Anne Renkema, Arjen Bakker, Yke Bremer, Vera Bosma, Henri Hendriks, Tine van Knijff-van Hijum, Marianne Vriesema, Martin Laning, Thea van der Schaaf
Fotografie & artist impressions BGDD, Gerard van Beek, Harwig, Henri Hendriks, Hilvert Huizing, Aannemersbedrijf Bruining, IMAZZO, Isa van den Belt, Klok Onderhoud & Afbouw, Peter van Aalst, vd-Plas/ SV Bedum, VMEZ, Sax Architecten
Advertentieverkoop
Breuker Telemarketing & Meer
Ontwerp
Idee-fix
Vormgeving
Fotobewerking Isa van den Belt Fotografie Design & opmaak Bombayink.nl
Regiospreiding
Groningen, Friesland, Drenthe, regio Hardenberg, Zwolle, Kamperland, regio Steenwijk, Noordoostpolder, Kop Noord-Holland en landelijke stakeholders
BOUWEN, BOUWEN EN... GEWOON DOORBOUWEN
We zijn over de afgelopen tien jaren volgens het CBS steeds rijker geworden in Nederland, maar we bouwen steeds kleinere woningen. Gemiddeld wordt er nu 75 m2 per woning gebouwd. Die rijkdom is niet evenredig verdeeld over de Nederlander. De consumentenwoonbehoefte is huis met tuin. De nieuwbouw gaat juist merendeels de lucht in: 50% van de nieuwbouw bestaat al uit appartementen, maar dat geldt niet voor het noorden. Wel is daarbij betaalbaarheid de norm van de overheid. En die ligt rond de € 400.000. Met de stijgende bouwkosten, arbeidskrapte, stikstofcrisis en al die andere knelpunten blijft die betaalbaarheid onder druk staan. Wordt het steeds kleiner wonen? Dat levert wel meer woningen op, op verdichtingslocaties. Bouwen we daarmee voor de marktbehoefte? Nee: huis met tuin is de wens van vele mensen. In het noorden liggen de verhoudingen van nieuwbouw totaal anders dan in het westen. In het noorden is 20% van de nieuwbouw appartementen, in het westen 75%. Wat stelt dan rijker worden voor? Een snelle lift naar boven? Een mooi uitzicht op woontorens? Of een goed inkomen waarmee je de stijgende woonlasten kan betalen? In het noorden zijn we gezegend met nog veel grondgebonden woningen, maar bij bewoners van de bestaande woningvoorraad is er veel energiearmoede. Zeg het maar in een tijdperk waarbij ook alles duurder wordt en er maar geen oplossingen komen voor al die knelpunten.
BOUWEN IN HET NOORDEN is een onafhankelijk magazine voor bouwend Nederland. Uitgevers en auteurs kunnen op geen enkele wijze instaan voor de juistheid of volledigheid van informatie. Uitgever en auteurs aanvaarden dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor de schade, van welke aard dan ook, die het gevolg is van handelingen en/of beslissingen die gebaseerd zijn op informatie uit deze uitgave.
Een van die knelpunten is stikstof, waarvoor tot op heden geen echte oplossingen gerealiseerd zijn. De ambitie van de bouwsector is om in 2030 40% minder stikstofuitstoot dan 2019 te realiseren. Innovatie als een oplossing hoor je vaak voorbijkomen, zoals houtbouw, biobased en circulair bouwen. Het gebeurt al, maar niet massaal. In 2026 worden er wat hoogbouw appartementencomplexen in houtbouw opgeleverd in Amsterdam en Rotterdam. IKC Hanzewijk in dit magazine is het meest circulaire gebouw. Zijn het oplossingen? Het draagt zeker bij aan stikstofreductie, maar bouwen met hout zal ook wel weer demonstranten oproepen die tegen het gebruik van de natuur voor productiebossen zijn.
Wat kun je nog wel in dit rijke land? Mijn uitgangspunt is altijd de ‘cirkel van aandacht en invloed’ (Stephen Covey): besteed niet te veel aandacht aan zaken waar je niet direct invloed op kan uitoefenen of anders gezegd: bouwen, bouwen en… gewoon doorgaan met bouwen, innoveren ed. Knelpunten zijn er in overvloed: zijn het niet de vergunningen die niet worden afgegeven, dan is het wel netcongestie. De projecten in deze editie zijn er weer een voorbeeld van: geen energieaansluiting, dan maar een aggregaat plaatsen -wel biogestookte diesel- zoals bij de gemeentewerf in Leek gebeurde. Of zoals in Kampen de wethouder op de netbeheerder afsturen om de aansluiting alsnog te regelen voor de school. Doorbouwen dus en niet afwachten wat de politiek aan echte acties gaat ondernemen om knelpunten op te lossen.
Veel leesplezier!
Henri Hendriks
Hoofdredacteur
en uitgever
Dijkhuis ingenieurs bouwt al 75 jaar aan de toekomst
Dit jaar vieren we een bijzondere mijlpaal: Dijkhuis ingenieurs bestaat 75 jaar! Sinds onze oprichting in 1950 hebben we met trots een stempel gedrukt op de bebouwde omgeving van stad en ommeland. Al driekwart eeuw staan we garant voor innovatie, kwaliteit en betrouwbaarheid in de bouwsector.
Gevestigd in het hart van Groningen, hebben we de stad zien groeien en transformeren. Van iconische gebouwen tot duurzame woonwijken, appartementengebouwen en complexe industriële projecten. Dijkhuis ingenieurs is al decennialang een cruciale partner in de realisatie van projecten die het leven in Groningen verbeteren, duurzamer en veiliger maken. Het werkgebied is groter dan de stad alleen, het omvat ook de provincie Groningen, Drenthe en Friesland en incidenteel andere locaties in het land. Onze expertise is het leveren van constructief advies, waarbij we proactief meedenken met de betrokken adviseurs en de opdrachtgever.
We begrijpen de specifieke uitdagingen en kansen die er liggen in Noord-Nederland, van de bodemgesteldheid tot regelgeving en duurzaamheid. Onze mensen zijn niet alleen technisch goed onderlegd, maar zijn ook creatief en oplossingsgericht. Ze werken nauw samen met architecten, ontwikkelaars, aannemers en overheden om projecten tot een succesvol einde te brengen.
Dijkhuis ingenieurs biedt efficiënte oplossingen. We zijn in staat om de technische vraagstukken van nieuwbouw maar ook van bestaande gebouwen die aangepast worden, op te lossen. Wat ons onderscheidt is onze kennis
van bouwmaterialen en regelgeving gecombineerd met een pragmatische aanpak. We kunnen voor diverse ontwerpvarianten de materiaalgebonden impact op de CO2-uitstoot bepalen. Op deze manier kunnen we samen met de opdrachtgever en het ontwerpteam keuzes maken voor wat betreft de investering en de impact op de CO2-uitstoot. Dijkhuis ingenieurs ontwerpt hoofddraagconstructies in hout, beton of staal en kiest voor iedere uitdaging de best passende en meest duurzame materialisering, inclusief goed uitvoerbare details.
Een blik op de toekomst
Het 75-jarig jubileum is niet alleen een moment om terug te kijken op onze rijke geschiedenis en de vele succesvolle projecten die we hebben gerealiseerd, maar ook een moment om vooruit te kijken. Dijkhuis ingenieurs blijft zich ontwikkelen in materiaalbewust ontwerpen van constructies en in het opdoen van kennis van materiaalgebonden emissies van bouwmaterialen. Constructeurs spelen een cruciale rol in de reductie van de CO2-uitstoot door slimme, duurzame keuzes in het bouwproces. De principes van het minimaliseren van toe te passen materialen, het kiezen voor duurzame materialen en een remontabel ontwerp dragen bij aan de reductie van CO2-uitstoot. We zijn ervan overtuigd dat wij als constructeurs het verschil maken.
En we blijven het mooie constructeursvak promoten! Het is niet alleen maar rekenen, het vak vereist creativiteit en vindingrijkheid om efficiënte en elegante oplossingen te vinden voor complexe technische uitdagingen. Het werk heeft een tastbare impact op de wereld om ons heen. We dragen direct bij aan de bouw van kenmerkende, maar ook praktische gebouwen. Constructeurs leveren een essentiële bijdrage aan maatschappelijke vraagstukken, waaronder de energietransitie, de versterkingsopgave en de woningbouw. De meeste mensen realiseren zich niet hoe veelzijdig en uitdagend het constructeursvak kan zijn. Helaas zijn er weinig studenten die kiezen voor een technische opleiding met een constructieve specialisatie. Wij vinden het belangrijk om onze kennis extern en intern te delen en om intern op te leiden. Dijkhuis ingenieurs biedt stagiairs en afstudeerders een leerzame werkplek waarin ze direct meedraaien met uitdagende projecten. Via lezingen en beurzen vergroten we de zichtbaarheid van onze constructeurs en modelleurs en promoten we de relevantie van ons vakgebied.
Ons hechte team is de basis van ons succes. Gezamenlijk werken we aan uitdagende projecten. We geloven in open communicatie, korte lijnen, een goede werk-privébalans en een fijne werksfeer waar iedereen zich thuis
voelt. Het delen van kennis en vergroten van vakkennis vinden we belangrijk. We geloven in de ontwikkeling van ons team om ook de komende decennia een leidende rol te spelen in het construeren van de bebouwde omgeving in Groningen en daarbuiten.
De diversiteit van onze opdrachtgevers heeft een directe invloed op de aard, omvang en complexiteit van de projecten die we aannemen. Het werken voor bedrijven houdt vaak in dat we samenwerken met architecten en adviseurs en aannemers om een functioneel en efficiënt ontwerp te realiseren dat aan de bedrijfsbehoeften voldoet. Projecten voor overheidsinstanties vereisen naast technische expertise kennis van aanbestedingsprocedures en besluitvormingsprocessen. Ontwikkelaars en vastgoedbedrijven zijn verantwoor-
delijk voor de ontwikkeling van complete woonwijken, kantoorgebouwen of commerciële complexen. Voor deze projecten zijn we vaak al in de voorfase betrokken om haalbaarheidsstudies uit te voeren. Woningcorporaties zijn een specifieke en belangrijke groep opdrachtgevers voor Dijkhuis ingenieurs. Deze opdrachten richten zich voornamelijk op sociale woningbouw. Het gaat hierbij om de bouw van nieuwe huurwoningen, maar ook om de grootschalige renovatie, verduurzaming en herstructurering van bestaande woonwijken. Woningcorporaties zijn daarmee een brug tussen de commerciële vastgoedsector en maatschappelijke doelstellingen, wat een unieke aanpak vereist. Dijkhuis is in staat zich flexibel op te stellen en kan zich aanpassen aan de diversiteit in opdrachtgevers en projecten.
Door de jaren heen hebben we een sterke reputatie opgebouwd als een betrouwbare partner, die denkt in mogelijkheden en altijd streeft naar het beste resultaat. We staan bekend om onze kwaliteit en servicegerichtheid We zijn trots op onze geschiedenis, maar kijken vooral vol enthousiasme naar de toekomst, klaar om de volgende generatie van uitdagingen in de bebouwde en nog te bouwen omgeving aan te gaan.
Bent u op zoek naar een betrouwbare partner met decennia aan ervaring en een bewezen staat van dienst? Neem contact op met Dijkhuis ingenieurs en ontdek hoe wij uw bouwplannen kunnen omzetten in tastbare, duurzame realiteit. Samen construeren we de toekomst!
Enkele toonaangevende projecten van de afgelopen jaren
Mercado in de binnenstad van Groningen La Liberté aan de zuidelijke ringweg Groningen
Sociaal ontwikkelbedrijf Novatec en buitendienst gemeente Westerkwartier in Leek
Duurzame watervoorziening Waterbedrijf Groningen in Farmsum
Kolenpark bij de Euroborg in Groningen OBS De Driebond in Engelbert
20e BIHN Regatta Cup
Sportieve competitie met 150 gasten uit de bouwsector
Ideefix, uitgever van Bouwen het Noorden, organiseerde voor de 20ste keer de BIHN Regatta Cup voor de noordelijke bouwsector. Met 15 pramen werd gestreden om de grote wisselbokaal die dit jaar werd gewonnen door het team van Bouwmij Hendriks. Als tweede eindigde het team van KUMIJ en de derde plaats was voor Soprema, team Humphrey.
Een stevige windkracht 5 zorgde voor een bijzondere beleving voor onze gasten. Er werden drie manches gevaren. Tijdens de break konden de varensgasten even de benen strekken, een harinkje happen en een BB’tje naar binnen werken. Na de prijsuitreiking volgde de traditionele BBQ met muziek.
Wind in de zeilen
De BIHN Regatta Cup is het meest duurzame event wat je je kunt voorstellen: varen met meer dan 80 jaar oude authentieke, gerevitaliseerde pramen. En varen met de wind in de zeilen. Schoner en milieubewuster kan het haast niet. Bij de BIHN Regatta Cup gaat het om beleving met de gasten, competitie met de andere deelnemers en er is veel tijd om te netwerken, zowel in de boot als tijdens de lunch, de haringpalaver en de BBQ.
Deelname
Alleen bedrijven uit de bouwsector kunnen een boot afnemen, met relaties als bemanningslid, om een middag te netwerken en te wedstrijdvaren. Het event is inclusief catering. Deelnemers zijn bijvoorbeeld aannemers met bouwteamleden, bouwpartners, ketenpartners, bedrijfsrelaties, bedrijfsleden of toeleveranciers met hun relaties.
Kenmerken
De Bouwen in het Noorden Regatta is duurzaam en authentiek. Centraal staan beleving, actief en/of passief deelnemen, competitie. Er is volop ruimte om te netwerken en om op informele wijze banden aan te halen of te vernieuwen.
Save the date
De 21ste BIHN Regatta Cup zal worden gehouden op donderdag 11 juni 2026
Informatie
Voor meer informatie over deelname bel je met Henri Hendriks, telefoon 06 - 28 22 69 15
1e prijs - Bouwmij Hendriks
2e prijs - Kumij
3e prijs - Soprema: Team Humphrey
Paris proof schoolgebouw vol licht en beweging
LennaMare:
een huis in de polder
Een nieuw schoolgebouw, met een nieuwe naam: LennaMare. Dit voorjaar verhuisde het Zuyderzee Lyceum vanuit de historische kern van Lemmer naar een groene locatie aan de rand van het dorp. ‘Lenna’ verwijst naar de oude benaming van Lemmer, ‘Mare’ betekent ‘zee’ in het Latijn. Een naam die staat voor beweging en ontwikkeling, net als het gebouw zelf.
Het ontwerp van architectenbureau BDP leverde een school op die meebeweegt met zijn omgeving en gebruikers. Dat proces was niet eenvoudig, maar het resultaat mag er zijn. Extra bijzonder: het gebouw staat op de longlist voor de ARC25 Nieuwe Architectuur Award.
Inspiratie uit de omgeving Architecten Kerstin Tresselt en Björn Bleumink zijn sinds 2020 bij het project betrokken. Hun opdrachtgever was VariO Onderwijsgroep. Bij hun eerste bezoek aan de locatie zagen ze meteen de potentie. ‘De sportvelden en boerderijen met houten kappen inspireerden ons om de leerlingen een huis in de polder te geven’, vertelt Tresselt. De oude school in de historische binnenstad van Lemmer was een plek vol bezieling. ‘De nieuwe plek had identiteit en levendigheid nodig’, aldus Bleumink. ‘Daarom hebben we het gebouw een duidelijke signatuur gegeven, onder andere door de kappen uit de omgeving terug te laten komen. Ze zijn iconisch en staan voor beweging en ontwikkeling: fouten maken, successen behalen en kansen grijpen: leren ontdekken wie je bent en wat je kunt.’
‘De
omgeving inspireerde ons om de leerlingen een huis in de polder te geven’
- Kerstin Tresselt
architectenbureau
BDP
Kappen, licht en ruimte
De houten kappen maken het gebouw ook kleinschalig en huiselijk. Het hart van het gebouw is de aula: een transparante ruimte waarin het noorderlicht diep naar binnen valt, zonder dat het gebouw hierdoor opwarmt. De begane grond herbergt onder andere praktijklokalen en een veranda voor buitenlessen.
Op de verdieping zijn theorielokalen en een leerplein, met balkons waar eveneens buiten geleerd kan worden. Bleumink: ‘We hebben een mix ontworpen van groepsruimten en leerplekken rondom het centrale hart. Zo lopen individuele ondersteuning, zelfstudie, klassikale lessen en praktijkonderwijs soepel door elkaar heen.’
Gezonde leeromgeving Docenten en leerlingen ervaren het gebouw als licht, rustig en akoestisch prettig. Dat is onder andere te danken aan de natuurlijke materialisatie. Tresselt: ‘De sfeer die ontstaat
‘Het
silhouet van de kappen staat voor beweging en ontwikkeling: fouten maken, successen behalen en kansen grijpen’
- Björn Bleumink
architectenbureau BDP
heeft invloed op hoe gebruikers zich gedragen. Docenten merken dat leerlingen rustiger zijn dan in de oude school.’ Het ontwerp is van aanbesteding tot oplevering niet wezenlijk veranderd, zeldzaam bij een project van deze omvang. Het team moest zich inspannen om het oorspronkelijke concept vast te houden.
Paris proof
De installaties zijn op de begane grond onder te tribunetrap geplaatst. Het dak kon daardoor vrij blijven van installaties. Bleumink: ‘Hierdoor konden we daklichten in de noordflanken van de kappen aanbrengen om het leerplein daglicht te geven. De zuidflanken zijn bedekt met zonnepanelen. Dankzij de instal-
laties op de begane grond konden we ventilatielucht onder het schoolplein het gebouw in leiden, waardoor deze subtiel wordt voorverwarmd. Dat scheelt energie en past naadloos in het ontwerp.’ Het gebouw bleek Paris proof, energie-efficiënter dan vooraf beoogd. ‘Dat was het resultaat van het integrale ontwerp’, aldus Tresselt.
De gevel is rondom bekleed met hout: gebrand zwarthout aan de noord- en zuidzijde, en licht aan de oost- en westkant. Het interieur is modulair: meubels zijn multifunctioneel en kunnen steeds anders worden ingezet. ‘Het mooie is dat leerlingen daar als vanzelfsprekend gebruik van maken’, zegt Bleumink.
‘We hebben de balans gevonden tussen budget, kwaliteit en ambitie’
- Remco Deelstra
LindHorst huisvestingsadviseurs
Samenhang
BDP ontwierp niet alleen het gebouw en interieur, maar ook het landschap en de bewegwijzering. Alle ontwerpkeuzes zijn gebaseerd op de ligging van het terrein. De noordgevel is transparant richting de sportvelden, de oosten westgevels laten daglicht passief binnen zonder zonwering. Binnen en buiten vloeien letterlijk in elkaar over. ‘Wij ontwerpen altijd een maatpak voor een onderwijsconcept’, zegt Bleumink. ‘Bij LennaMare zagen we enorm veel kansen. Het is geweldig dat we dit samen met opdrachtgever, gemeente, ontwerpteam en aannemer hebben kunnen realiseren.’
Technisch uitdagend
Bij de bouwaanbesteding werd aannemer Van Wijnen geselecteerd. Frans Munstra, senior werkvoorbereider, verklaart: ‘Wij maken vaker scholen, we vinden het mooi om voor de jeugd te bouwen. LennaMare was technisch uitdagend. De grootste opgave was dat de installaties niet op, maar onder het gebouw moesten worden geplaatst. Ook de grote vide, de schuine kappen, de kozijnen en de stalen constructie vroegen veel precisie. Alles moest exact op elkaar aansluiten, tot en met de geperforeerde plafonds en ronde vormen aan toe.’
‘Het was een technisch uitdagend ontwerp, we zijn trots op het resultaat’
- Frans Munstra Van Wijnen
‘De ventilatie is bijzonder’, zegt Munstra. ‘Onder de vloer loopt een buizenstelsel dat lucht van buiten aanzuigt en onder de bankjes op het plein uitblaast. Alle installaties zijn weggewerkt onder vloeren en plafonds. Normaal gaat alles omhoog, nu moest alles naar beneden: een flinke puzzel, die gelegd is in overleg met constructeur en installateur.’
Materialen
Munstra: ‘We hebben onderaannemers en leveranciers gevraagd verpakkingsafval te beperken en materialen zoveel mogelijk op maat te leveren. Zo kwamen zelfs de daken onverpakt aan. Dat scheelde enorm in afvalstromen.’ Hij vervolgt: ‘De architect was heel precies en streed voor haar ontwerp. De positieve wrijving die dat opleverde zorgde voor de kwaliteit die je nu ziet. Het ontwerp is inderdaad vrijwel ongewijzigd gebleven. Wij hebben alleen enkele materiaalvoorstellen gedaan, bijvoorbeeld voor het hout.’
Inspirerende omgeving
Na de bouwvak van 2023 is Van Wijnen gestart met bouwen. ‘In januari 2025 hebben we opgeleverd. Bij de opening zag ik leerlingen en docenten genieten. Dan weet je waarvoor je het doet: niet zomaar een vierkant schoolgebouw neerzetten, maar een inspirerende leeromgeving. Daar ben ik trots op.’
Budget, kwaliteit en ambitie
Remco Deelstra, projectleider bij LindHorst huisvestingsadviseurs, vertelt dat zij net na de architectenselectie zijn aangehaakt. ‘Wij hebben de overige adviseurs geselecteerd en de rol van projectmanager en directievoerder vervuld. Dat betekende ook het bewaken van budget, planning, kwaliteit en de ambities die waren vastgelegd in het Programma van Eisen.’ Het was een bijzonder project, vindt Deelstra. ‘Dat het ontwerp grotendeels overeind is gebleven zijn we trots op, want het realiseren van de architectenvisie vroeg veel overleg en
afstemming, vooral wat betreft de installaties. Alles is weggewerkt in een inpandige technische ruimte en gaat via een uitgekiend tracé door het gebouw.’
De omstandigheden maakten het extra complex, memoreert de projectleider. ‘Corona, prijsstijgingen en budgetkaders: we moesten steeds opnieuw de balans vinden tussen budget, kwaliteit, ambitie en maakbaarheid. Dat betekende veel afstemming op de bouwplaats en intensief overleg met alle betrokken partijen.’
Thuis voelen
Dat de inzet is beloond, blijkt uit de reacties. ‘De schooldirecteur en het team waarderen de lichtinval, zichtlijnen en rustige uitstraling. Leerlingen gaven bovendien aan dat het gebouw rust uitstraalt en prettig aanvoelt’, vertelt Deelstra. ‘Dat is het mooiste compliment: dat de gebruikers zich thuis voelen in een gebouw dat nog vele jaren mee moet gaan. Voor ons de bevestiging dat alle inspanningen de moeite waard waren.’
Kwaliteit tot in detail
Kor Wiersma van DMA bouwmanagement was bouwkundig opzichter tijdens de uitvoering. ‘Wij zijn door LindHorst gevraagd om het toezicht op de bouwplaats te verzorgen. VariO Onderwijsgroep wilde extra zekerheid dat de kwaliteit tot in de uitvoering goed geborgd werd. Als opzichter kijk ik letterlijk mee vanaf de fundering: de wapening bij het storten van beton, de aansluitingen van kozijnen, de isolatie en luchtdichtheid, maar ook brand- en rookwerendheid. Alles moet kloppen, zowel op papier als in de praktijk.’
Slimme oplossingen
Dit gebouw kent veel uitdagende details, zegt ook Wiersma. ‘De schuine daken, installaties die moesten worden ingepast en nieuwe
‘Zorg voor kwaliteit én samenwerking was ook hier de sleutel tot een geslaagd project’
- Kor Wiersma DMA bouwmanagement
regelgeving voor rookwerendheid vroegen om een scherpe blik. Op papier lijkt veel maakbaar, maar in de uitvoering moet je keuzes toetsen en soms slimme oplossingen vinden. Dat is precies waar wij als bouwtoezicht waarde toevoegen en dat is ook hier gelukt.’
Afstemming
Naast de technische controle speelde ook afstemming op de bouw een belangrijke rol. Wiersma: ‘Door regelmatig het gesprek aan te gaan en direct te schakelen, houd je het proces soepel en blijven alle partijen gericht op hetzelfde doel. Voor mij is dat de kern: je bewaakt de kwaliteit, maar je zorgt er ook voor dat het bouwproces blijft draaien. We hebben hier hard aan gewerkt met de betrokken partijen.’
Het resultaat mag er zijn, vindt Wiersma: ‘Het is een prachtig en functioneel schoolgebouw, waar docenten en leerlingen zich prettig voelen. Het binnenklimaat en de akoestiek zijn opvallend goed en de reacties zijn allemaal positief. Voor mij de bevestiging dat zorg voor kwaliteit én samenwerking de sleutel zijn tot een geslaagd project.’
Afvalverwerking, transport & recycling : NNRD / Visser ATR
Digimatedeuren incl. hang- en sluitwerk : BPZ
Kindcentrum Hanzewijk in Kampen
Uithangbord voor circulair en biobased bouwen
Zo’n 400 kinderen krijgen sinds 25 augustus les en kinderopvang in Kindcentrum Hanzewijk in Kampen. Het is een van de meest circulaire en biobased schoolgebouwen van Nederland, een uithangbord voor de gemeente Kampen en de bouwpartijen.
Het in augustus in gebruik genomen schoolgebouw is voor 95 procent circulair en voor 80 procent uit biobased materialen opgetrokken. Er is gedocumenteerd wat er precies in zit en hoe dat schadevrij verwijderd kan worden.
Voorbeeldproject
‘Het idee van circulair bouwen is dat je materialen gaat verkopen en zo winst maakt op de afbraak van je gebouw, in plaats van dat het een kostenpost is. Eigenlijk zou ik zo’n opera-
‘Gemeente gaat vol voor duurzaamheid en circulariteit’’
- Aart Janssen Gemeente Kampen
tie wel graag eens in de praktijk meemaken…’, zegt Jeroen van Veen van LindHorst huisvestingsadviseurs. Lees hier geen pleidooi in om het kersverse Kindcentrum maar snel weer te demonteren! ‘Het is een schitterend gebouw geworden waar hopelijk generaties kinderen met plezier naartoe zullen gaan. Alle credits naar de gemeente Kampen die het heeft aangedurfd om zo’n voorbeeldproject te willen neerzetten.’ Maar stiekem zou Veen de klok wel vijftig jaar vooruit willen draaien. Want zo tegen 2075 zal Kindcentrum Hanzewijk waarschijnlijk gesloopt worden. Of beter gezegd: ‘Dan wordt het een oogstlocatie.’
Ambitie
‘Ons college heeft in het coalitieakkoord de ambitie uitgesproken om vol voor duurzaamheid en circulariteit te gaan. Deze casus bood een goede gelegenheid om met een uithangbord te komen’, zegt Aart Janssen, samen met Paula van Diermen projectleider namens de gemeente. ‘Ambities uitspreken is mooi, maar bij een concreet project word je gedwongen echt na te denken over wat je wilt bereiken. Van welk niveau ga je uit? Mag duurzaamheid en circulariteit ook boven
‘Uitstekend bij de hand genomen door bouwteam’
- Paula van Diermen
Gemeente Kampen
gebruiksgemak gaan? Hoeveel mag het extra kosten? Waar betaal je dat van? Hoe bewaak je het budget?’
De voorzichtige conclusie van Janssen nu het gebouw af is: ‘Het is goed te doen, niet heel veel anders dan een traditioneel project.’ Van Diermen: ‘Je moet wel meer tijd en aandacht spenderen aan materiaalkeuzes. Maar daarvoor zijn wij uitstekend bij de hand genomen door het bouwteam.’
Van Veen: ‘Een van de redenen om dit project aan te gaan was om aantoonbaar te kunnen maken welke financiële consequenties het heeft als je zegt: ‘Ik wil een circulair, biobased schoolgebouw. Welnu, voor een “gewone” school geldt volgens de kwaliteitskaders van Ruimte-OK (red.: een onafhankelijke, uitvoerende kennisorganisatie voor scholen en gemeenten als het gaat om de financiering en de huisvesting van onderwijs) en de VNG-normen een bedrag tussen 3.100 en 3.600 euro per vierkante meter. Ga je voor energieneutraal, dan zit je op circa 4.000 euro. Dit project zit daar tussenin, dankzij de gunstige vormfactoren; dit is echter geen vanzelfsprekendheid. Je hoeft dus niet per se veel extra geld neer te leggen. Als je de tijd maar investeert, is er ook met normale budgetten veel mogelijk.’
‘Ook met normale budgetten veel mogelijk’
- Jeroen
van
Veen LindHorst Huisvestingsadviseurs
Heel veel hout
In Bouwen in het Noorden 102 legden architecten Sara van Popta en Ruben Klinkenberg van 19 het atelier uit hoe ze het Kindcentrum hadden ontworpen. Toen was net bekend geworden dat Hesco Bouw en Pranger-Rosier Installaties het zouden verwezenlijken. Voor de bouwkundig aannemer Hesco Bouw werd Marc Zijnge de projectleider. Hij blikt terug op ‘een leuk project. Ik denk niet dat ik eerder zó veel hout in één gebouw heb verwerkt.’ In het hele gebouw is maar één staalconstructie met betonvloer te vinden, in de gymzaal die op de verdieping is gesitueerd. ‘Verder is het hout, hout en nog eens hout. De draagconstructie is van grote gelamineerde liggers en kolommen, de gevels zijn in hsb, de binnenwanden en plafonds van formaldehyde-vrije houten platen.’
‘Niet
eerder zó veel hout verwerkt’
- Mark Zijnge Hesco Bouw
Duurzame materialen
Buitenom zit een gemetselde gevel van rode steen, in lijn met de architectuur van de Hanzewijk. ‘Daarvoor is een cement-arme mortel gebruikt, die het te zijner tijd mogelijk moet maken om de stenen makkelijk en schoon los te bikken. Bovendien kost het veel minder energie om het te maken.’
Voor de gevel van de sportzaal werden Pirrouet® Prisma-blokken gebruikt van Vandersanden in België. Van Veen: ‘Die worden gemaakt met staalslakken, die nemen tijdens de productie zoveel CO2 op dat ze qua uitstoot negatief zijn. Een prachtig product, maar nog splinternieuw. De fabriek kon onze grote vraag niet direct aan: soms kwamen ze één bestelwagentje tegelijk brengen.’
Niet alles hoeft perfect te zijn
Hij noemt dit als voorbeeld van de praktijk die nog wel eens weerbarstiger is dan de theorie. ‘Die mortel ook: prachtig, maar het metselt een stuk lastiger en het is niet zomaar gezegd dat een onderaannemer ermee bekend is. Of die houten wandplaten: daar zitten natuurlijk noesten, vlammen, ringen in. Dat zag er niet altijd even mooi uit naast elkaar.’ Zijnge beaamt dat: ‘We hebben hier en daar wel wat platen omgedraaid of verwisseld.’ Volgens Van Veen kon je daar niet mee aan de gang blijven. ‘Op zeker moment hebben we gezegd: we accepteren dat het niet overal perfect is.’
Ergens is het ook wel mooi dat niet alles er gelikt uitziet: dan kun je nog eens het verhaal achter je duurzame keuzes vertellen. ‘Ik zou
Duurzame verpakkingen
De PE-verpakkingen van Remix Droge Mortel zijn inmiddels allemaal voor minimaal 50% vervaardigd uit PE-recyclaat (gerecycled materiaal). Daarnaast streven we naar zo weinig mogelijk PE per kg mortel. We zijn daarom al voor alle zakken teruggegaan in dikte van de folie en gaan vanaf nu ook stapsgewijs alle zakken uitvoeren met een kortere flap. Behalve dat PE recyclebaar is, zijn de gesealde zakken ook regenwaterbestendig, waardoor inwatering wordt voorkomen en de mortel langer vers blijft.
zeggen: let dan ook even op de wandgoten voor de elektra. Die zijn van gerecycled kunststof in de kleur van de wand. Maar de stopcontacten die erin zitten zijn van bioplastic. Daar zit een klein beetje kleurverschil en dat ziet er minder mooi uit. Maar dat was voor ons geen reden om dan maar kunststof exemplaren te nemen.’
Installaties in een houten constructie
Over wandgoten gesproken: ‘Het was voor ons wel eens wat lastig dat alle bekabeling in opbouw moest, op al dat hout’, zegt Gert-Marten Oldersma, projectleider E namens Pranger-Rosier. ‘Dat kost een stuk meer tijd en buismateriaal.’ Ook zijn collega voor de W-installaties Bauke Bouwstra had wel eens wat hoofdbrekens over het vele hout. ‘Er zijn bronnen geboord voor warmte-koude-opslag. Maar er zit geen massa in het gebouw, geen beton met een accumulerende werking, dus het is heel lastig uitrekenen hoeveel verwarming en koeling je nodig hebt. Daar hebben we met de adviseurs van Innax nog een uitgebreide sessie over gehad.’
‘Pas
een maand voor oplevering stroom’
- Gert-Marten Oldersma
Pranger-Rosier Installaties
Ook met Hesco en constructeur Alferink Van Schieveen gingen ze vooraf aan tafel, om te bespreken hoe de installaties passend te krijgen binnen een houten constructie waarin je niet zomaar gaten en sparingen kunt maken. ‘Dat hebben we als heel fijn ervaren: de architect en de adviseurs dachten uitstekend met ons mee en we hebben samen de goede oplossingen gevonden.’
Netcongestie
Van Diermen: ‘We hadden een heel goed bouwteam, alle partijen – en dan noem ik ook de schoolbesturen – trokken eendrachtig samen op om een goed resultaat te bereiken.’ Janssen: ‘Die onderlinge samenwerking is doorslaggevend geweest voor het succes, denk ik.’ Van Diermen: ‘Je moet altijd nog wel wat knopen doorhakken tijdens de uitvoering, maar over het algemeen heb ik van het bouwproces weinig zorgen gehad.’
Dat kan ze helaas niet zeggen van de netcongestie. Lange tijd leek het erop dat Enexis het gebouw niet zou aansluiten op het stroomnet. Pas na lang aandringen door de wethouder – uiteindelijk hing
zelfs een rechtszaak in de lucht – zijn de netbeheerder en de gemeente er samen uit gekomen. Van Veen: ‘De wethouder zei meteen: ‘Zo’n mooi duurzaam gebouw komt never nooit op een dieselaggregaat!’ Dat zou ook doodzonde zijn geweest. We hebben de mogelijkheden voor een accupakket en een waterstofaggregaat onderzocht, maar uiteindelijk was het een opluchting dat de netbeheerder toch over de brug kwam.’ Oldersma: ‘Pas een maand voor oplevering hadden we stroom. Daardoor hebben we het niet gered om alles aan te sluiten en in te regelen voor de lessen begonnen. Maar daar waren de leerkrachten op ingesteld.’ Van Diermen: ‘De eerste weken was het misschien wat wisselvallig qua temperaturen in de lokalen, maar dat is een klein ongemak bij wat verder een enorme vooruitgang is. Ik hoor alleen maar enthousiaste reacties van de gebruikers.’
Levering diverse bouwmaterialen : Bouwcenter Meijer
Afvalverwerking, transport & recycling
Remix Green Collection doorstrijkmortel
: NNRD / Visser ATR
: Remix Droge Mortel BV
Bakker
Fotografie:
Henri Hendriks
Twee lokalen bovenop kindcentrum Het Stroomdal
Airco-lokalen vormen aanwinst voor Zuidlaren
Kindcentrum Het Stroomdal in Zuidlaren had meer ruimte nodig, maar uitbreiden was vanwege het beschermde dorpsgezicht geen optie. Aannemersbedrijf Bruining uit Stadskanaal ging daarom de hoogte in en plaatste twee nieuwe lokalen boven op het bestaande gebouw.
In maart van dit jaar werden de nieuwe lokalen opgeleverd. ‘Een mooie oplossing voor scholen met ruimtegebrek’, zegt eigenaar en projectleider Pim van der Klok van aannemersbedrijf Bruining. Het bedrijf kreeg de opdracht via een onderhandse aanbesteding. ‘Er waren twee andere bedrijven in de race, maar wij kwamen met de beste prijs. Onze jarenlange ervaring op het gebied van scholenbouw speelde daarbij zeker een rol.’
De uitbreiding komt enkele jaren nadat Het Stroomdal een facelift heeft ondergaan. Het oude, gedateerde jaren 70-pand werd daarbij
volledig gestript en vervangen door een modern en duurzaam schoolgebouw op de oude fundering.
Gewicht bepaalt materiaalkeuze Vanwege de constructie werd gekozen voor houtskeletbouw. ‘Beton kon de bestaande fundering niet dragen’, legt Van der Klok uit. Via stalen liggers wordt de kracht overgebracht naar kolommen op de begane grond. Via deze kolommen gaat de belasting naar de versterkte fundering. De keuze voor HSB-wanden bood voordelen: naast het lichte gewicht zorgen ze ook voor een lagere CO₂-uitstoot dan
traditionele materialen. De ronde hoeken werden eveneens in hout uitgevoerd. Ook die dragen bij aan de duurzame en stijlvolle uitstraling van het gebouw.
Prefab bouwt sneller
In de eigen werkplaats van Bruining werden alle elementen voorgefabriceerd. ‘Binnen heb je geen last van regen of hitte. Je bouwmateriaal blijft droog. Dat verhoogt de kwaliteit en versnelt het proces. Het is echt ideaal werken’, aldus Van der Klok. Houtbouw groeit volgens hem snel in populariteit. ‘Hout is sneller te verwerken dan beton, volledig herbruikbaar en het heeft een veel kleinere CO₂-voetafdruk. We hebben het er druk mee.’
Tijdsdruk en planning
De uitvoering vereiste een strakke planning. Leerlingen weken tijdelijk uit naar andere lokalen, zodat de bestaande vloeren konden worden versterkt. ‘We hebben de bestaande dakconstructie en dakbedekking van het gebouw intact gelaten. Daardoor konden we ook een heel scherpe prijs neerleggen.’
‘Minimale overlast was een voorwaarde voor de schoolleiding. Dat zette ons onder tijdsdruk, maar het is allemaal goed opgelost’, vervolgt Van der Klok. Om geluidsoverlast te voorkomen werden de vloeren van de bestaande bouw aan de bovenzijde voorzien van isolerende Fermacellplaten. ‘De kinderen merken nauwelijks dat er een verdieping boven zit.’
‘Een
mooie oplossing voor scholen met ruimtegebrek’
- Pim van der Klok Aannemersbedrijf Bruining
Duurzaam materiaal uit Afrika
De houten gevelbekleding werd geïmporteerd uit Afrika vanwege specifieke duurzaamheidseisen. In Nederland was geen product te vinden dat aan deze voorwaarden voldeed. Dit zorgde voor een langere levertijd en dus meer CO₂-uitstoot. ‘Daar staat weer tegenover dat het gebruikte materiaal vrijwel geen onderhoud nodig heeft’, merkt Van der Klok op.
Verdere groei verwacht
De groei van Het Stroomdal lijkt nog niet ten einde. ‘De prognoses wijzen uit dat er nóg een of twee lokalen bij moeten komen’, zegt Frits Rozenveld, adviseur huisvesting bij onderwijsorganisatie CKC Drenthe. De organisatie verzorgt het christelijk basisonderwijs en kinderopvang in de gemeente Tynaarlo. ‘De school is duidelijk in trek. Als je iets goed doet, krijg je meer vraag. Waarschijnlijk spelen het mooie gebouw en het onderwijs een belangrijke rol. Bovendien ligt Zuidlaren dicht bij Groningen. Je merkt dat steeds meer men-
Laat een frisse wind waaien door uw netwerk Wedstrijdvar
Donderdag 11 juni 2026 13:00-20:00 uur
‘De
prognoses wijzen uit dat er nóg een of twee lokalen bij moeten komen’
- Frits Rozenveld
Onderwijsorganisatie
CKC Drenthe
sen hier willen wonen en een school zoeken voor hun kinderen. We kunnen niet wachten tot er weer ruimtegebrek ontstaat.’
Populaire airconditioning
De nieuwe lokalen zijn uitgerust met airconditioning, een luxe die de andere ruimtes niet hebben. ‘Die hebben alleen topkoeling, wat slechts enkele graden scheelt’, aldus Rozenveld. ‘Daarom wil iedereen graag les in de nieuwe lokalen. Het is een heel fijne school met twee heel mooie nieuwe lokalen. Hopelijk kunnen we één of twee volgende lokalen ook zo realiseren.’
De onderlinge samenwerking tijdens de bouw verliep soepel. ‘Er zijn altijd wel eens botsende belangen, maar dat is steeds onderling opgelost, zoals het hoort’, zegt Rozenveld. Het resultaat mag er zijn. ‘Het is mooi geworden en een echte aanwinst voor Zuidlaren’, vindt de adviseur. ‘De kale sporthal naast de school had voor mij niet gehoeven, maar ik heb in het verleden vrij lang als projectleider gewerkt op een architectenbureau, dan kijk je toch anders. De sporthal is van de gemeente en die maakt haar eigen keuzes.’
Uitbreiding CBS Het Stroomdal te Zuidlaren
Bouwteamleden
Opdrachtgever : CKC Drenthe
Architect : 12WAT
Constructeur : Goudstikker de Vries
Aannemer (en stelkozijnen, dekvloeren Fermacell, HSB gevelelementen)
: Aannemersbedrijf Bruining B.V.
W-installateur : Installatiebedrijf Bakker
Onderaannemers & toeleveranciers
Stukadoorwerk : Afbouw Perdok
Grondwerk : Vedder BV
LOC Schiermonnikoog GROOTS DENKEN OP EEN KLEIN EILAND
Midden op Waddeneiland Schiermonnikoog is het Leer- en Ontwikkelcentrum (LOC) verrezen: een multifunctioneel gebouw waar kinderopvang, basisonderwijs, voortgezet onderwijs, sport en praktijkgericht leren samenkomen. ‘Dit is niet zomaar een nieuw schoolgebouw’, zegt Jeroen van Veen van LindHorst huisvestingsadviseurs. ‘Dit is een investering in de toekomst van het eiland.’
Het LOC is bedoeld voor iedereen op Schiermonnikoog. Van baby’s in de kinderopvang tot leerlingen op de middelbare school en deelnemers aan de Schier Academy – een praktijkgerichte horecaschool die inspeelt op de lokale werkgelegenheid. ‘Je kunt hier van 0 tot 99 jaar terecht’, aldus Van Veen. ‘Voor een kleine gemeenschap als deze is dat van onschatbare waarde. Het is dan ook het grootste project dat de gemeente Schiermonnikoog in jaren heeft gerealiseerd.’
Bouwen op een eiland
Dat bouwen op een eiland zijn eigen wetten kent, werd al snel duidelijk. Waar je op het vasteland nog kunt bijsturen, vereist een project op Schiermonnikoog precisie, voorbereiding en flexibiliteit. Zo bleek de hei-installatie te groot voor de veerpont en moest die op het vasteland worden gedemonteerd en op het eiland opnieuw opgebouwd. Van Veen: ‘Maar het hoort erbij als je bouwt op een plek als deze. Juist die omstandigheden maken het
ook bijzonder.’ Met Friso Bouwgroep als aannemer – met veel ervaring met bouwen op de eilanden – bleven de logistieke problemen verder beperkt.
Bouwen op Nationaal Park Schiermonnikoog geeft echter niet alleen logistieke en planmatige uitdagingen. Het is een Natura 2000-gebied, wat betekent dat de bouwers ook rekening dienden te houden met strenge milieueisen. Het beperken van de stikstofuit-
‘Fouten en vertragingen zijn op het eiland extra duur’
- Jeroen van Veen LindHorst huisvestingsadviseurs
stoot en de vervoersbewegingen waren dan ook een belangrijk aandachtspunt.
Onderwijscampus
Aanvankelijk was de opdracht beperkt tot het huisvesten van de basisschool inclusief kinderopvang met en het voortgezet onderwijs in combinatie met de Schier Academy in het LOC Schiermonnikoog. Maar al snel groeide het plan door. De verouderde naastgelegen gymzaal werd onderdeel van het ontwerp, waardoor alles beter tot zijn recht kwam. ‘Zo ontstond het idee voor één onderwijscampus’, zegt Van Veen.
Compact, compleet en multifunctioneel
Het ontwerp van het LOC Schiermonnikoog is van de hand van 19 het atelier. In het ontwerp is rekening gehouden met de bestaande bebouwing in de omgeving. De architecten kozen voor een lichte, open structuur in hout en glas, die zich als het ware om de bestaande gymzaal van basisschool Yn de Mande heen vouwt. Zo bleef de gymzaal behouden, maar kreeg deze wel een nieuwe plek binnen het geheel. Het groene dak ligt iets gedraaid, gericht naar twee herkenbare oriëntatiepunten van het eiland: de haven en de vuurtoren.
Antwoord op het energievraagstuk ‘Het eiland zit qua netcapaciteit behoorlijk op slot’, vertelt Van der Veen. ‘Er was simpelweg geen ruimte op het elektriciteitsnet voor een nieuw gebouw.’ Daarom is gekozen om, naast de kleinverbruikaansluiting, een accupakket aan te schaffen, dat tijdelijk stroom kan leveren bij piekbelasting of uitval. ‘Zo kunnen we het gebouw, los van de kleinverbruikaansluiting, ten minste vier uur extra draaiende houden.’
Lucht en water
De installaties zijn verzorgd door Koninklijke Damstra Installatietechniek. Werkvoorbereider Jan Boon kent de Waddeneilanden als zijn broekzak. ‘Elk eiland is anders’, zegt hij. ‘Op Schier moet je bijvoorbeeld een vergunning aanvragen om met een voertuig naar het eiland te mogen. En bij ieder Waddeneiland geldt natuurlijk: je moet alles over het water vervoeren. Maandagochtend was de boot vaak vol met vrachtwagens voor de horeca en supermarkt. Daarom planden wij onze aanvoer meestal op dinsdag.’
Wedstrijdvaren
• duurzaam en milieubewust event
• voor 12 personen per boot
• het bouwteam
• de ketenpartners
• de bouwpartners
• met relaties
• teambuilding
• bedrijfsuitje
Laat een frisse wind waaien door uw netwerk
Donderdag 11 juni 2026 13:00-20:00 uur
Bel : 06 28 2269 15 : 058 21 53 937
h.hendriks@idee-fix.nl
Bouwmij Hendriks - Winnaar 2025
Ook de zeelucht stelt technische eisen. Buiteninstallaties moeten bestand zijn tegen zout en vocht. ‘Buitencomponenten moeten extra beschermd zijn met coatings of uitgevoerd in rvs of kunststof. Anders gaan ze binnen de kortste keren corroderen’, aldus Boon.
‘Je moet het samen doen’ ‘De kracht van het doen slagen van het project ligt voor een eiland eerst op de vaste wal’, aldus Boon. ‘“Binnen beginnen, buiten winnen” is ons motto. En op het eiland hou ik me dan altijd vast aan een uitspraak van Albert Einstein: “Tracht niet een man van succes te zijn, maar probeer liever een man van waarde te zijn”. En dat staat als een paal boven het zeewater.’
‘Buitencomponenten
extra beschermen met coatings of uitvoeren in rvs of kunststof’
- Jan Boon Koninklijke Damstra Installatietechniek
Op het eiland ben je op elkaar aangewezen als bouwpartners. Jan Boon: ‘Als ik wist dat onze eigen autolaadkraan op donderdag op de boot stond, liet ik dat weten aan het hele bouwteam. Dan kon een ander meteen iets laten meenemen of tillen. Zo help je elkaar.’ Ook volgens Van Veen is samenwerken de sleutel tot succes: ‘Iedereen weet dat fouten en vertragingen op het eiland extra duur zijn. Je moet het samen doen.’
Leveren en installeren brandmeldinstallatie en inbraakinstallatie : DG Beveiliging en Communicatie BV
Afvalverwerking, transport en recycling : NNRD / Visser ATR
Tekst: Marianne Vriesema
Fotografie: Hilvert Huizing
24 meergeneratiewoningen in Wolvega
Hofjes in tuindorpstijl
Aan het Oranjetipje in de Lindewijk in Wolvega worden in opdracht van Woningstichting Weststellingwerf twee hofjes gebouwd met in totaal 24 levensloopbestendige sociale huurwoningen. Een ingewikkelde locatie door de nabijheid van het treinspoor, maar het eindresultaat met de twee U-vormige woonblokken in tuindorpstijl mag er zijn. Vloeiende daklijnen, veel groen, gemetselde delen in combinatie met houten gevelbekleding en poortjes voorzien van siermetselwerk geven de hofjes een vriendelijke uitstraling.
‘Wij werden benaderd door de gemeente Weststellingwerf om de meergeneratiewoningen te bouwen in deze nieuwe wijk in Wolvega, op loopafstand van het centrum’, legt directeur Sake Lageveen van Woningstichting Weststellingwerf uit. ‘Het project maakt deel uit van de tweede fase van de uitbreidingslocatie Lindewijk, die zo’n driehonderd woningen omvat. De gemeente wilde graag dat een deel daarvan sociale huurwoningen waren. Dat paste goed in onze plannen om woningbezit toe te voegen.’
Levensloopbestendig
Alle levensloopbestendige woningen hebben een badkamer en een slaapkamer op de begane grond. Het zijn energiezuinige nul-op-demeter (NOM) woningen. Twintig woningen hebben twee slaapkamers op de verdieping. De vier woningen in de “oksels” van de U-vormige hofjes hebben geen extra verdieping.
Design & Build
De opdracht voor de 24 sociale huurwoningen werd volgens het Design & Build principe gegund aan Bouwbedrijf Bakker, naar een ontwerp van Theo Mestemaker van Mestemaker Architecten. De architect werkt vaker mee aan projecten voor de woningstichting. ‘Het ontwerpen van twee hofjes in Tuindorpstijl vergde nog wel enige discussie’, me-
‘Passen en meten vanwege het spoor’
- Sake Lageveen
Woningstichting
Weststellingwerf
moreert Lageveen. ‘Met aan de ene kant optimale bruikbaarheid van de ruimte en het opleveren van betaalbare huurwoningen en aan de andere kant de esthetica en het beeldkwaliteitsplan van de gemeente.’ Een en ander leidde tot enkele aanpassingen in dat beeldkwaliteitsplan. Lageveen: ‘Zo hebben we bijvoorbeeld besloten om de veelheid van kapjes te versimpelen om meer bruikbare ruimte over te houden en om het ontwerp prijstechnisch aantrekkelijk te houden. Het is Theo gelukt om er iets moois van te maken.’
Het definitieve ontwerp voldeed aan zowel de eisen van de gemeente als die van de woningstichting. De twee hofjes bestaan elk uit drie blokjes die door twee hoekwoningen worden gekoppeld, waardoor er een U-vormige opstelling wordt verkregen. De hofjes hebben elk een gezamenlijke buitenruimte waar de bewoners elkaar kunnen ontmoeten. Gemetselde poortjes in de hoeken geven toegang tot de achterruimte en zorgen mede voor de “tuindorpuitstraling”.
Alles op z’n plek
‘Het was nog een uitdaging om alles op zijn plek te krijgen op de smalle locatie en om er één geheel van te maken’, aldus architect Mestemaker. ‘De dakvlakken lopen door en zorgen voor vloeiende lijnen. De gevels aan de buitenkant van de hofjes zijn gemetseld. De gevels aan de binnenkant zijn een combinatie van metselwerk en houten gevelbekleding. De ronde poortjes zorgen met hun siermetselwerk voor extra detaillering. De koppeling tussen de twee hofjes wordt gevormd door een iets grotere poort.’
‘Door prefabricage afval op de bouwplaats beperkt’
- Julian Kolk EWWS Installateurs
Bouwen naast het spoor
Om geluidsoverlast van het naastgelegen spoor tegen te gaan, besloot de gemeente om een geluidswal te plaatsen. Lageveen: ‘De kavels werden hierdoor minder diep, waardoor het – met name voor de twee blokjes woningen die met de achtertuin aan de spoorkant grenzen – passen en meten werd.’
Na extra trillingsonderzoek werd besloten tot stevige traditionele bouw met speciale aandacht voor de specifieke aansluiting van de vier hoekwoningen. ‘De kavels zijn heel efficiënt bebouwd’, aldus projectleider Hendrik Nanninga van Bouwbedrijf Bakker. ‘Vanwege de trillingen van de passerende treinen is er gekozen voor “zware” bouw met een casco van beton en kalksteen. Dit geeft massa, waardoor de trillingen goed kunnen worden opgevangen.’
Energie
Warmtepompen, zonnepanelen en een WTW-systeem: de woningen zijn energiezuinig gebouwd met als doel nul-op-de-meter. Dit betekent dat de woningen, bij “normaal” gebruik, ongeveer evenveel energie verbruiken als ze opwekken. Zo worden de energielasten laag gehouden.
‘Bijzonder bij de meergeneratiewoningen in de Lindewijk is het Watch-E systeem’, legt installateur Julian Kolk uit. Hij werkt voor EWWS Installateurs, het bedrijf dat de opdracht verkreeg via Bouwbedrijf Bakker. ‘Er zitten meters op de installatie die het energieverbruik per woning kunnen uitlezen. Dit is met name bedoeld voor de woningbouwstichting om te zien of de woningen daadwerkelijk nul op de meter draaien; dat geeft de corporatie recht op een overheidssubsidie.’
‘Uitdaging om er
op de smalle locatie één geheel van te maken’
- Theo Mestemaker Mestemaker Architecten
Afvalbeperking
‘Door prefabricage was het mogelijk om het afval op de bouwplaats te beperken’, aldus Kolk. Het aanleveren van prefab sanitair en warmtepompen betekent minder verpakkingsmateriaal op de bouwplaats. ‘Dit zijn afspraken die we met de groothandels WASCO en REXEL hebben gemaakt. Veel materiaal komt voorgemonteerd op de bouw. Zo zit de kraan bijvoorbeeld al op de wastafel en ga zo maar door. De spullen worden in speciale kratten aangeleverd, waardoor we minder kartonafval hebben. Het scheelt ook ruimte bij het transport, waardoor er minder kilometers gereden hoeven te worden.’
‘Gekozen voor “zware” bouw met een casco van beton en kalksteen’
- Hendrik Nanninga Bouwbedrijf Bakker
Meergeneratie
Hoewel hofjes van oudsher vaak geassocieerd worden met senioren, komen in deze hofjes aan het Oranjetipje in Wolvega ook veel één- en tweepersoonshuishoudens te wonen. ‘Het zijn echte meergeneratiewoningen geworden. De woningen zijn al zijn toegewezen; de huurders kunnen op het moment nog meedenken over de inrichting van de keuken en het sanitair. Eind september worden de woningen uitgegeven. Daarna zal de buitenruimte verder worden ingericht’, besluit Lageveen.
24 Meergeneratiewoningen te Wolvega
Bouwteamleden
Opdrachtgever : Woningstichting Weststellingwerf
Architect : Mestemaker Architecten BNA
Constructeur : W2N Engineers
Aannemer : Bouwbedrijf Bakker
Installateur : EWWS installateurs
Onderaannemers & toeleveranciers
Levering diverse bouwmaterialen : Bouwcenter Meijer
Remix doorstrijkmortel : Remix Droge Mortel
24 sociale huurwoningen in Den Helder NIEUWBOUW VOOR JONGERE STARTERS
Aan de IJsselmeerstraat in de wijk Nieuw Den Helder zijn door opdrachtgever Woningstichting
Den Helder drie woonblokken met in totaal 24 éénlaagse sociale huurwoningen gebouwd. De nieuwbouw is speciaal bedoeld voor jongvolwassenen tot de leeftijd van 28 jaar. Hoewel het project door de stikstofproblematiek een vertraging van bijna vijf jaar opliep, werden de woningen onlangs door efficiënte prefabbouw in een half jaar neergezet. De jonge bewoners kunnen nog dit najaar hun woningen betrekken.
Woningstichting Den Helder is heel bewust bezig om goede en duurzame woningen te creëren voor specifieke doelgroepen zoals senioren, studenten en starters, leggen projectleider Jacob Martens en communicatieadviseur Sander Quartel van de woningstichting uit. Martens: ‘We kijken waar het op de woningmarkt knelt en hoe we daar beweging in kunnen krijgen. Zo willen we er door middel van verschillende projecten voor zorgen dat iedereen in de samenleving mee kan doen op de woningmarkt.’
Te weinig kleine huizen
Een van de projecten was de bouw van 24 sociale huurwoningen op de voormalige sportvelden aan de IJsselmeerstraat. Met de bouw van de kleinere woningen speelt Woningstichting Den Helder in op wensen die leven op de woningmarkt. ‘Er zijn te veel grote gezinswoningen en te weinig kleine huizen. De 24 woningen zijn niet te groot en hebben geen
‘Gebouwd volgens het eigen ontwikkelde
SIMPL-i concept’
- Theo Huisma Jorritsma Bouw
grote tuin. Ze zijn goed geschikt voor jongvolwassenen, die moeite hebben om een woning te vinden.’ De huurders krijgen een contract voor een bepaalde tijd van vijf jaar om doorstroming te bevorderen. ‘Zo willen we de huurmarkt in beweging houden.’
Geen stikstofsaldering
Doordat gebouwd werd op een voormalig sportterrein kon er geen stikstofsaldering worden toegepast. Martens: ‘Meestal bouw je op een locatie waar woningen worden gesloopt of verduurzaamd. In dit geval hadden we te maken met een sport-
veld. Hierdoor was onderzoek nodig om te bepalen of de stikstofnorm zou worden overschreden. Uiteindelijk bleek de overschrijding niet meer dan 2,8 ganzenkeutels te zijn, waardoor we uiteindelijk in november 2024 de eerste paal in de grond konden slaan.’
Snel en goedkoop bouwsysteem Via een onderaannemer kwam de woningstichting in contact met Jorritsma Bouw uit Bolsward. ‘We besteden soms projecten één op één uit. In dit geval zochten we naar een snel en goedkoop bouwsysteem. Via via kwamen we bij Jorritsma terecht. Hun prefab bouwsysteem zorgt ervoor dat we het project betaalbaar kunnen houden. Zij hadden de woningen er in mei 2025 al staan.’
‘We hebben de 24 woningen aan de IJsselmeerstraat gebouwd volgens het door onszelf ontwikkelde SIMPL-i concept’, vertelt projectleider Theo Huisma van aannemer Jorritsma Bouw. ‘Alles wordt prefab aangeleverd. We werken daarbij met vaste partners, zoals IJB voor het heiwerk en prefab fundaties, Spaansen voor het prefabbeton casco, Tegon voor houten kozijnen met beglazing en Rikkert voor de afbouwwerkzaamheden. Alle partijen zijn op elkaar ingesteld en zo is het concept geoptimaliseerd.’
24 woningen in 22 weken
De bouw gebeurt blok voor blok, als een trein achter elkaar aan. ‘Prefab funderingen, palen, balken en casco’s komen als losse onderdelen aan en worden op de bouwplaats geplaatst en geassembleerd. De prefabbetonwanden worden inclusief kozijnen, ramen en beglaasd aangeleverd. Afgeschilderd en al. Zo hebben we de 24 woningen in 22 weken gebouwd. Dat is zo’n vijf weken sneller dan normaal. Woningstichting Den Helder was verbaasd
‘We kijken waar het op de woningmarkt knelt en hoe we daar beweging in kunnen krijgen’
- Jacob Martens Helder Vastgoed
‘De
netcongestie zorgt voor uitdagingen die veel breder gaan dan alleen dit project’
- Sander Quartel
Helder Vastgoed
over de snelheid en efficiëntie van het SIMPL-i concept’, aldus een tevreden Huisma. Hij vervolgt: ‘Het enige afwijkende ten opzichte van ons concept is het platte dak, dat is uitgevoerd in een iso-mix daksysteem, dat wil zeggen isolatie in combinatie met een drukvaste isolatiemortel.’
Netcongestie
Het uitblijven van een tijdelijke bouwaansluiting voor stroom en water leek even een kink in de kabel te worden. ‘Zonder deze voorzieningen kun je niets doen. Met een mobiele wateropslag, en een combinatie van een generator met een accupakket konden we de bouw zelfvoorzienend maken’, legt Huisma uit.
Het aanleggen van de vaste stroomaansluiting zal na de bouwvak gebeuren, laten Martens en Quartel weten. Quartel: ‘De netcongestie zorgt voor uitdagingen die veel breder gaan dan alleen dit project. Op de IJsselmeerstraat moeten we een periode overbruggen zonder stroom. We hebben tijdelijke stroom geregeld voor ventilatie om het vocht weg te krijgen en om de warmtepompen in te regelen. De installateurs moeten later nog eens terugkomen voor de definitieve afwerking. Ook is er bewaking aanwezig op het project. Dit is allemaal het gevolg van de netcongestie, waardoor het project een paar maanden stil is komen te liggen. Na de bouwvak krijgt de locatie riolering en komen de andere nutsbedrijven. Hopelijk kunnen de eerste bewoners de woningen in november betrekken.’
24 Huurwoningen te Den Helder
Bouwteamleden
Opdrachtgever : Helder Vastgoed BV
Architect : Rietvink Architecten
Civieltechnisch engineer : Prommenz
Constructeur : Rijnders & de Groot
Bouwkundig aannemer : Jorritsma Bouw
W-installaties : PBK Installatietechniek BV
E-installaties : Snip Elektrotechniek BV
Onderaannemers & toeleveranciers
Afvalverwerking, transport & recycling : NNRD / Visser ATR
Deurkozijnsets incl. hangen sluitwerk : BPZ
6 STARTERSWONINGEN HIPPOLYTUSHOEF
Een vlot bouwproces dankzij een uitgekiend concept
Voor woningbouwvereniging Beter Wonen realiseerde Jorritsma Bouw zes huurwoningen in Hippolytushoef volgens het eigen SIMPL-i concept: twee starterswoningen en vier levens-loopbestendige woningen. Ook de inrichting van de openbare ruimte en de tuinen werd door Jorritsma verzorgd.
‘Dit was een vrij klein project van zes woningen, maar ons SIMPL-i concept leent zich ook uitstekend voor kleinere aantallen’, vertelt projectleider Theo Huisma. ‘Het hoeven echt niet alleen grote projecten te zijn. Bovendien hebben we in overleg met de gemeente Hollands Kroon ook het terrein rond de woningen ingericht: er moest een stuk riolering aangepast worden en we hebben parkeervakken gemaakt, conform de richtlijnen van de gemeente.’
Design & Build
De samenwerking met Beter Wonen heeft een langere geschiedenis. Huisma: ‘We bouwen wel vaker woningen in deze regio voor Beter Wonen. We hebben bijvoorbeeld woningen in Den Oever voor hen gebouwd. Daarna hebben we de contacten warm gehouden. Vanuit die eerdere samenwerking hebben ze ons benaderd om ook voor deze locatie een plan te maken. We hebben het hele plan ontwikkeld én gebouwd: Design & Build.’
‘We hebben het hele plan ontwikkeld én gebouwd: Design & Build’ - Theo Huisma Jorritsma Bouw
Inpassing in de wijk
De opdrachtgever had een aantal basiseisen voor de nieuwbouw. Samen met Van Manen en Zwart Architecten en Dijkhuis ingenieurs werkte Jorritsma een ontwerp uit. De woningen verrezen op een braakliggende kavel, ingeklemd tussen bestaande bebouwing. De uitdaging was om voor het diepe perceel een optimale invulling te realiseren. ‘De nieuwbouw hoefde niet hetzelfde te worden als de omliggende woningen, maar moest wel passen in het beeld van de wijk. We hebben hierover ook nauw contact gehad met de gemeente Hollands Kroon’, aldus Huisma.
Situering
De starterswoningen zijn evenwijdig aan de Slingerweg gesitueerd en sluiten hiermee zowel aan op de naastgelegen woningen als op de woningen die voorheen op dit perceel hebben gestaan. De vier levensloopwoningen zijn haaks op en achter de starterswoningen geplaatst en staan evenwijdig met de naastgelegen woningen aan de Koningin Wilhelminalaan. De architect heeft de rooilijn van de starterswoningen laten verspringen om zo parkeerplaatsen te realiseren, waarmee is voldaan aan de parkeernorm. De voorkanten van de levensloopwoningen zijn naar het zuidoosten gericht.
SIMPL-i concept
Het project is ontwikkeld vanuit het SIMPL-i concept, dat bestaat uit een uitgekiende voorbereiding en slimme standaardprocessen. ‘We bouwen in dit concept veelal met vaste partners, dat was hier ook het geval. In het voortraject is alles al uitgedacht en zijn mogelijke problemen getackeld, waardoor op de bouw gewoon gebouwd kan worden. We creëren hiermee een vlot bouwproces waarin vaste partners volledig op elkaar zijn afgestemd. Dit geeft ontzettend veel rust tijdens de bouw zelf.’
‘Het zijn duurzame, onderhoudsarme woningen’
- Theo Huisma Jorritsma Bouw
De woningen bestaan uit een betonnen casco met metselwerk, zinken goten, een regulier pannendak, kunststof kozijnen en energiezuinige verwarming en koeling. ‘Het zijn duurzame, onderhoudsarme woningen’, zegt Huisma.
Stroom en water
De grootste uitdaging zat in de nutsvoorzieningen. ‘We hadden geen bouwstroom en geen water. Daarom hebben we een zelfvoorzienende bouwplaats ingericht, met een groot accupakket en een aggregaat’, vertelt Huisma. Ook voor de woningen zelf lieten de nutsvoorzieningen op zich wachten. ‘Volgens planning hadden we in april al kunnen opleveren, maar dat is uiteindelijk medio juli geworden.’
Communicatie
Daarnaast was de bouwplaats krap. ‘Omdat de bestaande bebouwing vrij dicht op dit terrein stond, moesten we echt tussen de woningen in bouwen. Dat veroorzaakt altijd enige overlast. Helemaal als je zo dichtbij andere bewoners bezig bent. We communiceren altijd goed met de omgeving voordat we beginnen met bouwen, dat hebben we hier ook gedaan.’
In hoog tempo werken aan een nieuw woonzorgcomplex
In Assen wordt hard gewerkt aan de nieuwbouw van De Slinge. Het verouderde gebouw De Slingeborgh maakt plaats voor nieuwbouw met 176 comfortabele zorgappartementen en een aantal gemeenschappelijke ruimtes. De eerste appartementen werden begin dit jaar opgeleverd.
Projectleider Helmer Westra van Bouwgroep Dijkstra Draisma uit Dokkum kijkt tevreden terug op de eerste fase. ‘We hebben binnen een jaar tijd een complete vleugel gebouwd, van sloop tot oplevering. Dat is heel snel voor zo’n complex. We hebben echt in hoog tempo gewerkt en zijn daar bijzonder trots op. De mannen van de werkvloer verdienen hiervoor een groot compliment. Wat erg leuk was, is dat de bewoners van de naastgelegen vleugel alles vanaf de eerste rang konden volgen.’
‘We bouwen midden in een woonwijk. Logistiek was dit dus best een uitdaging’, vertelt Westra. ‘Maar het contact met de buurt liep via Interzorg echt heel soepel. We hebben geen klachten gehad. Sterker nog, de omwonenden vonden het juist mooi om te zien wat er naast hen gebeurde.’
Hergebruik van de kelder
Een bijzondere technische uitdaging vormde het hergebruik van de bestaande kelder. In plaats van deze te slopen, besloot het bouwteam de kelder te gebruiken als nieuwe technische ruimte. ‘We moesten de bestaande bovenbouw eerst slopen en vervolgens een heel nieuw gebouw over de oude kelder bouwen. Dat heeft de nodige hoofdbrekens gekost, maar dat maakt dit juist een leuke klus’, legt Westra uit. ‘Nu staan daar de nieuwe warmtepompen, die onderdeel zijn van de WKO-installatie. Het dak ligt vol met zonnepanelen.’
‘In een jaar tijd een complete vleugel gebouwd, van sloop tot oplevering’
- Helmer Westra
BGDD
Groen
Projectontwikkelaar Sander te Hoonte van Renward uit Haarlem benadrukt het hoge duurzaamheidsniveau: ‘Dit is een BENG-gebouw, op het hoogste niveau dat je kunt bereiken. Er is een automatisch zonweringssysteem, een WKO met bodembronnen, een groen dak op het middengebied en we hebben zoveel mogelijk groen behouden.’
Gebouw als middel
Architect Hans Vesseur uit Assen maakte het ontwerp. Hij ziet het gebouw vooral als middel. ‘Het gaat niet om het gebouw, maar om de mensen. De kwaliteit van de zorg wordt bepaald door het personeel. Het gebouw is één van de middelen die zij gebruiken om die zorg te kunnen leveren.’ Die filosofie vertaalt zich in praktische keuzes. Het H-vormige ontwerp ontstond vanuit de zorgvisie: twee huiskamers die gekoppeld zijn met elk elf woningen eromheen. Vesseur: ‘We hebben veel aandacht besteed aan het werkgemak. Die afdelingen worden steeds groter, dus het personeel heeft steeds minder tijd per cliënt. Elke overbodige handeling moet je zien te ondervangen, zodat er tijd overblijft om toch nog een praatje te maken.’
Open voor de buurt
Het nieuwe complex breekt radicaal met het gesloten karakter van vroeger. ‘Het is echt de filosofie van Interzorg om allerlei activiteiten open te stellen voor de buurt’, legt Vesseur uit. ‘Er is niet alleen een restaurant, maar ook een café en een mooie binnentuin met uitzicht op Landgoed de Lariks. Als je daar buiten gaat zitten, ben je echt onderdeel van de maatschappij’, aldus de architect. Te Hoonte vult aan: ‘Het middengebied krijgt een centrale buurtfunctie. Interzorg is heel vooruitstrevend in hun zorgconcept. Ze willen niet alleen diensten leveren aan bewoners in het gebouw, maar ook aan de omgeving.’
‘Dit
is een BENG gebouw, op het hoogste niveau dat je kunt bereiken’ - Sander te Hoonte Renward
Financiële puzzel
Financieel was deze bouw een complexe puzzel. ‘De budgetten in de zorg zijn niet zo heel groot’, erkent Te Hoonte. ‘Het is een sale-and-leaseback-constructie geworden. Wij hebben het bestaande gebouw gekocht van Interzorg en het nieuwe complex verkocht aan Achmea. Interzorg huurt het straks terug.’
Vesseur is eerlijk over de gevolgen van de lange aanloop: ‘De stijgende bouwprijzen hebben zeker invloed gehad op het project. De budgetten in de zorg groeien helaas niet mee met de bouwkosteninflatie. Maar wat er nu staat is een prachtig complex. De bewoners komen beslist niets tekort en voelen zich er zeker thuis.’
‘Het gaat niet om het gebouw, maar om de mensen’
- Hans Vesseur Hans Vesseur Architecten
Toekomstbestendige plek
Na de oplevering van fase één is direct begonnen met de sloop van het oude gebouw. De tweede vleugel met nog eens 88 appartementen moet in het najaar van 2026 klaar zijn. Dan verhuizen ook de cliënten van zorgcentrum Anholt naar de nieuwe locatie. De Slinge in Assen wordt een duurzame, toekomstbestendige plek waar ook bewoners met een zware zorgvraag volwaardig onderdeel blijven van de wijk.
Zorgappartementen Slingeborgh te Assen
Bouwteamleden
Opdrachtgever : Achmea
Opdrachtgever : Renward
Opdrachtgever : Stichting Interzorg Noord Nederland
Zorg- en schuifdeursets, Digimate deuren, buitendeuren, hang- en sluitwerk
BPZ
Levering gevelstenen Strating Gevelsteenmeesters
Leveren en installeren brandmeldinstallatie
DG Beveiliging en Communicatie BV
Renovatie raadszaal gemeentehuis Emmen
Krachtig samenspel van storytelling, techniek en lokaal vakmanschap
De raadszaal en bestuursvleugel van het gemeentehuis in Emmen zijn ingrijpend vernieuwd. De gemeente koos voor een doordacht ontwerp dat de identiteit van de stad en regio ademt, gebouwd met lokale vakkennis en voorzien van een vernieuwend vergadersysteem. In opdracht van de gemeente Emmen werkten onder andere OdV interieurarchitecten, Brands Bouw en Intervision audiovisueel aan dit renovatieproject.
Voor directeur Ton Overtoom van OdV stond één ding voorop: de nieuwe raadszaal moest het verhaal van Emmen vertellen. ‘Wij ontwerpen interieurs die aansluiten bij de identiteit van de plek, het doel en de gebruiker. Hier wilden we een raadszaal maken die niet alleen mooi is en goed functioneert, maar ook het verhaal vertelt van Emmen.’
Ontwerp met betekenis
De ligging van het gebouw vormde de basis van het concept. ‘Kijk je naar links, dan zie je de stad. Rechts kijk je over de es. Die tegenstelling – stad versus landschap – hebben we als thematiek in het interieur vertaald.’ De ene zijde kreeg roodoranje tinten, symbool voor bebouwing, de andere zijde groentinten als verwijzing naar het omringende landschap. De zaal heeft een hoefijzervormige opstelling, gericht op verbinding met het publiek. Overtoom: ‘De open zijde is naar de tribune gekeerd. Tussen de bestuursvleugel en de raadszaal is een gemetselde wand vervangen door glazen deuren, wat voor licht, openheid en zichtlijnen zorgt.’ Ook aan duurzaamheid is gedacht. ‘Er ligt een circulair tapijt met vuursteenpatroon: een verwijzing naar Drenthe, het debatvuur en het vuur van de gemeenschap.’
‘De raadszaal moest het verhaal van Emmen vertellen’
- Ton Overtoom
OdV interieurarchitecten
Werken in een gebouw dat in gebruik is Ruben Voors, projectleider bij Brands Bouw, vertelt dat de gemeente zoveel mogelijk regionale partijen wilde inschakelen voor de verbouwing. ‘We hebben een plan van aanpak opgesteld en ons gericht op slimme planning, minimale overlast en lokale samenwerking.’
De werkzaamheden vonden plaats in een pand dat gewoon in gebruik bleef. Voors: ‘We gebruikten een overlastmeter en gaven wekelijks een inschatting van geluid en stof door, zichtbaar op schermen in het gebouw. Op drukke dagen hielden we bewust rekening met de bezetting.’ Om de overlast op de tweede ver-
‘Continu geluid en stof gemonitord om de overlast zo beperkt mogelijk te houden’
- Ruben
Voors
Brands Bouw
dieping te beperken, werd een tijdelijke werkvloer aangelegd. ‘Vanwege een vide tussen de verdiepingen hebben we de opening deels dichtgelegd met houten balken en platen. Zo ontstond een afgesloten werkruimte waarin we geluids- en stofarm konden werken.’
Ook bouwkundig vergde het werk nauwkeurigheid. Voors legt uit: ‘Omdat we in een bestaande situatie werkten, moesten we veel in het werk inmeten. Pas na het slopen zagen we waar wanden liepen en of materialen behouden konden blijven. Zo bleken de houtgetimmerde koven in de bestuursvleugel van goede kwaliteit te zijn, die zijn gebleven.’
Versteviging en vernieuwing
In de raadszaal werd de dakconstructie verstevigd om ruimte te maken voor zware audiovisuele installaties. ‘Daarna hebben we een nieuw plafond aangebracht en nieuwe publiekstribunes gerealiseerd. Voor de raadsopstelling heeft KP Interieur de hoefijzervorm exact uitgefreesd met een computergestuurde machine.’ Ook het materiaalgebruik vroeg aandacht. ‘Tussen de raadszaal en de bestuursvleugel zijn oude stalen puien en een schoorsteenconstructie verwijderd. Daarvoor in de plaats zijn kozijnen van geperst bamboehout gekomen: een materiaal dat drie keer zo hard is als gewoon hardhout.’
Audiovisuele primeur
‘Uniek
led-scherm van 60 vierkante meter dat meerdere beelden tegelijk kan tonen’
- Paul Mellens Intervision audiovisueel
Digitale naambordjes
De vernieuwde raadszaal is voorzien van een audiovisueel systeem dat op gemeentelijk niveau uniek is. Paul Mellens, directeur van Intervision audiovisueel: ‘Wij zijn al zo’n vijftien jaar de vaste audiovisuele partner van de gemeente. Voor deze verbouwing vroegen ze ons om het vergadermanagementsysteem volledig te vernieuwen.’ De wens: rondom beeld in de zaal. ‘Normaal zie je één of twee schermen aan de wand, maar Emmen wilde iets bijzonders. We hebben een led-systeem van 60 vierkante meter geplaatst. Dat is nog niet eerder bij een gemeente toegepast. Het is één groot scherm rondom, opgebouwd uit meerdere modules.’ De schermindeling is volledig flexibel. ‘Ze kunnen vier beelden tegelijk tonen: bijvoorbeeld meerdere sprekers, een presentatie en een stemronde.’
Raadsleden hoeven ook niet meer op een vaste plek te zitten. ‘Ze melden zich aan met een pasje. Zo is duidelijk wie waar zit en van welke partij iemand is.’ Voor het eerst is gewerkt met een inbouwversie van digitale naambordjes. ‘Dit wilde de gemeente graag. Leverancier Bosch had dit zelf nog niet, dus we hebben een inbouwplaat laten maken.’ De levering van het grote led-scherm liet even op zich wachten, ‘maar de samenwerking met de andere partijen verliep soepel’, vertelt Mellens. ‘We hadden bijvoorbeeld te maken met een architect die echt openstond voor techniek, heel prettig.’
Eén geheel
De raadszaal en bestuursvleugel van Emmen hebben hiermee een integrale facelift van betekenis gekregen. Of, zoals Ton Overtoom het verwoordt: ‘De verbinding tussen vorm, verhaal en functie stond centraal. Als gebruikers dat verhaal herkennen én zich eigen maken, is dat voor ons de kroon op het werk.’
Renovatie Raadszaal te Emmen
Bouwteamleden
Opdrachtgever : Gemeente Emmen
Architect : OdV Interieurarchitecten
Bouwkundig toezicht/ bouwmanagement : DMA bouwkundig bureau
Installaties toegangscontrole, brandmelding, cameraobservatie : DG Beveiliging en Communicatie BV
Digimatedeuren incl. hang- en sluitwerk : BPZ
Afvalverwerking, transport & recycling : NNRD / Visser ATR
SV Bedum scoort met energieneutraal clubgebouw
Licht, ruimte en uitzicht
Water van 27 graden uit de zuivelfabriek van FrieslandCampina houdt het afgelopen zomer opgeleverde clubgebouw van SV Bedum lekker warm. Een creatief idee waarmee Bouwmaatschappij Vuurboom uit Bedum samen met Van der Plas Adviseurs en Architecten uit Groningen een bouwopdracht binnensleepte.
Gemeente Het Hogeland had een prijsvraag uitgeschreven voor vervanging van het verouderde clubgebouw. Verschillende aannemers mochten een plan indienen. In het nieuwe pand is de begane grond bestemd voor kleedruimtes, techniek en opslag, en is de eerste verdieping in gebruik als clubgebouw voor SV Bedum. Duurzaamheid stond hoog op het verlanglijstje. Voor Rolf Vuurboom, die al dertig jaar in de bouw zit, was dat het startschot voor creatief denken. ‘Het was eigenlijk heel logisch’, legt hij uit. ‘FrieslandCampina verwarmt al jaren het naastgelegen zwembad en de sporthal met hun restwarmte. Wij dachten: zouden ze nog meer warmte overhebben voor een clubgebouw?’
Perfecte temperatuur
Het antwoord was: ja, meer dan genoeg. Water van 27 graden – de perfecte temperatuur voor vloerverwarming. Een paar buizen leggen
van het nieuwe clubgebouw naar het zwembad was eigenlijk voldoende. ‘Hier had niemand aan gedacht’, aldus een enthousiaste aannemer. ‘We scoorden duidelijk met dit plan.’
Het beste plan
‘We wilden niet alleen de beste prijs, maar ook het beste plan presenteren’, legt Vuurboom uit. ‘Door onze werkrelatie met FrieslandCampina wisten we hoe ze met hun overtollige warmte omgingen. De fabriek wilde graag meewerken – ze hebben duidelijk hart voor het dorp.’ Voor de voetbalvereniging betekent de oplossing een geweldige besparing op energiekosten. ‘Dit scheelt enorm bij de exploitatie. Veel beter dan een nieuwe installatie aanleggen voor luchtverwarming. Out of the box denken, dat proberen we altijd te doen! Het is een gebouw geworden dat gezien mag worden. Bovendien bleven we binnen het taakstellend budget en ook daar zijn we trots op.’
‘We wisten hoe FrieslandCampina met zijn overtollige warmte omging’
- Rolf Vuurboom Bouwmaatschappij Vuurboom
‘Het kloppend hart van de vereniging kan weer minimaal veertig jaar mee’
- Peter Giezen
Project- en Bouwmanagement Giezen
Geslaagde combinatie
Peter Giezen van Project- en Bouwmanagement Giezen uit Assen begeleidde met zijn team het project. Hij is enthousiast over het eindresultaat. Het is de combinatie die het volgens hem doet: de restwarmte van FrieslandCampina via een warmtepomp naar de vloerverwarming, 125 zonnepanelen op het dak, triple glas en ledverlichting door het hele gebouw. ‘Daardoor is het helemaal energieneutraal. Heel mooi dat we die warmte kunnen gebruiken.’ Rondom het gebouw ligt een aarden grondwal die extra isolatie geeft. ‘De uitdaging was om verzakking te voorkomen’, aldus Giezen. ‘We hebben daarom EPS-platen gebruikt – die zijn licht en geven minder druk op de ondergrond. Ik denk dat dit het meest energieneutrale clubgebouw van Nederland is. Het is het kloppend hart van de vereniging, en het kan weer minimaal veertig jaar mee!’
‘Het gaat om beleving’
Architect Niels Feddema van Van der Plas Adviseurs & Architecten uit Groningen wist wat hij niet wilde toen hij aan de slag ging. ‘Geen donker gangenstelsel rondom de kleedkamers dat aanvoelt als een catacombe. Ik koos nadrukkelijk voor licht, ruimte en uitzicht op alle voetbalvelden.’ Het gebouw staat op een dijklichaam waar een tribune onderdeel van is. Driezijdig glas zorgt ervoor dat je vanuit het clubhuis alle velden
ziet. Alleen richting de wijk is de gevel meer gesloten. ‘Als je binnenkomt, kijk je dwars door het gebouw heen naar de spelerstunnel. Elke bezoeker voelt bij wijze van spreken hoe het is om als speler het veld op te lopen. We hebben zelfs een groene vloer gelegd om dat grasgevoel door te zetten – het gaat om beleving.’ Het gebouw herbergt maar liefst veertien kleedkamers voor teams en drie voor officials, plus een ruime kantine voor leden, supporters en evenementen. ‘Dit is een gebouw waar mensen vrolijk van worden’, zegt de architect. ‘Als de zon erop schijnt, komt het helemaal tot leven. Vaak zijn het sombere, stoere gebouwen. Dat is hier heel anders. We hebben echt iets moois neergezet.’
Gronings steentje
De begane grond is aardbevingsbestendig door beton en stapelbouw. De eerste verdieping bestaat uit houtskelet met een staalconstructie. Niet alleen de bouwers van Vuurboom staken hun handen uit de mouwen. Ook de vrijwilligers van SV Bedum droegen hun steentje bij. Een Gronings steentje in dit geval: de gevels zijn opgebouwd uit drie door elkaar gemixte soorten steen afkomstig van een steenfabriek uit de eigen provincie.
‘Ik koos voor licht, ruimte en uitzicht op alle voetbalvelden’
- Niels Feddema
Van der Plas Adviseurs & Architecten
‘Als installateur hebben we echt genoten van dit project’
- Danny Hageman Technisch Expert Jansen
Nutspuzzel
Niet alles ging vanzelf, de nutsvoorzieningen vormden bijvoorbeeld een heuse puzzel. ‘We hebben met een heel geringe bouwaansluiting moeten werken omdat er simpelweg geen capaciteit meer was’, vertelt Giezen. ‘Tegenwoordig vragen we nutsvoorzieningen aan voordat we een architect voor een project hebben – zo krap is het.’
Visitekaartje
‘Als installateur hebben we echt genoten van dit project’, stelt projectleider Danny Hageman van Technisch Expert Jansen uit Uithuizen. Het bedrijf werd door aannemer Vuurboom voor de klus in Bedum gevraagd. De creatieve keuze voor het gebruik van restwarmte om energie te besparen sprak Hageman erg aan. ‘Dat restwarmte van een fabriek naar een zwembad gaat en dan door naar nog een bestemming, dat kom je als installateur niet vaak tegen. Voor ons bedrijf is dit dan ook zeker een mooi visitekaartje.’
Het wegwerken van alle leidingen in het plafond vormde volgens de projectleider nog wel een uitdaging. ‘Het was best krap om alles in een kleine ruimte toch efficiënt te kunnen plaatsen. Onze experts hebben zich kunnen uitleven en uiteindelijk kwam alles prima voor elkaar. Het was echt een mooie opdracht en het mag best gezegd worden dat de samenwerking in het bouwteam ook uitstekend was.’
Sportcentrum Bedum te Bedum
Bouwteamleden
Opdrachtgever : Gemeente Het Hogeland
Opdrachtgever : SV Bedum
Architect : Van der Plas Adviseurs & Architecten
Bouwmanagement : Project- en Bouwmanagement Giezen
Nieuw ontvangstpaviljoen en de ontdekkingsreis ‘Labyrinthia’ in toekomstbestendig complex
De vaste collectiepresentatie van het Drents Museum is vernieuwd – en het museumgebouw zelf ook. De bouw van Labyrinthia –een ontdekkingsreis door vijftien zalen langs geschiedenis en kunstwerken van Drenthe – was aanleiding om ook groot onderhoud, duurzaamheids- en veiligheidsmaatregelen op te pakken in de grotendeels monumentale gebouwenenclave in Assen. Drie betrokkenen vertellen over deze intensieve operatie.
Colin Spiegelaar (RYSE):
‘Projectmanagement is mensenwerk’
‘Het project is begonnen met de wens van het Drents Museum om “het verhaal van Drenthe en hun eigen collectie” op een nieuwe manier te gaan vertellen, modern en interactief, voor jong en oud. RYSE is daar vanaf 2018 bij betrokken. Samen met de mensen van het museum en gespecialiseerde partners zoals de Deense Moesgård-groep hebben we een concept en een verhaallijn ontwikkeld die draaien om “een magische ontdekkingsreis”. Daarna zijn o.a. Bruns, Yipp en Wirtz betrokken geraakt om deze verhaallijn uit te werken en te realiseren. Gelijktijdig stonden Klok en Equans aan de lat voor de renovatie en verduurzaming. Onze rol zat steeds op het snijvlak: tussen schoonheid en beleving aan de ene kant, en harde techniek, installaties en bouwkundige eisen aan de andere. Het is onze toegevoegde waarde om die werelden bij elkaar te brengen en integraal langs de lat van planning, kwaliteit en budget te sturen.’
Gedeeld opdrachtgeverschap
In elk van de vijftien zalen beleef je een nieuw avontuur en zie je de mooiste archeologische vondsten, historische objecten en kunstwerken – denk aan het Meisje van Yde, de kano van Pesse en De turfschuit van Vincent van Gogh. ‘Om een nieuwe, inspirerende presentatie mogelijk te maken, zijn onvermijdelijk ook technische en bouwkundige ingrepen nodig, al een hele verbouwing op zich. Dus als je zoiets onderneemt kun je het beste ook maar meteen naar onderhoud en verduurzaming kijken, daar zit een kans voor synergie. Maar dat was een zaak van de provincie Drenthe, eigenaar en verhuurder van het complex. Daarom hebben we die bij het project betrokken en is gedeeld opdrachtgeverschap ontstaan met twee doelen: de museale ambities verwezenlijken én het vastgoed toekomstbestendig maken.’
‘Bijdragen aan iets bijzonders’
- Colin Spiegelaar RYSE
Abdijkerk
Een van de hoogtepunten vindt Spiegelaar de oplevering van de laatste fase van het project, namelijk de 13e-eeuwse rijksmonumentale Abdijkerk, één van de twee gebouwdelen waar het museum bruikleenkunst van over de hele wereld tentoonstelt. ‘Die is nu volledig geklimatiseerd. De luchtcondities zijn dusdanig stabiel dat kunst er zonder vitrines kan worden tentoongesteld. Alle installaties zijn weggewerkt op de zolder. Dat geldt overigens voor de meeste installaties, de zolder staat er vol mee. Een knap staaltje werk van Klok en Equans, en precies wat dit project typeert: de techniek moet er zijn, maar je mag hem niet zien.’
De ambities van het Drenst Museum ‘Zelf ben ik vanaf de realisatiefase betrokken. Het was voor mij een intensief project, met veel uitdagingen, overleggen, en afstemming. Het museum is een verzameling van rijksmonumenten, met alle beperkingen van dien. We zaten met prijsstijgingen door de oorlog in Oekraïne, toegankelijkheids- en veiligheidseisen. En: de bedrijfsvoering van het museum continueerde tijdens de verbouwing, dus we moesten enorm scherp plannen. Soms hadden we maar twee weken om in een zaal álle werkzaamheden uit te voeren. Dat was alleen mogelijk door heldere afstemming en een intense samenwerking tussen alle partijen en het museum: iedereen had het idee bij te dragen aan iets bijzonders. De energie van het museum – en de ambitie van de directie van het Drents Museum, waaronder (de inmiddels gepensioneerde) directeur Harry Tupan, werkten aanstekelijk. Zelf vond ik het ook bijzonder. Ik ben in Assen geboren. Als jongetje van zes zag ik het Meisje van Yde voor de eerste keer. Dat maakte diepe indruk. Nu mocht ik werken aan de zaal waar datzelfde meisje een nieuwe plek heeft gekregen – en waar RYSE zaalsponsor van is geworden.’
Leon den Hertog (Klok Onderhoud & Afbouw): ‘Een monument verduurzamen is een puzzel’
Voor aannemer Leon den Hertog was de renovatie van het Drents Museum allesbehalve een standaardopdracht. De aannemer deed het project voor 85 tot 90 procent met eigen vakmensen. ‘Wij doen vaak turnkey afbouw,’ vertelt de directeur van Klok Onderhoud & Afbouw, ‘maar hier ging het om onderhoud, beheer én verduurzaming van een complex met eeuwen historie. Dat maakt het spannend, maar ook heel bijzonder.’
‘Technischingewikkeld, maar
esthetisch onzichtbaar’
- Leon den Hertog
Klok Onderhoud & Afbouw
Van tochtige ramen naar vacuümglas
‘Het gebouw had enkel glas, veel tocht, geen goed klimaat. Dat hebben we aangepakt door de buitenschil grondig te isoleren. Nieuwe voorzetwanden, houten kozijnen en draairamen, en inbraakwerende beglazing. In de Abdijkerk hebben we zelfs vacuümglas toegepast; een product dat oorspronkelijk uit de televisiewereld komt. Beter isolerend dan HR++ en toch historisch verantwoord. Mooi dat we dat hier konden toepassen.’ Ook in het Drostenhuis werd flink ingegrepen. ‘Daar zat een betonnen dakkap zonder isolatie. Die hebben we aangepakt, net als alle ramen en de afwerking. Het gebouw kan er nu weer decennia tegenaan.’
Verborgen techniek
‘De installaties voor klimaatbeheersing zijn cruciaal voor de kunst, maar de bezoeker mag er niets van merken. Samen met de installateur hebben we daarom veel oplossingen in wanden en op zolder weggewerkt. In het Drostenhuis lopen bijvoorbeeld zwarte kanalen langs de kap: in blacklight vallen ze niet meer op. Technisch ingewikkeld, maar esthetisch onzichtbaar.’ Omdat er weinig historische tekeningen beschikbaar waren, moest er veel ter plekke onderzocht worden. ‘Het blijft trial and error. Je doet aannames, maar pas als je het openmaakt zie je wat er echt zit.’
Toegankelijk en open
Een belangrijk onderdeel was het verbeteren van de toegankelijkheid. ‘De provincie wilde dat ook mensen die slecht ter been zijn makkelijk door het complex kunnen. We hebben vloeren verwijderd en de onderdoorgang tussen de gebouwen verbeterd. Dat vroeg veel constructief onderzoek, maar het resultaat is een open en toegankelijke verbinding.’
Respect voor historie
Naast verduurzaming waren er ook historische herstelwerkzaamheden. ‘Zo is in het Drostenhuis een hele verdieping verwijderd om meer hoogte te geven. De vrijgekomen houten balken en staal hebben we hergebruikt in andere delen van het project. En bij de oude groepsentree hebben we stalen puien uit de jaren ’70 verwijderd en de oorspronkelijke deuren en beslag teruggebracht. Die had het museum gelukkig bewaard.’
Trots
Voor Den Hertog is de renovatie meer dan een bouwkundig project. ‘Ik woon zelf in Assen. Jaarlijks komen er meer dan 150.000 mensen naar dit museum. Dat wij als Drents familiebedrijf mochten bijdragen aan een plek die zo belangrijk is voor de regio én op nationaal niveau, daar ben ik trots op. Het is echt een reis door de historie van Drenthe geworden, en wij mochten zorgen dat het gebouw klaar is voor de toekomst.’
Peter Bos (Sax Architecten):
‘Met een goed geweten bouwen aan de toekomst van het Drents Museum’ Als architect ben je het geweten van het gebouw’, zegt Peter Bos, architect en ontwerper van de recente renovatie van het Drents Museum. ‘Je komt voortdurend voor gewetensvragen te staan: wat tast je aan, wat laat je ongemoeid, en waar voeg je iets toe?’ Bos en zijn bureau Sax Architecten werkten intensief aan de uitbreiding van het museum, met onder andere de groepsentree en een aantal bouwkundige elementen, waaronder twee trappen. Ook namen ze – geen onderdeel van Labyrinthia – de vernieuwing van brasserie Pingo voor hun rekening. Het uitgangspunt was steeds respect voor de lagen van de ge-
‘Het gaat om terugvinden van wat er niet meer leek te zijn’
- Peter Bos Sax Architecten
schiedenis die in het complex besloten liggen. ‘Het oudste deel is de kapel van een Cistercienzer klooster uit de dertiende eeuw. Dan is er het negentiende-eeuwse voormalige provinciehuis en een deel nieuwbouw uit de periode 2009-2011, grotendeels ondergronds, ontworpen door Erick van Egeraat.’
Eerlijk oud en nieuw
Een belangrijk principe lag al vroeg vast. ‘Harry Tupan, die onlangs afscheid nam als directeur van het museum, heeft altijd met afschuw gesproken over alles wat nep-oud was. Daar
waren we het snel over eens: er mag geen twijfel bestaan of iets oud is of nieuw. Het moet eerlijk zijn. Vanuit dat idee hebben we alle keuzes gemaakt.’ Wie door het gebouw loopt, ziet dat contrast terug. In de historische delen draait het om kleur, details en ornamentiek. Daar tegenover plaatste Bos bijna minimalistische nieuwbouw. ‘We hebben gekozen voor eenvoud: weinig kleur, weinig vorm. Bijna nihilistisch wit, als tegenstem bij de rijkdom van het oude. Dat concept hebben we consequent doorgevoerd, ook in de nieuwe binnenplaats tussen de Abdijkerk en het ontvangershuis.’
Verborgen muren zichtbaar maken
Een van de mooiste ingrepen vindt Bos het zichtbaar maken van de oude buitengevels. ‘Wat ooit buiten was, is door eerdere uitbreidingen binnen geworden. Daardoor verdween de oudste muur van Assen – een wand van meer dan twee meter dik uit de abdij – volledig uit beeld. Nu is hij weer zichtbaar. Ook gevels uit de 19e eeuw hebben we opnieuw in het licht gezet. Het gaat om terugvinden van wat er niet meer leek te zijn.’ Om dat mogelijk te maken, werden nieuwe vloeren los gehouden van de buitenmuren. ‘Zo kun je de gevels in hun volle hoogte bekijken. Dat is winst voor het gebouw, maar ook voor de bezoeker.’
Balanceren tussen behoud en ingreep
‘In het voormalige provinciehuis hebben we enkele hoge ramen tot de grond open gezaagd, om oud en nieuw met elkaar te verbinden. Dat was een ingreep in het monument, waarvoor we wel goedkeuring moesten hebben van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Daarmee hebben we nauw samengewerkt. Het fijne was dat alles bespreekbaar was. Je zoekt samen naar de beste oplossing, met respect voor het monument én met oog voor de toekomst.’
Renovatie en herinrichting
Drents Museum
Bouwteamleden
Opdrachtgever : Provincie Drenthe
Gebruiker/huurder/ opdrachtgever : Drents Museum
Bouwdirectie : RYSE
Renovatie publieksruimtes
Architect : Sax Architecten
Interieurarchitecten : Sax Architecten, Vermaat
Bouwkundig advies : Van der Plas Adviseurs & Architecten
Aannemer : Jurriens Noord
Installateur : Velgsib, Leijdsman
Constructeur : Dijkhuis ingenieurs
Realisering Nieuwe collectiepresentatie Labyrinthia
Coördinerend bouwkundig aannemer : Klok Onderhoud- en Afbouwgroep
Thea van der Schaaf, Arjen
Bakker
Fotografie: Sax Architecten,
Sake
Elzinga, Klok
Onderhoud & Afbouw
11
moderne appartementen op een historische plek in hartje Emmen
Bouwen tussen monumenten
Hesco Bouw uit Stadskanaal heeft een mooi project gerealiseerd aan de Sterrenkamp in Emmen. Op de plek waar ooit de bibliotheek stond, zijn elf sfeervolle appartementen verrezen die het centrum van Emmen een frisse uitstraling geven.
Het complex bestaat uit twee verschillende delen die op een gezamenlijke ondergrondse garage zijn gebouwd en samen een mooi geheel vormen. Links vind je vier appartementen met daarbovenop een penthouse, waarbij de gevel is bekleed met geperforeerd aluminium en speelse, witte geperforeerde, aluminium gevelcassettes als verwijzing naar het naastgelegen voormalige kantongerecht. Rechts zie je zes appartementen met een opvallende metselwerkgevel. Steenfabriek Strating uit Oude-Pekela heeft speciaal voor dit project een bijzondere steen ontwikkeld die zorgt voor een warme uitstraling.
Genieten
Het eindresultaat mag er zijn: een luxe appartementencomplex waar bewoners echt kunnen genieten. In de appartementen is veel als maatwerk uitgevoerd, wat het hogere segment van deze woningen benadrukt. Het complex bestaat uit drie woonlagen. Alle appartementen hebben drie kamers - waarvan twee slaapka-
mers -, een balkon, en een berging en een eigen parkeerplaats in de ondergrondse garage. Het gebouw is perfect geïsoleerd met driedubbel glas en is voorzien van zonnepanelen.
Hartje centrum
Projectleider Gerard Heller van Hesco Bouw woont in de gemeente Emmen en kent de locatie dus goed. ‘Het is hartje centrum en dus was de logistiek de grootste uitdaging. Bouwen in de binnenstad betekent veel verkeer en weinig ruimte. Als je dan zonder vertraging toch iets moois neerzet, geeft dat extra voldoening.’ De keldervloer kon worden gestort op zand; heien was niet nodig.
Het metselwerk is volgens Heller een waar kunstwerkje geworden. ‘Qua metselwerk is het echt een hoogstandje. Het ziet er gewoon mooi uit en heel speels’, zegt hij trots. De twee gebouwdelen worden gescheiden door een trappenhuis met lift en een centrale hal, wat zorgt voor een prettige ontsluiting van alle woningen.
‘Qua
metselwerk is het echt een hoogstandje’
- Gerard Heller Hesco Bouw
Slimme energie
Marcel Duimering van Aalbers Installatietechniek uit Nieuw-Buinen zorgde voor een slim, duurzaam energiesysteem. ‘We hebben gekozen voor eigen warmte via bronnen onder het gebouw’, legt hij uit. ‘Zowel koeling als verwarming komen uit de grond. Het mooie van dit systeem is het lage energieverbruik. Warmte bewaar je in de grond en koele lucht pomp je naar boven. Helemaal niks gaat verloren.’
Voor de leidingen werden speciale voorgeïsoleerde PE-buizen (polyethyleen) gebruikt die warmteverlies tegengaan en jarenlang meegaan. Bovendien hebben de buizen een harde schaal die beschadigingen voorkomt. ‘Het is duurder materiaal, maar je hoeft niet terug te komen voor reparaties.’ Aalbers Installatietechniek bestaat al honderd jaar en heeft ruime ervaring met dit soort innovatieve systemen.
Technologie
Het project is volledig ontworpen met behulp van BIM, wat volgens Rick Eising van BIM2work uit Assen grote voordelen oplevert. ‘In 3D zie je direct hoe alle onderdelen op elkaar aansluiten. Je ziet al vóór de uitvoering of buizen tegen kabelgoten aanlopen of waar knelpunten kunnen ontstaan,’ vertelt hij. ‘We leveren alles kant-en-klaar op voor de installateur. Alle kanalen en leidingen worden prefab geproduceerd op basis van ons digitale ontwerp.’ Eising is heel blij met het resultaat: ‘We zijn een kleine organisatie maar doen grote, mooie dingen! Jammer genoeg is ons werk niet altijd zichtbaar, maar dat maakt ons niet minder trots.’
‘Zowel koeling als verwarming komen uit de grond’
- Marcel Duimering Aalbers Nieuw-Buinen
Deze manier van werken voorkomt niet alleen verspilling, maar geeft ook veel rust op de bouwplaats. Eising: ‘Alles past in één keer. Op de bouwplaats hoef je vrijwel niets meer op te meten. Dat scheelt de bouwers veel tijd en het werk is veel nauwkeuriger.’
Teamwork
Het project kenmerkte zich door een prettige samenwerking tussen alle betrokken partijen. ‘We werken al langer samen met onder meer Hesco. Je kent elkaar en dat scheelt veel. We zijn echt een team’, vertelt Duimering. ‘Terugkijkend vond ik dat het heel snel ging. Alles ging strak en soepel!’ Eising is het hiermee eens: ‘Samenwerking met onder meer Hesco Bouw is gewoon prettig.’ Ook Heller is positief: ‘Dit was een leuk project met goede sfeer onderling.’
‘We zijn een kleine organisatie maar doen grote, mooie dingen!’
- Rick Eising BIM2work Assen
‘Het is stijlvol en modern, dat past bij een moderne stad als Emmen’
- Johan de Groot
LYVR Architecten
Ontwerp
Architect Johan de Groot van LYVR Architecten uit Haren heeft het nieuwe appartementencomplex aan de Sterrenkamp in Emmen ontworpen. Hij werkte hierbij nauw samen met Bouwbureau Paas uit Nieuw-Buinen, dat de bouwkundige uitwerking verzorgde. De samenwerking zorgde voor een bouwkundig goed doortimmerd ontwerp.
Modern optimisme
‘De opdrachtgever koos voor deze locatie heel nadrukkelijk voor kwaliteit boven kwantiteit’, aldus De Groot. ‘Met het historische oude postkantoor en het voormalige kantongerecht als buren was dat een begrijpelijke keuze.’ Het complex straalt volgens de architect modern optimisme uit. ‘Het is stijlvol en modern, dat past bij een moderne stad als Emmen.’ Door niveauverschillen en beperkte ruimte was de inpassing op deze locatie een uitdaging, waarvoor met zorg oplossingen zijn gevonden.
De nieuwbouw aan de Sterrenkamp is het bekijken waard. Aan de kant van de Hoofdstraat zijn aluminium panelen verwerkt die een verwijzing vormen naar het dak van het naastgelegen kantongerecht. De gevel aan de Sterrenkamp is voorzien van metselwerk met witte, geglazuurde steentjes, die op een zonnige dag knipogen naar de omgeving.
Afvalverwerking, transport & recycling : NNRD / Visser ATR
Levering diverse bouwmaterialen : Bouwcenter Meijer
Luxe appartementencomplex in Emmense wijk Delftlanden
Delft Staete biedt uitzicht, ruimte
en kwaliteit
Vanuit een hoogwerker konden geïnteresseerden alvast een indruk krijgen van het uitzicht dat hen te wachten stond, mochten ze kiezen voor een van de 34 appartementen in Delft Staete in Emmen. Op de grond was de afmeting van de royale balkons uitgezet, om de toekomstige bewoners te laten zien hoeveel buitenruimte ze konden verwachten. Inmiddels zijn alle appartementen verkocht en wacht de bewoners een comfortabele toekomst in een degelijk gebouwd complex van hoge kwaliteit.
Koenen Bouw, de ontwikkelaar van het project, regelde destijds de hoogwerker. Projectleider René Jalving vertelt: ‘De gemeente Emmen had een prijsvraag uitgeschreven voor deze locatie. Ze wilden hier graag een appartementencomplex laten bouwen en de aannemer met het beste plan mocht het stuk grond kopen. Wij zagen dit als een mooie kans, mede omdat we al veel hebben gebouwd in de wijk Delftlanden. Samen met SACON Architecten hebben we een ontwerp gemaakt waar de gemeente enthousiast over was. Daarmee kregen wij de eerste koop.’
Royaal en comfortabel
De grote balkons, riante raampartijen, binnentuin en het groene terrein inclusief circulaire materialen geven Delft Staete een eigen karakter. Jalving: ‘Vaak zijn balkons in dit soort complexen beperkt van formaat. Wij hebben bewust gekozen voor ruime - tot wel 31 vierkante meter - vrijhangende balkons, zodat bewoners echt comfortabel buiten kunnen zitten. De ligging van het gebouw maakt dit mogelijk: vanaf de bovenste verdiepingen kijk je prachtig over de wijk heen.’ Die keuze vroeg wel om een technische
‘Bewust gekozen voor royale balkons en een hoogwaardige afwerking’
- René Jalving Koenen Bouw
‘Technisch
gezien vroeg het project soms om een creatieve oplossing’
- Johan Bakker
Aalbers Nieuw-Buinen
inspanning. ‘De koppeling van de prefab balkons aan de vloer, met alle benodigde constructies, was een van de grootste uitdagingen. Maar het is goed gelukt.’
Zichtbare details in metselwerk
Ook in de afwerking is gekozen voor kwaliteit. De gemetselde penanten zijn daarbij een opvallend onderdeel. Jalving: ‘Die uitspringende kolommen in het metselwerk keren steeds terug van boven naar beneden. Het metselen vroeg tijd en aandacht, maar het resultaat mag er zijn. Samen met de zinken bovenbouw en grote ramen zorgt dit voor een luxe uitstraling. Ook binnen hebben we gekozen voor een hoogwaardig afwerkingsniveau.’
Techniek op maat
Aalbers Installatietechniek verzorgde de elektrotechnische en werktuigbouwkundige installaties. ‘We hebben in concurrentie met andere partijen een aanbieding gedaan en zijn geselecteerd’, vertelt projectleider Johan Bakker. ‘We werken vaker samen met Koenen Bouw en zijn gespecialiseerd in seriematige woningbouwprojecten.’ Die expertise kwam goed van pas bij een technische uitdaging in dit project. Voor het ophangen van de balkons werden zogenaamde ISO-korven gebruikt: elementen met wapening die constructief essentieel zijn. ‘Daar mochten we niet met onze leidingen doorheen. Normaal kies je de kortste route, maar dat kon hier niet. We hebben
dus een creatieve oplossing bedacht waarbij we het leidingwerk deels anders hebben geleid. Dat vroeg wat denkwerk, maar is goed opgelost.’
Bodembronwarmtepompen
De appartementen worden verwarmd en deels gekoeld met bodembronwarmtepompen, een duurzame techniek die relatief weinig stroom verbruikt. ‘We werkten hiervoor samen met Klimaatgarant, partner van Itho Daalderop’, zegt Bakker. ‘Zij verzorgden de bronboringen, wij deden de rest van de installatie.’ De bronnen zijn niet allemaal onder het gebouw, maar deels ernaast geboord. Er zijn zelfs leidingen
die via een open ruimte onder een zwevend appartement naar binnen komen. ‘Die mochten we niet in de vloer wegwerken. Samen met de aannemer hebben we een route via een spouw en een verlaagd plafond bedacht.’
Elke woning heeft een eigen technische ruimte met onder andere de warmtepomp en WTW-installatie. ‘Compact, maar toegankelijk. Voor onderhoud is dat belangrijk.’ Bewoners ontvangen een duidelijke handleiding. ‘En als er vragen zijn, komen we gerust nog een keer langs. We vinden nazorg belangrijk’, aldus Bakker.
‘Een goed voorbereid
BIM-model helpt faalkosten voorkomen en versnelt het bouwproces’
- Rick Eising BIM2work
Werken in BIM
Voor de engineering van de installaties schakelde Aalbers BIM2work in. Dit bureau werkt volledig in BIM, het 3D-model dat steeds vaker de standaard is in de bouw. Projectcoordinator Rick Eising: ‘We werken veel aan appartementencomplexen in Noord-Nederland. Ook hier begonnen we met het inladen van de modellen van architect en constructeur, en vervolgens werkten wij de installaties uit in BIM.’ De samenwerking met het bouwteam verliep volgens Eising soepel. ‘We gebruikten Trimble Connect als gedeeld platform voor actuele informatie. Met BIMcollab konden we bovendien issues in het 3D-model markeren en toewijzen, wat veel mailverkeer voorkomt. Dat werkt efficiënt.’
Duurzaam kalkzandsteencasco
Voor dit project leverde Calduran Kalkzandsteen het volledige kalkzandsteencasco. Elementen en vellingblokken zijn inclusief lateien uitgetekend en overzichtelijk op pallets aangeleverd met de bijbehorende lijmmortel en hulpmaterialen. Dankzij de nauwe samenwerking met Koenen Bouw verliep de uitvoering soepel en efficiënt. Een mooi voorbeeld van duurzaam bouwen met vertrouwen.
‘Vroegtijdige afstemming en inhoudelijke samenwerking kan leiden
tot het optimaliseren van het bouwplan’
- Bram Beunk Munnik Brandadvies
Omgaan met kopersopties
De grootste uitdaging zat in het verkoopproces, vertelt Eising. ‘Kopers konden keuzes maken voor onder meer de badkamerindeling en keukenopstelling. Dat heeft direct invloed op de installaties. Soms veranderden ze nog van mening, en dan moesten wij het model aanpassen. Daarom is goede afstemming belangrijk.’ Eising benadrukt het belang van voorbereiding. ‘Hoe beter je het model op orde hebt, hoe sneller je kunt werken. Het voorkomt faalkosten en bespaart materiaal op de bouw. BIM draagt daar echt aan bij. Niet alle partijen zijn er al even ervaren mee, dus wij nemen hen daar graag in mee.’
Brandveiligheidsadvies Munnik Brandadvies verzorgde het brandveiligheidsadvies voor Delft Staete, in opdracht van Koenen Bouw. ‘We werden al vroeg betrokken om mee te kijken met het ontwerp’, vertelt projectleider Bram Beunk. ‘We begonnen met een globale scan om de voornaamste probleempunten te tackelen, zodat de ontwerpende partij hiermee verder kon. Daarna volgende een toetsing aan alle geldende wet- en regelgeving, om zo het bouwplan gereed te maken voor de vergunningsaanvraag.’ Een bijzonder aandachtspunt was het ontvluchtingsprincipe. Eén appartement kwam niet direct uit op een trappenhuis, maar op een galerij met een enkele vluchtrichting. ‘Formeel is dat een afwijking in deze situatie’, zegt Beunk. ‘Maar we konden onderbouwen dat de situatie wél aansluit op de functionele eisen van de wet, mede op basis van ATGB-richtlijnen. Zo kon het ontwerp behouden blijven, zonder dat er een onveilige vluchtsituatie is ontstaan.’
Daarnaast adviseerde Munnik over materiaalgebruik en vluchtroutes. ‘Denk aan brandklasses van trappen en afwerkingen, die zijn essentieel voor veilige ontruiming.’ Ook voerden ze brandoverslagberekeningen uit: ‘Zo bepaal je waar extra maatregelen nodig zijn en waar niet. Dat verhoogt de veiligheid én voorkomt onnodige kosten.’
Meerwaarde
Volgens Beunk is Delft Staete een goed voorbeeld van hoe vroegtijdige afstemming en inhoudelijke samenwerking kan leiden tot het optimaliseren van het bouwplan. ‘We hebben de standaardadviezen geleverd, maar ook inhoudelijk meegedacht over specifieke situaties. Zo lever je meerwaarde voor de opdrachtgever én een veiliger gebouw voor de bewoners.’
Het gebouw wordt naar verwachting eind 2025 opgeleverd.
Remix Green Collection, doorstrijkmortel : Remix Droge Mortel BV
CPO starterswoningen Marknesse
Toekomstige bewoners aan zet
Aan de Moerasstraat in Marknesse gebeurt iets moois. Zes starterswoningen verrijzen daar onder een CPO-constructie (Collectief Particulier Opdrachtgeverschap). Het is een bijzonder bouwproces, waarbij toekomstige bewoners samen de touwtjes in handen nemen. Het initiatief van de gemeente Noordoostpolder zorgt niet alleen voor betaalbare woningen, maar brengt ook mensen samen.
Het verhaal begint eigenlijk heel gewoon. Johan Rook, timmerman bij Heite Bouw uit Sint Jansklooster, hoorde in 2023 dat er grond beschikbaar was in zijn woonplaats Marknesse. De 22-jarige starter op de woningmarkt zag een kans. Hij stapte naar zijn werkgever. Rolf Heite: ‘Hij vroeg of wij dit niet samen konden aanpakken. Eigenlijk hebben we de opdracht tijdens een kop koffie binnengehaald. Het was een kwestie van snel schakelen en denken in kansen in plaats van risico’s.’
Ander plan
In plaats van eerst kopers te gaan zoeken – zoals gebruikelijk bij CPO-projecten – ¬kwam Rook met een ander plan. Door eerst een concreet voorstel met tekeningen en prijzen te maken, kon hij vol vertrouwen op zoek naar kopers. Rook: ‘Binnen drie weken waren alle zes huizen verkocht! Ik had het erover met mijn neef en die was gelijk enthousiast. Via een kennis kwam ik in contact met nog iemand die belangstelling had, en die heeft weer een aantal van zijn vrienden gevraagd… Zo ging het balletje rollen.’
- Rolf Heite Heite Bouw
‘Snel schakelen en denken in kansen’
‘We gaan dit letterlijk en figuurlijk uitbouwen’
- Roland van der Weide Robuflex Bouw
Groen
De nieuwbouw staat in een nieuw, groen deel van Marknesse. Alle woningen hebben op de begane grond een lichte woonkamer met tuintoegang en luxe keuken. De eerste verdieping telt drie slaapkamers en een badkamer. Op de tweede verdieping is ruimte voor een vierde kamer. Als alles volgens planning verloopt, kunnen de bewoners voor de kerst hun sleutel ophalen.
Complimenten
Heite: ‘Het is een groot project voor een tweemansbedrijf, daarom werken we waar nodig met geschikte onderaannemers en leveranciers. Normaal doen we vooral aan- en verbouw, maar dit leek ons een mooie uitdaging. Het
was een gok, maar die pakte goed uit. Vooral omdat we samenwerkten met de collega’s van Robuflex uit Emmeloord. We krijgen nu al vragen voor vergelijkbare projecten.’ De manier waarop Heite Bouw deze klus aanpakt, leverde het bedrijf complimenten op van de gemeente en Rabobank.
Smaakt naar meer
Bedrijfsleider Roland van der Weide van Robuflex Bouw is dik tevreden over de samenwerking met Heite Bouw. Het is hun eerste gezamenlijke klus en het smaakt volgens de aannemer naar meer. ‘We vullen elkaar uitstekend aan. Heite brengt vooral de praktische uitvoering en bouwbegeleiding in, terwijl wij de knowhow hebben om dit goed te verwerken in ons systeem.’
Van Hattem Dakkapellen
Van Hattem Dakkapellen levert hoogwaardige prefab dakkapellen voor de professionele markt. Geproduceerd in eigen fabriek, met strakke kwaliteitscontrole en uitstekende isolatiewaarden. Afhalen op locatie of levering met vakkundige montage op het werk. Betrouwbaar, snel en flexibel – dé partner voor efficiënte dakkapeloplossingen in nieuwbouw en seriematige projecten.
Robuflex is groter dan Heite Bouw, daarom nemen ze het regelwerk voor hun rekening. ‘Dat wordt nu eenmaal steeds ingewikkelder en ook de klussen worden groter. Daarom is het fijn dat je er als aannemer niet alleen voor staat. Je zit niet aan elkaar vast, maar kunt wel op elkaar terugvallen. Dat geeft een goed gevoel.’ Het project in Marknesse is een ideale basis voor verdere samenwerking. ‘Zes woningen is mooi om mee te beginnen, niet te groot, niet te klein. We zijn nu al bezig met de voorbereiding van een nieuwe klus. We gaan dit letterlijk en figuurlijk uitbouwen’, aldus Van der Weide.
Jonge mensen
Hij is ook te spreken over de samenwerking met de huiseigenaren. ‘Dat zijn allemaal jonge mensen die open staan voor onze suggesties. Dat maken we wel anders mee. Ook het overleg met de architect was prettig. Van alle kanten voelt en gaat het goed. Dit is echt heel fijn werken’, benadrukt hij.
‘Apart dat ik mijn eigen slaapkamer sta te timmeren’
- Johan Rook CPO opdrachtgevers
Een bijkomend voordeel van dit bijzondere project was volgens hem de eenvoudige aansluiting van nutsvoorzieningen. ‘Het was fijn dat de nutsvoorzieningen geen gedoe opleverden. De woningen staan in een nieuw wijkje waarin alles al is meegenomen, dus ook de nuts. Dat scheelt erg veel werk.’
Dik tevreden
Alles loopt op rolletjes, constateert Heite: ‘We hadden vooraf alles goed gepland en dat merk je nu in de uitvoering. De toekomstige bewoners zijn in elk geval dik tevreden.’ Voor Rook is het extra bijzonder: ‘Het is apart maar leuk dat ik mijn eigen slaapkamer sta te timmeren. Je ziet je eigen huis echt groeien. Het contact met de andere bewoners verloopt trouwens ook soepel. Ik zet een berichtje in de groepsapp en klaar.’
Remix Green Collection, metselmortel : Remix Droge Mortel BV
Mooi Morra, Drachten
Van kale schapenweide naar moderne woonwijk
Een levensloopbestendige wijk aan het water, met royale woningen, doordachte architectuur én maar tien minuten fietsen van het centrum – welkom in Mooi Morra. De locatie is uniek: een voormalig weiland aan de zuidkant van Drachten, bijna volledig omzoomd door water.
Projectontwikkelaar Hayo Radersma van HRP Planontwikkeling vertelt hoe het plan tot stand kwam: ‘Als Drachtster kende ik deze plek al goed. De eigenaar had eerder geprobeerd er een woonbestemming van te maken, zonder succes. Toen heb ik hem gevraagd of ik het nog eens mocht proberen.’ Met Heeren 3 Architecten werd het plan voor Mooi Morra ontwikkeld. ‘In 2021 kregen we groen licht van de gemeente. Anderhalf jaar later hadden we de vergunningen rond, en eind 2023 gingen we in de verkoop. Binnen zes maanden was alles verkocht.’
‘Het
helpt als iedereen dezelfde ambitie heeft’ - Hayo Radersma HRP Planontwikkeling
Gemêleerd
De combinatie van kleinschaligheid, ligging aan het water en het levensloopbestendige karakter bleek precies wat veel mensen zochten. ‘Het is een gemêleerde buurt geworden,’ vertelt architect Siemen Meijer, ‘met zowel gezinnen als oudere bewoners. En dat was ook precies de bedoeling: een flexibel woonproduct dat breed inzetbaar is.’
Dat ‘levensloopbestendig’ niet per se gelijkstaat aan seniorenwoningen, blijkt wel uit het ontwerp. Architect in opleiding Martijn Scheffer tekende ook mee namens Heeren 3. ‘Wie meer ruimte wilde, kon kiezen voor een optopping, een complete extra verdieping met 3 extra slaapkamers en extra badkamer.’ Niet elke woning heeft zo’n opbouw – juist dat verschil geeft de straat een speels karakter.
Patio’s
Ook opvallend: elke woning heeft een patio. ‘Dat is echt een bonus’, aldus Scheffer. ‘Een beschutte buitenruimte, verbonden met zowel de woonkamer als de slaapkamer, die het wooncomfort vergroot.’ Het ontwerp van de woningen is gebaseerd op een heldere structuur. Meijer: ‘Een soort vierkant met een kwart eruit – en dat kwart is de patio geworden. Zo voelt het echt als onderdeel van de woning. Heel logisch en ruimtelijk. En het zorgt ook voor meer licht en lucht’, zegt Meijer. ‘Het voelt niet als een hokkerige bungalow.’
‘We
wilden echt geen ‘karige’ huizen neerzetten’
- Siemen Meijer Heeren 3 Architecten
‘Patio’s
vergroten het wooncomfort’
- Martijn Scheffer Heeren 3 Architecten
Kleinschalige wijk, royale uitstraling
De wijk zelf is kleinschalig opgezet. Aan het begin rijd je over een duiker, daarna volgt een doodlopende straat met een keerlus aan het einde. ‘Dat is niet alleen handig voor de vuilniswagen,’ zegt Meijer, ‘maar het geeft de buurt ook een rustige, besloten sfeer. Je rijdt hier niet zomaar doorheen – je komt hier alleen als je hier moet zijn.’
Volgens de architect was het belangrijk dat de woningen een royale uitstraling hadden, zonder onnodige overdaad. ‘De woonkamer en keuken zijn extra ruim. We wilden echt geen “karige” huizen neerzetten.’ En de tuinen?
Die zijn dan weer bewust niet te groot. Hoe ouder je wordt, hoe minder intensief tuinonderhoud je meer wil. Dan is zo’n compacte, onderhoudsarme kavel als deze ideaal.’
De kracht van eenvoud
Bij het ontwerpen en bouwen van Mooi Morra stond één principe centraal: de kracht van eenvoud. ‘Juist als mensen allerlei keuzes kunnen maken in het ontwerp, moet je het geheel simpel houden waar het kan’, zegt ingenieur Jan Henk Bootsma van Ingenieursburo Meijer & Joustra. ‘Als iedere woning zijn eigen technische uitwerking krijgt, gaat het gegarandeerd ergens mis.’ Het uitgangspunt werd daarom: standaardiseren waar het kan, zonder dat het allemaal op elkaar gaat lijken. Zo zijn alle funderingen gelijk, of er nou wel of geen extra verdieping op de woning komt. Ook uitbreidingen aan de achterzijde – richting het water – zijn mogelijk, maar wel binnen een vaste structuur. ‘Dat houdt het uitvoerbaar én betaalbaar’, aldus Bootsma. ‘En het voorkomt dat je later op de bouwplaats nog moet gaan puzzelen.’
‘De woningen zijn onderhoudsarm gebouwd’
- Jelmer Jonker SHP Vastbouw
Isolatie
Jelmer Jonker van SHP Vastbouw noemt de hoge isolatiewaarde – RC-waarde 6,0 – een ‘klein hoofdpijndossier’. ‘Die isolatie vraagt om dikkere pakketten’, legt Jonker uit. ‘De dikte van isolatie, met de juiste Rc, paste niet in de beschikbare ruimte. Maar we moesten ook binnen de grenzen van het ontwerp blijven. Daarnaast was het installatiewerk in de kanaalplaatvloeren ook een hele uitdaging met alle leidingen en buizen.’ De woningen zijn bijzonder duurzaam. ‘Ze zijn onderhoudsarm gebouwd met duurzame materialen zoals aluminium en kunststof gevelbekleding, wat eruitziet als hout’, zegt Jonker. ‘En elke woning is uitgerust met triple glas en 32 zonnepanelen. Daarmee haal je energielabel A++++. Dat scheelt natuurlijk weer in de energiekosten.’
‘Het geheel simpel houden waar het kan’
- Jan Henk Bootsma Ingenieursburo Meijer & Joustra
Het succes van Mooi Morra zit ‘m ook in de soepele samenwerking tussen de betrokken partijen. Hayo Radersma van HRP Planontwikkeling: ‘We hebben in korte tijd alles rond gekregen, dankzij een goede samenwerking met SHP Vastbouw, adviesbureau Interra, Heeren 3 Architecten en de gemeente Smallingerland. Het helpt als iedereen dezelfde ambitie heeft.’
Mooi Morra te Drachten
Bouwteamleden
Ontwikkelaar : HRP Planontwikkeling
Opdrachtgever : Mooi Morra B.V.
Architect : Heeren 3 Architecten
Constructeur : Ingenieursburo Meijer & Joustra BV
Aannemer : SHP Vastbouw
Installateur : Van Linde Installatietechniek
Onderaannemers & toeleveranciers
Betonwerkzaamheden : Molenhout
Levering binnendeuren, hang- en sluitwerk, montage : Montaplus
Levering diverse bouwmaterialen : Bouwcenter Meijer
Vier woontorens geven de entree van Lemmer een gezicht
Wie Lemmer binnenrijdt via de A6 ziet ze al van ver: vier nieuwe woontorens die lijken op te rijzen uit het water. Sterker nog: dat doen ze ook. De nieuwe Lemsterkade is de eerste fase van een gebiedsontwikkeling die nieuw leven blaast in een voormalige industriestrook van dit havenstadje aan het IJsselmeer.
‘Het is echt de entree van deze hoek van Lemmer’, vertelt architect Bernd Bove van Adema Architecten. ‘De opgave was dan ook niet zomaar een woonblok ontwerpen, maar een gezicht geven aan de plek. Iets dat uitnodigt, past bij de schaal van de omgeving én recht doet aan de historie.’
Rijke historie
Die geschiedenis is rijk. De locatie stond vroeger bekend als De Houtmolen, vernoemd naar de houtzagerij – eerst aangedreven door wind, later door stoom – die hier stond. In 1935 nam palletfabrikant Halbertsma uit Grou het terrein over. De afgelopen jaren raakte het gebied steeds meer in verval – tot nu. ‘Nu is het een prachtig visitekaartje geworden’, zegt Sander Lakeman van aannemer Kuin. ‘En het mooiste: mensen uit Lemmer waarderen het ook echt. Het past.’
In het water
Drie van de vier blokken staan deels in het water van de Vluchthaven, een zijkreek van het IJsselmeer. Lakeman: ‘Het is alsof de gebouwen uit het water oprijzen. Die ligging maakt het beeld echt bijzonder. Maar het vraagt natuurlijk ook iets extra’s van je fundering en bouwlogistiek.’ Om droog te kunnen bouwen, werden er eerst damwanden geplaatst en werd het water weggepompt. De bouwkuipen werden tijdelijk gevuld met zand. ‘Zo konden we op het droge werken’, legt hij uit. ‘Pas na de bouw is het water teruggebracht en zijn de damwanden verwijderd.’
Ook voor constructeur Davy Ridder van Harder Constructie- & Adviesbureau was bouwen in het water een belangrijk aandachtspunt. ‘Sommige funderingspalen staan deels boven open water, dus zonder grond eromheen. Hier-
‘Pas na de bouw is het water teruggebracht en zijn de damwanden verwijderd’ - Sander Lakeman
Aannemigsmaatschapppij Kuin
door worden ze gedeeltelijk niet gesteund door de grond. Daarom is er gecontroleerd of de palen deze ongesteunde lengte kunnen overbruggen.’ Ook de balkons op de begane grond zijn boven het water gelegen. ‘Normaal bevestig je een balkon aan de verdiepingsvloer, vaak een breedplaatvloer’, legt Ridder uit. ‘Maar hier moesten sommige balkons juist aan de begane grondvloer worden vastgemaakt. Dat is meestal een kanaalplaatvloer – en daar kun je geen uitkragend balkon aan hangen. Daarom hebben we op die plekken de kanaalplaatvloeren vervangen door in het werk gestorte vloeren.’ Omdat het om relatief kleine vloerdelen ging, moest er extra worden gelet op het gewicht en de balans. ‘We hebben met het 3D-rekenprogramma AXISVM gecontroleerd of er in die onderdelen genoeg gewicht aanwezig was om te voorkomen dat het balkon of juist het stukje begane grondvloer als het ware zouden gaan “opwippen”.’
Opmaat
De vier woontorens, samen goed voor 28 appartementen, vormen de opmaat naar zo’n 140 woningen die hier uiteindelijk in meerdere fases zullen verrijzen. Maar deze eerste stap zet meteen de toon. ‘Ze staan deels in het water en deels op de wal,’ zegt architect Bove,
‘die overgang moest logisch aanvoelen.’ Dat is onder meer gedaan met een verhoogd basement in een andere kleur baksteen. Daarboven liggen de woonlagen met rondom grote balkons. Dankzij de portiekontsluiting in het midden heeft elke woning uitzicht aan vier zijden. Bove: ‘De woningen hebben een bijzondere relatie met het water. Bewoners betreden het gebouw vanaf vaste grond, maar de woonkamers liggen volledig omringd door water. Vanuit hier ontvouwt zich een uniek, weids uitzicht over het water.’
‘De
balkons moesten hier ook aan de begane grondvloer worden bevestigd’
- Davy Ridder Harder Constructie& Adviesbureau
28 Appartementen
Lemsterkade te Lemmer
Bouwteamleden
Opdrachtgever : Zwanenburg Projecten
Architect : Adema Architecten
Architect Studio DWP
Constructeur Harder Constructie- & Adviesbureau
‘We
wilden iets bouwen dat Lemmer omarmt’
- Bernd Bove
Adema Architecten
Industrieel verleden
De architectuur sluit aan bij het industriële verleden. De kracht zit ‘m in de details, volgens Lakeman. ‘Denk aan het metselwerk, de balkonconstructies, en bijvoorbeeld ook aan de voorbereiding voor zonwering. We hebben bij het ontwerp al rekening gehouden met het kunnen plaatsen van screens achter de hekwerken.’ Elk blok heeft een eigen kleur baksteen, dakvorm en uitstraling. Bove: ‘Ze doen denken aan de pakhuizen van vroeger. De daken zijn gemaakt van antracietkleurige stalen platen: onderhoudsvriendelijk en industrieel van uitstraling.’
De appartementen zelf zijn licht, ruim en praktisch ingedeeld. De meeste hebben drie slaapkamers en een royaal balkon. Op de begane grond zijn het privéterrassen boven het water. ‘Je woont hier echt aan de haven’, zegt Lakeman. ‘Sommige bewoners kunnen straks hun boot voor de deur leggen.’
Alle vier de gebouwen hebben een eigen naam: Houtmolen, Brandsma, Sleeswijk en Stoomhout. ‘Dat zijn knipogen naar het verleden van deze plek’, aldus Lakeman. ‘Mooi dat die verhalen levend blijven.’ ‘Dat was voor ons ook belangrijk’, zegt architect Bove. ‘We wilden iets bouwen dat Lemmer omarmt. En tegelijk iets toevoegen aan de toekomst van de stad. Volgens mij is dat gelukt.’
Monteren binnendeuren incl. hang- en sluitwerk : Montaplus
Balkons, trappen en bordessen
Hop Prefab B.V.
Schilderwerk LTB Schildersgroep
Heiwo Repair in Wolvega breidt uit Stijlvol en bijzonder bedrijfspand
Op bedrijventerrein De Plantage in Wolvega kreeg carrosseriebouwer Heiwo Repair een opvallende uitbreiding. Het 2.700 vierkante meter grote gebouw is geen standaard bedrijfshal, maar een stijlvol visitekaartje voor de regio. Gebouwd door bedrijven uit die regio. Bouwbedrijf Bakker realiseerde het gebouw samen met een team bestaande uit Architect Amsterdam (Hans Erdmann), Mestemaker Architecten, Bouwbedrijf Bakker, Scheltinga Constructie Advies, Bouma Technisch Installatiebedrijf en Heiwo.
Het nieuwe bedrijfspand van Heiwo Repair
valt direct op tussen de andere gebouwen op De Plantage, constateert architect Theo Mestemaker van Mestemaker architecten. De inwoner van Wolvega ontwierp samen met co-architect Hans Erdmann een gebouw dat functioneel én fraai is. ‘Het is geen rechttoe rechtaan bedrijfspand’, aldus een enthousiaste Mestemaker. ‘We hebben het gebouw opgedeeld met een terugliggend vlak tussen twee volumes, zodat het minder massief oogt.’
Opvallende locatie
Het gebouw bleek groter dan het bouwvlak toestond en de ligging langs een kronkelende weg naar de rotonde maakte het extra zichtbaar. ‘Juist omdat die weg er omheen gaat, valt het gebouw heel erg op’, legt Mestemaker uit. ‘We moesten het daarom laten beoordelen door de Centrale Adviescommissie in Leeuwarden.’
Het nieuwe pand op de 10.000 vierkante meter grote kavel aan de Zandweegbree biedt ruimte aan twintig werkplekken. Hier vinden alle werkzaamheden van Heiwo Repair plaats: regulier onderhoud, storingen aan laadkleppen, schadeherstel, APK- en LPK-keuringen (keuring van laadkleppen, red.) en het ombouwen van bestaande carrosserieën op nieuwe trucks.
Lokale expertise
De betrokkenheid van lokale bedrijven springt in het oog. Bouwbedrijf Bakker uit Wolvega trad op als hoofdaannemer. Bedrijfsleider Jelco Vledder: ‘We zijn al jaren huisaannemer van Heiwo. Dit was een bijzonder leuk project omdat het geen standaard doos is. Er zit relatief veel metselwerk aan, ronde staalconstructie, ronde gevels. Het is echt een pand geworden met gepaste luxe en degelijke kwaliteit.’ Vledder benadrukt het belang van vroege samenwerking. ‘Door in bouwteam te werken, tackle je heel veel vraagstukken op voorhand. We denken als bouwers in efficiënte oplossingen. Hoe eerder we aan tafel zitten, hoe beter we kunnen meedenken. We werken met open begrotingen en hebben geen geheimen.’
Specialistisch vakwerk
De ronde gevelelementen maken het gebouw extra bijzonder. ‘Een ronde-gevelelement doe je niet elke dag, dat is specialistisch vakwerk’, vertelt Vledder. ‘Ook het ronde glas, de ronde sandwichpanelen en het ronde staal vroegen extra aandacht in de werkvoorbereiding.’ De complexiteit zat niet alleen in de vorm. ‘Door de verfraaiing van het gebouw, de overstekken en de ronde gevels hadden we een uitdaging
‘We hebben het gebouw opgedeeld, zodat het minder massief oogt’
- Theo Mestemaker Mestemaker Architecten
qua levertijden’, aldus Vledder. ‘Je wilt de planning halen, maar door dit soort elementen moet je wel slim plannen.’
Technische hoogstandjes
Ook de installaties vroegen om maatwerk. Lourens Koster van Bouma Technisch Installatiebedrijf uit Burgum: ‘We hebben goed geluisterd naar
‘Ondanks de tijdsdruk verliep alles soepel’
- Jelco Vledder Bouwbedrijf Bakker
wat de klant nodig had. Er zijn vier putten met remtestbanken, dat vroeg om specifieke voorzieningen. Voor de APK-keuring moest eerst de afzuiging aangaan, pas daarna de verlichting.’ Het verlichtingssysteem is uitgevoerd met DALI-technologie, een wereldwijde standaard voor het professioneel en digitaal aansturen van verlichting. ‘We hebben de hele werkplaats in scènes opgedeeld’, legt Koster uit. ‘Er is één plek waarbij alles aan kan, één voor alleen oriëntatieverlichting en één waarbij de APK-putten verlicht blijven bij het afsluiten.’
‘We monitoren de temperatuur in de werkplaats’
- Lourens Koster
Bouma Technisch Installatiebedrijf
Beperkingen
Het klimaatsysteem kan op afstand uitgelezen worden. ‘We monitoren de temperatuur in de werkplaats, zodat het hier ook in de winter goed werkbaar blijft’, aldus Koster. ‘Door de beperkte elektrische aansluiting moesten we dit slim aanpakken. We hebben het systeem zo uitgewerkt dat we het nét kunnen doen met de beschikbare capaciteit. We hebben goed gekeken naar de groepenverdeling en uitgepuzzeld wat op welk moment nodig is’, verklaart Koster. Dit komt het energieverbruik en milieu weer ten goede.
Constructie aanpassen op processen
Constructeur Rudie Scheltinga van Scheltinga Constructie Advies uit Wolvega kent Heiwo al jaren. ‘Het speciale is dat je niet alleen een kale hal maakt. Je moet weten welk proces erin komt. Waar komen de remtestbanken, hoeveel vrije ruimte is nodig, waar willen ze geen kolommen?’ Het gebouw moest breder worden dan de Heiwo-vestiging in Maasdijk. ‘Als je een oplegger erin hebt voor reparatie, moet je er voldoende ruimte naast hebben’, legt Scheltinga uit. ‘Dat betekent dat we maatwerk hebben gemaakt.’
Gevelbanden
‘DeUNP-banden
boven de deuren van het kantoor maken het bijzonder’
- Rudie Scheltinga Scheltinga Constructie Advies
Het gebouw heeft volgens Scheltinga een mooie gevel. ‘Ik woon en werk in Wolvega. Als ik naar Heerenveen rijd, kom ik er elke keer langs. Het is geen kale doos met alleen gevelplaten. De UNP-banden boven de deuren en ter plaatse van het kantoor maken het bijzonder.’
De architect had de vorm van de gevelbanden al ontworpen, maar nog niet bepaald welk materiaal hij wilde gebruiken. ‘We hebben gekeken wat technisch het meest praktisch was’, legt Scheltinga uit. ‘We hebben dit verder technisch uitgewerkt in combinatie met de achterliggende constructie, zodanig dat het ook te maken was. Daarom kozen we voor standaard gevelprofielen. Aan de zijkant komen nog lamellen met geïntegreerde zonnepanelen.’
Meedenken
Een belangrijke succesfactor was het betrekken van de eindgebruikers. ‘We hebben meerdere sessies gehad met alle partijen’, vertelt Koster. ‘De monteurs die er straks werken hadden aanvullende wensen voor aansluitpunten. Die konden we direct verwerken.’ Alle betrokkenen benadrukken de prettige samenwerking. Vledder: ‘Ondanks de tijdsdruk voor de oplevering verliep alles soepel. We konden het gelukkig goed met elkaar vinden.’
De planning werd gehaald: afgelopen voorjaar werd het pand in gebruik genomen.
Nieuwbouw gemeentewerf Westerkwartier en sociaal ontwikkelbedrijf Novatec Leek
Gebouw stimuleert ontmoeten, leren, inspireren
Sociaal ontwikkelbedrijf Novatec en de buitendienst van de gemeente Westerkwartier hebben een gezamenlijk complex betrokken aan De Traan in Leek. Het is gebouwd als Design & Build-project door Bouwgroep Dijkstra-Draisma en Koninklijke Damstra Installatietechniek, naar ontwerp van TWA Architecten.
‘Precies wat voor ons’, dacht architect Doeke van Wieren toen hij in 2023 op Tendernet de aankondiging zag dat de gemeente Westerkwartier en Novatec samen een nieuw gebouw wilden laten ontwerpen en bouwen. Bij Bouwgroep Dijkstra-Draisma dachten ze hetzelfde. ‘Wie wie als eerste belde weet ik niet meer, feit is dat we elkaar snel gevonden hadden om voor deze klus een mooi plan te maken’, zegt Van Wieren. ‘We hebben eerder samen de gemeentewerf van Noordenveld in Roden gebouwd en ook Dockwurk in Dokkum, net als Novatec een sociaal ontwikkelbedrijf. We kennen dus beide gebruikersgroepen.’
Synergie bereiken
De gemeente en Novatec brengen op de hoek van De Traan en De Lage Traan de werkzaamheden van meerdere verouderde locaties samen. Ze wilden op hun kavel van ruim twee hectare niet alleen ieder genoeg ruimte voor hun voertuigen, materialen en werkplaatsen.
‘Het overkoepelende doel was: synergie bereiken. Elkaar ontmoeten, van elkaar leren, elkaar inspireren. Het faciliteren van die ontmoeting was onze opgave’, aldus Van Wieren. ‘Verder waren veiligheid – zowel fysiek als sociaal – en duurzaamheid de belangrijkste onderdelen van de uitvraag. Dat, plus een
‘We kennen beide gebruikersgroepen’
- Doeke van Wieren TWA Architecten
‘Strak de regie houden‘
- Harm Jan de Vries
Bouwgroep Dijkstra Draisma
behoorlijke tijdsdruk en een uitdagend budget, maakte het geheel een best ingewikkelde puzzel om te leggen.’
Gescheiden en gezamenlijk
Het plan waarmee BGDD en TWA – met Damstra als onderaannemer voor de installatietechniek – uiteindelijk in concurrentie met vier andere combinaties de opdracht binnenhaalden, voorziet in duidelijk gescheiden ruimtes voor het fysieke werk (goed voor de veiligheid) en gezamenlijke kantoren en pau-
zeruimtes (goed voor de ontmoeting), legt projectleider Harm Jan de Vries van BGDD uit.
‘Links staat een losse hal van 2.500 meter voor de stalling van materialen en voertuigen van de gemeente. Dan volgt het hoofdgebouw, met links werkplaatsen voor de buitendienst en stalling voor voertuigen die verwarming nodig hebben en rechts vijf werkhallen plus een magazijn voor Novatec. De kantoren zitten op de verdieping boven het lage deel van de werkhallen en het geheel wordt verbonden door het centrale hart met op de begane grond een ontvangstruimte voor bezoekers en een groot personeelsrestaurant op de etage.’
Zachte warme jas
Het is met name deze ‘Plaza’ waarmee het ontwerp van Frank Reitsma en hemzelf zich onderscheidde, denkt Van Wieren. ‘Het beeldkwaliteitsplan ging uit van een behoorlijk industriële uitstraling. Het moest een strak vormgegeven complex worden, met platte daken, stalen gevelbeplating… redelijk hard aan de buitenkant dus. Binnen staan juist zachte waarden centraal: voor iedereen een plezierige, warme, menselijke werkomgeving. Dat vind je in het gebruik van natuurlijke materialen en kleuren, veel daglichtinval, werkruimten in prettige verhoudingen zodat je je geen radertje in een mensenfabriek voelt. De Plaza – een grote vide met veel glas en een groot balkon – en nog een paar andere doorbraken bieden van buiten zicht op die ‘zachte warme jas’ die het gebouw wil zijn.’
Strakke planning
Het complex – opgeleverd op 25 juli – is in tien maanden opgetrokken ‘volgens een loeistrakke planning’, zegt De Vries, voor wie dit het laatste project was voor zijn pensionering. ‘De gebruikers moeten hun oude locaties in september leeg opleveren, dus ze moésten in de zomer kunnen verhuizen.’
Gelukkig konden de bouwers wel grote halen maken. De Vries: ‘Op een in het werk – op een isolatiepakket – gestorte begane grondvloer staat een staalconstructie met kanaalplaat-verdiepingsvloeren en sandwichbeplating rondom. Dat heb je redelijk snel staan natuurlijk. Rondom de Plaza is de gevelbekleding van Platowood en ook de kozijnen zijn van FSC-hout. Binnen staan voornamelijk metalstud wanden, dat is ook gesneden koek. Het was niet zozeer het soort, maar de hoeveelheid werk die de planning uitdagend maakte. Daar moet je dus strak de regie op houden, met minimaal tweewekelijks, maar vaak ook wekelijks overleg.’
Intelligente installatietechniek Johan Koehoorn was de projectleider voor de installatietechniek namens Koninklijke Damstra. ‘Toen ik in oktober 2024 in dienst kwam zat het project in de funderingsfase, dus ik stapte precies op het juiste moment in.’ Damstra ontwierp en realiseerde alle E- en W-installaties, met als bijzonderheden onder meer het VRV verwarmings- en koelsysteem van Daikin met mogelijkheid tot energie-uitwisseling, verlichting met intelligente lichtsturingen en een energierailsysteem dat het mogelijk maakt om flexibel te blijven in de positionering van de machines in de Novatec-werkhallen, als zich een nieuw soort werkzaamheden aandient. Ook is een groot aantal laadpalen voor het opladen van de voertuigen geïnstalleerd. ‘We hebben voor het werk partijen uit de regio ingeschakeld: RSE Beveiliging, NorthAir, Phoenix Bio en PS Nederland, dat zelfs in dezelfde straat zit.’
Gebouwbeheersysteem
Koehoorn: ‘Voor verwarming en koeling hebben we gekozen voor een VRV-installatie van Daikin, met koelleidingen door het hele gebouw heen. Dat heeft als voordeel dat in iedere ruimte het eigen gewenste klimaat geschapen kan worden, maar ook dat je geen grote technische ruimtes nodig hebt.’ De Vries: ‘Voor zo’n concept heb je een hoge luchtdichtheid nodig: we hebben de extreem goede QV10-waarde van 0,095 bereikt.’
Koehoorn noemt als bijzonderheid dat ‘alle slimme systemen die je kunt bedenken – verlichting, CO2 sturing op de luchtbehandeling, verwarming en koeling, zonwering, noem maar op – gekoppeld zijn
‘Onderaannemers uit de regio’
- Johan Koehoorn Koninklijke Damstra Installatietechniek
in één centraal gebouwbeheersysteem. Dat vergde een hoop programmeren van schakelingen, maar levert de gebruikers straks optimaal gebruiksgemak.’
Stroom of geen stroom?
Dit duurzame all electric-concept – en dus in feite de hele verhuizing – dreigde in het water te vallen toen Enexis meldde dat het nieuwe complex op zijn vroegst eind 2026 aan de beurt zou zijn voor een grootverbruik aansluiting, hoewel de gemeente die ruim op tijd had aangevraagd. Koehoorn: ‘Ons zusterbedrijf Damstra Duurzaam heeft toen een concept ontwikkeld waarbij je met behulp van zonnepanelen, een biodieselaggregaat, een accupakket en een energie-managementsysteem, toch in je behoeften kunt voorzien.’ Het systeem werkt samen met de kleinverbruikaansluiting die wél was toegezegd door de netbeheerder. ‘Het was alleen afwachten wanneer die precies werd aangesloten… Uiteindelijk is dat pas begin juli gebeurd. Dus toen hadden we nog maar drie weken om alles in bedrijf te stellen en te testen. Het viel allemaal net op tijd op zijn plek’, zegt Koehoorn.
Ingespeeld, toch spannend ‘Het zijn dit soort externe factoren die het af en toe spannend maken of een project als dit op tijd afkomt’, zegt De Vries. Aan de samenwerking zal het niet snel liggen. ‘We zijn na zoveel projecten helemaal op elkaar ingespeeld.’ Dat zegt ook Van Wieren. ‘Elk project heeft zijn eigen uitdagingen en het blijft spannend om én het ontwerp, én de financiën, én de planning binnen de kaders te houden. Af en toe knettert het dan ook wel eens, maar dat is alleen maar goed want dat zet het probleem op scherp: wat is nu de essentie? En dan zijn we allemaal ‘senior’ genoeg om elkaars expertise en professionele mening op waarde te schatten.’
Gemeentewerf Novatec te Leek
Bouwteamleden
Opdrachtgever : Gemeente Westerkwartier
Architect : TWA Architecten
Constructeur : Dijkhuis ingenieurs
Aannemer : Bouwgroep Dijkstra Draisma
Installateur : Koninklijke Damstra
Installatietechniek
Onderaannemers & toeleveranciers
Afvalverwerking, transport & recycling : NNRD / Visser ATR