Skip to main content

bachelor Supply Chain Management - wegvervoer

Page 1

wegvervoer studiegebied handelswetenschappen en bedrijfskunde bachelor bedrijfsmanagement afstudeerrichting Supply Chain Management campus Kortrijk academiejaar 2022-2023


DEEL 1: WETTELIJKE VERPLICHTINGEN ............................................................................................................. 4 1 VOORWAARDEN OM GOEDERENVERVOER VOOR DERDEN UIT TE VOEREN .......................................................................... 4 2 TOEGANG TOT HET BEROEP ..................................................................................................................................... 4 2.1 De vestigingseis ....................................................................................................................................... 4 2.2 De betrouwbaarheid ................................................................................................................................. 4 2.3 De vakbekwaamheid ................................................................................................................................ 5 2.4 De financiële draagkracht ........................................................................................................................ 6 3. TOEGANG TOT DE MARKT....................................................................................................................................... 6 DEEL 2: CMR VRACHTBRIEF EN E-CMR .............................................................................................................. 8 1 TOEPASSINGSGEBIED. ............................................................................................................................................ 8 1.1 De belangrijkste principes......................................................................................................................... 9 1.2 Bewijskracht van de vermeldingen van de vrachtbrief. ............................................................................ 9 1.3 Afwikkeling van het vervoercontract. ..................................................................................................... 11 1.3.1 Overname of inontvangstname. ....................................................................................................................... 11 1.3.2 Het laden en lossen. .......................................................................................................................................... 11 1.3.3 Het beschikkingsrecht. ...................................................................................................................................... 11 1.3.4 Afwikkeling van het vervoercontract. ............................................................................................................... 12

1.4 De aflevering. ......................................................................................................................................... 13 1.5 Belemmeringen bij de aflevering. ........................................................................................................... 13 1.6 Het voorbehoud door de geadresseerde. ............................................................................................... 14 1.7 De verjaring. ........................................................................................................................................... 14 1.8 De opslag en verkoop van goederen waarvan de aflevering of het vervoer worden belemmerd. ......... 14 1.9 De aansprakelijkheid van de afzender en vervoerder. ............................................................................ 14 2 KENMERKEN ................................................................................................................................................ 15 3 INHOUD ...................................................................................................................................................... 15 4 DE E-CMR – ZIE SLIDES...................................................................................... FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. 5 OEFENINGEN.................................................................................................... FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. DEEL 3: ADR VERVOER ..........................................................................FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. 1

REGLEMENTERINGEN ................................................................................... FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. 1.1 Het Europees Verdrag.........................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 1.2 De nationale reglementeringen voor het binnenlands vervoer van gevaarlijke stoffen ... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 1.3 De afwijkingen op de wettelijke voorschriften ...................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 1.3.1 Alle voorschriften inzake de controle op het vervoer van gevaarlijke goederen over de weg ...Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 1.3.2 De wetgeving inzake de veiligheidsadviseur voor het vervoer van gevaarlijke goederen .. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

2 DE INDELING VAN GEVAARLIJKE STOFFEN................................................................ FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. 2.1 DE GEVAARSKLASSEN ...................................................................................... FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. 2.2 Onderverdeling binnen de klassen......................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 3. HOUDERS VOOR HET VERVOER VAN GEVAARLIJKE GOEDEREN .................................... FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. 3.1 Vervoer in verpakkingen .....................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 3.2 Tankwagenvervoer .............................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 3.2.1Het vervoer van onverpakte goederen .............................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 3.2.2 Het vervoer van MEMU’s (Mobile Explosives Manufacturing Units) ..................... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 4 BOORDDOCUMENTEN ........................................................................................ FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. 4.1 Het vervoerdocument .........................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 4.2 Het ADR – keuringsdocument .............................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 4.3 De schriftelijke instructies of ‘tremcards’ ...........................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 4.4 Het ADR – opleidingsgetuigschrift ......................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

Wegvervoer

Lieve Lombaert

2


4.5 Het bewijs van (gewone) technische keuring .....................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 4.6 De kopie van de eventuele afwijking van het ADR .............................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 4.7 Het containerverpakkingscertificaat ..................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 4.8 Andere documenten ...........................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 5 SIGNALISATIE VAN DE VOERTUIGEN ....................................................................... FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. 6 DE ETIKETTERING .............................................................................................. FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. 6.1 De gevaarsetiketten ...........................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 6.2 Opschriften en etiketten op oververpakkingen en bergingsverpakkingen ............... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 6.3 De oriëntatiepijlen ..............................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 6.3 Merkteken voor stoffen op hoge temperatuur ...................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 6.4 Merkteken voor milieugevaarlijke stoffen ..........................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 6.5 Bijzonder merkteken voor voertuigen of containers onder fumigatie Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 6.6 Vervoer van colli, containers, mobiele tanks en tankcontainers, die voorzien zijn van opschriften, etiketten en oranje signalisatie volgens IMDG Code of van de Technische Instructies van de ICAO ........ Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 7 VERPLICHTE UITRUSTING VAN ALLE VOERTUIGEN DIE GEVAARLIJKE STOFFEN VERVOEREN .. FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. 8 VOORSCHRIFTEN INZAKE VERVOER EN BEHANDELEN VAN DE GOEDEREN ....................... FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. 8.1 Algemene voorschriften......................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 8.2 Samenladingsverboden ......................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 9 DIVERSE VOORSCHRIFTEN ................................................................................... FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. 9.1 Voorschriften tijdens het vervoer .......................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 9.2 De vrijstellingen ..................................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 9.2.1 De Algemene ADR-vrijstelling .......................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 9.2.2 De volledige ADR vrijstelling voor gevaarlijke stoffen, verpakt in beperkte hoeveelheden (‘Limited quantities’) ...............................................................................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 9.2.3 De ‘gedeeltelijke’ ADR-vrijstelling .................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

9.3 De verplichtingen en verantwoordelijkheden van de betrokkenen ....Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 9.3.1 De afzender ...................................................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 9.3.2 De vervoerder ...............................................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 9.3.3 De bestemmeling ..........................................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 9.3.4 De belader.....................................................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 9.3.5 De verpakker .................................................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

9.4 De sancties..........................................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 9.5 De veiligheidsadviseur ........................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. DEEL 4: RIJ- EN RUSTTIJDEN..................................................................FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. DEEL 5: LADINGZEKERHEID ...................................................................FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. DEEL 6: KOSTPRIJSBEREKENING............................................................FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD.

Wegvervoer

Lieve Lombaert

3


DEEL 1: WETTELIJKE VERPLICHTINGEN 1

1 Voorwaarden om goederenvervoer voor derden uit te voeren Wet van 15 juli 2013 betreffende het goederenvervoer over de weg en houdende uitvoering van de Verordening (EG) nr. 1071/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels betreffende de voorwaarden waaraan moet zijn voldaan om het beroep van wegvervoerondernemer uit te oefenen en tot intrekking van richtlijn 96/26/EG van de Raad en houdende uitvoering van de Verordening (EG) nr. 1072/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels voor toegang tot de markt voor internationaal goederenvervoer over de weg De Belgische transportwetgeving zegt “men dient een vervoervergunning aan te vragen voor het vervoer van zaken, verricht voor rekening van derden tegen vergoeding, met motorvoertuigen of slepen met een nuttig laadvermogen van méér dan 500kg”. Bij ‘toegang tot het beroep’ moeten 4 basisvoorwaarden vervuld worden, deze zijn: -

Vestigingseis Betrouwbaarheid Vakbekwaamheid Financiële draagkracht

Om vervoer te mogen verrichten moeten er ook vergunning aangevraagd worden dit wordt wel ‘toegang tot de markt’ genoemd.

2 Toegang tot het beroep 2.1 De vestigingseis De onderneming moet op werkelijke en duurzame wijze gevestigd zijn in België. De Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer zal overgaan tot uitreiking van een Vergunning voor Nationaal Vervoer (VNV) indien de vakbekwaamheidshouder beschikt over een getuigschrift nationaal goederenvervoer, dan wel een Vergunning Communautair Vervoer (VCV) indien de vakbekwaamheidshouder beschikt over een getuigschrift internationaal goederenvervoer. 2.2 De betrouwbaarheid Voor de beoordeling van de betrouwbaarheid van de onderneming, de transportmanager en de personen belast met het dagelijks beheer, wordt bewezen door een uittreksel uit het strafregister en dient men rekening te houden met: -

1

straffen vermeld in artikel 8 van de wet van 15 juli 2013 vb. mensenhandel, valsheid in geschriften en gebruik van valse stukken …

http://febetra.be/infotheek/hoe-word-ik-vervoerder/

Wegvervoer

Lieve Lombaert

4


-

-

gedurende de laatste 10 jaar een strafrechtelijke veroordeling of sanctie heeft opgelopen wegens een ernstige inbreuk op de regelgevingen betreffende: o de rij-rusttijden van bestuurders, de arbeidstijd en de installatie of het gebruik van het controleapparaat; o de maximaal toegelaten massa en de maximaal toegelaten afmetingen van de bedrijfsvoertuigen; o de technische staat van de bedrijfsvoertuigen en de technische keuring van motorvoertuigen; o de toegang tot het beroep van wegvervoerondernemer en tot de markt van het wegvervoer; o de veiligheid van het verover van gevaarlijke goederen over de weg; o de installatie en het gebruik van snelheidsbegrenzers; o het rijbewijs; o het vervoer van dieren. gedurende de laatste 10 jaar, twee of meer veroordelingen heeft opgelopen wegens ernstige inbreuken op de regelgeving betreffende de politie op het wegverkeer.

Er wordt geen rekening gehouden met: -

veroordelingen tot een geldboete die niet hoger is dan € 75 of een hoofdgevangenisstraf die niet hoger is dan 15 dagen straffen of gedeelten van straffen met uitstel indien de geldboete minder dan € 1000 of de hoofdgevangenisstraf minder dan 3 maanden bedraagt de opdeciemen bij de strafrechtelijke geldboeten

Voor niet-Belgische onderdanen behoudt de FOD zich het recht voor om, na onderzoek van het ingediend dossier, een aanvullende verklaring inzake de betrouwbaarheid of soortgelijk document op te vragen. Personen die intussen de Belgische nationaliteit verworven hebben, maar die echter op hun 18-jarige leeftijd nog niet in België woonden, zullen bovendien de betrouwbaarheid moeten bewijzen aan de hand van documenten uitgereikt door de bevoegde instanties van het(de) land(en) waar ze voorheen woonachtig waren. 2.3 De vakbekwaamheid Er moet minstens 1 natuurlijke persoon de vervoerwerkzaamheden van de onderneming permanent en daadwerkelijk leiden en deze moet houder zijn van een getuigschrift van vakbekwaamheid. Dit getuigschrift kan ofwel: -

Een getuigschrift zijn van vakbekwaamheid, uitsluitend geldig voor nationaal vervoer (dit soort getuigschrift wordt sinds 1991 niet meer afgegeven) Een getuigschrift zijn van vakbekwaamheid, geldig voor nationaal en internationaal vervoer

De vakbekwaamheid wordt aangetoond door het voorleggen van een getuigschrift van vakbekwaamheid dat in België enkel kan bekomen worden door het volgen van een cursus Wegvervoer

Lieve Lombaert

5


en het slagen voor een bijkomend (schriftelijk en mondeling) examen. Dit getuigschrift wordt afgegeven door de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer. Zowel de cursus als het bijhorend examen worden georganiseerd door de VZW Instituut wegTransport en Logistiek België. De vakbekwaamheidshouder heeft een reële band met de onderneming of oefent zijn mandaat via een lastgevingsovereenkomst. Hij dient bovendien zijn woonplaats in de Europese Unie te hebben. Zijn activiteiten betreffen de dagelijks briefwisseling, het afsluiten van overeenkomsten, het aanwerven van personeel… Bij het verlaten door de vakbekwame van de onderneming moeten bepaalde acties ondernomen worden. De vervoermanager mag voor niet meer dan 4 ondernemingen worden aangewezen met een totaal wagenpark van maximaal 50 voertuigen. 2.4 De financiële draagkracht Een onderneming voldoet aan de voorwaarde inzake financiële draagkracht wanneer zij kan bewijzen een hoofdelijke borgtocht van 9.000 € voor het eerste motorvoertuig en 5.000 € per bijkomend motorvoertuig gesteld te hebben. De financiële draagkracht wordt aangetoond met een bewijs van een kredietinstelling, een verzekeringsmaatschappij of een vennootschap van gezamenlijke borgstelling. De financiële draagkracht kan eveneens aangetoond worden met een bericht van borgstelling uitgaande van de Deposito- en Consignatiekas. Deze borgtocht moet in speciën gesteld worden. De borgsom strekt tot waarborg van bepaalde, expliciet in het K.B. genoemde, schulden.

3. Toegang tot de markt Als alle voorwaarden voor ‘toegang tot het beroep’ volbracht zijn dan volgt nog de aanvraag van een vergunning nationaal vervoer (VNV) of vergunning communautair vervoer (VCV). Met de VNV kan de vervoerder enkel vervoer uitvoeren in België Met de VCV kan de vervoerder vervoer uitvoeren over het volledig grondgebied van de EU, over het grondgebied van IJsland, Noorwegen en Liechtenstein. Daarenboven kan met nog cabotage verrichten. Deze vergunning is voor 5 jaar geldig en een kopie moet bewaard worden in het voertuig. Daarenboven moeten deze vergunningen in het Belgisch elektronisch systeem namelijk het B-ERRU. Indien men buiten de EU vervoer wil verrichten heeft men bovendien 1 van de volgende vergunningen nodig: -

een bilaterale vergunning voor de landen: Albanië, Kosovo, Azerbeidzjan, Macedonië, Belarus (Wit-Rusland), Marokko, Bosnië-Herzegovina, Moldavië, Duitsland (drielandenvervoer), Monténégro, Finland (drielandenvervoer), Noorwegen

Wegvervoer

Lieve Lombaert

6


-

(drielandenvervoer), Georgië, Oezbekistan, Iran, Rusland, Kazachstan, Servië, Kirgizstan (Kirgizië), Tunesië, Turkije, Macedonië, Oekraïne een multilaterale CEMT (Conferentie van Europese Ministers van Transport) vergunning. Deze vergunning wordt gebruikt indien men vervoer verricht met landen buiten de EU.

Wegvervoer

Lieve Lombaert

7


DEEL 2: CMR VRACHTBRIEF en e-CMR De CMR-wetgeving (Convention relative au contrat de transport internationale de Marchandise par Route) is opgesteld met het doel het internationale goederenvervoer over de weg te regelen. Deze wetgeving dateert van 19 mei 1956, opgenomen in onze wetgeving door de wet van 4 september 1962. Een wijzigingsprotocol van 5 juli 1978 werd goedgekeurd door de wet van 25 april 1983. De CMR is opgesteld omdat het internationaal vervoer zich per definitie over verschillende landen uitstrekt, ontstonden onvermijdelijk moeilijkheden wanneer geschillen moesten beslecht worden tussen afzenders, vervoerders en bestemmelingen van verschillende nationaliteiten, vermits elk land een eigen recht had dat verschilde van dat van elk der ander betrokken landen. De CMR-overeenkomst werd tot op heden bekrachtigd door de volgende landen: Albanië, Armenië, Azerbeidzjan, België, Bosnië en Herzegovina, Bulgarije, Cyprus, Denemarken, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk, Georgië, Griekenland, Groot-Brittannië, Hongarije, Ierland, Iran, Italië, Jordanië, Kazachstan, Kirgizië, Kroatië, Letland, Libanon, Litouwen, Luxemburg, Macedonië, Malta, Marokko, Moldavië, Mongolië, Montenegro, Nederland, Noorwegen, Oekraïne, Oezbekistan, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Rusland, Servië, Slovenië, Slowakije, Spanje, Syrië, Tadzjikistan, Tsjechië, Tunesië, Turkije, Turkmenistan, WitRusland, Zweden, Zwitserland. Daarnaast is er nog de Belgische vervoerwet van 3 mei 1999 met een aanpassing van 20 augustus 2009, KB 22 mei 2014 en MB 23 mei 2014. Verder wordt moet de vervoerder over een vergunning beschikken om het beroep van beroepsgoederenvervoerder te kunnen uitoefenen. Dit wordt geregeld door de EG verordening nr. 1071/2009 en nr. 1072/2009.

Toepassingsgebied. De CMR is van toepassing op iedere overeenkomst onder bezwarende titel voor het vervoer van goederen over de weg door middel van voertuigen, wanneer de plaats van inontvangstneming der goederen en de plaats bestemd voor de aflevering, zoals deze zijn aangegeven in de overeenkomst, gelegen zijn in twee verschillende landen, waarvan ten minste 1 land het verdrag ondertekend heeft, ongeacht de woonplaats en nationaliteit van de partijen. Het verdrag is ook van toepassing voor de ganse duurtijd van het vervoer wanneer de goederen en het voertuig zonder overlading voor een deel van het traject worden vervoerd per spoor, met de binnenvaart, langs maritieme weg of langs de lucht. In België mag de CMR ook gebruikt worden voor nationaal vervoer en dit sinds de wet van 3 mei 1999. Daarenboven is men verplicht om een Belgische CMR te gebruiken wanneer het vervoer uitgevoerd wordt door een Belgische vervoerder en de plaats van vertrek in België gelegen is. Wegvervoer

Lieve Lombaert

8


1.1 De belangrijkste principes. * de goederen moeten het voorwerp uitmaken van een vervoerovereenkomst. Een reeks van transporten zijn niet aan de CMR onderworpen nml. internationaal postvervoer, vervoer van stoffelijke overschotten, verhuizingen enz. * Het CMR verdrag is van toepassing op: - elk vervoer van zaken over de weg tegen vergoeding door middel van een voertuig of een sleep. - elke ledige rit met een voertuig of een sleep, verricht over de weg, in verband met een vervoer bedoeld bij het eerste puntje. - elk vervoer voor eigen rekening met een voertuig dat niet is ingeschreven in de EU. * een contract onder bezwarende titel. * de plaats van inontvangstname van de goederen en de plaats van de aflevering voorzien in de overeenkomst dienen gelegen te zijn in 2 verschillende landen waarvan tenminste 1 aangesloten is bij de conventie. Waar de goederen in werkelijkheid worden overgenomen of worden afgeleverd heeft geen belang. Wat van belang is, is de plaats van inontvangstname en de plaats van aflevering opgegeven door de partijen in de overeenkomst. Een eventuele verandering in de plaats van bestemming of een voortijdige lossing van de goederen voordat zij de grens hebben overschreden, brengt dus de toepasbaarheid van de CMR niet in het gedrang. In die zin zal een transport dat diende te geschieden van het grondgebied van een niet contracterende staat naar het grondgebied van een contracterende staat, maar dat om de een of andere reden een ander neemt voor dat de grens van de contracterende staat werd bereikt, wel onder de CMR kunnen vallen. 1.2 Bewijskracht van de vermeldingen van de vrachtbrief. De vermeldingen van de ondertekende vrachtbrief gelden, behoudens tegenbewijs, als bewijs van de modaliteiten van de vervoerovereenkomst. Bovendien blijkt uit het bestaan van de vrachtbrief eveneens de ontvangst van de goederen door de vervoerder. De CMR-vrachtbrief mag uitgeschreven worden door de afzender; de commissionair of de vervoerder. De afzender is aansprakelijk voor alle kosten en schaden die worden geleden ten gevolge van onnauwkeurigheden of onvolledigheid van de aanduidingen die hij dient te verstrekken. Onder meer: naam en adres van de afzender, plaats en datum van de inontvangstname van Wegvervoer

Lieve Lombaert

9


de goederen en de plaats voor de aflevering van de goederen, naam en adres van de geadresseerde, aard van de goederen en de wijze van verpakking en voor gevaarlijke goederen, hun algemene benaming, verschillende colli met de merken en nummers, brutogewicht, instructies voor de douane of andere formaliteiten, De afzender is nog aansprakelijk voor de eventuele aanduidingen betreffende: verbod van overlading, bedrog van het te incasseren remboursement, instructies betreffende de verzending, en voor alle andere aanduidingen of instructies, welke hij verstrekt voor het opmaken van de vrachtbrief of om daarin te worden opgenomen. Indien bovenstaande gegevens door de vervoerder op de vrachtbrief worden ingevuld, wordt hij geacht voor rekening van de afzender te handelen (behoudens tegenbewijs). De afzender staat in voor de tijdige aanwezigheid van de douanedocumenten alsook voor de nauwkeurigheid waarmee deze documenten moeten ingevuld worden. De verladers kan sinds 10 juli 1999 ook medeverantwoordelijk gesteld worden voor bepaalde inbreuken die gepleegd zijn. Het is aan de vervoerder om te bewijzen dat de aansporing “wetens en willens” de verlader gebeurt zijn. Daarenboven is het de taak van de verlader om de wettelijke verplichtingen waaraan een vervoerder moet voldoen te controleren. Er is steeds een vermoeden, tenzij bij gemotiveerd voorbehoud, dat bij vertrek: de goederen en hun verpakking uiterlijk in goede staat waren en het aantal colli, de merken en de nummers conform zijn aan de vrachtbrief. De afzender moet de goederen die hij aan de vervoerder toevertrouwt, naar behoren verpakken ( eventueel moet een niet zichtbare gebrekkigheid van de verpakking aan de vervoerder signaleren). De afzender moet er de vervoerder op wijzen dat hem gevaarlijke goederen ten vervoer overhandigd worden. Hij dient hem eveneens in te lichten over de juiste aard van het gevaar dat zij opleveren en zo nodig dient hij hem aan te duiden welke voorzorgsmaatregelen dienen te worden in acht genomen. Indien de vervoerder niet in deze zin gewaarschuwd werd, mag hij de gevaarlijke goederen op ieder ogenblik en op iedere plaats lossen, vernietigen of onschadelijk maken, en wel zonder enige schadevergoeding. De afzender is bovendien aansprakelijk voor alle kosten en schaden, voortvloeiend uit de aanbieding ten vervoer of uit het vervoer zelf. Bij de inontvangstname van de goederen is de vervoerder gehouden om het volgende te onderzoeken: de juistheid betreffende het aantal colli, hun merken en nummers, indien hij dit niet kan nagaan dan maakt hij een voorbehoud op met een motivering erbij, uiterlijke staat van de goederen en hun verpakking ook hier is motivatie nodig, vervoerder zal op verzoek van de afzender en op zijn kosten het Bruto gewicht van de goederen en de inhoud van het collo nagaan. Opmerking. Wegvervoer

Lieve Lombaert

10


Voorbehoud dat niet met redenen omkleed wordt, het zogenaamd algemeen voorbehoud, heeft geen rechtskracht, terwijl voorbehoud ook moet aanvaard worden door de afzender om geldig te zijn. Alhoewel de controle bij de inontvangstname in hoofde van de vervoerder een verplichting is ("is gehouden") heeft het nalaten ervan voor de vervoerder slechts tot gevolg dat: hij gehouden is door het vermoeden van conformiteit, zijn recht op verhaal op de afzender voor schade aan personen, materiaal en andere goederen, die zouden kunnen voortvloeien uit de slechte verpakking. De vervoerder dient niet alleen voorbehoud te maken indien hij niet akkoord gaat met de staat van de goederen of van de verpakking of met het aantal. Inderdaad wanneer er geen redelijke middelen ter zijner beschikking staan om het aantal te onderzoeken dient hij eveneens voorbehoud te maken. Bovendien dient hij in dergelijke gevallen de redenen waarop het voorbehoud is gebaseerd op te geven. Verder wensen wij nog eens te wijzen op de kenmerken van het voorbehoud opdat het tegenstelbaar zou zijn: het voorbehoud moet bijzonder zijn, het voorbehoud moet gemotiveerd zijn, het voorbehoud moet aanvaard worden door de afzender. 1.3 Afwikkeling van het vervoercontract. 1.3.1 Overname of inontvangstname.

De aansprakelijkheid van de vervoerder ligt in vele gevallen voor het begin van het eigenlijke vervoer en situeert zich bij de overname of inontvangstname. Deze inontvangstname geschiedt niet bij de eigenlijke belading maar op het tijdstip dat de vervoerder de verantwoordelijkheid ten opzichte van de goederen opneemt. Daartoe dient de vervoerder in principe de staat en het tal na te gaan. 1.3.2 Het laden en lossen.

De CMR vermeldt niet door wie de belading of de lossing dient te gebeuren. Normaal zal de overeenkomst tussen de partijen of de wetgever op de plaats van vertrek of op de plaats van bestemming hier een oplossing moeten brengen. Meestal wordt aanvaard, tenminste als de aard van de goederen dit toelaat, dat de belading en de lossing door de vervoerder dienen te gebeuren. 1.3.3 Het beschikkingsrecht.

Zelfs na het afsluiten van het vervoercontract kan het nog gewijzigd worden. Hiertoe dienen tijdig en in de passende vorm instructies gegeven te worden en moet de vervoerder eventueel worden vergoed. Wie instructies mag geven hangt af van wie het beschikkingsrecht heeft.

Wegvervoer

Lieve Lombaert

11


Aangezien het vervoercontract een contract is ten behoeve van derden, met name de geadresseerde, berust het beschikkingsrecht aanvankelijk bij de afzender. De geadresseerde kan op zijn beurt het beschikkingsrecht verkrijgen door tot het contract toe te treden. Hij kan echter het beschikkingsrecht ook vroeger opeisen dan bij de aankomst op de bestemming door ofwel: speciale clausules of een duplicaat van de vrachtbrief op te eisen. In principe kan de geadresseerde instructies geven op de plaats en vanaf het ogenblik dat de goederen het land van bestemming binnenkomen. 1.3.4 Afwikkeling van het vervoercontract.

Tussen het ogenblik van de inontvangstname en het ogenblik van de aflevering. De vervoerder is aansprakelijk voor verlies en voor beschadiging, alsmede voor vertraging, behoudens bewijs dat de schade veroorzaakt is door: de schuld van de rechthebbende of door een opdracht van hem, eigen gebrek van de goederen of geval van overmacht. Hij kan evenwel niet beroepen op gebreken van het voertuig, noch fouten van de persoon van wie hij het voertuig heeft gehuurd of van diens ondergeschikten. Uitzonderingen op deze regeling zijn wel mogelijk indien de vervoerder kan aantonen dat het vervoer verricht werd in bijzondere omstandigheden en dat de ontstane schade het gevolg kan zijn van: het gebruik van een open voertuig wanneer dit uitdrukkelijk is opgenomen in de vrachtbrief, het ontbreken of een gebrekkige verpakking van de goederen die door hun aard aan kwaliteit verliezen of beschadigd worden wanneer ze slecht verpakt worden, het behandelen, laden, stuwen of lossen van de goederen door de afzender, geadresseerde of andere personen die voor zijn rekening handelen, de aard van bepaalde goederen, het onvolledig of gebrekkig merken of nummeren van de colli, vervoer van levende dieren. Wettelijk zijn er nog een aantal beperkingen voorzien: * in geval van verlies of beschadiging. Bij geheel of gedeeltelijk verlies wordt de waarde van de verloren gegane goederen nagegaan en wordt het bedrag beperkt tot ongeveer 8,33 STR/kg bruto gewicht. Daarenboven krijgt men nog de vrachtprijs, de douanerechten en de gemaakte kosten terug. Men krijgt geen extra schadevergoeding. Bij beschadiging krijgt men het bedrag van de waardevermindering. Dit bedrag is niet groter dan de waarde van de verloren gegane goederen. Uitzonderingen: -

als in de vrachtbrief de aangegeven waarde uitdrukkelijk vermeld is dan wordt deze ook uitbetaald. bij bijzonder belang bij de aflevering is een maximumbedrag van de uit te betalen schadevergoeding opgenomen.

Wegvervoer

Lieve Lombaert

12


-

bij opzet of daarmee gelijkgesteld fout wordt het integrale bedrag van de geleden schade terugbetaald.

* In geval van vertraging wordt maximum het bedrag van de vrachtprijs betaald. Uitzonderingen: -

bij bijzonder belang bij de aflevering is er een maximumbedrag opgenomen in de vrachtbrief. bij opzet of daarmee gelijkgestelde fout wordt het integrale bedrag van de geleden schade terugbetaald.

1.4 De aflevering. Na de aankomst op de plaats van bestemming dient de vervoerder het tweede exemplaar van de vrachtbrief en de goederen aan de geadresseerde te overhandigen. Van zijn kant zal de rechthebbende gehouden zijn, de kosten die op de zending rusten en die uit de vrachtbrief blijken, te betalen. Zendingen verzwaard met een remboursement mogen door de vervoerder nooit, zonder contante betaling van het remboursement, worden overhandigd. Wanneer de vervoerder een dergelijke zending toch zou afgeven zonder inning van het bedrag in kwestie, wordt hij de hoofdschuldenaar van het bedrag tegenover de afzender. Verder dient nog aangestipt te worden dat de aflevering zich niet noodzakelijkerwijze situeert op het ogenblik van de lossing. Analoog aan de inontvangstname / overname door de vervoerder, situeert de aflevering zich op het ogenblik dat de geadresseerde de feitelijke beschikkingsmacht over de goederen verkrijgt en de bewaarnemingplicht van de vervoerder wordt opgeheven. 1.5 Belemmeringen bij de aflevering. Wanneer de goederen bij de aankomst niet aan de geadresseerde kunnen worden afgeleverd moeten naargelang het geval instructies aan de afzender of aan de geadresseerde worden gevraagd. Onder de belemmeringen van aflevering op de plaats van bestemming vallen zowel de beletsels als het gevolg van de weigering van de geadresseerde om de goederen in ontvangst te nemen of door andere gebeurtenissen In principe dienen de instructies gevraagd te worden aan de afzender. Nochtans is hierop een uitzondering. Inderdaad wanneer de geadresseerde opdracht gaf de goederen aan een derde te overhandigen en deze de inontvangstname weigert, zal de geadresseerde de instructies moeten geven. Wegvervoer

Lieve Lombaert

13


Indien goederen bezwaard met een rembours door de geadresseerde worden geweigerd en de afzender geen instructies geeft, blijft er de vervoerder niets anders over dan de goederen ter plaatse te verkopen.

1.6 Het voorbehoud door de geadresseerde. Dit kan zowel bij zichtbare schade of verlies als bij onzichtbare schade en verlies gebeuren. Bij zichtbare schade of verlies moet de geadresseerde dit onmiddellijk doen. Bij onzichtbare schade en verlies moet dit binnen de 7 dagen gebeuren. Bij vertraging moet dit binnen de 21 dagen gebeuren. Indien de geadresseerde geen voorbehoud maakt binnen de gestelde termijn dan kan deze daarna ook geen voorbehoud meer maken. 1.7 De verjaring. De verjaringstermijn is normaal 1 jaar. Deze begint te lopen vanaf de 30ste dag na afloop van de bedongen termijn of na de 60ste dag na de inontvangstname. Dij gedeeltelijk verlies of schade begint de termijn te lopen waarop de goederen werden afgeleverd zijn. Bij vertraging begint de termijn te lopen op de dag waarop de goederen werden afgeleverd. Indien de vordering voortvloeit uit kwaad opzet dan is er een verjaringstermijn van 3 jaar van toepassing. Bij de verjaring is er wel schorsing of stuiting mogelijk. Een schriftelijke vordering schorst de verjaring tot aan de dag waarop de vervoerder de vordering schriftelijk afwijst. Stuiting hangt af van de uitspraak van de rechtbank. 1.8 De opslag en verkoop van goederen waarvan de aflevering of het vervoer worden belemmerd. Wanneer ofwel de voortzetting van het vervoer of de aflevering wordt belemmerd dan kan de vervoerder de goederen lossen. Het vervoer neemt dan een einde doch de vervoerder zal de bewaring van de goederen op zich nemen. Hij mag ze ook aan een derde voor opslag toevertrouwen. De prijs die hem overeenkomstig toekomt blijft echter steeds verschuldigd. De verkoop kan gebeuren zonder instructies te vragen wanneer de goederen bederfbaar zijn of wanneer de kosten van de in bewaarneming de kosten van de goederen overtreft of wanneer binnen een redelijke termijn men geen instructies heeft ontvangen van de rechthebbende. 1.9 De aansprakelijkheid van de afzender en vervoerder. Twee artikelen zijn van belang wat de aansprakelijkheid van de afzender betreft:

Wegvervoer

Lieve Lombaert

14


art. 10 De afzender is t.o.v. de vervoerder aansprakelijk voor de schade aan personen, materiaal of aan andere goederen en voor de kosten die voortvloeien uit een gebrekkige verpakking. art. 20 De afzender is verantwoordelijk voor de schade die volgt uit het ontbreken, het onvolledig zijn, of het onnauwkeurig zijn van vervoerdocumenten. Het aansprakelijkheidsprincipe van de vervoerder wordt bepaald door artikel 17 van de CMR. Hieruit blijkt dat de vervoerder gehouden is door een resultaatsverbintenis. D.w.z. dat hij niet alleen de middelen op zich neemt om het vervoer te verrichten maar ook omdat het vervoer onder zijn verantwoordelijkheid gebeurt. Het gevolg daarvan is dat bij een eventueel verlies, beschadiging of vertraging, een vermoeden van schuld bestaat in hoofde van de vervoerder. Hij zal van het op hem rustend vermoeden van aansprakelijkheid slechts kunnen bevrijd worden, door te bewijzen dat de vertraging, het verlies of de schade te wijten zijn aan de schuld op de opdracht van de rechthebbende ofwel door eigen gebrek aan de zaak ofwel door omstandigheden die de vervoerder niet heeft kunnen vermijden.

2

Kenmerken

De CMR-vrachtbrief is: -

een ontvangstbewijs voor de inlader, een vervoersovereenkomst, geen afleveringstitel en geen bezitstitel, altijd op naam opgemaakt, opgemaakt in 4 exemplaren en er is geen sprake van origineel en kopie, opgemaakt door de vervoerder of door de afzender, ondertekend door de inlader en de vervoerder.

Voor wie zijn de vier exemplaren bestemd? -

3

exemplaar nr. 1 (rood) is voor de afzender, exemplaar nr. 2 (blauw) moet de goederen begeleiden tot bij de geadresseerde, exemplaar nr. 3 (groen) moet de goederen begeleiden en moet na ondertekening door de geadresseerde worden teruggegeven aan de vervoerder, exemplaar nr. 4 (zwart) blijft bij de vervoerder; dit exemplaar moet door de onderneming zes jaar bewaard worden.

Inhoud

Op de vrachtbrief moeten enkele vakken verplicht worden ingevuld; andere vakken mogen vrijwillig met aanvullende informatie worden ingevuld. De CMR-vrachtbrief moet in principe door de vervoerder worden ingevuld, en wordt ondertekend door de inlader én de vervoerder. Als de vervoerder geen CMR opstelt, heeft de inlader de verplichting om de CMR-vrachtbrief voor dat transport op te stellen.

Wegvervoer

Lieve Lombaert

15


Een nieuw model CMR-vrachtbrief werd vanaf 1 januari 2003 in gebruik genomen. Dit model moet gebruikt worden wanneer een Belgische vervoerder internationaal vervoer verricht vertrekkende vanuit België. In alle andere gevallen kan een internationaal model worden gebruikt.

De verplichte vermeldingen zijn: -

de vermelding dat het vervoer in kwestie onderworpen is aan de CMR-overeenkomst de landencode en het nummer van de vrachtbrief (boven rechts) naam en adres (+ land) van de afzender (vak 1) naam en adres (+ land) van de geadresseerde (vak 2) plaats (+ land) en datum waar de vervoerder de goederen ontvangt (vak 3) plaats (+ land) van de aflevering van de goederen (vak 4) naam en adres (+ land) van de vervoerder (vak 5, eventueel 6 en/of 7 als er een onderaannemer en/of tweede vervoerder is) de gebruikelijke aanduiding van de aard van de goederen en de wijze van verpakking, aantal colli, merken en nummers, gewicht of volume (vak 10) (+ juiste benaming en klasse + subklasse ingeval van ADR-vervoer) de kosten met betrekking tot het vervoer (vak 8) plaats en datum van opmaken van de vrachtbrief (vak 12) stempel en handtekening van de afzender (vak 14), de vervoerder (vak 15) en geadresseerde (vak 16 op de exemplaren 3 en 4)

Het invullen van de andere vakken is niet verplicht. Het is aan te raden dat de vervoerder (vertegenwoordigd door de chauffeur) het nodige voorbehoud vermeldt in vak 9 als de goederen bij ontvangst tekortkomingen vertonen. Bijvoorbeeld als er een hoeveelheid ontbreekt of als de goederen beschadigd zijn.

Wegvervoer

Lieve Lombaert

16


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
bachelor Supply Chain Management - wegvervoer by hogeschoolvives - Issuu