Skip to main content

Jong010, dé Rotterdamse kinderkrant - november 2021

Page 1

NOVEMBER 2021

4

8

Voorlichting over verslaving

9

Kinderburgemeester van de Rotte

10

Watersporten in de stad

Zingen boven op de kerk

De leerlingen schetsen het gebied. ‘Wij hopen dat de gemeente onze ideeën uitvoert’, zegt Danique.

Yousef: ‘We kunnen in deze boom een boomhut maken.’ FOTO’S: ARJEN JAN STADA CHARLOIS – De leerlingen uit de plusklas van de Wilhelminaschool mogen meedenken over het inrichten van de groenstrook Het Spui. Danique (11): ‘We hebben een plan bedacht om het gebied leuker te maken voor kinderen en volwassenen. We hebben ons plan aan de gemeente verteld. Wij hopen dat de gemeente onze ideeën uitvoert.’ TEKST: SUZANNE HUIG ‘Het Spui is een natuurgebied in de buurt van onze school’, zegt Danique. Shashwita (11): ‘Wij vinden het belangrijk dat het gebied leuker wordt. We denken dat meer buurtbewoners dan naar Het Spui gaan.’

Speeltoestellen en kabouters

‘Ik denk dat meer kinderen het leuk vinden om naar het natuurgebied te gaan als er speeltoestellen in het gebied staan. Kinderen hoeven zich dan niet te vervelen. Ik heb daarom bedacht om een kabelbaan te plaatsen’, zegt Danique. Shashwita: ‘Ik zou een boomhut, klimwand en grote glijbaan in het gebied plaatsen. Ik zou standbeelden van kabouters in het gebied zetten voor kleine kinderen.’ Yousef (11): ‘In Het Spui staat al een grote boom. We kunnen in die boom een boomhut maken.’

Tuinieren en vrienden maken

‘Niet alle buurtbewoners hebben een balkon of een tuin. Wij willen daarom dat er een moestuin in Het Spui komt’, vertelt Yousef. Shashwita: ‘Buurtbewoners kunnen in de moestuin met elkaar groenten kweken. Buurtbewoners kunnen elkaar daar dan ook beter leren kennen.’ ‘De buurtbewoners die zich eenzaam voelen, kunnen in de moestuin vrienden maken’, zegt Danique.


NOVEMBER 2021

Jantje vertelt tegen zijn moeder: ‘De juf zegt dat ik niet luister.’ Moeder zegt: ‘Dat is niet zo mooi Jantje.’ Jantje reageert: ‘Ze bedoelt dat ik niet gehoorzaam, moeder. Ik heb haar dat al 6 keer uitgelegd, maar ze luistert niet.’ Noah (12)

Lisa zit op school in groep 3. Ze leert lezen en schrijven. Na de eerste dag op school, vraagt vader wat ze heeft geleerd. ‘Ik heb leren schrijven’, vertelt Lisa. ‘En wat heb je dan geschreven?’, vraagt vader. ‘Dat weet ik nog niet. Ik leer morgen pas lezen’, zegt Lisa. Kaat (11)

Een bewaker van de gevangenis is zijn portemonnee kwijt. Hij gaat naar de cellen en vraagt: ‘Wie heeft mijn portemonnee gestolen?!’ Niemand reageert. Hij vraagt het nog eens. Weer zegt niemand iets. Dan zegt de bewaker: ‘Als de dader nu niet bekent, gooi ik er iemand uit!’ Ineens roept iedereen: ‘Ik heb hem gestolen!’

k

e

u

k

e

n

s

c

h

a

a

r

s

n

o

r

t

e

n

g

a

m

r

e

t

k

o

o

k

w

e

k

k

e

r

j

a

e

s

f

f

e

e

z

l

n

v

s

a

o

o

r

l

r

e

l

e

g

ij

e

f

b

e

a

c

o

i

v

a

k

z

m

m

k

p

s

c

h

o

r

t

o

e

l

i

o

p

p

c

e

d

k

p

m

l

i

x

o

a

s

t

e

e

l

p

a

n

h

e

k

n

p

o

l

l

e

p

e

l

c

r

u

m

a

a

t

b

e

k

e

r

s

d

t

g

a

s

f

o

r

n

u

i

s

dunschiller garde gasfornuis keukenschaar knoflookpers kookboek kookwekker maatbeker magnetron mengkom

oven pollepel rasp schilmesje schort soeppan staafmixer steelpan vijzel zeef

Antwoord (1 woord):

Het antwoord van de woordzoeker van oktober is: VLEUGELS. De winnaar is Adam (10). Gefeliciteerd!

Regels: de woorden vind je horizontaal, verticaal en diagonaal. Ook achterstevoren. Je mag letters meerdere keren gebruiken. Als je de overgebleven letters in de juiste volgorde zet, krijg je het antwoord. Mail dit antwoord samen met je voornaam, leeftijd en het telefoonnummer van je ouder(s) of verzorger(s) (zodat we contact met je kunnen opnemen als je hebt gewonnen) naar ANTWOORD@JONG010.NL. Alleen de winnaar krijgt bericht.

Melvin (12)

Je nn y en Jimm y Wat krijg je als je een slang met een kangoeroe kruist? Een springtouw.

Menso (10)

Jij altijd met je voetbal, probeer eens wat anders. Zoals tennis! Goed, hoor.

Michiel van de Vijver

Niks voor mij. Ik maak één foutje en ik sta meteen vijftien punten achter!

Hup! 15 -0.

Wat is het toppunt van geduld? Een vis op de muur tekenen en wachten tot hij zwemt. Gerben (9)

Mensen worden boos op dit ding als het hen wakker maakt. Maar ze worden ook boos als het hen niet wakker maakt. Wat is het? Een wekker. Neva (9)

Zoek de koksmutsen in de kinderkrant!

Heb jij een tip voor Jong010?

redactie@jong010.nl

Kun jij ze allemaal vinden?

Lees alle kranten op onze website: www.jong010.nl

Vul hier het aantal in:

Wil jij op een sport? Of bijvoorbeeld op dansen, muziek maken of zingen? Kijk dan met je ouder(s), verzorger(s) of leerkracht op

DE NIEUWE JONG010 VERSCHIJNT DONDERDAG

JEUGDFONDSSPORTENCULTUUR.NL/ROTTERDAM

9 DECEMBER 2021

Of vraag of er bij jou op school een contactpersoon is van het Jeugdfonds Sport & Cultuur Rotterdam.

Jong010 wordt mede mogelijk gemaakt door:

JONG010 - NOVEMBER 2021 JAARGANG 12 - EDITIE 3 OPLAGE: 38.000 KRANTEN Oprichter: Angelique van Tilburg Hoofdredacteur: Suzanne Huig Fotografen: Peter Snaterse, Arjen Jan Stada Vormgeving: Marcel van den Assem Redactiemedewerker: Sasja Hof

Donateurs

Aan deze editie werkte verder mee: Casper Rila


NOVEMBER 2021

EET JIJ WELEENS VEGETARISCH? ROTTERDAM – Burgemeester Ahmed Aboutaleb hoort graag van Rotterdammers wat zij van de stad vinden. Hij is ook benieuwd naar de mening en ervaring van basisschoolleerlingen. Eet jij iedere dag vlees of eet je weleens vegetarisch?

‘Het is beter voor dieren en goed voor het milieu om geen of minder vlees te eten. Ik eet graag groentes en salades. Ik eet vlees tijdens feestdagen. Eet jij weleens vegetarisch? Of eet jij iedere dag vlees of vis?’

TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG

AHMED ABOUTALEB FOTO: GEMEENTE ROTTERDAM / MARC NOLTE

‘Ik eet bijna iedere dag vlees. Ik vind vlees heel lekker. Ik vind het belangrijk om aan het milieu te denken. Het is ook slecht voor het milieu om eten weg te gooien. Ik zorg er daarom voor dat ik geen eten weggooi.’

JEYVAINGELL 10 JAAR

‘Ik eet nooit vegetarisch. Ik eet iedere dag vlees. Ik ben dat gewend. Ik vind het wel belangrijk om goed voor het milieu te zorgen. Ik zou daarom wel vegetarisch willen leren eten.’

JELAYSA 9 JAAR

VEGETARISCH

Voeding waar niets in zit van een gedood dier. Geen vlees, vis, insect of gevogelte.

‘Ik eet ongeveer 4 dagen per week vegetarisch. Ik eet vegetarisch omdat ik vlees niet heel lekker vind. Ik vind het ook niet goed voor het milieu om heel veel vlees te eten. Ik eet meestal veel groentes als ik vegetarisch eet.’

‘Ik vind het heel goed dat sommige mensen minder vlees eten. Het is goed voor het milieu als mensen minder vlees eten. Ik eet zelf bijna iedere dag vlees. Ik vind vlees heel erg lekker.’

DJAYLEE 11 JAAR

‘Ik eet heel af en toe vegetarisch. Ik eet meestal vlees. Ik ben het gewend om vlees te eten. Ik zou wel vaker vegetarisch willen eten omdat dat beter is voor dieren. Ik vind het lastig om te bedenken wat je kunt eten als je geen vlees en vis eet.’

FENNA 10 JAAR

Eet jij weleens vegetarisch?

MASON 10 JAAR

‘Ik denk zelf niet na over wat ik eet. Mijn moeder maakt heel veel verschillende gerechten. Ik eet ongeveer 4 keer per week een gerecht met vlees of vis. Ik vind gerechten zonder vlees ook heel lekker.’

RUTH ‘Ik eet ongeveer 3 dagen per week vegetarisch. Ik vind het niet goed om iedere dag vlees te eten. Ik vind het zielig dat er dieren worden gefokt zodat mensen vlees kunnen eten. Ik vind daarom dat iedereen 2 keer per week vegetarisch moet eten. Er hoeven dan minder dieren te worden gefokt.’

JAYCE 10 JAAR

10 JAAR ‘Ik eet ongeveer 1 keer per week vlees. Ik eet geen varkensvlees. Ik zou het goed vinden als iedereen 1 keer per week vegetarisch zou eten. Mensen kunnen op die dag bijvoorbeeld rijst met groenten eten.’

‘Ik eet ongeveer 4 dagen per week vlees. Ik vind dat iedereen zelf mag bepalen of hij vlees en vis eet of niet. Ik denk zelf niet na over wat ik eet. Ik eet gewoon wat ik te eten krijg.’

ALMILA

LUCIANO

11 JAAR

11 JAAR


NOVEMBER 2021

HOOGVLIET – Hoe kom jij voor jezelf op als je iets niet wilt? De leerlingen van groep 7B van basisschool De Plevier kregen de les ‘Hoe zeg jij ‘nee’?’ van Maicke van Indigo. De leerlingen kregen voorlichting over verslaving en leerden voor zichzelf opkomen. TEKST: SUZANNE HUIG

‘Sommige kinderen proberen dingen uit. De meeste kinderen proberen dingen uit omdat ze het 1 keer willen proberen of omdat ze ergens bij willen horen. Ze proberen bijvoorbeeld middelen uit zoals alcohol of sigaretten. Het is gevaarlijk om middelen uit te proberen. In bijvoorbeeld sigaretten zit een stofje dat ervoor zorgt dat je steeds vaker wilt roken. Je raakt daardoor verslaafd. Het is daarom belangrijk om geen middelen uit te proberen’, legt Maicke uit.

Groepsdruk

Jayden (10): ‘Sommige mensen gaan roken omdat ze groepsdruk voelen. Ze willen zelf eigenlijk niet roken. Ze roken omdat de rest van de groep rookt.’ ‘Die kinderen zijn bang dat ze worden uitgelachen als ze iets niet willen of niet durven’, zegt Isa (10). Riona (10): ‘Ik vind het belangrijk om altijd mijn eigen keuzes te maken.’ ‘Het is belangrijk dat je goed voor jezelf kunt opkomen en dat je je grenzen kunt aangeven. De kans is dan kleiner dat je iets uitprobeert en verslaafd raakt’, zegt Alyssa (10).

Luna, Lotte en Jayden spelen een rollenspel. FOTO’S: PETER SNATERSE

Helpende gedachten

‘Helpende gedachten helpen je om in jezelf te geloven. Het is makkelijker om je grens aan te geven als je een helpende gedachte in je hoofd hebt’, legt Maicke uit. Miley (10): ‘Helpende gedachten helpen je om voor jezelf op te komen. Mijn helpende gedachte is dat ik niet wil roken omdat roken slecht is voor mijn lichaam.’ ‘Mijn helpende gedachte is dat roken slecht is voor mijn conditie. Ik voel me zelfverzekerder door mijn helpende gedachte. Ik ben daardoor minder makkelijk over te halen door anderen’, zegt Luna (11). Tristan (10): ‘Mijn helpende gedachten helpen mij om goede keuzes te maken.’

ROLLENSPEL

Een spel waarbij mensen een rol spelen. Ze doen een situatie na die in het echt kan voorkomen.

Een rollenspel

De leerlingen oefenen met een rollenspel hoe ze voor zichzelf kunnen opkomen. Luna en Lotte (10) doen alsof ze op het schoolplein staan te roken. Jayden speelt een leerling die het schoolplein op komt lopen. Luna en Lotte vragen aan Jayden of hij een sigaret wil. Jayden wil niet roken. Jayden: ‘Nee, ik wil geen sigaret.’ ‘Kom op. Je bent toch niet bang?’, zegt Lotte tegen Jayden. Jayden: ‘Nee. Ik ben niet bang. Ik wil niet roken. Roken is slecht voor je lichaam.’ Jayden loopt weg.

Zelfverzekerd door de les

‘Ik voel me zelfverzekerd door deze les. Ik weet door deze les dat ik nog steeds bij de groep hoor als ik iets niet wil of het ergens niet mee eens ben’, zegt Myrthe (10). Isa: ‘Ik leg vanaf nu aan kinderen uit waarom ik iets niet wil.’ Rayan (10): ‘Ik denk vanaf nu aan mijn helpende gedachte als iemand mij probeert over te halen.’

Indigo geeft verschillende lessen over verslaving aan basisschoolklassen. Lijkt het jou interessant om ook zo’n les te krijgen? Je juf of meester kan voor meer informatie mailen naar PREVENTIE@INDIGORIJNMOND.NL

Vind jij het soms lastig om ‘nee’ te zeggen als je iets niet wilt? Oefen met de volgende 4 stappen om ‘nee’ te durven zeggen.

Bedenk een situatie waarin je geen ‘nee’ durft te zeggen. Voorbeeld: Een vriend vraagt of je een sigaret wilt.

De gedachten die ervoor zorgen dat je geen ‘nee’ durft te zeggen, noem je niet helpende gedachten. Schrijf een niet helpende gedachte op. Voorbeeld: Straks lachen mijn vrienden mij uit.

Verander de niet helpende gedachte die je hebt opgeschreven in een helpende gedachte. Voorbeeld: Het maakt niet uit als ze mij uitlachen. Roken is slecht voor mij. Echte vrienden accepteren mij zoals ik ben.

Denk aan je helpende gedachte als je een keer geen ‘nee’ durft te zeggen.


NOVEMBER 2021

ROTTERDAM – Segun (12): ‘Ik heb hiv, epilepsie en een hersenbeschadiging. Ik slik iedere dag medicijnen. Ik houd me ook aan een speciaal dieet. Ik voel me daardoor bijna nooit ziek.’ TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG ‘Ik ben geboren met hiv. Hiv is een virus. Hiv breekt het afweersysteem van je lichaam af. Je kunt daardoor allerlei infecties en ziektes krijgen. Hiv is niet te genezen. Er zijn wel medicijnen die ervoor zorgen dat je niet ernstig ziek wordt. De medicijnen zorgen er ook voor dat je geen hiv kunt doorgeven aan anderen. Ik moet die medicijnen heel mijn leven iedere dag slikken’, zegt Segun.

Herdenken met een fakkel

‘In Nederland zijn er ongeveer 200 kinderen die hiv hebben. Ik vind het daardoor bijzonder dat ik hiv heb. Ieder jaar is er een dag voor mensen die leven met hiv. Er wordt ieder jaar een fakkel aangestoken op die dag. Mensen zijn dan 2 minuten stil om te denken aan de mensen die zijn overleden aan hiv. Ik mocht dit jaar de fakkel aansteken. Ik vond dat heel bijzonder’, vertelt Segun.

‘Ik rust op school uit in de rustzaal.’

Storing in mijn hersenen

Segun: ‘Ik heb ook epilepsie. Epilepsie is een ziekte waarbij er soms even iets niet goed gaat in je hersenen. Je hebt dan een storing in je hersenen. Er kan een aanval ontstaan door een storing in je hersenen. Sommige mensen met epilepsie hebben een paar aanvallen in hun leven. Anderen hebben meerder aanvallen per dag. Ik had vroeger ongeveer 3 keer per week een epileptische aanval. Ik lag tijdens een aanval vaak te trillen op de grond. Mijn lichaam bewoog tijdens een aanval automatisch. Ik was dan even niet mezelf.’

Een lekker dieet

‘Ik volg sinds 1 jaar het ketogeen dieet. Het ketogeen dieet is een speciaal dieet dat ervoor zorgt dat mijn lichaam vooral vetten gebruikt. Ik mag volgens het dieet alleen dingen eten die precies voor mij zijn afgewogen. Mijn moeder weet precies hoeveel gram ik van iets mag. Mijn moeder weegt daarom alles voordat ik het eet. Ik vind het niet erg om mij aan het dieet te houden. Ik vind de dingen die ik volgens het dieet mag eten heel lekker. Ik mag bijvoorbeeld 5 tussendoortjes per dag eten. Ik eet als tussendoortje bijvoorbeeld kokoschips en pecannoten. Ik heb sinds ik het dieet volg bijna geen epileptische aanvallen meer. Ik heb heel soms nog een kleine aanval. Mijn hand of been beweegt dan even zonder dat ik dat wil’, vertelt Segun.

Fonds Kind & Handicap helpt kinderen en jongeren met een handicap of chronische ziekte.

Beschadigde hersenen

‘Mijn hersenen zijn na mijn geboorte beschadigd. Sommige deeltjes van mijn hersenen zijn een beetje kapot. Het is daardoor voor mij lastiger om na te denken. Ik vind het soms lastig om me te concentreren. Ik ben door mijn hersenbeschadiging ook sneller moe. Ik kan daardoor niet altijd met leeftijdsgenootjes meespelen. Ik probeer met zoveel mogelijk dingen mee te doen. Ik rust een uurtje uit als het mij niet meer lukt om mee te doen’, zegt Segun.

Een handicap is een beperking waardoor je sommige dingen niet zo goed kunt.

Fijne school

‘Ik zit op de speciaal onderwijsschool Recon openluchtschool. Dat is een school voor kinderen die ziek zijn of een beperking hebben. Ik vind dat ik op een heel fijne school zit. Mijn school heeft een rustzaal. Ik rust daar iedere middag even uit. Ik lig dan op een bed. Ik slaap of ik lees een boek. Ik vind het heel fijn dat ik in de rustzaal kan uitrusten. Ik kan daardoor heel de dag op school blijven. Ik vind het ook fijn dat ik in een kleine klas zit. Ik kan me daardoor beter concentreren’, vertelt Segun.

AFWEERSYSTEEM

Systeem in je lichaam waardoor je niet snel ziek wordt. Het beschermt je lichaam tegen ziektes.

Een chronische ziekte is een ziekte die minimaal 3 maanden duurt, steeds terugkomt of niet genezen kan worden.

De organisatie geeft bijvoorbeeld geld om hulpmiddelen te kopen, voorlichting te geven of onderzoek te doen.


ROTTERDAM – 1 op de 5 Rotterdamse kinderen groeit op in armoede. Gezinnen die in armoede leven, hebben een langere tijd niet voldoende geld om alles wat noodzakelijk is te kunnen betalen. Ze hebben bijvoorbeeld niet voldoende geld om een woonplek, eten, drinken, kleding of verwarming te kunnen betalen. TEKST: SUZANNE HUIG Gemeente Rotterdam helpt kinderen als ze door geldgebrek van hun ouders of verzorgers niet met leeftijdsgenoten kunnen meedoen. De gemeente helpt bijvoorbeeld door sportlessen, cultuurlessen, schoolspullen, schoolreisjes, een laptop of een fiets te betalen. Wethouder Michiel Grauss gaat over de armoedebestrijding en schuldenaanpak in Rotterdam. Hij wil graag advies van Rotterdamse kinderen. ‘Wat hebben kinderen in armoede volgens jou nodig om te kunnen meedoen?’, vraagt wethouder Michiel Grauss.

Wethouder Michiel Grauss. FOTO: CASPER RILA / GEMEENTE ROTTERDAM

NOODZAKELIJK

Iets dat je niet kunt missen.

eljero (11) ‘Ik vind dat kinderen een budget moeten krijgen om nieuwe kleding te kopen. Ik denk dat kinderen zich zelfverzekerder voelen als ze kleding kunnen dragen die zij leuk vinden. Ik vind ook dat kinderen die in armoede leven een cadeautje moet krijgen op feestdagen.’

ameera (10) ‘Ik vind dat ieder kind een veilig en schoon huis nodig heeft. Ik vind daarom dat de gemeente moet controleren of arme gezinnen een schoon en veilig huis hebben. De gemeente kan de huizen schoon en veilig maken als dat nodig is. Sommige mensen slapen bijvoorbeeld op de grond in plaats van in een bed. Ik vind dat die mensen een bed moeten krijgen.’

jazz (12) ‘Ik vind dat gezinnen die in armoede leven iedere week geld moeten krijgen om boodschappen te doen. Mensen die in armoede leven, kunnen nu gratis boodschappen ophalen bij de voedselbank. Ze kunnen bij de voedselbank vaak niet zelf kiezen wat ze willen hebben. Ik vind het belangrijk dat mensen zelf kunnen kiezen wat ze echt lekker vinden.’

ARMOEDEBESTRIJDING

Ervoor zorgen dat er minder armoede is.

Jaydirl (12) ‘Ik vind het belangrijk dat kinderen die in armoede leven plezier hebben. Ik vind daarom dat er in iedere wijk gratis kinderactiviteiten moeten worden georganiseerd. Kinderen die in armoede leven, kunnen tijdens de kinderactiviteiten gratis plezier maken. Ik vind dat kinderen die in armoede leven ook moeten leren hoe ze met geld moeten omgaan. De kans is dan kleiner dat ze later ook geldproblemen krijgen.’

ahmed (12) ‘Ik vind het belangrijk dat kinderen die in armoede leven zich niet alleen voelen. Ik vind daarom dat er meer over armoede moet worden gepraat. Er komt dan meer begrip voor kinderen in armoede. Ik denk dat kinderen die in armoede leven zich dan minder alleen voelen.’

SCHULDENAANPAK

Mensen helpen met hun schulden.

otmane (11) ‘Ik denk dat kinderen eerder worden gepest als ze te kleine of kapotte kleding dragen. Ik vind het daarom belangrijk dat ieder kind passende en goede kleding krijgt. Ik vind dat kinderen ook een mobiele telefoon moeten krijgen. Ze kunnen dan meedoen met online spelletjes.’

amira (12) ‘Ik denk dat er vaak spanning en angst is in gezinnen die in armoede leven. Ik denk dat de kinderen in die gezinnen door de spanning minder aandacht krijgen. Ik vind daarom dat gezinnen die in armoede leven iedere maand gratis een dagje weg moeten kunnen. Ze kunnen dan bijvoorbeeld naar de dierentuin of naar het zwembad. De kinderen kunnen dan even alle aandacht van hun ouders krijgen.’

Jahreal (11) ‘Ik vind dat gezinnen die in armoede leven geld moeten krijgen om iets leuks te doen in de vakantie. Kinderen die in armoede leven, hebben dan ook een leuke vakantieherinnering. Ik vind ook dat de gemeente de kinderen iedere maand zakgeld moet geven. Kinderen kunnen dan zelf kiezen wat ze met het zakgeld doen. Ze leren daardoor met geld omgaan.’

‘Ik vind het belangrijk dat kinderen een plekje voor zichzelf hebben. Ik heb een eigen kamer. Ik kan in mijn kamer tot rust komen en doen wat ik fijn vind. Ik vind dat er in bibliotheken en scholen kamers moeten worden gemaakt. Kinderen die in armoede leven en geen eigen plek hebben, moeten die kamers gratis kunnen gebruiken.’


Wat kun je aanvragen? Hebben jouw ouders of verzorgers weinig geld? Of ken je iemand die thuis weinig geld heeft? De gemeente kan misschien helpen. Ieder jaar kun je hulp aanvragen via Stichting Meedoen in Rotterdam, Jeugdfonds Sport

stichting Meedoen in Rotterdam Je kunt bij Stichting Meedoen in Rotterdam een aanvraag doen voor een fiets, een laptop, een lidmaatschap voor Squla, sportlessen, cultuurlessen, zwemlessen, een bijdrage voor een schoolreisje en een bijdrage voor een werkweek.

Jeugdfonds Sport en Cultuur

Jeugdtegoed

Je kunt bij het Jeugdfonds Sport en Cultuur sportlessen of cultuurlessen aanvragen. Kijk voor meer informatie op www.jeugdfondssportencultuur.nl/ rotterdam of bel 010 479 01 37

Kijk voor meer informatie op www.meedoeninrotterdam.nl of bel 010 240 01 89

Je kunt het jeugdtegoed elk jaar aanvragen. Je krijgt het gestort op de Rotterdampas. Het tegoed kun je gebruiken om bijvoorbeeld schoolspullen of sportspullen te kopen. Kijk voor meer informatie op www.jeugdtegoed.nl of bel 14010

en Cultuur of het jeugdtegoed.

noor (9)

dilano (11) ‘Ik vind het goed dat kinderen sportlessen en cultuurlessen kunnen volgen. Kinderen die in armoede leven, kunnen zich daardoor vermaken. Ik vind dat kinderen in de toekomst ook gratis sportkleding of gratis een instrument moeten krijgen. Ze kunnen dan echt meedoen.’

‘Ik vind dat kinderen die in armoede leven een pasje moeten krijgen waarmee ze bijvoorbeeld gratis naar de bioscoop of naar het zwembad kunnen. Kinderen die in armoede leven, kunnen dan met hun vrienden mee als ze iets leuks gaan doen.’

‘Ik vind het belangrijk dat alle kinderen een fiets krijgen om bijvoorbeeld mee naar school te gaan. Ik vind ook dat er op iedere school een leerruimte moet komen die tot ‘s avonds open is. Kinderen die thuis geen eigen kamer hebben, kunnen in een leerruimte rustig huiswerk maken of leren.’

Wat hebben kinderen in armoede volgens jou nodig om te kunnen meedoen?

mohamad (11)

AIDEN (11) ‘Ik vind dat kinderen die in armoede leven iedere schooldag een gratis lunchpakket moeten krijgen. Ik vind dat in het lunchpakket een gezonde maaltijd moet zitten. Ik denk dat de kinderen zich dan fitter voelen op school.’

‘Ik vind dat er meer openbare plekken moeten komen waar je gratis plezier kunt maken. Ik vind bijvoorbeeld dat er meer sportplekken op straat moeten komen. Ik vind ook dat kinderen gratis bijles moeten krijgen als ze dat nodig hebben.’

d'Hainy (9) ‘Ik vind dat kinderen die in armoede leven een laptop en schoolspullen moeten krijgen. Ze hebben op school dan dezelfde spullen als hun klasgenoten. Ik vind het ook belangrijk dat kinderen die in armoede leven gratis naar de kapper kunnen. Ze kunnen er dan verzorgd uitzien.’

prokitree (10) ‘Ik vind het belangrijk dat kinderen die in armoede leven ook online kunnen meedoen. Ik vind daarom dat ieder kind een laptop, telefoon of tablet moet krijgen. De kinderen kunnen daarmee bijvoorbeeld spelletjes spelen of contact hebben met vrienden via sociale media.’

‘Ik vind dat kinderen die in armoede leven ieder jaar een tas moeten krijgen die is gevuld met hippe en nieuwe dingen. In de tas kan bijvoorbeeld kleding en speelgoed zitten. De kinderen horen er dan bij omdat ze dezelfde dingen hebben als veel andere kinderen.’

roan (12) ‘Ik vind dat kinderen die in armoede leven ieder jaar een nieuwe broodtrommel, drinkfles en agenda moeten krijgen. Het valt andere kinderen op school dan niet op dat die kinderen in armoede leven. Ik vind dat ieder kind ook 1 keer per jaar € 200,00 moet krijgen voor een leuk uitje.’


NOVEMBER 2021

ROTTERDAM – Michael (11) is de Kinderburgemeester van de Rotte. Michael: ‘De Rotte is een rivier. Ik wil er als kinderburgemeester voor zorgen dat het water in de rivier schoner wordt. Ik wil er ook voor zorgen dat meer kinderen mogen meedenken over de Rotte.’ TEKST: SUZANNE HUIG

‘Ik woon aan de Rotte. Ik speel bijna iedere dag in of bij de Rotte. Ik zwem in de Rotte. Ik kajak, sup en schaats ook weleens op de Rotte. Het is voor mensen en dieren fijner om in en rondom de Rotte te zijn als het water schoon is. Ik wil daarom graag dat mensen beter omgaan met de Rotte’, vertelt Michael.

Michael: ‘Ik vind het leuk om waterdiertjes te bekijken. Ik heb dit modderkruipertje met een schepnet uit de Rotte gehaald.’ FOTO’S: PETER SNATERSE

Meer dieren en planten

Michael.

Elektrische boten en meer vuilnisbakken Michael: ‘Ik wil dat de dieren ‘Motorboten vervuilen het water. Ze zorgen ervoor dat in en rondom de Rotte een er slechte stoffen in het water komen. De slechte stoffen beter leven krijgen. Ik wil zijn niet goed voor de dieren en planten die in het water daarom de kwaliteit van leven. Ik wil daarom dat er in de toekomst alleen nog het water verbeteren. Meer elektrische boten op de Rotte mogen varen. Het water planten en dieren gaan in de wordt ook schoner als er minder afval in het water Rotte leven als het water in terechtkomt. Ik vind daarom dat er meer vuilnisbakken de rivier schoner is. Er kunnen langs de Rotte moeten komen te staan’, vertelt Michael. bijvoorbeeld otters in de Rotte gaan leven als het water schoner Heb jij een idee voor de Rotte? Stuur een berichtje naar Michael is. Dat lijkt mij via WWW.INSTAGRAM.COM/MICHAEL.KINDERBURGEMEESTER/ heel leuk.’

ROZENBURG – Kinderen konden op kinderboerderij De Beestenboel meedoen aan de kunstworkshop ‘Tussen Kunst en Kip’. De deelnemers maakten tijdens de workshop met echte kunstenaars kunstwerken op de kinderboerderij. Gabriel (11) en Jessica (11) maakten met kunstenaar Jilles een fotokunstwerk. TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG

‘Loop een rondje over de kinderboerderij. Kijk welke dieren je allemaal ziet. Kies 1 dier uit dat je wilt fotograferen’, zegt kunstenaar Jilles. Gabriel fotografeert de kat op de kinderboerderij. ‘Ik vind de kat het leukste dier omdat hij met mij meeloopt. Ik wandel samen met de kat over heel de boerderij’, zegt Gabriel. Jessica fotografeert een ezel. Jessica: ‘De ezel komt naar mij toe als ik een foto van hem maak. Dat vind ik leuk.’

Gabriel fotografeert de kat en laat zijn foto zien.

Jessica fotografeert een ezel en laat haar foto zien. Tekenen rondom de foto

Gabriel en Jessica plakken hun foto op een vel papier. ‘We tekenen rondom de foto dingen die met het dier te maken hebben’, vertelt Gabriel. Jessica: ‘Ezels eten graag gras, hooi en appels. Ik teken daarom gras, hooi en een appel naast mijn foto. In de stal van de ezels staat een bak met water. Ik teken daarom ook een bak met water.’ Gabriel: ‘Een kat eet kattenbrokken en muizen. Ik teken daarom kattenbrokjes en muizen.’

Jessica en Gabriel tekenen rondom hun foto en laten hun kunstwerk zien.


NOVEMBER 2021

ROTTERDAM – De leerlingen van de groepen 7 en 8 van Kindcentrum IJsselmonde leerden survivallen bij Outdoor Forest. Vienna (10): ‘Ik vind het leuk om met mijn schoolgenoten te survivallen. We sporten. We zijn buiten. En we leren samenwerken.’ TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG

De leerlingen ontdekken in teams het survivalparcours. Jerry (11), Yigit (10) en Vienna mogen als eerst boogschieten. Jerry: ‘Het is belangrijk dat ik stil sta en goed naar de pijl kijk. Ik kan dan goed richten.’ Yigit: ‘Je hebt kracht en concentratie nodig om goed te schieten. Ik trek de boogpees ver naar achteren zodat mijn pijl ver naar voren schiet.’

De leerlingen leren boogschieten. Een brug van touwen

PEES of BOOGPEES

Het touwachtige deel van een boog.

De leerlingen lopen om de beurt over de brug van touwen.

De leerlingen krijgen na het boogschieten de opdracht om een moddersloot over te steken. Er hangt 1 touw over de sloot gespannen. Op de kant ligt nog 1 touw. Het uiteinde van dat touw zit aan de overkant van de sloot aan een boom vast. ‘Wij moeten met behulp van deze touwen de sloot oversteken’, zegt Jessie (10). ‘We kunnen een brug van de touwen maken door allebei de touwen strak te trekken’, zegt Azad (10). Roqaiah (11) steekt via de touwen de moddersloot over. ‘Mijn teamgenoten trekken het bovenste touw strak. Ik kan me aan dat touw vasthouden terwijl ik over het andere touw loop’, zegt Roqaiah. De leerlingen steken om de beurt de moddersloot over. Soykan (11): ‘Ik vind dit eng en cool tegelijkertijd.’

Touwtrekken

De leerlingen verdelen zich bij het onderdeel touwtrekken in 2 groepen. Iedere groep gaat aan een kant van het touw staan. De groep die als eerst het lintje over de streep trekt, wint. ‘Het is belangrijk dat we goed samenwerken. We moeten allemaal tegelijkertijd aan het touw trekken. We trekken het touw dan in 1 keer een heel stuk onze kant op’, zegt Nisa (11) tegen haar groepsgenoten. Azad: ‘Ik knoop het uiteinde van het touw om mijn middel. Het touw kan daardoor niet uit mijn handen glijden.’

CENTRUM – De leerlingen van basisschool De Pijler ontdekten tijdens het watersportevenement ‘Optimist on Tour’ verschillende sporten op het water. De leerlingen leerden suppen, kanoën en zeilen in de Leuvehaven. TEKST: SUZANNE HUIG Manar (10) pakt een peddel en stapt in een kano. ‘Een peddel heeft een holle en een bolle kant. Ik draai de holle kant naar mezelf toe. Ik haal de peddel langzaam door het water heen. Ik duw daardoor met de peddel het water weg’, legt Manar uit.

Manar kanoot in de Leuvehaven.

Samen suppen

Taeke (10) en Damir (10) stappen samen op een sup. ‘We peddelen allebei aan 1 kant. We peddelen allebei aan dezelfde kant als we willen draaien. We moeten aan de linkerkant peddelen als we willen dat de sup naar rechts gaat. We moeten aan de rechterkant peddelen als we willen dat de sup naar links gaat’, vertelt Taeke. Damir: ‘We moeten ons goed concentreren. We vallen in het water als we niet goed samenwerken.’

Kaenan en Alayza zeilen in de Leuvehaven. FOTO’S: PETER SNATERSE Zeilen Taeke en Damir suppen.

Kaenan (10) en Alayza (10) stappen samen in een zeilboot. Kaenan bedient het roer. ‘Ik bepaal met het roer de richting. De zeilboot gaat naar rechts als ik het roer naar links beweeg. De zeilboot gaat naar links als ik het roer naar rechts beweeg’, legt Kaenan uit. Alayza bedient de schoot. Alayza: ‘Je kunt met de schoot het zeil aantrekken en loslaten. Ik regel met de schoot de snelheid. De zeilboot gaat harder als ik het touw strakker aantrek. De zeilboot gaat zachter als ik het touw loslaat.’ Kaenan: ‘Het zeil draait soms ineens door de wind. We moeten goed opletten en zorgen dat we dan bukken. We kunnen het zeil anders tegen ons hoofd krijgen.’


NOVEMBER 2021

CENTRUM – Aïsha (10) is het eerste kind ooit dat op de Laurenskerk heeft gezongen. Ze zong het Turkse liedje 'Dandini Dandini Dastana' boven op de kerk. Stadsmuzikant Richard speelde de muziek. TEKST: SUZANNE HUIG

‘Ik zing iedere dag. Ik voel me heel blij als ik zing. Ik vind het leuk om op te treden voor anderen. Ik vond het heel bijzonder om op de Laurenskerk te zingen. De stad lijkt net een plattegrond als je op de Laurenskerk staat. Mensen zijn vanaf daar zo klein als mieren’, vertelt Aïsha.

Aïsha en Richard boven op de Laurenskerk.

Liedjes uit 170 verschillende landen

‘Richard speelt als stadsmuzikant op de klokken in de Laurenskerk’, vertelt Aïsha. Richard: ‘Ik speel 2 keer per week op het klokkenspel in de Laurenstoren. Ik speel ook 1 keer per week op het klokkenspel in Stadhuis Rotterdam. Iedereen in de stad kan dan horen wat ik speel.’ Aïsha: ‘Richard heeft het Groot Rotterdams Songbook gemaakt. In dat boek staan liedjes uit ongeveer 170 landen. Richard heeft aan mij gevraagd of ik het Turkse slaapliedje ‘Dandini Dandini Dastana’ uit het boek wilde zingen.’

Turks slaaplied

Aïsha: ‘Ik ben in Nederland geboren. Mijn oma en opa komen uit Turkije. In ben Nederlands en Turks opgevoed. 'Dandini Dandini Dastana' is een Turks slaapliedje. Mijn moeder zong het lied vroeger heel vaak voor mij voordat ik ging slapen. Ik vind het bijzonder dat ik het lied heb mogen zingen voor heel de stad.’

Aïsha: ‘Je moet heel veel trappen op voordat je op het dak van de Laurenskerk bent.’

Aïsha kijkt naar het klokkenspel van de Laurenskerk. FOTO’S: ARJEN JAN STADA

BOEKENBON TER WAARDE VAN

15 EURO

Het antwoord van de puzzel van oktober is: POLITIEHOND.

De winnaars is Lise (8). Gefeliciteerd!

Wat vindt

Waarin leven

Wat doen de leerlingen bij het

De dijk bij Pernisse Hoofd is bedekt

Jeyvaingell heel

kinderen in

survivallen vóór het oversteken

met gras. Waarmee nog meer? PAGINA 11

lekker? PAGINA 3

gezinnen waar

van de moddersloot? PAGINA 9

Wat gaan sommige mensen doen omdat

langere tijd niet voldoende geld is? PAGINA 6

Hoe heet de leerling die de schoot bedient tijdens het

Hoe heet iemand die niet kan lezen en schrijven? PAGINA 12

zeilen? PAGINA 9

Hoe noem je de klas waarin Tanishq

boten wil Michael

Hoe heet het boek dat RIchard

PAGINA 12

Wat voor dieet volgt

alleen nog toelaten

heeft gemaakt? Het Groot

Segun? PAGINA 5

op de Rotte? PAGINA 8

Rotterdams ... PAGINA 10

ze groepsdruk voelen? PAGINA 4

Wat voor soort

extra lessen Nederlands kreeg?

De antwoorden op de vragen vind je in deze krant!


NOVEMBER 2021

Bourak: ‘Ik vind sommige dingen spannend. Ik durf soms niet te doen wat al mijn vriendjes wel doen. Mijn vriendjes durven bijvoorbeeld ergens vanaf te springen. En ze durven aan te bellen bij vreemden. Wat kan ik doen als ik iets niet durf?’

Hoi Bourak, Je kunt je heel alleen voelen als je iets niet durft. Je wilt er misschien graag bij horen. Je wilt misschien ook graag leuk gevonden worden door anderen. Je denkt misschien dat anderen je niet leuk meer vinden als je iets niet durft. Het is belangrijk om alleen te doen wat jij zelf wilt.

Waarom durf je iets niet? ILLUSTRATIE: COPAL EN CONSORTEN

ROTTERDAM – Marieke van het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) reageert iedere maand in Jong010 op een vraag of probleem van een leerling of klas. Ze beantwoordt deze maand de vraag van Bourak (10). TEKST: SUZANNE HUIG

Marieke beantwoordt ingestuurde brieven. FOTO: PETER SNATERSE Heb jij een vraag aan Marieke of zit je ergens mee? Stuur een mail naar REDACTIE@JONG010.NL of stuur een brief naar Jong010, Postbus 13037, 3004 HA Rotterdam.

PERNIS – De waterschappen zorgen voor genoeg, schoon en veilig water. Waterschap Hollandse Delta zorgt voor het water in Charlois, Feijenoord, IJsselmonde, Rozenburg, Hoogvliet en Pernis. Noor werkt bij waterschap Hollandse Delta. De leerlingen van groep 8 van basisschool De Plataan bezochten met Noor de dijk bij Pernissse Hoofd. TEKST: SUZANNE HUIG

EVACUEREN

Mensen naar een veilige plek brengen. ‘Dijken beschermen een gebied tegen water van buiten de dijken. Deze dijk beschermt dit gebied tegen water uit rivier de Nieuwe Maas’, zegt Jenissa (12). ‘Een dijk moet hoog, sterk en stevig genoeg zijn om het water tegen te houden’, zegt Quishentley (12). ‘Mijn collega’s en ik berekenen hoe hoog, sterk en stevig dijken moeten zijn om water tegen te houden’, zegt Noor.

Het is goed om te bedenken waarom je iets niet durft te doen. Misschien durf je niet aan te bellen bij vreemden omdat je weet dat dat eigenlijk niet mag. Het is dan heel stoer dat je bij je eigen gevoel blijft en het niet doet. Doe wat jij zelf wilt.

Iets proberen

Het kan ook voorkomen dat je iets niet durft omdat je het nog nooit hebt gedaan. Je bent dan misschien bang dat je het niet kunt. Het is soms goed om iets te proberen. Je hoeft het niet gelijk perfect te doen. Je mag fouten maken. Sommige dingen moet je leren door het vaker te doen. Je gaat het dan steeds minder spannend vinden. Groetjes, Marieke

DIT ARTIKEL IS GEMAAKT IN SAMENWERKING MET

Hoogte van de dijk

‘Het water in rivieren kan bijvoorbeeld stijgen door veel regenval, storm of harde wind’, zegt Shivangini (11). ‘Het water in de Nieuwe Maas kan tijdens een storm tot 4 meter hoger komen te staan. Deze dijk is 5,5 meter hoger dan dat het water nu staat. De dijk is dus hoog genoeg als het water 4 meter stijgt. We meten iedere dag de waterstand op verschillende plekken. We kunnen met die gegevens voorspellen dat het water bij deze dijk maar gemiddeld 1 keer per 10.000 jaar hoger komt te staan dan dat de dijk aan kan’, legt Noor uit.

Stevige dijk

‘Het is belangrijk dat een dijk stevig is zodat hij niet kapot wordt geduwd door het water. In dijken zit daarom meestal zand en klei’, vertelt Kyan (11). Finn (11): ‘Deze dijk is bedekt met asfalt en gras. Het asfalt en het gras zorgen ervoor dat de grond in de dijk niet wegspoelt.’

Een noodplan

‘Dijkwachten controleren bij slecht weer of dijken stevig en hoog genoeg zijn. We hebben een noodplan voor als we bang zijn dat een dijk het water niet tegen kan houden’, vertelt Noor. Quinten (11): ‘Ik vind het goed dat dijken worden gecontroleerd als het slecht weer is. Er kan daardoor snel worden ingegrepen als dat nodig is.’ Noor: ‘We leggen in noodsituaties zandzakken op dijken. We leggen een sterk doek over een dijk als het gras kapotgaat. Het doek zorgt ervoor dat een dijk niet wegspoelt.’ ‘Mensen worden geëvacueerd als er kans is op een overstroming’, zegt Finn.

Waterschap Hollandse Delta is één van de 21 waterschappen in Nederland.

De leerlingen staan met Noor op de dijk. FOTO’S: ARJEN JAN STADA

Kijk voor meer informatie en opdrachten op

WWW.WSHD.NL/EDUCATIE

Ook voor ouders en leerkrachten!


Kinderstadskrant

NOVEMBER 2021

De Nederlandse taal spreken, schrijven en lezen

Feijenoord Amro (10) woont sinds 2016 in Nederland. Amro: ‘Ik ben geboren in Syrië. Ik ben naar Nederland verhuisd toen ik 6 jaar oud was. Ik heb de Nederlandse taal leren spreken door goed te luisteren naar Nederlands sprekende mensen.’ Tekst en foto’s: Suzanne Huig

ROTTERDAM – 1 op de 5 Rotterdammers kan niet goed lezen en schrijven. Iemand die laaggeletterd is, heeft veel moeite met lezen en schrijven. Iemand die analfabeet is, kan helemaal niet lezen of schrijven. De gemeente Rotterdam vindt het belangrijk dat iedereen de Nederlandse taal kan spreken, schrijven en lezen. De gemeente geeft daarom taalcursussen. Tekst: Suzanne Huig

‘Ik sprak tot mijn zesde Syrisch. Ik heb de Nederlandse taal leren spreken en verstaan op school. Ik vroeg hulp aan mijn klasgenoten als ik iets niet begreep’, vertelt Amro.

Amro oefent met zijn vader Nederlands.

Hulp bij lezen ‘Ik heb 6 maanden hulp gekregen van een taalcoach. De taalcoach kwam 1 keer per week bij mij thuis langs. Ik las samen met mijn taalcoach boeken. Mijn taalcoach heeft mij geleerd hoe ik woorden moet uitspreken en wat woorden betekenen’, zegt Amro. Nederlands leren ‘Mijn ouders zitten sinds 2017 op taalles. Ze leren bij de lessen de taalregels. Ze kunnen Nederlands lezen en schrijven. Ze kunnen de Nederlandse taal nog niet zo goed spreken en verstaan. Ik ben heel trots op mijn ouders dat ze hun best doen om de Nederlandse taal te leren’, vertelt Amro. Vertalen voor mijn ouders Amro: ‘Ik help mijn ouders als zij iets niet begrijpen doordat ze de Nederlandse taal niet verstaan. Ik ga bijvoorbeeld mee naar rapportgesprekken op school. Ik vertaal dan voor mijn ouders wat mijn juf zegt. Mijn ouders doen hun best om de taal ook te leren spreken en verstaan. Ze willen de Nederlandse taal graag goed leren zodat ze meer contact kunnen hebben met mensen.’

Noord Tanishq (10) woont sinds 2 jaar in Nederland. Tanishq: ‘Ik ben geboren in India. Mijn ouders en ik zijn hier naartoe verhuisd omdat mijn vader in Nederland kon werken.’ Tekst en foto’s: Suzanne Huig

‘Ik vond het spannend om naar Nederland te verhuizen. Ik was bang dat ik in Nederland geen vrienden zou krijgen omdat ik de Nederlandse taal niet sprak. Ik heb nu gelukkig al veel vrienden in Nederland’, zegt Tanishq.

Tanishq helpt zijn ouders met hun huiswerk.

Snel Nederlands leren ‘Ik wilde graag zo snel mogelijk Nederlands leren omdat bijna iedereen in Nederland Nederlands spreekt. Ik vind het belangrijk dat ik iedereen kan begrijpen. Ik ben daarom eerst naar een schakelklas gegaan. In een schakelklas zitten allemaal kinderen die niet of nog niet zo goed Nederlands kunnen. De leerlingen in een schakelklas krijgen extra lessen Nederlands. Ik kan nu Nederlands praten en verstaan. Ik oefen thuis bijna iedere dag met lezen en schrijven zodat ik beter word in taal’, vertelt Tanishq.

Vind jij het belangrijk dat iedereen de Nederlandse taal leert? Tekst en foto’s: Suzanne Huig

Verschillende talen ‘Ik spreek met mijn ouders thuis Hindi omdat mijn ouders nog niet zo goed Nederlands spreken. We spreken thuis Engels als er bezoek is. Mijn moeder en mijn vader volgen een taalcursus Nederlands. Ze krijgen huiswerk bij de cursus. Ik help mijn ouders soms met hun huiswerk. Ik leg bijvoorbeeld de betekenis van woorden uit’, vertelt Tanishq.

Tanishq leest thuis iedere dag.

ADAM (9): ‘Ik spreek Marokkaans en Nederlands. Ik vind dat iedereen zelf mag beslissen welke taal hij of zij spreekt. Ik vind het wel handig als iedereen die in Nederland woont een beetje Nederlands kan spreken.’

Alles begrijpen ‘Ik vind het heel fijn dat mijn ouders de Nederlands taal leren. Ik vind het fijn als ze straks alles begrijpen en met iedereen kunnen praten. Ik vind het ook fijn dat ze mij kunnen helpen met mijn schoolwerk als ze Nederlands kunnen’, zegt Tanishq. ALARA (10): ‘Ik vind het belangrijk dat iedereen in Nederland de Nederlandse taal leert. Iedereen kan elkaar dan begrijpen. Ik denk dat er minder problemen en ruzies ontstaan als iedereen dezelfde taal spreekt.’

Vind jij het belangrijk dat iedereen de Nederlandse taal leert?


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Jong010, dé Rotterdamse kinderkrant - november 2021 by Jong010, dé Rotterdamse kinderkrant - Issuu