Skip to main content

Bouwen in het Noorden 108 2026

Page 1


KPMS JOUW BOUWEXPERTS EN

INNAX NOORD TREKKEN STEEDS MEER SAMEN OP

‘Wij hebben kennis van maken in alle facetten van het bouwen’

RENOVATIE EN VERNIEUWBOUW

IKC DE PIONIER, LEEUWARDEN

Toekomstbestendig leren en spelen in Techum

PILOT 14 KLIMAATADAPTIEVE WONINGEN AAN DE

ZUIDERSTRAAT IN MIDDELSTUM

‘Greun Haim’: uithangbord voor het bouwen van de toekomst

Hoofdredactie

Henri J. Hendriks

Eindredactie

Vera Bosma

Redactie

Arjen Bakker, Yke Bremer, Jorinde Bosma, Vera Bosma, Henri Hendriks, Tine van Knijff-van Hijum, Martin Laning, Dorien Poelman, Thea van der Schaaf

Fotografie & artist impressions BGDD, Bouwbedrijf De Vries, Gerard van Beek, Henri Hendriks, Hilvert Huizing, IMAZZO, Isa van der Belt, Marieke Kijk in de Vegte, Jan Mateboer, Mensonides, Egbert van der Meulen, Penta Architecten, VMEZ, Josine Vos, Aron Weidenaar, Wianne Zwart, Wold & Waard

Advertentieverkoop Breuker Telemarketing & Meer

Ontwerp Idee-fix

Vormgeving

Fotobewerking Isa van den Belt Fotografie Design & opmaak Bombayink.nl

Regiospreiding

Groningen, Friesland, Drenthe, regio Hardenberg, Zwolle, Kamperland, regio Steenwijk, Noordoostpolder, Kop Noord-Holland en landelijke stakeholders

HET

PERSPECTIEF

Bouwen van woningen is een speerpunt voor het nieuwe kabinet, maar was het ook al van het vorige kabinet en daarvoor. Dan lees ik tot mijn verbazing dat driekwart van de gerealiseerde bouw dit jaar 23 maanden na de eerste vergunning tot stand kwam. Tien jaren geleden kon dat nog in 15 maanden. Je vraagt je af: welke regels zijn er landelijk, provinciaal en lokaal bijgekomen. Het moeten er wel heel veel zijn. Zitten die ambtenaren toch niet zo stil. Er is ook nog verschil van type bouw. Appartementen kostten gemiddeld 29 maanden, tegen eengezinswoningen 18 maanden. Binnenstedelijk geeft het bouwen veel problematiek, maar ook aansluiting op het net en bezwaarprocedures. Nog afgezien van alle andere bekende problematiek. Het wordt gewoon steeds meer clichématig om het er weer over te hebben.

Een aantal bouwpartijen zocht een oplossing voor het tekort van 400.000 woningen in het bouwen van flex-woningen of prefabricage. Het zou de bouw versnellen. De winst in bouwtijd die daarmee wordt behaald, gaat helaas weer teniet door nieuwe regeldruk. Kortom, verwacht geen oplossing op de korte termijn. Wat is dan het perspectief, de wederopbouw blauwdruk van Nederland van oud ASML-topman Peter Wennink? Behoud van welvaart door meer investeringen in Nederland kan alleen maar positief werken op de bouwproductie. Maar dat kan alleen maar succesvol zijn met een integrale benadering. Op alle fronten is er dan werk aan de winkel: infrastructuur en bouw zullen moeten meebewegen, nog afgezien van het goed plannen. Komt dat goed?

Uitgever & Administratie Idee-fix 058-2153937 | bihn@idee-fix.nl www.idee-fix.nl

Copyright © 2025 Op de inhoud van dit blad rust copyright. Niets mag zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever op enigerlei wijze worden vermenigvuldigd of worden gebruikt met behulp van AI.

BOUWEN IN HET NOORDEN is een onafhankelijk magazine voor bouwend Nederland. Uitgevers en auteurs kunnen op geen enkele wijze instaan voor de juistheid of volledigheid van informatie. Uitgever en auteurs aanvaarden dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor de schade, van welke aard dan ook, die het gevolg is van handelingen en/of beslissingen die gebaseerd zijn op informatie uit deze uitgave.

Het vraagt ook om nog meer investeringen te doen in andere sectoren door de Rijksoverheid. Het kan niet anders dan dat er na de politiek voorgestelde veiligheidstax ook nog een welvaartstax en welzijnstax zullen komen. De kosten gaan voor de baten. Dat kan niet anders dan leiden tot een dempende werking op de nog steeds stijgende verkoopprijs van woningen. Maar het kan ook zo maar weer worden opgeheven door de nog steeds aanwezige krapte op de woningmarkt. Met een groei van 70.000 instroom van extra inwoners per jaar zal het huidige woningtekort niet worden ingelopen.

Dit zijn maar wat verschillende perspectieven. We gaan het zien. En intussen maar gewoon doorbouwen. Dit magazine staat weer vol met gerealiseerde bouwprojecten. Het blijven unieke projecten waarin bouwteams en ketenpartners samenwerken om een goed resultaat te behalen, maar ook pilots doen. Interessant!

Wij, de redactie en alle collega’s die meewerken aan het realiseren van Bouwen in het Noorden wensen iedereen waar zij en wij contact mee hebben een heel goed en gezond 2026 toe.

Veel leesplezier!

Vera Bosma Henri Hendriks Eindredacteur Hoofdredacteur

Van de redactie

In editie N107 was de bouw van 24 Meerjarenwoningen Wolvega nog niet opgeleverd. In de publicatie zijn enkele foto’s door ons met AI bewerkt maar de details waren onvoldoende representatief voor de architectuur en het uitvoerende bouwbedrijf. De redactie heeft in overleg met partijen besloten tot een herplaatsing met nieuwe foto’s die recht doen aan de architect en aannemer.

Nieuweproductiehalvoor PrinceFibre,KampenFamiliebedrijfverdubbelt productiecapaciteit

Verduurzaming126 woningenSelwerd, GroningenInSelwerdwordteennieuwstukje vandegasvrijepuzzelgelegd

Eendorpshuismetbetekenisvoor

Make-overvoorbedrijfspand Mensonides,HarlingenEenkantooralsvisitekaartje

Renovatiehuurwooncomplex Albion,GroningenEennieuw,groenerhoofdstukvoor eenhistorisch stadsicoon

4 KPMS Jouw bouwexperts en INNAX Noord trekken steeds meer samen op ‘Wij hebben kennis van maken in alle facetten van het bouwen’

6 Column Margreet Wijnsma Woningbouw begint niet met het bouwen van woningen

8 Nieuwbouw Albert Heijn en appartementen, Uithuizen Vliegwiel voor revitalisering dorpscentrum

14 Make-over voor bedrijfspand Mensonides, Harlingen Een kantoor als visitekaartje

WissellocatieBessemoerstraatGroningenbiedtlangetermijnoplossing ‘Bestaandschoolgebouwsteeds opnieuwinzetten:purecirculariteit’

ChristelijkeWoningstichting Patrimonium,GroningenPatrimoniumlaatzien:vertraging kanóókleidentotvooruitgang

Renovatieen vernieuwbouw IKCDePionier, Leeuwarden Toekomstbestendigleren enspeleninTechum

‘Wij hebben kennis van maken in alle facetten van het bouwen’

KPMS Bouwadvies in Heerenveen heet sinds 1 december KPMS Jouw Bouwexperts. De ‘rebranding’ laat zien dat het bedrijf met ruim vijftig specialisten iedere vraag op gebied van bouwen kan beantwoorden. Het heeft namelijk ook nog eens de enorme expertise van moederbedrijf INNAX achter zich. Bouwen in het Noorden ging in gesprek met Johan de Haan en Jessica Braaksma van KPMS en met Edwin Braad van INNAX Noord.

KPMS Jouw bouwexperts en INNAX Noord trekken steeds meer samen op ‘Onafhankelijk van elkaar maar ook samen’

- Johan de Haan KPMS Jouw Bouwexperts

Aan het begin van het gesprek haalt Johan de Haan een duimstok tevoorschijn. De vestigingsdirecteur van KPMS Jouw bouwexperts vouwt het meetwerktuig in een zigzagvorm en houdt het omhoog. ‘Kijk, dit is ons nieuwe beeldmerk! De duimstok staat voor vakmanschap, meten = weten en precisie. En hij is

flexibel en altijd inzetbaar. Dat past dus helemaal bij ons.’

Merkidentiteit

KPMS heeft sinds 1 december een nieuwe merkidentiteit. Behalve het beeldmerk en de rest van de huisstijl is ook de naam aangepast:

van KPMS Bouwadvies naar KPMS Jouw bouwexperts. ‘Want we zijn méér dan alleen adviseurs’, legt teamleider projecten Jessica Braaksma uit. ‘We ontzorgen klanten in alle facetten van het bouwen.’

De Haan: ‘We zijn niet de ontwerpers, maar wel degenen die een plan vertalen naar een project, tot en met de realisatie. Tevens doen we erg veel op gebied van veilig wonen en versterken, schade-expertise en hersteladvies in het aardbevingsgebied.’ Braaksma vult aan: ‘Ook in bestaande bouw hebben we veel te bieden, in vastgoedbeheer en onderhoud, energieprestatie en duurzaamheidsadvies... Veel breder dus dan alleen bouwadvies. We hebben kennis van maken.’

Kernwaarden

Oprichter Evert Koopmans koos in 2005 voor de medeklinkers van zijn achternaam toen hij een naam zocht voor zijn splinternieuwe bouw-adviesbureau. De letters KPMS zullen voor altijd aan de grondlegger doen herinneren, maar ze vormen nu ook een samenvatting van de kernwaarden. Johan de Haan somt ze op: ‘Kwaliteitsgedreven, Professioneel, Mensgericht en Samenwerkend.’

‘Multidisciplinaire gebouwverduurzamer’ KPMS is van oudsher sterk in bouwkunde. Niettemin belooft het bedrijf uit Heerenveen de klanten ‘altijd de juiste bouwexpert op het juiste moment’. Die claim kan KPMS waarmaken omdat het voor expertises die het zelf

‘Méér dan alleen adviseurs’

- Jessica Braaksma KPMS Jouw Bouwexperts

niet in huis heeft, kan optrekken met moederbedrijf INNAX. Deze ‘multidisciplinaire gebouwverduurzamer’ met het hoofdkantoor in Veenendaal nam op 1 december 2023 KPMS over van Koopmans, met als doel de eigen expertise op het gebied van bouwkunde en project- en bouwmanagement te verbreden. Andersom kreeg KPMS er een achterban bij van ongeveer 350 specialisten in allerlei facetten van installatietechniek en verduurzaming.

Totaaloplossing

‘We versterken elkaar, onafhankelijk van elkaar maar ook samen’, zegt De Haan. Hij volgde in oktober 2024 Koopmans op als directeur en weet dus niet beter dan dat KPMS onderdeel is van INNAX. Braaksma werkt ruim tien jaar bij het bedrijf en herinnert zich nog wel dat het even wennen was direct na de overname. ‘Maar we kregen al snel in de gaten hoe fijn het is om klanten een totaaloplossing te kunnen bieden. Met vragen waar je zelf niet direct een antwoord op hebt, kun je terecht bij specialisten van INNAX.’

INNAX Noord

Wat hielp bij de gewenning, was dat de specialisten van KPMS in eerste instantie vooral samen gingen optrekken met de collega’s bij INNAX Noord, eveneens in Heerenveen. Die vestiging was vroeger bekend als Technion; de medewerkers daar hadden al sinds mei 2019 kunnen wennen aan de voordelen van een enorme bak kennis bij de zusterbedrijven. ‘Wij waren van oudsher sterk in installatieadvies, brandveiligheid en bouwfysica’, legt vestigingsleider Edwin Braad uit. ‘En nog altijd hebben we op ons kantoor met name specialisten op die gebieden in huis. Maar we zijn één INNAX en hebben daarmee een groot pakket aan diensten te bieden op gebied van verduurzaming. Eigenlijk te veel om op te noemen.’

Integrale oplossing

Dat zegt INNAX zelf ook op de website: ‘Onze kennis en ervaring laat zich niet samenvatten.’ Het bedrijf heeft het wel ‘hanteerbaar gemaakt in zes heldere thema’s’. INNAX biedt oplossingen en diensten voor elke stap in het verduurzamingsproces: van dataverzameling en -analyse tot financiering, installatieadvies en monitoring. Braad: ‘De kunst is om binnen zo’n groot bedrijf precies te weten wie waar verstand van heeft. We staan zelf ook nog geregeld verbaasd van wat we allemaal kunnen. Het werkt het beste om maar gewoon samen projecten op te pakken, dan leer je vanzelf op welke gebieden je van elkaars kennis kunt profiteren.’ Dat vindt De Haan ook: ‘Bouwkunde en installatietechniek zijn geen gescheiden

‘Een

groot pakket aan diensten te bieden’

- Edwin Braad INNAX Noord

werelden meer. Klanten zoeken naar een integrale oplossing voor hun verduurzamingsvraagstukken. En die ligt altijd in een combinatie van bouw- en installatietechniek.’

Naamsbekendheid

KPMS en INNAX Noord nemen steeds vaker samen opdrachten aan, of ze nemen elkaar mee als ze een lead hebben. ‘We zijn volop actief met nieuw- en verbouw van supermarkten (retail), we helpen woningcorporaties met het EnergiePrestatieAdvies (labeling), gemeenten, zorginstellingen en bedrijven…’, somt De Haan op. ‘Bijvoorbeeld bij Frisius MC, vroeger bekend als MCL en Tjongerschans, zijn continu wel projecten.’

‘We hebben met name in het noorden een grote naamsbekendheid en een heel goed imago’, zegt Braaksma. ‘Die willen we blijven benutten, maar we dragen wel nadrukkelijk uit dat we de kracht van INNAX achter ons hebben, ook in ons logo.’

De Haan: ‘De naam INNAX helpt in gebieden waar KPMS juist wat minder bekend is. Zo zijn we bijvoorbeeld in contact gekomen met de Sint Catharinakerk in Eindhoven, waarvoor we een meerjarenonderhoudsplan opstellen, inclusief subsidiebegeleiding. En onlangs hebben we een tender gewonnen om onze expertise op gebied van schade-inspecties en rapportages in het Groninger aardbevingsgebied, ook in de Limburgse mijnstreek in te zetten.’

Tekst: Arjen Bakker
Fotografie: KPMS, INNAX

WONINGBOUW BEGINT

NIET MET HET BOUWEN VAN WONINGEN

Van links tot rechts, van landelijke partijen tot lokale clubjes: iedereen knikt instemmend. “Ja, er moeten nu écht meer huizen komen!” Maar ondertussen blijven de nieuwbouwprojecten achter en wordt er vooral gewerkt aan theoretische oplossingen. Het voelt soms als een slecht geregisseerde sitcom. Hoe kan het dat we met z’n allen roepen dat er gebouwd moet worden, maar er tóch te weinig huizen bijkomen?

Eén ding is zeker: het ligt niet aan onwil. Er komt ontzettend veel kijken bij de ontwikkeling van een nieuwe woning. Zo moet een huis netbewust zijn, natuurinclusief, klimaatadaptief en het liefst ook nog betaalbaar. En dan moet er ook nog rekening gehouden worden met ruimtelijke ordening vraagstukken, zoals de bijpassende infrastructuur, onderliggende arbeidsmarkt en ondernemersklimaat.

De oplossing is eigenlijk maar op één vlak te vinden. Door als gemeente (bestuurlijk én ambtelijk), ontwikkelaar of corporatie en aannemer samen op te trekken. Door echt te horen, voelen en begrijpen wat mensen in een gemeente, oftewel de gemeenschap, willen. En als dat collectieve idee eenmaal duidelijk is, moet je daar ook vol op inzetten. Leg het eerlijke verhaal op tafel over wat wél kan en wat níét. Dan zul je zien dat er ineens veel meer mogelijk is.

Toch zien we die gezamenlijke wil nog te weinig. Individuele belangen voeren vaak de boventoon. Problemen die in de praktijk ontstaan, worden niet als geheel aangepakt, maar per stakeholder. Waarbij iedere partij denkt te weten wat het probleem van de ander is, en welke oplossing daarbij hoort. Het zal je niet verbazen dat die probleemanalyse en bijbehorende oplossingen vaak niet kloppen.

En dus is er eigenlijk maar één echte uitweg: vol inzetten op iets wat we vroeger wel heel goed konden. Het van onderop stimuleren

van een collectieve, regionale gedachte, waarbij alle stakeholders, zowel publiek als privaat, worden betrokken. Vanuit het besef dat we elkaar nodig hebben om écht meters te maken. Het verleden laat dit zien, bijvoorbeeld bij het Akkoord van Wassenaar uit 1982, waar partijen met totaal verschillende belangen toch tot afspraken kwamen.

De woondealtafels zouden hierin een belangrijke rol kunnen spelen als er nog helemaal geen overleg is in een bepaalde gemeente. In de praktijk worden deze tafels nu vaak verfoeid. Een overlegclubje heeft namelijk alleen waarde als daar het juiste gesprek wordt gevoerd. Dat vraagt gevoel voor wat er in een gebied leeft. Goed te rade gaan binnen een gemeenschap is daarbij essentieel.

Wat daarbij vaak wordt vergeten, is de rol van regionale bouw- en infrabedrijven. Zeker in Noord-Nederland zit nog een enorme kracht aan lokale (familie)bedrijven die onvoldoende wordt benut. Ze zijn diep verweven met de gemeenschap en weten vaak precies wat wel en niet werkt. Toch worden deze bedrijven zelden, of te laat, betrokken.

Daarom deze oproep. Sta je voor de opgave om woningen te realiseren, maar heb je geen idee waar te beginnen? Ga eens langs bij de lokale sportvereniging. Luister naar wat mensen willen. En vooral: maak keuzes. Want liever vijf projecten volledig afgerond, dan vijftig plannen die nooit van de grond komen.

Margreet Wijnstra, Regiomanager - Bouwend Nederland Regio Noord

Nieuwbouw Albert Heijn en appartementen, Uithuizen

Vliegwiel voor revitalisering dorpscentrum

Een compact winkelgebied met aan beide uiteinden winkels met een grote aantrekkingskracht, die ‘de loop’ op gang brengen in de straten ertussen. Dit zogenoemde haltermodel past de gemeente Het Hogeland toe op Uithuizen om het centrum van dit Noord-Groningse dorp te revitaliseren. De bouw van een grote Albert Heijn is het eerste zichtbare resultaat. Wethouder Eltjo Dijkhuis is er verguld mee.

‘Groot respect voor Erik Banus, een supermarktondernemer met visie en lef! Je kunt als gemeente ambitie hebben, maar je hebt ook bedrijven nodig die daadwerkelijk stappen durven zetten.’ Wethouder Eltjo Dijkhuis van Het Hogeland wil zich niet te veel op de borst kloppen over de komst van de nieuwe Albert Heijn op de kop van de Hoofdstraat Oost in Uithuizen. Zeker, de gemeente heeft ‘heel erg meegedacht en meegewerkt’ en volop geïnvesteerd in de openbare ruimte, maar het bouwen zelf was een flinke uitgave voor de ondernemer. ‘Hij durft, hij kijkt verder dan winstmarges, maar heeft ook het belang van het dorp voor ogen.’

Nij Begun

Wat dat belang is? Dat Uithuizen, een Noord-Gronings dorp waar het centrum kampt met leegstand en verwaarlozing, ‘een kwalitatieve upgrade’ krijgt. Dijkhuis: ‘Uithuizen heeft een regiofunctie, bewoners uit de omliggende dorpen komen hierheen voor hun boodschappen. Het idee is om op beide koppen van de winkelstraat een ‘trekker’ te hebben, en dan het tussenliggende gebied zo aantrekkelijk mogelijk te maken. We hebben dankzij het Nij Begun-investeringsfonds subsidiegeld beschikbaar voor onder meer het opknappen van panden, gevelrenovatie, eventuele transformatie naar wonen… Eerder

‘Hier staat wel even iets!’

- Jan van der Zwaag VDZ architecten BV

hebben we al een haventje aangelegd, we gaan de markt verplaatsen, de openbare ruimte vergroenen, we kijken naar de verkeersveiligheid: alles voor een compact en toekomstbestendig centrum, waar mensen graag naartoe komen.’

Prominente glaspui

Een eerste grote stap aan de noordzijde van het centrum – in de zuidelijke halter komt naast de bestaande Jumbo nog een nieuwe Aldi – is dus de bouw van de nieuwe Albert Heijn. ‘Aan de kant van het parkeerplein een prominente glaspui van vijf meter hoog, een winkel met grandeur. Hier staat echt wel even iets!’, omschrijft architect Jan van der Zwaag (VDZ architecten).

‘Maar de hoek om, de Hoofdstraat in, presenteert zich een veel bescheidener gebouw, mooi gemetseld van rode Groninger baksteen. Hier zit de Etos met daarboven drie appartementen. We volgen hier de korrelgrootte en detaillering van deze prachtige straat, waar panden staan met bijzonder metselwerk, rollagen en ornamenten. Ik heb geprobeerd daar op een moderne manier bij aan te sluiten.’

‘Ondernemer met belang van het dorp voor ogen’
- Eltjo

Dijkhuis Gemeente Het Hogeland

Twee fases

In feite twee heel verschillende gebouwen in één complex dus. Daar deed Jorritsma Bouw zijn voordeel mee bij het maken van een plan van aanpak. ‘De AH kreeg een noodwinkel aan de overkant van het parkeerplein, zodat wij de oude konden slopen. Maar juist vanwege die tijdelijke winkel mocht de bouwplaats liever geen parkeerruimte opeisen’, legt projectleider Jurjen Wijngaard uit. ‘Wij hebben toen hebben gezegd: we bouwen eerst de Etos en appartementen, met de winkelvloer van de oude supermarkt als bouwterrein. Als dat klaar is, trekken we de staalconstructie van de supermarkt op en werken we onszelf naar buiten.’

‘Puzzelen met de kolommen’

- Piet de Haas

Ingenieursbureau Hado BV

Aardbevingsbestendig

Bijzonder om te vermelden is dat Jorritsma Bouw zelf voorstelde om het ontwerp nog aardbevingsbestendig te maken. ‘Wij hadden in grote lijnen de meerkosten geraamd en uitgezocht dat die zouden opwegen tegen de vergoeding van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voor aardbevingsbestendig bouwen.’ De belangrijkste wijziging is dat het Etos-deel niet uit kalkzandsteen is opgetrokken, maar uit prefab betonwanden. ‘Die vangen horizontale krachten bij een ontwerp met veel relatief smalle penanten in de gevel beter op’, legt hoofdconstructeur Piet de Haas van Ingenieursbureau Hado BV uit. ‘En de beganegrondvloer is in het werk gestort voor een betere verdeling van de horizontale aardbevingsbelasting over de palen. De staalconstructie van de supermarkt kreeg wat extra windverbanden. Palen waren hier niet nodig, de oppervlakte van de fundering is groot genoeg om het gewicht van de winkel te dragen. Het was wel puzzelen om de kolommen zó te verdelen, dat ze weggewerkt konden worden in de stellingen. Daarvoor moet je dus het inrichtingsconcept van de Albert Heijn weten. Maar daarover hadden we een prima contact.’

‘In twee fases gebouwd’

- Jurjen Wijngaard

Jorritsma Bouw

Ontspanning

Sowieso ging het bouwen wel ontspannen, vindt Wijngaard. “Uithuizen” was al zijn elfde supermarkt en hij weet dus wel wat daarbij komt kijken: ‘Er is eigenlijk altijd ruimtegebrek, druk verkeer, huizen vlak in de buurt. Het is een kwestie van altijd goed blijven overleggen, dan ontstaat er onderling begrip en vind je altijd wel een oplossing.’

In feite was er maar één spannend moment: ‘De noodwinkel draaide op de stroomvoorziening van de oude AH. Maar daardoor zat je dus met een oude meterkast midden in een bouwput: dat was niet optimaal veilig te krijgen. Enexis heeft toen in één week tijd een plan gemaakt én uitgevoerd, om de noodwinkel een eigen aansluiting te geven. Geweldig flexibel gehandeld, dat mag ook weleens gezegd worden.’

AH en appartementen Hoofdstraat Oost te Uithuizen

Vooruitgang

‘Wat ik heel bijzonder vind: toen Jorritsma het casco had opgeleverd kwamen de winkelbouwers van Albert Heijn erin, en twee weken later waren die al helemaal klaar! Tegelvloer, inrichting, producten in de schappen, personeel geïnstrueerd. Knap hoor’, complimenteert Van der Zwaag. Hij kijkt met trots terug op de klus, die ‘voor Uithuizen een hele vooruitgang betekent.’

Zo denkt wethouder Dijkhuis er ook over. ‘Er zit echt potentie in onze dorpen: er komen steeds meer bedrijven in de Eemshaven waarvan het personeel ergens moet wonen en ook mensen die in de stad Groningen wonen willen vaak graag op het platteland wonen. Daar liggen voor ons kansen: wij moeten zorgen voor dorpen met een goed voorzieningenniveau en voldoende middenstand. Zoals vroeger zal het nooit worden – de busjes van de webwinkels rijden ook hier af en aan – maar als je de juiste voorwaarden schept, zullen wel méér ondernemers het weer aandurven om hier iets te beginnen. Ik voel dat die kentering eraan zit te komen.’

Bouwteamleden

Opdrachtgever : SUNAB holding

Architect : VDZ Architecten

Directievoering : Interveni

Hoofdconstructeur : Ingenieursbureau HADO B.V.

Bouwkundig aannemer : Jorritsma Bouw BV

Installateur : Technisch Expert Jansen

Onderaannemers & toeleveranciers

Deurkozijnsets, Digimate deuren : BPZ

Houten binnenkozijnen : Harryvan Kozijnen

Gevelstenen : Strating Gevelsteenmeesters

Afvalverwerking, Transport & Recycling : NNRD/ Visser ATR

Doorstrijkmortel aardbevingsbestendig : Remix Droge Mortel B.V.

Bakker
Fotografie:
Hilvert
Huizing, Henri Hendriks

Een kantoor als visitekaartje

Duurzaamheid, comfort en een prettige werkomgeving: dat waren de uitgangspunten voor de transformatie van het kantoorpand van Mensonides Installatie aan de Hermesweg in Harlingen tot een modern en duurzaam onderkomen voor het snel groeiende installatiebedrijf. De duurzame installaties, stalen maatwerk, het industriele maar toch warme interieur en de prominente plek voor het vakwerk van de installateur maken het nieuwe bedrijfspand tot een echt kantoor van de toekomst.

‘Het installatiewerk moest vooral direct in het oog springen’, aldus directeur Niels Mensonides. En dat is gelukt. Met name in de centrale hal zien bezoekers bij binnenkomst aan de hightech technische ruimte achter een glazen wand meteen waar het allemaal om draait bij Mensonides. In de rest van het pand blijft de techniek zichtbaar dankzij open plafonds met o.a. induc-

tie-units voor verwarming, koeling en optimale luchtkwaliteit, terwijl op het dak de lucht/water-warmtepompen en luchtbehandelingskast zorgen voor volledig en efficiënt klimaatbeheer.

‘Met name de entree, maar ook de rest van het kantoor is een visitekaartje voor ons werk’, vindt Mensonides, die het ontwerp voor het nieuwe kantoorpand in handen gaf van Penta Architecten. De beide Harlinger bedrijven werken geregeld samen. Het pand moest voelen als één gebouw waarin een belangrijke rol is weggelegd voor de centrale kantine met buitenterras. ‘Het is het hart van het gebouw geworden waar alle personeelsleden samen kunnen eten, overleggen of samenkomen voor vieringen’, legt Mensonides uit.

‘Het installatiewerk moest vooral direct in het oog springen’ - Niels Mensonides Mensonides Installatie

‘Door de snelle groei van Mensonides moest het ontwerp nog tijdens de bouw worden aangepast’

Industriële look

Voor de inrichting van het kantoorpand werd de expertise ingeroepen van interieurontwerpster Maureen Woudstra van Studio Matiik. ‘Het installatiewerk was onze inspiratiebron, daarom kozen we bewust voor een industriële look voor het interieur. We maakten een combinatie van rauwe, industriële elementen met warme, tijdloze materialen, zoals massief hout, rijke stoffen en tegelwerk in de huiskleur van Mensonides.’

Trap met wow-effect

Bij alle materiaal-, meubel- en stoffeerkeuzes is duurzaamheid een belangrijke factor geweest. ‘Een mooi voorbeeld is de keuze voor de Tarkett Airmaster Sphere tapijttegels, die bijdragen aan een betere luchtkwaliteit en een duurzame vloeroplossing vormen.’ Met name de stalen wenteltrap in de ontvangsthal is een blikvanger. Woudstra: ‘De stalen wenteltrap is echt een statement-piece. In de eerste schetsen stond

een standaardtrap, maar ik wilde een spectaculaire binnenkomst. De combinatie van de trap met de opvallende tegelwand erachter geeft direct karakter aan de ruimte. De plaatsing - de trap is via het dak naar binnen gehesen - was een indrukwekkend moment.’

Stalen maatwerk

De nauwe samenwerking met staalconstructiebedrijf Bakker uit Workum - waarvan Mensonides mede-eigenaar is - maakte het project uniek, aldus Woudstra. ‘Zo konden we zoveel mogelijk in-house maken. De bar, de barluifel en de onderstellen van de speciaal ontworpen statafels in de kantine werden door Bakker gemaakt. Hun expertise in staal, gecombineerd met mijn ervaring in hospitality

design, resulteerde in unieke maatwerkitems die het interieur een rauwe, industriële uitstraling geven. Zo kozen we bewust voor een robuuste, technische esthetiek in plaats van de verfijnde afwerking die je bij traditioneel maatwerk vaak ziet.’

‘Het stalen maatwerk vormde ook meteen de grootste uitdaging’, gaat Woudstra verder. ‘Alle maatwerkonderdelen moesten wel perfect op elkaar aansluiten. We wilden zoveel mogelijk in-house produceren en werkten met vaste partners van Mensonides. Het was essentieel dat bijvoorbeeld de keuken exact in de stalen barconstructie zou passen. Door goeie samenwerking tussen alle vakmensen is dat gelukt.’

h.hendriks@idee-fix.nl

Laat een frisse wind waaien door uw netwerk

Wedstrijdvar en met relaties • duurzaam en milieubewust event • voor 12 personen per boot

Donderdag 11 juni 2026 13:00-20:00 uur

Bel : 06 28 2269 15 : 058 21 53 937

Ver- en nieuwbouw

Mensonides koos bewust voor ver- en nieuwbouw op de locatie aan de Hermesweg. De werkzaamheden werden uitgevoerd door aannemer Jelle Bruinsma. Om het bouwproces in goede banen te leiden werd KPMS Jouw Bouwexperts - voorheen KPMS Bouwadvies - uit Heerenveen ingeschakeld. Samen met Penta Architecten en Studio Matiik werd er nauw samengewerkt in een bouwteam.

‘Het verbinden van het oude en nieuwe deel was een uitdagende klus’

- Jelmer Bruinsma Bouwbedrijf Jelle Bruinsma

Projectleider Sjoerd Berg van KPMS hield de dagelijkse gang van zaken in de gaten voor opdrachtgever Mensonides. ‘Het bedrijf was in dit geval zowel de opdrachtgever als de installateur. Dat maakte dit project wel heel bijzonder.’ Naast het plaatsen van de stalen spiltrap door een tijdelijke opening in het dak, waren er ook enkele uitdagingen qua planning. Berg: ‘Zo werd de betonvloer al gestort terwijl

‘Dat

Mensonides zowel de opdrachtgever als de installateur was maakte dit project wel heel bijzonder’

- Sjoerd Berg KPMS Jouw Bouwexperts

het dak nog niet waterdicht was. Gelukkig is het allemaal goed gegaan. Ook moest er last minute nog een deursluitingssysteem komen voor bepaalde kamers. Zo gebeurt er tijdens het bouwproces heel veel. Verschillende inzichten hielden ons scherp, en dankzij een goede samenwerking zijn we er samen altijd uitgekomen.’

Creatieve aanpak

Het oude pand van Mensonides werd grotendeels gesloopt. Alleen de voormalige tekenkamer bleef staan en werd verbonden met het tachtig centimeter hoger gelegen nieuwe deel. ‘Een uitdagende klus’, aldus Jelmer Bruinsma van Bouwbedrijf Jelle Bruinsma. De overgangen en hoogteverschillen werden digitaal ingemeten voordat een deel van het gebouw werd gesloopt. ‘Je engineert al als het pand er nog staat. Het vergt een goede voorbereiding en soms een creatieve aanpak tijdens de bouw’, legt de aannemer uit.

Niet gekoppeld

Constructeur W2N koos ervoor om het bestaande en nieuwe deel van het kantoorpand los van elkaar te houden. Tim Daemen: ‘Er zit een brandscheidingswand tussen, waardoor de beide delen niet gekoppeld zijn. Bovendien zaten we met een bestaande fundering, waar we geen heistelling vlakbij konden plaatsen. Dit hebben we opgelost door stalen buispalen te plaatsen.’

‘Een staalbedrijf als interieurbouwer maakt het project uniek, zo kreeg het maatwerk het rauwe randje dat we voor ogen hadden’

- Maureen Woudstra Studio Matiik

Hoogwaardige afbouw Het staalskelet kwam - evenals het maatwerk in het interieur - van Bakker uit Workum. Het nieuwe pand is grotendeels opgebouwd met sandwichpanelen, die deels demontabel zijn. ‘Vooral de gedetailleerde en hoogwaardige afbouw naar het ontwerp van interieurontwerpster Maureen Woudstra maakt het nieuwe kantoorpand van Mensonides tot een uniek project’, zegt de aannemer. ‘Er was meer tegelwerk dan bij een gemiddelde bouwklus. We hebben niet vaak een project gehad waar de tegelzetter zo lang bezig is. Het eindresultaat is nog mooier dan ik vooraf had gedacht.’

Groei

‘Zowel het oude als nieuwe deel zijn voorzien van een nieuwe schil’, vertelt architect Hylke Zijlstra. Het nieuwe kantoorpand is - net als de nabijgelegen zonnepanelenloods - omlijst met een licht kader met overstek, dat afsteekt tegen de donkere buitenwanden. De corporate identity wordt versterkt door de groene accenten, het zogenaamde “Mensonides groen”.

‘Er zit een brandscheidingswand tussen, waardoor het oude en nieuwe deel niet gekoppeld zijn’

- Tim Daemen W2N Engineers

‘Door de snelle groei van Mensonides moest het ontwerp nog tijdens de bouw worden aangepast’, aldus Zijlstra. ‘Het was een dynamisch proces’, vult aannemer Bruinsma aan. Wat eigenlijk een plat dak zou worden werd alsnog tot een werk- en overlegpek omgebouwd. De nauwe samenwerking binnen het bouwteam maakte het mogelijk dat er snel geschakeld kon worden, zodat dergelijke aanpassingen snel en in goed overleg konden worden uitgevoerd.

Een jaar

‘De werkzaamheden van sloop tot opening van het nieuwe kantoorpand duurden op de kop af een jaar’, vertelt projectleider Berg van KPMS Jouw bouwexperts. ‘We zijn in week 44 van 2024 begonnen en de opening was in week 44 van 2025. In die tijd hebben we met z’n allen een prachtig mooi pand neergezet.’

Nieuwbouw bedrijfspand

Mensonides Installatie te Harlingen

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Mensonides Installatie B.V.

Architect : Penta architecten

Interieurconcept en -ontwerp : Studio Matiik

Projectmanagement : KPMS Bouwadvies

Constructeur : W2N Engineers

Aannemer : Bouwbedrijf Jelle Bruinsma

Installatie : Mensonides Installatie B.V.

Onderaannemers & toeleveranciers

Afvalverwerking, Transport & Recycling : NNRD/ Visser ATR

Tekst: Yke Bremer
Fotografie: Penta. Mensonides Wianne Zwart

NIEUWE PRODUCTIEHAL VOOR PRINCE FIBRE IN KAMPEN

Familiebedrijf productiecapaciteitverdubbelt

Een grotere, efficiëntere productiehal met meer opslagcapaciteit, kantoorruimtes en ruimte voor samenwerking en ontwikkeling. Prince Fibre uit Dronten neemt in december 2025 zijn nieuwe vestiging in Kampen in gebruik. Recent werd het gebouw - 3.700 vierkante meter vloeroppervlak - opgeleverd. Het snel groeiende bedrijf is specialist in de ontwikkeling en productie van hoogwaardige vezelversterkte composietprofielen uit glasvezel en carbonvezel.

In mei werd met de bouw gestart. Nog geen half jaar later is de fabriek opgeleverd, keurig volgens planning en binnen het budget. ‘We kunnen nu nog beter inspelen op klantvragen: sneller schakelen, grotere series produceren en meer maatwerk leveren. De grond hadden we al in eigendom. Kortom, we zijn klaar voor de toekomst’, legt directeur Wim Groothuis uit.

Hightech

De fabriek heeft het uiterlijk gekregen dat aansluit bij de hightech producten die ze bij Prince Fibre maken. Visitekaartje is het nieuwe composietenlaboratorium. ‘Het is heel mooi dat klanten in de fabriek kunnen rondkijken en in het lab de eigenschappen van ons product

kunnen zien’, aldus Groothuis. ‘Onze fabriek gaat klanten prikkelen om met composiet te willen werken.’ In de fabriek worden harsen verwerkt. Een goed afzuigsysteem was daarom erg belangrijk. Net als energievriendelijkheid en veel verbinding tussen kantoren en werkvloer.

De producten van Prince Fibre zijn voor diverse toepassingen: van armen voor robots tot drones, van medische apparatuur tot isolatiedrempels in de bouw. Groothuis: ‘Voor alles wat beweegt zijn carbonprofielen nodig. De combi-

‘Onze fabriek gaat klanten prikkelen om met composiet te willen werken’

- Wim Groothuis

Prince Fibre

natie van lichtgewicht en hoge stijfheid maken de profielen geschikt voor elk idee.’ Ter illustratie: jaarlijks worden in de fabriek 70 kilometer isolerende glasvezeldorpels geproduceerd. Die worden bijvoorbeeld in de bouw gebruikt om aluminium en kunststof kozijnen op te plaatsen.

Natuurvezels

In de nieuwe fabriek wil Prince Fibre zich ook gaan richten op verwerking van natuurvezels. Die zijn even sterk als glasvezel, maar veel duurzamer. ‘Die scoren beter wat circulariteit betreft. We zoeken klanten die de voordelen hiervan nog niet kennen. We zien onszelf daarom als een soort natuurvezelambassadeur. Echt pionierswerk dus.’

Familiebedrijven

Het bouwen werd gedaan door Groothuis Bouwgroep uit Genemuiden. De onderneming heeft dezelfde aandeelhouders als Prince Fibre, dat door een vorige generatie Groothuis werd begonnen om het familiebedrijf minder afhankelijk te maken van de bouw. Jeroen Groothuis, neef van Wim, vertegenwoordigt het bouwbedrijf. De samenwerking in het bouwteam was volgens Wim erg prettig. ‘Het overleg was constructief en ik kon als opdrachtgever altijd meekijken in het online dossier. Door rechtstreeks opmerkingen te

kunnen maken op de tekeningen, bijvoorbeeld via tickets, communiceerden we snel en effectief. Zo kwamen we samen tot het resultaat dat we voor ogen hadden.’

Korte lijntjes

Het familiekarakter loopt als een rode draad door het bedrijf. Wims beide zonen werken bij het bouwbedrijf, en zijn dochter komt bij Prince Fibre werken. ‘Die korte lijntjes kwamen van pas bij de bouw. We staan zelf aan het roer en omdat we elkaar goed kennen, kunnen we snel schakelen.’

Jeroen Groothuis is trots op het familieproject in Kampen. ‘Elke opdracht geeft mij plezier, maar hier was ik én aandeelhouder én aannemer en dat maakt het anders. Die dubbele pet was gelukkig geen probleem.’ Het eindresultaat mag er zijn, met als blikvanger de grote wenteltrap die direct opvalt als je binnenkomt.

Ook de omgeving van de nieuwe fabriek is, mede dankzij provinciale subsidie, grondig vergroend. Wim Groothuis: ‘Het is precies wat we in gedachten hadden. Dat was niet gelukt als iemand anders dan Groothuis het had gebouwd. Ik ben door mijn bouwachtergrond namelijk niet de makkelijkste klant, maar omdat je elkaar door en door kent is dat geen probleem.’

‘Mijn

dubbele pet was eerder een voordeel dan een nadeel’ - Jeroen Groothuis Groothuis Bouwgroep

Netcongestie

De grootste uitdaging was volgens Jeroen Groothuis de stroomaansluiting. Door netcongestie was het niet mogelijk om een grootverbruikersaansluiting te realiseren. De oplossing: een accusysteem om de pieken in het energieverbruik op te vangen.

Meer dan stenen stapelen

De werkwijze van Groothuis Bouwgroep kenmerkt zich door volledige ontzorging: vanaf het eerste schetsontwerp tot en met de oplevering, inclusief alle vergunningsaanvragen. ‘Onze inzet gaat verder, is de belofte die wij doen aan klanten, medewerkers en leveranciers’, aldus Jeroen Groothuis. De werkwijze loont, want het bouwbedrijf is voor veel klanten al jaren de huisbouwer. ‘Die langdurige relaties koesteren we. Ik rijd ook regelmatig even langs eerdere projecten van ons om te kijken hoe het erbij staat. Bouwen is meer dan stenen stapelen. We zijn trots op wat we doen.’

Prince Fibre te Kampen

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Prince Fibre Tech

Architect : BGA bouwkundig ontwerp en advies

Adviseur : Duvast B.V.

Aannemer : Groothuis Bouwgroep

Onderaannemers & toeleveranciers

Dak- en wandbeplating : Hardeman en Van Harten B.V.

Digimate deuren : BPZ

Jullie hebben flink verduurzaamd de afgelopen jaren! ‘Zeker! Dat kwam mede door de lange doorlooptijden bij onze nieuwbouw. Met Nijestee bouwen we bijvoorbeeld in De Suikerzijde, waar wij de sociale huur gaan verzorgen. Milieuorganisaties maakten daar bezwaar, want er was een geoorde fuut gezien. Daardoor liep het project jaren vertraging op. Bij een project in Helpman hebben lokale bewoners bezwaren: niet in mijn achtertuin, niet te hoog, niet ten koste van mijn parkeerplaats. Soms begrijpelijk, maar daardoor moesten we veel plannen uitstellen. In plaats van in nieuwbouw, hebben we toen fors geïnvesteerd in verduurzaming. Daardoor lopen we nu voor op onze duurzaamheidsdoelstellingen: het plan was om gemiddeld label A te hebben in 2030 - dat halen we eind dit jaar al.’

Christelijke Woningstichting Patrimonium

Patrimonium laat zien: vertraging kan óók leiden tot vooruitgang

Wat doe je als zeldzame vogels of bewoners met parkeerzorgen roet in het eten van je nieuwbouwplannen gooien? Christelijke Woningstichting Patrimonium besloot niet bij de pakken neer te zitten en greep een reeks tegenslagen aan om meters te maken in verduurzaming – en dat ging sneller dan verwacht.

Bestuurder Bas Krajenbrink: ‘Kortgeleden hadden duizend van onze 6.700 woningen nog energielabel E, F of G. Nu zijn dat er nog maar zo’n vijftig.’

Een geluk bij een ongeluk, dus. Hoe besluit je welke woningen eerst aan de beurt zijn?

‘We zoeken vaak een logisch moment, bijvoorbeeld als er een grote ingreep gepland staat, zoals de dakrenovatie van het Albioncomplex aan de Noorderhaven. Eerst brengen we de isolatie op orde, zodat bewoners hun woningen goed warm kunnen krijgen, voordat we ze bijvoorbeeld op WarmteStad aansluiten. Afgelopen jaar hebben we op die manier 450 woningen verduurzaamd. Soms is dat een klein stapje, soms een enorme sprong. In 2028 willen we geen E-, F- of G-woningen meer hebben, als belangrijke stap richting de warmtetransitie in 2050.’

‘Financieel

gezien loont verduurzamen niet, dus je moet het vanuit een ander perspectief bekijken’

- Bas Krajenbrink

Bestuurder Christelijke Woningstichting Patrimonium

Hoe zorg je ervoor dat dat betaalbaar blijft – voor jullie, maar ook voor de huurders?

‘Deels gebruiken we onze huurinkomsten om te investeren. We trekken ook leningen aan en gebruiken bijvoorbeeld subsidies vanuit de aardbevingsgelden. Voor de warmtetransitie zijn er landelijke subsidies.

Nationaal is afgesproken dat verduurzaming niet mag leiden tot hogere huren. Zittende huurders gaan er daardoor op vooruit: zij betalen dezelfde huur maar hebben lagere energielasten. Maar dat betekent ook dat verduurzaming voor een woningcorporatie niet rendabel is. Bij nieuwbouw krijg je nieuwe huurinkomsten, maar voor elke euro die je investeert in verduurzaming krijg je eigenlijk nul euro terug. Je moet het dus vanuit een ander perspectief bekijken: het gaat niet om euro’s. Wij willen lage woonlasten voor onze huurders, ons bezit verbeteren en de aarde goed doorgeven aan volgende generaties. Dat is onze maatschappelijke opgave, dan moet je wel verduurzamen.’

Verduurzaming 126 woningen Selwerd, Groningen

In Selwerd wordt een nieuw stukje van

de gasvrije puzzel gelegd

Langzaam maar zeker gaat Groningen van het gas af. Zo moet Selwerd al in 2030 volledig aardgasvrij zijn. Terwijl veel woningen daar gesloopt worden, kiest Christelijke Woningstichting Patrimonium voor behoud: 126 grondgebonden woningen worden verduurzaamd en in 2026 aangesloten op WarmteStad. Het leidingwerk bleek een puzzel: het moest passen, presteren én uit het zicht blijven. Dat vroeg om een slimme aanpak, die nu al een basis vormt voor toekomstige aansluitingen.

Toekomstbestendigheid vraagt niet altijd om nieuwbouw. In Selwerd maakt Patrimonium daarom 126 bestaande woningen klaar voor de toekomst: ze krijgen een nieuw, goed geïsoleerd dak, bodemisolatie, nieuwe radiatoren en een 3-fase meterkast. Eerder waren de spouwmuren al geïsoleerd en kregen de woningen HR++-glas inclusief kunststof kozijnen. De aansluiting op WarmteStad, het warmtenet van Groningen dat onder meer draait op restwarmte van datacenters, vroeg een flinke dosis precisie en creativiteit.

‘Vooraf alles nauwkeurig uitengineeren’

Puzzelwerk

Voor Rottinghuis’ Aannemingsbedrijf was het een vertrouwde opdracht, vertelt Rob Spijkman, projectleider Bouw & Onderhoud. Hoewel, het aanleggen van het leidingnetwerk vanaf het maaiveld tot in de woning was wel een puzzel. ‘Als je te veel woningen aan één aansluiting koppelt, houd je niet genoeg druk in het leidingwerk. Het was dus belangrijk de juiste route te vinden, die ook technisch uitvoerbaar was. De geïsoleerde leiding, die naar elke woning een aftakking heeft, moest weg-

gewerkt worden in een geïsoleerde koof die tevens zorgt voor een koudebrugonderbreking. De koof is zo ontwikkeld dat hij bij een calamiteit demontabel is.’

Om die juiste route te vinden maakten installateur Schippers-Kuilman en Metaalbouw TSV een proefopstelling. ‘In het begin moesten we wel uitvogelen hoe we dat konden aanpakken’, vertelt installateur Maurice Schippers. ‘Het gaat om een hoop woningen die

allemaal nét van elkaar verschillen. Voor de proefopstelling kozen we daarom een hoekwoning waar verschillende aspecten in samen kwamen.’ Goede samenwerking was daarbij cruciaal, legt hij uit. ‘Je bent gewoon heel afhankelijk van elkaar. Wij konden pas beginnen toen een deel van het dak gesloopt was, daarna moest TSV erbij, dan wij weer en daarna TSV weer. Na de eerste proefwoningen hadden we door hoe we dat het best aan konden pakken en konden we een goede gezamenlijke planning maken.’

‘We hebben een standaard ontwikkeld voor de aansluiting op het warmtenet’

- Rob Spijkman Rottinghuis’ Aannemingsbedrijf

Prefab-elementen

Samen kwamen ze zo tot een creatieve oplossing: de leiding loopt bij één woning op een blok langs de gevel omhoog en vervolgens via de goot opzij, zodat alle woningen aangesloten kunnen worden en koudebruggen zoveel mogelijk worden vermeden. Om de aansluiting te vereenvoudigen, ontwierpen Schippers-Kuilman en TSV een prefab-element dat direct op de bouw kon worden gemonteerd. ‘Ik denk dat 98 tot 99 procent prefab was’, vertelt Schippers. ‘In principe proberen we dat zoveel mogelijk te doen. Je bent toch afhankelijk van de beschikbare handjes.’ ‘Aan de voorkant kostte dat wat tijd, maar in montage-uren scheelde het veel’, vult Spijkman aan. ‘Door elkaar van tevoren wat meer op te zoeken werd het een mooi proces. En het leidde ook tot minder overlast voor bewoners door steigers in de tuin.’

‘Dit project laat goed zien hoe groot onze opgave is’

- Bas Krajenbrink

Christelijke

Woningstichting

Patrimonium

Bas Krajenbrink, bestuurder Christelijke

Woningstichting Patrimonium:

‘Je ziet in wederopbouwwijken zoals Selwerd veel sloop en nieuwbouw. Wij hebben juist voor een meer circulaire aanpak gekozen door de woningen te behouden en te zorgen dat mensen er goed kunnen wonen. Dit project laat goed zien hoe groot onze opgave is. We wilden de huizen in één keer isoleren en van het gas af halen, maar helaas kon WarmteStad niet tijdig warmte leveren. Bovendien willen we ze niet alleen van de ketel, maar ook van het kookgas af. Dat betekent dat de verzwaring van het net ook op orde moet zijn, daarvoor zijn we afhankelijk van Enexis. Het gaat een uitdaging worden om eind 2026 al die woningen van het gas af en 2050-proof te hebben – en dan ook nog met een creatieve oplossing waarbij het leidingwerk onder de goot wordt verstopt. Maar mooi als we het voor elkaar weten te krijgen!’

Pilotproject

Volgend jaar worden de huizen daadwerkelijk op het warmtenet aangesloten - iets later dan gehoopt, want de woningen gaan niet alleen van het verwarmingsgas, maar ook van het kookgas af. Dat vraagt om afstemming met veel verschillende partijen: niet alleen WarmteStad, maar ook netbeheerder Enexis en de gemeente hebben een vinger in de pap. Schippers: ‘Zoals het nu lijkt komt de nieuwe energielevering er volgend jaar in drie fasen in. Als WarmteStad de leiding ook heeft gekoppeld kunnen we alles pas écht omzetten. Het is afwachten wat wanneer kan, en wanneer de straat bijvoorbeeld open kan.’

Voor Rottinghuis is het project een waardevolle pilot, legt Spijkman uit. ‘Er zullen straks nog veel meer grondgebonden woningen aangesloten moeten worden op het warmtenet. Daar hebben we nu eigenlijk een soort standaard voor ontwikkeld, dat legt voor ons de basis voor een vervolg.’

Verduurzaming 126 woningen Selwerd te Groningen

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Christelijke Woningstichting Patrimonium

Architect : Oving Architecten

Aannemer : Rottinghuis' Aannemingsbedrijf B.V.

Installatie E&W : Aalbers B.V. NieuwBuinen

Onderaannemers & toeleveranciers

Afvalverwerking, Transport & Recycling : NNRD/ Visser ATR

Henri Hendriks

Renovatie

huurwooncomplex Albion

EEN NIEUW, GROENER HOOFDSTUK VOOR EEN HISTORISCH STADSICOON

Het monumentale Albioncomplex aan de Groningse Noorderhaven kent een rijke geschiedenis. Ooit bood het onderdak aan een loodgieterij, een cichoreibranderij en een zeilmakerij. Later deed het bijna een eeuw lang dienst als graanpakhuis. In 1991 transformeerde Christelijke Woningstichting Patrimonium het gebouw tot appartementencomplex. Nu is de tijd aangebroken om Albion klaar te stomen voor een energiezuinigere, meer circulaire toekomst.

Pakhuis Albion heeft roerige tijden doorstaan. In ruim een eeuw tijd stond het pand twee keer in lichterlaaie. De eerste brand, in 1908, werd door de eigenaar destijds aangegrepen om het direct met een paar verdiepingen te verhogen. Zo torent Albion nu boven de omringende panden op de kade van de Noorderhaven uit. Het hoge pakhuis met zijn graanlift, de grijze ‘slurf’ die de weg overbrugt naar de kade, is een van ‘de pareltjes’ van Patrimonium. Maar zo’n monumentaal pareltje brengt ook uitdagingen mee voor de groeiende duurzaamheidsambities van de woningstichting, zeker omdat het midden in de stad ligt.

2050-niveau

Bas Krajenbrink, bestuurder van Patrimonium: ‘Sinds 1990 hebben we het Albioncomplex in bezit. Onze duurzaamheidsambities stijgen en het complex krijgt een renovatie om op 2050-niveau te komen.’ Toen het huurwooncomplex begin 2025 toe was aan dak- en gevelrenovatie, besloot Patrimonium het moment aan te grijpen voor een grotere verduurzamingsslag. Alle 47 appartementen kregen energielabel A, de daken werden geisoleerd en kregen zonnepanelen, beglazing werd vervangen voor HR++ en nieuwe hybride-klare cv-ketels werden geïnstalleerd.

Plannen op grote hoogte

‘Het is toch mooi werken op zulke hoogten, met een prachtig uitzicht over de binnenstad – dat was ongetwijfeld geen straf voor de mannen en vrouwen op de bouw’, lacht Gerke van der Werf, commercieel manager bij Heijmans. De aannemer won de opdracht via een onderhandse aanbesteding op basis van prijs, kwaliteit en planning. Vanwege de bereikbaarheid van het complex was met name dat laatste van groot belang, legt Van der Werf uit. ‘Het is hoog, in het centrum van de stad en langs een drukke weg. Veiligheid had daarom extra onze aandacht, steigerbouwer Gjaltema speelde daar een belangrijke rol in.’

‘Boven in de hoge pakhuisgevel zaten enkele kozijnen die hard aan onderhoud toe waren’, vertelt Van der Werf. ‘Op zo’n lastige locatie wil je jezelf niet iedere zoveel jaar in bochten wringen om steigers op te bouwen. Door die kozijnen door kunststof kozijnen te vervangen zorgen we ervoor dat onderhoud op hooggelegen plekken tot een minimum kan worden beperkt.’

‘Hoewel de ingreep onverwacht en essentieel was, bleek de impact op de planning verrassend klein: Heijmans rondde de renovatie volgens schema af’ - Gerke van der Werf Heijmans

Onverwachte ingrepen

Strakke planningen ten spijt blijkt de realiteit soms weerbarstig – zo ook bij de renovatie van Albion. Al vroeg in het proces kwam de aannemer voor een verrassing te staan: het rookgaskanaal bleek in veel slechtere staat dan was gedacht. ‘Dat zat niet in de uitvraag, maar het was noodzakelijk om dat snel te vervangen’, legt Van der Werf uit. ‘Zoiets kan wel spannend zijn voor een project. Toen we dat constateerden hebben we direct met de opdrachtgever overlegd en het plan aangepast zodat we dit meteen konden aanpakken.’ Hoewel de ingreep onverwacht en essentieel was, bleek de impact op de planning verrassend klein: Heijmans rondde de renovatie volgens schema af.

Herbruikbaar hout

Binnen een jaar is Albion zo klaargemaakt voor een duurzame toekomst. Die duurzaamheid zit hem niet alleen in wat er aan het gebouw is toegevoegd en vervangen, maar ook in wat er is weggevoerd. Hoewel het monumentale gebouw in zijn geheel behouden is, moesten de balkons aan weerszijden van het pand wel gesloopt en vervangen worden. Daar kwamen hardhouten onderdelen af die wel waren inge-

‘Het

is prachtig oud vastgoed, maar niet eenvoudig om op duurzaamheidsniveau te brengen’

- Bas Krajenbrink

Chr. Woningstichting Patrimonium

rot, maar niet doorgerot. ‘We vonden het zonde om dat hout weg te gooien’, legt Van der Werf uit. Bouwmaterialen Nederland (BMN) vond voor hen een partij die het hout kon reinigen en opnieuw werkbaar maken, zodat het kan worden hergebruikt op de particuliere markt. Zo leven de voormalige stukjes Albion straks misschien wel door als vlonderhout in iemands achtertuin – een klein stukje geschiedenis in het groen.

Pareltje

Volgens Krajenbrink kenmerkt dit project waar ze als woningstichting mee te maken hebben: ‘We hebben van die pareltjes, prachtig oud vastgoed, maar hoe breng je dat eigentijds en met respect voor het pand op duurzaamheidsniveau? Dat is zeker in stedelijk gebied een groot vraagstuk. Bij het Albioncomplex is dat volgens mij mooi gelukt!’

Renovatie en verduurzamen

Albion te Groningen

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Christelijke Woningstichting Patrimonium

Aannemer : Heijmans

Installaties : Damstra Service en Onderhoud

Installatie duurzame techniekn : Damstra Duurzaam

Onderaannemers & toeleveranciers

Steigerbouw en bouwliften : Gjaltema Groep

Stucwerk, tegel- en kitwerk : Heigro

Afvalverwerking, Transport & Recycling : NNRD/ Visser ATR

Tekst:

Zwolle voltooit tweede fase renovatie stadhuis

Rimpelingen van de democratie in nieuwe raadzaal

Met de oplevering van de raadzaal en de monumentale Thomas-a-Kempiszaal is de tweede fase van de renovatie van het Zwolse stadhuis voltooid. OdV interieurarchitecten kreeg opnieuw het vertrouwen van de gemeente. Directeur Ton Overtoom ziet dit als waardering voor de eerder ingezette koers.

‘Dat we de tweede aanbesteding hebben gewonnen is een bekroning van wat we hier hebben mogen doen.’

In de eerste fase, afgerond in 2018, richtte OdV zich, in samenwerking met De Architecten van Team 4, op de introductie van Het Nieuwe Werken in het stadhuis. De jaren zeventig-architectuur werd omarmd met warme kleuren en cirkelvormige verwijzingen naar de bestrating op het plein voor het stadhuis. In deze tweede fase kregen de raadzaal en de Thomas-a-Kempiszaal een volledige metamorfose, met extra aandacht voor hergebruik, natuurlijke materialen en de identiteit van Zwolle.

Kloppend verhaal

Overtoom vertelt: ‘Wij zorgen bij al onze projecten voor een kloppend verhaal. Als mensen kennen, snappen en voelen, identificeren ze zich met de ruimte. Maar als ze het niet weten, blijft het een goede, mooie en comfortabele ruimte.’ Voor Zwolle werd dat verhaal opnieuw gevonden in water en beweging.

Rimpelingen van het debat

De vernieuwde raadzaal is ontworpen als spiegel van Zwolle: een democratische ruimte die beweegt als het water van de IJssel. Overtoom: ‘Meningen vallen als druppels op het water, die golven veroorzaken en in het debat weer samenkomen tot een nieuw evenwicht.’ De vloer verbeeldt die rimpeling in blauwtinten, met in het hart een grafische kaart van de binnenstad, op de geografisch juiste positie.

‘Meningen

vallen als druppels op het water, die golven veroorzaken en in het debat weer samenkomen tot een nieuw evenwicht’ - Ton Overtoom OdV interieurarchitecten

Biophilic design

Natuur kreeg een grotere rol, passend bij de ontwerpfilosofie van biophilic design, die is gebaseerd op het idee om de verbinding van de mens met de natuur te versterken. Er zijn moswanden toegevoegd, een halfronde wand in klimaatregulerend leemstuc en golvende lijnen in groentinten die hal, raadzaal, tussenruimtes en Thomas-a-Kempiszaal verbinden. Het houtwerk is uitgevoerd in lokaal gewonnen Zwols essen. Bestaande tafels zijn hergebruikt met nieuwe bladen, passend bij de circulaire ambities van de gemeente.

PETvilt

De opstelling van de raad is gedraaid en een oude technische ruimte maakte plaats voor een publiekstribune. Ook de techniek is vernieuwd. De kleurstelling van het interieur sluit aan bij de identiteit van de stad. Achter de tribune hangt een PETfelt-wand die Zwolle toont in gebouwen en silhouetten, ontworpen door vormgevers van de gemeente. De verlichting ondersteunt het ontwerp. ‘De PETfelt-wand wordt egaal aangelicht, terwijl de moswanden juist accenten krijgen.’ PETfelt (PETvilt) is een circulair materiaal, dat wordt

gemaakt van PET-flessen die worden verwerkt tot korrels waarvan vilt wordt gemaakt. PETfelt wordt onder meer toegepast in akoestische panelen.

Thomas-a-Kempiszaal

De naam van de monumentale Thomas-a-Kempiszaal verwijst naar de geestelijke Thomas a Kempis (ca. 1380-1471), die bijna zeventig jaar in het klooster op de Agnietenberg bij Zwolle doorbracht en daar zijn leerlingen voorbereidde op een contemplatief, celibatair en nederig kloosterleven. Hij gaf hun daarvoor adviezen in een begrijpelijke taal. Een voorbeeld: “Mijd onnodige drukte die mensen maken zoveel ge kunt, want het geredekavel over allerlei gebeuren om ons heen is een grote belemmering, ook al doet men dat met de beste bedoeling.” (bron: Canon van Nederland).

De ruimte stijgt enkele treden: OdV zag hierin een echo van het landschap. De groenblauwe tinten sluiten aan bij historische kleuren die eerder in de ruimte aanwezig waren.

Toegankelijkheid

De raadzaal is nu multifunctioneel te gebruiken, dankzij verwijderbare tafels en banken. Bovendien is de toegankelijkheid verbeterd. ‘Alle plekken in de raadzaal zijn bereikbaar met een rolstoel, er is een nieuwe plateaulift naar de Thomas-a-Kempiszaal gekomen en een hellingbaan in de raadzaal.’

De gemeente verzamelt via een enquête reacties van gebruikers, kleine aanpassingen worden nog opgepakt. Overtoom besluit: ‘Zwolle is een goede en zorgvuldige opdrachtgever. De gemeente hecht veel waarde aan kwaliteit en details. Dat zie je terug in alles dat we samen hebben gedaan.’

Renovatie raadszaal te Zwolle

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Gemeente Zwolle

Interieurarchitect : OdV

Interieurarchitecten

Constructeur : Alferink van Schieveen

Hoofdaannemer : Salverda Bouw B.V.

Installateur : Jansen Installaties (van Losser Groep)

Wissellocatie Bessemoerstraat Groningen biedt langetermijnoplossing

‘Bestaand schoolgebouw steeds opnieuw inzetten: pure circulariteit’

In Groningen staat een schoolgebouw dat steeds opnieuw begint. De Wissellocatie Bessemoerstraat is een volledig vernieuwd onderwijspand dat vanaf nu jaar na jaar meerdere scholen opvangt tijdens verbouwingen. De oude gymzaal werd omgevormd tot meerdere lokalen, installaties gingen op de schop en het gebouw kreeg een toekomstbestendige technische kwaliteit. Projectmanagementbureau BCN, Bouwgroep Dijkstra Draisma en Nusman Installatietechniek vertellen hoe deze circulaire aanpak vorm kreeg.

Toen de gemeente Groningen tijdelijke huisvesting zocht vanwege de verbouwing van de Bisschop Bekkersschool, werd vrijwel meteen duidelijk dat standaardunits niet de beste oplossing vormden. Volgens Silvan Blokzijl, projectmanager bij BCN, bleek de leegstaande school aan de Bessemoerstraat al snel een kansrijke optie.

Tijdelijke huisvesting met toekomstwaarde

‘Uit onze businesscase bleek dat dit gebouw vijftien jaar lang wisselend gebruikt kan wor-

den door meerdere scholen’, zegt Blokzijl. Het principe achter de keuze is volgens hem duidelijk: ‘Het is de meest pure vorm van circulariteit: een gebouw steeds opnieuw blijven gebruiken. Dat verlengt de levensduur én is kostenefficiënt.’

Vanwege de verbouwplanning van de bestaande schoollocatie werd al in de VO-fase een bouwteam samengesteld. De combinatie onder leiding van Bouwgroep Dijkstra Draisma (BGDD) kwam als beste uit de aanbesteding. In het ontwerp is gekozen voor maximale

flexibiliteit: de voormalige gymzaal werd getransformeerd tot nieuwe, lichte lokalen; extra ramen en plafonds zorgen voor beter daglicht en een prettige akoestiek. Het pand is geschikt gemaakt voor basisonderwijs, voortgezet onderwijs en kinderopvang.

Ook de logistiek kreeg aandacht: er zijn separate ingangen gemaakt zodat meerdere scholen gelijktijdig gebruik kunnen maken van het gebouw. In totaal duurden het voortraject

‘De gemeente beschikt nu over een duurzaam alternatief voor tijdelijke scholenhuisvesting’

- Silvan Blokzijl

BCN

Laat een frisse wind waaien door uw netwerk

Wedstrijdvar en met relaties • duurzaam en milieubewust event • voor 12 personen per boot

Donderdag 11 juni 2026 13:00-20:00 uur

‘Gymzaal

en kleedkamers getransformeerd tot extra leslokalen voor wisselende gebruikers’

- Jelle Teun Terpstra BGDD

en de transformatie dertien maanden. ‘Het gebouw voelt veel ruimer dan een complex van tijdelijke units’, zegt Blokzijl. ‘De samenwerking met de uitvoerende partijen was transparant en constructief, en de gemeente beschikt nu over een duurzaam en toekomstbestendig alternatief voor tijdelijke scholenhuisvesting.’

Hyperflexibel onderwijsgebouw Voor Bouwgroep Dijkstra Draisma was de locatie bekend terrein: in 2020 werkte het bedrijf aan fase 1 van dezelfde school. ‘Daardoor wisten we precies wat we zouden aantreffen en konden we Nusman Installatietechniek en Hanab Installation Technology (voorheen HOMIJ) opnieuw aanhaken, nu onder onze regie’, zegt projectleider Jelle Teun Terpstra. De gymzaal vormde de grootste opgave. ‘We hebben die ruimte omgebouwd tot vier nieuwe lokalen, terwijl de voormalige

kleedkamers twee extra lokalen opleveren’, vertelt hij. Daarnaast realiseerde BGDD onder andere een nieuw speellokaal voor de peuteropvang en extra overleg- en ondersteuningsruimtes.

Het ontwerp maakte BGDD zelf, op basis van het Programma van Eisen van de gemeente. Het gebouw moest voldoen aan Frisse Scholen Klasse B, met stevige eisen voor daglicht, luchtkwaliteit en akoestiek. ‘Dat is een logisch niveau bij een grote renovatie’, aldus Terpstra.

Energetisch werd het pand duidelijk verbeterd. Isolatie, installaties en verlichting zijn compleet opgewaardeerd. De planning was de grootste uitdaging: de huisvesting moest gereed zijn voordat de nieuwbouw van de Bisschop Bekkersschool startte. ‘Omdat we onze onderaannemers vroegtijdig betrokken, kon-

den we snel schakelen. De samenwerking verliep soepel en het resultaat is een ruim en hyperflexibel schoolgebouw.’

Klaar voor vijftien jaar wisselgebruik

Voor Nusman Installatietechniek was fase 2 zowel vertrouwd als ambitieus. Het bedrijf verzorgde al in fase 1 de elektrotechnische installaties en had het gebouw al 7 jaar in onderhoud. ‘We kennen het gebouw door en door’, zegt directeur Mark Nusman. ‘Daardoor hadden we goed zicht op technische en financiële risico’s waardoor er in de uitvoering geen onverwachte problemen ontstonden.’ Door de volledig nieuwe indeling en het wisselende gebruik moest het installatiesysteem flexibel en universeel worden opgezet. Het ontwerp uit fase 1 is doorontwikkeld, met oplossingen die geschikt zijn voor uiteenlopende schooltypen en groepsgroottes.

‘Voor de schoolbel een zonesysteem ontworpen met verschillende schakeltijden’

Het zelfstandige familiebedrijf verzorgde alle E-installaties, inclusief inbraak- en brandbeveiliging, data-infrastructuur en het lestijdensignalering¬ssysteem. De elektrische belasting nam toe door de andere invulling en moderne wensen aan de installaties. ‘De bestaande nutsvoorziening was niet toereikend, die moest verzwaard worden. Dat had een probleem kunnen worden, gezien de netcongestie. Gelukkig is dat tijdig door Enexis gerealiseerd’, zegt Nusman.

Door energiezuinige oplossingen blijft het verbruik nu beperkt: in alle lokalen zijn bewegingsmelders toegepast en dimbare ledverlichting die zich automatisch aanpast aan het omgevingslicht en overbrugd kan worden voor gebruik van digiborden. Alles aangestuurd met het in fase 1 ontworpen en aangelegde gebouwautomatiseringssysteem. ‘We gebruiken deze systemen ook op de vele andere scholen die wij in beheer hebben’, aldus Nusman.

Tijdens het proces heeft het installatiebedrijf ontwerpkeuzes geoptimaliseerd om binnen het budget te blijven en de uitvoering efficiënter te maken. ‘We hebben in het ontwerp technische aanpassingen gedaan zodat we minder verstoring hadden in het bestaande bouwdeel; de planning voor alle bouwpartners was hierdoor makkelijker haalbaar’, vertelt Nusman.

De Frisse Scholen Klasse B voor de E-installaties was volgens hem goed te realiseren. ‘Door onze ervaringen in de onderwijssector, zat hier geen verrassing of uitdaging in. Wij kennen de eisen en de technische haalbaarheid. Dankzij dezelfde bouwteambezetting als in fase 1 verliep de samenwerking uitstekend.’

Duurzaam en flexibel

De Wissellocatie Bessemoerstraat laat zien hoe krachtig hergebruik van bestaand vastgoed kan zijn. Projectmanager Blokzijl: ‘Door slimme renovatie, nauwe samenwerking en toekomstgericht ontwerp staat er nu een duurzame, flexibele onderwijslocatie die vele scholen jaren vooruit helpt. Een circulaire oplossing die werkt, steeds opnieuw.’

Verbouw wissellocatie Bisschop Bekkerschool Bessemoerstraat te Groningen

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Gemeente Groningen

Directievoering en projectmanagement : BCN

Bouwkundig ontwerp/ architect : Bouwkundig ontwerpbureau Meinsma

Bouwfysica : Noorman Bouw- en milieu-advies

Bouwadvies : F&F Structural Engineers

Installatie adviseur : Bureau 1232

Aannemer : Bouwgroep Dijkstra Draisma B.V.

E-installaties : Nusman Installatietechniek B.V.

W-installaties : Hanab

Onderaannemers & toeleveranciers

Inrichtingen : A & F Interieurbouw B.V.

Afvalverwerking, Transport & Recycling : NNRD/ Visser ATR

Renovatie en vernieuwbouw IKC De Pionier, Leeuwarden

Toekomstbestendig leren en spelen in Techum

In de Leeuwarder wijk Techum heeft IKC De Pionier een ingrijpende vernieuwbouw ondergaan. Het gebouw uit 2008 voldeed niet meer aan de eisen van deze tijd en ook de ruimte voor school, kinderopvang en BSO was te beperkt. Stichting Proloog zocht daarom naar een oplossing die zowel de bestaande kwaliteiten zou benutten als vernieuwende mogelijkheden zou bieden. De keuze voor een combinatie van renovatie en uitbreiding leidde uiteindelijk tot een compleet opnieuw doordacht IKC: licht, logisch ingedeeld en toekomstbestendig. ‘We hebben het bestaande karakter gerespecteerd, maar het IKC naar een veel hoger en toekomstbestendig niveau getild’

Architectuur met logica en licht Architect Omar Smids van Adema Architecten vertelt hoe de uitbreiding als een nieuw ‘voorhuis’ voor het bestaande volume is geplaatst. Hierdoor krijgt het gebouw de uitstraling van een abstracte kop-hals-rompboerderij, een verwijzing naar het omliggende landschap. ‘De plaatsing was uitdagend vanwege de krappe kavel en de cultuurhistorische sloot, maar leverde tegelijkertijd een open oriëntatie en vrij zicht op de omgeving op. Het schoolplein bleef volledig beschikbaar, waardoor de ingang op de vertrouwde plek konden blijven’, legt de architect uit.

Binnen werd het bestaande pand rigoureus aangepakt. Centraal stond het realiseren van een IKC met een duidelijke doorgaande leerlijn van de allerjongsten tot en met groep 8. Smids vergelijkt de renovatie met het ‘uithol-

Adema Architecten len van een pompoen’, omdat alles eruit moest om meer logica, ruimtelijkheid en aansluiting op de nieuwbouw te creëren. ‘De structuur van het vernieuwde IKC draait om een helder hart waar alle groepen samenkomen. Drie ingangen zorgen voor spreiding, terwijl twee assen - één van noord naar zuid en één haaks daarop - het gebouw leesbaar maken.’ Rondom de centrale trap valt het licht bovendien tot diep in het gebouw.

Het was een ontwerp dat veel vroeg van alle betrokken partijen, omdat de school tijdens de uitvoering openbleef. Er moesten voortdurend keuzes worden gemaakt in beperkte ruimtes en bij onverwachte situaties, zonder dat het ontwerp zelf wijzigde. Smids kijkt er tevreden op terug. ‘We hebben het karakter van het bestaande gebouw gerespecteerd, maar het geheel naar een veel hoger niveau getild.

- Omar Smids

Ondanks alle hobbels is het een plek geworden waar iedereen enthousiast over is.’

Maximale flexibiliteit

Senior projectmanager Willem Jan de Vries van BCN Groep is al zeven jaar bij De Pionier betrokken, eerst vanuit Adema Architecten en daarna vanuit BCN. BCN was hierbij verantwoordelijk voor het projectmanagement en directievoering. ‘Het begon destijds met een vraag van Proloog om de problemen van het bestaande gebouw in kaart te brengen, omdat er vanuit de gemeente budget was voor

‘Door

flexibel te blijven hebben we een school neergezet die je bijna niet meer herkent’

- Willem Jan de Vries BCN Groep

uitbreiding. Na onderzoek en verschillende scenario’s werd besloten tot het creëren van een uitbouw, waarbij het bestaande pand compleet werd gestript en opnieuw ingedeeld.’

Tijdens de voorbereidingen kwamen steeds meer gebreken aan het licht, waaronder een slecht dak. Daarnaast groeide het aanvankelijke uitbreidingsbudget uit tot een volwaardige vernieuwbouw. De Vries ontdekte onder meer houtrot en vochtproblemen die structureel bleken. ‘Toen ik na een nieuwe lekkage zag dat een hele wand verzadigd was en daarna bleek dat het hele pand rondom aan de onderzijde verrot was, wisten we dat de renovatie nog veel omvangrijker zou worden.’

Omdat de school in bedrijf bleef, vroegen de werkzaamheden om nauwe afstemming en veelvuldige improvisatie. Er werd met tijdelijke voorzieningen gewerkt en er waren voortdurend afspraken nodig met de school, de kinderopvang en het bouwteam. Willem Jan De Vries kijkt positief terug op de betrokkenheid en ‘maximale flexibiliteit’ van alle partijen. ‘We hebben ons steeds op het eindbeeld gericht en zijn niet vastgelopen in tegenslagen. Het resultaat is een school die je bijna niet meer herkent. Het verschil is enorm.’

Constructieve uitdagingen

Voor hoofd planvoorbereiding Anne Draaijer van Bouwbedrijf De Vries was het project technisch uitdagend. Hij verzorgde vanuit de aannemer ook de projectleiding en vertelt: ‘De bestaande bouw bleek van matige kwaliteit en moest vrijwel geheel worden opengehaald. Om een heldere gangstructuur te realiseren waren zware hulpconstructies nodig, omdat de oorspronkelijke constructie veel lichter was dan gedacht.’ Door het ontbreken van volledige informatie moest er bovendien

voortdurend opnieuw worden gerekend, memoreert Draaijer. ‘Toen bij het openmaken van het dak bleek dat de dakbedekking volledig vernieuwd moest worden, is besloten om extra isolatie toe te voegen voor een beter binnenklimaat. Dat hadden wij in een eerder stadium ook al geadviseerd.’

Vanaf het voorlopig ontwerp rolde het project langzaam richting uitvoering. Die startte in de zomer van 2024. ‘De start schoof met twaalf weken op. De werkvoorbereiding viel samen met de bouwperiode. Dat betekende vaak schakelen, veel rekenen en voortdurend overleg’, aldus Draaijer.

De uitbreiding omvat een tweelaagse nieuwbouw met kalkzandsteenwanden, betonvloeren en een HSB-opbouw. De gevels combineren metselwerk met steenstrips, waarbij veel aandacht nodig was om een consistent beeld te creëren.

‘Vanaf het moment dat we het bestaande gebouw ingingen, zag je het licht en de openheid ontstaan waar zo naar werd verlangd’

- Anne Draaijer

Bouwbedrijf De Vries Leeuwarden

‘Het

eindresultaat is comfortabel, duurzaam en klaar voor de toekomst’

- Fedde Kingma Bouwbedrijf De Vries Leeuwarden

Omdat de school openbleef, werd er in fases gewerkt en werden overlastgevoelige werkzaamheden in vakanties gepland. Ondanks de complexiteit werd het nieuwe karakter van het gebouw gaandeweg steeds beter zichtbaar. ‘Vanaf het moment dat we verder het bestaande gebouw in gingen, zag je het licht en de openheid ontstaan waar zo naar werd verlangd’, zegt Draaijer. ‘Het project was intensief, maar ik zou het zo weer doen.’

Onverwachte hindernissen

Uitvoerder Fedde Kingma van Bouwbedrijf De Vries herinnert zich de start van het project nog goed. Toen de bouwtijd er voor driekwart opzat, brandde het naastgelegen noodgebouw volledig af. ‘De school zelf bleef gespaard, maar het incident zorgde wel voor extra druk op de planning en logistiek.’ De vernieuwbouw in het bestaande pand vroeg daarnaast om veel stempelwerk en het verwijderen van

vloeren: zwaar en lawaaierig werk dat nauw moest worden afgestemd met de school.

‘Bij het kaal halen van de gevels bleek bovendien de achterliggende constructie op diverse plekken verrot door langdurige lekkage, waardoor herstelwerkzaamheden nodig waren.’ Het maakte de planning krap, maar door flexibel te blijven en snel te handelen, kon het bouwteam genoeg voortgang houden. ‘We hebben verder onder andere de complete buitenschil vernieuwd, nieuwe dakkappellen geplaatst, het gebouw volledig bijgeïsoleerd en voorzien van nieuwe beglazing.’

Ook de installaties kregen een stevige upgrade. Er kwamen nieuwe luchtbehandelingskasten op het dak, waardoor het binnenklimaat er merkbaar op vooruit is gegaan. ‘De samenwerking binnen het bouwteam maakte tijdens dit complexe project het verschil’, zegt

Kingma. ‘We kenden elkaar van eerdere projecten en overlegden veel. Daardoor konden we snel schakelen als iets anders liep dan verwacht.’ Het resultaat noemt hij ‘comfortabel, duurzaam en echt gemaakt voor de toekomst.’

Installatietechnische puzzel

Voor Wijtze Koster, projectleider W-installaties bij Pranger-Rosier, was de vernieuwbouw een technische puzzel. Het bestaande gebouw had lage plafonds en weinig ruimte voor luchtkanalen en leidingen, terwijl tijdens het traject ook constructieve wijzigingen werden doorgevoerd. ‘Er moesten extra stalen balken worden geplaatst zonder dat het plafond te laag zou eindigen, omdat dat gevolgen zou hebben voor akoestiek, brandveiligheid en luchtstromen. Elke centimeter telde’, zegt Koster. De E- en W-engineers van Pranger-Rosier werkten nauw samen om binnen de bouwkundige beperkingen tot een oplossing te komen. ‘Soms moest ter plekke een nieuw plan worden gemaakt wanneer de theorie niet bleek te kloppen.’

‘Kinderen leren beter in frisse, aangename ruimtes. Het is mooi dat we dat hier hebben kunnen realiseren’

- Wijtze Koster Pranger-Rosier

De brand in het noodgebouw maakte vooral op de schoolkinderen veel indruk, weet Koster nog. ‘Gelukkig stond de luchtbehandelingskast van het hoofdgebouw ’s nachts uit, waardoor rook niet verder werd verspreid. Wel hebben we uit voorzorg alle filters vervangen.’

De school wordt verwarmd en gekoeld via een VRV-systeem; het warmtenet wordt gebruikt voor de gymzaal. ‘De ventilatie is verdeeld in drie systemen voor school, BSO en kinderopvang, afgestemd op hun verschillende openingstijden.’ Het gebouw voldoet aan Frisse Scholen Klasse B. Dat stemt Koster tevreden. ‘Kinderen leren beter in frisse, aangename ruimtes. Het is mooi dat we dat hier hebben kunnen realiseren.’

Continu in bedrijf blijven

Ook voor projectleider elektrotechniek Botte de Vries van Pranger-Rosier bracht de combinatie van renovatie en nieuwbouw verrassingen met zich mee. De revisietekeningen van het bestaande gebouw bleken onvolledig, waardoor tijdens de uitvoering bijvoorbeeld stalen liggers opdoken die nergens stonden ingetekend. ‘Daardoor moesten kabeltracés regelmatig opnieuw worden bepaald.’

Omdat de school tijdens de bouw openbleef, moesten alle elektrotechnische installaties continu blijven functioneren. ‘Het datanetwerk, de voedingskabels, schakelingen en verlichting bleven steeds “in de lucht” met tijdelijke voorzieningen. Dat vroeg om strak procesmanagement en veel overleg met de school. Vluchtroutes moesten telkens opnieuw worden beoordeeld en tijdelijke noodvoorzieningen moesten op orde zijn’, vertelt Botte de Vries.

De elektrotechnische installaties zijn vrijwel volledig vernieuwd. ‘Oude bekabeling is gestript, verdeelkasten zijn opnieuw opgebouwd en de verlichting werkt nu met aanwezigheidsdetectie, wat comfort en energiebesparing oplevert’, somt hij op. E- en W-engineers stemden intensief af om de BIM-modellen actueel te houden en installaties in de complexe bouwstructuur in te passen. ‘Dat maakte het mogelijk om tempo te houden in een gebouw dat ons regelmatig verraste’, zegt De Vries.

‘Tempo houden in een gebouw dat ons regelmatig verraste’ - Botte de Vries Pranger-Rosier

Toekomstbestendig dankzij samenwerking

Wat zeven jaar geleden begon als een vraag naar uitbreiding, groeide uit tot een intensief traject vol technische uitdagingen en onvoorziene hobbels, waaronder een brand en verborgen gebreken. Omdat de school tijdens de bouw openbleef, vergde het project van alle partijen een uitzonderlijke mate van flexibiliteit en creativiteit. Toch is het dankzij datzelfde teamwork gelukt om een gebouw neer te zetten dat logisch voelt, licht is, gezond en duurzaam. Zo vertellen alle partijen, elk op hun eigen manier, dat het een plek is geworden waar onderwijs, opvang en BSO elkaar op natuurlijke wijze vinden. ‘De vernieuwde Pionier is een frisse, toekomstbestendige leer- en speelomgeving geworden, precies zoals het was bedoeld’, aldus de architect.

Vernieuwbouw en renovatie IKC De Pionier te Leeuwarden

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Sinne Kinderopvang

Opdrachtgever : Stichting Proloog

Architect : Adema Architecten

Directievoering en projectmanagement : BCN

Constructeur : Projectengineering Castelein

Aannemer : Bouwbedrijf De Vries Leeuwarden bv

Installaties : Pranger-Rosier Installaties B.V.

Onderaannemers & toeleveranciers

Staalconstructie : Visser Konstruktie Veenwouden b.v.

Metselmortel : Remix Droge Mortel B.V.

Kindcentrum De Horizon in Klazienaveen

Eén schoolgebouw met drie gezichten en een gezamenlijk hart

Klazienaveen heeft een nieuw schoolgebouw. Kindcentrum De Horizon, geopend in oktober, biedt onderdak aan drie onderwijsinstellingen: de katholieke Pastoor Middelkoopschool, de christelijke basisschool De Kap en kinderopvang Kinderwerk. Een prachtig gebouw dat past in de buurt.

Nieuwbouw was hard nodig. De scholen van Stichting Viviani en Stichting Primenius zaten in verouderde panden met lekkages, slechte ventilatie en te weinig ruimte. ‘Ze zagen er een beetje tegenop om hun eigen gebouw in te ruilen voor een gezamenlijk pand’, herinnert architect Harm Tigchelaar van JOUS architecten + bouwadviseurs uit Joure zich, die in dit project nauw samenwerkte met collegaarchitect Femke Brouwer en Gert Lammerts voor de technische uitwerking. Het interieur is mede ontworpen door Anne Van der Zee-Medendorp van JOUS, wat geleid heeft tot een vitaal en gezond kindcentrum.

Herkenbaarheid

Samenwerken was geen probleem, maar er waren zorgen of dat niet ten koste van het eigen karakter zou gaan. De architect speelde hierop in door de verschillende scholen aan de buitenkant duidelijk herkenbaar te maken.

De Pastoor Middelkoopschool heeft een lijn met rode geglazuurde bakstenen in de gevel. De Kap is herkenbaar door de blauwe lijn in de gevel. De gele lijn verbindt beide scholen en creëert daarmee één schoolgebouw. De kinderopvang kreeg een groene uitstraling.

‘Een mooi gezamenlijk hart’ - Harm Tigchelaar JOUS architecten + bouwadviseurs

Aan de binnenkant functioneren een centrale ontvangstruimte en een extra groot speellokaal als grens en brug tegelijk: duidelijke scheiding, maar ook ruimte voor samenwerking. Tigchelaar: ‘De ene school is groter dan de ander. Maar ondanks het verschil in vierkante meters hebben ze een mooi gezamenlijk hart. Door deze opzet is de onwennigheid verdwenen en zijn ze naar elkaar toegegroeid. In onderlinge samenwerking is ons concept dus goed gelukt!’

Veenlandschap als inspiratiebron

De inspiratie voor het uiterlijk kwam van het veenlandschap zelf. De gelaagdheid van het metselwerk verwijst naar de waterlagen die voor dit gebied karakteristiek zijn. Op het terrein is alles gericht op beweging en natuurlijk spel: onverharde pleinen, hagen en grote trappen van het terras naar het schoolplein. Een groene oase, niet een grijs complex. De belangrijkste delen van het gebouw zijn zorgvuldig op het terrein geplaatst. Daardoor ontstaan goede verbindingen tussen binnen en buiten. Het volume van de Pastoor Middelkoopschool staat naar voren, wat de route naar de hoofdingang duidelijk maakt en wat bovendien goed aansluit op de parkeerplaats aan de zuidzijde. De inrit voor personeel is gecombineerd met de “zoen&zoef”-zone. Hier kunnen kinderen makkelijk worden afgezet en lopen zij vervolgens via de renbaan naar de ingang.

Onverwachte groei

Tijdens de voorbereiding bleek dat nieuwbouw niet alleen nodig was vanwege verouderde gebouwen. Het leerlingaantal groeide onverwacht snel, dus moest er een extra lokaal bijkomen. Projectmanager Michiel van der Linde van LindHorst huisvestingsadviseurs uit Hoogeveen: ‘De architect had hier gelukkig al rekening mee gehouden. Op het platte dak is ruimte voor twee extra lokalen, dus dat zorgde niet voor problemen.’

Stroom

Niet alles liep echter zo soepel. Vooral capaciteitsproblemen rondom de stroomvoorziening leverden hoofdbrekens op. Om te garanderen dat De Horizon ook zonder de noodzakelijk grootverbruikaansluiting open

‘Bijna jammer dat dit project klaar is, het gaf energie’ - Michiel van der Linde LindHorst huisvestingsadviseurs

‘Het was voor het hele team improviseren, maar niemand deed moeilijk’

JOUS architecten + bouwadviseurs

kon, werd als noodmaatregel een batterijopslag aangeschaft. Omdat de capaciteitsproblemen op het laatste moment alsnog opgelost werden, bleken deze niet nodig.

Bakstenen

En dan was er nog de ‘baksteen-crisis’. De leverancier kon niet meer leveren omdat de fabriek dichtging. ‘De hele gevel bestaat uit baksteen. Je kunt niet zomaar een ander type gebruiken’, zegt projectleider Tjitte Kootje van JOUS. ‘Je moet eigenlijk je gevel opnieuw ontwerpen.’ Binnen drie weken werd gelukkig een acceptabele vervangingssteen gevonden. Architect Harm Tigchelaar keurde zelfs vanaf zijn vakantieadres proefmuren af. ‘Het was voor het hele team improviseren, maar daar deed niemand moeilijk over. Dat is zeker een compliment waard.’

Bomen geven karakter en schaduw

Wat direct opvalt aan het nieuwe kindcentrum, zijn de mooie oude bomen voor het gebouw. Die stonden op een voetbalveldje naast de voormalige school. ‘We hebben direct gezegd dat die behouden moesten blijven’, vertelt Michiel van der Linde. ‘Meestal moet je jonge boompjes planten en dan jaren op schaduw wachten. Nu heeft De Horizon natuurlijke schaduw en de bomen geven het gebouw bovendien meer stijl en karakter.’

Thuiswedstrijd

Voor Richard Menzen van Brands Bouw uit Emmen was het nieuwe kindcentrum een bijzondere klus. ‘Ik was een van de eerste

leerlingen van de Pastoor Middelkoopschool en groeide op in deze buurt. Ook onze uitvoerder Luciën Harms komt hiervandaan. Toen we hoorden dat Brands in de race was voor deze opdracht, zeiden we direct dat wij deze klus wilden klaren. Het was tenslotte een thuiswedstrijd. De Horizon is een prachtig gebouw geworden dat mooi past in de buurt. Als ik er langs kom, dan kan ik alleen maar tevreden zijn. Dit is echt mooi voor het dorp.’

Blikvanger

Bouwtechnisch was het voor Brands geen uitzonderlijk project, maar wel bewerkelijk en divers. ‘Gelukkig was alles in 3D uitgewerkt. Dat scheelt enorm veel werk. Eigenlijk kun je niet meer zonder.’

‘Een prachtig gebouw dat heel mooi past in de buurt’ - Richard Menzen Brands Bouw

De belangrijkste uitdaging was de realisatie van de hoofdtrap, waarvoor ze een stalen binnenconstructie hebben aangebracht, die ze vervolgens met hout hebben bekleed. Menzen: ‘Dat was behoorlijk lastig, maar het is wel een echte blikvanger geworden. Dat past ook bij dit bijzondere gebouw.’

Draagkracht

‘Voor deze opdracht zijn we gevraagd door JOUS’, zegt Pieter Teppema, constructeur bij Ingenieursburo Meijer & Joustra uit Heerenveen. Het was de eerste samenwerking, en die is goed bevallen. De constructeur vond een

‘Zware vloerbalken met korte vloeroverspanningen’

- Pieter Teppema

Ingenieursburo Meijer & Joustra

goede oplossing voor de versteviging van het speellokaal met de multifunctionele ruimte erboven in het hart van het gebouw. ‘Deze ruimte moet per definitie vrij zijn - kinderen horen niet tegen kolommen op te lopen. Om voldoende draagkracht te garanderen, kozen we voor zware vloerbalken met korte vloeroverspanningen. Het resultaat is robuust en veilig, zonder dat je merkt hoe we het hebben opgelost.’

Het idee voor een houten constructie van het schoolhart - ‘mooi en stijlvol’- bleek helaas financieel niet haalbaar. Wat wel echt geslaagd is volgens Teppema, is de prachtige luifel aan de voorkant - een concept dat de constructeur samen met de architect heeft uitgewerkt. ‘Dit project was aangenaam om aan te werken. De samenwerking voelde soepel: iedereen was goed op elkaar ingespeeld, en dat maakt werken echt prettig.’

IKC De Horizon te Klazienaveen

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Stichting Primenius

Opdrachtgever : Stichting Viviani

Architect : JOUS architecten + bouwadviseurs

Adviseur installaties : Enervisie Winterswijk

Bouwprojectmanagement : LindHorst huisvestingsadviseurs

Constructeur : Ingenieursburo Meijer & Joustra BV

Aannemer : Brands Bouw

Aannemer E- en W- installatie : Lammerink Installatiegroep

Onderaannemers & toeleveranciers

Grondwerk en bestrating : Gebr. Lambers B.V.

Cementdekvloeren, stucwerk, tegelen kitwerk : Heigro

Houten binnenkozijnen : Harryvan Kozijnen

Digimate deuren : BPZ

Dorpshuis Termunten

Een dorpshuis met betekenis voor de gemeenschap

Twaalf jaar lang leefde het in het dorp: de wens voor een nieuw dorpshuis. Een plek waar iedereen terecht kan, van biljarter tot buurtbewoner, van vrijwilliger tot verenigingslid. Wat begon als een ambitieus plan van de stichting Samen Onder Eén Dak, groeide uit tot een van de meest gezamenlijke, innovatieve en dorpse bouwprojecten van Groningen: De Munte in Termunten.

Een van de grootste technische vraagstukken voor De Munte zat in de fundering. Doordat er in de ondergrond te veel wadzand tussen de kleilagen zit, werd de optie met prefab heipalen afgeraden en is het advies van de constructeur gevolgd om een lichtere opbouw met schuimbeton te realiseren. ‘De lichtere opbouw bestaat uit een betonvloer met rondom een vorstrand en geïntegreerde betonbalken die op een schuimbeton vloer van één meter dikte ligt’, aldus Dirk Uildriks, projectcoördinator/ toezichthouder bij Project- en Bouwmanagement Giezen. ‘Het probleem drukte op het budget en vroeg om creatief denken van het bouwteam. Ondanks de kostenverhoging bleef het project binnen het taakstellend budget. De stichting speelde daarin een grote rol: door een grote mate van zelfwerkzaamheid kon behoorlijk worden bespaard op materiaal en arbeidskosten.’

Knap stukje werk

De inzet van vrijwilligers vormt misschien wel het meest bijzondere aspect van dit project, vindt Uildriks. ‘De vereniging heeft ongelooflijk veel zelf gedaan: schilderwerk, hemelwaterafvoeren, afwerking, zelfs de bar is door hen gebouwd’, aldus Uildriks. ‘Het is echt een knap stukje werk wat zij geleverd hebben, in goed overleg en samenwerking met de aannemer.’

Vrijwilligers kochten creatief tweedehands materialen in voor de keuken en ontmoetingsruimte. Later werden op initiatief van de stichting extra zonnepanelen geplaatst om het gebouw nóg energiezuiniger te maken. Ook kwam er een kunstwerk van een lokale schilder op de muur, geïnspireerd op de schuine lijnen en draaiingen in het gebouw. Een groot compliment voor architect Derk Flikkema van bN+JD architecten.

‘Knap

stukje werk van alle vrijwilligers’

- Dirk Uildriks

Project- en Bouwmanagement Giezen

Om de schildering heen ‘Het lijkt bijna alsof het gebouw om de schildering heen is ontworpen, terwijl het andersom was’, zegt Flikkema. Hij koos voor een kop-hals-romp-model om oud en nieuw en alle functies met elkaar te verbinden. Het woonhuis werd de “kop”. Een nieuwe tussenbouw fungeerde als “hals”, met de kantine als spil van het gebouw. De grote zaal vormde de “romp”, waarin gym, toneel en muziek weer een eigen plek kregen. Aan de achterkant heeft de ijsbaanvereniging een eigen ingang.

‘Je zoekt naar iets dat van iedereen kan worden’

- Derk Flikkema

bN+JD architecten

Compositorische eenheid

Hoewel het oorspronkelijke huis uit Duitse baksteen bestond, wist Flikkema er een visueel geheel van te maken. ‘We wilden een compositorische eenheid. Het voorhuis heeft een andere tijdsgeest, maar door de schuur erachter als een zwarte monoliet vorm te geven - met zwarte gevels, een zwart dak en zwarte zonnepanelen -, krijg je rust. De luifel in het midden verbindt het geheel en maakt duidelijk waar de entree is.’

Voor Flikkema voelde het project als een ‘thuiswedstrijd’, in een gemeente en met bestuurders waarmee het contact al warm was. ‘Ook de samenwerking met uitvoerende partijen was uitzonderlijk plezierig’, memoreert

Flikkema. ‘We hebben voortdurend geschakeld: wat is functioneel, wat past binnen het budget, waar zit de prioriteit?’ Voor Flikkema is het eindresultaat vooral een gebouw dat past bij het dorp. ‘Je zet niet zomaar een grote doos in een fijnmazige dorpsstructuur. Je zoekt naar vorm, richting, identiteit. Naar iets dat van iedereen kan worden.’

Haalbare kwaliteit

Ondanks - of misschien dankzij - de financie le en technische complexiteit, kijkt Bert Wekema van BTIT Installatietechniek positief terug op een uitdagend project. Waar anderen afhaakten, rekende Wekema door. ‘We hebben kwaliteit kunnen leveren met producten die het budget haalbaar maakten.’ Hij is dan ook

trots op de installaties die in De Munte zijn aangebracht. ‘De luchtbehandelingsinstallatie verwarmt en koelt, en bedient zowel de sporthal als de kleedkamers’, legt hij uit. ‘De luchtverdeling gebeurt met luchtsokken, een efficiënte en stille manier om grote ruimtes te voorzien van verse lucht.’

Daarnaast installeerde BTIT het sanitair inclusief een mindervalidentoilet en twee doucheruimtes, een legionellaveilig leidingsystemen waarbij alle leidingen zijn doorverbonden, airco’s voor de algemene ruimten, de brandmeldinstallatie, verlichting die deels op sensoren schakelt en riolering en leidingen die zijn ingestort in het schuimbeton. Het project is volledig gasloos, ‘inmiddels vanzelfspre-

kend, maar toen het ontwerp begon nog een relatief nieuwe norm’, aldus Wekema.

Bijzondere samenwerking

Wekema prijst net als de anderen de bijzondere samenwerking. ‘Iedereen had de neuzen dezelfde kant op. Dan ga je ook met plezier elke week naar de bouw. Echt, er is geen kwaad woord gevallen. Dat maak je ook wel eens anders mee’, zegt hij met een lach. Wekema zit al veertig jaar in het vak en is geen onbekende in aardbevingsbestendig bouwen. Als

co-partner van Groenewold Bouw staat BTIT vaker voor een uitdaging. Deze eerste grote utiliteitsopdracht noemt Wekema ‘een mooie toevoeging aan ons portfolio’.

Vertrouwen

Groenewold Bouw keek met de stichting niet alleen naar de prijs, ‘maar juist ook naar de wijze waarop we gezamenlijk het project konden realiseren’, vertelt Peter Groenewold. ‘Wij hebben de unieke positie dat we veel disciplines in eigen huis hebben. Onze eigen timmer-

‘Alle neuzen dezelfde kant op’
-

Bert Wekema BTIT Installatietechniek

fabriek, ons installatiebedrijf en onze prefab-afdeling. Hierdoor waren wij in staat om het project integraal, efficiënt en met korte lijnen uit te voeren. Dat gaf vertrouwen. Niet de prijs was doorslaggevend voor de gunning, maar de complete aanpak, in combinatie met het directe en open contact met zowel de stichting als de architect.’

‘Vanaf dag één een gezamenlijk team’

- Peter Groenewold Groenewold Bouw

Subsidies

Het volledige budget voor De Munte bestond uit subsidies. Daarmee lag de financiële grens vast.

Groenewold: ‘Dan kijk je samen: wat is het budget en hoe krijgen we dat rond? Dat vraagt meedenken, mee-ontwikkelen en soms ook meeschrijven in de richting waarin subsidieaanvragen het best te honoreren zijn.’ Subsidies aanvragen, toegekend krijgen en vervolgens ook daadwerkelijk uitbetaald krijgen; het zijn drie verschillende stappen, weet Groenewold. De aannemer moest daardoor voortdurend rekening houden met liquiditeitsuitdagingen. ‘Dat doe je samen. Dat kan alleen als je elkaar iets gunt.’

Crazy Race

‘Die samenwerking in dit project is misschien wel het meest bijzondere aspect geweest’, vindt Groenewold. ‘Vanaf dag één vormden wij één gezamenlijk team met de stichting, de architect en de overige partners. Het is ons zelfs gelukt om door te bouwen tijdens de Crazy Race, een evenement dat jaarlijks 15.000 bezoekers trekt en ons terrein deels in beslag nam. Er was openheid aan alle kanten, ruimte voor ieders expertise en een gedeelde ambitie. Daarmee is het gelukt om een dorpshuis te bouwen dat betekenis heeft voor de gemeenschap.’

Dorpshuis/MFA te Termunten

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Stichting Samen onder 1 dak

Architect : bN+JD architecten

Adviseur brandveiligheid : Munnik Brandadvies

Procesbegeleiding, directievoering en toezicht : Project- en Bouwmanagement Giezen

Aannemer : Groenewold Bouw

Installateur : BTIT Borger Totaal Installatietechniek

Onderaannemers & toeleveranciers

Glas en schilderwerken : Zijlstra Schilders b.v.

Tekst: Thea van der Schaaf
Fotografie: Henri Hendriks, Hilvert Huizing

32 woonzorgappartementen in Emmeloord MODERNE HUISVESTING

DIE OPGAAT IN DE BUURT

Aan de Oude Vlie in Emmeloord - op de locatie waar voorheen het zorgpaviljoen Oester stond - verrijzen 32 nieuwe woonzorgappartementen voor Stichting Philadelphia Zorg. Het woonzorgcomplex gaat vanaf het voorjaar van 2026 onderdak bieden aan 32 mensen met een verstandelijke beperking, die in meer of mindere mate begeleiding en zorg nodig hebben.

De nieuwbouw vervangt de verouderde zorglocaties Rozenburg en Reijderhaven in Emmeloord. ‘Het woonzorgcomplex Oude Vlie – de voorlopige werktitel – is ondertussen wind- en waterdicht en wordt rond februari 2026 opgeleverd’, aldus projectleider Willem Slager van aannemersbedrijf Dons en Troost uit Staphorst. Qua uitstraling sluit de nieuwbouw goed aan bij de hoogbouw in de directe omgeving. Dat is prettig voor de toekomstige bewoners, die graag huisvesting willen die opgaat in de buurt.

Meer of minder zelfstandig ‘De opdracht omvat de bouw van een compact appartementencomplex met 16 zorgstudio’s en 16 appartementen’, legt Slager uit. De studio’s zijn bedoeld voor mensen die meer zorg nodig hebben. Ze zijn voorzien van een kleine pantry, maar de nadruk ligt op de gezamenlijke woonkamer en keuken, waar de bewoners elkaar kunnen opzoeken en samen kunnen eten.

‘Bewoners krijgen de kans om zoveel mogelijk hun eigen leven te leiden’

- Sander den Besten Stichting Philadelphia Zorg

‘Al in 2021 contact gezocht met Liander om capaciteit op het netwerk te reserveren’

- Robert Kalfs

Arcadis Nederland

De tweekamerappartementen met eigen keuken bieden meer ruimte voor zelfstandig wonen. ‘In de appartementen kunnen bewoners in theorie alles zelf doen, maar ik de praktijk kan dit variëren. In ieder geval bieden ze de mensen de kans om zo veel mogelijk hun eigen leven te leiden. Iets wat we binnen Philadelphia Zorg belangrijk vinden’, aldus projectregisseur huisvesting Sander den Besten van de zorgorganisatie.

Uitdagingen

Netcongestie, hogere bouwkosten en budgetkortingen zorgden voor de nodige uitdagingen tijdens het (voor)traject van de bouw, stellen Sander den Besten en projectmanager Robert Kalfs van Arcadis Nederland. ‘Al in 2021 werd contact gezocht met netbeheerder Liander om capaciteit op het netwerk te reserveren’, herinnert Kalfs zich. Den Besten. ‘Iedereen die

met bouwen te maken heeft, loopt tegen dit probleem aan en dat zal de komende jaren ook nog wel zo blijven.’

Terwijl het budget van zorginstellingen steeds meer onder druk staat als gevolg van overheidsbezuinigingen, stegen de bouwkosten de laatste jaren aanzienlijk. ‘Het was steeds zoeken hoe we het bouwproject betaalbaar konden maken en houden. De bouwkosten zijn wel met 10 tot 15 procent omhoog gegaan, terwijl we vier procent op ons budget zijn gekort’, rekent Den Besten voor. Voordeel bij dit project was dat de grond al in het bezit was van Philadelphia Zorg.

Huisvestingskader

In samenspraak met Arcadis stelde Philadelphia Zorg het programma van eisen voor het woonzorgcomplex op. ‘De woningen zijn

nauwkeurig afgestemd op de toekomstige bewoners van het gebouw aan de hand van het huisvestingskader van Philadelphia Zorg en in overleg met zorgmedewerkers’, zegt Den Besten. Dit huisvestingskader omvat niet alleen de specifieke zorgwensen van de doelgroep, maar ook onderwerpen als (brand)veiligheid, kwaliteit, afwerking, materialen en domotica-toepassingen. ‘We nemen elk detail mee tot aan bijvoorbeeld het begrenzen van de temperatuur van de kranen toe.’

Onderhoudsarm

Het onderhoudsarme complex werd op traditionele wijze opgebouwd met breedplaatvloeren en kalkzandsteenwanden op basis van een goed ontwerp met een eenvoudige maar functionele constructie. ‘Een bouwwijze die goed in de bouwmethodiek van Dons en Troost past’, aldus Slager. Het pand is afgewerkt met

‘Modernehuisvesting

in een traditionele bouwwijze is iets wat prima bij ons past’ - Willem Slager

Aannemersbedrijf Dons en Troost

‘146kunststoffen

raam- en deurkozijnen inclusief beglazing geplaatst’

- Jeffrey Nooij

Noru Kunststofkozijnen

gevelstenen en accenten met hout. Verder is het exterieur verfraaid met luifels langs de verdiepingen, die eveneens als zonwering dienen. De appartementen zijn alle zestien uitgevoerd met een eigen warmtepomp, terwijl de studio’s een gezamenlijke warmtepomp hebben.

Om het onderhoud van het gebouw tot een minimum te beperken, is er gewerkt met onderhoudsarme materialen. Zo plaatste Noru, het bedrijf van Jeffrey Nooij, als vaste onderaannemer van Dons en Troost alle kunststofkozijnen inclusief de beglazing. Nooij: ‘We zitten meestal in de woningbouw, maar doen zo nu en dan wel grotere projecten. We hebben 146 kunststoffen raam- en deurkozijnen geleverd. We zijn nog bezig met de afwerking, maar het grote werk is gedaan.’

Verduurzamen en anticiperen op vergrijzing Het moderniseren en verduurzamen van het zorgvastgoed is een belangrijke doelstelling van Philadelphia Zorg. De zorgorganisatie heeft locaties door heel Nederland. ‘Er is wat dat betreft nog heel veel te doen de komende jaren’, beseft Den Besten. Bovendien moet de zorg zich voorbereiden op de dubbele vergrijzing. ‘Niet alleen stromen er de komende jaren veel oudere personeelsleden uit, maar door de toenemende vergrijzing komen er ook meer oudere bewoners bij.’ Bij Philadelphia Zorg wordt daar op geanticipeerd door onder andere Digicontact; dit is begeleiding op afstand via beeldbellen waar zorgvragers 24/7 terecht kunnen met hun vragen. Hierdoor houden de medewerkers in de zorglocatie tijd voor zorg die niet via beeldbellen kan. Een tweede optie om de dubbele vergrijzing het hoofd te bieden, is het inzetten van sociale robots. ‘Er wordt nog constant onderzoek naar gedaan en we hebben ondertussen een verbeterde, tweede versie. Deze zetten we al op tien locaties in. De robot kan de cliënt ondersteunen, bijvoorbeeld door de bewoner te herinneren aan het innemen van medicijnen.’

De samenwerkende bouwpartijen stonden in nauw contact met opdrachtgever Philadelphia Zorg en bouwadviesbureau Arcadis. Ze zijn het erover eens dat de goede samenwerking in het bouwteam ervoor zorgt dat het bouwproject soepel verloopt. In de loop van het voorjaar verhuizen de bewoners naar de nieuwe woonzorgappartementen.

32 Woonzorg- appartementen Oude Vlie te Emmeloord

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Stichting Philadelphia Zorg

Architect : ag NOVA architecten BNA Amersfoort

Directievoerder : Arcadis

Constructeur : WSP Nederland

Aannemer : Dons & Troost

Adviseur technische installaties : INNAX

E-Installaties : Van Drunen Installatiegroep bv

W-installaties : Blankespoor Putten

Onderaannemers & toeleveranciers

Kunststof kozijnen : Noru Kunststof Kozijnen B.V.

Deurkozijnsets, ZorgPlus schuifdeurensets, Digimate deuren : BPZ

Green Collection Metselmortel : Remix Droge Mortel B.V.

Bremer
Fotografie: AgNova, Henri Hendriks

Innovatieve woonprojecten in Súdwest-Fryslân

‘Lef nodig voor versnelling in woningbouw’

In Súdwest-Fryslân wordt volop gewerkt aan de woningbouwopgave. Wethouder Wonen Michel Rietman ziet hoe hard dat nodig is. ‘We hebben een duidelijk programma Wonen en een toegewijd team dat onze ambities waarmaakt. De uitdaging is versnellen, en daar hoort lef bij.’ De teller voor deze bestuursperiode staat inmiddels boven de duizend nieuwe woningen. ‘Tot 2030 willen we doorgroeien naar 2.300 woningen. Dat getal spreek ik bewust uit: dan blijft iedereen scherp.’

De versnelling vraagt om creatiever werken. ‘We moeten risico durven te nemen om snelheid te maken.’ Dat betekent onder meer eerder starten met voorbelasten, participatieprocessen efficiënter organiseren en knelpunten bij partijen zoals Wetterskip Fryslân vroegtijdig bespreken. ‘Hoe beter je aan de voorkant weet waar je tegenaan loopt, hoe meer tempo je houdt.’

‘Laat zien hoe het betaalbaar kan’ De vraag naar betaalbare woningen blijft groot. Daarom hanteert Súdwest-Fryslân bij elk project dezelfde mix van betaalbare koop, betaalbare huur en duurdere segmenten. ‘Je bouwt voor mensen, niet voor winst. Ontwikkelaars willen rendement, maar wij vragen ze om ook betaalbare woningen te realiseren, want daaraan is de behoefte het grootst.’ Rietman daagt de markt ook uit om innovatiever te denken. ‘Kom met modulaire woningen, met meegroeiwoningen, met nieuwe betaalbare modellen. Laat zien wat wél kan.’

Kavels en woningen splitsen

In de vele dorpen in Súdwest-Fryslân liggen ook kansen. ‘We hebben in onze 6 steden en 83 dorpen veel grote woningen en grote kavels. Met ons nieuwe beleid kunnen eigenaren ervoor kiezen om deze te splitsen. Een eigenaar met een groot perceel kan bijvoorbeeld ruimte creëren voor een tiny house. Zo kunnen mensen blijven wonen waar ze willen én plek maken voor bijvoorbeeld startende kopers.’

Hetzelfde geldt voor het buitengebied. Drie agrarische ondernemers doen mee aan een pilot waarbij het boerenerf wordt getransformeerd tot woonerf. ‘In een boerderij kun je meerdere woningen realiseren. Soms kun je op het erf zelfs een klein buurtje maken.’ Zo behoud je het landschap én voeg je woningen toe.’

Tijdelijk wonen, of op veen

Er wordt ook vernieuwend gebouwd. In Heeg ontstaat met Veenkracht een toekomstige wijk, ontworpen voor veengrond: betaalbaar, ener-

‘Kom met ideeën, samen kunnen we onze woonopgave waarmaken’

- Wethouder Michel Rietman Gemeente Súdwest-Fryslân

gieneutraal en klimaatbestendig. In Sneeknoord komt een tijdelijke woonwijk met 150 verplaatsbare woningen, een grote gezamenlijke tuin, deelauto’s en gedeelde ruimtes. ‘Mensen snakken naar sociale cohesie. Met zulke woonvormen geef je dat een impuls.’

Plein 15 Sneek, mooie herwaardering

Het voormalige kantoorpand Plein 15 in hartje Sneek kreeg een nieuwe bestemming met moderne koopappartementen, ook een mooi voorbeeld van transformatie. ‘We zien graag dat een leeg pand een nieuwe bestemming krijgt. Er is vraag naar appartementen, dit past goed in de binnenstad en het is een mooie herwaardering van het pand. Onze rol is hierbij faciliterend en kaderstellend: onze inwoners moeten gewoon goed en fijn kunnen wonen.’

Rietman besluit: ‘We hebben de komende jaren lef nodig om te blijven bouwen. We dagen inwoners en marktpartijen uit: kom met ideeën, samen kunnen we onze woonopgave waarmaken.’

Transformatie Plein 15 levert 25 stadsappartementen op

Van kantoor naar wonen in hartje Sneek

Op het Martiniplein in Sneek heeft

Bouwbedrijf De Vries Leeuwarden een markant kantoorgebouw omgevormd tot een modern wooncomplex met 25 appartementen. Een uitdagende transformatie in de binnenstad, waarbij techniek, logistiek en afstemming samenkwamen. Directeur en projectleider Theun Erik Holwerda en uitvoerder Martijn Agricola vertellen hoe zij project Plein 15 volbrachten.

Vier participanten kochten gezamenlijk het voormalige kantoorpand. ‘Naar aanleiding daarvan kregen wij deze opdracht, in bouwteam’, vertelt Holwerda. ‘We doen veel transformaties. Veel kantoren staan leeg door digitalisering en thuiswerken. Dat maakt herbestemmen heel relevant, gezien het grote woningtekort.’ Het bouwbedrijf zat voor het ontwerp om tafel met BA32 architecten. ‘We hebben een goed ontworpen en goed realiseerbaar plan gemaakt.’

Constructieve complexiteit

Achter de kenmerkende ronde bogen van Plein 15 schuilt een compleet nieuw woonprogramma. Voor uitvoerder Agricola kenmerkte vooral de constructieve complexiteit het project. ‘Je komt in een bestaand gebouw altijd verrassingen tegen. De maatvoering klopt niet altijd en sommige constructies blijken anders dan op papier. Dan moet je improviseren.’ ‘De grootste ingreep zat in de dakconstructie’, aldus Holwerda. ‘We hebben de kap vergroot om extra appartementen te realiseren. Daarvoor was een behoorlijke staalconstructie nodig.’ Die moest nauwkeurig worden ingepast in een gebouw dat oorspronkelijk niet voor bewoning is ontworpen. Vanwege de planning werkte het bouwteam van beneden naar boven. ‘Toen het dak eraf ging, hebben we ervoor gezorgd dat de verdieping daaronder droog kon blijven ondanks de weersomstandigheden.’

‘Plein 15 laat zien hoe je van een kantoorpand een toekomstbestendige

woonplek maakt’

- Theun Erik Holwerda Bouwbedrijf De Vries Leeuwarden

Gebouw in bedrijf

Onder het complex bleven een makelaarskantoor en een uitzendbureau in bedrijf. Vooral toen de riolering onder de vloer werd vervangen, had dat impact. ‘Daarvoor moest het plafond eruit’, vertelt Holwerda. ‘Beide ondernemingen zijn tijdelijk uitgeweken.’ De makelaar koos ervoor om tegelijkertijd zijn kantoor door De Vries te laten moderniseren. ‘Zo sloegen we twee vliegen in één klap.’

In het gebouw speelde maatwerk een grote rol. Elk appartement had andere opties en indelingen. ‘Geen enkel appartement was hetzelfde’, zegt Agricola. ‘Dat maakt het bewerkelijk, maar ook mooi. Kopers moeten krijgen waarvoor ze gekozen hebben.’

Laat een frisse wind waaien door uw netwerk

Wedstrijdvar en met relaties • duurzaam en milieubewust event • voor 12 personen per boot

Donderdag 11 juni 2026 13:00-20:00 uur

Bel : 06 28 2269 15 : 058 21 53 937 h.hendriks@idee-fix.nl

Logistiek in hartje Sneek

De ligging midden in Sneek vergde zorgvuldige afstemming. ‘Materialen konden niet worden opgeslagen, die moesten just-in-time worden geleverd. Dat vroeg wel wat organisatie’, aldus Agricola. De gemeente Súdwest-Fryslân dacht goed mee. ‘We konden onze steigers op gemeentegrond zetten en op een groot parkeerterrein vlakbij konden we onze auto’s kwijt’, bevestigt Holwerda. Tijdens de Sneekweek moesten alle steigers weg zijn: een eis die de planning mede bepaalde. De planning was haalbaar, want ‘we werken veel met vaste partners’, verklaart Agricola. ‘We weten wat we aan elkaar hebben, zeker als er even een tandje bij moet.’

‘In

een bestaand gebouw kom je altijd verrassingen tegen, maar juist dat maakt dit soort projecten mooi om te realiseren’

- Martijn Agricola Bouwbedrijf De Vries Leeuwarden

Wonen op een unieke plek

Met een volledig geïsoleerde schil, dakisolatie, HR++-glas en elektrische verwarming voldoet Plein 15 aan de moderne standaard. De appartementen zijn bedoeld voor een brede doelgroep. Volgens Holwerda reageren de nieuwe bewoners enthousiast. ‘Ze wonen hier prachtig, midden in de stad. Een woonplek én project om trots op te zijn.’

Transformatie 25 appartementen Het Plein te Sneek

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Martiniplein B.V.

Architect : BA32

Projectleiding : WH bedrijfs-/bouwondersteuning

Constructeur : Goudstikker de Vries

Aannemer : Bouwbedrijf De Vries Leeuwarden

E + W Installatie : P. de Vries Installatietechniek

Onderaannemers & toeleveranciers

Schilderwerk : Van der Geest Schilderspecialisten

Deurkozijnsets, Digimate deuren : BPZ

Stukadoorswerk : Afbouw Perdok

Tekst: Tine van Knijff-van Hijum
Fotografie: Bouwbedrijf De Vries Leeuwarden en Henri Hendriks

Avitec Bouw voltooit 54 betaalbare appartementen in Emmen

DRIELUIK AAN DE WEERDINGERSTRAAT BIEDT DUURZAAM WONEN VOOR IEDEREEN

Avitec Bouw uit Nieuw-Buinen heeft een ambitieus project ontwikkeld en voltooid. Aan de Weerdingerstraat in Emmen zijn 54 toekomstgerichte huurappartementen gerealiseerd, verdeeld over drie eigenzinnig vormgegeven gebouwen: De Eik (13 appartementen), De Berk (23 appartementen) en De Den (18 appartementen). Het eerste gebouw werd een jaar geleden opgeleverd; het laatste kwam in december gereed.

Henri Kuhl van Avitec Bouw blikt tevreden terug op de realisatie. ‘We hebben de klus binnen anderhalf jaar geklaard, wat best snel is voor een project van deze omvang. Het uitblijven van een strenge winter werkte daarbij in ons voordeel. Het was een van de grotere projecten in Emmen en ik ben ervan overtuigd dat het een echte aanwinst is voor het centrum en de hele gemeente.’

Toekomstperspectief

Het succes van het project smaakt volgens Kuhl naar meer. Hij ziet nog mogelijkheden op het terrein. ‘Er is nog een hoekje vrij waar prima nog een appartementengebouw gerealiseerd kan worden. Daar gaan we als het kan graag mee aan de slag.’

Karaktervol ontwerp

De drie gebouwen zijn geschikt voor alle leeftijden. Met liften in alle drie de panden zijn ze volledig toegankelijk voor mindervaliden, jong en oud. Het uiterlijk kenmerkt zich door de zogenaamde Avitec-mix: een combinatie van twee soorten bakstenen, wat een speels karakter creëert. Opvallend zijn de balkons van De Eik, waar in het hekwerk eikenbladeren zijn geperforeerd; bij de andere twee gebouwen komt het blad van de boom waarnaar ze zijn vernoemd, terug in het metselwerk.

Het complex verrees op het terrein waar ooit de dienst gemeentewerken van Emmen gevestigd was en staat te midden van bedrijfsgebouwen. ‘De architectuur moest aansluiten bij de woningen aan de overkant

van de straat. Dat is goed gelukt’, aldus Kuhl. Uniek is volgens hem de zonnecarport die voorzien is van meer dan 600 zonnepanelen. Je auto snel en goedkoop voor de deur opladen is dus geen probleem.

Waxinelichtje

Voor de bewoners biedt de nieuwbouw een voordelige en comfortabele leefomgeving. Alle appartementen zijn gasloos en maken gebruik van aardwarmte. Dankzij triple glas en uitstekende isolatie zitten bewoners er letterlijk warmpjes bij. ‘De isolatie is zo goed dat je een woning bij wijze van spreken met een waxinelichtje kunt verwarmen’, illustreert Kuhl het energiebewuste ontwerp.

Dit technische vernuft leidt tot aanzienlijk lagere energierekeningen voor de huurders.

Prachtig voorbeeld

De gemeente Emmen speelde een actieve rol bij het realiseren van het nieuwe wooncomplex aan de Weerdingerstraat. Vanuit de gemeente is een algemene verkaveling gemaakt voor het gebied, die door de ontwikkelende partij op zeer innovatieve manier is ingevuld. ‘Dit is een prachtig voorbeeld van innovatief en vooruitstrevend bouwen’, zegt wethouder Albert Jan Jakobs. ‘Door goed samen te werken met bouwer Avitec hebben we veel tijd bespaard in het voorbereidingsproces.’ Ook de provincie Drenthe heeft het project ondersteund. ‘Deze nieuwbouw geeft bewoners wooncomfort tegen lage maandelijkse kosten. Het gaat om middenhuur en dat stimuleren we als gemeente’, benadrukt Jakobs. De 54 woningen delen één gezamenlijke stroomaansluiting van 80 ampère. Hierdoor wordt het netwerk minder belast en is de energievoorziening efficiënter.’

‘Toekomstgericht en tegelijkertijd traditioneel en degelijk, met een hoogwaardige thermische schil’

- Henri Kuhl Avitec Bouw

Zeer vooruitstrevend

Het gaat om appartementen bestemd voor mensen die niet willen of kunnen kopen, maar die wel comfortabel willen wonen. Door de lage energielasten zijn de woonkosten relatief laag. Ook de zonnecarport en megabatterij kan op complimenten vanuit de gemeente rekenen. De stroom die niet meteen nodig is, wordt hierin opgeslagen. De mooi ingerichte openbare ruimte valt bij de wethouder eveneens in de smaak. ‘Het is al met al een zeer vooruitstrevend project.’

De vraag naar de woningen is groot. Avitec heeft zelfs een wachtlijst aangelegd vanwege alle interesse. ‘Dat de bouwer graag een woontoren wil toevoegen snap ik goed’, zegt Jakobs. ‘We onderzoeken of dat kan, maar moeten wel rekening houden met de omgeving en andere bouwinitiatieven.’

Slimmer en duurzamer

‘Dit

is een prachtig voorbeeld van innovatief en vooruitstrevend bouwen’

- Albert-Jan Jakobs Gemeente Emmen

De gemeente werkt aan verschillende manieren om meer woningen te kunnen bouwen. ‘Emmen doet hard haar best om het proces eenvoudiger en sneller te maken’, vertelt Jakobs. ‘Bouwers, corporaties en andere organisaties die woningen willen bouwen, kunnen hun plannen dan sneller indienen en krijgen sneller duidelijkheid of hun project haalbaar is.’ Dit zorgt voor meer tempo in het bouwen van woningen. ‘Het project met Avitec laat zien dat dit werkt als iedereen goed samenwerkt. Zo bouwen we slimmer: duurzaam, energiezuinig en gericht op wat Emmen nodig heeft.’

Kuhl benadrukt het innovatieve, toekomstgerichte karakter van de gebouwen. ‘De bedoeling is om uiteindelijk de complete gebouwen zelfvoorzienend te maken, met eigen zonnepanelen en eigen energieopslag. Alles staat er klaar voor, maar de regelgeving in Nederland staat dit helaas nog niet toe.’

54 Appartementen Weerdingerstraat te Emmen

Bouwteamleden

Opdrachtgever : BT Beheer BV

Ontwikkelaar/adviseur : Ska-pa

Architect : LYVR Architecten

Constructeur : Goudstikker de Vries

Aannemer Avitec Bouw

E en W Installaties Tabak installaties BV

Onderaannemers & toeleveranciers

Scheidingswanden, cementdekvloeren, stucen spackwerk

Heigro

Deurkozijnsets, Digimate deuren BPZ

Gevelstenen : Strating Gevelsteenmeesters

Doorstrijkmortel : Remix Droge Mortel B.V.

VOLTAGE EUROPAPARK GRONINGEN:

SOCIALE HUUR EN MIDDENHUUR MET AMBITIE

Aan de Tonkensstraat op het Groningse Europapark staat sinds afgelopen zomer een bijzonder woongebouw dat laat zien dat sociale huur en kwaliteit hand in hand kunnen gaan. Voltage, ontwikkeld door woningcorporatie Nijestee, combineert 77 sociale huurwoningen en 31 woningen in de middenhuur in een markant T-vormig gebouw van zeven verdiepingen. Het woongebouw is ontworpen door Korth Tielens architecten uit Amsterdam. Zij werkten samen met Janssen de Jong Bouw, abtWassenaar, Aalbers Installatietechniek en Laos landschapsarchitecten.

De naam Voltage is bedacht door een van de omwonenden en verwijst naar de Hunzecentrale, de elektriciteitscentrale die zorgde voor de stroomvoorziening van Groningen en omgeving en in 1998 werd gesloopt. Voltage is een gebouw dat juist energie bespaart. Met 324 zonnepanelen op het dak, warmtepompen, uitstekende isolatie en aansluiting op een collectief WKO-systeem (Warmte Koude Opslag) van WarmteStad, profiteren bewoners van een bijzonder lage energierekening.

‘We hebben echt iets moois neergezet’

- Freddy Pera Nijestee

Het project omvat in totaal honderd appartementen en acht maisonnettes. In de half verdiept gebouwde parkeergarage zijn niet alleen ruime fietsenstallingen gerealiseerd, maar ook plekken specifiek voor bakfietsen en scootmobielen.

Sociale huur met ambitie

Projectontwikkelaar Freddy Pera van Nijestee benadrukt de ambitie van het project. ‘Bij Nijestee vinden we het belangrijk dat sociale huurwoningen altijd van goede kwaliteit zijn. Op deze plek wilden zowel de gemeente als wij nog iets extra’s doen. Om dat te kunnen realiseren dacht het hele bouwteam daarom oplossingsgericht mee, met korte communicatielijnen en met aandacht en respect voor ieders rol. Iedereen stapte over zijn eigen schaduw heen’, aldus Pera. Het resultaat is ernaar: ‘Sociale huur hoeft zeker geen bodemniveau te zijn. Voltage is daar een mooi voorbeeld van. We gaan altijd voor kwaliteit, maar we hebben hier nog een stap extra gedaan dan we standaard zouden doen bij sociale huur en daarmee echt iets moois neergezet.’ Hij vervolgt: ‘Met Voltage hebben we niet alleen een duurzame woonplek gecreëerd, maar ook geholpen om het woningaanbod in Groningen te vergroten. Daarin biedt het betaalbare woningen voor verschillende groepen bewoners. Dit draagt bij aan het idee van een ongedeelde stad, waar mensen met verschillende achtergronden samen kunnen wonen, zonder dat er sociale of economische scheidingen zijn.’

Een T-vorm vol mogelijkheden

‘De karakteristieke T-vorm van Voltage is geen willekeurige keuze’, legt architect Mike Korth uit. ‘Op de aangrenzende kavel staat Energiek (voorheen Bouma Estate). We moesten op bepaalde plekken afstand houden omdat we anders te dicht op de balkons van de buren zouden zitten.’ De T-vorm bleek een perfecte oplossing: de balkons van de bewoners kijken nu uit op groen tussen de vleugels. Datzelfde geldt voor de buren van Voltage. Wat eerder een probleem leek, werd zo omgevormd tot een sterke ontwerpkeuze.

Het gebouw groeide tijdens het ontwerpproces van 90 naar 108 woningen. ‘Groningen heeft grote behoefte aan nieuwbouw, dus dat kwam goed uit’, aldus Korth. ‘Ook al is het een groot gebouw, je woont in een vleugel. Elke vleugel is een soort kleine gemeenschap van jong en oud. De jongste bewoner is net een jaar, terwijl de oudste 93 jaar oud is.’

Balkons als buitenkamers

Een opvallend kenmerk van het complex zijn de royale balkons die rondom lopen. Vanuit elke kamer stap je het balkon op en kan je een rondje lopen in je huis. ‘Het balkon is eigenlijk een soort buitenkamer’, legt Korth uit. ‘Je zit er beschut en loopt vanuit de kamer of slaapkamer zo naar buiten. Je viert het buitenleven.’

‘Het

atrium is een collectieve plek waar de bewoners elkaar ontmoeten’

- Mike Korth Korth Tielens architecten

Ontmoetingsplek en blikvanger

De architect noemt het atrium ‘het kloppende hart van het gebouw. Waar je ook staat, overal kijk je de gangen in of de verdiepingen op. Je hebt niet het gevoel dat je in een kale hal staat. Je komt er continu je buren tegen. Ik ben er erg trots op dat we daar een heel mooie ruimte van gemaakt hebben.’ De lichte hal met trappen en liften heeft vides die doorzichten over meerdere verdiepingen mogelijk maken. Langs de balustrades zijn zitplekken gecreëerd waar bewoners elkaar kunnen ontmoeten. ‘Je krijgt een gevoel van thuiskomen als je de hal binnenkomt.’

Hoge eisen

Ronald van der Bij, adviseur bouwfysica en installaties bij abtWassenaar in Groningen, benadrukt de complexiteit van het project. ‘Er zijn hoge eisen gesteld aan duurzaamheid, geluidwering, brandveiligheid en comfort. De ligging aan een drukke verkeersader en de aansluiting op het WKO-systeem waren specifieke aandachtspunten.’

De grootste uitdaging voor zijn bureau was het realiseren van voldoende daglicht in combinatie met geluidwerende gevels, en het voorkomen van oververhitting zonder actieve (maar wel met passieve) koeling. ‘De ligging nabij drukke wegen vroeg om extra aandacht voor de gevelgeluidwering om te voldoen aan een maximaal binnenniveau van 33 dB. Dit is bereikt door zware prefab betonnen gevels, HR++-glas en dubbele kierdichting.’

Parkeergarage

Van der Bij’s collega Peter van der Meer was als adviseur constructie bij het project betrokken. ‘De parkeergarage was een flinke klus. Daar rust een zware constructie van zeven bouwlagen op. In eerste instantie zou alles in beton worden uitgewerkt, maar uiteindelijk is in goed overleg met architect en bouwteam besloten om bij de bovenste vijf bouwlagen de wanden in kalkzandsteen te bouwen. Dat was een mooie duurzame oplossing.’

Een echte blikvanger zijn volgens hem de prefab balkons, gemaakt door Hibex. ‘Deze zijn rondom gekoppeld aan de vloeren van het gebouw en de balustrades van de balkonelementen vormen de horizontale banden van het gebouw. Die banden blijven in het zicht, zijn beeldbepalend voor de gevel en er is vooraf veel aandacht besteed aan een strak eindresultaat zonder wisselingen tussen elementen onderling. Productie en plaatsing daarvan was echt millimeterwerk. Het eindresultaat mag er zijn’, constateert Van der Meer. ‘Het zijn mooie ruime balkons met veel daglicht.’

‘Hoge eisen gesteld aan duurzaamheid, geluidwering, brandveiligheid en comfort’

- Ronald van der Bij abtWassenaar

‘Op de parkeergarage rust een zware constructie van zeven bouwlagen’

- Peter van der Meer abtWassenaar

Creatief en flexibel

‘Bij Voltage was de uitdaging voor het bouwteam om creatief te zijn en binnen dezelfde financiële kaders meerwaarde te creëren’, vertelt Jeroen Jonge Poerink, projectmanager bij Aalbers Installatietechniek uit Nieuw-Buinen. Hij kijkt terug op een uitdagend maar vooral leerzaam project.

‘Alleen door zeer creatief en flexibel te werken én intensief samen te werken, kon Voltage een complex van extra comfortabele sociale huurwoningen worden. Het betekende dat we niet star moesten vasthouden aan het bestek, maar juist moesten openstaan voor alternatieven en out-of-the-box oplossingen.’

‘Door te kijken naar optimalisaties ontstond er meer financiële ruimte om te investeren in extra comfort’

- Jeroen Jonge Poerink Aalbers Installatietechniek

Precisiewerk op grote hoogte

De installatie van de 324 zonnepanelen was geen sinecure. Green Involvement uit Tynaarlo voerde de opdracht uit in opdracht van én samen met Aalbers Installatietechniek uit Nieuw-Buinen. Alex Leuning van Green Involvement: ‘We moesten op grote hoogte werken en het was echt precisiewerk, er was weinig speling. Het was zeker niet een kwestie van even panelen neerleggen, want je hebt maar een beperkt aantal vierkante meters. Dat vroeg om goed overleg. Maatwerk is onze specialiteit en bij dit project hebben we ons van onze beste kant kunnen laten zien.’

Spiegelen als oplossing

Die andere manier van werken vroeg om een mentaliteitsverandering bij alle betrokken partijen. Waar in traditionele bouwprocessen iedereen vooral zijn eigen werk doet volgens strikte afspraken, was bij Voltage voortdurend overleg en afstemming nodig. ‘Wij hebben bijvoorbeeld voorgesteld de woningen te spiegelen, waardoor de technische ruimtes ruggelings tegen elkaar kwamen te liggen’, legt Jonge Poerink uit. ‘Op die manier konden we schachten voor ventilatie en riolering combineren. Door efficiënter samen te werken ontstonden er meer financiële mogelijkheden om te investeren in extra comfort.’

Logistiek en communicatie

Volgens de projectleider van Janssen de Jong Bouw Noord (bron: janssendejongbouw.nl) was het project in Groningen een uitdagende

onderneming, waarbij vooral de grote balkons zowel in de voorbereiding als in de uitvoering extra aandacht vroegen. De beperkte ruimte rondom de bouwplaats maakte een strakke logistieke planning en goede communicatie met de omgeving noodzakelijk. De aannemer gebruikte hiervoor onder andere de BouwApp, een digitaal platform waarmee op eenvoudige wijze projectupdates en meldingen over wegafsluitingen kunnen worden gedeeld en waarmee omwonenden en andere gebruikers van de app op elk gewenst moment contact kunnen opnemen met de omgevingsmanager van het bouwproject.

Architect Mike Korth noemt de samenwerking fantastisch. ‘Iedereen had het gevoel dat dit een bijzonder gebouw werd. Het plezier straalde er bij iedereen vanaf. Dat maak ik wel eens anders mee.’

Voltage 100 appartementen & 8 maisonnettes Euroborg te Groningen

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Sichting Nijestee

Architect : Korth Tielens architecten

Adviseur Bouw- en installatietechniek : abtWassenaar

Aannemer : Janssen de Jong Bouw Noord B.V.

BIM engineering : Bim2work B.V.

Installatie E&W : Aalbers B.V. Nieuw-Buinen

Onderaannemers & toeleveranciers

Behang- en schilderwerk, glas : LTB Schilders

Lichtplan en lichtberekening incl. levering materiaal : Muller Licht B.V.

Digimate deuren : BPZ

Zonnepanelen

: Green Involvement

Vloerverwarming : Temmen & Koop Groep

Vos,

Prefab en partnerschap versnellen nieuwbouw

Wold & Waard

Aan de Van Panhuyslaan in Leek realiseerden Penta Architecten, Bouwgroep Dijkstra Draisma (BGDD) en Koninklijke Damstra Installatietechniek een appartementencomplex voor woningcorporatie Wold & Waard. Het gebouw, dat binnen enkele maanden vorm kreeg, is het resultaat van een bouwproces waarin voorbereiding, prefab en hechte samenwerking centraal stonden. Voor de betrokken partijen was het project een voortzetting van eerdere gezamenlijke ervaringen, waardoor de bouw vlot verliep.

‘Als je weet wat in de fabriek mogelijk is, kun je daar gericht op ontwerpen’, zegt architect Jan Otto Schilstra van Penta Architecten. Voor Schilstra was dit ontwerp een logische ontwikkeling na eerdere ervaringen met het prefab droogstapelsysteem van BGDD. De corporatie had een duidelijke uitvraag: een compact appartementengebouw binnen vastgestelde hoogte en met een heldere functionele opzet. ‘Ze hadden de locatie bouwrijp gemaakt en aangegeven wat mogelijk was. Binnen die kaders zochten we naar samenhang en variatie’, vertelt de architect.

Gerichte ontwerpkeuzes

Het ontwerp sluit nauw aan op de mogelijkheden van BGDD’s systeem. De gevelelementen uit de eigen fabriek, met steenstrips en kant-en-klare kozijnen, vormden een belangrijke bouwsteen. ‘Het systeem hielp om gerichte keuzes te maken. We wisten precies wat er prefab mogelijk was en dat maakte het ontwerpproces heel efficiënt’, zegt Schilstra. Op de bovenste laag koos de architect voor een afwijkende aanpak met dakpannen, omdat dit mooi aansloot op de schaal van de omgeving en het gebouw een vriendelijke beëindiging gaf.

‘Het complex volgt de lijnen van de straten en houdt afstand tot de achterliggende bebouwing’ - Jan Otto Schilstra Penta Architecten

Appartementencomplex aan de Van Panhuyslaan in Leek

De ervaring van eerdere projecten speelde een grote rol. ‘We hebben met dezelfde partijen aan vergelijkbare complexen gewerkt. Daardoor wisten we wat werkt. Iedereen kende de spelregels en zo kwamen we snel tot een goed ontwerp’, zegt hij. Voor Schilstra lag de kracht van dit project in die gedeelde routine. ‘Je ontwerpt eigenlijk samen: met een bouwsysteem, een opdrachtgever en bouwpartners die precies weten wat er komt.’

Vanzelfsprekende haakvorm

Architect Jan Otto Schilstra van Penta Architecten zag in de locatie een duidelijke richting. ‘Wold & Waard ging in de uitvraag al uit van een haakvorm en dat was op deze plek heel logisch’, zegt Schilstra. ‘We hebben de lange lijnen gevolgd van de straten die hier kruisen. Aan de plantsoenkant konden we de diepte opzoeken, terwijl we aan de andere zijde aansluiten op het brede straatprofiel met de bomenrij.’

De architectuur verwijst subtiel naar de jaren vijftig en zestig, zodat deze correspondeert met de bebouwing in de omgeving. Schilstra koos voor twee langgerekte bouwstroken die iets naar binnen zijn geschoven en op de hoek samenkomen. ‘We hebben die hoek een duidelijk accent gegeven door de entree daar te plaatsen. Dat is de mooiste manier om binnen te komen, bovendien verdeelt het de loopafstanden binnen het gebouw het beste.’ De topgevels aan weerszijden van de entree versterken dit accent. ‘Door die kopjes wat uit te laten steken en ze een eigen gevel in metselwerk te geven, braken we de lengte van het gebouw en ontstond een vriendelijker schaal.’

Aansluiting op de omgeving Ook in de materialisering zocht Schilstra aansluiting bij de buurt. Twee steenkleuren wisselen elkaar af, met oranje metselwerk dat als ornament terugkomt in de lichtere gevelsteen. Verticale lijnen in dakpannen en don-

‘Door de

cyclus

van vier

weken per verdieping stond het casco met complete gevels binnen twaalf weken’

- Marc Cornelisse BGDD

kere accenten maken de woningen afzonderlijk afleesbaar. ‘We gebruiken vaak architectonische middelen om gebouwen optisch kleiner te maken’, vertelt hij. ‘Tegenover dit complex staan twee-onder-een-kapwoningen van twee lagen met een kap. Door de lange vleugels optisch te knippen en de puntgeveltjes door te trekken, sluit het veel beter aan op de schaal van de straat.’

Casco binnen twaalf weken Zodra het project van ontwerp naar uitvoering ging, kwam het bij projectleider Marc Cornelisse van BGDD terecht. Voor hem was dit het eerste appartementenproject met BGDD’S droogstapelsysteem. ‘Maar we hebben op deze manier meer appartementengebouwen gemaakt: de uitvoerder wist precies welke stappen elkaar opvolgden. Dat werkte heel prettig.’

De bouw ging snel doordat nagenoeg alles prefab was voorbereid. Het terrein was kaal opgeleverd na sloop van de voormalige school. BGDD startte met grondwerk, boorpalen en een prefab funderingsbalk, waardoor het pro -

ces nauwelijks gevoelig was voor weersinvloeden. Daarna volgden kanaalplaatvloeren en holle wanden met ingestorte installaties. ‘Zodra de wanden stonden, kwamen de prefab badkamers erin. Vervolgens de volgende verdiepingsvloer en meteen daarna de gevels, die al waren voorzien van steenstrips en kozijnen’, legt Cornelisse uit. ‘Elke verdieping had een cyclus van ongeveer vier weken. Daardoor stond het casco met complete gevels binnen twaalf weken.’ De dakpannen op de bovenste laag vormden een uitzondering, omdat die niet prefab konden worden uitgevoerd. Binnen ging de afbouw voortvarend verder, terwijl buiten de steigers relatief snel konden worden verwijderd, doordat de gevels al voor 95 procent klaar waren. ‘Het gebouw stond in korte tijd, je zag het gewoon groeien’, zegt Cornelisse. ‘Dat is de kracht van dit systeem en van het team dat er inmiddels heel ervaren mee is.’

Prefab installatiewerk

Voor Germ Prins, projectleider bij Koninklijke Damstra Installatietechniek, was het project in Leek ook een herhaling van eerdere prefab appartementencomplexen. ‘We konden eigenlijk ‘in een treintje’ door van het ene naar het andere project en ook binnen dit project volgden de werkzaamheden elkaar logisch en efficiënt op.’ Damstra dacht vanaf het begin mee over de installaties, die deels in de betonvloeren prefab zijn opgenomen en deels prefab werden aangeleverd vanuit de eigen werkplaats in Driezum. ‘Wij maken de installatie prefab klaar in Driesum, waardoor het op de bouw alleen nog gekoppeld hoefde te worden. Dat scheelt enorm veel uren en mankracht.’

Efficiëntie ontstond ook door het gebruik van skids: stalen frames waarin de warmtepomp, installatiebox, verdelers en leidingen al zijn voorgemonteerd. ‘We zetten het frame neer, koppelden de benodigde leidingen aan en vanuit het plafond sloten we het laatste stuk aan’, vertelt Prins. ‘Deze manier van werken is essentieel nu er weinig handjes beschikbaar zijn op de bouw.’

De basis van de duurzame installaties wordt gevormd door de warmte-terugwin-installaties, warmtepompen en vloerverwarming. ‘Bij de

‘Op

de bouw hoeft het alleen nog gekoppeld te worden’ - Germ Prins Koninklijke Damstra Installatietechniek

oplevering liepen we met Wold & Waard langs de installaties om alles uit te leggen, voor hun huurders. Veel mensen komen uit woningen met een cv-ketel en radiatoren en zijn gewend zelf de temperatuur te regelen. Dit werkt net even anders’, aldus de projectleider. ‘Als er nog vragen zijn, ondersteunen we daarbij. Dat hoort ook bij de samenwerking.’

Snel én zorgvuldig

Die samenwerking is voor alle partijen naar volle tevredenheid verlopen. ‘Dit appartementengebouw laat zien wat er mogelijk is als voorbereiding, prefab en ervaring samenkomen. In Leek werd snel én zorgvuldig gebouwd’, aldus Schilstra.

33 Appartementen Van

Panhuyslaan te Leek

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Stichting Wold & Waard

Architect : Penta architecten

Aannemer : Bouwgroep Dijkstra

Draisma B.V.

Installatie : Koninklijke Damstra

Installatietechniek

Onderaannemers & toeleveranciers

Zetwerken : Hospes Zinkwerk

Bevestigingsmateriaal : Raadsma IJzerhandel

Opdek deurkozijnsets, Digimate deuren : BPZ

Afvalverwerking, Transport & Recycling : NNRD/ Visser ATR

Tekst: Tine van Knijff-van Hijum
Fotografie: BGDD, Henri Hendriks, Penta, Wold & Waard

Nij Nittersum, Stedum

‘Dansmanoeuvre tussen de bomen’

In Stedum is een nieuw kleinschalig woonproject gerealiseerd dat het dorp op een subtiele maar krachtige manier létterlijk versterkt. Nij Nittersum bestaat uit negen senioren-grondgebonden woningen en vijf compacte eengezinswoningen. Een aardbevingsbestendig, duurzaam en zorgvuldig ingepast woonhof.

‘Zorgvuldig ingepast' is niets te veel gezegd, als je luistert naar het verhaal van Jochem Koster van Specht Architecten over de wijze waarop dit project ingetekend werd in de omgeving. Een van de eerste en leidende uitgangspunten was het behoud van bestaande bomen: ‘Bomen zijn het groene kapitaal van het dorp’, zegt Koster. De plaatsing van Nij Nittersum is zo georganiseerd dat zoveel mogelijk bomen behouden bleven. In het hofje zijn drie bestaande bomen opgenomen en het gebouw maakt, zo zegt de architect, ‘een dansmanoeuvre’ om die bomen heen. Op eenzelfde manier werd rekening gehouden met de zichtlijnen rondom de woningen.

Vriendelijk en kleinschalig

Volgens de architect was het essentieel om een vriendelijk en kleinschalig geheel te creëren. De woningen zijn gegroepeerd rond een groene binnentuin, waarmee het hof een beschutte, bijna dorpse sfeer krijgt. De gevels zijn vormgegeven in warm hout en zink, materialen die zowel duurzaam als expressief zijn. ‘De combinatie van duurzame materialen en die rustige hofopzet zorgt voor een vanzelfsprekende uitstraling. Het is een aaibaar geheel geworden’, aldus Koster.

Meegroeien

Ook binnenin stond kwaliteit centraal: logische plattegronden, royale lichtinval en woningen die kunnen meegroeien met de bewoners, zowel jong als oud. ‘Nu ze er gaan wonen is het een kwestie van de woning een hele cyclus van een jaar te laten doorlopen: hoe alle toepassingen zich gedragen - van herfststormen tot warme zomerdagen -, moet je ervaren en testen.’

‘Oplossing voor scheefwonen’

- Cees Kuipers Wierden en Borgen

Meer dan vervangen

Voor woningcorporatie Wierden en Borgen was de ontwikkeling van Nij Nittersum in Stedum meer dan een vervangingsopgave. Het werd een zorgvuldig geregisseerd traject binnen een gebied waar aardbevingsbestendig bouwen de norm is. Cees Kuipers, projectleider bij de corporatie, vertelt waarom het parkachtig ensemble van houtbouwwoningen zo goed past bij deze plek én bij de doelgroep. ‘De mix van seniorenwoningen en kleinere eengezinswoningen past goed in de actuele opgave van corporaties als de onze. We zien de laatste jaren veel ‘scheefwonen’: mensen die in een te grote woning blijven, terwijl anderen dringend ruimte zoeken. Door compacter te bouwen creëren we meer doorstroming’, legt Kuipers uit.

‘Een

aaibaar geheel’

- Jochem Koster Specht architecten

Ambacht

Nij Nittersum bestaat uit houtskeletbouwwoningen met een zorgvuldig gedetailleerde houten gevel. Kuipers spreekt met respect over het vakmanschap dat daarvoor nodig was: ‘De basis is prefab, maar de afwerking is op de bouwplaats gedaan. Planken in verschillende diktes, állemaal handwerk. Dat is prachtig werk voor een timmerman die echt vakidioot is. Een stukje ambacht dat terugkeerde.’ De keuze voor hout draagt bij aan duurzaamheid en toekomstbestendigheid, maar vraagt ook om precisie. Kuipers prijst het uitvoerende team: ‘Zo’n project valt of staat bij de kwaliteit van de mensen die het werk maken. Dit bouwteam heeft dat uitstekend gedaan.’

Voor nu én later

Wat Wierden en Borgen vooral trots maakt, is de duurzaamheid van het project: de lage CO₂-voetafdruk dankzij houtskeletbouw, chemisch gemodificeerd hout in de gevel, zinken details, een sedumdak en mooi geïntegreerde zonnepanelen. ‘Het is een woonproject dat past bij nu én de toekomst. Duurzaam, comfortabel en met een kwaliteit die je niet altijd in sociale woningbouw ziet.’

Samenwerkingsgericht bouwproces

Voor Jorritsma Bouw was de uitvoering van Nij Nittersum in Stedum een bijzonder project. Want hoewel projecten volledig uitgevoerd in houtskeletbouw geen dagelijkse kost zijn voor het bedrijf, paste het project naadloos in Simpl-i, het samenwerkingsgerichte bouwproces dat Jorritsma gebruikt. Projectleider Theo Huisma: ‘Simpl-i gaat niet over één type woning, maar over hoe je met vaste partners samenwerkt. Dit project paste daar perfect in: korte lijnen, vaste teams en een gedeelde focus op kwaliteit.’

Bevingsbesteding

In Noord-Groningen is aardbevingsbestendig bouwen noodzakelijk. Nij NIttersum is daardoor onderdeel van de versterkingsopgave van Nationaal Coördinator Groningen (NCG). Voor Nij Nittersum betekende dat een zorgvuldige opbouw: een robuuste betonnen beganegrondvloer, daarboven een lichte maar goed verankerde houtskeletconstructie. ‘Bevingsbestendigheid kun je op verschillende manieren bereiken’, weet Huisma. ‘Soms bouw je volledig in beton, maar hier past juist een lichte opbouw die kan bewegen. De verankering tussen fundering, vloer en houtskelet is extra zwaar uitgevoerd.’ Het gehele ontwerp werd uiteraard door NCG getoetst op bevingsveiligheid. ‘Elke verbinding moest kloppen. HSB kan heel goed werken in bevingsgebied, maar je moet het wel zorgvuldig detailleren.’

Drukpalen

De ligging midden in een woonwijk maakte het project extra gevoelig voor hinder. Trillingen door heiwerk waren geen optie. Daarom werd gekozen voor drukpalen, een techniek die veel minder vaak wordt toegepast. ‘Dat was een van de innovaties in het project’, zegt Huisma. ‘Heien kon niet, dus hebben we funderingspalen met drukstelling gebruikt via een speciale machine. Geen trillingen en veel minder overlast. Er zijn maar een paar van die installaties beschikbaar in Nederland, dus we moesten vooraf goed plannen én vroeg reserveren.’

Waardering

‘Geen

dagelijkse kost’

- Theo Huisma Jorritsma Bouw

De communicatie met de buurt was cruciaal: startbrieven, meldingen, afstemming op schooltijden. Huisma: ‘Je bent te gast in een wijk. Zeker met kinderen in de buurt moet je scherp zijn.’ Met duidelijke afspraken rond rijroutes, schooltijden en veiligheid verliep de uitvoering soepel. Wat ervoor terugkwam, was waardering vanuit het dorp. Niet in de laatste plaats omdat de bestaande naam Nittersum, afkomstig van het oude verzorgingsgebouw, niet werd vergeten. Huisma: ‘We hebben die naam weer netjes teruggebracht. Zo blijft er een stukje geschiedenis zichtbaar.’

14 Woningen

Nij Nittersum te Stedum

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Wierden en Borgen

Architect : Specht Architecten

Adviseur : Sijperda-Hardy Adviesbureau

Constructeur : Goudstikker de Vries

Bouwkundig aannemer : Jorritsma Bouw BV

Installaties : Breman Drachten

Onderaannemers & toeleveranciers

Opdek deurkozijnsets, Zorgplus schuifdeurensets : BPZ

Hekwerk & toegangspoort : Habistad

Afvalverwerking, Transport & Recycling : NNRD/ Visser ATR

Tekst:
Thea van der Schaaf
Fotografie:
Hilvert
Huizing, Henri Hendriks,
Marieke
Kijk in de Vegte
14 klimaatadaptieve woningen aan de Zuiderstraat in Middelstum

‘Greun Haim’: uithangbord voor het bouwen van de toekomst

‘Uniek in Nederland’, noemt woningstichting Wierden en Borgen de bouw van veertien klimaatadaptieve sociale huurwoningen aan de Zuiderstraat in Middelstum. ‘Greun Haim’ krijgt dan ook niet voor niets veel bekijks van collega-corporaties en aannemers.

‘We hadden een verduurzamingsopgave bij de oude woningen in de Zuiderstraat. Uiteindelijk is er besloten deze in te vullen door sloop met vervangende nieuwbouw. In 2023 zijn we hiermee gestart’, schetst Wessel Holman de oorsprong van het project. Hij is duurzaamheidsadviseur bij Wierden en Borgen. ‘We hebben toen ook besloten: op deze prominente plek in Middelstum – tegenover de school en vlak bij de voetbalclub – willen we iets extra’s doen: we maken er een klimaatadaptieve straat van.’

Uitdaging aan bouwbedrijven Cees Kuipers, projectleider namens de corporatie: ‘We hebben toen met Specht Architectuur en Stedenbouw een concept opgesteld

van wat we ongeveer verwachtten, daarna zijn we de markt op gegaan. Het was nadrukkelijk geen aanbesteding op basis van bestek en tekeningen, maar een uitdaging aan bouwbedrijven om met hun eigen product, onze wensen te vervullen.’

Lont uit Sint Annaparochie, de werkgever van projectontwikkelaar Timon Oostra, zag het wel zitten om het ontwerp door te ontwikkelen. ‘De ambities van Wierden en Borgen passen precies bij hoe wij als bedrijf naar de toekomst kijken’, zegt Oostra. ‘Niet zomaar woningen bouwen, maar toekomstgericht bouwen door een duurzame en sociale leefomgeving te creëren. Daarom zijn we ook zo blij dat we dit project gegund hebben gekre-

gen. Met onze toegewijde partners – een bouwteam met VMEZ Architecten, Mensonides Installaties en W2N Engineers – hebben we een realistisch en duurzaam plan weten te maken dat aansluit bij de wensen van de opdrachtgever.’

Winnend plan

‘Een winnend plan moet er mooi uitzien en recht doen aan de locatie’, zegt architect Lolke Wijtsma van VMEZ. Oostra: ‘Met het bouwteam hebben wij de vraag achter de vraag weten te achterhalen. We hebben de klimaatadaptieve wensen van de opdrachtgever op een betaalbare en kwalitatieve manier weten te verwerken in de woningen.’ Wijtsma vult aan: ‘Ik denk dat Wierden en Borgen blij

verrast was met het plan dat wij ze konden bieden.’ Kuipers: ‘Lont had het beste plan op basis van ontwerp in combinatie met de prijs. En ze hebben het ook waargemaakt, we zijn erg blij met deze aannemer die staat voor de kwaliteit van zijn product.’

Lichte constructie

Het gaat in de praktijk om vier blokjes van gezins- en seniorenwoningen van één en twee verdiepingen, opgetrokken in hsb op een fundering van palen met een gestorte betonvloer erover. ‘Dat is sowieso al een lichte construc-

‘We wilden iets extra’s doen’

- Wessel Holman Wierden en Borgen

‘Bouwbedrijven uitgedaagd’

- Cees Kuipers Wierden en Borgen

tie – gunstig in het kader van aardbevingsbestendigheid – maar we hebben ook extra trekverankering toegepast’, zegt Tim Daemen van W2N Engineers. ‘Constructief en tekentechnisch kwamen we niet per se moeilijkheden tegen: het ontwerp was bewust simpel gehouden, juist om geen ingewikkelde – en dus dure – oplossingen te hoeven toepassen.’

‘Extratrekverankering

toegepast’

Qua uitstraling koos Wijtsma voor houten gevelbekleding in verschillende kleuren. ‘De woningen aan de kant van de Coendersweg kregen een roodbruine kleur, die aansluit bij de rode baksteen die je veel ziet in de rest van het dorp – en sowieso in Groningen. De andere woningen staan tegenover de basisschool, daar hebben we voor natuurlijk vergrijzend hout gekozen.’

Warmte buiten houden

Klimaatadaptief bouwen betekent in de woorden van Holman ‘dat de woningen beter bestand zijn tegen klimaatverandering én dat je een duurzamere en gezonde leefomgeving creëert.’ ‘Zorg dus in elk geval dat de huizen

de weer.’ Het zit bijvoorbeeld ook in de indeling van de plattegrond, met slaapkamers aan de schaduwzijde. En in het sedumdak, dat de warmte keert en bijdraagt aan een aangenaam binnenklimaat. En dat bovendien de biodiversiteit verbetert en bij hevige regen het water tijdelijk vasthoudt, zodat het riool niet te veel belast wordt.

Regenwater benutten

In dat kader zijn ook de ‘raingardens’ ingepast, waar het water zich kan verzamelen om langzaam in de bodem te infiltreren. In iedere achtertuin ligt een ingegraven regenwaterput van 1.500 liter. Het opgevangen regenwater wordt gebruikt om toiletten door te spoelen en de buitenkraan te voeden voor tuinbesproeiing. Kortom: het regenwater wordt gebruikt voor toepassingen waarvoor geen drinkwaterkwaliteit nodig is. ‘Dat is een mooi systeem’, zegt Lourens van der Weerd, projectleider namens Mensonides Installaties. ‘Het heet Slim Rain. Als je het op de grond ziet staan is het een flinke bak, maar eenmaal ingegraven heb je alleen nog een putdeksel in de zomer niet te veel opwarmen en in de winter met weinig energie warm te houden zijn’, doceert Wijtsma. Voor het laatste is goede isolatie – in dit geval met duurzame houtvezels – van belang. Voor het eerste vooral de bouwfysica. ‘Je werkt met diepe neggen om de warmte van de zon buiten te houden. In elke tuin wordt een boom geplant en er worden pergola’s en een sedumdak toegepast. Maar ook zomernachtventilatie, een natuurlijke vorm van koeling: een raam in de nok en draai-/kiepluiken met roosters in de voorgevel. In een warme zomer zet je die allemaal open als je naar bed gaat: dankzij het schoorsteeneffect haal je de koelte van de nacht je huis binnen en hoef je niet met een airco in

‘De

warmte van de zon buiten houden’

- Lolke Wijtsma VMEZ Architecten

‘Duurzame en sociale leefomgeving creëren’

van 50 cm in het zicht.’ In de woning bevindt zich een besturingssysteem dat het volledige regenwatercircuit regelt. Het controleert het niveau van de regenwatertank en schakelt automatisch over naar leidingwater wanneer dat nodig is. ‘Kun je nagaan hoeveel leidingwater dit bespaart.’

Passief passend maken

Voor Mensonides sprong de regentank eruit als een bijzonder innovatieve toevoeging binnen alle E- en W-werkzaamheden die het bedrijf realiseerde. De woningen kregen daarnaast een warmtepomp, vloerverwarming, waterleidingsinstallatie, sanitair, mechanische ventilatie, elektrische installatie en zonnepanelen. ‘Bij klimaatadaptief bouwen hoort ook dat je het juist zo min mogelijk in techniek zoekt’, weet Van der Weerd. ‘Je probeert op een passieve manier het huis passend te ma-

ken’, vult Wijtsma aan. ‘Het zou zonde zijn om eerst de zon erin te laten om daarna de hitte te moeten verdrijven.’

Sociale cohesie

De Zuiderstraat is niet zomaar een straat met vier blokjes huizen geworden. De ontwikkelaars noemen het graag ‘Greun Haim’, omdat het een groen, sociaal en comfortabel buurtje

moet zijn. De straat heeft – om maar iets te noemen – extra bomen en er zijn volop nestkastjes opgehangen voor vogels en vleermuizen. ‘Maar we willen ook de sociale cohesie tussen de bewoners bevorderen’, zegt Kuipers. ‘Daarom liggen de voortuinen bijvoorbeeld grotendeels op het westen: dat nodigt uit om daar van de middag- en avondzon te gaan genieten – samen met je buren.’

‘De straat is ook autovrij’, vult Holman aan. ‘Ook bewoners mogen er alleen in om even de auto uit te laden, bijvoorbeeld na het boodschappen doen. Ze moeten altijd een loopje maken van en naar de parkeerplaats om de hoek. Dan kom je dus altijd buurtgenoten tegen. En het is natuurlijk ook veilig buitenspelen voor de kinderen.’ Kuipers vult aan: ‘En direct naast de straat loopt een fietspad. Dat spoort mensen aan om de fiets in plaats van de auto te pakken.’ Oostra noemt dat de woningen en de tuinen instapklaar en groen worden opgeleverd, zodat ze direct leefbaar zijn en een mooie eenheid vormen met de straat.

Uithangbord

Alles bij elkaar is ‘Greun Haim’ een uithangbord voor sociale woningbouw van de toekomst. Wierden en Borgen kreeg er subsidie voor uit het innovatiefonds van BuildinG, het kenniscentrum voor bouw en infra in Noord-Nederland van Hanze. ‘Je kunt als corporatie wel roepen: wij willen voortaan klimaatadaptief en biobased bouwen, maar het is fijn om het – met een financieel steuntje in de rug – ook echt eens te kunnen uitproberen’, zegt Holman. ‘Dan leer je pas wat erbij komt kijken, wat nu al goed werkt en wat we een volgende keer anders moeten doen.’

‘Juist

zo min mogelijk techniek’

- Lourens van der Weerd Mensonides Installaties

Kennis delen

In een aantal woningen komen sensoren te hangen om temperatuur, luchtvochtigheid, energieverbruik en het bespaarde water door de regentank te meten. Dit om te zien of het klimaatadaptieve ontwerp in de praktijk net zo functioneert als verwacht.

De leerpunten houdt de corporatie uiteraard niet voor zichzelf. ‘Zo’n project is er juist om kennis te delen: we zijn al met zeker 130 mensen op de bouwplaats geweest, bijvoorbeeld van JongWonen, het netwerk voor jonge corporatiemedewerkers in Noord-Nederland.’ Timon Oostra vertelt dat ze ook een grote groep kinderen van de school aan de overkant op excursie hebben gehad. Kuipers: ‘Lont had een mooi informatiebord met uitleg over alle klimaatadaptieve maatregelen gemaakt. In een soort bushokje, met ook wat voorbeelden van een sedumdak, houtvezelisolatie, gevelbekleding enzovoort. Dat vinden mensen razend interessant.’

14 ECO klimaat woningen te Middelstum

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Woningstichting Wierden en Borgen

Architect : Van Manen en Zwart

Constructeur : W2N Engineers

Aannemer : Lont

Installateur : Mensonides Installatie B.V.

Onderaannemers & toeleveranciers

HSB casco : Kramer's Houtconstructies

Afvalverwerking, Transport & Recycling : NNRD/ Visser ATR

Tekst: Arjen
Bakker
Fotografie: Henri Hendriks, Hilvert
Huizing, VMEZ

Zes levensloopbestendige biobased woningen in Diever

Ervaring opdoen met biobased bouwen

Aan de Valkenakker in Diever zijn in opdracht van de Drentse woningcorporatie Actium zes levensloopbestendige, biobased woningen voor senioren gebouwd. De bijzondere circulaire en duurzame bouwwijze was aanleiding om het project in te zenden voor de Drentse Architectuurprijs 2025, als een van de 27 kanshebbers. ‘Het is vooral het verhaal achter de woningen dat aanspreekt’, aldus projectleider Edger Alberts van Actium.

Hier, in het hart van Diever, stond voorheen het zwaar verouderde dorpshuis Dingspilhuus. Het gezichtsbepalende pand werd een aantal jaren geleden gesloopt en vervangen door een park met wadi en tribune. Actium nam een deel van de vrijgekomen ruimte over en realiseerde er zes seniorenwoningen met een gemeenschappelijk tuin.

Karakteristiek Drents ‘Met de eenvoudige en Drentse uitstraling gaan deze seniorenwoningen goed op in omgeving’, vindt Edger Alberts van Actium. Het programma van eisen van de gemeente Westerveld resulteerde erin dat er op een prominente plek in het dorp zes sociale huurwoningen met een lage gootlijn, zwart houten

potdekselwerk, lichte kaders om de ramen en een beeldbepalend hellend dak zijn gerealiseerd. De bergingen werden binnenshuis weggewerkt. De karakteristieke kenmerken van de woningen doen denken aan een Drentse boerenschuur. Door de hergebruikte dakpannen - afkomstig van een sloopproject en voorzien van zonnepanelen met een “tweede leven” - passen de woningen goed in het dorp. ‘Ze lijken er al langer te staan’, legt eigenaar-directeur Ron Doornenbal van het gelijknamige aannemersbedrijf uit.

Doorstroming op de woningmarkt

De begane grond van de woningen bestaat uit de entree, woonkamer en keuken, een slaapen een badkamer. Op de verdieping bevinden

zich twee slaapkamers. ‘De levensloopbestendige woningen zorgden voor doorstroming op de woningmarkt, zodat er gezinswoningen vrijkomen voor starters’, aldus Alberts. Bewoners in Diever van eengezinswoningen van Actium werden aangeschreven om te peilen of ze belangstelling hadden voor de nieuwe huurwoningen. Vier van de zes woningen zijn op deze wijze toegewezen. De bovenverdieping met extra ruimte trok sommige bewoners over de streep.

Pilot

‘Het was een pilotproject voor de woningcorporatie’, vervolgt Alberts. Actium koos er voor de eerste keer voor om op extreme manier biobased en circulair te bouwen, waardoor het project in aanmerking kwam voor de MIA-subsidie. De overheidssubsidie wordt berekend volgens de strenge MPG-score. Alberts: ‘Er komt wel veel papierwerk bij kijken. Alles moet gekeurd worden en de aannemer moet alle materialen kunnen verantwoorden met inkoopbonnen en dergelijke.’

‘De zware eisen werden tijdens de bouw nog verder aangescherpt’, memoreert de projectleider. ‘Het werk was al gegund. Door de aanscherping van de MPG-waarde van 0,5 naar 0,4 moesten we weer terug naar de tekentafel.’ Het is uiteindelijk gelukt om de zes

‘De

zware eisen voor de MIA-subsidie werden tijdens de bouw nog verder aangescherpt’

- Edger Alberts

Woningcorporatie Actium

woningen te bouwen met een zeer lage impact op het milieu, getuige de MPG score van 0.373. Zo zijn de buitenkozijnen gemaakt van frakéhout, een thermisch gemodificeerd snelgroeiend loofhout. Alberts: ‘Het is materiaal dat hernieuwbaar is binnen de levensduur van de woning. In tegenstelling tot tropisch hardhout, wat een langere vervangingstijd kent.’

Dampopen

Aannemer Bouwbedrijf Doornenbal voerde de huurwoningen geheel uit in houtskeletbouw, waarbij zoveel mogelijk biobased materialen zijn gebruikt. In plaats van de traditionele opbouw met dampremmmende/dampopen folie en minerale wol is er gekozen voor folieloos bouwen met biobased houtwol. De constructie ‘ademt’ en kan vocht opnemen en afgeven. Dit zogenaamde dampopen systeem

zorgt voor een constante vochthuishouding.

De biobased isolatie heeft daarnaast een veel hogere faseverschuiving dan de traditionele minerale wol, wat zorgt voor een gelijkmatige temperatuur in zowel de zomer als de winter.

De binnenwanden werden afgewerkt met biobased keimverf, een verfsoort die leefvocht naar buiten kan transporteren. ‘In traditioneel geïsoleerde huizen woon je als het ware in een plastic zak. Dat is hier niet het geval. Het

dichten van alle kieren en naadjes vormde nog wel een uitdaging’, aldus Ron Doornenbal. ‘We wilden niet purren, maar hebben de kieren opgevuld met vlasstroken en deze vervolgens afgeplakt ten behoeve van een goede luchtdichtheid.’

Hout

De verdiepingsvloer is gemaakt van massief CLT-hout van twintig centimeter dik. De vloer ligt aan de onderkant in het zicht en

zorgt voor een warm en robuust gevoel. ‘Het gebruik van veel hout in de woning wordt als heel prettig ervaren door de bewoners’, weet Alberts. ‘Het voelt nooit koud aan en zorgt voor een prettig woonklimaat.’

‘Dampopen systeem zorgt voor constante vochthuishouding en gelijkmatige temperatuur’

- Ron Doornenbal Bouwbedrijf Doornenbal

Plug en play installatie

‘Door het ontbreken van kruipruimte moest de waterleiding door het verlaagde plafond’

- Tim Jongs Mooj Techniek

Op de CLT-vloer ligt een zwevende dekvloer, waardoor er voldoende ruimte is voor al het installatiewerk. ‘Door het ontbreken van kruipruimte in de Hectar-fundering (fundering en beganegrondvloer in één, red.) moest de waterleiding door het verlaagde plafond’, aldus Tim Jongs van Mooj Techniek. De woningen worden verwarmd door een gemeenschappelijke ITHO aardwarmtepomp en zijn voorzien van een 200 liter tapwaterboiler en warmte-terugwin-installaties. ‘Door veel eigen voorwerk, ook van diverse leveranciers, kon het werk eenvoudig plug en play worden geïnstalleerd’, legt Jongs uit.

Het biobased bouwen ‘smaakt naar meer’, besluit Alberts. ‘Maar dan moeten de projecten wel opgeschaald worden om het financieel aantrekkelijker te maken.’ Met de steeds strengere overheidseisen en het vooruitzicht om vanaf 2050 compleet CO2-neutraal te moeten bouwen is Actium blij met de ervaringen die ze hebben opgedaan met het biobased bouwen. ‘De bouw is nu vooral nog traditioneel ingericht. Maar biobased zal steeds belangrijker worden. We hebben straks geen keuze meer. Het is vooral de vraag wanneer en hoe we overstappen.’

6 Levensloopbestendige bio-based woningen te Diever

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Actium Wonen afd Vastgoed

Architect : Attika Architekten

Adviseur : Bureau 1232

Constructeur : Pieters Bouwtechniek

Aannemer : Bouwbedrijf Doornenbal B.V.

Installateur : Mooj Techniek

Onderaannemers & toeleveranciers

Zandcementdekvloeren, stukadoors-, spackwerk : Paas Totaalafbouw B.V.

Biobased prefab elementen : BTF Prefab BV

Dak- en zinkwerken : Hovinga Dak & Zinkwerken

Schilderwerk, glas en vliesbehang : Schildersgilde Friesland

Engineering en leveren CLT panelen : KoningsBlaauw Houthandel

WOONHUIS LAGEWEG, ZUIDLAREN

‘GEEN GEWOON WOONHUIS, MAAR EEN KUNSTWERK’

Een zwevend terras, een zinken dak, en compleet schots en scheef: in Zuidlaren is een nieuw en bijzonder woonhuis gerealiseerd. ‘Ik heb nog nooit eerder een huis gebouwd waar zo weinig logica in zit’, zegt aannemer Kees Apoll. Erwin Sanneman, eigenaar van The Concrete Factory, noemt het storten van de vloer van deze woning ‘iets wat hij niet snel zal vergeten’.

Aan de Lageweg in Zuidlaren staat sinds maart dit jaar een nieuwe, vrijstaande familiewoning. Het ongewone ontwerp is gemaakt door Maas Kristinsson Architecten. Samen met onder andere Apoll Bouw als aannemer is het gelukt om dit bijzondere woonhuis van tekening naar realiteit te transformeren.

Een Drentse boerderij, maar dan anders

Het ontwerp is geïnspireerd op de kleine, traditionele Drentse boerderijen – opvolgers van de plaggenhut – waarvan de rieten kap bijna tot aan de grond reikte. Bij dit royale woonhuis is het riet vervangen door strak aangebrachte felsbanen van zink, die eveneens doorlopen tot aan de grond. De losstaande carport is in dezelfde stijl gerealiseerd.

Schots, scheef en maatwerk

De grootste uitdaging zat niet alleen in het uiterlijk, maar vooral in de uitvoering. ‘Het hele ontwerp is schots en scheef’, vertelt Kees Apoll, directeur van Apoll Bouw en aannemer van het project. Dat betekende eindeloos veel maatwerk, van kozijnen en dakdetails tot zelfs de nisjes in de badkamers. Bovendien moest een reeks totaal verschillende materialen naadloos op elkaar aansluiten: zink, hout, staal, beton en kalkzandsteen.

‘We

hebben slimme en creatieve alternatieven toegepast’

- Kees Apoll

Apoll Bouw

Zinken felsen

Dat bracht de nodige technische puzzels met zich mee. Zo moesten de lijnen van de zinken felsbanen – de opstaande naden in het zink op dak en gevel – volledig doorlopen. Daarbij verschillen de felsbanen op het dak in breedte ten opzichte van die op de wand. Het vroeg om volledig maatwerk om de lijnen exact op elkaar te laten aansluiten en perfect te laten uitkomen. En hoewel het eindresultaat heel vanzelfsprekend oogt, was de uitvoering voor de zinkwerker bijzonder complex.

Doorlopende vloer

Bijzonder is ook de vloer, gerealiseerd door The Concrete Factory. Die loopt vanuit de woonkamer door naar buiten en eindigt daar als een ‘zwevend’ terras. ‘Ik zal het storten van deze vloer niet snel vergeten’, zegt Erwin Sanneman, eigenaar van The Concrete Factory. Apoll Bouw maakte de bekisting, The Concrete Factory heeft vervolgens een massieve betonplaat geleverd waarover de betonnen vloer is gegoten, daarna is de massieve betonplaat ertussenuit getrokken. Dat zorgde ervoor dat ongeveer vijftig centimeter van het terras daadwerkelijk vrij hangt. Het resultaat oogt eenvoudig, maar was technisch allesbehalve dat.

The Concrete Factory woonbetonvloeren

Onze innovatieve vloeren combineren functionaliteit met een strak en modern design. Ze passen perfect bij zowel nieuwbouw- als renovatieprojecten. De vloersystemen hebben een zeer efficiënte thermische geleidbaarheid, waardoor comfort en rendement worden verhoogd. De dekvloer is meteen eindvloer, extra vloerbedekking is niet nodig. Het resultaat: een onderhoudsvriendelijke, naadloze vloer die jarenlang meegaat. Leverbaar in vijf prachtige kleuren.

‘Samenhang tussen aannemer, opdrachtgever en architect was heel prettig’ - Erwin Sanneman

The Concrete Factory

Van tekening naar woonhuis

Na een zoektocht van vier maanden kwamen de architecten van Maas Kristinsson uit bij Apoll Bouw. Kees Apoll: ‘Ze konden er niet uitkomen met een andere aannemer, dus zijn wij met elkaar rond de tafel gaan zitten.’ Het realiseren van het ontwerp bleek nog niet zo makkelijk. ‘Toen ik de tekening voor het eerst zag werd ik meteen enthousiast, maar toen het project eenmaal van start ging dacht ik: waar heb ik nu weer ja tegen gezegd?’, bekent Apoll.

De aannemer kreeg het project door de prijs die relatief laag was. ‘We hebben slimme en creatieve alternatieven toegepast, wat terug te zien is in het uiteindelijke prijskaartje’, legt Apoll uit. ‘Zo is de basis van het huis - het volledige houtskelet - door onszelf op maat gemaakt nadat we het eerst in 3D uitgetekend hadden.’

Mooiste compliment

Zowel Apoll als Sanneman kijken tevreden terug op de samenwerking. ‘Ik vond de samenhang tussen aannemer, opdrachtgever en architect heel prettig’, zegt Sanneman. Apoll is trots op het eindresultaat: ‘Het is geen gewoon woonhuis geworden, maar een kunstwerk.’ Dat oordeel wordt overigens bevestigd door de opdrachtgever, die inmiddels opnieuw contact heeft gezocht voor een vervolgopdracht. ‘Dat is het mooiste compliment dat je kunt krijgen’, besluit Sanneman.

Drentse Architectuurprijs

Het woonhuis was dit jaar als een van zeven projecten genomineerd voor de Vakjuryprijs van de Drentse Architectuurprijs. ‘Het is natuurlijk het ontwerp van de architect,’ zegt Apoll, ‘maar als wij onze nek niet hadden uitgestoken, was het gebouw er misschien nooit komen te staan. Dus ik ben er trots op.’

Woonhuis Lageweg te Zuidlaren

Bouwteamleden

Architect : Maas Kristinsson Architecten

Adviseur : Bouwcontour

Constructeur : Bolwerk Weekers

Aannemer : Apoll Bouw

Installateur : Installatietechniek Vaatstra B.V.

Onderaannemers & toeleveranciers

Vloerafwerking : The Concrete Factory

Doorstrijkmortel : Remix Droge Mortel B.V.

Fotografie:
R.J. Kiewiet

Duplex- en gezinswoningen, vier galerijflats in Molenbuurt Assen

VERNIEUWEND CONCEPT BELOOND MET ARCHITECTUURPRIJS

In tien jaar tijd vernieuwde woningcorporatie

Actium haar bezit in de Molenbuurt in Assen, via renovatie of sloop. De laatste projecten zijn de kroon op het werk: de ‘Vier op een rij-flats’

aan de Thorbeckelaan wonnen de Drentse

Architectuurprijs 2025, de vernieuwende duplexwoningen een eindje verderop kregen

een nominatie.

Zowel de galerijflats – vier gebouwen met twintig appartementen – als de duplexwoningen aan de ing. J.W. Albardastraat en Thorbeckelaan (35 nieuwe woningen op de plek van 22 gesloopte) zijn ontworpen door architect-eigenaar Emiel Noordhuis van De Deur in Huis in Groningen en gebouwd door Gebroeders Benus BV uit Musselkanaal, met het installatiewerk door Tabak Installatietechniek uit Ter Apel.

Vergelijkbare casco’s, andere uitstraling

Onlangs realiseerden dezelfde partijen ook nog dertig duplex- en negen eengezinswoningen aan de Nansenstraat. ‘Het leuke daaraan is dat de duplexwoningen qua casco vergelijkbaar zijn met die van het eerste project – met dezelfde complexe stapeling – maar met een heel andere uitstraling’, zegt Emiel Noordhuis. ‘De Thorbeckelaan is een drukke verkeersader, de Nansenstraat juist een rustige woonstraat; bij de eerste passen statige ‘herenhuizen’ met onder meer een erker en een forse dakkapel, bij de tweede balkons en beneden een plekje om buiten te zitten.’

Variatie

In beide gevallen zit de truc van het ontwerp erin dat het van de straatkant lijkt of er een rij eengezinswoningen staat van twee lagen met een kap. In werkelijkheid zitten boven elke twee gelijkvloerse benedenwoningen (gezinswoningen met drie slaapkamers), drie split-level-appartementen voor een- en tweepersoonshuishoudens. ‘Een heel aantrekkelijk concept’, zegt Michiel Roosendaal van Actium. ‘We kunnen op deze gewilde plek vlak bij het centrum nu zowel gezinnen als starters bedienen. En de ‘herenhuizen’ doen het ook goed in het straatbeeld. Er stonden in de wijk veelal portiekwoningen en kleine gezinswoningen. Die wil je niet allemaal vervangen door appartementengebouwen. Er moet wat variatie blijven.’

Puzzel

Het concept ‘3 boven 2’ mag dan veel voordelen hebben voor verhuurder, bewoners en omwonenden, voor een bouwer en installateur is het ingewikkelder op te trekken dan een doorsnee gezinshuis. ‘Als er twee woningen boven elkaar zitten, heb je sowieso al een opgave qua brandscheiding en geluidsoverdracht’, zegt Gert Norder, projectleider van Gebr. Benus. ‘In dit geval heb je ook draag-

‘Iedere woning zijn eigen bron’

muren die niet boven elkaar zitten: ze staan op de verdieping in feite halverwege de vloer. Daar moet dus aardig wat meer wapening in, maar tegelijkertijd moet je ook alle kabels en leidingen in die vloer kwijt, want je kunt geen leidingschachten recht naar boven bouwen. Dat is wel een puzzel geweest voor de vloerenleverancier en de constructeur.’

‘En ook voor de installateur’, voegt Henk Sluiter van Tabak Installatietechniek toe. ‘Maar gelukkig is alles in het voortraject goed uitgeëngineerd, zodat we tijdens het bouwen geen problemen tegenkwamen.’ Wat tijdens het werk nog wel uitdagend was: ‘Het boren van de bronnen voor de aardwarmtepompen. Iedere woning heeft zijn eigen bron. Om interferentie te voorkomen, moeten die een minimale afstand uit elkaar zitten. Die ruimte was er maar nét op het terrein.’ Het was wel de moeite waard, vindt Sluiter: ‘Warmtepom-

‘Een heel aantrekkelijk concept’

- Michiel Roosendaal Actium

pen op aardwarmte kennen het laagste energieverbruik en vragen weinig onderhoud en dus weinig kosten in gebruik. En je zit ook niet met buitenunits waar je een plek voor moet vinden en die geluidsoverlast kunnen opleveren.’

Vier op een rij

Dezelfde bouwpartijen realiseerden aan de Thorbeckelaan ook vier appartementengebouwen van elk twintig woningen. Hier stonden vier naoorlogse portiekflats, die niet meer toekomstbestendig te maken waren. ‘Ze hadden geen lift en een half-verdiepte berging, dus je kon er geen nul-treden-gebouw van maken’, legt Roosendaal uit. ‘Gezien de vergrijzing is dat wel het meest gewenste product.’

Alzijdig

‘Uitdaging om een alzijdig gebouw te maken’

- Emiel Noordhuis

De Deur in Huis

Actium koos dus voor vervanging op dezelfde oppervlakte en vroeg architect Noordhuis om daarvoor de puzzel te leggen. Opnieuw portiekflats bouwen zou niet efficiënt zijn – pas maar eens drie liften én drie trappenhuizen in één blok, om over de kosten maar te zwijgen. Maar het alternatief, een galerijflat, zou omwonenden kunnen afschrikken omdat die meestal wel een mooie voorzijde hebben, maar een saaie achterzijde met galerijen waar continu mensen lopen. ‘De uitdaging was om een alzijdig gebouw te maken’, zegt de architect. ‘Dat is gelukt door de woningen op de kopse kanten overhoeks te maken. Daardoor heb je een veel kortere galerij nodig, waar we vervolgens de metselwerkgevel over hebben laten doorlopen.’

Functioneel gekozen gaten in de galerijgevel zorgen voor een doorlopend geheel, terwijl de kenmerkende hekwerken van de galerijflat tot een minimum zijn teruggebracht. Dankzij die half open gevel lijkt het of je van buiten tegen inpandige balkons aankijkt in plaats van tegen verkeersruimtes. ‘Daar komt nog bij dat de woningen op de begane grond gewoon vanaf de straat ontsloten worden. Dat vergroot de relatie van het gebouw met de omgeving en de dynamiek buiten.’

Kelders

Die voordeuren op maaiveld konden er komen omdat de bergingen niet langer half verdiept, maar helemaal ondergronds zijn. ‘Die kelders hebben we bovengronds gebouwd en toen laten afzinken’, zegt Norder. ‘Daar kwam een schilvloer met een in het werk gestorte druklaag overheen en toen konden we de flats optrekken uit kalkzandsteen, met voor elke verdieping weer zo’n betonvloer.’ Constructief zien de gebouwen er eenvoudig uit, maar ‘die verspringingen in de gevel maken het wel complex: er moest aardig wat staal in om dat allemaal op te vangen.’

‘Mooi stuk vakwerk geleverd’
- Gert Norder
Gebr. Benus BV

Vakwerk

Een opvallend kenmerk voor zowel de flats als de duplex- en gezinswoningen, is dat ze voorzien zijn van gemetselde gevels van hoge kwaliteit, in verschillende verbanden en manieren van ornamenteren. Bij de flats is per gebouw een iets andere steenkleur gekozen, van lichte naar donkerder aardtinten. ‘Wij wilden producten die niet wezenlijk zouden verouderen’, zegt Roosendaal van Actium. ‘Als je met plaatmateriaal gaat werken, weet je niet hoe dat over tien jaar eruitziet.’ Norder: ‘Metselaars zijn schaars en vakmensen die nog dit soort kunststukjes kunnen leveren nog schaarser, maar wij hebben gelukkig vertrouwde onderaannemers die zulke mensen nog in huis hebben. En ook stukadoors, tegelzetters, timmerlieden hebben een mooi stuk vakwerk geleverd.’

Energiezuinig

Henk Sluiter: ‘Ook de flats hebben aardwarmtepompen, met een aantal woningen op één bron, klein-collectief. En op het dak liggen pv-panelen. Alle woningen zitten mooi recht boven elkaar, dus hier geen moeite met kabels en leidingen. Maar het was wel puzzelen met de technische ruimten, die zijn vrij klein voor de warmtepomp, de boiler en de wtw-unit. En dan moest de wasmachine van de bewoners er ook nog bij passen.’ Roosendaal: ‘Dankzij de installaties en perfecte isolatie – onder meer met triple glas – kunnen de woningen met heel weinig energie toe. We verwachten dat de bewoners van de appartementen een stroomrekening van tussen 10 en 20 euro per maand hebben. In de duplex ligt dat iets hoger, maar nog steeds erg laag.’

Het klopt

Noordhuis: ‘Zoals bij ieder project was het belangrijk om mee te denken op welke punten mogelijk bezuinigd kon worden. Dat is vaak het moment waarop je als architect het esthetische beeld moet verdedigen tegenover opdrachtgever en bouwers. Voor de hand liggende bezuinigingen als bijvoorbeeld een regenpijp langs de gevels in plaats van een inpandige hemelwaterafvoer lijkt makkelijker en goedkoper, maar het gebouw ‘klopt’ meteen niet meer. Het mooie was dat Actium en gebroeders Benus dat uitstekend begrepen: als een ontwerp logisch in elkaar steekt, moet je die puzzel niet meer uit elkaar trekken. Als dingen kloppen – en soms is dat een onbewust gevoel – dan wordt een gebouw makkelijker onderdeel van de omgeving en gaan bewoners er ook zorgvuldiger mee om.’ Roosendaal: ‘Wat helpt voor de fijne uitstraling is dat de flats in een groene, haast parkachtige omgeving staan. We hebben alles in het werk gesteld om de bomen te sparen: afschermen, steeds water geven.’

Drentse Architectuurprijs

Zo heeft de jury van de Drentse Architectuurprijs het ook ervaren. In het juryrapport staat onder meer: ‘Mooie details in het metselwerk, uitgesproken vormgegeven balkons en een goed ontworpen gevelcompositie voorkomen dat het ook maar ergens de kans krijgt om saai te worden. De jury ontdekt steeds nieuwe details die niet bij de eerste aanblik in het oog springen, maar wel bijdragen aan de kwaliteit van het ontwerp. Een mooi voorbeeld daarvan zijn de prefab betonnen vloertjes van de balkons. Deze zijn op kleur gemaakt, zodat één geheel ontstaat met de geperforeerde stalen balkonhekken.’

Molenbuurt: 30+9 Woningen Nansenstraat, vier op een rij

Thorbeckelaan te Assen

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Actium Wonen

Architect : De Deur in Huis

Constructeur : Goudstikker de Vries

Aannemer : Bouwonderneming Gebr. Benus B.V.

E en W installateur : Tabak installaties BV

Onderaannemers & toeleveranciers

Grondwerk, riolering en bestrating : Fuhler Wegenbouw B.V.

Glas- en schilderwerken : Zijlstra Schilders b.v.

Boorpalen : BHP Funderingstechnieken

Hang- en sluitwerk buiten/binnen : Raadsma IJzerhandel

Hekwerken en balustrades : Doeschot BV

Slagbomen : Hoving Hekwerk

Kozijnen, ramen en deuren : Harryvan Kozijnen

Scheidings- en systeemwanden, cementdekvloeren, stuc-, spack- en tegelwerk : Heigro

Doorstrijkmortel : Remix Droge Mortel B.V.

24 meergeneratiewoningen in Wolvega

Hofjes in tuindorpstijl

Aan het Oranjetipje in de Lindewijk in Wolvega worden in opdracht van Woningstichting Weststellingwerf twee hofjes gebouwd met in totaal 24 levensloopbestendige sociale huurwoningen. Een ingewikkelde locatie door de nabijheid van het treinspoor, maar het eindresultaat met de twee U-vormige woonblokken in tuindorpstijl mag er zijn. Vloeiende daklijnen, veel groen, gemetselde delen in combinatie met houten gevelbekleding en poortjes voorzien van siermetselwerk geven de hofjes een vriendelijke uitstraling.

‘Wij werden benaderd door de gemeente Weststellingwerf om de meergeneratiewoningen te bouwen in deze nieuwe wijk in Wolvega, op loopafstand van het centrum’, legt directeur Sake Lageveen van Woningstichting Weststellingwerf uit. ‘Het project maakt deel uit van de tweede fase van de uitbreidingslocatie Lindewijk, die zo’n driehonderd woningen omvat. De gemeente wilde graag dat een deel daarvan sociale huurwoningen waren. Dat paste goed in onze plannen om woningbezit toe te voegen.’

Levensloopbestendig

Alle levensloopbestendige woningen hebben een badkamer en een slaapkamer op de begane grond. Het zijn energiezuinige nul-op-demeter (NOM) woningen. Twintig woningen hebben twee slaapkamers op de verdieping. De vier woningen in de “oksels” van de U-vormige hofjes hebben geen extra verdieping.

Design & Build

De opdracht voor de 24 sociale huurwoningen werd volgens het Design & Build principe gegund aan Bouwbedrijf Bakker, naar een ontwerp van Theo Mestemaker van Mestemaker Architecten. De architect werkt vaker mee aan projecten voor de woningstichting. ‘Het ontwerpen van twee hofjes in Tuindorpstijl vergde nog wel enige discussie’, memoreert Lageveen. ‘Met aan de ene kant optimale bruikbaarheid van de ruimte en het opleveren van betaalbare huurwoningen en aan de andere kant de esthetica en het beeldkwaliteitsplan van de gemeente.’ Een en ander leidde tot enkele aanpassingen in dat beeldkwaliteitsplan. Lageveen: ‘Zo hebben we bijvoorbeeld besloten om de veelheid van kapjes te versimpelen om meer bruikbare ruimte over te houden en om het ontwerp prijstechnisch aantrekkelijk te houden. Het is Theo gelukt om er iets moois van te maken.’

‘Passen en meten vanwege het spoor’

- Sake Lageveen

Woningstichting

Weststellingwerf

Het definitieve ontwerp voldeed aan zowel de eisen van de gemeente als die van de woningstichting. De twee hofjes bestaan elk uit drie blokjes die door twee hoekwoningen worden gekoppeld, waardoor er een U-vormige opstelling wordt verkregen. De hofjes hebben elk een gezamenlijke buitenruimte waar de bewoners elkaar kunnen ontmoeten. Gemetselde poortjes in de hoeken geven toegang tot de achterruimte en zorgen mede voor de “tuindorpuitstraling”.

Alles op z’n plek

‘Het was nog een uitdaging om alles op zijn plek te krijgen op de smalle locatie en om er één geheel van te maken’, aldus architect Mestemaker. ‘De dakvlakken lopen door en zorgen voor vloeiende lijnen. De gevels aan de buitenkant van de hofjes zijn gemetseld. De gevels aan de binnenkant zijn een combinatie van metselwerk en houten gevelbekleding. De ronde poortjes zorgen met hun siermetselwerk voor extra detaillering. De koppeling tussen de twee hofjes wordt gevormd door een iets grotere poort.’

Bouwen naast het spoor Om geluidsoverlast van het naastgelegen spoor tegen te gaan, besloot de gemeente om een geluidswal te plaatsen. Lageveen: ‘De kavels werden hierdoor minder diep, waardoor het – met name voor de twee blokjes woningen die met de achtertuin aan de spoorkant grenzen – passen en meten werd.’

Na extra trillingsonderzoek werd besloten tot stevige traditionele bouw met speciale aandacht voor de specifieke aansluiting van de vier hoekwoningen. ‘De kavels zijn heel efficiënt bebouwd’, aldus projectleider Hendrik Nanninga van Bouwbedrijf Bakker. ‘Vanwege de trillingen van de passerende treinen is er gekozen voor “zware” bouw met een casco van beton en kalksteen. Dit geeft massa, waardoor de trillingen goed kunnen worden opgevangen.’

‘Door prefabricage afval op de bouwplaats beperkt’

Energie

Warmtepompen, zonnepanelen en een WTW-systeem: de woningen zijn energiezuinig gebouwd met als doel nul-op-demeter. Dit betekent dat de woningen, bij “normaal” gebruik, ongeveer evenveel energie verbruiken als ze opwekken. Zo worden de energielasten laag gehouden.

‘Bijzonder bij de meergeneratiewoningen in de Lindewijk is het Watch-E systeem’, legt installateur Julian Kolk uit. Hij werkt voor

EWWS Installateurs, het bedrijf dat de opdracht verkreeg via Bouwbedrijf Bakker. ‘Er zitten meters op de installatie die het energieverbruik per woning kunnen uitlezen. Dit is met name bedoeld voor de woningbouwstichting om te zien of de woningen daadwerkelijk nul op de meter draaien; dat geeft de corporatie recht op een overheidssubsidie.’

Afvalbeperking

‘Door prefabricage was het mogelijk om het afval op de bouwplaats te beperken’, aldus Kolk. Het

aanleveren van prefab sanitair en warmtepompen betekent minder verpakkingsmateriaal op de bouwplaats. ‘Dit zijn afspraken die we met de groothandels WASCO en REXEL hebben gemaakt. Veel materiaal komt voorgemonteerd op de bouw. Zo zit de kraan bijvoorbeeld al op de wastafel en ga zo maar door. De spullen worden in speciale kratten aangeleverd, waardoor we minder kartonafval hebben. Het scheelt ook ruimte bij het transport, waardoor er minder kilometers gereden hoeven te worden.’

‘Uitdaging

om er op de smalle locatie één geheel van te maken’

- Theo Mestemaker

Mestemaker Architecten

‘Gekozen voor “zware” bouw met een casco van beton en kalksteen’

- Hendrik Nanninga Bouwbedrijf Bakker

Meergeneratie

Hoewel hofjes van oudsher vaak geassocieerd worden met senioren, komen in deze hofjes aan het Oranjetipje in Wolvega ook veel één- en tweepersoonshuishoudens te wonen. ‘Het zijn echte meergeneratiewoningen geworden. De woningen zijn al zijn toegewezen; de huurders kunnen op het moment nog meedenken over de inrichting van de keuken en het sanitair. Eind september worden de woningen uitgegeven. Daarna zal de buitenruimte verder worden ingericht’, besluit Lageveen.

24 Meergeneratiewoningen te Wolvega

Bouwteamleden

Opdrachtgever : Woningstichting

Weststellingwerf

Architect : Mestemaker Architecten BNA

Constructeur : W2N Engineers

Aannemer : Bouwbedrijf Bakker

Installateur : EWWS installateurs

Onderaannemers & toeleveranciers

Levering diverse bouwmaterialen : Bouwcenter Meijer

Remix doorstrijkmortel : Remix Droge Mortel

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook