uur achter elkaar. Een ploeg verblijft die 24 uur in en rondom een brandweerkazerne. Een ploeg staat die 24 uur klaar om direct naar een noodsituatie te gaan als er een melding binnenkomt’, vertelt brandweervrouw Sjors. Rayan (10): ‘Een brandweerkazerne is een soort huis voor een brandweerploeg. Iedere kazerne heeft een woonkamer, keuken en slaapkamers.’
De taken van een ploeg Brandweervrouw Sjors: ‘Een ploeg begint ‘s ochtends. De brandweermannen en brandweervrouwen controleren dan eerst alle voertuigen en brandweerspullen. Ze ontbijten daarna samen. Het dagprogramma begint daarna. Dat bestaat bijvoorbeeld uit sporten en het oefenen van reddingsacties. Het dagprogramma duurt tot het eind van de middag. De ploeg gaat daarna bijvoorbeeld koken, eten, televisiekijken, een spelletje spelen en slapen. De volgende ochtend neemt een andere ploeg de taken over.’
Logan (11): ‘Het lijkt mij wel zwaar om 24 uur achter elkaar te werken.’ Levi (11): ‘Ik wil graag brandweerman worden. Het lijkt mij heel mooi om mensen te redden.’
Mason: ‘Ik vind het leuk om zo lang mogelijk buiten te spelen als het mooi weer is. Mijn vader wil dan dat ik me insmeer zodat ik niet verbrand. Ik vind dat vervelend. Ik vergeet me ook vaak in te smeren. Wat kan ik doen?’
Hoi Mason,
Ik begrijp dat je gewoon wilt spelen. Maar het is wel heel belangrijk dat je niet verbrandt door de zon. Je huid kan pijn gaan doen als je verbrandt door de zon. Dat is heel vervelend.
Beschermen door te weren
Je kunt jezelf beschermen tegen de zon door in de schaduw te spelen. Je kunt bijvoorbeeld in de schaduw spelen tussen de bomen. Je kunt in sommige speeltuinen in de schaduw spelen onder speciale schaduwdoeken. Ga maar eens op zoek naar speelplekken bij jou in de buurt waar je in de schaduw kunt spelen.
Beschermen met kleren
Je kunt jezelf ook beschermen tegen de zon met kleding. Een dun shirt met lange mouwen kan je armen bijvoorbeeld beschermen. Er zijn ook speciale zwemshirts die je armen kunnen beschermen als je zwemt. Je kunt een pet dragen om je hoofd te beschermen. Je kunt een zonnebril dragen om je ogen te beschermen.
Beschermen door te smeren
Je kunt voorkomen dat je huid verbrandt door je huid iedere 2 uur in te smeren met zonnebrandcrème met factor 30. Er zijn veel verschillende soorten zonnebrand. Misschien vind je het fijner en makkelijker om jezelf in te smeren met een spray.
Groetjes, Marieke
Brandweervrouw Sjors laat de keuken in de kazerne zien. Het fornuis gaat automatisch uit als het alarm gaat.
Een melding
De brandweerwagen staat klaar zodat de ploeg zo snel mogelijk kan vertrekken. Foto’s: Nina Passenier
‘Het alarm in de kazerne gaat af en het zwaailicht gaat aan als de brandweerploeg wordt opgeroepen door de meldkamer. Via een speaker klinkt door de kazerne een stem die vertelt wat er aan de hand is’, vertelt brandweervrouw Sjors. Emmie (10): ‘Brandweermannen en brandweervrouwen hebben altijd een pieper bij zich als ze aan het werk zijn. Die pieper gaat ook af als de brandweerploeg wordt opgeroepen. Brandweermannen en brandweervrouwen missen daardoor geen oproep als ze bijvoorbeeld buiten sporten.’ ‘De brandweerploeg stopt waar ze mee bezig is zodra ze wordt opgeroepen door de meldkamer. De ploeg trekt zo snel mogelijk bluskleding aan en vertrekt binnen 1 minuut naar de noodsituatie’, vertelt Levi.
PLOEG Een groep mensen die samenwerkt.
Marieke of zit je ergens mee?
ROTTERDAM – Het Maasvlaktestrand ligt aan het einde van de Rotterdamse haven, aan de Noordzee. Op het strand kun je resten vinden van dieren en planten die duizenden tot miljoenen jaren geleden in het gebied leefden. Die resten noem je fossielen. Deelnemers van Kinderfaculteit Pendrecht zochten met fossielenspeurder Walter van havenprogramma Port Rangers naar fossielen op het Maasvlaktestrand. Tekst: Suzanne Huig
Walter: ‘De Tweede Maasvlakte is aangelegd zodat er meer schepen naar de Rotterdamse haven kunnen komen. Bij de aanleg is het Maasvlaktestrand ontstaan. De Tweede Maasvlakte en het Maasvlaktestrand zijn gemaakt van zand uit de bodem van de Noordzee. In de Noordzeebodem lagen veel resten van dieren en planten die vroeger leefden. Die resten liggen nu op het Maasvlaktestrand. Het is daarom een goede plek om naar fossielen te zoeken.’
Deelnemers van Kinderfaculteit Pendrecht zoeken met Walter naar fossielen. Foto’s: Arjen Jan Stada
heeft een oude schelp gevonden.
Wandelen en kruipen
‘We zoeken naar fossielen tussen de hoogwaterlijn en de laagwaterlijn. Dat is het stuk strand dat nat is’, zegt Mahi (9). Walter: ‘De zee spoelt steeds zand weg en legt weer nieuw zand neer. Op het strand zijn daardoor steeds nieuwe fossielen te vinden.’ De deelnemers en Walter wandelen en kruipen over het strand en kijken naar wat ze in het zand zien liggen. ‘Als je over het strand kruipt, kun je kleine dingen vinden. Je kunt dan bijvoorbeeld haaientanden vinden’, zegt Nesma (8).
Ryan: ‘Ik heb dit bot gevonden.’
Een bot op het strand Ryan (12): ‘Ik heb een bot gevonden.’ Hij laat zijn bot aan Walter zien. ‘Dit is een stuk van een groter bot. We weten daardoor dat het een bot van een groot dier is’, zegt Walter. Ryan: ‘Ik keek goed naar de grond en zag dit ineens liggen. Het bot is heel donker van kleur omdat het bot nat is. Opgedroogde fossielen zijn meestal wit of lichtbruin.’
Een oude schelp
Lucjan (9) vindt een oude schelp. ‘De schelp is dof en laat geen licht door als ik hem tegen het licht houd. Ik weet daardoor dat de schelp bijna 100.000 jaar oud is’, vertelt Walter. Lucjan: ‘Ik vind het bijzonder dat ik iets heb gevonden dat zo oud is.’
Je kunt met jouw klas meedoen aan het havenprogramma Port Rangers.
Kijk voor meer informatie op
Wat heeft Marwa in de nieuwe kast gezet? PAGINA 1
Wat is het op 4 mei 2 minuten lang tijdens de herdenking? PAGINA 3
Wie volgde de cursus ‘Plezier op School’ nog meer behalve Wahid? PAGINA 4
Wat moet Yassin ieder jaar doen in het ziekenhuis? PAGINA 5
Wat moet je met de cirkels doen op de foto van de gemeenteraad? PAGINA 6
Wie staan er op de foto? PAGINA 6
Waar gaat Hanneke regelmatig naartoe om water te bekijken en te onderzoeken? PAGINA 8
Wat kan pijn gaan doen als je verbrandt door de zon? PAGINA 9
Het antwoord van de puzzel van april is: KINDERRECHT. De winnaar is groep 5A van SBO Lucas Gefeliciteerd!
Hoe heten de resten van planten en dieren die duizenden jaren geleden leefden, die je op het strand kunt vinden? PAGINA 10
Wat halen de rangers met handschoenen weg uit het bos? PAGINA 11
De antwoorden op de vragen vind je in deze krant! Welke kleur zit er nog meer in de Rotterdamse vlag behalve wit? PAGINA 12
Lucjan
IJSSELMONDE – Groep 7b van CBS Beatrix heeft het oorlogsmonument Monument 19401945 geadopteerd. De leerlingen herdachten op 11 mei de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Ze legden een krans bij hun monument. Tekst: Lotte Keuzenkamp Charlene (10): ‘Onze groep heeft het monument geadopteerd. Dat betekent dat we het monument huren van de gemeente. We mogen het monument gebruiken om terug te denken aan oorlogsslachtoffers. We doen dit door een krans bij het monument te leggen. We hebben de krans zelf versierd met bloemen uit de natuur. We denken allemaal op onze eigen manier aan de slachtoffers terwijl we de krans neerleggen.’
HOOGVLIET – Basisschool Het
Middelpunt heeft een Tiny Forest.
Julia (8): ‘Een Tiny Forest is een klein bos. We hebben een klein bos op ons schoolplein. Het bos heet Het Middelbos omdat onze school Het Middelpunt heet.’ Tekst en foto’s: Lotte Keuzenkamp
Abby (9): ‘Er staan 600 kleine, verschillende boompjes in Het Middelbos.’ Julia: ‘Er staan bijvoorbeeld appelbomen en eikenbomen. De boompjes zijn door ons geplant. De boompjes gaan nu groeien tot grote bomen.’
Abby: ‘Er is ook een insectenhotel.’
Goed voor de natuur
Brent (9): ‘Het Middelbos is goed voor de natuur omdat bomen voor zuurstof zorgen. Bomen maken schone zuurstof door vieze deeltjes uit de lucht op te eten. Het insectenhotel is ook goed voor de natuur. Het hotel is een plek waar bijvoorbeeld bijen rustig eitjes kunnen leggen.’ Hannah (9): ‘Het Middelbos is een fijne plek voor dieren omdat er veel groen is en geen auto’s rijden. Ik hoop dat er bijvoorbeeld egeltjes komen wonen in het bos.’
ROTTERDAM – Polly (12) houdt van skateboarden. Ze skateboardt graag samen met haar vriendin Puck (13). Polly: ‘Het voelt als een overwinning om een nieuwe trick te kunnen.’ Tekst: Marloes Brouwer
‘Een skateboard is een plank met 4 wielen. Je zet je ene voet op het skateboard. Je zet je andere voet op de grond. Je stept vooruit. Ik draag een helm tijdens het skateboarden. Mijn hoofd is daardoor goed beschermd als ik val. Ik draag kniebeschermers om mijn knieën te beschermen’, vertelt Polly.
Rangers van het bos
Hannah: ‘Wij zijn de rangers van Het Middelbos. Wij zorgen voor het bos. We halen bijvoorbeeld brandnetels weg met handschoenen. We zorgen ook dat er geen plastic in het bos ligt.’ Brent: ‘We doen als rangers ook onderzoek naar de dieren. Ik ga bijvoorbeeld onderzoeken of er dieren in het zand leven.’
De leerlingen leggen de krans bij het monument.
Dappere mensen
Jiahao (11): ‘Ik denk aan de mensen die hebben gevochten voor ons land tussen 1940 en 1945. Ik vind het heel dapper dat zij durfden te vechten. Ik vind het goed dat we denken aan de mensen die zijn overleden terwijl ze vochten voor ons land. Ik kan me niet voorstellen hoe het voelt om te vechten voor je leven.’
De ollie ‘Ik krijg elke week samen met mijn vriendin Puck skateboardles in Skateland Rotterdam. We leren tijdens de lessen allerlei nieuwe tricks. Ik vind de trick ‘ollie’ leuk om te doen’, vertelt Polly. Ze legt de trick uit: ‘Je zet je ene voet op het achterste deel van je skateboard. Je zet je andere voet in het midden van je skateboard. Je trekt je knieën op. Je springt met je skateboard in de lucht. Je doet dit zonder je handen te gebruiken.’
Vrij leven
Kayne (10): ‘Ik vind dat iedereen vrijheid verdient. Wij leven in vrijheid omdat mensen tijdens de oorlog voor ons hebben gevochten. Ik denk bij het monument aan onze vrijheid. Ik weet dat vrijheid niet altijd normaal is voor iedereen.’ Chelsey (11): ‘Ik denk bij het monument aan de mensen die tijdens de oorlog oneerlijk zijn behandeld. Er zijn tijdens de oorlog mensen overleden omdat ze een ander geloof hadden. Ik vind dat heel oneerlijk.’
Brent, Julia en Abby laten het bos zien.
Polly. Foto’s: Arjen Jan Stada
De leerlingen laten de krans zien.
Foto’s: Hanne van Mourik
Puck.
ROTTERDAM – De leerlingen van de plusklas van de Valentijnschool wandelden met gids
André van Gilde Rotterdam door de stad. Ze liepen langs bijzondere plekken in Rotterdam. Sommige plekken hebben iets te maken met Erasmus. ‘Erasmus was een Rotterdamse priester. Hij vertaalde de bijbel naar het Nederlands’, zegt Jeraily (10). Tekst en foto’s: Hanne van Mourik
Erasmus leefde meer dan 500 jaar geleden. ‘Hij kwam uit Rotterdam’, zegt Levi (11). In Rotterdam zijn plekken naar hem vernoemd. Alisia (11): ‘De Erasmusbrug en de universiteit zijn naar hem vernoemd.’ Ook in de binnenstad is veel over hem te vinden. ‘De gids vertelt ons over Erasmus’, zegt Jeraily.
Het hoofd van Erasmus
De wandeling begint bij het stadhuis. ‘Het bestuur van de gemeente zit in het stadhuis. Het bestuur praat over wat er gebeurt in Rotterdam’, zegt Levi. Mikail (11): ‘Op het stadhuis staan standbeelden. Het middelste standbeeld is een beeld van het hoofd van Erasmus.’
De leerlingen kijken naar het standbeeld van Erasmus.
HILLEGERSBERG-SCHIEBROEK - De leerlingen van groep 7/8 van Verbazisschool Wow kregen een les van Sandy van Schiedams Lef. Sandy speelde het geboortespel met de leerlingen. Pim (10): ‘Het geboortespel is een spel waarbij je teruggaat naar de baarmoeder en opnieuw geboren wordt.’ Tekst: Lotte Keuzenkamp / Foto’s: Nina Passenier
Pim: ‘We beginnen het spel zonder kaartjes. We zijn dan net geboren. We trekken daarna allemaal verschillende kaartjes. Op de kaartjes staan eigenschappen die worden bepaald bij je geboorte. Je geslacht, je afkomst, je uiterlijk of een beperking worden al bepaald als je in de buik zit. We hebben uiteindelijk allemaal kaartjes voor ons met eigenschappen.’
De leerlingen spelen het geboortespel.
De leerlingen bekijken de 3 cupido’s in de tuin van het stadhuis.
Groen en wit
De gids wijst naar de vlag van Rotterdam op het dak van het stadhuis. Kayden (11): ‘De vlag van Rotterdam is groen, wit en groen. Het wit staat symbool voor de Rotte. Het groen staat voor de kade naast de rivier.’
Anders zijn
Joep (9): ‘We leren tijdens het geboortespel dat je kan worden geboren met andere eigenschappen dan je klasgenoten. Je kunt bijvoorbeeld worden geboren met slechte ogen. Je bent dan anders dan andere leerlingen omdat je een bril moet dragen. Je kunt bijvoorbeeld ook worden geboren met een andere huidskleur dan de meeste andere leerlingen. We leren dat je er niks aan kunt doen als je anders bent dan anderen.’
De 3 cupido’s
De leerlingen gaan naar de tuin van het stadhuis. In de tuin staat een fontein. ‘Op de fontein staan 3 cupido’s van steen. Ze staan symbool voor Rotterdam’, zegt Mikail. Levi: ‘De cupido’s staan symbool voor handel, techniek en de haven.’
Standbeeld van Erasmus
De gids loopt met de leerlingen naar het plein bij de Laurenskerk. Daar staat een groot standbeeld van Erasmus met een boek in zijn handen. Jayron (11): ‘Erasmus schreef boeken. Hij vertaalde de bijbel zodat iedereen de bijbel kon lezen.’
Kayden: ‘Ik vind Erasmus belangrijk. Mensen begrepen de bijbel beter door Erasmus.’
Niet eerlijk om te pesten Karlijn (9): ‘Sommige leerlingen worden gepest omdat ze anders zijn. We leren dat het heel oneerlijk is om iemand te pesten omdat hij of zij anders is. Leerlingen die heel klein zijn kunnen bijvoorbeeld gepest worden om hun lengte. Hij of zij heeft er niet voor gekozen om klein te zijn. Hij of zij heeft dan gewoon een ander kaartje getrokken bij de geboorte. Hij of zij kan daar niks aan doen.’
De leerlingen voor de Laurenskerk.
Het spel begint met kaartjes trekken.