OKTOBER 2020
5 Broers praten over beperking
8
9
Vogels spotten in de buurt
FIFA-trucjes op het voetbalveld
11 Freerunnen op Katendrecht
Melvin, Faizan, Mingyu en Rayan bekijken afval met juf Martha. FOTO: PETER SNATERSE
CHARLOIS – Wat is afval volgens jou? En hoe ga jij met afval om? De leerlingen van groep 5 van basisschool De Globe kregen op dinsdag 6 oktober een filosofieles over afval van juf Martha van Rotterdam Vakmanstad. TEKST: SUZANNE HUIG
Juf Martha legt wat spullen op de grond. ‘Wat is afval?’, vraagt ze aan de leerlingen. ‘Een ongebruikte zakdoek is geen afval. Een zakdoek die is gebruikt, is wel afval’, zegt Mingyu (8). Melvin (8) pakt ongekookte macaroni van de grond. ‘Macaroni is geen afval als je het in de winkel koopt. Maar bedorven macaroni is wel afval’, zegt Melvin.
Kapotte spullen
‘Ik vind dat iets afval is als het kapot is en niet meer gebruikt kan worden’, zegt Melvin. Rayan (9): ‘Ik vind niet dat alles dat kapot is afval is. Je kunt sommige kapotte spullen nog gebruiken. Een kapotte waterkoker kun je bijvoorbeeld gebruiken als gieter. De waterkoker heeft dan een andere functie en is geen afval.’
Vieze dingen
Mingyu: ‘Ik vind dat iets afval is als het vies is. Ik vind dat iets vies is als het op de grond heeft gelegen.’ Faizan (8) ‘Je kunt sommige vieze dingen schoonmaken. Soms zijn dingen zo vies dat je ze niet meer schoon kunt maken. Ik vind dat iets afval is als je het niet meer schoon kunt maken.’
Recyclen of hergebruiken
Melvin: ‘Afval kan worden hergebruikt. Je kunt lege potjes bijvoorbeeld als bloempot gebruiken. En je kunt een lege fles bijvoorbeeld als vaas gebruiken.’ Rayan: ‘Afval kan ook worden gerecycled. De stoffen uit het afval worden dan gebruikt om iets nieuws te maken. Blikjes en drinkpakken worden bijvoorbeeld gerecycled tot nieuwe verpakkingen.’
FILOSOFEREN
Nadenken over vragen en hierover praten.
OKTOBER 2020
Jantje komt thuis en zijn moeder wordt
boos: ‘Hoe vaak moet ik nog zeggen dat je niet met vuile voeten binnen mag komen!?’ Jantje zegt: ‘Maar mama, mijn voeten zijn schoon hoor. Mijn schoenen zijn vuil.’
A A N
D A C H
T
H U
V R A
G E
N K
I
J
P W S
D
E
E
S A U R H
K A
T
K
S
A S C
E
T O
I
A
T
S
B
F
M O U
B O
L
P
A C
I
K O
G R O Z K
F
L
S
V
E
E
A E
S
E
O R
A
K
F
G
L
T Z M
niet eeuwig mee, meneer de rechter.’
K
E
E
E
E
U E M F G A R
Sara (10)
K N N
N R D N
E
T
I
L
K
E
D
E
L
S
O E
T
S
Miras (8)
De rechter zegt tegen een dief in de rechtszaal: ‘8 jaar geleden bent u
veroordeeld voor het stelen van een jas. Nu staat u hier weer!’ De dief reageert: ‘Zo’n jas gaat natuurlijk
Een man komt bij de bioscoop en koopt een
kaartje. Als zijn kaartje is gecontroleerd bij de zaal, gaat hij terug om een nieuwe te kopen. Dat doet hij een paar keer. Totdat de vrouw achter de kassa vraagt: ‘Waarom koopt u
steeds een nieuw kaartje?’ De man reageert
E
E
N N N
H O I
E
I
E
N G
A N
E
N
T
L
E
O L
T W
O A
E
AANDACHT
REKENEN
BIOLOGIE
SCHRIFT
SOMMEN
BOEK
STOF
ENGELS
STUDIE
GOED
TAAK
JUF
TAAL
KLAS
TIPS
LEREN
TOETS
LEZEN
VAKKEN
OEFENEN
VRAGEN
PAUZE
ANTWOORD (2 WOORDEN):
REGELS: DE WOORDEN VIND JE HORIZONTAAL, VERTICAAL EN DIAGONAAL. JE MAG LETTERS
MEERDERE KEREN GEBRUIKEN. ALS JE DE OVERGEBLEVEN LETTERS IN DE JUISTE VOLGORDE ZET, KRIJG JE HET ANTWOORD. MAIL DIT ANTWOORD SAMEN MET JE VOORNAAM, LEEFTIJD EN HET TELEFOONNUMMER VAN JE OUDER(S) OF VERZORGER(S) (ZODAT WE CONTACT MET JE KUNNEN OPNEMEN ALS JE HEBT GEWONNEN) NAAR ANTWOORD@JONG010.NL. ALLEEN DE
WINNAAR KRIJGT BERICHT.
geïrriteerd: ‘De man bij de zaal verscheurt steeds mijn kaartje!’
SCHOOLWERK
AGENDA
HET ANTWOORD VAN DE WOORDZOEKER VAN SEPTEMBER IS: EEN BLIJ GEVOEL. DE WINNAAR IS MATZ (10). GEFELICITEERD!
PUZZELCORNER.NL
Tim (11)
Hoe zet je 2 halve kippen aan elkaar?
Met een kippenboutje. Roelof (9)
Wat is groen en niet zwaar?
Lichtgroen.
uit de boom valt is je koelkast stuk?
Je koelkast.
Soendos (10)
Wat is wit en als het
Devian (11)
Zoek de planeetjes in de kinderkrant! Kun jij ze allemaal vinden? Vul hier het aantal in:
OPRICHTER: ANGELIQUE VAN TILBURG
JONG010 - OKTOBER 2020 JAARGANG 11 - EDITIE 2 OPLAGE: 38.000 KRANTEN
HOOFDREDACTEUR: SUZANNE HUIG FOTOGRAFEN: PETER SNATERSE, ARJEN JAN STADA VORMGEVING: MARCEL VAN DEN ASSEM REDACTIEMEDEWERKER: SASJA HOF AAN DEZE EDITIE WERKTEN MEE: PUZZELCORNER, RICHARD VAN DER VEN
HEB JIJ EEN TIP VOOR JONG010? REDACTIE@JONG010.NL
OKTOBER 2020
‘Ik zie weleens armoede op straat. Ik zie in de stad bijvoorbeeld zwervers die in een prullenbak naar eten zoeken. Ik schrik altijd een beetje als ik zoiets zie. Ik vind het erg dat sommige mensen in armoede leven.’
ROTTERDAM – Burgemeester Ahmed Aboutaleb hoort graag van de Rotterdammers wat zij van de stad vinden. Ook naar de mening en ervaring van basisschoolleerlingen is hij benieuwd. Zie jij weleens armoede om je heen? TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG
‘Corona maakt veel mensen ziek. Corona zorgt ook voor andere problemen. Sommige mensen worden bijvoorbeeld ontslagen of verdienen minder geld. Sommige mensen met weinig geld zijn armer geworden en maken zich zorgen over de toekomst. Ik doe mijn best om die mensen te helpen. In Rotterdam groeit 1 op de 4 kinderen op in armoede. Heb jij weleens met armoede te maken gehad? Of zie jij weleens armoede om je heen?’
NEVA (9) Ahmed Aboutaleb. FOTO: GEMEENTE ROTTERDAM / MARC NOLTE
‘Sommige mensen in mijn buurt leven in armoede. Ik vind dat je in armoede leeft als je niet genoeg geld hebt om kleding, eten en drinken te kopen. Mensen kunnen met armoede te maken krijgen als ze bijvoorbeeld worden ontslagen.’
‘Ik denk dat ik geen mensen ken die in armoede leven. Maar ik weet het niet zeker. Je kunt niet altijd aan iemand zien of hij of zij in armoede leeft. Ik denk dat sommige mensen verbergen dat ze arm zijn omdat ze zich schamen.’
‘Ik zie op straat soms mensen die om geld bedelen. Ik vind dat armoede. Ik vind dat je in armoede leeft als je om geld moet vragen om je eten, drinken of slaapplek te kunnen betalen. Ik vind niet dat je in armoede leeft als je geen geld hebt om te sporten of dure kleding te kopen.’
REDAN (10) Heb jij weleens met armoede te maken gehad? Of zie jij weleens armoede om je heen?
MESUT (9) ‘Ik zie bij mij in de buurt soms mensen die in armoede leven. Ik zie soms bijvoorbeeld kinderen die 2 weken dezelfde kapotte kleding dragen. En een vriend van mij kon niet op sportles omdat zijn ouders niet genoeg geld hadden. Ik vind het zielig dat sommige kinderen thuis niet genoeg geld hebben. Kinderen kunnen er niets aan doen als hun ouders arm zijn.’
‘Ik ken mensen die heel zuinig met hun geld om moeten gaan. Ik vind dat je dan in armoede leeft. Het lijkt mij niet fijn als je altijd heel zuinig moet zijn. Je kunt dan niet zomaar doen wat je wilt doen.’
Noáh (11)
Naam:
‘Ik vind dat je arm bent als je te weinig geld hebt om een huis, eten en drinken te kunnen betalen. Ik ken gezinnen die heel weinig geld hebben om van te leven. Ik vind dat zielig. Ik ben blij dat mijn familie geen geldproblemen heeft. Ik vind dat gezinnen met geldproblemen hulp moeten krijgen.’
SAFFA (11)
‘In de buurt van mijn huis zitten soms zwervers. Ze kloppen soms op het raam van onze auto en vragen dan om geld. Mijn ouders geven soms geld aan de zwervers. Ik vind dat goed. Ik vind dat iedereen genoeg geld moet hebben om te kunnen leven.’
SERRA (11)
‘Ik ken kinderen die in armoede leven. Die kinderen lenen bijvoorbeeld een laptop van school omdat ze thuis niet genoeg geld hebben om een laptop te kopen. Of een speciaal fonds betaalt hun sportlessen. Ik vind het goed dat kinderen die in armoede leven worden geholpen.’
HADIEN (11)
OKTOBER 2020
‘Leer te durven’ is een cursus voor ROTTERDAM – Iedereen is weleens bang. leerlingen die graag meer willen Bijvoorbeeld als je een toets moet maken, een durven en zich zelfverzekerder willen spreekbeurt moet houden of iets voor de eerste voelen. Het is een groepstraining van 8 keer doet. Het is belangrijk dat je soms angst bijeenkomsten. De deelnemers leren hoe voelt. Je lichaam geeft daarmee aan dat je ze om kunnen gaan met spannende of moet opletten. Je angst gaat als het goed is lastige situaties. Ze leren ook omgaan vanzelf weer over. Sommige leerlingen vinden met angstige, boze of verdrietige iets snel spannend. De angst van die leerlingen gevoelens. Jihainy (11) volgde de cursus. gaat niet over. Ze voelen zich onzeker en durven dingen niet door hun angst. De cursus ‘Leer te durven’ Wil je de cursus volgen? Je kunt je kan deze leerlingen helpen. TEKST EN FOTO'S: SUZANNE HUIG
aanmelden via 088 357 17 00 of via PREVENTIE@INDIGORIJNMOND.NL
PRINS ALEXANDER – Jihainy: ‘Ik voelde me heel onzeker. Ik was bang dat niemand mijn vriend of vriendin wilde zijn. Ik had het gevoel dat ik niet goed genoeg was. Ik durfde mijn mening vaak niet te geven omdat ik bang was dat ik iets verkeerds zou zeggen.’ ‘Ik ben me onzeker gaan voelen omdat ik op school werd geplaagd. Schoolgenoten zeiden vervelende dingen tegen mij. Zij zagen de opmerkingen als grapjes, maar de opmerkingen deden mij veel pijn. Ik voelde me er steeds verdrietiger door. Ik was bang dat het plagen nooit meer zou stoppen. Ik vond het niet meer leuk om naar school toe te gaan. Ik ben de cursus gaan volgen om me weer fijn te voelen op school’, zegt Jihainy.
Jihainy
Gezonde en ongezonde angsten
‘Ik heb tijdens de cursus geleerd dat er gezonde en ongezonde angsten zijn. Een gezonde angst is bijvoorbeeld dat ik bang ben voor inbrekers. Die angst zorgt ervoor dat ik de voordeur van ons huis op slot doe. Dat is goed. Een ongezonde angst is bijvoorbeeld dat ik bang ben dat mijn schoolgenoten niet met mij willen spelen. Ik ben aardig tegen mijn schoolgenoten. Er is daarom geen reden dat mijn schoolgenoten niet met mij willen spelen. Ik ben dus bang voor iets dat er niet is. Het is belangrijk om te weten of iets een gezonde of een ongezonde angst is. Mijn angst zakt als ik weet dat het een ongezonde angst is’, legt Jihainy uit.
Positieve en negatieve gedachten
‘Ik heb ook geleerd dat ik zelf bepaal hoe ik me voel. Mijn gevoel wordt beïnvloed door mijn gedachten. Ik voel me rot als ik aan negatieve dingen denk. Het is een negatieve gedachte als ik denk dat niemand met mij wil spelen. Ik voel me fijn en blij als ik aan positieve dingen denk. Positieve gedachten helpen mij om mijn angsten te overwinnen. Ik denk bijvoorbeeld: ik ben aardig en gezellig dus het is leuk om met mij te spelen. Dat is een positieve gedachte’, vertelt Jihainy.
Voor mezelf opkomen
‘Ik heb geleerd om niet slecht over mezelf te denken als iemand iets slechts over mij zegt. Kinderen die plagen of pesten kunnen gemene dingen zeggen. Maar de dingen die ze zeggen, zijn geen waarheid. Ik durf mijn schoolgenoten nu te vragen om te stoppen als ze iets over mij zeggen dat ik niet fijn vind. Ik denk dan niet na over hoe anderen over mij denken. Ik durf mijn mening te geven en denk niet meer aan mijn angsten. Ik ben daardoor zelfverzekerder. Ik heb het weer naar mijn zin op school’, zegt Jihainy.
Ik ben bang voor:
Mijn positieve gedachte om mijn angst te overwinnen is:
OKTOBER 2020
HOOGVLIET – Stan (11): ‘Ik ben geboren met pseudoachondroplasia. Dat is een aandoening aan mijn botten. Ik groei veel minder dan dat ik zou moeten groeien en mijn gewrichten slijten sneller. Mijn armen en mijn benen groeien haast niet. Ik heb daardoor korte armen en benen. Mijn romp groeit wel.’ Stan en zijn broer Max (12) vertellen over Stan zijn aandoening. TEKST EN FOTO'S: SUZANNE HUIG
‘De aandoening die ik heb is heel zeldzaam. In Nederland zijn er nog 3 mensen die hetzelfde hebben als ik’, vertel Stan. ‘Dokters doen helaas geen onderzoek naar de aandoening omdat maar zo weinig mensen de aandoening hebben’, legt Max uit.
Stan en Max spelen vaak samen.
Pijnstillers en controles
Gewend aan de situatie
‘Mijn botten zijn anders en mijn gewrichten slijten. Ik moet daarom 2 keer per jaar op controle in het ziekenhuis. De dokters kijken dan hoe mijn botten groeien en welke operaties ik nodig heb om zo min mogelijk pijn te hebben. Dokters kunnen verder helaas niets voor mij doen. Ik neem iedere dag pijnstillers in tegen de pijn. Ik merk door de pijn dat er iets mis is met mijn lichaam’, vertel Stan.
Max maakte zich de afgelopen jaren vaak zorgen om Stan. Max: ‘Ik wilde altijd weten waar hij was zodat ik hem kon helpen en beschermen. Ik ben er nu aan gewend dat Stan een aandoening heeft. Ik vind het vervelend voor hem als hij pijn heeft. En ik maak me zorgen als hij wordt geopereerd. Maar op andere momenten ben ik gewend aan de situatie.’
‘Ik heb thuis een traplift om naar boven te gaan.’
Zelf beslissen wat kan
Rekening houden
Max: ‘Ik probeer te kijken wat we samen kunnen doen zodat het voor Stan fijn is. Ik speel bijvoorbeeld altijd rustig als ik met hem stoei of op de trampoline speel.’ Stan: ‘Ik durf met Max wilder te spelen omdat ik weet dat Max rekening met mij houdt. Ik durf met andere kinderen niet wild te spelen.’ Max: ‘Ik probeer zoveel mogelijk rekening te houden met Stan.’
‘Onze ouders beschermden mij heel erg. Ze wilden dat ik bijna niets deed om te voorkomen dat ik pijn had. Ik vond dat niet fijn. We hebben daarover gepraat met elkaar. Ik beslis nu zelf wat ik wel en niet doe. Ik probeer zoveel mogelijk te doen. Soms lukt iets niet of heb ik veel pijn nadat ik iets heb geprobeerd. Ik rust dan een paar dagen uit’, vertelt Stan.
Hulpmiddelen in huis
Max: ‘Stan heeft hulpmiddelen zodat sommige dingen makkelijker voor hem worden. Stan kan bijvoorbeeld niet lang staan. We hebben in de douche daarom een stoel staan zodat Stan kan zitten tijdens het douchen.’ Stan: ‘Ik kan ook niet ver lopen. Ik heb daarom een rolstoel voor als ik naar buiten ga. Het is voor mij ook heel lastig om trap te lopen. Ik heb thuis daarom een traplift om naar boven te gaan.’
‘Ik kan niet ver lopen. Ik ga daarom altijd in mijn rolstoel op pad.’
Bekeken worden op straat
Max: ‘Ik vind het vervelend dat we vaak worden bekeken op straat omdat Stan er anders uitziet. Ik krijg daardoor het gevoel dat mensen ons raar vinden. Dat vind ik niet fijn.’ Stan: ‘Ik vind het ook vervelend dat mensen naar mij kijken. Kinderen die ziek zijn of een beperking hebben, vinden het fijn om erbij te horen. Het is niet fijn als mensen anders op je reageren. Ik heb liever dat mensen aan mij vragen wat er met mij aan de hand is. Ik voel dan dat ze mij respecteren zoals ik ben.’ ROMP
Je lichaam zonder je hoofd, armen en benen.
Fonds Kind & Handicap helpt kinderen en jongeren met een handicap of chronische ziekte.
Een handicap is een beperking waardoor je sommige dingen niet zo goed kunt.
Een chronische ziekte is een ziekte die minimaal 3 maanden duurt, steeds terugkomt of niet genezen kan worden.
De organisatie geeft bijvoorbeeld geld om hulpmiddelen te kopen, voorlichting te geven of onderzoek te doen.
OKTOBER 2020
ROTTERDAM – De kans is kleiner dat je later in de financiële problemen komt als je al op jonge leeftijd met geld leert omgaan. Je kunt je geld maar 1 keer uitgeven, dus je moet goed nadenken wat je ermee doet. Sommige mensen moeten iets betalen of willen iets kopen terwijl ze niet genoeg geld hebben. Ze kunnen dan geld lenen van iemand anders of van de bank. Je moet een vergoeding betalen voor geld dat je leent. Je noemt dat rente. Het kost dus geld om geld te lenen. TEKST EN FOTO: SUZANNE HUIG
Ismail (10) woont samen met zijn broer, moeder en vader. Het gezin heeft iedere maand € 1.800,00 te besteden. De ouders van Ismail betalen van dat geld het huis waarin ze wonen, eten en drinken, abonnementen en verzekeringen. Het gezin houdt iedere maand € 200,00 over als alle kosten zijn betaald. Ismail gaat iedere dag op de fiets naar school. Zijn fiets is kapot. Een nieuwe fiets kost € 150,00. De broer van Ismail zou deze maand een nieuwe telefoon krijgen. De telefoon kost € 200,00. En het gezin wil graag samen naar een voetbalwedstrijd in het stadion. De kaartjes voor de wedstrijd kosten in totaal € 60,00.
REKENBOEKJE Wat zou jij doen?
GELD LENEN Het gezin kan € 210,00 lenen van de bank. Het gezin heeft dan genoeg geld om de fiets te kopen, de telefoon te kopen en naar het stadion te gaan. De bank vraagt 5 procent rente over het geleende geld. Het gezin moet de bank dus € 220,50 terugbetalen. Wat vind jij dat het gezin moet doen?
ONYEDIKACHI (11): ‘Het kost geld om geld te lenen. Ik vind daarom dat je alleen geld moet lenen als je iets niet kunt betalen wat je echt nodig hebt. Bijvoorbeeld als je niet genoeg geld hebt om eten, drinken of een huis te betalen. Ik vind dat je voor alle andere dingen moet sparen. Je kunt die dingen pas kopen of doen als je genoeg hebt gespaard. Het gezin kan thuis naar een voetbalwedstrijd kijken. Dat kost geen geld. Ismail moet iedere dag op zijn fiets naar school. Het is daarom belangrijk dat hij een nieuwe fiets krijgt. Het gezin houdt € 50,00 over als ze een nieuwe fiets kopen. Het gezin kan die € 50,00 sparen zodat ze die later kunnen gebruiken om iets leuks te doen.’
GENERATION
DISCOVER
OKTOBER 2020 Rafi: ‘Ik moet van mijn ouders iedere dag groente eten terwijl ik groente niet lekker vind. En ik mag maar 1 koekje of snoepje per dag. Waarom is dat?’
Hoi Rafi, Groente is heel gezond. In groentes zitten veel vitamines. Je hebt die vitamines nodig om goed te groeien, na te kunnen denken en fit te blijven. Je ouders willen waarschijnlijk dat je groentes eet omdat je vitamines nodig hebt.
Zoete groentes
ILLUSTRATIE: COPAL EN CONSORTEN
ROTTERDAM – Marieke van het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) reageert iedere maand in Jong010 op een vraag of probleem van een leerling of klas. Ze beantwoordt deze maand de vraag van Rafi (8). TEKST: SUZANNE HUIG
Marieke beantwoordt ingestuurde brieven. FOTO: PETER SNATERSE Heb jij een vraag aan Marieke of zit je ergens mee? Stuur een mail naar REDACTIE@JONG010.NL of stuur een brief naar Jong010, Postbus 13037, 3004 HA Rotterdam.
IJSSELMONDE – 1 op de 5 Rotterdammers kan niet goed lezen en schrijven. Iemand die laaggeletterd is, heeft veel moeite met lezen en schrijven. Iemand die analfabeet is, kan niet lezen of schrijven. De gemeente Rotterdam vindt het belangrijk dat iedereen de Nederlandse taal kan spreken, schrijven en lezen. De gemeente geeft daarom taalcursussen. Noah (7) zijn moeder volgt sinds een jaar een taalcursus. TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG
Je komt vitamines tekort als je geen groente eet. Het is daarom belangrijk dat je groentes leert eten. Niet alle soorten groentes smaken hetzelfde. Je kunt verschillende groentes proberen te eten om te kijken wat jij lekker vindt. Sommige groentes smaken een beetje zoet. Wortels, bietjes, rode kool en rode en gele paprika smaken bijvoorbeeld zoet. Je vindt zoete groentes misschien wel lekker. Geef niet op als je een groente eet die je niet lekker vindt. Je moet een nieuwe smaak soms 15 keer proeven voordat je eraan gewend bent.
Snoepjes en koekjes
Het is goed dat je niet te veel koekjes en snoepjes eet. Koekjes en snoepjes zijn niet gezond. In koekjes en snoepjes zitten veel suikers en weinig of geen vitamines. Het is niet goed voor je om te veel suiker te eten. Je kunt te zwaar worden en gaatjes in je tanden krijgen als je te veel suiker eet. Het is niet erg om af en toe een snoepje of koekje te eten. Groetjes, Marieke
DIT ARTIKEL IS GEMAAKT IN SAMENWERKING MET
Noah: ‘Mijn moeder heet Justina. Ze is geboren in Nigeria. Nigeria is een land in Afrika. Mijn moeder is 24 jaar geleden naar Nederland verhuisd. Mijn moeder doet haar best om de Nederlandse taal te leren sinds ze in Nederland woont. Ze vindt Nederlands een heel moeilijke taal om te leren, maar ze geeft niet op. Ik ben trots op haar.’
Noah: ‘Ik probeer steeds vaker Nederlands te praten met mijn moeder zodat ze de taal kan oefenen.’
Noah helpt zijn moeder met haar taalopdrachten. Mijn moeder helpen
‘Mijn moeder is nog niet zo goed in Nederlands. Ik spreek daarom meestal Engels met haar. Ik vind het vervelend voor mijn moeder dat ze niet alles verstaat van wat er in het Nederlands tegen haar wordt gezegd. Ik vertaal voor haar wat ze niet begrijpt als ik bij haar ben. Ik help haar ook met het lezen van de post of als ze een brief naar iemand wil schrijven. Ik leg haar soms ook uit wat er op het nieuws wordt verteld als ze niet begrijpt wat er wordt gezegd’, vertelt Noah.
Belangrijk om de taal goed te leren
Noah: ‘Mijn moeder leert bij de cursus die ze nu volgt de Nederlandse taal goed te schrijven, lezen, spreken en verstaan. Ik vind het belangrijk dat ze de taal goed leert. Ze heeft mijn hulp dan niet meer nodig. Ze kan dan bijvoorbeeld zelf met buurtbewoners kletsen en het nieuws volgen. Ik denk dat dat voor haar veel fijner is.’
OKTOBER 2020
HOOGVLIET – De leerlingen van groep 6b van basisschool De Plevier ontdekten op 22 september welke vogels er leven rondom kinderboerderij De Oedenstee. Ze volgden de les Uitvogelen van Elly van kinderboerderij De Oedenstee. TEKST: SUZANNE HUIG
Vogels herkennen
Rayan (9) ziet een zwarte kraai in een boom zitten. ‘Een zwarte kraai is makkelijk te herkennen omdat hij helemaal zwart is. Een kraai is ongeveer 50 centimeter groot’, vertelt Rayan. Mara (9) ziet een ekster. ‘Een ekster is een vogel met zwarte en witte veren. Een ekster heeft een witte buik en een lange staart’, zegt Mara. Rens ziet een zilvermeeuw en halsbandparkiet. Rens: ‘Een zilvermeeuw heeft een witte kop. Hij heeft zilvergrijze vleugels. Een halsbandparkiet is groen en heeft een oranje snavel.’
De leerlingen lopen stil met een verrekijker in hun hand over het terrein van de kinderboerderij. ‘Je moet heel stil zijn als je vogels spot. De vogels schrikken anders van je en vliegen weg’, zegt Dani (9). ‘Je moet goed luisteren of je vogelgeluiden hoort. Je kunt vogels makkelijker vinden als je goed luistert waar de vogelgeluiden vandaan komen’, zegt Rens (10).
De leerlingen gaan met een vogelkaart op zoek naar vogels. FOTO’S: PETER SNATERSE
Soorten duiven
Verschillende snavels
‘Iedere vogelsoort heeft een andere snavel’, vertelt Elly. Julie (9): ‘Een eend is een watervogel. Een eend zoekt in het water naar eten. Een eend eet bijvoorbeeld waterplanten en kleine waterdiertjes. De snavel van een eend is daarom een soort lepel en zeef. Het eten blijft in de snavel liggen en het water loopt de snavel uit.’ ‘Een specht hakt met zijn snavel in bomen om nestjes te bouwen en voedsel te zoeken. Een specht heeft daarom een heel stevige snavel met een scherpe punt’, zegt Dani.
‘Er zijn verschillende soorten duiven. Op de kinderboerderij leven houtduiven, stadsduiven, sierduiven en diamantduiven’, vertelt Elly van kinderboerderij De Oedenstee. ‘Een houtduif heeft een witte vlek in zijn hals. Zijn borst is grijsroodachtig’, zegt Luna (10). ‘Een stadsduif heeft verschillende kleuren veren’, zegt Mara. ‘Een sierduif is helemaal wit. Ik vind de sierduif de mooiste duif’, zegt Luke (9). Shania (8): ‘Een diamantduif is een heel klein duifje. Het duifje is grijs en heeft rode ogen. Diamantduiven zijn geen wilde duiven. Ze leven op de kinderboerderij in een grote vogelkooi.’
Sierduif.
Stadsduif.
Diamantduif.
Donsveren, dekveren en sierveren
Elly laat verschillende vogels zien op de vogelkaart.
‘Alle vogels hebben veren. De verschillende soorten veren van vogels hebben allemaal een andere functie. Donsveertjes zijn een soort pluisjes. Ze zorgen ervoor dat vogels warm blijven. Over de donsveren liggen dekveren. De dekveren beschermen de donsveertjes. De dekveren zijn gladde veren. Sommige vogels hebben ook sierveren. Vogels gebruiken hun sierveren om indruk te maken op andere vogels’, vertelt Elly. Sirin (9): ‘Een fazant, pauw en haan hebben bijvoorbeeld sierveren. De sierveren horen bij hun uiterlijk.’
OKTOBER 2020 OVERSCHIE – De Overschiese Sportweek werd georganiseerd van 18 tot en met 27 september. Tijdens de sportweek konden buurtkinderen gratis verschillende sporten uitproberen. Voetbalvereniging AGE-GGK organiseerde tijdens de sportweek FIFA skill games. De deelnemers oefenden trucjes uit het computerspel FIFA. TEKST: SUZANNE HUIG ‘We kunnen punten verdienen met penalty’s en vrije trappen. En we slalommen met een bal en spelen een toernooi. Ik doe in het spel FIFA vaak dezelfde dingen met mijn team’, zegt Joey (11).
Punten penalty’s
Lamia slalomt met een bal.
Aan de ene kant van het veld spelen Dane (7), Tygo (7) en Noëlle (9) punten penalty’s. Noëlle: ‘In het doel staan dozen met daarop getallen. Een doos met daarop het getal 3 is 3 punten waard. We mogen 5 keer schieten vanaf de witte stip op het veld. We moeten proberen zoveel mogelijk punten te behalen.’ Tygo schiet 1 doos met het getal 3 en 2 dozen met het getal 1 omver. Hij krijgt 5 punten.
De deelnemers nemen penalty’s.
FOTO’S: ARJEN JAN STADA
Punten scoren
Aan de andere kant van het veld staan 2 doelen. Een doelpunt in het ene doel is 10 punten waard. Een doelpunt in het andere doel is 20 punten waard. De deelnemers mogen 3 keer een vrije trap nemen. Ze mogen zelf kiezen in welk doel ze proberen te schieten. ‘Ik oefen dit vaak in FIFA. Ik schiet met de binnenkant van mijn voet hard richting een doel’, zegt Jori (7). Hij schiet 1 keer in het doel dat 10 punten waard is. Hij schiet 2 keer in het doel dat 20 punten waard is.
De dozen voor punten penalty’s.
SLALOMMEN
Slingeren. Zigzaggen.
Jori scoort 2 keer 20 punten.
SKILL
Iets wat iemand goed kan. Een vaardigheid of truc.
Echt voetballen
Tyago (11): ‘Ik vind het heel leuk om de oefeningen uit FIFA in het echt te oefenen.’ Lamia (10): ‘Ik vind het veel leuker om echt te voetballen dan om FIFA te spelen. Ik hoef alleen maar op de juiste knopjes te drukken om bij FIFA iets te kunnen. Ik kan op het veld echt bewegen en mijn energie kwijt.’
CHARLOIS – Team Peewees van Sportvereniging Rotterdam Anaconda’s is Nederlands kampioen Flag Football. Djani (9): ‘In Nederland zijn er 12 jeugdteams. Wij zijn de beste van Nederland. Ik ben heel trots op ons.’
Cassidey is de center.
TEKST: SUZANNE HUIG
‘Flag Football wordt gespeeld met 2 teams van 5 tot 12 spelers. Iedere speler draagt een riem met daaraan 2 vlaggen. Ieder team probeert punten te scoren’, zegt Jazzley (9). ‘Je scoort door een touchdown te maken. Je maakt een touchdown door achter de doellijn van je tegenstander te komen met de bal in je hand en 2 vlaggen aan je riem. Je krijgt dan 6 punten’, vertelt Djani. ‘Een wedstrijd duurt 2 keer 20 minuten. Het team met de meeste punten aan het eind van de wedstrijd wint’, legt Cassidey (11) uit.
Aanvallen en verdedigen
De jongens laten trots hun beker zien. FOTO’S: PETER SNATERSE
‘De center van een team begint de aanval. Hij of zij geeft de bal aan de quarterback. De quarterback gooit de bal naar een teamgenoot in het veld. De aanvallende partij krijgt 4 kansen om te scoren. Als het niet lukt om te scoren in 4 pogingen, krijgt de tegenstander de bal’, vertelt Jaivey (13). ‘Je probeert te voorkomen dat een tegenstander scoort. Je kunt een tegenstander tegenhouden door een vlag van iemand zijn of haar riem af te trekken als die persoon de bal heeft. Je tegenstander mag dan niet verder’, legt Jazzley uit.
Een sport voor iedereen
‘Flag Football speel je met meisjes en jongens. Iedereen kan meedoen. Op sommige plekken in het veld moet je bijvoorbeeld heel goed kunnen vangen of gooien. Op andere plekken in het veld moet je goed kunnen rennen’, vertelt Cassidey. Jaivey: ‘Ik kan goed rennen. Ik ren richting de doellijn zodra de bal het veld in wordt gegooid. Ik probeer de bal te vangen terwijl ik ren.’ Jazzley: ‘Ik kan goed rennen met de bal. Ik draai bijvoorbeeld rondjes als ik langs een tegenstander ren. Een tegenstander kan dan geen vlag van me pakken.’ DOELLIJN
De lijn waar het doel achter ligt.
OKTOBER 2020
Wat kun je doen tegen pesten? ROTTERDAM – Van 21 tot en met 25 september was het de Week Tegen Pesten. Ongeveer 1 op de 10 basisschoolleerlingen wordt gepest. Pesten gebeurt in de klas, op het schoolplein, op straat en via internet. Een pester wil iemand pijn doen of kwetsen. Wat kun jij of iemand anders doen tegen pesten?
‘Ik denk dat pesters niet weten dat ze kinderen pijn doen. Ik vind daarom dat basisschoolleerlingen les moeten krijgen over pesten. Ik denk dat pesters stoppen met pesten als ze leren hoe het is om gepest te worden.’
‘Ik ben lief voor mijn klasgenoten door niemand buiten te sluiten. Ik kom op voor kinderen als ik zie dat ze worden gepest. Ik denk dat kinderen die worden gepest zich veiliger voelen als andere kinderen hen steunen.’
Koen (7)
TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG
‘Mijn klasgenoten en ik hebben met elkaar afgesproken dat we pesters aanspreken op hun gedrag. We zeggen tegen een pester dat hij of zij moet stoppen als we zien dat hij of zij iemand pest. Ik denk dat pesters snel stoppen met pesten als andere kinderen hen erop aanspreken.’
Hien (10)
‘De meeste juffen en meesters geven meelopers geen straf. Ik denk dat er minder wordt gepest als meelopers vaker straf krijgen. Meelopers steunen de pesters. Pesters voelen zich daardoor sterk. Pesters voelen zich zwak en alleen als meelopers hen niet steunen. Ik denk dat ze dan stoppen met pesten.’
Thij men (7)
Charlotte (7)
Tess (8) MEELOPERS
‘Ik denk dat er minder wordt gepest als mensen weten hoe het is om gepest te worden. Ik vind daarom dat iedere schoolklas een rollenspel moet spelen waarin wordt gepest. Iedere leerling moet een keer het kind spelen dat wordt gepest. Alle leerlingen weten dan hoe het voelt om gepest te worden.’
Meelopers zijn kinderen die een pester niet stoppen en de pester nadoen en steunen.
Olivier (10) ‘Een juf of meester heeft niet altijd in de gaten dat een kind wordt gepest. Ik vind daarom dat leerlingen het tegen hun leraar moeten zeggen als ze zien dat een kind wordt gepest. De leraar kan de pester dan straf geven.’
Wat kun je doen tegen pesten?
Hoe heet de cursus voor leerlingen die graag meer willen durven en zich zelfverzekerder willen voelen? PAGINA 4
Er zijn 2 soorten angsten: gezonde en … angsten. PAGINA 4 Wat is een ander woord voor ‘je lichaam zonder je hoofd, armen en benen’? PAGINA 5 Hoe noem je het als je een vergoeding moet betalen voor geld dat je leent? PAGINA 6
Uit welk computerspel oefenden de deelnemers trucjes? PAGINA 9 Hoe heet de lijn waar het doel achter ligt? PAGINA 9 Welke les geeft juf Ilse iedere woensdagmiddag aan buurtkinderen? PAGINA 11
Welke dieren worden er naast honden nog meer opgevangen in Dierenopvangcentrum Spijkenisse? PAGINA 12
HET ANTWOORD VAN DE PUZZEL VAN SEPTEMBER IS: WORMENHOTEL. DE WINNAAR IS HADIEN (11). GEFELICITEERD! Wil je nog meer puzzelen? Kijk dan eens op PUZZELCORNER.NL voor meer leuke puzzels!
Wat kom je tekort als je geen groente eet? PAGINA 7
Wat heeft een huisdier nodig? PAGINA 12
Deze vogel is groen en heeft een oranje snavel. Welk soort vogel is het? PAGINA 8
OKTOBER 2020
‘Doe deze truc op een zachte ondergrond. Bijvoorbeeld op een mat, kunstgras of gras. Wij doen deze truc op gras. Je landt dan zacht.’
‘Neem een aanloop van 3 tot 5 stappen. Ren op je snelst. Je moet snelheid maken om na de handstand over te kunnen slaan.’
FEIJENOORD - De broers Jahlyvio (8) en Jahdayhro (9) zitten op freerunnen bij Circus Rotjeknor. Ze laten zien hoe je een handstand overslag uitvoert. De handstand overslag is een acrobatische truc. TEKST: ANGELIQUE VAN TILBURG FOTO’S: PETER SNATERSE
‘Duik naar voren met je handen naar de grond. Gooi tegelijkertijd je benen in de lucht en maak een handstand.’ ‘Je staat nu even in een handstand. Zwaai je benen over jezelf heen. Je benen gaan nu weer richting de grond.’
Wil jij op freerunnen of circusles? Of wil je bijvoorbeeld muziek maken, toneelspelen of zingen? Kijk dan met je ouder(s), verzorger(s) of leerkracht op
‘Land met je knieën gebogen op de grond. Kom daarna rustig omhoog.’
HTTPS://JEUGDFONDSSPORTENCULTUUR.NL/FONDSEN/ROTTERDAM
Of vraag of er bij jou op school een contactpersoon is van het Jeugdfonds Sport & Cultuur Rotterdam.
KRALINGEN-CROOSWIJK – Juf Ilse van Creatief van Huis Uit geeft iedere woensdagmiddag knutselles aan buurtkinderen. ‘We maken iedere week iets anders. Ik voel me een echte kunstenaar tijdens deze lessen’, zegt Annabel (7). De deelnemers maakten op 16 september een wiebeldier. Ze leggen in stapjes uit hoe je een wiebeldier maakt. TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG
Mees (8): ‘We tekenen eerst op een wit blad een schets van ons wiebeldier. We gebruiken onze fantasie. We maken allemaal iets dat niet echt bestaat.’
‘We snijden ons ontwerp uit met een speciale piepschuimbrander. We doen dat heel voorzichtig’, zegt Mette (7).
‘We tekenen ons ontwerp daarna op een stuk piepschuim’, zegt Nelle (9).
‘We schilderen ons figuur’, zegt Oscar (8).
‘We draaien met een speciale pen een gaatje in een blokje hout’, zegt Mette.
Oscar, Annabel, Nelle, Mette, Mees en Hamida (6) met hun wiebeldier.
Mees: ‘We draaien een stuk ijzerdraad om een bezemsteel heen. We halen het draad er na 1 minuut weer vanaf. Het draad is dan goed gedraaid.’
‘We maken het draad met houtlijm vast in het gaatje in het blokje hout. We prikken ons piepschuimdier op het draad. Mijn wiebeldier is af’, zegt Annabel.
OKTOBER 2020
ROTTERDAM – Sommige dieren worden in een park of bij het dierenasiel achtergelaten omdat hun baasje niet meer voor hen wil of kan zorgen. De gemeente zorgt voor deze dieren. De gemeente vindt het belangrijk dat bewoners niet zomaar een dier kopen en goed leren omgaan met dieren zodat er minder dieren worden achtergelaten. Tekst: Suzanne Huig
SPIJKENISSE – Sommige mensen willen of kunnen niet meer voor hun huisdier zorgen. Deze dieren worden opgevangen in een dierenasiel. Alle dieren uit Rotterdam worden opgevangen in Dierenopvangcentrum Spijkenisse. Elise (10), Veerle (11) en Cato (8) kregen een rondleiding door het asiel van Selena van Dierenopvangcentrum Spijkenisse. Tekst: Suzanne Huig ‘In dit asiel worden katten en honden opgevangen. Dagelijks worden er katten gebracht. Ongeveer 1 keer per week wordt er een hond gebracht. Wij zoeken een nieuw baasje voor de dieren die hier worden gebracht. Sommige dieren zijn hier maar een paar dagen. Andere dieren zitten hier een paar maanden’, vertelt Selena.
Elise raapt poep van het speelterrein voor honden. Foto’s: Arjen Jan Stada
Cato ontmoet hond Luna. Selena houdt Luna vast.
Veerle: ‘Iedere kat heeft een eigen verblijf met een binnenruimte en buitenruimte.’ Dieren verzorgen, trainen en knuffelen ‘Mijn collega’s en ik verzorgen de dieren in het asiel. We laten de honden 4 keer per dag uit. We maken iedere dag de dierenverblijven schoon en geven de dieren eten. We knuffelen en trainen ook iedere dag met de dieren’, vertelt Selena. ‘Het lijkt mij leuk om in het asiel te werken. Ik vind het heel leuk om met dieren te spelen en te knuffelen’, zegt Cato. Een huisdier kost geld Selena: ‘Wij kijken of iemand voor een hond of kat kan zorgen als iemand een dier uit het asiel wil adopteren. Een hond uit het asiel kost ongeveer € 200,00. Een kat uit het asiel kost ongeveer € 100,00.’ Veerle: ‘Je moet voor een hond of kat ook verzorgingsspullen kopen. Bijvoorbeeld een mand, borstel, speelgoed, halsband, snoepjes, eten en drinken.’ Selena: ‘De spullen voor een hond kosten ongeveer € 580,00 per jaar. De spullen voor een kat kosten ongeveer € 550,00 per jaar.’ ‘Ik vind het goed dat het asiel kijkt of een nieuw baasje voor een dier kan zorgen. Ieder dier verdient een baasje dat voor hem of haar kan zorgen’, zegt Elise.
IJSSELMONDE – Een huisdier heeft zorg nodig en kost geld. Het is belangrijk om daarover na te denken voordat je een dier in huis neemt. Kinderen kunnen tijdens de Huisdieren Speurtocht op kinderboerderij De Bokkesprong en kinderboerderij De Kooi ontdekken waarover je na moet denken voordat je een huisdier neemt. Erik (7) deed de speurtocht bij kinderboerderij De Kooi. Tekst: Suzanne Huig ‘Ik heb 1 hond en 2 cavia’s. Mijn hond heet Tobbi. Mijn cavia’s heten Rocky en Tyson. Ik zorg goed voor mijn huisdieren’, vertelt Erik.
Erik met zijn hond Tobbi.
Een dier cadeau geven Op de kinderboerderij staan 14 kaartjes met meerkeuzevragen. Erik moet bij 1 van de vragen een zin afmaken. ‘Ik kan kiezen uit 3 zinnen. De eerste zin is: een dier als cadeau geven is altijd een goed idee. De tweede zin is: een dier als cadeau geven, is leuk als ik hem maar goed inpak. De derde zin is: een dier als cadeau geven, moet ik eerst met het baasje overleggen. Het goede antwoord is de derde zin. Een dier heeft zorg nodig. Ik zou iemand alleen een dier cadeau geven als ik zeker wist dat die persoon voor een dier wil en kan zorgen’, zegt Erik.
Goed nadenken Bij ieder goed antwoord op een vraag uit de speurtocht hoort een letter. De letters samen geven een oplossing. ‘De oplossing is: denk goed na als je een dier neemt. Ik vind dat je alleen een huisdier moet nemen als je ervoor wilt en kunt zorgen. Ik vind het zielig als een huisdier niet goed wordt verzorgd. Een dier heeft bijvoorbeeld een fijne plek nodig om te slapen. Mijn moeder en ik hebben daarom gezorgd voor een mooi hok voor de cavia’s en een mand voor onze hond’, zegt Erik.
Waarover vind jij dat iemand moet nadenken voordat hij of zij een huisdier neemt? Tekst en foto's: Suzanne Huig
Erik bekijkt een vraag van de speurtocht. Foto’s: Peter Snaterse
JAILY (9): ‘Het kost tijd om een dier te verzorgen. Ik vind dat je een huisdier kunt nemen als je iedere dag minimaal 30 minuten de tijd hebt om je dier te verzorgen. Ik heb 2 schildpadden en een kat. Mijn zus (11), mijn vader en ik zorgen samen voor onze huisdieren.’
AKRAM (9): ‘Ik vind dat je thuis goede afspraken over de verzorging moet maken voordat je een dier neemt. Je kunt een huisdier nemen als je kunt afspreken dat er iedere dag iemand thuis is die voor het dier zorgt of het dier aandacht geeft. Ik heb een kat en een kitten. Mijn moeder, vader, broer en ik zorgen samen voor onze dieren.’
Waarover vind jij dat iemand moet nadenken voordat hij of zij een huisdier neemt?