Skip to main content

Maguza 131

Page 1

MA G U Z A

Afgiftekantoor Gent X, Maguza 131, Tijdschrift – kwartaalblad, december – januari – februari 2023-2024, v.u. Marc Peeters, Universitair Ziekenhuis Antwerpen, Drie Eikenstraat 655, 2650 Edegem

ZORGMAGAZINE VAN HET UZA

DECEMBER 2023 #131

‘Een welverdiende 10 voor ontwapenende babbels’ Ontdek hoe Phoebe (24) helpt op de dienst kindergeneeskunde en -neurologie

www.maguza.be UZA UniversitairZiekenhuisAntwerpen uza_stories

Dossier ZORG IN JE THUISOMGEVING


ADVERTENTIE

Pzzzt, beter slapen begint bij je matras In drie eenvoudige stappen maken we jouw matras op maat

1. Meten

In 1 minuut meten we je lichaamsprofiel en slaaphouding met onze Sleep Scan. Het enige dat je zelf moet doen, is even op je zij en op je rug gaan liggen.

2. Testen

Na de meting kan je jouw matras op maat meteen testen in de winkel. Met jouw voorkeuren als finishing touch.

3. Kiezen

Nu enkel nog je bed kiezen en dan kan je op beide oren slapen. Zelfs als je lichaam verandert, blijft een Equilli matras perfect liggen. Want wij veranderen jouw matras met je mee, het eerste jaar volledig gratis!

Ontdek Equilli bij onze verdeler Cornelis Bedding in: Rumst - Wommelgem - Belsele - Dendermonde - Gent

cornelisbedding.com

equilli.com


15:05 UUR

WELKOM TUSSEN PARKING EN INKOM

‘Herkenning helpt, je voelt je er minder alleen door’ BAB (29)

Onderweg naar? ‘Vaatheelkunde. In de zomer van 2021 onderging ik twee openbuik­ operaties omdat ik het notenkra­ kersyndroom heb: een zeldzame aandoening waarbij de ader van mijn linkernier afgekneld werd. Pas zeventien jaar na mijn eerste symptomen werd de diagnose vastgesteld.’ Hoe gaat het nu? ‘De klachten zijn niet volle­ dig weg, maar ik word goed opgevolgd. Ik heb stilaan rust gevonden in het feit dat ik het syndroom mijn leven lang met me mee zal dragen. Ik deel mijn verhaal bewust op sociale media, omdat herkenning helpt: al is het maar om je minder alleen te voelen, maar ook om bewustzijn te creëren over zeldzame aandoe­ ningen. Als er door mijn posts vroeger diagnoses kunnen worden gesteld, of er wordt meer onder­ zoek naar gedaan, dan maak ik van mijn eigen diagnose iets wat anderen kan helpen. Ook mijn lit­ teken deel ik, ja: het is voor altijd een deel van mezelf.’

Bekijk het uitgebreide artikel over het notenkrakersyndroom en zeldzame ziektes MAGUZA 03


IN DIT NUMMER

VOORAAN

06

FOCUS Een make-over voor het UZA

06 Focus Hoe bereidt het UZA haar infrastructuur voor op de patiënt en de gezondheidszorg van morgen?

12 Interview Hoe en waarom meten we de impact van geluid op ons dagelijkse leven? 3 experts over het ambitieuze burgeronderzoek ‘De Oorzaak’.

‘We kijken ver voorbij de bakstenen, naar hoe patiënten de zorg van de toekomst ervaren.’

ZORG 38 Begeleid werken Ontmoet Phoebe (24) en Frank (55), die sinds kort één dag per week meehelpen op de diensten kindergeneeskunde en -neurologie. Altijd met de glimlach.

GEZOND 30 Data kan? Het UZA bouwt met verschillende Antwerpse partners een innovatief ecosysteem rond digitale gezondheid uit. Zorgen big data voor een betere preventie in de gezondheidszorg?

36

‘Een AI-model ontdekt afwijkingen die het menselijk oog niet ziet.’

17 Dossier Thuisopvolging

36 Techno-logisch De troeven van het oeroude elektrocardiogram, dat ook nieuwe wegen verkent met AI.

40 Team UZA Samen tegen vrouwspecifieke aandoeningen van hart en bloedvaten.

EN VERDER … 15/29 Kort 34 #UZA 34 Agenda

04

Het elektrocardiogram

30

Antwerp Health Harbour

‘Big data voor een betere preventie.’


32

ONDERZOEK & INNOVATIE

40

Nieuwe test voor penicillineallergie

TEAM UZA ‘Specifieke aanpak van hart- en vaatklachten bij vrouwen.’

Alle artikels zijn te vinden op

MAGUZA.BE

Schrijf je vandaag nog in op onze e-nieuwsbrief. Ga naar www.maguza.be/­ abonnement

12

De Oorzaak Welke impact heeft geluid op ons dagelijkse leven? Drie experts over het amibitieuze burgeronderzoek De Oorzaak.

Dossier THUISOPVOLGING

18

Hoe pakt het UZA zorg vanop afstand aan?

21

Vijf vragen over thuis­ opvolging in de praktijk

26

Telemonitoring Unit bij cardiologie: thuis­opvolging is een noodzaak

24

Michael volgde een ‘xxxxxx antibiotica­kuur via OPAT

‘Na 5 maanden kon ik eindelijk weer bij mijn gezin zijn.’

MAGUZA 05


FOCUS

Masterplan hertekent de UZA-campus Prof. dr. Marc Peeters, CEO, UZA

Erik Van De Wauwer, hoofd technische dienst, UZA

‘ Ruimte voor groei en innovatie’ Het UZA heeft de ambitie om patiënten tegen 2029 op de Drie Eiken Gezondheidscampus van de toekomst te ontvangen. Meer dan een jaar geleden

Prof. dr. Dirk Ysebaert, emeritus diensthoofd hepatobiliaire, transplantatie en endocriene heelkunde, en co-voorzitter van het masterplan-projectteam, UZA

startten we een masterplan infrastructuur op. ‘Onze make-over vertrekt vanuit patiëntgerichte zorg en samenwerking. We verwelkomen de komende jaren twee nieuwe UZA-gebouwen, maar we kijken ver voorbij de bakstenen.’

I

n 2029 viert het UZA haar 50ste verjaardag. Tegen die mijlpaal stoomt het ziekenhuis zich op het vlak van infrastructuur klaar voor de toekomst. ‘Met het masterplan willen we de campus voorbereiden op een flexibele groei in een ver­ anderend gezondheidssysteem’, legt UZA-CEO prof. dr. Marc Peeters uit. ‘Ons werkveld ligt op het snijpunt van zorg, onderwijs, onderzoek en innovatie. Dan moet onze infrastructuur ook op een optimale zorgbeleving voor de patiënt van morgen afgestemd zijn. Onze omgeving moet helpen om samen met andere actoren de allernieuwste zorgmodellen in de praktijk te brengen.’

Zuiver ontwerp Even een zijsprongetje: wist je dat de UZA-gebouwen op natte 06

‘We kijken ver voorbij de bakstenen, naar hoe patiënten de zorg van de toekomst ervaren.’

moerasgrond zijn gebouwd? Geen nood, ze zinken niet weg en de ondergrond blijkt maar een minieme hindernis in het master­ plan. De grootste uitdaging – en tegelijk de kracht van het master­ plan – is dat het verder kijkt dan de hardware, de gebouwen, vol­ gens Erik Van De Wauwer, hoofd technische dienst van het UZA. ‘We houden ook onze software, de werkprocessen, kritisch tegen het licht. We bevroegen bijvoorbeeld alle diensten en zoeken naar hoe

onze infrastructuur zo veel moge­ lijk meerwaarde kan creëren.’ Een tweede kracht van het mas­ terplan is dat het komaf maakt met het gaandeweg verrijzen van bijgebouwen, zoals je in ­Vlaanderen vaak ziet. Erik Van De Wauwer: ‘We keren terug naar de zuiverheid van het oorspron­ kelijk ziekenhuis. Zonder de aanvullende constructies die er in de loop der jaren bij kwamen en interne processen bemoeilij­ ken. Een logische basisstructuur biedt meer mogelijkheden om werkprocedures op elkaar af te stemmen en op termijn bij te sturen waar nodig.’

Ambitieus maar haalbaar Het masterplan bouwt verder op verschillende evoluties die zich in de zorg aftekenen: meer en meer opnames in dagziekenhuis, meer


1

Campus in transitie ›

De eerste nieuwbouw, gebouw Q (1), staat er al. Vanaf 2026 komen hier de kritische diensten zoals de spoedgevallendienst, het operatiekwartier en de dienst intensieve zorgen.

Op de locatie van de huidige spoedgevallendienst komt tegen eind 2028 een nieuw gebouw (2). Daarin worden zo veel mogelijk innovatieve technologische activiteiten gebundeld, zodat die diensten vlot kunnen ­samen­werken.

Aansluitend bij het masterplan overlegt het UZA over een mobiliteitsplan met alle betrokkenen. Dat onderzoekt hoe we de verbinding tussen het UZA en het stadscentrum kunnen versterken. Er zijn gesprekken over een nieuwe tramlijn, maar ook over bijkomende infrastructuur voor bus-, fiets- en autoverkeer.

2

Het masterplan maakt komaf met aanvullende constructies die in de loop der jaren verrezen. Door terug te keren naar het zuivere ontwerp van het oorspronkelijke ziekenhuis kunnen we interne processen efficiënter op elkaar afstemmen.

Het masterplan zet sterk in op samenwerking. Zo onderzoeken we of ook eerstelijnspartners, zoals een huisartsenwachtpost, een plaats op de nieuwe campus kunnen krijgen.

MAGUZA 07


FOCUS

1979

‘We keren terug naar de zuiverheid van het oorspronkelijk ziekenhuis.’

08

en meer multidisciplinaire consul­ taties en een hechtere samenwer­ king tussen innovatieve zorg en onderzoek. Daarnaast schudden we een aantal hinderlijke erfenis­ sen uit het verleden van ons af, vult em. prof. dr. Dirk Ysebaert, voormalig diensthoofd hepatobili­ aire, transplantatie en endocriene heelkunde, en co-voorzitter van het masterplan-projectteam in het UZA, aan. ‘Onze inkomhal is bijvoorbeeld moeilijk leesbaar als je hier voor het eerst komt. De patiënten-, personeels- en logis­ tieke stromen zijn onvoldoende gescheiden van elkaar.’ Op de gezondheids­campus van de toekomst verwelkomen we twee volledig nieuwe gebouwen. ‘Dat is ambitieus maar haalbaar’, vindt Erik Van De Wauwer. ‘Het eerste van die twee, het Q-gebouw, is al bijna

klaar en is maar liefst 25.000 vierkante meter groot. Daarmee komen we tegemoet aan de ­dringendste noden van onze kritische diensten, waaronder de spoedgevallen­dienst. Voor het andere nieuwe gebouw streven we ernaar om binnen 2,5 jaar de eerste steen te leggen. Daarna ondergaan ook heel wat poli­ klinieken en verpleegafdelingen een ingrijpende vernieuwing.’

Hinder en beleving De belangrijkste reden waarom we kiezen voor een verhuis in plaats van een renovatie van de spoedge­ vallendienst, is dat het master­ plan de hinder voor patiënten tot het minimum wil beperken. ‘Door geluidsarme technieken en afspraken kan je heel veel, maar niet alles ­opvangen’, zegt Ysebaert. ‘Daarom verplaatsen we

in onze ontwerpen de spoedgeval­ lendienst, het operatiekwartier en de dienst intensieve zorgen naar gebouw Q. Op de huidige locatie van de spoed en het Rode Kruisge­ bouw willen we tegen eind 2028 een tweede nieuwbouw klaar heb­ ben, waarin we zo veel mogelijk hoogtechnologische activiteiten samenbrengen.’ In alle nieuwe ontwerpen staat een optimale beleving van de patiënt centraal. ‘We kijken ver voorbij de bakstenen, naar hoe patiënten de zorg van de toekomst ervaren’, zegt Marc Peeters. ‘Wie naar een ziekenhuis komt, is vaak zenuwachtig of onzeker. Hoe kan je die bezoeker een gevoel van rust geven? Kan je meer kamers op het groen van de campus laten uitkijken? Zijn er voldoende lounges voor naasten? Is er voldoende licht? Maar ook andere


D1 Infectieziekten en Tropische geneeskunde.

Koningin Mathilde Moeder- en kindcentrum

Drie Eiken Zorghotel

– 2023 details, van lekkere voeding tot heldere bewegwijzering of aange­ name muziek, maken een wereld van verschil. Ook voor medewer­ kers. Want het vernieuwde UZA wordt een nog fijnere plek om te werken.’

Samen sterk In de zorg die een patiënt beleeft, speelt het samenspel tussen het UZA en andere zorgactoren een almaar grotere rol. Marc Peeters: ‘Een ziekenhuis is geen eiland. In de toekomst zullen we meer en meer patiënten ook thuis opvol­ gen. En we onderzoeken bijvoor­ beeld of we op de campus ook een plaats voor eerstelijnspartners, zoals een huisartsenwacht­ post, kunnen voorzien. Die kan eventueel helpen om de triage, het onderscheiden van ernstige en minder ernstige klachten, te

verbeteren. En misschien kunnen we onze ziekenhuisapotheek en ons magazijn met andere partners delen? Het is niet kostenefficiënt dat elke zorgactor alle functies op één site heeft.’ Slimme samenwerking kan een meerwaarde bieden voor de patiënt en tegelijk het kosten­ plaatje van de plannen helpen drukken. ‘Dat kan handig zijn om de stijgende bouwkosten deels op te vangen’, knikt Erik Van De Wauwer. ‘Het is vandaag niet eenvoudig om de kostprijs van zo’n groot bouwproject in te schatten. Een deel van de finan­ cieringsmogelijkheden zal ook pas gaandeweg duidelijk worden. Maar we houden ons budget strikt onder controle. Waar nodig zullen we keuzes maken. Waar we niet op inboeten, is kwaliteit en ­duurzaamheid.’

2029 Een impressie van de gebouwen op de site in 2029.

MAGUZA 09


FOCUS

De nieuwe campus in 7 vragen en antwoorden Met een omvattend masterplan wil UZA tegen 2029 de Drie Eiken Gezondheidscampus van de toekomst creëren. Wat zal er de komende jaren concreet veranderen op de campus? Wat zal je als patiënt of bezoeker merken van de aanpassingen aan de zorg van de toekomst?

CEO prof. dr. Marc Peeters: ‘We stomen het UZA ook op het vlak van infrastructuur klaar voor de toekomst.’

3

‘Het masterplan focust ook tijdens de werkzaamheden op het comfort van de patiënten en medewerkers.’

10

1

2

Wat verandert het masterplan voor mij als patiënt? De komende jaren zullen er geregeld bouwwerkzaamheden plaatsvinden op de campus van het UZA. Dat zal soms voor lichte hinder zorgen, maar het volle­ dige ziekenhuis blijft functioneel. Vanaf 2026 zal onder meer de spoedgevallendienst naar een nieuw gebouw verhuizen. Vanaf 2029 zal de campus volledig ver­ nieuwd zijn volgens de plannen.

Hoe ziet de ‘zorg van de toekomst’ eruit? In de zorg zien we vandaag al verschillende ontwikkelingen. De opnames worden korter, we volgen meer klachten op met specialisten uit verschillende vakgebieden, patiënten nemen hun zorgtraject meer en meer in handen, er komen nieuwe digitale mogelijkheden, enzovoort. Met dat soort evoluties houdt het masterplan rekening. Tegelijk bouwt het ook voldoende flexibi­ liteit in omdat niemand precies weet hoe zorgprocessen in 2029 zullen verlopen.

Wat verstaan ontwerpers onder een patiëntgericht ziekenhuis? Bij het uittekenen van ziekenhuis­ gebouwen houden architecten vandaag maximaal rekening met hoe patiënten de omgeving beleven. In het oorspronkelijke ontwerp van het UZA werd ster­ ker functioneel gedacht. Omdat het handiger is voor de organi­ satie van ziekenhuisprocessen, leidt het oude ontwerp patiënten meteen naar een ondergrondse verdieping, hoewel dat minder aangenaam voelt. Het nieuwe ontwerp zal patiënten een sterker gevoel van warmte en comfort geven, zal overzichtelijker zijn en zal meer licht binnentrekken.


‘De groene ligging van het UZA biedt mogelijkheden om de kracht van een ‘healing environment’ verder uit te spelen.’ Vanaf 2026 komen in gebouw Q de kritische diensten zoals de spoedgevallendienst, het operatiekwartier en de dienst intensieve zorgen.

4

5

6

7

Wordt de nieuwe campus een duurzame site? Zeker. De nieuwe infrastructuur wordt zo duurzaam mogelijk ontworpen. Zowel op het vlak van bouwmaterialen als van ener­ giegebruik kiest het masterplan voor de duurzaamste oplossin­ gen, die aansluiten bij de Green Deal Duurzame Zorg die het UZA in maart 2023 ondertekende samen met UAntwerpen. Ook in het Q-gebouw, dat drie jaar geleden ontworpen werd, zullen allicht nog aanpassingen worden doorgevoerd omdat er inmiddels oplossingen voorhanden zijn om minder of geen aardgas te verbruiken.

Wat betekent het om het ziekenhuis op ‘een flexibele groei’ voor te bereiden? De geneeskunde verandert zo snel, dat het moeilijk in te schatten is hoe je in 2029 het best topzorg organiseert. Wie kan voorspellen wat de impact van technologische innovaties, nieuwe medicatie en overheids­ beslissingen wordt? Daarom kiest het masterplan voor een flexibel bij te sturen infrastructuur. De site moet klaar zijn voor groei en samenwerking met andere zorg­ actoren. Groei betekent overigens niet noodzakelijk dat we een hoger aantal patiënten behande­ len. Groei kan ook kwalitatief zijn en op meer complexe, innovatieve behandelingen slaan.

Hoe gaat het UZA om met de eigenheid van haar ligging in Edegem? De UZA-campus ligt in een groene omgeving en dat biedt mogelijkheden om de kracht van een ‘healing environment’ uit te spelen. Dat betekent dat we een omgeving willen creëren die het herstel van de patiënt bevordert. Het masterplan haalt ook de burenband met de universiteit aan. We trekken bijvoorbeeld onderzoek en training sterker binnen in het ziekenhuis. Ook praten we over het openstellen van de omgeving en over nauwere samenwerking met partners als RevArte en anderen. Tegelijk moet een krachtig mobiliteitsplan de verbinding tussen het UZA en het stadscentrum versterken.

Ga ik als patiënt wel kunnen slapen als er gewerkt wordt? Het masterplan focust ook tijdens de werkzaamheden op het com­ fort van de patiënten en mede­ werkers. Zowel de plannen als de afspraken met aannemers zijn afgestemd op een zorg­omgeving die blijft functioneren. Door gebruik te maken van geluids­ arme technieken, werkzaam­ heden te bundelen en sommige afdelingen te verhuizen, zal de hinder op de campus zeer beperkt blijven. Als patiënt hoef je dus niet te vrezen dat je nachtrust zal worden verstoord.

MAGUZA 11


102dB

Luidende klokken

Duizenden burgers nemen deel aan innovatief geluidsonderzoek

Ik hoor, ik hoor wat jij niet hoort

81dB

Rijdende tram

Eind november startte de Grote Geluidsbevraging van ‘De Oorzaak’, een uniek burgeronderzoek waarbij experts van de Universiteit Antwerpen samenwerken met artsen van het UZA. Samen met De Morgen rekenen ze op de oren van duizenden burgerwetenschappers met één doel: de impact meten van geluid op ons dagelijkse leven.

H

et gebrom van je koffiemachine of je buurman die zich een rockster waant in de douche. Met welk geluid word jij het liefst wakker? Geluiden kunnen een grote invloed hebben op onze mentale en fysieke gezondheid. Toch is er nog niet zo veel onderzoek naar gedaan. Daar komt verandering in met ‘De Oorzaak’. ‘Vanaf de start kregen we meteen veel reacties’, vertelt projectleider Cedric Vuye. ‘Het is duidelijk dat mensen veel verwachten, maar we hebben natuurlijk geen toverstokje dat alle storende geluiden kan laten verdwijnen.’

Wat mogen we dan wel verwachten? Cedric Vuye: ‘Ons onderzoek bestaat uit drie delen: geluids­ bevragingen, een gezondheidsonderzoek en geluidsmetingen met 2400 slimme sensoren bij mensen thuis in Antwerpen, 12

Gent en Leuven. Die sensoren zijn heel innovatief: ze meten de geluidsniveaus en herkennen verschillende types omgevings­ geluid dankzij AI. Enkel de info over de niveaus en het type geluid labelen ze en sturen ze door naar onze database. Zo kunnen wij het geluidslandschap gedetailleerd in kaart bren­ gen zonder de privacy te schenden. De deelnemers vullen ook wekelijks vragenlijsten in, over geluiden die ze elke dag horen en hun stressniveau. Daarmee kunnen we conclusies trekken over hoeveel decibel elk geluid genereert, welke geluiden het meeste impact hebben, de akoestische isolatie, enz. Alle deelnemers kunnen de resultaten online volgen en krijgen een rapport met persoonlijke tips.’ Prof. dr. Johan Verbraecken: ‘Vanuit het Slaapcentrum onderzoeken we de link tussen geluid en objectieve slaapver­ storing. Dat doen we door het slaaponderzoek van de toekomst te voeren bij zo’n 100 vrijwilligers uit Antwerpen: een polysom­ nografie thuis. Normaal gebeurt zo’n onderzoek in het zieken­ huis om slaapapneu op te sporen. Maar nu hangen we ook extra sensoren op in de slaapkamers van deelnemers. Door die te combineren met sensoren die buiten hangen, kunnen we heel exact meten welke geluiden de wekdrempel overschrijden.’ Prof. dr. Laure Jacquemin: ‘Ik focus me op hoe gevoelig we zijn voor geluid. Zo’n 100 Antwerpenaren krijgen de kans om een gehoortest af te leggen in het UZA om hun dynamisch bereik te berekenen: wat is het stilste geluid dat ze kunnen horen en wanneer wordt het te luid? Ook laten we vragenlijsten


INTERVIEW

Prof. Cedric Vuye, hoofddocent faculteit Toegepaste Ingenieurswetenschappen aan de UAntwerpen & projectleider van De Oorzaak

Prof. dr. Laure Jacquemin, klinisch audioloog & coördinator tinnituskliniek in het UZA

‘Geluid als slaapverstoring wordt nog onderschat, en nu kunnen we dat meten op grote schaal.’

invullen om te peilen naar de subjectieve gehoorervaring, zoals hoe je je voelt bij bepaalde geluiden en of je oordoppen draagt om je af te schermen. Zo kunnen we de gevoeligheid voor geluid beoordelen. Diezelfde 100 deelnemers ondergaan ook enkele slaapmetingen bij het UZA-team van prof. dr. Olivier Vanderveken. Zij testen onder meer hoe snel iemand wakker wordt. Als we onze beide onderzoeken naast elkaar leggen, kunnen we mogelijk een link vinden tussen gevoeligheid en wakker worden. Dat kan interessante bevindingen opleveren.’

Wat is jullie grootste motivatie om dit onderzoek te voeren? Laure Jacquemin: ‘Mijn motivatie komt vanuit mijn patiën­ ten. We zien steeds meer mensen bij wie overgevoeligheid voor

Prof. dr. Johan Verbraecken, medisch coördinator van het Slaapcentrum in het UZA

geluid een probleem is geworden. Dat gaat van rumoer op het werk dat je niet meer kan verdragen, tot mensen die niet meer buiten komen omdat het leven te luid is. Het is tegenwoordig makkelijk om je af te sluiten van geluid, bijvoorbeeld door een noisecancelling headphone te dragen. Maar wij denken dat dit de gevoeligheid juist vergroot, omdat we zo geen geluid meer gewoon zijn. Met dit onderzoek gaan we dat eindelijk in kaart brengen.’ Johan Verbraecken: ‘Geluid als slaapverstoring wordt nog onderschat, en nu kunnen we dat meten op grote schaal. We brengen de apparatuur voor het slaaponderzoek persoonlijk naar de mensen thuis, en halen die de ochtend erna weer op. Zo weten we zeker dat alles goed verloopt. We nemen ook de slaapperceptie en de persoonlijkheid van elke deelnemer mee. En, de collega’s van de UAntwerpen nemen bij de deelnemers een speekselmonster af dat ze onderzoeken op cortisol. In combinatie met de vragenlijsten komen we zo te weten hoe­ veel stress de deelnemers ervaren.’ Cedric Vuye: ‘Vanuit mijn ingenieursblik wil ik mensen meer voeling laten krijgen met wat een decibel juist is, wat realiseerbaar is qua geluidsreductie en hoe geluidsisolatie werkt. Want daar zijn nog wel wat misverstanden over. En ik ben enthousiast over de gedetailleerde objectieve en subjec­ tieve geluidskaarten die we gaan uitwerken voor Antwerpen, Gent en Leuven. Daarop kunnen we ook zien waar er stilte is, en hoe we onze steden geluidsvriendelijker kunnen maken.’ MAGUZA 13


66dB

Koolmees

‘We hopen aan te tonen waar er stilte is, en hoe we onze steden geluidsvriendelijker kunnen maken.’

Hoe belangrijk is de nauwe samenwerking tussen de uiteenlopende disciplines binnen de Universiteit Antwerpen en het UZA? Cedric Vuye: ‘We hebben heel wat collega’s uit zes ver­ schillende faculteiten samengebracht: Gezondheids­ wetenschappen, Sociale Wetenschappen, Toegepaste Ingenieurswetenschappen, Bedrijfseconomie, Ontwerp­ wetenschappen en Wetenschappen. We gaan dan ook erg veel data genereren en verwerken vanuit verschillende invals­ hoeken. We zijn ook heel blij met de uitgebreide steun van de Vlaamse overheid en de verschillende commerciële partners.’ Wat verkiezen jullie zelf: stilte of geluid? Laure Jacquemin: ‘Ik kan best wat geluid verdragen en ga graag naar festivals. Maar ik draag wel steeds op maat gemaakte oordoppen. Ik besef dat je snel gevoelig kan worden aan geluid als je het in je bewustzijn laat komen. Wanneer iemand me er bijvoorbeeld op wijst dat iemand smakt tijdens het eten, dan irriteert dat me ook.’ Cedric Vuye: ‘Ik hou van stilte en ben niet graag in grote menigtes. De muziek op concerten of feesten staat vaak te luid, vind ik. Op mijn eigen trouwfeest hebben we daar heel duidelijke afspraken over gemaakt met de dj. Als student zette ik rustige muziek op om te kunnen studeren. Dat zorgde ervoor dat ik niet werd afgeleid door omgevingsgeluid. Dat doe ik nu nog altijd, in de trein bijvoorbeeld.’ Johan Verbraecken: ‘Vroeger lagen er kasseien in een straat vlakbij, ik kreeg enorm veel stress wanneer zwaar 14

vervoer erover reed. Ik heb toen akoestisch glas laten plaatsen in mijn ramen. Ook als student op kot herinner ik me het voortdurende gezoem van de Antwerpse ring. Die ervaringen motiveren me extra om dit onderzoek te voeren. Ook naar beleidsmakers toe: geluidsreductie kost niet alleen geld, maar zorgt ook voor een betere levenskwaliteit voor de inwoners.’

Hoe kunnen we nu al gezond omgaan met geluid? Laure Jacquemin: ‘Wie erg gevoelig is voor geluid, kan cog­ nitieve gedragstherapie overwegen. Dat is nog vrij onbekend. Je leert dan negatieve emoties los te koppelen van storende geluiden, en zo leer je je brein dat deze geluiden eigenlijk niet zo belangrijk zijn. Na verloop van tijd vallen die geluiden niet meer zo op. Focus is alles.’ Cedric Vuye: ‘Wat ook helpt – en dat hopen we ook te bereiken – is je bewust worden van de impact van geluid. Denk bijvoorbeeld eens na vooraleer je je muziek luid zet, misschien voelen je buren zich wel miserabel maar durven ze niets zeggen. We hopen om te sensibiliseren. En wie weet raken de beleidsmakers ook wel geprikkeld door onze resultaten, en kunnen we echt een verschil maken.’

Meer weten? ntdek alles over het onderzoek en O doe mee via www.deoorzaak.be en www.demorgen/oorzaak.


KORT

Steun voor beloftevol onderzoek

150

UZA foundation steunt elk jaar onder­ zoekers die het verschil kunnen maken met nieuwe of verbeterde behandelingen. Dit jaar werden grants toegekend rond de thema’s COVID, kanker en ziekten van het zenuwstelsel aan 6 onderzoeken: 1. ‘Neurobiologische mechanismen van long covid’ van prof. dr. Filip Van Den Eede, 2. ‘Multi-omics studie bij kankerpatienten na covid-19 vaccinatie’ van prof. dr. Eva Lion, 3. ‘Organoïdenbiobank voor functionele precisie-oncologie’ van prof. dr. Hans Prenen, 4. ‘Studie van de tumor micro-omgeving bij pancreaskanker’ van prof. dr. Geert Roeyen, 5. ‘Impact en progressie van cerebrale amyloïd angiopathie’ van prof. dr. Caroline Loos, 6. ‘Studie van DFNA9-patiënten met een cochleair implantaat’ van prof. dr. Marc Lammers.

leerlingen uit 7 Antwerpse scholen Die kunnen ons straks meer inzicht geven in wat ongezonde lucht met ogenschijnlijk gezonde kinderen doet. Het REACH-project onder leiding van prof. dr. Stijn Verhulst, kinderlongarts in het UZA, mat een jaar lang luchtvervuiling in de vorm van stikstofoxiden en fijnstof op de speelplaats en in de klas. Die gegevens vergelijkt het onderzoeksteam nu met hoe een set van gezondheidsparameters – zoals bloeddruk, concentratievermogen, de werking van bloedvaten en longen – in dezelfde periode evolueerde bij die tien- of elfjarigen.

www.uza.be/grantsuzafoundation Volg de recentste resultaten op uza.be/Reach

Extra zorg voor jongeren met kanker Zes grote ziekenhuizen waaronder het UZA zijn door de overheid aangesteld om vanaf januari extra zorg uit te bouwen voor adolescenten en jongvolwassenen die kanker krijgen. De ziekenhuizen zetten multidisciplinaire teams in, die bestaan uit een arts-specialist, een verpleegkundige, een psycholoog en een sociaal werker. Zij krijgen indien nodig ook ondersteuning van andere collega’s: een ergotherapeut, een seksuoloog, … Adolescenten en jongvolwassenen die kanker krijgen, worden ook AYA’s

genoemd (‘adolescents and young adults’). Zij passen niet meer op de oncologische kinderafdeling, maar voelen zich vaak ook niet helemaal thuis op de kankerafdeling voor volwassenen. Jaarlijks krijgen zowat 1.700 AYA’s tussen 16 en 35 jaar te horen dat ze een vorm van kanker hebben.

Ontdek meer over AYA-zorg in het UZA

Beweging is ­beter voor je brein dan kruiswoord­ raadsels Met die woorden stond prof. dr. ­Laetitia Yperzeele van de dienst neurologie in het UZA eind oktober stil bij de impact van beroertes. Om te streven naar bewustwording en actie zet het UZA extra in op het beweeg­ traject Onklopbaar. Dat wil patiënten met diverse aandoeningen samenbrengen rond een buitengewoon doel: een deelname aan de Antwerp 10 Miles of short run op 21 april 2024.

Betrouwbare gezondheidsinfo met app Zoek Gezond Wie correcte en up-to-date gezondheidsinformatie zoekt, kan daarvoor sinds kort de nieuwe app Zoek Gezond gebruiken. De app is een initiatief van de website gezondheidenwetenschap.be van het Centrum voor Evidence-Based Medicine (Cebam). Met Zoek Gezond biedt het Cebam een gratis alternatief voor onbetrouwbare websites die patiënten vaak onnodig ongerust maken.

LEESTIP

Gezond zwanger worden begint al voor de bevruchting Als wensouder hoop je op een gezonde baby. De basis daarvoor wordt niet alleen tijdens de zwangerschap gelegd, maar ook in de tijd die daaraan vooraf gaat, met de gezondheid van mensen met een kinderwens. De zorg voor een kind begint dus niet bij het eerste bezoek aan de verloskundige, maar al vóór de bevruchting en de zwangerschap: dat noemen

we preconceptiezorg. De kennis daarover nam de laatste jaren een grote vlucht. Prof. dr. Yves ­Jacquemyn, gynaecoloog in het UZA, beschreef de recentste inzichten met Eric Steegers, Annemarie Mulders en co-auteur Anjo Geluk. Je vindt het boek op bol.com, als je zoekt op de volledige titel ‘Gezond zwanger worden. Handboek preconceptiezorg’. MAGUZA 15


VISIE

Inspirerende verhalen

W

inter, de donkerste tijd van het jaar, brengt niet alleen regen en vrieskou, maar ook bruisende festiviteiten. Terwijl Sint-Maarten nog vers in het geheugen ligt, zetten alle kinderen hun schoen alweer voor de Sint en maakt de Kerstman zich al klaar om de wereld met geschenken te overladen. De over­ gang van oud naar nieuw koesteren we als familiedagen, waarop we genieten van samenzijn met collega’s, vrienden en familie, en ons voorbereiden op het nieuwe jaar 2024. De lange winteravonden zijn ideaal om te genieten van de boeiende verhalen in deze nieuwe MagUZA. Het eindejaars­ nummer reflecteert duidelijk onze visie en missie: hoogkwalitatieve en inno­ vatieve zorg bieden binnen het brede

16

Antwerpse gezondheids-ecosysteem. Actrice Bab Buelens getuigt openhartig over leven met een zeldzame ziekte. Je voelt meteen hoe belangrijk het is om die patiëntengroep de nodige onder­ steuning en expertise te bieden. Onze maatschappelijke betrokken­ heid blijkt uit het project ‘De Oorzaak’, waarin we met UAntwerpen en De Morgen de impact van geluid op ons dagelijkse leven onderzoeken. Het is onze ambitie om met onze partners het gezondheidsecosysteem in Antwerpen zoveel mogelijk vorm te geven. Aanslui­ tend bij die ambitie timmeren we aan de weg om gezondheidsdata voor gerich­ tere preventie in te zetten. Daarnaast optimaliseren we onze infrastructuur in synergie met partners uit de omgeving, zoals het artikel over de Drie Eiken Gezondheidscampus laat zien.

Patiënten bewegen zich zowel binnen als buiten het ziekenhuis. Het dossier Thuisopvolging schetst hoe zorgconti­ nuïteit en communicatie tussen gezond­ heidswerkers en patiënten daarbij cruciaal is. Dus, nestel je bij de haard of onder een dekentje met MagUZA in de hand en ontdek hoe onze toegewijde medewerkers elke dag werken aan de gezondheidszorg van de toekomst. Dankjewel daarvoor!

Marc Peeters CEO


MAGU Z A ZORGMAGAZINE VAN HET UZA

Dossier THUISOPVOLGING December 2023 #131

Zorg in je warme thuisomgeving, met alle nodige opvolging Meer en meer patiënten kiezen op voorstel van hun behandelend team voor een zorgtraject met thuisopvolging. Hoe pakt het UZA die zorg vanop afstand aan? Wat mag je als patiënt verwachten? En waarom gelooft het UZA in dit nieuwe zorgmodel?

www.maguza.be UZA UniversitairZiekenhuisAntwerpen uza_stories

Michael (39) volgde een antibioticakuur via OPAT

‘Na 5 maanden kon ik eindelijk weer bij mijn gezin zijn.’ 17


Dossier

Brigitte Claes, coördinator transmurale zorg, UZA

Prof. dr. Guy Hans, medisch directeur, UZA

Dr. Davina Wildemeersch, pijnarts, UZA

18


DOSSIER HET OPERATIEKWARTIER

Zorg in je vertrouwde omgeving Meer en meer UZA-patiënten staan ook thuis in verbinding met het ziekenhuis. Ze vullen vragenlijsten in via de UZA@home-app. Ze beantwoorden berichten van een verpleegkundige die van op afstand meekijkt. En slimme toestellen sturen via hun smartphone meetgegevens door. Hoe pakt het UZA thuisopvolging aan? Wat zijn de mogelijkheden en beperkingen van patiëntenzorg op afstand?

Thuis in verbinding Het UZA biedt al een tiental jaar vormen van thuisopvolging aan, maar door COVID-19 kwam het vanop afstand monitoren van pati­ ënten in een stroomversnelling. In 2021 volgde het UZA met huisart­ sen en andere eerstelijnspartners vele tientallen COVID-19-patiën­ ten thuis intensief op tijdens hun ziekte en revalidatie. Die aanpak inspireerde en krijgt vandaag navolging voor meer en meer andere aandoeningen. ‘De voorbije jaren bouwden we de omkadering voor thuisopvol­ ging stap voor stap verder uit’,

zegt Brigitte Claes, coördinator transmurale zorg in het UZA. Zij ondersteunt met haar team andere UZA-diensten die patiënten thuis willen opvolgen. ‘Dankzij de UZA@home-app kunnen onze zorgverleners vlot in verbinding blijven met patiënten. Zij krijgen thuis bijvoorbeeld berichten als ze een vragenlijst moeten doorgeven of een bepaalde meting moeten uitvoeren. Of ze stellen vragen over zaken waarover ze bezorgd zijn, zoals een pijnlijk gevoel of een wonde van een hechting waar vocht uitkomt. Eventueel kunnen ze zelfs een foto meesturen, een afspraak inplannen enzovoort.’

Afgelijnd kader Zeer belangrijk is dat het behan­ delend team van in het begin heldere afspraken maakt met de patiënt. Die weet dat een team van UZA-medewerkers elke dag, 7 dagen op 7, digitaal meekijkt, op 5 vaste momenten tussen 8 en 21 uur. Het is dus duidelijk dat je als patiënt met dringende zaken naar de spoedgevallendienst moet komen of 112 moet bellen. Al gebeurt dat nauwelijks. ‘In de meeste gevallen ontdekken we al vroeger dat iets niet de juiste

kant op gaat en dan volgen we dat bijkomend op, zodat we nood­ gevallen vermijden’, legt Brigitte Claes uit. Ze benadrukt dat het essentieel is dat je als patiënt bij thuisopvol­ ging echt voelt dat er gespeciali­ seerde zorgverleners meekijken. ‘We hebben een team van ervaren verpleegkundigen dat speci­ fiek voor de thuisopvolging van patiënten wordt ingepland. Zij

Als patiënt moet je echt voelen dat er gespecialiseerde zorgverleners meekijken. staan klaar voor alle vragen die je bijvoorbeeld ook in het ziekenhuis aan hen zou stellen als ze op je kamer langskomen. Ze volgen voor elke patiëntengroep een duidelijk zorgprotocol, onder­ houden nauw contact met de hoofdbehandelaar en beschikken over een aantal hulplijnen die ze permanent kunnen contacteren, bijvoorbeeld om een dringend advies te vragen.’

MAGUZA

O

p voorstel van hun behandelend team kunnen UZA-patiënten bij steeds meer ziektebeelden voor een zorgtraject met thuisopvol­ ging kiezen. Heel wat patiënten verlaten daardoor na een operatie sneller het ziekenhuis. Of ze hoe­ ven voor hun behandeling minder vaak naar het UZA te komen. Met dank aan slimme technologie en heldere afspraken weten die patiënten dat UZA-zorgverleners hen ook in hun thuisomgeving nauwgezet opvolgen.

19 19


Dossier

‘Door thuis­ opvolging uit te bouwen, verhogen we de kwaliteit van de zorg. De patiënt vaart er wel bij en betaalt geen meerkost.’

20

Digitaal scenario met meerwaarde De ziekenhuisdiensten die thuisopvolging aanbieden voor bepaalde aandoeningen gaan niet over één nacht ijs. Ze maken eerst een digitale vertaalslag van hoe het zorgproces in het ziekenhuis verloopt. Hoe verloopt het ver­ wachte zorgtraject? Wie contro­ leert wat op welk moment? Wat als scenario A of B zich voordoet? Enzovoort. Het multidisciplinair pijncen­ trum voerde bijvoorbeeld onlangs thuisopvolging in voor patiënten die infuustherapie krijgen. ‘We dienen hen één keer per maand via een infuus een verdovend middel toe om hun pijnsysteem te kalme­ ren’, zegt UZA-pijnarts dr. Davina Wildemeersch. ‘Wel, veel van die patiënten zien wij nu maar één keer om de drie maanden op raad­ pleging voor herevaluatie. In tus­ sentijd volgen we hen thuis op met wekelijkse bevragingen die breder kijken dan pijn. We verzamelen zo meer betrouwbare gegevens over hun dagelijks functioneren, slaap, welbevinden en multidisciplinaire zorgvragen. De werkwijze is niet alleen aangenamer voor de pati­ ënt. Ik verwacht ook dat ze betere resultaten kan opleveren.’

Efficiëntere consultaties Thuisopvolging zorgt ervoor dat we de tijd die patiënten in het ziekenhuis doorbrengen nuttiger invullen. Voor sommige patiënten, die moeilijk te been zijn of een kwetsbare gezondheid hebben, maakt een consultatie minder een heel groot verschil. Tegelijk kunnen artsen en patiënten hun raadplegingen beter voorbereiden. ‘Als je vooraf de data van een patiënt bekijkt, kan je als arts gerichtere vragen stellen’, zegt Davina Wildemeersch. ‘De digi­ tale communicatie maakt het ook mogelijk om patiënten beter voor te lichten, bijvoorbeeld met edu­ catiefolders of video’s die ze kun­ nen bekijken op een moment dat voor hen past. Dan blijft het beter hangen dan wanneer patiënten alle info ineens moeten verwer­ ken, terwijl ze soms overdonderd zijn. En we verliezen minder tijd aan verzekerings- en andere attesten, omdat die administratie ook digitaal wordt geregeld.’ Investeren in de toekomst ‘In navolging van digitale toe­ passingen zoals bankapps die dagelijkse taken vereenvoudigen, verwachten patiënten ook in de zorg een evolutie naar meer

digitaal comfort’, zegt prof. dr. Guy Hans, medisch directeur van het UZA. ‘Hoe meer er kan vanuit de vertrouwde omgeving, hoe liever de meeste patiënten het hebben, zeker sinds COVID-19. Ons ziekenhuis gaat daar graag in mee als het op een veilige manier kan. Door thuisopvolging uit te bouwen, verhogen we de kwaliteit van de zorg. De patiënt vaart er wel bij en betaalt geen meerkost.’ In theorie wil de overheid die evolutie naar meer thuisopvolging stimuleren. Maar in de praktijk investeert het UZA voorlopig veel eigen middelen in de omkadering ervoor. Guy Hans: ‘We wilden niet langer wachten op steun­ regelingen omdat we heel sterk in het idee geloven. De patiënt krijgt betere zorg en wij kunnen meer patiënten helpen. Tegelijk maken we het ziekenhuis robuuster tegen mogelijke nieuwe pande­ mieën. We bouwen ook ervaring op met een zogenaamd lerend gezondheidszorgsysteem. Daarbij krijg je continu gezondheidsin­ formatie die je al dan niet met andere partners verwerkt om je patiënten ­preventief of genezend te helpen. Dat is een toekomst­ model waarvan ons ziekenhuis heel veel ­verwacht.’


thuisopvolging in de praktijk

DOSSIER HET OPERATIEKWARTIER

5

vragen over

aan Jolien Van Ammel, logistiek medewerker team thuisopvolging van het UZA

1

Hoe start het voor mij als patiënt? ‘Elk traject met thuisopvolging start op voorstel van het behandelende team. Als patiënt krijg je eerst een uitgebreide toelichting over hoe het werkt, wat we kunnen opvolgen en wat niet. ’s Nachts of als het dringend is, moet je bijvoorbeeld zelf naar de spoedgevallendienst komen of 112 bellen. Als je meettoestellen nodig hebt, dan kan je die hier gratis ontlenen. We koppelen ze aan je smartphone zodat die je gegevens doorstuurt. We helpen je eventueel ook om de apps te installeren en als we merken dat je gegevens niet binnenkomen, dan bellen we even op om dat op te lossen.’

2

Wat gebeurt er achter de schermen in het UZA? ‘Mijn collega-verpleegkundigen kijken elke dag tussen 8 en 21 uur, op 5 vaste momenten, alle binnenkomende gegevens na. Ze controleren of alles voor jou normaal loopt volgens de zorgpaden die zijn uitgewerkt voor verschillende patiëntengroepen. Indien nodig nemen ze contact op met je hoofdbehandelaar. Het kan ook zijn dat ze jou een berichtje sturen met de vraag om zelf je parameters te meten. Dat kan bijvoorbeeld zijn: We hebben gezien dat je bloeddruk te hoog is, kan je die straks nog eens extra meten? Op die manier kunnen we snel op de bal spelen.’

3

Welke data worden gemeten en hoe? ‘Dat hangt af van waarvoor je wordt opgevolgd. We hebben bijvoorbeeld toestellen die je bloeddruk meten en doorsturen. Veel patiënten gebruiken thuis ook een saturatiemeter. Die plaats je als een soort wasknijper op je vingertop om het

zuurstofgehalte in je bloed te bepalen. Maar we hebben ook toestellen voor je hartslag, temperatuur enzovoort. Alle meettoestellen gebruiken bluetooth om gegevens automatisch naar de apps op je smartphone te sturen. Je moet dus wel een smartphone hebben, maar verder stellen we alle toestellen kosteloos ter beschikking. We hebben sinds kort ook een team van verpleegkundigen die in bepaalde gevallen in een afgesproken tijdsblok van twee uur aan huis kunnen komen om bloed af te nemen.’

4

Wie kijkt er naar mijn patiëntendata? ‘Voor alle gegevens in je medisch dossier bestaat er een strikte regelgeving over wie die mag bekijken en hoe ze worden opgeslagen. Ook bij thuisopvolging hebben alleen de verpleegkundigen die je opvolgen en je behandelende artsen toegang tot je gegevens. Alle meettoestellen die het UZA inzet, zijn ook goedgekeurd voor medisch gebruik, wat wil zeggen dat ze aan de hoogste kwaliteitsnormen voldoen en dat de fabrikanten afstand doen van de gegevens.’

5

Wat voor patiënten volgt het UZA zoal thuis op? ‘Bij het team thuisopvolging volgen we heel uiteenlopende patiënten op. Er is een groep met aandoeningen van de luchtwegen en longen waaronder COVID-19. We hebben patiënten die een kijkoperatie aan de schouder ondergingen. We begeleiden patiënten in het OPAT-programma (Outpatiënt Parenteral Antimicrobial Therapy) die thuis zware antibiotica via een katheter in de bloedbaan krijgen. We hebben patiënten met gebroken ribben en patiënten met langdurige pijn die thuis worden opgevolgd. Sommige diensten zoals cardiologie en neurologie hebben ook een eigen werking voor thuisopvolging. Tot slot lopen er gesprekken om met ondersteuning van het team thuisopvolging bepaalde chemo thuis te geven en er is nog veel meer op komst.’

MAGUZA

Wat als … jouw behandelend team je thuisopvolging voorstelt? Wat mag je dan verwachten, en wat niet? Wie doet wat achter de schermen in het UZA? Ontdek hoe een doorsnee traject van thuisopvolging voor UZA-patiënten verloopt.

21 21


ADVERTENTIE

Een gebouw staat er nooit zomaar. Het leeft met en reageert op. We zoeken altijd de juiste oplossing voor de bouwsite, met architectuur als leidraad. We werken met wat is en voegen weloverwogen toe. En we activeren de natuurelementen voor een betere, duurzame levenskwaliteit. Want wat niet duurzaam is, kan niet mooi zijn.


Ons vak, is bouwen.


Dossier

Michael volgde een antibioticakuur thuis via OPAT Dr. Sabrina van Ierssel, infectioloog, UZA

‘Ik kon gewoon weer thuis zijn, bij mijn gezin’ Michael (39) belandde eind vorig jaar na een auto-ongeval in het UZA. Door een infectie moest hij een half jaar lang een zware antibioticakuur met medicatie via een infuus volgen. De laatste 1,5 maand kreeg hij de medicatie thuis via het programma OPAT (Outpatiënt Parenteral Antimicrobial Therapy). ‘Ik was zo blij dat ik terug naar huis kon.’

M

ichael is al enkele maanden klaar met zijn intensieve antibioticakuur. Wanneer hij terugblikt, voelt hij zich opgelucht dat hij de laatste weken de kuur gewoon van thuis uit kon krijgen. ‘Het is een intense periode geweest’, vertelt hij. ‘Twee weken na mijn auto-ongeval bleek dat ik een stevige infectie had aan mijn linkerbeen. Half januari startte ik daarom met een zware antibioticatherapie, maar amper één maand later moest mijn been

Lees de uitgebreide getuigenis van Michael op maguza.be

24

‘Dankzij OPAT kon ik thuis heel bewust mee afscheid nemen van de lagere schoolperiode van mijn dochter.’

toch ook geamputeerd worden, tot net boven mijn knie.’ Een zware revalidatieperiode volgde, eerst in het UZA waar Michael tot eind maart opgenomen bleef, en nadien in een revalidatiecentrum om te leren stappen met een prothese. ‘Ik was ongelofelijk blij toen ik eind mei naar huis mocht. Na vijf maanden kon ik eindelijk weer in mijn eigen bed slapen! En ik kon weer gewoon thuis zijn, bij mijn gezin.’

Herwonnen vrijheid De intraveneuze, langdurige thuis­ toediening van antibiotica is mogelijk via ‘OPAT’, ofwel Outpatiënt Parenteral Antimicrobial Therapy. Het programma kan in overleg met een arts opgestart worden zodat je niet enkel en alleen voor de therapie in het ziekenhuis moet blijven. In het geval van Michael, regelde de OPAT-verpleegkundige van het UZA een thuisverpleegkundige die twee keer per dag langskwam om het infuus aan te koppelen. Michaels vrouw kreeg van de


DOSSIER HET OPERATIEKWARTIER

aanmerking komen voor verdere behan­ deling thuis. Bij de start krijg je als patiënt een heldere uitleg van een OPAT-verpleeg­ kundige, zodat je goed weet waarop je moet letten. Vanuit het UZA is 7 dagen op 7, 24 uur op 24 een hulplijn beschikbaar. Via de UZA@home app vul je dagelijks een symptoombevraging in en je meet je vitale parameters met toestellen die de resultaten automatisch doorsturen. Het thuiszorg­ team van het UZA volgt je dagelijks op in overleg met de medische dienst die je programma heeft opgestart. Een thuisver­ pleegkundige, die in nauw contact staat met het UZA-zorgteam, komt dagelijks langs voor je verzorging. Elke week kom je ook op controle in het ziekenhuis. De OPAT-verpleegkundige bezorgt je dan alle nodige medisch materi­ aal voor de thuisbehandeling.

Met een gerust gevoel naar huis Niet elke behandeling met antibiotica is thuis mogelijk: patiënten ondergaan vooraf een screening om te zien of ze in

Terugbetaling door het RIZIV Sinds 1 juli 2023 voorziet het RIZIV in een terugbetaling voor patiënten met thuistoe­ diening van antibiotica en antitumorale

middelen. ‘Daar hebben we lang naar uit­ gekeken’, zegt infectiologe dr. Sabrina van Ierssel, die het OPAT-programma medisch coördineert in het UZA. ‘OPAT maakt het mogelijk om de zorg voor patiënten verder te verbeteren. Het vermijdt een onnodig lang ziekenhuisverblijf en vermindert de impact van een ziekte op het dagelijkse leven van de patiënt. Door goede samen­ werking binnen en buiten het ziekenhuis verloopt de behandeling vlot en veilig.’ Als patiënt kan je dankzij OPAT als het ware via een versnelde rijstrook naar huis. ‘Voor iemand als Michael, die na vijf maan­ den eindelijk weer in eigen bed kan slapen, betekent dat een wereld van verschil. Het programma geeft patiënten een mentale boost tijdens hun zware revalidatie. Het beste kader om zo goed mogelijk te herstel­ len, is in dit soort gevallen de eigen warme thuisomgeving, die we omkaderen met alle nodige digitale en menselijke opvolging vanop afstand.’

MAGUZA

OPAT-verpleegkundige een spoedcursus om de infuusleidingen te kunnen afkoppe­ len en spoelen. Eén keer per week kwam Michael nog naar het ziekenhuis voor een bloedonderzoek. Dan kreeg hij telkens ook de hoeveelheid antibiotica mee voor de week daarna. ‘Ik was heel blij dat dit kon, omdat ik terug in mijn vertrouwde omgeving kon zijn. Mijn gezin heeft me zo lang moeten missen. Mijn dochter is twaalf en rondde haar lagere school af, een belangrijke peri­ ode. Dankzij OPAT kon ik die laatste dagen mee afscheid nemen van haar lagere school. Daar ben ik zo dankbaar om’, vertelt Michael. ‘Ik had mijn vrijheid dus terug, al moest ik natuurlijk wel zien dat ik elke ochtend om half 7 opstond en elke avond om 18 uur thuis was, voor de afspraak met de verpleegkundige.’

25 25


Dossier

Telemonitoring Unit (TMU) bij cardiologie Prof. dr. Hein Heidbuchel, diensthoofd cardiologie, UZA

‘ Thuisopvolging is een noodzaak’ De dienst cardiologie volgt al jarenlang honderden patiënten vanop afstand op. Hoe werkt de Telemonitoring Unit (TMU) voor hartpatiënten en wat leert de ervaring van de dienst over hoe patiëntenzorg op afstand het best werkt? ‘Als patiënt moet je voelen dat je door iemand met kennis van zaken geholpen wordt.’

C

ardiologen volgen al meer dan 50 jaar patiënten met pacemakers vanop afstand op. Ook het UZA kijkt zorgvuldig mee over de schouder van verschillende patiëntengroe­ pen. ‘In 2020 hebben we onze werkwijze gestroomlijnd en een Telemonitoring Unit (TMU) opgericht’, zegt prof. dr. Hein Heidbuchel, diensthoofd cardiolo­ gie in het UZA. ‘Sindsdien werken 7 TMU-medewerkers in een shif­ tensysteem, waarbij ze afwisse­ lend elke werkdag alle inkomende patiëntendata opvolgen. Een eigen softwaresysteem helpt om alle gebeurtenissen zo overzichte­ lijk mogelijk te documenteren.’

Heldere werkwijze Kwalitatieve telemonitoring staat of valt volgens Hein ­Heidbuchel met een goed uitgetekende workflow. ‘Ten eerste wil je dat de monitoring een deel van je taken vervangt en geen bijkomend werk 26

creëert. Dat vraagt om een her­ organisatie van je werking. Ten tweede moet op elk moment dui­ delijk zijn wie verantwoordelijk is en wie welke actie onderneemt. Je mag er niet aan denken dat drie zorgverleners een probleem­ melding zien, maar dat niemand ingrijpt omdat ze ervan uitgaan dat de ander ermee bezig is.’ In het eigen softwareplatform kunnen TMU-medewerkers en behandelende artsen de gegevens en al dan niet ondernomen acties voor alle patiënten nakijken. De TMU-medewerkers zijn techno­ logen, die meestal biomedische wetenschappen studeerden, en die zowel medisch als technisch geschoold zijn. Ze maken deel uit van het artsenteam dat pacema­ kers en defibrillatoren implanteert en ze ondersteunen ook raadple­ gingen bij patiënten met derge­ lijke toestellen. Voor bezorgde patiënten kunnen zij dus heel wat zaken zelf nakijken en toelichten. Bij twijfel overleggen ze met de

arts, die het beleid blijft bepalen. Hein Heidbuchel: ‘Patiënten moeten voelen dat ze door iemand met kennis van zaken worden opgevolgd, iemand die de vraag verstaat. Als je contactpersoon enkel een doorgeefluik is, dan is er een extra stap in het zorgpro­ ces gecreëerd die alleen maar tot tijdverlies leidt.’

Nieuwe zorgpaden Het opvolgingsmodel van de TMU werd opgezet voor patiënten met pacemakers en defibrillatoren, maar je kan er moeiteloos andere patiëntengroepen in integreren. ‘Ondertussen volgen we ook patiënten op met innovatieve druksensoren om hospitalisa­ ties te voorkomen’, zegt Hein ­Heidbuchel. ‘Die technologie wordt nog niet terugbetaald, maar we planten er jaarlijks een aantal in met eigen financiering en we volgen de patiënten thuis op.’ De TMU kijkt ook mee naar patiënten die onder narcose een


DOSSIER HET OPERATIEKWARTIER

Patiënt aan het stuur Een voordeel van telemonito­ ring is dat je patiënten triggert om hun ziekteproces sterker zelf in handen te nemen. Hein Heidbuchel: ‘Van bij de opstart investeren we veel in voorlichting. Welke mechanismen spelen er bij je aandoening? Wat meten we

en hoe? Elk contactmoment met een TMU-medewerker is ook een leermoment. Patiënten leren met welke zelfmetingen ze geen con­ tact moeten opnemen of bij welke symptomen ze ons net sneller moeten contacteren.’ De dienst cardiologie ontwik­ kelde de voorbije jaren ook een eigen app C2U (cardio to you) om patiënten met voorkamerfi­ brillatie en hartfalen beter voor te lichten en op te volgen. De app schotelt je als patiënt vragen over jouw situatie voor. Geef je een fout antwoord, dan krijg je een heldere uitleg op maat. Patiënten kunnen via de app ook metingen door­ sturen en contact opnemen met het zorgteam.

Efficiëntere zorg Veel cardiopatiënten voelen zich door de laagdrempelige thuisop­ volging sterk geruggensteund. ‘Een TMU-medewerker contac­ teer je sneller voor bezorgdheden waarmee je een arts niet durft te

‘Thuisopvolging verbetert de zorg en helpt om die patiënten naar het ziekenhuis te brengen die een echt probleem hebben.’ storen’, legt Hein Heidbuchel uit. ‘Thuisopvolging verbetert zo de zorg en helpt om die patiënten naar het ziekenhuis te brengen die een echt probleem hebben. Daar­ door kan je artsen en middelen efficiënter inzetten.’ ‘Transmurale zorg is geen hype, maar een noodzaak voor de toe­ komst. Ook de markt is er klaar voor. Op mijn voorzet hebben internationale fabrikanten van toestellen en software recent een wereldwijd charter ondertekend om cardiologische meetgegevens makkelijker uitwisselbaar te maken. Nu hoop ik vooral dat de overheid een gepast regelgevend en financierend kader voorziet dat het zorgsysteem echt verandert!’

MAGUZA

elektroshock (cardioversie) moe­ ten krijgen om hun hartritme te normaliseren. ‘Vroeger ontdekten we soms net voor de ingreep, als het hele team bij wijze van spreken klaar staat, dat iemands hartritme al vanzelf genormali­ seerd is. Nu vragen we patiënten of ze de app Fibricheck willen gebruiken. Als ze onze QR-code scannen, kunnen wij meekijken naar metingen die ze zelf uitvoe­ ren door hun vinger op het lichtje en de camera van hun smartphone te leggen. Zo controleren we nu tot de ochtend van hun opname hoe het met hen gaat en of ze nog in ritmestoornis zijn.’

27


DE SPECIALIST IN COMFORTSCHOENEN

Moeilijke voeten? Hallux valgus? Hielspoor? Diabetes? Steunzolen? We staan je steeds bij met persoonlijk advies! Kom langs in onze winkel of shop online! Twee keer per maand heb je de kans om op maat gemaakte steunzolen te laten opmeten door gespecialiseerde bandagisten. Maak hiervoor een afspraak!

Birkenstock | Bota | Durea | Celia Ruiz | Finn Comfort | Helioform | Podartis | Rohde | Scholl | Solidus | Vionic | Xsensible

Ring 35, 2200 Noorderwijk (Herentals) | 014 15 19 77 | www.corpedi.be

ADVERTENTIE

Sereni verenigt ervaren uitvaartondernemers. In het Sereni netwerk wordt nauw samengewerkt, kennis gedeeld en ontzorgd. Onze Sereni uitvaartondernemers staan je bij. Elke uitvaart is maatwerk.


KORT

1 2 3 4

1

3

Poederwenkbrauwen op onco UZA-patiënten die een chemobehandeling ondergaan, kunnen vanaf begin 2024 tegen een betaalbare prijs poederwenkbrauwen laten aanbrengen. Schoonheidsspecialiste Nele komt met steun van de Stichting tegen Kanker langs en brengt, al voor de behandeling start, wenkbrauwen aan die ongeveer 2 jaar zichtbaar blijven.

Op naar een geweldig 2024! In het nieuwe jaar wensen we iedereen veel moed en veerkracht, voldoening en energie. Laat ons in 2024 samen bouwen aan een jaar vol mogelijkheden en avonturen, vol groei, welzijn, solidariteit en innovatie. Een gelukkig nieuwjaar van het hele UZA-team!

Info: Nele.Berckmans@uza.be

3

Een veilige, warme haven na seksueel geweld De overheid lanceerde in november een krachtige campagne om de Zorgcentra na Seksueel Geweld (ZSG) bekender te maken bij het brede publiek. Ook forensisch verpleegkundige Lieselot Ooms van het UZA vertelt in de campagne hoe ze slachtoffers na hun traumatische ervaring ondersteunt. uza.be/zorgcentrum-na-­seksueelgeweld-antwerpen

4

Tria-Go 4 Kids laat jongeren bewegen In januari start het kinderziekenhuis, met ondersteuning van UZA foundation, een project op dat jongeren met een chronische aandoening of een mentale beperking meer laten bewegen. Onder de noemer Tria-Go 4 Kids zal een groep deelnemers van 12 tot 17 jaar onder begeleiding samen trainen en zich voorbereiden op een kids triatlon tegen het einde van de zomer. uza.be/uza-foundation/projecten/ tria-go-4-kids MAGUZA 29


Antwerp Health Harbour

Dr. Annelies Verbiest, oncoloog en expert data, UZA

Apr. Geert Van de Voorde, voorzitter Eerstelijnszone Antwerpen centrum, UZA

Data voor een gezonder Antwerpen Kunnen we de gezondheid van Antwerpenaars verbeteren door ervoor te zorgen dat we versnipperde data veilig kunnen uitwisselen? Dat onderzoekt het UZA samen met andere partners in het project Antwerp Health Harbour. ‘Over twee jaar willen we een eerste gebruikscase over voeding bij kinderen klaar hebben.’

M

et Antwerp Health Harbour (AHH) willen verschil­ lende Antwerpse partners een innovatief ecosys­ teem in de sector van digitale gezondheid uitbouwen. In sep­ tember ondertekenden het UZA en Ziekenhuisnetwerk Helix, Stad Antwerpen, Netwerk Zieken­ huis aan de Stroom, Universiteit Antwerpen en Eerstelijnszone Antwerpen een intentieverklaring voor die samenwerking. Intussen startte een expertengroep al een eerste pilootproject op dat big data voor een betere preventie in de gezondheidszorg wil inzetten.

‘We willen zo veel mogelijk data op een veilige en betrouwbare manier bruikbaar maken voor onderzoekers.’

30

Voorkomen is beter dan genezen ‘Door gezondheidsdata uit verschillende bronnen van AHH-partners samen te bren­ gen, hopen we de voedingstoe­ stand van kinderen in de regio in kaart te brengen’, legt Geert Van De Voorde, voorzitter van

de Eerstelijnszone Antwerpen centrum uit. ‘Op basis daarvan willen we acties uitrollen om voe­ dingspatronen bij te sturen. Als je ongezonde situaties al op jongere leeftijd oppikt, kan je heel wat latere problemen zoals diabetes en hart- en vaatziekten voorkomen. Vooral in kwetsbare omgevingen valt daarmee een flinke gezond­ heidswinst te realiseren.’ De moeilijkste opdracht voor het pilootproject is dat het een werkwijze moet uitbouwen om bestaande data op een veilige manier bruikbaar te maken voor onderzoek. Dr. Annelies ­Verbiest, oncoloog en data-expert in het UZA maakt deel uit van de AHH-expertengroep: ‘Er zijn heel wat data die nuttig kunnen zijn, maar die zitten versnipperd in aparte systemen van de deelne­ mende partners. Ik denk aan: data uit patiëntendossiers, bloed­ resultaten, eventueel de gewichtsen lengtemetingen die Kind & Gezin en het CLB op school


uitvoeren, medicatie die de huisof kinderarts voorschrijft, aanko­ pen bij de apotheek, enzovoort.’

Technische en juridische normen Het expertenteam van AHH ontwikkelt de komende maanden een methode om de juiste gege­ vens bruikbaar te maken voor onderzoek. Annelies Verbiest: ‘In eerste instantie moeten we de uitwisseling technisch mogelijk maken. Als elk ziekenhuis scans als een ander digitaal bestands­ type opslaat, is het bijvoorbeeld niet eenvoudig om die uit te wisselen en te vergelijken. We hebben procedures nodig die werkbaar zijn en aan de striktste ethische en wettelijke normen voldoen. De data mogen niet meer aan concrete patiënten kunnen worden gekoppeld. Patiënten moeten kunnen beslissen of ze data beschikbaar stellen. En onderzoekers moeten de gege­ vens op een privacyvriendelijke,

veilige en transparante manier kunnen gebruiken.’ Het is overigens niet de bedoe­ ling om alle data van de ver­ schillende partners in één grote dataverzameling samen te bren­ gen. ‘De individuele organisaties blijven de bewaker van hun eigen data, in hun eigen systemen. De meest waarschijnlijke aanpak bestaat eruit dat we de partners vragen om op een welomschreven manier te werken, zelf een analyse uit te voeren en de resultaten te delen’, legt Annelies Verbiest uit.

Ongeziene gebruikscases Het expertteam verwacht dat het de procedures en het juridisch kader om data te delen over iets minder dan één jaar klaar kan hebben. Nog eens zes maanden tot een jaar later hoopt het de eerste inzichten over voeding bij kinderen te formuleren. ‘Zodra de datawerkwijze uitge­ tekend is, verwacht ik dat we ook al andere gebruikscases zullen

‘Als de data-aanpak uitgetekend is, kunnen partners of start-ups met onderzoeksideeën bij ons aankloppen.’ opstarten,’ kijkt Geert Van De Voorde vooruit. ‘Verschillende spelers – de ziekenfondsen, het Centrum Algemeen Welzijnswerk, het stadsbestuur enz – hebben in onze regio al kleinere projecten rond gezondheid en preventie lopen. Als we die inspanningen met elkaar kunnen verbinden, creëren we een enorme meer­ waarde voor de regio. Ik hoop dat we zo veel mogelijk kleinere organisaties, die minder ervaring met databeheer hebben, mee aan boord krijgen.’

de begeestering als ze praat over de paden die ze met AHH wil verkennen. ‘Als onze data-aan­ pak klaar is, kunnen partners of start-ups met onderzoeksideeën bij ons aankloppen. Stel dat je een probleem in kaart wil brengen of een innovatieve oplossing wil ontwikkelen, waarvoor je een veelzijdige dataset uit één regio nodig hebt. Bijvoorbeeld de combinatie van bepaalde gezondheidsgegevens, metingen over luchtvervuiling, geluids­ overlast of de toegang tot gezond voedsel. Wel, dan willen wij dat op korte termijn en volgens de hoogste kwaliteitsstandaarden mogelijk kunnen maken, op een gevarieerde dataset die aan alle Europese normen voldoet. Dat is een unieke troef in het interna­ tionale vakgebied van big data en gezondheid!’

Uniek in Europa Ook bij Annelies Verbiest voel je MAGUZA 31


ONDERZOEK & INNOVATIE

UZA onderzoekt nieuwe diagnostische test

‘Penicillineallergie wordt te Prof. dr. Didier Ebo, allergoloog, UZA

Van alle antibiotica schrijven artsen penicilline het vaakst voor. 12 procent van de mensen geeft aan dat ze allergisch zijn voor penicilline, maar bij minder dan 1 procent is dat echt zo. Velen krijgen dus onnodig een antibioticum dat minder goed werkt en voor meer Prof. dr. Vito Sabato, allergoloog, UZA

resistentie tegen antibiotica zorgt. Het UZA onderzoekt nu of een nieuwe diagnostische test voor minder foute diagnoses kan zorgen.

D

e overdiagnose van penicilline-allergie noemen we wel eens een epidemie’, zegt prof. dr. Didier Ebo, allergoloog in het UZA. ‘In het UZA hebben we een groep van 1500 mensen onderzocht, van wie 12 procent aangaf dat ze een penicillinealler­ gie hebben. Als we die 12 procent dan testen, blijkt slechts 8 pro­ cent van hen – of 15 personen van de 1500 mensen – echt allergisch te zijn.’

‘Als artsen een penicillineallergie vermoeden, zouden ze dat in het patiëntendossier uitgebreid moeten documenteren en meteen doorverwijzen naar een allergiespecialist.’

32

Correcte diagnose erg belangrijk Als patiënten echt allergisch zijn, kan penicilline ernstige en soms levensbedreigende gevolgen hebben. Didier Ebo: ‘We gaan dan na welke andere antibiotica we wél veilig kunnen voorschrijven. Als patiënten aangeven dat ze allergisch zijn terwijl dat niet zo is, is dat ook nefast. Uit voor­ zorg krijgen ze dan een twee­ dekeus-antibioticum dat vaak minder goed werkt, duurder is, meer bijwerkingen heeft en voor meer resistentie tegen antibi­ otica zorgt. Dat proces waarbij bacteriën ongevoelig worden voor

antibiotica is volgens de Wereld­ gezondheidsorganisatie net een van de grootste bedreigingen voor de wereldwijde gezondheid.’ Waarom geven zoveel men­ sen foutief aan dat ze allergisch zijn? Vaak dragen ze de valse diagnose al sinds hun kindertijd mee, bijvoorbeeld omdat ze ooit huiduitslag vertoonden – terwijl die misschien een symptoom was van een infectie of een bijwerking van andere geneesmiddelen. Prof. dr. Vito Sabato, allergoloog in het UZA: ‘Als artsen een penicillineal­ lergie vermoeden, zouden ze dat in het patiëntendossier uitgebreid moeten documenteren, ook met foto’s, en meteen doorverwijzen naar een allergiespecialist. Die kan dan bekijken of tests nodig zijn om de diagnose te bevestigen of uit te sluiten.’

Tijdrovende tests Er bestaan twee vormen van penicilline-allergie. De onmid­ dellijke allergische reactie treedt al binnen het uur na de eerste dosis penicilline op en verdwijnt meestal binnen de dag. De symp­ tomen variëren van netelroos, een soort huiduitslag, en zwellingen


vaak overschat’ tot kortademigheid en bewust­ zijnsverlies. De vertraagde aller­ gische reactie doet zich meestal na enkele dagen voor en houdt ook langer aan. Meestal gaat het om verheven vlekjes op de huid die je niet kan wegdrukken. Om de diagnose te stellen, wor­ den bloed- en huidtests gebruikt. Die zijn niet dezelfde voor de onmiddellijke en de vertraagde allergie. Didier Ebo: ‘Als patiën­ ten niet weten om welke vorm het bij hen ging, moeten ze de twee reeksen tests doorlopen. De bloed- en huidtests leveren niet altijd een duidelijke diagnose op. Ze ondergaan dan een provocatie­ test: om een reactie uit te lokken, worden ze in oplopende doserin­ gen aan penicilline blootgesteld. Dat is niet helemaal ongevaarlijk. Als ze dan toch niet allergisch blijken te zijn, hebben ze wel heel wat tijdrovende en dure tests moeten doorlopen.’

ook geschikt voor kinderen: we nemen bloed af dat we dan in het laboratorium onderzoeken.’ De intussen afgeronde piloot­ studie leert dat een testresul­ taat dat afwijkt altijd op een penicilline­allergie wijst. Vito Sabato: ‘Verder onderzoek moet dan uitmaken om welke vorm van allergie het precies gaat, maar de uitlokkingstest hoeven patiënten dan zeker niet te ondergaan – we weten immers al dat ze een peni­ cillineallergie hebben. De zoge­ naamde testgevoeligheid bedroeg

80 procent: als het resultaat niet afwijkend is, is er zowat 20 pro­ cent kans dat de patiënt toch een allergie heeft. Dat resultaat is niet slechter dan de bestaande bloeden huidtests.’ De komende vier jaar wordt de test nu verder onderbouwd en verfijnd, bij patiënten in het UZA en het AZ Jan Palfijn in Gent. Didier Ebo: ‘We willen de test uitgebreid bestuderen bij 200 patiënten met een vermoeden van penicillineallergie en hem verge­ lijken met de huidige tests.’

‘De nieuwe test is veilig, niet belastend en ook geschikt voor kinderen: we nemen bloed af dat we dan in het laboratorium onderzoeken.’

Veilig en kindvriendelijk Het UZA bekijkt nu of een nieuwe diagnostische test kan helpen om een penicillineallergie snel en accuraat vast te stellen. Dat gebeurt met steun van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek (FWO) in het project ‘Diagnosing drug allergy: the T is the key’. Vito Sabato: ‘We weten dat T-cellen – de dirigenten van ons afweersysteem – betrokken zijn bij zowel de onmiddellijke als de vertraagde allergische reactie. Vanuit dat inzicht hebben we een bloedtest ontwikkeld die we voor beide vormen kunnen inzetten. De test is veilig, niet belastend en MAGUZA 33


UZA Agenda

#UZA

uza_stories Universitair­Ziekenhuis­Antwerpen

16 januari, 18.00 tot 20.00 uur

Infosessie borstprothese Kom meer te weten over de verschillende soorten borstprotheses.

Info en inschrijven Deelname is gratis. Inschrijven is verplicht, via www.uza.be/activiteiten/patienten Locatie: VIP-ruimte (UZA, Drie Eikenstraat 655, 2650 Edegem)

22 januari, 18.30 tot 20.30 uur

Infoavond op materniteit Vanaf 28 weken zwangerschap ben je (samen met je partner) van harte welkom op de infoavonden op de materniteit. Tijdens de infosessie vertellen we toekomstige ouders, in kleine groep, over o.a. de zwangerschap, alarmsignalen tijdens de zwangerschap, tips voor de bekken­bodem, raad voor tijdens de bevalling, wat je het best meebrengt naar materniteit voor je bevalling, …

Kleine gelukjes op de longafdeling ‘Het geeft me heel veel voldoening als patiënten na een longtransplantatie of zware problemen, zichtbaar vooruitgang maken en zelfstandig naar huis kunnen. Wanneer ze dag komen zeggen na een opvolgconsultatie, maakt dat mijn dag helemaal goed!’ Aldus collega Anneleen van de dienst pneumologie op Instagram. Ontdek haar volledige verhaal op uzajobs.be/momenten/pneumologie.

Info en inschrijven Deelname is gratis. Inschrijven is verplicht, via www.uza.be/activiteiten/patienten Locatie: UZA, consultatie gynaecologie, route 29

Sportieve selfies Zondag 19 november liepen zo’n 50 UZA-collega’s de Urban Trail Antwerp, langs verschillende bijzondere gebouwen. Dat leverde niet alle straffe sportprestaties en mooie uitzichten op, maar ook een heleboel toffe loopselfies. Top gedaan, allemaal! 34 34


1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

16

PUZZEL & WIN!

1 2 3

2

4 5

1

6

Horizontaal

4

1. 2. 3. 4. 5.

7 8 9

7

10

9

11 12

6

13

3

14 15

5

16

8

1

1

2

2

3

3

4

5

4

6

7

5

9

10

11

12

13

14

15

S

H O

L

T

E

A

P

S O

3

S

E

T

4

O R

E

5

C A

P

6

O T O R

R

A G

I

7

N

I

B

A D G

E

8

S

E

9

T

I

E

10

R

V

11

I

E

D

12

C

L

A M

13

T O R

14

I

15

E

16

O V A M D

R

O S

U

D U

N

R

E

I

N D

G

E

T

A

K

S

H

E

E

N

S

T

A

R

L

R

E

A

L

I

A

M A

S

A

B

E

B

L O E

T

P

P

E

S

R

N

W A N T

G

E

N

G O S

R

V

I

R

A

U

T

E

E

T

I

E

R M E

R

E

E

W E

E

L

N O N

E

D

R

V

16

E

T O E

E

9

D

2

C

8

8

V O O R

D

7

H O O F

1

I

6

E

A

I

S

S

I

O G

E

N

R

N

S S

T

P

Oplossing Maguza 130

T O C O

A

R

O

T O R O

O

D O

L

A

L

O

N

E

G

I

T

I

T

A N

I

M E

D U

N N

E

R

Doe mee en win! Heb je het letterwoord ontdekt? Mail het dan voor 20 februari 2024 met je naam en adres naar maguza@uza.be of stuur een briefkaart naar Maguza, UZA – ­Afdeling communicatie, Drie Eikenstraat 655, 2650 ­Edegem en maak kans op een van de vijf boekenbonnen van Standaard boekhandel.

ROLLATOR De winnaars zijn: Justine Lefevre Frans Pauwels Joerie Kempeneer Maria Van Velthoven Martha Ruts

whiplash – knobbelig wereldoorlog – Braziliaanse stad – manwijf – sec behoeftig mens – meisjesnaam – Europese taal ongeluksgodin – mondwater – stamboek – sloerie een ingewandsbreuk weer op zijn plaats brengen – Amerikaanse staat 6. milliliter – rund – pretpark in Kopenhagen – biersoort 7. voorbij – tantalium – doodmoe – papegaaiennaam 8. gebogen priem – compagnon – Edelachtbare – netto 9. dinsdag – samentrekking van spieren of organen – sciencefiction 10. misselijk – mastbalk – welke persoon 11. genetisch gemodificeerd organisme – spil – Amerikaanse staat – bibliotheek 12. kilowatt – gelukshormoon 13. Eerwaarde Heer – tandbederf – ingenieur – siervis 14. loofboom – oorverdovend – overeenkomst – germanium 15. keukenkruid – sneeuwlat – harssoort 16. middel tegen suikerziekte

Verticaal 1. 2. 3. 4. 5.

melancholie insect – gemalin van Zeus klap – loofboom – gymnastiektoestel – kookgerei lof – handvat – cerium – toilet – Greenwichtijd onmeetbaar getal – bezittelijk voornaamwoord – frisdrank – scheepsgroet 6. katheter – stimulerend 7. hoofdslagader – tangens – niets 8. klokjesplant – bijbelse stad – stad in Oekraïne 9. gegraveerde edelsteen – Nederlandse Vereniging van Opvoedkundigen – een van de Drie Musketiers 10. muurholte – organisatie van olieproducerende landen – iridium – aanwijzend voornaamwoord 11. achter – getuigschrift – verschrompeling van een orgaan 12. bejaard – duivenhok – gebalk – Aziaat 13. Europees ruimteagentschap – Engels telwoord – bekende Nederlander – locomotief 14. evenhoevig zoogdier – vleugel – per uur 15. askruik – afslijting – Oud-Iers alfabet 16. samentrekking van het hart – koortsig MAGUZA 35


TECHNOLOGISCH

Innovaties halen er nog meer informatie uit

Prof. dr. Paul Van Herck, dienst cardiologie, UZA

36

Het elektrocardiogram is een blijver


Meer dan 100 jaar oud is het elektrocardiogram (ECG, ook soms EKG genoemd) al, maar voor elke cardioloog blijft het een essentieel diagnostisch instrument. Innovaties maken het gebruiksvriendelijker en halen er nog meer informatie uit. Een ECG-apparaat registreert de elektrische prikkels van cellen in de hartspier en geeft die in een grafiek weer.

A

ls het hart zich samentrekt om bloed door het lichaam te pompen, geven miljoenen cellen in de hartspier elkaar een elektrische prikkel door. Hoe dat precies gebeurt, registreren we met een elektrocardiogram. Je krijgt dan elektroden op je lichaam die worden verbonden met een ECG-apparaat. Dat registreert de elek­ trische prikkel en geeft hem weer in een grafiek, die de cardioloog veel leert over het hartritme en de elektrische geleiding van het hart.

Pionier van de telediagnostiek ‘Vaak levert het ECG duidelijke aanwij­ zingen dat er iets fout loopt’, zegt prof. dr. Paul Van Herck, cardioloog in het UZA. ‘Denk bijvoorbeeld aan voorkamer­ fibrillatie – een hartritme­stoornis – of een teveel aan kalium. Op een ECG zien we ook of je een infarct hebt of ooit hebt gehad.’ Dat een elektrische prikkel het hart stimuleert, was al langer bekend. Rond 1900 slaagde de Nederlandse arts Willem Einthoven erin een techniek om een ECG op te nemen te perfectioneren. Hij kreeg er in 1924 de Nobelprijs voor. De namen die hij aan de verschillende ECG-golven gaf, worden nog altijd gebruikt. Van Herck: ‘Zijn ECG-toestel was zo zwaar dat hij het onmogelijk tot bij de patiënt kon brengen. Einthoven legde daarom een telefoonver­ binding tussen het ziekenhuis en zijn labo. Je zou hem dus een pionier van de tele­ diagnostiek kunnen noemen: de diagnose op afstand.’ Altijd en overal registreren Lange tijd konden ECG’s alleen in een ziekenhuisomgeving worden gemaakt. Ze leerden de arts niets over hoe het hart zich gedraagt tijdens dagelijkse activiteiten.

De Amerikaanse wetenschapper Norman J. Holter bedacht daarom in 1949 een draag­ baar ECG-apparaat, dat de hartslag kon registreren en de gegevens doorstuurde via een radio-antenne. ‘Zijn prototype woog ongeveer 40 kilogram en je droeg het op je rug mee. Gelukkig is de huidige holter-ECG veel handiger: het is een compact toestel­ letje dat via draden wordt verbonden met plakkers op je borstkas. Het holter-ECG kan je hartritme dagenlang opvolgen, zodat het ook hartritmestoornissen registreert die zich maar sporadisch voordoen.’ Ook andere varianten worden gebruikt, zoals een eventrecorder, een draadloos ECG-apparaatje waarmee patiënten zelf een ECG maken als ze hartkloppingen voelen, of een onderhuids geïmplanteerde hartritmemonitor, die over een lange peri­ ode het ECG registreert. En mobiele apps zoals FibriCheck volgen de regelmaat van je hartritme op. Een volwaardig ECG is zo’n app niet, maar hij kan wel ritmestoornissen detecteren.

Telemonitoring ‘Pioniers zoals Einthoven en Holter hadden al beseft wat je met een ECG kon doen: altijd en overal de hartslag registreren, de gegevens doorsturen en er zoveel mogelijk informatie uit halen. Hun basisprincipes gebruiken wij nog altijd, maar dankzij nieuwe technologieën kunnen wij patiënten intussen veel gemakkelijker vanop afstand monitoren.’ (Ontdek meer over de Tele­ monitoring Unit op p. 26-27, nvdr.) Artificiële intelligentie De mogelijkheden van het ECG lijken nog niet uitgeput. Paul Van Herck: ‘Artificiële intelligentie (AI) luidt een nieuw hoofdstuk in. Als je een AI-model traint door het dui­ zenden ECG’s te laten verwerken, ontdekt

het patronen en afwijkingen die het mense­ lijk oog van de cardioloog niet ziet. Als wij bijvoorbeeld vermoeden dat de pompfunc­ tie van het hart is aangetast, maken we een echografie, met livebeelden van het pom­ pende hart. Een verminderde pompfunctie kunnen wij op een ECG niet zien. Met AI, zo lijkt het, zou het wel kunnen.’ Artificiële intelligentie maakt informatie zichtbaar die in het ECG verborgen zit. Paul Van Herck: ‘Het kan met enige zekerheid voorspellen dat iemand soms voorkamer­ fibrillatie heeft, ook al zien wij daar op het rust-ECG nog geen aanwijzingen voor.’ Die AI-gestuurde ECG-diagnostiek staat nog in de kinderschoenen en wordt daarom alleen in studieverband gebruikt. ‘Cardiologen zullen moeten leren om die AI-­modellen zo goed mogelijk te benutten’, denkt Van Herck. ‘Overbodig zullen cardio­ logen niet worden – met AI krijgen we er een extra paar ogen bij, zodat we nog veel meer uit een ECG kunnen halen. Maar AI kan niet wat de arts wel kan: luisteren naar het verhaal en de klachten van patiënten, hen onderzoeken en daar de diagnose en behandeling op afstemmen – ondersteund door de computer.’

‘Als je een AI-model traint door het miljoenen ECG’s te laten verwerken, ontdekt het patronen en afwijkingen die het menselijk oog van de cardioloog niet ziet.’

MAGUZA 37


Begeleid werken bij kindergeneeskunde en -neurologie

Hilde Stevens, unitverantwoordelijke kindergeneeskunde, UZA

‘ Een welverdiende 10 voor ontwapenende babbels’ Bij de diensten kindergeneeskunde en -neurologie kan je sinds een aantal maanden de brede glimlach van Phoebe (24) en Frank

Iris Mallinus, coördinator secretariaat kindergeneeskunde, UZA

(55) spotten. Zij vervullen er taken zoals speelgoed ontsmetten en de post verdelen. Een jobcoach ondersteunt hen van op afstand. ‘Phoebe en Frank tonen patiënten dat zij allemaal meer mogelijkheden hebben dan vaak wordt gedacht.’

Juliëtte Venverloo, pedagogisch medewerker kindergeneeskunde, UZA

Aline Michiels, pedagogisch medewerker kindergeneeskunde, UZA

Prof. dr. Stijn Verhulst, diensthoofd kindergeneeskunde, UZA

I

n 2018 startte de dienst kindergeneeskunde al met een project waarbij een jonge vrouw met het syndroom van Down een dag per week de afdeling kwam versterken. Vijf jaar lang nam ze wekelijks een takenpakket voor haar rekening. Toen ze stopte, zette het team kindergeneeskunde samen met de dienst kinderneurologie de schou­ ders onder een breder pilootpro­ ject met externe jobcoaches. Als dat vlot blijft draaien, tonen ook een aantal andere UZA-diensten al interesse om de aanpak van begeleid werken in te voeren.

Prof. dr. Anna Jansen, medisch coördinator kinderneurologie, UZA

‘Alleen om sommige doktershandschriften te lezen, vraag ik soms hulp aan het secretariaat.’

38

Frank (55)

‘Ik doe alle taken graag. En samen eten is ook leuk’ ‘Ik woon in Boechout en krijg steun om alleen te wonen van de vzw Maanwandelaars. Zo leerde ik mijn jobcoach Hilde kennen. Zij helpt mij omdat ik het nog moeilijk heb, nadat ik vorig jaar in één maand mijn ouders verloor. Tot dan leefde ik bij hen, en als ik niets te doen heb, denk ik daar de hele tijd aan. Toen Hilde voor­ stelde om in het UZA te werken, was ik direct enthousiast. We sol­ liciteerden samen en na een paar keer oefenen kon ik alle taken zelfstandig.’

Handschriften en thee ‘Ik verdeel de post, vul printers aan en leeg papiermanden. De post ligt in twee bakjes: een rood en een groen. De uitgaande post sorteer ik: brieven voor binnen het ziekenhuis en daarbuiten krijgen een aparte stempel. Alleen om sommige doktershandschrif­ ten te lezen, vraag ik soms hulp aan het secretariaat.’ ‘Om mijn weg te vinden in het ziekenhuis kreeg ik een

wegbeschrijving met foto’s van de gangen. Ondertussen lukt dat blindelings. Ik kom met de bus, die neem ik ook al jaren om boodschappen te doen. Normaal loopt mijn dag van 10 tot 14 uur, en meestal ben ik er iets vroeger om thee te drinken en een wafeltje te eten met collega’s. Wel niet te lang, want anders raak ik soms niet op tijd klaar.’

Rustige ademhaling ‘Elke week tel ik af wanneer ik mag werken. Thuis ben ik vooral bezig met fitness, e-mails sturen, naar de winkel gaan en fotografie. Ik werk ook al mijn hele leven als vrijwilliger bij het Rode Kruis. Ik heb zeker nog tijd om misschien een dag extra te komen. Eten ronddelen lijkt me leuk. Weet je, als ik thuis ben, heb ik soms last van hyperventilatie en dan moet ik ademhalingsoefeningen doen om rustig te worden. Wel, in het ziekenhuis is dat nog geen enkele keer nodig geweest.’


Frank verdeelt de post, vult printers aan en leegt papiermanden. Phoebe ruimt boekjes op en ontsmet ze.

Phoebe (24)

Iris, Hilde en Juliette

‘Ik kan ondertussen de kindjes doen lachen. Dat is fijn’

‘Eerst investeer je wat tijd, daarna loopt het vlot’

‘Ik kom sinds juni elke donder­ dag naar het UZA. Ik ontsmet speelgoed in de wachtzalen. Hier komen veel kindjes en die maken het speelgoed soms vuil. Dan maak ik het weer proper. Of dat moeilijk is? Neen, ik kan dat goed. In het begin toonde Jolien (de jobcoach van vzw Katharina­ hof, nvdr.) me hoe het moet.’

Hoe kijken de UZA-collega’s die Frank en Phoebe mee opvolgen tijdens hun shifts naar de samenwerking? ‘Ik haal er veel voldoening uit’, zegt Iris Mallinus, medisch secretaresse kindergenees­ kunde in het UZA. ‘In het begin is het wat zoeken en moet je de medewerker leren kennen. Welke taken passen? Welke niet? Hoe communi­ ceer je het best op een slechte dag? Maar intussen loopt het vlot.’ ‘We hebben voor pas­ sende taken gekozen, waarbij de werking van de dienst niet stokt als de medewerker niet kan komen’, vult Hilde ­Stevens,

Dansen op tv ‘Ik vind elke dag in het UZA leuk. Vorige week mocht ik zelfs mee naar een show met de patiënten. Ik hou van knutselen en dansen op hiphopmuziek. Iedereen moet eens komen kijken, dan word ik misschien beroemd en kom ik op tv! Later wil ik ook eens dansen met de kinderen. Ik babbel graag

met hen, ja. Ik maak het speel­ goed schoon en ik kan ondertus­ sen praten en de kindjes doen lachen. Dat is fijn.’ ‘Ik kom met de bus naar het ziekenhuis en keer terug met een taxi. Maar de bus moet wel rijden. Als hij niet komt, bel ik naar Jolien en zoeken we samen een oplossing. Jolien vraagt ook dikwijls hoe het was in het UZA. Als er iets anders moet, dan zegt ze dat. Wat ik het moeilijkste vind? Euh … Niets. Op een andere dag werk ik in een koffiebar. Ik help mee afruimen en afwassen. En op vrijdag eet ik altijd met mijn mama en papa pizza. Dat eet ik supergraag. Dan moet niemand werken en vieren we samen feest.’

unitverantwoordelijke kinder­geneeskunde in het UZA aan. ‘Op sommige dagen investeer je als team inderdaad tijd in de begelei­ ding, maar op jaarbasis moet dat uitvlakken en vermindert de teambelasting.’ ‘Ik vind het vooral zeer fijn om hen erbij te hebben’, sluit Juliette Venverloo, pedagogisch medewerker kinder­oncologie en kinder­ hematologie in het UZA, af. ‘Frank en Phoebe tonen aan onze patiënten dat zij allemaal meer mogelijk­ heden hebben dan vaak wordt gedacht. En ik geef hen een welverdiende 10 voor ­ontwapenende ­babbels!’ MAGUZA 39


TEAM UZA

Prof. dr. An Van Berendoncks, staflid Vrouw en Hart-­kliniek, UZA

Prof. dr. Emeline Van ­Craenenbroeck, staflid Vrouw en Hart-­kliniek, UZA

‘De Vrouw en Hart-kliniek is een ambulante poli­ kliniek, opgericht in 2018. We diagnosti­ ceren en behandelen er vrouwspecifieke aandoeningen die te maken hebben met hart en bloedvaten.’

02

01

Vrouw en Hart-kliniek T 03 821 35 38 40

03

01

02

‘In onze kliniek volgen we vrou­ wen op die als gevolg van hun zwangerschap een hartziekte ontwikkelden, naast vrouwen met een hartaandoening die zwanger willen worden. Ook vrouwen met zwangerschapsdiabetes en -vergiftiging komen op consul­ tatie bij ons. Die aandoeningen leiden op latere leeftijd name­ lijk tot een verhoogd risico op hart- en vaatziekten.’

‘Een andere groep patiënten van onze kliniek zijn vrouwen in de (peri)menopauze. Klachten als hartkloppingen en overmatig zweten hangen samen met de overgang, maar kunnen ook wijzen op een onderliggende hart- of vaatziekte. Daarnaast rijzen er steeds meer vragen rond de veiligheid van hormoonthe­ rapie bij patiënten met cardio­ vasculaire klachten. Ook dat willen we bespreekbaar maken in onze kliniek.’


04

05

03

04

05

‘Zelfs bij de klassieke hartaandoe­ ningen is er een verschil tussen vrouwen en mannen. De risico’s en de symptomen zijn anders. Vrouwen ervaren niet die typische druk op de borst bijvoorbeeld. Hartklachten blijven bij vrouwelijke patiënten dan ook vaak onder de radar, waardoor de mortaliteit bij hen hoger ligt dan bij mannen. Met onder meer inspanningsecho’s zetten we in op een doorgedreven diagnose.’

‘Bij de meeste onderzoeken naar hartziektes zijn 70 tot 80 procent van de deelnemers mannen. Maar vrouwen zitten anders in elkaar, waardoor de impact van een medicijn ook verschillend is. We hebben met andere woorden meer studies bij vrouwen nodig. Zelf voeren we ook onderzoek uit. Momenteel loopt hier een studie over het voorkomen van zwangerschapsvergiftiging door fysieke training.’

‘We werken met twee staf­ leden in de kliniek – Prof. dr Van ­Berendoncks en ikzelf – bijgestaan door een assistent. Daarnaast overleggen we met collega’s van de afdelingen gynaecologie en cardiologie. Onze patiënten worden naar ons doorverwezen vanuit andere diensten in het UZA, maar ook vanuit andere ­ziekenhuizen.’

MAGUZA 41


PRAKTISCH Nuttige telefoonnummers • algemeen nummer UZA: T 03 821 30 00 • onthaal en opname: T 03 821 31 01 • patiëntenbegeleiding: T 03 821 37 00 (maatschappelijk werk, vrijwilligers, intercultureel bemiddelaar, transfercoördinator, levens-beschouwelijke begeleiding, tolken en tolken Vlaamse gebarentaal) • ombudsdienst: T 03 821 31 60 • inlichtingen facturen: T 03 821 31 28 • school in het UZA: T 03 821 58 86 Herstellen in zorghotel Drie Eiken Na een operatie kan je verder aansterken in zorghotel Drie Eiken, een comfortabel verblijf met professionele zorgvoorziening. Ook familie en vrienden kunnen er terecht voor overnachting vlakbij het UZA. Meer info en reservaties: www.drie-eiken.com, T 03 821 12 11 Winkelgalerij In de inkomhal vind je: • de bistro, in de week open van 8 u tot 19.30u; in het weekend en op feestdagen van 12.30u tot 19.30u. • de broodjesbar, in de week open van 8u30 tot 15u • een winkel Shop&Go Delhaize met een ruim aanbod verse voeding, drank, lectuur, geschenkartikelen, bloemen … Open op weekdagen van 8.30 tot 20 u; in het weekend en op feestdagen van 11.30 tot 18.30 u • het Leonidas Café, open van maandag tot en met vrijdag van 7 tot 18.30u; in het weekend en op feestdagen gesloten

“Ik ben net geopereerd en moet nog een tijdje revalideren. Ik ben zo blij dat dat gewoon thuis kan, daar ben ik op mijn gemak. Ik trek al goed mijn plan, maar opstaan en aankleden kan ik niet op mijn eentje. Maar daarvoor is er Katrien: elke ochtend komt ze langs en zorgt ze ervoor dat ik om door een ringetje te halen ben. Welk weer het ook is: zij brengt de zon mee. En een vers brood!” Ik ben Tina, 56, en elke ochtend ontvang ik Katrien van Ferm Thuiszorg.

Heb je tijdens je herstel hulp nodig? Ferm Thuiszorg ondersteunt met een zorg op jouw maat. Gezinszorg – Nachtzorg – Kraamzorg – Dagopvang – Karweidienst – Woningaanpassing

Warme zorg. Altijd dichtbij. Bel voor jouw aanvraag gratis 0800 112 05 SamenFerm.be/thuiszorg

Meer info: www.uza.be

COLOFON MAGUZA · driemaandelijks tijdschrift van het Universitair Ziekenhuis Antwerpen · jaargang 33, december 2023 · Redactieadres: UZA, afdeling Communicatie, Drie Eikenstraat 655, 2650 Edegem, communicatie@uza.be · Verantwoordelijke uitgever: Marc Peeters · Hoofdredacteur: Evita Bonné · Redactieraad: Mathias Allegaert, Sevilay Altintas, Bettina Blaumeiser, Evita Bonné, Hanne Buelens, Nathalie Cools, Annick Deckers, Margot Hagendorens, Philippe Jorens, Eva Lion, Hans Prenen, Kaat Siebens, Elke Smits, Axelle Staes, Emma Staut, Dominique Trouet, Miranda Van De Wiele, Paul Van Herck, Stijn Verhulst, Joris Verlooy, Barbara Willekens, Greet Wouters · ­Redactie & realisatie: www.jaja.be · Fotografie: Frank Toussaint · IGVM · Marie-Claire van Heeswijk · WIm Kempenaers (p.10) · Illustratie: Klaas Verplancke (p. 32) · K­ ruiswoordraadsel: Freddy Roegiest · Reclame­regie: Media S­ urplus, www.media-surplus.be · De inhoud van de advertenties valt niet onder de redactionele verantwoordelijkheid van het UZA. Maguza wordt gedrukt op FSC-­papier, afkomstig van duurzaam beheerde bossen.

ABONNEMENT Wens je een gratis abonnement op Maguza, wil je een adres­wijziging door­geven of wil je het magazine niet langer ontvangen? Bel 03 821 32 96 of stuur je naam en adres naar UZA, afdeling communicatie, Drie Eikenstraat 655, 2650 Edegem, of surf naar www.maguza.be/abonnement. Je kan hier ook inschrijven op de gratis digitale nieuwsbrief van Maguza.


ADVERTENTIE

van 15/12 t.e.m. 30/12

matrassen - boxsprings - lattenbodems - hoofdkussens - beschermers - dekbedden - bedtextiel

Sleeplife® Merksem Bredabaan 972 T. 03 647 15 45

Sleeplife® Wilrijk Boomsesteenweg 560 T. 03 828 98 29

ma-za: 10u-18u / woensdag en zondag gesloten

sleeplife.be


DAG UZA!

Het leven van Michel De Groote (69) hing even aan een draadje toen hij acute

‘Ik wou iets terugdoen’ MICHEL DE GROOTE (69)

leukemie bleek te hebben. Gelukkig sloeg de behandeling in het UZA aan. Uit dankbaarheid voor de goede zorgen werkt hij vandaag als vrijwilliger in het ziekenhuis.

M

ijn diagnose kwam als een donderslag bij heldere hemel. We zaten in de Provence, en ik had de hele dag hout gehakt. ’s Nachts kreeg ik zenuwpijn en begon ik overmatig te zweten. Van het houthakken, dacht ik. Toen het zweten bleef aanhouden, ben ik naar de huisdokter gestapt. Die verwees mij drin­ gend door naar een hematoloog.’ ‘We zijn meteen teruggekeerd naar België en ik heb me laten opnemen in het UZA. Ik bleek acute lymfoblasti­ sche leukemie te hebben. In het ziekenhuis kreeg ik een loodzware behandeling: chemo en een stamceltransplan­ tatie. Maar ik heb het gehaald. Na zes maanden mocht ik definitief naar huis.’

Nieuwe zuurstof ‘De eerste drie jaar heb ik mijn ziekte emotioneel en fysiek moeten verwerken. Zodra ik me beter voelde, begon het idee te rijpen om iets terug te doen voor het UZA. Ik was zo tevreden over mijn behandeling. De dokters zijn top. Het verplegend personeel is bekwaam en altijd vriendelijk. Ik heb ook veel steun gehad aan gesprekken met een vrijwilligster van het ziekenhuis. Door mijn aandacht te richten op de periode na de ziekte, gaf ze mij weer perspectief. Alsof ik extra zuurstof kreeg.’ ‘Toen ik in het Edegem Magazine las dat het ziekenhuis vrijwilligers zocht, heb ik me meteen kandidaat gesteld via Kom Op Tegen Kanker. Nadat ze naar mijn motivatie en competenties hadden gepeild, mocht ik aan de basis­ opleiding beginnen. We leerden technieken voor een hel­ pend gesprek, kregen info over hygiëne, de diensten die beschikbaar zijn voor patiënten, … Als vrijwilliger moet je de vragen van de patiënten goed kunnen beantwoor­ den en ze eventueel doorverwijzen naar sociale ­diensten, ziekenfondsen, …’ Geruststellende hand ‘Intussen werk ik al een paar maanden als vrijwilliger op de dienst hematologie, de afdeling waar ik zelf een half jaar doorbracht. Dat is niet evident, je moet er mentaal sterk genoeg voor zijn. Mijn voordeel is dat ik door mijn ervaring leukemiepatiënten extra kan steunen.’ ‘Als vrijwilliger luister ik vooral naar de mensen; maar soms hou ik ook gewoon hun hand vast. Het geeft me veel voldoening om patiënten gerust te kunnen stellen, hun angst voor de toekomst weg te nemen. Dan keer ik zelf ook met een positief gevoel weer naar huis.’


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Maguza 131 by UZA - Universitair Ziekenhuis Antwerpen - Issuu