't ALTENATUURTJE januari 2022 nr. 118
Altenatuur De natuurbeschermingsvereniging van Altena
’t ALTENATUURTJE 41e jaargang nr. 2, januari 2022.
Uitgave van natuurbeschermingsvereniging Altenatuur. Opgericht 5-11-1980, ingeschreven 15-10-1981.
REDACTIE Wouter van Rijsbergen, Merwededijk 31A 4285 WC Woudrichem wjvanrijsbergen@online.nl, 0183-512165. VORMGEVING Jan van Haaften, Sleeuwijk. 06-49904862 DRUKWERK RAD-drukkerij, Dordrecht. BESTUUR
Voorzitter Secretaris Penningmeester Leden
INTERNET
Jaap van Diggelen, Almkerk. 0183-402034 Margo van Beem, Hillsestraat 12, 4269 VG Babyloniënbroek. 06-55772591 Erik Gouw, Woudrichem. 06-52728142 Jan Willem den Besten, Woudrichem. 06-81498173 Len Bruining, Dussen. 0416-392373 Jeanette Pollema, Dussen. 0416-391654 Wouter van Rijsbergen, Woudrichem. 0183-512165 Goof van Vliet, Woudrichem. 06-28703838 Roel Wigman, Sleeuwijk. 06-20753888 www.altenatuur.nl Facebook: Facebook.com/altenatuur Twitter: @altenatuur
altenatuur@gmail.com altenatuurgastlessen@gmail.com
LIDMAATSCHAP
Ledenadministratie Altenatuur, Weth. Kentiestraat 2a, 4285 CL Woudrichem. Keuze uit: gewoon lid €15,-- of gezinslidmaatschap €20,-- per jaar. Triodosbank NL02 TRIO 0320 0045 54 t.n.v. penningmeester Altenatuur.
schriftelijk vóór
Aanmeldingen, adreswijzigingen en opzeggingen opsturen naar de ledenadministratie of e-mail Altenatuur. Beëindiging van het lidmaatschap 1 december van het lopende jaar. Altenatuur heeft sinds 1-1-2011 de ANBI-status, het dossiernummer is: 77688 en het fiscaal nummer: 810362454.
op de voorkant . . . De Patrijs
✒Jan van Haaften
. . . omdat er voor zijn voortbestaan zoveel wordt gedaan. In 2016 is in Altena het PARTRIDGE-project gestart. Een omvangrijk project om de patrijs te redden van de ondergang. De eens zo aanwezige patrijs dreigde namelijk uit te sterven door de modernisering van de landbouw. Het project waarin Brabants Landschap samenwerkt met verschillende boeren bestaat uit twee gebieden waarin patrijzen voorkomen. Eén bij Genderen waar geen extra maatregelen zijn getroffen en een even groot gebied tussen Sleeuwijk en Almkerk waar de patrijs verwend wordt. Vrijwilligers van Altenatuur houden nu nauwkeurig bij hoe de patrijzen reageren op allerlei maatregelen die wel of niet zijn getroffen. Henk van Diest doet er in dit nummer weer verslag van. Hieronder zijn patrijzen in de sneeuw op zoek naar voedsel. Dat kost veel energie. Daarom worden ze in de winter, in het deel bij Sleeuwijk, bijgevoerd en vinden ze op diverse plaatsen gelegenheid om te schuilen. De bloemblokken geven de vogels bladgroen en zaden. Het bijvoeren met voedertonnen is belangrijk voor hun conditie en de schuilgelegenheid door hagen geeft hun de mogelijkheid uit het zicht van predators te blijven. Zo hopen we dat er meer patrijzen overleven en in de loop van dit jaar weer een gezond nest met jongen voortbrengen. Door de uitkomsten van allerlei onderzoeken met elkaar te vergelijken kan er vastgesteld worden wat we in de toekomst ook in andere gebeden kunnen doen om de patrijs te helpen. ✤
1
Altenatuur wenst u een bijzonder goed 2022 toe! Bank en bomen voor Johan.
6 12
it
dikke tra x e
In nummer d
118
1.
Op de voorkant
2.
In nummer 117
4.
Redactioneel/Van het bestuur
6.
Bijzonder eerbetoon aan Johan Koekkoek
8.
Weer aan de slag in onze grienden
12.
Strokenteelt Struikwaard een verslag van 2021 en ... plannen voor 2022
20.
Flora
21.
Nieuws van de penningmeester
22.
Terugblik weidevogelseizoen 2021
26.
Linda's Jeugdrubriek - de vos
30.
De patrijs als icoon van de biodiversiteit -vervolg- boeren mét natuur Het PARTRIDGE-project (monitoren deel I)
Gekleurde stroken in waard.
40
Foto van het jaar (de uitslag)
41 2
Karin Zegwaard krijgt een eervolle vermelding met deze foto!
42.
Een schoolmoestuin
44.
Rondvaren in de Biesbosch
47.
Stoepplantjes
48.
Soortenmanagementplan
54.
Eerste wereldboom voor Altena!
56.
Kerken van goud, dominees van hout
62.
Waarnemingen van 1 sept. t/m 30 nov.
64.
Sneller dan je denkt ... de energietransitie
72.
Plan Boom
77.
Ook een gratis wilde wingerd?
78
De activiteitenagenda
80.
Advertentie - Altena Nieuwe Energie
81.
Advertentie - Kringloopcentrum Altena
Voor het laatste nieuws, de agenda en achtergrondinformatie ga je naar
42 De schooltuin in Eethen is klaar voor de start.
72
Een geslaagd Plan.
www.altenatuur.nl. Colofon; foto's en illustraties
Het keurmerk voor verantwoord bosbeheer
● Margo van Beem, blz. 73, 77 ● Camera-house.co.uk, blz. 47 ● Els Capelle, blz. 19 ● Depositphotos.com, blz. 78 ● Econcultancy.nl, blz. 50, 51 ● Gettyimages.com, blz. 57 ● Google Maps, blz. 79 ● Adri de Groot, omslag voor ● Jan van Haaften, blz. 2, 7, 16, 17, 20, 23, 42, 46, 47, 52, 75 ● Hateha.nl, blz. 68 ● Holland Shipyards, blz. 69 ● R. Kaal, blz. 49 ● Rob Mulder, blz. 8, 9 ,10, 11 ● nrc.nl, blz. 58 ● R. van Os, blz. 49 ● Myrthe Paans, blz. 3 ● Rinus Punt, blz. 24 ● Kim Renders, blz. 26, 27, 28, 29, 63 ● Retailresource.com, blz. 67 ● Johan Roodnat, blz. 55 ● Gert-Jan Ruis, blz. 22 ● Saxifraga/Piet Munsterman, Luuk Vermeer, 2, 36, ● Jos Schenkeveld, blz. 12, 13, 14, 15, 16, 18, 19 ● Schoolmoestuin Eethen, blz. 42, 43 ● Cobi Schreuder, blz. 62 ● Kees Schuitmaker, blz. 44, 45, 46 ● Jochem Sloothaak, blz. 30, 32, 33, 35, 36, 39 ● Lione Somsen, blz. 41 ● Trouw/Rob Buiter, blz. 56, 60 ● Twitter.com, blz. 59, 61 ● José Verschoor, blz. 74, 76 ● Pim Verschuren, blz. 41 ● Goof van Vliet, blz. 17, 18, 66, 74 ● Agnes Westerlaken, blz. 40 ● Roel Wigman, blz. 53 ● Karin Zegwaard, blz. 2, ● Zoogdiervereniging, blz. 48, 49 ●
3
Redactioneel / Van het bestuur ✒Wouter van Rijsbergen
Als alle artikelen zijn geredigeerd, gaat Jan van Haaften ermee aan de slag om er iets moois van te maken. Spannend is het, als hij mij dan enige tijd later de mail stuurt met de digitale primeur van het nieuwe Altenatuurtje. Hoe ziet het eruit, hoe komt het over? Als laatste voeg ik dan dit redactioneel toe, dit keer is dat tevens ‘Van het bestuur’.
4
Dit keer vraag ik uw aandacht graag voor het tweede artikel in een drieluik over het patrijzenproject, geschreven door Henk van Diest. Hij besteedt hierin nu aandacht aan de effecten van de genomen maatregelen in patrijzengebied de Oude Doorn bij Uppel. Ook vermeldenswaard is de nieuwe rubriek ‘stoepplantjes’ door Jan van Haaften. Vanaf nu elke keer een klein artikel, dat gezien de omvang mooi past bij het doel: kleine ‘onkruidjes’ tussen de tegels uit de anonimiteit halen. Ten slotte leest u een mooi overzicht van de activiteiten in de Struikwaard, waar de strokenteelt komend jaar het derde
jaar al ingaat. Misschien een aanrader: informeer snel of er nog plaats is om deel te nemen. Dit project is enkele jaren geleden geïnitieerd door Johan Koekkoek, die ons dit jaar helaas is ontvallen. In dit Altenatuurtje leest u over het plaatsen van een bank en het planten van drie notenbomen langs de gracht om Fort Giessen, ter nagedachtenis aan Johan en zijn inzet voor natuur en milieu in Altena. Het aantal pagina’s (normaal gesproken zijn dat er 64) hebben we ook dit keer weer moeten verhogen om goed verslag te kunnen doen van alles wat er binnen de vereniging gebeurt. Dit verslag vindt het bestuur
heel belangrijk, omdat leden en bestuur elkaar -zeker nu een nieuwe lockdown is afgekondigd- minder kunnen ontmoeten bij lezingen en activiteiten. ’t Altenatuurtje is een belangrijk medium om onze leden te blijven informeren, naast Facebook en de website natuurlijk. Net als vorig jaar dubt het bestuur nu over de algemene ledenvergadering. Het bestuur vindt het van groot belang tijdens deze vergadering zoveel mogelijk leden te kunnen ontmoeten en spreken, maar het is lastig een bijeenkomst te plannen onder de huidige omstandigheden. Een digitale vorm voor de algemene ledenvergadering vinden we niet wenselijk: online vergaderen is voor veel mensen belastend, is niet voor iedereen mogelijk en komt de betrokkenheid en opkomst niet ten goede. Er is sinds het verschijnen van het oktobernummer wel weer heel veel gedaan door Altenatuurders. Het bespreken en evalueren van alle activiteiten binnen onze vereniging neemt doorgaans een flink deel van de bestuursvergaderingen in beslag. Veel kunt u hierover lezen in dit nieuwe nummer: Plan Boom, de weidevogelbescherming, de strokenteelt en de natuurwerkdag om er enkele te noemen. Het bestuur volgt en stimuleert al deze ontwikkelingen en activiteiten en hoopt op die manier een bijdrage te leveren aan een groener, duurzamer Altena.
Het komt ook vaak voor dat het bestuur van Altenatuur benaderd wordt door leden om mee te denken over zaken die de natuur in onze gemeente raken. We ontvangen ingezonden brieven of mails waarin men vraagt om ons standpunt ten aanzien van bijvoorbeeld het gebruik van bladblazers of het kapbeleid van de gemeente. In de afgelopen maanden gebeurde het ook al een paar keer dat iemand informeerde of er ook voor de jeugd iets te doen is binnen Altenatuur. Hier zeg ik graag wat meer over. Jonge deelnemers zijn (met begeleiders) zeer welkom bij de werkochtenden in de griend en in het verleden hebben we ook wel eens jeugd mogen verwelkomen bij een vogelcursus of lezing. Voor deze doelgroep hebben we echter geen specifiek programma (afgezien van de gastlessen over uilen en weidevogels op een groot aantal basisscholen, maar die zijn ‘besloten’). Zo’n programma zou natuurlijk heel mooi zijn, maar… onze actieve leden zijn zonder uitzondering drukbezet in de tijd die zij ter beschikking hebben. De jeugd betrekken bij natuurbescherming en duurzaamheid vinden wij uiteraard heel belangrijk, er blijft altijd wat te wensen over!
Artikelen voor Altenatuurtje nummer 119 levert u vóór vrijdag 1 april aan, heel graag voorzien van foto’s (met vermelding van de fotograaf!). Mailt u naar: wjvanrijsbergen@online.nl ✤ 5
Bijzonder eerbetoon aan Johan Koekkoek ✒Len Bruining Op zaterdagmiddag 6 november reikte Femke Dingemans, directeur van de Brabantse Milieu Federatie, de Casimir Milieuprijs uit aan Johan Koekkoek die ons op 3 mei jl. plotseling ontvallen is. Hij kreeg deze prijs als eerbetoon voor zijn uitzonderlijke verdiensten voor de natuur, het milieu en de duurzaamheid op ons mooie
eiland Altena. Zo’n zestig genodigden woonden de plechtigheid bij. De prijs, een robuuste houten bank, werd door zijn echtgenote Tijke en Femke Dingemans samen onthuld aan het eveneens naar hem vernoemde Koekkoekspad dat rondom de gracht van Fort Giessen loopt. Op de rugleuning prijkt zijn naam. Het is de plek waar Johan zo graag vertoefde en die hij zelf nog had uitgezocht toen hij twee maanden voor zijn overlijden over de prijs hoorde. “Johan voldeed in alle opzichten aan de criteria die aan de Casimir Milieuprijs verbonden zijn. Als geen ander stelde hij de mens centraal. Met zijn ontegenzeggelijke kracht streefde hij samen met kinderen en volwassenen naar een schoon en duurzaam Altena”, vertelde Femke Dingemans in haar toespraak. Ter nagedachtenis werden rondom de bank ook drie notenbomen geplant door de drie organisaties waarvoor hij zich de afgelopen veertig jaar met hart en ziel heeft ingezet: Altenatuur, Kringloopcentrum Almkerk en Altena Nieuwe Energie. Cees de Bas van Altena Nieuwe Energie roemde Johan als een pionier, als een niet aflatende duwer en trekker met een ver vooruitziende blik. Ook Herman van Krieken, voorzitter van Kringloop Centrum Altena had louter lovende woorden en sprak zijn grote waardering uit voor de drijvende kracht, het gezicht van het allermooiste Kringloopcentrum van Nederland waarop Johan apetrots was. 6
Bestuurslid Goof van Vliet van Altenatuur herdacht zijn collega en vriend als boerenknecht, schoolmeester, leraar en wethouder die talloze kinderen en volwassenen onvermoeibaar wist te inspireren en altijd maar vol bleef houden. “We missen hem erg, we zullen het nog heel vaak over Johan hebben.” Van Vliet hoopt dat de bank met het mooie uitzicht op het door Johan zo geliefde Fort voor velen een inspiratieplek zal zijn. Een plek ook waar je onder de bescherming van de kronen van de bomen je plannen en ideeën kan overpeinzen alvorens ze ten uitvoer te brengen. Want dat was wat Johan ons altijd voorhield: niet alleen denken, maar ook doen en aan de slag gaan om onze prachtige natuur te beschermen en te verrijken.
De Brabantse Milieufederatie reikt sinds 1978 periodiek een milieuprijs uit. De Casimir Milieuprijs 2021 is een symbolische erkenning voor Brabanders en Brabantse groepen die een positieve bijdrage aan het milieu leveren of hebben geleverd. De prijs is vernoemd naar de eerste voorzitter van de BMF, prof. dr. Casimir, en wordt door uitgereikt in de vorm van een houten bank die wordt geplaatst in de openbare ruimte in Noord-Brabant. 7
Weer aan de slag in onze grienden ✒Rob Mulder
De herfst toont zich langs de Wijde Alm, de bladeren aan de bomen verkleuren en vallen na enige tijd op de bodem. De verkleuring van de bladeren van de loofbomen is later dan normaal, dat is toe te schrijven aan de weersomstandigheden. Het was een relatief natte zomer en de nachten zijn relatief warm er is nog weinig nachtvorst geweest. Maar toch is de herfst (voorzichtig) zichtbaar.
Herfst betekent ook dat het winterseizoen van de beheercommissie Altenatuur van start gaat. De Natuurwerkdag 2021 van 6 november is dan ook de eerste keer dat we het beheer van onze grienden weer oppakken. Op deze zaterdag werden werkzaamheden uitgevoerd in de grienden aan beide zijden van de Wijde Alm, de griend Waardhuizen en de griend aan de Uitwijkse zijde.
... even bijkomen ...
8
... en er dan weer tegenaan ...
Van maatregelen in verband met het Covid-19 virus is op deze Natuurwerkdag gelukkig geen sprake, zelfs de anderhalve meter maatregel is niet van toepassing en dat maakt het werken in de natuur alleen maar prettiger. Dat was vorig jaar bij de Natuurwerkdag 2020 heel anders. De Natuurwerkdag werd niet georganiseerd en vrijwilligers waren dan ook niet aanwezig. Uitsluitend leden van de beheercommissie in 2020 verrichtten werkzaamheden in de griend aan de Emmikhovenseweg in Almkerk, zoals in het Altenatuurtje nummer 115 is beschreven.
Henk Kraaij met
Langs de griend een spandoek met Natuurwerkdag om voorbijgangers kenbaar te maken dat vandaag aan de natuur wordt gewerkt. Ik kom samen met Henk Kraaij aan bij de griend Waardhuizen. Henk is onze steun en toeverlaat als het gaat om hulp bij eventuele kleine ongevallen, onmisbaar bij activiteiten als deze. Het beheer van onze grienden bestaat uit het twee- of driejaarlijks afzetten van de wilgenstobben. Zoals gebruikelijk zijn de wilgenstoven afgezaagd in de week vóór de Natuurwerkdag, want rust -dus geen geluid van kettingzagen- wordt door de vele vrijwilligers, zoals Rinus Punt meer dan op prijs gesteld. Rinus is van de partij en naast Rinus hebben zich ruim 25 personen aangemeld.
EHBO- koffer.
9
Ook Annemieke en Govert Bok uit Sleeuwijk met hun drie kinderen het 500-ste lid van Altenatuur is present. De griend van Waardhuizen is voor Govert Bok geen onbekend terrein, enige jaren geleden heeft hij al meegewerkt op één van de ochtenden van de beheercommissie. Het is redelijk weer, droog en de zon probeert het een beetje maar gaat grotendeels schuil achter een dun wolkendek.
Ook de zeeverkenners zijn er weer, prachtig!
10
Aan de overkant van de Wijde Alm langs het fietspad is in de griend aan de Uitwijkse zijde ook bedrijvigheid. De zeeverkenners van Scouting Loevestein uit Woudrichem zijn als vertrouwd ook weer actief op de Natuurwerkdag. Bij de Natuurwerkdag 2020 moesten zij vanwege de Covid-19 maatregelen helaas verstek laten gaan. Zelf ben ik op deze Natuurwerkdag helaas niet aan de slag, mijn gezondheid laat dat helaas niet toe, ik ben ongeneeslijk ziek en heb volgens de specialisten die mij begeleiden nog een beperkte periode te leven. Maar het is goed weer veel mensen van onze vereniging in de natuur actief bezig te zien. Na een uurtje werken is er koffie en straks zullen Margo van Beem en Coby van Diggelen de welverdiende lunch gaan verzorgen. Voor Scouting Loevestein is langs het fietspad in de griend het minder zware wilgenhout afgezet, zodat ze dit wilgenhout kunnen opbossen. Jan van Mersbergen
begeleidt samen met de leiders van de scouting net als andere jaren de werkzaamheden van de zeeverkenners. Als ik rond elf uur een kijkje kom nemen is er al veel werk verzet. Opgebonden bossen wilgenhout liggen keurig in het gelid klaar om na verloop van tijd met de tractor en de oprijwagen door Jan Pruijssen te worden opgehaald. Jan zal deze bossen griendhout naar de verzamelplaats in het Pompveld brengen. De bossen griendhout worden voor verschillende doeleinden gebruikt. Als ‘Gelders hout’ bij natuurlijke oeverbescherming in voornamelijk natuurgebieden. In België worden de bossen griendhout gebruikt om duinvorming langs de kust te laten ontstaan. Jan van Mersbergen haalt herinneringen op aan de Natuurwerkdagen uit het verleden, zoals de Natuurwerkdag in 2015. Toen waren we ook actief in deze griend aan de Uitwijkse zijde langs de Wijde Alm maar met bijzonder slecht weer.
... en dan is er koffie.
Volledig natgeregend en min of meer verzopen gaf Jaap van Diggelen na de eerste koffiepauze aan: ‘We stoppen eerder want met dit weer is het werken in de griend eigenlijk niet te doen’. Dat is vandaag gelukkig heel anders, het is droog, weinig wind en de zon probeert het af en toe om door het wolkendek te breken. Met andere woorden: perfecte omstandigheden om in de natuur actief te zijn. ✤ 11
12
Strokenteelt Struikwaard een verslag van 2021 en… plannen voor 2022
In 2020 en 2021 gingen tal van activiteiten niet door, maar dat gold niet voor het project Strokenteelt Struikwaard. Een groep van ongeveer 30 actieve deelnemers heeft veel plezier aan dit project beleefd en veel gewassen en bloemen kunnen oogsten. Zij zijn zo enthousiast dat ze ook in 2022 weer mee willen doen. In dit artikel een overzicht van het project tot nu toe en een evaluatie van het afgelopen seizoen. Maar eerst: een oproep aan geïnteresseerden! Als u in 2022 ook mee wilt doen, schrijft u zich dan zo snel mogelijk in via strokenteeltaltena@gmail.com. We willen namelijk snel weten voor hoeveel mensen er gezaaid, gepoot en geplant zal moeten worden. Er zijn al 30 huishoudens die mee willen doen, er kunnen er nog 20 bij. De kosten zijn ongeveer €50,- per abonnement. Opgeven graag zo spoedig mogelijk, want vol = vol. Verderop in dit artikel leest u meer over wat we verder van deelnemers verwachten.
✒Goof van Vliet,
ook namens Jos Schenkeveld, Christian van Tilborg, Arie Schreuders, Theo van Meer en Aart-Jan van der Heul
13
Over Strokenteelt Struikwaard Strokenteelt Struikwaard is in 2020 begonnen. Eerder werd al op een klein perceel geëxperimenteerd bij Fort Giessen. Johan Koekkoek was de initiator. Kennis uit de Campus in Almkerk (pixellandbouw) wilde hij toepassen in een experiment samen met bewoners van Giessen en Rijswijk: Strokenteelt Struikwaard. In het eerste jaar werden alleen aardappels verbouwd, het afgelopen seizoen was dit al een scala aan groenten, tarwe en plukbloemen. Altenatuur en Brabants Landschap werken samen in Strokenteelt Struikwaard. Een kopgroep bestaande uit vrijwilligers van Altenatuur maakt de plannen. De Liniewerkers, een groep vrijwilligers van Brabants Landschap, doen het grove werk. De deelnemers (abonnementhouders) werken hierbij mee en oogsten de gewassen.
Strokenteelt is een vorm van natuurinclusieve landbouw. Voordelen ten opzichte van gangbare landbouw zijn:
14
• minder ziektes door spreiding in smalle stroken met verschillende gewassen naast elkaar • minder bodemverdichting door het gebruik van lichte machines • vitalere planten die beter resistent zijn tegen plagen door het gebruik van slimme plantcombinaties (bijv. peen en ui bij elkaar) • een betere waterhuishouding en een beter biologisch leven in de bodem omdat de grond voortdurend bedekt blijft met gewassen en grondverbeteraars (o.a. phacelia, grasklaver) • geen gebruik van kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen • meer biodiversiteit omdat niet alle gewassen op één moment worden geoogst
Brabants Landschap stelt de grond in de Struikwaard beschikbaar. Het initatief tot dit project is genomen vanuit Altenatuur en Altenatuur beheert ook de financiën. De eerder genoemde kopgroep van vrijwilligers vanuit Altenatuur zorgt voor de praktische planning en uitvoering van het project, waarbij zij de taken voor hun rekening nemen: • het maken van een zaai- en oogstplan • het bewerken van de grond • het verwijderen van onkruid en ziektes • beregenen bij droogte • dagelijks toezicht • het onderhouden van contacten met de deelnemers • het begeleiden van deelnemers tijdens werkochtenden en oogstmomenten • het werven van nieuwe deelnemers • communicatie in de media (kranten, websites, facebook) • eventueel subsidies aanvragen en voor financiële verantwoording zorgen • jaarlijks verantwoording afleggen aan Altenatuur en Brabants Landschap Ongeveer 3.000 m2 van het perceel wordt gebruikt voor de teelt van gewassen, bloemen en groenbemesters, nog eens 3.000 m2 is ingezaaid met tarwe om later ‘patrijzenmeel’ van te maken. Het gehele perceel is omringd door een veldhaag met daarin ook fruit als hondsroos, framboos, vlier, aalbes en kruisbes. De bodem bestaat uit minstens een meter rivierklei. Er is (nog) geen chemisch en biologisch bodemonderzoek gedaan. De grond bleek wel heel vruchtbaar.
15
Strokenteelt in 2021 Machines en andere hulpmiddelen In de kopgroep werd stevig gediscussieerd over welke hulpmiddelen gebruikt zouden moeten worden. Ook hier willen we zo duurzaam en toekomstgericht mogelijk werken. Omdat het project experimenteel is, maakten we eerst zoveel mogelijk gebruik van bestaande machines (trekker, frees, aardappelrooier). Al snel bleek dat we beter één trekker konden hebben waar alle andere machines op aangesloten zouden kunnen worden.
Hiervoor konden we het trekkertje van Brabants Landschap gebruiken. Voor het rooien van de aardappels werd een rooimachine aangeschaft. Vanwege toenemende droogteperioden door klimaatverandering was ook een beregeningsinstallatie noodzakelijk. Hier moesten we kiezen tussen een elektrische door zonnepanelen aangedreven pomp met druppelslangen of een dieselpomp met buizen en sproeiers. Vanwege de onzekerheid over de voortgang en het grote prijsverschil is toch gekozen voor diesel, een fossiele brandstof. Op de lange termijn is het wellicht wenselijk om te kiezen voor een duurzamer alternatief. De keuze voor machines hangt samen met de grootte van het perceel en het aantal gewassen wat we willen verbouwen. De grondsoort (rivierklei) speelt ook een belangrijke rol. Er zijn maar korte momenten waarop deze klei bewerkt kan worden, het is vaak te nat of te droog. En áls de grond dan bewerkbaar is, moet dat ook direct gebeuren, maar daar moet dan wel de menskracht voor beschikbaar zijn. 16
Dit jaar is twee dagen een ‘rotavator’ gehuurd om de te grote brokken klei kleiner te maken. Deze machine kan ook gebruikt worden om compost licht in de bodem te werken. Een frees maakt de grond kapot. Klei kun je toch beter af en toe ploegen om mest of groenbemester onder te werken. Grondbewerking, zaaien, droogte, nattigheid, planten, onkruid, plagen en oogsten! Tot 3 mei liep alles volgens plan. Zaaigoed was besteld, de grond gefreesd, kool en prei voorgezaaid en deelnemers hadden zich ingeschreven. Toen overleed Johan Koekkoek tot ieders grote schrik. Vanwege de topdrukte in dat seizoen is de kopgroep snel gaan heroriënteren -met Goof van Vliet als nieuwe vertegenwoordiger vanuit het bestuur van Altenatuur- en aan de slag gegaan om de gewassen te planten en te zaaien. In verband met de droogte waren er gelukkig al via marktplaats buizen, slangen en sproeiers aangeschaft. Voor de grondbewerking werden machines gehuurd. Met veel haast- en vliegwerk is alles geregeld. Kopgroep en Liniewerkers deden het vele werk. Werksessies, WhatsAppgroep, email Om alle deelnemers makkelijk op de hoogte te houden van de vorderingen en hen te activeren als dat nodig was, is een ‘WhatsAppgroep Strokenteelt Struikwaard’ opgezet.
Af en toe verscheen er ook een nieuwsbrief per email. We kozen ervoor om elke woensdagavond van 19.00 tot 21.00 uur een werkavond te houden. Andere avonden waren door de kopgroep niet te bemensen (de kopgroep bestaat ook uit vrijwilligers). Hierdoor konden niet alle 17
deelnemers meewerken of oogsten. Op verzoek kon er wel op andere momenten worden geoogst. In september stapten we vanwege het daglicht over naar de zaterdagochtend van 9.00 tot 11.00 uur. Tijdens de oogstbijeenkomsten werd alles verdeeld en werd er ook voor niet-aanwezigen oogst meegenomen. Deelnemers werd gevraagd zelf voor verpakkingsmateriaal te zorgen. Elke werkavond of -ochtend waren ongeveer 10 tot 25 mensen aanwezig. Vanwege het belang van natuurontwikkeling, waarbij rust in het veld essentieel is, kan er niet op meer dagen gewerkt en geoogst worden.
18
Interviews deelnemers, uitleg strokenteelt, bodemleven, fermenteren en vervolg 2022 De deelnemers zijn halverwege de zomer en in het najaar geïnterviewd over wat zij van het project vinden, of ze volgend jaar weer mee willen doen en of er nog opmerkingen en wensen waren. Iedereen vond het goede werkbijeenkomsten, gezellig om met elkaar te werken, te oogsten en koffie te drinken. Velen willen volgend jaar op dezelfde wijze doorgaan. De meeste deelnemers vonden het aantal gewassen voldoende. Er zijn wel wensen om het groei- en oogstseizoen te verlengen. Vooral meer herfst- en wintergroenten als pastinaak, prei, knolselderij en boerenkool. De bloemen waren geweldig, met als kanttekening om volgend jaar meer inheemse planten te zaaien. Men wil graag meer informatie over de achtergronden van strokenteelt. De ochtend die we organiseerden met sprekers Mark Thur (over het leven in de bodem) en Jos Schenkeveld (uitleg over alle planten, bloemen en struiken) vielen in goede aarde. Deelnemers Anja Groothuis en Jacqueline Wijers organiseerden spontaan voor andere deelnemers een workshop fermenteren op Fort Giessen. Hieraan deden 22 deelnemers mee en men was hier zeer enthousiast over.
Evaluatie 2021 en vervolg in 2022 Om goed door te kunnen gaan, is het volgende noodzakelijk: • Voldoende deelnemers (30 – 50 huishoudens). Dit lijkt geen probleem. • Een trekkertje en enkele werktuigen zijn nodig. De trekker van Brabants Landschap kan gebruikt worden. De kopgroep doet onderzoek naar andere geschikte werktuigen. • Opslag voor werktuigen en ander gereedschap. Er is een boer waar de spullen gestald kunnen worden. Brabants Landschap wil graag dat het doorgaat, het is een goede manier om te experimenteren met de combinatie ecologische landbouw / strokenteelt en de vergroting van de natuurwaarden. Zij stelt de grond ter beschikking. Het bestuur van Altenatuur is verheugd over het enthousiasme van de vele deelnemers en deelt de mening van Brabants Landschap. De kopgroep wil doorgaan (enkele mensen vallen af, we zoeken vervangers). Mensen om met machines te werken zijn er voldoende vanuit de Liniewerkers. Van de 45 deelnemers hebben 30 een korte vragenlijst ingevuld en met ons gediscussieerd over het vervolg van het project. Bijna alle deelnemers waren zeer tevreden over het project in 2021. De meesten willen dan ook doorgaan in 2022. We onderzoeken of we restanten van de oogst aan de Voedselbank kunnen schenken.
Tot slot Het project Strokenteelt Struikwaard staat aan het begin van het derde jaar. Het is fantastisch om te zien hoe alle partijen elkaar gevonden hebben, hoe versterking van de natuur en onze voedselvoorziening hier steeds beter samengaan. Bent u ook enthousiast geworden en wilt u ook deelnemen in 2022? Er zijn nog plaatsen vrij! ✤ 19
F L O R A Een krans van witte bloemen in de wegberm. Dat valt op tussen al dat groen! Apart. Ze zitten aan een plant met een vierkante stengel. Ruim boven het gras. Ik loop ernaartoe maar bedenk me. Zijn dat niet de bladeren van een brandnetel? Spits toelopend. Gezaagde bladrand. Om en om tegenover elkaar staand. Behaard. Opletten dus. Dichterbij gekomen zie ik verschillende witte muiltjes. Ze staan open. Een hommel kan er zomaar in. Ik voel eens voorzichtig aan het blad. Mijn handen gaan niet jeuken. Geen grote brandnetel dus. Dat is handig. Dan kan ik wat beter kijken. Op de bloemen zie ik gele vlekjes en strepen. Dat zal de hommel en de bij de weg wijzen naar nectar. Slim! Dat hij nog bloeit is best bijzonder. Maar straks, na maart, is de plant vast op veel meer plaatsen te zien. Je moet dan zoeken naar Lamium (muil) album (wit), of witte dovenetel. ✤ Jan van Haaften
20
Nieuws van de penningmeester
✒Erik Gouw
Regelmatig krijg ik van leden te horen dat ze graag hun contributie via automatische incasso zouden voldoen, omdat ze anders vergeten hun bijdrage over te maken. Het bestuur van Altenatuur heeft besloten om deze mogelijkheid aan te bieden aan leden die dat graag willen. Het controleren van de contributies is elk jaar behoorlijk arbeidsintensief, vandaar dat ik vanuit mijn rol als penningmeester hoop dat zoveel mogelijk leden hiervan gebruik gaan maken. Graag wil ik wel benadrukken dat het niet verplicht is. Hieronder vindt u een formulier waarmee u de automatische incasso kunt aanvragen. Het heeft mijn voorkeur als u het formulier met duidelijke letters invult en ondertekent, hier een foto van maakt en deze foto naar mij stuurt per e-mail (erik.gouw@fastflow.nl). Als u het liever per post doet kan dat ook, vul in dat geval het formulier in en stuur dit naar: Penningmeester Altenatuur, Erik Gouw Wethouder Kentiestraat 2A 4285 CL Woudrichem ✤
Het machtigingsformulier staat ook op onze website. U vindt het onder de knop CONTACT.
Machtigingsformulier Door ondertekening van dit formulier geeft u toestemming aan Altenatuur om één keer per jaar rond 1 maart de contributie van uw rekening af te laten schrijven. Als u het niet eens bent met deze afschrijving kunt u deze laten terugboeken. Neem hiervoor binnen 8 weken na afschrijving contact op met uw bank. U kunt uw machtiging op elk moment intrekken door een mail te sturen aan altenatuur@gmail.com. De hieronder genoemde bedragen kunnen, na goedkeuring op de Algemene Ledenvergadering, verhoogd worden. Naam: Adres: Postcode & Plaats: Bedrag: € 15,00 (lidmaatschap) € 20,00 (gezinslidmaatschap) Een hoger bedrag, namelijk € IBAN: NL Plaats en Datum: Handtekening: 21
Terugblik weidevogelseizoen 2021 ✒Len Bruining
Onze weidevogelgroep is al jaren de grootste groep van de provincie Noord-Brabant en het enthousiasme op ons eiland is nog altijd onverminderd groot. Maar liefst 25 nieuwe vrijwilligers meldden zich in februari aan om bij onze club aan de slag te gaan. En dat zelfs zonder de traditionele startavond die dit voorjaar wegens corona niet door kon gaan. Het kostte de werkgroep zelfs even hoofdbrekens om alle dames en heren onder te brengen in de bestaande loopgroepen. Maar na wat heen en weer gepuzzel konden we zelfs een nieuwe, negende loopgroep oprichten ten zuiden van Woudrichem. Deze groep werd met behulp van de ervaren Jan de Peuter en vakkundige begeleiding van Anja Popelier van het Brabants Landschap opgestart. Er ging een wereld voor de nieuwelingen open, hun verwondering was groot. Maar wat wil je ook als je voor het eerst een kievitseitje voor je eigen ogen uit ziet komen? Ook de loopgroep Veen heeft met de komst van een aantal leergierige enthousiastelingen een prima doorstart gemaakt. 22
Koud en nat voorjaar Het was een ouderwets koud en nat voorjaar en dat bleek voor weidevogels en hun kuikens helemaal niet zo problematisch te zijn. Door het slechte weer konden de boeren pas laat hun percelen gaan bewerken, wat gunstig was voor de pas uitgekomen kievit- en scholeksterkuikens. Ook het gras groeide niet zo hard. Dat pakte voor de grasbroeders goed uit. De eerste boeren gingen pas laat in mei maaien en daardoor konden de vogels hun nesten rustig en beschut uitbroeden. Ook de kuikens profiteerden van de veiligheid op de ongemaaide percelen. Onderweg zag je oudervogels verwoede pogingen doen om predatoren te verjagen en dat is altijd een goed teken. Daarom hebben we al met al behoorlijk wat kuikens daadwerkelijk vliegvlug zien worden. Plasdrasweilanden De vier plasdrasweilanden in het Land van Altena zijn inmiddels ontdekt door steeds meer weide- en trekvogels. Wie er eens een kijkje gaat nemen en zijn oor te luisteren legt, ontdekt veel bijzondere soorten die de natte weilanden uitkiezen voor een tussenstop of als hun broedgebied. Het zijn de hotspots van waaruit de weidevogels zich naar de omgeving uitbreiden.
GPS In het veld worden alle gevonden nesten met behulp van GPS vastgelegd op een site van Landschapsbeheer Nederland. Dit vormt een belangrijk onderdeel van ons werk omdat we met deze gegevens overheden kunnen laten zien wat we in samenwerking met boeren en loonwerkers op ons eiland presteren. Veel maatregelen hebben we dankzij deze gegevens kunnen realiseren.
Onder leiding van onze gebiedscoördinator Meeuwis Millenaar en de ANV worden er in de loop van het seizoen contracten met boeren en pachters afgesloten die gunstig zijn voor de uitkomstresultaten van de gevonden nesten.
23
Drone Dit voorjaar hadden we voor het eerst de beschikking over een gebiedseigen drone. Speciaal daarvoor volgde een aantal piloten een opleiding in samenwerking met de ANV en het Brabants Landschap. Het gevaarte werd veelvuldig ingezet om zoveel mogelijk ervaring op te doen. In alle vroegte (d.w.z. een half uur voor zonsopgang) werd er met het apparaat over de weilanden gevlogen om de goed verscholen nesten op te sporen. Het was uitvogelen en experimenteren en het resultaat was wisselend. De ervaringen worden uitgebreid geëvalueerd en meegenomen naar het volgende seizoen. Loonwerkers in het zonnetje De samenwerking met loonwerkers verloopt ieder jaar beter. Daarom zijn we namens alle vrijwilligers bij een aantal loonwerkersbedrijven langs
24
geweest om ze te bedanken met een toepasselijke taart. De lekkernij werd zondermeer met applaus ontvangen. Excursie Het seizoen werd afgesloten met een excursie in het najaar. Op de mooie zaterdagochtend van zaterdag 25 september stond de koffie voor meer dan veertig vrijwilligers klaar in restaurant De Buurman nabij Poederoijen. Twee boswachters van Staatsbosbeheer maakten er vervolgens een spannend avontuur van door de dames en heren met een struintocht door de uiterwaarden van het Munnikenland bij Slot Loevestein te loodsen. Altijd goed voor de teambuilding, hoewel het aan motivatie binnen onze groep niet ontbreekt. Resultaat Het resultaat van al deze inspanningen mag er ook dit jaar weer zijn. Zoals ieder jaar werden er weer meer nesten gevonden dan in de afgelopen jaren (min het coronajaar 2021). Ook daarin blinkt onze groep uit. Maar het gaat niet alleen om het aantal gevonden nesten. Alles draait om het aantal vliegvlugge kuikens die volgend jaar op hun beurt weer kroost groot kunnen brengen. Zo houd je een weidevogelpopulatie in stand. Dat lijkt ons op ons mooie eland Altena goed te lukken, dankzij de sublieme samenwerking tussen alle partijen die de natuur en weidevogels een warm hart toedragen. ✤
Aantal beschermde legsels per soort per jaar 2000 – 2021 Weidevogelbescherming Land van Heusden en Altena
23 sept/2021/Len Bruining/Dussen/Altena N.B. Sinds 2011 is er sprake van collectief weidevogelbeheer voor grutto, wulp en tureluur. Dat wil zeggen dat vrijwilligers de vogels in vooraf vastgestelde kerngebieden vanaf afstand observeren. Niet alle nesten van deze soorten zijn bezocht. Het aantal in het schema is een combinatie van de vondst van legsels die buiten de collectieve weilanden vallen en officiële alarmtellingen die twee keer gehouden zijn in mei en juni.
25
met illustraties van Kim Renders Sinds een paar jaar is dit prachtige dier weer terug in Nederland: De Wolf! Maar denk maar niet dat je de wolf nu gemakkelijk te zien krijgt. Hij is enorm schuw en zelfs bang voor mensen.
26
De wolf is een groot zoogdier die graag met zijn familie samenleeft. Zo’n wolvenfamilie van ouders en jongen van verschillende leeftijden noem je een roedel of pak. De jongen blijven minstens een jaar bij de ouders totdat ze zelf een roedel willen beginnen of door de ouders worden weggestuurd. Dan gaat een jonge wolf alleen op zoek naar een eigen plek om te leven, dat noem je een territorium.
Een roedel wolven heeft een groot territorium zodat er genoeg voedsel te vinden is voor de hele familie. Een nest wordt vaak gemaakt in de grond tussen boomwortels of in een gegraven hol. Ook kunnen wolven in grotten wonen als er rotsen zijn. Het liefst heeft de wolf een open bosachtige of moerasachtige omgeving waar ook genoeg water om te drinken te vinden is. Dat drinkwater heeft de wolf nodig omdat hij soms hele afstanden aflegt op zoek naar eten. Het kan zijn dat een wolf op 1 nacht wel 60 kilometer loopt. 27
Een wolf eet behoorlijk wat vlees. Omdat de wolf groot is kan hij veel verschillende soorten dieren vangen en eten. De wolf eet muizen, ratten, konijnen, hazen, vogels en gevonden dode dieren. Grotere prooidieren zijn eland, edelhert, wild zwijn, rendier, bever en ree. Het liefst jaagt een roedel wolven samen op een groot prooidier. Meestal zijn dat oude, zieke of zwakke dieren maar ook wel jonge en onervaren dieren. Soms komen wolven ook in het leefgebied van mensen en dan jagen ze ook op schapen. Daarom is niet iedereen even blij met de komst rige keer nog van wolven in .... had ik de vo u Nederland. kerkuil, zit ik n e d r o o v t s g n a ! ept met de wolf weer opgesche Grrrr!
28
Wist je dat De wolf gezien wordt als de voorvader van al onze huishonden? De wolf een dikke hangende staart heeft met een zwarte punt eraan? De wolf voornamelijk ‘s nachts actief is en dan best goed kan zien? Wolven over grote afstand contact met elkaar hebben door te janken? De wolf geur gebruikt om zijn territorium af te bakenen? Hiervoor gebruikt hij zijn urine, net als honden plast de wolf tegen van alles aan. Mannetjes wolven 20 tot 80 kilo zwaar kunnen worden? Vrouwtjes wolven 18 tot 50 kilo zwaar kunnen worden? De loopsporen en pootafdrukken van de wolf op die van de hond lijken?
wolfspoor in het zand
voorpoot
achterpoot
achterpoot
voorpoot
Een wolvendrol op een hondendrol lijkt, maar dan grijs zijn met een puntje eraan? De mens nog altijd de grootste bedreiging van de wolf is? ✤ Vriendelijke groeten,
voorpoot
Linda van Zwet
29
De patrijs als icoon voor de biodiversiteit boeren mét natuur
Het PARTRIDGE-project
- vervolg Het monitoren (deel 1)
✒Henk van Diest
30
In Altenatuurtje 114 heb ik een uitgebreid artikel geschreven over allerlei maatregelen, die zijn getroffen in het PARTRIDGE-gebied Oude Doorn bij Uppel. Elke maatregel binnen dit project heeft specifieke doelen om het landschap patrijsvriendelijk te maken en tegelijk ook de biodiversiteit in het algemeen te bevorderen. In dit artikel wil ik een terugblik geven over de afgelopen 4 jaar, een verslag van onze ervaringen met daarbij enkele conclusies van het monitoren. Als je effecten wilt meten, dan moet je het veld in om te monitoren. En dat is in de afgelopen jaren veelvuldig gebeurd. Ik zal in dit artikel aandacht schenken aan de geluidstellingen en aan de MASwintervogeltelling. De broedvogeltellingen, de avondtellingen en het insectenonderzoek laat ik de revue passeren in een derde en afsluitend artikel. Het verhaal over de tellingen zal ik verlevendigen met interessante ervaringen uit het veld. Met dank aan Jochem Sloothaak van Brabants Landschap voor zijn hulp bij de totstandkoming van dit artikel en zijn prachtige foto’s.
1. De geluidstelling Een bijzondere telling is de geluidstelling. Even weer het leefpatroon van de patrijs oppakken. Als de kuikens in mei/juni uit het ei gekropen zijn, blijven ze gedurende de zomer en het najaar als familie bij elkaar. Vaak sluiten ongepaarde haantjes of hennetjes die hun jongen kwijt zijn aan bij een familie. En héél soms sluit ook een andere familie aan als de jongen van dezelfde leeftijd zijn. We noemen zo’n samengestelde groep een klucht. Maar… half februari gaat er het een en ander veranderen. Het is dan prachtig om te zien wat voor onrust er in de groep ontstaat. Het wild heen en weer rennen lijkt op een spelletje, maar is het begin van een scheiding. De familiebanden worden verbroken. De haantjes gaan een eigen territorium bepalen en proberen een hennetje mee te krijgen. Hij lokt haar steeds verder van de groep af en neemt haar mee naar zijn nieuwe territorium. De haan laat duidelijk horen waar dat is. Juist dán hoor je de anders zo stille patrijzen roepen. En daar maken we gebruik van… Vanaf half februari tot midden maart gaan we in totaal drie keer op pad. Met een geluidsboxje, waarop het geluid te horen is van een roepend haantje, lopen we een transect. Een transect is een vaste route van ongeveer 1500 meter. Vijf transecten zijn nauwkeurig gepland, zodat we bijna het hele gebied kunnen onderzoeken. De transecten liggen voldoende ver uit elkaar om overlap van het geluid van een roepend haantje of een geluidsboxje zoveel mogelijk te voorkomen.
Transecten voor de geluidstelling in Oude Doorn (l) & Genderen (r). De transecten zijn oranje gekleurd, met daar omheen het bereik van het geluid. D=demonstratiegebied em R is referentiegebied
31
We starten ’s morgens één uur voor zonsopkomst en lopen gedurende een half uur het transect af. Elke 100 meter laten we het geluid horen. Zodra we in een territorium van een haantje komen, reageert deze fel. Hij denkt dat er een indringer is en verdedigt zijn territorium. En dan weten wij dat een haantje in deze omgeving een territorium heeft. Uiteraard laten we het geluid niet meer horen, als we een reactie van een haantje hebben vastgesteld, we willen niet onnodig verstoren. Door jaarlijks deze territoria te vergelijken, weten we hoe de patrijzenstand zich ontwikkelt. Maar pas op! Het komt regelmatig voor dat een haantje zich binnen het territorium verplaatst, soms vliegend, meestal rennend. Omdat alles zich in het donker afspeelt, is het niet altijd met zekerheid vast te stellen of hetzelfde haantje zijn territorium verdedigt of dat we met een ander haantje kennismaken. Dubbeltellingen worden zo veel mogelijk verwijderd.
Gert-Jan Ruis en zoon Victor, vrijwilligers die een geluidstelling uitvoeren met een geluidsboxje.
Een geluidsboxje.
Patrijzenhaantjes reageren soms heftig. Een voorbeeld. Bij een telling stonden we op de Uppelsehoek achter een heg, toen we het geluid lieten horen. Een haantje reageerde onmiddellijk en kwam in de schemer heel kort achter de heg staan met de kop rechtop alsof hij wilde zeggen: ‘Wat doe jij hier, maak dat je wegkomt!’ Hij vloog zelfs op en kwam heel dicht langs. Tegelijkertijd was er ook een ander haantje aan de andere kant van de weg actief geworden. Ook dit haantje liet al vliegend duidelijk weten dat hij een territorium had aan de overkant. Kennelijk was de weg de scheiding tussen de territoria. Als we in de Oude Doorn tellen, doen we dit tegelijkertijd ook altijd in Genderen (het referentiegebied). Ook daar is de ervaring dat haantjes soms op een paar meter afstand poolshoogte komen nemen. 32
We noteren op de transectkaarten de positie met een kruisje en noteren het tijdstip en een H voor ‘heard’ en een S voor ‘seen’. Het tijdstip is belangrijk om later eventuele dubbeltellingen te kunnen verwijderen. Tevens noteren we de namen van de tellers met daarbij de weersomstandigheden. Dit is heel belangrijk, want vooral een sterke wind kan een vertekend beeld geven ten opzichte van eerdere tellingen. Overigens wil een vastgesteld territorium nog niet zeggen dat er ook daadwerkelijk een broedgeval komt. Maar deze manier van tellen geeft wel een indicatie van het aantal aanwezige patrijzen en dat is handig, want patrijzen laten zich niet zo gemakkelijk in het veld waarnemen.
Een transectkaart met aantekeningen.
Eén van de zeldzame keren dat je een patrijs mooi te zien krijgt.
33
Uiteraard zijn wij ook iedere ochtend dat we tellen erg benieuwd naar de reacties van de haantjes. Alle resultaten van de afgelopen jaren zijn in de grafieken af te lezen. Deze grafieken geven duidelijk aan dat het inrichten van het landschap heel waardevol is voor de patrijzen en uiteraard ook voor andere vogels. Zie hiervoor figuur 1 en 2. Figuur 1.
Grafiek van de aantallen haantjes per km transect 2017-2021 in de Oude Doorn, het gebied ingericht met maatregelen in het kader van het PARTRIDGE-project.
Figuur 2.
Grafiek van de aantallen haantjes per km transect 2017-2021 referentiegebied Genderen, een gebied waar wel patrijzen voorkomen, maar waar geen speciale maatregelen zijn getroffen om de patrijs te helpen.
Toelichting figuur 1 en figuur 2. Het is inmiddels duidelijk dat de predatiedruk toeneemt. Het aantal roofvogels is toegenomen. Kiekendieven, buizerds en torenvalken zijn meer aanwezig dan voor de start van het project. Een duidelijke toename van de biodiversiteit. Ook worden er steeds bij de avondtellingen vossen in het gebied gesignaleerd. 34
2. MAS-tellingen. De afkorting MAS staat voor Meetnet Agrarische Soorten. Het is een standaardmethode om snel een beeld te krijgen van de aanwezigheid van vogels in een open landschap. Wij gebruiken de MAS-telling in de winter om te bepalen welke vogels gebruik maken van gebieden waarin maatregelen zijn getroffen, zoals bijv. bloemblokken, heggenranden en keverbanken. Vanaf oktober tellen we iedere maand op 18 vastgestelde telcirkels (diameter 600 meter) in de Oude Doorn. We starten rond 9.00 uur en zijn de hele ochtend in twee groepen op pad met ieder 9 telcirkels. Tegelijkertijd wordt er in Genderen in 9 telcirkels geteld. We maken hierbij gebruik van AviMap, een app van Sovon Vogelonderzoek Nederland. Dit onderzoeksbureau volgt de Nederlandse vogelstand op de voet en adviseert partijen die bij de vogelstand betrokken zijn. Op de tablet zijn de 27 telcirkels zichtbaar. Op zo’n telcirkel worden alle vogelwaarnemingen binnen een straal van 300 meter genoteerd. Alleen gebiedsgebonden vogels worden geteld. Kolganzen die overvliegen tellen we dus niet, maar als ze gebruik maken van het gebied (rusten, fourageren) tellen we ze wel. Na afloop worden de tellingen geüpload. Altijd een spannend moment, want als het uploaden mislukt, kun je opnieuw beginnen. Maar... dat is gelukkig nog niet voorgekomen! Op het moment van schrijven hebben we drie van de zes tellingen alweer achter de rug. Bij onze eerste telling op 22 oktober zagen we nog twee boerenzwaluwen. De tablet met de telcirkel (rood) in het Prompt werd er bij het uploaden gevraagd gebied. of deze waarneming wel correct was. En als je tijdens de eerste telling een sperwer succesvol door een wolk spreeuwen ziet schieten, gevolgd door een paar zwarte kraaien, dan is dat toch weer een verrassende waarneming. Van de tellers in Genderen kregen we de melding dat ze een klucht patrijzen hadden geteld. Helaas... wij niet. Bij de laatste telling op 19 november hebben we een blauwe kiekendief gespot. En dat is echt bijzonder, want deze vogelsoort gaat in aantal flink achteruit. Bij de derde telling op 17 december hadden we in het PARTRIDGE-gebied onze eerste klucht van 6 patrijzen. En een Cetti’s zanger liet zich ook nog horen. 35
De resultaten van de geluidstellingen en MAS-tellingen van beide gebieden, worden steeds met elkaar vergeleken. Uiteraard hopen we dan verschillen te kunnen laten zien tussen Genderen, waar geen maatregelen worden getroffen, en het PARTRIDGE-gebied de Oude Doorn. Door te vergelijken kun je conclusies trekken. En daaropvolgend beleid maken voor de toekomst.
Voor het PARTRIDE-project zijn tien vogelsoorten als doelsoort aangemerkt. Als de aantallen van deze vogels toenemen, is dat een belangrijke indicatie dat er een verbetering van het landschap heeft plaatsgevonden. Bij het samenstellen van de 18 telcirkels in het PARTRIDGE-gebied zijn 9 telcirkels gekozen op een locatie met maatregelen voor de patrijs (denk aan o.a. bloemblokken (zie foto boven), graanveldjes, keverbanken, heggenranden). In de grafieken van figuur 3 worden deze weergegeven als: ‘met beheer’. De andere 9 telcirkels zijn in de grafieken vermeld als ‘zonder beheer’. Met ‘referentie’ worden in de grafieken de telgegevens van het referentiegebied in Genderen bedoeld. In Genderen zijn alle 9 telcirkels zonder beheer, dus zonder maatregelen voor de patrijs.
Een voorbeeld met de veldleeuwerik. Bij elke telronde (in totaal 6) wordt in iedere telcirkel met beheer het aantal veldleeuweriken ingevoerd. Vervolgens wordt het gemiddelde voor de 9 telcirkels uitgerekend. Een totaal van 57 veldleeuweriken in 9 telcirkels levert dan een gemiddelde op van 6,3 leeuweriken. Dit aantal wordt in de grafiek voor de veldleeuwerik weergegeven. 36
De veldleeuwerik.
Figuur 3.
Samengestelde grafiek van maximaal aantal territoria van de tien doelsoorten per type telcirkel in de Oude Doorn. Per jaar zijn er drie staafjes getekend. De twee linkerstaafjes geven info over het PARTRIDGE-gebied Oude Doorn (met beheer en zonder beheer). Het derde, rechterstaafje staat telkens voor het referentiegebied Genderen.
Toelichting figuur 3 De grafiek laat ons zien dat er een groot verschil is ontstaan tussen het PARTRIDGE-gebied en het referentiegebied Genderen. De telcirkels met beheer scoren zonder uitzondering het hoogst. De nabijgelegen telcirkels zonder beheer liften kennelijk mee voor een positiever resultaat. Vogels maken dus ook van deze locaties gebruik. De telcirkels van het referentiegebied Genderen blijven duidelijk achter. Een resultaat, waarmee we aantonen dat het treffen van maatregelen vruchten afwerpt. Dat hadden we wel verwacht, maar hoe groot de verschillen zijn, wordt nu ook duidelijk. In 2019 waren er kennelijk meer veldleeuweriken en torenvalken in het referentiegebied vergeleken met de locaties zonder beheer in het PARTRIDGEgebied. In 2020 zie je ineens een veel groter aantal veldleeuweriken waar beheer is toegepast. In de wintermaanden zie je vaker grotere groepen veldleeuweriken rondtrekken en dat kan een wat vertekend beeld geven. Een telling is altijd een momentopname. De weersomstandigheden spelen daarbij ook een rol. Buiten de tellingen om zie ik ook regelmatig vogels, die in een telling niet zouden misstaan. Maar ja... met vogels is het moeilijk afspraken maken. 37
Figuur 4.
Soortenrijkdom aan wintervogels voor alle typen telcirkels (kleuren) in werkgebied Oude Doorn en het referentiegebied bij Genderen (grijs).
Toelichting figuur 4 In deze grafiek wordt de soortenrijkdom van de wintervogels in de Oude Doorn weergegeven. Ook deze grafiek onderscheidt de drie verschillende soorten telcirkels (met beheer-zonder beheer-referentie). Met ‘soortenrijkdom’ wordt het aantal soorten aangeduid, dus niet het totaal aantal van elke voorkomende soort. Of er nu 1 buizerd voorkomt of 8 maakt natuurlijk wel een groot verschil. Uit de vele tellingen waaraan ik heb meegedaan weet ik dat de aantallen roofvogels duidelijk toenemen. Ook logisch, want er is meer voedsel te vinden, de biodiversiteit is groter geworden. Ook de soortenrijkdom (alle vogelsoorten) in het PARTIDGE-gebied is dus toegenomen. Er profiteren aanzienlijk meer wintervogels van de maatregelen. Vooral de aangeplante heggenranden met besdragende struiken zijn favoriet voor de vogels, zij vinden er voedsel, dekking en uitstekende nestgelegenheid.
38
Ten slotte Wie nu de Oude Doorn bezoekt, ziet dat de drie jaar geleden aangeplante struweelheggen steeds groter en voller worden. De meidoornbessen en rozenbottels zijn prachtig opvallend gekleurd. We hebben al heel veel vogels gezien die van de bessen genieten. Een belangrijk winter-restaurantje voor onze vogels. Bovendien is er meerdere keren een wakend patrijzenhaantje gezien langs de heggen. Een teken dat er daar een nest is. De kaardenbollen en de uitgebloeide zonnebloemen zijn ook volop in trek bij o.a. putters, vinken, kepen en groenlingen. Het is een landschap geworden, waar nu veel valt te genieten, een groot verschil in vergelijking met de start van het project. We mogen dan ook zeker de boeren niet vergeten te bedanken voor hun belangrijke medewerking aan dit project. En uiteraard zijn ook de vrijwilligers onmisbaar om het project te doen slagen.
Een kaardenbol.
Mocht je interesse hebben om aan dit project deel te nemen, neem dan gerust contact op. Want bijvoorbeeld het meelopen op een transect (wel vroeg opstaan!) kan een ware belevenis voor je worden. Mijn e-mailadres is: henk@vandiest.info. ✤ 39
FOTOWEDSTRIJD 2021 ✒Len Bruining & Wouter van Rijsbergen
Agnes Westerlaken heeft met haar foto van de Groesplaat bij hoogwater de fotowedstrijd van Altenatuur gewonnen. De foto werd afgedrukt op de kerstkaart die Altenatuur jaarlijks stuurt naar honderden personen en instanties waar ze mee samenwerkt. Maar liefst 54 inzendingen werden ingestuurd, het is goed te weten dat er in Altena zo veel mensen rondlopen met een camera en oog voor de natuur! We bedanken alle inzenders hartelijk voor hun prachtige foto’s en hopen dat zij een volgende keer weer mee willen doen!
1
40
Agnes Westerlaken: Groesplaat bij hoogwater
2
Lione Somsen: Winterse uiterwaarden bij Genderen
3
Pim Verschuren: Uitzicht op de kerktoren van Gorinchem vanaf de Sleeuwijkerwaard
Een eervolle vermelding is er voor Karin Zegwaard met: IJslagen in het riet in de Noordwaard (zie bladzijde 2)
41
Een schoolmoestuin ✒Myrthe Paans
In het rustige dorpje Eethen zijn we met een groepje enthousiaste buurtbewoners bezig om een schoolmoestuin op te zetten. We willen onze liefde voor de natuur en het (moes)tuinieren doorgeven aan de jongere generaties en hebben daarvoor een prachtig plekje gevonden in het nieuwe wandelbos ‘de Lankert’. Dit bos ligt aan de rand van het dorp, naast de Prins Willem Alexander basisschool.
Vanaf maart 2022 gaat het echt gebeuren, de kinderen van groep 7/8 komen dan wekelijks naar de schoolmoestuin om daar hun eigen tuintjes te verzorgen! Iedereen krijgt een paar vierkante meter tuin, en daarnaast komt er binnenkort een grote gemeenschappelijke koepelkas waarin we onze zaailingen veilig kunnen laten opgroeien en waar plaats is voor de lekkerste tomaten.
42
Het doel van de schoolmoestuin is om samen met de kinderen te leren over natuur, duurzaamheid, gezonde voeding en het groeien van lekkere planten. Op de tuin leren de kinderen waar het eten op hun bord eigenlijk vandaan komt, ze proeven de eigen oogst en leren hoe ze goed voor hun eigen stukje grond kunnen zorgen. Hopelijk ontwikkelen ze zo ook een liefde voor de natuurlijke wereld en tuinieren.
De kinderen doen alles zelf, van zaaien en wieden tot oogsten, maar de vrijwilligers staan natuurlijk altijd klaar om uitleg te geven en te helpen. Jong en oud werkt daarbij samen en leert van elkaar. Buiten bezig zijn is goed voor een mens, het geeft voldoening om concreet resultaat te zien van je werk en dat creëert zelfvertrouwen. Wat is er nou nog belangrijker dan dat in de opvoeding van een kind? Uit onderzoek blijkt ook nog eens dat kinderen die tuinieren meer interesse hebben in het eten van groente en fruit en dat zij die interesse ook op de lange termijn vasthouden. Voor ons meer dan genoeg aanleiding om zo snel mogelijk te willen beginnen! Het wandelbos in Eethen wordt een echte groene ontmoetingsplek voor de omliggende dorpen. Er is al een boomgaard aangeplant, er ligt een kindercrossbaan, de kinderen van de basisschool hebben afgelopen november het bos zelf helpen planten, en als kers op de (worteltjes)taart wordt de schoolmoestuin van 275m² ingericht. De kinderen kunnen straks dus rechtstreeks uit school het wandelbos in rennen, eerst nog even de eigen tuintjes bekijken (‘Kijk ik zie al een sprietje boven de grond uitkomen!’) en vervolgens lekker gaan spelen tussen al het groen. Dit is een droom die uitkomt voor ons, via Instagram en Facebook zal de opening van de schoolmoestuin worden aangekondigd, we hopen u dan te zien! ✤
43
Rondvaren in de Biesbosch ✒Kees Schuitmaker
Zo’n groot natuurgebied met kleine kronkelige kreken, afgewisseld met ruim vaarwater. Die bijna 10.000 hectare lokt vele watersporters in de mooie maanden van het jaar naar dit gebied. Rondvaren in de Biesbosch, heerlijk…
44
Plek genoeg zou je zeggen, maar het aantal natuurliefhebbers bereikt langzamerhand de grenzen van wat nog verantwoord is. Een vergelijking met Zandvoort aan Zee op een zomerse dag dringt zich snel op: waar parkeer je je auto, waar vind je nog een eigen plekje op het strand en waar laat je na afloop je afval?
Sinds 1994 is de Biesbosch een nationaal park en dat houdt in dat de bescherming van de natuur op de eerste plaats komt en dat er een goede afstemming moet zijn met de invloed van de mens in dit gebied. Daar schuurt het nou net. Wie bepaalt wat nog mag en kan en wie heeft daar zeggenschap over? Staatsbosbeheer gaat sinds 1994 over het Nationale Park de Biesbosch en wil 90% van het gebied toegankelijk houden voor bezoekers. In oktober 2017 verscheen er in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken, directie Natuur & Biodiversiteit, een beheerplan. “Het Natura 2000 Beheerplan van de Biesbosch.” Het doel van dat plan werd daarin als volgt omschreven: De belangrijkste opgave voor de Biesbosch is een kwaliteitsverbetering van het zoetwatergetijdegebied ten behoeve van vochtige alluviale bossen (zachthoutooibossen), ruigten en zomen, slikkige rivieroevers, vissoorten (bijvoorbeeld de fint), de noordse woelmuis, de tonghaarmuts en de bever. In hetzelfde rapport staat ook: Niet alleen de natuur is belangrijk. De Biesbosch biedt bewoners uit de omgeving en recreanten ook een prachtig decor voor vaartochten, wandelingen, fietstochten en andere recreatievormen.
Mooi beschreven in zo’n beheerplan, maar er wordt tot op de dag van vandaag gezocht naar een optimale samenwerking met bewoners uit de regio, bezoekers, politiek, bestuur en het bedrijfsleven. Dat zij allemaal een ander belang en een andere insteek hebben, maakt het lastig om tot een eenduidig beleid te komen en bindende afspraken te maken. De jachteigenaren die vanuit de omliggende jachthavens de Biesbosch bezoeken, willen zo weinig mogelijk beperkingen in waar ze mogen varen en overnachten. En dan zijn daar nog de mensen die een bootje huren. Dat kunnen kano’s zijn, varende blokhutten of sloepen met een buitenboordmotor. Dat niet iedereen daarbij dezelfde muzieksmaak heeft, hoor je soms van verre als een muziekdoos op vol vermogen de feestvreugde komt verhogen. Uiteraard komen de inkomsten voor die verhuurbedrijven op de eerste plaats, want de investeringen moeten wel renderen. 45
Op zomerse dagen, en vooral in het weekend, zorgen die bootjes voor files in de smalle sloten. Ondertussen neemt de druk op de Biesbosch alsmaar toe, vooral in de zomermaanden. Je kunt dan bijvoorbeeld wel bevertochten organiseren, maar bevers trekken zich steeds verder terug als er luidruchtige motorbootjes langs komen. 4 PK buitenboordmotoren op benzine laten bovendien een blauwe walm achter, die op windstille dagen langdurig te ruiken is.
Beverburcht
De wintermaanden zijn daarom wel heel aantrekkelijk om de Biesbosch te bezoeken. Geen bladeren aan de bomen, geen bootjes of kano’s, geen mensen met blote bruine en getatoeëerde basten en slechts natuur zoals die bedoeld is. Op een heldere, windstille en zonnige winterdag met rijp op de bomen, kun je je voorstellen dat hier toch het Paradijs is begonnen. Het zou zomaar kunnen… ✤ ... geen bootjes of kano's ...
46
Stoepplantjes Harig knopkruid is een plantje dat tot in december bloeiend te vinden is op straten en in tuinen. Het is een algemene soort. De bloemetjes zijn klein, maar het is toch de moeite waard om ze eens goed te bekijken. Het lijken namelijk gewoon bloemen met een geel hartje en een witte krans. Maar schijn bedriegt. Als je goed kijkt, kun je zien dat dat gele hartje bestaat uit allemaal kleine, gele bloemetjes. Om dat te zien heb je wel een loepje nodig. De witte blaadjes aan de buitenkant maken de bloemen nog opvallender. Dankzij deze blaadjes kunnen insecten, later dit jaar, de bloemetjes al van veraf zien. Kijk eens of je in januari ook nog harig knopkruid in de buurt ziet bloeien. ✤ ✒Jan van Haaften
47 47
Soortenmanagementplan ✒Roel Wigman
HELP!
48
Afgelopen zomer verschenen er regelmatig berichten in de media over incidenten met vleermuizen bij het isoleren van woningen. Zo werden er met enige regelmaat dode en verzwakte vleermuizen aangetroffen bedekt met lijm en isolatiematerialen. De kans is groot dat een nog groter aantal vleermuizen niet op tijd kon wegkomen en levend zijn begraven tijdens het isoleren.
Dit had nooit mogen gebeuren en is in het kader van de Wet Natuurbescherming zelfs strafbaar. De meeste soorten vleermuizen in Nederland zijn sterk afhankelijk van onze gebouwen en verblijven in spouwmuren en onder dakpannen. Door gebruik te maken van deze ruimten zijn vleermuizen extreem kwetsbaar voor ingrepen aan woningen en gebouwen. Vanwege deze kwetsbaarheid zijn ze dan ook zeer strikt beschermd op basis van de Wet Natuurbescherming.
Zo zijn huiseigenaren en woningbouwcorporaties verplicht voorafgaand aan ingrepen aan gebouwen en woningen onderzoek te doen naar het voorkomen van vleermuizen en op basis daarvan proactief maatregelen te nemen. Denk bijvoorbeeld aan het plaatsen van vleermuiskasten en het voorkomen van slachtoffers. De Wet Natuurbescherming wordt door veel bouwbedrijven en woningbouwcorporaties als belastend en vervelend ervaren. Deze conclusies kunnen getrokken worden aan de hand van gesprekken met deze partijen in het kader van natuurinclusief bouwen en inrichten. Voor individuele ingrepen in een gebied moet afzonderlijk ontheffing worden aangevraagd. Dat is niet effectief. En als je even niet oplet, kun je zomaar anderhalf tot twee jaar bezig zijn met een ontheffingsprocedure (inclusief het onderzoek). Daarmee schieten de beschermde soorten, zoals vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen, ook weinig op. Het spanningsveld tussen enerzijds isoleren en anderzijds soortenbescherming is ook de energiecoöperatie Altena Nieuwe Energie niet ontgaan. Altenatuur, meer specifiek de werkgroep Natuurinclusief Altena, is dan ook gevraagd een oplossing voor dit vraagstuk te bedenken. Een oplossing waarbij zowel vleermuizen als het isoleren van woningen gebaat zijn. Uiteraard sluit dit vraagstuk uitstekend aan bij de ervaringen die de werkgroep Natuurinclusief Altena in de loop van de jaren opdeed tijdens het opstellen van beleid voor natuurinclusief bouwen en inrichten. Gelukkig is er binnen de Wet Natuurbescherming een mogelijkheid voor het aanvragen van een gebiedsgerichte ontheffing. Wanneer een dergelijke ontheffing wordt afgegeven voor Altena
laatvlieger
laatvlieger
gewone grootoorvleermuis
49
zijn bouwbedrijven en particulieren niet langer verplicht per woning of gebouw onderzoek te doen naar het voorkomen van vleermuizen en volstaat het voldoen aan de zorgplicht (het voorkomen dat vleermuizen in de spouwmuur aanwezig zijn tijdens werkzaamheden). Een proactieve aanpak dus, waarbij het belang van de beschermde soorten uitgangspunt is. Daarvan profiteren niet alleen de dieren, het biedt ook meer planningszekerheid. En dat is belangrijk voor bouwbedrijven en woningcorporaties. Vertraging in de bouw, bijvoorbeeld omdat in een laat stadium beschermde soorten ontdekt worden, loopt in de papieren. Met een gebiedsgerichte aanpak, gebaseerd op een soortenmanagementplan (SMP), kan dit voorkomen worden. In een SMP wordt per soort beschreven hoe die ervoor staat (de 'staat van instandhouding') en welke maatregelen er getroffen dienen te worden om de staat van instandhouding eventueel te verbeteren (bijvoorbeeld het plaatsen van neststenen of vleermuizenkasten in het kader van natuurinclusief bouwen en inrichten). Dit vergt natuurlijk wel het nodige onderzoek. Op grond van het SMP geeft de provincie een gebiedsontheffing af voor tien jaar. In die periode moet er wel gemonitord worden of de voorzieningen gebruikt worden en of de soorten er inderdaad op vooruit gaan. Met een gebiedsontheffing creëer je zekerheid, zodat initiatieven die in het plan passen door kunnen gaan. De instandhouding van beschermde soorten wordt verbeterd en je vermindert de administratieve lasten. Een winwinsituatie voor meerdere partijen. Op dit moment zijn wij (werkgroep Natuurinclusief Altena) met verschillende partijen in gesprek om te kijken of wij in Altena in de toekomst 50
gebruik kunnen gaan maken van een SMP om ondernemers en particulieren te ontlasten van regeldruk en het verbeteren van de soortenbescherming van vleermuizen en vogels. Tot nu toe zijn alle betrokken partijen enthousiast over de mogelijkheden van een SMP en zien dit ook als noodzakelijke richting voor het stimuleren van het isoleren van woningen en gebouwen in het kader van de energietransitie en het beschermen van indicatorsoorten als vleermuizen en vogels. Gemeente Tilburg heeft veel ervaring met een SMP en kan ons helpen bij een mogelijke implementatie ervan in ons gebied. Voor het opstellen van een SMP is het uitvoeren van een nulmeting verplicht, op basis van deze nulmeting wordt gekeken hoe de individuele soorten ervoor staan en welke maatregelen genomen moeten worden om deze soorten in hun voortbestaan te beschermen. De provincie Noord-Brabant controleert met behulp van de jaarlijkse monitoring of de doelen die in het SMP zijn gesteld ook worden behaald. Dit is noodzakelijk om in aanmerking te blijven komen voor een gebiedsontheffing van de strikte wetgeving. Bij de nulmeting voor vleermuizen wordt gekeken waar de verblijfplaatsen zijn en hoe de vleermuizen hun omgeving gebruiken. Hierbij worden ook aantallen in kaart gebracht. Tijdens de jaarlijkse monitoring worden deze locaties wederom bezocht en de aantallen genoteerd. In de praktijk worden vaak routes door wijken of kernen gereden en na afloop uitgelezen en vertaald in aantallen en soorten. Het voordeel van deze werkwijze is dat deze routes niet door een professional afgelegd hoeven te worden, maar dat ook vrijwilligers zonder ecologische kennis dit kunnen doen. na Alte
51
De zoogdierwerkgroep van Altenatuur heeft al de nodige ervaring met het uitvoeren van vleermuisonderzoek. Sinds 2014 voert deze werkgroep jaarlijks metingen uit met een batlogger langs vaste trajecten in Altena. De verzamelde gegevens (calls) worden eerst gecontroleerd en op naam gebracht. Na deze tijdrovende klus weten we welke vleermuizen er zijn gehoord en waar ze zich bevinden. Vervolgens worden de gegevens doorgestuurd naar de Zoogdiervereniging, waar ze nogmaals gecontroleerd worden en ten slotte verstuurd naar het CBS. Het zal mooi zijn als we deze trajecten kunnen uitbreiden in het kader van het SMP. Iedere winter wordt er door de Vleermuizenwerkgroep Noord-Brabant ook een telling gedaan in de gebouwen van Fort Giessen. Het fort is een goede overwinteringsplaats voor de kleine zoogdieren. In het fort zijn ze verzekerd van een vorstvrije overwinteringsplaats. Ook de luchtvochtigheid, heel belangrijk voor vleermuizen, is er op een hoog peil. Tijdens de tellingen zijn de volgende vijf soorten waargenomen: baardvleermuis, bruine grootoorvleermuis, gewone dwergvleermuis, meervleermuis en watervleermuis. Door de nulmeting in het kader van het SMP komt er steeds meer inzicht in vaste verblijfplaatsen van vleermuizen. Door middel van deze inzichten kunnen we in de toekomst veel betere bescherming bieden aan vleermuizen. Uiteraard geldt dit ook voor andere icoonsoorten zoals huismus en gierzwaluw. Voor het creëren en behouden van voldoende verblijfplaatsen en leefgebieden in het kader van het SMP is het essentieel te investeren in natuurinclusief bouwen en inrichten en dit te stimuleren bij burgers, projectontwikkelaars, architecten en bouwers. Op deze manier zijn er altijd voldoende verblijfplaatsen en leefgebieden aanwezig in de kernen van Altena. Natuurinclusief Altena heeft de afgelopen jaren hard aan de weg getimmerd om het natuurinclusieve bouwen en 52
inrichten in Altena vorm te geven. Zo hebben wij bij bouwprojecten in Sleeuwijk, Andel en Almkerk meegedacht over het plaatsen van nestvoorzieningen voor vogels, vleermuizen en insecten. Ook hebben wij particulieren ondersteund in het plaatsen van nestvoorzieningen en het vergroenen van de tuin. Tenslotte adviseren wij de gemeente Altena bij het opstellen van beleid op dit gebied. Het is ons doel om architecten, bouwers, projectontwikkelaars en woningbouwcorporaties samen te laten werken om het natuurinclusief bouwen te verwezenlijken zonder tussenkomst van overheden. Maar in de transitiefase lijkt het Gierzwaluwenstenen ons zinvol dat de gemeente Altena randvoorwaarden opstelt bij bouwprojecten om natuurinclusief bouwen te garanderen Bloesemhoff, Andel en te stimuleren. Het instellen van een puntensysteem voor het winnen van aanbestedingen voor bouwprojecten zal een mooie aanvulling zijn, hiermee kan een minimaal voorzieningenniveau worden gegarandeerd. Door het opnemen van natuurinclusieve maatregelen kunnen punten gescoord worden die de kans op het winnen van de aanbesteding vergroten. Het is de uitdaging dit systeem zodanig op te stellen dat alle soorten die afhankelijk zijn van natuurinclusief bouwen aan bod komen. Helaas gaat het nog de nodige tijd kosten voor wij in Altena de beschikking hebben over een SMP. Toch staat er voor het komende jaar een groot aantal woningen in Altena op de nominatie om beter geïsoleerd te worden in het kader van de nieuwe Warmtevisie van de gemeente. Dit betekent dat voor deze verbouwingen de huidige strikte wetgeving geldt. In de Factsheet 'Maatregelen vleermuizen bij na-isolatie' vindt u tips hoe u dit in de praktijk het beste kunnen aanpakken. ✤ Voor meer info:
https://www.zoogdiervereniging.nl/nieuws/2021/ vleermuizen-slachtoffer-van-na-isolatie
53
Eerste wereldboom in Altena! ✒Johan Roodnat
De eerste wereldboom in de gemeente Altena is een feit! Een aantal jaren geleden was er in het fort in Giessen een lezing van de Stichting Wereldboom, een druk bezochte avond. Ton Stokwielder sprak over wereldbomen, bomen die zo oud mogen worden als ze zelf willen. Bij wereldbomen kun je denken aan oude dorpsbomen zoals je die soms nog ziet in Brabant, maar ook nog heel veel in Engeland en Frankrijk. Margo van Beem en ik hebben eens door ons dorp gelopen om te kijken op welke plaats er zo’n boom misschien al staat of geplant zou kunnen worden…
Wereldboom Voor mijn school Sta jij trots en vrij Heel gewoon Maar een voorbeeld voor mij Groei verder door de eeuwen Zodat na mij elk kind In heden en in toekomst Onder jouw takken bescherming vindt
54
Onze keus viel op een rode kastanje die geplant is bij de basisschool, ongeveer dertig jaar geleden. Persoonlijk had ik wel wat met die boom omdat mijn dochter die nog geplant heeft. Hij heeft wel last van de kastanjeziekte maar in overleg met Bas de Wit van de gemeente en wethouder Ronald van Vugt hebben we deze boom uitgekozen, hij was nog vitaal genoeg om heel oud te worden. Om hem een beetje op te peppen hebben we met een aantal vrijwilligers en de kinderen van de basisschool een laag compost en houtsnippers aangebracht rond de stam, om de boom te voeden.
Kinderen van de school hebben een gedicht gemaakt dat binnenkort op een bord geplaatst zal worden door de gemeente. Margo en ik hebben ook nog een aantal bolletjes en planten rond de boom geplant waaronder: Kaukasische smeerwortel, gele dovenetel, longkruid, maarts viooltje, hangende zegge, sneeuwroem, citroenmelisse, ooievaarsbek, narcissen en krokussen. Een diversiteit aan planten dus. In het trottoir hebben we ook verschillende planten rond bestaande bomen gezet en de heg vervangen door een akkerbloemenrand. Het zag er deze zomer al heel gezellig uit. Nu maar hopen dat de boom zich lekkerder gaat voelen en dat nog vele generaties de boom weten te vinden om even onder bij te praten of even onder uit te rusten. We vonden het in ieder geval een leuk project en hopen dat andere plaatsen zullen volgen! ✤ 55
Kerken van goud, dominees van hout Over de verwording van de Nederlandse natuurbescherming - een recensie -
✒Jaap van Diggelen
Onder deze bijzondere titel bracht Rob Bijlsma in juni 2021 een kloek boek uit. Hij trekt hierin van leer tegen de huidige aanpak van natuurbescherming in ons land. De tekst op de binnenflap van het boek geeft de kern aan van wat er in Bijlsma’s ogen fout is:
De natuur in Nederland heeft zich op achterbakse wijze ontwikkeld tot verkeerde natuur. Dat is ten strengste verboden. Vandaar dat natuurbeschermers krachtdadig ingrijpen, natuur is geen natuur zonder graafmachines, omgezaagde bossen en massarecreatie. Natuurbescherming moet een verdienmodel zijn, een tak van industrie waar duizenden mensen een baantje vinden. Deze goegemeente heeft bedisseld dat de levende natuur geen millimeter mag afwijken van het gewenste ‘profiel’. Vogelonderzoeker Rob Bijlsma zag het een halve eeuw aan. Op basis van wetenschap en hardcore veldwerk stelt hij de onzin van het groene circus op overtuigende wijze aan de kaak. Er is maar één conclusie mogelijk: de bezem door die augiasstal van geldverslaafde natuurvernielers en -uitbaters. 56
Bijlsma heeft een enorme staat van dienst als onderzoeker. Hij is autodidact en heel zijn leven (inmiddels is hij 66) is hij al bezig met gedegen en uitgebreid onderzoek aan roofvogels. Hij publiceerde een aantal boeken, stuk voor stuk standaardwerken over kennis van en onderzoek aan roofvogels en daarnaast honderden artikelen. Zijn jeugd bracht hij door in Wageningen. In die periode kamde hij de heidegebieden rond Ede uit op broedvogels. Later vestigde hij zich in Drenthe, in een afgelegen woning midden in het Drents-Friese Wold waar hij nu al tientallen jaren als een soort kluizenaar woont. Tot zijn grote verdriet zag hij de bossen rond zijn woning omgevormd worden, ontdaan van ‘exoten’, in toenemende mate gebukt gaand onder een groeiende stroom recreanten en tot overmaat van ramp: over grote delen gekapt om ‘betere’ en ‘mooiere’ natuur kansen te geven. Zijn boek is één grote aanklacht hiertegen. Bijlsma onderbouwt zijn aanklacht met resultaten uit jarenlange minutieuze onderzoeken aan wespendief, havik,
sperwer en buizerd in de bossen om zijn huis. Hij kent die bossen op zijn duimpje en herkent veel van de hier broedende roofvogels individueel aan de hand van hun ruiveren. Hij vindt uit welke bomen hun voorkeur hebben om het nest in te bouwen en constateert met lede ogen dat het aantal broedparen afneemt met het versnipperd raken van het bosgebied (waar steeds meer percelen worden gekapt). Hij ziet legselgrootte en broedsucces van genoemde soorten afnemen, predatie van jongen op horsten toenemen. Hij verwijt beheerders dat ze het terrein dat ze beheren en de daarin levende fauna, onvoldoende kennen. In ruim twintig jaar constateerde Bijlsma dat bij het kappen van bospercelen havik bomen met nesten erin (roofvogels gebruiken soms jarenlang hetzelfde nest om te broeden) werden gekapt. Dit gebeurde ook met bomen die van te voren gemarkeerd waren om niet gekapt te worden! Bovendien werden vele nestbomen gekapt, simpelweg omdat ze niet ontdekt en dus niet gemarkeerd waren. Nesten van wespendief en sperwer zijn lastig te vinden waardoor van deze soorten 80% van de nestbomen sneuvelde! 57
Bijlsma heeft zijn eigen kijk op exoten die volgens geldend bosbeheer moeten worden bestreden zoals Amerikaanse vogelkers (‘bospest’) Amerikaanse eik en ook de Japanse duizendknoop. Niet alleen toont hij aan dat de exotische vogelkers een welkome toevoeging is op het bessenmenu van zangvogels in het bos, ook breekt hij een lans voor de betekenis van de zo verfoeide Japanse duizendknoop voor biodiversiteit (schuilplaats en voedsel voor vele soorten). In een aantal hoofdstukken gaat hij dieper in op soortenbescherming van vogels. Zo schrijft hij over de desastreuze rol van katten die met elkaar jaarlijks miljoenen vogels en kleine zoogdieren verorberen. Een hoofdstuk met als titel ‘Weidevogeltreurnis’ zegt genoeg. Er is een drieluik over het geldverslindende échec rond de (uit) stervensbegeleiding van het korhoen in ons land. Daarnaast fulmineert hij in een hoofdstuk getiteld ‘Rapportjes bakken als panacee’ tegen de opstapelende diarree van rapporten die vanachter het bureau de zaken die misgaan of vermeend worden zich af te spelen in het veld, verklaren, wegpraten of laten buikspreken. 58
In een serie hoofdstukken onder de titel ‘Over de mensen in het bos’ beschrijft hij hoe door het in beeld brengen van natuur om mensen te lokken, de stroom mensen in natuurgebieden uit de hand is gelopen. Met alle gevolgen van dien voor de daar levende flora en fauna, voor de bescherming waarvan de natuurbeheerders toch waren aangesteld. De focus van de beschermingsorganisaties op ‘mensen’ toont Bijlsma aan door het aantal foto’s met mensen erop in hun jaarverslagen te turven. Het aandeel ‘foto’s met mensen’ stijgt bij alle instanties, wat tekenend is volgens de auteur: het zou toch om natuur moeten gaan? Van 1993 tot 2015 telde hij maandelijks het aantal gevonden blikjes, flesjes en pakjes langs een fietspad van 3 km dat langs zijn woning loopt. Deze ‘blikjesindex’ loopt schrikbarend op in deze periode. Eenzelfde sterk stijgende lijn ziet hij bij het aantal honden dat hij tussen 1992 en 2020 bijna wekelijks telde in zijn directe bosomgeving. In zijn eindeloze tel- en meetdrang heeft Rob verder tien jaar lang vastgesteld op hoeveel meter vogels voor hem wegvliegen. In het
boek staat een tabel met de resultaten hiervan voor 93 vogelsoorten. Hij vermeldt de gemiddelde afstand waarop ze wegvliegen met standaardafwijking, minimum/maximum vluchtafstand en het aantal waarnemingen waarop dit is gebaseerd. Reigers, ganzen en roofvogels vliegen al op als je nog op meer dan 100 meter afstand bent. De kleintjes (goudhaan, mezen) doen dat op minder dan 5 meter pas. Beetje een open deur, dit resultaat, maar het laat zien dat Bijlsma niets zo maar beweert of vermoedt, alles onderzoekt hij tot in de finesses. Met deze cijfers kun je aantonen dat die menigte bezoekers toch echt wel verstoort in het bos! Nauwkeurig toont hij bovendien aan dat het padennetwerk in de bossen de afgelopen twintig jaar aanzienlijk is verdicht zodat de vogels steeds minder kans hebben mensen te mijden. Het in goede banen leiden van de grote stroom recreanten, nodig voor het verdienmodel, is praktisch onmogelijk geworden met als gevolg verstoring en verloedering. De boswachters hebben het volgens Bijlsma dan ook al opgegeven om hierin te sturen.
Die boswachters lopen ook niet meer door ‘hun’ terreinen, zo blijkt uit 62 ‘boswachter’ waarnemingen van Bijlsma tussen 2018 en 2020. In 70% van deze waarnemingen was de afstand tot hun auto 0 meter (zittend achter het stuur dus), in 20% van de gevallen waren ze max 100 meter van hun dienstblik verwijderd en in die enkele gevallen dat dat verder was, was het maximaal 160 meter. Dit gebrek aan lichaamsbeweging dat hem al eerder was opgevallen bracht de auteur tot het op zicht schatten van het abdominale profiel van boswachters, oftewel hun buikje. Hierbij toont hij aan dat de afgelopen decennia het percentage boswachters met overgewicht een sterk stijgende lijn laat zien. Blikjesindex, abdominaal profiel, hondenoverlastleed, het moge duidelijk zijn dat Bijlsma ook zijn humor kan uiten in getallen en grafieken. Als je deze fenomenale uitstorting van onderwerpen, misstanden en de getalsmatige onderbouwing daarvan overziet (tussen 1990 en 2019, 36.300 uren veldonderzoek!) vraag je je af wat de auteur hier mee wil bereiken. Ik kan 59
me bijna niet voorstellen dat hij nog een leuke en van wederzijds respect getuigende omgang met de beheerders van zijn geliefde bossen heeft. Het beeld van de grijzende langharige zonderling Bijlsma, zittend bovenin een boom om ‘zijn’ roofvogels liefkozend te bestuderen (honderden uren bracht hij zo door waarbij hij nooit eerder beschreven wetenschappelijke kennis vergaarde) lijkt metaforisch voor zijn omgaan met het probleem ‘hedendaags professioneel natuurbeheer’. Op eenzame hoogte stelt hij feilloos vast wat er allemaal misging en gaat. Hij wordt daarbij gehinderd door zijn leeftijd, in de zin dat je als zestigplusser al gauw vindt dat vroeger alles mooier en beter was. Hij beschrijft generaties natuurbeschermers en biologen van het eerste uur, die zich bevlogen met enorme kennis van zaken inzetten voor natuur. Zijn woordkeus doet een calvinistische achtergrond vermoeden, zie de titel van het boek, een uitdrukking van zijn moeder (vermeldt hij ergens in het boek). Als psycholoog van de koude grond, heb ik de hypothese dat calvinistisch opgevoede mensen, in bovengemiddelde aantal, het evangelie van het wereld 60
verbeteren zijn toegedaan. En waar ze het calvinisme achter zich hebben gelaten, dan toch niet het verbeten bekeringsideaal daarvan. Wat onverlet laat dat door deze strijdlustige houding heel veel is bereikt voor behoud van milieu en biodiversiteit. Je zou willen dat de eenzame strijd van de alleswetende getallenfreak Bijlsma ons ergens zou brengen. Dat hij uit zijn hoge observatiepost neerdaalt, down to earth, om concrete handreikingen te doen. Zeg ons wat we moeten doen voorganger Rob! Dat probeert hij in een reeks voorstellen helemaal aan het einde van het boek. Die zijn aanvankelijk ‘op de man’ gespeeld en derhalve weinig constructief, lijkt mij: ontsla driekwart van het personeel van beschermingsorganisaties, schaf bonussen af, weiger subsidies met voorwaarden die claims opleveren aan de natuur, weiger mee te werken aan overheidsonzin. Verderop worden zijn voorstellen wel constructiever: ga het veld in, onderzoek en publiceer, houd toezicht in het veld, sluit 50% van de terreinen voor publiek, onderbouw ingrepen in natuurgebieden met grondige
analyses, leg sancties op tegen wanbeheer. Eigenlijk betreffen zijn voorstellen alleen de beheerders en richten ze zich op wat die beheerders tot op heden allemaal hebben gedaan. Ecologisch speelt er echter veel meer, maar dan mis ik argumenten. Waarom focust Bijlsma op ‘zijn’ ‘goede’ roofvogels in bossen en zijn zeearenden een publiekstroeteldier van ‘foute’ beheerders? Waarom geen afstand nemen van je eigen korte bestaan, maar de veelal kunstmatige bossen van Drenthe die je in 1990 aantreft als walhalla schetsen en niet het bos zoals het er ooit geweest is? Is zijn negatieve kijk niet te particulier, te individueel, slechts gebaseerd op bureaucratische beheerders in ‘zijn’ stukje Nederlandse natuur? Mijn ervaring met ‘onze’ provinciale natuurbeheerorganisatie is veel positiever: veel meer betrokkenheid, kortere lijnen, kennis van de gebieden, minder bureaucratie.
De grote variatie aan onderwerpen, de aangehaalde literatuur en het langdurige en eigenzinnige onderzoek maken het tot een rijk boek. Lezen dus, dit boek! De ondertoon van klaagzang en ‘wat zijn alle professionals toch nitwits’ irriteert op den duur. Daarbij ga je je als natuurbeschermer die wel heil ziet in ingrepen, steeds meer afvragen, wat kan ik hier tegenin te brengen? Het voelt als te kort door de bocht. Gelukkig kan ik me helemaal vinden in Robs slotwoorden: ‘Geen eigenbelang maar algemeen belang. Geen vernieling, maar verwondering. De Natuur zal u eeuwig dankbaar zijn. Wedden dat u weer met plezier naar buiten gaat, oog, reuk en gevoel krijgt voor uw medeschepselen, van verbazing van uw stoel rolt bij het zien van wat de natuur in petto heeft (en reken maar: iets anders dan u verwacht). Kerken weer van hout, dominees van goud.’
Rob Bijlsma heeft weer een deel van zijn levenswerk opgeschreven voor een groter publiek en het toont zijn nietaflatende inzet om feiten en onderbouwingen boven tafel te halen.
Kerken van goud, dominees van hout; Rob Bijlsma. Uitgever: Atlas Contact. ISBN 978 90 4504 463 7
✤
61
Waarnemingen
van 1 september t/m 30 november
✒doorgegeven aan Rinus Punt In deze rubriek staan alle waarnemingen in Altena gedaan door oplettende natuurliefhebbers. Doet u ook een bijzondere waarneming? Geef het dan door aan Rinus via 06-48638377 of mlpunt@hetnet.nl.
Datum
Waarneming
2 sept. 1 5 sept. 4 6 sept. 2 18 sept. 12 1
14 sept. 19 sept. 27 sept. 4 okt. 9 okt. 62 62
tapuit groene spechten grauwe vliegenvangers patrijzen jonge steenuil
bosuilen, roepend patrijs met 9 pullen 6 patrijzen 5 patrijzen 8 merels
Plaats en waarnemer
Genderen, Elsdijk, Rinus Punt Nieuwendijk, in de tuin, Jan de Graaf Giessen, in de tuin, Wim Smits Meeuwen, Meeuwensesteeg, Cor Boer Veen, in de schoorsteen, Cobi Schreuders
Rijswijk, in het Almbos, Erick v.d. Hoek Genderen, kerkhof, Huib v.d. Mooren Veen, omgeving Kwetters, Wim Smits Giessen, randweg, Wim Smits Genderen, in de tuin, Jeffrey Bouman
Datum
Waarneming
Plaats en waarnemer
10 okt.
1 grote bonte specht 6 patrijzen 100 wulpen 6 patrijzen
Sleeuwijk, Munnikendreef, Gert-Jan Boer
14 okt. 17 okt. 22 okt. 23 okt. 26 okt. 29 okt 2 nov. 3 nov. 7 nov.
13 nov. 19 nov. 20 nov. 30 nov.
1 1 6 13 6 2
purperreiger purperreiger patrijzen patrijzen patrijzen patrijzen
1 kerkuil 10 patrijzen 7 patrijzen
8 5 2 4 30
patrijzen patrijzen koereigers ooievaars kieviten
Almkerk, Nieuwe Doorn, Wim Groeneveld Waardhuizen, Hoge Oldersdijk, Wim Smits Veldstraat, tijdens MAS-telling Trudie Naterop, Henk Kraaijkamp, Rinus Punt Dussen, omgeving Eendenveld, Mathijs de Peuter Dussen, in vijver tuin, Mathijs de Peuter Giessen, industrieterrein, Punt Hank, Peerenboomsesteeg, beide kluchten, Wim Groeneveld Wijk en Aalburg, Klaverplak nabij buffelgaard, Jeffrey Bouman Babyloniënbroek, in de tuin, Natasja van Rijswijk Wijk en Aalburg, Veldstraat, Wijk en Aalburg, Klaverplak, beide Henk Kraaikamp en Rinus Punt tijdens roofvogeltelling Meeuwen, omgeving molen, Meeuwis Millenaar Meeuwen, Meeuwensedijk, Trudie Naterop Almkerk, Midgraaf, Jan en Corrie van Suijlekom Genderen, Buitenstraat, Jeffrey Bouman
Bedankt voor het melden, ik blijf op mijn post om nieuwe waarnemingen te noteren!
Met vriendelijke groet, Rinus. ✤ 6363
Sneller dan je denkt ... de energietransitie! ✒Goof van Vliet Aan de totstandkoming van dit stuk hebben ook Jan Derk Stegeman, Marjolein Verhoeven en Erik Gouw bijgedragen. Dank daarvoor!
64
?
Het lijkt allemaal niet op te schieten om de uitstoot van broeikasgassen zo te verminderen dat we een leefbare aarde -voor mensen- houden. De teleurstelling na de laatste wereldconferentie over klimaatverandering, COP26 in Glasgow, was groot. Nederland is nog altijd koploper in Europa wat betreft CO2-uitstoot per inwoner. Ook de gemeente Altena maakt geen grote stappen, niet alleen door haar beperkte programma voor 2030 maar ook nog eens door de pech van het te krappe elektriciteitsnetwerk. De komende 6 à 10 jaar kunnen in onze gemeente geen zonneparken en windmolens worden geplaatst! Ook kunnen grote daken niet worden volgelegd met zonnepanelen en als we niet oppassen is er hier ook geen ruimte meer voor warmtepompen of laadpalen voor elektrische auto’s.
Landelijk bekeken: laten we hopen dat onze nieuwe regering net zo doortastend zal zijn als Europa met haar Green Deal en het nieuwe Duitse kabinet met haar ingrijpende plannen. Er zijn trouwens wetenschappers die wél positief aankijken tegen de resultaten van de COP26. Grote uitstoters van CO2 zijn kolencentrales. Er zouden er nog honderden gebouwd gaan worden door China, Indonesië, de Filippijnen en India, daar leeft meer dan de helft van de wereldbevolking. Deze landen hebben toegezegd geen kolencentrales meer te willen bouwen. Snelheid vind je ook bij grote bedrijven die nu zelf willen verduurzamen. De grootste vervuiler van Nederland bijvoorbeeld, Tata Steel, wil nu zelf met waterstof staal maken in plaats van met kolenstook. Welke toekomst willen we? Willen we steeds meer gaan betalen -aan Rusland en Arabische landen- voor steeds duurdere gas en olie? Of toekomstbestendig investeren in besparingen en het opwekken van eigen schone energie, voor warmtepomp en elektrische auto? 70% van onze bevolking maakt zich zorgen over de klimaatverandering en de problemen die daar nu al door ontstaan. Genoeg draagvlak voor een snelle aanpak en investeringen. Hier hoort wel een overheid bij die stevig de regie in handen neemt en voor een rechtvaardige verdeling van lusten en lasten over de bevolking zorgt.
Marjan Minnesma van Urgenda bepleit al jaren een voortvarende aanpak. Urgenda heeft samen met wetenschap en bedrijfsleven onderzoek gedaan waaruit blijkt dat Nederland in 2030 duurzaam kan zijn. Zij heeft -met succes- de Nederlandse regering voor de rechter gedaagd om af te dwingen dat de regering veel meer aan de bestrijding van de CO2uitstoot moet gaan doen. Ze is ook zeer concreet in het toepassen van nuttige maatregelen die ook betaalbaar zijn. In het dit jaar verschenen ‘Tussen kolen en Parijs’ worden zeer veel concrete stappen beschreven. Je kunt het oorspronkelijke boek gratis op www.urgenda.nl downloaden en lezen. Doe er je voordeel mee, het is zeer inspirerend!
Veranderingen zullen in ieder geval ook voor een groot deel van bewoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties moeten komen. Altenatuur vindt al jaren dat je bewoners en ondernemers het totaalplaatje aan benodigde investeringen moet voorleggen en geen ‘salamitactiek’: elke keer een nieuwe ronde investeringen. Met 10 windmolens in Altena, 2 grote op zee, 200 hectare zonnevelden (2% van de landbouwgrond), 15 zonnepanelen per woning, zonnepanelen op bedrijfsdaken en 22.000 elektrische auto’s kunnen we volledig duurzaam in onze eigen energie voorzien in 2030. 65
Onze energiecoöperatie Altena Nieuwe Energie wordt ook steeds groter en praktischer, energiecoaches komen thuis op bezoek om de goede adviezen te geven. Ga naar www.altenawoontslim.nl of bel naar 085-1303647 en vraag een consult aan. Het advies is gratis! Er is hoop! Pleitbezorgers voor schone energie lopen nogal eens op tegen ‘verlamming’ in daadkracht van gemeente, bewoners en ondernemers. Er zijn veel te veel elkaar tegensprekende verhalen. Subsidies wijzigen veel te vaak. De overheid schuift de verantwoordelijkheid naar individuele bewoners waardoor deze transitie zwaar wordt vertraagd. Maar er is hoop! In dit stuk ga ik in op een aantal tegenwerpingen die vaak geopperd worden als het erom gaat een concrete eerste stap op het gebied van verduurzaming te zetten. Doe er je voordeel mee, verander je gedrag en ga aan de slag. De foto’s zijn van bewoners en ondernemers in Altena die de stap naar duurzaamheid recent of wat langer geleden hebben gezet.
Feiten en fabels ‘We moeten wel kernenergiecentrales bouwen omdat wind en zon niet genoeg zullen leveren en kernenergie constant stroom levert.’ Stroom uit kerncentrales is 5x zo duur als stroom uit zon en wind1. De meerkosten zullen door belastingbetalers opgebracht moeten worden. Zonnepanelen en windmolens zijn niet alleen veel goedkoper maar ook nog eens veel sneller te bouwen. Afval is snel op te ruimen of te recyclen. Al eeuwen worden windmolens toegepast in bebouwde kommen. Deze molen in Woudrichem maalt nog steeds op windkracht. In de Noordwaard zijn tientallen Bosmanwindmolens gebouwd om het waterpeil op windkracht te regelen.
66
‘Als wij kolencentrales sluiten worden ze gewoon in andere landen in Azië en Afrika gebouwd.’ Tijdens de COP26 in Glasgow hebben Indonesië, Filippijnen, China en India toegezegd geen kolencentrales meer te willen bouwen. Dit scheelt zeer veel CO2uitstoot wereldwijd (het alternatief wordt wind en zon). ‘Windmolens moeten we niet doen omdat ze niet te recyclen zijn.’ De wieken geven heel veel afval. Dat klopt, de wieken vormen nu nog een probleem. Tot nu toe2. 90% van de windmolen is trouwens wél vrij gemakkelijk te hergebruiken: de stalen pilaar, de generator en de elektronica. Voor de wieken, die gemaakt zijn van epoxy, is inmiddels ook een oplossing bedacht. Een klein Nederlands bedrijf maakt er lichtgewicht tegels van door ze te versnipperen. Vestas heeft een startup die over 3 jaar bladen kan hergebruiken in bijvoorbeeld nieuwe rotorbladen. Altena is zeer geschikt voor windmolens. Ze zijn niet mooi in het landschap maar dat kun je aankleden met bomen op de belangrijkste zichtlijnen. Ze moeten ook ver genoeg verwijderd staan van bewoning. Als er een andere oplossing komt, kunnen ze makkelijk afgebroken worden. ‘Bio-plastics zijn veel milieuvriendelijker dan “gewoon” plastic.’ Bio-plastics zijn de oplossing voor al onze plastic verpakkingen? Niet dus! Allereerst is er een verschil tussen ‘biobased plastic’ (hernieuwbaar plastic) van met name suikerriet en mais. Die wordt geteeld met intensieve landbouw waarbij veel water, kunstmest, bestrijdingsmiddelen en schaars land gebruikt wordt. Daarnaast is er ‘biologisch afbreekbaar plastic’. Dat breekt helaas nauwelijks af in het milieu, alleen onder speciale omstandigheden in een composteerinstallatie in maar liefst 12 weken. Het kan dus niet op je eigen composthoop, in zee breekt het nauwelijks af en draagt dus gewoon bij aan de plastic soep en moet volgens Milieu Centraal bij het restafval (!) in plaats van bij het plastic. Liever niet dus! Om het nog verwarrender te maken: Biobased mag bij het plastic afval en biodegradeable niet3.
67
‘Plastic verpakkingen zijn niet erg, die kun je makkelijk recyclen.’ Zachte plastics zijn in principe recyclebaar, harde plastics (ongeveer 8%) sowieso niet. In Nederland wordt op dit moment ongeveer 50% van het ingezamelde plastic gerecycled en dat is in vergelijking met de EU en de rest van de wereld best goed. De rest is te vies en wordt verbrand. De 50% die wel goed is, wordt vermalen tot een grondstof voor nieuwe plastics. De kwaliteit is door de vervuiling met andere soorten plastic echter altijd lager dan 'nieuw' plastic en wordt dus weinig gebruikt. Geen plastic is dus het allerbeste4. ‘Biomassa is toch CO2 neutraal?’ Dat is een discussiepunt. Nederlandse biomassacentrales worden gestookt met hout uit FSC gecertificeerde bossen. Als een boom gekapt wordt, duurt het een tijd voordat een nieuwe boom evenveel CO2 heeft opgeslagen als de oude boom die net opgestookt is. Gedurende die tijd zit er feitelijk een surplus aan CO2 in de lucht. Hout zou allereerst als grondstof ingezet moeten worden, bijvoorbeeld voor de bouw. Reststromen kunnen dan als biomassa dienen. De vraag is echter hoeveel reststromen we hebben om de biomassacentrales te voeden. Daarnaast geeft de verbranding van biomassa ook schadelijke rookgassen. Filterinstallaties kunnen deze rookgassen reinigen. Biomassa met CCS (carbon capture and storage, dit is ondergrondse CO2-opslag in lege gas- of olielagen) zou in de toekomst voor negatieve CO2 uitstoot kunnen zorgen5. ‘De elektrische auto is vervuilender dan de olie-auto.’ Drinkwaterbedrijf Evides heeft in de Biesbosch op haar terrein elektrische voertuigen en boten. In Rotterdam experimenteert zij met drijvende zonnepanelen. Mogelijk gaan deze ook toegepast worden op de drinkwaterbekkens in de Biesbosch. Die beslaan 1.000 hectare. Wij hebben 200 hectare zonneveld nodig voor Altena.
Nee, de e-auto stoot 40% minder CO2 uit, zelfs als hij op ‘kolenstroom’ rijdt. Dat percentage zal nog hoger worden als er meer schone energie zal worden 68
gebruikt. Nog beter: fietsen, OV en wandelen. De schone energie wordt in Nederland opgewekt (zon en wind). Met olie maken we vooral de Arabische landen en Rusland rijker6. Bedenk dat bijvoorbeeld in Amsterdam in 2030 geen olie-auto’s of olie-boten meer in het centrum mogen komen. Voor jouw olie-auto zal je dan niet veel geld meer terugkrijgen. De gemeente Altena is zelf ook aan het vergroenen. Ze heeft haar wagenpark geëlektrificeerd. In onze eigen omgeving heeft Holland Shipyards vijf elektrische ponten gebouwd voor Amsterdam en dit bedrijf zal ook twee nieuwe e-ponten voor ons eigen Riveer leveren.
‘Je kunt beter wachten op de waterstofauto want die heeft een veel groter bereik.’ Dat klopt, maar je zult lang moeten wachten. Elektrische auto’s hadden tot voor kort een beperkte range (veelal tot 200 km) en waterstof zou met een grote tank voor 700-800 km kunnen zorgen. De prijs van waterstof auto’s is hoog. We zullen dus niet massaal op waterstof gaan rijden met e-auto’s. Waterstof moet worden opgewekt door middel van elektrolyse. Daar is energie voor nodig. Als we duurzaam willen rijden moet dat hernieuwbare energie zijn, zodat we groene waterstof krijgen. Daarvoor zijn windmolens en zonnepanelen nodig, meer dan er nu al zijn. Als we de industrie, alle mobiliteit en de verwarming bij mensen thuis willen vervangen door een waterstoftoepassing dan hebben we zoveel windmolens en panelen nodig, dat we simpelweg niet genoeg zee en land hebben om die groene waterstof te produceren. Daarnaast gaat bij de omzetting van energie naar waterstof, energie verloren (20-40%). Een waterstof auto is feitelijk een elektrische auto. Waterstof wordt in de auto omgezet in elektriciteit en die 69
drijft een elektromotor aan. Daarbij gaat nog eens 50% verloren. Een waterstof auto heeft daarmee een rendement van 30% ten opzichte van een elektrische auto met 95%. Bij e-auto’s wordt het bereik steeds groter, 400km is al niet ongewoon meer.7 ‘Waterstof verwarming voor woningen is het goedkoopste omdat de oude gasleidingen gebruikt kunnen worden.’ Gaan we onze verwarmingstoestellen gewoon op waterstof laten branden? Niet dus: er is te weinig waterstof en de beperkt beschikbare groene waterstof moet allereerst gebruikt worden voor processen waar andere energievormen geen oplossing bieden. Hiervoor is de ‘waterstofladder’ ontworpen8: een verdeelsleutel voor energie uit waterstof. Allereerst zal waterstof naar de zware industrie gaan, zoals chemie, raffinaderijen, staal en kunstmest. Dan wellicht naar wegtransport. Als we ooit aan woningen toekomen, worden die allang met een warmtepomp verwarmd. Drinkwaterbedrijf Evides heeft in de Biesbosch op haar terrein elektrische voertuigen en boten. In Rotterdam experimenteert zij met drijvende zonnepanelen. Mogelijk gaan deze ook toegepast worden op de drinkwaterbekkens in de Biesbosch. Die beslaan 1.000 hectare. Wij hebben 200 hectare zonneveld nodig voor Altena.
70
‘Als het bewolkt is en windstil, zitten we helemaal zonder energie.’ ‘Dunkelflaute’ noemen de oosterburen dit weertype en dat komt ongeveer drie weken per jaar voor. Dit probleem is redelijk eenvoudig op te lossen door een aantal elektriciteitscentrales op gas of zelfs biomassa in de ‘mottenballen’ te zetten. Dit is de laatste jaren al meerdere malen met gascentrales gebeurd. Het is veel beter deze centrales maar 10% van de tijd te laten draaien in plaats van een voorziening die het hele jaar moet werken. Ten slotte… De energietransitie gaat veel sneller dan gedacht. Het omslagpunt voor elektrische auto’s, bussen en veerponten is bereikt. Windmolens op zee zijn van subsidieontvangers veranderd in projecten waarbij geld aan de overheid wordt betaald om te mogen bouwen. Kolencentrales worden gesloten. Grote vervuilers willen nu zelf verduurzamen. Het is nu tijd om ook als bewoners en ondernemers gezamenlijk aan de slag te gaan. Praat met buren of dorpsgenoten en kijk op ‘Altena woont slim’. Daar is alle informatie te vinden om je te helpen verduurzamen. Laat een energiecoach op bezoek komen, hij/zij maakt je veel wijzer in het duurzaamheidsoerwoud en geeft praktische tips. Let ook op de politieke partij waar je op wilt stemmen op 16 maart 2022. Zit duurzaamheid wel voldoende in het programma? Samen bereik je meer dan alleen. We kunnen het. Laten we het niet zo ver komen dat we een Greta Thunberg van Altena nodig zullen hebben! Als je meer wilt weten of mee wilt discussiëren kun je je opgeven bij altenatuur@gmail.com of bellen naar mij 06-28703838 (Goof van Vliet). Marjolein Verhoeven, Jan Derk Stegeman en ik organiseren begin 2022 een zoomsessie of een bijeenkomst op Fort Giessen over dit onderwerp. Meer info over dit onderwerp vind je ook als je googelt op ‘energietransitie, feiten, fabels’. Ook de site www.milieucentraal.nl is een aanrader. ✤ Bronnen 1) lazard.com: ‘levelized energy costs’. 2) https://www.wattisduurzaam.nl/34067/energie-besparen/consumptie/douze-points-voor-selectieveverontwaardiging-windmolenwieken/ 3) https:// www.greenpeace.org/nl/natuur/23226/5-mythes-rondom-bioplastic/ 4) https://www.natuurenmilieu.nl/themas/grondstoffen/projecten-grondstoffen/verpakkingen/recycling-vanplastics/ 5) https://www.milieucentraal.nl/klimaat-en-aarde/energiebronnen/biomassa/#duurzaamheid 6) https://www.milieucentraal.nl/duurzaam-vervoer/elektrische-auto/alles-over-elektrische-auto/ 7) https://www.natuurenmilieu.nl/blog/waarom-onze-autos-niet-op-waterstof-zullen-gaan-rijden/ 8) https://www.natuurenmilieu.nl/themas/energie/projecten-energie/waterstof/waterstof-de-waterstofladder/
71
2.275 jonge boompjes voor Heusden en Altena ✒Margo van Boom eh... Beem
Met Plan Boom, een plantactie van Brabants Landschap, Brabantse milieufederatie en IVN kreeg Altenatuur de mogelijkheid om voor verschillende locaties plantmateriaal aan te vragen. De Nationale Postcode Loterij financiert het plantmateriaal voor Plan Boom.
Voor vijf locaties in het buitengebied, waarvan vier in Altena en één in de gemeente Heusden heeft Altenatuur in september een aanvraag ingediend. Een aanvraag doen is laagdrempelig. Een klein kaartje met daarop de locatie, de landschapselementen en hoeveelheden die nodig zijn is voldoende.
72
Bij de aanvraag hadden we de keuze uit verschillende landschapselementen: een houtsingel (minimaal 100 m2), een struweelhaag (minimaal 50 strekkende meter) of een vogelbosje (minimaal 100 m2). Combinaties waren ook mogelijk. Brabants Landschap werkt met een vast assortiment boomsoorten per landschapselement en bepaalt welke soorten er worden geleverd.
Met elke terreineigenaar hebben we de afspraak gemaakt dat de bomen minstens 10 jaar blijven staan. De terreineigenaar zorgt ook voor het beheer. In oktober kregen we het goede nieuws dat we voor alle locaties bosplantsoen konden ophalen. Samen met de beheercommissie van Altenatuur en de Liniewerkers konden we waar nodig helpen met inplanten. Vrijdag 26 november was het zover! In totaal konden we liefst 2.275 stuks bosplantsoen ophalen bij de Madese Natuurvereniging. Arjen en Ankie Stoop hadden voor verschillende vrijwilligersgroepen uit de regio het bosplantsoen netjes klaar staan. Leo en José Verschoor uit Sleeuwijk (eigenaren van de locatie in Sleeuwijk) hadden een grote kar en wilden graag rijden om zo de partijen met plantmateriaal ook op de andere locaties af te leveren (super fijn zulke praktische hulp!). In Nieuwendijk, bij Dick en Roelinde van de Heuvel aan de Rijksweg werd vrijdagmiddag al begonnen met de aanplant en hebben we op zaterdagochtend met een paar vrijwilligers van Altenatuur de plantklus afgerond. We hebben ruim 300 jonge boompjes geplant. Al deze heesters samen gaan rondom de recent gegraven paddenpoel een klein vogelparadijsje vormen.
73
Maandag werd er geplant bij José en Leo Verschoor.
Daar hielpen de Liniewerkers met het planten van ruim 650 stuks. De grond daar is wat zavelig (klei met zand) en was vooraf losgefreesd. Een houtsingel, een struweelheg en een vogelbosje werden geplant. Bij een al bestaande houtsingel met hoofdzakelijk els en es hebben we nog wat bosplantsoen geplant om deze wat te verbreden en wat meer bloeiende en vruchtdragende soorten toe te voegen. Bij de WSV (Watersportvereniging) in Woudrichem was ook plaats voor struweelheggen en een vogelbosje rondom hun verenigingsgebouw Arkade. Daar hebben enkele roeiers van de vereniging onder leiding van Goof van Vliet op 30 november alles ingeplant.
74
In Babyloniënbroek aan de Midgraaf tegen het Pompveld heeft grondeigenaar Bram Mol aangegeven het bosplantsoen samen met een vriend te gaan planten. Daar hebben we 500 stuks plantmateriaal voor een houtsingel en een struweelheg afgeleverd. Er staan op het terrein van de voormalige ruilverkavelingsboerderij al twee uitgegroeide houtsingels die voornamelijk bestaan uit essen, iepen en veldesdoorns. Vooral de boomvormers die er sinds de jaren zeventig staan zijn overgebleven. Beide singels kunnen nu aangevuld en verbreed worden met meer bloeiende en besdragende heesters. In Hedikhuizen maakt de grondeigenaar er een plantdag met de familie van. Daar worden de houtsingels aangeplant op enkele dijkjes, zodat ze uiteindelijk uit kunnen groeien tot echte houtwallen. Hedikhuizen ligt natuurlijk niet in Altena, maar de natuur- en milieuvereniging gemeente Heusden, waar we goede contacten mee hebben, deed niet mee aan Plan Boom. Altenatuur wilde wel als vereniging helpen met de aanvraag. Per slot van rekening maakt het niet uit waar de bomen komen, als ze er maar komen! Het geeft een goed gevoel om zo bomen te planten die in de toekomst veel zullen bijdragen aan de biodiversiteit. Niet alleen de diversiteit aan soorten die we hebben aangeplant telt mee. De geplante bomen en heesters vormen ook een raamwerk voor het landschap, ze zorgen ervoor dat er een microklimaat ontstaat waar heel veel organismen gebruik van kunnen maken. Wilde kruidachtige planten kunnen zich vestigen in en langs de houtsingels en vogelbosjes. Bodemleven, schimmels en organische stof zorgen er samen met de begroeiing voor dat water beter de grond in kan en beter wordt vastgehouden. Insecten kunnen gebruik maken van de bloemen en vogels van de bessen en vruchten. Ook bieden de beplantingen schuilgelegenheid en nestgelegenheid voor vogels en kleine zoogdieren. Daarnaast wordt er door de bomen en heesters in de toekomst heel veel CO2 vastgelegd, zowel door de beplanting als in de bodem. 75
Bosplantsoen is de verzamelnaam voor meestal inheemse bomen en heesters die in groten getale gekweekt worden. Ik weet niet of het nu bosplantsoen heet, omdat het plantmateriaal op bossen wordt gebonden, of dat het plantmateriaal bedoeld is om er bossen van te laten groeien. Het meeste bosplantsoen wordt in 2 tot 3 jaar tijd opgekweekt uit zaad. Je moet je voorstellen dat ter plaatse in lange bedden of rijen gezaaid wordt, duizenden tegelijk. Vaak worden ze in die tijd nog een keer verplant. Er is een internationale codering voor. 1+1 60-100 cm betekent bijvoorbeeld dat de planten 2 jaar oud zijn en één keer verplant, 60-100 cm is het formaat dat in de bos zit. Om ze te verhandelen worden ze netjes in bossen van 10 of 25 stuks bijeengebonden. Ze komen aan met kale wortels, de zandgrond is er afgeschud. Daardoor zijn de jonge boompjes even heel kwetsbaar voor uitdroging. De beste planttijd is november of december, als het niet vriest en als de planten kaal zijn en in rust. Een oud gezegde is er niet voor niets: 'Een boom geplant in november gaat groeien, een boom geplant in februari kan groeien'. In het sortiment voor de verschillende landschapselementen zitten soorten die uitgroeien tot een struik, maar ook soorten die tot echte bomen kunnen uitgroeien en alles daartussen in. Voor alle locaties is een mooie verzameling van inheemse bomen en heesters, geschikt om op klei en zavel aan te planten: Boomvormers: • Zwarte els (Alnus glutinosa) • Zoete kers (Prunus avium) • Zomereik (Quercus robur)
• Kleinbladige linde (Tilia cordata) • Veldesdoorn (Acer campestre) • Haagbeuk (Carpinus betulus)
Struikvormers (en soms nog wel uitgroeiend tot kleine bomen): • Gewone vlier (Sambucus nigra) • Gelderse roos (Viburnum opulus) • Hondsroos (Rosa canina) • Rode kornoelje (Cornus sanguinea) • Gele kornoelje (Cornus mas) • Inlandse vogelkers (Prunus padus) • Eenstijlige meidoorn (Crataegus monogyna) • Wilde liguster (Ligustrum vulgare) • Hazelaar (Corylus avellana) • Kardinaalsmuts (Euonymus europaeus) ✤ 76
Ook een gratis wilde wingerd? ✒Erik Gouw
Altenatuur-lid Daan Kroon schreef in ons laatste Altenatuurtje het artikel ‘Het groene huis – een leefbare woning voor weinig’! Hierin beschrijft hij hoe we in de zomer ons huis en tuin koel kunnen houden met behulp van klim- en gevelplanten. Een goed bedekte gevel zorgt voor wel 3 tot 4 graden koeling! Wie weet is de aanschaf van een airco dan toch nog even niet nodig! Om deze natuurvriendelijke manier van koeling extra onder de aandacht te brengen is er op facebook/altenatuur een actie geweest. Altenatuur bood er gratis wilde wingerds aan als men een foto van de gevel stuurde waartegen de plant kwam. Van deze actie zijn er nu nog een paar wingerds over. Als u de actie gemist hebt maar wel interesse stuur dan een foto van de gevel waar u de plant gaat plaatsen en wij kijken of we een gratis wilde wingerd voor u hebben. Stuur uw foto naar altenatuur@gmail.com met uw naam en adres.
Op = Op
De wingerd (Parthenocissus henryana) is de Chinese wilde wingerd. Het is een snelle klimmer met prachtig getekend blad en doet het zowel in de zon als in de schaduw. In de zon zal de tekening van het blad sterker zijn dan in de schaduw. Ook de bladverkleuring in de herfst is in de schaduw minder heftig. Nadat het blad fel rood verkleurd in de herfst, valt het af. De Chinese wingerd hecht zichzelf tegen een muur, maar maakt als jonge plant ook kleine rankjes. je kunt de plant een beetje helpen door enkele staaldraden of een plantenklimrek tegen de muur bevestigen.” ✤ 77
de activiteitenagenda PROGRAMMA WINTER 2022 (ONDER VOORBRHOUD) I.v.m. corona is het op het moment van schrijven alleen mogelijk activiteiten onder voorbehoud aan te kondigen. Om teleurstellingen te voorkomen, is het verstandig om via Facebook of onze website na te gaan of activiteiten ook daadwerkelijk plaats kunnen vinden. Zie de AGENDA op www.altenatuur.nl of kijk op facebook.com/altenatuur. Dinsdag 25 januari Plaats en tijd: 20.00 uur op Fort Giessen Lezing ds A.J. Molenaar (onder voorbehoud) 'Zorg voor de schepping - een christelijk perspectief op natuurbescherming' Deze lezing gaat in op wat er vanuit het christelijk geloof te zeggen is over de omgang met onze planeet. Heeft de Bijbel, geschreven in een tijd dat de natuur een bedreiging was voor de mens, iets te zeggen voor deze tijd waarin de mens een bedreiging is voor de natuur? Hoe komt het dat christelijke partijen veelal niet de meest 'groene' waren/zijn? Is de mens 'rentmeester over de schepping'? Een peiling van achtergronden met toespitsing op de actualiteit.
Dinsdag 15 februari Plaats en tijd: 20.00 uur op Fort Giessen
78
ALGEMENE LEDENVERGADERING (onder voorbehoud) Het bestuur hoopt dat het mogelijk zal zijn om op deze avond de algemene ledenvergadering te houden. De agenda wordt gepubliceerd op onze website en in een nieuwsbrief zodra bekend is dat de algemene ledenvergadering met zekerheid doorgang zal vinden.
WERKOCHTENDEN BEHEERCOMMISSIE WINTERSEIZOEN 2022 (ONDER VOORBEHOUD) Ook de komende periode zoeken we weer vrijwilligers voor het onderhoud van denatuurgebieden. We werken de komende tijd aan de noordoever van de Wijde Alm bij Uitwijk. Verzamelen: parkeerplaats aan de Poortweg (zie kaartje ook op de website). Op onderstaande data wordt gewerkt van 8.30 uur tot 12.00 uur, als de omstandigheden i.v.m. corona dat toelaten: zaterdag 15 januari – zaterdag 19 februari – zaterdag 19 maart Het werk bestaat uit het wegslepen en opbossen van wilgentakken en ander snoeihout. Vele handen maken licht werk en er is ook altijd tijd voor een kop koffie of thee. Denkt u aan goed schoeisel, werkkleding/handschoenen. Materiaal is aanwezig, maar heeft u zelf gereedschap dan is het misschien wel handig dat mee te nemen. Voor vragen mailt u naar: altenatuur@gmail.com. ✤
Alle activiteiten staan ook op onze website: www.altenatuur.nl 79
✓ Opgewekt in Altena op De Bloemplaathoeve! ✓ Al 3 jaar de groenste energieleverancier
es de groenste energie! ✓ Zónder winstoogmerk
a mee om!
✔ Opgew Nederland ( ook in A
a mee om!
✔ Al 3 jaar d energiele
es de groenste energie!
Kies de groenste energie! Ga mee om!
✔ Zón winstoo
Pak uw verbruiksgegevens erbij en vergelijk op www.altenanieuweenergie.nl
80
Kringloopcentrum Altena Héél divers! NIEUWE MEUBELEN? GROTE SCHOONMAAK? OPRUIMEN? VERHUIZEN?
BANKJE NODIG? OF EEN LEUKE BLOUSE? OF SERVIESGOED? OF DAT ENE BOEK?
Bel maandag t/m vrijdag van 9 tot 12 uur het Kringloopcentrum voor het ophalen van al uw bruikbare spullen!
Bezoek de Kringloopwinkel op de hoek van de Kerkstraat en de Woudrichemseweg in Almkerk!
OPENINGSTIJDEN KRINGLOOPCENTRUM maandag dinsdag woensdag donderdag vrijdag zaterdag
✔ ✔
winkel
afgeven bruikbare goederen
13.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 16.00 uur
09.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 16.00 uur
Inzameling bruikbare goederen Educatie & Voorlichting
✔ ✔
Verkoop bruikbare goederen Recycling
Kerkstraat 1, 4286 BA Almkerk. tel. 0183-403080
www.kringloopcentrumaltena.nl
81
Het doel van Altenatuur
● De mooie flora en fauna in het rijkgescharkeerde landschap van Altena in beeld, en onder de aandacht van de inwoners te brengen. ● De bestaande milieukwaliteit en voorkomende biodiversiteit in Altena te behouden en waar mogelijk te verbeteren. ● Bijdragen aan besef dat wij als inwoners verantwoordelijk zijn voor een gezonde leefomgeveng en rijke biodiversiteit, voor nu en de toekomst.
Werkgroepen ● Beheercommissie natuurgebieden ● Fort-educatie ● Gastlessen op basisscholen ● Natuurinclusief Altena ● Milieu en Klimaat ● Plantenwerkgroep ● Vogelwerkgroep ● Weidevogelbescherming ● Zoogdierwerkgroep ● Altena Nieuwe Energie ● Kringloopcentrum Altena
Voor contact: Jaap van Diggelen, Almkerk. 0183-402034
Activiteiten ● Diverse inventarisaties ● Educatie ● Lezingen ● Nacht van de Vleermuis ● Nationale Nachtvlindernacht ● Natuurwandelingen
82
Goof van Vliet, Woudrichem. 06-28703838 Henk van Diest, Sleeuwijk. altenatuurgastlessen@gmail.com Roel Wigman, Sleeuwijk. natuurinclusiefaltena@gmail.com Goof van Vliet, Woudrichem. 06-28703838 Margo van Beem, Babyloniënbroek. 06-55772591 Arie van den Herik, Woudrichem. 0183-304193 Len Bruining, Dussen. 0416-392373 Jan van Haaften, Sleeuwijk. 06-49904862 www.altenanieuweenergie.nl www.kringloopcentrumaltena.nl 0183-403080