Ontdek Nieuw-West met Haroon Ali
‘Robots dansen net als kinderen’ VOORSTELLING SCHOOL OF MOON
‘Het geheugen van de dans’ INTERVIEW MET SUZAN TUNCA
‘We laten het wereldbeeld een stukje kantelen’ INTERVIEW MET EMIO GRECO | PIETER C. SCHOLTEN
HET LICHAAM IN OPSTAND Voor ICK is het lichaam nieuwsgierig en grensverleggend; een sociaal lichaam dat gevoelig is voor maatschappelijke veranderingen als globalisering, digitalisering en versnippering.
ICK DANS MAGAZINE — 1
ICK (Internationaal Choreografisch Kunstencentrum), onder leiding van Emio Greco en Pieter C. Scholten, is een platform voor hedendaagse dans in Amsterdam dat internationale dansvoorstellingen produceert, samenwerkingen aangaat met gastkunstenaars en tal van research– en educatieve projecten initieert. Als stadsgezelschap dans van Amsterdam en huisgezelschap van Theater de Meervaart draagt ICK bij aan de dansontwikkeling van de stad.
ICK DANS MAGAZINE — 2
Dit magazine biedt u een blik op de vele activiteiten van het Internationaal Choreografisch Kunstencentrum Amsterdam (ICK) in het seizoen 2018-2019.
ICK is een huis voor de dans waar internationale choreografen, kunstenaars, dansdocenten en dansonderzoekers dagelijks elkaars pad kruisen. Een plek waar makers rust, aandacht en concentratie vinden, maar ook de gelegenheid krijgen om hun vondsten en bevindingen met u, ons publiek, te delen. In de komende pagina’s vindt u interviews, artikelen, poëzie en fotoreportages waarin ICK-ers, verwanten en publiek laten weten wat hen fascineert aan het dansende lichaam, wat dans voor hen persoonlijk betekent of wat hen inspiratie brengt. Ons motto het lichaam in opstand is daarbij de leidraad. Niet alleen van diegenen die op het toneel staan; de danser, de zanger, maar ook van de mensen achter de schermen; de choreograaf, de dramaturg, de onderzoeker en de repetitor. Ontdek ook de projecten op het educatieve vlak: van dans, kinderen en robots tot dans, muziek en de kinderziel. Tijdens het jaarlijks terugkerend ICKFEST in NieuwWest dat dit jaar op 2, 3 en 4 november in Theater de Meervaart plaatsvindt kunt u kennis maken met een groot aantal van de hier beschreven activiteiten.
Als u er niet al woont kunt u ook kennismaken met het snel ontwikkelende, inspirerende Amsterdam Nieuw-West. De serie fotoportretten van bewoners en een heuse NieuwWest City Guide getuige hiervan. Voor de beeldpagina’s tekenen bovendien kunste naars uit deze buurt die een visueel commentaar leveren op het lichaam in relatie tot hun kunst. Via de schoonheid van hun werk kunnen we ook iets laten zien van de multidisciplinaire aanpak van ICK. U, onze lezer en toeschouwer, wordt in dit magazine deelgenoot gemaakt van de verrichtingen,de plannen, de ambities en alles wat zich binnen ICK ontplooit. Na deze ontmoeting op papier zien we u graag in 3D bij onze voorstellingen en activiteiten in het komende seizoen.
Emio Greco | Pieter C. Scholten — directie ICK
ICK DANS MAGAZINE — 3 — INTRODUCTIE
INHOUD ICK DANS MAGAZINE
06
12
issue #1 ’18—’19 'WE LATEN HET WERELDBEELD EEN STUKJE KANTELEN’
SHAI LANGEN
Beelden voor het ICKFEST 2018
Interview met Emio Greco | Pieter C Scholten
27
32 BOEIENDE BANEN
BLUE
Wat doet repetitor Claire Philippart bij ICK?
Een poëtische reflectie door Aleksandra Lemm
45
52 ZANGERES VAN ANDALUSISCH REPERTOIRE
‘ROBOTS DANSEN NET ALS KINDEREN’
Interview met Karima El Fillali
Interview met Eric Minh Cuong Castaing
67
74 GEKNIPT IN NIEUW-WEST
‘OP ZOEK NAAR DE LEEGTE’
Mode special door Schepers Bosman
Beeldessay van Kris Verdonck
ICK DANS MAGAZINE — 4 — INHOUDSOPGAVE
15
24
33 ICK &
Talentontwikkeling
HUMANITY NIEUW-WEST
‘PAS IN DE STUDIO MERKEN WE HOE DE SMAAK EN STRUCTUUR ZAL WORDEN’
Portretten door Ruben Timman
Interview met Emanuel Gat
34
59 ICK &
Educatie
65
40
ICK &
Publicaties
HET IDENTITEITSLOZE LICHAAM
‘IK WERD ERMEE GEPEST, MAAR JUIST ALS IK DANSTE VOELDE IK ME GEEN BUITENBEENTJE’
Briefwisseling tussen Karel Tuytschaever en Jesse Vanhoeck
55
Interview met Jesús de Vega
62 ‘ALLE KINDEREN KUNNEN DANSEN’
HET GEHEUGEN VAN DE DANS
Interview met Suzan Tunca
Reportage Jonge Zielen
84
88 ‘NIEUWSGIERIG NAAR HET LICHAAM’
Interview met Amos Ben-Tal
CITY GUIDE
Ontdek Nieuw-West met Haroon Ali ICK DANS MAGAZINE — 5 — INHOUDSOPGAVE
ICK SPEELLIJST ‘18–‘19 Binnenzijde achterflap
‘We laten het wereldbeeld een stukje kantelen’ — Emio Greco | Pieter C Scholten ICK MAGAZINE — 6 — PAGINA BIJSCHRIFT
— INTERVIEW — EMIO GRECO | PIETER C. SCHOLTEN
Wat in 1995 begon als een verhit gesprek tussen twee jongens in een studio in Amsterdam, is uitgegroeid tot de complexe realiteit van een internationaal choreografisch kunstencentrum met een hedendaags dansers ensemble: ICK Amsterdam. Een gesprek met de artistieke krachten hierachter: choreografen Emio Greco en Pieter C. Scholten. Tekst Annet Huizing Fotografie Marian Adreani, Alwin Poiana
— Jullie zijn met ICK twee jaar geleden verhuisd naar Amsterdam Nieuw-West, wat zijn de mogelijkheden daar?
Pieter C. Scholten (PC): ‘We hadden behoefte om al onze activiteiten onder één dak samen te brengen. Een eigen plek die meer is dan alleen een studio. Waar we kunstenaars kunnen uitnodigen uit alle disciplines, waar we educatieve projecten kunnen ondernemen en waar we publiek kunnen uitnodigen om kennis te nemen van ons werk. Vanuit deze plek kunnen we boven dien veel beter opereren en inspelen op nieuwe ontwikkelingen in onze omgeving.’
Emio Greco (EG): ‘Wanneer wij zeggen kunst te maken die sociaal betrokken is, is het belangrijk om open te staan voor andere werelden. Uit de nieuwsgierigheid naar andere werelden kunnen mooie dingen voortkomen, zoals bijvoorbeeld onze samenwerking met het Amsterdams Andalusisch Orkest, net als wij huisgezelschap van de Meervaart, waar we een voor ons heel nieuwe muzikale bezieling in vonden. We trokken dus letterlijk en figuurlijk een soort nieuwe stad in, een nieuw avontuur tegemoet.’
EG: ‘Als dansgezelschap moet je thema’s die leven in een maatschappij aankaarten en daarom een dialoog voeren met de gemeenschap. Dat gaat pas echt werken als je je in die gemeenschap begeeft. We nodigen de bewoners van Amsterdam Nieuw-West uit in de studio en geven er open lessen; we geven ook danslessen aan de kinderen en jongeren van 4West, om de connectie met de buurt te voeden.’
— In Nieuw-West gebeurt het?
EXTREMALISM
PC: ‘Cruciale ontwikkelingen in een stad doen zich steeds op andere plaatsen voor, die zijn niet aan het stadscentrum gebonden, dat merken we ook in Marseille waar we het Ballet National de Marseille leiden: de ziel van de rauwe, onontgonnen delen van die stad raakt ons als kunstenaars het meest. Ook NieuwWest brengt ons nieuwe inspiratie: het is een wijk die met haar eigen Theater de Meervaart, vele bedrijven en culturele potentie, volop in ont wikkeling is en die een afspiegeling is van een maatschappij waar wij als kunstenaars op reflecteren.’
ICK DANS MAGAZINE — 7
— Wat zijn jullie van plan met ICK dit seizoen?
PC: ‘Het seizoen 2018-2019 nemen we zelf ZIEL | ROUH in reprise, de samenwerking met het Amsterdams Andalusisch Orkest. Ook is een aantal gastchoreografen bij ICK te zien; sommigen van hen, zoals de Belgische kunstenaar Kris Verdonck, hebben al eerder met het gezelschap gewerkt. Anderen maken voor het eerst kennis met ons ensemble: tijdens het ICKFEST in november 2018 gaat er bijvoorbeeld een nieuwe voorstelling van de Israëlische choreograaf Emanuel Gat in première, NEXT, die hij met onze dansers maakt. De Franse choreograaf Eric Minh Cuong Castaing maakt samen met kinderen uit Nieuw-West School of Moon, waarin zij zich voorstellen hoe de toekomt er uit zal zien. Hierin zien we robots en kinderen samen op toneel. Jesús de Vega, voormalig danser van ons gezelschap en nu zelf choreograaf, neemt zijn
voorstelling Stigma in reprise en Amos Ben Tal, die eerder een korte choreografie maakte in 7EVEN een door ons geïnitieerde productie waarin zeven choreografen elk een stuk van zeven minuten presenteren - maakt met onze dansers een avondvullende voorstelling. Verder brengen we in 2019 de première van SOMETHING (out of nothing) van Kris Verdonck, een spannend tweeluik dat zich zowel in de theatrale als de museale ruimte gaat afpelen.’ — Dit jaar maken jullie ook deel twee van het tweeluik rond de Kindertotenlieder van Mahler.
PC: ‘Al een jaar of drie geleden ontstond het idee om iets te doen met dit aangrijpende muziekstuk. We maken onze gedanste Kindertotenlieder in twee delen: vorig jaar hebben we de voorstelling Appearance gemaakt met een koor van twaalf kinderen op het toneel. Nu werken we aan
APPEARANCE
‘Wij volgen de muziek niet maar komen er juist mee in frictie’
Disappearance, waarin de kinderen niet fysiek aanwezig zijn, maar via een hologram te zien. Daarmee benadrukken we nog meer het gevoel van gemis, het is een ode aan intuïtie en kwetsbaarheid; eigenschappen die in de huidige maatschappij lijken te verdwijnen.’ — Jullie doen dat wel vaker toch, met beroemde muziekstukken aan de slag gaan?
EG: ‘Klopt, we hebben dat eerder gedaan met de Boléro van Ravel en Bachs Mattheüs Passie. Het is een uitdaging om vanuit dans nieuw licht op een overbekend muziekstuk te schijnen. Bij de begintonen van de Boléro weet iedereen al wat er gaat komen. Onze dansers bewegen niet op de tonen of het ritme van de muziek maar reageren er intuïtief op, vanuit een bepaald fysiek bewustzijn. Dat betekent dat we niet alleen meegaan met wat de muziek voorschrijft, maar er ook tegenin gaan. De dans komt dan juist in frictie met die muziek en daaruit ontstaat voor het publiek een hele nieuwe beleving van beide.’ Jullie overkoepelende thema is het lichaam in opstand, wat houdt dat in?
PC: ‘Je wil je lichaam iets laten uitdrukken maar soms keert het zich ook tegen je en weigert dienst. Het lichaam kan tegelijkertijd je beste vriend en je grootste vijand zijn.’ EG: ‘De dans die we creëren biedt het tegenovergestelde van comfort. Wij denken dat je met de regels moet breken om uit je vaste patroon los te kunnen komen. In dans betekent dit dat je, wanneer je een vorm vindt, die ook direct weer los moet kunnen laten. Dat is ook veel interessanter om naar te kijken. Het gaat ons ook in bredere betekenis, om de opstand tegen gevestigde constructen. Als je maar genoeg blijft aanschoppen tegen de gevestigde orde, creëer je vanzelf beweging in de samenleving.’
ICK DANS MAGAZINE — 8 — INTERVIEW EMIO GRECO | PIETER C SCHOLTEN
kon maken. In de tussentijd was ik wel veel in het theater te vinden en werd ik uiteindelijk theaterregisseur. Emio ontmoette ik op het juiste moment: we waren allebei nieuwsgierig naar het dansende lichaam en wilden dat onderzoeken. De spanning tussen lichaam en geest was wat ons in de eerste plaats bezig hield, en onze dialogen in de studio gingen puur over dat heel precies analyseren wat er gebeurt in die wisselwerking binnen een danser, in dit geval Emio. Daarom was onze allereerste voorstelling er een met alleen Emio op het toneel. En verder helemaal niks.’
TWO
— Waarom is het lichaam voor jullie het ideale middel om mee te communiceren?
PC: ‘Denk bijvoorbeeld aan die activist die zichzelf aan zijn ballen vastnagelde op het Rode Plein van Moskou. Die gooide letterlijk zijn lichaam in de strijd. Wij doen dat op een andere manier. In onze inter pretatie van Ravel’s Boléro was er bijvoorbeeld sprake van een opstand tegen de constructie van de muziek. Het gekke is dat je altijd in symbiose bent met dat waar je tegenaan schopt. Dat is een parasitaire relatie weliswaar – je gebruikt een construct ook als je het open breekt – maar uiteindelijk wel een constructieve: je komt tot iets moois nieuws.’ — Valt het thema van opstand terug te leiden tot jouw communistische opvoeding Emio?
EG: ‘Jazeker, alleen sta ik op een andere manier op de barricaden. Mijn geloof in een ideale wereld komt uit het Italiaanse communisme dat met de paplepel is ingebracht. Het sociale aspect daarvan trachten wij na te streven in ons werk.’
— Dat je ging dansen was niet zo voor de hand liggend, je studeerde bouwkunde.
EG: ‘Dat was een vergissing, ik wilde altijd al een danser zijn. Maar ik kwam niet uit een culturele omgeving; in mijn stad en mijn sociale klasse was weinig sprake van cultuur. Na mijn studie ontdekte ik dat ik danser wilde worden en kon daar op het nippertje nog aan beginnen.’ — Hoe ging dat bij jou Pieter?
PC: ‘Ik deed samen met mijn zus aan klassiek ballet maar bedacht te laat dat ik daar ook mijn beroep van
EG: ‘Het lichaam is de mens in zijn compleetheid. De ziel, het vlees, de tragiek van het lot, het falen: dat zit allemaal in dat ene lichaam. Het beschouwen van het bewegende lichaam van de danser brengt bovendien ook fysiek iets teweeg bij de toeschouwer: via je lichaam kun je iets begrijpen wat via de ratio niet te begrijpen is. Je maakt een emotionele of intellectuele connectie met de dansers die aan iemand die er niet bij was niet uit te leggen is.’ — Betekent dit dat dansers bij jullie invloed hebben op de choreografie?
PC: ‘Dansers hebben bij ons een hele actieve rol. Zij brengen hun kracht, hun interpretatie en hun persoonlijkheid in. Acteurs hebben een tekst waar ze zich aan moeten houden, bij ons is de danser de tekst.’
‘Acteurs hebben een tekst waar ze zich aan moeten houden, bij ons is de danser de tekst’
ICK DANS MAGAZINE — 9 — INTERVIEW EMIO GRECO | PIETER C SCHOLTEN
— Is het voor jullie daarom belangrijk om te werken met dansers van verschillende nationaliteiten?
EG: ‘Het gaat ons niet zo zeer om nationaliteiten maar wel om verschillende persoonlijkheden. We hebben de diversiteit van de mensheid nodig in ons ensemble.’ PC: ‘Wij vinden het, anders dan bij ballet bijvoorbeeld, ook meer van belang wat iemand aan persoonlijkheid meebrengt, dan aan welke uiterlijke kenmerken deze voldoet.’ — Hoe werken jullie samen?
‘Echte schoonheid ontstaat toevallig’
— Jullie hebben dus wel eens een verschil van mening?
PC: ‘Zeker. Daar waar de frictie optreedt tussen onze opvattingen van wat dans moet zijn of wat we met een bepaalde frase willen uitdrukken, zit precies de ruimte waar de meest interessante dialoog ontstaat’ EG: ‘Daaruit komen geen concessies voort, maar versterkingen van onze visie. We hebben die frictie nodig.’
— ICK is niet alleen een dans gezelschap maar ook een plek voor onderzoek, waarom?
PC: ‘We startten eigenlijk niet als dansgezelschap maar gingen samen de studio in om te onderzoeken wat wij elkaar, met onze achtergronden in theater
PARA | DISO Revisited
EG: ‘Pieter is heel gestructureerd en kan met afstand kijken naar wat er op de werkvloer ontstaat. Ik werk meer van binnenuit met de dansers. Samen hebben we een dubbele energie, dat is heel belangrijk.’
PC: ‘Dankzij Emio kan ik in de constructieve chaos duiken en hij gaat met mij mee in de structuur. Die dubbele energie is essentieel, wij hebben altijd twee uiterste punten nodig, en de frictie daartussen. Het is juist de frictie en de verschillen tussen ons die, vanaf onze eerste ontmoeting, hun vruchten afwerpen.
ICK DANS MAGAZINE — 10 — INTERVIEW EMIO GRECO | PIETER C SCHOLTEN
ZIEL | ROUH
en dans, konden brengen. Dat analyserende in ons werkproces is altijd zo gebleven. De ontwikkeling van onze eigen choreografieën gaat altijd samen met onderzoek, en wat we daarvan hebben vastgelegd voedt ons altijd. We vonden het belangrijk om iets door te geven van de kennis die wij in de afgelopen decennia hebben opgedaan, met name op het gebied van het docu menteren van dans en wat er allemaal gebeurt in de daaraan voorafgaande repetitieprocessen. We hebben dit gestructureerd door bij ICK onderzoekers te betrekken, die deze kennis laten aansluiten bij vragen die danswetenschappers en dansmakers zich wereldwijd stellen. Mensen uit het internationale dansveld, maar ook uit andere disciplines zijn geïnteresseerd geraakt in de research die bij ICK plaatsvindt.’ — Is het van belang dat de danswereld leert van wat jullie hebben geleerd?
EG: ‘We willen niet per se onderwijzen, of voorschrijven, maar wel via ons onderzoek laten zien hoe een kunstenaar werkt. Wij willen laten zien dat dit kan
op een manier waarbij je zoekt naar iets wat je nog niet weet. We stimuleren mensen graag om op een andere manier te denken en zelf ook de moed te hebben om te gaan onderzoeken.’ — Is dat waarom jullie ‘de filosofen van de danswereld’ worden genoemd?
EG: ‘Dansen is een visie, het is tegelijkertijd een benadering en een projectie van de realiteit. Het is een manier van denken en daar de expressie van. Elke danser is een filosoof.’ PC: ‘In onze choreografie zitten altijd drie lagen: het spektakel van een mooie voorstelling, het sociale aspect en het mysterie. Het onbekende heeft een enorme impact op ons leven, waarom zouden we die dan niet in onze voorstellingen laten zien?’
— Wat is dan belangrijker, een choreografie maken die mooi is, of een waar het publiek over na gaat denken?
EG: ‘Soms is het per ongeluk mooi. Echte schoonheid ontstaat toevallig. Het is niet zo dat we in onze stukken een expliciete boodschap aan het publiek mee willen geven, maar in onze voorstellingen geven we de toeschouwer vaak wel iets mee om over na te denken en laten we hen met een nieuwe manier van denken naar buiten wandelen; een waarin hun verwachtingen of beeld van de wereld net een stukje gekanteld is.’
‘Dansers brengen hun kracht, interpretatie en persoonlijkheid in’
ICK DANS MAGAZINE — 11 — INTERVIEW EMIO GRECO | PIETER C SCHOLTEN
— CAMPAGNEBEELDEN — ICKFEST 2018
SHAI LANGEN Beeldend kunstenaar Shai Langen transformeert en vervormt in zijn werk het menselijk lichaam door met verschillende materialen te experimenteren. Op deze manier bevraagt hij de manier waarop we naar een lichaam kijken en wat het betekent om mens te zijn. Voor het campagnebeeld van het jaarlijkse ICKFEST in Nieuw-West heeft Shai Langen zes kleurrijke beelden gecreëerd met de dansers van ICK. Hij wil met deze beelden laten zien dat lichaam en identiteit vloeibaar zijn en kunnen veranderen. De dansers worden plastische wezens die ons de weg wijzen in een tijdperk waarin technologie de menselijke vorm herdefinieert. Concept en uitvoering Shai Langen Model / danser Sedrig Verwoert Fotografie Alwin Poiana
ICK DANS MAGAZINE — 13
— Advertentie —
— FOTOREPORTAGE — RUBEN TIMMAN
HUMANITY NIEUW–WEST Samen met fotograaf Ruben Timman brengen we de bewoners van Amsterdam Nieuw-West in beeld. Wie hebben we om ons heen in dit stadsdeel? En wat betekent het lichaam voor hen? Met zijn doorlopend project Humanity wil Timman laten zien hoe mooi en waardevol de mensheid is. Al ruim 17 jaar fotografeert hij mensen over de hele wereld in hetzelfde format, en geeft daarmee vorm aan hun levensverhaal. Timman bundelt de portretten in zijn Museum of Humanity; gaf een boek uit en werkt aan een fysiek museum in Zaandam. ‘Door de mensen voor een zwarte achtergrond te plaatsen en als het ware door de camera heen te laten kijken komt het innerlijk van de mens in beeld. De waardigheid van het lichaam staat voorop!’ Tekst Ruben Theunissen Fotografie Ruben Timman
ICK DANS MAGAZINE — 15
CHRIS RELLEKE 93 jaar
Denkt bij het lichaam aan: Mooi, seksueel, atletisch, opgewekt
Het lichaam in opstand zet mij in veel opzichten aan het denken. De wereld om mij heen is veranderd. Ik heb veel verschillende systemen meegemaakt in de oorlog en ik zie ze steeds meer terugkomen, daar ben ik bang voor. De techniek gaat ook aan me voorbij, zoals bijvoorbeeld de voedselindustrie daar begrijp ik helemaal niets meer van. Ik krijg het idee dat je tegenwoordig aan al het voedsel overlijdt. Ik observeer graag en als ik weleens bij de tram sta en een dik persoon zie denk ik hoe krijgt die de schoenen nu aan? Mijn hart ligt op mijn tong en ik zeg wat ik denk, liegen doe ik niet! ICK DANS MAGAZINE — 16 — HUMANITY NIEUW-WEST
LYNN MORGAN 12 jaar
Denkt bij het lichaam aan: Gevoelens, bewegingen, dansen in de badkamer
Het lichaam in opstand hangt voor mij samen met emoties. Soms kun je ze niet makkelijk met woorden uitleggen en dan gebruik ik mijn lichaam. Het zit dan in mijn hoofd, maar ik kan het niet omschrijven dus dan gebruik in mijn lichaam om dit duidelijk te maken door bijvoorbeeld te dansen. ICK DANS MAGAZINE — 17 — HUMANITY NIEUW-WEST
MUNA SEYID 35 jaar
Denkt bij het lichaam aan: Handen, voeten, ogen, instrument, wie je bent, identiteit
Bij het lichaam in opstand denk ik aan identiteit en uitstraling. Ook denk ik aan uiterlijk waarmee je soms onbewust verkeerde signalen afgeeft aan je omgeving. Verder denk ik dat het lichaam een instrument is om zielen te verbinden. ICK DANS MAGAZINE — 18 — HUMANITY NIEUW-WEST
HUUB DE BOER STAM 67 jaar
Denkt bij het lichaam aan: Mooi, beweging, geheel, zijn, gevoelig
Het lichaam in opstand doet mij denken aan pesten, wanneer iemand gepest wordt kom je lichamelijk in verzet. Van binnen naar buiten laten komen, wat naar buiten moet is de onmacht, de pijn, het gevecht. De opstand begint binnenin als gevoel en komt via het lichaam naar buiten. Het uitbreken van emoties en gevoelens wordt door je lichaam vertaald, maar het lichaam kan ook grenzen stellen. Dit is dan te zien in beweging of uitdrukking. ICK DANS MAGAZINE — 19 — HUMANITY NIEUW-WEST
TOELSIE BHAGWANPERSAD 71 jaar
Denkt bij het lichaam aan: Gezicht, figuur, gewicht, er goed uitzien, vrolijkheid
Toen ik een jaar of 60 was ben ik ongeveer 10 kilo afgevallen. Mijn lichaam kwam in opstand en toen ben ik minder gaan eten en uiteindelijk is het me gelukt om af te vallen. Nu ben ik tevreden.
ICK DANS MAGAZINE — 20 — HUMANITY NIEUW-WEST
DANIEL NICOLETTI 28 jaar
Denkt bij het lichaam aan: Hoofd, lichaam, ziel, gedachten, veelzijdigheid, snelheid, nauwkeurigheid, flexibiliteit
1,5 jaar geleden heb ik een burnout gehad. Met name door al het dansen en freelancen, dit brak me op. Mijn lichaam en geest zaten niet op een lijn, ik keek anders naar mezelf en naar anderen. Mijn lichaam werkte me tegen. Ik verloor de controle over mijn eigen lichaam. Dit was voor mij het ultieme moment van mijn lichaam dat in opstand kwam. Het begint allemaal in je hoofd, je moet in je hoofd bewust worden en zijn. Accepteren en over je heen laten komen. Je moet je lichaam vóór zijn met je mind, toen ik dit onder de knie had kon ik over mijn burn-out heenkomen. Ben bewust van jezelf en je situatie. Ga zitten en luister naar jezelf.
ICK DANS MAGAZINE — 21 — HUMANITY NIEUW-WEST
JOOST HARTOG 61 jaar
Denkt bij het lichaam aan: Seks, uithoudingsvermogen, onbeperkte mogelijkheden, communicatie, reizen
Wie ik ben en wat ik kan is een beetje verschillend. Ik ben in een rolstoel terechtgekomen, omdat ik in laag water gedoken ben en sindsdien ben ik verlamd. Momenteel schilder ik veel en ben ik bezig met het schrijven van een boek over mijn leven. Voor schrijven moet ik lang stilzitten en de ironie hiervan is dat ik dit moeilijk kan. Het lichaam in opstand betekent voor mij een lichaam dat niet meer kan wat je ervan vraagt. Ik ben daar het levende voorbeeld van. Ik vraag veel van mijn lichaam, maar het lichaam kan vrijwel niets meer. Ik vergelijk het met ziek zijn. Seks is ook een lichaam in opstand of misschien is aseksueel zijn meer in opstand komen? ICK DANS MAGAZINE — 22 — HUMANITY NIEUW-WEST
JACQUELINE BANDT 60 jaar
Denkt bij het lichaam aan: Bewegen, gezondheid, hart, hoofd, handen
Ik werk met slecht horenden en doe veel aan gebarentaal. Dit is voor mij een concreet voorbeeld om het lichaam in opstand te zien. Slechthorenden die rustig zijn maken veel kleinere en langzamere gebaren dan slechthorenden die onrustig zijn. De opstand is duidelijk te zien in de vorm en intensiviteit van hun gebaren. ICK DANS MAGAZINE — 23 — HUMANITY NIEUW-WEST
EMANUEL GAT ‘Pas in de studio merken we hoe de smaak en textuur zal worden’
ICK DANS MAGAZINE — 24 — INTERVIEW EMANUEL GAT
Choreograaf:
Voorstelling:
Première:
EMANUEL GAT
NEXT
02.11.2018 Theater de Meervaart
Choreograaf Emanuel Gat maakt voor ICK dit najaar NEXT, maar hoe deze voorstelling er uit gaat zien, daar heeft hij nog geen beeld van. Gat gaat de studio in met een idee, en komt er uit met een voorstelling die voor een groot deel gevormd is door de dansers zelf. Tekst Veerle Corstens Illustratie Sjoukje Bierma Fotografie Alwin Poiana
Als kind was Gat altijd aan het surfen en volgens hem is dat een sport die gaat over dialoog: ‘Een golf is nogal een dynamisch ding. Het beweegt met een snelheid en vorm die je niet kunt beïnvloeden. Op je surfplank zul je met de golf moeten samenwerken en de onverwachte energie van het water moeten kanaliseren; je bent daardoor altijd gedwongen in het moment te zijn.’ Zo werkt het volgens Gat met een choreografie ook: hij gaat met een idee de studio in en beweegt dan mee met de inbreng van zijn dansers. Hij is gefascineerd door hoe de lichamen reageren op zijn opdrachten maar ook op de muziek en op elkaar. Gat begon als conservatoriumstudent maar stapte al na drie maanden over naar dans omdat hij het lichaam het perfecte gereedschap vindt om zich mee uit te drukken: ‘Het is het meest directe middel, je hoeft het niet te vertalen, je bènt je ideeën. Deze directheid heeft iets heel comfortabels voor mij.’
Intieme informatie omzetten in dans
Hoe dat in de praktijk gaat? Gat vraagt zijn dansers bijvoorbeeld om iemand te kiezen van wie ze ontzettend veel weten en daar alle intieme informatie van op te schrijven. Die informatie moeten ze in een beweging omzetten. ‘Dan kan ik zien hoe de danser beweegt. Ik vertel dansers nooit waar ze precies moeten gaan staan of hoe ze moeten bewegen. Ik geef ze geen opdracht voor een specifieke stijl, het moet vooral duidelijk zijn wat ze bedoelen.’ Zijn choreografie is uiteindelijk de visualisatie van de beslissingen en het gedrag van de dansers, zij reageren en tonen wat hun beweegt.’ Gat vergelijkt het met het maken van een taart: ‘Je kunt een recept volgen en toch zal de taart iedere keer dat je deze maakt,
anders smaken. Ik geef mijn dansers wel een recept mee, maar pas in de studio merken we hoe de smaak en textuur zal worden.’ De kracht van even stilstaan – letterlijk
Gat heeft niet altijd zo gewerkt; in zijn beginjaren dacht hij zijn choreografie helemaal uit voor hij aan het werk ging met dansers. Maar inmiddels is hij er achter dat het zijn taak is om een choreografie uit het binnenste van de dansers te halen. Het is veel interessanter om te zien wat dansers antwoorden op zijn vragen dan dat hij ze zelf voorkauwt: ‘Ik hoef geen kopieën van mezelf te zien.’ Hij bedenkt daarom een systeem dat hij als het ware test met zijn dansers. Wat hij het liefste doet is beginnen met een groep onbekende dansers om
‘Het lichaam als perfect gereedschap’
ICK DANS MAGAZINE — 25 — INTERVIEW EMANUEL GAT
te zien hoe ze reageren op zijn proces. Pas dan weet hij of zijn idee klopt. ‘Je kunt het vergelijken met een spel: als je een bal meeneemt naar een groep kinderen die nog nooit hebben gevoetbald, kun je dit spel zonder problemen uitleggen omdat het systeem van voetbal heel coherent is. Je kunt meer of minder kwaliteit hebben, maar iedereen kan gemakkelijk spelen en veel lol hebben. Ik probeer op die manier een choreografisch systeem te maken dat zo coherent is dat iedereen het zou kunnen.’ Hij geeft natuurlijk wel aan wijzingen zoals bijvoorbeeld dat de momenten waarop een danser stilhoudt minstens zo belangrijk
zijn als het dansen zelf. ‘Denk maar aan een veelzeggende stilte in een gesprek of een rustpauze in de muziek; dat licht andere delen er juist uit en laten de choreografie in balans komen. Als je van stilstaan weer naar beweging gaat, geeft dat een enorme impact.’ Zonsondergang
niet. ‘Toeschouwers zullen in mijn werk ongetwijfeld bepaalde thema’s ontdekken maar het werk is bijna passief. Het is net als een zonsondergang: iedereen kan kijken naar de zonsondergang en er een totaal andere reactie op hebben. En de zonsondergang zelf, die geeft er geen fuck om of jij het mooi vindt of niet.’
Gat ontdekt samen met de dansers wat past en daardoor kan dezelfde choreografie met een andere groep dansers totaal anders worden. Hij noteert wel wat hij heeft gedaan en welke opdrachten hij heeft gegeven, dat is hoe hij zijn choreografie kan bewaren en reproduceren. Met thema’s werkt hij echter
‘Ik hoef geen kopieën van mezelf te zien’ Voorstelling:
NEXT
Wat is de juiste volgende stap? De Israëlische choreograaf Emanuel Gat legt in zijn eerste samenwerking met de dansers van ICK het mechanisme achter een choreografie bloot. Het maken van een dansvoorstelling vereist oneindig veel keuzes en in NEXT wordt gezocht naar de enige juiste keuze. Niet met een concreet plan of idee, maar vanuit intuïtie en de intelligentie van het lichaam. Dans als een algoritme. Voor credits en speeldata zie www.ickamsterdam.nl
ICK DANS MAGAZINE — 26 — INTERVIEW EMANUEL GAT
— Boeiende banen —
WAT DOET REPETITOR CLAIRE PHILIPPART BIJ ICK? Dansers en choreografen zijn vaak het stralende middelpunt van het gezelschap, maar achter de schermen zijn mensen dagelijks bezig met minder bekend werk. Maak kennis met Claire Philippart, repetitor bij ICK. Tekst Ruben Theunissen Fotografie Bas de Brouwer
Ze is dagelijks in de studio voor het geven van balletlessen en fungeert als klankbord voor de dansers en het artistieke team. Van intensieve repetitieperiodes tot internationale tournees, Claire is erbij en heeft een unieke band met de dansers.
al aanwezig, maar kwamen bij het klassieke ballet minder naar buiten. De stap naar hedendaagse dans was voor haar dan ook een openbaring. Een normale werkdag van Claire begint thuis al vroeg, wanneer ze de balletles voorbereidt. Ze houdt van structuur en zorgt dat de muziek, de flow en de opdrachten van de les vast staan. Om half elf zijn zij en de dansers aanwezig in de studio en begint de les, waar Claire zelf ook aan deelneemt.
‘Door de balletles worden de mogelijkheden van de dansers opgerekt’ Ook bij ICK begon Claire als freelance docent en na 4 jaar, toen Emio Greco en Pieter C. Scholten werden benoemd tot artistieke directie van Ballet National de Marseille, werd Claire vaste repetitor bij het gezelschap. Ze was vanaf het begin verliefd op het werk van Greco en Scholten, met name vanwege de innerlijke en intuïtieve drijfveren. Deze waren voor haarzelf altijd
ICK DANS MAGAZINE — 27 — INTERVIEW CLAIRE PHILIPPART
Claire Philippart
Claire Philippart (56) werd geboren in Luik (BE) en verhuisde op jonge leeftijd met haar familie naar Parijs. Als kind danste ze al, maar pas op 15-jarige leeftijd begon ze intensief te trainen en werd ze twee jaar later aangenomen door Roland Petit bij het Ballet National de Marseille. Drie jaar later deed ze auditie voor het Nationale Ballet in Amsterdam. Ze verhuisde in 1986 om haar carrière in Nederland voort te zetten. Van Zwanenmeer tot Romeo & Julia: Claire heeft in 17 jaar vrijwel alle rollen gedanst. Choreografieën van George
Balanchine waren haar favoriet: ‘Het fysieke, de techniek, het voetenwerk, de muzikaliteit: het was altijd mijn droom om choreografieën van Balanchine te dansen’. Op 38-jarige leeftijd stopte ze bij het Nationale Ballet en werd moeder. Ze volgde de opleiding interieur design aan Academie Artemis, maar kwam al snel weer terug bij de dans. Af en toe danste ze zelf nog, maar voornamelijk gaf ze balletlessen en workshops. Dit groeide uit tot een full-time baan.
Elke les is anders, soms geeft ze klassiek ballet en soms de kenmerkende bewegingsmethode Double Skin/Double Mind, ont wikkeld door Greco en Scholten. De balletles is met name belangrijk voor het opwarmen, het letterlijke zweten, en zorgt voor het opbouwen van uithoudingsvermogen en voor structuur; door de balletles worden de mogelijkheden van de dansers opgerekt. Daarna beginnen de dansers met repetities waarin het aanleren en bijhouden van repertoire wordt afgewisseld met het werken aan nieuwe voorstellingen die op de agenda staan.
‘Soms zijn we een hele middag samen in gesprek’ De repetities zijn steeds anders, want afhankelijk van de benadering van de (gast)choreograaf. Een
die ieder andere wensen en methodes hadden. Uiteraard brengt dit ook confrontaties en frustraties met zich mee. Claire staat dan tussen de danser en choreograaf in, een moeilijke positie waar ze zichzelf wel eens tegenkomt. ‘Ik moet zowel op mijn strepen kunnen staan als begrip kunnen tonen voor de gevoelens en emoties van mensen waar ik dagelijks mee leef en adem. Dat is een ingewikkelde dubbelrol. Werk en privé komen soms dicht bij elkaar. ‘
belangrijk onderdeel is het filmen van repetities. Op deze manier kan Claire terugzien wat nood zakelijk is en hoe ze ook zonder de choreograaf verder kan met de dansers. Om tot de kern van ieder werk te komen leert Claire de choreografieën zelf ook aan en danst in de repetities op de achtergrond mee. ‘Van kring gesprekken tot individuele feedback, tijdens repetities gebeurt elke dag wat anders. Veel choreografen en kunstenaars waarmee we werken zijn erg conceptueel en dit vergt een inbreng en emotionele band van hen met mij en de dansers. Soms zijn we een hele middag samen in gesprek’.
‘Werk en privé komen soms dicht bij elkaar’
Naast de lessen en repetities met het ensemble moet Claire ook rekening houden met stagiaires, ingewikkelde schema’s en emoties van dansers. Zo werkte ze voor de voorstelling 7EVEN in 2017 met zeven verschillende choreografen
Naast de dagen in de studio gaat Claire altijd mee op tournee en verzorgt ook daar de warmingup, kijkt de voorstelling, noteert en filmt waar nodig en evalueert achteraf met de dansers. Met de
ICK DANS MAGAZINE — 28 — INTERVIEW CLAIRE PHILIPPART
voorstellingstechnici heeft ze een goede band opgebouwd en samen brainstormen ze over licht, decor en geluid op locatie. Claire is ook aanwezig bij vergaderingen met het artistieke team en fungeert als klankbord tussen hen en de dansers. De mooiste herinnering heeft Claire aan de voorstelling PARA|DISO Revisited uit 2017: ‘De dansers waren absoluut fantastisch!! Het is een moeilijke voorstelling waar veel uithoudingsvermogen voor nodig is en het repetitieproces was zwaar met een korte montagetijd. Tijdens de tournee zag ik de dansers groeien en zich het bewegingsmateriaal steeds meer eigen maken. Tegen het einde waren de dansers op hun best, ik ben altijd trots op ze, maar tijdens de laatste voorstellingen was ik enorm verrast en onder de indruk! Suzan Tunca die in het oorspronkelijke PARA|DISO
gedanst heeft, was erbij en we waren echt omvergeblazen! De dansers wisten zowel het verhaal als de dans perfect over te brengen en dat was een fantastisch moment.’ Claire had graag zelf het werk van Emio Greco en Pieter C. Scholten willen dansen, en is blij dat ze het op deze manier kan ervaren. Haar baan is afwisselend en divers. Juist de afwisseling tussen workshops, balletlessen, samenwerk ingen, nieuwe dansers en choreo grafen houdt het spannend. ‘Elke dag is anders!’ Waar Claire het meest naar uitkijkt? ‘De nieuwe voorstelling NEXT van de Israëlische choreo graaf Emanuel Gat is een eerste en spannende samenwerking. Daarnaast lijkt de nieuwe voor stelling die we maken met kunste naar Kris Verdonck een hoogtepunt te worden na het succes van zijn
choreografie waarbij vier danseressen van ICK een uur in de lucht hangen. En tot slot zie ik uit naar het werken met danseres Sophia Dinkel aan de voorstelling TWO van Greco en Scholten. Het aanleren van repertoire en intensief met een danser samenwerken is altijd een indrukwekkend proces’.
‘Juist de afwisseling tussen workshops, balletlessen, samen werkingen, nieuwe dansers en choreografen houdt het spannend. Elke dag is anders!’
ICK DANS MAGAZINE — 29 — INTERVIEW CLAIRE PHILIPPART
2 T/M 4 NOVEMBER 2018 3 DAGEN 5 VOORSTELLINGEN 2 PREMIÈRES WORKSHOPS AFTERPARTY THEATER DE MEERVAART In samenwerking met Theater de Meervaart presenteert ICK ook dit jaar het ICKFEST, een rijk gevuld programma met dansvoorstellingen, workshops, showcases en een afterparty. Drie dagen met voorstellingen van onder andere Emanuel Gat, Aleksandra Lemm, Eric Minh Cuong Castaing en Ballet National de Marseille.
VRIJDAG 2 NOVEMBER Emanuel Gat – NEXT Afterparty
ZATERDAG 3 NOVEMBER
Double Skin/Double Mind workshop Aleksandra Lemm — BLUE Ballet National de Marseille — Les Cygnes et les Autres (De zwanen en de anderen) Jesús de Vega & Chai Blaq — CHOREOPOP Afterparty
ZONDAG 4 NOVEMBER
Eric Minh Cuong Castaing & 4West — School of Moon Neem tussen de optredens door plaats in de Cinedans Filmbooth, bezoek een foto tentoonstelling of volg workshops. Passe-partout: €40,www.meervaart.nl
ICK DANS MAGAZINE — 30 — ICKFEST
Model / danser: Maxine van Lishout
Choreograaf:
Voorstelling:
ALEKSANDRA LEMM
BLEU
Première: 03.11.2018
ALEKSANDRA LEMM Theater de Meervaart
Aleksandra Lemm (geboren in Polen) is choreograaf, performer en danser. In 2015 studeerde ze af aan de SNDO (School voor Nieuwe Dans Ontwikkeling) in Amsterdam. Sinds twee jaar werkt Aleksandra aan de ontwikkeling van haar eigen artistieke praktijk waarin het idee
van autoriteit, controle en macht in relatie tot het lichaam en zijn omgeving bevraagd wordt. Haar werk focust zich op het concept van tijd; het voorbijgaan en de vergankelijkheid die zich zowel binnen als buiten het lichaam afspeelt.
Op zaterdag 3 november om 19.00 uur, tijdens het ICKFEST 2018, zal haar voorstelling BLUE in première gaan in Theater de Meervaart.
ICK DANS MAGAZINE — 32 — ALEKSANDRA LEMM
Tekst Jesse Vanhoeck Illustratie Sjoukje Bierma Fotografie Ernst van Deursen
Blue arises from emptiness. Everything arises in Blue. Yet there are no stories in itself. Nothing to tell. Blue has no aim, no purpose, nothing to prove or to show. Everything is changing, shifting inside the Blue, yet it remains unchanged. Blue is the sky, infinity, a higher state, an awareness. Blue are your eyes, your blouse and my favorite color, for now. Blue is the deep sea, a dance, a feeling. It is what is here already, what you wish to see.
Voorstelling:
BLUE
Met BLUE neemt Aleksandra Lemm het publiek mee in de ervaring van ‘de leegte’, een begrip dat haar mateloos fascineert. Het is iets wat ontsnapt aan betekenis en representatie. Het kan alleen gevoeld worden. Door een eenvoudig gebaar, het loslaten van het bekende, een persoonlijke geschiedenis, identiteit, fantasieën en dromen kan leegte worden geproefd. Voor credits en speeldata zie www.ickamsterdam.nl
& Talentontwikkeling ICK schept mogelijkheden voor (jonge) choreografen om in Amsterdam te kunnen werken en zich te ontwikkelen in een professionele omgeving. De Vlugt, onze studio in Nieuw-West, is de broedplaats voor choreografietalent en (dans)onderzoek, dat vaak in samenwerking met andere instellingen wordt ondersteund. Samen met Veem House for Performance werken we aan het ontwikkelingstraject van Aleksandra Lemm en met Dansmakers Amsterdam bundelen we de krachten en faciliteiten om residenties te kunnen bieden aan beginnende makers. Seizoen 2018–2019 zijn dit Fazle Shairmahomed, Moreno Perna, Karel Tuytschaever en het collectief CHRONOS. Daarnaast maken onafhankelijke en beginnende makers gebruik van onze studio De Vlugt.
ICK DANS MAGAZINE — 33 — ALEKSANDRA LEMM
HET IDENTITEITSLOZE LICHAAM door Jesse Vanhoeck
Fragmenten uit de briefwisseling tussen Karel Tuytschaever en Jesse Vanhoeck die verscheen in het ICK-webzine Body in Revolt.
ICK DANS MAGAZINE — 34 — HET IDENTITEITSLOZE LICHAAM
Can we imagine a body that is dancing its way out of identity? To dance is not necessarily to come forward as an identity but it also contains the possibility to come forward as not any more being an identity. Or to have dissolved one’s identity.
Deze uitspraak deed choreograaf Mårten Spångberg tijdens zijn keynote op de POSTDANCE conferentie in Stockholm georganiseerd door MDT, Cullberg Ballet en André Lepecki. Ik noteerde de zin in mijn notitieboekje, las hem, herlas hem en dacht aan Karel Tuytschaever. Karel en ik leerden elkaar enkele jaren geleden kennen tijdens het SPIELZEIT project van HERTOGS|HAEST, hij als acteur, ik als dramaturg. Maar Karel is ook danser, docent en choreograaf. Toen ik voor ICK begon te werken hielden we contact en hij stuurde mij begin dit jaar het essay dat hij schreef over ‘Het identiteitsloos lichaam’. ‘Bedankt! Ik ga het snel lezen!’ stuurde ik terug, maar ondanks mijn veelvuldig gebruik van uitroeptekens bleef het nog enkele maanden op mijn bureau liggen. Toch, telkens ik er naar keek, werd ik weer geprikkeld door de titel: ‘De anatomie van het identiteitsloos lichaam’. Zelf werk ik met choreografen en directie van ICK, Emio Greco en Pieter C. Scholten steeds rond het begrip van ‘the social body’, vanuit de premisse dat in het simpele zijn van elk lichaam al een sociale en politieke lading besloten zit. Het werk van Emio en Pieter vertrekt vanuit de innerlijke motieven van het lichaam, ze hebben zelden aparte mannen- en vrouwenrollen (tenzij ze de genderconstructie als thema nemen zoals in de voorstellingen ROCCO of Double Points: VERDI), en benaderen elk lichaam, elke danser vanuit de eigen anatomie en individualiteit. Geen unisono, maar synchronisatie tussen verschillende lichamen. Maar zelfs wanneer je graaft naar innerlijke motieven, kan je niet om de verpakking heen. Er staat een lichaam en dat vertelt een verhaal nog voor het beweegt. Hoe ga je daarmee om?
Dus het idee van een ‘identiteitsloos lichaam’ speelde wel tot de verbeelding. Ik ontdeed me uiteindelijk van de veronderstelling dat ik het ‘te druk’ had en las het essay van Karel. Daarna stuurde ik hem een brief.
Dag Karel, Het heeft even geduurd, maar ik heb je essay gelezen. Het is best een intieme tekst, hoe je lichamen en jouw observaties ervan beschrijft. Ik vraag me af hoe dicht onze onderzoeken naar ‘het sociale lichaam’ en ‘het identiteitsloos lichaam’ bij elkaar liggen. Het lijkt contradictorisch, maar bedoelen we eigenlijk niet gewoon hetzelfde? Wanneer anderen je identiteit gaan construeren, er een sociale betekenis aan gaan geven, maakt dat je niet juist heel erg identiteitsloos? Groet, Jesse
ICK DANS MAGAZINE — 35 — HET IDENTITEITSLOZE LICHAAM
Dag Jesse, Dank je zeer voor je brief. Wat een fijne gedachte vind ik het om een briefwisseling met je te beginnen over wat ons bezig houdt. Ik zou onze tekstuele uitwisselingen tot een filosofisch schrijven willen dopen, als tegengewicht voor al dat wetenschappelijk onderzoek binnen de kunsten. Ik denk dat er twee gegevens zijn. Enerzijds is er het uitvoerende performerslichaam, wat ons beiden linkt. Anderzijds is er dat van hoe je met dat lichaam omgaat. Zeg maar het verschil van hoe je naar dat lichaam kan kijken. Het verschil tussen ons is dat mijn onderzoek ging over het kijken naar het uitvoerende aspect, jouw uitgangspunt lijkt me het kijken naar dat uitvoerende lichaam als deel van het publiek. Los van de perceptie, denk ik dat we degelijk hetzelfde willen blootleggen, namelijk: wat Dag Karel, communiceert het lichaam zonder Ik was volledig op een verkeerd spoor enige theatrale code? Wat als je die gezet door je woordkeuze: identiteitsloos geplakte laag zou wegnemen? Wat als lichaam. Het riep bij mij een beeld op van je de mantel van de schouders van een lichaam zonder eigen persoonlijkheid, dat lichaam haalt? volledig overgeleverd aan de wil en boodschap van de maker. Een soort corps Warme groet, de ballet in witte tutu’s. En dat kon ik Karel dan weer niet rijmen met je stellingname over het lichaam en het zijn. Bij het lezen van je laatste brief, kreeg ik een aha erlebnis: we spraken eigenlijk gewoon over hetzelfde, met her en der een nuance of perceptieverschil, maar eenzelfde onderliggende essentie: het lichaam waarvan de eerste zichtbare laag, het sociale lichaam, het performerslichaam, weggekrast is. Het slaat dus niet op de eigen identiteit, maar op de geconstrueerde identiteit. Tenminste zo begrijp ik wat je schreef: je ziet geen dansers, maar persoonlijkheden die samenkomen omdat ze dezelfde taal spreken. Het zijn in mijn ogen allemaal identiteitsloze lichamen.
Veel liefs, Jesse
ICK DANS MAGAZINE — 36 — HET IDENTITEITSLOZE LICHAAM
Dag Jesse, m, het Het identiteitsloos lichaa efluik dat rge doo als performerslichaam een publiek, van ng evi instaat voor de bel cht een balans te is een smeltkroes en tra citeit en ambacht, vinden in zaken als techni gevoel van persoonlijkheid, noodzaak, en de (on) st, gee en m vrijheid in lichaa hier en nu – volmaakte beleving van het g, en schakelt je gooit alles in de rin rgave aan het Ove . uit inderdaad je ego n in de makers, uwe tro ver materiaal, vanuit als performer kan en hoe dat materiaal jou entieel. Wanneer aantasten is hierbij ess l beheerst, het je de techniek van de taa hebt zitten, materiaal in je lichaam dt de performer wor en j wordt de geest vri Zo wil ik het zogenaamd ‘transparant’. dat beeld kt lij der graag noemen. Eer eens eerder wel de dan me meer geschikt r de performer nee Wan . vernoemde ‘spiegel’ t hij of zij het transparant wordt, ervaar s kan toevoegen gevoel dat hij of zij iet hij of zij aan het materiaal, alsof legt. Op dat en lag en kleuren toevoegt bovenstaande van en all moment van samenv eigen zijn n zij ker zaken, gaat de kij hij of zij dat m haa inleven in het lic Het kijken . ent mom ziet opgaan in het zintuigen met n eve en energetisch bel n, passie zij van d hei van overgave, vol al zeer ema all kt wer en noodzaak; het zijn en ker kij een aanstekelijk op kijkgedrag. respondentie Maar waar wij in onze cor den, is welke trachten wijzer in te wor een públiek, lagen er gelegd worden bij formerslichaam eens dat transparante per tussen wordt bekeken. Dat deel teitsloos nti ide , nte ara het transp uiteindelijk lichaam en wat de kijker t is misschien individueel interpreteer y noemt, wel wat jij the social bod het ingekleurde lichaam? n, delen, Laten we verder filosofere er lang. zom en in kaart brengen. Een ft. hee Of de tijd die het nodig Warms, Karel
Dag Karel, In deze brief wil ik het hebben over intentie. En wel naar aanleiding van jouw besluit, zoals je schreef in je vorige brief: om in je volgende publicatie op zoek te gaan naar de parameters die bepalen hoe je een lichaam ervaart als je ernaar kijkt, en dit alles voorbij de intentie of werkelijke zichtbaarheid van wat het performerslichaam daadwerkelijk communiceert. Wat is intentie en moet je voorbij de intentie gaan om het identiteitsloos lichaam te zien? Kan intentie niet juist één van de parameters zijn? Intentie is in het werk van Emio Greco en Pieter C. Scholten de bron van de bewegingsvorm. De beweging die tijdens het repetitieproces wordt aangeleerd en van binnenuit ontdekt, wordt bepaald door de frictie tussen een opgegeven intentie en de eigenheid van het lichaam van de danser. Twee dansers die bewegen vanuit eenzelfde intentie, kunnen toch een verschil in beweging vertonen. Zoals ik schreef in een eerdere brief: De dansers leren bewegingen benaderen vanuit de intentie in plaats van exact te kopiëren. Dit zorgt voor minimale verschillen in de detaillering van de beweging die bij elke danser de eigenheid onderstrepen. Op die manier zou je kunnen zeggen dat juist door te vertrekken vanuit de intentie, de eigen identiteit in plaats van de gecon strueerde identiteit van de danser naar boven komt drijven: daar waar we in deze briefwisseling naar op zoek gaan. Door te werken vanuit intentie en de verschillen in detaillering die daardoor verschijnen, ziet het publiek een glimp van het transparante lichaam van de performer. Door de focus te verleggen naar een innerlijk proces, overstijgt de externe waarneming het represen tatieve karakter van het optreden en biedt het de toeschouwer bijgevolg een intieme blik op het ‘zijn’ van de dansers. Veel liefs, Jesse
ICK DANS MAGAZINE — 37 — HET IDENTITEITSLOZE LICHAAM
Tijd voor een nieuwe brief, Jesse,
Ik denk dat het een wat langere brief is geworden. In de tussentijd was ik afgelopen september onder meer op jullie fantastische ICKFEST, maakte ik in die period e zelf een voorstelling die de naam TOM kreeg, en gaf aanslu itend een masterclass rond lichaamsbeelden. Het was in uitloop van dit rijtje erg interessant om na te denken over intentie als een van de parameters bij het kijken naar een lichaam. Als ik het woord intentie bevraag bij mijn studen ten aan het Koninklijk Conservatorium van Antwerpen geven ze al snel het woord beweegreden als associatie. Velen denken dat deze twee woorden hetzelfde betekenen, maar ik denk persoo nlijk dat er een verschil zit tussen die twee woorden. Intentie en beweegreden zijn verschillende zaken. Misschien niet zozeer als je naar een beweging kijkt, maar wel als je de beweging maakt en/of uitvoert. Ik vind het natuurlijk uitdag end om dat even te analyseren en duiden hier. Ik doe dat aan de hand van een werk van ICK om de nuance tussen de twee woorden te verhelderen. Ik neem TWO als voorbeeld. Hierin verkenden jullie dus “een gezamenlijke ruimte en de verhouding tot de ander”. De verhouding in TWO is die van twee lichamen met (vaak) hetzelfde dansmateriaal als taal, in eenzelfde ruimte . De ruimte voor persoonlijke interpretatie van dit dansma teriaal zie ik als een helder uitgangspunt binnen het creati eproces van TWO. Was dit uitgangspunt de intentie voor Emio om TWO te maken? En werd TWO als antwoord daarop dan de beweegreden voor de dansers om TWO te performen? Voor Emio geven de dansers hem zingeving met betrek king tot zijn thema en onderzoek. De dansers lezen de intentie van zijn onderzoek en geven persoonlijke invulling aan de materie door belichaming, waarbij hun persoonlijke beweeg reden de ruimte krijgt in de uitvoering ervan. Dansers mogen zijn. De intentie is op dat moment een beweegreden geword en. De bewegingstaal is waarin de maker en de uitvoerder samenkomen. De synchroniciteit lijkt mij daarin niet belangrijk bij Emio, eerder de intentie van de beweging. De persoonlijkh eid van de danser maakt dat de wereld van ICK verrijkt wordt, en er ook dialoog en ontwikkeling mogelijk is. Warme groet, Karel
Karel Tuytschaever is performer, docent en bezielt daarnaast als maker het platform voor eigen werk BARRY. Jesse Vanhoeck is dramaturg en artistiek assistent bij ICK.
ICK DANS MAGAZINE — 38 — HET IDENTITEITSLOZE LICHAAM
— Advertentie —
Fotografie Alwin Poiana
EEN ONLINE MAGAZINE OVER HET LICHAAM IN DANS, KUNST, MEDIA, POLITIEK EN WETENSCHAP
JESÚS DE VEGA ‘Ik werd ermee gepest, maar juist als ik danste, voelde ik me geen buitenbeentje’
ICK DANS MAGAZINE — 40 — INTERVIEW JESÚS DE VEGA
Choreograaf:
Voorstelling (reprise):
Nieuwe voorstelling:
JESÚS DE VEGA
GLITTERGODS /STIGMA
CHOREOPOP i.s.m. Chai Blaq Première: 03.11.2018 – Theater de Meervaart
De voorstelling GLITTERGODS/STIGMA van choreograaf Jesús de Vega is een ode aan LHBT’s die gedwongen aan de rand van de maatschappij moeten leven. Deze dansvoorstelling, vol tegenstellingen, is een hommage aan hen die stralend ten strijde trekken tegen deze stigmatisering. ‘Ik wil iets adembenemends creëren uit iets afschuwelijks.’ Tekst Martijn Kamphorst (Winq) Illustratie Sjoukje Bierma Fotografie Alwin Poiana, Thomas Lenden
In eerste instantie overwoog Jesús om zelf een van de hoofdrollen in zijn stuk te vervullen, maar al snel besloot hij een stap terug te doen. ‘Het moest een dans worden tussen mij en een andere man, om het gay element duidelijk naar voren te laten komen. Dat werd echter veel te letterlijk. Ik besefte dat ik veel beter kon spelen met tegenstellingen en verwachtingspatronen van het publiek door met een mannelijke en een vrouwelijke danser te werken. Toeschouwers zien hen in eerste instantie waarschijnlijk als heterokoppel, als archetype man en vrouw. Maar al in de eerste tien minuten wordt duidelijk dat Revé, de vrouw, een zeer masculiene energie heeft en dat Pascal juist heel feminien is. Daar begint het verkennende rollenspel waar ik mijn dansers doorheen laat gaan.’ Gepest en mishandeld
13 jaar geleden verhuisde Jésus (42) naar Nederland. Hij groeide op in het toentertijd vrij conservatieve Las Palmas, op de Canarische Eilanden. ‘Als ik daar nu rondloop,
ben ik nog steeds op mijn hoede. Ik werd er als jongen die van dans hield vroeger veel gepest en ben er al eens in elkaar geslagen. Toch waren het juist de momenten waarop ik danste, dat ik me geen buitenbeentje voelde. Het lijkt me heel interessant om met dit stuk uiteindelijk ook mijn geboortestad aan te doen. Om de mensen daar mijn verhaal te vertellen, mijn ervaringen in Amsterdam te delen. De situatie in Las Palmas is inmiddels iets veranderd ten opzichte van toen, maar ik zie nog steeds veel gedragingen die me doen denken aan die jaren. Het is tijd om een nieuw licht op deze onderwerpen te schijnen.’
‘Ik las de verschrikkelijke verhalen van Russische LHBT-tieners en dacht: hier moet ik iets mee’
Russische LHBT’s
Jésus is ongeveer 20 jaar actief als professioneel danser en begon 9 jaar terug zijn carrière als choreograaf. ‘Ik voelde altijd de behoefte om mijn visie op de wereld te uiten en dat doe ik het liefst via dans. Toen ik drie jaar terug een tijdje niet kon dansen door een gebroken elleboog, stond ik voor het eerst goed stil bij wat ik met mijn choreografieën wil vertellen. Ik las in die tijd een heftige interviewreeks met Russische tieners, die vertelden hoe het was om te leven met de antihomo propagandawet. Hun verhalen slingerden me in één klap terug naar mijn jeugd. Ik voelde hun pijn. En dan heb ik nog de mogelijkheid gehad om naar een toleranter land te verhuizen; zij kunnen geen kant op. Hier moet ik iets mee, dacht ik meteen. Met GLITTERGODS snijd ik voor het eerst zeer concreet een sociaal-maatschappelijk onderwerp aan; de discriminatie van de LHBTgemeenschap.’ Binnen onze gelederen
‘We zijn er zeker op vooruitgegaan de afgelopen jaren, maar voor iedere
ICK DANS MAGAZINE — 41 — INTERVIEW JESÚS DE VEGA
stap voorwaarts, lijken we er ook drie achteruit te zetten. We moeten niet voor lief nemen wat we hebben bereikt; er zijn nog altijd meer dan 70 landen waar homoseksualiteit strafbaar is, in 13 daarvan staat er zelfs de doodstraf op. Ik laat in deze voorstelling onderwerpen aan bod komen die voor mij belangrijk zijn: de Stonewall rellen, de aanslag in club Pulse, de genderdiscussie, maar ook discriminatie binnen onze eigen gelederen. Soms lijkt het bijna alsof mijn dansers het gevecht met elkaar aangaan. Mijn intentie was om iets adembenemends te creëren uit iets afschuwelijks. Met het woord ‘Glittergods’ verwijs ik naar iedereen die zichtbaar en moedig vecht of heeft gevochten voor onze rechten. Door die mensen geniet ik namelijk van de vrijheden die ik nu heb.’
‘Het grootste deel van je identiteit is een sociaal construct’
Transformatie
‘Ik ga niet met het vingertje wijzen; dans is er vind ik niet om te onderwijzen, hooguit om aan het denken te zetten. Ik speel in GLITTERGODS met verwachtingen en stereotypes. De dansers beginnen als archetypes: de agressor en het slachtoffer, man en vrouw. Aan het begin verschuiven die rollen in tergend trage bewegingen; je geduld als kijker wordt echt op de proef gesteld. Maar goed, de emancipatiestrijd verloopt dan ook niet altijd even snel. Wanneer de dansers eindelijk ontspannen, voel je als publiek een enorme opluchting. Vanaf dat moment exploreren de dansers alle kanten en mogelijkheden van hun lichaam. Ik speel met het idee van het transformatieve lichaam: het idee dat je lichaam een omhulsel is met een enorm bereik, dat oneindig veel verschil lende vormen kan aannemen. Wanneer je je realiseert dat een groot deel van je identiteit een
construct is, kun je de macht erover grijpen en er je eigen invulling aan geven. Ik leg de dansers ook allerlei fysieke en mentale beperkingen op, waar ze doorheen moeten zien te schitteren.’ Drieluik
‘Ik wil een korte documentaire te schieten, waarin we beelden van de voorstelling afwisselen met getuigenissen van LHBT’s die nog gediscrimineerd worden om wie ze zijn. Zo leren toeschouwers de beelden uit de voorstelling nog beter begrijpen. Ook wil ik een videogame ontwikkelen, waarin de speler enorm wordt gefrustreerd. Naarmate je verder komt in het spel, verlies je steeds meer privileges, totdat je niet meer wilt spelen. Zo wil ik op een zeer banale manier invoelbaar maken hoe het is om steeds verder in je rechten te worden beperkt.’
ICK DANS MAGAZINE — 42 — INTERVIEW JESÚS DE VEGA
ICK DANS MAGAZINE — 43 — INTERVIEW JESÚS DE VEGA
Voorstelling:
Voorstelling:
GLITTERGODS/STIGMA
CHOREOPOP
Het is essentieel om de vooruitgang van de LGBTQI+ gemeenschap te vieren, maar helaas zijn er nog steeds 72 landen waar homoseksualiteit verboden is. GLITTERGODS/ STIGMA presenteert het contrast tussen twee verschillende realiteiten: acceptatie en discriminatie.
In zijn nieuwe voorstelling CHOREOPOP, werkt Jesús de Vega samen met performer en multi-instrumentalist Chai Blaq. ICK en Dansmakers boden het duo in het voorjaar van 2018 een residentie waarna ze hun eerste work in progress deelden met een publiek. Tijdens het ICKFEST 2018 gaat CHOREOPOP in première.
Het stuk concentreert zich op de wrijving tussen tegengestelde ervaringen: vrijheid en onderdrukking, trots en schaamte, liefde en haat ... Jesús De Vega nodigt het publiek uit om een catwalk te ervaren waarop deze contrasten zich afspelen. GLITTERGODS/STIGMA is een ode aan liefde en acceptatie, een dank aan de LGBTQI+ figuren die strijden voor gelijke rechten. Voor credits en speeldata zie www.ickamsterdam.nl
CHOREOPOP is een gechoreografeerd muziekalbum, een kruising tussen een dansvoorstelling, een popmuziekconcert en live videoclips. Waar lichaam en stem onafscheidelijk worden. Muzikant Chai Blaq en choreograaf Jesús de Vega werken samen in dit multidisciplinaire project met als doel twee disciplines en hun creatieve processen samen te voegen. Beiden vinden inspiratie in dingen die gebroken lijken zoals bijvoorbeeld de maatschappij, relaties, het klimaat en lichamen. CHOREOPOP is een viering van de helende kracht, een manier om sociale of emotionele breuken te herstellen. Voor credits en speeldata zie www.ickamsterdam.nl
ICK DANS MAGAZINE — 44 — INTERVIEW JESÚS DE VEGA
KARIMA EL FILLALI Zangeres van Andalusisch repertoire in ZIEL | ROUH Tekst Haroon Ali Fotografie Alwin Poiana Styling Clifford Portier
ICK DANS MAGAZINE — 45 — INTERVIEW KARIMA EL FILLALI
Je ziet haar eerst niet, maar op het moment dat zangeres Karima el Fillali (31) uit de duisternis stapt en zich tussen de dansers beweegt, kun je je ogen niet meer van haar afhouden. De voorstelling ZIEL | ROUH van ICK is een samenspel van El Fillali’s meeslepende zang, de intense klanken van het Amsterdams Andalusisch Orkest en een kolkende groep dansers. Sommige melodieën liggen vast, maar er wordt ook volop geïmproviseerd, zegt El Fillali. ‘Ik stimuleer de dansers met bepaalde tonen of een adem, maar ik probeer mezelf ook in hun bewegingen te herkennen en dat terug te vertalen naar zang. Er wordt constant gecommuniceerd tussen de instrumenten en lichamen.’
De zangeres is buiten haar optredens net zo imponerend als op het podium. Ze is lang maar elegant en heeft priemende, katachtige ogen maar een serene uitstraling – als een sfinx. El Fillali neemt graag denkpauzes en filosofeert er vervolgens op los. ‘Het woord ziel is bijna niet te bevatten’, zegt ze over de voorstelling. ‘De ziel is een ongrijpbaar landschap, waar het niet alleen mooi is – er zit van alles in het donkere water.’ Dat zie je ook terug in de drie delen van ZIEL | ROUH. Eerst vormen de dansers een kloppend hart, geraakt door zang en muziek. In het tweede deel geven ze zich eraan over en verliezen zichzelf in repetitieve, derwisjachtige draaiingen. In het laatste deel delen de dansers hun passie en dagen elkaar uit.
‘De ziel is een ongrijpbaar landschap, waar het niet alleen mooi is – er zit van alles in het donkere water’
El Fillali is opgegroeid tussen verschillende culturen, religies en invloeden. Van haar Nederlandse moeder kreeg ze het christendom mee, haar Marokkaanse vader leerde haar over de islam. Muziek en spiritualiteit zijn voor haar onlosmakelijk met elkaar verbonden – zingen is haar roeping. ‘Als ik zing voor iets dat groter is dan mezelf, gaat het veel dieper. Muziek kan blootleggen wat er diep in iemand leeft, de maskers gaan af. Maar het kan ook helend zijn, net als eten. Een kok geeft mensen genot via smaken, ik probeer dat via zang. Ik zie het als een gave die
ik van bovenaf heb gekregen – van god, het universum, hoe je het ook wil noemen.’ Vraag daarom nooit of ze even wat wil zingen. ‘Het gaat om de energie tussen mij en het publiek, en of ze op dat moment ontvankelijk zijn.’ Ze vond haar muzikale ziel in Marokko, haar onbekende vaderland. Haar ouders scheidden toen El Fillali nog jong was, dus ze was er alleen een paar keer op vakantie geweest. ‘Ik kende de taal en regels niet, Marokko voelde eng voor mij.’ Na het behalen van haar bachelor kunstwetenschappen wilde ze meer levenservaring opdoen en vertrok voor negen maanden naar Fez. El Fillali zong al, maar had geen ervaring met Arabische muziek. Ze was benieuwd naar de sjamanistische Gnawa-muziek, maar door een miscommunicatie met haar plaatselijke zangleraar kreeg El Fillali een avond vol islamitische lofliederen en koranrecititaties voorgeschoteld. ‘Ik zag allemaal mannen in witte djellaba’s. Maar toen ontdekte ik dat ze met alleen hun stem het publiek in extase kunnen brengen. Moderne zangers hebben een band of orkest nodig, deze zangers hebben genoeg aan hun stem.’ El Fillali experimenteerde in Fez met allerlei zangtechnieken, zonder toekomstperspectief. ‘Ik dacht dat niemand in Nederland daarop zat te wachten, maar na thuiskomst kreeg ik steeds vaker het verzoek of ik in die traditionele stijl wil optreden.’ Arabische muziek is volgens haar rijk en melodieus. ‘Nummers bestaan uit een reeks toonladders, zogeheten maqam. Elke toonladder heeft een andere sfeer en emotionele waarde – een eigen universum. Voor een vocalist is dat heel interessant, omdat je zoveel met je stem kunt doen.
Maar de stilte ertussen is net zo belangrijk, waardoor het een spel met de leegte wordt. Daardoor heeft Arabische muziek vaak een mystieke lading.’
‘Als ik zing voor iets dat groter is dan mezelf, gaat het veel dieper’ Haar brede interesses brengen El Fillali op bijzondere plekken. Zo werd ze onverwachts gevraagd op te treden met de bekende Malinese zangeres Oumou Sangaré en had slechts een dag om de teksten in te studeren. ‘De Afrikaanse muzikanten met wie ik werk springen vaak in het diepe en kijken wat er gebeurt. Die onzekerheid vooraf is soms spannend, maar zo kan er wel magie op het podium ontstaan.’ Haar spontane optreden met Sangaré werd toen gefilmd door de BBC, National Geographic en Al Jazeera. Toen ze een keer had gejamd met jazzdrummer Jaimeo Brown, was hij verbaasd dat ze zo ontspannen was. ‘Toen antwoordde ik: je moest eens weten met wie ik optreed – en onder welke omstandigheden.’ Door dieper in haar Marokkaanse roots te duiken, leerde El Fillali zichzelf beter begrijpen, maar zag daardoor ook haar beperkingen.
ICK DANS MAGAZINE — 47 — INTERVIEW KARIMA EL FILLALI
Brief van Iris Blaak na het zien van de try-out van ZIEL| ROUH. Geschreven in samenwerking met Schrijfcursus Dans & Durf, een project voor creatieve schrijvers die nieuwe woorden durven zoeken voor dans, door Domein voor Kunstkritiek & DansBrabant.
ICK DANS MAGAZINE — 48 — INTERVIEW KARIMA EL FILLALI
‘Als je voor traditionele muziek kiest, zijn er talloze zangers die het eerder en beter hebben gedaan. Hoe meer ik leerde, hoe meer ik besefte wat ik fout deed. Een leek hoort het verschil niet, maar iemand die weet hoe de couscous van zijn oma smaakt, weet wat er mist als hij elders couscous eet. Iemand die niet bekend is met die verfijnde smaken, denkt: lekker.’ Ze legt zich nu neer bij die hiaten in haar kennis, zoals haar beperkte Arabische woordenschat. ‘Vroeger was het: zou ik het nu kunnen? Nu vraag ik mezelf: wil ik het kunnen?’
‘Ik zag allemaal mannen in witte djellaba’s. Maar toen ontdekte ik dat ze met alleen hun stem het publiek in extase kunnen brengen’
El Fillali probeert niet meer de iconen uit Noord- en West-Afrika te evenaren. ‘Ik heb veel van mezelf in de Arabische tradities gevonden, maar ik heb ook een Westerse filter, die alles wat ik zing een eigen smaak geeft.’ Die bijzondere mengelmoes van invloeden omarmt ze nu. ’De vraag is dan: wat is mijn verhaal, wat heb ik te bieden? Ik denk dat mijn stem een zekere warmte kan stoppen in Westerse muziek en kan spelen met verschillende stijlen en technieken.’ Met haar groep Shakuar maakt ze bijvoorbeeld elektronisch getinte muziek, wat voor haar even rijk klinkt. El Fillali is wat dat betreft net haar moeder, die ook van uiteenlopende muziek houdt, van Bach tot Stevie Wonder. Mensen met gemengde roots hebben vaak het probleem dat ze van alles een beetje zijn, maar zich nooit compleet voelen. Voelt El Fillali zich, na al haar avonturen
en omzwervingen, een completer mens? ‘Vroeger zat ik ermee dat ik niet genoeg het een ben, of te veel van het ander. Ik probeer nu te leven met al die contradicties. Sommige dingen zijn niet verenigbaar, maar het hoeft van mij niet allemaal perfect in elkaar te passen. Ik ben er klaar mee om me schuldig te voelen over alles waarin ik tekort schiet, dat gevoel laat ik bij anderen. Ik probeer alleen de beste versie van mezelf te zijn.’
‘Ik probeer alleen de beste versie van mezelf te zijn’ Voorstelling:
ZIEL | ROUH Op het snijvlak van uiteenlopende tradities en culturen, daar waar de verschillen het grootst lijken, openbaart zich een verrassende dialoog waarbij in de kern een gelijkaardige ziel schuilt: een zoektocht naar schoonheid, overgave en opstand. Een drang om te overleven en een liefde voor kunst. Voor credits en speeldata zie www.ickamsterdam.nl
ZIEL | ROUH is een eerste samenwerking tussen ICK en het Amsterdams Andalusisch Orkest, beide huisgezelschap van Theater de Meervaart, waarbij twee uiteenlopende disciplines elkaar ontmoeten: hedendaagse dans en muziek uit Al Andalus. Componist en arrangeur Abderrahim Semlali vertrekt vanuit drie verschillende muziekstijlen uit het repertoire (tarab, sufi en chaabi) en geeft hieraan zijn eigen hedendaagse interpretatie. Hierop worden zijn nieuwe choreografieën gemaakt.
ICK DANS MAGAZINE — 49 — INTERVIEW KARIMA EL FILLALI
2 T/M 4 NOVEMBER 2018 3 DAGEN 5 VOORSTELLINGEN 2 PREMIÈRES WORKSHOPS AFTERPARTY THEATER DE MEERVAART In samenwerking met Theater de Meervaart presenteert ICK ook dit jaar het ICKFEST, een rijk gevuld programma met dansvoorstellingen, workshops, showcases en een afterparty. Drie dagen met voorstellingen van onder andere Emanuel Gat, Aleksandra Lemm, Eric Minh Cuong Castaing en Ballet National de Marseille.
VRIJDAG 2 NOVEMBER Emanuel Gat – NEXT Afterparty
ZATERDAG 3 NOVEMBER
Double Skin/Double Mind workshop Aleksandra Lemm — BLUE Ballet National de Marseille — Les Cygnes et les Autres (De zwanen en de anderen) Jesús de Vega & Chai Blaq — CHOREOPOP Afterparty
ZONDAG 4 NOVEMBER
Eric Minh Cuong Castaing & 4West — School of Moon Neem tussen de optredens door plaats in de Cinedans Filmbooth, bezoek een foto tentoonstelling of volg workshops. Passe-partout: €40,www.meervaart.nl
ICK DANS MAGAZINE — 50 — ICKFEST
Model / danser: Edward Lloyd
ERIC MINH CUONG CASTAING ‘Robots dansen net als kinderen’
ICK DANS MAGAZINE — 52 — INTERVIEW ERIC MINH CUONG CASTAING
Choreograaf:
Voorstelling:
Première:
ERIC MINH CUONG CASTAING
SCHOOL OF MOON
04.11.2018 Theater de Meervaart
Ooit robots met kinderen zien dansen? Dat kan op 4 november tijdens het jaarlijkse ICKFEST tijdens de voorstelling School of Moon. Choreograaf Eric Minh Cuong Castaing wil je laten nadenken over hoe ons leven verandert door de komst van robots. We interviewden hem over de Nederlandse première. Tekst Desiree Hoving Illustratie Sjoukje Bierma Fotografie Marc Da Cunha Lopes
Twee jaar geleden kwam je voor het eerst naar Amsterdam en zette je de dansers van ICK een virtual reality bril op. Dit jaar neem je robots mee. Waarom gebruik je nieuwe technologieën in je voorstellingen?
‘Ik vind het interessant hoe nieuwe technologieën steeds meer in ons dagelijkse leven gebruikt worden, zodat we ze als verlengstukken van ons eigen lichaam gaan zien. Door technologie veranderen mensen, maar ook de relatie tussen mensen. Dat probeer ik te laten zien in al mijn choreografieën’. Hoezo veranderen mensen door robots?
‘De afgelopen twee jaar deed ik onderzoek naar de relatie tussen robots en mensen. Zo zag ik dat robots steeds meer op mensen gaan lijken. Ze tonen meer empathie en worden steeds socialer. In Japan zorgen ze zelfs voor oudere mensen. Voor onze kinderen zal het straks heel normaal zijn om met robots samen te leven. Dat roept vragen
op over wat dan nog menselijk is. In mijn voorstelling wil ik mensen laten nadenken over hoe het lichaam van de toekomst er uit ziet’.
‘Door technologie veranderen mensen, maar ook de relatie tussen mensen. Dat probeer ik te laten zien in al mijn choreografieën’ Je gaat kinderen samen laten dansen met robots. Kunnen robots dansen?
‘Om een robot te laten dansen heb ik ze speciaal geprogrammeerd, nieuwe kabels aangelegd en soft ware gemaakt, samen met een wetenschappelijk team van het INRIA laboratorium in Frankrijk. We hebben robots menselijk gemaakt door ze bijvoorbeeld een arabesk te laten maken. Dat is een danshouding, waarbij je je hele been tegelijkertijd naar achteren en omhoog beweegt’.
Maar op het podium blijven robots toch nog steeds robots?
‘In de voorstelling wordt de robot op een gegeven moment menselijker dan de mens, omdat robots de kinderen imiteren. Ook lopen ze bijvoorbeeld samen in slow-motion. In slow-motion worden kinderen wat houterig in plaats van springerig en daardoor lijken ze minder menselijk. Dat, terwijl robots er juist kwetsbaarder uit zien, waardoor je voor ze wil zorgen. Het wordt troebel wat nog een robot is en wat een mens. Voor dat gevoel bestaat een wetenschappelijke term: uncanny valley, ofwel griezelvallei. Dat is het ongemakkelijke gevoel dat je ervaart als een robot heel sterk op een mens gaat lijken. Ik hoop dat de voorstelling het publiek zich ook zo ongemakkelijk kan laten voelen. Daardoor ga je je als toeschouwer spiegelen aan zo’n robot, waardoor je opnieuw over jezelf en de mensheid gaat nadenken’.
ICK DANS MAGAZINE — 53 — INTERVIEW ERIC MINH CUONG CASTAING
Waarom is een dans met kinderen voor jou de juiste manier om mensen te laten nadenken over zichzelf?
‘Een kind belichaamt het ongemakkelijke gevoel dat je in de griezelvallei krijgt, omdat kinderen je sneller raken en emotioneren. Als kinderen vervolgens in slow-motion bewegen, zijn ze goed in staat om het organische lichaam en het robotische lichaam één te laten worden. Bovendien zijn kinderen degenen die onze wereld straks bevolken, dus door naar hen te kijken, ga je ook nadenken over hoe het lichaam van de toekomst eruit zal zien’.
‘Voor onze kinderen zal het straks heel normaal zijn om met robots samen te leven’ Het is de eerste keer dat School of Moon hier wordt gedanst. Wat verwacht je van de samenwerking met de kinderen uit Amsterdam?
‘In mijn choreografieën houd ik rekening met de plaatselijke cultuur. Samen met professionele dansers creëer ik met amateurs in elke stad een nieuwe choreografie. Zo wonen in Marseille veel migranten uit Afrika, dus die
komst naar een nieuw leven is terug te zien in de dans. Datzelfde principe geldt voor Duitsland, Italië, Engeland en Nederland. Nergens in het buitenland bewegen kinderen zoals in Amsterdam’.
‘Nergens in het buitenland bewegen kinderen zoals in Amsterdam’
Voorstelling:
SCHOOL OF MOON Wat als kinderen de toekomst mogen bepalen? Hoe ziet die er dan uit? Vrij op de maan wandelen? Robots in plaats van dansers? Of een speeltuin vol technologische mogelijkheden? In School of Moon bouwen kinderen van 4West samen met choreograaf Eric Minh Cuong Castaing en zijn dansers aan een nieuwe samenleving. Op een hel verlicht podium, als een plek buiten de tijd, nemen de kinderen het traag maar zeker over. In deze nieuwe wereld gaan mens en robot samen op zoek naar elkaar. Als architecten van een nieuwe schoonheid. Voor credits en speeldata zie www.ickamsterdam.nl
4West: 4West is een jongerenorganisatie van Theater de Meervaart die de verhalen van kinderen (2 tot 16 jaar) centraal zet. Bij 4West leren kinderen op een creatieve manier te communiceren. Dit kan door middel van een korte tekenfilm, een bewegingsstuk, een poppenspel, een toneelstuk, een filmpje of een zelf verzonnen vorm. Alles draait om het verhaal van het kind en het leertraject dit over te brengen.
ICK DANS MAGAZINE — 54 — INTERVIEW ERIC MINH CUONG CASTAING
ALLE KINDEREN KUNNEN DANSEN In de ideale wereld van ICK zouden alle kinderen hun schooldag beginnen met dans. Tot het zover is, werkt het elk jaar samen met basisschoolleerlingen van verschillende scholen uit Amsterdam. ‘Wij vinden dat iedereen kan dansen, want iedereen heeft een eigen manier om zichzelf uit te drukken’. Tekst Desiree Hoving Fotografie Bas de Brouwer
‘Ontspan, neem je tijd, blijf rustig en ga door’ rapt Boudewijn, terwijl hij beweegt op de maat van de muziek. Samen met een klasgenoot staat hij als twaalfjarige vanavond voor het eerst van z’n leven op het podium van jeugdtheater De Krakeling in het centrum van Amsterdam. Na de première, nadat Boudewijn met al zijn klasgenoten het applaus in ontvangst heeft genomen, staat hij trots naast zijn moeder. ‘Ik ben compleet overdonderd door wat ik net zag’, zegt ze met tranen in haar ogen. De afgelopen twaalf weken had ze haar zoon gevraagd wat hij precies leerde tijdens het dansproject op school. Maar Boudewijn liet er niet zoveel over los. ‘Ik vond het een hele transformatie. Normaal treedt hij niet zo op de voorgrond, maar ik geloof dat hij zich in dans heel erg kan uiten’, zegt z’n moeder. ‘Niet alleen bij Boudewijn, maar bij alle kinderen zag ik een soort kwetsbaarheid op het podium. Wat wegviel is dat ze stoer wilden zijn, ze durfden op te gaan in de muziek. Dat vond ik heel mooi om te zien’.
‘We willen kinderen leren dat er geen rolmodel is dat je zou moeten volgen. We willen een sfeer creëren waarin we anderen niet beoordelen op wat ze kunnen. Wat je ook doet, het is ok’ ICK DANS MAGAZINE — 55 — REPORTAGE EDUCATIEPROJECT JONGE ZIELEN
Sinds 2011 werkt ICK samen met scholieren. Elk jaar kiest het een van de eigen voorstellingen uit, waarmee steeds verschillende Amsterdamse basisscholen aan de slag gaan. Om preciezer te zijn creëert groep zeven van elke school in twaalf weken een eigen dansvoorstelling. Maar hoe dan? Eerst bezoekt de hele klas de voorstelling, samen met een dansdocent van de Hogeschool voor de Kunsten. Daarna praten ze na met de dansers. Zo doen ze inspiratie op voor een hele nieuwe choreografie die ze zelf mogen bedenken. ‘We proberen ze geen pasjes te leren die door de docent zijn bedacht, maar in plaats daarvan creëren ze hun eigen bewegingen. Dat is voor ons het belangrijkste, dat kinderen zelf iets nieuws maken’, zegt Bàrbara Meneses Gutiérrez. Ze houdt zich namens ICK bezig met de artistieke coördinatie van alle educatieprojecten. ‘Wij vinden dat iedereen kan dansen, want iedereen is uniek en iedereen heeft een eigen manier om zichzelf uit te drukken’.
‘We proberen ze geen pasjes te leren die door de docent zijn bedacht, maar in plaats daarvan creëren ze hun eigen bewegingen’ Voor Ezra (11 jaar) van basisschool de Wiltzangh in Amsterdam was het een hele nieuwe ervaring om te dansen. Net voordat ze het podium van De Krakeling betreedt, zegt ze: ‘Op school leer je veel over dingen
die in het verleden zijn gebeurd en over feiten die nu eenmaal zijn wat ze zijn. Bij dans mag je alles helemaal zelf bedenken. Zo mocht ik met een groepje van vier leerlingen tien bewegingen verzinnen. Dat vond ik leuk, want zo kon ik m’n eigen stijl bedenken. Bovendien was ik niet bang om iets verkeerds te doen. Dat voelde lekker. We lachten wel vaak om elkaar, maar alleen als iets goed ging of als het grappig was. Niet als iets verkeerd ging. Het gaat er ook niet om of iemand goed kon dansen of niet, daar lette niemand op, want iedereen kan dansen. Met elkaar samenwerken is veel belangrijker. Met mijn groepje heb ik een soort handjeklap bedacht en dat zit nu in de voorstelling’. De voorstelling die ICK dit jaar koos heet ZIEL | ROUH. Het is een drieluik waarin drie choreografen ieder met een ander muziekstuk van het Amsterdams Andalusisch Orkest (AAO) aan de slag zijn gegaan. Het orkest speelt lyrische muziek die bedacht is door de Arabieren die vier eeuwen lang in het zuiden van Spanje woonden. Net als de choreografen mochten de scholen ook elk aan de slag met een muziekstuk. ‘Eigenlijk doen we precies hetzelfde als in de hedendaagse dans gebeurt: zoals de choreograaf samen met de dansers de voorstelling creëert, zo doet de dansdocent dat met de leerlingen’, zegt Meneses. Op hun beurt leren de scholieren hun bewegingen weer aan de ICK dansers die op school langskomen. Als de twee klassen na twaalf weken bij elkaar komen in De Krakeling, wordt alles tot één
ICK DANS MAGAZINE — 56 — REPORTAGE EDUCATIEPROJECT JONGE ZIELEN
voorstelling samengesmeed. Die voorstelling mogen de kinderen samen met de dansers van ICK en het Amsterdams Andalusisch Orkest op het podium laten zien.
‘Wij vinden dat iedereen kan dansen, want iedereen is uniek en iedereen heeft een eigen manier om zichzelf uit te drukken’ Esther (10 jaar) stapte tijdens de generale repetitie in haar eentje het podium op. Ze zit op de Cornelis Vrijschool in Amsterdam ‘Vroeger zat ik op ballet, maar nu dans ik alleen nog maar in m’n kamer’, zegt ze. Hiske Dijkstra, hoofd educatie van De Krakeling, herkent de ervaring van Esther. ‘De dansschool leert kinderen pasjes aan, maar wij gaan uit van wat kinderen zelf kunnen en proberen ze in hun eigen kracht te zetten’. De eerste stap in het maken van een nieuwe beweging is een leerling in een herkenbare situatie te plaatsen. Stel je eens voor dat je tegenover elkaar in een bus zit en elkaar niet kent, zegt Dijkstra dan bijvoorbeeld. Hoe beweeg je dan? Ze zet dan muziek aan en de kinderen verzinnen zelf hoe ze zich zouden gedragen tegenover een vreemdeling in een bus. ‘Zo ontstaan vaak de prachtigste duetten. Vervolgens proberen we of we een beweging groter of kleiner, langzamer of sneller kunnen maken. Zo maak je kinderen bewust van hun eigen lijf. Een kind hoeft helemaal geen
spagaat of split te kunnen, juist die onbevangenheid werkt heel goed’, zegt Dijkstra. Daar sluit Meneses zich helemaal bij aan. ‘We willen kinderen leren dat er geen rolmodel is dat je zou moeten volgen. We willen een sfeer creëren waarin we anderen niet beoordelen op wat ze kunnen. Wat je ook doet, het is ok’. De aanpak van ICK kan in principe op elke school worden gebruikt, maar het dansgezelschap hoopt vooral kinderen te bereiken die in hun dagelijks leven nauwelijks in aanraking komen met kunst en cultuur. ‘Op school leer je vooral om zittend achter je tafel je hersens te gebruiken, terwijl je door kunst ook andere dingen kunt leren. Door met dans bezig te zijn, leer je je creativiteit vergroten en jezelf op een andere manier uit te drukken. Onze ervaring is dat leerlingen die door de leraar als probleemkinderen worden gezien juist opbloeien bij dit soort projecten. Dat komt omdat ze ook werken aan hun zelfvertrouwen en ze leren in zichzelf te geloven’. Na de première hebben de leerlingen van de twee scholen nog zoveel energie, dat ze in het café van de Krakeling, gewoon doorgaan met dansen. Dit keer is het geen Andalusische muziek die gespeeld wordt, is het hiphop wat uit de radio knalt. Helemaal vooraan staat Julia (11 jaar). Ze bedenkt spontaan een choreografie, die een paar van haar klasgenoten meteen nadoen. ‘Vroeger danste ik nooit, omdat ik niet wist hoe het moest. Nu ik twaalf weken lang heb geoefend met dansen, denk ik
ICK DANS MAGAZINE — 57 — REPORTAGE EDUCATIEPROJECT JONGE ZIELEN
dat ik het wel kan’, zegt ze zelf als ze de muziek heeft uitgezet. Haar moeder heeft met grote ogen naar haar gekeken: ‘Ik wist niet dat ze zo mooi haar lichaam kon bewegen en dat ze zo enthousiast kon worden van dans’, fluistert ze zonder dat Julia het hoort. Waarom werkt ICK eigenlijk met scholieren? Meneses: ‘Ons oorspronkelijke idee was om te zien of we de kennis die we hebben opgedaan door het werk van Emio en Pieter konden doorgeven aan kinderen. Daarvoor gaven we alleen aan volwassenen les, in het begin alleen aan professionele dansers en studenten van de dansopleiding, maar later ook aan amateurs. We gebruiken daarvoor de trainingsmethode Double Skin/Double Mind, waarbij je je lichaam leert ontdekken en voorbereidt op het dansen. Hoe moesten we die vertalen naar kinderen? We moesten nog meer naar de essentie van de training kijken. Zo wilden we een snellere en aantrekkelijkere manier vinden om onze ademoefeningen aan ze te leren. Zodra we dat wisten, konden we dat ook weer naar onze professionele dansers vertalen’. Precies 30 minuten voor de première geeft Dijkstra de laatste aanwijzingen aan de scholieren. ‘We gaan nog even het einde repeteren en een nieuw stuk maken’, zegt ze zonder een spoortje haast. Haar eerste tip is zo’n vertaling van de hierboven genoemde Double Skin/Double Mind methode: ‘Als je ademt, voel dan alleen hoe je eigen ademhaling gaat, zonder erop te letten hoe anderen
ademen. Dat betekent dat iedereen het iets anders mag doen’. Het nieuwe stuk gaat over het in ontvangst nemen van applaus. De leerlingen leren vooral wanneer ze mogen buigen. Dijkstra besluit met nog een laatste tip: ‘Ook al twijfel je, ga vol overgave en vertrouwen doen wat je moet doen’.
‘Op school leer je veel over dingen die in het verleden zijn gebeurd en over feiten die nu eenmaal zijn wat ze zijn. Bij dans mag je alles helemaal zelf bedenken’ Naast het jaarlijkse project met twee tot drie groepen zeven van verschillende basisscholen, houdt ICK zich ook bezig met andere vormen van educatie. Zo maakte het met iets jongere leerlingen van zes tot negen jaar het afgelopen jaar in vier maanden de voorstelling Gulliver, voor VMBO-ers ontwikkelde het een gloednieuwe leerlijn over hedendaagse dans en voor dansdocenten bedacht ICK een toolkit om de creativiteit van kinderen te stimuleren. In deze handzame kartonnen kit zitten allerlei geuren, afbeeldingen en geluiden, die docenten kunnen gebruiken in hun verschillende soorten danslessen. Zo kunnen ze leerlingen stimuleren om meer te leren en ontdekken over zichzelf, hun eigen lichaam en hun
ICK DANS MAGAZINE — 58 — REPORTAGE EDUCATIEPROJECT JONGE ZIELEN
omgeving. ‘De toolkit heet Sensorium en kan voor elk type dansles door elke dansdocent worden gebruikt. Ook het Nationale Ballet heeft een aantal exemplaren gekocht voor hun educatieve workshops’, zegt Meneses.
‘Door met dans bezig te zijn, leer je je creativiteit vergroten en jezelf op een andere manier uit te drukken’
Als je beter leert luisteren naar jezelf, dan kun je ook leren om anderen en de wereld te observeren. Je hoeft het dan niet eens te begrijpen, maar vaak zorgt alleen een gevoel er al voor dat je je iets herinnert of dat je aan iets denkt. Dat is op zichzelf al heel waardevol. Als je dan ook nog leert om erover te praten, dan is dat nog waardevoller. Je hoeft zelf geen kunstenaar te worden, maar door dans en kunst leer je meer vaardigheden die je in de rest van je leven kunt gebruiken’.
Het liefst zou ICK willen dat nog veel meer scholen dansles zouden geven, niet alleen in Nederland. Daarom is het dansgezelschap ook betrokken bij een Europees project in samenwerking met Marseille, Rome en Barcelona. Samen bedenken ze een digitale tool om leraren van basisscholen te helpen om bewegingslessen in hun klassen te geven. Meneses: ‘Eigenlijk zou dans een dagelijks onderdeel van elke klas moeten zijn. Ik zie leerlingen altijd beginnen met schrijven achter hun tafel, maar je zou ook beweging kunnen gebruiken om taal of rekenen te leren. Bovendien leer je door dans te luisteren naar je lichaam; je leert welke sensaties en emoties je voelt, wat je inspireert en waaraan je vervolgens denkt?
& Educatie Behalve aan een jaarlijks ‘Jong’ project met de Krakeling werkt ICK ook samen met Susanne Marx aan Gulliver, een voorstelling gemaakt door basisschoolleerlingen in respectievelijk Amsterdam Zuid-Oost i.s.m. met het Bijlmerpark Theater en Amsterdam Nieuw-West i.s.m. Theater de Meervaart. In 2019 werkt ICK aan een grote editie samen met Internationaal Theater Amsterdam en scholen uit alle windstreken van de stad. Daarnaast ontwikkelen we samen met Ballet National de Marseille, Mercat de les Flors (Barcelona) en Musei di Bambini (Rome) een digitale tool om basisschooldocenten te helpen dans en beweging in hun klas te introduceren. Al deze projecten maken gebruik van de Sensorium Toolkit voor dans. Deze fysieke box vol met instrumenten om te voelen, horen, kijken en ruiken is bedoeld voor gebruik door dansdocenten. De aangeboden gereed schappen en de duidelijke handleiding helpen hen om hun leerlingen via zintuiglijke ervaring aan te zetten tot zelfexpressie via beweging en dans. De toolkit biedt door middel van zintuiglijke prikkels dansdocenten en dansstudenten op een natuurlijke manier houvast bij het oefenen van creativiteit in beweging. De methode is geïnspireerd op de artistieke visie van Emio Greco en Pieter C. Scholten, maar is onafhankelijk van kennis van bezoek aan de voorstellingen te gebruiken.
ICK DANS MAGAZINE — 59 — REPORTAGE EDUCATIEPROJECT JONGE ZIELEN
2 T/M 4 NOVEMBER 2018 3 DAGEN 5 VOORSTELLINGEN 2 PREMIÈRES WORKSHOPS AFTERPARTY THEATER DE MEERVAART In samenwerking met Theater de Meervaart presenteert ICK ook dit jaar het ICKFEST, een rijk gevuld programma met dansvoorstellingen, workshops, showcases en een afterparty. Drie dagen met voorstellingen van onder andere Emanuel Gat, Aleksandra Lemm, Eric Minh Cuong Castaing en Ballet National de Marseille.
VRIJDAG 2 NOVEMBER Emanuel Gat – NEXT Afterparty
ZATERDAG 3 NOVEMBER
Double Skin/Double Mind workshop Aleksandra Lemm — BLUE Ballet National de Marseille — Les Cygnes et les Autres (De zwanen en de anderen) Jesús de Vega & Chai Blaq — CHOREOPOP Afterparty
ZONDAG 4 NOVEMBER
Eric Minh Cuong Castaing & 4West — School of Moon Neem tussen de optredens door plaats in de Cinedans Filmbooth, bezoek een foto tentoonstelling of volg workshops. Passe-partout: €40,www.meervaart.nl
ICK DANS MAGAZINE — 60 — ICKFEST
Model / danser: Hannah Kriesmair
Interview met Suzan Tunca onderzoeker en voormalig danser bij ICK
HET GEHEUGEN VAN DE DANS Wat zou het toch prachtig zijn als choreografieën over honderd jaar nog steeds gedanst zouden kunnen worden. Daarom werkt ICK aan een manier om hedendaagse dans ‘vast te leggen’. Niet alleen om het door te geven aan volgende generaties, maar ook om bruggen te slaan met de wereld buiten de dans. Tekst Desiree Hoving Fotografie Alwin Poiana Tekening Edward Lloyd
ICK DANS MAGAZINE — 62
Suzan Tunca
Wil je muziek noteren, dan beschrijf je op een notenbalk zo goed mogelijk wat er gespeeld moet worden. Geef je dat vervolgens aan een willekeurige muzikant van een willekeurig instrument ergens op de hele wereld, dan zal hij of zij precies de muziek spelen die op papier staat. Dat komt omdat voor het op papier zetten van muziek internationale afspraken zijn. Ook voor dans bestaat zo’n standaard internationaal notatiesysteem, waarbij een dansnotator op een soort notenbalk alle bewegingen in tijd en ruimte vastlegt. In plaats van noten gebruikt hij symbolen om stappen, posities en overgangen tussen bewegingen op te tekenen. Zo is het duidelijk wanneer een danser z’n linkerarm naar rechts en z’n rechtervoet naar voren dient te bewegen. Dit systeem heet met een Engelse term Labanotation en is in 1928 bedacht door Rudolf Laban, pionier van de moderne dans. ‘Maar dit voldoet niet voor alle vormen van hedendaagse dans’, zegt Suzan Tunca, die in het verleden bij ICK danste en nu het onderzoek leidt naar het noteren, documenteren en overdragen van dans. ‘Het gaat niet alleen om het lichaam dat beweegt van de
ene naar de andere positie. Een choreografie bestaat uit veel meer. Het gaat om een samenspel van lichaam en geest. Wat je voelt, waaraan je denkt, welke muziek je hoort, met wie je danst en wat voor soort licht zich in de ruimte bevindt, is ook belangrijk’. Ze geeft een voorbeeld: ‘Als je als danser een beeld in je hoofd hebt van een zeeschelp die opent, dan maak je die stap opzij heel anders dan wanneer je de stap zou zetten om de stap’. Maar hoe noteer je dans als je meer wil noteren dan alleen de pasjes? En wat doe je als pasjes er helemaal niet toe doen? Daar doet ICK al ruim een decennium onderzoek naar. In 2007 gaf het dansgezelschap het boek (Capturing Intention) uit, dat vertaald kan worden als het vastleggen van intentie. De titel is expres tussen tussen haakjes geschreven, omdat dans eigenlijk niet vastgelegd kan worden. ‘Het is immaterieel en bestaat alleen in het moment zelf. Terwijl kunst die materieel is, zoals een foto of een schilderij, wel makkelijker vast te leggen is’, zegt Tunca. Het boek gaat over de rol van intentie in de dans zelf, maar ook in andere kunstvormen, wetenschap en filosofie. ‘We willen een brug
slaan naar de maatschappij buiten de dans. Dans kan een specifieke vorm van bewustzijn creëren en reflectie en discours stimuleren’, zegt Tunca. ‘Samen met architecten, muzikanten, psychologen en filosofen willen we creatieve processen beter onderzoeken, omdat intellect, instinct, gevoel en lichamelijke intuïtie niet alleen in de dans een rol spelen maar ook daarbuiten’.
‘Het gaat niet alleen om het lichaam dat beweegt van de ene naar de andere positie. Een choreografie bestaat uit veel meer’ Sinds 2015 is het dansonderzoek verschoven van ‘notatie’ naar ‘annotatie’. Bij notatie gaat het om het vinden van notatiesystemen, waarbij vaak symbolen gebruikt worden die de hele wereld kent, net zoals bij muzieknotatie. Bovendien is notatie bedoeld om de choreografie zo nauwkeurig mogelijk te beschrijven. Annotatie daarentegen werkt zonder symbolen en gebruikt taal in combinatie met beeld. Dit is bedoeld om een choreografie meer diepte te geven.
ICK DANS MAGAZINE — 63 — INTERVIEW SUZAN TUNCA
Annotatie blijkt meer geschikt voor hedendaagse dans, maar staat nog wel in de kinderschoenen. Op dit moment onderzoekt ICK een instrument voor annotatie, dat ontwikkeld is door Motionbank, waarbij taal in combinatie met videobeelden wordt gebruikt, om zo creatieve processen in de dans te documenteren. Hierdoor komt er meer nadruk te liggen op de expliciete gesproken taal die, naast de impliciete lichamelijke taal van de dans, in de studio ontstaat tijdens het creëren van nieuwe choreografieën.
‘Samen met architecten, muzikanten, psychologen en filosofen willen we creatieve processen beter onderzoeken, omdat intellect, instinct, gevoel en lichamelijke intuïtie niet alleen in de dans een rol spelen maar ook daarbuiten’
beweging. Je ziet het niet, maar je voelt het wel’. Andere voorbeelden van termen die zijn opgenomen in de ABCdaire zijn bijvoorbeeld breathing (ademen), jumping (springen) expanding (vergroten) en reducing (verkleinen). Deze termen worden gebruikt in de dansmethode Double Skin/Double Mind, wederom ontwikkeld door Emio Greco en Pieter C. Scholten. Deze methode wordt zowel binnen als buiten de dans ter voorbereiding voor creatieve processen ingezet.
de studio hoe ze een bewegings concept zoals Around Ball weer kunnen vertalen en belichamen via bewegingsexperimenten’, legt Tunca uit. In totaal zijn er nu twintig van deze concepten vastgelegd, maar het doel is om het bewegingsvocabulaire nog verder uit te breiden. Dit is niet alleen bedoeld om het ontstaan van bestaande choreografieën te omschrijven, maar ook om te gebruiken bij het bedenken van nieuwe bewegingen.
Een ander onderdeel van de ABCdaire zijn de pre-choreographic elements. Dit is een fase binnen het creatieve proces waarbij allerlei bewegingen ontstaan, nog voordat ze een choreografie vormen. Tunca laat een filmpje zien (dat ook op de website van ICK staat): Around Ball heet het. We zien verschillende dansers die zich laten inspireren door het idee van een bal; de ene keer doordat ze er een in hun handen houden, de andere keer doordat ze de beweging van een bal zelf lijken te imiteren. ‘De dansers onderzoeken hier in
Het publiek hoeft niet te wachten tot ze weer een voorstelling van ICK kunnen zien. Op aanvraag zijn videoregistraties van voorstellingen te bekijken, recensies te lezen en kunt u bladeren door het uitgebreide fotomateriaal van het repertoire. Dat kan in de mediatheek van ICK, die gratis toegankelijk is voor iedereen die meer van dans wil weten. U kunt zich aanmelden via mediatheek@ickamsterdam.nl voor een bezoek in het Talentenhuis in Nieuw-West, waar ook de studio en kantoren zich bevinden.
In haar annotatie-onderzoek gebruikt Tunca het ABCdaire, een soort woordenboek van 176 op alfabet gerangschikte termen die voortkomen uit de choreografieën van Emio Greco en Pieter C. Scholten. ‘Hedendaagse dans heeft nauwelijks een gemeenschappelijk vocabulaire, iets wat het klassiek ballet wel heeft. Daarom willen we bewegingen die lichamelijk zijn ontstaan een verbale dimensie geven. De verbale dimensie kun je zien als een soort grondstof van de dans die door de tijd heen blijft bestaan’, zegt Tunca. Ze geeft meteen een voorbeeld. Haar rechterhand beweegt ze langzaam omhoog en als haar arm gestrekt is, laat ze de hand snel weer vallen. ‘Neem bijvoorbeeld de term ‘echo’. Dat is wat er in het lichaam plaatsvindt na een
ICK DANS MAGAZINE — 64 — INTERVIEW SUZAN TUNCA
& Publicaties
Naast het boek (Capturing Intention), zijn ook andere publicaties van en over ICK in te zien en te verkrijgen in de mediatheek.
Magazines: Hell, Purgatorio, you PARA | DISO Uitgaven: 2006, 2008, 2010 — ICK Amsterdam/Emio Greco | PC
It’s life Jim, but not as we know it Uitgave: 2001 — Antoon van Braembussche n.a.v. Fra Cervello e Movimento
(Capturing Intention) Documentation, analysis and notation research based on the work of Emio Greco | PC Uitgave: 2007 — Emio Greco | PC, AHK Amsterdam
ICK en de ander Uitgave 2008 — Emio Greco | PC
INSPIRATION Emio Greco | Pieter C. Scholten. The multiplicity of dance Uitgave: 2015 — Francesca Magnini
ICK DANS MAGAZINE — 65
Company in the School Between experiment and heritage Uitgave: 2017 — Emio Greco | PC, AHK Amsterdam MIND THE DANCE A Guide to Documenting Contemporary Dance Teaching Uitgave: 2018 — Ed. Bertha Bermúdez Pascual, Defne Erdur, Eszter Gál, Sabina Holzer, Friederike Lampert, Martin Streit www.mindthedance.com
— Advertentie —
OPEN CLASSES
DOUBLE SKIN/DOUBLE MIND
LESSEN VINDEN ELKE MAAND PLAATS EN WORDEN IN HET ENGELS GEGEVEN DOOR DANSERS VAN HET ICK ENSEMBLE DOUBLE SKIN/DOUBLE MIND IS EEN DANSMETHODE ONTWIKKELD DOOR EMIO GRECO EN PIETER C. SCHOLTEN WAARIN DE SENSITIVITEIT VAN HET LICHAAM ONTDEKT WORDT DOOR MIDDEL VAN 4 BASISPRINCIPES: BREATHING, JUMPING, EXPANDING EN REDUCING — GEEN (DANS) ERVARING VEREIST — VOOR ALLE LEEFTIJDEN
LOCATIE: STUDIO ICK MEER EN VAART 290 1068 LE AMSTERDAM MEER INFORMATIE VINDT U OP WWW.ICKAMSTERDAM.NL
— Geknipt in Nieuw-West —
SCHEPERS BOSMAN ‘Wij staan voor Nieuw-West en willen het stadsdeel op een positieve manier op de kaart zetten’ Anne Bosman en Sanne Schepers zijn beiden afgestudeerd aan ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten in Arnhem. Hun label Schepers Bosman staat voor een combinatie van avant garde en popcultuur. Het duo woont en werkt in Amsterdam Nieuw-West waar ze voor hun creaties de omgeving gebruiken als inspiratiebron. Voor ICK portretteerden ze de dansers van ICK in unieke creaties op herkenbare plekken in Amsterdam Nieuw-West. ‘We hebben nog nooit met bewegende lichamen gewerkt dus dit was een enorme uitdaging. We kwamen er achter dat de gelaagdheid en de abstracte vormen van onze kleding goed tot uiting komen op een danserslichaam.’ Mode Schepers Bosman Fotografie Joep van der Zalm Haar en make-up Jan Fuite (House of Orange) Tekst Ruben Theunissen
ICK DANS MAGAZINE — 67
In onze op kennis gebaseerde samenleving, wordt het verstand meer gewaardeerd dan het lichaam. Een revolutie van het lichaam en onze intuïtie zijn volgens mij nodig om de juiste balans weer te vinden. Als ik dans is mijn lichaam in opstand wanneer mijn gedachten te veel op materialistische problemen gericht zijn. Als ik erin slaag om mijn gedachten en lichaam over te dragen naar een ander bewustzijn, kan ik deze problemen vergeten.
HANNAH KRIESMAIR — Duitsland, 1996 —
Bij het lichaam in opstand denk ik aan feest, urgentie, deconstructie en het reorganiseren van de norm. Als kind danste ik al veel en ging ik zelf choreografieën maken. Ik voelde een urgentie om mezelf te uiten door middel van mijn lichaam en beweging: mijn lichaam was in opstand!
ARAD INBAR — Israël, 1989 —
Krachtig en expressief! Dat is voor mij het lichaam in opstand. Een lichaam dat de opgelegde sociale en politieke normen overstijgt. Ik voel me het meest verbonden met mijn ‘lichaam in opstand’ tijdens de voorstelling TWO. Het lichaam wordt tot aan zijn fysieke grenzen gedreven, wat een andere vorm van bewustzijn vraagt. Op dat moment ben ik niet langer Edward, man of danser. De ervaring van het bewegende lichaam gaat dan veel dieper.
EDWARD LLOYD — Verenigd Koninkrijk, 1991 —
MAXINE VAN LISHOUT — België, 1998 —
Het lichaam in opstand betekent voor mij een lichaam dat niet zomaar alles aanneemt, maar vragen stelt. Een lichaam dat zijn instinct als leidraad vertrouwt en gebruikt.
Het lichaam in opstand is voor mij een dagelijkse realiteit. Ik accepteer en omarm het en werk met de kwaliteiten die het meebrengt. Als je jezelf openstelt, luistert naar wat je opstandige lichaam wil communiceren, kun je veel bereiken en er plezier uithalen.
SEDRIG VERWOERT — Nederland, 1992 —
SOPHIA DINKEL — Zwitserland, 1995 —
Het lichaam in opstand verwijst naar het constante streven om grenzen te overstijgen die geconditioneerd of opgelegd zijn. Voor mij gaat dans samen met een extreme betrokkenheid bij het ontdekken van bewegingen. Het zorgt ervoor dat ik mijn fysieke en emotionele grenzen verleg.
KRIS VERDONCK ‘Op zoek naar de leegte’
ICK DANS MAGAZINE — 74 — BEELDESSAY KRIS VERDONCK
Choreograaf:
Voorstelling:
NL Première:
KRIS VERDONCK
SOMETHING (out of nothing)
24.05.2019 Spring Festival Utrecht
Kris Verdonck over zijn inspiratie bij het maken van de voorstelling SOMETHING (out of nothing) Tekst Kris Verdonck Illustratie Sjoukje Bierma Fotografie Kris Verdonck
Samen met mijn dramaturg Kristof van Baarle doe ik een 4-jarig onderzoek naar Samuel Beckett en het Japanse Noh-theater. We zijn ervan overtuigd dat er veel overeenkomsten zijn. Niet specifiek in hun vorm - op het eerste gezicht lijken ze niets op elkaar - maar op het niveau van de inhoud en het concept zijn ze in de basis exact hetzelfde. Om Noh te begrijpen, ging ik naar Japan om verschillende Noh-meesters te ontmoeten. Het is een zeer gesloten samenleving, er zijn 5 families die de Noh-traditie levend houden. Na een intensieve mailing en stalking-periode, had ik de kans om verschillende meesters te ontmoeten. Reijiro Tsumura was waarschijnlijk de meest indrukwekkende, die zo vriendelijk was om me veel over Noh uit te leggen. In de kern van Noh vinden we een concept dat ‘Ma’ wordt genoemd. Ma (間) is zoiets als een negatieve ruimte; in de westerse samenleving hebben we er geen woord voor. We kunnen enkele voorbeelden vinden in onze kunst, maar meer per ongeluk dan als een echt ‘uitgewerkt’ idee.
Het kan ruwweg worden vertaald als ‘kloof ’, ‘spatie’, ‘pauze’ of ‘de ruimte tussen twee structurele delen’. De gemakkelijkste manier om Ma te begrijpen is een syncope in muziek, of de stilte gevormd door een contra ritme. ruimte tussen beats. Noh is als (free) jazz, alles is opgeschreven: de muzieknoten, woorden, dansbewegingen ... maar niet het tempo. Het tempo wordt gecreëerd tijdens de uitvoering, na een gedeeld voelen en luisteren. Je kunt overal in de Japanse cultuur ‘Ma’ vinden. Mijn favoriete voorbeeld is de ‘Ma’ in Sumoworstelen. Het uiteindelijke doel van Sumo is om de tegenstander uit de ring te duwen. De worstelaar moet dus zijn gewicht naar voren verplaatsen, maar als hij hierin te veel van gewicht legt, kan de tegenstander een stap opzij zetten en valt en verliest hij. Dus hij moet duwen en tegelijkertijd staan. Dit is een bijna onmogelijke beweging. Te zijn en niet te zijn, op hetzelfde moment.
In Noh en bij Beckett is het verhaal al verteld en is het toneel een tussenruimte tussen de levenden en de doden, beiden gaan over een ‘existentieel niet-zijn’. In SOMETHING (out of nothing) zullen we met al deze ideeën werken, om na te denken over de positie van de mensheid in een wereld waarin nieuwe technologieën, maar ook populisme en de ecologische catastrofe allerlei soorten tussen vormen creëren, aanwezigheid afwezigheid - spoken. Zijn we ook spoken aan het worden? En hoe een vorm te vinden om dat op het podium te brengen?
Monotropastrum humile – Spook plant door ConiferConifer in Japan De spook is familie van de Ericaceae, te vinden in Oost-Azië, van de Himalaya tot de eilanden van Japan.
Kris Verdonck is geschoold in beeldende kunst, architectuur en theater. Deze drie disciplines komen terug in zijn werk: hij bespeelt het grensgebied tussen beeldende kunst en theater, tussen installatie en performance, tussen dans en architectuur. ICK ontdekte in zijn werk een eigen interpretatie van het lichaam in opstand, met name in zijn fascinatie voor de relatie tussen mens en machine. Verdonck ensceneert intieme verhoudingen tussen levende wezens en koele apparaten. In 2017 vroeg ICK Verdonck zijn voorstelling I/II/III/IIII (2007) te hernemen met dansers van ICK. In mei 2018 gaat zijn nieuwe voorstelling SOMETHING (out of nothing) in première. Deze voorstelling is een coproductie met A Two Dogs Company.
ICK DANS MAGAZINE — 75 — BEELDESSAY KRIS VERDONCK
Ter voorbereiding op het maken van SOMETHING (out of nothing), na afloop van een aantal voorstellingen met I/II/III/IIII in Taiwan, maakte Verdonck een rondreis door Japan. De beelden die hij daar ophaalde dienen als inspiratiebron voor het maakproces.
ICK DANS MAGAZINE — 76 — BEELDESSAY KRIS VERDONCK
Dennenbomen (松林 図) door Hasegawa Tōhaku, Tokyo National Museum. Het Dennenbomen-scherm (松林 図 屏風 Shōrin-zu byōbu) is een set schermen met zes panelen (byōbu) van de Japanse kunstenaar Hasegawa Tōhaku. De schermen zijn gemaakt in de late 16e eeuw, in de Momoyama-periode, rond 1595. De schermen zijn te zien in het Tokyo National Museum en werden in 1952 aangewezen als nationale schat van Japan.
ICK DANS MAGAZINE — 77 — BEELDESSAY KRIS VERDONCK
Voorstelling:
SOMETHING (OUT OF NOTHING) In SOMETHING (out of nothing) dwalen figuren rond in theaters en in musea, tussen kunstwerken, objecten en machines. Het zijn vaak niet meer dan silhouetten, schaduwen, levende sculpturen: een negatief van het leven. Performers en robots lopen door elkaar heen, nauwelijks van elkaar, of zelfs van het decor, te onderscheiden; levende en dode materie delen dezelfde ruimte. Deze nieuwe voorstelling en tentoonstelling van Kris Verdonck / A Two Dogs Company en ICK Amsterdam presenteert de mens, de performer, als spook in een wereld die zelf steeds meer ‘bespookt’ wordt door technologieën, nakende destructie en tanende democratieën.
I don’t know exactly where it is that I am: this is what happens when we are in the dark. You cannot tell where the limits of your body are, or where the limit with the outside world is. A vertigo, of becoming space. Are you alive or not? (André Lepecki, In the dark) Voor credits en speeldata zie www.ickamsterdam.nl
PERFORMING NOTHING Tekst Edward Lloyd (danser bij ICK)
Edward Lloyd is een van de performers (dansers en acteurs) die met Kris Verdonck werkt aan de voorstelling SOMETHING (out of nothing). Naar aanleiding van de gezamenlijke workshops ter voorbereiding van het werkproces, schreef hij een beschouwing.
Performing ‘nothing’ can be incredibly challenging, as we discovered during our first meeting with Belgian theatre maker and visual artist Kris Verdonck. During our three-day workshop we looked to Samuel Beckett, David Lynch and Japanese Noh Theatre for inspiration, while ideas of tragedy, comedy and absurdism began to materialize. Using Verdonck’s existing piece Untitled (2014) as a starting point, we found ourselves inside mascot-esque Mickey Mouse heads in which we had to perform through a new - and at first rather amusing - dehumanized identity. In Untitled (2014) Verdonck presents us with a mascot who is thrown on to the stage with no real purpose, other than to entertain his audience. He must entertain, not through will, but through circumstance. It is simply what is expected of him. Described by one critic as “a play where hardly anything happens”, the piece is meticulously choreographed down to the second (literally), where even a shrug of the shoulder or an uncomfortably long -but not too uncomfortably long- silence bears great significance. As we attempted to embody the sentiment of the aimless mascot, an instinctive sense of timing was at play. With our field of vision and perception of space distorted by the mouse head, we needed to have an elevated awareness of what we were creating from the perspective of the audience. A simultaneous visualization of the body (including its costume) both from inside and outside of the mouse head. As a dancer, lifting a finger may feel seemingly unsatisfying, but in this case, it could be all that is necessary to communicate with an audience. That is, if it is done within the correct context. So, as it happens, performing ‘nothing’, is very much performing ‘something’. Developing this dual perception of the body, and differentiating between how a movement feels and how a movement is perceived, I imagine, will be one of the concepts to further explore during the creation of Verdonck’s latest piece SOMETHING (out of nothing). In SOMETHING (out of nothing) the performers will share the space with robots, as the distinction between living and non-living bodies becomes increasingly obscure, and the idea of ‘the living object’ becomes a reality. Verdonck continues to challenge his audience. An ever expanding commentary on the vulnerability of the human, in an age where the commodification of everything and everyone saturates our society.
ICK DANS MAGAZINE — 81 — BEELDESSAY KRIS VERDONCK
2 T/M 4 NOVEMBER 2018 3 DAGEN 5 VOORSTELLINGEN 2 PREMIÈRES WORKSHOPS AFTERPARTY THEATER DE MEERVAART In samenwerking met Theater de Meervaart presenteert ICK ook dit jaar het ICKFEST, een rijk gevuld programma met dansvoorstellingen, workshops, showcases en een afterparty. Drie dagen met voorstellingen van onder andere Emanuel Gat, Aleksandra Lemm, Eric Minh Cuong Castaing en Ballet National de Marseille.
VRIJDAG 2 NOVEMBER Emanuel Gat – NEXT Afterparty
ZATERDAG 3 NOVEMBER
Double Skin/Double Mind workshop Aleksandra Lemm — BLUE Ballet National de Marseille — Les Cygnes et les Autres (De zwanen en de anderen) Jesús de Vega & Chai Blaq — CHOREOPOP Afterparty
ZONDAG 4 NOVEMBER
Eric Minh Cuong Castaing & 4West — School of Moon Neem tussen de optredens door plaats in de Cinedans Filmbooth, bezoek een foto tentoonstelling of volg workshops. Passe-partout: €40,www.meervaart.nl
ICK DANS MAGAZINE — 82 — ICKFEST
Model / danser: Arad Inbar
Amos Ben-Tal is net als ICK altijd nieuwsgierig naar wat het lichaam doet en weet. Hij maakt weliswaar precieze choreografieën maar laat zijn dansers die invullen; ieder heeft tenslotte zijn eigen verleden, fantasieën en instincten die maken dat ieders lichaam anders beweegt. Tekst Veerle Corstens Illustratie Sjoukje Bierma Fotografie Alwin Poiana
ICK DANS MAGAZINE — 84 — INTERVIEW AMOS BEN-TAL
AMOS BEN-TAL ‘Nieuwsgierig naar het lichaam’
Choreograaf:
Voorstelling:
Première:
AMOS BEN-TAL
‘60’
Juli 2019
ICK DANS MAGAZINE — 85 — INTERVIEW AMOS BEN-TAL
De Israëlisch-Nederlandse choreograaf Amos Ben-Tal begon op 13-jarige leeftijd met dansen. Hij studeerde af in Toronto en danste negen jaar bij het Nederlands Dans Theater voordat hij begon met choreograferen bij Korzo Producties in Den Haag. Hij richtte zijn eigen collectief OFFprojects op en maakte vorig jaar al een korte choreografie voor ICK. De komende twee jaar is hij samen met OFFprojects onze artists-in-residence en werkt aan een nieuwe voorstelling met de dansers van ICK.
‘Ik voel me thuis bij de nieuwsgierigheid naar het lichaam’ Je werkt nu samen met ICK, hoe is dat zo gekomen?
‘Ik ken Emio en Pieter, de grondleggers van ICK, al een aantal jaar. Ik zat altijd bij productiehuis Korzo waar zij vaak kwamen kijken. Vorig jaar deed ik mee met een programma van ICK en zag ik de fijne omgeving die zij creëren voor hun dansers en gezelschap.
Esthetisch is hun werk heel anders dan het mijne maar ik voel me thuis bij de nieuwsgierigheid naar het lichaam en de nadruk op het doen van onderzoek. Grappig genoeg heb ik een training ontwikkeld die net zoals de methode Double Skin/Double Mind van Emio en Pieter draait om ademhaling, waarbij mijn training de focus legt op de ademhaling laag in het bekken.’ En nu ben je artist-in-residence en maak je de voorstelling ‘60’
‘Klopt. Vorig jaar was ik een van de choreografen die mee deed aan 7EVEN. Ik maakte toen net als alle deelnemers een voorstelling van zeven minuten maar verdeelde die ook weer op in zeven fragmentaties van een minuut. In dat proces heb ik nagedacht over tijd en hoe we tijd ervaren. Vanwege de structuur van zeven minuten die we hadden was de tijd sensatie vreemd. Die 7,45 minuut die ik maakte, leek veel langer te duren.’ En zo kwam je op het idee voor je nieuwe stuk?
‘Ja, ik ging nadenken hoe gek het eigenlijk is dat we de tijd bijhouden.
De zon die op en onder gaat is een rond proces net zoals eigenlijk alles in de natuur. Lineaire tijd is typisch iets wat de mensheid bedacht heeft. Dat we tijdzones hebben en een standaardtijd bedacht hebben vind ik al heel boeiend, maar nog interessanter is, dat we toch een ander gevoel van tijd kunnen hebben: een minuut in een lege grote hal kan stukken langer duren dan een minuut aan tafel met je beste vrienden.’ Wat is daar zo fascinerend aan?
‘Ik vind het waanzinnig dat tijd zo universeel kan zijn – we weten allemaal hoeveel minuten er in een uur zitten – en toch bijzonder persoonlijk. Tijd lijkt zo wetenschappelijk en objectief en toch heeft iedereen een totaal ander idee van dezelfde tijd die je meemaakt.’
‘In het uur dat we hebben gaat het publiek via het lichaam van de danser ervaren hoe de tijd passeert’
ICK DANS MAGAZINE — 86 — INTERVIEW AMOS BEN-TAL
En hoe gaan we dat zien in deze voorstelling?
‘In het uur dat we hebben gaat het publiek via het lichaam van de danser ervaren hoe de tijd passeert, zowel individueel als collectief Is het een pleidooi voor meer in het moment leven?
‘Nee hoor: die lineaire tijd met een heden en toekomst maakt ook dat je kunt reflecteren op tijd kunt leren van ervaringen en daardoor plannen en hoop kunt hebben om beter te worden. Omdat ook het gevoel belangrijk is, denk ik dat je beide benaderingen kunt gebruiken. Je bewust zijn van tijd creëert angst en positiviteit tegelijk.’ .
En hoe is het om niet met de dansers van je eigen gezelschap OFFprojects te werken maar met de dansers ICK?
‘Leuk! Een hele nieuwe ervaring want ik heb de afgelopen zeven jaar met mijn collectief gewerkt en zo een blind vertrouwen opgebouwd. Nu werken we samen met mijn eigen dansers en de dansers van ICK en gelukkig is de sfeer redelijk vergelijkbaar; een zoektocht naar de oorsprong van beweging en instincten. We denken niet alleen aan de capaciteit – hoe ver kun je je been buigen? - maar ook aan de intentie van het lichaam: hoe krijgt een lichaam informatie en hoe vertaalt zich dat in beweging?’
Hoe werk je met de dansers?
‘Ik werk altijd met zowel improvisatie als voorgeschreven dans. Meestal beschrijf ik een proces en geef instructies in fysieke vorm. Dat gaat dan om een richting of gewicht, dus bijvoorbeeld dat je je voeten een bepaalde kant op moet bewegen of je schouders opzij gooit. Maar hoe dat precies gebeurt, dat mag de danser zelf weten. Ik heb wel een idee, maar het hoeft er absoluut niet hetzelfde uit te zien. Sterker nog, ik ben benieuwd naar hoe de danser dat doet. Dat hangt namelijk af van diens verleden, instincten en fantasieën en het is natuurlijk veel interessanter om te zien wat diegene daar mee doet.’
Het thema lichaam in opstand, wat betekent dat voor jou?
‘Voor mij is het een zin waar ik de sound heel leuk van vind. Ik vind dat dansen op zich al een manier van opstandigheid is. Dat komt doordat in dans zo veel aandacht wordt gegeven aan het lichaam, aan subtiliteit en complexiteit. Dat is iets wat in onze maatschappij heel ongewoon is en daarmee al een rebellie.’
‘Ik vind dat dansen op zich al een manier van opstandigheid is’
Voorstelling:
‘60’
In ‘60’ onderzoekt Ben-Tal het door de mens gecreëerde concept van tijdopname. In onze wereld bestaan ontelbaar veel verschillende culturen, maar tijd tellen we allemaal op dezelfde manier - in units van zestig. Toch is deze hoogst mathematische en universele constructie één van de meest abstracte en subjectieve. Ieder van ons voelt tijd op een andere manier. Met zijn collectief OFFprojects en de dansers van ICK, bekijkt Amos de dualiteiten die voortkomen uit het ritueel rond het bijhouden van tijd. Samen met het publiek onderzoeken zij de perceptie en waardering van tijd, waarbij zowel het persoonlijke als het collectieve in twijfel wordt getrokken. Voor credits en speeldata zie www.ickamsterdam.nl
ICK DANS MAGAZINE — 87 — INTERVIEW AMOS BEN-TAL
Door Haroon Ali
In de jaren negentig was ik een tiener op het Calandlyceum in Osdorp, een wijk aan de rand van Nieuw-West (dat moet ik zelfs Amsterdammers uitleggen). Onze klas werd toen vaak naar Theater de Meervaart gesleept, op steenworp afstand van school. Daar zagen we voorstellingen die moesten aansluiten bij achtergestelde scholieren met een nietwesterse achtergrond. Breakdance, rap en straatkunst moesten ons op het rechte pad houden. In 1999 werd het oude pand van Theater de Meervaart afgebroken en verrees tot onze grote verbazing een zwarte kubus met een rand om het dak, die leek op de Kaäba in Mekka, het belangrijkste heiligdom in de islam. Dat was vast niet de bedoeling, maar wij moesten erom lachen: ze doen wel érg hun best om moslims naar het theater te krijgen. In de twee decennia erna is Theater de Meervaart geëvolueerd tot een hoogstaand cultureel centrum (dat nog altijd zijn best doet om ook de buurtbewoners te vermaken). Het is tevens de thuisbasis van ICK. De vernieuwde Meervaart bleek ook een katalysator voor de ontwikkeling van het voorheen zo troosteloze stadsdeel. Vroeger wilden veel mensen er niet dood worden gevonden, nu zie je telkens weer een nieuw appartementencomplex, eettentje of publiek kunstwerk verschijnen. Nieuw-West staat bekend als een stadsdeel waar meer dan de helft van de inwoners een nietwesterse achtergrond heeft. Maar mensen weten vaak niet dat er van alles te doen is in de opgeknapte volksbuurten. Daarom een compacte gids met de leukste plekken in (en rondom) Nieuw-West.
Grand Cafe Sloterplas The Beach
6
Westmarket
14 16 1
Bocador 15
Theater de Meervaart
ICK DANS MAGAZINE — 88 — AMSTERDAM NIEUW-WEST CITY GUIDE
4
WOW Amsterdam Hotel Buiten 13
2
Van Eesteren Paviljoen 9
De School
las
7
Slo
ter p
Rembrandtpark 8
12
HW10
VLLA
5 3
Lola Luid
ACTA 10 Radion 11 ICK DANS MAGAZINE — 89 — AMSTERDAM NIEUW-WEST CITY GUIDE
De School
Bocador
Van Eesteren Paviljoen
KUNST EN CULTUUR Nu Theater de Meervaart 1 zelfs het grachten gordelpubliek naar dit stadsdeel weet te lokken met gevarieerde voorstellingen (van Judas tot Melk & Dadels) en komieken (van Ali B. tot Patrick Laureij), durven ook andere culturele instellingen eindelijk in de buurt te investeren. Zowel poppodium Paradiso als het Amsterdam Museum zijn van plan een dependance te openen in Nieuw-West. Kunstliefhebbers kunnen daar al terecht bij het Van Eesteren Paviljoen 2 een dependance van het gelijknamige museum. Ze doen ook leuke vaarsafari’s en wandelingen door de Tuinsteden (zoals de volkswijken vroeger heetten).
WOW
Er zijn ook interessante broedplaatsen in West, zoals Lola Luid! 3 aan de Derkinderenstraat. In hun restaurant Monsieur.Dame wordt iedere maand een andere culinaire streek verkend. Broedplaats WOW Amsterdam 4 iets verderop in Bos en Lommer, organiseert exposities van hun artists-in-residence en runt daarnaast een hostel. Dan is er ook nog HW10 5 in een voormalige basisschool, dat nu atelierruimte biedt aan kunstenaars. Naast sportlessen worden er ook sociale en naschoolse activiteiten voor de jeugd georganiseerd. Bij The Beach 6 vlakbij Theater de Meervaart, draait het om duurzame innovatie en projecten met buurtbewoners en vluchtelingen. Je leert daar bijvoorbeeld alles over het ambacht van brood bakken en hoe je nieuwe producten kunt maken uit afval. ICK DANS MAGAZINE — 90 — AMSTERDAM NIEUW-WEST CITY GUIDE
VLLA
GROEN EN DOEN De Sloterplas 7 is de parel van NieuwWest. Met een omtrek van 5,5 kilometer is het een prachtige plek om te wandelen of hardlopen – en veel rustiger dan het Vondelpark. Ik heb op drie plekken in Nieuw-West gewoond (eerst Slotervaart, toen Osdorp), altijd op loopafstand van de Sloterplas. Als kind speelde ik hier hele zomers, daarna werd het mijn plekje om na te denken over het leven. Later kwam er een stadsstrand bij, met daarnaast restaurant Hotel Buiten. Ieder najaar wordt er aan de Sloterplas het West Beach Film Festival georganiseerd. Het Rembrandtpark 8 in Slotervaart is de laatste jaren ook flink opgeknapt. Vroeger was het er uitgestorven, zodat ik alle ruimte had om in de winter met mijn slee van de heuvels te roetsjen. Nu vind je er een kinderboerderij, schoolwerktuin, natuurspeeltuin en volière. Er zijn ook plannen voor horeca in het Rembrandtpark.
Rembrandtpark
MUZIEK EN UITGAAN Ik had De School 9 al eerder kunnen noemen, vanwege hun uitdagende exposities en stijlvolle restaurant met een originele kaart en divers publiek. Maar het draait voor mij om de club, op twee verdiepingen in een voormalige technische school in West. In de kelder wordt flink gebeukt, in het lokaal op de begane grond is de sfeer wat gemoedelijker en zie je al dansend de zon opkomen. In het oude pand van tandheelkundig centrum ACTA 10 zit nu de gelijknamige creatieve broedplaats, met woon- en werkruimte voor kunstenaars, een eetcafé en cultureel podium. Maar ik ga er vooral heen voor de undergroundclub Radion 11 net als De School een spannend doolhof waar je fysiek en mentaal kunt verdwalen. Ga ook eens langs bij VLLA 12 een bar, club en podium in een voormalig uitvaart centrum, naast metrohalte Postjesweg. Als ik ‘s ochtends vroeg uit een van deze clubs kom rollen en terug naar mijn huis in het centrum fiets, langs al die plekken uit mijn jeugd, moet ik wel eens grinniken. Wie had ooit gedacht dat het nog wat zou worden met deze buurt?
Westmarket ETEN EN DRINKEN Bij Hotel Buiten 13 kun je verfijnd borrelen en dineren (ik noem een ‘lamsnavarin met groene kool en aardappelmousseline’), maar ik wil ook even een ode brengen aan het Grand Café 14 aan de andere kant van de Sloterplas, dat volkser maar levendiger is. Hier komen alle goedgekapte dametjes, die aan hun teint werken op het beste terras in de buurt (het is ook een van de weinige plekken waar je een borrel kunt krijgen in Osdorp). Mocht je toch behoefte hebben aan een creatievere kaart, loop dan door naar het glazen eethuisje Bocador 15 met Spaanse gerechten en tapas, bereid in een houtskooloven. Ook hier heb je prima uitzicht op het water. In de Westmarket 16 achter De Meervaart verkopen ze Turkse, Chinese, Surinaamse en zelfs Afghaanse snacks. En heel belangrijk: in dit winkel centrum ontdekte ik het genot van een Turkse pizza – mét knoflooksaus en extra veel sambal.
Radion
ICK DANS MAGAZINE — 91 — AMSTERDAM NIEUW-WEST CITY GUIDE
— Advertentie —
CURATED BY BOGOMIR DORINGER AND ICK DANCER ARAD INBAR — TALKS, PERFORMANCES, FOOD & MUSIC —
18 OKTOBER 2018 @ MEDIAMATIC
— AFTERPARTY — SPIELRAUM x BASSIANI
COLOFON — contact ICK Amsterdam Meer en Vaart 290 1068 LE Amsterdam 020-6167240
Voor vragen, suggesties en ideeën neem contact met ons op: magazine@ickamsterdam.nl
— volg ons op:
— hoofdredactie Pieter C. Scholten — art director Clifford Portier — tekst Haroon Ali, Iris Blaak, Veerle Corstens, Desiree Hoving, Annet Huizing, Martijn Kamphorst, Edward Lloyd, Ruben Theunissen, Karel Tuytschaever, Jesse Vanhoeck, Kris Verdonck, Maritska Witte — fotografie Marian Adreani, Bas de Brouwer, Marc Da Cunha Lopes, Ernst van Deursen, Luuk Kramer, Thomas Lenden, Alwin Poiana, Sarah van Rij, Marc Roodhart, Stefan Rustenburg, Hiroshi Sugimoto, Sebastiaan van Thienen, Ruben Timman, Kris Verdonck, Joep van der Zalm — illustraties Sjoukje Bierma — cover Concept en uitvoering: Shai Langen Fotografie: Alwin Poiana Model/Danser: Sophia Dinkel — grafisch ontwerp Katja van Stiphout — druk Tuijtel, Hardinxveld-Giessendam — uitgave ICK, oplage 4000
ICK is een platform voor hedendaagse dans onder leiding van Emio Greco en Pieter C. Scholten. ICK is stadsgezelschap dans van Amsterdam en wordt ondersteund door het Fonds Podiumkunsten, de Gemeente Amsterdam en EU Cultuur. © 2018, ICK Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt zonder voorafgaand akkoord van de uitgever. De redactie heeft alle rechthebbenden gecontacteerd om toelating te krijgen voor het gebruikte materiaal. Mocht je menen de rechten te hebben op materiaal dat in dit magazine is gepubliceerd, neem dan contact op met ICK Amsterdam (magazine@ickamsterdam.nl).
WWW.ICKAMSTERDAM.NL