16
krant KRANT
ek
’t Is hier een hotel In de jaren tachtig was Amsterdam een verloederde plek. Hoe de stad toch uitgroeide tot de gewilde maar ook vluchtige metropool van nu, beschrijft Marcel van Engelen wijk voor wijk in zijn nieuwe boek De stad.
BENJAMIN KOTEK
STADSARCHIEF AMSTERDAM
STADSARCHIEF AMSTERDAM
tekst Laurens Bluekens
H
boek De stad – Het verhaal van Amsterdam van 1980 tot vandaag De Bezige Bij € 26,99
oe hij op het idee kwam voor De stad – Het verhaal van Amsterdam van 1980 tot vandaag heeft te maken met allerlei zaken, maar één moment licht Marcel van Engelen eruit: het zien van de film Een fotograaf filmt Amsterdam, waarin fotograaf Ed van der Elsken de stad in 1982 in beeld brengt. ‘Je herkent de straten en gebouwen, maar tegelijkertijd ademt de stad een totaal andere sfeer dan nu. Dat heeft mij wel een zetje gegeven.’ Zijn boek begint op het dieptepunt: eind jaren zeventig, begin jaren tachtig. De economie zat in het slop, de stad stroomde leeg, raakte fysiek in verval en krakers en heroïneverslaafden bepaalden het straatbeeld. Wordt het nog wat, of is de stad ten dode opgeschreven? Dat was destijds de vraag. Maar in de decennia daarna transformeerde de stad zich van arm en rafelig naar rijk en internationaal.
MONDAIN ZAKENCENTRUM
Als voornaamste symbool van het huidige Amsterdam noemt de auteur het Pontsteigergebouw, dat oorspronkelijk een project was van woningbouwcorporaties, maar van-
03 KUNST EN VERMAAK MEI_SV_SF1.indd 16
wege de financiële crisis werd overgenomen door projectontwikkelaars. Het IJ is ook meteen de plek waar de stad volgens Van Engelen het sterkst is veranderd. ‘De gentrificatie van de Jordaan springt ook in het oog, en denk ook aan de spectaculaire transformatie van de Zuidas. Midden jaren tachtig stonden daar al wel een paar gebouwen, maar vanaf het moment dat ABN Amro zich er vestigde, is de Zuidas in rap tempo veranderd in een hoogbouwwijk met een mondain zakencentrum.’ Elk hoofdstuk in Van Engelens boek draait om een andere wijk, waarbij De Pijp uiteraard niet ontbreekt. Net als andere volkswijken, met een melkboer en café op elke hoek, liep ook De Pijp in de jaren zestig en zeventig leeg. Gezinnen vertrokken, studenten en jonge werkenden kwamen in hun plaats. Ondernemers begonnen daar vanaf eind jaren zeventig op in te spelen, bijvoorbeeld met café Carels in de Frans Halsstraat. Daar kwamen niet alleen buurtbewoners op af, maar nieuwe stedelingen uit heel Amsterdam. Door het succes volgden verschillende andere nieuwe kroegen en werd de Frans Halsstraat een horecastraat, waardoor het aanzien van De Pijp langzaam veranderde.
19-04-2024 11:56