Skip to main content

Jong010, dé Rotterdamse kinderkrant - december 2020

Page 1

DECEMBER 2020

7

5 Een bij zondere vriendschap

8

Marem bakt een speculaastaart

Een nieuw groen speelplein

12 Leren programmeren

De leerlingen en Philine van UNICEF bekijken de poster met kinderrechten. FOTO: ARJEN JAN STADA

CHARLOIS – De leerlingen van basisschool Wereldwijs besteden van oktober tot en met december extra aandacht aan respect. De leerlingen van groep 7 kregen daarom op 19 november een gastles van UNICEF. Philine is vrijwilliger bij UNICEF. Ze praatte met de leerlingen over kinderrechten. TEKST: SUZANNE HUIG Philine: ‘UNICEF komt op voor de rechten van alle kinderen in de wereld. Kinderrechten zijn afspraken over hoe iedereen met kinderen moet omgaan.’ Awais (10): ‘Kinderen hebben bijvoorbeeld het recht op eten, een huis en onderwijs.’ ‘Ik vind dat ieder kind hetzelfde moet worden behandeld. Alle kinderen hebben kinderrechten en alle kinderen verdienen respect’, zegt Ecrin (10).

Recht op informatie

De leerlingen bekijken met Philine de 54 kinderrechten. ‘Ik wist niet dat kinderen het recht hebben op informatie’, zegt Yassine (11). ‘Het recht op informatie is het recht om dingen te weten. Ik vind dat een belangrijk recht. Ik denk dat kinderen betere keuzes kunnen maken en een betere toekomst hebben als ze meer weten’, zegt Saifallah (10). ‘Ik vind dat er in Rotterdam meer aandacht voor het recht op informatie moet komen. Niet alle leerlingen hebben thuis bijvoorbeeld een laptop. Leerlingen kunnen minder goed bij informatie als ze geen laptop hebben’, zegt Awais.

Respect voor elkaar

Yassine: ‘Wij tonen in de klas respect voor elkaar door rekening te houden met elkaar. We hebben in de klas een gevoelsthermometer hangen. We kunnen daarop aangeven hoe we ons voelen. Ik troost bijvoorbeeld iemand als ik op de gevoelsthermometer zie dat hij of zij verdrietig is.’ ‘We tonen ook respect voor elkaar door elkaar niet uit te lachen. Je kunt mensen kwetsen of onzeker maken als je iemand uitlacht’, zegt Guilherme (10). Thierno Moussa (10): ‘Ik vind het heel belangrijk dat we op school respect voor elkaar hebben. Mensen voelen zich fijner en veiliger als ze worden gerespecteerd.’


DECEMBER 2020

Moeder vraagt aan Jantje: ‘Geef je de

vissen zo schoon water?’ Jantje reageert:

‘Ja, maar ze hebben het water van gisteren

H A N

D S C H O

E

N

E

N

O E

E G

E

N

J

A

C K

S I

R

LOOK

MAAT

toch nog niet opgedronken?’

O V M

P

L

E

U R

E

Amir (9)

D

E

J

D S H

I

R

T

K M M

Y

S

T

I

J

L

E

K

R S A O

GYMPIES

R

T

B

L

O E

S

L

U O A D

HEMDJE

L

E

G

G

N G

E

I

P

R

I

B

P

R O K M L

Ik droomde dat ik naar een spannende

L

R O

T O P

J

E

E

E

U O

KLEREN

eerder naar school was gekomen!’

E

P A

N T

K

N

T

N

T

O

LEGGING

U

J A

S G Y M P

I

E

S

K

K

L

D

J

A A

L

De meester vraagt aan Marietje:

‘Waarom ben je te laat?’ Marietje

zegt: ‘Ik kan er niks aan doen meester. film keek. Ik had het einde gemist als ik Sarah (11)

Moeder vraagt aan Jantje: ‘Ken je nu al

het hele alfabet?’ Jantje zegt: ‘Ja, mama.’ Moeder vraagt: ‘Welke letters komen er

dan na de A?’ Jantje: ‘Alle andere, mam.’

E

K

I

N T

I

Y

N G S

K

N

T

E

MODEL MUTS

BLOES

PANTY

HANDSCHOENEN

PET

PRINT

REGENJACK

HOODY

ROK

JAS

SHIRT

JURK

SJAAL

KLEDING

SOKKEN STIJL

KLEUREN

TOPJE TRUI

LEUK

VEST

ANTWOORD (1 WOORD):

REGELS: DE WOORDEN VIND JE HORIZONTAAL, VERTICAAL EN DIAGONAAL. JE MAG LETTERS

MEERDERE KEREN GEBRUIKEN. ALS JE DE OVERGEBLEVEN LETTERS IN DE JUISTE VOLGORDE ZET, KRIJG JE HET ANTWOORD. MAIL DIT ANTWOORD SAMEN MET JE VOORNAAM, LEEFTIJD EN HET TELEFOONNUMMER VAN JE OUDER(S) OF VERZORGER(S) (ZODAT WE CONTACT MET JE KUNNEN OPNEMEN ALS JE HEBT GEWONNEN) NAAR ANTWOORD@JONG010.NL. ALLEEN DE

WINNAAR KRIJGT BERICHT.

HET ANTWOORD VAN DE WOORDZOEKER VAN NOVEMBER IS: REGENBOOG. DE WINNAAR IS LAKSMI (9). GEFELICITEERD!

Yvette (10)

PUZZELCORNER.NL

Wat is het toppunt van tegenslag? Dat de les ‘omgaan met teleurstellingen’ niet doorgaat. Ivo (10)

Hoe noem je een metalen klant?

Een koper.

op de autoruit?

Spruitenwissers.

Jarno (12)

Wat is groen en zit

Maria (11)

Zoek de kerstballen in de kinderkrant! Kun jij ze allemaal vinden? Vul hier het aantal in:

JONG010 - DECEMBER 2020 JAARGANG 11 - EDITIE 4 OPLAGE: 38.000 KRANTEN

OPRICHTER: ANGELIQUE VAN TILBURG HOOFDREDACTEUR: SUZANNE HUIG FOTOGRAFEN: PETER SNATERSE, ARJEN JAN STADA VORMGEVING: MARCEL VAN DEN ASSEM REDACTIEMEDEWERKER: SASJA HOF AAN DEZE EDITIE WERKTEN MEE: PUZZELCORNER, RICHARD VAN DER VEN, ISABELLA

HEB JIJ EEN TIP VOOR JONG010? REDACTIE@JONG010.NL


DECEMBER 2020

‘Ik wil een robot bouwen die heel goed is in taal. Ik heb moeite met taal. Ik vind het lastig om de taalregels te onthouden. Ik zou het heel fijn vinden als een robot mij in de klas zou helpen met mijn taalopdrachten.’

ROTTERDAM – Burgemeester Ahmed Aboutaleb hoort graag van de Rotterdammers wat zij van de stad vinden. Hij is ook benieuwd naar de mening en ervaring van basisschoolleerlingen. Zou jij een robot willen bouwen? TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG

‘In Rotterdam worden robots gemaakt om leerlingen te helpen. De robots helpen leerlingen bijvoorbeeld met opdrachten of leren leerlingen omgaan met emoties. Robot Bep is bijvoorbeeld een maatje dat je helemaal zelf kunt programmeren en versieren. Zou jij een robot willen bouwen? Zo ja, wat zou je robot moeten kunnen?’

tuana (8) Ahmed Aboutaleb. ‘Ik kan me niet goed concentreren op school. Ik ben snel afgeleid als ik geluiden hoor. Ik vind dat niet fijn. Ik wil een robot bouwen die mij kan helpen om me te concentreren op school.’

FOTO: GEMEENTE ROTTERDAM / MARC NOLTE

‘Ik zou een robot willen bouwen die mij helpt met lezen. Ik ben dyslectisch. Ik heb daardoor soms moeite met het lezen van mijn schoolopdrachten. Ik zou het heel fijn vinden als een robot mijn schoolopdrachten aan mij zou voorlezen.’

faye (9)

‘Ik vind het belangrijk dat alle kinderen zich fijn voelen op school. Ik zou daarom een robot willen bouwen die kinderen opvrolijkt. Kinderen kunnen aan een robot hun verhaal vertellen. Ik denk dat kinderen zich niet alleen of verdrietig voelen met een robot in de buurt.’

lotte (9) Zou jij zelf een robot willen bouwen? Zo ja, wat zou je robot moeten kunnen?

demi (9) ‘Ik wil een robot bouwen die kan nakijken. Juffen en meesters hebben het vaak heel druk. Juffen en meesters hebben meer tijd om leuke dingen met leerlingen te doen als robots toetsen nakijken.’

‘Ik wil graag een robot bouwen. Ik wil een robot bouwen die mij kan helpen als ik iets lastig vind. Ik zou de robot altijd overal mee naartoe nemen. De robot kan mij dan tips geven als ik hulp nodig heb.’

timo (11)

alexis (12) ‘Een robot is een computer en geen mens. Ik denk dat een robot mijn emoties en gedachtes niet kan begrijpen. Ik wil daarom geen robot bouwen. Ik vind het fijner als een klasgenoot mij helpt als ik iets lastig vind.’

semih (11)

Naam: ‘Robots nemen heel veel taken van mensen over. Ik vind dat niet goed. Ik ben bang dat er geen taken meer overblijven voor mensen. Ik vind het de taak van mensen om elkaar te helpen. Ik wil daarom geen robot bouwen. Ik wil in de klas geholpen worden door mijn leraar en klasgenoten.’

EMOTIE

Een gevoel. Bijvoorbeeld boos, blij, bang of verdrietig.

chahinaze (9)

‘Ik zou het heel fijn vinden om robots in de klas te hebben. Sommige kinderen zijn eenzaam of worden gepest. Ik wil een robot bouwen die voor die kinderen een vriend kan zijn. Een robot kan kinderen ook extra uitleg geven als ze een opdracht lastig vinden.’

jaylen (11)


DECEMBER 2020

Training ‘Alles Kidzzz’

ROTTERDAM – Iedereen is weleens dwars of boos. Het kan vervelende gevolgen hebben als je een lange tijd vaak dwars of boos bent. Sommige kinderen hebben bijvoorbeeld dagelijks ruzie of krijgen vaak straf. TEKST: SUZANNE HUIG

Er zijn verschillende redenen waarom iemand boos of dwars is. Sommige kinderen kunnen hun boosheid bijvoorbeeld niet goed beheersen. Andere kinderen gedragen zich boos of dwars omdat ze een negatief beeld over zichzelf hebben.

‘Alles Kidzzz’ is een training van 8 bijeenkomsten. De deelnemers leren anders te reageren op wat er om hen heen gebeurt. Ze leren bijvoorbeeld eerst na te denken voordat ze ergens op reageren. Ze leren met hun gevoelens om te gaan en zelf rustiger te worden. Danilo (12) volgde de training.

De cursus is gratis. Kijk voor meer informatie op WWW.INDIGOWEST.NL of mail naar PREVENTIE@INDIGORIJNMOND.NL

Danilo: ‘Ik maak nu zonder problemen mijn huiswerk.’

PERNIS – Danilo (12): ‘Ik had bijna iedere dag problemen op school en thuis. Ik had geen zin om op school mijn best te doen en om thuis huiswerk te maken. Ik had daardoor vaak discussies met mijn juf en mijn moeder. Ik kreeg het gevoel dat ik niets goed kon doen.’ TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG ‘De problemen ontstonden meestal omdat ik me verveelde op school. Ik lag op school vaak met mijn hoofd op mijn tafel omdat ik de lessen saai vond. Ik kreeg daardoor vaak straf op school. Ik kwam dan geïrriteerd thuis en had geen zin om mijn huiswerk te maken. Ik kreeg de volgende dag op school dan weer straf omdat ik mijn huiswerk niet had gemaakt. Ik ging met steeds meer tegenzin naar school. Ik ben de cursus gaan volgen om weer met plezier naar school toe te gaan’, zegt Danilo.

Kwaliteiten en verbeterpunten

Danilo: ‘Ik heb mezelf goed leren kennen tijdens de training. Ik heb geleerd om naar mijn kwaliteiten en mijn verbeterpunt te kijken. Mijn kwaliteiten zijn dat ik zorgzaam en sociaal ben. Ik kom voor iemand op als ik zie dat die persoon wordt gepest. En ik steun mijn vrienden als dat nodig is. Mijn verbeterpunt is dat ik een beetje lui kan zijn. Ik wil liever niet veel doen. Ik wilde thuis en op school gewoon op de bank of op een stoel hangen in plaats van mijn best voor iets doen. Ik verveelde me juist doordat ik mijn best niet deed en lui was. Ik weet nu dat ik meer plezier heb als ik mijn best voor iets doe.’

Praten over gevoelens en gedachtes

‘Ik heb tijdens de training geleerd om over mijn gevoelens te praten. Ik kon alles aan mijn trainer vertellen. Ik voelde me daardoor gesteund. Ik weet daardoor dat het goed is om over mijn gevoel te praten. Ik vertel sinds de training tegen mijn moeder wat ik lastig of vervelend vind. Ik praat ook met mijn moeder als ik verdrietig of boos ben. Ik voel me opgelucht als ik over mijn gedachtes of gevoelens heb gepraat. Ik ben mijn verdriet of woede na het praten kwijt. Ik voel me dan weer fijn’, vertelt Danilo.

Mijn kwaliteiten zijn:

Met plezier naar school

‘Ik ben heel blij dat ik de training heb gevolgd. Ik ben nu serieus in de klas. Ik doe mee met de lessen en maak mijn huiswerk. De juf is aardiger tegen mij omdat ik meedoe en de les niet verstoor. Ik krijg bijna nooit meer straf op school. Ik vind dat heel fijn. Ik ga nu met plezier naar school’, legt Danilo uit. Mijn verbeterpunt is: KWALITEITEN

Goede eigenschappen.

VERBETERPUNTEN

Waar nog aan gewerkt mag worden.

Danilo.


DECEMBER 2020

DELFSHAVEN – Furkan (11) en Mohamedsire (11) zitten in groep 7/8C van de Emmausschool. Furkan: ‘Ik heb cerebrale parese (CP). CP is een hersenbeschadiging waardoor ik niet goed kan bewegen. Mijn hersenen kunnen mijn spieren niet goed aansturen. Mohamedsire is mijn maatje. Hij helpt mij als ik hulp nodig heb.’ TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG

Furkan: ‘Ik ben 3 maanden te vroeg geboren. Ik heb tijdens mijn geboorte of vlak daarna zuurstoftekort gehad. Mijn hersenen zijn daardoor beschadigd. Mijn hersenen kunnen mijn spieren niet goed aansturen door de beschadiging. Ik heb daardoor veel moeite met bewegen en ben snel moe. Ik kan door de hersenbeschadiging ook niet goed horen met mijn linkeroor.’

Spastische benen

‘Mijn benen zijn spastisch. Dat betekent dat er altijd een soort spanning en kramp in mijn benen zit. Mijn benen willen steeds zelf bewegen als ik bijvoorbeeld zit of sta. Ik heb daardoor veel moeite met lopen. Ik loop door de spanning en kramp altijd een beetje op mijn tenen’, vertelt Furkan. Furkan draagt iedere dag een paar uur spalken. ‘Spalken zijn langwerpige kunststof vormen. De spalken ondersteunen mijn benen. Ik leer door de spalken mijn voeten goed neer te zetten. Ik hoop daardoor beter te leren lopen en rennen’, legt Furkan uit.

De jongens voetballen graag samen.

Hulp in de buurt

Mohamedsire: ‘Ik help Furkan als ik zie dat hij ergens moeite mee heeft. Furkan valt ongeveer 3 keer per week als hij loopt. Hij heeft zijn benen dan even niet goed onder controle. Ik help hem dan met opstaan. Ik help Furkan graag.’ Furkan: ‘Ik vind het heel fijn dat Mohamedsire er altijd is om mij te helpen. Hij blijft altijd bij mij in de buurt. Ik weet dat hij er voor mij is als iets niet lukt of als ik pijn heb. Ik voel me daardoor zelfverzekerder op school.’

Verschillende hulpmiddelen Furkan en Mohamedsire zitten in de klas naast elkaar.

‘Mohamedsire helpt mij als ik val.’

Fonds Kind & Handicap helpt kinderen en jongeren met een handicap of chronische ziekte.

Mohamedsire: ‘Furkan heeft thuis en op school verschillende hulpmiddelen. De hulpmiddelen zorgen ervoor dat hij zoveel mogelijk kan.’ Furkan: ‘Ik heb bijvoorbeeld een rolstoel. Ik probeer zoveel mogelijk te lopen. Ik ga in mijn rolstoel zitten als ik te moe ben om te lopen. Ik heb ook een speciale fiets met zijwieltjes. De zijwieltjes zorgen ervoor dat ik niet val als ik fiets.’

Mohamedsire: ‘Furkan heeft een speciale stoel en tafel in de klas. Hij kan aan zijn tafel goed zitten zonder pijn te hebben.’

Rekening houden met spelen

Mohamedsire: ‘Ik vind het belangrijk dat ieder kind kan spelen. Kinderen met een beperking of ziekte moeten ook kunnen spelen. Ik vraag daarom tijdens het spelen of kinderen rekening willen houden met Furkan. Klasgenoten moeten tijdens het voetballen bijvoorbeeld niet te hard schieten. Furkan valt sneller als hij hard achter de bal aan moet rennen. Hij wordt dan bang en wil niet meer meespelen. Ik wil daarom dat iedereen zich een beetje aanpast door niet te hard te schieten. Furkan kan dan ook meedoen.’ Furkan: ‘Ik vind voetballen heel leuk. Ik vind het fijn als anderen een beetje rekening met mij houden zodat ik kan meedoen.’

Mohamedsire: ‘Ik duw Furkan zijn rolstoel als hij moe is.’

Een handicap is een beperking waardoor je sommige dingen niet zo goed kunt.

Een chronische ziekte is een ziekte die minimaal 3 maanden duurt, steeds terugkomt of niet genezen kan worden.

De organisatie geeft bijvoorbeeld geld om hulpmiddelen te kopen, voorlichting te geven of onderzoek te doen.


DECEMBER 2020

ROTTERDAM – De kans is kleiner dat je later in de financiële problemen komt als je al op jonge leeftijd met geld leert omgaan. Je kunt je geld maar 1 keer uitgeven. Je moet daarom goed nadenken wat je met je geld doet. Je kunt er bijvoorbeeld voor kiezen om steeds iets kleins te kopen. Maar je kunt ook beslissen om te sparen zodat je later iets kunt kopen dat duurder is. TEKST: SUZANNE HUIG

Joelle (10) heeft € 35,00 in haar spaarpot. Ze wil graag een kerstcadeau geven aan haar moeder, vader en broertje. Ze ziet een gezelschapsspel dat ze voor hen kan kopen. Het spel kost € 18,50. Ze ziet ook 3 kleine cadeautjes. Die cadeautjes kosten samen € 22,50. Ze heeft dan voor haar moeder, vader en broertje een klein cadeautje. Ze ziet knutselspullen om zelf 3 kunstwerken te maken. De knutselspullen kosten € 3,50. Ze twijfelt of ze iets koopt of dat ze een kunstwerk voor iedereen knutselt. Wat zou jij doen?

ISABELLA (8): ‘Ik zou de knutselspullen

kopen omdat ik dan maar weinig geld uit hoef te geven. Ik houd van knutselen dus ik weet dat ik van de knutselspullen 3 mooie cadeaus kan maken. Ik wil zelf graag een Space step. Ik houd € 31,50 over als ik de knutselspullen koop. Ik zou dat geld sparen om bij mijn Space step te leggen.’ FOTO: ISABELLA

REKENBOEKJE Wat zou jij doen?

GENERATION ROTTERDAM – Shell vindt het belangrijk dat kinderen meer leren over wetenschap en techniek. Lijkt het jou leuk om zelf te experimenteren? Anna (10), Kim (10) en Mijs (7) doen het proefje ‘Pekel’. Pekel is een mengsel van zout en water. TEKST: SUZANNE HUIG

WAT HEB JE NODIG? Water 6 ijsklontjes Zout

Theedoek Eetlepel Hamer

2 bekers Thermometer Volwassene

DISCOVER WAT GEBEURT ER?

Het water in de beker met het zout krijgt een lagere temperatuur dan het water zonder zout. Je verlaagt de temperatuur waarop water bevriest als je zout oplost in water. Normaal bevriest water bij 0 graden Celsius. Zout water bevriest bij een temperatuur lager dan 0 graden Celsius.

STAP 1.

Het ijs haalt warmte uit het water om te smelten. De temperatuur van het water daalt daardoor. Het water zonder zout kan niet kouder worden dan 0 graden Celsius, want dan bevriest het water weer. Het water met zout bevriest niet bij 0 graden Celsius. Het water kan daardoor kouder worden dan 0 graden Celsius.

STAP 2.

‘Leg de ijsklontjes in de theedoek. Vouw de theedoek dicht’, zegt Anna.

Kim: ‘Sla voorzichtig met een hamer op de ijsklontjes.’

STAP 4.

‘Doe in elke beker 5 eetlepels water’, zegt Anna.

Proefje in samenwerking met Centrum JongerenCommunicatie Chemie.

Generation Discover is een initiatief van Shell.

STAP 5.

Kim: ‘Doe in 1 van de bekers ook 4 eetlepels zout.’

Foto’s: Peter Snaterse

STAP 3.

‘Verdeel het fijngeslagen ijs over de 2 bekers’, zegt Mijs.

STAP 6.

‘Roer het zout goed door het ijswater. Meet de temperatuur van het water in allebei de bekers’, zegt Anna.


DECEMBER 2020

Sena: ‘Ik voel me soms alleen. Ik heb dan niemand om mee te spelen of om mee te praten. Ik vind dat heel lastig.’

Hoi Sena, Het is niet leuk om je alleen te voelen. Iedereen voelt zich weleens alleen. Als je je vaak alleen voelt, is het goed om te kijken wat je eraan kunt doen. Weet je waarom je je alleen voelt? Als je weet wat de oorzaak is, kun je een oplossing zoeken.

Nieuwe vrienden maken

ILLUSTRATIE: COPAL EN CONSORTEN

ROTTERDAM – Marieke van het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) reageert iedere maand in Jong010 op een vraag of probleem van een leerling of klas. Ze beantwoordt deze maand de vraag van Sena (9). TEKST: SUZANNE HUIG

Marieke beantwoordt ingestuurde brieven. FOTO: PETER SNATERSE Heb jij een vraag aan Marieke of zit je ergens mee? Stuur een mail naar REDACTIE@JONG010.NL of stuur een brief naar Jong010, Postbus 13037, 3004 HA Rotterdam.

Heb je weinig of geen vrienden of vriendinnen? Je kunt dan bedenken hoe je meer vrienden kunt maken. Je kunt je bijvoorbeeld aanmelden bij een sportclub of hobbyclub. Je leert dan leeftijdsgenootjes kennen die dezelfde sport of hobby leuk vinden als jij. Sommige kinderen vinden het lastig om nieuwe vrienden te maken. Die kinderen kunnen een speciale cursus volgen. Je meester, juf of een begeleider op school kan je meer over die cursus vertellen.

Praat over je gevoel

Sommige kinderen voelen zich alleen omdat ze zich vervelen. Je verveelt je misschien als je vaak alleen thuis bent. Je kunt dan bijvoorbeeld afspreken dat er iemand bij jou langskomt of dat jij naar iemand toegaat als je je verveelt. Het is belangrijk dat je met je moeder, vader of verzorger praat over hoe je je voelt. Je kunt dan samen kijken wat jullie kunnen doen zodat je je fijn voelt.

DELFSHAVEN – Marem (10) deed mee aan het eerste seizoen van Heel Holland Bakt Kids. Ze bakte samen met haar moeder Bernadette 3 afleveringen in de Heel Holland Bakt-tent van bakker Robèrt van Beckhoven, jurylid Janny van der Heijden en presentator André van Duin. Ze bakte op 7 november voor Jong010 een speculaastaart. TEKST: SUZANNE HUIG ‘Ik bak ongeveer 1 keer in de 2 weken een taart of koekjes. Ik vind mijn appeltaart en worteltaart het lekkerst omdat die heel fris smaken. Ik vind het leuk om nieuwe dingen uit te proberen en mijn baksels mooi te versieren’, zegt Marem.

Marem verdeelt het beslag over de bakvorm. FOTO’S: ARJEN JAN STADA

Voorbereiden op het bakken

Marem: ‘Ik bak vandaag voor het eerst een speculaastaart. Ik heb zelf een recept bedacht. Ik heb alle ingrediënten in de keuken gezet zodat ik niets vergeet. Ik heb voor de speculaastaart de volgende ingrediënten nodig: 4 peren, 1 eetlepel citroensap, 150 gram roomboter, 100 gram amandelspijs, 4 eieren, 150 gram bloem, 1 eetlepel speculaaskruiden, 100 gram speculaas, 5 eetlepels marmelade en een snufje zout.’

Beslag maken

‘Ik vind het lekker om tussendoor het beslag te proeven.’

Marem: ‘Ik vind het heel leuk dat ik een beetje beroemd geworden ben door Heel Holland Bakt Kids.’

DIT ARTIKEL IS GEMAAKT IN SAMENWERKING MET

Groetjes, Marieke

‘Ik zet als eerst de oven op 160 graden. De oven kan dan voorverwarmen. Ik schil daarna de peren en snijd ze in stukjes. Ik spuit de citroensap over de peren. Ik begin daarna aan het beslag. Ik klop de roomboter en het amandelspijs door elkaar. Ik doe 1 voor 1 de eieren bij het mengsel. Ik klop het mengsel en doe er 150 gram bloem, 1 eetlepel speculaaskruiden en een snufje zout bij. Ik verkruimel de 100 gram speculaas. Ik meng het verkruimelde speculaas door het beslag. Het beslag is nu klaar’, vertelt Marem.

De oven in

‘Ik vet de bakvorm in met boter zodat de taart niet aan de vorm vast gaat zitten. Ik verdeel daarna het beslag over de bakvorm. Ik leg de peertjes bovenop het beslag. De taart is nu klaar om de oven in te gaan. Ik bak de taart 50 minuten op 160 graden. De taart is dan gaar. Ik laat de taart 40 minuten afkoelen. Ik smeer de afgekoelde taart in met marmelade. Ik zet daarna de oven weer aan op 160 graden. De taart gaat nog 10 minuten de oven in, daarna is hij klaar.’ KLOPPEN

Een kooktechniek waarbij je ingrediënten met elkaar mengt en er lucht bij laat. INGREDIËNTEN

De dingen die je nodig hebt om een gerecht te maken. BLOEM

Fijn poeder om iets mee te bakken.


DECEMBER 2020

IJSSELMONDE – Een schoolplein met fruitbomen, bloemen, een moestuin, boomstammen en regentonnen. Het betegelde schoolplein van de Meester Baarsschool is veranderd in een groen speelplein. TEKST: SUZANNE HUIG

‘Het klimaat verandert. Het is steeds een langere tijd warm en droog. En het regent vaker heel hard. Dat zorgde voor problemen op ons schoolplein’, zegt Lorenzo (9). Seth (9): ‘Het schoolplein en de straat stonden vaak vol met plassen als het hard had geregend. En de tegels en het stalen hek op het plein werden in de zomer heel heet. Onze directrice heeft daarom het plein laten verbouwen door het televisieprogramma Green Make Over. Wij zijn daar heel blij mee.’

De leerlingen staan in de arena op het plein.

Speciale stenen en watertonnen

‘Op het schoolplein liggen nu speciale stenen. Er zitten kieren tussen de stenen. Het regenwater kan door de kieren de grond in. Er ontstaan daardoor geen grote plassen op het plein als het hard regent’, vertelt Roan (9). Laysa (8): ‘Op het schoolplein staan 4 regentonnen. De regentonnen vangen regenwater op’, zegt Sara (9). Heaven (10): ‘Het regenwater gaat via een goot naar het midden van het plein als de ton vol zit. Het water zakt vanaf daar weg naar de bomen rondom het schoolplein.’ ‘We kunnen het regenwater ook via een kraan uit de ton halen om bijvoorbeeld planten in de school water te geven’, zegt Sara.

Blij met het plein

De leerlingen zijn blij met het nieuwe plein. ‘Ik vind de arena op het plein het leukst. We kunnen daar met elkaar kletsen, een spreekbeurt houden of les krijgen’, zegt Roan. ‘Ik vind het heel leuk om buiten les te krijgen. Ik vind het fijn om in de frisse lucht te zitten’, vertelt Seth. Heaven: ‘Ik vind het heel leuk dat we op het plein een moestuin hebben.’ Sara: ‘De bomen, bloemen, planten en het hout zorgen ervoor dat het plein er gezellig en mooi uitziet. Ik voel me daardoor vrolijk op het plein.’

Roan: ‘We hebben een blotevoetenpad. Je kunt hier op je blote voeten lopen. Je loopt dan over gras, keien, hout, bakstenen en kiezelstenen. Het voelt allemaal anders aan je voeten.’ FOTO’S: ARJEN JAN STADA

KRALINGEN-CROOSWIJK – De leerlingen van groep 8A en 8B van de Arentschool doen mee met Buurtklimaatje. Buurtklimaatje is een programma waarbij buurtbewoners oplossingen bedenken voor klimaatproblemen. De leerlingen bedachten in groepjes oplossingen voor de problemen van hitte, droogte en wolkbreuken op hun schoolplein. TEKST: SUZANNE HUIG

‘Een wolkbreuk is een regenbui waarbij in 1 keer heel veel regen valt’, vertelt Rafael (11). Sukhman (11): ‘Regenwater komt via putten in het riool terecht. De riolen kunnen overstromen als er te veel regen in 1 keer valt. Dat kan voor overlast zorgen.’

Regenwater opvangen

Jelle (11), Sukhman en Rafael bedenken een oplossing voor de problemen van wolkbreuken. Jelle: ‘Wij hebben bedacht om standbeelden op het dak van onze school te plaatsen. De standbeelden hebben grote hoeden. De hoeden vangen regenwater op. Het regenwater komt daardoor niet in 1 keer in het riool terecht. Het regenwater gaat via buizen naar een opslag. Het regenwater kan in de opslag worden gefilterd.’ Rafael: ‘Het water kan bijvoorbeeld worden gebruikt om te douchen, koken of drinken.’

Jelle, Sukhman en Rafael laten hun ontwerp zien. FOTO’S: PETER SNATERSE Opslagtank onder het plein

Fatima (12) en Una (11) bedenken een oplossing voor het droogteprobleem. ‘Er ontstaat een watertekort als het een lange tijd niet regent. De grond kan dan uitdrogen. Dat is slecht voor bijvoorbeeld bomen, planten en dieren’, zegt Una. ‘We willen onder het schoolplein een grote opslagtank plaatsen. We kunnen in die tank al het regenwater opvangen dat door het zand en de speeltoestellen wordt doorgelaten. Het regenwater uit de opslag kan worden gebruikt als het een lange tijd niet regent.’

Planten en sproeiers op het dak

Soufian: ‘We willen op het schoolplein een toren met zonnepanelen plaatsen. We kunnen op school dan zonne-energie gebruiken.’

Dévann (11), Philippe (10) en Soufian (11) bedenken een oplossing voor het hitteprobleem. ‘Stenen houden warmte vast. In en rondom de school wordt het daardoor extra warm op warme dagen’, vertelt Dévann. Philippe: ‘We hebben bedacht om planten en sproeiers op het dak van de school te plaatsen. De sproeiers sproeien de planten nat. Het gebouw wordt daardoor minder warm.’

De meiden laten hun ontwerp zien.


DECEMBER 2020

ROTTERDAM – Olav (10) en Emmy (11) zitten op tafeltennis bij Tafeltennisvereniging 21 Up. Ze krijgen les van Nederlands kampioen Sanne. ‘Je speelt tafeltennis met 2 of 4 spelers. Je slaat met een batje een balletje heen en weer over een tafel. Het doel van het spel is om de bal over het net op de tafelhelft van je tegenstander te slaan. Je probeert de bal zo te slaan dat je tegenstander de bal niet goed terug kan slaan’, legt Olav uit. TEKST: SUZANNE HUIG / FOTO’S: ARJEN JAN STADA

Olav.

‘Ik vind het leuk om het mijn tegenstander moeilijk te maken. Ik speel de bal bijvoorbeeld net achter het net of op de hoek van de tafel. Mijn tegenstander kan de bal dan moeilijk terugslaan’, vertelt Olav. Emmy: ‘Ik concentreer me goed als ik tafeltennis. Ik kan snel reageren als ik me goed concentreer.’

Wedstrijd winnen

Emmy.

‘De bal moet bij je service eerst stuiteren in je eigen veld. Je speelt de bal daarna naar het veld van je tegenstander’, zegt Emmy. ‘De bal moet steeds 1 keer stuiteren in het veld van je tegenstander. Je krijgt een punt als je tegenstander de bal niet kan terugslaan nadat de bal 1 keer heeft gestuiterd. De speler die

als eerst 11 punten heeft, wint de game. Wij spelen minimaal 3 games. Je hebt de wedstrijd gewonnen als je 2 van de 3 games hebt gewonnen’, legt Olav uit.

Een smash en topspin

‘Ik probeer te winnen door vaak te smashen. Smashen is de bal heel hard slaan. Ik smash als de bal hoog komt. Ik sla de bal schuin naar beneden naar de tafelhelft van mijn tegenstander’, legt Emmy uit. Olav: ‘Ik maak het mijn tegenstander moeilijk door de bal effecten te geven. Ik sla bijvoorbeeld vaak een topspin. Ik houd mijn batje dan naar voren gedraaid als ik de bal raak. Ik schuif met mijn batje een beetje over de bal heen. De bal gaat daardoor draaien. Mijn tegenstander kan de bal daardoor lastiger terugslaan.’

SERVICE OF SERVEREN

De eerste slag. De shuttle of bal in het spel brengen.

PRINS ALEXANDER – Lotte (10), Otto (11), Vince (12) en Kim (13) badmintonnen bij Badmintonclub Ommoord. Ze krijgen iedere week les van trainers Wesley en Alex in de W.I.O.N. sporthal. TEKST: SUZANNE HUIG / FOTO’S: PETER SNATERSE ‘Je speelt badminton in een zaal zodat je geen last hebt van het weer’, zegt Otto. ‘Je scoort een punt als de shuttle bij je tegenstander in het speelveld op de grond valt. Je krijgt ook een punt als je tegenstander de shuttle in het net of onder het net slaat. En je krijgt een punt als je tegenstander de shuttle 2 keer achter elkaar raakt’, legt Kim uit. Lotte: ‘Je tegenstander krijgt een punt als jij bij het serveren de shuttle in het verkeerde vak slaat.’ Vince: ‘Je hebt een game gewonnen als je 21 punten en 2 punten meer dan je tegenstander hebt.’ Lotte: ‘Je speelt op zijn minst 2 games. Je speelt een derde game als je allebei een game hebt gewonnen.’

Otto en Lotte.

Vince en Kim.

Enkelspel en dubbelspel

‘Badminton kan worden gespeeld als enkelspel en als dubbelspel. Je speelt bij enkelspel 1 tegen 1. Je speelt bij dubbelspel 2 tegen 2’, legt Vince uit. ‘Ik speel het liefst enkelspel. Ik vind het fijn dat ik dan met niemand hoef te overleggen’, zegt Kim. Vince: ‘Ik speel het liefst 2 tegen 2. Ik hoef maar op de helft van het speelveld te spelen bij dubbelspel. Ik hoef daardoor minder te rennen. Dat vind ik fijn.’

Verschillende slagen

‘Je gebruikt bij badminton verschillende slagen. Ik vind de lob het leukst. De lob is een verdedigende slag. Ik sla de shuttle bij de lob hoog naar mijn tegenstander. Mijn tegenstander moet hard naar achteren rennen om de shuttle te kunnen raken’, legt Otto uit. Lotte vindt de drive de leukste slag. ‘De drive is een snelle aanvalsslag. Ik probeer met de drive de shuttle hard langs mijn tegenstander te slaan’, vertelt Lotte. Kim: ‘Ik gebruik veel verschillende slagen. Ik probeer de shuttle op die manier steeds naar een andere plek te slaan. Mijn tegenstander verliest daardoor de controle.’


DECEMBER 2020

Hoe kun jij in jouw wijk iets doen voor het klimaat? ROTTERDAM – De aarde warmt op doordat er te veel CO2 wordt uitgestoten. Fabrieken, auto’s en vliegtuigen stoten bijvoorbeeld CO2 uit. CO2-gassen blijven hangen. De warmte van de zon kan daardoor niet weg. Dat zorgt voor klimaatproblemen zoals droogte, hitte, heftige stormen, regenbuien en overstromingen. Hoe kun jij in jouw wijk iets doen voor het klimaat?

Aya (11)

Rayaan (11) ‘In mijn wijk zie je bijna geen zonnepanelen. Ik vind dat de gemeente op alle daken zonnepanelen moet plaatsen. Alle apparaten in de wijk kunnen dan op zonne-energie werken. Zonnepanelen zorgen voor schone energie. De aarde wordt minder vervuild en minder verwarmd als meer mensen schone energie gebruiken.’

TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG

‘Ik vind dat alle bewoners moeten opletten dat ze niet te veel energie verbruiken. Bewoners mogen bijvoorbeeld maximaal 5 minuten douchen. En ze moeten het licht niet laten branden als ze niet in een ruimte zijn. We stoten minder CO2 uit als iedereen wat minder energie verbruikt. Dat is goed voor het klimaat.’

‘In mijn wijk ligt veel afval op straat. Afval is slecht voor dieren. Dieren kunnen in afval vast komen te zitten of stikken. Afval is slecht voor het milieu doordat het lang duurt voordat het uit het milieu verdwijnt. Ik vind daarom dat in mijn wijk meer prullenbakken moeten worden geplaatst.’

‘Op mijn schoolplein liggen vaak plassen als het hard heeft geregend. Mijn klasgenoten en ik kunnen roosters maken in de tegels van het schoolplein. Het regenwater kan via die roosters worden opgevangen in een bak. We kunnen het regenwater gebruiken om de fruitbomen op het schoolplein water te geven. We zorgen op die manier dat het regenwater niet voor problemen zorgt maar goed wordt gebruikt.’

Nikki (10)

Oumnia (11)

Aymane (11)

Daniël (11)

‘In mijn wijk liggen heel veel tegels. Op de tegels liggen grote plassen als het hard regent. Ik vind dat de helft van de stoeptegels vervangen moet worden door gras. Het regenwater kan door het gras de grond in. De grond wordt dan minder droog. Dat is fijn voor de natuur. En er ontstaan minder plassen op straat. Dat is fijn voor bewoners.’

Wat kun jij doen voor het klimaat?

‘De aarde warmt op en vervuilt door de uitlaatgassen van voertuigen. Dat is slecht voor het klimaat. Ik vind daarom dat auto’s verboden moeten worden in woonwijken. De lucht in woonwijken wordt dan veel schoner. Die schone lucht is goed voor de bewoners, de dieren en de planten in de wijk.’

Wat is een ander woord voor ‘goede eigenschappen’?

Hoe noem je het als je de bal heel hard slaat?

PAGINA 4

PAGINA 9

Wie volgde de training ‘Alles Kidzzz’? PAGINA 4

Welke lessen volgen Aylin en Leyla bij Studio 181? PAGINA 11

Welke ziekte heeft Furkan? PAGINA 5

Pekel is een mengsel van water en ... PAGINA 6

Sena voelt zich soms … PAGINA 7

Hoe heet de kruik die Sjors laat zien? PAGINA 11

In welk programma maakten de deelnemers een computerspel? PAGINA 12

Welke taart bakte Marem voor Jong010?

HET ANTWOORD VAN DE PUZZEL VAN NOVEMBER IS: WATERDIEREN. DE WINNAAR IS JORT (8). GEFELICITEERD! Wil je nog meer puzzelen? Kijk dan eens op PUZZELCORNER.NL voor meer leuke puzzels!

PAGINA 7

Hoe heet het programma waarbij buurtbewoners oplossingen bedenken voor klimaatproblemen? PAGINA 8


DECEMBER 2020

Wil jij op dansles? Of wil je bijvoorbeeld muziek maken, toneelspelen of zingen? Kijk dan met je ouder(s), verzorger(s) of leerkracht op HTTPS://JEUGDFONDSSPORTENCULTUUR.NL/FONDSEN/ROTTERDAM

KRALINGEN-CROOSWIJK – De nichtjes Aylin (8) en Leyla (8) volgen lessen dansmix bij Studio 181. Ze bedenken tijdens de danslessen ook zelf dansjes. Ze maakten een deel van een dansje op het refrein van het nummer Dance Monkey van Tones and I. TEKST: ANGELIQUE VAN TILBURG / FOTO’S: ARJEN JAN STADA

‘Zet je benen iets uit elkaar zodat je stoer staat. Kruis je armen voor je borst en houd je handen op je schouders.’

‘Beweeg allebei je handen naar de andere schouder. Je armen zijn nu open.’

‘Duw je handen naar beneden en strek je armen, handen en vingers. Ga tegelijkertijd op je tenen staan.’

Of vraag of er bij jou op school een contactpersoon is van het Jeugdfonds Sport & Cultuur Rotterdam.

‘Houd je handen naast je mond alsof je gaat schreeuwen. Maak daarna een draai met heel je lichaam. Begin de draai met je hoofd. Draai daarna met je lichaam. Zwiep tijdens de draai je haar door de lucht.’

‘Strijk met je rechterhand over je haar en buig met heel je lichaam naar rechts. Strijk daarna met je linkerhand over je haar en buig met heel je lichaam naar links.’

PRINS ALEXANDER – Een lokaal van basisschool Het Spectrum werd op 12 november omgebouwd tot museum. De leerlingen van groep 8A kregen een les ‘Boijmans in de Klas’ van museumleraar Sjors van Museum Boijmans Van Beuningen. TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG ‘Museum Boijmans Van Beuningen is dicht omdat het wordt verbouwd. De kunst uit het museum is daarom opgeslagen in een depot en niet in het museum te zien. Museumleraren gaan met kunstwerken langs scholen zodat leerlingen de kunst toch kunnen zien. Ik heb kunstwerken uit de 17de eeuw bij me. De 17de eeuw was van het jaar 1600 tot 1700’, vertelt Sjors. In de klas staat een schilderij van schilder Jacob van Ruisdael.

Kunst bekijken

‘Kunst is heel waardevol. De kunstwerken mogen daarom niet beschadigen. Ze worden in speciale kisten hiernaartoe gebracht. De medewerkers van het museum dragen handschoenen als ze de kunstwerken aanraken’, zegt Beau (11). Bobbee (11): ‘Ik vind het leuk dat we de kunst nu van dichtbij kunnen zien. Ik kan de kunst hier beter bekijken dan in een museum.’

Kostbare tegeltjes

DEPOT

Plaats waar je tijdelijk je spullen kunt laten bewaren.

De leerlingen maken zelf een kunstwerk.

De meiden bekijken het schilderij van Van Ruisdael.

De leerlingen bekijken 2 tegeltjes. ‘We zien op de tegeltjes de dingen die vroeger kostbaar waren. Op 1 tegeltje staat een vrouw met een modesteenkraag. Een modesteenkraag werd vroeger gedragen door rijke mensen’, zegt Stijn (11). Fenna (11): ‘Op het andere tegeltje staat een tulp. Een zak tulpenbollen was in de 17de eeuw net zoveel geld waard als een rijtje huizen.’

Een baardmankruik

Sjors laat een baardmankruik zien. ‘Op de kruik is een man met een baard getekend. De kruik heet daarom een baardmankruik. De kruik werd vroeger gebruikt om wijn, olie of bier in te bewaren’, legt Sjors uit.

Kunst maken

De leerlingen krijgen een flesje, stuk klei en een stokje. Ze mogen zelf een kunstwerk maken waarin ze iets laten zien uit de 17de eeuw. Fenna maakt een tulp op haar fles. Kay-Mani (11): ‘Ik teken een modesteenkraag op mijn flesje. Ik vind de modesteenkraag een bijzonder kledingstuk.’ WAARDEVOL EN KOSTBAAR

Iets wat veel betekent. Of iets dat veel geld kan opleveren.


DECEMBER 2020

ROTTERDAM – Gemeente Rotterdam vindt het belangrijk dat iedereen leert omgaan met computers. Rotterdam Code Tour organiseert daarom voor basisschoolleerlingen workshops programmeren. Tekst: Suzanne Huig

OVERSCHIE – De leerlingen van groep 7/8 TLV van Daltonschool Overschie kregen een les programmeren van meester Floris en meester Renger van Digital Playground. De leerlingen maakten zelf een dobbelsteen en leerden hun naam in lichtjes te schrijven. Tekst: Suzanne Huig Alle leerlingen krijgen een laptop en een microbit. ‘Een microbit is een klein computertje waarmee je kunt programmeren. Op het computertje zitten 25 lampjes, een bewegingssensor en knop A en knop B’, legt meester Floris uit.

De leerlingen programmeren de microbit met puzzelstukjes met daarop taken. Foto’s: Peter Snaterse

Precies werken ‘Je verbindt je microbit met een kabel aan je laptop. Ga naar de website www.makecode.microbit.org. Open een nieuw project. In het project kunnen jullie programmeren. Jullie gaan als eerst jullie naam schrijven in lichtjes’, zegt meester Renger. De leerlingen volgen rustig alle stapjes. Chayenne (12): ‘Je moet heel precies werken en geen stapjes overslaan. Je microbit doet het niet als je een stapje vergeet.’ Naam laten knipperen ‘We schrijven in het project wat het computertje moet doen. We werken met puzzelstukjes. Ieder puzzelstukje staat voor een taak van de microbit’, zegt Arda (12). Florine (12): ‘We kiezen als eerst allemaal het puzzelstuk met daarop de tekst ‘Wanneer knop A wordt ingedrukt’. We zetten daaronder een puzzelstuk waarin we onze naam typen.’ Arda: ‘De laatste stap is de belangrijkste stap. Je moet de puzzelstukjes van je laptop naar je microbit downloaden. Je microbit is dan geprogrammeerd.’ Florine: ‘Ik vind het heel leuk dat de lampjes op mijn microbit mijn naam weergeven.’

Knipperende lampjes Tim (12) drukt knop B op zijn microbit in. De lampjes knipperen in de vorm van een spook. ‘Ik vind het heel cool dat ik kan bepalen wat de lampjes moeten doen als ik op knop B druk’, zegt Tim. Carlos (12) laat de lampjes zijn naam, verschillende cijfers en verschillende smileys achter elkaar knipperen. Aydin (10) drukt knop B op zijn microbit in. De lampjes knipperen in de vorm van een hartje. ‘Ik vind het heel leuk om te programmeren. We kunnen het computertje van alles laten doen met de verschillende puzzelstukken’, zegt Aydin.

OVERSCHIE – Rotterdam Code Tour organiseerde op 28 november een workshop programmeren in Bibliotheek Overschie. De deelnemers maakten een computerspel in het programma Scratch. Tekst: Suzanne Huig

‘Open het programma Scratch. Bedenk waar je spel zich afspeelt en wie de hoofdpersoon in jouw spel is’, zegt meester Renger. Oscar (8): ‘Ik kies als poppetje een centaur. Een centaur is een fantasiedier. Een centaur heeft het lichaam van een paard en het bovenlijf van een man. De centaur woont in het bos. Ik kies als achtergrond daarom een bos.’ Digitale puzzelstukjes ‘Een spel bestaat eigenlijk uit allemaal digitale puzzelstukjes. De puzzelstukjes vertellen wat er wanneer moet gebeuren’, vertelt Gabriel (10). ‘Ik kies het puzzelstuk met daarop de tekst ‘Wanneer knop A wordt ingedrukt’. Ik plak daaronder het puzzelstuk ‘neem 20 stappen’. Mijn centaur loopt nu naar voren als ik op knop A op mijn microbit druk’, legt Oscar uit. Gabriel: ‘Ik stel met de puzzelstukjes in dat de kat beweegt als je de microbit beweegt. De kat gaat omhoog als ik de microbit naar boven kantel. De kat gaat naar links als ik de microbit naar links kantel.’

Wil jij leren programmeren op school? Tekst en foto's: Suzanne Huig

Oscar is trots op zijn spel.

Gabriel laat zijn spel zien. Foto’s: Peter Snaterse

YARA (10): ‘Ik vind het belangrijk om op school te leren programmeren. Ik wil graag meer over computers en het internet leren. Ik wil leren hoe ik foto’s op sociale media goed kan beveiligen.’

Een spel bedenken ‘Ik vind het heel leuk dat ik alles in mijn spel zelf kan bedenken. In mijn spel is de speler een kat. Er vliegt een vogel rond. De kat moet de vogel ontwijken. Je begint met 1.000 punten. Je verliest 10 punten als je de vogel raakt. Je bent af als je geen punten meer hebt’, vertelt Gabriel. Oscar: ‘In mijn spel moet de centaur op zoek naar een basketbal. De centaur kan de bal vinden door rond te lopen. De centaur moet de basketbal tegen de draak gooien. Je hebt het spel gewonnen als je de draak raakt.’

AHMED (11): ‘Heel veel mensen werken met computers. Ik vind het daarom belangrijk om meer over computers te leren. Het lijkt mij heel leuk om zelf een robot te leren bouwen.’

Wil jij leren programmeren op school?


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Jong010, dé Rotterdamse kinderkrant - december 2020 by Jong010, dé Rotterdamse kinderkrant - Issuu