Skip to main content

Jong010, dé Rotterdamse kinderkrant - april 2022

Page 1

APRIL 2022

4 Leren omgaan met lastige situaties

6

8

Baggeren in de singel Boergoensevliet

11

Preparateur Eva zet een vos op

Een album met zelfgeschreven liedjes

De leerlingen laten de gratis gezonde producten zien. Foto: Arjen Jan Stada

OVERSCHIE – Basisschool Het Podium doet mee aan het EU-Schoolfruitprogramma en het EU-Schoolzuivelprogramma. Alle leerlingen van de school krijgen daarom 20 weken gratis groente, fruit en zuivelproducten op school. Tekst: Suzanne Huig

‘We krijgen per week 3 porties groente en fruit voor iedere leerling’, zegt Hasibe (12). Javelin (12): ‘We krijgen veel verschillende soorten groente en fruit. We krijgen bijvoorbeeld appel, sinaasappel, passievrucht, watermeloen en wortel.’ ‘We krijgen per week 3 keer een schaaltje yoghurt of een glas melk of karnemelk per leerling’, zegt Dennis (8).

Vitamines in groente en fruit

‘Ik vind het goed dat we op school groente en fruit krijgen. In groente en fruit zitten veel vitamines. Vitamines zorgen ervoor dat je lichaam goed werkt en minder snel ziek wordt’, zegt Miran (12). Hasibe: ‘Een lichaam heeft groente en fruit nodig om fit te blijven. Ik voel me fitter als ik een stuk fruit of groente op heb.’ Dennis: ‘In melk en yoghurt zitten stoffen die heel goed zijn voor je botten, tanden en spieren.’

Thuis meer groente en fruit eten

Hanneke (9): ‘Ik eet thuis meer groente en fruit sinds we groente en fruit op school krijgen. Dat komt omdat ik op school nieuwe groentesoorten en fruitsoorten proef. Ik heb

op school bijvoorbeeld passievrucht op. Ik vond dat heel lekker. Ik ga thuis daarom ook vaker passievrucht eten.’ Darsh (11): ‘Ik eet thuis ook vaker fruit omdat ik meer fruit lekker vind sinds het EU-Schoolfruitprogramma. Ik eet nu vaker druiven, appels en bananen.’

Gratis gezonde producten

Darsh: ‘Sommige families hebben niet genoeg geld om gezonde producten te kopen. Ik vind het daarom belangrijk dat leerlingen op school gratis groente, fruit, melk en yoghurt krijgen. Leerlingen krijgen op school dan de gezonde producten die ze nodig hebben.’ ZUIVEL

Alle producten die gemaakt zijn van melk. Yoghurt en kaas bijvoorbeeld.


APRIL 2022

Opa vraagt aan Jantje: ‘Hoe gaat het op school Jantje?’ Jantje zegt: ‘Goed opa, ik ben nog beter dan de juf!’ ‘Hoe bedoel je dat Jantje?’, vraagt opa. ‘Ik mag na de zomervakantie naar groep 6 en de juf moet in groep 5 blijven’, vertelt Jantje.

s

t

n

i

c

a

y

h

s

k

s

k

n

e

p

p

o

n

k

e

u

u

i

s

g

e

j

e

r

o

j

i

k

k

i

l

s

j

s

t

i

d

k

o

k

c

n

e

e

f

e

t

a

e

r

e

r

r

e

g

j

e

i

a

n

k

r

a

m

e

d

o

t

i

z

s

e

d

n

e

n

d

e

v

Elsa schrijft een brief aan haar oma. Moeder vraagt: ‘Waarom schrijf je zo langzaam?’ Elsa zegt: ‘Omdat oma niet zo snel kan lezen.’

e

l

a

a

r

t

s

e

n

n

o

z

m

e

i

i

u

e

i

n

g

i

r

k

m

d

l

l

o

a

p

r

i

l

b

a

april bloesem broeden eieren hyacint kas kikkerdril knoppen krokus kuikens lammetjes madeliefje

Olivia (9)

a

a

p

l

a

n

t

e

n

v

i

s

Antwoord (1 woord):

l

m

b

z

o

m

e

r

t

ij

d

w

Kailash (11)

Jantje bestelt een pizza. De pizzabakker vraagt: ‘Wil je hem in 5 stukken of in 10 stukken?’ Jantje antwoordt: ‘Doe maar in 5, want 10 stukken krijg ik nooit op!’

mei narcis nest planten tulp vlinder vogels wilgenkatjes zaadjes zaaien zomertijd zonnestraal

Het antwoord van de woordzoeker van maart is: SPAARGELD. De winnaar is groep 7a van de Emmaschool. Gefeliciteerd!

Regels: de woorden vind je horizontaal, verticaal en diagonaal. Ook achterstevoren. Je mag letters meerdere keren gebruiken. Als je de overgebleven letters in de juiste volgorde zet, krijg je het antwoord. Mail dit antwoord samen met je voornaam, leeftijd en het telefoonnummer van je ouder(s) of verzorger(s) (zodat we contact met je kunnen opnemen als je hebt gewonnen) naar ANTWOORD@JONG010.NL. Alleen de winnaar krijgt bericht.

Sem (10)

Je nn y en Jimm y Wat scheelt eraan, Jimmy? Hoe noem je een vis die rijk is?

Maar daarna moet ik het opeten!

Dat vind ik juist leuk.

Goudvis.

Aydin (7)

Ik moet vandaag thuis koken.

Houd je niet van koken?

Michiel van de Vijver

Welke bril kun je niet dragen? Een wc-bril.

Bryan (10)

Ork, ork, ork, soep eet je met een …? Lepel. Jealinn (9)

Zoek de bananen in de kinderkrant!

Heb jij een tip voor Jong010?

redactie@jong010.nl

Kun jij ze allemaal vinden? Vul hier het aantal in:

Lees alle kranten op onze website: www.jong010.nl DE NIEUWE JONG010 VERSCHIJNT DONDERDAG

Jong010 wordt mede mogelijk gemaakt door:

19 MEI 2022

JONG010 - APRIL 2022 JAARGANG 12 - EDITIE 8 OPLAGE: 38.000 KRANTEN

Oprichter: Angelique van Tilburg Hoofdredacteur: Suzanne Huig Fotografen: Peter Snaterse, Arjen Jan Stada

Donateurs

Vormgeving: Marcel van den Assem Redactiemedewerker: Sasja Hof


APRIL 2022

ROTTERDAM – Burgemeester Ahmed Aboutaleb hoort graag van Rotterdammers wat zij van de stad vinden. Hij is ook benieuwd naar de mening en ervaring van basisschoolleerlingen. Wie is jouw held? Tekst en foto's: Suzanne Huig

AHMED ABOUTALEB

‘Mensen die belangrijke dingen doen, krijgen soms een prijs. Ze krijgen bijvoorbeeld een medaille of een lintje. Die mensen zijn helden. Mijn held is Nelson Mandela. Hij is mijn held omdat hij heeft laten zien dat liefde altijd sterker is dan haat. Nelson Mandela zat 27 jaar in de gevangenis voor zijn strijd tegen apartheid. Hij werd daarna de eerste president van Zuid-Afrika met een donkere huidskleur. Hij was niet boos op zijn voorgangers. Hij werkte juist met iedereen samen om het land weer op te bouwen. Hij heeft daarvoor de Nobelprijs voor de Vrede gekregen. Wie is jouw held? En welke prijs zou jij aan jouw held willen geven?’

Foto: Gemeente Rotterdam / Marc Nolte

‘Mijn moeder is mijn heldin. Mijn moeder is er altijd voor mij als ik haar nodig heb. Ze zorgt voor mij. Ik geef mijn moeder thuis een dikke knuffel om haar te bedanken.’

KEYING 10 JAAR

‘Ik heb 2 helden. De acteur Tom Holland is 1 van mijn helden. Ik kijk heel graag naar films waarin hij speelt. Mijn beste vriend is mijn andere held. Hij troost mij als ik boos of verdrietig ben. Ik wil allebei mijn helden een lintje geven.’

JAYDEN 9 JAAR

APARTHEID

De apartheid was de rassenscheiding die tussen 1948 en 1990 in Zuid-Afrika bestond.

‘Mijn moeder is mijn heldin. Ze doet echt alles voor mij. Ze helpt mij als ik iets lastig vind. Ik wil mijn moeder een medaille geven om haar te vertellen dat ze mijn heldin is.’

‘Mijn moeder en mijn vader zijn mijn helden. Mijn moeder helpt mij altijd als ik hulp nodig heb. Mijn vader is er ook altijd voor mij als ik hem nodig heb. Ik zou mijn ouders daarom een lintje willen geven.’

IVANKA 12 JAAR

‘Mijn vriend Jowell is mijn held. Ik ben weleens gepest. Jowell is toen voor mij opgekomen. Hij heeft gezegd dat de pesters moesten stoppen. Ik vind dat hij een beker verdient omdat hij voor andere kinderen opkomt.’

RHAEGO 9 JAAR

Wie is jouw held? En welke prijs zou jij aan jouw held willen geven?

ELIF

8 JAAR ‘Mijn vader is mijn held omdat hij mij altijd beschermt. Ik ben heel trots op mijn vader. Ik zou mijn vader een medaille willen geven zodat hij weet dat hij mijn held is.’

AVA

7 JAAR ‘Mijn moeder is mijn heldin. Mijn moeder is altijd eerlijk. Ik vind dat heel erg fijn. Mijn moeder komt ook altijd voor mij op. Ik zou mijn moeder een beker willen geven om te laten zien dat zij mijn heldin is.’

ELIZA 8 JAAR

‘Mijn vader is mijn held. Hij helpt mij als ik iets nieuws wil leren. Ik weet dat hij mij altijd steunt en in mij gelooft. Ik zou mijn vader een lintje willen geven.’

RICO

8 JAAR

‘Mijn oma is mijn heldin omdat zij er altijd voor mij is. Mijn oma troost mij en vrolijkt mij op als ik verdrietig ben. Ze helpt mij met het oplossen van problemen. Mijn oma is een superoma. Ik wil haar een lintje geven.’

EMILIA 10 JAAR


APRIL 2022

Training ‘Alles Kidzzz’

ROTTERDAM – Iedereen is weleens boos. Het kan vervelende gevolgen hebben als je een lange tijd vaak boos bent. Sommige kinderen hebben bijvoorbeeld dagelijks ruzie of krijgen vaak straf. Tekst: Suzanne Huig

Er zijn verschillende redenen waarom iemand boos kan zijn. Sommige kinderen kunnen hun boosheid bijvoorbeeld niet goed beheersen. Andere kinderen gedragen zich boos omdat ze een negatief beeld over zichzelf hebben.

‘Alles Kidzzz’ is een training van 8 bijeenkomsten. De deelnemers leren anders te reageren op wat er om hen heen gebeurt. Ze leren eerst na te denken voordat ze ergens op reageren. Ze leren met hun gevoelens om te gaan en rustiger te worden. Aaron (10) volgde de training.

De cursus is gratis. Kijk voor meer informatie op www.indigowest.nl of mail naar preventie@indigorijnmond.nl

‘Dit is het opdrachtenboekje van de training.’

HOOGVLIET – Aaron: ‘Ik wist niet wat ik moest doen als iemand iets deed wat ik vervelend vond. Ik duwde of sloeg iemand bijvoorbeeld als hij iets deed wat ik vervelend vond. Ik had daardoor vaak ruzie op school. Ik heb bij de training ‘Alles Kidzzz’ geleerd hoe ik kan reageren als er iets gebeurt wat ik niet fijn vind.’ Tekst en foto’s: Suzanne Huig ‘Ik vind sommige dingen die op school en op straat gebeuren niet leuk. Kinderen zeggen soms bijvoorbeeld iets vervelends of gemeens. Ik reageerde vaak boos als er iets gebeurde dat ik niet leuk vond. Ik vond het niet fijn om boos te reageren. Ik voelde me verdrietig en kon me niet goed concentreren op mijn schoolwerk. Ik ben de training gaan volgen omdat ik me fijn wilde voelen’, zegt Aaron.

Aaron.

Aaron laat zijn creditcard zien.

Een gekleurde pet

‘Ik heb bij de training geleerd dat ik op 3 manieren kan reageren op een lastige situatie. Ik kan reageren vanuit een rode pet. Ik reageer dan boos. Ik kan reageren vanuit een blauwe pet. Ik reageer dan helemaal niet. Ik kan ook reageren vanuit een gele pet. Ik reageer dan rustig en vriendelijk. Ik zeg dan duidelijk en rustig wat ik niet fijn vind. Ik gebruikte vaak de rode pet. Ik gebruik de gele en de blauwe pet sinds ik de training heb gevolgd. Kinderen reageren vriendelijker op mij omdat ik de rode pet niet meer gebruik’, legt Aaron uit.

‘Eerste Hulp Kaart’

‘Ik heb tijdens de training een ‘Eerste Hulp Kaart’ gemaakt. Op mijn ‘Eerste Hulp Kaart’ staat wat ik kan doen om rustig te worden als ik geïrriteerd ben. Op mijn kaart staat bijvoorbeeld dat ik op een rustige plek kan gaan zitten of iets kan gaan drinken. Ik ga iets doen dat op mijn ‘Eerste Hulp Kaart’ staat als er in de klas iets gebeurt wat ik niet leuk vind. Ik negeer wat er in de klas gebeurt. Ik kom weer terug de klas in als ik niet meer geïrriteerd ben’, vertelt Aaron.

Aaron: ‘Ik ontspan als ik dart.’

Mijn creditcard

‘Ik heb aan het eind van de training een creditcard gemaakt. Op mijn creditcard staan trucjes die mij kunnen helpen in lastige situaties. Op mijn creditcard staat bijvoorbeeld dat ik uit een situatie weg kan lopen. Ik kijk op mijn creditcard als ik in een lastige situatie even niet weet wat ik moet doen. Ik vind het fijn dat ik de training heb gevolgd. Ik voel me nu fijner op school. Ik heb bijna nooit meer ruzie’, vertelt Aaron.


APRIL 2022

ROTTERDAM – Taliyah (9): ‘Ik heb sikkelcelziekte. Ik ben met de ziekte geboren. Sikkelcelziekte is een bloedziekte. Ik ben door mijn ziekte vaak heel moe. Ik kan door mijn ziekte veel pijn hebben in bijvoorbeeld mijn armen, heupen of benen. Ik krijg door de ziekte soms gele ogen.’ Tekst en foto’s: Suzanne Huig ‘Het bloed van mensen bestaat voor een deel uit rode bloedcellen. Rode bloedcellen nemen zuurstof op in je longen en brengen het naar de rest van je lichaam. Gezonde mensen hebben ronde rode bloedcellen. De rode bloedcellen van iemand met sikkelcelziekte kunnen veranderen van vorm. De rode bloedcellen kunnen de vorm van een halve maan krijgen’, legt Taliyah uit.

Bloedpropjes en verstoppingen

‘De halve manen kunnen in elkaar haken. Er kunnen bloedpropjes en verstopping ontstaan als de halve manen in elkaar haken. Bloedpropjes en verstoppingen kunnen ervoor zorgen dat bloed niet goed kan doorstromen. Dat kan gevaarlijk zijn. Organen kunnen bijvoorbeeld niet goed werken als er te weinig bloed doorstroomt. Ik heb ongeveer 8 keer per jaar bloedpropjes in mijn bloed. Ik krijg dan koorts, gele ogen en pijn in mijn lichaam. Ik noem het een sikkelcelaanval. Ik moet dan naar het ziekenhuis’, vertelt Taliyah.

Taliyah.

ORGAAN

Een orgaan is een deel van een levend wezen met een bepaalde taak. Je hart en nieren zijn bijvoorbeeld organen.

‘Ik teken graag.’

In Nederland hebben ongeveer 1.000 kinderen sikkelcelziekte.

Taliyah: ‘Ik heb dit certificaat gehaald voor de lessen die ik volg op de middelbare school.’

Infuus met medicijnen, vocht of bloed

‘Ik krijg in het ziekenhuis een infuus met medicijnen en vocht als ik een sikkelcelaanval heb. De medicijnen en het vocht zorgen ervoor dat de pijn en de propjes verdwijnen. Ik krijg in het ziekenhuis soms ook een bloedtransfusie. Ik krijg dan via een infuus bloed met ronde rode bloedcellen in mijn lijf. Dat bloed zorgt ervoor dat mijn lichaam meer ronde rode bloedcellen gaat aanmaken. Ik krijg met een bloedtransfusie bloed van mensen die bloed doneren. Ik ben heel blij met bloeddonoren. Ik kan dankzij hen worden geholpen als ik veel pijn heb. Helaas maakt mijn lichaam die ronde cellen na een tijdje weer kapot’, zegt Taliyah.

Pilletjes en veel drinken

‘Ik neem iedere ochtend en avond een pilletje. Die pilletjes zorgen ervoor dat de halve maantjes in mijn bloed ronder worden. De kans is daardoor kleiner dat er een bloedpropje ontstaat. Ik krijg meer halve maantjes als ik het bijvoorbeeld te warm of te koud heb. Ik krijg ook meer halve maantjes als ik te veel doe en te weinig drink. Ik probeer daarom niet te veel te doen en veel te drinken’, vertelt Taliyah. INFUUS

Een slangetje waardoor een medicijn of andere vloeistof in je bloed wordt gebracht.

Fonds Kind & Handicap helpt kinderen en jongeren met een handicap of chronische ziekte.

Niet altijd meedoen

Taliyah: ‘Ik ga 3 dagen per week naar school. Ik maak op de andere schooldagen thuis mijn schoolwerk. Het kost mijn lichaam minder energie als ik thuis blijf. Ik heb door mijn ziekte niet genoeg energie om op school altijd mee te doen met mijn klasgenoten. Ik speel op school vaak niet buiten in de pauze. Ik doe ongeveer met de helft van de gymlessen en de helft van de schoolzwemlessen mee. Ik vind het jammer dat ik niet genoeg energie heb om iedere dag naar school te gaan en overal aan mee te doen.’

Een handicap is een beperking waardoor je sommige dingen niet zo goed kunt.

Mijn talent

‘Ik houd altijd rekening met mijn lichaam. Ik zorg dat ik tijd heb om goed uit te rusten als ik iets heb gedaan. Ik ben soms een beetje verdrietig dat ik niet alles kan. Ik wil er graag bij horen. Ik probeer als ik verdrietig ben aan de dingen te denken die ik goed kan. Mijn talent is leren. Ik houd ervan om nieuwe dingen te leren. Ik krijg 1 keer per week al lessen wiskunde en Engels op een middelbare school. Ik ben daar heel trots op’, zegt Taliyah.

Een chronische ziekte is een ziekte die minimaal 3 maanden duurt, steeds terugkomt of niet genezen kan worden.

De organisatie geeft bijvoorbeeld geld om hulpmiddelen te kopen, voorlichting te geven of onderzoek te doen.


APRIL 2022

ROTTERDAM – De kans is kleiner dat je later in de financiële problemen komt als je al op jonge leeftijd met geld leert omgaan. Je kunt je geld maar 1 keer uitgeven. Je moet daarom goed nadenken wat je ermee doet. Sommige kinderen krijgen zakgeld. Sommige kinderen verdienen geld door klusjes te doen. Sommige kinderen verkopen spullen die ze niet meer gebruiken zodat ze iets anders kunnen kopen. Tekst en foto: Suzanne Huig

Finn (11) en Leyla (10) verkopen op de rommelmarkt speelgoed dat ze niet meer gebruiken. Ze verdienen met de verkoop van hun speelgoed allebei € 20,00.

‘Ik koop niets op de rommelmarkt. Ik stop al mijn verdiende geld in mijn spaarpot. Ik ga thuis eerst goed nadenken over wat ik van het geld wil kopen.’

Je kunt het geld dat je verdient of krijgt in 1 keer uitgeven aan iets dat je graag wilt hebben. Je kunt het geld of een beetje van het geld ook sparen. Je kunt steeds iets kleins kopen. Je kunt ook beslissen om te sparen zodat je later iets kunt kopen dat duurder is. Het kan helpen om een grafiek te maken als je iets duurs wilt kopen. Je kunt dan precies zien hoeveel je al hebt gespaard en hoeveel je nog moet sparen.

‘Ik zou niet gelijk iets kopen op de rommelmarkt. Ik zou eerst goed nadenken wat ik van het geld zou willen kopen. Ik verkoop speelgoed dat ik niet meer gebruik vaak op Koningsdag. Ik koop van het geld dat ik dan verdien vaak nieuw speelgoed.’

CHARLOIS – De waterschappen zorgen voor het water in sloten, vaarten en meren in Nederland. Waterschap Hollandse Delta zorgt voor het water in Charlois, Feijenoord, IJsselmonde, Rozenburg, Hoogvliet en Pernis. Yolanda en Leo werken bij waterschap Hollandse Delta. Zij bezochten op 14 maart met de leerlingen van groep 6B van de Wilhelminaschool de singel Boergoensevliet. Tekst: Suzanne Huig / Foto's: Arjen Jan Stada

‘In het gebied van waterschap Hollandse Delta ligt 7.200 kilometer aan watergangen. Het waterschap onderhoudt die watergangen’, vertelt Leo. Yolanda: ‘Medewerkers van het waterschap zorgen ervoor dat de watergangen schoon en diep genoeg blijven.’

WATERGANG

Een kanaal waar water doorheen stroomt. Een rivier bijvoorbeeld.

Leyla

Naam: Reactie:

De meiden laten zien hoe er kan worden gebaggerd. Stijgend waterniveau

Leo: ‘Het waterniveau in watergangen stijgt als er zand, plantenresten en rommel op de bodem terechtkomen.’ ‘In de Boergoensevliet vallen bijvoorbeeld bladeren van de bomen die langs de singel staan’, zegt Luana (9). Lucia (10): ‘Zand en afval waaien het water in.’ ‘Watergangen kunnen overstromen als het waterniveau te veel stijgt. De watergangen worden gebaggerd om overstromingen te voorkomen. We baggeren ieder jaar 500 kilometer van de watergangen´, vertelt Leo.

De diepte meten

Leo laat aan de leerlingen zien wat voor afval ze tijdens het baggeren vinden.

Ik ga voor € 15,00 spulletjes kopen bij het kraampje.’

Finn

Wat zou jij doen?

David (10)

‘Ik stop € 5,00 van mijn verdiende geld in mijn spaarpot. Ik heb bij een ander kraampje op de rommelmarkt allemaal leuke spullen gezien.

‘De singel Boergoensevliet is net gebaggerd. Een grote graafmachine heeft de bagger uit het water gehaald’, zegt Tim (9). ‘De bagger wordt op weilanden gespoten of naar een opslag gebracht’, zegt Stefano (10). Stefano, Noah (10) en Tim meten met Leo of er genoeg bagger uit de singel is gehaald. ‘Het water moet minimaal 1 meter diep zijn’, zegt Noah. Stefano: ‘Het water is 1 meter en 25 centimeter diep. Er is dus genoeg bagger uit de singel gehaald.’

Stefano, Noah en Tim meten met Leo of er genoeg bagger uit de singel is gehaald. Rommel van de bodem

‘De mensen die baggeren halen klei, aarde, bladeren, plantenresten en afval uit het water’, vertelt Leo. Yolanda: ‘We vinden bijvoorbeeld fietsen, koelkasten en verkeersborden op de bodem van watergangen.’ ‘We hebben ook een keer een middeleeuwse kogel gevonden’, zegt Leo. Jolie (9): ‘Het zwerfafval van mensen komt op de bodem terecht. Ik vind dat erg. Afval hoort niet in het water.’

Waterdieren en waterplanten

Charmainné (10): ‘Waterdieren en waterplanten leven rondom bijvoorbeeld sloten en singels. Het is voor de dieren en planten daarom belangrijk dat de watergangen schoon zijn.’ ‘Het waterschap houdt rekening met de natuur. We kijken voordat we gaan baggeren altijd naar de dieren en planten in het gebied. We baggeren bijvoorbeeld om de nesten van dieren heen’, vertelt Leo.

Waterschap Hollandse Delta is 1 van de 21 waterschappen in Nederland. Kijk voor meer informatie en opdrachten op WWW.WSHD.NL/EDUCATIE. Ook voor ouders en leerkrachten!


APRIL 2022

Amina: ‘Mijn vrienden zitten op sociale media. Zij plaatsen allerlei filmpjes en foto’s op hun account. Ik weet niet goed wat ik kan plaatsen op mijn account. Hoe beslis ik wat ik kan plaatsen?’

Hoi Amina, a. ar alles te plaatsen op sociale medi Het is heel verstandig om niet zoma op ze je als en hadig besc ren jou of ande Sommige foto’s of filmpjes kunnen sociale media zet.

Vragen beantwoorden

ROTTERDAM – Marieke van het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) Rijnmond reageert iedere maand in Jong010 op een vraag of probleem van een leerling of klas. Ze beantwoordt deze maand de vraag van Amina (11). Tekst: Suzanne Huig Heb jij een vraag aan Marieke of zit je ergens mee?

Marieke beantwoordt ingestuurde brieven. Foto: Peter Snaterse

Stuur een mail naar

REDACTIE@JONG010.NL

Of stuur een brief naar

media stellen voordat je iets op sociale Je kunt jezelf een aantal vragen wie voor en om waar en stell g vraa eld de plaatst. Je kunt jezelf bijvoorbe dat of sen lf ook af of je iemand kunt kwet je iets wilt plaatsen. Vraag jeze kunt Je . tsen plaa het bericht dat je wilt iemand jou kan gaan pesten met of niet en beslissen of je een bericht wel vrag de van rden na het beantwoo plaatst.

Moeilijk te verwijderen

heel n dat berichten op sociale media Het is belangrijk om te onthoude als jij denkt zijn n vinde te g teru kan ht beric moeilijk te verwijderen zijn. Een van het nd anders kan bijvoorbeeld een foto dat je het hebt verwijderd. Iema kan ht beric Het n. ht hebben opgeslage bericht hebben gemaakt of het beric en gedeeld. dan later opnieuw door iemand word

Berichten via WhatsApp

den. of filmpjes via WhatsApp naar vrien Sommige kinderen sturen foto’s wat je over na goed ook p tsAp hten via Wha Denk bij het versturen van beric tegen chien miss ent mom later een op rt stuurt. Iemand kan iets dat je stuu of filmpje n. Je vindt dan misschien een foto je gebruiken of met anderen dele ijl je dat niet wilde. van jezelf op sociale media terw Groetjes, Marieke

Jong010, Postbus 13037, 3004 HA Rotterdam.

DELFSHAVEN – De leerlingen van groep 8 van basisschool Kindcentrum de Vlinder kregen een gastles van Wesley dos Santos. Wesley is oudleerling van de school. Hij heeft in Rotterdam het bootverhuurbedrijf iKapitein opgericht. Hij leerde de leerlingen hoe ze hun dromen kunnen laten uitkomen. Tekst: Suzanne Huig

‘Ik zat 19 jaar geleden op deze school. Ik wist niet goed wat ik wilde worden. Ik ben na de basisschool naar het vmbo gegaan. Ik ben na het vmbo naar de havo gegaan. Ik ben daarna gaan studeren en ondernemer geworden. Je kunt worden wat je wilt als je tinkert en hosselt’, vertelt Wesley.

De leerlingen samen met Wesley en zijn boek ‘Ondernemen als een baas’.

Ideeën uitproberen

‘Tinkeren is experimenteren. Het betekent dat je dingen gaat uitproberen’, zegt Wesley. Revelino (12): ‘Je moet ideeën ook uitproberen als anderen aan je twijfelen.’ Quincy (12): ‘Ik wil kledingontwerpster worden. Ik maak daarom kleding met mijn oma.’ ‘Ik wil acteur worden. Ik speel in mijn vrije tijd vaak toneel’, zegt Jonathan (12).

Doorzetten als iets niet lukt

De leerlingen luisteren naar Wesley zijn verhaal. Foto’s: Peter Snaterse

Wesley: ‘Je gaat hosselen na het tinkeren. Hosselen is ergens echt voor gaan. Het is belangrijk om door te zetten als het even niet goed gaat.’ Mohammed (12): ‘Ik geef soms op als iets niet lukt. Ik ga voortaan volhouden als iets niet lukt.’ Dewi (12) en Kay-Lysha (12) willen danseres worden. Dewi: ‘Ik word soms chagrijnig als een danspasje niet lukt. Ik weet nu dat ik juist moet doorzetten als iets niet lukt.’

Denk aan je omgeving

Wesley: ‘Je wordt succesvoller als je ook iets voor je omgeving en anderen doet. Ik vond het heel vervelend dat er veel zwerfafval in het water lag. Ik heb daarom vuilvangers vastgemaakt aan de bootjes die ik verhuur. Mijn bedrijf iKapitein heeft veel positieve aandacht gekregen door de vuilvangers. Die positieve aandacht zorgt ervoor dat het bedrijf en ik succesvoller worden.’ Quincy: ‘Ik geloof door Wesley dat ik kan worden wat ik wil als ik niet opgeef en aan mijn omgeving denk.’

ONDERNEMER

Een ondernemer is iemand met een eigen bedrijf.


APRIL 2022

PRINS ALEXANDER – De leerlingen van groep 5 van de Prins Alexanderschool volgden in de klas de les ‘Spoorzoeken’ van Natuurstad. De leerlingen ontdekten met opdrachten welke sporen dieren achterlaten. Tekst en foto’s: Suzanne Huig

De leerlingen bekijken de veren.

‘Sporen van dieren zijn dingen die dieren achterlaten. Pootafdrukken, veren en etensresten zijn bijvoorbeeld sporen van dieren’, legt Elyssa (9) uit.

Verschillende donsveren

De les bestaat uit verschillende opdrachten. Rowan (9), Lucas (8), Giselle (8) en Elyssa maken samen de opdrachten. De leerlingen bekijken voor een opdracht een aantal veren. ‘Vogels hebben verschillende soorten veren. Vogels houden zich warm met hun donsveren’, zegt Elyssa. Rowan: ‘Je weet dat een vogel ergens is geweest als je op een plek een veer van een vogel ziet.’ De leerlingen bekijken welke veer van welk dier is. ‘Deze veer is van een pauw. Ik zie dat omdat de veer verschillende kleuren heeft zoals groen en blauw’, zegt Elyssa. Rowan: ‘De grijze veer is van een duif.’ ‘De grote bruine veer is van een uil’, zegt Lucas.

Een bot uit een braakbal.

Braakballen uitpluizen

De leerlingen mogen bij een andere opdracht een braakbal uitpluizen. ‘Sommige vogels spugen balletjes uit. Die balletjes bestaan uit onverteerbare etensresten. Die balletjes heten braakballen’, zegt Rowan. De leerlingen bekijken op een kaart wat ze in de braakballen vinden. ‘We zien in een braakbal botjes van een aardmuis zitten. Het dier dat deze braakbal heeft uitgespuugd, heeft dus een aardmuis gegeten’, zegt Lucas. Giselle: ‘In de braakballen zitten botjes en haren van verschillende soorten muizen. Ik haal uit een braakbal een kies van een woelmuis.’

ROTTERDAM – Eva is preparateur in Natuurhistorisch Museum Rotterdam. Eva: ‘Een preparateur zet dode dieren op zodat ze kunnen worden bewaard. In Natuurhistorisch Museum Rotterdam worden verschillende dode dieren bewaard voor onderzoek.’ Eva gaf in het museum een les over het opzetten van dode dieren voor deelnemers aan de MuseumJeugdUniversiteit.

Kenmerken van de vos

Eva laat een dode vos zien. De vos is overleden nadat hij is aangereden. ‘De vos heeft bloed op zijn kop zitten. Dat komt omdat hij is aangereden’, zegt Pepijn (7). ‘Ik schrijf op hoe groot en hoe zwaar de vos is. Ik meet ook zijn achterpootjes en staart op. We kunnen de gegevens later vergelijken met de gegevens van andere dode vossen’, legt Eva uit. ‘De vos heeft witte en mooie tandjes. Eva weet daardoor dat het een jonge vos is’, zegt Midas (9).

Gewassen en geföhnd

Eva laat de overleden vos zien.

Wat een maag en darmen niet kunnen verteren. Haren of botten bijvoorbeeld.

De deelnemers aan de les kijken hoe Eva de vos opzet. Foto’s: Arjen Jan Stada

Tekst: Suzanne Huig

‘Wilde dieren die overlijden, kunnen naar het museum worden gebracht. We onderzoeken de dode dieren hier zodat we meer over diersoorten leren. We kunnen beter voor dieren zorgen en dieren beter begrijpen als we meer over dieren weten’, vertelt Eva. ‘Je moet altijd opschrijven waar en wanneer je een dier hebt gevonden. Dat is belangrijke informatie voor het museum’, zegt Tui (11).

ONVERTEERBAAR

Eva laat zien hoe ze de vos opzet. ‘Ik snijd een dunne snee in de huid van de vos. Ik haal daarna heel voorzichtig de huid van de vos af’, zegt Eva. Ze wast de huid met shampoo. Tobias (10): ‘De binnenkant van de vos kan niet worden opgezet. De opgezette vos zou dan gaan stinken. De gewassen huid wordt daarom gevuld met een soort watten en ijzerdraad.’ ‘Ik naai de huid weer netjes dicht’, zegt Eva. ‘De vos krijgt glazen ogen’, zegt Tui. Eden (9): ‘De opgezette vos wordt geföhnd zodat hij er mooi uitziet.’

Informatie over het dier

‘Ieder opgezet dier krijgt een informatiekaartje. Op het kaartje staat bijvoorbeeld waar het dier is gevonden en wat de doodsoorzaak is. Op het kaartje staat ook wat er in de maag van het dier zat. We weten door de maaginhoud wat een dier at’, zegt Eva. Tobias: ‘Onderzoekers kunnen de informatie van die kaartjes op een later moment gebruiken om dieren te vergelijken.’

FÖHNEN

Iets drogen met warme wind.


APRIL 2022

FEIJENOORD – Sonaina (13) zit op karate bij karatevereniging Geoffrey Berens Karate Academy. Ze krijgt 1 keer per week les van leraar Geoffrey. Tekst: Suzanne Huig

‘Ik zit 6 jaar op karate. Ik ben op karate gegaan omdat ik mezelf wilde leren verdedigen en beschermen. Karate is een vechtsport waarbij je jezelf leert verdedigen. Ik leer verschillende trappen en stoten om mezelf te verdedigen. Ik leer ook kata’s. Een kata is een vaste volgorde van verschillende trappen en stoten achterelkaar’, zegt Sonaina.

Gekleurde band

Sonaina laat verschillende stoten en trappen zien. Foto’s: Arjen Jan Stada

FEIJENOORD – Zeyd (7) en Ashar (7) krijgen 1 keer per week een les multisporten van sportleraar Mike van Mega Training. De jongens volgen de sportlessen via Schoolsportvereniging Bloemhof in Gymzaal Heidestraat. Tekst: Suzanne Huig

‘We leren tijdens de multisportlessen verschillende sporten en spellen. We doen teamsporten en individuele sporten. Iedere les is anders. Ik vind het heel leuk dat we allerlei verschillende dingen doen’, zegt Zeyd. Ashar: ‘Ik vind het leuk dat ik verschillende sporten kan proberen. Ik kan daardoor ontdekken wat ik leuk vind en waar ik goed in ben.’

Je kunt bij karate aan de kleur van iemand zijn band zien hoe goed hij is. ‘Je begint met een witte band. Je kunt daarna een gele, oranje, groene, blauwe, bruine en zwarte band behalen. Ik zit tussen de groene en de blauwe band in. Ik heb daarom een band die voor de helft groen is en voor de helft blauw is. Meester Geoffrey heeft een zwarte band’, legt Sonaina uit.

Lessen in de wijk

‘De vereniging is aangesloten bij Schoolsportvereniging Hillesluis. De lessen worden daarom gegeven in de gymzaal van de Bogermanschool. Ik kan makkelijk zelf naar de les toe doordat de lessen in de wijk worden gegeven. Dat vind ik fijn’, zegt Sonaina.

Meer zelfvertrouwen

‘Ik ben heel blij dat ik op karate ben gegaan. Ik durf sinds ik op karate zit voor mezelf op te komen. Ik durf sinds ik op karate zit ook beter voor een klas of groep te staan om iets voor te doen of te vertellen. Dat komt omdat ik nu meer zelfvertrouwen heb’, vertelt Sonaina.

Ashar en Zeyd. Een koprol op de mat

‘We gaan deze les hockeyen, handballen, bowlen, freerunnen en turnen. We beginnen met turnen’, zegt sportleraar Mike. De dikke mat en trampoline staan klaar. De leerlingen maken om de beurt een koprol vanaf de trampoline op de mat. ‘Maak jezelf zo klein mogelijk. Duw je kin op je borst. Houd je knieën vast’, zegt sportleraar Mike.

De jongens leren bowlen. Foto’s: Peter Snaterse

Teamsporten

De leerlingen spelen na het turnen een potje handbal en hockey. ‘Ik vind het leuk dat we iedere les ook 1 of 2 teamsporten doen. Ik vind het leuk om bij teamsporten samen te werken met mijn teamgenoten’, zegt Ashar.

Bowlen en freerunnen

De leerlingen sluiten de les af met bowlen en freerunnen. ‘Ik bowl bijna nooit. Ik probeer de bal heel recht vooruit te gooien zodat ik zoveel mogelijk kegels omgooi’, zegt Ashar. Zeyd: ‘Ik vind freerunnen vandaag het leukste onderdeel omdat ik van klimmen houd.’

Sporten in de wijk

‘We sporten hier met kinderen die in de wijk wonen. Ik leer daardoor meer kinderen uit mijn wijk kennen. Dat vind ik leuk’, zegt Ashar. Zeyd: ‘De gymzaal is dicht bij mijn huis. Ik kan daardoor makkelijk naar de lessen toe. Dat vind ik fijn.’

Sportleraar Mike helpt bij de turnoefening.

INDIVIDUEEL

Iets wat je alleen doet.

SPORTEN IN JOUW WIJK In iedere wijk zit een Schoolsportvereniging. De Schoolsportvereniging in jouw wijk weet welke sporten er bij jou in de wijk te doen zijn. Je kunt een proeftraining volgen om te ontdekken welke sport bij jou past. Kijk voor meer informatie op SCHOOLSPORTVERENIGING.NL


APRIL 2022

Wil jij groente, fruit en zuivelproducten krijgen op school? ROTTERDAM – Basisscholen kunnen voor 20 weken gratis groente, fruit en zuivelproducten aanvragen voor alle leerlingen van hun school. Basisschool Het Podium heeft dat gedaan. Je kunt op de voorpagina van deze krant lezen hoe de leerlingen van basisschool Het Podium dat vinden. Wil jij op school groente, fruit en zuivelproducten krijgen?

‘Ik wil op school graag schoolfruit en schoolmelk krijgen. Ik hoef dan zelf geen eten en drinken meer mee naar school te nemen. Ik kan mijn eten en drinken dan ook niet meer vergeten. Dat lijkt mij fijn.’

Yara (8)

Tekst en foto’s: Suzanne Huig

‘Ik wil graag groente en fruit krijgen op school. Het lijkt mij leuk om op school verschillende soorten groente en fruit te proeven. Groente en fruit zijn gezond. Ik vind het daarom belangrijk dat alle kinderen op school groente en fruit eten.’

‘Ik vergeet vaak mijn eten en drinken mee naar school te nemen. Het zou voor mij daarom heel handig en fijn zijn als ik op school groente, fruit en zuivelproducten zou krijgen. Ik denk dat veel kinderen het fijn vinden als ze zich geen zorgen meer hoeven te maken over het meenemen van eten en drinken naar school.’

Gabriel (9)

‘Het lijkt mij heel fijn om op school groente, fruit, yoghurt en melk te krijgen. Ik vind dat alle kinderen die producten op school moeten krijgen. Ouders hoeven die producten dan niet meer te kopen. Ouders kunnen daardoor geld besparen.’

Manuel (8)

‘Ik wil geen eten en drinken krijgen op school. Ik neem liever mijn eigen eten en drinken mee naar school. Ik kan dan iets meenemen wat ik lekker vind.’

Giulia (8) Wil jij groente, fruit en zuivelproducten krijgen op school?

Solyviënne (7)

BOEKENBON TER WAARDE VAN

15 EURO

Het antwoord van de puzzel van maart is: SPORTSCHOOL.

De winnaar is Stijn (9). Gefeliciteerd!

Waar eet Hanneke meer groente en fruit sinds ze op school groente en fruit krijgt? PAGINA 1 Wat heeft Aaron gemaakt aan het eind van de training? PAGINA 4

Waar moet Taliyah heen als ze een sikkelcelaanval krijgt? PAGINA 5

Wat mogen de leerlingen uitpluizen bij 1 van de opdrachten? PAGINA 8

Waar verkopen Finn en Leyla speelgoed dat ze niet meer gebruiken? PAGINA 6

Wat wilde Sonaina leren bij karate, behalve zichzelf beschermen? PAGINA 9

Wat verhuurt Wesley uit het verhaal ‘Worden wat je wilt’? PAGINA 7

Wat doen de jongens bij de multisportles nog meer behalve turnen, freerunnen, bowlen en hockeyen? PAGINA 9

Waarover zingt Tika? PAGINA 11 Wat gaat beter en sneller als je taken verdeelt? PAGINA 11 Wat kan Steff goed? PAGINA 12

De antwoorden op de vragen vind je in deze krant!


APRIL 2022

ROTTERDAM – Kinderen die zangles volgen bij het zangatelier JOIA hebben samen het muziekalbum ‘Sterren die dansen als licht’ uitgebracht. Het album is online te beluisteren op bijvoorbeeld Spotify. Ebbe (10), Tika (9), Isabelle (11) en Odile (9) hebben met hun zanglerares Joia liedjes gemaakt voor op het album. Tekst: Suzanne Huig ‘Ik ben trots op onze liedjes. Ik vind het heel leuk dat iedereen op de wereld online onze liedjes kan beluisteren’, zegt Odile. De deelnemers bedachten zelf de tekst voor hun liedjes. Isabelle haar liedje gaat over de liefde. ‘Mijn lied gaat over hoe je je voelt als je verliefd bent op iemand terwijl die persoon niet verliefd is op jou.’ Odile haar liedje gaat over een potje verdriet. ‘Ik huil een potje verdriet. Een potje verdriet voor jou’, zingt Odile.

Dobbelstenen en een woordweb

Ebbe: ‘We hebben bij het zangatelier dobbelstenen met daarop afbeeldingen. Die dobbelstenen helpen ons soms te bedenken waarover we willen zingen. Ik gooide met een dobbelsteen de afbeelding van een wereldbol. Ik heb daarom een lied geschreven over de verschillende planeten die er zijn.’ Tika haar lied gaat over regen. ‘Ik heb een woordweb gemaakt met woorden die ik bij regen vind horen. Ik heb met de woorden uit het web zinnen voor mijn liedje gemaakt. Ik vind het fijn om te zingen over dingen die ik meemaak. Ik denk aan een moment terug als ik erover zing’, vertelt Tika.

Tika.

Ebbe, Odile, Isabelle en Tika zingen op het album ook samen een lied. Foto’s: Arjen Jan Stada

Odile zingt haar lied.

Fantasie en gevoel

‘Ik vind het leuk dat we onze fantasie kwijt kunnen in onze liedjes. Alles kan in een liedje. Je kunt alles zelf bepalen’, zegt Ebbe. Isabelle: ‘Ik vind het fijn om over gevoelens te zingen omdat ik dan andere gevoelens kan oproepen. Ik zing bijvoorbeeld een vrolijk lied als ik me verdrietig voel. Ik kan mijn verdrietige gevoel daardoor veranderen in een vrolijk gevoel.’ Tika: ‘We kunnen allemaal echt onszelf zijn als we onze liedjes zingen.’

Ben je benieuwd naar de liedjes? Beluister ze via www.soundcloud.com/joia-mymusic/sterren-die-dansen-als-licht

CENTRUM – De leerlingen van groep 7A van de Willibrordschool bekeken met elkaar hun kwaliteiten. Ze bekeken hoe ze het best met elkaar kunnen samenwerken in een noodsituatie. Tekst: Suzanne Huig De leerlingen krijgen de opdracht om zich voor te stellen dat ze met hun groepje op een eiland stranden. Ze mogen 7 voorwerpen meenemen. Ze overleggen met elkaar welke voorwerpen ze meenemen. Lina (10), Gerviane (11), Evren (10) en Pedro (11) nemen een tent, reddingsvest, vishengel, touw, vuursteen, radio en rubberboot mee. Mayra (12), Alyah (10), Aymen (11) en Noah (11) nemen in elk geval een tent, vlag en rubberboot mee.

Isabelle.

De leerlingen overleggen per groepje hoe ze het best kunnen samenwerken. Foto’s: Peter Snaterse

Signalen geven

Ze bedenken hoe ze laten weten dat ze zijn gestrand. Noah: ‘Wij zetten onze vlag op een zichtbare plek neer.’ ‘Wij laten weten dat we zijn gestrand door via de radio een noodbericht te versturen’, zegt Pedro. Lina: ‘We schrijven in het zand ook het noodsignaal SOS.’ ‘We maken ook een groot vuur. Mensen zien door het vuur misschien een rooksignaal’, zegt Gerviane.

De leerlingen schrijven op welke voorwerpen ze willen meenemen.

Goed samenwerken

‘Samenwerken gaat beter en sneller als je taken verdeelt’, zegt Evren. Aymen: ‘Het is belangrijk om taken goed te verdelen. Iedereen kan het beste doen waar hij of zij goed in is.’ ‘Je kwaliteiten zijn de dingen waar je goed in bent’, zegt Diorn (10). ‘Het is fijn dat iedereen andere kwaliteiten heeft. Je kunt samen heel veel als iedereen ergens heel erg goed in is’, zegt Selma (10). SIGNAAL

Een gebaar of geluid waarmee je iets duidelijk maakt.

Kwaliteiten en taken

Pedro: ‘Mijn kwaliteit is dat ik een doorzetter ben. Ik ben ook sterk. Ik zou daarom een slaapplaats voor ons bouwen op het eiland.’ Berkay (10): ‘Geduld hebben is een kwaliteit van mij. Je moet veel geduld hebben om een vis te vangen. Ik zou daarom gaan vissen op het eiland. We zouden de vis dan kunnen eten.’ Alyah: ‘Mijn kwaliteit is dat ik behulpzaam ben. Ik help graag anderen en houd mensen rustig. Ik zou ervoor zorgen dat we niet in paniek raken.’


Kinderstadskrant

APRIL 2022

Week van het geld

De leerlingen en Kim-Lian tijdens de opname.

ROTTERDAM – Het was de Week van het geld van 28 maart tot en met 1 april. In de Week van het geld werden verschillende activiteiten georganiseerd om beter met geld om te leren gaan. Gemeente Rotterdam vindt het belangrijk dat Rotterdammers op jonge leeftijd goed met geld leren omgaan. De gemeente hoopt dat minder mensen later geldproblemen krijgen als ze al op jonge leeftijd met geld leren omgaan. Tekst: Suzanne Huig

Omgaan met geld Melani (11): ‘Ik denk altijd een dag na voordat ik iets koop. Ik koop iets als ik het na een dag nog steeds graag wil hebben.’ Maysam (11): ‘Ik bedenk of ik een product echt ga gebruiken voor ik het koop.’ ‘Ik vind het belangrijk om alleen geld uit te geven aan iets wat ik echt nodig heb. Ik heb nu niets nodig. Ik spaar daarom al mijn geld’, vertelt Isa (11). Zarina: ‘Het is belangrijk om geld te sparen. Je hebt dan geld om iets te kunnen betalen als dat nodig is.’ Imrane (10): ‘Ik spaar mijn zakgeld. Ik houd op papier bij hoeveel geld ik heb gespaard. Ik weet daardoor precies hoeveel geld ik heb en wat ik kan kopen.’

Rotterdam In de Week van het geld werd iedere dag het Week van het geld Journaal uitgezonden. De leerlingen van groep 7/8 C van de Emmausschool zaten in 1 van de afleveringen van het journaal. In de aflevering praatten de leerlingen met presentatrice Kim-Lian van der Meij, bankmedewerker Zarina en vlogger Thomas van het YouTube-kanaal ‘Gewoon Thomas’ over omgaan met geld. Tekst: Suzanne Huig

De leerlingen zijn in gesprek met Thomas en Zarina.

Producten in filmpjes ‘Thomas maakt in zijn filmpjes soms reclame voor dingen. Hij kan daardoor mensen overhalen om iets te kopen’, zegt Kim-Lian. Sohaib (10): ‘Thomas verdient geld door reclame te maken in zijn filmpjes. Ik wil een product soms hebben omdat ik het in zijn filmpje zie. Ik denk zelf altijd goed na voordat ik iets echt koop.’ Imane (11): ‘Ik wil soms ook een voorwerp hebben omdat ik het in een filmpje van een vlogger zie. Ik denk na het zien van een filmpje altijd 2 dagen na voordat ik beslis of ik het voorwerp echt ga kopen. Ik vraag mijn moeder en mijn vriendinnen in die 2 dagen om advies.’

Foto’s: Peter Snaterse

‘Je kunt niet altijd alles kopen. Je moet keuzes maken’, zegt Kim-Lian. Thomas: ‘Het is belangrijk om goed na te denken over wat je koopt. Ik koop niet meteen wat ik leuk vind. Ik bedenk altijd of ik iets echt nodig heb voordat ik het koop.’

Sten (11): ‘Ik geef snel geld uit aan dingen die ik in een reclame voorbij zie komen. Ik wil mijn geld niet meer zo snel uitgeven. Ik wil goed leren sparen zodat ik in de toekomst genoeg geld heb.’ ‘Ik kan goed sparen. Ik koop alleen iets als ik het echt nodig heb’, zegt Steff (10). ‘Het is belangrijk om aan nu en aan later te denken. Zorg ervoor dat je een deel van je geld spaart voor later. Je kunt de rest van je geld op een slimme manier uitgeven’, zegt John.

Hillegersberg-Schiebroek De leerlingen van klas HB2 van Verbazisschool Wow kregen op vrijdag 25 maart een gastles van bankmedewerker John van het programma Bank voor de klas. Tekst: Suzanne Huig ‘Je kunt goed rondkomen als je iedere maand genoeg geld hebt om alles te kunnen betalen. Sommige mensen komen iedere maand geld tekort. Zij kunnen niet rondkomen. De kans is kleiner dat je later niet kunt rondkomen als je goed met geld leert omgaan’, vertelt John. Sparen of uitgeven? Ilana (11): ‘Ik geef makkelijk geld uit aan bijvoorbeeld spelletjes. Ik vind het belangrijk dat ik in de toekomst beter met geld omga. Ik wil mijn geld dan uitgeven aan belangrijke dingen die ik echt nodig heb.’

Wil jij op school leren hoe je met geld moet omgaan? Zo ja, wat wil je leren? Tekst en foto’s: Suzanne Huig

De leerlingen spelen met John de Cash Quiz. Foto: Arjen Jan Stada

SAMENLEVING OVERMAKEN

Je geld Alle mensen van een samen rekening en hoe verplaatsen ze met elkaar naar omgaan. een andere Bijvoorbeeld rekening. in een stad of een land.

Antek (7): ‘Ik wil op school graag leren hoe ik met geld moet omgaan. Ik wil leren hoe ik ervoor kan zorgen dat ik later niet te veel geld aan iets uitgeef.’

Een spaarrekening ‘Je kunt online verschillende digitale spaarpotjes maken. Je kunt dan precies bijhouden hoeveel geld je voor iets hebt gespaard’, zegt Achille (10). ‘Je kunt vanuit zo’n spaarpotje niet gelijk betalen. Je kunt je geld alleen gebruiken als het op je betaalrekening staat. Je moet je geld van je spaarrekening dus eerst naar je betaalrekening overmaken. Je spaargeld is op je spaarrekening dus extra beveiligd’, legt John uit. Jorn (10): ‘Ik bewaar mijn spaargeld op een spaarrekening.’ Sten: ‘Ik vind het goed om spaargeld op een spaarrekening te zetten. Criminelen kunnen anders al je spaargeld uitgeven als ze je pinpas hebben.’

Elvira (7): ‘Ik wil graag leren hoe ik er later voor zorg dat ik genoeg geld heb om alles te kunnen betalen. Ik wil ook graag leren hoe ik goed kan sparen zodat ik duurdere dingen kan kopen.’

Wil jij op school leren hoe je met geld moet omgaan? Zo ja, wat wil je leren?


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Jong010, dé Rotterdamse kinderkrant - april 2022 by Jong010, dé Rotterdamse kinderkrant - Issuu