MEI 2022
6 Warmte uit slootwater
7
9
Oorlogsslachtoffers herdenken
11
Sporten met je ouders
Zelf een dans bedenken
Louey in het stadhuis. Hij houdt een portretfoto van zichzelf vast. Foto: Arjen Jan Stada
ROTTERDAM – Louey (11) is de eerste kinderburgemeester van Rotterdam. De kinderburgemeester komt op voor de wensen en ideeën van kinderen. Louey: ‘Ik doe mijn best om de stad beter en fijner te maken voor kinderen.’ Tekst: Suzanne Huig ‘Ik vind het leuk om plannen te maken en beslissingen te nemen. Plannen maken en de stem van kinderen laten horen, zijn 2 belangrijke taken van de kinderburgemeester. Ik vind het daarom heel leuk om kinderburgemeester te zijn. Ik draag een ambtsketen. De ambtsketen is een ketting waardoor mensen zien dat ik de kinderburgemeester ben’, zegt Louey.
Vertel je wensen en ideeën
‘Ik vind het belangrijk dat ik als kinderburgemeester luister naar de wensen en ideeën van andere kinderen. Alle Rotterdamse kinderen kunnen hun ideeën voor een betere stad aan mij vertellen. Ik praat over die ideeën met mensen die bij de gemeente werken. Ik kijk met die mensen samen wat we met de ideeën kunnen doen’, vertelt Louey.
Belangrijke onderwerpen
‘Ik vind het belangrijk dat er meer aandacht komt voor pesten. Ik hoor vaak verhalen van kinderen die worden gepest. Ik vind dat pesten moet stoppen. Ik wil daarom 2 keer per jaar extra aandacht vragen voor pesten’, zegt Louey. Hij vindt het ook belangrijk dat er meer aandacht komt voor bewegen.
Louey: ‘Ik wil dat er meer speelplekken en sportplekken op straat komen. Kinderen kunnen dan meer bewegen in hun buurt.’
Een kinderraad
‘Ik stond met 4 andere finalisten in de finale van de verkiezing tot kinderburgemeester. Ik wil samen met de andere finalisten een kinderraad vormen. De kinderen in de kinderraad kunnen mij helpen bij het bedenken van plannen en het nemen van beslissingen. De kinderraad kan mij op die manier helpen om de stad beter te maken voor kinderen’, zegt Louey.
Heb jij een idee voor de stad? Of heb je een vraag aan de kinderburgemeester? Mail naar kinderburgemeester@rotterdam.nl
MEI 2022
Jantje moet de eerste 3 letters van het alfabet leren. ‘Mama, wat is de eerste letter van het alfabet?’, vraagt Jantje aan zijn moeder. Zijn moeder is druk bezig. Ze antwoordt: ‘Houd op!’ ‘Wat is de tweede letter van het alfabet?’, vraagt Jantje aan zijn zus. Ze luistert muziek. Zijn zus zegt: ‘Yeah! Yeah! Yeah!’ ‘Wat is de derde letter van het alfabet?’, vraagt Jantje aan zijn broer. Zijn broer kijkt televisie. Zijn broer zegt: ‘Superman!’ Op school vraagt de meester: ‘Jantje, wat is de eerste letter van het alfabet?’ Jantje antwoordt: ‘Houd op!’ ‘Wil je straf ofzo?’, vraagt de meester. Jantje antwoordt: ‘Yeah! Yeah! Yeah!’ ‘Wie denk je wel dat je bent?!’, roept de meester. Jantje antwoordt: ‘Superman!’ Adam (11)
Jantje zit in bad. Moeder zegt: ‘Kom er maar snel uit en droog je af. Anders krijg je kippenvel!’ Jantje zegt: ‘Krijg ik dan ook veren?’
r
r
e
t
a
w
k
n
i
r
d
z
g
e
w
a
t
e
r
p
l
e
i
n
z
n
e
r
e
o
v
f
a
g
l
w
g
n
i
m
o
r
t
s
r
e
v
o
n
r
n
r
e
g
e
n
g
n
e
m
a
w
a
t
e
r
w
e
g
w
n
n
g
v
a
c
d
k
i
m
u
a
e
r
r
a
r
ij
h
p
r
t
e
t
p
i
e
a
k
n
s
t
s
e
o
e
m
v
t
r
o
e
b
e
l
l
t
r
o
i
afvoer dijk drinkwater gracht kraan meer opslag overstroming pompen regen regenwater rivier
a
t
e
g
a
l
s
p
o
a
p
e
Antwoord (1 woord):
w
z
r
e
i
d
r
e
t
a
w
r Het antwoord van de woordzoeker van april is: GROEIEN. De winnaar is groep 6c van de Nieuwe Park Rozenburgschool. Gefeliciteerd!
Regels: de woorden vind je horizontaal, verticaal en diagonaal. Ook achterstevoren. Je mag letters meerdere keren gebruiken. Als je de overgebleven letters in de juiste volgorde zet, krijg je het antwoord. Mail dit antwoord samen met je voornaam, leeftijd en het telefoonnummer van je ouder(s) of verzorger(s) (zodat we contact met je kunnen opnemen als je hebt gewonnen) naar ANTWOORD@JONG010.NL. Alleen de winnaar krijgt bericht.
Salma (9)
Je nn y en Jimm y Waarom heeft een giraf zo’n lange nek?
Jij bent heel sportief! Maar doe je ook aan denksport?
sloten stuw troebel vaart waterdier watergang waterkering waterplein waterweg zee zeespiegel
Michiel van de Vijver
Zoals schaken. Leuk en hierbij krijg je nooit spierpijn! Toe maar!
Maar wel hoofdpijn!
Denksport?
Omdat zijn voeten stinken. Maurine (9)
2 vaders en 2 zonen gaan vissen. Iedereen vangt 1 vis. Er worden 3 vissen gevangen. Hoe kan dat? Een jongen is met zijn vader en zijn opa vissen. Het zijn dus 2 vaders en 2 zonen. Eric (12)
Kan jij hoger springen dan de Eiffeltoren?
Zoek de bloemen in de kinderkrant!
Heb jij een tip voor Jong010?
redactie@jong010.nl
Kun jij ze allemaal vinden?
Lees alle kranten op onze website: www.jong010.nl
Vul hier het aantal in:
Ja, want de Eiffeltoren kan niet springen. Lena (10)
DE NIEUWE JONG010 VERSCHIJNT DONDERDAG
Jong010 wordt mede mogelijk gemaakt door:
16 JUNI 2022
JONG010 - MEI 2022 JAARGANG 12 - EDITIE 9 OPLAGE: 38.000 KRANTEN Oprichter: Angelique van Tilburg Hoofdredacteur: Suzanne Huig Fotografen: Peter Snaterse, Arjen Jan Stada
Donateurs
Vormgeving: Marcel van den Assem Redactiemedewerker: Sasja Hof Aan deze editie werkte verder mee: Marc den Hoed
MEI 2022
ROTTERDAM – Burgemeester Ahmed Aboutaleb hoort graag van Rotterdammers wat zij van de stad vinden. Hij is ook benieuwd naar de mening en ervaring van basisschoolleerlingen. Vind jij het belangrijk dat er een bibliotheek bij jou in de buurt is? Tekst en foto's: Suzanne Huig
‘De komende jaren wordt de Centrale Bibliotheek in Rotterdam Centrum verbouwd. Iedereen mag over de verbouwing meedenken. Een bibliotheek is meer dan een plek waar je boeken kunt lenen. Je kunt in een bibliotheek bijvoorbeeld ook muziek luisteren, huiswerk maken en mensen ontmoeten. Vind jij het belangrijk dat er een bibliotheek bij jou in de buurt is? En hoe ziet jouw ideale bibliotheek eruit?’
AHMED ABOUTALEB
Foto: Gemeente Rotterdam / Marc Nolte
‘Ik vind het belangrijk dat er een bibliotheek bij mij in de buurt is. Ik ga ongeveer 1 keer per week naar de bibliotheek. Ik vind het heel fijn dat ik niet ver hoef te reizen naar de bibliotheek. Ik wil graag aan anderen vertellen welke boeken ik leuk vind. Ik zou het daarom leuk vinden als ik soms een boekbespreking mag geven in een bibliotheek.’
TALI
10 JAAR ‘Ik vind het belangrijk dat er een bibliotheek bij mij in de buurt is. Ik ga 2 keer per maand naar de bibliotheek. Ik luister dan naar luisterboeken. Ik vind het belangrijk dat er een stilteruimte in een bibliotheek is. Ik vind het fijn om in een stilteruimte rustig een boek te kiezen.’
LISA
10 JAAR ‘Ik vind het belangrijk dat ik zelf makkelijk naar de bibliotheek kan. Ik kom bijna iedere week in de bibliotheek bij mij in de buurt. Ik wil dat er meer activiteiten in de bibliotheken worden georganiseerd. Ik zou het bijvoorbeeld leuk vinden als er vaker een voorleeswedstrijd wordt georganiseerd.’
JAYMARCUS 10 JAAR
‘Ik ga 1 keer per maand naar de bibliotheek. Er zit alleen een kleine bibliotheek bij mij in de buurt. Ik zou het fijn vinden als er een grotere bibliotheek bij mij in de buurt zou komen. Ik zou dan meer boeken kunnen lenen. Ik zou het leuk vinden als er iedere maand een schrijver op bezoek zou komen in de bibliotheek. Schrijvers kunnen dan vertellen over hun boeken.’
NISA
‘Ik vind het niet belangrijk dat er een bibliotheek bij mij in de buurt is. Ik kom nooit in een bibliotheek. Ik lees thuis boeken die ik van mijn oudere broer leen. Ik lees op school boeken uit de schoolbibliotheek. Ik zou naar de bibliotheek gaan als ik in de bibliotheek rustig zou kunnen gamen.’
MOHAMMED
11 JAAR
‘Ik kom nooit in een bibliotheek. Ik krijg vaak boeken van mijn oma. Ik zou naar een bibliotheek gaan als ik in de bibliotheek spelletjes zou kunnen spelen met andere kinderen. Het lijkt mij leuk om op die manier nieuwe vrienden te maken.’
ELIYAH
8 JAAR
Vind jij het belangrijk dat er een bibliotheek bij jou in de buurt is?
11 JAAR ‘Ik vind het belangrijk dat er een bibliotheek bij mij in de wijk is. Ik ga 2 keer per maand naar de bibliotheek. Ik leen in de bibliotheek meestal een leesboek, een stripboek en een dvd. Ik zou het fijn vinden als er in de bibliotheek een ruimte zou zijn waar je rustig huiswerk kunt maken.’
TIMO
10 JAAR ‘Ik ga soms met mijn moeder naar de bibliotheek bij mij in de buurt. Ik vind het belangrijk dat er in iedere buurt een bibliotheek is. Kinderen kunnen beter leren lezen als ze makkelijk een boek kunnen lenen. In mijn ideale bibliotheek is iedere dag een juf aanwezig die mij kan helpen met mijn huiswerk.’
HOPE
10 JAAR
‘Ik heb thuis veel boeken. Ik kom daarom nooit in een bibliotheek. Ik vind het wel belangrijk er in iedere wijk een bibliotheek is. Kinderen die thuis geen boeken hebben, kunnen dan makkelijk naar een bibliotheek. Ik zou naar een bibliotheek gaan als er een gametoernooi zou worden georganiseerd.’
MARTIN 11 JAAR
MEI 2022
De jongens doen alsof ze een sigaret
roken. Maud staat tussen de jongens in.
CHARLOIS – De leerlingen van groep 8 van basisschool De Toermalijn volgden de les ‘Hoe zeg jij ‘nee’?’ van Maud van Indigo. De leerlingen kregen tijdens de les voorlichting over verslavingen. De leerlingen leerden ook hoe zij voor zichzelf kunnen opkomen als ze iets niet willen. Tekst: Suzanne Huig ‘Je kunt verslaafd raken aan bijvoorbeeld alcohol, sigaretten, drugs en medicatie. Het is gevaarlijk om middelen uit te proberen. Je kunt verslaafd raken als je iets 1 keer uitprobeert. In sigaretten zit bijvoorbeeld een stofje dat ervoor zorgt dat je steeds vaker wilt roken. Je raakt daardoor verslaafd’, vertelt Maud.
Gevolgen van een verslaving
Liam (12): ‘Een verslaving zorgt er vaak voor dat mensen in de problemen komen. Mensen kunnen door hun verslaving soms bijvoorbeeld niet meer werken. Die mensen hebben niet meer genoeg geld om te kunnen leven.’ Said (11): ‘Een verslaving is ook slecht voor je lichaam. Je kunt bijvoorbeeld heel ziek worden als je rookt.’ ‘Een alcoholverslaving kan er bijvoorbeeld ook voor zorgen dat je verkeerde keuzes maakt. Alcohol komt via je bloed in je hersenen terecht. Je hersenen worden door alcohol verdoofd. De meeste mensen durven daardoor meer als ze alcohol hebben gedronken. Ze doen daardoor soms dingen waar ze later spijt van hebben’, legt Maud uit.
Oorzaken van een verslaving
Valentino (12): ‘Mensen raken verslaafd zonder dat ze het in de gaten hebben. Ze gaan een middel steeds vaker gebruiken. Ze kunnen dan niet meer zonder het middel. Ze zijn dan verslaafd.’ ‘Mensen raken door verschillende oorzaken verslaafd. Sommige mensen beginnen met het gebruiken van een middel doordat ze veel stress of verdriet hebben’, vertelt Maud. Shaker (12): ‘Sommige mensen beginnen aan iets omdat ze denken dat ze dan stoer zijn.’ ‘Andere mensen beginnen met het gebruiken van een middel doordat ze een groepsdruk voelen. Die mensen doen iets omdat anderen het doen. Ze willen ergens bij horen’, zegt Ayaz (13).
Je eigen keuze maken
De leerlingen schrijven op waaraan zij denken bij een verslaving.
‘De keuzes die je maakt, kunnen een verslaving veroorzaken. Het is daarom belangrijk om je eigen keuzes te durven maken. Je durft in een groep sneller je eigen keuzes te maken als je zelfvertrouwen hebt. Je durft dan op te komen voor je eigen wensen en grenzen. Helpende gedachten zijn gedachten die je een prettig gevoel geven of die je helpen om dingen te doen. Het is makkelijker om je grens aan te geven als je een helpende gedachte in je hoofd hebt’, legt Maud uit. Mitch (11): ‘Mijn helpende gedachte is de gedachte dat een verslaving zorgt voor een slechte toekomst.’ Ayaz: ‘Mijn helpende gedachte is de gedachte dat je lichaam het vaker wilt als je het 1 keer probeert.’ ‘Mijn helpende gedachte is de gedachte dat middelen slecht zijn voor mijn lichaam’, zegt Valentino.
De jongens staan zelfverzekerd en geven met hun hand aan dat iemand moet stoppen. Foto’s: Arjen Jan Stada Zelfvertrouwen laten zien
‘Je kunt laten zien dat je zelfvertrouwen hebt door stevig te staan. Zet je voeten op schouderbreedte uit elkaar. Laat je schouders ontspannen hangen. Adem goed in en uit. Je zorgt er daardoor voor dat je lijf rustig is. Kijk iemand aan als je praat. Praat rustig en duidelijk’, legt Maud uit. De leerlingen oefenen om zelfverzekerd ‘nee’ te zeggen. ‘Nee, ik wil geen sigaret. Ik vind het ook niet fijn dat je vraagt of ik een sigaret wil. Ik wil niet dat je dat nog een keer aan mij vraagt’, zegt Kamal (12) hardop. ‘Ik kies ervoor om niet meer met jullie af te spreken omdat jullie dingen doen die ik niet wil doen’, zegt Abi (12) hardop. Abi: ‘Ik loop weg als mensen iets doen wat ik niet wil doen.’ Rejialey (11): ‘Het kan handig zijn om een maatje te zoeken die hetzelfde over iets denkt als jij. Je kunt dan samen jullie mening geven als je een groepsdruk voelt.’
VOORLICHTING
Het krijgen van informatie.
MEI 2022
ROTTERDAM – Justin (13): ‘Ik heb DCD en epilepsie. DCD is een coördinatiestoornis. De stoornis zorgt ervoor dat mijn hersenen en mijn spieren minder goed met elkaar kunnen samenwerken. Epilepsie is een ziekte die zorgt voor storingen in de hersenen. Ik voel me niet ziek. Ik kan alles doen wat ik wil doen.’ Tekst en foto’s: Suzanne Huig
‘Ik weet sinds 2018 dat ik DCD en epilepsie heb. Ik haalde ineens heel slechte cijfers op school. Ik was ook snel moe. Ik gedroeg me in de klas vervelend zodat ik wakker bleef. Ik maakte in de klas bijvoorbeeld geluidjes, zong hardop en bewoog veel. Ik kreeg niets van de lessen mee. Ik moest van school af omdat ik me niet goed gedroeg in de klas. Ik ging naar verschillende dokters om te ontdekken waarom ik me ineens zo gedroeg in de klas. Dokters ontdekten eerst dat ik DCD heb. Dokters ontdekten 2 maanden later dat ik ook een onzichtbare vorm van epilepsie heb. Je ziet overdag niets aan mij. ’s Nachts komt er een soort kortsluiting in mijn hersenen. Ik krijg dan epileptische aanvallen. De epileptische aanvallen zorgden ervoor dat ik overdag snel moe was’, vertelt Justin.
‘Deze draadjes zijn gebruikt bij het maken van scans van mijn hersenen.’
‘Ik bewaar mijn medicijnen in dit potje.’
Hersenen die anders werken
‘Mijn hersenen werken door de DCD een beetje anders. De verschillende delen van mijn hersenen werken niet zo goed samen. Mijn hersenen kunnen daardoor niet zo goed aan mijn spieren doorgeven wat ze moeten doen. Ik beweeg daardoor soms langzamer of minder precies. Ik vind het bijvoorbeeld lastig om mijn veters te strikken. Ik vind het ook lastig om een pen of potlood vast te houden. Ik vind het daardoor lastig om te schrijven. In mijn spieren zit minder kracht doordat ik DCD heb. Ik merk daardoor dat ik tijdens het sporten sneller moe ben dan mijn leeftijdsgenootjes. Ik doe iedere week oefeningen zodat mijn spieren sterker worden’, legt Justin uit.
Minder aanvallen
Justin: ‘Mijn hobby is honkballen.’
‘De hersenen van mensen maken steeds nieuwe dunne verbindingen als ze iets nieuws leren. Die verbindingen worden steeds dikker als je iets vaker doet. Dat zorgt ervoor dat je dingen beter kunt als je ze vaker doet. Een epileptische aanval maakt zo’n verbinding kapot. Ik moest daardoor steeds dingen opnieuw leren. Ik neem nu ’s ochtends en ’s avonds 3 pillen in. Die pillen zorgen ervoor dat ik minder en minder erge epileptische aanvallen heb. Ik heb soms nog wel aanvallen. Die aanvallen duren korter dan 3 seconden. De aanvallen richten daardoor geen schade meer aan mijn hersenen aan. Ik voel me veel fitter sinds ik medicijnen inneem. Mijn hersenen kunnen nu beter uitrusten ’s nachts doordat ik minder en minder erge aanvallen heb’, legt Justin uit.
Extra hulp op school
‘Ik zit op de speciaal onderwijsschool Recon openluchtschool. Het is een school voor kinderen die ziek zijn of een beperking hebben. Ik vind het heel fijn dat iedereen bij mij op school een ziekte of beperking heeft. Ik voel me daardoor niet raar of alleen. Ik heb het heel erg naar mijn zin op school. Ik kan schoolwerk maken op mijn eigen niveau. Ik zit in een klas met 11 andere leerlingen. We hebben altijd 2 of 3 leraren in de klas. Iedere leerling kan daardoor de hulp krijgen die hij of zij nodig heeft. Ik vind het heel fijn dat ik extra hulp krijg bij de dingen die ik lastig vind’, zegt Justin.
COÖRDINATIESTOORNIS
Aandoening die zorgt voor problemen met bewegen.
Fonds Kind & Handicap helpt kinderen en jongeren met een handicap of chronische ziekte.
Een handicap is een beperking waardoor je sommige dingen niet zo goed kunt.
Een chronische ziekte is een ziekte die minimaal 3 maanden duurt, steeds terugkomt of niet genezen kan worden.
ONZICHTBAAR
Niet te zien.
De organisatie geeft bijvoorbeeld geld om hulpmiddelen te kopen, voorlichting te geven of onderzoek te doen.
MEI 2022
ROTTERDAM – De kans is kleiner dat je later in de financiële problemen komt als je al op jonge leeftijd met geld leert omgaan. Je kunt je geld maar 1 keer uitgeven. Je moet daarom goed nadenken wat je ermee doet. Soms kost iets ineens geld terwijl het gratis leek te zijn. Het is belangrijk om dan goed na te denken of je ervoor wilt betalen.
Alysha (9) en Joël (8) gamen met elkaar. Ze proberen in het hoogst haalbare level te komen. Ze krijgen na 10 levels te zien dat ze alleen naar het volgende level kunnen als ze punten kopen. De punten kosten € 1,99 per persoon.
Tekst en foto: Suzanne Huig
Sommige kinderen spelen online spelletjes. Spelletjes op internet of in een app lijken vaak gratis. Maar soms zijn er binnen een spel allerlei dingen te koop. Spelers kunnen dan bijvoorbeeld extra levens of een uitbreiding kopen. Het kan voor sommige spelers lastig zijn om dan goed na te denken over of ze geld willen uitgeven aan het spel.
‘Ik betaal niet voor punten als ik een gratis spel speel. Ik ga een ander spel spelen.’
‘Ik wil het hoogst haalbare level behalen. Ik koop daarom de punten.’
Alysha
Wat zou jij doen?
Sublime (11)
Joël
AANKOOP
Wat je koopt.
Naam:
‘Ik zou geen geld uitgeven in het spel. Ik vind het belangrijk dat een spel vooraf aangeeft welke kosten er zijn. Ik vind het gek dat je na 10 levels ineens moet betalen. De spelers moeten misschien wel vaker € 1,99 betalen als ze echt in het laatste level willen komen. Ik zou daarom een ander gratis spel uitkiezen.’
Reactie:
CHARLOIS – De waterschappen zorgen voor het water in sloten, vaarten en meren in Nederland. Waterschap Hollandse Delta zorgt voor het water in Charlois, Feijenoord, IJsselmonde, Rozenburg, Hoogvliet en Pernis. Hans werkt bij waterschap Hollandse Delta. Hans legt aan de leerlingen van groep 5A van basisschool De Kameleon uit hoe de temperatuur van water gebruikt kan worden om de school te verwarmen. Tekst: Suzanne Huig ‘Jullie school wordt verwarmd met een verwarmingsketel en radiatoren. Een verwarmingsketel verbrandt gas. De ketel warmt daarmee het water op dat door verwarmingsbuizen naar de radiatoren in de klassen loopt. Het verbranden van aardgas is niet goed voor het klimaat. We zoeken daarom manieren om te verwarmen met de warmte van de zon’, vertelt Hans.
Karen meet de temperatuur van het slootwater in de sloot.
Warmte uit slootwater
Flessen slootwater
De leerlingen wandelen met Hans naar de sloot achter hun school. Ze meten met een thermometer de temperatuur van het slootwater. ‘Het is buiten vandaag 13 graden Celsius. Het water is 12 graden Celsius’, zegt Hans. ‘We vullen 2 lege flessen met slootwater. We leggen 1 fles op het gras in de zon’, zegt Mara (8). ‘We wikkelen de andere fles in een zwart papier. We leggen die fles daarna met het zwarte papier eromheen in de zon’, zegt Lukasz (9). ‘De zon warmt dingen op. Het water in de flessen wordt opgewarmd doordat de flessen in de zon liggen’, legt Hans uit. ABSORBEREN
In zich opnemen.
Hans en Karen van waterschap Hollandse Delta meten met de leerlingen de temperatuur van het water in de flessen. Foto’s: Arjen Jan Stada
Hans. De zon warmt water op
De leerlingen meten na 40 minuten de temperatuur van het water in de flessen. ‘Het water in de fles met het zwarte papier eromheen heeft een temperatuur van 17 graden Celsius. Het water in de andere fles heeft een temperatuur van 15 graden Celsius’, zegt Brandon (9). ‘De kleur zwart absorbeert de stralen van de zon. Het zwarte papier houdt daardoor meer warmte van de zon vast. Die warmte wordt doorgegeven aan het water in de fles. De temperatuur van het water in die fles is daardoor hoger’, legt Riley (9) uit.
‘Het slootwater warmt in het voorjaar en in de zomer op door de zon. Het warmt op dezelfde manier op als het water in de flessen. Een speciaal apparaatje kan de warmte uit slootwater halen. Het apparaatje kan die warmte doorgeven aan schoon water dat je in huis kunt gebruiken’, vertelt Hans. Niko (10): ‘Het water moet verder worden opgewarmd om bijvoorbeeld warm te kunnen douchen. Je kunt bijvoorbeeld met zonnepanelen elektriciteit opwekken. Je kunt die elektriciteit dan gebruiken om het water verder op te warmen.’ Nicole (9): ‘Ik vind het belangrijk dat er wordt gekeken hoe je dingen kunt opwarmen met water en zonlicht. Er hoeft dan minder elektriciteit en gas gebruikt te worden. Dat is goed voor het milieu.’
Waterschap Hollandse Delta is 1 van de 21 waterschappen in Nederland. Kijk voor meer informatie en opdrachten op WWW.WSHD.NL/EDUCATIE. Ook voor ouders en leerkrachten!
MEI 2022
Quinn: ‘Ik heb soms een nachtmerrie. Ik kom daarna niet meer in slaap. Wat kan ik dan doen?’
Hoi Quinn, op een je allerlei dingen leert en ontdekt Het is druk in je hoofd doordat nachtmerrie een kunt Je t. slaap je als g dag. Je hoofd wordt weer rusti krijgt Dat hoort bij je ontwikkeling. Je krijgen als je hoofd erg druk is. je ouder wordt. vanzelf minder nachtmerries als
en Rustig worden voordat je gaat slap
ROTTERDAM – Marieke van het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) Rijnmond reageert iedere maand in Jong010 op een vraag of probleem van een leerling of klas. Ze beantwoordt deze maand de vraag van Quinn (9). Tekst: Suzanne Huig Heb jij een vraag aan Marieke of zit je ergens mee?
Marieke beantwoordt ingestuurde vragen. Foto: Peter Snaterse
Stuur een mail naar
REDACTIE@JONG010.NL
er om ervoor te zorgen dat je mind Je kunt een aantal dingen doen voordat films enge of e nend eld geen span nachtmerries krijgt. Kijk bijvoorbe juist nlijk schij waar films enge en e nend je naar bed gaat. Je wordt van span g rusti je slapen iets te doen waarvan onrustig. Probeer voordat je gaat of in worden door te lezen, te douchen g rusti eld wordt. Je kunt bijvoorbe n reke besp te dag hun door en rustig bad te gaan. Sommige kinderen word met iemand.
Een nachtmerrie die goed eindigt
een . Je lichaam reageert daardoor op Nachtmerries maken mensen bang Je hebt t. word van f actie je waar n te make nachtmerrie door een stofje aan . eren reag e situatie goed te kunnen dat stofje nodig om in een gevaarlijk rie tmer nach Je . je een nachtmerrie hebt Je hebt dat stofje niet nodig als niet echt te reageren. Het stofje ook dus t hoef Je . gebeurt niet echt angst slapen. Het is belangrijk dat je je zorgt ervoor dat je niet meer kunt ren kinde meer wordt gemaakt. Sommige kwijtraakt zodat het stofje niet gt. nken hoe hun nachtmerrie goed eindi bede ze als raken hun angst kwijt Groetjes, Marieke
Of stuur een brief naar
Jong010, Postbus 13037, 3004 HA Rotterdam.
Een gedicht en 2 minuten stilte
10 leerlingen lezen met elkaar een gedicht voor. Iedere leerling leest 2 zinnen voor. Dinant (10) leest de laatste 2 zinnen van het gedicht voor. ‘Vrijheid is het mooiste dat je een mens kunt geven. Want met vrijheid geef je iemand een reden om te leven’, leest hij voor. Alle leerlingen zijn vervolgens 2 minuten stil. Ze herdenken de oorlogsslachtoffers. ‘De strijders hebben hun leven voor Nederland gegeven. Wij tonen respect voor hen door 2 minuten stil te zijn’, zegt Shriya (11).
CHARLOIS – De leerlingen uit groep 7A en groep 7B van de Wilhelminaschool legden op 11 mei een krans en rozen bij het herdenkingskruis aan de Doklaan. Het herdenkingskruis herdenkt 2 verzetsmensen die op 6 mei 1945 in Charlois werden vermoord. Tekst: Suzanne Huig ‘Verzetsmensen vochten tegen de Duitsers. Ze wilden Nederland beschermen tegen de macht van de Duitsers’, zegt Zuzanna (10). ‘Nederland werd op 5 mei 1945 bevrijd. Er kwam voor Nederland toen een einde aan de Tweede Wereldoorlog’, zegt Kostadin (10). Kivanç (10): ‘De mensen die op de plek van het herdenkingskruis zijn overleden, zijn een dag na de bevrijding overleden. Ze zijn doodgeschoten door Duitse soldaten die hier nog waren.’
Een krans en rozen leggen
Het herdenkingskruis.
Arda (10) en Joost (11) leggen een krans bij het herdenkingskruis. ‘De krans is een eerbetoon. We zijn heel blij dat strijders tijdens de Tweede Wereldoorlog hebben gestreden voor de vrijheid van Nederland’, zegt Arda. Alle leerlingen leggen een witte roos naast de krans. ‘Ik leg een roos neer voor alle oorlogsslachtoffers. Zij zijn overleden terwijl ze onschuldig waren’, zegt Zeida (11). Vasil (10): ‘Ik leg een roos neer voor alle dappere mensen die streden voor vrijheid.’
Belangrijk om te herdenken
Kofi (11): ‘Ik vind het heel belangrijk om oorlogsslachtoffers te herdenken. De mensen die toen hebben gevochten, hebben ervoor gezorgd dat Nederland weer een vrij land werd.’ ‘We hebben onze vrijheid te danken aan iedereen die voor de vrijheid van Nederland heeft gevochten’, zegt Aidan (11). Jehsayen (11): ‘Sommige mensen leven nu in een oorlog. Ik vind dat heel erg. Ik denk tijdens deze herdenking extra aan die mensen.’ EERBETOON
Arda en Joost houden de krans vast.
Foto’s: Peter Snaterse
Een bijeenkomst of handeling om waardering te laten zien.
MEI 2022
HILLEGERSBERG-SCHIEBROEK – De leerlingen van groep 5/6 TBB van basisschool Jacob Maris bezochten kinderboerderij De Wilgenhof. De leerlingen volgden de les Uitvogelen van Yolande van kinderboerderij De Wilgenhof.
De leerlingen gaan op zoek naar vogels.
Tekst: Suzanne Huig
‘In heel de wereld komen bijna 10.000 soorten vogels voor. Iedere vogel heeft veren, 2 vleugels en 2 poten. Vogels worden geboren uit een ei. De meeste vogelsoorten kunnen vliegen’, vertelt Yolande.
Goed luisteren
De leerlingen krijgen een kaart met daarop de vogels die het meest in Nederland voorkomen. Ze bekijken met een verrekijker welke vogels er leven rondom de kinderboerderij. Ze lopen stil over het terrein van de kinderboerderij. ‘Het is belangrijk om heel stil te zijn als je op zoek gaat naar vogels. De vogels schrikken anders van je. Ze vliegen dan weg’, zegt Morrison (9). Yolande: ‘Je moet goed luisteren of je vogelgeluiden hoort. Je kunt vogels makkelijker vinden als je goed luistert waar de vogelgeluiden vandaan komen.’
Yolande vertelt de leerlingen over vogels.
Yent laat een sierveer zien. Foto’s: Peter Snaterse
Vogels herkennen
Dex (8): ‘Ik zie een merel. Ik zie een mannetje. Mannetjes zijn helemaal zwart. Vrouwtjes zijn donkerbruin.’ Stan (8) ziet een ekster. ‘Een ekster is een vogel met zwarte en witte veren. Een ekster heeft een witte buik en een lange staart’, zegt Stan. Jannat (9): ‘Ik zie een blauwe reiger. Een blauwe reiger heeft heel lange poten.’ Viktor (10) ziet een roodborst. ‘Een roodborst is een klein vogeltje. Een roodborst heeft een rood borstje.’ Eve (9): ‘Ik zie een houtduif. Een houtduif heeft een wit vlekje in zijn hals.’ Morrison ziet een zwarte kraai. ‘Een zwarte kraai is helemaal zwart. Een kraai is ongeveer 50 centimeter groot’, zegt Morrison. Alice (10): ‘Ik zie een koolmees. Een koolmees heeft een gele borst met daarop een zwarte streep.’
Verschillende veren
‘De verschillende soorten veren van vogels hebben allemaal een andere functie’, vertelt Yolande. Morrison en Yent (8) bekijken verschillende veren. ‘Donsveren zijn zacht. De donsveren van een vogel zorgen ervoor dat de vogel warm blijft’, zegt Yent. Yolande: ‘Over de donsveren liggen dekveren. De dekveren beschermen de vogel. Dekveren beschermen de vogel bijvoorbeeld tegen regen.’ ‘Slagpennen zijn puntig en hard. De slagpennen zijn de veren waarmee een vogel vliegt’, zegt Morrison. Yent: ‘Sommige vogels hebben ook sierveren. Vogels gebruiken hun sierveren om indruk te maken op andere vogels. Mannetjes gebruiken sierveren om vrouwtjes te versieren.’
BOEKENBON TER WAARDE VAN
15 EURO
Het antwoord van de puzzel van april is: SCHOOLDAGEN.
De winnaar is Özlem (11). Gefeliciteerd!
Hoe heet de ketting van de kinderburgemeester? PAGINA 1
Wat voor ruimte wil Lisa graag dat er in de bibliotheek is? PAGINA 3 Wat doet Justin soms langzamer of minder precies? PAGINA 5
Waarvan meten de leerlingen de temperatuur eerst? PAGINA 6 Waar heeft Quinn soms last van als hij slaapt? PAGINA 7
Hoe heet de les op kinderboerderij De Wilgenhof? PAGINA 8
Wat mochten Jippe en Babet uitzoeken? PAGINA 9 Wat reken je uit door de lengte, breedte en hoogte met elkaar te vermenigvuldigen? PAGINA 10 Waarin speelt Sophie 1 keer per jaar? PAGINA 11
Samen met wie fietsen de leerlingen tijdens de fietslessen door de wijk? PAGINA 12 Wat doet Ephendrich voordat hij oversteekt of wanneer het stoplicht op groen staat? PAGINA 12
De antwoorden op de vragen vind je in deze krant!
MEI 2022
De leerlingen en ouders proberen samen te scoren.
PRINS ALEXANDER – De leerlingen van groep 5 tot en met groep 8 van basisschool De Vliedberg kunnen samen met hun ouders of verzorgers sportlessen volgen op school. Gymmeester Joey organiseert de ouder en kind sportavonden. Tekst: Suzanne Huig / Foto’s: Arjen Jan Stada De ouders en kinderen beginnen met het rennen van rondjes door de gymzaal. ‘We warmen ons lichaam op’, zegt Jaylison (11). De ouders en kinderen spelen daarna verschillende spellen zoals trefbal en honkbal. Divanio (10): ‘We doen dezelfde activiteiten als tijdens een gymles op school.’
Fanatieke ouders
Mylene (11) is samen met haar moeder naar de sportavond gekomen. ‘Mijn moeder doet heel goed mee met de sportles. Ik vind het leuk om haar zo fanatiek te zien’, zegt Mylene. Lesley-Ann (9) doet met haar moeder Wendy mee met de sportles. ‘Mijn moeder is ook heel fanatiek. Ze lijkt net een kind. Ik vind het leuk om te zien. Mijn moeder motiveert mij om mijn best te doen en vol te houden’, zegt Lesley-Ann. Moeder Wendy: ‘De meeste kinderen worden enthousiast als ze hun ouders zien sporten. We bewegen met elkaar en maken plezier. Ik vind het heel leuk.’ Elise (11): ‘Ik krijg extra energie doordat ik alle ouders zie bewegen.’
Samen sporten en elkaar verslaan
De deelnemers aan de sportavond.
Hiba (11): ‘Mijn vader en ik vinden het allebei leuk om te sporten. We hadden nog nooit eerder samen gesport. Ik vind het heel leuk dat we tijdens de sportavond samen kunnen sporten.’ Deayen (8) doet ook met zijn vader mee met de sportles. ‘Ik vind het leuk om mijn vader bij spelletjes te kunnen verslaan.’ Riley (9): ‘Ik vind het leuk om balspellen met ouders te spelen. De ouders zijn langer dan de kinderen. Ze kunnen daardoor bijvoorbeeld makkelijker een bal vangen bij honkbal. Dat is fijn.’
HILLEBERGSBERG-SCHIEBROEK – In de wijk Nieuw Terbregge is vanaf april een nieuw skatepark geopend. Jippe (12) en Babet (12) hebben ervoor gezorgd dat het nieuwe skatepark is gebouwd. Tekst: Suzanne Huig ‘Ik vind het heel leuk om te skateboarden’, zegt Babet. ‘Ik vind het heel leuk om te steppen’, zegt Jippe. ‘We gingen daarom vaak samen naar het oude skatepark in de wijk Nieuw Terbregge’, zegt Babet. Jippe: ‘In het oude skatepark lag veel afval. Het stonk daardoor in het skatepark. De obstakels in het skatepark waren ook verroest.’ ‘We vonden het daardoor niet meer zo leuk om in het skatepark te spelen’, zegt Babet.
Een brief aan de burgemeester
Jippe en Babet schreven daarom een brief aan burgemeester Aboutaleb. Jippe: ‘We hebben in de brief uitgelegd waarom we het skatepark geen fijne speelplek vonden. We hebben in de brief gevraagd of er een nieuw skatepark kon komen.’ ‘We hebben 17 handtekeningen verzameld van mensen op straat. Die mensen steunden onze brief. We hebben de brief samen met de handtekeningen naar de burgemeester gestuurd’, zegt Babet.
Jippe, Babet en hun klasgenoten uit groep 8B van de Heijbergschool zijn blij met het nieuwe skatepark. Foto: Marc den Hoed
Obstakels uitzoeken
Babet en Jippe.
Foto: Suzanne Huig
‘We kregen een brief terug dat we ons idee mochten komen presenteren. We hoorden na onze presentatie dat we voor een bedrag van € 20.000,00 obstakels mochten uitzoeken voor een nieuw skatepark’, vertelt Jippe. Babet: ‘Wij mochten de obstakels uitkiezen omdat we weten wat kinderen leuk vinden.’ Jippe: ‘We hebben gezorgd dat er voor beginners en voor gevorderden leuke obstakels zijn.’ Babet: ‘We hebben er ook voor gezorgd dat het skatepark leuk is om in te skaten, steppen, bmx’en en skateboarden.’
Een halfpijp, een verhoging en prullenbakken
Jippe: ‘We hebben bijvoorbeeld gekozen voor een nieuwe halfpijp. Een halfpijp is een halve pijp waarin oefeningen gedaan kunnen worden.’ Babet: ‘We hebben ook gekozen voor een verhoging. Je kunt op de verhoging springen. Je kunt als beginner ook trucs oefenen op de verhoging.’ Jippe en Babet zijn heel blij met het nieuwe skatepark. ‘Rondom het skatepark zijn prullenbakken geplaatst. Het is daardoor niet meer zo vies in het skatepark.’ Jippe: ‘Wij gaan bijna iedere dag naar het skatepark. Er komen ook veel andere kinderen naar het skatepark. We leren daardoor nieuwe mensen kennen. Dat vind ik heel leuk.’
MEI 2022
Wat zou jij tegen de kinderburgemeester willen zeggen? ROTTERDAM – Louey (11) is de eerste kinderburgemeester van Rotterdam. Hij vindt het belangrijk dat kinderen kunnen meedenken, meedoen en meebeslissen. Louey is benieuwd naar de ideeën en wensen van kinderen. Wat zou jij tegen de kinderburgemeester willen zeggen?
‘Ik wil aan de kinderburgemeester vragen of hij ervoor wil zorgen dat er op straat beter op kinderen wordt gelet. Ik zie op straat regelmatig geweld. Ik zou het fijn vinden als er mensen zouden rondlopen die kinderen helpen om ruzies op te lossen.’
‘Ik wil aan de kinderburgemeester vragen of hij een locatie wil openen waar je speelgoed kunt lenen. Kinderen hoeven minder speelgoed te kopen als ze speelgoed kunnen lenen. Gezinnen besparen daardoor geld.’
Salma (10)
Tekst en foto’s: Suzanne Huig
‘Je moet soms geld betalen om in een speeltuin te mogen spelen. Sommige kinderen kunnen daardoor niet in een speeltuin spelen. Ik vind dat niet eerlijk. Ik wil aan de kinderburgemeester vragen of hij ervoor wil zorgen dat iedereen in alle speeltuinen kan spelen.’
Osama (10)
‘Sommige kinderen leven thuis in een vervelende of gevaarlijke situatie. Ik hoop dat de kinderburgemeester ervoor wil zorgen dat er plekken komen waar kinderen om hulp kunnen vragen. Het is belangrijk dat kinderen alleen en makkelijk naar die plekken kunnen.’
Emir (11) ‘Sommige kinderen in Rotterdam leven in armoede. Ik hoop dat de kinderburgemeester ervoor wil zorgen dat die kinderen fruit, brood en sportkleding krijgen om mee naar school te nemen.’
Jediël (11) Wat wil jij tegen de kinderburgemeester zeggen?
Naiem (10)
IJSSELMONDE – De leerlingen van de Paus Joannesschool deden op 30 maart mee aan de Grote Rekendag. De Grote Rekendag is een dag waarop leerlingen oefenen met rekenen door opdrachten te maken en raadsels op te lossen. Tekst en foto’s: Suzanne Huig ‘Het thema van de dag is ‘Bouwavonturen’. Je moet kunnen rekenen als je iets wilt bouwen. Je moet bijvoorbeeld een maat kunnen opmeten. We ontdekken tijdens de Grote Rekendag dat het belangrijk is om te kunnen rekenen als je wilt werken in de bouw’, zegt Elsie (11).
Inaya, Marco en Elsie laten de rioolbuis zien die de meiden hebben gebouwd. Bouwen met rioolpijpen
De leerlingen van groep 8 krijgen een gastles van Marco van installatiebedrijf Spindler. ‘Mijn collega’s en ik leggen iedere dag elektriciteitsleidingen, verwarmingsleidingen en rioolleidingen in huizen en bedrijven. Wij moeten daarvoor veel maten opmeten. Het is daarom belangrijk dat we kunnen rekenen’, legt Marco uit. De meiden krijgen een aantal losse rioolpijpen die ze in elkaar mogen zetten. ‘We moeten goed kijken en meten welke stukken op elkaar passen’, zegt Selina (11). Inaya (12): ‘Ik vind het leuk om met deze opdracht te oefenen met rekenen. Ik vind het leuk om te rekenen omdat ik zelf iets bouw.’
De inhoud berekenen
Aiden en Roselyn berekenen de inhoud van de zak.
Roselyn (9) en Aiden (10) berekenen de inhoud van een grote zak. ‘Je rekent de inhoud uit door de lengte, breedte en hoogte met elkaar te vermenigvuldigen. We berekenen het aantal kubieke meters. We weten dan hoeveel zand of aarde er in deze zak past’, zegt Aiden. ‘Deze zak is 1 meter lang, 1 meter breed en 1 meter hoog’, zegt Roselyn. Aiden: ‘In de zak past precies 1 kubieke meter.’ Roselyn: ‘Ik vind rekenen lastig. Ik kan nu heel de dag oefenen met rekenen. Ik kan daardoor beter worden in rekenen. Ik vind dat fijn.’
MEI 2022
ROTTERDAM – Sophie (8) volgt sinds 2 jaar lessen bij Jeugdtheater Hofplein. Ze laat in 5 stappen zien hoe je zelf een dans van 8 tellen kunt bedenken. Tekst: Suzanne Huig / Foto’s: Peter Snaterse
Sophie: ‘Ik vind het het allerleukst om mee te spelen in een voorstelling. Ik speel 1 keer per jaar in een voorstelling van Jeugdtheater Hofplein. Ik vind het superleuk dat ik dan echt in een rol zit en even iemand anders kan spelen.’
Sophie: ‘Bedenk eerst een beweging voor je armen. De beweging mag 2 tellen duren. Ik draai een rondje met mijn rechterarm. Die beweging duurt 1 tel. Ik draai daarna een rondje met mijn linkerarm. Die beweging duurt ook 1 tel.’
Sophie: ‘Bedenk een beweging voor je benen. De beweging mag 2 tellen duren. Ik maak een sprongetje waarbij ik mijn rechtervoet voor mijn linkervoet zet. Ik zet mijn benen daarna weer uit elkaar.’
‘Bedenk een sprong die 2 tellen duurt. Ik spring omhoog. Ik houd mijn handen in de lucht en trek mijn knieën omhoog tijdens de sprong. Ik eindig de sprong gehurkt op de grond met mijn armen naar beneden’, vertelt Sophie.
‘Draai in 2 tellen een rondje. Ik houd mijn armen wijd open terwijl ik ronddraai. Ik trek mijn linkerbeen tijdens de draai omhoog’, zegt Sophie.
Sophie: ‘Zet nu de muziek aan. Plak de bewegingen van de eerste 4 stappen achter elkaar. Je hebt je eigen dans bedacht.’
Lijkt het jou leuk om theater te maken met beweging, tekst en muziek? Schrijf je in voor een gratis proefles, cursus, workshop of voorstelling bij Jeugdtheater Hofplein. Kijk voor meer informatie op WWW.JEUGDTHEATERHOFPLEIN.NL
Micky laat de 1.408 geknutselde bootjes zien. HOEK VAN HOLLAND – De leerlingen van de Jozefschool maakten verschillende kunstwerken tijdens de cultuurweken op school. Het thema van de cultuurweken was ‘150 jaar waterweg’. De kunstwerken werden tentoongesteld tijdens de museummiddag op school. Tekst en foto’s: Suzanne Huig Jelle (10): ‘De Nieuwe Waterweg is een kanaal van de Noordzee naar de haven van Rotterdam. De Nieuwe Waterweg werd 150 jaar geleden voor het eerst gebruikt.’
Verschillende kunstwerken
‘We hebben verschillende kunstwerken gemaakt die te maken hebben met de Nieuwe Waterweg. Ik denk aan water en boten als ik aan de Nieuwe Waterweg denk. Ik heb daarom water gefotografeerd en een bootje geknutseld’, zegt Ines (10). Enzo (7): ‘Ik heb een waterweg in een doosje geknutseld. Ik heb in mijn waterweg verschillende vissen geplakt.’
De Maeslantkering
Jelle en Tiego (11) hebben de Nieuwe Waterweg en de Maeslantkering nagemaakt van papier, piepschuim en verf. ‘De Maeslantkering ligt in de Nieuwe Waterweg. De Maeslantkering kan de Nieuwe Waterweg afsluiten van de zee. De kering beschermt daardoor Rotterdam tegen het zeewater als het zeewater te hoog komt te staan’, vertelt Tiego. Jelle: ‘We hebben onze fantasie gebruikt. In de echte Nieuwe Waterweg kun je niet zwemmen omdat er te veel stroming staat. Wij hebben in ons kunstwerk poppetjes in het water geplakt. Het lijkt alsof die poppetjes zwemmen.’
Meer dan 1.000 bootjes
Jelle en Tiego hebben de Nieuwe Waterweg nagemaakt.
Ines laat haar bootje zien.
Micky (11) heeft samen met haar klasgenoten uit groep 8 bootjes geknutseld. ‘De Nieuwe Waterweg heeft ervoor gezorgd dat Rotterdam 1 van de grootste havens van de wereld is. Iedere dag varen er heel veel schepen via de Nieuwe Waterweg de Rotterdamse haven in en uit. Wij vinden de bootjes daarom bij de Nieuwe Waterweg horen.’ De leerlingen hebben met elkaar 1.408 bootjes geknutseld.
Kinderstadskrant
MEI 2022
Veiligheid in het verkeer ROTTERDAM – De gemeente Rotterdam vindt het belangrijk dat alle basisschoolleerlingen veilig van en naar school kunnen lopen of fietsen. De gemeente biedt daarom verkeerslessen aan op basisscholen. Tekst: Suzanne Huig
Feijenoord De leerlingen van de Oranjeschool krijgen 10 weken lang iedere week een fietsles via SCHOOL op SEEF. De leerlingen leren door de fietslessen veilig door Rotterdam te fietsen. Tekst: Suzanne Huig
‘We fietsen tijdens de fietslessen samen met een meester door de wijk’, zegt Lylyan (11). ‘We fietsen iedere week een andere route. We leren door de fietslessen hoe we ons moeten gedragen in het verkeer’, zegt Gulsen (11). Maureen (11): ‘We komen onderweg verschillende verkeersborden tegen. De meester legt onderweg uit wat de borden betekenen. We leren daardoor de verkeersregels.’
De leerlingen geven hun richting aan door hun hand uit te steken. Foto’s: Peter Snaterse
Rekening houden met anderen Lylyan: ‘We leren tijdens de fietslessen goed op al het andere verkeer te letten. Op de meeste fietspaden kom je bijvoorbeeld skaters, scooterrijders en hardlopers tegen. We leren hoe we in het verkeer goed rekening kunnen houden met anderen.’ ‘We hebben bijvoorbeeld geleerd om te bellen met onze fietsbel voordat we iemand inhalen. We laten op die manier aan anderen weten dat we gaan inhalen’, zegt Mimi (11). ‘We leren ook afstand te houden van anderen. Je krijgt minder snel een aanrijding als je voldoende afstand houdt van anderen’, zegt Emirhan (12).
De leerlingen houden afstand op het fietspad.
Oogcontact maken Gulsen: ‘We letten heel goed op automobilisten. We dragen een groen hesje als we met heel de klas fietsen zodat we opvallen. Automobilisten zien ons daardoor sneller en beter.’ Lylyan: ‘We oefenen om oogcontact te maken met automobilisten, vrachtwagenchauffeurs en buschauffeurs. Je weet als je oogcontact hebt zeker dat die persoon je heeft gezien.’ Een gratis fiets Lylyan: ‘Leerlingen die geen fiets of geen goede fiets hadden, hebben een fiets gekregen. Ik heb ook een fiets gekregen. Ik vind het heel fijn dat ik nu een fiets heb waarmee ik leer fietsen door de stad.’ De fietsen zijn gedoneerd via een actie van gemeente Rotterdam en ANWB. Emirhan heeft ook een fiets gekregen via de actie. ‘Ik kan makkelijker ergens naartoe nu ik een fiets heb’, zegt Emirhan.
Kralingen-Crooswijk De leerlingen van groep 8 van basisschool Quadratum kregen een les over verkeersveiligheid van Veilig op Weg. Vrachtwagenchauffeur Harry leerde de leerlingen waar ze in het verkeer op moeten letten als ze een vrachtwagen of bus tegenkomen. Tekst: Suzanne Huig ‘Een chauffeur kan sommige ruimtes rondom zijn voertuig vanuit zijn voertuig niet zien. Je noemt die ruimtes de dode hoeken van het voertuig’, legt vrachtwagenchauffeur Harry uit. Fender (11): ‘Een chauffeur van een vrachtwagen of bus zit hoog. Hij ziet je daardoor niet als je dicht bij zijn voertuig staat. Het is gevaarlijk dat de bestuurder van een vrachtwagen of bus het verkeer om zich heen niet altijd ziet.’ Speciale spiegels Tomoo (11) zit in de cabine van Harry zijn vrachtwagen. ‘Ik zie helemaal niets van de 3 meter precies voor de vrachtwagen’, zegt Tomoo. ‘Deze vrachtwagen heeft 3 speciale spiegels voor de dode hoeken. Je kunt de ruimte voor het voertuig zien als je in de speciale spiegel bij de voorruit kijkt. Maar ook met de speciale spiegels ziet een chauffeur niet alles’, zegt vrachtwagenchauffeur Harry.
Hoe zorg jij voor extra veiligheid in het verkeer? Tekst en foto’s: Suzanne Huig
Vrachtwagenchauffeur Harry legt uit dat de chauffeur de leerlingen niet kan zien als ze direct voor de vrachtwagen staan. Foto’s: Arjen Jan Stada
De leerlingen kijken in de spiegels van de vrachtwagen.
Houd 3 meter afstand ‘Houd minimaal 3 meter afstand rondom een bus of een vrachtwagen. Je bent op die afstand te zien voor de chauffeur. Jij kunt dan ook de chauffeur zien’, vertelt vrachtwagenchauffeur Harry. Badr (11): ‘Ik houd voortaan altijd 3 meter afstand van een bus of vrachtwagen. Het is belangrijk om te zorgen dat je goed zichtbaar bent. Een chauffeur kan alleen rekening met je houden als hij je ziet.’
Ephendrich (11): ‘Ik kijk altijd goed om mij heen voordat ik oversteek. Ik kijk ook goed als ik voorrang heb of als een stoplicht op groen staat. Er kan altijd een voertuig aankomen.’
Achter het voertuig staan of rijden Jaro (12): ‘Het is ook onveilig om naast een vrachtwagen of bus te rijden of te staan. De chauffeur kan je aanrijden als hij een bocht maakt en je niet heeft gezien.’ Vrachtwagenchauffeur Harry: ‘Je moet daarom bij een stoplicht en een bocht rechts achter een vrachtwagen of bus wachten. Je moet dan ook op minimaal 3 meter afstand van het voertuig blijven.’ ‘Je staat dan niet in de weg als de vrachtwagen of bus wegrijdt of een bocht maakt’, zegt Thibo (11).
Jailey (10): ‘Ik vind dat mensen maar 1 oordopje in mogen doen als ze muziek luisteren of bellen tijdens het fietsen of lopen. Je kunt het verkeer niet goed horen als je 2 oordopjes in hebt. Dat kan voor gevaarlijke situaties zorgen.’
SAMENLEVING ZICHTBAAR Alle mensen samen en hoe ze met elkaar Gezien kunnen worden. omgaan. Bijvoorbeeld in een stad of een land.
Hoe zorg jij voor extra veiligheid in het verkeer?